CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Programmabegroting 2023 en meerjarenraming 2024-2026

Gemeenteraad 3 november 2022, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Programmabegroting 2023 en meerjarenraming 2024-202640.425 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

Toepassen financiële beslisboom uit raadsakkoord In het Raadsprogramma 2022-2025 is bij het onderdeel ‘financiële afwegingskader' de beslisboom uitgelegd. Om de begroting structureel en reëel in evenwicht te houden wordt 20

stapsgewijs beschreven welke stappen worden gezet wanneer de gemeenteraad door financiële beperkingen tot bepaalde keuzes wordt gedwongen. De stand van de algemene reserve bedraag momenteel € 30,7 miljoen (na 2e bestuursrapportage 2022). Wanneer onverhoopt de nu opgenomen risico’s toch manifest worden, kan de Algemene Reserve worden ingezet. Hetzelfde geldt voor mogelijke incidentele tegenvallers. Bij het opstellen van de Kadernota 2024-2027 zal geprobeerd worden meer duidelijkheid te geven over de ontwikkelingen die de financiële positie van de gemeente aangaan. Ook hopen we dat er meer duidelijkheid zal zijn over de ontwikkeling van de Algemene Uitkering.

21

PROGRAMMA 1 – FYSIEKE LEEFOMGEVING Visie Fysieke leefomgeving In Veenendaal is het gezond, duurzaam en veilig wonen, werken en leven. Veenendaal heeft de allure, voorzieningen en ontwikkelkracht van een stad en de vriendelijkheid van een dorp. Veenendaal staat voor een breed scala aan opgaven die allemaal ruimte vragen. De ruimte binnen onze gemeentegrens is beperkt. We maken een bewuste keuze voor de kwaliteit van de leefomgeving, om ook in de toekomst een aantrekkelijke woon-en werkgemeente te blijven. We zetten in op duurzaam, beter en slimmer inrichten van de leefomgeving, o.a. door inbreiding, met gebruik van innovatie, kennis en creativiteit. De Groei en Bloei van Veenendaal is een duurzame ontwikkeling van de stad.

Thema’s Fysieke leefomgeving I. Ruimtelijke ontwikkeling II. Openbare Ruimte III. Wijkgericht werken

Financiën Fysieke leefomgeving Bedragen x € 1.000

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Baten

30.171

30.191

30.943

31.171

Lasten

40.218

40.614

39.535

40.619

Saldo programma (voor mutaties reserves)

-10.047

-10.423

-8.592

-9.447

3.791

2.389

787

950

19

1.488

19

19

Saldo mutaties reserves

3.773

901

768

931

Saldo programma (na mutaties reserves)

-6.274

-9.521

-7.824

-8.516

Beschikkingen Stortingen

Actuele ontwikkelingen Fysieke leefomgeving Thema I - Ruimtelijke ontwikkeling Wonen In Nederland is sprake van een wooncrisis. Er is een groot tekort aan woningen en dan met name in het betaalbare segment. Ook Veenendaal kent deze problematiek. Daarom wordt er op meerdere manieren getracht om deze problematiek zo snel mogelijk te verkleinen. In 2022 is het nieuwe woonbeleid vastgesteld. Dit beleid vraagt in 2023 op enkele onderdelen een nadere uitwerking zoals het uitwerken en oprichten van een vereveningsfonds voor sociale woningbouw en de uitwerking van de regels en regie op het toevoegen van woningtype die Veenendaal nog mist. Ook de recente opgave om per gemeente 30% sociale huurwoningen te hebben vraagt de komende jaren om afstemming met alle partijen op de regionale woningmarkt. Met de woonvisie, en daarmee de woonzorganalyse en de woonzorgladder, zetten wij stappen om voldoende levensloop- en zorggeschikte woningen te realiseren. Hiermee dragen we bij aan het langer of het weer zelfstandig wonen in de eigen woning of wijk. De woonzorgladder brengt wat betreft de geestelijke gezondheidszorg de behoefte aan bijzondere woonvormen in beeld. Dit sluit aan op het scheiden van wonen en zorg en de ambulantiseringsbeweging die zichtbaar is in de ouderen-, gehandicapten-, en geestelijke gezondheidszorg.

Om de doorstroming te bevorderen wijzen wij woningen met voorrang toe aan specifieke doelgroepen en werken we aan doorstromingsregelingen. Zo wijzen we 50% van de sociale koopwoningen toe aan doorstromers uit de sociale huur en – zodra dit juridisch mogelijk is – wordt van de goedkope koopwoningen 50% in de eerste twee maanden nadat het beschikbaar komt alleen aan inwoners uit Veenendaal aangeboden. Om onze doelen te realiseren is in 2023 meer inzet zowel op strategisch- als bovenlokaal 22

niveau nodig. Denk hierbij aan de regionale Woondeals, diverse provinciale overlegtafels en landelijke afspraken over woningbouwlocaties. In de uitvoering is er een structurele toename van de uitvoerende taken, zoals voor urgentieaanvragen en leningen voor starters-, blijvers- en duurzaamheidsmaatregelen. De hiervoor benodigde middelen zijn opgenomen in de begroting. In 2023 starten we een pilot met een verhuiscoach/makelaar. Hiermee wordt een bijdrage geleverd aan de ambities uit de woonvisie ten aanzien van het huisvesten van kwetsbare inwoners en doorstroming op de woningmarkt. Invoering Omgevingswet De eerste kamer heeft een motie aangenomen die oproept om vast te houden aan 1 januari 2023 als invoeringsdatum. Het kabinet heeft als voornemen om in november hierover een definitief besluit te nemen. De gemeente werkt ondertussen door aan de implementatie van de Omgevingswet, opdat de gemeentelijke organisatie op 1 januari 2023 gereed is. Gezien de ontwikkelingen van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) bestaat de kans dat de invoering alsnog wordt uitgesteld. Dit monitort de VNG aan de hand van Indringende Keten Testen (IKT's). De gemeente Veenendaal neemt actief deel aan deze IKT's, opdat de Minister een verantwoord standpunt kan innemen over het al dan niet per 1 januari invoeren van de Omgevingswet.

Met een vastgestelde Omgevingsvisie, het Omgevingsplan deel I, processen en het opstellen van toepasbare regels is Veenendaal één van de koplopers in de voorbereiding. Desalniettemin vraagt de voorbereiding in 2022 en de daadwerkelijke invoering in 2023 veel van de ambtelijke organisatie. Het programma Invoering Omgevingswet heeft de opdracht om samen met de lijnorganisatie de implementatie te realiseren. Energieneutraal Veenendaal Voor het jaar 2023 voorzien we dat de budgetten voor het Programma Energieneutraal Veenendaal toereikend zijn. Op een aantal thema’s zien we wel ontwikkelingen: Voor o.a. het isoleren van objecten is veelal een ontheffing op grond van de Wet Natuurbescherming vereist. Het aanvragen van een ontheffing vraagt om een onderzoek en kent een lange proceduretijd. Om dit proces te versnellen en toch aan de wettelijke bepalingen te voldoen wordt er een Soortenmanagementplan (SMP) opgesteld. Na vaststellen van dit SMP zal ook duidelijk zijn of voor de uitvoering van maatregelen extra middelen nodig zijn Sinds het najaar van 2021 wordt Veenendaal steeds meer geconfronteerd met beperkingen op het elektriciteitsnet. Dit heeft ook effect op de mogelijkheden om duurzaamheidsprojecten (zoals zon op dak en elektrificatie van mobiliteit en productie) te realiseren.

De gemeente Veenendaal is met Vitens en de provincie Utrecht in overleg over het verdiepen van de drinkwaterwinning in Veenendaal. Hierdoor zouden mogelijkheden voor het toepassen van bodemwarmte in het centrum van Veenendaal aanzienlijk toenemen, terwijl bescherming van de drinkwaterwinning gewaarborgd blijft. Er wordt onderzoek gedaan naar de toepassing van waterstofwinning en -opslag bij IW4, Wijkservice en ACV. In deze fase van de energietransitie is waterstof nog een relatief dure techniek, waardoor naar verwachting extra investeringen nodig zijn in het vastgoed en wagenpark om dit project te realiseren. Het aantal elektrische voertuigen, en daarbij de vraag naar laadvoorzieningen in de openbare ruimte neemt toe. Het faciliteren van de aanvragen van deze laadpalen vergt de komende jaren steeds meer capaciteit. Herstructurering Franse Gat De gebiedsvisie voor het Franse Gat vormt het kader waarbinnen de gemeente samen met Veenvesters aan de slag is gegaan met de herstructurering van de wijk. In 2023 wordt gestart met de uitvoering van het zuidelijk deel, te beginnen met de Heemskerkstraat. De kosten voor de herinrichting van de openbare ruimte zijn in deze begroting verwerkt. In

23

de Samenwerkingsovereenkomst tussen de gemeente en Veenvesters zijn afspraken gemaakt over de wijze van samenwerking en het kostenverhaal van de ontwikkeling. Thema II - Openbare ruimte Duurzaam bouwen en beheren In 2023 zetten wij volop in op het circulair en duurzaam inrichten van de openbare ruimte. In elke aanbesteding zal er de nadruk op komen te liggen om met duurzame en circulaire oplossingen te komen. Circulair inrichten vraagt ook om een andere kijk op het proces, om maatschappelijk verantwoord opdrachtgeverschap. De focus ligt niet meer op korte termijn en de laagste prijs, maar op de lange termijn en het behouden van de waarde. Op een hoogwaardige herbruikbaarheid van materialen en om veranderingen in de gehele keten van het eerste idee tot beheren of gebruiken Daarom is het belangrijk om in 2023 de basis te leggen voor het maatschappelijk verantwoord opdrachtgeverschap. Een basis met als inzet een optimale toepassing van de beschikbare technieken en herbruikbare materialen. Dat zal zeker in de eerste jaren extra financiële middelen, inzet en tijd vragen. Een inzet die we op termijn zullen terugverdienen.

Dit vraagt ook om binnen de openbare ruimte de komende periode de uitdaging om ruimte te vinden voor de (wettelijke en gemeentelijke) duurzame ambities, de onder- en bovengrondse infrastructuur, terwijl tegelijkertijd ruimte gevonden moet worden voor de door de Veense groeiambities stijgende mobiliteitsdruk. In het OPOR, dat in 2021 is vastgesteld, is een eerste aanzet gegeven voor een prioritering die moet worden gemaakt binnen de verschillende functies van de openbare ruimte. Om goede afgewogen, onderbouwde en toekomstgerichte keuzes te kunnen maken is het noodzakelijk (en efficiënt) om meer data te verzamelen en deze data te verwerken in bruikbare informatie. Wij doen dat onder meer in het kader van de Data top 15 (onder andere informatie over parkeren (statisch en dynamisch), incidenten, verkeersregelinstallaties, dit doen wij samen met Foodvalley), maar ook breder, bijvoorbeeld op het gebied van boomkroonprojecties, parkeerdruk, onderzoek naar de verdeling van modaliteiten (auto/fiets/wandelen).

Thema I – Ruimtelijke ontwikkeling Algemeen Ruimtelijke ontwikkeling Veenendaal heeft een woningbehoefte van 11.000 woningen tot 2040. Het afgelopen jaar is het gelukt om extra ruimte voor toekomstige woningbouw te creëren zoals in het Ambacht en de Tuinstraat. Fysiek zijn de gemeentegrenzen bereikt en het is ondanks deze nieuwe plannen noodzakelijk extra ruimte te vinden. Daarnaast is het uitgangspunt voor de toekomstige ontwikkeling dat de goede balans tussen wonen, werken en de kwaliteit van de leefomgeving behouden blijft. Met als extra uitdaging de implementatie van duurzaamheidsambities rond energie, klimaat en circulariteit. De duurzame ontwikkeling van Veenendaal gaat daarmee verder dan de gemeentegrenzen en vraagt een goede samenwerking met de regio en een wendbare overheid met ondernemerschap die opereert als partner in de samenleving). De Groei & Bloei van Veenendaal is niet alleen een ruimtelijk vraagstuk maar ook een financieel vraagstuk. Ruimtelijke keuzen die de komende tijd gemaakt zullen worden hebben effect op de grondexploitaties, en zijn afhankelijk van de beschikbaarheid van investeringsfondsen in combinatie met gemeentelijke co-financiering vanuit de gemeentebegroting. Naar verwachting zal hulp van het rijk en de provincie nodig zijn om de gevraagde landelijke- regionale- en lokale ambities waar te kunnen maken.

Dit vraagt om een goed bestuurlijk- en ambtelijk netwerk. Om de ontwikkelingen van Veenendaal, duurzaam en in samenhang met de overige activiteiten in de fysieke leefomgeving, te kunnen realiseren is een integrale aanpak nodig. De oplossing voor het grote tekort aan woningen in Nederland en ingrijpende landelijke

24

ambities op het vlak van duurzaamheid vraagt fysieke ruimte. Voor de invulling wordt in eerste instantie ingezet op het maximaal benutten van ‘inbreidingsruimte’ binnen de gemeentegrenzen, zonder kwaliteitsverlies van de leefomgeving. Vervolgens kan ruimte worden gezocht buiten de bestaande bebouwde kom. Hiervoor loopt op dit moment in samenspraak met de regio, provincies en rijk, de Verstedelijkingsstrategie. Deze noodzaak wordt nog eens benadrukt door de grote opgave die warmte- en energietransitie van de gemeente vraagt. Het Klimaatakkoord en de opdracht die daarin aan de gemeenten is gegeven, vergt een intensief traject om de doelen te kunnen halen. Voor uitvoering van het terugbrengen van de CO2-emissies wordt een bijdrage vanuit het rijk ontvangen. Voor de transitie naar een circulaire samenleving en de inrichting van de klimaatbestendige leefomgeving kan slechts in beperkte een beroep op een bijdrage vanuit het rijk worden gedaan. Voor die onderdelen zullen de extra moeten worden verdisconteerd in de uitvoering van de activiteiten en de komende jaren nog kostenverhogend werken. Met een uitvoeringsimpuls voor circulariteit en voor de klimaatbestendige leefomgeving zullen we de komende periode een belangrijke stap zetten om op de langere termijn de uitvoering van deze duurzaamheidssporen vorm te geven.

Ook het inzetten op het maatschappelijk verantwoord opdrachtgeverschap, waarin bouwen met een toekomstige materiaalwaarde, een circulaire financiering, milieurendement en het Total Cost of Ownership de norm wordt, zal hieraan een belangrijke bijdrage leveren.

25

Wat willen we bereiken? I.a. In regionaal verband de versterking van de woonfunctie in Veenendaal vormgeven (verstedelijkingsstrategie).

Wat gaan we daarvoor doen? I.a.1. Voorbereiding van de toekomstige woonopgaven door het opstellen van business cases om de subsidietrajecten en de rijksbijdrage en daarmee de noodzakelijke vernieuwingsopgave zoals station Veenendaal-centrum veilig te stellen. I.a.2. Aansluiting van de woonvisie bij de verstedelijkingstrategie, een programmalijn ontwikkelen en een monitor opzetten.

Wat willen we bereiken? I.b. Uitvoering geven aan de vraagstukken stikstofreductie en natuurherstel, in De (blauwe) hellen en samen met de regio voor het gebiedsproces Binnenveld.

Wat gaan we daarvoor doen? I.b.1.Uitvoering te geven aan complexe (ruimtelijke) vraagstukken, zoals het stikstofdossier. De belangen van Veenendaal behartigen in de regio Foodvalley, bij de provincie Utrecht en landelijke overheid. I.b.2. Uitwerking van de volgende fase in het gebiedsproces Binnenveld, gericht op stikstofreductie en natuurherstel als basis voor de ambitie meer landschap, meer stad uit de Verstedelijkingsstrategie.

Wat willen we bereiken? I.c. Het realiseren van voldoende betaalbare en geschikte woningen, zodat het woningaanbod aansluit bij de behoefte van onze inwoners (cf. vastgestelde woonvisie).

Wat gaan we daarvoor doen? I.c.1. Uitvoering geven aan de plannen voor de bouw van woningen zoals afgesproken in de regionale plannen voor de verstedelijkingsstrategie in Foodvalley.

Wat willen we bereiken? I.d. Als uitvoering van de door de raad vastgestelde cultuurvisie, zet Veenendaal meer in op het behouden van het cultuurhistorisch erfgoed.

Wat gaan we daarvoor doen? I.d.1. Uitvoering geven aan, het behoud van het cultuurhistorisch erfgoed overeenkomstig de uitgangspunten van de Cultuurvisie.

Wat willen we bereiken? I.e. Veenendaal gaat verspilling van grondstoffen tegen, zet zich in voor het waardebehoud van grondstoffen en materialen en levert daarmee een belangrijke bijdrage aan het beperken van broeikasgasemissies.

Wat gaan we daarvoor doen? I.e.1. Een (uitvoerings)impuls samen met inwoners, bedrijven, maatschappelijke instellingen en andere overheden door de landelijke en lokale doelstellingen te vertalen naar meetbare en op de uitvoering gerichte aanpak. I.e.2. Circulariteit en circulaire economie introduceren in de Veense samenleving en de werkorganisatie, een coördinatie van de circulaire initiatieven en met elkaar te werken aan een circulaire gemeente I.e.3. In 2023 de basis te leggen voor het maatschappelijk verantwoord opdrachtgeverschap en de gemeentelijke inkoopprocessen hierop af te stemmen. I.e.4. Vanaf 2023 te bouwen met een toekomstige materiaalwaarde door op projectniveau vooraf te vast te stellen op welke wijze de circulaire ambities worden vormgegeven.

26

I.e.5. Alleen maatschappelijk verantwoord investeren door de investeringsbeslissingen te beoordelen op basis van het milieurendement en Total Cost of Ownership.

Wat willen we bereiken? I.f. Veenendaal is in 2050 een energieneutrale gemeente, die hernieuwbare energie gebruikt en klimaatneutraal (CO2-emissieloos) is. Groenpoort realiseren we als energieneutrale wijk.

Wat gaan we daarvoor doen? I.f.1. We stimuleren, ondersteunen en faciliteren inwoners bij het maken van de juiste keuzes om energie te besparen en de CO2 uitstoot te beperken door inzicht te geven in mogelijkheden. I.f.2.In Dragonder-oost gaan we met inwoners aan de slag om de buurt aardgasvrij te maken. I.f.3.In de regio Foodvalley zetten we ons in om met de stakeholders in Veenendaal de RES 1.0 door te ontwikkelen naar de RES 2.0. I.f.4. Het Integraal duurzaam vastgoedbeleidsplan voeren we uit door voor vier objecten een (ver)breed duurzaamheidsperspectief op te stellen, ontwikkeling van CO-2 voetprint te monitoren en nemen maatregelen om de CO2-reductie doelen te halen. I.f.5 Uitwerking van participatieaanpak voor bewoners in DEVO- en DEVOGconcessiegebied. We zorgen dat bewoners goed zijn geïnformeerd (transparantie) over de warmtelevering in hun buurt en daarin op nader te bepalen wijze kunnen participeren.

Wat willen we bereiken? I.g. De negatieve gevolgen van netcongestie te beperken door samen met de bedrijven te zoeken naar alle mogelijk oplossingen om de negatieve effecten van de congestie te verminderen.

Wat gaan we daarvoor doen? I.g.1. Het samen met de bedrijven opzetten van een taskforce Netcongestie. I.g.2. Het inrichten en uitvoeren van netbeheer ten behoeve van de energievoorziening in Veenendaal.

Verbonden partijen Ruimtelijke ontwikkelingen De volgende verbonden partijen leveren een bijdrage aan het realiseren van de doelen uit dit thema: • •

Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU); Ontwikkelingsbedrijf Veenendaal-Oost BV (OVO).

Zie voor meer informatie paragraaf E Verbonden partijen.

Beleid gerelateerd aan thema Ruimtelijke ontwikkelingen Naam beleidsstuk

Wanneer vastgesteld

Transitievisie Warmte 1.0

16-12-2021

Programmaplan Energieneutraal Veenendaal

16-12-2021

Regionale Energiestrategie Foodvalley 1.0

28-6-2021

Woonvisie Veenendaal 2022-2025

23-6-2022

27

Taakvelden thema Ruimtelijke ontwikkeling Taakveld (bedragen x € 1.000)

B/L

5.5 Cultureel erfgoed

Baten

-1

-1

-1

-1

Lasten

157

157

157

157 156

Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026

Totaal 5.5 Cultureel erfgoed 8.1 Ruimtelijke ordening

156

156

156

Baten

-74

-74

-74

-74

Lasten

270

270

270

270

196

196

196

196

Baten

-7.626

-8.063

-8.063

-8.063

Lasten

7.626

8.063

8.063

8.063

0

0

0

0

Baten

-3.152

-1.981

-1.981

-1.981

Lasten

Totaal 8.1 Ruimtelijke ordening 8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen) Totaal 8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen) 8.3 Wonen en bouwen

2.603

2.212

743

643

Totaal 8.3 Wonen en bouwen

-549

230

-1.239

-1.339

Totaal Thema Ruimtelijke ontwikkeling

-197

582

-887

-987

Thema II – Openbare Ruimte Algemeen Openbare ruimte De openbare ruimte van Veenendaal is schoon, heel, duurzaam, toegankelijk en veilig en nodigt uit tot spelen en ontmoeten voor alle leeftijden. Wij doen dit wijkgericht, via de BOSS-aanpak, waarbij we samen met de bewoners plannen maken voor de inrichting van een buurt, houden rekening met ‘ommetjes’, ruimte voor jonge kinderen en jongeren en groen. Duurzaamheid, het vergroten van de biodiversiteit en klimaatadaptatie maken onlosmakelijk onderdeel uit van onze werkzaamheden in de openbare ruimte. Mobiliteit In 2023 komt er een uitvoeringsplan mobiliteit, Dit plan geeft kaders voor de toekomstige, op de duurzame mobiliteit afgestemde infrastructuur. Er is aandacht voor het wandelen, fietsen, openbaar vervoer en de (deel)auto en voor het beslag op de schaarse openbare ruimte. We moeten werken met onze partners binnen Foodvalley, om te zorgen voor een goed openbaarvervoersnetwerk. Dit doen we onder andere door als regio samen te werken aan de TBOV2040 en de intercitystatus van Veenendaal – De Klomp te blijven benadrukken. Ook voor de goede fietsverbindingen, het realiseren van snelfietsroutes naar de omliggende dorpen en steden en een autoluw Binnenveld is samenwerken noodzakelijk. Binnen Veenendaal zetten wij in op verbetering van de fietsinfrastructuur, onder andere bij de reconstructie van de Ambachtsstraat en de Boslaan.

Daarnaast willen wij inzetten op een verhoging van de verkeersveiligheid. Wij maken hierbij optimaal gebruik van de subsidiemogelijkheden in het kader van het Strategisch Plan Verkeersveiligheid van het ministerie van Infrastructuur en Milieu. Afvalinzameling De afvalinzameling draagt bij aan de doelstellingen voor een circulaire economie (van afval naar grondstof) en richt zich de komende periode met name op de ‘witte vlekken’ in Veenendaal, hier willen we door gerichte communicatie en extra investeringen overlast beperken en een beter resultaat halen. Klimaatbestendige leefomgeving In 2050 moet Veenendaal een circulaire, klimaatadaptieve en waterrobuuste gemeente zijn. Een gemeente die klaar is voor lange droge perioden, heftige regenval en grote hitte. Dit betekent dat wij binnen al onze ambities op het gebied van woningbouw, ruimte maken voor meer groen en meer water. Dit doen wij steeds meer in provinciaal of regionaal verband,

28

onder andere door samen met het waterschap Vallei en Veluwe de provincie Utrecht te werken aan het programma Groen Groeit mee of in de inspanningen via het Platform Water Vallei en Eem. Via dit programma zetten de provincie, gemeenten en waterschappen zich in voor de toekomstige ontwikkeling van groen en het beheer ervan, op zo’n manier dat de groene ruimte meegroeit met de toenemende behoefte aan recreatieruimte en natuur.

29

Wat willen we bereiken? II.a. Een toekomstbestendige leefomgeving waarin het goed wonen en verblijven is.

Wat gaan we daarvoor doen? II.a.1. Het opzetten van een monitoringsinstrument als basis voor het maken van de juiste afweging voor een optimale inzet van de middelen. II.a.2. In 2023 ronden we onze BOSS-pilots in Dragonder Noord en de wijk Pionier af. De resultaten, in de vorm van een wijkkaart presenteren wij in 2023. Deze resultaten vormen basis voor de aanpak in de jaren daarna. II.a.3. In 2023 ronden wij de input voor de Data top 15 af en gaan we over naar de beheerfase. In 2023 maken wij een start met het verzamelen en monitoren van data voor een optimaal gebruik van de openbare ruimte. II.a.4. Het opstellen van een Buurtvisiekaart waarin het ruimtebeslag van de ambities zoals de verstedelijkingsopgave, de energietransitie in beeld worden gebracht. In het Franse gat voeren we in 2023 de eerste pilot uit.

Wat willen we bereiken? II.b. Een actueel integraal groenbeleid met een duidelijke visie op de hoofdgroenstructuur van Veenendaal.

Wat gaan we daarvoor doen? II.b.1. Wij integreren en actualiseren ons bestaande, op delen versnipperde groenbeleid en nemen de input van regionale en provinciale overlegtafels hierin mee.

Wat willen we bereiken? II.c. Om de leefbaarheid, de economie te borgen en de groei van Veenendaal mogelijk te maken een visie op de duurzame mobiliteit, de bereikbaarheid van en de verkeersveiligheid in Veenendaal met een integraal uitvoeringsplan

Wat gaan we daarvoor doen? II.c.1. We stellen in 2023 een Integraal mobiliteitsplan op.

Wat willen we bereiken? II.d. Veenendaal wil zich inzetten voor het waarde behoud van grondstoffen en materialen door het vrijkomende ‘huishoudelijke afval’ op een doelmatige wijze in te zamelen en zo weer in te zetten als grondstof.

Wat gaan we daarvoor doen? II.d.1. We brengen de blinde vlekken voor GF-e en oud papiervoorzieningen in beeld en voeren daarna gerichte (communicatie)acties om bewustwording over afvalscheiding te vergroten.

Wat willen we bereiken? II.e. Veenendaal bereidt zich voor op de klimaatverandering en is in 2050 klimaatadaptief en waterrobuust.

Wat gaan we daarvoor doen? II.e.1. In het eerste kwartaal 2023 ronden we onze klimaatstresstest af. Met deze stresstest worden de kritische locaties in Veenendaal duidelijk en komen de risico’s in beeld. II.e.2. We starten op basis van deze stresstest een risicodialoog. II.e.3. In 2023 presenteren wij een onderzoek naar de mogelijkheden voor meer waterberging in Veenendaal en brengen wij de financiële consequenties hiervoor in beeld.

30

Verbonden partijen Openbare ruimte De volgende verbonden partijen leveren een bijdrage aan het realiseren van de doelen uit dit thema: • Afvalcombinatie De Vallei NV (ACV); • Gemeenschappelijke regeling Afvalverwijdering Utrecht (AVU). Zie voor meer informatie paragraaf E Verbonden partijen.

Beleid gerelateerd aan thema Openbare ruimte Naam beleidsstuk

Wanneer vastgesteld

Omgevingsvisie

dec-2020

Omgevingsprogramma Openbare Ruimte

25-11-2021

Notitie parkeernormen Veenendaal 2020

26-11-2020

Laadvisie en plankaart (uitvoeringsbeleid) Beleidsplan Huishoudelijk Afval 2022-2025

16-9-2021

Taakvelden thema Openbare ruimte Taakveld (bedragen x € 1.000)

B/L

0.3 Beheer overige gebouwen en gronden

Baten

-114

-114

-114

-114

Lasten

244

243

244

243

130

129

129

129

-2.672

-2.612

-2.598

-2.335 -2.335

Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026

Totaal 0.3 Beheer overige gebouwen en gronden 0.63 Parkeerbelasting

Baten

Totaal 0.63 Parkeerbelasting 2.1 Verkeer en vervoer

-2.672

-2.612

-2.598

Baten

-411

-412

-412

-412

Lasten

8.399

8.575

8.488

9.740

7.988

8.164

8.077

9.328

2.430

2.432

2.433

2.271

2.430

2.432

2.433

2.271

-30

-30

-30

-30

Totaal 2.1 Verkeer en vervoer 2.2 Parkeren

Lasten

Totaal 2.2 Parkeren 3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur

Baten Lasten

Totaal 3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie

-4

-4

-4

-4

4.064

3.921

3.927

4.020

4.060

3.917

3.922

Baten

-3.706

-3.794

-3.794

-3.794

Lasten

2.763

2.778

2.908

2.916

-944

-1.016

-886

-878

Baten

-9.582

-10.328

-11.094

-11.586

Lasten

7.492

7.914

8.361

8.824

-2.090

-2.414

-2.733

-2.762

2.085

2.001

2.002

1.582

2.085

2.001

2.002

1.582

Baten

-992

-971

-971

-971

Lasten

740

772

813

852

-252

-199

-158

-119

10.666

10.516

10.153

11.109

Lasten

Totaal 7.4 Milieubeheer 7.5 Begraafplaatsen en crematoria

1 -29

4.024

Totaal 7.3 Afval 7.4 Milieubeheer

1 -29

Lasten

Totaal 7.2 Riolering 7.3 Afval

1 -29

Baten

Totaal 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie 7.2 Riolering

1 -29

Totaal 7.5 Begraafplaatsen en crematoria Totaal Thema Openbare ruimte

31

Thema III – Wijkgericht werken Taakvelden thema Wijkgericht werken Taakveld (bedragen x € 1.000)

B/L

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

6.1 Samenkracht en burgerparticipatie

Baten

-1.806

-1.806

-1.806

-1.806

Lasten

1.383

1.130

1.132

1.131

Totaal 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie

-423

-676

-674

-675

Totaal Thema Wijkgericht werken

-423

-676

-674

-675

Lasten vanuit groslijst Onderstaand vindt u per thema uit het raadsakkoord een overzicht van de bedragen uit de groslijst. Thema raadsakkoord (bedragen x € 1.000)

2023

2024

2025

2026

Cultuur en evenementen

19

19

19

19

Energie en duurzaamheid

445

345

345

Mobiliteit

200

200

200

100

Openbare ruimte en groen

686

466

301

251

Wonen

270

270

200

100

Overige

250

Totaal

1.870

1.300

1.065

470

32

PROGRAMMA 2 – ECONOMIE, WERK EN ONTWIKKELING Visie Economie, werk en ontwikkeling In het raadsakkoord “Samen werken in vertrouwen” onderscheiden we de thema's Economie, Ondernemen en Bedrijfsleven. Hierin wordt de regio Foodvalley benoemd als een regio die door sterk economisch beleid en een aantrekkelijk ondernemersklimaat bovengemiddeld hard groeit. Hierbij is er een sterke relatie met het behoud en uitbreiden van de lokale en regionale werkgelegenheid. Veenendaal willen we daarbij aantrekkelijk houden als vestigingsplaats voor ondernemers, zowel voor de bedrijventerreinen als voor de winkelcentra. Investeren in het vestigingsbeleid, ondernemersklimaat en werkgeversdienstverlening leveren hieraan een bijdrage. Uitgangspunt hierbij is de verbinding tussen het stimuleren van de lokale economie en het behouden en vergroten van kwalitatieve en kwantitatieve werkgelegenheid op verschillende niveaus.

Thema’s Economie, werk en ontwikkeling I. Economische ontwikkeling en werkgelegenheid II. Recreatie en toerisme

Financiën Economie, werk en ontwikkeling Bedragen x € 1.000

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Baten

999

1.011

1.011

1.011

Lasten

2.116

2.117

1.887

1.737

Saldo programma (voor mutaties reserves)

-1.117

-1.106

-876

-726

723

723

593

593

0

0

0

0

Saldo mutaties reserves

723

723

593

593

Saldo programma (na mutaties reserves)

-393

-383

-282

-132

Beschikkingen Stortingen

Actuele ontwikkelingen Economie, werk en ontwikkeling Thema I - Economische ontwikkeling en werkgelegenheid Duurzaam ondernemen en circulaire economie Ondernemers worden gefaciliteerd en gestimuleerd in duurzaam ondernemen en het leveren van een bijdrage aan circulaire economie. Vanuit de opgaven Groei en Bloei, Duurzaam Veenendaal en Informatiesamenleving en het regionale programma Circulaire Economie geven we uitvoering aan deze ambities. Bedrijventerreinen De Visie Bedrijventerreinen die eind 2021 is vastgesteld richt zich op het toekomstbestendig maken van de bedrijventerreinen met aandacht voor profilering, bereikbaarheid, mobiliteit en arbeidsintensivering met aandacht voor verduurzaming en vergroening waarbij ontstenen en vergroenen belangrijke thema’s zijn. Onderdeel van de Omgevingsvisie is het inzetten op het mogelijk maken van arbeidsintensieve werkgelegenheid waarbij functiemenging wordt gestimuleerd. We zien een grotere vraag naar bedrijfsruimte die lastig in te vullen is door een tekort aan ruimte op de bedrijventerreinen. De leegstandscijfers staan op een historisch laag niveau waardoor de natuurlijke doorstroming van bedrijven wordt bemoeilijkt. Vanuit de opgave Groei en Bloei wordt ingezet om nieuwe of uitbreiding van de huidige bedrijventerreinen op langere termijn te realiseren.

Om uitvoering te geven aan de ambities uit de Visie Bedrijventerreinen en de Omgevingsvisie is het nodig om in de komende jaren -in samenspraak met het bedrijfslevendiverse processen en thema's op gang te brengen. Hiermee voorkomen we dat de 33

ontwikkeling van de bedrijventerreinen vastloopt en het aanbieden van (nieuwe) bedrijfslocaties stagneert wat ten koste gaat van de economische ontwikkeling van onze gemeente. In de begroting is derhalve voor de jaren 2023 tot en met 2025 € 50.000,- per jaar opgenomen. Tevens vormen we voor de periode van drie jaar een innovatiefonds. Dit fonds is gericht op het financieel ondersteunen, aanjagen, faciliteren en stimuleren van initiatieven uit het bedrijfsleven gericht op de bedrijventerreinen op het gebied van duurzaamheid, energietransitie, innovatie. Voor de jaren 2023 tot en met 2025 is jaarlijks € 100.000,verwerkt in de begroting. Vestigingsbeleid en Ondernemersdienstverlening Het gemeentelijk vestigingsbeleid en ondernemersdienstverlening is erop gericht om een zo goed mogelijk vestigingsklimaat voor de huidige en nieuwe ondernemers te realiseren. Ook binnen de regio Foodvalley richten we ons op een optimaal vestigingsklimaat waarbij we ons presenteren als aantrekkelijke regio voor ondernemen in brede zin. Dit willen we realiseren door het transformeren van kansarme locaties en uitbreiden van kansrijke locaties in de vorm van een campus of door segmentering. Hierbij zijn de kaders van de regionale kantorenvisie van belang, hebben we aandacht voor spreiding en afstemming van vestigingsverzoeken in de regio en voeren we het Regionaal Programma Werklocaties (RPW) uit.

Werkgelegenheid Economische groei wordt, naast gebrek aan ruimte, ook belemmerd door een tekort aan voldoende en gekwalificeerd personeel. De laatste werkgelegenheidscijfers over 2022 laten een lichte daling zien maar die werden met name veroorzaakt door externe factoren als verplaatsing van bedrijvigheid. Veenendaal ligt in één van de drie landelijke regio’s waar het tekort aan arbeidskrachten het grootst is. In de arbeidsmarktregio Foodvalley worden tal van initiatieven ontplooid om de aansluiting tussen vraag en aanbod van personeel te verbeteren en gericht in te zetten op onbenut arbeidspotentieel. Er wordt geïnvesteerd in een goede aansluiting tussen onderwijs en de arbeidsmarkt. Binnen de regio Foodvalley onderscheidt Veenendaal zich als ICT-centrum. Vitale Binnenstad Vanuit het programma Vitale Binnenstad 2021-2024 richten we op ons op een complete en comfortabele binnenstad die economisch en sociaal vitaal is voor de ondernemers in de binnenstad, de bewoners van Veenendaal en regionale bezoekers en toeristen. Digitalisering Circa 25 tot 30% van onze inwoners sluiten niet of nauwelijks aan bij de nieuwe digitale werkelijkheid. De digitale inclusie is een verbijzondering van de inclusieve stad Veenendaal. In de begroting is voor de jaren 2023 tot en met 2025 jaarlijks €

150.000,- opgenomen. De middelen zijn bedoeld om hierover beleid te ontwikkelen en uit te voeren. De uitvoeringsmiddelen zijn onder andere voor uitvoer van projecten en subsidies, bijvoorbeeld voor het vergroten van inzet van vrijwilligers. Thema II - Recreatie en toerisme Evenementenbeleid In 2023 zal nieuw beleid worden opgesteld waarin onder andere aandacht zal worden geschonken aan duurzaamheid, locaties en levendigheid. Dit heeft in de afgelopen periode vertraging opgelopen. Vanwege de coronamaatregelen konden er geen evenementen plaatsvinden. Er zal een breed participatietraject worden opgezet. Op dit moment lopen er verschillende projecten die van invloed kunnen zijn op locaties van evenementen: te weten de herinrichting Stadspark/evenemententerrein, de herinrichting Duivenwal en een upgrade van de Markt. De uitkomsten voor deze locaties worden bij het opstellen van nieuw evenementenbeleid meegenomen.

34

Recreatie We zetten ons in voor een aantrekkelijke binnenstad waar zowel bewoners als bezoekers uit de regio als ook toeristen graag verblijven. Daarnaast werkt Veenendaal samen met de omliggende gemeenten in het oostelijk deel van de provincie Utrecht. Daarbij wordt gezamenlijke inzet gepleegd op het beheer, onderhoud en de toegankelijkheid van de ons omringende natuurgebieden (Heuvelrug en de Grebbelinie). Ook werken we met gemeenten samen aan de regionale bekendheid van het gebied en investeren we gezamenlijk in het verbinden en uitbreiden van fietsroutes en wandelnetwerken met als doel het vergroten van het gebruik van de recreatieve voorzieningen. Om dit goed te kunnen doen is in de begroting structureel € 47.000,- opgenomen. Als gevolg van de coronamaatregelen konden twee jaar lang bijna geen activiteiten en evenementen (in de binnenstad) worden georganiseerd. Er is inmiddels sprake van een inhaalslag waardoor het aanbod ruim en divers is. we zien dat veel mensen de natuur hebben (her)ontdekt. De natuurgebieden kennen meer aanloop dan in de periode daarvoor. De natuurgebieden in het westelijk en centrale deel van de provincie Utrecht zijn echter overbelast. Dit leidt tot overloop naar andere natuurgebieden.

Thema I – Economische ontwikkeling en werkgelegenheid Algemeen Economische ontwikkeling en Werkgelegenheid De economische ontwikkelingen worden sinds 2020 sterk bepaald door de coronacrisis en vanaf 2022 door de Oekraïnecrisis en daarmee samenhangende energiecrisis. Voor de komende periode verwachten we dat de energiecrisis in combinatie met een sterke inflatiestijging effect heeft op de lokale en regionale economische groei. In welke mate is echter onduidelijk en onzeker. Op basis van de beschikbare kwalitatieve en kwantitatieve gegevens monitoren we deze ontwikkelingen. De lokale en regionale infrastructuur en instrumenten worden waar mogelijk gericht ingezet om ondernemers te ondersteunen.

35

Wat willen we bereiken? I.a. Veenendaal is een aantrekkelijke stad om te werken en ondernemen.

Wat gaan we daarvoor doen? I.a.1. We stimuleren en faciliteren startende ondernemers door o.m. organiseren van een jaarlijks startersevent en het informeren en ondersteunen van starters bij vragen.

Wat willen we bereiken? I.b. Behouden en uitbreiden werkgelegenheid voor Veenendaal.

Wat gaan we daarvoor doen? I.b.1. We faciliteren en ondersteunen bestaande ondernemers door inzet van onze accountmanager, periodieke overleggen met het bedrijfsleven, investeren in bereikbaarheid, coördineren van ondernemersvraagstukken.

Wat willen we bereiken? I.c. Samen met de Ontwikkelingsmaatschappij Utrecht (OMU) intensiveren we de bedrijventerreinen waardoor er een hogere verdichtingsgraad ontstaat ofwel meer mensen kunnen werken op een m².

Wat gaan we daarvoor doen? I.c.1. Bedrijventerreinen, kantoorlocaties en binnenstad worden aantrekkelijker gemaakt in 2023, gericht op een optimaal vestigings- en investeringsklimaat. I.c.2. We voeren de Visie Bedrijventerreinen uit met specifieke aandacht voor handhaven bedrijvigheid, optimaal ruimtegebruik en stimulering duurzaamheid en circulariteit in 2023.

Wat willen we bereiken? I.d. ICT Campus faciliteert regionale samenwerkingen tussen bedrijfsleven, overheid en onderwijs.

Wat gaan we daarvoor doen? I.d.1. We geven uitvoering aan het programma ICT Campus waarbij we het acquisitieplan voor ICT-bedrijven actualiseren.

Wat willen we bereiken? I.e. We willen uitbreiding van het aantal bedrijventerreinen.

Wat gaan we daarvoor doen? I.e.1. In samenspraak met provincie Utrecht, regio Foodvalley en met de Groene Metropool onderzoeken we welke uitbreidingslocatie voor bedrijventerreinen mogelijk zijn.

Wat willen we bereiken? I.f. Veenendaal is een aantrekkelijke stad om te wonen, werken en leven.

Wat gaan we daarvoor doen? I.f.1. We geven uitvoering aan het programma Vitale Binnenstad met aandacht voor een divers pallet aan functies, toegankelijkheid, vergroening en verduurzaming, innovaties en versterking van de uitvoeringsstructuur. I.f.2. We werken aan de branding van Veenendaal via #ditisveenendaal: Door middel van het Merk Veenendaal zetten we Veenendaal op de kaart als een aantrekkelijke stad om te wonen, werken en leven.

Verbonden partijen Economische ontwikkeling en werkgelegenheid Dit is niet van toepassing voor dit thema.

36

Beleid gerelateerd aan thema Economische ontwikkeling en werkgelegenheid Naam beleidsstuk

Wanneer vastgesteld

Beleid perifere detailhandel Foodvalley

16-12-2021

Detailhandelsbeleid Veenendaal

22-04-2021

Visie Bedrijventerreinen

16-12-2021

Omgevingsvisie

dec-2020

Programmaplan Living Lab Circulair

feb-2019

Visie Bedrijventerreinen 2022 – 2032

dec-2022 (ovb)

Taakvelden thema Economische ontwikkeling en werkgelegenheid Taakveld (bedragen x € 1.000)

B/L

0.64 Belastingen overig

Baten

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

-582

-590

-590

-590

-582

-590

-590

-590

663

665

435

385

663

665

435

385

-22

-22

-22

-22

-22

-22

-22

-22

Baten

-286

-290

-290

-290

Lasten

956

956

956

856

671

667

667

567

Baten

-110

-110

-110

-110

Lasten

318

318

318

318

Totaal 3.4 Economische promotie

208

208

208

208

Totaal Thema Economische ontwikkeling en werkgelegenheid

938

928

697

547

Totaal 0.64 Belastingen overig 3.1 Economische ontwikkeling

Lasten

Totaal 3.1 Economische ontwikkeling 3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur

Baten

Totaal 3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur 3.3 Bedrijfsloket en -regelingen Totaal 3.3 Bedrijfsloket en -regelingen 3.4 Economische promotie

Thema II – Recreatie en toerisme Algemeen Recreatie en toerisme We zetten we ons in voor een aantrekkelijke binnenstad waar zowel bewoners als bezoekers uit de regio als ook toeristen graag verblijven. Daarnaast werkt Veenendaal samen met de omliggende gemeenten in het oostelijk deel van de provincie Utrecht. Daarbij wordt gezamenlijke inzet gepleegd op het beheer, onderhoud en de toegankelijkheid van de ons omringende natuurgebieden (Heuvelrug en de Grebbelinie). Ook werken we met gemeenten samen aan de regionale bekendheid van het gebied.

37

Wat willen we bereiken? II.a. Veenendaal heeft een aantrekkelijke binnenstad waar bezoekers uit de regio en toeristen graag op bezoek komen.

Wat gaan we daarvoor doen? II.a.1. Via het Regionaal Bureau voor Toerisme (RBT) zetten we (de binnenstad van) Veenendaal en de ons omringende regio op de kaart.

Wat willen we bereiken? II.b. Veenendaal is beter verbonden met het groene ommeland waardoor bewoners uit Veenendaal gemakkelijk de natuur kunnen intrekken en toeristen die in de regio verblijven, ook Veenendaal aandoen.

Wat gaan we daarvoor doen? II.b.1. We investeren in het verbinden en uitbreiden van fietsroutes en wandelnetwerken en het vergroten van het gebruik van de (omliggende) recreatieve voorzieningen.

Verbonden partijen Recreatie en toerisme Dit is niet van toepassing voor dit thema.

Taakvelden thema Recreatie en toerisme Taakveld (bedragen x € 1.000)

B/L

5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie

Lasten

Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 178

178

178

178

Totaal 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie

178

178

178

178

Totaal Thema Recreatie en toerisme

178

178

178

178

Lasten vanuit groslijst Onderstaand vindt u per thema uit het raadsakkoord een overzicht van de bedragen uit de groslijst. Thema raadsakkoord (bedragen x € 1.000)

2023

2024

2025

Digitalisering

150

150

150

Economie, ondernemen en bedrijfsleven

150

150

150

Overige

47

47

47

47

Totaal

347

347

347

47

38

2026

PROGRAMMA 3 – SOCIALE LEEFOMGEVING Visie Sociale leefomgeving Integraal beleidskader sociaal domein Het meerjarig integraal beleidskader sociaal domein (IBK SD) loopt in 2023 ten einde. In het begrotingsjaar 2023 zal daarom een integraal beleidskader sociaal domein, dat betrekking heeft op de periode 2024 – 2027, aan de raad worden voorgelegd. We zullen ook de komende jaren investeren in onze sociale basis, zodat er voldoende geld en personeel beschikbaar blijft voor ondersteuning van inwoners die hulp écht nodig hebben. Model Veenendaal 2020 biedt ook voor de nabije toekomst een heldere structuur en werkwijze die bijdraagt aan een integrale aanpak binnen het sociaal domein. Zo blijven we werken aan een beweging van zware naar lichte zorg en bieden we zware zorg waar nodig. Richting nieuwe IBK SD bekijken we welke doelen actualisatie vragen en hoe bestaande doelen, inspanningen en onderwerpen opnieuw een plek kunnen en/ of moeten krijgen. Vanuit het nieuwe raadsakkoord noemen we bijvoorbeeld een doorontwikkeling van onze werkwijze met de menselijke maat. Vanuit het preventief kader (vroegsignalering) gaan we bijvoorbeeld meer outreachend werken. Verder gaan we onze handhavingsinstrumenten herijken en willen we aan de hand van kwaliteitsonderzoek zorgfraude voorkomen.

Ook integraal werken, de wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein en de omgekeerde verordening zijn thema's waar we mee aan de slag gaan. Om tot goede keuzes te komen en een juiste fasering aan te brengen is al in 2022 een actieve participatie met belanghebbenden gestart. In deze programma begroting zijn inspanningen op de beoogde effecten opgenomen die zijn afgeleid van het laatste jaar uit het integraal beleidskader 2020-2023. De hierin opgenomen tien maatschappelijke doelen vormen hiervoor de basis. De maatregelen zijn genoemd onder de kopjes ‘Wat gaan we ervoor doen’. Hoewel we ons realiseren dat een ‘maatregel’ om een andere formulering vraagt dan een ‘beoogd effect’, is er omwille van de herkenbaarheid voor gekozen om dezelfde formulering aan te houden zoals opgenomen in het IBK. Wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein Het voorstel voor de Wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein (Wams) is ingediend bij de Tweede Kamer. Naar verwachting wordt deze wet van kracht per 1 januari 2024. De wet stelt gemeenten straks in staat om de Wmo 2015, de Jeugdwet, de Participatiewet, de Wet Inburgering en de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening in samenhang met elkaar uit te voeren. Ook wordt betere samenwerking mogelijk met aangrenzende domeinen als zorg, onderwijs en wonen.

Integrale handhaving sociaal domein Handhaving is essentieel om ervoor te zorgen dat we ons geld besteden aan inwoners die steun ook echt nodig hebben. Zo borgen we dat de meest kwetsbare inwoners van Veenendaal kunnen rekenen op goede ondersteuning, voorkomen dat door onrechtmatig gebruik onnodige uitgaven worden gedaan en weten inwoners en aanbieders dat plegen van fraude niet loont. Naast financiële overwegingen is handhaving ook nodig om het draagvlak van het beleid overeind te houden. Daarbij is het belangrijk om bij het vormgeven van handhaving een balans te vinden tussen vertrouwen en controle. In het Integraal Beleidskader sociaal domein is beschreven dat we toe willen werken naar integrale handhaving binnen het sociale domein. Eind 2021 is hiervoor een beleidsplan handhaving sociaal domein vastgesteld. Dit is een overkoepelend plan voor Participatiewet, Wmo en Jeugd. Inmiddels zijn er binnen het gehele sociale domein toezichtsfuncties ingericht. Daarnaast wordt samen met het fysieke domein ook gewerkt aan het 39

multidisciplinair handhaven om enerzijds de controlelasten te beperken, maar ook om zicht te krijgen op domeinoverstijgende problematiek en ondermijnende criminaliteit. In het beleidsplan handhaving is de visie beschreven van handhaving, uitgangspunten en instrumenten. Dat handhaven noodzakelijk is wordt breed gedragen. Wel is aangekondigd dat college en raad nog in gesprek gaan over balans tussen vertrouwen en controle. Dit naar aanleiding van het gebruik van risicosturing binnen de Participatiewet. Hierbij werd de controle verlicht voor personen waarbij het risico op fraude lager werd ingeschat. Gebruik van data, signaalsturing en risicosturing kan worden ingezet om klantgericht, efficiënt en effectief te handhaven om fraude en ondermijning tegen te gaan, maar ligt na de toeslagenaffaire gevoelig. Afgesproken is om eind 2022 hierover een beeldvormende avond te organiseren met de raad. Daarbij zal o.a. besproken worden op welke wijze we willen controleren en welke formatie hierbij passend is. Algemeen Het sociaal domein maakt de laatste jaren een aanzienlijke transformatie door. In 2015 is een groot aantal taken (Wmo, jeugd en participatie) overgedragen van het Rijk naar de gemeente. In de afgelopen jaren hebben we ervaren dat bij jeugd het daarvoor beschikbare budget fors achterbleef bij hetgeen benodigd is.

Met de inzet van financiële en inhoudelijke maatregelen is de afgelopen jaren gewerkt aan het versterken van de balans tussen kwaliteit, de organisatie en de financiën van de zorg. Dit wordt ook bevestigd in het rekenkamerrapport over de beheersmaatregelen. Ook in de komende jaren blijven we scherp toezien op deze balans. Inmiddels heeft het rijk voor het onderdeel jeugd vooralsnog extra incidentele middelen voor de komende jaren beschikbaar gesteld. De ramingen voor de lasten van jeugd en Wmo in de programmabegroting 2023 en de meerjarenraming 2024-2026 zijn opgenomen op basis van de verwachte kosten. Omdat de bekostiging van jeugd en Wmo in de afgelopen jaren vrijwel geheel in de algemene uitkering is opgenomen, is de vergelijking tussen de rijksmiddelen en de kosten steeds moeilijker te maken. Een globale berekening voor de genoemde jaren geeft aan dat de beschikbare middelen voor de komende jaren toereikend zijn. In deze berekeningen is echter op basis van de genomen en nog te nemen maatregelen rekening gehouden met een aantal substantiële besparingen. De voortgang van de hiertoe genomen maatregelen wordt frequent gemonitord. Uitgangspunt hierbij blijft dat we uitgaan van wat mensen wel kunnen, dat we kijken naar hoe de inwoners elkaar kunnen ondersteunen en we degenen die zorg nodig hebben helpen.

Het niet halen van de kostenbesparingen is als risico in de risicoparagraaf opgenomen. Tevens bestaan er risico’s van kostenstijgingen door volumegroei, aanbestedingen en incidentele kosten. Ontwikkelingen en risico’s Jeugd 2023-2026 We zien een toename van dure residentiele casuïstiek in 2022. Aangezien dit enkelingen zijn, is de kans aanwezig dat deze toename ombuigt. Daarom is deze toename deels als structureel en (deels) als risico verwerkt in de programmabegroting. In de actualisatie zijn ook de taakstellingen Jeugd herijkt. Van belang is op te merken dat de taakstellingen op Jeugd gebaseerd zijn op de verwachte effecten van de Hervormingsagenda. Het is onzeker of deze effecten tot de besparingen gaan leiden: in Veenendaal is de afgelopen jaren immers al stevig ingezet op het realiseren van besparingen (zie ook het Rekenkamerrapport Kostenbeheersing Jeugdzorg). In de begroting is hiermee rekening gehouden door vooralsnog uit te gaan van een realisatie van 50% van de landelijke taakstelling. Zo menen we realistisch te ramen. Zodra de effecten van de Hervormingsagenda duidelijk zijn, wordt dit beeld geactualiseerd. Daarnaast zien we een landelijke afbouw van gesloten jeugdzorg. Dit is een gewenste ontwikkeling, maar deze ontwikkeling gaat sneller dan de organisaties zich daarop kunnen aanpassen. Daarom signaleren we het risico van frictiekosten op dit gebied. Ook de

40

doorontwikkeling van de jeugdbeschermingsketen kent een financieel risico, gezien nog onduidelijk is hoe het Rijk deze doorontwikkeling gaat financieren. Onder Programma 3, thema Jeugd wordt hier verder op ingegaan. Ontwikkelingen en risico’s Wmo 2023-2026 De vraag naar Wmo-ondersteuning neemt naar verwachting de komende jaren toe. Dit komt onder andere door vergrijzing, landelijk beleid om langer thuis te wonen, het ingewikkelder worden van de samenleving, het groeien van de bevolking en extramuralisering van de GGZ. Een antwoord bieden op deze groeiende zorgvraag is zowel een financiële als een inhoudelijke uitdaging. Tegelijkertijd wordt de arbeidsmarkt in de zorg steeds krapper. Op kortere termijn is de aanbesteding hulpmiddelen een belangrijk risico, vooral vanwege de mogelijke invloed van inflatie op de tarieven. Ook bij collectief vervoer kunnen nieuwe ontwikkelingen de kosten doen stijgen. De vraag naar Schoonmaakondersteuning blijft toenemen. Het is een risico dat dit in 2023 en 2024 ook zo is. De verwachting is dat op 1 januari 2025 een nieuwe eigenbijdrageregeling wordt ingevoerd die in ieder geval gaat gelden voor de huishoudelijke hulp. De tarieven voor Wmo-immaterieel indexeren we jaarlijks conform het advies van de VNG. Zo blijven we voldoen aan de Amvb Reële Prijs.

Thema's Sociale leefomgeving I. Inkomen II. Sociaal domein – Participatie en re-integratie III. Sociaal domein – Wmo IV. Sociaal domein – Jeugd V. Onderwijs en ontwikkeling VI. Sport VII. Cultuur VIII. Welzijn

Financiën Sociale leefomgeving Bedragen x € 1.000

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Baten

31.433

30.082

30.369

30.677

Lasten

111.162

107.733

109.195

110.708

Saldo programma (voor mutaties reserves)

-79.728

-77.652

-78.826

-80.031

426

340

340

340

6

6

6

6

420

334

334

334

-79.308

-77.318

-78.492

-79.697

Beschikkingen Stortingen Saldo mutaties reserves Saldo programma (na mutaties reserves)

Begroting 2026

Actuele ontwikkelingen Sociale leefomgeving Thema I - Inkomen Aanpak Geldzorgen, armoede en schulden De minister heeft in een kamerbrief van 12 juli 2022 geschetst hoe het kabinet geldzorgen, armoede en schulden wil voorkomen en aanpakken. Hierbij wordt een aantal doelen gesteld. Deze doelen zijn gericht op bestaanszekerheid, preventie, een andere vorm van incasso, doorbreken van (generatie-) armoede en het realiseren van eerdere en betere schuldhulpverlening. Deze doelen sluiten aan bij het IBK 2020-2023 en het raadsakkoord 2022-2026. In het volgende IBK (zie paragraaf 2.1) worden deze doelen vertaald naar concrete maatregelen in Veenendaal.

41

Inkomensvoorziening Participatiewet, IOAW, IOAZ, BBZ Gemeenten ontvangen van het Rijk een gebundelde uitkering welke toereikend wordt geacht om de bijstandsuitkeringen uit te kunnen betalen (BUIG-budget). De afgelopen jaren kende de gemeente Veenendaal een voordelig resultaat van meer dan 10% ten opzichte van de rijksmiddelen. Op basis hiervan zijn de beschikbare middelen in onze gemeentelijke meerjarenraming voor de uitvoering van deze taak sinds enkele jaren ten gunste van de algemene middelen structureel naar beneden bijgesteld. Ten opzichte van het rijksbudget houden we nog steeds geld over. Echter de participatiewet is een zogenaamde open-einde regeling; als door oplopende BUIG uitgaven het overschot afneemt, zal er minder resteren voor de algemene middelen. Menselijke maat De minister voor Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen wil de Participatiewet meer in balans brengen en oog hebben voor de menselijke maat. Er komen mogelijke versoepelingen aan zoals het mogelijk maken van ontvangen van giften en/of boodschappen vanuit eigen netwerk en verruimen van de mogelijkheden om geld bij te verdienen naast de uitkering. Daarnaast is opgeroepen om maatregelen die de Participatiewet overstijgen een meer integrale aanpak te geven. Deze plannen zijn momenteel nog niet uitgewerkt.

De tijdlijn, impact voor de organisatie en (vergoeding van de) uitvoeringskosten zijn nog niet bekend. Per 1 januari 2023 wijzigt de kostendelersnorm zodat inwonende jongvolwassenen tot 27 jaar niet langer meetellen als kostendeler voor de uitkering van huisgenoten (vaak de ouders). Met deze wijziging beoogt de regering inkomenszekerheid bij uitkeringsgerechtigde gezinnen te vergroten. Dit heeft als gevolg dat een grotere doelgroep de alleenstaande bijstandsnorm kan ontvangen, waardoor uitkeringskosten stijgen. Wij verwachten dat de specifieke uitkering van het BUIG-budget vanaf 2023 in de verhogende kosten compenseert. Een laatste ontwikkeling in dit verband is de herijking van de handhavingsinstrumenten. Het Rijk onderzoekt de effectiviteit van het opleggen van sancties in alle gevallen (boete en maatregelen), maar kijkt ook naar het debiteurenbeleid vanuit het principe dat een betalingsregeling eindig is. In dit kader past ook het initiatiefwetsvoorstel om de terugvorderingstermijn voor onder andere bijstand aan te passen van 20 naar 5 jaar. Deze plannen zijn op dit moment nog niet uitgewerkt, waardoor de gevolgen voor het gemeentelijk beleid en financiën nog onbekend zijn. Daarnaast heeft het college toegezegd om de inrichting van onze controle- en onderzoeksystematiek binnen de Participatiewet te herijken.

Immers nu het gebruik van de DPS-matrix en risico-profielen is gestopt, moeten rechtmatigheidsonderzoeken volgens een andere methodiek worden bepaald. Het college zal de mogelijkheden in kaart brengen en de raad hierover informeren. Armoedebeleid/Minimaregelingen De Veenendaalpas is een uitvoeringsinstrument van de minimaregelingen. In 2023 willen we een uitbreiding van het aantal ondernemers en verenigingen dat deelneemt aan de Veenendaalpas. Hierbij hebben we oog voor een evenwichtige verdeling van diverse categorieën ondernemers binnen de regelingen en werken we toe naar zo veel mogelijk keuzevrijheid binnen de Veenendaalpas. Specifieke aandacht hebben we voor technische verbeteringen om het gebruiksgemak en de toegankelijkheid te verhogen. De huidige regelingen van de Veenendaalpas zijn gericht op het bevorderen van participatie, mee kunnen doen en het tegengaan van generationele armoede. De doelgroep ouderen en chronisch zieken heeft onvoldoende profijt van deze regelingen, terwijl ook hun kosten zijn gestegen in de afgelopen jaren. De financiële situatie van chronisch zieken en gehandicapten en ouderen wordt verbeterd door middel van het herinvoeren van de verzekering van het eigen risico in GarantVerzorgd3 van de collectieve ziektekostenverzekering en het herinvoeren van de regeling meerkosten chronisch zieken.

Hiervoor is een bedrag van € 175.000,- en € 180.000,- in de begroting 2023 opgenomen. 42

Met het opstellen van het volgende IBK wordt overwogen de volgende onderwerpen mee te nemen ter bevordering van de bestrijding van (kinder-)armoede: • Tegengaan niet-gebruik van voorzieningen. Zowel door onbekendheid als vanwege een te complexe manier van (digitaal) aanvragen. Hierbij hebben we bijzondere aandacht voor de doelgroep ouderen en digitaal minder vaardige Veenendalers. • Sluiten de huidige minimaregelingen aan bij alle doelgroepen of kiezen we ervoor dat dit niet altijd noodzakelijk of mogelijk is. • Verbeteren van de toegang tot mondzorg bij financiële problemen. Een tandartsverzekering is niet mogelijk bij achterstanden bij de ziektekostenverzekering. Hierbij onderzoeken we de mogelijkheden voor een lokale Stichting Urgente Noden (zie paragraaf Maatwerkbudget) en de Regeling Uitstroom Bijstandsgerechtigden (RUB). • Beter benutten digitale hulpmiddelen. Er bestaan veel digitale hulpmiddelen die inwoners kunnen gebruiken om meer grip te krijgen op hun (financiële) situatie. Deze willen we toegankelijker maken door ze te bundelen op Sociaal Startpunt Veenendaal. • Versterken van vaardigheden en (mentale) gezondheid van volwassenen in armoede. • Meer aandacht voor herkennen van armoede op scholen. Voedselbank De gemeente vindt het belangrijk dat de Voedselbank blijft bestaan, zolang hier noodzaak voor is.

We zullen, samen met de Voedselbank, de benodigde inspanningen verrichten om passende huisvesting te faciliteren. Hierbij houden we rekening met een mogelijke veranderende opzet van de Voedselbank in de toekomst. Het faciliteren van huisvestiging van de Voedselbank wordt meegenomen in het IBK. Maatwerkbudget In de afgelopen jaren is er onderzoek gedaan naar de invoering van een maatwerkbudget waarmee met een eenmalige vergoeding de persoonlijke situatie van een inwoner structureel kan verbeteren. Hierbij liepen we tegen diverse juridische problemen aan wanneer de gemeente dit zelf gaat uitvoeren. In 2023 wordt er een zelfstandige lokale stichting Leergeld en mogelijk ook een zelfstandige lokale Stichting Urgente Noden (SUN) opgericht. Deze stichtingen kunnen maatwerk leveren waar we dit als gemeente niet mogen. Energiearmoede Meer dan een half miljoen Nederlanders leeft in energiearmoede en de verwachting is dat dit aantal toeneemt. Het zijn vooral huurders die kampen met energiearmoede. Mensen die in energiearmoede leven hebben zo’n hoge energierekening dat hun inkomen te laag is om de rekening te betalen. Dit betreft mensen met een minimum inkomen maar ook mensen met een hoger inkomen maar met een energetisch slecht geïsoleerde woning. Op diverse manieren ondersteunen we inwoners om hun huis en gedrag energiezuiniger te maken en hun energierekening te kunnen blijven betalen.

Deze maatregelen golden deels ook in 2022 en hebben hun doorloop in 2023: • De gemeente betaalt, in opdracht van de overheid, een energietoeslag van € 1.300,- uit aan huishoudens met een laag inkomen. Deze energietoeslag kan nog aangevraagd worden tot 1 juli 2023. • Bij het Trefpunt en Veenvesters zijn energiecoaches en -vrijwilligers. Hier wordt een Fixbrigade aan gekoppeld voor ondersteuning bij het uitvoeren van kleine energiebesparende aanpassingen in huis. • Er rijdt periodiek een Energiecaravan door de wijken. • De ‘Veense isolatieactie’. Woningeigenaren worden ontzorgd bij het isoleren van hun huis tegen een aantrekkelijke, collectieve actie en prijsmatig goede aanbieder. • Samenwerking tussen de energievrijwilligers en de SchuldHulpMaatjes verstevigen. • We onderzoeken de mogelijkheden om leenbijstand te verstrekken voor energiebesparende maatregelen. • Daarnaast onderzoeken we aanvullende mogelijkheden om huishoudens te ondersteunen in het meer energiezuinig maken van hun huis en het bekostigen van de energielasten Hierbij leren we van successen binnen andere gemeenten.

43

Schulddienstverlening De Nederlandse Vereniging voor Volkskrediet (NVVK) verwacht - op basis van een onderzoek van het SEO economisch onderzoek – in 2022 een stijging van het aantal hulpvragen met maximaal 20%. Schulden tot € 5.000,- zijn hierbij buiten beschouwing gelaten en de effecten van de stijgende energietarieven en kosten van levensonderhoud zijn hierin ook nog niet meegenomen. Het beeld in Veenendaal sluit naar verwachting aan op de prognose van het SEO. Het beeld in Veenendaal is ook dat een verdere stijging van hulpvragen door de energietarieven en kosten levensonderhoud kan worden verwacht. Hiervoor is nog geen prognose bekend. De minister heeft in een kamerbrief van 12 juli 2022 de aanpak van armoede en schulden aangekondigd. De aanpak heeft betrekking op preventie, vroeger signaleren, het bieden van een sneller perspectief op een schuldenvrije toekomst, het versterken van financiële zelfredzaamheid en schuldhulpverlening voor ondernemers. Deze plannen zijn nog niet verder uitgewerkt zodat de consequenties voor de gemeente nog niet bekend zijn. Op 1 januari 2021 is het Budgetloket van start gegaan. Met de inrichting van het Budgetloket wordt de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening weer uitgevoerd door de gemeente.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11916573/1