CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Bijlage 1 Jaarstukken 2025 vs 4

Gemeenteraad 2 juli 2026, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Jaarstukken 202537.856 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

Inkomen

Aanpak geldzorgen, armoede en schulden Uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) bleek dat begin 2024 circa 8,4 procent van de huishoudens in de gemeente Veenendaal geregistreerde problematische schulden had. Vooral huishoudens en mensen in armoede (1 op de 3) kampen langdurig met schulden. Arme mensen hebben drie keer zo vaak te maken met problematische schulden. Daarnaast hebben ongeveer twee miljoen Nederlanders, vaak tussen de 25 en 45 jaar, een betalingsachterstand bij de overheid. Gemiddeld duurt het vijf jaar voordat iemand zich meldt voor hulp bij het oplossen van schulden. Het demissionaire kabinet Schoof heeft de verbetering van schuldenproblematiek doorgezet. In het Nationaal Programma Armoede en Schulden (NPAS) is een pakket aan maatregelen opgenomen om schulden terug te dringen, waaronder de basisdienstverlening schuldhulpverlening. Deze basisdienstverlening helpt gemeenten om hun hulpaanbod toegankelijker en overzichtelijker te maken voor inwoners. Dat verlaagt de drempel om hulp te vragen. Inkomensvoorziening Participatiewet, IOAW, IOAZ, BBZ Gemeenten ontvangen van het Rijk een gebundelde uitkering welke toereikend wordt geacht om de bijstandsuitkeringen uit te kunnen betalen (BUIG-budget).

Veenendaal is al langere tijd een zogenaamde ‘voordeelgemeente': wij ontvangen meer middelen van het Rijk dan wij nodig hebben om de uitkeringen te betalen. Daarom hebben wij een aantal jaren geleden het voordeel structureel afgeroomd. Inmiddels zien wij dat het bijstandsbestand afgelopen jaar iets is afgenomen (0,6%), maar de gemiddelde landelijke afname is net iets groter (1,1%). Het monitoren van de ontwikkelingen binnen het bijstandsbestand en het BUIG-budget is een continu proces. Armoedebeleid en minimaregelingen In 2025 hebben we de werkwijze rond de Individuele Inkomenstoeslag vereenvoudigd voor bijstandsgerechtigden en voor onze uitvoeringsorganisatie. Hiermee lopen we vooruit op de invoering van de Participatiewet in Balans en werken we aan een vereenvoudiging van het armoedebeleid. Deze verandering in de werkwijze draagt ook bij aan het tegengaan van het niet-gebruik van de regeling. Inwoners zijn hierover geïnformeerd. Daarnaast is in 2025 beleid ontwikkeld over en uitvoering gegeven aan de Wet tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek. Dit is een tijdelijke wettelijke taak die we ook in 2026 en 2027 gaan uitvoeren in afwachting van een fundamentele oplossing voor deze doelgroep via de Belastingdienst.

50

Verder hebben we een impuls gegeven aan de ketensamenwerking rondom armoede en schulden door een bijeenkomst te organiseren met maatschappelijke partners. In Veenendaal zijn er veel vrijwilligers die zich inzetten voor inwoners in een financieel kwetsbare positie. Er is behoefte om het ondersteuningsaanbod meer met elkaar te verbinden en daarmee de dienstverlening te versterken. In 2026 onderzoeken we hoe we dat praktisch gaan vormgeven. Voor het realiseren van maatwerk is Stichting Urgente Noden Veenendaal (SUN) van cruciaal belang binnen het armoedebeleid. SUN biedt hulp aan inwoners met acute financiële nood, waarin voorliggende voorzieningen niet toereikend zijn of niet snel genoeg kunnen worden geboden. Via deze weg kan een bredere doelgroep geholpen worden, zoals bijvoorbeeld werkende armen en inwoners die niet voldoen aan de inkomens- en vermogensnorm die gelden voor de minimaregelingen. Schulddienstverlening Wij hebben in 2025 onveranderd ingezet op vroegsignalering. Uit de Divosa monitor blijkt dat ons bereik ongeveer 3% hoger is dan bij vergelijkbare gemeenten. We ontvingen 2.700 signalen, hiervan deden we 5.400 contactpogingen en uiteindelijk hebben 126 inwoners hulp geaccepteerd. De ernst van een signaal verschilt sterk, evenals de mate van zelfredzaamheid van de inwoner. Soms is het probleem klein en tijdelijk, soms is een signaal ook niet meer actueel.

Door het Budgetloket wordt gekeken naar de signalen en de benodigde inzet. Het heeft de voorkeur om persoonlijk contact te zoeken met de inwoner, via een huisbezoek of via telefonisch contact. Als dit passend is, wordt triage toegepast. In Veenendaal zijn de afgelopen twee jaar de volgende elementen van de basisdienstverlening schuldhulpverlening geïmplementeerd: Geldfit (helpt mensen grip te krijgen op hun financiën), het schuldenknooppunt (samenwerking om schuldregeling af te spreken), de inzet van het saneringskrediet en de verwijsindex schuldhulpverlening. Daarnaast zijn er voorbereidingen getroffen voor de implementatie van de volgende elementen: het verder ontwikkelen van nazorg en een aanpak voor jongeren. Daarnaast is in 2025 gestart met de lokale implementatie van het project Data Delen Armoede en Schulden (DDAS). Met DDAS worden periodiek en geautomatiseerd gegevens bij gemeenten opgehaald en beschikbaar gesteld. Het gaat om gegevens over de resultaten van schuldhulpverlening en vroegsignalering. Participatiewet in balans (menselijke maat) Op 1 januari 2026 is fase 1 van de Participatiewet in Balans in werking getreden. In 2025 zijn de voorbereidingen van deze wet gerealiseerd. Het doel is om de wet beter te laten aansluiten op de mogelijkheden en omstandigheden van de mensen voor wie deze bedoeld is.

Dit wordt nagestreefd door de mens meer centraal te stellen en uit te gaan van vertrouwen. Ook wordt er meer ruimte gecreëerd voor de uitvoerend professional. Dit moet leiden tot een beter uitvoerbare wet, meer rekening houden met de menselijke maat en meer uitgaan van vertrouwen in bijstandsgerechtigden. Deze wijzigingswet introduceert een aantal nieuwe en aangepaste bevoegdheden voor gemeenten, wat meer ruimte biedt voor maatwerk binnen de uitvoering van de Participatiewet. Voor de implementatie van deze wet ontvangen we een invoeringsbudget.

51

Opvang Oekraïense vluchtelingen De gemeentelijke opvang van Oekraïense vluchtelingen is verspreid over negen locaties (december 2025). In zowel de gemeentelijke als particuliere opvang in Veenendaal worden ongeveer 300 personen opgevangen. Op landelijk en provinciaal niveau zien wij dat de opvang van Oekraïense vluchtelingen onder druk staat en dat de vraag naar opvangplekken onverminderd hoog blijft. De richtlijn tijdelijke bescherming (RTB) is verlengd tot maart 2027. De financiering vanuit het Rijk voor de opvang zelf voorziet in een vergoeding van de door de gemeente gemaakte kosten van opvang, leefgeld, inrichting processen en ambtelijke inzet. Vanaf 1 januari 2025 innen wij de eigen bijdrage van Oekraïense vluchtelingen die aan het werk zijn en de eerste verhoging van dit bedrag is in het laatste kwartaal van 2025 ook doorgevoerd. Als er mogelijkheden voor uitbreiding/verbeteringen/aanpassingen van locaties zich voordoen dan onderzoeken we de kansen en mogelijkheden en vindt er, indien noodzakelijk, afstemming plaats met de Veiligheidsregio Utrecht (VRU). Crisisnoodopvang Sinds 2022 is er een crisisnoodopvanglocatie in het voormalig Belcompany gebouw aan de Wageningselaan. Hierin zijn ruim 230 plaatsen beschikbaar voor de crisisnoodopvang waarbij de leefbaarheid in deze opvang, in vergelijking met de start, aanzienlijk is verbeterd.

Voor de organisatie van deze opvanglocatie werken we samen met de VRU. De kosten die wij maken, waaronder de ambtelijke inzet, worden door het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) vergoed. In 2025 is er overeenstemming bereikt, zowel met de gemeenteraad als het COA, voor een langjarige opvanglocatie voor ongeveer 250 opvangplekken voor twintig jaar. Sinds eind december 2025 is het COA eigenaar van het pand aan de Wageningselaan en worden er gesprekken gevoerd over het plaatsen van de flexwoningen op het voorterrein. Spreidingswet Sinds 31 januari 2024 is de Spreidingswet van kracht. Met de Spreidingswet hebben gemeenten de taak gekregen om asielopvang binnen de gemeente te organiseren. Voor Veenendaal geldt een taakstelling van 380 personen. Met de afspraken voor de langjarige opvanglocatie aan de Wageningselaan (250 plekken voor een periode van 20 jaar) realiseren wij een significant deel van onze taakstelling. Op dit moment zijn wij niet actief op zoek naar een tweede locatie voor het overige deel van onze taakstelling. Wel onderzoeken wij locaties als er zich mogelijkheden voordoen of locaties aangeboden worden. Op dit moment ligt de focus op het verder uitwerken van de plannen op de huidige opvanglocatie. VISA Veenendaal en Programma Opvang Sinds 1 januari 2024 wordt gewerkt vanuit het programma Opvang in Veenendaal.

Het programma werkt vanuit de visie dat wij een gemeente willen zijn die haar verantwoordelijkheid neemt om te zorgen voor een duurzame, kwalitatief goede, rechtvaardige, integrale aanpak en uitvoering van de opvang, huisvesting en begeleiding van vluchtelingen. Wij doen dit vanuit de uitvoering van de aanpak Volwaardig, Inburgering/Integratie, Samen en Ambacht, kortweg VISA. Deze voorgestelde aanpak geeft invulling aan de visie dat het belangrijk is om vanaf het allereerste moment te investeren in de zelfredzaamheid, integratie in de samenleving en een toekomstperspectief voor asielzoekers en Oekraïense vluchtelingen. Hieronder vallen de thema’s inburgering, werk en inkomen, veiligheid, huisvesting, onderwijs, gezondheid, welzijn, sport en communicatie. In 2025 is VISA Veenendaal verder vormgegeven en zijn er verschillende projecten bijvoorbeeld rondom werk en gezondheid ingezet. Met het COA is afgesproken dat zij zich ervoor inspant dat het overgrote deel van de statushouders op de opvanglocatie in Veenendaal of de nabije omgeving blijft wonen. Het opgebouwde netwerk, school en werk blijven daardoor behouden.

52

II.

Sociaal domein – Participatie en re-integratie

Ontwikkelingen arbeidsmarktregio De spanning op de arbeidsmarkt is zowel landelijk als regionaal iets gedaald. Toch blijft er sprake van een zeer krappe arbeidsmarkt, waarbij de grootste krapte te zien is in de sectoren Zorg en Welzijn, ICT, Techniek en Dienstverlening. Er bestaan wachtlijsten in de zorg en er kan minder gebouwd worden. De arbeidsmarkt koelt in 2025 weliswaar gestaag af, maar de krapte is van structurele aard. Daarom werken gemeenten, UWV, werkgevers, onderwijs en andere partners regionaal samen aan oplossingen voor deze krapte. In 2025 hebben we in projecten ingezet op betere kansen op werk voor verschillende groepen. Succesvolle resultaten zijn bijvoorbeeld de inzet van anderstalige coaches die statushouders begeleiden naar en op het werk, voor jongeren met het aanbod van lifecoaches en vroegtijdige jobcoaches vanaf de stage in het laatste schooljaar. Voor mensen met een ernstige psychische kwetsbaarheid biedt het Individuele Plaatsing en Steun-traject vanuit de GGZ instelling ondersteuning bij het vinden en behouden van werk. Al deze interventies worden structureel geborgd in onze dienstverlening. Ook zetten we in op inclusieve technologie om zodoende werk toegankelijker te maken en de inzetbaarheid te vergroten. Daarnaast zijn we in 2025 gestart met de doorontwikkeling van de arbeidsmarktdienstverlening.

Daarmee beogen we te zorgen dat meer mensen, eerlijker en duurzamer werk vinden. We voorzien per 1 april 2026 de opening van het Regionaal Werkcentrum en zullen in 2026 verder gaan in deze ontwikkeling. Zo gaan we beter inspelen op ontwikkelingen op de arbeidsmarkt door bijvoorbeeld skillsgerichte matching te ontwikkelen, de inzet van praktijkleren en de ontwikkeling van sectorale ontwikkelpaden. Ook zorgen we voor betere werkgeversdienstverlening. De afgelopen jaren is de verbinding met de Human Capital Agenda tactisch en operationeel vormgegeven. In 2025 zijn we gestart met de verkenning hoe we deze verbinding op strategisch niveau verder kunnen leggen. Regionaal Werkcentrum (RWC) De doorontwikkeling van de arbeidsmarktdienstverlening vraagt om de ontwikkeling van één regionaal loket voor werknemers, werkzoekenden en werkgevers: het Werkcentrum FoodValley. Dit loket is een laagdrempelige, herkenbare plek (fysiek en digitaal) waar iedere inwoner en elke werkgever in de regio geholpen wordt bij ondersteuningsvragen op het gebied van werk, scholing en ontwikkeling. De focus ligt daarbij meer op de ondersteuningsbehoefte en minder op de regeling waar iemand onder valt. Het Werkgeversservicepunt, Leerwerkloket en het voormalig Regionaal Mobiliteitsteam gaan in 2026 op in dit nieuwe loket.

Simpel Switchen In 2025 zijn we gestart met het project Simpel Switchen – Kansen voor Veenendaal. De focus heeft gelegen op de switch van dagbesteding naar werk. Door een onderscheid te maken tussen dagbesteding Langer Thuis en dagbesteding met Perspectief is duidelijk geworden dat de groep die ontwikkelperspectief heeft relatief klein is. In 2025 zijn elf inwoners bezig geweest met een switch. Hiervan zijn vier mensen aan het werk, zijn vier mensen nog in een traject en de overige drie mensen zijn in dagbesteding met mogelijk in de toekomst alsnog perspectief op ontwikkeling. Ook het UWV is betrokken bij dit project waarbij gemeente en UWV ieder hun eigen doelgroep ondersteunen. We hebben ervaren dat succesvolle toeleiding naar werk geduld vraagt en dat drempels nog lager gelegd kunnen worden. Daarom willen we in 2026 laagdrempelige, indicatievrije activerende werkplekken mogelijk maken.

53

Participatie en re-integratie statushouders Met de invoering van de Wet inburgering zijn gemeenten verantwoordelijk voor het inburgeringsproces. In 2025 hadden we in Veenendaal 486 inburgeraars. De kern van dit proces is het beheersen van de Nederlandse taal, bij voorkeur op niveau B1. Inburgering betekent ook het zoveel mogelijk meedoen en integreren in de Nederlandse samenleving. Inburgeringsprocessen zijn daarom bij voorkeur duaal; de inburgeraar volgt taallessen en heeft daarnaast (betaald) werk, bij voorkeur in een taalrijke werkomgeving. In 2025 hebben wij de afspraken met Toptaal aangescherpt. Toptaal organiseert de taalroute tot en met B1niveau, en dat is de grootste groep inburgeraars. Kern van de nieuwe afspraken is dat er een maximum is verbonden aan de wachttijd en dat er meer taallessen worden aangeboden in de avond en het weekend. Daarnaast is er een start gemaakt met een doorlopende lijn van activiteiten in de Crisis Noodopvang (CNO) naar huisvesting en inburgering in de gemeente. Het in beweging zetten van vluchtelingen in de CNO willen wij continueren zodra vluchtelingen statushouder zijn geworden en aan hun inburgering beginnen. Voor deze doorlopende lijn is in 2025 formatie gecreëerd. Daarnaast zijn er voorbereidingen getroffen voor een clientvolgsysteem. Tot slot wordt een toolbox met re-integratie instrumenten ingericht.

Aansluiting Onderwijs en arbeidsmarkt Wij beschikken over een breed scala aan voorzieningen om jongeren in een kwetsbare positie verder te kunnen ondersteunen naar een succesvolle arbeidstoeleiding. Dit aanbod blijft geactualiseerd en waar nodig lokaal of regionaal geborgd. Daarnaast blijft de doelgroep met een indicatie voor het doelgroepenregister stijgen, hiervoor blijft passende ondersteuning noodzakelijk. In combinatie met een integrale aanpak voor jongeren die voorheen onder de radar bleven, kunnen wij de ondersteuning bieden die zij nodig hebben. Op de langere termijn is de financiële haalbaarheid daarvan wel een punt van zorg en wellicht aanleiding om nieuwe beleidskeuzes te maken, bijvoorbeeld over de inzet van jobcoaches. Wet van school naar duurzaam werk Alle jongeren verdienen het om maatschappelijk mee te doen, zich zo veel mogelijk te ontwikkelen en duurzaam aan het werk te komen. De kansen hierop zijn echter ongelijk verdeeld. Sommige groepen jongeren komen moeilijk duurzaam aan het werk. De nieuwe wet 'van school naar duurzaam werk' is per 1 januari 2026 in werking getreden. Daarmee wil de regering de kansengelijkheid vergroten door betere begeleiding mogelijk te maken voor jongeren van 12 tot 27 jaar met (een risico op) een afstand tot de arbeidsmarkt bij de overgang van school naar werk en bij het behouden van werk.

Hiertoe stelt het wetsvoorstel een viertal maatregelen voor: 1. aanvullende loopbaanbegeleiding door pro-scholen, vso-scholen en mbo-instellingen (tijdens het onderwijs, na diplomering en gericht op overstap naar werk); 2. begeleiding naar werk door de gemeenten vanuit de Participatiewet; 3. de uitbreiding van de doelgroep van het Doorstroompunt tot 27 jaar; 4. een wettelijke basis voor samenwerking tussen de gemeenten, het Doorstroompunt, de Arbeidsmarktregio Foodvalley en het onderwijs (vastgelegd in een regionaal programma). De maatregelen vragen van de gemeente meer preventieve inzet in begeleiding van de doelgroep en in samenwerking met het regionale Doorstroompunt.

54

In 2025 is de Wet van school naar duurzaam werk succesvol inzichtelijk gemaakt en hebben we ons voorbereid op lokale implementatie. De uitgangspunten van de wet zijn in 2025 vertaald naar regionale en lokale afspraken, waarmee een stevige basis is gelegd voor de uitvoering per 1 januari 2026. Een belangrijk resultaat hiervan is de totstandkoming van het Regionaal Programma Jongeren (RPJ), dat in november 2025 bestuurlijk is vastgesteld en gezamenlijk is opgesteld door de arbeidsmarktregio en doorstroomregio, in samenwerking met onderwijs, werkgevers, gemeenten, sociaal ontwikkelbedrijven en doorstroomconsulenten. Inburgering De gemeente Veenendaal voert het nieuwe inburgeringsstelsel sinds 2022 uit. Doel van de wet is om binnen maximaal drie jaar het integratieproces te doorlopen waarna de inburgeraar (zelf-)redzaam is. Hiervoor wordt niet alleen aandacht besteed aan taal en werk, maar ook training en persoonlijke begeleiding (zogenaamde maatschappelijke begeleiding) zijn een belangrijk onderdeel. In 2025 is de pilot maatschappelijke begeleiding afgerond. De bevindingen zijn verwerkt in een nieuwe opdracht die als Europese aanbesteding in de markt is gezet. Door stevig in te zetten op een sterk begin als inburgeraar voorkomen we dat op termijn duurdere zorg moet worden ingekocht. Deze procedure is in het najaar afgerond en dit heeft geleid tot een nieuwe opdrachtnemer.

In 2026 is deze nieuwe opdrachtnemer gestart. Voortaan gaan beroepskrachten aan de slag met de begeleiding. Op basis van een persoonlijk plan waarbij de voortgang op de persoonlijke leerdoelen in kaart worden gebracht wordt een inburgeraar binnen een periode van gemiddeld twaalf maanden (zelf)redzaam gemaakt. Na zes maanden wordt al een inschatting gemaakt welke stappen na afronding van de maatschappelijke begeleiding nodig zijn. De beroepskrachten schakelen daarnaast vrijwilligers in om inburgeraars te ondersteunen bij praktische zaken, als een bezoek aan een huisarts of de eerste keer mee naar een bezoek aan de basisschool. Daarnaast verzorgt de opdrachtnemer een viertal onderdelen van de inburgering. Deze onderdelen bestaan uit een aantal (deels wettelijk verplichte) trainingen die als doel hebben kennis op te doen op verschillende leefgebieden, met als kern leren over de Nederlandse samenleving. Omdat we de opdracht nu in handen hebben gelegd van één opdrachtnemer is de verwachting dat het proces voor opdrachtnemer, opdrachtgever én inburgeraar efficiënter wordt ingericht. Iedere training wordt ook afgesloten met een eindrapportage. Hierin staat wat de inburgeraar heeft bereikt en welke vervolgstappen gewenst zijn. Met deze ontwikkelingen ontstaat er meer grip op de individuele ontwikkelingen en heeft de gemeente meer ruimte om de regie op het proces te versterken. III.

Sociaal domein – Wmo

Eigen bijdrage Wmo De aangekondigde wijzigingen in de eigen bijdrageregeling gaan voorlopig niet door. Het nieuwe kabinet gaat daar een besluit over nemen. Tot die tijd behouden we het abonnementstarief Wmo. Contractmanagement De nieuwe contracten Wmo Immaterieel bevatten meer handvatten om te handhaven als contractafspraken niet worden nagekomen. De nieuwe contracten zijn op 1 januari 2025 ingegaan. Het is twee keer noodzakelijk geweest om gebruik te maken van het handhavingsartikel in het contract. Begin 2025 is een contract ontbonden met één zorgaanbieder, omdat deze zorgaanbieder niet aan de contractuele verplichtingen voldeed. Voor de tien cliënten zijn andere zorgaanbieders gevonden. Na de zomer van 2025 is ook het contract met een andere zorgaanbieder ontbonden. Deze zorgaanbieder voldeed blijvend niet aan de contractuele verplichtingen. Voor de 137 cliënten zijn andere zorgaanbieders gevonden. 55

We spreken onze gecontracteerde zorgaanbieders minimaal één keer per jaar met als doel de relatie door te ontwikkelen, een goed beeld te houden van ons zorglandschap en om proactief in te spelen op onze contractafspraken. De relatie met de toezichthouders kwaliteit is doorontwikkeld en zo ook de rapporten die zij aanleveren. Wmo materieel In 2025 is de aanbesteding rondom woonvoorzieningen afgerond. In plaats van te werken met meerdere partijen werken we nu met één partij. Hiervoor is per 1 oktober 2025 een overeenkomst met Welzorg gesloten. Alle betrokkenen zijn hiervan op de hoogte gesteld. De implementatiefase is grotendeels afgerond. De eerste ervaringen (zowel vanuit de gemeente als vanuit de cliënten) zijn goed. Er zijn korte lijnen tussen Welzorg en gemeente en er wordt direct geschakeld als zaken nog niet duidelijk zijn. Daarnaast is in 2025 een start gemaakt met de aanbesteding voor de trapliften. Begin december 2025 is de aanbesteding gepubliceerd. In 2026 wordt de aanbesteding verder afgerond en gaat het nieuwe contract in. Wmo immaterieel Op 1 januari 2025 gingen de nieuwe contracten voor Wmo Immaterieel in. Het gaat om hulp bij huishouden, kortdurend verblijf, dagbesteding langer thuis en perspectief, individuele begeleiding regulier en specialistisch en specialistisch persoonsgericht maatwerk (SPM) en casusregie. Deze contracten lopen maximaal tien jaar.

Eén van de verbeteringen in de nieuwe contracten is dat contractmanagement meer handvatten heeft om te handhaven als dat nodig is. De start van de contracten is goed verlopen en aan het begin van het jaar zijn ‘kick-offs’ georganiseerd om de nieuwe afspraken toe te lichten en elkaar te leren kennen. Vlak voor de zomer heeft de eerste ontwikkeltafel plaats gevonden en in oktober een ontwikkeltafel voor SPM en Casusregie. We hebben met aanbieders gesproken over hoe de start is verlopen en van gedachten gewisseld over verschillende inhoudelijke onderwerpen en toekomstige ontwikkelingen. Beschermd Wonen en Beschermd Thuis Vanaf januari 2025 zijn regionaal 29 zorgaanbieders gecontracteerd. Zij bieden Beschermd Wonen en Beschermd Thuis. Met hen wordt in ontwikkeltafels toegewerkt naar een dekkend zorglandschap, zodat elke inwoner in de regio passende ondersteuning krijgt die aansluit bij de zorgvraag. Ook zijn aanbieders gecontracteerd die verslavingszorg bieden (safehouses). In 2025 is de aanbesteding Tijdelijk verblijf afgerond. Twee aanbieders in de regio bieden tijdelijk verblijf. Inwoners die tijdelijk meer ondersteuning (24 uurs zorg) nodig hebben kunnen hier gebruik van maken. Daarmee wordt definitieve opschaling van zorg voorkomen waardoor zij weer kunnen herstellen en terugkeren naar hun oude situatie of waar nodig op zoek gaan naar een nieuwe passender ondersteuning.

Als regio maken we de beweging van Beschermd Wonen (24 uurs zorg in een instelling) naar Beschermd Thuis (zorg in eigen woning met bereikbaarheid in de nacht). Voor de cliënt betekent dit het zoveel mogelijk behouden van autonomie en bevorderen van herstel. Tegelijkertijd heeft dit ook een financieel positief effect.

56

Maatschappelijke Opvang In 2025 is onder leiding van het Kansfonds en de Hogeschool Utrecht de zogenaamde Ethos telling uitgevoerd voor alle gemeenten in de Valleiregio. In deze telling zijn alle inwoners geteld zonder vaste woon- of verblijfplaats op een specifiek moment (10 april). Tientallen organisaties, lokaal en regionaal, hebben de bij hen bekende inwoners aangemeld om meegeteld te worden. Door deze telling is er een breder beeld ontstaan van de aantallen en de problematiek van dak- en thuisloosheid. Van de getelde 135 volwassenen en 26 kinderen wonen bijvoorbeeld 75 volwassenen op een tijdelijke woonplek en slapen 34 volwassenen bij familie, vrienden of derden op de bank. De doelgroep dak- en thuislozen wordt steeds diverser en complexer. De krappe woningmarkt wordt hier ook duidelijk zichtbaar. Van jongeren die thuis niet (meer) terecht kunnen, geen eigen plek kunnen vinden en dus maar tijdelijk bij vrienden op de bank slapen tot mensen die door (huiselijk) geweld of een (vecht)scheiding uitwijken naar vakantieparken of hun auto. Omdat er geen andere plek te vinden is. Met deze inzichten is het Regionaal Actieplan Dakloosheid opgesteld. Bovenregionaal logeerhuis In 2025 is in samenwerking met de gemeenten De Bilt, Bunnik, Utrechtse Heuvelrug, Wijk bij Duurstede, Zeist, Veenendaal, Rhenen en Ede het logeerhuis De Engelenburgh van start gegaan.

Tijdens de kwartaaloverleggen werden de bezettingsgraad en ervaringen van bezoekers gedeeld. Het logeerhuis wordt door bezoekers als positief ervaren. De bezettingsgraad blijft vanuit de Wmo achter. Om die reden is ervoor gekozen om in 2025 aandacht te besteden aan de communicatie over het Logeerhuis, door Charim en de gemeenten. In 2026 monitoren we opnieuw de bezettingsgraad en ervaringen. Diversiteit en Inclusie De visie op diversiteit, inclusie en gelijkwaardigheid is in 2025 vastgesteld. Daarmee heeft de gemeente een mooi streven benoemd, namelijk dat iedereen in Veenendaal kan meedenken, meedoen en meebeslissen over diens eigen leven (binnen de kaders van de wet). Om daar naartoe te werken is een uitvoeringsplan opgesteld met daarin strategische doelen. Deze zijn verdeeld over drie sporen: samenleving, beleid en uitvoering, personele zaken. Bij elk spoor zijn inspanningen (activiteiten) benoemd. Aan een aantal inspanningen wordt al uitvoering gegeven, een aantal anderen moeten nog worden aangescherpt. In 2025 is bijvoorbeeld gewerkt aan uitvoering van de Week van de Toegankelijkheid, samen met inwoners en belanghebbenden, sloten we aan bij wereld Alzheimerdag, hebben we de subsidieregeling Diversiteit & Inclusie uitgevoerd, en is overleg gevoerd over aanscherping van de activiteiten en resultaten van Ongehinderd.

Ook organiseerden we twee informatieochtenden met Art.1 (antidiscriminatievoorziening), droegen we bij aan een expositie over intersekse, organiseerden we dialogen in samenwerking met Veenendaal in Dialoog (zoals de serie over interculturaliteit, het verhaal van de vluchteling, je thuisvoelen in je wijk) en hebben we dialogen die in samenwerking met maatschappelijke organisaties worden opgezet gefaciliteerd. Het programmatisch werken betekent dat we werken aan een hogere mate van integraliteit van het onderwerp. Concreet betekent dat, dat alle drie de organisatiethema’s erbij worden betrokken (thema bedrijfsvoering en dienstverlening, ruimte en samenleving). Er wordt zowel gewerkt aan bewustwording als aan het borgen van inclusief beleid en uitvoering. Integraal Zorgakkoord Met het Integraal Zorgakkoord (IZA) werken wij aan één van de belangrijkste maatschappelijke opgaven van deze tijd: het toekomstbestendig houden van de zorg, zodat deze kwalitatief goed, toegankelijk en betaalbaar blijft. Dit vraagt om een transformatie van het huidige zorgsysteem naar een aanpak waarin gezondheid, preventie en het voorkomen van zorg centraal staan. Het doel is om de zorgvraag te beperken en bij te dragen aan een gezonde en vitale samenleving.

57

De uitvoering van het IZA is in 2025 goed op gang gekomen. Er zijn lokale initiatieven ontstaan, er is samenwerking tussen gemeenten op regionaal gebied en er is samenwerking tussen gemeenten en partners in het netwerk Vitale Gelderse vallei. Vanuit dit netwerk werken gemeenten, zorg- en welzijnspartners gezamenlijk in coalities aan concrete acties en interventies die bijdragen aan de transformatie van zorg naar gezondheid en preventie. Binnen de coalitie Mentaal Vitaal heeft Veenendaal een grote rol gehad in de projecten laagdrempelige steunpunten en het verkennend gesprek (de Wegwijzers). De laagdrempelige steunpunten en Wegwijzers zijn vrij toegankelijke voorzieningen voor alle inwoners van Veenendaal met een psychische kwetsbaarheid. De steunpunten richten zich op vroegsignalering, preventie en het versterken van eigen regie en sociale netwerken. In 2025 zijn de voorbereidingen getroffen voor het Wegwijzersteam dat in januari 2026 is gestart. Dit team is domeinoverstijgend en bestaat uit GGZ, ervaringsdeskundigen, gemeente en huisartsen. Via doorverwijzing van de huisarts wordt de hulpvraag breed in kaart gebracht om passende ondersteuning zo licht mogelijk in te zetten. Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) In 2025 is uitvoering gegeven aan de thema’s van het GALA.

De uitvoering maakt onderdeel uit van het uitvoeringsplan van het Integraal Beleidskader Sociaal Domein en richt zich op de thema's: •

Terugdringen gezondheidsachterstanden

•

Een gezonde fysieke leefomgeving

•

Versterken van de sociale basis

•

Een gezonde leefstijl

•

Versterken van de mentale weerbaarheid en mentale gezondheid

•

Vitaal ouder worden

Binnen het GALA staan vijf ketenaanpakken centraal: Kansrijke Start, Valpreventie, Welzijn op Recept en de ketenaanpakken voor overgewicht bij kinderen en volwassenen. In 2025 zijn vier van de ketenaanpakken verder ingericht en uitgevoerd in nauwe samenwerking met onze samenwerkingspartners. Vanwege het ontbreken van landelijke kaders kon de ketenaanpak Kind naar Gezond Gewicht in 2025 nog niet volledig worden geïmplementeerd. Wel is een start gemaakt met het opbouwen en versterken van het lokale netwerk rondom dit thema. De financiële uitvoeringsregeling (brede SPUK) behorend bij het GALA loopt tot en met 2026. Vanaf 2027 treedt het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord in werking, waarin de ketenaanpakken worden vormgegeven als basisfunctionaliteiten en naar verwachting structureel worden gefinancierd. Opgroeien in een Kansrijke Omgeving (OKO) Een belangrijk onderdeel van de uitvoering van GALA is ook de implementatie van de aanpak OKO. Sinds 2024 zetten we in op het creëren van een omgeving, waarin jongeren gezond, veilig en kansrijk kunnen opgroeien, zodat ze lekkerder in hun vel zitten (mentaal welbevinden) en minder/geen alcohol drinken, roken of drugs gebruiken. In 2025 zijn de speerpunten in werkgroepen met onze samenwerkingspartners naar doelen geconcretiseerd en is de uitvoering gestart. Er zijn drie doelen geconcretiseerd.

Binnen het eerste doel leren ouders over de risico's en de kracht van hun eigen rol, de tweede is gericht op een positief en veilig schoolklimaat en de derde op het aanbieden van een laagdrempelig en professioneel aanbod voor jongeren.

58

Vaccineren In 2024 en 2025 heeft de GGDrU gewerkt aan het verhogen van de vaccinatiegraad van het Rijksvaccinatieprogramma via een programma met meerdere actielijnen. Onderdeel hiervan waren lokale pilots gericht op vier verschillende doelgroepen met een relatief lage vaccinatiegraad. De gemeente Veenendaal was een pilotgemeente en heeft hieraan bijgedragen door lokaal ketenpartners te betrekken vanuit de reformatorische doelgroep om inzicht te krijgen in percepties, beïnvloedende factoren en ondersteuningsbehoeften rondom vaccineren. Met de pilot is ervaring opgedaan met het lokaal betrekken van stakeholders en het beter begrijpen van vaccinatiegedrag. In juni 2025 is een onderzoeksrapport van de GGDrU opgeleverd, aangevuld met een hand-out voor gemeenteambtenaren waarmee zij aan de slag kunnen met het opzetten van een doelgroepgerichte aanpak op de vaccinatiegraad te verhogen. IV.

Sociaal domein -Jeugd

Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming In de kind- en gezinsbescherming doorbreken we het zogenaamde estafettemodel door binnen een proeftuin met CJG, Jeugdbescherming, Veilig Thuis en Raad voor de Kinderbescherming samen te werken rondom gezinnen met zorgen rondom veiligheid. Dit is het Regionaal Veiligheids Team (RVT). Om dit optimaal te kunnen doen is aanpassing van wetgeving nodig. Door de val van het kabinet Schoof is daar in 2025 vertraging op gekomen. Daarnaast staan ook de middelen vanuit het Rijk onder druk. De verwachting is dat er nog zo’n twee tot drie jaar gewacht moet worden op passende wetgeving. Voor de periode tot de nieuwe wetgeving wordt gezocht naar mogelijkheden om het RVT onder te brengen bij één van de betrokken organisaties. Het RVT wordt daarmee een publiekrechtelijke organisatie, waarbij de taken van de betreffende organisaties samenkomen onder één dak, waarbij medewerkers meerdere rollen kunnen vervullen. Hervormingsagenda: Grenzen aan onze Jeugdzorg In 2025 is in het kader van de Hervormingsagenda het project ‘Grenzen aan onze Jeugdzorg’ doorlopen. In dit project is onderzocht hoe we in Veenendaal de jeugdhulp anders kunnen inrichten om het systeem in de toekomst beschikbaar en houdbaar te houden.

Dit project is uitgevoerd in nauwe samenwerking met verschillende stakeholders zoals jeugdhulpaanbieders, vertegenwoordigers uit het onderwijs en organisaties uit het voorliggend veld. Gedurende 2025 is de gemeenteraad meegenomen in dit proces en in oktober 2025 is het raadsvoorstel ‘Grenzen aan onze Jeugdzorg’ unaniem vastgesteld, met de toevoeging van het amendement Veense aanpak relatie- en echtscheidingsproblematiek. Dit raadsbesluit vertaalt de beoogde doelen uit de Hervormingsagenda naar concrete maatregelen op lokaal en regionaal niveau. Op basis hiervan kan in 2026 en verder gericht gewerkt worden aan de implementatie van deze maatregelen en daarmee realisatie van de beoogde doelen en het terugdringen van de financiële tekorten in de jeugdzorg. Intergemeentelijke samenwerking jeugd (IGS) Binnen de Jeugdhulpregio JeugdFV werken zeven gemeenten, waaronder Veenendaal, samen om de jeugdhulp in de regio doelmatig en doeltreffend te organiseren. De gemeenten werken sinds 1 september 2025 beleidsmatig samen via een intergemeentelijke samenwerking. In 2025 hebben we ons gericht op drie hoofdthema’s: het op orde brengen en houden van de basis, het verder ontwikkelen van de inkooporganisatie en de totstandkoming van de gemeenschappelijke regeling (GR).

Bedrijfsvoeringsorganisatie( BVO) JeugdFV De regionale samenwerking is per 1 november 2025 formeel vastgelegd in een gemeenschappelijke regeling. De bedrijfsvoeringsorganisatie (BVO) JeugdFV neemt regionale uitvoeringstaken op zich, zoals inkoop, contractmanagement en monitoring. 59

Hoewel de colleges uitvoeringstaken mandateren aan de BVO, blijft de gemeenteraad verantwoordelijk voor het stellen van beleidsmatige en financiële kaders. Thema V - Onderwijs en ontwikkeling De Lokale Educatieve Agenda De LEA is een wettelijk overleg tussen de gemeente en het onderwijs en wordt in Veenendaal versterkt door de structurele betrokkenheid van kinderopvangorganisaties. Met deze brede samenwerking wordt invulling gegeven aan een integrale benadering van leren en ontwikkelen van 0 tot 18 jaar. In 2025 is in Veenendaal gestart met een vernieuwde beleidsagenda voor de Lokale Educatieve Agenda (LEA). Onder de noemer Staat van Educatie is ingezet op het beter benutten van beschikbare onderwijs- en ontwikkeldata om het bestuurlijke en beleidsmatige gesprek te voeren over wettelijke LEA-thema’s, zoals het voorkomen van segregatie, het bevorderen van integratie, het bestrijden van onderwijsachterstanden en het maken van afspraken over aanmeld- en inschrijfprocedures. Binnen de Staat van Educatie is het thema overgangsmomenten gezamenlijk verkend, in nauwe samenwerking met scholen en kinderopvangorganisaties. Doel hiervan is het bevorderen van soepele overgangen in de schoolloopbaan en het versterken van gelijke kansen voor kinderen bij cruciale overstapmomenten.

Dit heeft geleid tot een eerste proof of concept van een dashboard, waarin inzichten uit verschillende databronnen worden samengebracht. Daarnaast zijn gesprekken gevoerd over definities, databehoeften en datakoppelingen en is een begin gemaakt met het inrichten van een duurzame data-architectuur. Passend onderwijs In 2025 is de samenwerking tussen (passend) onderwijs en jeugdhulp verder versterkt door het voeren van regionaal Op Overeenstemming Gericht Overleg (OOGO) en het voortzetten van pilots op het gebied van onderwijs-zorgarrangementen. In het OOGO is gewerkt aan thema’s uit de focusagenda, de start van een werkgroep thuiszitters met uniforme registratie en de organisatie van themasessies met stakeholders. De gezamenlijke pilots met jeugdhulp en het CJG zijn voortgezet. Hiermee is een basis gelegd voor verdere verbetering van de ondersteuning aan leerlingen en de afstemming tussen onderwijs en jeugdhulp. Leerlingenvervoer In 2025 is er gewerkt aan een nieuwe Verordening Leerlingenvervoer Veenendaal en aangepaste Beleidsregels. In 2026 worden de Verordening en Beleidsregels ter besluitvorming voorgelegd. Integrale Kindcentra In 2025 heeft de raad een nieuw integraal huisvestingsplan (IHP) vastgesteld met als speerpunt Inclusieve kindcentra.

Een Integraal Kind Centrum (IKC) is in Veenendaal een samenwerkingsverband van organisaties of andere bestuursvormen op het gebied van onderwijs, opvang, zorg en welzijn. In 2025 is de visievorming afgerond danwel in een vergevorderd stadium bij IKC Dragonder Zuid, IKC SO/SBO/PO, IKC Dragonder Noord en IKC Calvijnschool. Conform het nieuwe Integrale Huisvestingplan heeft een eerste bijeenkomst plaatsgevonden, waarin een IKCvisie expliciet verbonden is aan beleidsdoelen binnen het sociaal domein, waaronder onderwijsachterstandenbeleid, jeugdhulp, gezondheid en wijkopgaven. Hiermee worden onderwijs, opvang en ondersteuning integraal georganiseerd, met inzet op preventie, vroegsignalering en gelijke kansen. Voor IKC Dragonder Zuid is gewerkt aan duurzame nieuwbouw die ook ruimte biedt aan maatschappelijke en wijkgerichte functies, waarmee het IKC bijdraagt aan welzijn en leefbaarheid in de wijk. 60

Onderwijsachterstandenbeleid In 2025 heeft de Rekenkamer onderzoek gedaan naar het onderwijsachterstandenbeleid (OAB) van de gemeente. Hieruit blijkt dat het beleid inhoudelijk zorgvuldig is vormgegeven en dat de beschikbare middelen rechtmatig worden ingezet. De gemeente werkt structureel samen met onderwijs- en opvangpartners en heeft duidelijke kaders opgesteld voor voor- en vroegschoolse educatie. Aandachtspunten liggen met name bij het versterken van monitoring, het maken van meetbare resultaatafspraken en het tijdig inzetten van beschikbare budgetten. Daarnaast wordt aanbevolen de informatievoorziening richting de raad te intensiveren. De aanbevelingen zijn overgenomen en opgepakt. Dit krijgt vorm via verdere evaluatie en de vorming van hernieuwd beleid. Thema VI – Sport Sporten zorgt voor een verbetering van de gezondheid, voor preventie van ziektes en helpt bij de deelname aan de maatschappij. Samen met Stichting Sportservice Veenendaal en alle sportaanbieders geven we uitvoering aan het beleidskader sport en bewegen 2024 – 2028. Ook in het Gezond en Actief Leven Akkoord hebben we ruim aandacht voor sport en bewegen. We zetten hierbij in op preventie voor verschillende doelgroepen, zoals kwetsbare ouderen en jongeren, waarbij het uitgangspunt is dat sport voor iedereen toegankelijk en bereikbaar is.

In 2025 is doorgepakt op het in 2024 vastgestelde beleidskader Sport en Bewegen. Onder andere via een nieuw uitvoeringsprogramma waar ook de komende jaren verder uitvoering aan wordt gegeven. In 2025 is onder andere uitvoering gegeven aan: 1. Verhogen sportparticipatie: Veenendalers in beweging! We hebben ingezet op een breed en aantrekkelijk sportaanbod dat iedereen uitnodigt om mee te doen. Van levendige sportevenementen tot actief bewegingsonderwijs en stimuleringsactiviteiten. Door de tarieven betaalbaar te houden zorgen we dat sporten niet alleen leuk, maar ook toegankelijk blijft voor iedere inwoner. 2. Sterke en toekomstbestendige sportfaciliteiten in Veenendaal! Sportaanbieders kregen gerichte clubondersteuning op thema’s die bij hen leefden. De in 2025 uitgezette vitaliteitsmonitor gaf daarin waardevolle inzichten, waarna goedbezochte interventies -zoals de training 'Besturen met impact'- sportverenigingen verder hebben versterkt. Ook zijn onze bestaande sportlocaties zorgvuldig beheerd en onderhouden en is met de vaststelling van het IHP-onderwijs een grote stap gezet in de borging van bewegingsonderwijs in Veenendaal. Aanvullend zijn we in 2025 met Stichting Sportservice Veenendaal een traject gestart rondom het sportvastgoed in eigendom van verenigingen. Doel: een robuuste en duurzame sportinfrastructuur die Veenendaal ook in de toekomst in beweging blijft houden.

3. Een sportieve buitenruimte die uitnodigt tot bewegen. De grootste ontwikkeling hier betreft de ontwikkeling van het nieuwe stadspark. In het ontwerp is volop ruimte voor sport en bewegen. Met de ingetekende pumptrackbaan krijgt ook Urban Sports er een mooi en uitnodigend aanbod bij. 4. Samenwerking én de maatschappelijke waarde van sport als motor voor een sterke, vitale samenleving We zetten sport in waar het maatschappelijke waarde toevoegt. Dit deden we in 2025 onder andere door een actieve rol te pakken in de ketenaanpakken overgewicht en valpreventie. Maar ook door het leveren van een bijdrage aan het regionale leefstijlloket. Deze samenwerking leidt tot een meer integrale benadering waarin sport een structurele bijdrage levert aan gezondheid en preventie. Dit project komt voort uit de samenwerking in het netwerk Vitale Gelderse Vallei vanuit het IZA. Daarnaast is actief ingezet op het stimuleren van samenwerking tussen sportaanbieders onderling én tussen sport en andere maatschappelijke domeinen. 61

Thema VII – Cultuur In de cultuurvisie 2022-2030 ‘Glans aan de Grift’ staan de volgende zeven verhaallijnen opgenomen om aan doelstellingen uit de cultuurvisie te kunnen voldoen: •

Verhaallijn 1 Stabiele basis

•

Verhaallijn 2 Cultuur in de wijken

•

Verhaallijn 3 Iedereen doet mee

•

Verhaallijn 4 Jong geleerd, oud gedaan

•

Verhaallijn 5 Het verhaal van Veenendaal

•

Verhaallijn 6 Nieuwe smaken, nieuwe makers

•

Verhaallijn 7 Veenendaal kleurt de regio

In de periode 2022-2025 zijn de eerste vijf verhaallijnen in gang gezet. In 2025 zijn voor inwoners van Veenendaal volop kunstzinnige en culturele activiteiten georganiseerd. Enkele voorbeelden hiervan zijn de Lampegietersdagen, Theater bij de Buren, BuitenBühne en de expositie van Ton Schulten in Stadsmuseum Veenendaal. Culturele activiteiten creëren op een laagdrempelige manier verbinding door ontmoeting. De gemeente heeft zich op verschillende manieren ingezet om bestaande drempels weg te nemen. Vanuit het amendement ‘Eén cultuurbedrijf’ (aangenomen op 9 juli 2024 door de raad) is in 2025 een onderzoek uitgevoerd rond samenwerking tussen culturele partijen. Het amendement beoogt om tot één Centraal Veenendaals Cultuurbedrijf te komen per 2028. Theater In 2025 zijn de gemeentelijke organisatie en de theaterorganisatie samen gestart met de voorbereidingen voor de nieuwbouw van het theater. De projectorganisatie heeft in 2025 een integraal Programma van Eisen (PvE) opgesteld. Daarnaast zijn Spelregels voor beeldkwaliteit opgesteld, met als uitgangspunt dat het nieuwe theater een herkenbaar gebouw moet zijn. Daarnaast moet het beeld van het theater bijdragen aan het beeld over Veenendaal en aan de uitstraling van cultuur in Veenendaal. Na het doorlopen van een Europese aanbestedingsprocedure is de architect geselecteerd.

De Europese aanbestedingsprocedure is gewonnen door MVRDV. Het ontwerp van MVRDV is het winnende ontwerp voor de deskundigenjury én voor de publieksjury. Dit ontwerp voldoet aan het PvE dat voor het theater is geschreven, waaronder de afgegeven minimale (wettelijke) eisen voor duurzaamheid. De winnende ontwerpvisie is inmiddels vertaald naar een structuurontwerp. Wat betreft de organisatie is met de betrokken culturele partijen een strategisch traject uitgevoerd over de bredere functie (podiumfunctie, pop en film) van de nieuwe culturele voorziening De Lampegiet. Dit heeft geleid tot het rapport Gedeeld podium voor de stad waarin de gedeelde visie en de implicaties daarvan op hoofdlijnen in kaart zijn gebracht. Dit rapport is de basis voor het vervolgtraject. Voorbereiding op wetswijziging zorgplicht bibliotheken De nieuwe Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen (Wsob) is opnieuw uitgesteld en zal naar verwachting op 1 januari 2027 in werking treden. Deze wet garandeert toegang tot een openbare bibliotheek voor iedere inwoner van Nederland. Dit betekent dat elke gemeente moet beschikken over één of meerdere volwaardige en toereikende bibliotheekvestigingen. In 2025 is gestart met de voorbereiding op de inwerkingtreding van deze wetswijziging.

In aanloop hiernaar konden gemeenten een specifieke uitkering (SPUK) aanvragen ter tegemoetkoming in de kosten voor de oprichting van nieuwe bibliotheekvestigingen en voor het verbeteren of doorontwikkelen van bestaande bibliotheekvoorzieningen. De gemeente heeft deze uitkering aangevraagd ten behoeve van de realisatie van een nieuwe bibliotheekwijkhuiskamer; deze aanvraag is toegekend. 62

In 2025 is een wijkhuiskamer (een multifunctionele bibliotheekvestiging) gerealiseerd aan de Binnenronde. Voor deze voorziening is gekozen voor een plek in een wijk met een relatief hoog aandeel laaggeletterden en een bovengemiddeld risico op onderwijsachterstanden. Thema VIII – Welzijn In 2025 is de Opdracht Welzijn aangepast door de doelen te actualiseren, de rol- en verantwoordelijkheidsverdeling tussen gemeente en Veens Welzijn te verduidelijken en outcome-gericht sturen te verankeren. Daarnaast zijn in de opdracht onder andere accenten gelegd op reablement (een tijdelijke en doelgerichte aanpak om inwoners te ondersteunen bij het hernemen van eigen regie), samenlevingsopbouw, selectieve wijkgerichte inzet en een versterkte rol in preventie en financiële zelfredzaamheid. Met deze aanpassingen is de opdracht sterker toegespitst op wat nodig is om de sociale basis duurzaam te versterken. De ingangsdatum van de herziene opdracht is 2026. In 2025 is in samenwerking met stakeholders vanuit de gemeente en Stichting Veens Welzijn nagedacht over de gewenste maatschappelijke impact van het welzijnswerk en hoe deze impact zichtbaar kan worden gemaakt. Op basis hiervan is een meetinstrument ontwikkeld. Met dit meetinstrument is in 2025 een eerste impactmeting uitgevoerd.

Veens Welzijn investeerde in 2025 extra in het ondersteunen van vrijwilligersorganisaties en het duurzaam inzetten van vrijwilligers. De stichting heeft ingezet op het ondersteunen van meer vrijwilligersorganisaties, het behouden van vrijwilligers en het beter faciliteren en verbinden van coördinatoren van vrijwilligersorganisaties. Dit gebeurde onder andere door kennisdeling, informele ontmoetingen en een uitbreiding van de vrijwilligersacademie met trainingen. Voor kwetsbare inwoners zijn activiteiten uitgevoerd op het gebied van ouderenondersteuning, mantelzorg, seniorenvoorlichting, respijtzorg in de vorm van de Veense Huiskamer en Welzijn op Recept zijn voortgezet en doorontwikkeld. In 2025 is door Veens Welzijn een mantelzorgexpertisecentrum geopend en is verder ingezet op mantelzorgbewust werkgeverschap. Ook voerden we samen met partners uit de coalitie 'Een tegen Eenzaamheid' verschillende activiteiten uit voor diverse doelgroepen. Op het terrein van kinderen en jongeren zijn kinderopbouwwerk en jongerenwerk uitgevoerd. In 2025 is een onderzoek gedaan naar de mogelijkheden van online jongerenwerk waarbij diverse relevante partners zijn betrokken. Binnen de visie op jongerenwerk wordt gekeken of en hoe dit verder vorm gegeven kan worden. Online jongerenwerk is aanvullend op het bestaande jongerenwerk.

Ook is er door Veens Welzijn samengewerkt met partners in een coalitie jongerenwerk en deelgenomen aan het gemeentelijke programma Opgroeien in een Kansrijke Omgeving (OKO). Ook is gewerkt aan het versterken van de pedagogische basis en het ontwikkelen van een pedagogische werkwijze voor kinderopbouwwerk. Vrijwilligers De subsidieregeling Vrijwilligerswerk en informele zorg wordt herijkt. Er hebben in 2025 twee sessies met vrijwilligersorganisaties plaatsgevonden. De nieuwe regeling gaat gepubliceerd worden in 2026 en is van toepassing voor subsidies vanaf het subsidiejaar 2027. Adviesraden Sociaal Domein De adviesraden in het Sociaal Domein (Wmo-forum, Cliëntenraad, Jeugdbelang en de Jongerenraad) hebben met een aantal afgevaardigden per raad een verkenningscommissie gevormd in 2025. Deze commissie heeft gezamenlijk verkend wat de mogelijkheden zijn om te bewegen naar één adviesraad Sociaal Domein en hebben een eindrapportage opgesteld. Mocht deze verkenning tezamen met de eindrapportage leiden tot de totstandkoming van een adviesraad Sociaal Domein (instemming leden en college van B&W), dan zal deze adviesraad naar verwachting in 2026 worden geïmplementeerd.

63

Thema I: Inkomen Wat willen we bereiken? (doelstellingen) I.a. Er blijft kwalitatief goede ondersteuning voor inwoners die het nodig hebben (MD3).

Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) I.a.1 We stellen een handreiking menselijke maat op en we implementeren deze in de werkwijze. Inhoud (indicator) Inhoud (toelichting) We hebben het begrip ‘de menselijke maat’ binnen Werk en Inkomen nader geduid. Op basis daarvan is een handreiking opgesteld en opgenomen in de werkwijze. Dit krijgt onder meer vorm door: •

Het versoepelen van beleid om in de uitvoering meer ruimte te bieden voor maatwerk;

•

Investeren in vakmanschap, onder andere via scholing over de menselijke maat en begrijpelijk schrijven;

•

Een extra contactmoment in het aanvraagproces, waarbij nieuwe bijstandsgerechtigden na een paar maanden persoonlijk worden benaderd om te toetsen of rechten en plichten helder zijn, of minimaregelingen zijn aangevraagd en of er signalen zijn van financiële knelpunten;

•

Twee aandachtsfunctionarissen die medewerkers ondersteunen bij casuïstiek en die borgen dat de menselijke maat structureel terugkomt in overleggen en in het opleidingsaanbod.

Dit moet nog verder worden uitgerold naar de andere domeinen binnen het IBK I.a.2. We implementeren de wijzigingen in de Participatiewet. Inhoud (indicator) Inhoud (toelichting) Op 30 september 2025 is de Participatiewet in Balans door de Eerste Kamer aangenomen. Op 1 januari 2026 treedt fase 1 van deze wet in werking. Deze wijzigingswet introduceert een aantal nieuwe en aangepaste bevoegdheden voor gemeenten, die meer ruimte biedt voor maatwerk binnen de uitvoering van de Participatiewet. Dit heeft gevolgen voor beleid en uitvoering van de gemeente ten aanzien van: •

het vrijlaten van giften;

•

aanpassen zoekperiode voor jongeren;

•

vereenvoudigde aanvraagprocedure;

•

verlenen van bijstand met terugwerkende kracht.

64

De modelbeleidsregel is 3 december 2025 door de VNG gepubliceerd. Nu ook een adviesprocedure met de cliëntenraad moet worden doorlopen, gaat naar verwachting de beleidsregel in het eerste kwartaal van 2026 in werking treden. In de praktijk wordt al conform gehandeld.

Wat willen we bereiken? (doelstellingen) I.b. We streven naar bestaanszekerheid voor alle inwoners (MD01).

Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) I.b.1. We zetten in op het verkleinen van de effecten van inkomensongelijkheid. Inhoud (indicator) Inhoud (toelichting) Via het lokale armoedebeleid verkleinen we de effecten van inkomensongelijkheid. Dit gebeurt in de vorm van minimaregelingen met de Veenendaalpas, maar ook door middel van de gemeentepolis, de regeling meerkosten chronisch zieken en gehandicapten, de individuele inkomenstoeslag, de individuele studietoeslag en de bijzondere bijstand. Ook onze contractpartners Jeugdfonds Sport en Cultuur en Stichting Urgente Noden Veenendaal leveren hieraan een belangrijke bijdrage. Vanuit het programma Energietransitie krijgt deze inspanning een extra impuls door regelingen die zowel een duurzaamheidsdoelsteling hebben als gericht zijn op inwoners met een laag inkomen. In 2025 is de werkwijze van de individuele inkomenstoeslag vereenvoudigd waarmee we het niet-gebruik van de regeling proberen te voorkomen. Verder is er beleid ontwikkeld voor de Wet tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek die in 2025 in werking is getreden. I.b.2. We versterken de positie van statushouders op de arbeidsmarkt. Inhoud (indicator) Inhoud (toelichting) In 2025 is een addendum gesloten met de gecontracteerde partij (TopTaal) voor de B1-route en Z-route, zodat er meer avondlessen worden aangeboden.

Dit biedt de inburgeraar de mogelijkheid om taal en werk beter te combineren.

Wat willen we bereiken? (doelstellingen) I.c. We bevorderen zelfredzaamheid (MD2).

Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) I.c.1. We ontwikkelen de methodiek van vroegsignalering door, samen met de signaalpartners. Inhoud (indicator) Inhoud (toelichting) Vroegsignalering is doorontwikkeld in die zin dat bij het afleggen van een huisbezoek signalen naar voren kunnen komen waarbij sprake is van multi-problematiek. De huisbezoeken worden afgelegd door de medewerkers vroegsignalering. Vooraf of achteraf

65

wordt dan overleg gevoerd en wordt verdere samenwerking gezocht in de triage en de uniforme toegang. I.c.2. We verbeteren de begeleiding en nazorg tijdens het traject schuldsanering. Inhoud (indicator) Inhoud (toelichting) Op operationeel niveau bestaat de begeleiding en nazorg uit maatwerk. Er zijn voorbereidingen getroffen voor een nieuwe beleidsvisie, waarbij de keuzes van het nieuwe kabinet (en de daaraan gekoppelde financiering) wordt afgewacht.

Wat willen we bereiken? (doelstellingen) I.d. Er blijft kwalitatief goede ondersteuning voor inwoners die het nodig hebben (MD3).

Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) I.d.1. We vergroten de efficiëntie en de kwaliteit van ondersteuning. Inhoud (indicator) Inhoud (toelichting) Dit doel heeft blijvende aandacht. De uitvoeringsorganisatie van het Sociaal Domein is recent aangepast. Dit biedt een mooie gelegenheid om processen tegen het licht te houden om daarmee de efficiëntie en kwaliteit van de ondersteuning te vergroten. Daarnaast is de integrale verordening op de onderdelen Jeugd en WMO aangepast.

Thema II: Sociaal domein - Participatie en re-integratie Wat willen we bereiken? (doelstellingen) II. a. We streven naar bestaanszekerheid voor alle inwoners (MD1).

Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) II.a.1. We ondersteunen jongvolwassenen bij de overgang van onderwijs naar werk. Inhoud (indicator) Inhoud (toelichting) In de arbeidsmarktregio Foodvalley werken gemeenten, het UWV, werkgeversorganisaties, onderwijsinstellingen en vakbonden samen aan een goed functionerende arbeidsmarkt. In 2025 is gestart met de vorming van één regionaal loket: het Werkcentrum FoodValley, dat vanaf 2026 haar deuren opent. Een belangrijk speerpunt binnen deze samenwerking is het verbeteren van de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt.

66

In 2025 is er gewerkt aan de voorbereiding op de nieuwe wet Van School naar Duurzaam Werk, die per 1 januari 2026 in werking is getreden. In dit kader is het Regionaal Programma Jongeren opgesteld en in november 2025 vastgesteld. Dit programma is gezamenlijk ontwikkeld binnen de arbeidsmarktregio en de doorstroompuntregio, in samenwerking met onderwijsinstellingen, werkgevers, gemeenten, sociaal ontwikkelbedrijven en doorstroomconsulenten. De gemeente Veenendaal heeft hierbij actief bijgedragen aan de gezamenlijke visie, de eerste programmalijnen en de governance. De gemeenteraad is hierover geïnformeerd via een raadsinformatiebrief. Met de uitvoering van het Regionaal Programma Jongeren wordt beoogd meer jongeren te begeleiden naar een passende werk- of leerplek en het voortijdig schoolverlaten verder terug te dringen. In aanloop hiernaartoe is voortgebouwd op bestaande initiatieven, waaronder de voortzetting van de financiële ondersteuning aan Stichting Aan de Slag in 2025, aangevuld met regionale middelen voor de begeleiding van meerjarige schooluitvallers. Vanaf 2026 worden activiteiten en projecten van het Werkcentrum FoodValley op het gebied van onderwijs, arbeidsmarkt en jeugdwerkloosheid vanuit deze samenhang structureel geborgd. Naast de regionale samenwerking is in Veenendaal ingezet op versterking van de lokale samenwerking rondom jongeren.

De Jongerencoalitie Veenendaal is in 2024 opgericht en verbindt partners uit het onderwijs-, jeugd- en participatieveld om jongeren te ondersteunen richting school, werk en/of passende daginvulling. De coalitie richt zich op betere afstemming, gezamenlijke signalering en het delen van expertise, en levert input aan de gemeente voor de verdere versterking van het jongerenwerk. In 2026 krijgt deze samenwerking een verdere impuls, met concrete activiteiten en versterkte onderlinge verbindingen. Wij verwachten eind 2026 meer inzicht te hebben in de effecten van de samenwerking binnen de Jongerencoalitie en van de implementatie van de nieuwe wet Van school naar duurzaam werk. II.a.2. We faciliteren de overgang van zorg naar werk en vice versa. Inhoud (indicator) Inhoud (toelichting) In 2025 zijn we gestart met het project Simpel Switchen - Kansen voor Veenendaal. We hadden vooraf verwacht in 2025 meer kandidaten vanuit dagbesteding te vinden die een switch willen maken. Er zijn een aantal oorzaken waardoor dat niet is gelukt. Ten eerste is het aantal deelnemers aan Dagbesteding met Perspectief vrij beperkt. Ten tweede registreren we het nu niet als een deelnemer door het UWV wordt ondersteund richting werk. We hebben dus alleen de kandidaten in beeld die op basis van de Participatiewet begeleid worden. II.a.3.

De ontwikkeling van ons bijstandsbestand is gelijk aan of beter dan het landelijke beeld Inhoud (indicator) Inhoud (toelichting) Landelijke cijfers laten zien dat het aantal bijstandsgerechtigden lichtelijk daalt. In het laatste kwartaal zijn de cijfers van gemeente Veenendaal gelijk aan het landelijk gemiddelde: zowel de instroom als de uitstroom bedraagt 2,3%. Landelijk is er in 2025 sprake van een gunstige daling van gemiddeld 1,1% van het bijstandsbestand. Ook in Veenendaal neemt het bijstandsbestand af, zij het in iets mindere mate, met een daling van 0,6%.

67

Het bijstandsbestand neemt af door verschillende oorzaken. Het effect van langdurig ingezette trajecten wordt steeds zichtbaarder. Een grondige start vanuit de instroom bij de uitkering en een verschuiving van groepsgerichte trajecten naar maatwerk zorgen voor een stabielere basis en betere uitstroom, o.a. vanuit vrijwilligerswerk naar betaald werk. Daarnaast verloopt de bemiddeling van mensen met een arbeidsbeperking steeds beter. Tot slot draagt de inzet van de accountmanagers van het Werkgeversservicepunt ook bij aan succesvolle uitstroom naar werk. Om een positieve ontwikkeling qua bijstandsontwikkeling te behouden blijft maatwerk essentieel. Door het gericht inzetten van passende voorzieningen ondersteunen wij inwoners met zowel een korte als een lange afstand tot de arbeidsmarkt. De gemeente beschikt over een breed palet aan re-integratie-instrumenten, waaronder trainingen en begeleiding voor specifieke doelgroepen (zoals jobcoaching), leerwerktrajecten bij lokale sociale ondernemers, het productenboek van sociaal werkbedrijf IW4, loonkostensubsidies, proefplaatsingen, werkplekaanpassingen en vakgerichte opleidingen. Op deze manier streven wij ernaar voor iedere inwoner een duurzame en passende plek op de arbeidsmarkt te realiseren.

Wat willen we bereiken? (doelstellingen) II.b. Er blijft kwalitatief goede ondersteuning voor inwoners die het nodig hebben (MD3).

Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) II.b.1. We willen het inburgeringsproces efficiënter maken. Inhoud (indicator) Inhoud (toelichting) Het aanbestedingsproces inburgering is in 2025 afgerond. Vanaf 1 januari 2026 wordt gewerkt met één opdrachtnemer in plaats van twee opdrachtnemers. Hiermee hebben we logistieke vraagstukken, zoals wachtlijsten en mismatch tussen de agenda's van de opdrachtnemers, teruggebracht. Ook op inhoud wordt van de nieuwe opdrachtnemer een meer efficiënt proces verwacht door onderdelen van het inburgeringstraject slimmer in te richten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16946076/3