CConstaterende datVeendam
Koppel je AI →
Document · PDF

06-02 Jaarverslag jaarrekening 2020

Commissie Sociaal Domein 5 oktober 2021, gemeente VeendamBij agendapunt: Raadsvoorstel: Jaarverslag en jaarrekening 2020 Winkler Prins.37.382 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

Uiteraard laten deze cijfers zich als gevolg van de coronamaatregelen, het thuiswerken en afstandsonderwijs moeilijk vergelijken met voorgaande jaren. Het ziekteverzuim voor Winkler Prins is al jarenlang gunstig vergeleken met de landelijke benchmark (VOION 2019: OP 5,6% en OOP 5,9%). Sinds 2019 is er helaas een aantal medewerkers om medische redenen langer dan een jaar uit de roulatie. Het verzuim was nagenoeg in geen van de gevallen werk gerelateerd. 85% van het totale verzuim bestaat uit lang of extra lang verzuim. Een aantal van hen was eind december bezig met een re-integratieproces en wordt hierbij ondersteund door hun leidinggevende, de inzetbaarheidscoach, de bedrijfsarts en/of bedrijfsmaatschappelijke interventies. In samenwerking met de arbodienst Zorg van de Zaak blijven leidinggevenden zich inzetten om, daar waar mogelijk, de medewerkers te ondersteunen om hen duurzaam inzetbaar te houden. Daar waar medewerkers voor langere tijd niet aan het arbeidsproces kunnen deelnemen, wordt door de leidinggevenden contact met hen onderhouden om de betrokkenheid bij school in stand te houden. Helaas zijn er ook een tweetal medewerkers die definitief niet meer terug kunnen keren in het arbeidsproces omdat zij volledig arbeidsongeschikt zijn verklaard door het UWV. Ziekteverzuim

2019

2019

2020

2020

%

frequentie

%

frequentie

Winkler Prins

4,4

1,2

2,9

1,0

Landelijke Benchmark OP

5,6

1,8

5,6

1,7

Landelijke Benchmark OOP

6,0

1,3

5,9

1,2

Benchmarkcijfers uit

2018

2019

Actieve sturing koppeling persoonlijke en organisatiedoelen Evenals in 2019 is in 2020 verdere invulling gegeven aan ons strategisch HRM-beleid. We vragen onze docenten om in hun professionele ontwikkeling als onderdeel van het functioneringsgesprek een koppeling te maken met hun persoonlijke leerdoelen en de doelstellingen van Winkler Prins. We sturen hier actief op door bijvoorbeeld bij scholingsaanvragen aan de medewerker te vragen op welke wijze deze aansluiten op waar we binnen Winkler Prins naartoe werken. Tenminste jaarlijks bespreekt de medewerker met de leidinggevende hoe gedurende het schooljaar gewerkt gaat worden aan scholing en ontwikkeling.

Jaarverslag en jaarrekening 2020

25

Loopbaanperspectief voor onderwijsondersteunend personeel (OOP) In tegenstelling tot het Onderwijzend Personeel (OP) waar middels functie- en taakdifferentiatie sinds 2010 mogelijkheden zijn medewerkers meer loopbaanperspectief te bieden met ruimte voor een hogere beloning, waren deze mogelijkheden voor het OOP beperkter. De rol van OOP-ers is de laatste jaren enorm veranderd en van hen wordt een flexibeler inzet gevraagd. De pedagogische invulling van het vakmanschap wordt vooral voor het OOP steeds belangrijker. Dit heeft ervoor gezorgd dat eind 2018 de notitie Loopbaanperspectief OOP is geschreven en met instemming van de PMR is vastgesteld. Dit biedt OOP’ers meer mogelijkheden voor carrière en taakdifferentiatie met mogelijk een hogere beloning. De laatste twee jaren is een groot aantal OOP’ers actief met hun scholing bezig geweest. In 2020 hebben twee medewerkers uit de facilitaire dienst succesvol hun basisopleiding voor onderwijsassistent afgerond. Eén medewerker facilitair heeft afgelopen jaar haar startkwalificatie behaald en volgt nu de basisopleiding onderwijsassistent. In totaal ontvangen tien medewerkers een maandelijkse toelage als gevolg van dit loopbaanperspectief. Duurzame inzetbaarheid: samenwerking met inzetbaarheidscoach Ook in 2020 is de afdeling HR/PSA actief bezig geweest om een positieve bijdrage te leveren aan de duurzame inzetbaarheid van medewerkers.

Door het onderwijs op afstand en het thuiswerken blijkt dit in de praktijk wel wat lastiger nu direct fysiek contact ontbreekt. Eens in de drie weken houdt de inzetbaarheidscoach van arbodienst Zorg van de Zaak spreekuur voor inzetbaarheidsgesprekken. Tijdens de lockdowns vinden de gesprekken veelal met beeldbellen plaats. De inzetbaarheidscoach ondersteunt de leidinggevende (en de verzuimende medewerker) vroegtijdig in het verzuimproces. Het doel is om door preventie verzuim te voorkomen. De focus ligt op het filteren van niet-medische en medische oorzaken, bespreken van re-integratiemogelijkheden (wat kan wel) en, indien er behoefte is aan een medisch oordeel, verwijzen naar een spreekuur bij de bedrijfsarts en deze voorzien van een gerichte vraagstelling. Aandacht voor de medewerker blijkt ook van grote waarde. De bevinding van de inzetbaarheidscoach bij Winkler Prins is dat Winkler Prins als werkgever een attente betrokkenheid heeft naar de medewerkers, waardoor de inzetbaarheidscoach veel medewerkers ziet in de fase van @work en @risk. Meer preventief dan curatief dus. Dit draagt bij aan de betere inzetbaarheid van medewerkers. De inzetbaarheidscoach geeft aan dat de stimulerende en motiverende inzet en rol van de HR-adviseur naar leidinggevenden en medewerkers ervoor zorgt dat men de coach goed weet te vinden.

Op basis van een 2- of 3-gesprek met de inzetbaarheidscoach kan @home voorkomen worden en/of de reintegratie worden vormgegeven en/of vindt een gerichte verwijzing naar de bedrijfsarts plaats. De gesprekken met de inzetbaarheidscoach worden als positief en zinvol en ondersteunend ervaren (zowel 3-gesprekken als 2-gesprekken). Als gevolg van het thuiswerken en het lage ziekteverzuim is er in 2020 minder gebruik gemaakt van het spreekuur van de inzetbaarheidscoach. Collectieve Arbeidsongeschiktheidsverzekering Met ingang van 1 januari 2020 heeft Winkler Prins voor alle collega’s die vanaf die datum in dienst zijn een gunstige collectieve verzekering voor arbeidsongeschiktheid kunnen afsluiten bij Loyalis. Dit betekent dat bij arbeidsongeschiktheid de inkomensrisico’s beperkt zijn. Belangrijk voordeel van deze collectieve verzekering was dat er gebruik gemaakt kan worden van de ruime (onvoorwaardelijke) acceptatie. Dat dit een goede keuze was, blijkt uit de nieuwe CAO VO 2020. Hierin is vastgelegd dat de werkgever verplicht is een (semi) collectieve (raam)overeenkomst af te sluiten ten behoeve van een arbeidsongeschiktheidsverzekering. Voorwaarde voor een collectieve verzekering was dat minimaal 80% van de medewerkers aan de verzekering wilde deelnemen. In de praktijk heeft ruim 90% van de medewerkers gebruik gemaakt van het aanbod.

WP-academie in ontwikkeling Om de strategische doelen uit het SBP te realiseren, is het belangrijk dat medewerkers zich blijven professionaliseren. Professionaliseren kan op veel verschillende manieren, zowel door formeel als informeel leren. Om vakbekwaamheid op peil te houden, blijven medewerkers zich scholen en ontwikkelen. Dit kan individueel, in teamverband en in netwerken binnen en buiten de school. Medewerkers nemen zelf het initiatief en de verantwoordelijkheid voor hun permanente ontwikkeling en scholing. Doel is om te komen tot een lerende organisatie. Winkler Prins stelt hiervoor faciliteiten en ondersteuning beschikbaar en de WP-academie is hier onderdeel van. Onder de WP-academie vallen o.a. interne en in-company georganiseerde trainingen en cursussen, WP-lezingen en thematische studiedagen. In 2020 heeft een werkgroep de verdere plannen voor de WP-Academie uitgewerkt en definitieve plannen voorgelegd aan het managementteam. In 2021 gaan concrete vervolgstappen plaatsvinden, waaronder het gebruik maken van twee kennismakelaars.

26

Jaarverslag en jaarrekening 2020

Thema: Financiën: te allen tijde in balans Uit het strategisch beleidsplan 2018-2022 Financiën zijn geen doel op zich maar een middel om onze ambities - vandaag en morgen - vorm te geven. Tegelijkertijd moeten de financiën geen reden tot zorgen geven. Financiële robuustheid die voldoet aan de geldende ratio’s is het uitgangspunt. Zo werkten we hieraan in 2020 Financiën Inzicht in Financiën is een voorwaarde om de juiste acties in gang te zetten ten behoeve van een goede financiële balans. Inzicht verkrijgen we door een goede opzet van de planning- en controlcyclus en een adequate (tussentijdse) financiële informatievoorziening. Daar waar nodig breiden we het aantal rapportages uit om het inzicht te vergroten. Een voorbeeld hiervan is de procedure en rapportage ‘Reizen en excursies’. Op schoolniveau kennen we een cyclus van plannings- en verantwoordingsdocumenten volgens de PDCA-principes. Deze cyclus is als volgt: • een 4-jarenplan (strategisch beleid en meerjarenbegroting); • een jaarplan en een begroting (jaarplan per jaar en begroting per kalenderjaar); • tussentijdse rapportages over de voortgang (eindejaarsverwachting); • een bestuursverslag en een jaarrekening. In het Inspectierapport van 2019 geeft de Inspectie aan: Stichting Winkler Prins is financieel ‘in control’.

Het financieel beheer wordt door de Inspectie als voldoende gekwalificeerd, omdat zowel de financiële continuïteit als de rechtmatigheid voldoende zijn. Thema: Communicatie: in contact met elkaar en de omgeving Uit het strategisch beleidsplan 2018-2022 We communiceren open en transparant met medewerkers, leerlingen, ouders, bedrijven en andere instellingen. We geven betrouwbare informatie en vragen feedback om onze dienstverlening te verbeteren. Zo werkten we hieraan in 2020 Communicatie tijdens de lockdown De Covid-19-pandemie heeft onze school vanaf het voorjaar 2020 voor ongekende uitdagingen gesteld. Gezien de snelle ontwikkelingen en de gevolgen hiervan voor de school, was communicatie belangrijker dan ooit. We hebben vanaf maart 2020 de ouders, leerlingen en medewerkers regelmatig van informatie voorzien. Hierbij hebben we telkens de adviezen en de richtlijnen van de overheid aangehouden. Via ons communicatieplatform WIS Communicator zijn er ruim 25 updates naar ouders, leerlingen en medewerers verstuurd. De informatie is tevens op de website en Facebookpagina van de school geplaatst. Om leerlingen, ouders en medewerkers zo goed mogelijk te ondersteunen hebben we een Whatsapp nummer ingesteld voor de ICT Helpdesk. Leerlingen, ouders en medewerkers konden bij vragen via Whatsapp contact opnemen (over bijv. vergeten wachtwoord).

Thema’s die onder andere zijn gecommuniceerd: • De scholensluiting • Overgang naar thuisonderwijs/online lessen • Diplomering • Inhalen achterstanden • Mondkapjesplicht • Bevordering • Ziekmelding • Richtlijnen RIVM Uit de enquête die we hebben gehouden onder ouders, leerlingen en medewerkers is naar voren gekomen dat er veel waardering was voor onze wijze van communicatie.

Jaarverslag en jaarrekening 2020

27

AVG Sinds 1 april 2020 is er een nieuwe Functionaris Gegevensbescherming (FG) aangesteld. Deze heeft samen met de interne functionaris IBP een privacy-analyse uitgevoerd. Hierbij is gekeken in welke mate Winkler Prins voldoet aan de AVG. In deze analyse is per organisatieonderdeel beschreven welke stappen moeten worden genomen om de zogenaamde privacymanagementorganisatie naar een hoger niveau te tillen. Dit leidt uiteindelijk tot een zorgvuldigere omgang met persoonsgegevens van leerlingen, ouders en collega’s en daarnaast een efficiëntere bedrijfsvoering. Na de zomervakantie is er naar aanleiding van deze privacy-analyse een plan van aanpak opgesteld. Een aantal actiepunten uit dit plan is inmiddels uitgevoerd: er zijn AVG-aanspreekfunctionarissen benoemd, veelal de coördinatoren van de deelscholen en een aantal medewerkers van de stafdiensten en het verwerkingsregister is verder ontwikkeld. Thema: Stafdiensten: optimale leer- en werkomgeving voor gebruikers Uit het strategisch beleidsplan 2018-2022 Een goed gefaciliteerde leer- en werkomgeving is cruciaal voor leerlingen en medewerkers. Gebruikers formuleren hun wensen en verwachtingen realistisch en tijdig. Medewerkers van de stafdiensten spannen zich in deze wensen en verwachtingen te realiseren.

Zo werkten we hieraan in 2020 Vlootschouw De afdeling HR/PSA voert periodiek gesprekken met de staf- en deelschooldirecteuren waarin vragen en onderwerpen die bij deelscholen spelen, in beeld komen om te kunnen worden opgepakt. In het voorjaar is de jaarlijkse kwantitatieve en kwalitatieve vlootschouw afgenomen. Hierin bespreekt de afdeling HR/ PSA met de directeuren de ontwikkelingen waarvoor de afdeling het komende jaar komt te staan en wat de personele consequenties zijn. Alle medewerkers worden individueel besproken om te kijken of er vanuit HR/ PSA ondersteuning nodig is. Dit kan zijn met betrekking tot scholing, professionalisering, wijziging inzet en dergelijke. Naast overzichten per deelschool/afdeling zijn er overzichten per vaksectie gemaakt. Hierbij is ook een onderverdeling gemaakt naar leeftijdscategorie om inzicht te krijgen in toekomstige uitstroom, en een verdeling over de leeftijdscategorieën naar geslacht. Dit biedt de mogelijkheid om bij komende vacatures rekening te houden met het huidige medewerkersbestand en bij werving en selectie bij gelijke geschiktheid de voorkeur te geven aan ondervertegenwoordigde categorieën. Voortgang ontwikkeling Leer- en Sportpark (LSP) In 2020 is begonnen met de bouw en aanleg van het Leer- en Sportpark (LSP) voortgezet. Onderdeel van het LSP is de nieuwe onderwijshuisvesting voor onze school.

Er komen twee nieuwe gebouwen: een voor het brugjaar en een ter uitbreiding van het vmbo-gebouw. De verwachting is dat de nieuwbouw bij aanvang van het schooljaar 2021-2022 in gebruik genomen kan worden. Na oplevering van de nieuwe gebouwen wordt de hoofdlocatie aan Raadsgildenlaan 1 gerevitaliseerd en aangepast aan de eisen van modern onderwijs. De gemeente treedt als bouwheer in het project en financiert de realisatie van de bouw voor een belangrijk deel. Winkler Prins draagt echter substantieel bij, omdat de bekostiging door de gemeente niet toereikend is voor het realiseren van huisvesting voor toekomstbestendig onderwijs. De investeringen van Winkler Prins zijn voornamelijk ten behoeve van het energieneutraal maken van de gebouwen, waardoor de investeringen in de toekomst een beter binnenklimaat en lagere exploitatielasten zullen opleveren. Gedurende de gesprekken over de nieuwe huisvesting is de financiering van een gymzaal voor de lessen lichamelijke opvoeding (LO) onderwerp van gesprek geweest. Uiteindelijk bleek dat de gemeenteraad van Veendam hiervoor geen budget beschikbaar kon stellen. Tijdens de besprekingen over het raadsvoorstel werd gesuggereerd dat Winkler Prins voor deze lessen gebruik zou kunnen maken van gemeentelijke sportvoorzieningen elders in Veendam. In theoretische zin lijkt dit een oplossing.

Binnen onze school wordt het pendelen van grote groepen leerlingen tussen de nieuwbouw op het LSP en de diverse sportzalen in Veendam echter als onwenselijk en niet uitvoerbaar beschouwd. Argumenten daarvoor zijn: • het verlies aan onderwijstijd voor leerlingen en marginalisering van de overblijvende lestijd bij het vak LO (naar schatting 30% van de lestijd gaat op aan het heen en weer reizen); • LO-docenten die op afstand van de school de lessen LO moeten geven en daardoor geen onderdeel van het team uitmaken met als gevolg dat de zorg en begeleiding van leerlingen die zij als teamlid en/of als mentor in teamverband moeten geven in het gedrang komen;

28

Jaarverslag en jaarrekening 2020

• mogelijk gedoe tussen en onveiligheid van leerlingen tijdens de verplaatsingen tussen school en gymzaal (wekelijks 900 x 2 leerlingbewegingen). Bovengenoemde argumenten zijn reden om te onderzoeken of financiering door Winkler Prins van de ons gewenste gymzaal een haalbare optie is. Hierover is in 2020 nog geen definitief besluit genomen. De verwachting is dat dat in 2021 wel zal gebeuren.

Overige thema’s: Bestuurlijke provinciale samenwerking Sinds 2012 zijn alle Groninger v(s)o en mbo-schoolbesturen verenigd in een provinciaal Platform. Het doel van deze samenwerking is te zorgen voor een dekkend netwerk van breed en kwalitatief goed onderwijs in de provincie Groningen. Met het oog op de dalende leerlingaantallen zal het niet mogelijk zijn dit overal te realiseren. Schoolbesturen hebben de ambitie uitgesproken dit toch te bereiken door minder te gaan concurreren en meer te gaan samenwerken. Dit onder de noemer Herontwerp. De afgelopen jaren zijn er in verschillende regio’s bestuurlijke afspraken gemaakt over: • het herontwerp van het onderwijslandschap, bijvoorbeeld in de regio’s Winsum en het Hogeland en de regio’s Winschoten en Stadskanaal; • de subsidieaanvraag in het kader van de versterking van het techniekonderwijs; • de verbetering van de overgang vo-entreeonderwijs mbo; • de regionale aanpak lerarentekort; • de verbetering aansluiting vo-hbo. Binnen het Platform wordt nu gekeken naar de toekomst. Op de wat langere termijn is het voor een aantal scholen de vraag hoe de aangeboden profielen binnen de diverse schoolsoorten rendabel gehouden kunnen worden wanneer de leerlingdaling in de bovenbouw van het vmbo en de 2e fase doorzet. Het Platform blijft het gremium waar schoolbesturen elkaar vinden om hierover te spreken.

Het in de lucht houden van de ondersteunende diensten wordt voor veel scholen ook steeds lastiger en samenwerking op dit gebied is onderwerp van gesprek (shared services). Hiertoe hebben in 2019 de bestuurders van de stichtingen Eemsdelta College, dr. Aletta Jacobs College en Winkler Prins besloten een impuls te geven aan de samenwerking en uitwisseling van kennis tussen de ondersteunende diensten van de drie stichtingen. Hieraan is in 2020 verder gewerkt. In 2020 is door de bestuurders van Winkler Prins en dr. Aletta Jacobs College een verkennend onderzoek gedaan naar de mogelijkheden van bestuurlijke samenwerking tussen beide besturen. Daaruit kwam naar voren dat er geen acute noodzaak voor bestuurlijke samenwerking is, maar om de toekomst goed voorbereid te kunnen toetreden achten beide schoolbesturen een verdere verkenning van de mogelijkheden noodzakelijk. Op basis van de uitgevoerde verkenning wordt geconcludeerd dat een goede vervolgstap op weg naar een mogelijke bestuurlijke samenwerking zou zijn om met gebruikmaking van de Subsidieregeling incidentele middelen leerlingdaling vo 2020 een plan van aanpak op te stellen.

Kern van dit plan van aanpak is het doen van nader onderzoek naar de wenselijkheid en haalbaarheid van twee constructen voor bestuurlijke samenwerking: • het zogenoemde ‘0-scenario’ in combinatie met bestuurlijke samenwerkingsovereenkomsten; • een bestuurlijke fusie. Het verkennende onderzoek 2020 is met de Raden van Toezicht van beide stichtingen besproken. Beide Raden hebben ingestemd met de genoemde vervolgstappen. In het najaar is een begin gemaakt met het opstellen van de stukken voor de subsidieaanvraag die uiterlijk 31 maart 2021 ingediend moet worden. Schoolplan Naar aanleiding van het vierjaarlijks onderzoek Bestuur en scholen (september 2019) heeft het bestuur een herstelopdracht ontvangen om voor 1 september 2020 een schoolplan op te stellen dat voldoet aan de wettelijke eisen en waarin het stelstel van kwaliteitszorg is uitgewerkt (art. 24 lid 1 WVO).  Het schoolplan is een instrument om sturing te geven aan het onderwijs en planmatig te werken aan verbetering van de onderwijskwaliteit en leeropbrengsten. Het brengt de visie, de onderwijsaanpak en de ambities van de school samen. Een school moet ten minste één keer per vier jaar een schoolplan opstellen. Een school kan ervoor kiezen om vaker een schoolplan op te stellen, bijvoorbeeld elk schooljaar. In het schoolplan staat welke keuzes voor de komende periode worden gemaakt.

De school bepaalt zelf hoe het schoolplan eruitziet, mits daarbij wordt voldaan aan de wettelijke eisen. In het schoolplan kan verwezen worden naar andere, reeds eerder uitgewerkte thema’s. Het schoolplan is na instemming van de Medezeggenschapsraad vastgesteld door de bestuurder en toegezonden aan de Inspectie. De Inspectie heeft daarop aangegeven dat daarmee aan de herstelopdracht is voldaan.

Jaarverslag en jaarrekening 2020

29

Politiek en maatschappelijke thema’s De minister heeft een aantal politieke of maatschappelijke thema’s aangewezen waarvan door het bestuur een beschrijving moet worden gegeven met daarbij aandacht voor de doelen waarvoor de middelen zijn ingezet en de behaalde resultaten in 2020. Het gaat om de volgende onderwerpen: • Strategisch personeelsbeleid (SHRM); • Passend onderwijs; • Allocatie van middelen naar schoolniveau (niet van toepassing op éénpitters als Winkler Prins); • Toetsing en examinering; • Convenantsmiddelen; • Covid-19-pandemie. Onderstaand volgt een beschrijving van bovengenoemde thema’s. Deels worden deze elders in dit document ook beschreven. Strategisch personeelsbeleid (SHRM) Uitgangspunt bij het personeelsbeleid op onze school is het Strategisch HRM. Bij strategisch HRM (of strategisch personeelsbeleid) gaan personeelsontwikkeling en onderwijsontwikkeling hand in hand. Zo kan het strategisch personeelsbeleid effectief bijdragen aan de verschillende strategische doelen die onze school zich stelt. De hedendaagse benaderingen van human resource management (HRM) bestaan sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw. In deze benaderingen is HRM veel meer dan een serie instrumenten en een afdeling P&O. HRM omvat dan het geheel van instrumenten voor het management van personeel, de organisatie van het werk, de HR-functionarissen en de leidinggevenden in de school.

Kenmerkend voor strategisch HRM is dat het is afgestemd op de strategische doelen van de organisatie en op de ontwikkelingen in de omgeving van de organisatie. Strategisch HRM wordt gezien als het beleid en de concrete activiteiten ten aanzien van management van arbeid en personeel gericht op het behalen van: 1. doelstellingen van de organisatie, 2. doelstellingen van de medewerkers en 3. maatschappelijke doelstellingen. Wezenlijk voor SHRM is dat de doelen die de school zich stelt, uitgangspunt zijn voor het personeelsbeleid en dat het personeelsbeleid zo wordt uitgewerkt dat het gericht is op het realiseren van die doelen. Daarbij is het van belang doelen en opbrengsten zodanig te formuleren dat ze leidend kunnen zijn voor strategisch HRMbeleid. Doelen moeten worden geconcretiseerd als ze handen en voeten willen geven aan SHRM. Alleen als de school haar doelen concreet maakt, kunnen medewerkers bespreken wat elk van die doelen voor hen betekent en hoe ze kunnen nagaan in welke mate ze deze doelen willen bereiken. De koppeling met het personeelsbeleid kan worden gemaakt door telkens de vraag te bespreken wat medewerkers nodig hebben om de geformuleerde opbrengsten te realiseren.

We vragen onze medewerkers actief invulling te geven aan hun professionele ruimte door zelf beslissingen te nemen over de wijze waarop men zijn expertise inzet ten gunste van het bereiken van onze doelstellingen. Voor docenten gaat het dan om de ruimte ten aanzien van onderwijsinhoud, onderwijsinrichting (didactisch, pedagogisch en organisatorisch) en professionele ontwikkeling. Professionele ruimte is voor medewerkers de basis voor het uitoefenen van hun beroep. Het gaat over hoe zij, samen met de collega’s in het team en de school, het onderwijs vormgeven. Deze ruimte voor medewerkers gaat samen met het geven van inzage in de keuzen die medewerkers maken en het afleggen van verantwoording over de behaalde resultaten of effecten van het handelen. Iedereen is hier ook op aanspreekbaar. Sinds 2019 is er een professioneel statuut, opgesteld door een werkgroep van docenten. In dit statuut staat beschreven hoe de professionele ruimte voor docenten binnen Winkler Prins wordt geborgd. Dit krijgt vooral vorm via de professionele dialoog. Hiervoor is een Docenten Advies Raad (DAR) ingesteld. Deze DAR functioneert vooral op deelschoolniveau, omdat daar het gesprek over de onderwijskundige thema’s het meest zichtbaar is. Daarnaast is er een schoolbrede DAR.

Hierin worden gemeenschappelijke onderwerpen besproken, zoals onderwijskundige veranderingen, onderwerpen die boven het niveau van de deelschool uitstijgen. In 2020 is gewerkt aan het opstellen van een SHRM-beleidsplan. De verwachting is dat dit plan in 2021 binnen de school besproken en vastgesteld kan worden.

30

Jaarverslag en jaarrekening 2020

Passend onderwijs Bij het thema passend onderwijs wordt een toelichting gegeven op de volgende drie onderwerpen: 1. De doelen in het kader van passend onderwijs waarvoor de middelen vanuit de lumpsum zijn uitgegeven. In 2020 ontvangt de school nagenoeg geen bekostiging passend onderwijs meer via de lumpsum: € 84.000. De vroegere lwoo-bekostiging en de pro-bekostiging lopen nu via het Samenwerkingsverband. Deze middelen in de lumpsum zijn in 2020 ingezet ten behoeve van: • de doelstellingen zoals beschreven in het schoolondersteuningsprofiel van onze school (www. winklerprins.nl) • de klassenverkleining binnen het vmbo en praktijkonderwijs. 2. De doelen in het kader van passend onderwijs waarvoor de middelen vanuit het Samenwerkingsverband zijn uitgegeven. In 2020 is ongeveer € 1.145.000 ontvangen vanuit het Samenwerkingsverband. Deze middelen zijn ingezet voor de volgende doelen: • de doelstellingen zoals beschreven in het schoolondersteuningsprofiel van onze school (www. winklerprins.nl); • de klassenverkleining in het vmbo en praktijkonderwijs; • preventieve verzuimgesprekken op locatie door leerplichtambtenaren; • maatwerktrajecten voor leerlingen die niet voldoende profiteren van het ondersteuningsaanbod van de school en door samenwerking tussen gemeente en onderwijs zicht houden op een VO-diploma.

Winkler Prins heeft in eind 2020 van het Samenwerkingsverband een extra uitkering van € 124.842 ontvangen. Wij zijn verplicht om deze ontvangst in de jaarrekening 2020 op te nemen als baten. De uitgaven en kosten zullen in 2021 en later plaats gaan vinden. Deze eenmalige uitkering willen wij de komende schooljaren besteden voor uitbreiding van ons ondersteuningsaanbod en wel op een tweetal gebieden nl.: • ontwikkelen maatwerktrajecten binnen Winkler Prins voor leerlingen van Winkler Prins (bb, kb, mavo, havo en vwo) die nu richting VSO verwezen worden (zo thuis nabij mogelijk onderwijs); • ontwikkelen maatwerktrajecten VSO-Pro waarbij meer VSO-leerlingen dan voorheen niet meer worden geplaatst binnen het VSO, maar binnen het praktijkonderwijs met een intensiever ondersteuningsaanbod; • ontwikkelen maatwerktrajecten voor hoogbegaafdheid en talentontwikkeling. 3. De genoemde doelen worden niet alleen op school gerealiseerd maar ook in samenwerking met de onze stakeholders.

De voornaamste stakeholders zijn: • Het Samenwerkingsverband Groningen Ommelanden (20.02) met daarbij de: o Algemene Ledenvergadering (ALV) met daarin de bestuurlijke afvaardiging van de deelnemende scholen; o het subregionale besturenoverleg zuidoost: hierin worden de hoofdlijnen vanuit de ALV uitgewerkt door de betreffende schoolbesturen; o het directeurenoverleg zuidoost waarin de beleidsvoornemens vanuit de ALV en het regionale besturenoverleg worden uitgewerkt door de betreffende schoolbesturen; o het Expertise- en Consultatieteam (ECT) dat ondersteuning verleent bij complexe ondersteuningsvraagstukken. • Het OOGO-overleg tussen gemeenten en schoolbesturen. In 2020 is dat via de subregio zuidoost georganiseerd. Allocatie van middelen naar schoolniveau Dit thema is niet van toepassing op éénpitters zoals Winkler Prins. Toetsing en examinering Het examenjaar 2020 is een bijzonder jaar waarin de centrale examens niet konden worden afgenomen als gevolg van de Covid-19-pandemie. Met het afschaffen van de centrale examens was een grotere rol weggelegd voor de schoolexamens. Toen de lockdown in maart kwam, waren binnen de deelscholen havo en vwo veruit de meeste schoolexamens in de examenklassen al afgerond. De inhaaltoetsen en herkansingen van het schoolexamen die daarna nog zijn afgenomen vonden plaats onder gelijke omstandigheden en konden fysiek op school worden afgenomen.

Er zijn geen inhoudelijke aanpassingen gedaan en de standaardnormeringen zijn gehandhaafd. Voor het vmbo waren wel aanpassingen nodig en moesten de Programma’s van Toetsing en Afsluiting (PTA) van het examenjaar worden aangepast. Deze aanpassingen zijn voorafgaande aan vaststelling door de bestuurder ter instemming voorgelegd aan de MR en daarna gedeeld met leerlingen, ouders en de Inspectie.

Jaarverslag en jaarrekening 2020

31

Bij deze aanpassingen bleven de eindtermen geborgd. Vanwege het schrappen van de centrale examens werd aan de eindexamenkandidaten de mogelijkheid geboden resultaatverbeteringstoetsen te maken, als alternatief voor de herkansing zoals bij de centrale examens gebruikelijk is. Elke vaksectie heeft resultaatverbeteringstoetsen aangeleverd bij de examensecretarissen die passend waren bij en gebaseerd waren op het PTA. De resultaten van het schoolexamen voor het examenjaar 2020 zijn in lijn met de resultaten van het schoolexamen uit eerdere jaren. Het percentage geslaagde leerlingen is iets hoger dan andere jaren (99% vs. 95%). Als gevolg van de lockdown moesten er ook aanpassingen doorgevoerd worden in de PTA’s van de voorexamenklassen. Bij het verwerken van de aanpassingen is door de deelschooldirecteuren en de examensecretarissen nauwkeurig gekeken naar de borging van de domeinen en eindtermen van het eindexamen. Deze aanpassingen zijn voorafgaande aan vaststelling door de bestuurder ter instemming voorgelegd aan de MR en daarna gedeeld met leerlingen, ouders en de Inspectie. Ook dit jaar is het examenreglement van de school weer beoordeeld door een externe jurist. Er zijn hierbij een aantal kleine actualisaties en veranderingen doorgevoerd, zoals verduidelijking van een beperkt aantal artikelen en het uitbreiden van de herkansingsregeling voor leerlingen.

Leerlingen hebben meer keuzevrijheid door in elke periode en voor elk vak een onderdeel aan te wijzen, waarvoor de herkansing ingezet kan worden. Daarnaast is een (extra) herkansing toegevoegd aan het examenreglement, gekoppeld aan deelname aan de Lenteschool. Om de kwaliteit van het schoolexamen te borgen zijn de PTA’s, net als in voorgaande jaren, gecontroleerd door de examensecretarissen en deelschooldirecteuren. De controle was gericht op volledigheid en op de relatie tussen het schoolexamen en de domeinen en eindtermen van het eindexamen. Convenantsmiddelen Via het afgesloten Convenant personeelstekorten en werkdrukverlichting (2019) is eenmalig € 150 miljoen extra vrij gemaakt voor de aanpak van werkdruk en de tekorten onderwijspersoneel in het voortgezet onderwijs. De toegezegde middelen zijn in 2019 beschikbaar gekomen in de vorm van een bedrag per leerling. Dit bedrag is bedoeld om in te zetten in de jaren 2020 en 2021. Voor Winkler Prins gaat het om ongeveer € 300.000, te verdelen over 2020 en 2021, dus € 150.000 per jaar. De middelen moesten in de jaarrekening 2019 worden verantwoord. Het resultaat over 2019 wordt daardoor hoger terwijl de lasten in de jaren daarna volgen. Verder bleek ook nog dat de inzet van deze middelen binnen onze school pas mogelijk was vanaf schooljaar 2020-2021.

Hierdoor kunnen we deze middelen gedurende de schooljaren 2020-2021 en 20212022 inzetten. De inzet van deze middelen gedurende de genoemde schooljaren zal een negatief effect hebben op de jaarrekeningen 2020, 2021 en 2022. In het convenant staat over de besteding dat dit door scholen kan worden uitgegeven aan bijvoorbeeld meer ontwikkeltijd, werkdrukverlichting, begeleiding van startende leerkrachten, begeleiding van zij-instromers, onderwijsinnovatie of maatregelen bij arbeidsmarktvraagstukken. In het voortgezet onderwijs wordt bij het gesprek over de besteding het onderwijzend personeel actief betrokken. De beschikbare middelen zijn via een verdeelsleutel aan de deelscholen beschikbaar gesteld. De deelschooldirecteur heeft over de inzet van dit budget vooraf met de medewerkers van de deelschool overleg gevoerd. Daarbij zijn twee scenario’s naar voren gekomen: een aantal deelscholen heeft gekozen voor een hogere facilitering voor mentoren, een aantal andere deelscholen heeft gekozen voor externe ondersteuning tijdens toetsweken waardoor docenten tijdens die toetsweken meer tijd voor correctie krijgen. Covid-19-pandemie Sinds het voorjaar van 2020 is de wereld in de ban van de Covid-19-pandemie. De pandemie bracht beperkingen met zich mee maar bood ook kansen voor ontwikkelingen en innovaties die anders minder vanzelfsprekend van de grond zouden komen.

Hierbij kan gedacht worden aan de flexibilisering van het onderwijs, het inrichten van het afstandsonderwijs, het verlenen van maatwerk aan leerlingen op afstand, het omgaan met achterstanden bij leerlingen. Tijdens de eerste lockdown in het voorjaar kwamen veel zaken moeilijk op gang en ontbrak het nog vaak nog aan expertise, structuur, hardware. Maar medewerkers en leerlingen hebben zich snel ontwikkeld, zich nieuwe methodieken en werkwijzen eigen gemaakt. Er is geïnvesteerd in deskundigheidsbevordering en ict-infrastructuur. Als gevolg hiervan merken we dat bij aanvang van de 2e lockdown in december medewerkers en leerlingen veel beter voorbereid en toegerust zijn op het thuisonderwijs en daar nagenoeg naadloos in overstappen. De beleidsagenda die bij aanvang van 2020 was opgesteld kon niet op alle onderdelen worden uitgevoerd. Hoofdoorzaak was dat iedereen meer dan de handen vol had aan het voortdurend schakelen binnen de moeilijke, steeds wijzigende omstandigheden. Daarnaast kwamen onderwerpen als internationaliseringen,

32

Jaarverslag en jaarrekening 2020

uitwisselingsprogramma’s, schoolreizen allemaal stil te liggen vanwege de lockdown. Verder werden veel van de aanpassingen van ons schoolbeleid gedicteerd door de rijksoverheid die voorwaarden en eisen stelde aan hoe om te gaan met onderwijs in coronatijd. De aanpassingen in het schoolexamen en centraal examen zijn daarvan voorbeelden, maar ook de wijze waarop het onderwijs voor de zomer weer werd opgestart. Een opbrengst van dit alles is dat er binnen de school veel verbinding is ontstaan tussen medewerkers onderling. Iedereen heeft zich buitengewoon ingezet om er voor de leerlingen het beste van te maken. Het historisch lage ziekteverzuimpercentage van 2,9% is daarvan een illustratie, evenals de positieve feedback van ouders en leerlingen die we ontvingen naar aanleiding van de tevredenheidsonderzoeken. Het financieel resultaat in 2020 is niet significant beïnvloed door de Covid-19-pandemie. Ter bescherming van de medewerkers en leerlingen zijn diverse beschermingsmiddelen aangeschaft zoals mondmaskers, desinfectiemiddelen en transparante schermen, in totaal voor € 39.000. Dit zijn dus meerkosten ten opzichte van de begroting. Aan de andere kant zijn op diverse posten ook minder kosten gemaakt, zoals reis- en verblijfkosten, activiteiten personeel, overige activiteiten en scholing.

Per saldo kunnen we stellen dat de Covid-19-pandemie niet tot een nadelig financieel effect in 2020 heeft geleid. We gaan ervan uit dat vanaf begrotingsjaar 2022 er weer sprake zal zijn van een normale schoolgang en dus de normale baten en lasten die daar mee samenhangen. In de meerjarenbegroting is daar ook van uitgegaan. We zien hier dus geen effecten van de Covid-19-pandemie. In 2020 is het centraal eindexamen niet doorgegaan. Daardoor zijn in 2020 19 leerlingen meer dan verwacht geslaagd en uitgestroomd naar het vervolgonderwijs. Dit heeft het aantal leerlingen voor de komende jaren verlaagd. De effecten hiervan zijn verwerkt in de aangepaste leerlingprognose en de meerjarenbegroting.

Jaarverslag en jaarrekening 2020

33

3. Kwaliteit Winkler Prins krijgt vanuit verschillende invalshoeken een beeld van de kwaliteit van de school zoals deze door anderen wordt ervaren. 3.1 Kwaliteitsprofiel 2015-2020 Het kwaliteitsprofiel 2015-2020 bevat een historisch overzicht van een groot aantal indicatoren waaruit de kwaliteit van de school over meerdere jaren valt af te lezen. Dit kwaliteitsprofiel staat op pagina 65. 3.2 Kwaliteitsoordeel Inspectie: Toezichtskaderarrangement Een belangrijke graadmeter is het oordeel van de Inspectie van het Onderwijs. Als een school of opleiding bij een onderzoek aan de wettelijke eisen voor basiskwaliteit voldoet, krijgt de school het oordeel ‘voldoende’. Scholen die niet aan de basiskwaliteit voldoen, krijgen het oordeel ’onvoldoende’. Deze scholen kunnen zelfs het oordeel ‘zeer zwak’ krijgen als ze beneden de wettelijke norm presteren. Naast deze oordelen kan de Inspectie de waardering ‘goed’ geven. ‘Goed’ is dus geen oordeel maar een waardering, want oordelen worden uitsluitend gegeven op basis van wettelijke vereisten. Een waardering wordt gegeven door analyse van de eigen ambities van een school en de realisatie daarvan en heeft tot doel om de scholen en besturen te stimuleren tot verdere kwaliteitsverbetering. Mogelijke oordelen voor scholen/opleidingen: • zeer zwak • onvoldoende • voldoende • waardering ‘goed’.

Aan alle scholen van Winkler Prins is in 2020 het oordeel ‘voldoende’ gegeven. Voor de deelschool praktijkonderwijs geldt daarnaast de waardering ‘goed’. Kwaliteitsoordeel Inspectie VO Toezichtskader arrangement

Beoordeling

Vwo

Voldoende

Havo

Voldoende

Mavo

Voldoende

Kader

Voldoende

Basis

Voldoende

Praktijkonderwijs

Voldoende

Waardering

Goed

3.3 Kwaliteitsoordeel Inspectie: Opbrengstenoordeel Het oordeel over de opbrengsten van een schoolsoort binnen een school wordt gegeven door de Inspectie van het Onderwijs en is gebaseerd op de opbrengsten van de afgelopen drie jaren. Het onderwijsresultatenmodel bestaat uit de volgende vier indicatoren: • onderwijspositie ten opzichte van het advies Primair Onderwijs (PO): de positie in het derde leerjaar ten opzichte van het advies van de basisschool; • onderbouwsnelheid: percentage onvertraagde studievoortgang in het eerste en tweede leerjaar; • bevenbouwsucces: percentage onvertraagde studievoortgang vanaf het derde leerjaar per afdeling; • Examencijfers: gemiddeld cijfer centraal examen van alle vakken per afdeling. Voor elk van deze indicatoren bepaalt de Inspectie een minimale norm. Deze norm wordt voor een aantal jaren vastgelegd, zodat scholen voor een langere periode precies weten waar ze aan moeten voldoen om de kwalificatie ‘boven de norm’ te halen. Het onderwijsresultatenmodel 2019 is beschikbaar via: http://www.onderwijsinspectie.nl. Alle onderwijsniveaus van Winkler Prins krijgen op de genoemde indicatoren de beoordeling ‘voldoende’ van de Onderwijsinspectie.

34

Jaarverslag en jaarrekening 2020

Kwaliteitsoordeel Inspectie VO Opbrengstenoordeel

Beoordeling

Vwo

Voldoende

Havo

Voldoende

Mavo

Voldoende

Kader

Voldoende

Basis

Voldoende

Praktijkonderwijs

n.v.t.

3.4 Examenresultaten 2020 Traditiegetrouw kent Winkler Prins goede examenresultaten. De percentages verhouden zich goed tot het landelijk gemiddelde. Het schoolgemiddelde bedraagt 99,3% geslaagde leerlingen. Dit hogere resultaat is o.a. het gevolg van het niet doorgaan van het centraal examen. Hieronder volgt de tabel met de examenresultaten per deelschool. Slagingspercentage % Winkler Prins

% Landelijk

Basis

100%

99,4%

Kader

98,6%

99,5%

Mavo

99,2%

99,2%

Havo

99,2%

97,5%

Vwo

100%

98,9%

Totaal

99,3%

98,9%

3.5 Opbrengsten school voor praktijkonderwijs 2020 23 leerlingen verlieten de school voor praktijkonderwijs waarbij: • 5 leerlingen een baan hebben gekregen; • 2 leerlingen nog geen baan hebben gevonden vanwege de coronacrisis. Zij zijn door de gemeente ondersteund; • 7 leerlingen een mbo entree-opleiding zijn gaan volgen; • 9 leerlingen een mbo-2 opleiding zijn gestart. Van deze 23 leerlingen behaalden: • 9 de entree-opleiding; • 12 een schoonmaakcertificaat; • 12 een VCA-certificaat; • 5 MAG lassen niveau 1; • 2 MAG lassen niveau 2; • 1 TIG lassen; • 5 een certificaat bosmaaier; • 8 een certificaat kettingzaag; • 10 een certificaat heftruck; • 2 een certificaat reachtruck; • 6 een certificaat shovel; • 6 een certificaat minikraan; • 5 een certificaat midikraan.

Jaarverslag en jaarrekening 2020

35

3.6 Excellente leerlingen Voor leerlingen die meer vakken aankunnen, bestaat de mogelijkheid om meerdere vakken en/of profielen te volgen. Daarnaast kunnen leerlingen cum laude afstuderen. Zie onderstaand schema per deelschool: Deelschool

Extra vak(ken)

Extra profielen

Cum laude

1

2

3

6

2

Vwo

19

8

4

1

31

4

Havo

-

-

-

17

-

Mavo

24

-

-

69

3

Kader/basis

-

-

-

-

-

3.7 Onderwijstijd Zoals al vaker opgemerkt: de Covid-19-pandemie heeft grote gevolgen gehad in 2020. Een daarvan was natuurlijk de scholensluiting en de overstap op thuisonderwijs gedurende een belangrijk deel van het jaar. Eind december werden we opnieuw geconfronteerd met de sluiting van de school voor een groot deel van de leerlingen. Als gevolg van dit alles was het dit jaar niet mogelijk de vereiste en de geprognotiseerde onderwijstijd te halen. Gegeven de bijzondere omstandigheden is ervoor gekozen hierop dit jaar niet te rapporteren. 3.8 Voortijdig schoolverlaters (VSV) Het voorkomen en bestrijden van schooluitval behoort vanzelfsprekend tot onze ambities. Minder schooluitval betekent meer goed opgeleide mensen die hun plek vinden in de maatschappij en op de arbeidsmarkt. De meest recente VSV-cijfers voor 2020 zijn afkomstig uit het VSV-Atlas convenantjaar 2018-2019. Voortijd schoolverlaters (VSV) 2017-2018

2018-2019

1.837

1.898

Aantal VSV’ers

6

5

% VSV’ers

0,3

0,3

Aantal leerlingen (excl. Praktijkonderwijs)

Het percentage VSV’ers lag in het startjaar 2005 – 2006 op 1,3%. Met het percentage van 0,3% voldoen we aan de streef- en prestatienormen van het ministerie van OC&W. Zie het document: https://www.onderwijsincijfers. nl/kengetallen/onderwijs-algemeen/leerlingen-en-studenten/prestaties-voortijdig-schoolverlaten. Het aantal voortijdig schoolverlaters is buitengewoon beperkt. Hierdoor dragen we significant bij aan het terugdringen van voortijdig schoolverlaten in de RMC-regio Oost- Groningen. 3.9 Klachten en bezwaren Onze school heeft een klachtenregeling waarin wordt beschreven hoe leerlingen, ouders en medewerkers hun klacht het beste kenbaar kunnen maken. Wanneer een klacht niet in goed overleg met de direct betrokkene kan worden opgelost, wordt de klacht behandeld volgens deze regeling. Een klacht wordt meestal ingediend bij de deelschooldirectie. In bijna alle gevallen wordt een klacht in goed overleg opgelost. Men kan ook contact opnemen met de vertrouwenspersonen waarvan er op onze school twee werkzaam zijn. Als dat niet lukt, dan kunnen meer formele wegen bewandeld worden door het indienen van een klacht bij het bevoegd gezag. Wanneer deze interne klachtenafhandeling niet tot een goede oplossing leidt, kan een klacht buiten de school worden ingediend bij de Landelijke Klachten Commissie (LKC) waarbij Winkler Prins is aangesloten.

In 2020 zijn geen klachten ingediend bij de LKC. De klachtenregeling geldt niet voor klachten over personele aangelegenheden en arbeidsrechtelijke beslissingen. Hiervoor kunnen medewerkers kiezen voor de Bezwarenprocedure Winkler Prins 2014. Deze procedure biedt medewerkers de mogelijkheid bezwaar te maken bij de Bezwarencommissie wanneer men het niet eens is met een besluit dat is genomen namens of door het bevoegd gezag. Er is in 2020 geen bezwaar binnengekomen bij de Bezwarencommissie.

36

Jaarverslag en jaarrekening 2020

3.10 Jaarverslag vertrouwenspersonen De vertrouwenspersonen hebben een jaarverslag over het schooljaar 2019-2020 aangeleverd. Hieronder een samenvatting uit dit jaarverslag: Overzicht aantal klachten bij vertrouwenspersonen Soorten klachten:

2019-2020

2018-2019

2017-2018

Communicatie

11

10

9

Maatregelen tegen leerling

1

1

3

Schoolorganisatie

2

-

2

Klachtbehandeling door school

-

-

Onderwijskundig handelen

2

4

4

Onveiligheid

4

8

1

Seksuele intimidatie (hands off)

2

Seksuele intimidatie (hands on)

-

Cyberintimidatie (a-sociale media)

1

1

Pesten

1

1

LHTB-intimidatie

-

Agressie/geweld

2

Discriminatie

-

Overig

1

5

4

Totaal aantal klachten

27

31

24

1

1

Het aantal bij de vertrouwenspersonen ingediende klachten in schooljaar 2019-2020 is lager ten opzichte van schooljaar 2018-2019: van 31 naar 27. De oorzaak van deze afname is niet duidelijk. Opvallend was wel dat vanaf het moment van de scholensluiting in het voorjaar van 2020 er weinig tot geen nieuwe klachten zijn binnengekomen. Gezien de toename van het aantal klachten over veiligheid in schooljaar 2018-2019, hebben de vertrouwenspersonen in 2020 het aantal klachten met betrekking tot veiligheid gemonitord. Het schooljaar 2019-2020 laat een daling zien in deze klachten (van 26% naar 15%). Er lijkt dus geen sprake te zijn van een tendens. Opvallend is dat ‘pesten’ betrekkelijk weinig gemeld wordt: een keer in 2019-2020. De indruk bestaat dat veel zaken met betrekking tot pesten al in een voorstadium van een eventuele klacht worden opgepakt, bijvoorbeeld door de mentoren, sociale veiligheidscoördinatoren, leerlingbegeleiders en deelschooldirecteuren. De vertrouwenspersonen zijn eind 2020 gestart met een voorlichtingstraject om daarmee hun bekendheid, bereikbaarheid en rol binnen de school voor leerlingen te verbeteren. Dit bleek nodig met name op de locatie Pinksterstraat.

3.11 Sociale veiligheid Naar aanleiding van een aantal landelijke incidenten met ernstige afloop heeft de rijksoverheid in 2013 aan schoolbesturen de verplichting opgelegd meer aandacht te schenken aan de sociale veiligheid van leerlingen en medewerkers op school. Het bestuur moet ervoor zorgen dat een of meer personen verantwoordelijk zijn voor de coördinatie van deze sociale veiligheid. Binnen onze school is het sociale veiligheidsteam hiervoor verantwoordelijk. Het team bestaat uit een schoolbrede sociale veiligheidscoördinator (tevens aandachtsfunctionaris) en een sociale veiligheidscoördinator van elke deelschool. Dit team werkt aan de hand van een jaaragenda aan diverse thema’s ter bevordering van de sociale veiligheid. In de loop van het jaar zijn er binnen de deelscholen diverse workshops voor leerlingen aangeboden, zoals: ‘Veilig uit, veilig thuis’, ‘Respect en wat doe jij?’, ‘Mediawijsheid’, ‘Veilig online’. Nieuw in 2020 was de campagne ‘Geldezels’, in samenwerking met de schoolcontactpersoon van de politie. Dit jaar heeft ook weer de interactieve voorlichting “Gewoonte of verslaving” van Be Aware plaatsgevonden en is er ruim aandacht besteed aan (gender)diversiteit tijdens Paarse Vrijdag.

Jaarverslag en jaarrekening 2020

37

3.12 Klokkenluidersregeling De school heeft een klokkenluidersregeling. In 2020 zijn geen meldingen van een misstand gedaan. 3.13 Tevredenheidsonderzoeken Het systematisch evalueren van onze kwaliteit heeft onze voortdurende aandacht. Scholen zijn verplicht om elk jaar een tevredenheidsonderzoek af te nemen onder alle leerlingen en ouders. De tevredenheidonderzoeken worden uitgevoerd op specifieke thema’s zoals leerlingtevredenheid, schoolklimaat en veiligheid. De resultaten geven een impuls tot verdere verbetering van onze kwaliteit en onze schoolcultuur. Ouder- en leerlingtevredenheid In het voorjaar van 2020 is de ouder- en leerlingtevredenheid gemeten. De behaalde scores voor ouder- en leerlingtevredenheid staan in bijlage 3 waarbij per locatie/deelschool de hoogste en laagste scores in beeld zijn gebracht. Aan het einde van het schooljaar 2019-2020 is tevens een enquête afgenomen onder alle ouders, leerlingen en medewerkers met als onderwerp ‘Leren op afstand’. Hierbij is gevraagd naar ieders ervaringen over het afstandsonderwijs. In totaal zijn er ruim 1.000 reacties ontvangen. Leerlingen en ouders reageerden beiden ongeveer even veel. Uit de reacties werd duidelijk dat er veel waardering was voor onze aanpak. De  feedback die we hebben ontvangen, hebben we meegenomen voor de aanpak in het schooljaar 2020-2021.

Medewerkertevredenheid Om inzicht in de tevredenheid, de betrokkenheid en motivatie van de medewerkers te krijgen, worden onder het personeel tweejaarlijks tevredenheidsonderzoeken uitgevoerd. In het najaar van 2020 is de medewerkertevredenheid gemeten en vastgesteld. Het onderzoek is gehouden onder alle medewerkers van Winkler Prins. Het deelnamepercentage was 70%.De behaalde scores worden vergeleken met een landelijke benchmark. De algemene resultaten laten scores zien die ten opzichte van 2018 iets hoger zijn. Ten opzichte van de landelijke benchmark scoort Winkler Prins op alle punten boven het gemiddelde. De medewerkers van Winkler Prins zijn zeer tevreden met hun werk en voelen zich zeer betrokken bij de school als geheel en bij hun deelschool/ dienst. Zij zijn er zeer trots op om voor Winkler Prins te werken, zijn in hoge mate loyaal aan Winkler Prins en voelen zich zeer zeker van hun baan. Over de sfeer, de direct leidinggevende, bestuurder, de inhoud van het werk, de werkomstandigheden, de identiteit en de samenwerking zijn de medewerkers zeer tevreden. Een aantal onderdelen verdient aandacht. Het gaat dan met name om de gesprekscyclus, communicatie, persoonlijke ontwikkeling, arbeidvoorwaarden en werkdruk. De behaalde scores op een aantal hoofdaspecten zijn in bijlage 3 te vinden waarbij ook de benchmark in beeld is gebracht.

3.14 Scholen op de Kaart Op onze website kunnen via Scholen op de Kaart de resultaten per locatie worden bekeken. Tevens is het een ideaal instrument waarmee scholen op velerlei punten kunnen worden vergeleken. Het ‘rapport’ van Scholen op de Kaart bevat 20 onderdelen (indicatoren) die aangeven hoe de school presteert. Scholen op de Kaart werkt met gegevens van de Onderwijsinspectie, die ook gebruikt worden voor het Onderwijsresultatenmodel. Scholen op de Kaart voegt daar extra indicatoren aan toe, zoals tevredenheid, veiligheid, personeel en financiën. Zo kan een genuanceerder en eerlijk beeld worden gegeven van wat een school daadwerkelijk presteert. Zie ook www.scholenopdekaart.nl voor een vergelijking met andere scholen.

38

Jaarverslag en jaarrekening 2020

4. Toezicht en bestuur 4.1 Code Goed Onderwijsbestuur VO 2020: verslag van de bestuurder In 2019 heeft de VO-raad ingestemd met de actualisatie van de Code Goed Onderwijsbestuur VO. Deze geactualiseerde code is niet langer opgebouwd vanuit (voorschrijvende) richtlijnen, maar gebaseerd op vier principes: verantwoordelijkheid, professionaliteit, integriteit en openheid. Deze principes vormen de basis voor de wijze waarop bestuur en intern toezicht belangen afwegen en hun koers bepalen. De code is zo bedoeld om verdere bewustwording van de genoemde principes, kritische reflectie op de toepassing hiervan en het waardengedreven handelen van bestuur én intern toezicht te stimuleren. Door te kiezen voor een principlebased code wordt er een groter beroep gedaan op de verantwoordelijkheid van schoolbesturen en intern toezichthouders en wordt de code een meer inspirerend document dat aanzet tot gesprek. Daarnaast staan in de code 20 good practices, voor toepassing binnen de eigen onderwijsorganisatie en zijn regionale context. Deze good practices zijn behulpzaam bij het toepassen van de vier principes. Sommige practices zijn direct toepasbaar in de onderwijsinstelling, anderen zijn vooral bedoeld als input voor het onderlinge gesprek. De in de code genoemde practices zijn binnen Winkler Prins allen uitgewerkt, toegepast, dan wel onderwerp van gesprek.

De code bevat zo basisvoorwaarden voor goed bestuur en intern toezicht en is voor het overige en belangrijkste deel een ondersteunend, richtinggevend en ter inspiratie bedoeld instrument om de governance van onderwijsorganisaties te helpen vormgeven en de maatschappelijke opgave van het onderwijs te realiseren. De Raad van Toezicht en de bestuurder hebben de geactualiseerde Code Goed Onderwijsbestuur VO in 2019 vastgesteld als leidraad voor het handelen van bestuur en toezicht van Winkler Prins. De bestuurder legt in dit hoofdstuk de wijze waarop hij invulling heeft gegeven aan de code uit. In het volgende hoofdstuk doet de Raad van Toezicht hetzelfde in zijn eigen verslag. De code kent ook vier ‘pas toe-bepalingen’, die gelden als lidmaatschapseis en waaraan vanzelfsprekend moet worden voldaan. De lidmaatschapseisen zijn hiermee teruggebracht van zes naar vier overzichtelijke, meetbare en ‘harde’ eisen. Hieronder volgt een uitwerking van deze lidmaatschapseisen. Lidmaatschapseis 1 Het bestuur publiceert: a. het jaarverslag, conform de Regeling Jaarverslaglegging Onderwijs b. de statuten c. het bestuursreglement d. de samenstelling, nevenfuncties (zowel bezoldigd als onbezoldigd) en honorering van bestuur en toezichthouders e. de klachtenregeling f. de klokkenluidersregeling; g. de integriteitscode.

Verantwoording Alle in lidmaatschapseis 1 genoemde onderwerpen staan beschreven in het jaarverslag, dan wel in het handboek Governance Winkler Prins. Beide documenten staan op www.winklerprins.nl.

Jaarverslag en jaarrekening 2020

39

Lidmaatschapseis 2 Het bestuur rapporteert in het jaarverslag over de wijze waarop de evaluatie van het bestuur door het interne toezicht heeft plaatsgevonden. Verantwoording De Raad van Toezicht heeft begin 2017 een Toezicht- en toetsingskader Raad van Toezicht en een beoordelingskader bestuurder opgesteld (www.winklerprins.nl). Hierin zijn de volgende beoordelingsdomeinen opgenomen: 1. Functioneren bestuurder; 2. Instandhouding + strategische en operationele risico’s; 3. Kwaliteit; 4. Financieel beheer en treasurybeleid. Aan de hand van het Toezicht- en toetsingskader Raad van Toezicht en een beoordelingskader bestuurder hebben de Raad van Toezicht en de bestuurder jaardoelen voor de bestuurder voor 2020 afgesproken. Deze jaardoelen zijn begin 2021 geëvalueerd. Gedurende het schooljaar zoekt de Raad van Toezicht het contact met de Medezeggenschapsraad en het Managementteam om zich te laten informeren en een beeld te krijgen van hoe de beleving binnen de school is met betrekking tot het functioneren van de bestuurder. De remuneratiecommissie van de Raad van Toezicht heeft het jaarlijkse functioneringsgesprek met de bestuurder gevoerd. Hierbij is gesproken over de voortgang van het voorgaande jaar aan de hand van de afgesproken doelen, waaronder handhaving van het kwaliteitsprofiel, de voortgang van de digitalisering en huisvesting.

Voor het komende jaar zijn doelen afgesproken als handhaving van het kwaliteitsprofiel, verkenning regionale samenwerking en de professionalisering van de bestuurder.

Lidmaatschapseis 3 Een bestuurder in het voortgezet onderwijs kan niet tegelijkertijd de functie van intern toezichthouder vervullen bij een onderwijsorganisatie binnen de sector voortgezet onderwijs, niet zijnde een samenwerkingsverband voor passend onderwijs. Verantwoording In het Handboek Governance Winkler Prins is een Reglement Criteria nevenfuncties bestuurder Winkler Prins opgenomen die voldoet aan de uitgangspunten van lidmaatschapseis 3. In 2020 heeft de bestuurder conform dit Reglement gehandeld. Het Handboek Governance Winkler Prins staat op www.winklerprins.nl

Lidmaatschapseis 4 Een (oud-)toezichthouder in het voortgezet onderwijs kan niet binnen vier jaar na aftreden worden benoemd tot (dagelijks) bestuurder bij dezelfde onderwijsorganisatie als waar hij toezichthouder is of is geweest. Verantwoording In het Handboek Governance Winkler Prins is een regeling Integriteit, nevenfuncties en tegenstrijdige belangen RvT opgenomen die voldoet aan de uitgangspunten van lidmaatschapseis 4. In 2020 voldoen alle toezichthouders aan deze lidmaatschapseis. Het Handboek Governance Winkler Prins staat op www. winklerprins.nl Handboek Governance Stichting Winkler Prins In 2017 is het Handboek Governance Stichting Winkler Prins opgesteld. Het handboek heeft tot doel om het bestuurlijk en toezichthoudend proces binnen de organisatie op een transparante wijze vast te leggen ten behoeve van de interne en externe belanghebbenden. In het Handboek zijn de regels met betrekking tot het bestuurlijk en toezichthoudend proces opgenomen. Het kader waarbinnen het bestuurlijk en toezichthoudend proces vorm krijgt bestaat op hoofdlijnen uit de toepasselijke wetgeving, de Stichtingsstatuten en de Sectorcode VO. Het Handboek beschrijft volgens welke regels en procedures binnen het geschetste kader (de voorbereiding van) de besluitvorming en het toezicht daarop verlopen.

Ook de formele structuur van de organisatie met een beschrijving van de functionarissen, hun rol en hun profiel maakt deel uit van het Handboek. 40

Jaarverslag en jaarrekening 2020

4.2 Code Goed Bestuur: verslag van de Raad van Toezicht Positie Raad van Toezicht De Raad van Toezicht van Winkler Prins houdt toezicht op het beleid en het functioneren van het bestuur. De taken, bevoegdheden en werkwijze van de Raad zijn vastgelegd in de statuten en nader uitgewerkt in een Toezichtkader- en toetsingskader Raad van Toezicht en een Reglement intern toezicht. Deze documenten zijn onderdeel van het Handboek Governance Winkler Prins. Samenstelling en rooster van aftreden Raad van Toezicht Winkler Prins In 2020 hebben de leden van de Raad van Toezicht na zelfevaluatie en beoordeling van hun individueel functioneren en na overleg hierover met de Medezeggenschapsraad besloten om ieder afzonderlijk lid voor te dragen voor herbenoeming voor wederom een termijn van 4 jaren met ingang van 1 januari 2021. De gemeenteraad heeft dit voorstel in december 2020 bekrachtigd. Het komende jaar zal de Raad van Toezicht het rooster van aan- en aftreden evalueren en waar nodig bijstellen om de continuïteit van de samenstelling van de Raad van Toezicht op langere termijn te waarborgen. Op 31 december 2020 bestond de Raad van Toezicht uit de volgende leden: Naam

Aftredend Benoemd

Dhr. J. Cooijmans

2015

Dhr. F. Disch

2015

Dhr. J.B. Rijpkema

2015

Dhr. R. Schilt

2015

Dhr. F. Thomassen

2015

2017

2018

2019

2020

2021

2022

2023

2024

2025

Eerste benoeming Aftredend, nog éénmaal herbenoembaar Aftredend, niet herbenoembaar De leden van de Raad van Toezicht maakten allen een korte periode deel uit van de Bestuurscommissie Winkler Prins, het bevoegd gezag van Winkler Prins voordat in 2017 de Stichting Winkler Prins werd opgericht. De leden van deze bestuurscommissie werden destijds benoemd met de intentie dat allen vanaf de oprichting van de Stichting Winkler Prins zitting zouden nemen in de nieuwe Raad van Toezicht. Het rooster van aftreden is daarna opgesteld conform de Statuten Stichting Winkler Prins, artikel 10, lid 6. Activiteiten van de Raad van Toezicht De Raad heeft het afgelopen jaar vijf keer vergaderd. De RvT heeft de meeste vergaderingen als gevolg van de coronamaatregelen via digitale weg gevoerd. De belangrijkste besluiten van de Raad waren: • goedkeuring jaarverslag en jaarrekening 2020; • goedkeuring begroting 2020; • goedkeuring Beleidsplan en begroting 2021; • de dienstverlening met de accountant is in 2020 gecontinueerd. Naast voornoemde besluiten heeft de Raad veelvuldig overleg gevoerd met de bestuurder over met name de gevolgen van de Covid-19-pandemie en de in verband daarmee getroffen overheidsmaatregelen. Ook is gesproken over onder meer de nieuwbouw van Winkler Prins en diverse beleidsvraagstukken, zoals het beleid rond digitalisering van het onderwijs.

De Raad heeft in 2020 twee keer gesprekken gevoerd met de MR en het MT, in alle gevallen in afwezigheid van de bestuurder. De Raad stelt deze gesprekken, die in openheid worden gevoerd, op prijs en zal dit uiteraard ook in 2021 weer gaan doen. Ook in deze gesprekken is met name aandacht geweest voor de gevolgen van de Covid-19-pandemie voor Winkler Prins. Jaarverslag en jaarrekening 2020

41

De Raad heeft zijn functioneren geëvalueerd. De uitkomsten daarvan worden in actielijsten opgenomen. Van de zelfevaluatie wordt een kort verslag opgemaakt. Commissies De Raad van Toezicht kent drie vaste commissies: een Auditcommissie, een Remuneratiecommissie en een commissie Kwaliteit, Onderwijs & Personeel. De Auditcommissie ondersteunt bij het uitvoeren van de verantwoordelijkheden van de Raad als intern toezichthoudend orgaan, specifiek bij het uitoefenen van het toezicht op de financiële sturing door het bestuur. De Auditcommissie bestond in 2020 uit dhr. J. Cooijmans en dhr. F. Disch. De Auditcommissie heeft overleg gevoerd over de jaarrekening 2020 en de begroting 2021. De jaarrekening is door de Raad goedgekeurd na ook de accountant ter vergadering daarover te hebben gesproken. De Remuneratiecommissie ondersteunt de Raad bij het uitvoeren van de verantwoordelijkheden als intern toezichthoudend orgaan, specifiek bij het uitoefenen van de werkgeversrol richting het college van bestuur. De commissie bestond in 2020 uit dhr. J.B. Rijpkema en dhr. R. Schilt. De commissie heeft de Raad geadviseerd over beloning van de bestuurder, en heeft het jaarlijkse functioneringsgesprek gevoerd met de bestuurder. De commissie Kwaliteit, Onderwijs & Personeel bestond in 2020 uit dhr. Schilt en dhr. F. Thomassen. Code Goed Bestuur In 2019 is er een nieuwe Code Goed Bestuur verschenen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10566381/1