CConstaterende datVeendam
Koppel je AI →
Document · PDF

05-11-01 jaarrekening 2020 PGZ

Gemeenteraad 21 juni 2021, gemeente VeendamBij agendapunt: Ingekomen stukken en mededelingen27.803 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

: senior financieel adviseur : kwaliteitsfunctionaris : allround financieel medewerker : administratief medewerker bestellingen : adviseur informatiebeheer (tijdelijk) : administratief ondersteuner opleidingen en kwaliteit

Facilitair De huurcontracten van de locaties in de regio worden zijn in kaart gebracht en zo nodig herzien. Er ligt daarnaast een taakstelling op de kosten voor koffie/thee, multifunctionals en BHV. Met de invulling van de medewerker Bestellingen en het verbeteren van het bestelproces zijn de eerste stappen gezet tot inzicht krijgen in en het verlagen van de kosten. De reprokosten waren niet scherp aan het begin van het jaar. Ingeschat werd dat ze hoger liggen dan de opgave die de gemeente Groningen heeft gegeven. We werken samen toe naar een efficiënter proces en lagere kosten. We streven naar het afschaffen van de papieren folders. Ook de portokosten zijn hoog en willen we omlaag hebben. Dit gaat bereikt worden door de brieven te digitaliseren en kritisch te zijn op de onderliggende werkprocessen.

Verbeteren managementinformatie De GGD zet in op het verbeteren van de managementinformatie en monitoring voor gemeenten. Daartoe is gekozen voor de inzet van een BI-functionaris. Omdat dit een combifunctie is met functioneel beheerder AFAS en AFAS in de startperiode nog nader ingericht moet worden, is tijdelijk een AFAS-specialist ingehuurd. Op deze manier is het mogelijk om meer tijd en focus op de BIontwikkeling te hebben. In december 2020 is er een dashboard met monitoring gegevens beschikbaar gekomen voor de gemeenten. Dit zal in 2021 verder worden doorontwikkeld rekening houdend met de informatiebehoefte van de gemeenten.

Informatisering en automatisering De SLA ICT die afgesloten is met de gemeente Groningen bevat een aantal opdrachten tot bezuiniging op de ICT kosten. Om die reden is de beoogde functie I-manager nog niet ingevuld. Samen met ICT/gemeente Groningen wordt scherp gekeken naar de mogelijkheden om het aantal accounts omlaag te krijgen, het beheer van gebruik laptops/ipads etc. te verbeteren en het aantal verbindingen te verminderen. In het laatste kwartaal van dit jaar is aan een extern bedrijf gevraagd om een ICT-scan te maken en een advies te geven over de inrichting van het informatiemanagement van de GGD. Omdat veel medewerkers thuis moeten werken en de situatie langer duurt dan verwacht, is besloten de thuiswerkvoorzieningen te verbeteren.

GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2020

42

Jaarverslag en jaarrekening 2020 PG&Z Verbetering digitale dienstverlening In samenwerking met de JGZ-managers is een project gestart onder begeleiding van een externe partij ter optimalisatie van de werkprocessen JGZ. De processen zullen zo lean en digitaal mogelijk worden ingericht. Daarbij wordt ook kritisch gekeken naar de huidige digitale ondersteuning van de JGZ in het pakket MLCAS. Informatiebeheer In samenwerking met de gemeente Groningen is een project gestart waarbij het Informatiebeheer van de GGD conform de richtlijnen van de Archiefwet op orde wordt gebracht. Daarnaast is een SLA met de gemeente Groningen afgesloten voor operationele werkzaamheden binnen dit werkgebied. De GGD maakt gebruik van de voorzieningen van de gemeente (archiefruimte, postkamer, archiefsysteem). Het project ‘Schoon schip’ leidt ertoe dat alle bestanden van voor 1/1/2020 die eigendom van de gemeente Groningen zijn naar behoren worden gearchiveerd en overgedragen aan de gemeente Groningen. Accountant De GGD heeft een aanbestedingstraject gevolgd ten behoeve van het contracteren van een eigen accountant. Het Algemeen Bestuur heeft op 3 juli jl. Bentacera aangewezen als accountant. Bestellingen Er is gestart met het in kaart brengen en verbeteren de bestellingen van de GGD om dit efficiënter te maken en meer grip te krijgen op de uitgaven.

Het streven is om het kostenbewustzijn van de GGD op dit punt te verhogen. HRM De focus van HRM heeft het eerste half jaar met name gelegen op het op orde krijgen van alle HRMtaken in AFAS en het HRM-beleid van de gemeente om te zetten in HRM-beleid van de GGD. De laatste procedures worden eind 2020 geoptimaliseerd in AFAS. In de tweede helft van 2021 zal gestart worden met de aanschaf van een nieuwe functiewaarderingssysteem. In Q1 2021 wordt bepaald hoe de GGD om wil gaan met thuiswerken. Servicecentrum Binnen het Servicebureau en het Afsprakenbureau vinden veranderingen plaats door aanpassingen in de JGZ-processen. De insteek is om deze verandering op te vangen via natuurlijk verloop. Ondersteuningsplan Bedrijfsvoering heeft de ondersteuningsbehoefte in kaart gebracht en naar aanleiding daarvan de vacature van administratief ondersteuner voor opleidingen en kwaliteit ingevuld. DVO en gemeentelijke opbrengsten In onderstaande tabel zijn de bedragen per gemeente weergegeven die in 2020 in rekening zijn gebracht. De € 23,1 miljoen gemeentelijke opbrengsten kunnen worden gesplitst in: • •

Inwonersbijdrage (basistaken): Overige bijdragen (specifieke taken):

€ 15,7 mln € 7,4 mln

Daarnaast is er nog € 16,5 mln aan overige opbrengsten gerealiseerd in 2020, bestaande uit: • • •

Opdrachten derden: Subsidieopbrengsten: Meerkostenregeling Corona:

€ 3,7 mln € 2,4 mln € 10,4 mln

GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING PUBLIEKE GEZONDHEID & ZORG | JAARVERSLAG & JAARREKENING 2020

43

Tabel opbrengsten GGD Groningen 2020 per gemeente

3. JAARVERSLAG RIGG

3.1.

Programma RIGG

Wat houdt het deelprogramma in De RIGG heeft de opdracht om op het gebied van de Jeugdhulp voor de Groninger gemeenten de volgende taakgebieden in te richten en uit te voeren: 1. Inkoop en contractmanagement 2. Advies 3. Monitoring 4. Bijdrage aan de transformatie 5. Taken op het gebied van financiën, administratieve processen en ICT Wat hebben we bereikt en gedaan Het jaar 2020 stond voor de RIGG onder meer in het teken van de aanpassingen als gevolg van de coronamaatregelen. Zo werd er op onderdelen extra inzet gevraagd en kwamen de reguliere werkzaamheden op het gebied van inkoop- en contractmanagement, monitoring, advies, administratie, ICT en financiën in de eerste helft van 2020 onder druk te staan. Er is voor de regio samen met een vertegenwoordiging van gemeenten al snel een projectteam corona ingericht en hebben gemeenten en RIGG de financiële regelingen corona voor jeugdhulpaanbieders ontwikkeld en uitgevoerd. Daarnaast speelde het proces rondom de Uitvoeringsagenda een rol in onder andere de formulering van de opdracht voor de RIGG vanaf 2022. De besluitvorming hierover vindt in 2021 plaats. In 2020 is verder uitvoering gegeven aan het bedrijfsplan RIGG. In verband met het aflopen van de looptijd van het bedrijfsplan RIGG (tot en met 2020) is besloten om voor het jaar 2021 e.v. het bedrijfsplan te herijken.

Dit herijkte bedrijfsplan is vastgesteld in de vergadering van het Dagelijks Bestuur PG&Z op 20 november 2020. Naast de reguliere activiteiten heeft de RIGG in 2020 in samenhang met de gemeenten, jeugdhulpaanbieders en andere stakeholders inzet gepleegd op de volgende onderwerpen/dossiers: • Spoed voor jeugd Groningen (crisishulp) • Jeugdhulp Plus (stichting Elker – ‘t Poortje) • Niet gecontracteerde jeugdhulp (GGZ Drenthe) • Plan van aanpak Gecertificeerde Instellingen (GI’s) • Loon- en prijsindexatie • Voorbereiding en uitvoering bestuurlijke / strategische overleggen / (thema)bijeenkomsten Hierover is regelmatig gerapporteerd aan het Strategisch Opdrachtgevers Overleg (SOO) en aan de adviescommissie Jeugdhulp en het Dagelijks Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Publieke Gezondheid & Zorg (GR PG&Z).

1. Inkoop en contractmanagement Voor inkoop- en contractmanagement geldt dat de coronamaatregelen consequenties hebben gehad voor de uitvoering van de werkzaamheden. Zo zijn er met name in de eerste periode van de lockdown minder reguliere accountgesprekken gevoerd maar is er extra tijd geïnvesteerd in het projectteam corona vanuit waar ook gesprekken met de aanbieders zijn gevoerd. Deze gesprekken met jeugdhulpaanbieders gingen in de eerste corona periode voornamelijk over de zorgcontinuïteit en de uitvoering van de financiële compensatieregelingen voor de coronamaatregelen. De overige reguliere werkzaamheden zijn conform planning uitgevoerd. Zo zijn de wijzigings- en toetredingsrondes van de Open House uitgevoerd, is de jaarlijkse loon- en prijsbijstelling toegepast en heeft er extra inzet plaatsgevonden op de dossiers Spoed voor Jeugd, Stichting Elker/Jeugdhulpplus, de verbeterplannen voor de Gecertificeerde Instellingen (GI’s), de ontwikkelingen rondom het aanbod voor de doelgroep Licht Verstandelijke Beperking (LVB) en het contracteren van GGZ Drenthe. Ook is er vanuit Inkoop- en Contractmanagement ondersteuning geboden aan de trajecten van de Uitvoeringsagenda en de Transformatieagenda. 2. Advies De RIGG heeft een adviesfunctie over programmering, sturing en ontwikkeling van jeugdhulp naar alle gemeenten in de Gemeenschappelijke Regeling PG&Z.

Gemeenschappelijke adviezen over de transformatie van de jeugdhulp, of voorstellen voor samenwerkingsovereenkomsten of de inkoop worden mede door de RIGG, in samenwerking met de ambtenaren jeugd aan het SOO (Strategisch opdrachtgevers Overleg), de adviescommissie Jeugdhulp en het Dagelijks Bestuur PG&Z voorgelegd. Twee belangrijke dossiers die voor de gemeenten in 2020 zijn gestart, zijn de NvO (Norm voor Opdrachtgeverschap) en de Uitvoeringsagenda. Gemeenten trekken hierin gezamenlijk op, in beide dossiers is de RIGG betrokken. In de Uitvoeringsagenda treffen gemeenten samen de voorbereidingen voor een andere wijze van inkoop van Jeugdhulp vanaf 2022. Vanuit kennis en expertise en om de samenhang in het jeugdhulpaanbod en kwaliteit van het zorglandschap te waarborgen, is de RIGG aan verschillende tafels als adviseur betrokken bij de voortgang. 3. Monitoring Met het ter beschikking stellen van Power BI voor de Groninger gemeenten kunnen zij zelf lokale analyses maken en meer inzicht krijgen in de eigen kosten en de actuele stand van zaken (van indicaties tot declaraties). De RIGG heeft de beschikking over de regionale gegevens voor een regioanalyse. Er zijn diverse verbeteringen doorgevoerd in Power BI. Samen met de gemeenten is de inhoud van de monitor en het dashboard verder ontwikkeld. Dit blijft een continu proces.

De verbeteringen hebben niet alleen betrekking op de inhoud van de monitor en het dashboard. Het duiden van data, samen met gemeenten en aanbieders, krijgt ook steeds meer aandacht. Voorbeelden hiervan zijn rapportages met betrekking tot Spoed voor Jeugd en de GI’s. De rapportagetool Cognos die voor de komst van Power BI werd gebruikt, is inmiddels in afstemming met de gebruikers uitgefaseerd. 4. Bijdrage aan de transformatie De RIGG onderhoudt nauwe contacten met de gemeenten, zodat er een helder beeld is van wat er speelt op de verschillende niveaus in de uitvoering. Verder is het accountmanagement goed op de hoogte van de belangrijkste issues op het gebied van inkoop en contractmanagement. Naast de inkoop wordt op die manier invulling gegeven aan de ondersteuning van de transformatie. De samenwerking met beleidsambtenaren lijkt het laatste jaar veel meer op een netwerksamenwerking, waarbij vanuit gemeenschappelijke doelen en wensen samen wordt gewerkt om de best mogelijke resultaten voor de hele regio te behalen. De afstemming vindt plaats via het RIGG overleg en het Ambtelijk Overleg Jeugd (AOJ). In 2020 zijn gemeenten gaan werken volgens de nieuwe regionale overlegstructuur conform ‘De Grote Verbouwing’. Deze nieuwe werkwijze is in het

46

najaar met het SOO geëvalueerd, hetgeen heeft geresulteerd in de wens om de overlegstructuur te continueren. In 2021 zal de structuur ook bestuurlijk worden geëvalueerd.

5. Ondersteunende taken op het gebied van financiën, administratieve processen en ICT Het eerste half jaar heeft in het teken gestaan van de verantwoording kosten jeugdhulp 2019 naar gemeenten. Bij de verantwoordingen naar alle gemeenten is ook in 2020 een goedkeurende controleverklaring van de accountant verkregen. Daarnaast is er als gevolg van corona samen met gemeenten veel tijd besteed aan het ontwikkelen van de financiële regelingen in het kader hiervan. Dat heeft geresulteerd in een Omzetcompensatieregeling en een regeling Meerkosten. Op deze manier hebben de Groninger gemeenten de jeugdhulpaanbieders enigszins financiële zekerheid kunnen bieden en is het dekkend zorglandschap zo goed mogelijk behouden. Aan de Groninger gemeenten is verder regelmatig een prognose gegeven over de hoogte van de uitgaven, waarbij de prognoses in de loop van het jaar steeds nauwkeuriger zijn geworden. Vanuit ICT is gewerkt aan verbetering van de datakwaliteit, het optimaliseren van het berichtenverkeer en de gevolgen van de gemeentelijke herindelingen. Daarnaast is in 2020 samen met de Groninger gemeenten gestart met een project om de inrichting van de regionale jeugdhulpadministraties opnieuw te bekijken. Dit naar aanleiding van het project waarbij de Gemeente Groningen bezig is het applicatielandschap te vernieuwen, waar de Suite4JZ onderdeel van is.

Wat heeft het gekost? Primitieve Actuele Jaarrekening Afwijking Begroting Begroting

Wat heeft het gekost (bedragen * € 1.000)

Deelprogramma RIGG

baten of lasten Programma- onderdeel lasten Totaal lasten

RIGG

baten

Reserve-mutaties

47

Bijdrage gemeenschappelijke regeling Overige bijdragen Totaal baten Gerealiseerd saldo baten en lasten Toevoeging Onttrekking Gerealiseerd resultaat

2020 2.956

2020 2.956

2020 3.066

2020 -110

-2.956

-2.956

-

-2.956 -

-2.956 -

-2.956 -83 -3.039 27 -300 -273

83 83 -27 300 273

4. PARAGRAFEN Volgens het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) provincies en gemeenten kent de begroting een aantal verplichte paragrafen. In deze jaarrekening zijn de paragrafen Weerstandsvermogen en Risicobeheersing, Bedrijfsvoering en Financiering opgenomen. De overige verplichte paragrafen (Lokale heffingen, Onderhoud kapitaalgoederen, Verbonden partijen en Grondbeleid) zijn niet van toepassing en derhalve niet opgenomen.

4.1.

Paragraaf: Weerstandsvermogen en risicobeheersing

4.1.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het BBV schrijft voor dat we in de jaarrekening een beoordeling moeten geven van het weerstandsvermogen. Deze beoordeling geeft aan hoe robuust de begroting is. Een robuuste begroting houdt volgens de BBV-voorschriften in dat niet elke financiële tegenvaller in de begroting dwingt tot bezuinigen. De beoordeling van het weerstandsvermogen bestaat uit de volgende componenten: 1.

2. 3. 4.

een inventarisatie van de weerstandscapaciteit; de weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en mogelijkheden waarover de gemeenschappelijke regeling beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken, een inventarisatie van de risico’s en ontwikkelingen; een beoordeling van de weerstandscapaciteit en de risico’s de kengetallen ter ondersteuning van de beoordeling van de financiële positie.

4.1.2 Weerstandscapaciteit PG&Z-regeling De beschikbare weerstandscapaciteit is gelijk aan de algemene reserve per 31 december 2020 van € 1.057.000. De bestemmingsreserves dienen ter afdekking van incidentele uitgaven en zijn derhalve buiten de risico-afweging voor het weerstandsvermogen gehouden. In de begroting is de aard van de bestemmingsreserve beschreven. Ten aanzien van de RIGG zijn geen risico’s te onderkennen. De algemene reserve van de RIGG is niet beschikbaar voor risico’s van de GGD.

4.1.3 Inventarisatie risico’s en ontwikkelingen De GGD monitort periodiek de risico’s voor uitvoering van de GGD-taken in het kader van de P&C cyclus. Onderstaand overzicht geeft een actueel beeld van de risico’s van de GGD. Voor de afdekking van deze middelen zijn geen middelen beschikbaar en dient de weerstandscapaciteit. In deze paragraaf wordt een toelichting gegeven op de risicoparagraaf van het programma gezondheid.

48

nummer Financiële risico's 1 WW risico 2 Boventalligheid 3 Verminderen en uitname taken 4 Indexering 5 Kostendekkendheid forensische geneeskunde Totaal financiële risico's

risico-inschatting 40.000 130.000 370.000 100.000 25.000 665.000

1. WW-risico Risico De rekening van het UWV voor medewerkers die in de WW komen en een WW-uitkering ontvangen komt ten laste van de GGD. GGD werkt voor tijdelijke opdrachten in de regel met tijdelijke aanstellingen. Indien een aanstelling niet wordt verlengd door krimp van de vraag is er een potentieel WW-risico. Dit risico wordt ingeschat op € 40.000 per medewerker, waarbij wordt uitgegaan van twee medewerkers. In de begroting is een budget opgenomen van € 40.000 voor dekking van het WW-risico van één medewerker. Kans Het jaarlijkse WW-risico wordt geschat op € 80.000, waarbij we uitgaan van 2 medewerkers per jaar. Derhalve resteert nog een claim op het weerstandsvermogen van € 40.000. Beheersmaatregelen De GGD zal tijdelijke opdrachten of de flexibele schil minder met tijdelijke contracten moeten invullen en meer met een constructie via pay roll of externe inhuur.

2. Risico boventallige medewerkers Risico Ervaring van de afgelopen jaren leert dat de situatie van boventalligheid of medewerkers die op een ander spoor komen door veranderende werkzaamheden, gemiddeld 2 medewerkers op jaarbasis zijn. Het risico wordt geraamd op € 65.000 per medewerker. Kans De claim op het weerstandsvermogen is € 130.000. Hiermee kan het risico voor twee medewerkers voor een jaar worden opgevangen. Beheersmaatregelen Boventallige medewerkers worden zo snel mogelijk opgenomen in een herplaatsingstraject. Eens per kwartaal wordt de voortgang van het traject geëvalueerd. Als er sprake is van onvoldoende voortgang wordt binnen twee jaar een ontslagtraject ingezet.

49

3. Risico taakuitname en verminderen contracten derden Risico Dit risico houdt in dat gemeenten en/of derden contracten met de GGD opzeggen of verlagen. De GGD zal dan de capaciteit moeten verlagen of verschuiven en de overhead naar rato moeten verlagen. Ingewikkeld is dat de GGD niet zonder meer binnen het personeelsbestand kan schuiven. Ook heeft de overhead vooral een vast karakter. Gezien de opzeggingen en verlagingen van de laatste jaren is de GGD minder flexibel geworden om nieuwe taakuitnames op te vangen. Facultatieve taken De totale omvang van de facultatieve taken van de GGD is ca. € 5 mln. De dienstverlening tussen de deelnemende gemeenten en de GGD wordt met dienstverleningsovereenkomsten afgestemd en vastgelegd. De deelnemende gemeenten hebben voor 2021 voor ca. € 0,6 mln. aan taken opgezegd. Voor 2022 is de omvang van het aantal opgezegde taken relatief beperkt gebleven. Gezien de opzeggingen van de afgelopen jaren, is het gemiddelde ca € 0,2 mln. per jaar. Deze omzet is voor 2/3 primair personeel en voor 1/3 overhead. De frictieregeling is in 2019 bijgesteld om vooral de structurele teruggang in overhead tijdelijk op te kunnen vangen. Als dit tempo echter doorgaat komt er een punt dat de overhead structureel niet meer is terug te brengen of tijdelijk is op te vangen met de frictieregeling.

Wettelijke taken De GGD heeft in 2019 opdracht gekregen van de deelnemende gemeenten om door middel van een kerntakendiscussie € 750.000 structureel te bezuinigen op de wettelijke taken, die in solidariteit zijn gefinancierd vanaf 2022 en indien mogelijk vanaf 2021. De kerntakendiscussie in 2020 heeft niet geleid tot een structurele bezuiniging op de wettelijke taken. Wel is afgesproken om incidenteel 2% te bezuinigen op de inwonersbijdrage voor 2021. Hiermee kan niet worden uitgesloten dat in de toekomst aanvullend bezuinigd moet worden op de basistaken. Kans • •

•

De kerntakendiscussie zou op termijn nog kunnen leiden tot een structurele bezuiniging op de wettelijke taken. Dit zou een claim van € 250.000 betekenen op het weerstandsvermogen. Gezien de maatregelen ten aanzien van de facultatieve taken is de kans dat dit risico extra incidentele effecten heeft vooral aanwezig bij de overhead. De claim op het weerstandsvermogen is € 70.000, uitgaande van € 210.000 aan opgezegde facultatieve taken. Ten aanzien van de opdrachten met derden is de inschatting, dat dit risico zich 1 keer in de twee jaar zich voordoet. Uitgaande van een jaarlijkse opzegging van € 100.000 is sprake van een claim op het weerstandsvermogen van € 50.000.

Beheersmaatregelen Het risico van taakuitname is vooral gelegen in de overhead en medewerkers primair proces, die 1 op 1 zijn verbonden aan de opdracht. Indien dat laatste niet het geval is kan met natuurlijk verloop de afname voor een deel worden opgevangen. Ook wordt op het moment van taakuitname bekeken of medewerkers zo snel mogelijk ingezet kunnen worden op formatieplaatsen die nog niet bezet zijn of die vrijkomen. In het geval van herplaatsing worden medewerkers binnen twee weken in een herplaatsingstraject geplaatst. Bij grotere uitname van taken bestaat het risico dat de vaste overhead moet krimpen. Het gaat hierbij om onder andere de huisvesting en ICT. In de afspraken met de gemeente Groningen is

50

vastgelegd dat een bezuiniging op de overhead ook effect heeft op de service level agreements SLA’s) met de gemeente Groningen.

4. Risico indexering Risico De loonindexering en prijsindexering wordt vooraf ingeschat. Achteraf blijkt vaak dat de indexering te laag is ingeschat. Dit wordt structureel een jaar later hersteld, maar niet met terugwerkende kracht. Incidenteel is er een nadeel in het jaar dat de indexering te laag bleek ingeschat. We houden rekening met een bedrag van € 200.000 conform voorgaande jaren. Kans De kans dat het risico zich voordoet wordt op 50% geschat, waarmee de claim op het weerstandsvermogen € 100.000 bedraagt Beheersmaatregel Jaarlijks voldoende aandacht voor toereikende indexeringsafspraken bij de ontwerpbegroting op basis van actuele (markt)ontwikkelingen.

5. Risico kostendekkendheid forensische geneeskunde Risico De kostendekkendheid van de forensische geneeskunde staat onder druk. De productie omzet van deze exploitatie is normaliter ca. € 560.000, waarvan € 350.000 vanuit het Politie-contract en het restant hoofdzakelijk uit de lijkschouw voor gemeenten. De vaste kosten liggen hoger. Het risico, dat afhankelijk is van de omvang van de productie, is ongeveer € 50.000. Punt is dat het contract met de Politie vastligt en niet kan worden aangepast tot de nieuwe aanbesteding (vermoedelijk per 2022). Het risico ten aanzien van de aanbesteding van de medische arrestantenzorg door de Politie is actueel. Het risico is dat € 0,2 mln. aan omzet bij een aanbesteding (vanaf 2022) kan vervallen. Dit betekent ook iets voor de (kostendekkendheid van de) dienstverlening in het kader van de lijkschouw aan gemeenten. Naar verwachting ontstaat hierover op korte termijn meer duidelijkheid. Het omzetrisico van het wegvallen van deze taak is deels bij punt 7 meegenomen. Dit zal echter ook consequenties hebben voor de tarifering en uitvoering van de lijkschouw aan gemeenten. Kans De kans dat bovengenoemde risico’s optreden wordt geschat op 50%. Het risico bedraagt daarmee € 25.000. Beheersmaatregelen Op de productie kan niet worden gestuurd. De beheersmaatregel is dat de uitgaven goed worden gemonitord.

51

6. Exit-risico De GGD heeft SLA’s met de gemeente Groningen afgesloten voor een periode van 5 jaar vanaf 2020. De GGD heeft de mogelijkheid om na 3 jaar de SLA’s op te zeggen met wederzijds goedvinden en op een andere manier de overhead te organiseren. Deze exit zou de definitieve ontvlechting van de gemeente Groningen betekenen. Dit betekent dat tegen die tijd een business-case moet worden opgesteld rond deze veranderende bedrijfsvoering. Deze exit zal gepaard gaan met incidentele kosten. Het restant van de reserve verzelfstandiging zal hiervoor worden aangehouden om deze exit incidenteel op te vangen. In structurele zin is er een risico ten aanzien van de korting van € 300.000 op de overhead, waarmee de gemeente Groningen nu de GGD compenseert voor hogere BTW kosten op de (door gemeente Groningen) geleverde overhead. Indien de GGD geen overhead meer afneemt van de gemeente is er een risico dat deze compensatie vervalt. Dit risico zal zich vanaf 2024 voordoen.

4.1.4 Beoordeling toereikendheid weerstandsvermogen Voor het programma Gezondheid bedragen de vrije reserves die tot het weerstandsvermogen gerekend mogen worden per begin boekjaar 2020 € 1.057.000. De resultaatbestemming van 2020 die in de jaarrekening van 2021 wordt verwerkt leidt tot een toename van de algemene reserve naar € 1.413.000. Het weerstandsvermogen binnen het programma Gezondheid is gezien de benodigde weerstandscapaciteit toereikend. Voor het programma RIGG bedragen de vrije reserves die tot het weerstandsvermogen gerekend mogen worden per ultimo boekjaar 2020 € 283.000. De resultaatbestemming van 2020 die in de jaarrekening van 2021 wordt verwerkt leidt tot een toename van de algemene reserve naar € 556.000. Er zijn geen risico’s te onderkennen voor het programma RIGG. Het weerstandsvermogen binnen het programma RIGG is gezien de benodigde weerstandscapaciteit toereikend.

4.1.5 Kengetallen ter ondersteuning van de beoordeling van de financiële positie Kengetallen zijn getallen die de verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie van de gemeenschappelijke regeling. Om dit te bereiken wordt vanuit het BBV voorgeschreven dat de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing minimaal de volgende kengetallen bevat: netto schuldquote, solvabiliteitsratio en structurele exploitatieruimte. Hieronder wordt per kengetal weergegeven welke verhouding wordt uitgedrukt: De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeenschappelijke regeling in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen

52

vermogen als percentage van het totale balanstotaal. Het eigen vermogen van de gemeenschappelijke regeling bestaat volgens artikel 42 van het BBV uit de reserves (zowel de algemene reserve als de bestemmingsreserves) en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. De structurele exploitatieruimte vergelijkt de structurele baten en structurele lasten met de totale baten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder rente en aflossing) te dekken. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten (zie artikel 17, onderdeel c, van het BBV) en uitgedrukt in een percentage.

R e k e ning 2 0 2 0

V e rlo o p v a n de k e nge t a lle n

Kengetallen:

Rekening 2019

Rekening 2020

B egro ting 2020

netto schuldquo te

19%

-12%

-2%

so lvabiliteitsratio

19%

24%

8%

structurele explo itatieruimte

10%

0%

-1%

De functie van de RIGG als ‘administratiekantoor’ bepaalt in belangrijke mate de uitkomst van de kengetallen in de balans. Dit verklaart de schommelingen en vertroebelt het inzicht in de kengetallen.

4.2.

Paragraaf: Financiering

De PG&Z-regeling financiert haar investeringen in beginsel uit eigen middelen, verkregen uit bijdragen van deelnemende gemeenten. Wanneer de eigen middelen ontoereikend zijn kan voor investeringen aanvullende financiering worden aangetrokken. In 2012 heeft het bestuur besloten om via de gemeente Groningen een lening aan te trekken ter waarde van 1 miljoen. De lening was aangegaan om de vervanging van een Mobiele Röntgen Unit (MRU) voor de TBC-bestrijding in Groningen, Drenthe en Friesland te financieren. De aanschaf heeft plaatsgevonden in het tweede kwartaal van 2013. De lening is halverwege 2013 geëffectueerd. Om het risico van renteaanpassing en herfinanciering bij langlopende leningen (> 1 jaar) te beperken is de renterisiconorm ingesteld. Deze norm is bij ministeriële regeling bepaald en houdt in, dat de jaarlijks verplichte aflossingen en de renteherzieningen niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. Uit het volgende overzicht blijkt dat ruim binnen de renterisiconorm wordt gebleven.

53

Berekening renterisiconorm (in mln.) 1. Rente herziening 2. Betaalde aflossing 3. Renterisico (1+2) 4. Begrotingstotaal 5. Vastgesteld percentage Renterisiconorm (4*5)

2020

Ruimte (+) c.q. overschrijding (-)

6,1

0,1 0,1 31,1 0,2 6,2

4.3.

Paragraaf: Bedrijfsvoering

Sinds 1 januari 2020 is de nieuwe afdeling Bedrijfsvoering een feit. De huidige stand van zaken en beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering zijn reeds uitgewerkt in paragraaf 2.7.

54

5. JAARREKENING 2020

5.1.

Overzicht van baten en lasten Primitieve Begroting

Overzicht van baten en lasten PG&Z Programma Gezondheid - GGD

baten ofDeelprogramma lasten lasten Gezond en Veilig Opgroeien Gezondheid beschermen en bevorderen Adviseren over gezonde wijken, dorpen en steden Inspecteren en adviseren van locaties ter bevordering van Totaal lasten programma Gezondheid

2020 17.921 9.010 1.500 1.413 29.844

2020 17.816 9.260 2.800 1.343 31.219

2020 17.685 18.476 2.208 1.210 39.579

2020 131 -9.216 592 133 -8.360

Gezondheid - GGD

baten

-17.921 -9.010 -1.410 -1.413 -29.754

-17.766 -9.260 -1.710 -1.343 -30.079

-17.592 -18.597 -1.858 -1.210 -39.257

-174 9.337 148 -133 9.178

Overhead - RIGG

lasten RIGG baten RIGG Totaal programma RIGG

2.956 -2.956 0

3.326 -2.956 370

3.066 -3.039 27

260 83 343

25 0 0 0 115 -115 0 -115 0

164 0 0 -370 1.304 -1.304 0 -1.304 0

13 0 0 0 362 -691 -300 -991 -629

151 0 0 -370 942 -613 300 -313 629

Overhead Algemene dekkingsmiddelen Vennootschapsbelasting Onvoorzien Reserve-mutaties

5.2.

Gezond en Veilig Opgroeien Gezondheid beschermen en bevorderen Adviseren over gezonde wijken, dorpen en steden Inspecteren en adviseren van locaties ter bevordering van Totaal baten programma Gezondheid

Overhead incidenteel Algemene dekkingsmiddelen Vennootschapsbelasting Onvoorzien Gerealiseerd saldo van baten en lasten Programma Gezondheid programma RiGG totaal mutaties reserves Gerealiseerd resultaat

Toelichting overzicht van baten en lasten

Programma (* € 1.000) Gezondheid - GGD

Deelprogramma Toelichting Gezond en Veilig Opgroeien Diverse incidentele effecten Gezondheid beschermen en bevorderen Diverse incidentele effecten Adviseren over gezonde wijken, dorpen Project enaardbevingen steden Inspecteren en adviseren van locaties ter bevordering van Overhead incidenteel Vacatures later of niet ingevuld Voorziening langdurig zieken Overige incidentele effecten Totaal overhead incidenteel

Resultaat -93 N 121 V -350 N 0 175 V -283 N 95 V -13 N

Totaal Gezondheid

-335 N

RIGG

-27 N

Totaal PG&Z

55

Actuele Jaarrekening Afwijking Begroting

Gerealiseerd saldo van baten en lasten

-362 N

Toelichting resultaat Programma Gezondheid Het saldo van baten en lasten in 2020 bedraagt € 335.000 negatief. Het resultaat van het programma Gezondheid wordt sterk beïnvloed door uitgaven in het kader van het project aardbevingen van € 384.000, incidentele uitgaven in het kader van de verzelfstandiging/organisatieontwikkeling van € 162.000, uitgaven voor het verbeteren van de managementinformatie van € 50.000 en de uitvoeringskosten van de gezondheidsmonitor van € 95.000. Het gaat in totaal om € 691.000 dat wordt onttrokken aan de betreffende bestemmingsreserves. Uitgaande van bovenstaande onttrekkingen is sprake van een gerealiseerd resultaat van € 356.000. Er is sprake van een negatief saldo van baten en lasten van € 13.000 op het gebied van overhead. Er zijn incidentele voordelen behaald in 2020 door lagere overheadkosten als gevolg van uitstel van verbeteringsprojecten en het later invullen van vacatures op het gebied van bedrijfsvoering. Daarnaast is er in 2020 een voorziening langdurig zieken gevormd, wat heeft geleid tot een extra last van € 283.000 in 2020. Het negatieve saldo van baten en lasten bij het deelprogramma Adviseren over gezonde wijken, dorpen en steden ad € 350.000 wordt voornamelijk veroorzaakt door € 384.000 uitgaven voor het project Aardbevingen waar een bestemmingsreserve voor is gevormd.

Daarnaast is sprake van uitgaven voor het project gezondheidsmonitor waar ook € 95.000 vanuit de bestemmingsreserve wordt gefinancierd. In vrijwel alle deelprogramma’s zijn er incidentele voordelen en nadelen.

Toelichting resultaat programma RIGG Het financiële resultaat op bedrijfsvoering RIGG 2020 is € 27.000 lager dan het begrote resultaat van € 0. Er zijn diverse afwijkingen ten opzichte van de begroting. De hogere lasten (€ 110.000) zijn voornamelijk veroorzaakt doordat in de begroting geen rekening was gehouden met de bijdrage aan het project spoed voor jeugd van € 300.000. Daarentegen vielen andere kosten € 190.000 lager uit dan begroot. Van deze € 190.000 werd circa € 159.000 veroorzaakt door lagere personele kosten. De hogere baten van € 83.000 zijn veroorzaakt doordat in de begroting geen rekening was gehouden met de separate doorbelasting IT-kosten aan gemeenten. Per saldo bedraagt het negatieve resultaat voor de PG&Z-regeling als geheel € 362.000 Voor een nadere toelichting op de financiële resultaten verwijzen we naar de deelprogrammarekening in de Jaarrekening 2020.

56

5.3.

Toelichting deelprogramma’s Gezondheid (GGD) Primitieve Begroting

Deelprogramma Gezond en veilig opgroeien

baten of lasten lasten

Programma- onderdeel Totaal lasten

Gezond en veilig opgroeien

baten

Totaal baten Gerealiseerd saldo baten en lasten Toevoeging Onttrekking Gerealiseerd resultaat

Reserve-mutaties

Actuele Begroting

Jaarrekening Afwijking

2020 17.921

2020 17.816

2020 17.685

2020 -131

-17.921 0 0 0 0

-17.766 50

-17.592 93 0 -50 43

-174 -43 0 0 -43

-50 0

Toelichting Het gerealiseerde saldo baten en lasten van het deelprogramma Gezond en veilig opgroeien bedraagt € 93.000 negatief. Hiervan is € 50.000 gereserveerd voor het verbeteren van de management informatie en monitoring. De lagere totale baten wordt met name veroorzaakt door lagere opbrengsten stevig ouderschap en lagere AIOS-opbrengsten dan begroot.

Primitieve Begroting Deelprogramma baten of lasten Programma- onderdeel Gezondheid beschermen en bevorderen lasten Totaal lasten Gezondheid beschermen en bevorderen baten Reserve-mutaties

Totaal baten Gerealiseerd saldo baten en lasten Toevoeging Onttrekking Gerealiseerd resultaat

Actuele begroting

Jaarrekening Afwijking

2020 9.010

2020 9.260

2020 18.476

2020 -9.216

-9.010 0 0 0 0

-9.260 0 0 0 0

-18.597 -121 0 0 -121

9.337 121 0 0 121

Toelichting In het deelprogramma Gezondheid beschermen en bevorderen zit onder meer het product Infectieziektenbestrijding (IZB). De meerkosten als gevolg van COVID worden apart verantwoord als subproduct van IZB en bedragen € 9.562.000. Dit verklaart de enorme stijging van lasten en baten van dit deelprogramma ten opzichte van de begroting. Het voordelige resultaat van € 121.000 wordt met name veroorzaakt door een tijdelijk voordeel in de personele kosten doordat een vacature pas in 2021 is ingevuld. Daarnaast is sprake van relatief kleine incidentele voordelen en nadelen per product.

57

Primitieve Actuele Jaarrekening Afwijking Begroting Begroting Deelprogramma Adviseren over gezonde wijken, dorpen en steden

baten of lasten Programma- onderdeel lasten Totaal lasten

Adviseren over gezonde wijken, dorpen en steden

baten

Reserve-mutaties

Totaal baten Gerealiseerd saldo baten en lasten Toevoeging Onttrekking Gerealiseerd resultaat

2020 1.500

2020 2.800

2020 2.208

2020 592

-1.410 90 0 -90 0

-1.710 1.090 0 -1.090 0

-1.858 350 0 -479 -129

148 740 0 -611 129

Toelichting Het deelprogramma Adviseren over gezonde wijken, dorpen en steden heeft een negatief saldo van € 350.000 gerealiseerd in 2020. Hiervan wordt € 479.000 gefinancierd uit de bestemmingsreserves. De € 129.000 positieve afwijking ten opzichte van de begroting wordt met name veroorzaakt door extra subsidieopbrengsten en tijdelijke voordelen door later invullen van vacatureruimte.

Primitieve Begroting Deelprogramma Inspecteren en adviseren van locaties ter bevordering van de kwaliteit, veiligheid en hygiene

baten of lasten Programma- onderdeel lasten Totaal lasten

Inspecteren en adviseren van locaties ter bevordering van de kwaliteit, veiligheid en hygiene

baten

Reserve-mutaties

Totaal baten Gerealiseerd saldo baten en lasten Toevoeging Onttrekking Gerealiseerd resultaat

Actuele Begroting

Jaarrekening Afwijking

2020 1.413

2020 1.343

2020 1.210

2020 133

-1.413 0 0 0 0

-1.343 0 0 0 0

-1.210 0 0 0 0

-133 0 0 0 0

Toelichting Het deelprogramma bevat het product Toezicht & Advies. Hier is gedurende 2020 sprake geweest van een lager aantal inspecties en daarmee gederfde inkomsten als gevolg van Corona. Deze gederfde inkomsten zijn gecompenseerd door het Rijk uit hoofde van de meerkostenregeling.

58

5.4.

Toelichting deelprogramma RIGG

Primitieve Begroting Deelprogramma RIGG

baten of lasten Programma- onderdeel lasten Totaal lasten

RIGG

baten

Reserve-mutaties

Bijdrage gemeenschappelijke regeling Overige bijdragen Totaal baten Gerealiseerd saldo baten en lasten Toevoeging Onttrekking Gerealiseerd resultaat

Actuele Jaarrekening Afwijking Begroting

2020 2.956

2020 2.956

2020 3.066

2020 -110

-2.956

-2.956

-

-2.956 -

-2.956 -

-2.956 -83 -3.039 27 -300 -273

83 83 -27 300 273

Toelichting Het gerealiseerde saldo van baten en lasten op bedrijfsvoering RIGG 2020 is € 27.000 lager dan het begrote resultaat van € 0. Er zijn diverse afwijkingen ten opzichte van de begroting. De hogere lasten (€ 110.000) zijn voornamelijk veroorzaakt doordat in de begroting geen rekening was gehouden met de bijdrage aan het project spoed voor jeugd van € 300.000. Daarentegen vielen andere kosten € 190.000 lager uit dan begroot. Van deze € 190.000 werd circa € 159.000 veroorzaakt door lagere personele kosten. De hogere baten van € 83.000 zijn veroorzaakt doordat in de begroting geen rekening was gehouden met de separate doorbelasting IT-kosten aan gemeenten.

5.5.

Overzicht incidentele baten en lasten

Voor een toelichting op de incidentele baten en lasten wordt verwezen naar paragraaf Toelichting overzicht van baten en lasten.

59

6. BALANS

6.1. Activa Activa (* € 1.000)

GGD

31-12-2019 RIGG

PG&Z

GGD

31-12-2020 RIGG PG&Z

Immateriële vaste activa kosten sluiten geldleningen kosten onderzoek en ontwikkeling Materiële vaste activa - investeringen met economisch nut - investeringen met maatschappelijk nut

367

367

270

367

270

270

Financiële vaste activa a. kapitaalverstrekkingen aan: 1. deelnemingen 2. gemeenschappelijke regelingen 3. overige verbonden partijen b. leningen aan: 1. woningbouwcorporaties 2. deelnemingen 3. overige verbonden partijen c. overige langlopende leningen d. overige uitzettingen > 1 jaar e. bijdrage aan activa voor derden Totaal vaste activa

367

0

Voorraden a. grond- en hulpstoffen 1. niet in exploitatie genomen bouwgrond 2. grond- en hulpstoffen b. onderhanden werk c. gereed product en handelsgoederen d. vooruitbetalingen

69

Uitzettingen korter dan een jaar a. vorderingen op openbare lichamen b. Schatkistbankieren c. RC-verhoudingen met niet financiële instellingen d. overige vorderingen e. overige uitzettingen

60

0

270

69

16.300

16.300

8.095 4.642

4.953

215

215

76

0

13.048 4.642 0 76

Liquide middelen

2.726

-122

2.604

5

29.801

29.806

Overlopende activa

1.648

265

1.913

58

0

58

Totaal vlottende activa

4.374

16.658

21.032

12.945

34.754

47.699

Totaal activa

4.741

16.658

21.399

13.215

34.754

47.969

6.2. Passiva Passiva (* € 1.000) Eigen vermogen algemene reserve bestemmingsreserves voor egalisatie tarieven overige bestemmingsreserves onverdeeld resultaat Voorzieningen Vaste schulden van langer dan een jaar a. obligatieleningen b. onderhandse leningen aan: 1. binnenlandse pensioenfondsen en verzekeraars 2. binnenlandse banken en ov. financiële instellingen 3. binnenlandse bedrijven 4. openbare lichamen 5. overige binnenlandse sectoren 6. buitenlandse instellingen c. door derden belegde gelden d. waarborgsommen e. vooruitontvangen bedragen langer dan 1 jaar Totaal vaste passiva

61

GGD

31-12-2019 RIGG

PG&Z

GGD

31-12-2020 RIGG PG&Z

729

238

967

1.057

283

1.340

880 1.726

70 345

950 2.071

1.586 356

70 273

1.656 629

0

0

283

283

400

400

300

300

3.735

653

4.388

3.582

626

4.208

Netto vlottende schulden korter dan een jaar a. kasgeldleningen o/g b. bank- en girosaldi c. overige schulden

11

93

0 104

7.353

952

0 8.305

Overlopende passiva

995

15.912

16.907

2.280

33.176

35.456

Totaal vlottende passiva

1.006

16.005

17.011

9.633

34.128

43.761

Totaal passiva

4.741

16.658

21.399

13.215

34.754

47.969

6.3.

Waarderingsgrondslagen

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Inleiding De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft en de verordening ex artikel 212 Gemeentewet, waarin door het AB de uitgangspunten voor het financiële beleid, alsmede de regels voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie zijn vastgesteld. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn. Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben, onverschillig of zij tot inkomsten of uitgaven in dat jaar leiden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q.

schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvinden; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken en dergelijke. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume word geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld reorganisaties) dient wel een verplichting opgenomen te worden. Vennootschapsbelasting De PG&Z stelt zich op het standpunt dat zij geen ondernemingsactiviteiten heeft ontplooit en derhalve is geen fiscale positie uit hoofde van de vennootschapsbelasting opgenomen in de jaarrekening.

Balans Vaste activa Activa die bedoeld zijn om de uitoefening van de werkzaamheid van de gemeenschappelijke regeling duurzaam te dienen. Materiële vaste activa met economisch nut Overige investeringen met economisch nut Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen word op het saldo afgeschreven. Alle materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de oorspronkelijke verkrijgingsprijs (de inkoopprijs en de bijkomende kosten) of vervaardigingsprijs (de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige directe kosten),

62

verminderd met de ontvangen subsidies en bijdragen die direct gerelateerd zijn aan het actief, de jaarlijkse afschrijvingslasten en afwaarderingen wegens duurzame waardeverminderingen. Duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen. Slijtende investeringen worden met ingang van het jaar nadat de investering is verworven op jaarbasis afgeschreven. De afschrijving geschiedt lineair. De op de oorspronkelijke verkrijgings- of vervaardigingsprijs toegepaste jaarlijkse afschrijvingen corresponderen met een stelsel dat is afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur (kortste van de geschatte economische levensduur óf technische gebruiksduur) van de geactiveerde objecten en voorzieningen. De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren : Dienstauto’s 6-8 Mobiele röntgenapparatuur 10 Koelkasten 10

Vlottende activa Voorraden Voorraden zijn opgenomen tegen nominale waarde, rekening houdend met incourantheid. Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid wordt een voorziening in mindering gebracht voor zover noodzakelijk word geacht. De voorziening word statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa zijn tegen nominale waarde opgenomen. Eigen vermogen Het eigen vermogen betreft het saldo van de bezittingen en schulden en bestaat uit de reserves en het resultaat voor bestemming van het lopende jaar. Voorzieningen De voorziening is opgenomen tegen nominale waarde. Lang vreemd vermogen Het lang vreemd vermogen is opgenomen tegen nominale waarde.

Vlottende passiva De vlottende passiva zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde.

63

Gebeurtenissen na balansdatum Datalek CoronIT/HP Zone Op 25 januari 2021 berichtte RTL Nieuws voor het eerst over het (landelijke) datalek. Er is daarop direct aangifte gedaan bij de politie en er is een melding gedaan bij de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) door GGDGHOR NL. GGD Groningen heeft tot en met medio maart 2021 circa 165 verzoeken ontvangen om verwijdering van gegevens. In ca. vijf van deze aanvragen wordt ook gesproken over een (mogelijke) schadeclaim; niemand noemt daarbij bedragen. Al deze verzoeken zijn dus in 2021 gedaan. Vooralsnog is het onze inschatting dat het om een verwaarloosbaar financieel risico gaat. Dat kan mogelijk nog veranderen als er landelijk meer helderheid komt over de precieze aard en omvang van het datadiefstal en de behandeling van elders ingediende schadeclaims. Maar ook dan verwachten we geen ‘materieel’ risico voor onze GGD.

64

6.4.

Toelichting balans Activa

Materiële vaste activa Geactiveerde kapitaaluitgaven

Boekwaarde 31-12-2019

Vermeerderingen

0 314 53 0 367

0 0 2 0 2

Afschrijvingen 2020

Verminderingen

Boekwaarde 31-12-2020

0 0 0 0 0

0 228 42 0 270

(bedragen * € 1.000,-)

Bedrijfsgebouwen Voertuigen Machines apparaten en installaties Overige materiële vaste activa Totaal Maatschappelijk nut Economisch nut

-

367

0 86 13 99 -

2

99

0

270

Bij de GGD is slechts in beperkte mate sprake van investeringen. De materiele vaste activa bestaat uit dienstauto’s, een mobiele röntgenunit en koelkasten. Op de CB-locaties (consultatiebureaus) maakt de GGD gebruik van koelkasten voor de opslag van vaccinaties. Voorraden De post voorraden betreft de voorraad reizigersvaccinaties per balansdatum met een inkoopwaarde van € 69.000. Hierbij is rekening gehouden met een incourante voorraad van € 21.000 voor vaccins waarbij de THT-datum overschreden gaat worden. Uitzettingen korter dan 1 jaar

Uitzettingen korter dan 1 jaar (* € 1.000) Vorderingen openbare lichamen Schatkistbankieren Overige vorderingen Totaal

31-12-2019 31-12-2020 16.300 13.048 0 4.642 215 76 16.515 17.766

Een voorziening voor incourantheid wordt niet noodzakelijk geacht.

Liquide middelen

Liquide middelen (* € 1.000) Liquide middelen

31-12-2019 31-12-2020 2.604 29.806

Decentrale overheden zijn verplicht om hun overtollige middelen in ’s Rijks schatkist aan te houden. Om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen is er een drempelbedrag, afhankelijk van het begrotingstotaal, dat buiten de schatkist mag worden gehouden. De GGD is per 5 juni 2020 overgegaan op schatkistbankieren. Voor de GGD geldt een drempelbedrag schatkistbankieren van € 250.000. Het gemiddeld bedrag per dag dat in 2020 is aangehouden buiten de schatkist bedraagt € 149.000.

65

In onderstaande tabel is een nadere specificatie gegeven van de benutting van het drempelbedrag schatkistbankieren in 2020. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1.000) Verslagjaar 2020 (1)

Drempelbedrag

250 Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 -

180

(3a) = (1) > (2)

Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag

250

198

(3b) = (2) > (1)

Overschrijding van het drempelbedrag

-

-

(2)

152

105

98

145

-

-

(1) Berekening drempelbedrag (4a) (4b) (4c)

Verslagjaar 2020 Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat

31.219 31.219 -

(1) = (4b)*0,0075 + (4c)*0,002 met een Drempelbedrag 250 minimum van €250.000 (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)

Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

91 -

4.692

13.995

9.656

26

92

92

180

152

105

Overlopende activa

Overlopende activa (* € 1.000) GGD RIGG Totaal

31-12-2019 31-12-2020 1.648 58 265 0 1.913 58

De overlopende activa van de GGD ultimo 2020 betreft enkele vooruitbetaalde posten die betrekking hebben op het jaar 2021.

66

6.5.

Toelichting balans Passiva

Reserves

Reserves (*€ 1.000) Algemene reserve Programma Gezondheid Programma RIGG Totaal Algemene reserve Bestemmingsreserves Gezondheidsprofielen Managementinformatie Project Gezondheidsgevolgen aardbevingen Organisatieontwikkeling GGD Vergunninghouders JGZ Verzelfstandiging GGD Koppeling gemeentelijke systemen Spoed voor Jeugd Totaal bestemmingsreserves Totaal Reserves

Betreft

Saldo 31-12- Bestemming Saldo 1-1- Mutatie Saldo 31-122019 resultaat 2019 2020 2020 2020

GGD RIGG

728 238 966

329 45 374

1.057 283 1.340

0 0 0

1.057 283 1.340

GGD GGD GGD GGD GGD GGD RIGG RIGG

90 52 0 109 45 584 70 0 950 1.916

30 48 1.758 -59 -45 -335 0 300 1.697 2.071

120 100 1.758 50 0 249 70 300 2.647 3.987

-95 -50 -384 -13 0 -149 0 -300 -991 -991

25 50 1.374 37 0 100 70 0 1.656 2.996

Uitgaven in 2020 waar een bestemmingsreserve voor is gevormd, zijn opgenomen als onttrekking bij de betreffende bestemmingsreserve in bovenstaande tabel. De algemene reserve programma Gezondheid is ingesteld ter egalisatie van schommelingen in bedrijfsvoering. Deze is gevoed uit de resterende jaarresultaten uit het verleden. In 2020 is bij de bestemming van het resultaat 2019 € 329.000 toegevoegd aan de reserve bij besluit vaststelling jaarrekening 2019. De algemene reserve programma RIGG is ingesteld ter egalisatie van schommelingen in bedrijfsvoering. Deze is gevoed uit de resterende jaarresultaten uit het verleden. In 2020 is bij de bestemming van het resultaat 2019 € 45.000 aan de reserve toegevoegd bij besluit vaststelling jaarrekening 2019. De bestemmingsreserve gezondheidsprofielen is ingesteld t.b.v. het organiseren van grootschalige gezondheidsenquêtes onder kinderen (basisschool, voortgezet onderwijs) en volwassenen (20-64 en 65+) om een beschrijving te kunnen geven van aspecten van de volksgezondheid. Dit wordt beschreven in rapporten en feitenbladen. In 2020 is bij de bestemming van het resultaat 2019 € 30.000 aan de reserve toegevoegd bij besluit vaststelling jaarrekening 2019. De bestemmingsreserve management informatie is ingesteld ter verbetering van de managementinformatie van de GGD in brede zin, zowel richting deelnemende gemeenten als intern.

In 2020 is bij de bestemming van het resultaat 2019 € 48.000 aan de reserve toegevoegd voor uitgaven bij besluit vaststelling jaarrekening 2019. De bestemmingsreserve Organisatieontwikkeling GGD is ingesteld ter dekking van de organisatieontwikkeling van de GGD, in het licht van een aantal bestuurlijke opdrachten. De reserve zal vooral worden besteed aan het kwaliteitscertificering, verbeteren en positioneren traject dienstverleningsovereenkomsten en de positionering van de OGGZ. In 2020 is bij de bestemming van het resultaat 2019 € 59.000 onttrokken voor de uitgaven van het kwaliteitstraject c.q. HKZ-

67

certificering. Met het resterende bedrag in de reserve zijn de certificeringskosten voor de komende drie jaar gewaarborgd. De bestemmingsreserve Vergunninghouders is bij besluit vaststelling jaarrekening 2017 gevormd voor de werkzaamheden met betrekking tot vergunninghouders (werkzaamheden 2018 en 2019). Met deze reservering krijgen de gemeenten geen aanvullende rekening voor de dienstverlening aan de vergunninghouders en heeft de GGD een overgangsperiode om deze werkzaamheden binnen de reguliere exploitatie op te vangen. In 2020 is bij de bestemming van het resultaat 2019 € 45.000 aan de reserve onttrokken bij besluit vaststelling jaarrekening 2019. De reserve is daarmee opgeheven. De bestemmingsreserve Verzelfstandiging is bij besluit vaststelling jaarrekening 2017 gevormd voor de projectkosten in het kader van de verzelfstandiging van de GGD per 1 januari 2020. In 2020 is bij de bestemming van het resultaat 2019 € 335.000 aan de reserve onttrokken bij besluit vaststelling jaarrekening 2019. In 2020 is een nieuwe bestemmingsreserve Project Gezondheidsgevolgen aardbevingen gevormd en € 1.758.000 toegevoegd voor het project Emotionele en sociale ondersteuning inwoners aardbevingsgebied bij besluit vaststelling jaarrekening 2019. De bestemmingsreserve Koppeling gemeentelijke systemen.

De RIGG organiseert de routes en het knooppunt voor administratieve en financiële processen tussen de Groninger gemeenten en de jeugdhulpaanbieders. Om dat te faciliteren is de RIGG voornemens om de gemeentelijke systemen te koppelen aan het RIGG-systeem, met als doel een efficiënte en effectieve data-uitwisseling en als resultaat een goede basis voor stuurinformatie. In 2019 is een nieuwe bestemmingsreserve Spoed voor Jeugd gevormd en € 300.000 toegevoegd bij besluit vaststelling jaarrekening 2019. In 2020 heeft het project plaatsgevonden.

Voorzieningen

Verloopoverzicht Voorzieningen (* € 1.000) Saldo per 1 januari 2020 Dotaties 2020 Onttrekkingen 2020 Vrijval 2020 Saldo per 31 december 2020

31-12-2020 0 283 0 0 283

Er is een voorziening gevorm voor langdurig zieken ter grootte van € 283.000 per 31 december 2020. Deze voorziening is gevormd omdat de GGD eigenrisicodrager is voor de WGA.

68

Vaste schulden langer dan één jaar

Vaste schulden langer dan een jaar (* € 1.000) Lening Gemeente Groningen

31-12-2019 400

31-12-2020 300

Dit betreft de lening die in 2013 opgenomen is voor de financiering van de mobiele röntgenunit. Deze lening heeft een looptijd van 10 jaar met een rentepercentage van 2,195%. Elk jaar zal er € 100.000 worden afgelost. De rentelast verbonden met deze lening over 2020 bedraagt € 8.231.

Netto vlottende schulden korter dan 1 jaar

Netto vlottende schulden korter dan 1 jaar (* € 1.000) Crediteuren Overige schulden Totaal

31-12-2019 31-12-2020 104 5.561 0 2.745 104 8.306

Overlopende passiva

Overlopende passiva (* € 1.000) GGD RIGG Totaal

31-12-2019 31-12-2020 995 2.280 15.912 33.176 16.907 35.456

Specificatie GGD - overlopende passiva (* € 1.000) 31-12-2020 SISA Jong Leren Eten 61 SISA Prep 235 SISA Sense 468 Rente transitorisch 1 Overige overlopende passiva 1.515 Totaal 2.280

Verloopoverzicht Senseregeling (* € 1.000) Per 1 januari 2020 Subsidiebijdrage 2020 Overige inkomsten Uitgaven 2020 Per 31 december 2020

69

31-12-2020 83 2.038 87 -1.740 468

Verloopoverzicht Jong Leren Eten (* € 1.000) Per 1 januari 2020 Subsidiebijdrage 2020 Uitgaven 2020 Per 31 december 2020

31-12-2020 60 140 -139 61

Verloopoverzicht PreP (* € 1.000) Per 1 januari 2020 Subsidiebijdrage 2020 Overige inkomsten Uitgaven 2020 Per 31 december 2020

31-12-2020 92 187 7 -51 235

Specificatie RIGG - overlopende passiva (* € 1.000) 31-12-2020 Nog te verrekenen 33.176 Totaal 33.176

Te verrekenen posten De overlopende passiva “te verrekenen posten” ultimo 2020 zijn fors hoger dan ultimo 2019. Dit wordt veroorzaakt doordat er in 2020 één betaalrun aan jeugdhulpaanbieders minder was uitgevoerd dan in 2019. De betaalrun van december 2020 is 4 januari 2021 uitbetaald.

Niet uit de balans blijkende verplichtingen Met de gemeente Groningen wordt jaarlijks een SLA afgesloten. Voor het jaar 2021 gaat dit om € 1.797.000 miljoen. De belangrijkste posten uit de SLA betreft uitgaven voor dienstverlening op het gebied van: • • •

ICT: Facilitair: Overig:

€ 1.484.000 € 224.000 € 89.000

Daarnaast bedraagt de huur van gebouwen ca € 138.000 voor 2021. Jaarlijks worden de bedragen geïndexeerd op basis van de gemiddelde consumentenprijsindex over het afgelopen jaar. Voor de huisvestingskosten van CB-locaties in de provincie Groningen zijn contracten afgesloten met een looptijd variërend van 3 tot 10 jaar.

70

De hieruit voorvloeiende verplichtingen voor 2021 (inclusief belastingen, huur- en servicekosten) bedraagt voor alle CB-locaties gezamenlijk ca € 712.000. De verwachting is dat de komende jaren de jaarlijkse huisvestingskosten van de CB-locaties € 0,7 miljoen blijven.

COVID-gerelateerde verplichtingen Voor het proces bemonstering zijn huurcontracten gesloten voor verschillende teststraten. Deze contracten worden veelal voor een periode van maximaal een jaar afgesloten. De hieruit voortvloeiende verplichting voor 2021 is ca € 2.027.000 op basis van de lopende contracten. Hierbij is het contract met Martini Plaza meegenomen voor januari t/m maart 2021. Er zijn leasecontracten afgesloten voor 18 leaseauto’s voor de duur van maximaal een jaar, ter waarde van ca € 150.000 voor 2021.

71

7. WET NORMERING TOPINKOMENS 7.1.

WNT Bestuur PG&Z

Inleiding De Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) geeft aan dat de gemeenschappelijke regeling verplicht is om jaarlijks in het financieel jaarverslag de bezoldiging van iedere topfunctionaris en gewezen topfunctionaris op persoonsnaam op te nemen, ongeacht een eventuele overschrijding van het bezoldigingsmaximum. Dit houdt in dat de leden van het algemeen bestuur, dagelijks bestuur en de directeuren van de gemeenschappelijke regeling opgenomen moeten worden in het financieel jaarverslag. Het bezoldigingsmaximum bestaat uit 100% van het brutosalaris van een minister, inclusief: · sociale-verzekeringspremies; · (belaste) onkostenvergoeding; · beloningen betaalbaar op termijn (voornamelijk het werkgeversdeel van de pensioenreservering). Voor 2020 geldt een bezoldigingsmaximum van € 201.000. In 2020 hebben geen bezoldigingen boven deze bezoldigingsnorm plaatsgevonden. Dagelijkse leiding De dagelijkse leiding in 2020 werd uitgevoerd door de directeur van de GGD, de heer Rietveld via de gemeente Groningen. De heer Rietveld ontving daarvoor van de PG&Z geen bezoldiging. Bij de RIGG is de dagelijkse leiding in handen van mevrouw H. Sheerbahadoersing, via de gemeente Groningen. Mevrouw Sheerbahadoersing ontving daarvoor van de PG&Z geen bezoldiging. Vertegenwoordiging in het Dagelijks Bestuur Gemeente

Lid Dagelijks Bestuur PG&Z

Functie

Appingedam Groningen Het Hogeland Midden-Groningen

mw. A. Usmany-Dallinga dhr. M.T. Gijsbertsen mw. I. Diks mw. K. Rutgers dhr. P. Verschuren

Stadskanaal

dhr. H.J. Hamster

Westerkwartier

mw. E. Pastoor

Penningmeester: heel 2020 Voorzitter tot medio april 2020 Voorzitter vanaf begin juli 2020 Lid: heel 2020 Vicevoorzitter: heel 2020 Portefeuillehouder Jeugdhulp tot medio februari 2020 Lid: vanaf medio februari 2020 Portefeuillehouder Jeugdhulp tot medio februari 2020 Lid: vanaf medio februari 2020 Portefeuillehouder Publieke Gezondheid vanaf medio februari 2020

Vertegenwoordiging in het Algemeen Bestuur Het algemeen bestuur werd in 2020 gevormd door alle portefeuillehouders Publieke Gezondheid uit de provincie Groningen. Noch het algemeen bestuur noch het dagelijks bestuur heeft vanuit de regeling enige vorm van vergoeding ontvangen. Omdat de regeling de uitvoering van haar taken bij

72

de gemeente Groningen heeft ondergebracht zijn er geen directeuren in dienst bij de regeling. Er is dus ook geen sprake van bezoldiging.

Gemeente Appingedam Delfzijl Groningen Het Hogeland Loppersum Midden-Groningen Oldambt Pekela Stadskanaal Veendam Westerkwartier Westerwolde

Lid Algemeen Bestuur PG&Z mw. A. Usmany-Dallinga dhr. J.A Ronde dhr. M.T. Gijsbertsen Mw I. Diks mw. K. Rutgers dhr. B. Schollema dhr. P. Verschuren dhr. B. Boon dhr. H. Busemann dhr. H.J. Hamster mw. A. Grimbergen mw. E. Pastoor dhr. W. Potze

Zitting heel 2020 heel 2020 Tot medio april 2020 Vanaf begin juli 2020 heel 2020 heel 2020 heel 2020 heel 2020 heel 2020 heel 2020 heel 2020 heel 2020 heel 2020

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10239311/1