05-02 Jaarverslag en jaarrekening incl. controleverklaring 2021
Tekst van het document
De code bevat zo basisvoorwaarden voor goed bestuur en intern toezicht en is voor het overige en belangrijkste deel een ondersteunend, richtinggevend en ter inspiratie bedoeld instrument om de governance van onderwijsorganisaties te helpen vormgeven en de maatschappelijke opgave van het onderwijs te realiseren. De Raad van Toezicht en de bestuurder hebben de geactualiseerde Code Goed Onderwijsbestuur VO in 2019 vastgesteld als leidraad voor het handelen van bestuur en toezicht van Winkler Prins. De bestuurder legt in dit hoofdstuk de wijze waarop hij invulling heeft gegeven aan de code uit. In het volgende hoofdstuk doet de Raad van Toezicht hetzelfde in zijn eigen verslag. De code kent ook vier ‘pas toe-bepalingen’, die gelden als lidmaatschapseis voor de sectororganisatie VOraad (waar Winkler Prins lid van is) en waaraan vanzelfsprekend moet worden voldaan. Hieronder volgt een uitwerking van deze lidmaatschapseisen.
Lidmaatschapseis 1 Het bestuur publiceert: a. het jaarverslag, conform de Regeling Jaarverslaglegging Onderwijs b. de statuten c. het bestuursreglement d. de samenstelling, nevenfuncties (zowel bezoldigd als onbezoldigd) en honorering van bestuur en toezichthouders e. de klachtenregeling f. de klokkenluidersregeling; g. de integriteitscode. Verantwoording Alle in lidmaatschapseis 1 genoemde onderwerpen staan beschreven in het jaarverslag, dan wel in het handboek Governance Winkler Prins. Beide documenten staan op www.winklerprins.nl.
44
Jaarverslag en jaarrekening 2021
Lidmaatschapseis 2 Het bestuur rapporteert in het jaarverslag over de wijze waarop de evaluatie van het bestuur door het interne toezicht heeft plaatsgevonden. Verantwoording De Raad van Toezicht heeft een Toezicht- en toetsingskader Raad van Toezicht en een Beoordelingskader bestuurder opgesteld (www.winklerprins.nl). Hierin zijn de volgende beoordelingsdomeinen opgenomen: 1. Functioneren bestuurder; 2. Instandhouding + strategische en operationele risico’s; 3. Kwaliteit; 4. Financieel beheer en treasurybeleid. Aan de hand van het Toezicht- en toetsingskader Raad van Toezicht en een Beoordelingskader bestuurder hebben de Raad van Toezicht en de bestuurder jaardoelen voor de bestuurder voor 2021 afgesproken. Deze jaardoelen zijn begin 2022 door de Raad van Toezicht met de bestuurder geëvalueerd. Gedurende het schooljaar zoekt de Raad van Toezicht het contact met de Medezeggenschapsraad en het Managementteam om zich te laten informeren en een beeld te krijgen van hoe de beleving binnen de school is met betrekking tot het functioneren van de bestuurder. De remuneratiecommissie van de Raad van Toezicht heeft het jaarlijkse functioneringsgesprek met de bestuurder gevoerd.
Hierbij is gesproken over de voortgang van het voorgaande jaar aan de hand van de afgesproken doelen, waaronder het koershouden tijdens corona, de handhaving van het kwaliteitsprofiel, de voortgang van de onderwijskundige ontwikkelingen, de voortgang van de huisvesting, de regionale samenwerking en de professionalisering van de bestuurder.
Lidmaatschapseis 3 Een bestuurder in het voortgezet onderwijs kan niet tegelijkertijd de functie van intern toezichthouder vervullen bij een onderwijsorganisatie binnen de sector voortgezet onderwijs, niet zijnde een samenwerkingsverband voor passend onderwijs. Verantwoording In het Handboek Governance Winkler Prins is een Reglement Criteria nevenfuncties bestuurder Winkler Prins opgenomen die voldoet aan de uitgangspunten van lidmaatschapseis 3. In 2021 heeft de bestuurder conform dit Reglement gehandeld. Het Handboek Governance Winkler Prins staat op www.winklerprins.nl Lidmaatschapseis 4 Een (oud-)toezichthouder in het voortgezet onderwijs kan niet binnen vier jaar na aftreden worden benoemd tot (dagelijks) bestuurder bij dezelfde onderwijsorganisatie als waar hij toezichthouder is of is geweest. Verantwoording In het Handboek Governance Winkler Prins is een regeling Integriteit, nevenfuncties en tegenstrijdige belangen RvT opgenomen die voldoet aan de uitgangspunten van lidmaatschapseis 4. In 2021 voldoen alle toezichthouders aan deze lidmaatschapseis. Het Handboek Governance Winkler Prins staat op www. winklerprins.nl
Handboek Governance Stichting Winkler Prins In 2017 is het Handboek Governance Stichting Winkler Prins opgesteld. Het handboek heeft tot doel om het bestuurlijk en toezichthoudend proces binnen de organisatie op een transparante wijze vast te leggen ten behoeve van de interne en externe belanghebbenden. In het Handboek zijn de regels met betrekking tot het bestuurlijk en toezichthoudend proces opgenomen. Het kader waarbinnen het bestuurlijk en toezichthoudend proces vorm krijgt bestaat op hoofdlijnen uit de toepasselijke wetgeving, de Stichtingsstatuten en de Sectorcode VO. Het Handboek beschrijft volgens welke regels en procedures binnen het geschetste kader (de voorbereiding van) de besluitvorming en het toezicht daarop verlopen. Ook de formele structuur van de organisatie met een beschrijving van de functionarissen, hun rol en hun profiel maakt deel uit van het Handboek. Jaarverslag en jaarrekening 2021
45
4.2 Code Goed Bestuur: verslag van de Raad van Toezicht Positie Raad van Toezicht De Raad van Toezicht van Winkler Prins houdt toezicht op het beleid en het functioneren van het bestuur. De taken, bevoegdheden en werkwijze van de Raad zijn vastgelegd in de statuten en nader uitgewerkt in een Toezichtkader- en toetsingskader Raad van Toezicht en een Reglement intern toezicht. Deze documenten zijn onderdeel van het Handboek Governance Winkler Prins. Samenstelling en rooster van aftreden Raad van Toezicht Winkler Prins In 2021 heeft de Raad van Toezicht besloten om, in verband met de continuïteit van het toezicht om in 2022 een nieuw lid te werven. Ook in 2023 zal er nog een lid aan de Raad worden toegevoegd, zodat in de daaropvolgende jaren de samenstelling van de Raad van Toezicht en de continuïteit gewaarborgd blijft. Na 2024 zal de omvang van de Raad van Toezicht, door het vertrek van diverse leden daarvan, weer kunnen worden teruggebracht tot vijf leden. Op 31 december 2021 bestond de Raad van Toezicht uit de volgende leden: Naam
Aftredend Benoemd
Dhr. J. Cooijmans
2015
Dhr. F. Disch
2015
Dhr. J.B. Rijpkema
2015
Dhr. R. Schilt
2015
Dhr. F. Thomassen
2015
2017
2018
2019
2020
2021
2022
2023
2024
2025
Eerste benoeming Aftredend, nog éénmaal herbenoembaar Aftredend, niet herbenoembaar De leden van de Raad van Toezicht maakten allen een korte periode deel uit van de Bestuurscommissie Winkler Prins, het bevoegd gezag van Winkler Prins voordat in 2017 de Stichting Winkler Prins werd opgericht. De leden van deze bestuurscommissie werden destijds benoemd met de intentie dat allen vanaf de oprichting van de Stichting Winkler Prins zitting zouden nemen in de nieuwe Raad van Toezicht. Het rooster van aftreden is daarna opgesteld conform de Statuten Stichting Winkler Prins, artikel 10, lid 6. Activiteiten van de Raad van Toezicht De Raad heeft het afgelopen jaar vijf keer vergaderd. De RvT heeft de meeste vergaderingen als gevolg van de coronamaatregelen via digitale weg gevoerd. De belangrijkste besluiten van de Raad waren: • goedkeuring jaarverslag en jaarrekening 2020; • goedkeuring begroting 2022; • goedkeuring Beleidsplan en begroting 2022; • de dienstverlening met de accountant is in 2021 gecontinueerd. Naast voornoemde besluiten heeft de Raad veelvuldig overleg gevoerd met de bestuurder over met name de gevolgen van de Covid-19-pandemie en de in verband daarmee getroffen overheidsmaatregelen. Ook is gesproken over onder meer de oplevering van de nieuwbouw van Winkler Prins en diverse beleidsvraagstukken.
De Raad is ook door de bestuurder op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen en keuzes verband houdende met de NPO gelden, alsmede de voortgang rondom de regionale samenwerking. Ook is er gesproken over het voornemen om naast de nieuwbouw nog een sportfaciliteit te bouwen. Besluitvorming daarover heeft nog niet
46
Jaarverslag en jaarrekening 2021
definitief plaatsgevonden. De Raad heeft in 2021 twee keer gesprekken gevoerd met de MR en het MT, in alle gevallen in afwezigheid van de bestuurder. De Raad stelt deze gesprekken, die in openheid worden gevoerd, op prijs en zal dit uiteraard ook in 2022 weer gaan doen. Ook in deze gesprekken is met name aandacht geweest voor de gevolgen van de Covid-19-pandemie voor Winkler Prins. De Raad heeft zijn functioneren geëvalueerd. De uitkomsten daarvan worden in actielijsten opgenomen. Van de zelfevaluatie wordt een kort verslag opgemaakt. Commissies De Raad van Toezicht kent drie vaste commissies: een Auditcommissie, een Remuneratiecommissie en een commissie Kwaliteit, Onderwijs & Personeel. De Auditcommissie ondersteunt bij het uitvoeren van de verantwoordelijkheden van de Raad als intern toezichthoudend orgaan, specifiek bij het uitoefenen van het toezicht op de financiële sturing door het bestuur. De Auditcommissie bestond in 2021 uit dhr. J. Cooijmans en dhr. F. Disch. De Auditcommissie heeft overleg gevoerd over de jaarrekening 2021 en de begroting 2022. De jaarrekening is door de Raad goedgekeurd na ook de accountant ter vergadering daarover te hebben gesproken. De Remuneratiecommissie ondersteunt de Raad bij het uitvoeren van de verantwoordelijkheden als intern toezichthoudend orgaan, specifiek bij het uitoefenen van de werkgeversrol richting het college van bestuur.
De commissie bestond in 2021 uit dhr. J.B. Rijpkema en dhr. R. Schilt. De commissie heeft de Raad geadviseerd over beloning van de bestuurder, en heeft het jaarlijkse functioneringsgesprek gevoerd met de bestuurder. De commissie Kwaliteit, Onderwijs & Personeel bestond in 2021 uit dhr. Schilt en dhr. F. Thomassen. De commissie Kwaliteit, Onderwijs & Personeel heeft in 2021 enkele keren met de bestuurder gesproken over voorgenomen beleidsplannen, zoals Beleidsplan 2022, de begroting en het NPO-plan Winkler Prins. Op basis van deze besprekingen heeft de commissie de Raad geadviseerd. Code Goed Bestuur In 2019 is er een nieuwe Code Goed Bestuur verschenen. De Raad heeft besloten ook deze Code over te nemen en deze wordt door de Raad van Toezicht wederom onderschreven en hanteert deze als uitgangspunt voor zijn handelen. De Raad houdt zich aan de lidmaatschapseisen uit de Code en ziet erop toe dat ook Winkler Prins dat doet. De Raad volgt de richtlijnen uit de Code in beginsel ook op; het daarvan afwijken behoort een uitzondering te zijn, waarbij de Raad zich houdt aan het beginsel ‘pas toe of leg uit’. De Raad zal de in de nieuwe Code opgenomen wijzigingen doorvoeren in haar Toezichtskader en zal in dat kader ook zorgen voor de opstelling van een opleidingsplan voor de Raad ter bevordering van de deskundigheid van zijn leden. Voor het overige wordt de Code integraal toegepast.
Algemene beschouwing op het beleid van Winkler Prins De Raad constateert dat Winkler Prins de op basis van het vastgestelde en goedgekeurde beleidsplan al ingezette lijn om de kwaliteit van onderwijs, met oog voor de eigen talenten, capaciteiten en eigenschappen van de individuele leerlingen, nog verder weet te verbeteren. Daarbij behoort uiteraard ook aandacht te zijn voor professionele ruimte voor medewerkers en hun continue ontwikkelingen bij werken in professionele leernetwerken. Dit alles in een gezonde organisatie. De organisatie is op orde. Er is sprake van professioneel HR beleid, een goede staforganisatie en adequate communicatie met alle stakeholders. Ook financieel is de organisatie in balans en is er goed zicht op de verplichtingen op toekomstige inkomsten en uitgaven. De in 2021 gestelde jaardoelen zijn (grotendeels) bereikt. Dat is wederom bijzonder te noemen in alweer een jaar waarin de Covid-19-pandemie bleef voortduren. De Raad heeft zich ook in 2021 met de nodige regelmaat op de hoogte laten stellen door de bestuurder over alle relevante ontwikkelingen rond de maatregelen en de impact van die maatregelen op leerlingen en medewerkers. Ook ontving de Raad alle communicatie-uitingen die de bestuurder aan personeel en ouders het afgelopen jaar gedaan heeft om hen op de hoogte te houden van alle maatregelen rond de Covid-19-pandemie.
In en na overleg met de bestuurder, het MT en de MR is ingestemd met het voornemen om (als gevolg van Covid -19) nog geen start te maken met het opstellen van een nieuw meerjaren strategisch beleidsplan, maar het bestaande plan te verlengen. Daar is ook ruimte voor omdat de daarin geformuleerde doelstellingen in de kern ongewijzigd zijn, en daarmee ook actueel. Het jaarlijkse Beleidsplan & begroting, het Jaarverslag & jaarrekening met daarin de continuïteitsparagraaf laten zien dat de bedrijfsvoering ook in 2021 en 2022 gericht is op het besteden van onderwijsgeld op een doelmatige en rechtmatige manier, gericht op goed onderwijs voor leerlingen. De vereiste doelmatigheid uit zich in de samenkomst van de zorg voor de onderwijskwaliteit, een verantwoorde en op onderwijskwaliteit gerichte inzet van middelen. De financiële huishouding van Winkler Prins is op orde en de continuïteit op lange termijn is eveneens Jaarverslag en jaarrekening 2021
47
gewaarborgd. Het relatief omvangrijke eigen vermogen wordt gelegitimeerd door de op korte termijn voorziene investeringen. Verder wordt de doelmatigheid en rechtmatigheid door de Raad van Toezicht getoetst aan de hand van de rapportages van en in de gesprekken met de accountant en de controller van Winkler Prins, veelal in vooroverleg door de Auditcommissie van de Raad van Toezicht. De Raad van Toezicht maakt hierbij ook gebruik van bestuurs- en benchmarkrapportages bijvoorbeeld vanuit Vensters (het informatiesysteem van de sectororganisatie VO-raad) en VOION (arbeidsmarkt- en opleidingsfonds voor het onderwijs). Daarin wordt het beeld van een doelmatige en rechtmatige besteding van de beschikbaar gestelde middelen bevestigd. De doelmatigheid van de ingezette middelen wordt ook onderstreept door de resultaten die door de leerlingen van de school zijn bereikt. Specificatie bezoldiging bestuur Voor de bezoldiging verwijzen wij naar de jaarrekening. Voor de bestuurder geldt dat de Bestuurders cao vo op hem van toepassing is en dat zijn beloning passend is binnen deze cao en de nu geldende WNT-normen.
Tenslotte De Raad van Toezicht heeft gezien en vastgesteld dat er het afgelopen jaar wederom een ongelooflijke inspanning is geleverd door al het personeel om ondanks de voortdurende Covid-19-pandemie toch zoveel en zo goed mogelijk onderwijs te geven aan de leerlingen van Winkler Prins. De Raad heeft ook geconstateerd dat dat steeds vaker niet meeviel en dat desondanks een ieder zijn dan wel haar schouders eronder is blijven zetten om onderwijs toch mogelijk te maken. De Raad wil een ieder complimenteren met en bedanken voor hun buitengewone inzet voor Winkler Prins. 4.3 Beloningsbeleid Raad van Toezicht De leden van de Raad van Toezicht ontvingen voor hun werkzaamheden een vaste jaarlijkse bruto vacatie- en onkostenvergoeding. Voor de aan de leden van de Raad van Toezicht uitgekeerde bedragen verwijzen wij u naar de jaarrekening in de bijlage. Beroep en nevenfuncties toezichthouders Aftredend/ herbenoembaar
Naam
Commissie(s)
Benoemd
Herbenoemd
Termijn
Dhr. R. Schilt
Remuneratie
01-06-2015
2021
Tweede
2025
2021
Tweede
2025
Te vermelden (neven)functies 2021: • Voorzitter Aequor Services BV, Ede • Voorzitter Aequor Fonds Dhr. J.B. Rijpkema
Remuneratie
01-06-2015
Te vermelden (neven)functies 2021: • Advocaat • Voorzitter RvT woningcorporatie stichting Woongroep Marenland te Appingedam • Lid College van Deskundigen WatersportVerbond • Lid RvT Stichting Talent Westerveld Dhr. J. Cooijmans, plv. voorzitter
Audit
01-06-2015
2021
Tweede
2025
Te vermelden (neven)functies 2021: • Adviespraktijk J. Cooijmans Consulting, advisering, interim management en boardroom counseling in de publieke en private sector • Vicevoorzitter Raad van Commissarissen Elkien Wooncorporatie • Voorzitter Stichting st. Joriskerk Westerlee • Lid bestuur en penningmeester Stichting Revolverend Fonds Groningen • Lid Raad van Toezicht Ambion (Openbaar primair onderwijs in Joure en Heerenveen) • Voorzitter Raad van Toezicht Mee Noord • Lid Raad van Toezicht Amaryllis • Voorzitter Raad van Toezicht Kunstpunt (benaming voorheen: Centrum voor Beeldende Kunst) 48
Jaarverslag en jaarrekening 2021
Dhr. F. Disch
Audit
01-06-2015
2021
Tweede
2025
2019
Tweede
2023
Te vermelden (neven)functies 2021: • Voorzitter Raad van Toezicht Stichting PrimAH
Dhr. F. Thomassen
Kwaliteit, Onderwijs & Personeel
01-06-2015
Te vermelden (neven)functies 2021: • Managing partner/domeindirecteur Onderwijs en Jeugd BMC Beroep en Nevenfunctie Bestuurder Naam
Functie
Leeftijd
Datum in dienst
Start in functie
Uit dienst
Dhr. F. Vinke
Bestuurder
63
01-06-2005
Sectordirecteur vmbo
N.v.t.
Te vermelden (neven)functies 2021: • Lid Raad van Toezicht Stichting Openbaar Onderwijs Marenland • Lid Raad van Toezicht Stichting Cadanz Welzijn
Jaarverslag en jaarrekening 2021
49
5. Medezeggenschap De geledingen van de MR zijn in 2021 vijf keer bijeen geweest. Naast de bijzondere onderwerpen, zoals het onderzoek naar mogelijke samenwerking met Dr. Aletta Jacobs College en het Nationaal Programma Onderwijs, is de MR in 2021 betrokken geweest bij jaarlijks terugkerende onderwerpen. Dit zijn onder andere de lessentabellen, bevorderingsnormen, doorstroomeisen, de vakantieregeling en de schoolgids. Vanuit de MR waren enkele leden afgevaardigd in werkgroepen en (benoemingsadvies)commissies. In overleg met elk van de drie geledingen zijn beleidsvoorstellen door de bestuurder steeds uitgebreid toegelicht. Ook werden regelmatig deelschool- of stafdirecteuren uitgenodigd voor een extra toelichting. De verschillende geledingen hebben in onderling overleg uitgebreid over de voorstellen gesproken. Uiteindelijk is, na zorgvuldig beraad, geadviseerd of instemming verleend. In 2021 was er voor de MR ook een rol weggelegd met betrekking tot de gevolgen van de coronamaatregelen. Staand beleid en afspraken moesten soms herzien worden. De MR is daarvan voortdurend op de hoogte gehouden en heeft haar formele bevoegdheid pragmatisch ingezet opdat er slagvaardig op veel ontwikkelingen gereageerd kon worden. Zo is de beoordeling van wijzigingen in het PTA bijvoorbeeld door de MR gemandateerd aan haar dagelijks bestuur.
De MR heeft tevens twee keer een positief gesprek gehad met de leden van de Raad van Toezicht over een aantal lopende onderwerpen. De MR ziet ernaar uit om ook het komende jaar als proactieve en kritische gesprekspartner actief betrokken te zijn bij beleidsontwikkelingen binnen Winkler Prins. 6. Toekomst Sinds het voorjaar van 2020 is de wereld in de ban van de Covid-19-pandemie. Deze pandemie maakt dat we te maken hebben met onzekerheden over zaken die anders vanzelfsprekend waren. Even leek het dat we in 2021 deze pandemie onder controle zouden krijgen en weer zouden kunnen overgaan tot de normale gang van zaken. Maar niets is minder waar. In het voorjaar van 2021 hebben we te maken met de derde golf en ontsnapte het voortgezet onderwijs ternauwernood aan een langere lockdown. Het wordt duidelijk dat het virus zijn eigen pad kiest en dat wij moeten afwachten of en zo ja, op welke wijze dat van invloed zal zijn op onze processen in 2022. Vast staat wel dat veel van de onzekerheden en beperkingen van 2021 ook in 2022 zullen gelden. Desondanks blijft er voldoende ruimte en gelegenheid om er in 2022 een mooi jaar van te maken. De planvorming rondom de schoolprogramma’s in het kader van het Nationaal Programma Onderwijs blijkt een vliegwiel voor onderwijskundige ontwikkeling binnen de school.
Het onderzoek naar regionale samenwerking geeft ons de kans onze positie voor de komende jaren te bepalen in een steeds veranderende omgeving. De huisvestingstransitie die veel tijd en energie kost, zal naar verwachting kunnen worden afgerond waarna we in een moderne en eigentijdse huisvesting op een prachtig leer- en sportpark klaar zijn voor de toekomst. En we starten het traject om te komen tot een nieuwe en uitdagend Strategisch Beleidsplan voor de jaren 2024-2028. Zo hopen we in 2022 een nieuwe kraal te rijgen aan de lange ketting van vele jaren die onze school zo mooi en uniek maakt. Daarbij realiseren we ons dat de uitdagende omstandigheden veel vragen van iedereen. Meer dan andere jaren moeten we waken voor overbelasting bij medewerkers en leerlingen en overladenheid van het programma voorkomen. De primaire inzet blijft erop gericht dat leerlingen goed onderwijs en begeleiding krijgen en dat iedereen gezond aan het werk kan blijven. In het coronajaar 2021 is andermaal duidelijk geworden dat de ware kracht van onze school zit in de bereidheid van onze medewerkers om elke dag het beste in zichzelf naar boven te halen zodat onze leerlingen een succesvolle en plezierige schooltijd hebben. Met hun inzet en betrokkenheid kunnen we 2022 en daarna met vertrouwen tegemoet zien, ook onder moeilijke omstandigheden zoals deze er waren in 2020 waren.
50
Jaarverslag en jaarrekening 2021
A.1.2 Staat van baten en lasten over 2021 7. Financiële situatie op balansdatum
3
Exploitatie
Begroting
Exploitatie
2021
2021
2020
Baten
3.1
Rijksbijdragen
21.479.004
19.026.000
3.2
Overige overheidsbijdragen en -subsidies
14.338
9.000
14.743
3.5
Overige baten
504.549
511.000
382.214
Totaal baten 4
21.997.891
19.725.566
19.546.000
20.122.523
Lasten
4.1
Personele lasten
16.575.626
16.104.000
16.130.168
4.2
Afschrijvingen
770.115
696.000
862.501
4.3
Huisvestingslasten
897.040
1.078.000
877.178
4.4
Overige instellingslasten
1.898.030
2.091.000
1.884.930
Totaal lasten
20.140.811
19.969.000
19.754.777
Saldo baten en lasten
1.857.080
423.000-
367.746
5
Financiële baten en lasten
5.1
Financiële baten
188
-
-
5.2
Financiële lasten
-
-
16.238
Saldo financiele baten en lasten Nettoresultaat Bestemmingsreserve aanvullende bekostiging Bestemmingsreserve maatwerktrajecten
188
-
16.238-
1.857.268
423.000-
351.508
169.489
150.000
22.825
Vorming bestemmingsreserve NPO
1.150.473-
Vorming bestemmingsreserve EHK
80.381-
Vorming bestemmingsreserve Capaciteitstesten
44.462-
Vorming bestemmingsreserve verlenging aanvullende bekostiging
147.000-
Nettoresultaat na bestemmingsreserve
627.266
273.000-
351.508
Rentabiliteit voor bestemmingsreserve
8,44%
-2,16%
1,75%
Rentabiliteit na bestemmingsreserve
2,85%
-1,40%
1,75%
Saldo exploitatie Het resultaat in 2021 is na onttrekking en vorming van bestemmingsreserves, uitgekomen op € 627.266. Dit is een rentabilieit van 2,85%. Het jaar 2021 wordt financieel gekenmerkt door een aantal eenmalige subisidies in het kader van ondersteuning op diverse onderwijskundige thema’s en gelden voor het Nationaal Onderwijs Programma (NPO). Diverse subsidies hebben een looptijd tot en met 31 december 2021. Dit betreft de subsidies Extra Hulp voor de Klas, Inhaal-en Ondersteuning Programma en de subsidie Capaciteitstesten. In 2021 heeft Winkler Prins bijna 50% van de totale verwachte subsidie met betrekking tot het Nationaal Onderwijs Programma ontvangen, terwijl de activiteiten en kosten doorlopen tot het einde van het schooljaar 2022-2023. Niet alle gelden zijn al besteed. We hebben daarom van het voordelig saldo diverse bestemmingsreserves gevormd. Deze worden op bladzijde 56 nader toegelicht. Ook is vanuit het Eigen Vermogen een bestemmingsreserve van € 147.000 gevormd om een verlenging van de Regeling bijzondere en aanvullende bekostiging PO en VO 2019 (de zgn. werkdrukverminderingsmaatregelen) uit eigen middelen mogelijk te maken.
Jaarverslag en jaarrekening 2021
51
Eenmalige zaken in 2021 • Teruggave Vrijwillige ouderbijdrage Omdat een deel van de activiteiten i.h.k.v. de vrijwillige ouderbijdrage niet hebben plaatsgevonden in 2020, is dit deel van de ouderbijdrage in mei 2021 teruggestort op de rekening van de betalende ouders. Dit betreft een bedrag van € 34.000. • Vrijval verplichting niet-genoten vakantie bij zwangerschap In de jaarrekening 2020 was een verplichting opgenomen voor de kosten van te betalen “niet-genoten vakanties” bij zwangerschap. Dit bedrag was voor € 26.000 te hoog voorzien. • Teruggave sociale lasten In afgelopen jaren zijn de jubileumuitkeringen in de vrije ruimte van de werkkostenregeling opgenomen. Door een uitspraak van de belastingdienst is dit nu definitief beoordeeld, dat dit niet hoeft. Daarom hebben we voor € 33.000 sociale lasten teruggevraagd en ontvangen. • Extra lasten inhaalafschrijving Eind 2020 zijn de activa van de Pinksterstraat 26 en Raadsgildenlaan 1 opnieuw beoordeeld op de waarde na desinvestering en revitalisering. Dit heeft geresulteerd in een inhaalafschrijving in 2020 en in 2021. Het extra afschrijvingslast in 2021 ad € 85.000. Dit betekent voor dat jaar hogere afschrijvingslasten, maar voor de jaren daarna lagere vaste afschrijvingslasten.
• Verplichting publieke heffingen In het afgelopen jaren zijn verplichtingen opgenomen van te verwachten facturen van de gemeente in het kader van erfpachtverplichtingen en overige publieke heffingen. Het is nu zeker dat deze kosten niet meer hoeven te worden genomen. Dit betreft een vrijval ad € 39.000. • Administratieve aanpassing VSV Met ingang van 2021 zullen we de VSV-baten (Voortijdige School Verlaters) niet meer verwerken op de t-1 methode, maar de baten verantwoorden in het jaar dat we deze ontvangen. Dit betekent een administratieve lastenverlichting. De baten zullen dan eenmalig met € 36.135 toenemen. • Verplichting langdurig ziek In de jaarrekening 2020 is een verplichting ad € 51.000 opgenomen voor langdurig ziek. Deze loonkosten, gevormd uit een eerdere verplichting, zijn in 2021 tegengeboekt. • Verdeling resultaat 2020 en 2021 WhimzeesTech4Fun In de jaarrekening 2021 is een last opgenomen ad € 29.352. Dit is het deel van Winkler Prins van de negatieve resultaten van 2020 en 2021 van Whimzees Tech4Fun. Het ander deel is voor rekening gekomen van de deelnemende scholen in het Primair Onderwijs. Op deze wijze hebben wij de negatieve financiele resultaten als gevolg van de Covid-19 pandemie kunnen afsluiten. • Verwerking posten oudere jaren Per saldo is voor € 2.570 aan kosten vanuit voorgaande jaren verwerkt in de jaarrekening 2021.
Hieronder worden de verschillen tussen de realisatie 2021, de begroting 2021 en de realisatie 2020 nader beschreven. De verschillen worden beschreven vanuit de jaarrekeningmodellen en betreffen de meest significante verschillen. Baten: analyse t.o.v. de begroting 2021 De totale baten zijn € 2.451.891 meer dan begroot. De Rijksbijdrage sector VO personeel bedraagt € 808.000 meer dan begroot. Er is meer geld ontvangen dan verwacht in verband met de bekostiging van de loonruimte en de ontwikkeling sociale lasten en pensioenpremies (tesamen € 328.000). Ook heeft er een overheveling plaatsgevonden van de baten Prestatiebox ad € 480.000 naar deze Rijksbijdrage. De Rijksbijdrage sector VO materieel is € 47.000 meer dan begroot door verhoging van de bedragen per leerling. De Rijksbijdrage sector leermiddelen bedragen bijna € 12.000 meer dan begroot. De baten van de Geoormerkte OCW-subsidies zijn € 469.000. Dit zijn baten vanuit de Regeling Sterk Techniekonderwijs 2020-2023. De Niet-geoormerkte OCW-subsidies bedragen € 1.534.000 meer dan begroot. In deze rubriek zitten ook een aantal Covid-19 subsidies, die niet waren begroot. Niet begroot waren de extra subsidie ontvangsten van het NPO ad € 1.385.000; van de Inhaal-en Ondersteuningsprogramma’s ad € 318.000, Regeling aanvullende en bijzondere bekostiging eindexamens 2021 ad € 166.000 en de subsidie Capaciteitstesten ad € 58.000.
52
Jaarverslag en jaarrekening 2021
Er zijn daarnaast € 445.000 minder baten van de Prestatiebox door een overheveling van een deel van deze bijdrage aan de Rijksbijdrage sector VO personeel en de baten VSV-gelden zijn € 53.000 meer dan begroot, met name door de administratieve verandering van het opnemen van deze baten. In 2021 is voor € 4.000 meer baten ontvangen van Visio. De bekostiging voor Nieuwkomers was € 3.000 meer dan begroot. De ontvangsten van het Samenwerkingsverband zijn bijna € 10.000 meer dan begroot. Deze extra gelden betreffen met name de subsidie voor Hoogbegaafdheid ad € 9.000. De rubriek Overige baten bedraagt op totaalniveau € 6.000 minder dan begroot. Door de Covid-19-pandemie zijn de excursies en reizen ook in 2021 niet doorgegaan. Dit betreft € 236.000 minder baten. In 2021 zijn er minder Vrijwillige Ouderbijdragen geind en er is een bedrag aan betalende ouders teruggestort, hetgeen resulteert in totaal € 63.000 minder dan begroot. Het Overig is € 296.000 meer dan begroot. In deze rubriek zitten de baten van de subsidie Extra Hulp voor de Klas voor een totaal bedrag ad € 244.000. Personele lasten: analyse t.o.v. de begroting 2021 De totale Personele lasten bedragen € 472.000 meer dan begroot. Er waren (exclusief vervanging) gemiddeld 192,7 fte’s werkzaam in 2021 (begroot 191,06). De gemiddelde last per fte is gestegen met 3,4%.
Voor vervanging zijn € 82.000 meer kosten besteed dan begroot. Per 1 oktober 2021 is er een loonsverhoging doorgevoerd ad 1,5%, is er een eenmalige uitkering verstrekt ad € 800 per fte en is de eindejaarsuitkering verhoogd naar 8,33%. De kosten van de Personele voorzieningen zijn € 153.000 lager dan begroot. Naast lagere lasten met betrekking tot de voorziening ambtsjubilea en leeftijdsbewustpersoneelsbeleid, is er een een vrijval ad € 56.000 verantwoord bij de wachtgeldvoorziening en is de dotatie lager dan begroot. Winkler Prins heeft het beleid om de uitkeringen na ontslag op een minimaal niveau te houden en daardoor de afdracht aan uitkeringskosten te minimaliseren. Er zijn circa € 180.000 meer kosten aan Personeel niet in loondienst. De extra kosten zijn met name gemaakt door Extra Hulp voor de Klas, NPO en het project Inhaal Achterstanden en Ondersteuning. De Afdracht Uitkeringskosten bedragen € 49.000 lager dan de begroting; in december is er een onverwachte teruggave geweest, omdat landelijk de wachtgelduitkeringen lager waren dan verwacht. Er is € 106.000 meer ontvangen voor uitkeringen voor onder andere zwangerschapsgelden. Afschrijvingen: analyse t.o.v. de begroting 2021 De Afschrijvingslasten zijn € 74.000 meer dan begroot.
In 2020 is de gehele activa onder de loep genomen omdat de Raadsgildenlaan 1 in het schooljaar 2021-2022 wordt gerevitaliseerd en de locatie Pinksterstraat wordt verlaten. Iedere investering is beoordeeld op de aanwezigheid en in hoeverre deze onderhavig is aan een schattingswijziging van de nog lopende afschrijvingstermijn. De extra lasten van deze actie bedragen voor 2021 € 85.000. Dit betekent dat genormaliseerd de afschrijvingen € 11.000 lager zijn dan begroot. Huisvestingslasten: analyse t.o.v. de begroting 2021 De totale Huisvestingskosten zijn € 181.000 minder dan begroot. In 2021 is voor bedrag ad € 39.000 aan verplichtingen (erfpacht en heffingen) van voorgaande jaren vrijgevallen. Behalve voor energie en water geldt voor alle posten een lagere besteding dan begroot. Overige lasten: analyse t.o.v. de begroting 2021 De totale Overige lasten bedragen € 192.000 minder dan begroot. De Administratie- en beheerslasten zijn € 38.000 meer dan begroot. De Algemene Automatiseringskosten zijn € 52.000 meer dan begroot, de repro- en kopieerkosten € 25.000 meer dan begroot. De kosten voor algemene licenties waren € 27.000 minder dan begroot. Het overige is een saldo van vele plussen en minnen. De kosten voor Inventaris, apparatuur en leermiddelen zijn per saldo € 67.000 minder dan begroot.
De kosten voor de Licenties software onderwijs zijn € 61.000 meer dan begroot als gevolg van extra licenties ter ondersteuning van het inhalen van achterstanden. De vakgroepkosten zijn € 65.000 minder dan begroot. Op
Jaarverslag en jaarrekening 2021
53
de vakgroepkosten waren ook alle uitgaven voor Sterk Techniekonderwijs ad € 63.000 begroot. De werkelijke uitgaven zijn verantwoord op meerdere posten dan vakgroepkosten alleen. Een deel ad € 26.000 van de uitgaven van Sterk Techniekonderwijs is verantwoord op vakgroepkosten. De kosten voor iPads/laptops bedragen € 57.000 minder dan begroot o.a. omdat er geen activatiekosten meer zijn. De kosten van de post Overige bedragen per saldo € 193.000 minder dan begroot. Er is voor € 233.000 minder kosten gemaakt voor de reizen en excursies. Deze zijn als gevolg van de Covid-19-pandemie niet doorgegaan. De PR-kosten bedragen € 41.000 meer dan begroot. In 2021 is een intensieve PR-campagne uitgevoerd. Financiële baten en lasten: analyse t.o.v. de begroting 2021 In 2021 er een kleine rente bate ontvangen. Rentebaten zijn er niet meer als gevolg van de lage rentestand en rente lasten zijn er niet meer als gevolg van de de overgang naar schatkistbankieren. Baten: analyse t.o.v. de exploitatie 2020 De totale baten van 2021 zijn € 1.875.000 meer dan vorig jaar. De Rijksbijdrage sector VO personeel stijgt met € 266.000 ten opzichte van vorig jaar. De Rijksbijdrage sector VO materieel en de Rijksbijdrage sector VO leermiddelen dalen respectievelijk met € 37.000 en stijgt met € 13.000.
In 2021 zijn de Geoormerkte OCW-subsidies € 152.000 hoger dan het voorgaand jaar; dit zijn de subsidies met betrekking tot het project Sterk Techniekonderwijs 2020-2023. De Niet-geoormerkte OCW-subsidies stijgen ten opzichte van het voorgaande jaar met € 1.432.000. Hoewel een deel van de prestatiebox is overgeheveld van deze rubriek naar Rijksbijdrage sector VO personeel, zijn de extra baten van het NPO, Regeling aanvullende en bijzondere bekostiging eindexamens 2021, Capaciteitstesten en vanuit de Inhaal- en ondersteuningsprogramma’s de verklaring voor deze stijging. Vanuit het Samenwerkingsverband is per saldo € 40.000 minder ontvangen. In 2020 is eenmalig € 124.000 verstrekt, waarvoor een bestemmingsreserve is gevormd. De rubriek Overige baten bedraagt € 122.000 meer dan het voorgaande jaar. Naast vele plussen en minnen (o.a. detachering personeel ad € 41.000 en vrijwillige ouderbijdrage ad € 72.000) wordt deze stijging met name veroorzaakt door de extra baten vanuit de subsidie Extra Hulp voor de Klas. Personele lasten: analyse t.o.v. de exploitatie 2020 De totale Personele lasten bedragen € 445.000 meer dan in 2020. De totale loonkosten per fte zijn 2,4% gestegen ten opzichte van het voorgaande jaar. De dotatie aan de Personele voorzieningen is € 61.000 minder dan in 2020 en de kosten voor Personeel niet in loondienst zijn € 215.000 meer dan het voorgaand jaar.
De post Overige is € 38.000 hoger dan in 2020. Ook zijn de ontvangen gelden betreffende de uitkeringskosten € 66.000 meer dan in 2020. Afschrijvingen: analyse t.o.v. de exploitatie 2020 De Afschrijvingslast is € 92.000 lager dan het voorgaand jaar. In 2020 zijn door een schattingswijziging de afschrijvingslasten met € 208.000 verhoogd. Huisvestingslasten: analyse t.o.v. de exploitatie 2020 De totale Huisvestingslasten zijn € 20.000 meer dan in 2020. De onderhoudskosten bedragen € 54.000 meer dan het voorgaand jaar. Deze stijging wordt veroorzaakt onder andere door de kosten die gemaakt zijn ten behoeve van de diverse verhuizingen waaronder van de mavo in de Pinksterstraat. Overige lasten: analyse t.o.v. de exploitatie 2020 De totale Overige lasten bedragen € 13.000 meer dan in 2020. Dit wordt verzoorzaakt door vele plussen en minnen, zoals bijvoorbeeld lagere Algemene Automatiseringskosten (€ 32.000), lagere Advieskosten (€ 23.000), meer kosten Software licenties Onderwijs (€ 49.000), lagere kosten iPads/laptops (€ 43.000) en hogere PR-kosten (€ 32.000). Personele lasten t.o.v. de totale lasten Het aandeel personele lasten t.o.v. de totale lasten bedraagt in 2021 82,30%. In 2020 was dit 81,65% van de
54
Jaarverslag en jaarrekening 2021
totale lasten. Verhouding overige lasten In onderstaand tabel zijn de verhoudingen van de overige lasten weergegeven.
Financiële baten en lasten: analyse t.o.v. de exploitatie 2020 In 2020 is nog voor € 16.000 aan rente betaald. Eind 2020 zijn we overgestapt op schatkistbankieren, waardoor we nu geen rente meer hoeven te betalen over ons saldo liquide middelen. Bestemmingsreserves gevormd in 2019 In 2019 is in het kader van de Regeling bijzondere en aanvullende bekostiging PO en VO 2019 een aanvullende éénmalige subsidie ontvangen ad € 311.000. Deze subsidie wordt besteed in de schooljaren 2021-2021 en 2021-2022, waarmee activiteiten worden bekostigd in het kader van de werkdrukvermindering. Door extra aanvullende formatie voor mentoraat toe te kennen en inzet van externen bij toetsperioden zijn de kosten in 2020 € 54.170 en in 2021 € 169.489 en zijn deze bedragen onttrokken uit de bestemmingsreserve. Bestemmingsreserves gevormd in 2020 Op basis van de tussentijdse rapportage van het Samenwerkingsverband GO 20.02 werd in de forecast 2020 een significante toename van de liquide middelen verwacht door een hoger resultaat dan het begrote resultaat. Daardoor was de verwachting, dat ook een hoger eigen vermogen voor het SWV zou ontstaan dan gewenst volgens de meerjarenbegroting en in relatie tot de gewenste opbouw van het weerstandsvermogen. De minister van OCW had destijds al aangekondigd dat de middelen boven de signaleringswaarde mogelijk bij het SWV teruggehaald zouden worden.
De Algemene Ledenvergadering van het SWV heeft dan ook besloten om eind 2020 nog een extra eenmalige uitkering te verstrekken aan de scholen. Winkler Prins heeft hierdoor in november 2020 € 124.842 ontvangen. Wij waren verplicht om deze ontvangst in de jaarrekening 2020 op te nemen als baten. De uitgaven en kosten zullen in 2021 en later plaats gaan vinden. Deze eenmalige uitkering willen wij de komende schooljaren besteden voor uitbreiding van ons ondersteuningsaanbod en wel op een drietal gebieden nl.: • Ontwikkelen maatwerktrajecten binnen Winkler Prins voor leerlingen van Winkler Prins (bb, kb, mavo, havo en vwo) die nu richting VSO verwezen worden (zo thuis nabij mogelijk onderwijs) • Ontwikkelen maatwerktrajecten VSO-Pro waarbij meer VSO-leerlingen dan voorheen niet meer worden geplaatst binnen het VSO, maar binnen het praktijkonderwijs met een intensiever ondersteuningsaanbod; • Ontwikkelen maatwerktrajecten voor hoogbegaafdheid en talentontwikkeling In 2020 is voor bovenstaande een bestemmingsreserve gevormd ad € 124.842 en in 2021 is daar € 22.825
Jaarverslag en jaarrekening 2021
55
aan onttrokken. Vorming bestemmingsreserves in 2021 In 2021 zijn de volgende bestemmingsreserves gevormd. Hiermee kunnen in de komende jaren activiteiten worden gefinancierd zonder darmee de jaarlijkse begroting te belasten. Bestemmingsreserve Nationaal Onderwijs Programma In 2020 hebben wij circa 50% van de totale subsidie voor het Nationaal Onderwijs Programma ontvangen. Dit programma loopt in de schooljaren 2021-2022 en 2022-2023. Ook zijn er nog gelden over van de subsidies Inhaal- en Ondersteuningsprogramma’s. Om toekomstige uitgaven te kunnen matchen met reeds ontvangen inkomsten, is voor deze post vanuit het Eigen Vermogen een bestemmingsreserve gevormd voor het positief bedrag NPO en Inhaal- en Ondersteuningsprogramma’s (baten -/- kosten) ultimo 2021 ad € 1.150.473. Wij zullen de werkelijke kosten in de komende jaren dan weer ten laste van deze bestemmingsreserve laten vallen. Bestemmingsreserve verlenging werkdrukverlagende maatregelen In 2019 hebben we een aanvullende bekostiging ontvangen, die is ingezet ten behoeve van werkdrukverlagende maatregelen voor de schooljaren 2020-2021 en 2021-2022 (Regeling bijzondere en aanvullende bekostiging PO en VO 2019). Hiertoe hebben wij destijds een bestemmingsreserve gevormd. Het is gebleken dat de maatregelen daadwerkelijk bijdragen aan het verlagen van de werkdruk bij de medewerkers.
Eind schooljaar 2021-2022 is deze bestemmingsreserve volledig besteed. Wij gaan de werkdrukverlagende maatregelen na dit schooljaar (dus voor schooljaar 2022-2023) voortzetten en hebben vanuit het Eigen Vermogen een bestemmingsreserve gevormd om deze maatregelen te bekostigen voor een bedrag ad € 147.000. Wij zullen de werkelijke kosten in de komende jaren dan weer ten laste van deze bestemmingsreserve laten vallen. Bestemmingsreserve Extra Hulp voor de Klas In 2021 is in twee tranches in totaal € 244.000 subsidie ontvangen. Het betreft de subsidie Extra Hulp voor de Klas. Deze subsidie is bedoeld om hulp en ondersteuning te bieden met behulp van extra personeel. De subsidie draagt hiermee bij aan het continueren van het onderwijs. Dit is noodzakelijk om achterstanden zoveel mogelijk te voorkomen en terug te dringen. Eind 2021 zijn nog niet alle gelden besteed. Wetende dat Covid-19 ultimo 2021 nog niet voorbij is en dat we ook extra hulp nodig zullen gaan hebben in 2022, en daardoor ook kosten gaan maken, is voor het overgebleven bedrag een bestemmingsreserve gevormd voor € 80.381. We kunnen vanuit deze bestemmingsreserve dan kosten onttrekken die betrekking hebben op deze activiteiten. Bestemmingsreserve Capaciteitstesten In maart 2020 sloten scholen vanwege corona hun deuren. Hierdoor maakten de toenmalige leerlingen van groep 8 in het primair onderwijs geen eindtoets.
Nu blijkt dat deze leerlingen gemiddeld een lager schooladvies ontvingen en op een lager niveau instroomden op het voortgezet onderwijs. Met de Subsidieregeling capaciteitentesten 2021-2023 kunnen scholen in het voortgezet onderwijs toetsen afnemen in het eerste en tweede leerjaar om het best passende onderwijsniveau van deze leerlingen te meten. In 2021 is deze subsidie aangevraagd en zijn diverse testen afgenomen. Nog niet alle gelden zijn besteed. Het resterend bedrag ad € 44.462 kunnen we dus in 2022 gebruiken voor aanvullende testen en/of scholing rondom leerstrategieën op basis van de binnen de deelscholen gesignaleerde ondersteuningsvragen. Voor dit bedrag is een bestemmingsreserve gevormd. Stelselwijziging 2010 uitgestelde BAPO-voorziening Vanaf het boekjaar 2010 is het niet meer toegestaan om een voorziening voor de uitgestelde BAPO op te nemen. De lasten voor het opnemen van deze uitgestelde BAPO worden vanaf 2010 gezien als periodelasten en komen ten laste van de exploitatierekening. Dit was een stelselwijziging ten opzichte van voorgaande jaren. De voorziening was daarom ten gunste van het Eigen Vermogen gebracht. Omdat we deze verplichting per medewerker op detailniveau kunnen berekenen en toewijzen, is hiervoor een bestemmingsreserve opgenomen. In 2021 is € 10.000 vrijgevallenwaardoor het saldo bestemmingsreserve ultimo 2020 € 6.000 bedraagt.
Schattingswijziging verbouwingen & inventaris gebouwen Pinksterstraat en Raadsgildenlaan In 2016 is het raadsbesluit genomen tot nieuwbouw voor het brugjaar en uitbreiding van het vmbo-huis en de revitalisering van de Raadsgildenlaan 1. Op termijn zal het pand aan de Pinksterstraat worden verlaten. De
56
Jaarverslag en jaarrekening 2021
boekwaarde van de activa wordt daarom versneld afgeschreven. In het schooljaar 2020/2021 wordt het gebouw aan de Raadsgildenlaan gerevatiliseerd. In 2020 is een complete inventarisatie geweest van de activa in bovenstaande panden. Dit heeft geresulteerd in een schattingswijziging van de afschrijvingen voor de jaren 2020 en 2021. In 2021 bedraagt dit € 85.000 extra afschrijvingslasten. Prestatiebox In 2021 is het geld van de prestatiebox ingezet ten behoeve van het realiseren van de doelen van het strategisch beleidsplan 2018-2022. Het sectorakkoord vo is verwerkt in de doelstellingen van ons strategisch beleidsplan. In 2021 zijn deze middelen vooral ingezet voor onderwijskundinge zaken zla de Professioneel Leergemeenschap (PLG), kwaliteitsverbeteringstrajecten als de Excellente School bij de Praktijkschool, professionaliseringbehoeften bij directie en mdewerkers. Liquiditeitspositie De liquiditeit is nagenoeg gelijk gebleven ten opzichte van het voorgaande jaar. De liquiditeitspositie is als aandeel van de totale activa ten opzichte van 2020 gedaald van 69,6% naar 62,1%. Voor de volledigheid moet worden vermeld dat in het eindsaldo gelden zitten voor toekomstige uitgaven die nu nog in de bestemmingsrerseves en geoormerkte subsidies zijn verantwoord.
Eind 2021 heeft Winkler Prins als penvoerder van het de Regeling Sterk Techniekonderwijs 2020-2023 nog € 509.000 in kas om nog te besteden. Ook zijn er nog gelden aanwezig voor activiteiten die vanuit de bestemmingsreserves worden gefinancierd. De toekomstige uitgaven betreffende bestemmingsreserves bedragen € 1.619.000. In totaal is dus voor € 2.128.000 aan liquide middelen gereserveerd voor activiteiten die nog uitgevoerd moeten worden. In 2010 heeft het Noorderpoort aan Winkler Prins een 20-jarige renteloze lening ad € 600.000 verstrekt ten behoeve van de financiering van het vmbo-huis. De aflossing bedraagt € 30.000 per jaar. De eerste aflossing heeft in 2011 plaatsgevonden. Bij deze lening zijn geen garanties afgegeven.
Jaarverslag en jaarrekening 2021
57
2021
2020
Kasstroom uit operationele activiteiten Saldo baten en lasten
1.857.080
367.746
Aanpassingen voor: - Afschrijvingen
770.115
- Mutaties Voorzieningen
119.000-
862.501 65.000651.115
797.501
Veranderingen in vlottende middelen: - Vorderingen - Schulden
79.696 210.858-
Kasstroom uit bedrijfsoperaties - Ontvangen interest - Betaalde interest
300.628
2.377.032
1.465.875 16.238
188
16.238-
2.377.220
1.449.637
2.345.977-
Totaal kasstroom uit investeringsactiviteiten Kasstroom uit financieringsactiviteiten - Nieuw opgenomen leningen - Aflossing langlopende schulden
131.163-
188 -
Totaal kasstroom uit operationele activiteiten Kasstroom uit investeringsactiviteiten - Investeringen in materiële activa - Desinvesteringen
41.395 259.233
468.2402.345.977-
468.240-
2.345.977-
468.240-
30.000-
30.00030.000-
30.000-
Totaal kasstroom uit financieringsactiviteiten
30.000-
30.000-
Mutaties liquide middelen
1.243
951.397
Beginstand liquide middelen Mutatie liquide middelen Eindstand liquide middelen
8.637.830 1.243
7.686.433 951.397 8.639.073
8.637.830
Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode. Bij deze methode wordt het nettoresultaat aangepast voor posten van de Staat van Baten en Lasten die geen invloed hebben op ontvangsten en uitgaven in het verslagjaar, mutaties in de balansposten en posten van de Staat van Baten en Lasten waarvan de ontvangsten en uitgaven niet worden beschouwd als behorende tot de operationele activiteiten. In het kasstroomoverzicht wordt onderscheid gemaakt tussen operationele, investerings- en financieringsactiviteiten.
58
Jaarverslag en jaarrekening 2021
Financiële kengetallen Vermogensbeheer Bij de beoordeling van het vermogensbeheer gaat het om de vraag of de instelling het beschikbare kapitaal optimaal inzet voor het onderwijs. Voor de beoordeling van het vermogensbeheer wordt een kengetal gehanteerd: solvabiliteit. Het kengetal solvabiliteit brengt tot uitdrukking in welke mate tegenover alle bezittingen geen schulden staan. Met andere woorden: de mate waarin een organisatie in staat is om op langere termijn aan haar verplichtingen te voldoen. Solvabiliteit wordt bepaald volgens de volgende formule: (Eigen vermogen + Voorzieningen) / Balanstotaal. Door het extreem hoge positieve resultaat van 2021, is het Eigen Vermogen met 25,4% gestegen. Het Eigen Vermogen exclusief de bestemmingsreserves is gestegen met 9,2%. De personeelsvoorzieningen zijn met 7,8% gedaald, de kortlopende passiva zijn met 6,4% gedaald. Het totale balanstotaal is daarentegen met 12,1% gestegen. Als gevolg hiervan is de solvabiliteit gestegen. De waarde is ruim boven de signaleringswaarde. Ontwikkeling van de kengetallen Kengetal
Signaleringswaarde Inspectie
2021
2020
Solvabiliteit
<30%
76,0%
71,1%
Budgetbeheer Bij de beoordeling van het budgetbeheer gaat het om de vraag wat de capaciteit van de instelling is om tegenvallers op korte of middellange termijn op te vangen. Bij de beoordeling van het budgetbeheer worden twee kengetallen gehanteerd. Deze zijn de current ratio en de rentabiliteit. Met het eerste kengetal current ratio wordt de liquiditeitspositie beoordeeld. De ratio brengt eventuele overliquiditeit in beeld. De formule van de current ratio is: Vlottende Activa / Vlottende Passiva. De current ratio is gestegen. De vlottende activa zijn minder gedaald (€ 78.000) dan de kortlopende schulden (€ 211.000). Hierdoor verbetert de verhouding. Met het tweede kengetal rentabiliteit wordt beoordeeld in welke mate de baten en lasten van de instelling met elkaar in evenwicht zijn. De rentabiliteit wordt bepaald door de formule: Exploitatieresultaat / Totale Baten. De rentabiliteit is in 2021 op 8,44% uitgekomen. Het extreem hoge positieve resultaat in 2021 is hiervan de oorzaak. Signaleringswaarde Inspectie
2021
2020
< 0.75
2,82
2,66
Rentabiliteit (cumulatief laatste drie jaar)
< 0%
10,98%
1,57%
Rentabiliteit (cumulatief laatste twee jaar)
< -5%
10,19%
2,54%
< -10%
8,44%
1,75%
Kengetal Current ratio
Rentabiliteit (laatste jaar)
Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is het Eigen Vermogen uitgedrukt in een percentage van alle baten in een jaar, inclusief de financiële baten en exclusief de buitengewone baten. Het Eigen Vermogen van onze school bestaat uit Algemene Reserves. Deze Algemene Reserve is vooral bedoeld voor het afdekken van (toekomstige) risico’s in de financiële bedrijfsvoering en als financieringsbron voor nieuwe activiteiten en investeringen. Het
Jaarverslag en jaarrekening 2021
59
Ministerie van OCW hanteert de volgende vuistregels ter beoordeling van het weerstandsvermogen: • < 10% - mogelijk te weinig eigen vermogen, kan duiden op een risicovolle situatie; • > 10% en < 40% - waarschijnlijk voldoende eigen vermogen, maar hoeft niet zo te zijn; • > 40% - de kans is groot dat de financiële reserves te hoog zijn. Het weerstandsvermogen is in 2021 gestegen met name door financiele resultaten van de Covid-19 subsidies. Inclusief de bestemmingsreserves, is het weerstandsvermogen gestegen naar 41,6%. Exclusief de in 2021 gevormde bestemmingsreserve is het weerstandsvermogen 35,8% en zou zich dan op een acceptabel niveau bevinden. Het Eigen Vermogen (inclusief bestemmingsreserves) is met 25,4% gestegen als gevolg van het positieve resultaat; de baten zijn met 9,3% gestegen. Ontwikkeling van het weerstandsvermogen Jaar Weerstandsvermogen
Signaleringswaarde Inspectie
2021
2020
<5%
41,6%
36,3%
Normatief Eigen Vermogen Vanaf verslagjaar 2020 moeten besturen zich over de hoogte van de reserves (Eigen Vermogen) verantwoorden in het jaarverslag. Dit gebeurt aan de hand van de signaleringwaarde. Alleen indien de reserves hoger zijn dan de signaleringswaarde moet dit toegelicht worden. Het betreft overigens alleen de publieke reserves, de private reserves kunnen buiten beschouwing laten. Winkler Prins heeft alleen publieke reserves. De berekening is als volgt: + 0,5 x aanschafwaarde gebouwen x 1,27 + boekwaarde resterende materiele vaste activa + 0,05 x totale baten = Normatief publiek Eigen Vermogen De uitkomst van bovenstaande berelkening blijkt dat het Normatief Eigen Vermogen € 8.571.407 bedraagt. Het Eigen Vermogen eind 2021 bedraagt werkelijk € 9.155.622. Hieruit zou blijken dat er een bovenmatig Eigen Vermogen is van circa € 584.000. Voor de volledigheid voor wat betreft het bovenmatig vermogen het volgende: • In het Eigen Vermogen is voor € 1.618.000 aan bestemmingsreserves opgenomen. De baten zijn in deze en in voorgaande jaarrekeningen (verplicht) opgenomen, waardoor het Eigen Vermogen is verhoogd. De uitgaven en kosten worden verantwoord in latere jaren, hetgeen het Eigen Vermogen weer zal verlagen. • In 2022 vindt de revitalisering van het hoofgebouw Raadsgildenlaan 1 plaats. Hiervoor is in het verleden gespaard.
Door bijvoorbeeld een stringent investeringsbeleid en begrotingsdiscipline te voeren, is geld gespaard om dit te kunnen bekostigen. In de meerjarenbegroting is het verloop van de liquide middelen na diverse aankopen en investeringen opgenomen. Als gevolg van investeringen in gebouwen, stijgt het normatief Eigen Vermogen.
60
Jaarverslag en jaarrekening 2021
Toelichting op berekening van de kengetallen Solvabiliteit
Eigen Vermogen + Voorzieningen
x 100%
Balanstotaal
Current ratio
Rentabiliteit
Vlottende Activa
8.673.414
Vlottende Passiva
3.075.294
Exploitatieresultaat
x 100%
Totale baten
Weerstandsvermogen
Eigen Vermogen Totale baten + Financiele baten
0,5 x aanschafwaarde gebouwen x 1,27 Normatief Eigen Vermogen
9.155.622 + 1.416.000 13.916.916
+ boekwaarde resterende materiele vaste activa + 0,05 x totale baten
x 100%
=
1.857.268 21.997.891
+
2,82
x 100% = 8,44%
9.155.622 21.997.891
x 100% = 76,0%
x 100% = 41,6% 188
+
5.387.872
+
2.083.641
+
1.099.895
=
8.571.407
Egalisatierekening Met ingang van 2008 is de egalisatierekening in verband met nieuwe regelgeving voor investeringssubsidies niet langer toegestaan. Twee opties waren vanaf dat jaar mogelijk: 1. investeringssubsidies te salderen met de investeringen, of 2. investeringssubsidies te rubriceren onder de kortlopende schulden Winkler Prins heeft destijds voor optie twee gekozen. Deze keuze heeft met name invloed op de current ratio (Vlottende Activa / Vlottende Passiva) en op de aanschaf- en boekwaarde van de activa. Treasury Vanaf juni 2016 is de Regeling beleggen, lenen en derivaten OCW 2016 van toepassing. Eind 2016 is het treasurystatuut aangepast aan de nieuwe regeling en begin 2017 goedgekeurd en vastgesteld. In 2018 en 2019 is de regeling aangevuld met de wijzigingen die vanuit het ministerie zijn aangegeven. De regeling is vervolgens goedgekeurd en vastgesteld.
Uitgangspunten van het treausurybeleid zijn: ● Beschikbaarheid: het zorgdragen voor de tijdige beschikbaarheid van de benodigde geldmiddelen tegen acceptabele condities; ● Kostenminimalisatie: het minimaliseren van de kosten van leningen; ● Rentemaximalisatie: het optimaliseren van het rendement van de overtollige liquide middelen binnen het kader van het treasurystatuut en ● Risicominimalisatie: het beheersen en bewaken van de financiële risico’s die aan de financiële posities en geldstromen van de instelling zijn verbonden. Om rente kosten te besparen is de overgang naar het schatkistbankieren in december 2020 gerealiseerd en daarmee hoeven we geen rente meer te hoeven betalen. Om verder overbodige kosten te voorkomen, houden we alleen de noodzakelijke bankrekeningen aan. In 2021 had Winkler Prins alleen gelden op (schatkistbankieren)bankrekeningen en deposito’s staan en werd er niet belegd. Het Noorderpoort heeft Winkler Prins een 20-jarige renteloze lening verstrekt ten behoeve van de financiering
Jaarverslag en jaarrekening 2021
61
van het vmbo-huis. In 2011 heeft de eerste aflossing ad € 30.000 plaatsgevonden. Bij deze lening zijn geen garanties door de Winkler Prins afgegeven. Maandelijks wordt het verloop van de bankstanden gerapporteerd en gemonitord ten opzichte van de begroting. In deze rapportage worden grote en/of opmerkelijke ontvangsten en uitgaven vermeld. Belasting over de toegevoegde waarde (btw) Het geven van onderwijs is in beginsel vrijgesteld van btw. De exploitatie van de kantines, het verhuren van kluisjes (via de ouderbijdragen) en gymzalen zijn btw-belast. Deze activiteiten worden ook door Winkler Prins verricht. In 2012 is de btw-positie van Winkler Prins besproken met de Belastingdienst. Winkler Prins kon met terugwerkende kracht gebruik maken van de oude (Pro Rata) systematiek, waarbij de overheidsbijdragen niet worden meegenomen in de berekening van het Pro Rata percentage, waardoor de teruggave aanzienlijk was. Vanaf 2012 wordt een nieuwe btw-berekeningsmethodiek voor de btw-aangifte gehanteerd voor deze belaste prestaties. Naast de reguliere kwartaalteruggave is in 2021 de Pro Rata teruggave over 2020 €10.031. 8. Continuïteitsparagraaf (incl. risicoparagraaf) In deze paragraaf worden verwachte ontwikkelingen van de financiële positie, de werking van het intern risicobeheersingssysteem en de bestaande risico’s en onzekerheden beschreven.
Deze paragraaf beoogt inzicht te geven in de te nemen stappen voor de komende jaren. Jaarlijks wordt een meerjarenbegroting opgesteld. In deze meerjarenbegroting wordt een meerjarig financieel perspectief (ontwikkeling van het exploitatieresultaat en de vermogenspositie) gegeven op basis van de op dat moment bekende feiten, verwachtingen, ongewijzigd beleid en diverse overige aannames. Winkler Prins hanteert intern een meerjarenbegroting die één jaar verder gaat dan in de continuïteitsparagraaf wordt gevraagd. De meerjarenbegroting 2022-2025 (versie november 2021) is goedgekeurd door de Raad van Toezicht en vastgesteld door de bestuurder in het najaar 2021. In de continuïteitsparagraaf zijn de modellen gevuld met de cijfers voor de jaren 2021-2024. In de goedgekeurde Meerjarenbegroting is rekening gehouden met de nieuwe systematiek de vereenvoudigde bekostiging die sinds 2022 geldt. In het schooljaar 2021-2022 wordt het gebouw aan de Raadsgildenlaan gerevitaliseerd. Aan het eind van het 2022 wordt het pand aan de Pinksterstraat verlaten. Vanaf 2023 is het Leer- en Sportpark dan naar verwachting volledig in gebruik. Daarom is eind 2020 een complete inventarisatie geweest van de activa in bovenstaande panden. Dit heeft geresulteerd in een schattingswijziging van de afschrijvingen van de activa voor de jaren 2020 en 2021.
Dat houdt in dat door deze schattingswijziging de afschrijvingslasten in 2020 en 2021 hoger zullen uitvallen dan in bijgaande Meerjarenbegroting is opgenomen. Daarna zullen de afschrijvingslasten ceterus paribus lager uitvallen. Het is de bedoeling dat een deel van de prestatiebox wordt geintegreerd in de Lumpsum en dat het resterend bedrag via aanvullende bekostiging beschikbaar wordt gesteld. Aangezien op dit moment niet duidelijk is welk deel via de LumpSum wordt bekostigd, is uitgegaan van de huidige systematiek van een bedrag per leerling. Gegevensset continuïteitsparagraaf Kengetal
2021
2022
2023
2024
Personele bezetting in FTE - Bestuur / Management
9,7
10
10
10
- Personeel primair proces
140,5
145
141
135
- Ondersteunend Personeel
42,6
44
43
41
Totaal
192,7
198
195
186
Leerling aantallen per 1-10
1.960
1.967
1.966
1.989
De formatie voor het schooljaar 2021-2022 is opgesteld met behulp van het intern formatietoedelingsmodel. Met dit model wordt de beschikbare formatie verdeeld. Hier wordt dan wel rekening gehouden met de financiële
62
Jaarverslag en jaarrekening 2021
(on)mogelijkheden en een veiligheidsmarge. De uitkomsten hiervan vormen de basis voor de begroting 2022. Het aantal leerlingen is de basis voor het aantal in te zetten fte’s. In de prognose wordt rekening gehouden met een verwachte instroom van de basisscholen. Deze scholen geven het aantal kinderen door die in de groepen 1 tot en met 8 zitten. Dit, vermenigvuldigd met de te verwachten instroompercentage, geeft de instroom weer per jaar. Op basis van historische in-, door- en uitstroomcijfers wordt het aantal leerlingen per leerjaar bepaald. Balans 2021-2024 Balans
2021
2022
2023
2024
5.243.502 5.243.502
8.697.086 8.697.086
8.221.086 8.221.086
7.801.086 7.801.086
Vorderingen Liquide middelen Totaal Vlottende activa
34.341 8.639.073 8.673.414
34.341 4.970.000 5.004.341
34.341 4.247.000 4.281.341
34.341 4.374.000 4.408.341
Totaal Activa
13.916.916
13.701.428
12.502.428
12.209.428
Passiva Eigen Vermogen Algemene Reserve Bestemmingsreserve publiek
7.537.092 1.618.530
7.424.092 1.405.530
7.388.092 320.530
7.493.622
Voorzieningen Langlopende schulden Kortlopende schulden
1.416.000 270.000 3.075.294
1.416.000 240.000 3.215.805
1.416.000 210.000 3.167.805
1.416.000 180.000 3.119.805
Totaal Passiva
13.916.916
13.701.428
12.502.428
12.209.428
2023
2024
Vaste Activa Materiele VA Totaal Vaste Activa
Ratio's
2021
2022
Weerstandsvermogen
41,6%
41,6%
38,5%
38,6%
Solvabiliteit
76,0%
74,7%
73,0%
73,0%
Current Ratio
2,82
1,56
1,35
1,41
Rentabiliteit
8,44%
-1,54%
-5,60%
-1,11%
Winkler Prins is een financieel gezonde school. De ratio’s liggen binnen de bandbreedtes of boven de signaleringswaarde. Vanaf 2010 is het financieel beleid gericht geweest op een sluitende begroting of waarbij een klein tekort wordt geaccepteerd. De laatste jaren worden tekorten begroot. De verwachting is dat dit de komende jaren zo zal blijven. Onze financiele positie is daarvoor robuust genoeg. Dit past ook bij het maatschappelijk en politiek debat over de vermogenspositie van schoolbesturen dat over het algemeen als te groot wordt ervaren. Winkler Prins heeft al en zal aanvullend investeren in de nieuwbouw en revitalisering, met name op het gebied van duurzaamheid. De bedragen voor te verwachten investeringen zijn opgenomen in de Meerjarenbegroting. De voorzieningen betreffen een voorziening ter dekking van de verwachte uitgaven voor gratificaties van personeel dat 25 en/of 40 jaar in overheidsdienst is, en een voorziening in het kader van het levensfasebewust personeelsbeleid. Het betreft het saldo van de niet-opgenomen toegekende flexibel in te zetten verlofuren. De derde voorziening heeft betrekking op het risico dat de school loopt ten aanzien van ex-werknemers die op de balansdatum een uitkering genieten. De langlopende lening betreft een lening ten behoeve van de financiering van in het vmbo-huis. De rentevoet is 0%. Hierop wordt jaarlijks € 30.000 afgelost.