CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag openbare vergadering Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 16 december 2021.doc

Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën (2022-2026) 27 januari 2022, gemeente UtrechtBij agendapunt: Verslag 16 december 202134.596 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Burgemeester, Beleidsterrein: Openbare Orde en Veiligheid Indicatieve behandeltijd: 150 minuten

830

Het college verzoekt de gemeenteraad de nota ‘Grenzen stellen, perspectief bieden’ vast te stellen, met als belangrijkste doel het tegengaan van de ontwrichtende effecten van drugsgerelateerde criminaliteit in Utrecht, door een verstevigde meerjarige programmatische aanpak met als belangrijke pijlers het doorbreken van criminele carrières en het doorbreken van criminele geldstromen.

Pagina 17 van 58

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 16 december 2021

De voorzitter leidt dit agendapunt in conform de annotatie bij de agenda (zie hier boven).

840

850

860

870

De commissie Mevrouw Meerding (VVD) noemt enkele wapenfeiten op het gebied van de ondermijning. Zij noemt die voorbeelden van de gevolgen van ondermijning van de samenleving. De onderwereld laat zijn gezicht zien in de bovenwereld en brengt daarmee de veiligheid van inwoners in gevaar. Ondermijning is volgens haar fractie één van de grootste problemen van deze tijd. Haar fractie is dan ook heel blij met de voorliggende nota. De nota gaat uit van een verstevigde aanpak. In deze nota is zoveel opgenomen dat zij dat niet allemaal kan bespreken. Zij deelt het uitgangspunt van de burgemeester dat ingezet moet worden op twee lijnen: (1) het verstoren van criminele carrières. Met het voorkomen van het in de criminaliteit terecht komen van jong mensen of dat ze daarin doorgroeien. (2) het verstoren van criminele geldstromen. Daarbij probeert de gemeente criminelen te dwarsbomen in hun activiteiten. Haar fractie vindt het goed dat specifiek ingezet gaat worden op voorlichting en het weerbaar maken van jongeren en het daarbij betrekken van credible messengers. Ook is haar fractie verheugd over meer begeleiding tijdens de detentie zo dat mensen hun leven daadwerkelijk kunnen beteren en oppakken wanneer ze uit de gevangenis komen. Haar fractie is naar haar zeggen vanzelfsprekend blij met het werkgelegenheidsoffensief om jongeren ook zicht te bieden op een weg uit het criminele circuit.

Met betrekking tot de meidenaanpak merkt mevrouw Meerding op dat in de nota daarover staat dat het essentieel is het netwerk te betrekken rondom deze meisjes. Het college richt zich op “moeders die zien dat hun kind in de drugshandel gezogen wordt.” Zij stelt voor hier niet alleen moeders van te maken maar ook vaders; ouders zijn samen verantwoordelijk voor de opvoeding van hun kind. Zij verneemt graag hoe de burgemeester hierover denkt. Dit soort preventieve maatregelen zoals zij zojuist noemde vindt zij heel goed. Die zijn volgens de VVD alleen effectief wanneer het stadsbestuur oog houdt voor de repressieve kant. Zij ziet dat terug in de actielijn over het verstoren van de criminele geldstromen. Haar fractie is op dat vlak ook blij met een aantal aangekondigde acties, zoals de gerichte extra handhaving en sancties bij probleembedrijven en de specifieke focus op gebieden, waarbij de gemeente onderzoekt of zij het ondermijningsartikel uit de APV kan inzetten en bijvoorbeeld een vergunningsplicht kan vragen voor specifieke bedrijven die zich in risicogebieden willen vestigen. Haar fractie vindt het mooi om het nieuwe instrument te onderzoeken en te testen. Haar fractie is benieuwd naar de evaluatie daarvan. Daarin zou zij graag willen terugzien hoe effectief dit is. Mevrouw Van Mil (Student & Starter) gaat in op de vergunningplicht zoals door de VVD gezegd.

Zij heeft de indruk dat het daarmee moeilijk gemaakt wordt voor ondernemers die juist in een dergelijke wijk positieve invloed zouden kunnen hebben en meer werkgelegenheid kunnen bieden. Mevrouw Meerding (VVD) is een sterk voorstander van bonafide ondernemers die het beste voor hebben met hun onderneming en het gebied. Nu ziet zij echter zoals ook in de ondermijningsnota naar voren komt dat er sommige kwetsbare gebieden zijn met niet zulke bonafide ondernemers. Zij vindt het goed te gaan kijken naar het

Pagina 18 van 58

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 16 december 2021

880

890

900

910

920

instrumentarium dat al in de APV is toegevoegd, in de praktijk te brengen en na te gaan of het werkt en of daarmee voordeel te behalen is. De heer Sungur (DENK) vraagt op basis van welke cijfers de VVD denkt dat het goed is om een focus aan te brengen in de gebieden Amsterdamsestraatweg in Overvecht. Mevrouw Meerding (VVD) licht toe op basis van cijfers en onder andere uit het rapport over de Amsterdamsestraatweg. Zij refereert daarbij aan het ondermijningsrapport, meegezonden met de raadsbrief en het rapport van bureau Broekhuizen dat een algemeen beeld schetst van hoe om te gaan met drugscriminaliteit en met de omvang van het probleem. Zij benadrukt dat de cijfers wel degelijk aanwezig zijn. De heer Sungur (DENK) doelt vooral op dat die cijfers niet uitzonderlijk zijn voor Overvecht en de Amsterdamsestraatweg, wanneer het gaat over het aantal panden dat is gesloten. Hij vraagt waarin mevrouw Meerding het verschil ziet tussen Overvecht en de Straatweg aan de ene kant en bijvoorbeeld de Binnenstad of VleutenDeMeern aan de andere kant. Mevrouw Meerding (VVD) gaat specifiek in op de Amsterdamsestraatweg. Zij ziet daar een heel groot verschil. Daar is ook onderzoek naar gedaan. Dan blijkt dat daar enorm veel bedrijven waren waar iets niet pluis was en die om die reden gesloten moesten worden.

Zij kijkt naar die onderzoeken en zij ziet daarin voldoende onderbouwing voor de keuze van deze gebieden. De heer Sungur (DENK) herhaalt zijn vraag waarom specifiek deze gebieden, en niet Vleuten De Meern waar ook heel veel panden gesloten zijn. Mevrouw Meerding (VVD) staat in principe open voor alle gebieden waar uit cijfers blijkt dat het een extra kwetsbaar gebied is. Wanneer de heer Sungur hele grote zorgen heeft over Vleuten-De Meern en daarover cijfers kan overleggen en kan delen met de raad, kan zij daar naar kijken. Zij vervolgt haar inbreng in haar termijn en gaat in op de evaluatie over het inzetten van dit instrument. Zij is blij met het onderzoek naar verdachte transacties. Dat gezegd hebbende, kan het altijd nog beter. Zij mist wat in de volksmond bekend staat “de patseraanpak” - het wegnemen van statussymbolen zoals dure kleding en auto’s bij mensen die die spullen niet eerlijk verdiend hebben. Juist die mensen met deze statussymbolen zijn het slechte voorbeeld en stralen uit dat de criminele wereld wel aantrekkelijk is omdat het loont. Het college heeft in de ondermijningsnota nu juist gezegd het niet aantrekkelijk te willen maken om door te groeien; diezelfde lijn voortzettend adviseert zij het college serieus te kijken naar het invoeren van een dergelijke patseraanpak.

Het zou mooi zijn wanneer het stadsbestuur extra capaciteit krijgt voor handhaving en de politie. Dat is nog niet in die woorden genoemd in de nota. Dat komt ook uit de gedeeltelijke afhankelijkheid van de gemeente van het Rijk. Het deze week gepresenteerde regeerakkoord geeft haar goede hoop op het tegemoet kunnen zien van een mooi bedrag en extra inzet van politie en handhaving in Utrecht. Haar fractie hoopt ook dat dit in toekomstige of in een geüpdate nota over ondermijning nog terug gaat komen: wat gaat de gemeente doen met het extra geld dat de gemeente krijgt van het Rijk. De heer Koning (D66) vindt “de patseraanpak” aanlokkelijk klinken. Zijn vraag aan de VVD en aan de burgemeester is of de gemeente daarmee iets kan, of dat dat eigenlijk ligt bij het OM of in het strafrecht. Wanneer dat laatste het geval is, is hij van mening in de gemeenteraad te moeten spreken over de onderwerpen waarmee de gemeente iets kan. Pagina 19 van 58

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 16 december 2021

930

940

950

960

970

Ten tweede vraagt hij mevrouw Meerding over het ondermijningsartikel in de APV of mevrouw Meerding het met D66 eens is over zoals in deze raad is afgesproken dat de burgemeester heel zorgvuldig aan de voorkant zal moeten onderbouwen waarom zij ervoor kiest om in een bepaald gebied en in een bepaalde branche dat ondermijningsartikel van kracht te laten gaan. Mevrouw Meerding (VVD) gaat in op de vraag of de gemeente het wel kan regelen op haar niveau. Volgens haar is dat goed mogelijk. De gemeente Rotterdam voert het al uit. Duidelijk is te zien dat die keuze daar wordt gemaakt. Het lijkt haar voor de hand liggen dat de gemeente dan moet samenwerken met het OM. De gemeente kan wel degelijk daarin haar keuze maken. Met betrekking tot het ondermijningsartikel in de APV zet mevrouw Meerding uiteen dat zij altijd wil dat wetten en regels op een zorgvuldige manier worden uitgewerkt. Een ondermijningsartikel vindt zij geen vrijbrief. Zij vindt dat daarmee zorgvuldig omgegaan moet worden. Zij deelt die mening. Mevrouw Assen (PvdA) vraagt hoe het geld ervoor zorgt dat de gemeente meer wijkagenten krijgt. Zij merkt op dat ook nu vacatures niet vervuld worden. Mevrouw Meerding (VVD) merkt op dat dit probleem wel degelijk gezien wordt. Zij beseft dat die wijkagenten niet direct klaar staan.

Ook op dat vlak zal zowel gemeentelijk als landelijk ingezet moeten worden op het aantrekkelijk maken van het beroep, op het stimuleren van mensen, op het voeren van campagnes. Met extra inzet zullen naar zij hoopt genoeg goede mensen te vinden zijn. Mevrouw Assen (PvdA) legt de vraag voor of daar misschien nog iets anders bij hoort, iets dat op lokaal niveau niet te regelen is. Mevrouw Meerding (VVD) vraagt waarop mevrouw Assen doet. Mevrouw Assen (PvdA) stelt dat niet op alles lokaal invloed is uit te oefenen. Misschien ziet mevrouw Meerding daarin nog facetten: in de zorg of in het onderwijs wordt nog wel eens gesproken over woningvoorrang. Mevrouw Meerding (VVD) pleit al langer voor woningvoorrang voor mensen die bij de politie werken. Dat zou zeker te bekijken zijn wat haar betreft. Voor wat betreft de andere arbeidsvoorwaarden gunt zij politiemensen een hoger en mooi salaris. Daar is de gemeente niet aan zet. Zij hoopt de extra bijdrage vanuit het Rijk terug te gaan zien in de update van de toekomstige nota over ondermijning. In ieder geval is deze nota in de ogen van haar fractie een startschot. Het gaat om de aanpak van de lange adem, zoals de burgemeester zei. Vanwege die aanpak zal goed gemonitoord moeten worden wat wel en wat niet werkt, en zo nodig ook nieuwe maatregelen en interventies ontwikkeld, al naar gelang de ervaringen die het stadsbestuur opdoet.

Haar fractie hoopt van harte dat deze ondermijningsnota in combinatie met het regeerakkoord ervoor gaat zorgen dat de gemeente ondermijnende criminaliteit de kop zal indrukken. Zij benadrukt dat dat hard nodig is voor de toekomst van Utrecht. De heer Van Deún (PVV) vindt dat Utrecht altijd de beste wil zijn en het hoogste wil scoren. Zijn fractie wil dat ook als het gaat om de bestrijding van criminaliteit en ondermijning. Wat hem betreft is het te laat, en zou Utrecht uit de ontkenningsfase moeten zijn. Hij noemt het aantal criminele organisaties in de stad verontrustend: Marengo, plofkrakers, excessief geweld, granatenbeschietingen. Hij merkt op dat Utrecht leidend is in de logistieke cokehandel. Hij vraagt zich af hoe het zover heeft kunnen komen in Utrecht. Zijn fractie geeft antwoord: door weg te kijken en door bezuinigingen op de Nationale politie, en door op lokaal niveau privacy voor opsporing te stellen. Hij Pagina 20 van 58

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 16 december 2021

980

990

1000

1010

1020

noemt als voorbeeld daarvan de inzet van camera’s of het niet versterken van het ambtenarenapparaat en handhavers en door beperking van bevoegdheden van de handhavers. Zijn fractie is blij met de vernieuwende aanpak. Het is niet voldoende om jongeren alleen op te sluiten; het stadsbestuur zal ze ook perspectief moeten bieden. Als het aan de PVV ligt, moet het om een en en beleid gaan. Het stadsbestuur moet beginnen met de groepen die zijn aan te pakken. De kwestie is hoe die groepen te selecteren. De groepen die te beïnvloeden zijn, moeten wat hem betreft beïnvloed worden. Degenen die niet te beïnvloeden zijn, moeten wat hem betreft keihard worden aangepakt. De heer Koning (D66) vraagt wat de heer Van Deún ervan vindt dat in tegenstelling tot het redelijke geluid over preventie in deze bestuurlijke kringen, het extreme geluid van de fractievoorzitter in de Tweede Kamer klinkt dat daar haaks op staat. De heer Van Deún (PVV) vindt dat wanneer iemand een strafbaar feit heeft gepleegd en daarvoor vervolgd wordt, hij daarvoor veroordeeld moet worden. Dat neemt niet weg dat de overheid de jongeren op het rechte pad probeert te houden nadat ze hun straf hebben uitgezeten. De samenleving heeft niets aan jongeren die steeds verder afglijden. Hij vervolgt zijn betoog in zijn termijn. De vraag is hoe de goedwillenden van de kwaadwillenden te selecteren. Hij heeft daarop geen antwoord.

46% van de verdachten zijn jongeren tussen de 18 en 25 jaar, zo leest hij in het rapport en zij zijn voor het merendeel van allochtone afkomst. Hij legt de vraag voor of die groep nog wel te beïnvloeden is. De vraag is ook hoe jongeren weerbaar te maken tegen de grote verleidingen die criminaliteit met zich meebrengt. Hij zei zojuist al iets over hen perspectief te bieden. De vraag is hoe dat perspectief te bieden. De PVV staat nadrukkelijk op het standpunt dat de overheid zich met het bieden van perspectief moet richten op de groep die nog te helpen is. Misschien gaat het dan wel om jongeren, jonger dan 18 jaar. Hij pleit ervoor zo vroeg mogelijk te beginnen. De heer Van Corler (GroenLinks) verneemt desgevraagd de herhaling van de heer Van Deún (PVV) op zijn stelling dat ingezet moet worden op jongeren die nog de kans hebben te veranderen. Hij stelt dat het bij enkele notoire boeven geen zin heeft. Die moeten wat hem betreft gewoon opgesloten worden. De heer Sungur (DENK) merkt op dat heer Van Deún spreekt over jongeren perspectief bieden om ze weerbaar te maken tegen de verleidingen van de materiële voordelen van criminaliteit. Hij vraagt hoe hij dat rijmt met zijn tegenstem op de Anti DiscriminatieAgenda als het gaat om werk. Hij vraagt hoe hij dit rijmt met dit betoog. De heer Van Deún (PVV) zet uiteen dat dat niets te maken heeft met discriminatie.

Het gaat wat hem betreft ook om jongeren van Nederlandse origine, en ook over niet-westerse allochtone jongeren. Uiteindelijk gaat het over iedereen in de stad. Hij is er geen voorstander van om mensen tegenover elkaar te zetten door ze te discrimineren. Als het gaat om ondermijning ziet hij nog een ander niveau; dan zit het niet bij allochtone jongeren maar bij westerse. Dan gaat het om zware criminaliteit bij mensen die al heel ver zijn afgezakt tot een in zijn ogen bedenkelijk niveau. Mevrouw Van Mil (Student & Starter) is blij te vernemen dat leeftijd niet uitmaakt als het gaat om het bieden van perspectief. Zij vraagt wanneer mensen nog een kans krijgen. Wanneer iemand een eerste overtreding heeft begaan, gaat zij ervan uit dat er voor die persoon nog een kans is om hem/haar weer goed te laten functioneren in de samenleving. Of ziet de heer Van Deún dat anders?

Pagina 21 van 58

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 16 december 2021

1030

1040

1050

1060

1070

De heer Van Deún (PVV) stelt die vraag aan het college: hoe groepen te selecteren? Hij weet het niet. Wat is een kansrijke crimineel die nog te beïnvloeden is, zo vraagt hij zich af. De heer Wiegant (SP) vindt dat iedereen nog te helpen is. Hij vraagt of de heer Van Deún het met hem eens is dat de gevangenis juist in de weg kan zitten omdat die vaak een broedplaats is voor verdere criminaliteit en dat eerst het gevangenissysteem grondig herzien zou moeten worden voordat daarvan veel succes te verwachten is. De heer Van Deún (PVV) weet uit het Strafrecht dat een reden om te straffen vergelding is. Nu is Utrecht nog een veilige stad. Dan is voor hem vergelding het belangrijkste motief om te straffen. De heer Van Steeg (CDA) kan zich voorstellen dat ingezet moet worden op een goede balans tussen preventie en repressie. Hij vraagt hoe de heer Van Deún de straffen beoordeelt die nu worden gegeven; die zijn in de afgelopen jaren zwaarder geworden. De heer Van Deún (PVV) verschilt daarover van mening. Hij noemt als voorbeeld taakstraffen. Hij vindt die geen zware straffen. De heer Van Steeg (CDA) sprak over de boeven die levenslang achter slot en grendel gaan volgens de heer Van Deún. Steeds vaker wordt levenslang gegeven. De heer Van Deún (PVV) merkt op dat de heer Van Steeg dan nu spreekt over de verdachten die nu berecht worden in het Marengo-proces.

Dat zijn hele zware criminelen. Hij hoopt dat dat een klein deel is van de criminelen waarover het bestuur nu spreekt. Hij vervolgt zijn inbreng in zijn termijn met uiteen te zetten dat zijn fractie naast de daders vooral de structuur en de geldstromen wil aanpakken. Het initiatief via de bank vindt hij prima. De regeling Melding Ongewenste Transacties (De MOTmeldingen) lijkt in de praktijk niet te helpen. Dat moet en kan volgens zijn fractie beter. De PVV wil meer ambtenaren voor dat doel; meer politie, meer BOA’s, meer handhavers én zijn fractie wil meer camera's. Hij wenst ook meer samenwerking tussen alle instanties waardoor een integrale aanpak tussen alle opsporings- en handhavinginstanties te realiseren is. Hij begrijpt goed dat dat morgen niet geregeld is. Dat gaat deels om rijksbeleid en deels om beleid dat in deze stad te ontwikkelen is. Hij dringt erop aan hiermee wel te beginnen. De heer Koning (D66) vraagt hoe de camera's die geplaatst zijn ten behoeve van de handhaving van de openbare orde ondermijning tegengaan. Zijn vraag impliceert niet dat hij het eens is met de plaatsing van camera's ten behoeve van de handhaving van openbare orde. De heer Van Deún (PVV) bevestigt dat die camera's de ondermijning niet tegengaan, maar wel de criminaliteit. Mensen worden door camera's betrapt op criminele activiteiten. Hij benadrukt dat cameratoezicht daarbij helpt.

De heer Koning (D66) spreekt over de mobiliserende impact van ondermijning wanneer in het kader van ondermijning gesproken wordt over alle criminaliteit en alle veiligheid. Deze nota probeert juist een focus aan te brengen op de daadwerkelijke aanpak van ondermijning. Hij noemt dan in dat licht specifiek de drugscriminaliteit die onder de radar zit. Hij vraagt of de heer Van Deún het in dat licht wel eens is met hem dat die openbare orde camera’s daarbij niet helpen. De heer Van Deún (PVV) is het daarover niet eens met de heer Koning. Hij benadrukt dat jong begonnen moet worden en met de kleine criminaliteit om uiteindelijk uit te komen bij de grote criminaliteit en ondermijning. Hij refereert aan zijn inbreng over de aanpak van ondermijning. De groep daders is een begin.

Pagina 22 van 58

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 16 december 2021

1080

1090

1100

1110

1120

Hij vervolgt zijn inbreng in zijn termijn. Hij vraagt om een duidelijke uitstraling van deze raad en de gemeente dat het zo niet verder kan en dat naast deze aanpak er ook sprake zal zijn van een no tolerancebeleid voor de notoire echte boeven. Hij herhaalt zijn inbreng dienaangaande. Hij bereidt moties voor, voor de bespreking in de raad. Zijn fractie vindt het voorstel een goede stap in de goede richting. Hij vindt dat het bestuur geloofwaardig moet zijn in dezen. Hij vindt het veiligheidsgevoel in de stad dramatisch. Mevrouw Assen (PvdA) vraagt de heer Van Deún of naar diens inzicht het intrekken van uitkeringen de kans op het rechte pad terug te komen vergroot of verkleint. De heer Van Deún (PVV) heeft in dat licht gesproken over de notoire boeven. Hij herhaalt dat wat hem betreft het stadsbestuur zich moet richten op de mensen die te beïnvloeden zijn; jegens hen spelen dergelijke maatregelen geen rol. Hij herhaalt zijn inbreng over de notoire boeven. Er is een grond in de Participatiewet om een uitkering stop te zetten of te korten. Mevrouw Streefland (ChristenUnie) vindt het onderwerp vandaag belangrijk en heftig. Ze dankt het college voor het ter bespreking voorleggen van deze nota. Zij ziet dat de onzichtbare vormen van criminaliteit toenemen. Het is onbekend in welke mate.

Het gaat vaak om illegale activiteiten die in het begin weinig slachtoffers maken; de activiteiten maken inbreuk op het systeem, op de economie, het internet, de infrastructuur. Maar ook op de democratische rechtsstaat en op de samenleving. Het gaat haars inziens niet zozeer om high impact crime maar high hidden impact crime. Dat maakt het ingewikkeld met de nadruk op hidden. Voor haar en haar fractie zijn de presentaties van de cijfers en de verhalen kristalhelder. Zij adviseert het bestuur dit uiterst serieus te nemen. Zij vraagt de burgemeester of zij bij de verdere uitwerking die na deze bespreking zal plaatsvinden een diepgaander precisering wil geven van de cijfers: een verdieping in de omvang, de aard, de ernst et cetera van het probleem. Dat helpt ook om niet te twijfelen over de cijfers en te twijfelen over de aanpak en gezamenlijk hetzelfde beeld te kunnen delen. In navolging van Hans Boutellier die zich uitsprak over de aanpak van ondermijning, zegt zij citerend: “ iedere begrenzende veiligheidsmaatregel tegen hidden impact crime moet gepaard gaan met een maatregel die aan de sociale kwaliteit van het systeem tegemoet komt.” Daarmee is direct te beginnen, al is het niet spectaculair. Deze nota begint hiermee: grenzen stellen en perspectief bieden. Haar fractie is daarvan een groot voorstander.

Met betrekking tot de nota zelf zet mevrouw Streefland uiteen dat er nog een begin gemaakt moet worden met het opbouwen van een netwerk van mensen tussen straat en staat (the credible messengers). Daarbij zal goed gekeken worden naar Amsterdam. In de Raadsinformatiebijeenkomst kwam naar voren hoe belangrijk die personen zijn. Zij vraagt wat het concrete plan is van de burgemeester en op welk moment de burgemeester de raad kan informeren. Zij denkt dat daar de crux zit om de gevoelige jongens en mogelijk ook meiden hieruit te trekken. Met betrekking tot de inzet van jobcoaches die in staat zijn personen met crimineel gedrag te motiveren, intensief te begeleiden en te verbinden aan werkgevers en de realisatie van opleidingsplaatsen met status, heeft haar fractie twijfels over de “baan met status”. Het gaat wat haar betreft veel meer over de intensieve begeleiding, over het fit for work, over het “terugronselen”. Zij vraagt wat die aanpak betekent voor de Pagina 23 van 58

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 16 december 2021

1130

1140

1150

1160

1170

afdeling Werk & Inkomen. Is daar al een team van zeer betrokken specialistische begeleiders? Over de samenwerking met de Rabobank merkt zij op dat gestart gaat worden met een verdiepend onderzoek naar de criminele verdienmodellen en het in kaart brengen van waar dat geld neerslaat. Ze noemt dat cruciaal en heel complex. Zij ziet graag dat daarbij ook andere banken betrokken worden. Zij vraagt hoe de burgemeester dat ziet. Of is de samenwerking met meerdere banken op dit moment ook vertragend? Dan kan zij zich voorstellen dat samenwerking met meerdere banken niet zo verstandig is. De heer Wiegant (SP) vraagt wat de ChristenUnie ervan vindt dat de Rabobank en eventueel de andere banken, zelf onderdeel kunnen uitmaken van de ondermijningsnetwerken omdat ze meerdere malen zelf [in de fout gingen] dan wel niet voldoende inzet hadden tegen witwassen, dan wel daarbij mogelijkerwijs actief betrokken waren. Mevrouw Streefland (ChristenUnie) denkt dat daar een complex bouwwerk zit. Zij overweegt dat invloed is uit te oefenen via een samenwerking. Ze denkt dat het eerder iets gaat brengen in de oplossing, dan dat de bank een onderdeel zou zijn van het probleem. Zij vraagt meer aandacht voor slachtofferschap. Zij refereert aan de desbetreffende inbreng in de Raadsinformatiebijeenkomst.

Het gaat er dan om mensen die er moeilijk kunnen uitkomen en die aan de voorkant zich niet beseften waartegen ze ja zeiden. Een directeur van een ROC in de stad gaf aan dat wat hem betreft hierop steviger en meer samengewerkt mag worden. Zij deelt die opvatting. Zij legt de vraag voor wie met meer drang en dwang de leerlingen terug kunnen ronselen dan de leerplichtambtenaar. Zij vraagt hierop de reactie van de burgemeester. Daarnaast gaf de directeur aan dat het zeer moeizaam is om te spreken over deze jongeren omdat er nogal een stringente AVG-richtlijn is. Ze krijgt ook graag de reactie van de burgemeester: is in die zin iets te doen om hulpverlening en begeleiding steviger neer te zetten? Zij oppert dat het wenselijk en noodzakelijk zou kunnen zijn maar vooral goed om een soort van citydeal te maken met de hoopvolle belofte alle jongeren een veilige pedagogische omgeving te geven zonder armoede. Het bestuur is met dat streven al heel eind op de goede weg. Zij krijgt hierop graag de reactie van de burgemeester. Mevrouw Assen (PvdA) bedankt alle vrouwen en mannen die Utrecht veilig houden.

Haar fractie is blij dat dit college kiest voor wat effectief is niet voor wat stoer klinkt, namelijk vooral preventie en perspectief bieden en een integrale persoonlijke aanpak om zo jongeren uit de criminaliteit te houden of te voorkomen dat ze in Utrecht een carrière opbouwen, en dat de gemeente hiermee inzet op de lange termijn. Zij krijgt daarop graag reactie van de burgemeester: hoe die lange termijn hierin geborgd is. Tegelijkertijd maakt de PvdA zich zorgen over of dit goed genoeg is: de kraan moet eerst dichtgedraaid voordat dwijlen zin heeft. Om die reden stelt zij enkele grotere punten aan de orde en stelt zij enkele afzonderlijke vragen. Zij begint met de grote punten. Allereerst vraagt zij hoe integraal de integrale aanpak is en hoe stevig die aanpak is verankerd. Via die aanpak moet met alle betrokkenen en vaste contactpersonen bindende afspraken worden gemaakt met gevolgen voor wanneer die niet worden nagekomen met de personen om wie het gaat, de politie, gemeente, ouders, school (Zij refereert aan de desbetreffende inbreng van mevrouw Streefland), JOU, jeugdhulp indien betrokken. Integraal betekent wat haar fractie Pagina 24 van 58

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 16 december 2021

1180

1190

1200

1210

betreft ook kijken naar onderliggende oorzaken: achter de voordeur. Dan kunnen heel veel terreinen daaraan raken: zorg, schulden, onderwijs. Overal is het druk: personeelstekort, de wachtlijsten. Bekend is ook dat het soms ambtelijk een uitdaging is om echt integraal te werken. Haar fractie ziet daar nog een knelpunt: hoe gaat het voorliggende dat doorbreken, hoe is dat verankerd? En wie draagt daarvoor verantwoordelijkheid? Wie heeft de regie? Haar fractie ziet dat graag geborgd:van professionals die hiervoor ook verantwoordelijkheid dragen, maar waar haar fractie tot een versteviging waar mogelijk wil komen, met een amendement op de tekst. Zij verneemt graag van de burgemeester hoe zij de verantwoordelijkheid ziet voor de professionals, ook wanneer die verantwoordelijkheid niet direct bij de politie ligt, maar bij een andere betrokken instantie. Maar ook van ouders en jongeren zelf verwacht zij een prestatie. De gemeente steekt een helpende hand uit, maar dan moet er ook worden meegewerkt. Wanneer kansen dan niet benut worden door ouders en jongeren, moet dat consequenties kunnen hebben. Daarbij denkt zij ook aan de ouders die zo cruciaal zijn. Daarbij vraagt zij de burgemeester of zij heeft nagedacht over de gevolgen hiervan. Wat haar betreft moet de vrijblijvendheid er af. Ook voor het onderwijs heeft zij een voorbeeld van hoe die effectiever te benutten is.

Veel leerkrachten zeggen goed te kunnen inschatten bij welke jongens dit risico op de loer ligt. Zij weten dan niet bij wie dat te melden of de signalen worden niet serieus genomen. Zij ervaren soms dat zij beticht worden van etnisch profileren wanneer ze een dergelijk signaal afgeven. Dat kan volgens de PvdA nooit de bedoeling zijn. Dit geldt ook voor sleutelfiguren in de wijken die dezelfde soort functie kunnen vervullen: hoe worden ze betrokken, hoe worden ze serieus genomen? Zij refereert aan de desbetreffende inbreng van mevrouw Streefland over de AVG die daarin niet moet hinderen. Zij verneemt graag hoe dit stevig geborgd is. Zij denkt ook dat geïnvesteerd moet worden in meer kansengelijkheid en het voorkomen van armoede. Zij vraagt zich af of iedere Utrechter nu voelt dat te rekenen is op de overheid en de politie. Zolang de enorme ongelijkheid in kansen blijft bestaan op goed onderwijs, op een woning, een baan, en zolang er racisme en discriminatie is, grote verschillen tussen Utrechters en wijken, gelooft haar fractie niet dat het stadsbestuur dat helemaal kan tackelen. Wanneer het stadsbestuur dit niet duurzaam oplost, blijft het risico op aanwas groot. Zij vraagt naar de inzet hierop van de burgemeester samen met haar collega wethouders om op die gebieden meer te doen. Haar fractie gelooft dat de inzet van ervaringsdeskundigen daarin kan helpen.

De PvdA pleitte daarvoor eerder al. Dat is niet soft maar simpelweg effectiever wanneer de credible messengers de boodschap overbrengen aan jongeren en aan ouders. Zij wil daarom graag een toezegging dat ervaringsdeskundigen aangetrokken worden. Zij vraagt de burgemeester of zij kan toezeggen voor de Voorjaarsnota een plan daarvoor te presenteren. Mevrouw Van Mil (Student & Starter) vraagt of de PvdA de credible messengers de aanpak zelf zou willen laten definiëren. Mogelijk hebben zij hele goede ideeën. Mevrouw Assen (PvdA) kan zich daarbij veel voorstellen. Dat geldt wat haar betreft ook voor de sleutelfiguren: de ogen en oren in de wijk. Dat ze aan de voorkant betrokken worden en dat ze nagaan wat een effectieve aanpak is. Zij ziet ze graag nu al aangesteld en in dienst, liever dan morgen. Haar fractie gelooft dat zij zowel richting jongeren, richting ouders als richting professionals van toegevoegde waarde zijn op wat er al is.

Pagina 25 van 58

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 16 december 2021

1220

1230

1240

1250

1260

Zij vervolgt haar inbreng met in te gaan op de buurt. Dat is voor veel jongeren de voornaamste leefwereld. Juist vanwege de ongelijkheid tussen buurten pleit haar fractie voor een buurtaanpak. De PvdA wil een buurtaanpak op maat op meer plekken dan op Overvecht. Nu wordt vaak alleen naar Overvecht gewezen waardoor daar ook meer geld is. De buurt moet een veilige plek zijn waarop criminelen geen grip hebben. Ook door jongerenwerk, ouders, buurtvaders, -moeders, onderwijs, Buurtteams, en alles daartussen. Zij stelt vast dat er buurten zijn die kwetsbaarder zijn voor criminele invloeden en aanwas. De vraag is wat daaraan te doen in andere wijken dan in Overvecht. Mevrouw Meerding (VVD) hoort mevrouw Assen nu twee keer zeggen dat de gemeente dit alleen voor Overvecht doet. Ook zij ziet wel een focus liggen op Overvecht. Volgens haar worden wel meer gebieden genoemd: Amsterdamsestraatweg, Zuid. Zij vindt dat het niet zó beperkt is. Mevrouw Assen (PvdA) deelt dat met mevrouw Meerding. Haar fractie vindt het onvoldoende omdat er nog steeds buurten zijn met dezelfde kenmerken maar dan op kleinere schaal dan de hele wijk. Zij vraagt vooral om een buurtaanpak. Zij vervolgt met in te gaan op Buurtrechtspraak. Zij vraagt hoe de burgemeester er tegenover staat om een pilot te starten met buurtrechters of wijkrechters. Daarin bestaan verschillende vormen.

Daarmee zijn in sommige gemeenten goede ervaringen zodat een jongere snel in een wijk te berechten is door een rechter die zelf ook veel fysiek aanwezig is en weet wat in de wijk speelt. Met betrekking tot de capaciteit ziet zij een enorm probleem in een hard groeiende stad; niet altijd op de manier die de voorkeur heeft van haar fractie en een stad die ook nog eens verdicht wordt. De PvdA duwde daar al vaak op. Onvoldoende politiecapaciteit heeft er ook toe geleid dat Utrecht nu haar huidige positie heeft. Zij ontving de brief over tekorten in de regio. Zij verneemt graag hoe dit voor Utrecht Stad is en hoe dit zich verhoudt tot de groei in de stad: zij ziet werken aan het gebrek aan wijkagenten met oren en ogen van de wijk, als een enorme prioriteit. Die schaarste kan haar fractie niet zien als een gegeven. Zij vraagt wat er in de randvoorwaardelijke sfeer gebeurt. Zij verwees er naar dat binnen het Onderwijs Utrecht Leert en in de Zorg Utrecht Zorgt in aantocht zijn om het personeelstekort tegen te gaan. Zij vraagt of zo iets dergelijks ook kansrijk is met het oog op de politie. In welke mate loont het nu al om voorrang te geven aan agenten voor de sociale huurwoning. Daarbij vraagt zij hoe schaarste meespeelt in de aangrenzende sectoren zoals jeugdhulp.

Hoe lukt het dan om die integrale samenwerking met de politie vorm te geven? Verwezen is al naar de criminele geldstromen waarbij notarissen, makelaars, taxateurs een poortwachtersfunctie hebben om dat te voorkomen. Zij vraagt of hierover afspraken te maken zijn bij bijvoorbeeld gebiedsontwikkeling om te garanderen dat partijen die gaan verhuren en verkopen bonafide zijn. Zij vraagt of daarbij een bewijs van goed gedrag gevraagd wordt. Haar fractie ziet allerlei zaken op dat gebied op landelijk niveau, maar zij wil er ook voor zorgen dat Utrecht doet wat zij kan. Zij vraagt of het college bereid is over te gaan tot een steekproefcontrole onder deze beroepsgroepen. Zij vraagt welke beperkende rol de AVG speelt. De AVG mag nooit in de weg staan van een effectieve aanpak. Desnoods vraagt dit om een convenant met alle partijen en onderliggende gemeenten waarin duidelijke afspraken worden gemaakt. Zij vraagt hoe de signalen landen van bewoners en ondernemers over winkels zonder klandizie en hoe die serieus te nemen. Dit kan niet alleen de exploitant maar ook eigenaar aangerekend worden als het gaat om de functie van het pand. Pagina 26 van 58

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 16 december 2021

1270

1280

1290

1300

1310

Ze maakt een expliciet punt over de inzet van sociale media; heeft Utrecht daarover voldoende kennis en capaciteit in huis om online alle mogelijkheden te benutten? Wanneer gaat de evaluatie hiervan plaatsvinden? De heer Koning (D66) is kritisch op in hoeverre de gemeente sociale media moet gaan afstruinen op zoek naar zaken die te maken hebben met ondermijnende drugscriminaliteit. Hij vraagt hoe de PvdA dat ziet. Mevrouw Assen (PvdA) antwoordt dat het stadsbestuur niet de luxe heeft om de sociale media niet te benutten. Zij verneemt graag van de burgemeester hoe de gemeente dat momenteel doet; hoe denkt het college dit intensiever te gaan doen. Zij verwacht niet dat de capaciteit er is om continu de sociale media af te struinen. Zij vreest dat risico niet. De heer Koning (D66) merkt op dat zijn fractie samen met de ChristenUnie al eerder heeft gepleit voor Buurtrechters. Hij benadrukt dat het zijn fractie bijzonder onverstandig lijkt de gemeente volle bak aan te zetten om sociale media te gaan monitoren. Dat raakt de privésfeer van mensen. Hij pleit voor terughoudendheid daarmee. Mevrouw Assen (PvdA) merkt op dat ook bij straatintimidatie het onlinegedrag een wezenlijk onderdeel is van het probleem. Volgens haar hoort dit bij een effectieve aanpak. Zij werpt de suggestie verre van zich dat dat betekent dat allerlei ambtenaren continu ieders instagram account bijhouden.

De heer Koning (D66) vindt het begrip “ondermijnende criminaliteit” enigszins ongrijpbaar omdat veel zaken daarop betrekking kunnen hebben. Om die reden vindt hij focus nodig. Deze introductie doet geen recht aan de realiteit van het probleem. Plofkraken en schietpartijen zijn ook bedreigend voor toevallige passanten en buurtbewoners. Wanneer een stad veilig is, profiteert iedereen daarvan. Hij is blij te zien dat deze nota probeert ondermijning te vatten en daarop een aanpak te formuleren en daarin focus aan te brengen. Hij is blij te zien dat het Rijk daadwerkelijk over de brug komt met veel middelen; het miljard van de burgemeester wordt beschikbaar gesteld. Wat D66 betreft ligt de nadruk in deze nota op deel A. De basis op orde is nodig en wat hem betreft moet repressie het sluitstuk zijn. Hij kan een heel eind meegaan waar de inbreng van mevrouw Assen die basis raakt. D66 wil graag de intensivering daarop zien: preventie, perspectief en kansen bieden. Zo is het veiligheidsklimaat te verbeteren door aan de voorkant mensen uit het criminele circuit te houden. Zijn fractie zou heel graag zien dat extra rijksgelden en andere extra middelen voor dit deel van de nota primair worden ingezet. Zijn fractie streeft naar een stad waar de voedingsbodem voor criminaliteit zo klein mogelijk is. Dat is niet alleen rechtvaardig maar ook pragmatisch.

Daarom wil zijn fractie dit deel van de nota structureel blijven financieren zodat de gemeente geen jongeren kwijtraakt omdat projecten aflopen. Mevrouw Meerding (VVD) vindt dat heer Koning wel heel voortvarend te werk gaat; het geld is amper deze week bekend geworden en hij geeft nu al aan dat wat hem betreft het geld vooral bij het eerste deel terecht moet komen. Zij stelt voor eerst te gaan kijken hoe dit uitwerkt en wat de resultaten daarvan zijn en aan de hand daarvan te beslissen wat nog verder nodig is. Zij is benieuwd hoe de heer Koning daarover denkt. De heer Koning (D66) geeft aan waarop de inzet van zijn fractie gericht is: liever op preventie dan op repressie. Hij is het ermee eens dat repressie ook wel nodig zal zijn. Hij zal daarop nu verder inzoomen. Pagina 27 van 58

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 16 december 2021

1320

1330

1340

1350

1360

De heer Van Steeg (CDA) hoort de heer Koning spreken over het bieden van een veilige basis. Hij vraagt hoe hij de relatie ziet tussen het gebruik van harddrugs en de problemen op het gebied van ondermijning. De heer Koning (D66) licht toe dat voor zijn fractie een van de problemen is dat de grote bulk van de drugs gecategoriseerd wordt op harddrugs en zwaar en repressief wordt aangepakt, terwijl met een veel rationeler en beter landelijk drugsbeleid, het bestuur zou erkennen dat verschillende soorten drugs verschillende aanpak nodig hebben. Hij verwacht dan tot andere inzichten te komen. Hij verwacht dan tot het inzicht te komen dat sommige soorten drugs zoals cocaïne en heroïne een keiharde aanpak nodig hebben en dat op een andere manier omgegaan kan worden met andere middelen zoals xtc. De heer Van Steeg (CDA) denkt dat het goed is dat de heer Koning dit zegt: dat harddrugs een harde aanpak nodig hebben. Maar ook bij andere soorten drugs, zoals lachgas, zijn gevaren te zien voor de volksgezondheid. Hij vindt het naïef om te stellen dat voor iedere drugs een andere aanpak nodig is. Hij denkt de preventieve aanpak nodig te hebben voordat zaken worden vrijgegeven. Hij vraagt of de heer Koning het daarmee eens is.

De heer Koning (D66) vindt dat wat zijn fractie betreft het drugsbeleid veel meer gestoeld zou moeten zijn op voorlichting, en ontmoediging, en het gebruik ervan niet criminaliseren. Het probleem met criminaliseren is dat mensen het onder de radar gaan produceren en verhandelen. Dat leidt ertoe dat de stad te maken heeft met de problemen waarover de raad nu spreekt. De heer Van Steeg (CDA) gaat in op het gebruik van harddrugs. Hij vraagt of de heer Koning het er ook mee een is dat het bestuur inwoners zou moeten oproepen om geen harddrugs te gebruiken omdat dat gevolgen heeft voor de wijken waar het moeilijk is in de stad. De heer Koning (D66) denkt dat het begint bij de basis; dat partijen het daarmee niet eens zijn. Zijn fractie is het er niet mee eens dat harddrugs per definitie onder die categorie geschaard moeten worden. D66 vindt dat dat op landelijk niveau moet worden aangepakt. Daarom is zijn fractie blij met wat in het coalitieakkoord is geschreven over dat er een Taskforce xtc en MDMA komt waarin dat herzien gaat worden en dat er ook gekeken gaat worden of Utrecht of een andere grote stad kan aansluiten bij het wietexperiment. Mevrouw Snippe (Partij voor de Dieren) merkt op dat de heer Koning zegt dat de nadruk wat hem betreft op beslispunt A ligt. Zij is benieuwd hoe de heer Koning aankijkt tegen de aanbeveling om de punten 4 en 5 toe te voegen aan beslispunt 1a.2.

De heer Koning (D66) wil daar met haar naar kijken na deze commissievergadering. Mevrouw Snippe (Partij voor de Dieren) licht toe dat gezegd is dat het raadsvoorstel niet overeenkomt met de nota, dat er twee punten ontbreken, namelijk het aanbieden van opleiding, sport en dagbesteding die aansluit bij de leefwereld en talenten van jonge mensen. En het punt “verkennen en interventies” zoals wijkrechtspraak en online schuldenrechter en het multidisciplinair toezichtteam. Zij wil in haar betoog vragen aan de burgemeester of dat toe te voegen is en zij vraagt of de heer Koning daarover ook zo denkt. De heer Koning (D66) begrijpt dat mevrouw Snippe die wil toevoegen zoals de nota beoogt aan de nota deel A. Hij antwoordt bevestigend; hij is het daarmee van harte eens. Hij vervolgt zijn betoog in zijn termijn met in te gaan op deel B van de nota. Zijn fractie staat daar kritischer tegenover. Hij leest allereerst in de nota een stevige inzet Pagina 28 van 58

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 16 december 2021

1370

1380

1390

1400

1410

op bestuursrechtelijke instrumenten. Hij begrijpt dat. Tegelijkertijd vindt zijn fractie dat lastig. De inzet van bestuursrechterlijke middelen van de burgemeester moet zijns inziens heel zorgvuldig gedaan worden. Voor het vertrouwen van de inwoners en ondernemers in de rechtsstaat is het absoluut nodig dat daarin heel juridisch zuiver gewerkt wordt. Te vaak zag hij dat de Raad van State de gemeente Utrecht terugfloot. Utrecht heeft waarborgen nodig om te weten dat de middelen ingezet worden op een staatsrechtelijk bedoelde manier. In het debat een jaar geleden ongeveer over de vergunningsplicht voor ondernemers in nieuwe sectoren en gebieden trokken partijen daarin samen op in deze commissie, en scherpte de commissie het beleidskader aan. Hij vraagt of de burgemeester het ermee eens is dat grijpen naar bestuursrechterlijke middelen, averechts kan werken wanneer daarmee niet terughoudend en weloverwogen omgegaan zou worden. Mevrouw Meerding (VVD) is heel erg benieuwd naar voorbeelden voor het averechts werken. Zij heeft daar geen beeld bij. Zij vraagt concretisering. De heer Koning (D66) licht toe dat de averechtse werking optreedt op het moment wanneer een ondernemer uiteindelijk in het gelijk gesteld wordt door de Raad van State die uiteenzet dat de gemeente op punten onvoldoende een juridische onderbouwing heeft gegeven of juridisch zuiver heeft gehandeld.

Dan leidt dat tot zijns inziens een terecht wantrouwen richting de overheid. Dan is de overheid verder van huis. Mevrouw Meerding (VVD) vindt dit een stellige conclusie. Zij bevestigt dat het vervelend is wanneer iemand onterecht ergens van beschuldigd wordt en dat hij via de gerechtelijke weg in het gelijk gesteld moet worden. Dat wil haar fractie zoveel mogelijk voorkomen; de processen moeten zorgvuldig in elkaar steken. Dat betekent haars inziens niet direct dat het algemene vertrouwen van iedereen in de rechtsstaat verdampt. Er is ook een reden waarom de burgemeester deze bestuursrechterlijke instrumenten wil inzetten, namelijk omdat het probleem heel erg groot is en de gemeente uiteindelijk wil ingrijpen en iets wil kunnen doen. Die twee zaken moeten wat haar betreft tegen elkaar afgewogen worden. Dan kan het een keer voorkomen dat iemand onterecht een bestuursrechterlijke maatregel krijgt; daarmee moet op een goede manier omgegaan worden. De voorzitter vraagt de commissie de interrupties kort te houden. Zij nodigt de heer Koning uit voor een korte reactie. De heer Koning (D66) ziet op dit moment dat de overheid zichzelf niet houdt aan hele basale wetgeving. Dan is te zien dat dingen soms heel erg fout gaan. Hij noemt als voorbeeld de toeslagenaffaire.

Hij ziet het ook in de gemeente als hijzelf mailtjes krijgt van een ondernemer die attendeert op een uitspraak van de Raad van State en dat hij benadeeld is. Hij denkt dat de overheid een belangrijke functie heeft om inwoners en ondernemers tegen diezelfde overheid in bescherming te nemen. Daarvoor staat de gemeenteraad ook aan de lat: om de burgemeester te helpen bevoegdheden die zij heeft dusdanig in te kaderen dat het bestuur gezamenlijk de verantwoordelijken neemt om bestuursrechterlijke bevoegdheden in te zetten op een dergelijke manier waardoor het houdbaar en zuiver is. De heer Sungur (DENK) ondersteunt het betoog van de heer Koning met een aantal lokale voorbeelden. Hij noemt het koffiehuis Transwijk. Een ander voorbeeld is de collectieve sluitingstijden op de Amsterdamsestraatweg. Ook daarvan heeft de Rechtbank in eerste instantie gezegd dat de gemeente dit onvoldoende gemotiveerd heeft, en dat de proportionaliteit in het geding is waardoor de gemeente een nieuw besluit op bezwaar moest nemen. Dat is niet alleen erg voor ondernemers; dat Pagina 29 van 58

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 16 december 2021

1420

1430

1440

1450

1460

betekent in sommige gevallen dat zij hun levenswerk kwijt zijn. De impact daarvan is enorm. Hij heeft dat van dichtbij gezien. De heer Koning (D66) is het daarmee volledig eens. Vorig jaar is in deze raadszaal gesproken over de APV. Zijn fractie heeft toen verschillende amendementen ingediend die te maken hebben met de vergunningsplicht voor bepaalde branches of gebieden: amendementen 15, 16 en 19. Het is zijn fractie niet duidelijk hoe deze gewijzigde kaders als gevolg van de amendementen nu terugkomen in de huidige plannen. Destijds is vastgesteld dat bij aanvragen van vergunningen, de burgemeester concreet en ondubbelzinnig openbaar maakt welke gedragingen en feiten bij de beoordeling van het levensgedrag in relatie tot bedrijfsmatige activiteiten kunnen worden betrokken. Hij vraagt of dit inderdaad zo gedaan wordt en of goed onderbouwd zal worden wanneer naar het middel van de vergunningsplicht gegrepen wordt. Hij vraagt of er een eindtermijn verbonden wordt aan de invoering van een dergelijk vergunningsplicht en vervolgens ook de volgens zijn fractie waarschijnlijke waterbedeffecten worden gemeten. Hij vraagt terughoudendheid met het oproepen van mensen meldingen te doen van verdachte situaties. Hij vraagt het college er dan eerst voor te zorgen dat de inwoners op de hoogte zijn van en in staat zijn tot verdachte situaties te herkennen.

Bij de Raadsinformatiebijeenkomst liet hij een krantenartikel zien van een voorbeeld van een ondernemer die in de regio te maken had met een melding waar uiteindelijk niets aan de hand bleek te zijn. Zijn hele bedrijfsvoering is daardoor in de problemen gekomen. Hij vraagt of de burgemeester specifiek wil maken wat, waar, wanneer en met welk doel gemeld kan worden en hoe die meldingen worden opgeslagen en wat de afhandeltermijn is. Hij kan zich voorstellen dat dit wat technisch is. Hij vindt het prima om hierover bij de commissie terug te komen. Mevrouw Streefland (ChristenUnie) merkt op dat de situatie nu is dat veel mensen normaliseren of niet meer melden, terwijl wat haar betreft die meldingen wel moeten blijven. Zij vraagt naar de oplossing daarvan van D66. De heer Koning (D66) erkent dat het een lastig vraagstuk is. Hij benadrukt dat hij het juridische risico wil afdekken. Mevrouw Streefland (ChristenUnie) vraagt of de oplossing dan is de inwoners daarin meer mee te nemen: welke situaties verdachtwaardig zichtbaar zijn om te melden. Zij deelt dat daarop meer ingezet moet worden. Zou D66 dat goed vinden? De heer Koning (D66) antwoordt bevestigend.

Mevrouw Assen (PvdA) pleit in haar betoog er juist voor om bijvoorbeeld de observaties maar misschien ook wel het onderbuikgevoel van bijvoorbeeld leerkrachten serieuzer te nemen en tijd vrij te maken om daarmee aan de slag te gaan om vervolgens na te gaan wat daar speelt. Of daar echt iets speelt of dat dat gevoel wellicht niet klopt. Zij vraagt of de heer Koning dat ook onwenselijk vindt. De heer Koning (D66) sprak hierover met een rector van een middelbare school en met docenten; zij zeggen hierbij intensiever betrokken te willen zijn. Ook zij hebben soms beelden waarmee zij denken dat de gemeente of de politie iets zou kunnen. Aan de andere kant geven zij ook terug dat zij een veilige omgeving willen borgen voor de leerlingen. Hij stelt dat beide waar is. Hij gaat ervan uit dat professionals in hun samenwerking een goede manier moeten vinden. De algemene oproep om scholen hierbij te betrekken op een manier dat het iedereen helpt, kan hij goed delen. De heer Van Steeg (CDA) gaat terug naar de meldingsbereidheid. De heer Koning heeft liever dat mensen minder melden dan meer. Hij ziet in de rapporten terug dat mensen het wel zien, maar dat zij het eigenlijk niet meldenswaard vinden. Hij vraagt Pagina 30 van 58

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 16 december 2021

1470

1480

1490

1500

1510

of de heer Koning het met hem eens is dat wanneer de ernst van de situatie getoond wordt, er juist meer meldingen zullen komen en dat dat ook echt wenselijk is. De heer Koning (D66) wil vooral dat er heel goed gewerkt wordt is dat het beleid daarop gericht wordt dat zoveel mogelijk meldingen gedaan worden die daadwerkelijk ook iets gaan opleveren zo dat er een situatie ontstaat dat mensen [onrechtmatige zaken] goed kunnen herkennen. Hij gaat ervan uit dat dat ervoor zal zorgen dat er minder meldingen tussen komen die uiteindelijk wel opgevolgd worden maar geen resultaat opleveren. De heer Van Steeg (CDA) leest in het stuk dat mensen het wel zien maar dat het erbij hoort en dat ze het daarom niet melden. Het gaat wat hem betreft veel meer om de urgentie. Het gaat om de consequentie van er gebeurt en dat het om die reden gemeld moet worden en niet zozeer dat mensen niet weten wat het is. Hij vraagt of de heer Koning dat met hem deelt. De heer Koning (D66) merkt op, op dit onderdeel van het beleid weer een risico te zien, namelijk dat op het moment waarop mensen meldingen gaan doen die uiteindelijk niet waar blijken te zijn, dat daar medeburgers de dupe van kunnen worden. Daarop ziet hij een risico. Hij denkt dat het helpt dat risico te onderkennen.

Hij legt die vraag voor aan de burgemeester; dat het risico er is en dat alles op alles gezet moet worden de meldingsbereidheid omhoog te brengen samengaand met voorlichting over meldingen die ertoe doen en waarop ingezet moet worden. De heer Van Steeg (CDA) merkt een soort van wantrouwen ten opzichte van de overheid in het optreden van de overheid op basis van een aantal incidenten. Hij bevestigt dat die incidenten er zijn. Hij ziet ook dat de criminaliteit enorm verandert. In zijn beleving herkent de heer Koning dat ook. Dat vraagt zijns inziens ook om meer melding, meer vertrouwen in burgers dat ze daadwerkelijk melden. Daarop zou wat hem betreft de inzet gericht moeten worden. Wanneer nu gezegd zou worden dat de overheid vooral voorzichtig moet zijn, komt het bestuur niet waar het wil zijn. Hij vraagt of de heer Koning het daarmee eens is. De heer Koning (D66) wil met zijn fractie voorkomen dat de gemeente te maken gaat krijgen met situaties waarin uiteindelijk ondernemers en inwoners benadeeld worden doordat meldingen worden opgevolgd waar uiteindelijk niets aan de hand blijkt te zijn. Hij herhaalt zijn eerder gedane uitspraak dienaangaande. De heer Sungur (DENK) heeft het gevoel dat de helft van de aanwezigen onvoldoende onderkent dat er sprake kan zijn van etnisch profileren, ook wanneer het gaat om het melden.

Heel veel onderzoeken, sociale experimenten, wijzen uit dat mensen met een migratie-achtergrond vaak worden gezien als verdachte. Hij spreekt dan niet over handhaving. Hij spreekt dan ook over de gewone burger. Hij vindt dat het stadsbestuur daarvoor niet blind mag zijn. Hij ziet een groot verschil tussen waar de feitelijke delicten plaatsvinden en waar de meldingen het hoogst zijn. Hij vraagt hoe de heer Koning dit probleem ziet. De heer Koning (D66) verwacht dat wat hij daarvan vindt, doorsijpelt in zijn inbreng. Hij is kritisch op het vergroten van de meldingsbereidheid omdat hij denkt dat dat niet per se de oplossing is. Hij herhaalt zijn stellingname met betrekking tot waarmee dat gepaard moet gaan: dat mensen beter in staat zijn verdachte situaties te herkennen. De voorzitter vraagt de heer Koning zijn inbreng af te ronden. De heer Koning (D66) merkt op dat deze nota bijdraagt aan het bestrijden van de georganiseerde drugscriminaliteit aan het voorkomen dat jongeren daarbij betrokken raken. Het is volgens zijn fractie hoog tijd om dit probleem bij een van de wortels aan te pakken, namelijk the war on drugs die in Nederland gevoerd wordt met steeds Pagina 31 van 58

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 16 december 2021

1520

1530

1540

hogere budgetten voor veiligheidsdiensten. Hij vindt dat een doodlopende weg. Juist door regulering van sommige soorten drugs kan het verdienmodel van criminelen afgepakt worden. D66 Utrecht staat voor een rationeel drugsbeleid waarin het stadsbestuur kijkt naar welke middelen daadwerkelijk schadelijk zijn om daarop de aanpak te richten. Er zou voor gekozen kunnen worden de capaciteit vooral te richten op het tegengaan van de cocaïnehandel en tegelijkertijd sommige synthetische drugs te reguleren. Of bijvoorbeeld de Opiumwet te schrijven naar Nieuw Zeelandsmodel, waar ze het hebben omgedraaid: een lijst met drugs die toegestaan zijn, en dan vooral synthetische drugs. Hij vindt dat op nationaal niveau een fundamenteel debat gevoerd moet worden over hoe om te gaan met drugsbeleid, zeker nu met een nieuw kabinet, ziet hij hét moment om aan te dringen op verandering. Zijn fractie vraagt of het college ervoor open staat om met deze nota op landelijk niveau deze discussie aan te zwengelen en of het college ermee eens is dat het nieuwe coalitieakkoord de mogelijkheid biedt Utrecht aan te dragen als de grote stad die mee kan doen in het landelijk wietexperiment. Hiermee rondt hij zijn betoog af. De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat de heer Koning een oplossing presenteert; feitelijk zegt hij dat Utrecht wel een war on drugs nodig heeft, namelijk een war on harddrugs.

Hij merkt op dat in de sector het grote geld verdiend wordt. Hij vraagt of de heer Koning het daarmee niet eens is. De heer Koning (D66) antwoordt dat hij het niet eens is met de categorisering van hard drugs. Hij zou dat anders willen zien. Hij herhaalt zijn stellingname inzake de meest schadelijke drugs. Dat moet hard worden aangepakt. Wanneer deze nota daarbij helpt, is dat een belangrijke bouwsteen voor nu. Mevrouw Streefland (ChristenUnie) vraagt de heer Koning of zijn stellingname het antwoord is op de impact die softdrugs-gebruik heeft op het dagelijks leven van jongeren. De heer Koning (D66) denkt hierbij aan wiet en hasj, de middelen die in een coffeeshop verkrijgbaar zijn. Hij antwoordt op de vraag van mevrouw Streefland bevestigend. Het gaat hem specifiek om het reguleren van de achterdeur. Dat zorgt ervoor dat teelt en handel legaal wordt. In alle landen rond Nederland heen waar het gebruik gelegaliseerd wordt, ziet hij dat het gebruik uiteindelijk afneemt omdat het middel uit de taboesfeer komt en omdat er een overheid komt die in plaats van criminaliseert, voorlicht en de volksgezondheid vooropstelt. De voorzitter schorst de vergadering om 16.36 uur tot 20.00 uur.

1550

1560

Avondvergadering Mevrouw Van Mil (Student & Starter) is erover verheugd dat de nota nu bestuurlijk besproken kan worden. Zij citeert burgemeester Dijksma: “zacht als het kan, hard als het moet”. Zij is blij met “zacht als het kan”. Criminaliteit is breder dan het veiligheidsdomein alleen. Zij ziet niet enkel een taak voor de politie en voor Bureau Halt als het gaat om mensen die hun toevlucht zoeken in criminaliteit of die niet uit de vicieuze cirkel kunnen komen. Juist op die momenten is een buurtmoeder of een PGA expert heel erg waardevol. Zij prijst zich ermee gelukkig dat die netwerken ook benoemd worden. Haar fractie vraagt zich wel af waarom de burgemeester niet meer budget opzij zet voor de al bestaande aanpak waarvan zij weet en van mening is dat die werkt.

Pagina 32 van 58

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare fysieke vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 16 december 2021

1570

1580

1590

1600

1610

De nota benoemt een specifieke aanpak op de doorgroeiers; een groep jongeren met crimineel gedrag die nog niet in de zwaarste categorie zit. Het blijft onduidelijk hoe die groep in beeld te brengen en zij vraagt daarop een toelichting van de burgemeester. Om die groep te bereiken, worden middelen en programma's in het onderwijs voorgesteld. Het lijkt haar fractie nuttig deze groep te bereiken buiten het onderwijs om: wijkvaders, wijkmoeders, buurtsportcoaches, wijkagenten, leerplichtambtenaren zijn al genoemd. Deze extra handen en ogen zouden kunnen ondersteunen bij het vroeg signaleren waar het fout gaat. Zij vraagt of de burgemeester een rol ziet voor deze experts om de eerste signalen op te vangen. Zij gaat in op “hard als het moet”. Eén van de hoofdvragen voor Student & Starter is hoe het kaf van het koren te scheiden; hoe ervoor te zorgen dat er een duidelijk onderscheid is tussen de doorgroeier en de grote drugsbaas. Zij vindt dat onderscheid ontbreken in de nota. Zij vraagt of de burgemeester hierop een toelichting kan geven: hoe te zorgen voor de juiste aanpak op de juiste groep? Mevrouw Meerding (VVD) merkt op dat het grootste deel van de drugs die in Nederland worden gemaakt, geëxporteerd wordt naar het buitenland. Wanneer Nederland alles zou legaliseren, is daarmee het probleem niet weggehaald. De drugsdealers hebben nog hun verdienmodel met de export.

Mevrouw Van Mil (Student & Starter) antwoordt bevestigend dat de situatie dezelfde blijft; wat haar fractie betreft betekent regulering dat de onderwereld naar de bovenwereld gaat. Daarmee heeft het gemeentebestuur zicht op wat er gebeurt en is controle uit te oefenen. Zij vindt dat waardevol. Dan is het ook mogelijk om na te gaan of er zwarte geldstromen zijn of niet. Zij zegt niet dat alle drugs gelegaliseerd moet worden. Zij noemt in dat opzicht het voorbeeld van de heer Koning. Mevrouw Meerding (VVD) maakt haar inbreng scherper. Wanneer de drugsdealer zijn handel naar het buitenland brengt, moet hij weer onder de radar werken, omdat het daar niet mag. Daarmee blijft het een crimineel verdienmodel. Mevrouw Van Mil (Student & Starter) begrijpt dat punt. Zij beperkt zich nu tot het lokaal gebeuren. Zij pleit voor de verandering. Zij heeft geen oplossing voor het verdienmodel met de export. Zij vervolgt haar inbreng in haar termijn met te benadrukken dat zij deze nota beschouwt als een eerste start. Zij leest nog wel veel woorden als “nog te ontwikkelen”, “zoektocht” et cetera. Zij hoopt dat het lijstje met de eerder genoemde vragen iets van concretisering kan bieden waar haar fractie naar op zoek is. Wanneer dat te bieden is, is haar fractie voorzichtig optimistisch omtrent de nota.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=9ca3d2a0-9efd-46d6-b943-e06bd96895dd