CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Programmabegroting 2022.pdf

Gemeenteraad 11 november 2021, gemeente UtrechtBij agendapunt: Programmabegroting 202242.063 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

Toelichting budgetafwijkingen/grote mutaties Onderstaande tabel geeft de verschillen weer ten opzichte van begrotingsjaar 2021 (als basisjaar). De afwijkingen worden weergegeven wanneer deze groter zijn dan 0,1 miljoen euro dan wel 10% van het totale budget per subdoelstelling. x € 1.000 I/S 2022 2023 2024 2025 Baten Afwijking 1, Product Burgerzaken I -308 -503 2.206 2.206 Reisdocumentendip daling begrote inkomsten (vanaf 2024 weer stijging Totaal baten -308 -503 2.207 2.207 Lasten Afwijking 1, product Burgerzaken I -174 -440 1.066 1.067 Saldo: onder andere daling begrote lasten rijksafdracht (vanaf 2024 weer stijging), wegvallen incidentele budgetten studenteninschrijvingen en verkiezingen, toename middelen uit VJN voor Uitvoering Burgerzaken op juiste niveau brengen en verwerking loon en prijscompensatie Afwijking 2, product KCC S 249 202 221 224 Middelen uit VJN voor uitvoering op orde KCC en verwerking lLoon en prijscompensatie Afwijking 3, product PDV S 0 -0 0 0 geen majeure afwijking Overige lasten -37 -37 -31 -31 Totaal lasten 38 -275 1.256 1.260 Saldo baten en lasten -346 -228 951 947

Verbonden Partijen Bijdrage aan Het Utrechts Archief: 3,548 miljoen euro, waarvan 0,2 miljoen euro voor het E-depot.

43

Ruimtelijke ontwikkeling, Wonen en Erfgoed Algemene programmadoelstelling Utrecht is een aantrekkelijke stad. We zien dat steeds meer mensen in Utrecht willen wonen en werken. De huidige verwachting is dat Utrecht in 2040 ongeveer 455.000 inwoners telt, dat is een groei van bijna 100.000 inwoners. Om deze extra inwoners te mogen verwelkomen zijn er zo’n 60.000 extra woningen en 70.000 arbeidsplaatsen nodig. De groei benutten we om gezond stedelijk leven voor iedereen te versterken waarbij we kiezen voor een balans tussen de bestaande stad en de groei van de stad. Wat ‘Gezond stedelijk leven voor iedereen’ betekent voor het ruimtelijk toekomstperspectief is uitgewerkt in de Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040 (RSU 2040). NB: Op het moment van indienen van deze begroting is de RSU 2040 nog niet in werking getreden omdat er een verzoek is gedaan om een referendum te organiseren. We werken aan gezond stedelijk leven voor iedereen langs een aantal grote opgaven op het gebied van wonen, economie, energie, mobiliteit, zorg, openbare ruimte en klimaat. Ook en vooral omdat de stad zich snel ontwikkelt willen we dat de stad van iedereen blijft. Dat betekent onder andere het inclusieve karakter van de stad behouden, gemengd en betaalbaar wonen, gemengde wijken en voldoende, diverse en hoogwaardige voorzieningen die aansluiten op de behoefte van de (toekomstige) bewoners en gebruikers.

Daarnaast is er ruimte nodig om te werken en te studeren, en zijn aanpassingen in de stad nodig om beter op het veranderende klimaat in te spelen en willen we een stad die bereikbaar is. Dit vraagt om zorgvuldige en integrale afwegingen op zowel stedelijk, gebieds- als projectniveau. Samen met inwoners, organisaties, bedrijven en andere overheden investeren we in goede en innovatieve oplossingen voor de gezonde stad van vandaag en morgen. In het Meerjaren Perspectief Ruimte (MPR) en de Peilstok als onderdeel van de tweede bestuursrapportage geven we prognoses af voor het aantal in aanbouw te nemen woningen en de verschillende segmenten. Naar verwachting worden in 2021 tussen de 2.800 en 3.100 woningen in aanbouw genomen en zal dit aantal in 2022 en 2023 verder toenemen. Het percentage sociale huurwoningen in de plancapaciteit bedraagt ongeveer 32%. Het aandeel middenhuurwoningen blijft achter bij de vraag naar woningen in het middenhuur/-koop segment. We zetten dan ook extra in op het toevoegen van woningen binnen dit segment.

45

Doelenboom

Grafiek lasten en baten

46

Investeringen Geen investeringen.

Verplichte BBV indicatoren Om een eenduidig beeld te vormen over de beleidsresultaten van de gemeente en gemeenten onderling te kunnen vergelijken zijn er een aantal wettelijke verplichte indicatoren bij de programma’s opgenomen.

Indicator Nieuw gebouwde woningen

Eenheid Aantal per 1.000 woningen

Bron

2017

2018

2019

8. Vhrosv

14,9

16,3

16,0

De gegevens uit deze tabel komen van de website Cijfers per gemeente Meerjarige beleidsvoornemens die zijn opgenomen in beleidsnota's, -visies of -kaders: • Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040 • Agenda stad: Resetting cities (pdf, 513 kB) • Agenda stad: City Deal Health Hub • Agenda Stad: City Deal Healthy Hub Boost • Utrechts visie regilieus erfgoed (pdf, 8 MB) • Grondprijzenbrief 2019 • Het Utrechts grondbeleid • Meerjarenperspectief Ruimte 2020 • Woonvisie Utrecht (pdf, 5,6 MB) • Bestedingskader Investeringsimpuls Ruimtelijke Strategie Utrecht (pdf, 50 kB) • Omgevingsvisie Utrecht • Erfgoedagenda • Utrechts PlanProces (UPP) • Derde voortgangsrapportage Samen Stad Maken • Nota Visie Digitale Stad

1. De ruimtelijke ontwikkeling van de stad (als gevolg van de groei) versterkt gezond stedelijk leven (GSL) voor iedereen Subdoelstelling 1.1 Herontwikkeling van de fysieke leefomgeving draagt bij aan gezond stedelijk leven (GSL) voor iedereen. Indicatoren subdoelstelling

Effectindicator E1.1.1 Algemeen buurtoordeel stad (inwonersenquete) E1.1.2

Nulmeting

Toegekende subsidie voor Europese 3,61 miljoen projecten (in euro) (2009)

Reali satie 2020

Doelstelling 2021 7,3

Doelstelling 2022 7,3

Doelstelling 2023 7,3

Doelstelling 2024 7,3

4,6 miljoen

4 miljoen

4 miljoen

4 miljoen

5 miljoen

47

Analyse

Algemeen buurtoordeel stad (inwonersenquete)

De afgelopen jaren is het algemene buurtoordeel voorzichtig toegenomen van 7,1 in 2016 naar 7,3 in 2019. Inwoners geven ‘de buurt’ gemiddeld een 7,3.

Toegekende subsidie voor Europese projecten (in euro)

Het bedrag dat wordt gerealiseerd fluctueert en is afhankelijk van diverse factoren zoals indieningsmogelijkheden, omvang van de aanvragen, beoordelingsproces (in jaar x ingediende aanvragen kunnen in jaar x+1 worden goedgekeurd). Ook is de concurrentie van aanvragen van andere organisaties groot. Wij richten ons dan ook op het ontwikkelen van kwalitatief sterke aanvragen die bij kunnen dragen aan het realiseren van de opgaven van de stad.

Prestatieindicator P1.1.1 Aantal uitgevoerde evaluaties (markttoets) van projecten waarvan in het desbetreffende jaar de omgevingsvergunning bouw is verleend

Nulmeting

Reali satie 2020

Doelstelling 2021 3

Doelstelling 2022 3

Doelstelling 2023 3

Doelstelling 2024 3

Analyse Aantal uitgevoerde evaluaties (markttoets) van projecten waarvan in het desbetreffende jaar de omgevingsvergunning bouw is verleend

Sinds 2021 willen we jaarlijks samen met initiatiefnemers van 2 á 3 ruimtelijke projecten evalueren hoe het project van weerszijden is verlopen. Onderwerpen die hierbij aan de orde komen zijn doorlooptijden, escalatie bij knelpunten, aanspreekpunt en het integraal afwegen van de ambities van college en raad.

Wat willen we bereiken? Effectdoelstelling E1.1.1 Evenwichtige en integrale ruimtelijke ontwikkeling draagt op zowel stedelijk niveau als op wijk- en buurtniveau bij aan de leefbaarheid. Wij willen gezond stedelijk leven voor iedereen versterken. De groei en verstedelijking van de stad moet in balans zijn met oog voor de kwaliteit en leefbaarheid voor inwoners en bezoekers. In 2022 gaat de planvorming of bouw van verschillende grote projecten van start. Er wordt volop gewerkt aan het realiseren van nieuwe stadswijken, buurten en projecten, zoals het Stationsgebied, de Merwedekanaalzone, Cartesiusdriehoek, Wisselspoor en de vele ontwikkelingen in Leidsche Rijn en Vleuten de Meern. De energietransitie, de mobiliteitssprong en de kwaliteit van de openbare ruimte moeten bij uitstek in deze ontwikkelingen geïntegreerd worden. Per locatie maken we onder andere afspraken over de gewenste woningmix zodat we werken aan gemengde wijken en de verschillende segmenten beter spreiden over de stad, zoals in Woonvisie is vastgelegd. Daarnaast onderstrepen wij het belang van een kwalitatief goede openbare ruimte voor gezond stedelijk leven. Dit doen wij door telkens te kijken naar voldoende groen, ontmoetingsplekken en mogelijkheden tot bewegen en recreatie. Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040 Inmiddels is de Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040 (RSU2040) in de Raad behandeld.

Op het moment van indienen van deze begroting is de RSU 2040 nog niet in werking getreden omdat er een verzoek is gedaan om een referendum te organiseren. Zolang de RSU 2040 nog niet in werking treedt, geldt de RSU uit 2016, die vooruitkijkt naar 2030. Bij de prestatiedoelstellingen ‘Het opstellen van ruimtelijke kaders (RSU, omgevingsvisie (deelgebied), stedenbouwkundige plannen, bouwenveloppen, SPvE's en bestemmings- en omgevingsplannen en ‘Het voorbereiden en realiseren van bouwrijpe grond en de aanleg en inrichting van bijbehorende openbare

48

ruimte’ gaan we onder andere op gebiedsniveau in op de gebiedsontwikkelingen en projecten (particuliere initiatieven en grondexploitaties) die bijdragen aan de stedelijke ambities. Meerjaren Perspectief Ruimte In het Meerjaren Perspectief Ruimte (MPR) brengen wij de ruimtelijke opgaven voor de korte (1-4 jaar) én (middel)lange termijn in samenhang in beeld. Thema’s zoals Wonen, Gezond Leefklimaat, Werk voor iedereen en Duurzame Mobiliteit worden in zeven gebieden en wijken van de stad daardoor steviger met elkaar verbonden en afgezet tegen de ambities uit de RSU. We schetsen de stand van zaken van de grondexploitaties en de Investeringsimpuls Ruimtelijke Strategie en sturen bij waar nodig. Op de bijbehorende website staan alle grote ruimtelijke projecten uit de stad bij elkaar op kaart. Effectdoelstelling E1.1.2 Utrecht ontvangt subsidies Met behulp van (Europees) subsidiegeld ondersteunen we de agenda van gezond stedelijk leven en de ambities, zoals onder andere verwoord in onze koers, de Regionaal Economische Agenda, het Mobiliteitsplan 2040 en de Regionale Energie Strategie (RES). In de investeringsstrategie RSU is geschetst dat voor het realiseren van deze ambities Europese subsidies en fondsen een essentiële dekkingsbron zijn. Voor Europese subsidies is internationale samenwerking vaak een voorwaarde.

Het hebben van een goed internationaal netwerk is van groot belang om zelf de nodige partners te vinden, maar ook om door anderen voor deelname aan subsidieprojecten benaderd te worden. Samen met kennisinstellingen en partners in de regio, nationaal en internationaal ontwikkelen we innovatieve aanpakken die bijdragen aan het realiseren van onze ambities en benutten we subsidiemogelijkheden om deze aanpakken door te ontwikkelen.

Wat gaan we daarvoor doen? Prestatiedoelstelling P1.1.1 Het opstellen van ruimtelijke kaders (RSU, omgevingsvisie (deelgebied), stedenbouwkundige plannen, bouwenveloppen, SPvE's en bestemmings- en omgevingsplannen) Omgevingswet Op 1 juli 2022 treedt de Omgevingswet in werking. De Omgevingswet heeft als doel de dienstverlening aan de inwoner in het fysieke domein te verbeteren in 3 fasen. Bij inwerkingtreding van de wet is het proces van het begeleiden van initiatieven, vergunnen, toezichthouden en handhaven (de zogenaamde keten ‘van initiatief tot in gebruik name’) aangepast aan de Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging bouwen. Ook werken initiatiefnemers en overheden met het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) en krijgt de gemeente van rechtswege een tijdelijk omgevingsplan (= alle bestemmingsplannen plus gedecentraliseerde rijksregels ‘bruidsschat’). Gemeenten hebben tot 2025 voor een omgevingsvisie die geschikt is voor het DSO en 2030 om een integraal omgevingsplan te hebben. Dan moet ook de andere manier van werken volledig zijn ingevoerd. Om dit te realiseren heeft de gemeenteraad in december 2019 het Plan van aanpak invoering Omgevingswet vastgesteld voor de periode 2019-2029. Uitgangspunt is te voldoen aan de gestelde wettelijke eisen en verbeterdoelen van de Omgevingswet die goed aansluiten bij de ambities van de gemeente.

Om op 1 juli 2022 aan de wettelijke eisen te voldoen en het Plan van aanpak uit te voeren, willen we komend jaar de volgende resultaten behalen: • Keten ‘van initiatief tot in gebruik name’ aanpassen aan de Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging bouwen, onder meer werkprocessen en financiering; • Digitaal Stelsel Omgevingswet vullen en testen; • Basis voor het omgevingsplan gereed zetten door het Crisis- en herstelwet bestemmingsplan met regels voor bouwen en gebruik uit te breiden met andere onderwerpen. Na inwerkingtreding van de wet volgt een eerste wijziging van het omgevingsplan; • Medewerkers leren werken met de nieuwe wetten en werkwijze.

49

Bestemmingsplannen actualisering bestemmingsplannen Sinds 2016 is de gemeente Utrecht aangewezen als experimenteergemeente op grond van de Crisis- en herstelwet. Dit betekent dat wij, tot op zekere hoogte, mogen anticiperen op en experimenteren met de Omgevingswet die op 1 juli 2022 in werking treedt. In 2018 is de actualiseringsplicht voor bestemmingsplannen al vervallen. Het gevolg is dat de actualisering flexibel kan worden opgepakt zonder risico op legesderving. In 2021/2022 gaan we door met de omzetting van de beheersverordeningen in de stad in bestemmingsplannen, zodat we op 1 juli 2022 alleen bestemmingsplannen hebben die op dat moment onderdeel uitmaken van het tijdelijk omgevingsplan van de gemeente Utrecht. Ook is er een kleine locatie op Lage Weide waarvoor nog geen actueel planologisch kader geldt. Dit gebied voorzien we in 2021/2022 van een bestemmingsplan. Met deze werkwijze sorteert de gemeente voor op de komst van de Omgevingswet. Ontwikkelbestemmingsplannen Ruimtelijke ontwikkelingsprojecten worden in een aantal gevallen geïnitieerd door de gemeente zelf, maar vooral door ontwikkelaars, woningbouwcorporaties en particuliere investeerders. De meeste van dergelijke projecten passen niet binnen de geldende bestemmingsplannen. Om die projecten mogelijk te maken wordt een bestemmingsplan opgesteld.

Voorafgaand hieraan, wordt het Utrechts Plan Proces (UPP) doorlopen. De kosten voor deze ontwikkelbestemmingsplannen worden betaald door de initiatiefnemers. Op dit moment verhalen we deze kosten op grond van de Legesverordening. Wanneer de Omgevingswet in werking treedt worden de kosten van het wijzigen van het omgevingsplan voor nieuwe ontwikkelingen via kostenverhaal betaald en niet meer via leges. Als dat op 1 juli 2022 zo is, dan zal de Legesverordening hier tijdig op aangepast worden en zal de begroting voor 2023 en de jaren daarna op dit punt aangepast worden. Dit betekent niet dat we deze opbrengsten niet meer verwachten, maar dat deze op een andere manier bij ons binnenkomen. We streven ernaar om voor alle gewenste ontwikkelingen zo snel mogelijk een bestemmingsplan te maken. Als de wet op 1 juli 2022 in werking treedt gaan we tot mei 2022 door met het ter inzage leggen van bestemmingsplannen volgens de huidige wetgeving. Wel maken we hierbij, waar wenselijk en voor zover mogelijk, gebruik van de mogelijkheid om op grond van de Crisis – en Herstelwet al inhoudelijk vooruit te lopen op de Omgevingswet. Gebiedsontwikkelingen Gebiedsontwikkeling en projecten leveren een bijdrage aan onze ambities ten aanzien van gezond stedelijk leven voor iedereen. In het MPR geven we hier jaarlijks een uitgebreid overzicht van.

Hieronder geven we per gebied de belangrijkste ontwikkelingen en mijlpalen voor 2022 weer. De binnenstedelijke grondexploitaties, het Stationsgebied en de bouwopgave Leidsche Rijn komen terug in de volgende paragraaf bij de prestatiedoelstelling 1.1.2 ‘Het voorbereiden en realiseren van bouwrijpe grond en de aanleg en inrichting van bijbehorende openbare ruimte’. Zuidwest (inclusief Merwedekanaalzone) De wijk Zuidwest is volop in ontwikkeling en groeit de komende jaren het sterkst in de stad. We gaan verder met verdichten in de Merwedekanaalzone. Dit vraagt een goede inbedding van alle nieuwe ontwikkelingen in en rondom de wijk en integraal samenwerken met partners, zoals woningcorporaties. We werken aan de verdere verstedelijking, in afstemming met infra ontwikkelingen. In Zuidwest richten we ons in 2022 op: • Vaststelling omgevingsvisie en omgevingsprogramma Kanaleneiland en Transwijk. Om de volgende fase van de ontwikkeling van Kanaleneiland en Transwijk richting te geven is, samen met de woningcorporaties, gestart met het opstellen van de Omgevingsvisie Kanaleneiland & Transwijk die in 2022 wordt vastgesteld. De Omgevingsvisie wordt de basis voor de verdere ontwikkeling van de wijk, met meer aandacht voor langzaamverkeer routes, het klimaatadaptief maken van (delen van) de wijk etcetera.

Ook willen we in 2022 starten met de uitvoering van het Omgevingsprogramma, waaronder het opstellen van een visie voor de verbetering van Park Transwijk. 50

•

•

•

•

•

Voor de langere termijn ligt de focus onder andere op de A12 Ontwikkelingszone, waarvan onder andere de Woonboulevard en Westraven deel uit maken. In 2022 werken we aan gebiedsstudies en het opstellen van een ontwikkelingsstrategie voor dit gebied. Het goed inpassen van (de effecten van de) Merwedekanaalzone binnen de wijk Zuidwest, waarbij bijvoorbeeld fietspaden, infrastructuur en groen belangrijk zijn.  In 2021 zijn alle woningen aan de Wilhelminawerf opgeleverd (167 woningen). In 2022 volgt het woonrijp maken van overige grond, het graven van een binnenhaven en de bouw van de brug in de Kanaalweg. Verder zullen nog 144 woningen op het Defensieterrein worden opgeleverd. Door middel van de vaststelling van de partiële herziening van het bestemmingsplan Defensieterrein willen we het mogelijk maken om nog 350 betaalbare woningen te kunnen toevoegen aan het programma.  Door vaststelling van het bestemmingsplan fase 1 Merwede in 2022 in de gemeenteraad zorgen we voor de condities zodat er in eerste instantie circa 4.000 nieuwe woningen worden gerealiseerd (op termijn doorgroei naar 6.000 woningen); waarvan 25% in het betaalbare segment huur en koop en 30% sociale huur; en een veelzijdig programma aan voorzieningen zoals winkels, twee basisscholen, een middelbare school, horeca, twee gezondheidscentra, sporthal en cultuurhuis.

In Merwede zetten we in op gezonde en duurzame mobiliteit. Dagelijkse voorzieningen zijn op loopafstand. Vanaf de oplevering van de eerste woning is er deelmobiliteit (Mobility as a Service) beschikbaar. De openbare ruimte wordt hoogwaardig ingericht: groen tenzij en autovrij. Gelijktijdig met de behandeling van het bestemmingsplan wordt het gebied bouwrijp gemaakt. In deelgebied 6 onderzoeken wij - waar mogelijk samen met individuele grondeigenaren - hoe we een gezamenlijke ontwikkelvisie voor het deelgebied kunnen opstellen met een eenduidig toekomstbeeld en aandacht voor de vraagstukken rondom mobiliteit en de daaraan gekoppelde fasering. Daarnaast bewaken we de voortgang van de lopende projecten, zoals de woningbouwplannen voor Eendrachtlaan 10. Ook richten wij ons in 2022 op diverse Idocs, bouwenveloppen, SPvE’s en bestemmingsplannen. Onder andere voor projecten Krachtstation, twee Zusters, Beneluxlaan 901, Livingstonelaan 609, Reitdiepstraat en andere nieuwe initiatieven. Het afronden van de herinrichting van de noordzijde van Kanaleneiland en het voorbereiden van de herinrichting van de Bernadottelaan en omgeving.

USP en Rijnsweerd In Utrecht Science Park en Rijnsweerd werken we in 2022 aan de doorontwikkeling van beide gebieden. Voor het Utrecht Science Park betekent dat het versterken van het kenniscluster en verbeteren van de levendigheid. Voor Rijnsweerd (nu kantorengebied) is dat de transformatie van een eenzijdig werkgebied naar een woon-werkgebied. Dat doen we door verder te werken aan IDOC’s, bouwenveloppen en bestemmingsplannen in lopende projecten en nieuwe initiatieven. In 2022 verwachten we onder andere het volgende te bereiken: • De vaststelling van de Omgevingsvisie USP 2040. • Het in procedure brengen van het bestemmingsplan voor de International School Utrecht. • Het in procedure brengen van het bestemmingsplan High Five om daarmee 900 studentenwoningen mogelijk te maken. • Een SPVE voor de herontwikkeling van het gebied Archimedeslaan 16. • Duidelijkheid over de toekomstige plek van het Ronald Mc Donaldhuis in het Utrecht Science Park. West/Noordwest In de wijken West en Noordwest werken we in 2022 verder aan het versterken van een leefbare en groene leefomgeving. Met name de nieuwe stadswijken Cartesiusdriehoek en Wisselspoor (2e Daalsedijk) zijn van belang voor de groei van de stad. Er is daarbij veel aandacht voor een gedifferentieerd woningbouwprogramma en groen. Daarmee proberen we deze ontwikkelingen optimaal te benutten ten behoeve van het gezond stedelijk leven.

51

We verwachten in 2022 onder andere de volgende mijlpalen in wijken West en Noordwest: • Het vaststellen van de bestemmingsplannen Zuilense Vecht en Oudenoord 330-370. • Start bouw Cartesiusdriehoek (bouwfase 2), 2e Daalsedijk deelgebieden 2 t/m 4 (bouwfase 1), Johan Wagenaarkade 1-10b, Minister Talmastraat 20-22 en Oudenoord 330-370. • Start herontwikkeling van het Muntgebouw. • Oplevering van de Muinck Locatie en Dickensplaats. Overvecht In Overvecht blijven we in 2022 werken aan een gemengde wijk waarin het plezierig en veilig wonen is. We werken daarbij intensief samen met onze partners zoals Samen voor Overvecht en Werkplaats Overvecht. In 2022 verstevigen wij de leefbaarheid van de wijk onder andere met de volgende ontwikkelingen: • Overvecht Centrum: Opstellen Masterplan voor integrale ontwikkeling Overvecht Centrum. • De MIX: start van de bouw van 180 middel dure huurwoningen. • Rosendael: bestemmingsplanprocedure voor de bouw van zorg- en ouderenwoningen • Ivoordreef: bestemmingsplanprocedure voor de bouw van circa 310 woningen in een divers programma. • Samen voor Overvecht en de Regio Deal vitale wijken: extra inzet op integrale wijkverbetering door het realiseren van de tien Kansen (onder andere Centrum Overvecht, Groene Lint, Ivoordreef, etcetera) en andere projecten in de wijk, waaronder de vernieuwing van de openbare ruimte rond corporatiewoningen.

• Samen met Werkplaats Overvecht verder vorm geven aan initiatieven. Afhankelijk van de uitkomst van de haalbaarheidsstudies wordt een gebiedsontwikkeling rond THEMA-dreven en TiZa-dreven verder uitgewerkt tot haalbare plannen. • Taagdreef en omgeving: na intensieve participatierondes wordt in 2022 gestart met de herinrichting van de openbare ruimte. • Amazonekwartier: er vindt een vervolg van de planvoorbereiding plaats voor de herinrichting van de Amazondreef ter hoogte van de bussluis en omliggende straten. • Voor Park de Watertoren wordt het inrichtingsplan samen met stakeholders afgerond en de uitvoering voorbereid. • Visie op het knooppunt Station-Centrum als uitwerking van de RSU 2040 opstellen. Noordoost/Oost/Zuid De ambitie in de wijken Noordoost, Oost en Zuid is om aantrekkelijke en gemengde woon- en leefgebieden toe te voegen en te versterken. Hierbij hebben we aandacht voor een hoogwaardige inrichting van de openbare ruimte en het creëren van aantrekkelijke routes binnen de stad en naar het omliggende landschap, waarbij ontmoeten, bewegen en gezonde mobiliteit ons uitgangspunt is. Stimuleren van lopen, het gebruik van de fiets en de opwaardering van het openbaar vervoer is nodig om het gebied bereikbaar te houden. Er wordt gestreefd naar efficiënt gebruik van de ruimte door dubbel grondgebruik en meervoudig gebruik van gebouwen.

In 2022 richten wij ons in de wijk Noordoost op: • Op de hoek van de Jan van Galenstraat en de Kardinaal de Jongweg wordt een gebouw met circa 104 (huur) appartementen, een supermarkt en (twee tot vijf) dagwinkels met bijbehorende parkeervoorzieningen en de herinrichting van openbare ruimte gerealiseerd. Hiervoor wordt in 2022 het SPvE ter besluitvorming aangeboden en de planologische juridische procedure voor opgestart. • Het SPvE voor de Kögllaan 26 wordt ter besluitvorming aangeboden. Dit is de volgende stap om te komen tot de bouw van circa 173 woningen dan wel wooneenheden, waarvan 120 onzelfstandige studentenwoningen, 40 appartementen van 55 m² go in de sociale huur, dertien appartementen van ongeveer 75 m² go in de middenhuur en circa 170 m² bvo commerciële of maatschappelijke ruimte. • Voor de twee panden aan de Aartsbisschop Romerostraat 330-338 wordt een SPvE opgesteld. Het plan voorziet in het toevoegen van 70 appartementen, voornamelijk in het betaalbare huursegment, sociale huur en middenhuur. Een kwaliteitsimpuls en extra vergroening van de omliggende openbare ruimte is onderdeel van de plannen.

52

•

Nimeto gaat haar schoolgebouw verbouwen en het schoolplein herinrichten en vergroenen. De school levert de verbouwing en de herinrichting van het schoolplein medio 2022 feestelijk op, dan bestaat de school 100 jaar. Aansluitend wordt de Smijerslaan voorzien van een kwaliteitsimpuls: de riolering wordt vernieuwd, het hemelwater wordt afgekoppeld en daarna wordt de straat klimaatadaptief heringericht volgens het inrichtingsprincipe 'groen-tenzij' met toevoeging van extra bomen.

In 2022 richten wij ons in de wijk Oost op: • De Kwekerij: Fase 1 (318 sociale huurwoningen) is in 2020 opgeleverd. In 2021/2022 worden in de tweede fase van De Kwekerij 244 woningen opgeleverd. De planontwikkeling van fase 3 (278 woningen) wordt vervolgd. • Fockema Andreaelaan11: Mei 2020 heeft de raad ingestemd met het ter beschikking stellen van een voorbereidingskrediet voor het onderzoek naar de bouw van circa 35 á 40 woningen. De locatie was eerder in beeld voor de bouw van twee gymzalen voor het Bonifatiuscollege. Het voorstel was de gymzalen boven het brugklasgebouw te realiseren, zodat FA 11 beschikbaar kwam voor een andere functie. De financiële haalbaarheid staat onder druk. De raad wordt hierover geïnformeerd. • Aanpak Rubenskwartier: De vervanging van de riolering is aanleiding om een IPvE voor de openbare ruimte op te stellen. Ook wordt onderzocht of afstemming kan plaatsvinden met de diverse particuliere bouwontwikkelingen in het gebied. In 2022 richten wij ons in de wijk Zuid op: • De uitwerking en uitvoering van het IPvE-FO voor de vergroening van de openbare ruimte Rotsoord wordt verder opgepakt. Het vergroenen en herinrichten van het deel van Heuveloord vanaf Ravenoord tot Rotsoord is in 2022 gereed. Voor het laatste deel is in het 1e kwartaal van 2022 het VO klaar, vervolgens start de uitvoering medio 2022.

• Voor de Kop van Smaragd wordt de Bouwenvelop in 2022 vastgesteld. De herontwikkeling voorziet in het toevoegen van 86 woningen in een gemengd woonprogramma, waarvan 43% gereguleerde huur, met een commerciële plint bestaande uit vijf units van in totaal 920 m2 op de begane grond. Deze ontwikkeling is een kwaliteitsimpuls voor het winkelcentrum Smaragdplein. • Befu-terrein: zoals bekend zijn door de stikstofproblematiek en de daarmee samenhangende vernietiging van het Tracébesluit (TB) Ring Utrecht door de Raad van State, het project Befu (en Pagelaan) gepauzeerd. Inmiddels loopt een beroepsprocedure bij de Raad van State over het (tweede) TB Ring Utrecht en ook bestuurlijk is in de Tweede Kamer het dossier controversieel verklaard. Door deze juridische en bestuurlijke voortdurende onzekerheid van de geluidsanering A12 door het Rijk, kan het SPvE Befu ten behoeve van de bouw van 76 woningen niet verder in besluitvorming worden gebracht. Het SPvE heeft juli 2019 ter inzage gelegen en is sinds die tijd “on hold”. Vanuit deze achtergrond wordt onderzocht of een alternatieve tijdelijke invulling op deze locatie tot de mogelijkheden behoort. • Brennerbaan 106: In Lunetten wordt de planontwikkeling van Portaal aan de Brennerbaan 106 vervolgd met het vaststellen van het SPvE en bestemmingsplan. Aan de Brennerbaan worden mogelijk 200 sociale huurwoningen toegevoegd.

Prestatiedoelstelling P1.1.2 Het voorbereiden en realiseren van bouwrijpe grond en de aanleg en inrichting van bijbehorende openbare ruimte. Centrum: Stationsgebied, Lombokplein, Beurskwartier en historische binnenstad We bouwen het nieuwe Centrum van Utrecht: een gezond, vitaal en aangenaam gebied waar iedereen bewoners, ondernemers en werknemers, reizigers en bezoekers- zich thuis voelt. Het Stationsplein met het iconische bollendak vormt een prachtige en toegankelijke verbinding tussen de aantrekkelijke historische binnenstad en de uitdagende westkant van het Centrum met in de toekomst een bruisend Jaarbeursplein, eyecatchers als Wonderwoods en het Jaarbeurspleingebouw en toekomstbestendige, groene en autoluwe woongebieden in Beurskwartier (inclusief Jaarbeursterrein) en Lombokplein. Dit vraagt een integrale benadering van de aanpak van mobiliteit door het gebied, de vraagstukken rond fiets- en autoparkeren, de ontlasting van de binnenstad, de verbinding tussen de oost- en westkant van het spoor, de realisatie van het een gevarieerd programma voor wonen, werken en recreëren in een 53

groene en gezonde omgeving en niet te vergeten de uitvoering van de Omgevingsvisie Binnenstad 2040 waarin de ambities voor de binnenstad voor de fysieke leefomgeving voor de komende jaren zijn omschreven. We stimuleren dat in de eindsituatie een gezonde leefomgeving wordt gerealiseerd met onder meer voldoende groen op gevels en daken (Wonderwoods is een goed voorbeeld), veel aandacht voor duurzaamheid, een aantrekkelijke openbare ruimte, en veel ruimte voor voetgangers en fietsers. We baseren de invulling van de plannen op de RSU, de woonvisie, mobiliteitsbeleid, Gezond Stedelijk Leven voor Iedereen en andere stedelijke kaders. En we doen dit samen met onze partners in de stad. Nog steeds kunnen we rekenen op grote belangstelling van marktpartijen om zich in het Stationsgebied te vestigen. We werken aan een kwalitatief hoogwaardig ingericht openbaar gebied met aantrekkelijke pleinen (Jaarbeursplein, Stationsplein en Vredenburgplein) en stadsparken in Beurskwartier en Lombokplein, gebouwde stallingsvoorzieningen voor fietsen, vermindering van autoasfalt ten gunste van groen en water (herstel Catharijnesingel en Leidse Rijn), nieuwe woningen in het gebied en afspraken over gezamenlijk beheer. Speciale aandacht besteden we aan woningen voor bijzondere doelgroepen waarbij menging daarvan met andere woningen en andere functies uitgangspunt is.

De verwachtingen op middellange termijn zijn onverminderd gunstig, de projecten vorderen gestaag. Voor de projecten met woningbouw is extra aandacht voor het aandeel sociale huurwoningen en de middencategorie. Hierover zijn afspraken gemaakt conform de woonvisie, of zelfs hogere aantallen. Het Jaarbeurspleingebouw zal een bruisende afronding van het Jaarbeursplein worden. Stationsgebied In het Stationsgebied richten wij ons in 2022 op verschillende projecten. Belangrijkste infrastructurele werken in uitvoering in 2022: • Forum Noord • Laan van Puntenburg • Herinrichting en vergroenen Stadsplateau • Verbeterprogramma busstations Utrecht Centraal • Zuidplint Hoog Catharijne, uitvoering openbaar gebied • Aanpassingen tramhaltes Jaarbeursplein • Rioolvervanging en herinrichting Catharijnesingel (Traverse – Bartolomeibrug). Gebouwen in uitvoering in 2022: • Wonderwoods (Kop Beurskwartier/Healthy Urban Quarter) • Woningen Mineurslaan-Noord, Fase 3B/C Hotel-Woningen Amrâth • Smakkelaarspark. Opleveringen in 2022: • Zuidplint Hoog Catharijne (Radboudkwartier, Klépierre) • Hotel-woningen Amrath/Galaxy Tower • Forum Noordzijde.

Planontwikkeling in 2022: • Oude Daalstraat/kop Amsterdamsestraatweg • Jaarbeurspleingebouw • Herontwikkeling Jaarbeurs (planbegeleiding en –toetsing, opstellen Omgevingsvisie) • Beatrixgebouw (uitvoering tijdelijke invulling tot 2028 en planontwikkeling voor na 2028) • Rijkskantoor De Knoop Fase 2 (voorheen De Generaal) en Knoop Fase 3 (plek huidige Green House) met woningen en/of kantoor, Rijksvastgoedbedrijf • Leidse Rijn (van Smakkelaarsveld tot aan HOV brug westzijde) • Van Sijpesteijnkade en -tunnel.

54

Planbegeleiding diverse particuliere Initiatieven • Jaarbeursterrein • Uitbreiding Rabobank (Matserterrein) • Kantoor Sijpesteijn en Hojel II, afhankelijk van initiatief eigenaar CBRE • Beatrixgebouw • Catharijnesingel 38-46, 47. Lombokplein Het Programma van Eisen en Functioneel Ontwerp Lombokplein is vastgesteld door de raad en er is gestart met het opstellen van het bestemmingsplan. Deze kan vervolgens in procedure gebracht worden. Ook wordt het Functioneel Ontwerp verder uitgewerkt in een Voorlopig Ontwerp. Beurskwartier Voor Beurskwartier 1 (tussen Jaarbeurs en Croeselaan) vindt verdere uitwerking van de planvorming plaats, ook naar aanleiding van een aantal aanvullende besluiten van de raad over onder meer de sloop van een aantal woningen en toevoeging van een bouwlocatie aan de Jan van Foreeststraat/Croeselaan (De Foreest). Het bestemmingsplan (nodig voor onteigeningstitel) is ter vaststelling naar de raad gestuurd, besluitvorming wordt na de zomer ’21 verwacht. In 2021 wordt het Stedenbouwkundig Plan uitgewerkt. Voor De Foreest wordt een bouwenvelop opgesteld, die past binnen het SPvE dat wordt gemaakt voor de Rabolocatie. De Jaarbeurs wil de komende jaren haar hallen en de omliggende gronden herontwikkelen (Beurskwartier 2, 3 en 4). Hiervoor heeft Jaarbeurs een Masterplan gepresenteerd (dec. 2019).

Met een Omgevingsvisie Jaarbeurs wil de gemeente de kaders en uitgangspunten voor de ontwikkeling van dit gebied vastleggen. In 2022 vindt de nadere uitwerking van onderzoeksvragen van de raad plaats, op basis van de startnotitie voor de Omgevingsvisie. Jaarbeurs heeft de gemeente onlangs meer tijd gevraagd voor het opstellen van een sluitende business case. Na verkenning van de mogelijkheden en het bepalen van de juiste faserings- en investeringsstrategie zal het college een uitgangspuntenbrief sturen aan de raad, op basis waarvan de Omgevingsvisie zal worden opgesteld. Deze zal naar verwachting in de loop van 2022 aan de raad worden voorgelegd. Binnenstad De Omgevingsvisie Binnenstad is voorgelegd aan de raad. Na vaststelling wordt deze visie de leidraad voor de kwaliteit die we zullen stimuleren in de binnenstad; kwaliteit van de openbare ruimte, van de gebouwen. Dit is belangrijk voor de kwaliteit van het economisch centrum, en ook voor wonen en werken. We werken toe naar een vergroot centrum zonder barrières in 2040. Op kortere termijn zetten we in op verbetering van de openbare ruimte van het kernwinkelgebied, het Museumkwartier en het Universiteitskwartier. Actuele projecten zijn: parkeergarage Strosteeg, visie Tuinen van Moreelse, Vrouwjuttenhof, FAME en Wolvenplein.

Leidsche Rijn en Vleuten de Meern We streven een gezond en duurzaam leef- en verblijfsklimaat na in Leidsche Rijn en Vleuten-De Meern. Onze koers in deze ontwikkeling is een goede balans behouden tussen bebouwing en groen, voldoende ruimte voor werkgelegenheid en een passend voorzieningenniveau bieden. Ook werken we aan de doorontwikkeling van de knooppunten in lijn met de RSU 2040. Voor de ontwikkeling op middellange termijn wordt in 2022 het bestemmingsplan woningbouw Haarrijn en Haarrijnseplas vastgesteld, waardoor we kunnen beginnen met de woningbouwontwikkeling en het aanleggen van de zonne-energie-eilanden. Met de STUW-corporaties zijn afspraken gemaakt over de ontwikkeling van een sociaal programma. Voor een aantal kavels in Leeuwesteyn en Haarrijn worden tenders voorbereid en aan de randen van het Máximapark komen weer clusters nieuwe zelfbouwkavels in de verkoop. In Rijnvliet worden voorbereidingen getroffen voor de verwerving van de laatste benodigde percelen. In Leidsche Rijn Centrum werken we aan de planbegeleiding van de hoogbouwkavelkavel en aan appartementencomplexen voor senioren, voor de doelgroep Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen en voor studentenhuisvesting. Ook worden de mogelijkheden bekeken voor een CPO-project. Voor Groenewoud verwacht de ontwikkelaar een omgevingsplan vast te kunnen laten stellen door de raad.

Aan de inrichtingsplannen wordt gewerkt en de placemaking van het gebied start.

55

Na vaststelling van het SPvE Papendorp Noord starten we in 2022 met een Stedenbouwkundig Plan voor deelgebied Groenewoud Noord. Voor de mobiliteitshub in Papendorp wordt een schetsontwerp gemaakt. Het schetsontwerp verschaft ook (een eerste) inzicht in de bouwkosten en de kosten gemoeid met de exploitatie van de parkeervoorziening. Op basis van dat inzicht wordt het schetsontwerp en een financiële analyse ten behoeve van de realisatie van de parkeervoorziening aan de raad voorgelegd. Om het systeem van parkeren op afstand goed te laten functioneren werken we aan een fietsverbinding vanaf de mobiliteitshub, via een brug aan de zuidzijde van de Martin Luther Kingbrug naar het Beurskwartier. We werken aan de planvoorbereiding van een hotel aan het Taatsenplein en verwachten interesse in kantoorkavels in Papendorp wat tot nieuwe bouwontwikkelingen kan leiden. Voor Strijkviertel stellen we in 2022 een omgevingsplan vast en het definitief ontwerp voor de openbare ruimte, waarna het bouwrijpmaken kan starten. In 2022 voeren we gesprekken met ontwikkelaars over de uitgifte van deze bedrijfskavelvelden. We betrekken MBO studenten bij het ontwerp van de openbare ruimte. In Leidsche Rijn Centrum ronden we in 2022 de tenderprocedure af voor de cultuurkavel Berlijnplein, het culturele hart van Leidsche Rijn met als thema “De toekomst van de stad”.

Op deze plek komt, op basis van de culturele programmering en co-creatie, een complex aan circulaire gebouwen. Het eerste hockeyveld, als uitbreiding van sportpark Rijnvliet, wordt in gebruik genomen. De mogelijkheden voor uitbreiding van het sportpark met een derde rugbyveld is in onderzoek. Ook werken we aan een plan voor vergroeningsmogelijkheden in Leidsche Rijn en Vleuten-De Meern. Verder werken we in 2022 aan een aantal IPOKS en IDOCS, bouwenveloppen en bestemmingsplannen om nieuwe initiatieven en planuitwerkingen mogelijk te maken, bijvoorbeeld voor de realisatie van (sociale) huurwoningen op het terrein Kloosterweide in Vleuten. Voor de ontwikkeling van een horecagelegenheid bij De Tol zal in 2022 een tenderprocedure gestart worden voorbereid. In het gebied rond Ockhuizen wordt de plaatsing van zonnepanelen verder onderzocht in combinatie met de aanplant van nieuw bos. Er wordt een bestemmingsplan gemaakt voor de ontwikkeling van het Zuidoostkwadrant in De Meern. De Ontwerpstudie Rijnenburg ronden we Q1 af wordt gefaseerd uitgevoerd. Komend jaar streven wij er in Leidsche Rijn en Vleuten-De Meern naar om ongeveer 1.100 woningen in aanbouw te nemen en een passend voorzieningenaanbod. Voorzichtigheidshalve gaan we er niet van uit dat de hoogbouwkavel start met de bouw.

In 2022 is ongeveer een kwart van die 1.100 woningen sociale huur, 14% middenhuur en 8,5% betaalbare koop. De andere helft is verdeeld in 24% beleggers huur en 24,5% vrije sector koop. In Leidsche Rijn Centrum wordt in 2022 bij de Hogeweidebrug, ook wel Gele brug genoemd, bouwblok Bellevue in aanbouw genomen. Naast het winkelgebied gaan appartementengebouwen en kantoren in aanbouw. De kavels worden, onder andere voor de hoogbouwkavel, diverse woongebouwen en de uitbreiding van basisschool Onder de Bogen, bouwrijp gemaakt. Dit is gezien de hoogteverschillen en vele lopende werkzaamheden complex. Er wordt gebouwd aan het Kindcentrum Leeuwesteyn en in Langerak wordt het tijdelijke schoolgebouw gereed gemaakt als definitieve locatie voor De Klimroos. De nieuwbouw van de basisscholen aan de Passiebloemweg gaat van start. Tegelijkertijd wordt Kindercluster De Weide Wereld grondig verbouwd, waardoor enkele organisaties tijdelijke huisvesting nodig hebben in de omgeving. Ook de Willibrordschool in Vleuten zal in 2022 haar schoolgebouw gaan uitbreiden. De planvorming voor een nieuwe VO-school zal, na een definitieve locatiekeuze, worden uitgewerkt en daarvoor wordt een omgevingsplan voorbereid. Door de Coronacrisis was het moeilijk een belegger te vinden voor de ontwikkeling van het hotel en kantoor naast station Utrecht Leidsche Rijn.

We verwachten dat dit in 2022 lukt en vervolgens gestart kan worden met de bouw. We merken dat er weer meer interesse ontstaat voor kantoorkavels in Leidsche Rijn Centrum wat tot nieuwe bouwontwikkelingen kan leiden. We verwachten in 2022 de bouw van een woon-zorgcomplex in Hoge Woerd. In Haarzicht en Vleuterweide worden de laatste woningen gebouwd en opgeleverd. In 2022 worden ook woningbouwontwikkelingen in Het Zand, Rijnvliet, LRC Oost en Leeuwesteyn opgeleverd. De openbare ruimte wordt ingericht in aansluiting op deze woningen en voorzieningen. Op de werklocaties De Wetering-Zuid en Haarrijn leveren meerdere bedrijven panden op in 2022. Ook wordt gebouwd aan twee horecagelegenheden in Hooggelegen, start de bouw van een brandstofverkooppunt en voeren we gesprekken over de uitgifte van de laatste bedrijfskavel(s) in het gebied Oudenrijn, De Wetering-Zuid en Haarrijn.

56

Op het gebied van recreatiemogelijkheden in het buitengebied worden voorzieningen getroffen om de bereikbaarheid daarvan te verbeteren. Er wordt gewerkt aan een fietspad langs de Ockhuizerweg/ Polderweg en ook voor het gebied bij de Nedereindseplas plas wordt gewerkt aan optimalisatie van de recreatieve mogelijkheden. Het gebied bij de Hamlaan blijft vooralsnog beschikbaar als recreatiegebied. Met het graven van het noordelijk deel van de Vikingrijn is een directe waterverbinding vanuit Vleuten en Terwijde met het Máximapark ontstaan. Deze willen we in 2022 bevaarbaar maken door nog enkele barrières op te heffen. De recreatieve mogelijkheden nemen daarmee toe. In 2022 zetten we het initiatief voor de aanpassing van het entreegebied van het Máximapark aan de Utrechtseweg voort. We zoeken naar mogelijkheden voor beheergebouwen voor de vrijwilligersorganisaties in het Máximapark. In het Willem Alexanderpark worden de ontmoetingsplekken definitief ingericht en een skatebaan aangelegd als alternatief voor de tijdelijke skatebaan in Leidsche Rijn Centrum die wordt opgeheven. Verder zullen er aanvullende speel- en ontmoetingsplekken voor jongeren worden ontwikkeld en gerealiseerd in 2022. Op het gebied van infra wordt in 2022 het grondwerk voor de Verlengde geluidswal Veldhuizen afgerond en start de bouw van het geluidscherm op de grondwal.

Op de al bestaande geluidswal worden zonnepanelen geplaatst. Prestatiedoelstelling P1.1.3 Samenwerken met partners en invloed uitoefenen op verschillende niveaus In de Europese begrotingsperiode 2021-2027 concentreert de Europese Commissie haar inzet op vijf beleidsdoelstellingen: • Een slimmer Europa • Een groener, koolfstofvrij Europa • Een beter verbonden Europa • Een socialer Europa • Een Europa dat dichter bij de burger staat

Duurzame energie Duurzame mobiliteit Veerkracht en gelijke kansen Vergroenen en verdichten in balans Werk voor iedereen Woningmarkt in balans Zorg dichtbij en op maat Digitale stad Samenwerking in buurt, stad en regio Transparante, slagvaardige organisatie

√ √

√

√ √

√

√ √

√ √

√ √

√

√ √

√ √ √ √ √ √

√ √

√ √

√ √

√ √ √

Eu ro pe Cr ea tiv e

√ √

√

√

√

√ √

CE F

Di git al Eu ro ER pe AS M US + CE RV

4H ea lth

LIF E

EU

Ho riz on Int Euro err pe eg NW Int E err eg NS R Int err eg Eu Eur o ro pe pe an 1) U EF rb RO an Ini en tia R ES tiv F+ EAC e T-E U AM 2) IF

Thema’s die goed aansluiten bij de Utrechtse ambities en die goede aanknopingspunten bieden voor aanvragen op onderwerpen die aansluiten bij onze ambities. Om de subsidiemogelijkheden optimaal te benutten onderzoeken we actief onze kansen in Europese subsidieprogramma’s, zoals Horizon2020, Interreg, en het European Urban Initiative. De laatste jaren is een groot aantal aanvragen goedgekeurd voor een palet aan onderwerpen. Nieuwe (Europese) programma’s zijn ontwikkeld onder de nieuwe meerjarenbegroting en vanaf 2022 zullen er weer veel aanvraagmogelijkheden zijn. In 2022 zetten we in op aanvragen voor Europese subsidies die aansluiten bij onze opgaven en ondersteunend zijn voor de realisatie daarvan. Ook kijken we nadrukkelijk hoe we Europese middelen kunnen inzetten voor herstel na de Corona-crisis. In onderstaande tabel wordt een overzicht gegeven van een aantal belangrijke Europese subsidieregelingen en voor welke opgaven deze relevant zijn.

√ √

√

√ √

√

√ √

√ √

√

√

Gericht op het versterken van een slagvaardige overheid met betrekking tot alle opgaven. De middelen uit React-EU worden via het EFRO-programma Kansen voor West ingezet. Conform onze ambities onderhouden we intensieve samenwerking op het gebied van Europese subsidiewerving en –lobby met regionale partners. In algemene zin kijken we naar meer structurele, strategische regionale samenwerking om de grote maatschappelijke uitdagingen die op ons afkomen, om te zetten naar economische kansen voor de regio.

57

Samenwerking tussen partijen, bijvoorbeeld tussen overheid, bedrijfsleven, kennisinstellingen en/of maatschappelijke organisaties, is veelal een voorwaarde om succesvol te zijn met Europese subsidies. Dit sluit ook aan bij onze visie op de (regie) rol van de gemeente. We spelen hierop in door samen te werken met bijvoorbeeld kennisinstellingen, de Economic Board Utrecht en de Regionale Ontwikkelingsmaatschappij en culturele instellingen. Maar ook met andere partijen en organisaties die bijdragen aan het realiseren van onze opgaven, zoals woningcorporaties, ontwikkelaars en onderwijsinstellingen. Naast Europese subsidiemogelijkheden versterken we ook onze inzet op het benutten van provinciale en nationale mogelijkheden. Daarbij zetten we in op het agenderen van de opgaven van de stad bij de verschillende overheidslagen, en op het ontwikkelen van aanvragen en proposities wanneer de mogelijkheden zich voordoen. Kansen voor West 'Kansen voor West' is het samenwerkingsprogramma van G4 (de steden Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht) en P4 (de provincies Noord-Holland, Zuid-Holland, Utrecht en Flevoland), waarmee we als Landsdeel West-Nederland aanspraak maken op subsidie uit het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO). De programmaperiode van Kansen voor West II (2014-2020) loopt richting einde.

De beschikbare subsidiemiddelen zijn nagenoeg allemaal toegekend aan projecten. De uitvoering van het programma loopt tot en met 2023 door via de implementatie van projecten en de monitoring en verantwoording van het programma. In 2022 start een nieuw subsidieprogramma waarmee we met onze samenwerkingspartners in WestNederland (G4 en P4) een beroep doen op de nieuwe structuurfondsmiddelen uit het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (2021-2027). Vanuit Landsdeel West-Nederland dienen we als G4 en P4 een gezamenlijk Operationeel Programma 'Kansen voor West III' als subsidieaanvraag in Brussel in. Hiermee komt opnieuw Europees geld beschikbaar voor innovatieve projecten gericht op innovatie en klimaat/duurzaamheid en voor duurzame stedelijke ontwikkeling in de G-4 steden.

Wat mag dat kosten? x € 1.000 Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020 2021 2022 2023 2024 2025

Omschrijving Baten 02-1-1-1

5.537

529

544

544

544

544

330.143

60.746

51.718

156.841

56.426

39.102

61

0

0

0

0

0

335.742

61.275

52.262

157.385

56.970

39.646

5.874

9.313

1.557

404

-2.131

456

151.609

57.750

48.862

156.140

55.725

38.401

1.562

1.421

1.468

1.468

1.468

1.468

Totaal lasten

159.044

68.484

51.887

158.012

55.062

40.325

Saldo baten en lasten Mutaties reserves Toevoeging reserves Onttrekking reserves

176.698

-7.209

375

-627

1.908

-679

12.010 39.469

35.776 52.991

9.097 9.900

5.810 9.799

6.260 8.465

5.575 11.051

Geraamd resultaat

204.156

10.006

1.177

3.362

4.112

4.797

02-1-1-2 02-1-1-3

Totaal baten Lasten 02-1-1-1 02-1-1-2 02-1-1-3

58

Het opstellen van ruimtelijke kaders Voorbereiden/realiseren bouwrijpe grond Samenwerken met partners

Het opstellen van ruimtelijke kaders Voorbereiden/realiseren bouwrijpe grond Samenwerken met partners

Financiële toelichting Hieronder lichten wij de financiële ontwikkelingen per doelstelling toe. Het opstellen van ruimtelijke kaders De geraamde lasten en baten op deze doelstelling bestaan grofweg uit: • Uitnames die samenhangen met de verdeling van de overhead. Deze lasten worden gedurende het jaar toegerekend aan de producten: lasten -9,6 miljoen euro. • Het budget dat in 2022 beschikbaar is voor de voorbereiding van de gemeente op de Omgevingswet: lasten 1,7 miljoen euro. • De beschikbare middelen vanuit de Investeringsimpuls Ruimtelijke Strategie Utrecht: lasten 6,3 miljoen euro. • Het budget voor Strategie, dat vooral bestemd is voor de uitwerking en realisatie van thema’s op het vlak van gezond stedelijk leven voor iedereen en het verbinden van partners aan die opgave: lasten 0,6 miljoen euro. • Het budget voor het opstellen van stedelijke kaders (bestemmings-, omgevings- en ruimtelijke plannen): lasten 2,4 miljoen euro, baten 0,5 miljoen euro. In 2022 zijn de geraamde lasten 7,7 miljoen euro lager dan in 2021. Dit komt vooral doordat de beschikbare middelen vanuit de Investeringsimpuls Ruimtelijke Strategie jaarlijks fluctueren. De lasten voor de komende jaren zijn aangepast aan de planning uit het Meerjarenperspectief Ruimte 2021 (MPR 2020). Daarnaast is in 2022 het budget voor de voorbereiding op de Omgevingswet 1,0 miljoen euro lager dan in 2021.

Voorbereiden/realiseren bouwrijpe grond De cijfers in de tabel zijn gebaseerd op de meerjarige grondexploitaties binnenstedelijk, Leidsche Rijn en Stationsgebied die onderdeel uitmaken van het vastgestelde Meerjarenperspectief Ruimte 2021 (MPR 2021). Ook de lasten en baten van de overige gebiedsontwikkelingen zijn hier begroot. Grondexploitaties binnenstedelijk In 2022 zijn de geraamde baten 8,2 miljoen euro. Dit bedrag bestaat voornamelijk uit verkopen van gronden binnen de grondexploitaties Merwedekanaalzone 4 defensieterrein, Oudenrijn West en Isotopenweg. De geraamde lasten zijn 8,1 miljoen euro. Dit bedrag bestaat voor 9,5 miljoen euro uit kosten voor bouw- en woonrijp maken en milieumaatregelen. Daarnaast heeft 4,3 miljoen euro in de raming betrekking op plan- en VAT-kosten (de kosten voor voorbereiding, administratie en toezicht), verwerving, tijdelijk beheer, rente en overige kosten. De verrekening met de balansrekening Onderhanden Werk bedraagt -5,7 miljoen euro. De balansrekening Onderhanden Werk bevat de boekwaarde van de lopende binnenstedelijke grondexploitaties. Meer toelichting op de boekwaarde en Onderhanden Werk is te vinden in het MPR 2021. Het voordelig saldo van lasten en baten is 0,1 miljoen euro.

Dit betreft de inkooptaakstelling op de binnenstedelijke grondexploitaties (die leidt tot een voordelig saldo van 0,2 miljoen euro) en de bijdrage aan promotie- en acquisitie (die leidt tot een nadelig saldo van 0,1 miljoen euro). Grondexploitatie Leidsche Rijn In 2022 zijn de geraamde baten 42,6 miljoen euro. Van deze opbrengsten zijn 35,2 miljoen euro uitgiftes van gronden ten behoeve van woningen (Rijnvliet, Leeuwesteyn Noord, Máximapark ) en 7,4 miljoen euro uitgiftes van gronden ten behoeve van niet-woningen (De Wetering-zuid, Papendorp Noord, Haarrijn, Leidsche Rijn centrum en Centrale zone). De geraamde lasten bedragen 38,2 miljoen euro. Dit bedrag bestaat voor 30,1 miljoen euro uit kosten voor bouw- en woonrijp maken (voornamelijk Rijnvliet, Leeuwesteyn Noord, Máximapark, Leidsche Rijn Centrum, overall grondexploitatie en hoofdinfrastructuur). Daarnaast is 7,5 miljoen euro geraamd voor plan- en VAT-kosten en 5 miljoen euro voor kosten voor verwerving en tijdelijk beheer. Bijdragen aan derden worden op 7,1 miljoen euro geraamd en de rentelasten op 1,2 miljoen euro negatief. Aan het Onderhanden werk op de balans wordt 10,2 miljoen euro onttrokken. De balansrekening Onderhanden

59

Werk bevat de boekwaarde van de grondexploitatie Leidsche Rijn. Meer toelichting op de boekwaarde en Onderhanden Werk is te vinden in het MPR 2021. Het voordelig saldo van lasten en baten is 4,5 miljoen euro. Dit betreft de jaarlijkse afdracht aan de algemene middelen. Grondexploitatie Stationsgebied In 2022 worden geen baten verwacht. De resterende baten van de grondexploitatie zijn begroot in de jaarsnede 2023. De verwachte lasten in 2022 zijn geraamd op 2,9 miljoen euro negatief. Dit bedrag is het saldo van de verwachte kosten die betrekking hebben op de in uitvoering genomen werken (26,0 miljoen euro) en de verrekening met de balansrekening Onderhanden Werk (28,9 miljoen euro). De verwachte kosten voor het bouw- en woonrijp maken van onder andere de Catharijnesingel, Jaarbeursplein en omgeving, de Sijpesteijnkade en Forum Noord zijn geraamd op 16,8 miljoen euro. De hiermee samenhangende planen proceskosten voor planning en toezicht en overig, zoals kosten voor tijdelijke maatregelen in de openbare ruimte zijn begroot op 9,2 miljoen euro. Het voordelig saldo van lasten en baten is 2,9 miljoen euro. Dit betreft de afdracht aan de algemene middelen. Overige gebiedsontwikkelingen In 2022 bedragen de lasten op deze prestatiedoelstelling 5,4 miljoen euro.

Deze bestaan voornamelijk uit plankosten die voortkomen uit het afsluiten van intentieovereenkomsten en anterieure overeenkomsten, ontwikkelstrategieën, (omgevings)visies en uitwerkingsstudies. Op basis van ervaring verwachten wij bijdragen van particuliere initiatiefnemers van 0,8 miljoen euro. Samenwerken met partners De begrote lasten laten vanaf 2021 een stabiel beeld zien. Mutaties reserves De toevoeging aan de reserves van 9,1 miljoen euro bestaat uit: • Een toevoeging aan de reserve Grondexploitatie van 2,8 miljoen euro: dit zijn de middelen die in de Voorjaarsnota 2017 beschikbaar zijn gesteld voor de Merwedekanaalzone OPG en Busstalling (1,1 miljoen euro), en voor Lombokplein en doorvaarbare Leidse Rijn (1,6 miljoen euro). • Een toevoeging aan de reserve Investeringsimpuls RSU van 6,3 miljoen euro: deze toevoeging is conform besluitvorming  Voorjaarsnota 2016: 1,1 miljoen euro voor een kwaliteitsimpuls van de openbare ruimte in de binnenstad;  Voorjaarsnota 2018: 2,3 miljoen euro voor onverhaalbare (plan)kosten en voor rondje Stadseiland);  Programmabegroting 2021: 0,3 miljoen euro voor fietsmaatregelen gekoppeld aan gebiedsontwikkeling en  Voorjaarsnota 2021: 2,5 miljoen euro voor investeringen in een gezonde ontwikkeling van de stad (speelplaats de Kameleon) en voor de integrale programma-aanpak Kanaalstraat/Damstraat en Amsterdamsestraatweg).

De onttrekking aan de reserves van 9,9 miljoen euro bestaat uit: • Een onttrekking aan de reserve grondexploitatie van 3,0 miljoen euro: dit betreft de jaarlijkse afdracht aan de algemene middelen (2,1 miljoen euro), de dekking van de kosten voor promotie en acquisitie (0,1 miljoen euro) en de dekking van het product gebiedsmanagement (0,8 miljoen euro). • Een onttrekking aan de reserve Investeringsimpuls RSU van 6,2 miljoen euro; deze onttrekking dekt de geraamde lasten voor de Investeringsimpuls RSU. De lasten voor 2022 zijn aangepast aan de planning uit het Meerjarenperspectief Ruimte 2021 (MPR 2021). • Een onttrekking aan de reserve inkooptaakstelling Leidsche Rijn van 0,7 miljoen euro, ten gunste van de algemene middelen.

60

Toelichting budgetafwijkingen/grote mutaties Onderstaande tabel geeft de verschillen weer ten opzichte van begrotingsjaar 2021 (als basisjaar). De afwijkingen worden weergegeven wanneer deze groter zijn dan 0,1 miljoen euro dan wel 10% van het totale budget per subdoelstelling. x € 1.000 I/S 2022 2023 2024 2025 Baten Grondexploitaties I -9.050 96.073 -4.342 -21.666 Meerjarige raming van de baten (cashflow) uit de actualisatie van de grondexploitaties conform MPR 2021 Overige baten 37 37 37 37 Totaal baten -9.013 96.110 -4.305 -21.629 Lasten Grondexploitaties I -9.049 98.929 -1.486 -18.810 Meerjarige raming van de lasten (cashflow) uit de actualisatie van de grondexploitaties conform MPR 2021 Investeringsimpuls RSU I -6.864 -6.848 -8.182 -5.596 Jaarlijkse fluctuatie op basis van de planning in het MPR 2021 Invoering Omgevingswet S -1.490 -1.890 -3.090 -3.090 Afloop van het budget dat tot en met 2023 beschikbaar is voor het invoeren van de Omgevingswet Bedrijfsmiddelen SO I 521 -249 -249 -249 Toename is het gevolg van mutaties in het ontwikkelbudget. Dit budget wordt bij de volgende begrotingswijziging verdeeld naar de opgaves Gebiedsmanagement Afloop van het budget Uitwerking RSU 2040 S 161 -539 -539 -539 dat tot en met 2022 beschikbaar is Overige lasten 123 123 123 123 Totaal lasten -16.597 89.528 -13.422 -28.159 Saldo baten en lasten 7.584 6.582 9.117 6.530

Verbonden Partijen Deze subdoelstelling heeft geen verbonden partijen.

61

Subdoelstelling 1.2 Beheer van erfpachtcontracten en indien gewenst het afstoten van gemeentelijke vastgoed Indicatoren subdoelstelling

Prestatieindicator P1.2.1 Jaarlijkse afdracht op conversies en bestemmingswijzigingen

Nulmeting n.v.t.

Reali satie 2020 13,0 miljoen

Doelstelling 2021 2,8 miljoen

Doelstelling 2022 2,8 miljoen

Doelstelling 2023 2,8 miljoen

Doelstelling 2024 2,8 miljoen

P1.2.1

Netto jaarlijkse opbrengst uitgifte gemeentelijk bezit (in periode 2016-2018)

n.v.t

6,3 miljoen

0

0

0

0

P1.2.1

Resultaat op het product erfpachtbeheer

n.v.t.

13,8 miljoen

14,4 miljoen

14,8 miljoen

14,8 miljoen

14,8 miljoen

Analyse Jaarlijkse afdracht op conversies en bestemmingswijzigingen

De doelstelling is structureel van aard

Het resultaat op de prestatieindicator is afhankelijk van het vrijkomen Netto jaarlijkse opbrengst uitgifte gemeentelijk bezit (in periode 2016- van gemeentelijke eigendommen voor uitgifte in erfpacht of verkoop. Daarmee is het volledig incidenteel van aard. 2018) Resultaat op het product erfpachtbeheer

Het verschil tussen de opbrengst 2020 en de raming 2021 bestaat uit de indexatie op de erfpachtopbrengsten ter dekking van de loon & prijscompensatie.

Wat willen we bereiken? Effectdoelstelling Economische meerwaarde die ontstaat door bestemmingswijziging of verruiming inzetten voor gemeentelijke investeringen De gemeente Utrecht is met ingang van 1 februari 2015 gestopt met de uitgifte van grond in erfpacht voor projecten en nieuwbouw waarin wonen de hoofdfunctie vormt. Erfpachters met bestaande erfpachtcontracten met de functie wonen waarvoor de canon eeuwigdurend is afgekocht kunnen inmiddels ook het bloot eigendom van de grond verwerven. Voor met name andere functies dan wonen kan er nog sprake zijn van erfpacht, dat wil zeggen dat het volledig gebruik van het onroerend goed, tegen een vergoeding, aan de erfpachter ten goede komt. Door een wijziging van het gebruik of de bestemming van de grond (bijvoorbeeld door sloop, uitbreiding of nieuwbouw) kan een waardestijging van de grond ontstaan. Deze zogenaamde meerwaarde dient op grond van de erfpachtovereenkomst aan de gemeente als erfverpachter te worden afgedragen. Door deze benadering is erfpacht (= het in rekening brengen van meerwaarde) onderdeel van het gemeentelijk grondbeleid.

Wat gaan we daarvoor doen? Prestatiedoelstelling P1.2.1 Op verzoek en indien passend in ruimtelijke doelstellingen toepassen van conversies en bestemmingswijzigingen Als de voorgenomen bestemmingswijziging of verruiming past binnen de gemeentelijke doelstellingen dan wordt de bestaande erfpachtovereenkomst aangepast en wordt door middel van een (onafhankelijke) taxatie de meerwaarde vastgesteld. Deze meerwaarde wordt in rekening gebracht bij de erfpachter. Met de woningcorporaties, verenigd in de Stichting Utrechtse Woningcorporaties (STUW), zijn

62

in de Prestatieafspraken 2020-2022 bij verkoop van corporeel bezit de hoogte en besteding van de meerwaardeafdracht geregeld. Daarnaast is het mogelijk om een erfpachtrecht met een jaarlijkse canon te wijzigen in een eeuwigdurend afgekocht erfpachtrecht, een zogenaamde conversie. De opbrengsten hiervan worden minder door het feit dat steeds meer jaarlijks te betalen vergoedingen zijn omgezet in eeuwigdurende afkoop. Eind 2017 heeft de gemeenteraad de Conversieregeling Erfpachten 2017 vastgesteld met een mogelijkheid voor particuliere woningeigenaren die hun canon nog niet eeuwigdurend hebben afgekocht dit onder gunstige voorwaarden te doen. Na afloop van de introductieperiode is de regeling voortgezet onder de hierin opgenomen voorwaarden. Prestatiedoelstelling P1.2.2 Uitgeven gemeentelijk grondbezit indien besloten is het vastgoed af te stoten In het coalitieakkoord 2018-2022 is afgesproken om de maatschappelijke waarde van vastgoed centraal te stellen. Gemeentelijke eigendommen waarvan de functie niet past in het gemeentelijk vastgoedbeleid zullen we afgestoten. Prestatiedoelstelling P1.2.3 Ontvangen van de erfpachtcanons, administratieve behandelingen en handhaven van bepalingen van erfpachtcontracten De bestaande erfpachtovereenkomsten moeten worden beheerd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=e015e45c-9f13-4520-aac9-efa4a5564147