CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Omgevingsvisie Overvecht_Verdieping

Gemeenteraad 20 februari 2025, gemeente UtrechtBij agendapunt: Raadsvoorstel Beleidsnota omgevingsvisie Overvecht 2025 – 204028.810 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

•

•

Energietransitie: aanleg van het warmtenet, waarmee Overvecht aardgasvrij wordt. Verdichting: de gewenste verdichting conform de RSU (+5000 woningen en + 3000 werkplekken) vraagt om herinrichting van de buurten. De vergroening van de straten is nodig om aan de groenopgave behorend bij het toevoegen van het aantal woningen te kunnen voldoen. De mobiliteitstransitie is voorwaardelijk om de extra woningen en werkplekken te kunnen realiseren.

Bij de aanpak van de openbare ruimte hanteren we een aantal principes: 1. De ambitie aardgasvrij biedt kansen om tot een integrale aanpak van de openbare ruimte te komen. 2. De ontwikkelingen van woningcorporaties bieden kansen om tot een integrale ontwikkeling van de openbare ruimte te komen. 3. In Overvecht zuid volgen we zoveel mogelijk de geplande renovaties van de corporaties en gebiedsontwikkelingen. Zo groot mogelijke gebieden in een keer aanpakken is nodig om voor 2040 de openbare ruimte in Overvecht getransformeerd te hebben. 4. Een governance op maat uitgaande van een integraal dedicated team, uitvoeringsorganisatie met mandaat, eigenaarschap, waarmaakcapaciteit in mankracht en tijd, koers houden zijn essentiële voorwaarden om de beoogde doelen en planning te behalen. De principeprofielen van de Omgevingsvisie voor de woonstraten gaan daarbij helpen zodat niet bij ieder project hiervoor opnieuw kaders geformuleerd dienen te worden.

Verdieping Omgevingsvisie Overvecht 2040

43

Mobiliteitstransitie Beheer Uitgangspunt voor de openbare ruimte is dat bij de realisatie van projecten rekening wordt gehouden met het toekomstige (dagelijkse) beheer en onderhoud. Om ervoor te zorgen dat de openbare ruimte ook in de toekomst technisch goed en duurzaam te beheren is, wordt invulling gegeven aan de kaders zoals vastgelegd in de Kadernota Kwaliteit Openbare Ruimte en het Handboek Openbare Ruimte. De werkzaamheden voor het (dagelijkse) beheer en onderhoud moeten uitgevoerd kunnen worden binnen de beschikbare normkosten voor het beheer, zoals bepaald in de Nota Beheer Openbare Ruimte en de Visie Water en Riolering.

Circulair Utrecht wil in 2050 volledig circulair zijn. In 2030 willen we al op de helft zijn. De manier waarop mensen nu met grondstoffen omgaan is niet langer houdbaar. Het is nodig om slimmer en zorgvuldiger om te gaan met grondstoffen, materialen en producten. Wanneer we dit doen maakt het Utrecht niet alleen een fijnere en gezondere plek om te wonen en werken, maar leveren we ook onze bijdrage aan verschillende maatschappelijke uitdagingen van dit moment. De gebiedsontwikkeling en de vervangingsopgave van de riolering en verharding in Overvecht bieden kansen om de openbare ruimte circulair te beheren en te ontwikkelen. Hergebruik van materialen wordt als uitgangspunt meegenomen in het ontwerpproces. We houden in het ontwerpproces ook rekening met de bestaande situatie en integreren dit waar dat mogelijk en gewenst is in het ontwerp. We behouden zo veel mogelijk bestaande gezonde bomen en waar mogelijk wordt het huidige wegprofiel gehanteerd om de bestaande wegfundering te kunnen hergebruiken.

Met de Ruimtelijke Strategie Utrecht (RSU) en het Mobiliteitsplan 2040 heeft Utrecht gekozen voor ‘Gezond stedelijk leven voor iedereen’. Voor mobiliteit betekent dit dat we in Utrecht voorrang geven aan gezonde, schone en ruimte-efficiënte vervoerwijzen: lopen, fietsen, openbaar vervoer en deelmobiliteit. Zo zorgen we voor minder geluidsoverlast, uitstoot, drukte en ongelukken en meer ruimte voor andere functies en ruimtelijke kwaliteit (zoals groen en verblijven). De beleidsnota omgevingsvisie Overvecht 2040 bevat daarom veel maatregelen om lopen, fietsen en het openbaar vervoer te verbeteren. Overvecht kent nu al problemen zoals verkeersonveiligheid en verkeersdrukte. Zonder maatregelen gericht op een mobiliteitstransitie zullen, mede door de groei van Overvecht en de stad, deze problemen nog groter worden. Ook daarom zetten we in op de mobiliteitstransitie en bevorderen we lopen, fietsen en het openbaar vervoer en ontmoedigen we zoveel mogelijk autoverkeer. De gewenste mobiliteitstransitie wil niet zeggen dat de auto niet meer welkom is in Overvecht. We zorgen ervoor dat ondanks de groei alles ook met de auto bereikbaar blijft. Juist de verschuiving naar lopen, fietsen en openbaar vervoer geeft ruimte om ook de auto in de toekomst te kunnen blijven gebruiken als dat nodig is.

Maatregelen in de omgevingsvisie dragen bij aan de mobiliteitstransitie: Herinrichten van de buurten Buurtstraten krijgen een nieuwe verkeersveiligere inrichting waarbij er meer

44

ruimte komt voor groen, spelen, lopen en fietsen en juist minder ruimte voor de auto (rijdend en stilstaand). Door de herinrichtingen wordt rijden door de buurten steeds minder logisch voor doorgaand autoverkeer. Lopen en fietsen wordt juist aantrekkelijker. Bij het herinrichten liften we mee met de geplande werkzaamheden voor bijvoorbeeld rioolvervanging. Centrale as grotendeels autovrij De centrale as realiseren we om het hoogwaardige openbaar vervoer snel, betrouwbaar en herkenbaar te maken, meer ruimte en kwaliteit te bieden voor lopen en fietsen (de modelberekeningen laten een enorme toename van het aantal fietsers over deze as zien) en om Park de Gagel (Overvecht- Noord) en Park de Watertoren (Overvecht- Zuid) middels een groene herkenbare as te verbinden. De Carnegiedreef, Zamenhofdreef, Marnedreef en deel Moezeldreef worden straks autovrij. Bij de Tiberdreef/Mr.Tripkade komt een knip voor autoverkeer ten gunste van het openbaar vervoer en de ontwikkeling van het stationsgebied. Zo krijgen gezonde, schone en ruimte-efficiënte vervoerswijzen een prominente plek in Overvecht. Minder autoverkeer door de buurten Om lopen, fietsen, spelen en verblijven aantrekkelijk te maken willen we dat het in de buurten niet te druk is/wordt met autoverkeer.

We gaan de hoeveelheid autoverkeer in de buurten van Overvecht na herinrichtingen monitoren en indien nodig nemen we aanvullende maatregelen om de hoeveelheid autoverkeer te beperken. In de kaarten zijn enkele mogelijke locaties (Amazonedreef, Tigrisdreef en Neckardreef) opgenomen Verdieping Omgevingsvisie Overvecht 2040

45

voor toekomstige maatregelen. Meer of andere locaties zijn ook mogelijk. Locatie en type aanvullende maatregelen worden op basis van de monitoring verder uitgewerkt. De snelheid van de mobiliteitstransitie is sterk bepalend voor de mate waarin deze aanvullende maatregelen in de toekomst nodig zullen zijn. Sterker fiets- en wandelnetwerk binnen en buiten de wijk, stimuleren van beweging We maken fietsen en wandelen zo vroeg mogelijk een aantrekkelijk alternatief voor (korte) autoritten. Daarom stellen we voor om op korte termijn binnen Overvecht de kwaliteit van routes voor fietsers en voetgangers te verbeteren en ontbrekende schakels in het netwerk toe te voegen. In een later stadium breiden we dit uit met nieuwe verbindingen naar de omgeving. Lopen wordt prettiger door de herinrichting van de straten. Opschaling van het openbaar vervoer: sneller én lokaler De toevoeging van een HOV-route (Ulink), in combinatie met buurtgericht OV, speelt een belangrijke rol in het beter en sneller verbinden van Overvecht met de omgeving. Daarbij moet voorkomen worden dat deze HOV-bus pas gaat rijden nadat een groot deel van de nieuwe woningen is gerealiseerd en nieuwe bewoners toch voor een eigen auto kiezen. We kiezen er daarom voor de HOV-bus zo vroeg mogelijk te laten rijden. Door de bus in eerste instantie samen te laten rijden met het autoverkeer over de centrale as is dit mogelijk.

Pas in een later stadium ontwikkelt het tracé tot een volwaardige

46

HOV-verbinding, waarbij de bus over een grotendeels autovrije centrale as zal rijden. Voor snel en betrouwbaar HOV zijn ook verbeteringen aan het HOV- netwerk buiten Overvecht nodig. Minder parkeren op straat De druk op de openbare ruimte is hoog. Autoparkeren neemt relatief veel ruimte in beslag. Deze ruimte kan ook gebruikt worden voor bijvoorbeeld groen, spelen en lopen. Daarom zetten we in op het verminderen van het aantal parkeerplaatsen in de openbare ruimte. Het inzetten van parkeerbeleid (het beperken van het aantal parkeerplaatsen en het beprijzen van parkeren) is een zeer effectief middel om het autogebruik omlaag te brengen, zeker wanneer dat in combinatie gebeurt met het versterken van het OV en fietsvoorzieningen. Parkeren bij nieuwe ontwikkelingen • Bij de grotere ontwikkelingen van nieuwe woningen en werkplekken zoals in de hoogstedelijke gebieden, langs de centrale as en in de stedelijke buurten is het uitgangspunt dat parkeerplekken op eigen terrein en gebouwd worden uitgevoerd. De hier geldende parkeernorm zal, afhankelijk van de locatie, worden teruggebracht als gevolg van de introductie van betaald parkeren en de afstand tot een (H)OV-halte. • Voor maximale flexibiliteit dient bij nieuwe parkeervoorzieningen bij voorkeur collectief gebruik mogelijk te zijn.

Hierdoor is parkeren door verschillende of andere gebruikers (dubbelgebruik) altijd een optie is en kunnen parkeerplekken zo

•

•

effectief mogelijk worden benut, ook bij veranderde vraag. Waar mogelijk en zinvol worden deze parkeervoorzieningen ook zo ontworpen dat ze op termijn kunnen transformeren naar andere functies. De (financiële) haalbaarheid en organisatie hiervan zal onderzocht moeten worden. Bij de bouw van parkeervoorzieningen bij nieuwe ontwikkelingen streven we naar het realiseren van extra capaciteit om zo een deel van het straatparkeren uit buurten waar slechts beperkt programma bij komt, op te vangen. Als dat niet haalbaar is, wordt de mogelijkheid voor een zelfstandige buurthub onderzocht. De (financiële) haalbaarheid en organisatie hiervan zal onderzocht moeten worden. Kleinere ontwikkelingen in de buurten (bijvoorbeeld het optoppen van bestaande flats) zien we als maatwerk. Parkeren wordt hier in principe ook niet in de openbare ruimte opgelost, omdat dit het realiseren van de groenambitie bemoeilijkt.

Bestaande parkeerplaatsen Het aantal straatparkeerplekken dat per buurt kan worden opgeheven, is afhankelijk van meerdere factoren. We verwachten bijvoorbeeld dat als gevolg van de invoering van betaald parkeren, net als in andere delen van Utrecht, de parkeerdruk lager zal worden. We hebben beperkt inzicht in de parkeerdruk in Overvecht. In de afgelopen jaren zijn in het kader van projecten wel enkele parkeeronderzoeken gedaan: • Bij verschillende gebieden is er ruimte om parkeerplekken op te heffen of worden bij de komende herinrichting

•

•

al parkeerplekken opgeheven. Bijvoorbeeld bij herinrichting Taagdreef e.o., Donaudreef en Amazonekwartier. Bij de Kaap Hoorndreef en omgeving is recent een parkeeronderzoek gedaan waarbij de parkeerdruk op het drukste moment laag is. Dat geeft aan dat er daar relatief veel ruimte is om parkeerplekken op te heffen. Tegelijk zijn er ook gebieden waarvan we weten dat de parkeerdruk hoog is omdat er veelvuldig op de trottoirs wordt geparkeerd (meldingen en verzoek om meer plekken te maken).

Maatwerk per buurt is nodig. Op basis van parkeerdruk, effect van het invoeren van betaald parkeren, het aanbieden van deelauto’s en overige mobiliteitsmaatregelen zoals de verbetering van openbaar vervoer, fiets en lopen bepalen we of parkeerplaatsen kunnen worden opgeheven. Hierna zal in beeld worden gebracht hoe het overblijvende parkeren, (deels) inpandig en/of op maaiveld, het beste kan worden ingepast. Haalbaarheid Er ligt een zeer grote opgave voor het vergroenen van de openbare ruimte en daarvoor het verminderen van het aantal parkeerplaatsen op straat. De snelheid van de mobiliteitstransitie en de kosten van parkeervoorzieningen spelen een belangrijke rol in de haalbaarheid van de plannen. • Mobiliteitstransitie: Er is een grote relatie tussen de diverse mobiliteitsmaatregelen (zoals bijvoorbeeld de introductie van snel en betrouwbaar HOV, verbeteringen fietsnetwerk, aantrekkelijke autoluwe Verdieping Omgevingsvisie Overvecht 2040

47

Groen- en watertransitie openbare ruimte voor lopen) en het kunnen verminderen van het aantal parkeerplaatsen (toepassen lagere parkeernormen). Omdat de mobiliteitsmaatregelen niet allemaal op korte termijn worden gerealiseerd zal het aantal parkeerplaatsen per buurt geleidelijk verminderd kunnen worden. Kosten: Verplaatsen van parkeren in de openbare ruimte naar gebouwde parkeervoorzieningen brengt hoge kosten met zich mee, zowel voor gebruikers als voor de gemeente. Parkeergarages zijn duurder in aanleg en exploitatie dan plekken in de openbare ruimte. Ook gaat het verminderen van parkeerplekken in de openbare ruimte ten koste van parkeerinkomsten. Transformatie vergt inzet vanuit verschillende disciplines en budgetten, tot op heden hebben we in de begroting hiervoor onvoldoende middelen. Uitgezocht moet worden of en waar dekking hiervoor kan worden gevonden.

In hoofdstuk 4 van deze verdieping staat de onderbouwing over de mogelijke toevoeging van groen.

De (financiële) mogelijkheden en haalbaarheid van gebouwde parkeervoorzieningen moet na vaststelling van de Omgevingsvisie Overvecht verder uitgezocht worden. De mate waarin het lukt om parkeren in de openbare ruimte te verminderen, is sterk bepalend voor het behalen van met name de groenambitie.

De overige gebieden waar minder of geen dynamiek is qua verdichting is zullen we de parkeerstrategie volgen en gekoppeld daaraan stap voor stap geleidelijk groener worden.

•

48

De haalbaarheid van de groenopgave hangt sterk samen met ambitieuze keuzes op het gebied van mobiliteit, parkeren en bouwen. Zoals het verminderen van het aantal straatparkeerplekken, versmallen van wegen en de beschikbaarheid van middelen om straten integraal her in te richten. We weten daarnaast dat de vergroeningskansen sterk samenhangen met het aantal parkeerplaatsen op straat. De hoogstedelijke gebieden zullen straks grotendeels autovrij moeten zijn om een mooie groene buitenruimte en nieuwe gebouwen te kunnen maken. Het groen wat er is gaan we dus minimaal terugbrengen en nog meer vergroenen door bijvoorbeeld groene daken te maken. Het groen zal vooral openbaar en deels openbaar toegankelijk zijn. Groen op daken en gevelgroen zijn niet openbaar toegankelijk.

Energietransitie Op het bedrijventerrein zien we minder kansen om de openbare ruimte te vergroenen. Hier zullen grondaankoop, groene daken en particuliere initiatieven tot de gewenste vergroening moeten leiden. Voor de parken en groene verbindingen is de vergroeningsopgave geen generieke werkwijze maar maatwerk per locatie. In de parken zal het weren van doorgaand autoverkeer mogelijkheid bieden om veel bestaande verharding te vergroenen maar ook het verplaatsen van functies in het groen. In de groene verbindingen is met name het versmallen van huidige wijkwegen en het compacter bouwen op bestaande bouwlocaties en het grotendeels vergroenen van de kavels.

Voor de groei en verduurzaming van de stad is stroom nodig. Hiervoor loopt stadsbreed het Uitvoeringsprogramma Electriciteitsinfrastructuur en netcongestie. Onderdeel hiervan is de ruimtelijke inpassing van de elektriciteitsinfrastructuur. Voor de uitbreiding van het midden- en laagspanningsnet zijn verdeeld over de stad circa 1.000 extra traforuimtes nodig, dus ook een deel in Overvecht. Bij de zoektocht naar nieuwe traforuimtes of warmteonderstations bij een ontwikkeling, renovatie of verbouwing van een pand hanteren we de volgende principes: 1. Het trafostation of warmteonderstation moet in principe intern worden geplaatst (in een gebouw) of op eigen terrein van de respectievelijke ontwikkeling. Tevens moet worden onderzocht of het nutsobject ook een wijkfunctie kan vervullen. 2. Wanneer blijkt dat dit niet mogelijk is dan gaat de voorkeur uit naar een locatie achter de rooilijn. De traforuimte kan geclusterd kunnen worden met een ander gebouw of op een (parkeer) hof en/of binnenterrein terecht komen. 3. Wanneer gemotiveerd kan worden dat clustering, (parkeer) hof en/of binnenterrein niet kan, pas dan wordt een locatie in de openbare ruimte onderzocht. Dit bij voorkeur op een reeds verharde plek. 4. Als geen verharde plekken beschikbaar zijn, pas dan kan een traforuimte of warmteonderstation in aanmerking komen om op een groenstrook of -zone geplaatst te worden.

Verdieping Omgevingsvisie Overvecht 2040

49

Gezamenlijk ontwikkelen en samenwerken Integraal en samen Deze uitvoeringsstrategie schrijft geen samenwerkings- of ontwikkelmodel voor, maar dient wel om gemeente en andere ontwikkelende partijen uit te nodigen tot een gezamenlijke, integrale aanpak. Door in een vroeg stadium te experimenteren, kan het model in vervolgontwikkelingen verder worden verfijnd. De Werkplaats is daar een voorbeeld van en we gaan in overleg welke volgende stap we gaan zetten. De gemeente heeft de regie maar bouwt niet zelf, dat doen de corporaties en marktpartijen. Het is belangrijk om ontwikkelingen in samenhang te zien, programmatisch en ruimtelijk, en integrale afwegingen te maken op gebiedsniveau, niet plot voor plot. Het uitwerken van een passende samenwerking begint bij het definiëren van het gebied waar het betrekking op heeft. Het bestaat uit een kritische massa om een werkelijk integrale aanpak toe te passen. Wanneer het gebied is bepaald, kunnen partijen een alliantie smeden voor een langjarige samenwerking voor gebiedsontwikkeling. We volgen hierbij het motto van Samen voor Overvecht: plek, kans en coalitie. Selectie van partijen voor ontwikkelingen op gemeentegrond is het uitgangspunt.

Wijkakkoord In het wijkakkoord Overvecht (dat op 1 februari 2022 is ondertekend) staan langjarige samenwerkingsafspraken tussen de gemeente Utrecht, twee bewonersorganisaties en de projectontwikkelaars, beleggers en

50

woningbouwcorporaties uit de Werkplaats Overvecht. Met het wijkakkoord geven deze partijen aan samen te willen werken aan integrale wijkverbeteringen. Andere partijen die ook als partners willen bijdragen aan Overvecht kunnen zich in overleg aansluiten bij deze samenwerking. Bij de uitvoering van de Omgevingsvisie zijn deze afspraken het vertrekpunt. Rol van gemeente De gemeente vervult verschillende rollen als het gaat om fysieke ingrepen: • Stimulerend/ faciliterend: vanuit een faciliterende rol begeleiden we als gemeente initiatieven die op natuurlijke momenten in verschillende buurten en bij verschillende partijen ontstaan. In een aantal gebieden nemen we zelf het initiatief om zo ontwikkelingen van de grond te krijgen. Dat gebeurt bijvoorbeeld nu al in Overvecht Centrum. Ook wil de gemeente deze rol pakken in het stationsgebied. In deze gebieden gaat het steeds om maatwerk in de samenwerking. • Kaderstellend: met deze Omgevingsvisie geven we de kaders aan voor de ontwikkelingen in Overvecht. • Regisserend: We sturen in samenhang op de verschillende projecten en initiatieven. En hebben de mogelijkheid Overvecht te laten ontwikkelen in het gewenste 2040 beeld. • Toetsend: we toetsen of initiatieven voor ruimtelijke ontwikkeling passen binnen de kaders en prioritering. Alleen in dat geval krijgt een initiatiefnemer de mogelijkheid zijn initiatief verder te ontwikkelen.

• Uitvoerend: we realiseren en onderhouden een groot deel van de openbare ruimte en de voorzieningen. • Informeren en participeren: we informeren

en participeren over voorgenomen initiatieven en projecten en zorgen voor een overzicht van deze initiatieven en projecten en volgen de afspraken over samen stad maken. Woningcorporaties De woningcorporaties Woonin, Bo-Ex en Portaal zijn eigenaar van meer dan twee derde van de woningen in Overvecht. De corporaties zijn mede daarom voor de zeer lange termijn aan Overvecht verbonden als eigenaar, ontwikkelaar en als beheerder. De woningen van de corporaties worden momenteel op grote schaal door hen gerenoveerd. De corporaties zien door strengere toewijzingsregels een instroom van meer kwetsbare bewoners, waardoor de gemiddelde sociaaleconomische status van de bewoners van Overvecht daalt. Sociale problematiek neemt daardoor sterk toe. Met de Omgevingsvisie geven we kaders en mogelijkheden om deze trend te keren en de leefomstandigheden in de wijk te verbeteren. Voor de woningcorporaties is deelname aan de Werkplaats Overvecht ook een middel om samen te werken met ontwikkelaars en beleggers om zowel nieuwe sociale huurwoningen als woningen in het midden- en hoge segment te realiseren. Wooncoöperaties Naast de bestaande partijen (woningcorporaties, ontwikkelaars) willen we vooral ook lokale bewonersinitiatieven ruimte bieden en faciliteren. De wooncoöperatie is één van de manieren die een directe bijdrage kan leveren aan versterking van de leefbaarheid in buurten.

Ook kunnen wooncoöperaties een bijdrage leveren aan het toevoegen van

meer gevarieerde woningen, die ook op de langere termijn bereikbaar blijven voor lagere en middeninkomens. In Overvecht zijn al dergelijke vormen te vinden zoals Overhoop en de Experimentele flats. Gemeentebreed willen we het gemakkelijker maken voor wooncoöperaties. Zo zijn we gestart met het uitgeven van kavels, zorgen we voor begeleiding en ondersteuning en onderzoeken we de mogelijkheden voor gedeeltelijke financiering. Ook in Overvecht zien we kansen voor bewonersinitiatieven die aan de slag willen met coöperatief wonen. Inzet van onze eigen grondposities kunnen daaraan bijdragen. Werkplaats Overvecht Werkplaats Overvecht bestaat uit 10 partijen: de woningcorporaties Bo-Ex, Woonin en Portaal, de projectontwikkelaars AM, ERA Contour, BPD en Heijmans en de beleggers Amvest, Syntrus Achmea en Wonam. De Werkplaats Overvecht is in 2018 ontstaan omdat diverse partijen ruimtelijke opgaven signaleerden die een bijdrage kunnen leveren aan het gevoel van veiligheid, gezondheid en sociale cohesie in Overvecht. Deze partijen committeren zich voor de lange termijn aan wijkverbetering van Overvecht. Hun focus ligt op de ambitie plezierig wonen in een meer gemengde wijk. De partijen kennen Overvecht goed en werken in een aantal ontwikkelingen al succesvol samen met de gemeente.

Concrete projecten waaraan deze partijen (of een aantal daarvan in een combinatie) nu werken of betrokken zijn: de Ivoordreef, De Mix en Overvecht Centrum. De Mix wordt nu gebouwd. Daarnaast loopt een haalbaarheidsonderzoek voor het ‘Gagelkwartier’; dit is een combinatie-aanpak van verschillende locaties in Overvecht-Noord.

Verdieping Omgevingsvisie Overvecht 2040

51

Beschikbare middelen, subsidies en grondbeleid Beschikbare middelen De realisatie van de ambities en het tempo daarvan is mede afhankelijk van de beschikbare middelen. De verwezenlijking van de doelstellingen in Overvecht kan beperkt gedekt worden uit de hiervoor in de programmabegroting geraamde budgetten. Voor aanvullende gemeentelijke dekkingsbronnen wordt gezocht naar de financiële ruimte binnen bestaande en toekomstige programmeringen binnen de door de raad vastgestelde programmabegroting. Voor uitbreidingsinvesteringen na 2030 zijn er nog geen middelen in de programmabegroting opgenomen. Wanneer groei van de stad in die periode leidt tot extra inkomsten (denk aan gemeentefonds en OZB), dan kunnen we daar te zijner tijd de extra voorzieningen mee betalen die horen bij de groei van de stad (denk bijvoorbeeld aan schoolgebouwen en voorzieningen voor sport, cultuur en welzijn). Verder geldt dat investeringen in stedelijke mobiliteitsen groenstructuren binnen Overvecht wellicht deels bekostigd kunnen worden met inkomsten op grond van de Nota kostenverhaal bovenwijkse voorzieningen. Voor vervangingsinvesteringen zijn wel middelen beschikbaar. Rioolvervanging betalen we bijvoorbeeld uit de rioolheffing. Voor wegonderhoud en -vervanging zijn structureel budgetten beschikbaar in de begroting.

Deze budgetten zijn echter niet genoeg om ook de integrale ambities voor de openbare ruimte te realiseren. Voor aanvullende gemeentelijke dekkingsbronnen zoeken we dan ook nadrukkelijk naar financiële

52

ruimte binnen bestaande en toekomstige programmeringen in bestaande programma’s. Ook verkennen we de mogelijkheden die rijks- en provinciale subsidies bieden. Projecten kunnen pas starten als hiervoor financiële middelen voor beschikbaar zijn. Transformaties (veranderingen, zoals herinrichting van straten en nieuwbouw) spelen een belangrijke rol in het verwezenlijken van de ambities. Op die locaties kunnen we dan de ruimtelijke en financiële koppeling maken tussen de transformatie en de verbetering van de openbare ruimte. Ontwikkelende partijen, corporaties en andere initiatiefnemers investeren in de wijken. Hun plannen worden getoetst aan de omgevingsvisie. Door middel van kostenverhaal kunnen ingrepen in de openbare ruimte (mede) worden gefinancierd. Deze kosten hebben betrekking op bovenwijkse voorzieningen. Subsidies en lobby De Wijkaanpak Samen voor Overvecht is onderdeel van het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid. Het Rijk is partner in de wijk. Dit biedt kansen om aanspraak te maken op rijkssubsidies en een lobby op te organiseren. Binnen het NPLV met een netwerk met 20 stedelijke focuswijken is gezamenlijk optrekken in opgaves mogelijk. Naast de kansen en mogelijkheden die het NPLV biedt, worden de volgende activiteiten voorgesteld om onze ambities te realiseren: • Subsidiescan externe bijdragen en subsidies Europa, Rijk en provincie.

De omvang van de subsidie is afhankelijk

van de beoogde integrale doelen. De subsidiescan kan duidelijkheid geven over kansen voor subsidie, hoogte subsidies, mogelijkheid tot stapelen en benodigde inspanning; • Lobbytraject Europa, Rijk en provincie; • Onderzoek verdienmogelijkheden overheid-markt. Gemeentelijke cofinanciering is benodigd om externe middelen te verkrijgen. Hiervoor benutten we bestaande budgetten en reserves. (Rijks)subsidies gaan ook vaak uit van cofinanciering vanuit de gemeente. Grondbeleid We zullen proactief kansen moeten signaleren en benutten die aan het behalen van de opgaven bijdragen, juist ook op het vlak van ruimtelijke ontwikkelingen en nieuwe woonconcepten. Actief grondbeleid speelt daarin een cruciale rol. Het kan invulling geven aan de noodzakelijke gemeentelijke regierol. We gaan daarom ook verkennen hoe we de instrumenten uit de gereedschapskist en onze grondprijzen in kunnen zetten om meer betaalbare woningen te realiseren door bijvoorbeeld het stimuleren van nieuwe (woon-) concepten zoals wooncoöperaties. Dit betekent een noodzaak tot het voeren van een actief grondbeleid waarin het hebben en houden van grip en regie door de gemeente centraal staat.

en uitganspunten waarmee invulling kan worden gegeven aan het voeren van een afgewogen actief grondbeleid. Inhoudelijke programmatische bijsturing en actief inzetten op externe dekkingsbronnen door middel van (rijks-)subsidies kan leiden tot een sluitende business case. Desondanks verwachten wij dat voor toekomstig te openen grondexploitaties financiële ruimte nodig is om geprognosticeerde tekorten te kunnen dekken, dan wel voor de benodigde co-financiering in relatie tot rijkssubsidies. Besparingsopgave Utrecht De gemeente Utrecht staat net als vele andere gemeentes voor forse financiële vraagstukken. De besluiten die hieruit volgen kunnen effect hebben op een deel van de activiteiten die we in het kader van de Omgevingsvisie willen uitvoeren. De ambitie en de gestelde doelen blijven dan echter staan.

Door middel van actieve inzet van ons grondbeleidinstrumentarium trachten wij dit doel te bereiken. Inzet van onze eigen grondposities kunnen bijdragen aan het invullen van onze ambities. Deze posities zijn echter wel beperkt. De beleidsnota grondbeleid biedt de kaders Verdieping Omgevingsvisie Overvecht 2040

53

Fasering Fase 1: Nu De uitvoering van de omgevingsvisie zal gefaseerd plaatsvinden. De exacte fasering is van verschillende factoren afhankelijk, zoals de beschikbaarheid van financiële middelen, samenwerking tussen verschillende stakeholders, initiatieven ontwikkelaars en de uitvoeringssnelheid van de verschillende ontwikkelingen. Als gevolg hiervan kan de fasering in de toekomst nog wijzigen. Om inzicht te bieden in de fasering van de verschillende ontwikkelingen, onderscheiden we vier ontwikkelfases. Deze fases dienen niet om exacte jaartallen voor te schrijven per ontwikkeling, maar wel om de onderlinge afhankelijkheden en prioritering te beschrijven. We onderscheiden grofweg de volgende fases. Afhankelijk van de eerder genoemde factoren kunnen de genoemde jaartallen en fase per ontwikkeling nog wijzigen. 1. Nu (tot circa 2030): deze ontwikkelingen zijn al gestart of kunnen op korte termijn starten. 2. Straks (t/m circa 2035): eerdere ontwikkelingen zijn randvoorwaardelijk om hiermee te kunnen starten of de ontwikkelingen gaan pas later spelen. 3. Later (t/m circa 2040): voor deze ontwikkelingen zijn meerdere andere ontwikkelingen randvoorwaardelijk, het zijn grotere ontwikkelingen die langere tijd duren of we verwachten dat de ontwikkelingen pas later gaan spelen.. 4. Na 2040: geen onderdeel van omgevingsvisie, wel nu al rekening mee houden.

54

De eerste ontwikkelfase richt zich met name op ontwikkelingen die niet (of slechts beperkt) afhankelijk zijn van andere projecten of aanvullende financiering. Daarom kan op korte termijn al met een deel van deze ontwikkelingen worden gestart. In deze fase is het van belang te starten met de eerste gebiedsontwikkelingen, de HOV-verbinding te laten rijden en de wandel-/fietskwaliteit in de wijk te verbeteren. Gebiedsontwikkeling • Faciliteren lopende projecten (geldt ook in de vervolgfases) • Verschillende gebiedsontwikkelingen bevinden zich al in de plan- of ontwikkelfase. In de tabel op de volgende pagina zijn alle projecten met een aanzienlijk aantal woningen en de openbare ruimte projecten opgenomen. De nummers corresponderen met de projecten op de kaart. • Faciliteren externe bestaande en nieuwe initiatieven (geldt ook in de vervolgfases) • De omgevingsvisie vormt het kader om ontwikkelingen en initiatieven aan te toetsen. Ook hierbij geldt dat de koppeling met andere ontwikkelingen dient te worden gezocht. • Initiëren gebiedsontwikkelingen (geldt ook in de vervolgfases) • De gemeente initieert verschillende gebiedsontwikkelingen (denk bijvoorbeeld aan Masterplan Overvecht Centrum)

•

Intensivering bedrijventerrein (geldt ook in de vervolgfases) • Om verdichting en vergroening op het bedrijventerrein mogelijk te maken, gelden voor nieuwe gebruikers en ontwikkelaars richtlijnen voor passend programma en toename van dichtheid en/of aantal werkplekken. • Daarnaast brengt de gemeente, samen met de ondernemersvereniging, de transformatiebehoefte van bestaande gebruikers in beeld om zo te kunnen sturen op het bundelen van verschillende initiatieven tot een integrale ontwikkeling. • Onderzoeken of een parkeerhub Nieuw Overvecht als een gedeelde hub voor zowel de sportfuncties als overige functies in de omgeving kan functioneren. De bestaande parkeergarage Vechtsebanen zal bij dit onderzoek betrokken worden. Het realiseren van deze hub dient als katalysator voor de gebiedsontwikkeling in de gemengde (roze) zone.

Integrale aanpak openbare ruimte • De openbare ruimte in Overvecht vraagt de komende decennia ’s om een grootschalige integrale aanpak (zowel boven de grond, als in de ondergrond). Het gaat om vernieuwing van de riolering en vernieuwing van verharding. Daarnaast liggen er (grote) opgave voor groen, mobiliteit en energietransitie. Hierdoor is aanpassing van een heel

groot deel van de openbare ruimte nodig. Mobiliteit • Introductie nieuw OV-systeem met minimale ruimtelijke maatregelen • De HOV-bus start zo vroeg mogelijk met rijden over bestaande auto-infrastructuur (samen met autoverkeer). Ook buiten Overvecht kijken we naar verbetering aan het HOV-netwerk. Over de HOV maatregelen maken we afspraken met de Provincie Utrecht. Tegelijkertijd willen we doorgaan met het voorbereiden van het Wiel met Spaken. • Nieuwe haltes op de in visie aangewezen plekken • Buurtgericht OV introduceren in de buurten • Invoeren betaald parkeren in Overvecht Zuid • Hiermee wordt aangesloten op de stadsbrede planning voor de introductie van betaald parkeren. • Daarnaast wordt onderzocht wat de mogelijkheden zijn voor verlaagde parkeernormen in de zones rondom de HOV-haltes. • Collectieve parkeervoorzieningen • Vanaf begin inzetten op collectief gebouwde parkeervoorzieningen (met name bij nieuwe ontwikkelingen) om ruimte te creëren om straatparkeren deels op te heffen. • Toevoegen van aantal ontbrekende schakels wandel-/fietsnetwerk in de wijk

Verdieping Omgevingsvisie Overvecht 2040

55

•

•

Verbeteren oversteekbaarheid Franciscusdreef en Einsteindreef • Verbeteren oversteekbaarheid Einsteindreef met eenvoudige maatregelen • Onderzoeken of het zuidelijk deel van de Franciscusdreef en verbeteren van de oversteekbaarheid met eenvoudige maatregelen gerealiseerd kan worden, vooruitlopend op definitieve herinrichting in Fase 2. Introduceren deelmobiliteit

Voorzieningen • Optimaliseren gebruik en bezetting van bestaande sportaccommodaties. • Herontwikkeling van de locaties met maatschappelijk vastgoed (pandvisies) Groen en buitenruimte • Onderzoek haalbaarheid programmering Noorderpark. • Herinrichting en vergroenen Zandpad, • Maken route van Zuilen naar Noorderpark

Projectnaam

Omschrijving

1

Renovatie eengezinswoningen Overvecht-Zuid

Renovatie van 1000 eengezinswoningen in Overvecht-Zuid door Woonin. In combinatie met de renovatie kijken we naar mogelijke plekken om de buurten te verbeteren.

2

De Mix

Sloop van 90 sociale huurwoningen en nieuwbouw van 181 middeldure huurwoningen en herinrichting openbare ruimte. Elders in de stad worden 135 sociale huurwoningen ter compensatie gerealiseerd. Dit plan is in uitvoering.

3

Einsteindreef 101-105

Transformatie van pand aan de Einsteindreef naar woningen

Haalbaarheidsonderzoek Gagelkwartier

4

5

Herinrichting Donaudreef

Herinrichting van de straat ter verbetering van de verkeersveiligheid

6

Herontwikkeling Watertoren en omgeving

Realisatie van woningen en werkplekken in de watertoren en de realisatie van een horecapaviljoen. Aansluitend aan de herontwikkeling van de Watertoren, wordt een deel van het park heringericht.

7

Ivoordreef

Sloop 10-hoogflat en bouw 160 sociale en 75 middeldure huurappartementen en 75 koopwoningen. Tussen bebouwing komt een groot plein voor spelen en ontmoeting. In het parkeergebouw komt speelveld en maatschappelijke ruimte.

8

Locatieonderzoek rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI)

De gemeente onderzoekt met eigenaar Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR) mogelijke functies voor het terrein van de voormalige RWZI.

9

Masterplan Overvecht Centrum

Integrale gebiedsontwikkeling van en rondom shoppingcenter Overvecht, samen met de grond-/pandeigenaren en omgevingspartijen.

10

Openbare Ruimte Amazonekwartier

Herinrichting openbare ruimte in Amazonekwartier ter verbetering van verkeersveiligheid, groen, klimaatbestendigheid. In combinatie met rioolvervanging

11

Openbare ruimte Taagdreef

Verbeteren van verkeersveiligheid, leefbaarheid en verblijfskwaliteit van de Taagdreef en omgeving. Groot onderhoud aan riolering.

Pandvisies

12

Overig • Starten met locatie-onderzoek alternatieve locaties RWZI.

- St. Eustatiusdreef - St. Maartendreef - Rio Biancodreef - Ankaradreef - Bangkokdreef - Ibisdreef/Piramidedreef - Marokkodreef - Hanoidreef - twee locaties Carnegiedreef

Onderzoek naar een gebiedsontwikkeling in Overvecht-Noord in de buurten rondom Park de Gagel. Een zestal partijen vanuit de Werkplaats Overvecht voeren samen met de gemeente een haalbaarheidsonderzoek uit naar verschillende ontwikkellocaties rondom Park de Gagel in Overvecht Noord. De haalbaarheidsonderzoeken gaan in op kansen voor wijkverbetering d.m.v. ruimtelijke ingrepen, zoals woningbouw, ruimte voor voorzieningen en herinrichting van de openbare ruimte. Het haalbaarheidsonderzoek moet een antwoord geven op de vraag of goede én financieel haalbare plannen mogelijk zijn, die bijdragen aan wijkverbetering voor zowel nieuwe als bestaande bewoners van Overvecht. Het initiatief ligt bij de marktpartijen en woningcorporaties, maar de voorstellen voor nieuwbouw liggen op grond in bezit van de gemeente. We onderzoeken hier dus ook de mogelijkheid om 1-op-1 gronduitgifte te doen. Dit moet ook onderbouwd worden in de haalbaarheidsfase. De haalbaarheidsfase loopt parallel aan met maken van de Omgevingsvisie Overvecht. De Omgevingsvisie geeft de kaders voor het haalbaarheidsonderzoek.

- Rhonedreef 40 - Jeanne d'Arcdreef 1 - Moezeldreef 127 - Scharlakendreef 3 - Pagodedreef 49 - Gambiadreef 60

De herontwikkeling van gemeentelijk/ maatschappelijk vastgoed op verschillende plekken in Overvecht.

13

Tuincentrum Overvecht

De herontwikkeling van het terrein van tuincentrum Steck.

14

ZONOR-Dreven

Onderzoek naar renovatie of sloop/nieuwbouw van sociale woningbouw, mogelijk in combinatie met de realisatie van een VO school met sporthal.

15

Zorgcentrum Careyn Rosendael

Herontwikkeling van zorgcentrum Rosendael (Indusdreef) van zorginstelling Careyn met daarbij woningen voor ouderen.

16

Pahud de Mortangesdreef

17 18 19 20

Auris-school

Herontwikkeling van de bestaande gebouwen met woningen voor verschillende doelgroepen en voorzieningen Herontwikkeling van schoolgebouw met nieuw schoolgebouw

P+R locatie

Ontwikkeling van het bestaande P+R-terrein met een mix van wonen en werken

Brandenburchdreef

Herontwikkeling van zorgcentrum Faros tot nieuwe zorgwoningen

Fortunadreef

Woningbouw

Tabel lopende projecten

56

Verdieping Omgevingsvisie Overvecht 2040

57

Fase 1: Nu (tot 2030)

Intensivering bedrijventerrein Kaders stellen bij nieuwe gebruikers: passend programma en toename dichtheid/aantal werkplekken

LEGENDA

Fietsverbinding Park de Gagel: combineren met herinrichting park

Ontwikkelingszones Herontwikkeling maatschappelijk vastgoed Integrale aanpak openbare ruimte

Pandvisies 12

7

Herinrichting park

Ivoordreef

Sportcluster G

14 ZONOR-Dreven

Transformatie parkeerhub Nieuw Overvecht tot gedeelde hub als katalysator voor gebiedsontwikkeling in gemengde zone.

3

Zorgcentrum Careyn 15 Rosendael

Einsteindreef 101-105

Ontwikkeling Gagelkwartier Treinspoor NS-station Overvecht Route HOV (U-link) Route HOV, ligging nog te bepalen

Toevoegen ontbrekende schakels wandel-/ fietsnetwerk in de wijk

HOV-halte, exacte ligging nog bepalen Zoekgebied route buurtgericht OV (U-bus/U-flex) Buslijn (U-bus)

Optimaliseren gebruik en bezetting van bestaande sportaccommodaties.

Bushalte (U-bus)

12 Pandvisies 6

Nieuwe fiets/wandel verbindingen (indicatief)

Herontwikkeling Watertoren en omgeving

Intensiveren bedrijventerrein Optimaliseren sportfaciliteiten

19 Brandenburchdreef 13 Aanpak openbare ruimte: Neckardreef e.o. Buurtgericht OV introduceren in de buurten

Franciscusdreef Nieuwe haltes op de in visie aangewezen plekken. Versmallen zuidelijk deel Franciscusdreef, verbeteren oversteekbaarheid

16 Pahud de Mortangesdreef

20 Fortunadreef

10

13 Steck tuincentrum Overvecht

Openbare Ruimte Amazonekwartier

1

17 Auris-school

Renovatie eengezinswoningen Overvecht-Zuid

4 Haalbaarheidsonderzoek Gagelkwartier 5 Herinrichting Donaudreef

18 P+R locatie

8

11

Locatieonderzoek rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI)

Masterplan Overvecht Centrum

2 De Mix

9

Openbare ruimte Taagdreef

12 Pandvisies 12 Pandvisies: vergroenen

58

Verdieping Omgevingsvisie Overvecht 2040

59

Fase 2: Straks In de eerste fase is gestart met de eerste gebiedsontwikkelingen en rijdt het nieuwe OV-systeem over de bestaande infrastructuur. Om verdere ontwikkeling mogelijk te maken, is in deze fase de voorbereiding van de herprofilering van de hoofdontsluitingswegen zoals de Einsteindreef en de Franciscusdreef en de verbetering van de kwaliteit van de belangrijkste buitenruimtes gepland. Zo blijft de wijk bereikbaar en groeit de (groen)kwaliteit gelijk mee met het aantal woningen. In iedere fase wordt de uitwerking van de verschillende maatregelen gemonitord. Op basis hiervan dient de fasering te worden verfijnd en aangescherpt. Gebiedsontwikkeling • Faciliteren lopende projecten (geldt ook in de vervolgfases) • Faciliteren externe initiatieven (geldt ook in de vervolgfases) • Initiëren gebiedsontwikkeling stedelijke verdichtingszones (geldt ook in de vervolgfases) • Nodig grond-/vastgoedeigenaren uit tot het maken van een gezamenlijke ontwikkelvisie voor de belangrijkste zones, zoals het stationsgebied en de omgeving van de HOV-haltes. • Intensivering bedrijventerrein (geldt ook in de vervolgfases) • Stimuleren gebiedsontwikkeling roze gemengde zone zoals beschreven in de uitvoeringsstrategie (geldt ook in de vervolgfases) • Koppel de gebiedsontwikkeling aan de herinrichting van het profiel

60

•

van de Franciscusdreef. Benut de kwaliteitsverbetering en de verbeterde oversteekbaarheid als katalysator voor de gebiedsontwikkeling in deze zone. Nodig grond-/vastgoedeigenaren uit tot het maken van een gezamenlijke ontwikkelvisie voor deze zone.

Integrale aanpak openbare ruimte • Integrale aanpak van de openbare ruimte in de volgende buurten: Neckardreef Zuid, Wolgadreef e.o., Neckarddreef Noord, Donaudreef e.o. Groen en buitenruimte • Herinrichting Noorderpark-Ruigenhoek • Op middellange termijn want inrichting afhankelijk van nader te bepalen programmering (zoals aanleg sportvelden of energieopwekking) • Aan deze ontwikkeling koppelen: ontwikkeling extensieve recreatiemogelijkheden, aanleg fiets-/wandelverbindingen • Herinrichting Park de Watertoren • Inpassing HOV-tracé • Verwijderen auto uit Park de Watertoren • Herinrichting Park de Gagel • Verwijderen auto uit Park de Gagel (Gangesdreef): combineren met herinrichting park. • Stationsplein • Herinrichting openbare ruimte tot aantrekkelijk stationsplein

Mobiliteit • Herinrichting Einsteindreef • Herinrichten profiel: versmallen en bundelen • Aanleg oversteek vanuit Overvecht Centrum • Integrale gebiedsontwikkeling met de ontwikkelzone aan de Kaap Hoorndreef • Herinrichting Franciscusdreef • Integrale gebiedsontwikkeling met de ontwikkelzone beide zijden van de Franciscusdreef. • Herinrichting Carnegiedreef/ Zamenhofdreef/Rio Brancodreef • Centrale as exclusief maken voor HOV: Zamenhofdreef, Park de Watertoren en Moezeldreef. Dit kan eventueel in twee stappen gebeuren (Overvecht zuid en noord). De Carnegiedreef kan daarbij eerst fungeren als vrije OVbaan en daarna opnieuw ingericht worden (met een busbaan aan de zuidzijde van het profiel). • Herinrichting kruising Carnegiedreef-Einsteindreef • Aanleg van ononderbroken groene verbinding tussen Park de Gagel en Park de Watertoren. • Ontwikkeling van ‘superhaltes’: HOV-haltes inrichten met hoogwaardige openbare ruimte en voorzieningen in omliggende gebiedsontwikkeling.

•

• •

Verbeteren/toevoegen fiets-/wandel verbindingen onder spoor en over NRU en Vecht • Koppelen verbindingen NRU aan transformatie NRU: fasering is daarmee afhankelijk van planning NRU. Knip Tiberdreef/Mr. Tripkade Invoeren betaald parkeren in Overvecht Noord en bedrijventerrein

Verdieping Omgevingsvisie Overvecht 2040

61

Ontwikkeling extensieve recreatiemogelijkheden, aanleg fiets-/ wandelverbindingen

Fase 2: Straks (t/m 2035)

Start gebiedsontwikkeling gemengde zone Franciscusdreef Herinrichting profiel Franciscusdreef, verbeteren oversteekbaarheid

Herinrichting Noorderpark-Ruigenhoek Op middellange termijn want inrichting afhankelijk van nader te bepalen programmering (zoals eventuele verplaatsing volkstuinen, aanleg sportvelden of energieopwekking)

LEGENDA Ontwikkelingszones Integrale aanpak openbare ruimte (planning n.t.b.) Herinrichting park Sportcluster

Herontwikkeling Careyn Rosendael

Herinrichting Noorderpark-Ruigenhoek G

Verbetering & herinrichting Park de Gagel

Ontwikkeling Gagelkwartier Treinspoor NS-station Overvecht Route HOV (U-link) Route HOV, ligging nog te bepalen HOV-halte, exacte ligging nog bepalen

Einsteindreef Herinrichten profiel: versmallen en bundelen, verbeteren oversteekbaarheid

Buslijn (U-bus) Bushalte (U-bus) Nieuwe fiets/wandel verbindingen (indicatief) Herinrichting hoofdweginfrastructuur

Exclusief HOV in Park de Watertoren: combineren met herinrichting park Knip Neckardreef in combinatie met herinrichting Park de Watertoren

Mogelijke locatie aanvullende verkeersmaatregel Intensiveren bedrijventerrein Kans voor nieuwe voorzieningen

Verbeteren/toevoegen fiets-/wandel verbindingen onder spoor en over NRU en Vecht Koppelen aan transformatie NRU: fasering is daarmee afhankelijk van planning NRU

Ontwikkeling rondom HOV-halte Haltes inrichten met hoogwaardige openbare ruimte Kwaliteitsverbetering kruising met HOV-as

Gebiedsontwikkeling HOV-halte Carnegiedreef en Rio Brancodreef

Ontwikkeling rondom station en Winterboeidreef Uitvoering Masterplan Centrum Overvecht

62

Centrale as exclusief voor HOV

Verdieping Omgevingsvisie Overvecht 2040

63

Fase 3: Later

Fase 4: Na 2040

Gebiedsontwikkeling • Faciliteren lopende projecten • Faciliteren externe initiatieven • Initiëren gebiedsontwikkeling rode en oranje gebieden • Verdere ontwikkeling rode en oranje zones: ‘moeilijke’ locaties waar sloop/transformatie noodzakelijk is • Intensivering bedrijventerrein • Initiëren gebiedsontwikkeling gemengde zone bedrijventerrein

Gebiedsontwikkeling • Mogelijke ontwikkeling van het RWZIterrein

Integrale aanpak openbare ruimte • Vervolg van de integrale aanpak van de openbare ruimte. De planning hiervan is nog niet bekend. Groen en buitenruimte • Herinrichting Noorderpark-Ruigenhoek • Vervolg op ontwikkeling uit vorige fase: inrichting afhankelijk van nader te bepalen programmering (zoals aanleg sportvelden of energieopwekking) • Aan deze ontwikkeling koppelen: ontwikkeling extensieve recreatiemogelijkheden, aanleg fiets-/ wandelverbindingen

64

Verdieping Omgevingsvisie Overvecht 2040

65

LEGENDA

Fase 3: Later (t/m 2040)

Ontwikkelingszones Integrale aanpak openbare ruimte (planning n.t.b.)

Mogelijk aanvullende maatregelen autonetwerk: Tigrisdreef, Neckardreef

Herinrichting park Sportcluster Herinrichting Noorderpark

Integrale aanpak openbare ruimte Gefaseerde aanpak: aanleg warmtenet, rioolvervanging, herinrichting openbare ruimte en onderzoek reduceren straatparkeerplekken

Treinspoor NS-station Overvecht Route HOV (U-link) HOV-halte, exacte ligging nog bepalen Buslijn (U-bus) Bushalte (U-bus) Herinrichting hoofdweginfrastructuur Mogelijke locatie aanvullende verkeersmaatregel Intensiveren bedrijventerrein

Verdere ontwikkeling rode en oranje zones: ‘moeilijke’ locaties waar sloop/transformatie noodzakelijk is

Kans voor nieuwe voorzieningen

Verbeteren/toevoegen fiets-/wandel verbindingen onder spoor en over NRU en Vecht Koppelen aan transformatie NRU: fasering is daarmee afhankelijk van planning NRU

Herinrichting en verbetering Park de Watertoren

Ontwikkeling rondom HOV-halte haltes inrichten met hoogwaardige openbare ruimte Kwaliteitsverbetering kruising met HOV-as

Herinrichting Carnegiedreef/ Zamenhofdreef als centrale HOV-/park-as door de wijk Uitvoering Masterplan Centrum Overvecht

66

Verdieping Omgevingsvisie Overvecht 2040

67

LEGENDA

Fase 4: Na 2040

Ontwikkelingszones Herinrichting Noorderpark Treinspoor NS-station Overvecht

Ontwikkeling RWZI Randvoorwaardelijk is dat er elders een andere locatie is gevonden voor de RWZI

68

Verdieping Omgevingsvisie Overvecht 2040

69

Nader te onderzoeken Uitbreiding sportprogramma Onderzoeken op welke manier het sportprogramma kan worden uitgebreid, best passend bij de andere ruimtelijke ambities (kwaliteit, bereikbaarheid, erfgoedstatus Noorderpark). Het Maximapark is een goed voorbeeld als het gaat om de combinatie tussen park en sport. Het Lint wordt zeer veel gebruikt voor sport en beweegactiviteiten als wandelen, hardlopen, skeeleren en fietsen. Ook is er gekoppeld aan deze beweegroute een Calisthenicspark dat intensief wordt gebruikt. Daarnaast zijn er drie grote zeer druk bezette sportparken binnen het park ingepast. Het gaat om de sportparken De Vrijheit, Fletiomare en Paperclip met velden voor onder andere voetbal, hockey, tennis, honkbal en ook een sporthal. De volgende denklijn hanteren wij bij het onderzoek: 1. Onderzoek mogelijkheden voor uitbreiding op bestaande sportcomplexen. 2. Onderzoek de mogelijkheden voor een nieuw sportcomplex in het Noorderpark. We zoeken daarbij naar innovatieve mogelijkheden om de velden, lichtmasten etc. in te passen met oog voor de cultuurhistorische waarde van de omgeving. 3. Indien Noorderpark niet haalbaar blijkt: opnieuw integraal naar heel Overvecht kijken voor de inpassing van sportvelden.

70

Uitwerking Noorderpark Haalbaarheidsonderzoek van mogelijke programma’s voor het Noorderpark. Nadere definitie van het programma voor het Noorderpark, rekening houdend met de ambitie voor extensief gebruik, de landschappelijke kwaliteiten en de erfgoedstatus van het gebied. Zowel sport-, recreatie- of energiefuncties dienen hierbij aan te sluiten. Uitgangspunt hierbij is het voeren van een afgewogen actief grondbeleid. Wegprofiel hoofdontsluitingswegen Op basis van daadwerkelijke verkeersdruk en modelstudies dient te worden onderzocht welk wegprofiel (aantal rijstroken, ontwerp kruisingen) wenselijk is voor de herinrichting van de Einsteindreef, en Franciscusdreef. Uitgangspunt is een profiel van één rijstrook per richting. Lijnvoering openbaar vervoer Gaat worden afgestemd met de provincie binnen de OV-alliantie.

Verdieping Omgevingsvisie Overvecht 2040

71

03

Onderbouwing ruimte voor groei

Ruimte voor groei Om woningen, werkplekken, voorzieningen en groen toe te kunnen voegen is ruimte nodig. Aangezien de ruimte schaars is gaan we hier zorgvuldig mee om. De ruimte voor groei zoeken we binnen Overvecht zoveel mogelijk binnen het bestaande bebouwde gebied en op goed OV-bereikbare plekken bij voorzieningen. Hierdoor laten we de hoofdgroenstructuur en de woonbuurten voor het grootste deel intact en versterken we deze waar mogelijk. Overvecht “wijk van herkenbare buurten in een groen raamwerk” blijft de basis, maar wordt verbeterd en aangevuld met een verbindende centrale as met wijkhart in het midden. Hiervoor wijzen we zeven typen gebieden aan.

Woonbuurten

Stedelijke buurten

Intensief bedrijventerrein

74

Centrale as

Gemengde zone bedrijventerrein

Hoogstedelijk gebied

Ruimte voor groei

Groene buurtranden

Verdieping Omgevingsvisie Overvecht 2040

75

Uitgangspunt is dat alle initiatieven en plannen bijdragen aan de gewenste bredere wijk- en buurtverbetering. We behouden wat goed is, versterken, en vernieuwen waar nodig. Met respect voor de Overvechtse karakteristiek. In grote lijnen kiezen we ervoor om langs de centrale as door Overvecht, rondom de haltes van het Hoogwaardige Openbaar Vervoer, de grootste verdichting te realiseren met veel verschillende functies en ook grotere en hogere gebouwen. Daarbij maken we onderscheid in de hoogstedelijke gebieden en de Centrale as gebieden.

De hoogstedelijke gebieden zijn Overvecht Centrum en het stationsgebied Overvecht. Hier realiseren we circa 55-60% van het beoogde nieuwbouwprogramma.

76

Rond de overige HOV haltes realiseren we in de centrale as gebieden circa 15-20% van de beoogde nieuwbouw.

In de woonbuurten wordt voornamelijk ingezet op verduurzaming en vernieuwing door het openbaar gebied te verbeteren en bestaande woningen aan te passen en kleinschalige nieuwbouw toe te voegen.

Op het bedrijventerrein wordt ingezet op intensivering van de productiefuncties.

Daaromheen liggen de stedelijke buurten, waar ook hogere bebouwing mogelijk is, maar in mindere mate dan in de hoogstedelijke gebieden. Zo vormen ze de overgang tussen de hoogstedelijke/centrale as gebieden en de woonbuurten. Soms vormen zij ook de overgang tussen drukke wegen en de rustige woonomgeving binnen de woonbuurten.

In de gemengde zone op het bedrijventerrein is ruimte voor ander werkprogramma, zoals werkplekken en ateliers, gemengd met sportfuncties, detailhandel en bijpassende voorzieningen.

De locaties die zijn aangewezen voor groene buurtranden kennen op dit moment een lage groenkwaliteit door verrommeling van bebouwing, verharding en hekwerken. Op deze plekken zien we kansen om door herstructurering van de bebouwing de kwaliteit, sociale veiligheid en de toegankelijkheid van het groen te verbeteren.

Verdieping Omgevingsvisie Overvecht 2040

77

Overvechtse karakteristiek Overvecht is in de jaren ‘60 gebouwd met de typische eigenschappen van een naoorlogse wijk. Tot de dag van vandaag zijn deze eigenschappen bepalend voor de structuur van de wijk. Met de verdichtingsopgave zullen nieuwe stedelijke milieus worden geïntroduceerd, tegelijkertijd blijft de oorspronkelijke wijkopzet bepalend voor een groot deel van de wijk. In dit hoofdstuk benoemen we de belangrijkste kenmerken en transitie van deze ‘Overvechtse ruimtelijke karakteristiek’.

Oorspronkelijk Overvecht: Ruimtelijke principes ‘60

•

De naoorlogse wijk is oorspronkelijk gebouwd op een aantal heldere principes, die sterk sturend zijn voor de ruimtelijke structuur, ook nu nog: •

•

Wijkgedachte: De principes richten zich op het creëren van hechte gemeenschappen, met het gezin als hoeksteen van de samenleving. Elke buurt kreeg woningtypes voor alle leeftijdsgroepen en alle benodigde voorzieningen en groen bevonden zich dicht bij huis, ter bevordering van de gemeenschap op buurtniveau. Functiescheiding: Werk, wonen en voorzieningen zijn streng van elkaar gescheiden, resulterend in het centrumgebied en bedrijventerrein buiten de woonwijken en voorzieningen in groene voegen tussen de buurten.

•

• •

Rationeel bouwen: de woningbehoefte was groot en er kwamen snelle efficiënte bouwmethoden. Dit resulteerde in repeterende bouwblokken: veel betaalbare en verschillende woningen. Een zorgvuldige mix van hoogbouw (10 lagen), midden- (4) en laagbouw (2). Orthogonale structuur: De bebouwing volgt een orthogonale structuur onder een hoek van 45 graden voor een optimale bezonning. Auto ruim baan: brede wegprofielen en grote parkeervelden. Licht, lucht, ruimte: Het streven naar een gezonde leefomgeving, met veel frisse lucht en zonlicht voor de bewoners en gebruikers van hun gebouwen. Een open bloksgewijze opzet zorgt ervoor dat het groen als het ware de wijk ´doorspoelt’.

Overzichtelijke buurten in een groen raamwerk De principes uit de jaren ‘60 hebben geleid tot een sterke ruimtelijke structuur, bestaande uit verschillende buurten in een groen raamwerk. Zuid met 7 buurten en Noord met 3 buurten. Deze buurten bevinden zich rondom twee parken (De Gagel en De Watertoren), zodat iedere woning zich op korte afstand van een van de parken bevindt. Om de buurten duidelijk te markeren zijn ze door groenstroken van elkaar gescheiden. Zo ontstond er een netwerk van groene voegen, die voor snelle verbindingen naar de parken en de recreatieve voorzieningen aan de randen van de wijk zorgde. Aan dit groene raamwerk bevinden zich veel buurtvoorzieningen, zoals de scholen en andere bijzondere gebouwen.

Het zuidelijk en het noordelijk deel van de wijk zijn via de Carnegiedreef/ Zamenhofdreef als centrale groene verkeersas met elkaar verbonden. De bebouwing volgt grotendeels een orthogonale structuur onder een hoek van 45 graden ten opzichte van het noorden voor een optimale bezonning. Met uitzondering van Overvecht Centrum kenmerkt de wijk zich door de duidelijke hiërarchie van schaalniveaus in de wijk: Noord & Zuid, buurten en gebouwen. Daarnaast heeft Overvecht de (boven) stedelijke verbindingen door en om de wijk: Noordelijke Randweg Utrecht, de Vecht, en het spoor, de Franciscusdreef, Einsteindreef en de Brailledreef. Hoogbouw is ingezet om ruimte te creëren in de woonomgeving en is zorgvuldig ingepast. Hoogbouw heeft een relatie met de hoofdstructuur van de wijk, is gegroepeerd langs de randen (in tweede lijn), langs de hoofdontsluitingswegen (Carnegiedreef en Einsteindreef) en als begeleiding van de groene wiggen vanaf de parken naar het landschap.

Ontwikkelingsplan Overvecht met Zuid van Wissing en Noord van Hanekroot (archief Hanekroot)

Bestemmingsplan Overvecht, met bouwhoogtes. In: De timmerwerf 20 (1967) 4, 10. NB: De hoogbouwtorens zijn nooit gerealiseerd, waardoor de oorspronkelijk bedachte 6 hoog is verhoogd naar 10 hoog. Hierdoor is een wijk ontstaan met contrasten tussen laagbouw en hoogbouwwanden die boven de boomtoppen uitkomen.

78

Verdieping Omgevingsvisie Overvecht 2040

79

Karakteristieke stedenbouwkundige verschillen Noord en Zuid Zowel in Overvecht-Zuid als in OvervechtNoord zijn dezelfde gebouwtypen gebruikt. Het verschil tussen beide schuilt in de menging, schaal van de bloksgewijze compositie, de inrichting van buitenruimte en de plaatsing van voorzieningen: Buurten: • Zuid: Elke buurt is een stedenbouwkundige stempel met een wegenstructuur in de vorm van een molenwiek. Hierdoor is de stempel in velden verdeeld met lageof middelhoge bouwblokken. De bestaande 10-hoogbouw met groene binnentuinen vormen een hoeksteen als markering van de stempel aan het park. Het hoogbouwaccent is veelal in noordelijke hoek van de stempel gesitueerd i.v.m. bezonning en ruimte openbaar gebied.

•

Noord: Elke buurt heeft een eigen karakter, bestaande uit herkenbare bebouwingsclusters van laagbouw (geel), middelhoogbouw (oranje) en hoogbouw (rood). De hoogbouw is vooral aan de randen van de buurt, bij groenzones te vinden. (zie afbeelding gebouwclusters/typologie)

Groen en voorzieningen: • Zuid: Buurtvoorzieningen zijn als bijzondere en lage bebouwing aanwezig in de groene voegen tussen de buurten, en in het hart van de “molenwiek”. • Noord: Parkgroen loopt door tot in de woonbuurten. Voorzieningen of andere bijzondere (lage) bebouwing zijn opgenomen te midden van bebouwing, of aan de randen van de parken.

Overvecht 2024

Veel van de oorspronkelijke principes zijn nu nog steeds leidend in het ontwerpen van aantrekkelijke, duurzame wijken, waar we op kunnen voortborduren. Hieronder worden de belangrijkste kwaliteiten en uitdagingen genoemd: •

•

Wegenstructuur: • Zuid: sterk orthogonale wegenstructuur. • Noord: licht gebogen straten. Hierdoor ontstaan restruimten, een ketting van onregelmatig gevormde pleinen, grasveldjes en parken •

•

• Opbouw van een typische stempel in Overvecht Zuid

80

Het groen wordt als belangrijke kwaliteit genoemd. Eén van de groenste wijken van Utrecht. Maar het groene raamwerk is op onderdelen ook verrommeld en versnipperd door bebouwing, verharding en hekwerken. Hierdoor is het groene raamwerk op onderdelen niet goed meer herkenbaar en heeft het minder belevingskwaliteit. Het is een kwaliteit dat voor de verschillende buurten het groen, buurtwinkels, speelvoorzieningen en scholen voor iedereen op loopafstand liggen. Veel goede voorzieningen, verspreid over de wijk binnen woonbuurten of in het groen, maar niet altijd gekoppeld aan belangrijke routes waardoor ze moeilijk vindbaar of bereikbaar kunnen zijn. Cultuurhistorische elementen als UNESCO werelderfgoed Nieuwe Hollandse Waterlinie, monumenten, karakteristieke bebouwingsensembles en groenplekken zijn kwaliteiten die we koesteren. Positief is de diversiteit aan mensen van verschillende afkomst. Een wijk met betrokken bewoners die veel initiatieven ontplooien. Knelpunt is de eenzijdige woningvoorraad, die bestaat uit portiekflats waarbij er minder ontmoeting plaats vindt dan bij galerijflats. Het merendeel is

•

•

•

•

•

•

woningcorporatiebezit is. Relatief veel kwetsbare bewoners. Weinig mogelijkheid voor bewoners die in de wijk wooncarrière willen maken. Goede ligging aan de Vecht en op korte afstand van de binnenstad en het recreatiegebied het Noorderpark, maar niet goed bereikbaar en verbonden. Fysieke barrières zoals het spoor, de Vecht, de Noordelijke Randweg en hoofdwegen en (te) ruim gedimensioneerde straten in de wijk zorgen voor slechte oversteekbaarheid en/of verkeersonveilige situaties (door te hard rijden). Sociale vraagstukken – de leefbaarheidsscore, gezondheidscijfers zijn de laagste van heel Utrecht. Ongeveer de helft van de bewoners voelt zich wel eens onveilig in de wijk. Veel blinde plinten en garageboxen of achterkanten. Buurten voelen anoniem en niet herkenbaar, gebrek aan oriëntatie of identificatie met de omgeving. Ook op bedrijventerrein Nieuw Overvecht is veiligheid één van de aandachtspunten. De grote contrasten in bouwhoogten worden niet altijd als aangenaam ervaren. Het ontbreekt op plekken een aangename menselijke maat, door zee van (anonieme) ruimte of verkeersstructuren zoals Franciscusdreef en Einsteindreef met moeilijke oversteekbaarheid. Een groot deel van de bewoners ervaart problematiek in de openbare ruimte, onprettige plekken of routes. Op veel plekken domineren auto’s het straatbeeld.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=058028af-1b78-4dad-9b99-7dcb5ab955ca