Meerjaren Perspectief Ruimte 2022.pdf
Tekst van het document
Dat is de locatie waar we de kans zien om verschillende mobiliteitsaspecten te koppelen in een duurzame mobiliteitshub. Hier krijgt parkeren op afstand voor de hoog stedelijke gebieden (zoals Merwedekanaalzone en Beurskwartier) in de stad vorm. De ambitie is om op termijn het stedelijke knooppunt in Leidsche Rijn Centrum op te waarderen, waardoor intercitytreinen het station kunnen aandoen. Daarnaast moeten de verbindingen voor fietsers en voetgangers van Leidsche Rijn Centrum naar het Werkspoorkwartier en Lage Weide worden verbeterd. Zo vergroten we ontwikkelkansen voor werkgelegenheid rond knooppunt NS-station Utrecht Leidsche Rijn. Het terugbrengen van het autogebruik biedt op termijn fysieke ontwikkelkansen en mogelijkheden voor een kwaliteitsimpuls van de openbare ruimte.
Foto: Plantsoen van Boedapest
MPR2022 | Mei 2022
47/104
Met de verdere groei van de wijk zal het aantal voorzieningen en sportlocaties moeten groeien. In Leidsche Rijn en Vleuten-De Meern is door de snelle groei van het gebied sprake van een demografisch afwijkend beeld. Aanvullende speelplekken, jongerenplekken en activiteiten worden gerealiseerd voor de sterk groeiende groep van 12 tot en met 17-jarigen om deze maatschappelijke opgave aan te pakken. Twee derde deel van de Utrechts jongeren woont in Leidsche Rijn; het is daarom belangrijk dat er voldoende voorzieningen voor jeugd en jongeren beschikbaar zijn om te voorkomen dat door verveling de veiligheidssituatie in de wijk verslechtert. Lopende en toekomstige plannen In Leidsche Rijn en Vleuten-De Meern dragen we de komende jaren sterk bij aan de woningbouwopgave van de stad. Als we kijken naar de actuele harde plancapaciteit woningbouw 2022-2040 voor dit gebied bevat deze ruim 11.000 (nog op te leveren) woningen. Een aansprekende woningbouwontwikkeling betreft de hoogbouwkavel in Leidsche Rijn Centrum. In de vorm van een soort verticaal dorp met drie hoge woontorens waarvan één met een maximale hoogte van 140 meter, worden maximaal 1.200 huuren koopwoningen gerealiseerd. Op diverse andere bouwkavels in het gebied komen daarnaast nieuwe woningen in verscheidene woningtypes en categorieën in een stedelijk woonmilieu.
De duurzame woonbuurten Leeuwesteyn, Terwijde en Haarzicht ronden we af. In Rijnvliet groeit de openbare ruimte door tot een eetbare woonbuurt. In Het Zand verrijzen diverse appartementencomplexen langs de Vleutensebaan en daarmee krijgt deze stedelijke as vorm. In de bestaande woonbuurten begeleiden we allerlei particuliere initiatieven. We sturen maximaal op functiemenging en differentiatie in de gebieden. In Papendorp/Groenewoud voegen we ongeveer 3.500 woningen en meer dan 85.000 m² bvo werkfuncties en voorzieningen toe. Verdere intensivering moet ertoe leiden dat hier een dynamisch gebied ontstaat met wonen, werken en bijbehorende voorzieningen. Voor woonbuurt Haarrijn aan de Haarrijnseplas blijkt de stikstofproblematiek mee te vallen. We realiseren de ontwikkelmogelijkheden door het in procedure brengen van het bestemmingplan en het selecteren van een partij voor de zonne-energie eilanden in de Haarrijnseplas. Ook in Ockhuizen onderzoeken we de mogelijkheden voor realisatie van een zonneveld. Deze projecten dragen onder andere bij aan het Utrechtse aanbod in de Regionale Energie Strategie. We ontwikkelen Rijnenburg om te beginnen als energielandschap en bieden daarbij ruimte voor bijvoorbeeld natuur, sport en recreatie. Begin 2022 is een eerste ontwerpstudie voor Rijnenbrug opgeleverd en aangeboden aan de gemeenteraad.
In de komende 10 jaar staat gronduitgifte ten behoeve van de bouw van bijna 100.000 m² bvo kantoren geprogrammeerd. En daarnaast is er ook nog de nodige programmering in horeca, leisure, hotel, commerciële- en maatschappelijke voorzieningen en creatieve bedrijvigheid. Dat is een forse inpassingsopgave. Voor de werkgelegenheid in Utrecht in Leidsche Rijn en Vleuten-De Meern is er nog ruimte voor de realisatie van bijna 40 hectare bedrijventerrein. Met de ontwikkeling van de diverse werklocaties, waaronder het nieuwe circulaire bedrijventerrein Strijkviertel, dragen we bij aan meer toekomstgerichte arbeidsplaatsen in de stad. Het knooppunt Leidsche Rijn Centrum zal zich de komende jaren verder ontwikkelen. Het zuidelijk deel van het naastgelegen bedrijventerrein heeft nog niet het niveau dat bij een dergelijk knooppunt verwacht mag worden en een upgrade wordt op korte termijn niet voorzien. Het kan kansrijk zijn wel te starten met een eerste fase; investeringen in dit vierde kwadrant van Leidsche Rijn Centrum geeft ook mogelijkheden voor betere fietsverbindingen tussen Zuilen, Lage Weide en Leidsche Rijn. Om de groei van de stad in meerdere gebieden te faciliteren is in Leidsche Rijn de duurzame mobiliteitshub in voorbereiding zodat we in 2024 kunnen starten met de realisatie.
Daarnaast ligt er een aandachtspunt bij het versterken van het fietsnetwerk door het realiseren van een fietsbrug aan de zuidzijde van de Meernbrug. In Leidsche Rijn is gestart met de pilot MaaS (Mobility as a Service). Met behulp van een app wordt gewerkt aan het verbeteren van het aanbod van vraaggestuurde mobiliteitsdiensten en reismogelijkheden voor bewoners, werknemers, scholieren en recreatief verkeer. Vanuit de groenopgave wordt ingezet op doorontwikkeling van het Landinrichtingsplan Haarzuilens tot een Landinrichtingsgebied Haarzuilens (100 hectare groen, waaronder natuur, recreatie, landschap en cultuurhistorie). In het Máximapark is inmiddels het noordelijk deel van de Vikingrijn aangesloten op de watergang Hindersteinlaan. Hiermee ontstaat een directe waterverbinding vanuit Vleuten en Terwijde met MPR2022 | Mei 2022
48/104
het park. De recreatieve mogelijkheden nemen daarmee toe. Het strand aan de Haarrijnseplas is versterkt met schaduwplekken, zonneheuvels, speelplekken en twee strandwachtersposten met toiletten. De inpassing van diverse maatschappelijke voorzieningen, woon-zorgcomplexen, eerstelijns- zorgcentra, nieuwe basisscholen, gymzalen, twee middelbare scholen, een sporthal, een nieuw extra zwembad en uitbreiding van de sportvelden in diverse gebieden wordt door ons begeleid. Ook sturen we op mogelijkheden om het sportaanbod in het gebied te vergroten en aan te laten sluiten op de vraag. We onderzoeken tevens optimalisatiemogelijkheden voor sportpark Papendorp. We werken aan de ontwikkeling van de cultuurkavel Berlijnplein, het culturele hart van Leidsche Rijn met als thema ‘De toekomst van de stad’ aan.
Mobiliteit
Groen
Werken
Wonen
Liggen we op koers richting RSU 2040? In onderstaande tabel is per barcodethema in hoofdlijnen aangegeven in hoeverre we in dit gebied op koers liggen in relatie tot de RSU 2040. Daarbij geven we waar mogelijk een of meerdere voorbeelden van concrete projecten waarmee we stappen willen zetten ten aanzien van de gestelde ambities in de RSU. Ook geven we per barcodethema aan of we op dit moment kansen of bedreigingen zien om verdere invulling te geven aan onze ambities. Op basis van deze analyses per gebied concluderen we in hoofdstuk 2 in hoeverre we op stedelijk niveau op koers liggen. Er wordt in het gebied conform planning volop gebouwd en ook is veel in voorbereiding waarbij we meer sociaal- en middenprogramma toevoegen, zoals in Leidsche Rijn Centrum, Leeuwesteyn en Papendorp/Groenewoud. Daarbij hebben we in projecten aandacht voor ouderenhuisvesting en kwetsbare groepen. Voor de toekomst zien we kansen in het verdichten rondom de knooppunten en het creëren van ruimte voor bijzondere woonvormen. Voor de ontwikkeling van werklocaties verlopen de gronduitgiften conform planning, zoals bedrijventerrein Haarrijn, De Wetering Zuid, Strijkviertel en de kantoren in Papendorp en Leidsche Rijn Centrum. Onlangs is kantoorgebouw Helix opgeleverd.
Het gebied kent lage leegstandscijfers, op enkele incourante locaties na, zoals kantoren aan de Burgemeester Verderlaan en aan de Rijnzathe (bij bedrijventerrein Oudenrijn). We zullen op enig moment een keuze moeten maken om deze kantoren ofwel aantrekkelijker te maken zodat ze weer benut worden, ofwel te transformeren voor ander gebruik. Voor de langere termijn zien we kansen met de herontwikkeling van het Vierde Kwadrant van LRC (zuidzijde Lage Weide). Hiervoor zijn mobiliteitsinvesteringen noodzakelijk. Daarnaast moeten we een strategie ontwikkelen voor het intensiveren van bestaande bedrijventerreinen; kansen zijn er met name voor Oudenrijn. Leidsche Rijn en Vleuten-De Meern zijn groene wijken die voldoen aan de RSU-ambities met een robuust watersysteem. In het gebied zijn al verschillende groene verbindingen en ecologische zones aangelegd, parken en tuinen ontwikkeld, waaronder het Maximapark en de Stadstuin in Leidsche Rijn Centrum. Het groen groeit mee met de gebiedsontwikkeling. We werken aan het versterken van het groen om de stad en recreatie bijvoorbeeld bij de Nedereindse plas en Haarzuilens. We zien kansen voor een kwaliteitsimpuls en verdere vergroening van kantoorlocaties (Papendorp), aanleg van groene verbindingen in Strijkviertel en een groene scheg Maximapark-Rijnenburg.
In het gebied zijn robuuste fiets-, ov- en autonetwerken, maar er zijn nog kansen voor de voetganger en enkele aandachtspunten op het gebied van verkeersveiligheid. Voor de groei van de stad in verschillende gebieden werken we aan de realisatie van de Mobiliteitshub in Papendorp. Hiervoor is ook een nieuwe fietsverbinding over het Amsterdam-Rijnkanaal nodig. Op langere termijn voorzien we nieuwe fiets- en voetverbindingen tussen Nieuwegein, Leidsche Rijn, Lage Weide en Zuilen. Een grote opgave wordt de inpassing van de Papendorplijn, als onderdeel van het wiel met spaken.
MPR2022 | Mei 2022
49/104
Energie Maatschappelijke voorzieningen
Wat betreft de energietransitie zijn doelen geformuleerd die voor de gehele stad gelden en in een aantal gevallen een gebiedsspecifieke doelstelling of actie kennen. De Energievisie (voorzien voor eind 2022) zal op deelgebieden en op specifieke locaties doelen en maatregelen verder uitwerken. Voor dit gebied geldt dat we met de realisatie van Zonnepark Meijewetering en de geluidswal Veldhuizen hier stappen in zetten. Daarnaast komen er tenders voor zonne-eilanden Haarrijnse plas en Nedereindse Plas en zien we kansen in een tijdelijk Energielandschap Rijnenburg. Bij de uitwerking van de Transitievisie warmte zal ook de volgorde van de aanpak van de wijken in de wijkgerichte aanpak naar aardgasvrij concreet worden gemaakt. De consequenties van het verzwaren en flexibeler maken van de energieinfrastructuur zal in de komende jaren in vrijwel alle wijken in de stad zichtbaar worden. Het gebied heeft een passend voorzieningenniveau. Daarnaast worden er volop maatschappelijke voorzieningen gerealiseerd en voorbereid zoals Gezondheidscentrum Vleuten dorp, VO-school met sporthal Academie 10, cultuurcluster Berlijnplein en uitbreiding sportpark Rijnvliet/Strijkviertel. De frictie tussen vraag en aanbod monitoren we actief. We zien onder andere kansen voor nieuwe buurtcultuurcentra, een extra zwembad in de Noordpunt Máximapark en diverse scholen.
MPR2022 | Mei 2022
50/104
4.4 Utrecht Science Park (USP) en Rijnsweerd De opgave Het Utrecht Science Park is een dynamisch gebied waar gemiddeld dagelijks meer dan 70.000 mensen naar toe reizen om te leren, werken, onderzoeken, ontwikkelen en zorg te verlenen. Een gebied met een unieke concentratie van kennisinstellingen en bedrijven waar ontmoeten, samenwerken, kennis delen en innoveren centraal staan. Samen met het kantorengebied Rijnsweerd is het een van de belangrijkste werkgebieden voor de stad. Het gebied kenmerkt zich niet alleen door deze concentratie van onderwijs, science en werk, maar ook het landschap in en rond het Utrecht Science Park is bijzonder. De landgoederen en de Nieuwe Hollandse Waterlinie zijn van grote natuurlijke, culturele en historische waarde voor de omgeving. Het Utrecht Science Park (USP) is voortdurend in ontwikkeling. De Universiteit Utrecht, het Universitair Medisch Centrum Utrecht, de gemeente en andere gebiedspartners hebben de opgave om het gebied vitaal en toekomstbestendig te maken. Dit hebben we gezamenlijk uitgewerkt in de concept omgevingsvisie USP 2040. In de RSU is de ambitie opgenomen om tot 2030 in USP 1.200 woningen toe te voegen en in Rijnsweerd 1.600. In de tien jaren daarna zou de toename voor USP circa 2.800 woningen kunnen bedragen (in totaal wordt in de Omgevingsvisie uitgegaan van een toename van 4.000 tot 2040) en in Rijnsweerd circa 2.000 woningen.
In het USP wonen vooral studenten en dat zal ook zo blijven; de gemeente heeft zich verbonden aan het Convenant Studentenhuisvesting, dat we samen met de Universiteit Utrecht hebben ondertekend. Wel komt er meer ruimte voor USP-gerelateerd wonen, dat wil zeggen: woningen voor mensen die hier tijdelijk studeren, die werken in het UMC-Utrecht of in bedrijven die gevestigd zijn in het USP. In Rijnsweerd zal een meer gemengd woonprogramma worden ontwikkeld. Hier komen sociale woningen (onder andere voor studentenhuisvesting), maar ook ruimte voor het middensegment en de vrije sector. Een omvangrijk project in dit kader is de doorontwikkeling van de Archimedeslaan. USP is één van de grootste werklocaties van Utrecht, voor het grootste deel vormgegeven door het UMC-Utrecht, de Hogeschool Utrecht en de Universiteit Utrecht, maar ook door de vestiging van diverse bedrijven en instellingen die zich verbonden hebben aan health science en actief zijn op het gebied van innovatie, research en development. De sectoren life science, health en duurzaamheid groeien snel. Hiervoor is aanvullende ruimte nodig op of direct rond het USP, maar ook in USP Bilthoven of op andere mogelijke satellietlocaties. Gezien de (aantrekkings-)kracht van het USP op het gebied van Life Science en Health, willen we meer ruimte maken voor de groei van bedrijven en werkgelegenheid in het USP.
De ambitie in de RSU is dat er tot 2040 4.000 extra banen bij komen die passen in het ecosysteem van het USP. Om deze groei mogelijk te maken zijn investeringen nodig in de infrastructuur en openbare ruimte. De benodigde maatregelen worden beschreven in de omgevingsvisie USP 2040. Om als gebied verder te kunnen groeien, is de beoogde ‘modal shift’ noodzakelijk van auto naar fiets of openbaar vervoer. Daarvoor zijn investeringen nodig in het beter openbaar vervoer en in fietsverbindingen, gecombineerd met maatregelen op het gebied van parkeren (zoals parkeren op afstand). De ambitie voor Kantorenpark Rijnsweerd is een transformatie van een monofunctioneel gebied naar een multifunctioneel gebied, waarin ruimte is voor werken en wonen. De ligging van Rijnsweerd, dicht bij het USP, maakt dat hier mooie kansen liggen om deze relatie te versterken. De ontwikkelingen aan de Archimedeslaan zijn een eerste stap, maar ook in Rijnsweerd-Noord is ruimte voor verdichting en/of transformatie. Deze ruimte kan ontstaan door anders om te gaan met de bestaande maaiveld parkeeroplossingen. Dat vraagt om samenwerking tussen de eigenaren en ook om investeringen in de infrastructuur. Aan de oostkant van de stad ligt een forse groenopgave. Een deel daarvan heeft een sterke relatie met het USP. In de omgevingsvisie USP 2040 wordt stevig ingezet op het groenblauwe raamwerk. Het
MPR2022 | Mei 2022
51/104
raamwerk is de landschappelijke basis die de verschillende groene ruimtes van het USP met elkaar (ver) bindt en de verbindingen met, en ligging in, het landschap versterkt. Het biedt (in willekeurige volgorde) ruimte voor recreatie, biodiversiteit, natuur, duurzame landbouw, en energieopwekking. Rijnsweerd is minder groen, maar heeft eveneens potentie voor verdere vergroening, alhoewel daar nog weinig initiatieven lopen. Het USP groeit en daarmee ook het aantal gebouwen dat energie nodig heeft. Om de impact op het energiesysteem te beperken wordt zoveel mogelijk energie bespaard door: ▪ Energie-neutrale nieuwbouw. ▪ Hoogwaardige isolatie bij renovatie van bestaande gebouwen. ▪ Uitbreiding en optimalisatie van WKO-bronnen. In een energieneutraal USP is de vraag naar warmte, koude en elektriciteit opgewekt uit hernieuwbare bronnen. Universiteit Utrecht wil dat opwekking van duurzame energie zoveel mogelijk in het USP plaatsvindt. In dit kader worden de mogelijkheden voor windenergie en zonnevelden in het USP de komende jaren verder onderzocht. Lopende en toekomstige plannen Voor uitbreiding van de werkgelegenheid lopen op het USP de realisatie van het RIVM (i.c.m. het CBG) en de Accelerator (een multi-tenant gebouw voor Life Science en Health). Verwachte oplevering is in 2022. Een ander nieuw gebouw voor R&D-bedrijven is in ontwikkeling.
Daarnaast is de Universiteit Utrecht bezig met uitvoering van haar Strategisch Huisvestingsplan, waardoor bestaande gebouwen worden getransformeerd en/of afgestoten, waardoor op termijn meer ruimte ontstaat voor nieuwe bedrijvigheid. Randvoorwaardelijk voor de uitbreiding van werkgelegenheid zijn infrastructurele ingrepen en investeringen in de openbare ruimte. In de omgevingsvisie USP 2040 worden deze randvoorwaarden beschreven. De belangrijkste woningbouwprojecten op de korte termijn zijn de realisatie van een nieuwe studententoren, de High Five, met ruim 900 onzelfstandige en zelfstandige studentenwoningen (start bouw 2023) en in Rijnsweerd is de planuitwerking van de Archimedeslaan met 1.600 woningen. Aangetekend moet worden dat planvorming Archimedeslaan relatie heeft met de ontwikkelingen rondom de Ring Utrecht. In beide gebieden is ruimte voor extra wonen; dat vraagt echter om transformatie of sloop/nieuwbouw van bestaande gebouwen. Voor beide gebieden wordt dat de komende jaren verder uitgewerkt. Ook het voorzieningenniveau wordt de komende jaren aangepakt. Het UMC-Utrecht is bezig met een grootschalige verbouwing, waaronder een nieuw ontvangstgebouw voor patiënten en bezoekers. Daarnaast verkent de Universiteit Utrecht de mogelijkheden voor de uitbreiding van sportvoorzieningen.
De Internationale School (voor basis en voortgezet onderwijs) voorziet in een sterke behoefte aan onderwijs voor kinderen van 4-18 jaar, met een internationale achtergrond en draagt bij aan het internationale vestigingsklimaat. Het groenblauwe netwerk in het USP biedt veel kansen. Zowel voor natuur en biodiversiteit, informele sport & recreatie, energieopwekking en klimaatadaptatie. Samen met de Universiteit Utrecht willen we hier verder invulling en uitvoering aangeven, om zo ook bij te dragen aan de doelstellingen in de RSU. Liggen we op koers richting RSU 2040? In onderstaande tabel is per barcodethema in hoofdlijnen aangegeven in hoeverre we in dit gebied op koers liggen in relatie tot de RSU 2040. Daarbij geven we waar mogelijk een of meerdere voorbeelden van concrete projecten waarmee we stappen willen zetten ten aanzien van de gestelde ambities in de RSU. Ook geven we per barcodethema aan of we op dit moment kansen of bedreigingen zien om verdere invulling te geven aan onze ambities. Op basis van deze analyses per gebied concluderen we in hoofdstuk 2 in hoeverre we op stedelijk niveau op koers liggen.
MPR2022 | Mei 2022
52/104
Wonen Werken Groen Mobiliteit Energie Maatschappelijke voorzieningen
De plannen (Archimedeslaan 16 en High Five) die bijdragen aan de beoogde woningbouwproductie tot 2030 zijn in voorbereiding. Aandachtspunt is dat de ontwikkeling van Archimedeslaan afhankelijk is van de planvorming Ring Utrecht. Voor de periode na 2030 zijn verschillende mogelijkheden maar deze moeten nog worden geconcretiseerd voor USP en Rijnsweerd (minimaal 2.000 woningen extra in beide gebieden). Een aantal concrete projecten is in uitvoering of in voorbereiding (RIVM, multi-tenant gebouw Accelerator) waardoor op korte termijn het aantal arbeidsplaatsen verder zal groeien. Voor verdere uitbreiding zijn eerst maatregelen en ingrepen in de openbare ruimte nodig (o.a. weren doorgaand verkeer door herinrichting Leuvenlaan en Cambridgelaan en het bouwen van parkeerhubs). Pas daarna ontstaat ruimte voor de toevoeging van nieuwe bedrijvigheid op USP. Dit vereist dus ook mobiliteitsinvesteringen vanuit de gemeente. Met het groenblauwe raamwerk in de Omgevingsvisie USP leggen we een stevige basis neer. Enerzijds loopt deze mee met de lopende projecten (zoals High Five, herontwikkeling noordzijde UMCU, inclusief inpassing Ronald McDonaldhuis, en Archimedeslaan 16). Anderzijds is er een grotere opgave om het USP bijvoorbeeld meer te verbinden met de omliggende landschappen zoals Amelisweerd. Hiervoor sluiten we aan bij de regionale processen als groen groeit mee.
De partijen in Rijnsweerd en USP werken samen op het gebied van duurzame bereikbaarheid. Hiervoor is een routekaart afgesproken die gericht is op het beperken van automobiliteit en stimuleren van fiets en openbaar vervoer. Voor de doorontwikkeling van het USP zijn op korte termijn diverse ingrepen randvoorwaardelijk (zoals knips in Leuvenlaan en Cambridgelaan) en op de (middel)lange termijn de schaalsprong OV, waterlinielijn, en het verbeteren van de fietsinfrastructuur. Concretisering en financiering van deze maatregelen vraagt om verdere uitwerking. Wat betreft de energietransitie zijn doelen geformuleerd die voor de gehele stad gelden en in een aantal gevallen een gebiedsspecifieke doelstelling of actie kennen. De Energievisie (voorzien voor eind 2022) zal op deelgebieden en op specifieke locaties doelen en maatregelen verder uitwerken. Bij de uitwerking van de Transitievisie warmte zal ook de volgorde van de aanpak van de wijken in de wijkgerichte aanpak naar aardgasvrij concreet worden gemaakt. De consequenties van het verzwaren en flexibeler maken van de energie infrastructuur zal in de komende jaren in vrijwel alle wijken in de stad zichtbaar worden. Als uitwerking van de omgevingsvisie USP onderzoeken we waar ruimte is voor de opwekking van wind en zonne-energie.
Vanwege de aanwezige partijen zijn er veel voorzieningen in het gebied aanwezig die ook verder worden uitgebreid met bijvoorbeeld de vernieuwing UMCU (inclusief Ronald McDonaldhuis) en de nieuwbouw van de International School Utrecht (ISU). Daarnaast verkent de Universiteit de mogelijkheden voor verdere uitbreiding van studentensportvoorzieningen en een supermarkt. In Rijnsweerd wordt in het plan voor de Archimedeslaan 16 ook een gezondheidscentrum en een supermarkt opgenomen.
MPR2022 | Mei 2022
53/104
4.5 Noordoost, Oost en Zuid De opgave De opgave voor de wijken Noordoost, Oost en Zuid (NOOZ) is het toevoegen en versterken van aantrekkelijke, gemengde en toekomstbestendige woon-, werk- en leefgebieden. Hierbij hebben we aandacht voor een hoogwaardige inrichting van de openbare ruimte en het creëren van aantrekkelijke routes binnen de stad en naar het omliggende landschap, waarbij ontmoeten, bewegen en gezonde mobiliteit ons uitgangspunt is. We koesteren bestaande groenblauwe kwaliteiten zoals het Wilhelminapark, het Beatrixpark, de Kromme Rijn, Vaartsche Rijn en het Park Oosterspoorbaan. Daarnaast willen we op verschillende plekken de openbare ruimte een kwaliteitsimpuls geven en vergroenen zoals de ontwikkeling van het Lunettenpark en de sportcampus. De ambitie om de Hollandse Waterlinie ‘beleefbaar’ te maken en de samenhang te versterken kan samen op gaan met het versterken van het groene recreatieve netwerk aan de oostzijde van de stad. Aan de randen van het gebied – met name op grondgebied van buurgemeenten in de Hollandse Waterlinie – liggen voor de oostkant de grootste kansen voor de groene schaalsprong en duurzame energieopwekking (Voordorpse polder). Doordat de Hollandse Waterlinies een Unescowerelderfgoedstatus heeft en de grond deels in particulier eigendom is, maakt dat de ontwikkelopgave in dit gebied niet eenvoudig.
Voor de wijk Noordoost wordt gekeken waar een verbeterslag mogelijk is; daar is relatief weinig groen.
Foto: Fort Lunetten
Als het gaat om maatschappelijke voorzieningen is de grootste uitdaging om, conform de RSU, een groot aantal sportvelden te realiseren in het gebied. Er is onvoldoende ruimte om deze totale opgave op de bestaande sportparken te realiseren. Daarom willen we ook allianties met omliggende gemeenten onderzoeken. Al in de harde planvoorraad zien we een tekort aan sportvelden in dit gebied (Mulier 2019); het gaat dan om 2 voetbalvelden, 3 hockeyvelden, een korfbalveld en nog een onbekend aantal tennisbanen. De verwachting is dat dat tekort hoger gaat worden in de nieuwe behoefteberekeningen. Als we kijken naar het beeld van de afgelopen jaren zien we dat de groei van het aantal arbeidsplaatsen in dit gebied voornamelijk in Oost is gerealiseerd en in beperkte mate in Noordoost en Zuid. Dit kan deels MPR2022 | Mei 2022
54/104
worden verklaard door een aantal ontwikkelingen in een periode waarin nog werd ingezet op transformatie van leegstaande kantoorpanden, waar in 2019/2020 een rem op is gezet. In kleinere ontwikkelingen willen we dan ook inzetten op het versterken van het werken in de wijk. Voor de middellange en lange termijn laat de RSU zien dat de extra arbeidsplaatsen voor een groot deel moeten landen in het gebied rondom stadion Galgenwaard en bij knooppunt Lunetten Koningsweg. Het gebied rondom stadion Galgenwaard willen we ontwikkelen en aantrekkelijker maken met o.a. een mix van functies en aantrekkelijke openbare ruimte en verblijfsplekken. Naast kansen voor extra werkgelegenheid biedt dit bovendien mogelijkheden voor extra woningen en voorzieningen. Investeringen in mobiliteit zijn hiervoor randvoorwaardelijk. Ook voor andere delen in het gebied zijn belangrijke mobiliteitsafwegingen te maken, zoals in de lopende studie Zuidpoort. Bovendien speelt de verbreding van de A27, waarvoor we met de regio werken aan een alternatief. In de wijken is behoefte aan de verbetering van bestaande loop- en fietsroutes en het beslechten van barrières zoals de Waterlinieweg. Voor de langere termijn worden de mogelijkheden onderzocht voor de opwaardering van het openbaar vervoer, zoals belangrijke delen van het ‘wiel met spaken’; de Waterlinielijn (bus of tram) en station Lunetten Koningsweg.
Dit knooppunt kan uitgroeien tot een nieuw stadscentrum van Utrecht. Lopende en toekomstige plannen In dit gebied werken we aan relatief veel kleine ontwikkelingen. De actuele harde plancapaciteit woningbouw bevat op dit moment circa 3.500-4.000 woningen met een gedifferentieerd woningbouwprogramma. Voor de wijken Noordoost en Oost streven we naar een toename van sociale-/ en middenhuur woningen. Zo biedt nieuwbouw van De Kwekerij en de Opaalweg een thuis voor vele starters en studenten. Andere voorbeelden met woningen in deze segmenten zijn Nieuw Buurland (Lauwerecht 2 en 4), de herontwikkeling van het Pieter Baan Centrum en de Kögllaan 26. Met het realiseren van tijdelijke wooneenheden op het BEFU-terrein en de Pagelaan willen we op korte termijn extra woonruimte bieden in het sociale huursegment. Om op deze plekken permanente woningen te kunnen bouwen, zijn we afhankelijk van saneringsmaatregelen in verband met geluidsoverlast uit het tracébesluit A27/A12 Ring Utrecht. Daarnaast kan het alternatief voor de verbreding van de A27 een ander licht werpen op de plannen van het tracébesluit. In het gebied stimuleren we gezonde mobiliteit door de aanleg van nieuwe en aantrekkelijke fietsverbindingen. We realiseren vanuit U Ned de fietsroute om de Zuid die Rijnsweerd verbindt met Hoograven-Lunetten.
Ook is de voorbereiding van de realisatie van de nieuwe Mytylbrug over de Kromme Rijn gestart en worden de routes in het Lunettenpark verbeterd. We onderzoeken in verschillende ontwikkelingen zoals in de Vaartsche Rijn parkeergarage, bij het Rubenskwartier en in Maarschalkerweerd collectieve en meervoudig te gebruiken parkeervoorzieningen. Dit doen we o.a. om de parkeerdruk in de wijken te verminderen en de parkeereis niet op de openbare ruimte af te wentelen waardoor kansen voor vergroening ontstaan. Voor de groeiopgave op langere termijn is goede bereikbaarheid cruciaal. Hiervoor worden vanuit het programma U Ned maatregelen onderzocht zoals de Waterlinielijn en de opwaardering van station Lunetten. Door het verbeteren van winkelcentra en winkelstrips zoals winkelcentrum de Gaard, Smaragdplein en de Van Galenstraat voegen we belangrijke wijk- en/of buurtvoorzieningen toe aan het gebied. Op Rotsoord ontwikkelen we met het project Helling 12-14 o.a. atelierwoningen voor kunstenaars en creatieve ondernemers. Het toevoegen van werkgelegenheid in deze wijken blijft belangrijk want op basis van de lopende plannen zien we dat het aantal werkfuncties maar langzaam toeneemt. In Oost zetten we op middellange en lange termijn grote stappen met de herontwikkeling van stadion Galgenwaard en het knooppunt Lunetten Koningsweg waar een mix van wonen, werken en voorzieningen wordt beoogd.
Voor het gebied Voordorpsepolder is de koers uitgezet en opdracht gegeven te onderzoeken onder welke voorwaarden het opwekken van duurzame energie via zonnevelden of windmolens in combinatie met 3,5 hectare sportvelden, natuur, recreatie en ecologie kan worden gerealiseerd. Een ontwerpend onderzoek moet antwoord geven op de vraag hoe de verschillende opgaven kunnen worden ingepast in de Hollandse Waterlinie ook gelet op Unesco werelderfgoedstatus. De uitkomsten zullen ook laten zien hoe we in dit gebied kunnen groeien in balans; ook andere barcode-functies moeten meegroeien.
MPR2022 | Mei 2022
55/104
Voor de oostkant ligt een fors aandeel van de opgave van de groene schaalsprong in het buitengebied, zoals in Amelisweerd of de waterliniescheg. Dit gebied valt niet in de directe beïnvloedingssfeer van de gemeente. Er wordt daarom aansluiting gezocht met het “groen groeit mee” pact van de regio. Doel is om o.a. groen en recreatiemogelijkheden toe te voegen en stad en landschap beter met elkaar te verbinden. Bij iedere ontwikkeling in Noordoost, Oost en Zuid wordt gestreefd naar het toevoegen van extra kwantitatief en kwalitatief groen. Door integraal en in samenhang met andere opgaves te werken en werk met werk mogelijk te maken, kunnen efficiencyvoordelen en groenkansen worden verzilverd. Zo krijgt het gebied Lauwerecht-Staatslieden meer groen en een extra kwaliteitsimpuls in de openbare ruimte. In Rotsoord zijn we gestart het met opnieuw inrichten en vergroenen van de openbare ruimte en loopt de voorbereiding voor de realisatie van de 1e fase van het ‘nieuwe’ Lunettenpark. Daarnaast versterken we de groene-blauwe structuren zoals langs de Kromme Rijn door het benutten van kansen bij de herontwikkelingen bij het Pieter Baan Centrum en de Mytylschool. Tot slot worden voor de periode tot 2030 bij de sportparken in Maarschalkerweerd en in de wijk Zuid locatiestudies uitgevoerd voor de uitbreiding van sportvelden en een onderwijsvoorziening.
In Noordoost is bij sportpark Voordorp een sporthal gepland. Het Parklandschap Maarschakelweerd draagt niet alleen bij aan de groene schaalsprong maar ook aan extra ruimte voor sport en recreatie in onze verdichtende stad. Maatschappelijke voorzieningen voegen we verder toe met de uitbreiding en renovatie van diverse scholen: Bonifatiuscollege, Utrechts Stedelijk Gymnasium en de Mytylschool. Voor de verdere behoefte aan sportvelden zijn zoekgebieden (zoals Voordorpse polder) in beeld.
Mobiliteit
Groen
Werken
Wonen
Liggen we op koers richting RSU 2040? In onderstaande tabel is per barcodethema in hoofdlijnen aangegeven in hoeverre we in dit gebied op koers liggen in relatie tot de RSU 2040. Daarbij geven we waar mogelijk een of meerdere voorbeelden van concrete projecten waarmee we stappen willen zetten ten aanzien van de gestelde ambities in de RSU. Ook geven we per barcodethema aan of we op dit moment kansen of bedreigingen zien om verdere invulling te geven aan onze ambities. Op basis van deze analyses per gebied concluderen we in hoofdstuk 2 in hoeverre we op stedelijk niveau op koers liggen. Met de realisatie van de harde plancapaciteit liggen we tot 2030 op koers en realiseren we een divers woningbouwprogramma. Gelet op de zachte plancapaciteit zien we diverse ontwikkelingsmogelijkheden zoals in het Rubenskwartier, Herstructurering/herontwikkelingen in Lunetten en op lange termijn de nieuwe verstedelijkingsknoop Lunetten-Koningsweg. Met de lopende projecten voegen we o.a. met het verbeteren van winkelcentra en winkelstrips in Noordoost en Zuid kleinschalige werkfuncties toe. Het toevoegen van werkgelegenheid in deze wijken blijft belangrijk want op basis van de lopende plannen zien we dat het aantal werkfuncties maar langzaam toeneemt.
In Oost zetten we op middellange en lange termijn grote stappen met de herontwikkeling van stadion Galgenwaard en het knooppunt Lunetten Koningsweg waar een mix van wonen, werken en voorzieningen ontstaat. Deze plannen worden nog nader uitgewerkt. Voor de korte termijn worden de groenkansen vooral verzilverd door in te spelen op initiatieven en ontwikkelkansen die zich aandienen. De opgave is echter veel groter dan we in de lopende projecten realiseren. Hiervoor werken we onder andere aan een groenkansenkaart waarmee we verwachten meer potentiële kansen voor vergroening te kunnen identificeren. Om de koers voor groen richting 2040 verder uit te lijnen moet de groenkansenkaart vervolgens worden uitgewerkt in een meerjaren uitvoeringsplan met de benodigde (financiële) condities. Mooie kansen in het kader van de groene schaalsprong zijn de herontwikkelingsmogelijkheden bij de Verlengde Hoogravenseweg e.o. (extra groen en sportfaciliteiten) en het ontwikkelen van Parklandschap Maarschalkerweerd. Voor het volledig ontwikkelen van het Parklandschap ontbreken echter de middelen. In het gebied stimuleren we gezonde mobiliteit door de aanleg van nieuwe en aantrekkelijke fietsverbindingen. Voor de lange termijn zijn grote en complexe ingrepen nodig in het mobiliteitsnetwerk in het gebied. Daarvoor lopen verschillende onderzoeken (o.a. in MIRT en U Ned verband).
De mobiliteitsvraagstukken vragen echter nog om keuzes en financiële middelen.
MPR2022 | Mei 2022
56/104
Energie Maatschappelijk e voorzieningen
Wat betreft de energietransitie zijn doelen geformuleerd die voor de gehele stad gelden en in een aantal gevallen een gebiedsspecifieke doelstelling of actie kennen. De Energievisie (voorzien voor eind 2022) zal op deelgebieden en op specifieke locaties doelen en maatregelen verder uitwerken. Voor het gebied Voordorpse Polder wordt onderzocht onder welke voorwaarden (o.a. in relatie tot Unesco werelderfgoedstatus) duurzame energie via zonnevelden of windmolens in combinatie met 3,5 hectare sportvelden, natuur, recreatie en ecologie kan worden gerealiseerd. Bij de uitwerking van de Transitievisie warmte zal ook de volgorde van de aanpak van de wijken in de wijkgerichte aanpak naar aardgasvrij concreet worden gemaakt. De consequenties van het verzwaren en flexibeler maken van de energie infrastructuur zal in de komende jaren in vrijwel alle wijken in de stad zichtbaar worden. Er is in beeld hoe groot de behoefte is aan extra sportvoorzieningen en met Voordorpse polder, Maarschalkerweerd en in de wijk zuid, zijn de zoekgebieden bekend. Het is echter nog in onderzoek onder welke condities de sportgelegenheden gerealiseerd kunnen worden, en wat voor aanvullende middelen daarvoor nodig zijn. Ook voor extra onderwijsvoorzieningen is de behoefte bekend.
Een deel daarvan wordt opgelost met projecten die al in uitvoering zijn (Bonifatiuscollege, Utrechts Stedelijk Gymnasium en de Mytylschool) en een overig deel is nog in onderzoek.
Foto: Pieter Baan Centrum
MPR2022 | Mei 2022
57/104
4.6 West en Noordwest De opgave In West en Noordwest ligt de opgave om het gebied te versterken tot een leefbare en een groene woon-, werk- en leefomgeving in het licht van de grote verdichtings- en mobiliteitsopgaven. De woonopgave in het gebied geven we voor een groot deel vorm met het realiseren van de twee grote ontwikkelgebieden Cartesiusdriehoek en de Tweede Daalsedijk (Wisselspoor). De ambitie om bijna 9.000 (toekomstbestendige) arbeidsplaatsen toe te voegen in het gebied moet voor een deel worden gerealiseerd door het bedrijventerreinen Lage Weide en Werkspoorkwartier te intensiveren. Aan de zuidkant van Lage Weide biedt het Vierde Kwadrant uitstekende mogelijkheden voor verdichting en daarmee het creëren van een fors aantal extra arbeidsplaatsen. De visie Werkspoorkwartier gaat uit van een verbreding van het profiel van creatieve en circulaire bedrijvigheid met groen, onderwijs, cultuur en sport. Hiermee biedt het gebied naast werkplekken ook voorzieningen voor de nieuwe bewoners van de naastgelegen Cartesiusdriehoek en Tweede Daalsedijk. Cruciaal voor de verdere ontwikkeling van het gebied en de bedrijventerreinen zijn de investeringen in bereikbaarheid. Lage Weide zit qua bereikbaarheid op slot; nieuwe ov- en fietsverbindingen, zoals de Demkabrug, zijn nodig om de verdere groei van het gebied te accommoderen.
Niet alleen voor de verdere verdichting van de bedrijventerreinen, maar ook voor ambities op het gebied van groen en energie. In het kader van de energietransitie vormt Lage Weide een zoekgebied voor duurzame energieopwekking (wind en zon). Noordwest is één van de groenarmste wijken van Utrecht, hier ligt dan ook de opgave om de openbare ruimte te vergroenen en klimaatbestendig maken. Lopende en toekomstige plannen Met de bouw van 4.000 woningen in de Cartesiusdriehoek en de Tweede Daalsedijk (Wisselspoor) wordt op korte termijn een groot deel van de woningbouwambitie gerealiseerd. Er is een gemengd woonprogramma, maar doordat deze ontwikkelingen voor 2018 zijn gestart, voldoen deze niet volledig aan de ambities uit de Woonvisie ten aanzien van het sociale- en middensegment. Via nog lopende ontwikkelingen, zoals de Omloop en Laan van Chartroise, Zuilense Vecht, Ravellaan Noord, Oudenoord 330-370 en het Thomas à Kempisplantsoen zorgen we dat het aandeel woningen in beide segmenten toeneemt. Veel woningen en bedrijven liggen aan de Westelijke Stadsboulevard, die we willen ontlasten door fietsverbindingen aan te leggen tussen de twee wijken en het centrum, bijvoorbeeld via de spoorondertunneling ter hoogte van de Boorstraat.
Daarnaast werken we komende jaren via een programmatische aanpak aan de twee historische invalsroutes naar de stad: de Amsterdamsestraatweg en de Kanaalstraat.
MPR2022 | Mei 2022
58/104
Foto: Cartesiusdriehoek
Bij de ontwikkeling van de Cartesiusdriehoek is veel aandacht besteed aan voldoende groen. In de verschillende woningbouwprojecten grijpen we elke kans aan om de groenstructuur te verbeteren. Daarnaast zetten we in op groene verbindingen in de stad door de Fortlaan te verbinden met het Nifterlakepark en verder te werken aan het Rondje Stadseiland. De stedelijke ambities van een gezond leefklimaat komen ook terug in de verbetering van Sportpark Zuilense Vecht. Samen met de gemeente Stichtse Vecht werken we daar aan meer ruimte voor sport en groen. In de ontwikkeling wordt het oppervlaktewater benut voor de verwarming van woningen. Een nieuwe kans voor extra groen en sportvelden dient zich aan: samen met ProRail wordt onderzocht of het mogelijk is om het huidige rangeerterrein (emplacement Cartesius) te overkluizen. Het is op voorhand duidelijk dat het om zeer forse investeringen gaat, waarvoor ProRail zich ook hard wil maken richting het Rijk. Daarnaast maken we plannen voor de inrichting van het Enecoterrein als park met veel groen en ruimte voor recreatie. Het bedrijventerrein Lage Weide biedt veel mogelijkheden voor verdichting; ook voor dit gebied willen we een visie uitwerken en het werkprofiel verbreden. We zetten in op toename van toekomstbestendige werkgelegenheid.
Voor de verbetering van de bereikbaarheid onderzoeken we de mogelijkheden om de Demkabrug te verbreden als onderdeel van de doorfietsroute Dom tot Dam. Samen met de bedrijven in het gebied zoeken we verder naar oplossingen in het gebruik van de fiets en openbaar vervoer. We verkennen nieuwe verbindingen, onder andere via de Verdiepingsstudie Leidsche Rijn Centrum, Zuilen en Overvecht. Liggen we op koers richting RSU 2040? In onderstaande tabel is per barcodethema in hoofdlijnen aangegeven in hoeverre we in dit gebied op koers liggen in relatie tot de RSU 2040. Daarbij geven we waar mogelijk een of meerdere voorbeelden van concrete projecten waarmee we stappen willen zetten ten aanzien van de gestelde ambities in de RSU. Ook geven we per barcodethema aan of we op dit moment kansen of bedreigingen zien om verdere invulling te geven aan onze ambities. Op basis van deze analyses per gebied concluderen we in hoofdstuk 2 in hoeverre we op stedelijk niveau op koers liggen.
MPR2022 | Mei 2022
59/104
Maatschappelijke voorzieningen
Energie
Mobiliteit
Groen
Werken
Wonen
Met de ontwikkelingen Cartesiusdriehoek en Wisselspoor (beiden in uitvoering) voegen we in de aankomende jaren een groot aantal woningen toe. Omdat grote bouwlocaties niet meer voorhanden zijn zien we vooral kansen in de transformatie van vele kleine locaties. Bij het toevoegen van nieuwe plannen is bereikbaarheid een aandachtspunt. Met het vaststellen van de omgevingsvisie Werkspoorkwartier is een kader geschapen om de verdichting daadwerkelijk in gang te zetten. Voor Lage Weide geldt op dit moment nagenoeg een bouwstop. Alleen bedrijven die nog geen gebruik gemaakt hebben van het recht op 10% uitbreiding hebben nog expansieruimte. Samen met de ondernemers van Lage Weide zullen we de komende jaren werken aan een gezamenlijke lange termijnvisie, zodat we met draagvlak van de ondernemers gericht aan de verdichtingsopgave kunnen werken. Voor het intensiveren van Lage Weide zijn mobiliteitsinvesteringen zoals de verbetering van de Demkabrug randvoorwaardelijk. Dit gebied is een relatief stenige groenarme wijk en vraagt om vergroening. Op dit moment liggen we met de lopende plannen nog onvoldoende op koers om onze groenambities te realiseren. Wel voegen we veel toe in de ontwikkeling van Cartesiusdriehoek, met circa 30% groen. Er lijken verder kansen te liggen om nog meer groen te realiseren door een overkluizing van het rangeerterrein. We studeren hier samen met ProRail op.
Daarnaast zijn we in onderhandeling met Eneco over het realiseren van het Enecopark. Voor alle verdichtingsopgaven, zowel wonen als werken zijn mobiliteitsinvesteringen nodig. Denk hierbij aan de verbreding van de Demkabrug voor Lage Weide en een fietsverbinding Boorstraat voor de ontsluiting van Wisselspoor en Cartesiusdriehoek. Aandachtspunt is het verbeteren van de kwaliteit van de leefomgeving, we zetten hier stappen in met herinrichtring van de Westelijke stadsboulevard, Kanaalstraat en de Amsterdamsestraatweg. Wat betreft de energietransitie zijn doelen geformuleerd die voor de gehele stad gelden en in een aantal gevallen een gebiedsspecifieke doelstelling of actie kennen. De Energievisie (voorzien voor eind 2022) zal op deelgebieden en op specifieke locaties doelen en maatregelen verder uitwerken. Bij de uitwerking van de Transitievisie warmte zal ook de volgorde van de aanpak van de wijken in de wijkgerichte aanpak naar aardgasvrij concreet worden gemaakt. De consequenties van het verzwaren en flexibeler maken van de energie infrastructuur zal in de komende jaren in vrijwel alle wijken in de stad zichtbaar worden. Op het gebied van maatschappelijke voorzieningen ontwikkelt het gebied zich in balans en liggen er innovatieve ideeën op het gebied van de gezondheidszorg, met name in de preventieve sfeer.
In de ontwikkeling van Cartesiusdriehoek zijn een basisschool en sporthal opgenomen. De mogelijke overkluizing van het rangeerterrein biedt kansen voor de realisatie van groen en sportvoorzieningen. Samen met Stichtse Vecht werken we aan het optimaliseren van de sportvelden Zuilense Vecht.
MPR2022 | Mei 2022
60/104
4.7 Overvecht De opgave De ambitie is om Overvecht door te ontwikkelen tot een met de stad verbonden wijk voor iedereen. Met behoud van de identiteit en kwaliteit van het groene karak-ter, een ruim aanbod van diverse woningtypologieën en een centrum met een eigen profiel dat ruimte biedt voor stedelijke voorzieningen. Waarbij we cultuur, sport en landschap als basis voor gezondheid in de wijk behouden én ontwikkelen. We willen dit realiseren door in de wijk te verdichten en functies te mengen. Het mengen van functies vergoot de sociale veiligheid. In Overvecht is de opgave om te komen tot meer woningdifferentiatie. Nu is 67% van de woningvoorraad een sociale huurwoning. We hebben de ambitie om meer woningen in het midden- en hogere segment toe te voegen. In de RSU is aangegeven dat we circa 6.800 woningen (harde en zachte plancapaciteit) willen toevoegen. Hierdoor maken we een wooncarrière binnen de wijk mogelijk en houden we sociaal kapitaal vast. Dit is een langjarige ontwikkeling; de prognose is dat met de huidige projecten rond 2025 het aandeel sociale huur naar ca 55% is teruggebracht. Daar hoort bij dat we ook de wijkeconomie willen versterken door meer levendigheid en werkfuncties in plinten. De ambitie is om 3.000 arbeidsplaatsen in de wijk te realiseren en bedrijventerrein Overvecht te intensiveren.
Dit is nodig omdat Overvecht een van de wijken is in Utrecht waar in de afgelopen jaren het aantal arbeidsplaatsen het minste is gegroeid. We willen Overvecht Centrum en Overvecht Station ontwikkelen tot een stedelijk knooppunt. Waar mogelijk realiseren we sportvoorzieningen van grotere omvang bij elkaar of bundelen we voorzieningen. Overvecht is een groene wijk maar de openbare inrichting is verouderd, de ambitie is om de kwaliteit van bestaand groen, verharding en inrichting te verbeteren, meer spreiding en variatie van groen en de parkranden te versterken. Ook is de wijk toe aan grootschalig onderhoud aan de riolering en wegen. Dit biedt kansen voor een integrale aanpak voor de transitie van de openbare ruimte: minder ruimte voor autoverkeer, meer ruimte voor verblijf, voetganger, fietser, OV en groen. Deze aanpak gaat hand in hand met de opgave Aardgasvrij. Om Overvecht goed aan te sluiten bij de stad moeten we de barrières zoals Noordelijke Ring Utrecht, Amsterdam-Rijnkanaal, de Vecht en het spoor beter oversteekbaar maken. De opgave is het realiseren van fijnmazige verbindingen in combinatie met een groen-blauw netwerk. Lopende en toekomstige plannen Binnen de wijkaanpak Samen voor Overvecht werken we integraal vanuit vijf ambities die elkaar onderling versterken en vanuit het motto plek-kans-coalitie.
Fysieke en economische maatregelen, sociale interventies, de energietransitie en de aanpak van veiligheid lopen samen op. Dit vraagt een lange adem. Om richting te geven aan de ruimtelijke ontwikkeling stellen we een Omgevingsprogramma Overvecht op, waarin zowel op wijk- als op buurtniveau inzicht ontstaat in de opgave en de benodigde maatregelen. Het Omgevingsprogramma wordt een uitwerking van de RSU 2040, de Woonvisie, het Ambitiedocument Samen voor Overvecht, het nieuwe mobiliteitsplan en ander beleid. Met het Omgevingsprogramma geven we richting aan initiatieven van de Werkplaats Overvecht en andere initiatiefnemers. In navolging op het Stadsakkoord Wonen is begin 2022 het Wijkakkoord Overvecht ondertekend. Hierin hebben we met een brede coalitie van partijen, waaronder met Werkplaats Overvecht, samenwerkingsafspraken gemaakt over de fysieke verbetering van de wijk. Overvecht heeft met de Regiodeal vitale wijken een extra impuls gekregen waardoor de wijkaanpak Samen voor Overvecht versneld en versterkt wordt. We hopen dat dit tevens een vliegwiel is voor nog meer investeringen van marktpartijen. Via de Woningbouwimpuls is een Rijkssubsidie verkregen van 10 miljoen euro, waarmee we ruim 2.600 woningen toevoegen in Overvecht. Tegelijk werken we aan verbetering van de bestaande woningvoorraad en fysieke investeringen in de openbare ruimte t.b.v. wijkverbetering.
Verspreid door Overvecht zijn meerdere projecten die de komende jaren uitgevoerd en afgerond gaan worden. We werken aan een gezamenlijke visie voor Overvecht Centrum. Met alle grondeigenaren, winkeleigenaren en omliggende partijen wordt verkend of een stedelijk raamwerk ontwikkeld kan worden en of dit een basis kan zijn voor een stapsgewijze herontwikkeling van Overvecht Centrum. Het eerste begin van een vernieuwing is gemaakt met de woningen aan de NPD strook die
MPR2022 | Mei 2022
61/104
komend jaar opgeleverd worden. Verder is de sloop-nieuwbouw van de Ivoordreef in voorbereiding, werkt Careyn Rosendael aan nieuwbouw van hun vastgoed en is het bestemmingsplan voor woningbouw aan de Jagerskade in voorbereiding. Tegelijk voeren de corporaties een groot aantal renovaties uit, wat ook sterk bijdraagt aan het verbeteren van de woningkwaliteit in de wijk. Samen met de corporaties sturen we op een betere spreiding van alle doelgroepen over de stad, in het bijzonder de doelgroepen met een urgentieverklaring. De ambitie is om Overvecht Centrum te ontwikkelen tot een stedelijk knooppunt en om Overvecht een meer integraal en verbonden wijk van de stad te laten zijn. De Watertoren is overgedragen aan een private eigenaar, die verdere bouwplannen heeft ontwikkeld met woningen en een ontmoetingsruimte in de toren zelf en horeca. Aanvullend willen we Park de Watertoren anders inrichten en een betere rol laten vervullen voor de wijk, gericht op meer ontmoeten, in combinatie met Groene Lint, en met een grotere impact voor de wijk. Verder komen op meerdere plekken in de wijk nieuwe initiatieven tot stand, bijvoorbeeld in Overvecht-Noord. Zoals aangegeven willen we in Overvecht ongeveer 3.000 arbeidsplaatsen realiseren. We doen dit door onder andere te werken aan het bedrijventerrein Nieuw Overvecht op de voormalige autoboulevard.
De visie – die samen met de ondernemersvereniging is opgesteld – moet nog worden geborgd binnen een Omgevingsplan. Verder zetten we in op meer kleinschalige bedrijvigheid verspreid over de wijk door in de woningbouwplannen werkfuncties mee te nemen. Zo biedt het plan voor de Camera Obscuradreef (de Mix) ruimte voor kleine bedrijfsruimten met een laag huurniveau en realiseren we aan de Jagerskade in de woongebouwen ook kleinschalige horeca en kantoorruimte. Voor de kwaliteitsverbetering van de openbare ruimte bereiden we in combinatie met onderhoudswerkzaamheden aan de riolering en wegen de herinrichting van de Taagdreef e.o. en Amazonekwartier voor. Naast extra groen verbeteren we in deze projecten ook de verkeersveiligheid en maken we de straten klimaatbestendig. De komende jaren vervangen we stapsgewijs de riolering en gaan in Overvecht Noord de straten open vanwege de opgave Aardgasvrij. We zijn al ver met het aardgasvrij maken van de vier noordelijke woonbuurten. De vier zuidelijke buurten volgen nog voor 2030. Zo leveren we een bijdrage aan verkeers- en sociale veiligheid, vergroening, gezondheid en klimaatbestendigheid van de wijk. Verder wordt ook in het Noorderpark (in combinatie met sport) groen toegevoegd. Met Landschapspark Oud Zuilen in voorbereiding voorzien we voor de langere termijn een substantiële toevoeging van toegankelijk groen om de stad.
Wonen
Liggen we op koers richting RSU 2040? In onderstaande tabel is per barcodethema in hoofdlijnen aangegeven in hoeverre we in dit gebied op koers liggen in relatie tot de RSU 2040. Daarbij geven we waar mogelijk een of meerdere voorbeelden van concrete projecten waarmee we stappen willen zetten ten aanzien van de gestelde ambities in de RSU. Ook geven we per barcodethema aan of we op dit moment kansen of bedreigingen zien om verdere invulling te geven aan onze ambities. Op basis van deze analyses per gebied concluderen we in hoofdstuk 2 in hoeverre we op stedelijk niveau op koers liggen. We liggen met de woningbouwopgave in het gebied op koers. Recent zijn met de oplevering van De Buurt en The Cube bijna 1.000 woningen aan de voorraad toegevoegd. Volgend jaar start de bouw van de projecten Ivoordreef en De Mix waarbij De Mix ook bijdraagt aan menging van de woningsegmenten over de stad. Met de huidige projecten zien we dat, in lijn met de doelen uit de woonvisie, het aandeel sociale huur in de wijk wordt teruggebracht. Met de start van het opstellen van het Masterplan Overvecht Centrum zetten we een nieuwe stap om in de komende jaren veel woningen aan de voorraad toe te voegen. Aandachtspunt is dat voor verdere verdichting het verbeteren van de (kwaliteit van de) openbare ruimte & groen en mobiliteitsmaatregelen belangrijke voorwaarden zijn.
Ten aanzien van de openbare ruimte gaan we een “Raamwerk openbare ruimte en groen” opstellen.
MPR2022 | Mei 2022
62/104
Werken Groen Mobiliteit Energie Maatschappelijke voorzieningen
De ambitie is het creëren 3.000 arbeidsplaatsen. Met de lopende plannen worden onvoldoende arbeidsplaatsen gecreëerd. Daarom moeten we een strategie ontwikkelen voor het intensiveren van bestaande bedrijventerreinen zoals Nieuw Overvecht. Met de lopende initiatieven voegen we voornamelijk kleinschalige bedrijvigheid toe. Binnen de gebiedsontwikkeling Overvecht Centrum komt op termijn ruimte voor nieuwe werkgelegenheid. Aanvullend kijken we samen met de woningcorporaties naar meer spreiding van werkruimtes door de wijk. Overvecht is een groene wijk maar de openbare inrichting is verouderd en vraagt dus om een kwaliteitsverbetering. Hiervoor zijn de eerste integrale projecten zoals Taagdreef en Amazonekwartier in voorbereiding. Echter, toereikend budget voor de projecten en de volgende fases voor integrale herinrichtingen ontbreken. In het gebied zien we met Landschapspark Oud Zuilen kansen voor het toevoegen van substantieel groen voor de gehele stad. Voor de realisatie hiervan zijn aanvullende middelen vereist. In Overvecht gaat de aanpak op het gebied van verkeersveiligheid en 30km/u in kleine stappen. Dit willen we zoveel mogelijk aanpakken door het uitvoeren van integrale projecten. Hiervoor zijn aanvullende middelen vereist. Doordat men op dit moment nog gratis kan parkeren, lukt het terugbrengen van het autogebruik beperkt.
Hiervoor zijn verbetering in het fijnmazig fietsnetwerk en het ov-netwerk nodig ook gelet op de verdere verdichting van Overvecht. Wat betreft de energietransitie zijn doelen geformuleerd die voor de gehele stad gelden en in een aantal gevallen een gebiedsspecifieke doelstelling of actie kennen. De Energievisie (voorzien voor eind 2022) zal op deelgebieden en op specifieke locaties doelen en maatregelen verder uitwerken. Overvecht is de eerste wijk die we aanpakken in de uitwerking van de Transitievisie warmte waarbij we met een wijkgerichte aanpak het gebied aardgasvrij maken. De grootschalige renovaties van de woningcorporaties kunnen goed bijdragen zoals de energieleverende flat van Portaal. De consequenties van het verzwaren en flexibeler maken van de energie infrastructuur zal in de komende jaren in vrijwel alle wijken in de stad zichtbaar worden. Voor de benodigde voorzieningen in de wijk stellen we een ontwikkelplan op voor enkele gemeentelijke locaties. Op termijn moet ook Overvecht Centrum een belangrijke plek worden voor het toevoegen van voorzieningen.
MPR2022 | Mei 2022
63/104
5 Actualisatie financieel beeld: investeringsimpuls RSU, meerjarenprogramma bereikbaarheid, grondexploitaties en Merwedekanaalzone In dit hoofdstuk wordt een actueel financieel beeld gegeven van de financiën investeringsimpuls RSU, het meerjarenprogramma bereikbaarheid, en de parkeerexploitatie, de gemeentelijke grondexploitaties (waaronder Leidsche Rijn en Stationsgebied) en de gebiedsopgave Merwedekanaalzone. Op basis van het actuele financiële beeld wordt onder ander inzichtelijk welke financiële ruimte er is voor (her)programmering van middelen. 5.1 Actualisatie financiën investeringsimpuls RSU 5.1.1
Ontwikkeling van de reserve Investeringsimpuls RSU (exclusief middelen betaalbaar wonen)
De reservering betaalbaar wonen (onderdeel van reserve Investeringsimpuls RSU) wordt in paragraaf 5.1.2 toegelicht. Toelichting verloop reserve Investeringsimpuls RSU Resultaatbestemming 2020: onderbesteding In 2020 was het saldo van de werkelijke kosten en opbrengsten 4,353 miljoen euro. Dat is 3,121 miljoen euro lager dan begroot. Deze onderbesteding maakt deel uit van het boekhoudkundig rekeningresultaat en wordt via de bestedings- en dekkingsvoorstellen (onderdeel techniek) toegevoegd aan de reserve RSU. Groeikader jaarsnede 2021 Dit betreft de jaarsnede 2021 van bedragen die tot en met de Voorjaarsnota 2021 beschikbaar zijn gesteld voor de investeringsagenda: 9,292 miljoen euro Onttrekking 2021 De BBV-regelgeving schrijft voor dat de werkelijke onttrekking aan de reserve Investeringsimpuls RSU gelijk moet zijn aan de begrote onttrekking. De onttrekking is gebaseerd op de begrote kosten en opbrengsten. In 2021 is een onttrekking begroot van 11,648 miljoen euro.
MPR2022 | Mei 2022
64/104
Resultaatbestemming 2021: onderbesteding In 2021 was het saldo van de werkelijke kosten en opbrengsten 6,366 miljoen euro. Dat is 5,607 miljoen euro lager dan begroot. Voor het merendeel van de onderbesteding geldt dat de voorbereiding van de uitvoering van de geplande projecten is opgepakt, maar dat daadwerkelijke besteding van middelen in 2022 of verspreid over de komende jaren plaatsvindt. De onderbesteding maakt deel uit van het boekhoudkundig rekeningresultaat en wordt via de bestedings- en dekkingsvoorstellen (onderdeel techniek) toegevoegd aan de reserve RSU. Groeikader jaarsnede 2022 Dit betreft de jaarsnede 2022 van bedragen (inclusief indexatie) die tot en met de Voorjaarsnota 2021 beschikbaar zijn gesteld voor de investeringsagenda: 5,897 miljoen euro. Aankoopbudget ten behoeve van groen & sport In de Voorjaarsnota 2021 is 3 miljoen euro beschikbaar gesteld om aangekochte grond om te kunnen zetten naar de bestemming groen of sport. Met dit bedrag kan de waardedaling van de grond en de inrichting worden bekostigd. Voor de locatie Verlengde Hoogravenseweg 203 en 223 e.o.
onderzoeken wij in samenhang met een andere locatie in Zuid herontwikkelingsmogelijkheden die bijdragen aan de ambities om een groene schaalsprong te maken in combinatie met extra sportfaciliteiten om zo de omvang en de kwaliteit van het groen en sport gelijke tred te laten houden met de verdichting van de stad. Verder is er overeenstemming over de aankoop van grond nabij Offerhausweg, die bij kan dragen aan de vergroening van de stad. Bij beide ontwikkelingen betrekken wij de inzet van het aankoopbudget groen & sport. Herprogrammering Conform het raadsvoorstel Omgevingsvisie Merwedekanaalzone deel 2; Aanvulling plan MER; nieuwe wandel- en fietsbruggen zetten wij de resterende middelen voor woonboten en bruggen (0,6 miljoen euro) en de opwaardering van de wandelbrug over het Merwedekanaal langs de A12 (1,350 miljoen euro) (uit de Voorjaarsnota 2018) in voor de dekking van de gemeentelijke (publieke) bijdrage aan de bovenwijkse investeringen in de Merwedekanaalzone. De projecten OR Rode Driehoek Zuilen in Noordwest en OR Bangkokdreef in Overvecht zijn afgerond. We stellen voor de resterende beschikbare middelen (0,05 miljoen euro) toe te voegen aan de knelpuntenvoorziening.
Tenslotte stellen wij voor de resterende beschikbare middelen in het Ruimte voor Initiatief project Voedseltuin in Overvecht te herprogrammeren binnen het beschikbare budget voor Ruimte voor Initiatief (0,03 miljoen euro). 5.1.2
Ontwikkeling van de reserve Investeringsimpuls RSU, onderdeel middelen betaalbaar wonen
Op 31 december 2021 bedraagt het saldo voor betaalbaar wonen 20,083 miljoen euro. In 2021 heeft de raad besloten om hiervan 1,7 miljoen euro beschikbaar te stellen voor het plan Zuilense Vecht en 5,5
MPR2022 | Mei 2022
65/104
miljoen euro te bestemmen voor de investeringsopgave Lombokplein en doorvaarbare Leidse Rijn. Op 1 januari 2022 is dus nog 12,883 miljoen euro beschikbaar voor betaalbaar wonen. Wij stellen voor om 4,01 miljoen euro te bestemmen voor Overvecht Centrum. Met dit bedrag vullen wij de cofinanciering voor de bijdrage uit de Woningbouwimpuls aan tot het benodigde bedrag. Na aftrek van de gereserveerde bedragen resteert 8,873 miljoen euro voor aanvullende voorstellen voor de besteding van de middelen voor betaalbaar wonen. In de resultaatbestemming 2021 stellen wij voor om de opbrengst 2021 van de Conversieregeling Erfpacht 2017 van 2,480 miljoen toe te voegen aan de middelen voor betaalbaar wonen. Daarmee stijgt het bedrag dat beschikbaar is voor aanvullende voorstellen betaalbaar wonen naar 11,353 miljoen euro. De lijst met voorstellen voor de besteding van deze middelen is geactualiseerd en is een bijlage ‘Overzicht voorstellen betaalbaar wonen (opbrengsten conversieregeling 2017)’ bij het MPR 2022. Dit betreft een overzicht van geïnventariseerde projecten dat geldt als richtinggevend kader voor de besteding van de netto-opbrengsten. Conform motie 2021/ 197 kunnen de middelen ook worden ingezet voor het realiseren van extra onzelfstandige studenteneenheden. Op dit moment zijn er nog geen concrete voorstellen opgenomen in de bijlage.