Conceptverslag Voorjaarsnota Commissie VBF d.d. 2 juli 2024
Tekst van het document
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van Commissie VBF d.d. 2 juli 2024 inzake de Voorjaarsnota
1600
1610
1620
1630
1640
Voldoende is gezegd over waar de tekorten vandaan komen. Het Rijk heeft hier een aandeel in maar er is ook werk aan de winkel in de eigen financiële organisatie. Ook dat moet gezegd. Voor zijn fractie zijn twee dingen het allerbelangrijkst, bij de behandeling van de Voorjaarsnota in de komende twee weken: (1) doe het samen met de stad en gebruik waar het kan de kracht van de samenleving. (2) ontzie de meest kwetsbaren in Utrecht. Hij ziet dat het college zijn verantwoordelijkheid neemt. Het college snijdt in zijn eigen ambities en probeert de lasten eerlijk te verdelen. Het college doet wat nodig is, hoe pijnlijk dat ook is. Hij ziet dat op een aantal punten kwetsbaren wel degelijk worden geraakt: de inzet op de vechtscheidingen waar kinderen en jongeren verschrikkelijke gevolgen van kunnen ondervinden, wordt versneld afgebouwd - dat wordt voorgesteld. Dit krijgt zo nooit de kans om fatsoenlijk te starten en op gang te komen. Met betrekking tot de voorgestelde bezuinigingen op de bijzondere bijstand is zijn fractie geschrokken van het voornemen te bezuinigen op Pretty Woman - een veilige plek voor jongeren die met kwetsbare vragen zitten. Over deze punten en op nog een aantal andere zal zijn fractie in de vakcommissies terugkomen. De punten die zijn fractie in deze commissie wil maken zijn: Hoe kijkt het college terug op dit proces, samen met de stad.
Hij begrijpt dat participatie over de Voorjaarsnota ingewikkeld is; tegelijkertijd ziet hij de vele brieven in de mailbox. De Voorjaarsnota leeft in de stad. Ook de raad weet al een paar maanden dat deze opgave eraan zat te komen. Zijn fractie wil dit zoveel mogelijk samen met de stad doen. Op welke manier heeft de wethouder dat gedaan hoe kijkt ze daarop terug en wat had daarin beter gekund? Juist bij financiële stukken is het voor de raad belangrijk dat de raad weet waarover hij over besluit. De bespreking van de Voorjaarsnota zou primair moeten gaan over de uitgangspunten van het volgende begrotingsjaar. Tegelijkertijd ziet hij dat er beslispunten in zitten over het huidige jaar; hij vraagt waarom daarvoor gekozen is. Waarom is dit niet te splitsen? Dat zou het debat ten goede komen wat zijn fractie betreft. Ook als het gaat om de hervormingen is het van belang dat de raad goed in positie blijft. Er ligt nogal een opgave waarop nu weinig zicht is. Op welke manier is het college voornemens de raad daarvan op de hoogte te houden? Kan de wethouder de raad daarin in positie te brengen? Ruim 1 miljoen euro is begroot voor het versterken van de financiële positie van de organisatie. Hij heeft gezien hoe het mis kan gaan wanneer dit niet goed op orde is. Aan de andere kant is 1 miljoen euro ongelooflijk veel geld om een fatsoenlijk meer ogenprincipe op orde te krijgen.
Hij vraagt hoe het geld besteed gaat worden en wanneer komt het Verbeterplan naar de raad dat is toegezegd. Met betrekking tot het planningsoptimisme vindt hij het goed nieuws dat het college reëel gaat ramen om daarmee kansen te zien om geld te besparen. Tegelijkertijd voelt het voor zijn fractie dubbel; partijen in de raad roepen dit al jaren. Nu lijkt het opeens te kunnen en veel op te leveren. Dit roept bij zijn fractie veel vragen op over wat het in de praktijk betekent; hoe dit nader uit te werken? Wordt de raad daarover op de hoogte gehouden? De voorzitter stelt vast dat BIJ1 niet aanwezig is.
Pagina 34 van 53
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van Commissie VBF d.d. 2 juli 2024 inzake de Voorjaarsnota
1650
1660
1670
1680
1690
De heer Dijkstra (EenUtrecht) heeft vijf punten en vijf vragen aan de wethouder en mogelijk ook aan zijn collega's. Het bevreemdt hem dat in de afgelopen weken mistig wordt gedaan over de omvang van de bezuinigingen in het bredere Sociaal Domein. Hij betreurt dat. In deze Voorjaarsnota komt hij een bedrag tegen van orde grootte 19 miljoen euro. Vorig jaar is 5,9 miljoen euro structureel bezuinigd op sociaal. In een apart traject (de raadsbrief van maart) hervormingen Sociaal Domein, zit er ook nog 10,1 miljoen in. Wanneer hij alles optelt komt hij uit op 35 miljoen. Dat is nog niet alles. De vraag ligt hoger en de bevolking neemt toe; de impact en de omvang van de bezuiniging op Sociaal zijn groter dan gesuggereerd wordt. Hij vindt dat dit op een oneigenlijke manier verstopt wordt op drie à vier plaatsen. Hij ziet graag dat het college die volle impact pakt; hij legt de vraag voor waarom dit zo gedaan is. Waarom is niet heel helder aan de voorkant duidelijker voor de raad en voor de stad aangegeven dat de totale impact 35 miljoen euro structureel is ten opzichte van 2023. Het valt zijn fractie op dat de gemeente Utrecht nog steeds aan het sparen is ondanks het aanspreken van veel reserves. De schuldquote komt bij lange na niet in de buurt van de 130%. De solvabiliteit blijft ook nog steken boven de 20. Het weerstandsvermogen gaat in 2025 naar 1,2, dus omhoog.
Hij vindt het moeilijk te begrijpen dat in zekere zin de gemeente nog een beetje spaart, terwijl hij zich kan voorstellen dat de gemeente best een beetje in het rood mag zakken in deze tijd. Hij vraagt de reflectie van de wethouder. Hij herhaalt zijn vraag die hij al eerder in een interruptiedebat stelde: Waarom wordt vier keer meer bezuinigd op het Sociaal Domein dan op het Ruimtelijk Domein/het onderhoud. Hij formuleert zijn vraag anders: is ook dieper gezocht naar hoe meer te bezuinigen is op ruimtelijk? Hij noemt het voorbeeld van de werfkelders; de innovatie kan in 30 jaar maar technisch kan het ook in 60 jaar. Dat zou 200.000 euro exploitatie opleveren op jaarbasis. Hij kan zich dat niet voorstellen. Hij vindt dat antwoord onbegrijpelijk. Het Riool idem dito; op de vragen over de techniek kreeg hij antwoorden waaruit hij begrijpt dat de ambtenaren er aan werken om te zien of de levensduur uit te breiden is naar langer dan 70 jaar, mogelijk richting 100 jaar. Dan is grosso modo uit te komen op 4,5,6 miljoen euro die te besparen zijn. Hij legt de vraag voor of dit naar voren getrokken had kunnen worden of de raad niet beter zicht had kunnen krijgen op dit soort besparingen. Hij weet wat dan gezegd gaat worden: dan moet de rioolheffing naar beneden, dat is dan te compenseren met de OZB. Dat maakt voor woningeigenaren niet veel uit en dan pakt de gemeente de winst terug.
Hij vraagt hoe het kan dat daarop niet dieper is gezocht met mogelijk ook een evenwichtiger verhouding. Hij vraagt of het college een analyse heeft gemaakt van hoe uitgekomen wordt met een realistischer groeitempo dan de 3000 woningen. Nu houdt het college vast aan het RSU-scenario, aan het Coalitieakkoord. Hij vraagt wat een iets lager aantal woningen betekent; hij vraagt of dat geanalyseerd is. Hij noemt als lager aantal 2000 of 2500. Waar het gaat over de opbrengsten zou de toeristenbelasting op Amsterdams peil te brengen zijn, zoals VOLT - in zijn beleving - mooi zei. Dat levert 3,75 miljoen euro op. Hij vraagt de wethouder hoe het mogelijk is; de eerste 2,5% steekt de gemeente in de toeristensector; hij vraagt of dat nodig is. Waarom niet doortrekken naar twaalf maal; dat levert opnieuw 1,8 – 5 miljoen op. Samen 3,75 miljoen. Hij vindt dat een fors bedrag. Hij vraagt hoe die afweging gemaakt is. Hetzelfde geldt ook voor het optrekken van de leges. Wanneer dat gedaan wordt voor een groot deel levert dat Pagina 35 van 53
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van Commissie VBF d.d. 2 juli 2024 inzake de Voorjaarsnota
1700
1710
1720
1730
1740
ook weer 2 miljoen euro op. Dan pakt hij hier bijna 6 miljoen euro in één keer. Hij vraagt of er een analyse is gemaakt. De heer Van der Zweth (PvdA) begrijpt dat de knop van de toeristenbelasting iets oplevert. Hij verwacht dat dat toeristensector niet veel schaadt en dat dat een goede manier is om een ingewikkelde puzzel te leggen. Hij vraagt of de heer Dijkstra het met hem eens is dat een verhoging van 7 naar 10% wel een stijging is van 40% netto. De heer Dijkstra doet het voorkomen alsof er kansen blijven liggen, maar er wordt hier wel behoorlijk wat voorgesteld. Hij verwacht dat heer Dijkstra dat ook ziet. De heer Dijkstra (EenUtrecht) antwoordt bevestigend en vindt het heel goed. Hij is blij dat ook aan die knop gedraaid is. Wat hem betreft gaat Utrecht naar Amsterdams peil. Hij kan daarvoor geen tegenargument verzinnen. Hij is benieuwd naar de reactie van de wethouder. De heer Peters (D66) merkt op dat in Amsterdam een actief ontmoedigingsbeleid gevoerd wordt van toerisme omdat daar overlast is. Om die reden de hoge toeristenbelasting. Hij vraagt of de heer Dijkstra de toeristen wil weren uit Utrecht. De heer Dijkstra (EenUtrecht) laat het woord “weren” aan D66. Hij vindt dat absurd. Hij stelt geen 10, 20, 30% verhoging voor. Amsterdam doet dat niet alleen vanwege de overlast.
Amsterdam doet dat ook om een grens te trekken aan het toerisme omdat er ook teveel toerisme kan zijn. In Utrecht is een stijgende lijn te zien. Hij denkt ook dat Utrecht het voor moet zijn. Daarom is hij er niet op tegen om Amsterdam te volgen. Hij pleit ervoor te voorkomen Amsterdamse toestanden te krijgen. De heer Peters (D66) vindt dat heer Dijkstra hierover gemakkelijk praat. Wat zou de sector hiervan vinden? Hij vindt de verhoging van de toeristenbelasting een ontmoediging. Het gaat om 10 euro of 12 euro extra op een hotelkamer van 100 euro. Daarmee worden alle banen geraakt in de hotellerie, in de horeca in den brede. Hij vraagt wat heer Dijkstra precies wil. De heer Dijkstra (EenUtrecht) merkt op dat wanneer de gemeente Utrecht niet 35 miljoen euro moet bezuinigen op Sociaal, wat hem betreft de toeristenbelasting naar beneden mag. Maar met een bezuiniging van 35 miljoen structureel, heeft de gemeente Utrecht de luxe niet. Dan ontkomt Utrecht niet aan vervelende maatregelen. Dan kiest zijn fractie liever hiervoor dan te bezuinigen op de hele waslijst van activiteiten en organisaties in het Sociaal Domein. Dat is een keuze. De heer Peters (D66) merkt op dat mensen een baan nodig hebben om niet overgeleverd te zijn aan regelingen in het Sociaal Domein.
Wanneer hotels omvallen, hebben mensen recht op bijstand; die komen dan in het Sociaal Domein terecht waar de kosten dan nog verder oplopen. Utrecht heeft een bloeiende economie nodig en veel banen om ervoor te zorgen dat Utrecht minder uitgaven heeft op het Sociaal Domein. De heer Dijkstra (EenUtrecht) merkt op dat D66 net als EenUtrecht weet dat het uitstekend gaat met de economie in Utrecht en dat de boel niet omvalt met 2,5% extra toeristenbelasting. Hij bestrijdt het beeld dat D66 schetst van de impact die het zou hebben. Zijn fractie kiest voor het behoud van een aantal uitgaven in het Sociaal Domein en dan een klein beetje ten koste van de toeristensector. Hij rondt zijn bijdrage af met te verwijzen naar een zestal amendementen die hij vanmiddag heeft rondgestuurd. Hij heeft zijn wensen geclusterd in zes pakketten. Wanneer de raad meestemt in die zes pakketten, zal een kleine 50 miljoen euro omgebogen worden. Zijn fractie verlegt 49,957 miljoen euro waarop dan niet wordt bezuinigd. Zijn fractie heeft ongeveer voor honderd miljoen euro aan dekking gevonden. Ook als de helft klopt, komt zijn berekening precies uit. Daarin valt iets te shoppen voor de Pagina 36 van 53
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van Commissie VBF d.d. 2 juli 2024 inzake de Voorjaarsnota
1750
raad; hij nodigt de raadsleden uit dat te doen. Hij hoopt dat een van de zes amendementen de eindstreep haalt; hij gunt dat de stad. Mevrouw Ramaker (VVD) begrijpt dat het zes afzonderlijke pakketten zijn en dat het niet een bouwpakket is; zij vraagt of hiervan één bouwpakket te maken is. De heer Dijkstra (EenUtrecht) antwoordt dat die er ook komt. Er komt één groot pakket. Hij verwacht dat die wordt weggestemd in de raad. Er zal een amendement ingediend worden waarin de complete 50 miljoen euro zit. Hij zal hem rondsturen voor de vorm. De zes pakketten tellen op; er zit geen overlap in. De voorzitter deelt mee dat Stadsbelang Utrecht geen onderdeel uitmaakt van de vergadering. Utrecht Solidair is niet aanwezig. UtrechtNu is niet aanwezig. De heer Paalman (HORIZON) merkt op dat de stad ongelooflijk veel wil. Hij stelt dat Utrecht een stad van ambitie is. Op dit moment heeft Utrecht niet het geld om alle ambities waar te maken. Zowel bij geld uitgeven als bij geld niet uitgeven moeten lastige keuzes gemaakt worden. Het raakt goede ideeën, organisaties, mensen.
1760
1770
1780
1790
In de aankomende dagen zal zijn fractie in de commissievergaderingen voorstellen doen. Er is een aantal bezuinigingen waarvoor zijn fractie liever andere keuzes maakt. Centraal staat de stad van vandaag, van morgen en van de toekomst. Voor zijn fractie zijn er een aantal prioriteiten. Hij noemt de wooncrisis. Ook nieuw talent verdwijnt uit de stad om elders betaalbare woningen te vinden. Om de wooncrisis te beslechten moet gebouwd worden. Als het aan HORIZON ligt bouwt de stad op elke parkeerplek 10 tiny houses op elkaar; hij schetst daarmee eerder de ernst van de crisis dan dat hij daarmee een reëel voorstel doet. Zijn fractie zal voorstellen niet te bezuinigen op het bouwen van huizen voor senioren. Juist daar staakt de doorstroom. Bovendien moet zijns inziens de stad mobiel blijven. Hij noemt de voordelen van de mobiliteit die mogelijk is in de stad. Een stad zonder mobiliteit staat letterlijk stil. Een enkele bezuiniging zal niet catastrofaal zijn; wel moet het stadsbestuur uiterst kritisch blijven. Zijn fractie zal voorstellen doen om de mobiliteit zoveel mogelijk te ontzien in deze bezuinigingsronde. De bezuiniging op de nachtsector is een keuze die zijn fractie niet wil maken. Hij merkt op dat het nachtleven in Utrecht treurig is. Utrecht is in dit opzicht nog niet de stad van de toekomst. Utrecht heeft de allure van een wereldstad maar het nachtleven van een dorpje.
Zijn fractie wil daar juist in investeren in plaats van bezuinigen. Ook daarvoor zal zijn fractie een voorstel doen. Hij merkt op dat het niet veel geld kost om hierop stappen te zetten. Bezuinigen die de raad wil tegenhouden moet de raad ook kunnen bekostigen. De bezuinigingen die zijn fractie wil terugdraaien bedragen ongeveer 700.000 euro. Zijn fractie zal die dan ergens anders moeten vinden. Omdat zijn voorstellen slechts om een gering bedrag gaan, probeert hij die op meerdere plekken te zoeken. Zijn fractie brengt de voorstellen in, in de vakcommissies. Er zijn ook nog andere knoppen waaraan te draaien is: de inkomsten. Zijn fractie zal voorstellen doen om parkeertarieven in het Utrechtse centrum verder te verhogen. In de stad van de toekomst zet de automobilist zijn auto niet meer op het Janskerkhof, maar gebruikt de automobilist het openbaar vervoer of de fiets.
Pagina 37 van 53
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van Commissie VBF d.d. 2 juli 2024 inzake de Voorjaarsnota
1800
Zijn fractie vindt het ook niet ondenkbaar om de toeristenbelasting een procentje omhoog te draaien. HORIZON zal een voorstel doen om het percentage externen in het IT domein te verlagen. Utrecht moet zich klaarstomen voor de toekomst en kan daarom niet steeds terugvallen op duur ingehuurd personeel. De grote firma's worden daar beter van; die zetten net afgestudeerden voor de hoofdprijs neer bij de gemeente. Werken voor Utrecht is een eer. Met die boodschap moet de gemeente haar eigen IT-sterrenteam gaan aanleggen. Dat scheelt op de lange termijn veel geld. Hij ziet uit naar het commissiedebat van de aankomende dagen; zijn fractie zal bij elke commissie aanwezig zijn om haar geluid laten horen. Dat geluid staat voor een blik op de toekomst die aan de horizon gloort. Bezuinigingen van nu moeten geen blijvend schadelijk effect hebben op de stad. Hij herhaalt de ambities van zijn fractie. De voorzitter schorst de vergadering voor 15 minuten.
1810
1820
1830
1840
De beantwoording Wethouder Schilderman dankt de raad voor het interessante en levendige debat. Zij bevestigt dat dit een hele stevige Voorjaarsnota is met veel impact op de inwoners van de stad. Door de bezuiniging van het Rijk moet de gemeente scherpe keuzes maken. Die keuzes zijn erg ingrijpend. Ze zijn ook belangrijk om financieel gezond te blijven. Het gemeentebestuur heeft niet de luxe om de problemen vooruit te schuiven. Daarom vindt zij het goed om vandaag te praten over de oplossingen en maatregelen die zijn voorgesteld en de ideeën die de raad daarbij heeft. Voorafgaand aan haar inhoudelijke beantwoording merkt zij op dat zij hele interessante ideeën heeft gehoord over amendementen; zij is daar super benieuwd naar. Wanneer de raad een leuke reactie wil van het college, helpt het om ze tijdig te delen met het college. Dat is aan de commissie. De wethouder hoort heel veel terechte opmerkingen gemaakt en hele terechte vragen gesteld. Zij merkt ook dat er een grens is aan de hoeveelheid die het college aan de ambtelijke ondersteuning kan vragen. Het kan niet allemaal tegelijk en het kan niet allemaal meteen. Zij begint haar beantwoording met in te gaan op de inbreng van DENK. Die vroeg of het college bereid zou zijn de bezuinigingen op de Inclusieaanpak, de gemeentelijke parkeertarieven en het prostitutiebeleid terug te draaien. Het college is dat in principe niet.
Het college heeft hiermee zijn voorstel gedaan. Het is nu aan de raad om te besluiten of hij het daarmee eens is of dat hij dat anders ziet. De wethouder attendeert op de UBA-lijst in dit verband. De commissie heeft vele andere opties genoemd om daar andere keuzes te maken. Zij ziet die andere opties graag tegemoet voor het slotdebat. De VVD stelde vragen over de ActivaReserve. Meerdere van de commissieleden gingen daarop in. De wethouder bevestigt dat het college geld uit de reserve haalt; dat doet het college omdat het op dit moment op korte termijn geld daarvoor nodig heeft. Daar staat in het geval van Activa Reserve tegenover dat de zaken die gedekt worden uit de Activa Reserve, reëel zijn. Die komen daarmee ook structureel terug in de begroting. Dit is een andere manier om dit te doen om op de korte termijn geld vrij te spelen. Het is aan de raad om daarvan iets te vinden. De VVD sprak over de afschrijvingstermijn en benoemde daarbij specifiek het Berlijnplein. De huidige nota WAVA (Waarderen, Activeren en Afschrijven van Vaste Activa) maakt het al wel mogelijk beredeneerd af te wijken van de Pagina 38 van 53
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van Commissie VBF d.d. 2 juli 2024 inzake de Voorjaarsnota
1850
1860
1870
1880
afschrijvingstermijn. Dat maakt dat dit voorstel wel binnen het huidige beleid past. Zij begrijpt dat de VVD een breder gesprek wil hebben over die nota. Het college ziet dat voor zich in het vierde kwartaal. Zij schetst de procedure vooraf. Hierover zal ook gesproken worden in de adviescommissie. Mevrouw Ramaker (VVD) gaat terug naar de Reserve Activa. Zij stelde vragen over de truc voor de toekomst, voor over 40 jaar. Zij vraagt naar de financiële consequenties voor de toekomst met het leegtrekken van de Reserve Activa. Wethouder Schilderman zet uiteen dat de financiële consequentie is dat niet meer gewerkt wordt met een fondsensysteem waarin gezegd wordt de mogelijkheden te geven de kosten die in de toekomst gemaakt worden te dekken uit de reserve. Daar staat tegenover dat die zaken geactiveerd worden op de begroting. Daar komt de structurele last vandaan. Het college kan dezelfde zaken doen, maar nu worden ze gedekt uit het geactiveerde bedrag in de begroting. Daarom staat die er structureel in. Mevrouw Ramaker (VVD) begrijpt de techniek. Zij begrijpt dat wanneer in de toekomst een grote investering gedaan moet worden, die meteen op de exploitatie gaat drukken omdat niets gereserveerd is. Wethouder Schilderman antwoordt bevestigend; de Activa Reserve werd vaker gebruikt voor de kleinere zaken; de grote investeringen activeert het college al jarenlang.
De VVD vroeg ook of alle mogelijkheden voor de verhoging van de OZB onderzocht zijn. De wethouder zet uiteen dat deze Voorjaarsnota een mix is van bezuinigingen, maar ook opbrengstenverhogingen. Wanneer partijen die opbrengstenverhogingen niet meer wil, zijn er ook andere bezuinigingen die in de plaats zouden kunnen komen van deze opbrengstenverhoging. Dat stelt het college niet voor. Het college is van mening dat die dan te veel gaat inboeten op de ambities die het stadsbestuur heeft en dat daarmee ook maatregelen die de inwoners raken. Daarom vindt het college het reëel hierin een opbrengstenverhoging te hebben. Dat kan anders. Dat is een keus. Mevrouw Ramaker (VVD) vraagt of de wethouder weleens overwogen heeft ook te kijken naar varend vastgoed; om woonboten te belasten met OZB. Wethouder Schilderman antwoordt hiermee overvraagd te zijn; zij zal deze vraag oppakken in de tweede termijn. De VVD bracht in dat het Rijk met 17 miljoen euro over de brug komt; hoe daarmee het financiële plaatje er anders uitziet? De wethouder licht toe dat dit was opgenomen als een risico reservering in de Voorjaarsnota; die valt daar direct tegen weg. Wanneer een oplossing voor het ravijnjaar gevonden wordt van meer dan de opschalingkorting, is afgesproken dat de OZB-verhoging de eerste is waar naar gekeken wordt om die te verlagen. Dan zou er iets met Prinsjesdag moeten komen.
De wethouder is heel benieuwd of dat gaat gebeuren. Mevrouw Ramaker (VVD) begrijpt dat wanneer dit iets anders is dan opschalingkorting, de knop van de OZB omlaag gaat; zij vraagt of de wethouder haar kan helpen met wat iets anders is dan de opschalingkorting; waar denkt de wethouder aan? Wethouder Schilderman antwoordt met de accresverhoging; daarin zou meer te doen zijn. Op dit moment heeft het Kabinet aangegeven om alleen de opschalingskorting en niet de rest van het ravijn op te lossen. Wanneer het nieuwe Kabinet aangeeft het tekort dat veroorzaakt is bij de gemeenten op te lossen, kan het daaraan verminderd worden. Pagina 39 van 53
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van Commissie VBF d.d. 2 juli 2024 inzake de Voorjaarsnota
1890
1900
1910
1920
1930
De VVD noemt de bezuiniging op het ambtelijk apparaat als maatregel. De wethouder kan zich dat voorstellen. Die maken ook onderdeel uit van de hervormingsbezuinigingen. Dat is wel degelijk onderdeel van de aanpak. Altijd moet gezocht worden hoe dat zoveel mogelijk is in te zetten om ook inefficiënties tegen te gaan in de eigen organisatie. De VVD vroeg ook naar transparantie in de Voorjaarsnota; of meer gewerkt kan worden met tabellen en cijfers in plaats van met beschrijvingen. Het college had zijn best gedaan er goede tabellen en goede beschrijvingen in op te nemen. Het lijkt haar goed daar gezamenlijk naar te kijken; is dit de juiste vorm? De VVD gaf aan dat op één onderdeel (punt 13 uit de tabel op pagina 18) een dekkingsstuk staat. De reden om dit te doen, is het uitgangspunt om te proberen tegenvallers op te lossen in het eigen programma. In dit geval was dat mogelijk omdat er ook extra inkomsten waren. Die waren zo met elkaar verweven dat het het college logisch leek om het in onderlinge samenhang te laten zien. Dit kwam het college tegen aan zowel de kant van de mee- als aan de kant van de tegenvallers. Misschien moet hierover gesproken worden om na te gaan of dit helder was. Dit was het idee. De VVD suggereerde om met de indexering op de nullijn te gaan zitten; de wethouder bevestigt dat dit een pijnlijke maatregel is. De raad kan die maatregel heroverwegen.
Dat betekent wel dat het college iets meer aan het stuur zit. Dan ziet het college de impact daarvan meer. Dat is een afweging. De VVD riep op de broekriem aan te trekken; hierover is in het debat al veel gewisseld. Het college heeft de idee dat te hebben gedaan door de sterkste schouders het meest te belasten in de opbrengstenverhogingen en door aan de andere kant te bezien hoe zo gericht mogelijk naar bezuinigingen te kijken is. Zij refereert aan de inbreng van het CDA in het debat; dat er een heel aantal zaken komt in 2026. Dat komt doordat het ravijn in 2026 is. Zo is het per definitie logisch dat de maatregelen daar worden getroffen. Daar zijn maatregelen voor neergelegd. Wanneer het college het had doorgeschoven, was een gat gevallen. Zij merkt op dat de raad eerder heeft gevraagd een gat te laten vallen; zij refereert aan de eerste programmabegroting die zij aan de raad presenteerde. Het college heeft toen voorgesteld het risico van het Rijk meer te beperken; toen heeft de raad per motie het college gevraagd meer risico te nemen en het tekort van het Rijk niet op te lossen en even te wachten. De wethouder merkt op dat zij die motie heeft ontraden. GroenLinks gaf een mooie bespiegeling waarvan de wethouder het beeld zag van gedeeltelijk voorstellen die pijn doen. Het college zoekt ook naar verantwoordelijkheid daarin.
Haars inziens terechte opmerkingen zijn ook gemaakt over de hervormingsbezuinigingen; de gemeente zal de hervormingsbezuinigingen zeker gaan voelen. Het gaat om een omvangrijk bedrag. Wanneer de raad hier voorstander van is, zal het college hierover terugkomen. Het CDA vroeg ook naar de reserves; daarover voerde de commissie ook een debat. De wethouder zet uiteen dat in november vorig jaar het CDA hierover een motie heeft ingediend. Zij heeft een toezegging gedaan een onderzoek te starten en een analyse te maken op de reserves. De motie riep vervolgens op om de nota te herzien. De wethouder heeft geprobeerd duidelijk te maken dat dat niet per se het probleem is; zij vernam dat ook niet van de accountant. De analyse komt bij de programmabegroting. De wethouder begrijpt dat de raad die eerder had gewild. Zij licht toe waarom dat logisch is. Het CDA vraagt of er een mogelijkheid is om ruimte te vinden in de Meicirculaire. Pagina 40 van 53
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van Commissie VBF d.d. 2 juli 2024 inzake de Voorjaarsnota
1940
1950
1960
1970
1980
De heer Van Steeg (CDA) licht toe dat zijn vraag specifiek was, ook in het licht van deze Voorjaarsnota komt het voorstel dat gedaan wordt om de Activa Reserve te gebruiken de eerste twee jaar te dekken, vreemd over. Was het wellicht logischer geweest om de raad op een andere manier hierin mee te nemen? Wethouder Schilderman antwoordt dat dat aan de ene kant een beetje wel en aan de andere kant een beetje niet is. Als het gaat om een beetje wel dan is de wens om alle reserves in hun geheel te bekijken en aan de ander kant verandert het college in die zin de systematiek; het college zet de Activa Reserve nu structureel in de begroting. Het college verandert de besteding niet. Hij stond incidenteel in de Reserve en het college brengt hem nu naar een structurele last toe. Daarmee is de systematiek iets gewijzigd, maar is niet een hele grote inhoudelijke wijziging aangebracht en ook geen geld gevonden dat uit te geven was zonder consequenties. De heer Van Steeg (CDA) vindt het wel een substantiële wijziging waarmee voor twee jaar incidenteel geld gecreëerd wordt. Hij refereert aan de inbreng van de heer Van der Zweth over dat er al heel lang over wordt gesproken in de adviescommissie Controle en Financiën. Zijns inziens was het logisch geweest om de raad te informeren; in de raad is dit niet aan de orde geweest, wel in de VNG.
Hij vindt het dan vreemd om dit op deze manier in de Voorjaarsnota gepresenteerd te zien. Wethouder Schilderman begrijpt dat de wens bestond om dit in het totaal te zien in de relatie tot reserves. Zij bevestigt dat dit het moment is om dit te bespreken; het is een keuze of de raad dit wel of niet wil. Wanneer de raad dit niet wil, betekent dat er nu op hele korte termijn een aanzienlijk financieel probleem is waarmee iets zal moeten gebeuren. Wanneer dat iets niet de ActivaReserve is, moet het iets anders zijn. Dit leek het college de beste optie. De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat wanneer hierover gesproken wordt, hij opmerkt dat het verzoek hierover duidelijkheid te scheppen er al veel langer ligt. Hij vindt dit een heel ongelukkig moment om toch een fundamentele wijziging aan te brengen. Hij ziet dit anders dan de wethouder. Hier gebeurt iets substantieels met de Voorjaarsnota en met de reserves. Hij herhaalt en benadrukt dat de raad er op een andere manier in meegenomen had moeten worden. Hij blijft dit een moeilijk punt vinden. Wethouder Schilderman bevestigt het helemaal eens te zijn met heer Van Steeg dat het een substantieel iets is. Deze Voorjaarsnota is ook heel substantieel. Begin van het jaar had het stadsbestuur een moeilijk debat over de hele vervelende rekenfout die ook heeft gemaakt dat de situatie er anders uitziet.
Dat betekent dat opeens over het voorgaande jaar en over het lopende jaar een veel groter tekort zat dan eerder gedacht. Dan is de neiging om acuut te handelen veel groter geworden. De wethouder had dat net als de heer Van Steeg anders gewild. Het college heeft hierop gehandeld. Het CDA vroeg naar de Meicirculaire; volgens de wethouder is het dit jaar daadwerkelijk gelukt die brief op tijd te versturen. Dat kwam ook doordat het Rijk de Meicirculaire daadwerkelijk in mei verstuurde. In de raadsbrief staat hierover iets opgenomen. Het college neemt de Meicirculaire mee bij de Programmabegroting. De reden voor de systematiek is dat er sprake kan zijn van grote tegenvallers tegenover meevallers. Het CDA sprak over de mogelijkheid sportverenigingen te compenseren rondom het vastgoed. De Voorjaarsnota die het college wil voorleggen is het voorstel van het college. De heer Van Steeg kent zijn mogelijkheden wanneer hij dat anders wil zien.
Pagina 41 van 53
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van Commissie VBF d.d. 2 juli 2024 inzake de Voorjaarsnota
Het college heeft nog wel een reserve ingesteld om frictie voor de tariefsverhoging te kunnen opvangen. Dat is een kleine verlichting, geeft zij toe aan de heer Van Steeg. 1990
2000
2010
2020
2030
Het CDA sprak over of het reëel ramen eigenlijk een bezuiniging is; de wethouder antwoordt ontkennend. Deze discussie is uitgebreid gevoerd. Sommigen waren van mening dat het reëel ramen een structureel effect moet hebben. Dat is niet het geval. Wanneer het een structureel effect zou krijgen, zijn daarmee de investeringsbegrotingen naar beneden gebracht. De investeringen worden nooit goedkoper. Wel komen ze soms iets later. Daarom is het een bedrag dat eerst iets hoger is en daarna iets lager. De facto is het dus niet een bezuiniging. Het is een inzet om meer reëel te ramen. Daarbij zegt het college in deze Voorjaarsnota dat het nu een wijziging is waarin het college een stap vooruit zet om beter reëel te ramen. In de afgelopen jaren heeft het college daarin ook een paar stappen gezet. De wethouder sluit niet uit dat in het volgend jaar daarin weer een nieuwe stap te zetten is, wanneer het stadsbestuur daarop meer zicht heeft. Zij stelt zich voor dat het een dik gekoesterde wens is om de MPR meer inzichtelijk te maken. Die wens deelt de wethouder met de commissie. Daarop gaat het college vol inzetten volgend jaar. De heer Peters (D66) gaat in op de frictiekosten in de sporttarieven. Hij vraagt wat dat precies inhoudt.
Hij vraagt of dat betekent dat de sportclubs die een verhoging van de tarieven krijgen, een aanvraag moeten doen om aanspraak te maken [op de mogelijkheid de verhoging op te vangen]; hij vraagt hoe het werkt. Wethouder Schilderman licht toe dat het college de nog niet door de raad vastgestelde Voorjaarsnota op dat niveau nog niet heeft uitgewerkt. Dit betreft iets dat pas over enkele jaren ingaat. Dat zal verder besproken moeten worden. Het is een zoektocht naar hoe dat te gebruiken om het meer te dempen. De heer Van der Zweth (PvdA) gaat in op het reëel ramen en het planningsoptimisme. De wethouder zegt dat zij bij de raad terugkomt om een en ander meer inzichtelijk maken; dat wil zijn fractie ook. In de beantwoording van de schriftelijke vragen staat dat de gemeente zich baseert op meerjarige ervaringsgegevens en dat daardoor bekend is dat de percentages bij de ruimtelijke mobiliteit goed zijn. Hij vraagt de wethouder of zij die kan delen met de raad voor het slotdebat zodat hij daarbij gevoel kan krijgen. Wethouder Schilderman antwoordt bevestigend. Het college heeft hierover eerder al iets gedeeld. Mobiliteit was hiermee al langer aan de slag. Vorig jaar kwam er al een paar andere bij. De heer Van der Zweth (PvdA) dankt de wethouder voor deze toezegging. Het gaat hem om Ruimte en Mobiliteit; de twee hadden al een percentage en dat percentage wordt gehandhaafd.
Het gaat hem niet om al die programma's die de raad nu ook krijgt. Hij verwacht met de meerjarige ervaringsgegevens te zien is of de percentages kloppen of niet. Wethouder Schilderman stelt in het vooruitzicht dat het college zijn best gaat doen om dit technisch gezien zo goed mogelijk uit te zetten. Zij tekent daarbij aan dat Ruimte uit veel verschillende onderdelen bestaat. Wellicht is het iets gecompliceerder dan zoals de heer Van der Zweth het voorstelt. Het CDA vroeg naar het groeikader; waarop dat kader gebaseerd is. De wethouder zet uiteen dat het college in de Voorjaarsnota daarover ook iets zegt. Te zien is dat de omvang van de algemene uitkering niet automatisch meer toeneemt met de omvang van de bevolking en de relatieve groei. Dat betekent dat de correctie van het Gemeentefonds aanleiding geeft ook de systematiek van het groeikader te herijken. Pagina 42 van 53
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van Commissie VBF d.d. 2 juli 2024 inzake de Voorjaarsnota
2040
2050
2060
2070
2080
Te zien is dat het hier en daar spaak loopt. Zij ziet ook dat het Rijk de systematiek rond het Gemeentefonds verandert; het groeikader is ook gedeeltelijk gebaseerd op meer inkomsten vanuit het Gemeentefonds en meer inkomsten vanuit de OZB. Daarop is iets meer grip en zicht. Dit geeft aanleiding om te denken dat het college verwacht dat de inkomsten op dit vlak minder zullen zijn in de komende jaren. Hoeveel precies minder is nog onderwerp van gesprek en onderwerp van onderzoek. Dat maakt dat het college het verstandig vindt hierop een veiligheidsmarge in te bouwen. De wethouder houdt het voor mogelijk dat het veel minder wordt. De heer Van Steeg (CDA) brengt zijn vraag onder de aandacht hoe het college op het kortingspercentage van 30 komt. Waarop is de inschatting gebaseerd? Het gaat om een behoorlijke korting die wordt doorgevoerd met behoorlijk veel consequenties voor de Voorjaarsnota. Dit hoeft wat hem betreft technisch nu niet uitgezocht te worden; dat kan ook op een ander moment. Dit blijft voor hem vaag. Wethouder Schilderman antwoordt bevestigend; zij denkt dat het college dat op een gegeven moment veel beter en preciezer kan inschatten. Dan moet het stadsbestuur een nieuwe systematiek afspreken over hoe dit te doen. Het CDA stelde vragen over de solvabiliteit van de gemeente; daarover ontstond ook een debat. De wethouder begrijpt wel waar dat debat vandaan kwam.
Het college heeft met de accountant gesproken. Hij ziet ruimte op het solvabiliteitsratio, kijkend naar de jaarstukken. De wethouder merkt op dat dat juist is. De wethouder merkt op dat de heer Van Steeg iets groots opmerkt: namelijk de Activa Reserve waar 150 miljoen euro uitgehaald wordt. De wethouder merkt op dat dat een grote wijziging is met directe impact op de solvabiliteitsratio. Wat de wethouder betreft hoeft de heer Van Steeg zich niet direct zorgen te maken; de wethouder benadrukt hiermee goed bezig te zijn. Dit is ook de aanleiding om als college niet te zeggen hierin nog verder te gaan; het college verwacht na de 150 miljoen euro ongeveer de grens van de 20% van de solvabiliteitsratio te hebben bereikt. Op dit moment is dit niet tot op de letter bekend, omdat het college dit altijd doet bij de programmabegroting. Dat is ook het moment waarop de reserves daar neergezet worden. Dat maakt ook dat dat mogelijk het logische moment is om te spreken over de analyse van de reserves. Hij komt wel degelijk in beeld. De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat het college toch ervoor kiest om de 150 miljoen euro uit de Activa Reserve te halen. En de 35,8 miljoen euro niet, waarover hij een debat voerde met de heer Dijkstra. Hij veronderstelt dat dat gebaseerd is op de 20%. Wethouder Schilderman antwoordt bevestigend.
De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat aan de andere kant de wethouder zegt het niet precies te weten. Hij vraagt waar het bestuur dan staat. Wethouder Schilderman staat naar verwachting ongeveer op de 20%. Dat zal nog wel preciezer berekend worden bij de programmabegroting. Het CDA vroeg naar kengetallen en het beeld - zij refereert aan het gesprek met de accountant daarover. De boodschap die de accountant meegaf was dat de ratio's in hun geheel bekeken moeten worden. Dat doet het college altijd bij de programmabegroting. Daar komt dat verder in terug. Het college zal dan nagaan of het mogelijk is dat te laten terugkomen in de financiële hoofdlijnen. D66 vroeg met de VNG te overleggen over een brede benchmark over de financiële status. Het debat is al gevoerd over in hoeverre dat een beeld geeft. Zij kan in ieder geval zeggen dat de VNG dat beeld maakt op “www.Waarstaatjegemeente.nl “
Pagina 43 van 53
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van Commissie VBF d.d. 2 juli 2024 inzake de Voorjaarsnota
2090
2100
2110
2120
2130
Mevrouw Ramaker (VVD) gaat terug naar de beantwoording van de vragen van het CDA; het valt haar op dat de wethouder steeds slagen om de arm neemt, de 20% bij de solvabiliteit, de 30% bij het groeikader. Zij vraagt aan wat voor bandbreedte zij moet denken bij die 20%. Zij vraagt of de wethouder per procent een bandbreedte kan aangeven. Wethouder Schilderman antwoordt ontkennend; zij licht toe dat het gebaseerd is op de verwachting dat het bestuur hiermee uitkomt op 20%. Zoals altijd bepaalt het college dat bij de programmabegroting, en dus ook dit jaar weer. Mevrouw Ramaker (VVD) vraagt hoe dit zit bij het groeikader. Wethouder Schilderman heeft bij het groeikader aangegeven dat het stadsbestuur moet komen tot een nieuwe systematiek. Het Gemeentefonds werkt nu anders. De nieuwe systematiek heeft zij nog niet. Mevrouw Ramaker (VVD) vraagt wanneer de wethouder die wel heeft. Wethouder Schilderman verwacht die volgend jaar bij de Voorjaarsnota. D66 gaf op een aantal zaken richting aan de hervormingsbezuiniging. De meeste zaken die genoemd werden, komen daarin naar voren. Het ging over meer mixen van functies in de accommodaties; dat is onderdeel van de hervormingsbezuinigingen. Dat ging ook over buurtcultuurhuizen en dat is ook onderdeel van efficiënter en multifunctioneler gebruik maken van vastgoed.
Met betrekking tot de vastgoedportefeuille kan de wethouder zeggen dat ook goed kijken naar die portefeuille onderdeel is van de hervormingsbezuinigingen. In dit verband ging het specifiek over de verkoop van een pand. De wethouder wil niet zeggen dat zij denkt dat het op dat niveau onderdeel gaat zijn van de hervormingsbezuinigingen. Het lijkt haar ook goed dat op een moment waarop het commissielid daarvan iets vindt, hij dat bespreekt met de vakwethouder. D66 vroeg naar de ontwikkelingen met het Rijk rondom de maximering van de OZB. In het Regeerakkoord staat iets over het maken van afspraken over de stijging. De wethouder heeft nagedacht over hoe daar naar te moeten kijken. Allereerst staat er “afspraken maken”. Daarmee moeten partijen instemmen. De wethouder vermoedt dat het dan niet zo'n vaart zal lopen. Binnen de VNG, binnen alle gemeenten en ook binnen de gemeente Utrecht zijn partijen er niet zo happig op. Er staat ook iets over dat het moet gaan over “de stijging”. Dan gaat het over de mate van stijging. Dat haalt er ook weer een hard randje vanaf. Wanneer men daar iets in wil veranderen moet de wet aangepast worden. De wethouder verwacht dat dat een langdurig proces zal zijn. Zij zal zien wat de tijd het bestuur leert. D66 stelde vragen over over- en onderbesteding en hoe te voorkomen dat zich dat doorzet naar andere jaren.
De wethouder noemt in dit verband het negatief rekeningresultaat. Dat komt als gevolg van minder inkomsten. Zij brengt dit in verband met de rekenfout. Daartoe is de aanpak voor versteviging van de financiële functie om daar beter zicht te hebben op de raming van de inkomsten. De andere kant gaat over uitgaven. Te zien is dat het bestuur iets dichter komt bij wat begroot is uit te geven. Het blijft voor de gemeente Utrecht net als voor alle andere gemeenten een uitdaging daadwerkelijk uit te geven wat begroot is in het jaar. Dat heeft soms ook met de systematiek te maken; de wethouder noemt als voorbeeld uitstel van uitvoering door omstandigheden. Aan de andere kant gaat het om inkomsten van het Rijk die plotseling in december nog komen met de circulaire. Dat is dan erg lastig om dat tijdig uit te geven. Het college spant zich daarvoor in en zal daarvoor aandacht blijven houden.
Pagina 44 van 53
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van Commissie VBF d.d. 2 juli 2024 inzake de Voorjaarsnota
2140
2150
2160
2170
2180
D66 vroeg naar de rekenrente en de systematiek die daarvoor is. De BBV schrijft voor hoe de omslagrente moet worden berekend; daarin heeft de gemeente geen vrijheid. De heer Peters (D66) merkt op ervan uit te gaan dat het een keuze is dat die nu een half procent verandert. Wethouder Schilderman antwoordt ontkennend; dat heeft te maken met de stijging van de kosten. De heer Peters (D66) overweegt dat te zeggen zou zijn het percentage met 0,7 te veranderen; anders heeft hij het verkeerd begrepen op een eerder moment. Hij vraagt of er een rekenformule achter zit die precies aangeeft hoe die verandert; of zit er ook een beleidskeuze in? Wethouder Schilderman antwoordt op die laatste vraag ontkennend. Mogelijk is het goed om dat nog een keer te bespreken. BBV schrijft voor hoe dat moet gebeuren. Dat heeft te maken met hoe de portefeuilles zich ontwikkelen. De heer Peters (D66) begrijpt dat er ook geen keuzes zitten in de BBV; hij vraagt of die voor iedere gemeente dezelfde is. Wethouder Schilderman antwoordt bevestigend: het Besluit Begroten en Verantwoorden. Dat besluit is niet door de gemeente genomen. D66 sprak over sturing op het Sociaal Domein en over de Koudweerregeling. De wethouder zet uiteen dat de sturing op het Sociaal Domein een uitdaging is, maar niet alleen een uitdaging van de wethouder financiën.
Dat is juist ook een uitdaging van de wethouder Sociaal Domein; daarover heeft de commissie uitgebreider gesproken in relatie tot de sociale basis waarbij ook gekeken is naar hoe meer grip daarop te hebben als overheid. Specifiek daarin is de Koudweerregeling aangehaald; eerder werd er meer ruimte in gezocht. Gesteld werd dat dat gezocht werd in het huidige budget en nu staat hij in de knelpunten. Daarin komt naar voren dat het college hieraan invulling heeft gegeven door een versobering; er kwamen meer bedden op dezelfde kamer. Daarmee heeft het college invulling gegeven aan de wens om dit te zoeken in een besparing. Vervolgens is te zien dat het probleem nog steeds bestaat omdat er steeds meer mensen gebruik maken van de voorziening. Daarom komt zij uit op een knelpunt; die mensen zijn er en komen er. D66 vroeg naar maatregelen om de subsidieverstrekking transparanter en actueler te maken. Daarover heeft het bestuur eerder al gesproken. Het college onderzoekt in de hervormingsbezuinigingen of het meer kan met subsidies. De wethouder tekent daarbij aan dat de subsidies nu bepaald worden op basis van de beleidsregel die vastgesteld wordt met een bepaald doel. Hierin kwam naar voren dat soms dezelfde partij voor verschillende doelen een subsidie krijgt; de wethouder merkt op dat dat dan een keuze is. Daarover moet het stadsbestuur spreken.
Zij vindt het een heftig iets om er vanuit Financiën met een pennenstreek doorheen te gaan. Het college zal er op die manier niet naar kunnen kijken. Het college zal in dat kader hierover zeker terugkomen. Uiteindelijk vindt zij dat wanneer men van mening is dat in de subsidieverstrekking niet het juiste doel wordt nagestreefd of de juiste voorwaarden gesteld zijn, dat dat het moment is om die te veranderen. De heer Peters (D66) merkt op dat het niet zijn doel is om specifieke subsidies te schrappen, maar wel om kritisch te kijken naar hoe alles zich verhoudt tot elkaar en of er niet vanuit verschillende afdelingen verschillende beleidsterreinen de subsidie uitgegeven wordt aan dezelfde organisatie waarvan men eigenlijk niet op de hoogte is. Wat hem betreft wordt kritisch gekeken naar of het geld besteed wordt zoals het stadsbestuur wil dat het besteed wordt en dan domeinoverkoepelend en niet per proPagina 45 van 53
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van Commissie VBF d.d. 2 juli 2024 inzake de Voorjaarsnota
gramma, omdat het per programma waarschijnlijk altijd goed is; die verantwoording krijgt de raad.
2190
2200
2210
2220
Wethouder Schilderman antwoordt dat dat op twee manieren terug komt; nu komt het al terug doordat het subsidiebureau toetsing en controle doet op basis van de voorwaarden en dat die de subsidies ziet vanuit de verschillende organisatieonderdelen. Dus voor een deel is die controle er al. Maar binnen de hervormingsbezuinigingen is dit ook een thema om naar te kijken: of daar nog iets te halen is. In dat kader komt dit onderwerp terug. Zij heeft willen zeggen dat er altijd motivaties kunnen zijn om vanuit meerdere kanten subsidies te geven en als het gaat om niet volledig doelmatig, kan daar ook een politieke overtuiging achter zitten. D66 stelde erfgoed aan de orde. De wethouder kan zich voorstellen dat het verstandig is om dit te bespreken met de wethouder Erfgoed. Op de vraag waarom dit niet meer in de UBA-maatregelen zit, zet de wethouder uiteen dat nu al te zien is dat de erfgoedbegroting nu al steeds onder druk staat; er is steeds een tekort dat moet worden opgelost. Vanuit die optiek is het niet verantwoord hierop verder te bezuinigen. Daarbij geldt dat het beïnvloedbare budget erg klein is; het gaat om ongeveer 700.000 euro. In die combinatie vond de wethouder het acceptabel te zeggen dat die hier verder niet in zit. Het is aan de raad om daar eventueel anders naar te kijken.
De heer Peters (D66) houdt het voor mogelijk dat dit aansluit op de inbreng van de VVD bij de jaarstukken; hij vraagt in dit verband naar de positie van de wethouder Financiën. Hij verwacht hier een iets kritischer houding. Eigenlijk wordt gezegd dat omdat er druk is op de begroting bij een bepaalde afdeling, de afdeling wordt ontslagen van de plicht om er naar te kijken. Wethouder Schilderman schetst wat in dit verband onder haar verantwoordelijkheid valt. In dit programma is meer dan voldoende aangeleverd en ervoor gekozen. Erfgoed is daarvan een klein onderdeel. Zij heeft uitgelegd waarom zij het acceptabel vindt om daarop geen specifieke maatregel te nemen. Het staat de raad vrij om daar anders naar te kijken. De heer Peters (D66) merkt op dat het probleem is dat de raad geen andere keus kan maken omdat niet bekend is waarop te bezuinigen is in dit kader. Hij ziet dat er een besteedbare ruimte is. Hij merkt op dat er wel allemaal voorstellen gedaan worden van 20 à 30.000 euro die blijkbaar wel kunnen. Bij Erfgoed is dat niet bekend. Hij dringt er op aan om op een later moment hierin inzicht te krijgen. Daar kan de raad ook nog besluiten daarop niet te bezuinigen. De vindt dat de raad op zijn minst in positie gebracht moet zijn om de keuze te maken hierop wel bezuinigingsmaatregelen door te voeren. Hij verwacht aanwijzingen van de ambtelijke organisatie hierop.
Hij vraagt voor de volgende programmabegroting aan te geven wat op Erfgoed te doen is. Hij wil dat graag in overweging kunnen nemen net als bij alle andere programma's. Wethouder Schilderman antwoordt dat de raad die keus heeft; alle raadsleden hebben die keus over alle programmaonderdelen. Zij benadrukt dat Erfgoed geen status aparte heeft gekregen in deze Voorjaarsnota en ook niet in de UBA-lijst. Zo is er niet aan gewerkt. Op programmaniveau is gekeken naar het aandragen van voorstellen; daarin is een afweging gemaakt. Wanneer de heer Peters ontevreden is over de beantwoording van schriftelijke vragen, doet zij de suggestie dat hij een vervolgvraag stelt. Wanneer het niet helder is geweest kan de raad daarin een keuze maken bij deze Voorjaarsnota.
Pagina 46 van 53
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van Commissie VBF d.d. 2 juli 2024 inzake de Voorjaarsnota
2230
2240
2250
2260
2270
De heer Van der Graaf (ChristenUnie) trekt het iets breder. Hij merkt op dat er veel meer gebieden en voorstellen zijn die de UBA-lijst niet hebben gehaald. Daarin staat niet alles; dit geldt niet alleen voor Erfgoed. Wethouder Schilderman antwoordt bevestigend. Zij vervolgt met in te gaan op de inbreng van de Partij voor de Dieren over een aantal onderwerpen als het gaat om mogelijkheden rondom verhoging van leges of van belastingen. De wethouder zag een aantal schriftelijke vragen daarover voorbijkomen. Daarin zitten veel mogelijkheden. Die hebben gevolgen. Die kan de raad wegen. Het college heeft het idee de juiste voorstellen te hebben gedaan. Het is aan de raad om dat nader te wegen. Zij is benieuwd wat daar uitkomt. Zij vermoedt dat de wethouder Economische Zaken allerlei ideeën daarover heeft; zij bewaart die voor dat moment. De Partij voor de Dieren gaat in op scenario's en stelt de vraag waarom er geen scenario's zijn om uit te kiezen. In het debat over het tekort is daarover gesproken; dat had het college toegezegd. Doordat de situatie anders is dan eerder gedacht, ziet het er anders uit. Zij betreurt dat met de heer Van Heuven. Daarbij zegt zij aan de andere kant dat er mogelijkheden zijn om deze Voorjaarsnota te amenderen. Het college heeft allerlei extra stappen gezet om zo helder mogelijk inzichtelijk te maken welke andere keuzes daarin zijn te maken.
De UBA-maatregel is daarvan de ene kant als het gaat om de mogelijke bezuinigingen. Er zijn ook allerlei vormen van lastenverhogingen die daarin opties zijn. Het is aan de raad om daarin een afweging te maken en om dat te amenderen. Hulp is altijd te bieden wanneer die nodig is om te bepalen of het amendement technisch klopt. De PvdA sprak over het laten zien van de tekorten van het Rijk; het lijkt de wethouder goed om in de programmabegroting te laten zien wat de ontwikkelingen zijn van het Rijk en de bezuinigingen die daaruit volgen. Om een goed beeld te kunnen schetsen, wil het college ook een beeld hebben van wat het Regeerakkoord hierin doet van het nieuwe Kabinet. Daarvoor moet een nadere uitwerking komen. Het zou het college helpen wanneer die nadere uitwerking komt. De PvdA vroeg ook naar de analyse van de reserves; de wethouder heeft daarop geantwoord richting het CDA. De PvdA stelde reëel ramen aan de orde. Ook die heeft de wethouder beantwoord richting het CDA. Daarna werd gesproken over de OZB Niet-Woningen. De wethouder kon een aantal zaken in de inbreng niet helemaal volgen. Mogelijk is het goed daarover nog nader te spreken. Volgens haar werd de suggestie gewekt dat de meevaller incidenteel is verwerkt. De wethouder antwoordt dat dat niet juist is. Die is structureel verwerkt. Daarin komt de PvdA die ook tegen.
De andere kant van het verhaal zou kunnen zijn dat er achterstanden zijn bij de BghU; het college maakt daarvan een inschatting. Daarbij geldt dat de OZB altijd bij de Voorjaarsnota herijkt wordt; het gaat altijd om een inschatting. De heer Van der Zweth (PvdA) merkt op dat de wethouder en hij langs elkaar heen praten. Hij verduidelijkt zijn inbreng. Het gaat hem niet om de OZB Niet-Woningen. Het gaat hem om de OZB-woningen. Uit de schriftelijke vragen blijkt dat er in 2023 de OZB-inkomsten vanuit woningen vanwege de achterstanden bij de BghU gecorrigeerd zijn voor alleen 2023. Men wist niet dat er nog meer binnenkwam vanuit de OZB. Wanneer hij kijkt naar de Voorjaarsnota leest hij over de verhoging OZB; los daarvan wordt de OZB iets naarboven gecorrigeerd, enkel en alleen vanwege NietWoningen. De achterstanden van de BghU zitten daarin niet langdurig. Wanneer hij Pagina 47 van 53
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van Commissie VBF d.d. 2 juli 2024 inzake de Voorjaarsnota
2280
2290
de zienswijze van de raad bij de BghU-begroting erbij pakt, lopen de achterstanden bij de BghU in ieder geval een aantal jaren door en zijn ze niet incidenteel. Hij vindt dat niet rijmen. Wanneer dit goed verwerkt was conform de zienswijze, heeft de raad in de jaarstukken verbetering aangebracht, en had die verbetering terug moeten komen in de Voorjaarsnota conform de zienswijze. Zijn conclusie is dat daarin ruimte zit. Zijn partij zal daarvoor een voorstel indienen. Wethouder Schilderman vindt het goed daarover te spreken; in haar beleving loopt hier een paar zaken spaak. Voor een deel gingen de achterstanden bij de BghU over later toegevoegde woningen die nieuw gebouwd zijn. Die heeft de gemeente al in haar systematiek zitten. Het verschil zou kunnen zitten in dat over een bepaald jaar de informatie niet is ontvangen. Wanneer de heer Van der Zweth denkt dat hierin ruimte zit, is het goed om dat na te gaan. Zij stelt voor dit voor het slotdebat na te gaan zo dat zeker is dat het klopt. De heer Van der Zweth (PvdA) vraagt op welke wijze partijen dit zullen nagaan. Hij weet niet welk bedrag er bijhoort; hij kan het daarom niet amenderen. Hij zal dat dan wel doen met een motie en met een boodschap dit uit te zoeken. Dan is er meer tijd. Hij vindt het op zich prima om in de tussentijd even contact te hebben hierover. De motie zal ook een besteding geven voor deze dekking.
Wethouder Schilderman beaamt dat het goed is hierover te spreken voor het slotdebat en na te gaan wat het handigst is. De vragen van VOLT over de reserves heeft de wethouder beantwoord richting het CDA. Als het gaat om de verwachting naar de komende jaren zet de wethouder uiteen dat het college daarop specifieker terugkomt bij de programmabegroting.
2300
Zij refereert aan haar antwoord over een eventuele uniformeringslag in het reëel ramen. Opgemerkt werd dat dit niet voor alle onderdelen geldt; het college spant zich in om tot een consistente lijn te komen. Het zou kunnen zijn dat die consistente lijn anders is bij de verschillende onderdelen van de organisatie. Dat heeft ook te maken met wat de ervaring is in hoe zaken uitkomen. De wens is ook om niet te gaan veroorzaken dat mensen activiteiten niet kunnen uitvoeren om dat vanwege het reëel ramen het budget of de mogelijkheid weg is of dat er nog door heel veel hoepels gesprongen moet worden; van dat laatst genoemde wordt het ook niet sneller. 2310
2320
VOLT ging in op de uitvoering van de 6 miljoen euro kapitaallasten als taakstelling; die heeft het college verwerkt in het financieel technisch beleid bij het reëel ramen. Hij is verwerkt in de Voorjaarsnota. Wanneer de raad die structureel wil hebben, moet de raad investeringen schrappen. VOLT vroeg naar de verbetering van de financiële functie. Het klopt dat nog gesproken moet worden over het plan rond de 1 miljoen euro. Het college ziet dat daarin de organisatie capaciteit te kort komt. Dat is zowel binnen het concern, Financiën, als in het organisatieonderdeel Ruimte, waar veel van de bedragen en het zicht daarop zitten. Het college heeft die capaciteit nodig om deze kerntaak te kunnen uitvoeren. Met het ontbreken van capaciteit is het belangrijk aan te geven dat dit bedrag betrekking heeft op de brede verbetering van hoe om te gaan met financiën; niet alleen op een beperkt deel. Het lijkt het college verstandig hierin al te gaan investeren. De heer Maas (VOLT) merkt op dat er reservering is van 5 miljoen euro. Voor bezuinigingen binnen personeel komt daarbovenop nog een bezuiniging van 2,5 miljoen euro. En dan is er dit miljoen voor nog specifiek de financiële functie. Hij
Pagina 48 van 53
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van Commissie VBF d.d. 2 juli 2024 inzake de Voorjaarsnota
2330
2340
2350
2360
2370
vraagt hoe een en ander zich verhoudt? Hij heeft de indruk dat het een complete reorganisatie wordt. Wethouder Schilderman antwoordt dit tegen te komen op vier verschillende plekken: een capaciteitsuitdaging en een vraagstuk rondom Financiën en de sturing daarop met een capaciteitcomponent, daarnaast zitten er bezuinigingen in de UBA die op een gegeven moment ook een capaciteitscomponent gaan hebben (wanneer deze activiteiten niet meer worden uitgevoerd zou dat met minder mensen kunnen), dan zit er ook nog een vraagstuk rondom de hervormingsbezuinigingen waarvan de vraag te stellen is of dat leidt tot meer efficiëntie of tot minder mensen. Daarom heeft het college daar voor een pot ingesteld in de hoop zoveel mogelijk zaken met natuurlijk verloop te doen, en met vacatures. Om dit soort trajecten goed op te zetten, moet rekening worden gehouden met soms meer begeleiding. Dat geldt ook voor de verplaatsing van mensen naar ander werk. Dan gaat het om zaken die niet zomaar in een keer te besluiten zijn; ook op die manier komt het bestuur dit tegen. De heer Maas (VOLT) merkt op dat het om meer dan 8 miljoen euro gaat; hij vindt dat veel geld. Wellicht is dat geld nog strakker te besteden. Hij licht toe dat dit zijn zoektocht is.
Wethouder Schilderman brengt dit in relatie tot het goed omgaan met het personeel en de kosten die dat met zich meebrengt; in dat licht is de inschatting meer aan de onderkant dan aan de bovenkant. Zij geeft dat de raad mee. Student & Starter vroeg naar de toeristenbelasting. Andere commissieleden raakten dat thema ook aan. De wethouder vindt het goed dat bekend is dat hierover gesproken is met hotelsector. Zij schrokken vooral vanwege het regeerakkoord in combinatie met de Voorjaarsnota; waar in de Voorjaarsnota de toeristenbelasting van 7 naar 10% gaat, gaat de BTW in het regeerakkoord van 9% naar 21%. Dat is een enorme lastenverhoging die zij op één dag voor hun kiezen kregen. Daarin was de vraag te stellen of heel veel te zeggen is over wat dit gaat betekenen. Wanneer gesproken wordt over een dergelijk hoge verhoging van de overnachting prijs, is het moeilijk om een voorstelling te maken van wat dat gaat betekenen en in hoeverre dat een effect heeft; wanneer iets 15 of 20% duurder wordt, zitten daaraan waarschijnlijk ook gedragseffecten. De wethouder benadrukt dat dat koffiedik kijken is. Een vergelijking is gemaakt met Amsterdam; Amsterdam zit hoger. Mogelijk is in Utrecht meer nog dan Amsterdam aantrekkelijk voor toeristen. Aan de andere kant wil de wethouder noemen dat de gemeente Utrecht nog geen drieduizend hotelkamers heeft en Amsterdam 40.000.
De wethouder vindt het goed wanneer de raad dit in zijn achterhoofd houdt, hierover sprekend. Misschien wil de wethouder Economische Zaken hierover nog van alles zeggen. Student & Starter vroeg naar het weerstandsvermogen; het college komt daarover bij de begroting terug. Gevraagd is naar hoe het college aankijkt tegen de balans met innovatie bij de hervormingsbezuinigingen. Het college kijkt bij hervormingsbezuinigingen naar in hoeverre innovatie kan bijdragen aan hervormingen. Het idee is wel dat het uiteindelijk een kostenbesparing zal opleveren. Innovatie is daarvan een belangrijk onderdeel. Het hoofddoel is wel te komen tot betere manieren om tijd, aandacht en geld te besteden. De idee leeft dat dat daarna ook met minder geld kan. Wanneer innovatie daaraan kan bijdragen, zou dat goed zijn. De ChristenUnie vraagt hoe het college aankijkt tegen de participatie rondom deze Voorjaarsnota; er heeft geen participatie plaatsgevonden in dit traject. Dit moest in korte termijn gerealiseerd worden in het huidig tijdsgewricht. Dat paste niet. De Pagina 49 van 53
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van Commissie VBF d.d. 2 juli 2024 inzake de Voorjaarsnota
2380
2390
2400
2410
2420
wethouder denkt dat het een spannende situatie had opgeleverd wanneer het stadsbestuur voor een opgave staat van deze omvang; de wethouder verwachtte moeilijke gesprekken voordat het college bij de raad aan kon komen. Het is aan de raad om in eerste instantie iets te vinden van de Voorjaarsnota. De ChristenUnie vroeg primair naar de uitgangspunten van het volgend begrotingsjaar, en naar de beslispunten die het huidig jaar treffen. Gegeven de omvang van de financiële opgave al in dit lopende jaar, moest het college daarop bijsturen. Dan is er de afweging of dit helemaal los te zetten is van de andere activiteiten in de Voorjaarsnota; het college dacht dat het geen helder beeld zou geven wanneer een en ander uit elkaar getrokken zou worden. Daarom is het volledige beeld hier in gezet. Met betrekking tot de hervormingsbezuinigingen is de vraag gesteld hoe de raad in positie is gebracht. De wethouder noemt deze Voorjaarsnota. De raad stelt de kaders of het college van mening is dat het college dit moet doen en met welke voorwaarden en met welke uitgangspunten. Het college zal zijn best doen om zo goed mogelijk de tussenstand te geven bij de programmabegroting. De programmabegroting komt al heel snel naar de raad. Er zit een werkmaand tussen enerzijds de vaststelling van de Voorjaarsnota en anderzijds het aanleveren van de programmabegroting.