CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Conceptverslag VBF 17 oktober 2024

Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën (2022-2026) 5 december 2024, gemeente UtrechtBij agendapunt: Verslagen28.605 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vraagt of de vraagprijs op straat de enige graadmeter is voor het succes van beleid. Mevrouw Fattal (GroenLinks) vindt dat mevrouw Raaijmakers haar woorden verkeerd interpreteert. Ze maakt zich zorgen over de mate van inzet in Utrecht en landelijk op het tegengaan van drugscriminaliteit. Zij ziet daarin geen vooruitgang. Daarover maakt zij zich zorgen. Zij bevestigt dat de vraagprijs op straat niet de enige indicator is. Zij stelt dat het stadsbestuur niet goed kan sturen op de verbetering in de huidige situatie. Daarover wil zij het brede gesprek voeren. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) hoorde toch echt dat het niet zien van vooruitgang gebaseerd werd op de vraagprijs. Welke andere graadmeters ziet mevrouw Fattal waarop zij concludeert dat er geen vooruitgang is? Mevrouw Fattal (GroenLinks) merkt op dat er onderzoeken zijn gedaan naar de actieve criminaliteit die gepaard gaat met drugshandel. Dit gaat gepaard met ondermijning, met aanslagen op advocaten die hierin een rol spelen; zij zou het van blindheid vinden getuigen wanneer gezegd zou worden dat het stadsbestuur zich geen zorgen hoeft te maken over deze industrie. Dat wil niet zeggen dat de inzet die de gemeente pleegt waardeloos is. Dat wilde zij niet zeggen. Haar vraag is wat er anders moet nu er zoveel geld in gestoken wordt en het nog steeds niet lekker gaat.

Zij kan ook niet zeggen dat het nu prima gaat. Zij is benieuwd of de burgemeester haar visie deelt. Zij krijgt hierop graag een reactie. Uit antwoorden op schriftelijke vragen bleek dat de burgemeester zich niet wil aansluiten bij de oproep van burgemeesters over de hele wereld om het anders te Pagina 18 van 50

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 17 oktober 2024

880

890

900

910

920

gaan doen, waar het gaat om cocaïne. Zij vraagt waarom de burgemeester daartoe besloot. Wat is de kijk van de burgemeester op dit fenomeen van dweilen met de kraan open? De heer Van Bergen (ChristenUnie) ziet in het geval van cocaïne dat ook experts zeggen dat de risico's voor de volksgezondheid onacceptabel zijn. In de Opiumwet worden de lijsten 1 en 2 van elkaar onderscheiden. Dit is niet te verantwoorden volgens de experts. Toch hoort hij mevrouw Fattal pleiten voor regulering. Hij vraagt hoe zij die twee zaken met elkaar rijmt. Mevrouw Fattal (GroenLinks) deelt met de ChristenUnie dat ook zij cocaïne vreselijk vindt. Zij is geen fan van de lijsten in de Opiumwet; zij stelt voor daarover te spreken op een ander moment. De consequentie van deze lucratieve handel is dat er mensen worden vermoord en dat kartelvorming plaatsvindt en dat jongeren worden geronseld voor het plegen van criminaliteit ook in Utrecht. Dan moet nuchter worden gekeken naar wat nodig is om meer zicht te krijgen op de keten. Zij benadrukt dat dat niet leuk is. Zij pleit er niet voor om het allemaal vrij te laten en dat mensen kunnen doen wat het stadsbestuur onacceptabel vindt. Zij pleit ervoor anders en ruimer te gaan kijken. De vraag is hoe meer controle te krijgen op de keten.

De heer Van Bergen (ChristenUnie) leest in de beantwoording op de vragen terug dat Utrecht een kleine speler is in een hele grote keten; het heeft dan weinig zin om hierop solitair te handelen. Hij vraagt hoe mevrouw Fattal reflecteert op die antwoorden op schriftelijke vragen. Mevrouw Fattal (GroenLinks) is het ermee eens dat Utrecht niet solitair kan optreden. Utrecht moet handelen in G4 verband en zeker ook met het Rijk. De heer Van Steeg (CDA) vindt dat in dit debat vrijblijvend gefilosofeerd wordt over waar cocaïne gemakkelijker te reguleren is, met G4 of met het Rijk. Hij zou dan zeggen dat het debat niet hier gevoerd moet worden. Hij vraagt of GroenLinks nog iets voor gaat stellen om op Utrechts niveau iets te gaan doen. Of moet Utrecht zeker de cocaïne hard gaan aanpakken en optreden tegen de handel daarin? Mevrouw Fattal (GroenLinks) gaat zaken voorstellen op Utrechts niveau. Zij gaat niet voorstellen in Utrecht een deel van de keten te gaan reguleren. De heer Van Steeg (CDA) vraagt of mevrouw Fattal met hem deelt dat wanneer zij gaat zeggen daar naar te kijken, het effect heeft op hoe gekeken wordt in Utrecht naar drugsgebruik. Hij vindt dat onwenselijk. Mevrouw Fattal (GroenLinks) vindt het bij uitstek de bedoeling om een gesprek op gang te brengen. Utrecht is hierin zeker niet solitair; als dat wordt gedacht is dat een illusie.

Zij vindt het waardevol om te spreken over wat anders kan op deze portefeuille en hoe het gemeentebestuur kan samenwerken met partners waarmee het gemeentebestuur altijd samenwerkt. Dat is wat zij hier doet. De heer Van Steeg (CDA) concludeert uit deze woorden dat dit debat doorverwezen had moeten worden naar Den Haag of eigenlijk nog breder. Hij vindt het zonde van zijn tijd om te gaan filosoferen over wat beter moet in de wereldwijde cocaïnehandel. Mevrouw Fattal (GroenLinks) hoopt dat de bijdrage van het CDA kort zal zijn. Zij stelt nog een aantal kleinere vragen over enkele andere zaken. Er is een aanpak op het zorgen dat ondernemers die aan het afglijden zijn, zich niet gaan aansluiten bij ondermijnende criminaliteit. Zij legt de vraag voor of het gemeentebestuur dat ook doet bij nieuwe ondernemers; heeft het daarop zicht? Is na Covid nog goed in beeld welke ondernemers risico lopen op afglijden? Ze krijgt hierop graag de reactie van het college.

Pagina 19 van 50

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 17 oktober 2024

930

940

950

960

Zij vraagt wat de burgemeester vindt van de idee om minder vaak strafrechtelijk te vervolgen en vaker bij kleinschalige drugsdelicten te kijken of te seponeren is en of in te zetten is op hulp en zorgverlening. Zij vraagt de reactie van de burgemeester op de vraag of zij hierop inzet kan plegen op in de Driehoek. Zij vraagt de burgemeester naar het Meerjarenperspectief op het aantal vergunningen voor coffeeshops in de stad. Is het aantal coffeeshops uit te breiden? Ook daarop krijgt zij graag de reactie van het college. De heer Van Bergen (ChristenUnie) begrijpt dat mevrouw Fattal sprak over het seponeren van zaken. Volgens hem is in Utrecht al een goed beleid waarin zorg in veel gevallen voorgaat op straffen. Hij vraagt wat mevrouw Fattal concreet voorstelt op wat het gemeentebestuur anders moet gaan doen. Mevrouw Fattal (GroenLinks) licht toe voor te stellen dat wanneer sprake is van een klein delict, gekeken gaat worden naar of resources te projecteren zijn naar die zaken heel groot zijn en naar die, die wat minder groot zijn. Zij pleit ervoor dat strafrechtelijk vooral gefocust wordt op de grote zaken. Zij pleit ervoor vooral mensen te helpen aan de zorgkant. De heer Van Bergen (ChristenUnie) weet niet anders dan dat het gemeentebestuur dat al doet. Mevrouw Fattal (GroenLinks) weet dat niet zeker omdat het stadsbestuur niet eigenstandig gaat over het OM.

Die vraag geleidt zij graag door naar de burgemeester. Het Utrechtse beleid is vooral gericht op zowel zorg als handhaving. Daarmee is zij het helemaal eens. Zij vervolgt haar bijdrage in haar termijn met in te gaan op het meerjarenperspectief op het aantal vergunningen voor coffeeshops. Zij krijgt daarop graag reactie van het college. Zij had ook nog een vraag over het verbod op drugsgebruik bij het Lucas Bolwerk. Zij legt de vraag voor wat het stadsbestuur daarvan leert; wat is daarvan succesvol en wat niet en hoe wordt vermeden dat dit soort incidentele middelen worden ingezet voor een probleem dat hiermee samenhangt zo dat een meer integraal perspectief ontstaat. Ook daarop krijgt zij graag de reactie van de burgemeester. De heer Van Steeg (CDA) vraagt of mevrouw Fattal met hem deelt dat het verbod op harddrugs heeft geleid tot een aantoonbaar positief effect op wat er gebeurt rond het Lucas Bolwerk. Mevrouw Fattal (GroenLinks) merkt op dat dat wel het geval is voor de omwonenden maar niet voor de rest van de stad; er trad een waterbedeffect op. De heer Van Steeg (CDA) bevestigt dat er verspreiding plaatsvond. Maar de groep werd ook een stuk kleiner. In die zin heeft de repressieve aanpak ook in het nietgebruik van drugs daadwerkelijk iets opgeleverd. Mevrouw Fattal (GroenLinks) is ook voorstander van een repressieve aanpak als het gaat om overlast.

Zij heeft daarvan nog steeds niet een duidelijk beeld. Dat was ook haar zorg toen het voorstel werd behandeld op dat volledig te wijten was aan dit middel of aan andere repressieve middelen die het gemeentebestuur ook tot zijn beschikking heeft. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) gaat in op de coffeeshops. Wanneer zij mevrouw Fattal goed beluisterd heeft, vraagt zij meer ruimte voor meer coffeeshops. Zij begrijpt dat de ruimte nu al niet volledig wordt benut; er is ruimte voor 17 en Utrecht heeft 11 of 12 coffeeshops. Zij vraagt of die ruimte nodig is Mevrouw Fattal (GroenLinks) vindt dit een terechte vraag. Daarom vraagt zij, buiten het aantal van 17, hoe het stadsbestuur aankijkt tegen het aantal coffeeshops in de

Pagina 20 van 50

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 17 oktober 2024

970

980

990

1000

1010

stad, zeker ook als het gaat om teveel coffeeshops terwijl dat niet nodig is. Zij is benieuwd of daarop een integraal beeld bestaat, los van de 17 opties. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) begrijpt dat daaruit een minder groot aantal kan komen. Mevrouw Fattal (GroenLinks) antwoordt bevestigend in die zin dat winkels niet onnodig geopend moeten worden waaraan mensen geen behoefte hebben. Mevrouw Meerding (VVD) refereert aan het interruptiedebat met de heer Van Steeg over de aanpak op het Lucas Bolwerk. Zij hoort mevrouw Fattal zeggen dat zij er aan twijfelt of dit instrument van de repressieve aanpak het gewenste effect heeft. Er zou wel voor andere repressieve maatregelen gekozen kunnen worden, begrijpt zij uit haar woorden. Zij is benieuwd naar die andere maatregelen. Mevrouw Fattal (GroenLinks) licht toe dat dat per keer bekeken moet worden. Momenteel zijn er instrumenten in de APV toolbox waarmee op te treden is bij overlast ofwel vanwege de overlast ofwel dat een verblijfontzegging gebied gecreëerd is. Zij is niet een voorstander van één middel voor alles. Zij vraagt zich wel af of niet eerder daar naar gekeken moet worden, voordat een verbod op drugsgebruik in de hele stad ingevoerd wordt. Mevrouw Meerding (VVD) merkt op dat de verblijfsontzegging gebieden al geprobeerd is, specifiek bij het Lucas Bolwerk. Eerst is naar het lichte middel gekeken. Dat werkte niet.

Daarna is naar een groter middel gegrepen. Zij vraagt hoe mevrouw Fattal dat ziet. Mevrouw Fattal (GroenLinks) merkt op dat dat juist is en dat dat de reden is waarom GroenLinks voor het voorstel heeft gestemd. Zij wil niet dat dit steeds weer wordt gedaan. Zij vindt dit geen goed beleid. Zij pleit ervoor om na te denken over hoe op de lange termijn dit tegen te gaan zonder de boodschap uit te zenden dat het gebruik van drugs strafbaar is in de stad. Dat is het niet. Mevrouw Meerding (VVD) grijpt dan terug naar dit debat; mevrouw Fattal spreekt over duurzame andere maatregelen. Zij vraagt of mevrouw Fattal daarbij een idee heeft als het gaat om de soort maatregelen. Mevrouw Fattal (GroenLinks) komt terug bij de minder ingrijpende repressieve middelen waarover zojuist gesproken is. Wat haar betreft moet meer ingezet worden op zorgverlening, ook voor niet rechthebbenden. Zij spreekt dan over dat soort zaken. Zij sluit haar bijdrage af en komt terug op het dweilen met de kraan open gevoel. Zij heeft dit debat geagendeerd omdat zij wil spreken over hoe zaken anders te doen. Een optie is te onderzoeken of politie en handhaving meer is te prioriteren. Een optie zou kunnen zijn na te gaan of vooral is in te zetten tegen zware en heel erg lucratieve drugs (coke of heroïne) en wat minder op de lichtere drugs zoals wiet, of andere lichte partydrugs.

Wat haar betreft wordt aldus gehandeld omdat de stad zorgvuldig moet omgaan met de beschikbare middelen en met de capaciteit. Zij vraagt of de burgemeester dat wil onderzoeken; wellicht ook binnen het programma Preventie met Gezag dat nu is voortgezet. Zij krijgt hierop graag een toezegging. De heer Van Bergen (ChristenUnie) maakt bezwaar tegen het kwalificeren van MDMA als een lichte partydrug; niet alleen op gezondheid maar ook op het effect op het milieu, maar ook als het gaat om criminaliteit is juist te zien dat de impact van MDMA in Nederland gigantisch is. Mevrouw Fattal (GroenLinks) deelt dit met de ChristenUnie. Het gaat om het kiezen tussen kwaden. Zij vindt niets hiervan leuk.

Pagina 21 van 50

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 17 oktober 2024

1020

1030

1040

1050

1060

Tenslotte gaat zij in op een XTC experiment; zij vindt wel degelijk dat XTC een lichtere drug is. Zij zou het heel mooi vinden om in ieder geval daarin na te gaan hoe de inzet is te verminderen. Daarvoor heeft de gemeente het Rijk nodig. Zij zou het mooi vinden wanneer gekeken kan worden met het Rijk of toe te bewegen is naar een XTC experiment. Zij krijgt hierop graag een toezegging van de burgemeester om daar naar te gaan kijken. De heer Van Bemmel (Partij voor de Dieren) mist in de bijdrage van GroenLinks hoe zij aankijkt tegen drugsafval en tegen de zorgen daaromtrent. Mevrouw Fattal (GroenLinks) vindt dat een terechte vraag omdat die situatie niet best is rond XTC. Het milieueffect is vreselijk van alle drugs. Zij gelooft dat wanneer meer beeld is van de productie en de handel erin, meer te doen is aan het afval daarbij. Zij brengt dit in verband met maatschappelijk verantwoord ondernemersbeleid zoals meegenomen in het coffeeshopbeleid. Coffeeshophouders duurzaam laten ondernemen, vindt zij nu niet helemaal de prioriteit in het beleid in Utrecht. De prioriteit ligt bij het minimaliseren van het milieueffect. De heer Koning (D66) kan zich aansluiten bij alles wat mevrouw Fattal heeft gezegd. Hij doet een aantal voorstellen in zijn bijdrage en hij geeft weer hoe zijn fractie aankijkt tegen drugsgebruik in het algemeen.

Zijn fractie ziet in dat een drugsvrije samenleving een illusie is, dat uiteenlopende middelen verschillende aanpak nodig hebben en dat mensen die drugs willen gebruiken, goede toegang moeten hebben tot informatie en tot zorg. Ook zijn fractie maakt zich zorgen. Zorgen om de toename van drugsgebruik onder jongeren en studenten. Wat hem betreft moet het bestuur af van de gedachte dat alle drugs slecht zijn. Sommige geneesmiddelen zijn ook heel verslavend en megaintens. En dat is gereguleerd. Coke is slecht en mega verslavend, terwijl marihuana en MDMA ook voor medische toepassingen worden gebruikt. Toch staan die middelen op de opiumlijst. Hij vindt dat niet eerlijk en niet effectief waar het gaat om het voorkomen van probleemgebruik. Het helpt ook niet voor de volksgezondheid, niet voor de natuur waarin illegaal gedumpt wordt En het helpt niet voor het tegengaan van criminaliteit die er feitelijk is omdat die middelen verboden zijn. De heer Van Bergen (ChristenUnie) vraagt of de heer Koning ook een verschil ziet tussen medicijnen en drugs. De heer Koning (D66) antwoordt bevestigend. In wettelijke zin is daartussen een verschil. Te zien is ook dat daarin een enorme overlap is. Ook is te zien dat een aantal medicijnen gebruikt wordt als drugs in de partyscene of door andere gebruikers.

De heer Van Bergen (ChristenUnie) licht toe dat voor hem een groot verschil is tussen drugs en medicijnen dat er een noodzaak is om medicijnen te gebruiken en dat drugs een recreatief middel is. Dat lijkt hem een goede reden om het één gereguleerd toe te staan, en het ander niet. De heer Koning (D66) antwoordt dat dit op hem overkomt als een handig verhaal in moraliserend opzicht. Dit is geschiedkundig niet het geval. In het verleden was Coke een middel dat weid verbreid gebruikt werd als medicijn. Nog niet zo lang geleden werd MDMA volop toegepast in allerlei psychologische behandelingen. Dat gebeurt weer steeds vaker. De heer Van Bergen (ChristenUnie) pleit er niet voor om drugs niet te gebruiken als medicijn. Er wordt nu wel voor gepleit om medicijnen niet als drugs te gebruiken. Dat

Pagina 22 van 50

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 17 oktober 2024

1070

1080

1090

1100

1110

lijkt hem een normale vraag. Dat staat los van het gegeven dat in het verleden het een en ander is gebleken. De heer Koning (D66) betoogt tot zover dat het verbieden van middelen vaak een averechts effect heeft op bepaalde doelen die ook belangrijk zijn voor de gemeente; zoals het schoonhouden van de natuur en criminaliteit voorkomen en toegang tot zorg waarborgen voor mensen. Hij vraagt of het college het eens is met D66 dat de huidige opiumlijst meer ruimte zal moeten bieden voor een onderscheidende aanpak per middel, passend bij de verschillende risico’s en binnen de grenzen van de wet. Tegelijkertijd begrijpt hij dat dit de vraag is waarover het stadsbestuur iets kan vinden maar waarop het niet veel effect kan hebben, tot zijn spijt. Hij vervolgt zijn bijdrage met in te gaan op het lokale drugsbeleid. Mevrouw Meerding (VVD) is benieuwd naar de opdracht die de heer Koning de burgemeester meegeeft. Vindt hij dat gelegaliseerd moet worden? Moet de burgemeester dat regelen? Dat kan volgens haar niet. Op het lokale niveau is het stadsbestuur hierin beperkt. De heer Koning (D66) leek het voor dit debat goed eerst de vragen te stellen aan de burgemeester en aan de wethouder. Het debat is nog niet voorbij. Hij gaat graag met het college in debat. De heer Van Steeg (CDA) vindt dat het stadsbestuur iets voorzichtiger moet zijn op het gebied van harddrugs.

Hij vindt dat de alarmfase 1 geldt in de stad als het gaat om cocaïne en dat daarop echt iets moet gebeuren. De heer Koning (D66) probeert voorop te zetten dat er verschillende middelen zijn en dat die uiteenlopend schadelijk zijn voor individuen en voor de volksgezondheid en dat die op verschillende manieren aangepakt moeten worden. Hij onderschrijft van harte het voorstel van mevrouw Fattal om te kijken naar een MDMA experiment. Hij zou een dergelijk experiment nooit voorstellen voor Coke. De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat heer Koning consequent is in zijn redeneren; zijn fractie denkt daarover anders. Hij vindt minder streng omgaan met harddrugs contraproductief voor de agenda die de burgemeester uitrolt. Daarmee zal het gemeentebestuur nooit de doelen halen die worden gesteld. Al dat geld is weggegooid geld wanneer gepleit wordt voor meer liberalisering. Dit kan niet allebei waar zijn. De heer Koning (D66) probeert het duidelijker te zeggen; blijkbaar zit er nog ruimte tussen. D66 is er geen voorstander van om ervoor te pleiten coke op een andere manier te gaan behandelen dan nu wordt gedaan.

Zijn fractie moedigt het college wel aan te gaan kijken naar middelen die veel minder schadelijk zijn, waaronder bijvoorbeeld MDMA en daarvoor voorstellen te doen ook richting de landelijke overheid, maar ook binnen de grenzen van de wet, lokaal, om daarmee op een andere manier om te gaan – minder repressief. De heer Van Steeg (CDA) vraagt of de heer Koning het ermee eens is te kijken naar gebruikers als het gaat om harddrugs. De vraag is dan hoe ervoor te kunnen zorgen dat drugsgebruik niet meer normaal wordt gevonden. Hij noemt de groep hoger opgeleiden. Daar kan het stadsbestuur zijns inziens nog een stapje verder zetten. De heer Koning (D66) vindt het interessant dat heer Van Steeg spreekt over harddrugs. MDMA is feitelijk gerangschikt onder de categorie harddrugs, terwijl feitelijk MDMA een softdrug zou zijn. Dat is ook hoe D66 deze drug ziet. Hij vervolgt zijn betoog met in te gaan op het beleid dat kennelijk niet leidt tot minder drugsgebruik en minder criminaliteit. Zedenzaken blijven op de plank liggen omdat teveel politiecapaciteit gaat naar de aanpak van drugsgerelateerde criminaliteit. Er is Pagina 23 van 50

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 17 oktober 2024

1120

1130

1140

1150

1160

minder te besteden aan de zaken die criminaliteit moeten voorkomen, zoals goed onderwijs. Hij vraagt of het college ook ziet dat het stadsbestuur ervoor open moet staan om binnen de grenzen van de wet creativiteit te tonen. Hij doet daarvoor enkele voorstellen. Zijn fractie wil meer inzet op preventie en in het bijzonder op voorlichting. Hij wil graag flyers van de gemeente als tegenhanger van de visitekaartjes van dealers die in de bus komen bij studenten. Hij spreekt in dit verband over samenwerking met Jellinek. Zijn fractie is uit op een tegenactie. Hij spreekt in dit verband ook over de verspreiding van telefoonnummers die gebeld kunnen worden als er een noodzaak toe is onder gebruikers. Hij vraagt of het college hiertoe bereid is. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) hoort D66 een voorstel doen en Jellinek noemen. In aanloop van dit debat heeft zij gesproken met Jellinek; de preventie staat landelijk en lokaal enorm financieel onder druk. Daar was ook de oproep geen extra proefballonnetjes op te gooien. Er zijn momenteel bewezen effectieve aanpakken. Zij hoort D66 nu een extra aanpak voorstellen. Zij vraagt waar dat voorstel vandaan komt. De heer Koning (D66) antwoordt dat voor zijn fractie effectiviteit vooraan staat. Dat betekent dat het bij uitstek nuttig is om bijvoorbeeld met Jellinek hierover te spreken. De gemeente werkt tenslotte ook samen met Jellinek.

In die zin onderschrijft hij de woorden van mevrouw Raaijmakers. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) concludeert hieruit dat D66 in aanloop naar dit debat niet gesproken heeft met Jellinek maar dat hij nu Jellinek wel noemt. Het geld is maar één keer uit te geven. Zij vraagt wat de gemeente dan niet meer moet doen op preventie volgens D66. De heer Koning (D66) is van mening dat slim gekeken moet worden naar de middelen die voorhanden zijn. Voor D66 staat het belang van voorlichting buiten kijf. Hij ziet dat dat een van de pilaren is binnen de aanpak van Grenzen stellen en Perspectief bieden. Dat is een groot programma waarin veel geld zit. Wat hij nu voorstelt is niet enorm kostbaar. Hij denkt dat gezocht moet worden naar creatieve mogelijkheden om tegencampagnes te kunnen doen om dealers daarmee de wind uit de zeilen te halen. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vraagt of D66 het met haar eens is dat de schaarse middelen die het stadsbestuur heeft, vooral benut moeten worden voor kwetsbare gebruikers. De heer Koning (D66) antwoordt bevestigend. Hij ziet die kwetsbare mensen ook onder studenten. Een dergelijke campagne kan op uiteenlopende manieren. Ook in het nachtleven, bij concerten en festivals of in samenwerking met onderwijsinstellingen. Voor zijn fractie staat bovenaan zo'n campagne niet betuttelend te laten zijn maar informerend.

De ontvanger van de boodschap is totaal niet vatbaar voor de boodschap wanneer de taboesfeer rond drugs de boventoon voert. Ten tweede wil zijn fractie dat testmogelijkheden van drugs toegankelijker worden. Hij wil dat de testcapaciteit die Jellinek krijgt, mede door de aanschaf van het testapparaat als gevolg van de desbetreffende aangenomen motie in de raad. Hij wil dat het apparaat zo effectief mogelijk wordt ingezet. Hij legt de vraag voor of dat mogelijk is bij locaties zoals festivals of concerten. Hij denkt daarbij aan een pop up testfaciliteit. Zo zou de toegang tot voorlichting en verantwoord gebruik zo laagdrempelig mogelijk gemaakt worden.

Pagina 24 van 50

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 17 oktober 2024

1170

1180

1190

1200

Mevrouw Raaijmakers (PvdA) heeft ook hierover gesproken met Jellinek. Dit is een hele dure opgave om een dergelijk apparaat te verplaatsen. Zij vraagt waar D66 het geld vandaan haalt voor dit voorstel. De heer Koning (D66) begrijpt niet zo goed dat de PvdA kennelijk niet zo open staat om te kijken naar mogelijkheden waarmee dat kostbare apparaat zo effectief en zo doelmatig mogelijk is in te zetten. Dat is het voorstel van D66. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) begrijpt niet zo goed dat niet vooraf wordt nagedacht over of een voorstel mogelijk is en of er wel geld voor is en waar het geld dan van af gaat. Zij heeft dat nog steeds niet van D66 gehoord; wat wil D66 hiervoor laten? Zij maakt zich zorgen over de inzet van preventie voor echt kwetsbare doelgroepen. Nu al kan Jellinek niet voldoen aan de vraag van scholen. De heer Koning (D66) heeft ook contact met Jellinek. Zijn collega mevrouw Stylianou heeft ook contact gehad met deze kliniek. Wat hem betreft worden de middelen zo goed mogelijk ingezet; daar vraagt zijn fractie naar. Hij heeft de idee als zoekt mevrouw Raaijmakers spijkers op laag water. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) denkt dat het heel nuttig is om hierover nog een Raadsinformatiebijeenkomst te organiseren en de informatie openbaar te maken. Zij voorziet zware tijden vooral op preventie; haar fractie zal die informatie daarover delen.

Haar fractie vindt de bezuinigingen vanuit het Rijk hierop kwalijk. Voor het vervoer van een dergelijk apparaat moet een container worden aangeschaft; dat is tot haar spijt heel duur. De heer Koning (D66) weet dat zaken duur zijn. Maar wanneer zaken belangrijk zijn, kan hij zich voorstellen dat het bestuur zich daarvoor hard wil maken. Hij vervolgt zijn inbreng in zijn termijn met in te gaan op zijn derde voorstel. Zijn fractie ziet een verbetering in het aantal coffeeshops in de stad. Hij noemt de strijd van Chris Pilgram. Die zet zich in voor betere spreiding van coffeeshops over de stad. Dat leidt tot kleinere handel per coffeeshop en het beleid heeft als voordeel dat weinig overlast wordt ervaren. Maar de stad groeit; zijn voorstel is die van mevrouw Fattal. Momenteel is er één coffeeshop per 20.000 inwoners en er wordt een aantal vergunningen niet benut. Wat hem betreft groeit het aantal vergunningen mee met de groei van de stad. Hij legt de vraag voor aan het college of het college dat ook wil. De heer Van Bergen (ChristenUnie) kent D66 als een pragmatische partij. Te zien is dat vergunningen open staan; deze stad zit nog lang niet aan de limiet. Hij vraagt waarom D66 dit pleidooi voert voor meer. De heer Koning (D66) denkt dat het de ChristenUnie heel erg zou moeten aanspreken.

Zijn partij beoogt de handel te verkleinen per coffeeshop en dat de handel beter verspreid wordt. Hij vindt dat logisch in een groeiende stad. Sommige wijken breiden uit en hebben geen coffeeshop. Er komt binnenkort weer een uitbreidingswijk bij; hij pleit ervoor de ruimte voor coffeeshops uit te breiden. Het is niet logisch dat het aantal coffeeshops gelijk blijft terwijl de stad uitbreidt De heer Van Bergen (ChristenUnie) merkt op dat zijn vraag niet is beantwoord. Hij legt de vraag voor waarom nu al gedacht moet worden aan uitbreiding terwijl de stad nog niet in de buurt zit van de limiet. De heer Koning (D66) merkt op dat in de afgelopen drie /vier jaar drie coffeeshops bijgekomen zijn. Hij ziet een trend naar een knellend aantal huidige shops. Hij herhaalt zijn pleidooi. De heer Van Steeg (CDA) vraagt of de heer Koning contact heeft gehad met ondernemers op Lage Weide over coffeeshops. Pagina 25 van 50

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 17 oktober 2024

1210

1220

1230

1240

1250

De heer Koning (D66) ziet dat overal waar een coffeeshop komt, aan de voorkant weerstand is. Hij vindt dat niet zo vreemd vanwege het beeld dat hierover bestaat. Zijn ervaring is dat de overlast meevalt. Hij nodigt de heer Van Steeg uit langs te gaan als een coffeeshop er eenmaal zit. De heer Van Steeg (CDA) doet dat graag. Hij vindt het al ongewenst dat een coffeeshop economische ruimte inneemt; die ruimte is in de stad al heel beperkt. Hij vraagt of de heer Koning het met hem eens is als bij wat besproken wordt over de groei van de stad en nieuwe coffeeshops de mening van de omwonenden meegenomen moet worden en dat dat niet automatisch kan leiden tot extra toevoeging van coffeeshops in de stad. De heer Koning (D66) bevestigt dat mensen meegenomen worden bij dit soort zaken in nette juridische en planologische procedures. Burgers kunnen zienswijzen of bezwaren indienen. Die zienswijzen en bezwaren worden afgewogen in het algemeen belang. Hij ziet dit niet als een groot probleem. De heer Van Steeg (CDA) vat dit op als “nee” en neemt daar nota van. Hij vindt handhaving van vitaal belang voor een groeiende stad, voor het welzijn van de inwoners; hij vraagt of de heer Koning met hem deelt dat een coffeeshop daarvan geen onderdeel is. De heer Koning (D66) merkt op dat het CDA aan de wieg stond van het gedoogbeleid, van het coffeeshopbeleid zoals Nederland die nu kent.

Hij vindt het vreemd dat het CDA zegt not in my backyard en het weg te houden bij Utrecht, terwijl hieraan een overduidelijke behoefte is. Wanneer de stad geen coffeeshops heeft, ligt het allemaal bij de dealers. Dan gaat de handel langs die weg. Hij begrijpt de houding van het CDA niet. Mevrouw Meerding (VVD) heeft het betoog van de heer Koning afgewacht en meerdere punten voorbij horen komen; toch vindt zij het lastig hierin een duidelijke rode draad te zien. Zij hoort de heer Koning pleiten voor preventie en benadrukken dat drugsgebruik er eenmaal is en dat het genormaliseerd is en dat er geen taboe op moet liggen. Zij vraagt hoe die twee zaken hand in hand gaan. Moet het allemaal losser en gelegaliseerd worden of gaat het stadsbestuur op preventie zitten. De heer Koning (D66) denkt dat wanneer mensen verantwoord hun eigen keuzes kunnen maken, het bestuur een heel stuk verder komt en dat dan ook die stappen goed gezet kunnen worden naar meer regulering en minder repressie. Dan moeten mensen die keuzes goed geïnformeerd kunnen maken. Daarvoor moeten de middelen uit de taboesfeer, moet het stadsbestuur bijdragen aan voorlichting. Zo ziet D66 de rol van de gemeente.

Mevrouw Meerding (VVD) vraagt of de heer Koning het met haar eens is dat ook als mensen goed geïnformeerd hun keuze maken dat ze cocaïne willen gebruiken, dat gebruik schadelijk is voor de volksgezondheid en dat het ook schadelijk is in de zin van het criminele circuit dat daarachter schuilt. Het gaat wat haar betreft niet alleen over of mensen die keuze verantwoordelijk kunnen maken. De heer Koning (D66) vindt het daarom ook goed dat sommige middelen op de opiumlijst 1 staan en dat het ook goed is dat er een relatief repressieve aanpak op zit. De heer Van Bergen (ChristenUnie) parafraseert een uitspraak van de burgemeester van Culemborg in het VNG-magazin over de gevolgen van drugsgebruik die hij in zijn gemeente dagelijks ondervindt. Hij zei: ”Wij zijn gewoon onderdeel van het Utrechtse drugscircuit met alle grootstedelijke problematiek die daarbij hoort.” In het Pagina 26 van 50

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 17 oktober 2024

1260

1270

1280

1290

1300

interview pleit hij voor een integrale landelijke aanpak, een nationaal debat over drugs en een einde van de naïviteit op dit onderwerp. De heer Van Bergen vindt het goed om vandaag te spreken over drugs en drugscriminaliteit. In de gemeente Utrecht worden veel drugs gebruikt en ondervindt de gemeente dagelijks de gevolgen van dit gebruik. Hij noemt voorbeelden van drugsgerelateerde criminaliteit. Tegelijkertijd ziet hij een cultuur waarin het gebruik van drugs volstrekt normaal wordt gevonden, waarin een lijntje of een pilletje er gewoon bij hoort. Er lijkt totaal geen gevoel te zijn voor de ketenverantwoordelijkheid. Terwijl iedere stap in de keten tot ellende leidt, vanaf de aanschaf van de grondstoffen om het te maken, via de productie, de handel en uiteindelijk het gebruik ervan. Hij noemt verslaving, dumping van drugsafval, witwassen van winsten en het opblazen van puien in panden en in het ergste geval liquidaties. Deze zaken worden in stand gehouden door gebruik. Het zou daarom goed zijn de gelegenheidsgebruiker meer te informeren en te confronteren met de keten die de gebruikers in stand houden om zo te werken aan bewustzijn van dat het niet normaal is om drugs te gebruiken. Hij vraagt of het college met hem deelt dat er winst te behalen is in de bewustwording van de keten via gelegenheidsgebruikers.

Hij vraagt of de burgemeester met hem deelt dat daarmee normalisering is tegen te gaan. Hij krijgt hierop graag een reactie. Hij schaart zich achter de oproep een maatschappelijk debat te laten ontstaan. Mevrouw Fattal (GroenLinks) is het ermee eens na te denken over de keten, ook bij kleding, ook bij auto's. Zij is er benieuwd naar te vernemen hoe dat effectief te doen. Bij kleding is het al lastig om mensen bewust te maken van wat er in de keten gebeurt; hoe dat dan te doen met een middel dat helemaal in de illegale taboesfeer zit. De heer Van Bergen (ChristenUnie) verbaast zich er over dat op dit platform het ontbreekt aan bewustzijn rond de ketenverantwoordelijkheid. Hij deelt het punt niet van mevrouw Fattal dat dit zich bevindt in de taboesfeer. Hij ziet dat het heel normaal is geworden om drugs te gebruiken en daarover te praten. Wat hem betreft moet niet gedaan worden alsof dit normaal is. Daar zou wat hem betreft ook meer aandacht naar toe moeten gaan. Mevrouw Fattal (GroenLinks) begrijpt de woorden van de ChristenUnie. De vraag is hoe als gemeente te communiceren met een doelgroep waarvan niet bekend is wie hij is en hoe die effectief te bereiken. Zij vraagt hoe de heer Van Bergen daar naar kijkt. De heer Van Bergen (ChristenUnie) kent succesvolle campagnes uit het recente verleden op het gebied van bijvoorbeeld straatintimidatie.

Hij weet dat de gemeente contacten heeft met mensen die de juiste tone of voice hierin kunnen vinden. Hij ziet de taak van de politiek als het geven van die opdracht. Hij heeft er vertrouwen in dat de burgemeester betere mensen kent dan hij als bestuurskundige. Mevrouw Fattal (GroenLinks) stelde deze vraag bewust. Uit recent onderzoek blijkt dat voorlichtingscampagnes om drugsgebruik tegen te gaan, vaak averechts werken en dat bij groepen die nog nooit drugs hebben gebruikt een dergelijke campagne zo binnen komt dat degene wel drugs gaat gebruiken. Zij maakt zich zorgen over de richting met dit middel. Zij vraagt of de ChristenUnie haar zorgen deelt. De heer Van Bergen (ChristenUnie) deelt die zorg volledig. Hij refereert aan een campagne in Rotterdam van anderhalf jaar geleden. Over het effect daarvan wordt nog levendig gediscussieerd. Hij vindt dat dat niet gekopieerd moet worden. Het is van belang om heel secuur te zijn in de tone of voice. Van belang is de doelgroep

Pagina 27 van 50

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 17 oktober 2024

1310

1320

1330

1340

1350

niet te inspireren; het gaat hem erom de juiste boodschap bij de juiste mensen te krijgen. De heer Van Steeg (CDA) is het eens met heer Van Bergen over de normalisering van drugsgebruik en daartegen iets te moeten doen. Wanneer hij de antwoorden ziet van het college doet het college daar niets aan. Hij vraagt wat de heer Van Bergen van het college verwacht. De heer Van Bergen (ChristenUnie) verwacht meer inzet van het college op aandacht voor het gegeven dat drugs niet normaal zijn. Dat is niet direct een verwijt aan de burgemeester. Hij ziet haar regelmatig in de media verschijnen met die boodschap. Hij concludeert dat die boodschap niet overkomt bij de mensen die op een feest een pilletje gebruiken. Daar ligt wat hem betreft de winst. De heer Van Steeg (CDA) vraagt of dit mogelijk een uitvloeisel is van wat in het Collegeakkoord is geschreven; er wordt vooral naar de gezondheidskant en veel minder naar de repressieve gewezen. Hij vraagt of dat ook niet zo in het Coalitieakkoord staat. De heer Van Bergen (ChristenUnie) leest dat Coalitieakkoord op die manier niet. In dat akkoord staan ook randvoorwaarden waaronder gesproken wordt over drugs en binnen die randvoorwaarden wordt er geopereerd. Wat hem betreft kan de heer Van Steeg binnen die randvoorwaarden genoeg haakjes zien waarin de ChristenUnie ook de ruimte heeft kritisch te kijken naar het beleid rondom drugs.

Dat is ook wat veel gedaan wordt en wat hij ook vandaag weer doet. De heer Van Steeg (CDA) is het ermee eens dat iets gedaan moet worden met de normalisering van drugs. Wanneer dat niet gebeurt heeft dat gevolgen voor de effectiviteit van bijvoorbeeld Grenzen stellen en Perspectief bieden; wanneer niet aan de voorkant ervoor gezorgd wordt dat iets gedaan wordt aan het gebruik van drugs, heeft dat direct effect op de resultaten van de inzet op Grenzen Stellen en Perspectief bieden. De heer Van Bergen (ChristenUnie) kan de heer Van Steeg wel volgen in zijn redenering. Hij is blij dat hij met hem deelt dat ook op die normalisering stappen te zetten zijn. Hij kijkt er naar uit hierin samen op te trekken. Hij gaat kort in op criminele activiteiten die gelieerd zijn aan drugs; dit staat al met enige regelmaat op de agenda van deze commissie. Hij veronderstelt het als bekend dat zijn fractie aan deze aanpak zeer hoge prioriteit geeft. In de gemeente Utrecht lopen meerdere programma's om elementen in deze keten aan te pakken; hij denkt daarbij onder meer aan de nota Grenzen stellen en Perspectief bieden en aan de aanpak mensenhandel.

Hij vraagt zich af in het kader van de oproep uit Culemborg, in hoeverre er bij de gemeente Utrecht sprake is van communicerende vaten en van een integrale aanpak met het oog op die hele keten; welke stappen kan het college hierin nog zetten en wat kan de raad daarin doen? Hij vraagt daarop de reactie van het college. Tot slot is hij er benieuwd naar hoe het college reflecteert op het interview van de burgemeester van Culemborg; de keten die hij beschrijft en de gevolgen van het Utrechtse drugscircuit op andere gemeenten. Hij vraagt of het college zich aansluit bij de oproep tot een maatschappelijk debat en tot meer landelijke regie. Mevrouw Kolenbrander (Student & Starter) ziet dat drugs een steeds grotere rol gaan spelen in het uitgaansleven van studenten. Zij wil niet zeggen dat het net zo genormaliseerd is als het gebruik van alcohol. De stemming onder studenten is wel dat het daar naar toe gaat. Pagina 28 van 50

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 17 oktober 2024

1360

1370

1380

1390

1400

Haar fractie vindt het belangrijk als stad niet weg te kijken. Niet weg te kijken voor de groeiende aanwezigheid van drugs in de samenleving. Zij wil drugsgebruik ook niet in het verdomhoekje stoppen; liever opereert zij onder het mantra als je het doet, doe het dan veilig. Enkele sprekers voor haar zeiden al dat tussen drugs grote verschillen bestaan in schadelijkheid voor de volksgezondheid. Haar fractie pleit het liefst voor een drugsbeleid waar de meest schadelijke drugs zoals cocaïne en heroïne harder worden aangepakt. Wat haar betreft mogen de minst schadelijke soorten gelegaliseerd en gereguleerd worden – partydrugs. Dat is niet de realiteit. Zo lang dit niet de realiteit is, ziet zij een groot belang in de mogelijkheid van testen en de inzet op bewustwording en het bieden van hulp. De heer Van Bergen (ChristenUnie) oppert dat er al een beleid is waarbij harder opgetreden wordt tegen zwaardere drugs en waarbij minder hard wordt opgetreden tegen minder zwaardere drugs, getuige de lijsten 1 en 2 in de Opiumwet. Mevrouw Kolenbrander (Student & Starter) doelt met dat onderscheid meer op het reguleren in de zin van dat wanneer mensen wel het besluit nemen MDMA of XTC te gebruiken, zij de keuze hebben om het ergens aan te schaffen waar deze drugs al getest zijn. Zij doelde met haar opmerking meer op de volksgezondheid dan op veiligheid.

De heer Van Bergen (ChristenUnie) brengt in dat het stadsbestuur momenteel in een situatie leeft waar het niet gelegaliseerd is of gereguleerd; waarop doelt Student & Starter op dit moment dan wel. Mevrouw Kolenbrander (Student & Starter) komt daarop later in haar betoog terug. Het gaat haar op dit moment om een stuk bewustwording. De heer Van Bergen (ChristenUnie) hoorde zojuist ook de term party drugs. Hij ageerde zojuist tegen het normaliseren van drugsgebruik. Hij vraagt hoe Student & Starter aankijkt tegen aan de ene kant het niet willen normaliseren en aan de andere kant het gebruik van een eufemisme als party drugs. Mevrouw Kolenbrander (Student & Starter) streeft naar het gezond omgaan met de mogelijkheid om drugs te gebruiken. De heer Van Steeg (CDA) herkent dat het grote problemen zijn. Mevrouw Kolenbrander zegt ook terecht dat het stadsbestuur niet weg moet kijken. Daarna gaat mevrouw Kolenbrander op de route “legaliseren, bewust worden”; hij vraagt of dat de urgentie is die past bij de start van haar betoog. Mevrouw Kolenbrander (Student & Starter) is meer op zoek naar de bewustwording van de mate waarin drugsgebruik al genormaliseerd is. Zij wil dat vooral onderstrepen. Haar hoop is gevestigd op de legalisering van MDMA zo dat het stadsbestuur hierop grip kan krijgen. Zij beseft dat dat op dit moment niet de stand van zaken is.

De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat aan de ene kant mevrouw Kolenbrander zegt dat er echt iets moet gebeuren en aan de andere kant pleit zij voor normalisering door het testen, door verder legaliseren. Hij vraagt welke van het twee het is voor Student & Starter. Mevrouw Kolenbrander (Student & Starter) pleit voor het veilig gebruiken van drugs. De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat mevrouw Kolenbrander haar betoog begon met grote zorgen over het gebruik van drugs onder studenten en dat er echt iets moet gebeuren. Dan kan in zijn beleving de richting die mevrouw Kolenbrander daarna kiest, het vervolg niet zijn, door alleen maar te pleiten voor veilig gebruik. Daarmee biedt zij geen oplossing voor de grote problemen die er momenteel zijn. Pagina 29 van 50

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 17 oktober 2024

1410

1420

1430

1440

1450

Mevrouw Kolenbrander (Student & Starter) komt zo meteen op mogelijke oplossingen. Zij is begonnen met de constatering van wat zij om zich heen ziet. Zij sluit zich aan bij de inbreng van D66 en GroenLinks over een eventuele lobby naar het Rijk voor bijvoorbeeld een MDMA-pilot. Haar fractie ziet graag dat het onderwerp drugsgebruik op feesten en festivals in Utrecht bespreekbaar gemaakt wordt. Dat kan door een stand op het festival of bij het uitgaan bij organisaties voorlichting geven over veilig drugsgebruik. Zij denkt dat dit een effectievere manier is om de gezondheid en veiligheid van bezoekers te verbeteren, in plaats van te vertrouwen op een zero tolerance beleid waarvan bekend is dat die in de praktijk nauwelijks wordt nageleefd. Bezoekers laten zich niet tegenhouden door een verbod. Door drugsgebruik bespreekbaar te maken is te zorgen voor meer bewust en verantwoord gedrag van festivalgangers en andere feestvierders. Zij vraagt de wethouder of hij kan toezeggen met de Utrechtse feesten festi-valorganisaties in gesprek te gaan over het toevoegen van bewustwordingscampagnes tijdens evenementen. Mevrouw Meerding (VVD) gaat in op de MDMA pilot. Zij hoorde meerdere partijen pleiten die drug onder een andere categorie te laten vallen en daarmee soepeler om te gaan. Zij legt de vraag voor waarom.

Kijkend naar de veiligheidsimplicaties, de grote veiligheidsrisico's die met de MDMA-handel gepaard gaan, is dat net zo schadelijk als cocaïne. Mevrouw Kolenbrander (Student & Starter) sprak niet over de handel. Zij sprak over het gebruik en de volksgezondheid. Van de zomer verscheen een wetenschappelijk artikel over dat de schadelijkheid van MDMA te verwaarlozen valt ten opzichte van het gebruik van cocaïne. Mevrouw Meerding (VVD) vindt volksgezondheid één onderdeel van deze discussie. Criminaliteit en veiligheid is de andere kant van de medaille. Zij vraagt mevrouw Kolenbrander zich te beseffen wat dit voor de veiligheid doet. Zij vraagt of Student & Starter dat beseft. Hoe ziet zij dat? Mevrouw Kolenbrander (Student & Starter) beseft dat en kijkt daar niet voor weg. Haar fractie gelooft erin met een experiment de keten beter beeld te krijgen en het te kunnen reguleren. De heer Van Steeg (CDA) vindt dat drugs en hard drugs een sinistere rol spelen in de stad. Voor velen is het snuiven van een lijntje gewoonte geworden. Het gebruik van cocaïne is in de afgelopen jaren verdrievoudigd. Studentenorganisaties luiden regelmatig de noodklok over het toegenomen drugsgebruik en over het feit dat dat normaal is geworden.

Aan de andere kant is in de kansarmere wijken is te zien dat drugsgebruik en drugshandel een middel is geworden om snel rijk te worden, om juist kansen te krijgen in deze stad en in deze samenleving. Dat is wat hij niet wil bereiken. Daarom is de aanpak van de criminaliteit een grote prioriteit in de stad. Er ligt een directe link naar Grenzen stellen en Perspectief bieden. Hij wil dan wel resultaten zien. Zeker wanneer gekeken wordt naar hoe er wordt omgegaan met drugsgebruik, blijft het drugsgebruik maar toenemen in de stad. Wanneer de normalisering niet wordt aangepakt en ook niet tegen mensen gezegd wordt die gebruiken dat dat effect heeft op wat er op andere plekken in de stad gebeurt, verwacht hij dat Grenzen stellen en Perspectief bieden veel minder resultaten zal gaan opleveren dan van te voren gedacht. Het college heeft wat dat betreft een tweeslachtig beleid; aan de ene kant wil het college streng zijn met Grenzen stellen en Perspectief bieden en optreden tegen Pagina 30 van 50

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 17 oktober 2024

1460

1470

1480

1490

1500

drugs en aan de andere kant zegt het college niet te willen stigmatiseren, de nadruk te willen leggen op gezondheidsproblemen. Hij legt de vraag voor welk signaal daarmee gegeven wordt als het gaat over drugsgebruik in Utrecht. Welk effect heeft dit ook voor de doelen die het stadsbestuur wil halen op Grenzen stellen en Perspectief bieden. De heer Koning (D66) vraagt of het CDA in de kern gelooft dat het mogelijk is om drugs uit te bannen uit de samenleving. De heer Van Steeg (CDA) antwoordt ontkennend. Zijn boodschap is vooral dat aan drugs risico’s kleven en dat het stadsbestuur daarvan rekenschap mag geven. De overheid heeft wat hem betreft een norm te stellen. Die norm moet worden gehandhaafd. De heer Koning (D66) onderschrijft dat er risico’s aan kleven. Hij vraagt of het CDA ook ziet dat in de afgelopen 30 jaar een soort van war on drugs wordt gevoerd waarin steeds meer repressieve maatregelen komen, ook bij de landelijke overheid, waarbij steeds weer honderden miljoenen mee gemoeid zijn, maar dat drugsgebruik van specifieke middelen ondertussen een enorme vlucht neemt en in een paar jaar tijd is verdrievoudigd. De heer Van Steeg (CDA) ziet in de afgelopen decennia vooral een liberale gedachte als het gaat over drugs waar mensen het steeds normaler gaan vinden drugs te gebruiken. Daar zit wat hem betreft een groot probleem.

De vraag is veel groter geworden omdat uitgegaan wordt van vrijheid blijheid. Dit wordt gezegd door studentenorganisaties en dit is terug te horen in de horeca, te zien bij FC Utrecht op de tribune. Dat is de realiteit in de stad Utrecht. Die trend wil hij graag keren. De heer Koning (D66) hoort dan vaak het CDA zeggen dat nog strenger gestraft moet worden, dat er nog meer handhavingcapaciteit tegenaan gezet moet worden, nog meer geld geïnvesteerd in repressieve maatregelen; de recente geschiedenis laat nu juist zien dat dat niets heeft opgeleverd. De heer Van Steeg (CDA) antwoordt dat ook te leren is van opium uit China; die laat zien dat vrijblijvendheid tot grote ellende kan leiden. Hij pleit voor een duidelijke normstelling en een overheid die die norm kan stellen. Daarvoor is handhaving en politie nodig. Hij weet niet of nog repressiever zijn altijd en overal werkt. Hij pleitte voor veel nadrukkelijker het gesprek te voeren over het gebruik van drugs. Hij pleit ervoor als politiek gezamenlijk uit te stralen dat het gebruik van drugs niet normaal is en dat daarin nog een aantal extra stappen te zetten zijn. Dat zal het stadsbestuur verder helpen. Hij vervolgt zijn inbreng in zijn termijn met in te gaan op effectindicatoren bij deze agendering over Grenzen stellen en Perspectief bieden. Hij legt de vraag voor of het stadsbestuur daarmee gaat bereiken wat het wil bereiken.

Hij legt de vraag voor of het gebruik van drugs in de stad voldoende in kaart is gebracht en of het stadsbestuur hierin een doel gaat stellen dat omlaag te brengen en op welke wijze. Aan de normalisering van drugsgebruik mag wat hem betreft ook een effectindicator gehangen worden. Hij krijgt daarop graag een toezegging van de burgemeester. De heer Maas (VOLT) hoort het CDA zeggen over het normaliseren, over meer repressieve maatregelen; hij vraagt naar een voorbeeld van het CDA waar dat ooit heeft geholpen. Hij kent alleen voorbeelden waar dat totaal mislukt is. De heer Van Steeg (CDA) begrijpt dat heer Maas op een totaal andere planeet woont. Hij merkt op dat er nog nooit zoveel drugsgebruik zijn in deze stad, er is nog nooit eerder zo’n hoog gebruik geweest. Pagina 31 van 50

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 17 oktober 2024

1510

1520

1530

1540

1550

De heer Maas (VOLT) vraagt of de heer Van Steeg onder andere op de hoogte is van de situatie aan de grens met Mexico. De heer Van Steeg (CDA) antwoordt dat hem die situatie hem bekend is. Er zijn ook veel situaties gekend waarbij drugs zijn vrijgegeven en dat dat heeft geleid tot enorme drama's in de samenleving. Hij bevestigt dat er negatieve effecten zitten aan drugshandel. De heer Maas (VOLT) hoeft daarvan niet overtuigd te worden; daarover is hij het eens met heer Van Steeg. Het gaat hem om oplossingen te vinden voor de gezondheidsschade, de negatieve effecten, de criminaliteit. Hij is daar naar op zoek. Hij vraagt of de heer Van Steeg die oplossingen heeft. De heer Van Steeg (CDA) heeft gezegd dat vooral ingezet moet worden op het tegengaan van normalisering van drugsgebruik. Hij ziet daar een enorm probleem. Het klopt dat er veel veiligheidsproblemen zijn in drugs over de hele wereld. In Utrecht is het grote probleem dat er veel vraag is naar drugs met directe gevolgen voor de rest van de stad. Hij vindt het ongelofelijk dat dat mogelijk is. Hij heeft eerder een vraag gesteld over recidieven; zijn vraag zou worden meegenomen; hij vraagt op welke manier dit geborgd is met deze indicatoren. Hij heeft vernomen dat het college de omvang van plofkrakers in kaart gaat brengen; hij vraagt of ook in kaart gebracht gaat worden hoe groot de groep is die daarbij betrokken is.

Zijn vraag blijft of met deze indicatoren resultaten geboekt gaan worden. Hij verwacht dat er vooruitgang komt. Hij wil graag zien dat de effectindicatoren gaan leiden tot de nagestreefde doelen. Hij was blij te vernemen dat D66 voor campagnes pleitte om drugsgebruik tegen te gaan. Zijn fractie zit op de lijn dat met campagnes wel degelijk iets te bereiken is in het streven de normalisering tegen te gaan. Wat hem betreft kan de burgemeester gezamenlijke initiatieven nemen met maatschappelijke organisaties om een norm te stellen tegen drugsgebruik. Al die stappen kunnen worden gezet; hij waarschuwt voor contraproductieve campagnes. Hij roept de burgemeester op werk te maken van productieve campagnes. De heer Koning (D66) zit op een andere lijn. Zijn fractie zei nadrukkelijk in de overheidscommunicatie niet te betuttelen, precies om dezelfde redenen die mevrouw Fattal aanhaalde: met betutteling wordt een tegengesteld effect bereikt. Hij pleit ervoor in de communicatie eerlijk en helder te communiceren over de middelen die er zijn voor mensen om perspectief te hebben; bijvoorbeeld om verdachte situaties te spotten. Hij vraagt hoe de heer Van Steeg dit ziet. De heer Van Steeg (CDA) ziet daarbij een voorliggend traject. Hij brengt Jellinek en Trimbos in herinnering; die instellingen kijken naar mensen die echt verslaafd zijn.

Dan gaat het om zware gevallen die hopen de weg naar hulpverlening te vinden. Dat hoopt hij ook. Dat voorliggend traject ligt bij de gebruiker. Wanneer de instroom alleen maar groter gemaakt wordt, zal aan de achterkant te zien zijn dat de zwaar verslaafden in de problemen komen. Hij pleit ervoor aan de voorkant te zeggen dat het niet normaal is. De heer Koning (D66) is het erover eens dat het niet alleen maar vrijheid blijheid is. Volgens hem is hij het er ook over eens dat de gemeente de verantwoordelijkheid heeft om mensen te informeren. Hij is het oneens over hoe dat dit het meest effectief te doen. Uit alle onderzoeken blijkt dat het aanbieden van oprechte informatie het meest effectief is, zo dat mensen zelf een keuze kunnen maken op basis van die informatie. Hij vraagt of de heer Van Steeg dat kan erkennen. Pagina 32 van 50

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 17 oktober 2024

1560

1570

1580

1590

1600

De heer Van Steeg (CDA) kan niet erkennen dat wanneer de maatschappij duidelijke normen heeft hoe om te gaan met drugs, namelijk dat drugsgebruik niet normaal is, en dat het gebruik geen positieve gevolgen heeft voor de stad, en de heer Koning dat ontkent, hij zijns inziens net als de heer Maas op een totaal andere planeet leeft dan hij. Mevrouw Fattal (GroenLinks) hoopte op nuancering in het verhaal van de heer Van Steeg. Hij begon zijn betoog met dat het gebruik van coke verdrievoudigd is; zij legt de vraag voor waar hij die cijfers vandaan haalt. Dit is haars inziens niet waar. Zij begrijpt dat in dit debat zorgen worden uitgesproken over het normaliseren van drugsgebruik. Wanneer zij kijkt naar de cijfers in 2015 was dat 2,8% en nu 3,8%. Dat is een stijging en dat is erg; maar ten opzichte van twee jaar geleden is het drugsgebruik verminderd. Zij wil dat beeld nuanceren. De heer Van Steeg (CDA) zal het artikel naar haar toesturen, na dit debat. De cijfers die hij heeft gebruikt, zijn er daadwerkelijk. Hij vervolgt zijn inbreng in zijn termijn met het noemen van campagnes om het normaliseren van drugsgebruik te voorkomen. Hij noemt ook de reactie van het college over het niet hebben van generieke normen en dat normering uiteindelijk niet gaat helpen. Hij ziet dat het wel helpt.

Zijn beeld is dat wanneer niet ingezet wordt op normering, dat effect zal hebben op het gebied van de bestrijding van drugsgebruik. Mevrouw Meerding (VVD) las hetzelfde artikel als de heer Van Steeg. In de afgelopen 10 jaar is het drugsgebruik in Utrecht extreem toegenomen. Het cocaïnegebruik in Utrecht is meer dan verdrievoudigd en is het MDMA-gebruik is met 40% toegenomen. Zij vindt dat schrikbarende cijfers. De VVD maakt zich zorgen over de gezondheidsproblemen die dat met zich meebrengt en ook over wat dit doet met de veiligheid. De gevolgen van grootschalig drugsgebruik en de criminaliteit die daarmee samenhangt is iedere dag terug te zien in de stad. De heer Koning (D66) vraagt of de VVD zich ook zorgen maakt over het criminaliseren van gebruikers; de VVD staat daarin landelijk voor aan. Mevrouw Meerding (VVD) vraagt wat de heer Koning daar concreet mee bedoelt. Haar eerste zorg is niet de criminalisering van gebruikers. De eerste zorg die Utrecht heeft is wat haar betreft dat het enorm onveilig is door het drugsgebruik; dat is merkbaar in de straten; daar gaat haar eerste zorg naar uit. De heer Koning (D66) vindt dat dat perspectief biedt, ook lokaal waarop de VVD zich richt. Hij vraagt of hij die conclusie kan trekken. Mevrouw Meerding (VVD) merkt op dat harddrugsgebruik landelijk verboden is. Dat steunt de VVD ook lokaal.

De heer Koning (D66) merkt op dat juist de gebruiker beschermd wordt door de wetgeving; dat is het idee achter het landelijke beleid. Wanneer het gebruik in de taboesfeer gebracht wordt, maakt het bestuur het minder toegankelijk richting de zorg. Mevrouw Meerding (VVD) begrijpt hieruit waar de heer Koning heen wil; officieel op papier is harddruggebruik nog steeds illegaal. Er is alleen een gedoogbeleid voor cannabis. Er zijn ook nog regels over hoeveel harddrug iemand op zak mag hebben. Maar in principe staat in de wet dat het illegaal is. Haar fractie is van mening dat de gebruiker gewezen mag worden op de wereld die er achter zit en dat achter het pilletje dat genomen wordt veel leed schuil gaat. De heer Koning (D66) concludeert dat hiermee D66 en de VVD dichter bij elkaar komen. Dit gaat over mensen in positie brengen waardoor zij informatie tot zich Pagina 33 van 50

Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 17 oktober 2024

1610

1620

1630

1640

nemen die voor hen relevant is om zelf een afweging te kunnen maken. In dat opzicht komen de partijen dichter bij elkaar. Hij stelt voor dat te verkennen. Mevrouw Meerding (VVD) vervolgt haar inbreng en verwacht dat de heer Koning wel anders gaat denken over het dichter bij elkaar komen. De gevolgen van grootschalig drugsgebruik en de criminaliteit die daarmee samenhangt, ziet zij elke dag terug in de stad. Van naalden en drugsafval in speeltuinen tot jongeren die worden geronseld voor drugshandel tot aan vernielingen, geweld en afrekeningen op klaarlichte dag. Zij vindt dat een ongelofelijk serieus probleem en wat haar fractie betreft een van de grootste problemen van deze tijd. Zij legt de vraag voor wat daaraan lokaal te doen is; lokale legalisering lijkt haar fractie geen oplossing, niet van cocaïne maar ook niet van MDMA. Met legalisering wordt Utrecht alleen maar aantrekkelijker voor drugshandel. Dan is het stadsbestuur nog verder van huis. De VVD is van mening dat de raad dit burgemeester niet moeten aandoen. Waar het gaat om de gezondheidschade ziet de VVD vooral de oplossing in preventie en bewustwording. Zij vindt het heel belangrijk dat mensen de gezondheidsrisico’s begrijpen en dat het niet alleen maar als leuk en onschuldig wordt neergezet.

Ook vindt zij het belangrijk dat gebruikers zich bewust zijn van welke vreselijke criminele wereld schuilgaat achter hun gebruik. Zij vraagt welke koers het college momenteel vaart op dit punt. Gaat het stadsbestuur gebruikers aanspreken op hun verantwoordelijkheid of niet? Het is haar nog onduidelijk en zij hoort graag nog meer van de wethouder en de burgemeester. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) is nu ook de draad kwijt bij de VVD; als het gaat om de gezondheid kan zij die fractie volgen; vervolgens stelt mevrouw Meerding voor de gebruikers de les te lezen. Het is maar de vraag of de gezondheid van de gebruiker daarmee geholpen is; die wordt in de taboesfeer gedrukt en denkt wel vijf keer na voordat hij een keer om hulp gaat vragen. Hoe draagt een dergelijke campagne bij andere gezondheid. Mevrouw Meerding (VVD) heeft niet gesproken over een belerende toon. Zij herhaalt wat zij heeft gezegd: gebruikers ervan bewust maken welke criminele wereld schuilgaat achter het gebruik. Zij denkt dat dat niet per se betekent dat met een belerende vingertje gewezen wordt. Zij opteert voor het verhaal vertellen en oprechte bewustwording bij de gebruiker. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) stelt de vraag hoe daarmee de gezondheid van de gebruiker geholpen is; dit betreft ook de meer kwetsbare gebruikers. Hoe kan de gezondheid bij de VVD voorop staan en toch een dergelijke campagne voorstellen.

Mevrouw Meerding (VVD) heeft niet gezegd dat de volksgezondheid voorop staat in die zin als staat dat boven veiligheid. Zij heeft gezegd preventie belangrijk te vinden. Er wordt nu een beeld geschetst als mag niet meer gezegd worden dat achter dat pilletje een hele criminele wereld schuilgaat. Zij refereert aan andere branches waar wel degelijk bewustwording is ontstaan. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) vindt dit geen preventiecampagne. Zij vraagt waarom volksgezondheid niet voorop mag staan. Mevrouw Meerding (VVD) zet uiteen dat voor haar fractie volksgezondheid en veiligheid samengaan; die prioriteiten gaan hand in hand waarin haar fractie geen rangschikking maakt. De heer Paalman (HORIZON) merkt op dat gezegd is dat de VVD geen fan is van een belerende toon. In Rotterdam is het college wel degelijk fan van een belerende

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=79415f75-20d8-45fe-8eed-b492b50e8bd9