Conceptverslag MGOR 16 januari 2025
Tekst van het document
Mevrouw Zwinkels (CDA) vindt het vreemd dat het cameratoezicht niet in de oorspronkelijke raming was opgenomen en dat dit later is toegevoegd. Wethouder Maatoug legt uit dat de extra middelen zijn toegelicht in de raadsbrief en dat deze samenhangen met de zorgen over handhaving. Daarom is gekozen voor cameratoezicht, omdat dit de meest effectieve vorm van handhaving is. Mevrouw Zwinkels (CDA) vindt het vreemd dat de overschrijding van twee ton zomaar in een raadsbrief wordt opgenomen en dat pas nu in het debat duidelijk wordt dat dit bedrag voor cameratoezicht is. Ze vraagt waarom dit niet expliciet in de raadsbrief stond. Wethouder Maatoug herkent het beeld dat de vraag oproept niet goed. Voor haar is een raadsbrief een serieus document. Ze vindt het terecht dat er naar ramingen gevraagd wordt, evenals naar het budgetrecht van de raad bij dergelijke projecten. De wethouder benadrukt dat ze transparant wil zijn en dat eventuele aanpassingen met bijbehorende budgettaire effecten altijd inzichtelijk worden gemaakt. Ze herkent niet dat dit onduidelijk is geweest. Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt wat er nu niet wordt uitgevoerd vanwege de extra kosten van twee ton. Wethouder Maatoug benadrukt dat in de raadsbrief is uitgelegd hoe de extra kosten worden gedekt.
De besluitvorming over de knip is onderdeel geweest van de bredere vaststelling van het Mobiliteitsplan Utrecht 2040, dat op 15 juli 2021 is aangenomen door de raad. Dit plan vermeldt onder kopje J dat doorgaand autoverkeer op plekken zoals de Catharijnensingel geweerd wordt, wat ruimte biedt aan langzaam verkeer en de verblijfskwaliteit verbetert. Drie verkeersbesluiten zijn hieruit voortgekomen: het plaatsen van verkeersborden voor een gesloten verklaring, verkeersborden bij de afsluiting en de aankondiging van de wegafsluiting. De bezwaarprocedure tegen deze besluiten is nog lopende. Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) vraagt of ze de wethouder goed begrijpt dat de bezwaarprocedure niet meer te bespreken is.
55
Wethouder Maatoug legt uit dat een bezwaarprocedure pas kan worden ingezet nadat een verkeersbesluit is genomen. De raad beslist, daarna volgt de uitvoering en pas daarna is bezwaar mogelijk.
Pagina 17 van 41
Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) uit haar onvrede dat bewoners pas in november 2024 op de hoogte zijn gebracht van een besluit dat al definitief lijkt te zijn. Ze vraagt waarom er geen ruimte is om het besluit uit te stellen. 5
10
Wethouder Maatoug legt uit dat het hier gaat om de juridische procedure rondom een verkeersbesluit, waarbij bezwaar pas mogelijk is na een formele beslissing. Ze benadrukt dat participatie een belangrijk middel is om bewoners vooraf te betrekken en dat dit proces heeft geleid tot aanpassingen. Tegelijkertijd erkent ze dat de communicatie met bewoners beter kan, vooral in de periode tussen besluitvorming en uitvoering. Dit is een leerpunt voor toekomstige projecten. Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) blijft erbij dat bewoners onvoldoende tijd hebben gehad om zich uit te spreken en dat de bezwaarprocedure hen monddood maakt.
15
Wethouder Maatoug benadrukt dat het belangrijk is om juridische procedures te respecteren en dat bewoners de mogelijkheid hebben om bezwaar te maken tegen een verkeersbesluit. Ze wijst erop dat participatie voorafgaand aan de besluitvorming heeft plaatsgevonden, maar erkent dat de communicatie daarna te wensen overlaat. Dit verdient volgens haar verbetering.
20
De heer Usta (DENK) vindt de procedure verwarrend. Hij vraagt of het, gezien de weerstand bij bewoners, niet beter is om het plan opnieuw te bekijken en draagvlak te creëren.
25
Wethouder Maatoug legt opnieuw uit dat de raad in 2021 een besluit heeft genomen over het mobiliteitsplan. Hieruit zijn verkeersbesluiten voortgekomen, zoals de bebording en wegafsluiting. Bezwaar kan pas worden ingediend na een verkeersbesluit en niet tegen een raadsbesluit. Ze benadrukt dat participatie vooraf invloed heeft op het plan, maar dat juridische procedures hun eigen verloop hebben.
30
De voorzitter probeert de vraag van Utrecht Solidair te verduidelijken. Wethouder Maatoug herhaalt haar uitleg om de procedure toe te lichten. De voorzitter geeft aan dat de vraag van Utrecht Solidair nog niet volledig is beantwoord.
35
40
45
50
55
De heer Usta (DENK) heeft een punt van orde omdat de voorzitter steeds terugkomt op eerdere punten. Hij merkt op dat de bijdrage van Utrecht Solidair is afgerond, waardoor zijn interruptie verloren lijkt te gaan. De voorzitter concludeert dat de raad instemt met het toestaan van een extra interruptie voor DENK. Hij laat de heer Usta zijn punt maken. De heer Usta (DENK) stelt dat het onduidelijk blijft of er een besluit is genomen over de knip op de Catharijnensingel. Gezien de nieuwe inzichten vraagt hij of er een advies kan worden opgesteld om het plan af te raden, aangezien de knip volgens hem niet effectief is. Wethouder Maatoug benadrukt dat een raadsbesluit zeer serieus wordt genomen. Ze heeft het besluit nu al twee keer voorgelezen en vindt het geen "welles-nietes"-discussie. Het is voor haar belangrijk dat raadsbesluiten als definitieve beslissingen worden beschouwd. De heer Usta (DENK) vindt dat de koppeling tussen het autoluw maken van de stad en de knip op de Catharijnensingel onterecht wordt gelegd. Hij is van mening dat de stad ook autoluwer kan worden zonder een knip op deze locatie. Wethouder Maatoug verduidelijkt dat het mobiliteitsplan de visie van het college weerspiegelt, met een reeks projecten en doelen, waaronder het weren van doorgaand verkeer.
Het debat over de uitvoering en de communicatie rondom deze visie is volgens haar legitiem, maar ze benadrukt dat er verschillende ideeën zijn over wat het beste is voor de stad.
Pagina 18 van 41
De heer Usta (DENK) concludeert dat het besluit gaat over het weren van doorgaand verkeer, maar dat dit niet per se hoeft te betekenen dat er een knip moet komen. Hij vraagt of de wethouder dit kan bevestigen. 5
10
15
20
25
30
35
Wethouder Maatoug leest nogmaals het raadsbesluit voor, waarin expliciet staat dat de Catharijnensingel wordt aangepakt om doorgaand verkeer te weren. Ze benadrukt dat een raadsbesluit het hoogste besluit binnen de gemeente is en dat dit serieus genomen moet worden. De voorzitter geeft aan dat DENK nog een extra interruptie mag plaatsen vanwege de eerder weggevallen mogelijkheid. Wethouder Maatoug licht toe dat de inrichting van de openbare ruimte op het niveau van Allure wordt uitgevoerd, zoals geldt in dit gebied. Dit is opgenomen in de raming. Ze legt uit dat er extra budget nodig was voor effectievere handhaving door middel van cameratoezicht. Dit was opgenomen in de raadsbrief van 8 november 2024. De effecten van de knip worden na een half jaar geëvalueerd, met resultaten verwacht in het tweede kwartaal van 2026. De knip is volgens de wethouder nodig om de stad bereikbaar te houden met het oog op de groei van bewoners en mobiliteit. Bestemmingen blijven bereikbaar, maar mogelijk via minder directe routes. Uitzonderingen gelden voor hulpdiensten, huisartsen, verloskundigen en thuiszorgmedewerkers. De heer Usta (DENK) is het deels eens met de wethouder dat de stad groeit, maar vraagt of het niet verstandiger is om wegen uit te breiden in plaats van een knip in te voeren.
Wethouder Maatoug benadrukt dat er simpelweg niet genoeg ruimte is om meer auto’s en fietsen in de stad te accommoderen. Wegen uitbreiden is volgens haar geen duurzame oplossing vanwege de impact op luchtkwaliteit, veiligheid en ruimte. Het beleid richt zich daarom op het ontmoedigen van autogebruik en het behouden van toegang voor degenen die afhankelijk zijn van de auto. De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt of de wethouder hiermee erkent dat de participatie beter moet. Wethouder Maatoug geeft aan dat participatie over het besluit goed is verlopen, maar dat de communicatie daarna beter kan. Ze ziet dat het voor bewoners soms als een verrassing komt, wat te maken heeft met lange doorlooptijden tussen besluitvorming en uitvoering. De heer Bosch (UtrechtNu!) stelt dat mensen vaak pas achteraf worden geïnformeerd en vraagt of er een intentie is om bewoners beter vooraf te betrekken.
40
45
50
55
60
Wethouder Maatoug vindt dat participatie gericht moet zijn op het meenemen van de impact op mensen in besluitvorming. Ze wil de lessen uit dit project meenemen en onderzoeken hoe de communicatie en participatie bij toekomstige projecten verbeterd kan worden. De voorzitter geeft aan dat de heer Bosch geen tijd meer heeft voor een interruptie en legt uit dat het college meer spreektijd gebruikte vanwege eerdere debatten. Wethouder Maatoug waardeert de inzet van vrijwilligersorganisaties zoals Solgu, die zorgen over parkeerplekken voor gehandicapten hebben geuit. Ze zal kijken waar verbeteringen mogelijk zijn, met specifieke aandacht voor de balans tussen parkeerplekken in het noorden en zuiden van de stad. Ze benadrukt dat voldoende gehandicaptenparkeerplaatsen essentieel zijn en dat dit een aandachtspunt blijft bij de uitvoering van het beleid. Mevrouw Passier (Volt) vraagt of het de wethouder lukt om voor het volgende commissiedebat met Solgu de stad in te gaan. Wethouder Maatoug gaat het proberen, maar zij weet niet zeker of zij dan al kan aangeven wat er gedaan kan worden. De ontheffingen zijn voor de langere termijn en betaald en voor deze situatie beschikbaar gesteld voor bewoners van de Gildeveste, Randbouwveste en het Moreelsepark, de appartementencomplexen boven Hoog Catharijne.
De voorwaarde is dat zij houder zijn van een motorvoertuig en een parkeerrecht hebben voor P1, P2, P3 of P4. Ook Pagina 19 van 41
5
10
15
20
25
bezoekers van kantoorgebouw “The Catch”, omdat dat gebouw parkeerplaatsen heeft binnen de wegafsluiting, komen hiervoor in aanmerking. Daarnaast zijn er in heel Utrecht ontheffingen beschikbaar voor verloskundigen, huisartsen en thuishulpen. Uitzonderingsgroepen krijgen geen ontheffing, maar mogen passeren op basis van hun functie. Alle voertuigen met een vrijstelling of ontheffing worden op hun kentekens herkend door de camera’s. De wethouder wil ook inzetten op spreiding van het fietsverkeer buiten de binnenstad. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vraagt of dit betekent dat er verbeteringen worden doorgevoerd bij de oversteekplaatsen om de doorstroming te verbeteren. Wethouder Maatoug legt uit dat het doel hiervan is om de veiligheid bij de oversteek te verbeteren. Doordat er minder toestroom is, zijn er andere verbeteringen mogelijk. De wethouder zal dit blijven volgen en monitoren. Het college heeft een partij ingeschakeld om de navigatiekaarten aan te passen. Het college blijft echter afhankelijk van de route-apps en hoe snel zij deze in hun kaarten verwerken. Voor mensen met een vaste navigatie is het belangrijk dat zij zelf hun kaarten bijwerken. Om deze reden zet de wethouder in op bredere communicatie. De eerste twee maanden krijgen mensen geen boete maar een waarschuwing.
De wethouder vindt het idee van een ontheffing voor gehandicapten interessant en is bereid dit te onderzoeken om te bekijken wat dit vraagt van de gemeente. De wethouder benadrukt dat de gebruikte verkeersmodellen vrij toegankelijk zijn. Dit zijn onderzoeken uitgevoerd door Rijkswaterstaat en ze worden ook door de provincie gebruikt. De heer Dekkers (GroenLinks) wil weten of het een formele toezegging van de wethouder is om te kijken naar een ontheffing voor mensen met een handicap. Hij vraagt of de conclusie hiervan bij de evaluatie komt. Wethouder Maatoug vindt dit lastig om te zeggen. Omdat er nog vaker over dit onderwerp gesproken zal worden, wil zij hier later op terugkomen.
30
Gemiste antwoorden De heer Stam (PvdA) heeft een antwoord gemist over parkeren in private garages voor gehandicapte parkeerkaarthouders en of dit gratis zou kunnen.
35
40
De heer De Pagter (VVD) heeft vorige week een technische vraag gesteld over het aantal bezwaren en of met de uitvoering wordt gewacht tot na de beslissing op bezwaar. De heer Usta (DENK) had gevraagd of de economische impact voor de Amsterdamsestraatweg in kaart was gebracht en of dit anders nog gedaan kan worden.
45
Wethouder Maatoug kan geen uitspraak doen over private parkeerplaatsen, maar zij kan wel in gesprek gaan met de garagehouders. Zij wil hier graag later op terugkomen. De bezwaarprocedure loopt op dit moment en het college wacht met de uitvoering totdat deze is afgerond. Voor de Catharijnensingel en de knip neemt de wethouder de economische effecten mee, maar niet specifiek voor de Amsterdamsestraatweg. In het kader van andere ruimtelijke projecten neemt wethouder De Vries dit punt mee en hij is in gesprek met de ondernemers. De wethouder doet de toezegging om in het eerste kwartaal met een brief te komen waarin zij terugkomt op de parkeerplekken en ontheffingen voor gehandicapten.
50
De voorzitter inventariseert hoe dit verder naar de raad kan. De heer Bosch (UtrechtNu!) overweegt een aantal moties over bijvoorbeeld het duidelijker vastleggen van economische KPI’s.
55
De heer De Pagter (VVD) wil meedenken met UtrechtNu!, maar twijfelt of hij zelf nog een motie indient. De heer Usta (DENK) overweegt ook nog moties.
Pagina 20 van 41
De voorzitter constateert dat dit debat waarschijnlijk niet zal worden afgerond voor de komende raadsvergadering. Hij stelt voor om een half uur te agenderen. Vervolgens schorst hij de vergadering voor twee minuten. 5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
Toezegging Wethouder Maatoug College komt in Q2 2025 met een brief over gehandicaptenparkeerplekken en ontheffingen op privaat terrein
12. Raadsbrief Uitvoeringsprogramma oeverpark Rondje Stadseiland 2024-2026 Mededelingen De wethouder heeft geen mededelingen. Mededelingen De commissieleden hebben geen mededelingen. De voorzitter geeft aan dat de commissie graag de uitvoering van het Rondje Stadseiland in deelgebied 11 wil bespreken en dat het college hierbij wensen kan meegeven voor het Voorlopig Ontwerp, dat begin 2025 door het college zal worden vastgesteld. In de petitie ‘Rondje Stadseiland Park Oog in Al’ hebben bewoners aandacht gevraagd voor de nieuwe woongebouwen in dit deelgebied en de beperkte ruimte die daardoor overblijft voor het park. Door deze woongebouwen is er in dit deelgebied weinig ruimte om alle principes van het Rondje Stadseiland (zoals het behoud van bomen, de inpassing rond de woongebouwen en een vrijliggend fietspad) te realiseren zonder het bestaande park aan te tasten. Partijen bespreken graag de mogelijkheden en de wenselijkheid om in dit specifieke deelgebied af te wijken van het vastgestelde parkprofiel en eventueel een uitzondering op de ontwerpprincipes te maken. De Raad heeft in 2022 al het ontwikkelkader Rondje Stadseiland vastgesteld, en partijen constateren dat de moties en amendementen die daarbij zijn aangenomen goed zijn verwerkt.
Er is nadrukkelijk geen intentie om het debat over de leidende principes en algemene kaders voor het hele Rondje Stadseiland opnieuw te voeren. De volgorde van inbreng van het CDA en Volt wordt omgedraaid omdat het CDA eerder weg moet en Volt nog in een debat zit namens het DB. Eerste termijn Mevrouw Sasbrink (PvdD) vindt het Rondje Stadseiland in principe een mooi plan, maar zij ziet niet voldoende fysieke ruimte om alles uit te voeren. Door de nieuwe appartementencomplexen blijft er weinig ruimte over voor groen. Als er ook nog een fietspad wordt aangelegd, blijft er volgens haar helemaal geen groen meer over. Bovendien wordt het minder prettig om in het gebied te verblijven en wordt de toegang tot de appartementencomplexen doorkruist. Het fietspad beperkt het woongebied van de bewoners aanzienlijk. Zij vraagt de wethouder wat haar indruk is van de beschikbare ruimte en de punten die nog moeten worden toegevoegd. Voor dit deelgebied acht de PvdD het legitiem om af te wijken van de kaders voor het Rondje Stadseiland. Als oplossing stelt zij voor om wel een brug over de Leidsche Rijn aan te leggen, maar vervolgens af te buigen naar de Hendrika van Tussenbroeklaan. De fundering daarvoor ligt er al en fietsers kunnen vervolgens achter de appartementen langs fietsen om via de Johan van Wagenaarkade weer langs het kanaal te rijden.
Hierdoor wordt slechts een klein deel van de route niet langs het kanaal geleid en blijft het park behouden. Zij vraagt de wethouder om toe te zeggen af te wijken van de kaders voor het Rondje Stadseiland en te kiezen voor deze alternatieve route. Mevrouw Stylianou (D66) woont zelf in de wijk en merkt op dat er gisteren, toen zij daar voor een afspraak was, negen honden aan het spelen waren binnen twintig minuten. Wat haar opvalt, is dat de bewonersvragenlijst lijkt te sturen op het afschaffen van het hondenveldje. Dit vindt zij een gemis aan een integraal hondenbeleid. D66 wil een aaneengesloten rondje creëren dat ook mensen uit andere wijken trekt. Zij stelt voor het fietspad dichter langs het kanaal te leggen en vraagt de wethouder of zij in overleg met Rijkswaterstaat haar invloed kan aanwenden om dit mogelijk te maken. Als dit niet haalbaar is, zou het fietspad achter de huizen langs kunnen lopen, Pagina 21 van 41
zodat het park behouden blijft. Mocht ook dat niet mogelijk zijn, pleit zij voor een nieuw ontwerp waarin het fietspad duidelijk wordt afgebakend door heggen om zo de veiligheid van kinderen en wandelaars te waarborgen. 5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
Mevrouw Sasbrink (PvdD) hoort het voorstel voor het fietspad dichter bij het kanaal en vraagt mevrouw Stylianou of zij niet bang is dat hierdoor de boomwortels beschadigd raken en of dit belang vooropgesteld kan worden. Mevrouw Stylianou (D66) denkt dat het fietspad wel langs het kanaal kan lopen, omdat er nu ook al een wandelpad ligt. Volgens haar is het kappen van bomen niet nodig en het fietspad zou eventueel ook achter de huizen langs kunnen lopen. Mevrouw Sasbrink (PvdD) vraagt of mevrouw Stylianou het wandelpad wil vervangen door een fietspad. Mevrouw Stylianou (D66) benadrukt dat zij geen ingenieur is, maar het fietspad het liefst zo dicht mogelijk langs het kanaal zou laten lopen. Mevrouw Zwinkels (CDA) geeft aan dat zij dacht dat D66 hekken wilde plaatsen, maar nu begrijpt dat het om heggen gaat. Zij is benieuwd waar die heggen precies moeten komen. Mevrouw Stylianou (D66) noemt het Wilhelminapark als voorbeeld, waar het fietspad omringd is door heggen. Zij wil echter voorkomen dat het gebied hierdoor minder toegankelijk wordt, aangezien het nu een mooi open gebied aan het water is. Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt of heggen het gebied niet minder toegankelijk maken, omdat je er niet doorheen kunt lopen. Mevrouw Stylianou (D66) legt uit dat het Wilhelminapark ondanks de heggen nog steeds oversteekplekken heeft en ziet geen grote bezwaren in een vergelijkbare opzet.
Mevrouw Zwinkels (CDA) benadrukt dat het CDA zich in het verleden heeft ingezet voor de verkeersontsluiting en de nieuwbouw in de wijk. Zij vindt het zonde als het fietspad ten koste gaat van het park, dat veel moeite heeft gekost om te realiseren. Zij wil van het college weten wanneer is besloten dat hier een fietspad zou komen. Daarnaast deelt zij de zorgen van D66 over het hondenlosloopgebied. Volgens haar draagt dit veldje bij aan gemeenschapszin en zij wil dat dit behouden blijft. Het Rondje Stadseiland is volgens haar een project van de lange adem en zij vraagt zich af of de veranderde situatie een gevolg is van de keuze van het college om de uitvoering te spreiden. Zij roept op om pragmatisch met deze veranderingen om te gaan, zodat mooie plekken niet onbedoeld op een nadelige manier worden doorkruist. Mevrouw Alblas (ChristenUnie) ziet mooie concrete plannen in het programma en heeft er vertrouwen in dat, wanneer alles uitgevoerd wordt zoals gepland, het een mooi en toegankelijk park wordt. De ChristenUnie begrijpt dat het plan veel samenwerking vereist en vraagt hoe deze samenwerking verloopt. Omdat het plan afhankelijk is van financiering, wil zij weten hoe groot de kans is dat het volledig uitgevoerd wordt. In de raadsbrief las zij over achterblijvende afdrachten en zij vraagt hoe dit komt en wat het college hieraan kan doen.
De ChristenUnie vindt het belangrijk dat er ruimte komt voor een fietspad in het park, omdat sommige mensen liever fietsen dan wandelen. Wel wil zij dat het geen fietssnelweg wordt. Zij vraagt of er maatregelen mogelijk zijn, zoals het doorkruisen van wandelpaden of het aanbrengen van drempels, om de zorgen van bewoners weg te nemen en ervoor te zorgen dat het geen doorfietsroute wordt. Mevrouw Sasbrink (PvdD) vraagt welke route de ChristenUnie ziet om toch het Rondje Stadseiland te realiseren als fietsroute. Mevrouw Alblas (ChristenUnie) gaat ervan uit dat fietsen in een park bedoeld is voor recreatie. Wanneer een hoofdfietsroute door een park gaat, moet er volgens haar altijd rekening worden gehouden met veiligheid. Per locatie moet bekeken worden of het mogelijk is om sneller door het park te fietsen. Zij benadrukt dat het geen twaalf kilometer lange doorfietsroute moet worden voor wielrenners. Pagina 22 van 41
De heer Mulderij (CDA) vraagt wat de ChristenUnie ervan vindt om een maximumsnelheid voor fietsers in te voeren. 5
10
Mevrouw Alblas (ChristenUnie) vindt het een interessant voorstel en heeft zichzelf die vraag ook gesteld met daarbij de vraag hoe dit gecontroleerd zou kunnen worden. Zij suggereert dat de wethouder hierover wellicht meer kan zeggen. De heer Mulderij (CDA) stelt voor om bordjes te plaatsen met het verzoek niet harder te fietsen dan vijftien kilometer per uur. Hij denkt dat mensen zich hier wel aan zullen houden. Mevrouw Alblas (ChristenUnie) is benieuwd naar de reactie van de wethouder. Zelf is zij geen voorstander van het plaatsen van allerlei borden in parken.
15
De heer De Pagter (VVD) steunt het idee van het afronden van het Rondje Stadseiland. Hij vindt echter dat de uitwerking niet in beton gegoten hoeft te zijn en wil, net zoals de PvdD, kijken naar alternatieve oplossingen. Hij spreekt zijn warme steun uit voor de petitie van de bewoners en hoopt dat er een oplossing gevonden kan worden.
20
De heer Bart (GroenLinks) benadrukt dat het belangrijk is dat het Rondje Stadseiland een herkenbare groene route wordt voor zowel wandelaars als fietsers. Hij begrijpt dat dit niet ten koste mag gaan van de bewoners. Hij steunt het voorstel van D66 om het fietspad dichter bij de oever te leggen, bijvoorbeeld op de plek van het huidige voetpad of ernaast. Hij vraagt de wethouder om deze mogelijkheden te onderzoeken, omdat hij vindt dat afwijken van de oeverroute afbreuk doet aan het concept.
25
Mevrouw Sasbrink (PvdD) merkt op dat dit voorstel opnieuw asfalt aanlegt op een plek die nu groen is. Zij vraagt waarom GroenLinks het fietspad niet achter de gebouwen wil laten lopen. 30
De heer Bart (GroenLinks) benadrukt dat er niet voor niets uitgangspunten zijn opgesteld voor het Rondje Stadseiland. Afwijken van de oeverroute zou volgens hem het idee achter de route aantasten. Hij vindt dat wandelaars en fietsers gezamenlijk belang hebben bij zoveel mogelijk groen en behoud van biodiversiteit.
35
Mevrouw Passier (Volt) ziet het Rondje Stadseiland als een kans voor ontspanning in de stad. Zij hoopt dat het plan volledig wordt uitgevoerd. Hoewel zij blij is dat biodiversiteit in het programma terugkomt, ziet zij nergens hoe dit concreet wordt toegepast. Zij vraagt de wethouder om de petitie van de omwonenden serieus te nemen en de mogelijkheden voor het verleggen van het fietspad te onderzoeken. Daarnaast steunt zij de vraag van de ChristenUnie over de achterblijvende afdrachten vanuit gebiedsontwikkeling.
40
De heer Cornielje (PvdA) sluit zich aan bij D66 en GroenLinks en steunt het idee om het fietspad dichter bij de oever te leggen. 45
50
55
Wethouder Voortman noemt het Rondje Stadseiland een prachtig project dat een oeverpark van 45 hectare creëert waar mensen kunnen recreëren met zicht op het water. Het fietspad wordt dichter bij de woningen gelegd om de natuur zoveel mogelijk ruimte te geven en ontspanning langs het water te bevorderen. Zij benadrukt dat afbuigen van het fietspad afbreuk doet aan de kwaliteit van de route, die juist continu langs de oever loopt. Het fietspad kan niet dichter bij het kanaal worden gelegd, omdat dit ten koste gaat van bestaande bomen. Het uitgangspunt is om een zo breed mogelijke berm te behouden tussen het fietspad en het voetpad en waar mogelijk worden deze verder uit elkaar geplaatst. Het voetpad blijft op zijn huidige plek om schade aan bestaande bomen te voorkomen. Een alternatieve route achter de huizen langs zou de continuïteit van de route onderbreken en daarmee de kwaliteit verminderen. De wethouder benadrukt dat het zicht op het water juist het unieke aspect van de route is. Mevrouw Passier (Volt) vraagt naar afspraken met Woonin over groenbuffers rondom de huizen. Zij wil weten of deze afspraken inderdaad zijn gemaakt.
Pagina 23 van 41
Wethouder Voortman geeft aan dat zij hier later op terugkomt. In het ontwerp wordt al gelaagde beplanting toegepast en er kan hogere beplanting worden toegevoegd om de veiligheid te vergroten. 5
10
15
Mevrouw Sasbrink (PvdD) wijst erop dat het om een klein stukje gaat waar het fietspad achter de huizen langs zou lopen. Volgens haar blijft de binding met de oever behouden, omdat het park tussen de huizen door steeds weer zichtbaar is. Wethouder Voortman vindt dat de route dan "weggemoffeld" wordt en wil dat voorkomen. Wooncorporaties zijn zorgvuldig betrokken bij de plannen en samen zijn besluiten genomen. Het project vraagt om een lange adem, maar de wethouder wil zoveel mogelijk vasthouden aan de afspraken die in 2022 binnen de raad zijn gemaakt. De wethouder legt uit dat achterblijvende afdrachten vaak te maken hebben met gebiedsontwikkelingen waarin de businesscase niet rondkomt. Dit beperkt de ruimte voor bijdragen aan groen. De inspanningen voor fondsen en subsidies worden daarom geïntensiveerd. Mevrouw Passier (Volt) vraagt welke prioriteit groen en biodiversiteit krijgen in onderhandelingen met externe partijen.
20
25
30
35
40
Wethouder Voortman antwoordt dat dit per project verschilt. De gemeente heeft zelf ook belang bij een groene leefomgeving, maar bij het Rijk staat dit nog niet hoog op de agenda. De wethouder heeft het fietspad op sommige plekken versmald waar dit mogelijk was. Biodiversiteit wordt bevorderd door gelaagde beplanting, takkenrillen voor zoogdieren, een bomenlijn voor vleermuizen en mogelijk een nieuwe ecologische verbinding via de brug. Mevrouw Stylianou (D66) vraagt of er nog een nieuw ontwerp komt omdat er ook nog groen toegevoegd kan worden. Wethouder Voortman legt uit dat er nog een beslissing genomen moet worden over het definitieve ontwerp. Gemiste antwoorden De heer Mulderij (CDA) heeft een gemist antwoord op zijn vraag of fietsers afgeremd kunnen worden. Hij geeft aan dat hij drempels geen goed idee vindt. Wethouder Voortman erkent dat zij deze vraag over het hoofd heeft gezien. Zij staat terughoudend tegenover het plaatsen van borden, maar geeft aan de mogelijkheden te willen onderzoeken. Het college moet nog een definitief besluit nemen, en zij kan dit meenemen in de brief die in het tweede kwartaal wordt verwacht, waarin ook het uiteindelijke besluit zal worden opgenomen. Mevrouw Alblas (ChristenUnie) merkt op dat haar vraag over extra versmallingen of drempels om de snelheid van fietsers te beperken, niet beantwoord is.
45
50
Wethouder Voortman vat samen dat het gaat om maatregelen zoals versmallingen om de snelheid eruit te halen. Zij wil dit onderzoeken, omdat zij niet zeker weet of dergelijke ingrepen effectief zullen zijn. De voorzitter concludeert dat er verder geen gemiste vragen zijn en kijkt naar de eerste agenderende partij om te bespreken hoe dit verder naar de raad gebracht kan worden. Mevrouw Sasbrink (PvdD) overweegt een motie in te dienen over het verleggen van het fietspad. Zij wil hierover in overleg met andere partijen om te bepalen welke optie de beste zou zijn.
55
De voorzitter vraagt om uiterlijk morgen voor 12:00 uur een agenderingstekst aan te leveren. Het onderwerp zal vervolgens voor vijf minuten op de agenda van de raad worden gezet. Wethouder Voortman komt nog terug op een toezegging aan de PvdD. Zij meldt dat er nog een datum wordt gezocht voor een gesprek met de watersportvereniging. Het doel van deze Pagina 24 van 41
gesprekken is om de contractperiode met de AUHV af te ronden. De raad wordt hierover uiterlijk eind 2025 geïnformeerd. Toezegging 5
College onderzoekt mogelijkheden plaatsen waarschuwingsborden en komt hierop terug in brief over voortgang rondje Stadseiland in Q2 2025.
9. Fietsparkeren bij Stations 10
Mededelingen De wethouder heeft geen mededelingen. Mededelingen De commissieleden hebben geen mededelingen.
15
20
25
30
35
40
45
50
55
De voorzitter geeft aan dat de fracties een commissiedebat verzoeken met de wethouder Mobiliteit en de wethouder Vastgoed over het fietsparkeren bij stations, met in het bijzonder aandacht voor de tijdelijke sluiting van de Jaarbeursstalling. Deze sluiting heeft aanzienlijke gevolgen voor de beschikbaarheid van stallingsplaatsen bij het Centraal Station. De fracties willen het gesprek aangaan over de effecten hiervan en hoe deze worden gemonitord. Daarnaast zijn er vragen over verschillende aspecten die samenhangen met de sluiting en het bredere fietsparkeerbeleid: • Veiligheid in de stallingen; • Beschikbaarheid van gratis parkeerplekken; • Toegankelijkheid voor mensen met een beperking en ruimte voor grotere fietsen; • Handhaving op foutgeparkeerde fietsen in de openbare ruimte. Het debat biedt ruimte voor een integrale bespreking van het fietsparkeerbeleid bij stations en in gemeentelijk vastgoed. De fracties verzoeken om de recent verzonden brieven over dit onderwerp bij de bespreking te betrekken. Eerste termijn De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vindt het goed dat er kort en breder stil gestaan wordt bij het fietsparkeren. Hij merkt op dat de sluiting van de Jaarbeurspleinstalling grote impact heeft in het stationsgebied.
Hij complimenteert de gemeente met de heldere communicatie rondom deze sluiting, maar hij vraagt wanneer de uitkomsten van het lopende onderzoek naar de effecten verwacht worden. Ook wil hij weten of er al een indicatie is van de heropening. Daarnaast wil hij weten of de problemen die nu spelen al eerder in beeld waren, mede gezien de ervaringen met vergelijkbare situaties in Eindhoven en Nieuwegein. Hij vraagt welke maatregelen er op korte termijn genomen worden om de gevolgen van de sluiting te beperken. De heer Van der Graaf vraagt ook naar de situatie bij andere fietsenstallingen in de stad die ook in dergelijke betonconstructies zitten. Hij merkt op dat de druk op andere stallingen in de omgeving duidelijk toeneemt en waarschijnlijk nog verder zal toenemen richting het voorjaar. Een specifiek aandachtspunt voor hem zijn de driewielers en andere grotere fietsen. Hij vraagt hoe deze signalen gemonitord worden en welke maatregelen er extra overwogen worden. Hij wijst erop dat een alternatieve stalling voor gebruikers van grotere fietsen noodzakelijk is. De Cyberstijl fietsenstalling was het alternatief maar ook deze is gesloten. Hij vraagt waar deze mensen nu terecht kunnen en hij roept op om hier voldoende ruimte voor vrij te maken.
De heer De Pagter (VVD) vraagt of de ChristenUnie het ermee eens is dat ook het Stadskantoor in de plannen betrokken moet worden, vooral met oog op bezoekers. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) stemt daarmee in. Hij benadrukt het belang van duidelijke afspraken en pleit ervoor dat er waar mogelijk ruimte wordt gemaakt voor grote fietsen. Dit geldt niet alleen voor het stationsgebied, maar ook voor de binnenstad, waarbij duidelijk gecommuniceerd moet worden waar mensen met grotere fietsen terechtkunnen. Hij merkt op dat gratis fietsparkeren buiten de stallingen bijna volledig verdwenen is en vraagt of dit een bewuste keuze is van het college. Daarnaast vraagt hij of het college bereid is om in toekomstige ontwikkelingen rondom het Centraal Station ruimte te maken voor fietsparkeren op Pagina 25 van 41
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
maaiveldniveau. Volgens hem ontmoedigt het gebrek aan beschikbare plekken of de lange tijd die nodig is om een parkeerplek te vinden, het gebruik van de fiets. Over de uitbreidingsplannen bij Vaartsche Rijn merkt hij op dat de vijfhonderd extra plekken in 2028 zeer welkom zijn, maar dat dit nog drie jaar duurt. Hij stelt voor om te onderzoeken of de parkeergarage tijdelijk ingezet kan worden voor fietsen, zodat overlast verminderd wordt of handhaving effectiever kan zijn. De heer Dekkers (GroenLinks) stelt dat het huidige fietsparkeerbeleid voldoet, maar erkent dat er een toenemende behoefte aan fietsparkeerplekken is. Hij prijst het college voor het doorzetten op inpandig fietsparkeren, ondanks de bezuinigingen en moedigt aan om extra plannen te maken die gebruikt kunnen worden in lobby’s voor meer financiering. Hij benadrukt dat er extra aandacht nodig is voor fietsparkeren voor mensen met een beperking. Hij vraagt de wethouder om te garanderen dat geplande stallingen op de begane grond in elk geval plekken bevatten voor mensen met een beperking. Bij andere locaties moet gezocht worden naar plekken dichtbij de ingang van de stalling. Hij wijst erop dat de ontheffing voor fietsparkeren slecht bekend is en bijna het dubbele kost van een autovergunning. Hij vraagt of het college meer bekendheid kan geven aan de ontheffing en de kosten en handhaving kan heroverwegen.
Door de opheffing van de stalling aan het Westplein zijn er bijna geen plekken meer rondom het station waar je je fiets langer dan 24 uur gratis kunt stallen. Hij vraagt of in de nieuwe stalling van het gebouw Open op het Jaarbeursplein plekken komen waar dit wel mogelijk is. Daarnaast vraagt hij naar de oorzaak van de sluiting van de Jaarbeursstalling en hoe lang het duurt voordat maatregelen getroffen zijn om het probleem aan te pakken. Hij merkt op dat het interne verwijssysteem van de Jaarbeursstalling kapot en versleten is, wat zeer onpraktisch is voor gebruikers. Hij stelt voor om de verbouwing als aanleiding te nemen om dit systeem te updaten en vraagt of het college dit op korte termijn kan onderzoeken. Tot slot verwijst hij naar de brief over Westflank-Zuid waarin staat dat de stalling bij de Knoop kleiner wordt dan oorspronkelijk gepland. Hij vraagt of het college later geen spijt zal krijgen van deze beslissing, gezien de geplande toekomstige ontwikkelingen. De voorzitter was niet op de hoogte van het feit dat het gehele stationsgebied vandaag besproken zou worden. De brief over de Westflank is pas vorige week verstuurd dus de voorzitter weet niet of de wethouder hier al antwoord op kan geven. De heer Vasters (D66) mist de rode loper voor fietsparkeren, omdat deze over het algemeen wel uitgerold wordt voor de fiets.
Voor de mobiliteitstransitie en het bereikbaar houden van de stad is ook fietsparkeren van groot belang. De stallingen bij De Knoop en Vaartsche Rijn zijn niet altijd goed bereikbaar voor fietsers. De stappen die eerder dit jaar zijn aangekondigd voor Vaartsche Rijn zijn goed nieuws, maar de bouw is gepland voor 2028, zoals de ChristenUnie ook al aangaf. De situatie is al jaren niet goed, en D66 sluit zich daarom aan bij de vragen die de ChristenUnie over dit onderwerp heeft gesteld. Ook bij de vragen over de fietsenstalling op het Jaarbeursplein kan hij zich aansluiten, evenals bij de vraag van GroenLinks over wanneer deze weer open zal gaan. Hij vraagt of het wellicht mogelijk is om uit te wijken naar de gesloten fietsenstalling aan het Westplein. Tot slot wil hij weten welke acties het college onderneemt om de stalling op het stationsplein te ontzien en gevaarlijke situaties daar te voorkomen. De heer Bosch (UtrechtNu!) houdt het kort, omdat hij verwacht dat wethouder De Vries weinig over de sluiting van de fietsenstalling zal kunnen zeggen. Hij steunt het betoog van GroenLinks over fietsparkeerplaatsen voor mindervaliden. Daarnaast wil hij aanvullen dat UtrechtNu! het ook belangrijk vindt dat er meer plekken komen voor andere voertuigen die momenteel op straat worden geparkeerd, zoals scooters.
Nu ziet hij deze in rijen geparkeerd staan op de Neude, maar hij zou hier liever ook meer ruimte voor zien in de stallingen. Hij vraagt de wethouder om een toezegging dat hiernaar gekeken zal worden. Mevrouw Passier (Volt) kan zich grotendeels vinden in de eerdere inbreng. Volt maakt zich echter zorgen over de hoge tarieven voor fietsparkeren, omdat zij vreest dat dit mensen kan ontmoedigen om de fiets te gebruiken. Over de pilot met parkeren op afstand vraagt zij wat de uitkomsten hiervan het college zeggen, aangezien slechts een kleine groep mensen eraan heeft deelgenomen. Daarbij bleek dat deelnemers de voorwaarden niet gunstig genoeg vonden. Nu wordt overwogen om mensen op de wachtlijst een aanbod te doen. Mevrouw Passier benadrukt dat het doel zou moeten zijn om meer mensen hun auto op afstand te laten parkeren. Ze vraagt Pagina 26 van 41
daarom of er aanvullend onderzoek wordt gedaan naar mogelijkheden om dit aantrekkelijker te maken. 5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
De heer Bosch (UtrechtNu!) vindt dat het P&R-netwerk in Utrecht onvoldoende functioneert en hij vindt dat hier meer aandacht aan besteed zou moeten worden. Hij vraagt aan Volt of haar voorstel gericht is op het aanleggen van betere P&R-voorzieningen of op het beter onder de aandacht brengen van de bestaande plekken. Mevrouw Passier (Volt) wil uitbreiden maar ook verbeteren. De voorzitter dacht dat het over fietsparkeren ging en niet over de P&R-voorzieningen in de stad. Hij begrijpt dat er brieven bij zaten die verder gingen dan fietsparkeren maar die onderwerpen dienen wat hem betreft hier niet uitgebreid besproken te worden. Mevrouw Passier (Volt) deelt haar zorgen over de afhankelijkheid van de stad van een dergelijke grote fietsparkeerlocatie. Zij vraagt het college welke lessen hieruit zijn getrokken en hoe dit in de toekomst beter georganiseerd kan worden. De heer De Pagter (VVD) uit zijn zorgen over de sluiting van de fietsenstalling op het Jaarbeursplein. Hij merkt op dat de stalling al drie maanden gesloten is en dat het erop lijkt dat deze sluiting nog geruime tijd zal voortduren, wat naar zijn verwachting ook financiële gevolgen zal hebben voor de gemeente. Hij vraagt de wethouder of er al iets gezegd kan worden over de verwachte duur van de sluiting en de financiële impact.
De VVD benadrukt het belang van alternatieven en wil weten welke extra maatregelen de wethouder kan nemen. Het verbaast hem dat de tijdelijke stalling op het Westplein niet als optie is teruggekomen. De heer De Pagter sluit zich aan bij de zorgen van de ChristenUnie over de toegankelijkheid voor mensen met een beperking. Daarnaast vraagt hij naar de huidige capaciteit van fietsparkeerplekken aan de centrumzijde van het station. Hij informeert naar de voortgang van de plannen voor de uitbreiding van de stallingen in P1 en P4 en of deze uitbreidingen volgens planning voor januari 2027 gereed zullen zijn. Tot slot wil hij weten of het mogelijk is om daar al eerder een alternatief te realiseren. De heer Cornielje (PvdA) sluit zich aan bij de ChristenUnie wat betreft de vragen over de planning en bij de ChristenUnie en UtrechtNu! over de vragen rondom fietsparkeren voor mensen met een beperking. Daarnaast sluit hij zich aan bij de vragen van GroenLinks over een coulante houding van de gemeente ten aanzien van foutparkeren van fietsen. Het inwoneraantal van de stad groeit en daarnaast wordt de fiets steeds vaker als alternatief vervoermiddel gebruikt. Het eenvoudig kunnen parkeren van een fiets is daarom essentieel.
Fietsparkeren staat momenteel onder druk door de tijdelijke sluiting van de stalling aan het Jaarbeursplein, de renovatie bij de Sijpesteijnkade en de sluiting van de stalling aan het Westplein. Hierdoor zijn er veel te weinig plekken beschikbaar voor fietsparkeren in de stad. Hij benadrukt dat de gemeente zijn uiterste best moet doen om alternatieven te realiseren en vraagt de wethouder of een lijst met mogelijke alternatieve locaties kan worden gedeeld. Mevrouw Van Meerveld (Student&Starter) is trots op de fiets als boegbeeld van Utrecht. Toch constateert zij dat er rondom het station een probleem is met het parkeren van fietsen, terwijl er in de binnenstad voldoende mogelijkheden zijn om fietsen gemakkelijk in stallingen te parkeren. Hier wordt echter nog weinig gebruik van gemaakt. Zij sluit zich aan bij de vragen van andere partijen over het verhogen van de capaciteit en vraagt of het mogelijk is om de pop-up stallingen verder uit te breiden totdat de reguliere stallingen weer open zijn. Veel fietsen worden nog steeds buiten de stallingen geparkeerd. Student&Starter ziet kansen om fietsparkeren in een stalling op een positieve manier te stimuleren. Zij denkt hierbij aan het toevoegen van spelelementen, zoals een bord dat aangeeft dat je de honderdste parkeerder van de dag bent.
Ook eenvoudige aanpassingen, zoals vloermarkeringen of duidelijke borden, kunnen hierbij helpen. Zij vraagt de wethouder om bij de volgende update over het fietsparkeren een concreet plan te presenteren om het gebruik van de stallingen te bevorderen. De heer Bosch (UtrechtNu!) vroeg zich af wat hij zich voor moet stellen bij het spelelement bij fietsparkeren. Pagina 27 van 41
Mevrouw van Meerveld (Student&Starter) denkt dan aan een app met punten sparen of dat er in de app iets anders leuks naar voren komt. 5
10
De heer Bosch (UtrechtNu!) vindt het wel sympathiek klinken maar hij vindt het niet realistisch. Hij ziet het nog niet gebeuren dat dit opweegt tegen het gewoon lekker voor de deur neerzetten van je fiets. Mevrouw van Meerveld (Student&Starter) vraagt om het te onderzoeken en wanneer het niet zo blijkt te zijn dan moet er naar andere opties gekeken worden.
15
Mevrouw Zwinkels (CDA) sluit zich aan bij de ChristenUnie en vindt het goed dat er over het fietsparkeren gesproken wordt. Het CDA is benieuwd hoe het ervoor staat en deelt de indruk dat de situatie nog lang kan duren. Zij vraagt of het mogelijk is om het 24-uur gratis parkeren te verkorten naar de eerste twaalf uur gratis parkeren. Daarbij is zij benieuwd naar de financiële impact hiervan en of dit mogelijk ook voordelen kan hebben voor de capaciteit. Mevrouw Zwinkels heeft verder begrepen dat er heel weinig plekken zijn om bakfietsen te parkeren en vraagt een toezegging van de wethouder dat hier extra plekken voor gerealiseerd worden.
20
De heer Dekkers (GroenLinks) vindt het belangrijk dat forensen ook de fiets kunnen parkeren. Hij is bang dat zij beperkt worden wanneer zij de fiets nog maar twaalf uur gratis kunnen parkeren.
25
30
Mevrouw Zwinkels (CDA) denkt dat het verkorten van de gratis parkeerduur naar twaalf uur geen probleem zal zijn, omdat mensen die naar hun werk gaan hun fiets meestal binnen die tijd weer uit de stalling halen. Zij vindt de tarieven voor fietsparkeren redelijk en gaat ervan uit dat mensen bereid zijn om een paar euro te betalen. Het CDA is juist benieuwd naar de mogelijke positieve effecten van deze aanpassing en of het een oplossing kan zijn voor het capaciteitsprobleem. Zij benadrukt dat zij niet wil aanmoedigen dat fietsen dagenlang in de stalling blijven staan. Mevrouw van Meerveld (Student&Starter) vraagt ter verduidelijking of de twaalf uur alleen voor bakfietsen geldt of voor alle fietsen. Mevrouw Zwinkels (CDA) verduidelijkt dat het over alle fietsen gaat.
35
40
45
50
55
60
Mevrouw Van Meerveld (Student&Starter) geeft aan dat twaalf uur gratis parkeren voor haar persoonlijk niet voldoende zou zijn, omdat zij na college vaak nog in de stad blijft om iets te eten of om andere activiteiten te ondernemen. Zij wil benadrukken dat de mogelijkheid om 24 uur gratis te parkeren het voor bepaalde doelgroepen wel aanzienlijk gemakkelijker maakt en een verschil kan betekenen. Mevrouw Zwinkels (CDA) wil niet morrelen aan de openingstijden van de stalling. Zij is van mening dat dit niet de dagelijkse invulling is en dat er dan best een keer betaald kan worden voor de fietsenstalling. De voorzitter constateert dat iedereen zijn inbreng heeft gedaan en geeft de wethouder het woord voor de beantwoording. Wethouder De Vries geeft aan dat hij, zoals al eerder opgemerkt, de kortste beantwoording ooit zal geven. Hij benadrukt dat het onderzoek naar de situatie nog gaande is en dat hij op dit moment geen concrete antwoorden kan geven zonder onrealistische verwachtingen te wekken. Vragen over de oorzaak van de sluiting of wanneer de fietsenstalling aan het Jaarbeursplein weer geopend kan worden, kan hij op dit moment niet beantwoorden. Hij verwacht dat de uitkomsten van het onderzoek binnen enkele weken beschikbaar zijn, waarna er een inhoudelijk debat kan plaatsvinden.
De heer Van der Graaf (ChristenUnie) heeft hier alle begrip voor maar hij zou wel willen weten wat er onderzocht wordt. Wethouder De Vries meldt dat hij afgelopen week samen met wethouder Maatoug de locatie heeft bezocht. Momenteel wordt de geschiedenis van de stalling in brede zin onderzocht. Daarbij Pagina 28 van 41
wordt gekeken naar de eerder geconstateerde lekkages, de ontstane scheuren en hoe deze zaken zich tot elkaar verhouden. De wethouder benadrukt dat het belangrijk is om dit onderzoek zorgvuldig en grondig uit te voeren, wat tijd kost. 5
10
15
De heer Van der Graaf (ChristenUnie) stelt dat de Jaarbeursstalling al langer als problematisch bekend staat. Hij merkt op dat dit niet de eerste keer is dat er een onderzoek wordt uitgevoerd naar de staat van deze stalling. Hij wijst erop dat de stalling al jaren wordt ondersteund met balken en vraagt hoe het kan dat dit probleem zich heeft opgebouwd, dat het nu mis gaat, en er wederom een onderzoek volgt. Wethouder De Vries geeft aan dat er in het verleden inderdaad meerdere onderzoeken naar de Jaarbeursstalling zijn uitgevoerd. De recente sluiting was specifiek noodzakelijk vanwege de scheurtjes. Het huidige onderzoek richt zich niet alleen op deze scheurtjes, maar ook op de algemene staat van de stalling. Hierbij worden de resultaten van eerdere onderzoeken betrokken om een volledig beeld te schetsen. Binnen enkele weken zal de raad geïnformeerd worden over alle bevindingen, hoe deze zich tot elkaar verhouden en hoe acuut de situatie daadwerkelijk is. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vraagt of dit ook voor andere stallingen geldt.
20
Wethouder De Vries geeft aan dat deze specifieke constructie niet op andere plekken gebruikt is.
25
De voorzitter denkt dat het voor heel veel mensen voelt als heel veel gemiste vragen voor wethouder De Vries. Hij begrijpt ook dat de heer De Vries zegt dat hij ze op dit moment niet gaat beantwoorden. Wanneer mensen deze antwoorden wel willen hebben zijn daar andere middelen voor. De heer Dekkers (GroenLinks) had een vraag over het interne verwijssysteem van de fietsenstalling.
30
Wethouder De Vries geeft aan dat hij hierover niets concreets kan zeggen, aangezien de stalling eigendom is van de gemeente, maar de inrichting daarvan in handen is van ProRail. Er zijn lopende gesprekken met ProRail over het vervangen van de fietsenrekken. Daarbij moet nog worden onderzocht of het verwijssysteem tegelijkertijd kan worden vernieuwd.
35
De heer De Pagter (VVD) heeft een punt van orde. Hij vraagt of de wethouder meer vrijheid voelt om vragen te beantwoorden wanneer de vergadering op geheim gaat.
40
45
50
55
60
Wethouder De Vries begrijpt de wens van de heer De Pagter maar hij vindt de onzekerheid zo groot dat hij liever geen informatie geeft dan dat hij verkeerde informatie geeft. De voorzitter wil het hierbij laten voor wat betreft vastgoed en verder gaan met de beantwoording van wethouder Maatoug. Wethouder Maatoug geeft aan dat de vragen met betrekking tot het Jaarbeursplein gericht zijn op het zorgen voor een goede voorbereiding, zodat alternatieve fietsparkeerplekken direct beschikbaar zijn zodra er meer duidelijkheid is. De drukte in de stallingen rond Utrecht Centraal wordt actief gemonitord. Tot nu toe is er voldoende ruimte in de stallingen en als de drukte toeneemt, kan er worden opgeschaald met extra plekken in de openbare ruimte. De wethouder waardeert de complimenten over het snelle schakelen van de gemeente dankzij de inzet van betrokken medewerkers. Kwetsbare groepen kunnen gebruikmaken van de tijdelijke stalling op het Jaarbeursplein, deze biedt veel plekken voor grote fietsen en is 24 uur per dag open. De wethouder is in gesprek met NS en ProRail over de mogelijkheid om meer plekken in stallingen specifiek voor mensen met een beperking te realiseren. Daarnaast wordt overleg gevoerd met mensen met een fysieke beperking om te bekijken hoe zij het beste ondersteund kunnen worden. Over deze onderwerpen komt de wethouder in het tweede kwartaal met een brief terug.
Rond Utrecht Centraal zijn er 20.000 inpandige fietsparkeerplekken. Op drukke dagen is de bezettingsgraad 95 procent, terwijl die op andere dagen rond de 85 procent ligt. De wethouder wil de stallingen optimaal benutten en langdurig stilstaande fietsen zo veel mogelijk vermijden. De stallingen rondom het centraal station zijn bedoeld voor NS-reizigers en het beleid van de eerste 24 uur gratis parkeren is erop gericht actieve fietsers te bedienen en de stallingen beschikbaar te Pagina 29 van 41
houden voor zoveel mogelijk gebruikers. De wethouder geeft aan dat zij niet van plan is het gratis parkeren te verkorten maar op 24 uur te houden. 5
10
15
20
25
30
35
40
45
De heer Dekkers (GroenLinks) is van mening dat dit nieuw is omdat er in de Openruntstalling ook plekken voor 48-uur zouden komen. Wethouder Maatoug vindt het een terechte vraag maar gezien de schaarste en de drukte blijft het huidige beleid gehandhaafd, hoewel er ambities zijn deze op korte termijn niet te realiseren. In de raadsbrief van 5 november 2024 is de raad geïnformeerd over de uitbreiding van fietsplekken bij station Vaartsche Rijn. Het realiseren van extra plekken in de bestaande parkeergarage is lastig omdat er verschillende aanpassingen nodig zijn. Bovendien wordt de bouw van de definitieve uitbreiding bemoeilijkt door tijdelijk gebruik van de locatie. Aan de Baden Powellweg is er buiten nog capaciteit in de rekken en volgens de wethouder zou hier meer aandacht aan besteed kunnen worden. Bij nieuw te bouwen stallingen wordt in het Programma van Eisen rekening gehouden met speciale fietsen. Voor bestaande stallingen wordt onderzocht waar meer plekken gerealiseerd kunnen worden. In het tweede kwartaal komt de wethouder met een brief waarin verder wordt ingegaan op de ontheffing voor mensen met een fysieke beperking. Het beleid is erop gericht om fietsen inpandig te stallen, zodat de openbare ruimte vrij en toegankelijk blijft. In het stationsgebied is er geen ruimte om extra rekken in de openbare ruimte te plaatsen.
Wat betreft het bestemmingsplan Zuidflank, dat is aangeboden door wethouder Eerenberg, wordt er gekeken naar mogelijkheden om extra stallingsruimte te realiseren. Voor Vaartsche Rijn is versnelling van de plannen lastig, omdat er aanpassingen nodig zijn aan het spoorviaduct. Dit zijn ingrijpende werkzaamheden die zorgvuldige planvorming vereisen. De wethouder wil versnellen, maar dit zal komend jaar blijken of dit haalbaar is. Tijdens de verbouwing zal een deel van de stalling niet beschikbaar zijn. In de bouwplannen worden alternatieven meegenomen om bestaande formele fietsparkeerplekken te compenseren. De stalling op het stationsplein is druk bezet maar niet overbelast. Op verzoek van het college heeft het UW-bedrijf de afgelopen week veel weesfietsen verwijderd, waardoor de druk op de stalling is afgenomen. In de stalling Laag Catharijne is ruimte voor bromfietsen. Het faciliteren van brom- en snorfietsen vraagt extra maatregelen. Het college heeft geen plannen om het aantal plekken voor bromfietsen uit te breiden, maar zodra de stalling Sijpesteijn weer opent, zullen er wel weer meer plekken voor bromfietsen zijn, zoals voorheen het geval was. De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt of die extra maatregelen ook gelden als de scooters straks allemaal elektrisch zijn. Wethouder Maatoug vindt dit een goede vraag.
De wethouder benadrukt dat hiervoor de algemene aanpak geldt en dat de situatie voortdurend wordt gemonitord. Parkeren op afstand valt niet onder deze commissie, dus deze vraag kan de wethouder nu niet beantwoorden. Het Centraal Station beschikt normaal gesproken over vier fietsenstallingen en vanaf 2026 komen daar waarschijnlijk ook de stallingen in P1 en het Jaarbeurspleingebouw bij. Dit biedt volgens het college voldoende spreiding van risico's. De oplevering van de stallingen aan de centrumzijde, P1 en P4, is mogelijk iets eerder gepland, namelijk in het vierde kwartaal van 2026, maar hierover kan nog geen zekerheid worden gegeven. Aan de westzijde wordt nauwelijks buiten de stalling geparkeerd. Dagelijks worden er slechts enkele fietsen verwijderd. De heer De Pagter (VVD) had niet gevraagd naar het verwijderen van fietsen maar hij heeft gevraagd naar het realiseren van een tijdelijke stalling op het Westplein.
50
55
60
Wethouder Maatoug geeft aan dat zij de vraag aanvankelijk verkeerd heeft begrepen en dat zij hier later op terugkomt. In de eerder toegezegde brief voor het tweede kwartaal wordt ook een lijst opgenomen met locaties die onderzocht zijn voor tijdelijke fietsenstallingen. Het gaat hierbij echter om kleine stukken openbare ruimte waar doorgaans slechts een beperkt aantal fietsen geplaatst kan worden. Het Jaarbeursplein voldoet momenteel aan de vraag naar fietsparkeerplekken aan de zijde van de Jaarbeurs. Vandaag nog wordt de stalling daar uitgebreid met vijfhonderd extra plekken, waardoor het totaal op ruim drieduizend plekken komt. Bij andere stations is uitbreiding op dit moment niet nodig. Wel wordt onderzocht of het mogelijk is om meer rekken op het maaiveld te plaatsen bij de stations Lunetten en Vleuten. De vraag over het stimuleren van fietsparkeren vindt de wethouder een goed punt. Ze geeft aan bekend te zijn met de app, maar erkent dat het soms toch lastig kan zijn om een vrije fietsparkeerplek te vinden. Met de Pagina 30 van 41
Stallencampagne worden nieuwe studenten gestimuleerd om hun fietsen correct te stallen. Daarnaast blijft het college via innovatieprojecten kijken naar nieuwe mogelijkheden. De wethouder ziet dit als een aanmoediging om op de ingeslagen weg door te gaan. 5
10
15
Mevrouw van Meerveld (Student&Starter) had de vraag of er in de volgende brief meegenomen kon worden hoe de wethouder het fietsparkeren precies verder wil gaan stimuleren. Wethouder Maatoug geeft aan dat het college standaard een voortgangsrapportage mobiliteit opstelt. In deze rapportage wordt ook de inzet rond de Stallencampagne opgenomen. Ze nodigt de raad uit om tijdens de bespreking hiervan met inspirerende ideeën te komen. De wethouder ziet geen reden om het gratis parkeren te verkorten naar twaalf uur. Uit signalen blijkt juist dat er meer behoefte is aan langer parkeren. Daarnaast levert een verkorting van de gratis parkeertijd nauwelijks extra plekken op. Bovendien bestaat het risico dat mensen hierdoor meer buiten de stallingen gaan parkeren. Hiermee zou het college ook afwijken van de landelijke norm. In de Knoopstalling zijn recent enkele plekken voor bakfietsen gerealiseerd. Daarnaast worden in de nieuwe situatie aan de Sijpesteijnkade 34 extra fietsparkeerplekken voor bakfietsen toegevoegd. Gemiste antwoorden
20
25
30
De heer Van der Graaf (ChristenUnie) heeft de vraag gemist of er een tijdelijke oplossing mogelijk is bij Vaartsche Rijn. Wethouder Maatoug geeft aan dat het op dit moment niet mogelijk is maar dat dit ook een urgent gebied is en dat er continu gepuzzeld wordt voor mogelijkheden. Waarschijnlijk zit een tijdelijke oplossing wel de ontwikkeling van de permanente oplossing in de weg. De tijdelijke stalling Westplein wordt niet terug geplaatst omdat er geen ruimte voor is en omdat er straks voldoende ruimte is in de huidige stalling. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) merkt op dat de fietsenstalling Vaartsche Rijn er nog niet bij staat. De voorzitter geeft aan dat deze nog wordt toegevoegd.
35
Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt of het een toezegging kan worden wanneer de extra parkeerplekken voor bakfietsen worden gerealiseerd. Wethouder Maatoug neemt dit ook mee in de brief.
40
45
50
55
Mevrouw van Meerveld (Student&Starter) wil ook de positieve stimulatie van fietsparkeren meegenomen hebben in de brief. Wethouder Maatoug geeft aan dat dit al meegenomen wordt in de voortgangsbrief die later komt. Zij weet niet of het haalbaar is om dit al in het tweede kwartaal mee te nemen. De voorzitter schorst de vergadering voor een woordvoerderswissel. Toezegging Wethouder Maatoug College komt in Q2 2025 met een raadsbrief waarin wordt onder meer ingegaan op: • fietsparkeerplekken voor mensen met een beperking • ontheffing voor mensen met fysieke beperking • lijst met locaties die onderzocht zijn voor nieuwe fietsparkeerplekken • fietsenstalling bij station Vaartsche Rijn • Parkeerplekken voor bakfietsen
Pagina 31 van 41
10. Raadsbrief Voortgang evaluatie Keurmerk Taxi Utrecht 5
10
15
Mededelingen De wethouder heeft geen mededelingen. Mededelingen De commissieleden hebben geen mededelingen. De voorzitter heropent de vergadering en leest voor dat er in deze raadsbrief maatregelen worden aangekondigd om de kwaliteit en betrouwbaarheid van de Utrechtse taxibranche te verbeteren en er wordt een aanpassing van de taxiverordening genoemd. De PvdD ziet mogelijkheden om de branche te verduurzamen en wil daarom aanvullende maatregelen voor de verordening of het taxikeurmerk meegeven aan het college. UtrechtNu! wil graag meer algemeen de maatregelen bespreken. De ondersteuning had er rekening mee gehouden dat dit debat in de avond zou plaatsvinden en is nu niet in staat op tijd aanwezig te zijn. Nu zal dan ook alleen de inbreng gedaan worden en dan zal de beantwoording na de dinerschorsing plaatsvinden. Eerste termijn
20
25
30
35
40
45
De heer Van Heuven (PvdD) heeft de brief aangegrepen om enkele onderwerpen aan te kaarten en hierover vragen te stellen. Hij waardeert de zichtbare verbeteringen en het aangekondigde pakket maatregelen om de kwaliteit en betrouwbaarheid van taxi’s te verhogen. Aangezien de gemeente het gebruik van auto’s steeds verder wil ontmoedigen, ziet hij de taxi als een goed alternatief. De PvdD ondersteunt het aangekondigde onderzoek naar maatregelen voor betere kwaliteit en betrouwbaarheid, maar merkt op dat duurzaamheid daarin nog ontbreekt. Hij vraagt de wethouder of zij de mening deelt dat duurzaamheid ook een criterium zou moeten zijn in het beleid. De PvdD ziet nog vaak taxi’s met stationair draaiende motoren wachten op klanten en stelt voor om hier iets aan te doen. Hij vraagt of dit in de verordening kan worden opgenomen. Daarnaast vraagt hij hoe de gemeente taxi’s kan ondersteunen bij de overstap naar elektrisch rijden, bijvoorbeeld door laadpalen bij taxistandplaatsen te realiseren. Hij vraagt een toezegging van de wethouder om te onderzoeken of laadpalen bij taxistandplaatsen kunnen worden meegenomen in de plannen voor het komende jaar. Tot slot vraagt hij of het mogelijk is om elektrische taxi’s voorrang te geven op voertuigen die op fossiele brandstof rijden bij het ophalen van passagiers, zoals dit al in Amsterdam wordt toegepast.
Hij vraagt of de wethouder kan onderzoeken of een dergelijke regeling ook voor Utrecht haalbaar is. De heer Dekkers (GroenLinks) merkt op dat uit de evaluatie blijkt dat er veel mis is met de kwaliteit van het taxivervoer, met name rondom ritweigering en het hanteren van te hoge tarieven. Hij wijst erop dat hier recent weer klachten over zijn binnengekomen en hij vraagt of er voldoende effectieve maatregelen beschikbaar zijn om dit probleem aan te pakken. Daarnaast stelt hij voor om het onderzoek specifiek te richten op de chauffeurs die rijden voor platformbedrijven, zodat ook zij voldoen aan de gestelde kwaliteitseisen en arbeidsvoorwaarden. Tot slot sluit hij zich aan bij de vragen van de PvdD over duurzaamheid en het stimuleren van elektrisch taxivervoer. Mevrouw Zwinkels (CDA) wil ook aansluiten bij de vragen van de PvdD. Zij heeft wel nog vernomen dat er prijsverschil is tussen een taxi die je bestelt en wanneer je spontaan een taxi pakt in bijvoorbeeld het stationsgebied. Zij wil weten of de wethouder dit herkent en of er iets aan te doen is.