Conceptverslag MGOR 13 februari 2025
Tekst van het document
Daarbij moet ook worden uitgelegd waarom bepaalde wijken of buurten nog niet aan de beurt zijn. Hij vraagt het college om een hoofdlijnstructuur waarin staat aangegeven op welke wegen maatregelen mogelijk en haalbaar zijn. Daarbij vindt hij de betrokkenheid van burgers essentieel. Inwoners van Overvecht en Kanaleneiland hebben hierover waarschijnlijk een mening en moeten die kunnen uiten. Hoewel de provincie verantwoordelijk is voor de aanbesteding van wegen, zijn het de gemeente en haar inwoners die deze gebruiken en ervoor betalen. De invoering van deze maatregelen en de start van werkzaamheden hebben bovendien directe gevolgen voor het openbaar vervoer. De heer Bosch (UtrechtNu!) is het ermee eens dat Utrecht zelf over de eigen weginrichting en inwoners gaat. De concessiehouder bepaalt echter waar het OV rijdt, waardoor de raad daar weinig directe invloed op heeft. Dat betekent volgens hem niet dat er niet over gesproken mag worden, en hij vraagt of de heer Nyqvist dat standpunt deelt.
Pagina 17 van 53
5
10
15
De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) geeft aan dat hij hierover buiten de zaal nog wel eens een college over openbaar vervoer en aanbestedingen wil geven. Hij is het niet oneens met de heer Bosch, maar benadrukt dat de maatregelen negatieve gevolgen kunnen hebben. De langere omlooptijden door de invoering van 30 km/u zullen ook impact hebben op het openbaar vervoer. De heer Bosch (UtrechtNu!) concludeert dat hij het eens is met de heer Nyqvist. De heer Dekkers (GroenLinks) hoort Stadsbelang Utrecht pleiten tegen invoering in Overvecht, terwijl verkeersveiligheid daar juist een belangrijk thema is. De voorzitter merkt op dat Overvecht inmiddels voldoende besproken is. De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) benadrukt dat hij niet heeft gezegd dat er niet naar Overvecht gekeken mag worden. Hij pleit ervoor om de bewoners een belangrijke rol te geven in het proces en hen actief te betrekken. Daarnaast wijst hij erop dat hulpdiensten te maken krijgen met belemmerende factoren, waardoor aanrijtijden in gevaar kunnen komen. Hij vreest dat dit inderdaad het geval zal zijn. Daarom stelt hij opnieuw voor om een duidelijke hoofdstructuur op te stellen, waarbij rekening wordt gehouden met participatie en de beschikbare financiële middelen.
20
De heer Vasters (D66) verwijst naar de raadsbrief, waarin volgens hem een duidelijke onderbouwing staat over het verminderen van ongelukken, de positieve milieuaspecten en de lagere communicatiekosten. Hij vraagt de heer Nyqvist wat hij nog nodig heeft om achter de invoering te staan.
25
De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) stelt dat een goede onderbouwing gebaseerd moet zijn op feiten. Volgens hem laten de resultaten uit Amsterdam een ander beeld zien, waardoor de gepresenteerde argumenten over snelheidsverlaging en verkeersveiligheid niet kloppen.
30
De heer Vasters (D66) wijst erop dat er wél resultaten uit Amsterdam zijn. Daar blijkt dat de gemiddelde snelheid met tien procent is gedaald en dat dit heeft geleid tot dertig procent minder ongelukken. Volgens hem zijn dit feitelijke gegevens en is er dus wel degelijk een onderbouwing.
35
De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) vindt dat er sprake is van een vergelijking die niet opgaat, omdat het rondwegensysteem in Amsterdam heel anders is dan in Utrecht. Het gesprek zou anders zijn als de Zuilense Ring al was aangelegd, maar dat is niet het geval. Zolang er maatregelen worden genomen die de mobiliteit belemmeren, blijft hij van mening dat de feitelijke onderbouwing ontbreekt.
40
De voorzitter kijkt naar de tijd en vraagt de commissieleden om zich te beperken tot noodzakelijke vragen. De heer Vasters (D66) stelt dat de maatregel gewoon ingevoerd moet worden.
45
50
55
60
De heer Raghib (DENK) sluit zich aan bij Stadsbelang Utrecht en pleit ervoor om eerst te evalueren en pas daarna te beslissen. De voorzitter merkt op dat dit geen vraag was en dus ook geen interruptie. Hij besluit door te gaan naar de volgende fractie voor hun inbreng. Utrecht Solidair heeft aangegeven geen inbreng te hebben, maar dat zij vanmiddag wel bij het debat aanwezig zal zijn. De heer Baijens (PvdD) steunt het voorstel om de invoering te versnellen en vraagt zich af of er budget overblijft voor de wegen die nu niet worden meegenomen. Daarnaast wil hij weten of er in het groenbudget ruimte is om bij de herinrichting extra bomen te plaatsen. De voorzitter schorst de vergadering voor tien minuten en geeft aan dat de complexere vragen in de lunchpauze verder worden uitgezocht. Wethouder Maatoug is blij dat er wordt gesproken over een versnelde invoering van 30 km/u op wegen zonder vrijliggende fietspaden. Zij gaat de gestelde vragen een voor een beantwoorden en feliciteert de nieuwe commissieleden met hun eerste inbreng. Pagina 18 van 53
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
De wethouder erkent dat de vraag of er gewacht moet worden op de lessen uit Amsterdam terecht is, maar benadrukt dat Utrecht een eigen werkwijze hanteert. Wel is er van Amsterdam geleerd om vanaf het begin handhaving in te zetten. Daarnaast ziet de wethouder dat het belangrijk is om begrip te kweken bij de politie. Utrecht profiteert van het feit dat Amsterdam al gesprekken hierover is gestart, waardoor de landelijke discussie hierover al verder is gevorderd. Volgens de wethouder is het essentieel om goed onderbouwd aan te tonen waarom een bepaalde locatie risicovol is en prioriteit moet krijgen. Daarom is er gekozen voor een afgebakende lijst, in plaats van een volledige gebiedsaanpak. Dit principe is vastgelegd in de werkwijze die in de brief wordt toegelicht. De wethouder geeft aan dat zij flitspalen gaat aanvragen bij het CVOM en hierover in gesprek is met Amsterdam om een solide onderbouwing te formuleren voor de selectie van kansrijke locaties. Sinds kort is het mogelijk om bij het Openbaar Ministerie flitspalen aan te vragen voor 30 km/u-wegen. De wegen die nu onder de maatregel vallen, zijn al niet optimaal ingericht op 50 km/u en lijken qua inrichting grotendeels al op 30 km/u-wegen. Het uitvoeringsprogramma wordt in het tweede kwartaal naar de raad gestuurd. De voorzitter schorst de vergadering kort zodat de wethouder haar tekst op de laptop kan terugvinden.
Wethouder Maatoug geeft aan dat de huidige aanpak aansluit bij het mobiliteitsplan en dat alleen de Burgemeester van Tuylkade en de Prins Bernhardlaan daarin waren opgenomen als 50 km/uwegen. De wethouder stelt een monitoringsplan op waarin wordt vastgelegd hoe de invoering wordt gemonitord. Dit plan wordt onderdeel van het uitvoeringsprogramma, dat nog moet worden opgesteld. De suggesties van Volt worden meegenomen, maar er wordt ook gekeken naar wat haalbaar is. In het uitvoeringsprogramma wordt rekening gehouden met het OV en de nood- en hulpdiensten. Bestaande buslijnen blijven intact en de aanleg van nieuwe rijstroken is niet overal mogelijk. De belangen van alle betrokken partijen zijn zorgvuldig afgewogen in de aanpak. Uit onderzoek blijkt dat de impact op de doorstroming van het OV en de hulpdiensten beperkt is. Veiligheid is door de wethouder al als prioriteit meegenomen en blijft leidend bij de werkwijze voor de aanpak van wegen. Dit voorjaar maakt de wethouder een overzicht van locaties waar veel ongelukken gebeuren, meldingen binnenkomen of de inrichting niet op orde is. Op basis hiervan wordt een analyse gemaakt en bepaald welke locaties prioriteit krijgen voor verbetering. Hier worden kleine maatregelen getroffen die passen binnen het beschikbare budget. Dit betreft geen integrale herinrichtingen die veel geld kosten.
Het monitoringsplan beschrijft hoe de snelheid van het verkeer wordt gemeten en hoe de impact op de nood- en hulpdiensten en het OV wordt gevolgd. Alle buurten blijven bereikbaar zoals nu. Omdat herinrichting wordt gecombineerd met gepland onderhoud, kan het jaren duren voordat alles is uitgevoerd. Binnen de versnellingsaanpak worden kleine aanpassingen gedaan, zoals het plaatsen van borden, markeringen, belijning en poortconstructies. De wegen zijn juist geselecteerd op basis van de mogelijkheden om deze maatregelen goed uit te voeren. Het handhavingsplan gaat dieper in op de handhaving van de nieuwe snelheidsmaatregel. De wethouder is hierover in gesprek met de politie en het Openbaar Ministerie en er worden flitspalen aangevraagd. Het OM bepaalt of een locatie geschikt is voor een flitspaal, daarom haalt de wethouder ervaringen op uit andere steden om een goed onderbouwde aanvraag in te dienen. Wat betreft een versnelde invoering van 15 km/u begrijpt de wethouder de wens, maar dit kan niet direct worden meegenomen. Erven hebben een wettelijke status en zijn geen richtlijnen. Voor de invoering gelden strikte eisen: een straat mag geen doorgaande verkeersfunctie hebben, er mag geen onderscheid zijn tussen rijbaan en stoep, en de inrichting moet zo zijn dat stapvoets rijden vanzelfsprekend wordt.
Dit vereist vaak een herinrichting van gevel tot gevel, waar momenteel geen budget voor is. Hoewel erven deel uitmaken van de ambitie voor een leefbare stad, zijn er op dit moment geen locaties die aan deze voorwaarden voldoen. Verkeersveiligheid blijft leidend voor de wethouder, ook bij de prioritering van wegen. Op de huidige wegen staat de veiligheid van fietsers onder druk, en juist daarom worden deze wegen geprioriteerd op basis van landelijke richtlijnen. Onder het programma vallen alle wegen zonder vrijliggende fietspaden. Vanuit veiligheidsoogpunt worden de Omloop, Stadhouderslaan, Laan van Chartroise, Rutherfordweg, Museumlaan, Oudenoord en Ahornstraat ook versneld omgezet naar 30 km/u. Daarnaast houdt de wethouder budget beschikbaar om op wegen met een vrijliggend fietspad bij te dragen aan werkzaamheden voor onderhoud. De heer Bosch (UtrechtNu!) merkt op dat de Oudenoord zowel gedeelten met als zonder vrijliggende fietspaden heeft en vraagt of het college van plan is om de fietspaden te verwijderen. Pagina 19 van 53
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
Wethouder Maatoug geeft aan dat de fietspaden niet worden verwijderd, maar dat de wegen in de aanpak zorgvuldig zijn geselecteerd, zoals in de brief is toegelicht. Hoewel sommige wegen deels vrijliggende fietspaden hebben, liggen de fietspaden grotendeels op dezelfde wegen. De wethouder gaat vervolgens in op de vraag van de ChristenUnie over communicatie. De aanpak geldt voor alle straten waar fietsers op de rijbaan rijden en daar richt de communicatie zich ook op. Vorige week zijn er extra flitspalen geplaatst en komend jaar zal er op meerdere locaties worden geflitst met mobiele flitspalen. Daarnaast wordt er versneld een aanvraag ingediend bij het CVOM voor flitspalen in de 30 km/u-gebieden. Straten met grote veiligheidsproblemen worden beoordeeld op basis van ongevallen, meldingen en onderhoudsstatus. De meest risicovolle locaties worden als eerste aangepakt, binnen de beschikbare financiële middelen. Kleine maatregelen kunnen direct op straat worden uitgevoerd, terwijl grotere herinrichtingen worden meegenomen in het geplande onderhoud. Het college houdt daarbij steeds de verkeersveiligheid als prioriteit. De wethouder hoopt dat dit onderwerp ook wordt meegenomen in het debat over de hinderplanning.
Ze geeft daarnaast een actueel overzicht van de straten die in 2024 al zijn teruggebracht naar 30 km/u: Willem Dreeslaan, Jutfaseweg, Amsterdamsestraatweg, Vlampijpstraat, Gietijzerweg, Walserijstraat en Archimedeslaan Noord. De wethouder vindt het door de heer Bosch voorgestelde werkbezoek een goed idee en roept op om dit te organiseren. De voorzitter vraagt of de gemeente dit kan faciliteren, gezien de werkdruk van de raadsleden. Wethouder Maatoug zegt dit toe. Ze bevestigt dat de fietsstroken aan de Oudenoord blijven liggen, evenals op andere wegen waar deels vrijliggende fietspaden zijn en deels niet. Op deze wegen wordt ook 30 km/u ingevoerd. De straten in de aanpak hebben geen vrijliggend fietspad, waardoor 50 km/u daar niet veilig is. De GOW30-norm is een richtlijn waarvan mag worden afgeweken, zolang dit geloofwaardig gebeurt. Volgens deze norm zijn onder andere klinkers, drempels, fietsvoorzieningen en gebundelde oversteken vereist, maar die zijn alleen te realiseren bij een volledige herinrichting. Drempels zijn zelfs dan lastig vanwege de belangen van het OV en de impact van trillingen. De wethouder probeert zo goed mogelijk rekening te houden met de GOW30-normen, maar wijst erop dat ook de GOW50-richtlijnen niet overal strikt worden gevolgd. De heer Bosch (UtrechtNu!) had gevraagd hoeveel straten daadwerkelijk aan de GOW30-norm zullen voldoen.
Wethouder Maatoug geeft aan dat hier geen exacte tabel van te maken is. Op basis van de richtlijnen worden inschattingen en afwegingen gemaakt. De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt waarom de politie aangeeft niet te handhaven op wegen die niet voldoen aan de GOW30-norm. Volgens hem moet een weg dan toch aan een bepaalde norm of kader voldoen, en hij wil weten waarom het college niet kan aangeven welke wegen hier wel of niet aan voldoen. Wethouder Maatoug geeft aan dat de GOW30-norm eerder niet bestond. Er is geen lijst met wegen die wel of niet aan de norm voldoen, omdat de norm ruimte laat voor afwegingen. Het college heeft bewust voor deze aanpak gekozen, de zogenoemde Utrechtse aanpak, waarbij zorgvuldig wordt gewogen of een maatregel uitlegbaar en communicatief helder is. De wethouder wijst erop dat Amsterdam de snelheidsverlaging zonder handhaving heeft ingevoerd en dat dit toch effect heeft gehad. Utrecht kiest er echter voor om vanaf het begin te handhaven. Het plaatsen van 30 km/u-borden is geen suggestie, en de wethouder vindt het belangrijk dat de maatregel daadwerkelijk wordt nageleefd om schijnveiligheid te voorkomen. Een van de voordelen van de versnelde aanpak is dat er kritischer naar de lijst met straten is gekeken. Het overgrote deel van de aanpak sluit aan bij het mobiliteitsplan.
De wethouder wil dan ook benadrukken dat er geen fundamenteel andere koers wordt gevaren. De twee eerder genoemde uitzonderingen, de Burgemeester van Tuylkade en de Prins Bernhardlaan, zijn in de huidige situatie niet veilig bij 50 km/u en worden daarom meegenomen in de 30 km/u-aanpak. Het college ziet deze wegen vanuit verkeersveiligheidsperspectief als ongeschikt voor 50 km/u. De wethouder benadrukt dat de aanpak in lijn blijft met het mobiliteitsplan en dat de invoering wordt versneld op wegen zonder vrijliggende fietspaden. Op wegen met vrijliggende fietspaden wordt 30 km/u pas ingevoerd na een herinrichting. De wegen die nu worden aangepakt, zijn bij 50 Pagina 20 van 53
5
10
15
20
25
30
35
km/u niet veilig. Wegen met vrijliggende fietspaden worden op termijn heringericht, maar blijven tot die tijd 50 km/u. Op wegen rond industrieterreinen wordt ook een toename van verkeer gezien. Weggebruikers verwachten hier minder vaak voetgangers en fietsers en de impact van een ongeval is groter. Daarom wordt ook op deze wegen versneld 30 km/u ingevoerd. Daarnaast komen werknemers in deze gebieden steeds vaker op de fiets. De heer De Pagter (VVD) merkt op dat de Isotopenweg een vrijliggend fietspad heeft, maar toch in het plan is opgenomen voor een snelheidsverlaging naar 30 km/u. Hij vindt dat daar niet geloofwaardig of logisch. Wethouder Maatoug geeft aan dat de Isotopenweg bewust is meegenomen. In het betreffende gebied zouden anders overgangen tussen verschillende snelheden ontstaan, wat niet goed uit te leggen is. De behoefte aan een interactieve kaart wordt meegenomen in het uitvoeringsprogramma. In het mobiliteitsplan is vastgelegd welke wegen als stedelijke verbindingswegen gelden en die blijven 50 km/u. De Franciscusdreef staat op de lijst omdat alleen de ventweg naar 30 km/u gaat; de tweebaansweg zelf blijft 50 km/u. De wethouder benadrukt dat de keuze voor deze aanpak niet overhaast is, maar juist een bewuste Utrechtse aanpak en geen kopie van Amsterdam. Ze hoopt dat Utrecht in de toekomst juist een voorbeeld wordt voor andere gemeenten.
In het uitvoeringsprogramma zal de wethouder duidelijk aangeven wat gemonitord wordt. De werkwijze van Amsterdam is heel anders en Utrecht maakt haar eigen beleid. In de raadsbrief over het uitvoeringsprogramma komt een planning en de wegen met vrijliggende fietspaden worden aangepakt volgens het principe ‘werken met werk’, waarbij snelheidsverlaging wordt meegenomen bij regulier onderhoud. Deze straten zullen expliciet worden vermeld in de raadsbrief. De invoering gebeurt niet in één keer; bewoners worden hier nog uitvoerig over geïnformeerd. De wethouder geeft aan dat er geen participatietraject is geweest voor de versnelde invoering van 30 km/u, omdat dit voortkomt uit het mobiliteitsplan. In de raadsbrief over de voortgang van verkeersveiligheid van 31 januari 2024 is het rapport over de impact van 30 km/u op nood- en hulpdiensten gedeeld. Hierin is uitgebreid ingegaan op de verwachte effecten. De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) vraagt of de aanrijtijden van hulpdiensten binnen de norm blijven of dat deze worden overschreden. Wethouder Maatoug benadrukt dat verkeersveiligheid en de randvoorwaarden leidend zijn geweest en dat hierover afstemming heeft plaatsgevonden met de brandweer. De keuzes zijn zo gemaakt dat er geen risico’s zijn voor de aanrijtijden.
De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) concludeert dat hij gerust kan slapen, aangezien de brandweer het met de wethouder eens is.
40
45
Wethouder Maatoug bevestigt de afstemming met de brandweer, maar laat de nachtrust van de heer Nyqvist aan hemzelf over. De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) vraagt om begrip, omdat de raad over minder informatie beschikt dan de wethouder. Wethouder Maatoug geeft aan dat er na de invoering jaarlijks één miljoen euro beschikbaar blijft om financiële bijdragen te leveren aan herinrichtingen van wegen met vrijliggende fietspaden. Bij een herinrichting wordt vergroening meegenomen, maar omdat de versnelde invoering geen volledige herinrichting betreft, is er binnen deze aanpak geen ruimte voor vergroening.
50 Gemiste antwoorden
55
60
De heer Mulderij (CDA) merkt op dat hij nog geen antwoord heeft gekregen op zijn vraag over de zorgen van senioren over het mogelijke wegvallen van bushaltes. Wethouder Maatoug geeft aan dat er geen bushaltes zullen verdwijnen. Mocht dat toch het geval zijn, dan hoort zij dit graag. Ze is in gesprek met de provincie over de impact op de reistijden en de gevolgen voor het openbaar vervoer. Hier wordt zorgvuldig naar gekeken en zodra er meer informatie is, zal zij dit terugkoppelen. Dit geldt met name voor de straten die in de volgende fase van de invoering aan bod komen. Pagina 21 van 53
De heer De Pagter (VVD) geeft aan dat hij het antwoord heeft gemist op de vraag of de lijst of de kaart als leidraad wordt aangehouden. 5
De heer Bosch (UtrechtNu!) merkt op dat hij nog geen antwoord heeft gekregen op zijn vraag of er door deze maatregel niet meer verkeer door rustige straten zal komen. Daarnaast had hij erop gewezen dat de Balijelaan onduidelijk in de stukken staat vermeld, omdat deze wel expliciet wordt genoemd, maar ook een vrijliggend fietspad heeft.
10
De voorzitter kijkt of de wethouder de vragen direct kan beantwoorden of dat dit na de pauze moet gebeuren.
15
Wethouder Maatoug erkent dat er verschillen zijn tussen de lijst en de kaart en zal in het uitvoeringsprogramma een actueel overzicht opnemen. Na de schorsing zal zij ingaan op de Balijelaan.
20
De voorzitter schorst de vergadering om 13.02 uur voor de lunch. Na de pauze zal dit agendapunt worden afgerond, samen met de toezeggingen. Hij roept ook de fracties op om de woordvoerder groen tussen 16.00 uur en 17.00 uur beschikbaar te hebben omdat dit debat mogelijk in de middag al begint.
Pagina 22 van 53
5
Verslag openbare middagvergadering commissie Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte Datum Locatie Verslag door
10
15
donderdag 13 februari 2025 Stadhuisbrug 1, Utrecht, Stadhuishal Mevrouw C. Hilhorst (Notuleerservice Nederland)
Aanwezigen
De voorzitter, dhr. H. Stellinga, de wethouders mw. S. Maatoug, mw. L. Voortman, de commissiegriffier mw. M. Friele, de leden, mw. K. Alblas (ChristenUnie), dhr. J. Baijens (PvdD), dhr. J. Bart (GroenLinks), dhr. D. Bosch (UtrechtNu!), dhr. J. Cornielje (PvdA), dhr. H. Geleijns (D66), dhr. R. van der Graaf (ChristenUnie), mw. M. Hellevoort (GroenLinks), dhr. R. van den Hoek (UtrechtNu!), mw. J. Kool (Volt), dhr. C. Nyqvist (Stadsbelang Utrecht), dhr. M. de Pagter (VVD), mw. C. Passier (Volt), dhr. Y. Raghib (DENK), mw. A. Sasbrink (PvdD), mw. K. Steinhart (Stadsbelang Utrecht), mw. N. Stylianou (D66), dhr. J. Vasters (D66), mw. J. Zwinkels (CDA)
Afwezigen
Er zijn geen afwezigen gemeld. 20
25
Inhoud 1. Opening .......................................................................................................................................23 7. Raadsbrief Versnellen 30 km-aanpak .........................................................................................23 8. Bereikbare en toegankelijke stad ................................................................................................24 9. Beantwoording Schriftelijke vragen Passen al deze projecten wel in het Mobiliteitsplan 2024? 34 10. Raadsbrief Plan van Aanpak Rekenkameronderzoek 'Vergroening, van droom naar daad' ....37 LIJST VAN TOEZEGGINGEN.........................................................................................................42
1. Opening De voorzitter opent het middagdeel van de vergadering om 14.02 uur en heet iedereen welkom. 30
7. Raadsbrief Versnellen 30 km-aanpak De voorzitter geeft het woord aan wethouder Maatoug voor het vervolg van de beantwoording van de gemiste vragen.
Pagina 23 van 53
Wethouder Maatoug beantwoordt de vraag van UtrechtNu! over de Balijelaan. De Balijelaan heeft fietspaden die op een andere hoogte liggen dan de rijbaan of er is een duidelijk ruimte tussen de weg en het fietspad. Op de Balijelaan blijft het 50 km/uur. 5
De voorzitter vraagt of de agenderende fracties met het debat het gewenste hebben bereikt. De heer Vasters (D66) vond het een goed debat waarin veel is uitgewisseld en veel vragen zijn beantwoord. D66 heeft geen behoefte om dit naar de raad door te geleiden.
10
De heer De Pagter (VVD) overweegt een motie en laat het DB dat nog weten. Het onderwerp van de motie is of het realistisch is om 30 km/uur in te voeren op de Isotopenweg waar een vrij liggend fietspad ligt.
15
De commissiegriffier heeft als toezegging genoteerd dat het college in Q2 2025 komt met een raadsbrief over het uitvoeringsprogramma voor 30 km/uur-aanpak inclusief een monitoringsprogramma. Zij heeft de informele toezegging genoteerd dat het college een werkbezoek gaat organiseren.
20
Wethouder Maatoug vult aan dat het college het voorbereidende werk doet voor een werkbezoek waarop de commissie kan beslissen het te doen.
8. Bereikbare en toegankelijke stad 25
30
35
40
45
50
55
De voorzitter licht toe dat de agenderende partijen (Volt, CDA, EenUtrecht, GroenLinks, PvdA, VVD, Utrecht Solidair en UtrechtNu!) in gesprek willen over de toegankelijkheid van Utrecht, met name over de kwantiteit en kwaliteit van gehandicaptenparkeerplaatsen met als doel tot voorstellen te komen om deze kwantiteit en kwaliteit te verbeteren. Mevrouw Passier (Volt) memoreert dat aan het begin van deze raadsperiode voor het stadhuis twee of drie gehandicaptenparkeerplaatsen waren, maar deze zijn verplaatst naar de Annastraat. Een parkeerplaats die dichtbij voorzieningen ligt, maakt hem niet direct geschikt als gehandicaptenparkeerplaats. In dit geval is de parkeerplaats aan de Annastraat smaller en is het wegdek ongelijk en daardoor is deze niet voor iedereen geschikt om uit te stappen of voor alle rolstoelliften. Volt is voor een toegankelijk Utrecht, want Utrecht is voor iedereen. Maar nog niet iedereen kan nu haar of zijn plek in Utrecht vinden. Daarvoor moeten drempels worden verlaagd zodat iedereen kan meedoen en de openbare ruimte moet geschikt zijn voor iedereen om zich vrij te kunnen bewegen. En dat geldt ook voor gehandicaptenparkeerplaatsen. Er is een werkbezoek gehouden met SOLGU en U op Leeftijd. Gebleken is dat AGP's niet altijd voldoen aan wat de doelgroep nodig heeft.
AGP's verdwijnen en worden verplaatst, de website van AGP's blijkt niet accuraat en AGP's zijn onvoldoende onderscheidend waardoor er veel anderen op parkeren. Volt concludeert dat het niet goed gaat en verbetering is hard nodig. Hoe wordt al invulling gegeven aan de uitgangspunten van de beleidsnota 'Parkeren en Toegankelijkheid' en de motie 'Denk andersom, denk eerst aan mensen met een beperking' die in 2024 is aangenomen? Twee weken geleden is een debat gevoerd naar aanleiding van de evaluatie van Utrecht Standaard Toegankelijk in het kader van toegankelijkheid van scholen. Voor vastgoed heeft de commissie op dit thema een rode kaart uitgedeeld. Deze handschoen is goed door het college opgepakt. Wil de wethouder toezeggen dat het college ook voor gehandicaptenparkeerplaatsen zo een stap naar voren zet en in samenspraak met SOLGU met een dergelijke aanpak komt? Volt is van mening dat duidelijke richtlijnen in het handboek Openbare Ruimte moeten worden opgenomen, zoals de aangehaalde motie vraagt, en dat algemene gehandicaptenparkeerplaatsen net als in andere landen, duidelijk zijn te herkennen aan bijvoorbeeld een blauwe kleur. Wat is de mening van de wethouder hierover? Uit de beantwoording van de schriftelijke vragen blijkt dat is gestart met een proactieve aanpak in de aanleg van AGP's.
Wat maakt deze proactieve houding proactief? Waarom wordt deze houding nu pas aangenomen? Waarom is dat volgens het college nu extra nodig? Beperkt dit zich alleen tot de binnenstad of geldt het voor de hele gemeente? Wanneer is extra informatie te verwachten over een mogelijk vervolg van de pilot Sensoren? Pagina 24 van 53
Wil de wethouder toezeggen dat het resultaat van de evaluatie Parkeerregel met de raad wordt gedeeld? 5
10
15
20
Mevrouw Zwinkels (CDA) citeert SOLGU en U op Leeftijd: "Willens en wetens houdt de gemeente een onveilige voor mensen met een beperking in stand." en "Zelfs in de beslissing wordt gesteld dat de voorgestelde alternatieve nieuwe algemene gehandicaptenparkeerplaatsen voldoen aan de geldende normen en richtlijnen. Dit is niet waar!". Het wordt tijd dat het papier wordt losgelaten en dat naar de praktijk wordt gekeken. In de beantwoording van schriftelijke vragen staat dat er geen financiële knelpunten zouden zijn en het proactief zou zijn. Wie schrijft nog op dat het voortvarend en proactief gaat vanuit de gemeente? Wie gelooft dergelijke volzinnen nog? CDA heeft bij de Mariaplaats een schouw georganiseerd waarbij veel partijen aanwezig waren. Daaruit blijkt dat het er in de praktijk écht anders aan toegaat. CDA hoopt dat de gemeente kan toezeggen dat het in de uitvoering de komende jaren beter zal gaan. CDA ontving een mail over de algemene gehandicaptenparkeerplaats bij winkelcentrum de Klop in Overvecht. Er wordt zelfs met een rechtszaak tegen de gemeente gedreigd. De gemeente wil toch niet weer voor de rechter komen? De gemeente wil toch geen juridisering van het beleid, van bezwaren? Hoe wordt hier uitgekomen? In de stukken wordt gesproken over het gebruik van een app.
Welke app is dit? Is dit een pilot? In hoeverre is dit nog actueel? De voorzitter constateert dat de agenderende partij EenUtrecht niet aanwezig is.
25
30
35
Mevrouw Hellevoort (GroenLinks) stelt dat de gehele raad vindt dat Utrecht ook bereikbaar en toegankelijk moet zijn voor mensen met een beperking. Zeker in een tijd waarin wordt ingezet op alternatieve vormen van vervoer, is het belangrijk om extra aandacht te besteden aan de bereikbaarheid voor mensen die autoafhankelijk zijn. Goede en voldoende gehandicaptenparkeerplaatsen zijn hier onderdeel van. Daar is al beleid voor, zoals de parkeermodule Toegankelijkheid, het handboek Openbare Ruimte en de onlangs aangescherpte beleidsregel. Maar wat blijkt: het papier is geduldig. GroenLinks ziet dat goede stappen worden gezet, maar begrijpt ook het ongeduld van mensen met een beperking en de daarbij betrokken organisaties zoals SOLGU en U op Leeftijd. Hoe wordt gezorgd dat het beleid goed wordt uitgevoerd? Mevrouw Zwinkels (CDA) is benieuwd welke goede stappen volgens GroenLinks zijn gezet aangezien het aantal gehandicaptenparkeerplaatsen terugloopt en plannen voor nieuwe worden uitgesteld of niet gerealiseerd blijken te zijn. Het zou mooi zijn als wel stappen worden gezet.
40
Mevrouw Hellevoort (GroenLinks) reageert dat die stappen met name zitten in het beleid op papier. Er zijn goede regels opgeschreven waaraan moet worden voldaan. Het zit hem in de overgang van papier naar uitvoering.
45
Mevrouw Passier (Volt) onderschrijft dat mooie zaken zijn opgeschreven. Bij Vastgoed is een opgaveadviseur aangenomen die heeft gezorgd dat zaken in het proces beter zijn geborgd en dat er een aanspeekpunt is op dit vlak. Is GroenLinks het eens dat een dergelijke aanpak voor de algemene parkeerplaatsen ook een idee kan zijn?
50
55
Mevrouw Hellevoort (GroenLinks) had daar een algemenere vraag voor geformuleerd, namelijk: Hoe wordt hiervoor gezorgd? Moet hierop geen steviger aanpak worden uitgewerkt en uitgevoerd? Dit zou daar onderdeel van kunnen zijn. Zij vervolgt haar betoog. Hoe gaat men van beleid tot uitvoering? Hoe wordt gezorgd dat ontwerpers en projectleiders de aanwezige kennis over gehandicaptenparkeerplaatsen goed vinden en gebruiken in hun ontwerp? Zou het helpen als het handboek Openbare Ruimte wordt gedigitaliseerd? Hoe wordt gezorgd dat de commissie BInG standaard inrichtingsvoorstellen ook controleert op bestaand beleid en op het VN-verdrag? Hoe wordt gezorgd dat gemeentelijke informatie over waar gehandicaptenparkeerplaatsen up-todate is zodat dit ook kan worden gebruikt in landelijke parkeerapps?
Pagina 25 van 53
5
10
15
20
25
30
In de raadsbrief is te lezen dat bij nieuwbouwontwikkelingen de richtlijnen uit de beleidsregel kunnen worden gebruikt. Zou dat niet standaard moeten worden gedaan? Of moeten deze richtlijnen dan niet in de beleidsregel Parkeernormen terecht komen? GroenLinks concludeert dat er nog veel is te verbeteren. Is de wethouder bereid samen met SOLGU en U op Leeftijd een aanpak uit te werken en uit te voeren die zorgt dat het goede beleid tot uitvoering komt? De heer Cornielje (PvdA) vindt dat het aanpassen van het beleid rondom gehandicaptenparkeerplaatsen noodzakelijk is. Er is een beweging gaande naar meer duurzamere vormen van mobiliteit, maar dat mag niet betekenen dat mensen niet kunnen meedoen, zeker niet als zij minder mobiel zijn. PvdA steunt het loslaten van een vaste parkeernorm van 2% naar een variabele parkeernorm tussen 2% en 5% en waardeert de stap naar maatwerk. Hoe wordt gezorgd dat er voldoende gehandicaptenparkeerplaatsen zijn door de hele stad? Hoe weet de gemeente het als er ergens een tekort is aan gehandicaptenparkeerplaatsen? PvdA is blij dat SOLGU wordt meegenomen in het opstellen en de evaluatie van het beleid en de nieuwe beleidsregel. SOLGU was tevreden over de samenwerking en de uitkomst van dit nieuwe beleid. De zorgen zitten voornamelijk in de uitvoering van het beleid.
Theoretisch goed beleid leidt in de praktijk tot problemen voor mensen die immobiel zijn. Zo is een avondje Tivoli enorm prijzig, aangezien mensen met een handicapt moeten parkeren in de parkeergarage. Ook het stadhuis is moeilijk bereikbaar. Is de wethouder bereid naar deze plekken te kijken en na te gaan wat ze daar kan betekenen? Mevrouw Zwinkels (CDA) is het met GroenLinks eens dat al het een en ander op papier staat, maar dat de uitvoering mist en hoort nu dat PvdA het los knipt van elkaar. Het beleid is erop gericht parkeren onmogelijk te maken. Er worden geen aantrekkelijkere tarieven gebruikt om parkeergarages toegankelijker te maken. Er wordt een knip aangebracht bij de Catharijnesingel. Hoe kan PvdA dat beleid loskoppelen van het feit dat het schrijnend is voor mensen die afhankelijk zijn van een gehandicaptenparkeerplaats?
35
De heer Cornielje (PvdA) reageert dat dit twee verschillende discussies zijn. Er wordt een beweging gemaakt naar minder autogebruik en meer duurzame vormen van mobiliteit. Daarmee moet geen stap worden gecreëerd die onmogelijk is voor mensen die autoafhankelijk zijn. In het te vormen beleid moet rekening worden gehouden met het inzetten van meer parkeercapaciteit voor gehandicaptenparkeerplaatsen.
40
Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt hoe realistisch dat is als plekken ontoegankelijk worden gemaakt. Hoe wordt gezorgd dat mensen daadwerkelijk kunnen meedoen? Het is niet wenselijk dat veel mensen worden uitgesloten. Is de PvdA bereid ook op andere beleidsdomeinen hier rekenschap van te geven?
45
De heer Cornielje (PvdA) vindt de vraag niet helemaal duidelijk. Ook in andere debatten zijn er discussies over de toegankelijkheid, de betaalbaarheid en de bereikbaarheid. Ook SOLGU geeft aan dat op papier het beleid er goed uitziet. In de uitvoering moeten alle partijen worden meegenomen, zodat Utrecht een toegankelijke stad is voor iedereen.
50
Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt of PvdA het eens is dat de beleidsregel zo belangrijk moet worden gemaakt dat deze niet het onderspit delft als bij andere belangen andere beleidsvelden in een ruimtelijke ontwikkeling voorbij komen. Bijvoorbeeld de mening van een architect of verdichting wat de toegankelijkheid verslechterd. Is PvdA bereid deze beleidsregel zo belangrijk te maken dat hier niet op wordt ingeleverd?
55
De heer Cornielje (PvdA) is van mening dat de toegankelijkheid voor mensen met een lichamelijke beperking hoog op de agenda moet staan. In de uitvoering van het beleid moet worden gezorgd dat er echt voldoende parkeerplaatsen zijn. Hij vervolgt zijn betoog. Kan de wethouder kijken naar de mogelijke indicatoren van de huidige parkeerplaatsen en nagaan of deze voldoen aan de eisen van het VN-verdrag Handicap?
60
De heer De Pagter (VVD) memoreert dat dit onderwerp al jarenlang veel aandacht heeft van de gehele raad. Alle partijen willen een bereikbare en toegankelijke stad voor iedereen. In de vorige Pagina 26 van 53
5
10
15
20
periode zijn veel vragen gesteld over dit onderwerp naar aanleiding van een oproep van iemand die in de negentig was en TivoliVredenburg niet goed kon bereiken. De uitvoering gaat soms langzaam. De wil is er, maar de praktijk is helaas weerbarstig. VVD betreurt het dat verbetering in de toegankelijkheid voor mensen met een beperking langzaam gaat, zeker voor wat betreft gehandicaptenparkeerplaatsen. Dat moet écht beter. Hopelijk gaat de wethouder daar bovenop zitten. Zoals SOLGU aangeeft, leidt het opheffen van parkeerplaatsen tot meer druk. 2% tot 5% wordt steeds minder als het aantal parkeerplaatsen wordt opgeheven. Een degelijk aantal (gehandicapten)parkeerplaatsen moet worden behouden om de toegankelijkheid te behouden. VVD sluit zich aan bij de vragen over het stadhuis en de Mariaplaats van onder andere CDA en Volt. VVD mist normen die wellicht moeten worden vastgelegd in parkeernormen bij nieuwbouw. Nagedacht moet worden over hoeveel (gehandicapten)parkeerplaatsen nodig zijn bij een voorziening. Utrecht zou met andere GVU-steden op zoek moeten gaan naar normen daarvoor. Het is belangrijk dat mensen de gehandicaptenparkeerplaatsen goed weten te vinden. De slimme sensoren moeten worden aangebracht en de kaart moet interactief zijn zodat mensen weten waar ze naartoe kunnen rijden. Aangepaste fietsen zijn lastig in de stad te parkeren en kunnen niet in de fietsenstallingen.
Hij hoopt dat het college daar aandacht voor heeft en ervoor zorgt dat men ook met een aangepaste fiets de stad kan bezoeken en bijvoorbeeld het stadskantoor of het stadhuis goed kan bereiken. De voorzitter constateert dat de agenderende partij Utrecht Solidair niet aanwezig is.
25
30
35
40
De heer Van den Hoek (UtrechtNu!) hoort sommige woordvoerders enigszins verward aan. Op sommige gebieden doet Utrecht het fantastisch, maar op veel gebieden laat men het liggen, zeker voor wat betreft de toegankelijkheid. Eigenlijk zegt de gemeente tegen gebruikers van de AGP's: 'Als je zelfstandig mee wilt doen, dan doe je dat maar ergens anders'. Door een aantal e-mails van de SOLGU vraagt UtrechtNu! zich af of dit soort debatten zin heeft. Niet alleen bij UtrechtNu!, maar ook bij de SOLGU zijn de boosheid en frustratie enorm. Hij citeert delen uit een mail van de SOLGU: "De SOLGU wordt door de ambtenaren aan het lijntje gehouden. We mogen blij zijn als er een plekje bijkomt, maar tegelijkertijd worden ze achter je rug om weggehaald. De gemeente lijkt zich niet te realiseren dat ze in strijd handelt met het VN-verdrag. Er vindt juist een verslechtering van de toegankelijkheid plaats voor mensen met een beperking". Ook deze wethouder heeft net als het college een zorgelijke en niet aflatende behoefte om parkeerplekken te verwijderen en daarmee dus ook gehandicaptenplekken. In een andere mail schrijft de SOLGU over het verwijderen van de AGP's, onder andere aan de Mariaplaats: "Alle door de SOLGU aangedragen betwistbare feiten en conclusies in een bezwaarschrift zijn door de wethouder juridisch weggewoven.
Zo gaat ze volledig tegen het VN-verdrag in en een beloofd voorstel met betrekking tot de Mariaplaats is nooit naar de SOLGU gestuurd. Weg met de menselijke maat en weg met de toegankelijkheid. Immers, met het verwijderen van deze AGP's wordt de toegankelijkheid van het gebied aanzienlijk verslechterd en zal het mensen met een beperking belemmeren om volledig te participeren in het maatschappelijke en sociale leven aldaar. De aangegeven alternatieve plekken door de gemeente…".
45
De heer Cornielje (PvdA) is het eens dat het vaak schort in de uitvoering van beleid. Wat vindt UtrechtNu! ervan dat de parkeernorm van 2% naar een variabele 2% tot 5% gaat? Wat vindt UtrechtNu! ervan dat er per publieke toegankelijke voorziening minimaal twee gehandicaptenparkeerplaatsen moeten komen? Wat vindt UtrechtNu! van dergelijke maatregelen?
50
De voorzitter wijst erop dat per interruptie één vraag mag worden gesteld. De heer Cornielje (PvdA) stelt dan alleen de vraag over de parkeernorm.
55
De heer Van den Hoek (UtrechtNu!) vindt het te weinig en de SOLGU heeft daar ook bedenkingen over. Als parkeerplekken worden weggehaald uit de algemene ruimte, gaat het percentage mee. Het is goed dat er op bepaalde plekken minimaal twee AGP's moeten zijn. Dat mogen er meer zijn.
60
De heer Cornielje (PvdA) concludeert dat UtrechtNu! geen mening heeft over de verhoging naar maximaal 5%. Is er ook beleid waar UtrechtNu! het wel mee eens is? Pagina 27 van 53
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
De heer Van den Hoek (UtrechtNu!) heeft nog niet gezegd het ergens mee oneens te zijn, maar heeft alleen nog maar de SOLGU geciteerd. Op papier kan veel worden gezegd, maar in de praktijk is het anders. Hij vervolgt zijn betoog. "… voldoen niet aan het handboek Openbare Ruimte, terwijl de verplaatsing naar de overzijde van de Mariaplaats heel simpel te realiseren is en wel voldoet.". De SOLGU heeft een lange lijst van AGP-plekken die niet voldoen of waarbij willens en wetens een gevaarlijke situatie in stand wordt gehouden door de gemeente en waarbij de gemeente blijft volharden in onbruikbare AGP-plekken tegen het advies van de SOLGU in. Dit leidt ertoe dat er eerder minder dan meer AGP's zijn. Kortom: Als men zelfstandig mee wil doen, doet men dat maar ergens anders. Wat is de werkelijke reden om de AGP's aan de Mariaplaats te verwijderen? Waarom worden ze niet verplaatst zoals de SOLGU voorstelt? Waarom is de SOLGU juist hier niet om advies gevraagd? Waarom wordt de SOLGU al jaren getraineerd in de uitvoering van haar adviezen zoals is te lezen in de ontvangen mail? UtrechtNu! vindt, gezien de zorgwekkende mail van de SOLGU, dat er reden is voor een onafhankelijk onderzoek naar de kwaliteit en kwantiteit van de AGP's.
Kan de wethouder dit toezeggen? Is de wethouder bereid het besluit tot het verwijderen van de AGP's aan de Mariaplaats ongedaan te maken en deze te verplaatsen volgens het advies van de SOLGU om een rechtszaak te voorkomen? De voorzitter biedt de niet-agenderende partijen de gelegenheid voor een korte bijdrage. De heer Nykvist (Stadsbelang Utrecht) is in vele opzichten lichamelijk gehandicapt, ondanks dat dit niet te zien is. Het staat hem tegen als een voorstel eindigt met dat men het over een jaar zal evalueren. SOLGU en de gemeente gaan over een jaar evalueren of wat is gebeurd wel of niet tevredenstellend is. Een dergelijke zin betekent dat de partijen het niet met elkaar eens zijn, maar het uit beleefdheid zo formuleren dat het duurt nog wel een jaar duurt voordat er duidelijkheid is. Dat is niet nodig, want er is al helder uiteen gezet dat het op bepaalde punten wringt. Stadsbelang Utrecht wijst op het beleid met betrekking tot het parkeren op kenteken. Het is goed dat goede invulling wordt gegeven aan de beleidslijnen met betrekking tot het creëren van parkeerplaatsen voor mensen die niet meer zo goed uit de voeten kunnen. De afstand van vijftig naar honderd meter is op papier prachtig, maar kan in de praktijk tot grote problemen leiden. Dat vraagt om maatwerk.
Wil het college daar zodanig aandacht aan besteden dat deze mensen tot hun recht komen en dat na een jaar kan worden geconcludeerd dat dat goed is gedaan? De heer Vasters (D66) staat achter het doel om een toegankelijke stad te zijn. Het college heeft hier veel aandacht voor, maar het kan beter. D66 kan zich aansluiten bij een aantal van de gestelde vragen, maar het gaat te ver om ze tot in detail te benoemen. De heer De Graaf (ChristenUnie) vindt het goed dat dit belangrijke punt vandaag is geagendeerd. Op de website staat duidelijk waar men recht op heeft met een gehandicaptenparkeerkaart. De parkeerplaatsen zijn goed te vinden. Kan dit ook realtime? ChristenUnie mist op de website informatie voor mensen die afhankelijk zijn van een fiets waarmee men niet overal terecht kan. Kan informatie daarover op de website worden opgenomen? Mevrouw Zwinkels (CDA) stelt dat het leuk is als informatie op een website staat, maar deze moet in de praktijk wel kloppen. Uit een schouw is gebleken dat een aangegeven gehandicaptenparkeerplaat er niet is. Hoe reflecteert ChristenUnie daarop? De heer De Graaf (ChristenUnie) vindt dat schandalig en dat moet beter. Dit speelt op meerdere gebieden. Kan de wethouder daar iets over zeggen? Ook de informatie op de website over de beschikbaarheid van fietsparkeerplaatsen bij het Centraal Station is niet betrouwbaar. Dat is een zorgelijk punt.
Pagina 28 van 53
5
10
15
20
25
30
35
40
Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt of ChristenUnie het eens is dat op de website dan ook zou moeten worden beschreven hoe men een parkeerplaats kan bereiken. Soms staan er ineens paaltjes om een straat autoluw te maken zonder dat dit op de website is vermeld of is aangepast in de navigatie waardoor mensen moeten omkeren op zeer drukke punten. De heer De Graaf (ChristenUnie) kan zich voorstellen dat mensen op de website worden gewezen op bepaalde aandachtspunten. Hij vervolgt zijn betoog. De SOLGU en mensen die er gebruik van maken, kennen de aandachtspunten vaak veel beter. Wat ChristenUnie betreft wordt samen opgetrokken met ervaringsdeskundigen. Het realiseren van nieuwe parkeerplekken of het laten vervallen van plekken, zou altijd in overleg met ervaringsdeskundigen moeten gebeuren. In de mailberichten is aandacht gevraagd voor een winkelcentrum in Overvecht waar iets wordt verplaatst wat tot zorgen en ongemakkelijkheden leidt. Zit er een toets in het systeem? Zo nee, kan deze worden toegevoegd? Mevrouw Passier (Volt) reageert dat in Overvecht parkeerplekken zijn verplaatst, omdat ze oneigenlijk werden gebruikt omdat ze zo dichtbij lagen.
Is ChristenUnie het eens dat dat niet de onderliggende reden moet zijn om een algemene gehandicaptenparkeerplaats te verplaatsen? Volgens de heer De Graaf (ChristenUnie) was dat een deel van de reden en was een andere reden dat mensen via die parkeerplaatsen de stoep op gingen. Als men voornemens is een parkeerplek op te heffen of verplaatsen, zou dat standaard moeten worden beoordeeld met de SOLGU of ervaringsdeskundigen. Hij vervolgt zijn betoog. In Utrecht geldt bij gehandicaptenparkeerplaatsen een beperkte parkeerduur waar men van af wil, maar dat er uitzonderingen zijn waar dat wel geldt. Waarom wordt gekozen voor een beperkte parkeerduur en hoe wordt dat aangegeven? Kan dat duidelijk met een onderbord met de reden worden aangegeven? De heer Baijens (Partij voor de Dieren) vindt het belangrijk dat de stad toegankelijk is voor iedereen en dat er voldoende kwalitatieve gehandicaptenparkeerplaatsen zijn. Wat Partij voor de Dieren betreft komen er gehandicaptenparkeerplaatsen bij op de plek van bestaande parkeerplaatsen.
Kan de wethouder toezeggen meer parkeerplaatsen om te zetten in gehandicaptenparkeerplaatsen, zeker op druk bezochte plekken in de binnenstad? Kan de wethouder toezeggen een app die de beschikbaarheid van parkeerplaatsen toont of een alternatief daarvoor, weer beschikbaar te maken? Toegankelijkheid kan ook worden verbeterd door beter toegankelijk OV met bushaltes binnen 100 meter van een bestemming en door het wegnemen van drempels om dit te gebruiken. Is het college het daarmee eens? Hoe zet het college daarop in zodat een deel van de mindervaliden een alternatief wordt geboden voor de auto? De voorzitter constateert dat DENK geen behoefte heeft om het woord te voeren. Schorsing zodat de wethouder de beantwoording kan voorbereiden.
45
50
55
60
Wethouder Maatoug bedankt voor de agendering. Het is terecht dat men er scherp opzit. In deze commissie wordt vaak gesproken over mobiliteitsbeleid. Over wat goed en niet goed gaat, verschillen de politieke meningen. Juist als een transitie wordt doorgemaakt, is het belangrijk dat de toegankelijkheid overeind staat. Het college heeft de raad zelden zo eensgezind gezien. Zij zal de vragen beantwoorden in de geest van 'van papier weg, maar naar praktijk'. Volt vroeg hoe invulling wordt gegeven aan de toegankelijkheidseisen in relatie met motie 396. Voor de aanpak van de AGP's in de binnenstad is er op 13 december 2023 ambtelijk contact geweest met de SOLGU. Daar kwamen concrete acties uit voor nieuwe locaties, met name bij bijzondere functies, en het verwijderen van de maximale parkeerduur op een aantal locaties. Deze acties zijn eind 2024 gerealiseerd. De aanpak voor de binnenstad wordt verder uitgewerkt en daarna wordt aan de slag gegaan met de rest van de stad. De werkwijze in de binnenstad wordt gebruikt om te toetsen hoe dat het beste kan worden gedaan. Dat is minder ver gevorderd dan gewenst, omdat het team hiervoor ook alle andere parkeeractiviteiten uitvoert. Uitgangspunt blijft dat wordt opgetrokken met belangengroeperingen, dus ook met de SOLGU, ook de komende weken voordat definitief wordt besloten parkeerplaatsen te verplaatsen.
Zij is afgelopen week met de SOLGU mee geweest voor een rondleiding. Ervaringsdeskundigen zijn Pagina 29 van 53
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
belangrijk voor het beleid, maar de gemeente zou daar niet alleen van afhankelijk moeten zijn. Zij wil er naartoe dat de praktijk van het beleid klopt en dat men scherp heeft wat van de gemeente kan worden verwacht en welke rol de belangengroepering daarbij speelt. Er wordt goed gebruik gemaakt van belangengroeperingen en het blijkt dat het op sommige plekken beter kan, maar ook dat men soms tot een andere weging komt. De aanpak moet beter. In de binnenstad wordt als toetssteen gebruikt hoe de aanpak in de praktijk wordt gedaan, los van papier. Soms wordt dan toch een andere weging gemaakt, bijvoorbeeld omdat de ruimte voor voetgangersverkeer beperkt is en een parkeerplek zorgt voor mindere toegankelijkheid voor voetgangers. Verwacht mag worden dat de gemeente daar open en transparant over is en goed communiceert naar alle betrokkenen en de raad. Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt hoe de raad wordt geïnformeerd over de weging. Bij Mariaplaats zijn er vragen waarom de plekken zijn verplaatst of worden verwijderd. Hoe wordt de raad hierin meegenomen? Wethouder Maatoug zal daar bij de Mariaplaats op ingaan. Mevrouw Zwinkels (CDA) wijst erop dat de wethouder zich uitsprak over de afweging.
Hoe wordt de raad geïnformeerd? Wethouder Maatoug meldt dat de verwijzing naar de beleidsregel Aanleg gehandicaptenparkeerplaatsen in de volgende herziening van de HOR wordt opgenomen, naar verwachting in Q2 2025. In de beleidsregel is opgenomen dat bij een algemene gehandicaptenparkeerplaats een verkeersbord wordt geplaatst en kruisvakmarkering wordt aangebracht. Kleurmarkeren wordt niet toegepast. Het is niet bekend wat daarbij komt kijken. Er zijn voorbeelden uit het buitenland bekend, maar in de meeste Nederlandse gemeenten is dat niet gangbaar. Zij gaat in op de vraag waarom er nu pas een proactieve houding is. Voorheen waren er geen concrete richtlijnen. De nota Gehandicaptenparkeerbeleid dateert uit 1999. Nieuwe plekken werden veelal aangelegd naar aanleiding van signalen waar plekken werden gemist of moesten worden aangepast. De richtlijn en de beleidsregels zijn gepubliceerd in juli 2024. Nu deze er zijn, wordt nagegaan hoe kan worden gezorgd dat ze overal goed worden toegepast. Daar is men kordaat mee gestart, maar in de binnenstad is enige vertraging opgelopen door capaciteitsproblemen. Dat proactief handelen volgt voort uit het feit dat de regels zijn veranderd. Het is goed dat dit op papier staat, maar de kern is hoe het in de praktijk is. Eerder heeft zij aan Volt een brief over een aantal zaken rond toegankelijk toegezegd in Q2.
Zij zegt toe daarin de werkwijze van de proactieve houding ten opzichte van belangenbehartigers en de lessen uit de binnenstad te schetsen, zodat kan worden gediscussieerd over wat dat betekent voor de verdere uitrol. Zij reageert op de vraag over de sensorenpilot. De proef had een looptijd van twee jaar. De proef met sensoren was in circa vijftig algemene gehandicaptenparkeerplaatsen met als doel de sensorentechniek te testen en na te gaan of deze voldoende betrouwbaar is om uit te rollen op bijzondere parkeerplaatsen. In de brief van Q2 neemt de uitkomst van de sensorenpilot op. De evaluatie van de parkeerregel wordt in Q4 met de raad gedeeld. CDA betoogde dat de uitvoering beter moet, gaf meerdere voorbeelden waaronder de Mariaplaats en de Klop en vroeg naar juridisering van beleid. Het uitgangspunt is dat er in overleg met partijen wordt uitgekomen. Hier wordt blijvend aan gewerkt, maar leidt niet in alle gevallen tot overeenstemming. Met betrekking tot de Mariaplaats lag er een bezwaar bij de directie Juridische zaken en dan is het niet passend om daar als bestuurder of college over te communiceren, dus is daarop gewacht. De brief wordt aan de belanghebbenden gezonden, omdat politisering van bezwaar en beroep niet wenselijk is. Zij heeft een mail ontvangen van de belanghebbenden dat ze waren geschrokken en dat was voor spreekster nieuwe informatie.
De vraag was hoe in algemene zin juridisering wordt voorkomen. Zij heeft niet de behoefte om heel gedetailleerd te laten vastleggen wat wanneer met wie is besproken. In de concrete casus van Mariaplaats is er ontevredenheid. Zij zegt toe met haar collega's naar de situatie te kijken en met de SOLGU te bespreken wat wel of niet past en wat de wensen zijn. Vervolgens wordt een weging gemaakt en komt zij daarop bij de raad terug. In algemene zin wil men voorkomen dat in een dergelijke dynamiek wordt terecht gekomen. Voor iedereen moet duidelijk zijn hoe te werk wordt gegaan en wat de wegen zijn als men het ergens niet mee eens is, zodat niet bij elke casus een dynamiek ontstaat van bezwaar en juridische Pagina 30 van 53
stappen. Het is belangrijk dat goed gebruik wordt gemaakt van elkaars kennis en dat bekend is wanneer men het met elkaar oneens is. Op de Mariaplaats is men niet op dat punt. 5
De heer Van den Hoek (UtrechtNu!) vraagt waarom de SOLGU niet eerst een voorstel heeft gekregen voordat met elkaar om de tafel werd gegaan. Nu is er iets gebeurd waar zij kennelijk geen weet van hadden en verzandt men in dergelijke situaties.
10
Wethouder Maatoug wordt hiermee overvraagd, omdat het aan de orde was voordat zij wethouder werd. Gezien de enorme werkdruk, heeft zij ervoor gekozen de teams niet te belasten met het achterhalen van wat er was gebeurd. De toegankelijkheid moet prioriteit krijgen en geschiedschrijving als er tijd over is. Zij kan deze vraag niet beantwoorden.
15
20
25
30
35
40
45
50
55
Mevrouw Zwinkels heeft begrip voor het feit dat een nieuwe wethouder is aangetreden en wellicht afspraken zijn gemaakt met haar voorganger. Is de wethouder bereid een toezegging te doen op de werkwijze? Wat is daarvan op korte termijn terug te zien? Wethouder Maatoug heeft al toegezegd in Q2 in een brief de werkwijze voor de binnenstad te schetsen. Deze brief kan worden geagendeerd en besproken. Zij vervolgt de beantwoording. De app die werd gebruikt voor de sensoren wordt niet meer ondersteund. Bij de evaluatie van de proef van de sensoren wordt hierover nader uitleg gegeven. In ieder geval zijn de huidige sensorentechnieken niet uitvoerbaard vanwege de enorme kosten om het systeem in stand te houden. Inmiddels wordt gekeken naar minder kostbare alternatieven. Uit deze vraag leert zij dat als een app wordt genoemd, specifiek moet worden aangegeven welke worden bedoeld. Mevrouw Zwinkels (CDA) informeert of momenteel een andere app wordt gebruikt of dat er een alternatief komt voor de oude app. Wethouder Maatoug heeft al toegezegd dat in de Q2-brief de uitkomst van de pilot met de sensoren wordt toegelicht. Voor de app verwijst zij naar de kaarten en de informatie op de website. Gezorgd wordt dat de website ook op telefoons kan worden geraadpleegd. Veel mensen gebruiken andere applicaties onder andere van private partijen.
VVD vroeg hoe wordt gezorgd dat de informatie goed is gekoppeld. De informatie van de gemeente moet up-to-date zijn, maar het is de verantwoordelijkheid van de private partijen om deze informatie goed over te nemen. Zij vervolgt de beantwoording en komt bij de vragen van GroenLinks. Op dit moment wordt het handboek Openbare Ruimte geüpdatet. De verwachting is dat in Q2 een herziene versie van het handboek wordt gepubliceerd. Het handboek is dan ook digitaal beschikbaar. De suggestie om in de BInG de gehandicaptenparkeerplaatsen te toetsen kan worden overgenomen. De parkeerplattegrond met algemene gehandicaptenparkeerplaatsen is gekoppeld aan een interne ondergrond die wordt bijgewerkt als iets wijzigt. Dat is gemeld in de beantwoording van de schriftelijke vraag 147. In de week van de behandeling van de mondelinge vragen, 16 januari 2025, is de aanpassing gedaan dat de nog niet aangelegde plekken waarvoor wel een verkeersbesluit is gepubliceerd nog niet worden getoond. Deze worden pas getoond als zij daadwerkelijk zijn gerealiseerd. Er wordt gewerkt aan het landelijk openbaar maken van de informatie over de algemene gehandicaptenparkeerplaatsen en de ontsluiting hiervoor. Hier kunnen foutjes insluipen, maar geprobeerd wordt dat zo veel mogelijk te voorkomen. Het is goed als foutjes zo snel mogelijk worden doorgegeven zodat ze kunnen worden aangepast.
GroenLinks vroeg naar de nieuwbouwontwikkelingen en de richtlijnen uit de beleidsregel. In de beleidsregel Parkeernormen auto is opgenomen dat voor nieuwbouwontwikkelingen tussen de 1% en 5% van de te realiseren parkeerplaatsen geschikt te maken moet zijn om te gebruiken als gehandicaptenparkeerplaats. De initiatiefnemer moet aangeven hoe wordt of kan worden voorzien in parkeren voor mensen met een beperking. Bij een volgende inhoudelijke herziening van de beleidsregel Parkeernormen auto wordt nagegaan of en hoe de relatie tot de beleidsregel Aanleg gehandicaptenparkeerplaatsen kan worden opgenomen. Het is belangrijk dat de gemeente het signaal afgeeft dat, als hieraan niet is voldaan, men niet door kan. Omdat dit over alle ruimtelijke ontwikkelingen en projecten gaat, is het belangrijk dat dit een geïnternaliseerde regel is en daar strak op wordt gesignaleerd.
Pagina 31 van 53
Mevrouw Hellevoort (GroenLinks) verifieert of bij de beleidsregel Parkeernormen wordt nagegaan of daarin meer moet worden opgenomen over gehandicaptenparkeerplaatsen. 5
10
15
Wethouder Maatoug bevestigt dat. Zij vervolgt de beantwoording. In antwoord op de vraag van GroenLinks zegt zij toe dat zo veel mogelijk wordt geprobeerd om samen met de SOLGU en U op Leeftijd tot één aanpak en uitvoering te komen. Het streven is dat samen met de partners te realiseren in Q2. PvdA wees op de zorgen van de SOLGU op de uitvoering. Het is goed dat het beleid op papier staat en er intenties zijn, maar het moet ook worden gerealiseerd. PvdA pleitte voor een betere bereikbaarheid van Tivoli en het stadhuis. Deze locaties zijn bekend en eerder besproken. De mogelijkheden voor een algemene gehandicaptenparkeerplaats in de openbare ruimte bij Tivoli zijn beperkt. Waar de algemene gehandicaptenparkeerplaatsen bij het stadhuis waren, zijn nu Stop & Dropplekken. De gehandicaptenparkeerplaatsen zijn verplaatst naar de Minrebroederstraat. Nagegaan wordt wat de mogelijkheden voor verbeteringen zijn. Zij neemt deze graag mee in het gesprek over de Mariaplaats. De heer Cornielje (PvdA) vraagt of alleen de locatie van het stadhuis wordt meegenomen of ook van Tivoli.
20
25
30
35
40
45
50
55
60
Wethouder Maatoug antwoordt dat het stadhuis wordt meegenomen, omdat Tivoli een andere geschiedenis kent en de raad daarover al uitgebreid heeft gediscussieerd. Zij vervolgt de beantwoording. Of de mogelijke indicatoren van de huidige parkeerplaatsen voldoen aan het VN-verdrag Handicap wordt meegenomen in de evaluatie in Q4. In het inclusiviteitsbeleid wordt breder gekeken en is het ook meegenomen. Het antwoord op de vraag van VVD om bij nieuwbouw samen met de GVU-steden parkeernormen op te stellen bij voorzieningen is meegenomen in de beantwoording van GroenLinks-vragen. Over het voortzetten van sensoren heeft zij al iets gemeld. Het is goed dat aandacht wordt gevraagd voor aangepaste fietsen. Bij het ontwerpen en de bouw van fietsenstallingen wordt rekening gehouden met brede fietsen zoals bakfietsen en driewielers. In de praktijk blijkt dat niet altijd voldoende ruimte beschikbaar is. De fietsenstalling bij het station valt deels onder de verantwoordelijkheid van de NS. In de gemeentelijke stallingen wordt op basis van signalen nagegaan wat op korte termijn kan worden gedaan. In de openbare ruimte is het lastiger, omdat brede fietsen vaak niet in de standaard rekken passen. Er worden gesprekken gevoerd met zowel de NS als belanghebbenden om een passende oplossing te vinden, waarbij wordt gewerkt aan een tijdelijke maatregel om de beschikbaarheid te verbeteren.
Bij een debat over de ontheffing voor fietsers heeft zij toegezegd bij Q2 ook het anders parkeren uit te zoeken. In reactie op de vragen van UtrechtNu! wijst zij op de toezegging ten aanzien van Mariaplaats en welke keuze de afgelopen week is gemaakt. De specifieke vraag over hoe en wat kan zij nu niet beantwoorden en zij hoopt ruimte van de raad te krijgen om alle capaciteit in te zetten. De heer Van den Hoek (UtrechtNu!) doelde met name op de plekken op de Mariaplaats die zijn verplaatst vanwege wildparkeren en dergelijke. Dat gebeurt vaak omdat het kruisvak en de omlijning bij de AGP's ontbreekt. Waarom worden deze niet aangebracht? Wethouder Maatoug stelt dat een van de grootste dilemma's in de binnenstad is dat mensen zo dichtbij mogelijk willen parkeren bij waar men wil zijn. De straten zijn zeer smal. Als een gehandicaptenparkeerplaats wordt gerealiseerd, wordt ander autoverkeer aangetrokken dat onrechtmatig parkeert ondanks omlijning. Daarom is er soms voorkeur voor een andere plek. Voor de Mariaplaats wordt nogmaals gekeken naar alternatieven. De heer Van den Hoek (UtrechtNu!) reageert dat het HOR verwijst naar criteria in de richtlijn Voetpaden voor iedereen. Uiteindelijk horen er omlijningen te zijn, ook bij smalle delen. Juist als ze worden weggehaald, zorgt dat voor ellende.
Wethouder Maatoug geeft aan dat de omlijning vaak op verschillende manieren wordt aangebracht, bijvoorbeeld met de bakstenen, met verf of een bord. Zij vervolgt de beantwoording. UtrechtNu! vroeg onafhankelijk onderzoek in te stellen naar AGP's. Voorgesteld wordt om met SOLGU en U op Leeftijd onderzoek te doen naar AGP's in de binnenstad en ervaringen mee te nemen in de rest van de stad, zoals zij ook heeft gezegd over de werkwijze in de Q2-brief. Pagina 32 van 53