CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Conceptverslag MGOR 13 februari 2025

Commissie Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte (2022-2026) 20 maart 2025, gemeente UtrechtBij agendapunt: Verslagen32.110 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Verslag openbare ochtendvergadering commissie Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte 5

10

15

Datum Locatie Verslag door Vaststelling verslag

13 februari 2025 Raadzaal, stadhuis mw. S. Donkers (Notuleerservice Nederland)

Aanwezigen

De voorzitter, dhr. G. te Hoonte, de wethouder, mw. S. Maatoug, de commissiegriffier, mw. M. Friele, de leden, mw. J. Kool (Volt), dhr. J. Mulderij (CDA), dhr. C. Nyqvist (Stadsbelang Utrecht), dhr. H. Geleijns (D66), dhr. J. Vasters (D66), dhr. J. Baijens (PvdD), dhr. J. Cornielje (PvdA), dhr. D. Bosch (UtrechtNu!), dhr. F. Dekkers (GroenLinks), mw. J. van Meerveld (Student&Starter), dhr. M. de Pagter (VVD), dhr. R. van der Graaf (ChristenUnie), dhr. Y. Raghib (DENK), mw. E. Kolenbrander (Student&Starter), dhr. L. van Rooij (Student&Starter)

Afwezigen

Er zijn geen afwezigen gemeld.

20

25

30

Verslag openbare vergadering commissie Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte 1. Opening en mededelingen ............................................................................................................1 2. Vaststellen van de agenda van 13 februari 2025 ..........................................................................2 3. Vasstellen van ingekomen agenderingen .....................................................................................2 3.1 Raadsvoorstel Wijziging Havenverordening Utrecht, maximaal aantal personen per vaartuig .......................................................................................................................................................2 3.2 Agenderingen ter plaatse op basis van de lijst ingekomen stukken ........................................2 4. Verslagen commissie Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte ......................................................4 5. Toezeggingen/moties ....................................................................................................................4 6. Ingekomen stukken .......................................................................................................................5 7. Raadsbrief Versnellen 30 km-aanpak ...........................................................................................5

1. Opening en mededelingen 35

De voorzitter opent de vergadering om 10.00 uur en heet iedereen die meekijkt van harte welkom.

Pagina 1 van 53

2. Vaststellen van de agenda van 13 februari 2025 De voorzitter geeft aan dat de agenda ongewijzigd vast wordt gesteld. 5

10

De heer Bosch (UtrechtNu!) merkt op dat de spreektijden op het scherm voor de hele dag zijn en niet voor het eerste agendapunt. De voorzitter geeft aan dat er een agendapunt is doorgeschoven en dat het eerste agendapunt behandeld wordt met de resterende spreektijd van de vorige vergadering. Deze spreektijden komen straks in beeld.

3. Vaststellen van ingekomen agenderingen 15

3.1 Raadsvoorstel Wijziging Havenverordening Utrecht, maximaal aantal personen per vaartuig De voorzitter stelt voor dit agendapunt op 20 maart te agenderen voor negentig minuten De heer De Pagter (VVD) vindt dit erg lang en hij stelt voor het voor 45 minuten te agenderen.

20

De voorzitter vraagt of UtrechtNu! hier een intensieve bijdragen over gaat doen. De heer Bosch (UtrechtNu!) geeft aan dat dit afhangt van hoe vol de agenda is omdat hij anders niet voldoende tijd heeft.

25

De voorzitter stelt voor het voor negentig minuten te agenderen en hij doet een stemming waarbij overeenstemming wordt bereikt voor zestig minuten.

30

De heer Dekkers (GroenLinks) merkt op dat de langetermijnagenda ook bij dit punt hoort. De voetgangersnota was aangekondigd voor het eerste kwartaal 2025 maar die blijkt naar later verplaatst te zijn. Hij wil weten waarom die niet in het eerste kwartaal kan komen.

35

Wethouder Maatoug geeft aan dat de voetgangersnota om verschillende redenen vertraging heeft opgelopen waaronder door de wisseling van wethouder. Het voornemen is hier zo snel mogelijk mee te komen in samenhang met de besluitvorming voorjaarsnota. Zij komt zo snel mogelijk met een realistisch antwoord op de vraag waar deze op de planning staat. De voorzitter vraagt om welk voorstel de heer Dekker het had omdat deze niet op de LTA staat.

40

45

50

De heer Van der Graaf (ChristenUnie) ziet ook dat dit niet op de LTA staat en vraagt of deze er nog op komt. Hij spreekt de voorkeur uit voor een apart voorstel en niet in samenhang met de voorjaarsnota. Wethouder Maatoug hoort het verzoek van de raad, zij gaat ervoor zorgen dat zij met een los voorstel komen en een datum die het college realistisch acht. In de schriftelijke vragen was de samenhang met budgettaire besluitvorming aangegeven. De voorzitter vraagt of het klopt dat er alleen vragen in de LTA staan voor deze raadsperiode terwijl de vragen wel doorlopen. Hij vraagt of er gecheckt kan worden of er daarna ook nog dingen zitten. 3.2 Agenderingen ter plaatse op basis van de lijst ingekomen stukken

55

De heer Vasters (D66) wil een agendering over verkeershinder indienen. DENK, ChristenUnie, UtrechtNu! en het CDA sluiten zich hierbij aan. Deze agendering is gebaseerd op de brief met de planning voor de komende jaren en op de vele signalen die vanuit de stad zijn ontvangen. Hij wil onderzoeken of de huidige manier waarop de werkzaamheden worden uitgevoerd goed werkt. Pagina 2 van 53

De voorzitter inventariseert of andere partijen zich willen aansluiten, maar dit is niet het geval. Hij vraagt de heer Vasters hoe lang hij dit punt wil agenderen. 5

10

15

20

25

De heer Vasters (D66) stelt voor om negentig minuten in te plannen. De voorzitter vindt negentig minuten minimaal en benadrukt dat niet-agenderende partijen dan een beperkte bijdrage zullen leveren. Hij stelt vast dat negentig minuten akkoord is voor de heer Vasters. De heer Mulderij (CDA) vraagt namens collega Zwinkels aandacht voor winkelwagentjes in Terwijde. De voorzitter verduidelijkt dat mevrouw Zwinkels op dit moment bij een andere commissie aanwezig is en daarom niet hier aanwezig kan zijn. De heer Bosch (UtrechtNu!) wil meedoen met de agendering, maar met een iets andere tekst. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) merkt op dat DENK ook al had aangegeven mee te willen agenderen. De heer Bosch (UtrechtNu!) wil het onderwerp breder trekken en winkelwagentjes in het algemeen bespreken. De voorzitter ontvangt graag nog de agenderingsteksten van het CDA en D66. Hij stelt voor om het onderwerp winkelwagentjes voor zestig minuten te agenderen. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) stelt voor om hiervoor 45 minuten uit te trekken.

30

35

De heer De Pagter (VVD) heeft op dit moment geen concrete agendering, maar wijst erop dat de brief over de Rijnenburglijn ook op de lijst stond. Hij bedankt het college voor de reactie en geeft aan dat dit onderwerp verder zal worden opgepakt. Dit is een vooraankondiging dat er in de volgende vergadering een agendering over dit onderwerp zal komen. De VVD zal nog vragen stellen en onderzoek doen. De heer Bosch (UtrechtNu!) waarschuwt ervoor dat er geen zaken worden geagendeerd die eigenlijk onder de verantwoordelijkheid van de provincie vallen. Hij waardeert het dat de VVD hierover proefballonnetjes oplaat.

40

De voorzitter wijst erop dat de heer Bosch hier als raadslid van de gemeente Utrecht zit en niet als Statenlid. Volgens hem investeert de gemeente Utrecht geld in deze verbinding en valt het daarom onder de verantwoordelijkheid van de commissie. Hij benadrukt dat hij het niet wenselijk vindt om op deze manier een ordedebat te voeren.

45

De heer Bosch (UtrechtNu!) vindt het niet correct dat hij wordt aangesproken op zijn rol bij de provincie. Hij zit hier als raadslid van de gemeente Utrecht. De voorzitter geeft aan dat de heer Bosch ook geen onderwerpen van de agenda hoeft te halen die een ander wil agenderen.

50

55

De heer Bosch (UtrechtNu!) maakt een ordepunt en stelt dat openbaar vervoer onder de provincie valt, omdat zij de concessiehouder is. Hij vindt het vreemd dat de heer Te Hoonte desondanks aangeeft dat dit onderwerp hier thuishoort. De voorzitter stelt dat de heer Bosch hem in deze positie heeft gebracht. De heer Bosch heeft vaker aangegeven dat het OV bij de provincie thuishoort en dat standpunt respecteert hij. Echter, omdat de gemeente een brief over dit onderwerp heeft gestuurd, hoort het volgens hem wel in deze commissie en niet bij de Provinciale Staten. Hij geeft aan dat hij zich hier nu enigszins ongemakkelijk bij voelt.

Pagina 3 van 53

De heer Dekkers (GroenLinks) vindt dat dit onderwerp in het verlengde ligt van de gesprekken over U-net en stelt voor om het daarbij te betrekken. 5

10

15

Wethouder Maatoug benadrukt dat de commissie zelf gaat over de agendering. Ze vraagt de commissie of zij de MIRT-planning helder heeft, zodat duidelijk is wanneer debatten over bepaalde onderwerpen gevoerd moeten worden. Zij zal deze planning via de griffier aan de raad doorgeven, aangezien zij deze nu niet direct bij de hand heeft. De voorzitter vraagt de VVD om een agenderingstekst. Mevrouw Kool (Volt) had aangegeven de herinrichting van de Tuinwijkroute te willen agenderen, maar vanwege de geringe belangstelling hiervoor hebben zij besloten eerst schriftelijke vragen te stellen. De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) stelt een vraag aan de heer Bosch over de provincie. De voorzitter interrumpeert de heer Nyqvist, omdat dit punt al was afgerond.

20

25

30

De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) geeft aan dat hij slechts een vraag wilde stellen. De voorzitter schorst de vergadering. De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) zal zijn vraag aan de heer Bosch buiten de raadszaal stellen. De voorzitter geeft aan dat de technische sessie wordt doorgeschoven en dat de nieuwe datum waarschijnlijk 11 maart zal zijn. Vorige week bij EDVW was er al een claim gelegd op 11 maart, maar deze zal dan worden doorgeschoven.

4. Verslagen commissie Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte Het conceptverslag van de commissievergadering Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte van 16 januari 2025 wordt ongewijzigd vastgesteld.

35

5. Toezeggingen/moties

40

De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt zich bij een aantal moties af waarom deze nog op de lijst staan. Zo staat er een motie uit 2021 vermeld zonder verdere toelichting. Daarnaast zijn er verschillende moties uit 2024 waar nog geen actie bij vermeld staat. Hij wil weten wanneer hierop een reactie te verwachten is. De motie uit 2021 betreft M253 Poen voor Opschaling Groen. Hier staat geen verdere informatie bij vermeld en bijna alle indienende raadsleden zijn inmiddels geen raadslid meer of zijn wethouder geworden. Daarnaast staat er onder de moties van 2024 een motie van hemzelf: Denk eerst andersom, denk eerst aan mensen met een beperking. Hij zou graag een algemene terugkoppeling ontvangen over alle moties die in 2024 zijn aangenomen.

45

De voorzitter vraagt of de motie uit 2021 niet ook onderdeel is van het debat van vanmiddag.

50

Wethouder Maatoug geeft aan dat zij, net als bij de nota Voetganger, voor deze motie met een realiteitsinschatting zal komen. De toegankelijkheidsmotie kan betrokken worden bij het debat van vanmiddag. De voorzitter merkt op dat dit dan van de spreektijd van de heer Bosch af gaat. Wethouder Maatoug zal ervoor zorgen dat deze motie wordt meegenomen in de beantwoording.

55

De voorzitter stelt voor om moties die al langer openstaan te classificeren of op te nemen in een brief. Pagina 4 van 53

Wethouder Maatoug heeft in een eerdere brief toegezegd dat er een overzicht komt met verwijzingen naar alle eerder aangenomen moties. 5

10

6. Ingekomen stukken Nr. 1 Diverse brieven over verkeerssituatie Draaiweg Nr. 2 Klacht omtrent parkeerbeleid en verzoek om terugbetaling parkeerkosten en boetes Nr. 3 Klachten betaald parkeren De ingekomen stukken worden afgedaan volgens voorstel. De voorzitter schorst de vergadering voor een woordvoerderswissel.

15

20

25

30

35

40

45

50

55

7. Raadsbrief Versnellen 30 km-aanpak Mededelingen De wethouder heeft geen mededelingen. Mededelingen De commissieleden hebben geen mededelingen. De voorzitter geeft aan dat het college recent de voor- en nadelen van een versnelde invoer (d.w.z. invoer in één keer) van 30 kilometer per uur onderzocht heeft en een versnelde aanpak aan het programma 30 km-impuls toegevoegd. De agenderende fracties willen met elkaar en met de wethouder in debat over onder meer: - de wenselijkheid van een versnelde invoer (voor- en nadelen); - ervaringen in andere steden (bijv. Amsterdam) en wat daarvan te leren is; - impact, planning en kosten; - handhaving. Eerste termijn De heer Vasters (D66) gaat het debat in met het recente ongeluk op de Draaiweg in gedachten. De resultaten van het onderzoek naar dit ongeluk zijn nog niet bekend, dus hij wil niet suggereren dat de invoering van 30 km/u het had kunnen voorkomen. Wel onderstreept het de urgentie om straten veiliger te maken. Het verlagen van de maximumsnelheid is daarbij een belangrijke stap, maar er moet ook blijvende aandacht zijn voor de verkeersveiligheid in bredere zin. D66 is blij dat het college een concreet voorstel heeft uitgewerkt om in heel Utrecht een maximumsnelheid van 30 km/u in te voeren. Dit is volgens hen een logische stap voor zowel de bereikbaarheid als de veiligheid van de stad.

Het leidt tot minder ongelukken en, als er toch ongelukken gebeuren, tot minder ernstige gevolgen. Daarnaast heeft het positieve effecten op de vermindering van uitstoot, lawaai en trillingen. Wat D66 betreft, zou de invoering op veel meer plekken versneld moeten worden. Het huidige overgangsbeleid van de gemeente heeft volgens D66 flinke nadelen: de uitvoering duurt erg lang en er ontstaan onduidelijke overgangen. Invoering in één keer zou de communicatie naar inwoners verbeteren. Met een campagne kan in één keer helder worden uitgelegd wat er verandert. De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt waar de heer Vasters de miljoenen vandaan haalt om de hele stad in één keer geloofwaardig en goed in te richten. De heer Vasters (D66) vindt dit een terechte vraag, omdat hij hier zelf ook mee bezig is geweest. Hij stelt dat het ene uiterste zou zijn om te wachten tot een weg volledig is heringericht voordat de snelheid naar 30 km/u wordt verlaagd. Invoering in één keer betekent echter niet dat alle wegen direct volledig worden aangepast. Uit ervaringen in Amsterdam blijkt dat de gemiddelde snelheid al daalt zodra de maatregel wordt ingevoerd, zelfs zonder volledige herinrichting.

Pagina 5 van 53

De heer Bosch (UtrechtNu!) is niet tegen een maximumsnelheid van 30 km/u, maar pleit voor een geloofwaardige invoering. Hij waarschuwt dat, als de maatregel niet goed wordt uitgevoerd, er schijnveiligheid kan ontstaan. Hij vraagt of D66 dit risico ook ziet. 5

10

De heer Vasters (D66) erkent dat alleen verkeersborden niet voldoende zijn en dat veilige weginrichting van groot belang is. Daarom heeft hij daar ook aandacht voor gevraagd. Hij wil echter niet wachten met de invoering van 30 km/u totdat alle wegen volledig zijn heringericht. Hij vindt dat de maatregel een stap in de goede richting is en bijdraagt aan een veiligere stad. De communicatiecampagne heeft als voordeel dat de nieuwe situatie op een duidelijk moment aan bewoners kan worden uitgelegd.

15

De heer Dekkers (GroenLinks) merkt op dat D66 onderscheid maakt tussen het eerst herinrichten van straten en daarna 30 km/u invoeren, of het in één keer invoeren. Hij vraagt of er ook een tussenweg mogelijk is, waarbij kleine aanpassingen worden gedaan die minder geld kosten, maar wel de veiligheid vergroten.

20

25

De heer Vasters (D66) wil in dat geval weten op welke wegen dit zou moeten gebeuren en welke maatregelen hiervoor geschikt zouden zijn. Hij staat hier niet negatief tegenover, mits het met weinig geld kan. D66 steunt de versnellingsaanpak van het college, wat betekent dat wegen zonder vrijliggende fietspaden op een moment naar 30 km/u gaan. Op die wegen is het effect van de snelheidsverlaging het grootst, omdat auto's en fietsers daar dezelfde rijbaan delen. Hij vindt het daarnaast positief dat zowel de ANWB als de Fietsersbond deze maatregel ondersteunt. D66 erkent dat een generieke invoering niet altijd de beste aanpak is. Op sommige wegen zijn aanpassingen nodig om de maatregel geloofwaardig en effectief te maken. In deze gevallen steunt D66 het idee om te wachten met de invoering van 30 km/u totdat rijbanen zijn versmald of andere verkeersmaatregelen zijn getroffen.

30

De heer De Pagter (VVD) vraagt hoe D66 het rijmt dat zij enerzijds stellen dat een communicatiecampagne het beste werkt wanneer 30 km/u in één keer wordt ingevoerd, maar anderzijds ook uitzonderingen benoemen.

35

De heer Vasters (D66) geeft aan dat hij een middenweg wil vinden tussen de aanpak in Amsterdam en de Utrechtse situatie. In de communicatie moet worden benadrukt dat 30 km/u de norm is, terwijl ook wordt uitgelegd dat er enkele uitzonderingen zullen zijn. Hij noemt als voorbeeld dat iedereen zal begrijpen dat de Waterlinieweg niet naar 30 km/u zal gaan. De heer De Pagter (VVD) vraagt of het dan niet logischer is om eerst wegen her in te richten en pas daarna de invoering per buurt te communiceren.

40

45

50

55

60

De heer Vasters (D66) pleit ervoor om de maatregel breed in de media te communiceren in plaats van per wijk, omdat dit volgens hem duidelijker is. De heer De Pagter (VVD) benadrukt dat de aanpak die D66 voorstelt, niet overeenkomt met wat het college doet. Volgens hem ontbreekt daardoor een heldere communicatiestrategie. De heer Vasters (D66) stelt dat op veel wegen in Utrecht 30 km/u al de norm is en dat er nu een groot aantal wegen aan die norm wordt toegevoegd. Dat er enkele wegen overblijven waar 50 km/u of 70 km/u blijft gelden, is volgens hem goed te communiceren. Hij merkt op dat de aanpak in Amsterdam beter geanalyseerd had kunnen worden. Vooral op het gebied van handhaving zijn er lessen te trekken die Utrecht kan meenemen. Hij vraagt de wethouder hoe het college ervoor gaat zorgen dat automobilisten zich aan de maximumsnelheid houden zolang de wegen nog niet zijn aangepast. Daarnaast wil hij weten welke aanvullende maatregelen Utrecht gaat nemen om de naleving te bevorderen. De heer De Pagter (VVD) vraagt of D66 de rapportage “De handreiking voorlopige inrichting kenmerken gebiedsontsluitingswegen dertig” heeft gezien, waarnaar het college verwees in de brief. De heer Vasters (D66) geeft aan bekend te zijn met de GOW30-normen. Pagina 6 van 53

5

De heer De Pagter (VVD) vindt het rapport relevant, omdat daarin expliciet staat dat het gedrag van weggebruikers niet zomaar verandert. Om de snelheidsverlaging geloofwaardig te maken, zijn forse aanpassingen aan de weginrichting nodig. Alleen een verkeersbord plaatsen leidt volgens het rapport niet effectief tot een verlaging naar 30 km/u. De heer Vasters (D66) kent het rapport zelf niet, maar wijst erop dat in Amsterdam en andere steden waar deze maatregel is doorgevoerd, het wel werkt.

10

De heer De Pagter (VVD) merkt op dat in de tussenrapportage te zien is dat de snelheid weliswaar iets daalt, maar niet daadwerkelijk naar 30 km/u gaat. Hij wil helder hebben dat de maatregel niet automatisch tot de beoogde snelheid leidt. De VVD vindt het belangrijk dat uiteindelijk overal 30 km/u gereden wordt.

15

De heer Vasters (D66) ziet dat zij dezelfde ambities delen en benadrukt dat er nu al stappen gezet kunnen worden richting 30 km/u. Hij stelt dat de invoering daadwerkelijk leidt tot een lagere snelheid en een betere verkeersveiligheid.

20

25

30

De heer Bosch (UtrechtNu!) benadrukt dat de politie heeft aangegeven niet te zullen handhaven op wegen die niet aan de GOW30-normen voldoen. Hij vraagt hoe de heer Vasters hiernaar kijkt. De heer Vasters (D66) erkent dat dit een zorgpunt is. Hij heeft begrepen dat Amsterdam geëxperimenteerd heeft met snelheidscamera’s op wegen die nog niet volledig voldoen aan de GOW30-normen. Hij vraagt het college om een reactie hierop. Hij wijst er ook op dat in Amsterdam, ondanks het feit dat er het eerste jaar nog niet werd gehandhaafd, toch al een verlaging van de snelheid zichtbaar was. D66 wil de invoering van 30 km/u zo snel mogelijk en in één keer doorvoeren, maar vindt een zorgvuldige voorbereiding essentieel. In de brief van het college leest hij dat de uitvoeringsdatum op februari 2026 staat en hij wil weten wanneer het uitvoeringsprogramma wordt verwacht. D66 ziet de invoering van 30 km/u als een belangrijke stap en blijft aandacht vragen voor de herinrichting van wegen. De partij steunt het voorstel en blijft zich inzetten voor een veilige en leefbare stad. De heer De Pagter (VVD) vraagt of de heer Vasters het ermee eens is dat er een degelijk raadsvoorstel moet komen.

35

De heer Vasters (D66) denkt dat de maatregel binnen het mobiliteitsplan past en daarmee onder de bevoegdheid van het college valt. Hij vraagt zich af wat een raadsvoorstel zou toevoegen, aangezien dit veel capaciteit en inzet zal vergen. Desondanks staat hij er niet negatief tegenover, mits het binnen de planning past.

40

De heer De Pagter (VVD) vindt het vreemd dat er daadwerkelijk iets anders wordt uitgevoerd dan wat in de visie staat. Hij wil dat de raad hier serieus over nadenkt en het plan goed vastlegt.

45

50

55

60

De heer Vasters (D66) stelt voor om de vraag door te geleiden naar het college om te toetsen of er technisch gezien sprake is van een tegenstrijdigheid. Hij hoopt dat de maatregel binnen de plannen past en kan worden uitgevoerd. De heer Raghib (DENK) merkt op dat D66 stelt dat de luchtkwaliteit verbetert door de verlaging van de snelheid. Hij wijst op een onderzoek waaruit blijkt dat de resultaten hierover tegenstrijdig zijn en dat de verlaging mogelijk geen positief effect heeft op de luchtkwaliteit. De heer Vasters (D66) is niet bekend met het onderzoek waar de heer Raghib naar verwijst. Hij heeft de milieueffecten in bredere zin benoemd, waaronder trillingen, geluid en luchtkwaliteit. Hij kan zich echter voorstellen dat een betere doorstroming van het verkeer juist kan zorgen voor minder uitstoot. Mevrouw Kool (Volt) stelt dat in het verleden de rode loper is uitgerold voor de auto, waardoor deze een prominente rol heeft gekregen in de stad. Volgens haar is de stad er echter voor de inwoners en niet alleen voor de auto. Ze vindt het verleidelijk om bij elke verandering te focussen op wat men verliest, maar benadrukt dat het belangrijker is te kijken naar wat men ervoor terugkrijgt. In dit geval betekent dat meer verkeersveiligheid, dertig procent minder verkeersdoden Pagina 7 van 53

en twintig procent minder ernstige ongevallen. Voor Volt weegt dit veel zwaarder dan de verwachte vijf minuten extra reistijd met de auto. Bovendien maakt een langere reistijd per auto andere vervoersopties, zoals de fiets, aantrekkelijker. 5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt hoe het openbaar vervoer aantrekkelijker wordt als de bussen ook langer over hun route doen door de invoering van 30 km/u. Mevrouw Kool (Volt) verwijst naar onderzoeken uit de raadsbrief, waaruit blijkt dat de snelheidsbeperking voor het OV een minder groot effect heeft dan voor auto’s. De heer Bosch (UtrechtNu!) vindt dit opmerkelijk, omdat OV-lijnen zijn ingericht op een bepaalde snelheid. Wanneer deze snelheid omlaag gaat, heeft dat volgens hem invloed op het aantal lijnen en de dienstregeling. Hij stelt dat de rijtijd van de bussen zeker zal toenemen en vraagt of Volt zich hiervan bewust is. Mevrouw Kool (Volt) geeft aan de vraag niet goed te begrijpen. De heer Bosch (UtrechtNu!) verduidelijkt dat een langere rijtijd in het OV kan leiden tot minder beschikbare diensten en een grotere behoefte aan extra chauffeurs. Hij vraagt of Volt zich hiervan bewust is. Mevrouw Kool (Volt) erkent dat er een kleine toename in reistijd voor het OV is, maar stelt dat dit de conclusie versterkt dat het OV een aantrekkelijker alternatief wordt ten opzichte van de auto. Ze kent niet alle details, maar vindt het belangrijk om dit goed te monitoren. De heer Bosch (UtrechtNu!) benadrukt dat zelfs een kleine toename in reistijd grote gevolgen kan hebben voor het aantal benodigde diensten en chauffeurs in het OV.

Mevrouw Kool (Volt) heeft enkele aandachtspunten voor het uitvoeringsprogramma. Ze benadrukt dat een duidelijke afbakening in de communicatie naar bewoners essentieel is, zodat zij precies weten welke wegen naar 30 km/u gaan. Volt begrijpt de scheiding tussen wegen met en zonder eigen fietspad en ziet dat dit aansluit bij de aanbevelingen van de ANWB, maar maakt zich zorgen over mogelijk onbegrip onder verkeersdeelnemers. Daarom is zij benieuwd hoe het college dit gaat monitoren. Daarnaast vindt Volt het belangrijk om indicatoren op te nemen die de effecten van de maatregel meten, zoals de uitstoot van fijnstof, geluidsreductie en het voorkomen van sluipverkeer. De verwachting is dat er geen extra sluipverkeer door de wijken zal ontstaan, maar volgens haar is “meten is weten”. Verder vraagt zij zich af waarom de belangen van het openbaar vervoer en de hulpdiensten niet expliciet zijn opgenomen in het uitvoeringsprogramma. Ze wil hierover een toezegging van de wethouder en zou waar mogelijk willen onderzoeken of een aparte rijstrook voor het OV en hulpdiensten een oplossing kan zijn. De heer Cornielje (PvdA) vindt het positief dat de maximumsnelheid in de hele stad wordt verlaagd. Volgens hem betekent elke tien procent snelheidsvermindering een daling van twintig tot dertig procent in het aantal ernstige ongevallen.

De gefaseerde invoering zorgt volgens de PvdA echter voor onlogische situaties, waarbij sommige straten een maximumsnelheid van 30 km/u krijgen terwijl andere 50 km/u blijven. Niemand zit volgens hem te wachten op deze onduidelijkheid en daarom pleit de PvdA voor een versnelde invoering van 30 km/u, zelfs als dit betekent dat niet alle infrastructurele maatregelen direct kunnen worden genomen. De heer Bosch (UtrechtNu!) merkt op dat er vaak wordt verwezen naar Amsterdam en wijst op een artikel waarin wordt gesteld dat het aantal verkeersongelukken daar juist is toegenomen. Hij vraagt hoe de PvdA dit verklaart. De heer Cornielje (PvdA) geeft aan het artikel en de inhoud ervan niet te kennen en had het graag eerder ontvangen. Hij weet niet of er een verband is tussen de invoering van 30 km/u en de stijging van het aantal ongelukken en of dit verband überhaupt terecht wordt gelegd. De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt of de PvdA denkt dat het verkeer zal toenemen wanneer er meer knips en knijps worden aangelegd. Hij zou er juist voor pleiten om dat niet te doen. Daarnaast vraagt hij waar de dertig procent vermindering van ernstige ongevallen vandaan komt. Pagina 8 van 53

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

De heer Cornielje (PvdA) verwijst naar een onderzoek dat over een langere periode is uitgevoerd en waarin dit verband wordt aangetoond. Hij wijst erop dat de heer Bosch geen onderzoek aanhaalt, maar enkel verwijst naar een nieuwsartikel, en vindt dat er op basis daarvan geen conclusies kunnen worden getrokken. De heer Bosch (UtrechtNu!) stelt dat hij simpelweg een feit presenteert dat het aantal verkeersdoden in Amsterdam is toegenomen. Of het een nieuwsartikel betreft en of dit al dan niet verband houdt met de snelheidsbeperking, acht hij niet relevant. Volgens hem is het enige dat telt dat er nu meer verkeersdoden zijn dan vóór de invoering van de maatregel. Hij merkt op dat de heer Cornielje wellicht niet meer in de media gelooft. De heer Cornielje (PvdA) geeft aan dat hij wel in de media gelooft, maar dat het verband dat de heer Bosch uit het artikel trekt volgens hem niet per se hoeft te bestaan. Hij weet niet wat de exacte oorzaak is van de stijging, maar verwijst naar een gerenommeerd verkeersonderzoek dat wél aantoont dat een verlaging van de maximumsnelheid leidt tot minder ernstige ongevallen. Daarnaast is de PvdA voorstander van het opheffen van zogenaamde ‘groene golven’ als deze conflicteren met het openbaar vervoer.

Nu de stad zich minder richt op de auto en steeds meer afhankelijk wordt van het OV, vindt de PvdA het logisch dat de inrichting van de straten daarop wordt aangepast. De heer Vasters (D66) vraagt of de PvdA de conclusie trekt dat de ‘groene golven’ primair zijn ingesteld op automobilisten en niet op het OV. Wat hem betreft zou dit een combinatie moeten zijn. De heer Cornielje (PvdA) verwijst naar de raadsbrief, waarin staat dat sommige ‘groene golven’ inderdaad conflicteren met busroutes. Hij erkent dat er niet heel veel ‘groene golven’ zijn in de stad, maar benadrukt dat de PvdA het OV de ruimte wil geven. De voorzitter roept op om kort en gericht te antwoorden op de gestelde vragen. De heer Bosch (UtrechtNu!) stelt dat er wettelijk gezien slechts één ‘groene golf’ in Utrecht is. Hij merkt op dat deze ‘groene golf’ wordt onderbroken wanneer een bus wil oversteken en vraagt of de PvdA dit aspect al heeft bekeken, specifiek op de Kardinaal de Jongweg. De heer Cornielje (PvdA) verwijst opnieuw naar de raadsbrief, waarin staat dat het aantal ‘groene golven’ in Utrecht beperkt is. Wat de PvdA betreft moet de prioriteit liggen bij het OV en minder bij de auto. De heer Raghib (DENK) vraagt hoe de PvdA denkt over kwetsbare bewoners die veel meer moeten gaan lopen en moeilijk de bussen kunnen bereiken.

De heer Cornielje (PvdA) is niet van mening dat mensen meer moeten gaan lopen en daar gaat het volgende debat nog over. De heer Raghib (DENK) heeft het over mensen die niet mobiel zijn en van het openbaar vervoer afhankelijk zijn. Hij geeft aan dat het gaat om bussen die niet meer dicht bij huis zijn. De heer Cornielje (PvdA) wil graag een debat voeren over hoe het OV eruit moet zien, maar het gaat hier nu om de verlaging van de maximumsnelheid. De heer Raghib (DENK) vindt dit een effect van de verlaging van de snelheidslimiet.

55

60

De heer Cornielje (PvdA) ziet geen link tussen het verlagen van de maximumsnelheid en het feit dat er minder bushaltes komen. De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) vraagt of de PvdA weet wat het voor de exploitatiekosten van het OV betekent wanneer het aantal reizigers in het OV verdubbelt door deze maatregel en wat het voor de reizigers betekent omdat de reistijd er ook niet op vooruit zal gaan. Pagina 9 van 53

De heer Cornielje (PvdA) wilde in zijn betoog de wethouder naar een analyse vragen. Hij ziet ook een reistijdtoename van vijf procent in het OV en hij wil ook zien wat de effecten zijn. De PvdA ziet ook grote voordelen en daarom maken zij deze keuze. 5

10

15

20

25

30

35

40

De heer Mulderij (CDA) heeft begrepen dat er wel een relatie is tussen het verlagen van de snelheid en het verdwijnen van bushaltes. In zijn buurt zou dat betekenen dat de halte aan de Adelaarstraat weggaat. De heer Cornielje (PvdA) wil hier graag met deze commissie het debat over voeren wanneer er inderdaad meer bushaltes worden verwijderd. Hij vraagt of er geprioriteerd kan worden in de herinrichting op locaties waar vaker ongelukken gebeuren en in hoeverre dat mogelijk is met de werk-met-werkaanpak. Daarnaast wil hij weten of het mogelijk is dat er een analyse komt met het effect van de verlaging van de maximumsnelheid op het OV, slecht bereikbare wijken en de hulpdiensten. De voorzitter concludeert dat EenUtrecht niet aanwezig is om een inbreng te doen. De heer Mulderij (CDA) is tevreden met de voorgestelde aanpak, maar maakt zich zorgen over de inrichting, omdat er weinig financiële middelen beschikbaar zijn. Het CDA vindt het belangrijk dat de raad betrokken blijft en hoopt dat het college binnenkort met een voorstel komt waarin wordt uitgewerkt hoe de invoering met een beperkt budget kan worden gerealiseerd. De heer Vasters (D66) erkent dat de financiering van de herinrichting een zorgpunt is en vraagt het CDA welke oplossingen het daarvoor ziet. De heer Mulderij (CDA) heeft begrepen dat er onvoldoende middelen zijn om een volledige herinrichting uit te voeren.

Daarom moet volgens hem worden gekeken naar wat wél mogelijk is met het beschikbare budget. Hij stelt dat weggebruikers zich waarschijnlijk snel zullen aanpassen aan een snelheid van 30 km/u op wegen zonder vrijliggend fietspad. Bij wegen mét een vrijliggend fietspad zullen er volgens hem echter meer maatregelen nodig zijn om automobilisten langzamer te laten rijden. Het CDA heeft begrepen dat er in Amsterdam de eerste zes maanden na invoering niet werd gehandhaafd. Hij merkt op dat er op de Kardinaal de Jongweg sinds de verlaging naar 50 km/u nauwelijks wordt gehandhaafd en dat het moeilijk is om daar 50 km/u te rijden omdat veel automobilisten harder rijden. In de huidige plannen ziet hij geen concreet handhavingsplan, wat hij wel van groot belang vindt. Het CDA pleit daarom voor mobiele snelheidscontroles vanaf de invoering. De heer De Pagter (VVD) heeft juist de ervaring dat er op de Kardinaal de Jongweg goed 50 km/u wordt gereden door de aanwezigheid van een ‘groene golf’. Hij vraagt zich af waar de ervaring van de heer Mulderij op is gebaseerd. De heer Mulderij (CDA) heeft een andere ervaring.

45

De heer De Pagter (VVD) vraagt of het CDA het ermee eens is dat de ‘groene golf’ kan bijdragen aan het handhaven van de maximumsnelheid. De heer Mulderij (CDA) bevestigt dat hij het daar zeker mee eens is.

50

55

De heer Raghib (DENK) vindt de redenering van de heer Mulderij opmerkelijk, omdat een kwart van alle verkeersboetes in de gemeente Utrecht afkomstig is van de Kardinaal de Jongweg. Hij vraagt of de heer Mulderij hiervan op de hoogte was. De heer Mulderij (CDA) wist dit niet. Hij vraagt als laatste nog aandacht voor de mogelijkheid om wegen qua karakter te veranderen door aanpassingen te doen en noemt als voorbeeld de Adriaen van Ostadelaan. De voorzitter constateert dat Horizon ook niet aanwezig is voor een inbreng.

60

De heer Van der Graaf (ChristenUnie) ziet elke kilometer die langzamer wordt gereden als een winst voor de verkeersveiligheid en steunt daarom het versnellen van de invoering van 30 km/u. Pagina 10 van 53

5

10

15

20

Wat de ChristenUnie betreft mag deze maatregel zelfs verder gaan. Hij vraagt de wethouder welke mogelijkheden er zijn om in woongebieden direct over te gaan naar 15 km/u en of dit onderdeel kan worden van de aanpak. Volgens hem geldt, hoe lager de snelheid, hoe hoger de verkeersveiligheid. De heer Dekkers (GroenLinks) vraagt of het niet verstandig is om de invoering van 15 km/u ook te versnellen. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) stelt dat woonerven vroeger veel vaker voorkwamen, maar dat deze de afgelopen jaren steeds meer zijn verdwenen. Wat hem betreft mogen deze weer terugkomen. De voorzitter merkt op dat de agendering van vandaag betrekking heeft op de invoering van 30 km/u en niet op 15 km/u. De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt of de ChristenUnie ook de snelheid van pedelecs wil aanpakken, aangezien deze vaak harder dan 15 km/u rijden. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) erkent dat dit een terecht punt is, omdat de snelheden op fietspaden inderdaad toenemen. Hij vindt dat dit zeker moet worden aangepakt, maar merkt op dat dit vandaag niet aan de orde is in het debat. De voorzitter schorst de vergadering vanwege een technische storing.

25

De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vindt dat verkeersveiligheid de hoogste prioriteit moet hebben en mist dit aspect in de stukken. Daarnaast ziet de ChristenUnie communicatie als een belangrijk aandachtspunt.

30

De heer Baijens (PvdD) maakt een punt van orde en vraagt of iedereen duidelijk in de microfoon wil spreken, omdat het anders moeilijk te volgen is.

35

De heer Van der Graaf (ChristenUnie) geeft aan hierop te zullen letten. Hij vraagt hoe de communicatie rond de invoering van 30 km/u verbeterd kan worden, zodat deze duidelijker wordt en bijdraagt aan een soepele implementatie. Daarnaast wil hij van de wethouder weten of de mobiele flitspaal voor dertigkilometerzones binnenkort ook in Utrecht ingezet kan worden. De voorzitter geeft aan dat het geluid nog steeds aanwezig is en dat er naar een oplossing gezocht wordt.

40

45

50

55

60

De heer Dekkers (GroenLinks) steunt de aanpak om versneld over te gaan op een maximumsnelheid van 30 km/u. Ervaringen laten zien dat de snelheid overal afneemt, en snelheid, naast massa, is een bepalende factor bij de ernst van ongevallen. GroenLinks vindt het belangrijk dat de verlaging van de snelheid op wegen met vrijliggende fietspaden wordt gekoppeld aan de herinrichting. Daarnaast vraagt de partij of in bepaalde wijken de snelheid direct naar 15 km/u kan worden verlaagd en, zo niet, wat het meest geschikte moment daarvoor zou zijn. GroenLinks begrijpt dat het openbaar vervoer en de hulpdiensten belang hechten aan snelle reistijden en steunt daarom de verzachtende maatregelen die voor deze groepen zijn getroffen. Tegelijkertijd wil GroenLinks vasthouden aan maatregelen zoals het beperken van de snelheid op stedelijke inprikkers en het opheffen van conflicterende groene golven en zebrapaden. De partij pleit al langer voor het herstel van zebrapaden op plekken waar veel voetgangers oversteken. Hoewel bussen vlot moeten kunnen doorrijden, vindt GroenLinks dat er op oversteekplaatsen maatregelen genomen moeten worden om de snelheid te beperken en de veiligheid te vergroten. Dit speelt vooral op de Vleutenseweg, waar voetgangers meerdere rijbanen met verschillende snelheden moeten oversteken, wat een risicovolle situatie oplevert.

Wanneer de snelheid op busbanen 50 km/u blijft, moeten er volgens GroenLinks aanvullende maatregelen komen om de snelheid bij oversteekplaatsen te beperken. De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt op welke basis de heer Dekkers heeft vastgesteld dat bussen te hard rijden. Pagina 11 van 53

De heer Dekkers (GroenLinks) verwijst naar een onderzoek naar de verkeerssituatie op de Vleutenseweg en geeft aan dat hij begrijpt dat bussen die te laat zijn, op dat punt proberen tijd in te halen. 5

10

De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt of GroenLinks bekend is met de mogelijkheid om bussen via geotagging te begrenzen en of GroenLinks hiervoor openstaat. De heer Dekkers (GroenLinks) geeft aan dat hij zeker voor het beperken van te hoge snelheden is. De voorzitter vraagt zich af of dit onderwerp binnen het debat over 30 km/u valt. De heer Bosch (UtrechtNu!) besluit het onderwerp hierbij te laten.

15

20

25

30

35

40

45

50

55

De heer Dekkers (GroenLinks) vindt het echter relevant, omdat op sommige plekken ruimte wordt gegeven aan het OV, maar het op kruispunten juist belangrijk is om ook de snelheid van bussen te beperken. De voorzitter stelt dat dit prima is zolang het binnen de orde van het debat blijft, maar waarschuwt dat het uitweiden naar andere onderwerpen reacties van andere partijen zal oproepen. De heer Vasters (D66) stelt voor om dit onderwerp uitgebreider te bespreken wanneer de voetgangersnota aan de orde komt. Hij merkt op dat een zebrapad niet per definitie altijd bijdraagt aan een veiligere situatie. De heer Dekkers (GroenLinks) wil het onderwerp ook graag terug laten komen in de voetgangersnota, maar benadrukt dat zebrapaden niet alleen schijnveiligheid moeten creëren, maar juist ook echt kunnen bijdragen aan verkeersveiligheid. Hij wijst erop dat het versneld invoeren van 30 km/u betekent dat wegen niet opnieuw worden heringericht, maar dat er slechts beperkte aanpassingen worden gedaan. Op de lijst staan echter ook straten waar kleine ingrepen wel wenselijk en relatief goedkoop zijn. Hij vraagt de wethouder om een toezegging dat op wegen waar grote veiligheidsproblemen bekend zijn, deze kleinere aanpassingen snel worden doorgevoerd.

In de lijst met geprogrammeerde projecten wordt als verwachte uitvoeringsdatum 2024 genoemd, maar de indruk is dat deze maatregelen nog niet zijn uitgevoerd. Hij vraagt daarom om een actueel overzicht van de voortgang. De heer Bosch (UtrechtNu!) benadrukt dat UtrechtNu! niet tegen de invoering van 30 km/u is, maar zich vooral zorgen maakt over de effectiviteit, uitvoerbaarheid en het gezond verstand bij de invoering. Volgens hem is het logisch om in woonbuurten de snelheid te verlagen naar 30 km/u, en vooral in Overvecht zijn er veel straten die zich daarvoor lenen. Op doorgaande wegen wil UtrechtNu! echter vasthouden aan 50 km/u, omdat dit volgens de partij beter is voor de doorstroming, veiligheid en bereikbaarheid van de stad. Hij vraagt zich af wat straks nog het verschil is tussen verschillende wegtypen als overal dezelfde snelheid geldt en vreest dat dit juist kan leiden tot meer verkeer op plekken waar dat niet wenselijk is. De heer Dekkers (GroenLinks) vraagt over welke doorgaande wegen de heer Bosch het precies heeft en of dit de wegen zijn die in de brief als uitzondering worden aangemerkt. Als de heer Bosch doelt op andere of meerdere wegen, is hij het daar niet mee eens. De heer Bosch (UtrechtNu!) wijst erop dat er plannen zijn om de snelheidsverlaging in de hele stad door te voeren.

Hij doelt met name op wegen zoals de Kardinaal de Jongweg, de Vleutensebaan en de Vleutenseweg. Volgens hem is zijn definitie van een doorgaande weg breder dan hoe de heer Dekkers die ziet. De heer Dekkers (GroenLinks) is het daar niet mee eens, omdat de genoemde wegen allemaal vrijliggende fietspaden hebben. De Draaiweg is daarentegen een ander geval. Hij wil op dit moment de discussie hierover niet voeren, maar vindt het wel verstandig het hier wel te doen.

Pagina 12 van 53

5

10

15

20

25

30

35

40

De heer Bosch (UtrechtNu!) vindt het niet terecht dat nu de Draaiweg erbij wordt gehaald. Hij staat ervoor open om bepaalde wegen naar 30 km/u te brengen, mits dit geloofwaardig wordt uitgevoerd en met oog voor het feit dat sommige wegen belangrijke busroutes zijn. Volgens hem zou het zinvol zijn om een werkbezoek te organiseren om te laten zien hoe een gebied op een geloofwaardige manier kan worden ingericht voor 30 km/u, waarbij de doorstroming van bussen fatsoenlijk gewaarborgd blijft. De voorzitter geeft aan dat werkbezoeken altijd georganiseerd kunnen worden en dat het goed zou zijn als de commissie dit regelmatig doet. De heer Dekkers (GroenLinks) erkent het belang van het openbaar vervoer, maar vraagt of UtrechtNu! het ermee eens is dat op sommige plekken ook de snelheid van het OV beperkt moet worden. De heer Bosch (UtrechtNu!) vindt dat hierover in gesprek moet worden gegaan met de concessiehouder om de bereikbaarheid van het OV te waarborgen. Hij wil dan wel weten of het mogelijk is om de huidige dienstregeling te handhaven of dat er, zoals eerder geschetst door DENK en het CDA, haltes zouden moeten verdwijnen. Volgens hem moet hierin een goede balans worden gevonden. De voorzitter raakt afgeleid door een geluid in de zaal en wilde de heer Dekker een vierde interruptie geven. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) bevestigt dat het geluid nog steeds hoorbaar is.

Hij merkt op dat uit de brief blijkt dat er uitvoerig overleg is geweest met de betrokken partijen over het OV en de geplande maatregelen. De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt zich af in hoeverre dit overleg daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. Hij zou het zorgelijk vinden dat er een jaar na dato via een notitie gevraagd wordt om bepaalde haltes te schrappen. Hij wijst erop dat OV-bedrijven met een vast aantal bussen moeten proberen hun dienstregeling rond te krijgen. De heer Bosch gaat verder met zijn inbreng en refereert aan de raadsbrief, waarin staat dat wegen met vrijliggende fietspaden ook 30 km/u moeten worden, maar dat dit pas gebeurt zodra er kansen zijn om dit te combineren met een integrale aanpak. Hij noemt de Admiraal Helfrichlaan en de Balijelaan als voorbeelden die logisch klinken, ware het niet dat dit doorgaande wegen zijn. Op de lijst staan ook de Laan van Chartroise en de Oudenoord en hij wil weten of deze conform de GOW30-norm zullen worden ingericht. Hij begrijpt dat een juiste inrichting noodzakelijk is, maar vraagt zich af hoe dit de veiligheid ten goede komt, aangezien dit zou betekenen dat vrijliggende fietspaden moeten verdwijnen en fietsers gemengd worden met autoverkeer om samen 30 km/u te rijden. De heer Vasters (D66) vindt het duidelijk dat niet in alle gevallen aan de GOW30-norm voldaan kan worden.

Hij vraagt of de heer Bosch het ermee eens is dat vrijliggende fietspaden kunnen blijven bestaan, mits er andere maatregelen worden getroffen om automobilisten af te remmen.

45

De heer Bosch (UtrechtNu!) geeft aan dat hij deze vraag juist aan het college wil stellen. Hij wil weten of er fietspaden worden verwijderd om de invoering van 30 km/u geloofwaardiger te maken. Volgens de GOW30-normen zouden vrijliggende fietspaden in sommige gevallen moeten verdwijnen.

50

De heer Vasters (D66) vindt dit geen verstandig idee en vraagt de heer Bosch of hij het ermee eens is dat er, los van de GOW30-normen, andere manieren moeten zijn om automobilisten af te remmen.

55

De heer Bosch (UtrechtNu!) erkent dat er andere manieren zijn, maar wijst erop dat de politie in dat geval niet handhaaft. Volgens hem heeft de politie aangegeven alleen te handhaven op wegen die volledig aan de GOW30-norm voldoen. Dit leidt volgens hem tot een vicieuze cirkel waarin schijnveiligheid ontstaat.

60

De heer Vasters (D66) vraagt of het voorstel van de heer Bosch is om vrijliggende fietspaden af te schaffen en fietsers op de rijbaan te laten rijden. Pagina 13 van 53

5

10

15

De heer Bosch (UtrechtNu!) benadrukt dat hij juist het tegenovergestelde voorstelt, omdat hij vindt dat vrijliggende fietspaden bijdragen aan de veiligheid. UtrechtNu! is ook geen voorstander van de fietsstraat. Hij vraagt het college hoeveel wegen daadwerkelijk volgens de GOW30-norm worden ingericht, aangezien de gemeente met grote tekorten kampt. Hoewel de GOW30-norm een richtlijn is en geen wettelijke verplichting, schrijft het college dat de politie in sommige gevallen niet handhaaft, zelfs niet op wegen die wél aan de norm voldoen. Volgens hem maakt dit de situatie nog gevaarlijker door een gevoel van schijnveiligheid te creëren. Daarnaast wijst hij op de oproep vanuit de OV-sector om zo min mogelijk obstakels aan te leggen, omdat deze de rijtijden beïnvloeden en het comfort voor passagiers niet bevorderen. Hij benadrukt dat goede doorgaande wegen essentieel zijn voor het openbaar vervoer. Volgens hem zou een toename van werkende flitsers ervoor zorgen dat automobilisten zich beter aan de snelheidslimiet houden op deze wegen. Met een investering van enkele miljoenen euro’s zou de gemeente een prettiger en veiliger straatbeeld kunnen realiseren, maar deze middelen zijn er nu niet. Hij wil ook niet steeds naar Amsterdam kijken als voorbeeld, omdat Utrecht volgens hem zelf met oplossingen kan komen.

Volgens hem is de oplossing simpel, maar moet de gemeente het dan wel willen uitvoeren. De voorzitter schorst de vergadering voor een korte pauze.

20

De voorzitter geeft aan dat er hinderlijk geluid te horen is in de zaal maar dat dit niet verholpen kan worden op dit moment. Het debat wordt hervat.

25

De heer De Pagter (VVD) staat achter het idee om woonwijken steeds meer in te richten op 30 km/u, maar vindt dat dit stapsgewijs moet gebeuren. Enkel het plaatsen van borden verlaagt de snelheid niet automatisch naar 30 km/u, wat ook het kennisplatform aangeeft. De VVD vreest dat dit kan leiden tot schijnveiligheid.

30

De heer Vasters (D66) is van mening dat mensen ook geleidelijk wennen aan een lagere snelheid door de invoering in één keer door te voeren. Uit de data blijkt dat het plaatsen van borden wel degelijk leidt tot een verlaging van de snelheid, zij het niet direct tot 30 km/u. Hij vraagt of het stapsgewijze proces niet juist in het plan staat.

35

De heer De Pagter (VVD) ziet geen stapsgewijze invoering in het plan en is van mening dat daar juist van wordt afgeweken. Het kennisplatform geeft volgens hem duidelijk aan waar wegen aan moeten voldoen, en hij vindt dat de gemeente daar naartoe moet werken. In woonwijken moet de snelheid volgens hem absoluut naar 30 km/u, maar het moet wel begrijpelijk zijn voor weggebruikers.

40

De heer Vasters (D66) stelt dat bij een directe invoering mensen hun snelheid al verlagen naar 40 km/u en dat ze na aanpassingen aan de weg uiteindelijk naar 30 km/u gaan. Zo wordt vanaf het begin resultaat geboekt en wordt er juist stapsgewijs naar 30 km/u toegewerkt.

45

De heer De Pagter (VVD) betwijfelt of dit echt een substantiële snelheidsverlaging oplevert. In de tussenrapportages uit Amsterdam staat volgens hem dat de gemiddelde snelheid slechts met vijf procent is gedaald. De VVD wil echt naar 30 km/u, maar vindt dat hiervoor een zorgvuldige herinrichting en voldoende tijd nodig zijn. De heer Vasters (D66) vraagt of elke kilometer minder hard rijden niet al een verbetering is.

50

De heer De Pagter (VVD) is het daarmee eens, maar vindt dat de maatregel ook geloofwaardig moet zijn. In Amsterdam wordt op veel wegen nog steeds harder gereden, waardoor het volgens hem niet geloofwaardig 30 km/u is.

55

De heer Cornielje (PvdA) stelt dat de snelheid altijd wordt overtreden. Hij wijst erop dat het onderzoek wel degelijk laat zien dat het heeft geleid tot een snelheidsdaling van vijf procent en tot dertig procent minder ongevallen. Hij vraagt waarom de VVD dat geen nastrevenswaardig resultaat vindt.

60

De heer De Pagter (VVD) vindt het te simplistisch om een paar percentages te noemen. De VVD is benieuwd naar de uitgebreide rapportage uit Amsterdam en verbaast zich over het Pagina 14 van 53

enthousiasme van anderen, aangezien het volgens hem niet tot een substantiële snelheidsverlaging heeft geleid. 5

De heer Dekkers (GroenLinks) is blij dat de CROW-norm er is voor doorgaande wegen. Hij vraagt of de essentie van het debat gaat over normbesef en of een gefaseerde invoering daar juist niet bij helpt. Volgens hem is het voor de communicatie eenvoudiger om te zeggen dat overal 30 km/u de norm is, in plaats van slechts te benoemen waar wél of géén 30 km/u geldt.

10

De heer De Pagter (VVD) ziet dit niet terug in het plan. Volgens hem is het college ook niet van plan om de hele stad in één keer naar 30 km/u te brengen. Sommige wegen moeten volgens hem 50 km/u blijven voor de doorstroming. Dit maakt het beleid juist vaag.

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

De heer Dekkers (GroenLinks) is van mening dat de uitzonderingen eenvoudig te bepalen zijn op basis van de aanwezigheid van vrijliggende fietspaden. De heer De Pagter (VVD) vindt dat dit niet consequent is weergegeven op de kaart. Op de Oudenoord zijn zowel delen met als zonder vrijliggende fietspaden, maar toch kiest het college ervoor om overal 30 km/u in te voeren. Dit leidt volgens hem tot onduidelijke communicatie. De heer Dekkers (GroenLinks) erkent dat de situatie niet overal ideaal is, maar stelt dat de verlaging van de norm alsnog bijdraagt aan een algemene snelheidsreductie. De heer De Pagter (VVD) vindt de voorgestelde aanpak tegenvallen en pleit voor een daadwerkelijke herinrichting, zodat er ook daadwerkelijk 30 km/u gereden wordt. Volgens de VVD moet eerst de herinrichting plaatsvinden en daarna de snelheidsverlaging, zoals volgens hem altijd de bedoeling was en vastgelegd is in het mobiliteitsplan. Hij vraagt zich af of deze maatregel überhaupt kan worden ingevoerd, aangezien er in het mobiliteitsplan staat dat wegen stapsgewijs worden heringericht naar 30 km/u. De VVD vindt het verstandig dat de raad zich hier grondig over buigt en stelt voor dat het college met een raadsvoorstel komt, waarin een duidelijk onderscheid wordt gemaakt tussen de verschillende typen wegen.

Hij verwijst naar de rapportage van het kennisinstituut, waarin staat dat er essentiële verschillen zijn in de inrichting van wegen. Volgens hem is de aanpak niet helder, terwijl het college het wel als duidelijk communiceert. Op de kaart lijkt de maatregel vooral betrekking te hebben op industriegebieden, waar het volgens de VVD juist de vraag is of een verlaging naar 30 km/u zinvol is, omdat daar geen fietsstroken zijn. Daarnaast ziet hij dat sommige wegen wel op de kaart staan, maar niet in de brief, of andersom. Zo worden de straten aan de Wetering wel genoemd in de lijst, maar niet op de kaart. Hij vraagt het college om een duidelijke en interactieve kaart online beschikbaar te stellen, waarin onderscheid wordt gemaakt tussen gebiedsontsluitingswegen en erftoegangswegen met een limiet van 30 km/u, omdat dit een significant verschil is, met name voor fietsers. Daarnaast wijst hij op de Catharijnesingel en de Oudenoord, die op de kaart staan en deels wel en deels geen vrijliggende fietspaden hebben. Hij ziet hierin een tegenstrijdigheid met het mobiliteitsplan, omdat deze wegen zijn aangemerkt als ontsluitingswegen. Verder merkt hij op dat de Prins Bernhardlaan en de Burgemeester van Tuylkade wel in de brief staan, maar niet op de kaart.

Ook hier lijkt de gebiedsontwikkeling niet te voldoen aan de eisen van het kennisplatform, waardoor het volgens hem de vraag is of een geloofwaardige invoering van 30 km/u mogelijk is. Hij noemt ook de Franciscusdreef, een tweebaansweg in beide richtingen, en gaat ervan uit dat deze geen 30 km/u wordt. De VVD is blij dat er steeds meer flexflitspalen in de stad worden geplaatst en dat deze vaker zullen worden ingezet in gebieden waar de maximumsnelheid 30 km/u is. De heer Bosch (UtrechtNu!) vraagt wat de VVD ervan vindt dat de Balijelaan ook op de lijst staat. De heer De Pagter (VVD) ziet dit als een van de tegenstrijdigheden in de plannen. In de brief staat dat deze weg in de toekomst wordt aangepast, terwijl hij in het mobiliteitsplan is aangemerkt als een 50 km/u-weg. Dit is volgens hem niet logisch en onduidelijk. De heer Bosch (UtrechtNu!) beschouwt de Balijelaan als een doorgaande weg met een vrijliggend fietspad die mogelijk wordt afgeschaald. Hij vindt de situatie bovendien onduidelijk in combinatie met de OV-visie voor de toekomst en vraagt of de VVD dat standpunt deelt. Pagina 15 van 53

5

De heer De Pagter (VVD) erkent dat de Balijelaan een belangrijke weg is die volgens de VVD 50 km/u moet blijven, zoals ook is vastgelegd in het mobiliteitsplan. Hij ziet daarnaast mogelijkheden voor een tramlijn op deze route en vindt dat de weg niet eerst moet worden heringericht naar 30 km/u. Mevrouw Kool (Volt) hoort veel argumenten om de versnelde aanpak te vertragen en vraagt zich af of de VVD ervoor kiest om te wachten en daarmee voorlopig niets aan de verkeersveiligheid te doen, of dat zij liever alles versneld invoert om de veiligheid direct te verbeteren.

10

De heer De Pagter (VVD) stelt dat de VVD niets wil vertragen en zo snel mogelijk naar 30 km/u wil, maar dan wel op een geloofwaardige manier. Wat de VVD niet wil, is dat de snelheidsverlaging met een pennenstreek wordt ingevoerd, omdat dit niet automatisch leidt tot meer verkeersveiligheid.

15

Mevrouw Kool (Volt) vraagt of een verlaging van tien procent niet al beter is dan de huidige snelheid van 50 km/u.

20

De heer De Pagter (VVD) verwijst mevrouw Kool naar de evaluatie van Amsterdam, waarin dit niet zo wordt gesteld. Op sommige plekken is de maximum gemeten snelheid slechts gedaald van 40 naar 36 km/u, en dit is nog maar een tussenconclusie. Het is nog niet duidelijk wat het effect hiervan is op de verkeersveiligheid.

25

30

35

40

De heer Raghib (DENK) vindt de discussie over snelheidsverlaging belangrijk, maar benadrukt dat de invoering van een dergelijke maatregel zorgvuldig en onderbouwd moet gebeuren. DENK is tegen een versnelde invoering en pleit voor een aanpak op basis van feiten en evaluaties. Hij stelt dat er eerst van Amsterdam geleerd moet worden en dat besluitvorming pas daarna kan plaatsvinden. De evaluatie wordt in het eerste kwartaal verwacht en hij vraagt waarom er nu al een beslissing wordt genomen zonder die resultaten mee te nemen. Hij vindt het onverantwoord om een maatregel in te voeren zonder gedegen onderzoek naar de effecten op verkeersveiligheid, mobiliteit en handhaving. De heer Vasters (D66) hoort de oproep van DENK om te wachten op de resultaten van Amsterdam, maar stelt dat de invoering op termijn hoe dan ook plaatsvindt. Hij vraagt waarom het dan niet meteen wordt ingevoerd, zeker als dit op een goedkopere manier kan. De heer Raghib (DENK) wil eerst het rapport afwachten en is er niet van overtuigd dat het op een goedkopere manier kan. De heer Vasters (D66) vraagt of DENK daarmee ook stelt dat zij niet achter een uitrol op de lange termijn staat. De heer Raghib (DENK) vraagt op welke aanpak de heer Vasters doelt.

45

50

55

60

De heer Vasters (D66) verwijst naar het idee om eerst wegen te herinrichten voordat 30 km/u wordt ingevoerd. De heer Raghib (DENK) is daar ook geen voorstander van. Hij merkt op dat er op de Franciscusdreef regelmatig geflitst wordt en dat hij daar nog nooit een ongeluk heeft gezien. Een plotselinge verlaging van 50 naar 30 km/u betekent volgens hem een grote verandering in de handhaving, met mogelijk nadelige gevolgen voor kwetsbare groepen. Hij denkt daarbij aan mensen met een laag inkomen of schulden. Als bijvoorbeeld een schoonmaker ’s ochtends net iets te hard rijdt om op tijd op zijn werk te zijn, kan een boete al snel een aanzienlijk deel van het inkomen kosten. DENK vindt dit oneerlijk en disproportioneel. Hoewel de partij vindt dat iedereen zich aan de wet moet houden, is het volgens hen belangrijk om rekening te houden met de sociale gevolgen. Zo’n maatregel heeft een aanlooptijd nodig, zodat mensen de kans krijgen hun rijgedrag aan te passen. Handhaven zonder een overgangsperiode kan onrechtvaardig en ineffectief uitpakken. DENK pleit er daarom voor om bepaalde gebieden, zoals Overvecht en Kanaleneiland, uit te zonderen. In Amsterdam blijven de oude snelheidsregels buiten de ring van kracht. In Overvecht liggen wegen die meer lijken op wegen buiten de bebouwde kom en het lijkt DENK logisch om dergelijke gebieden uit te zonderen om de doorstroming niet te belemmeren.

Pagina 16 van 53

De voorzitter merkt op, na wat rumoer in de zaal dat commissieleden geen maidenspeeches houden en dat die enkel in de raad plaatsvinden. 5

10

15

20

25

Mevrouw Kool (Volt) vraagt of de veiligheid van de inwoners van Overvecht en Kanaleneiland DENK niet aan het hart gaat. Ze begrijpt de voorgestelde uitzonderingspositie niet goed. De heer Raghib (DENK) geeft aan dat hij deze gebieden als voorbeeld noemde, maar dat DENK in het algemeen pleit voor uitzonderingsgebieden. De heer Dekkers (GroenLinks) vindt het belangrijker dat mensen zich aan de snelheid houden dan dat er rekening wordt gehouden met kwetsbare bewoners die een mogelijke boete niet kunnen betalen. De heer Raghib (DENK) benadrukt dat iedereen zich aan de snelheid moet houden, maar wijst erop dat kwetsbare bewoners door deze maatregel hard geraakt kunnen worden. De heer Dekkers (GroenLinks) stelt dat deze mensen als verkeersslachtoffer kwetsbaarder zijn dan als overtreders van de regels. De heer Raghib (DENK) blijft sceptisch over de verlaging van de snelheidslimiet. De heer Dekkers (GroenLinks) wijst erop dat er in Utrecht nog steeds ongevallen plaatsvinden, ondanks een aanzienlijke afname. Hij herinnert eraan dat DENK verkeersveiligheid altijd belangrijk heeft gevonden en vraagt of dat in deze wijken nu niet meer geldt. De voorzitter geeft aan dat de spreektijd van DENK is verstreken, maar dat de heer Raghib zijn betoog nog mag afronden.

30

35

40

45

50

55

De heer Raghib (DENK) vindt de verkeersveiligheid zeker belangrijk. Hij stelt dat de verlaging van de snelheid vooral een gevoel van veiligheid suggereert. Daarnaast vindt hij dat het effect op hulpdiensten niet over het hoofd mag worden gezien. De wet bepaalt dat zij maximaal 20 km/u harder mogen rijden dan de geldende limiet. DENK is van mening dat het college geen overhaaste maatregelen moet nemen zonder de gevolgen goed te analyseren. Er moet geleerd worden van de ervaringen in Amsterdam, kwetsbare groepen moeten worden beschermd tegen hoge boetes, en uitzonderingen moeten worden gemaakt waar dat logisch is. Daarnaast moet worden voorkomen dat hulpdiensten worden belemmerd. Hij pleit daarom voor uitstel van de invoering totdat er grondig onderzoek is gedaan naar de daadwerkelijke effecten van deze maatregel. De heer Nyqvist (Stadsbelang Utrecht) vindt het onbegrijpelijk dat alles uit Amsterdam wordt gekopieerd als oplossing voor de problemen in Utrecht. Hij hoort van andere fracties verschillende argumenten waarom de invoering van 30 km/u in één keer goed zou zijn, maar mist een technische onderbouwing. Stadsbelang Utrecht is niet principieel tegen de invoering, maar pleit voor een gefaseerde aanpak. Het college zou met een planning moeten komen waarin duidelijk wordt weergegeven op welk moment welke activiteiten plaatsvinden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=7c48646a-2fa3-4872-a830-6fe560c1d51f