Conceptverslag commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën 18 april 2024
Tekst van het document
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2024
870
880
890
900
910
De heer Bosch (UtrechtNu) dankt de deelnemers aan het Burgerberaad. Dit gaat vooral over het proces. Hij is het eens met heer Van Heuven dat het financieel iets beter mag. De kritiek die hij heeft, staat daar los van. Het gaat wat hem betreft vooral over het proces: de vorm van het Burgerberaad gaat uiteindelijk over de haalbaarheid van het hoofdadvies en niet over of de raad voor of tegen het vuurwerkverbod is. Hij is zelf een tegenstander van het vuurwerkverbod. Anderen binnen zijn fractie zijn voor. Hij vindt dat de raad in positie moet zijn om kaders en afwegingen te kunnen toetsen. Hij vindt dat de representativiteit in de gaten gehouden moet blijven worden. Het raadsvoorstel gaat hier niet uitgebreid op in. Hij kan niet controleren of de diversiteit van de deelnemers voldoende was. Die kaders zouden beter moeten worden voor de toekomst. Hij vindt dat punten voor de evaluatie. De heer Maas (VOLT) nodigt heer Bosch uit om in het vervolg aanwezig te zijn bij de start en de finish. De heer Bosch (UtrechtNu) kan niet aan de hand van uiterlijke kenmerken vaststellen hoe divers mensen zijn. De heer Maas (VOLT) antwoordt desgevraagd dat hij geen diepgravend onderzoek heeft ingesteld naar de diversiteit. Hij merkt op dat bij de start hierover is gesproken door de deelnemers zelf. De heer Bosch (UtrechtNu) kan dat niet toetsen als raadslid.
Dan zou in dat opzicht zijn aanwezigheid ook geen soelaas bieden. De heer Van Vliet (D66) begrijpt dit punt van UtrechtNu. Hij vraagt of UtrechtNu hierbij een voorstel heeft om dit in toekomst beter te doen. De heer Bosch (UtrechtNu) legt de vraag voor of dergelijke vragen gesteld mogen worden, of dat binnen het kader van de wet blijft. Hij zou wel graag willen dit goed te bekijken. Hij vindt dat wetgeving niet bestemd is voor een afsteekverbod. Hij voorspelt dat er weinig verschil zal zijn met vorige jaren Oud & Nieuw De heer Simşek (DENK) kan zich tot op zekere hoogte aansluiten bij het betoog van de heer Bosch voor meer culturele diversiteit in het Burgerberaad. Bij zijn fractie leven zorgen over de daadwerkelijke maat voor representativiteit bij dit Burgerberaad. Hij stelt dat in de praktijk vaak te zien is dat mensen met een migratieachtergrond ondervertegenwoordigd zijn in allerlei vormen van besluitvorming en participatie. Ook hier lijkt het erop dat mensen met migratieachtergrond ondervertegenwoordigd zijn. Hij verneemt graag van de wethouder hoe zij aankijkt tegen de mate van culturele diversiteit in dit Burgerberaad en wat dat zegt over de daadwerkelijke representativiteit van het Burgerberaad. En ook hoe de uitstroom van deelnemers deze representativiteit heeft beïnvloed. De heer Maas (VOLT) benadrukt dat dit niet bekend is.
De heer Simşek (DENK) herhaalt zijn argumentatie op wat doorgaans het geval is. De heer Maas (VOLT) benadrukt dat het heel erg moeilijk is om die culturele diversiteit op een goede manier tot stand te brengen. De heer Van der Zweth (PvdA) gaat in op de inbreng van DENK. Hij merkt op dat het afgesproken is dat etniciteit niet vastgelegd wordt. Wat stelt DENK voor om te borgen waarom DENK nu vraagt? De heer Simşek (DENK) licht toe dat het hem erom gaat dat alle groepen mee kunnen praten en gelijke toegang krijgen. Zo op het oog ziet hij niet de door hem gewenPagina 19 van 43
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2024
920
930
940
ste afspiegeling van de stad. Die kaders mogen geborgd worden in de stukken. Hij bevestigt dat hij ook zoekende is. Hij verneemt graag van het college wat dit zegt over de mate van representativiteit, en het gevolg van de uitstroom van deelnemers. De heer Van Bergen (ChristenUnie) merkt op dat aangenomen wordt dat dit een probleem is op het gebied van de diversiteit. Hij legt de vraag voor waarop dat gebaseerd is. De heer Simşek (DENK) baseert dat op zijn observatie van de structurele ondervertegenwoordiging van mensen met een migratieachtergrond. Heel veel stemmen in de stad worden structureel niet gehoord. Hij gaat af op zijn indruk van de groepsfoto van de deelnemers aan het Burgerberaad. Ook hij is benieuwd hoe de diversiteit beter te borgen is. De heer Van Bergen (ChristenUnie) deelt de zoektocht naar het borgen van diversiteit. Hij merkt op dat het de keuze was aan de deelnemers om al of niet op de foto te staan. Hij vindt die foto te summier om te concluderen dat er geen sprake was van diversiteit. Hij bevestigt dat het een bekend probleem is dat het moeilijk is om een divers samengestelde groep rond de tafel te krijgen. Daarmee is rekening gehouden in het plan van tevoren door bijvoorbeeld oversampling in bepaalde wijken. Daar was al een hele goede poging gedaan om de samenstelling divers te maken.
In dat licht vindt zij het vervelend dat de diversiteit zo ter discussie wordt gesteld. Hij vraagt hoe DENK daarop reflecteert. De heer Simşek (DENK) is niet per se tegenstander van het instrument Burgerberaad en het is ook niet zijn opzet om deze kritiek te uiten. Hij wil vooral nagaan hoe in de toekomst beter te zorgen is voor de door hem beoogde diversiteit. Hij wil nagaan ook aan de hand van de evaluatie hoe dit te verbeteren in de toekomst. Hij wil graag het antwoord op de vraag wat de uitstroom van deelnemers heeft gedaan met de representativiteit van het Burgerberaad. Hij krijgt hierop graag de reactie van het college. Hij kan zich in principe vinden in de uitkomsten van het Burgerberaad. Hij verneemt graag hoe de culturele diversiteit in de toekomst beter borgen is. Hij spreekt zijn waardering uit aan alle burgerdeelnemers voor hun inzet. Hij sluit zich aan bij de Partij voor de Dieren als het gaat om een betere vergoeding. De voorzitter schorst de vergadering om 13.00 uur en heropent de vergadering om 14.00 uur.
950
960
Burgemeester Dijksma houdt haar beantwoording kort; de wethouder gaat in op het proces rondom het Burgerberaad. Zij beantwoordt de vragen over het afsteekverbod. Zij dankt de burgers die zich hebben ingezet dit Burgerberaad vorm te geven. Zij vindt het advies van het beraad wijs. Zij is het eens met diegenen die zeggen dat dit ook serieus opgepakt en uitgevoerd moet worden. Het college gaat daarmee aan de slag. Over het afsteekverbod zijn enkele vragen gesteld. De heer Van Heuven verwees naar het initiatiefvoorstel van zijn partij met GroenLinks; het is aan de fracties of dit boven de markt blijft hangen. Zij licht toe dat een APV-wijziging niet een eenmalige exercitie is. Wanneer de raad instemt met de voorgestelde wijziging, verandert het stadsbestuur de APV totdat de inzichten weer veranderd zijn. Een dergelijke wijziging is niet bedoeld voor één jaar. Dat is anders voor een aantal andere aanbevelingen; de wethouder zal daarop ingaan. Het college heeft bewust het experimenteerartikel niet gebruikt. Pagina 20 van 43
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2024
970
980
990
1000
1010
De heer Van Heuven (Partij voor de Dieren) merkt op dat hij aan zijn desbetreffende opmerking had gekoppeld dat met het permanent wijzigen van de APV, het in de rede ligt om het raadsbesluit dat hoort bij dit advies permanent vast te stellen. Burgemeester Dijksma merkt op dat de wethouder daarop zal antwoorden. Zij vervolgt met de inbreng die is geleverd over handhaving, onder andere door mevrouw Meerding, en de heer Bosch. De burgemeester antwoordt dat het niet zo is dat het college niet zal handhaven. Zij constateerde dat die suggestie in het debat werd gedaan. Het college handhaaft altijd al rond Oud & Nieuw. Dat doet het college ook met extra mensen. Daarin is wel een prioriteitsstelling, zeker op oudejaarsavond. Daarbij is te bedenken dat geweld tegen burgers of tegen hulpverleners als punt van aandacht het belangrijkste is. Daarna wordt ook gekeken naar overlast vanwege vuurwerk. Handhavers zullen dan op heterdaad mensen moeten betrappen. Zij attendeert op de aanwezigheid van de handhavers die hun handen vol hebben aan andere zaken. Zij vindt dat het college aan de voorkant eerlijk moet zijn over het beeld in de stad. Zij attendeert op het landelijk afsteekverbod in coronatijd; ook toen werd wel degelijk vuurwerk afgestoken. Het is geen garantie op een stille stad met oud en nieuw.
Het Burgerberaad geeft ook aan dat het een belangrijk signaal is en wat haar betreft niet eens zozeer naar Den Haag. Daarvoor is niet per se een Burgerberaad nodig. Dit besluit is meer een signaal naar de stad zelf; dit is hoe het stadsbestuur in de komende jaren op weg wil naar een vuurwerkvrij Oud & Nieuw. Daar gaat tijd overheen. Dit vergt ook een culturele verandering. Hiermee wordt de norm gesteld. Dat heeft wel waarde, al is het soms symbolisch. Zo zal het ook worden beschouwd door de mensen die het eens zijn met dit besluit. De burgemeester vindt dit de faire benadering. De heer Bosch (UtrechtNu) vraagt of de burgemeester wetgeving als signaal een goede ontwikkeling vindt. Burgemeester Dijksma antwoordt dat wetgeving altijd een signaal is, namelijk voor wat het bestuur van de stad wel of niet wenselijk acht. Daarop wordt voor zoveel als mogelijk ook gehandhaafd. Zij gaat er vanuit dat mensen zich daaraan houden. De heer Bosch (UtrechtNu) benadrukt dat dit niet te handhaven is. Hij heeft begrepen dat de burgemeester dit ook zegt. De politie en de handhavers hebben hun handen al vol aan een normale jaarwisseling. Hij vraagt of de burgemeester dit kan bevestigen. Burgemeester Dijksma gaat daarop niet vooruitlopen. Zij kan niet overzien in welke situatie sommige handhavers die avond zullen verkeren. Daar gaat het haar niet om.
Het gaat hier er om dat het Burgerberaad een uitspraak heeft gedaan. Zij vermoedt dat de gemeenteraad dat besluit zal bekrachtigen. Vervolgens is het aan iedereen, ook aan de samenleving als zodanig, daaraan uitvoering te geven. De burgemeester verwacht dat dit met horten en stoten gaat; zij verwacht dat met dit besluit niet direct een ideale wereld zal bestaan. Zij gaat in op de opmerkingen over de kosten van de camera's. Mevrouw Meerding suggereerde dat het college een verkeerde voorstelling van zaken had gegeven. De burgemeester weerspreekt dat. Zij benadrukt dat het per camera voor een week of voor een maand net zo duur is als voor een jaar. Het leeuwendeel van de kosten bestaat uit de installatie op zichzelf. Het zijn dan ook uitkijkkosten; die laatst genoemde kosten, vormen niet het leeuwendeel van de kosten. De heer Van Steeg suggereerde een tussenstap met vuurwerkzones; locaties waar vuurwerk wel mag worden afgestoken. De burgemeester omarmt dit voorstel niet om de volgende redenen. Dat zou een duidelijke afwijking zijn van het voorliggende Pagina 21 van 43
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2024
1020
1030
1040
1050
1060
voorstel en zou ook een ander signaal geven. Dat maakt het ook niet gemakkelijker voor de handhavers. Het is ook niet te voorspellen hoe aantrekkelijk het is voor grote groepen mensen. Trekt het extra mensen aan? Bovendien neemt het stadsbestuur een verantwoordelijkheid op zich waarvoor een goede organisatie nodig is. Dat vraagt weer veel extra's. Zij begrijpt dat het CDA de geleidelijke weg zoekt. Dat lijkt haar tegelijkertijd ook niet verstandig. De heer Van Steeg (CDA) doet de suggestie dit onderdeel te maken van de lichtshows die in de wijk worden voorgesteld. Dan geeft het stadsbestuur het publiek iets terug van de traditie van Oud & Nieuw. Mogelijk komt dat ook tegemoet aan de bezwaren die de burgemeester zojuist noemde. Burgemeester Dijksma vindt het afsteekverbod het belangrijkste signaal; zij wil het hoofdpunt van de uitkomst van het Burgerberaad niet tenietdoen. Niemand is tegen een alternatieve viering. De vraag is of dat ook op een net iets andere manier kan. De heer Van Steeg (CDA) licht toe dat het partiële afsteekverbod blijft staan. Wanneer dan toch een show gegeven wordt, adviseert hij het college daar vuurwerk bij te doen. Veel mensen genieten daarvan. Daarmee wordt zijns inziens ook het besluit van het Burgerberaad gerespecteerd. Burgemeester Dijksma antwoordt dat dit niet de weging was zoals die is gemaakt.
Dit zou geen recht doen aan de belangrijkste uitspraak van het Burgerberaad. Zij vervolgt haar beantwoording. Zij bevestigt dat de evaluatie belangrijk is. Daarvan wordt geleerd, ook als het gaat om hoe het in de praktijk gaat. Daarover zijn veel veronderstellingen. Zij kan zich daar veel bij voorstellen. Tegelijkertijd moet het beleefd worden; de evaluatie is heel belangrijk, ook in de richting van hoe dit vooral volgend jaar gedaan gaat worden. Zij licht toe dat zij hiermee is ingegaan op de evaluatie van alleen het afsteekverbod. Wethouder Oosters dankt de commissie voor het interessante debat. Zonder het mandaat en de inbreng van de raad was dit niet mogelijk geweest. Zij vindt dat de raad trots mag zijn op het geven van die verantwoordelijkheid aan burgers. Ze dankt ook de griffie en de voorzitter van de commissie voor de hulp hierbij. Mevrouw Bode was vaak aanwezig en heeft hierbij geholpen. Zij gaat in op de gestelde vragen: de representativiteit, het proces, de uitvoering, de financiën en de toekomst. Vrijwel alle fracties gingen in op de representativiteit; hoe daarop te kijken en hoe daarop te reflecteren? Na de eerste lotingronde waren 142 mensen ingeloot als deelnemer aan het Burgerberaad. Dat was een mooie representatie van de stad.
Vervolgens is een belronde georganiseerd waarin de organisatoren alle 142 mensen hebben gebeld met de vraag of zij bij alle vijf bijeenkomsten van het Burgerberaad aanwezig konden zijn. In die zin is een groot deel van de bewoners afgevallen omdat ze niet alle bijeenkomsten aanwezig konden zijn. Die aanwezigheid was een hele belangrijke voorwaarde voor een geslaagd proces; uiteindelijk zijn 87 mensen gestart aan het Burgerberaad. Bij de laatste bijeenkomst waren dat 81 mensen; tijdens het proces zijn slechts zes mensen afgevallen. De heer Van Bergen (ChristenUnie) vraagt of de mensen die afvielen van 142 naar 87, puur afvielen omdat ze niet alle vijf bijeenkomsten konden. Wethouder Oosters antwoordt bevestigend. Met de start met 87 deelnemers, werd dat nog steeds als een representatieve groep gezien. Dat is ook gedaan op basis van de kaders die de raad had vastgesteld. Als het gaat om de gender, wijk, leeftijd, opleidingsniveau. De enige afwijking tot op het Pagina 22 van 43
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2024
1070
1080
1090
1100
1110
einde met de 81 deelnemers was dat er teveel praktisch opgeleide mensen deelnamen in verhouding tot theoretisch opgeleiden. Dat is in de brief van het college ook aangegeven. Idealiter valt er na de eerste bijeenkomst helemaal niemand meer af. Door ziekte of vakantie vielen er nog zes mensen uit; de wethouder benadrukt dat zij dat een mooie score vindt. De stad mag daar trots op zijn; de betrokkenheid van de deelnemers was ontzettend groot. De heer Simşek (DENK) vroeg of bij de belronde ook werd gekeken naar de achtergrond van mensen, of naar op welke manier de culturele diversiteit te testen was. Wethouder Oosters gaat in op diversiteit. De wethouder bevestigt dat een eventuele migratieachtergrond niet is gemeten. Daarover kan zij geen objectieve uitspraak doen. Dat was van te voren een bewuste keuze, het college wil niet registreren op migratie, ook op advies van Artikel 1 Midden Nederland. Wel zijn alle randvoorwaarden bij het begin van het proces zo ingericht, dat diversiteit zoveel als mogelijk, mogelijk gemaakt is, met tolken, kinderopvang, de vergoeding. De groep Burgerberaad was diverser dan groepen in veel andere participatietrajecten, ook als het ging om de inhoud. Dit is een relevant aandachtspunt voor een volgend Burgerberaad; ook daarover is de wethouder het eens met de commissie.
Hoe is de raad in het vervolg op een goede manier te informeren zonder adviezen van Artikel 1 Midden Nederland in de wind te slaan? De wethouder noemt dat het zoeken naar een balans. Het college wil daar zeker naar kijken in de evaluatie. De representativiteit is getoetst bij het inloten van de deelnemers, bij de start van het beraad en bij het einde. Zij herhaalt dat tussentijds weinig mensen zijn afgevallen; dat heeft dan ook weinig effect gehad op de representativiteit. Verschillende vragen zijn gesteld over het proces. Zij begint dan met de vraag van D66 over of er op een andere dag te vergaderen is door het Burgerberaad dan de zaterdag. Zij heeft dit niet teruggehoord als een veelvoorkomende klacht of als iets waar mensen tegenaan liepen. De wethouder kan dit meenemen in de evaluatie. De wethouder geeft aan dat de heer Bosch gelijk had. Er is nooit een waterdicht moment te kiezen. Er zullen altijd momenten zijn waarop de bewoners niet aanwezig kunnen zijn. De hogere vergoeding is om de representativiteit zo goed mogelijk te waarborgen; dit in het verlengde van het voorgaande. Het college neemt dit mee in de evaluatie, ook op basis van motie 340 van de Partij voor de Dieren. De vraag van D66 en Student & Starter over de voorstellen voor de jongeren; de suggestie van D66 was na te gaan of die alsnog uitgewerkt zouden moeten worden.
De vraag is gesteld hoe het komt dat deze voorstellen niet zijn aangenomen. De wethouder staat voor de voorstellen die zijn aangenomen. De wethouder heeft nog gesproken met jongeren en heeft ontdekt aan het eind van het proces dat niet alle jongeren even enthousiast waren over alle voorstellen die over de jongeren gingen. Over de voorstellen die zijn afgevallen en het ambtelijk advies daarop, zet de wethouder uiteen dat negatief geadviseerd is over vier tussentijdse adviezen. Dat ging over de juridische uitvoerbaarheid. De adviezen die waren gegeven, gingen buiten de gemeentelijke bevoegdheden, zoals het instellen van een verkoopverbod van vuurwerk. Ambtenaren hebben alleen advies gegeven op juridisch gebied, op financieel gebied en op de uitvoerbaarheid en altijd vanuit de ja, mits houding: hoe is het wel voor elkaar te krijgen.
Pagina 23 van 43
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2024
1120
1130
1140
1150
Wethouder Oosters denkt dat het belangrijk is om ook namens het college te zeggen dat het college zich moet houden aan de aangenomen adviezen van het Burgerberaad. Zij gaat niet sleutelen aan adviezen die niet aangenomen zijn. Zij noemt in dit verband het begrip cherry picking. Het exacte advies van de gemeente is terug te lezen in de documenten die het college met de raad heeft gedeeld via de griffie. De heer Bosch (UtrechtNu) vraagt of de ambtenaren sturend hebben meegedacht. Wethouder Oosters antwoordt ontkennend; de ambtenaren hebben de adviezen van het Burgerberaad getoetst op de financiële, juridische en praktische uitvoerbaarheid. Wanneer op een van die vlakken iets van het Burgerberaad zou kunnen afvallen, probeerden de ambtenaren steeds na te denken over hoe het wel kan en daarop een advies te geven. Zij hebben niet inhoudelijk gestuurd. Als het gaat om de positie van de raad, stelden de VVD en UtrechtNu vragen; de wethouder vindt dat de raad daarover volledig geïnformeerd moet worden; zij vindt dit een terecht punt. Zij hoopt dat volledig is beantwoord aan de verwachtingen met het herstel, met ook de documenten die zijn aangeleverd. Het college kan toezeggen dat de volgende keer alle informatie in een keer naar de raad wordt gestuurd. Het ambtelijk toetsrapport is gelijk met de stukken meegestuurd; dit was de toetsing op de voorgestelde definitieve adviezen.
De feedback op tussentijdse conceptadviezen, is later gestuurd. Mevrouw Meerding (VVD) vindt dat er een verschil van inzicht is over of het ambtelijk rapport direct bij de stukken zat of niet. Zij heeft hierover contact gehad met de heer Bosch. Hij stelt dat de stukken er niet bijzaten. Nadat zij hierover naar de griffie is gegaan, zijn de stukken toegevoegd. Dat hoeft hier nu niet opgehelderd te worden. Het gaat haar nu om het verschil van inzicht. Wethouder Oosters antwoordt met op te merken dat er twee versies van zijn; er is de ambtelijke toetsing op de definitieve voorstellen van het Burgerberaad. Die zijn direct met de stukken meegestuurd. De tussentijdse toetsing van de adviezen die het niet hebben gehaald, is later toegevoegd. Dit is haars inziens de juiste weergave van de gang van zaken. In dat kader is van te voren aangegeven dat het college van de gang van zaken wil leren van het eerste Utrechtse Burgerberaad. Zij herhaalt dat het college in het vervolg ook de tussentijdse toetsing met alle stukken direct zal meesturen. Het college zal bovendien de positie van de raad en hoe het college de raad in positie brengt, meenemen in de evaluatie. Punt van orde De heer Bosch (UtrechtNu) betwist de lezing van de wethouder. Mevrouw Meerding (VVD) vindt dit een cruciaal punt. Zij steunt het punt van orde van de heer Bosch.
De voorzitter merkt op dat dit cruciaal is voor het debat; hij vindt dit geen punt van orde. De heer Bosch (UtrechtNu) vindt het verloop van de vergadering nu verstoord. De voorzitter neemt daarvan akte. De heer Snijder (Student & Starter) vraagt de wethouder te laten uitspreken. De voorzitter vraagt of de wethouder haar beantwoording kan voortzetten. Voortzetting van het debat Wethouder Oosters doet de suggestie deze kwestie nog even door te spreken. Zij herhaalt de informatie die zij heeft gegeven.
Pagina 24 van 43
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2024
1160
1170
1180
1190
1200
De heer Bosch bracht in dat het Burgerberaad een gesloten karakter had. De wethouder is het eens met die desbetreffende inbreng van de heer Bosch. Wat in haar ogen zeker anders moet, is dat de stad en de raad op een andere wijze betrokken moeten worden en ook tussentijds bij het proces van Burgerberaad. Nu is de keuze gemaakt dit in de beslotenheid te laten plaatsvinden. Het kan een voorwaarde zijn om de stad en de bewoners meer te betrekken bij het gesprek dat in het Burgerberaad gevoerd wordt. Daarin moet altijd een balans gezocht worden. Zij vindt dit een belangrijk punt voor de evaluatie. De heer Van Heuven (Partij voor de Dieren) vindt die balans heel belangrijk. De deelnemers van het Burgerberaad weten dat ze op het eindadvies becommentarieerd kunnen worden. Wanneer dat betekent dat ze ook op de tussenstappen feedback kunnen krijgen, zou dat het verloop van de advisering kunnen beïnvloeden tijdens het Burgerberaad. Het zou kunnen zijn dat de deelnemers niet meer vrijuit durven spreken. Hij vindt het belangrijk dat de deelnemers van het Burgerberaad daarin beschermd worden. Wethouder Oosters antwoordt dat dit precies de balans is die het college aan het zoeken is. Het moet niet een publiekelijke vertoning worden waarop iedereen kan schieten waardoor de deelnemers onder druk komen te staan.
Zij pleit voor iets meer transparantie over hoe het proces er uit ziet, bijvoorbeeld het organiseren van wijkgesprekken over een bepaald onderwerp waaruit de bewoners van Burgerberaad informatie kunnen halen. Zij denkt aan dit soort zaken. Mogelijk kan dit het gemeentebestuur in de toekomst helpen. In het kader van de uitvoering noemt zij de vraag van D66 over het betrekken van jongeren bij de Oud & Nieuw-agenda. Dat is een agenda van de bewonersinitiatieven die ook passen bij het initiatief van Buurtje. Het college kan niet sturen op wat die initiatieven uiteindelijk worden. Het college gaat wel zijn best doen om zoveel mogelijk mensen te betrekken bij de organisatie en dus ook jongeren. Als het gaat om de financiën, stelt de commissie vast dat de adviezen het vastgestelde budget overschrijden. Het Burgerberaad heeft in dat opzicht nog een soort rangorde aangegeven. Het college zegt te willen proberen alle adviezen uit te voeren. Zij is het eens met het merendeel van de partijen dat het stadsbestuur zich wel moet houden aan de vastgestelde budgettaire kaders. Het college gaat op dit moment geen extra budget zoeken voor de uitvoering. Wel gaat het college na wat mogelijk is binnen het reguliere budget, of het ook goedkoper kan, wel met alle zaken meegenomen die zijn meegegeven met de adviezen. Om daarna is de prioritering van het Burgerberaad in ogenschouw te nemen.
Het Burgerberaad prioriteerde zelf. Daaraan zal het college zich houden. De heer Van Bergen (ChristenUnie) vraagt of de wethouder nu zegt dat zij wel naar de prioritering gaat kijken en dat er prioriteiten kunnen afvallen. Wethouder Oosters antwoordt bevestigend. Eerst zal worden gekeken of alles mogelijk is te realiseren. Zij zet uiteen welke stappen achtereenvolgens genomen worden. Wanneer na alle stappen blijkt dat het niet past, kijkt het college ook naar de rangorde van het Burgerberaad. Dit is ook zo meegegeven aan het Burgerberaad. De wethouder bevestigt richting de ChristenUnie dat gewaakt moet worden dat niet het geheel door het ijs zakt. De wethouder gaat in op een vraag van de Partij voor de Dieren, VOLT en GroenLinks over dat het budget incidenteel is en dat mogelijk ook de uitvoering dan incidenteel is. De wethouder is het eens met deze partijen dat dit niet eenmalig moet zijn. De vraag is dan hoe dat op een goede manier te waarborgen. Het college heeft Pagina 25 van 43
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2024
1210
1220
1230
1240
1250
het voornemen de adviezen langjarig op te volgen. De APV-wijziging is dat in ieder geval - de wethouder refereert aan de desbetreffende inbreng van de burgemeester. De inhoud staat wat het college betreft vast. Wel wil het college nagaan welk budget exact nodig is voor de uitvoering. Dat doet het college bij de evaluatie van Oud & Nieuw; daarna zal het een voorstel doen voor de jaren erna. De wethouder gaat in op de vraag van de heer Maas over hoe het college tot de kosteninschatting is gekomen. Die is gemaakt op basis van inschattingen door ambtelijke experts op basis van referenties in bijvoorbeeld andere steden die soortgelijke projecten doen met Oud & Nieuw. Het gaat om een snelle inschatting van de kosten. Daarom wil het college nagaan of binnen dat kader alles is in te passen. Wanneer de adviezen niet onder de huidige ambtelijke werkzaamheden vallen, zijn ook kosten voor extra ambtelijke uren meegerekend. De tussentijdse kosteninschatting is aan het Burgerberaad meegegeven in de feedback; dit ook met in het achterhoofd de financiële haalbaarheid. Een vraag van Student & Starter was of naar het Initiatievenfonds te kijken is wanneer het budget is uitgeput om de buurtinitiatieven te realiseren. Het college gaat ervan uit dat ook het Initiatievenfonds aan het eind van het jaar is uitgeput. Dat is in voorgaande jaren gebeurd.
Mocht het budget van Buurtje op zijn, en er is ruimte in het Initiatievenfonds, zal het college de bewoners daar naar verwijzen. Het gaat uiteindelijk om initiatieven van bewoners die uit te voeren zijn. In dit geval zou dat dan kunnen. Daar waar Student & Starter vroeg naar een bijdrage van omliggende gemeenten, vreest de wethouder dat het college dat gaat doen; zij ontraadt het college die energie daarin te steken. Het gaat om een Utrechts traject met een Utrechtse uitkomst. De vragen die over de toekomst gingen, het volgende beraad en het betrekken van bewoners daarbij; de wethouder deelt mee richting D66 dat het college dat zeker wil. Maar het college gaat wel na wat daarin mogelijk is en welke de mogelijke onderwerpen kunnen zijn, en ook hoe de stad is te betrekken bij de keuze van die onderwerpen. Dat is ook aan de raad toegezegd bij de keuze van het vorige onderwerp. Dit is ook in samenspraak met de raad, zegt de wethouder in de richting van de ChristenUnie, zo dat de positie van de raad daarin niet ondermijnd wordt. Het budget blijft hierbij een uitdaging. Meerdere partijen kaartten dat aan. Dat limiteert ook de kansen voor een volgend Burgerberaad. Een volgend beraad moet niet extern maar intern worden geleid, vroeg de heer Van der Zweth.
Het college ziet toegevoegde waarde van de externe partij die nu het Burgerberaad heeft geleid; die partij heeft de objectiviteit goed gewaarborgd. Zij is het ook eens met de PvdA dat dit niet al te voorwaardelijk is. Het college gaat na of dat mogelijk intern is te organiseren. De heer Van der Zweth (PvdA) merkt op dat intern en extern verbonden wordt aan of men onafhankelijk kan zijn. Wat hem betreft kan een interne prima onafhankelijk zijn in een organisatie van 4 á 5000 mensen. Hij vraagt of de wethouder het met hem eens is dat het doel/het streven zou moeten zijn de onafhankelijkheid te borgen met iemand van binnen de organisatie. Wethouder Oosters herhaalt te hebben gezegd dat het niet randvoorwaardelijk is of de begeleider in- dan wel extern is om objectief te zijn. Het college wil onderzoeken of dit een goede manier is. Zij is het daarover eens met de heer Van der Zweth. De heer Van der Zweth (PvdA) vindt dat helder. Hij vraagt of de wethouder toe wil zeggen dat het streven gaat zijn dit intern te regelen. Pagina 26 van 43
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2024
1260
1270
1280
1290
Wethouder Oosters antwoordt bevestigend. Zij vervolgt met in te gaan op de vraag over het tijdspad: wanneer gaat wat naar de raad? De wethouder zet uiteen dat de evaluatie van het Burgerberaad nog voor de zomer zal plaatsvinden. De raad zal in Q3 2024 een raadsbrief ontvangen met daarin een aantal dilemma’s en aandachtspunten voor de aanpak van een volgend Burgerberaad; dus ook de manier waarop stad erbij betrokken wordt, en de evaluatie van het afgelopen Burgerberaad. Dan kan de raad er opnieuw over spreken. De heer Van der Zweth (PvdA) vindt dit fijn te horen en nuttig voor het gesprek in de raad. Hij vraagt of daar dan ook iets kan terugkomen over de onderwerpen en hoe die geselecteerd zullen worden. Wethouder Oosters antwoordt bevestigend; dit maakt deel uit van de dilemma's. Dit zal in de brief terugkomen. De heer Maas (VOLT) vraagt of de wethouder kansen ziet om deze raad te betrekken bij die evaluatie. Hoe gaat het stadsbestuur hiermee om? Wethouder Oosters denkt dat uit dit debat ook een aantal punten gehaald zijn, en dat het college met de raad in gesprek zal gaan en ook met de griffie over wat te verbeteren is als het gaat om de positie van de raad in dit proces, en als het gaat om de communicatie met de raad. De heer Van Heuven (Partij voor de Dieren) vindt het fijn dat er een evaluatie komt en dat dit wordt meegenomen.
Hij vraagt wanneer het voorstel komt voor het houden van een tweede Burgerberaad. Wethouder Oosters durft dat op dit moment nog niet te zeggen. Wat haar betreft moet nu eerst gekeken worden naar de lessen die geleerd zijn en voor welke dilemma's het stadsbestuur staat bij de organisatie van een volgend Burgerberaad. Dan hoort de raad ook de motivatie dit wel te doen. Daarvoor is wel budget nodig. Op dit moment is dat budget nog niet in beeld. De wethouder vindt het belangrijk eerst in gesprek te gaan met de raad over de opbrengsten van het eerste Burgerberaad. Het CDA vroeg bewoners te betrekken bij de evaluatie van Oud & Nieuw. Het college heeft in ieder geval toegezegd het Burgerberaad bij de eerste versie van de uitvoering van de adviezen te betrekken. Dat zal het college ook doen. Zij is het eens met de inbreng van de heer Van Steeg hierover. Hiermee rondt de wethouder haar beantwoording af. Gemiste vragen? Nee. Tweede termijn De heer Van Heuven (Partij voor de Dieren) vindt het geruststellend te horen dat het college de adviezen langjarig wil volgen en dat het afsteekverbod toegevoegd wordt aan de APV. Wel is gezegd dat er een evaluatie nodig is om na te gaan hoe het in de komende jaren gefinancierd gaat worden. Hij zou daar graag meer bevestiging bij willen krijgen, namelijk dat het gefinancierd gaat worden in de komende jaren.
Hij wil zeker weten dat deze adviezen structureel zijn.
1300
De heer Maas (VOLT) sluit zich aan bij de vraag van de heer Van Heuven. De heer Van der Zweth (PvdA) vraagt of de heer Maas het met hem eens is dat dit bij de Voorjaarsnota besproken moet worden. Hij vindt deze vraag niet thuishoren in dit debat. Pagina 27 van 43
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2024
1310
1320
1330
De heer Maas (VOLT) begrijpt dat, maar dit is van te voren ingestoken als een experiment waarmee voor een langere periode een aantal burgerberaden gehouden zou worden; hij ziet daaraan graag opvolging. De heer Van der Zweth (PvdA) begrijpt dat en beschouwt dat als het inhoudelijke punt. Dan moet dat inhoudelijke punt gemaakt worden in de context van de Voorjaarsnota. Hij verneemt dan graag van de Partij voor de Dieren en VOLT wat dan niet gedaan moet worden om dit mogelijk te maken. Hij attendeert op het nog te bezuinigen bedrag. Deze vraag zal in deze context nooit een goed debat opleveren en geen besluit. Dan is het niet duidelijk hoe het gefinancierd wordt. De heer Maas (VOLT) begrijpt het punt van de heer Van der Zweth; dat is op dit moment niet aan de commissie. In feite is een Burgerberaad ingezet als begin van een experiment met meerdere burgerberaden. Hij kan die vraag niet beantwoorden en hij bevestigt dat dit in de Voorjaarsnota thuishoort. Hij ziet het graag tegemoet. Wethouder Oosters begrijpt dat dit punt van de financiering een ingewikkelde is. Op dit moment is de financiering incidenteel. Zij kan niet vooruitlopen op de integrale afweging bij de Voorjaarsnota in 2025 en nu al zeggen dat zij kan toezeggen dat het een structurele financiering wordt. Inhoudelijk stáán die adviezen van het Burgerberaad en daar staat het college ook achter.
Het college wil daaraan ook langjarig uitvoering geven. De evaluatie is wel nodig na deze eerste versie om na te gaan wat echt nodig is. Dat zal het college voorleggen aan de raad bij de Voorjaarsnota 2025. Hoe verder? De heer Van Steeg (CDA) overweegt een motie richting de portefeuille van de burgemeester. De heer Bosch (UtrechtNu) overweegt een motie over het karakter van openbaarheid om het college vóórafgaande aan de evaluatie enkele zaken mee te geven. Mevrouw Meerding (VVD) deelt mee dat haar motie dezelfde strekking zou hebben en zij besluit mee te kijken met UtrechtNu. De heer Simşek (DENK) overweegt een motie over de representativiteit. De voorzitter stelt voor 30 minuten te reserveren voor de behandeling in de raad
1340
Hiermee rondt hij de behandeling van dit agendapunt af. De voorzitter schorst de vergadering voor een enkele minuut.
1350
9 Raadsbrief Voortgang uitvoering Actieplan Aanpak Straatintimidatie Burgemeester, Beleidsterrein: Openbare Orde en Veiligheid Geagendeerd door: Tess Meerding (VVD), Cees Bos (Stadsbelang Utrecht), Mahaar Fattal (GroenLinks), Ruud Maas (Volt), Titus Stam (PvdA), Bert van Steeg (CDA), Ruben Snijder (Student&Starter), Derk van Bergen (ChristenUnie), Victor Paalman (Horizon), Gert Dijkstra (EenUtrecht), Iskender Simşek (DENK) en Myrthe Minnaert en Stevi Nolte (BIJ1). De fracties willen graag met elkaar en met de burgemeester in gesprek over de voortgang van het actieplan Aanpak Straatintimidatie 2022 - 2026. Daarbij willen ze specifieke ingaan op de voortgang over 2023 op het gebied van de 4 pijlers Pagina 28 van 43
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2024
1360
(bewustwording en normstelling, aanpak op straat, aanpak dader en ondersteuning slachtoffers). De fracties willen de reeds genomen acties evalueren en aanvullende ideeën aandragen om de aanpak te versterken. Ook willen de fracties het hebben over de blik vooruit (met toekomstige acties) die in de Raadsbrief is beschreven. De fracties willen in ieder geval spreken over de lokale campagne(s) en workshops tegen straatintimidatie, het meldpunt straatintimidatie en de landelijke strafbaarstelling van straatintimidatie. De voorzitter leidt de behandeling van dit agendapunt in aan de hand van de annotatie bij de agenda (zie hierboven).
1370
1380
1390
1400
De commissie Mevrouw Meerding (VVD) houdt zich al jaren bezig met het tegengaan van straatintimidatie. Voor haar fractie en voor haar persoonlijk is dit een heel belangrijk onderwerp. Zij is blij met dit actieplan en er blij mee nu stil te kunnen staan bij de voortgang. In de basis is haar fractie positief over de acties in het actieplan. Dat neemt niet weg dat er ruimte is voor verbetering. Zij gaat in op de verbeterpunten die haar fractie ziet. Zij vindt de meeste campagnes tegen straatintimidatie iets tegenvallen en de plank misslaan. De campagne over loser gedrag was in haar ogen niet vernieuwend en zij vond het een beetje suf. Het naroepen van mannen op de stadhuisbrug vond zij de foute boodschap geven. De campagnes lijken zich vooral te focussen op de binnenstad en minder op andere wijken. Zij vraagt de burgemeester of dat beeld klopt en zo ja waarom daarvoor gekozen is. In het actieplan staat dat ook in de komende jaren nog acties zullen worden gehouden. Zij doet de suggestie een ander creatief bureau in te schakelen en een iets andere koers te kiezen. De heer Simşek (DENK) vraagt op welke wijken mevrouw Meerding zich wil focussen met campagnes. Mevrouw Meerding (VVD) antwoordt op alle wijken en niet alleen de binnenstad. De heer Simşek (DENK) merkt op dat een deel van de campagnes overal zichtbaar is.
Hij vraagt op welke manier mevrouw Meerding de uitbreiding naar andere wijken ziet. Mevrouw Meerding (VVD) hoort graag eerst het antwoord van de burgemeester op haar vraag over of het juist is dat campagnes vooral op de binnenstad gericht zijn. Zij ziet vooral in de binnenstad posters hangen en in andere wijken in mindere mate. Zij pleit voor gelijke verdeling. Zij vervolgt haar inbreng met in te gaan op de workshops. Zij noemt de doelstelling mannen bewust maken van hun eigen gedrag en van hoe hun gedrag kan overkomen. Zij vraagt de burgemeester hoe ervoor te zorgen dat met deze workshops de juiste groep bereikt wordt. Met de vrijwillige aanmelding bereikt de gemeente vooral mensen die al interesse hebben in dit onderwerp. Hiermee wordt niet de groep bereikt die zich mogelijk schuldig maakt aan dit gedrag. Zij verneemt graag hoe de burgemeester dit ziet en wat nog is te doen om die bredere groep te bereiken. Mevrouw Nolten (BIJ1) vindt het een goed voorstel, dit zo breed mogelijk te doen. Zij vraagt of de VVD suggesties heeft hoe dit uit te zetten. Mevrouw Meerding (VVD) beseft dat dit lastig is. Het liefst neemt ze dit zoveel mogelijk op in het onderwijs. Daarop wordt al ingezet. Zij vindt dat goed. Zij las iets over de extra workshops waarvoor mensen zich vrijwillig kunnen aanmelden. Die workPagina 29 van 43
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2024
1410
1420
shops hebben een mooi doel, maar mensen die zich voor die workshops aanmelden, zijn zich al bewust van het belangrijke van dit onderwerp. Misschien is dat geld dan beter in te zetten om andere groepen te bereiken. Dan moet gekeken worden naar welke mensen zich niet zouden melden voor een dergelijke workshop. Zij gaat verder met het Utrechtse meldpunt Straatintimidatie. Zij vraagt hoeveel meldingen worden gedaan. Dat is niet goed weergegeven in de voortgangsrapportage. Zij heeft de cijfers technisch opgevraagd. Voor haar is duidelijk waar de meldingen zich bevinden. Zij wil dan graag weten hoe daaraan opvolging wordt gegeven. Of dat iets betekent voor de veiligheid. Of op bepaalde locaties extra straatlantaarns neergezet kunnen worden, bosjes weggehaald, vaker handhaving ingezet. Wat wordt hiermee gedaan? Is het meldpunt voldoende bekend; wordt het gepromoot? Zij wil graag weten of de burgemeester hierop kan reflecteren. In de afgelopen maanden riep een denktank namens de VVD Utrecht Utrechters op te melden op welke plekken zij zich onveilig voelen. Daarop kreeg haar fractie veel reactie, onder andere over straatintimidatie. Zij vindt het opvallend dat dan dezelfde plekken naar voren komen: het Lucas Bolwerk, de Sijpesteijntunnel, het fietspad van de Uithof naar de Berenkuil.
Zij vraagt of dit plekken zijn die de gemeente in beeld heeft en zo ja, wat wordt er dan gedaan om deze plekken veiliger te maken? De wet Seksuele Misdrijven is inmiddels aangenomen. Haar fractie is benieuwd hoe dit terug te zien in de Utrechtse samenleving en in de Utrechtse politiek. Het wordt nu mogelijk om straatintimidatie te gaan bestraffen. Welke rol speelt hierin de gemeente? Hoe zal het gemeentebestuur dit de toekomst terugzien? De fractie van stadsbelang is niet aanwezig.
1430
1440
1450
Mevrouw Fattal (GroenLinks) is heel tevreden met de aanpak straatintimidatie. Zij dankt de VVD voor de agendering en voor de inzet van die fractie op dit onderwerp. Ook zij vindt straatintimidatie vreselijk. Zij maakte dit ook vaak mee, ook op hele jonge leeftijd. Dat had impact op hoe zij zich voelt, in Nederland en in Utrecht. Zij wil dit niet langer en richt zich op de veiligheid van het nageslacht. Zij vindt de aanpak van de gemeente niet suf. Soms wel maar in dit geval zeker niet. De nadruk op loser gedrag en de reactie van omstanders vindt zij een goede keuze. De daders zijn vaak mannen in groepen; daarop moet haars inziens de aanpak afgestemd worden. Daarmee is zij heel tevreden. Zij vindt het lastig om uit te vissen hoe succes wordt gemeten in deze campagne. Het lijkt erop alsof succes wordt gemeten op basis van wat is gedaan en op zaken die zijn gebeurd, inplaats van te kijken naar het effect van acties. Zij beseft dat dit heel erg ingewikkeld is. Zij wil het graag weten zeker gericht op de komende Voorjaarsnota. Zij vraagt hoe de burgemeester dit ziet in deze voortgangsrapportage. Zij vraagt of de lespakketten op scholen worden gebruikt. Hoe wordt samengewerkt tussen het meldpunt van de straatintimidatie en de politie? Wordt navolging gegeven aan de meldingen die worden gedaan? Daarnaast is zij nieuwsgierig naar de specifieke aanpak per wijk.
Per wijk kan de problematiek van school tot school anders zijn. Zij vraagt of de burgemeester iets kan zeggen over de impact van de bezuinigingen op deze aanpak. Van belang is bij dit soort innovatieve projecten te kunnen hard maken dat ze effect hebben gehad. Welke evaluatie-indicatoren zijn daarbij te gebruiken voor toekomstige projecten? Pagina 30 van 43
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2024
1460
1470
1480
1490
1500
De heer Maas (VOLT) is het van harte eens met GroenLinks over de indicatoren. Bekend is hoe moeilijk dat is en zeker in gevallen van straatintimidatie. Ook zijn fractie zou graag iets meer willen weten over de effecten van alle acties die beschreven zijn. Hoe vaak wordt met de speciaal ontwikkelde toolkit gewerkt? Hoeveel workshops volgden de BOA’s en hoe worden die door hen beleefd of geëvalueerd. Hij las ook iets over dialoogavonden die georganiseerd gaan worden; hij vraagt daarvan nadere specificaties. Hij vraagt meer concrete informatie. Ook zijn fractie is gelukkig met de aanpak tegen straatintimidatie. In 2023 was 150.000 euro hiervoor begroot. Hij vraagt hoeveel daarvan is uitgegeven en wat er gebeurt met over- en onderschrijding. Mevrouw Leever (PvdA) draagt voor vandaag met deze agendering de ervaringen van Utrechters met straatintimidatie op haar kleding. Een deel van de quotes zijn ook haar persoonlijk nageroepen. Dat had ook effect op haar veiligheidsgevoel in Utrecht. Zij draagt deze ervaringen omdat het haar wens is dat de samenleving niet blind blijft voor de intimidatie die tot haar spijt er nog steeds is. Ook zij is blij met de voorliggende aanpak, en zeker de aandacht voor bewustwording en normstelling. Overal in de stad ziet zij de posters. Het lesaanbod is ook landelijk uitgerold. Dat is een succes. Dat neemt niet weg dat het gemeentebestuur er nog niet is.
In de brief leest zij dat vorig jaar 148 meldingen zijn gedaan van straatintimidatie. Dat zijn er 148 teveel. Dan spreekt zij nog niet over de incidenten die niet gemeld worden. Zij sluit zich aan bij de inbreng van de VVD over de bekendheid van het meldpunt. Haar fractie krijgt vaak te horen dat slachtoffers geen melding maken omdat zij de idee hebben dat er niets verandert. Zij legt de vraag voor hoe dat tij te keren is. In de brief kwam ook terug dat het bestrijden van intimidatie bij LHBTQIplus personen in de komende tijd meer aandacht gaat krijgen. Haar fractie vindt dat goed. Zij weet uit gesprekken met dragqueens dat zij zich nog te vaak te onveilig voelen en dat ze daarom altijd bezig zijn met veiligheidsvoorzorgsmaatregelen, bijvoorbeeld met dichtbij parkeren, et cetera. Het tegengaan van dit soort intimidatie vraagt vertrouwen, zeker ook van deze community. Zij vraagt hoe de burgemeester daarmee aan de slag gaat. Zij vraagt of de burgemeester met deze mensen ook in gesprek gaat. Wat haar betreft moet de burgemeester op meerdere borden schaken om intimidatie tegen te gaan, zowel buiten als binnen. Ze denkt daarbij aan bijvoorbeeld sport- en studentenverenigingen. Ook daar moet het bestuur van de gemeente het gesprek blijven aangaan; wanneer het binnenshuis nog steeds gebeurt, zal het buitenshuis ook nog steeds gebeuren.
Naar zij hoopt verdwijnen steeds meer uitspraken die nu op haar kleding staan. Wat haar betreft kan het stadsbestuur niet toestaan dat Utrechters zich onveilig voelen. Zij stelt dat het bestuur niet mag wegkijken van straatintimidatie en dat niet toegegeven moet worden aan intolerantie. De heer Van Steeg (CDA) vindt het goed hierbij stil te staan. Hij is in de basis blij met de stappen die de burgemeester heeft gezet en het plan dat zij heeft uitgerold. Dat neemt niet weg dat zijn fractie nog wel een aantal kritiekpunten heeft. Hij vindt het goed dat de burgemeester voorop loopt. Hij hoopt dat zij dat blijft doen.
Pagina 31 van 43
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2024
1510
1520
1530
1540
Hij roept ertoe op om focus te houden in de aanpak; het recht gespreid worden over veel verschillende potjes; in dat licht is zij het eens met vorige sprekers en legt de vraag voor wat het resultaat is van wat daadwerkelijk wordt bereikt. Hij pleit voor een zichtbare aanpak zo dat mensen die ermee te maken hebben ook daadwerkelijk het gevoel hebben dat ze gesteund worden en dat ze ook echt melding kunnen doen en dat daarmee echt iets gedaan wordt. Wat dat betreft helpt zijns inziens de aangenomen wet Seksuele Misdrijven. Hij is blij dat Utrecht voorop loopt met de pilot met de BOA's. Hij vraagt naar de stand van zaken. Wanneer is daadwerkelijk te starten, wat verwacht de burgemeester daarvan? Is er voldoende capaciteit of moet er nog iets extra's gedaan worden zo dat BOA’s ook daadwerkelijk iets kunnen doen? Mevrouw Nolten (BIJ1) begrijpt het belang van meldingen. Zij weet dat sommige groepen die zich geïntimideerd voelen, minder meldingsbereid zijn; als voorbeeld noemt zij de mensen uit de queergemeenschap. Zij vraagt of het CDA voorstellen heeft om dat te verbeteren. De heer Van Steeg (CDA) bevestigt dat die gemeenschap extra aandacht nodig heeft, zeker op dit onderwerp. Wat hem betreft mag het gesprek vaker gevoerd worden met al die instanties die deze groep vertegenwoordigen. Als het gaat om de meldingen kan wat hem betreft de meldingsapp iets gebruiksvriendelijker.
Mevrouw Leever (PvdA) merkt op dat heer Van Steeg van het CDA sprak over het aanbrengen van focus. Zij vraagt of de focus moet liggen op de meldingsbereidheid. De heer Van Steeg (CDA) vindt meldingsbereidheid en een zichtbare aanpak belangrijke onderdelen. Daar hoort ook mannenemancipatie bij. Hij betwijfelt of dit allemaal mogelijk is met de beperkt beschikbare middelen in dit programma. Hij vervolgt zijn betoog met in te gaan op de wet Seksuele Misdrijven; die helpt om te laten zien dat het stadsbestuur straatintimidatie niet accepteert. Die helpt ook omdat de politie daadwerkelijk gaat optreden. Camerabeelden zouden een belangrijke rol kunnen spelen bij het aantonen van straatintimidatie. Hij pleit ervoor de camerabeelden in te zetten voor het op gang brengen van jurisprudentie zo dat mensen daadwerkelijk worden veroordeeld. Hij vraagt de burgemeester hierop in te gaan. Hij las dat de straatintimidatie zich ook richt op mensen met een geloofsovertuiging. In de afgelopen tijd was veel antisemitisme te zien. Hij vraagt of dat ook onder dit programma valt. Hij vraagt hoe de burgemeester dit ziet. Hij vindt het goed dat hiervoor aandacht is. Hij leest dat het stadsbestuur allerlei extra dingen gaat doen in de komende jaren; niet wordt duidelijk wat dat extra's is en welke ruimte daarvoor is binnen het programma.
Wat gaat er extra gebeuren op die onderwerpen die aan het einde van de brief worden genoemd? Mevrouw Kolenbrander (Student & Starter) vindt de bespreking van het onderhavige van groot belang. Zij is blij met de actieve houding vanuit de gemeente in de bestrijding van straatintimidatie. Zij vindt de campagnes vanuit de gemeente erg goed. Op voorhand stelt zij dat haar fractie hier niet alleen staan voor meisjes en vrouwen die te maken hebben met straatintimidatie, maar ook voor de leden van de LHBTQI-plus gemeenschap, mensen met een zichtbare geloofsovertuiging en voor anderen die zich onveilig voelen in Utrecht. Door verhalen uit de omgeving en haar eigen ervaringen kan zij met zekerheid zeggen dat op dit gebied nog veel werk aan de winkel is in Utrecht. Van haar medestudenten verneemt zij dat zij nog steeds specifieke plekken vermijden, omdat ze daar Pagina 32 van 43
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2024
1550
1560
1570
1580
1590
slechte ervaringen hebben, het daar te donker is, of omdat zij van veraf kunnen zien dat er een grote groep mensen staat. Vandaag wil zij ingaan op het Meldpunt straatintimidatie van de gemeente Utrecht. Slachtoffers kunnen via dat Meldpunt op de gemeentewebsite een melding maken van hun ervaringen. Slachtoffers of omstanders kunnen dat doen op een algemene pagina die niet specifiek is ontworpen voor het melden van straatintimidatie. Op dezelfde pagina is er ook een mogelijkheid meldingen te maken van wegwerkzaamheden, bouwoverlast, vervuiling, verkeer, en andere kwesties. Haar fractie vindt de ernst van straatintimidatie te groot om terecht te komen in een dergelijk rijtje. Andere steden zoals Tilburg en Rotterdam hebben wel specifieke meldpunten voor straatintimidatie. Ook voor Utrecht liggen daar mogelijkheden. Het meldpunt straatintimidatie van de gemeente Tilburg gaat dieper in op gemelde situaties dan het Utrechtse algemene meldpunt. Haar fractie pleit voor de ontwikkeling van een online pagina die specifiek is ingericht voor het melden van straatintimidatie en van onveilige situaties. Zij schetst de aard van onveilige situaties die zij op het oog heeft. Zij benadrukt dat een afzonderlijke pagina veel voordelen zal bieden. Haar fractie vraagt de visie van de burgemeester hierop.
De heer Van Bergen (ChristenUnie) merkt op dat het stadsbestuur nu halverwege de periode voor het actieplan is. Hij is met veel partijen positief over het geheel. Tegelijkertijd ziet hij dat de wereld verandert. Het actieplan richt zich vooral op het tegengaan van intimidatie en seksueel grensoverschrijdend gedrag tegen meisjes en vrouwen in de openbare ruimte. Dat is een groot probleem waarover tot nu toe veel gezegd is. Hij sluit zich aan bij de brede steun voor dit onderwerp, en specifiek bij de punten van GroenLinks en VOLT over het meten van succes en het punt van het CDA voor het belang van steun aan slachtoffers. Het feit dat hierover al lang gesproken is, maakt dat hij zich focust in zijn bijdrage op een andere vorm van straatintimidatie: intimidatie van mensen die zichtbare uitingen dragen van hun religie. Dit actieplan gaat daar wel degelijk over, zij het dat dit niet de hoofdfocus is van het actieplan. Hij noemt een voorval in Overvecht met een rabbijn; zijn fractie werd daardoor diep geschokt. Het bracht hem tot een statement over dat antisemitisme onacceptabel is; dat werd door bijna alle fracties onderschreven. Antisemitisme is nooit weg geweest, maar het laaide afgelopen maanden op in de samenleving in een hevigheid die er in tijden niet meer was. Deze ontwikkeling baart hem grote zorgen.
Hij weet dat de zorgen breed gedragen worden binnen de raad en het college. Met deze zorgen in het achterhoofd las hij het actieplan en de voortgangsrapportage; intimidatie wegens religieuze uitingen heeft een plek gekregen, maar er ligt een enorme nadruk op andere vormen van straatintimidatie. Hij vraagt of de burgemeester zijn analyse deelt dat intimidatie jegens religieuze uitingen een groeiend probleem is in de samenleving. Hij vraagt of zij het standpunt deelt dat een groter wordend probleem ook een groter antwoord verdient. Welke kansen ziet de burgemeester om die vorm van intimidatie nadrukkelijker een plek te geven in het actieplan? De heer Simşek (DENK) heeft het recente voorval in Overvecht met veel afschuw bekeken. Hij vraagt welke andere vormen de heer Van Bergen ziet waarin antisemitisme flink oplaait in de samenleving. De heer Van Bergen (ChristenUnie) merkt op dat het een gegeven is dat de Joodse gemeenschap in Utrecht zich zeker in de afgelopen maanden onveilig voelt, zich
Pagina 33 van 43
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2024
1600
1610
1620
1630
1640
onheus bejegend voelt, soms complete wijken moet mijden omdat zij zich daar niet meer veilig voelen op straat. Hij vindt dat een ernstige ontwikkeling. De heer Simşek (DENK) bevestigt dat het kwalijk is wanneer deze mensen bepaalde wijken niet meer in kunnen, omdat ze zich onveilig voelen; hij vraagt naar de specifieke signalen, los van het incident in Overvecht. Hij bevestigt dat het incident in Overvecht verschrikkelijk is. De heer Van Bergen (ChristenUnie) vindt het lastig om te vervallen in specifieke casussen. Dat is met zijn fractie gedeeld op basis van vertrouwelijkheid. Hij kan zich voorstellen dat de heer Simşek dit geluid ook zal herkennen. De heer Simşek (DENK) vindt het goed dat er meer aandacht komt voor intimidatie van mensen met een religieuze overtuiging. Ook van moslimvrouwen en van Joden is te vernemen dat zij zich steeds onveiliger voelen op straat. Hij legt de vraag voor waar de signalen precies vandaan komen. Zijn beeld is dat er in de voetbalstadions en de voetbalcultuur vanuit verschillende hoeken veel antisemitisme is, maar dat vanuit diezelfde hoeken jegens andere religieuze minderheden zoals moslimvrouwen regelmatig sprake is van straatintimidatie. Om die reden vroeg hij naar de concretisering van de informatie.
De heer Van Bergen (ChristenUnie) herkent wat de heer Simşek zegt dat intolerantie tegen religieuze uitingen zich niet beperkt tot antisemitisme. Wanneer de heer Simşek zegt dat er ook aandacht moet zijn voor Islamofobie, vindt hij hem aan zijn kant. Mevrouw Leever (PvdA) vraagt of antisemitisme volgens heer Van Bergen de hoofdfocus zou moeten zijn in dit actieplan. De heer Van Bergen (ChristenUnie) vindt deze vraag lastig te beantwoorden. Dan moet hij twee vormen van fout gedrag tegen elkaar afwegen. Hij wil niets afdoen van de focus op andere vormen van straatintimidatie. Mevrouw Leever (PvdA) merkt op dat meer focus op antisemitisme dan afgaat van waarop de focus nu is gericht. Zij geeft aan ook beide vormen van straatintimidatie te willen bestrijden. De heer Van Bergen (ChristenUnie) bevestigt dat dit een keuze inhoudt. Hij wil niet zo ver gaan dat dit de hoofdfocus moet zijn. Hij pleit voor meer aandacht voor intolerantie jegens religieuze uitingen. Mevrouw Nolten (BIJ1) leest in de raadsbrief dat in de komende jaren aandacht gaat komen voor de queergemeenschap; zij vraagt hoe de heer Van Bergen dat ziet wanneer hij spreekt over een verschuiving.
Moet dat afvallen van de prioriteiten wanneer die verschuiving daarom vraagt? De heer Van Bergen (ChristenUnie) begrijpt dat de queergemeenschap in de brede zin ook een aandachtsgroep is die extra aandacht verdient en die het ook echt nodig heeft. Om die twee naast elkaar te zetten en een keuze te maken vindt hij een lastige. Hij vindt het lastig aan de doelgroepen getallen te hangen. Hij herhaalt zijn wens voor meer aandacht voor de bestrijding van antisemitisme. Mevrouw Meerding (VVD) bevestigt dat op deze manier de discussie ingewikkeld wordt. In haar beleving vindt iedereen de groepen die genoemd zijn belangrijk. Zij helpt heer Van Bergen; de gemeente Utrecht heeft al een specifiek actieplan om antisemitisme tegen te gaan. Wellicht is in dat actieplan nog van alles te verbeteren. Wat haar betreft is op die twee sporen in te zetten omdat er voor antisemitisme ook een eigen aanpak is. De heer Van Bergen (ChristenUnie) dankt de VVD voor de handreiking. Hij vraagt of mevrouw Meerding doelt op de Anti DiscriminatieAgenda. Pagina 34 van 43
Griffie Gemeenteraad Utrecht Verslag van de openbare vergadering van de Commissie Veiligheid, Bestuur en Financiën d.d. 18 april 2024
1650
1660
1670
1680
1690
Mevrouw Meerding (VVD) antwoordt gedeeltelijk. Zij doelt op een aangenomen motie over het actieplan tegen Antisemitisme én tegen moslimhaat. Dit is destijds als afzonderlijk stuk naar de raad toegestuurd. De heer Van Bergen (ChristenUnie) dankt de VVD voor deze informatie. Hij vervolgt zijn inbreng. Hij sprak over een nadrukkelijker plek in dit actieplan. Zijn fractie denkt daarbij aan de inzet van meer aandacht in de communicatie voor deze vorm van intimidatie en meer aandacht voor de vorm van intimidatie bij interactieve wijkbijeenkomsten en workshops handelingsperspectieven omstanders. Hij vraagt hoe de burgemeester daarop reflecteert en welke andere kansen zij ziet om dit probleem steviger te laten terugkomen in het actieplan. Hij krijgt hierop graag haar reactie. De heer Simşek (DENK) merkt op dat het gemeentebestuur in de afgelopen jaren veel aandacht had voor de campagne tegen straatintimidatie. Het college heeft erkend dat naast aandacht voor het zogeheten losergedrag, er ook sprake is van straatintimidatie jegens inwoners met een zichtbare geloofsovertuiging; daarmee is zijn fractie blij. De aandacht die hieraan besteed werd lijkt hem enigszins summier. De polarisatie en de spanning in de samenleving nemen toe.
Dan is het juist belangrijk dat ook voor deze vorm van intimidatie aandacht is, zeker als het gaat om het vergroten van de meldingsbereidheid onder verschillende minderheidsgroepen, zoals etnische minderheden en moslimvrouwen. Van die groepen is bekend dat de meldingsbereidheid vaak al vrij laag is. Dat maakt het extra belangrijk dat de mogelijkheden tot het vergroten van de bekendheid van het meldpunt en de meldingsbereidheid bij bijvoorbeeld islamitische vrouwen en andere minderheidsgroepen in deze stad, vergroot wordt. Hij krijgt graag de reactie van de burgemeester en een toelichting op hoe zij de meldingsbereidheid wil vergroten. Hij verneemt graag van de burgemeester hoe het staat met de aangenomen motie tegen moslimhaat en antisemitisme zoals die destijds is ingediend door DENK en de ChristenUnie. Het lijkt hem goed om deze aanpak van straatintimidatie te gaan koppelen aan dat actieplan. Hij hoort graag in de reactie van burgemeester hoe daarmee de koppeling te maken is. Mevrouw Nolten (BIJ1) is blij dat in de raadsbrief veel aandacht is voor de bewustwording en normstelling. Utrecht BIJ1 gelooft sterk in de kracht van mannenemancipatie en educatie en zij ziet samenwerkingspartners als Emancipator als een goede invulling voor een feministische blik op de samenleving en het bevorderen van gendergelijkheid.