CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Conceptverslag Commissie Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte d.d. 27 januari 2022.doc

Commissie Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte (2022-2026) 24 februari 2022, gemeente UtrechtBij agendapunt: Conceptverslag 27 januari 202223.311 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

De heer Van der Graaf (CU) kan in grote lijnen aansluiten bij het voorstel. Speelt de gemeente nog een actieve rol in de transitie tot 2023? Mooi dat er een nieuwe vorm is gevonden met minder bureaucratie. Welke rol ambieert de gemeente Utrecht hier nog in? Hoe ziet die intensievere rol van de gemeente eruit? Hoe wordt in de toekomst de ontwikkeling van meer recreatiegebieden en -mogelijkheden geborgd en wat betekent deze nieuwe aansturingsvorm daarvoor? De heer Harris (SP) wil het college aanmoedigen om bij de transitie en toekomstige samenwerking vooral te focussen op natuurbehoud en de belangen van de omwonenden, niet op de belangen van private commerciële organisaties. Dit om te zorgen dat de Utrechtse natuurgebieden gratis en toegankelijk blijven zoals eerder is toegezegd. De heer Van der Marel (VVD) ziet dat de financiële verhoudingen niet ten nadele van de gemeente Utrecht worden gewijzigd. Gaat dat over de uitruil tussen de provincie en de gemeente Utrecht, respectievelijk over de afspraken die zijn gemaakt in de toetredingsovereenkomst? Is er een plan B voor als de samenwerking met Staatsbosbeheer niet doorgaat?

730

De heer Penders (CDA) vraagt naar het risico voor de omzetting als de datum van 1 januari 2023 niet wordt gehaald.

735

Mevrouw Van Dun (D66) zegt dat D66 het een goed voorstel vindt. Recreatie kan in de toekomst ook best eens een evenement zijn, of iets anders. Een koffie- of ijstentje kan daar ook bij horen en dat kunnen zij steunen. Het verbaast haar dat de PvdD en GL hier zo negatief naar kijken. Mevrouw De Boer (GL) repliceert dat haar vraag was om wat voor evenementen het gaat.

740

Wethouder Van Hooijdonk begint achteraan. Er bestaat altijd een risico dat een datum niet gehaald wordt, maar een aantal risico´s ligt al achter hen. Er ligt een goed voorstel en er is een modus gevonden om voortvarend met elkaar te werken. Tegelijk moet er nog veel worden uitgewerkt met Staatsbosbeheer, die wil weten welke boedel er naar hen toe komt en onder welke voorwaarden. De datum van 1 januari 2023 is altijd het handigste, ook voor het personeel. Er is geen alternatief in beeld. Staatsbosbeheer lijkt de beste kandidaat, al is wel met meer partijen gesproken. Mocht het niet lukken, dan moet het college zich opnieuw Pagina 13 van 30

770

beraden. Het klopt dat door de ruil met de provincie de verhouding tussen de schappen verandert, maar onder de streep blijft de verhouding voor de gemeente Utrecht in totaal hetzelfde. De Ronde Venen hebben nu een apart programma in het Recreatieschap Stichtse Groenlanden. Die administratieve scheiding tussen programma A en B wordt hierbij bevestigd. Zij heeft gehamerd op aansluiting bij het Plassenschap Loosdrecht om samen schaalvoordelen te kunnen behalen bij waterrecreatie Daaraan wordt gewerkt. Overigens kan de Ronde Venen nog de oversteek maken naar de Wijde Meren. Op de vraag van de heer Van der Marel (VVD) of de Ronde Venen (en de anderen) ermee akkoord gaan dat de financiële verhoudingen niet ten nadele van de gemeente Utrecht wijzigen, antwoordt de wethouder dat de Ronde Venen er juist blij mee zijn en bestuurlijk al hebben ingestemd. De gemeente is bovenmatig actief geweest in dit verhaal en blijft ook betrokken. De gemeente heeft een gegarandeerde zetel in het dagelijks bestuur en kan daarom kan heel actief blijven. De Utrechtse belangen liggen met name in het deel van de Stichtse Groenlanden. De ontwikkelingsvraag is relevant, maar dit voorstel gaat over het goed organiseren van beheer en behoud. Regionaal ontwikkelen willen ze in het kader doen van ´groen groeit mee´, daar eerst een akkoord op sluiten en daarna programmeren.

Er wordt hard aan gewerkt, maar het is nog een procesverhaal. Binnenkort hoort de raad daar meer over. Op de vraag waarom het in het raadsvoorstel staat en niet in het stuk van het recreatieschap zegt de wethouder dat het college hiermee probeerde de PvdD te bedienen met een toelichting, na belangrijke punten in het commissiedebat. Ook al verandert de structuur en de governance (en verandert de manier waarop besluiten worden genomen), formeel verandert er niets. Er is niet opeens een heel ander beleid voor evenementen. Ook in de toekomst zullen bestuurlijke afwegingen gemaakt worden. Daarbij is het vinden van een goede balans ... [Er zit ruis op de microfoon, de microfoon wordt gewisseld]. Wil je natuur in het hart van je recreatiegebieden, dan is het fijn om een terreinbeherende organisatie te hebben die ervaring heeft met natuurbeheer. Natuurlijk kunnen daar afspraken over gemaakt worden in de intentieovereenkomst. De nieuwe constellatie gaat over het beleid van de toekomst. Voor evenementen geldt altijd dat wordt afgewogen wat een gebied kan hebben, wat de overlast is en of het proportioneel en passend is. Op de vraag van mevrouw Sasbrink (PvdD) of de wethouder zich zal inzetten voor aanpassing van de concept-intentieovereenkomst die bij de stukken zit, antwoordt de wethouder dat zij dat bedoelt.

De raad zal later nog om een zienswijze gevraagd worden om de verordening vast te stellen en daarbij kan ook iets over evenementen worden opgenomen.

775

De voorzitter vraagt of er nog gemiste vragen zijn. Dat blijkt niet zo te zijn. Op zijn vraag of er behoefte is aan een tweede termijn wordt ook ontkennend geantwoord. Op zijn vraag of dit punt door kan gaan als Apunt naar de raad, wordt bevestigend geknikt. Hij constateert dat er geen toezeggingen zijn gedaan en sluit dit debat af.

745

750

755

760

765

De voorzitter schorst de vergadering om 16.44 uur tot 19.30 uur.

LIJST VAN TOEZEGGINGEN 780

Wethouder Diepeveen

zegt m.b.t. agendapunt 7 de raad toe: •

785

Naast de toegezegde informatie voor de raad zegt de wethouder toe de raad in de voortgangsrapportage (Q2 2022) over de islamitische begraafplaats te informeren over de monitoring van het aantal plekken.

Pagina 14 van 30

790

795

Verslag openbare avondvergadering commissie Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte Datum Locatie Verslag door Vaststelling verslag

27 januari 2022 Stadhuishal, stadhuis mw. B.C. de Waard (Notuleerservice Nederland)

Aanwezigen

800

De voorzitter, dhr. G. te Hoonte, de wethouder, mw. L. van Hooijdonk, de leden, dhr. T. Schipper (SP), mw. A. Sasbrink (D66), mw. H. de Boer (GL), mw. J. Zwinkels (CDA), dhr. B. Isik (PvdA), mw. C. van Dun (D66), dhr. M. de Pagter (VVD), mw. B. Dotinga (Student&Starter), dhr. R. v.d. Graaf (CU), mw. Schilderman (D66), dhr. D. Bosch (PVV), dhr. J. Koppelaar (Student&Starter), mw. L. Snippe (PvdD).

Afwezigen -

Verslag vergadering commissie Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte 805

Verslag openbare avondvergadering commissie Mobiliteit, Groen en Openbare Ruimte……………………..1 1. Opening en mededelingen.………………………………………………………………………………… …...1 9. Raadsbrief Evaluatie Bomenbeleid…………………………………………………………………………...…..1 10. Raadsvoorstel Eerste stappen schaalsprong OV/Alternatief verbreding A27 (Punt 10 en 11 gezamenlijk)……………………..………………………………………………………… …….7

810

LIJST VAN TOEZEGGINGEN……………………………………………………………………………..……….16 Wethouder Van Hooijdonk………………………………………………………………………..…..….………16

1. Opening en mededelingen

815

De voorzitter heropent de vergadering om 19.30 uur met agendapunt 9. De heer Schipper (SP) meldt dat de vergadering tot uiterlijk 23.30 uur zou mogen duren.

9. Raadsbrief Evaluatie bomenbeleid 820

825

830

De voorzitter geeft aan dat voor de behandeling zestig minuten is afgesproken. De bespreking gebeurt in één termijn en in de volgorde van de agenderende fracties. Mevrouw Sasbrink (PvdD) benoemt dat de evaluatie van het bomenbeleid nog niet helemaal compleet is. De Partij voor de Dieren geeft een aantal suggesties mee voor de strategie voor meer groen die voor dit kwartaal is aangekondigd. De noodzaak voor een kwalitatief betere bomenparagraaf in ruimtelijke plannen werd zes jaar geleden ook al genoemd. Waarom moet dit zo lang duren en waarom is het nog niet beter? Bij ruimtelijke plannen moeten de juiste keuzes worden gemaakt. De norm moet worden dat bomen altijd op hun plek blijven en dat alle andere voorzieningen daaromheen worden ingetekend. Hun voorstel is om de termijn voor het verplanten van bomen en groen terug te brengen tot één jaar vooraf. Haar fractie doet vijf voorstellen om de regels rondom velvergunningen te verbeteren. De afwegingscriteria voor bomenkap moeten meetbaarder worden omdat de huidige criteria niet zoveel voorstellen en worden aangevuld met een vijfde weigeringsgrond: de reden voor kap. Ook verzoekt zij om woningbouwcorporaties met veel aaneengesloten grond uit te zonderen van de ontheffing voor kleine tuinen. Pagina 15 van 30

835

840

845

850

855

860

865

870

875

880

885

De voorzitter wijst erop dat de snelheid van spreken het lastig maakt om alles te volgen. Hij verzoekt de spreektekst voortaan met alle commissieleden te delen. Mevrouw Sasbrink (PvdD) zegt dit toe. De heer Schipper (SP) vraagt zich af welke redenen voor kap (niet) gegrond kunnen zijn. Mevrouw Sasbrink (PvdD) antwoordt dat deze onduidelijkheid de reden is voor haar verzoek. Mevrouw De Boer (GL) vraagt of het formuleren van algemene weigeringsgronden niet erg lastig is, omdat het toch vaak van de situatie afhangt. Mevrouw Sasbrink (PvdD) beaamt dit maar zegt dat het momenteel niet mogelijk is de reden voor kap mee te nemen, omdat dit nu geen weigeringsgrond is. Haar fractie zou graag zien dat de reden voor kap per geval wordt bekeken, zodat kan worden afgewogen of kap opweegt tegen verlies aan bijvoorbeeld waarde voor biodiversiteit. Mevrouw De Boer (GL) vraagt of bedoeld wordt dat de reden van kap een grond kan zijn om de vergunning te weigeren. Mevrouw Sasbrink (PvdD) beaamt dat. Alleen pluisjes of te veel schaduw kan dan als onvoldoende reden worden beoordeeld om een velvergunning te verlenen. Mevrouw Sasbrink (PvdD) gaat verder. De herplantplicht (nu drie jaar) zou korter moeten worden, in het volgende plantseizoen bijvoorbeeld.

De Partij voor de Dieren vraagt om de uitzondering van de herplantplicht voor bosplantsoenen alleen van toepassing te laten zijn als er gekapt wordt in het kader van beheer. Op de vraag van mevrouw De Boer (GL) wat ‘in het kader van beheer’ betekent, aangezien dergelijke bosjes soms als tijdelijk zijn bedoeld, antwoordt mevrouw Sasbrink dat voor die situatie de regeling tijdelijke natuur geldt. Daarbij is het tijdelijke karakter van de beplanting omschreven. De motie ‘Kappen met kappen’ wordt momenteel niet opgevolgd. Kan het college daarvoor een toelichting in de APV opnemen? Voor het planten van bomen in de buurt van kabels en leidingen vraagt zij om (deze) tijdelijke bomen goed verplantbaar te maken en ze in de gemeentelijke ‘bomenboekhouding’ op te nemen met een apart label. Daarnaast wil de Partij voor de Dieren ook een ‘plekkenkaart’ om alle ruimte voor bomen langs infrastructuur in kaart te brengen en te benutten. Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt naar de efficiëntie van dit – op zichzelf goede – idee, omdat er ook beschermende maatregelen moeten worden getroffen tegen aantasting door boomwortels. Mevrouw Sasbrink zegt dat dit een onderwerp van overweging is geweest. Hun conclusie is dat tijdelijk beter is dan helemaal niets, maar dat het belangrijk is deze bomen niet op die plekken volwassen te laten worden.

Mevrouw Zwinkels is benieuwd naar de reflectie van de wethouder op die tijdelijkheid. Vindt de Partij voor de Dieren dit een slimme manier om met geld voor groen om te gaan? En zouden struiken daar ook acceptabel zijn? Mevrouw Sasbrink antwoordt dat ze daarom de wethouder vraagt om deze bomen op een verstandige manier verplantbaar te maken. Sommige struiken wortelen ook diep. Vanuit de waarde voor biodiversiteit en klimaat is het ook niet wenselijk om struiken uit de grond te halen bij werkzaamheden, dus daar moet ook over worden nagedacht. Mevrouw Sasbrink (PvdD) vraagt of het college kan toezeggen om bij de aanplant van bomen direct onderbeplanting aan te brengen. Wat betreft de iepziekte: inenten kost 30 euro per jaar per iep en voorkomt dat een iep gekapt moet worden. Kan de wethouder toezeggen dat het inenten van alle Utrechtse iepen standaard gebeurt, en met particulieren in gesprek gaan om te voorkomen dat iepen op particulier terrein de gemeentelijke iepen kunnen besmetten? De heer Isik (PvdA) kan zich grotendeels aansluiten bij de vragen van de Partij voor de Dieren. Bomen bieden ontspanning en rust, geven broodnodige verkoeling en spelen een verbindende rol in de wijk, maar komen steeds meer onder druk te staan. Er zijn nog altijd meer huizen dan bomen in de stad. Hij vraagt hoe het college de groei van het aantal bomen gaat faciliteren, mede gezien de verdichting.

Mevrouw De Boer (GL) is het ermee eens dat het aantal bomen moet groeien. Maar het aantal bomen in de stad neemt ook niet af, ondanks de groei. De heer Isik herneemt dat de toenemende verdichting in de stad als consequentie kan hebben dat er bomen worden gekapt. Daarom zou de verdichting meer aan de randen van de stad gezocht moeten worden. Mevrouw De Boer geeft aan dat uit de cijfers blijkt dat het aantal bomen iets omhooggaat en in ieder geval niet daalt, ondanks het bouwen. Groei en verdichting zullen gecombineerd worden. Ze vraagt of de heer Isik kan onderschrijven dat dit op dit moment nog goed gaat. De heer Isik geeft aan dat ook hij blij is met de aandacht voor het groen. Zijn punt is dat de verdichting consequenties kan hebben voor het groen in de openbare ruimte. De voorzitter waarschuwt dat in dit tempo afronding van de vergadering voor 23.30 uur niet haalbaar is.

890

Mevrouw Sasbrink (PvdD) vraagt of de Partij van de Arbeid het een goed plan vindt om in ieder geval bij nieuwbouwprojecten evenveel bomen als woningen te plaatsen. Je kunt immers ruimte maken zolang het plan nog op de tekentafel ligt. De heer Isik (PvdA) vindt dat ook een goed plan, mits het ruimtelijk mogelijk is. De prioriteit ligt bij de behoefte aan woningen. Pagina 16 van 30

895

900

905

910

915

920

De heer Isik (PvdA) vervolgt zijn betoog. Hij ziet graag dat er voor elke woning minstens één volwassen boom staat in de stad. Het bomenbeleid gaat nu over de hele stad. Er moet per wijk gekeken worden naar wat er nodig is, omdat sommige wijken hopeloos achterlopen. Kan het college dit toezeggen? Mevrouw De Boer (GL) geeft aan dat ook GroenLinks blij is met de evaluatie van het bomenbeleid. De cijfers tonen dat verstedelijking met behoud van bomen mogelijk is, maar GroenLinks wil meer bomen. Het werd tijd dat de bomenparagraaf vanaf het begin deel gaat uitmaken van het Utrechtse planproces. Meer bomen zijn gewenst voor het klimaat en voor het welzijn van mensen in de stad. GroenLinks wil niet alleen kijken naar het aantal bomen maar vooral ook naar de waarde ervan. Daarvoor kan i-Tree een mooie tool zijn. Zaken als kroongrootte en biomassa moeten worden meegewogen. GroenLinks vraagt meer bomen met opbrengst voor de buurt, zoals noten- en fruitbomen, mee te nemen bij de ontwikkeling van het toekomstbestendige bomenbestand. Ook de leeftijd van bomen is belangrijk voor biodiversiteit. Kan het college toezeggen om dit mee te nemen? Bij kap vanwege ziekte of onderhoud moet men bomen vaker laten liggen of staan, ten behoeve van schimmels, ‘kriebeldiertjes’ en vogels. De communicatie rondom de kap van bomen gaat niet goed, zeker als het gaat om een andere overheid of eigenaar.

Inwoners willen ook weten waarom bomen worden gekapt, wanneer ze weer terugkomen, wanneer er gewerkt wordt en wat de overlast zou zijn. Als voorbeelden noemt zij de kap in Amelisweerd door Rijkswaterstaat, bij het Zuiderpark bij kasteel de Haar en aan de Rooseveltlaan. De communicatie richting bewoners hierover kan beter. Daarover staat nog niets in de evaluatie. Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt of GroenLinks vindt dat alleen de communicatie verbetering behoeft of dat sprake is van onduidelijkheid over de regels en dat er meer moet gebeuren. Mevrouw De Boer antwoordt dat, als er illegaal gekapt wordt, er sowieso gehandhaafd moet worden. Voor sommige particuliere eigenaren zullen de regels niet altijd duidelijk zijn en is betere informatie nodig. Maar voor gemeentelijk terrein moet in ieder geval de communicatie naar de bewoners verbeteren, zij moeten weten wat er gebeurt en waarom. De heer Isik (PvdA) vraagt of een Meldpunt Illegaal Kappen een oplossing zou kunnen bieden. Mevrouw De Boer prefereert de Slim Meldenapp boven een apart meldpunt. Die app zou wel de mogelijkheid moeten bieden om illegale kap te melden. Mevrouw De Boer (GL) merkt op dat bomen voor GroenLinks een intrinsieke waarde hebben en dat bomen er niet zijn om voor ons te werken. Dat is niet hoe GroenLinks het bomenbeleid wil vormgeven.

925

930

935

940

945

950

Mevrouw Van Dun (D66) geeft aan dat de gebeurtenissen (de bomen die omgingen op de Neude en het Lepelenburg, vierhonderd bomen die werden beschadigd bij de grondwerkzaamheden in De Meern en het jaarlijks kappen van tientallen bomen om huizen te bouwen) haar niet vrolijk stemden bij de voorbereiding. Ze is blij dat de gemeente dit jaar negenhonderd bomen uitdeelt aan inwoners. Het is goed dat de gemiddelde leeftijd van de bomen stijgt maar jammer is dat het aantal bomen in de stad niet meegroeit. De verbeterpunten in de evaluatie laten een aantal goede ambities zien. D66 is blij dat de bomenparagraaf nu verplicht in alle planprojecten wordt opgenomen, met verplichte herplant van bomen met de huidige waarde. Het planten van bomen boven het rioolstelsel is mooi maar deze raad moet de volgende generatie niet opzadelen met discussies over het kappen van bomen die misschien nog jaren mee kunnen gaan. D66 vraagt de wethouder om waar mogelijk dit soort discussies te voorkomen en daar boomsoorten te gebruiken met een beperkte levensduur en grootte. Mevrouw Sasbrink (PvdD) vraagt of D66 het planten van bomen op het rioolstelsel wil voorkomen, of wil voorkomen dat er wordt gekapt.

Mevrouw Van Dun (D66) antwoordt dat er bomen op het rioolstelsel geplant mogen worden, maar neem dan een soort boom die verplaatsbaar is, en houd rekening met de verwachte levensduur ervan, zodat de onderhoudswerkzaamheden rond het einde van die levensduur gedaan kunnen worden. Een punt van aandacht is of de riolering het zo lang uithoudt. Mevrouw De Boer (GL) beaamt dit laatste. Daarom wijst GroenLinks op het belang van communicatie en de keuze voor een geschikte soort boom die verplantbaar is. Zij vraagt of D66 dit met haar eens is. Mevrouw Van Dun leest in de evaluatie dat het riool zestig tot tachtig jaar meegaat. Zij gaat daar dan van uit. De voorzitter vraagt of dit punt gezien de tijd kan worden afgerond. Mevrouw Van Dun (D66) is voor een bomendepot (waar bomen kunnen logeren die elders moeten verdwijnen, om daarna een definitieve plek te krijgen) dat ook dienst kan doen als gemeentelijk kweekbos. De gemeente heeft daarvoor nu een pilot. D66 vraagt om een actievere rol voor de gemeente, zodat stadsbewoners zelf ook voor meer aanbod kunnen zorgen. Het lijkt een goed idee om in ruil voor een kapvergunning geld te storten in een boomfonds voor onderhoud en aanplant van nieuwe bomen. Maar dit mag niet leiden tot méér bomenkap.

Welke garanties kan de wethouder daarvoor geven? De herplant in Tolsteeg en Hoograven (waar Rijkswaterstaat 1682 bomen en 28 percelen bosplantsoen wil kappen) wil Pagina 17 van 30

955

960

965

970

D66 niet drie jaar laten wachten. D66 vraagt de wethouder er bij Rijkswaterstaat op aan te dringen deze herplant dit jaar al te starten. Deze stad telt een halve boom per inwoner. Dat kan en moet beter. De heer De Pagter (VVD) geeft aan dat de VVD één boom per nieuwe inwoner wil. De VVD kan zich in grote lijnen vinden in het voorgestelde beleid. Dit vergt ook meer inzicht in de locaties waar bomen kunnen worden geplant. Zij zien een voorstel voor meer groen op concrete plekken graag tegemoet. Mevrouw Dotinga (Student&Starter) verklaart dat Student & Starter blij is dat Utrecht steeds meer stappen neemt naar een groener, duurzamer en zorgvuldiger bomenbeleid. Student & Starter plaatst een aantal kanttekeningen. Zij sluit zich aan bij de Partij voor de Dieren wat betreft het verplanten bij onderhoud aan infrastructuur. Wordt hierbij ook rekening gehouden met toekomstige ruimtelijke plannen? Goed dat de bomenparagraaf onder handen wordt genomen. Hoe wordt de waarde van bomen vertaald in die nieuwe paragraaf? Graag zien zij dat particulieren worden gestimuleerd om bomen te planten, liefst bomen die de biodiversiteit of klimaatadaptatie verbeteren of bomen met een bijzondere waarde. Het aantal bomen mag flink omhoog.

Komt er, naast de hoofdbomenstructuur ook aandacht voor meer spreiding van bomen in de stad? Student & Starter kijkt uit naar de strategie voor groen en is benieuwd naar de aandacht voor alternatief groen, zoals groene daken, verticaal groen en boomspiegels. De voorzitter vraagt of de overige vier partijen nog een korte bijdrage willen doen.

975

980

985

990

995

1000

1005

1010

De heer Schipper (SP) geeft aan dat de SP niet ontevreden is over de evaluatie, er zitten belangrijke verbeterpunten in, maar hij kijkt uit naar de beantwoording van de goede vragen van GroenLinks en de Partij voor de Dieren. Hij memoreert de tijdelijke bomen bij de Amethystweg in Hoograven. Tussen planning en bouw van de studentenflat zat zo veel tijd dat er een half bos is ontstaan en mensen de kap niet snappen. Hij onderstreept het belang om de plannen op tijd met omwonenden te communiceren en niet te veel tijd te laten verstrijken tussen het een en het ander. De heer Van der Graaf (CU) sluit bij voorgaande sprekers aan. De ChristenUnie meent dat de kaart met plekken waar bomen geplant kunnen worden ook een communicatiemiddel richting omwonenden is. Ook zij kunnen plekken aangeven op die kaart. De ChristenUnie vraagt naar de mening van de wethouder hierover. Zij vraagt ook welke andere plekken beschikbaar komen om bomen te planten, behalve bij kabels en leidingen. Zij vraagt om de communicatie over het vellen van bomen ook fysiek te verbeteren, bijvoorbeeld door een lint om de boom te hangen. Worden de huidige criteria om te vellen aangescherpt, of zijn het andere criteria? De ChristenUnie vraagt om sneller een nieuwe boom te plaatsen als een boom wordt geveld, nu duurt dat te lang.

De laatste vraag is op welke termijn het college aan de slag wil met het leidend maken van bestaand groen bij nieuwbouwlocaties, ook verwijzend naar Haarrijn, waarover de fractie schriftelijke vragen heeft gesteld. Mevrouw Zwinkels (CDA) merkt op dat meer groen met name ook gewenst is in wijken waar nu weinig bomen staan. Het CDA vindt het ook belangrijk om te kijken naar wat er gebeurt met bestaand groen, zoals bij beschadigingen, zwerfafval en droogte, om kapitaalvernietiging te voorkomen. Gelukkig zijn er ook een paar prachtige boomspiegels gekomen in de straat Zonzijde. Ook heeft het CDA waardering voor het zelfbeheer in de stad. De evaluatie is goed en ook kritisch over de bomenparagraaf, dat gaat in de praktijk nog niet goed. Bomen mogen bij plannen niet het sluitstuk vormen. De gemeente kan al veel winst behalen door een goede aanpak. Het CDA vraagt de wethouder hoe de gemeente meer zicht kan krijgen op de particuliere bomen, die ongeveer de helft van het Utrechtse bomenbestand uitmaken. Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat de bomenparagraaf feitelijk voorstelt om de norm om te draaien, waarbij bestaand groen het uitgangspunt is. Afhankelijk van de omstandigheden kan hiervan afgeweken worden. Maar de intentie is het omkeren van de norm.

Het verwerken van de motie Kappen met kappen gebeurt door middel van de bomenparagraaf, die onderdeel wordt van het Utrechtse planproces en waarvan de uitvoering wordt gekoppeld aan de velvergunning. Hiermee wordt dit ook juridisch verankerd. Het doorwerken in nieuwe plannen zal zo snel mogelijk gebeuren, al vraagt een nieuwe werkwijze soms extra aandacht en enig geduld (in het geval van de Haar is er niets gebeurd dat tegen het beleid inging). De heer Van der Graaf (CU) vraagt of de plannen 'op de stapel' nog bekeken kunnen worden om te zien of daar alsnog bestaand groen beschermd kan worden en of de wethouder daartoe bereid is. Wethouder Van Hooijdonk kan hier niet meteen ja op zeggen. Zij zal eerst moeten bekijken of dat haalbaar is. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt over het bomenfonds dat deze mogelijkheid om een geldbedrag te betalen als compensatie op dit moment niet vaak wordt gebruikt. Het moet verleidelijker worden om een Pagina 18 van 30

1015

1020

1025

1030

1035

1040

1045

1050

1055

1060

1065

1070

boom te planten dan om geld te betalen. Het gaat vaak om de schaarse ruimte. Hierbij moet goed op de inrichting worden gelet, maar zij denkt dat dit fonds behulpzaam is. Een bomendepot is inderdaad nodig gezien de verwachte schaarste, zeker als men bomen wil met een hogere leeftijd. Mevrouw Van Dun (D66) ziet meer urgentie en ziet graag dat het college minder afwachtend is en de ontwikkeling van het bomendepot proactiever oppakt. Wethouder Van Hooijdonk zegt dat zij D66 kan geruststellen en dat die intentie er zeker is. Alleen moet zorgvuldig worden gekeken hoe en waar dit dient te gebeuren. Op de vraag van mevrouw Zwinkels (CDA) of ook ondernemers initiatieven kunnen nemen met betrekking tot het bomendepot en of samenwerking met andere gemeenten wellicht interessant is, antwoordt wethouder Van Hooijdonk dat de gemeente het bomendepot in eerste instantie zelf wil oppakken. Samenwerking is heel voorstelbaar en is een van de zaken die onderzocht zullen worden. Wethouder Van Hooijdonk zegt toe de termijn voor de verplantplicht van drie naar één jaar te zullen bijstellen. Herplanten naar waarde moet nog worden uitgewerkt. Het college heeft i-Tree op het oog, dat is nieuw en vernieuwend en moet nog worden uitgewerkt. Er is veel gevraagd naar meer bomen, ook boven kabels en leidingen. Planten op tijdelijke plekken gebeurt alleen waar dat de enige mogelijkheid is.

Dan zullen soorten worden gebruikt die kleiner zijn of van nature een kortere levensduur hebben. Het verplantbaar maken van bomen zal niet altijd mogelijk zijn, zeker bij oudere bomen. Als riolering vervangen moet worden kan daarmee in de planning rekening worden gehouden. De waarde van het labelen van bomen acht zij beperkt, omdat de vraag is of mensen deze labels decennia lang zullen bijhouden. Het planten van meer bomen is een gedeelde ambitie. In het groenbeleid moeten doelstellingen worden opgenomen die een relatie hebben tot de groei van de stad. Dat zal een hele toer worden, vandaar dat ook wordt gekeken naar ingewikkeldere oplossingen als tijdelijke beplanting, maar op veel plekken in de stad zit de grond zo vol, dat er geen bomen kunnen worden geplant. Dit is gebleken uit proeven. Dit moet goed worden verankerd in de visie op de ondergrond en het bundelen en verleggen van infrastructuur. Het college gaat een plekkenkaart maken en mensen kunnen daarvoor suggesties doen, al valt vaak tegen hoeveel plekken geschikt blijken. Het college legt nu al de prioriteit bij groenarme wijken. Het college probeert zo veel mogelijk rekening te houden met gebiedsontwikkelingen. De plekkenkaart moet daar ook inzicht in geven. In het groenbeleid maken boomsoorten (fruit- en notenbomen) deel uit van de afwegingen naast klimaatverandering, inheemse soorten en cultuurhistorie.

Stadslandbouw is mooi, maar bijvoorbeeld rottend fruit kan overlast geven, dus de locatie is belangrijk. Leeftijdsdiversificatie is het streven. Over het algemeen probeert het college te voorkomen te veel ‘sprietjes’ neer te zetten. De heer Isik (PvdA) vraagt of het een idee is om bomen die in naburige gemeenten bij een grootschalige kap zullen worden gekapt, over te nemen. Wethouder Van Hooijdonk heeft al gezegd dat oudere bomen niet goed verplaatsbaar zijn maar zal dit meenemen in het kader van het idee voor regionale samenwerking. De heer Isik (PvdA) wijst erop dat bij veel bouwprojecten in Zeist gekapt wordt. Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat het een optie is in bomenplantsoenen om gekapte oude bomen te laten staan, maar in verband met de veiligheid kan dat niet overal. De intentie van de weigeringsgrond is om het kappen in bomenplantsoenen te reguleren met een beheerplan van rond de vijf jaar, waarbij ecologisch beheer de doelstelling is. Volgens mevrouw Sasbrink (PvdD) zijn bosplantsoenen uitgezonderd van de velvergunningsplicht. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat dit er staat in combinatie met het beheerplan en is bedoeld om te voorkomen dat beheerders voor elke jonge scheut een velvergunning moeten aanvragen. Dit betekent niet dat een heel perceel in één keer mag worden gekapt, dat is geen beheer.

Wethouder Van Hooijdonk zegt dat bomen eerder in de plannen worden meegenomen. De snelheid van herplanten moet worden bevorderd door de manier van formuleren. Maar een bouwomgeving is soms pas na langere tijd weer zodanig op orde dat er bomen de grond in kunnen. Er moeten inderdaad extra bomen komen, mee eens. Na toelichting door de heer Van der Graaf (CU) geeft de wethouder aan dat spoedige herplanting na het vellen van een boom zal worden gestimuleerd, afhankelijk ook van het seizoen. De wethouder zegt toe met Rijkswaterstaat te gaan overleggen, zodat voor de bomen die worden gekapt snelle herplant zal plaatsvinden. Aanscherping van de criteria voor de velvergunning is al aangekondigd. De uiteindelijke vorm moet nog worden gevonden. De meetbaarheid kan SMART, maar niet wiskundig; het blijft een kwalitatieve overweging. De reden voor kap kan worden toegevoegd. In het verleden was dit al zo, al voegde dat in de praktijk niet veel toe. Maar er is geen bezwaar om dit weer op te nemen. In het geval van de woningcorporaties wordt de tekst zo opgesteld dat de verantwoordelijkheid voor kap bij de bewoner wordt gelaten. Huurders en bewoners van koophuizen worden hiermee gelijk behandeld.

Mevrouw Sasbrink (PvdD) nuanceert dat het gaat om situaties waarin corporaties een groter stuk grond in één keer van bomen willen ontdoen, bijvoorbeeld bij het bestraten van een binnenplaats, of dat een corporatie de kap in meerdere individuele tuinen voor haar rekening neemt. Momenteel kan dit zonder vergunning. Pagina 19 van 30

1075

Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat dergelijke situaties met woningcorporaties zijn besproken en niet meer zouden moeten voorkomen. Ook stimuleren corporaties huurders niet meer om hun tuin leeg te halen. Is dat wat mevrouw Sasbrink bedoelde? Mevrouw Sasbrink (PvdD) geeft het voorbeeld van Mitros die individuele tuintjes zonder vergunning leeg trok omdat zij eigenaar was van het hele terrein.

1080

De voorzitter vraagt of dit per mail toegelicht kan worden met een casus. Wethouder Van Hooijdonk zegt dat een casus altijd welkom is, maar dat hier in de prestatieafspraken afspraken over worden gemaakt. Los van hoe het juridisch zit, is met woningcorporaties besproken dat dit niet meer gebeurt.

1085

1090

1095

1100

1105

1110

1115

Wethouder Van Hooijdonk vervolgt dan met de communicatie rond de golfbaan. Zij wil en kan die aap niet op haar schouders nemen, die verantwoordelijkheid hoort bij Rijkswaterstaat. Er is wel communicatie geweest met bewoners en belangengroepen. Naar de casus van de Rooseveltlaan zal ze kijken. Linten om bomen die worden geveld zijn reeds praktijk, dat is de bedoeling tenminste. De wethouder is het roerend eens met de opvatting dat bomen een intrinsieke waarde hebben en dat zij er niet alleen zijn om een 'ecosysteemdienst' te leveren. Onderbeplanting is niet altijd mogelijk, maar dit kan worden uitgewerkt in de groenstrategie. Wat betreft de iepenziekte: het is mogelijk vatbare iepen te onderscheiden van niet-vatbare. De eersten worden ingeënt. Ook worden iepen ingeënt op plaatsen waar het risico op verspreiding het grootst is, tussen andere iepen. Er kan iets op de website komen voor particulieren over de iepenziekte, en misschien ook over de essentaksterfte. Bewoners werden reeds gestimuleerd om bomen te planten met negenhonderd uitgedeelde bomen. Deze actie was een groot succes. Het college gaat zich erover beraden of dit moet worden voortgezet.

Alternatief groen, zoals verticaal groen en groene gevels, zal dit kwartaal worden beschreven in de strategiebrief (na de RSU voor groen op hoofdlijnen) en daarna uitgewerkt in de strategie en vervolgens in beleidskaders in het kader van de Omgevingswet. De droogte wordt in de gaten gehouden, vooral bij jonge bomen. Het zicht op particuliere bomen staat minder op de voorgrond vanwege de belasting die dat betekent in tijd en geld. Het college wil de nadruk leggen op de openbare ruimte. Mevrouw De Boer (GL) vraagt wanneer een antwoord over de casus aan de Rooseveltlaan verwacht kan worden. Het was echter ook bedoeld als voorbeeld waarbij de informatieverstrekking niet (goed) is gedeeld met de bewoners. Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat de gemeente vaste manieren heeft om plannen met (haar eigen) bomen bekend te maken. Ze zal nagaan wat er in deze specifieke casus is misgegaan en koppelt dat dit kwartaal terug via een ‘kattenbelletje’. Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt of aan de toezeggingen de communicatie kan worden toegevoegd rondom werkzaamheden waarbij bomen schade kunnen oplopen, naar aanleiding ook van het voorbeeld in De Meern. Zij wil uitgezocht zien wat er misgaat bij dit soort werkzaamheden, wat daarvan geleerd kan worden om een actieplan maken hoe dat beter kan, los van boetes en dergelijke. Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat dit onderwerp erg breed wordt.

Er is al een goede analyse gecommuniceerd over wat is misgegaan bij De Meern. Zij kan geen audit toezeggen voor de hele stad. De voorzitter constateert dat dit punt voldoende is besproken, dat er andere manieren zijn om dit verzoek dan te doen, en dat er ook geen gemiste vragen zijn. Hij rondt hierbij dit agendapunt af en schorst de vergadering voor vijf minuten.

10. Raadsvoorstel Eerste stappen schaalsprong OV en 11. Alternatief verbreding A27 (Punt 10 en 11 gezamenlijk)

1120

De voorzitter heropent de vergadering. Agendapunt 10 omvat een raadsvoorstel en een agendering. Er zijn twee termijnen. Verzocht wordt de tweede termijn kort te houden. Gezamenlijk behandelen in de raad is voorstelbaar, maar zal niet mogen leiden tot een herhaling van de eerste termijn.

1125

De voorzitter leest de toelichting bij de agendapunten voor. In het regeerakkoord van 15 december 2021 wordt de regio de kans geboden te werken aan een alternatieve invulling van de A27 nabij Amelisweerd. D66, Student & Starter, VVD, PvdA, PvdD, ChristenUnie, GroenLinks, Stadsbelang Utrecht, PVV, CDA en SP hebben dit gezamenlijk geagendeerd en vinden dat het college dit in samenwerking met de regio voortvarend moet oppakken.

1130

Mevrouw Schilderman (D66) geeft aan dat de verbreding van de A27 verwoestend zou zijn voor de natuur, uitzinnig duur en onnodig, omdat er een goede oplossing mogelijk is binnen de huidige bak. D66 is blij dat het regeerakkoord deze ruimte biedt. Wat D66 betreft gaat het erom hoe de gemeente dat samen met de provincie voortvarend gaat oppakken. Ze vinden de samenwerking hierin tussen college en regio erg belangrijk. De provincie en veel samenwerkingsverbanden dragen bij. Kan het college zich vinden in Pagina 20 van 30

1135

1140

1145

1150

1155

1160

1165

1170

1175

1180

1185

1190

een motie van die strekking? D66 geeft aan dat de raad betrokken moet worden. De 'bredere context van verstedelijking en afspraken met de regio' kan vele betekenissen hebben. Het absolute doel moet zijn om de verbreding tegen te houden. De heer Bosch (PVV) zegt dat de zin in het regeerakkoord waarin wordt gevraagd om ‘ontsluiting via hoogwaardig OV en auto van nieuwe woongebieden, met name Rijnenburg’ een voorwaarde vormt. Hoe denkt D66 daarover? Mevrouw Schilderman (D66) komt daar later nog op terug, maar ziet dat als twee mooie kansen. Ze is benieuwd welke plannen het Rijk heeft en benoemt dat ook de raad eigen plannen heeft. Mevrouw De Boer (GL) zegt dat GroenLinks ook graag wil dat het college dit samen met de provincie gaat oppakken. Ze vraagt zich af of het nodig is om een eigen voorstel te doen, met name na het lezen van de brief van het college. Mevrouw Schilderman (D66) had in de brief graag iets meer gelezen over wat de plannen zijn en of er al gesproken is met het Rijk. Kan het college daar al iets over vertellen? Mogelijk is een beetje aanmoediging op zijn plaats. De heer De Pagter (VVD) zegt dat de VVD ook graag samenwerking ziet tussen gemeente en regio, waarbij 'regio' behalve de provincie ook de betrokken gemeenten omvat.

Mevrouw Schilderman is het daarmee eens, zij het dat samenwerking met de provincie het snelst gaat en het belangrijk is dat het tracébesluit zo snel mogelijk wordt ingetrokken. De heer De Pagter zegt dat het regeerakkoord duidelijk stelt dat regio en provincie komen met een voorstel en dat samenwerken noodzakelijk is. Mevrouw Schilderman (D66) zegt dat het nastrevenswaardig is om zowel met de provincie als met de gemeenten samen te werken, maar dat het vooral belangrijk is dat er eerst duidelijk voor wordt gekozen dat de verbreding definitief niet doorgaat. Het betrekken van nog meer partijen moet intrekken van het tracébesluit niet vertragen. De heer Isik (PvdA) wijst erop dat het een feestje is van de hele samenleving, die veertig jaar keihard heeft gevochten om de verbreding tegen te houden. Hij verwacht dat het college nu aangeeft of er gesprekken zijn geweest met de provincie en wat de resultaten zijn. Mevrouw Schilderman zegt dat zij de blijdschap probeerde te omschrijven die zij en anderen ervaren, die zich hier al jaren voor hebben ingezet. Ook de heer Schipper (SP) wil snel duidelijkheid. Hij denkt niet dat de samenwerking met de provincie snel zal gaan. Bij de samenwerking met de regio past het ruimtelijk perspectief, waar zij al vier jaar mee bezig zijn. Hij vraagt of mevrouw Schilderman deze mening deelt en wat er in de motie komt te staan.

Mevrouw Schilderman (D66) denkt dat samenwerking met verschillende partijen in de regio bij zou kunnen dragen, maar het eerste doel is het van tafel krijgen van het tracébesluit. Daarna moet onderzoek worden gedaan waarbij de bewoners en partners uit de regio worden betrokken. De heer Van der Graaf (CU) vraagt zich af wat een extra motie toevoegt, aangezien het college al in gesprek is met verschillende partijen. Mevrouw Schilderman (D66) had wat meer voortgang verwacht, gezien de tijd tussen het regeerakkoord en de brief van het college. Maar ze moeten het er wel over eens zijn dat een motie zin heeft. Mevrouw De Boer (GL) vraagt hoe mevrouw Schilderman het college kan verwijten niet voortvarend genoeg te zijn. Mevrouw Schilderman had het regeerakkoord al eerder gelezen. Mevrouw De Boer (GL) meent dat, als er nog geen minister is benoemd, men ook nog met niemand kan praten. Volgens mevrouw Schilderman (D66) had men ook met andere partijen en ambtenaren kunnen praten. Ze vraagt of het college bereid is de werkgroep Ring Utrecht erbij te betrekken. Het regeerakkoord brengt de verbreding ook in verband met de bredere afweging op het gebied van mobiliteit en de stedelijke ontwikkeling. D66 ziet kansen door geld dat overblijft door de realisatie binnen de huidige bak nuttiger te besteden. Eén mogelijkheid zou de NRU kunnen zijn.

Kan een volledige ring helpen in relatie tot de A27? De relatie met de hele schaalsprong en Rijnenburg zijn belangrijk. Is de infrastructuur onderdeel van de ontwerpstudie? Het gesprek moet worden aangegaan op alle punten die in het regeerakkoord staan. Mevrouw Zwinkels (CDA) vindt dat het standpunt van D66 over Rijnenburg niet helemaal helder. Kan zij dat herhalen? Mevrouw Schilderman zegt dat de tekst uit het regeerakkoord breed is. Voor D66 is het belangrijk dat de verbreding niet doorgaat. Daarom wil zij weten wat er wordt onderzocht op Rijnenburg en hoe het college dat gesprek aangaat. Mevrouw Zwinkels vraagt of ze mag concluderen dat D66 van mening is dat het gesprek moet worden aangegaan over de verbreding en over de bebouwing in Rijnenburg. Mevrouw Schilderman bevestigt dat. De heer Bosch (PVV) zegt dat de formulering in het regeerakkoord helemaal niet breed is. Het gaat over de ontsluiting van Rijnenburg door middel van hoogwaardig OV en auto. Pas als dat gerealiseerd is, kan de verbreding van de baan. Daar moet een goed plan voor komen. Mevrouw Schilderman erkent dat alleen praten over de oplossing van 80 km/u rijden binnen de bak onvoldoende zal zijn. De ontsluiting van de stad moet breder worden bekeken, namelijk van de verstedelijkingsgebieden, en niet van Rijnenburg alleen.

De heer Bosch zegt dat er ook met die formulering iets voor Rijnenburg moet gebeuren, anders gaat de verbreding gewoon door. De heer Isik (PvdA) vraagt wat volgens D66 de inbreng van het college moet zijn bij de besprekingen. Mevrouw Schilderman zegt dat het gesprek over Rijnenburg wat D66 betreft open wordt aangegaan, maar dat het belangrijk is een beeld te hebben van de mogelijke ontsluitingsmogelijkheden van het gebied. Het wachten is op de ontwerpstudie, die lijkt Pagina 21 van 30

1195

1200

1205

1210

1215

1220

1225

1230

1235

1240

1245

1250

binnenkort te komen. Dan kan er worden geconcretiseerd en kunnen besluiten worden genomen. De heer Isik vraagt of D66 eigen ideeën heeft. Mevrouw Schilderman wijst op de spreektekst die ze heeft voorbereid, waar alles in staat. De heer Isik verontschuldigt zich en vraagt concreet naar ideeën met betrekking tot Rijnenburg in relatie tot de kabinetsplannen. Mevrouw Schilderman zegt dat het gesprek over Rijnenburg in brede zin moet worden aangegaan, gebaseerd op de ontwerpstudie en teruggelegd bij de raad. D66 heeft een heleboel ideeën over de schaalsprong in relatie tot Rijnenburg. Mevrouw Schilderman zal deze uitleggen in haar betoog. De heer De Pagter (VVD) vraagt of D66 wel of niet wil dat er in het alternatief iets over de ontsluiting van Rijnenburg komt te staan. Mevrouw Schilderman (D66) legt uit dat het voor de fysieke capaciteit van de A27 niet veel uitmaakt of er nu wel of niet wordt gebouwd in Rijnenburg. Wat D66 betreft wordt het tracébesluit ingetrokken en komt er een nieuw besluit, waarin niets staat over Rijnenburg. Wel worden er afspraken gemaakt met het Rijk over verstedelijking en daarin zit wat D66 betreft geld voor OV, ook voor OV naar Rijnenburg. De heer Bosch (PVV) zegt dat het één aan het ander is gekoppeld. De voorzitter geeft aan richting de heer Bosch dat slechts drie interrupties zijn toegestaan.

De heer Schipper (SP) vraagt naar de besteding van de middelen die overblijven als de verbreding niet doorgaat. In de brief van de 27e wordt ook gesproken van een overkapping, geluidmaatregelen en een OVontsluiting van Rijnenburg. Een goede NRU is belangrijk, maar je kunt dit geld nu nog niet bestemmen, denkend aan het voorstel Maarschalkerweerd. Hij vraagt of mevrouw Schilderman deze mening deelt. Mevrouw Schilderman (D66) bevestigt dat hier ook aandacht voor moet zijn. Voor de ontsluiting van Rijnenburg zou volgens haar gekeken moeten worden naar de 7,5 miljard die is bestemd voor de veertien versnellingsgebieden, waar Groot Merwede onderdeel van is. Als je kijkt naar het autonetwerk van de A27, lijkt de NRU logischer dan Rijnenburg. Mevrouw Schilderman (D66) gaat verder en vraagt welke mogelijkheden het college ziet voor het plaatsen van aanvullende geluidsschermen, en vanuit welk budget. De woningbouw krijgt dan ook weer een impuls. Het project rond de Mytylbrug zou moeten worden doorgezet, vooral de veiligheid van de kruising met de Weg tot de Wetenschap. Veel grond is al aangekocht en bestemd. D66 vraagt of daar nog kansen liggen voor wonen, groen of recreatie. Wil de wethouder de mogelijkheden tot vergroenen verder uitwerken als de huidige bak blijft staan? Het college blijkt bereid om het 80 km/u rijden in de bak verder uit te werken.

D66 steunt dat en vraagt het streven naar trajectcontrole op te nemen. D66 is voor groei door woningen toe te voegen en in te zetten op duurzame mobiliteit en is blij met de ontwikkeling die de gemeente daarin heeft doorgemaakt. D66 wil een meerknopig netwerk om de druk op Utrecht Centraal te voorkomen. Welk plan heeft het college hierin? Wat betreft de Ontwerpstudie Rijnenburg zullen sommige lijnen wellicht doorgetrokken moeten worden. Daarin worden nog geen duidelijke keuzes gemaakt. De raad ziet Westraven als knooppunt. Wordt ingezet op een P&R of op ontwikkeling van dat gebied? Dit moet duidelijk worden. Wat D66 betreft komt bij een knooppunt voor OV ook ruimte voor winkels en vertier. Het doortrekken van de Papendorplijn naar Rijnenburg wordt genoemd in de stukken, zonder concretisering. Als dit niet in de ontwerpstudie zit, hoe kun je deze zaken dan combineren en afwegen hoe je wil verstedelijken in Rijnenburg? Mevrouw De Boer (GL) zegt dat bij de bijeenkomst van U-net werd gezegd dat de schaalsprong een volgorde van verstedelijking bevat als men wil dat het nieuwe OV ook goed gaat functioneren. Ze vraagt of mevrouw Schilderman het eens is met de volgorde die is afgesproken in de RSU. Mevrouw Schilderman (D66) vindt dit nog steeds een heel logische volgorde. De vraag is wel hoe zwaar dat OV wordt aangezet. Bezinning vooraf heeft de voorkeur.

D66 vindt het belangrijk de focus te leggen op de Lightrail/metro/tram als basis voor toekomstige verstedelijking, maar de volgorde blijft. De heer Isik (PvdA) vraagt of D66 bereid zou zijn de volgorde indien nodig los te laten. Mevrouw Schilderman zegt dat de plannen voor Papendorp en Merwede verder gevorderd zijn en dat daar het snelste nieuwe woningen zullen staan. De heer Isik (PvdA) begrijpt hieruit dat D66 bereid is de volgorde los te laten. Mevrouw Schilderman (D66) merkt op dat dat geenszins is wat zij heeft gezegd. De heer De Pagter (VVD) zegt dat er bij het Merwedekanaal al veel OV is, bij Rijnenburg is er nog niets. Bij een maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA) zou Rijnenburg daar positief uitkomen, voor het Merwedekanaal is dat nog de vraag. Hoe ziet mevrouw Schilderman dat? Mevrouw Schilderman (D66) repliceert dat er nog nauwelijks OV in de Merwedekanaalzone is. Ze vindt het belangrijk om naar de MKBA te kijken. Ze mist dat in de stukken. Ze vindt het echter niet redelijk dat uit de MKBA zou volgen dat iets in de polder meer waard is dan in een leeg industrieterrein tussen twee stukken stad in, ook als er nog geen verbindingen zijn. Dat zou zij dan nader willen bekijken. Volgens de heer De Pagter is een MKBA voorgeschreven. Geld wordt vanuit het Rijk toegekend op basis van een MKBA.

Bij het groeifonds is vorig jaar al genoemd dat een binnenstedelijke woning gerealiseerd kan worden met een beperktere investering Pagina 22 van 30

1255

1260

1265

1270

1275

1280

1285

1290

1295

1300

1305

1310

in het OV. Een Europalijn zal de Merwedekanaalzone niet beter ontsluiten dan nu. Mevrouw Schilderman zegt dat je weliswaar een MKBA moet meenemen, maar niet leidend moet laten zijn in keuzes en inzet. Zij meent dat de heer De Pagter het gesprek met het groeifonds verkeerd weergeeft. Zij ziet woningbouw als maatschappelijke baten en zo wordt het door landelijke politici ook gezien. Als de metingssystematiek dat op dit moment niet toestaat, wil ze daar iets aan doen. Mevrouw Schilderman (D66) vervolgt haar betoog. Zij stelt een vraag over het tracé van de Merwedelijn vanaf de halte Westraven via de Merwedekanaalzone tot Utrecht CS. Ook vraagt zij of van het aantal toe te voegen woningen een belangrijke afweging gemaakt kan worden bij keuzes en hoe het college daar tegenover zou staan. D66 ziet daarna zoveel mogelijk uitwerking met betrekking tot Lightrail/metro/tram. Op basis van de reizigersaantallen is de prioritering van de binnenstadsas begrijpelijk, maar het legt minder de focus op te bouwen woningen en het regeerakkoord. Ze vraagt waarom het college dit zo belangrijk maakt. Hoe haalbaar is het dat er met het Rijk uitgekomen wordt? Niemand heeft er iets aan als het OV er nooit komt. Het fietsnetwerk hoort niet direct bij het onderwerp OV, maar de aankoppeling met de fiets is belangrijk.

Er wordt bij de beslispunten gesproken over goede overstapmogelijkheden vanuit de Merwedelijn maar de fiets wordt nu niet betrokken. Kan het college dit toevoegen? In het kader van governance vraagt mevrouw Schilderman wanneer het Rijk ergens mee komt en wanneer de gemeente aan zet is. Ook vraagt zij wat een logisch moment is dat dit onder de risicoregeling grote projecten zou gaan vallen. D66 vindt niet dat dit per se moet maar pleit voor meer grip, bijvoorbeeld door middel van een halfjaarlijkse rapportage. De heer Bosch (PVV) zegt dat de ambities van het college op het gebied van een schaalsprong in het OV groot zijn, maar dat de kosten voor de tram- en metrolijnen hoog zijn en nog veel hoger kunnen oplopen. Pas in 2023 is duidelijk of de financiering rond komt. Bovendien worden de lijnen pas tussen 2030 en 2040 gerealiseerd. Hiermee is de ontsluiting door het OV van Rijnenburg niet geborgd. De PVV denkt dat de A27 hierdoor onvermijdelijk verbreed gaat worden. De heer Bosch vraagt zich af wat de Papenburglijn rechtvaardigt als deze niet wordt doorgetrokken naar Rijnenburg. Hij vraagt het college om een onderbouwing, ook voor de Waterlinielijn. Jaarlijks sneuvelen OV-lijnen en gaan frequenties naar beneden. Er komen langere loopafstanden en meer overstappen. De heer Bosch vreest dat de nieuwe plannen dat zullen verergeren.

De exploitatiekosten van metro en tram zijn 30% duurder. De heer Bosch vraagt of bij deze projecten gedacht moet worden aan een gedeelde projectorganisatie met de provincie, zoals bij de Uithoflijn. Voor dit raadsplan is geen participatieronde geweest, dat zou gelopen zijn via het Mobiliteitsplan 2040. Daar stonden veel van deze plannen nog niet in zoals ze nu zijn opgeschreven. Pas als de plannen concreter worden, wil het college weer participatietrajecten opzetten. Dan is deze basis allang vastgesteld, waardoor de weg naar het eindresultaat een steeds nauwere trechter wordt. De heer Bosch vraagt waarom het college hiervoor kiest. De heer De Pagter (VVD) zegt dat de Utrechtse VVD erg blij is dat Rijnenburg in het regeerakkoord staat. In het regeerakkoord staat duidelijk dat het bouwen bij Rijnenburg deel moet uitmaken van het voorstel dat moet worden uitgewerkt met de regio. De heer De Pagter vraagt of het college dit kan toezeggen en als het antwoord 'nee' is, waarom niet en hoe het college dat dan rijmt met de tekst in het regeerakkoord. Mevrouw De Boer (GL) zegt dat er staat dat het gaat om bredere locaties voor verstedelijking en dat de raad van Utrecht nog altijd bepaalt of hij woningen bouwt en wanneer. De heer De Pagter is ervoor om dit lokaal te doen, maar verwacht dan een aanwijzing vanuit de landelijke overheid.

De VVD vindt het goed dat de regio nu zelf de kans krijgt om een alternatief te ontwerpen voor de bak bij Amelisweerd. De VVD is niet getrouwd met die verbreding, de bereikbaarheidsopgave staat voorop. Mevrouw Schilderman (D66) vraagt wanneer de scheiding heeft plaatsgevonden tussen de VVD en de verbreding. De heer De Pagter (VVD) zegt dat de VVD altijd open heeft gestaan voor alternatieven, maar hier steeds kritisch op is geweest. Het is mooi dat er nu nogmaals naar gekeken wordt en de VVD hoopt dat het kan. Mevrouw Schilderman merkt op dat deze uitspraak heel anders is dan de uitspraken die de VVD eerder heeft gedaan. De stikstofproblematiek en de plek van de snelweg in de file-top-100 waren geen probleem, die verbreding moest en zou er komen. Ze vraagt waar die passie toen vandaan kwam. De heer De Pagter zegt dat dat niet ging over de bak bij Amelisweerd, maar over de knooppunten bij de kop van de A28 en de A12. De heer Isik (PvdA) sluit zich aan bij D66 met de opmerking dat de VVD altijd tegenstander is geweest maar is blij dat de VVD nu ook meedoet. Mevrouw De Boer (GL) is blij verrast dat de VVD nu ook vindt dat blijven binnen de bak wenselijk is. Ze heeft gehoord dat de VVD het geld voor de verbreding al voor andere maatregelen wil uitgeven, dus blijkbaar is de VVD er al van overtuigd dat de oplossing binnen de bak mogelijk is.

Ze vraagt hoe de heer De Pagter hier tegenaan kijkt. De heer De Pagter vraagt zich af welke bijdragen dat waren. De heer Bosch (PVV) vraagt of de VVD er genoegen Pagina 23 van 30

1315

1320

1325

1330

1335

1340

1345

1350

1355

1360

1365

1370

mee neemt dat er straks maar 80 of zelfs 60 km/u gereden kan worden. De heer De Pagter zegt dat hij straks wil aangeven dat er voor dat scenario nog dingen moeten worden uitgezocht. De heer Isik vraagt of de VVD bereid is om te lobbyen om het huidige tracébesluit nietig te verklaren. De heer De Pagter antwoordt dat dat niet zo is, omdat de gemeenteraad daar niet over gaat. Er mag een alternatief worden uitgewerkt. De heer De Pagter (VVD) gaat verder met zijn betoog. Hij vraagt het college wat het tijdpad is dat het voor zich ziet, aangezien snelheid is geboden. De VVD is kritisch op de overkapping van de bestaande bak en vergroening. Je moet nieuwe damwanden slaan voor een stevige fundering. Er zouden dan ook veel bomen rondom de bak moeten worden gekapt. Hij vraagt het college wat het concreet betekent dat er mogelijk wordt gekeken naar 80 km/u. Betekent dit dat er eerst gekeken wordt naar 100 en dan 80 km/u? Hij vraagt of het college het verkeersmodel in kaart brengt. Hij vraagt hoe het college denkt over de samenwerking met de provincie. Verder lijkt het de VVD een goed idee om ook de Noordelijke Randweg mee te nemen. Mogelijk kan daar een provinciale of rijksweg van worden gemaakt, zodat het verkeer in de bak afneemt. In het kader van de ontsluiting van Rijnenburg stelt de VVD voor om de parallelstructuur van de A12 door te trekken tot Harmelen.

Hij vraagt het college deze mogelijkheden mee te nemen in het onderzoek. De heer Bosch (PVV) vraagt hoe de heer De Pagter (VVD) dit voor zich ziet, ook in relatie tot de verdiepte kruisingen, met name voor Overvecht. De heer De Pagter zegt dat drie onderdoorgangen de ideale situatie zou zijn. Als je door de NRU op te waarderen de druk op de A27 kunt verminderen, is dat misschien ook een belangrijke afweging. Met een MKBA kan worden gekeken of dat met een viaduct of onderdoorgangen moet gebeuren. De heer Bosch vraagt of voor de VVD de ondertunneling een voorwaarde is, omdat Overvecht anders te lijden heeft. De heer De Pagter geeft aan dat dat het ideale geval zou zijn, maar het is geen eis. Mevrouw De Boer (GL) zegt dat GroenLinks tegen het doortrekken van de parallelweg bij de A12 is, omdat hierdoor nog steeds groen wordt opgeofferd. De heer De Pagter geeft aan dat hij met de parallelstructuur bedoelt de parallelrijbaan waar de afritten van de A12 op zitten, die moeten worden doorgetrokken naar de op- en afrit naar Harmelen. Het is dus niet de bedoeling om bijvoorbeeld de Letschertweg door te trekken. De heer Van der Graaf (CU) zegt dat je dan toch een stukje groen opoffert. De heer De Pagter (VVD) vervolgt zijn betoog. De VVD is tegen een metro in Utrecht en zet liever in op een goedkopere oplossing.

Zij voelen zich hierin gesteund door de uitslag van de Commissie Groeifonds van het afgelopen jaar. Bij de afwijzing van de aanvraag voor de Lightrail en de Merwedelijn verklaarde de commissie dat woningen ook binnenstedelijk kunnen worden gebouwd met veel beperktere investeringen in het OV. Er zijn vervolgens geen soberder, maar duurdere plannen gemaakt voor een metro. De VVD vraagt hoe dat kan en vraagt het college welke lessen het heeft meegenomen naar deze volgende stap. Mevrouw De Boer (GL) merkt op dat het Groeifonds duidelijk heeft aangegeven dat het helemaal niet bedoeld is voor grote infrastructurele projecten. De heer De Pagter (VVD) geeft aan dat er bij de aanvraag een MKBA is gemaakt. Hieruit kwam dat de maatschappelijke baten konden worden bereikt met veel minder investeringen in het OV. Mevrouw Schilderman (D66) vraagt hoe de heer De Pagter aankijkt tegen het bouwen van grote aantallen woningen, ook binnenstedelijk. Is dat belangrijk voor de VVD en is hij dan ook bereid tot meer of zwaarder OV, of zijn minder woningen voor de VVD ook een optie? De heer De Pagter geeft aan dat wat de VVD betreft de woningbouw binnenstedelijk niet zo extreem hoeft als in de voorstellen van GroenLinks en D66 wordt voorgesteld. Er kan gebouwd worden in Rijnenburg, zodat de stad kan worden ontzien. De voorzitter vraagt om bondigheid.

Mevrouw Schilderman (D66) zegt dat de VVD wel binnenstedelijk wil bouwen, maar niet zoveel, dus slechts drie mensen krijgen een bus, maar in Rijnenburg wordt gebouwd en geïnvesteerd in OV. De heer De Pagter (VVD) geeft aan dat er heel goede busverbindingen mogelijk zijn, zoals lijn 28. Een trambaan is niet de enige oplossing. Mevrouw Schilderman vraagt of dat ook de ontsluiting is die de heer De Pagter voor Rijnenburg voor zich ziet. De heer De Pagter wijst op het initiatiefvoorstel van de VVD in 2020, waar zij kiezen voor de bus in het begin en voor een tram als de wijk groeit. De heer De Pagter (VVD) vervolgt zijn betoog. Het valt de VVD op dat het Groeifonds niet in het raadsvoorstel wordt genoemd bij het overzicht van informatievoorziening aan de Raad. De VVD verwacht dat een metro nooit door een MKBA zal komen. Een metro kost 1,5 miljard en de tijdwinst is zo’n vier minuten. Dat lijkt de VVD niet haalbaar. De heer Koppelaar (Student&Starter) vraagt of de VVD niet vindt Pagina 24 van 30

1375

1380

1385

1390

1395

1400

1405

1410

1415

1420

1425

1430

dat er veel meer baten zitten aan een metro dan alleen vier minuten tijdwinst, bijvoorbeeld dat er ruimte vrijkomt op straatniveau. De heer De Pagter (VVD) geeft aan dat de uitgave niet nodig is als de ontsluiting van die gebieden kan worden bereikt met de tram. De heer Bosch (PVV) vraagt of de VVD het met hem eens is dat een metro zorgt voor verschraling van het OV. De heer De Pagter vindt dit lastig te beoordelen. Over het algemeen is de afstand naar de halte is wel groter. Mevrouw De Boer (GL) zegt dat de verbreding van de A27 ook slechts een paar minuten tijdwinst opleverde. Een metro levert daarbovenop voordelen op voor de openbare ruimte. De heer De Pagter (VVD) vervolgt zijn betoog. De VVD zet voor Rijnenburg in op een busverbinding en daarna een tram. Het college doet dit tot nu toe ook, zoals bij de herinrichting van de Europalaan. Hij vraagt of het college de tijdwinst hiervan reeds paraat heeft, zodat vergeleken kan worden. In het ontwikkelingsperspectief van de vervoersregio Amsterdam wordt gekeken naar hoogwaardige bussen, een BRT-systeem en ‘trussen’, een combinatie van tram en bus. Daarvoor zijn veel minder investeringen nodig en er kan gebruik worden gemaakt van bestaande infrastructuur. Hij vraagt of het college bereid is om een dergelijk concept te onderzoeken.

De VVD is blij dat er serieus aandacht is besteed aan het doortrekken van de Papendorplijn naar Rijnenburg. Hier is nog niet voor gekozen, maar de VVD zal een amendement indienen om dat te doen. De heer Koppelaar (Student&Starter) zegt dat het nieuwe regeerakkoord kansen biedt om de verbreding alsnog te stoppen. Daarvoor zullen Utrecht en de regio met concrete plannen moeten komen voor investeringen in het OV-netwerk en de ontsluiting van nieuw te bouwen wijken. Er wordt één locatie specifiek genoemd: Rijnenburg. De ambitie met betrekking tot de schaalsprong OV stemt Student & Starter enthousiast. Student & Starter ondersteunt het gedeeltelijk ondergronds gaan van de Merwedelijn, omdat dit de openbare ruimte spaart in een dichtbebouwde wijk als Merwedekanaalzone. Dit geeft ruimte voor groen en fietsers. Op een vraag van de heer Isik (PvdA) geeft de heer Koppelaar aan geen definitieve uitspraak te kunnen doen of de ruimtewinst van de metro en de passagiersaantallen kostendekkend zullen zijn, er moet nog onderzoek naar gedaan worden. Hij denkt dat dit voorstel een mooie aanvulling kan zijn op ‘de stad in 10-minuten’. De heer Koppelaar (Student&Starter) vervolgt zijn betoog. Student & Starter wil inzetten op een ondergrondse binnenstadsas die aansluit op de Merwedelijn. Daarmee wordt de Uithoflijn ontlast en kunnen er tot de helft minder bussen gaan rijden door het centrum.

Op een vraag van de heer Bosch (PVV) geeft de heer Koppelaar aan dat een metro een goede vervanging kan zijn voor mensen op doorreis door het centrum. Het is belangrijk dat er ook een fijnmazig netwerk blijft. De heer Koppelaar (Student&Starter) vervolgt zijn betoog. Student & Starter heeft op het realiseren van de Waterlinie op dit moment weinig aan te merken, maar denkt dat de plannen als geheel niet voldoende zijn om op één lijn te komen met het Rijk, omdat er in de plannen nog te weinig rekening wordt gehouden met Rijnenburg. Student & Starter is voor het bouwen van veel woningen in Rijnenburg, omdat de woningnood erg groot is. De Papendorplijn kan in potentie worden doorgetrokken naar Rijnenburg, maar geeft een stadstram wel voldoende capaciteit? Hij vraagt hoe het college dit ziet. Hij sluit zich aan bij de vraag van de heer De Pagter (VVD) waarom er nog zo weinig concreetheid is over het doortrekken van de Papenburglijn. De heer Van der Graaf (CU) vraagt in hoeverre het doortrekken van de Papenburglijn randvoorwaardelijk is om in Rijnenburg te gaan bouwen. De heer Koppelaar (Student&Starter) zegt dat het vanuit stedenbouwkundig perspectief inderdaad randvoorwaardelijk is om voor goed OV te zorgen. Hij geeft aan dat de raad gevangen zit in een kip-en-eidiscussie. Om te bouwen is goed OV nodig en goed OV komt er alleen als er wordt gebouwd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=88d46658-b326-40e0-bc08-8de86f40f471