Conceptverslag Commissie Energie(transitie) Duurzaamheid en Wonen d.d. 9 december - ochtend en middag.docx
Tekst van het document
30
De heer Koppelaar (Student&Starter) geeft aan gevraagd te hebben naar de kaders die het college zelf zou willen stellen aan het gebruik maken van de afwijkingsbevoegheden.
35
Mevrouw Zwinkels (CDA) heeft gevraagd naar de wijk- en buurtgerichtheid van het actieplan. Spreker vraagt of er ook nog andere selectiecriteria komen bij het fonds en of de raad daar een kaderstellende rol in heeft. Spreker is benieuwd naar de reactie van de wethouder op de gemiddelde ondergrens qua vierkante meters.
40
45
50
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) licht toe aan te hebben gegeven dat goedkope koop als aparte categorie meegenomen zou moeten worden omdat daar zo veel wordt afgeweken van de kaders voor de middenhuur. De heer Van der Marel (VVD) geeft aan te hebben gevraagd naar de eventuele invloed van de wijziging in de Huisvestingswet met betrekking tot het doelgroepenbeleid en de doorstroming van inwoners van Utrecht. Wethouder Diepeveen geeft aan geen impact te zien op de sociale huur, het gaat meer over de communicerende vaten van middenhuur en betaalbare koop. De duurzaamheid zit ingebakken in de verhoogde NHG-grens. In het algemeen is er stimulerend beleid met betrekking tot diervriendelijkheid en dat geldt ook bij deze categorie. Het college heeft de regeling voor het kunnen afwijken op basis van ruimtelijke kwaliteit en economische haalbaarheid niet anders willen maken dan zoals die staan in het actieplan Middenhuur. De verantwoording zal dan ook via dezelfde cyclus verlopen met de peilstok en de MPR.
55
De heer Koppelaar (Student&Starter) vraagt zich af hoe je in dezen zelfcontrole behoudt, wanneer je onderhandelingen in gaat met een ontwikkelaar en niet te snel prijs geeft. Spreker vraagt hoe de gemeente op haar strepen blijft staan om ervoor te zorgen dat er zo min mogelijk wordt afgeweken van de normen.
60
Wethouder Diepeveen stelt dat er afwijkingen zullen blijven. Zoals bij het actieplan Middenhuur is gebleken dat het college hier maar heel zelden een beroep op heeft gedaan. De wethouder Pagina 16 van 47
5
10
herinnert zich de Merwedekanaalzone waar niet over een nacht ijs is gegaan en waar niet iedereen tevreden over was. Er is wel op verschillende momenten richting de raad gecommuniceerd hierover en op die lijn zal het college door gaan. Richting mevrouw Zwinkels merkt de wethouder dat de component van wijk- en buurtgericht deels al in het actieplan Middenhuur zit. Later vandaag wordt over de evaluatie gesproken waarbij te zien is dat er aanzetten zijn bij partners waarbij geëvalueerd is om te kijken of dit nog specifieker gemaakt kan worden. In het voorliggende plan wordt volstaan met de oproep om deze analogie te bewaken. Het college is nog niet toe aan andere selectiecriteria voor het fonds. Hier zal bij de verdere vormgeving van het fonds op teruggekomen worden. De wethouder meent dat een gemiddelde ondergrens niet verstandig is. Bij de middenhuur wordt dit ook niet gedaan. Een duidelijke en herkenbare ondergrens lijkt het college de beste oplossing. Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt of dit wel aanvullend kan op een minimale absolute eis.
15
20
25
30
35
40
45
50
55
Wethouder Diepeveen geeft aan niet te zien hoe je dat aanvullend zou kunnen doen. Er is een minimale eis in metrage en het schiet de wethouder nog niet te binnen hoe je aanvullend een gemiddelde zou kunnen hanteren. Er is nu nog niet gekozen voor goedkope koop als een aparte categorie. Er zou in allerijl een actieplan Goedkope koop kunnen komen, de wethouder ziet bijna een initiatiefvoorstel van de heer Bos aankomen, maar er kan ook de komende tijd gekeken worden naar de mogelijkheden voor goedkope koop en aan de hand van ervaringen dit opbouwen in een vorm zoals het voorliggende voorstel. De wethouder voelt meer voor het laatste. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) geeft aan dat er geen antwoord wordt gegeven op zijn vraag. Spreker ziet dat het noodzakelijk is om met een aparte categorie goedkope koop te komen omdat er inbreuk wordt gedaan aan de gestelde kaders. Wethouder Diepeveen geeft aan zijn reactie al te hebben gegeven. De VVD vroeg naar de consultatie over de Huisvestingswet. Het college zal naar beste vermogen antwoord geven op de nieuwe set die er aan komt en zal bij de consultatie inbreng leveren. Het college kijkt met belangstelling uit naar welke mogelijkheden dat biedt.
In het kader van de evaluatie van de huisvestingsverordening heeft het college gezegd dat het bij de bredere evaluatie zal terugkomen op hoe het doelgroepenbeleid voor de leraar, verpleger en politieagent werkt en of er reden en aanleiding is om hier wat stevigers van te maken. De voorzitter stelt vast dat dit het einde is van de beantwoording in de eerste termijn. Tweede termijn De heer Van der Zweth (PvdA) geeft aan tevreden te zijn over de beantwoording van de wethouder op het gebied van de inkomenseisen en meent dat dit steviger was dan hoe het in het actieplan is verwoord. Daar staat dat ontwikkelaars gevraagd worden en de wethouder heeft nu gezegd dat er pilots worden gedaan om te kijken hoe dit juridisch vastgelegd kan worden. spreker vraagt dat of, als er pilots gedaan worden, dat betekent dat betaalbare koop alleen in de pilots wordt gedaan en nog niet op andere plekken. Als er wel elders ook al betaalbare koop wordt gedaan, is vraag of er gemonitord gaat worden om te zien bij wat voor inkomens de woningen terecht zijn gekomen. Als dit gemonitord wordt vraagt spreker of de raad daar iets over te horen krijgt en of de raad hier iets van kan vinden. Spreker licht toe dat de PvdA het voorstel steunt.
De heer Van der Marel (VVD) meent dat je vooral ex ante moet toetsen of de inkomensgrens passend is omdat mensen kort na de koop van een woning een veel hoger inkomen zouden kunnen krijgen. De heer Van der Zweth (PvdA) stelt dat natuurlijk niet gezegd wordt dat mensen te veel zijn gaan verdienen en de woning terug moeten geven. Het erom een beeld te krijgen of het bij de goede inkomens terecht komt. Dat gaat inderdaad over het moment van aanschaf. De heer Koppelaar (Student&Starter) stelt dat Student&Starter over het algemeen blij is met het voorstel. De fractie is echter nog niet helemaal blij met de beantwoording op het punt van de afwijkingsbevoegdheid. Spreker geeft aan op dit gebied wellicht met een voorstel te zullen komen. Pagina 17 van 47
Spreker licht toe dat het merendeel van zijn bezwaren niet aan de wethouder maar aan de landelijke politiek waren gericht. 5
10
15
20
25
30
35
40
45
Mevrouw Zwinkels (CDA) geeft aan het college te steunen in de instrumenten die het wil benutten. Daarom is er ook steun voor dit voorstel. Het CDA zal nog wel met een aantal aanvullende voorstellen komen. Spreker wacht nog op het antwoord van de wethouder in de tweede termijn. Mevrouw De Koning (GroenLinks) geeft aan dat GroenLinks blij is met het voorstel. Het is voor de fractie belangrijk dat er een duidelijke ondergrens wordt gedefinieerd met betrekking tot betaalbare koop omdat nu te zien is dat het actieplan Middenhuur wordt omzeild via betaalbare koop door het bouwen van veel te kleine studio’s. GroenLinks wil wel kijken hoe ervoor gezorgd kan worden dat de betaalbare koop ook echt bij de inkomensgroepen terecht komen die die woningen het hardst nodig hebben. De fractie wil dat er zo snel mogelijk een invulling komt voor het fonds zodat betaalbare koopwoningen betaalbaar blijven en niet alleen een cadeau zijn voor de eerste eigenaren. Mevrouw Dekker- Abdulaziz (D66) dankt de wethouder voor de beantwoording van de vragen. D66 zal wellicht met wat voorstellen komen richting de raad. De fractie is het eens met het actieplan en bemoedigt het college om zo snel mogelijk tot uitvoering te komen zodat er meer betaalbare koop gebouwd gaat worden.
Wethouder Diepeveen geeft aan nog geen antwoord te hebben op de vraag van mevrouw Zwinkels over het verlengen van de zelfbewoningsplicht als je daar minnelijk uitkomt. De wethouder stelt voor hier voorafgaand aan de raadsbehandeling op terug te willen komen. Het lijkt de wethouder niet verstandig om alleen betaalbare koop te doen als er afspraken gemaakt kunnen worden met marktpartijen over de toewijzing. Het college ziet echter op dit gebied wel kansen en mogelijkheden voor pilots. De wethouder heeft al toegezegd hier binnenkort op terug te zullen komen, alsook op de stappen die worden gezet richting fondsvorming. De suggestie van de PvdA om te monitoren waar de woningen terecht komen neemt de wethouder graag over. Verder geeft de wethouder aan de verschillende aanmoedigingen te hebben gehoord. Mevrouw Zwinkels (CDA) stelt dat er net een halve toezegging werd gedaan rondom het fonds. Spreker heeft vragen over het fonds gesteld en daarbij was het antwoord dat het college nog niet zo ver is. Gevraagd wordt of de wethouder de commissie iets meer mee kan nemen in hoe het proces nu verder gaat en welke toezeggingen hij heeft gedaan voor de komende maanden. De voorzitter geeft aan twee toezeggingen te hebben genoteerd. De raad ontvangt voor de verkiezingen informatie over de pilot koopcoöperaties.
De raad ontvangt in Q1 2022 aanvullende informatie over de uitwerking van de maatregelen uit het actieplan Betaalbare koop voor de iets langere termijn. De voorzitter stelt vast dat er voorstellen zijn aangekondigd en dat dit punt al B-punt wordt doorgeleid. De voorzitter vraagt naar voorstellen met betrekking tot de bespreektijd. De heer Van der Zweth (PvdA) stelt 30 minuten voor. De heer Spil (Stadsbelang Utrecht) geeft aan aan 60 minuten te denken.
50
55
60
De heer Koppelaar (Student&Starter) meent dat 45 minuten voldoende moet zijn. De voorzitter stelt vast dat de commissie akkoord gaat met 45 minuten. De voorzitter stelt voor om na een korte schorsing door te gaan en een start te maken met het volgende onderwerp dat om 14.00 uur gepland staat. De heer Schipper (SP) is hier voor maar geeft ook aan om 13.00 uur bij het Presidium te moeten zijn. De voorzitter stelt voor om 12.15 met het volgende agendapunt te willen beginnen en om de lunch tussen 13.00 en 14.00 uur te laten staan. De voorzitter schorst de vergadering om 12.10 uur. Pagina 18 van 47
Toezeggingen
5
De raad ontvangt in Q1 2022 informatie over de verdere uitwerking van maatregelen uit het actieplan betaalbare koopwoningen voor de iets langere termijn (waaronder het fonds en erfpacht, alsmede informatie over de pilot koopcoöperaties.
7. Raadsvoorstel Besluit tot wijziging van de Huisvestingsverordening Regio Utrecht 2019 Gemeente Utrecht
10
De voorzitter, de heer Vonk, heropent de vergadering om 12.16 uur. De voorzitter meent dat 2019 2021 zou moeten zijn. Wethouder Diepeveen stelt dat het een wijziging betreft van de Huisvestingsverordening die in 2019 is vastgesteld.
15
20
25
30
35
40
45
50
55
De heer Schipper (SP) memoreert dat hier in mei al een voorbereidend debat over is gevoerd. Het percentage lotingen kwam toe onder andere aan de orde. Tot de tevredenheid van de SP gaat dit percentage omlaag worden gebracht. De SP is echter wel in verwarring over wat er op dit gebied gebeurt. Sinds maart dit jaar heeft Jebber het beheer en de verhuur van complexen overgedragen aan SSH. Vanaf die tijd ziet de SP in de MAX en in het Buenos Aires-complex geen enkele verhuring meer via Woningnet. SSH heeft een eigen portaal waar de startersappartementen worden aangeboden maar daar heb je geen zicht op. Gevraagd wordt of de vrijkomende appartementen in deze complexen nog steeds worden verloot en of die meetellen voor het percentage van het aantal te verloten woningen. Spreker vraagt of er iets bekend is over de aantallen en hoe dit meetelt in het percentage. Gevraagd wordt waarom besloten is om het aanbod uit deze complexen uit Woningnet weg te halen terwijl de Trip en Soho nog wel op Woningnet verschijnen. Er is nu geen zicht meer op wat er gebeurt. In mei is ook gesproken over jongerenlabels. Loting gebeurt nu vooral via de reguliere stuwcorporaties als Mitros en Portaal BoEx. Spreker meent dat de loting er is gekomen om mensen met een korte inschrijfduur kansen te geven. De SP ziet dit nu verdwijnen omdat er dit jaar maar drie woningen werden aangeboden met een jongerenlabel.
De wethouder wordt om een reactie gevraagd. De SP is aardig content met het raadsvoorstel. Spreker vraagt zich wel af hoe het zit met de collegebevoegdheid om bepaalde gebieden aan te wijzen waar ook middeninkomens aanspraak kunnen maken op sociale huurwoningen. Spreker vraagt of de corporaties dit niet zelf kunnen regelen. Mevrouw De Koning (GroenLinks) stelt dat normaal gesproken de Huisvestingsverordening een flink politiek debat in de raad oplevert. Dit keer zijn echter alle politieke onderwerpen uitgesteld tot na de kerst. Spreker sluit aan bij de opmerkingen en vragen van de heer Schipper. GroenLinks meent dat het goed is als het mogelijk is om bepaalde sociale huurwoningen bij noodzaak ook te verlenen aan lage middeninkomens. De fractie wil wel zicht houden op hoe groot dit wordt. Zodat het niet al te veel met elkaar gaat concurreren. De wethouder wordt gevraagd toe te zeggen dat hier in ieder geval in de MPR over gerapporteerd wordt. Mevrouw Dekker- Abdulaziz (D66) stelt dat het voorstel voor het wijzigen van de tabel voor het aanpassen Van groot naar beter prima is voor D66. De fractie wil wel benadrukken dat de boel qua regulering niet dichtgetimmerd moet worden. Door steeds complexere regels zouden mensen tussen wal en schip kunnen vallen. D66 wil dat de corporaties bij dit soort regels meer ruimte krijgen voor maatwerk voor toewijzing.
Zij kunnen de situatie beter inschatten dan het college. De wethouder wordt gevraagd hier op toe te zien. Mevrouw Zwinkels (CDA) meent dat nu Van groot naar beter is verbreed en niet alleen meer voor ouderen is, er effecten zijn opgetreden die je nu weer moet gaan dempen. Spreker vraagt of je daar dan niet iets anders in zou moeten doen. D66 benadrukt dat er minder regels zouden moeten zijn maar spreker ziet juist dat regels proberen de negatieve effecten tegen te gaan. Pagina 19 van 47
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
Mevrouw Dekker- Abdulaziz (D66) meent dat dat inderdaad lastig is. Het toevoegen van meer regels kan tot negatieve uitkomsten leiden. Spreker wil dat het college ervoor waakt dat, met alle goede bedoelingen, heel ingewikkelde tabellen worden gemaakt over wie in hoeveel vierkante meter past. Spreker ondersteunt wel de geest van de regeling. Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt wat D66 vindt van de voorbeelden die zijn aangereikt tijdens de technische bijeenkomst zoals het gegeven dat mensen kunnen doorstromen naar een grotere woning in een wat mindere buurt om daarna naar een betere buurt te kunnen met misschien net een kamer minder. Spreker meent dat dat niet is hoe het beleid zou moeten werken. Mevrouw Dekker- Abdulaziz (D66) beaamt dat en stelt dat dat precies is wat ze bedoelt. Met goede intenties worden er allerlei regels verzonnen en dan pakt het toch verkeerd uit. Het college stelt nu een bewoontijd van een jaar voor en dat vindt D66 een goede oplossing voor dit probleem. Er zullen echter waarschijnlijk meer problemen komen die het college en de raad niet kunnen voorzien. Daarom wordt het college opgeroepen er voor te waken dat het niet te ingewikkeld wordt. Mevrouw Zwinkels (CDA) meent dat de partijen elkaar dan vinden. Spreker is benieuwd naar de andere bevinding dat vierkamerwoningen of -appartementen voor 37% worden toegewezen aan eenpersoonshuishoudens.
Gevraagd wordt of D66 het met het CDA eens is dat daar regels voor gemaakt moeten worden om zo de bezetting goed op peil te houden. Mevrouw Dekker- Abdulaziz (D66) antwoordt het daar mee eens te zijn. De vraag was dan ook hoe dat kan. Spreker meent dat het een uitkomst kan zijn van teveel regels en daarom is gevraagd om de corporaties meer ruimte te geven bij de toewijzing. De toewijzing vindt nu plaats via Woningnet en wie meer inschrijftijd heeft, heeft meer recht op een betere woning. Spreker meent dat corporaties meer zicht hebben op wie waar gaat wonen en daarom wil de fractie de corporaties ruimte geven voor dit soort situaties. Spreker vervolgt geeft met betrekking tot het voorrang geven aan lagere middeninkomens bij de duurdere categorie sociale huur dat D66 hier lang voor heeft gepleit. Lagere middeninkomens voldoen vaak net niet aan de door de verhuurder gestelde eisen voor middenhuur en hebben vaak te hoge inkomens voor sociale huur. Daarom is dit een goede wijziging. De corporaties mogen al 15% van hun voorraad verhuren aan middeninkomens en gevraagd wordt waarom zij dit nu niet al doen. Een tweede zorg is hoe bekend deze regeling is onder de middeninkomens en hoe de juiste groep wordt bereikt.
Gevraagd wordt aan welke specifieke situaties het college denkt om deze regel toe te passen en hoe het zit met de private aanbieders van sociale huur en of zij ook aan middeninkomens mogen verhuren. Spreker wenst kort vooruit te kijken naar de aankomende wijzigingen. Spreker meent dat de lootwoningen juist bij jongeren terecht kwamen en bij mensen met een korte inschrijftijd en de fractie betreurt de motie hierover dan ook. De wethouder wordt gevraagd uit te leggen waarom een uitzondering op dit gebied Utrecht ten goede komt. Met betrekking tot het beleid voor het omzetten en splitsen geeft spreker aan dat D66 nog steeds voorstander is van friendswoningen en vergunningsvrij wonen met drie personen. De fractie wil het college meegeven dat er serieus gekeken moet worden naar de vergunningsvrije optie en niet alleen gekeken wordt naar een lichtere vergunning. De heer Koppelaar (Student&Starter) geeft aan dat Student&Starter over het algemeen best tevreden is over de voorgestelde wijzigingen. Het college komt met vier concrete voorstellen om efficiënter om te gaan met de woningvoorraad en Student&Starter kan die voorstellen steunen. Student&Starter had wel meer willen doen in dit kader en vindt het teleurstellend dat er nog langer gewacht moet worden op de evaluatie van het beleid omtrent splitsen en omzetten.
Juist door woningen te splitsen en om te zetten en door de grens van vergunningsvrij wonen op te rekken kan er nog efficiënter met de bestaande woningvoorraad omgegaan worden. Daar hoeft geen schop de grond voor in terwijl er wel meer mensen een dank boven het hoofd geboden kan worden. Student&Starter dringt er dan ook op aan dat de evaluatie van splitsen en omzetten na het kerstreces met prioriteit wordt behandeld. De fractie sluit aan bij de oproep van D66 op dit punt. In sommige opzichten voelt het alsof er een stap terug wordt gedaan. Afgelopen voorjaar stemde een meerderheid van de raad in met het verlagen van het percentage te verloten sociale huurwoningen. Dit terwijl dit percentage net omhoog was gegaan. De regeling deed zijn werk en Pagina 20 van 47
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
de woningen kwamen terecht bij de doelgroep die die woningen nodig had. Juist door woningen te verloten maakt iedereen kans op een sociale huurwoning. Nu wordt deze kans weer afgepakt. Als je een woning nodig hebt in Utrecht en als je niet uit de stad komt, dan heb je pech. Je bent dan niet welkom in de stad en Student&Starter krijgt daar buikpijn van. De fractie vindt dat iedereen een kans moet maken op een sociale huurwoning en dat de verdeling van dit schaarse goed niet enkel gebeurt op basis van anciënniteit. Daarom kijkt de fractie ook met enige jaloezie naar het in deze regionale verordening voorgestelde percentage. De rest van de regio gaat wel voor 20% en biedt daarmee jonge starters een kans op een woning, terwijl Utrecht er over een aantal maanden weer op achteruit gaat. De heer Wijmenga (ChristenUnie) geeft aan het voorstel om het percentage te verlagen niet gesteund te hebben. Spreker vindt de bijdrage van Student&Starter echter wel een beetje demagogisch omdat de vorige keer geconstateerd is dat de rest van de regio nauwelijks verloot en nog niet eens de 10% haalt. De ambitie om naar 20% te gaan is mooi, maar de vraag is of dat in de praktijk iets gaat opleveren. De heer Koppelaar (Student&Starter) licht toe dat toen het in Utrecht nog 10% was, dit ook een lange tijd niet werd gehaald. Student&Starter heeft daar lang aan lopen sjorren en dat geldt ook voor de 20%.
Dat het percentage is opgenomen houdt niet in dat gemeenten het ook halen. Spreker meent echter wel dat het goed is om daar naar te streven. Spreker vindt het jammer dat dit streven nu weer naar beneden wordt bijgeschroefd. Spreker vervolgt en stelt dat Student&Starter best tevreden is met het huidige raadsvoorstel maar de fractie meent dat er nog veel winst te behalen valt zodat iedereen een plekje kan vinden in Utrecht en Student&Starter zal zich daar voor blijven zetten. De heer Daniels (PVV) geeft aan dat de PVV met de voorgestelde wijzigingen kan instemmen. Het wijzigingsbesluit voor de Huisvestingsverordening is voor de PVV een mooi moment is om met het eigen stokpaardje te komen. De PVV is al meerdere keren begonnen over een buurtbindingsvoorrangsinitiatief, ook wel kernbinding genoemd. Op 13 oktober woonde fractiemedewerker Nagtegaal een avond bij van Ondiep overlegt. Daar bleek dat veel inwoners zouden willen dat hun kinderen in de buurt kunnen blijven wonen. Veel jonge Ondiepers willen dit ook. Het is hun buurtje en zij willen hun leven daar graag verder opbouwen. Met buurtbindingsvoorrang zouden deze Ondiepers in hun buurt kunnen blijven. Zo wordt het karakter van de buurt, ook voor de volgende generaties vastgehouden. De fractie heeft enige tijd geleden schriftelijke vragen gesteld met de titel: Voorrang voor buurtbewoners.
In Amsterdam kan dit blijkbaar wel maar de antwoorden hier in Utrecht waren teleurstellend. Het college heeft gesteld dat in 74% van de gevallen een woning al wordt toegewezen aan Utrechters. De fractie begrijpt dat dit een mooi percentage is, maar voor de PVV mag dit nog wel wat ambitieuzer en meer buurtgericht. Door middel van het buurtbindingsvoorstel kan dit waargemaakt worden. De fractie zal dit voorstel omvormen tot een amendement. De fractie zal ook met een voorstel komen om statushouders van de lijst van urgent woningzoekenden af te halen, zoals genoemd in artikel 2.5.1 in de Huisvestingsverordening. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) stelt dat statushouders mede-Utrechters zijn die het recht hebben om in Utrecht gehuisvest te worden. De PVV stelt nu voor om statushouders te weren en om ze eigenlijk uit Utrecht te zetten. Spreker vraagt waar die mensen dan naar toe moeten. De heer Daniels (PVV) antwoordt dat zij in elk geval niet moeten naar de plek waar de woningnood het hoogst is. Het lijkt spreker niet de plek om die mensen hier voorrang te geven. Dat zou van de zotte zijn. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) vraagt waar de woningnood niet hoog is en waar deze mensen volgens de PVV gedumpt zouden kunnen worden.
55
De heer Daniels (PVV) stelt dat de PVV ervoor is om instroom te beperken door opvang in de regio. Als zij echter hier zijn, is de PVV niet van plan hen in een van de meest begeerde plekken te huisvesten. Spreker denkt dan eerder aan andere provincies.
Pagina 21 van 47
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) stelt dat statushouders rechthebbenden zijn. De PVV stelt nu voor om hen het recht te ontnemen en ze te dumpen in provincies waar ook geen woning te vinden is, dan wel uit te zetten naar het buitenland. 5
De heer Daniels (PVV) meent dat het noemen van andere provincies als dumpplekken enigszins denigrerend is. Spreker meent niet dat Nederland grotendeels uit dumpplekken bestaat. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) vraagt de PVV de statushouders dan wil dumpen.
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
De heer Daniels (PVV) antwoordt dat het niet over dumpen gaat. Spreker vervolgt en stelt dat het van de zotte is dat geboren Utrechters altijd met 1-0 achter staan, als het gaat om statushouders en daarom zal de PVV aan dat voorstel vasthouden. Mevrouw Zwinkels (CDA) geeft aan dat het CDA zich kan vinden in de meeste aanpassingen. Spreker heeft al aangegeven zich zorgen te maken over de bezettingsgraad en de verbreding van Van groot naar beter. Het college wordt om een reactie gevraagd. De fractie kan zich ook vinden in het voorstel om de vergunning voor drie personen lichter te maken. Spreker meent dat dit een mooie middenweg is waarbij zaken als leefbaarheid in ogenschouw genomen kunnen blijven worden. Het CDA ziet graag een transformatie van lege kantoorpanden naar woningen en de wethouder wordt gevraagd of dat ook in de Huisvestingsverordening te regelen is. Het CDA ziet graag buurtbinding voor ouderen ten behoeve van de doorstroming. Er is een pilot geweest met Mitros en de wethouder wordt gevraagd of hij kansen ziet om dat uit te breiden of via deze Huisvestingsverordening wat op te schalen. Het viel de fractie op dat de definitie van een huishouden is aangepast naar een definitie die volgens het CDA juist wat achterhaald is. De wethouder wordt om een reflectie hierop gevraagd.
Mevrouw Sasbrink (PvdD) wenst in te gaan op de invulling van de bezettingsnorm van kleine appartementen. Het was raar dat dit niet in de oorspronkelijke verordening stond en de PvdD vindt dat een eenpersoonshuishouden in een grote woning niet wenselijk is, en andersom ook niet. De PvdD steunt dit dus en hoopt dat dit bijdraagt aan de slaagkans van kleinere huishoudens. De PvdD steunt de gedachte van de voorrangsvolgorde voor grotere woningen. Spreker meent echter dat grote woningen ook heel geschikt kunnen zijn voor friendswoningen. Gevraagd wordt of de optie is besproken om dat als invulling voor de hele grote woningen te geven als er niet een heel groot huishouden op gereageerd heeft. Spreker vraagt hoe het zit met mensen die alleen een vriendschappelijke relatie met elkaar hebben en of zij ook als één huishouden op een dergelijke woning mogen reageren. Spreker stelt dat de voorrang voor lage middeninkomens ten koste gaat van de beschikbaarheid voor lage inkomens. In de huidige situatie ziet de PvdD dat de lage middeninkomens er in de middenhuur ook niet tussenkomen. De PvdD heeft de zorg dat als de een wat meer voorrang krijgt dat ten koste gaat van de beschikbaarheid voor de lage inkomens. De fractie is teleurgesteld dat de Van groot naar beter-regeling misbruikt wordt en dat mensen eerst doelbewust een groot appartement kiezen in een minder populaire wijk.
De fractie vraagt zich af hoe het kan dat er bij die appartementen wel een eenpersoons- of kleinpersoonshuishouden in komt en dat niet direct een groot gezin voorrang heeft gekregen. Er zijn nu echter plannen om dit aan te scherpen en de PvdD zal dat steunen. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) meent dat het verloten van woningen onrechtvaardig is. Het is goed dat er inspanning op is om dit te verlagen. Stadsbelang Utrecht zou hier eigenlijk helemaal van af willen. Sterker nog, Stadsbelang Utrecht wil van de Huisvestingsverordening af omdat de fractie meent dat het toewijzingsbeleid niet passend is. De fractie wil best op termijn nietUtrechters huisvesten in Utrecht. Echter gezien de huidige situatie op de Utrechtse woningmarkt ziet de fractie dat het, zeker met betrekking tot sociale huurwoningen, dat het noodzakelijk is om voorrang te geven aan Utrechters. Op deze manier wil de fractie de wachttijd terugbrengen van elf jaar naar vier jaar. De fractie wil naar een lokale Huisvestingsverordening toe en wil af van de regionale Huisvestingsverordening. Dat kan door een verzoek te doen aan de provincie om de regionale verordening te herroepen. Dit lijkt wellicht niet solidair maar spreker meent dat de voorrang hard nodig is. Utrecht heeft op dit moment 33.400 actieve woningzoekenden en er komen per jaar maar 2.000 woningen vrij.
Kijkend naar de toewijzing blijven er maar 1.000 woningen over voor reguliere woningzoekenden. Dat is veel te weinig en de slaagkans op een Pagina 22 van 47
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
sociale huurwoning was in 2019 5% en dit begint naar 2% te gaan. Het duurt nog wel even voordat er meer woningen worden toegevoegd. Dit gebeurt pas vanaf 2025. Er is een stijgend tekort aan sociale huurwoningen en dat noopt de gemeente tot herziening. Stadsbelang Utrecht zal zich hier voor inzetten. De fractie wil de doorstroming bevorderen en in de naoorlogse woonsituatie was het huisvestingsbeleid vooral vraaggeoriënteerd, waarbij woningzoekenden zich in de gemeente inschreven en waarbij de gemeente na meldingen van leeggekomen woningen naar rato van urgentie en inschrijvingstermijn toewees. De fractie wil weer naar die situatie toe. De fractie wil naar een afdeling herhuisvesting van de gemeente waarbij deze toewijzing wordt vormgegeven. Stadsbelang Utrecht wil zich specifiek richten op grote woningen zodat de doorstroming bevorderd kan worden. De fractie vindt dat een indicatiestelling van Wmo-cliënten en van de WLZ een andere huisvestingsbehoefte kan beïnvloeden, en dat dit moet worden meegenomen in het toewijzingsbeleid. Spreker meent dat dat op dit moment te weinig gebeurt. Een rolstoel- of rollatortoegankelijke woning zou dan gemeld moeten worden bij de eerder genoemde afdeling herhuisvesting. De fractie zal proberen om door middel van amendering de Huisvestingsverordening aan te passen of te laten stoppen.
De heer Van der Zweth (PvdA) dankt voor het voorstel, het is belangrijk om Utrecht betaalbaar en leefbaar te maken. Dit staat sterk onder druk en de politiek heeft hier een rol in. De fractie steunt de voorstellen die het college doet zoals de stap naar minder loting en het snel en goed invoeren van de opkoopbescherming. Daarnaast is er steun voor het streven om grotere gezinnen ook daadwerkelijk in grotere woningen terecht te laten komen en de voorstellen voor verbetering van groot naar beter. In Amsterdam is deze regeling er ook en daar is sprake van huurbehoud in plaats van maximaal 50 euro huurstijging. Daar zit dan ook nog een verhuisregeling bij. Dat is dus wat royaler en kan het aantrekkelijk maken om deze stap te zetten en te zorgen voor doorstroming. De wethouder wordt gevraagd oh hij kansen ziet om het op deze manier ook in Utrecht aantrekkelijker te maken om te verhuizen. Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt zich af in hoeverre een huurverhoging van 50 euro het punt gaat zijn waarom mensen wel of niet willen doorverhuizen naar een betere en kleinere woning. Spreker vraagt of er geen betere argumenten zijn die vooral bij ouderen spelen om niet te willen verhuizen. Spreker vraagt of er bijvoorbeeld niet ingezet zou moeten worden op buurtbinding of hoe de adviezen van de verhuisadviseur uitgebreid kunnen worden. De heer Van der Zweth (PvdA) antwoordt dat het en en is.
Spreker meent dat 50 euro voor sommige mensen veel geld is en dat een verhuizing duur is. Als hierbij geholpen kan worden, kan voor meer doorstroming worden gezorgd. Spreker meent dat de vakantieverhuur echt steviger moet, met een vergunning en maximaal 30 dagen. Gevraagd wordt of de wethouder deelt dat er goed gemonitord moet worden en dat er aangescherpt moet worden als dit nog steeds voor problemen zorgt. Er is in Utrecht geen regeling Van hoog naar laag. Dit bestaat in andere steden wel. Er wordt wel wat gedaan richting 65-plussers, bijvoorbeeld naar een geen-drempelwoning. Voor de PvdA is het belangrijk dat toegankelijkheid voor alle leeftijden wordt geregeld. Daarnaast zijn er in Utrecht nu geen afspraken omtrent de huurontwikkeling, zoals bij Van groot naar beter wel wordt gedaan. Spreker stelt dat er geen drempel mag zijn om naar een toegankelijk huis te verhuizen. De wethouder wordt gevraagd of hij dit deelt en of hij kan uitzoeken of er in Utrecht ook tot zo een regeling gekomen kan worden. Mevrouw Zwinkels (CDA) geeft aan deze regeling niet goed te kennen en gaat er vanuit dat dit gaat over het gegeven dat mensen op de begane grond kunnen gaan wonen. Spreker vraagt of het niet beter is om een aantal van die woningen te labelen zodat voorkomen kan worden dat deze woningen alsnog naar iemand anders gaan.
De heer Van der Zweth (PvdA) meent dat alle nieuwbouw toegankelijk zou moeten worden. Dan zou alles gelabeld moeten worden. Spreker is benieuwd naar de reactie van de wethouder en meent dat ervoor gezorgd dient te worden dat mensen, als zij klem zitten, op zo een woning aanspraak kunnen maken. Pagina 23 van 47
Mevrouw Zwinkels (CDA) meent dat je dan veel beter kunt sturen op het zorgen dat er voldoende liften aanwezig zijn in de nieuwbouwcomplexen. 5
10
15
20
De heer Van der Zweth (PvdA) stelt dat dat over toegankelijkheidseisen gaat en geeft aan nu te vragen of er geen regeling moet komen, om zo ook de afspraken over de huur op te kunnen nemen. Een huurverhoging kan voor veel mensen een belemmering betekenen. Spreker vervolgt en verwijst naar de wetswijziging van het kabinet over dat je maatschappelijke binding vorm kunt geven. De fractie denkt hierbij aan mensen die in de stad wonen met functies in de zorg, bij de politie of het onderwijs, en aan mensen die al een binding met de stad hebben. De wethouder wordt gevraagd of hij dit deelt en deze kansen ook in de nieuwe wetswijziging ziet. Gevraagd wordt wat er gedaan wordt om deze wetswijziging zo snel mogelijk een plek te geven in Utrecht. De PVV heeft schriftelijke vragen gesteld over buurt- en wijkbinding. De heer Wijmenga (ChristenUnie) stelt dat er in de Huisvestingsverordening nu wel een criterium over maatschappelijke binding is opgenomen. De eis is nu dat je een belang of economische binding moet hebben om in deze regio gehuisvest te worden. Spreker vraagt of de PvdA niet allerlei beren op de weg ziet met betrekking tot welke groepen voorrang gegeven gaan worden. Er was deze morgen al een debat met mevrouw Dekker over of ook een arts in een maatschap voorrang zou moeten krijgen.
Spreker vraagt of de PvdA heel specifiek voor bepaalde beroepsgroepen wil kiezen aangezien toch iedereen in de stad nodig is.
25
De heer Van der Zweth (PvdA) geeft aan dat de focus van de PvdA ligt op sectoren waar het publieke belang heel groot is en waar het tekort ook heel groot is. Daarbij valt te denken aan politie, zorg en onderwijs. Spreker herkent het dilemma dat de heer Wijmenga schetst maar dat zou de raad niet moeten beletten om te proberen deze mensen een woning in Utrecht te laten krijgen.
30
De heer Wijmenga (ChristenUnie) meent dat je eindeloos kunt discussiëren over wat maatschappelijk gewenste groepen zijn. De PvdA noemt nu drie groepen maar de stad heeft ook winkelmedewerkers nodig en ambtenaren. Spreker vindt het lastig daar een keuze in te maken en vraagt zich af of de PvdA die keuze wel kan maken.
35
De heer Van der Zweth (PvdA) beaamt dat het inderdaad een dilemma is maar dat de schaarste nu al verdeeld moet worden. De fractie kiest nu voor deze drie groepen en spreker vraagt zich af of met de wetswijzigingen meer mogelijkheden komen op dit gebied.
40
Mevrouw De Koning (GroenLinks) sluit aan bij de heer Wijmenga dat het heel kwetsbaar is dat de overheid gaat definiëren welke groepen in de stad het meest wenselijk zijn en welke groepen minder. De heer Van der Zweth spreekt geregeld over de wooncrisis in de stad. Er is bijvoorbeeld ook een enorm tekort aan loodgieters in Utrecht en zij komen vaak niet in aanmerking voor sociale huur. Spreker meent dat de overheid niet moet zeggen wat wel en wat niet nodig is.
45
De heer Van der Zweth (PvdA) meent dat GroenLinks weet dat het de PvdA aan haar zijde vindt als het gaat om de hoeveelheid betaalbare woningen. De fractie meent echter ook dat de schaarste tot keuzes dwingt en de fractie wil focussen op beroepen waarbij een tekort tot enorme maatschappelijke impact leidt.
50
Mevrouw De Koning (GroenLinks) concludeert dat de fracties hier verschillend over denken. Voor GroenLinks is een loodgieter ook een essentieel beroep in de stad Utrecht. GroenLinks vindt het onverantwoord om te zeggen dat een leraar meer essentieel is dan een loodgieter.
55
De heer Van der Zweth (PvdA) vervolgt en geeft aan de zoektocht van de PVV te herkennen. Spreker is dan ook benieuwd naar de reactie van de wethouder. Spreker vraagt of er geëxperimenteerd kan worden met het voorrang geven aan mensen uit de eigen buurt om zo meer doorstroming te krijgen en de sociale structuur te behouden.
60
De heer El Abassi (Denk) stelt dat de PvdA aangeeft dat er op wijk- en buurtniveau gekeken kan worden. Spreker vraagt of de heer Van der Zweth niet bang is dat er dan met een subjectieve bril naar wijken en buurten wordt gekeken. Zo noemde de PVV Ondiep, wat er mee te maken zou Pagina 24 van 47
kunnen hebben dat zij daar veel kiezers hebben. Vervolgens gaat de politiek bepalen welke buurten het in tact wil houden of niet en waar voorrang aan gegeven wordt. Gevraagd wordt of de heer Van der Zweth dat gevaar ook ziet. 5
10
15
De heer Van der Zweth (PvdA) antwoordt zelf geen buurten te hebben genoemd. De vraag van de PvdA is of er niet vaker geëxperimenteerd moet worden om te kijken of de voorrang wat oplevert. De heer El Abassi (Denk) hoopt dat de heer Van der Zweth snapt waarom hij niet interrumpeert als de PVV Ondiep als voorbeeld noemt. Spreker maakt zich echter nog meer zorgen als andere partijen ook op die manier willen kijken. Er is gesproken over buurt- en wijkniveau maar spreker begrijpt nu dat het de PvdA meer gaat om een soort pilot die gedaan kan worden op buurt- en wijkniveau en dat het niet gaat over maatregelen die met betrekking tot voorrang voor bepaalde buurten of wijken genomen gaan worden.
20
De heer Van der Zweth (PvdA) geeft aan te hebben gevraagd of je op wijk- of buurtniveau voorrang kunt geven voor iemand die uit die wijk of buurt komt. Via pilots kan worden bekeken wat dat betekent voor de sociale binding of het vergemakkelijken van het vertrek uit een te grote woning. Dit heeft niets te maken met Ondiep of andere wijken, er zijn heel veel wijken en buurten in de stad.
25
De heer Van der Marel (VVD) geeft aan dat dit voorstel vier artikelen in paragraaf twee behelst en spreker is benieuwd naar de antwoorden op de vragen die daar over zijn gesteld. Bij de Van groot naar beter-regeling is het voorstel om de voorrang voor minimaal een jaar te laten gelden. Spreker vraagt wat daar de onderliggende gedachte van is en meent dat dit best kort is.
30
De heer Wijmenga (ChristenUnie) geeft aan benieuwd te zijn naar de resultaten van de pilot van Mitros. Spreker vindt het te vroeg om nu al te zeggen dat buurtbinding op een grotere schaal uitgevoerd dient te worden, zeker als dit tot bescherming van witte volksbuurten zou leiden. Utrecht is een stad voor iedereen en de heer Bos heeft heel terecht gezegd dat er mensen zijn die het recht hebben om in de stad te mogen wonen. De voorzitter schorst de vergadering om 13.00 uur.
35
Pagina 25 van 47
Toezeggingen
5
Wethouder Diepeveen heeft met betrekking tot agendapunt 6, Raadsvoorstel Actieplan betaalbare koopwoningen twee toezeggingen gedaan. De raad ontvangt voor de verkiezingen informatie over de pilot koopcoöperaties. De raad ontvangt in Q1 2022 aanvullende informatie over de uitwerking van de maatregelen uit het actieplan Betaalbare koop voor de iets langere termijn.
Pagina 26 van 47
Verslag openbare middag vergadering Energie(transitie), duurzaamheid en Wonen 5
10
15
20
Datum Locatie Verslag door Vaststelling verslag
9 december 2021 Stadhuisbrug 1, Utrecht Remko Schotsman (Notuleerservice Nederland)
Aanwezigen
De voorzitters, mevrouw Bijsterbosch, de heer Vonk, de wethouder K. Diepeveen, en de leden, de heer R. van der Zweth (PvdA), mevrouw F. de Koning (GroenLinks). De heer T. Schipper (SP), de heer E. van der Marel (VVD), de heer H. Essabiri (Denk), de heer J. Koppelaar (Student&Starter), mevrouw L. de Vries (PvdD), mevrouw J. Zwinkels (CDA), de heer H. van Deún (PVV), mevrouw A. Sasbrink (PvdD), mevrouw H. Dekker- Abdulaziz (D66), de heer R. Daniels (PVV), de heer I. El Abassi (Denk), de heer J. Wijmenga (ChristenUnie), de heer M. Spil (Stadsbelang Utrecht), de heer C. Bos (Stadsbelang Utrecht),de heer H. Essabiri (Denk), de heer J. Schreuder (D66), mevrouw J. Zwinkels (CDA), de heer T. Schipper (SP), mevrouw L. Snippe (PvdD) en mevrouw M. Leenders (Commissiegriffier). Tevens aanwezig zijn ambtelijke vertegenwoordigers van gemeentelijke afdelingen.
Verslag openbare vergadering Energie(transitie), duurzaamheid en wonen 1. Opening………………………………………………………………………………………….……….1 25
30
35
40
45
2. Vaststellen van de agenda van 9 december 2021 3.0 Vaststellen van ingekomen agenderingen 3.1 Tijdelijk wonen en nieuwe grondexploitatie BEFU-terrein Hoograven 3.1.1 Intentiedocument Tijdelijke woningbouw pagelaan 1 3.2 Zienswijze Ontwerp Kadernota 2023 RUD 3.3 Rekenkamerrapport Grip op energietransitie 3.4 Agenderingen ter plaatse, mede op basis van de lijst ingekomen raadsbrieven 4. Verslag 4 november 2021 5. Toezeggingen/moties 6. Raadsvoorstel Actieplan betaalbare koopwoningen 7. Raadsvoorstel Besluit tot wijziging van de Huisvestingsverordening Regio Utrecht 2019 Gemeente Utrecht 8. Raadsbrief Evaluatie Actieplan middenhuur De voorzitter heropent de vergadering om 14.02 uur. De heer El Abassi (Denk) geeft aan niet te hoeven vertellen wat hij vindt van de uitspraken van de PVV met betrekking tot statushouders. Spreker geeft aan hier vooral te zijn om te kijken wat er echt gedaan kan worden om wonen mogelijk te maken voor zoveel mogelijk Utrechters. De PVV sprak over binding en voorrangsregels en spreker meent dat hier verbetering in aangebracht kan worden. Spreker heeft al eerder aangegeven dat er gebruik gemaakt moet worden van de voorrangsregels. Het is niet eerlijk om Utrechters geen voorrang te geven op een woning terwijl de gemeenten om Utrecht heen dat wel doen. In een artikel van Nu.nl van 3 december is naar boven Pagina 27 van 47
5
10
15
20
gekomen hoe dit in verschillende gemeenten gedaan wordt en dat gemeenten naar een voorrangsregeling van 25 to 30% willen gaan. Denk is er dan ook voorstander van om, net als in Amsterdam en gemeenten om Utrecht heen, de voorrangsregeling op te nemen voor 25% en ook op om de mogelijkheid van 30% te verkennen. Spreker vraagt hoe het college hier over denkt. Mevrouw De Koning (GroenLinks) begrijpt goed dat mensen uit Utrecht een woning willen kunnen vinden. De heer El Abassi geeft terecht aan dat in veel buurgemeenten een voorrangsregeling is ingesteld waardoor mensen minder keuzevrijheid hebben in waar ze kunnen gaan wonen. GroenLinks maakt zich er echter zorgen over dat mensen gedwongen worden om in hun eigen buurt te blijven omdat zij alleen daar kansen hebben, terwijl je in de ene levensfase ergens ander zou kunnen willen wonen om daarna weer terug te willen komen naar jouw eigen stad. Spreker vraagt of de lobby niet beter ingezet kan worden op het verlagen van het aantal buurtbindingen in buurgemeenten in plaats van daar van zelf hier aan mee te gaan doen waardoor iedereen vastgeklonken raakt aan de eigen stad en buurt. De heer El Abassi (Denk) stelt dat woorden als ‘dwang’ altijd goed aankomen bij de kijkers thuis. Spreker wil richting GroenLinks aangeven dat het ‘en en’ is.
De lobby met de omliggende gemeenten moet sowieso doorgaan maar tegelijkertijd is ook duidelijk hoe lastig het is om alle gemeenten dezelfde kant op te laten gaan. Spreker meent dat dit lang kan duren en dat dit wellicht niet mogelijk is. Tegelijkertijd moet de gemeente het ook opnemen voor de eigen inwoners, zoals dat ook bij andere gemeenten gebeurt. GroenLinks heeft ook in Amsterdam geregeld dat de eigen inwoners niet de dupe worden van het eigen systeem. GroenLinks wordt dan ook aangeraden om voor de motie die Denk zal indienen te stemmen.
25
Mevrouw Dekker- Abdulaziz (D66) vraagt hoe Denk er tegenaan kijkt als mensen vanuit Utrecht bijvoorbeeld naar De Bilt willen gaan. Spreker is het eens met GroenLinks dat als er zo sterk aan binding wordt gedaan, mensen niet van Utrecht naar een andere gemeente kunnen gaan of andersom.
30
De heer El Abassi (Denk) stelt hier eerder een debat over te hebben gevoerd met D66. Tijdens dat debat zijn vragen gesteld over of de grenzen dichtgegooid moeten worden. Spreker heeft toen verwezen naar de fracties van D66 die in andere gemeenten tot andere beslissingen kwamen. Het doel van de binding en van de voorrangsregel is om te voorkomen dat de eigen gemeente in de knel komt. Uit het artikel van Nu.nl blijkt dat omliggende gemeenten hier keihard mee bezig zijn. Zij bouwen op van 25% naar 30%, waar Utrecht niet eens gebruik maakt van de 25%. Dat betekent dat Utrecht impliciet bezig is met het aantrekken van bepaalde inwoners, als studenten, die interessant zijn voor D66. Spreker zoekt naar het waarom daarvan en waarom D66 niet opkomt voor de Utrechters die er al zijn en waar deze partij een verplichting toe heeft.
35
40
Mevrouw Dekker- Abdulaziz (D66) geeft aan dat D66 er is voor alle Utrechters die hier al wonen. Er zijn echter ook nieuwe Utrechters, de meeste mensen in de raad komen ook niet oorspronkelijk uit Utrecht. Spreker geeft aan ook zonder binding naar Utrecht te zijn gekomen en D66 wil die kans aan iedereen geven.
45
De heer Koppelaar (Student&Starter) vraagt of hij kan concluderen dat Denk tegen mensen die in Utrecht willen wonen zegt dat zij niet welkom zijn omdat zij niet uit Utrecht komen. Spreker vindt dat zonde, de kracht van Utrecht is juist dat de stad mensen bergt die vanuit het hele land naar Utrecht komen en elkaar ontmoeten. Zo wordt samen de stad gemaakt.
50
De heer El Abassi (Denk) meent dat het mooi is om te horen hoe niet-Utrechters vertellen wat de kracht van Utrecht is. Spreker meent dat iedereen welkom is in Utrecht. Tegelijkertijd is er een opgave en is er een belofte gedaan naar de Utrechters toe en niet naar de niet-Utrechters. Zo is de U-pas alleen geldig voor Utrechters en volgens de redeneringen van D66 en Student&Starter zou de U-pas voor alle Nederlanders geldig moeten zijn. Zo kan alles heel breed getrokken worden. Spreker meent dat de raad op dit moment er voor de Utrechters is. Spreker merkt, ook als het over de loting gaat, dat mensen buiten de stad hier van kunnen profiteren, dat is niet erg, maar het gaat wel ten koste van de Utrechters.
55
60
De heer Koppelaar (Student&Starter) stelt dat mevrouw Dekker en hem woorden in de mond worden gelegd die zij niet hebben gezegd. Spreker wil rechtzetten dat dat niet is waar Pagina 28 van 47
Student&Starter voor staat. Student&Starter staat er voor dat iedereen welkom is in Utrecht, ook als je er nog niet woont. 5
De voorzitter geeft aan dat mevrouw Dekker-Abdulaziz instemmend knikt en vraagt de heer El Abassi verder te gaan met zijn betoog.
10
De heer El Abassi (Denk) geeft aan dat Denk ook vindt dat alle Nederlanders welkom zijn in Utrecht. Spreker sluit echter wel aan op bepaalde maatregelen die genomen zijn door partijen als GroenLinks en D66 in andere gemeenten omdat zij zien dat het niet opnemen van de bindingsregel in de Huisvestingsverordening ervoor zorgt dat mensen uit andere gemeenten naar Utrecht verhuizen en dat dat ten koste gaat van de Utrechters aan wie beloftes zijn gedaan en die wachten op een woning in Utrecht.
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
De heer Koppelaar (Student&Starter) stelt dat als deze logica wordt gevolgd, gezegd wordt dat als de fracties van GroenLinks of D66 in de ene gemeente iets doen, dat ook in Utrecht zou moeten worden gedaan. Als deze logica wordt gehanteerd zal spreker gaan graven in de historie van de acties van Denk in andere gemeenten. Spreker vindt het geen argument dat deze maatregel getroffen moet worden omdat dat ook in andere gemeenten is gedaan. De heer El Abassi (Denk) roept de heer Koppelaar op vooral te graven in de historie van andere gemeenten met betrekking tot de acties van Denk. Spreker meent dat Denk ook in andere gemeenten goede ideeën heeft geopperd. Spreker geeft aan het punt te willen omdraaien en vraagt zich af waarom partijen als GroenLinks en D66 in andere gemeenten wel voor de bindingsregel kiezen en in Utrecht niet. Mevrouw De Koning (GroenLinks) roept op om met meer respect het debat met elkaar te voeren. Zowel GroenLinks as D66 hebben al uitgelegd waarom zij het geen goed idee vinden om mensen op slot te zetten op de plek waar ze geboren zijn en waarom zij mensen de ruimte willen geven om te verhuizen naar een andere gemeente en om weer terug te verhuizen naar Utrecht. De bindingsregel staat daarbij in de weg. Spreker vraagt de heer El Abassi respect te hebben voor die mening en om niet voor de bühne allerlei uitspraken te doen over andere partijen.
De voorzitter roept op om het debat te concentreren op de Utrechtse raad en de Utrechtse besluitvorming. De heer El Abassi (Denk) vindt het woord respect mooi en krachtig en wil dit overnemen. Spreker geeft aan te willen kijken wat woorden doen met elkaar en met andere gemeenten. Als je krachtig aangeeft dat het uit goede redenen is om dit in Utrecht niet in te voeren, dan zegt dat ook iets over de andere gemeenten waar deze regel wel is opgenomen en waar de grenzen dus wel dichtgegooid worden. Spreker vervolgt en stelt dat duidelijk is dat Denk er voorstander van is om, net als in andere gemeenten, de voorrangsregel op te nemen. Daarnaast wil Denk dat de mogelijkheid van 30% verkend wordt door het college. Denk heeft al eerder een motie ingediend met betrekking tot voorrangsregels voor Utrechters met betrekking tot sociale huur en voorrang met betrekking tot loting. Gevraagd wordt hoe de wethouder tegen deze moties aankijkt. Denk is, afhankelijk van de beantwoording door de wethouder, van plan om opnieuw moties in te dienen over dit onderwerp. Spreker stelt al eerder aangegeven te hebben wat Denk vindt van loten. Er zijn toen twee moties ingediend en de minst vergaande motie heeft het toen gehaald. Denk wil dat het percentage van 10% omlaag gaat en afhankelijk van de beantwoording door de wethouder zal hier ook een motie over ingediend worden.
In het raadsvoorstel wordt bij argument 1.1 aangegeven dat de kans verkleind wordt dat grote huishoudens in te kleine woningen gehuisvest worden. Door ruimte voor maatwerk voor corporaties zou dit punt dichtgetimmerd kunnen worden. De wethouder wordt gevraagd dit toe te lichten en om aan te geven of de kans verkleind wordt dat kleine huishoudens in grote woningen terecht komen. Spreker meent dat argument 1.2 de kans daarop alleen maar vergroot. Het college lijkt voor een dilemma te staan waarbij gekozen moet worden tussen het voorkomen van geluidshinder versus het bieden van een dak boven het hoofd voor zoveel mogelijk inwoners. De heer Koppelaar (Student&Starter) merkt op dat met betrekking tot het loten uit de evaluatie is gebleken dat door meer te loten, meer woningen die voor starters bedoeld zijn ook Pagina 29 van 47
5
10
daadwerkelijk bij die starters terecht komen. Hierbij valt te denken aan mensen die nog bij hun ouders wonen en die zelfstandig willen gaan wonen. Spreker vraagt hoe Denk het rijmt dat door de lotingspercentage te verlagen, juist heel veel starters langer thuis moeten blijven wonen omdat ze nog niet voldoende wachttijd hebben opgebouwd. De heer El Abassi (Denk) antwoordt in eerder debatten al het voorbeeld te hebben genoemd van in de rij staan bij de kassa. Het is niet eerlijk dat iemand die achter in de rij staat opeens vooraan mag kruipen. Degene die het langst wacht dient als eerste aan de beurt te komen, ongeacht welke Utrechter dat is. De heer Koppelaar (Student&Starter) meent dat het juist eerlijk is al iedereen een kans heeft.
15
De heer El Abassi (Denk) meent dat het eerlijk is dat diegene die net start achter aan in de rij gaat staan. Spreker meent dat deze kentering gaande is in de raad en dat daarom de motie van Denk is aangenomen. Spreker zou dit echter verder willen trekken omdat het nu onrechtvaardig voelt dat een bepaalde groep voor mag kruipen ten opzichte van anderen.
20
Mevrouw Dekker- Abdulaziz (D66) stelt dat in het raadsvoorstel staat dat de regio niet heel happig is op het verminderen van het loten. Helaas is in Utrecht de motie hierover aangenomen. Denk verwijst graag naar de regio voor andere dingen en spreker vraagt hoe Denk het rijmt dat de regio niet minder wil loten en dat Utrecht dat wel zou moeten doen.
25
30
35
40
De heer El Abassi (Denk) stelt dat net als is aangegeven dat de regio’s deze ruimte willen hebben. Zij willen niet meer loting hebben, zij hebben minder loting dan in Utrecht. Spreker heeft eerder aangegeven dat door de motie van 20% naar 10% is gegaan en spreker wil daar ook voor pleiten met een volgende motie. Spreker vervolgt en vraagt of de wethouder kan aangeven dat de kans verkleind wordt dat kleine huishoudens in grote woningen komen. Spreker meent dat argument 1.2 die kans namelijk alleen maar vergroot. Het college lijkt voor het dilemma te staan waarbij gekozen moet worden tussen het voorkomen van geluidsoverlast versus het bieden van een dak boven het hoofd voor zoveel mogelijk inwoners. Het lijkt alsof het college de keuze maakt om geluidshinder te voorkomen. Het lijkt Denk niet verstandig om dit in de verordening op te nemen. Het is beter om dit aan de voorkant uit te sluiten zodat maatwerk nog mogelijk is. Mevrouw Zwinkels (CDA) stelt dat Denk van mening is dat gezinnen te vaak in te kleine woningen worden gehuisvest. Spreker is er verbaasd over dat Denk hier een punt van maakt en meent dat het mooi is dat gezinnen in grotere woningen worden gehuisvest. Spreker meent dat het geluidsargument daar juist een mooie aanleiding voor is omdat het belangrijk is om in het kader van de leefkwaliteit voor gezinnen het belangrijk is dat hier een betere match in wordt gemaakt.
Spreker meent dat er een heel belangrijk signaal vanuit de samenleving is dat hier op geacteerd moet gaan worden.
45
De heer El Abassi (Denk) geeft aan het te hebben over argument 1.2 waar gezegd wordt dat bij woningen of complexen met veel verdiepingen, geluidshinder een reden is om niet voor grotere gezinnen te kiezen. Spreker zou dat artikel willen schrappen om zo de mogelijkheid te bieden om daar maatwerk in te kunnen leveren.
50
Mevrouw Zwinkels (CDA) geeft aan een reflectie van de wethouder hierop te willen horen. Het CDA vindt het belangrijk dat er zo min mogelijk geluidsoverlast is en als dat voorkomen kan worden, is dat alleen maar goed. Het lijkt spreker niet verstandig om in een appartementencomplex veel gezinnen te huisvesten, hoe graag het CDA ook gezinnen wil huisvesten.
55
De heer El Abassi (Denk) meent dat het punt van geluidshinder aangepakt moet worden door te kijken hoe woningen minder gehorig gemaakt kunnen worden. Spreker meent niet dat het uitsluiten van gezinnen de eerste oplossing zou moeten zijn.
60
Wethouder Diepeveen geeft aan dat de SP aandacht heeft gevraagd voor de situatie voor de Jebber-complexen. De wethouder heeft al wat informatie achterhaald en stelt dat bij het Maxcomplex deels toegewezen wordt op basis van een pilot die voorrang geeft aan mensen die Pagina 30 van 47
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
doorstromen vanuit een studentenwoning. Deze pilot gaat over maximaal 50%, zoals afgesproken in de prestatieafspraken. Dat kan een verklaring zijn waarom dit niet zichtbaar wordt. Bij Buenos Aires gaat het om vrij grote starterswoningen die zijn overgeheveld van het Daab naar het niet Daab-deel, oftewel die worden geliberaliseerd bij elke volgende mutatie. Dit betreft 56 woningen en het mutatietempo is ongeveer 5 of 6 woningen per jaar. Dat is de informatie die de wethouder nu heeft kunnen vinden, als dat niet voldoende is kan de wethouder hier later schriftelijk op terugkomen. GroenLinks en D66 hebben de kwestie van de lage middeninkomens aangekaart. De wethouder licht toe dat het gaat om het verdelen van de schaarste. De corporaties krijgen bij de prestatieafspraken een verdeling mee, van 70% kernvoorraad en 30% daar boven waarbij een splitsing wordt gemaakt in twee segmenten. In goed overleg met de corporaties wordt door het college een vinger aan de pols gehouden over waar zij de ruimte die zij hebben met betrekking tot de middeninkomens gaan benutten. Niet alleen het college maar ook de stuwcorporaties menen dat het benutten daarvan vraagt om een volkshuisvestelijke blik over waar de lage middeninkomens iets kunnen toevoegen. Het gaat bij lage middeninkomens vaak over een vaste baan en ‘geregeld leven’ wat in bepaalde complexen en in bepaalde buurten kan helpen.
De corporaties kunnen dit ongetwijfeld zelf maar zij vinden het ook niet erg om daar met de gemeente over te overleggen. De heer Schipper (SP) geeft aan gehoord te hebben dat de corporaties dit prima zelf kunnen en dat hier overleg over is en vraagt waarom het dan een beslispunt moet zijn in het raadsvoorstel. Wethouder Diepeveen licht toe dat dit nu vastgelegd wordt in de Huisvestingsverordening. Dat is publiekrechtelijk en geeft het college de bevoegdheid om te kunnen aanwijzen en om de volkshuisvestelijke toets te kunnen aanbrengen. GroenLinks heeft gevraagd of hier in het kader van de MPR over gerapporteerd kan worden en de wethouder licht toe dat er wordt gerapporteerd in het kader van de Woningnet-rapportages. Deze rapportages komen gewoonlijk niet naar de raad en de wethouder wil de toezegging doen om hier actief over te rapporteren zodat de raad het college kan aanspreken en controleren. Richting mevrouw Dekker licht de wethouder toe dat de private verhuurders in de sociale huur niet met Woningnet werken. Zover is Utrecht nog niet en dat betekent dat dit niet direct een oplossing biedt voor dit punt. Met betrekking tot de loting heeft de regio gezegd dat het de 20% wil kunnen behouden. De grote meerderheid zag er niets in om dit terug te brengen naar 10%. Dat houdt in dat er voor Utrecht twee wegen open staan.
Het college kan dit regelen of de raad kan dit regelen in de komende wijziging van de Huisvestingsverordening, waarin ook de opkoopbescherming en het splitsen en omzetten naar voren komt. Het college meent dat het verstandig is als de gemeenteraad hier een besluit over neemt. De wethouder snapt het ongeduld van Student&Starter met betrekking tot de evaluatie over omzetten en splitsen. Het college heeft echter altijd aangegeven dat het begin 2022 met deze evaluatie komt. Er is door meerdere partijen gesproken over buurt- en kernbinding. De cijfers laten zien dat de Utrechtse woningzoekenden het goed doen in Utrecht. 74% van de woningen die in Utrecht worden toegewezen worden toegewezen aan Utrechters. De wethouder meent dat je daarom de 25 of 30% ook helemaal niet nodig hebt. 74% is duidelijk meer dan wat in de andere U16gemeenten wordt toegewezen. Dat betekent dat de Utrechtse woningzoekenden meer profiteren van de regionale opzet van dit systeem via Woningnet, dan de inwoners van omliggende gemeenten. Juist omdat er bijna geen hek om Utrecht staat hebben de Utrechters hier baat bij. De wethouder meent dat het niet verstandig is om het pad van buurtbinding op te gaan omdat dat leidt tot de kans dat omliggende gemeenten ook iets dergelijks gaan doen wat de Utrechtse woningzoekenden kan schaden.
De heer Van der Zweth (PvdA) geeft aan te hebben gevraagd om te gaan experimenteren op buurt- en wijkniveau om bijvoorbeeld doorstroming te bespoedigen. Wethouder Diepeveen geeft aan op het generieke verhaal te reageren. De PvdA heeft ook specifiek gevraagd naar het inzoomen. Utrecht doet dat ook met Mitros bij Halve Maan Noord en in Zuilen. Dit betreft twee complexen die specifiek op ouderen zijn gericht. De wethouder meent dat het goed is om de resultaten daar van af te wachten. Daarbij is overigens met Mitros afgesproken dat er maximaal 50% wordt gedaan, om het karakter van openheid en het niet Pagina 31 van 47
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
uitsluiten van anderen ook te bewaren. De evaluatie van deze projecten komt voor de zomer van 2022. De wethouder wenst toe te voegen dat het voor de middenhuurwoningen van de Ivoordreef ook goed is om te kijken naar een principe van voorrang voor mensen die een sociale huurwoning in Overvecht achterlaten. Het is maatwerk en heel precies kijken en de wethouder ziet er meer in om op dat pad verder te gaan, al moet natuurlijk wel gekeken worden wat de evaluaties opleveren. Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt of het college vooruitlopend op de evaluatie al aan kan geven welke kansen het ziet om hier op andere locaties mee aan de slag te gaan. Spreker geeft aan niet te willen wachten tot de zomer van 2022. Wethouder Diepeveen geeft aan gisteren met collega Van Ooijen te hebben gekeken naar de uitwerking voor ouderen. Vanuit het actieprogramma zal het college met iets komen met betrekking tot wonen met zorg en daar zal dit element ook in terugkomen. De heer El Abassi (Denk) stelt dat de wethouder heeft aangegeven dat 74% van de woningen aan Utrechters wordt toegekend en dat het daarom niet nodig is om voor de 25% of 30% te gaan. Spreker ziet echter bij 25% een winst van 1% en bij 30% een winst van 6%. Als dat naar aantallen wordt omgerekend, dan betreft het heel veel inwoners. Gevraagd wordt of de wethouder dat ook zo ziet.