Concept Verslag openbare commissie Stad en Ruimte, 2021-03-18.pdf
Tekst van het document
De heer Van Heuven (PvdD) geeft aan dat er nu gesteld wordt dat GroenLinks zo snel mogelijk wil uitfaseren maar mevrouw Sturkenboom geeft aangegeven dat Utrecht tot 2040 afhankelijk blijft van biomassa en er dus bossen blijven worden leeg gekapt en vraagt wat mevrouw Heijne daar van vindt. Mevrouw Heijne (GroenLinks) stelt anderen in de raad nog niet te hebben gehoord over het halen van de doelstellingen van het klimaatakkoord voor 2030. Het is duidelijk dat biomassa daar voor nodig is. Er is echter niet voor niets motie 300 ingediend die voorschrijft dat er streng toegezien moet worden op uitstoot, luchtkwaliteit en herkomst van het hout. De heer Van Heuven (PvdD) geeft aan dat de duurzaamheidscijfers slecht zijn. Uit een artikel van De Groene blijkt dat de certificatie niet op orde is en dat in Estland bomen gekapt worden die als pellets naar Europa worden verscheept. Daar gaat dan een sticker op dat dat duurzaam is. Spreker begrijpt niet dat GroenLinks dit nog steunt. Iedereen wil duurzaam en biomassa is niet duurzaam. Mevrouw Sturkenboom (Student&Starter) stelt dat als vergunningen voor biomassacentrales verleend blijven worden terwijl er maar een bepaalde beschikbare capaciteit in Nederland is, dat Pagina 16 van 38
inhoudt dat elke centrale leidt tot meer CO2-uitstoot. Dit terwijl er alternatieven zijn. Het lijkt dan ook goed om de ambitie met betrekking tot bijvoorbeeld zonne-energie op daken, isoleren en warmtepompen op te schroeven. 5
10
15
20
25
De heer Bosse (PvdA) vraagt of als er een centrale bijkomt in Utrecht de voorkeur van GroenLinks dan uitgaat naar een gascentrale of een biomassacentrale. Mevrouw Heijne (GroenLinks) stelt dat helder is dat misstanden aangepakt moeten worden. De certificering is er niet voor niets. Dat is een serieus keurmerk wat door GroenLinks als voorwaarde is gesteld. Als de keuze tussen biomassa en gas moet worden gemaakt is duidelijk dat GroenLinks van het gas af wil. Kennelijk willen andere partijen in de raad dat niet. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt of als blijkt dat het hout via een trucje toch een andere herkomst blijkt te hebben, de biomassacentrale dan uitgaat en de gascentrale wat harder aan of dat er dan gewoon doorgegaan wordt met de biomassacentrale. Mevrouw Heijne (GroenLinks) antwoordt dat misstanden aangepakt moeten worden en als blijkt dat er met de certificering gerommeld wordt, dat dan aangepakt moet worden. Met betrekking tot de kwaliteitsverklaring merkt spreker op dat GroenLinks een hoge ambitie heeft voor de gebouwde omgeving. Spreker sluit aan bij eerder gestelde vragen over wat er met de kwaliteitsverklaring gedaan kan worden. Daarnaast is het belangrijk dat huizen die gebouwd worden vanaf de start vol gelegd worden met zonnepanelen. Het college wordt gevraagd wat het kan doen in de gesprekken met de ontwikkelaars om ervoor te zorgen dat dat gebeurt.
De heer Schreuder (D66) geeft aan zich in grote lijnen te kunnen vinden in de inbreng van GroenLinks. Niemand in de raad is voorstander van biomassa maar het is nu de minst slechte oplossing. Het college heeft dan ook een goede visie neergelegd met de boodschap dat biomassa niet gewenst is, alleen bij hoge uitzondering en met hoge eisen. De rapportage hierover van het college ziet er goed uit en spreker is benieuwd naar de beantwoording van de technische vragen die erover gesteld zijn. Spreker is ook benieuwd naar de beantwoording van de wat technische vragen van de PvdD over het tweede deel.
30 Mevrouw Petersen (SP) geeft aan met betrekking tot biomassa redelijk op dezelfde lijn te zitten als de PvdD. Biomassacentrales zijn voor de SP ook onwenselijk en een motie tegen het verlenen van nieuwe vergunningen zal dan ook gesteund worden.
40
Mevrouw Zwinkels (CDA) geeft aan de lijn van de ChristenUnie te volgen dat dit vooral een landelijke discussie is. Er is laatst een advies vanuit de SER gekomen waarin wordt ingegaan op onder andere de misstanden en de hoogwaardiger toepassing van biomassa. Het CDA is van mening dat biomassa uitgefaseerd moet worden en dat alternatieven als geothermie en aquathermie ontwikkeld zouden moeten worden. Dat neemt niet weg dat deze alternatieven op dit moment nog beperkt zijn.
45
De heer Van Deún (PVV) stelt dat GroenLinks andere partijen vroeg naar hun standpunt over het van het gas af gaan. De PVV wil met name van het gas van Slochteren af en steunt het onderzoek naar alternatieven. Het alternatief van kernenergie op de lange termijn is niet het alternatief van GroenLinks. De PVV wil van het gas af, maar als dat niet kan zou het gas willen importeren.
35
50
55
Wethouder Van Hooijdonk stelt dat biomassa een duivels onderwerp is met allerlei ingewikkelde dilemma's. voor het college is het het minst favoriete alternatief voor aardgas. Het advies van de SER is een genuanceerd verhaal over hoe je naar biomassa kunt kijken. Wat het college betreft is een van de voordelen dat het ten opzichte van CO2 beter scoort dan fossiele brandstof. Dat levert 70% tot 80% winst op met betrekking tot CO2 en dat is ook de reden dat biomassa een rol krijgt. Het heeft ook nadelen op bijvoorbeeld het gebied van ecologie en hoogwaardige inzet van materialen. Voor de hoge temperaturen liggen de alternatieven niet voor het oprapen. Met betrekking tot de asfaltcentrale zou aardgas het alternatief zijn, of geen asfaltcentrale. Biomassa heeft een tijdelijke rol en hoe sneller er van af gestapt kan worden hoe beter. In de Tweede Kamer ligt een breed gesteunde motie om iets aan de subsidiëring te doen. Het college wil zo min mogelijk kleinschalige toepassingen omdat dat beperkt in de sturing op de kwaliteit.
Pagina 17 van 38
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
De gemeente heeft tegen de installatie bij de Kromhoutkazerne geprocedeerd, maar dit proces niet gewonnen. Dat geeft aan dat de gemeente beperkt aan zet is als het gaat over vergunningverlening. Student&Starter had een interessante observatie over hoe je tot alternatieven komt. Dat is ingewikkeld, bijvoorbeeld omdat de gemeente geen contractuele relatie heeft met Eneco. Wat dat betreft staat de gemeente dus op achterstand als het gaat om sturing. De huidige wetgeving geeft de gemeente niet veel instrumenten in handen om bij Eneco aan te dringen op snellere verduurzaming. De concept Warmtewet die bij de overheid in voorbereiding is biedt die mogelijkheid ook niet. Eneco en de gemeente werken aan geothermie en dit zou een goed alternatief voor biomassa kunnen zijn. Er zijn concrete contracten gesloten over rioolwarmte bij de rioolzuivering van het Waterschap. Daarnaast is Eneco bezig met buffering wat betekent dat er minder warmte nodig is waardoor de efficiëntie van het net toeneemt. Los van het warmtenet van Eneco is Utrecht bezig bij nieuwbouwontwikkelingen met bijvoorbeeld aquathermie. Bij de Merwedekanaalzone is een warmtesysteem voorzien van WKO met hulp van het Merwedekanaal. Er wordt dus gewerkt aan alternatieven maar deze liggen niet voor het oprapen. De geothermieprojecten zijn een worsteling.
De bestaande wetgeving en de bestaande financiële regelingen zijn soms nog niet geschikt voor nieuwe ontwikkelingen. Met betrekking tot vergunningverlening en de kwaliteitsverklaring wil de raad graag meer boven op de bal zitten en het college geeft dan steeds aan dat dat niet mogelijk is. Soms is het college geen bevoegd gezag en als het dat wel is mag alleen aan de wet getoetst worden. Er mag geen nieuwe wetgeving of regel verzonnen worden. De wethouder kan daarom ook niet toezeggen dat er geen vergunningen meer verleend worden. De wethouder zou de PvdD graag bedienen met betrekking tot het dierlijk materiaal al denkt ze dat dat helemaal niet aan de orde is maar geeft aan dat hier ook weer een toetsing aan de wet plaatsvindt. De heer Van Heuven (PvdD) stelt dat de wethouder heeft gezegd dat vergunningen niet geweigerd kunnen worden omdat er geen nieuwe regels verzonnen kunnen worden. Dat nodigt spreker uit om nog meer in de Nijmeegse casus te duiken. Spreker vraagt of de wethouder bereid is om actief uit te dragen dat nieuwe vergunningen niet welkom zijn. Wethouder Van Hooijdonk vraagt of de PvdD wil dat het college dat ook op aardgas en steenkool doet. De heer Van Heuven (PvdD) antwoordt dat hij dat zou wensen. Er zijn alternatieven Zo schijnen er voor asfalt technieken te zijn op een lage temperatuur waar geen biomassa, gas of kolen voor nodig zijn.
Zo zou er weer naar zonnethermie gekeken kunnen worden en dat is de lijn die de fractie graag van het college zou willen zien. Wethouder Van Hooijdonk geeft aan dat zover zij weet asfalt naar 800 graden moet en dat dat bijna niet op een andere manier te maken is. De wethouder deelt de droom van de PvdD met betrekking tot het terugdringen van CO2 maar vreest dat dit de gemeente in de staart zal gaan bijten. Dat is niet omdat de wethouder veel vergunningen verwacht. Het college verwacht niet dat de aanvragen storm gaan lopen en al helemaal niet als de Tweede Kamer de kraan dichtdraait. Er zijn echter activiteiten die in 2021 en in 2025 en 2030 misschien ook nog wel gebeuren die niet gemakkelijk van fossiele bronnen af te krijgen zijn als alle andere alternatieven ook uitgesloten worden. De ChristenUnie vroeg of de Omgevingswet extra mogelijkheden biedt. Dit moet nog beter uitgezocht worden maar het college is daar niet optimistisch over. De meeste wetgeving die hier over gaat komt niet zodanig in de Omgevingswet terecht dat er zaken gedelegeerd worden aan gemeenten. De verwachting is dat dit landelijke richtlijnen blijven. De wethouder zal hier later op terugkomen. Met betrekking tot de kwaliteitsverklaring is er in de loop der tijd wel wat veranderd. In het verleden was er echt iets loos. Er zat een gat tussen de prestaties en de verklaring en dat is nu niet het geval.
Er is gezegd dat de verklaring te zonnig zou zijn maar Eneco staat met de stadsverwarming in Utrecht op de 22e plaats van de 25 installaties in Nederland. Dat is vergeleken met andere systemen dus erg laag. De EPC-methodiek is veranderd, dit is nu de BENG geworden. In de BENG is de schil van het huis zo goed als vastgelegd. Op dit moment zou de casus uit 2015 dan ook veel minder effect hebben op de kwaliteit van het gebouw dan in die tijd. Daarnaast is het beleid van de gemeente veranderd. Er wordt nu geprobeerd om te voorkomen dat nieuwbouw op hoge temperatuur komt. Het sturen op lage temperatuuroplossingen betekent dat je een goede schil en een goede kwaliteit van het gebouw nodig hebt. Pagina 18 van 38
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
Ook wordt er gewerkt vanuit het energieprotocol wat het resultaat is geweest van de discussies in 2015 en 2016. In dat protocol wordt gestuurd op het zoveel mogelijk zelf oplossen van het energievraagstuk in een huis, gebouw of gebied. Er is dus wel wat gebeurd in de sturing en in de wettelijke context. De invloed, zo kwam ook uit het onderzoek van Zorn is hoeveel PV-panelen er op het dak liggen. Iedereen herkent het beeld van net opgeleverde nieuwbouw met slechts twee ‘schaampanelen’ op het dak, waar meer op had gekund maar dat de ontwikkelaar het dicht gerekend heeft. Dit zou echter niet via de omweg van de kwaliteitsverklaring verklaring geregeld moeten worden. De gemeente kan daar ook helemaal niet aan komen en er zou via de Rijksoverheid gelobbyd moeten worden voor betere regelgeving. Deze gesprekken lopen en de overheid heeft hier ook oren naar omdat iedereen vindt dat eerst de daken vol moeten liggen voordat er zonnevelden worden gerealiseerd. De kwaliteitsverklaring kan niet afgewezen worden. In Nieuwegein was er iets anders aan de hand. De heer Van Heuven (PvdD) vraagt of de wethouder nu zegt dat de kwaliteitsverklaring niet van toepassing is op hoe duurzaam een huis is. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt dat het om de schil van een huis gaat. De berekening bestaat uit verschillende componenten en de BENG-norm heeft standaard hoge waarden voor de schil.
Het type verwarmingssysteem heeft daar geen invloed op. Die regelgeving is ten opzichte van 2015 veranderd. Het heeft nog wel invloed op de panelen. De heer Van Heuven (PvdD) geeft aan dat bureau Zorn stelt dat het rendement dat Eneco aangeeft te hoog is en gevraagd wordt in hoeverre de wethouder het daar mee eens is. Wethouder Van Hooijdonk antwoordt het daar niet mee eens te zijn. Er zijn sinds de gesprekken in de raad in 2015 en 2016 intensievere afspraken gemaakt over hoe de kwaliteitsverklaring getoetst wordt en hoe de gemeente daar in meekijkt. Het college ziet geen aanleiding om aan de verklaring te twijfelen. Het college ziet dan ook geen aanleiding om een second opinion te doen. De heer Van Deún (PVV) stelt dat in de rapportage van Zorn te lezen is dat Eneco alleen de gegevens aanlevert en dat het kwaliteitsbureau alleen de berekeningen uitvoert. Vandaar de opmerking: ‘Wij van WC-eend vinden…’ De door Eneco aangeleverde cijfers worden niet gecontroleerd. Wethouder Van Hooijdonk licht toe dat Nieuwegein niet zozeer de kwaliteitsverklaring heeft afgewezen. Er is bij een ontwikkelaar die de kwaliteitsverklaring verkeerd, te zonnig, in de berekening had staan, deze berekening afgewezen. Dat leidde inderdaad tot kwalitatief minder goede gebouwen. In de zaak die hierover is aangespannen heeft Nieuwegein op dat punt gelijk gekregen.
Dit was dus niet een afwijzing van de kwaliteitsverklaring maar van de vergunningaanvraag en de berekening die onder de EPC lag. Het college is van mening dat de kwaliteitsverklaring niet afgewezen kan worden tenzij er gegronde redenen zijn. Het is juist dat het bureau dat extern toetst de verklaring maakt, maar Eneco levert de data aan. Dat zou ook moeilijk anders te organiseren zijn. Dit gebeurt bij heel veel toetsprocessen. Ze controleren niet de boterhammen maar maken wel de som van de berekeningen waarbij Eneco wel moet vertellen hoeveel boterhammen ze eten. De heer Van Deún (PVV) vraagt hoe de gegevens van Eneco gecontroleerd wordt als Eneco de gegevens aanlevert en het bureau alleen maar berekent. Wethouder Van Hooijdonk meent dat dit vergeleken kan worden met een accountant. Een accountant doet niet zelf de boekhouding maar controleert wel of een organisatie de processen en procedures op orde heeft en of de rekensommen kloppen. Het is bij toetsing niet mogelijk om de bedrijfsvoering over te nemen. Je ontkomt er niet aan om informatie te gebruiken van een bedrijf zelf. Wat het college betreft zijn de rapportages openbaar waar ze openbaar kunnen zijn. Het college heeft geprobeerd de raad te bedienen door een samenvatting te maken met links om door te klikken naar meer detailinformatie. De pdf-en kunnen ook onder de samenvatting worden gehangen.
De wethouder hoort het graag als de raad de volgende keer al deze documenten erbij zou willen ontvangen. Er is door de PvdD gevraagd of de bureaus onafhankelijk zijn. In principe zijn zij dat, zij zijn Eneco niet. Dit zijn vaak partijen als de RVO, een auditor of bureaus met een accreditatie. Misstanden zijn bij het college niet bekend. Er is natuurlijk een discussie over waar de bossen uit Estland voor benut worden. De Eneco-centrales maken geen gebruik van hout uit Estland. Er wordt gebruik gemaakt van afvalhout uit Nederland. In deze centrales kan ook niets anders Pagina 19 van 38
5
gebruikt worden waardoor er moeilijk mee valt te marchanderen. Dit materiaal past in bijna geen enkele andere centrale. In het geval van Eneco is de wethouder geneigd om te stellen dat er weinig ruimte is om het anders te doen dan afgesproken. De wethouder snapt de ambitie om bijvoorbeeld met betrekking tot luchtkwaliteit de lat hoger te leggen. Soms lukt dat vrijwillig, met betrekking tot luchtkwaliteit zijn bijvoorbeeld bij Eneco hogere normen gesteld dan wettelijk geregeld. Dit kan echter alleen als dit tweezijdig wordt afgesproken. De voorzitter deelt mee dat er één toezegging is gedaan.
10 Toezegging
15
Wethouder Van Hooijdonk zegt toe dat de raad in Q2 een toelichting ontvangt op de rol die de Omgevingswet wel of niet kan spelen op het vergroten van de lokale invloed op vergunningen op biomassacentrales. De voorzitter deelt mee dat dat dit punt waarschijnlijk terugkomt in de raad omdat er moties zijn aangekondigd.
20
25
De heer Van Heuven (PvdD) geeft aan dat hij twee moties had klaarstaan. De eerste was gericht op het weigeren van nieuwe vergunningen voor biomassacentrales. Hier zal nog een en ander voor uitgezocht moeten worden en de juiste toon voor moeten worden gezocht. Met betrekking tot de kwaliteitsverklaring heeft spreker nauw samengewerkt met de heer Zorn en anderen en wat vandaag besproken is zal hij met dit netwerk bespreken. Spreker zal hier op een gegeven moment in de raad op terug komen. De heer Te Hoonte (VVD) stelt voor om dit samen te laten lopen met de transitievisie Warmte. De voorzitter licht toe dat dit aan de PvdD is.
30
De voorzitter schorst de vergadering om 14.52 uur tot 15.15 uur.
6. Raadsvoorstel Toekomst parkeergarage Springweg 35
40
De voorzitter, de heer Wijmenga, heropent de vergadering om 16.41 uur. De garage Springweg is in gemeentelijk eigendom en de exploitatie is uitgegeven aan Klépierre tot in 2022. Het college stelt voor om de exploitatie opnieuw voor twee jaar in handen te geven aan Klépierre en daarna de exploitatie voor vier jaar in eigen beheer te nemen om in 2028 de parkeergarage te slopen. De raadscommissie heeft net een besloten debat gevoerd over dit onderwerp. Het debat wordt gevoerd in twee termijnen. De heer Weistra (GroenLinks) stelt dat er net in het geheim over dit onderwerp is gesproken en dat is afgesproken dat er niet over bedragen wordt gesproken in de openbaarheid. Dit ondanks dat exploitatieresultaten zwaar meewegen in de afwegingen van partijen om voor bepaalde varianten te kiezen. Het lijkt spreker goed om duidelijk te maken dat bepaalde zaken niet besproken kunnen worden op dit moment.
45
50
55
Mevrouw Schilderman (D66) stelt dat er nu een kans is om een impuls te geven aan de binnenstad, om meer ruimte te maken om te wandelen, of om op een bankje te zitten. Dit kan door geparkeerde auto’s en fietsen weg te halen aan de Oude Gracht en op termijn ook aan de Nieuwe Gracht. D66 ziet liever meer ruimte voor de bewoners van de stad dan alleen een verbetering van het stukje bij de Springweg. Er wordt veel gewandeld tegenwoordig en spreker meent dat het mooi zou zijn als de auto’s niet op de weg staan geparkeerd maar in een parkeergarage. De fractie kan zich daarom ook niet helemaal in het voorgestelde scenario vinden. Wat mist is bijvoorbeeld een invulling met fietsparkeren, er wordt al lang gezocht naar meer plek voor fietsparkeren en ook met name aan deze kant van de binnenstad. De Springweggarage is hier al vaker bij benoemd. De wethouder heeft ook toegezegd om dit uit te werken. Dankzij de vragen van D66 is er een extra scenario uitgewerkt waarin het fietsparkeren wel is toegevoegd. Pagina 20 van 38
5
De fractie zou nog een verdieping willen zien en wenst drie zaken mee te geven. Wat D66 hoeft de gemeente niet per se de exploitant te zijn, als de kaders maar duidelijk zijn. Daarnaast zou het goed zijn om te heroverwegen wat de gemeente wil met de Springweggarage. Er zou voor gekozen kunnen worden om een besluit over wel of niet slopen pas later te nemen, bijvoorbeeld in 2028. In de tussentijd zou dan gewerkt kunnen worden aan scenario waarin meer deelauto’s en meer fietsparkeren wordt toegevoegd. Dit zeker, wanner de gemeente het bezoekersparkeren laat afnemen en de focus meer wordt gelegd op het bewonersparkeren. De wethouder wordt gevraagd of hij naar aanleiding van dit debat de mogelijkheid ziet om nog andere scenario’s uit te werken en of hij bereid is deze zaken daarin mee te nemen.
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
Mevrouw Zwinkels (CDA) geeft aan dat D66 het CDA aan haar zijde vindt als het gaat om fietsparkeren in de binnenstad. Deze plek zou daarvoor uitkomst kunnen bieden en spreker vraagt hoe dat, ook financieel gezien, haalbaar wordt gemaakt. Op dit moment levert fietsparkeren niet veel op. Mevrouw Schilderman (D66) meent dat het in eerste instantie belangrijk om de garage niet op korte termijn te slopen. Daarnaast is het zo dat ook bij andere garages in de binnenstad hier op gesubsidieerd wordt. Spreker meent dat deze garage kostenefficiënter zou kunnen zijn dan andere garages. De heer Weistra (GroenLinks) vraagt of D66 het met GroenLinks eens is dat het slopen van de parkeergarage ertoe zou kunnen leiden dat er meer fietsen geplaatst zouden kunnen en dat het laten staan van de garage niet nodig is voor het fietsparkeren. Mevrouw Schilderman (D66) Geeft aan dat fietsparkeren niet in het voorstel staat. De garage is niet per se nodig maar D66 wil meer focus op bewonersparkeren in fietsparkeren en zolang de garage er staat is deze daar goed voor te gebruiken. De heer Weistra (GroenLinks) wenst deze vraag naar het college door te geleiden en is benieuwd of er ook scenario’s zijn waarbij de parkeergarage gesloopt wordt maar ook een oplossing komt voor het fietsparkeren.
Mevrouw Schilderman (D66) wil daar aan toevoegen dat een oplossing op korte termijn wenselijk is aangezien er al 6 jaar aan deze kant van de stad naar een oplossing voor fietsparkeren. Spreker vervolgt en memoreert dat twee jaar geleden ook is gesproken over een andere functie en de toekomst van de parkeergarage. D66 ziet mogelijkheden voor vergroening, cultuur en/of horeca en ander gebruik van het dak. De fractie meent dat bewoners en ondernemers hier in mee zouden kunnen willen gaan en dan is het belangrijk dat dit geen eindeloos project wordt. De fractie verwacht wel gemeentelijke regie en gevraagd wordt of het college hier mee aan de slag wil gaan en of het een mogelijkheid ziet om een uitnodiging naar de stad te doen waarbij de omgeving betrokken wordt. In gebruik geving tot aan 2034 zou hier een goede bijdrage aan kunnen leveren. Het voorstel maakt het lastig om hier politieke keuzes over te maken. Zo wordt er al deels geheim over het onderwerp gesproken maar er liggen ook punten in de financiële systematiek die het moeilijk maken om keuzes te maken. Parkeeropbrengsten van straatparkeren worden tot in de oneindigheid meegenomen in de begroting en de fractie vindt dat niet passend. Deze een maximaal aantal jaren in de begroting ingerekend worden zodat de politiek de keuze kan maken dit weg te halen. Ook in de scenario’s staat iets opmerkelijks.
Zolang de parkeergarage blijft staan moeten de fictieve gemiste erfpachtopbrengsten gedekt worden terwijl dit volgens de financiële systematiek niet hoeft als de garage gesloopt zou worden. Dat is niet uit te leggen. De erfpachtopbrengst is gemist of niet, dat hangt niet samen met het wel of niet slopen van de garage. Gevraagd wordt of het college bereid is om dit aan te passen zodat de raad betere keuzes kan maken. D66 ziet een scenario voor zich met functiemenging, fietsparkeren bewonersparkeren zodat het doel van het weghalen van de auto’s langs de grachten bereikt kan worden. Mevrouw Zwinkels (CDA) meent dat er wel een verschil is in de gederfde inkomsten omdat de kosten van het laten staan van de garage gecompenseerd moeten worden. Mevrouw Schilderman (D66) meent dat het prima is om kosten die gemaakt worden te verwerken. Nu is het zo dat ongeacht of er kosten zijn voor onderhoud gemiste erfpachtopbrengsten ingerekend moet worden. Spreker vindt het vreemd om een verschil te maken tussen het wel of niet blijven laten staan van de garage. De heer Weistra (GroenLinks) stelt dat de Springweggarage te bereiken is via de terrassen van de Mariaplaats en een deel van de Herenroute. De garage staat op 10 minuten loopafstand van het Centraal Station en 5 minuten van de deels lege parkeerplaatsen bij Hoog Catharijne en aan Pagina 21 van 38
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
het voetgangersgebied waar Utrecht snakt naar ruimte voor fietsers en voetgangers. Deze parkeergarage heeft wat GroenLinks betreft geen toekomst. Utrecht heeft gekozen voor fietser en voetganger en voor schone lucht en veilige straten. Wat GroenLinks betreft wordt met deze garage hetzelfde gedaan als met de gedempte singel; terugdraaien en de stad herstellen. Dit het liefst zo snel mogelijk en het voorstel biedt hier goede aanknopingspunten voor. De heer Bosch (PVV) vraagt of GroenLinks ook de bebouwing die er stond ook weer in de oude staat wil terugbrengen. De heer Weistra (GroenLinks) meent dat het wenselijk is dat de plek zo wordt ingericht dat het recht doet aan de plek. GroenLinks is niet blind voor de belangen van ondernemers. Hoewel uit onderzoek blijkt dat het gaat om een zeer selectieve groep ondernemers, moet er zorgvuldig met hun belangen omgegaan worden. De fractie heeft er dan ook begrip voor dat het college de garage nog een aantal jaren toegankelijk houdt voor bezoekers. Gevraagd wordt of het college bereid is om met deze ondernemers in gesprek te gaan om te kijken hoe zij zich tijdig kunnen voorbereiden op het moment dat de garage er niet meer is.
De fractie heeft lang gedacht dat de Springweggarage nodig was om het parkeren aan de grachten en op andere plekken in de binnenstad te verminderen maar het college heeft aangetoond dat er overcapaciteit is bij andere parkeergarages. Dat houdt inderdaad in dat het voor sommige mensen verder lopen zal zijn maar aangezien de garage nog enkele jaren blijft en het opheffen van straatparkeerplaatsen in dit gebied niet als eerste zal gebeuren wordt de kans klein geacht dat mensen deze afstand zullen moeten afleggen. Voor mensen die in de binnenstad komen wonen vindt de fractie het goed te verdedigen dat parkeren op afstand de norm is geworden in Utrecht. Gevraagd wordt of het college kan schetsen hoe zij zich dat in de tijd voor zich ziet. Mevrouw Schilderman (D66) geeft aan zich in een aantal punten van GroenLinks te kunnen vinden. Er moet echter ook geconstateerd worden dat er nog duizenden parkeervergunningen op straat in de binnenstad zijn. Ook al is er wel wat verloop, dit heeft wel een lange doorlooptijd. Het lijkt alsof GroenLinks zegt dat het zowel de parkeerplaatsen voor de deur als wel de garage weg wil halen. De heer Weistra (GroenLinks) stelt dat het over een periode van acht jaar gaat. Daarnaast is er voldoende capaciteit in parkeergarages.
Het is voor een aantal mensen inderdaad verder lopen maar omdat deze parkeerplaatsen niet al eerste zullen worden opgeheven kan natuurlijk verloop daar dus flink aan bijdragen. Mevrouw Schilderman (D66) stelt dat de parkeergarages in de buurt van het zuidelijke deel van de Oude Gracht en de Nieuwe Gracht juist de garages zijn met wachtlijsten. De heer Weistra (GroenLinks) meent dat er voorlopig op de Oude Gracht nog veel parkeerplaatsen zijn waardoor de afstand nog beloopbaar is. Na de periode van acht jaar meent spreker dat van mensen kan worden gevraagd om een langere afstand te lopen. Daarnaast is een parkeergarage alleen rendabel als parkeren voor bezoekers ook mogelijk is. Mevrouw Zwinkels (CDA) meent dat de partijen het over eens zijn dat ze meer fietsparkeren en functiemenging willen zien. Enerzijds zegt GroenLinks dat het de parkeergarage zo snel mogelijk weg wil hebben en anderzijds dat het toch wel fijn is dat de garage nog acht jaar blijft staan. De heer Weistra (GroenLinks) stelt dat GroenLinks de garage zo snel mogelijk weg wil hebben, rekening houdend met alle belangen die er in de stad zijn. Het voorstel is ten aanzien van de financiële belangen van de gemeente, het opheffen van straatparkeren en de belangen van ondernemers een verdedigbaar compromis.
Mevrouw Sasbrink (PvdD) stelt dat er al is gesproken over overcapaciteit en vraagt of voor GroenLinks ‘zo snel mogelijk’ echt pas over acht jaar is en of de belangen van de ondernemers voor GroenLinks blijkbaar zo zwaar wegen. De heer Weistra (GroenLinks) geeft aan niet alles te kunnen delen in verband met de vertrouwelijkheid maar dat deze zaken voor hem wel meewegen. Spreker zou de parkeergarage liever eerder zien verdwijnen. GroenLinks heeft eerder gepleit voor het opheffen van parkeerplaatsen aan de Oude Gracht en de Springweggarage kan daar de komende acht jaar een bijdrage aan leveren. Mevrouw Sturkenboom (Student&Starter) geeft aan dat Student&Starter er voorstander van is dat in de toekomst parkeren op afstand de norm is. Er wordt hier nu over gesproken alsof loopafstand alleen maar de bottleneck is en er wordt niet gesproken over het gebruik van de fiets en de 10-minutenstad. De wethouder wordt gevraagd of fietsafstanden hier ook in worden meegenomen. Pagina 22 van 38
5
10
15
20
25
30
35
40
De heer Weistra (GroenLinks) meent dat het pijnlijk is dat Utrecht voor de ontwikkeling zo afhankelijk is van een private partij en gevraagd wordt hoe dit in de toekomst voorkomen kan worden. De raad zou moeten gaan over wat er in de stad wordt gedaan. Spreker heeft gelezen dat er 37 woningen komen waarvan 12 sociale huurwoningen op het terrein van de oude drukkerij. Daarmee wordt niet voldaan aan de uitgangspunten van de Woonvisie. GroenLinks roept op om dit percentage flink te verhogen. Woningbouw op grond van de parkeergarage lijkt nog niet ingevuld en GroenLinks zou de kans van eigen grondbezit in de binnenstad maximaal willen aangrijpen voor het maatschappelijk nut. Gevraagd wordt of het college bereid is zich hier voor in te zetten en bijvoorbeeld te komen met een plan met alleen maar betaalbare woningen. De heer Bosch (PVV) geeft aan dat de PVV bij het opheffen van parkeerplaatsen altijd op haar hoede is en nu dus ook. De huidige parkeergarage is niet echt mooi en deze betonnen kolos in dat gebied is horror voor het oog. Wat dat betreft zou de fractie de ambitie om het gebouw te slopen kunnen volgen. Het zou dan wel leuk zijn om de historische elementen die aan de garage zijn geplakt in 1972 te laten terugkeren in de nieuwe bebouwing.
De fractie leest aan de andere kant ook dat de parkeergarage een belangrijke functie heeft, het college noemt de garage in de stukken nuttig in het huidige parkeersysteem maar niet noodzakelijk. Het sluiten van de garage heeft voor de ondernemers negatieve gevolgen. Het college zet dit weg als dat dit gaat over consumenten die wat meer te besteden hebben. Spreker meent dat het dan juist belangrijk is voor ondernemers en dat is ook terug te zien in de reactie van de ondernemers. Met betrekking tot het bewonersparkeren sluit de fractie aan bij D66 over de loopafstand en het straatparkeren. Het CMU heeft een kanttekening meegegeven. De getallen van Royal Haskoning zijn gebaseerd op een moment dat de bereikbaarheid niet goed was. De gegevens zijn gebaseerd op de gegevens van de website Openparking.nl waarbij door Royal Haskoning is gesteld dat de betrouwbaarheid van deze data niet kan worden gecontroleerd en dat er met voorzichtigheid geïnterpreteerd moet worden. gevraagd wordt waarom er niet meerder meetmomenten zijn geweest. Als de gemeente aangeeft dat een parkeervoorziening op deze plek nuttig is, zou het een optie kunnen zijn om bij de nieuwe bebouwing een ondergrondse parkeergarage te bouwen voor bewonersparkeren. Gevraagd wordt of het college hier achter zou kunnen staan.
De PVV zal haar definitieve mening over dit voorstel nog vormen en overweegt moties bij de behandeling in de raad. De heer Işik (PvdA) geeft aan dat de fractie veel kansen ziet bij de herontwikkeling van de Springweggarage. De PvdA zou op deze plek sociale huurwoningen gerealiseerd willen zien en de fractie wil dat dit scenario serieus wordt onderzocht. Dit bestaat uit wonen, culturele bedrijvigheid en een fietsenstalling. Spreker stelt dat wanneer de garage overgenomen wordt, deze geen onderhoudsgebreken mag kennen. Gevraagd wordt of de gemeente met betrekking tot de garage een asbestonderzoek heeft uitgevoerd. Spreker sluit aan bij de opmerkingen over extra groen. De fractie zou voor dit gebied eerst een integrale visie willen hebben zodat de ontwikkelingen daarop getoetst kunnen worden. het college wordt gevraagd toe te zeggen de volgorde integrale visie, bouwplannen toetsen en dan bestemmingsplan et cetera wordt aangehouden.
45
50
55
De heer Van der Graaf (ChristenUnie) stelt dat de afbouw van het aantal parkeerplaatsen in de binnenstad past in de ambitie van de ChristenUnie om de schaarse ruimte eerlijk te verdelen en meer ruimte te creëren voor ontmoeting, groen, voetgangers en fietsers. Het op termijn slopen van de Springweggarage past binnen deze ambitie. Het is goed om te lezen dat er in de andere garages voldoende ruimte is om de toekomstige reductie van parkeerplaatsen op te vangen. Mevrouw Schilderman (D66) is blij dat de ChristenUnie ook de ambitie heeft om meer ruimte te maken om te wandelen en te fietsen. Gevraagd wordt waarom de ChristenUnie zich richt op het op termijn slopen van de garage. Met dit bouwplan zal er een nieuw gebouw voor in de plaats komen en gevraagd wordt welke extra ruimte er dan voor wandelen en fietsen ontstaat. Er kan ook voor gekozen worden om de mensen die hun auto aan de grachten parkeren een parkeerplaats te bieden op redelijke afstand. De heer Bosch (PVV) vraagt of de ChristenUnie op deze plek een park aan zou willen leggen. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) meent dat groen in de stad welkom is en dat zou dan ook een onderdeel moeten zijn van de uitwerking van het plan. Pagina 23 van 38
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
Er is genoeg overcapaciteit rondom de binnenstad en spreker meent dat de discussie wat eendimensionaal is. Bij het opheffen van parkeerplekken wordt alleen gekeken naar andere parkeerplaatsen rondom de binnenstad in parkeergarages en er kan ook gedacht worden aan deelmobiliteit en het gebruik van de fiets. Mevrouw Schilderman (D66) is het met de ChristenUnie eens dat werken aan meer deelmobiliteit gewenst is maar stelt dat er ook een groot tekort is aan fietsparkeren. De garage zou omgevormd kunnen worden voor fietsparkeren. Gevraagd wordt waarom de ChristenUnie de garage wil slopen. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) sluit aan bij de vragen van D66 over hoe dit in het scenario is meegenomen. Spreker meent dat er meer plekken nodig zijn aan deze kant van de binnenstad maar weet niet of dat exact deze locatie moet zijn. De herontwikkeling van het gebied zou er toe kunnen leiden dat er fietsparkeerplekken op een goed vindbare plek komen. De wethouder wordt gevraagd om dit mee te nemen. De heer Weistra (GroenLinks) vraagt of de heer Van der Graaf het met hem eens is dat het in stand houden van een hele parkeergarage om fietsparkeerplekken te maken heel inefficiënt zou kunnen zijn omdat het gefinancierd moet worden om door veel bezoekersparkeren toe te staan.
De heer Van der Graaf (ChristenUnie) stelt dat voor de ChristenUnie belangrijker is dat als er fietsparkeerplekken worden gecreëerd, dit op de plekken moet worden gedaan waar ze iets toevoegen en waar ze ook vindbaar zijn. Dat is de uitdaging als je in deze garage fietsparkeren zou willen realiseren. Mevrouw Schilderman (D66) stelt dat er al zes jaar naar een geschikte plek wordt gezocht aan deze kant van de binnenstad. Deze locatie is nu in beeld en gevraagd wordt waar de ChristenUnie dan kansen ziet hiervoor. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) stelt dat de plek voor fietsparkeren goed vindbaar moet zijn. Mevrouw Sturkenboom (Student&Starter) vraagt of D66 en ChristenUnie kansen ziet om fietsen te parkeren precies op de plekken waar parkeerplaatsen worden opgeheven. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) geeft aan dat er eerder is gesproken over het opheffen van autoparkeerplekken en dat in de communicatie gelaten zien moet worden wat mensen daar voor terugkrijgen en hen daar ook over laten meebeslissen. Fietsparkeerplekken op autoparkeerplekken zijn dan zeer wenselijk. Mevrouw Schilderman (D66) meent dat het opheffen van parkeerplekken ruimte biedt voor fietsen maar stelt ook dat op dit stuk van de Oude Gracht naar veel functies wordt gezocht en vooral ook meer ruimte om te lopen. Het gebied is ook aan het vergrote voetgangersgebied toegevoegd.
Spreker vraagt zich daarom af op het de oplossing is om daar autoparkeerplaatsen te vervangen door fietsparkeerplaatsen. De heer Schipper (SP) valt de ChristenUnie bij omdat de Springweggarage inderdaad moeilijk vindbaar is. Recent moesten er fietsnietjes bij Karel V verplaatst waren en toen kwam dit ook ter sprake. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) dankt voor deze bijval en vervolgt zijn betoog. Het is de ambitie om de wegen richting de binnenstad veiliger en groener te maken. Om dit te kunnen doen moeten mensen verleid blijven worden om alternatieven te zoeken voor de auto om de binnenstad te bezoeken. Bezoekersparkeren binnen de singel zal daarom niet gefaciliteerd moeten blijven worden. Uit de cijfers blijkt dat tot de sloop een groot deel van de parkeergarage leeg staat. Wat de ChristenUnie betreft is dit een kans om tijdelijke bestemmingen te zoeken. Het college heeft opties onderzocht en de fractie betreurt het dat dit niet is gelukt. D66 heeft hier vragen over gesteld en daar sluit spreker zich bij aan. Wat nog niet is genoemd is de onderhandelingen over deelauto’s. Deelmobiliteit is wat de ChristenUnie betreft erg belangrijk in de transitie, juist ook voor de bewoners van de binnenstad. Gevraagd wordt of de wethouder bereid is dit te heroverwegen en deelmobiliteit deel uit te laten maken van de scenario’s of om in de directe nabijheid deelmobiliteit toe te voegen.
Naast het beschikbaar stellen van parkeerplaatsen doet de fractie ook de oproep creatiever na te denken over hoe de bewoners van de binnenstad verleid kunnen worden om gebruik te maken van deze alternatieven. Eind 2020 riep de raad met motie 47 op in het kader van de sloopregeling gebruikers korting op deelmobiliteit aan te bieden. Gevraagd wordt of een deel van de exploitatieopbrengst ingezet zou kunnen worden om te experimenteren met zo een regeling. Een aanbeveling uit de Economische Impactanalyse is dat de looproute van Utrecht Centraal naar de Mariaplaats verbeterd zou kunnen worden. Het verminderen van het aantal auto’s over de Marge Klompébrug biedt kansen om hier een aantrekkelijke straat van te maken en een betere verbinding te creëren tussen de binnenstad en het station voor voetgangers. Zo kan ook dit deel Pagina 24 van 38
5
van de binnenstad winkelend publiek extra aantrekken en zo ook zorgen voor een betere spreiding. Gevraagd wordt of de wethouder bereid is bij de uitwerking van de plannen met een voorstel te komen hierover te komen. Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt waarom het met betrekking tot deelmobiliteit opeens een opgave voor de gemeente is om hier korting op te geven. Spreker meent dat dit ook onderdeel van het exploitatieplan zou kunnen zijn. De heer Van der Graaf (ChristenUnie) meent dat de motie oproept om gesprekken met aanbieders te voeren en de oproep was meer om met de bewoners van de binnenstad hier helder over te communiceren en dit alternatief beter onder de aandacht te brengen.
10
15
20
25
30
35
40
Mevrouw Sasbrink (PvdD) stelt dat gevraagd wordt akkoord te gaan met sluiting in 2028. Dat duurt wat de fractie betreft veel te lang. De parkeergarage zou zo snel mogelijk gesloopt moeten worden omdat het leidt tot autoverkeer op een plek waar dat niet gewenst is, vieze lucht, lichtvervuiling, onveilige situaties en overlast. De heer Işik (PvdA) vraagt hoe de PvdD denkt over de financiële consequenties van eerder sluiten. Mevrouw Sasbrink (PvdD) meent dat sluiting in 2024 mogelijk zou moeten zijn. Als dat niet kan, dan is de wens dat het gebruik van deze garage minder gestimuleerd wordt door bijvoorbeeld de tarieven te verhogen, de routing op de borden naar de garage te verwijderen en op die manier de garage minder aantrekkelijk te maken. Als er minder auto’s naar de garage komen kan er per verdieping een andere bestemming aan gegeven worden. In het tweede beslispunt wordt gevraagd de opbrengst van de Springweggarage te koppelen aan het parkeervrij maken van de Oude Gracht. Dat lijkt een nobele besteding maar met dit beslispunt maakt de raad zich afhankelijk aan het gegeven dat de parkeergarage nog zeven jaar open gehouden moet worden en geëxploiteerd moet worden. De fractie is van mening dat de garage eerder dicht moet en dat de Oude Gracht en het Janskerkhof eerder autovrij moeten worden.
de wethouder wordt gevraagd of hij het er mee eens is dat dit een ongewenste prikkel is. De heer Weistra (GroenLinks) heeft begrip voor deze oproep en vraagt waar de PvdD de benodigde middelen dan vandaan wil halen. Mevrouw Sasbrink (PvdD) meent dat de koppeling niet per se gemaakt hoeft te worden. de PvdD wil betaald parkeren in de hele stad en dat levert binnen het mobiliteitsbudget meer inkomsten op om dit bijvoorbeeld te doen. Spreker meent ook dat het parkeervrij maken van de binnenstad een groter belang heeft waardoor daar bij de integrale begrotingsafweging een andere keuze in gemaakt zou kunnen worden. Er wordt nog gesproken over de visie Strosteeg maar spreker wil alvast wat punten meegeven aan het college. De fractie meent dat woningbouw op een schaal die past bij de omgeving en waar ook ruimte is voor sociale huur een goede toevoeging zou zijn. De PvdD gaat ervan uit dat er duurzaam gebouwd wordt en gevraagd wordt of delen van de huidige drukkerij zouden kunnen worden ingepast. Gevraagd wordt wat de wethouder kan toezeggen over klimaatneutraal bouwen volgens de dan geldende voorschriften die het verst strekkend zijn. De fractie vindt het belangrijk dat er bij herontwikkeling autowerende maatregelen komen en groen en biodiversiteit wordt toegevoegd.
Als de garage eerder wordt gesloopt kan er ook eerder meer groen en woonruimte worden toegevoegd en dat is urgenter dan auto’s naar de binnenstad lokken, welk belang daar dan ook bij gewogen wordt.
45
50
55
De heer De Pagter (VVD) stelt dat het voorstel het resultaat is van een onderhandeling met Klépierre. De VVD vindt het een slecht onderhandelingsresultaat. Het kwam voor de fractie als een konijn uit de hoge hoed. In het coalitieakkoord staat nog dat de garage nodig is om parkeerplaatsen op te heffen en blijkbaar denkt het college daar nu anders over. De VVD kan het voorstel om drie redenen niet steunen. De gemeenteraad regeert met dit voorstel over haar eigen graf heen. Als er wordt ingestemd, wordt nu al vastgelegd dat de garage in 2028 moet worden gesloopt. Er zijn nog twee gemeenteraadsverkiezingen voor die tijd. Het is aan de toekomstige raden om hier over te besluiten. De heer Weistra (GroenLinks) vraagt of de VVD van plan is om alle contracten en alles wat er afgesproken wordt, maximaal voor een jaar af te spreken tot aan de nieuwe gemeenteraadsverkiezingen. De heer De Pagter (VVD) stelt dat het om een privaatrechtelijke afspraak gaat dat de garage zal moeten worden gesloopt. Dat lijkt spreker een democratische beslissing voor de gemeenteraad die dan zit. Pagina 25 van 38
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
Spreker meent dat de garage nodig is om over te kunnen gaan tot het schrappen van parkeerplaatsen in het Wervengebied. Er is een groot tekort aan bewonersgarages in de binnenstad en zeker in de zuidelijke binnenstad. Daarom moet deze garage blijven voor bewoners. Ondernemers geven aan dat veel van hun klanten gebruik maken van de garage. Het economisch belang van de garage is dus groot. De VVD ziet veel meer in scenario A uit het raadsvoorstel, opnieuw langere tijd in erfpacht uitgeven. Dat heeft als voordelen dat de garage behouden blijft voor minstens 100 bewonersparkeerplaatsen, er kunnen honderden fietsparkeerplaatsen worden toegevoegd en de garage wordt gemoderniseerd. De VVD zal met een amendement komen hier over. De heer Weistra (GroenLinks) stelt dat de VVD er net voor pleitte geen afspraken te maken voor een situatie over acht jaar en nu wel een afspraak wil maken om de garage langdurig te behouden. De heer De Pagter (VVD) meent dat er iets anders aan de hand is. Er moet nu een beslissing genomen worden over de erfpacht en GroenLinks wil de beslissing nemen om in 2028 iets te gaan slopen. Spreker meent dat de gemeente beslist over de uitgifte van bewonersparkeerplaatsen in de garages van Klépierre en gevraagd wordt of het college kan garanderen dat deze plaatsen worden uitgegeven als daar vraag naar is.
Als het voorstel het toch haalt doet spreker de suggestie om als er nieuwbouw komt in de Strosteeg, het college een hogere parkeernorm kan hanteren dan de maximumnorm. Er komen dan meer plaatsen dan strikt noodzakelijk en deze plaatsen zouden aan de bewoners van de binnenstad verhuurd kunnen worden. Mevrouw Zwinkels (CDA) sluit aan bij D66 met betrekking tot het naar de parkeergarage toebrengen van de auto’s van de Oude Gracht maar er dient ook gekeken te worden of een transformatie kan plaatsvinden. Tijdelijke functies lijken niet mogelijk volgens de business case. Het college wordt gevraagd aan te geven hoe dit tot elkaar gebracht kan worden waarbij wordt gedacht aan onder andere horeca, fietsparkeren en deelmobiliteit. Ook wordt gevraagd of op korte termijn eindelijk de lichtvervuiling aangepakt wordt. Spreker vraagt met betrekking tot het Bouwplan Strosteeg of er elementen van de oude drukkerij behouden blijven, of er een menselijke maat wordt toegepast ten aanzien van de bouwhoogte en wanneer de raad meer informatie krijgt over de aanpassingen die de ontwikkelaar heeft aangekondigd. De heer Schipper (SP) stelt dat de Springweggarage het tastbare bewijs is van als je een nazi het verkeersplan voor de stad laat maken. Omwonenden hebben last van de garage en willen dat de garage weg gaat. Omdat de erfpacht afloopt leek dit een ABC-tje.
Echter, dan is er de vastgoedpositie van Klépierre en er moet met Klépierre nog een en ander geregeld worden in het Stationsgebied. De gemeente heeft al zoveel aan Klépierre weggeven. Het zou de SP wat waard zijn als scenario C zou kunnen. Er is behoefte aan betaalbare woningen maar uit de stukken blijkt dat je met betaalbare woningen in de knel komt. Dit zal waarschijnlijk betekenen dat de SP tandenknarsend akkoord gaat met dit voorstel. De hoop is wel dat er tegen die tijd dan een mooi plan ligt met een mix van wonen, fietsparkeren en het toevoegen van groen. Mevrouw Schilderman (D66) vraagt of de SP ook ambities heeft om parkeerplaatsen weg te halen op straatniveau, zoals bijvoorbeeld op de Oude Gracht en de Nieuwe Gracht en of de SP meent dat mensen binnen een bepaalde afstand bij een parkeergarage moeten kunnen zijn. De heer Schipper (SP) meent dat er bij de Bijenkorf een loopafstand van een kilometer werd gehanteerd en dat lijkt een aanvaardbare norm. Mevrouw Schilderman (D66) stelt dat het er dan aan ligt welke parkeerplaatsen je wilt opheffen omdat het alternatief van de garages van Hoog Catharijne in sommige gevallen meer dan een kilometer lopen is. Gevraagd wordt of de SP in dat geval de parkeerplaatsen op de Oude Gracht wil behouden. De heer Schipper (SP) geeft aan deze parkeerplaatsen het liefst weg te willen hebben.
Ook D66 houdt in alternatieve scenario’s rekening met het wegvallen van de Springweggarage. Mevrouw Schilderman (D66) stelt dat in de R-varianten herbouw een optie blijft in tegenstelling tot het scenario van het college. De heer Schipper (SP) meent dat de garage uit een achterhaald tijdperk stamt, dat er steeds meer mensen zonder auto in de binnenstad komen te wonen en dat er een goed alternatief voor de bewoners moet komen. Pagina 26 van 38
5
10
15
20
25
De heer Weistra (GroenLinks) valt de SP bij. Het betreft een periode van acht à tien jaar en bij dergelijke transities is het belangrijk om een stip aan de horizon te zetten. Dat is ook belangrijk om bewoners en ondernemers in dit proces mee te nemen. Mevrouw Sturkenboom (Student&Starter) stelt dat het jammer dat alleen in loopafstanden wordt gedacht terwijl er ook in fietstijd gedacht kan worden. De fractie is altijd voorstander geweest van een autoluwe stad met meer ruimte voor groen, wandelen en fietsen. De Springweggarage lijkt een ondersteunend middel daartoe. De wethouder wordt gevraagd of het tot 2028 duurt voordat het Janskerkhof autovrij is. Student&Starter is blij dat er nu een onderbouwing is dat dit gedaan kan worden. De andere garages hebben overcapaciteit en spreker vraagt waarom er niet meer wordt gestimuleerd dat daar wordt geparkeerd. Er zijn kansen als de Springweggarage wat langer behouden blijft op het gebied van cultuur, fietsparkeren en atelierplekken. Spreker is benieuwd hoe het scenario van D66 er uit zou gaan zien. Deelmobiliteit wordt in het plan gemist, een veranderende stad is ook veranderende mentaliteit, en de motie die bij de sloopregeling is ingediend wordt aangehaald. Spreker is benieuwd wat er in de gesprekken richting de ondernemers gaat gebeuren.
Gevraagd wordt of daarbij de regionale fietswegen en de stimulering van nieuwe abonnementstarieven en tarieven bij de P&R aan bod komen om klanten te stimuleren om op een andere manier naar de stad te reizen. Wethouder Diepeveen stelt dat D66 startte met liever het parkeervrij maken van de Oude Gracht dan alleen ruimtelijke verbetering van het stukje Springweg. Deze zaken hoeven niet tegenover elkaar gesteld te worden. Het voorstel van het college draagt op twee manieren bij. Enerzijds met de 250 parkeerplaatsen die ingaan vanaf het moment van het afsluiten van de vaststellingsovereenkomst. Klépierre is dan gehouden om deze 250 plekken te garanderen en de gemeente mag deze afnemen tegen de gangbare tarieven. Anderzijds met het tweede beslispunt in het raadsvoorstel waarbij het college met betrekking tot het exploitatieresultaat een koppeling voorstelt aan het parkeervrij maken van de Oude Gracht en het Janskerkhof. Spoedige besluitvorming van de raad kan er toe leiden dat het college bij de Voorjaarsnota al een voorstel zou kunnen doen.
30
35
40
45
50
55
Mevrouw Sasbrink (PvdD) vraagt of als nu al duidelijk is dat de gemeente vanaf 2024 aan de garage gaat verdienen er ook nu al begonnen kan worden met het parkeervrij maken. Wethouder Diepeveen licht toe dat geld wel helpt. Het aantal parkeerplaatsen is het probleem niet vanwege de overcapaciteit. Het probleem van het parkeervrij maken is financieel. Er wordt iets aan die financiële kant gedaan met wat de PvdD een ongewenste prikkel noemde. Het mooie van het voorstel is dat het stip aan de horizon geeft, het geeft tijd om er naar toe te werken, het geeft de gemeente tijd om een mooie visie op te stellen en het geeft een ruimtelijke impuls aan de plek. Tot nog toe was er te weinig geld om het parkeervrij maken te financieren. Het tempo dat gemaakt kan worden is ongeveer 50 plekken per jaar via natuurlijk verloop en vergunningen die worden ingeleverd bij mutaties. Het helpt wel als de gemeente wel de exploitant is, al is het voor een beperkte periode. Er is gevraagd andere scenario’s uit te werken. De gemeente heeft al een slag geslagen en er kan nagedacht worden over subvarianten. Een aantal partijen heeft gesproken over tijdelijk fietsparkeren. Fietsparkeren kan prima als opdracht meegegeven worden in een nieuw bouwplan.
De wethouder is het met de ChristenUnie eens dat je in een nieuw bouwplan met nieuwe routes en locaties waarschijnlijk beter uitkomt dan nu in de tijdelijkheid. In de binnenstad zijn de afstanden gering die met de fiets prima afgelegd kunnen worden. Wellicht kan er zonder grote verbouwingen en met in acht neming van de wenselijkheid van een gunstig exploitatieresultaat toch iets gedaan worden met de combinatie van fiets en auto. Het zou met betrekking tot bewonersparkeren kunnen helpen dat iemand op de fiets naar de Springweg komt en een aantal fietsklemmen kost niet heel veel. Er zou dus tot een maatoplossing gekomen kunnen worden die in de tussentijd behulpzaam is. De wethouder wil niet tornen aan het punt van 750 meter maar er kan wel gekeken worden hoe er zo gestuurd kan worden dat je er zo goed mogelijk mee uitkomt en er kan ook gemonitord worden of mensen naar een andere parkeergarage opschuiven. De wethouder deelt met GroenLinks dat de parkeerplaatsen aan de zuidelijke kant niet als eerste opgeheven zullen worden. De meerjarige afspraak om tot 2069 250 parkeerplaatsen voor bewoners kwijt te kunnen in Klépierre-garages in combinatie met een gunstig exploitatieresultaat zal naar de mening van de wethouder leiden tot versnelling en tot zekerheid op de lange termijn. Pagina 27 van 38
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
Mevrouw Schilderman (D66) stelt dat wethouder niet wil tornen aan de 750 meter en vraagt of er geen parkeerplaatsen aan de Oude en de Nieuwe gracht worden opgeheven mits er niet binnen 750 meter een garage beschikbaar is. Wethouder Diepeveen antwoordt dat in het voorstel is laten zien dat het kan in het tempo dat het college voor ogen heeft. Het is wel te verstandig om de praktijk de komende tijd te monitoren. Wel kunnen mensen met een interventie bewogen worden om een opschuiving te maken. Mevrouw Schilderman (D66) stelt dat iedereen de beweging van straat naar de parkeergarage wil maken. Het punt is dat de Springweggarage gesloopt gaat worden en dat de parkeergarages in de buurt allemaal wachtlijsten hebben. Gevraagd wordt welk perspectief de wethouder denkt te kunnen bieden. Wethouder Diepeveen antwoordt dat er een meerjarenafspraak ligt voor veel extra plekken. Daarnaast is de verwachting dat deze plekken tot opschuifbewegingen leidt. De gemeente gaat natuurlijk met ondernemers in gesprek waar mevrouw Sturkenboom nog wat goede tips gaf die zullen worden meegenomen. Er wordt vanavond over het Bouwplan Strosteeg besloten en de wethouder zal de oproep tot meer sociale huurwoningen tot zich nemen. Er wordt nog met de wijk over het woningbouwplan gesproken. Het college heeft het bouwplan toch ook opgenomen in de visie.
Dat is niet een waardevrije discussie omdat het college vanuit het huidige bestemmingsplan en de uitwerkingsplicht die daarop rust, gehouden is aan een bepaalde bandbreedte. Het college denkt dat het zinnig is om deze bandbreedte wat nauwer vast te klikken zodat het passend is in het totaal van de visie. De heer Weistra (GroenLinks) vindt dit wat vaag klinken. De oproep die is gedaan is of het college zich aan de visie gaat houden. Wethouder Diepeveen antwoordt deze oproep gehoord te hebben en stelt dat het college zich hierover zal verantwoorden. Er zijn oproepen gedaan voor de invulling na sloop zoals groen en fietsparkeren. De wethouder meent dat in dat stuk binnenstad een geweldig stuk stad gemaakt kan worden en stelt voor deze oproepen te omarmen. Het perspectief van het voorstel is dat er tijd is om hier de komende jaren over na te denken. Dat geldt ook voor de route via de Mariaplaats. Daar worden nu nog geen grote stappen in gezet maar het is een wenkend perspectief. Als je de aanrijdroute naar de garage niet meer nodig hebt, ontstaat ook daar een grote kwaliteitsverbetering met een grote uitstraling. Mevrouw Schilderman (D66) vraagt waarom, als het gaat om de algemene ervaring van de binnenstad, er niet ingezet wordt op een verdiepte parkeergarage met fietsparkeren en een park bovenop.
De heer Van der Graaf (ChristenUnie) meent dat dit kansen biedt om ook om het gebied heen iets te doen omdat er rijdende auto’s uit de binnenstad worden gehaald. Mevrouw Schilderman (D66) meent dat er veel plekken zijn waar je geen auto’s meer zou willen maar het is wel belangrijk dat mensen dit ook kunnen meemaken. Er zijn duizenden mensen met een vergunning in de binnenstad en gevraagd wordt of het niet verstandiger is om aan de slag te gaan met een transitie die iedereen mee kan maken, door op een redelijke afstand te kunnen parkeren. Mevrouw Sturkenboom (Student&Starter) stelt dat een verdiepte parkeergarage aantrekkelijk klinkt maar vaak is er een probleem met de ondergrondinfrastructuur waar te weinig over bekend is. De heer Işik (PvdA) stelt dat de locatie eigendom wordt van de gemeente en als er nu niet uitgesproken dat er maximale inzet komt op woningbouw dan heeft de fractie een probleem met het college. Spreker roept het college om de uitgangspunten van de Woonvisie voor de Springweglocatie toe te passen. Wethouder Diepeveen licht toe dat de Woonvisie het kompas is en dat daar op gevaren wordt. Juist in de binnenstad is het percentage betaalbaar wonen laag en het college is op zoek naar kansen. Dit is zo een kans. Vanuit de RSU is de gemeente op zoek naar meervoudig ruimtegebruik en naar intelligente manier van het ontwikkelen van stedelijke kwaliteit.
De wethouder kan zich voorstellen dat iedereen die naar de plek kijkt zich rekenschap geeft van wat daar was. Dan zal ook overwogen worden of elementen uit het verleden een plek gegeven kunnen worden. De heer Işik heeft terecht gewaarschuwd geen kat in de zak te kopen. Bij een dergelijke overdracht zal er een goed inspectie gedaan worden waarbij wordt gekeken naar de bouwkundige staat en verborgen gebreken. Er komt een integrale visie aan, de uitwerkingsplicht zal daar in worden opgenomen. Pagina 28 van 38
5
10
15
20
25
De herontwikkeling biedt mogelijkheden voor fietsparkeren en in de tijdelijkheid kan ervaring worden opgedaan omdat de Springweg een beetje verborgen ligt. De wethouder vindt het idee van deelauto’s interessant. De deelautobedrijven hebben aangegeven het te moeten hebben van zichtbaarheid. De ChristenUnie stelt voor om daar parkeerplekken voor in te richten. De wethouder wil dit punt doorspelen en hier op terugkomen. De PvdD vindt 2028 te ver weg. De wethouder is van mening dat dit juist het goede midden is met betrekking tot het voorbereiden van de stad, omwonenden en ondernemers. 2024 is financieel niet haalbaar. Er is gevraagd of als de gemeente de exploitatie op zich neemt er iets gedaan kan worden met betrekking tot het verhogen van de tarieven en de routing. Dat zou kunnen maar dat heeft gevolgen voor het exploitatieresultaat en daarmee het verbeteren van de kwaliteit van de Oude Gracht. De wethouder heeft de oproep voor klimaatneutraal en betaalbaar bouwen goed gehoord en hier zal in de visie op teruggekomen worden. De gemeente is er nog niet uit met betrekking tot een bewonersparkeergarage in de nieuwbouw. Het is denkbaar dat er van strenge parkeernormen zal worden uitgegaan of wellicht komt er een bouwplan waarbij parkeren niet apart georganiseerd hoeft te worden. De wethouder licht toe dat andere functies in de tussentijd mogelijk zijn.
Ook horeca is niet onmogelijk maar wel spannend op die plek. De wethouder benadrukt wel dat hoe meer de tijdelijkheid met leuke dingen wordt opgetuigd, des te minder je aan het oorspronkelijke doel toekomt. Richting de PvdD merkt de wethouder op dat het Janskerkhof niet in 2028 parkeervrij gemaakt wordt, hier kan qua ruimte en geld dit jaar al mee begonnen worden. De heer De Wit licht toe dat Klépierre de lichtvervuiling niet zal aanpakken. Wanneer de gemeente eigenaar is zal het dit kunnen onderzoeken en kijken wat mogelijk is. Er zijn in een bepaalde week op verschillende momenten verkeer gemeten bij de parkeergarage en dat is gecombineerd met de open data gegevens. Zo is een goede inschatting te maken. De rapportage is naar Klépierre gestuurd en de gegevens zijn niet weerlegd. De doorstroming in de week dat er gemeten is, was prima.
30 Wethouder Diepeveen meent dat er met betrekking tot het regie nemen met betrekking tot de tijdelijke invulling van het dak een onderscheid is tot 2024 en van 2024 tot 2028. Echter, dingen doen in de tijdelijkheid komen waarschijnlijk wel ten laste van het exploitatieresultaat. 35
De heer Işik (PvdA) geeft aan te hebben gevraagd naar het uitwerken van een scenario met culturele bedrijvigheid, wonen, fietsparkeren en eventueel bewonersparkeren en of renovatie in plaats van sloop onderzocht kan worden. Wethouder Diepeveen antwoordt dat dit nog niet is onderzocht en dat hij hier op terug zal komen.
40
Mevrouw Schilderman (D66) geeft aan antwoorden te hebben gemist op vragen over de financiële systematiek. Spreker heeft ook gevraagd een scenario op te stellen dat onafhankelijk is van de exploitant.
45
50
55
Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt duiding van de wethouder die enerzijds heeft gezegd tijdelijke functies te willen stimuleren en anderzijds dit niet te complex willen maken. Daarnaast wordt gevraagd of de gemeente iets aan de lichtvervuiling gaat doen. Wethouder Diepeveen begrijpt de vraag over de financiële systematiek. Deze systematiek is echter wel een gegeven; tijdens de exploitatietermijn aftrek van de canon en als er wordt gesloopt wordt er gedaan als of dat verdwijnt. De wethouder zal dit meenemen naar concernfinanciën. De wethouder weet niet of een scenario met een andere exploitant de gemeente dichter bij haar doel zal brengen. Het heroverwegen van 2028 lijkt niet verstandig omdat dat leidt tot onzekerheid. Met betrekking tot tijdelijke functies wenst de wethouder geen kerstboom op te tuigen. De wethouder voelt het meest voor het idee van fietsparkeren. Met betrekking tot lichtvervuiling merkt de wethouder op dat er een verschil is tussen de exploitatieperiode van Klépierre en die van de gemeente. Vanaf 2024 zou er wellicht iets gedaan kunnen worden om een betere omgevingskwaliteit te bereiken.