CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Beleidsnota Voetganger

Gemeenteraad 26 februari 2026, gemeente UtrechtBij agendapunt: Raadsvoorstel Beleidsnota Voetganger20.396 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

geen omleiding

geen omleiding

geen omleiding

Tijdelijk zebrapad (Eindhoven)

houden de stad toegankelijk voor voetgangers, ook als er ‣ We gewerkt wordt. Een tijdelijke looproute sluit zonder onderbrekingen

aan op bestaande loopruimte of -netwerken, met veilige oversteken en zo min mogelijk omloop-meters. Soms kunnen we niet anders dan voetgangers omleiden. Dan kijken we niet alleen naar de kortste route, maar vooral ook naar de veiligste, comfortabelste en meest logische route die ook voor gebruikers met een hulpmiddel toegankelijk is.

Picknickbanken op parkeerplek (Delft) foto: N. Sluijsmans

Beïnvloeding van loopstromen (Amsterdam) foto: Placemakers

geen omleiding

Placemaking tussen bouwblokken, voor en na (Barcelona) foto: Inhabitat 76

Beleidsnota Voetganger | 77 januari 2026

5

Zo gaan we het doen

De voetganger in de openbare ruimte De voetganger is een belangrijke gebruiker van de openbare ruimte. In die openbare ruimte krijgen veel functies een plek. Die kunnen elkaar versterken, of niet. We lopen met deze beleidsnota vooruit op het beleid dat we maken voor de hele openbare ruimte. De voetgangersruimte is daar onderdeel van. Totdat we beleid voor de hele openbare ruimte hebben, helpt deze beleidsnota Voetganger ons om de voetganger een betere plek te geven in alle ruimte die we nieuw maken of verbeteren. Hoe gebruiken we deze beleidsnota Met deze beleidsnota maken we concreet hoe we ruimte maken voor de voetganger. We beschrijven hoe goede voetgangersruimte eruit ziet, welke ontwerpuitgangspunten we hanteren én op welke manier we prioriteit geven aan netwerken voor lopen en vergroenen. Zo maken we ambities toepasbaar. Dit hebben we voor de voetganger niet eerder zo gedaan. We hebben niet de ruimte én het geld om de hele stad aan te pakken. Soms past de nieuwe kwaliteit voetgangersruimte niet, dan is een straat te smal. Of er is onvoldoende geld om de bestaande ruimte te verbeteren. Dan is maatwerk nodig. Hieronder beschrijven we hoe we werken aan nieuwe ontwikkelingen, herontwikkeling (en koppeling met Beheer & Onderhoud) en hoe we omgaan met de voetgangersruimte in de bestaande stad.

Werkwijze bij nieuwe gebiedsontwikkelingen Dit beleid is leidend voor alle nieuwe gebiedsontwikkelingen in de stad. Daar geven we de voetganger Met dit beleid voor de voetganger maken we bestaande ambities voor lopen concreet. De principes uit hoofdstuk 4 ‘Doelstellingen’ passen we toe bij alle nieuwe ontwikkelingen. Werkwijze bij herontwikkeling en Beheer & Onderhoud We maken met kleine projecten stapje voor stapje fijne looproutes in de wijken. We combineren het verbeteren van de voetgangersruimte zoveel mogelijk met werkzaamheden vanuit Beheer & Onderhoud (BOR) voor de vervangingsopgave. Met de budgetten vanuit Beheer & Onderhoud voor de vervangingsopgave is niet altijd geld voor een kwaliteitsimpuls van de voetgangersruimte. We kijken wat er binnen het project mogelijk is en benutten waar nodig budget vanuit het thema voetganger (zie hoofdstuk financiën) of financiering van derden om onze voetgangersambitie te realiseren. We zoeken ook naar de combinatie met projecten vanuit andere programma’s binnen mobiliteit, vanuit groen, spelen, sporten bewegen en het sociaal domein. Daar waar we aan het werk gaan, zijn de uitgangspunten uit hoofdstuk 4 ons vertrekpunt, bijvoorbeeld als we een straat opnieuw inrichten.

Als dat niet past of om een andere reden niet kan, gebruiken we een stappenplan (zie hieronder bij ‘werkwijze voor de bestaande stad’) om toch tot een goede kwaliteit voetgangersruimte te komen.

78

Beleidsnota Voetganger | 79 januari 2026

Stoepbreedtes in de bestaande stad In de bestaande stad is de ruimte soms beperkt, maar 65% van de Utrechtse stoepen is 2.20 meter of is breder. Bovendien is 28,2% van de stoepen tussen de 1.30 en 2.20 meter breed.

Stappenplan Als een vrije doorloopbreedte van 2.20 meter in de bestaande stad niet past met een stoep aan beide zijden van een straat, zijn er andere manieren om goede voetgangersruimte te maken.

Beide stoepen zijn te smal

Beide stoepen zijn te smal

Beide stoepen zijn te smal

<1.30

Dan doen we het als volgt:

<1.30

Beide

stoepen zijn Straat in bestaande stad met<1.30 smalle stoepen te smal

<1.3

? Optie om objecten of

functies uit de straat 1. We onderzoeken of een indeling zonder stoepen mogelijk is te halen of slim te combineren? ? We gaan na of het nodig is om iedere gebruiker of functie een eigen plek te geven: ruimte delen is vaak ook ruimte maken. Een gedeelde ruimte in een (woon)straat kan een goede <1.30 oplossing zijn om alle functies en gebruikers een plek te geven. We laten dan het principe ‘ieder een eigen ruimte’ los.

<1.30

??

?

?

?

<1.3

? ?

Oplossingen: erfinrichting of shared space waarin ‣ Een gebruikers de ruimte delen

<1.3

<1.30

<1.30? <1.30

<1.30

Overzicht van bestaande stoepbreedtes

Beide stoepen Straat met erfinrichting of als shared space minimaal 1.30m

<1.30

breed

Werkwijze voor de bestaande stad Goede voetgangersruimte maken én andere opgaven een plek geven in de bestaande stad vraagt om maatwerk. Vaak is dat puzzelen met de ruimte. Daarbij houden we de vier kwaliteiten voor de voetgangersruimte (zie pagina 35) als vertrekpunt: Voetgangersruimte moet voor iedereen toegankelijk zijn Naast elkaar lopen of elkaar passeren moet mogelijk zijn Voetgangersruimte loopt door Voetgangersruimte is uitnodigend en groen

‣ ‣ ‣ ‣

Iedere straat of plek is anders. We maken per straat of plek een afweging. Het vertrekpunt in de bestaande stad is in de basis gelijk aan dat voor nieuwe ontwikkelingen (zie basiskwaliteit, pagina 40): 2.20 meter vrije doorloopruimte als vertrekpunt 2.00 meter vrije doorloopruimte als groen in het gedrang komt 3.10 meter vrije doorloopruimte op drukke routes 1.30 meter vrije doorloopruimte bij een puntvernauwing 2.50 meter vrije doorloophoogte

‣ ‣ ‣ ‣ ‣ 80

gedeeld pad voor fietsers en ‣ Een voetgangers (bijvoorbeeld in een

parkachtige omgeving, niet geschikt op een drukke fietsroute)

1.30

Gedeeld pad voor fietsers en voetgangers gedeelde ruimte voor fietsers en ‣ Een auto’s (fietsstraat), waardoor er meer

ruimte is voor lopen en vergroenen (niet geschikt voor routes met veel autoverkeer, veel OV en vooral bij 30 km/u).

1.30 1.30

1.30

1.30

1.30 richting 2.20 m met evt vergroening

Gedeelde ruimte voor fietsers en auto’s Beleidsnota Voetganger | 81 januari 2026

1.30 1.30 richting 2.20 m met evt vergroening

1.30 richting 2.20 m met evt vergroening

Beide Beide stoepen zijn zijn stoepen te te smal smal

1.30 richting 2.20 m met evt vergroening

Beide stoepen zijn te smal

<1.30 <1.30

1.30

1.30

<1.30 <1.30

2. Als we toch (moeten) kiezen <1.30 voor een stoep, doen we dat <1.30 op deze manier:

‣

? ?

Stap 1: We bekijken of objecten en/of functies die op de stoep een plek hebben ook anders in de straat kunnen staan: bijvoorbeeld borden en fietsparkeren in de functiestrook waar we auto’s parkeren. Of met stoepparkeren voor auto’s: als er dan geen auto’s staan, is er een bredere stoep.

?

? ? ?

Optie Optie om om objecten objecten of of functies uit de de straat straat functies uit te halen te halen of of slim slim te te combineren? combineren? Optie om objecten of functies uit de straat te halen of slim te combineren?

4: Is er dan nog ruimte over, dan ‣ Stap kunnen we de andere stoep zo breed

? ? ?

? ?

maken als mogelijk (tot 2.20m) óf de ruimte die overblijft vergroenen. Deze straat krijgt dan een asymmetrisch profiel: hij is niet aan beide zijden gelijk.

?

1.30 <1.30 <1.30

2.20

1.30 richting 2.20 m en/of vergroenen

Als er nog ruimte over is, kan de andere stoep ook breder of groener worden

<1.30 Objecten en functies combineren of<1.30 verplaatsen

2: Als stoepen wel nodig zijn en er ‣ Stap geen ruimte is om functies naar een

andere plek te verplaatsen, dan is ons vertrekpunt aan beide zijden van de straat een stoep van 1.30 meter breed (vrije doorloopruimte). Dit is de minimale maat voor toegankelijkheid. We hanteren 1.30 meter (vrije doorloopruimte) bij aanleg en houden rekening met gebruik: een geparkeerde fiets aan een lantaarnpaal of een woekerende geveltuin. Zo zorgen we dat een gebruiker met een hulpmiddel er door kan.

1.30

<1.30 <1.30

1.30 richtin met evt ver

5: Is de oplossing een straat met ‣ Stap smalle stoepen langs beide gevels, dan Beide stoepen stoepen Beide minimaal minimaal 1.30m 1.30m breed breed Beide stoepen minimaal 1.30m breed

1.30 1.30

1.30 1.30

Minimale stoep met 1.30 meter vrije loopruimte 1.30 1.30

kunnen voetgangers ook gebruik maken van de rijbaan. Bijvoorbeeld als ze samen willen lopen. In veel woonstraten kan en gebeurt dat al: het aantal auto’s (en fietsers) is in deze straten meestal laag genoeg om dat te doen. Als we dit willen stimuleren vraagt dat om goede op- en afgangen van de stoepen, zodat ook mensen met een hulpmiddel of kinderwagen gemakkelijk op de rijbaan kunnen komen.

1.30

0.90

1.30

Goede op- en afgangen bij smalle stoepen

1.30

3: We onderzoeken of het mogelijk ‣ Stap is om in ieder geval één van de stoepen

breder te maken dan 1.30 meter (vrije doorloopruimte). We kiezen daarbij eerst voor de stoep die het beste in het voetgangersnetwerk en de looplijn past. Dat is bijvoorbeeld de stoep aan de zijde van de straat waar de meeste voorzieningen of entrees zitten. We bekijken hoe we de stoep zo breed mogelijk kunnen maken, met een breedte tussen de 1.30 meter en 2.20 meter (vrije doorloopruimte).

82

1.30 1.30 richting 2.20 m m richting 2.20 met evt evt vergroening vergroening met 1.30 richting 2.20 m met evt vergroening

1.30 1.30 1.30

Mogelijkheid om een stoep te verbreden aan één zijde

Beleidsnota Voetganger | 83 januari 2026

2.20

Van beleid naar uitvoering Op dit moment is het lastig om beleidsdoelstellingen voor voetgangersruimte en -netwerken goed te vertalen naar projecten. Het Handboek Openbare Ruimte (HOR) met ontwerprichtlijnen voor de openbare ruimte beschrijft alleen de minimale vereisten voor voetgangersruimte. De manier waarop we de richtlijnen voor voetgangersruimte hierin hebben uitgewerkt pas niet meer bij de rol die we lopen willen geven in onze groeiende stad (zie vastgesteld beleid, bijlage 1).

Beleidsnota Geluid en Trillingen

Agenda Utrecht voor iedereen toegankelijk (2019)

Handleiding Ontwerp Open sportparken (Provincie Utrecht, 2023)

gezondheid en maatschappelijke voorzieningen vastgelegd.

Utrechts Sportakkoord II ‘Samen sterker’ (2023)

Meerjaren Groenprogramma: Ruimte voor Groen 2020-2023

Ontwerpvisie Speelruimte Utrecht: Spelen in je eigen buurt (2022)

Wonen in Utrecht ‘Van woningmarkt naar volkshuisvesting’ (2025-2030)

Beleidsnota WMO: Samen leven, samen zorgen 2024-2034

Module Fietsparkeren Afwegingskader Verharding Hoofdfietsroutes

De ‘koers van de stad’ is per thema in verschillende beleidsnota’s uitgewerkt.

Uitvoeringsprogramma vervoersongelijkheid (2023)

De beleidsnota’s hebben verschillende ambites voor

Menselijke maat Welkom

Toegankelijk OV

voetganger en thema’s die er mee samenhagen

Uitnodigende openbare ruimte Fysieke en mentale gezondheid

Inclusief Lopen en fietsen centraal

Verkoeling

gezondheid en maatschappelijke voorzieningen

Deze Beleidsnota werkt de ‘Koers van de stad’ en het

Welkom

onderliggend beleid uit naar een samenhangend beeld voor de voetganger.

Prioritering

Projecten

Wijkuitwerking • In gesprek met de bewoners • Prioriteren van de routes (groene ommetjes) • Input voor omgevingsvisie

We maken de Beleidsnota

Concretisering

toepasbaar in twee sporen:

Richtlijnen & bouwstenen

Handboek Openbare Ruimte

prioritering en concretisering.

Reglementen

(bijv. terrassenreglement)

Richtlijnen

(bijv. plaatsingsleidraad laadinfra)

Verblijfskwaliteit

Vertraging en rust Biodiversiteit

Toegankelijk

Ontmoeting

Opheffen van barrières Sport en spelen

Afhankelijk van het type project Project A

Leefbare stad en maatschappelijke voorzieningen (2020)

Tactisch uitwerking

Visie Vervoer voor iedereen (2021)

Initiatiefvoorstel ‘Utrecht Onbeperkt Toegankelijk’ aan de gemeenteraad

Groene en blauwe verbindingen

Samen gezondheidsverschillen verkleinen 2024-2027

vastgelegd.

BELEIDSNOTA

Kadernota Kwaliteit Openbare Ruimte

Voetgangersnetwerk

visie tot 2040 voor ruimte,

Beleidsnota Sport en Bewegen (2025-2032)

Visie Water en Riolering Utrecht (2022)

Groene leefomgeving

Ruimtelijke Strategie Utrecht

#VoordeVoetganger

Schaalsprong groen en Actualisatie Groenstructuurplan 2017-2030 (2018)

visie tot 2040 voor ruimte,

KOERS VAN DE STAD

Leefbare stad en maatschappelijke voorzieningen (2020)

TOEPASBAAR MAKEN

Mobiliteitsplan 2040

Samen gezondheidsverschillen verkleinen 2024-2027

In de ‘Koers van de stad’ is de

Strategisch

REALISATIE

Stedenbouwvisie

Dit is wat we met de Beleidsnota Voetganger anders doen:

In de ‘Koers van de stad’ is de

KOERS VAN DE STAD Ruimtelijke Strategie Utrecht

Met dit beleid voor de voetganger maken we bestaande ambities voor lopen concreet. We beschrijven hoe we ruimte maken voor de voetganger: hoe goede voetgangersruimte eruit ziet, hoe we uitgangspunten toepasbaar maken in de stad én op welke manier we prioriteit geven aan netwerken voor lopen en vergroenen. Dit hebben we niet eerder zo gedaan.

Project B

Project C

Project D

Project [..]

Met voorgaande stappen

Nieuwe ontwikkeling

Gebiedsontwikkeling

Bewonersinitiativen

Projecten groot onderhoud

Herinrichting

realiseren we de ambitie voor de voetganger in de projecten.

[...]

worden de ambities voor voetganger in meer of mindere mate gerealiseerd

84

Beleidsnota Voetganger | 85 januari 2026

Concretisering: We ontwikkelen ontwerpprincipes en bouwstenen voor het maken van prettige loopruimte ࡟

࡟ ࡟ ࡟

In deze beleidsnota presenteren we op hoofdlijnen duidelijke, uitlegbare uitgangspunten voor voetgangersruimte. Die werken we in detail uit in ontwerpprincipes, bouwstenen en technische eisen en maken deze onderdeel van het Handboek Openbare Ruimte (HOR). Ontwerpers gebruiken het HOR voor het maken van openbare ruimte. Het document ‘Voetpaden voor iedereen’ nemen we integraal op als technische eisen voor het onderdeel ‘toegankelijkheid’. Bij het formuleren van inrichtingsprincipes hebben we aandacht voor ontwerp, maar ook voor beheer en onderhoud (en de kosten daarvan) van de voorgestelde oplossingen. Met ontwerpers en beheerders van de openbare ruimte komen we met haalbare profielen (boven- en ondergrond) waar de uitgangspunten voor voetgangersruimte deel van uitmaken. Opgave is om na vaststelling van deze beleidsnota de principes voor vrije doorloopruimte en -hoogte in lijn te brengen met regels voor oa. terrassen, uitstallingen, laadpalen en andere objecten. Doel is om daarmee alle regels voor vrije doorloopruimte ter hoogte van een object of functie eenduidig en beter uitlegbaar te maken.

Prioritering: We werken voetgangersnetwerken (Groene Ommetjes) uit voor iedere wijk ࡟

࡟

࡟ ࡟ ࡟ ࡟ ࡟

We werken voor iedere wijk (ook voor werklocaties/bedrijventerreinen) de loopnetwerken van Groene Ommetjes uit, Stedelijke Verbindingen zijn daar onderdeel van. Met deze wijkuitwerking laten we zien op welke plekken we groen en loopruimte voorop stellen. Alle wijkuitwerkingen samen bundelen we tot het stedelijk voetgangersnetwerk, dat alle wijken met elkaar en de stad met het buitengebied verbindt. Voor de historische binnenstad, het stationsgebied, Leidsche Rijn Centrum, Utrecht Science Park en toekomstige A-zones werken we een netwerk van hoofdlooproutes uit. Dat zijn de belangrijkste voetgangersroutes naar en binnen deze gebieden. Deze hoofdlooproutes sluiten aan op de Groene Ommetjes van omliggende wijken. We betrekken per wijk een aantal bewoners (en/of ondernemers/belangenorganisaties) bij het uitwerken van dit netwerk van Groene Ommetjes, want zij kennen hun wijk lopend het beste. We brengen in beeld waar de voetgangersruimte beter kan of moet. We benoemen (kleine) knelpunten in het voetgangersnetwerk in de wijken en geven aan welke knelpunten we met beschikbaar budget kunnen oplossen. We realiseren stapje voor stapje fijne looproutes in de wijken met kleine projecten vanuit mobiliteit, groen, sporten spelen bewegen en het sociaal domein. Waar mogelijk koppelen we die projecten aan grotere (onderhouds)projecten vanuit Beheer & Onderhoud (BOR).

We hebben met de uitwerking van Groene Ommetjes een duidelijk kader om bewonersinitiatieven, meldingen en wensen van inwoners aan te toetsen en waar mogelijk te realiseren. We verbinden nieuwe stukken stad (gebiedsontwikkelingen) met de bestaande stad: nieuwe ontwikkelingen sluiten aan op voetgangersnetwerken (Groene Ommetjes) in de bestaande stad.

Vanuit het principe ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’ beginnen we met de wijkuitwerking in wijken waar de sociale en gezondheidsopgaven het grootst zijn. Voor wijken met een Omgevingsvisie is de Omgevingsvisie het vertrekpunt. Deze beleidsnota als tussenstap naar een nieuwe, integrale nota voor de openbare ruimte De beleidsnota Voetganger is een vertaling van de ambitie ‘Gezond stedelijk leven voor iedereen’ en de ambities uit de Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040 (RSU). De beleidsnota is, na vaststelling een onderdeel van de Omgevingsvisie Utrecht. In onze stad is de ruimte schaars en moeten we keuzes maken tussen functies die we de ruimte geven, zoals fietsparkeren, groen, spelen, de voetganger, de auto en de fiets. Bij elke nieuwe (her)inrichting maken we steeds weer een afweging tussen belangen. Nu we deze beleidsnota hebben, kunnen we de belangen van de voetganger meewegen. Om goede afwegingen te maken tussen functies hebben we integraal beleid voor de openbare ruimte nodig (een beleidsnota openbare ruimte voor de hele stad). Daarmee voorkomen we dat we steeds op projectniveau de weging moeten doen. Dat scheelt uiteindelijk veel tijd en dus geld. De huidige Kadernota Kwaliteit Openbare Ruimte voldoet niet meer en verdient een actualisatie. Om voor de voetganger nu al stappen te kunnen zetten, publiceren we deze beleidsnota Voetganger.

Het is de bedoeling om deze straks op te laten gaan in het nieuwe beleid voor de openbare ruimte. Straks is het aan een nieuw college en een nieuwe Raad om hierover te besluiten. 86

Beleidsnota Voetganger | 87 januari 2026

Deel C

88

Sturing en verantwoording

Beleidsnota Voetganger | 89 januari 2026

1

Indicatoren

Doelstelling

Effect-indicator

0-meting

Vervolgmeting 1

Vervolgmeting 2

Doelstelling 1 Een nieuwe kwaliteit voetgangersruimte voor alle nieuwe openbare ruimte die we maken of herinrichten

% verplaatsingen binnen, van en naar de gemeente Utrecht dat lopend wordt gedaan. (op basis van data uit het ODiNonderzoek (verplaatsingsonderzoek)).

13% (2018)

21% (2026 en verder) Streefwaarde al vastgesteld, niet afhankelijk van budget.

21% (2028 en verder) Streefwaarde al vastgesteld, niet afhankelijk van budget.

Ja

% verplaatsingen binnen de gemeente Utrecht dat lopend wordt gedaan. (op basis van data uit het ODiN-onderzoek (verplaatsingsonderzoek)).

33% (2023)

>33% (2026) Streefwaarde niet afhankelijk van budget.

>33% (2030) Streefwaarde niet afhankelijk van budget.

Nee

We brengen jaarlijks het aantal uitwerkingen van groene ommetjes (aantal wijken) in beeld.

2025: geen plannen opgesteld.

2026: tenminste 6 wijken hebben een uitwerking van groene ommetjes.

2027: alle wijken hebben een uitwerking van groene ommetjes.

Nee

We brengen in beeld hoeveel knelpunten we oplossen en het aantal (kleine) aanpassingen of herinrichtingen waarmee we stap voor stap bouwen aan het voetgangersnetwerk.

2025: op dit mo-ment meten we dit niet.

Geen streefwaarde, afhankelijk van beschikbare budget voor realisatie.

Geen streefwaarde, afhankelijk van beschikbare budget voor realisatie.

Nee

We meten via de Inwonersenquête (eens per 2 jaar) de tevredenheid van inwoners over de looproute naar de supermarkt in de buurt.

2025: we meten dit voor het eerst in 2025 via een nieuwe vraag in de inwoners enquête (cijfers bekend in Q1 2026).

Streefwaarde 2027 volgt als 0-meting bekend is.

Streefwaarde 2029 volgt als 0-meting bekend is.

Nee

We meten via de Inwonersenquête (eens per 2 jaar) hoe vaak inwoners in hun buurt last hebben van obstakels op de stoep.

2023: 26%

Streefwaarde 2026: 25% afhankelijk van beschikbare budget voor realisatie.

Streefwaarde 2030: 23% afhankelijk van beschikbare budget voor realisatie

Nee

We meten via de Gezondheidsmonitor (eens per 2 jaar) het aandeel van alle volwassenen tussen de 18 en 64 jaar dat minimaal 1 dag per week naar werk of school loopt.

23% (2022)

23% (2026) Streefwaarde afhankelijk van beschikbare budget voor realisatie van (stimulerings) projecten

25% (2030) Streefwaarde afhankelijk van beschikbare budget voor realisatie van (stimulerings) projecten

Nee

Doelstelling 2 Voetgangersnetwerken in de wijken, door de stad en naar buiten verbeteren

Doelstelling 3 Voorzieningen zijn lopend goed bereikbaar. Op een bestemming aangekomen voelen voetgangers zich welkom en geleid.

Doelstelling 4 Lopen vanuit de voordeur is voor iedereen vanzelfsprekend(er). Voor het verplaatsen van A naar B of het maken van een ommetje

Begroting ja/nee

Aanvullend op deze indicatoren die we de komende jaren structureel volgen en rapporteren, meten we incidenteel de waardering van mensen voor lopen, de loopruimte of een route in Utrecht en het gedrag van mensen (kwalitatief), bijvoorbeeld voor en na een herinrichting.

90

Beleidsnota Voetganger | 91 januari 2026

2

Risico’s

Risico-omschrijving

Toelichting

Maatregelen

Doordat de budgetten bij beheer en onderhoud voor vervangingsopgaven grote veranderingen vaak niet toelaten en de doorlooptijden voor projecten beperkt zijn bestaat de kans dat we de ruimte voor de voetganger niet verbeteren bij een herinrichting. Op plekken zakt de kwaliteit van de voetgangersruimte onder de ondergrens. Daarmee geven we geen invulling aan ambities uit onder andere de Ruimtelijke Strategie Utrecht (RSU) en het Mobiliteitsplan.

Kans van optreden is groot, zeker met beperkte (eigen) middelen om een bijdrage te doen vanuit het thema ‘voetganger’.

•

•

•

•

Bij groot onderhoud aan een kruising of een straat wordt – onder druk van tijd en geld – het profiel dat er lag teruggelegd. Hierdoor wordt de situatie voor de voetganger niet verbeterd. Daarmee laten we kansen liggen om het voor de voetganger op plekken beter te doen voor hetzelfde geld of met beperkte extra middelen.

Kans van optreden is groot. Door beperkte middelen en capaciteit moeten we keuzes maken en kunnen niet overal bijdragen aan (en adviseren over) het vormgeven van de voetgangersruimte. Daarmee worden ook kleine verbetermaatregelen of optimalisaties die geen volledige herinrichting vragen niet gerealiseerd.

•

•

•

•

•

92

We proberen in tijden van bezuinigingen zoveel mogelijk externe financieringsmogelijkheden te benutten voor het realiseren en mede-financieren van projecten. Waar nodig en mogelijk benutten budget vanuit mobiliteit (voetganger / werk-metwerk) om extra kosten te dekken als een oplossing niet past binnen de scope (geld en ruimte) van beheer en onderhoud. We benadrukken dat het maken van voetgangersruimte en zeker overstesteken goed mogelijk is en niet duurder hoeft te zijn. We laten zien welke mogelijkheden er zijn en nemen (de collega’s van) beheer hierin mee. We reiken ontwerpprincipes, bouwstenen en voorbeelden aan voor het vormgeven van goede voetgangersruimte. We zorgen voor een (nog) betere en vroegtijdige afstemming tussen de vervangingsopgave en de ambities vanuit voetganger en groen. We ontwerpen nog kostenbewuster. Voorbeeld daarvan is het intact laten van de structuur van de straat, zoals putten en de rijweg, bij een herinrichting. Met het budget voor de voetgangersaanpak kunnen we vanuit het voetgangersbudget als dat nodig is een bijdrage doen aan extra ontwerp-, participatie- of realisatiekosten. We reiken oplossingen aan en laten zien dat je de voetgangersruimte met kleine verbetermaatregelen beter toegankelijk of aantrekkelijker kunt maken.

Denk aan het plaatsen van fietsenrekken op parkeerplaatsen in plaats van op de stoep, het verplaatsen van een paal of bord, het recht leggen van tegels, het verbeteren van een oversteek of het vergroten van een groenvak of boomspiegel. We benadrukken dat het maken van voetgangersruimte in combinatie met groen niet duurder hoeft te zijn dan profielen die we gewend zijn te maken.

Beleidsnota Voetganger | 93 januari 2026

Risico-omschrijving

Toelichting

Maatregelen

Risico-omschrijving

Toelichting

Maatregelen

In de bestaande stad is de ruimte op sommige plekken schaars en het aantal functies dat een plek moet vraagt in de openbare ruimte groot. De gewenste maat vrije doorloopruimte (zie basiskwaliteit) past hier niet.

Kans van optreden is groot. Op een plekken in de bestaande stad past het niet als we alle functies naast elkaar een plek willen geven. Dat raagt om het maken van keuzes en maatwerkoplossingen voor het toegankelijk (en aantrekkelijk) maken van de voetgangersruimte.

•

Projecten houden op bij de grens van het project, waardoor voetgangersruimte niet of slecht aansluit op (routes in) de omgeving.

Kans van optreden is groot. De taakstelling of opdracht, inclusief bijbehorend budget, beperkt zich doorgaans tot het project of specifieke ontwikkeling.

•

•

•

Opgaven worden gezien als elkaars concurrent in de beperkt beschikbare ruimte. Het lukt niet om de handen ineen te slaan en opgaven die elkaar versterken te combineren.

Kans van optreden is groot. Kansen voor het combineren van opgaven (en budgetten) worden gemist omdat er vaak één dominante opgave is.

Ruimte voor de voetganger wordt gezien als ‘extra’ en een ‘luxe’, in plaats van als een manier om ruimte te maken in de stad en opgaven te combineren.

Doordat er geen duidelijkheid is over prioriteit voor de voetganger en huidige maatvoering elkaar nu tegenspreekt bestaat de kans dat er willekeur ontstaat in het toepassen van maten voor vrije doorloopruimte. De nieuwe kwaliteit voetgangersruimte komt niet overeen met de regels voor terrassen, uitstallingen, laadinfrastructuur enzovoort.

•

•

•

Kans van optreden is groot. Dit is op verschillende plekken in de stad al zichtbaar. Er is behoefte aan duidelijkheid over de vrije doorloopruimte en de relatie tot de gevelzone, functiestrook en objecten of activiteiten in de openbare ruimte. Ook is duidelijkheid nodig over waar welke functie of gebruik prioriteit heeft.

• •

•

94

In deze beleidsnota (en de doorvertaling in het Handboek Openbare Ruimte) bieden we ontwerpoplossingen voor nieuwe gebiedsontwikkelingen én de bestaande stad. In hoofdstuk 5 beschrijven we hoe we tot goede oplossingen voor toegankelijke en aantrekkelijke voetgangersruimte komen als de ruimte beperkt is. In bijlage 3 tonen we manieren om (ook op een laagdrempelige manier) aantrekkelijkere loopruimte te maken in de bestaande stad. Projectgewijs adviseren we over de mogelijkheden als de ruimte beperkt is. We benadrukken dat ruimte voor de voetganger ook anders vormgegeven kan worden dan met een stoep. Denk aan: erfinrichting, gedeelde ruimte, asymmetrisch profiel. Met deze nota presenteren we het vertrekpunt vanuit het perspectief van de voetganger. Daarmee kan een integrale afweging gemaakt worden. Kleine aanpassingen maken al een groot verschil, denk aan: objecten niet in de vrije doorloopruimte, geleidelijnen en oversteken die logisch in de looplijn liggen.

• •

Prioriteit voor de voetganger bij oversteken en op kruisingen komt niet van de grond. Het vormgeven van oversteken vanuit de voetganger vraagt lef en durf van ontwerpers want we zijn gewend om juist sneller verkeer voorrang te geven. Het is veilig om vast te houden aan het bestaande, maar daarmee zetten we niet de verandering in gang die nodig is om te bouwen aan een voetgangersstad.

Kans van optreden is groot. Het goed toegankelijk en vanuit voetgangersperspectief inrichten van oversteken is al steeds vaker het vertrekpunt.

•

•

•

We plaatsen een project binnen het voetgangersnetwerk. Daarvoor werken we voor iedere wijk een netwerk van Groene Ommetjes uit. We maken het aansluiten van projecten en ontwikkelingen op de omgeving onderdeel van de opgave/opdracht We adviseren vanuit het team Voetganger bij gebiedsontwikkelingen en andere ruimtelijke projecten. We maken duidelijk aan ontwerpers waar voetgangers prioriteit hebben met de wijknetwerken van Groene Ommetjes. Prioriteit voor voetgangers geldt op een Groen Ommetje ook voor de oversteekbaarheid. We werken goede, direct toepasbare voorbeelden van voetgangersoversteken met prioriteit voor de voetganger uit in het Handboek Openbare Ruimte (HOR).. We benadrukken hoe die toegepast kunnen worden en brengen oplossingen actief onder de aandacht van ontwerpers/in projecten. We maken in de eerste jaren ten minste twee uitstekende voorbeelden om de toon te zetten voor de rest van de stad.

We wijzigingen de maatvoering voor vrije doorloopruimte in het Handboek Openbare Ruimte. De nieuwe maten voor vrije doorloopruimte zijn het vertrekpunt voor het in lijn brengen van regels voor terrassen, uitstallingen, geveltuinen en objecten in de openbare ruimte. We maken duidelijk waar uitzonderingen mogelijk zijn, want in de bestaande stad kan niet alles of zijn standaardoplossingen niet wenselijk. We maken duidelijk waar voetgangers prioriteit hebben met de netwerken van Groene Ommetjes (wijken) en Hoofdlooproutes (A-zones) en waar niet.

Beleidsnota Voetganger | 95 januari 2026

3

Financiën

Het financiële overzicht laat zien welke bedragen per jaar nodig zijn om een start te maken met de voetgangersaanpak, gebaseerd op de doelstellingen zoals benoemd in hoofdstuk B4. Budget voor de voetgangersaanpak is afkomstig uit het programma ‘Duurzame Bereikbaarheid’ in de begroting. Voor een gezonde groei van de stad is het nodig om de mobiliteit anders te organiseren. De stad moet aantrekkelijk en bereikbaar zijn voor iedereen. Doelstelling die daarbij hoort is: Een toename van het aandeel duurzame, gezonde en ruimte efficiënte vervoersmiddelen. Hier geven we met deze voetgangersaanpak invulling aan. De middelen zijn de komende jaren beperkt. We leggen een basis om op zoveel mogelijk plekken de kwaliteit voor de voetganger te verbeteren met het uitwerken van netwerken en het aanpassen en uitwerken van de kwaliteit voor voetgangersruimte in het Handboek Openbare Ruimte (HOR). Met eigen middelen doen we wat nodig is: met het beschikbare budget kunnen we een beperkt aantal verbeteringen doorvoeren. We benutten zoveel mogelijk kansen om het verbeteren van de voetgangersruimte te koppelen aan projecten vanuit Beheer & Onderhoud. Het aanpakken van de voetgangersruimte is niet automatisch onderdeel van de (vervangings)projecten vanuit Beheer & Onderhoud. We kijken wat mee kan in de werkzaamheden en zetten waar nodig middelen voor de voetganger (zie onderstaande budgetten) in.

Door de integrale werkwijze benutten we bovendien ook initiatieven en budgetten van andere gemeentelijke programma’s en onderhoudsbudgetten vanuit beheer. We organiseren waar mogelijk extra realisatiebudget door bijdragen van derden, zoals subsidies vanuit de provincie Utrecht, de Rijksoverheid of de Europese Unie

96

Beleidsnota Voetganger | 97 januari 2026

2025

2026

2027

2028

2029

structureel jaarbedrag

372

372

372

372

372

372

Uitwerken wijknetwerken Groene Ommetjes incl. participatie

100

50

Oplossen knelpunten en realiseren projecten (oversteken, toegankelijkheid looproutes, toegankelijkheid ov)

206

260

Doelstelling 1 Beleidsontwikkeling, coördinatie, advisering in projecten Doelstelling 2 & 3 550

550

550

-

50

50

50

-

50

50

50

50

-

Doelstelling 4 Stimulering en tijdelijke maatregelen Monitoring

Totaal benodigd budget (A)

678

732

1022

1022

1022

372

Programma duurzame bereikbaarheid

572

732

1022

1022

1022

372

Bijdragen van derden (C) Toegankelijkheid routes naar ov (subsidie provincie)

68

732

1022

1022

1022

372

Seniorvriendelijke looproutes incl. ontmoetingsplekken en bankjes (Volksgezondheid & MO eenzaamheid)

38

Reeds in begroting gedekt (B)

678

In de bestaande stad kan niet alles In de bestaande stad kunnen we ook niet alles in één keer goed aanpakken. Daar hebben we de middelen en de menskracht niet voor. En dat hoeft ook niet. Op een heel aantal plekken is de voetgangersruimte al op orde. Vanuit het Meerjarenperspectief Ruimte (MPR) is in de zomer van 2025 geld beschikbaar gesteld om de kwaliteit van de voetgangersruimte (en oversteken) te verbeteren. Met dit budget kunnen we niet alle ambities realiseren. Daarom koppelen we de voetgangersaanpak waar mogelijk aan de beheeropgave. De budgetten voor beheer staan financieel onder druk, maar op momenten dat onderdelen van de openbare ruimte vanwege het einde van de technische levensduur vervangen moeten worden, zijn hiervoor (beperkte) middelen beschikbaar. Waar mogelijk benutten we deze vervangingsmomenten in de openbare ruimte en dragen we met MPR-middelen voor de voetgangersaanpak bij aan stapsgewijze verbeteringen voor voetgangers. Dit vraagt om prioritering en een lange adem. Niet alles kan in één keer, maar met deze aanpak boeken we wel structurele vooruitgang. Zo realiseren we op die plekken extra kwaliteit voor de voetganger. De leidende principes en uitgangspunten uit deze beleidsnota zijn daarvoor het vertrekpunt. Hoe we ruimte maken voor de voetganger is altijd maatwerk, passend bij de beschikbare ruimte en het budget.

Hoofdstuk 5 van deze beleidsnota toont de werkwijze met oplossingen voor de bestaande stad.

Bedragen in €’000

98

Beleidsnota Voetganger | 99 januari 2026

4

100

Voortgang en verantwoording

We rapporteren jaarlijks aan de raad over de voortgang van onze aanpak Voor de voetganger. ࡟

Via de Monitor Mobiliteitsplan stellen we de raad ieder jaar in juni op de hoogte van de voortgang van het Mobiliteitsplan 2040. Daarin is het aandeel ‘lopen’ terug te zien in de modal split ten opzichte van andere manieren van verplaatsen. Deze indicator komt terug in de programmabegroting bij doelstelling 1: Duurzame vervoersmiddelen. De Monitor Mobiliteitsplan breiden we uit met de voortgang van de realisatie van de doelstellingen uit deze beleidsnota.

Beleidsnota Voetganger | 101 januari 2026

Deel D

102

Bijlagen

Beleidsnota Voetganger | 103 januari 2026

1

Ruimte

Beleidsanalyse

Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040 In de Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040 (RSU 2040) staat hoe we werken aan een 10-minutenstad, met voorzieningen op loop- en fietsafstand. De RSU 2040 beschrijft met 6 stadsprofielen hoe we de toekomst van de stad zien: ࡟ We gaan voor een groene stad. Met een groene schaalsprong werken we op alle niveaus aan vergroening, bereikbaarheid van groen en het klimaatbestendig maken van de stad. ࡟ We willen een verbonden stad zijn waarin we met een fijnmazig netwerk van groene paden en aantrekkelijke routes buurten met elkaar verbinden. ࡟ We willen een compacte stad zijn, waar werk en voorzieningen op loop- en fietsafstand bereikbaar zijn. ࡟ We willen een inclusieve en betaalbare stad zijn waar iedereen mee kan doen, waar mensen elkaar kunnen ontmoeten en waar openbare ruimte beschikbaar en toegankelijk is voor iedereen. ࡟ We willen een toekomstbestendige stad zijn. We houden verdichten, vergroenen en water in balans. ࡟ We koesteren in de stad plekken waar het rustig is, naast plekken met reuring. In de vertraagde stad kunnen mensen lopen, dwalen en elkaar ontmoeten. Stedenbouwvisie De Stedenbouwvisie 2040 benoemt de kwaliteiten voor de stad met de RSU 2040 als basis.

De stedenbouwvisie geeft 11 concrete uitgangspunten waaronder voor het maken van beloopbare buurten, levendige plinten (de eerste laag of lagen van een gebouw) en ruimte voor verblijf en ontmoeting. Mobiliteitsplan 2040 Passend bij de koers uit de RSU 2040 stuurt het Mobiliteitsplan 2040 op nabijheid van voorzieningen, inclusiviteit en geen groei van het autoverkeer. Om het autoverkeer niet te laten groeien, moeten andere manieren om je door de stad te verplaatsen van hoge kwaliteit zijn. En voorzieningen in de buurt voor iedereen toegankelijk. Het mobiliteitsplan benoemt dat we de voetganger belangrijker moeten maken en geeft deze opgaven voor lopen: ࡟ Het aantrekkelijk bereikbaar maken van A-zones (dit zijn gebieden waar verkeersruimte schaars en verblijfskwaliteit van het grootste belang is), knooppunten en bestemmingen. ࡟ Het ontwikkelen van voetgangersnetwerken. ࡟ Loopruimte niet alleen inrichten om van A naar B te komen, maar ook om te verblijven en ontmoeten. ࡟ Het stimuleren van sportief en recreatief lopen in de stad.

104

Beleidsnota Voetganger | 105 januari 2026

Schaalsprong Groen en Actualisatie Groenstructuurplan 2017-2030 (2018) De schaalsprong groen uit de RSU 2040 en de Actualisatie Groenstructuurplan 2017-2030 benoemen het belang van groene en blauwe verbindingen. Deze verbinden het binnenstedelijke groen en water met natuur- en recreatiegebieden rond de stad. Ook het belang van parken om te wandelen, fietsen en recreëren en netwerken om bewoners via groene en blauwe verbindingen te geleiden naar groengebieden buiten de stad verdienen aandacht. De schaalsprong groen bestaat uit 5 stappen: groen in de straat, groen in de buurt, groene en blauwe verbindingen naar buiten, parken en landschap om de stad. Visie Water en Riolering Utrecht (2022) In de Visie Water en Riolering wordt de koppeling gemaakt tussen activiteiten in de openbare ruimte en de opgave onder de grond. Het veranderende klimaat leidt tot meer neerslag. De groei van de stad zorgt voor een toename van het verharde oppervlak, maar binnenstedelijke ontwikkellocaties bieden kansen om verharding weg te halen en meer groene plekken te maken. Die plekken hebben een rol voor ontmoeten, bewegen of sporten. Op groene plekken kan het regenwater worden vastgehouden, wat piekafvoer beperkt. De vervangingsopgave voor riolering kan worden aangegrepen om tot een herinrichting van de openbare ruimte te komen en verharding te vervangen voor bomen of ander groen.

Kadernota Kwaliteit Openbare Ruimte (2016) Het Handboek Openbare Ruimte is de leidraad voor ingrepen in de openbare ruimte. Bovenop het handboek is in de Kadernota Kwaliteit Openbare Ruimte kwaliteiten van de openbare ruimte van gebieden, lijnen en plekken uitgewerkt. De kadernota beschrijft de samenhang tussen het gebruik, de inrichting en het beheer van de openbare ruimte. De kadernota legt het accent op gebruiksmogelijkheden door fietsers en voetgangers en stelt dat er meer balans moet komen tussen mobiliteit en verblijven. Een omgeving waarin mensen gezond kunnen bewegen en waar meer ruimte is voor ontmoetingen. En een stad die toegankelijk is voor iedereen. Dat betekent dat mensen met een (visuele of fysieke) beperking de openbare ruimte zo gelijkwaardig mogelijk kunnen gebruiken. Meerjaren Groenprogramma: Ruimte voor Groen 2020-2023 In het Meerjaren Groenprogramma: Ruimte voor Groen wordt benoemd dat stadsparken samen met het groen-blauwe netwerk het hart van de binnenstedelijke groenstructuur van Utrecht vormen. De inwoners en bezoekers van de stad kunnen via groene routes binnen een half uur genieten van landschappen en groengebieden om de stad. Daar dragen natuur, recreatievoorzieningen en cultuurhistorie bij aan beleving, rust, beweging en ontspanning.

106

Wonen in Utrecht ‘Van woningmarkt naar volkshuisvesting’’ (2025-2030) De Beleidsnota Wonen in Utrecht beschrijft de uitgangspunten voor het woningaanbod dat we in Utrecht creëren. Met de woonwaaier geven we richting aan de kwaliteit van woningtypes, het woongebouw en de woonomgeving. Passend bij de beoogd bewoners van een gebouw of gebied en hun behoeften. Voor de woonomgeving geldt dat we bij het vormgeven van nieuwe buurten rekening houden met beloopbaarheid van de buurt. Bij hoge dichtheden woningen is intensief gebruik van de openbare ruimte uitgangspunt, daarvoor moet de semi-openbare ruimte van hoge kwaliteit zijn. We volgen daarbij de ambities en uitgangspunten over de woonomgeving in andere visie- en beleidsdocumenten zoals de Stedenbouwvisie. Module Fietsparkeren (2021) In de Module Fietsparkeren staat dat inwoners zich meer bewust moeten zijn van het belang van een vrije stoep. Om ervoor te zorgen dat de stoep vrij blijft, kunnen inwoners zonder eigen berging een aanvraag doen voor een (extra) fietsenrek in hun straat. Afhankelijk van de beschikbare ruimte en de situatie in de straat gebeurt dit op een autoparkeerplek of op de stoep, zodat de fietsen op één plek staan. Afwegingskader verharding hoofdfietsroutes Het Afwegingskader verharding hoofdfietsroutes biedt duidelijkheid over het gebruik van asfalt op hoofdfietsroutes.

Als wandelen en fietsen in een parkachtige omgeving of groengebied gecombineerd wordt op hetzelfde pad, wordt gekozen voor een asfaltverharding. De verharding is bij gecombineerd gebruik niet rood van kleur. In de binnenstad en op bijzondere locaties buiten de binnenstad wordt gebruikgemaakt van fietsvriendelijke klinkers om gecombineerd gebruik door fietsers, voetgangers én verblijf mogelijk te maken. De voetganger voorop in de Omgevingsvisie Binnenstad Utrecht 2040 In de binnenstad zetten we de voetganger voorop. Dat is ook goed terug te zien in de Omgevingsvisie Binnenstad 2040, daarin beschrijven we dat we de voetganger in 2040 zien als hoofdgebruiker van de binnenstad. We vergroten het Singelpark rondom de binnenstad en het aantal verrassende binnentuinen waar je doorheen kunt lopen of even kunt gaan zitten. We maken looproutes langs hoven, door stegen en werken aan hoofdlooproutes waar we de voetgangersruimte verbreden. Een voetgangersvriendelijke inrichting en betere looproutes naar de binnenstad verleiden fietsers (wellicht) om ook vaker lopend te komen. In het domein van de voetganger zijn er minder obstakels, meer bankjes en staan verkeerslichten voor voetgangers vaker en langer op groen. Meer voetgangers in de binnenstad zorgen voor een meer ‘ontspannen’ sfeer en zijn goed voor de sociale en economische vitaliteit.

Beleidsnota Voetganger | 107 januari 2026

Gezondheid

Sociaal

Beleidsnota Gezondheid 2024-2027 In de Beleidsnota Gezondheid: Samen gezondheidsverschillen verkleinen 2024-2027 staat dat we werken aan een openbare ruimte die toegankelijk en inclusief is en actief en zelfstandig vervoer stimuleert. Daarmee wordt de openbare ruimte geschikter voor ouderen en minder validen. De nota benoemt het versterken van de positie van de voetganger, bijvoorbeeld via Groene Ommetjes, sport- en beweegrondjes en verbeterde routes naar ovhaltes. We zorgen voor meer en divers aanbod van sport- en speelvoorzieningen, een betere loopinfrastructuur en versterken de gebruikswaarde van groen. We verkennen de mogelijkheden voor de inrichting van seniorvriendelijke looproutes tussen plekken waar veel ouderen wonen en wijkvoorzieningen. Focus ligt op plekken waar de gebruikswaarde van groen verbeterd kan worden en wijken waar relatief veel mensen wonen met (een risico op) gezondheidsachterstanden.

Leefbare stad en maatschappelijke voorzieningen (2020) Het Koersdocument Leefbare stad en maatschappelijke voorzieningen benoemt dat Utrecht beweegt en vergroent: we maken meer ruimte voor lopen, fietsen, groene plekken en groene verbindingen. Hierin staat ook dat we in de stad openbare ruimte maken die uitnodigt tot ontmoeten en sporten. En dat we ruimte maken die voor iedereen toegankelijk is. Sporten en bewegen maakt dat Utrechters zich beter voelen. Jongeren hebben behoefte aan plekken voor ontmoeten, sporten en bewegen op straat. De opgave is om sportparken zo in te richten dat naast reguliere sporters, ook buurtbewoners hier kunnen wandelen of hardlopen (open sportparken).

Beleidsnota Geluid en Trillingen (2024) De Beleidsnota Geluid en Trillingen benadrukt dat we in de stad naast levendige centra en drukke straten ook plekken nodig hebben waar mensen even in de luwte kunnen zijn. Groene openbare plekken voor stilte, verkoeling, ontmoeting. Deze plekken zijn belangrijk voor gezond stedelijk leven voor iedereen. In het Actieplan Geluid is een aanpak opgenomen om deze plekken te koesteren, te verbeteren en uit te breiden. Dat past bij de ‘vertraagde stad’ uit de RSU 2040. De Beleidsnota Geluid en Trillingen benoemt dat we ernaar streven dat iedereen binnen 10 minuten loopafstand van huis een stil gebied als een park of hofje kan vinden. Soundscaping is een manier om het ervaren geluid te verbeteren. Dat kan bijvoorbeeld door een logische ordening van drukke en stille functies. Of door geluid af te schermen. Groen kan daarin een belangrijke rol spelen. Ontwerpvisie Speelruimte Utrecht: Spelen in je eigen buurt (2022) In de Ontwerpvisie Speelruimte Utrecht: Spelen in je eigen buurt legt de koppeling tussen wandelen en spelen. Daarin staat dat we sturen op het maken van speel- en sportroutes met voorzieningen als bankjes en spel- en sportaanleidingen. Dat stimuleert wandelen in de directe woonomgeving.

De openbare ruimte moet veilig en aantrekkelijk zijn, zodat kinderen veilig kunnen buiten spelen en dat jong en oud prettig kunnen wandelen door de buurt. We willen dat elk kind vanuit huis lopend een speelplek in de buurt kan bereiken. Speelbuurten voor kinderen (van circa 6-12 jaar) worden bepaald door barrières als wegen, spoor en water. Deze barrières zijn nu vaak bepalend voor de bewegingsvrijheid en zelfstandigheid van kinderen. Handleiding Ontwerp Open sportparken (Provincie Utrecht 2023) Met de Handleiding Ontwerp Open sportparken krijgen sportparken een minder besloten karakter. Uitgangspunt is dat een sportpark meer verweven raakt met zijn omgeving. Wateren groenstructuren lopen niet langer alleen om het sportpark heen, maar vormen waardevolle onderdelen van het sportpark. Ook fiets- en wandelpaden lopen over het sportpark. Daardoor hoef je niet langer meer om te fietsen of te lopen. De kortste weg van A naar B gaat door het sportpark. Het sportpark wordt toegankelijk voor een ommetje.

108

Agenda Utrecht voor iedereen toegankelijk (2019) Al sinds 2007 werkt de gemeente aan een stad waar iedereen zich welkom voelt, eerst met de Agenda 22 en nu met het VN-verdrag handicap. In het VN-verdrag beschrijven de Verenigde Naties de rechten van mensen met een beperking. Met de Agenda Utrecht voor iedereen toegankelijk geeft Utrecht invulling aan VN-verdrag handicap. In deze agenda staat dat de openbare ruimte voor iedereen goed en vrij toegankelijk moet zijn, dus ook voor mensen met een beperking. Hiervoor is onder andere het document Voetpaden voor iedereen toegevoegd aan het Handboek Openbare Ruimte. In de Agenda Utrecht voor iedereen toegankelijk staat de binnenstad beter verbonden moet worden met de omliggende wijken en dat er in ieder park of plantsoen tenminste één toegankelijke route is voor ouderen, ouders met kinderen en/of een kinderwagen en mensen met een beperking. Ook is er aandacht voor het beter toegankelijk maken van bushaltes, waar mogelijk in combinatie met groot onderhoud aan wegen of herinrichting. Beleidsnota Sport en Bewegen (2025-2032) In de Beleidsnota Sport en Bewegen beschrijven we dat de openbare ruimte steeds meer gebruikt wordt om te sporten en bewegen. Op bestaande paden wordt gewandeld, hardgelopen of geskeelerd.

Sommige plekken zijn daar speciaal voor ingericht, maar ook openbare ruimte die niet specifiek is ontworpen als sport- of beweegplek wordt door Utrechters gebruikt om te sporten en te bewegen. Een aantrekkelijke en beweegvriendelijke ruimte zorgt ervoor dat Utrechters meer bewegen bij hun dagelijkse activiteiten, bijvoorbeeld door lopend of met de fiets naar school of de winkel gaan. Daarom maken we een beweegvriendelijke openbare ruimte die uitnodigt om in beweging te komen of anderen te ontmoeten. Dat doen we bij herinrichting van bestaande wijken of de ontwikkeling van nieuwe wijken. We zorgen ervoor dat Utrechters in iedere wijk binnen 10 minuten loop- of fietsafstand kunnen sporten en bewegen in de openbare ruimte op daarvoor ingerichte sport- en beweegplekken en routes, maar ook op (school)pleinen, in parken en waterstructuren. We hebben de ambitie om op termijn op verschillende plekken in de stad sportparken open te stellen voor breder gebruik zodat ook mensen die geen lid zijn van een vereniging daar kunnen bewegen, bijvoorbeeld door doorgaande routes en openbare sporten beweegplekken aan sportparken toe te voegen.

Beleidsnota Voetganger | 109 januari 2026

Utrechts Sportakkoord II ‘Samen sterker’ (2023) Het Utrechts Sportakkoord II benoemt dat Utrecht met de opgave ‘Sporten, spelen en bewegen in de openbare ruimte’ werkt aan goede sportvoorzieningen in de openbare ruimte zodat Utrechters in hun eigen buurt kunnen sporten. En dat de openbare ruimte interessant is voor sport- en beweegaanbieders als plek waar zij activiteiten kunnen organiseren. We streven ernaar dat kinderen en jongeren voldoende bewegen op een dag. Door extra beweegmomenten in en rondom school te realiseren, willen we ervoor zorgen dat kinderen meer bewegen. Het Utrechts vitaal sportlandschap bestaat uit een passende en toegankelijke infrastructuur waarbij sportparken overdag en ’s avonds toegankelijk en sociaal veilig zijn en laagdrempelig in gebruik. Met openbare ruimte die zo is ingericht dat ook daar gesport en (sportief) bewogen kan worden. Beleidsnota WMO: Samen leven, samen zorgen 2024-2034 De Beleidsnota WMO: Samen leven, samen zorgen 2024-2034 benadrukt dat we in Utrecht inclusief willen zijn. Hiervoor vergroten we de toegankelijkheid tot wonen, dienstverlening, informatie, gezondheid, openbare ruimte, sporten bewegen en vervoer. Zo voorkomen we uitsluiting en noodzaak tot hulp. Mensen met een goede gezondheid kunnen langer zelfstandig leven en wonen en hoeven minder vaak een beroep te doen op zorg en ondersteuning.

Een gezonde leefomgeving en het stimuleren van gezonde leefgewoonten als wandelen, bewegen en sporten zijn daarvoor belangrijk. Net als ontmoetingen (in de openbare ruimte), want door ontmoeten beter mogelijk te maken, gaan we eenzaamheid tegen. Visie Vervoer voor iedereen (2021) en Uitvoeringsprogramma vervoersongelijkheid (2023) Met de Visie Vervoer voor iedereen benadrukken we dat iedereen mee moet kunnen doen in Utrecht, zowel in fysiek als in sociaal opzicht. Verschillende mogelijkheid voor mobiliteit zijn belangrijk. Lopen is een betaalbare manier om je te verplaatsen. In het Uitvoeringsprogramma vervoersongelijkheid beschrijven we dat we de stad zo willen inrichten dat lopen vanzelfsprekend is en de eerste (vervoers)keuze wordt. Dat betekent dat alle bestemmingen bereikbaar moeten zijn voor voetgangers en mensen met een beperking. En dat looproutes aantrekkelijk en barrièrevrij moeten zijn met voldoende veilige oversteekplaatsen. Daarvoor is het nodig om goede loopinfrastructuur te realiseren, de aansluitingen op andere vervoersmiddelen te verbeteren en voldoende ruimte te maken voor voetgangers en mensen met een beperking. We zetten daarbij vooral in op de buurten waar we de grootste kwetsbaarheid zien, zoals omschreven in het Scheidslijnenrapport.

110

Beleidsnota Voetganger | 111 januari 2026

2

Gebruikers van de voetgangersruimte

De gebruikers van de voetgangersruimte zijn heel divers. Net als hun mogelijkheden en motieven. Wie je ook bent, wat je doel ook is en hoe je ook loopt – slenterend, met een hulpmiddel, haastig naar de bus, met wandelschoenen aan, met een kinderwagen, rollator, een taststok of rolstoel – iedereen maakt gebruik van dezelfde loopruimte. Alleen de behoefte kan verschillen. Die hangt niet alleen samen met de leeftijd van mensen of het type gebruik, maar wensen en gebruik kunnen ook cultureel bepaald zijn. Zo lopen ouderen met een migratieachtergrond bijvoorbeeld meer omdat ze niet of weinig fietsen. Die verschillende behoeften werken door in het gebruik. En vragen iets van de inrichting van de ruimte. Om te achterhalen hoe, waarheen en waarom Utrechters lopen, hebben we met verschillende groepen een wandeling gemaakt. Over het algemeen vinden bewoners lopen in Utrecht fijn. Maar de stad wordt – zeker door ouderen en mensen met een visuele of lichamelijke beperking – niet altijd als toegankelijk ervaren. Bewoners zien dat de kwaliteit van de loopruimte verbeterd is vergeleken met jaren geleden. Mensen geven aan dat ze graag door het groen lopen of de natuur opzoeken. Ze zien dat dit al op veel plekken kan, maar dat er ook kansen zijn voor verbetering.

De mensen die wij spraken vinden de stad nog erg stenig en zijn niet altijd positief over het onderhoud en de staat van de openbare ruimte. Ook ervaren ze het oversteken van drukke wegen als een barrière om verder te lopen dan hun eigen buurt. Dit zijn de gebruikers van de voetgangersruimte Kinderen Jong geleerd is oud gedaan! Als kinderen in hun eigen buurt veilig kunnen lopen en spelen, vergroot dat de zelfstandigheid. Bovendien is dit bepalend voor hun latere gewoontes en gezondheid. Lopen is goed voor de motoriek en de ontwikkeling van kinderen. Drukke wegen, water en sporen bepalen de grenzen van het gebied waarbinnen kinderen (van ongeveer 6-12 jaar) veilig zelfstandig kunnen lopen, fietsen en spelen. Hoe groter het gebied, hoe meer vrijheid kinderen in de stad hebben. Veilige, fijne routes en een loopvriendelijke omgeving nodigen uit om lopend naar school te gaan. Voor een kind moet de omgeving niet te complex zijn en snelheidsverschillen niet te groot: 30 km/u als maximum. Kinderen zien niets boven een hoogte van 1 meter. Sport- en speelmogelijkheden op de route maken lopen leuk en vanzelfsprekender. Zichtlijnen voor kinderen (bijvoorbeeld voor het oversteken) zijn anders dan voor volwassenen. Het zicht op en van kinderen wordt nu vaak belemmerd door geparkeerde auto’s, vuilnisbakken en andere objecten nabij een oversteekpunt.

“De wijk waar we in wonen wordt door omringd door drukke straten zonder veilige oversteken. Zeker als ik met kinderen ben, blijf ik dan maar vaak binnen de wijk.”

112

Beleidsnota Voetganger | 113 januari 2026

Ouderen Naar mate mensen ouder worden, gebruiken ze steeds vaker het ov voor langere afstanden. In hun directe woonomgeving lopen ze meer. Ze kunnen op latere leeftijd vaak steeds minder goed fietsen of autorijden. We willen dat ouderen – ook mensen met dementie – zo lang mogelijk kunnen blijven lopen. De directe woonomgeving moet dat mogelijk maken. Op die manier blijven ouderen fit, kunnen ze zo lang mogelijk zelfstandig blijven wonen en van de stad gebruikmaken. In de loopruimte zijn ze in contact met anderen. En als het mogelijk is om samen, naast elkaar te lopen met familie of buurtgenoten, draagt dat bij aan sociale contacten. Goed begaanbare, doorlopende routes zonder grote hoogteverschillen of trappen van zorgvoorzieningen of plekken waar veel ouderen wonen naar voorzieningen in de wijk, zoals de supermarkt, huisarts of parkjes, zijn belangrijk. Net als dagelijkse voorzieningen op korte (pantoffel)afstand. Ouderen, mensen die slecht ter been zijn of die een hulpmiddel als een rollator gebruiken, hebben behoefte aan loopruimte zonder oneffenheden. Goed onderhoud is nodig, zodat tegels op de route recht liggen. Routes liggen liefst beschut, zijn schaduwrijk, hebben weinig op- en afgangen en volgen een duidelijke looplijn die laat zien hoe de route zich vervolgt. Ouderen hebben behoefte aan bankjes of rustpunten op de route, net zoals een (openbaar) toilet.

Hierdoor kunnen ouderen langere afstanden lopen en onderweg even rusten. Ouderen die minder goed horen of zien hebben behoefte aan een omgeving die overzichtelijk en niet te complex is.

Vrouwen en meisjes Vrouwen en meisjes willen overzicht in de openbare ruimte. Hoge obstakels kunnen het overzicht belemmeren. Op verblijfsplekken zitten ze graag hoog en het liefst in een rondje. Vrouwen en meisjes voelen zich comfortabel in overzichtelijke, voorspelbare ruimte. Kijkend naar routes zoeken vrouwen en meisjes sociaal veilige routes met voldoende overzicht en (positieve) reuring. Ook als het schemert of donker is. Op deze 24-uursroutes zorgt de aanwezigheid van veel voetgangers of fietsers voor ‘ogen op straat’ en daarmee voor sociale controle. 24-uursroutes zijn voldoende verlicht. Vaak zijn dit doorgaande verbindingen voor fietsers en auto’s, bijvoorbeeld stadsstraten.

114

Hulpmiddel-/rolstoelgebruikers Mensen die lopen met een hulpmiddel als een wandelstok, looprek of rollator of die in een rolstoel zitten, hebben loopruimte nodig die vlak is, zonder (grote) hoogteverschillen, zonder losliggende tegels of plotselinge obstakels. Op de route zijn zo min mogelijk op- en afgangen. De op- en afgangen die er wel zijn, zijn breed en lopen geleidelijk omhoog of omlaag. Het liefst loopt de ruimte op hetzelfde niveau door. Om langere afstanden te kunnen lopen zijn plekken om te rusten, zoals een bankje, belangrijk. Aandachtspunt voor deze groep gebruikers is dat zij dagelijkse voorzieningen als (ondergrondse) afvalcontainers en Algemene Gehandicapten Parkeerplaatsen kunnen bereiken binnen korte afstand. Duidelijke looplijnen maken routes voorspelbaar. Belangrijk, want rolstoelgebruikers maken vaak al 50 meter vooruit een inschatting of ze hun weg kunnen vervolgen. Mensen die een hulpmiddel gebruiken willen ook samen met iemand wandelen óf zonder de voetgangersruimte te verlaten een tegemoetkomende voetganger kunnen passeren.

“Ik loop met een rollator en heb dan niet veel te kiezen. Ik heb één vaste route: naar de supermarkt en het buurtcentrum. Daar weet ik precies waar de stenen losliggen en hoe ik van de stoep moet. Op andere routes vind ik dat veel te spannend, dan kijk ik alleen maar naar de grond.”

Beleidsnota Voetganger | 115 januari 2026

Mensen met een visuele beperking Voor mensen met een visuele beperking moet de loopruimte uitgerust zijn met (natuurlijke) gids- en geleidelijnen, zoals een rand of groene geleiding. Geleidestroken bij oversteekplaatsen en voorzieningen en waarschuwingsmarkeringen leiden mensen met een visuele beperking door de (voetgangers)ruimte en langs drukke plekken of bestemmingen als stations of ov- haltes. Logische, doorlopende en goed volgbare routes helpen mensen om bij de juiste oversteekplaats te komen. Dit speelt ook bij tijdelijke situaties, bijvoorbeeld bij werkzaamheden. Als een oversteek met een verkeerslicht is geregeld, is een goed werkende tikker letterlijk vanlevensbelang voor deze groep. Door goed volgbare, begaanbare voetgangersruimte kunnen mensen met een visuele beperking zich comfortabeler en zelfstandig door de stad bewegen. Op drukke plekken met veel verkeer en gedeelde ruimte is extra aandacht nodig voor deze doelgroep.

(Thuis)werkenden Mensen die werken zitten gemiddeld 9,1 uur per dag stil, thuis of op kantoor. Wandelen tijdens je werkdag geeft energie, verbetert de creativiteit en helpt onthaasten. Dat kan op veel verschillende manier: een lopend overleg, lopend bellen of een ommetje maken of hardlopen tijdens de lunchpauze. Daarvoor moet de ruimte uitnodigend zijn en samen lopen mogelijk maken. Routes die woon- en werklocaties met elkaar verbinden maken lopen naar het werk mogelijk en aantrekkelijk. Voetpaden en -verbindingen vanaf ov-haltes, hubs en parkeerplekken zijn nodig om een reis met het ov of de auto te combineren met een stukje lopen. Ook (of misschien juist) op werklocaties waar auto- en vrachtverkeer domineert.

116

Mensen met een zorgvraag Mensen met fysieke of mentale gezondheidsproblemen als overgewicht, een burn-out of alzheimer zijn gebaat bij meer bewegen als onderdeel van hun dagelijkse bezigheden. Bewegen is niet alleen goed voor je lijf, je spieropbouw en het verbranden van calorieën, maar ook voor je hersenen. Als je beweegt komen er groeifactoren vrij in je hersenen, die zorgen voor nieuwe hersencellen en sterkere verbindingen tussen hersencellen. Binnen deze groep vallen ook mensen met een tijdelijke fysieke beperking zoals een gebroken enkel. Voor mensen met een zorgvraag is het fijn om via doorgaande routes in hun directe woon- of verblijfsomgeving te bewegen, naast elkaar te kunnen lopen (bijvoorbeeld met een begeleider of (sport)maatje) of om samen te kunnen sporten of bewegen. Rustige en groene plekken in de buurt en langs de route zorgen voor minder prikkels. Dankzij bankjes en rustplekken kunnen ze pauzeren tijdens de wandeling.

“Als ik thuis werk, begin ik de dag met een ommetje. Eerst woonde ik naast het groen, nu moet ik eerst door stille en stenige straten voordat ik bij het groen ben. Dan begin je de dag toch minder goed.”

Beleidsnota Voetganger | 117 januari 2026

Mensen met een smalle beurs of beperkte vervoerskeuze Niet iedereen kan kiezen uit verschillende manieren van verplaatsen. Soms is lopen de enige optie, bijvoorbeeld omdat een fiets of auto aanschaffen en onderhouden te duur is. Voor die mensen is het belangrijk dat lopen goed, comfortabel en aantrekkelijk mogelijk is. Lopen is goedkoop en kan ervoor zorgen dat mensen mee kunnen doen in de stad. Als we de stad zo inrichten dat mensen lopend voorzieningen, banen, onderwijs en vervoersopties (zoals het openbaar vervoer) nabij hun woning kunnen bereiken, vergroten we kansen voor mensen om mee te doen in de maatschappij. Goede loopruimte, voetgangersoversteken en het wegnemen van barrières tussen wijken dragen daaraan bij. Goede voetgangersruimte is ook voor de gezondheid van deze doelgroep belangrijk. In openbare ruimte waar je kunt sporten met voldoende sport- en spelmogelijkheden kun je ook zonder lidmaatschap van een sportschool of sportvereniging bewegen en sporten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=14a7f562-706d-42c7-ada6-86e354aa07ef