CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Ruimtelijke Ordening en Grondzaken (2022-2026) 9 oktober 2025, gemeente Utrecht32.778 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

b. c.

het gebruik als kantoor hangt samen met de bedrijfsactiviteiten;

het gebruik als kantoor is ondergeschikt aan de bedrijfsactiviteiten;

het gebruik is beperkt tot maximaal 30% van het bruto vloeroppervlakte van een bedrijfsgebouw tot een maximum van 2.000 m2 per bedrijf.’ wordt verwijderd.

2.3.2.5 Artikel 5 Bijzondere wijkfunctie wordt verwijderd Op een perceel aan de Enghlaan is in het ontwerpbestemmingsplan de functie ‘Bijzonder wijkfunctie’ gegeven. Deze functie is veel breder dan de mogelijkheden op basis van de beheersverordening. Bij nader inzien vinden we dit niet passend op deze locatie. De functie wordt dan ook aangepast naar ‘Agrarisch’ om beter aan te sluiten bij de huidige planologische mogelijkheden. 2.3.2.6 Artikel 3, lid 3.2 onder 3 wordt toegevoegd In de functie ‘Agrarisch’ is een aanduiding voor een kinderdagverblijf toegevoegd bij Enghlaan 6/6A. De tekst: ‘op de locatie met de aanduiding ‘kinderdagverblijf’ is een kinderdagverblijf toegestaan.’ wordt toegevoegd. 2.3.2.7 Artikel 8, lid 8.2, onder 1 is aangepast, omdat de horeca-aanduiding A2 niet over het hele perceel valt In de verleende omgevingsvergunningen is de horeca-categorie A2 niet toegekend aan het hele perceel, maar aan enkele gebouwdelen. Daarom is de aanduiding ‘specifieke vorm van horeca – horeca van categorie A2 – D1 tot en met horeca categorie D3’ gesplitst naar twee specifieke aanduidingen, namelijk ‘specifieke vorm van horeca – horeca van categorie A2’ en ‘specifieke vorm van horeca – horeca categorie D1 tot en met horeca categorie D3’. Hierbij geldt voor de aanduiding ‘specifieke vorm van horeca – horeca van categorie A2’ dat deze geldt voor de gebouwdelen

8

Datum Rapport

juli 2025 Vaststellingsrapport

conform de verleende omgevingsvergunningen en voor de aanduiding ‘specifieke vorm van horeca - horeca categorie D1 tot en met horeca categorie D3’ dat deze voor het gehele perceel geldt. Artikel 8, lid 8.2 onder 1 wordt: 1. ‘het bedrijfsmatig verstrekken van drank of etenswaren voor gebruik ter plaatse of het exploiteren van zaalaccommodatie waarbij geldt dat: a. op een locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca - horeca van categorie A2' een horecavestiging toegestaan is in de categorie A2 van de Lijst van horeca-activiteiten; b. op een locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca - horeca van categorie D1 tot en met horeca categorie D3' een horecavestiging toegestaan is in de categorie D1, D2 en D3 van de Lijst van horeca-activiteiten. c. Op een locatie met de aanduiding ‘specifieke vorm van horeca – horeca van categorie A2 – D1 tot en met horeca categorie D3’ is een horecavestiging toegestaan in de categorie D1, D2, D3 en A2 van de Lijst van horeca-activiteiten’. 2.3.2.8 Artikel 8, lid 8.3, onder 2 is toegevoegd en lid 8.4 is toegevoegd Artikel 8, lid 8.3, onder 2 is toegevoegd aan de regels om meer duidelijkheid te verschaffen over het toestaan van terrassen binnen de functie ‘Horeca’. Terrassen zijn in principe niet toegestaan. Hiervan kan worden afgeweken als een omgevingsvergunning voor het gebruiken van de gronden voor een terras is afgegeven.

Deze regel is opgenomen in het nieuwe lid 8.4. Voor terrassen waarvoor al een omgevingsvergunning verleend is, geldt dat deze legaal zijn en daarmee niet in strijd zijn met lid 8.3 onder 2. In lid 8.3, onder 2 is de volgende tekst toegevoegd: ‘Terrassen bij horecagelegenheden zoals bedoeld in 8.2, onder 1;’. Lid 8.4 met de volgende tekst is toegevoegd: ‘Burgemeester en wethouders kunnen bij omgevingsvergunning afwijken van de regel in lid 8.3, onder 2 voor het realiseren van een terras behorend bij een naastgelegen horecagelegenheid, mits wordt aangetoond dat het gecumuleerde langtijdgemiddelde geluidniveau ten gevolge van stemgeluid vanaf de rand van het terras en invallend op de gevels van omliggende geluidsgevoelige functies niet meer bedraagt dan 55 dB(A) voor de dagperiode (7-19 uur), 50 dB(A) voor de avondperiode (19-23 uur) en 45 dB(A) voor de nachtperiode (23-7 uur).’. 2.3.2.9 Artikel 15, lid 15.3, onder 6 is aangepast De formulering van artikel 15, lid 15,3 is aangepast zodat duidelijker wordt dat het een binnenplanse afwijkingsmogelijkheid betreft. Artikel 15, lid 15.3 wordt: In afwijking van de regels onder 4 en 5 kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken voor het bouwen van één extra tribune per aanduidingsvlak worden gebouwd worden. met als

Vvoorwaarde voor het verlenen van deze omgevingsvergunning is dat de toevoeging van de tribune vanuit stedenbouwkundig oogpunt aanvaardbaar is.

2.3.2.10 Artikel 15, lid 15.3, onder 7 is aangevuld, omdat de regels ook gelden voor de aanduiding ‘specifieke bouwaanduiding – 10’ In de beheersverordening was de regel van artikel 4.1.1, lid c opgenomen die de bouw van een verschillend aantal tribunes in de sportvelden onder en boven de Alendorperweg mogelijk maakte. Daarnaast gold ook voor beide sportvelden een maximale hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Deze regel is opgenomen in het ontwerpbestemmingsplan in lid 15.3, onder 7. In de regel staat nu enkel 'specifieke bouwaanduiding - 9'. De regel geldt echter ook voor 'specifieke bouwaanduiding - 10'. Dit is aangepast.

9/47

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

2.3.2.11 Artikel 18, lid 18.2, onder 2 wordt verwijderd De regel in artikel 18, lid 18.2, onder 2 is ten onrechte in het ontwerp terecht gekomen. Deze regel komt niet voor in de beheersverordening en wordt daarom verwijderd.

De tekst van het ontwerp: ‘Het plaatsen en gebruiken van terrassen die voldoen aan de eisen van de horecaverordening en het terrassenreglement zijn toegestaan bij een horecagelegenheid.’ wordt verwijderd.

2.3.2.12 Aanpassing artikel 21, lid 21.3, onder 2 In artikel 21, lid 21.3, onder 2 wordt verwezen naar sub 13, dit moet sub 4 zijn. Artikel 21, lid 21.3, onder 2 wordt:

‘Op de locaties met de onderstaande specifieke bouwaanduidingen geldt in aanvulling op de regels in Hoofdstuk 3 Bouwen en slopen en de regels in lid 21.3 onder 1 het volgende: specifieke bouwaanduiding 1

maximale maximale oppervlakte inclusief inhoud (m3) aan- en uitbouwen (%) van het perceel 600 25

Overig

zie sub 3 en 13 4

2.3.2.13 Aanpassing artikel 21, lid 21.2 In artikel 21, lid 21.2 wordt de aanduiding ‘atelier’ opgenomen. Er is een vergunning voor het atelier aan de Alendorperweg 10A verleend en deze vergunning wordt hiermee verwerkt in het bestemmingsplan. De tekst van het ontwerp wordt aangevuld met de volgende tekst: ‘Op de locatie met de aanduiding ‘atelier’ is een atelier toegestaan’. 2.3.2.14 Aanpassing artikel 21, lid 21.2 onder 3 en 4 en aanduidingen ‘specifieke vorm van detailhandel – 1’ en ‘specifieke vorm van horeca -1’ op de verbeelding In artikel 21, lid 21.2 onder 3 en 4 worden de regels over de aanduidingen ‘specifieke vorm van detailhandel – 1’ en ‘specifieke vorm van horeca -1’ die op de locatie Esdoornlaan 14 liggen verwijderd. Ook worden de aanduidingen van de verbeelding verwijderd. Er zijn namelijk voorwaarden gekoppeld in de vergunning aan het gebruik van de werkplaats met een brocante winkel en ondersteunende horeca. Deze mag enkel plaatsvinden zolang er een overeenkomst is gesloten met een maatschappelijke instelling. Het op deze manier opnemen van de vergunning in het bestemmingsplan zou betekenen dat de voorwaarde niet meer zou gelden; dit is niet wenselijk. Het verwijderen van de aanduidingen en de regels heeft geen gevolg voor de status van de vergunning. De tekst van het ontwerp: ‘3.

Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van horeca - 1' is bij het bedrijf-aan-huis ondergeschikte horeca toegestaan. 4. Op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van detailhandel - 1' is bij het bedrijf-aan-huis ondergeschikte detailhandel toegestaan.’ wordt verwijderd. 2.3.2.15 Artikel 21, lid 21.3, onder 4 In artikel 21, lid 21.3 werd ten onrechte gesproken over bebouwingsoppervlakte. Dit is niet juist en hoort bebouwingspercentage te zijn. Artikel 21, lid 21.3 wordt: ‘Op de locatie met de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - 1' kan van de regels in artikel 21.3 onder 1 en 2 worden afgeweken voor het realiseren van aan- en uitbouwen en bijgebouwen tot een gezamenlijk oppervlakte van 150 m2, als het totale bebouwingsoppervlaktepercentage van het perceel minder bedraagt dan 25%.’.

10

Datum Rapport

juli 2025 Vaststellingsrapport

2.3.2.16 Artikel 21, lid 21.3, onder 10 is aangepast, omdat de regel niet geldt voor de specifieke bouwaanduiding – 6 en specifieke bouwaanduiding – 7. In het ontwerpbestemmingsplan waren de ‘specifieke bouwaanduiding – 6’ en ‘specifieke bouwaanduiding – 7’ gekoppeld aan de regel dat uitsluitend een omgevingsvergunning bouwen,

voor het bouwen of wijzigen van geluidgevoelige bestemmingen verleend kan worden, als een goed woon- en leefklimaat kan worden gewaarborgd door het uitvoeren van de maatregelen zoals aangegeven in het rapport dat als bijlage 1 bij de regels is gevoegd óf als de bedrijfsmatige activiteiten ter plaatse van de Europaweg 2 definitief zijn beëindigd. Voor de ‘specifieke

bouwaanduiding – 6’ en ‘specifieke bouwaanduiding – 7’ in de beheersverordening De Meern Noord, Máximapark, Wittevrouwen, Vogelenbuurt gold deze regel niet; daarom zijn deze bouwaanduidingen verwijderd uit de regel in lid 21.3, onder 10.

2.3.2.17 Aan artikel 21, lid 21.3 is onder 13 een regel toegevoegd over erkers Aan lid 21.3 is onder 13 toegevoegd, omdat dit artikel terugkwam in de beheersverordening ‘De

Meern Noord, Maximapark, Vogelenbuurt, Wittevrouwen’, maar nog niet opgenomen was in het Chw bestemmingsplan Maximapark. Om aan te sluiten op de beheersverordening is onderdeel 13 toegevoegd met de volgende tekst:

‘In afwijking van het bepaalde in Hoofdstuk 3 Bouwen en slopen en de regels in lid 25.2, onder 1, sub c lid geldt voor erkers dat burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning kunnen verlenen voor de vergroting van bestaande erkers of nieuwe erkers, onder voorwaarden dat:

1. aan de naar de weg gekeerde zijde van het hoofdgebouw alleen erkers mogen worden gebouwd als in de rij woningen reeds woningen met erkers aanwezig zijn;

2. de bouwgrens dan wel bestemmingsgrens van de aangrenzende bestemming met niet meer dan 1 meter wordt overschreden;

3. de breedte niet meer bedraagt dan 60% van gevelbreedte van het hoofdgebouw, met een maximum van 3,5 meter;

4. de hoogte niet meer bedraagt dan het vloerpeil van de eerste verdieping van het hoofdgebouw.'.

2.3.2.18

Aan artikel 21 is lid 21.6 toegevoegd vanwege het toevoegen van een hogere waarde besluit Aan artikel 21 is in lid 21.6 de volgende tekst toegevoegd: ‘Voor het realiseren en veranderen van een geluidsgevoelige bestemming dient vast te staan dat de geluidbelasting de voorkeursgrenswaarde ingevolge de Wet geluidhinder of de ten hoogst toelaatbare geluidbelasting (de hogere waarde) ingevolge het Besluit hogere waarde met in achtneming van de in dit besluit gestelde voorwaarde(n), niet overschrijdt.’. 2.3.2.19

Artikel 23, lid 23.1 is aangepast met een directe verwijzing naar de geldende beleidsregels voor parkeergelegenheid Artikel 23, lid 23.1 is aangepast, omdat er verwezen werd naar beleidsregels zonder deze bij naam te noemen. Dit is aangepast in lijn met recente jurisprudentie (ECLI:NL:RVS:2024:249). Artikel 23, lid 23.1 wordt:

‘Burgemeester en wethouders stellen aan de hand van de beleidsregels waarin de normen voor

parkeergelegenheid zijn opgenomen 'Beleidsregel parkeernormen auto 2021 Gemeente Utrecht' en de 'Beleidsregel parkeernormen fiets 2021 gemeente Utrecht' of aan de hand van de beleidsregels die daarvoor in de plaats zijn getreden, stellen burgemeester en wethouders vast of aan de regel onder 1 wordt voldaan.’.

11/47

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

2.3.2.20

De regel van artikel 25, lid 25.3, onder 1 is aangepast om de 10%-regeling zoals die in dit bestemmingsplan geldt te verduidelijken. De regel van artikel 25, lid 25.3, onder 1 is aangepast naar aanleiding van de tussenuitspraak van de Raad van State over het Chw bestemmingsplan Pijlsweerd, Tuinwijk, Vogelenbuurt, Griftpark. De regel is aangepast om te verduidelijken dat de afwijkingsregels enkel gaan over de hoogte of het bebouwingspercentage. Artikel 25, lid 25.3, onder 1 wordt: ‘1. het afwijken van de regels die op een locatie gelden over hoogten hoogtematen en bebouwingspercentages met maximaal 10% van deze hoogten maten en percentages, voor zover de afwijking niet leidt tot een extra bouwlaag;’. 2.3.2.21

De regel van artikel 29, lid 29.5, onder 1 is aangepast om te verduidelijken dat de hoofdbewoner van een bed & breakfast in de regel aanwezig is als er gasten zijn. Voor de bed & breakfast-regel in artikel 29, lid 29.5, onder 1, onder c is de regel aangevuld met dat de hoofdbewoner in de regel aanwezig is als er gasten zijn. Artikel 29, lid 29.5, onder 1 wordt: ‘c. de hoofdbewoner of een volwassen bewoner die hoort tot het huishouden van de hoofdbewoner is in de regel in de woning aanwezig als er gasten zijn.’ 2.3.2.22 Aanpassing bijlage 4 Lijst locaties met omgevingskwaliteiten In onderdeel 2 Omgevingskwaliteiten van een locatie (gebied, buurt, structuur) is de tekst: ‘Programmatische functies zoals sportvelden, leisure en een tuincentrum voeren hier de boventoon. Ook zijn er nabij Het Lint woningen gelegen. Op veel plekken is het Lint het enige gegarandeerde openbare terrein.’ verwijderd. Aan onderdeel 2 Omgevingskwaliteiten van een locatie (gebied, buurt, structuur) is een zin toegevoegd aan de beschrijving van de te beschermen kwaliteiten van Het Lint. De tekst ‘Er is een extra lus aan het Lint gemaakt om het terrein van het Castellum Hoge Woerd heen, onderdeel van het Unesco werelderfgoed de Limes. Vanwege de archeologische bescherming van de ondergrond ligt het Lint hier iets verhoogd.’ wordt toegevoegd.

2.3.2.23 Aanpassing van de functie en aanduidingen op de verbeelding aan de Enghlaan Op een perceel aan de Enghlaan is in het ontwerpbestemmingsplan de functie ‘Bijzonder wijkfunctie’ gegeven. Deze functie is veel breder dan de mogelijkheden op basis van de beheersverordening. Bij nader inzien vinden we dit niet passend op deze locatie. De functie wordt dan ook aangepast naar ‘Agrarisch’ om beter aan te sluiten bij de huidige planologische mogelijkheden. Ook de aanduidingen zijn aangepast naar ‘kinderdagverblijf’, ‘specifieke vorm van agrarisch – 2’ voor een buitenschoolse opvang en ‘specifieke vorm van agrarisch – 3’ voor binnensport en ‘bedrijfswoning’.

Ontwerp

Definitief

In artikel 3, lid 3.2 worden de regels ‘op de locatie met de aanduiding 'kinderdagverblijf' is een kinderdagverblijf toegestaan’, ‘op de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch - 2' 12

Datum Rapport

juli 2025 Vaststellingsrapport

is een buitenschoolse opvang toegestaan’, en ‘op de locatie met de aanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch – 3’ is binnensport toegestaan’ toegevoegd. Op deze manier sluiten we beter aan bij het huidig, legaal gebruik. 2.3.2.24 Aanpassing van de functies op de verbeelding nabij Jan Vogellaan, Edmund Nicklaan en Julius Susanlaan In de straten Jan Vogellaan, Edmund Nicklaan en Julius Susanlaan was grond van de gemeente als ‘Wonen’ bestemd. Dit is aangepast naar groen en ‘Verkeer-Verblijfsgebied’.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.25 Aanpassing van de functie op de verbeelding bij de Enghlaan In de straat Enghlaan was grond van de gemeente als ‘Wonen’ bestemd. Dit is aangepast naar ‘Groen’.

Ontwerp

Definitief

13/47

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

2.3.2.26 Aanpassing van de functie op de verbeelding nabij Utrechtseweg Ten oosten van de Utrechtseweg had het Lint ten onrechte de functie ‘Verkeer-Verblijfsgebied’ gekregen. Dit is aangepast naar ‘Groen’.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.27 Aanpassing van de functie op de verbeelding nabij de Max Ernstlaan Aan de oostzijde van het Máximapark, nabij de Max Ernstlaan had het Lint ten onrechte de functie ‘Verkeer-Verblijfsgebied’. Dit is aangepast naar ‘Groen’.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.28 Aanpassing van de functie op de verbeelding nabij Prinsenboslaan Aan de westzijde van het Máximapark, nabij de Prinsenboslaan had het Lint ten onrechte de functie ‘Verkeer-Verblijfsgebied’. Dit is aangepast naar ‘Groen’.

Ontwerp

Definitief

14

Datum Rapport

juli 2025 Vaststellingsrapport

2.3.2.29 Aanpassing van de functies op de verbeelding bij de Utrechtseweg Bij de Utrechtseweg had de Vikingrijn ten oprechte de functie wonen. Dit is aangepast naar water. Daarnaast is ten noorden van Utrechtseweg 1 een strookje met de functie ‘Verkeer-Railverkeer’ wonen geworden. En ten noordwesten is een strook met de functie ‘Wonen’ ‘Groen’ geworden. Stroken langs de Vikingrijn die de functie ‘Wonen’ hebben maar die eigendom van de gemeente zijn, hebben de functie ‘Groen’ gekregen.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.30 Aanpassing aanduiding bedrijfswoning op de verbeelding bij de Hof ter Weydeweg De aanduiding bedrijfswoning lag ten onrechte over een ander perceel aan de Hof ter Weydeweg en deels ook over nog een ander perceel aan de Hof ter Weydeweg. De aanduiding is aangepast zodat deze alleen op het juiste perceel aan de Hof ter Weydeweg 13 ligt.

Ontwerp

Definitief

15/47

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

2.3.2.31 Aanpassing van de functie op de verbeelding bij de Max Ernstlaan Bij de Max Ernstlaan had de weg ten oprechte de functie ‘Groen’. Dit is aangepast naar ‘VerkeerVerblijfsgebied’.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.32 Aanpassing aanduiding atelier op de verbeelding bij de Alendorperweg Bij een kavel aan de Alendorperweg miste de aanduiding voor een atelier in de schuur. Deze is toegevoegd.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.33 Aanpassing functie op de verbeelding bij de Europaweg Een kavel aan de Europaweg had deels onterecht de functie ‘Agrarisch’. Dit is aangepast naar ‘Wonen’.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.34 Aanpassing functie horeca en aanduidingen voor horeca op de verbeelding bij de Uilenboslaan De functie ‘Horeca’ is ter plaatse van de Uilenboslaan aangepast aan het gebied dat in erfpacht is uitgegeven en zo ook in het kadaster is opgenomen. In de verleende omgevingsvergunning is de horeca-categorie A2 niet toegekend aan het hele perceel, maar aan enkele gebouwdelen. Daarom is de aanduiding ‘specifieke vorm van horeca – horeca van categorie A2 – D1 tot en met horeca categorie D3’ gesplitst naar twee specifieke aanduidingen, namelijk ‘specifieke vorm van horeca – horeca van categorie A2’ en ‘specifieke vorm van horeca – horeca categorie D1 tot en met horeca categorie D3’. Hierbij geldt voor de aanduiding ‘specifieke vorm van horeca – horeca van categorie A2’ dat deze geldt voor de gebouwdelen conform de verleende omgevingsvergunningen en voor de aanduiding ‘specifieke vorm van horeca - horeca categorie D1 tot en met horeca categorie D3’ dat deze voor het gehele perceel geldt. 16

Datum Rapport

Ontwerp

juli 2025 Vaststellingsrapport

Definitief

2.3.2.35 Aanpassing functie op de verbeelding bij de kruising van Alendorperweg met Esdoornlaan Het water had de functie ‘Groen’ maar omdat het onderdeel uit maakt van het structurerende water in het park is aangepast naar de functie ‘Water’.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.36 Aanpassing functie op de verbeelding langs de Alendorperweg Langs de Alendorperweg waar water is, is de functie ‘Verkeer-Verblijfsgebied’ aangepast naar ‘Water’.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.37 Aanpassing functie op de verbeelding nabij Alendorperweg Aan de Alendorperweg had een stukje water, dat eigendom is van de gemeente, onterecht de functie ‘Wonen’. Dit is aangepast naar de functie ‘Water’.

Ontwerp

Definitief

17/47

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

2.3.2.38 Aanpassing ‘specifieke bouwaanduiding – 1’ op de verbeelding bij de Esdoornlaan Bij de Esdoornlaan lag de ‘specifieke bouwaanduiding- 1’ ten oprecht op de inrit, deze wordt ter plaatse van de brug verwijderd.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.39 Verwijderen ‘specifieke bouwaanduiding – 1’ bij de Alendorperweg De ‘specifieke bouwaanduiding – 1’ lag ten onrechte over een perceel met de functie ‘Bedrijf – Bedrijf tot en met categorie 2’. Dat is niet juist en is daarom verwijderd.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.40 Aanpassing ‘specifieke bouwaanduiding – 9’ en ‘specifieke bouwaanduiding – 10’ nabij Alendorperweg en sportvelden De bouwaanduidingen horen bij de functie ‘Sport’ maar liggen onbedoeld ook over de functie ‘Bedrijf – Bedrijf tot en met categorie 2’ heen.

18

Datum Rapport

juli 2025 Vaststellingsrapport

Ontwerp

Definitief

2.3.2.41 Toevoegen aanduiding ‘specifieke vorm van maatschappelijk – 1’ op de verbeelding bij Hof ter Weydeweg en toevoegen regel over de aanduiding in lid 12.2 Op de verbeelding wordt in de functie ‘Maatschappelijk’ de aanduiding ‘specifieke vorm van maatschappelijk – 1’ toegevoegd. Dit is een beheerdersgebouw van de gemeente Utrecht, waarbij het niet de bedoeling is dat hierin in de toekomst een andere maatschappelijke voorziening komt. Om deze reden is lid 12.2 aangevuld.

Ontwerp

Definitief

In lid 12.2 wordt de regel ‘op de locatie met de aanduiding ‘specifieke vorm van maatschappelijk – 1’ is uitsluitend een beheerdersgebouw toegestaan’ toegevoegd. 2.3.2.42 Aanpassing aanduiding ‘zwembad’ op de verbeelding bij de Middelweerdplaats De aanduiding ‘zwembad’ ligt ten onrechte over het hele perceel. De aanduiding wordt verkleind zodat deze alleen op het gebouw van het zwembad ligt.

Ontwerp

Definitief

19/47

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

2.3.2.43 Aanpassing functie ‘sport’ naar ‘groen’ op de verbeelding bij de Middelweerdplaats Aan de Middelweerdplaats had een stukje groen onterecht de functie ‘Sport’. Dit is aangepast naar de functie ‘Groen’.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.44 Toevoegen aanduiding ‘maximum goothoogte’ bij drie percelen aan de Utrechtseweg en Alendorperweg Op de verbeelding wordt in de functie ‘Wonen’ de aanduiding ‘maximum goothoogte’ bij drie percelen aan de Utrechtseweg en Alendorperweg toegevoegd. Hier is een maximum bouwhoogte van 6 meter toegestaan. Deze aanduiding zat ook al in de beheersverordening maar was ten onrechte niet overgenomen.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.45 Aanpassing functie ‘Bedrijf – Bedrijf tot en met categorie 2’ naar de functie ‘Bedrijf – Nutsvoorziening’ op de verbeelding en opnemen regels voor de functie ‘BedrijfNutsvoorziening’ Op de verbeelding wordt op een perceel nabij Utrechtseweg 8 de functie ‘Bedrijf – Bedrijf tot en met categorie 2’ aangepast naar de functie ‘Bedrijf – Nutsvoorziening’. Deze nutsvoorziening is in eigendom van Stedin en is ten onrechte bestemd als ‘Bedrijf – Bedrijf tot en met categorie 2’.

20

Datum Rapport

Ontwerp

juli 2025 Vaststellingsrapport

Definitief

De tekst ‘Artikel 5 Bedrijf – Nutsvoorziening 5.1 Doel van de functie Locaties met de functie Bedrijf – Nutsvoorziening zijn bedoeld voor gebouwde nutsvoorzieningen. 5.2 Activiteiten die bij de functie passen Activiteiten die passen bij het doel zijn toegestaan, zoals het aanleggen en gebruiken van tuinen, erven, verkeers-, parkeer- en groenvoorzieningen. 5.3 Activiteiten die niet mogen Het opslaan van goederen met een totale stapelhoogte van meer dan 4 meter op onbebouwde gronden.’ wordt toegevoegd. 2.3.2.46 Aanpassing functie voor het beheergebouw van de Vlinderhof De huidige functie ‘Groen’ past niet bij het beheerdersgebouw van de Vlinderhof. Op de verbeelding wordt de functie ‘Groen’ aangepast naar de functie ‘Maatschappelijk’ met daarop de aanduiding ‘specifieke vorm van maatschappelijk - 1’.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.47 Aanpassing aanduiding ‘maximum bouwhoogte’ bij sportvelden onder de Alendorperweg De aanduiding ‘maximum bouwhoogte’ komt niet overeen met hoe dit in de beheersverordening was opgenomen of met de huidige situatie. Dit is op twee plekken bij dit sportveld aangepast.

Ontwerp

Definitief

21/47

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

2.3.2.48 Aanduiding ‘maximum bouwhoogte’ toevoegen op de verbeelding Op diverse plekken in het plangebied, o.a. Componistenlaan, Europaweg en Alendorperweg, is een aanduiding opgenomen voor ‘maximum bouwhoogte’ van 8 meter. Deze was ten onrechte niet overgenomen uit de beheersverordening. 2.3.2.49 Aanduiding ‘maximum goot- en bouwhoogte’ toevoegen op de verbeelding en in de regels in de functie ‘Horeca’ Op een perceel aan de Uilenboslaan 1 is de aanduiding ‘maximum goot- en bouwhoogte’ opgenomen voor de goothoogte van 4,5 meter en bouwhoogte 10 meter. Deze was ten onrechte niet overgenomen uit de beheersverordening.

Ontwerp

Definitief

In artikel 8, lid 8.2, onder 2 wordt de regel ‘op de locatie met de aanduiding 'maximum goot- en bouwhoogte' geldt in aanvulling op de regels in Hoofdstuk 3 Bouwen en slopen dat het hoofdgebouw tot de maximum aangegeven hoogte mag worden gebouwd;’ toegevoegd. 2.3.2.50 Aanduiding ‘maximum bouwhoogte’ toevoegen op de verbeelding in de functie ‘Sport’ Bij het sportveld aan de Alendorperweg is de aanduiding ‘maximum bouwhoogte’ toegevoegd voor de bouwhoogte van 15 meter. Deze was ten onrechte niet overgenomen uit de beheersverordening.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.51 Aanpassing aanduiding ‘dienstverlening’ en ‘maatschappelijk’ in de functie ‘Sport’ De aanduidingen ‘dienstverlening’ en ‘maatschappelijk’ liggen ten onrechte over het hele sportveld heen. De aanduiding is verkleind zodat deze alleen op het gebouw ligt.

22

Datum Rapport

Ontwerp

juli 2025 Vaststellingsrapport

Definitief

2.3.2.52 Aanduiding ‘maximum bouwhoogte’ toevoegen op de verbeelding in de functie ‘Bedrijf – Bedrijf tot en met categorie 2’ Op een perceel aan de Utrechtseweg is de aanduiding ‘maximum bouwhoogte’ toegevoegd voor de bouwhoogte van 11 meter. Deze was ten onrechte niet overgenomen uit de beheersverordening.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.53 Aanduiding ‘maximum bouwhoogte’ toevoegen op de verbeelding in de functie ‘Detailhandel – Tuincentrum’ Op een perceel aan de Utrechtseweg is de aanduiding ‘maximum bouwhoogte’ toegevoegd voor de bouwhoogte van 10 meter. Deze was ten onrechte niet overgenomen uit de beheersverordening.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.54 Verwijderen ‘specifieke bouwaanduiding – 17’ Er zijn geen regels gekoppeld aan de aanduiding. Daarom is deze verwijderd.

23/47

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

2.3.2.55 Aanpassing goothoogte bij Hoekelumseboslaan Bij de Hoekelumseboslaan is de goothoogte niet juist overgenomen uit de beheersverordening, de goothoogte van 7 meter wordt aangepast naar 6,25 meter. 2.3.2.56 Toevoegen goot- en bouwhoogte bij Europaweg De goot- en bouwhoogten bij de Europaweg waren ten onrechte niet overgenomen uit de beheersverordening. Deze worden toegevoegd aan de verbeelding.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.57 Toevoegen goot- en bouwhoogte bij Utrechtseweg De goot- en bouwhoogten bij de Utrechtseweg waren ten onrechte niet overgenomen uit de beheersverordening. Deze worden toegevoegd aan de verbeelding.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.58 De regel over het akoestisch onderzoek in artikel 21, lid 21.3 onder 10 en bijlage 1 bij de regels met daarin het akoestisch onderzoek zijn verwijderd Binnen de functie (bestemming) ‘Wonen’ is in artikel 21, lid 21.3, onder 10 geregeld dat uitsluitend een omgevingsvergunning bouwen of het wijzigen van een bestemming kan worden verleend als een goed woon- en leefklimaat kan worden gewaarborgd en hiervoor de maatregelen gehanteerd moeten worden die in het akoestisch onderzoek "Nieman: notitie Akoestisch onderzoek Oskam Vleuten Nu 100074adA2.dge" staan. De reden dat deze regel was opgenomen is dat aan de Europaweg 2 een fruitkoelbedrijf is gelegen met een milieucategorie van 3.1. Volgens de VNGsystematiek Bedrijven en milieuzonering moet tussen het perceel en het dichtstbijzijnde geluidgevoelige object een afstand van 50 meter worden gehanteerd ten behoeve van een goed woon- en leefklimaat. In dit geval bedraagt de afstand tussen de dichtstbijzijnde bouwmogelijkheid en het perceel van het fruitkoelbedrijf circa 73 meter. Daarmee wordt voldaan aan de richtafstand en is het opnemen van bovengenoemde regel met een verwijzing naar het destijds uitgevoerde akoestisch onderzoek niet noodzakelijk. De regel is daarom geschrapt. Ook de bijlage 1 bij de regels met daarin bovengenoemd akoestisch onderzoek is verwijderd.

Deze motivering is opgenomen in paragraaf 3.3 ('Bedrijven en milieuzonering').

24

Datum Rapport

juli 2025 Vaststellingsrapport

2.3.2.59 Aanpassing aanduiding ‘overige zone – omgevingskwaliteit’ De ‘overige zone – omgevingskwaliteit’ lag ten onrechte over het gehele Máximapark heen. De aanduiding is aangepast zodat deze niet meer over het hele Máximapark ligt maar alleen op het Lint en de andere bouwwerken waar de ‘overige zone – omgevingskwaliteit’ op hoort te liggen.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.60 Aanpassing functie ‘Water’ Een deel van het water in het plangebied had de functie ‘Groen’ gekregen. Dit is aangepast naar de functie ‘Water’.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.61 Aanpassing functie ‘Groen’ Op basis van de bij de beheersverordening toegevoegde bijlage met daarop aangegeven het structureel groen is de functie ‘Groen’ aangepast.

25/47

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

Ontwerp

Definitief

2.3.2.62 Aanpassing aanduiding voor afschermende beplantingsstrook in de functie ‘Groen’ De aanduiding voor een afschermende beplantingsstrook mistte nog op de verbeelding, maar stond wel al in de regels. De aanduiding is toegevoegd op de verbeelding. De regel over de aanduiding is iets aangepast vanwege de naamgeving van de aanduiding.

Ontwerp

Definitief

De tekst in artikel 7, lid 7.2, onder 4 wordt als volgt aangepast: ‘DeOp de locatie met de aanduiding 'specifieke vorm van groen – 1afschermende beplantingsstrook' is een afschermende

beplantingsstrook toegestaan, deze moet onbebouwd blijven en er mogen uitsluitend groenvoorzieningen geplant worden’.

2.3.2.63 Verwijderen percelen uit bestemmingsplan Er is een quickscan flora en fauna uitgevoerd om te beschouwen of de aanwezigheid van beschermde soorten uitgesloten kon worden of dat nader onderzoek naar deze eventueel aanwezige soorten uitgevoerd moest worden. Uit deze quickscan bleek dat voor de beoogde woningbouw aan de Hoekelumseboslaan nader onderzoek nodig is. Om deze reden zijn de percelen

26

Datum Rapport

juli 2025 Vaststellingsrapport

verwijderd. Op grond van de beheersverordening kan nog steeds gebruik worden gemaakt van de bebouwingsmogelijkheden.

Ontwerp

Definitief

2.3.2.64 Verwijderen gebiedsaanduidingen voor de archeologische verwachtingswaarden De gebiedsaanduidingen voor de verschillende archeologische verwachtingswaarden waren in het ontwerpbestemmingsplan opgenomen. Inmiddels is archeologie geregeld in het definitieve deel van het omgevingsplan. Het is dus niet nodig om dat in het Chw bestemmingsplan weer te doen, het definitieve deel van het omgevingsplan geldt namelijk ook op deze locatie. 2.3.3

Wijziging van de onderbouwing naar aanleiding van zienswijzen

2.3.3.1

In de artikelsgewijze toelichting is artikel 2.2.2 aangepast om de aanpassing naar aanleiding van de functie ‘Leiding - Gas’ te benoemen Naar aanleiding van de zienswijze van de Gasunie is in de artikelsgewijze toelichting onder de functie ‘Leiding – Gas’ in artikel 2.2.2 de volgende tekst toegevoegd: “In lid 9.3 is opgenomen dat bestaande gebouwen niet naar een kwetsbaar of zeer kwetsbaar gebouw mogen worden veranderd. Hiermee moet voorkomen worden dat er kwetsbare objecten binnen de belemmeringenstrook worden toegelaten”. 2.3.3.2

In de artikelsgewijze toelichting is tekst in de functie ‘Bedrijf – Bedrijf tot en met categorie 2’ artikel 2.2.2 aangevuld Binnen de functie ‘Bedrijf – Bedrijf tot en met categorie 2’ zijn bedrijven tot en met categorie 2 toegestaan – met uitzondering van enkele bestaande uitzonderingen. De benoemde uitzonderingen zijn aangevuld met de volgende tekst: ‘Dit geldt ook voor het fietsenreparatie- en verhuurbedrijf met ondersteunende horeca aan de Alendorperweg 50a’. 2.3.4

Ambtshalve wijziging van de onderbouwing

2.3.4.1 Actualiseren van de toelichting na inwerkingtreding Omgevingswet De teksten in de toelichting van het Chw bestemmingsplan Maximapark zijn geactualiseerd naar aanleiding van de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Het gaat om tekstuele aanpassingen die geen gevolgen hebben. 2.3.4.2 Aanpassing paragraaf 1.4.4. Vikingrijn In deze paragraaf staat dat de Vikingrijn in de toekomst uitgebreid gaat worden. Dit is inmiddels gebeurd. De volgende tekst: ‘Ook de Vikingrijn zal in de toekomst uitgebreid worden.’ wordt verwijderd. 2.3.4.3 Aanpassing paragraaf 1.4.6.1 Noordpunt sportpark In paragraaf 1.4.6.1 stond halve zin, deze zin is aangevuld. De tekst van paragraaf 1.4.6.1 wordt als volgt: ‘Op het noordelijk deel van het park boven de Componistenlaan zijn diverse sportvoorzieningen gelegen, zoals een klimhal en scouting-

27/47

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

gelegenheden. Hier wordt beoogd om diverse leisure-achtige (aan sport gerelateerde) activiteiten mogelijk te maken. Er wordt komt in de toekomst ook een zwembad.’. 2.3.4.4 Aanpassing paragraaf 1.4.6.2 Alendorperweg In paragraaf 1.4.6.2 wordt verwezen naar overige zone – omgevingskwaliteit. In de paragraaf is verduidelijkt wat het gevolg daarvan is. De tekst van paragraaf 1.4.6.2 wordt als volgt: ‘Langs de Alendorperweg zijn verschillende woonpercelen gelegen met objecten die aangeduid zijn als 'overige zone - omgevingskwaliteit'. Deze zijn aangemerkt als 'overige zone - omgevingskwaliteit' vanwege de typologie, de ligging, het ensemble, de architectuur of de architectonische waarde. Voorbeelden hiervan zijn diverse langhuisboerderijen, een villa, een toegangshekwerk en tuinderswoningen. Een beschrijving van deze te beschermen kwaliteiten is opgenomen in bijlage 4. Binnen de zone omgevingskwaliteit is het verboden om zonder omgevingsvergunning te bouwen of te slopen. Burgemeester en wethouders verlenen de omgevingsvergunning alleen als er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van de kwaliteitskenmerken’. 2.3.4.5 Aanpassing paragraaf 1.5.8.1.1 Bouwen Het akoestisch onderzoek, zoals opgenomen in het ontwerp, is niet meer opgenomen in de vaststelling van het bestemmingsplan.

Dit onderzoek is namelijk niet meer relevant, omdat er voldoende afstand tussen het bedrijfsperceel aan de Europaweg 2 en de beoogde geluidgevoelige objecten aan de Europaweg en de Hoekelumseboslaan gelegen is. Daarom is de tekst hierover verwijderd. De tekst:

‘16. Specifieke bouwaanduiding - 2 (dit was besluitsubvlak 27), specifieke bouwaanduiding - 3 (dit was besluitsubvlak 31), specifieke bouwaanduiding - 4 (dit was besluitsubvlak 32), specifieke bouwaanduiding - 5 (dit was besluitsubvlak 33), specifieke bouwaanduiding - 6 (dit was besluitsubvlak 36) en specifieke bouwaanduiding - 7 (dit was besluitsubvlak 37): deze bouwaanduidingen zijn gekoppeld aan diverse percelen aan de Hoekelumseboslaan. Deze bouwaanduidingen regelen dat er enkel een vergunning voor de activiteit bouwen verleend kan worden voor indien een goed woon- en leefklimaat kan worden gewaarborgd. Dit woon- en leefklimaat wordt gewaarborgd door het uitvoeren van maatregelen in het akoestisch rapport zoals opgenomen in bijlage 1 of als de bedrijfsmatige activiteiten van het fruitkoelbedrijf ter plaatse definitief zijn beëindigd.’ is verwijderd. 2.3.4.6 Aanpassing paragraaf 1.5.8.1.2, functies en activiteiten De functie op een locatie aan de Enghlaan is aangepast van ‘Bijzondere wijkfunctie’ naar ‘Agrarisch’. De toelichting van het bestemmingsplan is daarop aangepast. In paragraaf 1.5.8.1.2 is daarom tekst over deze locatie verwijderd.

De tekst: ‘Beheersverordening De Meern Noord, Maximapark, Vogelenbuurt, Wittevrouwen Besluitsubvlak NN: agrarische doeleinden, niet zijnde intensieve veeteelt, een dienstwoning met de daarbij behorende bouwwerken en andere werken, zoals parkeervoorzieningen water een kinderdagverblijf met dienstwoning. én Besluitsublak OO: agrarische doeleinden, niet zijnde intensieve veeteelt, een dienstwoning met de daarbij behorende, bouwwerken en andere werken, zoals parkeervoorzieningen, water. Voor het adres Enghlaan 6/6a Chw bestemmingsplan Maximapark Functie 'Bijzondere wijkfunctie': Activiteiten die passen bij voorzieningen gericht op bewoners van de wijk en de directe omgeving van de wijk en voor lichte bedrijfsactiviteiten, zoals dienstverlening, 28

Datum Rapport

juli 2025 Vaststellingsrapport

buitenschoolse opvang, kinderdagverblijf, sportvoorzieningen, bedrijven in categorie A en B1 van de Lijst van bedrijfsactiviteiten in de woonomgeving, tuinen en erven, verkeers-, parkeer-, groenen speelvoorzieningen. Met de aanduidingen: 'bedrijfswoning' en 'specifieke vorm van maatschappelijk - bedrijfswoning bij kinderdagverblijf'. Voor de Enghlaan 6/6a geldt dat er afgelopen jaren diverse omgevingsvergunningen zijn verleend, onder andere voor het kunnen exploiteren van kinderdagverblijven en een buitenschoolse opvang en een sportvoorziening. De agrarische activiteiten, naast het hobbymatig houden van landbouwhuisdieren, zijn inmiddels gestaakt. De vergunde activiteiten passen het beste bij de functie 'Bijzondere wijkfunctie'. Dit betekent wel aan aanvulling op wat nu vergund is, namelijk het uitoefenen van bedrijven in categorie A en B1 van de Lijst van bedrijfsactiviteiten in de woonomgeving en dienstverlening. De bedrijven in categorie A en B1 die zijn opgenomen in voorgaand genoemde lijst hebben geen significante impact of de omringende omgeving. Dit zijn bedrijven die namelijk acceptabel worden geacht in een woonomgeving. Er zijn verder geen goede alternatieven als functie.

Een alternatieve functie zou bijvoorbeeld 'Werken in de wijk' zijn, maar deze functie maakt de activiteiten zoals hierboven omschreven in de functie 'Bijzondere wijkfunctie' ook mogelijk, samen met maatschappelijke voorzieningen en culturele voorzieningen. Een dergelijke verruiming van activiteiten is op deze manier niet van toepassing op het perceel.’ is verwijderd. 2.3.4.7 Aanpassing paragraaf 2.2.2, artikelsgewijze toelichting functie ‘Bijzondere wijkfunctie’ De artikelsgewijze toelichting over de functie ‘Bijzondere wijkfunctie’ is verwijderd omdat deze functie niet meer voorkomt in het bestemmingsplan. De tekst: ‘De 'Bijzondere wijkfunctie' wordt gegeven aan een gebouw waarin een aantal functies zijn samengebracht die een bijdrage leveren aan het voorzieningenniveau en de sociale cohesie van de wijk of buurt. Deze functie (bestemming) is toegekend aan het perceel Enghlaan 6/6A/6B waar kinderopvang- en basisschoolopvangen worden uitgevoerd.’ wordt verwijderd. 2.3.4.8

Aanpassing paragraaf 2.2.2, artikelsgewijze toelichting functie ‘Bedrijf – Bedrijf tot en met categorie 2’ De aanduiding ‘specifieke vorm van horeca – horeca in de categorie D2’ is verwijderd van de verbeelding. De artikelsgewijze toelichting wordt hierop aangepast. De artikelsgewijze toelichting wordt: De verschillende bedrijven binnen het Máximapark hebben de functie (bestemming) 'Bedrijf - Bedrijf tot en met categorie 2' gekregen. Aan het plan is (als bijlage bij de regels) de Lijst van bedrijfsactiviteiten toegevoegd. Een uitgebreide toelichting op deze lijst is opgenomen in de bijlage zelf. Binnen het plangebied zijn uitsluitend bedrijfsactiviteiten tot en met milieucategorie 2 toegestaan. Bestaande uitzonderingen, zoals een hoveniersbedrijf, een horecabedrijf in categorie D2 en een fruitkoelbedrijf, zijn specifiek aangeduid.’. 2.3.4.9 Er is een zin toegevoegd aan paragraaf 2.2.2 van de artikelsgewijze toelichting Onder artikel 13 (Milieuzone – Boringsvrije zone’) ontbrak een zinsdeel in het ontwerpbestemmingsplan. Hierin stond ‘Hiervan kan’. Dit is aangevuld met de volgende tekst: ‘…afgeweken worden als er toestemming verleend is door de beheerder (in dit geval de provincie Utrecht)’. 2.3.4.10

Paragraaf 2.4.3.7 van de artikelsgewijze toelichting op artikel 29.5 (Logies, bed-andbreakfast, vakantieverhuur) is vervangen In paragraaf 2.4.3.7 is een woord in de tweede alinea vervangen. Dit is naar aanleiding van een tussenuitspraak van de Raad van State over het Chw bestemmingsplan Pijlsweerd, Tuinwijk, Vogelenbuurt, Griftpark (ECLI:NL:RVS:2023:3717). Hierin is aangegeven dat de regel van lid 29.5, onder 1, namelijk dat de hoofdbewoner in de woning moet zijn als er gasten is, onredelijk bezwarend is. Om deze reden is in de artikelsgewijze toelichting in de zin: ‘Anders dan bijvoorbeeld

29/47

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

bij particuliere vakantieverhuur is er in een bed-and-breakfast altijd een gastheer of -vrouw aanwezig’ het woord “altijd” vervangen door “in de regel”. Hiermee wordt beter aangesloten op hoe de regel bedoeld wordt, namelijk dat de hoofdbewoner bijvoorbeeld boodschappen kan doen, maar dat er wordt vastgehouden aan het punt dat wel verwacht wordt dat de hoofdbewoner (in de regel) aanwezig is wanneer er gasten zijn. Dat is namelijk het belangrijkste onderscheid tussen vakantieverhuur (hoofbewoner niet aanwezig) en bed-and-breakfast (hoofdbewoner in de regel aanwezig). Daarnaast is in de eerste alinea opgenomen het volgende opgenomen: “De gemeente heeft een wijziging van de verordening in voorbereiding die een meldplicht per overnachting invoert voor de particuliere vakantieverhuur”. Deze meldplicht is inmiddels door de huisvestingsverordening ingevoerd. Daarom is deze zin aangepast naar: “Daarnaast geldt op grond van de huisvestingsverordening voor particuliere vakantieverhuur ook een meldplicht per verhuring”. Tot slot is de vierde alinea de zin: “Sinds 1 juli 2021 geldt op grond van de Huisvestingsverordening voor zowel particuliere vakantieverhuur als voor bed-and-breakfast een registratieplicht” verwijderd”. Zoals hiervoor beschreven geldt bijvoorbeeld voor particuliere vakantieverhuur een meldplicht.

2.3.4.11 De tekst van de inleiding van hoofdstuk 3 is gewijzigd De inleiding van hoofdstuk 3 (alsmede verschillende paragrafen in dit hoofdstuk) zijn gewijzigd. De reden hiervoor is dat er een onderbouwing ontbrak voor de bouwmogelijkheden van woningen aan de Hoekelumseboslaan en de Europaweg. De onderzoeken die hieraan ter grondslag lagen (en opgesteld waren in het kader van het uitwerkingsplan Leidsche Rijn Park, Uitwerkingsplan Europaweg Noord) waren verouderd. Daarnaast zijn enkele bouwmogelijkheden (van de braakliggende kavels) uit het bestemmingsplan gelaten vanwege de onderzoeksresultaten van de quickscan flora en fauna. In de inleiding is de tweede alinea als volgt aangepast: ‘Dit bestemmingsplan maakt g̶e̶e̶n̶ niet direct nieuwe ontwikkelingen mogelijk. Wel worden enkele mogelijkheden voor de bouw van nieuwe gebouwen aan de Hoekelumseboslaan en de Europaweg overgenomen. De uitgevoerde onderzoeken zijn breder ingestoken dan de gebiedsdelen die in het Chw bestemmingsplan Maximapark zijn opgenomen. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de milieutechnische- en hygienische uitvoerbaarheid ten aanzien van enerzijds het bestemmingsplan in haar algemeenheid en de opgenomen bouwmogelijkheden aan de Hoekelumseboslaan en de Europaweg.

2.3.4.12 Paragraaf 3.2 ('Milieueffectrapportage') is aangevuld De paragraaf 3.2 is aangevuld met een motivering waarom geen sprake is van een stedelijke ontwikkeling in het kader van de m.e.r.-procedure. De tekst onder de kopjes 'plansituatie' en 'conclusie' is aangepast. De tekst: ‘Plansituatie Dit plan maakt geen activiteiten mogelijk die waarvoor op grond van artikel 2 van het Besluit milieueffectrapportage een milieueffectrapport opgesteld moet worden of waarvoor op grond van hetzelfde artikel beoordeeld moet worden of er een milieueffectrapport nodig is. Conclusie Er is geen sprake van belangrijke nadelige milieugevolgen. Het bestemmingsplan maakt niet direct nieuwe ontwikkelingen mogelijk behalve ontwikkelingen die onder de huidige beheersverordening al mogelijk werden gemaakt. Het opstellen van een milieueffectrapportage is dan ook niet noodzakelijk.’ is vervangen door de tekst: 30

Datum Rapport

juli 2025 Vaststellingsrapport

Plansituatie Dit plan maakt geen activiteiten mogelijk die waarvoor op grond van artikel 2 van het Besluit milieueffectrapportage een milieueffectrapport opgesteld moet worden of waarvoor op grond van hetzelfde artikel beoordeeld moet worden of er een milieueffectrapport nodig is. De bebouwingsmogelijkheden die in dit plan zijn opgenomen waren al mogelijk onder de huidige beheersverordening. Daarbij is het aantal in dit plan opgenomen bebouwingsmogelijkheden zeer beperkt en sluit het in aard aan op de bestaande woningen in de omgeving. Dit wordt niet gezien als een stedelijk ontwikkelingsproject. Conclusie Het bestemmingsplan maakt niet direct nieuwe ontwikkelingen mogelijk behalve ontwikkelingen die onder de huidige beheersverordening al mogelijk werden gemaakt. De ontwikkeling wordt niet gezien als een stedelijk ontwikkelingsproject. Het opstellen van een milieueffectrapportage of een m.e.r.-beoordeling is dan ook niet noodzakelijk. 2.3.4.13 Paragraaf 3.3 ('Bedrijven en milieuzonering' is aangepast. De reden hiervoor is dat het onnodig is om de maatregelen zoals destijds in het akoestisch onderzoek genoemd uit te voeren om een goed woon- en leefklimaat te waarborgen. Het bedrijf aan de Europaweg 2 is een fruitkoelbedrijf en komt overeen met een bedrijf met milieucategorie 3.1 conform de VNG-systematiek 'Bedrijven en milieuzonering'.

Voor een dergelijke milieucategorie geldt dat ten behoeve van een goed woon- en leefklimaat een richtafstand van 50 meter tussen het bedrijfsperceel en de dichtstbijzijnde beoogde woning gehanteerd moet worden. Daar is in dit geval sprake van. De volgende tekst is verwijderd uit paragraaf 3.3: ‘In de beheersverordening 'De Meern Noord, Maximapark, Vogelenbuurt, Wittevrouwen' is opgenomen dat ter plaatse van de besluitsubvlakken 27, 31, 32, 33, 36 en 37 voor het bouwen of wijzigen van geluidgevoelige bestemmingen genoemd in de vlakken YY en ZZ vergunning verleend kan worden indien een goed woon- en leefklimaat gewaarborgd is. Deze regel heeft betrekking op locaties die onder andere langs de Europaweg en Het Lint Vleuterweide zijn gelegen en in de invloedsfeer van het nabijgelegen fruitkoelbedrijf. Bij het wijzigen of bouwen van geluidgevoelige bestemmingen moeten maatregelen uitgevoerd worden uit het destijds uitgevoerde akoestisch onderzoek die als bijlage 1 is opgenomen. Dit tenzij de bedrijfsactiviteiten waarvoor het akoestisch onderzoek is uitgevoerd zijn gestopt.’. De volgende tekst is toegevoegd: ‘Nieuwe gevoelige objecten in de omgeving van bedrijven worden met dit bestemmingsplan niet mogelijk gemaakt. De beoogde woningen voor de kavels aan de Hoekelumseboslaan en de Europaweg zijn op voldoende afstand gelegen van het fruitkoelbedrijf aan de Europaweg 2.

Dit fruitkoelbedrijf heeft een milieucategorie van 3.1, wat overeenkomt met een aan te houden richtafstand van 50 meter. De dichtstbijzijnde beoogde geluidgevoelige gevel van het dichtstbijzijnde perceel en de perceelsgrens van het fruitkoelbedrijf is gelegen op circa 78 meter afstand.’. De conclusie van de bedrijven en milieuzoneringsparagraaf (namelijk dat er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat) is ongewijzigd. 2.3.4.14 De tekst van paragraaf 3.4 ('Geluidhinder') is aangepast, er is een akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai uitgevoerd (opgenomen in bijlage 1 van het bestemmingsplan) en er is een besluit hogere waarden genomen (opgenomen in bijlage 2 van het bestemmingsplan). Het ontbrak in de ontwerpversie van het Chw bestemmingsplan Máximapark aan een akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai en daarmee ook aan een complete geluidsparagraaf. Deze omissie is gerepareerd. Er is een akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai door de gemeente Utrecht uitgevoerd om de geluidbelasting op de gevels van de beoogde woningen inzichtelijk te maken. Uit het onderzoek is gebleken dat geen van de nieuwe beoogde woningen zich binnen het gebied met

31/47

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

een overschrijding van de maximale ontheffingswaarde bevindt. Wel wordt de voorkeursgrenswaarde overschreden. Om deze reden wordt voor dit plan een ontheffing (‘hogere waarden’) verleend voor het geluid van de Europaweg van maximaal 58 dB. Elke woning moet conform het gemeentelijke beleid ter compensatie de beschikking hebben over een luwe gevel, een rustige buitenruimte en een akoestisch gunstige woningindeling. De ontheffing is in bijlage 2 van het bestemmingsplan opgenomen. Overigens is uiteindelijk bepaald vanwege de uitkomsten van de quickscan flora en fauna om diverse gebiedsdelen die in dit akoestisch onderzoek zijn onderzocht uit het bestemmingsplan te laten. Bovenstaande in acht nemende is de volgende tekst verwijderd: ‘Plangebied Binnen het plangebied wordt geen ontwikkelruimte geboden langs drukke wegen (50 km/per uur), spoorweg en industrieterreinen. In dit bestemmingsplan worden geen (nieuwe) geluidgevoelige functies mogelijk gemaakt. Er zijn verschillende bouwaanduidingen vanuit de beheersverordening opgenomen aan de Europaweg die de bouw van een nieuw hoofdgebouw in het aangegeven vlak mogelijk maakt. In het kader van de opstelling van het bestemmingsplan Leidsche Rijn Park is een akoestisch onderzoek uitgevoerd (VL04-51/1 d.d. 6 december 2004, gewijzigd d.d. 18 januari 2005, alsmede een erratum d.d. 10 augustus 2005.

Er is daarbij onderzoek verricht naar de ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden van woningbouw in het Leidsche Rijn Park gerelateerd aan de bestaande infrastructuur. Voor het plangebied aan de noordzijde van de Europaweg (waar bebouwingsaanduingen zijn opgenomen) is naar voren gekomen dat er geen overschrijding van de voorkeursgrenswaarde plaatsvindt door toedoen van het wegverkeer op de Noordelijke Stadsas. Conclusie Vanuit geluid zijn er geen beperkingen voor het plangebied. En vervangen door de volgende tekst: ‘Plangebied Binnen het plangebied wordt geen ontwikkelruimte geboden langs drukke wegen (50 km/per uur), spoorweg en industrieterreinen. In dit bestemmingsplan worden geen (nieuwe) geluidgevoelige functies mogelijk gemaakt. Er zijn verschillende bouwaanduidingen vanuit de beheersverordening opgenomen aan de Europaweg die de bouw van een nieuw hoofdgebouw in het aangegeven vlak mogelijk maakt. In onderhavig plan gaat het om enkele bouwaanduidingen die vanuit de beheersverordening over worden gezet naar dit bestemmingsplan. In het akoestisch onderzoek is eveneens onderzoek naar verschillende bouwmogelijkheden verricht die niet zijn opgenomen in dit bestemmingsplan. Voor zover de resultaten betrekking hebben op bouwmogelijkheden die zich buiten het plangebied (en de reikwijdte van dit bestemmingsplan vallen) zijn deze niet relevant.

In het kader van de in dit bestemmingsplan opgenomen bouwmogelijkheden aan de Hoekelumseboslaan en Europaweg is een akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai uitgevoerd (Bijlage 1 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai). Het deel van het plangebied aan de Europaweg en de Hoekelumsenoslaan zijn gelegen binnen de wettelijke zone van de Europaweg.

Wegverkeer

De contouren van de toekomstige maximale geluidbelasting bedraagt op de nog geplande woningen in bouwvlakken met specifieke bouwaanduiding (incl. 5 dB aftrek ex art. 110 Wgh) 55 dB. De geluidbelasting is inzichtelijk gemaakt op de volgende afbeelding.

32

Datum Rapport

juli 2025 Vaststellingsrapport

Geluidscontouren op basis van de hoogst berekende geluidbelasting vanwege de Europaweg De geluidbelasting overschrijdt de voorkeursgrenswaarde in een ongeveer 80 meter brede strook aan de oostzijde van de weg. De overschrijding van de voorkeursgrenswaarde (oranje gekleurd in de figuur) beslaat daarmee een grootgedeelte van het plangebied waar de bestemming wonen wordt toegestaan. In dit gebied is woningbouw met ontheffing mogelijk mits er voldaan wordt aan de voorwaarden uit het gemeentelijk geluidbeleid. De nog in te vullen kavels verder naar het oosten gelegen in het plangebied liggen voor het grootste deel in het groene gebied waar aan de voorkeursgrenswaarde wordt voldaan. In de specifieke bouwaanduidingsvlakken nabij de weg wordt de maximale ontheffingswaarde die geldt in de uitleggebieden (58 dB) overschreden (rode gebied). Woningbouw dient hier bij voorkeur buiten te blijven. Indien er binnen het rode gebied wordt gebouwd, dan kan dat alleen middels toepassing van dove gevels. In de huidige situatie zijn deze kavels die het dichtst bij de weg liggen echter reeds bebouwd. Geen van de nieuwe woningen (de specifieke bouwaanduidingsvlakken) bevindt zich binnen het gebied met een overschrijding van de maximale ontheffingswaarde.

Vanwege een overschrijding van de voorkeursgrenswaarde wordt voor dit plan een ontheffing (‘hogere waarden’) verleend voor het geluid van de Europaweg van maximaal 58 dB. Maatregelen ter verbetering van de geluidssituatie zijn namelijk redelijkerwijs niet voorhanden. Op de betreffende weg ligt al een (licht) geluidsreducerend wegdek en geluidsschermen zijn in een dergelijke binnenstedelijke situatie vanuit stedenbouwkundig oogpunt niet wenselijk. Aangezien de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden, zal elke woning conform het gemeentelijke beleid ter compensatie de beschikking moeten hebben over een luwe gevel, een rustige buitenruimte en een akoestisch gunstige woningindeling. Uit het onderzoek blijkt dat dit voor alle geprojecteerde woningen het geval is. Bij een nadere/andere uitwerking van het plan zal dit opnieuw nader gedetailleerd moeten worden uitgezocht. Conclusie Er zijn vanuit het aspect geluid bezien geen belemmeringen voor de gewenste ruimtelijke ontwikkelingen binnen het plangebied. Voor dit plan wordt parallel aan de ruimtelijke procedure een hogere waarde procedure voor de hierboven genoemde geluidbron doorlopen (zie Bijlage 2 Besluit hogere waarden). Door het treffen van maatregelen aan de woningen kan aan de voorwaarden uit het gemeentelijk geluidbeleid worden voldaan.’.

33/47

Ontwikkelorganisatie Ruimte Omgevingsrecht

2.3.4.15 De bodemparagraaf (paragraaf 3.9) is aangepast om duidelijker te maken dat de grond in beginsel geschikt is voor het beoogde gebruik De tekst: ‘waardoor geen noodzaak bestaat om bodemonderzoek uit te voeren’ is verwijderd en wordt vervangen door de volgende tekst: ’Wel worden enkele bouwmogelijkheden aan de Europaweg en de Hoekelumseboslaan overgenomen. De bodemkwaliteit is op basis van bodeminformatie van de gemeente Utrecht op deze locatie naar verwachting voldoende geschikt voor 'Wonen'. In het kader van het bestemmingsplan is daardoor geen noodzaak om bodemonderzoek uit te voeren.’. De opmerking dat bij eventuele wijzigingen in functie en/of gebruik een (her)beoordeling noodzakelijk is en aangetoond dient te worden dat de bodem geschikt is voor de beoogde functie is aangevuld met dat dit eveneens bij sloop- en/of bouwwerkzaamheden moet gebeuren. 2.3.4.16 De tekst van paragraaf 3.10 ('Natuurbescherming') is aangepast, er is een quickscan flora en fauna uitgevoerd (opgenomen in bijlage 3 van het bestemmingsplan) en er is een stikstofdepositie onderzoek uitgevoerd (opgenomen in bijlage 4 van het bestemmingsplan). In het kader van de bouwmogelijkheden aan de Hoekelumseboslaan en Europaweg is een quickscan flora en fauna uitgevoerd.

Daarnaast is eveneens een stikstofdepositie onderzoek uitgevoerd om te bepalen of er significante negatieve effecten plaatsvinden op nabijgelegen Natura-2000 gebieden als gevolg van de mogelijke bouw van de beoogde woningen. Bij het ontwerpbestemmingsplan is verzuimd om deze noodzakelijke onderzoeken uit te voeren. Bij de vaststelling worden deze gebreken gerepareerd. De zin in de alinea onder het kopje 'plangebied' met de tekst: ’Om deze redenen hoeft er voor dit bestemmingsplan geen ecologisch onderzoek uitgevoerd te worden,’ is verwijderd en is vervangen door de volgende tekst: Plangebied Flora en fauna Er is een quickscan flora en fauna uitgevoerd (zie Bijlage 3) om in beeld te brengen of er (potentiële) vaste rust- of voortplantingsplaatsen aanwezig zijn van de soorten uit de verschillende beschermingsregimes. Vervolgens wordt beoordeeld of de voorgenomen ingreep verstorend kan zijn en of nader onderzoek noodzakelijk wordt geacht. Het onderzoek heeft tot doel om in te schatten of er op de onderzoekslocatie planten- en diersoorten, gebieden of houtopstanden aanwezig zijn die volgende de Wet natuurbescherming een beschermde status hebben en die mogelijk negatieve gevolgen kunnen ondervinden door de voorgenomen ingreep.

Methodiek

Het onderzoek is uitgevoerd door middel van een literatuuronderzoek en een veldonderzoek. Op deze wijze is inzicht verkregen in de aanwezigheid van geschikt habitat en de daarbij te verwachten beschermde soorten, gesitueerd op of nabij de onderzoekslocatie. Voor het literatuuronderzoek naar beschermde gebieden, soorten en houtopstanden is onder andere gebruik gemaakt van informatiebronnen beschikbaar gesteld door het Ministerie van Landbouw, Natuur, Voedselkwaliteit en Visserij en de Provinciale Omgevingsvisie. Daarnaast zijn verspreidingsgegevens uit het archief van Bureau Viridis, de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF), verspreidingsatlassen en vrij beschikbare verspreidingsgegevens van soortenorganisaties gebruikt van minimaal de laatste 10 jaar binnen een straal van minimaal 3 kilometer rondom het plangebied. Tijdens het veldonderzoek is het gehele gebied met bebouwingsmogelijkheden nabij de Hoekelumseboslaan en de Europaweg zoals die momenteel in de beheersverordening staan beschouwd. Op basis van geografische ligging, terreingesteldheid en expert judgement is beoordeeld of in en rond het plangebied beschermde natuurwaarden kunnen voorkomen of dat er voor beschermde soorten geschikt leefgebied aanwezig is. Tijdens het onderzoek is de relevante directe omgeving van het plangebied eveneens onderzocht op de potentie voor beschermde soorten.

Op deze manier zijn de uitstralingseffecten van de activiteit bepaald. 34

Datum Rapport

juli 2025 Vaststellingsrapport

Aanwezige beschermde soorten - Wet natuurbescherming

Uit de quickscan volgt dat met betrekking tot soortenbescherming een aantal aandachtspunten in acht genomen moet worden. Voor een aantal soorten zijn middels het nemen van specifieke preventieve maatregelen negatieve effecten te voorkomen. Dit betreffen de volgende soorten/ functies: • Rugstreeppad – landhabitat; • Algemene broedvogels – nestlocaties. Voor andere soorten zijn er geen maatregelen die het optreden van negatieve effecten geheel voorkomen. Er is daarom nader onderzoek nodig om vast te stellen of deze soorten aanwezig zijn binnen de invloedssfeer van de geplande werkzaamheden, zo nodig gevolgd door een vergunningsaanvraag. Het betreffen de volgende soorten/functies: • Boombewonende vleermuizen – verblijfplaatsen; • Teunisbloempijlstaart – voortplantingshabitat. Er zijn ook soorten waarvan de aanwezigheid van nesten, verblijfplaatsentijdens foerageergebied tijdens het veldbezoek kon worden vastgesteld. Voor deze soorten dient een activiteitenplan te worden opgesteld en een vergunning te worden aangevraagd. Het gaat hier om de volgende soort en functie: • Boerenzwaluw – jaarrond beschermde nesten; • Haas – verblijfplaatsen en essentieel leefgebied; • Konijn – verblijfplaatsen en essentieel leefgebied.

Ten slotte zijn er soorten waarvoor geldt dat aanwezigheid en negatieve effecten op basis van nader onderzoek niet kunnen worden uitgesloten waardoor op voorhand een vergunning moet worden aangevraagd: • Bunzing – verblijfplaatsen en essentieel leefgebied; • Wezel – verblijfplaatsen en essentieel leefgebied. De resultaten van de quickscan flora en fauna vragen om nader onderzoek naar verschillende beschermde soorten, te weten de boombewonende vleermuis, teunisbloempijlstraat en het konijn. Het onderzoek zag toe op een groter gebied, namelijk op de bebouwingsmogelijkheden voor braakliggende bouwkavels vanuit de beheersverordening. Aangezien geconcludeerd is dat nader onderzoek benodigd is zijn de bebouwingsmogelijkheden waar de noodzaak van het nader onderzoek betrekking op heeft uit het plan gelaten. Voor deze bebouwingsmogelijkheden blijft daarmee de beheersverordening gelden. Zodra het nader onderzoek uitgevoerd is zullen de bebouwingsmogelijkheden in een apart plan mogelijk worden gemaakt. Stikstofdepositie Het dichtstbijzijnde Natura-2000 gebied is Oostelijke Vechtplassen, dat op ongeveer 7,5 kilometer afstand van het plangebied ligt. Om de bijdrage aan de stikstofdepositie van het plan te bepalen zijn er berekeningen gemaakt met de AERIUS Calculator versie 2024.2.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=e9bcf9bf-d5d0-406d-9588-53ad78bc7f32