Agendabundel
Tekst van het document
35
De heer Van der Zweth (PvdA) vraagt vervolgens wat dan leidend is voor de heer Dijkstra: het alternatief van EenUtrecht of de uitkomst van het burgerberaad.
40
De heer Dijkstra (EenUtrecht) stelt dat de heer Van der Zweth het alternatief van EenUtrecht niet goed heeft gelezen. Volgens hem wordt het alternatief niet als optie voorgelegd, maar laat het vooral zien dat het ook anders kan. Hij wil het ook niet in stemming brengen. Het is juist bedoeld om de Utrechters verschillende keuzemogelijkheden voor te leggen, zodat zichtbaar wordt wat de stad zélf wil.
45
De heer Van der Zweth (PvdA) stelt dat mensen die nog niet in Utrecht wonen geen deel kunnen uitmaken van een burgerberaad en dat er daarmee belangrijke stemmen verloren gaan. Hij vindt het dubbel dat EenUtrecht wel met een eigen plan komt, maar de uiteindelijke keuze bij de bewoners legt zonder zelf echt positie te kiezen.
50
De heer Dijkstra (EenUtrecht) vreest dat de PvdA tegen het idee van een burgerberaad zal stemmen, waardoor deze toekomstvraag nooit aan de bewoners wordt voorgelegd. Als dat gebeurt, zou hij alsnog voor zijn eigen alternatief kiezen. Toch wil hij dat het beleid aansluit bij wat Utrechters willen.
55
De heer Van Vliet (D66) vraagt zich af of het betoog van EenUtrecht daadwerkelijk draait om een burgerberaad, of dat het in feite gaat om het doordrukken van een al ingevuld alternatief. Volgens hem wekt het de indruk dat het burgerberaad slechts een middel is om de visie van EenUtrecht aan een meerderheid op te leggen.
60
De heer Dijkstra (EenUtrecht) is het daar niet mee eens. Hij wil juist onderzoeken hoeveel Utrechters de stedenbouwvisie steunen en laten zien dat er een alternatief is. Pagina 25 van 34
5
10
15
20
25
De heer Te Hoonte (VVD) zegt geen voorstander te zijn van een burgerberaad. Hij vraagt zich af of het niet verstandiger was geweest om een burgerberaad te organiseren vóórdat de hoogbouwvisie werd losgelaten en niet pas nu, wanneer de hele visie al is uitgewerkt. De heer Dijkstra (EenUtrecht) geeft aan dat hij daar destijds al op heeft aangedrongen, maar dat hij het nu alsnog probeert te repareren. Hij had het ook liever één of twee jaar geleden georganiseerd. De heer Te Hoonte (VVD) vindt het vreemd dat pas bij het vaststellen van de visie wordt gevraagd om een burgerberaad. Volgens hem zou het logischer zijn om de visie af te keuren, en bij een nieuw traject ruimte te maken voor een burgerberaad. De heer Dijkstra (EenUtrecht) is het daarmee eens. De heer Te Hoonte (VVD) merkt op dat hij ook aanpassingsvoorstellen hoort vanuit coalitiepartijen. Hij vraagt zich af of dit leidt tot een strekt ter vervanging of dat er gewerkt gaat worden met amendementen. De heer Dijkstra (EenUtrecht) zegt dat een groot deel van de inwoners geen hoogbouw wil, maar juist meer groen, zoals blijkt uit de enquête. Veel mensen zijn volgens hem ontevreden over de koers die met deze visie wordt ingezet. De heer Dekkers (GroenLinks) stelt dat een burgerberaad een waardevolle vorm van inspraak kan zijn, maar dat het volgens hem géén betrouwbaar inzicht biedt in wat inwoners vinden.
De heer Dijkstra (EenUtrecht) vindt dat onjuist. Hij stelt zelfs dat een referendum nog beter zou zijn om een duidelijk beeld te krijgen van de mening van inwoners.
30
35
40
De heer Dekkers (GroenLinks) stelt dat een burgerberaad geen representatief beeld geeft en dat EenUtrecht hiermee het gehele participatietraject terzijde schuift. Veel punten die zijn ingebracht tijdens de participatie zijn volgens hem juist verwerkt in de nota. De heer Dijkstra (EenUtrecht) zegt blij te zijn dat er een participatieproces is geweest, maar dat dit halverwege is gestopt en slechts een ‘ophaaltraject’ is geweest. Volgens hem blijkt uit onderzoek dat 76 procent van de Utrechters hoogbouw slechts beperkt accepteert, bij voorkeur slechts enkele verdiepingen hoger dan bestaande bouw, en dat 74 procent meer groen in de buurt wil, terwijl dat juist afneemt. Hij stelt dat er geen oordeel is gevraagd over het eindresultaat, en dat hij het participatieproces wil afmaken met een burgerberaad waarin een eindoordeel wordt gevraagd over de gemaakte keuzes. De heer Dekkers (GroenLinks) vraagt of de heer Dijkstra dan ook heeft gelezen welke punten wél zijn verwerkt.
45
50
55
60
De heer Dijkstra (EenUtrecht) weet dat het eindresultaat is voorgelegd aan de stad en dat dit slechts zeventien zienswijzen heeft opgeleverd. Volgens hem doet dat geen recht aan het belang van het stuk, en dat kan én moet beter. Mevrouw Bode (Volt) vraagt aan de heer Dijkstra of hij het ermee eens is dat het logisch zou zijn om een burgerberaad ná de vaststelling van de stedenbouwvisie te organiseren, aangezien de visie kaderstellend is. Zij is van mening dat een burgerberaad vooral passend zou zijn bij de concretisering op wijkniveau. De heer Dijkstra (EenUtrecht) geeft aan graag mee te denken met Volt. Hij erkent dat dit een haalbaardere route zou kunnen zijn. Hij wil bij de ontwikkeling van wijken ook ruimte laten voor bewoners om te bepalen of alle mogelijkheden maximaal benut moeten worden. In de visie worden volgens hem bepaalde grenzen gesteld, maar niet elke wijk zal die grenzen willen benutten Hij rondt zijn betoog af met een aantal vragen aan de wethouder. Ten eerste vraagt hij of de wethouder bereid is het alternatief van EenUtrecht te bekijken, en te onderzoeken of er onderdelen zijn die beter zijn dan de voorgestelde stedenbouwvisie. Ten tweede vraagt hij of de Pagina 26 van 34
5
10
wethouder bereid is een eerlijk verhaal te vertellen over het feit dat er in sommige gevallen minder groen zal zijn en dichter op elkaar gebouwd wordt, iets wat hij in de visie mist. Ten derde vraagt hij waarom de verslagen van de participatiebijeenkomsten niet actiever met deelnemers zijn gedeeld. Als vierde vraagt hij waarom er geen grotere bekendheid is gegeven aan de mogelijkheid om actief deel te nemen. Tot slot vraagt hij welke bezwaren de wethouder heeft tegen het houden van een burgerberaad. De heer Stellinga (CDA) vraagt aan de heer Dijkstra of het alternatief dat EenUtrecht heeft opgesteld bedoeld is als een ruimtelijke visie ter vervanging van de stedenbouwvisie, of dat deze breder gelezen moet worden. De heer Dijkstra (EenUtrecht) geeft aan dat het alternatief breder is geformuleerd en dat er een aantal extra elementen in zitten ten opzichte van de stedenbouwvisie.
15
20
De heer Stellinga (CDA) vraagt vervolgens of EenUtrecht van plan is om hierover een initiatiefvoorstel in te dienen ter vaststelling. De heer Dijkstra (EenUtrecht) antwoordt dat hij het alternatief niet in stemming wil brengen. Het is bedoeld om te laten zien dat het ook anders kan. Hij wil het terugleggen bij de Utrechters, zodat zij er een mening over kunnen vormen. De heer Stellinga (CDA) geeft aan graag samen met EenUtrecht naar de voorstellen te willen kijken.
25
30
35
40
45
50
55
60
De voorzitter concludeert dat hiermee alle fracties hun inbreng hebben geleverd, en ziet dat de wethouder direct kan starten met de beantwoording. Wethouder Eerenberg dankt iedereen voor het interessante debat. Hij heeft duidelijk de politieke meningsverschillen zien terugkomen over hoe de stad zich zou moeten ontwikkelen. Volgens hem is deze visie niet fundamenteel anders dan eerdere documenten, maar er wás nog geen stedenbouwkundige visie over hoe Utrecht een mooie, fijne en leefbare stad kan zijn. Het bestaan van zo’n visie nodigt bij ontwikkelingen meer uit tot het gesprek én voorkomt dubbel werk. Hij stelt dat er al veel lessen geleerd zijn die nu geborgd kunnen worden. De wethouder benadrukt dat deze visie zowel kaderstellend is als richtinggevend: enerzijds een stip op de horizon, anderzijds een set uitgangspunten die de visie concreet en hanteerbaar maken. De heer Stellinga (CDA) vraagt of het niet handiger was geweest om de visie op te splitsen, aangezien hij zich afvraagt of een combinatie van abstracte visie en concrete uitgangspunten wel in één document thuishoort. Wethouder Eerenberg ziet geen juridische belemmering voor een gecombineerd document. Hij geeft aan dat een deel abstract geformuleerd is, en dat een ander deel vertaald wordt naar uitgangspunten.
Volgens hem sluiten visie en uitgangspunten goed op elkaar aan, en ziet hij het als een gevarieerde menukaart. De heer Stellinga (CDA) vraagt wat er dan tegen een splitsing is. De hoogbouwvisie van 2005 had volgens hem een duidelijk beleidskader, wat deze visie in mindere mate heeft. Hij vraagt of het niet beter was geweest om een afzonderlijk hoogbouwbeleidskader en een stedenbouwkundige visie te maken. Wethouder Eerenberg vindt dit vooral een vormdiscussie. Volgens hem was het oude document ook niet heel precies, en komen veel van dezelfde vormen daarin terug. Wanneer het om een visie gaat, ontstaan nu eenmaal vergelijkbare documenten. Voor gedetailleerde uitwerkingen is er het beeldkwaliteitsplan. Hij benadrukt dat deze visie nog steeds onderdeel is van de RSU en uiteindelijk moet landen in de omgevingsvisie. De visie gaat nadrukkelijk ook over de balanskant van stedelijke groei, waar volgens hem weinig over gesproken wordt. Als de stad ontwikkelt, moeten daar eisen tegenover staan op het gebied van ontmoeting, groen en leefbaarheid. De visie borgt een aantal van die uitgangspunten. Hij benadrukt dat het níet de bedoeling is om een beeld te schetsen van ongebreidelde groei. De visie biedt juist ruimte om bestaande kwaliteiten te behouden, zonder vernieuwing uit te sluiten, zolang die een duidelijke toevoeging is. Pagina 27 van 34
10
Wat betreft participatie wijst hij op het intensieve traject dat is doorlopen. Bij “Samen stad maken” zijn 4600 mensen bevraagd via een enquête, er zijn 533 straatgesprekken gevoerd, en een reeks toekomstgesprekken georganiseerd waarbij hijzelf aanwezig was. Daarbij werd actief gevraagd naar afwegingen en dilemma’s. Uit die gesprekken kwam onder meer naar voren waar hoogbouw wel of niet passend werd gevonden. In Zijdenbaden is zelfs een buurtborrel gehouden om in gesprek te gaan met bewoners over hun ervaringen met hoogbouw. Volgens de wethouder is er ruimhartig geparticipeerd. Alle verwerkte input is traceerbaar en alle betrokkenen zijn op de hoogte gehouden van vervolgstappen. De deelnemers die hun e-mailadres achterlieten, zijn gemaild toen de visie werd afgerond en er een zienswijze kon worden ingediend, wat uiteindelijk zeventien zienswijzen opleverde.
15
De heer Usta (DENK) zegt te begrijpen dat er participatie heeft plaatsgevonden en snapt de redenatie van de wethouder, maar benadrukt dat participatie méér is dan mensen informeren en spreken. Volgens hem is de vertaling van de input in de uiteindelijke visie soms niet in lijn met wat deelnemers wilden. Hij vraagt of de wethouder dat herkent en of hij dat zorgelijk vindt.
5
20
Wethouder Eerenberg herkent dat beeld niet. Wat betreft de stedenbouwvisie is er volgens hem juist veel terug te vinden in het participatieverslag, dat maar liefst 61 pagina’s telt. Hij stelt dat het participatietraject serieus, zorgvuldig en uitgebreid is geweest, en vindt dat het niet terecht is om daar lichtzinnig over te spreken. Voor hem is participatie stap één in het democratisch proces. Nu ligt het bij de raad als volksvertegenwoordiging om politieke keuzes te maken.
25
De heer Usta (DENK) waardeert dat er contact is geweest met bewoners en geeft aan dat hij niet bagatelliseert wat er is opgehaald. Hij vindt niet dat de participatie te weinig of slecht is uitgevoerd, maar dat de vertaling van wensen naar beleid tekortschiet. Dat beeld heeft hij teruggekregen van bewoners. Hij vraagt of de wethouder zich daar bewust van wil zijn.
30
Wethouder Eerenberg stelt dat er juist op die punten waar meningen uiteenliepen, verdiepende gesprekken zijn gevoerd. Hij heeft ook mensen gesproken die het participatieproces als positief en zinvol hebben ervaren. Hij waarschuwt ervoor dat er niet eindeloos doorgepraat moet worden in een poging om iedereen tevreden te stellen. Er is volgens hem al aanzienlijk meer participatie gedaan dan bij andere trajecten.
35
De heer Usta (DENK) concludeert dat de visie dan overbodig is als toch niet iedereen tevreden gesteld kan worden. Volgens hem is het weggegooid geld, omdat de visie niets nieuws brengt en slechts de lijn van de coalitiepartijen volgt.
40
45
50
55
60
Wethouder Eerenberg geeft aan dat hij het echt anders ziet dan DENK. Volgens hem heeft het voeren van het gesprek en het luisteren naar mensen op zichzelf al waarde. Met het vaststellen van de visie ontstaat er eindelijk een kader waarin spelregels worden vastgelegd. Dat mensen het oneens zijn, vindt hij juist mooi, dat is iets anders dan zeggen dat het proces niets heeft opgeleverd. Hij is terughoudend met het toezeggen van een “strekt ter vervanging”, omdat er institutionele tegenstellingen zijn en hij niet zeker weet of zo’n tekst dan wel is wat de meerderheid van de raad wil. Tegelijkertijd benadrukt hij dat wijzigingen in de visie aan het politieke debat zijn, maar hij zal de vragen wel inhoudelijk duiden. Hij begint met het punt over gendermainstreaming, waar hij nadrukkelijk meer aandacht aan wil geven. In steden die hier werk van maken, wonen mensen prettiger en zijn ze over het algemeen vrolijker en vriendelijker. Wanneer Volt met een motie hierover komt, staat hij daar in beginsel positief tegenover. De wethouder vraagt daarnaast hulp van de commissie om teksten aan te wijzen die mogelijk segregatie rechtvaardigen, omdat dat nooit de bedoeling is geweest. Als dat zo is, wil hij dat corrigeren met een strekt ter vervanging. De heer Te Hoonte (VVD) verwijst naar dezelfde passage, waarin volgens hem een algemene oplossing voor alles wordt gepresenteerd.
Als die passage zou worden geschrapt, betekent dat in zijn ogen dat er geen oplossing meer is voor diversiteit. Hij stelt voor om de passage over “de eenheidsworst” te verwijderen. De voorzitter geeft aan dat tekstuele suggesties hierover aan de wethouder kunnen worden doorgegeven. Pagina 28 van 34
5
10
15
20
25
30
35
Wethouder Eerenberg reageert dat toegankelijkheid al op veel plekken in diverse beleidsnota’s is vastgelegd, maar hij begrijpt dat sommige partijen het jammer vinden dat dit niet expliciet in de stedenbouwvisie staat. Hij moedigt partijen aan om hierover met een motie te komen. Hij is het inhoudelijk eens met de punten die Solgu aandraagt. Wat betreft de intermediaire zones, het gebied tussen gevel en openbare ruimte, legt hij uit dat deze ruimte niet volledig openbaar is, maar wel bruikbaar moet zijn. Dat kan een voortuin zijn, maar ook een collectieve invulling. De visie schrijft niet voor of er wel of geen voortuin moet zijn. De heer Te Hoonte (VVD) geeft aan dat hij in de visie leest dat voortuinen juist níét zijn toegestaan. Wethouder Eerenberg benadrukt dat dit niet klopt. Elk gebouw moet een intermediaire zone hebben, en dat kan prima een voortuin zijn. Het hoeft niet, maar het mág dus wel. Hij vindt dat begrippen als bestendiging, placemaking, tijdelijke invulling en toekomstbestendigheid goed zijn opgenomen in de visie. Als Student&Starter iets anders bedoelt met "experimenteren", dan wil hij dat wegen. Hij ziet Student&Starter als de geestelijk vader van het concept "verticaal bestemmen", al is dat in bestemmingsplannen nog een grijs gebied. Wel is hij het ermee eens dat hoogbouw méér zou moeten zijn dan alleen een plint met woningen erboven.
Hij wil zeker nadenken over de invulling van tussenlagen. Als er meer ambitie nodig is, roept hij de raad op om voorstellen te doen bij de raadsbehandeling. Wat betreft middenbouw: dat is volgens de wethouder wel degelijk opgenomen in de hoogbouwkaart, zelfs op meer plekken dan hoogbouw zelf. Hij ziet het als een solide en realistische manier om te verdichten. De heer Snijder (Student&Starter) geeft aan zeker met voorstellen te komen richting de wethouder. Hij heeft echter in de stukken weinig concreets gelezen over het actief toepassen van middenbouw. Hij vraagt of de wethouder mogelijkheden ziet om middenbouw structureel als verdichtingsstrategie op te nemen, of dat er vastgehouden moet worden aan de basis- en basis+ categorieën. Wethouder Eerenberg legt uit dat de stedenbouwvisie een maximum bouwhoogte vastlegt, maar dat er in de praktijk zelden tot het maximum wordt gebouwd. Daardoor komt het in veel gevallen vanzelf neer op middenbouw. Dat is ook vaak een betere keuze. Hij erkent dat hoogbouw duurder is, maar dat het ook méér groen kan opleveren op andere plekken. Wanneer dezelfde aantallen woningen in lintbebouwing gerealiseerd zouden moeten worden, is daar meer ruimte voor nodig. Dat kan dus juist een reden zijn om in sommige gevallen tóch voor hoogbouw te kiezen.
De heer Dekkers (GroenLinks) vraagt of de wethouder ook ziet dat het verschilt per plek of middenbouw passend is, en dat dit afhankelijk is van de context.
40
45
50
55
Wethouder Eerenberg stelt dat er nooit één lijn getrokken kan worden voor de hele stad. In het geval van Rijnenburg is er bewust voor gekozen om meer tijd te nemen, omdat er nog onduidelijkheid bestaat over waar het hoogbouwcluster precies komt. Als hij nu al iets had ingetekend en het zou later toch op een andere plek blijken te moeten komen, zou dat alleen maar tot discussie leiden. Hoewel er al veel duidelijk is, is nog niet vastgesteld waar het knooppunt komt, of dat er wellicht zelfs twee komen. De wethouder benadrukt dat de stedenbouwvisie niet over programmering gaat. Wat betreft nachtcultuur geeft hij aan dat die op sommige plekken balanceert op het randje van rafelranden en de omgeving. Zolang het aanmoedigen daarvan niet vooruitloopt op programmeringsvraagstukken, staat hij daar in beginsel positief tegenover. Over de Dom zegt hij dat het absoluut een dogma is als het gaat om het icoon van de stad. Maar dat betekent niet dat de hoogte van de Dom als absolute grens voor alle stedelijke ontwikkeling moet gelden. In beginsel wil hij hier voorzichtig mee omgaan, maar in de praktijk zijn er echter maar een beperkt aantal plekken waar bouwen hoger de Dom überhaupt mogelijk is. Op veel plekken is negentig meter al het maximum en dat ligt ver onder de Dom, en dat komt overeen met wat de raad heeft uitgesproken.
Hij stelt dat het niet haalbaar is om iedere Utrechter een onbelemmerd uitzicht op de Dom te garanderen; dat zou neerkomen op feitelijke stilstand in de stad. Tegelijkertijd benadrukt hij dat dit geen vrijbrief is om onzorgvuldig met het zicht op de Dom om te gaan. Hij daagt de raad uit om eens te bekijken hoeveel zichtlijnen uit het oude beleid behouden zijn. Volgens hem moet de herkenning van de Dom ook op andere manieren terugkomen, bijvoorbeeld in de herkenbaarheid van buurten en wijken. Pagina 29 van 34
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
De wethouder zegt toe dat de raad betrokken blijft bij eventuele afwijkingen van de visie. Het document is geen vrijbrief voor het college; als er buiten het kader wordt gehandeld, moet het college de raad daarin blijven betrekken. Ten aanzien van de inbreng van D66 zegt hij het volledig eens te zijn met het beter benutten van daken. Hij vraagt de raad om richting te geven aan het college op dit punt. Ook over multifunctioneel gebruik is hij het eens met D66: het vergroot de veerkracht van wijken en bevordert ontmoeting. De wethouder onderstreept dat de kracht van goede architectuur niet onderschat mag worden, deze draagt direct bij aan leefbaarheid en herkenbaarheid van de stad. Tot slot benadrukt hij dat hij al eerder heeft aangegeven dat er niet méér verdicht wordt langs de as van de visie, volgens hem is het eerder omgekeerd. Wat betreft het debat over sloop en nieuwbouw verwijst hij naar het domein van de wethouder Wonen, waar dat gesprek volgens hem thuishoort. De heer Van der Zweth (PvdA) merkt op dat de kern van zijn betoog was dat de visie mogelijk te veel gericht is op nieuwbouw, in verhouding tot de bestaande wijken. Wethouder Eerenberg is het daarmee eens en verwijst daarom naar het uitgangspunt dat het bestaande “geëerd” moet worden. Tegelijkertijd benadrukt hij dat dit geen zaligverklaring is van alles wat er al staat.
De heer Van der Zweth (PvdA) overweegt een voorstel in te dienen om dit punt beter in het stuk terug te laten komen, zoals hij het bedoelde. Wethouder Eerenberg noemt het debat rond de analyse van de Correspondent spannend, waarin gesteld wordt dat als er slimmer met de bestaande woningvoorraad wordt omgegaan, alle woningzoekenden geplaatst zouden kunnen worden. Volgens hem is het beeld in de praktijk complexer. Gezinswoningen worden nu bijvoorbeeld ook bewoond door stellen of alleenstaanden. Het plan van Alkemade om woningen te splitsen roept mogelijk weerstand op bij huidige bewoners. Hij licht toe dat de nota Omgevingskwaliteit na vaststelling van de stedenbouwvisie wordt aangepast, zodat zaken daar preciezer vastgelegd kunnen worden. De spellingscontrole vindt na vaststelling plaats. Moties worden tegenwoordig na besluitvorming in het document verwerkt, waarna het opnieuw wordt vastgesteld en gepubliceerd. Dat is volgens hem beter navolgbaar voor inwoners. De wethouder was blij met de opmerking van de PvdD dat de visie “niet heel erg tegenviel”. Hij stelt dat het debat over minder verdichten thuishoort bij de RSU. Veel uitgangspunten, zoals het groenblauwe netwerk, biodiversiteit en mensvrije zones, zijn volgens hem al opgenomen in de visie.
De inrichting van de stad moet afgestemd zijn op waterfuncties, bodemsoorten, natuurtypes en doelsoorten, waaronder ook dieren vallen. Tegelijkertijd geeft hij aan dat hij ontwikkelingen niet zal beginnen met het belang van dieren als vertrekpunt. De hoofdgroenstructuur is verankerd in het ruimtelijke beleid, maar dit betekent niet dat er nooit iets in mag gebeuren. Er geldt een spelregel dat als er iets in de groenstructuur wordt veranderd dit royaal moet worden gecompenseerd. Wat de openbare ruimte betreft kan de wethouder niet garanderen dat het aantal vierkante meters per inwoner gelijk blijft. Het college kijkt niet alleen naar kwantiteit, maar ook naar kwaliteit. Verdichting kan volgens hem elders ruimte besparen en daarmee de biodiversiteit helpen. Mevrouw Sasbrink (PvdD) wijst erop dat de wethouder haar punten noemt als bestaande uitgangspunten, terwijl haar verzoek juist was om deze explicieter als uitgangspunten op te nemen in de visie. Wethouder Eerenberg geeft aan dat hij op intentieniveau wil laten zien dat het niet voor niets is opgenomen. Hij benadrukt dat het altijd een afweging blijft. Als het als harde eis wordt vastgelegd, bijvoorbeeld dat er pas ontwikkeld mag worden als er een mensvrije zone is, dan zou hij dat helaas moeten afwijzen omdat woningen voor gaan op mensvrijezones.
Wat betreft de lintbebouwing waar de VVD naar verwees: die is niet specifiek opgenomen in de visie, maar hij erkent dat dit een historisch belangrijk patroon is binnen de stad. Als er een voorstel komt om het wel op te nemen, staat hij daar in beginsel positief tegenover. De hoogbouwvisie die het in concept niet haalde werkte volgens hetzelfde mechanisme: een grofmazige verdeling voor hoogbouw met fijnmazige invulling in de plannen zelf. De wethouder adviseert om de vlekkenkaart nu niet preciezer te maken op kavelniveau. Dat zou juridische Pagina 30 van 34
consequenties kunnen hebben. Door eerst grof en later fijn in te tekenen, blijft er beleidsruimte behouden. Wel moet er een tussenstap komen om de zone vervolgens concreter te bepalen. 5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
De heer Te Hoonte (VVD) stelt voor om de plekken waar evident géén hoogbouw komt nu al aan te merken, zodat die niet binnen een zone vallen. Wethouder Eerenberg begrijpt zijn punt, maar stelt dat dit feitelijk niet zoveel verandert. In Rijnenburg kan hij bijvoorbeeld nog geen grenzen aangeven. Hij is benieuwd of de heer Te Hoonte suggesties heeft hoe dit wél duidelijk gemaakt kan worden zonder het zonesysteem los te laten. Hij benadrukt dat gebieden die wit zijn op de kaart buiten de hoogbouwzones vallen. Ook noemt hij het belang van “setbacks” om windoverlast tegen te gaan, iets wat in Rotterdam goed werkt en ook de beleving van torens verbetert. Wat betreft de opmerkingen van de VVD over de veelheid aan visiedocumenten onderstreept de wethouder dat hij dit nu niet kan oplossen. Het college kan niet alle documenten tegelijk in de omgevingsvisie verwerken; dit gebeurt in tranches. Wel kan het college kijken om een duidelijkere leeswijzer op de website te plaatsen. De wethouder stelt dat deze stedenbouwvisie zaken vastlegt die al eerder zijn ‘uitgevonden’ en dat het daardoor sneller mogelijk wordt om plannen concreet uit te werken, zonder telkens het wiel opnieuw uit te vinden. De visie overrulet geen gebiedskaders, het is juist een overkoepelend kader waarbinnen gebiedskaders verder uitgewerkt worden.
De discussie over sociale huurwoningen hoort volgens hem bij de beleidsnota Wonen, die binnenkort besproken wordt. De basis- en pluszones zijn bedoeld om aan te geven waar de bouwzones zich bevinden en welke bouwhoogtes daar ongeveer mogelijk zijn. Ze zeggen niets over de sociale samenstelling van een wijk. Over het begrip "ruis" verduidelijkt hij dat het niet over geluidsoverlast gaat, maar over drukke verkeersaders waar veel omheen gebeurt. Het betekent dus niet dat lawaai van verkeer daar ineens “oké” is. Als Utrecht een MBO-stad wil zijn, dan zijn er ook plekken nodig waar vakmensen kunnen werken, klussen, lassen of lawaai maken. Dat kan tegenwoordig goed samengaan met circulaire economie. De stedenbouwvisie draagt daar volgens hem aan bij, al verwacht hij dat zulke werklocaties niet op plekken met hoge dichtheid zullen verschijnen. De heer Dekkers (GroenLinks) vraagt of in de visie voldoende is verwoord dat, wanneer er op Lage Weide intensiever gebruik van de ruimte gewenst is, dit ook kan betekenen dat er de hoogte in gebouwd moet worden. Wethouder Eerenberg geeft aan dat alles wat in de visie staat ook geldt voor de grote werklocaties zoals Lage Weide. Tegelijkertijd moet op die plekken ook ruimte zijn voor de circulaire economie. Hij benadrukt dat hij geen kantoorstad wil worden, wat ook de wens van GroenLinks niet is.
Als er op deze locaties ook “vies werk” verricht wordt, dan ontstaat er een hindercirkel, waardoor woningbouw daar niet mogelijk is. De heer Dekkers (GroenLinks) vraagt of het niet nog explicieter in de visie opgenomen moet worden dat zulke werklocaties essentieel zijn en dat, wanneer intensiever grondgebruik nodig is, dit ook in de hoogte gerealiseerd moet kunnen worden. Wethouder Eerenberg vindt niet dat dit duidelijker hoeft dan nu is opgenomen. Als GroenLinks dit explicieter wil maken, dan zal dat via de politieke route moeten verlopen. Hij benadrukt dat intensiever ruimtegebruik wel hand in hand moet gaan met de ambities op het gebied van circulaire economie. Over de reactienota’s geeft hij aan dat deze ook het begin kunnen vormen van juridische procedures. Daardoor verandert de toon van de tekst: het wordt zakelijker, juridisch beter onderbouwd, zodat het standhoudt bij de rechter. De wethouder begrijpt dat dit voor inwoners onpersoonlijk kan overkomen, en hij denkt dat het uitleggen van deze context kan helpen. Hij stelt voor dat mensen die een zienswijze indienen, beter geïnformeerd worden over waarom de taalformuleringen zakelijk zijn. Daarnaast is hij het eens met GroenLinks en de ChristenUnie dat er ook ruimte moet zijn voor plekken als bibliotheken en locaties voor zingeving.
Ook deelt hij de opvatting dat omliggende wijken moeten kunnen profiteren van nieuwe stedelijke ontwikkelingen. Wat betreft de houdbaarheid van de visie zegt hij dat dit geen plan is voor de komende eeuw, maar dat er bij nieuwbouw tegenwoordig veel bewuster wordt nagedacht dan dertig jaar geleden. Nieuwe gebouwen worden ontworpen met de verwachting dat ze minstens honderd jaar meegaan. Pagina 31 van 34
5
10
15
20
De wethouder benadrukt dat er serieus werk is gemaakt van participatie. Via social media, straatacties en mediaberichtgeving is geprobeerd zoveel mogelijk mensen te betrekken. Mensen waren volgens hem echt wel op de hoogte van het proces. Wat betreft het burgerberaad geeft hij aan dat tijd en geld hierbij de grootste bezwaren zijn. Daarnaast vraagt hij zich af wat precies aan mensen gevraagd zou moeten worden; de stedenbouwvisie is immers een complex onderwerp. Hij is er niet van overtuigd dat dit het meest geschikte onderwerp is voor een burgerberaad. De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt of het college bereid is om in ieder geval mee te denken over een goede formulering van de vraagstelling, mocht een burgerberaad toch doorgang vinden. Wethouder Eerenberg zegt bereid te zijn overal over mee te denken, maar stelt wel als voorwaarde dat er dan ook daadwerkelijk zicht moet zijn op de komst van een burgerberaad. Het zou volgens hem zonde zijn om er tijd en energie in te steken als dat uiteindelijk niet plaatsvindt. De heer Stellinga (CDA) geeft aan dat hij de wethouder heeft horen zeggen dat ze het over hoogbouw grotendeels eens zijn, maar dat hij geen reactie heeft gehoord op zijn voorstel om de mogelijkheid tot afwijken niet op te nemen in het beleid, juist omdat die mogelijkheid er altijd al is.
Wethouder Eerenberg erkent dat de opvattingen van het CDA en het college op dit punt waarschijnlijk dicht bij elkaar liggen. Gemiste antwoorden
25
De heer Dijkstra (EenUtrecht) geeft aan dat hij het antwoord van de wethouder heeft gemist op zijn vraag of het college bereid is het alternatieve voorstel van EenUtrecht te bestuderen. Hij heeft daar niets over gehoord en dat stelt hem teleur. Ook vraagt hij nogmaals of het college bereid is om eerlijk te zijn over het feit dat er minder groen zal zijn.
30
De heer Snijder (Student&Starter) herinnert eraan dat hij had gevraagd of de bouwhoogtes flexibeler gehanteerd kunnen worden.
35
40
45
50
55
Wethouder Eerenberg erkent dat hij ten onrechte niet is ingegaan op het alternatieve voorstel van EenUtrecht. Hij vraagt om daar niets achter te zoeken; het is simpelweg een kwestie van zijn vragenlijst afwerken geweest. Hij zegt toe het voorstel alsnog te bestuderen en komt in aanloop naar het raadsdebat met een raadsbrief waarin hij specifiek zal ingaan op de suggesties. Hij spreekt zijn waardering uit voor het werk dat in het alternatief is gestoken. Wat betreft het groen merkt hij op dat hij wél iets heeft gezegd over de druk op de openbare ruimte, en dat hij ook in de communicatie naar buiten toe een eerlijk verhaal vertelt. Het gaat daarbij niet alleen om het gespaard groen, maar ook om de kwaliteit en samenhang van de groene ruimte. Hij verwijst naar de bespreking van afgelopen donderdag, waarin de dilemma’s tussen ‘groen’ en ‘rood’ duidelijk naar voren zijn gekomen. De heer Dijkstra (EenUtrecht) blijft echter van mening dat de risico’s van verminderde groenvoorziening onvoldoende zijn benoemd. Wethouder Eerenberg is het daar niet mee eens. Volgens hem is het geen exacte wiskunde waarbij eenvoudig een berekening te maken is. Juist deze stedenbouwvisie maakt volgens hem duidelijk dat het om meer gaat dan oppervlakte: ook kwaliteit speelt een rol.
De heer Dijkstra (EenUtrecht) vindt dat er geen kritisch woord is gezegd over hoogbouw en de negatieve aspecten ervan, zoals lagere energie-efficiëntie en betaalbaarheid. Wethouder Eerenberg weerspreekt dat. Hij heeft wel degelijk aangegeven dat er goede redenen zijn om voor of tegen hoogbouw te kiezen, afhankelijk van de locatie. Als er altijd voor de goedkoopste optie wordt gekozen, leidt dat volgens hem ook niet tot de meest wenselijke uitkomsten. Het is geen zwart-witverhaal, maar afhankelijk van vele factoren. Hij herhaalt dat de hoogbouwkaart maximale bouwhoogtes weergeeft, en dat daarbinnen speelruimte bestaat. Als er hoger gebouwd wordt dan het aangegeven maximum, volgt daarover Pagina 32 van 34
een debat. Als de heer Snijder dit niet flexibel genoeg vindt, ligt het aan hem om daar politieke stappen voor te zetten. 5
De heer Snijder (Student&Starter) vraagt zich af waarom er überhaupt voor deze specifieke hoogtes is gekozen en waarom er niet bij voorbaat voor hogere bouwhoogtes is gekozen.
10
Wethouder Eerenberg legt uit dat hij geprobeerd heeft een balans te vinden tussen verschillende belangen en verhoudingen binnen de stad. Daarbij zijn stedenbouwkundige elementen en uitgangspunten leidend geweest. Tegelijkertijd erkent hij dat hier over een aantal jaren ook weer anders tegenaan gekeken kan worden. Tweede termijn
15
20
25
30
De heer Van der Zweth (PvdA) geeft aan dat hij gaat kijken naar een voorstel om in de stedenbouwvisie meer aandacht te geven aan bestaande structuren. Hij vraagt de wethouder om een toezegging dat in het nog te verschijnen raadsvoorstel de nadere uitwerking van de bouwhoogtes voor Rijnenburg zal worden opgenomen. De heer Te Hoonte (VVD) sluit hierbij aan en geeft aan dat dit wat hem betreft ook precies is hoe een omgevingsvisie zou moeten werken. Hij stelt voor dat er bij het raadsvoorstel voor Rijnenburg twee pagina’s toegevoegd worden aan de omgevingsvisie, inclusief kaartmateriaal. Daarna zou er een nieuwe versie van het document online moeten verschijnen. Hij vraagt of de heer Van der Zweth het daarmee eens is. De heer Van der Zweth (PvdA) bevestigt dat dit ook zijn bedoeling is. De heer Te Hoonte (VVD) geeft aan te willen kijken naar de zones, en hoe die scherper vastgelegd kunnen worden. Daarnaast zijn er nog enkele andere onderwerpen waarover hij tekstuele wijzigingen zou willen indienen. De voorzitter merkt op dat de heer Dekkers nog iets wil zeggen, maar dat daar geen tijd meer voor is en zij dus geen tweede termijn meer toestaat.
35
De heer Dekkers (GroenLinks) maakt een punt van orde: de wethouder heeft aangegeven positief te staan tegenover tekstuele verbeteringen van de nota. Hij geeft aan dat het lastig is om dit concreet te formuleren en vraagt of het ook op hoofdlijnen aangegeven mag worden. Hij ziet dat de wethouder dit bevestigt met een knik.
40
De voorzitter geeft aan dat het strikt genomen geen ordepunt is, maar begrijpt de opmerking, aangezien het meerdere fracties betreft.
45
Wethouder Eerenberg begrijpt de vraag van de PvdA en zegt toe dat hij zal proberen een hoogtekaart voor Rijnenburg op te stellen. Als dat niet lukt, zal hij in de raadsbrief motiveren waarom. Verder bevestigt hij dat moties die tot een tekstuele wijziging oproepen, verwerkt zullen worden in het definitieve stuk, zonder dat daarvoor per se uitgebreide amendementen nodig zijn. Mevrouw Sasbrink (PvdD) geeft aan dat zij de werkwijze niet goed begrijpt. Een motie zou een opdracht moeten zijn om iets te wijzigen vóórdat het voorstel wordt vastgesteld, en niet erna.
50
De voorzitter reageert dat er gevraagd kan worden om de motie voorafgaand aan de besluitvorming te behandelen. Zij vraagt aan de wethouder hoe hij daartegen aankijkt. Wethouder Eerenberg is het eens met de voorzitter en geeft aan dat hij hier soepel in staat.
55
60
De heer Te Hoonte (VVD) merkt op dat het college in principe alleen een besluitenlijst publiceert. Het is voor hem onduidelijk hoe het aangepaste document voor de raad en de inwoners te volgen is. Hij vraagt of er een openbare besluitenlijst komt met zichtbare track changes. Wethouder Eerenberg geeft aan dat hij zich niet wil uitspreken over de interne werkwijze van het college, maar dat er wél gewerkt wordt aan een werkwijze waarbij op stukniveau aanpassingen Pagina 33 van 34
worden verwerkt. Dit is voor het eerst dat het college deze methode toepast, en hij verwacht dat dit leidt tot meer transparantie voor de raad en voor inwoners. 5
10
15
De heer Te Hoonte (VVD) benadrukt dat de gemeenteraad mandaatgever is voor het document. Hij vraagt of er in de motie een passage moet komen om het mandaat aan te passen als het stuk daarna alsnog gewijzigd wordt. Wethouder Eerenberg geeft aan dat hij vooral een werkwijze zoekt die eenvoudig en werkbaar is voor iedereen. De voorzitter concludeert dat er geen formele toezegging is gedaan over een uitwerking van het alternatieve voorstel van EenUtrecht voorafgaand aan de raadsvergadering. Ze constateert dat het voorstel als een B-punt naar de raad wordt doorgeleid. Gezien het aantal aangekondigde voorstellen schat zij in dat het agendapunt met een spreektijd van vijfenveertig minuten in de raad zal worden behandeld. De voorzitter sluit de vergadering om 15.35 uur.
20
25
Lijst van toezeggingen Naar aanleiding van agendapunt 9: Raadsvoorstel Visie stedenbouw Utrecht 2040: Ruimtelijke kwaliteit in de tien-minutenstad en vaststellen reactienota zegt wethouder Eerenberg tnamens het college toe dat: • het college kijkt of bij het voor Q1 2026 aangekondigde raadsvoorstel Leidende Principes van verder ontwikkeling Rijnenburg ook kaderstelling voor hoogbouw in dat gebied kan worden meegenomen. Zo dit niet kan krijgt de raad dat op dat moment toegelicht waarom niet.
Pagina 34 van 34
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
houder 955
Datum afdoening
Commissie Ruimtelijke
wethouder Eerenberg
Wethouder
Ruimtelijke
31-03-
Ordening en
zegt namens het college
Eerenberg
Ordening
2026
Grondzaken 03-04-
toe dat het college kijkt
2025 9. Raadsvoorstel
of bij het voor Q1 2026
Visie stedenbouw
aangekondigde
Utrecht 2040:
raadsvoorstel Leidende
Ruimtelijke kwaliteit in
Principes van verder
de tien-minutenstad
ontwikkeling Rijnenburg
en vaststellen
ook kaderstelling voor
reactienota
hoogbouw in dat gebied kan worden meegenomen. Zo dit niet kan krijgt de raad dat op dat moment toegelicht waarom niet.
924
Stand van zaken openbaar
Commissie Ruimtelijke
Wethouder Eerenberg
Wethouder
Ruimtelijke
30-10-
Ordening en
zegt namens het college
Eerenberg
Ordening
2025
Grondzaken 06-03-
toe dat de raad in de
2025 7. Raadsvoorstel
periodiek te verstrekken
Vaststelling
raadsbrieven over de
bestemmingsplan
voortgang van
Westflank Zuid,
ontwikkelingen binnen
stationsgebied 1e
het stationsgebied ook
herziening
aspecten als stand van
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
houder fietsparkeervoorzieninge n en bomen/ groen binnen het gebied. Gemeenteraad 20-02-
M96 Houd Overvecht
Wethouder
Ruimtelijke
20-05-
2025 24.
bereikbaar
Maatoug
projecten:
2025
Raadsvoorstel
Overvecht
Beleidsnota omgevingsvisie Overvecht 2025 – 2040 962
Gemeenteraad 20-02-
M89 Wees creatief in het
Wethouder
Ruimtelijke
20-05-
2025 24.
zoeken naar nieuwe
Maatoug
projecten:
2025
Raadsvoorstel
sportvelden in Overvecht
Overvecht
Beleidsnota omgevingsvisie Overvecht 2025 – 2040 961
Gemeenteraad 20-02-
M88 2x1 zonder
Wethouder
Ruimtelijke
20-05-
2025 24.
doorlopende
Maatoug
projecten:
2025
Raadsvoorstel
middengroenstrook biedt
Beleidsnota
meer kansen voor groen
omgevingsvisie Overvecht 2025 – 2040
Datum afdoening
zaken realisatie
963
Stand van zaken openbaar
Overvecht
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
houder 960
Gemeenteraad 20-02-
M87 Mobiliteitstransitie,
Wethouder
Ruimtelijke
20-05-
2025 24.
vervoersongelijkheid en
Maatoug
projecten:
2025
Raadsvoorstel
toegankelijkheid
Overvecht
omgevingsvisie Overvecht 2025 – 2040 Gemeenteraad 20-02-
M80 Werkgelegenheid
Wethouder
Ruimtelijke
20-02-
2025 24.
voor Overvechters
Maatoug
projecten:
2026
Raadsvoorstel
Overvecht
Beleidsnota omgevingsvisie Overvecht 2025 – 2040 958
Gemeenteraad 20-02-
M78 Geef Overvechters
Wethouder
Ruimtelijke
20-05-
2025 24.
voorrang bij woningen in
Maatoug
projecten:
2025
Raadsvoorstel
Overvecht
Overvecht
Beleidsnota omgevingsvisie Overvecht 2025 – 2040 956
Datum afdoening
Beleidsnota
959
Stand van zaken openbaar
Gemeenteraad 20-02-
Wethouder Maatoug zal
Wethouder
Ruimtelijke
31-03-
2025 24.
begin 2026
Maatoug
projecten:
2026
Raadsvoorstel
geactualiseerde
Beleidsnota
informatie aanleveren
omgevingsvisie
omtrent mogelijke
Overvecht 2025 – 2040
verplaatsing van de
Overvecht
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
houder latie. Commissie Ruimtelijke
Wethouder Matoug zegt
Wethouder
Ruimtelijke
31-12-
Ordening en
namens het college toe in
Maatoug
projecten:
2029
Grondzaken 30-01-
de monitoring en verdere
2025 7. Raadsvoorstel
uitwerking
Beleidsnota
mobiliteitsplannen voor
omgevingsvisie
Overvecht op basis van
Overvecht 2025 – 2040
bestaande middelen ook
Overvecht
aandacht te geven aan gedragsverandering van verkeersdeelnemers binnen de wijk en hier door middel van een raadsbrief rapportage te geven aan de raad uiterlijk in 2029/ 2030. 906
Datum afdoening
rioolwaterzuiveringsinstal 907
Stand van zaken openbaar
Commissie Ruimtelijke
Wethouder Maatoug zegt
Wethouder
Ruimtelijke
31-05-
Ordening en
namens het college toe in
Maatoug
projecten:
2025
Grondzaken 30-01-
de eerstvolgende
2025 7. Raadsvoorstel
rapportage over Samen
Beleidsnota
voor Overvecht terug te
omgevingsvisie
komen over het vervolg/
Overvecht 2025 – 2040
stand van zaken
Overvecht
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
houder Omgevingsvisie Overvecht Commissie Ruimtelijke
De raad krijgt in Q1 2026
Wethouder
Ruimtelijke
31-03-
Ordening en
een raadsvoorstel met
Schilderman
projecten: Utrecht
2026
Grondzaken 19-12-
een SPvE voorgelegd.
Science Park
2024 11. Debat Stand van Zaken Supermarkt op de Uithof en andere ruimtelijke ontwikkelingen 884
Commissie Ruimtelijke
In Q2 de raad in een
Wethouder
Ruimtelijke
30-06-
Ordening en
raadsbrief verder wordt
Schilderman
projecten: Utrecht
2025
Grondzaken 19-12-
geïnformeerd over de
2024 11. Debat Stand
ontwikkeling van de
van Zaken Supermarkt
supermarkt, waarin de
op de Uithof en andere
door de commissie
ruimtelijke
gedane suggesties
ontwikkelingen
worden betrokken. In deze brief wordt ook wat verder ingegaan op leefbaarheid/ verlevendiging van het USP/ De Uithof
Datum afdoening
uitwerking van de
885
Stand van zaken openbaar
Science Park
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
houder 883
Commissie Ruimtelijke
In de al eerder
Wethouder
Ruimtelijke
31-03-
Ordening en
aangekondigde
Schilderman
projecten: Utrecht
2025
Grondzaken 19-12-
raadsbrief in Q1 van
2024 11. Debat Stand
2025 over de
van Zaken Supermarkt
Samenwerkingovereenko
op de Uithof en andere
mst (SOK) ook aan wordt
ruimtelijke
gegeven wat de eerste
ontwikkelingen
uitkomsten zijn van
Science Park
universiteit over de ontwikkelingen met betrekking tot de supermarkt Commissie Veiligheid,
De wethouder zegt toe in
Wethouder
Ruimtelijke
Bestuur en Financiën
de eerstvolgende
Eerenberg
Ordening
05-12-2024 9.
voortgangsrapportage
Handhavingsdossier
van het risicovol project
Binnenstad
Informatie op Orde een terugkoppeling geven van de lobby in VNG-verband over de omgang met WOO-verzoeken.
Datum afdoening
overleg met de
871
Stand van zaken openbaar
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
houder 861
Commissie Ruimtelijke
Wethouder Eerenberg
Wethouder
Ruimtelijke
31-12-
Ordening en
zegt namens het college
Eerenberg
projecten:
2025
Grondzaken 21-11-
toe dat de raad in Q4 van
2024 11. Raadsbrief
2025 een Raadsvoorstel
Programmatische
ontvangt waarin is
Verkenning Rijnenburg
opgenomen het MIRT
Rijnenburg
van de infrastructurele ontsluiting, de leidende principes van verdere ontwikkeling van Rijnenburg, de samenwerkingsafspraken en een realiteitscheck op de timing. Gemeenteraad 14-11-
M460 De Renaissance van
Wethouder
Ruimtelijke
14-02-
2024 17.
de Ravellaan
Eerenberg
Ordening
2025
Gemeenteraad 14-11-
M459 Onderzoek
Wethouder
Ruimtelijke
14-02-
2024 17.
meerwaarde tramhalte
Eerenberg
Ordening
2025
Raadsvoorstel
voor Welgelegen
Raadsvoorstel Uitwerking visie Welgelegen 850
Datum afdoening
onderzoek ten aanzien
851
Stand van zaken openbaar
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
houder Welgelegen Commissie Ruimtelijke
Wethouder Eerenberg
Wethouder
Ruimtelijke
30-06-
Ordening en
zegt ten aanzien van de
Eerenberg
projecten: Groot
2025
Grondzaken 24-10-
ontwikkeling deelgebied
2024 2.a.
6 Merwedekanaalzone
Raadsvoorstel
toe dat de raad per
Programmabegroting
raadsbrief in Q2 2025
2025
verder wordt
Merwede
geïnformeerd over ruimte voor levensbeschouwing in dit gebied conform de toezegging (overgenomen motie) hierover op 6 juni 2024. 818
Commissie
De gemeente gaat met
Wethouder
Ruimtelijke
30-06-
Volksgezondheid,
partners samenwerken op
Oosters
projecten: Utrecht
2025
Onderwijs, Werk en
o.m. het informeren van
Economie 10-10-2024
bewoners en het
8. Leefbaarheid Utrecht
samenwerken met
Science Park
bewoners en gaat met partners spreken over ontmoetingsplekken en de ruimte op het USP. In
Datum afdoening
Uitwerking visie 834
Stand van zaken openbaar
Science Park
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
Stand van zaken openbaar
houder
Datum afdoening
november vindt een schouw plaats. Het college informeert de raad voor de zomer van 2025. In de brief gaat het college ook in op de positie van dieren op het USP en hoe ze een stem krijgen in gesprekken die gevoerd worden. 857
Gemeenteraad 26-09-
Wethouder Van
Wethouder
Ruimtelijke
07-01-
2024 29.
Hooijdonk verwacht de
Van
projecten:
2025
Raadsvoorstel
raad rond de
Hooijdonk
Lunetten-
Stedenbouwkundig
jaarwisseling de BOPA te
Programma van Eisen
kunnen sturen, waarin
Tussen de Rails
ook de
Koningsweg
natuuronderbouwing zit. 855
Gemeenteraad 26-09-
Wethouder Eerenberg zal
Wethouder
Ruimtelijke
31-12-
20241106: Deze toezegging is
2024 22.
in een brief antwoord
Eerenberg
Ordening
2024
afgehandeld met raadsbrief
Raadsvoorstel
geven op de vraag of het
Toelichting wijziging Utrechts
Intrekken warmteplan
warmtesysteem wordt
Plan Proces (UPP)’ (kenmerk
Zuilense Vecht
meegenomen in de nota
11838428). Die op 6
van uitgangspunten en
november 2024 aan de raad is
om wat voor
gestuurd.
06-11-2024
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
Stand van zaken openbaar
houder
afdoening
warmtesysteem het dan zal gaan. 801
Commissie Ruimtelijke
Wethouder Voortman
Wethouder
Grondzaken
31-12-
20250122: Op dit moment is
Ordening en
zegt toe dat de raad
Voortman
2024
nog niet bekend wanneer de
Grondzaken 05-09-
uiterlijk een kwartaal na
resultaten van het
2024 9. Raadsvoorstel
het verschijnen van het
rijksonderzoek over sociale
Beleidsnota
rijksonderzoeksrapport
grondprijzen precies worden
Grondbeleid
Grondprijzen sociale
verwacht. De minister heeft in
huurwoningen
de Kamerbrief Tweede
(onderzoek wordt
Voortgangsrapportage
verwacht in Q4 2024) per
Modernisering Grondbeleid (20
raadsbrief wordt
december 2024) laten weten
geïnformeerd over de
dat de onderzoeksresultaten
uitkomsten van het
ergens in 2025 worden
overleg n.a.v. het
verwacht.
onderzoek met de Utrechtse woningbouwcorporaties. 754
Datum
Commissie Ruimtelijke
Wethouder Eerenberg
Wethouder
Ruimtelijke
30-11-
Ordening en
zegt toe dat de raad bij
Eerenberg
Ordening
2024
Grondzaken 04-07-
de 5e tranche
2024 2. Raadsvoorstel
Woningbouwimpuls
Voorjaarsnota en
tevens geïnformeerd
Eerste
wordt over de evaluatie
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
houder bestuursrapportage
van de totale
2024
Woningbouwimpuls, Aanpak.
Commissie Ruimtelijke
Wethouder Eerenberg
Wethouder
Ruimtelijke
31-12-
Ordening en
zegt toe dat de raad in
Eerenberg
Ordening
2024
Grondzaken 04-07-
Q4 2024 een raadsbrief
2024 2. Raadsvoorstel
ontvangt waarin het
Voorjaarsnota en
college kijkt of en hoe
Eerste
een nadere afweging is te
bestuursrapportage
maken voor percentages
2024
woningbouwcategorieën bij woningbouwprojecten tussen de 50 en 100 woningen.
731
Gemeenteraad 06-06-
M216 Omarm
Wethouder
Ruimtelijke
06-09-
2024 18.
ongebruikte ruimte in
Eerenberg
projecten: Groot
2024
Raadsvoorstel Nota van
deelgebied 6
Merwede
uitgangspunten Deelgebied 6 Merwedekanaalzone 727
Gemeenteraad 25-04-
M189 Geen parkeerplaats
Wethouder
Ruimtelijke
25-07-
2024 25.
zonder sanitair
Eerenberg
Ordening
2024
Raadsvoorstel
Datum afdoening
inclusief de Utrechtse 753
Stand van zaken openbaar
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
houder Depot en Stedenbouwkundig Programma van Eisen en Grondexploitatie Isotopenweg Commissie Ruimtelijke
Wethouder Hooijdonk
Wethouder
Ruimtelijke
31-07-
Ordening en
zegt bij afwezigheid van
Eerenberg
Ordening
2024
Grondzaken 04-04-
wethouder Eerenberg toe
2024 9. Raadsvoorstel
dat de raad per
Vaststelling Chw
raadsbrief wordt
bestemmingsplan
geïnformeerd over het
Papendorp
IPvE Papendorp zodra deze is opgesteld
682
Gemeenteraad 28-03-
M113 Student & Senior
Wethouder
Ruimtelijke
30-09-
2024 21. Afrondende
slaan handen ineen
Van
projecten:
2024
Hooijdonk
Overvecht
besluitvorming na debat over Update Masterplan Overvecht Centrum 649
Datum afdoening
Afschrijvingstermijn
698
Stand van zaken openbaar
Commissie Ruimtelijke
Wethouder Eerenberg
Wethouder
Ruimtelijke
31-03-
Ordening en
zegt toe dat de raad in
Eerenberg
Ordening
2025
Grondzaken 07-03-
Q1 van 2025 een
2024 8. Raadsvoorstel
raadsbrief (of
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
Stand van zaken openbaar
houder Vaststelling Chw
raadsvoorstel) ontvangt
bestemmingsplan
met betrekking tot kaders
Kanaleneiland –
over woonboten.
afdoening
Transwijk 651
Gemeenteraad 29-02-
M104 Neem Ravellaan
Wethouder
Ruimtelijke
29-05-
2024 10.
mee in verband met
Eerenberg
Ordening
2024
Raadsvoorstel
veiligheid trambaan
Wethouder
Ruimtelijke
31-03-
Eerenberg
Ordening
2025
Grondzaken
18-04-
250122: Er loopt op dit
2024
moment een onderzoek naar
Voorbereidingsbesluit Ravellaan Noord 616
Gemeenteraad 18-01-
M08 Klein maar fijn
2024 15. Afrondende besluitvorming Bovenwettelijke eisen bij gebieds- en projectontwikkeling 614
Gemeenteraad 18-01-
M06 Grondkosten
Wethouder
2024 15. Afrondende
dempen
Voortman
Datum
besluitvorming
de mogelijkheden om op
Bovenwettelijke eisen
gemeentelijk niveau betaalbare
bij gebieds- en
koopwoningen langdurig
projectontwikkeling
betaalbaar te houden. Deze motie wordt daar ook in meegenomen. De resultaten van het onderzoek worden
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
Stand van zaken openbaar
houder
afdoening verwacht in Q2 2025. Dan volgt ook terugkoppeling over de uitvoering van deze motie.
603
Datum
Commissie Ruimtelijke
De raad ontvangt in Q2
Wethouder
Ruimtelijke
30-06-
18-06-2024: Na vaststelling
Ordening en
van 2024 een raadsbrief
Eerenberg
Ordening
2024
van het bestemmingsplan is de
Grondzaken 14-12-
waarin de raad ten
initiatiefnemer in gesprek
2023 7. Raadsvoorstel
aanzien van het
gegaan met verschillende
Vaststelling Chw
bouwplan Marco Pololaan
beleggers. Gezien de lastige
bestemmingsplan
111- 117 wordt
marktomstandigheden neemt
Marco Pololaan 111 -
geïnformeerd over het
dit meer tijd in beslag dan ze
117, Kanaleneiland
omgevingsinrichtingsplan
voor ogen hadden. Momenteel
, de dakopbouw en de
zijn ze met een belegger in
verdere invulling van de
een vergevorderd stadium in
vestiging van de
gesprek en hopen deze zomer
huisartsenpraktijk.
tot een intentieovereenkomst te komen. Daarna zal zo spoedig mogelijk gestart worden met de verdere uitwerking van het ontwerp en inrichtingsplan. In Q4 2024 verwachten we de raad te kunnen informeren over het inrichtingsplan.
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
Stand van zaken openbaar
houder 541
afdoening
Gemeenteraad 02-11-
M375 Behoud bestaand
Wethouder
Ruimtelijke
02-05-
Motie M375 wordt betrokken
2023 30. Afrondende
groen Steck
Van
projecten:
2024
bij het SPvE De Steck. Een
Hooijdonk
Overvecht
besluitvorming na
voorstel ter besluitvorming
debat over
SPvE De Steck is er naar
Herontwikkeling
verwachting in najaar 2025.
Tuincentrum Steck 539
Gemeenteraad 02-11-
M367 Een plaatsje in de
Wethouder
Ruimtelijke
02-05-
2025-03-31: bijgestelde
2023 23.
herberg voor de
Eerenberg
Ordening
2024
planning medio 2025 volgt een
Raadsvoorstel
slechtvalk
raadsbrief met daarin de stand
Vaststelling Chw
van zaken.
bestemmingsplan Hoogbouwkavel, Leidsche Rijn Centrum Noord 480
Gemeenteraad 06-07-
M290 Gebruik reserve
Wethouder
Ruimtelijke
2023 11.
betaalbaar wonen
Schilderman
Ordening
M231 Doorbouwen
Wethouder
Ruimtelijke
06-10-
Eerenberg
Ordening
2023
Raadsvoorstel Voorjaarsnota 2023 en Eerste bestuursrapportage 2023 465
Gemeenteraad 06-072023 11. Raadsvoorstel
Datum
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
Stand van zaken openbaar
houder
afdoening
Voorjaarsnota 2023 en Eerste bestuursrapportage 2023 291
Datum
Gemeenteraad 02-02-
M25 Denk op tijd na over
Wethouder
Ruimtelijke
29-12-
20230830- Zie raadsbrief 18
2023 25.
invulling gebied Park
Eerenberg
Ordening
2028
april 2023. In deze motie is
Raadsvoorstel
Plaza hotel
per abuis, op basis van
Vaststelling
technische informatie, de
bestemmingsplan
onjuiste veronderstelling
Lombokplein, Lombok
opgenomen dat de erfpacht afloopt in 2036. Echter de erfpacht is eeuwigdurend, wel loopt het erfpachttijdvak in 2036 af. Het erfpachttijdvak zegt iets over de afspraken m.b.t. de canon. Na 2036 vangt een nieuw erfpachttijdvak aan, waarvoor opnieuw een canon moet worden voldaan aan de gemeente. De inhoudelijke uitwerking van de motie zal niet anders worden. De motie gaat er (ons inziens) niet
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
Stand van zaken openbaar
houder
afdoening vanuit dat Park Plaza Hotel na die datum vertrekt van de locatie, maar vraagt om te kijken naar een andere invulling van het nu nog onbebouwde gebied. Hierbij moet worden onderzocht het gebied meer aan te sluiten bij de omgeving en de toekomstige potenties van het terrein aan de Leidse Rijn en daar een meer openbaar karakter aan te geven; het laat open of het huidige gebouw gehandhaafd en/of herontwikkeld wordt. Conform motie wordt uiterlijk eind 2029 een voorstel naar de raad gestuurd.
270
Gemeenteraad 22-12-
M408 Ambitie 2x1 en 30
Wethouder
Ruimtelijke
31-03-
Conform Motie wordt de raad
2022 17. Debat
km/u Daalsetunnel
Eerenberg
projecten: Groot
2023
in 2026 geïnformeerd.
Raadsbrief Uitwerking
invoeren voor 2030
motie Daalsetunnel 30
Datum
Merwede
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
Stand van zaken openbaar
houder
afdoening
km/u en project kop ASW 267
Gemeenteraad 22-12-
M404 Houd vaart met het
Wethouder
Ruimtelijke
30-06-
In de commissie van 6 maart
2022 17. Debat
Daalsepark
Eerenberg
projecten: Groot
2023
2025 is het raadsvoorstel
Raadsbrief Uitwerking
Datum
Merwede
vaststellen voorkeursmodel
motie Daalsetunnel 30
Kop Amsterdamsestraatweg -
km/u en project kop
Oude Daalstraat besproken en
ASW
wordt doorgezet naar de raadsvergadering van 27 maart 2025 en daarmee is deze motie afgehandeld. Op 14-62024 is de raad geïnformeerd over de voortgang, de wijze waarop de 3 modellen worden uitgewerkt en de participatie. Op 22-6-23 is de raad schriftelijk geïnformeerd over de voortgang van het project: Beleidsveld Groot Merwede Raadsbrief Voortgang project Oude Daalsestraat/kop Amsterdamsestraatweg
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
Stand van zaken openbaar
houder 308
afdoening
Commissie Ruimtelijke
Wethouder Eerenberg
Wethouder
Ruimtelijke
31-01-
NB deadline toezegging moet
Ordening en
zegt toe eind 2024/
Eerenberg
projecten: Groot
2025
zijn: eind 2024/ begin 2025.
Grondzaken 08-12-
begin 2025 de raad een
2022 9. Raadsbrief
brief toe te zenden
met toezegging 270. Conform
Uitwerking motie
inzake de Daalsetunnel/
Motie wordt de raad in 2026
Daalsetunnel 30 km/u
Daalsedijk voor wat
geïnformeerd.
en project kop ASW
betreft de
Merwede
Deze toezegging hangt samen
mobiliteitsaspecten. Dit is inclusief de financiële consequenties en inclusief de tijdelijke maatregelen die nodig zijn. 227
Gemeenteraad 01-12-
M387 Eenduidig in de
Wethouder
Ruimtelijke
01-03-
2022 25.
omgangsvisie
Eerenberg
Ordening
2023
M307 Mixen maar!
Wethouder
Ruimtelijke
22-09-
20250331- De verwachting is
Eerenberg
Ordening
2023
de raad in Q3 2025 te kunnen
Raadsvoorstel Vaststellen Omgevingsvisie Kanaleneiland en Transwijk 201
Gemeenteraad 10-112022 6. Raadsvoorstel
Datum
Programmabegroting
informeren. In de raadsbrief
2023-2026
'Evaluatie Koersdocument
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
Stand van zaken openbaar
houder
afdoening Leefbare stad en maatschappelijke voorzieningen' van 6 februari 2024 (kenmerk 11592919) is de stand van zaken opgenomen met betrekking tot de mogelijkheden om functies te mengen. In het komende periode werken we – in de aanloop naar de herijking van het Koersdocument Leefbare stad en maatschappelijke voorzieningen - aan een strategie omtrent multifunctioneel en meervoudig gebruik van ruimte.
183
Gemeenteraad 13-10-
M285 Ecologische waarde
Wethouder
Ruimtelijke
13-01-
2022 18.
Haarrijn Poort Groene
Eerenberg
Ordening
2023
Raadsvoorstel
hart
Vaststellen Bestemmingsplan Woningbouw Haarrijn en Haarrijnseplas;
Datum
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
Stand van zaken openbaar
houder
afdoening
verplaatsing grens bebouwde kom Maarssenseweg/Heldin nenlaan 191
Datum
Commissie Ruimtelijke
om in het startdocument
Wethouder
Ruimtelijke
30-01-
20230920- De raad is
Ordening en
een schets op te nemen
Eerenberg
projecten:
2023
geïnformeerd over de stappen
Grondzaken 22-09-
van de dieren en planten
2022 9. Raadsbrief
die nu in het gebied
invulling te geven aan het
Ontwerpstudie
aanwezig zijn, evenals de
Coalitieakkoord 2022-2026
Rijnenburg
kansen voor nieuwe
over Rijnenburg met de
biodiversiteiten.
raadsbrief 'Invulling
Rijnenburg
die we gaan zetten om
coalitieakkoord gebiedsontwikkeling Rijnenburg en mobiliteitsonderzoek ontsluiting Rijnenburg' van 21 oktober 2022. Met deze toezeggingen wordt rekening gehouden bij de planvorming, zoals ook vermeld in de raadsbrief 'Toezeggingen commissiebehandeling energielandschap Rijnenburg en Reijerscop' van 16 juni
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
Stand van zaken openbaar
houder
afdoening 2020, waarin verwezen wordt naar de diverse natuuronderzoeken. We blijven uw raad regelmatig informeren over de vervolgstappen t.a.v. Rijnenburg.
190
Datum
Commissie Ruimtelijke
dat in de volgende
Wethouder
Ruimtelijke
30-01-
20230920- De raad is
Ordening en
stappen die gezet zullen
Eerenberg
projecten:
2023
geïnformeerd over de stappen
Grondzaken 22-09-
worden, de harmonie en
2022 9. Raadsbrief
groen van goede
invulling te geven aan het
Ontwerpstudie
kwaliteit, principes als
Coalitieakkoord 2022-2026
Rijnenburg
jaar-rond-nectar
over Rijnenburg met de
uitgangspunten kunnen
raadsbrief 'Invulling
vormen. De bouw van
coalitieakkoord
25.000 woningen zal
gebiedsontwikkeling
desondanks effecten
Rijnenburg en
hebben op de natuur.
mobiliteitsonderzoek
Rijnenburg
die we gaan zetten om
ontsluiting Rijnenburg' van 21 oktober 2022. Met deze toezeggingen wordt rekening gehouden bij de planvorming, zoals ook vermeld in de raadsbrief 'Toezeggingen commissiebehandeling
TOEZEGGINGEN EN MOTIELIJST COMMISSIE RUIMTELIJKE ORDENING EN GRONDZAKEN 15 MEI 2025 ID
Agendapunt
Toezegging
Portefeuille
Beleidsveld
Deadline
Stand van zaken openbaar
houder
afdoening energielandschap Rijnenburg en Reijerscop' van 16 juni 2020, waarin verwezen wordt naar de diverse natuuronderzoeken. We blijven uw raad regelmatig informeren over de vervolgstappen t.a.v. Rijnenburg.
189
Datum
Commissie Ruimtelijke
Om tijdens de bouw
Wethouder
Ruimtelijke
30-01-
20230920- De raad is
Ordening en
maximaal rekening te
Eerenberg
projecten:
2023
geïnformeerd over de stappen
Grondzaken 22-09-
houden met het belang
2022 9. Raadsbrief
van dieren. De bouw van
invulling te geven aan het
Ontwerpstudie
25.000 woningen zal
Coalitieakkoord 2022-2026
Rijnenburg
desondanks effecten
over Rijnenburg met de
hebben op dieren.
raadsbrief 'Invulling
Rijnenburg
die we gaan zetten om
coalitieakkoord gebiedsontwikkeling Rijnenburg en mobiliteitsonderzoek ontsluiting Rijnenburg' van 21 oktober 2022. Met deze toezeggingen wordt rekening gehouden bij de planvorming, zoals ook vermeld in de