Agendabundel
Tekst van het document
Speerpunten in 2021 In 2020 lag de focus vooral op leren en onderzoeken. Het ging om vraagstukken als: hoe voeren professionals het gesprek met werkzoekenden, welke behoefte
hebben zij en welke ondersteuning sluit hier het best op aan. Andere belangrijke vragen: wat is nodig om maatwerk te kunnen bieden, welke concrete afspraken kunnen we maken met onze partners in de stad om de samenwerking te versterken zodat we onze inwoners beter kunnen ondersteunen.
In 2021 zetten we deze werkwijze voort, maar we brengen ook extra accenten aan die voortkomen uit de geleerde lessen. Het gaat deels om nieuwe accenten, deels om aandachtspunten die nog beter uitgewerkt kunnen worden zodat werkzoekenden echt het verschil ervaren:
vasthouden en versterken vertrouwensband, vasthouden van mensen die een beweging hebben gemaakt zodat zij kunnen profiteren wanneer de arbeidsmarkt aantrekt;
afspraken met meer partners en realiseren warme overdracht hulpverlening;
met onze partners investeren in digivaardigheden van onze doelgroep, ondersteuning bij digitaal contact;
meer en/of expliciet aandacht in de gesprekken met werkzoekenden voor de mogelijkheden op het gebied van activering, scholing en rondkomen; aanbod zichtbaarder maken voor werkzoekenden;
Extra aandacht voor goed informeren en voorbereiden van kandidaten bij ontmoetingen met werkgevers.
15
III. Voortgang actielijn 2: Meer passend werk en meer banen Een palet aan mogelijkheden passend bij iemands talent en mogelijkheden
Samen met werkgevers hebben we vastgesteld dat er een mismatch op de arbeidsmarkt is en dat er ruimte is voor het gesprek over de inclusieve arbeidsmarkt en het aanpassen van functies. Daarom investeren we in intensiever contact met en ondersteuning van werkgevers. Ook zetten we in op het creëren van nieuwe, passende banen.
Belangrijkste acties en resultaten
Omslag in werken en contact met werkgevers. De bedrijfsadviseurs hebben een omslag in werken gemaakt. Naast het werven van vacatures ligt de focus op werken vanuit de mogelijkheden en specifieke behoeftes van de werkzoekenden. De bedrijfsadviseurs denken mee met werkgevers over hoe zij hun organisatie/werkplekken kunnen inrichten om onze doelgroep een plek te bieden. Zij zijn gericht op het creëren van een win-winsituatie: voor de werkgevers bieden ze een oplossing voor vergrijzing, tekort aan personeel, invulling inclusief werkgeverschap en voor werkzoekenden een plek om te leren, te groeien en te werken. Onze werkzoekenden en werkgevers zijn divers en daarmee ook de oplossingen. Kenmerkend is dat we veel en diverse kleine bewegingen in gang zetten zodat we stap voor stap het verschil kunnen maken. Dit heeft geleid tot een aantal mooie samenwerkingen, zoals:
In samenwerking met de railbedrijven (pilot SZW in het kader van VIA) hebben we
Bij de gemeente Utrecht is een aantal passende banen gecreëerd. Bij de afdeling
(6 deelnemers) werk en gezondheid uitgevoerd.
plekken nog niet worden ingevuld. Bij Werk en Inkomen is een werkzoekenden aan de
zoals een leerwerktraject, laagdrempelige ontmoetingen, het project praktijkverklaring
‘coronabanen’ bij VTH. Het gaat om functies van gastheer/gastvrouw en
enkele statushouders kunnen plaatsen. Met Cobala hebben we een kleinschalige pilot
facilitair zijn drie werkervaringsplaatsen vormgegeven. Door corona konden twee
Zoals aangegeven in deel I, zijn er ook nieuwe initiatieven met cofinanciering gestart
slag gegaan als medewerker schulddienstverlening. Ook is gestart met de werving van
en taal met collega’s.
publieksbegeleiders. Deze functies staan open voor een bredere doelgroep dan alleen Werkbeweging.
Extra investeringen in taal. We hebben een intensieve aanpak ontwikkeld waarin taal en leren centraal staan. Het gaat om een combinatie van taal gericht op de werkvloer, het leren van de (werk)cultuur, vakopleiding en meteen aan de slag op de werkvloer. De deelnemers kunnen starten vanaf een veel lager taalniveau (AO-A1) dan eerder mogelijk was. Er zijn verschillende trajecten opgezet zoals taal, cultuur, werk en taal in de horeca (2 groepen met 10 deelnemers), logistiek (2 groepen met 10 deelnemers) en de zorg (zie onderstaand kader voor meer informatie). Hierbij is niet alleen aandacht voor taal en werk, maar is de begeleiding ook gericht op de cultuur op de werkvloer. Eerder noemden we al het samen met Taal doet Meer en het Oranjefonds 16
ontwikkelde project Taal met collega’s. Het taalaanbod bestaat verder uit geïntegreerde opleidingstrajecten (ROC, 79 deelnemers), taalconversatielessen, taallessen gericht op sociale en leefomgeving en taal gericht op werk. Meer dan 700 mensen maken gebruik van dit aanbod of hebben dat gedaan. Voor mensen die niet leerbaar zijn is eveneens een traject opgezet. Dit zal starten zodra er werkplekken beschikbaar komen, naar verwachting na corona. Voorbeeld van publiek-private samenwerking: programma Werk en Taal Zorg.
Voor mensen met een taalachterstand is de stap naar betaald werk vaak nog te groot. Door taal en leren te combineren met een werkervaringsplek kunnen we hen optimaal ondersteunen. We waren al gestart in de horeca en logistiek, nu zijn we ook actief in de zorg. De partijen waarmee we samenwerken zijn de taalschool NCB, werkgever en
praktijkopleider Zorgwacht en ROCMN. Tijdens dit traject krijgen de deelnemers taal gericht op de werkvloer, cultuurlessen, opleiding en gaan ze onder begeleiding aan de slag in de thuiszorg. In maart 2021 zijn de eerste 8 deelnemers enthousiast gestart. Later dit jaar zal een tweede groep starten.
Extra ontmoetingen werkgevers en werkzoekenden. Wanneer er eenmaal sprake is van ontmoeting en een goede klik, dan zien we dat er altijd kansen
ontstaan, ook al is er op basis van opleiding en ervaring in eerste instantie geen match. We hebben ontmoetingen georganiseerd met spoorbedrijven (Strukton, Prorail en BAM; 40 werkzoekenden), Beroepentuin, en ‘All you need is work’ (2019: 250 matches). In december 2020 hebben 8 werkgevers samen met bedrijfsadviseurs webinars georganiseerd; All you need is work 2020: digitale editie.
Op 21, 22 en 23 december van 2020 vond de eerste digitale editie van het All You Need is Work plaats. Het primaire doel van dit evenement was een extra impuls geven aan het aantal ontmoetingen tussen werkzoekenden en werkgevers. Tijdens dit driedaagse programma zijn 12 webinars gehouden over het thema ‘online solliciteren’. 8 workshops zijn gegeven door werkgevers waaronder Randstad Uitzendbureau, Docura Thuiszorg, MB-All en de Beroepentuin. Ook is in samenwerking met EEV een website ontwikkeld (www.utrechtwerkt.nl) waar men het programma kon bekijken, zich kon aanmelden voor de webinars en waar men handige tips kon teruglezen. In totaal hebben 85
werkzoekenden deelgenomen aan de workshops onder wie mensen uit arrangement 3, maar ook mensen met een Tozo-uitkering. De meeste deelnemers volgden meerdere workshops. .
Met alle contractpartijen zijn we in gesprek gegaan over ‘hoe verder tijdens corona’ en dat heeft gemaakt dat alle trajecten zijn doorgegaan in aangepaste vorm. We hebben samen met onze partners (scholings)trajecten omgevormd zodat we ze digitaal konden aanbieden. We zijn positief verrast dat veel werkzoekenden online trainingen en webinars hebben gevolgd, soms met hulp. Deze lessen nemen we mee naar de dienstverlening van de toekomst.
17
Overig nieuw en aangepast aanbod. de behoeften en mogelijkheden van werkzoekenden gecombineerd met de behoeften en wensen van werkgevers hebben geleid tot nieuw aanbod. Sagenn biedt bijvoorbeeld ondersteuning waarbij het versterken van zelfregie, vertrouwen in eigen kunnen en motivatie centraal staan (365 deelnemers). Dit is een opstap naar activering of (betaald) werk. Met bestaande partners hebben we plekken aangepast zodat ze ook geschikt zijn voor de doelgroep van Werkbeweging. Voorbeelden zijn werkervaringsplekken bij Stimulans, een voortraject bij I-did (25 deelnemers) en een traject urenopbouw bij UW (32 deelnemers). Traject urenopbouw
Een voorbeeld van nieuwe dienstverlening voor een groep mensen met specifieke kenmerken en wensen is het traject urenopbouw. Dit is voor mensen die arbeidsvermogen
hebben maar wel een medische beperking ervaren (of die is vastgesteld) waardoor zij minder dan 5 uur beschikbaar zijn. In het traject wordt aandacht besteed aan het verhogen van de belastbaarheid en het opbouwen van werkzame uren. Uitgangspunt zijn de mogelijkheden van de kandidaat.
Overige cijfers en duiding Er zijn extra bedrijfsadviseurs aangetrokken en ingewerkt (4 fte). Hiermee is het mogelijk om niet alleen vacatures te werven maar vooral in te zetten op het aanpassen en creëren van passende banen en leer-werktrajecten, met speciale aandacht voor de combinatie met taal.
Alle bedrijfsadviseurs zijn gekoppeld aan de focusgroepen van de werkmatchers zodat zij gezamenlijk expertise kunnen opbouwen en gericht kunnen werken aan maatwerkoplossingen.
Een kwart van de werkzoekenden geeft aan (kto Werkbeweging) ondersteuning bij taal nodig te hebben om een stap naar werk te kunnen maken. Ook de
uitkomsten van een enquête onder werkgevers en het gesprek met de klankbordgroep Werkgevers bevestigden het belang van begeleiding en taal om een stap naar werk te kunnen maken. Bij de acties en resultaten is aangegeven wat we hiermee hebben gedaan.
We blijven werken aan het aanpassen van ons aanbod en het creëren van nieuwe mogelijkheden. Realiteit is ook dat het vanwege corona enige tijd kost om dit te
realiseren. Maar samen met onze partners werken we aan nieuwe oplossingen. Tijdens de coronacrisis zijn niet alleen nieuwe trajecten gestart, er is eveneens een aantal trajecten voorbereid en vormgegeven zodat deelnemers kunnen starten wanneer de beperkende maatregelen zijn opgeheven.
Dat sinds corona de arbeidsmarkt onder druk staat, behoeft bijna geen toelichting (meer informatie is evenwel opgenomen in bijlage 2. Impact corona). Maar door corona zijn er ook kansen ontstaan in bepaalde sectoren. Zo is er groei van de werkgelegenheid in de sectoren zorg, post- en koeriersdiensten. Dat vertaalt zich
niet 1 op 1 naar kansen voor onze doelgroep, want de concurrentie op de arbeidsmarkt is groter geworden, maar de groei heeft er wel voor gezorgd dat ook onze doelgroep in deze sectoren aan het werk is gegaan. De sectoren waar de meeste mensen uit de bijstand aan het werk gaan, zijn zorg & welzijn, transport &
logistiek, industrie & techniek en de zakelijke dienstverlening. Het gaat om functies als productiemedewerker, medewerker klantenservice (deels door de kansen bij de coronalijn van de GGD) en magazijnmedewerker. In totaal zijn vanaf de start van Werkbeweging meer dan 800 mensen (deeltijd) aan het werk gegaan. De
18
kansen op de arbeidsmarkt voor onze doelgroep waren groter in de periode voor corona, want toen gingen over eenzelfde periode plusminus 200 mensen meer
(deeltijd) aan het werk. We kunnen niet precies vaststellen wat de bijdrage is geweest van Werkbeweging. Wel zijn we van mening dat zonder extra investering in
deze doelgroep het aantal werkzoekenden dat (deeltijd) aan het werk was gegaan lager zou zijn geweest. De concurrentie op de arbeidsmarkt was immers groter en zonder bemiddeling zouden meer werkgevers hun vacatures hebben vervuld met werknemers die een minder grote afstand tot de arbeidsmarkt hebben. Constateringen van klankbordgroep Werkgevers: -
we hebben te maken met hoger verzuim, onder meer vanwege quarantaineregels;
we hebben behoefte aan goed geïnformeerde en voorbereide werknemers onder meer over het werk dat ze gaan doen, regelingen als vakantie en verzuim en over inkomen waaronder vakantiegeld, pensioen, bruto-netto inkomen en de gevolgen van toeslagen op het inkomen (vooroordelen armoedeval);
-
we zien een risico dat, als de economie weer aantrekt, mensen niet voldoende zijn opgeleid. Werkgevers in de horeca bijvoorbeeld maken zich zorgen dat ze geen personeel kunnen vinden als ze weer open mogen, omdat werknemers allemaal iets anders zijn gaan doen;
-
onze wens is dat bij coaching van werknemers de focus niet puur op baanbehoud ligt, baanroulatie (dezelfde baan bij een andere werkgever) kan passender zijn;
-
onderdeel van de begeleiding is volledige, snelle uitwisseling van informatie tussen werkgever en werkmatcher in alle fasen van de plaatsing. Dit kunnen we samen nog beter doen;
-
maak gebruik van de kansen die de sectoren logistiek, techniek en bouw bieden;
Quote uit werkgeversenquête: Complimenten voor alle collega's van het WSP er is een super samenwerking! Bovengenoemde punten van de klankbordgroep Werkgevers zijn herkenbaar en weerspiegelen onze gezamenlijke uitdagingen. Samen zorgen voor de beste match en voorkomen van uitval zijn belangrijke doelen. We werken aan de vraag hoe onze werkmatchers en onze bedrijfsadviseurs zowel de werkzoekenden als de
werkgevers in elke fase van de plaatsing kunnen ondersteunen, met inachtneming van ieders rol en expertise. Een werkmatcher kan niet alle arbeidsvoorwaarden
van de gehele arbeidsmarkt kennen. Maar samen met werkgevers kunnen we algemene kenmerken combineren met branche-specifieke informatie. Dat geldt ook voor de omgang met de quarantaineregels en het toegenomen ziekteverzuim. De gesprekken met werkgevers leveren zowel voor de bedrijfsadviseurs als de werkmatchers waardevolle input voor de persoonlijke gesprekken met de werkzoekenden. Andersom bieden de gesprekken werkgevers inzicht over onze doelgroep.
Speerpunten in 2021 In 2020 lag de focus op het leren en onderzoeken en het creëren van passende plekken. Daarbij ging het om vraagstukken als hoe voeren onze professionals het gesprek met werkgevers, welke behoefte hebben werkgevers en welke ondersteuning en werkgeversbenadering sluit hier het best op aan. En welk aanbod en
welke kansen bieden onze partners in de stad. Ook zijn we meerdere pilots en nieuwe vormen van samenwerken gestart. In 2021 zetten we deze werkwijze voort, maar we brengen ook extra accenten aan die voortkomen uit de geleerde lessen. Het gaat deels om nieuwe accenten, deels om aandachtspunten die nog beter uitgewerkt kunnen worden:
19
-
Aandacht voor taal en cultuur op de werkvloer. Digitale dienstverlening.
Extra aandacht voor nieuwe kansen in aanbod en oplossingen. Opzetten pilots en experimenten ter ondersteuning van onze doelgroep in Overvecht (Regio Deal).
-
Extra aandacht voor goed informeren en voorbereiden van kandidaten bij ontmoetingen met werkgevers.
Meer inzicht krijgen in de veranderingen op de arbeidsmarkt en kansen verzilveren op werk in nieuwe sectoren.
20
IV. Voortgang actielijn 3: Vooroordelen en discriminatie verminderen op de arbeidsmarkt
Met aandacht voor werkgevers, werkzoekenden en onze eigen dienstverlening
Onze ambitie is om een Utrechtse beweging in gang te zetten waardoor vooroordelen en discriminatie op de arbeidsmarkt verminderen.
Belangrijkste acties en resultaten
(Bijna) alle werkmatchers hebben deelgenomen aan een dialoogsessie over vooroordelen en discriminatie in de contacten met werkzoekenden. De resultaten zijn vertaald naar een training voor al onze professionals. Deze training vindt plaats in 2021.
Inventarisatie van ons trainingsaanbod en de aansluiting op de weerbaarheid van slachtoffers van arbeidsmarktdiscriminatie. In 2021 gaan we verder in gesprek met onze contractpartners over wat nodig en mogelijk is om de weerbaarheid van mensen te vergroten en hoe hun signaalfunctie kan worden ingevuld.
Organiseren van expertmeeting (11 experts) over mogelijke inzet van mystery guests en praktijktests om discriminatie op de arbeidsmarkt tegen te gaan. Zie voor meer informatie Raadsbrief Stand van zaken anti-discriminatieagenda 2016-2020.
Verhogen meldingsbereidheid. De meldingsbereidheid van onze werkzoekenden over ervaringen met discriminatie is laag omdat zij denken dat hier niks aan gedaan kan worden. Daarom hebben we de samenwerking gezocht met Artikel 1. Er is een nieuw telefoonnummer opgezet (start voorjaar 2021) waar een ervaring met discriminatie kan worden gemeld. Artikel 1 biedt ondersteuning aan slachtoffers van discriminatie, zowel moreel als juridisch. Via dit telefoonnummer kunnen we bovendien het aantal meldingen van onze doelgroep monitoren en op basis daarvan gerichte acties opzetten. Naast de dialoogsessies biedt dit onze werkmatchers een concreet handvat om een werkzoekende die aangeeft met discriminatie te maken te hebben, te ondersteunen.
(Digitale) gesprekken met onze partners over het thema arbeidsmarktdiscriminatie met als doel om samen met de stad het thema te agenderen. Het resultaat van deze gesprekken is dat het thema arbeidsdiscriminatie is opgenomen in de nieuwe anti-discriminatieagenda. In 2021 wordt verder gewerkt aan het initiatief om deze thema’s met elkaar te verbinden.
Overige cijfers en duiding We willen de Utrechtse beweging tot stand brengen in co-creatie met werkgevers, partners en werkzoekenden door het organiseren van ontmoetingen. Omdat vanaf 2020 de ontmoetingen vooral online moesten plaatsvinden, is er minder georganiseerd dan we ons hadden voorgenomen. Het onderwerp leent zich
21
vanwege de gevoeligheid niet goed voor onlinebijeenkomsten. Wel hebben we, zoals hierboven is aangegeven, input opgehaald bij onze partners en de verbinding gelegd met de anti-discriminatieagenda.
In het klanttevredenheidsonderzoek is werkzoekenden gevraagd naar hun ervaringen op het gebied van discriminatie op de arbeidsmarkt. Niet alle respondenten
hebben deze vragen beantwoord. Van degenen die wel reageerden, geeft ongeveer 1 op 5 aan dat ze afgelopen jaar te maken hebben gehad met discriminatie op
het werk, bij het zoeken naar werk of tijdens een opleiding. De brede doelgroep van Werkbeweging heeft deze ervaringen, discriminatie spitst zich dus niet toe op specifieke groepen. Wel geven dak- en thuislozen, statushouders en oudere werkzoekenden relatief vaker aan ervaring te hebben met discriminatie. Uit de open
antwoorden van alle werkzoekenden maken we op dat het gaat om ervaringen met discriminatie op vele thema’s. Genoemd zijn discriminatie op grond van sekse, leeftijd, achtergrond, maar ook bijvoorbeeld naar aanleiding van het melden dat het stadskantoor als postadres wordt gebruikt (dak- en thuisloos). Uit het kto blijkt ook dat het aantal mensen dat melding maakt van discriminatie beperkt is. Ongeveer een kwart van de mensen (21 respondenten) heeft namelijk hun
ervaring gemeld bij hun werkmatcher en twee personen hebben deze ervaring gemeld bij een (andere) organisatie. Over de reactie van de werkmatcher op deze
meldingen is 38% tevreden. Tips die respondenten geven over wat de gemeente kan doen zijn onder meer: bespreekbaar maken, bewustzijn en kennis creëren bij medewerkers en werkgevers. En de gemeente zou ook zelf mensen in dienst kunnen nemen.
De uitkomsten van het kto bevestigen de noodzaak van de acties de we hebben ondernomen om de meldingsbereidheid te vergroten. De uitkomsten onderstrepen ook onze brede aanpak waarin we aandacht hebben voor discriminatie op verschillende gronden. De aanpak van arbeidsmarktdiscriminatie is door de coronacrisis urgenter geworden: het risico bestaat dat bij het herstel van de coronacrisis bepaalde groepen in de samenleving minder snel weer aan het werk komen. Input klankbordgroep Werkgevers
In gesprekken met werkgevers werd duidelijk dat zij van de gemeente verwachten dat dit thema gemeentebreed wordt opgepakt en niet alleen vanuit de
bijstandsgerechtigden. Ook tijdens de expertmeeting rond de inzet van mystery guests pleitten de aanwezigen voor een breder opgezette samenwerking met
partners. Werkbeweging heeft (daarom) voor acties richting Werkgevers de aansluiting gezocht met de gemeentelijke anti-discriminatieagenda. Het doel blijft hetzelfde namelijk de werkgevers actief betrekken bij het thema en vooroordelen en discriminatie verminderen
Speerpunten in 2021 Arbeidsmarktdiscriminatie is een complex maatschappelijk probleem en de aanpak vraagt om een lange adem. Onze inzet vanuit Werkbeweging is er dan ook op gericht om acties in gang te zetten die ook op langere termijn nog effect zullen hebben. Het Wetsvoorstel ‘Toezicht gelijke kansen bij werving en selectie’ biedt kansen om het gesprek aan te gaan en afspraken te maken met werkgevers (geen doel op zich). De speerpunten voor 2021 zijn: -
Vergroten meldingsbereidheid.
Vergroten weerbaarheid werkzoekenden. Duurzame samenwerking met werkgevers, met speciale aandacht voor vooroordelen over dak-en thuislozen, statushouders en bijstandsgerechtigden ouder dan 45 jaar (kto). Vergroten handelingsbekwaamheid professionals op het gebied van meldingen en signalen vooroordelen en discriminatie. Expertmeeting om te bepalen hoe de samenwerking tussen gemeente en werkgevers rondom de aanpak van arbeidsmarktdiscriminatie kan worden vormgegeven. 22
V. Financieel In de actieagenda is in de periode 2019-2021 voor de uitvoering van de opgave Werkbeweging in totaal 5 miljoen euro begroot. De begrote en gerealiseerde uitgaven zijn als volgt:
Actielijn 1 Actielijn 2 Actielijn 3
Projectmanagement
Begroot 2019
Realisatie 2019
Begroot 2020
Realisatie 2020
Begroot 2021
150.000
67.429
300.000
254.197
300.000
675.000 25.000
356.307 0
1.350.000 50.000
1.073.867 27.835
1.350.000 50.000
150.000
73.600
300.000
144.064
300.000
1.000.000
497.336
2.000.000
1.499.963
2.000.000
De actieagenda Werkbeweging is op 5 december 2019 door de raad vastgesteld. Hoewel vooruitlopend op deze vaststelling al voortvarend met de opgave is
gestart, is het budget in 2019 niet volledig ingezet. In de Resultaatbestemming 2019 is het restantbudget van € 503.000 toegevoegd aan de begroting 2020.
Vervolgens is dit budget in de Tweede Bestuursrapportage 2020 overgeheveld van 2020 naar 2022. Hiermee is in 2022 nog € 503.000 voor de uitvoering van de opgave beschikbaar. Dit is genoeg om de opgave tot en met het eerste kwartaal 2022 uit te kunnen voeren.
De uitgaven zijn in 2020 in totaal € 500.037 lager dan begroot. Dit wordt vooral verklaard uit het (nog) achterwege blijven van een overheadafdracht over de personeelskosten van de actielijnen 1 en 2 en lagere kosten voor projectmanagement. Naar verwachting wordt in de Resultaatbestemming 2020 aan de raad voorgesteld om het restantbudget toe te voegen aan de begroting 2021.
23
Bijlage 1. Toelichting Utrechtse manier van sturen en verantwoorden Op 26 mei 2020 heeft u de Raadsbrief Monitor Werkbeweging (kenmerk 7398659) ontvangen en op 7 juli 2020 hebben we tijdens een informatiebijeenkomst (digitaal) met u besproken hoe we de uitvoering van de actieagenda monitoren. We gebruiken de Utrechtse manier van sturen en verantwoorden waarbij volgen, spiegelen en leren centraal staan.
Met het Utrechts sturingsmodel zoeken we de juiste balans binnen de verschillende aspecten: (1) visie en waarden, (2) kaders en randvoorwaarden, (3) informatie (o.a. indicatoren) en (4) betekenisvolle interactie-interactief leren. Dit betekent dat we: -
werken vanuit een visie en leidende principes,
-
samen met onze partners, werkzoekenden,
-
op basis van continu gesprek met partners en leren
bijbehorende kaders, en doorlopend kwantitatieve en kwalitatieve informatie verzamelen;
werkgevers en raad betekenis geven aan deze informatie;
en bijsturen.
Hiermee krijgt u een breder en rijker palet aan
informatie, op basis waarvan we met elkaar in gesprek kunnen gaan.
24
Bijlage 2. Toelichting impact corona Werk en Inkomen
Corona heeft het afgelopen jaar grote invloed gehad op zowel het beleid als de uitvoering binnen het programma Werk en Inkomen. Dit is terug te zien in de
bijstandsontwikkeling. Utrecht sluit het jaar 2020 af met 9.808 huishoudens in de bijstand. De instroom in de bijstand is gestegen met ruim 23% ten opzichte van 2019. De toename zien we vooral in het tweede en vierde kwartaal, tijdens de eerste en tweede lockdown, met als voornaamste reden het wegvallen van
inkomen door einde WW en beëindiging werk. Daarnaast zien we ook dat de crisis wezenlijke impact heeft op de werkgelegenheid en ertoe heeft geleid dat er minder mensen uit de bijstand zijn gegaan richting werk. Ook de ondersteuning aan werkzoekenden kon niet op de gebruikelijke wijze worden geboden. Als reactie op COVID-19 hebben we samen met onze partners diverse maatregelen genomen. Dat varieert van digitale dienstverlening, aanpassen van de
groepsgroottes, tot aanpassen van de (leer)werkplekken. Tot slot ging in 2020 veel aandacht en capaciteit binnen Werk en Inkomen naar de opstart en uitvoering
van de nieuwe Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) en in 2021 naar de Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK). Naast het financieel steunen via het toekennen van aanvragen levensonderhoud en bedrijfskrediet, is in 2020 ook gestart met dienstverlening aan de ondernemers op het gebied van coaching en heroriëntatie en met een pilot digitale dienstverlening.
Kansen arbeidsmarkt doelgroep Werkbeweging uitstroom naar werk en deeltijdwerk
De arbeidsmarkt staat onder druk. Er is bijvoorbeeld een grote krimp van werkgelegenheid in de sectoren horeca, detailhandel en personenvervoer. Sectoren die normaal gesproken kansen bieden voor onze doelgroep. Verder is sprake van een sterk wisselend verloop van beschikbare vacatures. Veel bedrijven zijn
terughoudend met het openstellen van vacatures, omdat zij onzeker zijn over de ontwikkelingen of direct gevolgen ondervinden van coronamaatregelen. We zien
dat vacatures vaker worden teruggetrokken en dat de vacatures vaker op tijdelijke basis worden aangeboden. We merken ook dat werkgevers in deze zware tijden minder ruimte hebben om mee te denken over het creëren van mogelijkheden en organiseren van goede begeleiding van onze doelgroep en het organiseren van ontmoetingen. Er zijn ook kansen, zo is er groei van werkgelegenheid in de sectoren zorg, post- en koeriersdiensten. Dat vertaalt zich niet 1 op 1 met kansen
voor onze doelgroep, want de concurrentie op de arbeidsmarkt is groter geworden: er reageren meer mensen op beschikbare vacatures, waardoor de kansen voor werkzoekenden in een kwetsbare positie afnemen.
Samengevat is corona van invloed op de kansen op betaald werk voor onze doelgroep. Er zijn minder vacatures beschikbaar, en er zijn minder mogelijkheden voor stages, werkervaringsplekken, en betaald werk, ook omdat er minder begeleiding vanuit de werkgever geboden kan worden. Dit betekent niet dat er niks mogelijk is, ook tijdens corona hebben we samen met werkgevers gewerkt aan het verzilveren van kansen en bewegingen richting werk. Kansen en mogelijkheden overige stappen richting werk
Tijdens de crisis waren de mogelijkheden beperkt(er) om werkzoekenden ondersteuning te bieden in de vorm van scholing, persoonlijke ontwikkeling en
ontwikkeling van werknemersvaardigheden (al dan niet gecombineerd met taal). De angst voor besmetting, quarantaineregels, ongeschiktheid van locaties en
minder beschikbare plekken vanwege coronamaatregelen speelden hierin een rol. In de contacten met werkzoekenden ging de aandacht dan ook allereerst uit naar de gezondheid en in mindere mate naar het maken van een beweging richting werk. Corona heeft impact gehad en heeft nog steeds impact op de
25
productiviteit van werkmatchers. In het begin kon minder werk worden verzet omdat eerst moest worden georganiseerd dat werkmatchers vanuit huis konden
werken (naast bijvoorbeeld zaken als thuisonderwijs). Digitaal werken brengt een aantal uitdagingen met zich mee voor zowel werkzoekenden als werkmatchers: niet iedereen is even goed telefonisch of digitaal bereikbaar; de non-verbale communicatie en oogcontact vallen weg en het is moeilijker om te reflecteren op iemands houding en gedrag. Dit is van invloed op de effectiviteit van de dienstverlening.
Bij de realisatie van Werkbeweging heeft verder ook Tozo een rol gespeeld. In de periode dat deze regeling werd opgezet en uitgevoerd, is een deel van de
werkmatchers Werkbeweging ingesprongen om zorg te dragen voor de ondersteuning van ondernemers. Onze inschatting is dat tijdens de eerste lockdown de medewerkersproductiviteit rondom begeleiding naar werk was gehalveerd. Daarna is de productiviteit aanzienlijk gestegen, maar die bleef met de tweede lockdown nog wel onder het niveau van voor de coronacrisis.
26
Bijlage 3. Toelichting indicatoren en realisatie Werkbeweging Onderdeel van de actieagenda zijn vier kernindicatoren waarmee de doelstelling van 2.000 bewegingen naar werk wordt gemonitord. In de bespreking van de actieagenda Werkbeweging in de raadscommissie van 15 oktober 2019 is toegezegd dat het niet uitsluitend gaat om unieke personen die een beweging
maken, maar om 2.000 bewegingen waarbij iemand ook meerdere bewegingen kan maken naar werk. Aandachtspunt bij de invulling van de indicatoren is dat we bepaalde bewegingen niet dubbeltellen.
Toelichting vier kernindicatoren (zie ook Raadsbrief Monitor Werkbeweging)
Plaatsingen: werkervaring en ontwikkeling (werknemers)vaardigheden: het gaat om plaatsingen waarbij onze doelgroep algemene en functiegerichte werknemersvaardigheden
ontwikkelen, en/of werken aan competenties of persoonlijke ontwikkeling. Het zijn bewegingen richting werk en daarmee een opstap naar betaald werk en volledige uitstroom uit de uitkering. De werkervaringsplekken (additionele werkplek met behoud van uitkering) kunnen ook samengaan met het volgen van een opleiding/scholing. We nemen dit op bij deze indicator omdat het een werkelement bevat. Deze plekken worden niet meegenomen bij de indicator scholing.
Scholing: de scholingstrajecten die worden ingezet leiden op tot een beroep of het behalen van certificaten of diploma’s die het perspectief op werk vergroten. Ook zogenoemde geïntegreerde trajecten (een opleiding aan het ROC specifiek voor anderstaligen) zijn hier onderdeel van.
Deeltijdwerk: de inzet van onze dienstverlening leidt tot (meer uren) deeltijdwerk. Dit betekent dat iemand inkomen heeft uit werk of zelfstandig beroep en dat deze inkomsten worden aangevuld tot bijstandsniveau.
Volledige uitstroom uit de uitkering naar werk: we hanteren hierbij het criterium dat de reden voor volledige uitstroom betaald werk is (reguliere arbeid of zelfstandig beroep).
Om bij benadering te kunnen bepalen wat de plus is, hebben we de resultaten van Werkbeweging gerelateerd aan de realisatie van onze dienstverlening
voorafgaand aan Werkbeweging. We hebben het gemiddelde van de inzet op de vier kernindicatoren berekend vanaf 2017 tot de start Werkbeweging. Dit
gemiddelde noemen we de basiswaarde. Deze benadering impliceert dus dat de reguliere dienstverlening is gefixeerd (op de basiswaarde) en dat daarmee zowel de positieve als de negatieve afwijkingen volledig worden toegerekend aan Werkbeweging. We hebben de lat hoog gelegd, onder andere omdat de basiswaarde ook het jaar bevat waarin extra is geïnvesteerd in onze doelgroep met de inzet van de buig-impulslijnen.
De teller voor Werkbeweging begint te lopen als de basiswaarde van afgerond 1.839 bewegingen per jaar is behaald (de basiswaarde per kwartaal is afgerond
460). De beginstand is nul en de eindstand is afgerond 6.597 bewegingen. Dit is berekend op basis van 2.000 extra bewegingen in 2,5 jaar en de basiswaarde
(2,5*1.838,7+2.000). De basiswaarde die in de raadsbrief Monitor Werkbeweging is opgenomen is gecorrigeerd en bijgesteld. We constateerden namelijk dat de arrangementbepaling niet vast stond, maar meebewoog met de personen. Dat betekent dat als bijvoorbeeld iemand vanuit arrangement 3 deelnam aan scholing
en daarna doorstroomde naar arrangement 1, scholing niet bij (de basiswaarde of realisatie) Werkbeweging werd meegeteld (arrangement 3) maar bij arrangement 1. Hoe langer we terugkijken in de tijd hoe groter de kans dat bepaalde deelnames niet zijn meegeteld bij de kernindicatoren van Werkbeweging. De kans is
namelijk groter dat iemand (inmiddels) is doorgestroomd naar een ander arrangement. We hebben daarom technische correcties doorgevoerd in de definities van arrangementbepaling en inzet en opnieuw de basiswaarde en de realisatie berekend. De basiswaarde is na herberekening afgerond 372 per jaar hoger dan de berekening die eerder was gemaakt. In de Dashboardbrief kwartaal 2 2020 (kenmerk 7953761) is de realisatie van Werkbeweging weergegeven tot en met
27
kwartaal 2 2020. De realisatie is voor deze periode eveneens herberekend. Figuur 1 geeft de nieuwe realisatie en de nieuwe basiswaarde weer. De gegevens zijn cumulatief, alles boven de lijn van de basiswaarde is de plus op de bestaande dienstverlening. Ook opgenomen in deze figuur is de realisatie en de basiswaarde zoals deze eerder met u is gedeeld (aangegeven met oud; stippellijnen).
Figuur 1. Basiswaarde en realisatie Werkbeweging, oude en nieuwe berekeningen 5000
Zichtbaar is dat de technische aanpassingen niet
4500
hebben geleid tot wijzigingen in het verloop van de realisatie van Werkbeweging. Het verloop volgt
4000
415
3500
nagenoeg hetzelfde patroon. Ook de eindstand op 2020 kwartaal 2 is vergelijkbaar (de eindstand is 469, verleden jaar is 425 gerapporteerd).
3000 2500
De realisatiecijfers per kwartaal zijn voorlopige cijfers
469
2000
en kunnen in de loop van het jaar wijzigen. De cijfers
425
worden bijgesteld als een werkzoekende later start
1500
dan was voorzien, of (uiteindelijk) helemaal niet start
1000
met een traject of betaald werk, of als de startdatum pas op een later moment in het systeem is opgevoerd
500
omdat de informatie pas later beschikbaar is
0
gekomen.
Basiswaarde nieuw
Basiswaarde oud
Realisatie Werkbeweging nieuw
Realisatie Werkbeweging oud
Realisatie Werkbeweging
Figuur 3 geeft de realisatie van Werkbeweging weer per kernindicator per kwartaal. De ontwikkeling op de vier kernindicatoren laat zien dat de realisatie voor een groot deel wordt bepaald door de kernindicator plaatsingen. Het gaat daarbij om bewegingen in de vorm van het ontwikkelen van werknemersvaardigheden
(waaronder werkervaringsplaatsen), persoonlijke ontwikkeling en trajecten gecombineerd met taal. Voor scholing is vooral een plus zichtbaar in het derde kwartaal van zowel 2019 als 2020. Deeltijdwerk en uitstroom naar werk blijft in alle kwartalen rond of onder het gewenste niveau. Figuur 4 geeft een beeld van de inzet op
28
de vier kernindicatoren in de bestaande dienstverlening en Werkbeweging, het gaat dus om de totaalaantallen (cumulatief) zonder dat deze verrekend zijn met de basiswaarde.
Figuur 3. Realisatie Werkbeweging per kernindicator per kwartaal
Figuur 4. Totale inzet cumulatief op kernindicatoren (bestaande dienstverlening en Werkbeweging) afgezet tegen de basiswaarde reguliere dienstverlening
300 250 200 4000
150
3500
100
3000
50
2500
0 2019.3
2019.4
2020.1
2020.2
2020.3
2020.4
2021.1
2000
-50
1500
-100
1000 500
-150
0
-200
2019 Q3
Plaatsingen
Scholing
Deeltijd
Uitstroom werk
Totaal
Plaatsingen
Q4
2020 Q1
Q2
Scholing
Deeltijd
Q3
Q4 Uitstroom werk
2021 Q1 Basiswaarde
Aandeel actief
Elk persoon is uniek en bij onze dienstverlening is het uitgangspunt om ondersteuning op maat te bieden. Bij de één is dat in de vorm van een
werkervaringsplaats, bij de ander kan het gaan om combinaties van bijvoorbeeld persoonlijke ontwikkeling en scholing en/of ondersteuning door een buurtteam of schulddienstverlening. Iemand kan dus meerdere bewegingen maken richting werk, al dan niet ondersteund op één of meerdere leefgebieden. De indicator
aandeel actief geeft een beeld van het aantal unieke personen dat participeert naar vermogen in verhouding tot het totaal aantal mensen dat in deze periode in arrangement 3 zit of heeft gezeten. Het gaat daarbij om participeren richting werk door de inzet van onze dienstverlening.
29
Bijlage 4. Overzicht openstaande toezeggingen en moties Toezeggingen en moties in het kader van Werkbeweging
Gremium, agendapunt
Stand van zaken
19/T318. Zet snel in op die sensitieve werkmatcher (motie 164).
Raad
Toelichting is opgenomen in voortgangsrapportage deel II (voortgang actielijn
en datum
VJN 2019, 11-7-19
1).
19/T393. Er wordt in de nieuwe aanpak Werkbeweging voortaan actief
Cie M&S Actieagenda
In praktijk voeren we drie-gesprekken, deze worden vooralsnog voornamelijk
driehoeksgesprek
15-10-19
aanvragen van een driehoekgesprek willen we meer ervaring opdoen in een
gecommuniceerd dat er de optie is tot het aanvragen van een
Werkbeweging
gevoerd met jongeren. Voordat we actief communiceren over de optie tot het pilot met de buurtteams. Deze pilot is door corona vertraagd (zie Raadsbrief Uitvoeren aanbevelingen rekenkameronderzoek Werken aan Perspectief, 13 oktober 2020, kenmerk 7957794). We zullen de raad informeren over de evaluatie en het vervolg.
19/T390. De wethouder zegt toe om een bijeenkomst te organiseren
Cie M&S Actieagenda
Wij zullen een raadsinformatiebijeenkomst organiseren. We zullen daarbij
mee bezig zijn en wat ze tegen komen. Plus het perspectief van de
15-10-19
maken. Verder zullen we werkzoekenden en partners uitnodigen.
waarbij raadsleden kennis kunnen maken met werkmatchers, waar ze klant.
19/T546. Aandacht voor een arbeidsbeperking [Motie 448 ingetrokken en overgenomen].
Werkbeweging
werkmatchers en bedrijfsadviseurs uitnodigen zodat u met hen kennis kunt
Raad,
Zie voortgangsrapportage deel II (Voortgang actielijn 1). Solgu heeft in de
5-12-19
chronische aandoeningen gedeeld. We zullen een tussentijdse evaluatie
Werkbeweging,
kennisrondes van werkmatchers en bij een aantal teams haar expertise over uitvoeren om te bepalen op welke wijze de kennis wordt gedeeld in de overige teams. Werkmatchers krijgen ook een training over hoe om te gaan met
vooroordelen; bij henzelf en/of in de uitvoering van hun werk. De groep mensen met een arbeidsbeperking krijgt hierin nadrukkelijk een rol. 19/T544. Ambitie op cofinanciering [Motie 445 ingetrokken en
Raad,
Motie 2019/443 Een beweging maken doe je samen.
Raad,
Raad is geïnformeerd via Raadsbrieven Dashboard Werk en Inkomen (2019
5-12-19
en IV.
overgenomen].
19/T545 Informele organisaties als volledige partners {Motie M446 ingetrokken en overgenomen].
Werkbeweging,
Opgenomen in voortgangsrapportage deel I (Voortgang ambitie).
5-12-19
Werkbeweging,
kwartaal 4; 2020 kwartalen 2, 3 en 4) en de voortgangsrapportage deel I, II, III
Raad,
Afgehandeld in de Raadsbrief Dashboard Werk en Inkomen tweede kwartaal
5-12-19
(Voortgang actielijn 1).
Werkbeweging,
2020, 16 september 2020 (kenmerk 7953761) en voortgangsrapportage deel II
30
Motie 2019/52 ‘Aandacht voor leven-lang-leren’.
Raad
Afgehandeld. Toelichting in Raadsbrief Dashboard Werk en Inkomen kwartaal 4
rekenkamer
kwartaal 1 2021 zal de kernindicator scholing arrangement 3 worden
onderzoek 9-5-19
2020, 17 maart 2021 (kenmerk 8649241). In Dashboard Werk en Inkomen opgenomen. De voortgangsrapportage bevat informatie over de inzet van scholing (al dan niet in combinatie met werken en taal) en het project praktijkverklaring (delen I, II en III).
20/T193: In de reguliere rapportage over werkbeweging in Q3 komt de wethouder terug op taalonderwijs
Cie M&S
kaderbrief 2020
Opgenomen in voortgangsrapportage deel III (Voortgang actielijn 2).
2 juli 2020
20/T134: De wethouder zegt toe de instrumenten opnieuw te bekijken
Cie M&S
Momenteel werken we aan de herijking van onze werkgeversinstrumenten. Eén
komen na de geplande RIB in de rapportage werkbeweging.
23-6-20
helpen. Om meer mensen kansen te kunnen bieden, heeft het college op 19
(o.a. instrument inzake de loonkostensubsidie) en hierop terug te
Jaarstukken 2019
daarvan, LKS, wordt ingezet om mensen via de banenafspraak aan het werk te
januari 2021 nieuwe ‘nadere regels’ vastgesteld. De urennorm is naar beneden bijgesteld. Hiermee vergroten we de kansen van een groep mensen die anders geen/weinig mogelijkheden hebben om reguliere arbeid te verrichten. Meer
informatie volgt in de Raadsbrief Dashboard Werk en Inkomen eerste kwartaal
2021. In deel III van de voortgangsrapportage is weergegeven wat het opnieuw bekijken van de instrumenten heeft opgeleverd: het aanbod is aangepast en er is nieuw aanbod gecreëerd. 20/T173 De wethouder komt in Q4 2020 in de rapportage werkbeweging terug op het thema leeftijdsdiscriminatie.
Cie M&S
aanpak racisme en
Opgenomen in voortgangsrapportage deel IV (Voortgang actielijn 3).
discriminatie, 25-6-20
20/T338 De wethouder gaat bij de voortgangsrapportage werkbeweging Cie M&S in Q1 2021 inzicht geven in de knoppen waaraan gedraaid kan worden.
eindrapportage weten wat werkt, 24-9-20
Twee knoppen waaraan gedraaid kan worden zijn de doelgroep en financiële
middelen. Met de vaststelling van de actieagenda Werkbeweging is in feite aan deze twee knoppen gedraaid, namelijk de doelgroep mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en financiële middelen voor de inzet van personeel
waardoor de caseload verkleind kan worden. Aanvullende kaders zijn, werken vanuit vertrouwen en samenwerken met partners in de stad.
In de uitvoering zijn de knoppen waaraan gedraaid kan worden: persoonlijke
aandacht; vertrouwensband tussen werkmatcher en werkzoekenden; rekening
houden met de persoonlijke situatie; vergroten van de motivatie, zelfvertrouwen en zelfregie en het vergroten van vaardigheden van werkzoekenden en; het creëren van passende plekken. Deze knoppen vormen de basis voor de actielijnen van Werkbeweging.
Tot slot zou de lobby naar het Rijk (meer ruimte, meer middelen) beschouwd kunnen worden als een knop waaraan gedraaid kan worden.
31
32
1 Raadsbrief Voortgangsrapportage Actieagenda Werkbeweging.pdf
Burgemeester en wethouders Postadres Postbus 16200, 3500 CE Utrecht Telefoon 14 030 www.utrecht.nl
Aan de gemeenteraad
Behandeld door
M.J. Blommesteijn
Datum
26 april 2021
Doorkiesnummer
030 - 28 66153
Kenmerk
8760745
m.blommesteijn@utrecht.nl
Onderwerp
Voortgangsrapportage Actieagenda Werkbeweging
Bijlage(n)
1
Beleidsveld
Werk en Inkomen
Geachte leden van de raad, Hierbij bieden wij u de voortgangsrapportage van de actieagenda Werkbeweging aan. Deze rapportage is opgebouwd volgens het Utrechtse model voor sturen en verantwoorden. Via bijgaande rapportage stellen we u op de hoogte van de belangrijkste resultaten en ontwikkelingen in de uitvoering van de actieagenda. Context en werkwijze We zijn in het derde kwartaal van 2019 aan de slag gegaan met Werkbeweging. De bedoeling was helder: laten we zorgen dat werkzoekenden die meer ondersteuning nodig hebben ook kunnen profiteren van de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt. En als betaald werk nog een stap te ver is, laten we ervoor zorgen dat zij bewegingen richting werk kunnen maken. Daaraan ontleent de actieagenda ook haar naam Werkbeweging. De oplossingen zijn divers, immers, zowel onze werkzoekenden als onze werkgevers zijn divers. Kenmerkend aan Werkbeweging is daarom dat we veel kleine bewegingen in gang zetten, met uiteenlopende karakters. Er zijn projecten op de werkvloer, met extra aandacht voor taal, (praktijk)leren en cultuur. Er zijn ook samenwerkingsvormen bij de aanvraag en start van onze dienstverlening en we zetten de expertise van partners en werkzoekenden in bij de ontwikkeling van het vakmanschap van onze medewerkers.
We hebben korte lijnen met een aantal zorg- en welzijnsorganisaties zodat we kunnen sparren over vraagstukken en individuele situaties. Om dit te kunnen realiseren hebben zowel onze werkmatchers als onze bedrijfsadviseurs een omslag in de manier van werken gemaakt. Zij hebben zich ingezet om de dienstverlening persoonlijker te maken, waardoor werkzoekenden zich gehoord voelen, meer zelfvertrouwen krijgen en bijvoorbeeld weer een (dag)ritme opbouwen. Werkgevers ondersteunen we bij de invulling van inclusief werkgeverschap en op het gebied van discriminatie werken we aan bewustwording en vergroten we de meldingsbereidheid over vooroordelen en discriminatie. In dit alles slagen we steeds beter. Resultaten We hebben een beter beeld gekregen van de behoeften en mogelijkheden van onze werkzoekenden. Samen met onze partners en werkgevers hebben we nieuw aanbod en passende (werk)plekken vormgegeven dat aansluit bij onze doelgroep. Belangrijke elementen hierin zijn taal, persoonlijke ontwikkeling, leren en cultuur op de werkvloer. We leren hiervan, zodat we stap voor stap het verschil
Burgemeester en wethouders Datum Ons kenmerk
26 april 2021 8760745
kunnen maken. Niet alle projecten en ontmoetingen van werkmatchers, werkzoekenden en werkgevers hebben al geleid tot zichtbaar resultaat, de werkzame bestanddelen en effecten zijn nog niet uitgekristalliseerd. Verder zien we dat werkzoekenden zich gesteund voelen en meer ruimte ervaren om een stap te zetten richting werk. We zien ook dat het voor een deel van onze doelgroep nog te vroeg is om een stap richting werk te maken. Hulpverlening op andere leefgebieden (ggz, huisarts, gezinsondersteuning) heeft soms prioriteit. Waar mogelijk zoeken we de samenwerking, maar we merken soms ook dat we een pas op de plaats moeten maken omdat er wachtlijsten zijn in de zorg. In totaal hebben meer mensen een beweging richting werk gemaakt dan voor de start van Werkbeweging. De plus is evenwel niet voldoende hoog om de ambitie van 2.000 extra bewegingen richting werk te realiseren. Corona We kunnen niet onvermeld laten dat onze inzet en resultaten beïnvloed zijn door corona. We waren behoorlijk op stoom toen de maatschappij en economie tot stilstand kwamen. Dit zien wij terug in de resultaten, bijvoorbeeld in de relatieve daling van het aantal werkzoekenden dat is gestart met deeltijdwerk en/of is uitgestroomd naar betaald werk. We zien dat ook terug in het aantal face-to-face contacten met werkzoekenden en in het beperkter aantal beschikbare plekken om een beweging richting werk te maken.
En we hebben ook ondervonden dat onze partners niet altijd de ruimte hebben om te werken aan gezamenlijke oplossingen. Maar we zijn desondanks trots dat we door zijn gegaan met Werkbeweging. En dat we door de inspanningen van onze werkzoekenden, partners en medewerkers Werkbeweging in gang hebben gehouden. In totaal hebben meer mensen een beweging richting werk gemaakt dan voor de start van Werkbeweging. Het is reëel om te veronderstellen dat zonder extra investering de bestaande dienstverlening tijdens corona zou zijn gedaald. Dat we het aantal bewegingen richting werk op peil hebben weten te houden, beschouwen we dan ook als resultaat van de extra investering die we hebben gedaan in het kader van Werkbeweging. Met de inzet van Werkbeweging kunnen we mensen ondersteuning bieden, voorbereiden en samen met werkgevers passende werkplekken vormgeven zodat ze kunnen profiteren van de kansen die de arbeidsmarkt biedt zodra die weer aantrekt. Dit is van belang voor een inclusieve stad die gelijke kansen wil bieden. Tot slot Een rapportage over onze inzet voor werkzoekenden met een grote afstand tot de arbeidsmarkt roept ongetwijfeld, zeker in deze tijd, vragen op. Wij zullen, indien daar voldoende belangstelling voor is, een raadsinformatiebijeenkomst organiseren.
We zullen daarbij ook werkmatchers, bedrijfsadviseurs, werkzoekenden en partners uitnodigen, zodat u met hen kunt kennismaken.
Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
2/2
3 Plan van Aanpak Sportpark Overvecht Noord 1 Sportpark-Overvecht-Concept-Info-en-Bijdragen-deelnemers-WEB.docx
Sportpark Overvecht Noord Basisinformatie Datum Gespreksleider Tijd Zaal Soort bijeenkomst Werkvorm Portefeuillehouder Bertrokken ambtenaren/presentatoren Vervolg
8 juni 2021 Rachel Heijne 19.30 20.30 Digitaal Bespreken raadsbrief Gesprek tussen raadsleden en aanwezigen. Maarten van Ooijen Naam Dit onderwerp is nog niet geagendeerd voor een debat in de Commissie Stad en Ruimte. Website gemeente en facebook deelnemer, penningmeester kcURV deelnemer, UCS EDO deelnemer, Universiteit Utrecht 2 deelnemers, FC Utrecht BV 2 deelnemers op eigen initiatief
Links naar Deelnemers
Programma Opening en welkom Presentatie/ toelichting Gemeente Utrecht) Vragen raadsleden Deelnemers aan het woord Vragen raadsleden Reflectieronde en afsluiting
Motivatie Agendeerders: Bert van Steeg (CDA), Lau Bosse (PvdA), Has Bakker (D66), Martijn van Dalen (VVD), Jan Wijmenga (ChristenUnie) en Tessa Sturkenboom (Student en Starter) De agenderende fracties willen graag terugkijken op de periode sinds zomer 2020 en weten op welke manier het toekomstplan tot stand gekomen is. Daarbij horen de fracties graag wat de redenen zijn voor de gemaakte keuzes en welke afspraken zijn gemaakt met de betrokken clubs op welk moment. Van de gemeente willen de fracties horen waarom gekozen is voor deze oplossing en in hoeverre deze voldoet aan de geldende eisen op gebied van capaciteit, veiligheid, volksgezondheid en parkeerdruk. Daarnaast willen de agenderende fracties graag van de experts weten in hoeverre het geboden toekomstplan voldoet aan de geldende normen en eisen. Daarbij willen ze graag weten in hoeverre de gezondheid van sporters in het geding is of kan zijn, nu wordt voorgesteld een veld te gebruiken voor zowel honden als voetbal. Van de experts wensen zij daarnaast graag te horen in hoeverre de nieuwe 1
velden voldoen aan de vereiste capaciteit in omvang en in het licht van eventuele toekomstige groei. Ook wensen ze te horen in hoeverre de geboden mogelijkheid van gebruik van een veld voor één zaterdag per maand in praktijk werkbaar kan zijn voor een voetbalclub, die ieder weekend voldoende speelcapaciteit nodig heeft. Ook willen de fracties in gesprek met de betrokken verenigingen over het toekomstplan OvervechtNoord. Zij willen weten hoe zij de afgelopen tijd beleefd hebben, hoe zij zijn betrokken zijn bij het vinden van een oplossing en in hoeverre de geboden oplossing voldoet aan hun verwachtingen. Daarnaast willen de fracties van de clubs weten hoe zij kijken naar de gezamenlijke toekomst op het sportpark.
Bijdrage Deelnemer, FC Utrecht FC Utrecht zal een bijdrage leveren via onderstaand mailadres ten behoeve van inzicht in de gemaakte keuzes en het beleven van de afgelopen periode zoals gesteld in de toelichting op de informatiebijeenkomst. Indien er specifieke vragen of onderwerpen zijn waarop raadsleden informatie wensen te ontvangen ontvangen wij die graag. Deelnemer De gang van zaken op Sportpark Overvecht-Noord heeft de specifieke belangstelling om te zien hoe rechtvaardig de Gemeente is naar een succesvolle huidige bewoner op het sportpark (EDO) en hoe ze omgaat met de belangen van deze club en de nieuwe bewoners (RVU en FC Utrecht). Ruimte is beperkt en consensus moet worden gevonden, maar de Gemeente moet als regisseur haar afspraken na komen en zoeken naar acceptabele oplossingen. Ook als dat betekent dat ze niet ál haar afspraken nakomen (fouten worden gemaakt - zeker in complexe situaties zoals deze). Wel kan het niet zo zijn dat dan één partij de overdadig de nadelen draagt van fouten of verkeerde afspraken, zeker niet als dat de oorspronkelijke bewoner is. Deze casus zal een voorbeeld of nachtmerrie zijn voor clubs in toekomstige vergelijkbare situaties. En die gaan komen, want de Gemeente Utrecht heeft zelf al aangegeven dat de ruimte is beperkt voor nieuwe sportvelden.
Dat betekent meer dan ooit in het verleden het zoeken naar samenwerking om de ruimte zo efficiënt mogelijk te benutten op de bestaande sportparken. De Gemeente zal - als zij niet in conflictsituaties wil blijven komen en het vertrouwen krijgen om samenwerking af te dwingen in toekomstige situaties - deze casus tot een acceptabel einde moeten brengen. Als deze casus escaleert naar een juridische strijd zal de Gemeente ook in de toekomst grote weerstand gaan ondervinden. Dus is het interessant hoe deze casus gaat aflopen en daarom ben ik graag aanwezig bij de RIB.
2
1 Bijdrage-FC-Utrecht-RIB-Sportpark-Overvecht.pdf
Utrecht, 7 juni 2021 Geachte Raadsleden, Als voorbereiding op uw Raadsinformatiebijeenkomst Sportpark Overvecht Noord geven wij graag alvast schriftelijk kortbondig antwoord op uw vragen. Uiteraard zijn wij bereid om onze antwoorden mondeling nader toe te lichten tijdens aankomende bijeenkomst. Hoe hebben wij afgelopen periode ervaren? Hoe zijn wij betrokken bij het vinden van een oplossing? In hoeverre voldoet de geboden oplossing aan onze verwachtingen?
Sportpark Overvecht-Noord is vanuit de Gemeente aangedragen als tijdelijke trainingslocatie voor het 1e elftal van FC Utrecht in afwachting van de herinrichting van de Maarschalkerweerd (waar de huidige trainingslocatie van FC Utrecht (1e + jeugdacademie) deel van uit maakt). Sinds 28 februari 2020 zijn wij met de Gemeente in structureel overleg getreden om te komen tot de realisatie van onze trainingsaccommodatie bestaande uit natuurgrasvelden en bijbehorende accommodatie op Sportpark Overvecht-Noord. In dit proces zijn de belangen van de huidige gebruikers van het Sportpark in onze optiek zorgvuldig in acht genomen is. Gelet op bovenstaande is het plan, ten opzichte van de eerste toezeggingen voor de locatie van de FC Utrecht accommodatie en parkeervoorzieningen voor het Sportpark, het afgelopen jaar dan ook met regelmaat gewijzigd om voor alle betrokkenen tot een acceptabele oplossing te komen zoals hieronder nader toegelicht. Als bijlage hebben wij de ontwikkeling van de plannen in de tijd weergegeven. De diverse wijzigingen van de plannen zijn in nauw overleg met diverse afdelingen van de Gemeente tot stand gekomen. Gedurende dit proces fungeerde de Gemeente voor ons als primair aanspreekpunt. De inrichting van het gehele sportpark en de faciliteiten voor de overige gebruikers hebben daarbij een belangrijke rol gespeeld. Dit proces was intensief en tijdrovend.
Naast het contact met de Gemeente is er veelvuldig contact geweest en is er informatie uitgewisseld tussen FC Utrecht en Voetbalvereniging EDO. FC Utrecht heeft forse concessies moeten doen ten opzichte van de oorspronkelijke verwachtingen ten aanzien van haar faciliteiten op sportpark Overvecht Noord. Onder meer omvat dit het moeten afzien van het exclusief gebruik van parkeerplaatsen wat voor ons als Club op operationeel vlak gepaard gaat met serieuze hinderingen. Wij begrijpen echter als geen ander dat concessies van alle gebruikers noodzakelijk zijn en FC Utrecht heeft het in dit kader als haar plicht gevoeld om hierin een bijdrage te leveren.
Ondanks de concessies van FC Utrecht en de zorgvuldigheid waarmee plannen zijn opgesteld is er echter nog steeds bezwaar tegen de verstrekte bouw- en kapvergunning van FC Utrecht. Opgemerkt dient te worden dat deze bezwaren zich niet tegen de plannen van FC Utrecht (en haar komst naar het sportpark) richten. De oorzaak hiervan is een kennelijk onderliggend meningsverschil tussen de Gemeente en de huidige gebruikers over de verdeling van de capaciteit op het park. Dit betreft met name EDO en de UHV. De plannen van FC Utrecht worden gebruikt om dit meningsverschil kracht te doen bijzetten, iets waar FC Utrecht echter geen partij in is. Gelet hierop doet FC Utrecht, nogmaals, een dringend oproep aan de Gemeente om het meningsverschil over de capaciteitsverdeling op het sportpark Overvecht-Noord op te lossen zonder verdere (nadelige) consequenties voor FC Utrecht. Indien hier concessies voor moeten worden gedaan door Gemeente en overige gebruikers is dit onderdeel van de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het functioneren van het sportpark Overvecht-Noord net zoals FC Utrecht forse concessies heeft moeten doen om te komen tot het huidige/voorliggend inrichtingsplan. Met vriendelijke groet,
Edo Keuning Financieel en Operationeel Directeur FC Utrecht
Bijlage: - Ontwikkelingen van de inrichting Sportpark Overvecht-Noord
Bijlage I: ontwikkelingen van de inrichting Sportpark Overvecht-Noord 3 april 2020: Oorspronkelijke schets vanuit de gemeente Utrecht voor de trainingsfaciliteiten van FC Utrecht op sportpark Overvecht-Noord.
18 mei 2020: Bijgesteld plan vanuit de gemeente voor locatie accommodatie.
28 augustus 2020: Inrichtingstekening van bouw- en kapvergunning.
31 mei 2020: Definitief inrichtingsplan. Datum 31 mei 2020.
1 Presentatie-RIB-Sportpark-Overvecht-Noord-GU.pptx
Sportpark Overvecht Noord RIB 8 juni 2021
Opgave voor sportpark Overvecht Noord Van een sportpark zonder toekomst naar een levendig en duurzaam sportpark, waar alle ruimte goed wordt benut. Uitgangspunten: 1. URV en FCU komen naar het park. 2. Het moet passen volgens de Utrechtse normeringen en richtlijnen Voor vandaag de belangrijkste vraagpunten 1. Het gebruik van de velden, qua capaciteit en intensiteit 2. De inrichting en kwaliteit van het terrein
Mogelijkheid gebruik van de velden Scenario’s opgesteld op basis wat kan, wat financieel haalbaar is en wat redelijk is. Voorkeursscenario van EDO is verder uitgewerkt: o Kunstgras op veld 1, o gerenoveerd grasveld 2 , o en wedstrijdveld op “de Kooi” (middenveld); Nadien discussie over: - capaciteit van de velden tbv wedstrijden korte en lange termijn - afmetingen van de Kooi - dubbel gebruik van velden met hondenvereniging - inrichting van het terrein: parkeren
Beschikbare wedstrijd- en trainingscapaciteit voor EDO
Afmetingen kooi/half veld • Uitgangspunt was toekomst gericht in scenario 7x7/8x8/pupillenveld te maken; • EDO speelt deze wedstrijd vorm niet en is dit ook niet voornemens te doen • Beschikbare ruimte is beperkt en mogelijk niet als officieel wedstrijdveld • De Kooi wordt trainingsveld met de maximale ruimte die beschikbaar is. Vooralsnog geen officieel KNVB veld wel met de minimala afmetingen die nodig zijn. • De kooi is dan trainingsveld: niet precies de afmetingen van een half hoofdveld maar wel te gebruiken als trainingsveld. • Utrechtse berekeningsmethode trainingscapaciteit bepaalt de behoefte wat passend is bij de leeftijdscategorie. Er zijn geen minimale of maximale maatvoeringen opgenomen. • De praktijk is dat er in Utrecht meerdere trainingsvelden liggen die een afwijkende maatvoering hebben. Deze trainingscapaciteit nemen we mee in de behoefteberekening waarbij we afronden naar 0,5 of 0,25 veld
Dubbelgebruik: gezondheidsadvies Na overleg tussen Volksgezondheid en verschillende afdelingen van de GGDrU hierbij is gezamenlijke advies over dubbel gebruik van velden voor voetbal en hondensport: Het is vanuit gezondheidsoogpunt verantwoord om honden te laten trainen op een voetbalveld, mits voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: 1. Honden moeten ontwormd zijn om aan de training mee te mogen doen. 2. Hondenpoep moet heel goed opgeruimd worden. Bij natte poep is spoelen van de plek nodig. 3. Kinderen onder 4 jaar niet op het veld laten spelen, in verband met hand-mond-gedrag.
• URV heeft strenge regels voor haar leden/honden ten aanzien van hygiëne en opruimen van eventuele ontlasting op de velden op het terrein. • In de statuten van URV staat dat ontwormen moet gebeuren wanneer dit nodig is. • In gebruiksvoorwaarden voor verhuur van het veld aan URV wordt gezondheidsadvies opgenomen • Dubbelgebruik bij DESTO (honden en voetbal) geeft geen problemen • URV wil mee werken aan dubbel gebruik met EDO maar niet ten koste van hun eigen bestaan.
Parkeren op het sportpark • Bestaande situatie:
120 pp
• In de nieuwe situatie:
156 pp binnen en buiten de hekken van FCU
• Binnen de hekken van FCU:
36 pp
• Buiten de hekken van FCU:
120 pp
• Parkeernorm:
102 pp, op basis van oppervlakte van velden en sporthal en accommodatie FCU
• Utrecht opent de hekken: na 17.00 uur (ma t/m vrij), 11.00 uur op de zaterdagen dat FCU aanwezig is, op zondag de gehele dag; • Feitelijke parkeermeting moet uitwijzen op welke wijze het parkeerterrein en directe omgeving wordt gebruikt.
Vervolg: Planning en Uitvoering • Veld 1 is aanbesteed: half augustus oplevering zonder verlichting .
Flora en Fauna Onderzoek is nodig als gevolg van plaatsen lichtmasten op veld 1; Quick Scan FFO: in het plangebied zijn mogelijk geschikte verblijfplaatsen en essentiële vliegroutes aanwezig voor de vleermuissoorten. Nader onderzoek is nodig Onderzoek september/oktober afgerond. Met daarin conclusies welke maatregelen nodig zijn. zolang de verlichting niet gebruikt kan worden met EDO alternatief besproken voor trainingscapaciteit;
Vervolg: Planning en Uitvoering • Veld 2: renovatie van grasveld gepland in volgend zomerseizoen • De Kooi: Aanbesteding medio juni oplevering eind september; • Aanpak inrichting van het veld: waar mogelijk werk met werk maken in aansluiting op de aanleg van de velden najaar 2021. • vanaf eind juni: starten gebruikersoverleggen
Resumé Het plan voldoet aan de gestelde uitgangspunten: 1. het moet passen volgens de Utrechtse norm 2. URV en FC Utrecht komen naar het park. Het plan geeft invulling aan de belangrijkste vraagpunten wat betreft gebruik van de velden en inrichting van het terrein. Conclusie is dat het past: • Dubbelgebruik van elkaars velden kan indien gewenst, maar is niet noodzakelijk • Voor trainingen alleen op meer avonden dan EDO gewend is. • Voor wedstrijden alleen niet op de door EDO gewenste tijden. In de nieuwe situatie namelijk vroeg beginnen en later eindigen De Kooi wordt binnen de beschikbare ruimte ingericht als trainingsveld/wedstrijdveld 7x7/8x8/pupillenveld De verhuizing van URV naar het sportpark wordt voorbereid, uitvoering van de velden is in gang gezet evenals inrichting van het terrein.