Agendabundel
Tekst van het document
Van peuters die spelenderwijs kennismaken met muziek, tot pubers die 3D printen en robots programmeren. Van dertigers die bijzondere houtwerken maken, tot theaterprojecten in verpleeghuizen. In alle leeftijden en groeifasen van de mens kan cultuur een manier zijn om te inspireren, uiten, ontwikkelen en verbinding met anderen te voelen. Samen met de stad gaan we aan de slag om dat voor alle Utrechters mogelijk te maken. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Utrecht,
de secretaris,
de burgemeester,
2/2
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028 utrecht.nl/ cultuur
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
Inhoudsopgave Voorwoord wethouder
3
1 Inleiding
4
2 Een leven lang cultuur maken
7
3 De Utrechtse cultuurparticipatieagenda in uitvoering
8
3.1 Cultuur op school 3.1.1 Doorgaan met Cultuureducatie met Kwaliteit 3.1.2 Cultuureducatie in het voortgezet onderwijs 3.1.3 Verbinden van creatieve mbo-scholen met de culturele sector 3.1.4 Verbinding binnen- en buitenschools in het primair onderwijs
9 10 11 12 13
3.2 Cultuur in de vrije tijd 3.2.1 Amateurkunst door iedereen 3.2.2 Ondersteuning amateurkunstsector 3.2.3 Amateurkunsteducatie door iedereen 3.2.4 Bereik kinderen en jongeren in armoede via Jeugdfonds Sport en Cultuur 3.2.5 Toegankelijkheid artistieke opleidingen voor kinderen en jongeren 3.2.6 Bemiddelen betaalbare ruimte amateurkunst 3.2.7 Impuls voor jongerencultuur
14 14 15 16 17 18 19 20
3.3 Cultuur in de buurt 3.3.1 Spreiding wijkgerichte culturele voorzieningen 3.3.2 Meer culturele activiteiten in de buurt 3.3.3 Meer verbinders in de wijk
21 21 22 23
4 Meerjarenbegroting
25
2
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
Voorwoord wethouder
Cultuurparticipatie draagt bij aan een levendige en gezonde stad. In de rondetafelgesprekken met de cultuurparticipatiesector, die aan de basis stonden van dit uitvoeringsprogramma, zag ik de overtuiging: samen aan cultuur doen, zorgt voor verbinding en nieuwe ontmoetingen. Niet alleen laat cultuurparticipatie talenten van Utrechters tot bloei komen, maar het is ook een manier om tot nieuwe inzichten te komen. En dat is, in tijden waarin onderlinge verschillen groter lijken te worden en groepen op afstand van elkaar staan, belangrijker dan ooit ervoor. Juist in de wijken waar cultuurparticipatie niet vanzelfsprekend is. Ik wil de cultuurparticipatiesector hartelijk bedanken voor hun inzet voor cultuur in onze stad. De mensen in de sector werken met hart en ziel aan activiteiten met een impact die direct voelbaar is voor Utrechters. Er is plaats voor amateurkunst, die waardevolle oude tradities kent, én voor nieuwe en rauwere vormen. Die diversiteit aan kunstvormen, beoefenaars en aanbieders maken de sector zo dynamisch. Utrecht is en blijft dé korenstad van Nederland, maar biedt ook plek aan creatieve technologie in de bibliotheken, streetdancelessen op school en fotografiecursussen in de wijk. Ook in alle leeftijds- en levensfasen moeten mogelijkheden zijn je te ontwikkelen. Samen willen we ervoor zorgen dat cultuur voor iedereen toegankelijk is.
Voor mensen die makkelijk met cultuur in aanraking komen en ook juist voor diegenen die op grotere afstand staan.
creatief te ontplooien. Met de creatieve mbo-opleidingen zorgen we voor een podium voor hun afstudeerders. Samen met de sector werken we aan betere aansluiting van gemeentelijke instrumenten die passen bij de behoefte in de stad. We zoeken naar nieuwe en bestaande plekken in de buurten, met ruimte voor het maken van theater of muziek, het monteren van een film of een tijdelijk mode-atelier. Omdat bewoners nieuwe verbindingen leggen als ze samen creatief bezig zijn.
De komende jaren kijk ik ernaar uit om de kracht van kwalitatieve cultuureducatie op de Utrechtse scholen duurzaam te versterken. En samen kinderen en jongeren gelijke kansen te bieden om zich
Alle Utrechters moeten de kans krijgen om in aanraking te komen met cultuurparticipatie. De komende jaren gaan we samen met de stad aan de slag om dat werkelijkheid te maken. Eva Oosters, wethouder Cultuur
3
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
1 Inleiding
Utrecht wil een stad zijn waarin iedereen zich thuis voelt, mee kan doen en zichzelf kan zijn. Actieve cultuurparticipatie – meedoen aan kunst en cultuur – draagt bij aan een levendige en gezonde stad voor iedereen. Een stad waarin kinderen en jongeren kansrijk opgroeien. De komende jaren bouwt Utrecht daarom verder aan actieve cultuurparticipatie. Onder meer in de vorm van cultuureducatie, amateurkunst(educatie) en cultuur in de wijken. Deze vormen van kunst en cultuur staan op zichzelf, maar zijn ook een essentiële aanvulling op en een belangrijk fundament voor de professionele kunsten. In de Cultuurvisie Kunst kleurt de stad (2019) zetten we de stip op de horizon: in 2030 is Utrecht een inclusieve cultuurmetropool. Door het creatief vermogen te stimuleren, geven we iedereen kans op artistieke ontplooiing. In de Kadernota Cultuurparticipatie 2030 De kracht van cultuur (2022) gaan we dieper in op de ambities voor actieve kunstbeoefening van inwoners. Hierin concludeerden we: het Utrechtse cultuurparticipatieaanbod is in de basis stevig en divers. Utrechters hebben op school én in hun vrije tijd volop mogelijkheden voor creatieve ontplooiing. Natuurlijk zijn er nog wel verbeteringen mogelijk: nog niet iedereen in de stad wordt even goed of passend bereikt. Daar wil de gemeente Utrecht in de nabije toekomst verandering in brengen.
In 2030 heeft Utrecht goed cultuuronderwijs op alle scholen geborgd, is er een goed, betaalbaar en divers amateurkunst(educatie)aanbod verspreid over de stad toegankelijk en is er in elke wijk een wijkgerichte cultuurfunctie. Dat is de Utrechtse cultuurparticipatieagenda.
Aan de slag In dit uitvoeringsprogramma zetten we stappen om de ambities uit de Kadernota Cultuurparticipatie 2030 te bereiken. We willen daarbij in gesprek blijven met culturele en maatschappelijke organisaties en bewoners die graag aan cultuur doen. Dus is het belangrijk dat de stappen en keuzes voor iedereen duidelijk zijn. We werken daarom aan de hand van de verandertheorie1 de ambities uit in activiteiten, prestaties en effecten voor de periode 2024 – 2028. Deze verandertheorie helpt bepalen welke activiteiten de verandering naar 2030 mogelijk maken en om het proces te monitoren, evalueren en, waar nodig, bij te stellen. Als basis van dit uitvoeringsprogramma voerde adviesbureau &MAES in opdracht van de gemeente rondetafelgesprekken met vertegenwoordigers uit de hele Utrechtse cultuurparticipatiesector. Wij vroegen &MAES een inhoudelijke analyse te maken, met realistische en toepasbare aanbevelingen, vanuit rondetafelgesprekken die op inhoud en in uitkomsten passen binnen het financiële, ruimtelijke en regelingenkader voor cultuurparticipatie. Onder meer wijk cultuurhuizen, buurthuizen, cultuureducatieaanbieders, breakdance crews, amateurorkesten, brede schoolcoördinatoren, interne cultuurcoördinatoren, sociaal makelaars en de bibliotheek waren aanwezig. Deze vertegenwoordigers zijn verspreid over de hele stad en hebben dagelijks contact met inwoners.
De eindrapportage2 gaf als twee belangrijkste algemene aanbevelingen:
1
Een verandertheorie, ook bekend als Theory of change, maakt duidelijk welke uitkomst je beoogt te bereiken en de logica waarop deze uitkomst gerealiseerd kan worden.
2
De gehele eindrapportage van de rondetafelgesprekken is op te vragen via amateurkunst@utrecht.nl.
4
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
• Bied ondersteuning bij het creëren van de randvoorwaarden voor het ontwikkelen van passend aanbod in de wijken en op scholen. Dit kan door het faciliteren van het netwerk en partnerschappen, verbindingen te maken in de stad en inzicht in het aanbod te bieden. • Maak aanvragen van financiering laagdrempeliger. Daarbij is aandacht voor zowel de manier en vorm van aanvragen als de toegang voor ook autodidacten en grass roots bewegingen. Daarnaast zijn er specifieke aanbevelingen gedaan per onderdeel, waarvan u de uitwerking leest in hoofdstuk 3.
Scherpe keuzes maken De cultuurparticipatiesector is een volwaardig en belangrijk onderdeel van het Utrechtse cultureel ecosysteem. Scherpe keuzes zijn nodig om een weerbaar en gezond cultureel ‘ecosysteem’ te bouwen, blijkt ook uit de nieuwe cultuurnota voor 2025 – 2028 ‘Kleur Bekennen’. Om deze keuzes te maken, hanteren we in dit uitvoeringsprogramma de volgende principes: • de Utrechtse principes voor cultuurparticipatie (Kadernota) • Ongelijk investeren voor gelijke kansen
Utrechtse principes voor cultuurparticipatie
Ongelijk investeren voor gelijke kansen
Maatschappelijk gedreven Cultuurparticipatie draagt positief bij aan de maatschappelijke opgaven van de groeiende stad. Bijvoorbeeld (mentale) gezondheid van jongeren, gezond en veilig opgroeien, gezond ouder worden en sociale verbondenheid in de buurt. We werken vanuit de actuele vraagstukken.
We streven naar een samenleving waarin iedereen een goed en gezond leven leidt. Een stad voor iedereen, een inclusieve stad. Maar de verschillen in de stad worden juist groter en mensen met minder kansen raken steeds verder achterop. Om de groeiende kloof te dichten investeren we ongelijk in gelijke kansen. Ook de kansen en mogelijkheden om deel te nemen aan cultuur zijn ongelijk. We willen dat iedereen de kans krijgt om met cultuur in aanraking te komen en hieraan deel te nemen. Het werken aan een cultuurparticipatie-aanbod dat inclusief en dichtbij toegankelijk is, draagt daaraan bij. Ook zetten we in op jeugd en jongeren die financiële drempels ervaren en investeren we ongelijk door te kijken naar sociaal-economische scores en andere factoren in wijken en buurten die bepalend zijn voor de ontwikkel- en cultuurkansen die inwoners hebben. Per onderdeel staat toegelicht op welke manier ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’ is toegepast.
Inclusief De grote diversiteit aan inwoners in Utrecht vraagt om inclusieve cultuurparticipatie. Nieuwe doelgroepen kunnen we alleen bereiken als de bekende, gevestigde of traditionele culturele praktijken ter discussie mogen staan en vatbaar zijn voor verandering. Dichtbij Het activiteiten- en voorzieningenaanbod staat mentaal en fysiek dicht bij inwoners. Door samen met specifieke doelgroepen aanbod te ontwikkelen komt het cultuuraanbod in hun leefsfeer. De norm van fysieke nabijheid is een loopafstand van tien minuten. Artistiek-professioneel De artistiek-inhoudelijke kwaliteit van activiteiten en professionals is belangrijk. Onder professionaliteit valt ook zakelijke en organisatorische kracht, nodig voor een duurzaam aanbod.
5
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
Het uitvoeringsprogramma draagt bij aan de doelstellingen voor cultuur uit de gemeentelijke programmabegroting: 1. Gelijk aan de groei van de stad is er in alle wijken passend aanbod van diverse creatieve makers en culturele instellingen. 2. Een breed publiek uit Utrecht en daarbuiten neemt actief deel aan en bezoekt het culturele aanbod in de stad. De resultaten van deze doelstellingen beschrijven we in onze jaarstukken. In de Programmabegroting 2024 meten we deze kwalitatieve doelstellingen aan de hand van: • landelijke positie aantrekkelijke stad op grond van cultureel aanbod • percentage Utrechters dat cultureel aanbod waardeert op stedelijk niveau • percentage Utrechters dat cultureel aanbod waardeert op buurtniveau • percentage Utrechters dat minstens één keer per jaar een culturele activiteit bezoekt • aantal bezoekers aan gesubsidieerde instellingen • aantal actieve deelnemers aan culturele activiteiten van gesubsidieerde organisaties in Utrecht
Financieel kader De kadernota legt het fundament voor dit uitvoeringsprogramma. In deze tijd van aanhoudende financiële en maatschappelijke onzekerheid, voert de gemeente Utrecht dit uitvoeringsprogramma uit met de huidige beschikbare middelen binnen cultuur en onderwijs. De ambities zoals vastgesteld in de kadernota, zijn hierbinnen niet volledig waar te maken. De komende vijf jaar zetten we stappen op alle onderdelen, maar maken we ook scherpe keuzes om dit programma uitvoerbaar te maken. Daarvoor gebruiken we de eerder genoemde principes. Met name daar waar we álle scholen of álle wijken wilden bereiken zijn de ambities niet haalbaar. Vanuit het principe ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’ is het bijvoorbeeld logisch om een ambitie gericht op “bereik in alle wijken” te realiseren door te richten op “bereik in wijken met een hoog percentage mensen in een kansenongelijke positie”.
Ook sluiten de activiteiten aan op gemeentelijke ontwikkelingen en keuzes, onder meer op het gebied van onderwijs, welzijn, volks gezondheid, buurt- en wijkgericht werken, jeugd, ouderen en mbo.
6
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
2 Een leven lang cultuur maken
Om een gevoel te krijgen bij de betekenis van alle beleids woorden in dit uitvoeringsprogramma, illustreren we deze met een fictief persoon: Nadia. Een fictieve belichaming van het toekomstbeeld hoe we willen dat cultuurparticipatie kan bijdragen aan het leven van alle Utrechters. Nadia is een
echte ‘Utregse’ en doet actief aan cultuur. Nadia neemt je mee in verschillende levensfasen en geeft een voorbeeld van wat je praktisch kunt verwachten van de plannen in dit uitvoeringsprogramma.
In alle leeftijden en groeifasen van de mens kan cultuur een manier zijn om te inspireren, uiten, ontwikkelen en verbinding met anderen te voelen. Dit mogelijk maken is dan ook van wezenlijk belang voor Utrecht als levendige en gezonde stad voor iedereen. In Utrecht is er cultuur voor alle leeftijden. Van peuters die spelenderwijs kennismaken met muziek, tot pubers die 3D printen en robots programmeren. Van dertigers die bijzondere houtwerken maken, tot theaterprojecten in verpleeghuizen.
7
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
3 De Utrechtse cultuurparticipatie agenda in uitvoering Utrecht wil de solide basis voor cultuurparticipatie samen met partners in de stad verder uitbouwen. In 2030 heeft elke Utrechtse wijk een wijkgerichte cultuurfunctie, is er toegankelijk, goed en divers amateurkunst(educatie)aanbod verspreid over de stad en borgen alle scholen goed cultuuronderwijs. Dit staat beschreven in de Utrechtse cultuurparticipatieagenda 2030 in de Kadernota Cultuurparticipatie. Hieronder volgt de Utrechtse cultuurparticipatieagenda in uitvoering.
De gemeentelijke ambities voor actieve kunstbeoefening van de Utrechtse inwoners, vallen binnen drie programmalijnen: Cultuur op school, Cultuur in de vrije tijd en Cultuur in de buurt. Hieronder gaan we hier per programmalijn op in. De programmalijnen, en de activiteiten daarbinnen, staan uiteraard niet enkel op zichzelf, maar raken aan elkaar.
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie Cultuur op school
Cultuur in de vrije tijd
Cultuur in de buurt
3.1.1.
3.1.2.
3.2.1.
3.2.2.
3.3.1.
3.3.2.
Doorgaan met
Cultuureducatie
Amateurkunst door
Ondersteuning
Spreiding wijk-
Meer culturele
Cultuureducatie
in het voortgezet
iedereen
amateurkunstsector
gerichte culturele
activiteiten in de
met Kwaliteit
onderwijs
voorzieningen
buurt
3.1.3.
3.1.4
3.2.3.
3.2.4.
3.3.3.
-
Verbinden
Verbinding binnen-
Amateurkunsteducatie
Bereik kinderen en
Meer verbinders in
van creatieve
en buitenschools
door iedereen
jongeren in armoede
de wijk
mbo-scholen met
in het primair
via Jeugdfonds Sport
culturele sector
onderwijs
en Cultuur
-
-
3.2.5.
3.2.6.
Toegankelijkheid
Bemiddelen
artistieke opleidingen
betaalbare ruimte
voor kinderen en
amateurkunst
-
-
-
-
jongeren -
-
3.2.7.
-
Impuls voor jongerencultuur
8
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
3.1 Cultuur op school Beleidsdoelstelling 2030: Op alle scholen in het primair, voortgezet en (v)mbo-onderwijs is goed cultuuronderwijs geborgd. Samenwerking Onderwijs en Cultuur Het programma-onderdeel Cultuur op school beweegt zich op het snijvlak van de gemeentelijke afdelingen en programma’s Onderwijs en Cultuur. Om hier de komende jaren verder uitvoering aan te geven, verstevigen we de samenwerking en optimaliseren we de taakverdeling en kennisdeling. De afdeling Onderwijs investeert in de culturele en creatieve binnenschoolse ontwikkeling van kinderen en jongeren in Utrecht via het gemeentelijke programma Cultuur voor ieder kind: • Als aanvulling op het reguliere curriculum van scholen voor culturele en creatieve ontwikkeling, ondersteunen we cultuur educatie voor alle 30.000 leerlingen in het primair onderwijs en 17.000 leerlingen in het voortgezet onderwijs. De gemeentelijke bijdrage is € 30,85 per leerling (prijspeil 2023, vanaf 2024 € 33,13). Ook ontvangen schoolbesturen vanuit het Rijk € 16,00 per leerling. • We subsidiëren Stichting Cultuur & School Utrecht die de volgende vier hoofdactiviteiten uitvoert: a) bemiddelen van het cultuuraanbod voor Utrechtse leerlingen; b) bemiddelen van expertiseaanbod voor professionals van Utrechtse scholen;
c) versterken en delen van expertise voor professionals van scholen en cultuuraanbieders en aanjagen van innovatie; d) monitoren en evalueren van de kwaliteit van het cultuuraanbod voor Utrechtse leerlingen en expertiseaanbod voor professionals van Utrechtse scholen.
Brede schoolcoördinatoren: Brede schoolcoördinatoren coördineren activiteiten op het gebied van de verrijking van de context binnen en rondom de scholen. Deze coördinatoren doen hun werk binnen de wijken waar de brede scholen actief zijn en zij zorgen voor samenhang van het activiteitenaanbod en afstemming met de scholen, voor deskundigheidsbevordering van de medewerkers en een gezamenlijke pedagogische aanpak van de samenwerkende partners. Interne cultuurcoördinatoren: Interne cultuurcoördinatoren plannen het cultuuraanbod op de school. De cultuurcoördinator maakt en houdt iedereen enthousiast voor cultuur en creativiteit in de klas en is de verbindende schakel tussen school en culturele omgeving. Cultuurcoaches: De cultuurcoach stimuleert deelname aan cultuur, verbindt cultuur met andere sectoren en ondersteunt cultuuraanbieders. De cultuurcoach gaat wijkgericht te werk en werkt bij een culturele instelling, maar verricht werkzaamheden
die meerdere werkvelden/sectoren zoals onderwijs, zorg en welzijn raken. Subsidie voor cultuurcoaches verstrekt de gemeente via de nadere regel Combinatiefuncties Cultuur, gekoppeld aan de Brede Regeling Combinatiefuncties van het Rijk. Cultuur & School Utrecht: Stichting Cultuur & School Utrecht is coördinatiepunt en kennisplatform voor cultuuronderwijs in Utrecht. Zij ondersteunt basisscholen en scholen voor voortgezet onderwijs bij het vormgeven van hun cultuuronderwijs. En bemiddelt, evalueert en monitort culturele activiteiten voor leerlingen, leerkrachten, docenten en cultuurcoördinatoren. Kennis en inspiratie wordt gedeeld via bijeenkomsten en een kennisplatform en er wordt voortdurend gebouwd aan een lerend netwerk. Creatief Vermogen Utrecht: Creatief Vermogen Utrecht is het Utrechtse cultuureducatieprogramma binnen de landelijke subsidieregeling Cultuureducatie met Kwaliteit (CmK). Dit is een samenwerkingsprogramma van het Ministerie van OCW, het Fonds voor Cultuurparticipatie en het LKCA. De subsidie wordt door een lokale penvoerder aangevraagd en bestaat uit een bijdrage vanuit het rijk en de gemeente. Binnen Creatief Vermogen Utrecht werken culturele instellingen en scholen in een meerjarig partnerschap samen en zorgen dat kunst en cultuur een vast onderdeel van het lesprogramma wordt.
9
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
“Mijn jongste broer woont net als ik in Utrecht. Hij heeft twee zoontjes. Eén van hen gaat naar het speciaal onderwijs. Op deze school werken ze samen met een organisatie die prikkelarm cultuuraanbod op maat maakt. Enthousiaste leerlingen kunnen ook na schooltijd bij hen aan de slag.”
3.1.1 Doorgaan met Cultuureducatie met Kwaliteit Ambitie uit Kadernota Cultuurparticipatie 2030 Alle scholen in het primair, voortgezet en (v)mbo-onderwijs borgen goed cultuuronderwijs in 2030. Keuzes maken • We gaan door met de matching van Cultuureducatie met Kwaliteit, het Rijksprogramma voor cultuureducatie, maar in het kader van ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’ leggen we in de volgende periode 2025 – 2028 nog meer nadruk op het vergroten van de kansengelijkheid van leerlingen. Het betrekken van scholen in alle wijken van Utrecht is belangrijk, met extra aandacht voor scholen die gezien hun populatie de prioriteit leggen bij taal en rekenen of die een hoog percentage kinderen in een kansenongelijke positie hebben. We blijven stimuleren dat de culturele omgeving dichter bij het kind komt te staan en investeren in de verbinding van binnenen buitenschoolse activiteiten. Ook een lerende gemeenschap voor de betrokken professionals blijft van belang.
• In 2022 deden 12.000 leerlingen van 44 scholen (2 scholen voortgezet onderwijs) en 14 culturele instellingen mee met Creatief Vermogen Utrecht. Van 2025 tot en met 2028 ondersteunen we de verdere uitbreiding van creatieve partnerschappen met het voortgezet onderwijs, en daarbinnen met name het vmbo. We kiezen ervoor gedurende deze uitvoeringsperiode niet te richten op uitbreiding naar het mbo binnen het landelijke programma Cultuureducatie met Kwaliteit, maar verkennen de mogelijkheden hiervoor voor de periode daarna. • Over de verder invulling blijven we in gesprek met Creatief Vermogen Utrecht en Cultuur & School Utrecht, de grootste spelers binnen de Utrechtse cultuureducatie. Activiteiten en middelen • Ondersteuning van het Utrechts cultuureducatieprogramma in het kader van Cultuureducatie met Kwaliteit, als medefinancier van het Rijk (gemeentelijke bijdrage 2021 – 2024 € 279.000 per jaar), met specifieke aandacht voor uitbreiding met scholen in het voortgezet onderwijs en met name vmbo en de verbinding tussen binnen- en buitenschoolse cultuurdeelname. • Aanwijzen van de penvoerder als aanvrager van de Rijksregeling. • Bestuurlijk overleg met het ministerie van OCW en het Fonds voor Cultuurparticipatie.
Verwachte prestaties en concrete resultaten • Voortzetting van het Utrechtse cultuureducatieprogramma, met een jaarlijkse groei van minimaal 2 extra creatieve partnerschappen tussen scholen in het primair en voortgezet onderwijs, met name vmbo, en culturele instellingen. • Groei van het aantal verbindingen tussen binnen- en buitenschools aanbod met 25%.
10
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
Effecten op de doelgroep • Meer leerlingen ontwikkelen hun creatief vermogen via het partner schap tussen hun school en een culturele instelling, met name kinderen en jongeren in een kansenongelijke positie. • Meer kinderen en jongeren maken de stap van cultuureducatie binnen school naar cultuurparticipatie in de vrije tijd. Monitoring en evaluatie • Aantal bereikte scholen in het primair en voortgezet onderwijs, en specifiek het vmbo. • Aantal leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs. • Aantal verbindingen tussen binnen- en buitenschools aanbod.
3.1.2 Cultuureducatie in het voortgezet onderwijs
• Ook de provincie Utrecht en een aantal (cultuur)fondsen voeren beleid uit en/of bieden ondersteuning, onder andere via subsidies, aan cultuureducatie in het voortgezet onderwijs. Hier liggen verdere kansen op onderlinge versterking.
“In het begin vond ik het lastig om mijn draai te vinden op school. Totdat er een fotograaf workshops gaf op onze school. De workshopdocent was zelf nog niet zo oud en maakte vooral foto’s in zijn eigen wijk. Hij vertelde het verhaal van de wijk die langzaam veranderde en wat dit voor de inwoners betekende. Dat inspireerde mij en mijn foto’s werden geëxposeerd in de aula. Andere leerlingen en ook mijn familie kwamen kijken. “
Activiteiten en middelen • Gesprekken met Creatief Vermogen Utrecht en Cultuur & School Utrecht over verdere versterking van het voortgezet cultuur onderwijs, onder andere door het faciliteren van uitwisseling tussen scholen onderling. • Stimuleren van creatieve partnerschappen met het voortgezet onderwijs, en met name het vmbo. • Versterken van samenwerking met provincie en (cultuur)fondsen voor cultuureducatie binnen het voortgezet onderwijs.
Ambitie uit Kadernota Cultuurparticipatie 2030 Alle (brede) scholen in het voortgezet onderwijs bieden in 2030 goed cultuuronderwijs aan. Keuzes maken • Net als in het primair onderwijs, vinden we het belangrijk dat alle scholen in het voortgezet onderwijs, in alle vormen, goed cultuuronderwijs verdienen. Landelijk lag de nadruk op het primair onderwijs, maar vanuit het principe ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’ verdient het voortgezet onderwijs en daarbinnen met name het vmbo extra aandacht. Zo liggen er kansen voor uitbreiding van creatieve partnerschappen met scholen in het voortgezet onderwijs binnen Creatief Vermogen Utrecht. Ook blijkt er al veel kennis op scholen te zijn, die nog beter benut kan worden door onderlinge uitwisseling.
Verwachte prestaties en concrete resultaten • Concrete uitwerking in het nieuwe plan van Creatief Vermogen Utrecht voor 2025 – 2028 (zie 3.1.1). • Gedeeld beeld van kansen en uitdagingen van het voortgezet cultuuronderwijs, en specifek het vmbo. • Kansen en mogelijkheden voor ondersteuning van cultuur educatie in het voortgezet onderwijs breder in kaart en op elkaar aangesloten. Effecten op de doelgroep • Leerlingen in het voortgezet onderwijs hebben laagdrempeliger toegang tot goed cultuuronderwijs. Monitoring en evaluatie • Aantal scholen in het voortgezet onderwijs die cultuuronderwijs borgen in hun schoolvisie of -plan.
11
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
“Dit jaar ga ik studeren. Een nieuwe stap, ik vind het best spannend. In mijn vrije tijd houd ik van tekenen en graffiti. Ik heb me aangemeld voor een grafische opleiding hier in de stad, waar ik me verder kan ontwikkelen.”
3.1.3 Verbinden van creatieve mbo-scholen met de culturele sector Ambitie uit Kadernota Cultuurparticipatie 2030 De creatieve opleidingen van het mbo en de culturele sector werken in 2030 gericht samen aan de doorstroom van creatief talent. Keuzes maken • Naast de jaarlijkse ondersteuning van de HKU prijs, vinden we extra investeren in creatief mbo-talent belangrijk. We willen dat mbo-studenten dezelfde mogelijkheden hebben als studenten van het hbo en wo. In het kader van ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’ investeren we daarom het budget ‘Podium om afstudeerders een podium te geven’ van € 50.000 per jaar onder meer in presentatiemogelijkheden, ontmoetingen met de culturele sector en ondernemerschap voor de creatieve mbo´ers. • We sluiten hiermee aan op het mbo-uitvoeringsplan 2023 – 2026, met de ambities Gelijkwaardige positie en Verbinding van jongeren, onderwijs, arbeidsmarkt en gemeente. • Samenwerking tussen de creatieve mbo-opleidingen, de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht (HKU), de Hogeschool
Utrecht (HU) en de cultuursector vindt al plaats. Daarnaast kan de doorstroomroute vanuit het voortgezet onderwijs, en specifiek het vmbo, verder worden versterkt. We verkennen op beide terreinen met betreffende betrokkenen en stakeholders de kansen en mogelijkheden. Activiteiten en middelen • Stimuleren van podiumplekken voor creatieve mbo-afstudeerders, in ieder geval op de Culturele Zondagen binnen de opdracht aan Utrecht Marketing. • Aanstellen van een verbinder tussen de creatieve mbo’s en hun talent en de culturele sector. • Stimuleren van brede oriëntatie op ondernemen en de arbeidsmarkt via het gemeentelijk programma Ondernemer Centraal. • In gesprek met de culturele sector, voortgezet onderwijs en creatieve mbo en hbo opleidingen over duurzame verbeteringen van de creatieve onderwijsketen in Utrecht. Verwachte prestaties en concrete resultaten • Presentatie van het werk van minimaal 10 afstuderenden van de Utrechtse creatieve mbo’s per jaar. • Minimaal 20 culturele instellingen nemen deel aan ontmoeting met creatieve talenten van het mbo. • Verbinding tussen mbo’s en cultuur(educatie)sector voor stage plekken en opdrachten. • Ondersteunen van (kennis over) ondernemerschap bij jong afstuderend of net afgestudeerd talent van de creatieve mbo’s.
Effecten op de doelgroep • Grotere zichtbaarheid van jong talent van creatieve mbo’s in de stad en bij culturele instellingen in Utrecht.
12
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
• Culturele instellingen zijn toegankelijker als potentiële stage- en werkplek voor jong talent van creatieve mbo’s. • Meer kennis over ondernemerschap en arbeidsmarkt bij jong talent van creatieve mbo’s. • Op termijn betere doorstroommogelijkheden tussen voortgezet onderwijs en specifiek vmbo, creatieve mbo en hbo opleidingen en culturele en creatieve sector. Monitoring en evaluatie • Aantal afstuderenden of net afgestudeerde studenten van de creatieve mbo’s die een podium krijgen. • Aantal culturele instellingen die kennismaken met de jonge talenten en hun werk. • Aantal talenten en culturele organisaties die na ontmoeting vervolgafspraken maken. • Ervaringen van creatieve mbo-talenten na presentatie en ontmoeting. • Ervaringen van culturele organisaties na presentatie en ontmoeting.
3.1.4 Verbinding binnen- en buitenschools in het primair onderwijs “In groep 6 gaan we met de klas naar het theater. In de voorstelling zijn ook spoken word-artiesten. Dat is helemaal nieuw voor mij en ik vind het superinteressant. De coördinator van school helpt mij om te zoeken naar een spoken word-cursus in de buurt. Bij de bibliotheek organiseren ze workshops, daar heb ik me voor aangemeld.”
Ambitie uit Kadernota Cultuurparticipatie 2030 Op alle (brede) scholen in het primair onderwijs is in 2030 een stevige verbinding tussen binnen- en buitenschoolse cultuureducatie. Keuzes maken • Ongeveer 37 van de 100 Utrechtse scholen hebben een brede school aanbod en organiseren na schooltijd extra activiteiten. Bijvoorbeeld sport, burgerschap of cultuur. Op de brede scholen stimuleren we dat het binnenschools en buitenschools aanbod op elkaar aansluit. Op de niet-brede scholen heeft Cultuur & School Utrecht hierin een rol. Ook bevorderen we het contact tussen onder andere brede schoolcoördinatoren, cultuurcoaches en amateurkunst(educatie)organisaties. • De verwachting is dat we met de huidige beschikbare middelen niet op álle scholen een stevige verbinding tussen binnen- en
buitenschoolse cultuureducatie kunnen waarmaken. In het kader van ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’ kiezen we ervoor te focussen op de scholen waar de ontwikkelpotentie het grootst is; welke scholen dit zijn bepalen we samen met de professionals in het veld. Activiteiten en middelen • Kennisuitwisseling en afstemming met en tussen professionals over activiteiten die doorstroom van binnenschools naar buitenschools cultuuraanbod faciliteren. Onder andere met Cultuur & School Utrecht, Creatief Vermogen Utrecht, brede schoolcoördinatoren, interne cultuurcoördinatoren, cultuurcoaches en Netwerk Amateurkunsteducatie Utrecht. Verwachte prestaties en concrete resultaten • Jaarlijks gesprekken tussen de gemeente en de professionals in de binnen- en buitenschoolse cultuureducatie. • Overzicht van bestaande activiteiten en best practices over verbinding tussen binnen- en buitenschools aanbod. Effecten op de doelgroep • Makkelijkere doorstroming voor leerlingen die na binnenschoolse cultuuractiviteiten hun creatieve talenten verder willen ontplooien. Monitoring en evaluatie • Ervaringen van betrokken (gespreks)partners, met name van brede schoolcoördinatoren en cultuurcoaches.
13
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
“Sinds mijn man is overleden heb ik soms eenzame momenten. Gelukkig heb ik een leuke club met gepensioneerde dames. We houden van bewegen en zingen en noemen onszelf de Actieve besjes. Maar we zingen niet alleen met elkaar. Elke maand gaan we langs een asielzoekerscentrum, bejaardentehuis of zorginstelling om met andere ‘besjes’ te zingen en swingen. Iedereen fleurt daarvan op!”
3.2 Cultuur in de vrije tijd Beleidsdoelstelling 2030: Het amateurkunst(educatie)aanbod is goed, betaalbaar en divers, en heeft zich vernieuwd. Verspreid over de stad zijn passende activiteiten toegankelijk voor iedereen, ook voor kinderen en jongeren die in armoede leven en voor ouderen. De sector floreert en jonge talenten krijgen de professionele begeleiding die ze nodig hebben.
3.2.1 Amateurkunst door iedereen Ambitie uit Kadernota Cultuurparticipatie 2030 Het gesubsidieerde Utrechtse amateurkunstenveld is in 2030 een actuele afspiegeling van de dynamische praktijk van amateurkunstbeoefening. Keuzes maken • De huidige subsidieregeling Basissubsidie Amateurkunst is gericht op het verstrekken van subsidies aan amateurkunstverenigingen en -stichtingen (rechtspersonen) met minimaal 10 actieve leden, zodat zij een gekwalificeerde artistieke leiding en de huur van een locatie kunnen betalen. Deze regeling sluit niet meer helemaal aan op de hedendaagse samenstelling van de amateurkunstpraktijk. Veel initiatieven zijn anders georganiseerd en voeren andersoortige activiteiten uit, waardoor zij geen aanspraak kunnen maken op deze subsidie. Daarom stoppen we hier na 2024 mee en ontwikkelen we nieuwe instrumenten. Zo kunnen allerlei kunstdisciplines/crossovers en organisatievormen, waaronder tussenvormen en tijdelijke vormen voor verenigingen, aanspraak maken op een bijdrage van de gemeente. Hiermee trekken we
de financiële mogelijkheden voor initiatieven gelijk en passen we ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’ toe. • Diversiteit en inclusie en fair practice zijn belangrijke thema’s voor de cultuursector, maar blijken voor een deel van de amateur kunstsector lastiger te vertalen naar hun praktijk. Wel is er behoefte hiermee aan de slag te gaan. Daarom gaan we dit verder ontwikkelen. • Samen actief cultuur maken, kan een waardevolle bijdrage leveren aan de sociale verbondenheid in een buurt (ook als onderdeel van de buurtagenda’s) en de mentale gezondheid, die bij veel Utrechters onder druk staat (nota Gezond030). Daarom zetten we hier expliciet op in. Activiteiten en middelen In 2024: • Uitvoeren laatste jaar nadere regel Basissubsidie Amateurkunst voor culturele activiteiten uitgevoerd in 2025. • Ontwikkelen nieuwe ondersteuningsinstrumenten in co-creatie met formeel en informeel georganiseerde cultuurparticipatiesector. In 2025 – 2028: • Uitvoeren nieuwe regeling voor initiatieven die de amateurkunstpraktijk in Utrecht doorontwikkelen, gericht op ‘diversiteit en inclusie’ en ‘fair practice’. • Uitvoeren nieuw instrument met matchfunding voor kleinere buurtcultuur- of amateurkunstinitiatieven, die bijdragen aan mentale gezondheid van bewoners of sociale cohesie in de buurt.
Verwachte prestaties en concrete resultaten • 2024: Basissubsidies Amateurkunst voor circa 125 amateurkunstverenigingen en -stichtingen.
14
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
• 2025 – 2028: Ondersteuning van grotere, stedelijke initiatieven en kleinere amateurkunst- of buurtcultuurinitiatieven via nieuwe instrumenten. Geleidelijke groei naar een goede balans tussen beide instrumenten, met 10-15 grotere initiatieven en 50 – 75 kleinere initiatieven in 2028. Effecten op de doelgroep • Een laagdrempelige financieringsmogelijkheid voor cultuur participatie-initiatieven door formeel en informeel georganiseerde partijen. • Ontwikkeling van de sector op het gebied van diversiteit en inclusie en fair practice. • Versterking mentale gezondheid van deelnemers van cultuurparticipatie-initiatieven. • Bevordering sociale cohesie in buurten waar cultuurparticipatie initiatieven worden georganiseerd. Monitoring en evaluatie • Aantal initiatieven en deelnemers. • Diversiteit aan initiatieven en makers, formeel en informeel georganiseerd. • Ervaring van deelnemers met bijdrage aan sociale cohesie en mentale gezondheid. • Ervaring van initiatieven met het samen ontwikkelen van de instrumenten.
“Voor ons orkest volgde ik workshops over duurzame ledenwerving. Deze workshops werden georganiseerd in het wijkcultuurhuis in mijn buurt. We leerden moderne communicatietechnieken inzetten en hoe we ons als bestuur kunnen verbeteren. Ik speel zelf mee in het orkest maar vind besturen ook heel interessant! Ook het ontmoeten van andere organisaties met dezelfde vraagstukken is leuk. We spraken bijvoorbeeld af om een gezamenlijke vrijwilligerscoördinator aan te stellen.”
3.2.2 Ondersteuning amateurkunstsector Ambitie uit Kadernota Cultuurparticipatie 2030 De Utrechtse amateurkunstsector floreert, mede dankzij goede ondersteuning. Keuzes maken • De cultuurparticipatiesector heeft een eigen dynamiek en werkt veel met vrijwillige krachten. Ondersteunende maatregelen die voor de brede cultuursector werken, passen niet altijd goed bij wat dit specifieke deel van de sector nodig heeft, zo ook na de klap van corona. In 2021 en 2022 investeerden we daarom samen met provincie Utrecht in een herstelprogramma voor de amateurkunstsector in stad en regio Utrecht, uitgevoerd door ZIMIHC. Een extra financiering vanuit het Rijk versterkte deze activiteiten in 2023. Vanuit de opgedane kennis, ervaring en netwerken ontstond het idee voor ZIMIHC Connect, wat ZIMIHC verder uitbouwt. Dit onderdeel van ZIMIHC is gericht op de ondersteuning en versterking van een duurzame en inclusieve
15
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
cultuurparticipatiesector in stad en regio Utrecht, aansluitend op hun ondersteuningsbehoeften. Met de provincie Utrecht werken we samen en verkennen we onze verdere gezamenlijke inzet. Activiteiten en middelen • Opstartbijdrage in 2024 voor ZIMIHC Connect, bestaande uit een coördinator en platform van culturele verbinders in de regio Utrecht, als medefinancier van de provincie Utrecht. • Verkenning van mogelijkheden vanaf 2025, met eventuele ondersteuningsmogelijkheden voor projecten gericht op diversiteit en inclusie en fair practice via nieuw instrument (zie 3.2.1). Verwachte prestaties en concrete resultaten • Versterking van minimaal 50 organisatoren en verbinders van cultuurparticipatie-initiatieven in de regio Utrecht per jaar, waar onder zowel traditioneel georganiseerde amateurkunstorganisaties als anders georganiseerde verbanden. • Duurzame kennisdeling binnen deze sector.
“Bij ons in de wijk is een theaterschool waar ik elke week een uur les heb. Thuis oefenen hoeft gelukkig nog niet zoveel. Maar de lessen vind ik altijd leuk. Ik zit in een groep met allemaal kinderen uit de buurt.”
3.2.3 Amateurkunsteducatie door iedereen Ambitie uit Kadernota Cultuurparticipatie 2030 In 2030 is het lesaanbod op het gebied van amateurkunsteducatie pluriform, afgestemd op diverse doelgroepen en verspreid over de hele stad. Keuzes maken • De amateurkunsteducatieorganisaties in Utrecht richten zich op verschillende doelgroepen, waarbinnen jeugd en jongeren het grootste aandeel vormen. Vanwege het gelijkblijvend budget kiezen we zoveel mogelijk voor rust, met aandacht voor de organisatiekracht van de aanbieders. Wel stimuleren we lesaanbod op plekken en in buurten waar dit nog minder goed bereikbaar is en het bieden van mogelijkheden om mee te doen voor inwoners en met name jeugd en jongeren met minder culturele ontwikkelkansen, in het kader van ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’.
Effecten op de doelgroep • Meer kennis, netwerk en ondersteuning voor cultuurparticipatie initiatieven om zichzelf en elkaar (duurzaam) te versterken.
Activiteiten en middelen • Subsidiebudget 2025 – 2028 van € 4.463.728 voor duurzaam en verspreid amateurkunsteducatieaanbod. • Realisatie van centrale locatie voor amateurkunsteducatie aan het Domplein.
Monitoring en evaluatie • Aantal deelnemende cultuurparticipatie-initiatieven en cultuurverbinders. • Ervaringen van initiatieven met ondersteuning.
Verwachte prestaties en concrete resultaten • Minimaal vijf organisaties bieden cultuurlessen aan Utrechters.
16
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
• Lesaanbod in wijken waar dit nu nog beperkt aanwezig is en/of waar relatief veel inwoners in een kansenongelijke positie wonen. • Businesscase en verbouwingsplan voor locatie aan het Domplein. Effecten op de doelgroep • 10% meer Utrechters neemt deel aan lesaanbod van gesubsidieerde, professionele amateurkunsteducatieorganisaties. • In Utrecht is amateurkunsteducatie in verschillende vormen en meerdere wijken aanwezig. • De locatie aan het Domplein wordt toegankelijk voor diverse doelgroepen die lessen in verschillende kunstdisciplines willen volgen. Monitoring en evaluatie • Aantal gehonoreerde organisaties. • Aantal deelnemers. • Aantal deelnemers in kansenongelijke positie. • Aantal en welke wijken. • Aantal en welke kunstdisciplines. • Voortgang van plannen die subsidie hebben gekregen.
3.2.4 Bereik kinderen en jongeren in armoede via Jeugdfonds Sport en Cultuur “Mijn kleinzoon vindt dj’en ontzettend leuk. Hij leerde het kennen op school en wil hier graag mee door. De lessen waren voor zijn moeder niet te betalen. Als opa en oma konden we een beetje helpen, maar gelukkig bleek er nog meer hulp mogelijk. Sinds kort krijgt mijn kleinzoon les bij de dj-school in de buurt.”
Ambitie uit Kadernota Cultuurparticipatie 2030 Kinderen en jongeren tot achttien jaar die leven op of onder de armoedegrens krijgen laagdrempelig toegang tot culturele activiteiten via de ondersteuning van het Jeugdfonds Sport en Cultuur. Keuzes maken • In het kader van ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’ blijven we investeren in de mogelijkheden om aan cultuur te doen voor kinderen en jongeren die daarvoor minder kansen hebben door financiële beperkingen. De laatste drie jaar ondersteunde het Jeugdfonds Sport en Cultuur 300 kinderen en jongeren. Dit aantal blijft naar verwachting gelijk, vanwege gelijkblijvend budget. • Wel levert de samenwerking tussen het Jeugdfonds en andere organisaties, waaronder organisaties die financiële drempels verlagen of scholen en welzijnsorganisaties, kansen op om
dienstverlening verder te verbeteren, versnippering te beperken en het bereik te vergroten. Activiteiten en middelen • Voor de periode 2025 – 2028 is er € 100.000 per jaar voor het verlagen van drempels voor kinderen en jongeren in armoede via Jeugdfonds Sport en Cultuur. We vragen extra aandacht voor de samenwerking met andere organisaties. Verwachte prestaties en concrete resultaten • Per jaar helpt het fonds 300 kinderen en jongeren in armoede deel te nemen aan culturele activiteiten. • Toename van effectiviteit van Jeugdfonds Sport en Cultuur door onderlinge samenwerking met andere organisaties. Effecten op de doelgroep • Kinderen en jongeren in armoede kunnen laagdrempelig deelnemen aan culturele activiteiten. Monitoring en evaluatie • Aantal geholpen kinderen en jongeren. • Ervaringen van Jeugdfonds Sport en Cultuur en samenwerkingspartners.
17
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
“Als moeder wil je je kinderen alle kansen geven om zich te ontwikkelen. Mijn ene dochter houdt van sporten en vooral van voetbal. En mijn andere dochter is juist helemaal weg van creatief programmeren op de computer. Met een beetje hulp kunnen zij dat nu allebei doen.”
3.2.5 Toegankelijkheid artistieke opleidingen voor kinderen en jongeren
• Ondersteunen van het Jeugdfonds Sport en Cultuur, dat eveneens werkt aan het verlagen van financiële drempels voor kinderen en jongeren (zie 3.2.4).
Ambitie uit Kadernota Cultuurparticipatie 2030 Kinderen en jongeren laagdrempelig toegang bieden tot artistieke opleidingen onder professionele begeleiding.
Verwachte prestaties en concrete resultaten • Schooljaar 2023 – 2024: subsidies aan circa 4 amateurmuziekorganisaties. • Minimaal 4 initiatieven die cultuurparticipatie voor kinderen en jongeren toegankelijk maken, gebruiken vanaf 2025 een nieuw instrument (zie 3.2.1).
Keuzes maken • De regeling Instrumentaal muziekonderwijs, die nog tot en met schooljaar 2023 – 2024 loopt, sluit met de focus op enkel instrumentaal muziekonderwijs onvoldoende aan bij de actuele amateurkunstpraktijk, met een veelheid aan kunstdisciplines en crossover-vormen. Daarom stoppen we met deze regeling en creëren we nieuwe instrumenten, gericht op verschillende kunstdisciplines en organisatievormen, met mogelijkheden voor artistieke opleidingen die (financiële) drempels voor kinderen en jongeren willen verlagen.
Effecten op de doelgroep • Kinderen en jongeren die financiële drempels ervaren kunnen laagdrempelig deelnemen aan culturele activiteiten. Monitoring en evaluatie • Aantal initiatieven die bijdragen aan de toegankelijkheid voor kinderen of jongeren.
Activiteiten en middelen Schooljaar 2023 – 2024: • Ondersteuning amateurmuziekorganisaties om financiële drempels voor jeugdige leden te verlagen, via regeling Instrumentaal muziekonderwijs. 2025 – 2028: • Ondersteuning stedelijke of kleinere initiatieven in diverse kunst disciplines via nieuw instrument (zie 3.2.1). • Betrekken van amateurmuziekorganisaties en artistieke opleidingen voor kinderen en jongeren bij ontwikkeling van nieuw instrument.
18
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
3.2.6 Bemiddelen betaalbare ruimte amateurkunst
“Een goede repetitieruimte vinden voor onze breakdance-groep, was vrij lastig. Nu kunnen we trainen op verschillende plekken in de stad. Ook zijn we goed in creatieve oplossingen. Als het lekker weer is, trainen we soms in de open lucht.”
Ambitie uit Kadernota Cultuurparticipatie 2030 In alle wijken van de stad krijgen amateurkunstorganisaties en -beoefenaars ondersteuning in het vinden van oefenruimtes, studio’s en ateliers dicht bij huis. Keuzes maken • De Uitvoeringsnota huisvesting culturele en creatieve sector laat zien hoe we meer ruimte willen maken voor culturele voorzieningen en creatieve werkplekken, hoe we de juiste plekken hiervoor bepalen en hoe we door meer grip op vastgoed doelen waarmaken met de sector. Minstens 80 procent van de inwoners moet een culturele voorziening op loopafstand hebben in zijn wijk. Waaronder ruimte voor amateurkunst. Daarnaast werken we samen met de sector aan 80.000 m2 nieuwe werkruimte voor creatieve makers. • We zien specifiek kansen in multifunctioneel ruimtegebruik van scholen en andere maatschappelijke voorzieningen. Ook willen we wijkcultuurfuncties toevoegen aan te realiseren broedplaatsen. Denk aan een podium bij een broedplaats, klaslokalen die worden gebruikt voor muziekles, koorrepetities of het maken van films, een gymzaal waar na schooltijd ook streetdance plaatsvindt of de bibliotheek waar aanstormende schrijvers en dichters aan de slag gaan. Activiteiten en middelen • Actualiseren van de Voorzieningenkaart. • Verkenning slim gebruiken van gemeentelijk vastgoed, bijvoorbeeld scholen, als ruimte voor cultuurparticipatie.
• Verkenning mogelijkheden om een wijkcultuurfunctie of -podium toe te voegen aan broedplaatsen in Utrecht. • Verkenning mogelijkheden multifunctioneel gebruik van de openbare ruimte. • Cultuurparticipatie-organisaties die ruimte zoeken blijven verwijzen naar het Makelpunt Utrecht. Verwachte prestaties en concrete resultaten • Beter inzichtelijk op de Voorzieningenkaart waar ruimtes voor amateurkunsten zijn. • Uitbreiding van ruimte voor amateurkunst in toekomstige vastgoedontwikkelingen voor cultuur. Effecten op de doelgroep • Amateurkunsten vinden makkelijker ruimtes. Monitoring en evaluatie • Ervaringen van amateurkunstorganisaties met onder meer de Voorzieningenkaart.
19
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
3.2.7 Impuls voor jongerencultuur
“Via een online cursus video editing ben ik me steeds meer gaan interesseren in filmmaken. Ik kijk graag films en wil later misschien naar de Nederlandse Filmacademie. Om me daar zo goed mogelijk op voor te bereiden, klopte ik aan bij het jongerencultuurhuis. Daar zijn ervaren coaches die ook filmprojecten doen. Binnenkort start een traject waar ik aan mee mag doen.”
Verwachte prestaties en concrete resultaten • Minimaal 10 projecten die cultuurparticipatie van jongeren versterken, in een netwerk of samenwerking met anderen. Effecten op de doelgroep • Minimaal 300 jongeren komen in aanraking met cultuur en/of kunnen zich hierin doorontwikkelen en doorstromen. Monitoring en evaluatie • Aantal jongerencultuurinitiatieven. • Aantal jongeren.
Keuzes maken • Als onderdeel van het coronaherstelpakket voor de culturele sector ontving de gemeente van het Rijk in 2022 eenmalig € 400.000 voor jongerencultuur. Hiermee ondersteunden we 11 projecten. Ook in 2023 en 2024 ontvangen we als gemeente € 380.000 per jaar, die we inzetten voor cultuurparticipatie van jongeren in Utrecht. • Om de doorstroom voor jongeren door ondersteuners van jongeren en tussen culturele initiatieven en trajecten te vergroten, krijgt samenwerking de aandacht. Activiteiten en middelen • Subsidiebudget € 760.000 voor een incidentele impuls van jongerencultuuractiviteiten in 2024 en 2025, met specifieke aandacht voor hedendaagse kunstvormen.
20
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
3.3 Cultuur in de buurt Beleidsdoelstelling 2030: Elke wijk in Utrecht heeft een wijkgerichte cultuurfunctie, met een passende mix van voorzieningen, programma activiteiten en ‘verbinders’ die vraag en aanbod op elkaar afstemmen.
“Ik ben met mijn buurmeisje en haar moeder naar het wijkcultuurhuis geweest. Dat is vlakbij mijn huis. Daar was een meneer met allemaal verschillende trommels. Eerst mochten we ze allemaal proberen. Het leukste vond ik: op de grote trommel slaan.”
3.3.1 Spreiding wijkgerichte culturele voorzieningen Ambitie uit Kadernota Cultuurparticipatie 2030 Inwoners hebben op tien minuten lopen een wijkgerichte culturele voorziening. Keuzes maken • We gaan door met het ontwikkelen van geplande wijk- en jongeren cultuurvoorzieningen. Dat doen we samen met of door culturele instellingen en makers in de stad en de wijk of buurt. Bij de keuze voor nieuwe plekken voor wijkcultuurhuizen of -functies, kijken we naar een aantal factoren. Er moeten kansen zijn op concrete
ontwikkeling van ruimte voor cultuur. Daarnaast kijken we waar nog weinig cultuur op loopafstand is. En in het kader van ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’ kijken we naar de buurten waar inwoners in een kansenongelijke positie wonen en zoeken we de aansluiting met de buurtagenda. Voor de artistiek-inhoudelijke invulling van deze voorzieningen kijken we ook naar het bestaande aanbod aan kunstdisciplines en welke nog ontbreken. Activiteiten en middelen • Doorgaan met ontwikkeling van wijkcultuurhuis Merwedekanaalzone; exploitant is al geselecteerd. • Ontwikkelen van drie jongerencultuurhubs in Leidsche Rijn/ Vleuten-De Meern, onder andere via een subsidieregeling voor de ontwikkeling en exploitatie. • Verkennen van nieuwe locatie voor het jongerencultuurhuis in Overvecht. • Toevoegen van cultuurprogramma in bijvoorbeeld bibliotheken, buurthuizen en scholen. • Verkennen van een locatie in Lunetten als wijkcultuurfunctie. • Verkennen van mogelijkheden om ruimtes voor cultuurparticipatie toe te voegen bij nieuwe broedplaatsen. • Opstellen van standaardprogramma van eisen voor wijkcultuur voorzieningen in verschillende groottes en vormen. • In buurten met een buurtagenda de samenwerking met betrokkenen zoeken.
21
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
Verwachte prestaties en concrete resultaten • Opening van het wijkcultuurhuis Merwedekanaalzone. • Opening van jongerencultuurhubs in Leidsche Rijn/ Vleuten-De Meern. • Nieuwe locatie voor jongerencultuurhuis Overvecht. • Cultuurprogramma op minimaal vier andere plekken. Effecten op de doelgroep • Inwoners hebben op tien minuten lopen een locatie voor cultuur participatie. De (fysieke) drempel voor deelname is daarmee verlaagd. Monitoring en evaluatie • Ontwikkelingen en kansen voor mogelijke nieuwe wijk- en jongerencultuurvoorzieningen. • Percentage inwoners dat op tien minuten loopafstand een wijkcultuurfunctie heeft.
3.3.2 Meer culturele activiteiten in de buurt
“Ik woon met studenten in een flat, maar mis het contact in de buurt. Daarom bedacht ik om samen met de buren een kunstroute te organiseren. Met het organisatiecomité praten we niet alleen over het project, maar ook over wat ons verder bezighoudt. Sommige verhalen zijn best schrijnend. Als student kamp ik soms met eenzaamheid. Door dit project is dat wel minder geworden.”
Ambitie uit Kadernota Cultuurparticipatie 2030 Cultuurparticipatieactiviteiten voor en door inwoners uit de wijk en buurt krijgen de ruimte. Keuzes maken • Samen actief cultuur maken kan een waardevolle bijdrage leveren aan de sociale verbondenheid in een buurt, ook als onderdeel van de buurtagenda’s. Daarom ondersteunen we dit, onder andere via een nieuw instrument voor kleinere buurtcultuur- of amateurkunstinitiatieven. • Wijk- en jongerencultuurhuizen spelen een grote rol spelen in het stimuleren en ondersteunen van cultuurparticipatie voor en door wijk- en buurtbewoners. Zij ontvangen tot en met 2024 financiering via de Cultuurnota en kunnen ook voor 2025 – 2028 weer subsidie aanvragen. Daarnaast kunnen cultuurparticipatie-initiatieven via
de regelingen Projectsubsidie cultuur en Impulssubsidie cultuur subsidie aanvragen. Activiteiten en middelen • Ondersteunen buurtinitiatieven gericht op actieve cultuurparticipatie via nieuw instrument (zie 3.2.1.). • Voortzetten subsidiemogelijkheden binnen Cultuurnota en Projecten Impulssubsidies. Verwachte prestaties en concrete resultaten • Initiatiefnemers in de buurten ontwikkelen en realiseren culturele activiteiten. Effecten op de doelgroep • Meer wijkbewoners nemen deel aan buurtcultuurinitiatieven en ontmoeten elkaar. • Bevordering sociale cohesie in de wijken en buurten met buurt initiatieven rondom amateurkunst. Monitoring en evaluatie • Aantal buurtcultuurinitiatieven. • Ervaringen van initiatiefnemers.
22
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
3.3.3 Meer verbinders in de wijk
“Ik woon samen met mijn ouders en twee broertjes in een knus klein huis, en deel mijn slaapkamer met mijn oudste broer. Ik heb thuis geen plek om te dansen, maar de cultuurcoach in de buurt wees me op het cultuurhuis hier om de hoek. Daar heb ik nu elke woensdagmiddag dansles.”
Ambitie uit Kadernota Cultuurparticipatie 2030 In alle wijken werken cultuurcoaches met extra aandacht voor doelgroepen die belemmeringen ervaren om aan cultuur deel te nemen. Keuzes maken • De cultuurparticipatiesector heeft een grote wens voor meer cultuurcoaches. Zij geven aan dat de huidige combinatie functionarissen op cultuur met (te) weinig zijn en weinig zichtbaar zijn. Er nu vanuit gaande dat het budget van de landelijke Brede Regeling Combinatiefuncties 2023 – 2026 gelijk blijft, kan het aantal fte cultuurcoaches (7,6) niet groeien. Een cultuurcoach in alle wijken is daarmee niet mogelijk. • Dit vraagt om een aanscherping van het profiel, zodat de cultuurcoaches zo goed en zichtbaar mogelijk ingezet kunnen worden. Het profiel van de cultuurcoach krijgt meer focus op het verlagen van drempels voor inwoners in bepaalde wijken en buurten. Vanuit ‘ongelijk investeren voor gelijke kansen’ versterken we de inzet
van cultuurcoaches in buurten en wijken waar inwoners in een kansenongelijke positie wonen en sluiten hierbij aan op de buurt agenda’s. Dit zijn onder andere Overvecht, Kanaleneiland en delen van Noordwest. Zo werken we samen aan de sociale verbetering in de buurten. • Ook focussen de cultuurcoaches op een breed cultuuraanbod, aansluitend op de wensen van de bewoners, en niet zozeer op het werk van of namens één specifieke cultuurorganisatie. Activiteiten en middelen • Subsidiebudget € 252.832 per jaar voor inzet cultuurcoaches. • Tot en met 2024 uitvoeren huidige nadere regel Combinatiefuncties Cultuur. • Vanaf 2025 nieuwe regeling voor cultuurcoaches met een wijk gericht profiel en een goede vertegenwoordiging in de wijken met een hoog percentage inwoners in een kansenongelijke positie, die samenwerken met partijen uit onderwijs, zorg, sport en welzijn en werken aan verlaging van drempels voor doelgroepen die belemmeringen ervaren. • Aansluiten op de buurtagenda, daar waar deze is gemaakt, en stimuleren van de samenwerking met inwoners, ondernemers en professionals binnen dat verband. • Bevorderen samenwerking tussen cultuurcoaches, (buurt)sport coaches, sociaal makelaars en jongerenwerkers. • Samenwerking met wijkbureaus aan bekendheid en bedding in de wijk.
Verwachte prestaties en concrete resultaten • Cultuurcoaches kunnen nog beter wijkgericht werken aan het verlagen van drempels.
23
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
• Betere bekendheid van cultuurcoach en de mogelijkheden aan cultuur te doen bij wijkbewoners. • Betere samenhang en samenwerking tussen cultuurcoaches, (buurt)sportcoaches, sociaal makelaars en jongerenwerkers. • Samenwerking met inwoners en wijkbureau in de Buurtagenda-aanpak. Effecten op de doelgroep • Meer wijkbewoners in een kansenongelijke positie, die een drempel ervaren om deel te nemen aan cultuur, nemen actief deel aan cultuur. Monitoring en evaluatie • Inzet cultuurcoaches in welke wijken en buurten. • Ervaringen van de cultuurcoaches over het verlagen van drempels voor de doelgroepen. • Kennis van wijkbewoners over de aanwezigheid en diensten van de cultuurcoach. • Ervaringen van wijkbewoners met de cultuurcoach.
24
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
2024
2025
2026
2027
2028
€ 100.000
-
-
-
-
€ 1.492.035
€ 1.492.035
€ 1.492.035
€ 1.492.035
€ 1.492.035
• Ondersteuning Cultuur & School Utrecht
€ 560.965
€ 560.965
€ 560.965
€ 560.965
€ 560.965
• Doorgaan met Cultuureducatie met Kwaliteit
€ 278.764
€ 278.764
€ 278.764
€ 278.764
€ 278.764
Voorbereidingsbudget uitvoeringsprogramma
4 Meerjarenbegroting
Cultuur op school • Subsidie Cultuur voor ieder kind1 2
• Cultuureducatie in het voortgezet onderwijs • Verbinden creatieve mbo-scholen met culturele sector
Het uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie voeren we uit met de huidige beschikbare middelen.
-
-
-
-
-
€ 50.000
€ 50.000
€ 50.000
€ 50.000
€ 50.000
• Verbinding binnen- en buitenschoolse in het primair onderwijs
-
-
-
-
-
€ 2.381.764
€ 2.381.764
€ 2.381.764
€ 2.381.764
€ 2.381.764
• Amateurkunstorganisaties in de Cultuurnota3
€ 94.349
pm
pm
pm
pm
• Amateurkunst door iedereen
€ 410.000
€ 410.000
€ 410.000
€ 410.000
€ 410.000
-
-
-
-
-
Subtotaal Cultuur in de vrije tijd
• Ondersteuning amateurkunstsector • Amateurkunsteducatie door iedereen
€ 1.115.932
€ 1.115.932
€ 1.115.932
€ 1.115.932
€ 1.115.932
• Bereik kinderen en jongeren in armoede (JFSC)
€ 99.263
€ 99.263
€ 99.263
€ 99.263
€ 99.263
• Toegankelijkheid artistieke opleidingen
€ 40.000
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Subtotaal inclusief Cultuurnota-instellingen
€ 1.759.544
nnb
nnb
nnb
nnb
Subtotaal exclusief Cultuurnota-instellingen
€ 1.685.195
€ 1.625.195
€ 1.625.195
€ 1.625.195
€ 1.625.195
• Bemiddeling betaalbare ruimte
Tabel gaat verder op de volgende pagina >
1
Deze budgetten voor programma Onderwijs worden ingezet voor doelen op het gebied van cultuureducatie op school. Aan de subsidie Cultuur voor ieder kind ligt de Nadere regel subsidie onderwijs ten grondslag.
2
Deze budgetten voor programma Onderwijs worden ingezet voor doelen op het gebied van cultuureducatie op school. Aan de subsidie Cultuur voor ieder kind ligt de Nadere regel subsidie onderwijs ten grondslag.
3
Deze bedragen zijn afhankelijk van de aanvragen die door cultuurparticipatie-organisaties en wijk- en jongerencultuurhuizen ingediend worden bij de nieuwe Cultuurnota voor 2025 – 2028 en de beoordeling daarvan.
25
Uitvoeringsprogramma cultuurparticipatie 2024 – 2028
2024
2025
2026
2027
2028
• Wijk- en jongerencultuurhuizen in de Cultuurnota4
€ 3.420.359
pm
pm
pm
pm
• Exploitatiebudget nieuwe wijkcultuurvoorzieningen
-
-
-
-
-
-
-
-
€ 425.000
€ 425.000
-
€ 425.000
€ 425.000
€ 425.000
€ 425.000
€ 150.000
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
€ 256.000
€ 513.000
€ 513.000
€ 513.000
-
€ 280.000
€ 280.000
€ 280.000
€ 280.000
• Wijkcultuurvoorziening zoekgebied 1
-
-
€ 480.000
€ 480.000
€ 480.000
• Wijkcultuurvoorziening zoekgebied 2
-
-
-
€ 352.000
€ 430.000
-
-
-
-
-
€ 252.832
€ 252.832
€ 252.832
€ 252.832
€ 252.832
Subtotaal inclusief Cultuurnota-instellingen
€ 3.823.191
nnb
nnb
nnb
nnb
Subtotaal exclusief Cultuurnota-instellingen
€ 402.832
€ 1.213.832
€ 1.950.832
€ 2.727.832
€ 2.727.832
Totaal inclusief Cultuurnota-instellingen
€ 8.064.499
nnb
nnb
nnb
nnb
Totaal exclusief Cultuurnota-instellingen
€ 4.569.791
€ 5.220.791
€ 5.957.791
€ 6.734.791
€ 6.734.791
Cultuur in de buurt