CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

9e raadsvergadering 2 oktober 2025 (transcriptie)

Gemeenteraad 20 november 2025, gemeente UtrechtBij agendapunt: Transcripties raadsvergaderingen 17 juli en 2 oktober 202540.109 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Dan als het gaat om motie 502 van de Partij voor de Dieren. Meer natuur op perceel D of C. Die wil ik ontraden bij het verder onderzoeken van de mogelijkheden tot afplaggen van perceel C-Oost. Dan zijn daar juist een aantal complicaties aan de orde. Want de keuze voor ook afplaggen van perceel C-Oost, dat zal of ten koste gaan van andere zaken in het plan. Zoals de logische route van het gemaaide pad of een andere oplossing voor weidegang. Minder ruimte ook voor nabewijdingen. Of we moeten een minder ideale situatie voor natuurontwikkeling op het afgeplakte perceel oost accepteren. V voor de weidegang op perceel E door kruisregelmatig een groot deel van het afgeplagte perceel. Er loopt ook een gemaaid pad diagonaal over het afgeplagte perceel. En bij perceel D-Oost is dat niet of nauwelijks aan de orde. En dat maakt ook perceel D-Oost binnen de kaders van het huidige plan bij uitstek wel geschikt om af te plaggen. En perceel C-Oost veel minder. Dus vandaar dat we dat zouden willen ontraden.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:18:31]: Mevrouw Sasbrink.

Anne Sasbrink (Partij voor de Dieren) [01:18:32]: Maar we hebben het nu steeds over een perceel, alsof je dat hele perceel zou moeten afplaggen dan. Terwijl zijn er niet ook mogelijkheden om bijvoorbeeld te kijken of je daar ook een derde van dat perceel afplagt. En heeft de wethouder in de motie gezien dat we juist die ruimte geven om te kijken van goh, wat kan je nou doen met afplaggen en dan valt er een uitgemaaid pad, zal het dan niet meer zijn. Maar er zal wel een vorm van een wandelpad natuurlijk mogelijk zijn over dat afgeplagde deel. Waarbij je dus juist zou kunnen vergelijken, Wat levert dat aan natuurontwikkeling op als je wel enige vorm van verstoring met die afplagging toestaat?

Linda Voortman (College) [01:19:06]:

26

Ja, voorzitter, dat kan inderdaad. Ik zie dat u die ruimte laat, maar tegelijkertijd zie je wel dat er toch altijd weer op een of andere manier te kosten gaat van andere zaken in het plan. Je kunt niet alles hierin doen. Dus vandaar dat ik toch zeg, laten we nu duidelijke lijnen stellen en doen zoals we voorstellen in het IPVE.

Anne Sasbrink (Partij voor de Dieren) [01:19:28]: Precies omdat je niet alles kunt, las ik het startdocument als zo. We krijgen één perceel die we dan volledig voor die natuurontwikkeling doen. En bijvoorbeeld perceel A en E, die zijn dan ook nog voor de pachter om te bewijden. En nu wordt daar twee derde van perceel D gebruikt. ook nog afgesnoept eigenlijk van wat er voor natuur bestemd was. Dus je kunt niet alles, maar moeten we niet toch ook voor natuur kiezen? En kijken welke metertjes we daar dan toch nog aan kunnen toevoegen.

Linda Voortman (College) [01:19:59]: Voorzitter, wij kiezen juist voor natuur in dit gebied. Ook de landbouw wordt natuurinclusief en daarnaast ook een groter deel voor natuur dan eerder. Dus we kiezen juist met dit voorstel voor natuur. Er is ook een hele discussie geweest, ook in de commissie, over moet je nou wel of niet afplaggen? Wat is vanuit natuurperspectief daar nou het beste voor? Dus ja, dan zeggen wij van, dan is het ook nog een idee om te kijken van, nou je doet het deels wel, deels niet. Zodat je daarmee ook kunt zien van wat levert dat nou op.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:20:31]: Laatste keer mevrouw Sasbrink.

Anne Sasbrink (Partij voor de Dieren) [01:20:33]: Ja, deelt de wet er niet dat dat deels niet wat we doen al op het merendeel van de percelen gaat gebeuren. Dus wat we zo meteen krijgen is B en C en een deel van B, dus 2,5 perceel waarop u dat niet gaat doen. Dus voor die vergelijking is het toch veel fijner als we een iets groter deel gaan proberen af te plaggen.

Linda Voortman (College) [01:20:51]: Ja, voorzitter, dat zou het geval zijn als alle percelen precies hetzelfde zijn. Maar waar ik het ook in de commissie al over had, daar zitten echt verschillen in de kwaliteiten van die verschillende percelen. Ik had het volgens mij ook onder andere over de fosfaatverhouding, dat soort zaken. Ik wil niet te diep er nu op ingaan, maar het ene perceel is het gewoon het andere niet. Dus ja, ik blijf toch bij ontraden, voorzitter.

27

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:21:16]: Gaat u verder.

Linda Voortman (College) [01:21:16]: Ja, voorzitter. Motie 503 van Een Utrecht, die ontraad ik ook. Dit is nou bij uitstek een project waar we zeer intensief geparticipeerd hebben. Er lag aanvankelijk een ander plan. Daar hebben we toen een pas op de plaats gemaakt. En we hebben in de fase na het startdocument zeer intensief geparticipeerd met een werkgroep. En we hebben ook ontzettend veel input meegenomen en ook verwerkt. En vervolgens in de peiling op het IPVE hebben we opnieuw input opgehaald, ook bij de werkgroep en dat ook weer meegenomen. En we zullen in de volgende fase nogmaals een peiling houden en ook daar zullen we nogmaals de voormalige werkgroep bij betrekken. En ik denk dat als je elke keer weer opnieuw het zo doet, zoals in aanloop naar het startdocument, dat je dan dubbel of zelfs driedubbel werk gaat doen. Dus vandaar dat ik deze zou willen ontraden.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:22:10]: Gert Dijkstra.

Gert Dijkstra (EenUtrecht) [01:22:13]: Dank voorzitter. In de volle breedte herkennen al deze mensen zich totaal niet in het samenwerkingsverslag. Waarom dat dan niet aangepast?

Linda Voortman (College) [01:22:26]: Voorzitter, het samenwerkingsverslag is een verslag conform de richtlijnen van Samen Stad maken. Dat is om uw raad te laten zien wat er allemaal aan input is meegenomen. Het is niet bedoeld als een gespreksverslag van een vergadering. Dus het heeft in die zin een hele andere functie.

Gert Dijkstra (EenUtrecht) [01:22:44]: Maar dat geldt ook voor alle verslagen die eronder liggen. Snapt de wethouder dat dit ontzettend frustrerend is voor al die mensen die inderdaad intensief betrokken hebben? Die werkgroep is overigens inmiddels opgeheven door de gemeente. Snapt de wethouder dat dit ontzettend frustrerend is voor de deelnemers?

Linda Voortman (College) [01:23:02]:

28

Voorzitter, ik begrijp dat er meningsverschillen blijven over wat we met dit gebied willen doen. Ik wil er wel ook op wijzen dat er vorig jaar ook een startdocument is vastgesteld waar de meerderheid van de raad mee heeft ingestemd en waar u mij ook mee weer op pad heeft gestuurd. Dus dan is het ook logisch dat ik daar ook vervolgens mee verder ga en niet vervolgens weer dingen ga terugdraaien of de discussie opnieuw ga doen. Dat zou ook een heel raar beeld geven, denk ik.

Gert Dijkstra (EenUtrecht) [01:23:33]: De wethouder luistert niet. Ook nu niet. Ook niet aan mij niet. Ik heb niet gezegd dat ze het oneens waren met wat gezegd werd. Nee, dat wat zij gezegd hebben niet goed is weergegeven in de verslagen. In alle breedte, van laag naar hoog. Dat heb ik gezegd, dat heb ik gevraagd. Na het wethouder niet op gereageerd. Dit is een zeer slechte vorm van participatie, kan ik bij deze zeggen.

Linda Voortman (College) [01:23:55]: Ja, voorzitter, ik heb daar een andere analyse over. Voorzitter, motie 504.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:24:00]: Mevrouw Hessel.

Yvonne Hessel (Utrecht Solidair) [01:24:04]: Dank u wel, voorzitter. Vraag aan de wethouder, ik wil even aansluiten. Want u zegt, ik herken me niet in, maar het is heel duidelijk dat alle bewoners dit niet willen. En waarom geven we zoveel geld uit aan samen stad maken, als we toch niet naar de bewoners luisteren?

Linda Voortman (College) [01:24:19]: Voorzitter, ik deel niet dat het zo zou zijn dat alle bewoners dit niet willen. Wij hebben een peiling gehouden waar ontzettend veel mensen aan meegedaan hebben. Waar ontzettend veel mensen ook juist aangaven dat ze juist heel blij waren met wat er met dit gebied gebeurt. Dus het is niet zo dat je kunt zeggen dat de bewoners één standpunt hebben. Het is een divers beeld.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:24:40]: Mevrouw Hessel.

Yvonne Hessel (Utrecht Solidair) [01:24:43]: 29

Dank u wel, voorzitter. Ik hoop dat de wethouder met deze reactie, want dit is al vaker... Of het nou een seksgarage is of wat het ook is. Dat er gezegd wordt, ja maar er zijn ook mensen voor. Terwijl iedereen in de buurt tegen is. Er zijn demonstraties. Hier is ook niemand van de omwonenden voor. Heel veel weerstand. Dat het gewoon de democratie ondermijnt als je daar als bestuurder steeds overheen walst.

Linda Voortman (College) [01:25:08]: Voorzitter, wij hebben juist, als het gaat om het startdocument, heel veel aandacht besteed aan participatie. Er is een werkgroep geweest, we hebben meerdere bijeenkomsten gehad. Ook bijeenkomsten waar iedereen die wilde aan mee kon doen. Ik ben daar zelf ook bij geweest. Volgens mij heeft mevrouw Hessel daar niet gezien. Dus er is ontzettend veel geparticipeerd. En ik ben eerlijk gezegd juist wel trots op hoe het is gegaan. Het is wel, op sommige punten blijf je meningsverschillen houden en dan moet je ook een beslissing nemen.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:25:36]: Mevrouw Zwinkels.

Jantine Zwinkels (CDA) [01:25:37]: Ja, dank voorzitter. Heel kort, maar ik heb inderdaad dat participatieproces van heel dichtbij gezien. Ik was er ook vaak aanwezig om te luisteren en te observeren. Maar dan toch, er is een hele documentaire gemaakt over hoe dit allemaal is verlopen. Er zijn ook echt wel wat schokkende lessen uitgeleerd. Toen hebben we met elkaar in Overvecht, in Zuilen, met bewoners ook hele sessies gehad over hoe we nu vanuit Samen Stad maken dit beter gaan doen richting de toekomst. En Is de wethouder het dan wel met mij eens dat alleen een peiling dan doen in deze kritieke fase gewoon niet voldoende is en er geen recht doet aan de vorige fase, waarin juist wel ruimte is geweest voor participatie? En zouden we dan niet richting de toekomst, richting dat voorlopige ontwerp, weer die werkgroep en andere mensen die eerder betrokken waren, weer aan tafel moeten zetten?

Linda Voortman (College) [01:26:21]: Ja, voorzitter, dat ben ik met mevrouw Zwinkels eens. Dat is ook precies waarom ik ook in de richting van de VVD heb aangegeven hoe we dat doen. Niet op precies dezelfde manier als in de fase naar het startdocument. Maar we gaan ook dan weer een gesprek voeren met de werkgroep. Dus dat wil ik bij deze nogmaals bevestigen.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:26:42]: Gaat u verder.

30

Linda Voortman (College) [01:26:43]: Ja, voorzitter. Motie 504, ook van Een Utrecht. Ja, daar kan ik eigenlijk basis uit wat ik net heb gezegd. Er is veel en intensief geparticipeerd. En wij denken dat in deze fase een peiling op onderdelen passend is. En dat ook ontzettend veel input ook is meegenomen. En dan, voorzitter, motie 504 van Link. Die motie die verzoekt om bij de uitwerking van de toren zoveel mogelijk uit te gaan van het plan van de werkgroep en dit ook bij hun te toetsen. Nou, voorzitter, wij hebben eerder ook een terugkoppeling, want ik had zelf ook toen ik het zag van zo'n toren in de vorm van de Dom, leek mij ook heel mooi. Wat wij wel hebben begrepen, dat is dat als we het op deze manier doen, dat dat mogelijk ook kan leiden tot een negatief advies vanuit RCE. En dat zou ik willen voorkomen. Dus wat ik zou willen doen, is dat we kijken, dat we inderdaad zoveel mogelijk ook kijken naar het plan van de werkgroep, bij hun toetsen, maar ik wil niet met een plan komen wat vervolgens niet door een omgevingsvergunning heen komt. Dus ik kan op deze motie positief reageren, voorzitter. En dat was het.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:27:53]: Oké, dank u wel.

Charlotte Passier (Volt) [01:27:57]: Volgens mij heb ik nog geen reactie gehad op mijn amendement, voorzitter. Dat idee had ik aan de kant.

Linda Voortman (College) [01:28:01]: Excuses, 170. Excuses, voorzitter. Deze moet ik ontraden. Wij denken dat zo'n toren wel degelijk een toevoeging aan het gebied kan zijn. Vanuit sporten, spelen, vanuit erfgoed, natuur- en landschapsbeleving. En ook de bekendheid die we de omgeving willen geven. En we doen ook die uitkijktoren niet alleen omdat het een wens was vanuit de werkgroep. We zijn ook blij met die suggestie. We hebben op 2 april ook aandachtspunten vanuit de werkgroep meegekregen die we ook mee zullen nemen. Maar ook in een brede peiling hebben we onderzocht of er animo voor was. En van de 2000 respondenten hebben 900 mensen aangegeven een uitkijk door een meerwaarde te vinden. En daarom hebben wij daaruit afgeleid dat er voldoende animo was voor het idee. En daarom zouden wij dus zeggen van doe dit wel. Het is vervolgens ook niet zo dat gereserveerde middelen per definitie ook dan hier terecht komen. Omdat we natuurlijk ook met een subsidieaanvraag te maken hebben richting de provincie.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:29:02]: Mevrouw Passier.

Charlotte Passier (Volt) [01:29:03]: 31

Ja, dank voorzitter. Want op die subsidieaanvraag wil ik toch nog heel even doorgaan. Want bij subsidie leggen wij gewoon als gemeente zelf ook geld bij. Dus het gaat voor ons vooral om het geld wat vrijkomt. Dus dan gaat die geraamde 2 ton eraf, krijgen we minder subsidie voor. Maar volgens mij blijft het dan om en nabij de 50% gewoon nog eigen middelen. En die middelen zouden we graag willen inzetten.

Linda Voortman (College) [01:29:27]: Ja, voorzitter, daarom heb ik dit ook niet als voornaamste argument genoemd. Het voornaamste argument was vooral dat in het plan van de voormalige werkgroep dit ook zat. Dat uit die peiling onder 2000 mensen bleek dat een substantieel deel van de mensen dit ook van meerwaarde vindt. Dus daarom zou ik zeggen van neem dat ook serieus en haal dat er niet zo klakkeloos uit, zou ik willen zeggen.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:29:51]: Mevrouw Sasbrink.

Anne Sasbrink (Partij voor de Dieren) [01:29:52]: Ja, nog even op die peiling, want de wethouder zei 900 van de 2000 mensen vinden het een meerwaarde. Kan de wethouder ook nog even aangeven hoeveel mensen aangaven dat ze het oneens of heel erg oneens waren met die stelling dat het een meerwaarde zou zijn?

Linda Voortman (College) [01:30:04]: Dat was 2% meer, dus dat zullen dan 960, 970 mensen zijn.

Anne Sasbrink (Partij voor de Dieren) [01:30:12]: Dus dan is het eigenlijk zo dat uit die peiling blijkt dat zeker zoveel mensen het oneens waren met die toren als eens.

Linda Voortman (College) [01:30:18]: Ja, maar het is ook niet meeste stemmen gelden. Het is ook van, is er voldoende animo voor het idee? En ik denk dat dat er dus hiermee is. Kijk, als het 80-20 was geweest, was het iets anders geweest. Maar je weet, een werkgroep met mensen die heel intensief geparticipeerd hebben, die ook een eigen plan gemaakt hebben waarin dit ook zat. Veel van de dingen hadden we eerder ook al overgenomen. Dan weet je dat het daar ook belangrijk gevonden wordt. Ik heb er richting Link ook het een en ander over gezegd. Ik zou dan zeggen, honoreer dat dan ook en haal het er niet zomaar uit. 32

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:30:50]: Mevrouw Kleinrensink.

Julia Kleinrensink (GroenLinks) [01:30:52]: Ja, voorzitter, dit argument is heel duidelijk. Ik zit inderdaad wel even te zoeken, is er nou op het moment dat je dit zou schrappen, blijft er eventueel wat middelen over, zoals Volt zegt, en kun je die anders inzetten of gaat dat niet? Dat is voor mij wel relevant om de afweging goed te maken, dus ik wil het graag precies snappen.

Linda Voortman (College) [01:31:07]: Ja voorzitter, dat hangt er vanaf. We doen een aanvraag voor groei groeit mee subsidie bij de provincie. Maar we weten op dit moment niet hoeveel minder subsidie je krijgt. Op het moment dat je een plan indient waar minder in zit, is het logisch dat je minder krijgt. Maar hoeveel minder, dat kan ik hier niet bij voorbaat zeggen.

Julia Kleinrensink (GroenLinks) [01:31:28]: Maar het zou dus in theorie kunnen dat, er werd gezegd ongeveer die uitkijktol kost ongeveer 2 ton. Dat als die eruit gaat dat je iets minder subsidie krijgt. Maar bijvoorbeeld wel een 1 ton overhoudt die je dus anders zou kunnen besteden.

Linda Voortman (College) [01:31:41]: Wellicht wel, maar ik kan het zo niet zeggen. Dus ja, ik zou echt willen zeggen reken u niet rijk.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:31:48]: Mevrouw Passier.

Charlotte Passier (Volt) [01:31:49]: Ik zou je toch nog even graag op willen reageren, want ik heb het ook uitgezocht. Het geraamde bedrag wordt dan van de subsidie in mindering gebracht. Dat is dus die 2 ton van de totale aanvraag. 60% daarvan is subsidie en 40% is eigen bijdrage. We kunnen er rekening mee houden dat niet die volledige subsidie in mindering wordt gebracht. Dus zeg dat we om en nabij de 80.000 of een ton dan over hebben om anders in te zetten. Dat klopt toch, wethouder?

33

Linda Voortman (College) [01:32:20]: Voorzitter, volgens mij heb ik dat net gezegd, maar heeft u het iets uitgebreider uitgelegd?

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:32:24]: Goed, dan gaan we daarmee een einde maken aan dit agendapunt en op een later moment stemmen. En snel door, want we moeten onze tijd in de gaten houden. We gaan naar agendapunt 18, afrondende besluitvorming na het debat over het uitvoeringsprogramma Vitaal en krachtig ouder worden, geagendeerd door CDA, Utrecht Nu! en EenUtrecht. Ik kijk allereerst naar de CDA-fractie.

Bert van Steeg (CDA) [01:33:04]: Dank voorzitter. Een integraal ouderenbeleid. Het CDA heeft zich daar de afgelopen jaren sterk voor gemaakt. We waren ook blij met de aangenomen motie hierover. En daarom ook blij met de inzet van de wethouder om daar stappen op te zetten. Goed dat er nu een nota ligt. Nog twee dingen naar aanleiding van het debat. Eén, een motie om hier ook echt vervolg aan te geven en dit voor de langere termijn te gaan borgen. En die motie heet Geef vervolg aan ouderenbeleid. En die draagt het college op om een analyse te maken van het rapport van de Raad voor de Volksgezondheid en de doorwerking hiervan voor het ouderenbeleid in de stad. Twee, daarbij uit te werken welke doelstellingen voor de langere termijn worden bereikt en welke financiële consequenties dit heeft voor de verschillende beleidsterreinen. Hierbij partners zoals u op leeftijd en zorg u te betrekken. En analyse en de financiële consequenties voor de lange termijn mee te nemen bij de vorming van een nieuw college. Mede ingediend door mevrouw Ramaker en mevrouw Hessel.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:33:52]: Motie krijgt nummer 506.

Bert van Steeg (CDA) [01:33:55]: En een tweede ding is dat wij ons zorgen maken over de invulling van de subsidieregeling de stem voor Utrecht is daar wordt een veel groter aantal organisaties met dezelfde financiële middelen gesteund althans dat lijkt het plan te zijn en dat is volgens wat ons betreft een hele gekke richting zeker omdat je als je een oudere beleid wil vormgeven dat organisaties u op leeftijd zorg u minder middelen krijgen en daarmee verzwak je eerder de stem van Utrecht is en daarom steunen wij ook Een motie die wordt ingediend namens Utrecht Nu!. Dank u wel.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:34:26]: Dank u wel. Dan gaan we gauw verder met Utrecht Nu!. 34

David Bosch (UtrechtNu!) [01:34:50]: Vitaal en krachtig ouder worden. We worden allemaal ouder. En dat geldt ook voor u, meneer Paalman. Met de herziening van de stem van Utrechters dreigen juist onafhankelijke belangenorganisaties van ouderen en mensen met een beperking hun basis te verliezen. Zoals u op leeftijd en zorg u. Dat is niet alleen onverstandig, het is ook in strijd met het VN-verdrag handicap en met de motie integraal oudenbeleid die deze raad eerder aannam. Ambtenaren kunnen natuurlijk prima signalen ophalen in de wijken. Maar zeg nou zelf, een kritische spiegel voorleggen aan je eigen beleid, dat doet geen ambtenaar graag. Daar heb je die onafhankelijke organisaties voor nodig, die met beide benen in de praktijk staan. Kijk, om te checken of een wcbril echt schoon is, vraag je ook niet aan iemand van wc-eend om te kijken of zijn werk goed is immers. Daar hebben we Dit soort organisaties had voor nodig. En daarom stellen wij een koepelmodel voor een penvoerder voor de samenwerking, maar met harde borging dat alle groepen hun eigen stem en budget behouden. Want samenwerking is mooi, maar het moet geen soort zwijgplicht worden in een overkoepelend samenwerkingsverband. Kortom, Utrecht heeft juist nu behoefte aan samenwerking met borging.

Laten we ervoor zorgen dat ouderen en mensen met een beperking niet verdwijnen in de massa, maar luid en duidelijk gehoord worden. Daarom heb ik twee moties. Draag dat college op... Bij de herziening van de subsidieregel de stem van Utrecht is uit te werken dat er één koepelorganisatie komt waarbij de huidige doelgroepen structureel vertegenwoordigd zijn. De borgingsmechanisme zoals omschreven onder spreekt uit dat daarbij te hanteren. En in dit model te zorgen voor meerjarige structurele financiering zodat de opgebouwde expertise behouden blijft. Dat gaat over tot de orde van de dag.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:36:40]: Motie 507.

David Bosch (UtrechtNu!) [01:36:50]: Dan samen met het CDA, de heer Van Steeg, die had het er net al over, hebben we onze motie samengevoegd. Draagt het college op de subsidieregeling de stem van Utrecht alleen te verbreden als daarvoor ook extra financiële middelen voor beschikbaar zijn. In de herziening van de stem van Utrecht te garanderen dat u op leeftijd en zorg zelfstandig en structureel gefinancierd blijven. Zolang er geen breed koepelmodel is en bij eventuele aanpassing de huidige subsidieregel gebruikers van deze subsidie te betrekken... En tot slot een eventuele aanpassing van de subsidieregel als raad. Zo stel voor te leggen aan de raad. Dat gaat over tot de orde van de dag. Dank u wel, voorzitter.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:37:26]: Motie krijgt nummer 508. Dank u wel. Dan gaan we naar EenUtrecht.

35

Gert Dijkstra (EenUtrecht) [01:37:39]: Even een punt voor orde. Ik heb geen inbrengen bij dit punt.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:37:43]: Oh, excuses. Ja, u had graag... Prima, dat is helemaal goed. Dan kijk ik even of er nog verder anderen zijn die bij dit onderwerp iets willen inbrengen. Nee? Dan kijk ik naar de wethouder voor beantwoording op de drie moties.

Linda Voortman (College) [01:38:20]: Voorzitter, dank u wel. Motie 506 over het rapport van de Raad voor de Volksgezondheid. Natuurlijk zullen we dat lezen, maar het is wel zo dat het uitvoeringsprogramma voortvloeit uit allerlei verschillende inzichten uit, ook al die diverse beleidsterreinen. En dat verzamelt van alles over ouderen in één document. En in dat beleid spelen ook ouderen een rol bij de ontwikkeling van beleid. Hebben we daar ook rekening mee gehouden en dat blijven we ook doen bij nieuw beleid. En we monitoren ook continu de behoeften en we zijn ook in gesprek met partijen in de stad. Dus de motie om integraal te werken, die neem ik te harten. Maar de motie op zich moet ik nu ontraden. We zullen natuurlijk wel gewoon echt met veel interesse kennis nemen van het rapport. In verschillende beleidsnota's komen ook ouderen als doelgroep ook al in meer of mindere mate expliciet terug. Bijvoorbeeld WMO, wonen, volksgezondheid, mobiliteit, werk en inkomen. Ik kan nog wel even doorgaan. Dus in dat opzicht is die aandacht voor ouderen ook opgenomen. En is volgens ons dus ook ouderen structureel geborgd in ons beleid. En dan denk ik dat een aparte beleidsnota uitstuitend voor ouderen ook niet echt een meerwaarde heeft. Dus vandaar dat ik deze zou willen ontraden.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:39:30]: De heer Van Steeg.

Bert van Steeg (CDA) [01:39:30]: Ja, de wet erop zegt dat het structureel is geborgd in het beleid. Maar de uitvoeringsnota gaat natuurlijk maar over drie jaar en loopt ook nog sterk terug in financiën. Dus hoe rijmt zij dat dan met die kwalificatie?

Linda Voortman (College) [01:39:42]: Ja, voorzitter. Ik had het over de beleidsnota's. Daarin is de doelgroep als ouderen structureel geborgd. Het uitvoeringsprogramma, dat is een document waarin ook weer uitvoering wordt gegeven rondom de doelgroep ouderen. En is in die zin veelomvattend. En het is wel zo dat we 36

inderdaad moeten kijken hoe gaan we vervolgens weer verder. Het is inderdaad dat het uitvoeringsprogramma is voor een kortere termijn, voor twee, drie jaar. En aan de hand daarvan kunnen we dan zien wat werkt, wat niet. En dan kunnen we tegen het einde van het uitvoeringsprogramma ook kijken. Misschien komt er wel weer een volgend uitvoeringsprogramma wat voortgezet zou moeten worden, wat niet en wat daarvoor nodig zou zijn.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:40:16]: Van Steeg.

Bert van Steeg (CDA) [01:40:17]: Ja, en deze motie roept op, met dat rapport in de hand om daar alvast een initiatief toe te nemen en te kijken hoe kunnen we die integraliteit vasthouden. Want juist door dit uitvoeringsprogramma alleen zo te laten loopt dat toch weg, omdat het en beperkt gefinancierd is en beperkt in de tijd is. Dus die stap moeten we zetten. Volgens mij zegt de wet al, dat ben ik het eigenlijk wel mee eens maar dat doen we al. Maar dat is volgens mij juist niet wat ze net zegt.

Linda Voortman (College) [01:40:40]: Nou, voorzitter, je wil ook eerst zien wat het effect is van de maatregelen die je nu in dit uitvoeringsprogramma neemt. Wat de consequenties daarvan zijn. Wat werkt wel, wat werkt niet. En als je dan nu al zou zeggen van nou, we moeten sowieso op de dezelfde mate met dezelfde geld door. Ja, dat vind ik ook heel raar. Misschien is er wel meer nodig, misschien is er minder nodig. Maar dat hangt ook af van wat de impact is van de maatregelen die we nemen in dit uitvoeringsprogramma.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:41:08]: Van Steeg, laatste keer.

Bert van Steeg (CDA) [01:41:09]: Dat is mooi, maar dan zou deze motie ook gewoon ondersteuning beleid kunnen zijn. Want juist dat rapport geeft die bredere analyse en zegt tegen gemeentes, ga nou werken aan het integraal ouderenbeleid. Nou, zover zijn we nog niet. Er ligt een uitvoeringsprogramma en er zijn een aantal andere programma's die bij elkaar worden gebracht. Dit is nou juist een oproep om dat verder te brengen. En als de wethouder zegt, ja, dit doen we eigenlijk al, dan begrijp ik niet hoe dat past bij de uitvoeringsnota en de woorden die ze ook net zegt, dat het toch ook beperkt in tijd is.

37

Linda Voortman (College) [01:41:33]: Voorzitter, de heer Van Steeg vraagt ook om een analyse te maken van dat rapport. En dus ook wel wat meer. Terwijl ik aangeef, we hebben in allerlei beleidsnota's hier al aandacht voor. En we hebben het uitvoeringsprogramma. Dus ik denk dat dan nog een analyse, dat dat dan daar eigenlijk weinig aan toevoegt op dit moment.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:41:55]: Mevrouw Ramaker.

Margreet Ramaker (VVD) [01:41:57]: Ja voorzitter, want uitvoeringsprogramma dat ligt in handen van het college. Terwijl de raad hier aangeeft van ja we zouden er eigenlijk ook wel beleid op willen. Dus wat is daarop tegen? Net zoals bij jeugdjongeren hebben we ook beleid.

Linda Voortman (College) [01:42:10]: Nou voorzitter, ik hoor inderdaad sommige mensen zeggen dat ze dat willen. Maar bij de commissiebespreking waren er ook fracties die juist iets heel anders aangaven. Dus het ligt wat verdeelder dan mevrouw Ramaken nu doet voorkomen. Voorzitter, motie 507 met uw goedvinden. Zeker. Borging onafhankelijke belangenorganisaties binnen de stem van Utrechters. Kijk voorzitter, ik wil eerst in algemene zin iets zeggen over de herziening van die subsidieregeling de stem van Utrechters. Want ik merk dat veel informatie die rondgaat niet helemaal juist is. Het is niet zo dat wij partijen hebben verteld dat ze geen subsidie meer zullen krijgen. We zitten nog in het proces van herziening en de definitieve keuzes zijn nog niet gemaakt. Daarin nemen we de inbreng uit de participatie die deze zomer heeft plaatsgevonden nog mee. We kunnen sowieso niet eens zeggen dat iemand geen subsidie meer krijgt, want er staat iedereen die aan de subsidieregels voldoet vrij om ten alle tijde subsidie aan te vragen. Het is wel zo dat we gesprekken voeren en dat is ook omdat er grote verschillen zijn in de regelingen. Sommige partijen die nu ook net genoemd werden, die krijgen meer dan drie ton. Terwijl bijvoorbeeld een adviescommissie LHBTQI Plus, die krijgt 8.500 euro. En sommige van die verschillen kan ik op dit moment niet goed uitleggen.

En daarbij hebben we ook nieuw beleid gemaakt in het kader van Samen Stad maken. Waarin we ook zeggen dat we zoveel mogelijk de diversiteit van de stemmen in de stad willen ophalen. En zoveel mogelijk ook met mensen zelf in gesprek willen gaan. Vanuit het principe niets over ons zonder ons. Dus we willen dat wat we ophalen ook representatief is en recht doet aan de diversiteit in de stad. En daarover zijn we in gesprek. En we willen dus ook echt al die stemmen horen. En sommige groepen horen we al goed. En voor anderen moeten we extra moeite doen. En dat is waar we hiermee bezig zijn bij de herziening van deze regeling die dus nog niet definitief is. Dus vandaar dat ik deze moet ontraden. Ook specifiek op het punt van die koepelorganisatie... Sommige partijen in de stad zijn voorstander van zo'n groepenorganisatie, maar anderen niet per se. En ik denk dat de diversiteit van die verschillende groepen ook gemakkelijk verloren kan gaan. Dus dat wil ik hier

38

ook zeggen, dat ik denk dat we vooral ruimte moeten hebben voor het horen van alle geluiden in de stad. Dus voorzitter, ik zou deze motie willen ontraden.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:44:14]: De heer Bosch.

David Bosch (UtrechtNu!) [01:44:15]: Ja, die kans is natuurlijk altijd om gehoord te worden. Dan moet je je daarvoor inzetten. Maar wij moeten mensen meer betrekken die niet gehoord worden. Maar wat doen we bij mensen die nog helemaal niet gehoord worden? Of groepen die nog helemaal niet in de beeld zijn bij de gemeente. Gaat u daar dan ook wat aan doen als wethouder?

Linda Voortman (College) [01:44:29]: Ja, zeker, voorzitter. Daar moeten we ons juist extra hard voor inzetten. Misschien moeten we juist veel meer energie inzetten om die groepen te horen. Er zijn heel veel partijen die makkelijk het stadhuis weten te vinden. Moeten wij dan daar onze energie insteken? Of moeten we zeggen, we gaan juist harder lopen voor die mensen die de weg naar het stadhuis nog niet weten te vinden? Ik weet wel welke keuze ik dan maak.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:44:49]: De heer Van Steeg.

Bert van Steeg (CDA) [01:44:50]: Ja, dat is een mooie oproep, maar dat is niet wat de wethouder doet. Want de financiële middelen blijven gelijk en die worden verspreid over veel meer organisaties. En daarmee wordt die stem van Utrecht dus juist zwakker. Dat moet de wethouder toch ook zien.

Linda Voortman (College) [01:45:03]: Nee, voorzitter, dat zie ik niet. Ik zie niet dat je kunt zeggen dat dan de stem van de Utrechters dan zwakker wordt. We hebben ook eerder bij besprekingen over samen stad maken, over diversiteit en inclusie, heeft ook uw raad gezegd van ja, we willen ook juist de focus hebben op die groepen die het meest gemarginaliseerd zijn. Of die mensen die het minst gemakkelijk het stadhuis weten te bereiken. Er zijn ook mensen die dat zelf al heel goed weten. Dus de vraag is dan, hoe doe je dat?

39

Bert van Steeg (CDA) [01:45:31]: Maar dan in alle eerlijkheid moet het college niet bezuinigd op samen stad maken en moeten zeggen, ja maar wij vinden het belangrijk dat die stemmen gehoord worden en wij gaan daar extra in investeren. Maar dat gebeurt niet. Het wordt gewoon verdeeld over meerdere stemmen. En daarmee wordt het kritische geluid vanuit Utrecht, vanuit de stad, wordt juist minder.

Linda Voortman (College) [01:45:47]: Nou, voorzitter, dat deel ik dus niet. Ik denk dat mensen die het stadhuis goed weten te vinden, dat ook nog wel blijven te doen in de toekomst. Dus, voorzitter, ik denk dat wij hier gewoon een andere inschatting in maken. Voorzitter, ik was... Oh, sorry.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:46:01]: Mevrouw van der Wilt.

Berdien van der Wilt (D66) [01:46:02]: Ja, nee, en dank voor ook de uitleg van de achtergrond. Ik denk wel dat dat namelijk helpt. Klopt het trouwens, want het gaat nu over ouderen en er werd net gezegd, maar voor jongeren is het ook wat. Maar dat voor de subsidie van YouTube beheurt is natuurlijk gewoon helemaal gestopt, hè. Dus we hebben ook groepen die zich nu niet kunnen laten horen. Klopt dat ook, wethouder?

Linda Voortman (College) [01:46:18]: Ja voorzitter, dat is inderdaad een goed punt. Dank voor die aanvulling.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:46:22]: Gaat u verder.

Linda Voortman (College) [01:46:23]: Voorzitter, motie 508, zekerstellen onafhankelijke belangenorganisatie in de stem van Utrechters. Ik kan niet garanderen vooraf dat partijen subsidie krijgen. We hebben subsidieregels en de partijen die daar het beste aan voldoen, die krijgen de subsidie. En zo hebben alle partijen in de stad dezelfde kansen op subsidie. En volgens mij is dat ook heel goed. En laat ik duidelijk zijn, u op leeftijd en de zorg, u zijn partijen waar we heel graag, ontzettend graag mee samenwerken. En waarvan we ook uw inbreng enorm waarderen. En we willen ook dat dat zo blijft. Maar dat geldt ook bijvoorbeeld voor de willig die we bevragen over mensen met een licht verstandelijke beperking. Of de adviescommissie LHBTQI Plus of de WMO Cliëntenraad die veel minder subsidie krijgen. Of jongeren of inburgeraars die nog niet 40

vertegenwoordigd zijn in de regeling. En daar wil ik in dit proces goed naar kijken. Maar ja, koepelorganisatie stond hier ook in volgens mij. Nee, dat stond hier niet specifiek in. Daar had ik al gezegd dat mij dat niet een goed idee leek. Voorzitter, volgens mij ben ik daarmee door alle moties heen.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:47:19]: Ja, dat denk ik ook. Ik kijk even, volgens mij kunnen we op een later moment vanavond over de ingediende moties stemmen. En dan gaan we verder met agenda punt 19. Afrondende besluitvorming naar het debat over het uitvoeringsprogramma Zorgen voor Elkaar. En bij mijn weten is dit agenda punt geagendeerd door CDA. EenUtrecht en UtrechtNu!. En ik kijk allereerst naar de heer Van Steeg.

Bert van Steeg (CDA) [01:47:58]: Ja voorzitter, vrijwilligerswerk. Utrecht is een stad van vrijwilligers en dat moet het ook echt blijven. En toch piept en kraakt het op sommige plekken, maar we zijn blij dat ook hier een uitvoeringsnota ligt. Ook het CDA heeft zich op dit onderwerp sterk gemaakt en we zijn blij dat de wethouder ook hiermee aan de slag is gegaan. Naar aanleiding van het debat nog wel één motie. En die motie heet Blijf investeren in vrijwilligerswerk. En die draagt het college op de positie van vrijwilligers en mantelzorgers voor de langere termijn te versterken door in te zetten op het versterken van en waar mogelijk investeren in verenigingen en vrijwilligersorganisaties in de stad. In te zetten op de aanwas van vrijwilligers door aan te sluiten bij hun motivatie en aanvulling op behoud van vrijwilligers. Een concreet voorstel doen welke regels kunnen worden vereenvoudigd en of geschrapt. En het verruimen van mogelijkheden voor vrijwilligerswerk voor Utrechtse ambtenaren. En de raad informeren in Q2 van 2026. Meneer gediend namens UtrechtNu, Link en EenUtrecht.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:48:49]: Dank u wel. Motie krijgt nummer 509. Dank u wel voorzitter. Dan kijk ik naar de heer Dijkstra. EenUtrecht.

Gert Dijkstra (EenUtrecht) [01:49:16]: Dank. In de samenvatting van het uitvoeringsprogramma staat heel netjes 150.000 vrijwilligers, 120.000 mantelzorgers, heel indrukwekkend. Maar de tientallen actieve gemeenschapsorganisaties waar veel van deze vrijwilligers en mantelzorgers bij actief zijn, worden niet nadrukkelijk genoemd. En dat is jammer, dat is een gemiste kans. Ook verderop in het uitvoeringsprogramma krijgen die niet echt een plek. Vandaar deze motie. Heb meer aandacht bij zorgen voor elkaar voor de gemeenschapsorganisaties. En draagt het college op, het volgende dictum.

41

Eén, in de uitvoering van een zorgen voor elkaar zich niet alleen te focussen op vrijwilligers en mantelzorgers, maar evenzo op de gemeenschapsorganisaties waar vele van deze Utrechters actief zijn. Twee, daarbij ook meer gelijkwaardig taalgebruik te hanteren, omdat gemeenschapsorganisaties Allereerst steeds vaker naast de inzet van vrijwilligers ook gebruik maken van betaalde krachten. En daarnaast, net als formele instanties, steeds vaker ook professioneel zijn georganiseerd. En drie, de subsidieregen sociale basis, zo snel mogelijk de informatie, dus direct naar vaststellingen in het college, te sturen naar de gemeenteraad. Dank u voorzitter.

Sharon Dijksma (Voortzitter) [01:50:19]: Motie krijgt nummer 510, dank u wel. Kijk ik naar de heer Bosch, UtrechtNu!.

David Bosch (UtrechtNu!) [01:50:48]: Voorzitter, mantelzorgers en vrijwilligers zijn de stille helden van Utrecht. Zonder hen valt er een gat dat geen beleid ooit zou kunnen vullen. Maar steeds meer mantelzorgers raken overbelast, terwijl ze onze stad draaiende houden. Het wordt tijd dat we niet alleen klappen voor hun inzet, maar ook zorgen voor echte waardering, steun en ademruimte. Daarom heb ik een motie, verzoekt het college mantelzorg en vrijwilligers vanaf 2027 structureel te ondersteunen en te waarderen in subsidieregelingen en opdrachten voor de begroting 2026 een voorstel te doen voor uitbreiding van respitezorg en praktische ondersteuning vanaf 2026 jaarlijks een vrijwilligers- en mantelzorgmonitor te presenteren en met uw centraal in partners afspraken te maken, zodat de ondersteuning beter aansluit bij de daadwerkelijke behoefte en keuzevrijheid van mantelzorg en vrijwilligers en gaat over tot de orde van de dag.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:51:44]: De motie krijgt nummer 511.

David Bosch (UtrechtNu!) [01:51:46]: Dat was het, dank u wel.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:51:47]: Dank u wel. Dan weet ik dat Student & Starter ook een voorstel willen indienen. Het woord is aan de heer Snijder.

Ruben Snijder (Student & Starter) [01:52:11]: 42

Ja, dank voorzitter. Tijdens het commissiedebat vroegen wij al aandacht voor bewustwording onder jongeren. Dat zij mantelzorgers zijn. In het uitvoeringsprogramma ligt een nadruk bij jonge mantelzorgers op erkenning en waardering door anderen. En dat juichen we uiteraard toe. Maar voorzitter, wat ons betreft slaan we hier een cruciale stap over. Want hoe leren jongeren zelf te herkennen dat ze mantelzorgers zijn? Daarom dienen wij samen met Utrecht Nu, Link, Utrecht Solidair, ChristenUnie en CDA de motie Erkenning begin bij herkenning in. Met als dictum verzoekt het college om bij de uitvoering van het uitvoeringsprogramma expliciet te waarborgen dat de aandacht wordt gezien en erkend worden van jonge mantelzorgers in actie 23 ook bewustwordingsactiviteit in richting deze jongeren zelf ontvat. Hierbij samen te werken met scholen, jongerenwerk, zorgprofessionals en ervaringsdeskundigen. In te zetten op toegankelijke en herkenbare vormen zoals gastlessen, peer-to-peer verhalen, campagnes via onderwijsinstellingen en social media. En de raad te informeren over de voortgang van deze inzet in de reguliere rapportages over het uitvoeringsprogramma. Dank u wel.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:53:10]: Dank u wel. Motie krijgt nummer 512. Zijn er nog anderen die een voorstel willen indienen? Dat is niet het geval. Dan is het woord aan wethouder Voortman.

Linda Voortman (College) [01:53:42]: Voorzitter, dank u wel. Dank ook aan de heer Van Steeg voor wat hij zei over het uitvoersprogramma. Volgens mij hebben we in de commissie ook een goed gesprek hierover gehad. Wij delen inderdaad ook allemaal het belang van vrijwilligerswerk en mantelzorg. Als ik kijk naar de motie, motie 509 die hij heeft ingediend. Ik kan alle punten langslopen, maar eigenlijk zijn we daar al mee bezig. We werken aan nieuwe subsidieregels voor de sociale basis per 2027. Die worden in het vierde kwartaal gepubliceerd. En werken ook aan mogelijkheden voor meer financiën. In 2024 is er ook in samenwerking met de brede vertegenwoordiging van vrijwilligers en vrijwilligersorganisaties een campagne ontwikkeld voor de werving en het behoud van vrijwilligers. De voorcampagne waarmee we dit ook doen. En bij de nieuwe subsidieregels. Bij de nieuwe subsidieregels kijken we ook welke regels we kunnen vereenvoudigen en schrappen. Waarbij natuurlijk sommige regels ook vanuit het Rijk komen. En de mogelijkheden voor vrijwilligerswerk voor Utrechtse ambtenaren. Dat is ook iets wat we al doen. We doen het nu al vanuit werk en inkomen. En we gaan dit verbreden naar andere afdelingen. Dus ik ben het hier heel erg mee eens. Maar we doen het al. En dan ben ik genoodzaakt om te moeten ontraden. Omdat dit dus eigenlijk al verbodig is.

Het betekent dus niet dat ik er niet sympathiek tegenover sta, want we doen het al. Motie 510, als het gaat om gemeenschapsorganisaties. Voorzitter, we staan helemaal achter die motie, maar ik wil me niet vastpinnen op één specifieke term. in formele netwerken, bewonersinitiatieven, formele organisaties. En ik wil dus niet één organisatievorm specifiek noemen, want dan sluit je ook altijd anderen uit. En specifiek naar de punten die genoemd worden. We richten ons in de uitvoering van Zorg voor Elkaar ook op de ondersteuning van vrijwilligers en mantelzorgers. En de vorm, die hebben we juist niet afgekaderd. En gemeenschapsorganisaties zijn één van de vormen waarin actieve bewoners zich verenigen. En voor wat betreft het derde punt, die subsidieregel sociale basis, zo snel mogelijk naar de raad te sturen, dat zijn we van plan. Dus dat kan ik sowieso toezeggen. 43

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:55:49]: De heer Dijkstra.

Gert Dijkstra (EenUtrecht) [01:55:50]: Dat is misschien een klein misverstand dan in de communicatie, want gemeenschapsorganisaties is nadrukkelijk bedoeld, en zo zien velen dat ook, daar valt iedereen onder. Dat is de meest brede term die je kan bedenken. Ziet de wethouder dat ook en kan misschien de wethouder dat zo appreciëren?

Linda Voortman (College) [01:56:04]: Nou ja, voorzitter, er zijn ook organisaties die zich anders noemen. Je hebt ook informele netwerken, je hebt ook formele organisaties. Dus juist daarom denk ik, je moet niet een specifieke term op een organisatievorm plakken. Maar het gaat om het werk dat die mensen doen en niet om de organisatievorm. Dus vandaar dat ik zeg, eens met de gedachten erachter, maar laten we niet een specifieke term hierin vast prikken. De heer Dijkstra.

Gert Dijkstra (EenUtrecht) [01:56:34]: Het dilemma is even dat er nu vooral vrijwilligers en mantelzorgers, maar nu noemen we de term niet in zich geheel. En dat is een gemiste kans een beetje, toch?

Linda Voortman (College) [01:56:43]: Ja, voorzitter. Ik denk dat juist vrijwilligers en mantelzorgers kunnen op allerlei plekken werken. Ook dikwijls overigens ook niet georganiseerd. Dus daarom denk ik dat juist door niet een organisatievorm te noemen, dat je daardoor juist ook niks uitsluit. Aanschrijf meneer Dijkstra op dit punt.

Gert Dijkstra (EenUtrecht) [01:57:01]: Ja, het was ook geen of-of, het is en-en. Dus ik hoop dat de wethouder ziet dat die motie juist die en-en benadrukt.

Linda Voortman (College) [01:57:07]: Ja, maar dan kom ik weer terug op wat ik net zei over al die andere vormen. Dus laat ik dat niet doen. Voorzitter, motie 511 gaat over meer ondersteuning. Maar we hebben geen budget voor meer ondersteuning dan we nu al hebben opgenomen in de plannen. In de subsidie voor Mantelzorg Utrecht, dat is onderdeel van U Centraal, is structureel budget beschikbaar voor de waardering van mantelzorgs. En dat doen ze via waarderingsdagen en ook een webshop voor 44

individuele waardering. Ook is er een subsidie aan de Vrijwilligerscentrale Utrecht. En zij verzorgen ook jaarlijks een groot vrijwilligersdiner. En in december kunnen ook vrijwilligers een cadeautje aanvragen. En in de nieuwe subsidieregel Sociale Basis is ook ruimte voor vrijwilligersvergoedingen en andere vormen van waardering. En we gaan ook extra investeren op scholing van vrijwilligers via de Vrijwilligersacademie. Nou, er komt ook extra ruimte voor ondersteuning van mantelzorg. Onder andere door het uitbreiden van formelere spijtzorg. En vanuit het hoofdlijnenakkoord ouderen komt er vanuit het Rijk ook extra budget. En dan is het in de inwonersenquête, die tweejaarlijks wordt afgenomen, is ook reeds aandacht voor mantelzorg en vrijwillige inzet. Dus we doen denk ik al wat hier gevraagd wordt. En als we meer moeten doen, dan zeg ik van ja, daar hebben we dan het budget niet voor naast wat ik allemaal al genoemd heb. Dus vandaar dat ik deze ook moet ontraden. Voorzitter, motie 512. Herkenning begint bij herkenning. Ja voorzitter, die motie sluit aan bij wat we beogen. Want het is inderdaad heel erg belangrijk dat ook jonge mantelzorgers zich van bewust zijn dat ze mantelzorgers zijn. En er zijn ook diverse organisaties die jonge mantelzorgers ook expliciet als doelgroep hebben. Zoals Mantelzorg Utrecht en U Centraal.

En voor de ondersteuning van jonge mantelzorgers kunnen we inderdaad nog beter samenwerken met de onderwijs- en zorgprofessionals. Maar dat hebben we expliciet in het uitvoeringsprogramma opgenomen in actie 23. En dat zal ook bijdragen aan het bewust worden van jonge mantelzorgers zelf. Gaslessen op het voorstelonderwijs en mbo zijn al onderdeel wat we doen. Net als waarderingsactiviteiten in de week van de jonge mantelzorger. Dus ja, dat is wat we doen. En ik onderstreep dus enorm het belang en wil ook zelf kijken, door aanwezig te zijn bij activiteiten, zal ongetwijfeld meneer Snijders ook willen, wat ik nog meer kan doen om dat belang te onderstrepen. Maar we doen eigenlijk al wat hier gevraagd wordt en ook dan ben ik dus genoodzaakt om de motie te moeten ontraden, want overbodig.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:59:21]: Ja, het is meneer Snijder. Snijder, excuses. Ik ben verkeerd voorgegaan hierin.

Linda Voortman (College) [01:59:25]: Dat zou ik toch moeten weten. Ja. Excuses.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:59:28]: Meneer Snijder.

Ruben Snijder (Student & Starter) [01:59:28]: Ja, dank voorzitter. En als ik deze woorden hoor, dan zijn natuurlijk daar positief over gestemd. Het is natuurlijk wel zo, als we het stuk lezen, dat het wel voornamelijk gaat over de waardering en erkenning. Maar niet over het stukje herkenning. En dat stuk is wat ons betreft echt onvoldoende aan bod gekomen. Dus ik snap niet zo heel erg goed hoe dan dit als overbodig

45

bestempeld kan worden. Als het daadwerkelijk gewoon niet voldoende terugkomt naar onze inziens in dit stuk.

Linda Voortman (College) [01:59:56]: Ja, voorzitter. Ik denk inderdaad, want daar hadden we het ook over, dat veel, dat geldt trouwens breder, maar ook zeker bij jonge mantelzorgers, zich niet realiseren dat ze mantelzorger zijn. Maar ik denk dat juist de dingen die we doen, die gaslessen, die u trouwens zelf ook noemt, maar ook de acties in het uitvoeringsprogramma, dat die eigenlijk daar juist wel aan bijdragen, aan die bewustwording. Ook bij mantelzorgers zelf. Dus ik heb het idee dat we het al doen. Als de heer Snijder zegt dat we dat nog meer moeten doen, dan moeten we ook kijken wat we dan minder gaan doen. Want dat is ook best wel moeilijk te bepalen.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [02:00:34]: Goed, de heer Snijder, ja of nee?

Ruben Snijder (Student & Starter) [02:00:37]: Nou ja, toch wel. Want tegelijkertijd vinden wij dus wel, en dat komt dus ook terug in deze motie, dat er wel meer aandacht naar toegericht zou moeten worden. Dus wat ons betreft is deze motie ook een aanmoediging om een accentverschrijving binnen het plan aan te brengen. Dus zou ik dan willen zeggen op die manier. Wij denken echt dat dit stukje het belangrijkste onderdeel is waarom uiteindelijk mantelzorgers op jonge leeftijd goed bewust worden van het feit dat zij mantelzorger zijn.

Linda Voortman (College) [02:01:04]: Ja, maar voorzitter, de voorbeelden die genoemd worden, samenwerken met scholen, dat doen we. Inzet op toegankelijke herkenbare vormen, zoals gasles, peer-to-peer, dat doen we. Dus ja, volgens mij nogmaals, we doen wat er gevraagd wordt. Dus ja, in die zin zijn we volgens mij al bij elkaar. Dus ik zie niet wat we dan nog meer moeten doen, wat we nog niet doen. En ja, ook wel echt ten koste wat van. Want u vraagt om accentverschuiving. Als u ergens naartoe wil schuiven, moet u ook zeggen waar u vanaf wil schuiven.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [02:01:34]: Goed, volgens mij gaan wij op een later moment over de ingediende motie stemmen. En gaan we verder met agenda punt 20. Afrondende besluitvorming over het misbruik van de U-pas. En deze afrondende besluitvorming is geagendeerd door Stadsbelang Utrecht, Utrecht Nu en de ChristenUnie. Ik kijk allereerst naar de heer Bos, Stadsbelang. 46

Cees Bos (Stadsbelang Utrecht) [02:02:18]: Ja, voorzitter, als u het goed vindt, gebruik ik voor mijn inbreng het KIS-principe. Keep it short and simple. Voorzitter, Stadsbelang Utrecht ontving signalen van misbruik van de Upas. Serieuze signalen dat er misbruik wordt gemaakt van een goedgelovige gemeente. Signalen dat criminelen, mensen die toch al in armoede leven, geld afhandig maken. Daarnaast zien we ook dat de regeling van de gemeente niet altijd even voordelig voor mensen uitpakt. Stadsbelang ziet weinig voordeel in een regeling... waarbij mensen die gedwongen van dag tot dag moeten leven... zelf alert moeten zijn dat misbruik daarnaast een hele studie moeten maken van het U-pas aanbod, voordat zij weten of ze nu echt beter af zijn met het gebruik van verschillende kortingsregelingen. Voorzitter, in andere gemeenten zagen we het al misgaan. Venlo, Stort zijn kortingspasgebruikers inmiddels het budget gewoon op de rekening. Het kan. Helaas is Utrecht weer het braafste kindje van de klas en gaat het door met zeer misbruikgevoelige pas. Stadsbelang wil dat bewoners in ieder geval zo makkelijk mogelijk gemaakt wordt. En daarom heb ik twee moties. De eerste motie, daarin dragen wij het college op te zorgen dat de inzet van de U-PAS altijd zorgt voor voordeel. Waarbij volledige cursussen of lessenseries door de U-PAS bekostigd kunnen worden.

Te zorgen dat mensen niet gedwongen worden om uit hun gezak te betalen wanneer zij gebruik maken van het U-PAS aanbod. En in het UPAS aanbod geen kortingen meer aan te bieden van minder dan 25%. We zijn daar heel duidelijk over vanuit de gemeente. Maar we zien dat er ook aanbiedingen van 20% of zelfs minder worden gedaan. En het gaat over tot de orde van de dag.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [02:04:17]: Ja, de motie krijgt nummer 513.

Cees Bos (Stadsbelang Utrecht) [02:04:19]: Fijn, dan heb ik een tweede motie. En daarin dragen wij het college op alert te blijven op mogelijk misbruik van de U-pas. En de ambtenaren die hierop toezien maximaal te ondersteunen en faciliteren. Voor meldingen van misbruik met niet enkel af te gaan op meldingen van gebruikers van de U-pas. Maar ook andere signalen hierover in de stad serieus te nemen. En nogmaals kritisch te kijken of alle ondernemers die onderdeel zijn van het U-pas aanbod. Legitieme diensten leveren. Of op andere manieren aan hun geld komen. En gaat over tot de orde van de dag.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [02:04:55]: Dank u wel. Motie krijgt nummer 514. Dan kijk ik naar de heer Bosch van UtrechtNu!.

David Bosch (UtrechtNu!) [02:05:34]: 47

Voorzitter, het kindbudget U-pas is er voor kinderen uit gezinnen met een laag inkomen. Elk eurootje dat verkeerd terechtkomt gaat niet naar sport, muziek of club... maar verdwijnt in volwassen bestedingen of bij aanbieders die een korting niet geven. En dat kunnen we ons niet veroorloven. Daarom zeggen wij, beter een kleine controle vandaag dan een groot gemis voor de kinderen van morgen. Daarom heb ik ook nog een motie... verzoekt het college structurele controles bij aanbieders uit te voeren, te onderzoeken hoe kindbudget technisch kan worden afgeschermd, de kortingseis strikt te hanteren, te handhaven, sorry, zodat de upashouder altijd beter uit is, en jaarlijks te rapporteren over controles, signalen en maatregelen. Het gaat over tot het orde van de dag. Dank u wel.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [02:06:21]: Dank u wel. Motie krijgt nummer 515. Dan kom ik bij de fractie van de ChristenUnie.

Bina Chirino (ChristenUnie) [01:12:21]: Voorzitter, laat ik vooropstellen, wij denken niet dat er grootschalig misbruik plaatsvindt met de U-pas. Maar het U-pas aanbod moet geen reclamewebsite worden. Er valt uit de statistieken op te merken dat Utrechtse U-pashouders de U-pas op een effectieve manier gebruiken. En het is van grote waarde dat er een breed aanbod staat op de U-pas website dat voldoende keuze geeft voor U-pashouders. De U-pas organisatie houdt in de basis 25% korting aan bij een kortingsregeling met U-pas partners. Echter, het valt op dat een substantieel deel van de aanbieders dit niet daadwerkelijk aanbiedt en minder dan 20% korting geeft of korting geeft die maar een deel van een dienst, product of abonnementsperiode beslaat. Het college geeft daarom aan de eis van het minimumpercentage van de website te halen en heeft als standpunt beter minder korting dan geen korting. Wij vinden het loslaten van de ondergrens van 25% echter onwenselijk, omdat te lage kortingen of onvolledige informatie over kortingsperiodes weinig tot niet bevorderlijk zijn voor U-pas houders. En we willen dat de korting wordt geboden voor een geheel product of een gehele abonnementsperiode. Daarom dienen wij samen met Utrecht Nu!, Een Utrecht, Utrecht Solidair en Stadsbelang een motie in met als dictum draagt het college op 1.

het uitgangspunt van 25% korting voor aanbiedingen te behouden en er naartoe te werken dat het aanbod op de U-Paswebsite daar weer aan voldoet. 2. er zorg voor te dragen dat kortingsacties slaan op een volledig product en 3. Met betrekking tot kortingsacties op abonnementen er zorg voor te dragen dat de vermelde kortingen voor de volledige abonnementsperiode beschikbaar zijn. En gaat over tot de orde van de dag.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:13:58]: Dank u wel. Motie krijgt nummer 516. Mevrouw Raaijmakers.

48

Ilse Raaijmakers (PvdA) [01:14:05]: Voor een korte inbreng van vier doen. Want we hebben niet alleen over misbruik gehad, maar ook over gebruik. En we zijn blij met de toezegging die we kregen dat het aanvraagproces van de UPAS nu geëvalueerd wordt. En dat er ook per direct ruimere openingstijden zijn gekomen. Er is nog één punt dat ik wil voorleggen aan de wethouder. Dat gaat over stresssensitief werken. Want dat is een belangrijk uitgangspunt van onze dienstverlening. Maar dat mogen we ook van onze partners en zeker het U-Pas bureau verwachten. Dus kan de wethouder toezeggen hierover het gesprek te voeren met het U-Pas bureau. En te kijken hoe zij hun dienstverlening nog meer stress-sensitief kunnen inrichten.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:14:39]: Dank u wel. Zijn er nog anderen voor een bijdrage? Dat is niet het geval. Het woord is aan wethouder Voortman.

Linda Voortman (College) [01:14:45]: Ja, voorzitter, dank u wel. En wat mevrouw Chirino zei over wantrouwen. We moeten ook niet te wantrouwend zijn als het gaat om de U-pas. Dat deel ik volledig. Ik denk dat daar ook niet direct aanleiding voor is. Als ik dan vervolgens de moties langsloop. De motie van Stadsbelang Utrecht en Utrecht Nu!, en die lijkt ook sterk op de motie van de ChristenUnie, maar hier gaat het om motie 513. Alleen korting waar het echt voordelig is. Ja, voorzitter, die wil ik ontraden, maar wel met een toezegging. Want de motie draagt op om heel strikt te handhaven op dat percentage van 25%. En in de praktijk blijkt dat voor veel ondernemers dat geen haalbaar percentage is, waardoor een striktere handhaving zou betekenen dat ook een flink deel van de kortingsacties helemaal zou verdwijnen. En ik heb gekeken waar het dan over zou gaan, maar dan zou het bijvoorbeeld ook kunnen gaan over korting op de dierenarts, de fietsenwinkel of sportactiviteit voor kinderen. En dat zou ik bijzonder jammer vinden als het gevolg hiervan zou zijn dat dat niet meer zou kunnen. Dus in de praktijk hanteren we ook een ondergrens van ongeveer 20%. Dat vinden wij nog steeds een goed kortingspercentage. En we vinden minder korting ook nog steeds een beter alternatief dan geen korting.

Tegelijkertijd begrijp ik wel echt de zorg rondom die kortingsacties die slechts voor een deel van de looptijd worden aangeboden, bijvoorbeeld bij een langlopende cursus of een abonnementsvorm. En daarom zullen we onderzoeken of we dergelijke kortingsacties, waarbij slechts voor een deel van de looptijd korting wordt gegeven, kunnen aanpassen. En dat wil zeggen, ofwel de korting aanbieden voor de volledige looptijd, ofwel de kortingsactie uit het U-pas aanbod halen. En ik wil toezeggen dat wij de raad erover zullen informeren via de dashboardbrief van werk en inkomen in het eerste kwartaal van 2026. Dus als ik dan kijk naar motie 513, dan gaat dat specifiek over het punt... Want dat zat daar ook al in, hè? Even kijken... Nou, dat deel in ieder geval, daar willen we naar kijken. Maar die andere zaken, zeggen van die 25% per definitie, dat vind ik te ver gegaan. Dus ontraden van de motie, maar hopelijk helpt deze toezegging wel. Dan als het gaat over motie 514, blijf alert op misbruik van de U-pas. Ja, voorzitter, de motie draagt het college allereerst op om ambtenaren die toezien op mogelijk misbruik van de U-pas maximaal te ondersteunen. Dat doen we ook. En zoals aangegeven in de beantwoording van de schriftelijke vragen, zetten wij ons er ook voor in 49

om misbruik aan te pakken en ook signalen serieus te nemen. En daarbij wordt ook door verschillende afdelingen en organisaties samengewerkt. We onderwerken inkomen, VTH en het U-pas bureau. En als blijkt dat partners zich niet aan de regels houden, dan wordt ook de samenwerking beëindigd. Ook kan er bij twijfel in het voortraject besloten worden om de samenwerking helemaal niet aan te gaan. En bovendien wordt daarbij gehandeld op meer dan alleen signalen vanuit gebruik van de U-pas. Het is niet zo dat we alleen maar naar de gebruikers kijken als het gaat om misbruik aanpakken. Alle signalen, uit welke hoek ze ook komen, nemen we serieus. Maar feit is wel dat de meest concrete en werkbare signalen grotendeels vanuit gebruikers komen. En daarom vormen die vaak de aanleiding voor verder onderzoek. En tot slot draagt de motie het college op om alle ondernemers binnen de U-Pas te herbeoordelen op hun activiteiten. En dat vinden wij een inefficiënte en dure maatregel die niet in verhouding staat tot het vermeende misbruik. En die ook een signaal van sterk wantrouwen afgeeft richting ondernemers. Wat mogelijk dan ook hun bereidheid om mee te doen aan de U-pas weer negatief kan beïnvloeden. En tot slot, er is ook gewoon geen capaciteit voor beschikbaar om alles onder de loep te nemen. Dus deze motie, 514, moet ik ontraden. Motie 515 over het kindbudget.

Enerzijds vraagt de motie om structurele controles bij aanbieders uit te voeren en daar jaarlijks over te rapporteren. Maar zulke controles vergen veel inzet en ook middelen van de gemeente en het U-pasbureau. En dat zou dan betekenen dat een deel van het beschikbare geld, dat er een kleiner deel over blijft, dat kan worden uitgegeven aan daadwerkelijke armoedebestrijding. En wij denken ook dat deze maatregel niet in verhouding staat tot de signalen die we over mogelijk misbruik hebben ontvangen. Dat zijn er ook weer niet dusdanig veel dat we zeggen je moet hier nu echt die structurele controles in gaan voeren ook als dat de kosten gaat verminderen voor armoedebestrijding.

Sharon Dijksma (Voorzitter) [01:18:55]: Een anderzijds verzoekt... Sorry. Ja, ik zag u eerst, heer Bos van Stadsbelang.

Cees Bos (Stadsbelang Utrecht) [01:19:03]: Ja, voorzitter. Maar dat betekent dus... dat een kindbudget kan worden ingezet voor permanente wenkbrauwtatoeages. En die signalen hebben we dus gehoord. Permanent voor ouders, bij kappers. Dat is toch bijzonder dat wij dat dan horen vanuit de burgerij dat kindbudget daarvoor ingezet wordt. Of hebben die kinderen voordeel aan het feit dat die moeders permanente wenkbrauwen hebben of permanente make-up laten tatoeëren?

Linda Voortman (College) [01:19:46]: Ja, voorzitter. Ik kan uit dit voorbeeld niet halen dat het is ingezet voor iemand van boven de 18. Het kan natuurlijk best zijn dat het is ingezet door iemand onder de 18. Dat zou best kunnen. Sowieso is het wel zo dat technisch het inderdaad zo is dat het kind er goed afgeschermd kan worden. En dat is ook wel het geval. En tot slot, voorzitter, vraagt de motie ook om de kortingseis strikt te handhaven, zodat de U-pashouder altijd beter af is. En dat is discutabel, omdat de Upashouder inderdaad beter af is met het strikter handhaven van de kortingseis, omdat veel 50

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=ecada0f1-aea8-4201-a9c7-7d19bb9af4b2