CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

3e raadsvergadering 6 april 2023.docx

Gemeenteraad 16 mei 2023, gemeente UtrechtBij agendapunt: Notulen raadsvergadering 6 april 202325.518 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

De heer Van Heuven (PvdD) hoopt dat het college niet het wiel aan het uitvinden is wat betreft de

alcoholreclame. Bij het initiatiefvoorstel "Weer fossiele reclame uit de openbare ruimte" heeft de heer Van Heuven met een externe jurist al uitgezocht dat reclame geweerd mag worden en hoe dat

vormgegeven kan worden. Het college hoeft dus niet weer helemaal een nieuwe passage te schrijven, want die informatie is er al. Het zou jammer zijn als daar allemaal tijd in is gaan zitten.

Daarnaast vraagt de heer Van Heuven of de wethouder het ermee eens is dat het weren van alcoholreclame de insteek zou moeten zijn van wat er in de brief komt te staan.

De heer Eerenberg (wethouder) vindt dit een bijzonder debat. Er wordt gesproken over een brief die

er nog niet is. Hij vraagt de raad om twee weken te wachten op die brief en dan het debat te voeren. Dan kan het goede gesprek gevoerd worden.

De heer Van Heuven (PvdD) vindt dit een flauw antwoord. Hij vraagt om een politieke toezegging. De brief is al zo goed als klaar, want de heer Van Heuven kan zich niet voorstellen dat binnen twee

Raadsvergadering van 6 april 2023

24

weken die hele brief nog geschreven moet worden. Hij heeft al aangegeven dat hij de motie niet zal indienen, maar hier wel op zal terugkomen bij de behandeling van de reclamebrief. Hij vindt het flauw dat de wethouder niks wil zeggen over de inhoud.

De heer Sungur (DENK) is toch benieuwd wat het antwoord van de wethouder is op de politieke vraag. De raad krijgt de brief, maar wat vindt de wethouder zelf van het voorstel?

De heer Eerenberg (wethouder) zal zijn antwoord herhalen. Vanuit het perspectief van

volksgezondheid is het onmiskenbaar waar dat het effectief is als je minder toegang geeft en goede voorlichting geeft. Alleen maar verbieden werkt namelijk ook niet. Er moet intelligenter beleid

gevoerd worden. Het gaat ook om de vanzelfsprekendheid van alcohol en het stellen van een norm.

Is het normaal om even te drinken bij het eten? Misschien wil je juist daar een publiekscampagne op doen. Is dat dan reclame? Dit soort dilemma’s zitten er allemaal achter. Dat is het perspectief van volksgezondheid. Maar het verbieden van reclame in de openbare ruimte heeft ook nog andere

aspecten. Dat gaat ook over principiële vraagstukken. Dat debat, dat over meer gaat dan alleen

volksgezondheid, moet gevoerd worden wanneer de raad de rijkheid ziet van de vraagstukken. Welke reclame wil de raad toestaan? Wat wil de raad wel en niet verbieden? Op grond waarvan wil ze dat

verbieden? Hoe verhoudt zich dat tot andere uitgangspunten, zoals de vrijheid van meningsuiting? Er zit ook een principiële kant aan. Het volksgezondheidsperspectief is duidelijk. Alleen verbieden zal echt niet voldoende zijn, want dan wordt alcoholgebruik soms ook interessanter. De wethouder

vraagt de raad om twee weken te wachten met het debat over hoe dat in de dynamiek van de reclame valt en wat de instrumenten van de raad zijn.

De voorzitter constateert dat er geen behoefte is aan een tweede termijn. 17. Raadsvoorstel Kadernota Meerjarig perspectief buurtcentra 2022-2032. De heer Van Steeg (CDA) vindt dat er in de commissie een goed debat is gevoerd over de

buurtcentra. Dit is een belangrijk onderwerp. Het CDA is blij dat zijn eerdere moties over buurtcentra van de toekomst worden meegenomen in de nieuwe nota. Het is belangrijk dat eigenaarschap in de buurt goed tot zijn recht komt. Om dat nog te versterken dient de heer Van Steeg motie 70 (Bied

meer ondersteuning voor buurtcentra in zelfbeheer) in, mede namens de fracties van Utrecht Solidair en D66. Hierin wordt het college opgedragen om de mogelijkheden te onderzoeken waarop

buurtcentra in zelfbeheer praktische ondersteuning kunnen krijgen, bijvoorbeeld via een apart loket en de raad over de mogelijkheden in Q3 van 2023 te informeren.

Daarnaast dient de heer Van Steeg amendement 14 (Niet verplichten van tegenprestatie bij

activiteiten bij buurtcentra in zelfbeheer) in, mede namens Utrecht Solidair. Hierin wordt besloten beslispunt 2 van het raadsvoorstel te schrappen.

Mevrouw Hornsveld (GroenLinks) zal haar betoog inkorten. GroenLinks is blij met het raadsvoorstel, want verbinding en activiteiten op buurtniveau zijn heel belangrijk voor een leefbare stad. Zij dient motie 71 (Buurtcentra voor iedereen, dus zonder obstakels) in, mede namens de fracties van

EenUtrecht, ChristenUnie, Student & Starter, Volt, BIJ1, VVD, CDA, D66 en PvdA. Hierin wordt het college opgedragen om in de opdracht-, ontwerp-, en uitvoeringsfase zelfstandig fysieke toegankelijkheid als voorwaarde mee te nemen voor nieuwe buurtcentra, bij

renovatie/verduurzaming van bestaande buurtcentra fysieke toegankelijkheid ook altijd bij de

Raadsvergadering van 6 april 2023

25

plannen te betrekken en belangenorganisaties/ervaringsdeskundigen altijd mee te laten praten vanaf de ontwerpfase.

De heer Dijkstra (EenUtrecht) merkt op dat in deze nota het medebeheer met DOCK als basis wordt gezien en het zelfbeheer als volgende ambitie. Daarom dient de heer Dijkstra motie 72 (Zelfbeheer

eerst) in. Hierin wordt het college opgedragen om zelfbeheer als basisuitgangspunt te hanteren voor het beheer van bestaande en nieuwe buurtcentra en de transitie van DOCK naar zelfbeheer waar het kan te faciliteren.

De tweede motie van de heer Dijkstra gaat wat verder. Die raakt aan twee waarnemingen. De eerste is dat DOCK de afgelopen jaren te weinig heeft gedaan om het zelfbeheer van buurtcentra te

stimuleren. Dat was ook het geval in alle andere activiteiten die DOCK onderneemt. EenUtrecht wil dat dit wat meer wordt aangejaagd. De tweede waarneming is dat het voor het ontwikkelen van

zelfbeheer cruciaal is dat een aantal lastige gemeenschappelijke taken in de administratieve sfeer

kunnen worden uitbesteed aan een facilitator die dat heel goed kan. Daarom dient de heer Dijkstra motie 73 (Buurtcentra in zelfbeheer) in. Hierin wordt het college opgedragen om zelfbeheer, naast

medebeheer, als een belangrijk uitgangspunt te hanteren voor het beheer van bestaande en nieuwe buurtcentra en de transitie van DOCK naar zelfbeheer waar het kan te faciliteren, met DOCK af te spreken dat zij eind 2024 voldoen aan de doelstelling om ook minimaal 10% van de huidige

buurtcentra in zelfbeheer te laten plaatsvinden en mocht dit niet lukken DOCK een plan van aanpak te laten aanleveren hoe dit doel alsnog kan worden gerealiseerd en nader te onderzoeken op welke wijze de gemeente in samenwerking met Dwarsverband en mogelijk ook met DOCK de functie van een administratiekantoor kan organiseren voor het ondersteunen van bewoners die willen starten met een buurtcentrum in zelfbeheer of daarin al actief zijn.

Mevrouw Kendir (Student & Starter) vertelt dat stichting JOU heeft aangegeven dat er momenteel te weinig ruimte is voor jongeren in de Utrechtse buurtcentra, terwijl die behoefte er wel is. In

Hoograven worden dagelijks 40 tot 50 jongeren bereikt in een kleine kamer en in Lombok is er

helemaal geen ruimte voor jongeren. Het is belangrijk dat de jongeren een plek hebben waar ze elkaar kunnen ontmoeten en samen activiteiten kunnen ondernemen. Daarom vraagt mevrouw

Kendir het college om meer ruimte te creëren voor jongeren in buurtcentra. Niet alleen de ruimte is belangrijk. Ook de sfeer en de uitstraling van deze centra moeten aangepast worden aan de

behoeften van jongeren. Een hip karakter kan helpen om meer jongeren aan te trekken en te

behouden als bezoekers van deze centra. Hierbij kan gedacht worden aan een skateboardbaan, een muziekstudio, een gamehoek of andere faciliteiten die jongeren aanspreken. Door meer ruimte te

creëren en buurtcentra aantrekkelijk te maken voor jongeren krijgen zij een plek waar ze zich thuis

kunnen voelen. Daarom dient mevrouw Kendir motie 74 (Geef buurtcentra een hip karakter) in, mede namens de fracties van ChristenUnie en D66. Hierin wordt het college opgedragen om in gesprek te

gaan met de buurtcentra om te onderzoeken op welke manier zij meer jongeren kunnen aanspreken, hen ruimte kunnen bieden en hoe de inrichting van de buurtcentra hierop kan worden aangepast en in dit proces ook nadrukkelijk jongeren zelf te betrekken en om bij renovaties en nieuwbouw van buurtcentra te zorgen voor een hip en modern karakter dat ook jongeren aanspreekt.

Daarnaast wordt er voorgesteld om een tegenprestatie te vragen wanneer er een buurtcentrum gratis

wordt verhuurd. Student & Starter vindt het belangrijk dat de invoering van de tegenprestatie niet ten koste gaat van inclusie en de toegankelijkheid van deze buurtcentra. De gemeente moet ervoor

waken dat groepen niet uitgesloten worden door een tegenprestatie te verlangen. Daarom dient

mevrouw Kendir motie 75 (Tegenprestatie niet ten koste laten gaan van toegankelijkheid) in, mede

Raadsvergadering van 6 april 2023

26

namens de fracties van EenUtrecht, Utrecht Solidair en PvdA. Hierin wordt het college opgedragen

om bij de invoering van de tegenprestatie rekening te houden met de uitgangspunten van inclusie en

toegankelijkheid en de invoering van de tegenprestatie te evalueren op mogelijke negatieve gevolgen voor de inclusie en de raad over de uitkomsten van de evaluatie te informeren.

De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) vraagt wat dan die uitgangspunten van inclusie zijn. Mevrouw Kendir (Student & Starter) antwoordt dat het gaat om kwetsbare groepen, om

gemarginaliseerde groepen. In het commissiedebat had mevrouw Kendir het voorbeeld genoemd van een bardienst als tegenprestatie. Mensen die principieel geen alcohol drinken kunnen zich daar oncomfortabel bij voelen. Er zijn ook kwetsbare groepen die een bepaalde taak niet kunnen uitvoeren.

De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) zou toch graag de uitgangspunten van inclusie willen weten. Dit zijn wat praktijkvoorbeelden, maar om dit goed te kunnen beoordelen moet hij de uitgangspunten kennen.

Mevrouw Kendir (Student & Starter) antwoordt dat Utrecht sowieso een aanpak heeft op diversiteit en inclusie. Daarin staat scherp wat er verstaan wordt onder inclusie. Dat kan gewoon gevolgd worden. Mevrouw Van der Wilt (D66) vraagt of mevrouw Kendir met de tegenprestatie ook juist kansen ziet voor inclusie.

Mevrouw Kendir (Student & Starter) antwoordt dat zij zich vooral baseert op wat er in de

raadsinformatiebijeenkomst is gezegd, namelijk dat er ook zorgen zijn dat de tegenprestatie een

drempel opwerpt, terwijl de gemeente juist wil dat dit toegankelijk is. Zij neemt vooral deze signalen mee, maar als mevrouw Van der Wilt voorbeelden kent waarin dit juist bevorderlijk werkt, dan is zij hier zeker benieuwd naar.

De heer Van Steeg (CDA) merkt op dat deze discussie laat zien dat het onduidelijk is wat de

tegenprestatie is en dat hij drempels opwerpt. Steunt mevrouw Kendir het amendement van het CDA om de tegenprestatie helemaal te schrappen?

Mevrouw Kendir (Student & Starter) wilde dit eigenlijk bij de stemverklaring vertellen. Student &

Starter wilde het amendement steunen, maar denkt dat dit punt met deze motie, door de inclusie te

waarborgen, dit te evalueren en de vinger aan de pols te houden voldoende is gedekt. Daarom steunt Student & Starter het amendement van het CDA niet.

Mevrouw Snippe (PvdD) is van mening dat de verduurzaming van de panden, waaronder die van de buurtcentra, sneller moet en zou kunnen. Wat betreft het gemeentelijk vastgoed is daarover al een duidelijke boodschap naar de raad toe gekomen vanuit de Rekenkamer: het moet sneller. Dat gaat alleen nog maar over het gemeentelijk vastgoed, terwijl er ook buurtcentra in zelfbeheer zijn met

minder middelen. De Partij voor de Dieren is van mening dat buurtcentra een voorbeeldfunctie in de wijk hebben of in ieder geval zouden moeten hebben. Kan de wethouder toezeggen om binnen het

gemeentelijk vastgoed verduurzaming van buurtcentra in gemeentelijke handen prioriteit te geven? De PvdD-Fractie zou graag zien dat hier een olievlekwerking van uitgaat. Kan de wethouder

Raadsvergadering van 6 april 2023

27

toezeggen om de buurtcentra in zelfbeheer en medebeheer te informeren over bestaande financiële mogelijkheden, bijvoorbeeld via fondsen, en actief aan te sporen om aan de slag te gaan met die

verduurzaming en om de raad een overzicht te geven van de voortgang van de verduurzaming en om inzichtelijk te maken welke buurtcentra hierbij sneller aangepakt moeten worden? Zo nee, waarom

niet? Tot slot vraagt mevrouw Snippe of de wethouder kan toezeggen om samen met de buurtcentra te overleggen hoe over verduurzamingsmogelijkheden gecommuniceerd kan worden naar de buurt met als doel het verspreiden van mogelijkheden voor onder andere financiële potjes? Het lijkt de PvdD goed als buurtcentra deze functie innemen en dat ook hier proactief informatie over verduurzaming wordt verstrekt.

Mevrouw Van der Wilt (D66) steunt dit voorstel. Er is mooie aandacht voor multifunctioneel gebruik.

De fractie gaat volgen hoe dit wordt ingezet. In de commissie heeft D66 veel aandacht gevraagd voor het stimuleren en faciliteren van zelfbeheer, ook in nieuwe wijken. Ze is blij met de toezegging van de wethouder hierop. De fractie steunt de motie van het CDA. Ook deelt ze de wens van Student & Starter. Ook jonge generaties moeten zich goed welkom voelen in het buurtcentrum. Tot slot wil

mevrouw Van der Wilt wat tegengeluid laten horen tegen het kritische geluid over de tegenprestatie. Zij heeft zelf het buurtcentrum gratis gebruikt in haar studententijd. De tegenprestatie biedt ook juist een kans om de functie van het buurtcentrum flink te vergroten. Studenten mochten gratis

gebruikmaken van de keuken, maar beantwoordden in ruil hiervoor digitale vragen van ouderen.

Daarnaast voerden ze klusjes uit en deden ze boodschappen. Hier zijn veel ouderen mee geholpen

en er werd verbinding gevonden in de wijk. Een tegenprestatie kan dus ook een win-winsituatie zijn. Zij vraagt de wethouder daarom om een toezegging om in de uitwerking van deze ambitie vooral in te zetten op het maken van maatschappelijke meerwaarde doordat wijkbewoners elkaar helpen en ondersteunen.

De heer Van der Graaf (ChristenUnie) steunt het voorstel eveneens. Voor de ChristenUnie-fractie is het belangrijk dat de buurtcentra toegankelijk zijn voor iedereen. Daarom staat ze onder de motie

van GroenLinks hierover. Buurtcentra moeten niet alleen toegankelijk zijn voor iedereen. Ze zijn er ook voor iedereen uit de buurt. Daarom steunt de fractie de motie van Student & Starter over het

aantrekkelijk inrichten van buurtcentra voor jongeren. Wat de heer Van der Graaf betreft geldt dit zelfs breder. Ook jongvolwassenen lopen dan misschien eerder binnen en zullen dan eerder

aanhaken bij activiteiten. Een leuke inrichting is uitnodigend en kan helpen om buurtcentra echt voor iedereen te maken. Kan de wethouder toezeggen deze groepen wat breder mee te nemen? Er is veel te doen over medebeheer en zelfbeheer. Waar het kan is het mooi als zelfbeheer lukt. Tegelijkertijd bleek ook dat juist volledig zelfbeheer bij het buurtcentrum niet voor iedereen was. Dit baart de

ChristenUnie-fractie zorgen. Het is dan ook fijn dat er met buurtcentra in zelfbeheer gekeken wordt hoe dit te verbeteren is. Het lijkt soms niet verstandig om meteen hoog in te zetten op zelfbeheer,

maar eerst bij bestaande buurtcentra in zelfbeheer te kijken hoe dat komt, zodat je lessons learned

kunt meenemen naar andere buurtcentra. Daarnaast is gebleken dat het bij nieuwbouwbuurten lastig

is om meteen met zelfbeheer te beginnen. Het lijkt de ChristenUnie goed om mensen daar de kans te geven eerst rustig te landen in de wijk en pas op een later moment naar zelfbeheer over te gaan. De heer Dijkstra (EenUtrecht) heeft juist de ervaring dat het, wanneer er begonnen wordt met

medebeheer, later juist lastiger wordt om over te stappen naar zelfbeheer. Daarom moet er op

nieuwe plekken begonnen worden met zelfbeheer. Dat is vaak makkelijker. Is de ChristenUnie zich daar bewust van?

Raadsvergadering van 6 april 2023

28

De heer Van der Graaf (ChristenUnie) moet denken aan de uitgebreide rib die er geweest is over

sportaccommodaties. Daar werden de voor-en nadelen duidelijk. Het werd niet altijd een succes. Je

moet dit doen wanneer mogelijkheden er zijn en er mensen opstaan die dit kunnen doen en kunnen dragen. Daar moet echter niet bij voorbaat hoog op ingezet worden, want dat brengt ook veel

risico’s met zich mee. De ChristenUnie vindt dat het, als het gedaan wordt, ook goed gedaan moet worden.

De heer Talhaoui (PvdA) vindt dat er een goed debat in de commissie is gevoerd, waarin de

wethouder toezeggingen deed waar de PvdA blij mee is, zoals de gratis koffie en thee en de gratis wifi in alle buurtcentra. Het is ook belangrijk dat de tegenprestatie als voorwaarde voor de vaste

gebruikers na een jaar geëvalueerd wordt. Daarom staat de PvdA ook onder de motie van Student & Starter. Dit mag nooit uitsluitend werken. De fractie zal het proces dan ook kritisch blijven volgen.

Mevrouw Voortman (wethouder) begint met motie 74, van onder andere Student & Starter, over een hip karakter van buurtcentra. Buurtcentra richten zich ook op jongvolwassenen. Daar wordt ook

rekening mee gehouden bij de nieuwe inrichting met verschillende inrichtingsstijlen. Jongeren zijn

weer wat anders. Op zichzelf is het goed om jongeren meer bij buurtcentra te betrekken en daarover in gesprek te gaan met buurtcentra en jongeren zelf. Tegelijkertijd worden er vanuit het

jongerenwerk ook eigen jongerenhuiskamers ingericht met en door jongeren. Dat willen jongeren

zelf ook graag. Zij willen niet per se in het buurtcentrum. Het tweede punt in de motie sluit wat de

wethouder betreft niet helemaal aan bij het streven om het buurtcentrum van iedereen te laten zijn.

Het is misschien wat boomer-achtig van de wethouder om dit te zeggen, maar er zijn heel veel hippe plekken in de stad. Er moeten ook plekken zijn voor mensen die wat minder hip zijn. De wethouder ontraadt deze motie dan ook.

Motie 71, over toegankelijke buurtcentra, kan de wethouder overnemen. In de commissie heeft zij al gezegd dat bij nieuwbouw- en verbouwplannen de standaard "Utrecht toegankelijk" wordt

gehanteerd. Die schrijft al voor om in gesprek te gaan met huidige en toekomstige gebruikers. De wethouder vindt het ook goed om daar ervaringsdeskundigen bij te betrekken.

Motie 75, van Student & Starter, kan de wethouder ook overnemen. In het commissiedebat heeft ze

al toegezegd dat in het eerste kwartaal aan de raad wordt gerapporteerd wat de ervaringen zijn met

de tegenprestaties. Daar is ook toegezegd dat de invoering van tegenprestaties niet uitsluitend mag werken.

Motie 73, van EenUtrecht over buurtcentra en zelfbeheer, heeft drie punten die de wethouder per

punt wil langslopen. Het zelfbeheer als uitgangspunt wil de wethouder ontraden. In de raadsbrief werd al aangegeven dat het juist belangrijk is om aan te sluiten bij de specifieke behoeften en

mogelijkheden in de wijk. In de ene wijk kan dat een buurtcentrum in zelfbeheer zijn, in de andere wijken een buurtcentrum in medebeheer.

De heer Dijkstra (EenUtrecht) heeft een punt van orde. Er was een oorspronkelijke motie verstrekt. In de pauze heeft hij die gesplitst in twee moties. De wethouder citeerde uit de oude motie.

Mevrouw Voortman (wethouder) gaat nu door naar de volgende motie en zal de nieuwe moties na de schorsing behandelen.

Met betrekking tot motie 70, van het CDA, Meer ondersteuning voor buurtcentra in zelfbeheer, merkt de wethouder op dat de gemeente huidige en toekomstige zelfbeheerinitiatieven steunt via de

Raadsvergadering van 6 april 2023

29

stedelijke vereniging Dwarsverband. De leden kunnen ook zelf aangeven op welke onderwerpen

ondersteuning noodzakelijk of gewenst is. Een apart loket vergt extra middelen en roept ook een

ongelijkheid op in de facilitering van gesubsidieerde organisaties, want de gemeente doet dit ook niet bij speeltuinen en sportverenigingen. Deze motie ontraadt de wethouder is.

Met betrekking tot het amendement van het CDA, nummer 14, over het niet verplichten van een tegenprestatie, merkt de wethouder op dat zij juist draagvlak ziet voor de tegenprestatie bij

verschillende bij het participatietraject betrokken organisaties. Het college denkt dat de maatregel zowel de concurrentie vermindert tussen buurthuizen in zelfbeheer en medebeheer als de betrokkenheid verhoogt bij gebruikers van het buurthuis. De precieze invulling van die

tegenprestaties zal nog worden uitgewerkt samen met de gebruikers en bewoners. De wethouder is het zeer eens met wat mevrouw Van der Wilt van D66 hierover aangaf.

Mevrouw Van der Wilt (D66) heeft een interruptie op een eerder punt. De wethouder gaf aan met

Dwarsverband in contact te zijn, maar Dwarsverband heeft expliciet in de rib aangegeven dat er nog steeds behoefte is aan ondersteuning en administratieve hulp. Hoe kijkt de wethouder hiertegen aan?

Mevrouw Voortman (wethouder) gaat daar graag over in overleg, maar een apart loket lijkt haar geen goed idee. De gemeente staat in goed contact met de vereniging Dwarsverband en zal in overleg blijven.

De Partij voor de Dieren vroeg om een toezegging om buurtcentra te prioriteren bij het

verduurzamen van het vastgoed. Binnenkort ontvangt de raad de uitwerking van de verduurzaming van al het gemeentelijk vastgoed. Dan zal de raad zien dat er een enorm grote uitdaging is.

Buurtcentra zijn daar natuurlijk uitdrukkelijk onderdeel van, maar de gemeente prioriteert nu zo dat er de meeste energiebesparing en CO2-uitstootvermindering wordt gerealiseerd. Daar wordt op

ingezet. De gemeente zit zeker niet stil. De komende jaren wordt al een flink aantal buurtcentra verduurzaamd: Zuilen, Sterrenzicht, De Leeuw, Podium Oost, de Musketon. Nieuwe buurtcentra,

zoals in de Merwedekanaalzone, worden duurzaam opgeleverd. De wethouder kan niet toezeggen

om dit bij voorbaat te prioriteren. Ze vraagt de raad om hierover met het college in gesprek te gaan wanneer het college met de uitwerking van al het gemeentelijk vastgoed komt.

Er werd gevraagd om met buurtcentra te overleggen over verduurzamingsmogelijkheden. De

gemeente kan informatie beschikbaar stellen over verduurzaming in het algemeen. Het college ziet

het niet specifiek als een opdracht aan DOCK en de buurtcentra in zelfbeheer om deze informatie te verspreiden in de wijken. De gemeente kan dus wel informatie beschikbaar stellen over verduurzaming in het algemeen.

D66 vroeg om een toezegging dat de tegenprestatie maatschappelijke meerwaarde moet opleveren. Dit kan de wethouder toezeggen.

ChristenUnie vroeg om een toezegging om jongeren meer mee te nemen in de communicatie. De wethouder heeft hier net al iets over in de richting van Student & Starter gezegd. Dit kan de wethouder ook toezeggen.

Hiermee heeft de wethouder alles behandeld, behalve de moties van EenUtrecht. De voorzitter geeft aan dat dit in de schorsing kortgesloten kan worden. Om 21.00 uur zal de vergadering hervat worden.

De voorzitter schorst hierop de vergadering.

Raadsvergadering van 6 april 2023

30

(Bij hervatting van de vergadering heeft mevrouw Dijksma het voorzitterschap van de vergadering overgedragen aan de heer Zwanenberg.) Mevrouw Voortman (wethouder) was gebleven bij motie 72, Zelfbeheer eerst. Deze bevat het

herziene eerste punt van de oorspronkelijke motie. Zij ontraadt deze motie, want het uitgangspunt is dat de vorm van het beheer moet aansluiten bij de behoeften, de kennis en vaardigheden van de bewoners. Voor hen doet de gemeente het namelijk. Dat betekent dat er in de ene wijk een

buurtcentrum in zelfbeheer kan zijn en in de andere wijk een buurtcentrum in medebeheer, waarbij bewoners nauw betrokken zijn en waarbij het altijd mogelijk is dat bewoners in de toekomst het centrum zelf gaan beheren.

In motie 73 zitten drie elementen. Het dictum van het eerste element is aangepast: “zelfbeheer naast medebeheer als belangrijk uitgangspunt te hanteren”. Dit vindt de wethouder prima. De andere twee punten moet ze toelichten. Punt 2 is dat 10% overgeheveld moet worden van DOCK naar zelfbeheer. De constatering dat in de aanbieding van DOCK is opgenomen dat 20% over zou gaan naar

zelfbeheer is feitelijk niet juist. In de aanbieding stond dat maximaal 20% van het budget in de loop van de periode daarna toe zou gaan voor het vervullen van sociaal-makelaartaken. De gemeente vond 20% toen niet wenselijk, gelet op de opdracht aan DOCK. Toen is afgesproken om er een

ambitie van te maken van maximaal 10%. Dat streefpercentage is geen doel op zich. Er wordt nu stap voor stap aan gewerkt vanuit een zinvolle besteding van het budget voor het sociaal makelaarschap in de wijk. Nu een hard percentage van 10% opleggen zou volgens het college grote negatieve

gevolgen hebben voor de uitvoering van het sociaal makelaarschap door DOCK. Daarom ontraadt het college punt twee van deze motie. Met betrekking tot punt 3, over het administratiekantoor, meldt de wethouder dat de gemeente de vereniging Dwarsverband steunt om zelfbeheerinitiatieven te

ondersteunen. Die adviseert ook over de administratieve kant van zelfbeheer. Voor het overnemen

van administratieve taken zou extra budget nodig zijn. In deze motie is daar geen dekking voor. De

gemeente doet er zelf alles aan om de administratieve lasten zo laag mogelijk te houden. Daarover is regelmatig overleg met Dwarsverband.

De heer Dijkstra (EenUtrecht) stelt dat in het tweede punt staat dat er, mocht het niet lukken, een

plan van aanpak gemaakt wordt. Kan de wethouder hier kort op reflecteren? Bij het derde punt wordt verzocht om een onderzoek te doen. Kan de wethouder er dan mee leven?

Mevrouw Voortman (wethouder) antwoordt dat het erom gaat dat je zelfbeheer doet waar het kan en bewonersinitiatieven doet waar dat kan en waar mensen dat ook echt willen. Het is geen doel op zich. Daarom ontraadt de wethouder dat punt. Ook een onderzoek doen kost tijd en ambtelijke

capaciteit. Als je het niet van plan bent of er geen dekking voor gaat vinden, kun je nu beter duidelijk zijn en zeggen dat je dat niet doet. De wethouder blijft deze motie dus ontraden.

Mevrouw Van der Wilt (D66) heeft een vraag over de percentages. Die 10% staat er wel. Nu zit men op 2% of 3%. Streeft de wethouder er nog wel naar om dat omhoog te brengen?

Mevrouw Voortman (wethouder) antwoordt dat er inderdaad aan wordt gewerkt om dat omhoog te brengen, maar niet als doel op zich.

Mevrouw Snippe (PvdD) hoorde de wethouder een aantal buurtcentra opnoemen. Kan de wethouder

Raadsvergadering van 6 april 2023

31

toezeggen om de bezoekers van die buurtcentra mee te nemen in dat verduurzamingsproces? Door bezoekers te informeren, kunnen zij geïnspireerd worden. Dat hoeft niet per se heel ingewikkeld te zijn. Er kan bijvoorbeeld een filmpje worden opgenomen waarin aan bezoekers getoond wordt wat zoiets op kan leveren. Ziet de wethouder daar heil in?

Mevrouw Voortman (wethouder) vindt dit interessant klinken. Zij zegt toe dat er in het plan dat er nog komt over de verduurzaming van al het gemeentelijk vastgoed ingegaan wordt op dit punt. 18. Raadsvoorstel Regioplan U16 Beschermd wonen 2023 - 2028. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) stelt dat in de strijd tegen dakloosheid beschermd wonen ontzettend

belangrijk is. Het Regioplan Beschermd wonen valt of staat met voldoende woningen. Het is dan ook zeer teleurstellend dat ondanks de eerder unaniem gesteunde motie de afspraken nog niet in dit

voorstel zijn geland. Daarom steunt de PvdA een amendement dat D66 zo zal indienen. Maar het

gaat niet alleen om woningen. Het voorkomen van dakloosheid is natuurlijk nog beter. Daarom dient mevrouw Raaijmakers motie 76 (De beste bescherming is eerst een thuis) in, mede namens de

fracties van EenUtrecht, ChristenUnie, GroenLinks, Student & Starter, CDA, en D66. Hierin wordt het

college opgedragen om bij de uitvoer van het Regioplan U16 Beschermd wonen 2023-2028 stevig in te zetten op het voorkomen van dakloosheid en daarbij aan te sluiten bij het Nationaal Actieplan

Dakloosheid: Eerst een Thuis en in de monitor en de evaluatie van het regioplan het voorkomen van dakloosheid als concrete doelstelling op te nemen.

Daarnaast is het ontzettend belangrijk dat cliënten en belangenbehartigers hun stem kunnen laten

horen. Daar bestaan goede ervaringen mee in Utrecht. Er bestaat ook een goed netwerk. Dat is lang niet overal in de regio het geval. Dat moet dus beter verankerd worden. Daarom dient mevrouw

Raaijmakers motie 77 (Inspraak en belangenbehartiging in de regio bij beschermd wonen) in, mede namens de fracties van EenUtrecht, ChristenUnie, GroenLinks, Student & Starter, VVD, CDA en D66.

Hierin wordt het college opgedragen om bij de uitvoer van het regioplan Beschermd Wonen te zorgen voor inspraak van cliënten en betrokkenheid van belangenbehartigers in de regio, daarbij gebruik te maken van de aanwezige kennis van bestaande cliëntenraden en belangenbehartigers in Utrecht en deze kennis in de regio te delen en in het dashboard en de evaluatie terug te koppelen aan de raad hoe cliënten en belangenbehartigers betrokken worden, wat met hun feedback is gedaan en of de doelgroep tevreden is over hun betrokkenheid.

Mevrouw Kendir (Student & Starter) stelt dat er in het huidige regioplan geen specifieke aandacht is voor kwetsbare jongeren, terwijl in het coalitieakkoord duidelijk is opgenomen dat zij specifiek

aandacht verdienen. Daarom dient mevrouw Kendir motie 78 (Specifieke aandacht voor kwetsbare

jongeren in het regioplan) in, mede namens de fracties van D66, PvdA en ChristenUnie. Hierin wordt het college opgedragen om in de regio te zorgen voor voldoende preventie, zorg, begeleiding, een 24-uurs opvang en aandacht voor de uitstroom en doorstroom van kwetsbare jongeren en dit

expliciet in de jaarlijkse monitor op te nemen als belangrijke indicator die de raad jaarlijks ontvangt en waarmee de raad kan bijsturen.

Mevrouw Van der Wilt (D66) vindt het belangrijk dat dit gaat gebeuren. In het plan zitten mooie

elementen die vooral in het belang zijn van de continuïteit van zorg. Hier sluit zij zich dan ook bij

aan. De fractie maakt zich wel zorgen over de risico’s die daarmee genomen worden, maar de brief van deze week heeft inzicht gegeven in de momenten waarop de raad kan bijsturen. Dat is

Raadsvergadering van 6 april 2023

32

belangrijk. Daarnaast is voldoende financieel inzicht bij de start van de doordecentralisatie ook belangrijk. Daarom steunt D66 wel het dictum van de motie van de VVD, zij het dat mevrouw

Ramaker de overwegingen wat steviger heeft neergezet dan D66 dat zou doen. De oproep herkent

de fractie. Verder dient D66 samen met de PvdA de moties in met betrekking tot de betrokkenheid van cliënten en de focus op Eerst een thuis. In de commissie is veel gesproken over het belang van

betere spreiding in de regio van woningen. Dat moet en kan scherper en is nadrukkelijk de wens van deze raad als onderdeel van afspraken die worden gemaakt. Daarom dient mevrouw Van der Wilt

amendement 15 (Maak werk van bindende woonafspraken!) in, mede namens de fracties van PvdA, VVD, EenUtrecht, Utrecht Solidair, GroenLinks, CDA, Student & Starter en de ChristenUnie. Daarin

wordt besloten om meer bindende afspraken te maken, voortvloeiend uit de Woonzorgvisie, over de realisatie van voldoende woonplekken binnen alle U16- gemeenten aanvullend op de contingentafspraken.

Mevrouw Ramaker (VVD) wil de raad nog even attenderen op de raadsbrief waarin staat dat al

besloten is over het woonplaatsbeginsel. De Tweede Kamer gaat daar nog een besluit over nemen. 17 april is daar een rondetafelgesprek over. De VVD vindt dat een degelijke onderbouwing in het

raadsvoorstel ontbreekt. Wat betekent deze regionale samenwerking voor de portemonnee van de gemeente Utrecht? Daarom dient mevrouw Ramaker motie 79 (Financiering Regioplan U16

Beschermd Wonen onderbouwd) in, mede namens de fracties van EenUtrecht, Volt en CDA. Hierin wordt het college opgedragen om in een aparte raadsbrief de paragraaf financiën uit het

raadsvoorstel nader te duiden, zodat de raad ook een financiële onderbouwing heeft voor het

aangaan van de samenwerking in U16-verband zoals omschreven in het Regioplan U16 Beschermd

Wonen 2023-2028 en deze raadsbrief uiterlijk 13 mei tegelijk met ontvangen van de Voorjaarsnota de raad te doen toekomen.

De heer Van der Graaf (ChristenUnie) stelt dat de gemeente aan de vooravond staat van een grote

verandering in de zorgtaak. Het is van belang dat hierbij in het oog gehouden wordt wie met deze voorziening moeten worden bediend. Goede zorg voor de cliënt moet centraal staan. De

zorgcontinuïteit is daarom van groot belang. Om de cliënt centraal te stellen en te houden dient de heer Van der Graaf samen met onder andere de PvdA motie 77 in. Voor goede zorg zijn

werkafspraken met andere gemeenten in de U16 noodzakelijk door nu goede afspraken te maken en samen goede zorg te bieden. Daarbij is het dan belang dat alle gemeenten hun verantwoordelijkheid nemen. Daarom steunt de ChristenUnie het amendement van onder andere D66 om die goede

afspraken te maken. Met het plan dat er nu ligt en de voorliggende moties hoopt de ChristenUnie in de toekomst goede zorg te kunnen blijven garanderen die voor iedereen in de regio doet wat nodig is.

Mevrouw Streefland (wethouder) vindt dit ook een belangrijk moment. De doordecentralisatie die al eerder was ingezet wordt nu steviger doorgevoerd met wat stevigere afspraken, nadat de

staatssecretaris had gezegd dat dat echt de bedoeling was. Vandaag wordt daarover gesproken. Dit is natuurlijk niet het laatste moment dat daarover wordt gesproken. Het college zal hier jaarlijks bij de raad op terugkomen met de monitor. Ook wordt er jaarlijks een meeting georganiseerd met

meerdere raden. Het is de bedoeling om samen te sturen, met als uiteindelijke doel dat kwetsbare

mensen in de stad en de regio zo nabij mogelijk gehuisvest en begeleid kunnen worden. Het liefst

gebeurt dit zo vroeg mogelijk en vindt er veel preventie plaats, zodat er minder zware zorg nodig is.

Met motie 76, De beste bescherming is eerst een thuis, is de wethouder het zeer eens. Zij heeft in de

Raadsvergadering van 6 april 2023

33

regio nagevraagd, ook in het kader van de monitor die later komt, hoeveel woningopgave er in de

pijplijn zit. Dat wordt in de monitor gedeeld. Dat is gelukkig niet weinig, maar ook nog niet genoeg. De opdracht die de wethouder gegeven wordt omarmt zij zeer. Zij kan deze motie dus overnemen.

Een belangrijk onderdeel van de uitvoering van het regioplan is de versterking van de sociale basis.

Dat wil de gemeente het liefst. Deze motie is gericht op het voorkomen van maatschappelijke uitval

en dus ook dakloosheid. De gemeente zal hier nog steviger aandacht voor vragen, want hoe meer je tegengaat, hoe minder mensen op straat terechtkomen.

De wethouder komt bij motie 77, Inspraak en belangenbehartiging in de regio bij beschermd wonen. In Utrecht is men bij beschermd wonen gewend cliënten te vragen hoe het bevalt en wat er anders gedaan kan worden. Dat is in de regio nog niet altijd het geval. De gemeente is hier wel mee

begonnen. Bij verschillende momenten is Enik betrokken. Dat zal ook in de toekomst het geval zijn. De gemeente wil dit meer op de agenda zetten. Als medebestuurders in de regio zien waarom dit

gedaan wordt en voor wie dit gedaan wordt, dan heeft het een enorm effect. Ook deze motie kan de wethouder daarom overnemen.

De wethouder komt bij motie 78, Specifieke aandacht voor kwetsbare jongeren in het regioplan. Hier is ook uitgebreid over gesproken in de commissie. Natuurlijk verdienen juist zij ook een plek. Dat

gaat niet alleen over 18-jarigen, maar over jongeren tot 27 jaar. Het lijkt de wethouder goed om dit

expliciet in de jaarlijkse monitor op te nemen, omdat de gemeente wil dat jongeren die bijvoorbeeld in Woerden wonen ook in Woerden kunnen blijven wonen en dat Woerden zich ook

medeverantwoordelijk voelt voor deze jongeren. Dat doen ze ook wel, maar dat kan steviger verankerd worden. Deze motie kan het college dus overnemen.

De wethouder begrijpt de behoefte van de VVD en andere partijen die in motie 79 tot uiting komt.

Hoe zit het eigenlijk met het hele proces? De raad moet nu al besluiten, maar dat proces komt later. Hoe kunnen die 4,4 miljoen die nu versneld naar de regio gaat, wat eigenlijk al eerder had moeten gebeuren, nog wat beter geduid worden? Dit gaat het college zeker doen. Deze motie kan de wethouder dus overnemen. Bij de Voorjaarsnota zal het college de raad voorzien van goede informatie.

Voor amendement 15 zou de wethouder graag een suggestie willen doen. Zij begrijpt de opdracht,

namelijk om dit in het regioplan op te nemen. Aan het college wordt gevraagd om dit te doen in de Woonzorgvisie. Dit zal echter niet zo veel effect hebben. De wethouder doet de suggestie om het

amendement als volgt aan te passen: “het college opdracht te geven om met de U16-gemeenten te komen tot bindende afspraken”. Dan zou de wethouder zich gesteund voelen om die bindende afspraken inderdaad te maken en dit te doen samen met de wethouder Wonen.

Mevrouw Van der Wilt (D66) wil zich even beraden over het advies over haar amendement. Ze is

benieuwd of de wethouder dan niet juist bang is dat daarmee ook de opdracht richting de andere regio’s minder sterk wordt. Of is die opdracht dan even sterk, ook al is hij anders verwoord?

Mevrouw Streefland (wethouder) antwoordt dat de opdracht even sterk zou zijn, want dit zou

betekenen dat het regioplan aangepast wordt. Het zou kunnen dat het dan weer door alle raden

moet. Die gaan dan ook weer bedenken of zij het daar wel mee eens zijn. Als de wethouder van de raad de opdracht krijgt om bindende afspraken te maken, dan zal dat even sterk zijn en zullen die ook opgenomen worden in de monitor. Die bindende afspraken komen uiteindelijk in de

Woonzorgvisie terecht. Het zou de wethouder zeer helpen als het amendement op die manier

aangepast zou worden. Dan zou zij met de wethouder Wonen de ruimte hebben bindende afspraken

te maken. Als het via het regioplan gebeurt, dan zouden andere raden kunnen zeggen dat zij het iets

Raadsvergadering van 6 april 2023

34

anders zien. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) begrijpt het procesmatige argument. Aan de andere kant lag er al een motie die precies hiertoe opriep. Waarom is die dan niet uitgevoerd? Het amendement dat de wethouder nu voorstelt doet precies hetzelfde als waartoe die motie opriep.

Mevrouw Streefland (wethouder) antwoordt dat dat precies het punt is. Dit is een amendement op het voorstel Maatschappelijke opvang doorcentralisatie. Dat gaat over wonen en begeleiden, maar moet uiteindelijk landen in de Woonzorgvisie. Daar worden de afspraken gemaakt. Dat kan in het

regioplan gedaan worden, maar dat doet niet zo veel. Wanneer de wethouder opdracht krijgt om

bindende afspraken te maken in de Woonzorgvisie, dan zou dat de wethouder zeer helpen. Het is

een regionaal proces. Het regioplan gaat wel over wonen, maar daar zijn de wethouders Wonen niet bij betrokken. Daar zijn de wethouders Zorg bij betrokken. Op de door de wethouder voorgestelde manier kan het beter verbonden worden.

Mevrouw Raaijmakers (PvdA) hoopt vooral dat de wethouder zich ervoor gaat inzetten dat wonen en zorg niet meer los worden gezien, maar dat ze echt samen gezien worden en dat over een jaar dit plan besproken wordt samen met de wethouder Wonen.

Mevrouw Streefland (wethouder) beaamt dit. Daarom heet het ook een Woonzorgvisie. Mevrouw Van der Wilt (D66) vraagt om een korte schorsing om hier even naar te kijken. De voorzitter schorst hierop de vergadering. Mevrouw Van der Wilt (D66) meldt dat iedereen via de mail een aangepaste versie van het

amendement heeft ontvangen. De inhoud van beslispunt twee is nog hetzelfde, maar de plaats van

de afspraak is veranderd. Mevrouw Van der Wilt geeft aan dat de indieners het amendement hebben aangepast omdat ze verder willen gaan met de inhoud van het regioplan. Tegelijkertijd zijn er

rondom dit voorstel vaak moties ingediend die ervoor wilden zorgen dat de raad goed aan het stuur bleef. Dat bracht ook weer spanning in dit voorstel. Daarom ontvangen de indieners graag een

toezegging van het college dat bij alle voorstellen die zich afspelen in de regio vooraf een brief

wordt gedeeld of een begeleidend stuk wordt opgenomen over de invloed, of de governance, die de raad hierop heeft. Zo kan de raad goed haar positie innemen.

De voorzitter stelt vast dat amendement 15 is ingetrokken. Het nieuwe amendement krijgt nummer 16.

Mevrouw Streefland (wethouder) bedankt de indieners van het amendement. Nu kunnen zij en de

wethouder Wonen de regio meenemen in de bindende afspraken die zij willen, zodat mensen in hun

eigen omgeving kunnen blijven wonen of weer gaan wonen. De governance in de U16 of de U10 blijft een grote opgave of uitdaging. De wethouder pakt deze handschoen op en doet de toezegging dat het college dat aan de voorkant beter op papier zal zetten.

Tot slot merkt de wethouder op dat er in de Tweede Kamer nog gesproken wordt over het

woonplaatsbeginsel. De wethouder zal hier op 17 april bij aanwezig zijn. Dit is een belangrijk instrument om mensen in hun eigen woonplaats de begeleiding te laten krijgen of om hun

Raadsvergadering van 6 april 2023

35

woonplaats dit in een andere plaats mede te laten financieren. Mevrouw Raaijmakers (PvdA) trekt de moties 76 en 77 in, omdat deze zijn overgenomen. Mevrouw Kendir (Student & Starter) trekt motie 78 in, omdat deze is overgenomen. De voorzitter schorst hierop kort de vergadering.

(Bij hervatting van de vergadering heeft de heer Zwanenberg het voorzitterschap van de vergadering overgedragen aan de heer Bakker.) 19. Raadsvoorstel Verordening Erfgoed. De heer Zwanenberg (GroenLinks) vindt erfgoed een belangrijk onderwerp, maar staat hier toch met

een dubbel gevoel. Dat heeft natuurlijk alles te maken met de onnodig en brute sloop vorig weekend van de prachtige meer dan 100 jaar oude veranda van het klooster in Buiten Wittevrouwen. Hier wil hij toch enige woorden aan wijden. Dat de ontwikkelaar SOM in deze zaak alleen

verantwoordelijkheid lijkt te voelen voor zijn eigen portemonnee en niet voor een stuk erfgoed in de stad en een meer dan 100 jaar oude veranda, terwijl er nota bene ook nog een zaak bij de Raad van State loopt, zegt wat GroenLinks betreft genoeg over deze ontwikkelaar. Men kan wel raden wat de fractie hoopt wat de uitspraak van de rechter zal zijn. Meerdere fracties zullen de sloop

verschrikkelijk vinden. Dit is een groot verlies voor een prachtig architectonisch onderdeel van het klooster aan de Deken Roesstraat. Daarnaast betreurt GroenLinks het dat het klooster nog steeds

niet op de gemeentelijke monumentenlijst stond. De fractie was in de veronderstelling dat dat wel

zou gebeuren, maar in de beantwoording van schriftelijke vragen valt te lezen dat dat niet zo was. Hoe zit dat precies? Het moge duidelijk zijn wat de grens van GroenLinks was.

De veranda maakt pijnlijk duidelijk dat gebouwen die niet beschermd zijn overgeleverd zijn aan de

grillen van ontwikkelaars als SOM. Er zijn vast nog veel meer verborgen schatten in de stad. Gelukkig wordt er ook keihard gewerkt door de erfgoedmensen van de gemeente, bijvoorbeeld aan de lijst

Post 65 van jonge monumenten. De fractie van GroenLinks kan niet wachten tot de raad deze krijgt. Wellicht kan de wethouder een tipje van de sluier oplichten. Er zijn ook nog steeds veel zaken, zo viel te lezen in de Actie-agenda Erfgoed, waarvoor geen capaciteit is om aan te werken, zoals de

Actualisatie industrieel erfgoed, de inventarisaties groen en blauw erfgoed en winkelpuien. Hierover maakt GroenLinks zich zorgen. Daarom dient de heer Zwanenberg motie 80 (Erfgoed expertise) in, mede namens de fracties van VVD, PvdA, PVV, Volt, Student & Starter en CDA. Hierin wordt het

college opgedragen om de lokale en nationale erfgoedorganisaties actief te betrekken bij de diverse inventarisaties teneinde te komen tot een gezamenlijke aanpak ter bescherming van het erfgoed en de raad over de voortgang hiervan uiterlijk Q4 2023 te informeren.

De heer Van Steeg (CDA) werd dit weekend eveneens pijnlijk verrast door de sloop door de veranda van het klooster. Er waren natuurlijk schriftelijke vragen gesteld. Het signaal van de raad was heel

duidelijk: deze veranda moet behouden blijven. De antwoorden op de schriftelijke vragen geven iets

van duidelijkheid. De heer Van Steeg sluit zich graag aan bij de vragen van de heer Zwanenberg. Het had natuurlijk een monument moeten zijn. Dat is niet gelukt. Er was een pijnlijke samenloop met de vergunningverlening. De heer Van Steeg hoort graag een reactie van de wethouder. Dit laat in ieder geval zien dat erfgoed nog niet de plek binnen de gemeente heeft die het zou moeten hebben. Dat

Raadsvergadering van 6 april 2023

36

moet in de toekomst echt beter. Daarom dient de heer Van Steeg motie 81 (Versterk positie erfgoed en start aanwijzing), mede namens de fractie van de PVV. Hierin wordt het college opgedragen om lessen uit de casus van het klooster aan de Deken Roesstraat te trekken en op basis daarvan de

bescherming van erfgoed te versterken, naar aanleiding hiervan vaart te maken met het openbaar

maken van de nominaties van religieus en jong erfgoed voor de monumentenlijst en het proces van aanwijzing zo snel mogelijk te starten en de raad hierover te informeren.

Mevrouw Ramaker (VVD) vraagt of zij goed begrijpt dat het hier om erfgoed gaat dat én jong én religieus is.

De heer Van Steeg (CDA) antwoordt dat dat zeker mag, maar dat het hier om twee verschillende

lijsten gaat. Over beide onderwerpen wordt actief nagedacht op het stadskantoor. Voor beide geldt

dat er aanwijzingen voor een monumentstatus aan de orde zijn. De heer Van Steeg zou willen dat dit, om te voorkomen wat er aan de Deken Roesstraat is gebeurd, zo snel mogelijk gebeurt.

Mevrouw Ramaker (VVD) vraagt of het allemaal gemeentelijke monumenten moeten worden. De heer Van Steeg (CDA) wacht graag op het antwoord van de wethouder, maar vindt inderdaad dat er voor de gebouwen op de lijst bekeken moet worden of het monumenten kunnen worden.

Mevrouw Ramaker (VVD) stelt dat er bij het aanwijzen van een gemeentelijk monument ook rekening gehouden moet worden met een bepaald budget. Voor het onderhoud moet subsidie beschikbaar gesteld worden. Heeft het CDA hier ook over nagedacht?

De heer Van Steeg (CDA) antwoordt dat hij hier zeker over nagedacht heeft. Volgens hem is die ruimte er. Er komt een nieuwe visie religieus erfgoed. Hier heeft de heer Van Steeg ook toe

opgeroepen in de commissie. Ook de Post 65-lijst is al lange tijd geleden toegezegd door het

college. Daarvoor is budget beschikbaar. Dit is dus geen motie om een extra greep uit de kas te doen.

De heer Maas (Volt) vertelt dat verduurzaming voor Volt van groot belang is. Het is duidelijk dat er nu gehandeld moet worden. Volt ziet graag dat de daken van Utrecht paarskleuren van de

zonnepanelen. Ook in andere gemeentes is verduurzaming onderwerp van gesprek. Hier gaan

colleges in gesprek met een externe partij om zo advies in te winnen over erfgoedverduurzaming,

zodat het erfgoed intact blijft, het gezichtsveld niet wordt aangetast, maar er wel verduurzaming kan plaatsvinden. De gemeente Baarn is daar een succesvol voorbeeld van. Daarom dient de heer Maas

motie 82 (Verduurzaam voordat het ons duur komt te staan) in, mede namens de fracties van D66, Student & Starter, DENK en het CDA. Hierin wordt het college opgedragen om onderzoek te doen naar, en met eigenaren te spreken over, aanvullende mogelijkheden van het verduurzamen van Utrechts erfgoed, waaronder door het plaatsen van zonnepanelen, hierbij (in)formeel advies te vragen aan gespecialiseerde organisaties of stichtingen over het verbeteren van het Utrechtse

vergunningsstelsel en andere regelgeving met betrekking tot het verduurzamen van erfgoed en de raad in Q4 te informeren over de uitkomsten van dit onderzoek en het advies.

De heer Van Heuven (PvdD) stelt dat menigeen bij erfgoed al snel denkt aan een stapel stenen die samen een mooi gebouw vormen of resulteren in een fraai straatbeeld, maar er bestaat ook heel

Raadsvergadering van 6 april 2023

37

ander erfgoed, namelijk groenstroken, kanalen en waterparken die in beleidstaal “groenblauw

erfgoed” heten. Dit groenblauwe erfgoed verdient ook zeker aandacht en bescherming. Omdat er te weinig geld en capaciteit is, heeft inventarisatie van het groenblauwe erfgoed nog even geen

prioriteit gekregen. De Partij voor de Dieren vindt dit jammer en vindt dat het moet gebeuren zo

gauw er weer budget en capaciteit is. In de commissie zei ook de wethouder dit wel belangrijk te

vinden, maar ze zei nog niks concreet toe. Daarom heeft de heer Van Heuven een motie geschreven die hij ook ambtelijk heeft laten checken en die werkbaar is verklaard door de afdeling Erfgoed.

Hierop dient de heer Van Heuven motie 83 (Pak groenblauw erfgoed op) in. Hierin wordt het college opgedragen om hoge prioriteit te geven aan de Inventarisatie van groen en blauw erfgoed en

hiermee van start te gaan zodra er ruimte vrijkomt binnen de huidige begroting en capaciteit van Erfgoed.

Mevrouw Oudejans (Student & Starter) vindt het behoud en de ontwikkeling van erfgoed van groot belang voor de stad, niet alleen omdat het erfgoed bijdraagt aan de unieke identiteit van de stad, maar ook omdat het een grote educatieve waarde heeft. Het verhaal van erfgoed moet worden

doorverteld aan volgende generaties. Dit kan worden gedaan door erfgoed op gepaste wijze te

behouden, te beleven en te ontwikkelen. Hoewel de afdelingen Erfgoed en Ruimtelijke ordening al

wel bij elkaar aan tafel zitten en het belang van erfgoed in de RSU wordt beschreven, wordt hier nog geen verslag van gemaakt in de plannen van Ruimtelijke ordening, waar cultuurhistorische waarde

wel centraal staat. Daar moet verandering in komen. Erfgoed verdient het om verankerd te worden in RO-beleid. Daarom dient mevrouw Oudejans motie 84 (Erfgoed verankeren in de Ruimtelijke

Ordening) in, mede namens de fracties van GroenLinks, PvdA en D66. Hierin wordt het college opgedragen om, indien er sprake is van cultuurhistorische waarden en de gemeente als

initiatiefnemer en/of bevoegd gezag een rol heeft, erfgoed consequent en expliciet te benoemen in

de planvorming voor ruimtelijke ontwikkelingsprojecten en daarbij te beschrijven hoe het erfgoed op gepaste wijze behouden, beleefbaar, benut en ontwikkeld kan worden en om hiermee zo veel mogelijk rekening te houden in budgettering van de projecten.

De heer Bosch (PVV) hoorde de heer Zwanenberg spreken over het klooster. Ook de heer Bosch gaat dit aan het hart. Het is een schande dat dit soort dingen kan gebeuren. De heer Bosch wil dat hier

een einde aan komt. Gelukkig is er een aantal moties om dit te stoppen. Voor de PVV gaat dit echter nooit ver genoeg. De PVV had liever ook niet de neonkermis op de bibliotheek gehad. De partij was

dan weer de enige die daar met tranen in de ogen naar stond te kijken. Nu het resultaat zichtbaar is,

doen anderen dat misschien ook. Het is niet om aan te zien. De heer Bosch heeft een motie die hij in de vorige periode ook al eens heeft geprobeerd. Misschien wordt ze nu wel aangenomen. Hierop

dient de heer Bosch motie 85 (Bescherm het erfgoed tegen de huidige tijdsgeest 2.0) in. Hierin wordt het college opgedragen om bij het verlenen van vergunningen voor het plaatsen van zonnepanelen op gemeentelijk erfgoed of Rijksmonumenten het erfgoed op nummer één te plaatsen en alleen

vergunningen te verlenen waarbij dit de visuele waarde van het erfgoed niet aantast, bijvoorbeeld door uitstuitend zonnepanelen uit het zicht toe te staan.

De heer Van Vliet (D66) vindt erfgoed een levend onderdeel van de stad. Dit betekent niet dat

erfgoed onder een kaasstolp moet worden geplaatst. De voorganger van de heer Van Vliet heeft dit ook al eens gezegd. Erfgoed mag beleefd worden en er mag in geleefd worden. Om dat te kunnen

doen, moet erfgoed ook ingezet worden voor de verduurzamingsopgave. Daarom had de heer Van Vliet graag gezien dat de raad meer ambitie had getoond op dit onderwerp. Helaas was hier geen

Raadsvergadering van 6 april 2023

38

steun voor. D66 zou graag eens van een andere partij willen horen of het beleid en de regels niet

simpeler of anders kunnen. Daarom steunt de fractie de motie van Volt om advies te krijgen over de vraag of het beleid voor gemeentelijke monumenten eenvoudiger kan.

Mevrouw Assen (PvdA) stelt dat er in het commissiedebat veel betrokkenheid bij het erfgoed bleek,

ieder vanuit een eigen invalshoek. De wethouder gaf aan dat alle behoeften niet overeenkomen met de beschikbare capaciteit. Mevrouw Assen heeft hier begrip voor, maar verwacht alsnog dat eerder aangenomen moties zo snel als kan worden uitgevoerd, zoals het uitwerken van immaterieel

erfgoed. Dit is wat Utrecht Utrecht maakt en is nu niet voldoende geborgd. Datzelfde geldt voor de

motie over het handhaven op behoud van erfgoed, zoals de City-bioscoop, en daarnaast werk maken van jong erfgoed en gevelherstel. Mevrouw Assen wordt graag de toezegging dat dit, zodra de

capaciteit u toelaat, zo snel mogelijk wordt opgepakt en de raad hierover direct terugkoppeling

krijgt. Wat kan nu echt niet wachten? Situaties als deze week bij de Deken Roesstraat moeten worden voorkomen. Daarom dient de PvdA de motie van GroenLinks mede in. Ook de motie van Student &

Starter dient de PvdA mede in om Erfgoed standaard aan tafel te hebben bij ruimtelijke ontwikkeling met het oog op alle toekomstige ontwikkelingen in de stad. Verder gaat mevrouw Assen graag een keer met de heer Bosch naar de Neude om te kijken wat er nou zo mooi is aan die neonkermis.

Mevrouw Streefland (wethouder) heeft vanmiddag in antwoord op vragen van mevrouw Hessel al

gesproken over de situatie aan de Deken Roesstraat en hoe dat heeft kunnen gebeuren. Het gebouw had geen monumentale status, maar wel erfgoedwaarde. Dat is de crux. De wethouder heeft

volgende week een gesprek met de vertegenwoordiger van deze ontwikkelaar en de ontwikkelaar

zelf om te bekijken wat er nog wel behouden kan blijven en wat er met de veranda of de binnenkant van het gebouw gerealiseerd kan worden.

Er werd ook gevraagd hoe het staat met Post 65, het jong erfgoed. Dit is ook in vorige perioden al

genoemd. De wethouder zal hier zo iets meer over zeggen bij de motie van het CDA. De gemeente is er niet altijd op tijd bij. Een monumentale status bepalen is een proces dat niet van de ene op de andere dag met een druk op de knop geregeld kan worden.

In motie 80, Lokale expertise erfgoed, vraagt GroenLinks eigenlijk hoe er zo nauw mogelijk

samengewerkt kan worden met de erfgoedorganisaties in de stad. Dit doet de gemeente al veel en goed. Er wordt gevraagd om hen actief te betrekken bij diverse inventarisaties en tot een

gezamenlijke aanpak ter bescherming van het erfgoed te komen. Die samenwerking vindt al plaats. Het werk zit niet per se in die inventarisaties. Die lijsten zijn er wel en worden wel geüpdatet. Het werk zit in het proces erna. Ambtenaren moeten dit uitwerken. Van die motie moet niet verwacht worden dat het werk erna bij deze partners neergelegd kan worden. Dit moet de gemeente nou

eenmaal doen. Als de wethouder de motie zo mag uitleggen dat de gemeente met deze partners

blijft samenwerken en hen ook de gemeente laat helpen bij de inventarisatie, dan kan de wethouder deze motie steunen en laat ze hem aan het oordeel van de raad. Ze vraagt of het college de raad hierover in het eerste kwartaal van 2024 mag informeren.

De heer Zwanenberg (GroenLinks) antwoordt dat dit zelfs de tweede bullet van het dictum is.

Daarnaast merkt hij op dat er inventarisaties zijn die nog steeds op zich laten wachten. Een aantal

mensen staat echt te trappelen om daaraan mee te doen. Er gebeurt al veel, maar het zou goed zijn

om dit op enige wijze te formaliseren, zodat duidelijker is wat verwacht kan worden van de clubs en op welke manier.

Raadsvergadering van 6 april 2023

39

Mevrouw Streefland (wethouder) lijkt het goed om hen daarbij te betrekken. Daarna moeten de

verwachtingen wel heel reëel zijn. Een inventarisatie kan relatief snel klaar zijn, maar het proces

daarna kan langer op zich laten wachten. Deze winstwaarschuwing wil de wethouder geven. Ze geeft de motie dus oordeel raad.

Motie 81, van het CDA, gaat over de lessen die geleerd kunnen worden van het klooster aan de

Deken Roesstraat. De wethouder denkt inderdaad dat hier lessen van geleerd kunnen woorden.

Daarnaast wordt er gevraagd om vaart te maken met het openbaar maken van de nominaties. Dat proces is delicater, want je wilt niet nog een keer zo’n situatie als in de Deken Roesstraat. Dat

betekent dat je dat proces eerst intern doet. Vervolgens leg je er een voorbescherming op en daarna

maak je het openbaar. Als de wethouder de motie zo mag uitleggen dat de gemeente haar werk doet en zodra dat is gebeurd zo snel mogelijk de raad daarover informeert, dan kan zij de motie overnemen.

Motie 82, Verduurzaam voordat het ons duur komt te staan, moet de wethouder helaas ontraden.

Dat komt niet doordat de gemeente verduurzamen niet belangrijk vindt. Ze zou natuurlijk het liefst willen dat mensen, doordat ze verduurzamen, het geld dat ze anders kwijt zouden zijn aan hun

energierekening op deze manier kunnen besteden. Ze wil hier toch iets over zeggen. De gemeente is druk bezig met het ondersteunen van eigenaren voor het verduurzamen van monumenten, zoals

aangegeven in de raadsbrief van 31 maart. Daarbij laat de gemeente zich geregeld adviseren door externe partijen met specialistische kennis en neemt de gemeente deel aan diverse regionale en

landelijke kennisplatforms over dit onderwerp. Er vindt ook een structurele afstemming plaats met

de opgave energietransitie en de medewerkers van jouwhuisslimmer.nl. De gemeente ziet dus graag

dat verduurzaming plaatsvindt binnen de verordening en de regels die daarvoor bestaan. In de motie wordt gevraagd om organisaties en stichtingen in te schakelen bij het verbeteren van het

vergunningstelsel. Dat vergunningstelsel is echter landelijke wet- en regelgeving. Er wordt in de motie dus iets aan de wethouder gevraagd waar zij niet over gaat. De gemeente heeft met de

voorliggende verordening regels rondom verduurzamen en het mogelijk maken van zonnepanelen

iets vergemakkelijkt. Dat betekent dat het vergunningsvrij kan aan de achterkant, uit het zicht en op het dak. Aan de voorkant is wel een vergunning nodig, maar daar probeert de gemeente proactief te

bekijken wat er wel kan. Het college staat wat betreft de bedoeling aan dezelfde kant als de indieners van de motie, maar de wethouder moet de motie helaas toch ontraden.

De heer Van Vliet (D66) stelt dat hij expliciet in de motie heeft opgenomen dat het alleen gaat om gemeentelijk beleid en gemeentelijke regels. Het gaat ook alleen over de gemeentelijke monumenten. Waarom haalt de wethouder daar het landelijke verhaal bij?

Mevrouw Streefland (wethouder) antwoordt dat het wettelijke verplicht is om een vergunning te

vragen en een verordening te hebben. De mogelijkheden om vergunningsvrij zonnepanelen aan te leggen zijn in Utrecht al groter dan in heel veel andere steden. Dat is geharmoniseerd met het

rijksbeleid. In de motie wordt gevraagd om nog een stap verder te gaan. De gemeente staat niet stil. Er wordt bekeken wat er nog verder vergemakkelijkt kan worden, bijvoorbeeld met zonnepanelen aan de voorkant. Dat ligt voor sommigen heel gevoelig.

De heer Van Vliet (D66) begrijpt dat het technisch dus niet onmogelijk is om regels nog verder te versoepelen.

Mevrouw Streefland (wethouder) antwoordt dat de gemeente nu aan de verordening is gehouden. Dat

Raadsvergadering van 6 april 2023

40

is het stelsel waarmee de gemeente werkt. Dat wil niet zeggen dat men daarmee stilstaat. De

verordening kan op termijn aangepast worden. De innovatie in zonnepanelen, bijvoorbeeld met

kleur, kan enorm helpen om verdere stappen te nemen. Dit zal de wethouder zeker niet nalaten.

De wethouder komt bij motie 83, Pak groenblauw erfgoed op. In de commissie was er een gesprek

over het belang hiervan. Dat onderschrijft de wethouder zeer. Tegelijkertijd heeft het college bij het aanbieden van de Actieagenda geprobeerd inzichtelijk te maken wat er op dit moment wel kan en wat er niet kan. Dat geldt niet alleen voor het groenblauw erfgoed, maar ook voor immaterieel

erfgoed, nautisch erfgoed en het intensiveren van de strategie. De wethouder heeft beloofd om in

het eerste kwartaal van 2024 te bekijken welke moties die eerst nog on hold gezet moesten worden

uitgevoerd kunnen worden. Dan zal zij ook naar deze motie kijken. Op dit moment moet ze ontraden worden. Anders zeggen anderen in de raad dat zij hun motie ook uitgevoerd willen zien worden. Het college zal de raad dan informeren en in alle openheid zeggen wat er wel kan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=7b7c9403-0324-4d65-846e-6595146e50dd