3e raadsvergadering 3 februari 2022.docx
Tekst van het document
De heer Sungur (DENK) vraagt of de wethouder kan toezeggen om de reclamebelasting op nul te zetten.
De heer Verschuure (wethouder) reageert dat ook dit niet mogelijk is.
Motie 17 ontraadt de wethouder. Met de stad is afgesproken om snel tijdelijke terrassen toe te
voegen. Veel inwoners hebben zich daarin kunnen vinden. Er loopt een onderzoek naar de tijdelijke
terrassen en het zou kunnen dat een aantal tijdelijke terrassen in de toekomst permanent wordt. Hij vindt het geen recht doen aan het participatietraject als dit nu met een motie geregeld wordt.
De heer Van Dalen (VVD) verduidelijkt dat het niet gaat om permanente terrassen, maar alleen om de zomer van 2022. In Amsterdam kan het wel, waarom in Utrecht niet?
De heer Verschuure (wethouder) antwoordt dat in Utrecht permanente terrassen zowel 's zomers als 's winters staan. Amsterdam kent alleen het fenomeen zomerterrassen en heeft daarom tijdelijke terrassen in de winter toegestaan.
Motie 18 kan de wethouder overnemen, evenals motie 19. Er zijn middelen vanuit Culturele Zaken om een plan te maken.
Hij verzoekt mevrouw Sturkenboom om de vraag over de studentenverenigingen te herhalen. Mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) heeft gevraagd om studentenverenigingen als een
besloten ruimte te beschouwen, zoals bedoeld in artikel 58.a lid 1 van de Wet publieke gezondheid. De heer Verschuure (wethouder) weet niet wat de consequentie daarvan is. Er zijn op dit moment
geen aanvragen van studentenverenigingen bekend. Als verenigingen zich melden, zal de gemeente nagaan wat mogelijk is.
Mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) vraagt de wethouder uit te zoeken of het mogelijk is en
Raadsvergadering van 3 februari 2022
22
dat te communiceren. De heer Verschuure (wethouder) zegt dit toe. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) begrijpt niet wat mevrouw Sturkenboom wil. Mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) reageert dat de studentenverenigingen niet open kunnen, terwijl andere verenigingen dat wel kunnen omdat zij worden aangemerkt als een besloten ruimte. Die technische oplossing zou ook aan studentenverenigingen kunnen worden geboden. De heer Verschuure (wethouder) komt terug op dit punt.
Motie 20 moet de wethouder ontraden. Het OMT geeft adviezen en de rijksoverheid neemt
maatregelen. Wel heeft de burgemeester een brief gestuurd aan het kabinet met het verzoek om perspectief te bieden aan ondernemers en zo snel mogelijk te versoepelen.
Motie 21 moet hij eveneens ontraden. De landelijke regels moeten lokaal gehandhaafd worden. De heer Bosch (PVV) verwijst naar de handelwijze bij krakers. De heer Verschuure (wethouder) meent dat ook daar gehandhaafd wordt. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) handhaaft zijn motie. De heer Verschuure (wethouder) vindt motie 22 sympathiek, maar moet die toch ontraden, onder
verwijzing naar de eerdere opmerking dat TONK-middelen terugvloeien naar de algemene middelen. Datzelfde geldt voor motie 23.
De heer Van Heuven (PvdD) meent dat, als er een meerderheid is voor beide moties, het college
daaraan gehoor moet geven. Het gaat om de vraag of iets inhoudelijk kan en niet om de vraag of iets technisch kan.
De heer Verschuure (wethouder) heeft al gezegd dat de raad het budgetrecht heeft. Hij heeft een
duiding gegeven en de moties ontraden. Het college hanteert de stelregel dat bij de Voorjaarsnota een integrale afweging wordt voorgesteld.
De heer Sungur (DENK) vraagt naar de inhoudelijke mening van de wethouder. De heer Verschuure (wethouder) vindt het inhoudelijk een sympathieke motie. De heer Dekkers (GroenLinks) wil eventueel na de schorsing nog een motie indienen. De heer Peters (D66) vindt het vreemd dat GroenLinks geen inbreng heeft geleverd, maar wel een motie wil indienen.
De heer Sungur (DENK) stelt voor om de beraadslagingen over dit agendapunt nog niet te sluiten,
Raadsvergadering van 3 februari 2022
23
zodat partijen in de pauze gelegenheid hebben om te overleggen. Mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) trekt motie 18 en 19 in, omdat die zijn overgenomen door de wethouder.
De voorzitter meldt dat na de lunchpauze eerst agendapunt 16 zal worden behandeld, in verband met een andere verplichting van wethouder Eerenberg.
De voorzitter schorst hierop de vergadering voor de lunch.
(Bij heropening van de vergadering heeft de heer Zwanenberg het voorzitterschap van de vergadering overgedragen aan mevrouw Dijksma). De voorzitter heropent de vergadering. Ze meldt dat wethouder Eerenberg is genomineerd als beste jonge bestuurder van het jaar voor het binnenlands bestuur en deze middag de uitslag verwacht.
Omdat er geen sprekers zijn over agendapunt 16, Raadsvoorstel Zienswijzenmogelijkheid Kadernota RUD Utrecht 2023, waarvoor hij de verantwoordelijke wethouder is, stelt ze voor er een A-punt van
te maken en er bij de stemmingsraad over te stemmen. Ze constateert dat de raad hiermee instemt. Daarop stelt de voorzitter aan de orde de voortzetting van de behandeling van: 14. Debat perspectief bieden voor Utrechtse ondernemers als gevolg van de coronacrisis. De heer Van Steeg (CDA) verzoekt dit agendapunt nog niet te sluiten en verder te gaan met de agenda, omdat er nog wordt gewerkt aan een motie.
De heer Sungur (DENK) stelt voor eerst andere fracties aan het woord te laten, zodat er kan worden gewerkt aan die motie.
De voorzitter stelt vast dat de raad hiermee akkoord gaat. De heer Sungur dient motie 24 in, Nultarief reclamebelasting voor 2022 en 2023, mede namens de
VVD-fractie met de opdracht, de precariobelasting voor reclame in de openbare ruimte over 2022 en 2023 vast te stellen op een nultarief, hiervoor dekking te zoeken uit het coronamaatregelenpakket en betrokken ondernemers hierover tijdig te informeren.
De heer Peters (D66) trekt motie 14 in, Utrecht 900 samen met Utrechtse ondernemers, omdat ze is overgenomen.
Hierna schorst de voorzitter voor enkele minuten de vergadering. Na heropening van de vergadering verleent de voorzitter het woord aan de heer Van Steeg. De heer Van Steeg (CDA) dient motie 25 in, Steun ondernemers vanuit TONK, mede namens de
fracties van Stadsbelang Utrecht, PVV, VVD, GroenLinks, ChristenUnie, D66, DENK en PvdA, met de opdracht, de onderbesteding bij de TONK-gelden beschikbaar te stellen voor ondernemers die in
genoemde sectoren in financiële problemen zijn geraakt en inwoners die in financiële problemen zijn
Raadsvergadering van 3 februari 2022
24
geraakt door de coronacrisis; hierbij een extra mogelijkheid te creëren voor ondernemers die buiten eerdere regelingen zijn gevallen, zoals starters en zzp’ers, maar ook ondernemers die geen profijt hadden van de terrasregelingen; actief te communiceren over het bestaan van deze extra mogelijkheid en de raad hierover te informeren.
Hiermee trekt spreker motie 23 in, TONK-middelen inzetten voor ondernemers. De heer Verschuure (wethouder) ontraadt motie 24, omdat er niet genoeg middelen voor zijn.
Motie 25 vindt hij sympathiek. Hij zal met collega Voortman bekijken hoe de regeling eruit moet komen te zien. Hij komt er nog op terug en laat het oordeel aan de raad. Hierna schorst de voorzitter kort de vergadering. Na heropening van de vergadering stelt de voorzitter aan de orde: 15. Debat voorschoolse educatie en lerarentekort. Mevrouw Assen (PvdA) maakt een punt van orde over het voorlezen van het dictum van een motie. Ze
stelt voor daarvan de essentie te melden, maar omdat het gebruikelijk is dat bij een motie het dictum wordt voorgelezen, gaat de voorzitter hiermee niet akkoord.
De heer Wiegant (SP) biedt aan de moties namens haar in te dienen. Mevrouw Assen (PvdA) begint met haar inbreng. Ze vindt dat het college te weinig doet om de problemen aan te pakken bij het lerarentekort en de voorschoolse educatie. Deze hebben een
enorme impact op de kansengelijkheid. Het is volgens haar onbestaanbaar dat het college leraren op hoge parkeerkosten jaagt, terwijl wonen al onbetaalbaar is. De PvdA-fractie steunt de moties van de VVD-fractie op dit terrein.
Ze mist data die beter inzicht geven in het lerarentekort. Ze vraagt hierbij de Universiteit Utrecht te
betrekken en dient daarom motie 26 in, Effectieve aanpak van lerarentekort vraagt om nauwkeurige analyse nu en in de toekomst, mede namens de fracties van Student & Starter, VVD, PvdD, CDA, DENK en SP met de opdracht… Hierna zal de heer Wiegant het dictum voorlezen. De voorzitter vindt het op die manier verwarrend vergaderen. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) maakt een punt van orde, omdat er gemarchandeerd wordt met tijd. Zo heeft hij ook wel eens tijd van een andere fractie mogen gebruiken. Hij vindt dit niet de goede gang van zaken.
De voorzitter stelt vast dat mevrouw Assen de moties indient die ze binnen haar spreektijd kan
indienen. Daar waar ze een tekort aan spreektijd heeft, doet de heer Wiegant dat, maar hij treedt niet op als interval.
Mevrouw Assen (PvdA) maakt bezwaar tegen hoe het nu gaat. Ze heeft vaak genoeg moties
ingediend en alleen de strekking weergegeven. Ze heeft namelijk ook tekst om haar moties in te leiden. Ze zal alleen de dictums voorlezen. Het dictum van motie 26 luidt: 1.
naast de zaken die we al weten in beeld te brengen wat de ontwikkelingen de komende
Raadsvergadering van 3 februari 2022
25
(tientallen) jaren zijn van het aantal kinderen in de schoolgaande leeftijd van buurt tot buurt en het aantal leraren dat met pensioen gaat;
2.
in beeld te brengen wat de ontwikkeling is van het lerarentekort in het Speciaal Basis Onderwijs
3.
met de Universiteit Utrecht in gesprek te gaan over samenwerking bij het uitvoeren van de totale
4.
dit alles te doen in samenwerking met Utrecht Leert;
5.
en Regulier Basis Onderwijs;
analyse van het lerarentekort;
de raad hierover te informeren voor de Programmabegroting van 2023.
Mevrouw Sasbrink (PvdD) vraagt naar de aanleiding en achtergrond van deze motie. Mevrouw Assen (PvdA) licht toe dat de raad data krijgt over het lerarentekort. Maar in de brieven daarover lopen kwantitatieve en kwalitatieve data door elkaar en wordt een percentage van het lerarentekort genoemd waarbij geen onderscheid wordt gemaakt tussen speciaal en regulier
basisonderwijs. Ze mist meer data die ze nodig heeft voor een goed beeld en een goede aanpak.
Tevens dient ze motie 27 in, Het lerarentekort vraagt om een kortetermijnaanpak, mede namens de
fracties van Student & Starter, VVD, PvdD, CDA, DENK en SP met de opdracht, voor de VJN samen met de partners van Utrecht Leert tot een aanvulling te komen op het Actieplan Utrecht Leert om het lerarentekort ook op de korte termijn te bestrijden.
Over voorschoolse educatie dient ze motie 28 in, Actualisering van het Utrechts Kwaliteits Kader inclusief de kwaliteitsmeting is op korte termijn nodig, mede namens de fracties van Student &
Starter, GroenLinks, D66, DENK en SP, met de opdracht, het initiatief te nemen om met dezelfde
partners als voorheen het Utrechts Kwaliteits Kader te actualiseren, inclusief aanbevelingen; hier een kwaliteitsmeting onderdeel van te laten zijn; de raad uiterlijk Q2 hierover te informeren.
De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vindt het een sympathieke motie, maar vraagt wat de motie oplevert en of de PvdA-fractie een dekkingsvoorstel heeft.
Mevrouw Assen (PvdA) antwoordt dat haar fractie ervan overtuigd is dat de voorschoolse educatie de afgelopen jaren achteruit is gegaan, omdat medewerkers geen tijd meer hebben om zich voor te
bereiden. Door het actualiseren van het kwaliteitskader met een kwaliteitsmeting kunnen er concrete aanbevelingen komen om de kwaliteit te verbeteren. Ze vraagt de dekking te zoeken bij de voorjaarsnota.
Ze dient vervolgens motie 29 in, Investeer in extra toeleiding om het bereik van de voorschoolse educatie te verhogen, mede namens de fracties van Student & Starter, PvdD, DENK en SP met de opdracht, uiterlijk bij de voorjaarsnota te zorgen voor intensivering van het aantal toeleiders en hierbij rekening te houden met de bereikcijfers per buurt of wijk.
De heer Wiegant (SP) sluit zich aan bij de inbreng van de PvdA-fractie. De heer Rood (GroenLinks) houdt zijn maidenspeech, waarin hij ingaat op wat het vak van leraar inhoudt en hoe belangrijk leraren voor alle kinderen zijn, vooral voor hen die extra aandacht en
steun nodig hebben, zoals hijzelf als kind heeft ervaren. Tijdens zijn middelbareschooltijd heeft hij
door de vechtscheiding van zijn ouders in verschillende jeugdzorginstellingen gewoond. Het was een zware tijd, waarbij de school zijn veilige haven was. Leraren en ondersteunend personeel hebben
hem gesteund en door deze zware tijd gesleept, waarvoor hij ze altijd dankbaar zal blijven. Hij gunt
Raadsvergadering van 3 februari 2022
26
alle kinderen de aandacht en steun die hij kreeg. Het is daarom dat hij met passie spreekt over de
inzet van onderwijs voor eerlijke kansen en zich zorgen maakt over de terugloop in de voorschoolse educatie en het lerarentekort. De werkdruk in het hele onderwijs is groot, waardoor mensen niet altijd de zorg aan leerlingen kunnen bieden die ze nodig hebben. Maar dit kan niet alleen lokaal worden opgelost. Daarom is de GroenLinks-fractie blij dat in het landelijke coalitieakkoord het
voornemen staat de kansengelijkheid te vergroten door te investeren in kinderopvang, voor- en
vroegschoolse educatie en de rijke schooldag. Zijn fractie roept op actief lokale expertise aan te
bieden om deze investeringen zo effectief mogelijk vorm te geven. Om de kennis aan te scherpen
steunt ze motie 28. Ook staat ze positief tegenover motie 29, maar heeft ze vragen over de dekking en effectiviteit van dit voorstel. Spreker vraagt wat de wethouder zelf voornemens is om het teruglopen van de aantallen bij de voorschoolse educatie te keren.
Hij is trots op de aanpak van het college van het lerarentekort. Dit tekort, 8% op het PO, ligt in
Utrecht namelijk aanzienlijk lager dan in andere grote steden, maar is nog steeds te hoog. Hij steunt de wethouder bij het voortzetten van haar programma. De GroenLinks-fractie maakt zich in het bijzonder zorgen over startende leraren die uitstromen en vindt het belangrijk zo veel mogelijk
starters te houden. Daarom dient spreker motie 30 in, Behoud startende leraren, mede namens de
fracties van PvdA en D66, met de opdracht dat het college in gesprek gaat met het onderwijsveld om
te onderzoeken wat nodig is om te voorkomen dat startende docenten uitstromen, en dat het college op basis daarvan de inzet op startende docenten aanscherpt en prioriteert binnen het actieplan Utrecht Leert, om zo te voorkomen dat zij uitstromen.
De voorzitter feliciteert de heer Rood met zijn maidenspeech.
(Applaus.)
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) herinnert eraan dat de fractie van Stadsbelang Utrecht in 2018 en 2019 meerdere malen heeft gewezen op het feit dat er nauwelijks meetbaar effect is op het
tegengaan van taal- en rekenvaardigheidsachterstanden bij het plaatsen van kinderen op voor- en vroegschoolse educatie, en heeft gevraagd het effect hiervan te meten, onder andere met motie
247/2018. Op de VVD-fractie na heeft iedereen in de raad dit afgewezen, maar men komt nu terug met precies dezelfde opdracht.
Zijn fractie pleit er nog steeds voor om het gemeentelijk budget in te zetten daar waar dit het meeste effect sorteert, namelijk bij de achterstandsleerlingen in de groepen 6, 7 en 8 van de basisschool,
omdat deze gemotiveerd zijn om toegelaten te kunnen worden op het vervolgonderwijs. Hij betreurt het dat basisscholen niet de gewenste streefcijfers halen voor de reken- en taalbeheersing en dat
een op de drie leerlingen van particuliere onderwijsbedrijven huiswerkbegeleiding krijgt, bijles en
examentraining. Hij vraagt het college met voorstellen te komen om alle kinderen deze extra zorg te geven.
Professionele onderwijsbesturen en directies moeten volgens hem zelf in staat zijn het lerarentekort aan te pakken. Als de overheid die taak naar zich toe zou trekken, holt dit de verantwoordelijkheid
uit van die onderwijsorganisaties. De gemeentelijke overheid kan hierop € 1 miljoen besparen en dat inzetten voor echte gemeentelijke taken. Daarom vraagt zijn fractie het college voorstellen te doen om te bezuinigen op dit punt.
Mevrouw Meerding (VVD) meldt dat de VVD-fractie wil dat er wordt gewerkt aan veel betere
randvoorwaarden voor leraren, zodat ze betaalbaar in de stad kunnen wonen en naar hun werk
kunnen reizen. Ze dient hiertoe twee moties in. Motie 31,Geef leraren voorrang op een woning, dient
Raadsvergadering van 3 februari 2022
27
ze in mede namens de fracties van D66 en PvdA met de opdracht, alles in het werk te stellen om er
zo snel mogelijk voor te zorgen dat middenhuur en koopwoningen aan onmisbare maatschappelijke
beroepen kunnen worden toegewezen, zoals leraren, en voor de PGB 2022 met een brief aan de raad te komen, met daarin een stand van zaken over de uitvoering van deze motie.
De heer Rood (GroenLinks) wijst erop dat er naast leraren ook loodgieters, agenten en verplegers nodig zijn, en vraagt hoe de VVD-fractie haar voorstel uitlegt aan mensen uit andere essentiële beroepen waaraan een tekort is.
Mevrouw Meerding (VVD) antwoordt dat de maatschappelijk onmisbare beroepen als agenten, zorgmedewerkers en leraren afgebakend zijn. Zij vindt het belangrijk dat deze groepen extra
aandacht krijgen en dat er wordt ingegrepen, omdat het tekort aan deze medewerkers zichtbaar is. Ze begrijpt de opmerking van de heer Rood en beaamt dat het woningprobleem groter is.
De heer Rood (GroenLinks) heeft gevraagd hoe dit kan worden uitgelegd aan mensen uit andere beroepen die ook behoefte hebben aan een woning.
Mevrouw Meerding (VVD) antwoordt dat de uitleg is dat de VVD-fractie veel andere plannen op het gebied van wonen heeft. Vanwege de aandacht voor het lerarentekort legt ze daar de prioriteit.
Ze vervolgt dat motie 31 bijna een meerderheid heeft en ze roept iedereen op deze motie te steunen. Ook dient ze motie 32 in, Geef leraren korting op elektrische fiets, mede namens de fracties van
PvdA en CDA, met de opdracht, de daad bij het woord te voegen door leraren (van buiten Utrecht) een concrete oplossing te bieden die het gebruik van elektrische deelfietsen met korting mogelijk maakt, bijvoorbeeld in de vorm van het aan hen verlenen van een U-pas en de kosten hiervoor te
dekken uit de opbrengsten van het betaald parkeren bij scholen. Ze voegt hieraan toe dat de VVD-
fractie eigenlijk voorstander is van gratis parkeervergunningen voor docenten, maar het college daar niet aan wil.
De heer Koppelaar (Student & Starter) is nieuwsgierig naar de consequenties voor andere
investeringen op basis van de parkeeropbrengsten. Hij herinnert eraan dat in de commissie is gezegd dat dit een zaak is tussen werkgever en werknemer.
Mevrouw Meerding (VVD) vindt dat een vraag voor het college. Ze heeft geprobeerd de werkgever/werknemer-relatie eruit te halen door te spreken over deelfietsen.
De heer Rood (GroenLinks) vraagt hoe het systeem van deelfietsen moet gaan werken en of er voor
andere essentiële beroepen ook deelfietsen moeten komen. Voor hem is dit iets tussen werkgever en werknemer.
Mevrouw Meerding (VVD) antwoordt dat er al veel deelfietsen in Utrecht staan. Met de U-pas kan men er met korting gebruik van maken. Ze ziet graag dat deze aan leraren van buiten Utrecht worden aangeboden als alternatief.
De heer Van der Graaf (ChristenUnie) vindt het goed dat er een aantal voorstellen is gedaan om het actieplan Utrecht Leert te verbeteren en versnellen. Hij vraagt wie actief de regie heeft op het voorstel om het Utrechts Kwaliteits Kader te actualiseren, omdat het hierbij gaat om een
Raadsvergadering van 3 februari 2022
28
samenwerking tussen partners, waarvan de gemeente er één is. De heer Saiah (D66) merkt op dat er een aantal goede moties is ingediend die de D66-fractie steunt. Zijn fractie heeft meermalen haar zorg geuit over de voorschoolse educatie na de transitie en heeft benadrukt dat de communicatie goed en helder moet zijn en er moet worden gekeken naar de
toeleiding. Ouders zijn namelijk bang dat ze veel moeten betalen en weten niet hoe de toeslagen werken. Hij vraagt de wethouder hoe de gemeente ervoor zorgt dat de communicatie nog laagdrempeliger wordt.
Ook zijn fractie heeft zorgen over het lerarentekort. Ze wacht de reactie van het college af. De heer Van Steeg (CDA) heeft het gevoel dat de wethouder hard aan de slag is op deze
onderwerpen. De CDA-fractie steunt de moties die de PvdA-fractie heeft ingediend, met name om meer greep te krijgen op het lerarentekort. Bij de voorschoolse opvang is de toeleiding een groot
zorgpunt, zeker in de kwetsbare wijken. De coronacrisis heeft er weliswaar invloed op, maar spreker wil verbetering zien op dit vlak. Hij wacht met interesse de reactie van de wethouder op dit punt af. Mevrouw Klein (wethouder) behandelt de moties naar onderwerp. Ze benadrukt dat de voorschool waanzinnig belangrijk is voor een goede start op de basisschool. Daarom strijdt ze er iedere dag voor dat peuters die er baat bij hebben, bijvoorbeeld vanwege het risico op
ontwikkelingsachterstand, eraan deel kunnen nemen. Ze beaamt dat het ook belangrijk is iets te
doen voor achterstandsleerlingen van de groepen 6, 7 en 8. Daarom is het en/en. Men is er nog niet, daarom zijn er de afgelopen tijd aanpassingen gedaan. Ze ziet dat er een toename is van peuters
met een extra ondersteuningsbehoefte en dat er sprake is van een personeelstekort. Daarop is actie
ondernomen, zoals subsidie voor extra pedagogische coaches, extra budget voor de voorschool plus en extra studenten in de voorschool, betaald uit de NPO-middelen.
Motie 28, Actualisering van het Utrechts Kwaliteits Kader inclusief kwaliteitsmeting op korte termijn nodig, neemt ze over. Ze is hier al mee bezig met alle partners die daarbij nodig zijn. De gemeente neemt de regie. Ze zal uiterlijk in Q2 de raad informeren, maar dan is die actualisering nog niet af.
Bij toeleiding tot de voorschoolse educatie hoort communicatie. Daarom heeft ze ervoor gezorgd dat er een procesbegeleider is tussen de toeleiders – die in dienst zijn bij de gemeente bij
volksgezondheid – en de planners van de aanbieder van de voorschool. Digitaal worden gegevens
slimmer uitgewisseld, er is een pilot en ze bekijkt waar dingen kunnen worden gedaan die helpen, zoals een inloopspreekuur. Op het consultatiebureau krijgen kinderen een welkomstasje en de sociale raadslieden helpen hierbij, met de vertrouwelijke informatie van de Belastingdienst.
De heer Saiah (D66) wijst erop dat mensen wantrouwig zijn jegens overheid, Belastingdienst en
organisaties die daarmee gelieerd zijn. Daarom is het volgens hem lastig informatie over te brengen en helpt het enorm als dit wordt meegenomen in de communicatiestrategie.
Mevrouw Klein (wethouder) deelt dat zeer. De raad krijgt iedere zes maanden een update hierover. Maar ze wijst erop dat het bij communicatie ook gaat om de ambassadeursfunctie van mensen die goede ervaringen hebben en mensen in eigen kring hierover informeren. De overheid, inclusief de lokale overheid, moet het vertrouwen weer terugwinnen. Daaraan wordt hard gewerkt.
De heer Rood (GroenLinks) vraagt de wethouder toe te zeggen bij de volgende update de effectiviteit van de maatregelen toe te lichten.
Raadsvergadering van 3 februari 2022
29
Mevrouw Klein (wethouder) antwoordt dat dit bij elkaar hoort en zegt dat graag toe.
Ze vervolgt met motie 29, Investeer extra in toeleiding om het bereik van voorschoolse educatie te
verhogen. Ze vindt dat het belangrijk is genoeg menskracht te hebben. Ze ziet mogelijkheden binnen het programma om voor een dekking te zorgen en werkt hier al aan. Ze neemt de motie over.
Er is een "Utrecht leert"-aanpak gemaakt, samen met iedereen die daarbij nodig is, dus ook de
lerarenopleiders en de scholen. Daarbij is er vooral gekozen voor het aantrekkelijker maken van vak van de leerkracht, het aantrekken en behouden van onderwijstalent, opleiden en begeleiden in de school en het nieuwe opleiden, dat ervoor zorgt dat leerkrachten in de loop van de tijd kunnen
veranderen. Dit is voor de middellange en langere termijn. Op de korte termijn wordt ook heel veel gedaan.
Motie 26, Effectieve aanpak van lerarentekort vraagt om nauwkeurige analyse nu en in de toekomst:
In de trendrapportage in opdracht van OCW staat veel informatie die in de motie wordt gevraagd. Ze zal ervoor zorgen dat die duidelijker wordt toegespitst op de Utrechtse situatie. Ze gaat graag het gesprek met de universiteit aan. Ze laat het oordeel aan de raad, omdat het hierbij ook gaat om ondersteuning van beleid.
Motie 27, Het lerarentekort vraagt ook om een korte termijn aanpak: Dit gebeurt iedere dag. Vanwege de covidaanpak is dit de afgelopen twee jaar dagelijks aan de hand geweest. Maar
spreekster vindt het niet netjes iets toe te zeggen wat de Utrechtse onderwijsagenda gezamenlijk
kan opleveren. Ze zegt toe in een brief te zetten wat er allemaal gebeurt en duidelijk te beschrijven waar het allemaal om gaat, zodat het voor de raad duidelijk wordt hoe daaraan wordt gewerkt.
Inhoudelijk is de beste korte termijn aanpak het in dienstnemen en opleiden van zijinstromers en het voorkomen van uitval van startende leraren. Daarnaast worden er ad hoc maatregelen getroffen die men het liefst wil voorkomen. De G4 en Almere hebben een convenant met het ministerie gesloten over extra geld voor de aanpak van het lerarentekort.
Motie 30, behoud startende leraren: Hierover is ze in overleg met de partners in Utrecht. Ze neemt de motie over en verwacht dat de plannen voor de zomervakantie gereed zijn.
Motie 31, geef leraren voorrang op een woning: In de afgelopen jaren hebben leraren via hun inkomen voorrang gekregen. Er is een nieuwe wet, de antwoorden op de schriftelijke vragen
daarover komen binnenkort naar de raad. Ze raadt aan die af te wachten. Wethouder Diepenveen zal uitzoeken welke nieuwe mogelijkheden die wet oplevert.
Motie 32, Geef leraren korting op elektrische fiets, begrijpt ze goed. De dekking is echter niet
deugdelijk, omdat niet zomaar parkeergeld aan een beleidsdoel kan worden gekoppeld. Ze ontraadt
de motie, maar zegt toe hierover met de schoolbesturen te spreken om te kijken hoe dit gezamenlijk kan worden gedaan. Het is inderdaad aan de werkgever hiervoor te zorgen, maar spreekster vindt het belangrijk in dit geval te bekijken hoe dit in partnerschap kan worden gedaan.
De heer Rood (GroenLinks) trekt motie 30, behoud startende leraren, in, omdat ze is overgenomen. De heer Van Corler (nestor) spreekt de heer Rood toe in verband met zijn maidenspeech. Hij vond
het een mooi, persoonlijk en moedig verhaal, omdat daarin aandacht is besteed aan een moeilijke
periode in zijn jeugd en de verbinding is gelegd met het vak van leraar. Het is jammer dat de heer
Rood nog maar een korte periode heeft in deze raad, maar spreker hoopt dat hij na de verkiezingen terugkomt. Hij feliciteert de heer Rood met zijn maidenspeech.
(Applaus.)
Raadsvergadering van 3 februari 2022
30
17. Raadvoorstel Tijdelijk wonen en nieuwe grondexploitatie BEFU-terrein Hoograven. Mevrouw Sasbrink (PvdD) heeft een drietal bedenkingen tegen dit overigens prima plan.
Er wordt in het raadsvoorstel besloten te zorgen voor een goede aansluiting op de Liesboschwetering en het Liesboschpark, een gewenste groene verbinding. Daarover dient ze amendement 4 in,
Ontmoeting, beweging én ecologie in het Liesboschpark en langs de Liesboschwetering, mede
namens de SP-fractie, waarin beslispunt 2.i in het raadsvoorstel wordt aangepast, met het doel bij de inrichting van het terrein rekening te houden met een goede aansluiting op de historische
Liesboschwetering en het Liesboschpark met ruimte voor ontmoeting, beweging en ecologie. Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt aan welke maatregelen ze hierbij moet denken. Mevrouw Sasbrink (PvdD) antwoordt dat er wordt gekeken welke soorten er nu voorkomen, bij de inrichting rekening wordt gehouden met onderbeplanting waar dieren kunnen schuilen, er
doorgaande bomenlijnen zijn waar vleermuizen gebruik van kunnen maken, er bij de soortkeuze
rekening wordt gehouden met wat goed is voor de biodiversiteit en er niet wordt geasfalteerd in het groen.
Ze vervolgt met haar tweede bedenking over geluidsbelasting. Er wordt immers gekozen voor
tijdelijk wonen omdat het volgens de milieuwetgeving ongezond is om in de geluidshinder van
snelwegen te wonen. Ze maakt zich daar zorgen over en begrijpt in die zin niet het verschil tussen
tijdelijk en niet tijdelijk. Er wordt een aantal verplichte maatregelen opgelegd om de geluidsbelasting te beperken en een aantal waaruit de ontwikkelaar kan kiezen. Ze betreurt dat niet alles geëist wordt en er niet meer nadruk ligt op de geluidsluwe zijde en vindt het vreemd dat de beperkte woonduur ertussen staat, omdat moeten verhuizen meer stress oplevert. Ze dient hierover amendement 5 in, Stress wordt niet minder van een tijdelijk contract, mede namens de fractie van Student & Starter,
met de strekking dat woonduur als keuze wordt geschrapt en de geluidsluwe zijde iets meer wordt benadrukt en als verplichting wordt gesteld. De heer Ișik (PvdA) vraagt naar de dekking. Mevrouw Sasbrink (PvdD) antwoordt dat de dekking uit de exploitatie van de ontwikkelaar moet komen. Met het amendement wordt het aantal keuzes voor de ontwikkelaar kleiner gemaakt.
De derde bedenking betreft de duurzaamheid van de wooneenheden. De heer Koppelaar zal daarover meer zeggen, mede namens de PvdD-fractie en voorstellen dit aan de tender toe te voegen. In de commissie heeft de wethouder toegezegd natuurinclusief bouwen als suggestie mee te nemen waarop inschrijvers punten kunnen scoren. Ze bedankt hem daarvoor.
De heer Koppelaar (Student & Starter) staat positief tegenover dit raadsvoorstel. Tijdelijke bewoning is een goede zaak zolang permanent wonen nog niet mogelijk is. Maar de duurzaamheidseisen aan tijdelijke wooneenheden zijn niet hard geformuleerd. Daarom dient hij amendement 6 in,
Duurzaamheid is de norm, ook bij tijdelijke woningen, mede namens de fracties van PvdA, PvdD en ChristenUnie, met als doel de duurzaamheidseisen bij beslispunt 2.e verder aan te scherpen.
De heer Koning (D66) begrijpt uit het amendement dat er herplaatsbare woningen moeten worden neergezet. Hij vindt dat demontabel ook mogelijk zou moeten zijn. Kan dat met dit amendement?
Raadsvergadering van 3 februari 2022
31
De heer Koppelaar (Student & Starter) antwoordt dat het raadsvoorstel is gevolgd waarin sprake is van herplaatsbare woonunits. Het enige dat wordt veranderd, is dat van een optie een harde eis wordt gemaakt. Ook is er een bijzin toegevoegd over energiezuinigheid. Hij is het met de D66fractie eens dat het ook om een demontabele woning kan gaan. De nadruk ligt op hergebruik.
De heer Schipper (SP) kan instemmen met de tijdelijke invulling van dit terrein, gezien de enorme woningnood en het langjarige uitstel van definitieve bouwplannen voor dit terrein. Hij dankt de wethouder voor diens belofte om het herstel van een rechtstreekse buslijn van Hoograven naar Leidsche Rijn serieus mee te nemen. De provinciale SP-fractie pakt dit ook op.
Spreker breekt een lans voor de snelle aanpak van de geluidshinder. In 2019 heeft hij hiervoor motie
400 ingediend, maar die kreeg geen steun van de coalitie. Die motie dient hij geactualiseerd opnieuw in, met steun van de D66-fractie. Motie 33, Alles uit de kast voor aanpak geluidshinder A12, dient hij in mede namens de fracties van PVV, ChristenUnie, VVD, PvdA, D66, Student & Starter, PvdD en
CDA, met het verzoek, alles uit de kast te halen om te komen tot een spoedige oplossing van deze onaanvaardbare patstelling; hiertoe per omgaande met Rijk en provincie om de tafel te gaan en zo
nodig ook te kijken naar de inzet van eigen middelen (cofinanciering); de raad uiterlijk ten tijde van de Voorjaarsnota 2022 te informeren over de stand van zaken.
Mevrouw Heijne (GroenLinks) zegt dat haar fractie die bescherming tegen geluidsoverlast ook heel graag wil en het belangrijk vindt dat het college hier vol op inzet en lobbyt bij het Rijk, maar ze vraagt zich af of cofinanciering de onderhandelingspositie van de gemeente niet enorm onderuithaalt.
De heer Schipper (SP) antwoordt dat hij in 2019 exact deze reactie kreeg van wethouder Van
Hooijdonk. Tweeënhalf jaar later moet er een knoop worden doorgehakt, anders zitten de bewoners tot 2027 in de herrie. Dat vindt hij onaanvaardbaar.
Mevrouw Heijne (GroenLinks) vindt dat ook onaanvaardbaar. Ze hoort graag van het college of het
helpt als de gemeente er middelen bij legt. Haar fractie wil zeker weten dat de goede maatregelen
worden getroffen en het Rijk niet wordt geholpen met verantwoordelijkheden die bij het Rijk liggen. De heer Schipper (SP) reageert dat het Rijk voor 2023 een saneringsplan moet hebben. Daarom heeft hij "zo nodig" opgenomen in de motie. Hij denkt niet dat een mogelijke inzet van eigen middelen de onderhandelingspositie van de gemeente schaadt. Bij de voorjaarsnota kan de raad er altijd nog andere gedachten over vormen. Er moet eindelijk ijzer met handen worden gebroken.
Mevrouw Heijne (GroenLinks) vindt het lastig nu een motie in te dienen dat de raad hiervoor staat, en dit bij de voorjaarsnota te heroverwegen. Ze hoort graag van de wethouder of de motie echt gaat helpen.
De heer Bosch (PVV) vindt het een prima initiatief om op sommige plekken tijdelijk wonen toe te
staan. Zijn fractie heeft moeite met de coulante houding van dit college ten opzichte van krakers. Ze heeft hierover meerdere keren vragen gesteld, onder andere omdat kraken bij wet verboden is. Ze
stadsnomaden noemen getuigt van een romantische bril. Daarom dient hij motie 34 in, Mededelen ja, praten nee, met de opdracht, op geen enkele manier in gesprek te gaan met (anders dan
mededelingen tot ontruiming en dergelijke) of ruimte te geven aan krakers om oplossingen te vinden
Raadsvergadering van 3 februari 2022
32
voor hun woonsituatie. Mevrouw Heijne (GroenLinks) herinnert eraan dat haar fractie, met andere fracties, vaak heeft
opgeroepen om meer vaart te maken meer tijdelijke woningbouw. Met dit voorstel komen er 600 woningen bij. In de commissie heeft ze extra aandacht gevraagd voor een stevige rol van de
woningcorporaties bij bouw en beheer van de woningen en aangedrongen op voldoende maatregelen voor stilte op deze luidruchtige plek, investering in het sociaal beheer en verbetering van de
openbare ruimte. Ze is tevreden met de toezeggingen hierop. De moties die dit versterken, steunt ze en ze zal het voorstel steunen.
De heer Koning (D66) denkt dat de vraag aan de wethouder kan worden aangescherpt door te
zeggen dat Utrecht bereid is tot cofinanciering van de geluidsschermen, onder voorwaarde dat die verder gaan dan de wettelijke eisen, er nog minder geluidshinder optreedt en er wellicht meer woningen kunnen worden gebouwd in dit gebied. Hij vraagt of de GroenLinks-fractie hiervoor openstaat.
Mevrouw Heijne (GroenLinks) vraagt zich af of het gaat helpen om op voorhand te zeggen dat de gemeente bereid is de portemonnee te trekken. Dit vraagt ze de wethouder. Afhankelijk van het
antwoord zal de GroenLinks-fractie haar positie overwegen. Zij is verbaasd dat de D66-fractie op voorhand ervan overtuigd is dat dit het geval is en de motie getekend heeft.
De heer Koning (D66) reageert dat het essentieel is dat de gemeente er iets voor terugkrijgt, als ze er geld in gaat steken, namelijk meer ruimte om woningen te bouwen of verdergaan met het
terugdringen van de geluidshinder dan wettelijk moet. Het Rijk is immers verplicht dit voor Utrecht op te lossen. Het is belangrijk dat het college met deze boodschap op pad gaat.
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) ziet niet alleen een kans om tijdelijke woningen toe te voegen,
maar ook een beperking, omdat het college kiest voor alleen de STUW-partners om deze woningen
kunnen realiseren. Dit betekent dat de geselecteerde woningcorporatie verlies kan gaan leiden en de gemeente dus genoodzaakt is om de exploitatieduur te verlengen. Het college neemt al ruimte om de grondexploitatie te verlengen tot 2036 om verliezen te kunnen dekken. Bovendien wordt de spoeling van het aantal gegadigden dun.
Hij vraagt wat er is gedaan met motie 43/2015 en waarom alleen STUW-leden worden uitgenodigd,
terwijl er meer partijen zijn met meer verstand van tijdelijke woningen, waardoor de grondexploitatie wellicht niet hoeft te worden verlengd tot 2036. Ook vraagt hij wat het Didam-arrest in combinatie met de overgenomen motie 43/2015 betekent voor het voornemen om de ontwikkeling alleen aan corporaties te gunnen. In dit kader stelt hij voor de besluitvorming uit te stellen tot hierover
duidelijkheid is. Hij vraagt de toezegging dat het college hierover op korte termijn uitsluitsel geeft. Spreker dient amendement 7 in, Inschrijving BEFU terrein Hoograven openstellen voor zoveel
mogelijk partijen, mede namens de VVD-fractie, met de strekking niet alleen met STUW-partijen te praten, maar ook particuliere initiatiefnemers ruimte te geven.
De heer Ișik (PvdA) vraagt of de heer Bos het met hem eens is dat particulieren meer huur vragen dan corporaties.
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) antwoordt dat daarover afspraken kunnen worden gemaakt. Ook
Raadsvergadering van 3 februari 2022
33
zij kunnen sociale huur realiseren. Ze zijn bovendien in staat snel tijdelijke woonruimten te realiseren.
De heer Van der Marel (VVD) staat positief tegenover het raadsvoorstel, maar hecht belang aan
gelijke kansen voor marktpartijen en corporatiepartijen. Daarom steunt zijn fractie amendement 7. De heer Ișik (PvdA) vindt het onverstandig om bouwgronden jarenlang ongebruikt te laten liggen. Ook deze woningen zijn daarom welkom. De PvdA-fractie staat onder het amendement over duurzaamheid en zal de andere amendementen beoordelen op basis van de reactie van de wethouder.
De heer Diepeveen (wethouder) antwoordt dat amendement 4, Ontmoeting, beweging én ecologie in het Liesboschpark en langs de Liesboschwetering, helemaal in lijn ligt met zijn antwoord in de commissie en een positief advies krijgt.
Bij amendement 5, Stress wordt niet minder van een tijdelijk contract is hij het niet met de indienster eens dat het beperken van de woonduur geen factor zou zijn. Medisch milieukundigen wijzen erop dat de duur van de bloostelling aan een bepaalde mate van geluidsoverlast een relevante factor is. Daarom is het beperken van het huurcontract tot vijf jaar toegevoegd aan het keuzepalet om de effecten van geluid te beperken.
De heer Koppelaar (Student & Starter) vraagt of de wethouder het met hem eens is dat het beter is de geluidsoverlast zo laag mogelijk te maken in plaats van de blootstelling eraan korter te maken. De heer Diepeveen (wethouder) antwoordt dat het beide is en daarom beide elementen in het keuzepalet zitten. Bij de verdere ontwikkeling wordt hierover verder gesproken met de ontwikkelaar(s) om te kijken welke combinatie eruit zal komen.
Mevrouw Sasbrink (PvdD) vraagt of de ontwikkelaar er nog steeds voor kan kiezen iets anders te
doen dan het tijdelijke contract aanbieden en of de wethouder het met haar eens is dat weten dat het huurcontract op een bepaalde datum afloopt, stress kan opleveren.
De heer Diepeveen (wethouder) is het met het laatste eens, met de toevoeging dat het de stress
verlaagt als dit van tevoren duidelijk is. De praktijk bij flexwoningen is dat de woonduur korter is dan vijf jaar.
Hij vervolgt met amendement 6, Duurzaamheid is de norm, ook bij tijdelijke woningen en adviseert positief op het schrappen van de woorden "bij voorkeur", met de toevoeging dat herplaatsbaar kan worden gelezen als demontabel en remontabel.
Bij motie 33, Alles uit de kast voor aanpak geluidshinder A12, is spreker het ermee eens dat hiervoor alles uit de kast moet worden gehaald. De wettelijke verplichting bestaat al heel lang en de mensen
in Hoograven wachten al heel lang op een geluidsscherm. Hij wijst op het coalitieakkoord, waarin het Rijk een koppeling legt tussen het saneringsplan en het tracébesluit voor de A27. Inzet van eigen middelen spreekt het college niet aan. Bovendien staan de bovenwettelijke eisen niet in de motie
genoemd en is het financiële probleem niet het echte probleem, maar spelen andere kwesties, zoals wanneer wordt begonnen met de aanpak van de ring en wat dat betekent voor de infrastructuur. Dit zijn praktische en juridische zaken. Het aannemen van deze motie verzwakt de onderhandelingspositie van de gemeente. Daarom ontraadt hij motie 33.
Raadsvergadering van 3 februari 2022
34
De heer Schipper (SP) vraagt welke wijziging ervoor zorgt dat de wethouder wel met de motie uit de voeten kan. Een geluidsscherm is immers een innige wens van de raad.
De heer Diepeveen (wethouder) antwoordt dat het college die wens deelt. Het cruciale punt zit in de tweede bullet van het dictum. Als "en zo nodig ook te kijken naar de inzet van eigen middelen (cofinanciering)" wordt geschrapt kan het college haar overnemen.
De heer Koning (D66) vraagt of het helpt die passage te laten staan met de clausule dat het resultaat bovenwettelijk moet zijn.
De heer Diepeveen (wethouder) vindt die gedachte interessant, maar gaat er niet over als
portefeuillehouder. Hij vindt het beter daarover afzonderlijk, maar spoedig, te debatteren met de verantwoordelijk wethouder.
Hij vervolgt dat hij motie 34, Mededelen ja, praten nee, ontraadt, omdat daarin wordt gevraagd op geen enkele manier in gesprek te gaan met krakers, behalve voor een eenzijdige mededeling. De gemeente is al met de krakers in gesprek om te komen tot een ontruiming met wederzijdse instemming en volmondige medewerking als de bodemsanering een aanvang neemt.
Amendement 7. Dat er alleen met STUW-leden wordt gesproken, vloeit voort uit gemaakte
prestatieafspraken uit de selectieleidraad. Er is secuur naar het Didam-arrest gekeken, met
juridische toetsen. Het college komt binnenkort met een brief over de implicaties van dit arrest voor gemeentelijke activiteiten en zal in de brief aandacht besteden aan de situatie op het BEFU-terrein. Het voorlopige oordeel is dat alleen met STUW-leden praten geen belemmering is voor de besluitvorming.
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) wijst op zijn overgenomen motie 43 uit 2015, die eraan bijdraagt dat particuliere beleggers precies hetzelfde kunnen doen en het college ze zou betrekken bij de ontwikkeling van sociale huisvesting. In de motie wordt gesteld dat er een gelijk speelveld moet
komen. Nu besluit het college particuliere partijen uit te sluiten. Hij verwacht dat het college in lijn met die motie handelt.
De heer Diepeveen (wethouder) denkt dat het verstandig is in de brief over het Didam-arrest terug te komen op deze motie en wat daarin staat over een gelijk speelveld.
De heer Schipper (SP) hecht aan een uitspraak van de raad over de geluidsschermen en dient daartoe de gewijzigde motie 35 in, Alles uit de kast voor aanpak geluidshinder A12, mede namens de fracties van D66, CDA, PvdA, VVD, PvdD, PVV, Student & Starter en ChristenUnie, waarin de gewijzigde tweede bullet is:
"hiertoe per omgaande met Rijk en Provincie om de tafel te gaan en zo nodig ook te kijken naar de
inzet van eigen middelen (cofinanciering), maar dan op voorwaarde dat het aantoonbare meerwaarde heeft (bijvoorbeeld bovenwettelijke geluidsreductie)."
De heer Diepeveen (wethouder) gaat ervan uit dat hij namens het college kan zeggen dat hij het oordeel aan de raad laat.
De heer Wijmenga (ChristenUnie) feliciteert de heer Eerenberg met het feit dat hij is uitgeroepen tot
Raadsvergadering van 3 februari 2022
35
beste jonge bestuurder van Nederland.
(Applaus.)
De voorzitter vindt dit een enorme felicitatie waard. De heer Koppelaar (Student & Starter) pleit ervoor op tijd de balans op te maken wat er vanavond al dan niet behandeld kan worden, zodat de ambtelijke ondersteuning op tijd naar huis kan.
De voorzitter vindt dat een sympathiek voorstel en zal dit om 17.00 uur aan de orde stellen. Daarop schorst de voorzitter de vergadering. Na heropening van de vergadering stelt de voorzitter gelijktijdig aan de orde: 18. Raadsvoorstel Visie Klimaatadaptatie. 19. Raadsvoorstel Visie Water en Riolering Utrecht en Programma Water en Riolering 2022-2026. Mevrouw Sasbrink (PvdD) meldt dat de PvdD-fractie de Visie Klimaatadaptatie niet ambitieus genoeg vindt. Klimaatmaatregelen moeten sneller en scherper worden genomen, maar in de visie wordt niet gerept over het tegengaan van klimaatverandering, terwijl dat in alle beleidsvelden moet
terugkomen. Klimaatadaptatie alleen is dweilen met de kraan open. Deze visie helpt niet tegen de huidige klimaatcrisis als niet meer wordt gedaan om de opwarming tegen te gaan. Op haar
voorstellen in de commissie om hier iets aan te doen, is weinig enthousiast gereageerd. Daarom stemt de PvdD-fractie tegen deze visie: te weinig, te langzaam en te vaag.
Ze is iets positiever over de Visie water en riolering, hoewel ze liever meer ambitie had gezien en dat het sneller zou gaan, in het belang van biodiversiteit en klimaat. Er zit een programma bij. Ze is blij dat er een andere systematiek voor de rioolheffing komt en het principe dat de vervuiler betaalt richtinggevend kan zijn. In de commissie heeft de wethouder gezegd dat er standaarden en
gedragscodes zijn voor biodiversiteit in relatie met onderhoudswerkzaamheden, maar er een tandje bij kan worden gezet. Spreekster vraagt de toezegging dat biodiversiteit uitgangspunt zal zijn bij keuzes voor beheer.
Ze dient amendement 8 in, Rioolvisie waterkwaliteit levendig, mede namens de Student & Starter-
fractie, over het niveau van de kwaliteit van het oppervlaktewater. De streefnorm moet volgens haar
minimaal levendig zijn, maar het liefst natuurlijk. Daarmee moet zo snel mogelijk worden begonnen en daarom wordt aan beslispunt 1.f toegevoegd dat het streefdoel levendig als ondergrens wordt gehanteerd en ernaar wordt gestreefd dit stapsgewijs in de periode tot 2025 te realiseren.
De heer Schreuder (D66) vindt de Visie Klimaatadaptatie noodzakelijk en urgent, omdat de gevolgen
van klimaatverandering opgevangen moeten worden, terwijl tegelijkertijd hard moet worden gewerkt aan het tegengaan van grotere gevolgen. Zijn fractie ziet de visie als een tussenstand, omdat er nog veel moet worden uitgewerkt. De aanpassingen die de wethouder heeft toegepast maken de keuze duidelijker en concreter en de raad is daarmee goed in positie om de uitwerkingen te controleren. Het gaat met name om de uitwerking van de nu vastgestelde doelstellingen van de indicatoren,
duidelijkheid over de financiering en een communicatieplan voor bewoners. De D66-fractie steunt
van harte motie 36 van Student & Starter over klimaatboxen als eerste concretisering. Deze zal later
Raadsvergadering van 3 februari 2022
36
worden ingediend.
De Visie Water en Riolering legt de juiste prioriteiten neer en brengt in kaart hoe noodzakelijk de vervanging van het riool is. De koppeling van deze twee visies betekent een versterking van de
stedelijke visie op riolering. De D66-fractie is blij met de uitwerking van motie 382 over een eerlijke verdeling van de rioolheffing. Het voorstel verdient echter een aanscherping op de
rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI) Overvecht. Hierover dient hij amendement 9 in, Positie RWZI
Overvecht, mede namens de fracties van GroenLinks, VVD en PvdA, dat kiest voor een verplaatsing van de RWZI naar buiten de stad.
De heer Wijmenga (ChristenUnie) reageert dat het Hoogheemraadschap Stichtse Rijnlanden bereid is te verplaatsen, maar van de gemeente steeds nul op rekest krijgt en van de gemeente verwacht dat
bij de verplaatsingsdiscussie een locatie en geld op tafel komen. Dat staat niet in het amendement.
Hij vraagt of de heer Schreuder zich ervan bewust is dat een verplaatsing geld en ruimte gaat kosten en waar hij die ziet.
De heer Schreuder (D66) antwoordt dat het amendement verwijst naar lopend onderzoek van de RSU. Door een duidelijke richting te geven wil spreker voorkomen dat er buiten de raad om een besluit wordt genomen om de RWZI niet te verplaatsen. Dit is in het verleden namelijk gebeurd. Daarom
vindt hij het urgent dit vast te leggen. Daarmee is het college in positie in de onderhandelingen met het waterschap.
Hij vervolgt dat de planning verder moet worden uitgewerkt, zodat er genoeg tijd is om dit goed te regelen voor de volgende noodzakelijke renovatie van de RWZI.
Mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) dient motie 36 in, Van energiebox naar klimaatbox, mede namens de fracties van GroenLinks, PvdD, D66 en CDA met de opdracht, naast de energiebox ook
een klimaatbox te ontwikkelen waarbij in de box én adviesgesprekken, middelen, informatie en hulp geboden worden om vastgoed klimaatadaptief te maken; hierbij de opgave energietransitie en klimaatadaptatie gezamenlijk aan te vliegen, waarbij per doelgroep (woningeigenaar, huurder, corporatie, bedrijven) maatwerk geleverd kan worden hoe woningen/panden klimaat adaptief
verduurzaamd kunnen worden; hiervoor te zoeken naar dekking bij o.a. de rioolheffing; aan de raad terug te koppelen hoe de invoering van de klimaatbox er in de praktijk aan toe gaat. Het gaat om een efficiënte aanpak en integraal werken.
De omgeving klimaatadaptief maken is leuker als er een waterspeeltuin in de buurt is. Daarover dient ze motie 37 in, hete zomers, dan afkoelen in de Waterspeeltuin, mede namens de fracties van GroenLinks, PvdA en CDA, met de opdracht, te onderzoeken waar en hoe in de stad nog meer
waterspeeltuinen of sprinklersystemen kunnen komen om zo hittestress tegen te gaan, hierbij de
combinatie te zoeken met groen en het creëren van een fijne ontmoetingsplek en de raad hierover te informeren.
Mevrouw Sasbrink (PvdD) vraagt hoe zich dit verhoudt met waterverspilling en of dit een gesloten systeem wordt. Dit vraagt ze tevens aan de wethouder.
Mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) antwoordt dat ze de motie breed heeft ingestoken om dit te onderzoeken en mee te nemen, en de waterspeeltuin een duurzame onderslag moet hebben.
Ze dient vervolgens motie 38 in, Bomen als natuurlijk aircosysteem voor de stad, mede namens de
PvdD-fractie met de opdracht, inwoners te informeren over de impact van airco’s, het stimuleren van
Raadsvergadering van 3 februari 2022
37
aanplanten van meer bomen en verticaal groen en de raad hierover te informeren. Ze heeft namelijk begrepen dat één boom gelijkstaat aan tien airco's.
Mevrouw Zwinkels (CDA) is blij met de beantwoording in de commissie over de Visie
Klimaatadaptatie en is blij dat het idee van het seizoenfonds is opgepakt in de praktijk. In de visie is goed ondervangen dat er rekening wordt gehouden met kwetsbare doelgroepen en de groenarme wijken daarom eerst worden aangepakt. Ze dient motie 39 in, Een klimaatloket voor inwoners en
ondernemers, mede namens de fracties van GroenLinks, Student & Starter en PvdA, met de opdracht, het energieloket uit te breiden naar een klimaatloket, waar regelingen en andere nuttige informatie goed vindbaar en laagdrempeliger zijn voor alle inwoners en ondernemers, en de gemeenteraad in Q3 van 2022 te informeren over de voortgang en de communicatie.
Mevrouw Heijne (GroenLinks) is blij met de concrete doelen in de Visie Klimaatadaptatie, omdat de
gevolgen van klimaatverandering al merkbaar zijn. De raad komt nog te spreken over biodiversiteit naar aanleiding van onderzoeken. De GroenLinks-fractie vindt het belangrijk samen met bewoners
en maatschappelijke organisaties op te trekken en is blij met de toezegging dat het college bekijkt of de gemeente Utrecht mee kan doen met de pilot serendicity. Ze gaat ervan uit dat de wethouder de raad hierover blijft informeren.
De verschillende moties dringen erop aan dat in de gemeente de link wordt gelegd met bestaande maatregelen en lijntjes naar bewoners en energiebesparing worden gelegd gecombineerd met
klimaatmaatregelen. Die steunt de GroenLinks-fractie. Ze zou het toejuichen als de adviseurs van
Jouw Huis Slimmer ook wijzen op de mogelijkheden van groene daken en regentonnen. Ze roept op tot een integrale benadering.
De GroenLinks-fractie vindt het een goed uitgangspunt dat de vervuiler betaalt en kijkt uit naar de nieuwe systematiek voor de rioolheffing. Ze dankt voor het amendement 9 over de RWZI.
De heer Wijmenga (ChristenUnie) vindt beide voorstellen positief, zeker gezien de betrokkenheid van maatschappelijke partners die enthousiast zijn hoe deze visies als voorstellen tot stand zijn
gekomen. Dit kan als voorbeeld dienen elders in het land. Hij geeft de complimenten van zijn collega's door aan de wethouder.
In verband met het toenemen van bestrating in particuliere ruimte, vraagt hij of het niet zinvol is hierover breder na te denken, bijvoorbeeld met de tuincentra in de stad, hoe zij mensen kunnen verleiden tot groen in plaats van steen. Wellicht kan een klimaatloket daarin een rol spelen.
De heer Van der Marel (VVD) sluit zich aan bij de woorden van de D66-fractie. Hij dankt voor de
prettige samenwerking bij het schrijven van het amendement. Hij verwacht dat de wethouder de meeste moties zal overnemen, omdat ze sympathiek zijn.
De heer Van der Zweth (PvdA) waardeert het dat de wethouder met de visie op klimaatadaptatie is
gekomen, hoewel de tussenstappen en middelen nog een punt zijn. Hij steunt amendement 9 over de RWZI Overvecht. Ook spreekt hij zijn steun uit voor het raadsvoorstel.
De heer Diepeveen (wethouder) dankt voor de inbreng van de raad, die bouwstenen levert om het bouwwerkje groter en sterker te maken en de heer Wijmenga dat hij heeft gewezen op het enthousiasme van maatschappelijke partners. Dit is een belangrijke start.
Spreker wijst mevrouw Sasbrink erop dat klimaatadaptatie in belangrijke mate ook klimaatmitigatie
Raadsvergadering van 3 februari 2022
38
is door het vergroenen en tegengaan van verharding. Daarnaast heeft Utrecht een energievisie en de RES om klimaatverandering tegen te gaan. Hij vindt het goed dat de raad veelvuldig de link met energie heeft gelegd.
Amendement 8, Rioolvisie waterkwaliteit levendig, heeft een ambitie die niet haalbaar is voor een
groot deel van het stedelijk water, tenzij allerlei functies zoals scheepvaart, de oeverinrichting en de
cultuurhistorie naar de achtergrond worden verdrongen. Zo kunnen waterplanten niet overal groeien door het ontbreken van voldoende licht en dit heeft invloed op de waterkwaliteit. De verbetering van de waterkwaliteit voert de gemeente samen uit met HDSR. De ambitie van Utrecht gaat verder dan
die van de buurgemeenten. Er wordt keihard aan gewerkt om de ecologische doelstellingen in 2027 te bereiken. Een volgende stap is om toe te werken naar een hoger kwaliteitsniveau. Daarom adviseert hij negatief.
Amendement 9, RWZI Overvecht: Het verplaatsen van de RWZI is een kwestie van de lange adem en
op tijd beginnen. Dit amendement past in de categorie "regeren is vooruitziet", omdat het pleit voor tijdig beginnen en in de komende jaren niets doen wat het vinden van een toekomstige alternatieve
locatie moeilijk maakt. Bestuurlijk zal het college hierover veelvuldig spreken met HDSR. Hij adviseert positief.
Motie 36, Van energiebox naar klimaatbox, geeft een goede aanzet om de link met energie te
leggen. Hij neemt haar over. Hij wijst erop dat de klimaatbox sterk op de energiebox lijkt. De laatste is voor de huurders bedoeld. Hij begrijpt dat deze voor alle bewoners toegankelijk moet zijn.
De heer Wijmenga (ChristenUnie) vraagt of de dekking uit de rioolheffing kan worden gehaald. De heer Diepeveen (wethouder) antwoordt dat dit financieel-technisch mogelijk is. In een notitie over een toekomst bestendige inrichting van de rioolheffing wordt verder naar de middelen gekeken. De rioolheffing kent een ruime bestedingsaanwending, zoals voor de groenedakensubsidie en de subsidie voor watervriendelijk maatschappelijk vastgoed. Het college rapporteert hierover.
Motie 37, Hete zomers, dan afkoelen in de Waterspeeltuin, is uiterst sympathiek. Mevrouw Sasbrink heeft terecht gewezen op waterverspilling. Spreker heeft in de commissie gezegd dat hij
waterverkoeling meeneemt in de uitwerking van de koele verblijfsplekken, waarbij een combinatie
wordt gezocht met de uitwerking van de speelplekken in de speelvisie. Hij neemt de motie over, met de toevoeging dat hij kijkt naar gesloten systemen.
Motie 38, bomen als natuurlijk aircosysteem voor de stad, kan samen met motie 36 worden
uitgevoerd, want ze hebben raadvlakken. Deze motie vormt een waardevolle aanvulling op het pakket en neemt hij over.
Motie 39, Een klimaatloket voor onze inwoners en ondernemers, kan hij overnemen als de motie gezien mag worden als een verkenning hoe de gemeente de informatievoorziening op
klimaatadaptatie en energietransitie kan bundelen en versterken. Spreker legt zich er niet op vast
hoe dit uiteindelijk wordt aangepakt, omdat klimaatadaptatie verschillende deskundigheden vraagt
en het op onderdelen niet logisch is die te bundelen met energietransitie. Dit kan wel als het gaat om gebouwgebonden maatregelen, omdat het energieloket daarover gaat, maar minder of niet als het gaat om een tuininrichting of waterinfiltratie.
De heer Schipper (SP) wijst op wat ooit is afgesproken over interpretatie van moties. Als de
wethouder voor de duiding zo veel woorden nodig heeft, moet de motie anders geformuleerd worden.
Raadsvergadering van 3 februari 2022
39
De heer Diepeveen (wethouder) zegt toe de motie zoals hij heeft beschreven te zullen uitvoeren. Mevrouw Zwinkels (CDA) kan er voor de tweede termijn aan toevoegen dat de motie zich met name richt op de gebouwde omgeving en dat het een verkenning betreft.
De heer Diepeveen (wethouder) vindt deze keuze aan mevrouw Zwinkels. Voor hem hoeft er geen
nieuwe versie te komen, als mevrouw Zwinkels zich kan vinden in de wijze waarop hij de motie wil uitvoeren.
Mevrouw Zwinkels (CDA) leest in het dictum dat het erom gaat de informatie goed vindbaar en
laagdrempeliger te maken en dingen bij elkaar te brengen. Dit zei de wethouder zojuist, maar hij
heeft er zelf iets aan toegevoegd. Ze laat het aan de wethouder om er een oordeel over te geven en zal de motie in stemming laten brengen, als ze niet wordt overgenomen.
De heer Diepeveen (wethouder) neemt aan dat hij de motie voldoende geapprecieerd heeft. Het loket komt er en hij komt er schriftelijk op terug om de inrichting nader aan te duiden.
Mevrouw Van Hall (griffier) legt uit dat een overgenomen motie een toezegging wordt. Het gaat erom dat die de woorden bevat die de opstellers van de motie willen horen. Als het dictum de toezegging is, wordt de motie overgenomen. Wat er nu gebeurt, is van alles een beetje.
De heer Diepeveen (wethouder) meende te hebben aangegeven dat hij de motie overneemt. Dit doet
hij alsnog. Hij neemt aan dat hij antwoordt heeft gegeven op de vraag van de heer Wijmenga over de voorlichting over tuinen met het overnemen van de motie over het klimaatloket.
Mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) trekt de moties 36, 37 en 38 in, omdat ze zijn overgenomen.
Mevrouw Zwinkels (CDA) trekt motie 39 in, omdat ze is overgenomen. Hierna schorst de voorzitter kort de vergadering. Na heropening stelt de voorzitter aan de orde: 20. Raadsvoorstel Aanwijzen grond bijzondere (Islamitische) begraafplaats Tolsteeg, naar aanleiding van verzoeken van VUMO en IKU. De heer Van der Marel (VVD) meldt dat de VVD-fractie zeker met beslispunt 2 kan leven, omdat de behoefte en de grond er zijn. Met deze aanwijzing vult de raad zijn wettelijke bevoegdheid in. De beslispunten 1 en 3 liggen wat moeilijker, omdat de VVD-fractie liever een procesvolgorde ziet waarbij de grond is aangewezen, maar voor de toewijzing voorwaarden worden gesteld waarop
partijen hun inschrijving kunnen baseren. Dat is nu onduidelijk. De wethouder heeft toegezegd de raad daarin mee te nemen en te betrekken.
Spreker twijfelt niet aan de intenties van VUMO en IKU, maar wel aan hun vermogen om de
exploitatie te realiseren. De financiële onderbouwing is onder een vertrouwelijke conditie gedeeld met het college. Er is nog veel onzeker, zoals de vaststelling van de grondprijs. Volgens de VVD-
Raadsvergadering van 3 februari 2022
40
fractie moet die gebaseerd zijn op geldende tarieven, omdat grond schaars is. De wethouder heeft
goed notie genomen van deze mening, daarom zal zijn fractie instemmen met dit voorstel. Hij wenst raad en wethouder veel wijsheid toe.
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) kan de duiding van de heer Van der Marel volgen. Hij wijst opnieuw op het Didam-arrest en voorziet problemen. De wethouder had dit vooraf moeten
uitzoeken. Daarom stelt hij voor de besluitvorming uit te stellen en zal hij niet instemmen met het voorstel.