2023.11.23 Conceptverslag commissie EDVW
Tekst van het document
Ook vraagt D66 het college om op de stickers op de containers in verschillende talen, afhankelijk van de herkomst van de mensen die daar wonen, aan te geven wat de bedoeling is, maar ook wat het boetebedrag is bij overtreding. Hij vraagt om een reactie van de wethouder hierop. In het interruptiedebat met de VVD heeft hij al iets gezegd over de doelstellingen. D66 wil toe naar een norm die lager is dan zij nu is, dus liever 48 of 72 uur in plaats van binnen 24 uur alles verplicht verwijderen. D66 ziet en hoort van het bijplaatsingsteam dat dit Pagina 32 van 74
op dit moment een heel groot deel van de inzet vergt en dat daardoor niet kan worden ingezet op die hotspotlocaties. Het lijkt D66 effectiever om juist dat nog meer te gaan intensiveren. 5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
De heer Dijkstra (CDA) verbaast het dat D66 zover wil gaan dat de stad smerig wordt en langer smerig wordt gehouden. Er hoeft geen geld bij, D66 wil de bewoners nog langer laten wachten tot het afval weg is. De heer Te Hoonte zei al dat mensen dan de gemeente niet meer gaan bellen omdat die toch niet luistert. Misschien vinden die mensen dat zij de volgende keer op de PVV moeten stemmen. Hoe ziet D66 dit? De heer Vasters (D66) vindt het mooie dat zijn voorstel juist leidt tot een schonere stad. Zij gaat alleen schoner worden op de plekken die het meest vuil zijn. Misschien dat het voor iemand die bijvoorbeeld in De Meern woont, waar een heel enkele keer een bijplaatsing is, meer dan 24 uur neemt voordat het afval wordt weggehaald. Op die plekken gaat het inderdaad af en toe wat langer duren, maar de problematiek zit niet in die wijken. Die zit in Overvecht, op het Kanaleneiland en in delen van Hoograven. Daarop moet worden ingezet. De heer Dijkstra (CDA) vraagt of D66 kan toelichten welk deel van de capaciteit nu toegaat naar Haarzuilens, als er niemand belt en als er geen melding is. Wie moet er dan langs? Het valt toch wel mee? De heer Vasters (D66) antwoordt dat, als een bewoner belt, wat geregeld gebeurt, er dus iemand vanuit Stadsbedrijven Utrecht naar Haarzuilens moet rijden.
Dat is twintig minuten heen en twintig minuten terug om iets weg te halen, terwijl; die tijd veel beter had kunnen worden benut elders in het standaardrondje. Een keer in de twee dagen kunnen dan die niet-hotspotlocaties worden meegenomen. De belangrijkste reden voor zijn voorstel is dat hij dat team het vertrouwen wil geven zijn inzet daar te doen waar het denkt dat het beste te kunnen doen. De heer Dijkstra (CDA) stelt vast dat D66 heel vreemde combinaties maakt. Aan de ene kant zegt de heer Vasters dat het een gedragsprobleem is. Aan de andere kant zegt hij dat het in de ene wijk meer een gedragsprobleem is dan in de andere en dat de gemeente dus in de wijk met een gedragsprobleem meer inzet moet leveren. Hoe rijmt hij dat met het uitgangspunt dat mensen in deze stad gelijk worden behandeld? De hele stad moet ervan op aan kunnen dat de gemeente op bewoners reageert. De heer Vasters (D66) denkt dat de vraag van het CDA duidelijk is. Het CDA maakt een goede samenvatting. Sprekers fractie is juist voor het ongelijk investeren voor gelijke kansen, maar dan toegepast voor het afval. Mensen moeten niet denken dat het in de hele stad overal hetzelfde werkt. Haarzuilens is heel anders dan Lunetten en daar moet dan ook op een andere manier naar worden gekeken. Spreker gaat verder met zijn inbreng. Hij heeft tenslotte een suggestie voor het college.
Zijn fractie weet dat in Den Haag sommige afvalinzamelaars tevens worden ingezet als handhavers. In Utrecht rijden de handhavers in een busje achter de inzamelaars aan. Zou dat niet gecombineerd kunnen worden en zouden mensen die daarvoor een opleiding hebben gekregen niet handhaver/inzamelaar kunnen worden gemaakt? Hij is benieuwd of de wethouder daar ook naar wil kijken. Bijplaatsingen zullen voorlopig een probleem blijven in deze gemeente. Continue inzet op die hotspotlocaties is broodnodig. D66 blijft dan ook graag op de hoogte van de aanpak van het probleem. De inwoners van Utrecht verdienen immers een schone buurt, waar zij ook wonen. De voorzitter heet het nieuwe commissielid de heer Emmen welkom. De heer Emmen (Utrecht NU!) beschouwt zijn inbreng niet als een maidenspeech. Dat is te veel eer. Hij zal het kort houden. Utrecht Nu! Is blij dat het college nu erkent dat zwerfafval een negatieve impact heeft op de gezondheid en de veiligheid van de inwoners. Helaas merken de inwoners nog weinig van verbeteringen en liggen de straten op sommige plekken nog te vaak vol met zakken, grofvuil, bedrijfsaval, etc. Bijplaatsing in de vorm van regulier afval in zakken kan alleen worden opgelost met meer regelmatige lediging van de containers. Handhaving gaat natuurlijk niets helpen, als iemand geen andere keuze heeft dan een zak naast de container te zetten.
Handhaving is wel een optie op plekken waar regelmatig grofvuil wordt gedumpt, zoals huisraad en dergelijke. Zijn fractie zal dan ook oproepen om dit met meer regelmaat te doen op de zogenaamde hotspots en ook op avonden. Dan worden de meeste meldingen gedaan van Pagina 33 van 74
5
10
afvaldumping. Zijn fractie vraagt zich af of bij grofvuil voldoende gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheden om het op afspraak te laten ophalen, met name in de hotspots. Is dat niet het geval, dan moet dit beter onder de aandacht worden gebracht. Zijn fractie dacht daarbij aan posters op de ondergrondse containers waarop dit wordt uitgelegd. Hij vraagt de wethouder of dat tot de mogelijkheden behoort. Zijn laatste punt is bedrijfsafval. Dat is een groot probleem, maar er lijkt toch weinig aandacht te zijn voor de oorzaken. Waarom voelen ondernemers zich genoodzaakt om afval op straat te zetten? Zijn fractie ziet liever dat de gemeente samen met ondernemers zoekt naar oplossingen, net zoals dat met de inwoners gebeurt. Zijn fractie ziet bij de gemeente een grote mate van bereidheid tot samenwerking en participatie, maar in de richting van de bedrijven ziet zij dat eigenlijk niet terug. Ziet de wethouder hierin ook een onbalans? De heer Van den Enk (Student & Starter) herinnert zich dat hij als kind voor het eerst in De Efteling kwam. De attracties waren heel mooi, maar een andere herinnering bleef hem bij.
15
De voorzitter heeft toen hij de heer Van den Enk het woord gaf hem gevraagd zijn bijdrage kort te houden. Anekdotes zijn leuk en introducties zijn heel interessant, maar dat vertraagt de vergadering. Spreker zal hem een appje sturen over de gevolgen hiervan. Hij vraagt de heer Van den Enk zich tot zijn vragen te beperken.
20
De heer Van den Enk (Student & Starter) gaat dan meteen door naar waar het om draait: Holle, Bolle Gijs. De voorzitter kan boos worden, maar hij heeft dit nodig voor zijn verhaal. Holle Bolle Gijs is een voorbeeld van hoe iemand de mens kan verleiden om zijn afval goed weg te verwerken. Zijn fractie is benieuwd of dit op een goede manier ook naar Utrecht kan worden gebracht. Is er niet een manier te bedenken om inwoners en specifiek jongere inwoners aan te moedigen om het afval niet op straat, maar in de prullenbakken te gooien? In marketingtermen wordt dit ook welk nudging genoemd. Student & Starter zou niet Student & Starter zijn, als zij niet een idee hiervoor zou hebben. Zou hierover niet een afstudeeropdracht kunnen worden uitgezet onder HKU- en MBO-studenten om een aantrekkelijke toepassing te bedenken waardoor jongere inwoners worden aangemoedigd om hun afval in de prullenbakken te gooien? Hij vraagt de wethouder om een reactie op dit idee. Hij gaat over naar de ondergrondse containers. In de deelaanpak voor de hotspots werd iets gezegd over specifieke communicatiecampagnes. De resultaten daarvan heeft zijn fractie echter nog niet goed terug kunnen zien. Hij vraagt om een korte toelichting van de wethouder. Verder mist zijn fractie een kaart waarop alle ondergrondse containers zijn aangegeven.
Toen hij bij zijn verhuizing in zijn buurt moeilijk een papierbak kon vinden kwam hij op het idee om een kaart te zoeken met containers. Die bestaat niet. Het zou misschien een mooie toevoeging zijn om te kijken of de gemeente zo de inwoners kan helpen hun afval beter te scheiden.
25
30
35
40
Mevrouw Passier (VOLT) heeft één korte aanvulling op alles wat al is gezegd. Utrecht zet in op een autoluwe stad en minder auto’s. Daarom vraagt zij aan de wethouder of zij dit meeneemt in de plannen voor de toekomst en in de plannen om het grofvuil vaker op te halen dat nu wordt neergezet bij de ondergrondse containers.
55
Mevrouw Heijne (GL) vindt het goed te lezen dat het college inzet op de aanpak samen met de buurtbewoners. Ook wordt ingezet op de adoptie van containers. GL begrijpt dat de adoptie van containers laagdrempelig moet worden gehouden, maar denkt dat dit kan worden gecombineerd met de aanleg van die containertuintjes. Haar fractie heeft zich erbij neergelegd dat de wethouder een ander containertuintje voor ogen heeft dan GL. Maar haar fractie zou graag zien dat mensen actief worden gestimuleerd om de tuintjes die de wethouder wil aan te leggen. Uit een evaluatie van het effect van containertuintjes in Amsterdam blijkt dat zij wel degelijk effect hebben op die bijplaatsingen. Ook hebben zij invloed op hoe mensen de omgeving, de leefbaarheid en het groen ervaren. GL hoort graag een reactie van de wethouder. Verder sluit zij zich aan bij de PvdA wat betreft de rondslingerende winkelwagens. Het al door de CU, DENK en D66 genoemde aspect van de communicatie vindt GL heel belangrijk. De al door de CU genoemde buurtambassadeurs kunnen een goede rol vervullen. Tenslotte wijst zij erop dat GL geen camera’s wil.
60
De heer Dijkstra (CDA) complimenteert na lezing van de raadsbrief de wethouder met haar aanpak. Er zijn al veel creatieve ideeën die ook worden uitgevoerd. Daar wordt het CDA enthousiast van. Hij is het eens met Utrecht Nu! dat meer legen kan helpen. Ook is hij het eens met de VVD, DENK en GL dat creatief zijn in communicatie kan helpen. Verder sluit zijn fractie
45
50
Pagina 34 van 74
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
zich aan bij de vraag van de VVD of voor die kartonnen modules het ontwerp nu wel het handigste ontwerp is. Het is een beetje een kip-ei-verhaal. De bewoners zeggen dat het er niet in past of zij proppen het erin en de gemeente zegt dat zij het afval kleiner hadden moeten maken. Zo wordt het een cirkelredenering, maar de bak is vol. Anders dan D66 is het CDA er niet voor om mensen in de ene wijk langer te laten wachten op handhaving dan mensen in andere wijken. Hij hoort graag een toezegging hierover van de wethouder. De voorzitter concludeert dat de inbreng van de fracties in de eerste (en enige) termijn is afgesloten. Hij wil het college het woord geven, maar denkt dat een kleine schorsing nodig is. Wethouder Schilderman denkt tien, misschien vijf minuten nodig te hebben. Er zijn tenminste veertig vragen gesteld. De voorzitter schorst de vergadering om 15.50 uur en heropent deze om 16,03 uur. Hij verzoekt de wethouder in haar reactie puntig te zijn, de inleiding te schrappen om tijd te besparen en meteen over te gaan tot de beantwoording van de veertig vragen. Wethouder Schilderman hoorde dat EenUtrecht vroeg of dit onderwerp voldoende prioriteit heeft. Haar antwoord is dat dit een enorme prioriteit heeft. Dat was te zien bij de Voorjaarnota toen tonnen extra werden vrijgemaakt voor deze aanpak.
Dat is te zien in de verhoging van de boetes, in de intensivering van de handhaving en de in de woorden van de heer Dijkstra onorthodoxe aanpak op de hotspots. Maar uiteindelijk is het een kwestie van gedrag. Dat hebben alle fracties ook naar voren gebracht. Het gaat over gedrag van mensen in deze stad dat uiteindelijk wel negatieve gevolgen heeft voor het straatbeeld, de mensen en de dieren. EenUtrecht vroeg of hieraan bij de aanleg van de ondergrondse containers niet meer aandacht had moeten worden besteed. Zij betwijfelt of dit het juiste beeld geeft. Het systeem voor de nieuwe inzameling is namelijk in 2014 getest in Lunetten en dat verliep eigenlijk zonder al te veel problemen. Omdat het al wat langer geleden is denkt zij dat mensen vergeten zijn hoe groot de zooi was met de zakken. Iemand die af en toe door de Voorstraat loopt, ziet nog wat voor gevolgen de zakken hebben. Het college ziet dat het een inherent menselijk probleem.is en dat deze worsteling zal blijven voortduren. EenUtrecht vroeg ook om onorthodoxe voorstellen om dingen te doen die ook meer budget vragen. Dat heeft het college dus eerder dit jaar gedaan. De raad heeft ook ingestemd met een extra budget. Spreekster sluit echter niet uit dat het college, zeker op basis van het werkveld, hieraan nog meer prioriteit zal geven. EenUtrecht had vijf suggesties om hiermee om te gaan.
Een daarvan was meer zeggenschap van de bewoners. Het college vond dat het dat met de adoptie heel mooi heeft gedaan. Het zomaar opschuiven van containers gaat niet vanwege kabels en leidingen. Nu al zorgt het college voor participatie over de precieze plek van een container. Vaak wordt die ook op initiatief van bewoners verplaatst. Een andere suggestie was het toevoegen van containertuintjes. De commissie heeft daar ook over gediscussieerd. Die mogelijkheid biedt het college ook. Spreekster heeft net geprobeerd na te gaan of bekend is welk aantal is gerealiseerd, ook nadat het college na schriftelijke vragen nog meer onder de aandacht van de bewoners heeft gebracht dat mensen ook de omgeving van de containers kunnen vergroenen. Het college heeft daar geen precieze cijfers over, maar het krijgt wel het beeld dat dit vaker wordt aangevraagd en dat het ook vaker gebeurt dat plekken worden vergroend. Gevraagd werd om een vaste ophaaldag voor het grofvuil. De gemeente doet dat al op specifieke momenten, maar dan moet wel de gratis afspraak worden gemaakt. In de meeste wijken gaat het dan ook goed. Ook werd gevraagd om een experiment met een slimme container die ziet, wanneer hij vol is. Die container heeft de gemeente al. De gemeente weet van de containers dat zij vol zijn.
Vele commissieleden weten ook dat de aanleiding voor de bijplaatsing doorgaans niet is dat de container vol is. Iemand zet er gewoon iets naast en zodra dat is gebeurd wordt er een heleboel naast gezet. De laatste suggestie van EenUtrecht was meer handhaving. Dat doet het college. Het heeft de boetes verhoogd en heeft hiervoor meer handhaving uitgetrokken. Het ligt in de lijn der verwachting dat het college hiervoor volgend jaar weer meer handhaving zal vrijmaken. Zij merkt daarbij wel op dat de pakkans vrij beperkt is. Naarmate de gemeente meer handhaving toevoegt, gaan de mensen zich anoniemer gedragen met hun afval. Zij halen b.v. hun adresgegevens eruit. Zeker bij grofvuil staat er nooit een naam op. Mensen doen er alles aan om zich hieraan te onttrekken. De PvdD vroeg of het ook niet gaat over overconsumptie en of afvalpreventie niet van belang is. Spreekster is het er helemaal mee eens dat dit van groot belang is. Het heeft ook een vaste plek in het afvalbeleid van de gemeente. Utrecht werkt hierin samen met G4, NRVD, RWS en VNG omdat vele van dit soort zaken buiten de invloedsfeer van de gemeente liggen. Het upcyclecentrum en Pagina 35 van 74
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
de gemeentelijke communicatiecampagnes kunnen daarbij helpen. Binnenkort kan de PvdD in de Visie Circulair daar veel meer over vernemen. De PvdD vroeg ook wat het lange termijnplan is. Voor een deel is het lange termijnplan het voortzetten van het beleid ten aanzien van de bijplaatsingen op hotspots omdat het college ziet dat het ondanks die inzet een hardnekkig probleem is. Vele commissieleden zijn het daarover met elkaar eens. Voor de rest komen ook de bekende pijlers terug: basis op orde, samenwerking en participatie, monitoring en handhaving en maatwerk op de hotspots. De PvdD vroeg ook naar de gevolgen voor dieren en vroeg ook om niet over te gaan tot het doden van dieren. Rond de afvalverwerking werkt de gemeente met de IDRmethode. Dat is volgens haar de PvdD meer dan bekend. Dat doet het college hier ook en daarom heeft het zijn aandacht. Binnenshuis, maar ook in de openbare ruimte zullen dieren op voedsel afkomen. De PvdD vroeg verder naar de strategie richting bedrijfsleven. In 2022 heeft de gemeente voor het eerst aanbiedregels voor bedrijfsafval opgenomen. Dat is teruggekomen in het verzamelbesluit dat hoort bij de afvalstoffenheffing. In 2023 zijn die regels weer aangescherpt na overleg met CMU (Centrummanagement Utrecht), ondernemers en bewoners.
De handhaving is in eerste instantie gericht op de binnenstad, maar het college gaat dit uitbreiden tot Biltstraat, Kanaalstraat en Amsterdamse Straatweg. Ook vroeg de PvdD naar de containertuintjes, net als een aantal ander fracties. Het college heeft bij de beantwoording van de schriftelijke vragen zijn aanpak meegedeeld. Spreekster weet niet of dit tot genoegen van GL was. Het college ziet ook dat dit helpt, met als bijkomend voordeel dat, als het dit op deze wijze doet, het ook meer klimaatadaptieve waarde heeft. Het college gaat dus op deze wijze door. Spreekster komt later terug op het grofvuil waar de CU naar vroeg. De CU vroeg ook naar vervolgstappen en regulier overleg met bewoners. Dat doet het college ook. Naar aanleiding van de wijkdialogen in Overvecht is er bijvoorbeeld gedurende de zomer meer materieel en meer handhaving ingezet. Maatwerk kan inderdaad prompt worden geleverd naar aanleiding van input van bewoners. Zij zegt er altijd wel bij dat het heel belangrijk is dat mensen blijven melden. Het systeem werkt niet alleen op basis van meldingen, maar ook op basis van meldingen. Nu de pers er bij zit, raadt zij mensen aan dit te blijven doen. De CU vroeg naar een vast afhaalmoment rond afvalstations. Een pilot hierover start naar verwachting in januari 2024. Als zij positieve effecten ziet, is er alle aanleiding om dit door te zetten.
De VVD had het over de reactietijd van 24 uur. Daarover ontstond een debatje met D66 en andere fracties. Waarom kan dit niet korter? Dat heeft te maken met een capaciteitstekort. Zij gebruikt het voorbeeld van de heer Te Hoonte. Kost het nu meer tijd op het moment dat iemand zegt: “Ik vraag toch gewoon om koffie, wat maakt het nu uit dat het er dan sneller is?” Dat heeft ermee te maken dat er niet de hele dag iemand naast het bureau staat om koffie in te schenken. Hoe meer tijd iemand heeft, hoe meer efficiënt hij zijn route kan plannen, met minder capaciteit kan dus meer worden bereikt. Als de reactietijd korter wordt, slaagt de gemeente er niet in om dit te realiseren op deze plekken. Daarom begrijpt zij ook de suggestie van D66, die volgens haar voortkomt uit een goed gesprek met de mensen die het afval opruimen, dat wanneer iets meer tijd wordt genomen, het veel beter wordt gereguleerd en dat een kortere route ontstaat op de echte hotspots. Dat betekent dat op andere plekken het afval iets langer zou liggen. Daarbij kan zij zich best iets voorstellen, maar zij kan zich ook voorstellen dat de heer Te Hoonte er iets van vindt. In ieder geval legt dit de mogelijkheden echt bij de professional die daarmee de focus heeft op die hotspots. Het past in de lijn van het college en het lijkt haar dus logisch, maar zij ziet ook dat de heer Te Hoonte er iets van vindt.
De heer Te Hoonte (VVD) heeft veel vertrouwen in de professional, maar plannen is ook een professie. De doelstelling zou toch moeten zijn dat in de hele stad het afval er zo kort mogelijk ligt. Het zou niet een doelstelling moeten zijn dat het er langer dan 24 uur ligt. Als wordt toegezegd dat het allemaal zo snel mogelijk wordt opgeruimd, zou hij zich daarin kunnen vinden. Nu lijkt het er echter op dat het ook de wens is om het niet sneller te doen. Volgens wethouder Schilderman is die wens om het sneller te doen er zeker, maar de allereerste wens is dat Holland zijn afval niet dumpt in de openbare ruimte. Wens 2 is om het, als dat gebeurt, op te ruimen, hoewel er ook iets voor te zeggen is om het soms iets langer te laten staan omdat mensen dit veroorzaken. Maar dat is niet het beleid van het college. Als de gemeente die 24 uur minder hard hanteert, zou dat als effect hebben dat op sommige plekken het afval veel sneller wordt opgehaald. Dan zou de gemeente het afval op deze hotspots het allersnelst kunnen ophalen en zo kort mogelijk op straat zijn, maar het betekent ook dat het op plekken waar maar af en toe iets ligt iets langer zal worden. Zij zou dat een begaanbaar pad vinden, zij hoopt dat de heer Te Hoonte dat ook vindt. Pagina 36 van 74
5
De heer Te Hoonte (VVD) zou het een begaanbaar pad vinden, als de gemeente probeert het sneller te doen en te accepteren dat de reactietijd op sommige plekken op 24 uur ligt. Die tijd op bepaalde plekken langer maken doet volgens hem geen recht aan mensen die een melding doen. Dan gaan de meldingen afnemen.
20
Wethouder Schilderman heeft de opmerking van de heer Te Hoonte geconstateerd, maar zij kan niet zo maar op deze manier extra capaciteit ergens vandaan halen, dat nog los van het feit dat moet worden gezocht naar een efficiënte invulling. Er zijn twee smaken: de gemeente houdt de 24 uur aan of zij gaat op sommige plekken veel sneller optreden, wetende dat het dan op sommige plekken iets langer zal duren. De VVD vroeg ook of het mogelijk is om creatiever op te roepen tot het gewenste gedrag bij het deponeren van afval in de container. Zij vindt dat een interessante gedachte. Op sommige plekken doet de gemeente dat ook door middel van maatwerktrajecten. Dat gaat bijvoorbeeld over het ‘wrappen’ van containers in een soort van informatielint. Zij krijgen dan een andere ‘look’ eromheen. Het college kan zich voorstellen dat, als dat helpt, het ook verder wordt toegepast. Een extra wijkbrief vindt zij ook een interessant punt om over na te denken. Dat idee neemt zij ook mee. De VVD vroeg ook of er niet meer restafvalcontainers kunnen worden vervangen door kartoncontainers. De gemeente monitort continu de capaciteitsbehoefte voor de verschillende afvalfracties. Als blijkt dat er meer behoefte is aan capaciteit voor papier dan voor restafval, dan kunnen zij inderdaad vervangen worden.
Zij begrijpt ook de beweging die de VVD hier benoemt, maar daar zal het college op basis van de capaciteit invulling aan geven.
25
De heer Te Hoonte (VVD) richt zich op de plekken waar twee restcontainers staan. Volgens hem wordt dan de fractie papier niet gemeten omdat er geen papierbak is. Het gaat hem er specifiek om, om op die plekken waar er nog geen papierbak is een papierbak toe te voegen. Daarmee zou ergens een pilot kunnen plaatsvinden
10
15
30
35
40
45
50
55
60
Wethouder Schilderman kan zich daar iets bij voorstellen. Het college verstuurt de eerder genoemde brief een keer per jaar in het tweede kwartaal. Het lijkt haar goed om er op dat moment op terug te komen om te melden in hoeverre het college dit heeft kunnen uitvoeren en of dat goede resultaten oplevert. De VVD vraagt ook of Utrecht niet naar een ander systeem voor de invoer moet, bijvoorbeeld zoals dat in Dutsland bestaat. Het college zou het veel logischer vinden dat leveranciers hun verpakkingen weer terug zouden nemen. HelloFresh doet dat bijvoorbeeld al. De vraag is wel of het mogelijk zou zijn tot een dekkend netwerk hiervoor te komen. Zoiets zou misschien het best eerst met ondernemers kunnen worden uitgeprobeerd, als er een wat duidelijker relatie met de leveranciers is. Dat zou een ander soort systeem zijn op het gebied van karton. De PvdA vroeg aandacht voor de vraagstukken van zekerheid en continuïteit bij zo’n kleine afdeling. Dit is inderdaad een aandachtspunt voor het college. De PvdA vroeg ook of er een mandaat is om de hotspots proactief aan te pakken en niet alleen de meldingen. Er is echt ook mandaat om dat te doen, maar dat mandaat wordt hier en daar wel beperkt, bijvoorbeeld ten aanzien van de al besproken 24 uur. Zij voelt echter wel steun om hier wat experimenteel mee om te gaan. De PvdA stelde ook een vraag over winkelwagens.
Het lijkt haar goed om het gesprek daarover nogmaals aan te gaan. In eerste instantie zou het volgens het college de bedoeling zijn dat de ondernemers de winkelwagens zelf opruimen. Zij kunnen ze immers het beste gebruiken. Het college zou in vervolg daarop gebieden kunnen aanwijzen waar het de ondernemers een extra verplichting oplegt. Het college zoekt nog wel naar de manier waarop het dat precies kan doen. Zij gaat gesprekken aan en neemt dat mee in die brief in het tweede kwartaal. DENK vroeg naar mogelijkheden om ondernemers tegemoet te komen om de overlast te verminderen. Het lastige bij ondernemers is dat de markt voor afval een vrije markt is. Ondernemers mogen hun afval door derden laten ophalen. De gemeente heeft dus geen dekkende afspraak met alle ondernemers in de stad. Het is dan ook lastig hen tegemoet te komen. Dat gesprek is er wel rond de binnenstad omdat de meeste ondernemers daar een contract hebben met de gemeente of hun contract doorgeven aan de gemeente omdat er vaak met specifieke voertuigen ingezameld moet worden. Daar voert het college ook het gesprek over hoe het efficiënter zou kunnen. DENK vroeg ook of de gemeente mensen meer kan verleiden om een container te adopteren. Het college doet dat via de communicatiecampagne ‘Útrecht, ons schoone stadsie’. In die campagne communiceert de gemeente over het juist aanbieden van afval en recycling.
In het voorjaar start de gemeente ook een deelcampagne specifiek over bijplaatsingen. Daarin kan ook specifiek aandacht worden gegeven aan het adopteren van de container. DENK vroeg ook waarom de containers niet op slot zijn. Dat is een raadsbesluit geweest uit 2018. Er waren twee motiveringen. De ene was dat het nodig hebben van een pasje zou leiden tot bijplaatsingen, de andere ging over Pagina 37 van 74
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
privacyvraagstukken; de vraag was of het echt nodig is om te registreren wie de container opent en wanneer. Dat is het beleid van de raad. DENK vroeg verder of het mogelijk is te onderzoeken of alleen volle containers zorgen voor bijplaatsingen. Het college heeft daar vaker onderzoek naar gedaan. In enkele gevallen blijkt het de volle container te zijn, maar in vele gevallen is het gewoon gedrag. Zeker wanneer er al een stuk afval bij staat, wordt er nog meer neergezet. Als andere redenen werden genoemd: alleen de ene container geprobeerd, de container niet willen aanraken, het deksel omhoog moeten tillen of het is vies. DENK vroeg verder of de gemeente steekproven kan doen. Zij vraagt zich af waar dit precies over ging. De suggestie van haar ambtenaren is dat steekproeven een beetje ver gaan en dat zij vertrouwen hebben in de uitvoering. De heer Usta (DENK) licht toe dat hij vroeg naar steekproven om te zien of op operationeel gebied het werk goed wordt verricht. Het is geen wantrouwen, het gaat hem erom dat werknemers begrijpen wat hun taak is en hoe zij die goed kunnen uit voeren. Misschien kan hierdoor overbodig afval worden gereduceerd. Hij hoorde de wethouder zeggen dat het niet alleen aan volle containers ligt dat er extra afval wordt geplaatst, maar vooral aan het gedrag.
Wordt daarop ingespeeld en wordt daaraan gewerkt zodat dit in het vervolg niet meer gebeurt? Wethouder Schilderman antwoordt op de tweede vraag. Het is zeker een belangrijk communicatievraagstuk. Het begint immers, en het eindigt ook, wanneer mensen hun gedrag veranderen. Tot alle mensen die per ongeluk meeluisteren richt zij de oproep het afval er niet naast te zetten, maar het naar een andere container te brengen, als een container vol is en in elk geval de moeite te nemen om het weg te zetten. Ook zij willen niet tegen een vieze straat aankijken, nog los van de consequenties voor natuur, dier en milieu. Het college heeft daar aandacht voor, zij heeft al iets gezegd over de communicatiecampagne. Het punt van de steekproeven is haar nu duidelijker en zij begrijpt de suggestie van haar ambtenaren nu ook beter. Het college heeft geen enkele aanleiding om te denken dat de mensen van de gemeente dit werk niet op de juiste manier verrichten; het college heeft zelfs het idee dat het deze mensen meer vertrouwen moet geven in de uitvoering en dat zij zelf vaak beter weten op welke plekken en wanneer zij in moeten grijpen om het schoon te houden. Dat maatwerk laat het college nu zien in die aanpak. Het college zoekt het dan ook eerder in het loslaten van die strakke sturing dan in het uitvoeren van extra controle.
De heer Usta (DENK) herhaalt dat hij volledig vertrouwen heeft in de uitvoerders. Zijn achterliggende reden voor de vraag was een andere. Hij vraagt de wethouder wat specifiek wordt gedaan om het gedrag van de bewoners te beïnvloeden. Wat is de reden waarom zij afval naast de container deponeren? Op die vraag krijgt hij geen specifiek antwoord. Wethouder Schilderman heeft op die vraag die ook door vele anderen is gesteld het antwoord al gegeven. Ook over wat de gemeente doet in de openbare ruimte heef zij het gehad. Voor de communicatiecampagne werd daarnet een aantal suggesties gedaan, bijvoorbeeld vanuit de VVD. Handhaven en beboeten zijn ook een manier om het gedrag te beïnvloeden. Het blijft een gedragsprobleem en dat heeft de gemeente niet geheel in de hand. Soms denkt zij dat het ook goed is dat de overheid niet al het gedrag van de inwoners onder controle heeft. D66 vroeg naar meertalige communicatie om het gedrag aan te pakken. Vanuit een bewonersinitiatief wordt dat nu in Zuilen getest. Als dat helpt, gaat het college dat uitbreiden. Over de norm heeft zij het al gehad. D66 vroeg ook naar de combinatie van handhaven en inzamelen. Het college heeft dat overwogen, maar dan moet de inzamelaar ook erkend zijn als handhaver. Dat is een lastig proces omdat voor handhaving heel veel wordt gevraagd op het gebied van certificering en specifieke kennis.
Het college ziet op dit moment meer in het samen op pad sturen van mensen dan dat te verenigen in één persoon. Utrecht Nu! vroeg of er voldoende gebruik wordt gemaakt van de regeling voor het grofvuil en wat de mogelijkheden zijn om het op te laten halen. Er wordt best wel wat gebruik van gemaakt. Op zich vindt zij het mooi, als mensen het grofvuil gewoon naar de milieustraat brengen, maar het college zal dit nog verder onder de aandacht brengen in de communicatiecampagne die op dit moment loopt. Utrecht Nu! stelde ook een vraag over het bedrijfsafval. Bij de beantwoording van een andere vraag heeft zij daar al iets over gezegd. Het college vindt het echter wel belangrijk dat ondernemers hun verantwoordelijkheid voelen voor deze oplossing. De gemeente werkt samen met CMU om te zoeken naar oplossingen. Daarom heeft het college net iets aangepast in de uren van de aanlevertijden. De volgende stappen worden natuurlijk wel lastiger. Er was een wild idee om geen karton meer op te halen van ondernemers in de binnenstad met als oplossing het terug te geven aan de plek die al het papier Pagina 38 van 74
5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
aanlevert. Albert Heijn doet dit al jaren, maar voor de kleine ondernemer is dat lastiger. Het is een interessant idee om verder over te discussiëren. Student &Starter vroeg naar creatieve ideeën om het gedrag te beïnvloeden. In haar antwoord op een vraag van de VVD heeft spreekster al gewezen op het ‘wrappen’ van containers. Een afstudeeropdracht is een leuk idee. De gemeente heeft dat al eens gedaan met een onderzoek naar beïnvloeding van mensen met geluid. Het college kan kijken of het hiermee iets kan doen. Het komt daar dan in het tweede kwartaal van 2024 op terug om te laten weten dat het gelukt is daar iemand voor te vinden. Student & Starter vroeg ook nog naar de specifieke communicatiecampagne. Daarover heeft zij al veel gezegd. De gemeente communiceert over het op de juiste manier aanbieden van afval en over recycling. In het voorjaar van 2024 komt er nog een deelcampagne specifiek over bijplaatsingen en aandacht voor het adopteren van containers. Student & Starter miste een kaart waarop alle containers zijn aangegeven. Deze zijn te vinden via mijnafvalwijzer.nl. Zij heeft het net geprobeerd, de site doet het. VOLT vroeg of de autoluwe stad ook wordt meegenomen in de toekomstplannen. Voor een deel houdt het college daar nu al rekening mee omdat aanhangers en bakfietsen geleend kunnen worden. Daar wordt veel gebruik van gemaakt.
In het Buurtkwartier en in Merwede is er maatwerk. Daar zijn ook speciale plekken waar mensen het afval achter kunnen laten. Daar wordt ook ingezet op hergebruik en upcycling zodat bewoners daar überhaupt niet meer naartoe hoeven, maar het betekent wel dat de kans aanzienlijk is dat de vraag voor het ophalen van grofvuil hier en daar toeneemt, maar de eerste bedoeling van het college is ook de hoeveelheid grofvuil te verminderen door te kijken naar hergebruik. GL vroeg naar Amsterdam te kijken voor de containertuintjes. Het college zal dat doen en zal dat onderzoeken. Spreekster heeft al aangegeven waarom het college zijn aanpak verstandig acht. Maar het college zal natuurlijk heel waakzaam blijven ten aanzien van deze goede ideeën. Het CDA is er niet voor mensen in de ene wijk langer op handhaving te laten wachten dan mensen in een andere wijk. Dat staat heel erg op gespannen voet met de hotspots aanpak. Daarin wil het college de aandacht richten op de plekken waar het het ergste is. Het college maakt geen onderscheid tussen wijken, maar er gaat wel meer aandacht uit naar wijken met veel hot spots dan naar wijken met minder hotspots. De CU stelde een vraag over digitale vaardigheid en over maatwerk. Het maatwerkproject gaat het college in gang zetten voor extra participatie met extra inzet van de Utrecht Schone Stad Coaches.
Die coaches gaan in gesprek met bewoners van de wijken met hotspots door langs de deuren te gaan en door middel van een informatiekraam op een centrale plek. Op deze manier worden bewoners er meer bij betrokken om zo meer commitment te krijgen om de bijplaatsingen te achterhalen en om meer te begrijpen van de oorzaken. Daarom wil het college ook nog buurtambassadeurs werven. De communicatiecampagne Utrecht Schone Stad heeft ook aandacht voor de afvalscheidingsstations en de kringlopen. Vanuit het project upcycle centrum komt er een kringloopcoach om de afvalscheidingsstations en de bewoners hierover verder te informeren. Digitale vaardigheid kan daarin een rol spelen. Aan de andere kant is er ook heel veel inzet op zaken die niet digitaal zijn. Het is een tweesporen-aanpak, maar zij hoopt altijd ook nog dat iedereen digitaal vaardig wordt gemaakt. De heer Dijkstra (CDA) hoort wat de wethouder zegt over die hotspots. Dat is begrijpelijk, maar de vraag die hij aan het einde van zijn inbreng stelde was of een inwoner van Vleuten-De Meern, als hij belt, erop rekenen dat er evenveel tempo wordt gemaakt met de afhandeling van zijn melding - zijn streven is binnen 24 uur- als met de vraag van een inwoner van Overvecht. Kan de wethouder dat bevestigen of ziet zij dit anders? Volgens wethouder Schilderman ging het centrale debatje van daarnet juist hierover.
Er is de wens om het overal binnen 24 uur opgeruimd te hebben. Op het moment dat de gemeente sneller aan de slag wil op de hotspot locaties, betekent dat ook dat mensen op een andere plek soms langer moeten wachten. Dat is de afweging die gemaakt moet worden. Zij kan zich best voorstellen dat iemand wat harder wil lopen op die hotspots. Dat betekent dat op een plek waar er minder vaak bijplaatsingen zijn het wachten iets langer duurt. Zij vindt dat echt wel logisch., ook gezien de aandacht die de raad vaak heeft voor de plekken waar het keer op keer gebeurt. Maar zij kan zich ok voorstellen dat sommigen dat anders zien. Zij wil kijken of de gemeente hiermee aan de slag kan gaan en de commissie hierover in het tweede kwartaal van 2024 rapporteren. Maar zij ziet ook dat de meningen hierover verdeeld zijn. Zij kan zich voorstellen dat de commissie zich daarover uitspreekt. De heer Vasters (D66) overweegt een motie om hierover een uitspraak van de raad te krijgen. Pagina 39 van 74
De voorzitter stelt vast dat de wethouder klaar is .Hij vraagt of alle vragen zijn beantwoord. Hij constateert dat dit het geval is. 5
10
15
20
25
30
35
40
De heer Lok heeft geen nieuwe toezeggingen gehoord, wel een explicitering van een aantal zaken. Wethouder Schilderman heeft een aantal dingen geëxpliciteerd. Het ging over de winkelwagens, over evaluatie richting Amsterdam van de containertuintjes, over een mogelijke student en over de papiercontainer waar de VVD naar vroeg. Maar vele van de ideeën die vandaag besproken zijn zijn zaken waar het college mee bezig is. In de algemene update zullen de commissieleden vele van hun favorieten terugvinden. De voorzitter kijkt naar de agenderende fracties. Hij hoorde al dat de heer Vasters een motie wil indienen. Dat betekent dat dit stuk in de raad wordt behandeld. Hij ziet dat de PvdA dat ook wil. De heer Dijkstra (EenUtrecht) wil ook een motie indienen over het eigenaarschap. De heer Te Hoonte (VVD) wil verder onderzoek doen naar de planning van die routes en de aanrijtijden. De voorzitter concludeert dat het onderwerp op 7 december 2023 in de raad wordt behandeld. Hij wijst erop dat voor het volgende agendapunt, het initiatiefvoorstel leidende principes en lokale regels energietransitie, 60 minuten is gepland. Eigenlijk is er voor dat onderwerp een fatale termijn. De commissie zou dus vandaag dit onderwerp moeten afhandelen omdat dat bepaalt of VOLT met een amendement komt op 7 december 2023 of dat het een volwaardig initiatiefvoorstel wordt.
Er is echter echt wel 60 minuten voor nodig. Dat betekent dat de commissie er vanmiddag mee kan beginnen en de behandeling vanavond afmaakt. Vanavond staan er ook nog eens 180 minuten voor agendapunt 11, Huisvesting kwetsbare groepen. Ook dat punt heeft een fatale termijn. Dit betekent dat er een probleem is. Dat kan alleen worden opgelost, als de commissie agendapunt 10 vrij snel kan behandelen en het punt over de schorsing heen tilt. Zijn voorstel is om gewoon te beginnen met het initiatiefvoorstel en te kijken hoever de commissie komt. Om 16.50 uur wil hij stoppen zodat de Kinderraad hier kan plaatsvinden. De consequentie is dat het geheime deel van de vergadering en het openbare deel vanavond wat later is. Hij stelt vast dat de commissie ermee instemt om het zo te doen. De heer Usta (DENK) vraagt wat het voorstel was. De voorzitter geeft aan dat het voorstel is om nu te beginnen en door te gaan tot 16.50 uur. Dan komt de Kinderraad. Vanavond gaat de commissie gewoon door. Zodra de commissie klaar is, gaat zij agendapunt 11 behandelen, eerst in een geheim deel en vervolgens in een openbare deel. Het avondgedeelte van de vergadering begint om 19.30 uur. De voorzitter schorst de vergadering om 16.37 uur en heropent deze om 16.38 uur
45
50
55
10. Toelichting Initiatiefvoorstel leidende principes en lokale regels energietransitie De voorzitter herhaalt dat de behandeltijd 60 minuten is. Hij vraagt de interrupties zo kort mogelijk te houden. Mevrouw Heijne (GL) heeft een punt van orde .Zij dacht dat de leden met een initiatiefvoorstel achter de voorzitterstafel zouden zitten. Zij heeft allemaal vragen aan VOLT. Dat kan dus niet . De voorzitter wijst erop dat mevrouw Heijne best vragen kan stellen aan Volt. Mevrouw De Vos licht toe dat het initiatiefvoorstel nog niet is ingediend. Vanochtend is er een technische sessie geweest. VOLT zal het voorstel zo toelichten en dan wordt duidelijk of het initiatiefvoorstel wordt ingediend of dat het wordt omgebouwd tot een amendement. Pagina 40 van 74
5
10
15
20
25
30
35
40
De voorzitter voegt hieraan toe dat dat amendement dan op 7 december 2023 wordt ingediend. De commissie gaat werken vanuit een nieuwe werkelijkheid. VOLT heeft in de commissievergadering van 20 april 2023 een initiatiefvoorstel aangekondigd. Het doel van het initiatiefvoorstel is inwoners van Utrecht een centrale positie te geven in de energietransitie en om ruimte te geven aan lokale initiatieven. Vanochtend is er een technische sessie geweest om het voorstel inhoudelijk toe te lichten om vervolgens in de commissie het debat te kunnen voeren over het conceptvoorstel. Mevrouw Passier (VOLT) dankt de commissie voor de mogelijkheid om dit voorstel op deze nogal ongewone manier te behandelen zodat het mogelijk kan worden meegenomen naar de raadsbehandeling van de Startnotitie Klimaatvisie. Naar aanleiding van dit debat zal haar fractie beslissen of zij dit inderdaad meeneemt naar de raadsbehandeling van de Startnotitie of dat zij het als los voorstel zal indienen. Nederland staat voor verscheidene grote uitdagingen. Een daarvan is de energietransitie. Ook in Utrecht wordt daar veel werk van gemaakt. Er moet constant ingespeeld worden op nieuwe ontwikkelingen, maar op dit moment is daar nog geen basis voor.
Er wordt nieuwe wetgeving opgesteld, zoals de nieuwe Warmtewet, maar wachten op dit landelijke beleid kan niet omdat de energietransitie nu plaatsvindt en de gemeente de regie moet nemen. VOLT wil vier basisprincipes meegeven voor deze gemeente Door deze principes op te nemen in de Klimaatvisie kan de raad de benodigde regie pakken. De raad kan ervoor kiezen die principes op te nemen in de Klimaatvisie. De raad kan erop inzetten om onafhankelijke flexibele energiesystemen te ontwikkelen waarmee Utrecht klaar is voor de toekomst. De raad kan er ook voor zorgen dat iedereen hiervan kan meeprofiteren. VOLT neemt de commissie graag mee in de noodzaak van de systeemintegratie op lokaal niveau en de vier principes waarmee VOLT nu sturing wil geven aan de flexibele energiesystemen van de toekomst. In de toekomst zullen nu gescheiden energiesystemen (elektriciteit, gas en warmte) met elkaar worden geïntegreerd. Daarvoor en om het centrale energienet te ontlasten moet de overstap worden gemaakt van centrale energienetwerken naar decentrale energiesystemen. De heer Peters (D66) heeft het initiatiefvoorstel gelezen . Betekent dit dat er geen plek meer is voor stadsverwarming? Mevrouw Passier (VOLT) antwoordt dat dat niet het geval is .Zij vervolgt haar verhaal. Dit betekent dat haar fractie per buurt- of wijkoplossing in Utrecht wil inzetten op een flexibel energiesysteem.
Daarin werken verschillende bronnen, opwekking en opslag in synergie met elkaar. VOLT vindt het belangrijk dat iedereen toegang heeft tot de energietransitie en hier de vruchten van kan plukken om zo energiearmoede tegen te gaan en draagvlak te creëren voor die transitie. Om dit te realiseren is lokaal eigendom nodig. Dat is geen doel op zich, maar een middel voor een betaalbare energietransitie voor iedereen. Om als gemeente te kunnen sturen op dit soort lokale en flexibele energiesystemen stelt VOLT voor de volgende vier principes op te nemen in de Klimaatvisie en deze uit te werken in regels voor het omgevingsplan:
45
1. het recht op zelfgebruik van duurzame energie voor alle eindgebruikers is uitgangspunt in Utrecht. Iedereen moet mee kunnen doen, individueel of via lokale energie-initiatieven. 2. Collectieve aanpak op wijk- en buurtniveau gaat voor individuele oplossingen. 3. Minimaal 50% eigendom, 100% heeft de voorkeur. Dit geldt niet alleen voor grootschalige opwekking van stroom, maar ook voor buurt- en wijkoplossingen voor warmte. 4. Lokale initiatieven krijgen opgroeirecht en opgroeiruimte.
50
De heer Vintges (VVD) vraagt wat mevrouw Passier verstaat onder opgroeirecht en opgroeiruimte. Hij begrijpt dat er ruimte moet zijn, maar is er dan regelgeving om die ruimte te bieden?
55
60
Mevrouw Passier (VOLT) komt hier later op terug. Zij zal straks alle uitgangspunten nog toelichten. In het energiesysteem van de toekomst zijn systemen (elektriciteit, gas en warmte) in toenemende mate met elkaar geïntegreerd. Daarvoor is synergie tussen opwekken en opslag (voor elektriciteit en warmte) en warmtebronnen heel belangrijk. Het belang van windenergie in een goede energiemix dient te worden onderstreept omdat windenergie hetzelfde profiel heeft als gasverbruik. Zonder windenergie zal een lokaal energiesysteem buiten de zomermaanden elektriciteit van elders moeten halen. Door op piekmomenten een teveel aan elektriciteit om te zetten in warmte kan het via warmteopslag op een later moment worden gebruikt. Daarmee wordt Pagina 41 van 74
5
op piekmomenten het elektriciteitsnet ontlast en kan het mede zorgen voor lage warmteprijzen. Om het centrale elektriciteitsnetwerk te ontlasten en overspanning en onderspanning te voorkomen dient lokaal opgewekte elektriciteit lokaal te worden gehouden. Systemen op buurt- en wijkniveau kunnen daarbij helpen. Technisch gezien kan daarbij worden gedacht aan een lokaal energiesysteem dat onder andere bestaat uit zon op dak, buurtbatterijen, warmtebatterijen en warmte/koude opslag.
10
Mevrouw Heijne (GL) heeft het voorstel dat er lag vrij goed gelezen. Dit kwam vanmorgen als iets nieuws. Het is een heel andere, maar ook interessante manier van kijken. Maar hoe verhoudt dit zich nu tot veel voorstellen die de raad al heeft vastgelegd, bijvoorbeeld de transitie fysische warmte? Moet dat weer helemaal op de schop?
15
Mevrouw Passier (VOLT) denkt niet dat de raad dat helemaal op de schop hoeft te nemen. VOLT wil ook dat het functioneel is. VOLT geeft deze vier uitgangspunten mee, maar het is de bedoeling dat de energiesystemen op wijk- en buurtniveau juist volgend moeten zijn ten opzichte van de al vastgestelde Visie Warmtetransitie.
20
25
30
De heer Cornielje (PvdA) vraagt hoeveel mensen aan zo’n energiesysteem zouden moeten deelnemen. Wat is de orde van grootte? Mevrouw Passier (VOLT) antwoordt dat dat afhankelijk is van de grootte van de energiekavel. De gemeente krijgt het recht om energiekavels aan te wijzen. Ook dat is functioneel en afhankelijk van wat daar (ook technisch) mogelijk is. Het zal ook afhankelijk zijn van de dichtheid in bepaalde delen van de stad. De heer Peters (D66) heeft moeite om zich voor te stellen hoe zo’n lokaal energiesysteem op buurtniveau in de hele stad eruit komt te zien en zeker in een zo verdichte stad. Bij nieuwbouw kan hij zich goed voorstellen dat de gemeente met lokale systemen aan de slag gaat en daar gebeurt dat ook al. Maar hoe ziet VOLT dat voor de bestaande bouw zoals in de binnenstad? Moet er daar worden gesloopt? Hij ziet het niet helemaal.
35
Mevrouw Passier (VOLT) is niet voor sloop en zeker niet voor sloop van woningen. Voor de binnenstad is er zon op dak en zijn er de grachten. Door al die zonnepanelen aan elkaar te koppelen, daar een warmte/koude opslag aan te verbinden en warmte of koude bijvoorbeeld uit het water te halen wordt een energienetwerk gevormd. Er kan dan een gezamenlijke connectie met het net worden aangevraagd. Daarvoor moet er natuurlijk ook een juridische entiteit zijn. Het wordt een lokaal netwerk waarin lokale vraag en lokaal aanbod aan elkaar worden gekoppeld. Alleen als dat niet voldoende is, wordt energie vanbuiten gehaald.
40
Mevrouw Oudejans (Student & Starter) lijkt het best complex om zonder kennis dat allemaal aan te vragen. Komt er daarvoor ondersteuning vanuit de gemeente?
45
50
55
Mevrouw Passier (VOLT) antwoordt dat daarom in het voorstel het principe opgroeirecht en opgroeiruimte is opgenomen. Zij komt daar liever later in haar inbreng op terug. De heer Cornielje (PvdA) hoort VOLT ook praten over lokale vraag en lokaal aanbod. Betekent dat ook dat de prijs per gebied kan verschillen? Wordt bijvoorbeeld in de binnenstad een andere prijs betaald dan in Overvecht? Mevrouw Passier (VOLT) vindt dat een heel goede vraag. VOLT streeft sowieso lagere prijzen na omdat er geen winstoogmerk in zit. Verder wordt het kostprijs plus model gehanteerd. Er wordt heel transparant gemaakt wat de kostprijs is van opwekking en gebruik van energie, met een klein rendement voor eventuele financiële tegenvallers. Er kunnen best verschillen in zitten. Daarop kan ook weer worden gestuurd vanuit de gemeente. Misschien is het een goede vraag voor de wethouder. De heer Cornielje (PvdA) meent dat het kan betekenen dat in bijvoorbeeld Overvecht minder energie wordt opgewekt en dat de inwoners daar een hogere prijs moeten betalen.
Pagina 42 van 74
5
Mevrouw Passier (VOLT) stelt dat het ook afhankelijk is van het type oplossing, van het aantal mensen dat deelneemt en van hoe groot het aandeel is van bijvoorbeeld de gemeente. De gemeente kan ook deelnemen, het is ook een lokale eigenaar. Op die manier kan ook worden gestuurd op de prijzen. De heer Dijkstra (EenUtrecht) probeert mee te denken. Wat zou dit betekenen voor de tien à twaalf lokale energie-initiatieven die in de afgelopen jaren een soortgelijk aanbod hebben gedaan. Krijgen die een nieuwe kans?
10
Mevrouw Passier (VOLT) meent dat die een nieuwe kans moeten krijgen in die zin dat de gemeente op basis van deze uitgangspunten zegt dat zij in deze collectieven toegevoegde waarde ziet voor de inwoners. Uitgaand van het principe van opgroeirecht en opgroeiruimte kan de gemeente dan deze initiatieven een stapje verder helpen en ondersteunen.
15
De voorzitter deelt mevrouw Passier mee dat er nog ruimte is voor een vraag van de heer Dijkstra. Daarna moet hij afsluiten. De Kinderraad begint zo, de kinderen staan al buiten. Zij moet dan om 19.30 uur verder gaan.
20
25
De heer Dijkstra (EenUtrecht) geeft aan dat veel van deze initiatieven inmiddels zijn afgehaakt omdat zij er kostentechnisch niet uitkwamen. De businesscase kwam slechter uit dan de stadsverwarming. Gaan deze principes dan helpen? Hij hoopt het, maar hij ziet het nog niet. Mevrouw Passier (VOLT) kan zich voorstellen dat deze principes daarbij gaan helpen omdat het afwegingskader wordt uitgebreid met deze principes. Andere dingen gaan meewegen. Daarbij staat de eindgebruiker centraal. Het kan voor initiatieven het verschil maken. De voorzitter schorst de vergadering om 16.55 uur.
30
35
40
45
50
55
Pagina 43 van 74
Verslag openbare avondvergadering commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen 5
10
15
Datum Locatie Verslag door Vaststelling verslag
23 november 2023 Raadszaal, stadhuis dhr. H. Meinhardt (Notuleerservice Nederland)
Aanwezigen
Voorzitter dhr. B. van Steeg, commissiegriffier mw. M. de Vos, de wethouders: dhr. E. Eerenberg (via Teams), mw. L.van Hooijdonk, mw. S. Schilderman, mw. R. Streefland, dhr. D. de Vries, de leden: mw. K. Alblas (CU), dhr. J. Cornielje (PvdA), dhr. G. Dijkstra (EenUtrecht), dhr. H. Dijkstra (CDA), dhr. R. van der Graaf (CU), mw. R. Heijne (GL), dhr. M. Koning (D66), mw. T. Meerding (VVD), mw. X. Minnaert (PvdD), mw. M. Oudejans (Student&Starter), mw. C Passier (Volt), dhr. R. Peters (D66), mw. V. Smit (Volt),dhr. M. Usta (DENK), dhr. J. Vintges (VVD), dhr. P. Zwanenberg (GL), dhr. R. van der Zweth (PvdA)
Afwezigen 20
25
Verslag vergadering commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen .............................................................................................................. Verslag openbare avondvergadering commissie Energie(transitie), Duurzaamheid en Wonen ......... Aanwezigen .....................................................................................................................................44 Afwezigen ........................................................................................................................................44 10. Toelichting Initiatiefvoorstel Leidende principes en lokale regels energietransitie ……………………………………………………………………….. 44 11. Raadsbrief kraakpanden Croeselaan en het Utrechtse kraakbeleid .........................................51
30
35
40
10. Toelichting Initiatiefvoorstel Leidende principes en lokale regels energietransitie (vervolg van de middagvergadering) De voorzitter heropent de vergadering om 19.30 uur en geeft vervolgens het woord aan mevrouw Passier om de toelichting op het initiatiefvoorstel te vervolgen. Nadat agendapunt 10 is afgerond volgt nog een debat van drie uur, waarvan een deel besloten is. Men wil ook om 23.00 uur klaar zijn. De commissie begrijpt dat de tijd beperkt is. Het verzoek is dan ook om daar rekening mee te houden. Mevrouw Passier gaat verder met haar betoog van de middagveergadering. Waarom deze vier principes? Op dit moment stuurt men met betrekking tot de warmtetransitie op duurzaamheid, Pagina 44 van 74
5
10
15
betaalbaarheid, betrouwbaarheid en transparantie. Dit geldt alleen voor warmte en niet voor het opwekken van elektriciteit. Voor elektriciteit is geen sturingskader vastgesteld. Landelijk wordt er gestuurd op lokale energiesystemen zoals bijvoorbeeld beschreven in het Nationaal plan energiesysteem. Met de leidende principes zoals voorgesteld wil men kunnen sturen op lokale energiesystemen waar iedereen aan mee kan doen. Collectieve aanpakken die voor individuele oplossingen gaan. Dat zoveel mogelijk in lokaal eigendom is en waar lokale energie initiatieven hun ruimte en hun recht krijgen. Er zijn vanmiddag veel vragen gesteld over de uitwerking en de principes. Echter, dit voorstel is op visieniveau. Men vraagt aan het college om met een voorstel te komen waarin de uitgangspunten uitgewerkt zijn in verschillende scenario’s, zodat deze vier leidende principes kunnen landen in het omgevingsplan. Spreekster wil het graag met de commissieleden in debat over de vier principes en niet over de uitwerking ervan. Bij normale visies wordt de uitwerking ook niet besproken. De heer Peters is dan wel benieuwd wat deze principes gaan doen met de doelstellingen die men bijvoorbeeld heeft om in 2040 Utrecht van het gas af te krijgen. Dat is wel een belangrijk principe, ook voor de uitwerking.
20
Mevrouw Passier denkt dat de principes hand in hand gaan. Volt wil ook zo snel mogelijk van het gas af. Spreekster denkt dat de visie gaat helpen om mensen van het gas af te krijgen. Men heeft de systeemintegratie nodig. De voorliggende visie is een goede manier om dit te regelen via collectieve energiecollectieven. De leidende principes staan ook in de startnotitie.
25
De heer Peters kent Volt als een partij die vaart wil maken met de verschillende transities. Tegelijkertijd hoort men ook iets dat zorgen baart. Moet men alle lokale initiatieven, waarvan is aangetoond dat ze niet de meest efficiëntste zijn, nu weer uit de kast gaan halen? Daar was ook het antwoord ja op. Dat vindt spreker toch niet zo erg hand in hand gaan met elkaar.
30
35
40
45
50
Mevrouw Passier heeft niet gezegd dat men alle initiatieven uit de kast moet gaan halen. De vraag was of het wellicht mogelijk is om initiatieven, die op basis van de oude principes zijn af geserveerd, opnieuw een kans kunnen krijgen op basis van de nieuwe principes. Het antwoord daarop was ja. Dat zou mogelijk moeten zijn. Want het afwegingskader wordt uitgebreid en het kan dus zijn dat op basis van dit bredere afwegingskader de keuze weer anders zou worden gemaakt. Volgens de heer Peters komt het er wel op neer dat men voor heel wat zaken waarvoor een afweging gemaakt is, opnieuw moet gaan kijken om opnieuw een afweging te kunnen maken. Dat gaat veel tijd, energie en capaciteit kosten. Daar is Volt het toch wel mee eens. Mevrouw Alblas vraagt hoe Volt zich dat voor zich ziet? Hoe krijgt men deze mensen mee? Veel gehoorde bezwaren hebben betrekking op de angst van mensen dat de energie toch duurder wordt. Of dat deze ontwikkeling voor hen zo groot is, waardoor ze het niet meer kunnen overzien. Dus, hoe krijgt men mensen mee hierin? Mevrouw Passier geeft aan dat het een volledig transparant verhaal wordt. Juist omdat het voor minimaal 50% maar liefst voor iedereen zo’n project lokaal eigendom Mevrouw Passier is het daar gedeeltelijk mee eens. Men is het niet eens met D66 op het punt dat het tot grote vertraging zou leiden.
Juist het opnieuw afwegen van die lokale initiatieven leidt juist tot een grotere acceptatie van de hele transitie waar men voor staat. Dat zou juist tot snelheid moeten leiden. Spreekster heeft het gebeerd de bijdrage technisch te houden waardoor er een inhoudelijk technisch debat zou ontstaan waardoor men politieke visies kan geven over de uitgangspunten.
55
Mevrouw Alblas heeft even het betoog van Volt afgewacht om te horen of haar punt aan de orde zou komen. Niet dus. Vandaar de volgende vraag. Hoe zit het voor mensen met een huurwoning? Hoe kunnen die mensen hieraan meedoen? Hoe kunnen mensen die geen geld hebben om in te leggen toch meegaan?
60
Mevrouw Passier antwoordt dat daar verschillende mogelijkheden voor zijn. Juist de lokale energiesystemen in collectief verband zijn er juist op gericht dat iedereen kan mee doen. Ook Pagina 45 van 74
5
10
15
20
25
30
35
40
wanneer men niet zelf een dak heeft of niet de financiële middelen heeft, kan men mee doen met de energietransitie. Die kunnen lid worden van zo’n collectief en daardoor mee delen in de energie die wordt opgewekt op andere daken binnen het collectief. Het is een soort delen van daken met elkaar. Afhankelijk van het percentage inwoners dat meedoet, kan de gemeente ook voor een bepaald percentage instappen. Daardoor wordt de gemeente mede-eigenaar van zo’n collectief. Daarmee zorgt men ervoor dat alle inwoners van de gemeente er voordeel van hebben. Daarmee hebben inwoners voordelen van zo’n lokaal energiesysteem en ook van de voordelen die dat met zich meebrengt. En ook van de lagere prijs die hiervan het gevolg is. is, moet men de inwoners ook gelijkwaardig behandelen. Hun belang van zo’n energiesysteem staat dus ook voorop. Het verhaal wordt volledig transparant. Wat gaat het kosten en wat gaat het opleveren. Hoe werkt het. Over de gekozen systemen wordt advies gegeven. Juist omdat het zo’n transparant verhaal is, zullen mensen inzien wat er staat te gebeuren. Men gaat me afkoppelen van het gas. Echter, het gaat niet alleen nu geld kosten, maar het gaat op de langere termijn geld opleveren. Mevrouw Alblas merkt op dat het in eerste instantie geld gaat kosten. Er zijn mensen die geen geld hebben om die termijn te overbruggen.
Hoe kunnen ze dan meedoen? Mevrouw Passier was vanmorgen bij de technische presentatie. De BNG kan onder bepaalde voorwaarden garant staan voor dit soort energiecollectieven. In feite gaat het om een soort lening wat het energiecollectief gezamenlijk aangaat. Energie Samen heeft hier ook een financiële ondersteuning voor. Er zijn allerlei middelen om collectieven financieel te ondersteunen. Op dit punt denkt spreekster dat er echt een rol is weggelegd voor de gemeente. De vraag aan de wethouder is hoe men dit verder kan uitwerken. Mevrouw Heijne vindt het mooi dat Volt de rol van de gemeente aan geeft. Daar gaat precies haar vraag over. Het voorstel gaan ervan uit dat vooral eindgebruikers een actieve rol spelen. Spreekster vraagt zich af of de bewoners zich actief bezig willen houden met hun energievoorziening. Men heeft het over warmte en elektriciteit. Tenminste dat heeft spreekster begrepen. Wat is dan precies de rol van de gemeente hierin? Hoe pakt dit uit voor bewoners die gewoon warmte en elektriciteit in hun huis willen? Mevrouw Passier gaat er niet vanuit dat iedereen dit snel zal gaan oppakken. Een hele grote groep mensen zal zeggen dat ze goedkope energie willen hebben. Geen gedoe. Daarom minimaal 50% lokaal eigendom. Dat percentage kan ook behaald worden omdat de gemeente hierin meedoet. Het maximale is 100%. Natuurlijk heeft Volt daar ideeën over.
Men wil zoveel mogelijk inwoners betrekken en een kleine rol voor de gemeente. Men kan zich voorstellen dat dit per wijk of buurt verschillend is. hoeveel inwoners er een actieve rol in willen spelen. Het is zaak dat de wethouder daar in de verdere uitwerking rekening mee houdt. Per wijk of buurt zal de rol van de gemeente anders zijn. Echter, de gemeente heeft een ondersteunende rol nodig om dit soort initiatieven van de grond te krijgen.
45
Mevrouw Heijne merkt op dat men komt bij initiatieven die bij bewoners oppoppen. Dan heeft men verschillende initiatieven, maar op een gegeven moment moet de hele stad van het gas af. Hoe verhoudt zich dat tot elkaar en wat zijn de gevolgen voor de rest van de stad. Op een gegeven moment moet de hele stad van het gas af. Wat heeft dat voor gevolgen voor beschikbaarheid en kosten voor bewoners waar ze voor komen te staan.
50
Mevrouw Passier geeft aan dat het lijkt of het als gemeente overkomt. Het moeten geen groepjes zijn met een leuk creatief idee. De gemeente moet in deze een actieve rol pakken. Kijken wat er speelt op dit gebied in de verschillende wijken. Er is door de raad een warmtetransitie vastgesteld.