CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2023.09.07 Conceptverslag commissie EDVW

Commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen (2022-2026) 5 oktober 2023, gemeente UtrechtBij agendapunt: Verslagen21.984 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

erop worden geattendeerd dat bij bepaalde weersomstandigheden niet gestookt mag worden. Dat zijn alternatieven waarmee ook dat fijnstof kan worden aangepakt. Het zijn ook alternatieven waarmee de gemeente er is voor mensen met astma en met COPD. Zij dragen wel bij aan de oplossing van het probleem, maar zij zijn niet zo ingrijpend en niet zo complex als dit houtstookverbod. Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) merkt op dat dit debat over twee verschillende dingen gaat. De ene keer gaat het over fijnstof en het hele milieu. Zij hoort fracties zeggen dat dit wereldwijd speelt en dat het moet worden aangepakt. De andere keer gaat het over COPD-patiënten. De vraag is dus of de raad de COPD-patiënten wil ondersteunen of de wereldwijde klimaatverandering wil stopzetten. Vanuit beide invalshoeken vindt zij dat het verbod op het vuurkorfje een maatregel die in geen enkele verhouding staat tot wat er plaatsvindt. Zij kijkt eerst naar het milieu. Er zijn tweehonderd biomassacentrales. Wetenschappers zeggen dat dit enorme vervuilers zijn. De CO2uitstoot ervan kan niet helemaal met de bomen worden geneutraliseerd. Mevrouw Smit (VOLT) vraagt of mevrouw Hessel ervan op de hoogte is dat milieubescherming direct gerelateerd is aan gezondheid. Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) is daarvan op de hoogte. Utrecht Solidair komt nog met een initiatiefvoorstel om de biomassacentrale hier te sluiten.

Dit gaat haar fractie echt aan het hart. Haar fractie wil ook een onmiddellijke stop van de bomenkap. Er worden nu oude bomen gekapt en die zijn ontzettend belangrijk om de CO2-uitstoot te neutraliseren. Het tweede bezwaar van Utrecht Solidair is de wetgeving. Een gemeente moet de wetgeving niet gebruiken om iets te normeren omdat een groep er last van heeft. Dat moeten mensen echt onderling oplossen. Haar fractie heeft vooral bezwaar tegen deze verordening omdat zij in strijd zou zijn met de Grondwet. De vrijheid van huiselijke bescherming vindt zij een van de belangrijkste dingen in de Grondwet. Dan is er de arme COPD-patiënt, als het met het klimaat niet lukt. Maar iedereen in de raad weet hoeveel vergaderingen er zijn geweest over de herrie in de Nobelstraat. Zij kent heel veel mensen die vanwege die herrie zijn verhuisd nadat zij jarenlang te horen hadden gekregen dat zij dan maar niet in de binnenstad moesten blijven wonen. Heel veel fracties hebben gezegd dat dat erbij hoorde en dat mensen dan maar de binnenstad uit moesten gaan. Daar ging het over handhaving in de openbare ruimte. Ook daarom heeft haar fractie een bezwaar tegen dit voorstel. De gemeente is er niet voor één beperking. Mensen kunnen dit echt wel onder elkaar oplossen en de gemeente is er voor andere problemen. De heer Van Heuven (PvdD) is het op een aantal punten inhoudelijk wel eens met mevrouw Hessel.

Maar mevrouw Hessel denkt dat het niet kunnen handhaven in de Nobelstraat een reden kan zijn om dit voorstel niet te willen. Hij wijst dan op de naam van de fractie van mevrouw Hessel, Utrecht Solidair. Door dit verbod op te nemen helpt de raad toch juist mensen die last hebben van vuurkorven en maakt hij het mogelijk dat mensen die niet weten dat een vuurkorf zo slecht is ermee stoppen. Zou de raad niet de mensen moeten helpen die er ziek van worden? Dat is toch een sociale regel? Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) vindt dat de raad zich op een hellend vlak begeeft, als hij dit voor de gezondheid van een heel kleine groep doet. De raad gaat dan wetgeving maken zodat mensen die ergens last van hebben zich daarop kunnen beroepen, terwijl er, zoals de PVV en andere fracties hebben aangegeven, veel mensen zijn met andere gezondheidsklachten, bijvoorbeeld mensen die geluidsprikkelgevoelig zijn. De raad moet voor deze mensen staan. Dat is zijn plicht, maar de gemeente kent ook een grote werkeloosheid en een enorme criminaliteit. Zij denkt dat de raad zich daarop moet richten. Ook zij heeft COPD-patiënten in haar omgeving, maar zij kent niemand die zich de hele zomer opsluit. De voorzitter vraagt mevrouw Hessel iets korter te zijn, haar antwoord is duidelijk.

55

60

De heer Usta (DENK) begrijpt dat hout stoken ongezond kan zijn. Maar dat geldt ook voor een snoepje. Mensen bepalen zelf wat goed en wat niet goed voor ze is. Naast gezondheid speelt genot ook een rol. Mevrouw Smit (VOLT) merkt op dat iemand zelf bepaalt of hij een snoepje eet. Als de buren hout stoken, heeft iemand dat niet zelf in de hand. Wat denkt DENK over het verschil daartussen? Pagina 16 van 36

5

10

De heer Usta (DENK) antwoordt dat, zoals al eerder gezegd, mensen daarover het gesprek kunnen aangaan. Mensen kunnen het met elkaar afstemmen. Voor hetzelfde geld kunnen de buren worden uitgenodigd. Dat zorgt voor saamhorigheid. Daarnaast gaat het debat met name over fysieke gezondheid, maar er wordt vergeten dat hier ook sprake is van mentale gezondheid. In deze tijd zijn er veel mensen met stress, er zijn veel burn-outs onder jongeren. Dit is een uitweg om te kunnen relaxen en het is een van de manieren om rust te vinden. DENK meent dat dit niet van die mensen moet worden afgepakt. Het kan onder elkaar worden afgestemd en er kan worden bekeken of iemand het wel of niet doet. Als er een verbod wordt opgelegd, kunnen de mensen dat niet. Bij een snoepje bepaalt iemand zelf of hij het opeet, maar als er een verbod op snoep komt, kan hij dat ook niet meer.

15

Mevrouw Smit (VOLT) geeft aan dat iemand zelf bepaalt of hij een snoepje neemt. Maar als de buren stoken en iemand binnen moet blijven, dan bepaalt iemand anders dat voor hem. Dat heeft toch ook effect op iemands mentale gezondheid? De buren veroorzaken iets en bepalen dat iemand binnen moet blijven en dat is slecht voor zijn mentale gezondheid. Zij begrijpt de redenering van DENK niet.

20

De heer Usta (DENK) vraagt of VOLT meent dat de oplossing om mensen iets af te nemen dan wel helpt of dat de raad naar alternatieven moet kijken en dat mensen met elkaar in gesprek moeten gaan.

25

Mevrouw Smit (VOLT) hoort dat de heer Usta het heeft over iets afpakken. Maar mensen die last hebben van hun longen wordt de mogelijkheid ontnomen om naar buiten te gaan. Het is maar in welke richting iemand redeneert. Pijn hebben en last hebben van gezondheidsproblemen is erger dan het missen van het pleziertje van een vuurtje stoken.

30

35

40

45

50

55

De heer Usta (DENK) stelt dat, als op iets een verbod wordt gelegd, het helemaal niet meer kan. De mensen die er last van hebben kunnen de keuze maken om ergens naartoe te gaan waar zij geen last hebben van die rook. De heer Temming (Stadsbelang Utrecht) begint met een compliment aan de initiatiefnemers. Een initiatiefvoorstel is altijd veel werk en vormt altijd een grote toegevoegde waarde voor het debat. Het voorstel heeft dan ook een flink debat losgemaakt. Stadsbelang Utrecht sluit zich aan bij de oproep van de PVV om dit netjes te doen. Het voorstel dat er nu ligt kan zijn fractie helaas niet steunen. Zij heeft twijfels over de uitvoerbaarheid, met name op het punt van handhaving en beperking van grondrechten. Laat Utrechters zelf hun buren aanspreken, wanneer houtstook tot overlast leidt. Dit is een zaak van de maatschappij, niet van de gemeente. Wanneer handhaving voor de deur staat, omdat de barbecue al dan niet door de buren wordt gezien als illegale houtstokerij, gaat dat dan een bijdrage leveren aan een betere samenleving? Zijn fractie ziet de toegevoegde waarde van dit voorstel niet. Er is al een beperkt verbod in de APV en overlast is al strafbaar. Als zijn fractie moet kiezen tussen dit voorstel en gezelligheid, dan staat zij aan de kant van de gezelligheid. De heer Van Heuven (PvdD) vindt het een leuk en spannend debat.

Aan het begin van het debat werd gezegd dat de lucht in Utrecht nog nooit zo schoon is geweest. Toch haalt de stad de WHO-waarden niet en dat ‘schoon’ is natuurlijk een gemiddelde. Een vuurkorf kan zeer lokaal voor extreem slechte lucht zorgen. Daar kunnen mensen en dieren last van hebben. De gemeente heeft een zorgplicht voor de inwoners en juist voor de kwetsbare inwoners die de gemeente kan beschermen en die zich nu terugtrekken in hun huizen, als zij last hebben van vuur stoken in de tuin van de buren. De lucht kan altijd beter en dat geldt ook voor de gezondheid van inwoners. Dat gaat in grote en in kleine stappen. Hier gaat het om een kleine maatregel die gratis is en zo kan worden ingevoerd. Ook daarom schreef zijn fractie graag mee aan dit voorstel. Hij laat het hierbij, maar heeft wel één vraag voor de wethouder omdat hij iets mist in de reactie van het college. Daarin gaat het over lucht, over handhaving en er worden heel veel mitsen en maren opgeroepen, maar het college rept niet over de gezondheid. De heer Bosch (PVV) wil interrumperen. Hij zal aangeven, wanner hij dat wil doen.

Pagina 17 van 36

5

De heer Van Heuven (PvdD) vraagt hoe de wethouder denkt over het in bescherming nemen van inwoners. Inwoners worden ziek van de gemeente, maar ook van andere inwoners. De gemeente kan deze inwoners beschermen met deze ‘no regret’-maatregel. Hij is benieuwd hoe de wethouder hierover denkt. Wat is de waarde van dit voorstel bij het in bescherming nemen van inwoners, als het gaat om gezondheid? De heer Bosch (PVV) vraagt of de PvdD duidelijk kan zijn ten aanzien van het vooralsnog niet verbieden van de barbecue. Is dat een doel waar die fractie naartoe gaat?

10

15

20

25

30

35

40

45

De heer Van Heuven (PvdD) antwoordt dat, voor zover hij weet, de PvdD niet voor een barbecueverbod is. Wat hem betreft worden er ook geen stappen gezet naar een totaal barbecueverbod. Maar er is wel overlast van barbecue-activiteiten en daar vraagt zijn fractie wel aandacht voor, zeker als het gaat om overlast veroorzaakt door houtstook. Zijn fractie heeft ook wel eens aandacht gevraagd voor barbecues direct onder bomen in verband met brandgevaar of vogels die in die bomen zitten. De PvdD vindt het heel belangrijk om bij barbecues ook te kijken naar de gezondheidsschade, maar dit is geen opmaat naar een totaal barbecueverbod. De heer De Pagter (VVD) hoort dat de PvdD zegt dat het een gemakkelijke maatregel is. Maar tegelijkertijd zegt het college dat het niet handhaafbaar en ook niet effectief is. Wat is er nu gemakkelijk aan? De heer Van Heuven (PvdD) vond de reactie van het college vrij teleurstellend. Als zijn (theoretische) buren keihard muziek draaien, kan hij ze aanspreken. Zij weten ook dat op een gegeven moment de muziek uit moet omdat daarover een regel is afgesproken. Houden zij zich daar niet aan, dan gaat hij op een bepaald moment de politie bellen. Dan komt de politie of de handhaving. Dan is het heel duidelijk: om 23.00 uur moet die muziek uit en, als die niet uitgaat, dan wordt de stereo-installatie meegenomen.

Door deze maatregel te introduceren maakt de gemeente het superduidelijk: de gemeente wil geen houtstook in de tuinen, mensen worden daar gewoon ziek van. Zo kunnen mensen daarop worden aangesproken. De heer De Pagter (VVD) begrijpt dat de heer Van Heuven dat effect voor zich ziet. Maar volgens het college is het juist niet gemakkelijk te handhaven. Hij herhaalt zijn vraag: wat is er nu precies gemakkelijk aan dit verbod? De heer Van Heuven (PvdD) antwoordt dat uit onderzoek van I&O Research blijkt dat 80% van de houtstokers bereid zijn om te stoppen met hun houtkorf, als er een verbod komt. Dat is de winst van dit voorstel. Het gemakkelijke bij het handhaven is dat er mensen naar een huis kunnen worden gestuurd. Die kunnen daar aanbellen, kunnen mensen aanspreken op het feit dat dit niet mag, dat de buren er last van hebben en dat zij ermee moeten stoppen. De voorzitter concludeert dat de commissie het debat over het nut van het verbod heeft gehad en dat de fracties daar op een verschillende manier naar kijken. Dat hoeft niet over te worden gedaan. Dit was de laatste fractie. Het is ook het einde van de eerste termijn van de commissie. Spreker stelt voor een kwartier te schorsen. Hij deelt mee dat mevrouw Van Hooijdonk van 13.30 uur tot 14.30 uur in een VNG-overleg zit. Dat betekent dat agendapunt 10 waarschijnlijk om 14.30 uur begint.

Hij vraagt de fracties dit door te geven aan degenen die dan het woord voeren. De voorzitter schorst de vergadering om 11.40 uur en heropent deze om 12.02 uur.

50

55

60

Wethouder Oosters dankt de commissie voor het mooie debat. Vaak worden in een debat veel vragen aan het college gesteld. Dat was nu wat beperkter, het was nu het debat tussen alle fracties en het was goed dat te zien. Zij complimenteert de indieners van het initiatiefvoorstel. Het is mooi om te zien dat raadsbreed steun aan die initiatiefnemers wordt gegeven. Het is een voorstel dat is gemaakt vanuit ideologie en passie. Gelukkig is Utrecht al een tijd bezig met hetzelfde doel, het verbeteren van de luchtkwaliteit in de stad en het terugdringen van de overlast door houtstook. Dat doet de gemeente met name door voorlichting en subsidieregelingen, maar ook door te helpen het gesprek met de buren aan te gaan. Zij zegt dit in reactie op de opmerking van de VVD. De gemeente doet dit door middel van gratis buurtbemiddeling. Dit is ook op de houtstooksite van de gemeente te lezen. Het college wilde dan ook het initiatiefvoorstel serieus overwegen en kijken hoe het ermee uit de voeten zou kunnen, maar toch ziet het college Pagina 18 van 36

5

10

uiteindelijk fundamentele haken en ogen. Het college wil het een en ander beter uitzoeken en uitwerken in het maatregelenpakket voordat het een besluit neemt. Spreekster gaat in op de kosteneffectiviteit van de maatregel, de handhaving, het draagvlak en uiteindelijk het raadsvoorstel Luchtkwaliteit en het maatregelenpakket. Bij het nemen van maatregelen die direct impact hebben op de persoonlijke levenssfeer van vele Utrechters wil het college een duidelijke weging van belangen maken. Hiervoor is het nodig te weten hoe effectief de maatregel is om het uiteindelijke doel te bereiken en wat de kosten van die maatregel zijn. De grootste twijfel ten aanzien van die effectiviteit zit voor het college in de mogelijkheid om deze versie van het voorstel te handhaven. Het is namelijk niet mogelijk om zonder meer de tuin van bewoners binnen te komen en ook is het niet altijd mogelijk om meteen vast te stellen wat de verbrande stof in het vuur is. Daarbij heeft het initiatiefvoorstel ook geen rekening gehouden met mogelijke extra kosten van handhaving. De vraag is dan of het college deze handhaving proportioneel vindt ten opzichte van de overtreding. Dat blijft echter een politieke afweging.

15

De heer Van Heuven (PvdD) merkt op dat het nu al verboden is om vuur te stoken in de tuin. GL en zijn fractie voegen het verbranden in vuurkorven toe aan dit verbod. Waarom maakt deze toevoeging aan het bestaande verbod alleen de handhaving van die toevoeging lastig, terwijl er al een verbod is waar handhaving voor bestaat?

20

Wethouder Oosters antwoordt dat het verschil is dat op dit moment in de APV dat verbod staat en dat die korven de uitzondering daarop zijn. In het voorstel wordt voorgesteld om het stoken van vuur in vuurkorven niet toe te staan voor hout, maar wel voor andere verbrandingsstoffen. Voor een handhaver ter plekke is het moeilijk uit te zoeken wat uiteindelijk die verbrandingsstof is geweest. Er is echt wel een verschil in de manier waarop kan worden gehandhaafd.

25

30

35

40

45

50

55

60

De heer Van Heuven (PvdD) heeft dan een vervolgvraag. Stel dat nu iets wordt verbrand in een tuin, dat er een melding van wordt gemaakt en dat er een handhaver naartoe gaat. Ook dan is het niet duidelijk of het hout is dat wordt verbrand of iets anders. Waarom is het voor het bestaande verbod niet ingewikkeld en is het dat voor het toevoegen van vuurkorven wel? Wethouder Oosters antwoordt dat het natuurlijk veel meer voorkomt dat een vuur in een achtertuin in een vuurkorf wordt gestookt. Op dit moment heeft het verbod op die houtstook een ander effect op de bewoners dan wanneer het zou gaan om een vuurkorf. De heer Van Heuven (PvdD) stelt dat doordat er al een verbod op houtstook is het verbranden van hout is afgenomen. Door het toevoegen van die uitzondering van hout in vuurkorven neemt de overlast af. Hij ziet echt niet wat het verschil in handhaving is tussen de bronnen hout en de bronnen vuurkorf. Kan de wethouder uitleggen wat het verschil is voor een inspecteur die aanbelt en kijkt of het wel of niet buiten is? Wethouder Oosters wijst erop dat het verbod op houtstook er is. Dat heeft de PvdD ook op die manier gezegd. Het verbod op vuurkorven is een toevoeging daaraan ook omdat dat juist de manier is waarop bewoners met elkaar vuur maken. Nu is er een uitzondering, die vuurkorven.

Kijken of een verbod op dezelfde manier kan worden ingevoerd is iets heel anders omdat het echt de manier is waarop bewoners hout stoken in hun achtertuin. Dat heeft vooral impact op de persoonlijke levenssfeer van mensen en dat is niet noodzakelijk het geval voor het verbod dat nu in de APV staat. De heer Dijkstra (CDA) ziet hier een typisch voorbeeld van ‘verbestuurlijking’, ook van het college. De commissie is nu vooral bezig met hoe kan worden gehandhaafd en hoe lastig dat is, maar hij is benieuwd naar het ideologische idee. Hoe kijkt het college er ideologisch naar? Wethouder Oosters komt daar later in haar betoog op terug, in het gedeelte over de presentatie van het raadsvoorstel Luchtkwaliteit. GL vroeg of de handhaving niet een argument is dat ook voor andere maatregelen geldt, zoals het verbranden van tuinafval en of het schrappen van een uitzondering juist niet helpt. De ervaring leert het college dat deze twee dingen niet op deze manier met elkaar te vergelijken zijn, niet alleen omdat zij op een andere schaal plaatsvinden, maar ook omdat het ene minder voorkomt en het vaak om een grote hoeveelheid gaat. Ook is er een verschil in maatschappelijk draagvlak. Grote hoeveelheden worden vaak niet in een achtertuintje verbrand. Dat heeft ook weer effect op die handhaafbaarheid. Het is iets anders of Pagina 19 van 36

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

iemand dit in de openbare ruimte doet of in de achtertuin. GL vroeg ook naar de normerende werking. Het college meent dat het, als de gemeente een maatregel als deze invoert, of die nu normerend werkt of niet, stevig moet kunnen staan voor de effectiviteit van de maatregel. Dat is nu precies datgene waarnaar het college meer onderzoek wil doen in het maatregelenpakket. Naar aanleiding van de vraag van de PvdD in het verlengde hiervan wijst zij erop dat het college in de brief wel heeft aangegeven dat de maatregel waarschijnlijk een positief effect heeft op de gezondheid. Alle terugdringen van de uitstoot heeft immers een positief effect. Maar de grootte van dit effect en daarmee de effectiviteit van de maatregel heeft het college op dit moment onvoldoende duidelijk vastgesteld om een verbod te staven. Daarop heeft die twijfel van het college betrekking. Omdat de maatregel niet altijd evengoed te handhaven is, is het ook relevant om in kaart te brengen hoe groot het draagvlak is voor een dergelijk verbod. De opmerking van de CU over de draagvlakmeting snijdt ergens wel hout. Mensen gaan dan vanuit het eigenbelang redeneren. Wat het college betreft is het ook geen randvoorwaarde, maar het onderzoek naar het draagvlak en het participatietraject bij de maatregelen zorgen wel voor een duidelijker beeld van het draagvlak en daarmee van de mogelijke effectiviteit.

In het participatietraject informeert de gemeente de inwoners over het belang van extra maatregelen en de gevolgen van houtstook voor de luchtkwaliteit en de gezondheid van inwoners. Misschien vergroot dat indirect het draagvlak. Dit gebeurt in combinatie met andere maatregelen die mogelijk voortvloeien ui de beleidsnota Luchtkwaliteit. De heer Vasters gaf al aan dat er heel wat bronnen van luchtvervuiling zijn binnen en buiten de stad. Die maatregelen zullen dus niet alleen gaan over houtstook. De heer Dekkers (GL) hoort dat de wethouder zegt dat meer onderzoek nodig is om effectiviteit en draagvlak vast te stellen. Maar uit onderzoek is nu juist duidelijk geworden dat enerzijds de huidige situatie niet effectief is omdat mensen het niet melden, het niet aankaarten bij de buren en zichzelf opsluiten en anderzijds dat het draagvlak redelijk groot is, als er een verbod komt. Waarom moet dit extra worden onderzocht? Wethouder Oosters heeft het als Utrechtse wethouder voor de luchtkwaliteit over de Utrechtse situatie. Op dit moment heeft het college niet de juiste cijfers om een verbod op vuurkorven te staven. Om alle haken en ogen van dit initiatiefvoorstel goed te onderzoeken wil het college dit ook meenemen in het onderzoek naar de maatregelen in het plan voor de luchtkwaliteit.

Het college let daarbij echt op de samenhang tussen de maatregelen en kijkt naar de kosteneffectiviteit en de samenhang met andere beleidsdoelen, zoals volksgezondheid en klimaat, maar ook kansengelijkheid. Zo ontstaat uiteindelijk een totaalpakket dat voor deze stad effectief en haalbaar is. Die tegemoetkoming kan zij doen in de richting van de indieners. Student & Starter vroeg daar expliciet naar. In november 2023 komt het college met het raadsvoorstel voor de beleidsnota. Daarin worden ook de kaders voor de mogelijke maatregelen gesteld. Het college verwacht het uitvoeringsprogramma met het maatregelenpakket in het eerste kwartaal van 2024 af te ronden en zal de raad hierover informeren. De voorzitter schorst om 12.12 uur de vergadering voor het overdragen van het voorzitterschap. De nieuwe voorzitter, de heer Bos, heropent de vergadering om 12.13 uur. Hij geeft het woord aan de initiatiefnemers. Mevrouw Heijne (GL) dankt de commissieleden voor de mooie woorden en het levendige debat. Zij dankt ook de wethouder voor haar reactie. De initiatiefnemers hebben ook de tegemoetkoming of handreiking van het college goed gehoord, zij komen daar later op terug. De initiatiefnemers hebben in het debat gemerkt dat iedereen gevoel heeft bij dit onderwerp. Het maakt erg veel los bij voorstanders en bij tegenstanders.

Zij proberen het gesprek terug te brengen naar de cijfers en feiten en de inhoudelijke punten uit het debat. Het is de initiatiefnemers nog niet gelukt om hun reacties te bundelen zoals de wethouder dat doet. Zij doen de beantwoording per fractie, maar veel onderwerpen zijn steeds weer teruggekomen. De PVV heeft bijvoorbeeld veel gesproken over handhaving. Dan zullen zij bij andere fracties zeggen dat zij het al over handhaving hebben gehad. Als iemand iets mist, dan horen zij dat wel. Spreekster doet alle onderwerpen die langs zijn gekomen en haar collega doet alle vragen over handhaving. De PVV vroeg waarom de gemeente niet gewoon goed gaat communiceren. Vele andere fracties noemden dit punt ook. De initiatiefnemers zijn het daarmee eens. Communicatie is altijd goed en belangrijk. Daarom vragen zij daar ook aandacht voor in het voorstel. Dat is niet nieuw, er wordt al heel lang over houtstook gecommuniceerd. Er is al een campagne van het college dat houtstook schadelijk is met een Pagina 20 van 36

5

10

15

20

25

30

35

40

45

50

55

60

oproep om minder hout te stoken. Maar de initiatiefnemers zien ook dat luchtverontreiniging door ander bronnen afneemt en dat die door houtstook niet afneemt of zelfs licht stijgt. Als een goed gesprek zou helpen, zou het probleem zijn opgelost. Zij zien dat dat niet het geval is. Sterker, het probleem wordt groter. Uit cijfers van I&O Research blijkt dat meer dan 60% van de stokers zegt dat zij zich aan een verbod zullen houden. Een verbod helpt dus ook in de communicatie. Dat is ook in het debat langsgekomen. Als iemand zijn buren nu aanspreekt op bijvoorbeeld geluidsoverlast, dan kan hij tegen de buurman zeggen dat hij daar heel veel last van heeft en dat het overigens ook niet mag. Als iets niet mag, blijkt de meerderheid van de mensen zich daaraan te willen houden. Boa’s kunnen nu niet zoveel doen. Het helpt hen ook dat zij stokers kunnen aanspreken op iets dat niet mag. De heer Bosch (PVV) merkt op dat het bij geluidsoverlast vaak voorkomt dat mensen bellen en dat de politie dan zegt te zullen kijken, maar dat er dan helemaal niets mee gebeurt. Hoe moet hij dat duiden? Mevrouw Heijne (GL) antwoordt dat, op het moment dat er een klacht komt over houtstook of geluidsoverlast, handhaving altijd een afweging zal moeten maken waar ze wel of niet heen gaan. Dit wordt een afweging erbij, maar dat is niet anders dan bij de andere bepalingen in de APV of in andere wetgeving.

Voor de vele punten van de PVV over handhaving geeft zij het woord door aan haar collega. Mevrouw De Vries (PvdD) benadrukt dat de initiatiefnemers niets nieuws doen met deze APVwijziging. De APV wordt eigenlijk simpeler omdat een uitzondering eruit wordt gehaald. In het debat is de discussie over handhaving heel veel teruggekomen. Zij bedankt de commissie daarvoor. De initiatiefnemers zien dat als een gelegenheidsargument. Zij benadrukt dat dit ook niet uniek is voor dit voorstel. Vele verboden zijn niet of moeilijk te handhaven. Het gaat ook om het omdraaien van die normen. Zij denkt dan aan het rookverbod in de horeca. De wereld was te klein en nu zijn er rookvrije plekken zelfs in de buitenlucht. Handhaving is daar nauwelijks nodig. Mensen spreken elkaar aan of iemand wordt weggekeken, als hij rookt in een kroeg. Het is moeilijk om een onderscheid te maken tussen binnen en buiten, maar dat is een uitvoeringskwestie waarover afspraken kunnen worden gemaakt en het kan een werkinstructie voor VTH (Vergunningen, Toezicht en Handhaving) worden. Veel van de dilemma’s voor VTH hebben geen betrekking op houtrook. Ook bij andere verboden zijn die aanwezig. Er zijn ook vragen gesteld over de kosten en er zou geen geld zijn voor handhaving. Maar het is de bedoeling om te beginnen met communiceren en waarschuwen.

Mocht blijken dat vanaf 2026 meer handhaving nodig is, dan kan het college bij de reguliere planning & control cyclus een afweging maken voor meer budget. De raad kan daar dan later over beslissen. Dit is een route die het college zelf ook vaak volgt, bijvoorbeeld bij de visie Stadswater. Het college wijst op de benodigde capaciteit en de kosten, maar de initiatiefnemers schatten in dat het aanvankelijk binnen de huidige capaciteit kan worden opgelost door in 2024 eerst te gaan voorlichten en vervolgens alleen op meldingen te gaan reageren en te waarschuwen. Daarna kan eventueel een pilot plaatsvinden en uiteindelijk, als het prioriteit krijgt, kan er een dekkingsregeling komen in de voorjaarsnota en de programmabegroting. Mevrouw Heijne (GL) reageert op de inbreng van D66. Deze fractie kwam met een vraag die ook door verscheidene andere fracties is gesteld. Zij wijst er voor de duidelijkheid op dat er veel wordt gesproken over de vuurkorf, maar de initiatiefnemers hebben het over al het hout verbranden in de openbare ruimte. D66 vindt het effect heel klein, het gaat maar om 2%. Maar het is belangrijk om voor ogen te houden dat die 2% van het effect van het buiten stoken op de luchtkwaliteit een jaargemiddelde is voor het hele land. In een stad is er sprake van een piekbelasting. Als het warm is en iedereen buiten is, is de overlast en daarmee de blootstelling veel hoger.

Volgens het RIVM is het aandeel van het buiten stoken in de provincie Utrecht tweemaal het gemiddelde. Op de Veluwe is dat percentage waarschijnlijk lager, maar in de stad is het veel hoger. Verschillende keren werd gezegd dat de aanpak van houtstook een complex vraagstuk is en dat houtstook vele bronnen kent. Uiteindelijk wordt de luchtkwaliteit alleen maar aangepakt, als stuk voor stuk al die bronnen worden aangepakt. Grote bronnen moeten worden aangepakt met grote maatregelenpakketten die ingewikkeld en duur zijn. Dit is nu juist een kleine maatregel, een “no regret’ -maatregel, die gemakkelijk en goedkoop is, die direct effect heeft en een maatregel waarmee de gemeente grote groepen Utrechters beschermt. De landelijke cijfers zijn bekend, teruggerekend voor Utrecht gaat het om 15.000 mensen die hier dagelijks last van hebben. De Pagina 21 van 36

5

10

15

overheid kan ook de grote bronnen aanpakken, maar waarom zou Utrecht het laaghangende fruit niet plukken? De maatregelen van andere overheden heeft de gemeente aanmerkelijk minder in de hand. D66 noemde ook het draagvlak. Uit onderzoek blijkt dat er wel degelijk draagvlak is om maatregelen te nemen. Volgens I&O Research zegt 40% van de Nederlanders ronduit dat zij voor overheidsmaatregelen zijn. Dat is geen meerderheid, maar wel een heel grote groep. Volgens het NIZO-onderzoek wil 68% van de longpatiënten dat de gemeente meer doet dan wat er nu gebeurt. De initiatiefnemers willen dat de ongehoorde stem die zij willen beschermen ook gehoord wordt. Dat is in hun ogen de rol van de overheid. De heer Vasters (D66) hoort dat mevrouw Heijne refereert aan het I&O Research rapport. Hij heeft dat ook gezien. De 40% die zij noemt gaat dus over het aantal mensen dat een maatregel op zich wel ziet zitten. Volgens hem staat daar heel expliciet bij dat het dan gaat over een overheid die stimuleert dat mensen b.v. niet meer binnenshuis stoken of kijkt naar communicatie, maar dat het niet om een verbod gaat. Mevrouw Heijne doet het nu voorkomen alsof 40% het verbod ziet zitten, maar volgens hem is dat maar een heel klein percentage, als hij daarnaar vraagt in zijn eigen buurt. Klopt dat of denkt mevrouw Heijne dat 40% voor een verbod is?

20

Mevrouw Heijne (GL) heeft letterlijk gezegd dat 40% van de Nederlanders voor het nemen van maatregelen door de overheid is. De heer Vasters verkeert vast in een heel ander bubbel dan zij. In haar omgeving hoort zij heel andere geluiden.

25

De heer Vasters (D66) wijst erop dat de commissie het heeft over het draagvlak voor deze specifieke maatregel, niet over draagvlak voor maatregelen in het algemeen. Daar legt mevrouw Heijne de link met die 40%. Hij wil duidelijk maken dat dit gaat over een ander type maatregelen dan een verbod.

30

35

40

45

50

55

60

Mevrouw Heijne (GL) antwoordt dat zij die link legt omdat de keuze er niet tussen stond. De initiatiefnemers vinden het belangrijk om juist die ongehoorde stem te horen en daarvoor op te komen. In hun optiek is het ook echt de rol van de overheid om de kwetsbaren te beschermen. Sommige maatregelen vergen politiek lef omdat zij raken aan de belangen en vermeende vrijheden die mensen moeilijk afstaan. De overheid heeft de morele verantwoordelijkheid om de individuele bewoners te beschermen. Verandering stuit op weerstand. Maatschappelijke discussies ontstaan meestal pas, wanneer mensen persoonlijk worden geraakt. Aan beide kanten worden mensen hier persoonlijk geraakt. Daarom voelt iedereen wel iets bij deze discussie. De VVD vroeg naar de mening van de initiatiefnemers over de reactie van het college. De initiatiefnemers horen dat het college terughoudend is. Er is een handreiking gedaan. Daar kijken zij naar uit. Haar collega is al voldoende in gegaan op de opmerkingen van het college over handhaving. Het CDA had ook opmerkingen over handhaving waar dus al op in is gegaan. Het CDA ging ook in op de communicatie. Daar is spreekster mee begonnen. Zij gaat in op de opmerkingen van het CDA over de gezondheid. Zij wijst erop dat bij die houtstook buiten weinig innovatie mogelijk is. Er wordt hout verbrand en de rook wordt uitgestoten op leefniveau. Mensen ademen die gewoon in.

Dat is echt anders dan houtstook binnen en het heeft direct groot effect op de gezondheid. De vergelijking werd gemaakt met het verwijderen van brommers en scooters van het fietspad. Die maatregel deed niets voor de luchtkwaliteit in het algemeen, maar het effect voor de fietsers was erg groot. Dat is vergelijkbaar met het verbod op buiten stoken. GL stelde vragen aan het college. De CU ging ook in op handhaving. Zij ziet dat daar al voldoende is gereageerd. De CU vroeg hoe de initiatiefnemers denken over een ontheffing voor de buitengebieden en voor bijvoorbeeld scouting. In de APV mag een ontheffing worden verleend, maar de vraag is of dat gewenst is. Het antwoord van de initiatiefnemers nu is nee. Ontheffingssystemen maken het in een ambtelijke organisatie nog een stukje moeilijker en ingewikkelder. Maar nog belangrijker is dat het bij scouting vaak om jonge kinderen gaat en dat die uitstoot van houtstook voor jonge kinderen ontzettend slecht is. Bovendien heeft zij onlangs in De Volkskrant een artikel over houtstook gelezen waarin zelfs scouting zei dat zij bij code rood en code oranje niet stoken en dan erg veel lol hebben door de leuke alternatieven. Daarom zijn de initiatiefnemers niet voor een uitzondering voor scouting en anderen kunnen een voorbeeld nemen aan scouting met de lol over de alternatieven voor het fikkie stoken.

Er werd ook gevraagd om het verbod te beperken tot code rood en code oranje. Zij wijst erop dat er een stookalert en een stookwijzer zijn. Het stookalert is van het RIVM en is zo afgesteld dat het maximaal tien tot twaalf keer per jaar afgaat. Dat betekent één keer per provincie. Als de gemeente een verbod invoert bij code rood en code oranje, doet zij in feite niets. De stookwijzer is anders afgesteld en die staat voor de stad Utrecht bijna permanent Pagina 22 van 36

5

10

15

op code rood of code oranje. Dus dat is precies hetzelfde als wat de initiatiefnemers voorstellen, een verbod. Als de raad het de handhavers extra moeilijk wil maken, dan moet hij de code rood of oranje van de stookwijzer pakken, want die verschilt per wijk en per uur. Zij wenst handhaving dan veel succes. Zij ontraadt de raad om hier verder op door te gaan. Zij krijgt een melding tussendoor. Volgens onderzoek van Motivaction is 23% van de Nederlanders voor een verbod op houtstook in woonwijken. Dat is toch een heel groot aandeel. Student & Starter gaat in op handhaving, maar heeft het ook over alternatieven. Zij noemde al de alternatieven van scouting. Bij het scrollen naar alternatieven kwam zij houthaardjes op bio-ethanol tegen, inclusief marshmallowstokjes voor een paar tientjes en bio-ethanolhaardjes met het geluid van een knisperend haardvuur en met de geursensatie van appel en kaneel. Er zijn dus genoeg leuke alternatieven. VOLT heeft geen vragen gesteld. De PvdA had het over alternatieven die zij al besproken heeft en over de eveneens al besproken 2%. Het stookalert en de stookwijzer heeft zij ook al gehad. Utrecht Solidair is niet meer aanwezig. Deze fractie had het over de inbreuk op de persoonlijke levenssfeer op eigen terrein. Haar collega heef al aangegeven dat er in de APV al een verbod staat. De initiatiefnemers doen dus niets nieuws.

De heer Cornielje (PvdA) is benieuwd hoe de initiatiefnemers kijken naar het alternatief verbieden van houtstook bij de horeca waar handhaving een stuk gemakkelijker is.

20

Mevrouw De Vries (PvdD) lijkt dat een goed idee. Als een algemeen verbod wordt ingesteld, geldt dat voor de hele stad en dus ook voor de horeca.

25

Volgens mevrouw Heijne (GL) had DENK geen vragen. Stadsbelang Utrecht vroeg waarom de mensen die gezellige vuurkorf wordt afgepakt. Spreekster heeft gewezen op de alternatieven die heel gezellig zijn. Dat is een politieke afweging tussen de gezelligheid van de een die een fikkie wil stoken en de vrijheid van een ander om buiten te mogen zijn op een mooie zomeravond.

30

De voorzitter stelt vast dat niemand meent dat hij geen antwoord op zijn vragen heeft gehad. Verder stelt hij vast dat er geen vragen zijn over het betoog van de initiatiefnemers en ook geen vragen aan het college. Hij vraagt of het een A-punt of een B-punt in de raad moet worden. De heer De Pagter (VVD) begrijpt dat er geen tweede termijn komt.

35

De voorzitter heeft verzocht aan te geven of er nog vragen aan de initiatiefnemers of het college zijn. Volgens de heer De Pagter (VVD) is dat iets anders dan vragen om een tweede termijn.

40

45

50

De voorzitter vraagt de heer De Pagter of hij behoefte heeft aan een tweede termijn. De heer De Pagter (VVD) heeft daar zelf geen behoefte aan, maar het lijkt hem goed dat aan de commissie te vragen. De voorzitter doet de ronde langs de fracties. Is er behoefte aan een tweede termijn? De heer Van den Enk (Student & Starter) vraagt om een korte tweede termijn. Hij sloeg aan op wat de PvdA daarnet vroeg over de horeca. Er zijn veel horecazaken die hun businesscase hebben opgebouwd op houtstook. Hoe wil de PvdD hieraan tegemoetkomen?

55

De heer De Pagter (VVD) wil dan toch in tweede termijn reageren op wat wordt gezegd over de vergelijking met geluidsoverlast. Het grote verschil is dat er geen totaalverbod is op geluid. Als iemand te veel geluid produceert, mag worden gehandhaafd. Maar hier wordt voorgesteld om een totaalverbod te leggen op houtstook. Dat is voor de VVD een brug te ver. Zijn fractie zou juist meer het gesprek willen aangaan. Hij vraagt de initiatiefnemers om op dat punt terug te komen omdat die vergelijking niet opgaat.

60

De heer Dekkers (GL) is het ermee eens dat er bij geluid een normering is en geen totaalverbod. Maar hoe ziet de heer De Pagter dan een soort tussenweg voor houtstook? Moet er bij elke vuurkorf een metertje komen voor de uitstoot en hoe wordt dat dan gehandhaafd? Het lijkt hem echt heel ingewikkeld. Pagina 23 van 36

5

10

15

20

25

De heer De Pagter (VVD) antwoordt dat het er juist om gaat dat de overheid hier geen regels stelt, maar het aan inwoners overlaat om hier het gesprek over te voeren en zelf maatregelen te nemen. Op heel veel plekken gaat dat gewoon goed. Mensen hebben er begrip voor, als iemand aangeeft dat hij liever niet een aantal avonden per week te maken heeft met die houtstook van de buren. Hij is niet voor het zwaaien met een verbod. De heer Dekkers (GL) wil niet de discussie over dat gesprek herhalen, maar de vergelijking met geluid gaat niet op omdat er daar een normering is. De heer De Pagter (VVD) maakt die vergelijking niet. Hij roept juist op om die vergelijking niet te maken omdat die niet opgaat. Volgens hem is de heer Dekkers dit met hem eens. Spreker roept de initiatiefnemers op om die vergelijking niet meer te maken. De voorzitter gaat terug naar de initiatiefnemers. Mevrouw De Vries (PvdD) brengt naar voren dat houtstook in de horeca meestal binnenshuis plaatsvindt. Daar gaat dit voorstel niet over. Verder kent zij geen enkele horecazaak die hierop zijn complete businesscase heeft gebouwd. Dat lijkt haar ook twijfelachtig, maar als dit al buiten gebeurt, dan zijn er goede alternatieven voor die kunnen worden meegenomen in zo’n businesscase. De heer Dekkers (GL) vult aan dat in het voorstel niet de voedselbereiding op houtskool wordt verboden.

Mevrouw Heijne (GL) gaat in op het verschil tussen geluid en houtstook. Het is natuurlijk onmogelijk om geluid helemaal te verbieden, terwijl bij een verbod op houtstook buiten niet een essentieel deel van het leven wordt geraakt.

30

De heer De Pagter (VVD) merkt op dat de vraag ging over de handhaafbaarheid. Daarop komt nu een ideologisch antwoord. Die vergelijking werd net gemaakt bij de handhaafbaarheid. Volgens hem gaat die vergelijking niet op. Hij wil graag dat de initiatiefnemers terugkomen op die handhaafbaarheid en op een andere manier aangeven waarom het wel te handhaven is.

35

Volgens mevrouw Heijne (GL) is er qua handhaafbaarheid niet veel verschil. Bij een melding over geluidsoverlast van buren moet handhaving ook maar zien of zij binnenkomt. Dat is hetzelfde als wanneer iemand last heet van het hout stoken door de buren. Dat staat in de APV.

40

45

50

55

De heer Dijkstra (CDA) heeft een punt van orde. Inhoudelijk heeft de commissie dit daarnet allemaal behandeld. Er was 120 minuten voor dit voorstel uitgetrokken. Het is nu al 40 minuten meer geworden en het gaat nu over allerlei details. Hij heeft alles al gehoord, maar misschien hebben mensen nog nieuwe punten. Volgens de voorzitter is dat kennelijk het geval. Wethouder Oosters was de raad nog een update over een toezegging verschuldigd. Kan zij dat nu doen of moet dat helemaal aan het einde gebeuren? De voorzitter vraagt de commissie of dit onderwerp als A-punt of als B-punt naar de raad gaat. De heer De Pagter (VVD) heeft geen voorstel om het aan te passen. De VVD stemt gewoon tegen. Wat zijn fractie betreft wordt het een A-punt met een tegenstem. Mevrouw Smit (VOLT) geeft aan dat het voor haar fractie een A-punt wordt. De heer Van den Enk (Student & Starter) kiest voor een A-punt. De voorzitter veronderstelt dat GL er een B-punt van wil maken.

60

De heer Dekkers (GL) heeft er geen behoefte aan dit debat te herhalen. Pagina 24 van 36

5

Mevrouw Alblas (CU), de heer Cornielje (PvdA), de heer Bosch (PVV), de heer Vasters (D66), de heer Van Heuven (PvdD), de heer Dijkstra (CDA) en de heer Temming (Stadsbelang Utrecht) zijn voor een A-punt. De heer Usta (DENK) is voor een A-punt met tegenstem. De voorzitter vraagt de initiatiefnemers of zij het voorstel nog willen aanpassen.

10

Mevrouw Heijne (GL) beschouwt het als een compliment dat de hele commissie het een A-punt vindt. De initiatiefnemers hebben ook de handreiking van de wethouder gehoord. Zij willen zich even beraden of zij het in de volgende raad in stemming willen brengen of iets later. Zij komen daarop terug bij de voorzitter. Inhoudelijk wordt het voorstel niet aangepast.

15

De heer De Pagter (VVD) vraagt of dat technisch kan. Hij begrijpt de behoefte om dit later in de raad te behandelen, maar het moet dan wel goed geregeld worden. Als het wordt doorgeleid als A-punt, staat het per definitie op de agenda van de eerstvolgende raad. Er moet worden bekeken hoe dit probleem kan worden opgelost.

20

De voorzitter lijkt het dat het zo is behalve wanneer de initiatiefnemers het voorstel aan willen houden. De initiatiefnemers hebben net aangegeven dat zij het aanhouden. Zij kijken of zij het in de eerstvolgende raad of de daarop volgende in zullen brengen. De heer De Pagter stelt dat het normaal zo is dat iets in de eerstvolgende raad aan de orde komt. Dat is het geval, behalve wanneer een initiatiefnemer het even aanhoudt.

25

30

35

40

45

50

De heer De Pagter (VVD) vraagt om de technische tekst. Als de commissie het nu doorgeleidt, is het volgens hem de regel dat het in de eerstvolgende raad in stemming komt. Als er de behoefte is om dat uit te stellen, moet het goed worden geregeld. De heer Van Heuven (PvdD) meent dat het gewoon mogelijk is, tenzij de regels veranderd zouden zijn. Hij heeft zelf een initiatiefvoorstel een jaar of drie aangehouden. Het kan. De voorzitter vraagt of de heer De Pagter daar genoegen mee neemt of dat hij het ambtelijk wil laten uitzoeken. Hij ziet dat de heer De Pagter akkoord gaat. Wethouder Oosters gaat in op de vraag van DENK over de reactie van het college op een motie over alternatieve koopconstructies. In het begin van het vierde kwartaal 2023 komt er een raadsbrief over betaalbare koop waarin het college uitlegt waarom de reactie vertraagd is en hoe het college dit in het vervolg gaat oppakken. Op de vraag van het CDA over een andere toezegging komt wethouder Schilderman terug aan het einde of het begin van het debat in de commissie VOWE. De voorzitter concludeert dat besloten is dat dit voorstel naar de raad gaat. Spreektijd lijkt hem niet nodig, dit kan worden afgedaan met een stemverklaring. Mevrouw De Vos geeft aan dat de commissie nu kan gaan schorsen of al kan beginnen met agendapunt 8.

Zij stelt voor nu te schorsen en om 14.00 uur in deze zaal, dus niet in de raadszaal, te beginnen met punt 8, de Groene Verantwoordingsdag. Daarna gaat de commissie door met agendapunt 10. Zij ziet dat de commissie met dit voorstel instemt. De voorzitter schorst de vergadering om 12. 47 uur.

Pagina 25 van 36

Pagina 26 van 36

5

10

Verslag openbare middagvergadering commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen Datum Locatie Verslag door Vaststelling verslag

7 september 2023 Stadhuisbrug 1, Utrecht Dhr. Van Vliet (Notuleerservice Nederland)

Aanwezigen 15

De voorzitter, dhr C. Bos, de wethouders, mw. E. Oosters, mw. L van Hooijdonk, de leden, mw. J. Zwinkels (CDA), dhr. R. Van den Enk (Student&Starter), mw. C. Passier (Volt), dhr. M. van den Heuven (PvdD), mw. R. Heijne (GroenLinks), dhr. R. Peeters (D66), dhr. J. Vintges (VVD), mw. K. Alblas (ChristenUnie), mw. V. Smit Volt, dhr. M. Usta (Denk), mw. M. Oudejans (Student & Starter)

Afwezigen Er zijn geen afwezigen gemeld.

20

25

Verslag openbare vergadering commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen Stad & Ruimte 8. Raadsbrief Uitvoering motie Groene Verantwoordingsdag…………………………………………27 9. Raadsbrief Update businesscase Magazijn De Zon (verschoven naar 5 oktober 2023)………….. 10. Makkelijker maken om warmtepompen te plaatsen……………………………………………….32

8. Raadsbrief Uitvoering motie Groene Verantwoordingsdag 30

35

De voorzitter, de heer Bos opent de vergadering om 14.00 uur en heet iedereen die meekijkt van harte welkom. Dit agendapunt is geagendeerd door mevrouw Zwinkels (CDA), mevrouw Passier (Volt) en de heer Van Heuven (PvdD). Vorig jaar heeft de wethouder een motie van het CDA overgenomen over het instellen van een groene verantwoordingsdag gekoppeld aan een begrotingscyclus. Over de invulling hiervan is in de eerste helft van 2023 overleg geweest met raadsleden, de griffie en ambtenaren. De agenderende fracties (CDA, PvdD en Volt) zijn in afwachting van een initiatief van de wethouder. Pagina 27 van 36

5

10

15

20

25

30

35

Voor het reces ontving de raad een brief waarin het initiatief bij de gemeenteraad werd gelegd. Om die reden gaat de raad in debat met de wethouder om duidelijkheid te krijgen over de stand van zaken. Door de genoemde fracties is in de voorjaarsnota een motie ingediend voor het vrijmaken van een startbudget. Hiermee heeft de raad mogelijkheden gegeven aan het college. De voorzitter wil de eerste termijn openen, maar er blijkt nog geen quorum te zijn. De vergadering wordt geschorst tot er voldoende raadsleden aanwezig zijn. De voorzitter heropent de vergadering en geeft het woord aan het CDA Mevrouw Zwinkels (CDA) licht haar inbreng aan de hand van drie punten toe. Van een aangenomen motie mag worden verwacht dat daar door het college uitvoering aan wordt gegeven. Uit de brief van de wethouder blijkt dat dit niet het geval is. Ze refereert aan een begrotingsdebat waarin voor de uitvoering ook budget is meegegeven. Als tweede punt wordt gewezen op de rol van de raad. Die is niet uitvoerend. Ondersteunende gesprekken van enkele raadsleden met ambtenaren kunnen niet worden uitgelegd als een inspanning van het college. Deze gemotiveerde ambtenaren werden vervolgens teruggefloten door de wethouder. De werkzaamheden zijn een opdracht voor het college en horen ook niet bij de griffie te worden neergelegd. Gelet op de aangenomen motie moet de verantwoordingsdag er komen.

Deze dient gekoppeld te worden aan de begrotingscycli en niet aan het duurzaamheidsverslag van de gemeente. Als punt drie benadrukt het CDA dat er nu een start gemaakt moet worden. Verder hoort het CDA graag van de wethouder of er is gekeken naar wat andere gemeenten doen en wat nu concreet de stand van zaken is. De brief geeft hierover geen duidelijkheid. Mevrouw Passier (Volt) verwijst naar motie 163 die op 7 juli door het CDA is ingediend voor de groene verantwoordingsdag waarop inwoners met raadsleden in gesprek kunnen gaan over duurzaamheid. Na een toezegging van de wethouder voor de realisatie van de dag is de motie ingetrokken. Er wordt gerefereerd aan drie gesprekken begin dit jaar die duidden op een goede start. Bij deze gesprekken waren de fracties van Volt, D66, PvdD en CDA aanwezig. In het derde gesprek werd de organisatie van de dag bij de raad gelegd. Hierover is mevrouw Passier zowel verbaasd als ontstemd en vraagt wat hiervoor de reden is geweest. Ook is de fractie benieuwd naar het beeld dat de wethouder had over de samenwerking tussen de raad en het college toen zij op 7 juli 2022 de motie overnam. Verder hoort de fractie graag hoe de wethouder dit thema concreet gaat uitvoeren. De heer Van Heuven (PvdD) sluit zich aan bij de opmerkingen van het CDA en Volt.

Aanvullend op documenten en online informatie is een live bijeenkomst met burgers belangrijk voor de ontwikkeling van duurzaamheid en het draagvlak daarvoor. Er wordt gewezen op plannen in Den Haag voor de vierde donderdag in oktober als Prinsjesdag voor het klimaat en een maandelijkse persconferentie over het klimaat. Ook de PvdD wil weten hoe de wethouder de motie die is overgenomen gaat uitvoeren.

40 De voorzitter vraagt of de overige partijen nog een aanvulling hebben op de inbreng van de drie agenderende fracties.

45

De heer Van den Enk (Student & Starter) stelt voor om op de klimaat verantwoordingsdag concreet iets terug te doen voor het milieu, zoals het opruimen van afval en het planten van groen. Bijvoorbeeld met vrijwilligers. Hij is benieuwd wat de wethouder en de raadsleden hiervan vinden. Mevrouw Zwinkels (CDA) is voorstander van dergelijke acties, maar wijst op de rol van het college om beleid te maken. Pagina 28 van 36

De heer Van den Enk (Student & Starter) meent dat het één het ander niet hoeft uit te sluiten.

5

Mevrouw Zwinkels (CDA) begrijpt dit, maar wijst erop dat het afleggen van verantwoording iets anders is en dat het debat over beleid dient te gaan. De heer Van den Enk (Student & Starter) stelt nogmaals dat concrete actie op die dag een goed voorbeeld stelt.

10

Mevrouw Zwinkels (CDA) is van mening dat er op de verantwoordingsdag uitleg gegeven moet worden en dat daar de aandacht op moet komen te liggen. De heer Van den Enk (Student & Starter) geeft aan dat het college veel werk maakt van duurzaamheid.

15 Mevrouw Passier (Volt) geeft aan dat het moet gaan over hoe de gemeente transparant maakt wat de stand van zaken in de duurzaamheidsopgave is en dat er geen uitvoering wordt gegeven aan een overgenomen motie. Voor de ideeën van Student & Starter heeft ze sympathie en ze nodigt de heer Van den Enk uit voor de gesprekken die hierover plaatsvinden. 20 De voorzitter constateert dat er geen raadsleden met een inbreng meer zijn en geeft het woord aan het college. Het college vraagt om een schorsing. De vergadering wordt voor 10 minuten geschorst. 25

30

35

De voorzitter heropent de vergadering en geeft het woord aan de wethouder. Wethouder Oosters dankt de raad voor de commissiebehandeling van de motie en geeft aan nog steeds positief over initiatief te zijn. Ook omdat het niet te groot gestart wordt en er geen budgetclaim op komt te rusten. Ook de beoogde samenwerking met de raad wordt door de wethouder aangehaald. De kritiek op de gang van zaken betreurt ze en komt niet voort uit onwil. De wethouder wijst op de gesprekken met de raad over de dag en hoe die samen georganiseerd kon gaan worden. Gedurende de gesprekken bleek dat de verwachtingen uiteenliepen. Toch is het college de raad blijven ondersteunen met kennis en bijvoorbeeld met het zoeken naar een locatie. Het is vervelend dat de middelen uit het fractiebudget moet komen. Het is niet de bedoeling geweest om de raad in dit proces verkeerd te bejegenen. De wethouder wil voor de totstandkoming van de dag er graag met de raad uitkomen. De voorzitter constateert dat er interrupties zijn en geeft het woord aan Volt.

40

45

Mevrouw Passier (Volt) verwijst naar punt 4 van de motie waarin de wethouder meldt de dag een initiatief te willen laten zijn van de gemeenteraad. De raad kan als initiatief een opdracht geven aan het college. Wethouder Oosters gaat in op de betreffende quote van punt 4 en onderstreept nog een keer de beoogde visie op de samenwerking. De wijze waarop het college ter verantwoording wordt geroepen, vraagt om een rol van de raad. Mevrouw Passier (Volt) vraagt wat er concreet onder het initiatief van de raad wordt verstaan. Pagina 29 van 36

Wethouder Oosters antwoordt dat dit gaat over het omschrijven van de verwachtingen van zo'n dag. Hoe de dag georganiseerd moet worden en eruit moet gaan zien is aan de raad. De wethouder ziet graag wat er moet gebeuren om met kennis, expertise en met de mogelijkheden die binnen het budget liggen, de dag te ondersteunen. 5 Mevrouw Passier (Volt) vraagt of de ondersteuning ook de personen betreft die alles gaan regelen.

10

15

20

Wethouder Oosters antwoordt dat dit afhankelijk is van de invulling van de dag. De inzet van personele ondersteuning is beperkt. Dekking hiervoor is in de betreffende motie niet geleverd. Binnen de gemeente wordt hard gewerkt aan milieu en duurzaamheid. Op de kennis en expertise kan voor de betreffende dag een beroep worden gedaan. Dit is bij uitstek een onderwerp voor buiten de commissievergadering. De heer Van Heuven (PvdD) vraagt gelet op de motie wie nu de eigenaar is van de groene verantwoordingsdag en de dag daadwerkelijk uitvoert. Wethouder Oosters refereert aan de motie die opdraagt een groene verantwoordingsdag in te stellen en wijst nogmaals op de gesprekken en uiteenlopende verwachtingen. Verder verwijst zij naar de motie waarin staat dat de dag in samenwerking met de raad tot stand zal komen. De heer Van Heuven (PvdD) is benieuwd wie er nu de regie heeft.

25

30

35

40

45

Wethouder Oosters stelt dat het college over een zaak waar het college zelf verantwoording over af moet leggen niet volledig de eindverantwoordelijke kan zijn. De raad zal moeten aangeven waar de verantwoording over moet plaatsvinden. Dus kijkt het college hoe de raad de dag eruit wil laten zien om dit vervolgens te ondersteunen. Mevrouw Zwinkels (CDA) is van mening dat er in de gesprekken al behoorlijk wat vorderingen zij gemaakt. De verschillen in de verwachtingen vallen volgens haar mee. Ze geeft aan dat ze te horen kreeg dat het college in dit traject mensen begon terug te fluiten. Graag hoort ze welke concrete verantwoordelijkheid het college neemt. Wethouder Oosters geeft nogmaals aan dat er ondersteuning geboden kan worden met kennis, expertise en hulp bij het vinden van een goede spreker of met evenementenbureau van het stadskantoor als het binnen het budget past, of een locatie. Er moet dan wel duidelijk zijn hoe de dag er uit moet zien, aangezien het de groene verantwoordingsdag is van de raad. Mevrouw Zwinkels (CDA) is van mening dat de uitvoerende taken voor de dag niet aan de raadsleden uitbesteed dienen te worden en vraagt aan de wethouder om daar gelet op haar eigen ervaring in de raad op kan reageren. Wethouder Oosters is er bij de motie vanuit gegaan dat het ging om het afleggen van verantwoording door het college aan de raad op het gebied van klimaat.

Het uitvoeren van dergelijke processen gebeurt doorlopend in bijvoorbeeld de raadszaal. Het is nu ingewikkeld gebleken waar de grenzen liggen als het gaat om uitvoering. Mevrouw Passier (Volt) vindt de kwalificatie van een motie over de schutting gooien zonder budget niet passend en vraagt waarom de wethouder de motie dan heeft overgenomen. Pagina 30 van 36

Wethouder Oosters neemt de kwalificatie terug en benadrukt dat ze nog steeds achter de motie staat. 5

10

15

Mevrouw Zwinkels (CDA) komt terug op de genoemde rolverdeling die in deze situatie volgens haar niet zo eensluidend geïnterpreteerd kan worden en noemt als voorbeeld de programmabegroting of de jaarstukken Wethouder Oosters geeft aan dat het college bijvoorbeeld de klimaatvisie en een luchtkwaliteitsplan opstelt en de raad daar vervolgens met elkaar over in gesprek gaat. Toch kan een verantwoordingsdag van het beleid van het college niet zonder de rol van de raad. Er zal gezocht moeten worden naar rolverdeling van de verantwoordelijkheden van de dag, waarbij de raad laat zien welke zaken er getoetst worden en op welke manier. Mevrouw Heijne (GroenLinks) vraagt of het de richting op moet gaan waarin er in overleg een voorstel voor de verantwoordingsdag tot stand komt, waarna het college voor de uitvoering zorgt. Wethouder Oosters antwoordt dat dit de werkwijze is die het college voor ogen heeft, mits de activiteiten binnen het budgettaire kader vallen.

20 Mevrouw Heijne (GroenLinks) vraagt of de rolverdeling voor wat betreft bijvoorbeeld het regelen van sprekers ook zo gezien moet worden.

25

Wethouder Oosters onderschrijft dit, maar dat het inhoudelijk vormgeven van de dag dus niet alleen in handen is van het college. Mevrouw Heijne (GroenLinks) stelt dat de inspanning dus ook niet nadrukkelijk de verantwoordelijkheid is van de raadsleden die de motie hebben ingediend.

30

Wethouder Oosters bevestigt dit en refereert nog eens aan de ondersteuning die vanuit het college kan worden geboden. Mevrouw Passier (Volt) is benieuwd waarom de zaak gelet op de nog steeds aanwezige goede intenties en de goede start dan zo is vastgelopen.

35 Wethouder Oosters heeft hier alles overziende geen goede verklaring voor en vraagt zich af of dit commissiedebat hier een goede vorm van overleg voor is. Het is goed om nog na te gaan hoe en waarom het zo gelopen is, maar vooral ook hoe er verder kan worden gegaan met de motie. 40

45

De voorzitter schorst na de interrupties de vergadering. Nadat drie partijen eerst vroegen om een tweede termijn, hebben zijn hiervoor nu een ander voorstel. De voorzitter laat het CDA dit toelichten. Mevrouw Zwinkels (CDA) wil met een punt van orde een procesvoorstel doen. Na overleg met de agenderende fracties is besloten dat het de wens is om samen met de raad en het college de groene verantwoordingsdag voor elkaar te krijgen. Er wordt een bijeenkomst voorgesteld waarbij alle commissieleden kunnen aansluiten. De wethouder wordt hier ook voor uitgenodigd. Het doel van deze bespreking is om concreet invulling te geven aan de dag. De wethouder wordt gevraagd Pagina 31 van 36

om een korte samenvattende notitie van de gesprekken die tot nu toe zijn gevoerd, zodat ook andere commissieleden zich kunnen voorbereiden.

5

De voorzitter corrigeert dat het voorstel op een punt van orde leek, maar dat niet daadwerkelijk was. De handelswijze en het voorstel worden echter wel toegestaan. Wethouder Oosters is tevreden met het voorstel en sluit graag aan bij de bespreking. Er wordt een notitie van de voorgaande gesprekken toegezegd. Dit blijkt niet in briefvorm te hoeven worden gedaan.

10 De voorzitter constateert dat er geen vragen meer zijn en geen toezeggingen zijn gedaan. De behandeling van dit agendapunt is hiermee afgerond. De voorzitter schorst de vergadering.

15

20

25

10. Makkelijker maken om warmtepompen te plaatsen De voorzitter, de heer Bos heropent de vergadering en heet iedereen die meekijkt van harte welkom bij de voortzetting van de commissievergadering Energietransitie, Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen. Dit agendapunt is geagendeerd door de heer Peters (D66), de heer Te Hoonte (VVD), mevrouw Alblas (ChristenUnie), mevrouw Smit (Volt) en de heer Dijkstra (EenUtrecht). Bij verduurzaming van woningen met warmtepompen krijgen Utrechters regelmatig te maken met obstakels in regelgeving waar ze van tevoren niet goed van op de hoogte waren. De heer Peters (D66) stelt dat warmtepompen in de energietransitie een cruciale rol spelen. De inzet op collectieve warmte is een goed beleid, maar individuele keuze voor warmtepompen dient gerespecteerd te worden. De wethouder wordt gevraagd in hoeverre burgers echt vrij zijn in hun keuze voor warmtepompen, of wordt dit met het huidige beleid subtiel ontmoedigd. Daarnaast wil de fractie weten welke groepen inwoners geïnformeerd worden over de collectieve inkoop van warmtepompen en welke specifiek niet. De vraag is of hierbij een strategie wordt gehanteerd of dat dit een stadsbrede campagne is.

30 Mevrouw Heijne (GroenLinks) vraagt in een interruptie hoe de collectieve aanpak een ontmoediging zou kunnen zijn voor individuele initiatieven.

35

40

45

De heer Peters (D66) stelt dat de collectieve aanpak het meest efficiënt is en economisch gezien beter, maar volgens de fractie dient er een individuele keuzevrijheid te zijn tussen een warmtepomp of collectie warmte. Er wordt gerefereerd aan het college dat van mening is dat er keuze dient te zijn, maar in de praktijk wordt aangestuurd op collectieve warmte. Hiermee wordt individuele keuzevrijheid impliciet ontmoedigd. Hier vraagt de fractie opheldering over. Een volgend punt is de vergunningenprocedure. Het aantal geplaatste pompen komt niet overeen met de hoeveelheid verstrekte vergunningen. Niet alle plaatsingen zijn vergunningsplichtig, maar het is waarschijnlijk dat een deel dat wel is en geen vergunning aanvraagt. Verder zijn er geen gegevens over het totale aantal warmtepompen. Monitoring hiervan is belangrijk en de wethouder wordt gevraagd of er bereidheid is om na te gaan hoeveel warmtepompen er in de stad geplaatst zijn en mogelijk geplaatst gaan worden. Dit aangevuld met informatie over welke er vergunningsplichtig zijn en hoeveel niet. Mevrouw Heijne (GroenLinks) vraagt hoe deze informatie voor warmtepompen waar geen vergunning voor nodig is kan worden verkregen. Pagina 32 van 36

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=a872c643-16ff-4dab-a9a5-6fa8cd123535