2023.06.01 Conceptverslag commissie EDVW
Tekst van het document
35
40
45
50
55
Mevrouw Sasbrink (PvdD) kan op een aantal punten bij de twee voorgaande sprekers aansluiten. De PvdD vraagt al jaren om een leegstandheffing en een meldplicht voor leegstaande kantoren en woningen. Haar fractie is blij dat er nu wettelijke mogelijkheden zijn en ook blij met het voorliggende voorstel. De PvdD wil nog wel een aantal aandachtspunten meegeven. Het eerste punt is de snelheid voor het oplossen van leegstand. Na de melding en het leegstandoverleg duurt het nog twee keer drie maanden voordat een pand weer bewoond wordt. Die vijftien maanden is lang. Als er na die vijftien maanden een gebruiker is gevonden, kan die er dan direct intrekken? Zij vraagt aan de wethouder of er ruimte is om die termijn te verkorten. Zij verwijst naar het voorstel van Gl daarvoor. Zij vraagt aan de wethouder wat het college kan doen om te voorkomen dat een pandeigenaar zo lang mogelijk treuzelt en al die termijnen probeert op te rekken. Het moet sneller kunnen, maar zij kan zich voorstellen dat een pandeigenaar aan het einde van een termijn gaat zitten. Wat kan het college daaraan doen? Een aandachtspunt is ook die bestuurlijke boete van 2800 en van 5000 euro.
Deelt het college de zorg van de PvdD dat dat relatief lage bedragen zijn en dat die niet afschrikwekkend genoeg zijn om te voorkomen dat mensen die meldplicht aan hun laars lappen? Verder vraagt de PvdD waarom de verordening niet voor kantoorpanden geldt. In het voorstel staat dat maar 4,2% van de kantoren leegstaat, maar haar fractie vindt dat best veel. Er wordt gewezen op frictieleegstand, maar in het voorstel gaat het over langdurige leegstand. Dat is dus niet hetzelfde. Daar komt bij dat kantoren tegenwoordig een voorkeur hebben voor specifieke kantoren en specifieke locaties. De PvdD is er niet helemaal van overtuigd dat een meldplicht voor leegstaande kantoren niet van toegevoegde waarde zou zijn. Omzetten naar woonruimte is moeilijk, maar in het leegstandoverleg kan de gemeente de mogelijkheden met de eigenaar bespreken. Zij vraagt de wethouder uit te leggen wat nodig is om kantoorruimte alsnog toe te voegen aan de verordening. Haar fractie had ook twijfels over het niet opnemen van de corporatiewoningen in deze verordening, maar zij vraagt zich ook af wat het voor een corporatie betekent, als die hierdoor weer meer administratie krijgt. Dat werkt dan misschien door in de huur. Zij is benieuwd wat hier kan, maar zelf heeft zij geen voorstel om die corporatiewoningen er wel in Pagina 16 van 55
op te nemen. Zij heeft echter ook niet het vertrouwen dat het college er voldoende bovenop zit. Het college zegt dat het in overleg is met de corporaties, maar dat zegt het college elk jaar.
15
De heer Bakker (D66) stelt dat het zich van overheidswege toe-eigenen van of het geven van een bestemming aan privaat eigendom a priori best een lastige zaak is. Maar als de overheid dit doet, dan moet zij dit doen met een heel goede reden. Die is er hier, dat is de zeer grote woningnood. D66 kan dit voorstel steunen. Hij heeft zes punten waarvan sommige punten aansluiten bij die van vorige sprekers. Zijn eerste punt is de haalbaarheid en het budget. De PvdA ging daar al op in. Dat is best lastig Hij vraagt hoe de wethouder aankijkt tegen de vele mogelijke juridische procedures en wat dit betekent voor de gemeentelijke organisatie. Zijn tweede vraag is of er een informatiecampagne komt. Het is heel belangrijk om uit leggen wat de gemeente gaat doen en waarom zij dit gaat doen. Zijn derde vraag is hoe de gemeente er precies achter komt dat een woning meer dan zes maanden leegstaat en de eigenaar dat niet meldt. Hij vindt dat niet per se wenselijk, maar wil de gemeente dat ook omwonenden meldingen gaan doen? Is de gemeente dan verplicht dat op te volgen?
20
Mevrouw Oudejans (Student & Starter) komt terug op het punt van de informatiecampagne. Op dit moment is het plan om alles via de reguliere communicatiekanalen te verspreiden en via het openbare netwerk van bemiddelaars en verhuurders. Welke mogelijkheden ziet de heer Bakker nog meer om de informatie te verspreiden?
5
10
25
30
35
40
45
50
55
60
De heer Bakker (D66) denkt dat het heel goed is dat, als de gemeente dit gaat doen, boetes gaat opleggen en misschien naar verplichte voordrachten toe gaat, zij heel duidelijk maakt waarom zij dit doet. Dat ontbreekt nog wel eens en dat kan consequenties hebben voor het draagvlak voor dit soort vergaande maatregelen. Die zijn te billijken, maar er moet wel goed worden uitgelegd waarom de gemeente dit doet. Mevrouw Oudejans (Student & Starter) is het daarmee eens. Maar de heer Bakker gaf eerder aan dat er mogelijk een extra campagne zou moeten komen. Gaat het dan over de plannen om dat via de reguliere kanalen te doen met een verbreding van de informatie met het waarom of om het optuigen van nog een campagne? Volgens de heer Bakker (D66) hoeft het niet in ieder bushokje te hangen. Hij is geen communicatie-expert, maar hij kan zich goed voorstellen dat de gemeente wil dat mensen die meldingen gaan doen en uiteindelijk leegstand wil tegengaan. Het is heel goed om aan te kondigen wat de gemeente gaat doen en hoe het gaat werken. Via de reguliere kanalen klinkt voor heem een beetje als: “Je kunt het vinden op de website”. Zijn vraag is of de gemeente duidelijk over het voetlicht brengt wat hier gaat gebeuren, wat de gevolgen kunnen zijn, maar ook wat het doel is en dat het b.v. niet gaat om vijf woningen.
Wat de verplichte voordracht betreft schrijft het college zelf dat het kwetsbare Utrechters niet in die positie wil laten komen. Maar als hij erover doordenkt, lijkt het hem toch in potentie een kwetsbare situatie. Een eigenaar wil het eigenlijk niet en toch komt er een verplichte voordracht. Hij wil meer context van de wethouder. Is dit goed doordacht, hoe gaat het in de praktijk werken en hoe zorgt de gemeente voor een duurzame woonrelatie? Hij sluit zich aan bij de opmerkingen over de langdurige leegstand van kantoren. Zijn laatste vraag zoomt wat uit. De gemeente doet nu heel veel tegelijk. De heer Van der Zweth sprak over het herhalen van het onderzoek, spreker ziet opkoopbescherming, leegstandaanpak, etc. Dat is allemaal goed omdat het een hoger doel dient, maar houdt de gemeente grip op wat er landelijk en ook hier lokaal gebeurt zodat de gewenste effecten worden bereikt? Of leidt dit misschien tot dingen die de gemeente niet wil? De wethouder heeft destijds gezegd dat het college dat overzicht zou moeten bieden, maar hij heeft niet terug kunnen vinden, wanneer de raad wat meer in samenhang hoort wat er gebeurt. Hij vraagt of de commissie daar een terugkoppeling over kan krijgen. De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt wat het standpunt van D66 over kantoren is.
D66 sluit zich aan, maar bij wie? Wil deze fractie het wel of niet doen? De heer Bakker (D66) antwoordt dat alle sprekers voor hem van mening waren dat de gemeente meer zou moeten doen om langdurige leegstand van kantoren tegen te gaan. Daar wil hij zich bij aansluiten. Onlangs heeft zijn fractie daar nog schriftelijke vragen over gesteld. Pagina 17 van 55
Mevrouw Meerding (VVD) heeft een vraag over de volgorde van sprekers. Dit is een raadsvoorstel. De voorzitter heeft blijkbaar een bepaalde volgorde op een briefje staan. Zij begrijpt het niet helemaal. Of had DENK achter haar zijn hand opgestoken? Dat heeft zij dan niet gezien. 5
10
15
20
25
30
35
Volgens de voorzitter is mevrouw Meerding abuis. Hij heeft geen volgorde voor ogen. Hij kijkt naar mensen die hun hand opsteken. Zij krijgt ook een beurt. De heer Usta (DENK) heeft er geen probleem mee, als de VVD eerst wil spreken. Hij vindt het goed dat de gemeente met deze leegstandverordening het woningtekort aanpakt. DENK is altijd voorstander geweest van het volledig benutten van kansen voor nieuwe woningen. Zijn fractie sluit zich aan bij het punt van de PvdD over het verkorten van de termijnen zodat het soepeler verloopt. Dat geldt ook voor het punt van de PvdD over het toevoegen van corporatiewoningen aan de leegstandverordening. D66 heeft vele nuttige vragen gesteld. Zijn fractie is benieuwd naar wat de beboeting van de niet-melders inhoudt. De voorzitter twijfelt, maar hij geeft het woord toch maar aan de VVD omdat die er uitdrukkelijk om verzocht. Mevrouw Meerding (VVD) was gewoon benieuwd naar de onzichtbare handen. De VVD is blij dat de gemeente iets gaat doen aan de leegstand van woningen in Utrecht. Situaties zoals de welbekende panden aan de Burgemeester Reigerstraat die al jaren leeg staan en verloederen wil niemand. Dat is de VVD ook een doorn in het oog. In tijden van woningnood moet de gemeente haar woonruimte zo goed mogelijk benutten, tegengaan van leegstand kan daarbij helpen.
De VVD deelt de intentie van het college zeker, maar heeft toch wel wat vragen en zorgen bij deze leegstandverordening. De hoofdvraag is hoe strikt deze verordening gehandhaafd zal worden. Blijft er wel ruimte om per geval te beoordelen of bepaalde maatregelen op hun plek zijn? Zij wil graag een antwoord van de wethouder. Zij stelt deze vraag omdat het eigendomsrecht voor de VVD van groot belang is en de instrumenten die de leegstandverordening bevat best vergaand zijn, zeker als zij strikt worden toegepast. Zo wordt er na een halfjaar leegstand een leegstandoverleg gevoerd en kan aan de hand daarvan een leegstandbeschikking worden opgelegd. Daarin krijgt de eigenaar als het ware de opdracht om het pand binnen een aantal maanden alsnog te verhuren. Daarbij kan ook een maximale huurprijs worden opgelegd. Ook kan de gemeente de eigenaar de opdracht geven om zijn pand te verbouwen zodat het bewoonbaar en verhuurbaar is. De voorzitter heeft twee punten. In de eerste plaats gaat hij over de handjes en degenen die hij aan het woord laat. Hij hoopt dat zij dat respecteert. In de tweede plaats krijgt zij een interruptie.
40
De heer Van der Zweth (PvdA) stelt een vraag aan mevrouw Meerding. Zij had het over de balans en over het evenwicht in de ingrepen. Vindt de VVD zes maanden of twaalf maanden leegstand voldoende reden om in te grijpen?
45
Mevrouw Meerding (VVD) komt daar nog op in haar betoog. Op zich vindt zij leegstand echt een teken aan de wand. Er is dan ook reden om zo’n leegstandoverleg te voeren, maar het gaat haar erom dat er situaties kunnen zijn waarin er wel een verklaarbare reden is waarom het pand leegstaat. In dat soort situaties vraagt de VVD om de menselijke maat of een meer coulante oplossing.
50
Volgens de heer Van der Zweth (PvdA) wordt in het stuk ook gesproken over uitzonderingen, b.v. omdat er verbouwd moet worden of er een renovatie plaatsvindt. Als dat goed geregeld is en er redelijk rekening wordt gehouden met het feit dat iemand een pand b.v. niet in zes maanden bewoonbaar krijgt, dan steunt de VVD dus de lijn dat er wordt ingegrepen?
55
60
Mevrouw Meerding (VVD) antwoordt dat dit in principe klopt. Zij wijst erop dat de gemeente na twaalf maanden zelf een verhuurder kan aandragen. Zij kan zich overigens volledig aansluiten bij wat D66 hierover heeft gezegd. Maar de VVD kan zich ook voorstellen dat er een reden is waarom een pand leegstaat en dat er geen sprake is van dwarsliggen of onwil bij de eigenaar, b.v wanneer een eigenaar al lang in gesprek is met een partij, maar het uiteindelijk toch niet tot een huurovereenkomst komt of wanneer een eigenaar zijn pand grondig wil opknappen. Hoe kijkt de wethouder aan tegen dergelijke situaties? Is er ruimte om hier wat coulanter te zijn in de Pagina 18 van 55
5
10
15
20
25
30
afspraken en de leegstandbeschikking? Hoe zien die afspraken er dan uit? Zij hoort dat graag van de wethouder. Zij heeft ook een vraag over woningen die in de verkoop staan en niet binnen zes maanden worden verkocht. Volgens het voorstel kan de gemeente de eigenaar dwingen om het pand te verhuren. Hoe zit het dan met de huurcontracten en de huurbescherming? Haar fractie voorziet nog wel wat problemen bij panden die de eigenaar wil verkopen, maar waar huurders in komen. Dat gaat niet altijd goed samen. Over handhaving is al veel gezegd, zij kan zich aansluiten bij de andere fracties. De heer Van der Zweth deed daarnet een voorstel voor hoe de handhaving vorm zou kunnen krijgen, maar dat lijkt haar heel arbeidsintensief. Zij is benieuwd hoe de wethouder daarnaar kijkt, ook in verband met het budget dat hiervoor is vrijgemaakt en of dat allemaal haalbaar is. Tenslotte sluit zij zich aan bij de opmerkingen over het niet opnemen van de corporatiewoningen in de verordening. Gelukkig gaat de wethouder daarmee wel op een andere manier aan de slag, maar het lijkt haar juist dat de gemeente de corporaties aanspreekt op leegstaande woningen en dat het niet alleen om particuliere eigenaren gaat. De heer Dijkstra (EenUtrecht) heeft reikhalzend uitgekeken naar dit voorstel.
Als hij de tekst bekijkt, zegt hij tegen de wethouder dat het jammer is dat het stuk er al niet eind 2023 heeft gelegen. Hij is in elk geval blij dat het er nu ligt. De verordening moet ook snel in werking treden. Er is al veel gezegd, hij heeft nog twee punten. Zijn fractie ziet dat op veel plaatsen in het voorstel net niet de maximale wettelijke mogelijkheden worden benut. Zijn fractie zou dat wel graag willen zien. Hij denkt aan de door GL genoemde boetes. Hij is het daarmee helemaal eens. Hij denkt ook aan de termijnen waar de PvdD en anderen iets over hebben gezegd. Soms is het mogelijk drie maanden te pakken, Utrecht neemt zes maanden. Waarom wordt van die termijn afgeweken? Zijn fractie is er voorstander van om de termijnen zo kort te maken als wettelijk mogelijk is. Het punt van gelijke monniken, gelijke kappen is al genoemd. Zijn fractie is ervoor dat er een geëigende aanpak komt voor kantoren. De gemeente moet uitstralen dat elke leegstaande woning er een te veel is. Zij moet dus ook uitstralen dat voor alle woningen dezelfde regel geldt. Dat geldt ook voor woningcorporaties. In Zuilen kon onlangs een bewoner hem zo twee handenvol sociale huurwoningen aanwijzen die al heel lang leegstaan. Hij heeft zelf lang genoeg bij een woningcorporatie gewerkt om te weten dat zij prima in staat zijn om dat uit te draaien. Maar soms worden woningen vergeten.
Het is dan ook goed om de corporaties aan diezelfde regels te houden. De voorzitter wijst de heer Dijkstra erop dat hij door zijn tijd heen is.
35
40
45
50
55
60
Voor mevrouw Zwinkels (CDA) is de verleiding groot om een interruptie te plaatsen richting EenUtrecht, maar zij heeft het woord gekregen voor haar eigen inbreng. Ook het CDA deelt het belang van het tegengaan van leegstand, maar tegelijkertijd heeft haar fractie ook wel wat bedenkingen bij deze verordening. Haar fractie had graag gezien dat het college meer had ingezet op het oplossen van knelpunten, zoals het wonen boven kantoren en winkels. Zij weet dat daarover wel gesprekken zijn gevoerd, maar het is echt ingewikkeld. Iedereen ziet die leegstaande woningen boven winkels, met name in de binnenstad. Zouden daarvoor niet andere instrumenten moeten worden ingezet dan een leegstandsverordening? Net als D66 mist haar fractie de samenhang. Ook het CDA had graag een oplossing gezien voor kantoorpanden. Ook anti-kraak kan een oplossing zijn. Waarom is dat hier niet bij betrokken? Gisteren kreeg zij een brief over het contract kortlopend leegstandsbeheer van gemeentelijk vastgoed. De gemeente kan ook naar haar eigen vastgoed kijken en zichzelf ook boetes opleggen. In het derde kwartaal komt er pas een raadsvoorstel over leegstandsbeheer. Waarom is dit niet gecombineerd? Er wordt nog steeds gesproken over een marktconforme huur. Haar fractie ziet dat het college hinkt op twee gedachten.
Gaat dit nu wel of niet bijdragen aan de betaalbaarheid? In dit voorstel is daar geen enkel middel voor. Er is al gesproken over handhaving. Er gaat weer 400.000 euro per jaar naar handhaving voor één instrument. Zij vindt dat echt veel geld en misschien wel te veel geld. Op het gebied van wonen wil de gemeente veel meer de regie pakken. De andere instrumenten kwamen ook al voorbij. Ook daarvoor is handhaving nodig. Waar haalt de gemeente de mensen en het geld daarvoor vandaan? Wat gaat de wethouder niet doen? De heer Van der Zweth (PvdA) zoekt naar wat mevrouw Zwinkels zegt. Het budget is sowieso al in de programmabegroting aangewezen. Voor die andere middelen zijn er ook al budgetten. Waar zit de zorg over waar het geld vandaan moet komen? Het geld is al geregeld. Dan is het toch goed om grip op die volkshuisvesting te krijgen? Pagina 19 van 55
5
10
15
20
25
Mevrouw Zwinkels (CDA) is benieuwd of de heer Van der Zweth dezelfde voorjaarsnota heeft gelezen als zij. In deze Voorjaarsnota heeft het college voorgesteld om een aantal ambities te verlagen en bij te sturen op het coalitieakkoord. Dat vindt zij op zich wel stoer. Wat haar betreft mag ook op dit punt worden bijgestuurd. Het is logisch om te kijken naar waarvoor geld is gereserveerd en daar op terug te komen. Dat zou hier ook prima kunnen. De heer Van der Zweth (PvdA) denkt dat dat zou kunnen, maar dat ligt niet voor in de Voorjaarsnota. Het CDA kan dat indienen, maar daar zal niet veel steun voor zijn. Die 400.000 euro is in de programmabegroting gereserveerd en die is er. Als het CDA grip wil hebben op de volkshuisvesting, dan kan die 400.000 euro toch goed worden gebruikt om dat te doen? Het gaat om misschien om 7 tot 8 fte om in de hele stad de handhaving te doen. Dat is toch eerder een tekort dan een teveel? Hij zoekt de rode draad in wat mevrouw Zwinkels wil bereiken. Mevrouw Zwinkels (CDA) wil bereiken dat de raad kijkt naar hoeveel al deze regulerende instrumenten kosten. Er is ook een wens om een fonds betaalbare koop in te stellen. De gemeente heeft ook een opkoopbescherming waarbij vergunningen worden verleend. Die instrumenten zijn in lijn met het landelijke beleid. Dat vindt zij heel mooi. D66 refereerde daar ook aan. Hier gaat het om 1590 woningen.
Dat zijn er veel, maar zij vraagt zich af of dit opweegt tegen het vrijspelen van 400.000 euro voor deze grote leegstandverordening. Dat is een heel terechte vraag die de commissie zichzelf moet stellen. Zij wil niet vooruitlopen op de vraag of er steun komt voor een voorstel. De heer Van der Zweth (PvdA) blijft het een wat gekke volgorde vinden. De raad heeft een budget vrijgemaakt voor de leegstandverordening, voor de opkoopbescherming en voor het fonds betaalbare koop. Daar hoeft mevrouw Zwinkels zich geen zorgen over te maken. Andere fracties uitten de zorg of de gemeente het redt met die 400.000 euro. Hij hoort bij het CDA wel die grip op de volkshuisvesting, maar dit budget is te veel. Hij vindt het ingewikkeld dat met elkaar te rijmen.
35
Mevrouw Zwinkels (CDA) heeft er moeite mee dat de PvdA allerlei conclusies trekt en niet luistert naar wat zij heeft gezegd. De PvdA en haar fractie zijn het erover eens dat zij meer regie willen. Maar de middelen zijn niet toereikend en er moeten dus keuzes worden gemaakt. Dat heeft zij geprobeerd uit te leggen. Zij denkt dat de twee fracties hier op een iets andere manier in staan. Het is mooi dat er eerder middelen zijn vrijgespeeld, maar bij een aantal instrumenten wil de raad juist nog veel meer bereiken. Dan begrijpt zij niet waarom dat een afgedane zaak moet zijn en dat zij maar rustig moet gaan slapen.
40
De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt of het CDA het met zijn fractie eens zou zijn dat de toezichthouders zouden kunnen worden ontlast door goedkoper te investeren in een meldpunt voor bewoners die dus allerlei woningen kunnen melden. Daarvoor zijn dan geen betaalde professionals nodig.
30
45
50
55
60
Mevrouw Zwinkels (CDA) weet niet of die een op een te vervangen zijn. Een meldpunt is interessant om te onderzoeken, maar zij zou er geen kliksysteem van willen maken. Zij zou het dan zo willen maken, dat mensen die zelf te maken hebben met leegstand en zoeken naar een invulling daar ook kunnen aankloppen. Het zou open moeten zijn en een constructieve lading moeten hebben. Het zou een plek moeten zijn waar uit de samenleving ideeën naartoe kunnen komen voor locaties waar ingegrepen zou moeten worden en waar ook prioriteiten kunnen worden gesteld. Het zou misschien ook minder kosten dan de zware handhaving die nu wordt opgetuigd. De heer Dijkstra (EenUtrecht) vraagt of het CDA het met hem eens is dat de gemeente het opsporen van leegstand volledig kan overlaten aan zo’n punt en niet meer hoeft te laten uitvoeren door toezicht en handhaving. Dat scheelt dan sowieso. Mevrouw Zwinkels (CDA) is dat helaas niet eens met EenUtrecht. In de stukken wordt b.v. ook gesproken over een energiecorrectie. Dan is het pand officieel leeg, maar wordt het toch bewoond. Dat is dan te zien op basis van energieverbruik. Over dat soort gegevens beschikken mensen niet. Daarom is het altijd aanvullend op elkaar. De voorzitter vraagt mevrouw Zwinkels haar antwoorden wat korter te maken. Pagina 20 van 55
De heer Usta (DENK) vraagt of het CDA het met hem eens is dat juist die investering in toezicht en handhaving leidt tot besparingen door het dekken van het woningtekort. 5
10
15
20
25
30
35
40
De voorzitter zet uiteen dat, als hij voorzitter is, gewoon antwoord kan worden gegeven. Mevrouw Zwinkels hoeft niet te wachten tot hij haar het woord geeft. Mevrouw Zwinkels (CDA) is dat duidelijk. Zij is het ermee eens dat de gemeente hier een probleem kan oplossen. Maar de vraag is hoe groot de bijdrage aan de oplossing is. De VVD zei al dat het een vergaand instrument is. Dat instrument wordt fors opgetuigd. Op andere vlakken kan veel meer worden bereikt voor de oplossing van het woningtekort. Zij kan zich aansluiten bij de opmerkingen van D66 over die campagne. Het moet goed bekend worden gemaakt, als het wordt ingevoerd. De aanpak moet ook aansluiten bij landelijke regels. Er wordt b.v. ook onderzoek gedaan naar vitale binnensteden, dit is daar ook een onderdeel van. Tenslotte vraagt zij aan de wethouder in hoeverre hij voorziet dat een dergelijke nieuwe verordening wellicht tot perverse prikkels of verschuivende effecten leidt. Zij noemde al de illegale verhuur. Wat wordt daartegen gedaan? Vorig jaar heeft zij al gewezen op wantoestanden bij verhuurmakelaars. Als straks de druk om te verhuren wordt opgevoerd, hoe wordt dan voorkomen dat verkeerde partijen worden ingezet? De heer Van der Zweth (PvdA) heeft nog één vraag. Hij hoort dat de budgetten te hoog zijn, dat andere middelen wellicht effectiever zijn en dat er nog veel vragen zijn.
Steunt het CDA het voorstel? Mevrouw Zwinkels (CDA) vindt dit een terechte vraag. Zij heeft daar nog niets over gezegd. Zij weet dat eenvoudig nog niet. Haar fractie heeft nogal wat bedenkingen. Het hangt ook af van de beantwoording en het verdere verloop van dit debat. Voor haar is dit debat oordeelsvormend. Het CDA begrijpt de intentie, maar heeft een aantal bedenkingen ten aanzien van het instrument. Mevrouw Passier (VOLT) zal zich voor een groot deel aansluiten bij wat al is gezegd. VOLT is erg blij met dit voorstel. Het is onacceptabel dat er zoveel woningen lang leegstaan. 1600 woningen staan al langer dan één jaar leeg. Dat komt overeen met het aantal woningen dat nodig is voor huisvesting van kwetsbare mensen. Ook VOLT vraagt zich af of de doorlooptijd vanaf de eerste melding tot aan de verplichte voordracht (vijftien maanden) niet korter kan. Zij sluit zich aan bij alle vragen die daarover zijn gesteld. Waarom kunnen leegstaande kantoorpanden niet worden getransformeerd tot woonruimte? De gemeente is in contact met eigenaren. Wat betekent dit concreet? Heeft de wethouder het idee dat eigenaren welwillend zijn om geschikte kantoorgebouwen te transformeren tot woonruimte? In het stuk wordt geschreven over externe factoren waar de gemeente van afhankelijk is. Kan de wethouder dat toelichten?
45
Mevrouw Zwinkels (CDA) is benieuwd naar de ideeën van VOLT over die kwetsbare groepen. In het raadsvoorstel staat juist dat moet worden voorkomen dat kwetsbare groepen hiervan nadelen ondervinden en dat zij zelfs beschermd zouden moeten worden. VOLT legde een een-op-eenrelatie tussen leegstand en kwetsbare groepen. Maar er is ook leegstand boven winkels in de binnenstad. Dat zal best een hoge huur zijn. Stelt VOLT nu voor om kwetsbare groepen een op een in deze potentiële woonruimte te huisvesten?
50
Mevrouw Passier (VOLT) antwoordt dat dit niet haar bedoeling was. Het ging er alleen om dat het aantal kwetsbaren overeenkomt met het aantal langer dan een jaar leegstaande woningen. Het lijkt haar meer dan logisch de kwetsbare groepen hier niet te huisvesten. Zij vraagt tenslotte hoe de gemeente de transformatie van leegstaande kantoorpanden kan versnellen.
55
60
Mevrouw Oudejans (Student & Starter) is ook blij met de komst van de verordening. Leegstaande huizen zijn erg zonde. Het is erg goed dat de gemeente nu handvatten heeft om deze leegstand stevig aan te pakken. De leegstandverordening geeft op dit moment geen ruimte om leegstaande kantoorpanden te gebruiken voor huisvesting. Haar fractie begrijpt dat er ook ruimte moet zijn voor het doorschuiven van bedrijven en dat sommige panden niet geschikt zijn voor wonen. Toch is het zonde dat 1 op de 37 gebouwen leegstaat. Welke mogelijkheden ziet de wethouder om deze panden bijvoorbeeld tijdelijk in te vullen met huisvesting met hulp van Socius Wonen en andere organisaties? Bij D66 kwam ook al naar voren dat het belangrijk is dat mensen goed worden geïnformeerd over waarom dit gebeurt, hoe de verordening uitgevoerd zal worden en wat de Pagina 21 van 55
consequenties zijn van niet-melden of lang leeg laten staan. Haar fractie ziet graag een duidelijke campagne zodat woningeigenaren die niet in het netwerk van de gemeente zitten of niet bereikt worden door de reguliere communicatiekanalen zich bewust zijn van de verordening. 5
10
15
20
De heer Bosch (PVV) hoort nu weer iemand over kantoren beginnen, terwijl hij duidelijk ziet dat het hier om leegstaande woonruimte gaat. Het gaat helemaal niet om kantoren. Waarom ziet Student & Starter dit wel als een van de belangrijkste punten? Mevrouw Oudejans (Student & Starter) antwoordt dat zij hierop ingaat omdat de leegstandverordening de ruimte biedt om dit ook voor kantoren in te voeren, maar het college er de voorkeur aangeeft om op dit moment alleen woningen op te nemen. Haar fractie wil graag dat het verbreed wordt naar kantoorpanden.GL noemde de panden aan de Burgemeester Reigerstraat. Die woningen zijn niet meer bewoonbaar en zelfs onbewoonbaar gemaakt. Zij schrikt daarvan. Wat gaat de gemeente eraan doen dat panden niet onbewoonbaar worden gemaakt en wat gaat zij doen om eigenaren te helpen panden bewoonbaar te maken, als hen dat niet lukt? Zij sluit zich ook aan bij de wens om de boetes te verhogen en de termijn van de looptijd van de meldingen te verkorten tot vier maanden of in elk geval de totale termijn van vijftien maanden te verkorten. Er wordt gekeken naar inschrijvingen in de BRP (Basisregistratie Personen) om te zien of een woning langer dan zes maanden leegstaat. Zij vraagt aan de wethouder of dat een volledig beeld geeft of dat een meldpunt nodig is. Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt waar Student & Starter die vier maanden op baseert.
25
30
35
40
45
50
55
60
Mevrouw Oudejans (Student & Starter) vindt het in de eerste plaats een mooi voorstel van GL. In de tweede plaats denkt zij dat er ook een zekere termijn moet zijn voor de eigenaren om een woning te kunnen melden. Zij kunnen zich b.v. niet bewust zijn van de verordening. Die ruimte wil zij hen ook nog wel geven. Vier maanden is dan genoeg. Mevrouw Alblas (CU) deelt mee dat ook de CU heel blij is dat deze verordening er nu ligt. Zij heeft een aantal vragen, gelukkig zijn vele daarvan al gesteld. Zij sluit zich graag aan bij de vragen over een kortere doorlooptijd en een hogere bestuurlijke boete. Van de ambtenaren heeft zij begrepen dat deze verordening niet geldt voor onzelfstandige woonruimte. Ook daar is soms sprake van langdurige leegstand. Waar kunnen dan studentenhuizen, woongroepen en anderen terecht, als bij hen een ruimte langdurig leegstaat en de verhuurder die niet wil verhuren? Die vraag geldt ook voor andere inwoners die een huis leeg zien staan, zoals het CDA al zei. Het CDA noemde ook al anti-kraak en leegstandbeheer. Dat speelt vaak niet in woningen, maar de CU vraagt toch wat de gemeente eraan kan doen, als niet maximaal gebruik wordt gemaakt van die ruimte. Ook haar fractie vindt het jammer dat leegstand in kantoorpanden niet wordt meegenomen. Student & Starter vroeg al of tijdelijke bewoning mogelijk is.
Haar fractie is benieuwd naar de mogelijkheden om eigenaren eventueel te verplichten tot op zijn minst leegstandbeheer. Ook daar heeft haar fractie een voorkeur om maximaal gebruik te maken van de ruimte. Tenslotte is de CU blij dat bij een verplichte voordracht ook gekeken wordt naar iemand die daarvoor weerbaar genoeg lijkt te zijn. Zij kan zich immers voorstellen dat de relatie tussen huurder en verhuurder niet een erg prettige wordt. Als die huurder toch hulp nodig heeft, is de wethouder dan van mening dat het huurteam voldoende is? Of kan de gemeente die huurder op een andere manier ondersteunen? De heer Bosch (PVV) heeft geen acht minuten nodig om te laten weten dat hij aanwezig is. Voor de PVV staat het als een paal boven water dat leegstand niet goed is in een stad, als tegelijkertijd zoveel mensen een woning zoeken. Zijn fractie vindt het goed dat daar iets aan wordt gedaan. Zij vindt ook dat er richting corporatiewoningen iets moet gebeuren. De wethouder komt daar nog op terug, zijn fractie kijkt daarnaar uit. Enkele vragen van de VVD vindt hij ook wel valide. Er zijn immers verschillende facetten in leegstand. Hij ziet de heer Van der Zweth wat meewarig kijken, maar spreker is het wel met hem eens dat er een bepaalde grens moet zijn waarbij de gemeente vragen moet gaan stellen of er achteraan moet gaan om te zien hoe dit kan en waar iemand mee bezig is.
Als iemand dan zegt dat hij die woning gaat verbouwen, dan mag zo iemand ook wel aantonen dat dat inderdaad zo is. Het moet niet zo zijn dat iemand jarenlang zegt dat hij een woning gaat verbouwen. Iedereen kan in de Reigerstraat zien waar dat toe leidt. De PVV is het ermee eens dat dat wordt aangepakt. Pagina 22 van 55
De voorzitter deelt mee dat de wethouder tien minuten nodig heeft om de beantwoording van de vragen voor te bereiden. Hij zal daarom de vergadering schorsen. 5
10
15
20
25
30
35
40
45
50
55
60
De voorzitter schorst de vergadering om 12.10 uur en heropent deze om 12.20 uur. De voorzitter wijst erop dat voor dit onderwerp zestig minuten is uitgetrokken. Het ziet er echter naar uit dat het behoorlijk uitloopt. Hij vraagt daarom de leden interrupties kort te houden. De wethouder heeft ook beloofd het kort te houden. Wethouder De Vries dankt voor het debat over dit belangrijke onderwerp. Het gaat over grip krijgen op de woningmarkt waarvoor het college dit instrument en aantal andere instrumenten in wil zetten. Dat maakt dat dit nodig is. Te veel panden staan leeg en het college hoopt hiermee een stap te zetten in de richting van vermindering. Maar ook hangen heel veel zaken met elkaar samen. Dat geldt voor het budget hiervoor en de mensen die de gemeente hiervoor in kan zetten, maar ook voor alle andere instrumenten die de gemeente hiervoor gebruikt. Die samenhang is delicaat. De vraag is bijvoorbeeld gesteld of het niet sneller kan. Theoretisch zou iemand al een melding kunnen doen na drie maanden. Maar in de praktijk is te zien dat mensen bezig zijn met een verbouwing of dat er problemen zijn in de relationele sfeer. Als eerder zo’n melding zou worden gedaan en eerder zo’n gesprek wordt gevoerd, dan zitten daar woningen tussen die na zes maanden niet meer leegstaan. Dat kost gewoon meer geld.
Als hij hiervoor mensen inzet, betekent dit dat op andere plekken minder kan of dat minder wordt gehandhaafd. Dat is de samenhang. Hij komt daarop terug. Mevrouw Sasbrink (PvdD) vraagt of de wethouder een ruwe schatting kan geven van bij hoeveel van die woningen een verbouwing of een echtscheiding spelen. Wethouder De Vries vindt het moeilijk om die schatting te maken, maar het is wel precies hetgeen waar het college mee rekening heeft gehouden bij het vaststellen van de termijnen. GL vroeg of het eerder kon. Op die vraag heeft hij nu hopelijk het antwoord gegeven. De heer Zwanenberg (GL) vraagt of bij het melden van leegstand ook wordt aangegeven waarom een woning leegstaat, b.v. in verband met scheiding of renovatie. Misschien helpt dat om wat scherper de rest van het proces te volgen. Wethouder De Vries antwoordt dat in principe hierover de gesprekken worden gevoerd. Hij komt dan op de uitzonderingen waarnaar wordt gevraagd. Onder andere mevrouw Meerding vond dat dit nogal hard klinkt en vroeg of er uitzonderingen zijn te maken. Daarom zijn deze gesprekken ook zo belangrijk. Soms is er sprake van administratieve leegstand waarbij mensen een tweede woning hebben of niet staan ingeschreven. Die komen dan naar boven en met deze mensen gaat de gemeente het gesprek aan.
Mensen kunnen aangeven wat er speelt en dat verlangt de gemeente ook, maar in de kern gaat het over woningen die voor een langere periode leegstaan. De gemeente vraagt mensen ook om hun argumenten aan te leveren, maar het punt is dat de gemeente het gesprek met deze mensen aangaat omdat zijn in deze tijd gewoon niet accepteert dat woningen leegstaan. De heer Zwanenberg (GL) begrijpt dat mensen dat dan moeten aangeven bij de leegstandmelding. Het komt bij dat leegstandgesprek aan de orde, maar dat is drie maanden later. Wethouder De Vries bevestigt dat het onderdeel is van de melding. Door verscheidene fracties is gesproken over de corporaties. Het college heeft eerder al aangekondigd dat het met een speciale aanpak komt, gericht op corporaties. Corporaties zouden dit goed in beeld moeten hebben met hun systemen, maar in de praktijk komen toch vraagtekens omhoog over lang leegstaande woningen. Enkele leden hebben voorbeelden genoemd. Soms komt dat doordat de bewoners niet zijn ingeschreven in de registratie bij de gemeente. Het is ook van belang dat mensen zich laten inschrijven. Maar soms is er sprake van een verbouwing waarbij de leverancier van een keukenblok erg lang op zich laat wachten. Het college denkt overigens dat het ontwikkelen van een aparte aanpak voor de corporaties effectiever zal zijn dan deze aanpak. Hij vraagt de commissie om geduld te hebben.
Als die aanpak voor de corporaties er is, kan de raad daar zeker iets van vinden. Pagina 23 van 55
De heer Zwanenberg (GL) gaat er dan vanuit dat die aanpak geen vijftien maanden duurt bij die corporatiewoningen. 5
10
15
Volgens Wethouder De Vries klopt dat. Dat is zeker niet het idee. Als het in incidentele situaties zo is, dan zal dat zo zijn omdat er vertraging is, maar uiteindelijk gaat het college voor een kortere leegstand. Er is ook gevaagd of die boetes niet hoger kunnen. Spreker vindt het belangrijk om erop te wijzen dat dit in lijn is met boetes voor andere overtredingen in Utrecht. Hij geeft een voorbeeld. De boete voor het aanbieden van woonruimte voor toeristische verhuur zonder registratienummer bedraagt bij een eerste overtreding 150 euro en 8700 euro bij een tweede overtreding. Het college kijkt hoe bedragen zich tot elkaar verhouden. Hij denkt dat de door verscheidene fracties gestelde vraag eigenlijk ook ging over een pandjesbaas of iemand met veel geld die een pand leeg laat staan omdat een boete hem niet zoveel doet. Dit soort personen kan de gemeente echter bestuurlijk beboeten en dat zijn veel hogere bedragen. De heer Van der Zweth (PvdA) hoort dat de wethouder zegt dat die boetes in lijn moeten zijn met andere boetes. Maar het kan dus wel. Hogere boetes zijn wel mogelijk. Wethouder De Vries bevestigt dat dat mogelijk is.
20
25
30
35
40
De heer Van der Zweth (PvdA) stelt dat hogere boetes waarschijnlijk ook meer inkomsten betekenen. Dat biedt een kans om bekorting van die termijnen te financieren. Doet de wethouder dat? Wethouder De Vries kijkt dan naar het aantal woningen en het aantal woningen waar de gemeente waarschijnlijk gaat handhaven. Dat laatste aantal is een eerste voorzichtige voorspelling. In Amsterdam b.v. is dat aantal uiteindelijk toch minimaal omdat vele eigenaren hierop gaan handelen in dit proces. Dan zegt hij dat de mogelijkheid om met hogere boetes meer handhaving te betalen minimaal is. Er is ook gesproken over leegstaande winkels en kantoren. In de raad heeft hij het hier eerder al over gehad. Hij wijst erop dat het percentage frictieleegstand ongeveer 4% is in deze stad. Dat is extreem laag in vergelijking met andere steden. Er wordt ook gezegd dat een bepaalde frictieleegstand nodig is. Dat is het argument op grond waarvan het college zich echt op woningen wil richten. Het tweede en misschien belangrijker argument is dat het niet mogelijk is om zomaar kantoorruimtes om te zetten in woningen. De omgevingsvergunning moet b.v. worden aangepast. Bovendien is er al zeer weinig leegstand. Het college richt zich op woningen omdat de urgentie daar het grootst is en het de mensen daarvoor moet inzetten. Mevrouw Sasbrink (PvdD) gaat in op die frictieleegstand. Die is toch niet langdurig.
In dat geval zou het probleem van de leegstand toch binnen een halfjaar opgelost zijn? Dan is er toch iets anders aan de hand? Wethouder De Vries is het daarmee eens. Frictieleegstand is over het algemeen niet langdurig. Ook in de raad is hierover gesproken. Het aantal kantoorpanden dat langer leegstaat is minimaal.
45
50
55
Mevrouw Sasbrink (PvdD) meent dat die frictieleegstand eigenlijk buiten de meldplicht zou vallen. Die start pas na een halfjaar en dan is hopelijk een nieuwe huurder gevonden. Dan gaat het dus om een ander aantal kantoren. Het zou dan toch geschikt zijn om die hierin mee te nemen? Wethouder De Vries antwoordt dat vanuit het argument dat kantoren niet zomaar om te zetten zijn in woningen hij zou zeggen van niet. Dan doorloopt de aanpak ook bestuurlijk een heel ander proces. De panden aan de Burgemeester Reigerstraat zijn verschillende keren in het debat langsgekomen. Uiteindelijk neemt de gemeente die mee, maar de vraag was of er nu al iets aan kan worden gedaan. Zijn antwoord is dat een overheid die verschillende personen wel gelijk moet behandelen niet kan zeggen dat zij deze panden het eerst gaat aanpakken. De heer Zwanenberg (GL) merkt op dat iedereen weet dat deze panden al bijna tien jaar leegstaan. Het lijkt hem een formaliteit die de gemeente gewoon kan skippen.
Pagina 24 van 55
Wethouder De Vries wijst erop dat er misschien ook wel andere panden in deze stad meer dan tien jaar leegstaan. Het college kan niet zeggen dat zij deze eigenaren gaat voortreken, hoe graag hij dat zou willen. 5
De heer Zwanenberg (GL) meent dat dit geen antwoord is op zijn vraag. De voorzitter wijst de heer Zwanenberg erop dat de wethouder over zijn eigen antwoord gaat.
10
15
20
25
30
De heer Zwanenberg (GL) erkent dat er misschien verscheidene panden zijn die meer dan tien jaar leegstaan. Deze panden springen in het oog en verscheidene fracties hebben hier vragen over gesteld. Hij wil best met een motie komen, als de wethouder dat fijn vindt, maar zijn vraag is of het niet mogelijk is de eigenaren van deze panden gewoon aan te pakken. Op 1 oktober 2023 kan het college daar gewoon mee beginnen. Wethouder De Vries denkt dat het aan de heer Zwanenberg is om met een motie te komen. In dit voorstel staat ook een termijn waarop het college hiermee wil starten. Er is al gesproken over een informatiecampagne en het inrichten daarvan. De eigenaren van de panden die in beeld komen worden persoonlijk benaderd. Dat vereist heel veel menskracht. Dit lijkt het college de meest geschikte manier. Hij vervolgt zijn beantwoording. De PvdA heeft vragen gesteld over het bijhouden van de aanpak. Het lijkt hem goed om dat te doen. Het college gaat dit volgen. Dat doet het jaarlijks. In Q1 2024 komt het college met een raadsbrief over de corporatiewoningen. Het periodiek volgen van de corporaties neemt het college jaarlijks mee in de monitor. Gevraagd is of tweede woningen altijd uitgezonderd moeten worden. Het standpunt is nu dat het mogelijk is om één tweede woning te hebben voor eigen gebruik.
De voorbeelden zijn in het debat al genoemd: iemand die buiten de stad is, iemand die internationaal werkt, etc. Dit is de manier waarop het college dit nu benadert, ook omdat het wel een enigszins uniform beleid hiervoor wil voeren. De mitsen en maren kwamen ook al naar voren in het debat. Het college gaat dit natuurlijk wel volgen. Spreker kan zich wel voorstellen dat op grond van de meldingen en de gesprekken wordt bekeken of dit later nog gespecificeerd moet worden of dat aanvullend beleid nodig is. De PvdD vroeg wat het college kan doen om te voorkomen dat een pandeigenaar lang treuzelt. De heer Van der Zweth (PvdA) vraagt hoe de wethouder voorkomt dat de tweede woning een geitenpaadje wordt om te ontsnappen.
35
Wethouder De Vries antwoordt dat personen ingeschreven moeten staan in de stad. Dat is een manier waarop de gemeente dit kan volgen. Als het gaat om een tweede woning, dan komt dat naar boven en dan gaat de gemeente daarover het gesprek voeren. Hij kan zich bijna niet voorstellen dat dit alleen wordt gebruikt als excuus of geitenpaadje.
40
Van der Zweth (PvdA) meent dat, als het iemand is met twee woningen in Utrecht, hij zeker moet worden aangepakt. Hij noemt het voorbeeld van iemand die in Groningen woont, maar hier werkt. Die heeft hier een woning, maar staat hier niet ingeschreven.
45
50
55
60
Volgens Wethouder De Vries is dit administratieve leegstand. Het zou zomaar kunnen dat dat in beeld komt en dan gaat de gemeente het gesprek hierover aan. De heer Van der Zweth (PvdA) voorziet dat dit dan toch een geitenpaadje kan worden. Iedereen gaat zeggen dat dit een tweede woning is en hij is ervan af. Hoe kan de gemeente dat voorkomen? Misschien kan hierover informatie naar de raad komen Wethouder De Vries ziet dat de heer Van der Zweth zoekende is. Hij begrijpt dat ergens wel. Theoretisch is het mogelijk om hiervoor geen uitzondering te maken. Dan is het dus niet meer mogelijk om die tweede woning te hebben. Dan valt daar weer een aantal personen tussen wal en schip. Dit is een soort grijs gebied en hij denkt dat de heer Van der Zweth dat wel te pakken heeft. In de loop van dit proces moet dit uitkristalliseren, ook aan de hand van de meldingen. Spreker komt terug op de vraag van de PvdD over de lang treuzelende eigenaar. Door het inrichten van dit proces en de termijnen die daaraan worden gehangen komen deze eigenaren in beeld. De gemeente gaat bij hen langs en stuurt hen een brief. Komt er geen reactie, dan gaan de handhavers langs. In die zin zit de gemeente er met haar mensen bovenop en voorkomt zij dat het uiteindelijk nog weer langer gaat duren. D66 vroeg of deze aanpak wel handhaafbaar is en wat dit Pagina 25 van 55
25
gaat betekenen bij juridische procedures. Op deze verordening gaan inderdaad juridische procedures volgen. Woningeigenaren kunnen natuurlijk bezwaar maken of beroep aantekenen tegen de handhaving. Partijen gaan gezamenlijk het gesprek aan. Daarin is ook ruimte voor het verhaal van de andere kant, met de langdurige verbouwing of de menselijke maat. Maar tegelijkertijd heeft de gemeente wel middelen om hier te handhaven. Dan is het aan die eigenaar om beroep aan te tekenen tegen die handhaving. Juridische ondersteuning is ook meegenomen in dit handhavingsbudget. Onderdeel van deze aanpak is ook een communicatiecampagne. Natuurlijk zal het college de raad hierover informeren. D66 vroeg hoe wordt voorkomen dat een woning langer dan zes maande leegstaat, als het niet wordt gemeld. De belangrijkste indicator is misschien wel de inschrijving in de BRP. Dat komt tevoorschijn in het systeem en vervolgens is aan het adres te zien of een woning langer dan zes maanden leegstaat. Daarmee hoopt het college dit te kunnen volgen. Verscheidene fracties hebben het gehad over die verplichtende voordracht. Zij vroegen of dit wel geschikt is voor kwetsbare personen en of het niet gevaarlijk is. Spreker zegt eerlijk dat dit het uiterste middel is. Te zien is dat dit tot nut oe zeer zelden voorkomt. Hij noemde Amsterdam al als voorbeeld. Uiteindelijk wil een gemeente dat dit niet nodig is.
Het zal zelden voorkomen omdat de eigenaren zelf ook een mogelijkheid hebben om een huurder te kiezen. Eerder is al gesproken over het huurteam dat daarin een ondersteunende rol kan vervullen. Er is ook nog een vraag gesteld over alle andere maatregelen die de gemeente toepast, zoals opkoopbescherming, en over hoe die verschillende maatregelen zich tot elkaar verhouden. Dat is een terechte vraag. In de praktijk moet worden bekeken hoe de maatregelen zich tot elkaar verhouden. Bij de leegstandverordening is wel belangrijk dat dit hele proces lang gaat duren. Het zal echt wel even duren voordat de effecten zichtbaar worden. Hij verwacht dat dit op zijn vroegst in de tweede helft van 2024 zal zijn. Hij zegt wel toe dat het college met een brief aan de raad komt over alle maatregelen voor de regie op de volkshuisvesting en de tot nu toe zichtbare effecten. Hij stelt voor om dit in Q 4 2023 te doen.
30
De heer Bakker (D66) lijkt het heel fijn dat wordt uiteengezet wat Utrecht lokaal aan die regie doet, wat er landelijk gebeurt en wat in de praktijk merkbaar is. Hij stelt voor dat jaarlijks te herhalen omdat de gemeente ook dingen doet waarvan college en raad op een bepaald moment zullen zeggen dat het een tandje minder kan.
5
10
15
20
35
40
45
50
55
60
Wethouder De Vries dankt voor het voorstel. Hij wil afspreken dat de eerste brief in Q4 2023 komt en dat die elk jaar in Q4 wordt herhaald. Er was ook een vraag over hoe die beboeting eruit ziet. Het college hanteert hier de reguliere werkwijze. De gemeente stuurt een vooraankondiging van die bestuurlijke boete. De eigenaar kan vervolgens een zienswijze indienen. Als die niet leidt tot een aanpassing van het besluit, kan de gemeente een boete opleggen. Hij hoopt dat hij daarnet al een antwoord heeft gegeven op de vraag van de VVD over hoe strikt wordt gehandhaafd. Er is ruimte voor overleg. Daarom is de aanpak ook zo arbeidsintensief. Vervolgens werkt de gemeente toe naar het maken van afspraken om die leegstand te voorkomen. Als die afspraken niet worden nagekomen, volgt een beschikking. Mevrouw Meerding (VVD) zoekt toch naar wat meer inkleuring in het antwoord van de wethouder. Wat gebeurt er, als iemand al heel lang in gesprek is met een potentiële huurder, maar het op het laatste moment mis gaat? Wordt dan heel strikt gezegd dat de gemeente met hem in gesprek gaat en dat de gemeente, als hij het over zes maanden nog niet heeft verhuurd, iemand gaat voordragen of is dan coulance mogelijk? Wethouder De Vries vindt het lastig om allerlei individuele casussen nu te gaan benoemen. Maar er is ruimte voor dat verhaal. Daarvoor is er die afspraak.
Eerst komt het gesprek, dan volgt de handhaving. De gemeente kan immers niet accepteren dat in deze tijd woningen zeer langdurig leegstaan. Er worden afspraken gemaakt over hoe verder, als het op de gewone manier niet is gelukt. Er is ook iets gezegd over de verhouding tussen het eigendomsrecht en de instrumenten van deze verordening. Dit speelt ook al in Amsterdam. Dat dit kan is inmiddels ook aangetoond door een onderzoek van RIGO. Gezien die schaarste aan woningen is het noodzakelijk om leegstand van woonruimte tegen te gaan. Regulering van het eigendomsrecht is alleen toelaatbaar, als is voldaan aan drie voorwaarden: 1. de maatregel is bij de wet voorzien; dat is in dit geval zo; 2. de beperking is noodzakelijk in het algemeen belang; 3. er moet sprake zijn van een balans tussen de mate van regulering van het eigendomsrecht en het algemeen belang. Pagina 26 van 55
5
10
15
20
25
30
Die lijn volgt het college hier dus ook. Hij heeft al iets gezegd over maatwerk. Er is ook een vraag gesteld over huurbescherming. Mocht tot die uiterste maatregel worden overgegaan, dan gaat het over een vast contract. Dan is er de huurbescherming die daarbij past, tenzij in het voortraject andere afspraken zijn gemaakt. Hij merkte in het debat dat de meningen verschilden over de vraag of de gemeente met dit budget kan handhaven. Het college is blij met het budget, maar het is minimaal. Als de raad zegt dat daar iets van af moet, dan zal het college dingen moeten aanpassen in de aanpak of in andere matregelen. EenUtrecht vraagt of deze maatregel er niet eerder had kunnen liggen. Natuurlijk wil ook het college zo snel mogelijk handelen, maar onlangs heeft de raad de nieuwe huisvestingsverordening vastgesteld en per 1 juli 2023 gaat de Wet goed verhuurderschap in. Het college is daar blij mee, maar dit brengt ook ambtelijk heel veel werk mee. De tijd en de capaciteit die daarvoor nodig zijn kan het college maar één keer inzetten. Zonder tegenvallers is de verordening nu gereed zodat zij op 1 oktober 2023 in werking kan treden. Het CDA heeft een aantal vragen gesteld. Over wonen boven kantoren heeft hij al iets gezegd, deze verordening gaat over woonruimte. Maar bij wonen boven winkels gaat het over woonruimte. Dat valt dus onder deze verordening.
Theoretisch is het mogelijk dat een anti-kraak woning verhuurd wordt. Ook bij deze woningen dient de bewoner zich te registreren in de BRP. In die zin staat de woning dan niet leeg. Zij zou dan dus niet tevoorschijn moeten komen. Als dat wel zo is, dan moet de gemeente kijken wat daar aan de hand is. Er was ook een opmerking over het eigen vastgoed van de gemeente. Dat wordt niet voor wonen gebruikt en dit is echt een leegstandverordening voor wonen. Zij gaat dus niet over het eigen vastgoed. Ook is gevraagd of die marktconforme huur zal bijdragen aan betaalbaar wonen. Dat is een goede vraag. In essentie gaat deze verordening over het tegengaan van leegstand en niet per definitie over betaalbaar wonen. Mevrouw Zwinkels (CDA) merkt op dat dit wel in het raadsvoorstel staat. Dat moet dan misschien worden aangepast. Wethouder De Vries vindt dit een heel scherpe opmerking. Het staat niet zo scherp op zijn netvlies, maar hij zal er nog even naar kijken. Er staat wel iets in de verordening over de huur die de eigenaar kan vragen. Mevrouw Zwinkels (CDA) vraagt wat dan ’maximaal conform’ betekent.
35
40
45
50
55
60
Wethouder De Vries heeft daar al iets over gezegd. De gemeente heeft een puntensysteem waaraan het huren toetst. Dat systeem hanteert het college ook hier. Er is ook gevraagd of dit een onderdeel is van de aanpak vitale binnensteden. Dat is niet het geval. Dit hoort bij het beschermen van de bestaande woningvoorraad. Ook is gevraagd of deze verordening tot perverse prikkels, b.v. illegale verhuur, leidt. Op grond van het programma bescherming van de bestaande woningvoorraad controleert de gemeente natuurlijk op illegale verhuur. VOLT had een vraag over kantoren. Daarover heeft hij al voldoende gezegd. Mevrouw Zwinkels (CDA) begrijpt dat controleren op illegale verhuur betekent dat, als er toch al mensen wonen, dit toch wordt meegenomen in de aanpak van illegaal wonen en wordt gezien als leegstand. Die wordt aangepakt en dan komen er andere mensen te wonen. Wethouder De Vries geeft aan dat de gemeente nu eigenlijk al een aanpak heeft van b.v. huisjesmelkers. De gemeente maakt al rondes door de stad en komt soms situaties van illegale verhuur tegen. Dat heeft geen relatie met deze leegstandverordening. Die gaat echt over panden die op dit moment leeg (lijken te) staan. Mevrouw Zwinkels (CDA) ziet dat in het onderzoek staat dat gecorrigeerd wordt met die energiecorrectie. Hanteert het college die nu wel of niet? Dat heeft immers te maken met die illegale verhuur.
Wethouder De Vries zoekt naar een antwoord op deze vraag. Hij komt hier schriftelijk op terug. Student & Starter vroeg onder meer wat de gemeente doet om te voorkomen dat panden onbewoonbaar worden gemaakt. Uiteraard kunnen woningen alleen in gebruik worden genomen, als zij geschikt zijn. Door deelname aan het experiment met BZK heeft de gemeente meer bevoegdheden gekregen, waaronder art. 6, lid 2 onder a van de leegstandverordening. Daarin staat dat de eigenaar verplicht kan worden om die woning geschikt te maken voor gebruik als Pagina 27 van 55
5
10
15
20
woonruimte. Daarop kan worden gehandhaafd. Hij heeft al iets gezegd over een dwangsom. Gevraagd is of de BRP een volledig beeld geeft of dat dit meldpunt echt nodig is. Dat meldpunt is een juridisch instrument vanuit de Leegstandwet. In die zin volgt de gemeente dus die wet. De CU stelde een vraag over een kortere doorlooptijd. De mitsen en maren daarvan heeft hij al aangegeven. De CU vroeg ook waar bewoners van onzelfstandige eenheden terecht kunnen. Deze verordening geldt voor alle woonruimte, maar vanuit de controle staat een woonruimte pas leeg, indien niemand daar zijn woonadres heeft. Dat maakt het lastig in verband met de BRP. Als één kamer op een adres met meer kamers leegstaat, kan dit niet worden gecontroleerd. Meldingen over leegstand kunnen wel opgevolgd worden. Het is een terechte opmerking over een grijs gebied. Ook wordt gevraagd of maximaal gebruik wordt gemaakt van beschikbare ruimte bij anti-kraak en of de gemeente daarin kan ondersteunen. Dat is geen leegstaande woonruimte zolang er mensen in zitten. Het valt niet onder deze verordening omdat de huurders niet staan ingeschreven op dat adres. Hij heeft al iets gezegd over het ondersteunen van huurders bij een verplichtende voordracht. Het huurteam blijft hierbij betrokken. De heer Bosch vraagt of de gemeente grenzen kan stellen aan een verbouwperiode.
Dit wordt inderdaad bepaald door die toezichthouders in dat leegstandgesprek en vervolgens vastgelegd in een leegstandverslag en zo nodig in een beschikking. Spreker hoopt dat hij de meeste vragen heeft beantwoord. Mevrouw Oudejans (Student & Starter) had een vraag over een duidelijke campagne voor mensen die niet bereikt worden. De heer Bakker (D66) had gevraagd of het de bedoeling is dat andere bewoners gaan melden, als zij langdurige leegstand zien. De wethouder is daar voor een deel op ingegaan.
25
Wethouder De Vries antwoordt dat dit zou kunnen. Over de voorlichtingscampagne heeft hij al iets gezegd. Het college gaat een campagne opzetten. De voorzitter vraagt of de commissie behoefte heeft aan een tweede termijn
30
De heer Zwanenberg (GL) lijkt dit een B-punt voor de raad. GL denkt met twee moties te komen: een motie over hogere boetes die ten goede kunnen komen aan extra handhaving en zo aan verkorting van de termijn en een motie over het beginnen met de panden waarvan bekend is dat zij langdurig leegstaan.
35
De heer Bakker (D66) is blij dat die informatiecampagne er komt en dat de raad een terugkoppeling krijgt. Misschien behoeft het nog even aandacht hoe het melden van andere bewoners moet gaan en of dat netjes is. Hij broedt, wellicht samen met andere fracties, nog op wat de gemeente kan doen met kantoren en winkelpanden.
40
Mevrouw Zwinkels (CDA) kondigt aan dat haar fractie ook met een aantal moties zal komen. Dat is ook afhankelijk van datgene waar de wethouder schriftelijk mee komt. In ieder geval komen er moties over wonen boven winkels, perverse prikkels en energiecorrectie.
45
De heer Van der Zweth (PvdA) heeft een punt van orde. Er wordt altijd een ronde gemaakt waarin fracties aangeven of iets een B-punt wordt en met welke moties zij komen. Nu zitten fracties dat in hun eigen tijd te doen. Is het mogelijk te zeggen: tweede termijn en dan te kijken wat naar de raad komt?
50
De voorzitter antwoordt dat dat kan, maar hij wil mensen echt ook de mogelijkheid geven. Hij kiest ervoor om het op deze manier te doen en die tweede termijn met toezeggingen en moties toe te laten.
55
Mevrouw Meerding (VVD) brengt naar voren dat het voor de VVD heel belangrijk is hoe dit uiteindelijk in praktijk zal worden gebracht. Daar zitten ook de twijfels. Zij heeft de wethouder verschillende dingen horen zeggen, maar zij weet niet of zij nu gerustgesteld is. Daarom moet zij nadenken of haar fractie het voorstel kan steunen. Moties zullen wellicht een onderdeel van de reactie zijn.
60
De heer Dijkstra (EenUtrecht) wil iets over een motie zeggen. Pagina 28 van 55
5
10
De voorzitter begrijpt dat de heer Dijkstra een motie wil aankondigen. Dat mag. Spreker wijst de heer Van der Zweth erop dat hij vandaag voorzitter is. Hij heeft ervoor gekozen om mensen in die tweede termijn de ruimte te geven voor moties. Hij begrijpt dat de heer Van der Zweth het anders doet als voorzitter van een commissie, maar hij heeft ervoor gekozen om het zo te doen. Volgens de heer Van der Zweth (PvdA) is dat het punt niet. Het is prima dat de voorzitter hierover gaat. Volgens hem zijn er twee varianten: of er is een tweede termijn met spreektijd die wordt afgerond of de commissie inventariseert de moties en dan kan iedereen er iets over zeggen, los van de spreektijd. Dat liep door elkaar en hij vindt dat verwarrend. De voorzitter kiest ervoor om het op deze manier te doen. Hij verwacht van de heer Dijkstra dat hij alleen een motie aankondigt en dat dat zijn bijdrage is.
15
De heer Dijkstra (EenUtrecht) komt met een motie over het beter betrekken van bewoners in het meldpunt en over het meer opzoeken van de maximale termijnen die mogelijk zijn.
20
De heer Van der Zweth (PvdA) heeft twee gedachten voor moties. De eerste is dat het tweede huis geen geitenpaadje mag worden. Daarnaast denkt hij aan een motie dat de inkomsten uit boetes ten goede moeten komen aan de handhaving, maar wellicht kan worden samengewerkt voor een motie over boetes in het algemeen.
25
Wethouder De Vries heeft daarnet aan mevrouw Zwinkels toegezegd dat hij met een brief zou komen, maar hij heeft het antwoord nu al. Als de het college vanuit de AVG (Algemene verordening gegevensbescherming) toestemming krijgt, neemt het die energiecorrectie mee. Het college verwacht deze goedkeuring voor 1 april 2024 te verkrijgen. De voorzitter stelt vast dat niemand nog het woord wenst. Dit wordt een B-punt in de raad. Hij vraagt of een halfuur te krap is.
30
De heer Zwanenberg (GL) denkt aan drie kwartier. De voorzitter stelt vast dat de commissie instemt met drie kwartier. Het onderwerp wordt geagendeerd voor de raad van 22 juni 2023.
35
40
Mevrouw De Vos deelt mee dat de wethouder heeft toegezegd dat in Q4 2023 een verzamelraadsbrief komt met verschillende maatregelen over de regie van de volkshuisvesting. Die volgt dan jaarlijks in Q 4. De voorzitter sluit dit deel van de vergadering af. De commissie begint vanmiddag om 13.45 uur met punt 10 van de agenda. Dat zal waarschijnlijk voor een deel in het geheim worden behandeld. De voorzitter schorst de vergadering om 12.45 uur.
45
50
Pagina 29 van 55
Verslag openbare middagvergadering commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen 5
10
15
Datum Locatie Verslag door Vaststelling verslag
1 juni 2023 Raadzaal, stadhuis dhr. C. de Bouter (Notuleerservice Nederland)
Aanwezigen De voorzitter dhr. C. Bos, de wethouder dhr. D. de Vries, commissiegriffier mw. M. de Vos, de leden mw. K. Alblas (CU), dhr. H. Bakker (D66), dhr. D. Bosch (PVV), dhr. F. Dekkers (GL), dhr. G. te Hoonte (VVD), mw. I. Hornsveld (GL), mw. E. Kendir (Student & Starter), mw. T. Meerding (VVD), mw. X. Minnaert (PvdD), mw. A. Oudejans (PvdD), mw. C. Passier (VOLT), mw. I. Raaijmakers (PvdA), mw. A. Sasbrink (PvdD), dhr. R. Snijder (Student & Starter,) dhr. T. Stam (PvdA), dhr. M. Usta (DENK), mw. J. Zwinkels (CDA)
Afwezigen -. 20
25
Verslag openbare middagvergadering commissie Energie(transitie), Duurzaamheid, Vastgoed en Wonen 10. Raadsvoorstel overzicht mogelijke locaties tijdelijk wonen…………………............................30 11. Raadsvoorstel Actieplan Studentenhuisvesting 2023-2030……………………………………..31 12. Raadsbrief Evaluatie Utrecht Standaard Toegankelijk, uitvoering project Toegankelijkheid…………………………………………………………………….………………..45 LIJST VAN TOEZEGGINGEN…………………………………………………………………………...50
10. Raadsvoorstel overzicht mogelijke locaties tijdelijk wonen 2023
30
35
40
45
De voorzitter heropent de vergadering om 13.45 uur Hij gaat door naar het besloten deel van de agenda om 13.46 uur. Om 14.22 uur gaat hij terug naar het openbare gedeelte. De heer Bakker (D66) hoopt dat het in de volgende raadsvergadering met dit voorstel lukt om echt meters te gaan maken. Hij heeft nog een opmerking voor het openbare gedeelte. Hij weet dat hij dat namens het CDA mag doen en hij weet bijna zeker ook namens andere fracties. Vele commissieleden zijn op bezoek geweest in Buurland, een mooie gemeenschap. De wethouder is daar ook geweest. De bewoners willen graag doorgaan en willen een bijdrage leveren aan het tijdelijk wonen. Volgens hem steunt de wethouder Wonen dat ook, maar de deadline van 1 oktober 2023 nadert. Hij vraagt daar niet alleen aandacht voor, maar vraagt de wethouder ook om daarbovenop te zitten. Wellicht kan hij aangeven, wanneer hij de commissie daarover wat meer kan informeren. Mevrouw Sasbrink (PvdD) merkt op dat in het raadsvoorstel in de context wordt geschetst dat er per locatie een haalbarheidsonderzoek wordt gedaan. Er worden drie aandachtspunten genoemd. De PvdD mist een vierde aandachtspunt, de impact op de omgeving. Dan denkt zij niet alleen aan de mensen, maar ook aan de flora en de fauna die op braakliggend terrein snel interessant kunnen worden.