CConstaterende datUtrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

20220202 Rekenkamerrapport De balans opmaken.pdf

Gemeenteraad 19 mei 2022, gemeente UtrechtBij agendapunt: Rekenkameronderzoek: ‘De balans opmaken. Een onderzoek naar de effectiviteit van het economisch beleid van de gemeente Utrecht’28.160 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

86 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente Utrecht; Rekenkamer Utrecht (2021). Interview

samenwerkingspartner. 87 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente Utrecht. 88 Rekenkamer Utrecht (2021). Interview gemeente Utrecht. 89 Rekenkamer Utrecht (2021). Interview samenwerkingspartner. 90 Rekenkamer Utrecht (2021). Interview samenwerkingspartners. 91 Zie bijvoorbeeld Gemeente Utrecht (2021). Ruimtelijke Strategie Utrecht; Gemeente Utrecht (18 februari 2019).

Kantorenbrief 2019; Utrecht Region (november 2019). Regionale Economische Agenda Regio Utrecht 20202027; Birch (12 januari 2021). Human Capital Agenda regio Utrecht.

64

ontwikkelingen in de economie zijn.92 Bij de marktgroepen worden met behulp van data marktverkenningen uitgevoerd.93 De uitkomsten van data-analyse bepalen dan mede de inzet van de gemeente94 en de keuze van doelen en ambities.95 Er zijn veel verschillende bronnen voor het verkrijgen van data over de economie. Binnen de gemeente Utrecht worden vaak landelijke databronnen van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV), de Kamer van Koophandel (KvK), het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA) en de Ministeries van EZK, SZW en OCW geraadpleegd. Ook rapporten van het Centraal Planbureau (CPB), de Sociaal Economische Raad (SER) en kennisinstituten worden gebruikt. Naast de landelijke bronnen zijn er ook regionale data van het Provinciaal Arbeidsplaatsen Register (PAR) beschikbaar.

En de gemeente heeft contracten met aanbieders van data van de winkellocaties (Locatus) en kantorenlocaties (Cushman & Wakefield).96 Tot slot zijn er op lokaal niveau data uit extern onderzoek, maar ook van samenwerkingspartners als de ROM, het UWV, ondernemersverenigingen en onderwijsinstellingen.97 We zien de data uit bovengenoemde bronnen met grote regelmaat terug in P&C documenten, raadsbrieven98 en in de beantwoording van schriftelijke vragen.99 Data worden ook gebruikt voor het maken van positioneringsvoorstellen, bijvoorbeeld groeifondsaanvragen, en aanvragen voor het Regionaal investeringsfonds (RIF) onderwijs. Geïnterviewden geven aan dat er binnen het programma Economie & Werkgelegenheid voor Iedereen vrijwel altijd beleidskeuzes worden gemaakt waarbij data worden betrokken. Waarbij wel geldt dat er ook politieke keuzes gemaakt kunnen worden die op basis van de data niet realistisch zijn. Een voorbeeld uit het verleden is het streven naar de doelstelling de laagste werkloosheid van Nederland te bereiken, waarop later bijstelling nodig is.100 De rekenkamer constateert dat coördinatie op het gebruik van data ontbreekt. Ieder gaat op het eigen onderwerp met data aan de slag. Rond corona is er binnen organisatieonderdeel Ruimte wel een monitoringsteam en, gemeentebreed, een duidingsteam, maar voor het

92 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente Utrecht; Rekenkamer Utrecht (2021). Interview

samenwerkingspartner. 93 Zie bijvoorbeeld Bureau Buiten (10 september 2019). Marktverkenning Circulaire Bouw Utrecht 94 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente Utrecht; Rekenkamer Utrecht (2021). Interview

samenwerkingspartner. Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente Utrecht; Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartner. 96 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente Utrecht. 97 Rekenkamer Utrecht (2021). Interview gemeente Utrecht; Interviews samenwerkingspartners. 98 Zie bijvoorbeeld Gemeente Utrecht (10 april 2018). Raadsbrief Werkgelegenheid van de toekomst; Gemeente Utrecht (25 juni 2019). Raadsbrief Werk voor Iedereen. 99 Zie bijvoorbeeld Beantwoording SV 2019 nr. 45 over Meer werk(locaties), Beantwoording SV 2020 nr. 38 over Winkelen in onze aantrekkelijk binnenstad, Beantwoording SV 2021 nr. 24 over Aanvragen Coronaoverbruggingsregelingen bij de ROM. 100 Rekenkamer Utrecht (2021). Interview gemeente Utrecht. 95

65

programma zelf is dat nog niet het geval.101 Wel is er samen met de afdeling IB Onderzoek een dashboard economie ontwikkeld waarin alle cijfers samen moeten komen. Over de bruikbaarheid hiervan in de huidige (concept)vorm verschillen de meningen. Er is brede steun voor de ontwikkeling van een dergelijk dashboard, maar meerdere geïnterviewden geven ook aan het nog ingewikkeld te vinden.102 Datagebruik is ook niet voor iedereen en niet dagelijks aan de orde. Daarnaast wordt er door de gemeente samen met de provincie gewerkt aan een regionaal economisch dashboard. Om in de verschillende behoeften te voorzien zou een data-analist of -manager behulpzaam kunnen zijn. Deze zou dan kunnen faciliteren bij het verzamelen, analyseren en duiden van data over een onderwerp.103 De beschikbare data kunnen ook worden benut voor het evalueren van de inzet van de gemeente en de geleverde prestaties en effecten. Dit zien we echter niet terug. In hoofdstuk 5 gaan we hier verder op in. 4.2.3 STURING GEMEENTE OP ECONOMISCH TERREIN LASTIG De sturingsmogelijkheden op het programma Economie & Werkgelegenheid voor Iedereen worden voor de gemeente bemoeilijkt door andere grote maatschappelijke opgaven als wonen en mobiliteit. Ook de benodigde samenwerking met een veelheid aan interne en externe partijen en de eigendomsverhoudingen maken sturing lastig.

Sturing door de gemeente (en gemeenteraad, zie 4.2.4) op het programma Economie & Werkgelegenheid van Iedereen is om verschillende redenen belangrijk. Zo is het inzetten van gemeentelijke instrumenten – beleid, mensen en geld – nodig om de maatschappelijke opgaven op te pakken. Zoals eerder geschetst gaat het dan om economische, maar ook om ruimtelijke instrumenten.104 Daarnaast is sturing van belang om gewenste ontwikkeling te stimuleren en ongewenste ontwikkelingen zoveel mogelijk af te remmen (zie 4.2.1). Ook de schaarste in de beschikbare ruimte maakt het nodig dat er keuzes gemaakt worden. We hebben daarom voor de afgelopen jaren vanaf 2018 onderzocht hoe de gemeente en gemeenteraad sturing geven aan dit programma. Wij constateren dat sturing op de opgave Economie & Werkgelegenheid wordt bemoeilijkt door andere grote maatschappelijke opgave als wonen en mobiliteit. Uit beleidsdocumenten en interviews blijkt dat deze onderwerpen vaak de discussie domineren en dat de aandacht voor economie en werkgelegenheid steeds bevochten moet worden.105 De sturing op de economische doelstellingen wordt ook bemoeilijkt doordat de opgave binnen de gemeentelijke organisatie over meerdere organisatieonderdelen verdeeld is. Ook 101 Rekenkamer Utrecht (2021). Interview gemeente Utrecht. 102 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente Utrecht. 103 Rekenkamer Utrecht (2021).

Interview gemeente Utrecht. 104 Utrecht Region (november 2019). Regionale Economische Agenda Regio Utrecht 2020-2027. 105 Gemeente Utrecht (18 februari 2019). Kantorenbrief 2019; Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente

Utrecht; Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners.

66

de bestuurlijke portefeuilles sluiten niet aan bij de opgaven, waardoor meerdere wethouders (mede)verantwoordelijk zijn.106 Met name op de pijler arbeidsmarkt en de marktgroepen wordt intensief met andere organisatieonderdelen als Onderwijs en Werk en Inkomen samengewerkt. In het algemeen wordt de interne samenwerking als goed beoordeeld, maar verschillende keren wordt opgemerkt dat men ook wel tegen ‘muren’ van gemeentelijke afdelingen is aangelopen.107 Oorzaken liggen bijvoorbeeld in de verschillende doelen die worden nagestreefd. Zo streeft Werk en Inkomen naar een snelle uitstroom van uitkeringsgerechtigden, maar kan het op de langere termijn beter zijn om te streven naar een duurzame baan in één van de marktgroepen. We merken bij samenwerkingspartners positieve waardering voor een gezamenlijke aanpak als daar de verbinding tussen portefeuilles al is gelegd. Een voorbeeld is de verbinding tussen economie en mbo die beide dezelfde wethouder hebben.108 De sturing op dit programma is ook complex vanwege de benodigde samenwerking met een veelheid aan externe partners. Er zijn bijvoorbeeld 73 ondernemersverenigingen in de stad.

De gemeente onderhoudt met de belangrijkste verenigingen contact, maar heeft de laatste jaren wel besloten minder tijd te besteden aan de secretariaat-taken.109 Naast de ondernemersverenigingen heeft de gemeente op ruimtelijk-economisch vlak ook te maken met de provincie Utrecht, de Rijksoverheid, grond- en vastgoedeigenaren, projectontwikkelaars, en verschillende belangenorganisaties als VNO-NCW en MKBNederland. Bij de ruimtelijk-economische opgaven zijn de mogelijkheden om te sturen vooral afhankelijk van de eigendomsverhoudingen. Dit is met name relevant in de gebiedsgerichte aanpak bij de werklocaties. De gemeente kan weliswaar sturen met de Omgevingsvisie, bestemmingsplannen, grondexploitaties en subsidies, maar alleen wanneer de gronden in eigendom zijn kunnen hardere eisen worden gesteld die direct aansluiten bij de visie van de gemeente(raad).110 Op andere onderwerpen heeft de gemeente in de afgelopen jaren vooral door het opbouwen van een goede relatie en het voeren van gesprekken aandacht gevraagd voor gewenste ontwikkelingen of activiteiten.111

106

Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente Utrecht; Rekenkamer Utrecht (2021). Interview samenwerkingspartner. 107 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente Utrecht. 108 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 109 Rekenkamer Utrecht (2021). Interview gemeente Utrecht. 110 Rekenkamer Utrecht (2021). Interview gemeente Utrecht; Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 111 Zie bijvoorbeeld: Beantwoording van schriftelijke vragen 2020 nr. 229 over Huurkorting ondernemers in coronacrisis; 2020 nr. 38 over Winkelen in onze aantrekkelijke binnenstad; 2019 nr. 108 over Openen van winkels door burgemeester of wethouder; Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners.

67

De invloed van de gemeente Utrecht in regionaal verband wordt als ‘redelijk groot’ gezien.112 Kleine gemeenten en ook de provincie hebben minder slagkracht op economisch terrein dan de gemeente Utrecht.113 Bij de provincie Utrecht groeit het team voor economische zaken. Dit kan ook van invloed zijn op de onderlinge verhoudingen en de slagkracht in de komende jaren. De afgelopen jaren hebben de gemeente Utrecht en de provincie vooral discussie gehad over het regionaal programmeren van kantorenlocaties. De provincie wilde versnippering voorkomen114, terwijl de gemeente Utrecht actiever wilde omgaan met kantoorontwikkeling en de mogelijkheid hebben om kantorenlocaties binnen de stad uit te ruilen. Het is nu op een aantal belangrijke plekken mogelijk geworden om kantoren die op de ene locatie in de stad weggestreept worden, op een andere locatie weer in te vullen.115 Binnen de opgave is meer aandacht nodig voor sturing op de lange termijndoelen. De opgave is vanaf 2019 opnieuw vormgegeven.

Geïnterviewden geven aan dat de samenwerking tussen de drie pijlers van de opgave116 en tussen de marktgroepen nog verder gestructureerd en verbeterd moet worden.117 Ook binnen de teams zijn de leden nog vooral met het eigen onderwerp bezig, terwijl ook juist de verbindingen belangrijk zijn.118 Verkokering kan (bij)sturing op de algemene doelstellingen bemoeilijken en dient daarom te worden voorkomen. In de gemeentelijke organisatie bestaat breder de wens dat ingezet gaat worden op de grotere en bredere economische ontwikkelingen. Er wordt nu nog veel gehandeld in de waan van de dag119, waarbij duidelijk is dat de coronacrisis daar ook een belangrijke oorzaak van is geweest. Nieuwe ontwikkelingen vroegen direct aandacht en leidden tegelijkertijd ook tot een versnelling en opschaling van wat al gedaan werd.120 Tegelijkertijd zien we dat ook voor de coronacrisis al geconstateerd werd dat (te) veel tijd besteed werd aan vragen van ondernemers en operationele taken. 4.2.4 STURING GEMEENTERAAD FINANCIEEL EN OP INHOUD De gemeenteraad kan op inhoud en financiën sturen. De afgelopen jaren is vaker sprake van regionale samenwerking, waarmee de sturingsmogelijkheden voor de gemeenteraad veranderen. Met besluiten over de RSU 2040 en omgevingsvisies geeft de gemeenteraad richting aan de invulling van de ruimte. 112

Rekenkamer Utrecht (2021). Interview gemeente Utrecht.

113 Rekenkamer Utrecht (2021). Interview samenwerkingspartners. 114 Rekenkamer Utrecht (2021). Interview samenwerkingspartner. 115 Gemeente Utrecht (28 mei 2021). Jaarstukken 2020; Gemeente Utrecht (18 februari 2019). Kantorenbrief

2019; Rekenkamer Utrecht (2021). Interview gemeente Utrecht. 116 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente Utrecht. 117 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente Utrecht. 118 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente Utrecht. 119 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente Utrecht. 120 Rekenkamer Utrecht (2021). Interview gemeente Utrecht.

68

We constateren dat de gemeenteraad met name via de P&C documenten en een jaarlijkse rapportage over de voortgang van de opgave Werk voor Iedereen door het college wordt geïnformeerd.121 De gemeenteraad kan daarmee zowel financieel (budgetrecht) als inhoudelijk (vaststellen beleid, amendementen en moties) sturen. De opgave Werk voor Iedereen is mede tot stand gekomen naar aanleiding van een unaniem aangenomen motie uit 2017.122 We zien dat de regionale samenwerking in de afgelopen jaren is uitgebreid. Dit heeft onder andere geleid tot het opstellen van de Regionale Economische Agenda, de oprichting van de Regionale Ontwikkelmaatschappij regio Utrecht en het onderzoek naar de werklocaties in U10-verband123. De Utrechtse gemeenteraad is hierbij op verschillende manieren geïnformeerd, met name via raadsinformatiebijeenkomsten en raadsbrieven.124 De deelname aan de ROM en de definitieve REA – daarmee tevens leidend voor de investeringsstrategie van de ROM125 – zijn vastgesteld in de raadsvergadering van 6 februari 2020. Van de ROM wordt jaarlijks het jaarverslag met de gemeenteraad gedeeld, maar de gemeente Utrecht staat verder wat meer op afstand.126 In de raadsinformatie wordt vanaf 20 maart 2020127 ook zichtbaar dat veel aandacht van de gemeenteraad naar de effecten van de coronacrisis is gegaan.

Met name de invulling van maatregelenpakket 3: Werken, Opleiden en Begeleiden, en specifieke programma’s voor kwetsbare winkelgebieden hebben aandacht gevraagd.128 Daarmee is ook bij de raad de aandacht van langere termijndoelen verschoven naar de korte termijn.

121 Gemeente Utrecht (12 maart 2019). Raadsbrief Werk voor Iedereen; Gemeente Utrecht (25 juni 2020).

Raadsbrief Werk voor Iedereen. 122 Motie 2017/187 Match de werkgelegenheid van de toekomst aangenomen bij de Programmabegroting 2018. 123 De U10 bestaat uit de gemeenten Utrecht, Bunnik, De Bilt, Houten, Nieuwegein, IJsselstein, Stichtse Vecht,

Utrechtse Heuvelrug, Woerden, Zeist. Zie https://www.utrecht10.nl/over-u10/kaartje-u10-gemeenten/ 124 Gemeente Utrecht (4 december 2018). Raadsbrief Verkenning Regionale Ontwikkelingsmaatschappij;

Gemeente Utrecht (16 juli 2019). Raadsbrief Voortgang Regionale Ontwikkelingsmaatschappij en Regionale Economische Agenda; Gemeente Utrecht (18 mei 2020). Raadsbrief Update regionale economische samenwerking; Gemeente Utrecht (19 juni 2020). Raadsbrief Onderzoek werklocaties en uitwerkingsrichting. 125 De REA is daarnaast ook “de basis voor de (toekomstige) herijking van het Utrechtse economische beleid; het kader voor economische structuurversterking en de inzet van middelen, capaciteit, netwerkvorming, business development en internationalisering; en verbindend en mede richtinggevend voor lokale en regionale agenda’s op het gebied van wonen, werken, mobiliteit, groen en energie.” (Gemeente Utrecht (12 december 2019). Raadsvoorstel Regionale Economische Agenda 2020-2027, Utrecht Region. 126 Gemeente Utrecht (2 juli 2021). Raadsbrief Aanbiedingsbrief jaarverslag ROM en bijbehorend ROM (16 juni 2021). Jaarverslag 2020; Rekenkamer Utrecht (2021). Interview gemeente; Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 127 Gemeente Utrecht (20 maart 2020). Raadsbrief Nadere informatie steunmaatregelen. 128 Gemeente Utrecht (9 juni 2021). Raadsbrief Beantwoording raadsreacties Maatregelenpakket 3 Werken, Opleiden en Begeleiden; Gemeente Utrecht (15 juni 2020).

Raadsbrief Aanpak kwetsbare winkelgebieden en Raadsbrief Samenwerkingsovereenkomst en Nadere regel subsidie aanpak leegstand binnenstad gemeente Utrecht.

69

In de schriftelijke vragen die in de afgelopen jaren zijn ingediend over economische onderwerpen129 valt op dat veel vragen gaan over de verschillende subsidieregelingen: Lokaal Economisch Fonds, Fonds Mismatch Arbeidsmarkt, BSSB, en later ook de Corona OverbruggingsLening en huurkorting voor ondernemers. We zien ook dat vragen soms diep ingaan op uitvoeringsaspecten bij de ROM of bij het openen van winkels. Geïnterviewden merken hierbij op dat de Utrechtse gemeenteraad erg betrokken is, maar ook met regelmaat de details in duikt, vragen soms gaan dubbelen en minder vaak over de grote lijnen en ontwikkelingen gaan. Daarnaast wijzen zij erop dat het een bewuste keuze is om activiteiten met bijvoorbeeld de ROM meer op afstand van de gemeente te zetten waarbij de sturing hierop minder direct is.130 Bij de ruimtelijk-economische onderwerpen heeft de gemeenteraad de mogelijkheid om te sturen op uitgangspunten en visies. Zo heeft de gemeenteraad in juni 2020 elf uitgangspunten geformuleerd die centraal staan bij de verdere ontwikkeling van de stad.131 Ook zijn verschillende omgevingsvisies besproken en vastgesteld, waarmee voor specifieke locaties als de binnenstad en het Utrecht Science Park ontwikkelrichtingen zijn vastgelegd.

4.3

NORMENKADER

In deze paragraaf komt het normenkader aan bod. Hier leggen we de relatie tussen de onderzoeksvragen, normen en beoordeling. Tabel 4.2

Normen en criteria thema ‘uitvoering en sturing’

Onderzoeksvraag

Norm

Criteria

Beoordeling

3) Welke maatregelen

De gemeente Utrecht

Omgevingsfactoren –

De gemeente Utrecht speelt

worden door de gemeente genomen om

speelt met maatregelen in op

als de algemene economische

adequaat in op nieuwe ontwikkelingen, met name de

nieuwe ontwikkelingen te nieuwe

ontwikkelingen – leiden

coronacrisis. Het is nog

stimuleren of af te remmen?

tot bijsturing van het beleid.

onbekend welke maatregelen tot een structurele wijziging in

ontwikkelingen.

het beleid of uitvoering leiden. 4) Welke ontwikkelingen zijn zichtbaar in data op

De gemeente Utrecht benut de data van de

Mate waarin de gemeente Utrecht de

Er wordt veelvuldig gebruik gemaakt van data, uit een

economisch terrein in

ontwikkelingen in de

data analyseert en

veelheid aan bronnen en

relatie tot de vastgestelde prestaties

prestaties en effecten voor beleidskeuzes.

gebruikt voor keuzes in

voor allerlei doeleinden. Data vormen mede de basis van

129 Een globale analyse laat zien dat er in 2019 vier keer een set schriftelijke vragen is ingediend die raken aan dit

rekenkameronderzoek (nrs. 45, 106, 108 en 169), in 2020 acht (nrs. 004, 38, 65, 66, 67, 101, 184, 229) en in 2021 voorlopig twee (nrs. 24 en 199). 130 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente Utrecht; Rekenkamer Utrecht (2021). Interview samenwerkingspartner; SV 2021 nr. 24 over Aanvragen coronaoverbruggingsleningen bij de ROM. 131 Gemeente Utrecht (2021). Utrecht Dichtbij; de tienminutenstad; Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040.

70

en effecten van het

het uitvoeren van het

het beleid, worden gebruikt

economisch beleid en in

beleid.

voor monitoring van trends

hoeverre sluit de gemeente Utrecht op de

en ontwikkelingen, en voor het aanvragen van subsidies.

ontwikkelingen aan?

Het gebruik van data is op dit moment versnipperd. Ook worden de data nog niet benut voor het evalueren van gemeentelijke inzet en de geleverde prestaties en effecten.

5) Welke sturingsmogelijkheden

Geen norm, beschrijvende vraag.

hebben de gemeente Utrecht en specifiek de Utrechtse gemeenteraad op het economisch beleid en hoe is daar in de jaren vanaf 2018 invulling aan gegeven?

71

72

5

DOELBEREIK EN EFFECTIVITEIT

In dit hoofdstuk beschrijven het doelbereik en de effectiviteit van het economisch beleid van de gemeente Utrecht. We gaan hierbij ook in op het oordeel van ondernemers op deze onderwerpen. Daarmee beantwoorden we de onderzoeksvragen: 6. Welke oordelen en opvattingen hebben belanghebbenden (met name ondernemers en samenwerkingspartners) over de prestaties en effecten van het economische beleid van de gemeente Utrecht, en 7. In hoeverre zijn de doelen van het economisch beleid bereikt en zijn deze aanwijsbaar het gevolg van het door de gemeente Utrecht gevoerde beleid? In paragraaf 5.1 geven we de belangrijkste bevindingen weer. Deze bevindingen lichten we toe in paragraaf 5.2. Aan de hand van de bevindingen beoordelen we in paragraaf 5.3 de bijbehorende normen.

5.1

BELANGRIJKSTE BEVINDINGEN 1. Meer dan de helft van de geënquêteerde ondernemers is niet bekend met de doelen van het programma Economie & Werkgelegenheid voor Iedereen en heeft er inhoudelijk geen uitgesproken mening over. Samenwerkingspartners zien verbetermogelijkheden voor de inzet van de gemeente Utrecht. Een minderheid van de geënquêteerde ondernemers denkt dat zij met hun activiteiten bijdragen aan het behalen van de algemene doelstelling van het economisch beleid. 2. Ondernemers geven in de enquête een onvoldoende voor de mate waarop de gemeente hen betrekt bij de totstandkoming en uitvoering van het beleid. Dit geldt ook voor de manier waarop de gemeente de samenwerking zoekt bij de totstandkoming en de uitvoering van het beleid. Contact met de gemeente wordt daarentegen wel als positief ervaren. 3. Vanwege het ontbreken van voldoende kwantitatieve en kwalitatieve informatie over de behaalde prestaties en effecten is het niet mogelijk om de effectiviteit van het economisch beleid te beoordelen. Uit data blijkt dat de Utrechtse economie goed presteert, maar de samenhang met het de inzet van de gemeente is niet te herleiden. De indicatoren zijn de afgelopen jaren gewijzigd en kregen vaak geen realisatiewaarden.

Ook de bevraagde medewerkers van de gemeente, ondernemers en samenwerkingspartners weten niet in hoeverre de inzet van de gemeente Utrecht bijdraagt aan het behalen van de doelstellingen.

73

5.2

TOELICHTING OP DE BEVINDINGEN

5.2.1 DOELEN ONBEKEND BIJ MEER DAN HELFT ONDERNEMERS Meer dan de helft van de geënquêteerde ondernemers is niet bekend met de doelen van het programma Economie & Werkgelegenheid voor Iedereen en heeft er inhoudelijk geen uitgesproken mening over. Samenwerkingspartners zien verbetermogelijkheden voor de inzet van de gemeente Utrecht. Een minderheid van de geënquêteerde ondernemers denkt dat zij met hun activiteiten bijdragen aan het behalen van de algemene doelstelling van het economisch beleid. De gemeente Utrecht wil met het economisch beleid werkgevers, werknemers en onderwijsaanbieders verbinden om de vraag en het aanbod van werk beter op elkaar aan te laten sluiten.132 Het is daarom belangrijk dat ondernemers en samenwerkingspartners op het economisch terrein bekend zijn met de doelen en inzet van de gemeente. We constateren dat het economisch beleid en de bijbehorende doelen niet algemeen bekend zijn bij ondernemers en samenwerkingspartners. Een meerderheid (45%-59%) van de ondervraagde ondernemers is niet bekend met de doelen van het economisch beleid (zie figuur 5.1).133 Er zijn geen grote verschillen in de bekendheid van de doelen tussen zzp’ers, micro- en kleine bedrijven en (middel)grote bedrijven.

Ook zien we geen verschil tussen ondernemers die op een werklocatie werken en ondernemers die daar niet werken.134 Ook onder de geïnterviewde samenwerkingspartners zijn de doelen en het beleid niet algemeen bekend.135

132 Gemeente Utrecht (z.d.). Economisch Beleid: Wat doet de gemeente? Geraadpleegd via,

https://www.utrecht.nl/bestuur-en-organisatie/beleid/economisch-beleid/ 133 De uitkomsten van de enquête geven een indicatief beeld van wat ondernemers in Utrecht vinden. De data is

geen perfecte afspiegeling van de mening van hele Utrechtse ondernemerspopulatie. Voor meer informatie, zie de het document ‘Uitkomsten enquête onder Utrechtse ondernemers’. 134 Rekenkamer Utrecht (2021). Uitkomsten enquête onder Utrechtse ondernemers. Tabel J.1. 135 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners.

74

Figuur 5.1

Een meerderheid van de geënquêteerde ondernemers is niet bekend met de doelen van het economisch beleid van de gemeente Utrecht (n = 1.053).

Utrecht heeft voldoende toekomstbestendige werknemers en werkgelegenheid die passend is bij de groei van de stad Het vergroten van toekomstbestendige werknemers en werkgelegenheid op het gebied van bouw en energietransitie, gezondheid, onderwijs, en ICT en digitale vaardigheden Er is voldoende ruimte om te werken en verblijven in een aantrekkelijke stad 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90%100% Wel bekend

Een beetje bekend

Niet bekend

Weet niet

Bron: Rekenkamer Utrecht (2021), Internetenquête onder ondernemers

Figuur 5.2 laat zien dat de helft (49%-52%) van de geënquêteerde ondernemers niet bekend is met de extra aandacht voor de vier marktgroepen of met de inzet van de gemeente voor werklocaties. De inzet van de gemeente voor de marktgroepen is niet beter bekend onder ondernemers uit de marktgroepen. We zien namelijk dat de bekendheid van de marktgroepen nauwelijks verschilt tussen ondernemers uit de marktgroepen en ondernemers met een onderneming in een andere sector.136 Het is opvallend dat ondernemers uit de markgroepen het gemeentelijk beleid niet beter kennen, omdat de gemeente zich met het beleid juist op deze groep richt. Daarnaast is er nauwelijks verschil in de bekendheid van de gemeentelijke inzet voor werklocaties onder werknemers die wel en niet op een werklocatie werken.137 Figuur 5.2

De helft van de geënquêteerde ondernemers is niet bekend met de extra aandacht voor de vier marktgroepen of met de inzet van de gemeente Utrecht voor werklocaties (n = 1.053). Werklocaties

ICT en digitale vaardigheden Onderwijs Gezondheid Bouw en energietransitie 0% Goed mee bekend

10%

20%

30%

Een beetje bekend

40%

50%

60%

Nauwelijks bekend

70%

80%

Niet bekend

Bron: Rekenkamer Utrecht (2021), Internetenquête onder ondernemers 136 Rekenkamer Utrecht (2021). Uitkomsten Enquête onder Utrechtse Ondernemers. Tabel I.1. 137 Rekenkamer Utrecht (2021). Uitkomsten Enquête onder Utrechtse Ondernemers. Tabel J.2.

75

90%

100%

Een aantal ondernemers geeft aan dat het gebrek aan kennis over het economisch beleid te wijten is aan het gebrek aan communicatie vanuit de gemeente.138 Anderen geven aan zelf niet geïnteresseerd te zijn in het gemeentelijk beleid.139 De gemeente geeft in haar ambtelijke reactie aan dat de communicatie van de gemeente en prioritering van het bedrijfsleven wat betreft aandacht voor gemeentelijke informatie in de onderzoeksperiode sterk gericht was op Corona. Hier heeft de overdracht van gemeentelijke informatie naar het bedrijfsleven onder geleden. Meer dan de helft van de geënquêteerde ondernemers heeft ook inhoudelijk geen uitgesproken mening over de gestelde doelen. Samenwerkingspartners zijn over het algemeen positief, maar zien ook verbetermogelijkheden. Voor het realiseren van toekomstbestendige werkgelegenheid en werknemers is de gemeente mede afhankelijk van de inzet van ondernemers en samenwerkingspartners. Het is daarom belangrijk dat zij de doelen van de gemeente onderschrijven en zich herkennen in het beleid. We hebben daarom onderzocht wat ondernemers en samenwerkingspartners van de doelen en inzet van het programma Economie & Werkgelegenheid voor Iedereen vinden. We constateren dat ondernemers en samenwerkingspartners geen uitgesproken mening hebben over de gestelde doelen.

Uit de internetenquête blijkt dat meer dan de helft (52%) van de ondernemers geen uitgesproken mening heeft over de algemene doelstelling van het economisch beleid (zie figuur 5.3). Van de ondernemers met een mening, is het grootste deel positief en slechts een klein deel negatief. Uit de gesprekken met samenwerkingspartners blijkt dat zij over het algemeen positief zijn over de doelen.140 Maar er worden ook verbeterpunten genoemd. De doelen zijn volgens een aantal gesprekspartners erg algemeen en kunnen concreter worden geformuleerd.141 Dit wordt onderschreven door de ondervraagde ondernemers.142

Figuur 5.3

Meer dan de helft van de geënquêteerde ondernemers heeft geen uitgesproken mening (‘niet eens, niet oneens’ en ‘weet niet’) over de algemene doelstelling. (n = 1.053).

Mijn bedrijf is positief over deze algemene doelstelling van het Programma Economie & Werkgelegenheid voor iedereen 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% (Helemaal) mee eens

Niet eens, niet oneens

(Helemaal) mee oneens

Bron: Rekenkamer Utrecht (2021), Internetenquête onder ondernemers

138 Rekenkamer Utrecht (2021). Internetenquête onder ondernemers; open antwoorden 139 Rekenkamer Utrecht (2021). Internetenquête onder ondernemers; open antwoorden 140 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 141 Rekenkamer Utrecht (2021). Interview samenwerkingspartners. 142 Rekenkamer Utrecht (2021). Internetenquête onder ondernemers; open antwoorden

76

Weet niet

Ook constateren we dat ondernemers moeilijk een oordeel kunnen vormen over de juiste prioritering in het economisch beleid. Meer dan de helft (68%) van de ondernemers heeft hier geen of een neutrale mening over (zie figuur 5.4). Een kleine 20% vindt dat de gemeente de juiste prioriteiten stelt. Dit percentage is ongeveer gelijk met het percentage uit de ondernemingspeiling uit 2014.143 Onder samenwerkingspartners zijn de meningen ook verdeeld. Over het algemeen zijn partners positiever, maar er zijn onderwerpen waarvan zij vinden dat de gemeente er meer op kan inzetten. Het verbeteren van de bereikbaarheid en verkeersveiligheid en het stimuleren van innovatie zijn voorbeelden die meerdere malen zijn genoemd.144 Figuur 5.4

Geënquêteerde ondernemers kunnen zich moeilijk een oordeel vormen over of de gemeente de juiste prioriteiten stelt met het economisch beleid (n = 1.053).

De gemeente stelt de juiste prioriteiten in het economisch beleid

0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% (Helemaal) mee eens

Niet eens, niet oneens

(Helemaal) mee oneens

Weet niet

Bron: Rekenkamer Utrecht (2021), Internetenquête onder ondernemers

De keuze voor de vier marktgroepen vinden ondernemers en samenwerkingspartners logisch. Ook constateren we dat ondernemers en samenwerkingspartners zich kunnen vinden in de keuze voor de vier marktgroepen. Zoals in figuur 5.5 te zien is, vindt een meerderheid van de ondervraagde ondernemers (54%-70%) deze keuze logisch. Dit beeld komt ook naar voren uit de gesprekken met de samenwerkingspartners.145 Ondernemers en samenwerkingspartners noemen ook wel andere sectoren die wat hen betreft eenzelfde aanpak in een marktgroep rechtvaardigen. Een aanzienlijk deel van de ondernemers noemt hierbij de cultuur-, kunst en creatieve sector.146 Samenwerkingspartners noemen de horeca, logistiek en mobiliteit en gaming.147

143 Waarstaatjegemeente (z.d.). Bedrijvigheid en economie gemeente Utrecht. Geraadpleegd via

https://www.waarstaatjegemeente.nl/dashboard/dashboard/bedrijvigheid-en-economie/ 144 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 145 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 146 Rekenkamer Utrecht (2021). Internetenquête onder ondernemers; open antwoorden (Het gaat om ongeveer

25% van de ingevulde open antwoorden) 147 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners.

77

Figuur 5.5

Een meerderheid van de geënquêteerde ondernemers vindt de keuze voor de marktgroepen logisch (n = 1.053).

ICT en digitale vaardigheden

Onderwijs

Gezondheid

Bouw en energietransitie

0% Wel logisch

10%

20%

30%

40%

Een beetje logisch

50%

60%

Niet logisch

70%

80%

90%

100%

Weet niet

Bron: Rekenkamer Utrecht (2021), Internetenquête onder ondernemers

Een minderheid van de geënquêteerde ondernemers denkt dat zij met hun activiteiten bijdragen aan het behalen van de algemene doelstelling van het economisch beleid. Om toekomstbestendige werkgelegenheid en werknemers te realiseren, is het noodzakelijk dat ondernemers en samenwerkingspartners met hun activiteiten aansluiten op de doelen en inzet van de gemeente. We zijn daarom nagegaan in hoeverre ondernemers en samenwerkingspartners de activiteiten van hun bedrijf daarbij laten aansluiten. We constateren dat een minderheid van de ondernemers denkt bij te dragen aan het behalen van de doelstelling. Van de ondervraagde ondernemers denkt ongeveer een derde (37%) dat zij met hun onderneming bijdraagt aan het behalen van de algemene doelstelling van het programma Economie & Werkgelegenheid voor Iedereen. Een deel van de samenwerkingspartners geeft aan bij te dragen aan de algemene doelstelling door potentiële werknemers op te leiden of te faciliteren naar werk. Het gaat hierbij niet alleen over toekomstbestendige werkgelegenheid.148 Activiteiten van samenwerkingspartners helpen ook potentiële werknemers naar banen die de gemeente niet als toekomstbestendig typeert.

Dit komt bijvoorbeeld doordat er regelmatig sprake is van een mismatch tussen de kwalificaties en vaardigheden van werknemers en de kwalificaties en vaardigheden die voor toekomstbestendig werk (bijvoorbeeld in de marktgroepen) worden gevraagd.149

148 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners 149 Rekenkamer Utrecht (2021). Interview gemeente Utrecht.

78

Figuur 5.6

Ongeveer een derde van de geënquêteerde ondernemers denkt met hun onderneming bij te dragen aan de algemene doelstelling (n = 1.053).

Ik denk dat mijn bedrijf bijdraagt aan het halen van deze algemene doelstelling van het Programma Economie & Werkgelegenheid voor iedereen 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% (Helemaal) mee eens

Niet eens, niet oneens

(Helemaal) mee oneens

Weet niet

Bron: Rekenkamer Utrecht (2021), Internetenquête onder ondernemers

5.2.2 ONDERNEMERS ONVOLDOENDE BETROKKEN Ondernemers geven in de enquête een onvoldoende voor de mate waarop de gemeente hen betrekt bij de totstandkoming en uitvoering van het beleid. Dit geldt ook voor de manier waarop de gemeente de samenwerking zoekt bij de totstandkoming en de uitvoering van het beleid. Contact met de gemeente wordt daarentegen wel als positief ervaren. Het betrekken van ondernemers bij de totstandkoming en uitvoering van beleid helpt om draagvlak te creëren voor wat de gemeente doet. Ook neemt door ondernemers te betrekken hun kennis van het beleid en de inzet van de gemeente toe. Een randvoorwaarde hierbij is dat het contact als positief ervaren wordt. We hebben daarom onderzocht wat ondernemers en samenwerkingspartners vinden van de manier waarop zij bij de totstandkoming en uitvoering van het beleid betrokken worden. Ook hebben we onderzocht hoe ondernemers contact met de gemeente ervaren. We constateren dat ondernemers in de enquête niet overwegend positief zijn over de mate waarop de gemeente hen betrekt en de samenwerking zoekt bij de totstandkoming en de uitvoering van het beleid. De helft (49%-50%) van de ondernemers heeft geen mening over de wijze waarop de gemeente ondernemers betrekt. Van de geënquêteerde ondernemers met een mening geeft de helft de gemeente een (on)voldoende op beide vlakken.

Het gemiddelde cijfer is zowel voor het betrekken van ondernemers bij de totstandkoming van het beleid als voor het betrekken van ondernemers bij de uitvoering onvoldoende (5,1/10 en 4,9/10 respectievelijk). Geënquêteerde ondernemers die contact hebben gehad met de gemeente, ervaren dit over het algemeen wel als positief.150

150 Rekenkamer Utrecht (2021). Internetenquête onder ondernemers; Tabel G.7

79

Figuur 5.7

Een meerderheid heeft geen mening over de mate waarop de gemeente ondernemers betrekt in verschillende fases van beleidsvoering (n = 1.053).

De wijze waarop de gemeente ondernemers betrekt en de samenwerking zoekt bij de totstandkoming van beleid

De wijze waarop de gemeente ondernemers betrekt en de samenwerking zoekt bij de uitvoering van beleid 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90%100% 5 of lager (onvoldoende)

6 of hoger (voldoende)

Weet niet / geen mening

Bron: Rekenkamer Utrecht (2021), Internetenquête onder ondernemers

Geënquêteerde ondernemers zien de gemeente Utrecht het liefst als partner of ondernemende gemeente, maar ervaren vaker een normerende gemeente. Gemeenten kunnen verschillende rollen aannemen. Gemeenten laten voornamelijk een normerende rol zien waarbij de nadruk ligt op handhaving van wet- en regelgeving. Ondernemers zien gemeenten juist graag als partner of in een ondersteunende rol. In deze rollen staan onder andere samenwerking en verbinding centraal. De ontevredenheid van de ondernemers over de mate waarin de gemeente hen betrekt bij het beleid komt mogelijk doordat de gemeente een andere rol aanneemt dan ondernemers wenselijk vinden. Daarnaast kan bij een discrepantie tussen de gewenste en de getoonde rol ook de waardering van ondernemers voor het ondernemingsklimaat afnemen.151 We constateren dat geënquêteerde Utrechtse ondernemers de gemeente graag zien als partner of ondersteunende gemeente, maar dat ondernemers deze rollen in mindere mate ervaren. Figuur 5.8 geeft weer dat een kwart (26%) van de ondernemers de gemeente het liefst ziet als partner. Ook een ondersteunende gemeente wordt voor een kwart (25%) van de ondernemers als voorkeur benoemd. Daarentegen heeft ongeveer een kwart (24%) van de ondernemers die de afgelopen drie jaar contact hebben gehad, de gemeente Utrecht ervaren als een normerende gemeente waarbij de wet- en regelgeving centraal stond.

Slechts een klein deel heeft de gemeente ervaren als partner (7%) of ondersteunende gemeente (7%).

151 I&O Research (2020). Ondernemers: gemeente nog te normerend. Geraadpleegd via

https://www.ioresearch.nl/actueel/ondernemers-gemeente-te-normerend/

80

Figuur 5.8

Ondernemers zien de gemeente het liefst als partner en ondersteunende gemeente, maar ervaren de gemeente vaker als normerend (n = 1.053).

Welke omschrijving bij het contact tussen de gemeente en uw bedrijf vindt u het meest wenselijk

Welke omschrijving bij het contact tussen de gemeente en uw bedrijf was in de afgelopen 3 jaar voor u van toepassing?

0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% De ondernemende gemeente: resultaatgericht, initiatiefrijk, innovatief De gemeente als partner: samenwerkend, stimulerend, relatiegericht De normerende gemeente: wet- en regelgeving, handhavend, regisserend De ondersteunende gemeente: faciliterend, verbindend, kennisbaak Weet ik niet Niet van toepassing Bron: Rekenkamer Utrecht (2021), Internetenquête onder ondernemers

We constateren dat samenwerkingspartners, in tegenstelling tot de bevraagde ondernemers, over het algemeen positief zijn over de samenwerking met de gemeente.152 In de samenwerking stelt de gemeente zich vaker op als ondersteunende gemeente. Deze trekkers- en faciliterende houding van de gemeente zorgt voor ervoor dat partijen samenkomen en activiteiten worden opgepakt en versneld kunnen worden uitgevoerd.153 Het contact met de gemeente wordt daarnaast als prettig ervaren.154 5.2.3 GEEN OORDEEL OVER EFFECTIVITEIT MOGELIJK Vanwege het ontbreken van voldoende kwantitatieve en kwalitatieve informatie over de behaalde prestaties en effecten is het niet mogelijk om de effectiviteit van het economisch beleid te beoordelen. Uit data blijkt dat de Utrechtse economie goed presteert, maar de samenhang met het de inzet van de gemeente is niet te herleiden. De indicatoren zijn de afgelopen jaren gewijzigd en kregen vaak geen realisatiewaarden. Om een oordeel te kunnen geven over de effectiviteit van het beleid is kwalitatieve en kwantitatieve informatie over de behaalde prestaties en effecten nodig. Dit is nodig om voor de gemeenteraad en de partijen waarmee de gemeente samenwerkt inzichtelijk te maken 152 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 153 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners; Rekenkamer Utrecht (2021). Interview

gemeente Utrecht. 154 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners.

81

wat er is bereikt met het beleid en (waar nodig) bij te sturen. Kwantitatieve informatie is afkomstig uit de data-analyse en de analyse van de effect- en prestatie-indicatoren in de jaarstukken van 2018, 2019 en 2020. Wij zijn in de interviews met de samenwerkingspartners en in de enquête onder ondernemers nagegaan hoe zij de effectiviteit van het economisch beleid beoordelen. In hoofdstuk 2 hebben we een beeld geschetst van de ontwikkeling van de Utrechtse economie. Daaruit blijkt dat de Utrechtse economie behoort tot één van de best presterende regio’s van de Europese Unie. Het aantal banen en vestigingen is de afgelopen tien jaar sterk toegenomen en ook de potentiële beroepsbevolking nam diezelfde periode toe. In vergelijking met andere G4-steden presteert de Utrechtse economie goed, ondanks het relatief kleine budget voor economische zaken. We constateren dat de effect- en prestatie-indicatoren van het programma Economie & Werkgelegenheid voor Iedereen in de jaren 2018, 2019 en 2020 zijn gewijzigd (zie figuur 5.9). Dit geldt voor zowel de verplichte BBV-indicatoren als de indicatoren per (sub)doelstelling. We zien daarnaast dat bijna de helft van de indicatoren geen realisatiewaarden heeft.

De gemeente verklaart dit door het ontbreken of niet tijdig beschikbaar zijn van data die nodig zijn om dit in te vullen.155 Voor een nadere uitsplitsing van deze tabel verwijzen wij naar bijlage 5 waarin voor deze jaren de hele analyse is terug te vinden.

Figuur 5.9

Effect- en prestatie-indicatoren in de jaarstukken meerdere keren gewijzigd en onvoldoende ingevuld

Onderwerp

2018

2019

2020

Aantal BBV-indicatoren

2

0

3

Aantal (relevante*) overige indicatoren

14

14

3

Aantal indicatoren doelstelling behaald

4

6

1

Aantal indicatoren realisatie niet ingevuld

6

6

2

Aantal indicatoren doelstelling niet gehaald

4

2

0

Bron: Gemeente Utrecht, jaarstukken 2018, 2019, 2020. Bewerking RKU *) indicatoren op toerisme en evenementen laten we buiten beschouwing

Ook de bevraagde medewerkers van de gemeente, ondernemers en samenwerkingspartners weten niet in hoeverre de inzet van de gemeente Utrecht bijdraagt aan het behalen van de doelstellingen.

155 Rekenkamer Utrecht (2021). Interview gemeente Utrecht.

82

Geïnterviewden binnen de gemeentelijke organisatie zijn van mening dat de resultaten lastig meetbaar zijn.156 Op de meeste onderdelen van het economisch beleid wordt wel gerapporteerd over de geleverde prestaties. Een voorbeeld hiervan zijn de jaarplannen van de vier marktgroepen waarin de ontwikkelingen in de projecten en activiteiten worden beschreven. Dit biedt echter geen inzicht in het doelbereik en de effectiviteit van de marktgroepenaanpak in zijn geheel.157 Een ander voorbeeld is het jaarverslag van de ROM dat ieder jaar met de gemeenteraad gedeeld wordt. Hieruit valt onder andere op te maken hoeveel bedrijven, banen en investeringen zijn aangetrokken. Over de mate waarin de gemeente Utrecht bijdraagt verschillen de meningen: een deel is van mening dat hierdoor veel extra activiteiten plaatsvinden, anderen menen dat er ook veel zou gebeuren zonder dat de gemeente daar een rol in speelt.158

Samenwerkingspartners vinden de relatie tussen de doelen, prestaties en effecten lastig te beoordelen.159 Verschillende samenwerkingspartners benadrukken het belang van de gemeente Utrecht in het bij elkaar brengen van partijen.160 Samenwerkingspartners zien verbetermogelijkheden in een grotere bekendheid van het beleid en de doelen en van de instrumenten die beschikbaar zijn.161 Ook de samenwerking met de ondernemers en de kennisinstellingen (vooral hbo en universiteit) en medeoverheden wordt als verbeterpunt benoemd. De invloed van de gemeente Utrecht op landelijk niveau wordt om verschillende redenen als beperkt gezien. Dit wordt vooral verklaard door een onbekend profiel, andere lokale prioriteiten, een relatief kleine stad, maar ook door onvoldoende regie.162 Een groot deel van de geënquêteerde ondernemers geeft aan niet te kunnen inschatten in hoeverre de gemeente bijdraagt aan de gestelde doelstellingen (figuur 5.10). Daarnaast valt op dat meer ondernemers weinig of (helemaal) niets van de inzet van de gemeente op de doelstellingen merken dan (heel) veel. Een uitzondering is de prestatiedoelstelling ‘voldoende ruimte om te werken en verblijven in een aantrekkelijke stad’. Een ongeveer even groot deel van de ondernemers merkt hier (heel) veel, weinig en (helemaal) niets van.

Er zijn geen grote verschillen in het oordeel van zzp’ers, micro- en kleine bedrijven en (middel)grote bedrijven.163

156 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente Utrecht. 157 Gemeente Utrecht (2021). Jaarplan 2021. Marktgroep Bouw, Techniek & Energietransitie; Gemeente Utrecht

(2021). Jaarplan 2021 Marktgroep ICT & Digitale Vaardigheden; Gemeente Utrecht (22 april 2021). Jaarplan Marktplan Gezondheid; Gemeente Utrecht (juli 2020). Organisatie- & uitvoeringsplan Utrecht Leert 2020– 2022. 158 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente Utrecht. 159 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 160 Rekenkamer Utrecht (2021). Interview gemeente Utrecht; Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 161 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 162 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews gemeente Utrecht; Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 163 Rekenkamer Utrecht (2021). Uitkomsten Enquête onder Utrechtse Ondernemers. Tabel K.4 t/m K.7.

83

Figuur 5.10

Een groot deel van de geënquêteerde ondernemers kan niet inschatten in hoeverre de gemeente bijdraagt aan de gestelde doelstellingen (n = 1.053). Een toekomstbestendige voorraad van werklocaties, die aansluit op de werkgelegenheidsbehoefte in de stad

De markgroepen bouw en energietransitie, gezondheid, onderwijs, ICT en digitale vaardigheden Voldoende ruimte om te werken en verblijven in een aantrekkelijke stad Het vergroten van toekomstbestendige werknemers en werkgelegenheid 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90%100% (Heel) veel

Weinig

(Helemaal) niet

Weet niet / geen mening

Bron: Rekenkamer Utrecht (2021). Internetenquête onder ondernemers

Naast de programmadoelstelling om te zorgen voor voldoende toekomstbestendige werkgelegenheid en werknemers, streeft de gemeente Utrecht ook naar een goed vestigings- en investerings- en ondernemingsklimaat. We hebben de ondernemers ook gevraagd hoe zij die aspecten beoordelen. Een groot deel van de geënquêteerde ondernemers zegt ook hierbij dit niet te weten of er geen mening over te hebben (figuur 5.11). Over het vestigingsklimaat is nog bijna een derde positief, maar over de arbeidsmarkt slechts 13%. Bij het investeringsklimaat onthoudt twee derde van de ondernemers zich van een oordeel en is maar 8% van mening dat dit (zeer) goed is.

Figuur 5.11

Grote delen van de geënquêteerde ondernemers hebben geen mening over het vestigingsklimaat, de arbeidsmarkt en het investeringsklimaat in de gemeente Utrecht

Aantrekkelijkheid voor vestiging (vestigingsklimaat)

Mogelijkheid om passende werknemers te vinden (arbeidsmarkt)

Mogelijkheid om aan financiering te komen (investeringsklimaat) 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% (Zeer) goed

Niet goed en niet slecht

(Zeer) slecht

Bron: Rekenkamer Utrecht (2021). Internetenquête onder ondernemers

84

Weet niet / geen mening

We zijn nader ingegaan op het ondernemingsklimaat en constateren daarbij dat een meerderheid van de ondernemers het ondernemingsklimaat gemiddeld een voldoende geeft. Gemiddeld krijgt het een 6,4 en er is dus zeker ruimte voor verbetering.164 Tussen 2014 en 2021 is de beoordeling van het ondernemingsklimaat onder ondernemers niet toe- of afgenomen.165 Bij het waarderen van het ondernemingsklimaat wegen ondernemers bepaalde aspecten zwaarder dan andere. Bereikbaarheid en infrastructuur worden door de helft van de ondernemers als erg belangrijk ervaren. Ook onderwerpen als parkeren, voldoende (gekwalificeerd) personeel, ruimte om te ondernemen en leefbaarheid en veiligheid worden door ongeveer een kwart van de ondernemers belangrijk gevonden.166 Deze onderwerpen worden ook door samenwerkingspartners op de geselecteerde werklocaties genoemd.167 Daarnaast constateren we dat geënquêteerde ondernemers zich moeilijk een mening kunnen vormen over de inspanningen van de gemeente om het ondernemingsklimaat te verbeteren. Zoals in figuur 5.12 te zien is, kan de helft van de ondernemers niet beoordelen of de gemeente zich voldoende inspant voor de verbetering van het ondernemingsklimaat.

Op bepaalde vlakken zoals bereikbaarheid en verkeersveiligheid zien samenwerkingspartners de inzet van de gemeente terug.168 Andere partners vinden dat juist deze onderwerpen meer aandacht mogen krijgen.169

Figuur 5.12

De meeste geënquêteerde ondernemers hebben geen mening over de inspanningen van de gemeente om het ondernemingsklimaat te verbeteren (n = 1.053).

In hoeverre spant de gemeente zich in voor de verbetering van het ondernemings-klimaat?

0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% (Zeer) goed

Niet goed en niet slecht

(Zeer) slecht

Weet niet

Bron: Rekenkamer Utrecht (2021), Internetenquête onder ondernemers

164 Rekenkamer Utrecht (2021). Internetenquête onder ondernemers; Tabel E.1 165 Waarstaatjegemeente (z.d.). Bedrijvigheid en economie gemeente Utrecht. Geraadpleegd via

https://www.waarstaatjegemeente.nl/dashboard/dashboard/bedrijvigheid-en-economie/ 166 Rekenkamer Utrecht (2021). Internetenquête onder ondernemers; Tabel E.2 167 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 168 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners. 169 Rekenkamer Utrecht (2021). Interviews samenwerkingspartners.

85

5.3

NORMENKADER

In tabel 5.13 is het normenkader opgenomen. Hierin wordt de relatie gelegd tussen de onderzoeksvragen, de normen en bijbehorende criteria en de beoordeling. Tabel 5.13

Normen en criteria thema ‘doelbereik en effectiviteit’

Onderzoeksvraag

Norm

Criteria

Beoordeling

6: Welke oordelen en opvattingen hebben

De stakeholders zijn bekend met het

Ondernemers en samenwerkingspartners

Meer dan de helft van de geënquêteerde ondernemers is

stakeholders (met

economisch beleid

op economisch terrein

niet bekend met de doelen van

name ondernemers en van de gemeente samenwerkingspartner Utrecht.

zijn bekend met de doelen en inzet van de

het programma Economie & Werkgelegenheid voor

s) over de prestaties en effecten van het

gemeente.

Iedereen. Ook de specifieke inzet van de gemeente Utrecht

economische beleid van de gemeente

op de vier marktgroepen en de werklocaties is bij een

Utrecht

meerderheid onbekend. De stakeholders steunen in grote

Ondernemers en samenwerkingspartners

Meer dan de helft van de geënquêteerde ondernemers

mate de doelen van het economisch

herkennen en onderschrijven de

heeft inhoudelijk geen uitgesproken mening over de

beleid, en de inzet van de gemeente

doelen van het economisch beleid.

gestelde doelen. Samenwerkingspartners zijn

Utrecht daarbij.

over het algemeen positief, maar zien ook verbetermogelijkheden. Ondernemers en samenwerkingspartners

Ondernemers geven de gemeente een onvoldoende

waarderen de inzet van de gemeente Utrecht op

voor de mate waarop de gemeente hen betrekt. Contact

economisch terrein en

met de gemeente wordt

sluiten daar in hun activiteiten op aan.

daarentegen wel als positief ervaren. Een minderheid van de geënquêteerde ondernemers denkt dat zij met hun activiteiten bijdragen aan het behalen van de algemene doelstelling van het economisch beleid.

86

De stakeholders

Ondernemers en

Ondernemers weten niet in

oordelen positief

samenwerkingspartners

hoeverre de inzet van de

over de prestaties en effecten van het

zien een belangrijke bijdrage van de

gemeente bijdraagt aan het behalen van de doelstellingen.

economisch beleid van de gemeente

gemeente Utrecht aan de prestaties en effecten

Samenwerkingspartners benadrukken het belang van de

Utrecht.

van het economisch beleid.

inzet van de gemeente Utrecht, maar doen geen uitspraak over de effectiviteit van het beleid als geheel.

7. In hoeverre zijn de

De gemeente

Bij de gestelde prestatie- Uit data blijkt dat de Utrechtse

doelen van het economisch beleid

Utrecht bereikt de gestelde prestatie-

en effectindicatoren voldoet de gemeente

economie goed presteert, maar de samenhang met het de inzet

bereikt en zijn deze aanwijsbaar het

en effectdoelen.

Utrecht aan de vooraf gestelde doelstellingen.

van de gemeente is niet te herleiden. De indicatoren zijn

gevolg van het door de

de afgelopen jaren gewijzigd en

gemeente Utrecht gevoerde beleid?

kregen vaak geen realisatiewaarden. Daarmee geven deze indicatoren ook geen inzicht in de mate waarin de doelen zijn bereikt en aanwijsbaar het gevolg zijn van het gevoerde beleid. Het is aannemelijk dat de prestatie- en

De gemeente Utrecht, ondernemers en

De bevraagde medewerkers van de gemeente en de

effectdoelen (mede) bereikt worden door

samenwerkingspartners geven aan op welke

geënquêteerde ondernemers geven aan niet te kunnen

de inzet van de gemeente Utrecht.

manier en in welke mate de gemeente bijdraagt

inschatten in hoeverre de inzet van de gemeente Utrecht

aan de realisatie van de

bijdraagt aan het behalen van

prestaties en effecten van het beleid.

de doelstellingen. Een groot deel zegt ook geen mening te kunnen geven over de bijdrage van de gemeentelijke inspanningen aan het ondernemings- en vestigingsklimaat. Samenwerkingspartners benadrukken het belang van de inzet van de gemeente Utrecht, maar doen geen uitspraak over de effectiviteit van het beleid als geheel.

87

COLOFON Fotograaf voorpagina: Robert Oosterbroek Fotograaf bestuurlijk rapport: Kamiel Scholten Fotograaf nota van bevindingen: Gerrit Serne Fotograaf omslag hoofdstuk 2: Edwin van Wanrooij Fotograaf omslag hoofdstuk 3: Claire Bontje Fotograaf omslag hoofdstuk 4: Rekenkamer Utrecht Fotograaf omslag hoofdstuk 5: Kamiel Scholten

88

BIJLAGE 1 AFKORTINGEN Afkorting

Betekenis

B&W

Burgemeester en wethouders

BBV

Besluit Begroting en Verantwoording

BSBB

Stimuleren bedrijven

CBS

Centraal Bureau voor de Statistiek

CPB

Centraal Planbureau

EBU

Economic Board Utrecht

EZK

Economische Zaken en Klimaat

G4

De vier grootste steden in Nederland

ha

hectare

KvK

Kamer van Koophandel

LEF

Lokaal Economisch Fonds

LISA

Landelijk Informatiesysteem van Arbeidsplaatsen

MKB

Midden en Kleinbedrijf

mld.

miljard

NOW

Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid

OCW

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

OFU

Ondernemersfonds Utrecht

P&C

Planning en control

PAR

Provinciaal Arbeidsplaatsen Register

REA

Regionale Economische Agenda

REP

Ruimtelijk-Economisch Programma

REK

Ruimtelijk-Economische Koers

RIF

Regionaal Investeringsfonds

RKU

Rekenkamer Utrecht

RMT

Regionaal Mobiliteitsteam

ROM

Regionale Ontwikkelmaatschappij

SER

Sociaal Economische Raad

SZW

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

TOGS

Tegemoetkoming Ondernemers Getroffen Sectoren

TOZO

Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandige Ondernemers 89

TVL

Tegemoetkoming Vaste Lasten

URECA

Utrecht Regionale Economische Corona Alliantie

UWV

Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen

WOM

Wijkontwikkelmaatschappij

WVG

Wet Voorkeursrecht Gemeente

zzp

Zelfstandige zonder personeel

90

BIJLAGE 2 GERAADPLEEGDE BRONNEN GERAADPLEEGDE PERSONEN Gemeente Utrecht, ambtelijke organisatie: ▪ Opgavemanager ▪ Strategisch adviseur ▪ Bestuurlijk contactpersoon ▪ Business controller ▪ Deelprogrammamanager vestigingsklimaat ▪ Deelprogrammamanager investeringsklimaat ▪ Deelprogrammamanager arbeidsmarkt ▪ Beleidsadviseur/projectleider ▪ Senior beleidsadviseurs / projectleiders werklocaties ▪ Beleidsadviseur / projectleider werklocaties ▪ Marktgroepcoördinator Bouw, Energie en Techniek ▪ Marktgroepcoördinator Gezondheid ▪ Marktgroepcoördinator Onderwijs ▪ Marktgroepcoördinator ICT en digitale vaardigheden ▪ Beleidsadviseur / projectleider Werk en Inkomen ▪ Regiocoördinator Utrechtse Werktafel ▪ Senior beleidsonderzoeker Samenwerkingspartners: ▪ Provincie Utrecht ▪ Economic Board Utrecht (EBU) ▪ Universiteit Utrecht ▪ Rabobank ▪ MKB-Nederland Utrecht ▪ Regionale Ontwikkelmaatschappij (ROM) regio Utrecht ▪ Utrechtse Werkbedrijven (UW) ▪ Overvecht Vastgoed/ Ondernemersvereniging Nieuw Overvecht ▪ ROC Midden-Nederland (Tech Campus) ▪ ROC Midden-Nederland (Gezondheidscollege) ▪ MBO Utrecht ▪ UWV ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Stichting Utrecht Science Park Centrummanagement Utrecht (CMU) Ondernemingsvereniging Shoppingcenter Overvecht Parkmanagement Lage Weide Vereniging Parkmanagement Papendorp

91

GERAADPLEEGDE DOCUMENTEN Gemeentelijke documenten (chronologisch): ▪ Gemeente Utrecht (januari 2012). Economische agenda Utrecht 2012 – 2018. ▪ Gemeente Utrecht (10 april 2018). Raadsbrief Werkgelegenheid van de toekomst. ▪ Gemeente Utrecht (4 december 2018). Raadsbrief Verkenning Regionale Ontwikkelmaatschappij. ▪ Gemeente Utrecht (18 februari 2019). Kantorenbrief 2019. ▪ Gemeente Utrecht (12 maart 2019). Raadsbrief Werk voor Iedereen. ▪ Gemeente Utrecht (16 mei 2019). Voorjaarsnota 2019/ Eerste Bestuursrapportage 2019. ▪ Gemeente Utrecht (28 mei 2019). Raadsbrief Versterken ecosysteem voor starters en groeiers. ▪ Gemeente Utrecht (6 juni 2019). Jaarstukken 2018. ▪ Gemeente Utrecht (25 juni 2019). Raadsbrief Werk voor Iedereen. ▪ Gemeente Utrecht (16 juli 2019). Raadsbrief Voortgang Regionale Ontwikkelingsmaatschappij en Regionale Economische Agenda. ▪ Gemeente Utrecht (18 juli 2019). Raadsbesluit Voortzetting Ondernemersfonds Utrecht na 2019. ▪ Gemeente Utrecht (14 november 2019). Raadsbrief Monitor Lokaal Economisch Fonds. ▪ Gemeente Utrecht (20 maart 2020). Raadsbrief Nadere informatie steunmaatregelen. ▪ Gemeente Utrecht (8 mei 2020). Jaarstukken 2019. ▪ Gemeente Utrecht (18 mei 2020). Raadsbrief Update regionale economische samenwerking. ▪ Gemeente Utrecht (19 juni 2020). Raadsbrief Onderzoek werklocaties en uitwerkingsrichting. ▪ Gemeente Utrecht (19 juli 2020).

Raadsbrief Beknopte update fonds Mismatch. ▪ Gemeente Utrecht (25 juni 2020). Raadsbrief Werk voor Iedereen. ▪ Gemeente Utrecht (2021). Visie Digitale Stad 2021-2025. ▪ Gemeente Utrecht (2021). Ruimtelijke Strategie Utrecht. ▪ Gemeente Utrecht (28 januari 2021). Raadsbrief Onderzoek naar de uitvoering van Werken aan werk in Utrecht. ▪ Gemeente Utrecht (maart 2021). Omgevingsvisie Merwedekanaalzone. ▪ Gemeente Utrecht (april 2021). Ruimtelijke Strategie Utrecht 2040. ▪ Gemeente Utrecht (8 april 2021). Raadsbrief Uitwerking maatregelenpakket 3 Werken, Opleiden en Begeleiden. ▪ Gemeente Utrecht (9 april 2021). Raadsbrief Samenwerkingsplan 'Morgen Mooier Maken’ voor beperken leegstand binnenstad Utrecht. ▪ Gemeente Utrecht (20 mei 2021). Omgevingsprogramma Aanpak meest kwetsbare winkelgebieden Utrecht 2021-2022. ▪ Gemeente Utrecht (28 mei 2021). Jaarstukken 2020. ▪ Gemeente Utrecht (concept 11 juni 2021). Omgevingsvisie Utrecht Science Park 2040. ▪ Gemeente Utrecht (9 juni 2021). Raadsbrief Beantwoording raadsreacties Maatregelenpakket 3 Werken, Opleiden en Begeleiden. 92

▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Gemeente Utrecht (15 juni 2021). Raadsbrief Samenwerkingsovereenkomst en Nadere regel subsidie aanpak leegstand binnenstad gemeente Utrecht. Gemeente Utrecht (15 juni 2021). Raadsbrief Aanpak meest kwetsbare winkelgebieden. Gemeente Utrecht (17 juni 2021). Omgevingsvisie Binnenstad Utrecht 2040. Gemeente Utrecht (23 juni 2020). Raadsbrief Onderzoek werklocaties en uitwerkingsrichtingen. Gemeente Utrecht (30 juni 2021). Meerjarenraming Werkgelegenheid voor Iedereen. Gemeente Utrecht (2 juli 2021). Raadsbrief Aanbiedingsbrief jaarverslag ROM. Gemeente Utrecht (14 september 2021). Raadsbrief Verlenging citydeal Health Hub Utrecht en Samenwerkingsovereenkomst. Gemeente Utrecht (16 september 2021). Programmabegroting 2022. Gemeente Utrecht (29 september 2021). Raadsbrief Voortgang Plan van Aanpak Rekenkamerrapport ‘Leren om mee te kunnen doen’.

Interne documenten Gemeente Utrecht: ▪ Gemeente Utrecht (2021). Jaarplan 2021. Marktgroep Bouw, Techniek & Energietransitie. ▪ Gemeente Utrecht (22 april 2021). Jaarplan Marktplan Gezondheid. ▪ Gemeente Utrecht (juli 2020). Organisatie- & uitvoeringsplan Utrecht Leert 2020 – 2022. Schriftelijke vragen en moties ▪ PvdA, VVD, D66, Student & Starten, ChristenUnie, CDA (9 november 2017). Motie 2017/187 Match de werkgelegenheid van de toekomst ▪ Gemeente Utrecht (15 mei 2019). SV 2019, nr. 108 over Openen winkels door burgemeester of wethouder (met antwoord) ▪ Gemeente Utrecht (16 februari 2020). SV 2020 nr. 038 Winkelen in onze aantrekkelijke binnenstad (met antwoord) ▪ Gemeente Utrecht (6 oktober 2020). SV 2020 nr. 229 Huurkorting ondernemers in coronacrisis (met antwoord) ▪ Gemeente Utrecht (2 februari 2021). SV 2021 nr. 24 Aanvragen corona overbruggingsleningen bij de ROM (met antwoord) Andere bronnen: ▪ Future Consult (versie januari 2018). Werk maken van de toekomst. ▪ PWC (maart 2018). Rapport Kansen in een topregio; Versterken van het Utrechtse ecosysteem ▪ GroenLinks, D66 en ChristenUnie (1 juni 2018). Utrecht. Ruimte voor iedereen. Coalitieakkoord GroenLinks, D66, ChristenUnie. Utrecht 2018-2022 ▪ Future Consult (versie januari 2018). Werk maken van de toekomst. ▪ Gemeente Utrecht. Een analyse van acht opkomende markten en aanknopingspunten voor governance.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Utrecht&id=9026d208-ff9d-41be-868e-94a3ba6bf181