14e raadsvergadering 13 oktober 2022.docx
Tekst van het document
Mevrouw Hornsveld (GroenLinks) begrijpt dat het niet vandaag of morgen kan zijn opgelost, maar een jaar is wel heel lang.
Mevrouw Streefland (wethouder) zou het heel mooi vinden als er acht aanbieders van specialistische
hulpmiddelen zouden zijn, want dan zou dit zijn opgelost. Zij moet echter een reëel verhaal houden, maar dat wil niet zeggen dat zij doof of blind is voor deze signalen.
De heer Bos (Stadsbelang) meent dat de motie eigenlijk oproept tot een vrij reactieve houding ten aanzien van het betalen van levering en reparatie van hulpmiddelen achteraf, mocht het voor de
klant niet naar wens zijn. Is het niet veel handiger om dat van de voorkant te borgen, zoals de PvdA stelt, en daar te zoeken naar wat meer maatwerk en de oplossing niet te zoeken in het dictum van deze motie?
Mevrouw Streefland (wethouder) stelt dat het streven aan de voorkant er sowieso op gericht moet
zijn dat met goede communicatie en de juiste middelen wordt gezorgd voor veel levensplezier. Het gebeurt al zeker wel, maar soms moet het ook achteraf. Er moet soms ook bijgestuurd worden. Mevrouw Ramaker (VVD) trekt motie 282 in. De voorzitter constateert dat er geen behoefte is aan een tweede termijn. De besluitvorming zal plaatsvinden aan het einde van de raadsvergadering.
De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst. Na heropening van de vergadering stelt de voorzitter aan de orde: 18. Raadsvoorstel Vaststellen Bestemmingsplan Woningbouw Haarrijn en Haarrijnseplas; verplaatsing grens bebouwde kom Maarssenseweg/Heldinnenlaan.
Mevrouw Snippe (PvdD) stelt dat de Partij voor de Dieren zich tijdens de commissievergadering
duidelijk heeft uitgesproken. De partij wil geen woningbouw in en rondom de Haarrijnseplas. De fractie zal dan ook tegen het voorliggende raadsvoorstel stemmen. De aanwezige flora en fauna
Raadsvergadering van 13 oktober 2022
24
moeten worden gekoesterd. De fractie zal wel een aantal voorstellen indienen om te proberen de
schade te beperken. Zo zou de PvdD graag zien dat er geen watervilla’s komen in de natuurplas, die de westelijke helft van de Haarrijnseplas is. Talloze planten en dieren gaan ernstige hinder
ondervinden als de plannen van het college doorgang vinden. Daarom dient mevrouw Snippe
amendement 81 (Weg met de watervilla's') in, mede namens de fracties van BIJ1 en EenUtrecht. Hierin wordt aan het raadsvoorstel toegevoegd dat er geen woningen in en boven het wateroppervlak van de Haarrijnseplas worden toegestaan en dat het college wordt gemandateerd de vervallen locaties
voor drijvende woningen financieel te compenseren door 1,3 miljoen euro uit de reeds overgeboekte middelen betaalbaar wonen te laten terugvloeien naar het financieel kader Leidsche Rijn.
De heer Te Hoonte (VVD) is verward. In zijn beleving zijn waterwoningen en drijvende woningen juist de oplossing in het kader van klimaatadaptatie en dergelijke vraagstukken. Hier hoort hij de PvdD vaak over en nu is de partij tegen deze waterwoningen. Waar zit dat specifiek in?
Mevrouw Snippe (PvdD) antwoordt dat met 25 watervilla’s de klimaatcrisis en de wooncrisis niet opgelost worden.
De heer Van der Zweth (PvdA) vraagt waarvan het ten koste gaat als die 1,3 miljoen niet overgeboekt wordt.
Mevrouw Snippe (PvdD) antwoordt dat het college in het amendement gemandateerd wordt om het op te lossen. Zij heeft het financiële plaatje uitgezocht en wil daar nu niet in duiken.
De heer Van der Zweth (PvdA) begrijpt dat de PvdD daar niet in wil duiken. Er wordt dan 1,3 miljoen minder afgeboekt naar betaalbaar wonen. Dat fonds zou ergens voor gebruikt worden. Wat zijn volgens de PvdD de consequenties als er een flink budget uit die pot wordt gehaald?
Mevrouw Snippe (PvdD) antwoordt dat de storting gedekt kan worden ten laste van de middelen
betaalbaar wonen. Het idee van het amendement is dat het college gemandateerd wordt de vervallen locaties voor drijvende woningen financieel te compenseren door 1,3 miljoen euro uit de reeds
overgeboekte middelen betaalbaar wonen te laten terugvloeien naar het financieel kader Leidsche Rijn.
De heer Van der Zweth (PvdA) stelt dat er 7 miljoen uit het hele plan, waaronder die 1,3 miljoen, wordt gereserveerd voor betaalbaar wonen om op andere plekken betaalbare of sociale
huurwoningen te realiseren. Als die 1,3 miljoen eruit worden gehaald kunnen er iets meer dan 100
sociale woningen niet op een andere plek gebouwd worden. De heer Van der Zweth wil aan de PvdD meegeven dat dat de afweging is die hier wordt gemaakt. In de Haarrijnseplas komen er minder woningen, maar elders in de stad nog veel minder.
Mevrouw Snippe (PvdD) heeft die 7 miljoen eerder gehoord. In de commissie werd er zelfs gesproken over 10 miljoen. Zij heeft hier echter geen financieel plaatje van gezien. Bovendien kan er ook niet alvast geld gereserveerd worden voor een plan dat nog niet eens door de gemeenteraad is goedgekeurd. Dit is een kromme gang van zaken.
De heer Te Hoonte (VVD) meent dat het laatste niet waar is. Wanneer er een bestemmingsplan wordt
Raadsvergadering van 13 oktober 2022
25
gemaakt, wordt daarop al geacteerd in de grondexploitatie. Is mevrouw Snippe hiervan op de hoogte en wil de wethouder daar zo op ingaan?
Mevrouw Snippe (PvdD) antwoordt dat zij ook graag de reactie van de wethouder hierop hoort. Van
de 7 miljoen waaraan gerefereerd wordt, heeft mevrouw Snippe geen plaatje gezien. Zij weet dus niet waarover gesproken wordt. Vandaag wordt er gesproken over het planologisch beeld en niet over het financieel beeld. Die 7 miljoen is niet onderbouwd. Mevrouw Snippe weet niet waar die vandaan komt.
De heer Van Vliet (D66) stelt dat de gemeente sowieso een bepaald bedrag misloopt waarmee dus geen andere dingen gedaan kunnen worden. De PvdD is ook voor andere opgaven, zoals het
organiseren van sociale huur. Daar is dan simpelweg minder geld voor beschikbaar. Is de PvdD daar dus mee akkoord?
Mevrouw Snippe (PvdD) antwoordt dat het natuurlijk niet leuk is dat daar minder geld voor is, maar voor de PvdD is de ecologische waarde van dit gebied dusdanig belangrijk dat ze hier prioriteit aan
geeft. De fractie maakt deze afweging. Sociale woningbouw zal op een andere manier georganiseerd moeten worden en niet ten koste van wat hier is.
De heer Van Vliet (D66) merkt op dat de ecoloog tijdens het werkbezoek zei dat varen de grootste
verstorende factor voor zo’n gebied is. Hier zal de raad zo nog over spreken. De watervilla’s zullen
geen impact hebben op de ecologie. Het enige probleem hiervan is dat je er dan minder makkelijk bij kunt. Is het belangrijkste argument voor de PvdD dat mensen niet meer langs de oever kunnen lopen of denkt ze ook dat het een negatieve impact heeft op de ecologie van de locatie?
Mevrouw Snippe (PvdD) denkt zeker dat watervilla’s een negatief gevolg zullen hebben voor de
ecologie. De heer Van Vliet heeft andere dingen gehaald uit het verhaal van de ecoloog dan mevrouw Snippe. Zij heeft wel degelijk begrepen, ook uit het contact dat zij zelf met hem en met anderen
heeft gehad, dat zowel de noord-zuidgradiënt als de oost-westgradiënt heel belangrijk is voor alles wat in en op het water leeft. Die watervilla’s verstoren dat wel degelijk. Daarbij komt nog de
geluidsoverlast, de lichtvervuiling en überhaupt dat mensen zich daar gaan ophouden. Op al die manieren wordt de ecologie verstoord.
Er is nu geen expliciet hengelverbod op de Haarrijnseplas, terwijl de ecologische waarde in het
gebied zo ontzettend groot is. Gezien de omvangrijke plannen die het college met het gebied heeft, kan de ecologie alle hulp gebruiken. Daarom dient mevrouw Snippe motie 284 (Hengelverbod
Haarrijnseplas) in, mede namens de fracties van Volt, ChristenUnie, DENK, BIJ1, Stadsbelang Utrecht, EenUtrecht, Utrecht Solidair, GroenLinks en Student & Starter. Hierin wordt het college opgedragen
om een verbod op hengelen in te stellen per 1 januari 2028 op zowel de westelijke als de oostelijke helft van de Haarrijnseplas en dit op te nemen in een eventueel contract dat tegen die tijd met de
AUHV gesloten wordt, voor het einde van 2022 in gesprek te gaan met de AUHV over de wens van de raad om te stoppen met hengelen bij de Haarrijnseplas met als inzet wederzijdse instemming
hierover en te overwegen of een gang naar de Kamer voor de Binnenvisserij een optie is mocht de AUHV niet nu al willen stoppen met hengelen aan de Haarrijnseplas en de raad hierover te informeren uiterlijk in het tweede kwartaal van 2023.
De heer Van Vliet (D66) vraagt wat voor de PvdD de belangrijkste reden is om in dit gebied een
Raadsvergadering van 13 oktober 2022
26
hengelverbod in te voeren. Mevrouw Snippe (PvdD) antwoordt dat de PvdD absoluut niet van hengelen houdt. Hengelen
veroorzaakt dierenleed. Bovendien wordt de ecologie in de Haarrijnseplas door alles wat er gaat
gebeuren dusdanig verstoord dat de PvdD alle mogelijke manieren wil aangrijpen om de ecologie te helpen.
De heer Van Vliet (D66) begrijpt dat voor de PvdD een van de doorslaggevende redenen is dat hier
een bijzonder stuk natuur is dat er wellicht niet op andere plekken is, waardoor een hengelverbod in dit geval urgent is.
Mevrouw Snippe (PvdD) antwoordt bevestigend.
De PvdD wil de geluidsoverlast door festivals aan de Haarrijnseplas aanpakken. Daarom dient
mevrouw Snippe amendement 84 (Pak geluidsoverlast festivals Haarrijnseplas aan) in, mede namens de fracties van Volt en CDA. Hierin wordt besloten aan beslispunt 3 van het raadsvoorstel toe te
voegen dat maximaal 12 dagen per jaar gebruik mag worden gemaakt van versterkt geluid waarbij uitzonderingen van meer dan 45 dB en 60 dB niet meer worden toegestaan.
Mevrouw Oudejans (Student & Starter) vraagt of mevrouw Snippe het ermee eens is dat een grote groep mensen wel geniet van festivals.
Mevrouw Snippe (PvdD) antwoordt bevestigend. Mevrouw Oudejans (Student & Starter) vraagt of mevrouw Snippe het ermee eens is dat festivals in sommige gevallen geluid kunnen veroorzaken.
Mevrouw Snippe (PvdD) antwoordt bevestigend. Mevrouw Oudejans (Student & Starter) vraagt of mevrouw Snippe zich ervan bewust is dat 45 dB gelijkstaat aan huiskamerniveau of een rustig kantoor en dat dat eigenlijk niet past bij festivals, terwijl mensen hier juist zo veel behoefte aan hebben in een stad als Utrecht.
Mevrouw Snippe (PvdD) antwoordt dat veel mensen in Utrecht overlast ervaren van geluid dat
festivals produceren. Momenteel worden er op deze locatie 24 dagen per jaar festivals gehouden. Straks komen er mensen te wonen. Die worden daar gek van, terwijl half Utrecht er nu al gek van wordt. Daarom komt de PvdD met dit amendement.
Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) vraagt waar mevrouw Snippe de 60 dB op baseert. Mevrouw Snippe (PvdD) antwoordt dat dit in het bestemmingsplan staat. Met dit amendement past zij het aan van 24 naar 12 dagen per jaar, waardoor er minder overlast zal zijn.
GroenLinks zal zo nog een amendement indienen voor een algeheel vaarverbod op de westelijke
helft van de Haarrijnseplas. Dit wilde mevrouw Snippe zelf al schrijven, maar dat hoefde niet meer omdat GroenLinks het al deed. Dit dient de PvdD dus met plezier mede in.
Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) vertelt dat dit bestemmingplan een dilemma vormde voor
Raadsvergadering van 13 oktober 2022
27
GroenLinks. De partij is namelijk blij dat er in het plan nu ook sociale woningbouw zit. In eerdere
plannen was dit 0%. Bovendien zal met de opbrengst van dit plan meer sociale woningbouw elders in de stad mogelijk zijn. Het zouden 120 tot 250 woningen kunnen zijn. Dat is voor GroenLinks, als sociale partij, heel belangrijk. De partij is echter ook een groene partij. Hier zit het dilemma. De
partij wil dat er zorgvuldig wordt omgegaan met de biodiversiteit in het gebied en op de plas. De
fractie heeft het gebied een aantal keer bezocht. In de commissie is de wethouder hierop bevraagd en de raad heeft enkele toezeggingen gekregen. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om eisen die de
gemeente aan woningen kan stellen wat betreft licht, geluid en materiaal. Er zal een ecologisch team komen en er komt een groene zone in de inrichtingsplannen. GroenLinks wil meer. Daarom dient
mevrouw Vermeulen motie 285 (Ecologische waarde Haarrijn Poort Groene Hart) in, mede namens de fracties van Volt, ChristenUnie, BIJ1, Student & Starter, D66, en PvdA. Hierin wordt het college opgedragen dat bij het realiseren van de woningen en zeker bij de waterwoningen circulair,
ecologisch bouwen leidend moet zijn, zoals bij Schoon Schip, deze uitgangspunten op te nemen in
de te volgen tenderprocedure en de raad te informeren over het vervolg hiervan en tevens de raad te informeren over het inrichtingsplan, het werk van het ecologisch team en de groene zonering. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) vraagt wat circulair, ecologisch bouwen is. Hoe doe je dat? Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) antwoordt dat er mooie ervaringen zijn in Amsterdam. Schoon
Schip is de duurzaamste waterwoonwijk van Europa. Zij heeft de link in de motie vermeld. Zij is zelf
geen expert, maar heeft er goede verhalen over gehoord en aan ambtenaren gevraagd of die zich er verder in willen verdiepen. Tijdens de commissie hebben zij al aangegeven hiervoor open te staan.
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) constateert dat de motie dan dus overbodig is. Daarnaast vindt hij het heel bijzonder dat mevrouw Vermeulen niet eens weet wat circulair, ecologisch bouwen is en zij dit toch eist.
Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) antwoordt dat je helaas niet overal expert in kunt zijn. Gelukkig
zijn er heel goede ambtenaren. Daarnaast zijn er enkele aanvullende eisen opgenomen, bijvoorbeeld over de informatie over de inrichtingsplannen. De motie is een aanvulling op de toezeggingen.
De heer Te Hoonte (VVD) meent dat het voorbeeld uit Amsterdam niet zo veel toevoegt aan wat de
gemeente Utrecht zelf al voorschrijft aan woningen in het convenant Goud. Hij neemt aan dat dit ook hier geldt. Wat wordt er nu toegevoegd aan verplichtingen?
Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) antwoordt dat het hier specifiek om waterwoningen gaat. In het programma Goud zit dit niet zo. Mevrouw Vermeulen vertrouwt hierin op de expertise van de ambtenaren. De fractie van GroenLinks ziet hier veel mogelijkheden.
De heer Te Hoonte (VVD) constateert dat dit een opdracht aan de ambtenaren is, maar stelt dat het andersom werkt. Wanneer de raad een opdracht aan ambtenaren geeft, moet de raad ook weten
welke opdracht ze geeft. De heer Te Hoonte krijgt het idee dat mevrouw Vermeulen dat hier zelf niet weet. Wat verandert er met deze motie?
Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) antwoordt dat er bij de bouwplannen een aantal eisen en
voorwaarden wordt gesteld, omdat GroenLinks vindt dat dit goed is voor de biodiversiteit en de
Raadsvergadering van 13 oktober 2022
28
natuurwaarde van het gebied. De heer Te Hoonte (VVD) wil weten wat dan zo goed mogelijk is voor de natuur en de biodiversiteit.
Wat vraagt mevrouw Vermeulen nu aan het college om te doen, behalve weer een woord erbij gooien, “Schoon Schip”?
Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) antwoordt dat ze vraagt om bij het inrichtingsplan goed te letten op bijvoorbeeld hoe de bouw wordt ingezet en hoe de groene zones worden ingericht. Er is een ecologisch team ingesteld. Bij de tenderprocedure kunnen voorwaarden gesteld worden.
Mevrouw Snippe (PvdD) stelt dat mevrouw Vermeulen in de commissie ook vrij kritisch was op de
watervilla’s. Is zij het met de PvdD eens dat die watervilla’s er gewoon helemaal niet zouden moeten komen?
Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) antwoordt dat er in een ideale wereld en in ideale plannen
misschien nog wel meer sociale woningen zouden komen en er misschien helemaal geen woningen
aan de oever of in de plas zouden komen. Die ideale wereld is er helaas niet. Er moet realistisch naar de plannen gekeken worden. Het aantal sociale huurwoningen dat in de rest van de stad wordt
opgeleverd is behoorlijk, tussen de 140 en 250. Daarnaast wordt het gebied verder ontwikkeld en
verrijkt. Er zijn ook kansen. Het is wikken en wegen. De fractie van GroenLinks komt zo ook nog met een amendement.
Mevrouw Snippe (PvdD) heeft niet veel hoop als dit “zo goed mogelijk met het gebied omgaan” is. Mevrouw Vermeulen zegt dat het gebied verrijkt wordt. Er komt vooral heel veel activiteit bij. Het
wordt niet beter voor de ecologie. Wat vindt mevrouw Vermeulen ervan dat de Haarrijnseplas als een verdienmodel voor de gemeente wordt gebruikt?
Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) stelt dat er ook echt iets wordt toegevoegd aan het gebied. Er komen woningen bij. Dat is ook belangrijk. Men zit midden in een wooncrisis.
Mevrouw Snippe (PvdD) herhaalt haar vraag. Mevrouw Vermeulen stelt dat er veel wordt toegevoegd. Dat gebeurt in het groen. Er wordt in het groen gebouwd. Wat vindt GroenLinks ervan dat de
Haarrijnseplas wordt opgeofferd voor andere doelstellingen? Mevrouw Snippe had een groener hart van GroenLinks verwacht.
Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) antwoordt dat zij een heel groen hart heeft en ook een heel sociaal hart. Zij vindt beide zaken belangrijk. Er wordt wel degelijk veel voor het groen gedaan. Ooit was het een afgraving voor de bouw van Leidsche Rijn. Het gebied was niet als natuur bedoeld. Het was
tijdelijke natuur. Er zijn heel mooie dingen ontstaan. Die moeten ook gekoesterd worden. Daar is in
de nieuwe plannen ook aandacht voor. De landschapsarchitect heeft bijvoorbeeld rekening gehouden met de foerageerroutes van vleermuizen en met kikkers en bevers. Er is al veel gedaan. In de motie en het amendement vraagt GroenLinks nog wat meer.
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) vraagt wat een sociaal hart met waterwoningen te maken heeft. Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) antwoordt dat er door de bouw van deze waterwoningen geld kan
Raadsvergadering van 13 oktober 2022
29
gaan naar sociale woningbouw elders in de stad. De PvdA wees hier al eerder op. Dat zijn 140 tot 250 woningen. Dat is een inschatting, want je weet niet precies hoe de prijzen zich ontwikkelen. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) hoorde net dat de gemeente 1,3 miljoen misloopt als deze
woningen geschrapt worden. Hoeveel leveren deze waterwoningen dan op voor de grondexploitatie? Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) antwoordt dat er €40.000 à €50.000 per kavel aan
ontwikkelingskosten geschat wordt. De precieze prijs waarvoor het verkocht kan worden is nog
onbekend, omdat men nu nog in de fase van het bestemmingsplan zit. Er komt nog een tender en de ontwikkelaars moeten nog komen.
De voorzitter merkt op dat de raad nu in de details van een commissiedebat verzandt. Dat debat moet niet worden overgedaan. Het gaat hier over politieke hoofdlijnen.
Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) hoort een vurig pleidooi voor woningbouw ten koste van natuur.
Gaat GroenLinks dan ook van gedachten veranderen wat betreft Rijnenburg? De Haarrijnseplas heeft een stuk mooiere natuur dan Rijnenburg en die is speciaal aangekocht om woningen te bouwen.
Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) antwoordt dat er bij de Haarrijnseplas een heel andere situatie is dan bij Rijnenburg. Die kun je niet met elkaar vergelijken. GroenLinks vindt het groen daar wel
degelijk belangrijk. Daar wordt in geïnvesteerd. Mevrouw Vermeulen dient haar motie niet voor niets in. Er komt zo ook nog een amendement. Het is belangrijk dat het groen bij de Haarrijnseplas behouden blijft en de impact op de biodiversiteit zo min mogelijk is.
Tot slot merkt mevrouw Vermeulen op dat de vaarbewegingen een negatief effect hebben op
waterplanten. Daarom dient zij amendement 85 (Vaarverbod Bestemmingsplan Haarrijn) in, mede namens de fracties van Volt, ChristenUnie, EenUtrecht, BIJ1, Partij voor de Dieren, D66 en PvdA. Hierin wordt besloten om een algeheel vaarverbod op de plas in te voeren.
De heer Te Hoonte (VVD) merkt op dat er rond de binnenstad ook heel veel wordt gevaren. Hiervoor heeft hij nog nooit een amendement gezien. Waarom mogen mensen in Leidsche Rijn niet op een plas varen naar hun woning of wijk?
Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) antwoordt dat zij prima op een plas mogen varen, maar dan op de recreatieplas die er direct naast ligt. Daar kan gerecreëerd en gevaren worden. Dit stuk, de natuurplas, wil GroenLinks zo veel mogelijk behouden.
De heer Te Hoonte (VVD) merkt op dat er aan die openbare recreatieplas geen openbare ligplaatsen
liggen, zoals dat in de stad wel het geval is. De enige mensen die in Leidsche Rijn een bootje kunnen aanleggen, zijn de mensen die een aanlegsteiger aan hun huis hebben. De heer Te Hoonte vindt het
dus een flauwe opmerking dat ze daar moeten varen, want dat betekent de facto dat ze niet kunnen varen.
Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) antwoordt dat er ook bij deze plas geen steigers staan en ook daar dus niet gevaren kan worden.
De heer Te Hoonte (VVD) stelt dat dat nu juist wel kan. Mevrouw Vermeulen is nu voor de
Raadsvergadering van 13 oktober 2022
30
waterwoningen, waar zij dat in de commissie nog niet was. Dan zou het toch ook fijn zijn als die mensen een bootje bij hun huis kunnen neerleggen?
Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) antwoordt dat zij niet wil dat er bootjes komen bij die huizen, juist omdat de impact van vaarbewegingen heel groot is, met name voor de watervogels die daar nu in groten getale neerstrijken.
De heer Van Vliet (D66) stelt dat men in een ideale wereld in korte tijd veel betaalbare huizen bouwt,
er genoeg ruimte overblijft voor natuur en natuurbeleving en er meer plek komt voor recreatie op het water. Helaas leeft men niet in de ideale wereld en moeten er keuzes gemaakt worden, niet in de
laatste plaats omdat dit plan al 14 jaar op stapel ligt. Daarom kiest de fractie van D66 voor snelheid bij bouwen in Haarrijn. Wel zou de fractie graag meer aandacht willen voor deelmobiliteit in deze
wijk. Op wellicht een extra bushalte na komt er geen extra infrastructuur in deze wijk. Ook komen de woningen relatief ver van voorzieningen te liggen. Daarom ziet D66 een mooie gelegenheid om
actief deelmobiliteit te stimuleren in deze wijk. Dit sluit aan bij de afspraken die de gemeente heeft gemaakt over duurzaam bouwen in het convenant Duurzame woningbouw. Bij dit convenant hoort
een convenant met diverse aanbevelingen, waaronder over deelmobiliteit. Daarom dient de heer Van Vliet motie 286 (Stimuleer Deelmobiliteit) in, mede namens de fracties van ChristenUnie, VVD,
Student & Starter en GroenLinks. Hierin wordt het college opgedragen om bij de uitwerking van de
planvorming ontwikkelaars te stimuleren deelmobiliteit in de projecten aan te bieden, waarbij naast
deelauto’s juist ook gedacht moet worden aan deelbakfietsen en deelfietsen en dit te doen in overleg met toekomstige bewoners.
De heer Te Hoonte (VVD) wil opmerken dat, hoewel hij de motie mede-indient, de overwegingen 3, 4 en 5 niet geheel de zijne zijn.
De voorzitter merkt op dat dit ongebruikelijk is. Wanneer een handtekening onder een motie staat, staat deze onder de gehele motie, zonder mitsen en maren.
Mevrouw Bode (Volt) merkt op dat D66 aangeeft dat Utrecht zich al heeft gecommitteerd aan het handboek. Waarom dan deze motie?
De heer Van Vliet (D66) antwoordt dat Utrecht zich heeft gecommitteerd aan het convenant. In het handboek staan aanbevelingen die horen bij het convenant. De heer Van Vliet dient deze motie in omdat hij graag wil dat ook hiermee aan de slag wordt gegaan.
Mevrouw Bode (Volt) merkt op dat D66 ook terecht constateert dat er geen goede ov-voorzieningen zijn. In dat handboek staat dat de aanwezigheid van een goede fietsverbinding en goed en frequent openbaar vervoer het mensen makkelijker maakt om te kiezen voor actieve en duurzame mobiliteit.
De gemeente zou ervoor moeten zorgen dat dit er is. Waarom doet D66 dan geen oproep voor extra ov-capaciteit en gaat het alleen over deelmobiliteit?
De heer Van Vliet (D66) antwoordt dat in dit geval de inschatting is dat de huidige ov-infrastructuur
voldoende is voor deze wijk. Er komt inderdaad hopelijk wel een bushalte bij. De gemeente gaat daar overigens niet over. Begin volgend jaar wordt bekend of deze halte erbij komt. Tegelijkertijd vindt
D66 deelmobiliteit ook altijd een goed idee. Het is een prima combinatie als er zowel gebruik wordt
Raadsvergadering van 13 oktober 2022
31
gemaakt van de bestaande ov-infrastructuur als van deelmobiliteit. Mevrouw Bode (Volt) merkt op dat in het handboek staat dat er, om deelmobiliteit een financieel
aantrekkelijk alternatief te laten zijn, een onrendabele top moet worden weggenomen. Er moet dus door de overheid een investering plaatsvinden die zich niet terugverdient. Hoe kijkt D66 daarnaar?
De heer Van Vliet (D66) antwoordt dat in het dictum van zijn motie niet staat dat alle aanbevelingen
moeten worden overgenomen. In het dictum wordt het college opgeroepen om bij de uitwerking van de planvorming ontwikkelaars te stimuleren deelmobiliteit in de projecten aan te bieden, waarbij
naast deelauto’s juist ook gedacht moet worden aan deelbakfietsen en deelfietsen en dit te doen in overleg met toekomstige bewoners.
De heer Dijkstra (EenUtrecht) heeft een punt van orde. Het logo van zijn fractie staat op de motie, maar hij heeft de motie niet ondertekend.
De heer Van Vliet (D66) biedt hiervoor zijn excuses aan aan alle partijen die de motie niet
ondertekend hebben. Hij bedenkt zich nu dat hij vergeten is de logo’s van de partijen weg te halen. Mevrouw Chirino (ChristenUnie) houdt het kort, omdat er in de commissie al een goed debat is
gevoerd over dit bestemmingsplan. Ze dankt het college voor de brief die vorige week nog naar de
raad is gestuurd. De ChristenUnie kan zich voorstellen dat het college doorging toen de raad in 2017 niet de bijstelling van het stedenbouwkundige plan agendeerde. Met de kennis van nu vindt de
ChristenUnie het plan echter simpelweg niet super. Het plan heeft lang stilgestaan, dus de gemeente is ingehaald door de tijd. Om de zorgen over verstoring van natuur op en om de plas zo veel als nu nog mogelijk in te perken heeft de fractie het amendement van GroenLinks voor het vaarverbod
medeondertekend en de moties van de Partij voor de Dieren voor een hengelverbod, van D66 voor de deelmobiliteit en van GroenLinks met betrekking tot de ecologische waarde van Haarrijn.
De heer Te Hoonte (VVD) vindt het nog steeds een prima plan. Gisteren heeft hij de historie
bestudeerd. Er is terug te vinden dat de gemeente in 2008 en zelfs in 2002 hier woningen wilde gaan bouwen. In 1999 stond er al een bedrijventerrein gepland. Al het andere daarna is altijd benoemd als tijdelijk. De gemeente moet nu dus gewoon starten. De wethouder heeft in de commissie goed aangegeven dat het ook niet anders kan door de stikstof.
Mevrouw Oudejans (Student & Starter) merkt op dat in de woonvisie ‘Utrecht beter in balans’ de
huisvesting van internationale studenten als een belangrijke randvoorwaarde wordt genoemd om de
aantrekkelijkheid en toegankelijkheid van de universiteit en andere onderwijs- en kennisinstellingen
te behouden en de Utrechtse kenniseconomie te faciliteren. Aangezien het huidige bestemmingsplan nog uit de oude tijd stamt, zoals de wethouder in de commissie zei, dient mevrouw Oudejans
amendement 86 (Toegankelijkheid van onzelfstandige woonruimte) in. Hierin wordt besloten om aan beslispunt 3 het volgende toe te voegen: “onder de voorwaarde dat woonvorming en omzetting van woonruimte naar kamerbewoning/onzelfstandige woningen op basis van dit bestemmingsplan
mogelijk is en bestaande regelgeving voor kamerbewoning/ onzelfstandige woonruimten voor dit bestemmingsplangebied van toepassing is”.
De heer Van der Zweth (PvdA) vindt het net als de VVD logisch om door te gaan met deze
Raadsvergadering van 13 oktober 2022
32
woningbouwplannen, die er al zo lang zijn, maar om hierbij wel rekening te houden met de natuur.
Dit is al terug te zien in de plannen en er zijn voorstellen gedaan, waar ook de PvdA onder staat, om dit nog beter te maken, zoals het verbieden van varen en de ideeën over duurzame woningen. Het
woningbouwprogramma ligt de PvdA zwaarder op de maag. Dit is al veel beter geworden. Er zat ooit 0% niks in en nu is 19% sociaal en nog een flink deel middenhuur. Dat is een grote plus, hoewel de heer Van der Zweth er met de kennis van nu meer in had willen doen. Dit kan niet meer. De
wethouder heeft de PvdA-fractie hiervan overtuigd. Met de stikstofregels zou de gemeente bij
wijziging van de plannen terug moeten naar de provincie en dan wordt het hele plan onzeker. De
argumentatie om niet voor sociale huur te kiezen, zint de fractie echter niet. Er wordt gezegd dat het gebied afgelegen is en dat de woningen grondgebonden zijn. Dat zijn geen redenen om hier niet
sociaal te bouwen. Dat is een politieke keuze. Er had eerder bijgestuurd moeten worden om het voor elkaar te krijgen. Dat is niet gelukt. De heer Van der Zweth hoopt dat de wethouder dat kan beamen. Hij hoopt deze argumenten nooit meer terug te lezen.
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) heeft sterk het gevoel dat de heer Van der Zweth de politieke keuze waar hij het over heeft onderschrijft of er in ieder geval mee instemt.
De heer Van der Zweth (PvdA) had het over een politieke keuze in het verleden. Toen had er
bijgestuurd kunnen worden. Nu kan dat niet meer, want dan wordt het hele plan getorpedeerd. Dit is het woningbouwprogramma dat voorligt en daar stemt de PvdA-fractie mee in.
De heer Eerenberg (wethouder) wil nog een paar zinnen wijden aan het plan, zonder het
commissiedebat over te doen. Men kijkt, zoals altijd bij ruimtelijke plannen, terug in de tijd. Het is als sterrenkijken. Men kijkt nu terug naar 2017, toen de raad niet gereageerd heeft op het voornemen om een bepaald plan uit te werken. Dat is het plan dat er nu ligt. Er wordt ook
teruggekeken op plannen nog verder uit het verleden. De raad is nu op het moment om een oordeel
te vellen. In het plan zijn veel dingen tegelijk gedaan. Het gaat over natuur, ecologie, duurzaamheid,
wonen en een modern mobiliteitsconcept. Het ligt naast een recreatiegebied en is verbonden met het gebied in Haarzuilens. Wanneer al die dingen samen in één plan gedaan worden, kan niet op alle
elementen een 10 behaald worden. De wethouder begrijpt dat de raad vrij breed op het punt van ecologie het rapportcijfer wat wil ophogen. Met die bril op heeft de wethouder de moties en amendementen bekeken.
Amendement 83 zegt: weg met de watervilla’s. De wethouder zou ze liever "waterwoningen"
noemen. Het gebruikersoppervlak is gemiddeld 125 m2. De raad mag beoordelen of dat excessief is. In de commissie is besproken wat het, ook in financiële zin, betekent als de woningen uit het plan
worden gehaald. Amendement 83 wordt gedekt door de dekking uit de sociale impuls weg te halen.
Dat levert elders in de stad 120 tot 250 sociale huurwoningen minder op. Het college is hier voor het “Robin Hood”-mechanisme. Daarbij zijn het woningen die zo ontworpen kunnen worden dat ze goed samengaan met het gebied.
Motie 284, over het hengelverbod, heeft de wethouder bekeken vanuit het idee dat de raad vindt dat er op ecologie een tandje bij moet. Als deze plas belangrijk is op ecologisch gebied, kan hij zich
voorstellen dat hengelen of vissen daar niet bij hoort. Hij kan dus goed leven met het dictum. De
wethouder laat het oordeel aan de raad, omdat er in de overwegingen ook staat wat de indieners van hat plan vinden. Hij geeft een positief advies over het dictum.
De wethouder geeft een negatief advies over amendement 84, Pak geluidsoverlast festivals aan. In
het bestemmingsplan zijn al allerlei beperkingen opgelegd. De 24 dagen zijn niet allemaal hetzelfde.
Raadsvergadering van 13 oktober 2022
33
Zes dagen zitten in de zware categorie, zes dagen in de middencategorie en twaalf dagen in de lichte categorie. Daarbij is er het beleid om evenementen in de stad te spreiden. Als hier de helft van de
evenementen geschrapt moeten worden, zullen deze evenementen elders in de stad georganiseerd moeten worden en wordt het daar weer druk. Een extra locatie helpt om de evenementen over de stad te verdelen. Naar het oordeel van het college zitten er al voldoende beperkingen in het bestemmingsplan.
Met betrekking tot motie 285, Ecologische waarde Haarrijn poort naar het Groene Hart, merkt de
wethouder op dat het altijd goed is om te leren van anderen. Hij wil dus eens gaan kijken bij Schoon Schip. Als daar goede zaken zijn bedacht om het leven en wonen te combineren met de natuur, dan gaat hij daarnaar kijken en toepassen in de plannen. Deze motie kan hij dus overnemen.
Het vaarverbod dat in amendement 85 genoemd wordt, is in de commissie besproken. De wethouder gaf hier aan dat het college het varen wil reguleren vanuit het idee dat het, als het gereguleerd
wordt, zeer beperkt gebruikt zal worden voor varen. Als je wil dat er zo min mogelijk op die plas
gevaren wordt, kun je kiezen voor reguleren of voor een verbod. Het college kiest voor het reguleren. Er mogen dus alleen maar stille bootjes varen. Er mag op maar een gedeelte van de plas gevaren
worden. In het amendement spreekt de raad vrij breed uit om maar een statement te maken en het te verbieden. De raad en de wethouder hebben hier dezelfde doelstelling. Als iets verboden wordt,
moet het ook gehandhaafd worden. In het amendement wordt voorgesteld om dat met een bord te doen. Daarmee is het amendement technisch mogelijk. Het zal echter wel gemonitord moeten
worden. Als in de praktijk blijkt dat er ondanks het verbod toch gevaren wordt, dan komt het college tegen die tijd bij de raad terug dat er wat met de handhavingscapaciteit moet gebeuren. Dat zal niet volgend jaar al zijn, want er moet nog een hele wijk gebouwd worden.
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) stelt dat er, als er krachtens artikel 61 een verbod wordt ingesteld, een hek om de plas moet komen. Beseft het college dat dat niet uitvoerbaar is?
De heer Eerenberg (wethouder) antwoordt dat het volgens zijn informatie ook kan met een bord of
met betonning. Dat betekent dat er met boeien het een en ander mogelijk gemaakt wordt. Dit moet
in de uitwerking meegenomen worden. De vraag is nu of het gebruik verminderd moet worden door regulering of met een verbod. De wethouder hoort in de raad een vrij brede oproep om voor het
verbod te kiezen. De wethouder maakt hier een kanttekening bij wat betreft handhaving. De heer Bos maakt een kanttekening door te vragen hoe het in de praktijk kan. Hier gaat de gemeente mee aan de slag. Daarnaast moet de raad weten dat er ook een traject loopt voor de Watervisie. Hier
participeert de stad in. Vanuit de kanogebruikers is er de wens om deze plas te gebruiken. Als de raad kiest voor het verbod, wordt dat proces van de Watervisie doorkruist. Het college wil zo min
mogelijk gebruik van het water en voorzag dat te bereiken door middel van regulering. De raad wil
voor het verbod kiezen. De wethouder heeft hier kanttekeningen bij geplaatst. Het is nu aan de raad om te beslissen. De wethouder is namens het college niet tegen een verbod.
De heer Van Vliet (D66) merkt op dat er tijdens het werkbezoek ook is gesproken over de betonning. De heer Van Vliet was niet de enige die hierbij dacht aan een grote betonnen muur. Al snel werd
duidelijk dat dat het niet was. Kan de wethouder toelichten wat betonning is? Hiermee kunnen wat zorgen worden weggenomen.
De heer Eerenberg (wethouder) antwoordt dat hij dit beschouwt als een uitwerking van het verbod.
Het betekent dat er boeien in het water gelegd worden. Die hebben enerzijds een signaalfunctie en
Raadsvergadering van 13 oktober 2022
34
kunnen anderzijds een fysieke barrière vormen om varen te verhinderen. Mevrouw Chirino (ChristenUnie) hoorde de wethouder zeggen dat het college wil reguleren om
ervoor te zorgen dat er zo weinig mogelijk wordt gevaren op de plas. Hoe wil het dat reguleren zonder handhaving?
De heer Eerenberg (wethouder) antwoordt dat hier ook in de commissie over is gesproken. Hier heeft de wethouder verdedigd dat het college koos voor alleen stille bootjes, binnen bepaalde tijden en in een bepaald gebied van de plas. Dat geeft een bepaalde ruimte, waardoor er relatief weinig
gehandhaafd hoeft te worden, omdat de meeste mensen daar op een fatsoenlijke manier mee zullen
omgaan. Dit had hetzelfde dilemma op kunnen leveren als het verbod. Daarom staat de wethouder er genuanceerd in en kan hij leven met het verbod. Hij vindt echter dat hij de raad wel alle kanttekeningen moet melden.
Motie 286, Stimuleer Deelmobiliteit, beschouwt de wethouder als een mooie aanmoediging en kan hij overnemen.
Amendement 86, van Student & Starter, Toegankelijkheid van onzelfstandige woonruimte, kan de
wethouder zich, gezien het commissiedebat, alleszins voorstellen. Dit is het beleid dat het college voorstaat en de wethouder adviseert het amendement dan ook positief.
Mevrouw Snippe (PvdD) komt terug op de festivals. De wethouder gaf aan dat er voldoende ruimte moet zijn voor de verschillende festivals en dat ze anders op een andere plek gehouden moeten
worden. Gaat het dan om reeds bestaande festivals of gaat het om festivals die de gemeente nog
naar Utrecht wil halen? Hoe kan de wethouder dit gebied als festivallocatie rijmen met het feit dat het ook een woonwijk wordt?
De heer Eerenberg (wethouder) antwoordt dat er bij het opstellen van het bestemmingsplan is
gekeken naar het huidige gebruik. Dat zijn twee festivals met een meerdaags karakter. Daarnaast is
er gekeken wat er in een groeiende stad bestaat aan festivalbehoefte en hoe dit verdeeld kan worden over de stad. Zo is het college gekomen tot die 24 dagen met de genoemde classificering. Natuurlijk wonen er mensen, maar voor veel plekken in de stad geldt dat er mensen wonen bij een
festivalterrein. Dat zou volgens het college juist pleiten voor een extra plek, of het bestendigen van een plek, zodat er meer gespreid kan worden.
Mevrouw Hessel (Utrecht Solidair) vraagt of de wethouder zich realiseert dat er bij het laatste
festivals zelfs vanuit Leidsche Rijn 275 klachten binnenkwamen? Nu worden er bewust naast een
festivalterrein woningen gebouwd. Zou de wethouder niet gewoon moeten zeggen dat daar geen festivalterrein komt?
De heer Eerenberg (wethouder) antwoordt dat het college dat niet vindt, omdat ook op andere
plekken mensen dicht bij festivalterreinen wonen en de gemeente daarom probeert te spreiden. Er
zijn beperkingen wat betreft het geluidsniveau en de tijden. Het leven in een stad betekent ook dat
er af en toe een festival is, maar dat moet niet excessief worden. De wethouder weet niet precies wat er de afgelopen editie mis is gegaan. Een eerdere editie gaf een ander beeld. Hier zal de gemeente nog eens goed naar moeten kijken. Misschien doet het water ook iets met het geluid. Er zijn festivallocaties nodig in de stad en hoe meer spreiding, hoe beter.
Raadsvergadering van 13 oktober 2022
35
De heer Te Hoonte (VVD) puzzelt nog op het vaarverbod. Het is hem nog niet helder wat exact het
oordeel van het college is. Als er wordt gekozen voor een verbod, kunnen er dan op de andere plas wel ligplaatsen komen, desnoods openbaar?
De heer Eerenberg (wethouder) antwoordt dat hij in de commissie heeft betoogd waarom hij vindt dat het voorstel van het college om het te reguleren, gezien het gebruik, de biodiversiteit en het
wonen, de beste keuze is. Hij ziet ook dat het doel van het reguleren, de plas zo goed mogelijk op
orde houden voor de planten en de dieren, ook met een verbod gerealiseerd kan worden. Het college
vindt het verbod dus ook prima, maar daar zijn kanttekeningen bij. Bij het reguleren zijn weer andere kanttekeningen te maken. Of er dan op de andere plas ligplaatsen aangelegd kunnen worden, durft
de wethouder niet te zeggen. Dat zal niet zonder meer kunnen, want daar bestaan ook weer plannen en afspraken. Het is interessant om te bestuderen. De wethouder zegt toe om over een halfjaar, in het tweede kwartaal van 2023, te laten weten of dit een mooie mitigerende maatregel is voor de mensen in Leidsche Rijn die graag willen varen.
Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) trekt motie 285 in. De voorzitter constateert dat geen van de raadsleden het woord wenst in tweede termijn. De
besluitvorming over de amendementen en moties vindt plaats aan het einde van de vergadering. 19. Raadsvoorstel Verordening bekostiging leerlingenvervoer. Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) vindt het belangrijk dat het leerlingenvervoer in Utrecht goed is geregeld, juist omdat het hierbij vaak gaat om kwetsbare kinderen en jongeren. Deze gezinnen
hebben al genoeg zorgen en deze zorg moet niet nog verder toenemen door de wijze waarop het leerlingenvervoer in Utrecht is geregeld. Daarom dient mevrouw Vermeulen motie 287 (Passend
leerlingenvervoer) in, mede namens de fracties van PvdA, PVV, EenUtrecht, Student & Starter en BIJ1.
Hierin wordt het college opgedragen om bij toekomstige aanpassingen van de verordening of nadere regels een evaluatie van de kwaliteit van de dienstverlening van leerlingenvervoer ouders mee te nemen om te kijken of er nog beter kan worden aangesloten op de behoeften van ouders en
kinderen bij de organisatie van het leerlingenvervoer, de raad hierover in Q4 2023 te informeren over mogelijke gevolgen voor het Utrechtse beleid naar aanleiding van de uitkomsten van het onderzoek
van Oberon en de landelijke discussie over leerlingenvervoer waarbij ook de VNG betrokken is en de
raad in Q4 2023 te informeren over hoe vaak de hardheidsclausule wordt gebruikt en/of de situaties waarvoor deze nu wordt gebruikt niet beter geregeld zouden kunnen worden in beleid of in een nieuwe verordening.
Mevrouw Van der Wilt (D66) meldt dat D66 instemt met het aanpassen van de verordening. De fractie ziet geen reden tot grote wijzigingen. Tegelijkertijd is de situatie in het leerlingenvervoer landelijk prangend, met name vanwege de personeelstekorten. Ook in Utrecht worden alle zeilen bijgezet.
Naar school kunnen gaan is een basisrecht. Daarom moet de gemeente er alles aan doen om voor deze kinderen de juiste randvoorwaarden te scheppen. Daarom heeft D66 met een aantal andere
fracties het initiatief genomen om hierover een RIB en een commissievergadering te organiseren met als hoofdvraag hoe het leerlingenvervoer nu en in de toekomst goed georganiseerd kan worden. De fractie zal dus niet vandaag, maar naar aanleiding van de besprekingen indien nodig komen met verbetervoorstellen.
Raadsvergadering van 13 oktober 2022
36
Mevrouw Assen (PvdA) vertelt dat de situatie in het leerlingenvervoer de PvdA aan het hart gaat, want ieder kind heeft recht op goed onderwijs en kinderen die dat nodig hebben dus ook op goed leerlingenvervoer. Daarom wordt hierover op 1 november een raadsinformatiebijeenkomst
georganiseerd. Op basis van signalen uit het onderwijs en van ouders en chauffeurs is dat hard nodig. Deze verordening gaat iets minder over die inhoud. De PvdA-fractie kan met deze
verordening instemmen. Haar fractie praat op 1 november graag door over wat er nodig is om het leerlingenvervoer te verbeteren.
De heer Eerenberg (wethouder) vindt dat de motie mooi aansluit bij het gevoerde commissiedebat.
De raad heeft hem daarin aangemoedigd om ook binnen de VNG met dit thema aan de slag te gaan. Dit zal hij doen. Hij vindt het een mooie aanmoediging om dit samen met ouders en jongere kinderen in de lokale context te bespreken. Hij kan de motie dus overnemen. Mevrouw Vermeulen (GroenLinks) trekt motie 287 in. De voorzitter constateert dat geen van de raadsleden het woord wenst in tweede termijn. De besluitvorming over het raadsvoorstel zal plaatsvinden aan het einde van de vergadering. Daarop stelt de voorzitter opnieuw aan de orde: 8. Benoeming commissieleden. De voorzitter stelt vast dat het nog te installeren commissielid, Jaime Peiris, inmiddels uit de
vastgelopen lift bevrijd is door de brandweer en in het stadhuis aanwezig is. Er kan nu dus worden overgegaan tot de installatie.
Mevrouw Jaime Peiris legt in handen van de voorzitter de in de Gemeentewet voorgeschreven belofte af.
De voorzitter feliciteert Jaime Peiris met haar benoeming en wenst haar veel succes.
(Applaus.)
De voorzitter schorst hierna de vergadering.
(Bij hervatting van de vergadering heeft mevrouw Dijksma het voorzitterschap van de vergadering overgedragen aan de heer Zwanenberg.) De voorzitter heropent de vergadering en stelt aan de orde: 20. Raadsvoorstel vaststelling besluit tot wijziging van de APV partiële herziening 2022. Mevrouw Fattal (GroenLinks) begint met het demonstratierecht. De burgemeester probeert tegemoet te komen aan de zorgen van GroenLinks over het afkoelingseffect rondom het organiseren van
demonstraties. Toch mogen de raad en ook de gemeente niet te makkelijk over het feit heen stappen dat alle beperkingen bijdragen aan de lage bereidheid tot demonstreren in de samenleving. Dat
Raadsvergadering van 13 oktober 2022
37
zeggen ook talloze maatschappelijke organisaties. De kennisgevingstermijn is misschien niet de
belangrijkste oorzaak daarvan, maar volledig uitsluiten dat het effect heeft, kan ook niet. Er kan en
mag niet zo lichtzinnig worden omgegaan met het kunnen uitoefenen van grondrechten. GroenLinks dient daarom met Student & Starter, BIJ1, Stadsbelang Utrecht, Utrecht Solidair, DENK, de Partij voor de Dieren en Volt het amendement 87 in op de herziening van de APV, waarin de verlenging van de
kennisgevingstermijn wordt geschrapt. Tevens vraagt spreekster de burgemeester of zij een deel van de extra middelen voor veiligheid in de begroting voor 2022 nu kan inzetten om de hoge werkdruk binnen deze afdeling aan te pakken.
Over het vuurwerkverbod is het standpunt van GroenLinks duidelijk: er is meer dan ooit momentum voor een vuurwerkverbod. Er zijn landelijke verboden geweest, mensen raken er steeds meer aan
gewend en er is een groot draagvlak in de stad om alternatieve jaarwisselingen te gaan ontwikkelen. Kortom, nu moet worden doorgepakt naar een lokaal vuurwerkverbod. Dat hoeft niet per se van de ene op de andere dag. Laat nu juist onderzocht en uitgewerkt worden wat er nodig is om een
draagvlak in de stad te krijgen voor een lokaal vuurwerkverbod en het te kunnen handhaven. Wel
verzoekt spreekster haar collega-raadsleden het op zijn minst mogelijk te maken om hierover verder te praten. Zij herhaalt wat zij meermaals in de commissie heeft gezegd, namelijk dat er niet een voorstel tot een lokaal vuurwerkverbod voorligt. Het enige wat deze wijziging voorstelt, is het
instrumentarium van de raad te vergroten. Dat mag hij zichzelf niet ontnemen. Samen met de Partij
voor de Dieren, Volt, Utrecht Solidair, EenUtrecht, Student & Starter, BIJ1, DENK, Stadsbelang Utrecht dient GroenLinks motie 288 in, waarin het college wordt opgedragen:
1. Te onderzoeken hoe een lokaal vuurwerkverbod in Utrecht voor de jaarwisseling van
2023/2024 eruit zou kunnen zien, en daarbij actief het gesprek met de stad aan te gaan;
2. Daarbij ook met bewoners in gesprek te gaan over welke rol zij willen en kunnen spelen in het organiseren van alternatieven en/of kleinschalige vuurwerkshows in de wijken;
3. Daarbij ook uit te zoeken of en hoe de beperkte handhavingscapaciteit effectief kan worden ingezet om een lokaal verbod te handhaven;
4. Voor de jaarwisseling van 2022/2023 een campagne op te zetten om het afsteken van illegaal vuurwerk bij de jaarwisseling zoveel mogelijk te beperken 5. Hierover uiterlijk eind april te rapporteren naar de raad.
Voorts dienst ze motie 289 in, om de toelichting bij de APV te wijzigen en daarin mee te nemen dat
darkrooms geen seksinrichting zijn, en ander specifiek beleid te ontwikkelen voor darkrooms waarin deze niet als seksinrichting worden gedefinieerd.
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) vraagt wat een darkroom dan wel is, als het geen seksinrichting is. Mevrouw Fattal (GroenLinks) antwoordt dat wat GroenLinks betreft een darkroom geen seksinrichting is, want een seksinrichting wordt over het algemeen gedefinieerd als een plek waar bedrijfsmatig
seks wordt verricht en dat is in een darkroom natuurlijk niet het geval. Het is een plek waar mensen vrijwillig consensueel seks hebben en dat zou wat spreekster betreft een andere functietitel moeten krijgen dan hoe het nu in de APV is gedefinieerd.
Mevrouw Chirino (ChristenUnie) merkt op dat in de toelichting echter wel een onderscheid wordt gemaakt tussen plekken met een seksinrichting waar betaald plaatsvindt en plekken met een
seksinrichting waar het niet per se betaald plaatsvindt. Vindt mevrouw Fattal het niet genoeg dat er in de toelichting wel onderscheid in wordt gemaakt?
Raadsvergadering van 13 oktober 2022
38
Mevrouw Fattal (GroenLinks) herkent de tegemoetkoming en zij ziet die ook. Feit is echter dat de praktische uitwerking van het nog steeds een seksinrichting noemen heel erg nadelig is voor
ondernemers. Wat ondernemers nu ervaren, is dat zij zowel bij het aanvragen van financiën alsook bij het passen in een bestemmingsplan tegen zulke grote belangen aanlopen, dat ze er simpelweg niet tussen komen. Van die bijeffecten moet de raad zich ook bewust zijn.
Mevrouw Chirino (ChristenUnie) is zich daar heel bewust van, maar zij is zich ook bewust van de maatregelen bijvoorbeeld om minderjarigen te beschermen – moeten zij wel of niet ook naar darkrooms – en om ervoor te zorgen dat het veilig en hygiënisch is op die plekken. Er zijn
maatregelen genomen en het college heeft al eerder in een brief uiteengezet waarom het ervoor kiest om het op deze manier in de toelichting op te nemen. Waarom vindt mevrouw Fattal dat niet genoeg als het wel belangrijk is om die veiligheid te bieden?
Mevrouw Fattal (GroenLinks) stelt duidelijk dat GroenLinks ook absoluut wil dat er waarborgen zijn, waardoor minderjarigen niet in darkrooms zouden komen. Dit is wel een valse tegenstelling, want
het niet definiëren van een darkroom als seksinrichting betekent natuurlijk niet dat de gemeente op geen enkele manier meer grip kan hebben op wat daar gebeurt. Ook als een darkroom een andere functie zou worden gegeven, kan met de ondernemers worden afgesproken dat afspraken worden gemaakt over onder andere minderjarigheid en bijvoorbeeld over hygiënevoorschriften. Daar is GroenLinks ook een voorstander van.
De heer Koning (D66) vraagt of er inderdaad ook andere gemeentes zijn die expliciet voor darkrooms een ander beleid hebben, waardoor zij niet onder de commerciële functie van seksinrichtingen vallen.
Mevrouw Fattal (GroenLinks) antwoordt bevestigend. Daar zie je ook dat het veel proportioneler
wordt behandeld, net als soortgelijke functies in de stad. GroenLinks is daar ook een voorstander van: behandel darkrooms net als andere functies in de stad waarvoor ook hygiënevoorschriften gelden, bijvoorbeeld sportscholen en sauna's. Waarom wordt ander beleid voor deze categorie gemaakt dan voor die andere plekken?
De heer Van Steeg (CDA) komt terug op het lokale vuurwerkverbod. Mevrouw Fattal merkte op, zoals
inderdaad in de commissie al is besproken, dat het experimentartikel extra gereedschap is om iets te doen aan vuurwerkoverlast. Hij vraagt wat dat experimentartikel echter toevoegt, want dat is hem nog steeds niet duidelijk geworden. De raad kan toch gewoon tot een lokaal vuurwerkverbod besluiten?
Mevrouw Fattal (GroenLinks) antwoordt dat dit zeker mogelijk is. De macht van de raad blijft altijd bestaan. Hiermee maakt de raad het zichzelf echter makkelijker. De burgemeester heeft heel
duidelijk gemaakt dat uiteindelijk de raad met een meerderheid hiervoor moet stemmen. Gelukkig liggen er twee moties voor die het lokaal vuurwerkverbod gaan definiëren. Door het
experimentartikel erin te houden, wordt het voor de raad makkelijker om tot actie over te gaan. Zij zou het erg vreemd vinden als de raad daar nu tegen zou stemmen.
De heer Van Steeg (CDA) antwoordt dat dit inderdaad vreemd zou zijn, maar het experimentartikel
voegt in principe dus eigenlijk niets toe. De raad kan daartoe besluiten zonder dat experimentartikel.
Raadsvergadering van 13 oktober 2022
39
Mevrouw Fattal (GroenLinks) antwoordt dat het wel iets toevoegt in de zin dat het sneller en efficiënter zou zijn. Zij ziet de heer Van Steeg zuchten, maar efficiënter beleid maken is erg belangrijk, ook voor de ambtenaren die het uit moeten werken.
De heer Van Steeg (CDA) antwoordt dat graag van de burgemeester te horen als dat inderdaad het geval is.
Mevrouw Meerding (VVD) ziet dit heel anders dan mevrouw Fattal. Dit is echt een politieke keuze en
dan sluit zij zich bij de heer Van Steeg aan. De raad hoeft dit nu nog niet mogelijk te maken. Het kan altijd nog gebeuren als er een raadsbesluit ligt.
De heer Van Heuven (PvdD) komt terug op motie 289 over het vuurwerkverbod. Het is nodig om een stap te zetten op weg naar het vuurwerkverbod. Zolang de overheid dat nog niet landelijk regelt en
ook niet durft te regelen met een landelijk vuurwerkverbod ligt de bal bij de gemeentes. Steeds meer gemeentes zetten ook een stap. Vandaag heeft Arnhem een vuurwerkverbod per deze jaarwisseling
aangekondigd en Amsterdam en Rotterdam hebben dat al gedaan. De Partij voor de Dieren zou niets liever willen dat het vandaag al ook in Utrecht wordt ingevoerd, want eigenlijk is spreker al langer in de raad over vuurwerk aan het praten.
Zijn fractie is teleurgesteld dat de burgemeester is teruggekomen van haar toezegging om met een
lokaal vuurwerkverbod te komen en over het feit dat dit bericht er niet in het voorjaar, zoals beloofd, maar echt vlak voor het zomerreces kwam. De frustratie daarover voelt spreker nog enorm, ook
omdat de meerderheid van de inwoners gewoon voor een verbod is. In de commissie bleek dat er dit jaar geen tijd meer is om voor deze jaarwisseling alsnog met een verbod te komen, maar duidelijk
werd wel dat bijna alle fracties inzien dat een volgende stap op weg naar een lokaal vuurwerkverbod of een landelijk vuurwerkverbod nodig en wenselijk is en dat het dus ook tijd is om stappen te zetten.
Met GroenLinks heeft de Partij voor de Dieren al een motie geschreven over de manier waarop een
lokaal vuurwerkverbod eruit kan zien en ook met GroenLinks schreef zijn fractie de motie Vuurwerk en de jaarwisseling 2022-2023, om deze jaarwisseling alsnog met een stap te komen. Vorige week in de commissie werd namelijk het idee geopperd om het aantal vuurwerkvrije zones in Utrecht te gaan uitbreiden. Dat is een goed idee, maar dan moet dat wel zodanig gebeuren dat het aantal
vuurwerkvrije zones vanaf de jaarwisseling zodanig wordt opgerekt dat nergens meer in Utrecht vuurwerk door consumenten mag worden afgestoken, behalve op door het college aangewezen
plekken. Daarbij komen er in alle tien wijken idealiter een of meer vuurwerkzones en wordt op die plekken ook voorzien in kleinschalige vuurwerkshows, het aftelmoment, livemuziek, horeca en
andere leuke dingen die op die plekken mogelijk zijn. Een en ander is verwoord in motie 290, die
mede wordt ingediend door Volt, Utrecht Solidair, EenUtrecht, Student & Starter, DENK en BIJ1. Ook dit is helaas nog geen vuurwerkverbod, maar wel weer een stap naar geen vuurwerk, tenzij.
Toen spreker zojuist nog even op de site van de gemeente keek, zag hij behoorlijke oude informatie
over vuurwerk. Er wordt ook nog verwezen naar een Coronaverbod over 2020-2021, maar informatie over vuurwerkvrije zones ontbreekt. Wil de burgemeester die pagina updaten naar het huidige
beleid, want dan is ook precies duidelijk waar de vuurwerkvrije zones zijn? Die informatie ontbreekt namelijk.
Mevrouw Nolten (BIJ1) wijst er allereerst op dat demonstreren geen gunst is maar een recht. De
Raadsvergadering van 13 oktober 2022
40
gemeente dient het demonstratierecht te allen tijde te faciliteren. In de praktijk blijkt echter dat het gemeentelijk demonstratiebeleid drempels kan opwerpen om dit grondrecht uit te oefenen. Het is
daarom belangrijk om dit beleid structureel te evalueren, zodat het demonstratierecht niet onnodig wordt ingeperkt. BIJ1 dient daarom samen met GroenLinks, Student & Starter, Partij voor de Dieren,
DENK en EenUtrecht motie 291 in, waarin het college wordt opgedragen om punt 10 van het Manifest demonstratierecht van Amnesty International over te nemen en jaarlijks te evalueren over het gevoerde gemeentelijke beleid en de uitwerking daarvan.
De heer Dijkstra (EenUtrecht) merkt op dat de vraag of je minimaal 24 uur of 48 uur tevoren een
manifestatie meldt een totale non-discussie is. Het gaat hier niet om het aantal uren. Het gaat erom dat Utrechters uitgelegd moeten krijgen waarom de gemeente graag zo snel mogelijk wil weten
wanneer de manifestatie plaatsvindt, namelijk omdat de gemeente die dan beter kan ondersteunen of begeleiden. Dat staat met geen enkel woord beschreven op de website en jammer genoeg ook
weer niet in de brief van de burgemeester van afgelopen dinsdag. Om die reden dient EenUtrecht
samen met Volt amendement 88 in, om beslispunt 1B uit te breiden met de volgende tekst: "; en bij de communicatie over de kennisgeving duidelijk te vermelden dat de kennisgeving niet verplicht is,
maar dat een tijdige kennisgeving de gemeente wel in staat stelt de organisatie van een manifestatie goed te ondersteunen en te begeleiden – bij voorkeur 48 uren van tevoren".
Spreker heeft nog een punt van orde met betrekking tot de volgorde van de amendementen. Het zou fijn zijn als dit amendement 88 eerst in stemming komt en daarna amendement 87 van GroenLinks. Als amendement 88 namelijk niet zou worden aangenomen, zou zijn fractie noodgedwongen met amendement 87 instemmen.
Mevrouw Meerding (VVD) merkt op dat in het debat over de herziening van de APV allereerst is
gesproken over de kennisgevingstermijn voor demonstraties. Demonstreren is een groot recht en
haar fractie zou daarom liever zien dat de kennisgevingstermijn niet verlengd wordt. Zij is echter niet doof voor de argumentatie van de burgemeester dat het aantal demonstraties explosief gegroeid is en dat het iets doet met de capaciteit. Om die reden heeft de VVD-fractie nog geen moties en
amendementen daarover gesteund, maar zij is wel erg benieuwd naar de beantwoording van de burgemeester op de voorstellen van andere partijen.
Het college stelt voor om een experiment met een lokaal vuurwerkverbod mogelijk te maken en om dat in de APV te verwerken. De VVD-fractie vindt dat geen goed voorstel. Er zijn nog steeds veel
Utrechters die van de vuurwerktraditie genieten en bovendien is begin 2020 landelijk al een verbod op vuurpijlen en knalvuurwerk ingevoerd. De VVD wil daarom eerst kijken wat het effect hiervan is op de overlast voordat andere maatregelen worden overwogen. Daarnaast is een lokaal verbod
volgens haar niet handhaafbaar en dus niet effectief, omdat wel nog steeds in Utrecht vuurwerk kan worden gekocht. Om die reden dient de VVD-fractie amendement 89 in, om de mogelijkheid om te experimenteren met een lokaal vuurwerkverbod uit de APV te halen. Dit amendement wordt mede ingediend door D66 en de PVV.
De heer Koning (D66) wijst er in de eerste plaats op hoe het gebruik van vuurwerk in deze stad
minder populair wordt, dat veel mensen overlast en stress ervaren van vuurwerk, maar ook dat een forse groep Utrechters vindt dat vuurwerk onlosmakelijk met de jaarwisseling verbonden is. D66 grijpt niet graag naar verboden. Daarover zei mevrouw Meerding al rake dingen. D66 ziet in navolging van eerdere raadsuitspraken graag dat stappen genomen worden om een veiliger
jaarwisseling mogelijk te maken. Samen met VVD, CDA en PvdA dient zij daarom de motie 292 in,
Raadsvergadering van 13 oktober 2022
41
met het volgende dictum: -
draagt het college op de volgende acties uit te werken en toe te passen rondom de volgende
jaarwisselingen en voor zover mogelijk al bij de komende jaarwisseling; -
plaatst het waarborgen van Veiligheid en het tegengaan van vernielingen tijdens de jaarwisseling
voorop; -
vanaf oktober van ieder jaar meer handhaving te organiseren op het afsteken van vuurwerk, met
name in de parken; -
concreet te experimenteren met alternatieven en gezamenlijke festiviteiten in wijken en buurten,
onder meer door budgetten in het Initiatievenfonds hiervoor beschikbaar te stellen; -
in overleg met de driehoek het inleveren van illegaal vuurwerk bij afvalscheidingsstations
mogelijk te maken; -
bij de inwoners onder de aandacht te brengen welke soorten vuurwerk legaal en illegaal zijn en
wanneer vuurwerk afgestoken mag worden en de raad te informeren over het resultaat van deze aanpak bij de evaluatie van de jaarwisseling. Doordat hij weinig spreektijd heeft, begint de heer Bos (Stadsbelang Utrecht) direct met de indiening van het amendement 90. Zijn fractie zou graag zien dat de termijn voor het doen van de
kennisgeving aan de burgemeester van het houden van een manifestatie van 24 uur naar 48 uur