11 vergadering gemeenteraad 8 juli 2021.doc
Tekst van het document
waarde van die solidariteitsregeling is en hoe die eruit zou moeten zien. Die zal bovendien heel veel vragen oproepen.
Mevrouw Zwinkels (CDA) deelt niet de mening van de wethouder dat er iets nieuws moet worden
opgetuigd. Immers, de gemeente komt met een eigen vangnet. Haar vraag is of de wethouder bereid is om cofinanciering mogelijk te maken, zodat ook andere partijen kunnen bijdragen aan dat vangnet. De heer Verschuure (wethouder) is daar in principe niet toe bereid. Men is nog volop bezig met de
uitwerking van de manier waarop de regels voor kwetsbare ondernemers kunnen worden uitgevoerd. Hij vervolgt met motie 167, Aankoopbudget Sport en Groen. Hij vraag wat precies de bedoeling is,
want ze is tweeledig te lezen. Wat wordt bedoeld met tussentijds rapporteren? De intentie is dat het
geld wordt gereserveerd. Bij de Voorjaarsnota wordt de toestemming van de raad hiervoor gevraagd. Als er grond langs komt, wil spreker direct kunnen acteren en achteraf in de MPR daarover verantwoording afleggen.
De voorzitter stelt voor dat indieners en wethouder dit in de schorsing met elkaar bespreken, zodat er in de tweede termijn een nieuwe motie kan komen. Dit is niet te volgen.
Raadsvergadering van 8 juli 2021
56
De heer Wijmenga (ChristenUnie) stelt voor dat dit aan het eind van de eerste termijn van het college terugkomt, omdat de fracties anders niet weten waar ze aan toe zijn.
De voorzitter stelt vast dat het voorstel van de heer Wijmenga is overgenomen. De heer Verschuure (wethouder) vervolgt dat motie 168, Andere besteding van 1 miljoen euro voor Johan Wagenaarkade, onverstandig is en dus wordt ontraden. Hij vervolgt met de vragen.
Er is gevraagd om circulair bouwen als doel in de Voorjaarsnota op te nemen. Op pag. 193 staat hoe het college met de milieuprestatie gebouwen (MPG) wil omgaan. Daarin staat de indicator die het college wil gebruiken.
Mevrouw Zwinkels (CDA) zegt dat de vraag specifiek over het gemeentelijk vastgoed gaat. Wat is de doelstelling op circulair bouwen voor de gemeente als dit de norm wordt?
De heer Verschuure (wethouder) antwoordt dat bij de basiskampopbouw voor de circulaire economie hierover uitgebreid gedebatteerd is. Daarbij is een aantal richtingen afgesproken. Hij verwijst daarnaar.
Hij vervolgt met de Vlindertuin. Hij zegt toe dat hij capaciteit beschikbaar zal stellen, zodat iemand van het projectbureau kan meedenken over de Vlindertuin.
Spreker heeft al met KHN gesproken over de veggiedag. KHN wil graag met de PvdD in gesprek hoe die in te vullen. En als het goed is, is daarover al een afspraak gemaakt.
De capaciteit op de afdeling voor evenementen is behoorlijk beperkt. Op dit moment zijn
evenementen niet goed mogelijk. Hij hoopt dat die branche volgend jaar weer op adem kan komen, dan kan hij verdergaan met het opstellen en herstarten van de locatieprofielen voor evenementen.
Mevrouw De Boer (GroenLinks) meent dat er geen evenementen nodig zijn om profielen op te stellen. Ze heeft begrepen dat het opstellen van profielen in september zou worden opgestart, zodat ze er volgend jaar liggen.
De heer Verschuure (wethouder) antwoordt dat het traject hiervoor in eerste instantie is gelopen.
Daarbij is afgesproken dat er een aantal pilots zal komen op verschillende plekken. Dat moet eerst langs de raad en er moet met de omgeving worden gesproken. Dat kan niet zomaar in september. Bovendien zijn de laatste berichten dat de mogelijkheden voor evenementen misschien worden afgebouwd. Deze lijn heeft de gemeente Amsterdam ook gekozen.
Mevrouw De Boer (GroenLinks) beluistert dat het volgend jaar zomer wordt voordat er pilots liggen. Voordat er locatieprofielen zijn, is het misschien anderhalf jaar verder. Dat is niet haar tempo. Wanneer kan de raad deze profielen verwachten?
De heer Verschuure (wethouder) antwoordt dat het traject eind dit jaar, begin volgend jaar
waarschijnlijk kan worden opgestart. Hij weet niet wanneer de locatieprofielen klaar zijn, omdat er een heel inspraakproces mee gepaard gaat. Een pilot doen veronderstelt een normale situatie met een
normale hoeveelheid aanvragen die verdeeld kunnen worden over de stad en waarin keuzes kunnen worden gemaakt.
Raadsvergadering van 8 juli 2021
57
De heer Van Heuven (PvdD) vraagt het proces in september op te starten, zodat er goede profielen zijn als het festivalcircuit weer helemaal is opgestart.
De heer Verschuure (wethouder) valt in herhaling, want eerst moet het proces in de raad worden afgerond. Vervolgens is het idee om op zes plekken een pilot te doen.
De heer Van Heuven (PvdD) krijgt informatie dat het Voorveldse park tien dagen lang is afgesloten voor een evenement. Daar maakt zijn fractie zich zorgen over. Hij wil graag nu actie.
De heer Verschuure (wethouder) reageert dat dit iets anders is dan locatieprofielen. Hij vraagt van de raad begrip voor de huidige situatie.
Motie 182, Wonen in leegstaande winkelpanden, ontraadt hij, omdat het ook gaat om het
kernwinkelgebied. Daar vindt het college dit onverstandig. Wonen boven winkels stimuleert hij graag. Op andere plekken in de stad is wonen in leegstaande panden wel mogelijk, zoals op de Amsterdamsestraatweg. Daar wordt dit via de wijkontwikkelmaatschappij gedaan.
Motie 189, Een uur langer openstelling voor horeca D2 en D3. D2 is gekoppeld aan winkeltijden. Die zijn tot 22.00 uur. Een ondernemer zou kunnen kijken of hij in aanmerking kan komen voor D3 om
een uur langer open te blijven. Maar dan vindt er wel een leefbaarheidstoets plaats. Voor het langer
open blijven van D3 komt men in D1. De kans dat die verleend wordt, is klein, omdat bij D3 het profiel voor wijkhoreca geldt met 23.00 uur als eindtijd. D1 betekent onbeperkt. Dat zal niet snel door een
leefbaarheidstoets heen gaan. Hij ontraadt de motie ontraden en bevestigt dat hij het niet ziet zitten om een algemene regel in te voeren, maar dat ondernemers individueel een aanvraag kunnen doen
waarbij individueel wordt gekeken wat de mogelijkheden zijn, rekening houdend met de leefbaarheid. De heer Sungur (DENK) vraagt of D3 in aanmerking kan komen voor een extra uurtje. De heer Verschuure (wethouder) antwoordt dat dit niet voor een extra uurtje kan, omdat men van D3 naar D1 gaat, dat is een algemene horecavergunning. Dan kan men veel langer openblijven. De leefbaarheidstoets weegt dan wel zwaarder.
Motie 192, Utrecht Duurzame Beker pilot, bevat een interessant idee, maar hij moet de motie
ontraden. Hij zegt iets anders toe, namelijk om in gesprek te gaan met initiatiefnemers die dit op andere plekken doen. Hij komt in december terug met de mogelijkheden naar aanleiding van dat
gesprek. Hij ontraadt de motie, omdat deze ongedekt is en er op dit moment geen middelen zijn voor een pilot. Bovendien wil hij eerst weten of er animo voor is bij verschillende horecaondernemers. Hij vindt het idee heel positief, maar kan nu niet inschatten of het gaat lukken.
Mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) wijst erop dat de motie ertoe oproept om in gesprek te gaan om af te tasten of een pilot gestart kan worden. Dat is ook wat de wethouder zegt.
De heer Verschuure (wethouder) antwoordt dat hij een onderzoek kan doen naar het starten van een pilot. Maar daarna wordt de motie specifiek, waardoor het onderzoek specifiek gericht wordt.
Motie 193, Een spin in het web voor evenementenbeleid, ontraadt hij, omdat die extra fte vraagt. Hij
heeft veel contact met de Vereniging Evenementen Utrecht om de processen te optimaliseren en ze te helpen.
Mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) wijst erop dat in de eerste bullet staat dat er niet per se
Raadsvergadering van 8 juli 2021
58
extra fte hoeft te komen, maar dit ook kan worden belegd bij een bestaande functie, door efficiënter te gaan werken.
Ze vraagt hoe de wethouder casussen zoals de Vechtclub wil oplossen. De heer Verschuure (wethouder) is voor efficiënt werken. Hij probeert dit te faciliteren, maar de motie vraagt heel specifiek om iets op te zetten. Deels wordt dit dus gedaan. De projectmanagers in de
gebieden zijn over het algemeen heel goed in staat om dingen te beoordelen. De specifieke casus kent hij niet, dus hij weet niet waarom het daar niet heeft gewerkt, maar in andere gebieden ziet hij dat er vanuit projecten dingen worden mogelijk gemaakt.
Motie 197, Een steuntje in de rug voor onzelfstandige studentenhuisvesting, neemt hij over. De voorzitter schorst hierna de vergadering.
(Bij hervatting van de vergadering heeft de heer De Pagter het voorzitterschap van de vergadering overgedragen aan de heer Zwanenberg.) De voorzitter heropent de vergadering en verleent het woord aan wethouder Van Ooijen. De heer Van Ooijen (wethouder) neemt motie 142, Overnemen aanbevelingen raadstoets
Ondersteuning op maat, over. Na het reces komt hij terug over de technische mogelijkheden.
Motie 155, Start alliantie tegen financiële ouderenmishandeling. Spreker waardeert het initiatief, maar dat gaat net een stap te ver. Hij zegt toe in gesprek te gaan met de partijen die in de motie worden
genoemd, om te kijken of ze de noodzaak onderschrijven. Doen ze dit, neemt hij het initiatief om een alliantie op te richten.
Mevrouw Assen (PvdA) begrijpt dat de wethouder toezegt dat als partijen melden hierin belang te zien, de gemeente een trekkende rol op zich zal nemen. De heer Van Ooijen (wethouder) bevestigt dit.
Motie 162, Buurthuis van de toekomst, neemt hij over.
Motie 163, Maak werk van zwemwater, raadt hij af. Dat zwemwater zit in de prognose vanaf 2025.
Motie 187, Buurtsportcoaches toekennen aan verenigingen met de grootste behoefte. Hij vraagt de opstellers om een kleine aanpassing van de tekst en "de sportverenigingen" te veranderen in "het sportaanbod". Het gaat erom of het sportaanbod niet zo vitaal is.
Mevrouw Schilderman (D66) vraagt de wethouder dit dictum met zijn aanpassing toe te zeggen. De heer Van Ooijen (wethouder) zegt dat toe.
Motie 202, Vechtsebanen, vindt spreker briljant. Hij neemt haar graag over. Hij plaatst hierbij de
kanttekening dat bij de Programmabegroting 2022 misschien nog niet alle gegevens er zijn over de lobby.
Motie 210, deelmobiliteit ook voor ouderen en mindervaliden, is interessant. Het is even puzzelen hoe dit mogelijk kan worden gemaakt. De motie biedt die flexibiliteit niet. Een paar initiatieven is bij de
gemeente bekend, onder andere in Vleuten-De Meern. Hij stelt voor die op te halen, te evalueren en te bekijken hoe die verder opgeschaald kunnen worden. Het zegt toe dat de motie daarmee overbodig is geworden.
Raadsvergadering van 8 juli 2021
59
De heer Van Deún (PVV) is daar blij mee. Hij gaat ervan uit dat de raad hierover een brief krijgt in Q4. De heer Van Ooijen (wethouder) zegt dat toe.
Hij vervolgt met de vragen. Het aantal pardonners dat een paspoort krijgt, is ongeveer 200. Dit doet
niet veel af aan de inspanning die de gemeente nog steeds moet leveren voor honderden anderen die de vervelende status "nationaliteit onbekend" hebben om hen te ondersteunen.
De heer Gilissen (VVD) vraagt wat dit betekent voor het geld dat is gereserveerd, als de groep met een vijfde kleiner wordt.
De heer Van Ooijen (wethouder) antwoordt dat de inschatting is gemaakt op basis van de verwachting wat er landelijk zou gebeuren en op basis van het gemiddeld aantal uren dat nodig is. De middelen
zijn nog steeds hard nodig om een goede start te maken. Hij zegt toe bij de rapportage aan de raad, te melden hoe het financieel met de uitputting van het budget gaat.
Collega Eerenberg komt terug op de toegankelijkheid van gemeentelijk vastgoed. In het programma
Utrecht onbeperkt toegankelijk, is opgenomen dat UST de norm is. Dit is in ieder geval bij nieuwbouw zo. Bij onderhoud of renovatie wordt gekeken of dit lukt met de reguliere budgetten, of dat er een
extra investering nodig is. Als dat zo is, moet bij de integrale afweging worden bekeken of er budget voor kan worden vrijgemaakt. Daar is nog onvoldoende zicht op. Het college moet hier de managementinformatie beter op orde brengen.
De heer Schipper (SP) vindt het raar dat in 2019 de boodschap was dat de gemeente 25 gebouwen had die ze gericht wilde aanpakken en er nu nog geen schijn van begin van geld of een plan is. Hij vindt dat dit een hogere prioriteit bij het college moet hebben.
De heer Van Ooijen (wethouder) is het ermee eens dat het college explicieter had moeten maken wat
hier gebeurd is. Dit heeft ermee te maken dat er telkens naar een ander deel van de taart is gekeken,
dan weer naar 25 gebouwen, dan weer naar de stemlokalen en dan weer naar de sportvoorzieningen. Dat heeft niet geholpen om echt goed te kunnen afwegen bij welke gebouwen een versnelling moet worden bereikt.
De heer Diepeveen (wethouder) begint met de moties op het terrein van wonen.
Motie 152, stop de verkoop van sociale huurwoningen, is in strijdt met de Overlegwet, maar ook in strijd met de Woonvisie. Daarin is de doelstelling: meer gemengde wijken. En het gaat ook om de investeringskracht van corporaties, waardoor er wat mogelijk moet zijn. Tegelijkertijd pleit de
Woonvisie terughoudend te zijn in de verkoop van sociale huurwoningen. In 2021 zal een kwart
minder worden verkocht en wordt de verkoop in de vier amendementswijken on hold gezet, waarmee gepoogd wordt het principe van gemengde wijken gestalte te geven. Het college ontraadt de motie.
De heer Ișik (PvdA) merkt op dat de wethouder erkent dat er te weinig sociale huurwoningen worden
toegevoegd en de wachtlijst 12 jaar is. Per maand zijn er 35.000 woningzoekenden actief. Hij verzoekt daarom de wethouder te stoppen met de verkoop van sociale huurwoningen.
De heer Diepeveen (wethouder) herhaalt dat de gemeente niet de corporaties opdraagt, maar met hen overlegt. Dat heeft ertoe geleid dat ze de facto dit jaar een kwart minder woningen per jaar verkopen
Raadsvergadering van 8 juli 2021
60
en praktisch zijn gestopt met de verkoop in de vier amendementswijken.
Motie 165, Reservering plankosten Merwedekanaalzone ten behoeve van verantwoorde woningbouw, niet de RSU, ontraadt spreker. Het gaat niet om het doorschuiven naar andere ontwikkelgebieden,
maar om een bredere inzetbaarheid van deze middelen. Ze kunnen nog steeds ingezet worden voor de Merwedekanaalzone, maar ook voor andere gebieden, passend in de investeringsstrategie RSU. Per situatie wordt de inzet van de middelen in een voorstel voorgelegd aan de raad.
Motie 208, Mats de Utrechters nou eens een keer. Volgende week wordt over de
huisvestingsverordening gesproken. De woningmarkt functioneert regionaal, zowel in- als uitstroom.
Het aantal Utrechters dat binnen Utrecht een woning vindt, is relatief hoog, 74%. Hij ontraadt de motie. Motie 213, Duplex is diversificatie. Binnen de sociale huur is er grote behoefte aan betaalbare
gezinswoningen. Daarom is het niet verstandig die bouwkundig te splitsen. Hij ontraadt de motie en wijst erop dat in de Taskforce versneld toevoegen tijdelijke woonruimte met de corporaties wordt
gesproken over het tijdelijk beter benutten van de bestaande voorraad. Daarbij wordt ook gekeken naar creatieve voorbeelden om woningen vaker te delen, maar zonder bouwkundige splitsing.
Motie 214, Geen vergunningplicht bij samenwonen drie personen. Het college stimuleert dat er meer
onzelfstandige eenheden worden gerealiseerd. Het gaat hierbij om het zoeken van de goede balans en de grens is gelegd bij twee personen als het gaat om omzettingen. Hij ontraadt de motie. Spreker vervolgt met de moties die betrekking hebben op de openbare ruimte
Motie 141, lagere inkomsten gemeente niet afwentelen op beroepsvaart. Er is geen sprake van een
afwenteling, maar van een kleine stap om de tarieven voor de beroepsvaart kostendekkend te maken. Ze zitten nog steeds onder de 60%. Hij ontraadt de motie.
Motie 166, toekomstgerichte, eerlijke liggelden voor boten in Utrecht. Op zich gaat het college
akkoord, maar de termijn in de motie is niet te halen. Daarom ontraadt hij haar. Hij zegt toe in de Voorjaarsnota 2022 terug te komen met een voorstel voor een eerlijke en toekomstbestendige verdeling van de haventarieven.
Motie 153, Conciërge voor Utrechtse parken, meer toezicht gewenst. Het college deelt dat er meer
toezicht is gewenst in de parken. Er worden extra wijkboa's ingezet. Er wordt bekeken wat er meer kan worden gedaan, maar voor de oplossing met basisbanen ziet hij geen ruimte. Bovendien gaat het om regulier werk, gezien de gevraagde competenties. Dit zou verdringing opleveren.
De heer Ișik (PvdA) wijst erop dat er nog steeds problemen zijn in die parken, en dit voorstel de mogelijkheid biedt om de leefbaarheid en veiligheid te verbeteren. Hij vraagt een nadere onderbouwing voor het ontraden van de motie.
De heer Diepeveen (wethouder) antwoord dat er geen deugdelijke dekking in zit, want die wordt
weggehaald bij reguliere banen. Daarmee kunnen deze basisbanen worden gefinancierd, maar dat is het paard achter de wagen spannen.
De heer Ișik (PvdA) reageert dat met een conciërge heel veel vernielingen kunnen worden voorkomen. Dat levert veel positieve besparingen op. De conciërge kan zijn kosten zelf terugverdienen.
Mevrouw Schilderman (D66) vraagt of deze motie betekent dat er bezuinigd moet worden op mensen die in de groenvoorziening werken. Of moet er bezuinigd worden op het groen?
De heer Diepeveen (wethouder) antwoordt de motie het geld wil weghalen bij het schoonhouden van de openbare ruimte en de handhaving van de algemene regelgeving. Dat zijn uren en mensen. Die
Raadsvergadering van 8 juli 2021
61
dekking betekent dus een verschuiving. Daarom ontraadt het college de motie. De heer Ișik (PvdA) vraagt de toezegging dat de wethouder uitrekent wat het kost om vernielingen te herstellen en extra handhaving in te zetten en welke besparing een conciërge oplevert.
Mevrouw Schilderman (D66) begrijpt de heer Işik niet. De wethouder zegt dat er mensen zijn voor de handhaving en het schoonhouden van de openbare ruimte en de heer Işik stelt voor die weg te halen en iemand anders in dienst te nemen. Dat levert niets op, behalve ontslag van mensen.
De heer Ișik (PvdA) wil dat iemand wordt ingezet die veel functies tegelijkertijd kan vervullen, zoals
toezicht op de locatie houden en voorkomen van vernieling en vervuiling. Deze persoon voorkomt dat er ellende ontstaat en dat betekent een besparing,
Mevrouw Schilderman (D66) constateert dat de heer Işik niet heeft gekeken naar het feit dat hij het geld ergens anders weghaalt. Het lijkt haar een slecht voorstel.
De heer Diepeveen (wethouder) vervolgt met motie 170, Seizoenfonds voor zachte winters, droge
zomers en hevige storm en regen. Deze is ongedekt en ontraadt hij. De genoemde € 200.000 wordt
ingezet om de begroting sluitend te maken. In het antwoord op schriftelijke vragen staat dat een deel van de middelen dat niet voor gladheidsbestrijding wordt ingezet, de komende jaren wordt ingezet voor andere klimatologische effecten.
De heer Van Steeg (CDA) reageert dat de vraag juist is of het verstandig is het geld daar weg te halen, gezien de klimatologische ontwikkelingen. Volgens hem is de vraag wie waar geld weghaalt. De heer Diepeveen (wethouder) vindt het verstandig en verantwoord het geld bij de gladheidsbestrijding weg te halen om de begroting sluitend te maken.
Hij vervolgt met motie 172, Investeer voor minder peuken op straat. Peukenvoorzieningen zijn over
het algemeen geen succes, trekken vuil aan, zijn moeilijk schoon te houden en passen niet in de trend om het roken te ontmoedigen. Hij vindt het onverstandig om de dekking weg te halen bij de afvalcoaches, want deze doen heel goed werk, ook in de parken. Hij ontraadt de motie.
De heer Van Steeg (CDA) reageert dat de meningen verdeeld zijn over de afvalcoaches. Hij vraagt of de wethouder het idee om peukentegels te plaatsen steunt, om mensen gericht de mogelijkheid te geven hun verantwoordelijkheid te nemen om de wijk schoon te houden.
De heer Diepeveen (wethouder) is voor zelfbeheer, maar hij herhaalt dat peukenvoorzieningen gezien de ervaringen geen geweldig succes zijn. Daar wil het college niet op inzetten.
Motie 176, Watertappunten, neemt hij over. Er zal goed op de randvoorwaardelijke zaken rond waterleidingen en groen worden gelet, zoals de heer Van Heuven vroeg.
Hij vervolgt met de vragen. Er is vaker gesproken over de bordjes zelfbeheer. De betontegels met de aanduiding zelfbeheer zijn bekend. Spreker heeft eerder gezegd dat bij de uitwerking van het
actieplan zelfbeheer met de betrokken bewoners zal worden besproken of zij behoefte hebben aan extra aanduidingen.
De heer Schipper (SP) vraagt of het college van plan is de tegeltjes weg te halen waar ze evident geen
Raadsvergadering van 8 juli 2021
62
effect hebben. Die tegels zijn over. De heer Diepeveen (wethouder) weet niet of er tegels over zijn. In de Waalstraat zijn de bewoners erg blij met die tegels. Er zal met betrokkenen over worden gesproken. De uitkomst kan per buurt of zelfbeheerproject heel verschillend zijn.
De heer Van Steeg (CDA) denkt dat een eenduidig en mooi bordje kan helpen. Hij vraagt wanneer de wethouder de raad hierover kan informeren.
De heer Diepeveen (wethouder) zegt toe dat hij in Q4 hierop terugkomt. De heer Van der Marel (VVD) wijst erop dat het actieplan Zelfbeheer groen inmiddels is geagendeerd in de commissie. De raad komt er in september over te spreken. Dan komen deze zaken weer aan de orde.
De heer Diepeveen (wethouder) neemt dat aan. Hij heeft gezegd dat de gesprekken met de zelfbeheerders over de bordjes iets meer tijd in beslag nemen.
Op 10 mei is een raadsbrief gestuurd over het hekwerk Antoniushof. Daarin staat dat er geen acuut veiligheidsrisico is, maar wel achterstallig onderhoud. Dat trekt hij zich aan. Er is begonnen met de voorbereiding voor het herstel van het hek, in goed overleg met Bo-Ex en de bewonerscommissie.
Omdat het hekwerk uniek is, vraagt de aanbesteding meer tijd dan bij een gewoon hek. De uitvoering is in Q4 dit jaar.
De heer Schipper (SP) reageert aan bij de bewonerscommissie tegenstrijdig verhalen worden verteld. Er zou dit jaar geen geld voor zijn begroot en toch is de uitvoering gepland in het vierde kwartaal. Hij zal de mail die de bewoners hebben gekregen van de gemeente aan de wethouder doen toekomen.
De heer Diepeveen (wethouder) herkent dat niet. Hij heeft andere informatie. Hij zal voor de zekerheid checken of wat hij hier heeft gezegd, bij de bewonerscommissie voldoende bekend is. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) mist de bespreking van motie 215. De heer Diepeveen (wethouder) biedt daarvoor zijn excuses aan. Motie 215, Verkoopprijsbegrenzing betaalbare koopwoningen door middel van erfpachtvoorwaarden. Vorig jaar heeft het college een
motie van de heer Bos overgenomen die opriep dit instrument te onderzoeken in het kader van het
actieplan betaalbare koop. Spreker gaat ervan uit dat dit actieplan nog voor het zomerreces naar de
raad kan worden gestuurd, met daarin een inhoudelijke uitwerking van de verschillende instrumenten. Hij stelt voor die instrumenten in samenhang met elkaar te bespreken en vindt het daarom onverstandig over één instrument een uitspraak te doen. Daarom ontraadt hij de motie.
De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) bestrijdt dit. Er is en motie ingediend om sociale huurwoningen te
behouden voor de betaalbare huurmarkt. Deze motie is anders en gaat over verkoopgrensbeperkingen voor nieuwbouw koopwoningen in de betaalbare koopsector. Hij vraagt een inhoudelijke reactie op motie 215.
De heer Diepeveen (wethouder) antwoordt dat zijn reactie zowel inhoudelijk als procesmatig van aard
Raadsvergadering van 8 juli 2021
63
is. De motie roept op om het erfpachtinstrument op te nemen in het actieplan betaalbare koop. Hij zegt dat de raad volgende week het geheel kan bezien als het actieplan aan de raad wordt
toegezonden. De motie doet onvoldoende recht aan de samenhang, daarom ontraadt hij haar. Mevrouw Klein (wethouder) begint met motie 147, Maak de geschiedenis en groei van Utrecht beter zichtbaar. Ze kan er zelf niets mee, omdat de initiatiefnemers uit de stad worden uitgenodigd om
ideeën aan te dragen. Daarvoor is € 1,75 miljoen aan subsidies gereserveerd. Ze is bereid om met de
vereniging Oud Utrecht en de historische vereniging Vleuten- De Meern, Haarzuilens en Leidsche Rijn te overleggen. Ze zijn bezig met mooie plannen. Ze ontraadt de motie.
Motie 148, Maak werk van onderwijsassistenten. Ze doet een toezegging die breder is dan motie luidt, namelijk om onderwijsassistenten te veranderen in ondersteunend pedagogisch medewerkers, omdat die ook in de kinderopvang terecht kunnen. Volgens de schoolbesturen is er geen tekort aan onderwijsassistenten, maar wel in de kinderopvang.
Motie 149, Laat culturele zzp'ers niet door het ijs zakken, neemt ze over. De heer Te Hoonte (VVD) vraagt of het ook allebei kan, onderwijsassistenten en ondersteunend pedagogisch medewerkers.
Mevrouw Klein (wethouder) antwoordt dat een ondersteunend pedagogisch medewerker nog twee kanten op kan. Daar zit de onderwijsassistent dus in en daarom kiest ze daarvoor.
Mevrouw Klein (wethouder) vervolgt met motie 154, Verhoog het bereik en de kwaliteit van de
voorschoolse educatie. Dit is geen kwestie van geld, want het gaat veel meer om het uitwisselen van
gegevens en contacten met mensen. Ze blijft er keihard aan werken. Ze ontraadt de motie, ook omdat de dekking niet duidelijk is.
Mevrouw Assen (PvdA) vindt dat het niet helpt om met minder geld toe te moeten als er eerst hbomedewerkers op de groep zaten die extra betaald werden en zorgmedewerkers die het gezin ondersteunden. Volgens haar kan geld er wel degelijk een rol bij spelen.
Mevrouw Klein (wethouder) herhaalt dat er nu geen knelpunt is. Ze blijft hierover in gesprek. Motie 158, Meer dan monumentale waarden, neemt ze over.
Motie 186, Meer aandacht voor genocide Srebrenica in het onderwijs. Ze gaat niet allerlei dingen aan schoolbesturen meegeven waarover ze zelf gaan en zal er dus niet over terugkoppelen. Wellicht
hebben de schoolbesturen dit signaal gekregen, want die aandacht is natuurlijk belangrijk. Bij de
nieuwe wet over burgerschapsvorming heeft Utrecht zich laten horen, zodat er aan deze onderwerpen aandacht wordt besteed in de geschiedenislessen.
Ze is een beetje verbaasd over motie 198, Jongeren doen mee. Het college heeft juist laten zien dat
kinderen, jongeren en oudere jongeren op veel fronten veel actiever betrokken zijn. Daarom ontraadt ze de motie, ook om te voorkomen dat er leeftijden moeten worden geregistreerd. Het uitgangspunt
bij Samen de Stad maken is zoveel mogelijk Utrechters bereiken. Daarover wordt teruggekoppeld in de voortgangsrapportages en daarin is zichtbaar geworden dat er in de afgelopen periode veel meer jongeren betrokken zijn geweest.
Mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) reageert dat het sinds corona beter gaat om jongeren te
betrekken, maar dit niet betekent dat dit standaard gebeurt. Door uit te splitsen naar leeftijden, is de
Raadsvergadering van 8 juli 2021
64
motie algemener geformuleerd dan de wethouder zegt. Mevrouw Klein (wethouder) zegt dat het probleem is dat mensen daarmee in hokjes worden gezet. Het gaat er niet om hoe oud men is, maar of men betrokken wordt. Daar zet het college op in.
Mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) is het daar niet mee eens. Bij het plaatsen van hekken bij de Muntkade zijn juist niet de jonge Utrechters betrokken, maar mensen uit een oudere doelgroep. Daardoor ontstond een heel scheef beeld. In die zin doet leeftijd er wel toe.
Mevrouw Klein (wethouder) reageert dat het ertoe doet er allemaal op letten, zowel college als gemeenteraad, om alle verschillende stemmen te horen. Daar zet het college zich voor in.
Mevrouw Schilderman (D66) vindt het plaatsen van hekken bij de Muntkade een lastig onderwerp. Ze deelt dat de participatie heel eenzijdig was, maar dat kwam doordat de gebruikers niet geïnterviewd
waren, in tegenstelling tot de omwonenden. Dat zijn twee verschillende doelgroepen. Ze vraagt wat de wethouder vindt van de suggestie om af en toe een steekproef te doen of mensen van verschillende leeftijden worden bereikt.
Mevrouw Klein (wethouder) antwoordt dat de gemeente veel meer doet dan steekproeven, met name in de voortgangsrapportages Samen de Stad maken. Ze voegt daar geen dingen aan doen.
Motie 207, Verduurzaming en erfgoed, ontraadt ze, omdat het altijd om een bredere afweging gaat. Ze vervolgt met de vragen. Ze heeft eerder toegezegd om in Q3 terug te komen op
sociaaleconomische segregatie in het onderwijs in bredere zin. Ze voegt hieraan toe dat ze dan ook
terugkomt op de manier waarop dit een doelstelling kan worden, hoe dit onderdeel kan worden van de P&C-stukken en hoe dit een plek kan krijgen. Ze neemt dit mee in de gesprekken met de schoolbesturen.
Ze zegt toe nog in deze raadsperiode terug te komen met de resultaten van de fair practices code.
Ze zegt toe dat ze samen met de partners in de Utrechtse onderwijsagenda in Q4 met voorstellen zal komen om de staat van het onderwijs te monitoren en vervolgstappen te zetten.
Mevrouw Assen (PvdA) vraagt dit te doen voor de commissiebehandeling over de programmabegroting.
Mevrouw Klein (wethouder) antwoordt dat partijen hier in september over spreken. Ze wil vooral dat
dit een manier van monitoren wordt die zinvol is. Ze durft niet te zeggen dat het dan kan, maar ze kan voor die tijd wel een update geven.
Over het lerarentekort heeft ze die ochtend met minister Slob gesproken. Er gebeuren goede dingen, maar dat is niet genoeg. Ze zegt toe coördinatie op zich te nemen van de informatievoorziening van de zij-instromers op een centrale plek. Ze zegt toe dit, uiterlijk in november te doen, zo mogelijk eerder.
Ze is verbaasd over de vraag over de buurtbudgetten. Die € 20.000 is voorgesteld om te helpen met
begeleiden, juist in kwetsbare buurten waar mensen niet zelf achter een computer gaan zitten om een buurtbudget aan te vragen en daarvoor plannetjes te maken. Daarbij wordt juist iemand gezet waarmee het gesprek kan worden gevoerd. Ze zegt niet toe dit geld op een andere manier te gebruiken.
Ze zegt volmondig ja op de vraag om initiatiefnemers voor Utrecht 900 actief op te zoeken en met hen
Raadsvergadering van 8 juli 2021
65
te kijken naar de financiële mogelijkheden.
De initiatieven uit het initiatievenfonds die voorheen niet zijn gelukt in het jaar waarin ze zijn
aangevraagd, zijn verhuisd naar het volgende jaar, indien mogelijk. Het ligt in de rede om dat weer te doen, maar ze kan daar niet op vooruitlopen. Een hardere toezegging kan ze niet doen.
De heer Van Steeg (CDA) hoort de wethouder zeggen dat zij in principe bereid is dat te doen als er een onderbesteding is.
Mevrouw Klein (wethouder) heeft gezegd dat die verhuizing is gedaan, omdat vanwege corona dingen niet zijn uitgevoerd. Als de situatie vergelijkbaar is, ligt het in de rede om dat weer te doen.
De heer Van Steeg (CDA) begrijpt dat dit corona gerelateerd moet zijn. Hoe moet hij dat zien en is de wethouder bereid de raad daarover te informeren bij de programmabegroting?
Mevrouw Klein (wethouder) antwoordt dat dit proces niet per se corona gerelateerd hoeft te zijn, maar er een logische reden moet zijn dat iets niet heeft kunnen plaatsvinden, maar in het jaar daarop wel mogelijk is. Er wordt bij de jaarstukken over gesproken.
De heer Van Steeg (CDA) vraagt te worden geïnformeerd als wordt besloten deze gelden aan de algemene middelen toe te voegen.
Mevrouw Klein (wethouder) antwoordt dat de gemeenteraad hierover besluit dus daarover zeker wordt geïnformeerd.
Mevrouw Voortman (wethouder) neemt motie 174, Informatiepunt studentenverenigingen, over.
Motie 185, Naamsverandering van nakomelingen tot slaaf gemaakten, neemt ze over. Ze zal een
advies opstellen over de kosten en de dekking daarvoor. Dit geldt ook voor motie 184, Aanvullend onderzoek naar het Utrechtse slavernijverleden. Die neemt ze over.
Motie 159, Inclusieve feestdagen, ontraadt ze. Ze dankt voor de motie en de aanvullende vragen. De
arbeidsvoorwaarden zijn vastgelegd in de cao. De cao's zijn steeds meer flexibel geworden; daar is ze blij mee. Het IKB is daarvan een voorbeeld. Medewerkers krijgen daarin de mogelijkheid om hun
budget zelf in te vullen en vrije dagen te kopen. In de huidige cao zijn zeven feestdagen opgenomen. Het realiseren van flexibilisatie van feestdagen kan uitsluitend via de cao Gemeenten. Er zijn veel vragen gesteld over de uitvoerbaarheid. Ze heeft zelf veel andere vragen, zoals of de hogere
loontoeslag op feestdagen dan ook van toepassing is, want dat kost geld en dan is dit een ongedekte
motie. Zo zijn er meer vragen. Die moeten onderdeel zijn van het zorgvuldige proces van het tot stand brengen van de nieuwe cao. Daarom moet ze de motie ontraden, maar ze staat sympathiek tegenover het idee. Ze stelt voor dit onderwerp op dezelfde manier op te pakken als bij het ouderschapsverlof. Toen heeft ze gezegd in overleg te gaan met medewerkers om het draagvlak te peilen. Overigens betekent dit niet: meeste stemmen tellen. Dit neemt ze dan mee in de ledenraadpleging van de
werkgeversinzet van de VNG, met nadrukkelijk de inzet dat er zorgvuldig moet worden gekeken naar
de uitvoering. Ze zal de raad natuurlijk op de hoogte houden. Ze zal dit met dezelfde inzet doen als bij het ouderschapsverlof.
Mevrouw Schilderman (D66) dankt voor deze beantwoording. Ze is blij dat de wethouder een peiling
wil houden. De D66-fractie vindt hoe dan ook dat dit onderwerp moet worden besproken bij de cao-
Raadsvergadering van 8 juli 2021
66
onderhandelingen. Ze wijst de wethouder op het dictum. Daarin staat niet: voer het in. Er staat: daarop in te zetten en te kijken naar de mogelijkheden. Dat kan prima in het uitwerkingsproces.
Mevrouw Voortman (wethouder) is het daarmee eens. Maar het gaat dan nog over het draagvlak. Dat wil ze onderzoeken. Dat is het enige verschil dat ze maakt.
Mevrouw Schilderman (D66) constateert dat de wethouder niet de beweging maakt op het punt waarop het voor haar zit en waarvoor de motie is ingediend. Het is een goed idee om het draagvlak te peilen,
maar dat had de wethouder al toegezegd. Het is ook prima dat wordt gewerkt aan de uitwerking. Maar waar zet de wethouder, de gemeente, zelf op in? Waar maakt zij zich hard voor?
Mevrouw De Boer (GroenLinks) vraagt aan de D66-fractie of ze daarmee zegt dat dit een principieel
punt is, ongeacht de vraag of er bij de gemeente iemand op zit te wachten dat flexibilisering van de feestdagen in de cao komt.
Mevrouw Schilderman (D66) zegt niet dat flexibilisering van de feestdagen in de cao moet komen,
maar dat de gemeente dit moet inbrengen als onderdeel van het gesprek bij het vaststellen van de
cao. Ze vindt het een politiek punt om dit in ieder geval in te brengen, met het doel dat te realiseren. Mevrouw Voortman (wethouder) is het met het laatste eens. Maar ze vindt het vreemd iets in te
brengen bij de cao- onderhandelingen waar geen draagvlak voor is onder de medewerkers. Ze wil het netjes doen. Bij het ouderschapsverlof heeft ze precies hetzelfde gedaan en zich bij de VNG
ingespannen om dat bij de VNG-inzet onder te brengen. Eerst het draagvlak testen en het dan tot inzet te maken.
Motie 156, Schulden kwijtschelden, ontraadt ze. De PvdA-fractie wil hetzelfde als het college, mensen zo snel mogelijk uit de schulden helpen. Maar de motie helpt niet om te bereiken dat Utrechters ook uit de schulden blijven. Er is net gestart met de coronasanering en daarin zijn de lessen uit pilot
"sneller saneren in Overvecht" meegenomen. Met deze sanering worden schulden sneller opgelost en
wordt het saneringskrediet deels kwijtgescholden. Het verschil met de motie is dat de coronasanering geen pilot is in een bepaalde wijk, maar geldt voor alle Utrechters met een schuldregeling. In deze coronasanering is het kwijtschelden gekoppeld aan de afspraken om schulden in de toekomt te
voorkomen. Ze vindt het geen goed idee om die koppeling los te laten. Bovendien is de dekking in de motie niet concreet genoeg uitgewerkt.
De heer Van der Zweth (PvdA) vindt de dekking concreet genoeg. Zodra die concreter wordt gemaakt, wijst de coalitie die af. Volgens hem is het verschil met het college dat het college afspraken wil
maken terwijl de dreiging van de schulden nog boven de hoofden van betrokkenen hangen, terwijl de motie zegt die schulden kwijt te schelden om alsnog te kijken of er afspraken kunnen worden gemaakt.
Mevrouw Voortman (wethouder) reageert dat het verschil erin zit dat het college zegt dat men tijd
moet hebben om met iemand te werken aan die duurzame schuldenvrijheid. De PvdA-fractie vindt dit niet nodig.
De heer Sungur (DENK) wijst op andere pilots, zoals het interventieproject in Overvecht waar bewoners specifiek in het kader van een experiment worden benaderd. De gemeente kan zich dus best richten
Raadsvergadering van 8 juli 2021
67
op bepaalde wijken bij een specifiek onderwerp. Mevrouw Voortman (wethouder) reageert dat in Overvecht sprake is van een hoog percentage mensen
met een bijstandsuitkering, die mogelijk meer ondersteuning nodig hebben. Kiezen voor die wijk is in die zin te verdedigen. Bij de schulden wil ze iets doen wat in de hele stad werkt, dat is de coronasanering.
Motie 190, Sterke lobby voor afschaffing of bijstelling van kostendelersnorm, is overbodig. Ze is het
zeer met de DENK-fractie eens en voert daarom een stevige lobby op G4-niveau, maar ook als VNG.
Ook in haar contacten met Kamerleden komt dit onderwerp aan de orde. Het huidige kabinet heeft al verschillende opties verkend voor de kostendelersnorm, waaronder afschaffing. Deze is neutraal aan
de Kamer en het nieuw te vormen kabinet gezonden. Spreekster wacht dat af en zal er zeer scherp op zijn.
De heer Sungur (DENK) ziet de motie als steun in de rug van de wethouder. Mevrouw Voortman (wethouder) neemt in die zin de motie over. Dit zal niets veranderen aan wat ze al doet in het kader van de kostendelersnorm
Ten slotte zegt ze toe meer aandacht te hebben voor jongeren die geraakt zijn door corona en/of schulden. Haar ambitie is dat jongeren merken dat ze het verschil kunnen maken door bij de
gemeente aan te kloppen om hulp te zoeken. Ze denkt ook na over hoe ze jongeren het beste kan
bereiken en gaat de mogelijkheden onderzoeken om jongeren actief op te zoeken. Ze houdt de raad op de hoogte via de dashboardbrieven.
De heer Eerenberg (wethouder) dankt de raad voor de vragen en moties.
Motie 173, Wegwijzer en onderzoek aanbod preventieve relatiecursussen en -therapie. Er zijn
kanttekeningen te plaatsen om bij het aanbieden van relatietherapie, gemeentelijke kosten te maken.
Wellicht is het goed om alle vragen hieromtrent uit te zoeken. In die zin neemt hij de motie over en zal hij het onderzoek doen. Het onderwerp is taai en complex, dus het college moet overtuigd worden of dit zinvol is.
Mevrouw Streefland-Driesprong (ChristenUnie) vindt dat heel fijn, omdat het goed is meer te weten. Preventie kan wellicht zeer helpen.
De heer Eerenberg (wethouder) vervolgt met motie 196, Seksuele gezondheid is een serieuze zaak.
Ongeveer tien dagen geleden heeft het Ministerie van VWS onderkend dat Utrecht onterecht benadeeld wordt in de ASG-middelen. VWS wil dat oplossen. Door de explosie aan kosten vanwege de
coronapandemie is dit echter niet het moment om daarover het gesprek te voeren. Spreker vindt dit
zeer teleurstellend. Daarom gaat het college na de zomer de escalatie in. De motie ontraadt hij, omdat die ongedekt is.
Mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) dankt de wethouder voor het feit dat hij zijn ongenoegen
uitspreekt. Hopelijk helpt dat. De motie roept op om te zoeken en niet direct het geld te reserveren, om daarmee de wethouder een steuntje in de rug te geven.
De heer Eerenberg (wethouder) reageert dat de financiële spelregels zo zijn dat vandaag de integrale afweging plaatsvindt en de programmabegroting daarvan de uitwerking is. Daarom ontraadt het
Raadsvergadering van 8 juli 2021
68
college alle moties die opdragen te zoeken hoe iets in de programmabegroting kan landen. Hij gaat lobbyen, hij is het inhoudelijk eens met de oproep, maar de laatste zin van het derde dictum is in strijd met de financiële spelregels.
Mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) vraagt hoe de wethouder dit dan wil aanpakken. Ze wijst
erop dat in de SOA-poli 6500 consulten zijn doorgeschoven, terwijl jonge mensen tot 25 jaar er recht op hebben. 98% van die 6500 consulten hadden bij de SOA-poli terecht gekund. Komen deze cijfers volgend jaar terug?
De heer Eerenberg (wethouder) reageert dat er onderscheid moet worden gemaakt tussen wie in de risicogroep valt en wie ook naar de huisarts kan. In die zin voldoet Utrecht aan de normen en wachttijden. Tegelijkertijd wordt Utrecht hierin benadeeld en gaat het college lobbyen.
Motie 199, maak werk van UST. Spreker ontraadt de motie om het volgende. Hij had gehoopt dat hij
binnen een week in staat zou zijn voor de raad inzichtelijk te maken welke panden zijn aangepast en
welke nog moeten worden aangepast. Maar dat is niet gelukt en daarom is er een meer algemene brief geschreven. Hij baalt hier enorm van, omdat dit niet helpt om het gesprek te voeren. Inmiddels is er meer gebeurd. Hij kan tot 2017 teruggaan.
De heer Schipper (SP) dankt de wethouder voor dit antwoord. Waarom staat dit niet in de brief van 2 juli?
De heer Eerenberg (wethouder) antwoordt dat die brief achteraf gezien scherper had gekund. Hij wijst
erop dat het college hieromtrent een ambitie heeft zonder budget. Hierover heeft hij gerapporteerd in het MPUV van 2020 en 2021. Deze ambitie moet uit de bestaande onderhoudsbudgetten worden
waargemaakt, maar dat kan niet. Daaraan hadden consequenties moeten worden verbonden, maar dat is niet gebeurd. Het Vastgoedbedrijf heeft geen eigen geld. Dat moet uit een beleidsterrein komen. Daarvoor heeft de raad lijsten nodig om te zien om welke bedragen het gaat.
Er staan 79 panden op de lijst waaraan nog wordt gewerkt. Om die allemaal aan te passen is een
bedrag nodig van € 2,5 miljoen. Dat bedrag moet toegerekend zijn aan het programma UST. Voor de programmabegroting krijgt de raad de informatie die hij heeft toegezegd. Maar hij kan niet beloven dat dit in de begroting gedekt is.
De heer Schipper (SP) vindt het kwalijk dat het college sinds 2018 hieraan blijkbaar geen prioriteit
geeft, terwijl de gemeente het goede voorbeeld moet geven op dit gebied. Hij vraagt de toezegging dat het college wat dit betreft de bakens verzet.
De heer Eerenberg (wethouder) antwoordt dat het bij de nieuwbouw goed gaat. Hij wil graag een inhaalslag maken, maar hij kan dit uit financieel oogpunt niet toezeggen.
Mevrouw De Boer (GroenLinks) wijst op het VN-verdrag gehandicapten. Zij vraagt wanneer dit soort zaken een knelpunt worden en moeten gebeuren.
De heer Eerenberg (wethouder) antwoordt dat het college altijd zorgvuldig weegt wat een knelpunt is
en wat een wens. Dat wordt altijd zorgvuldig gewogen door het college, aan de hand van de financiële spelregels met de vier O's. Volgens die vier O's valt UST in het vakje wensen. Bij de integrale afweging heeft dit de eindstreep niet gehaald. Eerder werd gedacht dat dit uit het reguliere onderhoudsbudget
Raadsvergadering van 8 juli 2021
69
zou kunnen, maar dat is niet waar gebleken. Mevrouw De Boer (GroenLinks) begrijpt dat de inschatting niet klopt. Ze vraagt of het überhaupt
mogelijk is om dit niet te doen. Er ligt immers een VN-verdrag waar de overheid zich aan dient te houden.
De heer Schipper (SP) raadt de raad aan de motie aan te nemen, zodat het college wordt aangespoord eindelijk een keer met UST aan de slag te gaan.
De heer Te Hoonte (VVD) kan er niet helemaal bij. In de Voorjaarsnota wordt een dik verlies genomen
op het naast het stadhuis gelegen pand, omdat men daar een duurzame supermarkt wil vestigen. Dat wordt niet bekostigd uit het programma Duurzaamheid. Bij het Berlijnplein wordt de ambitie
meegenomen om circulariteit toe te voegen. Dat wordt niet uit het programma Cultuur bekostigd, maar komt uiteindelijk in de lijnen van het vastgoed terecht. Hij vindt het bijzonder dat de
toegankelijkheid van de gemeentelijke panden opeens via het programma Toegankelijkheid moet
worden bekostigd. Nee, die panden moeten gewoon toegankelijk zijn. Die opdracht van de raad ligt er
gewoon. € 2,5 miljoen verdeeld over 20 jaar is € 125.000 per jaar. Dat moet gevonden kunnen worden binnen de vastgoedexploitatie. Als dat niet gevonden kan worden binnen de vastgoedexploitatie, dan
zal hij zijn stem voor het MPUV omzetten in een stem tegen het MPUV, omdat dit niet betrouwbaar is. De heer Eerenberg (wethouder) antwoordt dat dit niet zo is. Men kan niet opeens € 125.000 bij elkaar redeneren, omdat alles afgewogen is en zorgvuldig in elkaar zit. Hij begrijpt heel goed dat er nu een
andere weging wordt gemaakt. Dat is dan een nieuw politiek feit. Maar er is in de Voorjaarsnota geen
geld voor een inhaalslag voor de uitvoering van UST opgenomen. Zijn advies over de motie is daarom negatief, ondanks alle sympathie voor het onderwerp.
De heer Te Hoonte (VVD) mist hoe het kan dat er wel een tekort gedekt wordt op de tijdelijke
exploitatie van een duurzame supermarkt, maar er niet gekozen wordt om geld vrij te maken voor het beter toegankelijk maken van de gebouwen van de gemeente, zodat die voor iedereen toegankelijk zijn. Welke afweging maakt het college dan eigenlijk?
De heer Eerenberg (wethouder) antwoordt dat het eerste een feit is. Het pand staat leeg en levert niets op. Dat heeft een effect. Geprobeerd wordt dat effect te minimaliseren. Het gevraagde in motie 199 is in zekere zin toch een investering. Overigens zijn er wel degelijk zaken die in het kader van UST gebeuren. De kern is dat gedacht werd dat het uitvoeringsprogramma UST uit het reguliere onderhoudsbudget zou kunnen komen, wat niet waar is gebleken.
De heer Te Hoonte (VVD) merkt op dat de raad een andere afweging zou kunnen maken. De dekking die nu voor de duurzame supermarkt is geregeld, zou via een amendement kunnen worden toegevoegd aan Utrecht Standaard Toegankelijk.
De heer Eerenberg (wethouder) vindt dat een buitengewoon ingewikkelde constructie. Het betrokken
pad staat leeg, terwijl er in de begroting meerjarige huuropbrengsten van dat pand zijn meegenomen. Als het pand leeg staat, levert dat dus minder op. Dat geld kan dus niet worden ingezet voor iets anders, want dan valt er elders een gat.
Raadsvergadering van 8 juli 2021
70
De heer Te Hoonte (VVD) concludeert dat het college de keuze heeft gemaakt om dat geld uit te geven aan een korting voor een partij die een bedrijf gaat exploiteren, in plaats van aan het toegankelijk
maken van de Utrechtse gebouwen waarin Utrechters worden voorzien van de dingen die zij nodig hebben.
De heer Eerenberg (wethouder) denkt dat de heer Te Hoonte bedoelt te zeggen dat het toch ook mooi is dat het gelukt is om voor een leegstand pand op zo'n prominente plek, dat nu volledig op de
gemeentelijke begroting drukt, een tijdelijke invulling te vinden die ook nog eens past bij het profiel van de stad.
De voorzitter heeft de heer Te Hoonte iets anders horen zeggen. Hij verzoekt de wethouder verder te gaan met zijn beantwoording.
Mevrouw De Boer (GroenLinks) vindt dat de toegankelijkheid van panden een knelpunt had moeten zijn, omdat dit gelet op het VN-verdrag onontkoombaar is. Ze roept het college op UST bij de volgende Voorjaarsnota als knelpunt op te nemen.
De heer Eerenberg (wethouder) antwoordt dat een technische exercitie is, met allerlei voorwaarden. Om te bepalen of iets een knelpunt is of niet. Hij kan daarom niet toezeggen dat het volgend jaar
gegarandeerd een knelpunt is. Of de raad moet zelf een andere afweging maken en politieke feiten creëren.
Mevrouw Streefland-Driesprong (ChristenUnie) is benieuwd wat er nodig is om er een knelpunt van te maken.
De heer Eerenberg (wethouder) antwoordt dat het onder meer de vraag is of het hier gaat om zaken die echt onoverkomelijk en onuitstelbaar zijn. Op basis van de genoemde vier O's komt het USTprogramma niet in het bakje met knelpunten.
De heer Sungur (DENK) vraagt wat de wethouder vindt van het idee dat de raad hierover een uitspraak doet. Is hij daar positief over?
De heer Eerenberg (wethouder) vindt het voorstel natuurlijk heel sympathiek. Hij zou heel graag zien
dat het vastgoed maximaal toegankelijk wordt gemaakt. Dit zou ook het uitgangspunt moeten zijn. De vraag is echter hoe dit moet worden gefinancierd, in samenspel met alle andere ambities voor het vastgoed.
De heer Te Hoonte (VVD) merkt op dat er in het kader van de Voorjaarsnota afwegingen zijn gemaakt over allerlei programma's. Binnen de raad verschilt men van mening over hoe belangrijk die
programma's zijn. Maar volgens hem verschilt de raad niet van mening over het belang van de
toegankelijkheid van de gemeentelijke panden en over het feit dat daarin nog een stap is te zetten, Hoe komt het college dan tot de conclusie dat punt dit niet gedekt is en allerlei andere wensen en ideeën wel?
De heer Eerenberg (wethouder) wil niet in herhaling vallen. Hij twijfelt niet aan de sympathie die
iedereen voor het UST-programma heeft. Het nieuwe feit is dat men dacht dat de ambitie van UST
Raadsvergadering van 8 juli 2021
71
binnen de bestaande middelen kon worden waargemaakt, in elk geval voor een gedeelte van het vastgoed. Dat is echter niet waar gebleken. Dat moet men dan opnieuw met elkaar wegen.
Mevrouw Schilderman (D66) doet een voorstel om hiermee verder te komen. Wellicht kan de heer
Schipper een voorstel maken dat voorsorteert op het politieke feit, waardoor volgend jaar wel dekking wordt gevonden.
Mevrouw De Boer (GroenLinks) begrijpt dat niet alles in één keer kan worden aangepakt. Daarom kan
zij zich voorstellen dat er een plan komt waaruit duidelijk wordt wanneer wat moet worden aangepakt. Wellicht kan de wethouder dat toezeggen.
De heer Schipper (SP) vindt dat de gemeente niet zou moeten afstappen van het idee "werk met werk maken", want dat zou dom zijn. Hij weet niet of het zin heeft een andere motie te schrijven, want in
motie 199 staat: "in de meerjarenbegroting 2022-2025 middelen te reserveren om een substantiële
verbeterslag te maken in de toegankelijkheid van gemeentelijk vastgoed". Dat is de opdracht waar de coalitie zo naarstig naar zoekt. Die kan ze vanavond vasttimmeren door motie 199 aan te nemen.
De heer Te Hoonte (VVD) merkt op dat in een eerder debat vanavond is gewisseld dat er tweemaal
€ 120.000 zou kunnen vrijvallen, omdat in een bepaalde groep niet 1.000 mensen worden bediend, maar 800. Kan dit bedrag voor de eerste twee jaar dekking bieden om het UST-programma op te zetten?
De heer Eerenberg (wethouder) herhaalt zijn toezegging om de gevraagde lijst op te stellen. Die krijgt de raad voor de programmabegroting. Daarmee kan hij ook de vraag van mevrouw De Boer - hoe het
zit met de tijd en met werk maken met werk? - beantwoorden. Dan kan er verder over worden gepraat. Het integrale afwegingsmoment is de volgende Voorjaarsnota. Hij erkent dat die lijst er eerder had moeten liggen.
Mevrouw Assen (PvdA) vraagt of de wethouder vindt dat het wel een knelpunt is, ook als dit volgens de vinkjes niet zo is.
De heer Eerenberg (wethouder) antwoordt ontkennend. Mevrouw De Boer (GroenLinks) merkt op dat mevrouw Assen bedoelde te vragen of de wethouder het zo belangrijk vindt dat dit politiek gezien voor hem een knelpunt is.
De heer Eerenberg (wethouder) heeft dit al meerdere keren gezegd; dat is natuurlijk zo.
Hij vervolgt met motie 200, Houdt de Jaarbeurs aan de Woonvisie. Dat is de inzet van het college. Het
moet socialer in het Stationsgebied en de Jaarbeurs heeft dit zelf in zijn masterplan opgeschreven. Hij neemt de motie over, maar komt wel bij de raad terug als daarmee andere ambities van de Jaarbeurs,
dan wel ambities die de raad de Jaarbeurs heeft opgedragen onder druk komen te staan, om daarover het gesprek te voeren.
Motie 203, Niet Vooruitlopen op Bezuiniging Sociaal Domein. Dit is bij de vorige programmabegroting reeds besloten. Daarom ontraadt hij de motie. Er zijn randvoorwaarden aan verbonden en als men in de buurt van die randvoorwaarden komt, zal hij de raad informeren.
Motie 206, Oude V&D pand uiteindelijk wel verkopen, ontraadt hij. Het is een prachtig pand met kans
Raadsvergadering van 8 juli 2021
72
op maatschappelijk gebruik. Bovendien, bij verkoop wordt er een gat in de begroting geschoten. De heer Van Deún (PVV) vindt dat de investeringen die het college wil doen om weer huurinkomsten te realiseren, niet in verhouding staan tot de opbrengst bij verkoop.
De heer Eerenberg (wethouder) blijft bij het argument dat dit pand in publieke handen heel veel kansen biedt voor de binnenstad. De pandvisie wordt na de zomer besproken.
Hij vervolgt met de vragen. In het Actieplan Zorg staat dat de Health Hub, dit is het netwerk in de zorg, erbij wordt betrokken. Dit gaat om het aantrekken en behouden van talenten, mobiliteit tussen
verschillende werkgevers zonder elkaars concurrent te worden, het leuk maken van het werk – dit
heeft te maken met de administratieve lasten – enzovoorts. Dit heeft de stad nodig, omdat het heel krap is op die markt.
Mevrouw Assen (PvdA) vraagt of dit een toezegging is op de punten die haar collega heeft aangeleverd.
De heer Eerenberg (wethouder) bevestigt dit.
Het extra geld voor de jeugdzorg wordt uiteraard ingezet voor de acute problemen in de jeugdzorg. Hij zal de raad daarbij betrekken, zodra het hij weet hoeveel geld er komt onder welke condities. Mevrouw Dijksma (burgemeester) neemt motie 171 over, Samen verantwoordelijk voor aanpak criminaliteit.
Motie 188, Inzet van acties in buurten met weinig opkomst tijdens verkiezingen, neemt ze over, omdat dit een goed idee is. Ze wijst erop dat er veel onderzoek is geweest en dit een zaak van de lange adem is. Ze stelt voor hierop in september terug te komen, omdat dit een plek moet krijgen in de langjarige financiering.
Motie 194, Het nachtleven veiliger met een nachtstadhuis. Veilig uitgaan is een belangrijk onderwerp. Daaraan wordt heel veel gedaan via het Netwerk Veilig Uitgaan. Horecaondernemers kunnen nu al gebruik maken van een horecatelefoon, waarmee ze direct contact hebben met de politie. Drugs
kunnen worden getest bij Jellinek; daar wordt ook voorlichting gegeven. Ze ziet geen toegevoegde waarde voor een fysiek nachtstadhuis. Bovendien is er geen geld voor.
Mevrouw Oosters (Student & Starter) ziet dat steeds meer jonge mensen weer uitgaan. Voor veel
mensen is dit nieuw, gezien de afgelopen anderhalf jaar. De burgemeester kan gebruik maken van het nachtstadhuis voor een Veilig Uitgaan campagne, zodat meer mensen weten waar ze terechtkunnen. Mevrouw Dijksma (burgemeester) denkt oprecht dat dit geen zin heeft. Een aantal dingen gebeurt al en er is geen capaciteit voor. Als die er al was, zou ze die in iets anders stoppen.
Motie 212, Je Moeder, neemt ze over. De gemeente gaat dit najaar een provocatieve campagne starten, een bewustwordingscampagne die tot doel heeft het bewustzijn hierover bij de daders, slachtoffers en omstanders te vergroten. Ze zal daarbij haar eigen prikkelende punten zetten en gebruikt daarbij haar eigen vormgeving.
Mevrouw Oosters (Student & Starter) is hierover verrast. Ze vindt deze campagne behoorlijk ouderwets, die draait om het respect hebben voor vrouwen, alleen omdat dit gelinkt wordt aan je eigen moeder.
Hoe past dit nog in deze tijd? En moet zo'n campagne niet op een andere manier worden ingestoken?
Raadsvergadering van 8 juli 2021
73
Mevrouw De Boer (GroenLinks) hoopt dat het een heel andere campagne wordt dan het voorstel dat Stadsbelang Utrecht erbij heeft geplakt. Dat is namelijk rolbevestigend.
Mevrouw Dijksma (burgemeester) heeft gezegd dat ze de vormgeving zelf kiest. Het verzoek is een
campagne te starten tegen straatintimidatie. Ze heeft het voorstel dat daarbij zit ludiek opgevat. Ze zal niet vastzitten in oude rolpatronen, maar wel een ander patroon doorbreken, dat van de straatintimidatie.
Amendement 61, uitbreiding pilot verkeershandhaving, ontraadt ze. Dit is geen onwil, want ze lobbyt hier hard voor. Maar het OM is terughoudend om dit te gunnen. Ze kan er dus geen
uitkomstverplichting aan koppelen. Wethouder Van Hooijdonk heeft het spiegelbeeldige amendement om andere redenen ontraden.
Ze vervolgt met de vragen. De VVD-fractie heeft gevraagd hoe het zit met het budget voor het Nieuwe Zandpad en of volgend jaar weer geld voor handhaving wordt doorgesluisd naar het
projectmanagement. Dat is niet de intentie. Het geld is gelabeld aan het project en binnen het project
heeft een verschuiving plaatsgevonden, omdat die handhaving nog niet nodig was. In de jaren 2022 en 2023 zullen de kosten van het projectmanagement onderdeel zijn van de integrale afweging. Daarmee houdt de raad de vinger aan de pols.
Mevrouw Meerding (VVD) is het niet helemaal duidelijk wat hiermee wordt bedoeld. Moet de raad daar dan goedkeuring aan geven?
Mevrouw Dijksma (burgemeester) antwoordt dat de raad dat volgt. Bovendien is het niet haar inzet
weer geld door te schuiven binnen dat project. Ze wijst erop dat als er een tekort binnen een budget ontstaat, naar de portefeuillehouder wordt gekeken om dat binnen dat budget op te lossen. Dat is prudent begroten.
De PvdA-fractie heeft gevraagd concreet aan te geven hoe ex-gedetineerden als ervaringsdeskundigen worden ingezet bij de aanpak van onveiligheid en ondermijning. Ze zal dit heel uitgebreid doen in de
nota die de raad net na de zomer krijgt. Dit wordt een substantieel onderdeel van die nota. Een aantal
mensen uit die groep is al aan de slag. Ze is zeer onder de indruk van hun werk en deelt met de PvdAfractie het belang van dit werk.
De heer Ișik (PvdA) is blij met dit antwoord. Kan het college toezeggen dat alle maatschappelijke
organisaties die hierbij betrokken zijn, worden betrokken bij het maken van de plannen en deze niet alleen maar komen van de ambtelijke ondersteuning?
Mevrouw Dijksma (burgemeester) bevestigt dit. Die gesprekken voert ze al met die organisaties.
Ze vervolgt met de vraag over de situatie in de parken en naar de middelen om overlast in de parken
te bestrijden. Ze wijst erop dat er meer druk op de parken is dan in voorgaande jaren en dat jongeren een nieuw soort van uitgaan hebben ontdekt. Die druk is niet verminderd, nu de horeca weer open is. Er zijn meer meldingen van overlast en er is sprake van meer emotie bij de omwonenden. Er wordt
meer alcohol genuttigd, de groepen jongeren zijn groter en er is meer baldadig en agressief gedrag,
dat zich meer en meer richt tegen de handhavers. De gemeente heeft al heel veel stappen gezet in de handhaving, maar ze zit aan het eind van haar mogelijkheden. Er rest er nog een: de optie om
bijvoorbeeld voor drie weken een cooling down in the summer of love te organiseren in de drie parken waar dit echt problematisch ligt: het Griftpark, het Wilhelminapark en Lepelenburg. Dan gaat het om
Raadsvergadering van 8 juli 2021
74
een nachtsluiting van 23.00 uur tot 06.00 uur. Dat zal het meest effectief zijn, ook voor de
handhavers. Ze neemt hierover begin volgende week een besluit, ook omdat er 9 juli een extra
veiligheidsberaad is. Ze doet dit niet graag en doet dit niet vanwege het aantal besmettingen, maar vanwege de overlast die avond aan avond plaatsvindt.
Mevrouw Oosters (Student & Starter) is verrast en vindt het moeilijk dit in de beantwoording in een
debat te moeten horen. Hoeveel tijd heeft Utrecht gehad om zich op deze situatie aan te passen? Ze stelt voor te kijken hoe het loopt met de huidige maatregelen, nu de horeca weer open is en met de gesprekken met gebruikers in het park om veranderingen te bewerkstelligen. Ze vindt een
nachtsluiting ver gaan en vindt dat de burgemeester heel harde woorden spreekt. Ze hoopt dat het mogelijk is om hierover in gesprek te gaan voordat dit soort maatregelen worden doorgevoerd.
Mevrouw Dijksma (burgemeester) zegt dat ze geen harde woorden spreekt, maar een beeld schetst van de situatie; die valt tegen. De handhavers hebben er avond en avond mee te maken. Bovendien
neemt de agressie tegen hen toe. Dat moet stoppen. Oproepen om ermee op te houden, werkt niet.
Daarom moet er een volgende stap worden gezet. Ze doet dat niet van harte, maar vindt het ook niet onredelijk dat men na 23.00 uur geacht wordt stil te zijn en niet meer in een park zoveel overlast te
veroorzaken. Ze hoopt dat de maatregel van korte duur kan zijn, om de situatie te laten normaliseren. Mevrouw Oosters (Student & Starter) praat de agressie en overlast absoluut niet goed. Maar ze vindt
dat deze maatregel te snel wordt getroffen. Het is maar een kleine stap om er na drie weken weer naar te grijpen. Ze wil een politiek debat in de raad, voordat dit soort besluiten worden doorgevoerd. Ze