11 vergadering gemeenteraad 8 juli 2021.doc
Tekst van het document
Raadsvergadering van 8 juli 2021
19
Mevrouw Schilderman (D66) antwoordt dat in de motie specifiek is opgenomen dat teams de ruimte
krijgen om in het kader van het organisatiebelang te kijken naar de wensen in een team en hoe tot een werkwijze kan worden gekomen. Het begint met de ambitie, daarna volgt de uitwerking.
De heer Van Deún (PVV) is benieuwd naar het antwoord van de wethouder. Volgens hem is de motie
overbodig, omdat ambtenaren in de cao een individueel keuzebudget (IKB) hebben, waarin een aantal
oude feestdagen in geld is uitgedrukt. Met dat budget kunnen ze een vrije dag kopen. Het kan dus al. Hij vraagt of mevrouw Schilderman het met hem eens is dat een vrije dag gewoon loon is. Die kan worden verloond en in het IKB worden opgenomen. Dat is gedaan in de cao.
Mevrouw Schilderman (D66) reageert dat van alles vrijgekocht kan worden. Mensen moeten op
bepaalde dagen vrij zijn, en vervolgens moeten ze vakantiedagen voor een feestdag inzetten. Dat kan anders. Ook meent ze dat men alles kan verlonen, maar dit niet wegneemt dat de gemeente nu nog
voorschrijft wat men moet doen, namelijk vrij nemen op tweede pinksterdag, terwijl iemand liever op een andere dag vrij wil hebben.
De heer Gilissen (VVD) vraagt of het gaat om de flexibilisering van vrije dagen. Er zijn namelijk heel
veel feestdagen, hij noemt er een aantal, zoals de emotiedag. Hoever wil mevrouw Schilderman gaan? Mevrouw Schilderman (D66) antwoordt dat het haar niet om een volledige flexibilisering gaat; dat is
het gesprek tussen werkgever en werknemer. Ze stelt voor om flexibeler om te kunnen gaan met de
feestdagen. Werkgevers en werknemers kunnen prima bekijken aan welke feestdagen er behoefte is en wie daarvoor in aanmerking komt, omdat men dit per team bekijkt.
De heer Gilissen (VVD) begrijpt het niet. Het voorstel is om onder de collectieve druk van vrije feestdagen uit te komen en ze vervolgens afhankelijk te maken van wat in een team wordt afgesproken. Zou dit niet helemaal aan de werknemers zelf moeten worden gelaten?
Mevrouw Schilderman (D66) vindt dat er ook naar de uitvoerbaarheid moet worden gekeken. Ze snapt de wens van volledige keuzevrijheid, maar weet dat daaraan bezwaren kleven. Daarom is het goed daarover met elkaar het gesprek te voeren. Flexibilisering moet de inzet zijn.
De heer Sungur (DENK) valt mevrouw Schilderman bij. In de praktijk zal altijd moeten worden bekeken of iets echt uitkomt. Op de huidige feestdagen moeten er ook handhavers werken enzovoorts. De inzet is helder.
Mevrouw Schilderman (D66) rondt af en begint weer bij het begin, de vaccinatie. Ze constateert
moeheid, omdat de coronacrisis zo ontzettend lang duurt. Het is belangrijk zich te realiseren dat deze periode voor veel mensen sporen nalaat. Ze noemt daarbij boa's, wijkagenten, zorgmedewerkers,
onderwijspersoneel, hulpverleners en ambtenaren. Het college gaat met tekorten in de zorg en op
scholen aan de slag. Spreekster vraagt hoe het college alle mensen die nu onder druk staan wil helpen en ondersteunen.
De toekomst lijkt zonniger te zijn. Elkaar helpen en lief voor elkaar zijn, zullen ook deze zomer in de praktijk nodig zijn. Binnenblijven is niet meer nodig. Ga vooral naar buiten en geniet van elkaar, op afstand als dit moet.
Raadsvergadering van 8 juli 2021
20
De heer Van Heuven (PvdD) vindt dat lief zijn voor elkaar betekent dat inwoners rekening met elkaar moeten houden, dus ook dat iemand op een satellietterras op een gegeven moment naar huis gaat, om geen overlast te veroorzaken voor de bewoners.
Mevrouw Schilderman (D66) vindt dat men daarmee natuurlijk rekening moet houden en op elkaar
moet letten. Maar de mensen die daar wonen zijn niet de enige mensen waaraan men moet denken. Er zijn veel mensen die geen buitenruimte hebben en weinig mogelijkheden om elkaar te ontmoeten. Bovendien hebben ook ondernemers het zwaar. Daarop schorst de voorzitter de vergadering. Na heropening verleent de voorzitter het woord aan de heer Van Steeg. De heer Van Steeg (CDA) vindt dat de jaarstukken en de Voorjaarsnota een beeld van een stad laten
zien die alle zeilen moet bijzetten om de eindjes bij elkaar te knopen. Het is belangrijk dat de overheid perspectief biedt op een toekomst na de coronacrisis, nu de samenleving weer langzaam opengaat. De CDA-fractie is niet blij met de keuzes van het college, omdat de lasten voor de inwoners worden
verhoogd en er nauwelijks wordt gesneden in eigen plannen, omdat het college moeilijke keuzes uit
de weg gaat. De CDA-fractie maakt keuzes die de samenleving versterken, de basis op orde brengen en de verantwoordelijkheid van inwoners versterkt.
De CDA-fractie heeft zich de afgelopen jaren sterk gemaakt voor de winkelgebieden en is blij dat het
college gaat investeren in deze belangrijke ontmoetingsplek. Zijn fractie wil dat het college een stapje extra zet en dient daartoe motie 160 in, Actieve inzet voor kwetsbare winkelgebieden, mede namens de fracties van VVD en SP.
Mevrouw Schilderman (D66) vraagt waarom de heer Van der Steeg denkt dat de winkelgebieden in de motie de kwetsbare winkelgebieden zijn.
De heer Van Steeg (CDA) herinnert eraan dat college zelf een onderzoek heeft gedaan in 2020, waaruit deze gebieden naar voren kwamen. Als die bij elkaar worden gevoegd, wordt er efficiënter gewerkt en beter geïnvesteerd in de kwetsbare winkelgebieden.
Hij vervolgt met investeren in onderwijs. De CDA-fractie pleit voor ontheffing van betaald parkeren voor leraren en werknemers in kinderdagverblijven. Daartoe dient hij motie 161 in, Ontheffing parkeren om in de wijk te investeren, mede namens de fracties van VVD en SP.
Zijn fractie wil meer ruimte voor buurthuizen en ruimte voor gezamenlijk gebruik voor verenigingen. Hiertoe dient hij motie 162, Buurthuis van de toekomst.
Mevrouw Streefland-Driesprong (ChristenUnie) vraagt of de huidige buurthuizen van het verleden zijn en niet multifunctioneel zijn.
De heer Van Steeg (CDA) wil graag multifunctionele accommodaties samenbrengen. Maar de wensen
van verenigingen en zorginstellingen komen nog onvoldoende bij elkaar om op die manier de buurt te versterken. In andere steden gaat dit beter. Hij noemt Den Haag als voorbeeld.
Voor mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) is het verschil met wat al wordt gedaan niet duidelijk.
Raadsvergadering van 8 juli 2021
21
Ze vraagt of de CDA-fractie bereid is er extra studieplekken bij te benoemen. De heer Van Steeg (CDA) antwoordt dat die zeker een toegevoegde waarde kunnen hebben. Hij ziet dat verenigingen vaak extra dingen doen, maar dat er in de buurten en wijken onvoldoende accommodatie voor is. Een buurthuis voor de toekomst brengt de wensen bij elkaar en versterkt daarmee de buurten. Hij vervolgt dat bij het Initiatievenfonds sprake is van een onderbesteding als gevolg van corona. Hij
vraagt de toezegging dat deze middelen dit jaar niet aan de algemene middelen worden toegevoegd. Ook vraagt hij de toezegging om de € 20.000 die voor de buurtbudgetten in de Voorjaarsnota zijn gereserveerd daar ook echt aan te besteden.
Investeren in de samenleving betekent voor de CDA-fractie ook investeren in sport. In Utrecht vormen sport en sportverenigingen belangrijke bindende elementen in de stad. Hij dient hiertoe motie 163 in, Maak werk van zwemwater, mede namens de fracties van PvdA, VVD en Student & Starter.
In overleg met de wethouder Mobiliteit heeft hij een amendement geschreven om de parkeergebieden van de Veemarkt te scheiden. Hij is benieuwd naar de reactie van de wethouder. Dit is amendement 62, Wijziging gebiedsindeling betaald parkeren.
De CDA-fractie ziet graag dat het college proactief aan de slag gaat met Utrecht 900 door met
initiatiefnemers te kijken welke financiële mogelijkheden er zijn en hen actief op te zoeken. Hij vraagt een toezegging.
De CDA-fractie hoopt dat er op het vlak van nauwkeuriger begroten stappen worden gezet. Ze is blij met de raadstoetsen die zijn gedaan en steunt de moties op dit vlak van harte. Ze heeft zelf ook
voorstellen gedaan om de financiën beter te organiseren, zoals bij de Merwedekanaalzone. Daarover dient spreker motie 165 in, Reservering plankosten Merwedekanaalzone ten behoeve van verantwoorde woningbouw, niet de RSU, mede namens de fracties van VVD en PvdA.
Het tariefsysteem voor de verdeling van liggelden is niet toekomstbestendig. Daarover dient hij motie 166 in, Andere besteding van 1 miljoen euro voor Johan Wagenaarkade, mede namens de fracties van Student & Starter, VVD en PvdA.
Voor sport en groen ontbreekt in de Voorjaarsnota de gedegen financiële verantwoording. Daartoe
dient hij motie 167, Aankoopbudget Sport en Groen verantwoorden en voorleggen aan de raad, mede namens de fracties van PvdD en Student & Starter.
Over de Johan Wagenaarkade dient hij motie 168 in, Andere besteding van 1 miljoen euro voor Johan Wagenaarkade.
Vervolgens dient spreker amendement 61 in, Uitbreiding pilot verkeershandhaving, mede namens de VVD- fractie.
Mevrouw Schilderman (D66) ziet dat de handhavers slecht kunnen handhaven op gemotoriseerd
vervoer. De CDA-fractie stelt voor daarop in te zetten. Waar is de pilot voor bedoeld volgens de CDAfractie?
De heer Van Steeg (CDA) vindt dat er een duidelijk tekort is aan handhavingscapaciteit. Daarom helpt het om de handhavingscapaciteit effectiever in te zetten. Het zou fijn zijn als daarnaast ook op het
gemotoriseerd vervoer wordt gehandhaafd, maar dit is geen voorwaarde om de pilot te verlengen. Hij
hoopt dat de boetes die worden geïnd, ten goede komen aan de handhavingscapaciteit en het college daarop inzet. Dat is nog niet zo.
De gemeente heeft een grote verantwoordelijkheid om heldere kaders en duidelijke regelingen te
maken op het gebied van duurzaamheid, bijvoorbeeld als het gaat om zon-op-dak. Hij pleit voor een ambitieuzere doelstelling en dient daartoe motie 169 in, Nieuwe doelstelling voor zon-op-dak, mede
Raadsvergadering van 8 juli 2021
22
namens de fracties van PvdD en Student & Starter.
Hij hoort graag een toezegging van de wethouder op het punt van circulair bouwen. Hij betreurt het dat circulair bouwen niet in de Voorjaarsnota is opgenomen en hoopt dat dit wel zal gebeuren.
Bij het seizoenfonds zachte winters wordt de onderbesteding weggehaald. De CDA-fractie betreurt dit, omdat gladheidbestrijding de komende jaren wellicht minder belangrijk is, maar er ook andere
gevolgen zijn van klimaatverandering. Dat geld kan daaraan worden besteed. Hiertoe dient hij motie 170 in, Seizoenfonds voor zachte winters, droge zomers en hevige storm en regen.
De heer Van Heuven (PvdD) vraagt wat de heer Van Steeg bedoelt met het inzetten van gladheidsbestrijding voor andere vormen van klimaatadaptatie.
De heer Van Steeg (CDA) zegt dat dit in de motie staat, namelijk hoe de gemeente omgaat met water, droge zomers en efficiënt watergebruik. Als gevolg van de klimaatontwikkelingen zijn er andere uitdagingen.
De heer Van Heuven (PvdD) vindt dat interessant. Hij vraagt of de heer Van Steeg onderschrijft dat er
heel veel geld moet worden geïnvesteerd in het voorkomen van klimaatverandering en er extra geld in het programma duurzaamheid moet worden gestopt. Hij vraagt of klimaatveranderingen voorkomen en oplossen, niet meer oplevert. Anders kan de gemeente geld blijven pompen in klimaatadaptatie. Dat is dweilen met de kraan open.
De heer Van Steeg (CDA) is het grotendeels met de heer Van Heuven eens, maar bestrijdt dat dit betekent dat er meer geld bij moet, omdat niet het hele budget wordt gebruikt. Naast de
gemeentelijke overheid, draagt ook het Rijk hieraan bij. Hij erkent dat er zeker iets moet worden
gedaan aan klimaatverandering. Maar dat is een verantwoordelijkheid van iedereen. Er moet echter ook iets worden gedaan aan klimaatadaptatie.
Mevrouw De Boer (GroenLinks) vindt het vreemd dat de heer Van Steeg meent dat iets doen aan
klimaatverandering niet meer geld hoeft te kosten, maar hij vervolgens wel voorstelt meer geld in een redelijk vaag fonds met een redelijk vage doelstelling te stoppen. Kan dat geld niet beter worden besteed aan dingen die op dit moment hard nodig zijn?
De heer Van Steeg (CDA) heeft gezegd dat het niet alleen maar om meer geld gaat. Hij ontkent de
klimaatproblemen niet, maar op het gebied van duurzaamheid blijft veel geld liggen. De vraag is of daar efficiënt mee wordt omgegaan. De motie beoogt het geld dat overblijft voor de
gladheidsbestrijding te gebruiken voor het oplossen van problemen ten gevolge van veranderende
weersomstandigheden. Dat is misschien effectiever dan dit te besteden aan de algemene middelen op het gebied van klimaat.
Voor de CDA-fractie is 'Samen verantwoordelijk' een belangrijk uitgangspunt om de menselijke maat te behouden. Uiteindelijk maakt niet de gemeente de stad, maar de mensen zelf en de inwoners
samen om op een goede en eerlijke manier uit de coronacrisis te komen. Om de lasten hiervan eerlijk te verdelen, stelt de CDA-fractie voor een solidariteitsregeling voor ondernemers te maken, zodat ze
een financiële bijdrage kunnen leveren aan het vangnet voor kwetsbare ondernemers. Hij dient hiertoe motie 164 in, Solidariteitsregeling onderdeel maken van vangnet ondernemers, mede namens de PvdA-fractie.
Hij vervolgt dat op het gebied van criminaliteit een verschuiving is te zien naar vormen die minder
Raadsvergadering van 8 juli 2021
23
zichtbaar zijn, met cybercrime en ondermijning als belangrijkste nieuwe bedreigingen. Dit vraagt om meer investering in preventie en vertrouwen tussen inwoners en overheid. Hiertoe dient hij, mede namens de fracties van ChristenUnie en PvdA, motie 171 in, Samen verantwoordelijk voor aanpak criminaliteit.
De CDA-fractie maakt zich sterk voor de openbare ruimte. Ze roept de gemeente op om inwoners te
helpen hun verantwoordelijkheid waar te maken. Hiertoe dient hij motie 172 in, Investeer voor minder peuken op straat. Hij vraagt een toezegging voor het gebruik van bordjes over zelfbeheer, zodat duidelijk wordt op welke plekken bewoners met zelfbeheer aan de slag zijn.
Mevrouw Streefland-Driesprong (ChristenUnie) vraagt of de heer Van Steeg iets meer kan vertellen over motie 172.
Ze vraagt of er niet beter kan worden geïnvesteerd in een rookvrije samenleving. De heer Van Steeg (CDA) antwoordt dat op een eenvoudige manier, door peukentegels te plaatsen, het mensen makkelijker wordt gemaakt hun peuken op te ruimen. Er wordt al geïnvesteerd in een
rookvrije samenleving. In de motie gaat het om het schoonhouden van de openbare ruimte, waarvoor mensen zelf de verantwoordelijkheid kunnen nemen. Dat kost nauwelijks geld en leidt tot goede resultaten.
De heer Schipper (SP) vraagt of de heer Van Steeg het met hem eens is dat deze tegels op maximaal 3 meter van de bankjes van de D66-fractie moeten liggen, omdat mensen er anders geen gebruik van maken.
De heer Van Steeg (CDA) laat zich graag adviseren op hoeveel meter afstand deze tegels van bankjes moeten worden geplaatst.
Mevrouw De Boer (GroenLinks) vraagt of het ook de bedoeling is het voor mensen makkelijker te
maken door voor hun overige afval voorzieningen te treffen, zodat ze dat niet mee naar huis hoeven te nemen. Ze noemt de lachgaspatronen als voorbeeld. Hoe zit het dan met de eigen verantwoordelijkheid van mensen?
De heer Van Steeg (CDA) hoopt dat de lachgaspatronen op korte termijn niet meer te vinden zijn in de
stad. Een peukentegel is een eenvoudige manier om het voor de inwoners makkelijker te maken. Dat is veel goedkoper dan het instellen van straatcoaches. Op deze manier kunnen inwoners het zelf doen.
Hij zegt dat de heer Gilissen hem goed heeft gehoord dat hij meer zelfbeheerbordjes wil. Immers, op sommige plekken wordt ingegrepen, terwijl de bewoners er zelf mee bezig zijn. Een bordje kan duidelijkheid verschaffen.
Mevrouw De Boer (GroenLinks) vindt de bordjes superleuk, zeker als mensen ze zelf maken. Het gaat vaak mis als ze niet herkend of gezien worden. Moet daar niet meer op gelet worden?
De heer Van Steeg (CDA) antwoordt dat dit de reden is waarom er een eenduidig bordjes nodig is. Hij gaat graag met de heer Gilissen, die de bordjes foeilelijk vindt, om tafel zitten om te kijken op welke
manier die bordjes goed vormgegeven kunnen worden. Hij nodig hierbij ook mevrouw Schilderman uit, die vraagt of de heer Van Steeg zich uitspreekt tegen mooie tegels die ook wel gebruikt worden en benieuwd is met welk concreet voorbeeld de CDA-fractie komt.
Raadsvergadering van 8 juli 2021
24
De heer Van Heuven (PvdD) pleit ervoor dat alleen maar borden worden geplaatst die nodig zijn. De voorzitter raadt de heer Van Steeg aan de volgende keer iets over het dictum van de moties te zeggen.
Mevrouw Streefland-Driesprong (ChristenUnie) merkt op dat de samenleving is opgeschrikt door de aanslag op Peter R. de Vries. Hij heeft zich hard gemaakt voor de ongehoorde groep mensen die
stateloos is. Gelukkig krijgt een grote groep generaal pardonners uiteindelijk toch een paspoort. Dit is
een aansporing voor het college om door te pakken. Spreekster sluit zich aan bij de vraag van de VVDfractie hierover.
De ChristenUnie-fractie benadrukt het belang van opvoeding en gezinnen. Er moet een beweging naar voren worden gemaakt, maar men schroomt die beweging te maken door relaties te verstevigen om
daarmee gezinnen te helpen als het even of langduriger lastiger gaat. Relatiebreuken kosten landelijk
ruim € 4 miljard. Volgens onderzoek van de VNG dragen de gemeenten ongeveer 85% van die kosten. Een financiële tegemoetkoming voor een cursus of andersoortige therapie vanuit publieke middelen kan dus zeer batig zijn om conflicten of breuken in relaties te voorkomen. Een aanzienlijk deel van
deze groep kent of benut de weg niet naar laagdrempelige begeleiding. Daarom dient ze, samen met de fracties van DENK en CDA motie 173 in, Wegwijzer en onderzoek aanbod preventieve relatiecursussen en -therapie met de opdracht:
1. allereerst een wegwijzer (online informatievoorziening) op te stellen waarbij inzichtelijk gemaakt
wordt welk aanbod aan relatiecursussen of -therapie er in de stad beschikbaar is en waar men hulp kan zoeken;
2. daarnaast een onderzoek te doen (in de vorm van een businesscase) naar de mogelijkheid van een lokaal gefinancierd aanbod van relatiecursussen of -therapieën waarbij de kosten en baten van gefaciliteerde toegang in kaart worden gebracht;
3. daarbij voor de gemeenteraad in kaart te brengen welke financieringsmogelijkheden hij voor deze steun zou willen aanwenden;
4. parallel een route via de VNG te bewandelen en in gesprek te gaan met verzekeraars. Spreekster begrijpt dat het geen openeindregeling moet zijn.
De heer Van Heuven (PvdD) vraagt of het alleen over relatietherapieën voor gezinnen gaat, of ook over relatiebreuken tussen mensen onderling. En gaat het hier over traditionele gezinnen, of is er ook ruimte voor regenbooggezinnen?
Mevrouw Streefland-Driesprong (ChristenUnie) antwoord dat de motie over partners gaat en over gezinnen, dus ook over regenbooggezinnen. Het is goed om uit te zoeken of dit zich ook moet strekken tot relaties zonder kinderen,
Ze vervolgt dat door de coronacrisis duidelijk is geworden hoe belangrijk het is contact te houden met de stad, zoals ondernemers, mensen met beginnende schulden maar ook
studenten(sport)verenigingen. De informatievoorziening aan studenten gaat niet zo lekker. Haar
fractie pleit voor een exclusieve ingang voor studenten en dient hiertoe samen met de fracties van Student & Starter en D66 motie 174 in, Informatiepunt studentenverenigingen, met de opdracht:
1. in het volgende studiejaar een heldere Q&A beschikbaar te hebben voor de studentenverenigingen; 2. te zorgen dat binnen het Klantcontactcentrum altijd de actuele informatie beschikbaar is om de vragen van studentenverenigingen direct te kunnen beantwoorden dan wel direct naar de juiste
Raadsvergadering van 8 juli 2021
25
medewerker door te kunnen verbinden;
3. in overleg met de verenigingen te bezien of een simpel contactpunt (bijvoorbeeld een apart emailadres) daar nog iets aan toe zou voegen;
4. de raad over de uitwerking hiervan te informeren.
De openbare ruimte wordt goed gebruikt, zeker in coronatijd. De ChristenUnie-fractie heeft gepleit
voor meer groen in wijken en buurten. Het motto 'groen tenzij' wordt breed gedragen in de raad en is
geborgd in verschillende beleidsstukken. De praktijk schiet nog weleens tekort vanwege conflicterende belangen bij de herinrichting van straten en wegen, soms door de raad zelf veroorzaakt. Daarom dient ze samen met de fracties van GroenLinks, Student & Starter en D66 motie 175 in, Groen Tenzij in de praktijk, met de opdracht:
1. in een brief terug te komen op de dilemma’s tussen verharding en groen bij recente
herinrichtingsprojecten en welke andere sturingsmogelijkheden hierin mogelijk zijn;
2. de sturingsmogelijkheden betreffende het principe 'groen tenzij', waarbij ook de biodiversiteit wordt vergroot, verder uit te werken in de visie openbare ruimte of de vernieuwing van de kadernota kwaliteit openbare ruimte;
3. de raad hierover voor het einde van het jaar te informeren.
Ze reageert op de opmerking van de heer Gilissen dat gebrek aan geld een dilemma kan zijn en meer tegels plaatsen voor het onderhoud goedkoper is dan groen. De raad zal dan een afweging moeten maken.
Twee wethouders hebben toegezegd te kijken naar het bewegen in de openbare ruimte en dit najaar
met een duidelijke te brief zullen komen; dat is fijn. In de discussie over de voorzieningen die hierbij
nodig zijn, mist de ChristenUnie-fractie de watertappunten. Goed drinken tijdens recreëren is immers
gezond. Hierover dient ze met de fracties van CDA en Student & Starter motie 176 in, Watertappunten, met de opdracht:
1. te onderzoeken wat er nodig is om meer watertappunten te plaatsen op locaties in de stad waar
nog geen vers water beschikbaar is, zoals langs wandelroutes (ommetjes), (sport)parken en andere recreatielocaties, bijvoorbeeld bij het rondje stadseiland en het lint in Leidsche Rijn;
2. in overleg te gaan met leveranciers over wat zij kunnen bijdragen; 3. de raad hier voor de Voorjaarsnota 2022 over te informeren.
De heer Van Heuven (PvdD) vraagt of mevrouw Streefland het ermee eens is dat bij het plaatsen van watertappunten rekening wordt gehouden met het aanwezige groen, en dat een essentiële randvoorwaarde is.
Mevrouw Streefland-Driesprong (ChristenUnie) heeft daar nog niet over nagedacht, maar kan zich voorstellen dat dit randvoorwaardelijk is.
Ze wilde het geld voor de afvalcoaches inzetten voor handhaving in parken. Nu er geen extra budget voor kan worden vrijgemaakt, vraagt ze hoe het college de overlast in de parken denkt te kunnen tegengaan en hoe de raad daarin wordt meegenomen.
Ze vindt dat het voor het Vlinderhof weinig zin heeft weer een tijdelijk onderkomen neer te zetten in
het Maximapark. Met de bijdragen en de fondsen die het Vlinderhof heeft, kon een duurzaam gebouw
worden gerealiseerd, maar door de kostenstijgingen is het te duur worden. Er is al een vergunning. Nu wil men het gebouw versoberen en meer vandalismebestendig maken. Spreekster vraagt of de
gemeente bereid is daaraan mee te werken, bijvoorbeeld met een adviseur die praktisch meedenkt. Ze vraagt hierop een toezegging.
Eindelijk wordt er gewerkt aan een concreet plan voor de trappen van de Moreelsebrug. Ze vraagt of
Raadsvergadering van 8 juli 2021
26
het college de planning kan schetsen en of een besluit voor de verkiezingen te verwachten is. De heer Van Heuven (PvdD) begint met een citaat uit het coalitieakkoord: "Utrecht wil koploper zijn als het gaat om de verandering naar een duurzame energievoorziening en economie. We versnellen de verandering van onze energiesystemen om zo snel mogelijk energieneutraal te worden."
Bij het debat over het coalitieakkoord zei de toenmalig fractievoorzitter van de PvdD hierover: geen
scherp doel, geen afrekenbare tussendoelen, dus helemaal niets. Dit blijkt in de praktijk. Daarom heeft de PvdD-fractie hierover moties ingediend. Spreker erkent dat er kleine stapjes worden gezet, maar
mist echt grote stappen. Hij vraagt waar het energielandschap is. Dit college is nota bene van grijs gas naar grijs gas van Gazprom overgestapt. De Regionale Energie Strategie (RES) is vertraagd. De actie
Energiebesparing moet nog worden gemaakt. Hierbij een ambitieus doel noemen zou te prematuur en
ingewikkeld zijn, omdat de gemeente er grip op moet kunnen houden, terwijl het ICCP waarschuwt dat het klimaatprobleem zo sterk uit de hand loopt, dat de mens dreigt uit te sterven, naast dieren en planten.
De PvdD-fractie heeft aan verschillende wethouders gevraagd hoe klimaatbestendig zij opereren. Spreker citeert er vier: "In alle eerlijkheid, echt klimaatneutraal worden is voor de stad Utrecht
onmogelijk (…) omdat we te weinig ruimte hebben om met name onze elektriciteit op te wekken (…)", aldus de wethouder Duurzaamheid.
"We proberen ons met onze inzet voor werk voor iedereen te richten op banen voor de toekomst en
daarbinnen richten wij ons ook op de energietransitie en dat soort zaken. We richten ons ook via de
regionale economische agenda op initiatieven voor brede welvaart (…)", aldus de wethouder Economie. De wethouder Vastgoed zegt: "Onze ambitie klimaatneutraal in 2040 gaan we per pand doen. We hebben meer geld nodig als we dit eerder willen, strakkere keuzes, want soms wil de raad (…)".
Als laatste de wethouder Financiën: "Ik denk dat het belangrijk en herkenbaar is dat we van alles doen, maar ik zeg ook dat wij als gemeente niet in staat zijn volledig alles te doen wat nodig is om (…)". Spreker stelt een retorische vraag: denkt het college dat het goed gaat met het bestrijden van de
klimaatcrisis? Waar is de visie, waar is het vechten, het proactieve voor de troepen uitlopen? Waarom veel woorden en weinig actie? Bij de algemene beschouwingen heeft de PvdD-fractie een motie ingediend om in 2030 klimaatneutraal te zijn. Hij roept alle raadsleden op voor deze motie te stemmen, omdat de tijd op is.
Hij antwoordt op de vraag van de heer Van Deún hoeveel graden het op aarde gaat schelen als Utrecht in 2030 klimaatneutraal is, dat de afspraak is niet meer dan 1,5 graad op te warmen. De wereld dreigt af te stevenen op 3 tot 4 graden opwarming. Daarmee gaan de mensen er zelf aan, volgens de laatste berekening. Hij weet niet of de heer Van Deún dit wil. De laatste vindt dat geen antwoordt, dus
vervolgt de heer Van Heuven dat als Utrecht klimaatneutraal wordt, de stad niet meer bijdraagt aan de opwarming.
Mevrouw Schilderman (D66) vindt de ambitie goed, maar vindt ook dat die moet passen en kunnen. Welke concrete voorstellen leiden tot het opwekken van de energie waaraan behoefte is?
De heer Van Heuven (PvdD) stelt voor te beginnen het stimuleren van energiereductie tot de helft van het huidige niveau. Los daarvan moeten er meer bomen worden geplant en moet men overgaan op
duurzame energie, fossiele reclame weren, stoppen met vlees eten, huizen isoleren et cetera. Hij wijst erop dat deze ambitie is afgesproken en de D66-fractie daarvoor heeft getekend. Hoe wil zij klimaatneutraal worden?
Raadsvergadering van 8 juli 2021
27
Mevrouw Schilderman (D66) antwoordt dat de D66-fractie ernaar streeft en voorstellen doet in dat kader. Ze maakt zich hard voor het plaatsen van zonnepanelen waar dit mogelijk is en voor een
energielandschap. Ze wijst erop dat voor de duurzame warmtevoorziening juist veel meer energie zal moeten worden gebruikt. Ze begrijpt niet hoe de PvdD-fractie een halvering denkt rond te krijgen. De heer Van Heuven (PvdD) noemt terrasverwarmers als voorbeeld. De D66-fractie is daar voor. Mevrouw Schilderman (d66) vindt het heel bijzonder om te zien dat de PvdD-fractie denkt dat met heel hard roepen dat men klimaatneutraal moet worden, dit ook gebeurt. Maar om vooruit te komen, moet men dit samen doen met de stad, zodat iedereen daarin mee kan gaan en er geen anti-beweging ontstaat. Ze vindt het vervelend dat de PvdD-fractie ieder concreet plan nalaat.
De heer Van Heuven (PvdD) bestrijdt het laatste. Zijn fractie heeft heel veel plannen ingediend om
concreet te worden. Hij wijst op de 50 punten van Urgenda die zijn fractie als motie heeft ingediend. De D66-fractie heeft daar tegen gestemd. Voor Rijnenburg heeft de D66-fractie het aantal
windmolens teruggeschroefd van elf naar acht. Daardoor is er veel chaos in het dossier ontstaan, waardoor woningeigenaren niet meer mee willen doen.
Mevrouw De Boer (GroenLinks) is het met de PvdD-fractie eens dat er echt wat moet gebeuren. Maar
als men alles zou doen, is het nog steeds onmogelijk om voor 2030 klimaatneutraal te zijn. Ze daagt de heer Van Heuven uit te vertellen hoe dit wel kan.
De heer Van Heuven (PvdD) daagt de GroenLinks-fractie uit met meer geld over de brug te komen. Het programma Duurzaamheid staat namelijk op een laag niveau. Hij heeft al genoemd dat de
vleesconsumptie in de stad anders kan worden ingericht. Veel bomen planten is ook een goed idee. Utrecht bungelt al jaren onderaan het lijst van steden met de minste bomen per inwoner.
Mevrouw De Boer (GroenLinks) vraagt hoe de vleesconsumptie moet worden verminderd. Door de verkoop van vlees in supermarkten te verbieden? Dat mag de gemeenten niet eens. Hoe is dat te regelen voor 2030?
De heer Van Heuven (PvdD) antwoordt dat hiervoor landelijke maatregelen nodig zijn, maar dat er ook lokaal veel kan worden gedaan, zoals een vegetarische dag in de horeca invoeren. Wethouder Verschuure zal zich hiervoor inzetten. Spreker hoopt dat daarmee veel horeca wordt bereikt.
Hij vindt de conclusie van mevrouw De Boer dat de gemeente hiermee niet voor 2030 klimaatneutraal wordt, zuur, want er moet veel meer worden gedaan. Hij constateert dat het college hier heel gratuit mee omgaat.
De heer Gilissen (VVD) deelt de ambities om op termijn klimaatneutraal te worden. De PvdD-fractie
heeft in 2019 de motie ingediend om de klimaatcrisis uit te roepen. De fracties van D66 en GroenLinks hebben die gesteund. Voelt de heer Van Heuven zich door hen niet ongelooflijk in de steek gelaten?
Zijn fractie heeft toen tegengestemd, omdat ze zoekt naar concrete oplossingen en het uitroepen van een crisis niet de oplossing is.
De heer Van Heuven (PvdD) heeft een dubbel antwoord. Hij constateert dat het tempo hoger kan en is daarin teleurgesteld. Maar hij ziet ook hoe vaak de klimaatcrisis wordt genoemd. Die motie heeft dus
Raadsvergadering van 8 juli 2021
28
bewustzijn gecreëerd en daar is blij mee. Bewustzijn en draagvlak zijn nodig. Het kan wel wat pittiger. Mevrouw De Boer (GroenLinks) reageert dat de GroenLinks-fractie al vanaf de jaren 70 bezig is om
ervoor te zorgen dat het beter gaat met het klimaat. Dat is de basis van de partij. De urgentie lijkt ook
tot de VVD-fractie door te dringen. Dit college heeft veel ingezet, zoals op schone mobiliteit. De VVDfractie vindt dat autootje pesten. Met de VVD-fractie in het college zou er minder zijn ingezet op het bestrijden van de klimaatcrisis.
Mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) wijst erop dat uit de raadsbrief betaalbaarheid
energietransitie blijkt dat de gemeente tegen een grens aanloopt en zeer afhankelijk is van
rijksregelingen, zoals subsidies en fiscale regelingen. Hoe kijkt de heer Van Heuven daartegenaan? De heer Van Heuven (PvdD) reageert dat voor het programma Duurzaamheid een paar miljoen staat. Het is een van de kleinste programma's binnen de begroting. Er kan heel veel meer worden gedaan. Men kan naar het Rijk kijken, maar lokaal intussen veel meer doen.
Bij de energietransitie is draagvlak nodig. Bij windmolens en zonnevelden groeien partijen uit elkaar. Het instellen van een burgerberaad kan een oplossing bieden. Daarover dient hij motie 177 in, Burgerberaad klimaatcrisis en energietransitie met de opdracht:
1. te onderzoeken hoe een burgerberaad klimaatcrisis en energietransitie opgezet kan worden; 2. de raad zo spoedig mogelijk te informeren over de uitkomsten van dit onderzoek; 3. een burgerberaad klimaatcrisis en energietransitie op te zetten.
Hij licht naar aanleiding van het verzoek van de heer Bos toe, dat mensen via loting bij elkaar worden
gezet, goed op de hoogte worden gehouden van de kaders en randvoorwaarden, voorzien worden van
kennis en inspiratie en vervolgens aan het bestuur adviseren. Een burgerberaad kan worden gezien als een goede nadenktank. De deelnemers representeren wat groepen in de stad nodig vinden om de
energietransitie verder te brengen. De kennis uit de stad kan gebruikt worden om de energietransitie vorm te geven, zodat de gemeente een bredere blik kan krijgen. Bovendien kunnen deze mensen in hun netwerk vertellen waarom energietransitie nodig is.
Mevrouw De Boer (GroenLinks) vraagt wat er nieuw is aan het voorstel van de PvdD-fractie vergeleken de stadsgesprekken. Daarvoor worden ook mensen geloot. Ze merkt op dat bij de stadgesprekken over energie precies gebeurde wat de heer Van Heuven zei in zijn antwoord op de heer Bos.
De heer Van Heuven (PvdD) legt uit dat mensen bij stadsgesprekken min of meer werden uitgehoord,
terwijl ze in een burgerberaad meedenken. Wat ze zeggen wordt neutraal en onbevangen opgepakt. Bij de stadsgesprekken hadden mensen het idee dat ze gestuurd werden door de gemeente. Hij nodigt
mevrouw De Boer uit mee te gaan met dit idee, als ze de formule van de stadgesprekken erin herkent. Studenten hebben onderzoek naar het burgerberaad gedaan een heel goede aanbevelingen gegeven. De heer Bos (Stadsbelang Utrecht) heeft voorbeelden gezien in Luxemburg en België waarin een
burgerberaad doorzettingsmacht krijgt. Zoals de heer Van Heuven een burgerberaad voorstelt, kunnen dezelfde problemen ontstaan als er nu zijn met burgerparticipatie.
De heer Van Heuven (PvdD) vindt het daarom nodig aan verwachtingsmanagement te doen. Wellicht worden raadsleden teleurgesteld door de adviezen van een burgerberaad, maar ze moeten die adviezen wel opvolgen.
Raadsvergadering van 8 juli 2021
29
Hij vervolgt dat het Rijk het mogelijk heeft gemaakt in het kader van de OZB een groene
heffingskorting te geven. Hij vindt dat Utrecht hiermee snel aan de slag moet. Het nadeel is dat vooral rijke huiseigenaren hiervan profiteren, omdat zij het geld hebben om hun huis te verduurzamen. Een eerlijke groene heffingskorting betekent dat die in samenhang moet worden gezien met de
duurzaamheidsleningen en andere instrumenten om mensen met een krappe beurs te helpen hun huis te verduurzamen. Samen met de fracties van GroenLinks en de ChristenUnie dient hij motie 178 in, Groene heffingskorting & OZB met de opdracht:
1. onderzoek te doen naar een mogelijke en eerlijke invoering van de groene heffingskorting gerelateerd aan de OZB in Utrecht;
2. bij de Voorjaarsnota 2022 de uitkomsten van het onderzoek te presenteren, op basis waarvan de raad een verdere uitwerking en het vervolg tot invoering kan bepalen.
Spreker vervolgt dat door de groei van de stad steeds meer dieren in de knel komen. Hij heeft zojuist wethouder Diepenveen een verkeersbord overhandigd, gemaakt door de leden van zijn partij, dat
waarschuwt voor overstekende dieren. De dierenambulance en de vogelopvang hebben steeds meer werk, ook vanwege het dumpen van dieren die tijdens de coronacrisis in huis zijn genomen. De
wethouder Dierenwelzijn noemde het laatste onlangs nog een niet bestaand probleem. Zijn fractie komt hier later op terug. Ze wil meer geld voor dierenambulance en vogelopvang regelen en dient daartoe, samen met de fracties van SP en PVV motie 179 in, Extra bijdrage Dierenambulance en Vogelopvang, met de opdracht:
- structureel een extra bijdrage van 30.000 euro voor de Dierenambulance en 28.000 euro voor de Vogelopvang boven op hun bestaande financieringen vrij te maken;
- dit via het contract met partner van de gemeente de Dierenbescherming te laten lopen;
- hierbij voor het eerstvolgende jaar dekking te zoeken in middelen die verkregen zijn via teruggevorderde subsidies;
- hierna eveneens gebruik te maken van deze post of een beroep te doen op middelen die beschikbaar komen door groei van de stad.
De bedragen zijn met de dierenambulance en de vogelopvang afgestemd.
Hij merkt op dat de groeiende kippenpopulatie in het Julianapark een groot probleem vormt, vooral gezien haar gezondheid en welzijn. De diervriendelijkste oplossing is verhuizing naar een opvang, maar dat vindt het college te duur. Zijn fractie heeft geld gevonden en maakt ook geld vrij voor
natuurgebied Amelisweerd, dat door coronarecreatie platgelopen wordt. Hij dient hiertoe motie 180 in, Compenseer de recreatie-impact in Amelisweerd & verhuis kippen uit het Julianapark, mede namens de fracties van SP en PvdA met de opdracht:
1. de ingeboekte bezuiniging van 100.000 euro van de Amelisweerd-gelden voor een jaar ongedaan te maken, dekking hiervoor te vinden in de zogeheten coronagelden en vervolgens: a)
b)
eenmalig 50.000 euro te bestemmen voor het landgoed Amelisweerd, voor het opvangen van
nadelige gevolgen van recreatie, handhavingscapaciteit aldaar te versterken en de lokale biodiversiteit te verstevigen;
eenmalig 50.000 te bestemmen voor de verhuizing van (een deel van de) kippen in het
Julianapark naar een dierenopvang.
Met de fracties van VVD, Student & Starter en Stadsbelang Utrecht komt de PvdD-fractie met een motie om de hondenbelasting af te schaffen, omdat het heffen van belasting op levende wezens vreemd is. Bovendien is de hondenbelasting een niet te verdedigen lastenverzwaring voor inwoners om de begroting sluitend te maken. Dit is motie 181, Schaf hondenbelasting af, met de opdracht: 1. de hondenbelasting in Utrecht af te schaffen met ingang van 1 januari 2022;
2. dekking hiervoor te vinden in het niet verhogen van niet vaste kosten met betrekking tot de loon-
Raadsvergadering van 8 juli 2021
30
en prijsbijstelling voor 2022 en verder;
3. de afschaffing van de hondenbelasting te verwerken in de Programmabegroting 2022 en een voorstel voor de intrekking van de Verordening Hondenbelasting naar de raad te zenden.
Spreker merkt hierbij op dat de loon- en prijsbijstelling op nieuwe projecten helemaal niet nodig is vanwege de continuïteit. Immers, ze zijn nieuw en onbekend.
De heer Van der Zweth (PvdA) vraagt waarom de heer Van Heuven deze keuze maakt, terwijl hij eerder heeft gewezen op de urgentie met betrekking tot duurzaamheid en klimaat.
De heer Van Heuven (PvdD) antwoordt dat zijn fractie heeft gedebatteerd over de vraag of het
belangrijk is dierenwelzijn te stimuleren. Vorig jaar heeft de PvdD-fractie geprobeerd de opbrengst van de hondenbelasting om te vormen naar dierenwelzijn. Dit jaar heeft ze ervoor gekozen de
hondenbelasting helemaal af te schaffen, ook vanuit het filosofische principe dat het vreemd is belasting te heffen op levende wezens.
Spreker is blij dat wethouder Verschuure de veggiedag heeft overgenomen. Hij vraagt wat precies bij deze toezegging hoort, wanneer de raad er meer over hoort en wat het precies is.
De PvdD-fractie vraagt al vijf jaar om de bescherming van parken en groengebieden tegen festivals en
evenementen. Het proces dat locatieprofielen heet, is in de ijskast gezet. Spreker vraagt de toezegging dat de wethouder na de zomer met de locatieprofielen aan de slag gaat en uiterlijk in Q1 2022 een
procesvoorstel, of raadsvoorstel, voor participatie en besluitvorming gereed heeft. Hij heeft een motie achter de hand.
Hij wijst erop dat veel winkelpanden leegstaan, omdat er veel winkelruimte is bijgekomen, mensen
online zijn gaan winkelen en omdat een groeiende groep mensen minder consumeert. Daarnaast is er
behoefte aan meer woonruimte. Hierover dient hij motie 182 in, mede namens de PvdA-fractie, Wonen in leegstaande winkelpanden, met de opdracht:
1. in plannen voor het revitaliseren van alle winkelgebieden, dus ook het kernwinkelgebied, de
mogelijkheid te benadrukken dat leegstaande winkelruimte ingezet kan worden als woonruimte;
2. en zich er vervolgens voor in te zetten dat die mogelijkheden ook benut worden.
Tot slot dient hij een motie in om de ontwikkeling van het aantal vierkante meters groen en water
apart inzichtelijk te maken. Die cijfers zijn er. Dit is motie 183, Ontwikkeling vierkante meters groen en blauw inzichtelijk, met de oproep,
- om vanaf de eerstvolgende programmabegroting de indicator voor de hoeveelheid openbaar groen en water per huishouden in de stad op te splitsen in het aantal m² groen en het aantal m² water.
Mevrouw Schilderman (D66) is benieuwd wat de heer Van Heuven hiermee hoopt te bereiken. Zij wijst erop dat er veel werk is gemaakt van mooie groene oevers en daar ook veel ruimte is voor dieren en biodiversiteit.
De heer Van Heuven (PvdD) antwoordt dat de kwaliteitsbeleving van groen en water anders is. Door die op een hoop te gooien, krijgt men er minder inzicht in. Als groen en water goed worden uitgesplitst, blijken er niet 75 m² groen maar 68 m² te zijn, omdat water nu nog bij groen wordt opgeteld.
De heer Sungur (DENK) herinnert eraan dat een week geleden de afschaffing van de slavernij is
gevierd. Dit jaar was dat extra bijzonder, omdat een dag eerder het resultaat van het onderzoek naar het Utrechtse slavernijverleden is gepresenteerd. Dat verleden was nauwelijks bekend. Nu blijkt dat een groot deel van de Utrechtse elite direct betrokken was bij de slavenhandel. Zijn fractie vindt dit
Raadsvergadering van 8 juli 2021
31
onderzoek het begin van de weg om Utrecht inclusiever te maken. Hij dient op dit onderwerp twee
moties in. Motie 184, Aanvullend onderzoek naar het Utrechtse slavernijverleden, dient hij mede in namens de fracties van GroenLinks, SP, D66, PvdA en PvdD met het verzoek:
1. te verkennen op welke manier aanvullend onderzoek naar het Utrechtse slavernijverleden gedaan kan worden, conform de aanbeveling van de onderzoekers onder leiding van Nancy Jouwe;
2. en de raad hierover te informeren voor de behandeling van de Programmabegroting 2022.
Motie 185, Naamsverandering van nakomelingen van tot slaaf gemaakten, dient hij mede in namens de fracties van ChristenUnie, GroenLinks, SP, D66, PvdD en PvdA, met de opdracht:
1. samen met de gemeente Amsterdam, Rotterdam en Den Haag bij het Rijk te gaan pleiten voor afschaffing van de kosten van een naamswijziging en voor afschaffing van het psychologisch
onderzoek voor nakomelingen van tot slaaf gemaakte mensen waarmee ze moeten aantonen dat ze echt hinder ondervinden van hun achternaam;
2. als gevolg van de resultaten van het onderzoek naar het slavernijverleden van Utrecht, in aanloop naar mogelijke excuses, te verkennen wat de mogelijkheden zijn om als gemeente Utrecht
tegemoet te komen aan de kosten die Utrechtse nakomelingen van tot slaaf gemaakte mensen moeten maken om hun achternaam te veranderen.
Naast het leed uit de koloniale geschiedenis is er leed om de genocide in Srebrenica uit 1995. Volgens de canon van Nederland is dit een zwarte bladzijde in de Nederlandse geschiedenis. Uit onderzoek
blijkt dat deze onvoldoende aandacht krijgt in het onderwijs. Daarover dient hij motie 186 in, Meer aandacht voor genocide Srebrenica in het onderwijs, met de opdracht:
1. in gesprek te gaan met onderwijsinstellingen in Utrecht met de vraag om meer aandacht te geven aan de genocide in Srebrenica in het geschiedenisonderwijs;
2. de raad te informeren over de resultaten van dit gesprek.
De heer Van Deún (PVV) vraagt of de DENK-fractie ook bereid is aandacht te schenken aan de
Armeense genocide, waarbij een miljoen mensen om het leven zijn gebracht. Hij wijst erop dat in
Nederland ook de Tweede Wereldoorlog wordt herdacht en andere gebeurtenissen. Dat is goed. Maar in Nederland wordt ook de Armeense genocide erkend. Waarom doet de DENK-fractie dat niet? De heer Sungur (DENK) antwoordt dat zijn fractie zich in beginsel richt op de Nederlandse geschiedenis. Hij
vindt het ongepast op het moment dat hij het heeft over het leed van de Bosnische gemeenschap, daar in politieke zin iets anders bij te betrekken. Hij wijst erop dat Tweede Wereldoorlog ook over de Nederlandse geschiedenis gaat. Hij hoort hierover graag een voorstel van de heer Van Deún.
Mevrouw De Boer (GroenLinks) is het met de heer Sungur eens dat Srebrenica een zwarte bladzijde in
de Nederlandse geschiedenis is. De politionele acties in Indonesië horen daar ook bij. Ze vraagt hoever de politiek moet gaan om te bepalen wat er wel of niet in de schoolboeken komt te staan en aan
onderwijs moet worden gegeven. Waarom wordt over het een wel en het andere niet met de scholen in gesprek gegaan?
De heer Sungur (DENK) denkt dat dit voor een deel te maken heeft met de roep uit de gemeenschap.
Dit is een belangrijke wens van de Bosnische gemeenschap in Nederland en Utrecht. Uit onderzoeken is gebleken dat dit nog onvoldoende gebeurt. Wellicht kan de canon van Nederland als kader worden gebruikt.
Raadsvergadering van 8 juli 2021
32
Mevrouw Streefland-Driesprong (ChristenUnie) vraagt welke ruimte de raad volgens de heer Sungur heeft om te bepalen wat er in een curriculum van een school moet komen.
De heer Sungur (DENK) begrijpt de gevoeligheid op dit vlak. De motie bepleit niet dit op te dringen aan scholen. Die positie heeft de raad niet en moet deze niet willen hebben. Het gaat erom de wens uit te spreken, zodat scholen die mee kunnen nemen in hun afweging.
Hij herinnert eraan dat zijn fractie de wethouder heeft gevraagd met SportUtrecht in gesprek te gaan over de mogelijkheden om de buurtsportcoach ook toe te kennen aan verenigingen die minder goed zijn in plannen schrijven, maar voor wie een buurtsportcoach van grote waarde kan zijn. Omdat die discussie toen niet goed uit de verf kwam, dient hij mede namens de fracties van D66, GroenLinks,
PvdD, Student & Starter, SP en CDA motie 187 in, Buurtsportcoaches toekennen aan verenigingen met de grootste behoefte, met de opdracht:
1. om met SportUtrecht in gesprek te gaan met de vraag hoe buurtsportcoaches vaker toegekend
kunnen worden aan de sportverenigingen die minder vitaal zijn of moeite hebben met het vinden van ondersteuning;
2. de resultaten van dit gesprek voor de behandeling van de Begroting 2022 terug te koppelen aan de gemeenteraad.
Hij vervolgt met een motie over de gemeenteraadsverkiezingen, omdat de opkomst in sommige
buurten structureel achterblijft. De burgmeester leek welwillend te zijn over het idee om hierop acties te ondernemen. Mede namens de fracties van SP, D66, PvdA, Student & Starter, PvdD en GroenLinks dient hij motie 188 in, Inzet van acties in buurten met weinig opkomst tijdens verkiezingen, met de opdracht:
1. om op basis van bestaande onderzoeken op een rijtje te zetten welke acties bewezen succesvol zijn bij het bevorderen van de opkomst bij verkiezingen;
2. en deze in Utrecht in te zetten voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2022 in buurten waar de opkomst structureel onder de 40% is;
3. en hierbij ook aandacht te hebben voor groepen die veelal minder stemmen dan gemiddeld, zoals jongeren, praktisch opgeleiden en mensen met een migratieachtergrond;
4. en de raad hierover te informeren vóór de behandeling van de Programmabegroting 2022.
Spreker stelt voor de openingstijden van horeca D2 en D3 met een uurtje te verlengen. Hij verwacht
niet dat dit zal leiden tot veel extra overlast. Hij vindt het belangrijk om toe te zien op de leefbaarheid. Motie 189, Een uur langer openstelling voor horeca D2 en D3, dient hij mede in namens de VVDfractie, met de opdracht:
1. horecaondernemingen met een D2 of D3 vergunning de mogelijkheid te bieden om – op aanvraag – ontheffing te krijgen voor extra openstelling van een uur per dag;
2. dit te verwerken in de betreffende beleidsregels;
3. de effecten van deze extra openstelling op de leefbaarheid na 3 jaar te evalueren en de raad hierover te informeren.
De kostendelersnorm heeft voor veel ellende gezorgd voor een deel van de Utrechters. Deze schiet
zijn doel volledig voorbij, want mensen raken dakloos en gezinnen worden uit elkaar getrokken. Uit
onderzoek van Binnenlands Bestuur blijkt dat veel gemeenten de kostendelersnorm hebben bijgesteld of afgeschaft. Volgens de DENK-fractie is dit het goede moment om een sterke lobby in te zetten
richting de Tweede Kamer. Hij dient hiertoe, mede namens de SP-fractie, motie 190 in, Sterke lobby voor afschaffing of bijstelling van kostendelersnorm, met de opdracht:
- om samen met andere gemeenten die ook voor de afschaffing of bijstelling van de
kostendelersnorm zijn een sterke lobby te organiseren voor de afschaffing of bijstelling hiervan.
Raadsvergadering van 8 juli 2021
33
De heer Van der Zweth (PvdA) is het eens met de heer Sungur dat de kostendelersnorm veel mensen in ellende stort. Echter, enkele weken geleden heeft de wethouder al een stevige lobby toegezegd tijdens
het debat aangezwengeld door de PvdA-fractie. Ze was er al mee bezig. Ook heeft ze gezegd die norm zo veel mogelijk buitenspel te zetten om te voorkomen dat mensen in de armoede terechtkomen. Wat mist de DENK-fractie?
De heer Sungur (DENK) denkt dat de gemeente vaker en sterker moet optrekken met andere
gemeenten. Utrecht trekt vooral met de G4 op. Het onderzoek kan meer kracht krijgen door een uitspraak van de raad en de wethouder kan ermee worden gesteund in haar werk.
De heer Van der Zweth (PvdA) wijst erop dat die lobby al veel langer loopt. De toon is aangescherpt.
Bovendien heeft Utrecht een voorbeeldfunctie door het zo veel mogelijk anders te doen. En heeft de
wethouder toegezegd hierover te rapporteren, zodat de raad dat kan controleren. De motie lijkt uit het niets te komen.
De heer Sungur (DENK) heeft geen vraag gehoord. Zijn stelling is dat dit onderwerp extra kracht kan gebruiken. De laatste brief over de lobby was van begin 2020.
Mevrouw Schilderman (D66) heeft dit opgezocht en telt vier brieven in het afgelopen jaar waarin het college uitleg geeft over de lobby hierover. Deze motie vindt ze een beetje werkverschaffing.
De heer Sungur (DENK) zegt dat als dit zo is, de motie vooral dient als steun en niet tot extra werk zal leiden.
De aanpak van racisme en discriminatie hebben de afgelopen jaren veel aandacht gekregen vanwege de onderzoeken die in de stad zijn gedaan. Volgens de resultaten worden mensen op de arbeids-, stage- en woningmarkt en in het onderwijs gediscrimineerd, omdat ze afwijken van de norm. Dit vraagt om meer inzet van middelen. Hij dient hierover motie 191 in, Meer geld voor aanpak discriminatie, met de opdracht: -
om in de Begroting 2022 substantieel meer geld vrij te maken voor acties en personeel om de
ambities op het gebied van aanpak racisme en discriminatie te realiseren. Hij antwoordt mevrouw De Boer dat substantieel ongeveer 25% is. Hij geeft het college ruimte om te kijken wat gepast is. Met deze motie beoogt hij een signaal af te geven dat de inzet die de raad
verwacht en de ambities die het college heeft, moeten worden vertaald in middelen en personeel. De
werkdruk voor het team dat zich buigt over de antidiscriminatieagenda, regenboogagenda en Utrecht zijn we Samen, is hoog. Op het gebied van stadsboulevards valt volgens hem geld te halen, omdat daarmee anders kan worden omgegaan.
Mevrouw Streefland-Driesprong (ChristenUnie) vraagt of het niet passender is om op basis van de
bespreking van de antidiscriminatieagenda te kijken of er genoeg middelen zijn en de motie dan in te dienen.
De heer Sungur (DENK) vindt dit het juiste moment, omdat nu wordt gesproken over het verdelen van geld.
Hij vervolgt dat er veel is gebeurd op het gebied van discriminatie. Maar hij constateert dat de urgentie
en het belang dat het college zegt te hechten aan diversiteit en de aanpak van discriminatie en racisme
Raadsvergadering van 8 juli 2021
34
niet terug te zien zijn in de Voorjaarsnota. De DENK-fractie betreurt dit en verwacht dat deze onderwerpen uitvoerig aandacht zullen krijgen bij de Begroting 2022.
Mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) wijst erop dat de samenleving vorig jaar op de drempel
stond, maar de deur dichtging. Met de lockdowns werden mensen beperkt in hun vrijheden en namen
zorgen toe. Nu staat de samenleving weer op de drempel, terecht met zorgen, maar met de deur meer open. Om de drempel over te gaan, zal ze zeven moties indienen.
Tijdens de lockdown hebben Utrechters hun wijk herontdekt, onder andere met koffiedates. Maar
helaas werd een spoor van wegwerp koffiebekers achtergelaten. Dit kan anders. Er kan meer worden ingezet op hergebruik en duurzame alternatieven. Daarover dient ze, mede namens de fracties van PvdD, CDA, VVD en PvdA motie 192 in, Utrechtse Duurzame Beker pilot, met de opdracht:
een onderzoek te doen naar het starten van een pilot met een deposit-beker-systeem in Utrecht en hierin mee te nemen:
a. te streven naar 15 of meer deelnemende horecagelegenheden (en/of evenementen) en te kijken naar andere relevante samenwerkingen;
b. de bekers in kader van 900 jaar stad een symbolische uitstraling te geven;
c. hierbij te kijken of herbruikbare bekers op meerdere plekken ingeleverd te kunnen worden; d. samen met partners uit de stad een communicatiecampagne hiervoor op te zetten.
Ze antwoordt mevrouw Schilderman dat ze zo veel mogelijk draagvlak wil creëren, zodat meerdere
horecagelegenheden en evenementen hieraan mee gaan doen. Ze ziet graag dat de hele stad in deze positieve vibes meegaat. In Leiden en Wageningen zijn deze pilots heel succesvol.
Het is belangrijk evenementen, van groot tot klein, zo goed mogelijk te faciliteren. Daarover dient ze, mede namens de VVD-fractie, motie 193 in, Een spin in het web voor evenementenbeleid, met de opdracht:
1. te kijken naar de mogelijkheden om bij de gemeente een functie in het leven te roepen c.q. dit bij een bestaande functie neer te leggen, welke dient als centraal aanspreekpunt voor evenementenorganisaties;
2. te onderzoeken waar in het aanvraagproces het nu spaak loopt en hierin op te trekken met evenementenorganisatoren in de stad om dit te inventariseren;
3. uit te werken welke taken dan onder deze functie zouden komen; 4. en de raad hierover te informeren uiterlijk in Q4 2021.
Mevrouw Streefland-Driesprong (ChristenUnie) vraagt in hoeverre dit anders is dan wanneer men een evenement aanmeldt via evenementen.Utrecht.nl, waar mensen heel goed worden geholpen.
Mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) hoopte dat dat goed zou werken, maar heeft van een aantal casussen gehoord waar het niet zo goed loopt. Haar fractie wil tegengaan dat mensen van het kastje naar de muur worden gestuurd. Het liep bij Vechtclub fout, omdat een klein evenement op een
tijdelijke locatie bij een projectmanager is komen te liggen van de Merwedekanaalzone, die al zwaar belast is. Daarom ziet ze liever een centrale sleutelfiguur die dit op kan pakken.
Mensen willen veilig uit kunnen gaan. Er moet een plek zijn waar Utrechters 's nachts terechtkunnen voor alle zaken van de nacht: een veilige EHBO, plek voor drugtesten, het verlies van ID-kaart of het melden van seksueel overschrijdend gedrag. Daartoe dient ze motie 194 in, Het nachtleven veiliger met een nachtstadhuis, met de opdracht:
1. om onderzoek te doen naar het realiseren van een nachtstadhuis in de Utrechtse binnenstad; 2. de raad over de uitkomsten van dit onderzoek te informeren per brief in Q4 2021.
Raadsvergadering van 8 juli 2021
35
Op de vraag van mevrouw Streefland of het politiebureau Paardenveld niet het antwoord is, antwoordt ze dat als het Paardenveld uit de bus komt als een geschikte locatie, dat kan, maar mensen daar niet uitgaan. Zij denkt meer aan Janskerkhof en de Nobelstraat. Ze wijst erop dat het niet gaat om issues
waarmee men naar het politiebureau gaat, zoals het veilig testen van drugs. Een ambiance die meer bij het Utrechtse nachtelijke leven past, lijkt haar geschikter.
Ze vervolgt met een pleidooi voor een nachtnet voor fietspaden, om het voor fietsers 's nachts ook
veilig te maken. Dat nachtnet zou een netwerk van verlichte fietspaden met kort gehouden begroeiing moeten zijn dat sportscholen, uitgaansvoorzieningen en woonwijken verbindt. Ze dient hiertoe motie 195 in, Het nut van een nachtnet, mede namens de PvdD-fractie met de opdracht:
1. om te onderzoeken of en hoe het nachtnet gerealiseerd kan worden in Utrecht; 2. de raad hierover te informeren per brief in Q4.
Corona heeft impact op de fysieke, mentale, emotionele, sociale en seksuele gezondheid. De fractie van Student & Starter maakt zich zorgen, omdat mensen niet bij de SOA-poli terechtkunnen en de
financiën achterblijven. Ze vraagt naar de stand van zaken op dit moment en dient, mede namens de GroenLinks-fractie, motie 196 in, Seksuele gezondheid is een serieuze zaak, met de opdracht:
1. zich in te spannen genoeg consulten bij de SOA-poli mogelijk te maken in Utrecht, zodat ook
Utrechters jonger dan 25 jaar een consult kunnen krijgen en daarmee het percentage consulten in 2021 en 2022 zal stijgen;
2. over de ontwikkelingen bij de SOA-poli ten minste jaarlijks te blijven rapporteren aan de gemeenteraad;
3. de lobby richting het Rijk voor een eerlijke (naar rato) verdeling van de ASG gelden door te zetten en aanvullend ruimte te zoeken bij de Programmabegroting 2022 om het tekort aan te bieden consulten bij te SOA-poli in Utrecht in te halen.
Voor jonge Utrechters zijn huisgenoten van essentieel belang. Ze willen niet in veel te dure kekke
studio's wonen, maar onzelfstandige huisvesting. Doch deze woonvorm staat onder druk door de
huidige splitsings- en omzetregelingen en omdat het voor projectontwikkelaars financieel minder
aantrekkelijk is ze te ontwikkelen. Haar fractie wil actie zien en dient, mede namens de fracties van GroenLinks, PvdD, VVD en D66 motie 197 in, Een steuntje in de rug voor onzelfstandige studentenhuisvesting, met de opdracht:
1. het budget dat in de Voorjaarsnota 2021 is gereserveerd om betaalbare woningen te realiseren ook in te zetten voor het realiseren van extra onzelfstandige studentenhuisvesting;
2. bij de Voorjaarsnota 2022 aan de raad te rapporteren op welke wijze het college met het budget de onzelfstandige studentenhuisvesting heeft gestimuleerd.
Jongeren staan te trappelen om mee te doen en hun stem te laten horen. De fractie van Student &
Starter wil hun een podium bieden door actief jongeren te betrekken bij belangrijke besluiten van de gemeente. Daardoor is er meer ruimte voor nuance. Daartoe dient ze, mede namens de fracties van
VVD en ChristenUnie motie 198 in, Jongeren doen mee. Deze heeft tot doel het college uit te dagen
pas van een geslaagde participatie te spreken als de participanten verschillende leeftijden hebben. De opdracht luidt,
1. bij ingrijpende keuzes en projecten in wijken ook de jonge bewoners van de wijken actief te betrekken (zowel online als offline) als onderdeel van de aanpak Samen de Stad maken;
2. dit een voorwaarde te maken voor een geslaagde participatie en hierover te rapporteren;
3. een indicator op te nemen bij de Jaarstukken waaruit blijkt wie (met uitsplitsing naar leeftijd) zijn bereikt met de participatie-aanpak van de gemeente.
Raadsvergadering van 8 juli 2021
36
Mevrouw Schilderman (D66) vindt het een mooie ambitie om meer jongeren bij de participatie te
betrekken. Ze vraagt waarom de fractie van Student & Starter denkt dat het opnemen van een indicator hierbij helpt en hoe dit wordt gemeten. Moeten alle deelnemers aan een participatietraject verplicht hun leeftijd invullen?
Mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) antwoordt dat meten weten is, daarvoor is uitsplitsing naar leeftijd nodig. Met een indicator is er beter op te sturen dat iedereen uit de doelgroep wordt bereikt. Ze wijst erop dat in enquêtes vaak al naar leeftijd wordt gevraagd. Ze is voor het toevoegen van een vraag over de leeftijd, zeker als dit anoniem zou kunnen.
Mevrouw De Boer (GroenLinks) vindt het heel goed om jongeren er meer bij te betrekken. Veel meer
groepen in de stad worden bij participatie onvoldoende bereikt. Waarom kiest de fractie van Student & Starter alleen voor deze doelgroep, met indicator en al, en niet voor andere groepen die minder gehoord worden?
Mevrouw Sturkenboom (Student & Starter) staat zeker achter voorstellen van andere fracties om andere doelgroepen te bereiken. Ze kiest met name voor jonge Utrechters, omdat ze in het afgelopen jaar heeft gezien dat deze doelgroep niet werd bereikt.
Mevrouw Schilderman (D66) ziet dit als mooie uitnodiging. Hoe kan de raad met een beter voorstel komen? Wellicht is het mogelijk eens in de zoveel tijd een steekproef te doen om te testen wie de
mensen zijn die worden bereikt bij een participatietraject. Dan hoeven niet allerlei persoonsgegevens van mensen worden verzameld. Ze vraagt of mevrouw Sturkenboom dit niet een beter voorstel vindt. Overigens staat in de motie dat de indicator wordt opgenomen, en niet dat die bekeken wordt.