CConstaterende datUrk
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarrekening 2022 - Schrijfversie college 6 juni.pdf

Gemeenteraad 29 juni 2023, gemeente UrkBij agendapunt: Jaarrekening 202231.609 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Monitoring van risico´s n.v.t.

Beoordeling van de begroting en de jaarrekening

Andere gemeenten nemen naar evenredigheid deel

Gemeenten moeten het Gemeenten moeten het tekort aanvullen tekort aanvullen

Beoordeling van de begroting en de jaarrekening

Beoordeling van de begroting en de jaarrekening

Verbonden partij

Werkvoorzieningschap Port of Urk Ijsselmeergroep Concern voor Werk

Flevolands Archief

Omgevingsdienst Flevoland & Gooi- en Vechtstreek (OFGV)

Rechtsvorm

GR

BV

GR

GR

Belang

14,13%

100%

n.v.t.

2,17%

Soort belang

Participaties

Gewone aandelen

n.v.t.

n.v.t.

Resultaat 2019 e.v.

€ -52K (2021) € 12K (2020) € -226 K. (2019)

2021 € -10 K 2020 € -10 K 2019 € -15 K

2021 € 160 K 2020 € -11 K 2019 € 485 K

€ 570K (2021) € 555K (2020) € 640K (2019)

Eigen Vermogen eind € 2,7 mln (2021) € 3,4 mln. 2021 € - 3 K (2020) € 3,5 mln. (2019) 2020 € 7 K 2019 e.v. 2019 € 17 K

2021 € 723 K 2020 € 800 K 2019 € 873 K

€ 1,6 mln (2021) € 1,3 mln. (2020) € 1,5 mln. (2019)

Vreemd Vermogen eind 2019 e.v.

€ 3,7 (2021) € 1,7 mln.(2020) € 3,0 mln. (2019)

2021 € 18 K 2020 € 4 K 2019 € 38 K

2021 € 108 K 2020 € 129 K 2019 € 112 K

€ 4,3 mln (2021) € 5,1 mln. (2020) € 5,3 mln. (2019)

Dividend

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Verplichte afdekking Ja, de deelnemers in een van het tekort GR zijn gezamenlijk aansprakelijk voor de ontstane tekorten.

Nee, de aandeelhouder Ja, de deelnemers in van een BV is niet een GR zijn aansprakelijk voor de gezamenlijk schulden van de BV aansprakelijk voor de ontstane tekorten.

Verstrekte garanties Garantiestelling van € 693.900 voor nieuwbouw en geldleningen en kwekerij. Bekostiging via aandelenkapitaal jaarlijkse bijdrage. € 1.620.728 (2020), € 1.657.766 (2021) € 1.646.719 (2022)

Aandelenkapitaal van € Bekostiging via Bekostiging via 100.000; 100.000 jaarlijkse bijdrage; € jaarlijkse bijdrage; € aandelen á €1. 45.156 (2020), € 46.466 269.315 (2020), € (2021) € 47.163 (2022) 353.657 (2021) € 362.535 (2022)

Risico´s afgedekt door Andere gemeenten nemen Geen, met uitzondering Andere gemeenten naar evenredigheid deel van het door partijen nemen naar andere partners verstrekte evenredigheid deel aandelenkapitaal Overige risico's bij faillissement

Gemeenten moeten het tekort aanvullen

In de begroting 2022 wordt geen rekening gehouden met een winstuitkering.

Ja, de deelnemers in een GR zijn gezamenlijk aansprakelijk voor de ontstane tekorten.

Andere gemeenten nemen naar evenredigheid deel

Gemeenten moeten het Gemeenten moeten het tekort aanvullen tekort aanvullen

61

Monitoring van risico´s

Beoordeling van de begroting en de jaarrekening

Beoordeling van de begroting en de jaarrekening

Beoordeling van de begroting en de jaarrekening

Verbonden partij

Centrumregeling Sociaal Stichting FlevoMeer Domein Flevoland Bibliotheek

Rechtsvorm

Centrumregeling

Stichting

Belang

n.v.t.

n.v.t.

Soort belang

n.v.t.

n.v.t.

Resultaat 2019 e.v.

n.v.t.

€ -81K (2021) € 202K (2020) € 379K. (2019)

Eigen Vermogen eind 2019 e.v.

n.v.t.

€ 1,65 mln(2021) € 1,77 mln. (2020) € 1,6 mln. (2019)

Vreemd Vermogen eind n.v.t. 2019 e.v.

€ 2,64 mln (2021) € 2,79 mln. (2020) € 3,3 mln. (2019)

Dividend

n.v.t.

n.v.t.

Verplichte afdekking van het tekort

Ja, de deelnemers dragen n.v.t. elk de kosten voor de hulp aan de eigen cliënten.

Beoordeling van de begroting en de jaarrekening

Verstrekte garanties en Bekostiging via jaarlijkse Bekostiging via jaarlijkse geldleningen en bijdrage € 2.447.000 bijdrage; € 378.014 (2020), € 2.255.392 (2021) (2020), € 398.652 (2021) € aandelenkapitaal € 860.889 (2022) 405.418 (2022) Risico´s afgedekt door andere partners

Het totale budget mag niet Andere gemeenten nemen worden overschreden. Er naar evenredigheid deel zijn afspraken t.a.v. solidariteit

Overige risico's bij faillissement

Gemeenten moeten het tekort aanvullen

n.v.t.

Monitoring van risico´s

Beoordeling van de begroting en de jaarrekening

Beoordeling van de begroting en de jaarrekening

62

Grondbeleid Inleiding Deze paragraaf beschrijft de visie op het gemeentelijk grondbeleid en de uitvoering daarvan. Daarnaast vindt u hier de verwachte financiële resultaten van de gemeentelijke grondexploitaties. Het grondbeleid van de gemeente Urk is vastgelegd in de nota grondbeleid 2020-2024. De gemeente Urk kiest voor situationeel grondbeleid met een actieve basis. Per locatie en situatie maakt de gemeente de afweging wat de beste aanpak is. Een belangrijk doel voor de gemeente in haar grondbeleid is het hebben van maximale sturing en regie op ontwikkelingen die voor de gemeente van belang zijn, zoals het hebben van voldoende woningen en bedrijfsgronden. Een actieve grondpolitiek, zeker voor de uitleggebieden, ligt dan voor de hand. Dat betekent echter niet dat deze keuze in beton is gegoten. Faciliterende grondpolitiek wordt bij voorbaat niet uitgesloten, zeker niet bij “binnenstedelijke” (her)ontwikkelingen. Voordat een ontwikkeling wordt gestart zal per ontwikkeling een startdocument waarin wordt beschreven welke rol de gemeente aanneemt en welke instrumenten daarbij gehanteerd gaan worden. Het grondbeleid heeft invloed op en samenhang met de realisatie van programma's zoals op het gebied van ruimtelijke ordening en volkshuisvesting, verkeer en vervoer, cultuur, sport en recreatie en economische zaken. Daarnaast heeft het grondbeleid een grote financiële impact.

Het gaat in het grondbeleid om grote belangen en grote hoeveelheden geld. De resultaten op grondexploitaties en de financiële risico's zijn van groot belang voor de algemene financiële positie van de gemeente.

Bouwgrond in exploitatie (BIE) Bouwgrond in exploitatie (BIE) heeft in alle gevallen betrekking op grondexploitatie in de uitvoeringsfase. Bij een BIE zijn de gronden in eigendom van de gemeente. Het startpunt van de BIE is het raadsbesluit met de vaststelling van het grondexploitatiecomplex, inclusief grondexploitatiebegroting. Het grondexploitatiecomplex bevat ten minsten te volgende onderdelen: • • • • • • •

een kaart van het grondexploitatiecomplex; een beschrijving van de bouwkavels; de bestemming en toegestane bouwvolumes; de omschrijving van de werken en werkzaamheden voor het bouwrijp maken van de gronden; de omschrijving van de aanleg van nutsvoorzieningen; de omschrijving van het inrichten van de openbare ruimte in het gebied; een grondexploitatiebegroting, waarbij de kosten en opbrengsten gefaseerd zijn in tijd.

63

De te verwachten resultaten van de lopende actieve grondexploitaties zijn als volgt: Complex

Geraamd resultaat ultimo 2021 (incl. afdrachten)

Positief / negatief

Geraamd resultaat ultimo 2022 (incl. afdrachten)

Positief / negatief

Geraamd bedrag afdrachtsfondsen

651.197

positief

742.744

positief

332.883

2014 - 2023

dec-22

1. Oranjewijk afronding

Looptijd verkoop

Exploitatie laatst vastgesteld

2. Zeeheldenwijk 282.010

negatief

-1.552.142

negatief

0

2022 - 2038

dec-22

3. Grex Staartweg

218.560

positief

228.811

positief

36.828

2020 - 2029

dec-22

4. Zwolse Hoek fase 5 5. Port of Urk *) 6. Westgat *) Totaal resultaat

76.110 -1.238.741 -446.655 -457.519

positief negatief negatief negatief

-406.348 -1.820.167 -461.364 -3.268.466

positief negatief negatief negatief

80.439 0 0 450.150

2007 - 2023 2019 - 2042 2019 - 2023

dec-22 dec-22 dec-22

Voor de complexen Zeeheldenwijk, Port of Urk en Westgat zijn voorzieningen gevormd tot een bedrag van respectievelijk € 1.552.142, € 1.820.167 en € 461.365. Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) dienen de actieve grondexploitaties jaarlijks te worden herzien. Op 15 december 2022 zijn de herziene grondexploitaties vastgesteld door de gemeenteraad. Na resultaatbestemming of bij de afsluiting van het plan wordt een deel van de winst bestemd voor fondsafdrachten. De geraamde fondsafdrachten zijn in bovenstaande tabel zichtbaar gemaakt. Overzicht ontwikkeling boekwaarden actieve grondexploitaties Exploitatie/activiteit 1. Oranjewijk (afronding) 2a. Zeeheldenwijk 2b. VZ Zeeheldenwijk 3. Grex Staartweg 4. Zwolse Hoek, fase 5 5a. Port of Urk 5b. VZ Port of Urk 6a. Grex Westgat 6b. VZ Grex Westgat Totaal

Boekwaarde 3112-2021 -545.754 35.646.175 0 542.130 -39.271 7.248.373 -1.238.742 831.068 -446.655 41.997.324

Vermeerdering 930.983 12.689.972 1.552.242 6.819 489.702 2.253.186 581.425 -8.967 14.710 18.510.072

Vermindering 809.386 2.905.094

295.710 0 0 0 4.010.190

Boekwaarde 3112-2022 -424.154 45.431.053 -1.552.142 548.949 154.721 9.501.559 -1.820.167 822.101 -461.365 52.200.555

Toelichting per exploitatiegebied

Ad 1. Oranjewijk afronding Het plan Oranjewijk fase I en Fase II zijn in 2020 afgesloten en samengevoegd in het plan Oranjewijk afronding. In de Oranjewijk moeten nog een drietal kavels worden verkocht. De verwachting is dat deze kavels in 2023/2024 verkocht zullen worden. Op dit moment worden de laatste woonrijp werkzaamheden uitgevoerd. Op basis van de herziene grondexploitatie wordt nog een winst verwacht van € 742.744. Ad 2a en 2b. Zeeheldenwijk De Zeeheldenwijk is het uitleggebied waar de komende jaren 1650 woningen worden gebouwd. Dit in combinatie met diverse voorzieningen en een overgangszone waar bedrijven zich kunnen vestigen. In de Zeeheldenwijk wordt het onderstaande programma ontwikkeld.

64

Programma woningbouw in vierkante meters

317.346

Programma bedrijventerrein in vierkante meters

48.893

Programma voorzieningen in vierkante meters.

70.004

Programma parkeren in vierkante meters parkeren

7.499

Totaal programma in vierkante meters

443.742

Op basis van de herziene grondexploitatie wordt een verlies verwacht van € 1.552.142. Dit verlies is gewaardeerd op netto contante waarde. Voor dit verlies is een verliesvoorziening getroffen. Ad 3. Grex Staartweg Op 16 december 2021 heeft de raad de grondexploitatie voor het plan Staartweg vastgesteld. Deze grondexploitatie is ook herzien in de raadsvergadering van december 2022. Het verwachte positief resultaat van dit plan bedraagt € 228.881. Ad 4. Zwolse Hoek, fase 5 In de raadsvergadering van december 2022 is voor dit plan een herziene grondexploitatie vastgesteld. Deze grondexploitatie sluit met een positief resultaat van € 406.348. Het positief resultaat is gestegen door het vervallen van de post Archeologie. Verwacht wordt dat de gronden in 2023 worden verkocht na de verkoop van de gronden kan deze grondexploitatie worden afgesloten. Ad 5a en 5b. Port of Urk Het bedrijventerrein Port of Urk wordt ontwikkeld ten behoeve van het visserijcluster, de maritieme sector en de nieuwe bedrijven uit Urk. In 2019 is een grondexploitatie voor dit plan vastgesteld. Deze liet een negatief resultaat zien van € 3.308.681. In december 2022 is de grondexploitatie door de raad vastgesteld. Deze grondexploitatie laat een negatief resultaat zien van € 1.820.167. Voor het nadelig resultaat is een verliesvoorziening getroffen. Ad 6a. en 6b.

Grex Westgat De grondexploitatie Westgat is in december 2022 herzien door de raad vastgesteld. Het plan sluit met een negatief resultaat van € 461.364. Voor het verwachte verlies is een voorziening getroffen. Totaaloverzicht verkochte m2 bouwgrond in 2022 Oppervlakte nog te verkopen bouwgrond

Per 31 december 2021 Aanpassing m2 Verkocht Per 31 december 2022 Aantal m2 ondertekende overeenkomsten Aantal m2 in optie Nog te verkopen Geprognosticeerde verkochte m2

Oranjewijk afronding

Zeeheldenwijk (woningen en overig)

9.088

394.849

48.893

6.774

118 18.636 376.331

0

2.973 6.115

48.893

80 2.080 4.774

597.072

10.974

0

0

6.115

3.796 361.561

0 48.893

4.000

25.000

0

Zeehelden- Zwolse wijk Hoek (bedrijven) fase 5

Port of Urk

Westgat

Staartweg

Totaal

597.072

3.018

4.056

1.063.750

3.018

4.056

198 23.689 1.040.259

0

0

0

10.974

4.774

0 597.072

0 3.018

0 4.056

3.796 1.025.489

6.774

0

0

0

35.774

65

De aangegeven verkochte m2 gronden, zijn gronden die bij de notaris zijn gepasseerd. Tot en met 31 december 2022 zijn er tevens verkoopovereenkomsten aangegaan. Het totaal aan verplichtingen bedraagt 14.770m2. Debiteuren grondexploitatie De grondverkopen worden geboekt wanneer de akte is gepasseerd bij de notaris. Als de koopcontracten zijn getekend wordt daarom een vordering geboekt (debiteuren). Dit betekent dat tot het moment dat de akte definitief wordt gepasseerd bij de notaris de openstaande vordering open blijft staan. Zolang de akte niet is gepasseerd is er sprake van een bepaald risico. Hieronder treft u een overzicht aan van de openstaande posten in verband met grondverkopen tot en met 2021 en naar de stand per 31 december 2022. Door de start van de grondverkoop in Zeeheldenwijk zijn de openstaande vorderingen flink gestegen in 2022. Openstaande vorderingen

31-12-2021

Bedrijventerreinen Woongebieden Totaal vorderingen

31-12-2022

0 165.971 165.971

0 3.380.115 3.380.115

Planning woningbouw (op te leveren woningen) Urk 2018- 2026 Grondcomplex Zeewijk Oranjewijk (afronding) Wilhelminaschoollocatie Zeeheldenwijk Vuurbaakschoollocatie Overig Totaal aantal woningen

2018 30 115

22 2 169

2019 16 78

94

Opgeleverd 2020 2021 2 73 90

1 91

75

2022 34 69

3 106

2023

Prognose 2024 2025

2026

40 0 50

16 167

150

150

90

183

150

150

Overige voorraad (overgeheveld naar MVA) Overzicht boekwaarden overige voorraad 2022 Activiteit Voorbereidingskrediet Lemsterhoek Voorbereidingskrediet Noorderzand Loc. Wilhelminaschool Totaal

Boekwaarde 31-12-2021 134.267 45.258 0 179.525

Vermeerdering

Vermindering

142.372 8.928 48.400 199.700

0 0 48.400 48.400

Boekwaarde 31-12-2022 276.639 54.186 0 330.825

66

Toelichting overige voorraad: Overige voorraad

Toelichting

Voorbereidingskrediet Lemsterhoek

In de raadsvergadering van 10 december 2020 heeft de raad een voorbereidingskrediet van € 221.500 beschikbaar gesteld. Tot en met 2021 zijn hierop uitgaven gedaan tot een bedrag van € 276.639. Ultimo 2022 is dit krediet overschreden met €55.138

Voorbereidingskrediet Noorderzand

In de raadsvergadering van 10 december 2020 heeft de raad een voorbereidingskrediet van € 95.000 beschikbaar gesteld. Tot en met 2022 zijn hierop uitgaven gedaan tot een bedrag van € 54.186 Er is besloten tot puincompensatie. Deze is in 2022 betaald en ten laste gebracht van de reserve grondzaken.

Locatie Wilhelminaschool

Algemene reserve grondexploitatie Door de gemeenteraad is bepaald dat de reserve grondzaken een stand moet hebben gelijk aan een vastgesteld percentage van de totale boekwaarden. Vanwege het hoge risicoprofiel van het nieuw te ontwikkelen bedrijventerrein is een hoger percentage gehanteerd. Vanuit een financiële doorkijk voor de komende 10 jaar is een reservestand van € 7 miljoen noodzakelijk. Op dit moment is, ten opzichte van de gewenste stand van deze reserve (€ 3.9 miljoen), sprake van een tekort van circa € 3.1 miljoen. Bij een toekomstige winstneming zal de reserve grondexploitatie worden aangezuiverd in verband met dekking mogelijke toekomstige risico’s. De reservestand heeft zich op onderstaande wijze ontwikkeld in 2022: Stand per 1 januari 2022 Mutaties 2021 1. Afwikkeling Zwolse Hoek 4 2. Winstneming Oranjewijk (afronding) 3. Winstneming Zwolse Hoek 5 4. Overige Dotaties 5. Afdracht VPB (schatting) 6. Verlies voorziening Zeeheldenwijk 7. Verlies voorziening Port of Urk 8. Verlies voorziening Westgat 9. Afwikkeling Locatie Wilhelminaschool 10. Bijdrage Zeewijk i.v.m. overdracht naar beheer Stand 31 december 2022 Noodzakelijke stand reserve grondzaken Benodigde aanvulling weerstandsvermogen

5.818.707 -46.976 -6.773 -301.440 -5.228 -41.394 1.552.142 581.425 14.710 48.400 73.750 1.868.617 3.950.090 7.000.000 3.049.910

Toelichting 1. Afwikkeling Zwolse Hoek 4 De werkzaamheden Zwolse Hoek 4 zijn in 2022 definitief afgerond. Hier was nog een bedrag beschikbaar van per saldo € 46.976 voor het afronden van de laatste werkzaamheden. Dit bedrag wordt toegevoegd aan de reserve grondzaken. 2. Winstname Oranjewijk afronding In 2022 is bij het complex Oranjewijk een winst genomen tot een bedrag van € 60.924. Hiervan is een bedrag van € 6.773 toegevoegd aan de reserve grondzaken en het restant (€ 54.151) is toegevoegd als fondsafdracht aan de reserve dorpsuitleg en de reserve infrastructuur (3e brug).

67

3. Winstname Zwolse Hoek 5 In 2022 is bij het complex Zwolse Hoek 5 een winst genomen tot een bedrag van € 315.808. Hiervan is een bedrag van € 301.440 toegevoegd aan de reserve grondzaken en het restant (€ 14.368) is toegevoegd als fondsafdracht aan de reserve dorpsuitleg en de reserve infrastructuur (3e brug). Hierbij wordt nog opgemerkt dat winst is gestegen door het vervallen van de post archeologisch onderzoek. 4. Overige dotaties In 2022 is een bedrag aan overige dotaties geboekt tot een bedrag van € 5.228. 5. Afdracht vennootschapsbelasting (VBP) Op basis van de actuele berekeningen is over 2022 is een bedrag van € 41.394 toegevoegd aan de reserve grondzaken. Het gaat om het saldo van de voorlopige aanslag 2022. 6. Voorziening verwacht verlies Zeeheldenwijk Op basis van de door de raad in december 2022 vastgestelde grondexploitatie Zeeheldenwijk moet een verliesvoorziening worden getroffen. Dit tot een bedrag van €1.552.142. Deze verliesvoorziening is getroffen ten lasten van de reserve grondbedrijf. 7. Voorziening verwacht verlies Port of Urk Op basis van de door de raad in december 2022 vastgestelde grondexploitatie Port of Urk moet de verliesvoorziening negatief worden bijgesteld. Dit tot een bedrag van € 581.425 Deze bijstelling is ten laste gebracht van de reserve grondzaken. 8.

Voorziening verwacht verlies Westgat Op basis van de door de raad in december 2022 vastgestelde grondexploitatie Westgat moet de verliesvoorziening negatief worden bijgesteld. Dit tot een bedrag van € 14.710. Deze bijstelling is ten laste gebracht van de reserve grondzaken. 9. Afwikkeling Locatie Wilhelminaschool Er is besloten tot puincompensatie. Deze is in 2022 betaald en ten laste gebracht van de reserve grondzaken. 10. Bijdrage Zeewijk i.v.m. overdracht naar beheer. Voor het herstel van groen en het herstel van riool inlaten is een bedrag € 73.750 beschikbaar gesteld. Omdat de grondexploitatie Zeewijk is afgesloten wordt dit bedrag onttrokken uit de reserve grondzaken.

Tussentijds winst nemen bij positieve grondexploitaties Algemeen Bij het stelsel van baten en lasten zoals geformuleerd in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) zijn het toerekeningbeginsel, het voorzichtigheidsbeginsel en het realisatiebeginsel essentiële uitgangspunten. Baten en lasten – en het daaruit vloeiende resultaat – moeten worden toegerekend aan de periode waarin deze zijn gerealiseerd. Bij meerjarige projecten betekent dit dat (de verwachte) winst niet pas aan het eind van het project als gerealiseerd moet worden beschouwd, maar gedurende de looptijd van het project tot stand komt en ook als zodanig moet worden verantwoord. Het verantwoorden van tussentijdse winst is daarmee geen keuze maar een verplichting die voortvloeit uit het realisatiebeginsel. Bij het bepalen van de tussentijdse winst is het wel noodzakelijk de nodige voorzichtigheid te betrachten. Percentage of completion (Poc) Voor het bepalen van de tussentijdse winst is aansluiting gezocht bij een algemeen aanvaardbare methodiek (bedrijfsleven, fiscaal), waarbij rekening is gehouden met de 68

bijzondere kenmerken van gemeentelijke grondexploitaties. De doelstelling van het gemeentelijk grondbeleid is immers niet primair gericht op het behalen van financieel rendement, maar op het bereiken van het gewenste voorzieningenniveau voor inwoners en bedrijven. De Poc-methode houdt rekening met de fase waarin de grondexploitatie, zowel wat betreft de opbrengsten als de kosten, verkeert. Daarnaast is deze methode eenvoudig toepasbaar en kan eenduidig worden gehanteerd voor alle positieve grondexploitaties die door gemeenten worden uitgevoerd. Winstnemingen en fondsafdrachten Complex

Oranjewijk afr. Staartweg (ZH4) ZH fase 5 Zeeheldenwijk Port of Urk Westgat

Raming totale kosten (excl. genomen winsten vorige jaren) 27.426.019 927.366 14.079.697 112.095.737 74.706.492 1.322.735 230.558.047

Raming totale opbrengsten

% gereal. kosten

% gereal. opbrengsten

Te nemen winst 2022

Te nemen fondsafdrachten 2022

-32.267.699 -1.156.246 -15.503.401 -105.126.895 -73.467.750 -876.081 -228.398.072

93% 58% 97% 45% 13% 88%

93% 0% 96% 3% 1% 42%

-6.773 -301.440 -308.214

-54.151 -14.368 -68.519

De winstnemingen en fondsafdrachten zijn conform verordening 212 naar de desbetreffende reserves geboekt.

69

Lokale heffingen Inleiding Het totale pakket van gemeentelijke belastingen en heffingen bestaat uit verschillende belastingheffingen welke opgelegd worden op grond van een door de gemeenteraad vastgestelde belastingverordening. De doelstelling van de lokale heffingen is het verwerven van eigen middelen uit belastingen en heffingen ter dekking van de algemene en specifieke uitgaven in het kader van de uitvoering van de gemeentelijke taken. De uitvoering en de verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van de heffingswerkzaamheden liggen op grond van artikel 231 van de Gemeentewet bij de heffingsambtenaar. Hierbij valt te denken aan het vaststellen en opleggen van de aanslagen en taxatiewaarden, het doen van uitspraken op bezwaren en het verweer bij beroepszaken. De gemeentelijke heffingen zijn na de algemene uitkering uit het Gemeentefonds de belangrijkste bron van inkomsten. Bij gemeentelijke heffingen wordt onderscheid gemaakt tussen algemene belastingen en retributies. Belastingen hebben een algemeen karakter. Een directe relatie tussen de belasting en de gemaakte kosten van de gemeente is in het algemeen niet aanwezig. Bij de retributies is er wel sprake van een directe relatie tussen de heffing en de gemeentelijke taak. Bij retributies mogen de geraamde opbrengsten niet hoger zijn dan de geraamde kosten van de gemeente voor de uitoefening van de taak.

Tarievenbeleid Voor de hoogte van tarieven gelden de volgende uitgangspunten: De belastingen en heffingen worden trendmatig verhoogd, tenzij op grond van een besluit van de gemeenteraad een andere verhoging is vastgelegd. Voor 2022 was de trendmatige verhoging vastgesteld op 1,6%. Extra verhogingen worden slechts voorgesteld, wanneer daar tegenover de realisering van aanwijsbare voorzieningen ten behoeve van de gemeenschap staan. Dienstverlening door of vanwege de gemeente, behoort kostendekkend te zijn.

70

De opbrengsten uit de lokale belastingen en heffingen zijn over de afgelopen twee jaren als volgt: Rek 2021

Begr 2022

Rek 2022

Gemeentelijke heffing prim 1.1 Onroerende-zaakbelastingen

actueel

5.159.987

5.210.439

5.420.439

5.431.690

1.2 Hondenbelasting

70.154

62.000

74.000

74.190

1.3 Precariobelasting

18.000

18.288

18.288

21.214

1.4 Toeristenbelasting

80.362

42.696

76.696

109.190

Totaal Belastingen

5.328.503

5.333.423

5.589.423

5.636.283

2.1 Afvalstoffenheffingen

1.881.434

1.829.367

1.829.367

1.887.261

2.2 Rioolheffing

2.101.430

2.063.537

2.063.537

2.156.641

2.3 Haven- en kadegelden

733.377

652.316

680.354

834.122

2.4 Marktgelden

33.980

30.655

30.655

34.251

2.5 Begraafrechten

426.371

314.691

314.691

353.559

2.6 Secretarieleges (Titel 1)

174.509

214.366

199.366

191.049

2.7 Omgevingsvergunningen (Titel 2)

849.513

427.864

856.000

729.756

2.8 Leges (Titel 3)

13.700

13.700

13.700

13.700

0

0

0

0

Totaal Retributies

6.214.315

5.546.496

5.987.670

6.200.339

TOTAAL

11.542.818

10.879.919

11.577.093

11.836.622

2.9 Overig

Belastingen Belastingen hebben een algemeen karakter. Een directe relatie tussen de belasting en de gemaakte kosten van de gemeente is in het algemeen niet aanwezig. De opbrengsten van de algemene belastingen gaan naar de algemene middelen van de gemeente. De gemeenteraad bepaalt dus zelf waaraan de gemeente dat geld besteedt. Voorbeelden van algemene belastingen zijn de onroerendezaakbelasting (OZB), precariobelasting en de hondenbelasting. 1.1 Onroerende-zaakbelastingen (OZB) Onder de naam "onroerende-zaakbelastingen" worden over binnen de gemeente gelegen onroerende zaken, drie directe belastingen geheven: • eigenarenbelasting voor woningen; • eigenarenbelasting voor niet-woningen; • gebruikersbelasting voor niet-woningen De peildatum voor de belastingplicht is 1 januari van het belastingjaar. Grondslag is de WOZ-waarde. Elk jaar wordt de onroerend zaak gewaardeerd o.g.v. de Wet waardering onroerende zaken (WOZ). Hiermee volgt de WOZ-waarde jaarlijks de marktontwikkeling. De gemeente Urk heeft delen van de jaarlijkse herwaardering uitbesteed aan het taxatiebureau XXLLNC. Voor het belastingjaar 2022 geldt de WOZ-waarde naar prijspeil van 1 januari 2021. Waardeontwikkeling Om de waardeontwikkelingen van woningen en niet-woningen niet van invloed te laten zijn op de opbrengst, worden de tarieven conform de waardeontwikkelingen aangepast. Dit 71

uitgangspunt is in het verleden altijd bij herwaarderingen gehanteerd. In de huidige markt worden dus de stijgende WOZ-waarden gecompenseerd door een gelijke daling van de tarieven. De stijging op de huizenmarkt is fors doorgezet met een gemiddelde waardestijging van 12%. Met deze stijging is het tarief dan eerst ook verlaagd en daarna verhoogd met 1,6%, zodat de gemiddelde aanslag 1,6% hoger was dan in 2021. Bij de niet-woningen was sprake van een gemiddelde waardestijging van 2%. De tarieven zijn opgenomen in de Verordening Onroerende-zaakbelastingen. De totale OZBinkomsten bedroegen in 2022 € 5,41 miljoen. De opbrengsten 2022 en volgende jaren zijn gebaseerd op de besluitvorming van de raad, de groei van het aantal onroerende zaken en de tariefsaanpassingen op basis van de nieuwe waarden in het kader van de hertaxaties Wet WOZ. Op grond van eerder besluitvorming dienen de tarieven zodanig vastgesteld te worden dat de geraamde opbrengsten gerealiseerd worden. 1.2 Hondenbelasting Onder de naam "hondenbelasting" wordt een directe belasting geheven voor het houden van een hond binnen de gemeente. Het is niet nodig dat de gemeente een relatie legt tussen de opbrengst van de hondenbelasting en de kosten die voor de gemeente aan de bevuiling door honden zijn verbonden. Het tarief voor 2022 is met 1,6% verhoogd. De opbrengst voor deze belasting was in 2022 € 74.000.

1.3 Precariobelasting De gemeente heft een precariobelasting als vergoeding voor het gebruik van openbare grond. De precariobelasting wordt specifiek geheven voor het plaatsen van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. Voorbeelden van belaste voorwerpen zijn kabels en leidingen, terrassen, bouwmaterialen, zonneschermen, luifels, lichtreclames en vlaggen. Precariobelasting wordt wel gezien als de fiscale tegenhanger van een privaatrechtelijke vergoeding om de gemeentegrond te kunnen gebruiken. In 2022 was de opbrengst € 21.000. 1.4 Toeristenbelasting Dit betreft een belasting die wordt geheven voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene zijn opgenomen in de Basisregistratie Personen (BRP). Door het heffen van een toeristenbelasting dragen ook niet-inwoners bij in de kosten van de algemene voorzieningen. Het tarief bedraagt € 1,50 per persoon per overnachting. De opbrengst voor deze belasting bedroeg in 2022 € 109.000.

Retributies De retributies vallen uiteen in bestemmingsheffingen en leges. Hierbij geldt dat de gemeente niet meer mag heffen dan de begrote kosten die gedekt worden met de heffing. Voorbeelden hiervan zijn de rioolheffing en de afvalstoffenheffing, die worden gebruikt voor doeleinden met een duidelijk algemeen belang. De belangrijkste retributies zijn de leges. Deze dienst levert met name individueel voordeel op. Zo betalen inwoners van de gemeente een bijdrage voor het aanvragen van een paspoort of vergunning. Ook voor de leges geldt dat deze niet meer dan kostendekkend mogen zijn. Voor de navolgende heffingen geldt dat de opbrengsten niet uit mogen gaan boven de geraamde kosten, ofwel geldt dat deze maximaal kostendekkend mogen zijn: 72

• • • • • •

Afvalstoffenheffing; Rioolheffing; Haven- en kadegelden; Leges; Marktgelden; Begraafrechten.

In onderstaande tabel is de kostendekkendheid van de retributies weergegeven. Bij iedere retributie ziet u verder een overzicht van de baten en de lasten in 2022. Kostendekking Retributies en Leges (x 1.000) Gemeentelijke heffing (x € 1.000)

Rekening 2021 dekking

Begroting 2022 primitief

lasten

baten

Rekening 2022

dekking

lasten

baten

dekking

2.1 Afvalstoffenheffingen

98%

1.930

1.884

98%

2.125

2.108

99%

2.2 Rioolheffing

101%

2.110

2.067

98%

2.161

2.158

100%

2.3 Haven- en kadegelden

67%

985

726

74%

1.120

921

82%

2.4 Marktgelden

52%

50

31

61%

71

34

48%

2.5 Begraafrechten

82%

397

315

79%

460

210

46%

2.6 Secretarie-leges (Titel 1)

27%

782

214

0%

703

191

27%

2.7 Omgevingsvergunningen (Titel 2)

81%

1.038

428

0%

1.328

730

55%

2.8 Leges (Titel 3)

82%

17

14

0%

17

14

82%

2.1 Afvalstoffenheffing Afvalstoffenheffing wordt geheven van degene die in de gemeente feitelijk gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. De afvalinzameling op Urk is uitbesteed aan de afvalinzamelaar ROVA te Zwolle. De hoogte van de aanslag voor de afvalstoffenheffing is afhankelijk van de gezinsgrootte en de soort container. In de tarieven zijn ook de kosten voor de milieustraat en het straatvegen verwerkt. De opbrengst van de afvalstoffenheffing dient de kosten te dekken. Het in 2020 gewijzigde afvalbeleid heeft er voor gezorgd dat de heffing zowel in 2021 als in 2022 licht kon dalen. Bij ongewijzigd beleid hadden de tarieven de komende jaren steeds met 10 tot 15% moeten stijgen! Om dit te voorkomen zijn er in 2020 wijzigingen in het afvalbeleid doorgevoerd. Na een daling in de hoeveelheid ingezameld restafval in 2020 en 2021 is er stagnatie opgetreden in 2022. Het percentage gescheiden ingezamelde grondstoffen was in 2022 (58%) vergelijkbaar met 2021 (59%). Door de goede resultaten uit 2020 en 2021 is de afvalstoffenheffing in 2022 een stukje gedaald.

2.2 Rioolheffing Rioolheffing wordt geheven van de eigenaar van een perceel dat direct of indirect is aangesloten op de gemeentelijke riolering en van de gebruiker van een perceel waaruit afvalwater direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd, dan wel dat belang heeft bij de nakoming van de gemeentelijke zorgplichten. 73

De opbrengst van de rioolheffing mag alleen worden gebruikt ter dekking van de kosten van: • het inzamelen en transporteren van huishoudelijk en bedrijfsafvalwater en het zuiveren van huishoudelijk afvalwater; • het inzamelen van afvloeiend hemelwater en het verwerken hiervan alsmede maatregelen om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand te voorkomen of te beperken. Bij het bepalen van de hoogte van de tarieven van de rioolheffing houden we er rekening mee dat de baten niet hoger mogen zijn dan de lasten. Uitgangspunten zijn 100% kostendekkendheid en gedifferentieerde tarieven per huishoudtype, waarbij de huishoudens met 4 of meer personen meer betalen, dan huishoudens tot en met 3 personen. Bij nietwoningen wordt naast een vast bedrag van de eigenaar, belasting geheven over het waterverbruik van de gebruiker. In 2015 heeft de gemeenteraad van Urk het Gemeentelijk Rioleringsplan (verder te noemen GRP) vastgesteld voor de periode 2016-2021. Uit dit GRP blijken de verwachte exploitatie en investeringslasten in de uitvoeringsperiode. Verder worden in het GRP de belangrijkste uitgangspunten voor de rioolheffing vermeld. Uitgangspunt is dat eventuele exploitatieoverschotten ten gunste moeten komen van voorziening riolering. Investeringen moeten zo mogelijk direct worden afgeboekt vanuit de spaarvoorziening riolering.

Dit met dien verstande dat in de spaarvoorziening een bedrag van € 500.000 beschikbaar blijft. De inzet op deze wijze van de spaarvoorziening is bedoeld om onnodige rentekosten op investeringen te vermijden. Omdat het nieuwe GRP voor 2022 e.v. nog niet was vastgesteld is besloten de tarieven voor 2022 te laten stijgen met 1,6%. 2.3 Havengelden Onder de naam "havengelden" wordt een recht geheven voor het gebruik of genot van de gemeentelijke havens. In 2022 zijn de tarieven voor de passanten (pleziervaartuigen en andere vaartuigen) met gemiddeld 2% verhoogd. In verband met de stijgende energiekosten zijn de servicekosten iets meer verhoogd. 2.4 Marktgelden In de gemeente wordt onder de naam "marktgeld" een recht geheven voor het innemen van een standplaats op de voor de markt aangewezen plaats, gedurende de voor de markt geldende tijd. De tarieven zijn opgenomen in de Verordening Marktgelden. De tarieven zijn met 1,6% gestegen. 2.5 Begraafrechten Op basis van de verordening op de graf- en begrafenisrechten worden in de gemeente Urk rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats.

74

2.6 Legesverordening Onder de naam "leges" worden een aantal verschillende rechten geheven voor het genot van door, of vanwege het gemeentebestuur, verstrekte diensten. Het gaat hier vooral om de secretarieleges en de leges bouwvergunningen. Van sommige leges wordt het tarief vastgesteld door het Rijk. Bij het berekenen van een kostendekkend tarief mogen overigens alleen de kosten van het verlenen van een vergunning of dienst in rekening worden gebracht. Kosten van onder andere toezicht en handhaving mogen niet doorberekend worden. Voor 2022 zijn de tarieven verhoogd met 1,6 %. Streven is de leges meer kostendekkend te maken. De tarieven dienen maatschappelijk aanvaardbaar te zijn, wat wil zeggen dat de tarieven die de gemeente Urk hanteert niet buitensporig hoog mogen zijn in vergelijking met die van omliggende gemeenten of het landelijk gemiddelde. Om te komen tot meer kostendekkende tarieven zijn de meeste tarieven met 1,6 % gestegen. Andere tarieven zijn begrensd door wettelijke tariefstellingen.

Kwijtscheldingen Op grond van de Invorderingswet en het gemeentelijk kwijtscheldingsbeleid kan een belastingschuldige die niet in staat is anders dan met buitengewoon bezwaar een belastingaanslag geheel of gedeeltelijk te betalen, gehele of gedeeltelijke kwijtschelding worden verleend. Bij Ministeriële regeling worden inkomensnormen vastgesteld, welke van toepassing zijn voor de eventuele toekenning van kwijtscheldingsaanvragen. De gemeente Urk hanteert ten aanzien van de normbedragen een kwijtscheldingspercentage van 100%. Kwijtschelding kan alleen worden aangevraagd indien het een aanslag betreft voor onroerende zaakbelasting, afvalstoffenheffing en rioolheffing. De overige heffingen zijn in de desbetreffende belastingverordeningen uitgesloten van kwijtschelding.

Lokale lastendruk Alle onroerende zaken dienen jaarlijks opnieuw getaxeerd te worden op grond van de Wet Waardering Onroerende Zaken. De uitvoering van deze wet ligt in handen van de heffingsambtenaar van de gemeente. Door de Waarderingskamer wordt op deze uitvoering toezicht gehouden. De gemeente Urk scoort bij deze beoordeling al jaren 5 van de 5 sterren, de hoogste score! In 2022 zijn 188 bezwaarschriften ingediend tegen de WOZ-waarde. Ongeveer 40% van deze bezwaarschriften is (gedeeltelijk) gegrond verklaard. Verder zijn 77 bezwaarschriften ingediend tegen de overige belastingen (OZB, hondenbelasting, rioolheffing, afvalstoffenheffing, toeristenbelasting, precario-belasting en havengelden). In 2022 zijn er 11 beroepszaken gevoerd tegen de WOZ-waarde. Lokale belastingen mogen zich altijd in een grote belangstelling verheugen, vooral landelijk. Diverse instanties berekenen jaarlijks de stijging van de lokale lasten en de uitkomsten hiervan hebben grote aandacht van de landelijke pers. Met name de verschillen tussen de diverse gemeenten krijgen daarbij veel aandacht. Dit terwijl de gemeentelijke belasting een klein deel uitmaken van de zogenaamde bijkomende woonlasten.

75

Gemiddelde woonlasten voor een huishouden van 3 personen voor de periode 20202022 Gemiddelde woonlasten voor een huishouden van 3 personen voor de periode 2018-2022 Belastingsoort

2020

2021

Ontwikkeling 2021/2022

2022

in %

OZB eigenaar

€ 391

€ 397

€ 403

1,51%

Rioolrechten

€ 263

€ 245

€ 249

1,63%

Afvalstoffenheffing

€ 255

€ 250

€ 247

-1,20%

€ 909

€ 892

€ 899

0,78%

Korting Totaal

In de periode 2021 tot en met 2022 zijn de belastingen van de gemeente Urk slechts met 0,78% gestegen. De ontwikkeling van de lokale lasten is gebaseerd op een gemiddelde. Dit betekent dat de feitelijke lastenontwikkeling voor een individuele burger hiervan kan afwijken. De afwijking wordt onder andere beïnvloed door de feitelijke waardeontwikkeling van de woning. Om een beeld te krijgen hoe de woonlasten op Urk zich verhouden ten opzichte van de gemeenten in Flevoland, treft u hierna de gegevens aan van een aantal gemeenten uit de Atlas van de lokale lasten 2022 van het COELO, zoals gepubliceerd op de website. In de onderstaande vergelijking staat de gemiddelde aanslag 2022 voor een 3persoonshuishouden. In deze aanslag is inbegrepen de OZB, afvalstoffenheffing en de rioolheffing. 2022

Urk

NOP

Lelystad

Almere

Dronten

Zeewolde

OZB

€ 403

€ 385

€ 442

€ 354

€ 432

€ 618

Afvalstoffenheffing

€ 247

€ 279

€ 348

€ 391

€ 349

€ 351

Rioolheffing

€ 249

€ 174

€ 186

€ 176

€ 139

€ 142

Totaal

€ 899

€ 838

€ 976

€ 921

€ 920

€ 1.111

In tegenstelling tot eerdere jaren heeft Urk in Flevoland niet meer de hoogste woonlasten. Waar andere gemeenten hun afvalstoffenheffing moesten laten stijgen, kon deze bij de gemeente Urk dalen. daarnaast bleven de andere stijging steeds beperkt tot 1,6%. Dit ondanks dat de structuur van de gemeente Urk nadelig is voor de hoogte van de belastingen, maar ook voor de uitkeringen van het Rijk. Urk heeft meer jeugd en een hogere woningbezetting. Een andere gemeente met evenveel inwoners heeft gemiddeld meer woningen en kan de belastingdruk dus beter spreiden. Maar ook verstrekt het Rijk aan kleinere gemeenten in verhouding lagere uitkeringen. Daarnaast heeft Urk als gevolg van het verval in hoogte van ca. 15 meter tussen het oude eiland en de Urkervaart en de zettingsgevoeligheid van de ondergrond hogere kosten om het riool goed te laten functioneren.

76

Sociaal Domein Achtergrond Het sociaal beleid van de gemeente Urk is eigentijds en gaat uit van het principe: één gezin, één plan en één integrale en gecoördineerde aanpak waarbij niemand tussen wal en schip valt. De toegang tot ondersteuning kenmerkt zich als integraal en objectief. Belangrijk is dat de ondersteuning die onze inwoners ontvangen, helpt. Hun ervaring telt en is een bron om het beleid zo nodig bij te sturen. De samenwerking met andere gemeenten wordt opgezocht om de expertise te versterken, een meerwaarde te realiseren voor de inwoners en/of om inkoopvoordeel te behalen.

Een gezond en positief Urk 2019-2022 De gemeenteraad heeft op 04 juli 2019 het meerjarenbeleidsplan “Een gezond en positief Urk 2019-2022” vastgesteld. De koers die in dit beleidsplan is uiteengezet heeft de volgende uitgangspunten: 1. 2. 3. 4.

Op Urk is de basis op orde We helpen daar waar nodig We passen op elkaar We blijven in verbinding

Het meerjarenbeleidsplan, met daarin diverse beoogde maatschappelijke effecten, is geen statisch document maar wordt levend gehouden door jaarlijks een aantal accenten aan te wijzen. Deze accenten worden beschreven in een jaarlijks uitvoeringsprogramma. Gezien de vele (regionale) ontwikkelingen heeft de gemeenteraad eind 2022 besloten om de looptijd van de beleidsperiode met een jaar te verlengen.

Investeren in algemene voorzieningen en preventie Als gemeente Urk zijn we van mening dat het investeren in algemene voorzieningen en preventie de vraag naar dure zorg vermindert. Met belangrijke partijen als bijvoorbeeld Caritas Urk, Zorggroep Oude en Nieuwe Land, Waypoint, Flevomeer bibliotheek en Hulp en Steun zijn subsidieafspraken gemaakt, waarbij we ook verbindingen maken met andere beleidsonderdelen. Het verdient blijvende aandacht of en hoe de algemene voorzieningen steeds goed aansluiten bij de formele zorgverlening en de veranderende gemeentelijke werkwijze. Naast structurele ondersteuning stimuleert en durft de gemeente ook lef te tonen in nieuwe initiatieven. In de bijlage inkomensoverdrachten kunt u de financiële impact van deze investeringen terugzien.

Belangrijk in de gemeentelijke preventie is de Durf-aanpak Op basis van het gemeenteraadsbesluit is het project omgevormd naar een structureel programma. In een vastgesteld plan staan de context, de cyclische aanpak, de visie, missie en strategie, doelstellingen en wettelijke kaders omschreven. Het Durf-gedachtegoed wordt geborgd in subsidie(beschikkingen) en in het beleid op gebied van sport, cultuur, onderwijs en welzijn.

77

Het Sociaal Domein in de regio Regionale samenwerking Sociaal Domein Flevoland – Jeugdhulp De Jeugdwet verplicht gemeenten om voor de zwaardere vormen van hulpverlening samen te werken. De samenwerking betreft de inkoop van de meeste zware/complexe vormen van zorg op het terrein van jeugdzorg. De Flevolandse gemeenten hebben deze samenwerkingsafspraken vastgelegd in de Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland In november 2021 heeft de gemeenteraad ingestemd met de Regiovisie Jeugd Flevoland. Deze regiovisie komt voort uit de Norm voor Opdrachtgeverschap (NvO) en is in 2021 in een resolutie vastgesteld door gemeenten in VNG-verband. Gemeenten erkennen hiermee dat op onderdelen (boven)regionale samenwerking essentieel is voor: • • •

De beschikbaarheid van de benodigde zorgfuncties Een zorgvuldige transformatie van het zorglandschap Verminderde bureaucratie

Zorgen in de regionale uitvoering van Jeugdhulp met Verblijf De verschillende vormen van ‘Jeugdhulp met Verblijf’ zijn na een aanbestedingsronde belegd bij één opdrachtnemer (samenwerkingsverband) met een vast budget (lumpsum). Vitree is de penvoerder van dit samenwerkingsverband. Op 4 oktober 2018 is de overeenkomst ondertekend en kende een looptijd van vier jaar (t/m 2022) en kon twee maal worden verlengd voor een periode van twee jaar. In de afgelopen jaren is het budget met het samenwerkingsverband diverse keren aangepast. De hiermee gepaarde gaande financiële en inhoudelijke discussies leidde er zelfs toe dat het contract niet verlengd werd. Voor 2023 is gekozen voor een overbruggingscontract, zodat de zorg gecontinueerd kan worden. Tegelijkertijd is de aanbesteding voor 2024 opgestart. De genoemde inhoudelijke en financiële discussies was zowel bestuurlijk als ambtelijk zeer arbeidsintensief. Om de continuïteit van de zorg te kunnen borgen is samen met externe partijen steeds gezocht naar oplossingen. Zowel het college van B&W als de gemeenteraad zijn regelmatig meegenomen in het dossier Jeugdhulp met Verblijf. In de jaarrekening 2022 is, kijkend naar de discussie, een bedrag als financieel risico meegenomen. 2021

2022

1.910.005

2020

2.027.519

519.523

Risicodossier

114.784

PM

PM

Bijdrage Lelystad/Almere

-456.908

-457.825

1.567.881

1.569.694

519.523

Beschikbaarheidsfunctie GGZ

2.370

5.859

8.829

Jeugdbescherming/-reclassering

639.745

585.821

247.881

Ambulante crisishulp

15.942

11.576

29.724

Bijdrage Veilig Thuis

25.000

25.000

25.000

2.250.938

2.197.950

830.957

Aankoopcentrale

21.704

27.666

28.991

Continuiteitsbijdrage/kosten COVID

2.731

41.083

Afwikkeling voorgaande jaren

-954

-11.308

2.274.419

2.255.391

Jeugdhulp met verblijf

Niet gecontracteerde zorg

Uitvoeringskosten

859.948

78

Noodzaak van verdere regionale samenwerking De hierboven in het kort beschreven problematiek heeft er toe geleid dat ook gesproken is over een meer verregaande samenwerking in de regio. Alle zes gemeenteraden zijn hierover in één regionale raadsessie in Lelystad bijgepraat. Op dit moment is de regionale samenwerking in de Jeugdhulp namelijk nog beperkt, zeker in vergelijking met andere regio’s. De ervaringen buiten Flevoland leren ons dat zo’n gezamenlijkheid, onder meer voor wat betreft de inkoop en bedrijfsvoering, leidt tot minder administratieve handelingen bij gemeenten en zorgaanbieders. Zo verkleinen we de overhead en komt er op termijn meer geld en tijd beschikbaar voor het primaire proces: de daadwerkelijke hulp aan de jeugd. Een verregaande en intensievere samenwerking moet ons in staat stellen processen beter te beheersen en de kwaliteit van dienstverlening te monitoren. Overigens sluit dit ook aan bij de landelijke ontwikkeling over toekomstbestendige ‘robuuste regio’s’. Regionale samenwerking Sociaal Domein Flevoland – Wmo Naast de wettelijke verplichting op de Jeugdzorg is de gemeente Almere door het Rijk aangewezen als centrumgemeente voor Flevoland in het kader van de Maatschappelijke Opvang, Beschermd Wonen, Vrouwenopvang en Veilig Thuis. Deze afspraken hebben vanzelfsprekend invloed op de lokale zorg(afspraken).

Het is daarom van belang om de uitvoering daarvan met elkaar af te stemmen. De financiële verwerking van de centrumregeling verantwoordt de gemeente Almere in haar jaarrekening. In deze centrumregeling komt op termijn verandering. Het onderdeel Beschermd Wonen wordt in 2024 door gedecentraliseerd naar gemeenten. Fasegewijs hevelt de Rijksoverheid de middelen over van de regio naar de lokale gemeenten. Dit gaat voor de regio Flevoland gepaard met een teruggang in middelen. Een regionaal knelpunt ontstaat omdat vanuit de overschotten van de regionale middelen structurele lasten worden gedekt. Daarnaast hebben sommige gemeenten het restant van het regionaal overschot opgenomen in de eigen gemeentelijke begroting. Vanuit deze decentralisatie is destijds het uitvoeringsprogramma Zorglandschap Wmo vastgesteld door alle Flevolandse gemeenten. In dit programma is, kijkend naar de verwachte mindere financiële inkomsten, afgesproken om in samenspraak met haar partners een op-, om-, en afbouwplan (OOA-plan) te ontwikkelen. Aan de hand van de financiële gevolgen van de decentralisatie en de inhoudelijke keuzes zijn/worden ook regionale afspraken gemaakt over de bekostiging van het OOA-plan.

Het lokaal maatwerk in het Sociaal Domein Inkoop lokaal maatwerk Wmo en Jeugdzorg / samenwerking gemeente Noordoostpolder De hulpsoorten (ondersteuning en dagactiviteiten voor 18- en 18+) welke niet vallen onder de Regiovisie Jeugd Flevoland of de centrumregeling Flevoland worden gezamenlijk met de gemeente Noordoostpolder ingekocht. Dit is een voor de hand liggende samenwerking omdat ongeveer 95% van de aanbieders die zorg bieden aan de inwoners van Urk ook actief is in de buurgemeente. Samenwerking in de inkoop is ook nodig vanwege het benutten van elkaars inhoudelijke kennis over de nieuwe taken, kennis en kunde van de tarievenstructuur en van inkoopprocessen. Nadat in 2021 de diverse aanbestedingen zijn afgerond wordt vanaf 2022 gewerkt vanuit een nieuwe werkwijze: het resultaatgericht werken. Door middel van deze manier van werken stellen we de zorg(vraag) van de inwoner centraal en krijgen we (nog) meer inzicht en grip op de zorgverlening, de wachtlijsten en de financiën. Door allerlei oorzaken (o.a. door de noodzakelijk aanpassingen van het ICT-systeem) is de nieuwe werkwijze in 2022 nog niet volledig uitgerold.

79

Nieuwe Inburgeringswet in werking getreden In 2022 is de nieuwe Wet Inburgering ingegaan. Samen met de gemeente Noordoostpolder zijn hiervoor diverse voorbereidingen getroffen. Het doel van de wet is dat inburgeringsplichtigen zo snel mogelijk volwaardig meedoen aan de Nederlandse samenleving en dat ze zo snel mogelijk (bij voorkeur betaald) werk vinden. Het is daarvoor belangrijk dat het leren van de taal wordt gecombineerd met het meedoen aan de Nederlandse samenleving. Regionale samenwerking arbeidsmarkt en re-integratie Nederland is verdeeld in 35 arbeidsmarktregio’s en de gemeente Urk neemt deel aan het Regionaal Werkbedrijf Flevoland (RWF), waarbij de gemeente Almere centrumgemeente is. In de loop der jaren zijn de taken, vanuit de Banenafspraak, behoorlijk gegroeid. De wettelijke basis is vastgelegd in de wet SUWI. In het RWF werken we samen met gemeenten, provincie, het UWV, de vakbonden en het onderwijs aan een inclusieve arbeidsmarkt. In het RWF is daarom gekozen voor het organiseren van een programmabureau en een ‘governance’ die toekomstbestendig is. Iedere gemeente heeft een Werkgeverservicepunt (wsp) om werkgevers te begeleiden naar een meer inclusieve arbeidsmarkt. In 2022 heeft de uitbreiding en implementatie van al deze taken de nodige aandacht gevergd.

Aantallen Sociaal Domein Jaarlijks wordt een afzonderlijke rapportage opgesteld van de ontwikkelingen in het Sociaal Domein. En dan met name vanuit de data van de afgelopen jaar. Deze rapportage wordt jaarlijks vastgesteld door het college van Burgemeester en Wethouders en ter kennisname verstuurd naar de gemeenteraad. Het voert daarom te ver om deze data ook in deze paragraaf te vermelden. De jaarrekening laat immers het totaal op hoofdlijnen zien. Wel willen we een overzicht weergeven waarin het aantal cliënten van het lokaal zorgmaatwerk is weergegeven. Aantal cliënten lokaal maatwerk (excl.regio)

2020

2021

2022

777

895

838

Aantal cliënten lumpsum financiering Aantal cliënten PGB

51 78

99

81

855

994

970

80

Aantallen Participatie Zorgaanbod

2020

2021

2022

Personen

136

148

151

Uitkeringen

103

112

115

Loonkostensubsidie

Personen

29

46

48

Re-integratie trajecten

Personen

32

66

54

Trajecten

36

77

96

Personen

168

144

573

Uitkeringen

367

407

1.042

Algemene bijstand en IOA

Bijzondere bijstand en minima

Nieuwe Wet Inburgering

Debiteuren / vordering

Trajecten

11

Personen

11

Vorderingen

77

Personen

52

60

69

Bedrag (x € 1.000)

485

503

438

86

78

De aantallen Bijzondere Bijstand wijken in 2022 sterk af met voorgaande jaren. In het aantal 2022 is namelijk ook de energietoeslag verwerkt (532 verstrekkingen).

Het Sociaal Domein financieel Het Sociaal Domein valt in de jaarrekening onder programma 1 mit eenkanger en programma 2 Urk leert. Deze programma’s zijn onderverdeeld in diverse deelprogramma’s. Daarbij wordt opgemerkt dat in het deelprogramma Inkomensvoorziening ook de opvang van de Oekraïense vluchtelingen financieel wordt verantwoord. Sociaal Domein (excl. apparaatskosten) 2022 (bedragen x € 1.000) Reservering Begroting Jaarrek

Verschil

(Deel)programma

saldo

saldo

Urk Mit Enkanger

13.275

11.965

1.310

Inkomensvoorziening

3.855

3.175

680

-153

-145

Wmo en Jeugdzorg

8.159

7.566

593

-506

-497

Gezondheidszorg

1.054

1.018

36

Welzijn

207

206

1

-271

Urk Leert

393

235

158

Onderwijs en educatie

393

235

158 1.468

Vrijval in jaarrekening

Doeluitkering

deelprogr. Begroting Jaarrek. Begroting Jaarrek.

7.420

8.049

-253

20

20

-2.048

-2.031

1.954

1.956

-2.977

-2.926

9.393

10.025

81

De uiteindelijke vrijval in de jaarrekening ad € 1.468.051 is o.a. toe te schrijven aan de incidentele overschotten op : De door de gemeenteraad besloten aframing van de reserve Sociaal Domein loopt via de exploitatie en valt dus vrij in het jaarsaldo (€ 244.000) Positieve meevaller rond de invoering van het woonplaatsbeginsel Jeugd in 2022 (€ 399.000). Dit wordt structureel ingezet voor de tariefsverhogingen in het Sociaal Domein. De corona maatregelen 2022 hebben effect gehad op de uitvoering van het leerlingenvervoer (positief effect van € 90.000). Andere toerekening van rente-/kapitaalslasten op budget sport levert in dit programma voordeel op van €91.000. Participatie onderdelen: lagere instroom statushouders (€ 116.000), het doorschuiven van een BBZ-kredietaanvraag naar 2023 (€ 180.000), doorschuiven van beleidsmaatregelen (€ 187.000) Reserve Sociaal Domein In de gemeenteraadsvergadering van 10 november 2022 is besloten om de diverse reserves in het Sociaal Domein terug te brengen tot twee. Ook werd tot een maximum hoogte van de reserve besloten. Om de grote risico’s in het Sociaal Domein te kunnen opvangen zijn de reserves per 31 december 2022. Reserve Participatie € 2.000.000 Reserve Sociaal Domein € 4.500.000 De andere reserves (WMO, WWB en Jeugd & Welzijn) werden overgeheveld naar de algemene reserve.

82

Interbestuurlijk toezicht Flevoland Inleiding Interbestuurlijk toezicht (IBT) is een wettelijk taak van de provincie, waarbij zij toezicht houdt op de taakuitoefening door de gemeenten. In de bestuursovereenkomst zijn de uitgangspunten en de toezichtkaders vastgelegd voor de wijze waarop provincie Flevoland en haar zes gemeenten IBT vormgeven. De overeenkomst is ondertekend op 6 maart 2019, aangegaan voor een duur van vier jaar.

Algemeen De wijze waarop de provincie toezicht houdt, is vastgelegd in de Wet Revitalisering Generiek Toezicht. De verticale toezicht rol van de provincie ligt daarbij in het verlengde van de controlerende rol van de raad. Het uitgangspunt is dat het college van Burgemeester & Wethouders (B&W) informatie verstrekt aan de gemeenteraad. Het college van B&W zorgt ervoor dat deze informatie ook beschikbaar komt voor het college van Gedeputeerde Staten (GS). De bestuursovereenkomst IBT heeft betrekking op de gemeentelijke verplichtingen ten aanzien van financiën, omgevingsrecht, ruimtelijke ordening, archief, huisvesting vergunningenhouders, monumenten en archeologie. In het afsprakenkader is per domein het toezichtregime aangeduid met behulp van een kleur (groen, oranje, rood). Er is derhalve sprake van een drietal toezichtregimes. Het groene regime staat voor de lichtste vorm van toezicht en rood het zwaarste regime. Onderstaande overzicht geeft inzicht op welke elementen de provincie het toezichtregime toekent. In de een-na-laatste kolom is het toezichtregime aangegeven waar de gemeente Urk eind 2022 zich bevindt. toezichtsdomein wordt naar tevredenheid uitgevoerd toezichtsdomein wordt niet geheel naar tevredenheid uitgevoerd toezichtsdomein wordt niet naar tevredenheid uitgevoerd

Toezichts

Doel

Informatiearrangement

Criteria voor afweging en

Toezichtreg ime 2022

Welke activiteiten worden ondernomen om de kleur van het verwachte toezichtsregime te handhaven of te behalen?

Groen

Op dit moment bevindt de gemeente Urk zich in het ‘groene toezicht’. De taakstelling voor de tweede helft van 2022 is ruimschoots behaald. Daarmee liggen

domein beoordeling

Huisvesting Vergunning -houders

Er wordt uitvoering gegeven aan de wettelijke taak om verblijfsgerechtigde n tijdig te huisvesten. Het aantal wordt door het Rijk in de halfjaarlijkse taakstelling bepaald. Tijdig

•

•

De realisatiecijfers uit het Taakstelling Volg Systeem (TVS) en van het Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers (COA) Gemeenteraad ontvangt bij het

Toetsen aan de hand van onder andere: • •

De wettelijke halfjaarlijkse taakstelling; Realisatiecijfers uit het TVS van COA;

83

WABO (Ruimtelijke ordening, bouwen, wonen en milieu)

betekent binnen 12 weken nadat verblijfsgerechtigde aan een gemeente is verbonden.

niet halen en/of achterstand in taakstelling een halfjaarlijks verslag van B&W over voortgang uitvoering, met inzicht in maatregelen.

Bescherming van mens en natuur tegen schade en gevaar. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor uitvoering van toezicht en handhaving (milieu, bouwen) en een deugdelijke kwaliteit van het nalevingstoezicht

De hoofddocumenten van de beleidscyclus: •

• • • •

Beleidsplan Vergunningsverl ening, toezicht en handhaving Jaarlijks uitvoeringsprogr amma Jaarlijks evaluatieverslag Periode beleidsrapportag e VTHkwaliteitsverorde ning

we op koers om ook de komende taakstellingsperio de aan de taakstelling te voldoen.

•

•

Aan de hand van de criteria uit de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), het Besluit Omgevingsrecht (Bor) en de Regeling omgevingsrecht (Mor) Het hebben van de hoofddocumenten (uitvoerings- en handhavingsbeleid).

Groen

Het jaarlijkse uitvoeringsprogra mma en verslag is in 2022 op tijd opgesteld en aangeleverd bij de provincie. Hiermee is voldaan aan de belangrijkste criteria. In 2022 heeft de gemeente Urk weer adequaat (groen) gescoord. Het geldende toezichtregime is ‘groen’.

Wet ruimtelijke ordening

Monument en en archeologie

De gemeenteraad stelt ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening voor het gehele grondgebied van de gemeente een of meer structuurvisies en bestemmingsplanne n vast (art. 2.1 en 3.1 Wet ruimtelijke ordening). Per 1 juli 2022 zal de nieuwe toetsingsgrond Ow art. 4.2 zijn: een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.

Toezichtsinformatie wordt in een jaarverslag door college van B&W aan de raad gestuurd en in een brief naar GS (provincie) (voor 15 juli). Hierin zal aandacht besteed worden aan de overgang naar het Omgevingswet regime.

Wettelijke plicht:

Rijksmonumenten (beschermd stads/dorpsgezicht):

Toezichtsinformatie die tweejaarlijks voor de provincie (Gedeputeerde Staten) beschikbaar wordt gesteld. De toezichtsinformatie is primair bedoeld om de gemeenteraad in

Wat zijn de risico’s die we willen voorkomen? (o.b.v. Monumentenwet en Wabo)

•

•

toezicht op gemeentelijke ruimtelijke plannen. op de vergunningverl

• •

•

Groen

Gemeente Urk voldoet aan de wettelijke plicht en het geldende toezichtregime is derhalve ‘groen’.

Groen

In september 2021 is de nieuwe Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit Urk van start gegaan. De gecombineerde commissie

aanwezigheid bestemmingsplan nen (art. 3.1 Wro) actualisatieverplic hting bestemmingsplan nen (art. 3.1 Wro) aanwezigheid structuurvisie(s) (art. 2.1Wro)

84

ening en handhaving.

staat te stellen zijn toezichthoudende rol te vervullen.

Archeologie: •

toezicht op gemeentelijke ruimtelijke plannen de vergunningverl ening en handhaving.

Ongecontroleerd schade aanbrengen aan monumenten en onzorgvuldige omgang met archeologie.

bestaat uit deels oude en grotendeels nieuwe leden uit de vorige commissies. De adviestaken bestaan uit wettelijke en bredere zaken vastgelegd in een verordening. Nu de commissie is geinstalleerd, is de volgende stap het actualiseren van het oude welstands- en erfgoedbeleid. Een startbijeenkomst staat gepland voor april 2023.

De indicatoren daarvoor zijn: •

•

gebrek aan (kwaliteit van) toezicht en handhaving onzorgvuldige vergunningverlening ontbreken van een gemeentelijke monumentencom missie (indien monumenten aanwezig in gemeente)

In mei 2022 is het project 'het rondje van Urk' een project waarbij de historische eilandcontour is versterkt, opgeleverd. elementen aangebracht. In september 2022 is een werkgroep begonnen met het actualiseren van het huidige archeologiebeleid . De oplevering staat gepland voor eind 2023. Financiën

Het doel van de bestuursovereenkomst IBT FT is het verbeteren van de verslaggeving van uit het college aan de raad over de financiële positie.

De gemeente actualiseert de toezicht informatie tweemaal per jaar bij de (meerjaren)begroting en jaarstukken. De gemeenteraad stelt de toezicht informatie als onderdeel van de (meerjaren)begroting en jaarstukken vast.

1e lijn toezicht

Informatiebronnen:

2e lijn toezicht

•

De provincie beoordeelt het uitgeoefende

(Meerjaren)begr oting

De gemeenteraad volgt via de toezichtsinformatie minimaal tweemaal per jaar de ontwikkeling van de indicatoren en beoordeelt zichzelf op het vlak van financieel toezicht.

Oranje

Gemeente Urk voldoet in 2022 niet geheel aan de drie gestelde criteria. De begrotingsjaren 2022 en 2025 zijn structureel sluitend. De jaren 2023 en 2024 vertonen een tekort. De schuldpositie is gedurende een aantal jaren ongunstig. Dit

85

• • • • •

Begrotingswijzigi ngen Jaarstukken Raadstukken Verordeningen 212, 213 en 213a Overige beleidsinformati e

horizontale toezicht door de gemeenteraad. De provincie bepaalt jaarlijks welk toezichtregime op de gemeente van toepassing is en geeft evt. aandachtspunten aan.

wordt veroorzaakt door de aankoop van gronden t.b.v. woningbouw en bedrijfsterreinen. Op de middellange termijn wordt weer een daling verwacht.

Het IBT FT model is ingedeeld in drie pijlers:

De weerstandspositi e is de komende jaren neutraal.

begrotings-, schuld- en weerstandspositie Archieftoezi cht

Het doel van het toezicht op archiefen informatiebeheer is om bij gemeenten, waterschappen en gemeenschappelijk e regelingen te komen tot een betrouwbare informatievoorziening.

Toegankelijke en betrouwbare informatievoorzienin g is essentieel voor goed bestuur. Het op orde zijn van de digitale en papieren informatiehuishoudi ng en archivering is een voorwaarde om alle andere overheidstaken goed uit te kunnen voeren.

Toezichtsinformatie die in een jaarverslag voor 15 juli aan de provincie (Gedeputeerde Staten) wordt aangeboden. Deze informatie is primair bedoeld om interne verantwoording af te leggen. Dient tegelijkertijd als IBTtoezichtsinformatie.

In het jaarverslag zijn in ieder geval drie onderdelen opgenomen. •

•

• Het niet volledig en niet betrouwbaar zijn van overheidsarchieven, belemmert een goed bedrijfsvoering en verantwoording naar de burger en de samenleving.

•

Periodieke ingevulde Kritische Prestatie Indicatoren (KPI’s). Aanvullende informatie zoals bijvoorbeeld thema/risico onderzoeken. Het verklaren van eventuele onverwachte omstandigheden en hoe de gemeente daarmee is omgegaan. Archiefverordeni ngen

Toezicht op basis van 17 wettelijke toezichtscriteria Gebaseerd op de Archiefwet, archiefbesluit en archiefregeling. Deze toezichtcriteria zijn afgestemd met VNG en opgenomen in ‘Aanvullend beleidskader’. De toezichtscriteria zijn gekoppeld aan een deel van de KPI’s zoals opgenomen in het jaarverslag van gemeenten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Urk&id=82798cd3-b023-4cc2-b0c2-c27062153775