Jaarrekening 2022 - Schrijfversie college 6 juni.pdf
Tekst van het document
Oranje
Het verbeteren van het archiefbeheer staat hoog op de agenda voor de gemeente, zeker na de invoering van de WOO. Ook daarom streven we naar de kleur groen als beoordeling door de provincie. Het papieren archief van de gemeente Urk ‘1996-2018’ is overgebracht naar Het Flevolands Archief (HFA). Implementatie van het kwaliteitssysteem Kido is uitgevoerd. Het Strategisch Informatie Overleg (SIO)overleg is opgestart. De I-navigator is geïmplementeerd in het kader van het kwaliteitsbeheer van de informatie. Het opleidingsplan in kader van de kennisoverdracht is opgesteld en
86
deels al uitgevoerd. Het opstellen van de jaarlijkse vernietigingslijst is afgerond en goedgekeurd door HFA. De Hotspots, de altijd te bewaren documenten over specifieke Urker onderwerpen zijn benoemd, vaststelling door het college en de raad volgt in 2023. Overbrenging en scannen bouwdossiers t/m 2016 is in uitvoering. De deadline om over te brengen naar het HFA is verschoven naar 1-1-2024. De kwaliteitscontrole van dit project is intussen gestart.
87
Informatievoorziening en automatisering Inleiding In de omgeving van de gemeente Urk spelen talloze ontwikkelingen die enerzijds kansen bieden om zaken anders te organiseren (o.a. participatie, ketensamenwerking) en anderzijds een verplichting vormen (o.a. Omgevingswet, Wet open overheid, Wet Inburgering). Ook ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid, energievoorziening en technologische ontwikkelingen zoals o.a. internet of things, apps en big-data beïnvloeden de dienstverlening en werkwijze van de gemeente. De lat binnen de informatiesamenleving ligt hoog. Burgers en bedrijven stellen hoge eisen aan dienstverlening. Deze veranderende omgeving haakt in op de organisatie, processen, dienstverlening, houding en gedrag en op de informatievoorziening. De rollen binnen de gemeentelijke organisatie veranderen daarbij continue om de leefomgeving en haar inwoners optimaal te kunnen bedienen. Informatievoorziening draagt bij aan het behalen van de strategische doelen van de organisatie.
Algemeen In juni 2020 is het nieuwe informatiebeleidsplan 2020-2024 vastgesteld. In dit informatiebeleidsplan is rekening gehouden met de suggesties en aanbevelingen die de rekenkamercommissie heeft laten optekenen in een rapport waarbij de ICT-functie binnen de gemeente Urk werd onderzocht. Het informatiebeleidsplan geeft richting aan de ontwikkeling van de informatievoorziening. Via vaarroutes (ontwikkelsporen) en thema’s is deze richting bepaald. Daarbij zijn er ook kaders meegegeven waarbinnen deze ontwikkeling moet plaatsvinden, ten aanzien van ICTInfrastructuur, Informatiearchitectuur en de Governance.
Voortgang Uitvoeringsplan IBP Vaarroute A – Organisatieontwikkeling De gemeente Urk is een groeigemeente en de gemeentelijke organisatie groeit hierin mee. Ook onze omgeving verandert en onze inwoners hebben andere (hogere) verwachtingen over de dienstverlening vanuit de gemeente. Professionalisering van de organisatie van de informatievoorziening, het vergroten van de wendbaarheid van de organisatie en het vergroten van het ICT-bewustzijn is dan ook noodzakelijk. Daarnaast is het van belang om aan te haken op het landelijke samenwerkingsinitiatief Samen Organiseren. Doel van dit programma is om als gemeenten samen te werken aan één krachtige lokale overheid, vanuit de gedachte “één keer ontwikkelen, 355 keer toepassen”. De gemeente Urk sluit zich aan bij deze ontwikkeling, vanuit het principe “pas toe, of leg uit”. Vaarroute B – Datagestuurd werken Doordat de samenleving (en de organisatie) steeds meer digitaal wordt neemt de hoeveelheid beschikbare data exponentieel toe. Data wordt daarmee in toenemende mate een middel wat we kunnen gebruiken om ons werk te doen. Tegelijkertijd is het ook steeds meer een bron van verantwoording naar de samenleving met een open en vrij beschikbaar karakter. Voorbeelden zijn de Wet open overheid en de Wet hergebruik overheidsinformatie die worden ingevoerd.
Data kan, mits goed vastgelegd en ontsloten, belangrijke informatie geven voor het nemen van besluiten op verschillende niveaus. Tot slot biedt het mogelijkheden om de kwaliteit van gemeentelijke dienstverlening te verbeteren en maatschappelijke opgaven effectiever aan te pakken. De gemeente Urk wil de komende jaren geleidelijk groeien naar een datavolwassen organisatie. Het begint ermee dat we de basis op orde moeten brengen. Om datagestuurd te werken moeten we de kwaliteit van de data kunnen vertrouwen. De komende jaren zal dit nog onze aandacht vergen. Gelijk opgaand hiermee willen we beginnen met concrete, 88
merkbare toepassingen van data. Door kleine stappen te zetten en te experimenteren leren we ook waar de behoeften liggen en wat we nodig hebben om daar invulling aan te geven. Daar hoort bij dat we moeten investeren in tijd en het opdoen van kennis. Het gaat daarbij niet alleen om interne databronnen, maar we kunnen ook gebruik maken van externe databronnen. Dat vraagt ook om overzicht en inzicht in de hoeveelheid data die beschikbaar is en de wijze waarop deze kan worden ontsloten. Vaarroute C – Dienstverlening dichtbij De vraag van onze inwoners en het bedrijfsleven verandert en de digitalisering neemt toe. En daarmee ook de complexiteit en afhankelijkheid van informatie en ICT. Zowel op lokaal, regionaal als landelijk niveau zijn er veel ontwikkelingen die invloed hebben op onze ICTinfrastructuur, werkwijzen, samenwerking en dienstverlening. Ook wet- en regelgeving over informatieveiligheid, privacy en de Omgevingswet stellen hogere eisen. Onze gemeentelijke organisatie staat niet meer op zichzelf. We maken deel uit van een complex netwerk van samenwerkingsverbanden, ketenpartners, informatievoorzieningen en gegevensuitwisseling. Inwoners en bedrijven moeten hun zaken met de overheid veilig en makkelijk online kunnen doen. Dichtbij zijn helpt om het persoonlijk te maken. Natuurlijk kunnen inwoners en ondernemers op afspraak naar het gemeentehuis komen.
Maar de gemeente maakt het ook dichterbij mogelijk. De gemeente is daar waar de doelgroep is. In de buurt, aan tafel, bij het project. De gemeente is daar waar het gesprek plaatsvindt, in verzorgingstehuizen, in de bibliotheek, in de sportkantine of op scholen. Waar nodig komt de gemeente thuis aan de keukentafel, iets wat ook online gebeurd. Online biedt de oplossing om zonder afstand met elkaar en met de gemeente in contact te komen.
Voortgang beleidsuitvoeringen 4e kwrt 2022
3e kwrt 2022
Thema
Beleidsuitvoering
Looptijd
Fase
Real.
Proc. vrlp.
Fase
Real.
Proc. vrlp.
Interne samenwerking versterken
Optimalisatie organisatie informatievoorziening
2020-2021
Realisatie
100%
1
Realisatie
75%
1
Professionalisering Planning & Control
2020-2021
Realisatie
75%
4
Realisatie
75%
4
Externe samenwerking
Generieke Digitale Infrastructuur (GDI)
2021-2024
Definitie
100%
1
Definitie
0%
1
Plaats- en tijd onafhankelijk werken
Uitvoeringsplan Plaats- en tijd onafhankelijk werken
2020-2023
Realisatie
75%
4
Realisatie
50%
4
Basis op orde
Uitvoeringsplan AVG
2020-2021
Realisatie
75%
1
Realisatie
75%
1
Uitvoeringsplan “archief op orde”
2020-2022
Realisatie
50%
4
Realisatie
50%
4
Door vertrek en ziekte van medewerkers is dit project in de vertraging gekomen. Herzien informatiebeveiligingsbeleid en uitvoeringsplan
2020-2021
Realisatie
75%
1
Realisatie
75%
1
Basisregistratie ondergrond
2020-2022
Realisatie
75%
4
Realisatie
50%
4
Ontwerp
0%
6
Ontwerp
0%
6
In 2022 is toegang tot de basisregistratie ondergrond afgerond. Data als sturingselement
Basis data-gestuurd werken invoeringsplan
2021
89
Open data, delen
Onderzoek impact Wet Open Overheid
2021
Definitie
25%
4
Definitie
25%
4
De wet is per 1 mei 2022 in werking getreden en wordt gefaseerd ingevoerd. Er een voorzichtige start gemaakt met initiatieffase van dit deelproject en de impactanalyse is opgesteld en afgerond. Hierna zal de projectgroep de verdere uitrol verzorgen.
Digitaal, sociaal
Onderzoek impact Wet Hergebruik overheidsinformatie
2021
Definitie
0%
4
Definitie
0%
4
Wet digitale overheid
2021-2024
Definitie
0%
4
Definitie
0%
4
Meldingen Openbare Ruimte
2020-2021
Realisatie
100%
1
Realisatie
50%
1
Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer / webportaal
2020-2022
Voorbereiding
50%
2
Voorbereiding
25%
2
Zaakgericht werken fase 2 – digitale communicatie burgers
2021
Afsluiting
100%
1
Afsluiting
100%
1
Dit project is samengegaan met het project Implementatie Wet Modernisering Elektronisch Bestuurlijk Verkeer. Monitoring en integraal klantbeeld
Zaakgericht werken fase 2 – koppeling VTH-processen
2020
Realisatie
75%
1
Realisatie
75%
1
Zaakgericht werken fase 2 – koppeling werk en inkomen 2021 processen
Definitie
0%
4
Definitie
0%
4
Vanwege noodzakelijke prioriteitsstelling binnen team Informatie is de opstart van dit project verder verplaatst naar 2023. Afronding van de digitalisering is door de omvang van het bestand nog niet in zicht. Omgevingswet
Aansluiting digitaal stelsel omgevingswet
2020-2024
Realisatie
50%
2
Realisatie
25%
2
Overige projecten
Migratie naar nieuwe generatie IP-adressen
2021-2022
Realisatie
25%
4
Realisatie
25%
4
IPv6 is een toekomst vast protocol voor internetadressen. Om de dienstverlening blijvend te kunnen garanderen, is het belangrijk dat alle overheden overstappen op IPv6 voor zowel websites als e-mail. Deze activiteit is opgestart met de optimalisatie van het huidige netwerk. Hierin vallen onder andere de veiligheid en weerbaarheid van ons netwerk evenals de mogelijkheid om te migreren naar de nieuwe generatie IP adressen. Govroam
2020
Realisatie
25%
4
Realisatie
25%
4
ICT-kosten De jaarlijkse ICT-kosten voor de Nederlandse gemeenten zijn de afgelopen jaren fors toegenomen. In het jaar 2019 werd er nog gemiddeld € 86 aan ICT-kosten per inwoner uitgegeven. In 2021 was dit € 96, volgens het benchmark onderzoek 2022. De uitgaven aan ICT bij de gemeente Urk liggen tot en met 2019 in lijn met het landelijke gemiddelde. In 2021 besteedde gemeente Urk € 105 aan ICT-kosten per inwoner en zit daarmee dus boven het gemiddelde van €96. De gemeente Urk heeft hogere softwarekosten, met name voor het primaire proces. De oorzaak hiervan zit allereerst in de dubbelingen in softwarekosten veroorzaakt door de transitie waarin de gemeente zich bevind voor zowel bepaalde applicaties als voor de doorontwikkeling van plaats en tijd onafhankelijk werken. Daarnaast heeft Urk net als alle kleine gemeenten een schaalnadeel, waardoor kosten relatief hoog zijn. Aan de andere kant liggen de personeelskosten op ICT gebied voor de gemeente Urk ruim onder het landelijk gemiddelde.
90
Omgevingswet Inleiding De Omgevingswet is een aangenomen, maar nog niet ingegane Nederlandse wet, die een verregaande vereenvoudiging van het stelsel van wetgeving voor de ontwikkeling en het beheer van de leefomgeving (omgevingsrecht) beoogt. De Omgevingswet staat voor een goede balans tussen het benutten en beschermen van de fysieke leefomgeving (fysiek en sociaal) en een andere manier van werken. De inwerkingtredingsdatum van de Omgevingswet is verschillende malen uitgesteld. Recent is besloten om de Omgevingswet per 1 januari 2024 in te voeren. Het hiervoor benodigde Koninklijk Besluit is momenteel aanhangig bij de Eerste Kamer. Het grootste knelpunt voor een succesvolle invoering van de Omgevingswet blijft nog steeds het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). De invoering van de Omgevingswet is een opgave die de gemeente Urk zelf moet bekostigen. Het komt erop neer dat de gemeente in haar eigen begroting geld moet reserveren om de invoering van deze wet goed vorm te geven. Het Rijk gaat er daarbij vanuit dat de gemeente de voorbereidingen voor de implementatie van de wet oppakt binnen de staande organisatie.
Implementatie op Urk Voor de gemeente Urk is het belangrijk om de organisatie, het bestuur en het management op de invoering van de Omgevingswet voor te bereiden. De Omgevingswet gaat namelijk invloed uitoefenen op de dienstverlening, processen en werkwijzen in de organisatie. De Omgevingswet vraagt overheden om informatie digitaal te ontsluiten. Dat vergt veel inspanningen. De implementatie van de Omgevingswet op Urk is de afgelopen jaren opgepakt via een programma. Hierin zijn al belangrijke stappen gezet en momenteel wordt gewerkt aan de laatste minimale acties die nodig zijn om de wet goed te laten landen. De komende jaren zal de Omgevingswet nog voortdurend op de agenda blijven. Voor 2029 moet bijvoorbeeld voor de hele gemeente een Omgevingsplan worden vastgesteld. De voorbereidingen hiervoor zijn reeds gestart. Daarnaast zal de veranderde juridische context en de nieuwe manier van werken die de Omgevingswet vraagt van medewerkers inspanning blijven vragen.
Keuzes die financieel effect kunnen hebben Omgevingsplan en leges De gemeente moet keuzes maken over de uitgangspunten, structuur en insteek van het nieuwe Omgevingsplan. Daarbij moet ook uitgewerkt worden in welke stappen en in welk tempo het nieuwe Omgevingsplan wordt opgesteld. Eén en ander in lijn met de kaders vanuit rijks- en provinciale regelgeving en vastgelegd in een met de raad afgestemd plan van aanpak. De gemeente heeft tot 2029 de tijd om het Omgevingsplan te maken. Het eventueel gaan heffen van leges voor de Omgevingsvergunning is pas aan de orde, nadat de werkzaamheden voor het Omgevingsplan zijn verricht. Door de verschuiving in taken zal de gemeente minimaal 40% minder legesinkomsten verwerven. Vergunningverlening, toezicht en handhaving Op termijn zal een verschuiving van de werkzaamheden binnen en tussen de functies optreden (minder vergunningplichten, meer zorgplichten en algemene regels). Meer toetsingen achteraf zorgt voor een verschuiving van taken van vergunningverlening naar 91
toezicht en handhaving. De verwachting is dat deze verschuiving vooralsnog niet leidt tot minder vergunningverleners. Omgevingsprogramma’s Beleidsuitvoering onder de Omgevingswet krijgt een belangrijke rol via de Omgevingsprogramma’s. Met die programma’s kan een gemeente, de in de Omgevingsvisie geformuleerde ambities en doelen, via maatregelen tot uitvoering brengen.
Activiteiten De Omgevingswet is gericht op de fysieke leefomgeving en de activiteiten die gevolgen hebben of kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving. Het begrip van de fysieke leefomgeving omvat onder meer bouwwerken, infrastructuur, water, bodem, lucht, landschappen, natuur en cultureel erfgoed. Zowel overheden, als burgers en bedrijven, voeren activiteiten uit die van invloed zijn op de fysieke leefomgeving of die de fysieke leefomgeving wijzigen. Hierbij is er vaak sprake van belangentegenstellingen die aanleiding vormden voor het stellen van regels over activiteiten in de fysieke leefomgeving. De Omgevingswet gaat uit van vertrouwen, waarbij er snel en doeltreffend door overheden kan worden opgetreden indien dat nodig is. De onderscheiden belangen in de fysieke leefomgeving, zoals infrastructuur, water, milieu, natuur en cultureel erfgoed, dienen voor een goede afweging zichtbaar te blijven. De gemeente Urk heeft nog iets minder dan een jaar de tijd om zich voor te bereiden op de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Er is door het kernteam Omgevingswet hard gewerkt aan de realisatie van het implementatieplan Omgevingswet.
92
Wet Open Overheid De Wet open overheid (Woo) is per 1 mei 2022 in werking getreden. De wet is de opvolger van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) en bevordert het proactief openbaar maken van overheidsinformatie. Op Urk zijn wij aan de slag gegaan met het opstellen en op openbaarheid screenen van al ons beleid en normstelling. Ook hebben wij de algemene informatie over de gemeente inclusief de openbare besluitvorming gecheckt en daar verbetervoorstellen voor aangedragen.
93
Jaarrekening Balans per 31 december 2022 Activa
31-12-2022
31-12-2021
Vaste activa Immateriële vaste activa
723
568
Kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief
277
165
Bijdragen aan activa in eigendom van derden
446
403
Materiële vaste activa
68.063
58.548
Investeringen met een economisch nut
49.185
45.752
Investeringen met een economisch nut (kostenheffing)
7.669
7.928
Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut
11.208
4.868
Financiële vaste activa
8.078
8.170
Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen
303
4.909
Leningen aan overige verbonden partijen
0
3.019
Overige langlopende leningen
7.774
242
Totaal vaste activa
76.863
67.286
Vlottende activa
31-12-2022
31-12-2021
Voorraden
52.208
42.009
Onderhanden werk, gronden in exploitatie
52.201
41.997
8
12
Uitzettingen met een rente typische looptijd korter 1 jaar
21.634
23.728
Vorderingen op openbare lichamen
5.239
3.946
Uitzettingen in 's Rijks schatkist
8.989
17.741
Overige vorderingen
7.405
2.041
Liquide middelen
273
278
Kas- en banksaldi
273
278
Overlopende activa
0
0
Diverse overlopende activa
0
0
Totaal vlottende activa
74.115
66.015
Totaal activa
150.978
133.302
Gereed product en handelsgoederen
94
Passiva
31-12-2022
31-12-2021
Vaste Passiva Eigen vermogen
45.420
43.924
Algemene reserve
8.215
5.112
Bestemmingsreserves
31.299
37.298
Resultaat na bestemming
5.907
1.513
Voorzieningen
6.947
7.216
Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico’s
6.947
7.216
0
0
Egalisatievoorzieningen Van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden
0
0
Vaste schulden met rentetypische looptijd van 1 jaar of langer
85.138
71.360
Onderhandse leningen
85.138
71.360
0
0
137.505
122.500
Waarborgsommen Totaal vaste passiva
Vlottende Passiva
31-12-2022
31-12-2021
Netto vlottende schulden met een rente-typische looptijd korter dan 1 jaar
6.283
5.401
Overige schulden
6.283
5.401
Overlopende passiva
7.191 15
5.401 2.531
6.341
2.120
Transitorische rente onderhandse leningen
741
679
Diverse overlopende passiva
93
72
0
0
Totaal vlottende passiva
13.473
10.803
Totaal passiva
150.978
133.302
Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume De van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren
Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen
95
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Inleiding De jaarrekening 2022 is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. De prognoses zijn opgesteld op basis van historische kosten.
Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Dividendopbrengsten van deelnemingen worden als baten genomen op het moment waarop het dividend betaalbaar gesteld wordt. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken en dergelijke.
Voor arbeidskostengerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld door reorganisaties) dient wel een verplichting gevormd te worden.
Immateriële vaste activa De immateriële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- c.q. vervaardigingsprijs verminderd met de afschrijvingen en waardeverminderingen die naar verwachting duurzaam zijn. De kosten van onderzoek en ontwikkeling worden in 5 jaar afgeschreven, tenzij op andere wijze dekking is aangegeven. De afschrijving van de geactiveerde kosten van onderzoek en ontwikkeling vangt aan bij ingebruikneming van het gerelateerde materiële vaste actief. Afsluitkosten van opgenomen geldleningen worden direct ten laste van de exploitatie gebracht.
Materiële activa Investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven Wanneer investeringen grotendeels of meer worden gedaan voor riolering, het inzamelen van huishoudelijk afval of andere alsook voor rechten die op grond van art. 229 lid 1 a en b Gemeentewet worden geheven, dan worden deze investeringen op de balans opgenomen in een aparte categorie: de investeringen met economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven.
96
Investeringen met economisch nut Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht. Slijtende investeringen worden vanaf 1 januari volgend op het jaar van ingebruikname lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur, waarbij rekening wordt gehouden met een eventuele restwaarde. Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven. Investeringen in de openbare ruimte met uitsluitend maatschappelijk nut Sinds de invoering van het nieuwe BBV is de systematiek van activering en afschrijving voor alle investeringen gelijk getrokken. Investeringen met een maatschappelijk nut dienen ook geactiveerd te worden en over de verwachte levensduur te worden afgeschreven. Dit betreft o.a infrastructurele werken in de openbare ruimte, zoals wegen, pleinen, bruggen, viaducten en parken. De gehanteerde afschrijvingstermijnen: Onderstaand de verschillende afschrijvingstermijnen die gehanteerd worden per (sub)categorie. Kosten van onderzoek en ontwikkeling
5 jaar
(Onder)gronden van activa met een meerjarig economisch nut
Geen afschrijving
Gebouwen, onderwijs
40 jaar
Gebouwen, sport
40 jaar
Gebouwen, overig
50 jaar
Gebouwen, renovatie
Afhankelijk van resterende looptijd/levensduurverlenging
Gebouwen, technische installaties
15 jaar
Aanleg begraafplaats
50 jaar
Sportvelden
12 jaar
Speeltoestellen en ondergronden
10 jaar
Bomen en groenvoorziening
25 jaar
Riolen en betonconstructies
50 jaar
Riool, elektromechanische voorzieningen
15 jaar
Fietspaden, betonverharding
25 jaar
Wegen, asfaltverharding
15 jaar
Wegen, klinkerverharding
50 jaar
Openbare verlichting, armaturen
20 jaar
Openbare verlichting, masten
40 jaar
Verkeersremmende maatregelen
10 jaar
Bruggen, viaducten en overige grote kunstwerken, hout
15 jaar
Bruggen, viaducten en overige grote kunstwerken, beton
50 jaar
Voertuigen, gereedschappen en overig materiaal
7 jaar
Kantoormeubilair
10 jaar
Hard- en software
3 - 5 jaar
97
Financiële activa Kapitaalverstrekkingen aan gemeenschappelijke regelingen en leningen zijn opgenomen tegen nominale waarde. Zo nodig is een voorziening voor verwachte oninbaarheid in mindering gebracht. Participaties in het aandelenkapitaal van NV’s en BV’s (kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Indien de waarde van de aandelen onverhoopt structureel mocht dalen tot onder de verkrijgingsprijs zal afwaardering plaatsvinden. Tot dusver is een dergelijke afwaardering gelukkig niet noodzakelijk gebleken. De actuele waarde ligt ruim boven de verkrijgingsprijs. Bijdragen aan activa van derden worden geactiveerd, conform het betreffende raadsbesluit. Dergelijke geactiveerde bijdragen zijn gewaardeerd op het bedrag van de verstrekte bijdragen, verminderd met afschrijvingen. De verleende bijdragen worden afgeschreven in de periode waarin het betrokken actief van de derde op basis van de door de gemeente gestelde voorwaarden moet bijdragen aan de publieke taak.
Voorraden De als “onderhanden werken” opgenomen bouwgronden in exploitatie zijn gewaardeerd tegen de vervaardigingsprijs, dan wel de lagere marktwaarde. De vervaardigingsprijs omvat de kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend (zoals grondaankopen en kosten van bouw- en woonrijpmaken), alsmede een redelijk te achten aandeel in de rentekosten en de administratie- en beheerskosten. Bij de grondexploitaties vindt tussentijdse winstnemingen plaats aan de hand van de algemeen aanvaardbare methodiek Percentage of completion (Poc-methode). Voor verwachte verliezen wordt direct een voorziening gevormd ter hoogte van de verwachte verliezen.
Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden tegen nominale waarde gewaardeerd. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statistisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen.
Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
Eigen vermogen Onder het eigen vermogen zijn opgenomen de algemene reserve, de bestemmingsreserves en het gerealiseerde resultaat.
Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. De pensioenverplichting ten behoeve van de wethouders is echter tegen de contante waarde van de (reeds opgebouwde) toekomstige uitkeringsverplichtingen gewaardeerd. De onderhoudsegalisatievoorzieningen stoelen op een meerjarenraming van het uit te voeren groot onderhoud aan (een deel van) de gemeentelijke kapitaalgoederen, waarin rekening is gehouden met de kwaliteitseisen die ter zake geformuleerd zijn. In de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen is het beleid nader uiteengezet.
Vaste schulden Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer.
98
Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
Borg- en garantstellingen Voor zover leningen door de gemeente gewaarborgd zijn, is buiten telling het totaalbedrag van de geborgde schuldrestanten per einde boekjaar opgenomen. Overigens is in de toelichting op de balans nadere informatie opgenomen.
Beleidsregels toepassing WNT De Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semi-publieke sector (WNT) is met ingang van 1 januari 2013 van kracht.
99
Toelichting op de balans per 31 december 2022 VASTE ACTIVA Algemene toelichting vaste activa De vaste activa zijn een weergave van de investeringen zoals die in het verleden zijn uitgevoerd, en van die welke momenteel in uitvoering zijn. De investeringen hebben in 2022 veelal geleid tot vermeerderingen van vaste activa, tenzij ze direct werden gedekt uit bijdragen van derden. In de bijlage "Kredietoverzicht" wordt per investering een korte toelichting gegeven op de actuele stand van zaken. Onder andere of de investering inmiddels is afgerond dan wel of de uitvoering doorloopt in 2023. Ook blijkt uit die bijlage welk deel van het investeringsbudget t/m 2022 is besteed, en welk deel nog te besteden is. De belangrijkste investeringen van 2022 worden ook in de onderstaande toelichting op de vaste activa benoemd.
Immateriële vaste activa Boekwaarde
Immateriële vaste activa
Investeringe n
Des-
Afschrijvinge Boekwaarde n
31-122021 165.291
investeringe n 322.759 180.387
31.026
31-122022 276.637
Bijdragen aan activa in eigendom van derden
403.203
110.000
51.168
15.569
446.465
Totaal
568.494
432.759
231.555
46.596
723.102
Kosten onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief
Kosten van onderzoek en ontwikkeling van een bepaald actief Dit onderdeel bestaat uit twee projecten, zoals weergegeven in de onderstaande tabel. De kosten van de sanering Hooiland worden gedekt met een bijdrage uit de algemene reserve. Deze wordt weergegeven als desinvestering. De ontwikkeling revitalisering Lemsterhoek betreft kosten die uiteindelijk deel gaan uitmaken van de nog in te stellen grondexploitatie revitalisering Lemsterhoek. Overzicht belangrijkste investeringen: Investeringen
Kosten onderzoek en ontwikkeling voor activa
Desinvesteringen
Sanering vuilnisbelt Hooiland
180.387
Revitalisering Lemsterhoek
142.372
Totaal
322.759
180.387
180.387
Bijdragen aan activa in eigendom van derden: Bijdragen aan activa in eigendom van derden
Boekwaarde
Boekwaarde
31-12-2021
31-12-2022
63.663
60.631
0
110.000
Grond locatie Botterschuur
51.168
0
Bijdrage Fietspad Nieuwe Natuur
288.372
275.834
Totaal
403.203
446.465
Kleedaccommodaties SVU Omv. Led-verlichting sportpark
100