Begroting 2023 versie raad 10112022.pdf
Tekst van het document
Dit betreft de ramingen aangaande de OZB, de afvalstoffen- en rioolheffingen. Daarbij is de nog onbenutte OZB gelijk aan de belastingheffing die nog kan plaatsvinden tot het niveau dat een gemeente moet heffen om voor toelating van een zogenoemde artikel 12 aanvraag in aanmerking te kunnen komen. Bij de afvalstoffen- en rioolheffingen is de nog onbenutte belastingcapaciteit alleen de ruimte totdat 100% kostendekking is gerealiseerd. In 2023 is er geen sprake van onbenutte capaciteit voor de OZB, riool- en afvalstoffenheffing. e. De reserve grondzaken De verwachte stand van het vrij aanwendbare deel van de reserve grondzaken bedraagt per 31 december 2023 € 5.983.842
29
De weerstandscapaciteit (x € 1.000)
Begroting
Begroting
2022
2023
Algemene reserve (vrije deel)
4.705
8.707
Bestemmingsreserves participatie en sociaal domein
6.533
5.616
159
159
Reserve grondzaken
6.671
5.983
Totaal
18.068
20.465
Stelpost onvoorziene uitgaven Onbenutte belastingcapaciteit
Risico-inventarisatie (berekening benodigde weerstandscapaciteit) Een risico is de onzekerheid (kans) dat een gebeurtenis met (negatieve) gevolgen zich voordoet. Risicomanagement komt dus op de eerste plaats. Pas als een risico, ondanks de inspanningen op het gebied van risicomanagement, toch optreedt en negatieve financiële gevolgen heeft voor de gemeente, dan komt het weerstandsvermogen in beeld. De risico’s van de gemeente worden ingedeeld in de volgende risicocategorieën: • • •
Algemeen Concreet Specifiek
Uitgangspunt bij het bepalen van de risico’s is het gegeven dat ze nooit allemaal tegelijk en met een maximale omvang zullen optreden. In een risicoprofiel van meerdere risico’s is het ondenkbaar dat ze tegelijk in één jaar zullen optreden. Sommige risico’s zullen zich nooit voordoen, terwijl andere zich daarentegen in hun maximale omvang manifesteren. Eerst worden de algemene risico’s zoveel mogelijk in beeld gebracht. Voor algemene risico’s worden in de regel geen afzonderlijke reserves aangehouden. De concrete risico’s zijn in principe zoveel mogelijk gedekt door de aanwezige reserves en voorzieningen. De nadruk zal voor de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit op de gemeentelijk specifieke risico’s komen te liggen. Algemene risico’s Algemene risico’s zijn voor de gemeente aan te merken als normale risico’s. De algemene risico’s worden ook meegenomen in de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit. Omdat deze moeilijk individueel zijn te bepalen, wordt daarbij uitgegaan van de jaarlijkse begrotingsomvang. Op basis van de uitgangspunten wordt uitgegaan van een risicoprofiel van 5%. Hieronder een opsomming van de belangrijkste of meest actuele algemene risico’s. • Economische conjunctuur De economisch conjunctuur is op dit moment stabiel, maar de oorlog in Oekraïne en de sterke inflatie zorgt mogelijk voor een verslechtering.
Het is op dit moment moeilijk te bepalen hoe groot de financiële impact zal zijn. • Programma Aanpak Stikstof (PAS) Veel bouwplannen sneuvelden de afgelopen periode als gevolg van de uitspraak Raad van State met betrekking tot de Programmatische Aanpak Stikstof. Het stikstofprobleem zien we voorlopig als een risico. Het mogelijk risico wordt gekwantificeerd en meegenomen in de risicoparagraaf van het project. • Open einde regelingen 30
•
Door de economische ontwikkelingen kunnen aanspraken op verschillende regelingen toenemen. De uitgaven voor bijstand en minima kunnen daardoor stijgen. Ook bij de WMO en jeugdwet levert het open einde karakter risico’s op. Voor het sociaal domein en de participatiewet zijn reserves gevormd, deze worden meegenomen in het weerstandsvermogen. Grote investeringen Opgaven en uitdagingen liggen de komende jaren zowel op het terrein van wonen als werken. Om antwoord te kunnen geven op de blijvende en toenemende vraag naar woningen (Zeeheldenwijk), moet Urk fors investeren. Daarnaast wordt Urk gevraagd haar bijdrage te doen in de economische ontwikkeling van Noordelijk Flevoland (Buitendijkse haven en bedrijventerrein). Bijdragen in de uitbreiding en verbeteringen van de infrastructuur (o.a. Randweg).
Concrete risico’s Tot concrete risico’s worden risico’s gerekend waarvan de omvang van de te verwachten verplichtingen redelijkerwijs zijn in te schatten. Voor concrete risico’s worden bestemmingsreserves en voorzieningen ingesteld. De gemeente heeft bijvoorbeeld een reserve/voorziening ingesteld voor wethouders-pensioenen en -wachtgelden. De hoogte van de voorzieningen en bestemmingsreserves dekken de gesignaleerde concrete risico’s in voldoende mate af. Er hoeven derhalve geen aanvullende voorzieningen te worden getroffen, waarvoor eventueel de weerstandscapaciteit moet worden aangesproken. Specifieke risico’s Tot de specifieke risico’s worden risico’s gerekend welke gelden voor de specifieke omstandigheden waarin de gemeente opereert. De specifieke risico’s bestaan uit: • Gewaarborgde geldleningen De gemeente Urk staat borg voor een zestal leningen. Op deze leningen wordt jaarlijks afgelost, waardoor het risico jaarlijks afneemt. • Grondverkopen (grondexploitatie) De risico inschatting van de grondverkopen in het kader van de grondexploitatie is op basis van de werkelijke boekwaarde van de complexen. Alle grondexploitaties worden jaarlijks bijgesteld en eventuele verwachte verliezen worden op dat moment genomen (ten laste van de reserve grondzaken wordt een voorziening ingesteld).
• Ontwikkelingen sociaal domein Voor wat betreft de regionale afspraken in het sociaal domein zijn er enkele financiële risico’s die de nodige aandacht vragen. Voor de lange en de korte termijn. Dit geldt bijvoorbeeld voor het zorglandschap Wmo en dan met name de (door)decentralisatie van beschermd wonen. Hoewel de decentralisatie met een jaar is uitgesteld laat deze taak ook halverwege 2022 nog steeds financiële vragen onbeantwoord voor zowel de regio als de afzonderlijke gemeenten. Ook zijn er risico’s in de regionale afspraken rond jeugdhulp met verblijf. De Jeugdwet verplicht gemeenten om voor de zwaardere vormen van hulpverlening samen te werken. Het gaat om de inkoop van de meeste zware/complexe vormen van jeugdzorg. Tot slot geldt dat een belangrijke zorgaanbieder financiële problemen kent en van de regio gevraagd wordt om (extra) financieel bij te dragen.
31
In de onderstaande tabel worden de genoemde risico’s, voor zover mogelijk, gekwantificeerd. Deze risico’s kunnen zich eventueel op zowel de korte als de lange termijn voordoen. Grondslag Financieel risico (x € 1.000)
Omschrijving
Risico profiel
Benodigde weerstandscapaciteit (x € 1.000)
Eventuele opmerkingen
3.700
Het is gewenst, gezien de geïnventariseerde algemene risico’s, om een deel van de beschikbare algemene weerstandscapaciteit hiervoor in te zetten. Conform de vastgestelde beleidskaders wordt een richtlijn gehanteerd, waarbij 5% van de ‘omzet’ als risicobedrag wordt opgevoerd.
Algemene risico's
Begrotingsomvang 2023
74.259
Specifieke risico's
5%
0
Gewaarborgde geldleningen
6.149
0 5%-10%
359
Boekwaarde grondexploitaties woningbouw
39.299
10%
3.900
Boekwaarde grondexploitaties bedrijventerrein
11.270
20%
2.300
Totaal
Dit betreft de geraamde boekwaarde van grondexploitatiecomplexen woningbouw per ultimo 2023. Dit betreft de geraamde boekwaarde van grondexploitatiecomplexen bedrijventerreinen per ultimo 2023.
10.259
Ratio weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen wordt vertaald in een ratio waarbij de verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit wordt bepaald.
Weerstandsvermogen
=
Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit
Om de ratio voor het weerstandsvermogen te beoordelen wordt gebruik gemaakt van onderstaande waarderingstabel. Deze ratio moet in ieder geval hoger zijn dan 1,0.
32
Het weerstandsvermogen bij de begroting 2023 is met een ratio van 2,0 uitstekend. Waarderingscijfer
Ratio weerstandsvermogen
Betekenis
A
> 2,0
B
1,4 tot 2,0
Ruim voldoende
C
1,0 tot 1,4
Voldoende
D
0,8 tot 1,0
Matig
E
0,6 tot 0,8
Onvoldoende
F
< 0,6
Uitstekend
Ruim onvoldoende
Financiële kengetallen Het is voor gemeenten verplicht een basisset van vijf financiële kengetallen op te nemen. Deze kengetallen zijn bedoeld om de gemeentelijke financiële positie inzichtelijker te maken en de vergelijkbaarheid tussen gemeenten te vergroten. De kengetallen en analyse geven gezamenlijk op eenvoudige wijze inzicht aan de gemeenteraad over de financiële positie van de gemeente Urk. Met behulp van de stoplichtkleuren groen, oranje en rood wordt respectievelijk de situatie gunstig, neutraal of ongunstig aangegeven. Kengetallen
Werkelijk Begroot
Begroot
Begroot
Begroot
Begroot
2021
2022
2023
2024
2025
2026
Netto schuldquote
86%
142%
147%
145%
131%
152%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
81%
138%
143%
141%
128%
148%
Solvabiliteitsratio
33%
24%
24%
24%
23%
23%
Grondexploitatie
62%
87%
67%
55%
55%
60%
Structurele exploitatieruimte
3,3%
0,5%
1,3%
2,9%
2,4%
-2,1%
Belastingcapaciteit
110%
114%
100%
100%
100%
100%
Signaleringswaarden
gunstig
neutraal
ongunstig
Netto schuldquote
< 90%
> 90% en < 130%
> 130%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
< 90%
> 90% en < 130%
> 130%
Solvabiliteitsratio
> 50%
> 20% en < 50%
< 20%
Grondexploitatie
< 30%
> 30% en < 40%
> 40%
Structurele exploitatieruimte
> 0%
= 0%
< 0%
Belastingcapaciteit
< 95%
> 95% en < 125%
> 125%
33
Pijlers 2023 Aan de hand van 10 financiële regels houdt gemeente Urk haar financiële weerbaarheid op peil. Deze regels worden strak nageleefd en hebben hun waarde inmiddels bewezen. De afgelopen jaren is er fors geïnvesteerd in het voorzieningenniveau. Dit uit zich in een stijging van de woonlasten die net boven de VNG-norm uitkomt. De woonlasten (belastingcapaciteit) komt daarmee voor 2023 uit op 1% boven het landelijk gemiddelde. • Netto schuldquote & netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven. Op die manier wordt duidelijk in beeld gebracht wat het aandeel van de verstrekte leningen is en wat dit betekent voor de schuldenlast. Door groei van de gemeente Urk (Zeeheldenwijk en Port of Urk) is er de komende jaren een hogere behoefte aan liquide middelen, dit uit zich in een hogere netto schuldquote ten opzichte van voorgaande jaren. • Solvabiliteit Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal.
Het eigen vermogen van een gemeente bestaat uit de reserves (zowel de algemene reserve als de bestemmingsreserves) en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. Het eigen vermogen van de gemeente Urk blijft naar verwachting de komende jaren stabiel. • Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt het onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. Bij incidentele lasten of baten gaat het om eenmalige zaken die zich gedurende maximaal drie jaar voordoen. Het structurele saldo is voor de komende jaren positief, er komen meer inkomsten binnen dan dat er uitgaven zijn. • Grondexploitatie Dit kengetal geeft weer hoe de boekwaarde van de grond zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten. De boekwaarde van de voorraden grond is van belang, omdat deze waarde moet worden terugverdiend bij de verkoop. De gemeente Urk voert een actief grondbeleid. De gemeente Urk heeft een relatief omvangrijke grondexploitaties ten opzichte van de totale geraamde baten. Dit komt met name door de investeringen in de Zeeheldenwijk en Port of Urk. • Belastingcapaciteit: woonlasten meerpersoonshuishouden De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt tegenover het landelijke gemiddelde. Bij de belastingdruk wordt uitgegaan van de woonlasten van een meerpersoonshuishouden.
Onder de woonlasten worden verstaan de OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing voor een woning met gemiddelde WOZ-waarde in die gemeente. De woonlasten zijn in 2023 gedaald naar 100% van het landelijk gemiddelde.
34
Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding Voor wonen, werken en recreëren zijn kapitaalgoederen nodig, zoals wegen, riolering, kunstwerken, groen, verlichting en gebouwen. De kwaliteit van deze kapitaalgoederen en het onderhoud daarvan is bepalend voor het onderhoudsniveau en uiteraard de (jaarlijkse) lasten. Dit niveau is voor een belangrijk deel van de kapitaalgoederen door uw raad vastgelegd in het beleidsplan integraal beheer openbare ruimte (IBOR) 2022-2027 in december 2021. In de beheerplannen periodiek onderhoud en vervanging worden per jaar de te onderhouden kapitaalgoederen en te vervangen productiemiddelen weergegeven. De totale kosten verschillen per jaar. Om toch een constante begrotingslast te realiseren, worden de jaarkosten betaald uit een gevormde voorziening. Die voorzieningen worden jaarlijks met een constant bedrag (het gemiddelde over meerdere jaren) gevoed. Deze methodiek wordt beoordeeld en geactualiseerd aan de hand van vernieuwde wet- en regelgeving, waarbij een beoordeling plaatsvindt van nut- en noodzaak van diversiteit aan voorzieningen.
Beleidsdocumenten Kapitaalgoederen
Beleids- en beheerplan
Vastgesteld
Overkoepelend
Beleidsplan IBOR 20222027 Beleidsplan wegen Urk Wegenbeheerplan Gemeentelijk rioleringsplan Operationeel beheerplan Maatwerkovereenkomst Groenbeleidsplan Urk Groenbeheerplan Beheerplan gebouwen Vervangingsplan masten en armaturen Speelplekkenbeheerplan Kunstwerken beheerplan
2021
Wegen Riolering
Water Groen Gebouwen Overig
Einde looptijd
FInanciee l vertaald
Achterstallig onderhoud
2027
Ja
Nee
2017
Onbepaald
Ja
Nee
2015
2021 2021
Ja
Nee
2011 2019
Onbepaald 2029
Ja Ja
Nee Nee
2013 2006
Onbepaald Onbepaald
Ja Ja
Nee Nee
2006
Onbepaald
Ja
Toelichting op tabel Het beleidsplan IBOR (Integraal Beheer Openbare Ruimte) wordt beschouwd als het overkoepelend beleidsdocument voor de openbare ruimte. In 2021 is het IBOR-Beleidsplan geactualiseerd en vastgesteld voor 2022-2027. Onder het IBOR vallen de verschillende kapitaalgoederen. Het is de intentie om per kapitaalgoed toe te werken naar een beleidsplan en beheerplan. De riolering valt hier wat buiten vanwege de verplichting die voortvloeien uit de wet milieubeheer. Globaal gezien kan voor riolering het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) als het koepeldocument gezien worden en het beheerplan als onderliggend document. Vanuit de aankomende omgevingswet valt het GRP straks uiteen in het beleid en komt de uitwerking te vallen onder een programma, welke vormvrij is. Vooruitlopend op de inwerkingtreding van de omgevingswet, waarvan de ingangsdatum op moment van schrijven nog enige onzekerheid heeft, is een nieuw GWRP (Gemeentelijk Water en Riolering Programma) opgesteld. Dit is een GRP die qua structuur aansluit bij de nieuwe wet, waarbij het onderdeel Stedelijk Water ook een prominente plek heeft gekregen 35
Programma uitvoering Integraal Beheer Openbare Ruimte Het jaar 2022 is het eerste jaar waarin het beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte (IBOR) 2022-2027 daadwerkelijk van kracht was. In het IBOR-beleidsplan staan de afspraken hoe het er buiten uit moet zien. Per gebied en per onderdeel zijn de gewenste beheerkwaliteiten afgesproken. Om de kwaliteit te monitoren zijn diverse schouwrondes uitgevoerd. De activiteiten om de kwaliteit te kunnen halen vallen onder het dagelijks beheer, groot onderhoud en vervanging van de kapitaalgoederen. Binnen de kaders wordt jaarlijks aan drie á vier wegen groot onderhoud uitgevoerd en worden jaarlijks tien tot twintig lichtmasten en armaturen vervangen. De komende periode staan diverse andere vervangingsprojecten op het programma. In 2023 en 2024 worden in totaal 6 houten bruggen vervangen, waarvan de eersten voor een bedrag van € 150.000 in 2023. In 2023 staat ook de (start van de) vervanging van de Molenkamp op de planning voor een bedrag van € 225.000. In 2023 wordt daarnaast een aantal projecten voorbereid, die na 2023 in uitvoering komen. Dat zijn voor zover nu gepland Stortemelk, de Pyramideweg en het vervolg van de Akkers. Dit programma sluit aan op de projectenlijst die in het GWRP staat genoemd. Ook staat de planvorming voor het eerste deel van de Vormtweg op de agenda.
De projecten zijn en worden integraal afgestemd en hebben overlap vanuit IBOR en GWRP.
36
Kerncijfers Kapitaalgoederen
Wegen
Riolering
situatie 31-12-2022
Objecten
Weg binnen de bebouwde kom
83,3 km
Weg buiten de bebouwde kom
5,6 km
Wegennet geasfalteerd
106.961 m2
Wegennet elementenverharding
931.446 m2
Lichtmasten
4.041 stuks
Rioolaansluitingen
7.745 stuks
Vrijverval-, druk- en persriolering
165,8 km
Tussen en eindgemalen
16 stuks
Drukgemalen
9 stuks
Bergbezinksystemen
3 stuks
Water
Oppervlaktewater in beheer bij het waterschap en/of derde, incl. beheer natuurlijk en onbeschoeide oevers
Groen
Plantsoenen
2.822 are
Gras
7.922 are
Bomen
6.383 stuks
Openbare speelplaatsen en –plekken (speeltoestellen)
Gebouwen
Gemeentehuis/Bibliotheek
1
Monumentale gebouwen (oude Raadhuis en toren Kerkje a\d Zee)
2
Zwembad
1
Onderwijs gebouwen ( basisonderwijs)
12
Onderwijs gebouwen (voortgezet onderwijs)
2
Binnensport accommodaties (gymzalen / sporthallen)
2
Peuterspeelzaal / kinderdagverblijf
1
Gemeentelijke gebouwen algemeen sportvelden, begraafplaats, haven e.a.)
Overig
434 stuks
(brandweer,
24
Bedrijfsruimten (werf Hoekman)
1
Woningen
1
Bruggen (auto-, fiets-, voetgangersbrug)
23 stuks
Verklaring aanpassing cijfers Als gevolg van onder andere de ontwikkeling Oranjewijk nemen de arealen gestaag toe. Oranjewijk Zuid wordt echter pas na 2022 aan beheer overgedragen en valt nog onder de grondexploitatie. De hoeveelheden voor Oranjewijk Noord zijn toegevoegd aan het areaal. 37
Areaaluitbreidingen De reguliere beheerbudgetten openbare ruimte, inclusief de budgetten ter voeding van beheervoorzieningen, worden jaarlijks met de reguliere prijsmutatie en areaaltoename verhoogd. Korte toelichting op de verplichte onderdelen Het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten) schrijft voor dat in elk geval de kapitaalgoederen wegen, riolering, water, groen en gebouwen in de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen aan de orde moeten komen (BBV art 12). Wegen Het beleid is vastgelegd in het wegenbeleidsplan Urk (2015), dat integraal is vastgesteld met het IBOR-beleidsplan. In 2022 is gestart met de voorbereiding voor het actualiseren van het wegenbeheerplan, wat in 2023/2024 tot actualisatie zal leiden. Het Urker wegennet wordt conform de CROW-systematiek elke twee jaar geïnspecteerd. De maatregelen die daaruit voortvloeien worden verwerkt in de jaren erna. De inspectie heeft in 2022 plaats gevonden. In periode 2023/2024 worden diverse maatregelen die hieruit voortvloeien uitgevoerd. De geplande maatregelen worden afgestemd met de andere beheerdisciplines. Riolering Het geactualiseerde GRP, nu genaamd het Gemeentelijk Water en Riolering Programma, wordt ter vaststelling eind 2022 aan de raad voorgelegd.
Hierin is het beleid voor de gemeentelijke riolering beschreven zowel ten aanzien van de inrichtingsopgaven, het beheer en onderhoud en de vervangingsopgave. In het GWRP is een doorkijk gemaakt voor de lange termijn en zijn de maatregelen voor de planperiode concreter beschreven. Om zorg te dragen voor de realisatie van de beheeropgaven op het gebied van de riolering wordt gewerkt met een operationeel beheerplan riolering. Dit is geen vastgesteld document. Water Per 1 januari 2011 is in werking getreden de bestuursovereenkomst tussen de Flevolandse gemeenten en het waterschap Zuiderzeeland waarin het onderhoud van het stedelijke water, de beschoeiingen en de stuwen is overgedragen aan het waterschap. Volgens deze overeenkomst blijft de gemeente Urk verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van duikers, grondkeringen en droogvallende berm sloten e.d. De afspraken hierover zijn vastgelegd in het Gemeentelijk Water en Riolering Programma. Groen Jaarlijks wordt het openbaar groen onderhouden conform het beleid. Dit wordt gedaan op basis van beeldkwaliteit. Het grootste deel wordt onderhouden door Concern voor Werk en een klein deel wordt gedaan door het wijkbeheer of externe partijen. Gebouwen Het beheerplan gemeentelijke gebouwen wordt in 2022 geactualiseerd, waarbij nadrukkelijk aandacht wordt geschonken aan het verduurzamen van de gemeentelijke gebouwen.
Het streven is dit nieuwe beheerplan uiterlijk in december 2022 aan uw raad voor te leggen. De financiële gevolgen van dit nieuwe plan zijn nog niet verwerkt in de meerjarenbegroting 2023-2026. Verwacht wordt dat onder meer het verduurzamen substantiële, nog niet geraamde kosten met zich mee brengt.
38
Treasury Inleiding Treasury bestaat in hoofdlijnen uit de taken financiering, cashmanagement en renterisicobeheer. Het doel van de treasury-activiteiten is te voorzien in vreemd vermogen tegen zo laag mogelijke kosten en om te beschermen tegen financiële risico’s. Het wettelijke kader voor treasury wordt gevormd door de Wet Financiering Decentrale Overheden en het Treasurystatuut van de gemeente Urk.
Treasuryfunctie De financieringsmiddelen die nodig zijn voor het uitvoeren van de begroting waaronder het doen van investeringen worden beheerd door de treasuryfunctie. Deze financieringsmiddelen worden aangetrokken op een complexe geld- en kapitaalmarkt. In deze paragraaf beperken wij ons tot het weergegeven van de financieringspositie lang, de kasgeldlimiet (korte schuldnorm) en renterisiconorm (lange schuldnorm). Onder de treasuryfunctie valt niet het garanderen van rente en aflossing van geldleningen van derden; deze worden per verzoek aan het bestuur voorgelegd.
Financiering lang De financieringspositie van de gemeente Urk kan als volgt in beeld worden gebracht (bedragen x € 1.000). Bedragen (x € 1.000)
rekening 2021
begroting 2022
begroting 2023
(Im-)materiële vaste activa
59.116
75.479
99.506
Financiële vaste activa
8.170
7.726
7.481
Voorraden (OHW)
41.997
58.764
50.589
Totaal vaste activa en voorraden
109.283
141.969
157.576
Algemene reserve
6.626
4.705
8.708
Bestemmingsreserves
37.298
31.280
30.381
Voorzieningen
7.216
9.648
8.192
Langlopende leningen (> 1 jaar)
71.360
98.481
109.891
Totaal financieringsmiddelen
122.500
144.114
157.172
financieringstekort of -overschot
13.217
2.145
-404
Eigen vermogen:
Vreemd vermogen:
Afhankelijk van de ontwikkeling van het financieringssaldo, dat onder andere afhankelijk is van de uitvoering van het investeringsschema, en van de verwachte renteontwikkeling worden gedurende het jaar nieuwe geldleningen aangetrokken. De kasgeldlimiet en de renterisiconorm zijn daarbij randvoorwaarden. In de begroting 2023 blijkt een gering financieringstekort. Afhankelijk van de daadwerkelijke uitvoering van onder andere het investeringsschema en het tempo van de grondverkopen wordt beoordeeld wanneer dit tekort gefinancierd wordt door het aantrekken van nieuwe leningen. De activa worden als geheel, dus integraal gefinancierd. Argumenten daarvoor zijn 39
efficiency, schaalvoordelen en inzichtelijkheid. In het 3e kwartaal 2022 is een lineaire lening van € 20 miljoen aangegaan. De verwachting is dat pas in 2024 weer leningen worden aangetrokken. Onderstaande tabel maakt de mutaties in de geldleningen en de invloed daarvan op de gemiddelde rente zichtbaar. De onder renterisico op vaste schuld vermelde mutaties zijn in deze tabel verwerkt. Bedragen (x € 1.000)
rekening 2021
begroting 2022
begroting 2023
Stand per 1 januari
55.908
69.847
85.138
Nieuwe leningen
20.000
35.000
0
Reguliere aflossingen
-4.549
-6.366
-6.675
Vervroegde aflossingen
0
Gemiddelde rentepercentage
2,20%
1,70%
1,70%
Stand per 31 december
71.359
98.481
78.463
Kasgeldlimiet (norm voor korte schuld) Een belangrijk instrument in de regelgeving is de zogenaamde kasgeldlimiet. Dit instrument is in het leven geroepen om de omvang van de kortlopende financieringsmiddelen te bewaken. De kasgeldlimiet voor 2023 bedraagt € 6,3 miljoen (8,5 % van het begrotingstotaal van € 74,3 miljoen). Van de ontwikkeling van de liquiditeitspositie in relatie tot de kasgeldlimiet kan het volgende overzicht worden gegeven (bedragen x € 1000): begroting 2022
begroting 2023
66.216
67.701
74.259
5.628
5.755
6.312
-18.019
-1.800
404
toegestane kasgeldlimiet
5.628
5.755
6.312
Ruimte (+) / Overschrijding (-)
23.647
7.555
5.908
Bedragen (x € 1.000) Grondslag = omvang begroting per 1-1 Toegestane kasgeldlimiet (8,5 %) in bedrag
rekening 2021
Toets kasgeldlimiet totaal netto vlottende schuld
Er was per einde 2021 sprake is van een forse ruimte binnen de liquiditeitsnorm doordat in het laatste kwartaal van 2021 een vaste geldlening werd aangetrokken van € 20 mln. die op 31 december nog niet geheel was ingezet voor de vaste financiering. Door investeringsuitgaven in 2022 en 2023 daalt deze ruimte. Verwacht wordt dat er pas in 2024 opnieuw behoefte ontstaat aan aanvullende langlopende financieringsmiddelen.
40
Renterisiconorm (norm voor lange schuld) De renterisiconorm voor 2023 bedraagt € 14,9 mln.: 20 % van het begrotingstotaal van € 74,3. Deze norm wordt in de volgende tabel gerelateerd aan het werkelijke renterisico (bedragen x € 1.000). begroting 2022
begroting 2023
66.216
67.701
74.259
Renterisiconorm (20 %) Renterisico op vaste schuld (aflossingen)
13.243
13.540
14.852
4.549
6.366
6.675
Ruimte (+) / Overschrijding (-)
8.694
7.174
8.177
Bedragen (x € 1.000) Grondslag = omvang begroting per 1-1
rekening 2021
Toetsing renterisiconorm
Uit het overzicht blijkt dat gemeente Urk binnen de norm blijft. Er is geen sprake van leningen waarop op enig moment de rente herzien kan worden door de geldverstrekker.
Financiering kort (kasbeheer) De lasten minus de baten van de jaarbegroting en ook de investeringen worden in eerste instantie gefinancierd uit het liquiditeitenoverschot en als dat afwezig is, door kortlopende leningen met een looptijd van één jaar of korter. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de instrumenten “rekening-courantkrediet”, “daggeldleningen” en “kasgeld-leningen”. Bij het gebruiken van deze instrumenten wordt er op toegezien dat de kasgeldlimiet niet wordt overschreden. Zodra dat dreigt te gebeuren, vindt consolidatie plaats door het aantrekken van langlopende leningen. Hierbij wordt zo goed mogelijk geanticipeerd op de verwachte renteontwikkelingen. De handelingen over het beheer geschieden conform het gestelde in het treasurystatuut.
Crediteurenbeheer De gemiddelde doorlooptijd (van binnenkomst tot betaling) is 2 tot 3 weken. Er worden jaarlijks tussen de 7.500 en 8.000 inkoopfacturen van crediteuren verwerkt.
Kredietrisico Het door de gemeente Urk verstrekken van leningen aan derden en het garanderen van de betaling van rente en aflossing van leningen is toegestaan voor zover het om het financieren van een publieke taak van de gemeente gaat. Wat tot de publieke taak van de gemeente behoort, bepaalt de gemeenteraad (Wet financiering decentrale overheden). De gemeente Urk heeft de volgende leningen rechtstreeks aan derden verstrekt: Bedragen (x € 1.000)
rekening 2021
begroting 2022
begroting 2023
Leningen Sociale Zaken (o.b.v. 25%)
242
287
243
Stichting Sportaccommodatie Urk
3.019
2.985
2.813
Totaal
3.261
3.272
3.056
De gemeente loopt over deze verstrekte geldleningen een beperkt risico. De Stichting Sportaccommodatie Urk heeft de opstallen (sporthallen De Schelp en De Vlechttuinen) als 41
onderpand gegeven. Verder wordt jaarlijks, aan de hand van de jaarstukken, de financiële positie van de SSU beoordeeld. Het onderdeel leningen verstrekt in het kader van Soza-regelingen heeft voornamelijk betrekking op de verstrekking van BBZ-kredieten aan bedrijven. Met betrekking tot deze leningen ligt het grootste deel van het risico (75%) bij de rijksoverheid. De rest van het risico ligt bij de gemeente.
Gebruikte rentepercentages De werkelijke rentelast wordt over de verschillende begrotingsonderdelen verdeeld naar rato van de boekwaarden van de activa die voor die onderdelen worden ingezet. Voor de begroting 2023 is dit "omslagpercentage" bepaald op 1,3%. Het is de deling van de rentelast op de boekwaarden van de vaste activa op 1 januari. Daarmee is tevens aangegeven dat dit percentage slechts indirect een relatie heeft met de werkelijke rentepercentages waarvoor lang- en kortlopende financiering daadwerkelijk wordt aangetrokken. Op grond van het BBV worden aan de grondexploitaties rentekosten in rekening gebracht met afwijkende percentages. Die percentages bedragen in 2023 1,33% over de boekwaarde op 1 januari van de bouwgrond in exploitatie "Zeeheldenwijk" en voor de overige bouwgronden in exploitatie 1,2%.
42
Bedrijfsvoering De bedrijfsvoering heeft als reikwijdte de gemeentelijke organisatie, niet alleen de ambtelijke organisatie, maar ook de “bestuurlijke” organisatie. De burger verwacht van de gemeente dat de gelden rechtmatig, doelmatig en doeltreffend besteed worden. Ook verwacht men dat de gemeente een betrouwbare partner en transparant is. Deze verwachtingen zijn tevens uitgangspunt voor de bedrijfsvoering en ondersteunen de uitvoering van de doelstellingen. Het welslagen van die doelstellingen is in belangrijke mate afhankelijk van de kwaliteit van de bedrijfsvoering. Personeel Urk groeit en heeft veel ambities. De ambtelijke organisatie moet meegroeien om de dienstverlening aan de inwoners en bedrijven op het goede niveau voort te zetten en de ambities te realiseren. Dit betekent dat de komende jaren moet worden geïnvesteerd in onze organisatie. De organisatie moet niet alleen kwantitatief, maar ook kwalitatief op orde zijn en blijven. Als gevolg van de ambities en krappe arbeidsmarkt is het moeilijk om goed gekwalificeerd personeel aan te trekken. Hierdoor wordt veel extern personeel ingehuurd. Dit heeft niet alleen een negatief effect op de uitgaven, maar ook op de opbouw en continuïteit van de organisatie. We werken aan beleid om de inhuur zoveel mogelijk terug te dringen en beheersbaar te houden.
Voor het aantrekken van vast personeel is een versterking van het imago van Urk en een goede arbeidsmarktcommunicatie nodig. In 2023 stelt het MT een strategische personeelsplanning op. Versterking organisatie Op meerdere onderdelen is versterking nodig om de ambities en lopende zaken te realiseren en te beheren. Voor een aantal beleidsterreinen is het afgelopen jaar de formatie versterkt. Maar ook op andere beleidsvelden is de capaciteit te beperkt om het huidige beleid de komende jaren te continueren. In deze begroting 2023 worden voorstellen gedaan voor het structureel versterken van deze beleidsvelden (zie programma’s). Arbeidsmarkt De arbeidsmarkt is krap en het is moeilijk om aan nieuw personeel te komen. Op dit moment zijn er binnen de organisatie veel vacatures als gevolg van verloop, uitbreiding en benodigde tijdelijke inhuur. Dit heeft in eerste instantie gevolgen voor de kosten van werving en selectie. Daarbij vraagt dit om een aanpassing van onze arbeidsmarktcommunicatie en werving- en selectiebeleid. Op de langere termijn kan dit ook gevolgen hebben voor het loongebouw. Naast de extra kosten leidt de krappe arbeidsmarkt ook tot veel extra inzet van ons zittende personeel. Met minder mensen moeten de werkzaamheden worden uitgevoerd. De druk op de organisatie neemt hierdoor toe.
Opleiding Het is belangrijk dat ons personeel zich blijft ontwikkelen om de dienstverlening aan inwoners, bedrijven en maatschappelijke instellingen op peil te houden. Dit vraagt van de medewerkers dat zij zich ook moeten blijven ontwikkelen. Om scholing en opleiding voor onze medewerkers op peil te houden, starten we de UrkAcademy, Huisvesting In 2022 is gestart met het opstellen van een plan voor een toekomstbestendige huisvesting. Op korte termijn kan dit binnen de beschikbare ruimte. Op langere termijn - bij verdere groei van de organisatie -wordt de ruimte te krap. De mogelijkheden voor meer ruimte in de toekomst worden onderzocht.
43
Informatievoorziening en ICT Een veranderende samenleving vereist een gemeentelijke organisatie die daarop inspeelt. Een van de speerpunten is een goede informatievoorziening en een goede informatiestructuur waardoor gemeenten de dienstverlening aan inwoners en bedrijven kunnen optimaliseren. De overheid digitaliseert steeds verder. Belangrijke aspecten hierbij zijn: digitale dienstverlening aan inwoners en ondernemers, digitale duurzaamheid, digitale veiligheid en privacy. In 2020 is een Informatiebeleidsplan door de raad vastgesteld. In 2024 evalueren en actualiseren we dit plan. De ontwikkeling van de informatievoorziening en ICT zal ook de komende jaren doorgaan. Leidraad is dat de financiën in de pas blijven bij het gemiddelde in Nederland. Informatiebeheer Voor het verbeteren van het informatiebeheer zijn de komende jaren aanvullende middelen nodig. In overleg met onze toezichthouder op het archief, de Provincie, is hiertoe een plan van aanpak opgesteld. Om het informatiebeheer de komende jaren op orde te houden wordt een nieuwe applicatie aangeschaft en worden bestaande applicaties ingericht voor een goed archiefbeheer. Inkoop Het gemeentelijk inkoopbeleid wordt geactualiseerd. Bij de actualisatie van het inkoopbeleid worden de mogelijkheden die er zijn om lokale ondernemers zo veel mogelijk kansen te geven om deel te nemen aan het inkooptraject benut.
Communicatie Inwoners zijn steeds meer betrokken bij de (uitvoering van de) taken van de overheid en hebben hier een mening over. Inwoners betrekken, informeren en verantwoording afleggen zijn hierbij belangrijke aspecten. Op alle beleidsvelden is de advisering en ondersteuning van communicatie onmisbaar. De komende raadsperiode stellen we een nieuw communicatiebeleidsplan op en formuleren centraal beleid voor burgerparticipatie. Initiatieven van inwoners, organisaties en bedrijven worden gewaardeerd en gestimuleerd, ook in het kader van de nieuwe omgevingswet. Sociale media spelen een steeds grotere rol in de communicatie tussen en met onze inwoners. De komende jaren versterken we het beleid ten aanzien van sociale media en kijken we welke kansen dit biedt voor onze gemeente om de communicatie met inwoners en bedrijven verder te bevorderen en bijvoorbeeld ook om het imago van Urk te verbeteren. De komende jaren wordt gewerkt aan het versterken van het imago van Urk We nemen citymarketing en -branding serieus en gaan het sterke verhaal van Urk vertellen, waarbij in het bijzonder aandacht is voor de economische en culturele eigenheid van Urk. Juridische zaken Inmiddels zijn de Wet open overheid (Woo) en de Wet hergebruik overheidsinformatie (Who) van kracht. De Woo is de vervanger van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob).
De Woo beoogt een meer transparante en actief openbaar makende overheid. Daarom kent deze wet de verplichting om uit eigen beweging bepaalde categorieën informatie openbaar te maken. Ook schrijft de wet maatregelen voor om digitale documenten duurzaam toegankelijk te maken. De Who verplicht gemeenten om op verzoek overheidsinformatie als open data beschikbaar te stellen voor hergebruik. Dat hergebruik kan zowel maatschappelijke als commerciële doelstellingen hebben. Binnen onze organisatie wordt gewerkt aan de implementatie van de nieuwe wetgeving. Daarnaast wordt ook de komende jaren verder gewerkt aan de steeds voortschrijdende wettelijke verplichtingen op het gebied van privacy.
44
Overzicht salarissen, toeslagen en vergoedingen Overzicht salarissen, toelagen en vergoedingen
rekening 2021
begroting 2022
begroting 2023
Ambtelijke organisatie
11.397.361
12.879.593
13.259.342
College van B & W
575.931
573.887
583.069
Gemeenteraad
288.295
290.161
294.804
Griffie
114.984
109.974
111.734
0
12.000
12.000
12.376.571
13.865.615
14.260.949
rekening 2021
begroting 2022
begroting 2023
3.261.317
2.471.340
1.900.000
Inhuur budget derden
110.027
131.788
134.000
Vervanging / keuze
1.555.766
476.497
480.000
Extra capaciteit / specialisatie
1.820.524
1.863.055
1.286.000
Totaal
3.486.317
2.471.340
1.900.000
Restant/per saldo budget inhuur derden
-225.000
0
0
Rekenkamer
Totaal
Overzicht kosten inhuur derden
Kosten (verwachte) inhuur
Dekkingsmiddelen
Bijraming in het boekjaar
45
Verbonden partijen Inleiding De paragraaf verbonden partijen geeft inzicht in de relaties van de gemeente Urk in de samenwerkingsverbanden c.q. rechtspersonen waarin bestuurlijke invloed wordt uitgeoefend en financiële belangen zijn gemoeid. Onder bestuurlijk belang wordt verstaan dat de gemeente zeggenschap heeft bijvoorbeeld doordat een wethouder, raadslid of ambtenaar zitting heeft in het bestuur of namens de gemeente stemrecht heeft. Het financiële belang is het bedrag dat ter beschikking is gesteld en dat niet verhaalbaar is of waarvoor aansprakelijkheid bestaat, indien de verbonden partij failliet gaat of haar verplichtingen niet nakomt. Een verbonden partij kan een deelneming zijn in de zin van artikel 2:379 BW, dat wil zeggen een participatie in een kapitaalvennootschap, maar het kan ook een deelneming in een vereniging, stichting, gemeenschappelijke regeling of andere publiek- en privaatrechtelijke rechtsvormen betreffen. De keuze voor een specifieke rechtsvorm is onder andere afhankelijk van het te bereiken doel. Bovenstaande definitie betekent ook dat er relaties met derde partijen kunnen zijn die niet onder de verbonden partijen vallen. Het gaat dan om relaties waarbij alleen sprake is van of een financieel of een bestuurlijk belang. Er zijn ook derde partijen waarin de gemeente uitsluitend en alleen een financieel belang heeft.
Deze relaties behoren niet tot de verbonden partijen. Gezien het belang van de verbonden partijen in de realisatie van de doelstellingen van de gemeente is het noodzakelijk inzicht te geven in deze partijen. In deze paragraaf wordt allereerst enige informatie verstrekt per verbonden partij. Daarnaast is er een overzicht verbonden partijen opgenomen waarin onder meer de financiële belangen en risico´s worden weergegeven.
Informatie over verbonden partijen NV Rova Holding ROVA is door een aantal gemeenten opgericht met als doel een optimale invulling van de afvalzorgplicht van de bij haar aangesloten gemeenten. Statutair is bepaald dat aandelen uitsluitend in handen kunnen zijn van overheden met een zorgtaak op het gebied van huishoudelijk afval. De deelnemende gemeenten blijven daarbij volledig autonoom. Zij stellen ieder afzonderlijk hun gemeentelijk beleid en de tarieven voor de burger vast. De gemeente Urk is per 1 januari 2001 tot de ROVA toegetreden en heeft haar zorgtaken op het gebied van de afvalverwijdering aan de ROVA overgedragen. De organisatie van de dienstverlening van ROVA is verdeeld over een groep werkmaatschappijen die allen dochter zijn van NV ROVA Holding. De dochtermaatschappijen richten zich op samenhangende product-marktcombinaties. Eind 2012 zijn de aandelen van NV Rova Bedrijven verkocht. NV Huisvuilcentrale Noord Holland HVC is een afvalnutsbedrijf dat eigendom is van 48 gemeenten en acht waterschappen, vooral in Noord-Holland, Zuid-Holland en Flevoland. Sinds de oprichting in de jaren negentig streeft HVC er naar te groeien van afvalverbrander naar regisseur van de afvalketen in haar verzorgingsgebied. Het bedrijf tekent voor inzameling van afval, logistiek, recycling en 46
compostering, verbranding en de levering van energie en warmte. De gemeente Urk is in 1996 tot de HVC toegetreden. NV Vitens Vitens is het grootste drinkwaterbedrijf van Nederland en levert drinkwater aan 31% van de Nederlandse huishoudens in de provincies Flevoland, Friesland, Gelderland, Utrecht, Overijssel en een aantal gemeenten in Drenthe en Noord-Holland. Vitens is een publiek bedrijf. De aandelen van de NV zijn (in)direct in handen van provinciale en gemeentelijke overheden. NV Wadinko Op 29 mei 2006 heeft er een juridische fusie plaatsgevonden tussen de vennootschappen Wmo Beheer N.V. en Wadinko Beheer B.V. met terugwerkende kracht naar 1 januari 2006. De nieuwe naam van de vennootschap is Wadinko NV. De aandelen van de onderneming zijn in handen van de provincie Overijssel en 24 gemeenten. De vennootschap is een participatiemaatschappij met de doelstelling het stimuleren van gezonde bedrijvigheid en daarmee de werkgelegenheid in het werkgebied van haar aandeelhouders. NV Bank Nederlandse Gemeenten De Bank Nederlandse Gemeenten (BNG), opgericht in 1914 en gevestigd in Den Haag, is de bank van en voor overheden en instellingen voor het maatschappelijk belang. Met gespecialiseerde dienstverlening draagt de BNG bij aan zo laag mogelijke kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger.
Klanten van de BNG zijn overheden en instellingen op het gebied van volkshuisvesting, gezondheidszorg, onderwijs en nut. De BNG biedt financiële diensten op maat, zoals kredietverlening, betalingsverkeer, advisering en elektronisch bankieren. BNG Bank heeft over 2021 een nettowinst behaald van € 236 miljoen. Technofonds Flevoland BV In 2009 is de gemeente Urk als aandeelhouder toegetreden tot Technofonds Flevoland BV. Naast de gemeente Urk (1%) zijn de gemeenten Almere (20%), Lelystad (10%), Dronten (3%) en Noordoostpolder (4%) aandeelhouder. In totaal nemen de Flevolandse gemeenten 38% deel in vennootschap. De overige 62% van de aandelen zijn in handen van Ontwikkelingsmaatschappij Flevoland BV, waarvan provincie Flevoland 100 % aandeelhouder van is. Technofonds Flevoland BV heeft als doelstelling het verstrekken van risicodragend kapitaal in de vorm van leningen en aandelenkapitaal aan startende en doorstartende technologische gerichte ondernemingen binnen Flevoland, die vanwege hun status moeilijkheden ondervinden bij het realiseren van de financiering van hun initiatief.
47
Port of Urk BV De Port of Urk BV is per 20 april 2017 opgericht. De BV richt zich op het beheren, ontwikkelen en exploiteren van een deel van de buitendijkse haven met bijbehorend terrein en verricht verder al hetgeen met vorenstaande verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn. Port of Urk BV neemt voor 1/9 deel in de Maritieme Servicehaven Noordelijk Flevoland B.V. (in oprichting). MSNF B.V. draagt zorg voor beheer, onderhoud, herstel dan wel vernieuwing voor het in stand houden op het niveau van bij de aanleg (waartoe tevens de benodigde toekomstige vervangingsinvesteringen worden gerekend) ten aanzien van: golfbreker en buitendijkse ontsluitingsweg uitgeefbaar terrein en bootliftsteigers, de vaargeul en havenkom. GR Veiligheidsregio Flevoland De Veiligheidsregio Flevoland is een samenwerkingsverband van alle gemeenten in Flevoland, Politie Flevoland, Brandweer Flevoland en de GHOR Flevoland (GGD). De veiligheidsregio heeft tot doel de veiligheid van haar inwoners tijdens rampen en crisissen te vergroten. Door eenduidige bestuurlijke aansturing en door adequate planning wordt de samenwerking tussen brandweer, gemeenten, Geneeskundige Hulpverlening bij Ongevallen en Rampen (GHOR) en politie zowel tijdens de voorbereiding als bij de uitvoering verbeterd.
De veiligheidsregio is namens de deelnemende gemeenten verantwoordelijk voor de taken op gebied van: • Brandweerzorg; • Geneeskundige hulpverlening bij ongevallen; • Ongevallen en rampen; • Rampenbestrijding en crisisbeheersing; • Beheer van de gemeenschappelijke meldkamer. GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Flevoland De Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Flevoland is een samenwerkingsverband van alle gemeenten in Flevoland, Regionale Ambulance Voorziening (RAV) en de GHOR Flevoland (GGD). De gezondheidsdienst heeft tot doel het bewerkstelligen van een doelmatig en effectief georganiseerde en gecoördineerde uitvoering van de zorg voor openbare gezondheidszorg. GR IJsselmeergroep Het werkvoorzieningsschap draagt zorg voor aangepaste werkgelegenheid voor personen met medische- of sociale beperkingen. De GR heeft een werkmaatschappij waar de feitelijke uitvoering van de WSW (Wet Sociale Werkvoorziening) is ondergebracht: Concern voor Werk NV. In 2008 is op landelijk niveau besloten tot een modernisering van de WSW. Als gevolg daarvan is de gemeente ingaande 2009 volledig financieel verantwoordelijk voor de WSW. Om toekomstige risico´s af te dekken is een reserve participatie gevormd.
48
GR Regionaal Historisch Centrum Het Flevolands Archief Het Flevolands Archief beheert de overgebrachte archieven van de gemeenten Dronten, Lelystad, Urk en Zeewolde, het waterschap Zuiderzeeland en de provincie Flevoland. GR Omgevingsdienst De Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek is per 1 mei 2012 opgericht en op 1 januari 2013 operationeel. Deelnemers van de GR zijn de provincies Flevoland en NoordHolland en de gemeenten Almere, Zeewolde, Dronten, Lelystad, Noordoostpolder, Urk, Blaricum, Bussum, Hilversum, Huizen, Laren, Muiden, Naarden en Wijdemeren. De GR richt zich op de uitvoering van de vergunningverlening, toezicht en handhavingstaken in het omgevingsrecht en geeft daar advies over. Hierdoor wordt het mogelijk de taken op het beleidsterrein milieu efficiënter en effectiever uit te voeren. Door het samenbrengen van kennis, kwaliteit en capaciteit van de deelnemende gemeenten en de provincies, ontstaat een robuuste en toekomst vaste organisatie. Op termijn leidt het onderbrengen van taken in een Omgevingsdienst tot kostenreductie voor alle aangesloten partijen. Met ingang van 2018 wordt gewerkt aan de hand van een productcatalogus. Jaarlijks geeft elke deelnemende gemeente een inschatting van de aantallen uren, van de in de productcatalogus genoemde dienst, die zij zal afnemen.
De som van het aantal uren vermenigvuldigd met het vastgestelde uurtarief vormt de basis voor het door de gemeente te betalen jaarbedrag. Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland De zes gemeenten in de provincie Flevoland werken sinds 2011 samen aan de transities en transformatie in het sociaal domein. Bij aanvang van de decentralisaties is er gekozen om de samenwerking te formaliseren in de vorm van de Centrumregeling ‘Sociaal Domein Flevoland’. De centrumregeling geeft vorm aan de samenwerking rondom jeugd en Wmo in Flevoland en streeft daarbij naar kwaliteit, borging van continuïteit, solidariteit en verhoging van de efficiency. De gemeente Almere is aangewezen als centrumgemeente, waarbinnen de taken zijn ondergebracht in de Aankoopcentrale Regio Flevoland. De aankoopcentrale richt zich op de inkoop en subsidiëring van specialistische jeugdhulp. Daarbij is het doel dat de inkoop en sturing op de uitvoering van zodanige kwaliteit is dat inkoopvoordelen en beleidsdoelen gehaald worden, efficiencywinst wordt gerealiseerd en de administratieve lastendruk van aanbieders wordt beperkt. Stichting FlevoMeer Bibliotheek De stichting heeft als doelstelling het bieden van een voorziening waar boeken en andere informatiedragers kunnen worden geleend voor ontwikkeling of ontspanning.
Speerpunten zijn verbetering van de digitale infrastructuur en kenniscentrumprojecten en professionalisering van basisbibliotheken.
Overzicht van de verbonden partijen Het onderstaand overzicht geeft inzicht in de financiële gegevens en de eventuele risico´s van de verbonden partijen. Er is in het overzicht uitgegaan van de werkelijke cijfers over 2019-2021 die bij het samenstellen van deze verantwoording beschikbaar zijn.
49
Verbonden partij
Bank Nederlandse Technofonds Gemeenten Flevoland
Veiligheidsregio Flevoland
Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Flevoland
Rechtsvorm
NV
BV
GR
GR
Belang
0,00%
1,01%
n.v.t.
n.v.t.
Soort belang
Gewone aandelen
Gewone aandelen
n.v.t.
n.v.t.
Resultaat 2019 e.v. 2021 € 236 mln. 2020 € 221 mln. 2019 € 163 mln
€ n.n.b. (2021) € 731K (2020) € -1,8 mln. (2019)
2021 € 1.789.000 2020 € 1.579.000 2019 € 39.000
€ n.n.b. (2021) € 360 K. (2020) € 995 K. (2019)
Eigen Vermogen eind 2019 e.v.
€ n.n.b. (2021) € 4,4 2021 € 12,2 mln. mln. (2020) € 5,2 2020 € 10,8 mln. mln. (2019) 2019 € 9,8 mln.
€ n.n.b. (2021) € 7 mln. (2020) € 7,0 mln. (2019)
Vreemd Vermogen 2021 € 144,7 mld. 2020 € 156,0 mld. eind 2019 e.v. 2019 € 145,5 mld.
€ n.n.b. (2021) € 26K 2021 € 6,7 mln. (2020) € 54K (2019) 2020 € 7,2 mln. 2019 € 7,7 mln.
€ n.n.b. (2021) € 11 mln. (2020) € 3 mln. (2019)
Dividend
2021 € 8.803 2020 € 6.988 2019 € 4.903
n.v.t.
n.v.t.
Verplichte afdekking van het tekort
Nee, de aandeelhouder van een NV is niet aansprakelijk voor de schulden van de NV Aandelenkapitaal van € 9.652; 3.861 aandelen á € 2,50.
Nee, de Ja, de deelnemers in Ja, de deelnemers in aandeelhouder van een GR zijn een GR zijn een BV is niet gezamenlijk gezamenlijk aansprakelijk voor de aansprakelijk voor de aansprakelijk voor de schulden van de BV ontstane tekorten. ontstane tekorten.
Verstrekte garanties en geldleningen en aandelenkapitaal Risico´s afgedekt door andere partners
2021 € 4,3 mld. 2020 € 4,4 mld. 2019 € 4,2 mld.
n.v.t.
Aandelenkapitaal van Bekostiging via Bekostiging via € 100.285; 221 jaarlijkse bijdrage; jaarlijkse bijdrage; aandelen á € 453,78 2023 € 1.014.000 (B) €389.724 (2019), 2022 € 967.000 (B) €409.724 (2020), 2021 € 848.000 €466.180 (2021)
Geen, met Geen, met Andere gemeenten uitzondering van het uitzondering van het nemen naar door partijen door partijen evenredigheid deel verstrekte verstrekte aandelenkapitaal aandelenkapitaal
Andere gemeenten nemen naar evenredigheid deel
Overige risico's bij In de begroting 2023 In de begroting 2023 Gemeenten moeten Gemeenten moeten is een dividend wordt geen rekening het tekort aanvullen het tekort aanvullen faillissement geraamd van gehouden met een € 8.800. winstuitkering. Monitoring van risico´s
n.v.t.
Beoordeling van de begroting en de jaarrekening
Beoordeling van de begroting en de jaarrekening
Beoordeling van de begroting en de jaarrekening
50
Verbonden partij
Werkvoorzieningschap Port of Urk Ijsselmeergroep Concern voor Werk
Flevolands Archief Omgevingsdienst Flevoland & Gooien Vechtstreek (OFGV)
Rechtsvorm
GR
BV
GR
GR
Belang
14,13%
100%
n.v.t.
2,17%
Soort belang
Participaties
Gewone aandelen
n.v.t.
n.v.t.
Resultaat 2019 e.v. € n.n.b. (2021) € 577K 2021 -/- € 10.000 (2020) € -226 K. (2019) 2020 -/- € 10.000 2019 -/- € 15.000
2021 € 214 K (concept) 2020 € -11 K 2019 € 485 K
€ n.n.b. (2021) € 555K (2020) € 640K (2019)
Eigen Vermogen eind 2019 e.v.
2021 € 778 K (concept) 2020 € 800 K 2019 € 873 K
€ n.n.b. (2021) € 1,3 mln. (2020) € 1,5 mln. (2019)
€ n.n.b. (2021) € 4 mln. 2021 -/- € 3.000 (2020) € 3,5 mln. (2019) 2020 € 7.000 2019 € 17.000
Vreemd Vermogen € n.n.b. (2021) € 2,6 mln.(2020) € 3,0 mln. eind 2019 e.v. (2019)
2021 € 18.000 2020 € 4.000 2019 € 38.000
2021 € 108 K (concept) 2020 € 129 K 2019 € 112 K
€ n.n.b. (2021) € 5,1 mln. (2020) € 5,3 mln. (2019)
Dividend
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Verplichte afdekking van het tekort
Ja, de deelnemers in Nee, de Ja, de deelnemers een GR zijn gezamenlijk aandeelhouder van in een GR zijn aansprakelijk voor de een BV is niet gezamenlijk ontstane tekorten. aansprakelijk voor aansprakelijk voor de schulden van de de ontstane BV tekorten. Garantiestelling van Aandelenkapitaal Bekostiging via €693.900 voor van € 100.000; jaarlijkse bijdrage; nieuwbouw kwekerij. 100.000 aandelen á €44.488 (2019), Bekostiging via €1. €45.156 (2020), jaarlijkse bijdrage. €46.466 (2021) €1.681.259 (2019), €1.620.728 (2020), €1.657.766 (2021)
Verstrekte garanties en geldleningen en aandelenkapitaal
Risico´s afgedekt door andere partners
Andere gemeenten nemen naar evenredigheid deel
Ja, de deelnemers in een GR zijn gezamenlijk aansprakelijk voor de ontstane tekorten. Bekostiging via jaarlijkse bijdrage; €219.224 (2019), €269.315 (2020), €353.657 (2021)
Geen, met Andere gemeenten Andere gemeenten uitzondering van het nemen naar nemen naar door partijen evenredigheid deel evenredigheid deel verstrekte aandelenkapitaal
Overige risico's bij Gemeenten moeten het In de begroting 2021 Gemeenten moeten Gemeenten moeten tekort aanvullen wordt geen rekening het tekort aanvullen het tekort aanvullen faillissement gehouden met een winstuitkering. Monitoring van risico´s
Beoordeling van de begroting en de jaarrekening
Beoordeling van de Beoordeling van de Beoordeling van de begroting en de begroting en de begroting en de jaarrekening jaarrekening jaarrekening
51
Verbonden partij
Centrumregeling Sociaal Domein Flevoland
Stichting FlevoMeer Bibliotheek
Rechtsvorm
Centrumregeling
Stichting
Belang
n.v.t.
n.v.t.
Soort belang
n.v.t.
n.v.t.
Resultaat 2019 e.v. n.v.t.
€ n.n.b. (2021) € 202K (2020) € 379K. (2019)
Eigen Vermogen eind 2019 e.v.
n.v.t.
€ n.n.b. (2021) € 1,8 mln. (2020) € 1,6 mln. (2019)
Vreemd Vermogen n.v.t. eind 2019 e.v.
€ n.n.b. (2021) € 2,8 mln. (2020) € 3,3 mln. (2019)
Dividend
n.v.t.
n.v.t.
Verplichte afdekking van het tekort
Ja, de deelnemers n.v.t. dragen elk de kosten voor de hulp aan de eigen cliënten.
Verstrekte garanties en geldleningen en aandelenkapitaal
Bekostiging via jaarlijkse bijdrage €2.376.000 (2019), €2.447.000 (2020), €2.255.392 (2021)
Risico´s afgedekt door andere partners
Het totale budget Andere gemeenten mag niet worden nemen naar overschreden. Er zijn evenredigheid deel afspraken t.a.v. solidariteit
Overige risico's bij faillissement
Gemeenten moeten het tekort aanvullen
n.v.t.
Monitoring van risico´s
Beoordeling van de begroting en de jaarrekening
Beoordeling van de begroting en de jaarrekening
Bekostiging via jaarlijkse bijdrage; €367.170 (2019), €378.014 (2020), €398.652 (2021)
52
Grondbeleid Inleiding Het grondbeleid heeft invloed op en samenhang met de realisatie van programma's zoals op het gebied van ruimtelijke ordening en volkshuisvesting, verkeer en vervoer, cultuur, sport en recreatie en economische zaken. Daarnaast heeft het grondbeleid een grote financiële impact. Het gaat in het grondbeleid om grote belangen en grote hoeveelheden geld. De resultaten op grondexploitaties en de financiële risico's zijn van groot belang voor de algemene financiële positie van de gemeente. De gemeenteraad heeft in zijn vergadering van 7 mei 2020 de ‘Nota Grondbeleid 2020-2024 vastgesteld. De gemeente Urk kiest voor situationeel grondbeleid met een actieve basis. Door een actieve grondpolitiek kan de gemeente Urk sterke invloed uitvoeren op de betaalbaarheid, beschikbaarheid en kwaliteit van nieuwe woningen op Urk. Een belangrijk doel voor de gemeente in haar grondbeleid is het hebben van maximale sturing en regie op ontwikkelingen die voor de gemeente van belang zijn, zoals het hebben van voldoende woningen en bedrijfsgronden. Een actieve grondpolitiek, zeker voor de uitleggebieden, ligt dan voor de hand. Dat betekent echter niet dat deze keuze in beton is gegoten. Faciliterende grondpolitiek wordt bij voorbaat niet uitgesloten, zeker niet bij “binnenstedelijke” (her)ontwikkelingen.
Het taakveld grondexploitatie Het taakveld grondexploitatie verzorgt de financiële kant van de ruimtelijke ordening. Dit is in essentie gericht op de tijdige productie en levering van bouwrijpe grond met als doel de bestuurlijk en maatschappelijk gewenste ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk te maken, c.q. te faciliteren. Hierbij wordt gestreefd naar het meest gunstige exploitatieresultaat en borging van de noodzakelijke gemeenschappelijke publieke kwaliteit. Het taakveld grondexploitatie heeft verder als taak de beschikking te hebben over het benodigde grondbeleidsinstrumentarium met als belangrijke randvoorwaarde dat er verantwoord wordt omgegaan met de risico’s die samenhangen met de exploitatie van gronden. Sinds de Wet op de ruimtelijke ordening (Wro) wordt steeds meer de aandacht gericht op het kostenverhaal indien ruimtelijke initiatieven door partijen, niet zijnde de gemeente, worden ontwikkeld en uitgevoerd. In de Omgevingswet is het kostenverhaal ook geïntegreerd. De kostenverhaalregels zijn uitgewerkt in de Aanvullingswet grondeigendom Omgevingswet.
Bouwgrond in eploitatie (BIE) Bouwgrond in exploitatie (BIE) heeft in alle gevallen betrekking op grondexploitatie in de uitvoeringsfase. Bij een BIE zijn de gronden in eigendom van de gemeente. het startpunt van de BIE is het raadsbesluit met de vaststelling van het grondexploitatiecomplex, inclusief grondexploitatiebegroting. Het grondexploitatiecomplex bevat ten minsten te volgende onderdelen: • • • • • • •
een kaart van het grondexploitatiecomplex; een beschrijving van de bouwkavels; de bestemming en toegestane bouwvolumes; de omschrijving van de werken en werkzaamheden voor het bouwrijp maken van de gronden; de omschrijving van de aanleg van nutsvoorzieningen; de omschrijving van het inrichten van de openbare ruimte in het gebied; een grondexploitatiebegroting, waarbij de kosten en opbrengsten gefaseerd zijn in tijd. 53
De te verwachten resultaten van de lopende actieve grondexploitaties zijn als volgt:
Complex
Geraamd Geraamd Geraamd resultaat Positief resultaat Positief bedrag ultimo 2020 / ultimo 2021 / afdrachts(incl. negatief (incl. negatief fondsen afdrachten) afdrachten)
1. Oranjewijk afronding
2.286.568
positief
651.197
positief
405.892
5.213.313
positief
282.010
positief
3.385.930
174.433
positief
218.560
positief
36.828
4. Zwolse Hoek, fase 5
76.980
positief
76.110
positief
80.439
5. Port of Urk *)
-1.362.962
negatief
-1.238.741
negatief
0
6. Westgat *)
-470.246
negatief
-446.655
negatief
0
Totaal resultaat
5.918.086 positief
-457.519 positief
3.909.089
2. Zeeheldenwijk 3. Grex Staartweg
Exploitatie laatst vastgesteld
Looptijd verkoop
2014 2023 2022 2038 2020 2029
dec-21 dec-21 dec-21
2007 2022 2019 2042 2019 2023
dec-21 dec-21 dec-21
*) Voor de complexen Port of Urk en Grex Westgat zijn voorzieningen gevormd tot een bedrag van respectievelijk € 1.238.741 en € 446.655. NB: De resultaten zijn exclusief af te dragen vennootschapsbelasting. Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) dienen de actieve grondexploitaties jaarlijks te worden herzien. Op 16 december 2021 zijn de herziene grondexploitaties vastgesteld door de gemeenteraad. De herzieningen zijn gebaseerd op de actuele regels uit het BBV. Dit betekent onder meer dat de fondsafdrachten niet meer als kostenregel zijn opgenomen, maar afzonderlijk zichtbaar zijn gemaakt. Dit zodat deze als resultaatbestemming kunnen worden genomen bij winstname of afsluiting van het plan. Voor de volledigheid zijn de bedragen voor fondsafdracht in bovenstaande tabel wel zichtbaar gemaakt. Overzicht ontwikkeling boekwaarden actieve grondexploitaties: Rekening 2021
begroting 2022
begroting 2023
begroting 2024
begroting 2025
begroting 2026
-545.751
-274.335
0
0
0
0
2. Zeeheldenwijk
35.646.175
43.108.675
38.697.645
32.017.356
28.313.253
25.177.673
3. Grex Staartweg
542.130
596.435
603.592
610.835
618.165
625.583
4. Zwolse Hoek, fase 5
-39.272
0
0
0
0
0
5a. Port of Urk
7.248.373
11.158.923
10.076.084
7.772.762
16.083.249
17.772.481
5b. VZ Port of Urk
-1.238.741
-1.238.741
-1.238.741
-1.238.741
-1.238.741
-1.238.741
6a. Grex Westgat
831.068
803.626
929.615
0
0
0
6b. VZ Grex Westgat
-446.654
-446.654
-446.654
0
0
0
41.997.328
53.707.930
48.621.541
39.162.212
43.775.926
42.336.996
Exploitatie/activiteit 1. Oranjewijk (afronding)
Totaal
54
Toelichting per exploitatiegebied Ad 1. Oranjewijk afronding Het plan Oranjewijk fase I en Fase II zijn in 2020 afgesloten en samengevoegd in het plan Oranjewijk afronding. In de raadsvergadering van 16 december 2021 is de grondexploitatie Oranjewijk afronding herzien. De woonrijpmaak werkzaamheden in de Oranjewijk worden naar verwachting in 2022 afgerond. In 2023 zullen naar verwachting de laatste gronden in de Oranjewijk worden verkocht. Nadat de gronden zijn verkocht kan de grondexploitatie per 3112-2023 worden afgesloten. Ad 2. Zeeheldenwijk De Zeeheldenwijk is het nieuwe uitleggebied van de gemeente Urk waar de komende 15 jaar 1650 woningen worden gebouwd. Dit in combinatie met diverse voorzieningen en een overgangszone waar bedrijven zich kunnen vestigen. In de raadsvergadering van 16 december 2021 is de meest recente grondexploitatie voor dit plan vastgesteld. Op basis van dit plan wordt een winst verwacht van € 282.010. In het plangebied wordt het onderstaande programma in m² ontwikkeld. Programma Woningbouw (per m²) Programma Waterwoningen (per m²) Programma Bedrijven (per m²) Programma Voorzieningen (per m²) Programma uitgeefbaar parkeren centrumgebied (per m²) Verkocht in Zeeheldenwijk per 31 december 2021
313.451 3.895 48.893 70.004 7.499 0
In 2022 wordt de eerste fase van Zeeheldenwijk bouwrijp gemaakt. De eerste koopovereenkomsten zijn getekend. De eerste bewoners zullen medio 2023 in Zeeheldenwijk gaan wonen. De komende 2 jaar zal de eerste fase Zeeheldenwijk volledig worden uitgegeven. Op dit moment wordt de tweede fase uitgewerkt. Dit zodat deze fase aansluitend aan fase 1 kan worden uitgegeven. Ad 3. Grex Staartweg Op 16 december 2021 heeft de raad de grondexploitatie voor het plan Staartweg vastgesteld. In augustus 2020 zijn de gronden en opstallen Staartweg 18 aangekocht. De opstallen zijn inmiddels gesloopt. De gemeente wil deze gronden gaan ontwikkelen. Daarom is er een grondexploitatie geopend voor dit plan. Het verwachte positief resultaat van dit plan bedraagt € 218.560. In het plangebied wordt het onderstaande programma in m² ontwikkeld. Grondvoorraad per 1 januari 2022 Verwachte grondverkoop 2022 Grondvoorraad per 31 december 2022