bijlage 1a motivering uitbreiding hoogspanningsstation
Tekst van het document
Bij aanvang van het participatieproces zijn de uitgangspunten van het participatieproces met de omgeving gedeeld. Hierin wordt de mate van overlast tijdens de bouw/renovatie en na realisatie van het station onderkent. Daarnaast hebben TenneT en Enexis als uitgangspunt om de omgeving van het hoogspanningsstation een kwaliteitsimpuls te geven. Om die reden waren; de inpassing van de uitbreiding tegenover de woningen aan de Sibeliusstraat 185 t/m 247, de landschappelijke inpassing van de uitbreiding ten noorden van het station, inclusief het werkterrein en het minimaliseren van overlast tijdens de bouwwerkzaamheden wél onderdeel van het participatieproces.
3.3
Betrokkenheid Voor de landschappelijke inpassing en voor de groenrand aan de Sibeliusstraat zijn twee trajecten opgestart. Om tot invulling van de groenrand te komen, zijn de bewoners van Sibeliusstraat 185 t/m 247 uitgenodigd. Door
29
TenneT-uitbreiding hoogspanningsstation Tilburg Noord BOPA projectnummer 0497036.100 24 juni 2025 TenneT TSO B.V.
samen met deze bewoners de groenruimte tussen hun woning en het hekwerk van de uitbreiding vorm te geven, wordt een kwaliteitsimpuls aan het toekomstige uitzicht en de woonbeleving gegeven. Voor de sessies waarin de landschappelijke inpassing van de uitbreiding ten noorden van het station, inclusief het tijdelijke werkterrein werd vormgegeven, zijn particulieren, bewoners van de flat Moleneind, de wijkraad, NoordgroeiT, Stichting Peerke Donders en andere omliggende bedrijven en particulieren – woonachtig of bedrijfhoudend aan de Kalverstraat, Moerstraat en Pater Donderstraat uitgenodigd. Deze groep belanghebbenden wordt geacht de gevolgen van de uitbreiding van het hoogspanningsstation het meest direct te ervaren. Ook tijdens de bouw van het hoogspanningsstation is het belangrijk dat deze groep belanghebbenden zo min mogelijk (over)last ervaren van de komst van het hoogspanningsstation. Door met hen te spreken over landschappelijke inpassing ook tijdens de bouw, blijft voor hen de kwaliteit van wonen gewaarborgd. Nadat het hoogspanningsstation is ontwikkeld, zal deze groep belanghebbenden ook het meest direct de functie van het landschappelijk ingepaste gebied ervaren. Door met deze belanghebbenden in gesprek te gaan, zijn de contouren voor een kwalitatief goed en bereikbaar gebied vormgegeven.
3.4
Participatievorm Voorafgaand aan het participatieproces hebben een aantal contactmomenten met belanghebbenden plaatsgevonden. Bij de volgorde van informeren zijn als eerste de volkstuingebruikers geïnformeerd over het voornemen om het hoogspanningsstation uit te breiden, daarna de direct omwonenden en daarna de overige omwonenden en de media. De gebruikers van de tuintjes zijn geïnformeerd over de komst van het station waardoor ze helaas het tuintje niet meer kunnen gebruiken. Daarna zijn de direct aanwonenden persoonlijk geïnformeerd tijdens een aantal avonden in het wijkcentrum De Ypelaer. Nadat deze gesprekken zijn gevoerd zijn de overige omwonenden en betrokkenen geïnformeerd en is op 4 februari 2025 een informatieavond gehouden in de Ypelaer. Tijdens deze avond is de beoogde uitbreiding gepresenteerd en kon men met medewerkers van TenneT, Enexis en ook de gemeente in gesprek. Door TenneT en Enexis zijn in het vervolg diverse brainstormsessies met omwonenden en betrokkenen georganiseerd. Voor de invulling van de groenrand tegenover de woningen aan de Sibeliusstraat 185 t/m 247, organiseerden TenneT en Enexis in maart 2025 twee avonden tijdens welke de wensen en ideeën van de bewoners werden opgehaald. Ieder blok van vier woningen was in de gelegenheid om een eigen invulling aan de groenstrook te geven.
Naar aanleiding van de eerste sessie bleek dat een bredere groenstrook dan was voorzien beschikbaar kwam. Tijdens de tweede brainstormavond kon hierdoor nog beter aan de wensen en ideeën van de bewoners tegemoet worden gekomen. Voor de landschappelijke inpassing van de uitbreiding ten noorden van het station, inclusief het tijdelijke werkterrein, organiseerden TenneT en Enexis in maart 2025 tevens twee brainstormavonden met dezelfde opzet als bovenstaande avonden. Dit keer was een grotere groep deelnemers welkom. Tijdens deze twee avonden werd stilgestaan bij de uitgangspunten waaraan het gebied zou moeten voldoen en het op grote kaarten intekenen van deze wensen, ideeën en behoeften.
3.5
Resultaat De sessies hebben geleid tot twee ontwerpen van landschappelijke inpassing van het hoogspanningsstation. Samen met de bewoners van de Sibeliusstraat 185 t/m 247 is een ontwerp gemaakt van de groenstrook tussen het voetpad voor hun woning en het hekwerk van de uitbreiding van het station. Het resultaat van deze twee avonden is een gedragen en gedeeld beeld van de invulling van de groenstrook (zie Figuur 2-16). Samen met bewoners van de Sibeliusstraat, bewoners van de flat Moleneind, het bestuur van NoordgroeiT, vertegenwoordigers van Peerke Donders, buurtondersteuning en vertegenwoordiging van de wijkraden zijn er contouren en uitgangspunten opgesteld om invulling te geven aan de landschappelijke inpassing van het gebied tussen de Klaverstraat, Moerstraat en Paterdonderstraat. De resultaten en uitgangspunten van deze sessies zijn uitgewerkt in het uitgebreidere landschapsplan (zie bijlage 1).
30
TenneT-uitbreiding hoogspanningsstation Tilburg Noord BOPA projectnummer 0497036.100 24 juni 2025 TenneT TSO B.V.
4.
Toetsing aan algemene beleidskaders en programma’s
4.1
Rijksbeleid
4.1.1
Nationale Omgevingsvisie (NOVI) De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is de langetermijnvisie van het Rijk op de toekomstige inrichting en ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De NOVI geeft weer voor welke uitdagingen we staan, wat daarbij de nationale belangen zijn, welke keuzes we maken en welke richting we meegeven aan decentrale keuzes. Die keuzes hangen samen met de toekomstbeelden van de fysieke leefomgeving, de maatschappelijke opgaven en economische kansen die daarbij horen. Met de Nationale Omgevingsvisie geeft het Rijk een langetermijnvisie om de grote opgaven aan te pakken. Om samen ons land mooier en sterker te maken en daarbij voort te bouwen op het bestaande landschap en de (historische) steden. De opgaven die voortkomen uit de nationale belangen van het Rijk zijn vertaald in vier integrale prioriteiten. We maken ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie. We bevorderen duurzaam economisch groeipotentieel. We zorgen voor sterke en gezonde steden en regio’s. En we stimuleren een toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het rijk sturen en richting geven. Die komen samen in vier prioriteiten: 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; 2. Duurzaam economisch groeipotentieel; 3.
Sterke en gezonde steden en regio’s; 4. Toekomstbestendige ontwikkeling landelijk gebied. Om de beleidskeuzes op een heldere en voorspelbare manier te maken, hanteert de NOVI drie afwegingsprincipes, die helpen bij het afwegen en prioriteren van de verschillende belangen en opgaven: 1. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies; 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; 3. Afwentelen wordt voorkomen. Toetsing en conclusie De beoogde ontwikkeling draagt bij aan de doelstellingen uit de NOVI. Er wordt namelijk ruimte voor de energietransitie gerealiseerd. De uitbreiding van het hoogspanningsstation zorgt ervoor dat duurzaam opgewekte elektriciteit aangesloten kan worden op het net. Hiermee is het mogelijk om te blijven verduurzamen op het gebied van energie. Daarnaast is uitbreiding van het elektriciteitsnet noodzakelijk voor het kunnen blijven gebruiken van energie in de toekomst.
4.1.2
Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) In het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) staan regels over omgevingswaarden, instructieregels, beoordelingsregels en regels voor monitoring. Het Bkl geldt voor het Rijk en decentrale overheden. De opgenomen regels en omgevingswaarden zijn gesteld ter bescherming van nationale belangen en het voldoen aan internationale verplichtingen. In het Bkl is onder meer geregeld welk bestuursorgaan bevoegd gezag is bij het verlenen van een omgevingsvergunning, de betrokkenheid van andere bestuursorganen, adviesorganen en adviseurs bij de besluitvorming en procedures. Hoofdstuk 5 bevat instructieregels voor het omgevingsplan, deze zijn ook van toepassing op een BOPA. Afdeling 5.1 stelt instructieregels voor een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. De instructieregels gaan over: 31
TenneT-uitbreiding hoogspanningsstation Tilburg Noord BOPA projectnummer 0497036.100 24 juni 2025 TenneT TSO B.V.
• • • • • • • •
algemene bepalingen (paragraaf 5.1.1) waarborgen van de veiligheid (paragraaf 5.1.2) beschermen van de waterbelangen (paragraaf 5.1.3) beschermen van de gezondheid en van het milieu (paragraaf 5.1.4) beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed (paragraaf 5.1.5) behoud van ruimte voor toekomstige functies (paragraaf 5.1.6) behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzieningen voor nadelige gevolgen van activiteiten (paragraaf 5.1.7) bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen (paragraaf 5.1.8)
Afdeling 5.2 bevat instructieregels over de uitoefening van taken voor de fysieke leefomgeving. Deze instructieregels gaan over: • • • • •
voorkomen van belemmeringen voor gebruik en beheer van de hoofdspoorweginfrastructuur en van rijkswegen lokale spoorwegen binnen vervoerregio's lozen van industrieel afvalwater in het openbaar vuilwaterriool bebouwingscontour jacht bebouwingscontour houtkap
Afdeling 5.3 bevat regels over ontheffing van instructieregels voor het omgevingsplan. Ondanks het ingekaderde karakter van de afwegingsruimte die door de instructieregels ontstaat, biedt het Bkl veel ruimte aan de gemeente om de kwaliteit van de fysieke leefomgeving vorm te geven. Als de gemeente gebruik wil maken van deze afwegingsruimte, zal zij dit goed moeten motiveren. Daarnaast worden deze deugdelijk onderbouwde, op het specifieke deelgebied afgestemde kaders uitgewerkt in juridische planregels. Er wordt niet om ontheffing van instructieregels verzocht met deze aanvraag. Toetsing en conclusie Het Bkl geeft een aantal regels als het gaat om waarborging van hoogspanningsverbindingen (artikel 5.159). Dit gaat echter over hoogspanningsverbindingen van ten minste 220 kV. Deze regels zijn niet van toepassing op deze ontwikkeling omdat deze de verbinding van 150kV betreft. De instructieregels uit paragraaf geluid door wegen, spoorwegen en industrieterreinen (5.1.4.2a;) zijn niet van toepassing op de deze ontwikkeling. Het hoogspanningsstation valt hier niet onder omdat de onderdelen van de TenneT-uitbreiding (BOPA) niet tot nauwelijks geluid veroorzaken en omdat de aanpassing aan de transformatoren van de uitbreiding van het hoogspanningsstation Tilburg Noord (Omgevingsplanwijziging) geen onderdeel is van de voorliggende BOPA (artikel 5.78b lid 1 onder c Bkl).
Uitbreiding hoogspanningsstation Tilburg Noord (Omgevingsplanwijziging) In de opvolgende omgevingsplanprocedure zijn de instructieregels van paragraaf 5.1.4.2a Bkl wel relevant. Hoogspanningsstation Tilburg Noord heeft een geluidzone op grond van de Wet geluidhinder (Wgh). De uitbreiding en verzwaring van het station (Enexis-deel) heeft tot gevolg dat het transformatorvermogen op het station toeneemt waardoor niet binnen de huidige geluidzone gebleven wordt. De systematiek van geluidzones is gewijzigd onder de Omgevingswet. Voor een activiteit die ‘in aanzienlijke mate geluid kan veroorzaken’ (>200MVA maximaal gelijktijdig te schakelen, niet inpandig opgesteld trafovermogen), moeten een geluidaandachtgebied en geluidproductieplafonds (GPP’s) worden vastgesteld. De GPP’s moeten in de vorm van geluidreferentiepunten worden opgenomen in het omgevingsplan. De omgevingswaarden bepalen dat het hoogspanningsstation niet meer geluid mag produceren dan de waarden die gelden op de geluidreferentiepunten. Dit is een inspanningsverplichting (artikel 3.44 Bkl). Bij een bestaande Wgh-zone zoals in het geval van HS Tilburg Noord, moet de Wgh-geluidzone eerst (beleidsneutraal) worden omgezet naar de systematiek van GPP’s en geluidaandachtgebied onder de Omgevingswet, vervolgens moet dit worden aangepast naar het toegenomen vermogen.
32
TenneT-uitbreiding hoogspanningsstation Tilburg Noord BOPA projectnummer 0497036.100 24 juni 2025 TenneT TSO B.V.
Deze aanpassing wordt vastgelegd door wijziging van het Omgevingsplan. In paragraaf 0 van voorliggende onderbouwing wordt alvast een doorkijk gegeven naar de nieuwe situatie als transformatorvermogen is toegevoegd. In hoofdstuk 5 wordt de voorgenomen ontwikkeling getoetst aan de eis van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. In dit hoofdstuk wordt per omgevingsaspect verder ingegaan op deze relevante instructieregels voor de TenneT-uitbreiding (BOPA). Op basis van voorliggende motivering kan worden geconcludeerd dat de beoogde ontwikkeling past binnen de uitgangspunten van het Bkl.
4.1.3
Maatschappelijke behoefte Nederland wil in 2050 alleen nog energie uit duurzame bronnen gebruiken. Om van veel nieuwe, duurzame energiebronnen gebruik te kunnen maken, is er uitbreiding en aanpassing van de energie-infrastructuur nodig. Daarom werkt de overheid samen met bedrijven en netbeheerders aan de toekomstige infrastructuur voor duurzame energie. Het grote doel is om stapsgewijs naar klimaatneutraliteit in 2050 te werken. In 2030 moet minimaal 27% van alle gebruikte energie in Nederland uit duurzame bronnen komen. En in 2050 moet de overgang naar klimaatneutrale energievoorziening klaar zijn. Mensen, bedrijven en organisaties hebben al veel actie ondernomen om duurzame energie te kunnen opwekken en gebruiken. Dit ging de afgelopen jaren steeds sneller. De benodigde uitbreiding van het elektriciteitsnet kon dit hoge tempo niet bijhouden. De huidige energie-infrastructuur is onvoldoende om aan de duurzame energievraag van de toekomst te voldoen met netcongestie tot gevolg. Bij de aanleg van het nieuwe energiesysteem moet rekening gehouden worden met de overgang van fossiele naar duurzame energiebronnen en een stijging van de energiebehoefte. Om in de toekomst voldoende duurzame energie af te nemen en op te wekken, is onder andere de uitbreiding van bestaande -, en de realisering van nieuwe hoogspanningsstations benodigd.
Toetsing en conclusie De voorliggende uitbreiding van een hoogspanningsstation draagt bij aan de maatschappelijke behoefte om gebruik te maken van duurzame energiebronnen en netcongestie tegen te gaan. De nut en noodzaak van de voorliggende uitbreiding is verder uitgewerkt in paragraaf 2.5.
4.1.4
Ladder voor duurzame verstedelijking De ladder voor duurzame verstedelijking is een instructieregel voor zorgvuldig ruimtegebruik en tegengaan van leegstand. De instructieregel in artikel 5.129g Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) regelt dat bij een wijziging van het omgevingsplan voor een nieuwe stedelijke ontwikkeling toepassing van de ladder is vereist. Artikel 5.129g (zorgvuldig ruimtegebruik en tegengaan van leegstand)
1.
2.
3.
Dit artikel is van toepassing op een stedelijke ontwikkeling die bestaat uit de ontwikkeling of uitbreiding van een bedrijventerrein, een zeehaventerrein, een woningbouwlocatie, kantoren, een detailhandelsvoorziening of een andere stedelijke voorziening en die voldoende substantieel is. Voor zover een omgevingsplan voorziet in een nieuwe stedelijke ontwikkeling, wordt met het oog op het belang van zorgvuldig ruimtegebruik en het tegengaan van leegstand in het omgevingsplan rekening gehouden met: a. de behoefte aan die stedelijke ontwikkeling; en b. als die stedelijke ontwikkeling is voorzien buiten het stedelijk gebied of buiten het stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van stedelijk gebied: de mogelijkheden om binnen dat stedelijk gebied of binnen dat stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van stedelijk gebied in die behoefte te voorzien. Voor de toepassing van het tweede lid, onder b, wordt tot het stedelijk gebied niet gerekend een stedelijke ontwikkeling waarvoor: a. op grond van het omgevingsplan een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit is vereist; en b. nog geen toepassing is gegeven aan het tweede lid.
33
TenneT-uitbreiding hoogspanningsstation Tilburg Noord BOPA projectnummer 0497036.100 24 juni 2025 TenneT TSO B.V.
4.
Als een omgevingsplan voorziet in de vestiging van een dienst als bedoeld in artikel 1 van de Dienstenwet en de beoordeling van de behoefte aan een stedelijke ontwikkeling betrekking heeft op de economische behoefte, de marktvraag of de mogelijke of actuele economische gevolgen van die vestiging, heeft die beoordeling alleen tot doel na te gaan of de vestiging van een dienst in overeenstemming is met een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
Toetsing en conclusie Met dit plan wordt de uitbreiding van een hoogspanningsstation mogelijk gemaakt. Op basis van de uitspraak van 24 februari 2016, ECLI:NL:RVS:2016:465 (Inpassingsplan DW380 Doetinchem – Voorst) en de uitspraak van 26 april 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1123 (Hollands Kroon) wordt een hoogspanningsverbinding en transformatorstation niet als een nieuwe stedelijke ontwikkeling gezien. Een toetsing aan de Ladder is daarom niet benodigd. De Ladder vormt geen belemmering voor de onderhavige ontwikkeling.
4.2
Provinciaal beleid
4.2.1
Omgevingsvisie Noord-Brabant Op 14 december 2018 hebben de Provinciale Staten de omgevingsvisie Noord-Brabant 'De kwaliteit van Brabant, Visie op de Brabantse leefomgeving' vastgesteld. Met de omgevingsvisie formuleert de provincie haar ambitie over hoe de Brabantse leefomgeving er in 2050 uit moet zien. Daarbij stelt zij tussendoelen voor 2030, maar legt nu nog niet vast hoe zij die doelen wil bereiken. De provincie wil daarmee ruimte bieden voor inbreng vanuit partijen en disciplines. Met de visie geeft de provincie aan wat zij belangrijk vindt voor de verbetering en duurzame ontwikkeling van Brabant. Daarbij legt zij de focus op vier hoofdopgaven voor de middellange en lange termijn: 1. 2. 3. 4.
Brabantse energietransitie: om Brabant op termijn energieneutraal te maken moeten we minder energie gebruiken en meer duurzame energie op gaan wekken. Slimme netwerkstad: de manier waarop we ons verplaatsen verandert en we stellen andere eisen aan steden. Dit heeft gevolgen voor het netwerk van steden en dorpen. Klimaatproof Brabant: als gevolg van klimaatverandering krijgen we meer extremen in temperatuur en neerslag. Hoe gaan we deze gevolgen aanpakken? Concurrerende, duurzame economie: Brabant wil top kennis- en innovatieregio blijven, waarbij de omslag naar een circulaire economie nodig is en digitalisering steeds belangrijker wordt.
De vier hoofdopgaven komen voort uit de basisopgave en zijn daarmee ook verankerd. Deze basisopgave betreft het werken aan veiligheid, gezondheid en omgevingskwaliteit. Elke ontwikkeling in Brabant moet bijdragen aan een goede omgevingskwaliteit. Werken aan de Brabantse energietransitie Het doel binnen de provincie Brabant is het 100% verduurzamen van energie tot 2050. Tot 2030 is het doel om broeikasgassen ten opzichte van de uitstoot in 1990 ten minste met 50% te reduceren en ten minste 50% duurzame energie te gebruiken. Om het doel te behalen wordt een tweesporenbeleid door de provincie gehanteerd, namelijk: • Verminderen energieverbruik; en • Verduurzaming energie Werken aan een klimaatproof Brabant Het doel binnen de provincie is om Brabant klimaatbestendig en waterrobuust in te richten tot 2050. Het doel is om tot 2030 de eerste grote gebiedsopgaven ten behoeve hiervan te realiseren. Werken aan de slimme netwerkstad Het doel van de provincie tot 2050 is het stedelijk netwerk van Brabant te laten functioneren als één samenhangend duurzaam en concurrerend netwerk van steden en dorpen als onderdeel van de Noordwest-
34
TenneT-uitbreiding hoogspanningsstation Tilburg Noord BOPA projectnummer 0497036.100 24 juni 2025 TenneT TSO B.V.
Europese metropool. Het doel tot 2030 is voor Brabantse partijen om te werken aan de transformatie van het bestaand bebouwd gebied. Werken aan een concurrerende en duurzame economie Het doel tot 2050 is voor de provincie op Brabant het top kennis- en innovatieregio in Europa te maken. Tot 2030 streeft de provincie er ook naar om Brabant de top-kennis en innovatieregio in Europa te maken. Toetsing en conclusie De voorgenomen ontwikkeling maakt een uitbreiding van hoogspanningsstation Tilburg Noord mogelijk. De uitbreiding van een hoogspanningsstation draagt bij aan het versterken van het elektriciteitsnet. Hierdoor kan het stijgende aanbod van duurzame elektriciteitsproductie, zoals zonne- en windenergie op het netwerk worden aangesloten. Het hoogspanningsstation zorgt voor het transport en de aansluiting van duurzame energie op het net. De voorgenomen ontwikkeling draagt bij aan de energietransitie opgave voor Brabant. De omgevingsvisie is vertaald in de (TAM-) Omgevingsverordening Noord-Brabant. Hieraan wordt getoetst in de volgende paragraaf. De voorgenomen ontwikkeling is in lijn met de Brabantse Omgevingsvisie.
4.2.2
Omgevingsverordening Noord-Brabant Artikel 2.6 van de Omgevingswet bepaalt, dat Provinciale Staten één omgevingsverordening vaststellen waarin de provinciale regels over de fysieke leefomgeving zijn opgenomen. De provincie heeft al eerder een Interim omgevingsverordening vastgesteld waarin de bestaande regels zijn samengevoegd. Inmiddels is de definitieve omgevingsverordening vastgesteld en in werking. In de omgevingsverordening worden, in tegenstelling tot de interim verordening, ook beleidswijzigingen verwerkt. De regels van de Interim omgevingsverordening zijn gehanteerd als uitgangspunt. De belangrijkste wijzigingen zijn: 1. 2. 3. 4. 5.
Er is aansluiting gezocht bij de opbouw van de rijksregels. Diverse nadere regelingen zijn in de Omgevingsverordening verwerkt. Vanwege het vervallen van de Wet bodembescherming zijn nieuwe regels opgenomen om verontreiniging van het grondwater te voorkomen. Het voorstel is om daarvoor ook voorbeschermingsregels vast te stellen. De aanwijzing van voor verzuring gevoelige kwetsbare gebieden (Wav-kaarten) is vervallen. De rechtstreeks werkende regels voor de ontwikkeling van veehouderij en mestbewerking vervallen. Het voorstel is om die te vervangen door voorbeschermingsregels. Er is een attentiezone geluid opgenomen langs provinciale wegen waarbinnen aandacht wordt gevraagd voor het oprichten van geluidgevoelige bebouwing.
In de omgevingsverordening staan regels voor: 1.
2.
Burgers en bedrijven: dit zijn zogenaamde rechtstreeks werkende regels voor activiteiten. Deze regels bevatten voorwaarden om zo'n activiteit te verrichten en geven ook aan of je bijvoorbeeld eerst een melding moet doen voordat je mag beginnen. Bestuursorganen van de overheid: dit zijn zogenaamde instructieregels. Met deze regels kan de provincie een opdracht geven aan gemeenten over onderwerpen die zij in het bestemmingsplan moeten opnemen of aan het waterschap over de manier waarop ze hun taken uitvoeren.
Rechtstreeks werkende regels voor burgers en bedrijven Het gaat hier om regels die naast een eventuele vergunningplicht gelden. Er zijn in de Omgevingsverordening voor de volgende thema's rechtstreekse regels opgenomen: grondwaterbescherming, grondwateronttrekking, bodemsanering, stortplaatsen, ontgrondingen, varend ontgassen, stiltegebied, wegen, natuur en landbouw. De meeste van deze regels waren eerst opgenomen in de Provinciale milieuverordening, de Verordening wegen, de Verordening ontgrondingen en de Verordening natuurbescherming. Instructieregels voor gemeenten De instructieregels gelden voor bestemmingsplannen en voor omgevingsvergunningen waarmee van het bestemmingsplan wordt afgeweken. De regels zijn een doorvertaling van het provinciale beleid uit de Omgevingsvisie Noord-Brabant.
35
TenneT-uitbreiding hoogspanningsstation Tilburg Noord BOPA projectnummer 0497036.100 24 juni 2025 TenneT TSO B.V.
Toetsing Binnen de instructieregels van de omgevingsverordening voor het omgevingsplan en afwijkingsvergunningen van de gemeente zijn basisprincipes voor een evenwichtige toedeling van functies opgenomen. Bij een evenwichtige toedeling van functies dient invulling gegeven te worden aan een goede omgevingskwaliteit met een veilige, gezonde leefomgeving. De zorgplicht voor een goede omgevingskwaliteit (artikel 5.7 omgevingsverordening) is in deze verordening opgenomen om een bijdrage te leveren aan een juiste balans tussen beschermen en benutten. Voor een goede omgevingskwaliteit en een veilige, gezonde leefomgeving wordt rekening gehouden met: • • •
Zorgvuldig ruimtegebruik (artikel 5.8 omgevingsverordening); Toepassing van de lagenbenadering (artikel 5.9 omgevingsverordening); Meerwaardecreatie (artikel 5.10 omgevingsverordening).
Zorgvuldig ruimtegebruik (artikel 5.8 omgevingsverordening) Met zorgvuldig ruimtegebruik wordt bedoeld dat het plan bijdraagt aan de zorg voor het behoud en de bevordering van de ruimtelijke kwaliteit van het daarbij betrokken gebied en de naaste omgeving, waaronder in ieder geval een goede landschappelijke inpasbaarheid. Dit wordt verder behandeld in paragraaf 5.2.1. Daarnaast wordt in het landschapsplan ook aandacht gegeven aan de inpassing van de voorgenomen ontwikkeling. De ontwikkeling wordt ingepast in de omgeving door het toevoegen van groene aspecten, zoals grasland, struweelhagen, struweelranden en bomengroepen. De gedetailleerde uitwerking zit in het landschapsplan (zie bijlage 1). Toepassing van de lagenbenadering (artikel 5.9 omgevingsverordening) De toepassing van de lagenbenadering omvat het effect van de ontwikkeling op de lagen in onderlinge wisselwerking met elkaar en het actief benutten van de factor tijd. De gewenste uitbreidingsrichting moet aanvaardbaar zijn. De intensiteit van de afweging hangt af van het gebied en de ontwikkeling. Naarmate een ontwikkeling minder inbreuk maakt op de leefomgeving of de omgevingskwaliteit, is ook de afweging minder indringend. Ondergrond: Tilburg ligt in een zone met dekzandruggen. Hieruit kan geconcludeerd worden dat het projectgebied ook in een dekzandlandschap ligt.
Het projectgebied valt onder het bodemprofiel: ‘hoge zwarte enkeerdgronden; lemig fijn zand’ (Atlas leefomgeving). In het projectgebied dient er lokaal rekening gehouden te worden met de aanwezigheid van leem in de ondergrond. De verwachting is dat de infiltratiecapaciteit binnen het projectgebied voldoende is voor het toepassen van infiltratievoorzieningen, hierover wordt nader ingegaan in 5.2.7. Het projectgebied ligt op een hoogte van circa 13 meter + NAP en er is in het projectgebied sprake van een geringe refliëf (AHN-viewer). Door het geringe reliëf en de zandige bodem vormt het projectgebied een gunstige plek voor de uitbreiding van het hoogspanningsstation. Netwerk: In de omgeving van het projectgebied zijn drie NNB-gebieden aanwezig. Op 560 meter, 540 meter en 600 meter van het projectgebied bevinden zich NNB-gebieden, respectievelijk gebieden 1, 2 en 3 genoemd. Gebied 1 ligt ten westen van het plangebied en is van het natuurtype ‘droog bos’. Gebied 2 ligt ten noorden van het plangebied en is ook van het natuurtype ‘droog bos’. Gebied 3 ligt ten noordoosten van het plangebied en is van het natuurtype ‘kruiden- en faunarijk grasland’. Het projectgebied bevindt zich aan de rand van Tilburg en is in de bestaande situatie een agrarisch perceel en kent weinig landschappelijke en ecologische waarden.
Het projectgebied wordt in de directere omgeving omgrenst door de Moerstraat, Pater Dondersstraat, Sibeliusstraat en de Kalverstraat. In de nabije omgeving geldt de Stokhasseltlaan als de belangrijkste ontsluitingsweg richting de N261. Het gebied heeft in de huidige situatie geen recreatieve waarden. Occupatie: Het projectgebied is gelegen aan de rand van Tilburg-Noord in het landelijk gebied. Direct ten zuiden van het projectgebied bevindt zich de woonwijk Heikant. Ten westen van het projectgebied bevindt zich het huidige hoogspanningsstation Tilburg-Noord en een woning en de Familiewok aan de Kalverstraat. Ten noorden bevindt 36
TenneT-uitbreiding hoogspanningsstation Tilburg Noord BOPA projectnummer 0497036.100 24 juni 2025 TenneT TSO B.V.
zich een uitgestrekt agrarisch gebied. Ten oosten van het projectgebied bevinden zich enkele woningen en onder andere de horeca voorziening ‘Bij Peerke Donders’. Conclusie: Op basis van bovenstaande kan opgemaakt worden dat de gewenste uitbreiding van het hoogspanningsstation mogelijk is en dat de belemmeringen van de bestaande en potentiële kwaliteiten niet te verwachten zijn. Het projectgebied is geschikt voor de uitbreiding van de bedrijfsbestemming. Meerwaardecreatie (artikel 5.10 omgevingsverordening) Meerwaardecreatie omvat een evenwichtige benadering van de economische, ecologische en sociale aspecten die in een gebied en bij een ontwikkeling zijn betrokken, waaronder de mogelijkheid om opgaven en ontwikkelingen te combineren waardoor er meerwaarde ontstaat en de bijdrage van een ontwikkeling aan andere opgaven en belangen dan die rechtstreeks met de ontwikkeling gemoeid zijn. Het projectgebied betreft een agrarisch perceel. De uitbreiding van het hoogspanningsstation wordt zorgvuldig landschappelijk ingepast en gaat gepaard met een kwaliteitsverbetering van de bredere omgeving in de vorm van een landschapsplan. Deze investering leidt tot een ecologische meerwaarde van de omgeving. Daarnaast heeft de uitbreiding van het hoogspanningsstation een economische meerwaarde voor het gebied.
Met de uitbreiding van het hoogspanningsstation wordt ingespeeld op de netcongestie en de tekorten aan netcapaciteit in Tilburg en omgeving. Door de uitbreiding kunnen nieuwe bedrijven of woningbouwontwikkelingen weer worden aangesloten op het net. Onderstaand worden de relevante werkingsgebieden met daaruit volgende rechtstreekse regels voor het projectgebied behandeld. Kaart 1: rechtstreeks werkende regels: milieubeschermingsgebieden, natuur, water en wegen Vanuit deze kaart is het projectgebied aangewezen als een gebied waar beperkingen voor veehouderijen gelden en geen attentiezone voor waterhuishouding is. Met de voorgenomen ontwikkeling wordt geen veehouderij toegestaan en/of mogelijk gemaakt. Ook is het een diepgrondwaterlichaam. De watergerelateerde aspecten worden beoordeeld in de weging van het waterbelang in hoofdstuk 5, paragraaf 5.2.3. Kaart 2 Instructieregels gemeenten: aardkundige, cultuurhistorische en groenblauwe waarden In het projectgebied liggen geen aardkundige, cultuurhistorische en/of groenblauwe waarden. Instructieregels met betrekking tot dit onderwerp zijn niet van toepassing op voorliggende ontwikkeling. Kaart 3: Instructieregels gemeenten: natuur en stiltegebieden De effecten op beschermde natuurgebieden worden beoordeeld in de natuurtoets, zie hiervoor hoofdstuk 5, paragraaf 5.2.4.
Kaart 4: Instructieregels gemeenten: grondwaterbescherming, waterveiligheid en -berging De watergerelateerde aspecten worden beoordeeld in de weging van het waterbelang, zie hiervoor hoofdstuk 5, paragraaf 5.2.3. Kaart 5: Stedelijk gebied, Landelijk gebied, Natuur Netwerk Brabant Dit betreffen regels over het landgebruik met betrekking tot landelijk gebied. Het projectgebied is aangewezen als landelijk gebied. Een omgevingsplan of BOPA kan echter voor een concreet initiatief een bouw- of gebruiksactiviteit mogelijk maken als de bouw- of gebruiksactiviteit door meerwaardecreatie bijdraagt aan algemene belangen zoals energietransitie, klimaat, circulariteit en verduurzaming (artikel 5.14, lid 1d). Dit maatwerk is van toepassing op de voorliggende ontwikkeling. De uitbreiding van het hoogspanningsstation draagt bij aan de energietransitie. Daarnaast betreft de ontwikkeling een niet-agrarische activiteit in het landelijk gebied. Een omgevingsplan kan voorzien in een redelijke uitbreiding van een bestaande niet-agrarische activiteit, met uitzondering van een activiteit als bedoeld in Artikel 5.75 Mestbewerking, als dat vanuit een goede omgevingskwaliteit met een veilige, gezonde leefomgeving qua omvang, effect op omliggende functies en ontsluiting past in de omgeving 37
TenneT-uitbreiding hoogspanningsstation Tilburg Noord BOPA projectnummer 0497036.100 24 juni 2025 TenneT TSO B.V.
(artikel 5.78, lid 4). De uitbreiding van het hoogspanningsstation wordt zorgvuldig ingepast in de omgeving. Zowel tijdens de realisatiefase als de gebruiksfase is voor veiligheid gekeken naar de meest optimale situatie. Daarnaast wordt met het landschapsplan ingespeeld op de omgevingskwaliteit en een beperkt effect op de omliggende functies. Voor ontwikkelingen in het landelijk gebied geldt daarnaast dat deze gepaard gaan met een fysieke verbetering van de landschappelijke kwaliteit van het gebied (artikel 5.11, lid 1). Er wordt onderscheid gemaakt in de reguliere inpassing van de ontwikkeling en de kwaliteitsverbetering van het landschap. De kwaliteitsverbetering van het landschap is daarbij aanvullend op de reguliere inpassing van het initiatief. De ontwikkeling bevindt zich in landelijk gebied waardoor een landschappelijke inpassing en kwaliteitsverbetering van het landschap benodigd is. Hiervoor is een landschapsplan opgesteld. De reguliere landschappelijke inpassing wordt in meer detail beschreven in hoofdstuk 5, in paragraaf 5.2.1. In het landschapsplan is ook een voorstel opgenomen met betrekking tot de vereiste kwaliteitsverbetering van het landschap, deze zal als voorwaarde aan de te verlenen vergunning worden gekoppeld en privaatrechtelijk geborgd in een anterieure overeenkomst.
Uitbreiding hoogspanningsstation Tilburg Noord (Omgevingsplanwijziging) De realisatie en instandhouding van het landschapsplan zal via de wijziging van het Omgevingsplan die in een latere fase door Enexis wordt aangevraagd tevens worden geborgd in een voorwaardelijke verplichting in de regels. Kaart 6: Instructieregels gemeenten: specifieke ontwikkelingen en maatwerk in Landelijk gebied Vanuit deze kaart is het projectgebied aangewezen als een gebied waar instructieregels gelden voor beperkingen van veehouderijen in het landelijk gebied. Met de voorgenomen ontwikkeling wordt geen veehouderij toegestaan en/of mogelijk gemaakt. Kaart 7: Instructieregels voor waterschappen: watersystemen, - veiligheid en -berging Vanuit deze kaart is het projectgebied aangewezen als een gebied waar instructieregels gelden voor de norm van wateroverlast buiten stedelijk gebied. De watergerelateerde aspecten en de toetsing aan het waterschapbeleid worden beoordeeld in de weging van het waterbelang in hoofdstuk 5, paragraaf 5.2.3. Kaart 8: Instructieregels gemeenten, waterschappen en Gedeputeerde Staten: infrastructuur Vanuit deze kaart is het projectgebied niet aangewezen als een gebied waar instructieregels gelden voor gemeenten, waterschappen en Gedeputeerde Staten. Instructieregels met betrekking tot dit onderwerp zijn niet van toepassing op voorliggende ontwikkeling.
Conclusie Het voornemen is in lijn met de Omgevingsverordening Noord-Brabant.
4.3
Gemeentelijk beleid
4.3.1
Omgevingsvisie Tilburg 2040 Op 21 september 2015 heeft de Raad de Omgevingsvisie Tilburg 2040 vastgesteld. De Omgevingsvisie richt zich op Tilburg als vitale, duurzame stad in een moderne netwerksamenleving. De ontwikkelingen in de economie, de maatschappij en de leefomgeving gaan niet ten koste van elkaar, maar sluiten op elkaar aan en versterken elkaar. People, planet en profit zijn in balans. People: Het is prettig wonen en werken in Tilburg, een stad met veel verschillende woonbuurten en verschillende soorten werklocaties. De woonmilieus passen bij de leefstijl van de mensen. Planet: We gaan voor een gezonde en leefbare stad, anticiperen op de effecten van klimaatverandering, zoals hitte, droogte en hogere temperaturen. In het economisch systeem wordt herbruikbaarheid van producten en grondstoffen steeds belangrijker. Verder krijgen groen en water een steeds prominentere rol in de stad. De grote natuurgebieden om de stad zijn met elkaar verbonden. Dat versterkt het ecologisch systeem en de veerkracht van de natuur. 38
TenneT-uitbreiding hoogspanningsstation Tilburg Noord BOPA projectnummer 0497036.100 24 juni 2025 TenneT TSO B.V.
Profit: Om ook in de toekomst sterk genoeg te zijn, wil Tilburg de kracht van BrabantStad benutten. Tilburg is een stad die mensen kansen biedt: op aangenaam werk en op een fijne woon- en leefomgeving. Om antwoord te geven op de vraag hoe we dit gewenste toekomstbeeld samen met burgers en partners in de stad voor elkaar kunnen krijgen volgt de Omgevingsvisie Tilburg 2040 een strategie met drie sporen: • de Brabantstrategie • de Regiostrategie • de Stadsstrategie. Brabantstrategie: Tilburg kiest voor de kracht van stedelijke samenwerking Samen met de andere Brabantse steden wil Tilburg de kracht van het stedelijk netwerk BrabantStad versterken. Om de benodigde schaalsprong naar een stedelijk netwerk te kunnen maken, moet Tilburg aantrekkelijk bereikbaar en concurrerend zijn. Aantrekkelijk: Tilburg wil een aantrekkelijke stad zijn waar mensen graag wonen en werken, en waar het voor bedrijven interessant is om zich te vestigen. Niet alleen moet het aanbod van voorzieningen in de stad zelf aansprekend en hoogwaardig zijn, ook de groene omgeving en religieus en historisch erfgoed zijn belangrijke factoren. Bereikbaar: goede verbindingen (weg, water, rail én digitaal) met de andere Brabantse steden zijn essentieel voor een sterk stedelijk netwerk.
Concurrerend: En duurzame concurrentiekracht kent in Tilburg twee belangrijke pijlers, namelijk kennis & creativiteit en smart industries. Concreet richt de Brabantstrategie zich op vier stedelijke knooppunten en drie stadsregionale parken. De vier stedelijke knooppunten: • Binnenstad van de 21e eeuw • Tilburg University Campus: kennisontwikkeling en -toepassing • Modern Industrieel Cluster Vossenberg-Loven • Modern Industrieel Cluster Midden-Brabant De drie stadsregionale parken zijn: • Stadsregionaal park Moerenburg - Koningshoeven • Stadsregionaal park Stadsbos013 • Stadsregionaal park Noord De regiostrategie: de kracht van Tilburg als centrumstad Bij de regiostrategie draait het om Tilburg in haar rol als centrumstad; Tilburg als belangrijke spil in de regio Hart van Brabant. Een goed bereikbare stad, waar bewoners uit de gehele omliggende regio graag komen voor werk, hoogwaardige medische zorg, uitstekend onderwijs, een compleet aanbod van winkels en spannende cultuur. Waar bedrijven hun ambities optimaal kunnen ontplooien. En waar het uitstekend (meerdaags) recreëren is. Een sterke stad kan niet zonder een sterke regio; omgekeerd geldt dat een sterke regio niet zonder een sterke stad kan. De regiostrategie richt zich op drie stedelijke knooppunten en twee regionale ecologische verbindingszones ten westen en oosten van de stad.
De drie stedelijke knooppunten zijn: • Bedrijvenpark Zuid • Zorgcluster Leijpark • Duurzaam energielandschap Noord De twee ecologische verbindingszones: • Aan de oostzijde bestaat de verbinding uit ecologische stapstenen in het bestaande landschap en agrarisch productiegebied. • Aan de westzijde van de stad bestaat de verbinding uit een fijnmazig netwerk van ecologische verbindingszones langs wegen en waterlopen.
39
TenneT-uitbreiding hoogspanningsstation Tilburg Noord BOPA projectnummer 0497036.100 24 juni 2025 TenneT TSO B.V.
De stadsstrategie: leefbaarheid met oog voor de menselijke maat De stadsstrategie richt zich op het realiseren van prettig leefbare wijken, dorpen en buitengebied. Hoofdpunten van de stadsstrategie zijn: • Ruimte voor zelf- en samenredzaamheid in wijken en buurten • Basis op orde: wijken zijn schoon, heel en veilig • Vitale wijkeconomie: dynamiek en ondernemerschap in de wijk • Brandpunten in wijken zorgen voor dynamiek, ontmoeting en sociale binding. • Differentiatie in woonmilieus: aansluiten bij de leefstijlen van bewoners • Cultureel erfgoed: het verhaal van Tilburg centraal • Groen en water in de stad: toegankelijk en zichtbaar • Goede bereikbaarheid van wijken en buurten borgen • Betere verbinding stad en buitengebied: groene inprikkers • Economische vitaliteit van het landschap behouden en versterken Functie van de Omgevingsvisie De Omgevingsvisie Tilburg 2040 is een koers- en inspiratiedocument. Het is een kompas voor investeringen in het fysieke domein. Een uitnodiging aan de stad om samen te werken aan de ontwikkeling van een stad waar het fijn wonen, werken, leven en recreëren is. De visie biedt burgers en bedrijven ruimte om initiatief te ontplooien en reikt de gemeente handvatten aan om haar strategie af te stemmen op het geschetste toekomstperspectief.
De Omgevingsvisie Tilburg 2040 geeft ook richting aan de inzet van de gemeente; in welke onderdelen de gemeente haar geld, tijd en bestuurskracht investeert. En welke prioriteiten daarbij gelden. Toetsing en conclusie Eén van de drie stedelijke knooppunten uit de regiostrategie is het Duurzaam energielandschap Noord. Onderdeel hiervan is streven naar een klimaat neutraal Tilburg. De energietransitie is hiervan een belangrijk onderdeel. De voorliggende ontwikkeling draagt bij aan het mogelijk maken van de energietransitie. Daarbij is één van de hoofdpunten uit de stadsstrategie ‘de basis op orde: wijken zijn schoon, heel en veilig’. Het belang van een goede energievoorziening is hieronder te plaatsen. Het planvoornemen past daarom in de gemeentelijke omgevingsvisie.
4.3.2
Bestuursakkoord ‘Meer voor elkaar’ Het Akkoord ‘Meer voor elkaar’ betreft het bestuursakkoord voor de raadsperiode 2022 tot 2026. In dit akkoord staan doelen, koers en aanpak beschreven met betrekking op gezondheid, jeugd, kansengelijkheid, energietransitie, verduurzaming van de bestaande woon- en werkomgeving, groen in de stad, mobiliteit, openbare ruimte, nieuwe woningen, werkgelegenheid, kunstcultuur, evenementen en sport. Toetsing en conclusie Een van de opgaven binnen het bestuursakkoord betreft ‘Tilburg Groen en Duurzaam’. De opgave ‘Tilburg Groen en Duurzaam’ heeft tot doel de kwaliteit van de bestaande stad te verbeteren. Het richt zich op energietransitie, klimaatadaptatie, de kwaliteit van bestaande woningen, groen in en om de stad, de mobiliteitstransitie en de openbare ruimte. De verduurzaming van de bestaande woon- en werkomgeving wordt mede gerealiseerd door de Regionale Energie en Klimaat Strategie (REKS). Zo wordt ingezet op zonne- en windenergie, opgewekt in energiehubs in en rond de stad. In het bestuursakkoord wordt ook de congestie op het energienet geconstateerd en de belemmeringen die dat oplevert voor de energietransitie. Met de ontwikkeling wordt bijgedragen aan de opgave tot verduurzaming van de bestaande woon en werkomgeving.
Door de uitbreiding van het hoogspanningsstation ontstaat er meer capaciteit op het energienet, waardoor duurzaam opgewekte energie naar de gebruikers kan worden getransporteerd. De voorgenomen ontwikkeling sluit daarom aan op de doelstellingen uit het bestuursakkoord.
4.3.3
Bedrijvigheid Nota toekomstbestendige bedrijventerreinen Met deze nota wordt een meer kwalitatieve visie op de Tilburgse werklocaties gegeven. Enerzijds omdat de beschikbare ruimte veel beperkter is en meer onder druk staat. Anderzijds omdat de vestigingscriteria veranderen onder invloed van de verduurzamingsopgaven, de transitie naar een circulaire economie, verslimming door
40
TenneT-uitbreiding hoogspanningsstation Tilburg Noord BOPA projectnummer 0497036.100 24 juni 2025 TenneT TSO B.V.
digitalisering en robotisering en de ontwikkeling van nieuwe sectoren zoals smart industries, smart logistics en smart services (Next Economy). In de beleidsnota 'Toekomstbestendige werklocaties 2020-2025' worden de volgende ambities benoemd: • Werklocaties voorbereiden op de toekomst, door te zorgen dat de basis op orde is, werklocaties goed bereikbaar zijn en ze voldoen aan de eisen die de Next Economy stelt. Hierbij houdt men rekening met ontwikkelingen op het gebied van mobiliteit, klimaat, energietransitie en circulaire economie. • Beschikbare ruimte voor bedrijven behouden, versterken en slim benutten met als belangrijkste doelstellingen en acties: o De bedrijventerreinen voor moderne industrie en logistiek behouden en versterken. o Kritisch kijken naar nieuwe uitgifte en dit afwegen aan de hand van de maatschappelijke en economische toegevoegde waarde voor Tilburg. Dat vertaalt zich bijvoorbeeld in het aantal banen, maar ook in de wijze waarop een bedrijf een versterkend effect kan hebben voor al in Tilburg of de regio aanwezige bedrijven. o Ruimte houden voor het lokale midden- en kleinbedrijf (MKB) om zich te vestigen en door te groeien en waar nodig en kansrijk daarvoor ruimte creëren, met aandacht voor bedrijvigheid met een specifiek profiel (zoals smart logistics en smart services, starters en bedrijven met hogere milieucategorieën).
o Langs havens en Wilhelminakanaal watergebonden bedrijvigheid stimuleren. o Ruimte die binnenwijkse terreinen bieden voor bedrijvigheid, per saldo behouden. o Behoud van sterke kantoorlocaties, op andere plekken juist transformatie naar andere functies zoals mkb-werkplaatsen en/of wonen faciliteren. • Inspelen op veranderende behoeften van bedrijven en talenten door het op kansrijke locaties faciliteren van nieuwe, moderne, gemixte werkgebieden. Daarbij faciliteert men zzp'ers in de wijken optimaal, faciliteren de gemeente vraaggericht kleinschalige bedrijfsruimten en stimuleren de gemeente fysieke condities om innovatieve broedplaatsen te verbinden met andere werklocaties in de stad. De kwalitatieve benadering betekent dat ingezet wordt op versterking van het (regionale) economische ecosysteem en inzetten op versterking van de verschillende typen werklocaties zelf. Zo is het in sommige gevallen wenselijk om ondersteunende faciliteiten op bedrijventerreinen toe te staan. Hierbij kan worden gedacht aan functies zoals opleidingsvoorzieningen en truckparkings, maar ook aan ondersteunende zaken zoals wandelpaden en fietsroutes. Er moet dan wel blijken uit overleg met de vitaalverenigingen (de parkmanagementverenigingen op de Tilburgse bedrijventerreinen) dat hier een collectieve behoefte voor is.
Voor de binnenwijkse terreinen streeft Tilburg ernaar om per saldo de bedrijfsruimte te behouden, door uitplaatsing van bedrijven naar geschiktere locaties te faciliteren of door wonen met werken te mengen. Ook de gemeente nadrukkelijk naar kansen om verbinding te leggen met de wijk, om zo de terreinen vitaler te maken. Regionale agenda werken De lokale programmering van bedrijventerreinen wordt vanwege de provinciale Verordening Ruimte (gold voor inwerkingtreding van de Omgevingswet) vanaf 2012 op regionaal niveau afgestemd met de Hart-vanBrabantgemeenten. In december 2019 zijn de regionale afspraken over bedrijventerreinen vastgesteld in het bestuurlijke Regionaal Ruimtelijk Overleg (RRO) van de regio Hart van Brabant met de provincie Noord-Brabant. De regionale afspraken bedrijventerreinen bevatten de programmering van nieuwe bedrijventerreinen in de regio Hart van Brabant en wordt periodiek herbevestigd of herijkt. De regionale afspraken over bedrijventerreinen zijn gebaseerd op een prognose voor de ruimtevraag naar nieuwe bedrijventerreinen die tenminste 1 keer per bestuursperiode door de provincie wordt opgesteld. Die prognose wordt aangevuld met gegevens over al bouwrijpe beschikbare kavels, restlocaties, strategische reserves, transformatie- en herstructureringsplannen.
Op 18 december 2019 zijn nieuwe afspraken gemaakt in het Bedrijventerreinenafspraken Regio Hart van Brabant 2020-2024. In deze afspraken wordt uitgegaan van het ‘vraaggericht ontwikkelen’. Dit houdt in dat er pas mag worden ontwikkeld bij concrete vragen van bekende eindgebruikers. Vanzelfsprekend kijkt de gemeente eerst, samen met de initiatiefnemer, of die vraag niet net zo goed op een bestaand of bouwrijp bedrijventerrein kan worden geaccommodeerd. Dat gebeurt binnen de gemeente Tilburg, maar wordt ook afgestemd met gemeenten binnen de regio Hart van Brabant. Dit is in overeenstemming met de ladder voor duurzame verstedelijking. Pas als dat niet kan gaat de gemeente Tilburg over tot ontwikkeling van een nieuw bedrijventerrein. Het huidige 41
TenneT-uitbreiding hoogspanningsstation Tilburg Noord BOPA projectnummer 0497036.100 24 juni 2025 TenneT TSO B.V.
aanbod van (bouwrijpe) bedrijventerreinen wordt optimaal ingezet. Dit houdt dus ook in dat bestaande bedrijventerreinen geherstructureerd worden om de concrete vraag te laten landen. In de regionale afspraken is er het volgende over geschreven: De ontwikkeling van nieuwe terreinen kan bijdragen aan de herstructurering van bestaande terreinen. Voordat we overwegen een nieuwe bedrijfslocatie te creëren, garanderen wij dat deze niet concurreert met bouwrijpe en bestaande bedrijventerreinen. Maar de bouwrijpe bedrijventerreinen mogen ook geen blokkade vormen voor het accommoderen van vraag die daar niet past, bijvoorbeeld vanwege de schaalgrootte van een bedrijf, de verwachte milieubelasting, de gevraagde ontsluiting of de sterke lokale binding van ee n te vestigen of verhuizen bedrijf. Als een gemeente geen oplossing kan vinden in het bestaande lokale en regionale aanbod mag deze gemeente ruimte creëren voor lokaal gevestigde bedrijven: Dit dient wel te worden afgestemd met de overige gemeenten in de regio door het voor te leggen aan het regionale portefeuillehoudersoverleg (POHO) Fysiek. Het gaat dan primair om al ter plaatse gevestigde bedrijven, of bedrijven die aantoonbaar een belang hebben bij vestiging in de betreffende gemeente.
Doet zich een concrete vraag voor uitbreiding/vestigi ng van zo’n bedrijf voor, dan mag de gemeente ten behoeve van die vraag haar bedrijventerreinareaal uitbreiden. Hiervoor moet er wel unanieme instemming zijn vanuit het POHO Fysiek. Nota verkleuring Tilburgse bedrijventerreinen Het college heeft op 17 mei 2016 definitief de Aanpak verkleuring Tilburgse bedrijventerreinen vastgesteld. Voorafgaand hieraan heeft de Raadscommissie Vestigingsklimaat op 14 maart 2016 de aanpak verkleuring Tilburgse bedrijventerreinen besproken en haar wensen en bedenkingen gegeven. Het college heeft daarom een aantal uitgangspunten over het al dan niet toestaan van nieuwe soorten gebruik op bestaande bedrijventerreinen vastgesteld: • Industrie en logistieke bedrijven optimaal bedienen in hun verkleuringswensen. • Stedelijke economie en consumentgerichte stedelijke functies soms faciliteren op sommige terreinen. • Geen nieuwe solitaire kantoorfuncties; uitzondering voor kleinschalige kantoren ‘in de industriële keten’. • Ondergeschikte consumentendiensten bij werkplaatsen en ateliers mogelijk (tot 20% van vloeroppervlak). • Zelfstandige horeca: in principe niet. • Stedelijke functies: bij voorkeur in de stad. Alleen als zij op een bedrijventerrein beter passen mag het daar. • Wonen op bedrijventerreinen is niet gewenst, met uitzondering van bedrijfswoningen.
• Geen nieuwe solitaire detailhandel op bedrijventerreinen, focus op clustering, saldo-0-benadering. • Afhaalpunten (binnen strikte definitie) toegestaan. • Branchering. Géén verruiming. Concentratie woninginrichting op Leijpark/AaBé-terrein. Op de verschillende Tilburgse bedrijventerreinen spelen verschillende vormen van verkleuring. De gemeente maakt een driedeling in typen terreinen: Type 1: Terreinen voor Moderne Industrie en Logistiek De gemeente werkt mee aan de ontwikkelingen en vragen van bedrijven (verbreding en verdieping van bedrijfsactiviteiten) die passen bij de economische speerpunten van modern industrieel en logistiek cluster en kennisintensieve activiteiten. De gemeente werkt dus mee aan de verkleuring en menging als onderdeel van de transitie van bedrijfsprocessen. Daarbij denkt de gemeente vooralsnog aan shared services met opleidingscentra, laboratoria, een restaurant of informele werkplek met vergaderfaciliteiten etc. Deze terreinen zijn niet bedoeld voor wonen en stedelijke functies als (perifere) detailhandel, studio’s en ateliers, feestzalen, et cetera. Type 2: Terreinen voor gemengde bedrijven in stedelijk gebied Op de terreinen voor gemengde bedrijven in stads- of dorpsgebied is sprake van een toenemende vermenging van functies.
De gemeente werkt mee aan ontwikkelingen die passen bij het aantrekken van hoogwaardige productie- en kennisintensieve werkgelegenheid. Hiertoe staat de gemeente een grotere 42
TenneT-uitbreiding hoogspanningsstation Tilburg Noord BOPA projectnummer 0497036.100 24 juni 2025 TenneT TSO B.V.
mate van 'kantoorachtige' werkgelegenheid toe, mocht dit gewenst zijn. Denk hierbij aan installatiebedrijven, die ook het ontwerp en de voorbereiding doen. Nieuwe solitaire kantoren en detailhandelsfuncties worden op dergelijke locaties echter niet toegest aan. De gemeente zet op sommige deelgebieden in op een grotere mate van stedelijke functies dan bij andere. Hoe dichter in en op de woonomgeving, hoe minder er sprake mag zijn van (verkeers- en geluids)hinder. Type 3: Detailhandelslocaties: GDV/ PDV De gemeente wil per saldo geen toevoeging van vierkante meters detailhandel. De gemeente staat geen brancheverruiming toe op de PDV-locaties. Leijpark/AaBé terrein is het de enige woonboulevard waar nieuwe woninginrichting en GDV-branches worden toegestaan. Toetsing en conclusie De ontwikkeling past in het beleid ten aanzien van de vestiging van bedrijven, omdat ten eerste wordt bijgedragen aan het voorbereiden van werklocaties op de toekomst. Met de uitbreiding van het hoogspanningsstation wordt ingespeeld op de energietransitie en wordt voor bedrijven in de regio het gebruik van duurzame energie op den duur mogelijk gemaakt. Ten tweede wordt de beschikbare ruimte voor bedrijven versterkt en slim benut. Het hoogspanningsstation is reeds aanwezig en het verwerven van nieuwe gronden betreft slechts enkele percelen.
Ook versterkt de uitbreiding het huidige gebruik van de gronden, aangezien er meer ruimte komt op het elektriciteitsnet. De behoefte aan uitbreiding van het energienet toont ook concrete vraag van eindgebruikers zoals burgers en bedrijven aan. Zowel binnen de gemeente Tilburg als binnen de regio Hart van Brabant als landelijk is deze vraag bekend. De ontwikkeling is in lijn met het beleid met betrekking tot het vestigen van bedrijvigheid.
4.3.4
Gebiedsperspectief Tilburg Noord Tilburg heeft voor alle verschillende gebieden in de gemeente een gebiedsperspectief opgesteld. Op 16 december 2024 is door de gemeenteraad ingestemd met het gebiedsperspectief van Tilburg Noord. In het gebiedsperspectief komen alle wensen, ambities, plannen en beleid voor de toekomst van Tilburg Noord samen. Voor het maken van het gebiedspersperspectief is gebruikgemaakt van verschillende onderzoeken en beleid vanuit de rijksoverheid, provincie en gemeente. Daarnaast is er op verschillende manieren en momenten geluisterd naar de ideeën en wensen van bewoners, ondernemers en wijkpartners uit Tilburg Noord. De plannen voor Tilburg Noord moeten passen binnen zes ontwikkellijnen uit het gebiedsperspectief. Hierbij wordt zoveel mogelijk samengewerkt met bewoners, ondernemers en partners uit de omgeving. Ook wordt rekening gehouden met de betaalbaarheid en toegankelijkheid van woningen en voorzieningen. 1. Lang Leve(n) (in) Noord: Verbeteren van bestaande woningen en bouwen van nieuwe huizen, met een goede mix van woningtypes en voorzieningen voor verschillende doelgroepen. 2. Doorlopende leer- en werklijnen: Vergroten van opleidings- en werkmogelijkheden in Tilburg Noord, met voldoende studeerplekken en stageplaatsen. 3.
Gezinsvriendelijke Omgeving: Creëren van kindvriendelijke buurten met scholen als middelpunt, waar mensen elkaar kunnen ontmoeten en kinderen zich kunnen ontwikkelen. 4. Buurt Centraal: Zorgen dat bewoners dichtbij huis gebruik kunnen maken van zorg, ontmoetingsplekken en dagelijkse benodigdheden. Per buurt wordt gekeken welke voorzieningen nodig zijn. 5. Leven in de Stadsnatuur: Verbeteren van groene plekken en voorzieningen voor sport, wandelen en ontmoeten, met aandacht voor duurzaamheid en klimaatverandering. 6. Bestemming Noord: Verbeteren van openbaar vervoer, fiets- en wandelroutes en verminderen van autoverkeer in de buurten. Toetsing Een aantal van de ontwikkellijnen uit het gebiedsperspectief hebben betrekking op vernieuwing of uitbreiding van Tilburg Noord. Uitbreiding en vernieuwing vraagt meer van de huidige elektriciteitscapaciteit waardoor uitbreiding hiervan gewenst is. De voorliggende ontwikkeling is nodig om de gestelde ontwikkellijnen mogelijk te maken. Naast de zes genoemde ontwikkelingen wordt de uitbreiding van het hoogspanningsstation een aantal keer specifiek genoemd of weergegeven in het gebiedsperspectief.
43
TenneT-uitbreiding hoogspanningsstation Tilburg Noord BOPA projectnummer 0497036.100 24 juni 2025 TenneT TSO B.V.
Beleidsambities Binnen het gebiedsperspectief Tilburg Noord worden ambities van beleidsdocumenten uit de afgelopen jaren samengevat. Een van deze ambities betreft ‘Verduurzaming’, wat betrekking heeft op de verduurzaming van de bestaande voorraad, de realisering hiervan, het uitbreiden van de capaciteit en de specifieke uitbreiding van het hoogspanningsstation Tilburg Noord. Hierover wordt het volgende beschreven: “Het elektriciteitsnet en de stations dienen vanwege de grotere energievraag en het terug leveren van opgewekte stroom te worden uitgebreid. Het hoogspanningsstation Tilburg Noord wordt eveneens uitgebreid. Daarnaast zijn meer middelgrote stations in de wijken nodig”. Groenblauwe structuur Het gebiedsperspectief benadrukt het belang van een groenblauwe openbare ruimte die meer betekenis krijgt voor zowel de bewoners als voor de biodiversiteit en klimaatadaptatie. Om deze groenblauwe structuur te bewerkstelligen worden belangrijke structuren die een transformatie zullen ondergaan onderscheden. Een van deze structuren is het Landschapspark Noord. Het landschapspark gaat dienen als de “voortuin” van Noord, conform de plannen van Pauwels. In het landschapspark is ook rekening gehouden met de ontwikkeling van het hoogspanningsstation.
Een van de principes van het Landschapspark betreft dan ook; “Er is een ruimtereservering opgenomen voor de mogelijke 2e fase uitbreiding van het hoogspanningsstation van Enexis”, waarmee gedoeld wordt op de voorliggende ontwikkeling.
Figuur 4-1 Uitsnede uit groenblauw raamwerk (bron: gebiedsperspectief Tilburg Noord)
Conclusie Het planvoornemen past in het gebiedsperspectief Tilburg Noord.
4.3.5
Welstandsbeleid Bouwplannen moeten worden getoetst aan ´redelijke eisen van welstand´, zo zegt de bruidsschat (artikel 22.7 en 22.29) . Naast het omgevingsplan is het welstandsbeleid een middel om de ruimtelijke kwaliteit van de publieke omgeving te waarborgen bij de vele bouwplannen die in de stad worden gerealiseerd. Sinds 1 juli 2004 moest iedere gemeente de gehanteerde welstandscriteria vastleggen in een Welstandsnota (Woningwet), die door de raad moet worden vastgesteld. In Tilburg is dat in juni 2004 gebeurd. Nadien is de nota meerdere keren geactualiseerd (2010 en 2012). Sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet zijn de artikelen over welstand 44
TenneT-uitbreiding hoogspanningsstation Tilburg Noord BOPA projectnummer 0497036.100 24 juni 2025 TenneT TSO B.V.
in de Woningwet komen te vervallen en opgenomen als een beleidsregel, artikel 4.19 van de Omgevingswet. De afgelopen jaren heeft zich een aantal ontwikkelingen voorgedaan waardoor actualisatie van het uitwerkingsdeel noodzakelijk is. Zo zijn de Omgevingsvisie Tilburg 2040 en de structuurvisie Linten in de Oude Stad vastgesteld en zijn er verschillende nieuwe woonwijken gereedgekomen. De nota van 2012 is in navolging daarop aangevuld en bijgewerkt in 2017 en 2020. Voor het overige zijn de kaarten samengevoegd, geactualiseerd en afgestemd op het kaartbeeld van de Omgevingsvisie. Op die manier beschikt de Omgevingscommissie over een actueel toetsingskader voor de beoordeling van (bouw)plannen.