Bijlage 1. Ruimtelijk Gebiedsperspectief Udenhout oktober 2025 (webversie)
Tekst van het document
Dorpelijkheid die verbindt Dorpelijkheid is kansen scheppen voor ontmoeting. Inwoners zetten zich actief in via verenigingen, evenementen, lokale horeca en initiatieven. Fijne ontmoetingsplekken, levendige stoepen, kleinschalige straten en ‘Brabantse achterommetjes’ versterken het sociale weefsel. Die mix van geborgenheid en levendigheid is essentieel voor een inclusieve en veerkrachtige dorpsgemeenschap.
De kracht van balans De grote opgave voor de komende jaren is het vinden van de juiste balans: tussen oud en nieuw, stad en dorp, reuring en rust. Door zorgvuldig te sturen op schaal, sfeer en sociale samenhang ontstaat ruimte voor vernieuwing zonder verlies van identiteit. Zo blijft Udenhout een aantrekkelijk, vitaal en verbonden dorp, maar klaar voor de toekomst.
35
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
| Vogelvlucht impressie ruimtelijk gebiedsperspectief Udenhout
36
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
5.2 RUIMTELIJK RAAMWERK VOOR DE TOEKOMST VAN UDENHOUT We investeren in een robuust groen raamwerk van bestaande én nieuwe bomenlanen, logische wandel- en fietsroutes en een netwerk dat dorpshart, woonbuurten, station, landschap en omliggende dorpen met elkaar verbindt. Aan de zuidzijde voegen we bovendien een belangrijke nieuwe auto-ontsluiting toe: de verlenging van de Koningsoordlaan naar de Kreitenmolenstraat. Deze nieuwe route moet de druk op het bestaande wegennet binnen het dorp verlichten.
Binnen dit raamwerk geven we in de komende jaren stap voor stap invulling aan een aantal belangrijke projecten:
Ook het park De Roomley wordt doorgetrokken langs de bestaande leij aan de zuidkant van Udenhout. Daarmee ontstaat een natuurlijke nieuwe dorpsrand en een zachte overgang naar het buitengebied bij Berkhoek. Dit versterkte groen-blauwe raamwerk vormt de ruggengraat van de toekomstige ontwikkelingen in Udenhout. Het draagt bij aan samenhang in het dorp, opvang en geleiding van water, verkoeling en schaduw, bereikbaarheid en een hoge leefkwaliteit.
Een kwaliteitsimpuls van het dorpshart
De realisatie van een OV knoop en Stationsbuurt
Realiseren van veilige en aantrekkelijke wandel- en fietsroutes
Doortrekken van de Koningsoordlaan en optimalisatie en realisatie van een veilig en aantrekkelijk assenkruis
Een landschappelijk ingebed sportpark
Compacte nieuwbouw met dorps karakter
Een landschapsinclusieve afronding van het dorp die de omgeving van Udenhout beleefbaarder maakt
In de volgende paragrafen lichten we deze opgaven verder toe.
37
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
| Sleutelprojecten
38
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
| Kwaliteitsimpuls in het dorpshart
39
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
5.3 KWALITEITSIMPULS IN HET DORPSHART Het historisch centrum van Udenhout ontwikkelt zich tot een compact, levendig en groen dorpshart waar wonen, ontmoeten, leren, winkelen en ontspannen op een vanzelfsprekende manier samenkomen.
elkaar en ontstaat ruimte voor ontmoeting en bijzondere evenementen. Door de centrale ligging van het dorpshart met aantrekkelijke verbindingen naar de natuurgebieden zoals De Brand, de Leemkuilen en de Loonse en Drunense Duinen wordt het centrum bovendien een aantrekkelijke uitvalsbasis voor fietsers en wandelaars.
Sterk, levendig en ondernemend dorpshart Het dorpshart blijft een belangrijke plek voor commerciële voorzieningen, ondernemers en werkgelegenheid. We zetten in op een verbetering van het aanbod van detailhandel in het centrum van Udenhout. In het centrum kan dat bijvoorbeeld door dubbelgebruik toe te staan, waardoor het eenvoudiger wordt om ergens detailhandel of dienstverlening toe te voegen. Tegelijkertijd richten we ons op het aantrekkelijker en levendiger maken van het centrum, zodat ondernemers hun activiteiten kunnen vernieuwen en versterken en het dorpshart aantrekkelijk wordt voor bestaande en mogelijk nieuwe ondernemers in Udenhout. Op die manier draagt het dorpshart niet alleen bij aan de leefbaarheid, maar ook aan het economische perspectief van Udenhout.
Clusteren voorzieningen In het dorpshart gaan we onderzoeken of het mogelijk is verschillende functies die nu nog versnipperd zijn te bundelen, waardoor één centrale plek voor ontmoeting en verbinding ontstaat. Het voorstel is te starten met te onderzoeken of een nieuwe multifunctionele sportzaal naast de huidige Schelf mogelijk is. En om vervolgens het huidige gebouw van de Schelf samen met de nieuwe sportzaal om te kunnen bouwen tot een multifunctioneel centrum, waarin alle ontmoetingsfuncties die nu verspreid zitten in het dorp en de voorzieningen in ontmoetingscentrum ’t Plein samen komen. Op deze nieuwe plaats kan dan ook een koppeling ontstaan tussen 't Plein en de bibliotheek. En met een flexibele wand zou de sportzaal dan als dat nodig is gebruikt kunnen worden voor grotere activiteiten. Zo kunnen faciliteiten van sportzaal en ontmoetingscentrum efficiënt gedeeld worden.
Rond de Slimstraat, Kreitenmolenstraat, Theaterplaats en het Tongerloplein ontstaat een duidelijk herkenbaar en samenhangend wandel- en verblijfsgebied dat het kloppende hart vormt van het dorp. Hier versterken maatschappelijke, culturele en commerciële voorzieningen
40
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
Een verplaatsing van ontmoetingscentrum ’t Plein biedt ruimte voor een uitbreiding van basisschool de Wichelroede. Mogelijk kunnen door een vernieuwing van bestaande gebouwen en een deel nieuwbouw beide locaties van basisschool de Wichelroede worden samengevoegd tot een centrale plek in het dorpshart. In combinatie met kinderopvang kan hier een nieuw kindcentrum ontstaan. Deze ontwikkeling van de school biedt eventueel ook de kans om nieuwe functies, zoals de bibliotheek, daar onder te brengen; dit dient nog nader onderzocht te worden.
voor een mooie schooltuin en buitenspelen voor bijvoorbeeld de onderbouw en kinderdagverblijf. Deze opzet moet natuurlijk zorgvuldig met alle partijen onderzocht gaan worden. De (overige) buitenruimte kan een plek krijgen tussen bestaande school en nieuwe vleugel. Schoolplein en Theaterplaats lopen net als nu vloeiend in elkaar over, zodat ook daar weer mogelijkheden ontstaan voor gedeeld gebruik. Tijdens de pauzes is de Theaterplaats een verlengstuk van het schoolplein en buiten schooltijd kan het schoolplein mogelijk als speelplek worden gebruikt. Zo ontstaat rond de Theaterplaats een compact en levendig maatschappelijk cluster, waar de verschillende voorzieningen optimaal van elkaar gebruik kunnen maken en de Theaterplaats een meer levendige en aantrekkelijke plek wordt.
Daarmee zou de Theaterplaats kunnen uitgroeien tot een centrum voor leren, cultuur en ontmoeting. De huidige bibliotheeklocatie komt in dat geval vrij en kan in de toekomst worden benut voor één of meerdere winkels die dichter bij de supermarkt en het dorpshart willen zitten. Door functies te clusteren ontstaat synergie en wordt de ruimte efficiënter gebruikt – passend bij het dorpse karakter én de ambities voor een toekomstbestendig Udenhout.
Mogelijk is er in het dorpshart onvoldoende ruimte om alle leerlingen van basisschool de Wichelroede op termijn te kunnen huisvesten. Dit is afhankelijk van de leerlingenontwikkeling in Udenhout de komende jaren. Een alternatief scenario is om de school op twee locaties te behouden (van Heeswijkstraat en Goudsbloem) en te onderzoeken of beide locaties in de toekomst kunnen doorontwikkelen naar een volwaardig kindcentrum. We onderzoeken de mogelijkheden samen met schoolbestuur Mondiaen.
In een nieuwe vleugel in twee lagen aan het bestaande gebouw kan voldoende ruimte worden gecreeerd voor uitbreiding van de bestaande school met de lokalen van de locatie Goudsbloem, inclusief extra fietsenstallingen en berging. Het monumentale hoofdgebouw van de school met de onderbouw blijft behouden, met ruimte voor eventuele vernieuwing. Aanvullend kan ook het gebouw van St. Petrus daarbij betrokken worden voor het kinderdagverblijf en BSO. In de grote tuin tussen dit gebouw en de bestaande school ontstaat vervolgens ruimte
41
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
| Huidige situatie dorpshart
Kreitenmolenstraat
Slimstraat Theaterplaats
Tongerloplein
42
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
a
St. Lambertuskerk
b
Basisschool De Wichelroede
c
't Plein
d
Sportzaal De Schelf
e
Supermarkt
f
Gezondheidscentrum
| Schetsverkenning dorpshart
1
2
3
4
1
2 4
3
4 NB. volumes, locatie en omvang zijn indicatief
43
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
Nieuwbouw multifunctionele sportzaal naast de Schelf. De Schelf en de nieuwe sportzaal ombouwen tot multifunctioneel ontmoetingscentrum: één centrale plek voor alle ontmoetingsfuncties in het dorp. Samenbrengen en vernieuwen Wichelroede. Gebouw van St. Petrus en tuin betrekken voor kinderdagverblijf en BSO.
Slimstraat extra dorpsplein, met ruimte voor verblijf, evenementen en activiteiten. Kreitenmolenstraat versmallen, meer ruimte voor wandelen, groen en eventueel markt. Vernieuwing Theaterplaats met meer verblijfskwaliteit en groen, vernieuwen Tongerloplein, met meer parkeren, groen en verblijfskwaliteit aan de randen. Herinrichting Tongerloplein
| Inspiratiebeelden openbare ruimte verlevendigen en vergroenen
Openbare ruimte
Historische gebouwen
Ook de openbare ruimte krijgt een impuls. De Slimstraat ontwikkelt zich met alle historische panden tot een aantrekkelijke verblijfsruimte en dorpshuiskamer, met meer groen, ruimte voor terrassen en kleinschalige activiteiten, geïnspireerd op het vroegere Cultuurfestival Festipet of de Unentse Mert. Hier ontstaat ruimte voor evenementen en het verder doorontwikkelen van de horeca en andere centrumfuncties, in combinatie met de fietsroute naar de Loonse en Drunense Duinen.
Het erfgoed in het dorpshart – zoals het Raadhuis, de Lambertuskerk, historische bebouwing rond het assenkruis en Vincentius – blijven de blikvangers in het nieuwe dorpshart. Door deze monumenten via aantrekkelijke routes te verbinden, ontstaat een culturele dorpsroute, die de beleving van het dorpshart verrijkt en de geschiedenis tot leven brengt. Inzet is daarbij om het Raadhuis beter te gebruiken voor allerlei activiteiten van en in het dorp.
De Kreitenmolenstraat wordt veiliger ingericht, met bredere trottoirs, fietsparkeren en meer groen, zodat er een aantrekkelijk centrumrondje ontstaat om te wandelen. Ook hier is eventueel ruimte voor evenementen en activiteiten.
Wonen Op een aantal plekken in en rondom het dorpshart is er ruimte voor vernieuwende woonvormen, zoals geclusterde woningen, zorggeschikte woningen, CPO-projecten, wooncoöperaties en knarrenhofjes. Denk aan herbestemming van het voormalige TBV-kantoor naast het Raadhuis. Ook boven winkels of bij toekomstige herontwikkeling van de supermarkt en het gezondheidscentrum kunnen woningen worden toegevoegd. Deze nieuwe woningen dragen bij aan een levendiger centrum en bieden aantrekkelijke woonruimte voor bijvoorbeeld ouderen, kwetsbare doelgroepen en/of starters, die behoefte hebben aan nabijheid van voorzieningen en levendigheid.
De Theaterplaats wordt levendiger, met als dat haalbaar blijkt het nieuwe ontmoetingscentrum en samengevoegde school met ruimte voor groen, terrassen, activiteiten, zitplekken, speelaanleidingen en indien mogelijk een waterelement. Dit zal nader worden onderzocht. Het Tongerloplein krijgt een groener karakter met zitplekken, extra parkeergelegenheid en een nieuw lokaal kunstwerk als herkenningspunt. Zo ontstaat een dorpshart met een eigen gezicht – levendig, groen en verbonden. In overleg met de Parochie wordt nader onderzocht of het achterste gedeelte van de begraafplaats gedeeltelijk kan worden opengesteld en hier een rustige, groene wandelroute te maken tussen Theaterplaats en Kreitenmolenstraat. Zo komen die twee delen van het dorpshart letterlijk dichter bij elkaar. Een herinrichting van de openbare ruimte in het dorpshart vergroot niet alleen de verblijfskwaliteit, maar nodigt ondernemers en bewoners ook uit om hun panden en terrassen meer naar de openbare ruimte te openen of om culturele activiteiten te organiseren. Daarmee wordt het centrum niet alleen groener, maar ook levendiger.
45
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
Bereikbaarheid dorpshart
Door bezoekers te verleiden wandelend, met de fiets of scootmobiel naar het centrum te komen en door het verbeteren van doorsteekjes binnen het dorpshart kunnen bestaande parkeerplaatsen efficiënter worden gebruikt. Daarnaast kan met een andere indeling het parkeren op het Tongerloplein worden uitgebreid, in combinatie met vergroening langs de randen. Ook het optimaliseren van parkeerplaatsen aan de rand van het centrum biedt de mogelijkheid langparkeerders, zoals werknemers van de voorzieningen, daar te laten parkeren en zo de parkeerplaatsen in het centrum vooral beschikbaar te houden voor bezoekers van de voorzieningen. Goede fietsvoorzieningen en aantrekkelijke routes maken het centrum beter bereikbaar en kunnen tegelijkertijd de parkeerdruk verlagen. Fietsen stallen kost minder ruimte dan auto’s en fietsers zijn bovendien interessante klanten voor winkels, omdat zij vaker per week langskomen.
Een levendig en toekomstbestendig dorpshart ontstaat door verblijf, ontmoeting en ondernemerschap te stimuleren, met optimale bereikbaarheid via aantrekkelijke langzaamverkeersroutes en goede fietsen parkeervoorzieningen. Ook voor de auto blijven de voorzieningen in het dorpshart goed bereikbaar, de ambitie is om de Kreitenmolenstraat en Slimstraat rustiger te maken, maar nadrukkelijk open te houden voor bestemmingsverkeer. Maar met het doortrekken van de Koningsoordlaan krijgen automobilisten, die niet in het dorpshart hoeven zijn en snel het dorp in en uit willen, een aantrekkelijk alternatief buiten het dorp om. Verkeersonderzoek laat zien dat daarmee het aantal motorvoertuigen onder de 5.000 mvt/etmaal zal komen op de historische linten, zodat het daar aantrekkelijker en veiliger kan worden gemaakt voor wandelaars, scootmobielen en fietsers. Het dorpshart wordt daarmee voor alle weggebruikers veiliger en comfortabeler te bereiken en de verblijfskwaliteit in het dorpshart kan worden vergroot, zodat ze ook langer kunnen en willen blijven hangen. De ontmoetingsfunctie en economische potenties van het dorpshart worden daarmee groter. Daarnaast gaan we de parkeervoorzieningen in en om het centrum effectiever gebruiken. Uit parkeerdrukonderzoek blijkt dat er nog enige restcapaciteit beschikbaar is, niet alle parkeerplaatsen in het centrum worden goed gebruikt.
Op bepaalde momenten is het druk op bepaalde plekken, maar staan even verderop parkeerplaatsen leeg. Ook blijkt dat parkeerplaatsen bij voorzieningen, die vooral voor bezoekers beschikbaar moeten zijn, nu deels gebruikt worden door lang-parkerende werknemers. Die zouden idealiter iets verder weg parkeren, zodat het parkeren bij de voorzieningen voor de klanten beschikbaar is. We gaan onderzoeken hoe we de parkeerplaatsen zo goed mogelijk kunnen laten gebruiken, voor de juiste doelgroepen. De inschatting is dat het dan mogelijk is deze capaciteit, gecombineerd met dubbelgebruik en optimalisatie, grotendeels de aanvullende parkeervraag van nieuwe ontwikkelingen opvangt en de parkeercapaciteit voor bezoekers versterkt. Dit vraagt echter nog nader onderzoek.
46
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
| Openbaar vervoer
47
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
5.4 STATION UDENHOUT Een toekomstbestendig Udenhout vraagt om meer focus op wandelen, fietsen en openbaar vervoer. Spil in dit systeem wordt een nieuw treinstation Udenhout. Dit station versterkt de regionale bereikbaarheid met Tilburg, Oisterwijk en ’s-Hertogenbosch.
De exacte positie en invulling van het nieuwe station zal in een apart traject met de spoorpartijen worden uitgewerkt. Maar vooralsnog wordt op deze plek gedacht aan een onderdoorgang voor wandelaars en fietsers in het verlengde van de Beukenlaan. Met daaraan gekoppeld de toegangen tot de perrons en ontvangstdomeinen aan beide zijden van het spoor.
Voor Udenhout en omliggende dorpen
Direct aan deze ontvangstdomeinen, langs de perrons, is mogelijkheid om goede fietsenstallingen te maken. Fietsers stallen hun fiets en lopen direct het perron op. Aan de zuidzijde van het spoor en station komt de doorgetrokken Koningsoordlaan. Het ligt voor de hand aan deze zijde ruimte te maken voor de bushaltes, K&R en P&R-parkeerplaatsen en zo voorkomen we dat we verkeer uit de omgeving het dorp in trekken. Hier is genoeg ruimte en op die manier blijft de toegang aan de noordzijde vooral voor wandelaars en fietsers. Vanuit Udenhout is het station dan lopend of op de fiets snel, veilig en comfortabel bereikbaar. Via de Beukenlaan/ Hoevenstraat en via Van Heeswijkstraat en Sportlaan wordt het nieuwe station logisch verbonden met het dorpshart, assenkruis en zo met alle hoeken van het dorp. En via bestaande en enkele nieuwe (door)fietsroutes ook met de rest van het dorp en de omliggende dorpen.
Het nieuwe station wordt opgezet als volwaardige mobiliteitshub. Naast treinvervoer komen hier ook deelauto’s, deelfietsen en Bravoflex (flexibele busdiensten) samen. Voor Bravoflex worden mogelijk extra haltes gerealiseerd aan de Hogenakker en de Spoorakkerweg; hierover lopen nog gesprekken. Zo ontstaat een geïntegreerd vervoersknooppunt met verbindingen naar natuurgebieden als de Loonse en Drunense Duinen, wat het station ook aantrekkelijk maakt voor recreanten en toeristen die met het OV willen reizen. De hub sluit daarmee goed aan bij de ambitie om Udenhout verkeersluwer te maken en tegelijkertijd duurzaam bereikbaar te houden. Het is belangrijk dat de toekomstige locatie dus goed ontsloten kan worden voor fietsers vanuit Udenhout en omliggende dorpen, maar ook met de auto en de bus.
Voorkeurslocatie station
Door alle vervoersmodaliteiten heel compact bij elkaar te brengen ontstaat een comfortabale OV-hub en overstap. En kan het station een mooie, groene uitstraling krijgen, passend bij het kleinschalige karakter van Udenhout. Rondom is bovendien dan nog veel ruimte voor het ontwikkelen van nieuwe woningen.
In het Koersdocument Oostflank zijn twee mogelijke locaties benoemd: locatie A bij het huidige sportpark aan de Zeshoevenstraat en locatie B aan de Stationstraat, waar ooit het oorspronkelijke station van Udenhout lag. De voorkeurslocatie vanuit het gebiedsperspectief is locatie A, bij het sportpark, omdat dit essentieel is voor de toekomstige doorontwikkeling van Udenhout, maar ook een belangrijke rol speelt voor de verbinding en ontwikkeling van Berkel-Enschot. De alternatieve locatie B aan de Stationstraat is in principe onwenselijk voor de toekomst van het dorp.
Via de doorgetrokken Koningsoordlaan is deze stationslocatie ook vanuit Berkel-Enschot, Biezenmortel en Oisterwijk heel direct bereikbaar, voor zowel fietsers als auto’s en de bus. Het is waard te onderzoeken of er aanvullend nog een nieuwe fietsroute naar Oisterwijk kan worden gemaakt via de Hoolstraat. Dit is een aantrekkelijke en rustige route en een meekoppelkans daarbij is dat dan ook de bestaande overgang van de Kreitenmolenstraat ontlast kan worden voor fietsverkeer.
We zetten dus vol in op locatie A als voorkeur voor het station. De sportvelden zullen verplaatst moeten worden, maar daarmee ontstaat veel ruimte om de OV-knoop gecombineerd met een flink aantal woningen op deze plek goed in te passen. Een goede combinatie die past bij het gewenste mobiliteitsgebruik (STOMP).
48
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
| Voorkeurslocatie A station Udenhout
A
49
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
Overgangen
In principe is locatie B aan de Stationstraat ongewenst, want de ruimte is hier namelijk zeer krap, waardoor het ingewikkeld zal worden om alle gewenste vervoersmodaliteiten hier goed bij elkaar te brengen en een comfortabele overstapknoop te realiseren.
In het kader van het nieuwe station én om de Koningsoordlaan buitenom het dorp aantrekkelijk te maken, worden mogelijk ook de spoorwegovergangen aangepast. Om het autoverkeer buitenom het dorp te kunnen verleiden zal de onderdoorgang bij de Mortel ongelijkvloers worden gemaakt, omdat dit de doorstroming en de veiligheid van de route verbetert in combinatie met het doortrekken van de Koningsoordlaan. Daarnaast zal mogelijk in het kader van het inpassen van het nieuwe station ook zorgvuldig gekeken moeten worden naar de overgangen van de Kreitenmolenstraat, Udenhoutseweg en de Brem. De insteek daarbij is om de Kreitenmolenstraat gelijkvloers en open te houden.
Er is weinig ruimte voor een goede ontsluiting voor auto’s en bussen en ook de bereikbaarheid van fietsers is niet ideaal. Een spoorse onderdoorgang om de perrons te bereiken is bovendien lastig in te passen en er zal weinig mogelijkheid zijn om hier veel nieuwe woningen toe te voegen. Daarnaast zou dit ten koste gaan van waardevolle vierkante meters op bedrijventerrein Kreitenmolen, die hard nodig zijn en elders niet gecompenseerd kunnen worden. Anders dan bij locatie A bevinden zich hier wel meerdere bestaande woningen in de buurt. Ook dit maakt het inpassen van een drukke OV-knoop hier milieutechnisch ingewikkelder dan op locatie A.
Speciale aandacht vraagt de overgang van de Kreitenmolenstraat. Vanwege de vele bestaande woningen langs het historische lint is een ongelijkvloerse uitvoering waarschijnlijk niet haalbaar en bovendien niet wenselijk. Maar vanuit het dorp en de gemeente is wel de nadrukkelijke wens om deze open te houden, in verband met de bereikbaarheid van woningen en ondernemingen in het dorp en het dorpshart. Nader onderzoek zal worden gedaan hoe het open houden van de overgang Kreitenmolenstraat gecombineerd kan worden met het inpassen van het nieuwe station.
Op basis van alle afwegingen heeft locatie A de duidelijke voorkeur; locatie B wordt gezien als ongeschikt en onwenselijk voor de toekomstige ontwikkeling van het dorp. Op locatie A kan niet alleen een aantrekkelijk, goed bereikbaar station worden gerealiseerd, maar ook een bredere gebiedsontwikkeling, waarin wonen, mobiliteit, landschap en toerisme elkaar versterken. Zo wordt duurzame mobiliteit niet alleen een oplossing voor bereikbaarheid, maar een motor voor de toekomst van Udenhout. In de nadere planvorming met de spoorpartijen wordt dit verder uitgewerkt.
In de tussentijd We zetten vol in op het station, maar het gaat nog even duren voordat het zover is. In de tussentijd, dus de fase voordat het station is gerealiseerd, nemen we maatregelen om op alle vlakken voor een goede bereikbaarheid te zorgen. Allereerst reserveren we de ruimte voor het station en andere benodigde aanpassingen. Verder zetten we in op het verbeteren van de huidige busverbinding richting Tilburg. Het verbeteren van het openbaar vervoer is en blijft een belangrijke voorwaarde voor een goede mobiliteitsmix in het dorp. Daarnaast kijken we hoe we de nieuwe stationsbuurt slim kunnen laten meelopen met de ontwikkeling van het station. Dan kijken we naar de planning van de stationsbuurt maar ook de parkeeropgave.
50
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
| Verbeteren wandel- en fietsroutes
51
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
5.5 VERBETEREN WANDEL- EN FIETSROUTES Een nieuw assenkruis van fietsroutes
In Udenhout zijn veel voorzieningen al goed te bereiken te voet, met de fiets of scootmobiel. Ook de omliggende dorpen en Tilburg zijn prima bereikbaar met de (elektrische) fiets. Om dit verder te verbeteren, worden wandel- en fietsroutes binnen en buiten het dorp aangepakt. Zo wordt het aantrekkelijker om te wandelen en fietsen – voor zowel nieuwe als bestaande bewoners.
Binnen Udenhout komen veilige, comfortabele fiets- en wandelroutes die logisch aansluiten op het historische assenkruis, het dorpshart en belangrijke voorzieningen. Ook het nieuwe station wordt hiermee verbonden. Als gekozen wordt voor locatie A van het station, komt er een tweede assenkruis van fietsroutes.
Wandelen en fietsen naar het dorpshart
Dit loopt via de Hoevenstraat en Beukelaan door naar Berkhoek en mogelijk verder richting Oisterwijk. Aan de noordzijde van het spoor komt een route naar Berkel-Enschot en Biezenmortel. In combinatie met een nieuwe fietsroute langs de verlengde Koningsoordlaan ontstaat zo een sterk netwerk dat het station verbindt met zowel het bestaande dorp als de regio. Verder worden routes naar scholen, sportlocaties en winkels verbeterd, met veilige oversteekplaatsen, zoals op de Kreitenmolenstraat. Daarbij krijgt de oversteekbaarheid van De Mortel vanuit het dorp richting het nieuwe sportpark speciale aandacht in de verdere uitwerking.
Dat begint met verbeteringen in het dorp zelf. Historische linten zoals de Kreitenmolenstraat en Slimstraat worden rustiger en veiliger gemaakt. Door de rijbanen te versmallen gaat de snelheid van het autoverkeer omlaag, wordt het aantrekkelijker om te fietsen en ontstaat er meer ruimte voor bredere trottoirs. Samen met de Koningsoordlaan moet dit leiden tot lagere intensiteiten. Aanvullend wordt gekeken welke extra maatregelen mogelijk en nodig zijn om indien nodig de intensiteiten verder te verlagen. Zo wordt het aantrekkelijker om lopend, of met de scootmobiel naar het dorpshart te gaan. Tegelijk worden de wandelroutes tussen belangrijke voorzieningen in het centrum verbeterd. Fietsers vinden straks ruime, slim geplaatste fietsenstallingen vlak bij belangrijke voorzieningen.
Verbeteren regionaal fietsnetwerk Udenhout en het nieuwe station sluiten straks goed aan op het regionale fietsnetwerk. Dit netwerk wordt uitgebreid met snelle fietsroutes richting Tilburg, Den Bosch en Oisterwijk. Ook de recreatieve fietsroutes naar bijvoorbeeld de Loonse en Drunense Duinen worden meegenomen, waarbij het dorpshart van Udenhout een logische en aantrekkelijke tussenstop wordt voor fietsende recreanten.
Nieuwe bewoners op de fiets Ook bij de ontwikkeling van nieuwe woonwijken krijgen voetgangers en fietsers prioriteit. Auto’s verdwijnen zoveel mogelijk uit het straatbeeld naar eigen terrein, parkeerkoffers, of achterhoven, terwijl de openbare ruimte wordt ingericht voor wandelen, spelen, ontmoeten en groen. De fiets krijgt ook rond de woning een centrale plek: dichter bij huis dan de auto, zodat bewoners worden gestimuleerd om de fiets te gebruiken voor veel dagelijkse ritten.
52
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
| Doortrekken Koningsoordlaan en ingrepen in het assenkruis
53
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
5.6 DOORTREKKEN KONINGSOORDLAAN EN INGREPEN IN HET ASSENKRUIS In het mobiliteitsconcept voor Udenhout blijft de auto een rol spelen in de regionale bereikbaarheid. Tegelijkertijd verschuiven korte autoritten steeds vaker naar lopen, fietsen of deelmobiliteit. Dit versterkt de autobereikbaarheid voor de bewoners, bezoekers en ondernemers die wel op de hoofdwegen moeten zijn. Zo ontstaat een toekomstbestendig netwerk dat gezonde, duurzame mobiliteit bevordert en de leefkwaliteit in en rondom het dorp verbetert. Die trend draagt bij aan een veiliger, groener en leefbaarder dorp. Onderzoek van Goudappel-Coffeng laat zien dat het aantal motorvoertuigen op de hoofdwegen in het dorp – zelfs bij verdere groei – onder de 5.000 per dag kan blijven, mits een samenhangend pakket ruimtelijke maatregelen wordt genomen. Zo ontstaat een toekomstbestendig netwerk dat gezonde, duurzame mobiliteit bevordert en de leefkwaliteit in en rondom het dorp verbetert.
In de participatie is meerdere keren gesuggereerd om deze randwegstructuur aan de westzijde van het dorp door te trekken als snelle verbinding tussen de Kuil/Houtsestraat en de verlengde Koningsoordlaan. Toch is hier heel bewust niet voor gekozen. Deze extra randverbinding zou namelijk extra sluipverkeer en zwaar verkeer naar Udenhout trekken, wat de leefbaarheid en veiligheid in het dorp alleen maar meer onder druk zou kunnen gaan zetten en problemen gaat veroorzaken op andere kruisingen en routes in de omgeving. Doorgaand verkeer hoort via de hoofdwegen in de regio te rijden, niet door het dorp. Er is dus bewust gekozen om het doorgaande sluipverkeer niet te gaan stimuleren met een nieuwe verbinding aan de westzijde, maar met gerichte ingrepen in het dorp en in de brede omgeving het juist onaantrekkelijker te maken om naar en door Udenhout te gaan.
In de uitwerking zal nader onderzoek plaatsvinden om te beoordelen of de voorgestelde maatregelen voldoende zijn. Zo nodig worden aanvullende maatregelen uitgewerkt, waarbij niet alleen het assenkruis maar ook andere wegen, zoals de Heeswijkstraat, Berkelseweg en Zeshoevenstraat, worden meegenomen.
De Mortel en de Spoorakkerweg krijgen een grotere rol in de ontsluiting van het dorp. Hier is, mede door het voorstel voor een nieuw sportpark, een toename van autoverkeer te verwachten. Beide wegprofielen worden hierop geoptimaliseerd en waar nodig aangepast. De precieze verdere uitwerking, vormgeving en inpassing van de Mortel, de Spoorakkerweg en de verlengde Koningsoordlaan wordt in een later stadium samen met de direct omwonenden en bedrijven uitgewerkt. Daarbij zal veel aandacht gaan naar het beperken van overlast en het zo goed mogelijk houden van de oversteekbaarheid.
Verkeer naar de randen verplaatsen Een van de belangrijkste ingrepen is het doortrekken van de Koningsoordlaan vanaf Berkel-Enschot naar de Kreitenmolenstraat, ter hoogte van de Spoorakkerweg. Samen met de Mortel aan de noordoostzijde van Udenhout vormt deze route een goede, alternatieve ontsluitingsweg, die een aanzienlijk deel van het doorgaande verkeer uit het dorp kan weghalen. Zo ontstaat een rustiger dorpshart, zonder concessies te doen aan de bereikbaarheid van de kern en de aansluiting op de N65.
54
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
Belang van de Kreitenmolenstraat
Toekomstbestendige woonwijken en parkeren
De spoorwegovergang bij de Kreitenmolenstraat heeft niet alleen een verkeerskundige functie, maar ook een belangrijke ruimtelijke en historische waarde. Daarom wordt gestreefd naar behoud van deze overweg voor gemotoriseerd verkeer. In overleg met Pro-Rail wordt bij de uitwerking van de stationslocatie gezocht naar een passende oplossing. Een goede en betrouwbare bereikbaarheid van Udenhout is en blijft een randvoorwaarde.
Ook in nieuwe woonbuurten verschuift de focus: niet langer staat de auto centraal, maar de kwaliteit van de leefomgeving. Brede autowegen en parkeerpleinen maken plaats voor slimme ‘inprikkers’ en parkeerhoven. De auto blijft welkom, maar krijgt niet langer automatisch een plek pal voor de deur – zeker niet voor de tweede of derde auto. In ruil voor een iets langere loopafstand ontstaat er een groener, veiliger en prettiger woonmilieu.
Slimstraat en Kreitenmolenstraat versmallen
Omdat parkeerruimte in Udenhout schaars en kostbaar is, wordt bij nieuwe ontwikkelingen zorgvuldig gestuurd op parkeernormen die passen bij de omgeving. Rond het nieuwe station komt er extra aandacht voor alternatieven: een goede OV-verbinding, deelauto’s en slimme mobiliteitsoplossingen zorgen ervoor dat de auto slechts een van de opties is – niet de standaard.
Na het realiseren van de Koningsoordlaan bij Udenhout neemt de autointensiteit af op de Kreitenmolenstraat en de Slimstraat, omdat er voor bewoners die van en naar Udenhout komen een sneller alternatief wordt geboden buitenom. De Kreitenmolenstraat en Slimstraat worden niet afgesloten voor auto’s, deze blijven goed bereikbaar voor bestemmings verkeer en voor het bezoeken van de voorzieningen, maar krijgen wel een veel rustiger en vriendelijker karakter. Door de rijbanen te versmallen en de inrichting te vernieuwen, wordt de auto hier "te gast". Gemotoriseerd verkeer zal de snelheid en het rijgedrag moeten aanpassen.
Een regionale verkeersmodelstudie gaat in beeld brengen wat deze maatregelen betekenen voor de omliggende dorpen en de regio Tilburg. De investeringen in het nieuwe station en de weginfrastructuur zijn voorwaardelijk voor een verdere groei van het dorp, maar dienen meerdere, samenhangende doelen.
Bestemmingsverkeer zal er nog steeds goed kunnen komen, doorgaand verkeer en bewoners die niet in het dorpshart hoeven komen, zullen eerder kiezen voor de nieuwe route buitenom. Zij krijgen dus een aantrekkelijk alternatief. De straten worden aantrekkelijker voor verblijf, ontmoeting en evenementen, met ruimte voor groen en terrassen. De verdere invulling en vormgeving zullen in een later stadium, samen met de direct omwonenden en ondernemers, nader worden onderzocht en uitgewerkt.
55
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
| Een nieuw sportpark
56
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
5.7 EEN NIEUW SPORTPARK Udenhout in beweging
wordt voor het beregenen van de sportvelden. Op de hoger gelegen delen komen dan de sportvoorzieningen, slim geclusterd voor het delen van faciliteiten en efficiënt beheer.
Sport en bewegen zijn onmisbare schakels voor een gezond en vitaal Udenhout. Het dorp beschikt al over een breed palet aan sportvoorzieningen, waaronder de recent gerenoveerde sporthal De Roomley en gymzaal De Schelf, die vooral gebruikt wordt door de turn- en gymnastiekvereniging. Het buitenzwembad De Groene Wellen wordt vernieuwd – een bijzondere voorziening voor een dorp van deze omvang, waar al generaties hebben leren zwemmen. Verder staat in 2026 ook nog de aanleg gepland van een pumptrack naast de skatebaan aan het Kuilpad.
Een sportpark voor iedereen Het nieuwe sportpark moet niet alleen een plek voor georganiseerde sport worden. Er komt ruimte voor informele beweegmogelijkheden, zoals fitparcoursen, speelplekken en wandelroutes. Nader onderzoek en gericht gebruik van groen moeten leiden tot een beheersbaar sportpark dat uitnodigend blijft voor sporters, wandelaars en recreanten. Via een wandelverbinding met het dorp en de omliggende wijken is het terrein goed bereikbaar.
Sportpark Zeshoeven bereikt zijn grens Toch staat Udenhout op een belangrijk keerpunt. Het sportpark Zeshoeven – met velden voor voetbal, hockey, tennis en padel – ligt op een strategische locatie, waar ook ruimte nodig is voor woningbouw en mogelijk een nieuw station. Tegelijk heeft het sportpark behoefte aan verduurzaming en biedt weinig ruimte voor vernieuwing. Ook is er geen plek voor uitbreiding, bijvoorbeeld van padelbanen, terwijl de vraag hiernaar groeit.
Goede bereikbaarheid, slimme koppelingen De ligging aan de oostrand maakt het park goed bereikbaar per fiets, met snelle routes langs het spoor – ook vanuit Biezenmortel. Er komt parkeergelegenheid aan de spoorzijde van het terrein, gekoppeld aan de Mortel. Hier kan, afhankelijk van de keuze voor de stationslocatie, een P&R-functie aan worden toegevoegd. Ook is dubbelgebruik met het nabijgelegen bedrijventerrein Kreitenmolen mogelijk, bijvoorbeeld door parkeerplaatsen te delen. Bij een verdere uitwerking wordt nog onderzocht welke andere mogelijkheden er zijn voor duurzaam dubbelgebruik.
Verplaatsing naar de Mortel: meer ruimte, meer mogelijkheden Daarom wordt gekeken naar verplaatsing van het huidige sportpark en een extra tennisbaan naar de Mortel, aan de oostzijde van Udenhout. Deze locatie biedt volop kansen voor een toekomstbestendig, multifunctioneel sportpark dat meer is dan een verzameling velden. Hier kunnen sport, landschap, recreatie en waterbeheer samenkomen. Het terrein wordt zorgvuldig ingepast in het landschap, met een robuuste groene afscherming richting de woonwijk om overlast te voorkomen, het groene uitzicht te behouden en het natuurlijke karakter van het gebied te versterken. Dit is ook het momentum om met verenigingen in gesprek te gaan over samenwerking, gezamenlijk gebruik en beheer van voorzieningen en faciliteiten. Tegelijkertijd biedt dit de gelegenheid te onderzoeken of er naast de huidige voorzieningen ook ruimte is voor sporten die nog niet in Udenhout plaatsvinden, of voor verenigingen die nu niet op de huidige sportvelden actief zijn.
Samenhang en verbinding Het sportpark aan de Mortel vormt straks één geheel met het bredere sportnetwerk in Udenhout. Een directe fiets- en wandelverbinding met sporthal De Roomley zorgt voor samenhang tussen binnen- en buitensporten en tussen formele sportvoorzieningen en informele speel- en beweegruimte. Door functies te combineren en voorzieningen te delen, ontstaat een flexibel, duurzaam en toekomstgericht sportlandschap voor het dorp.
Ruimte voor groei en natuur De verplaatsing van het sportpark biedt ook kansen voor natuurontwikkeling. Het omliggende mozaïeklandschap kan worden versterkt met houtwallen, struweel en hagen, die bijdragen aan de biodiversiteit én de gewenste landschapsecologische verbinding aan de oostzijde van het dorp. Zo krijgt Udenhout niet alleen een nieuw sportpark, maar ook een groene long die uitnodigt tot bewegen, ontmoeten en buiten zijn – voor jong en oud, inwoner én bezoeker.
Ruimte voor waterberging Op de lagere delen van het terrein kan dan ruimte komen voor waterberging, waarmee het park bijdraagt aan klimaatadaptatie. Een bestaande beekloop kan dienstdoen als natuurlijke buffer voor regenwater, dat bijvoorbeeld gebruikt
57
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
RUIMTELIJKE SPELREGELS - NIEUW SPORTPARK
Integraal sportcluster met gedeelde voorzieningen: Combineren bestaand en mogelijk nieuwe sportvoorzieningen tot een efficiënt en comfortabel sportpark.
Multifunctioneel gebruik: sport, landschap, recreatie en waterbeheer komen samen.
Landschapsbuffer als overgang: robuuste landschappelijke inpassing en groene afscherming richting de bestaande woonwijk om overlast te voorkomen en het groene uitzicht te behouden.
Slimme positionering voorzieningen: geluidsoverlast minimaliseren door padelvelden zo ver mogelijk van de woningen te positioneren. Beperking van lichtvervuiling bij aanleg en positionering van de velden. Onderzoeken mogelijkheden van gedeelde voorzieningen op het nieuwe sportpark, in samenspraak met de verenigingen.
Toekomstbestendig sportpark: flexibele inrichting die toekomstbestendig is en uitbreiding mogelijk maakt. Mogelijkheid om nieuwe sporten en verenigingen te integreren die momenteel niet aanwezig zijn.
Verbonden sportpark: goede wandel- en fietsroutes direct en veilig verbonden met het dorp, de sporthal, omliggende wijken en dorpen via snelle fietsroute langs het spoor.
Bereikbaarheid en parkeren: groene parkeervoorziening gekoppeld aan de spoorzijde en de Mortel, zodat eventueel combinatie met P&R en parkeren bedrijventerrein kan ontstaan (dubbel ruimtegebruik).Parkeren zorgvuldig landschappelijk inpassen.
Ruimte voor natuurontwikkeling ven landschapsversterking: met houtwallen, hagen, struweel; landschapsecologische verbinding oostzijde dorp versterken tussen Leemkuilen en Brand aan oostzijde. En uitloop dorp.
Bestaande beekloop als natuurlijke buffer: lage delen benutten voor waterberging, waterkwaliteit en klimaatadaptatie. Aandacht voor hittestress en verdroging.
Sportlandschap voor het dorp: nieuw sportpark meer dan alleen een plek voor georganiseerde sport. Via koppelingen met wandelen fietsroutes ontstaat een sterke verbinding tussen formele sportvoorzieningen en informele beweegmogelijkheden en rustmomenten (fitparcours, speelplekken, wandelroutes).
58
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
5.8 HET NIEUWE DORPSE WONEN Wonen met een uniek karakter
Ruimte voor groei binnen de dorpsgrenzen
Bij het vaststellen van het Koersdocument Oostflank is de woningbouwopgave voor de dorpen vastgelegd. Dit is onderdeel van de grotere woningbouwopgave van Tilburg als gemeente. Belangrijke thema’s hierbij zijn toekomstbestendige en betaalbare huisvesting voor starters en het stimuleren van doorstroming op de woningmarkt door meer diversiteit in het woningaanbod aan te brengen. Zo ontstaan ook kansen voor nieuwe bewoners die frisse energie met zich meebrengen.
Het streven is om zoveel mogelijk woningen binnen het bestaande dorp te realiseren. Zo blijft het waardevolle landschap rondom Udenhout behouden. Er zijn diverse kansrijke locaties in en rond het dorp – zowel klein als groot – waar nieuwe woningen kunnen worden toegevoegd. Daarbij staat voorop dat elke ontwikkeling met zorg wordt ontworpen en een gekende en ook nieuwe dorpse architectuur krijgt. Rondom het station is er volop ruimte voor iets bijzonders: nieuwe vormen van dorpelijkheid kunnen hier worden ontwikkeld, met meer lagen, diverse typologieën, vernieuwende woonvormen, gedeelde groene buitenruimtes en eigentijdse duurzame architectuur. Bij elke ontwikkeling staat kwaliteit centraal, met innovatieve bouwmethoden, hoogwaardige architectuur en een klimaatrobuuste inrichting van de openbare ruimte.
Het toevoegen van woningen gebeurt enerzijds door dorps te verdichten en anderzijds door nieuwe dorpsranden te ontwikkelen die kansen bieden voor nieuwe vormen van wonen (nieuwe dorpse woontypologieën) en die de aanhechting van de dorpen op het omliggende landschap versterken. Door toevoeging van woningen wordt de leefbaarheid en de draagkracht van verenigingen en voorzieningen vergroot.
Bij de nadere uitvoering van woningbouwplannen wordt zorgvuldig afgewogen welke functiemix daarbij van belang is, of er ruimte is voor aanvullende werkruimte, horeca, detailhandel en ruimte voor ondernemerschap door middel van werk aan of dichtbij de woning.
59
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
Nieuwe dorpelijkheid
Nieuwe woonmilieus
Nieuw dorps wonen in Udenhout draait om ontmoeting en betekent een eigentijdse manier van aansluiten bij de bestaande kwaliteiten van het dorp en het omliggende unieke landschap. Nieuwe gebouwen voegen zich in schaal, structuur en zichtlijnen naar de dorpskarakteristiek, maar bieden tegelijk ruimte voor eigentijdse architectuur en duurzame innovaties. Het gaat om een nieuwe Udenhoutse mix: betaalbaar, duurzaam, natuurinclusief en zorgvuldig ingepast.
De groei van Udenhout wordt zorgvuldig vormgegeven binnen een aantal herkenbare woonmilieus, elk met een eigen identiteit en specifieke kansen voor uitbreiding:
De hoogte van de bebouwing varieert van één tot vijf bouwlagen, met rond het station ook ruimte voor wat hogere gebouwen. Dit sluit aan bij het bestaande beeld van Udenhout, waar naast veel lage bebouwing ook een aantal grotere gebouwen staat die afwijken van de ‘dorpse korrel’. Grote gebouwen zijn typisch voor Udenhout en kunnen ook in de toekomst zorgvuldig worden toegepast op ruime kavels en bijzondere plekken in het dorp, zoals rondom het station en de Welkoop. Daar kan extra bouwhoogte zorgen dat op maaiveld voldoende ruimte overblijft voor stevig groen. Aan de dorpsrand staat landschappelijke inpassing centraal, met groene overgangen en bebouwing die het dorp vloeiend laat aansluiten op het landschap. In de nieuwe stationsbuurt ontstaat juist ruimte voor een meer compacte en vernieuwende invulling. Hier kan geëxperimenteerd worden met eigentijdse typologieën, middelhoogbouw en innovatieve materialisatie, zoals houtbouw en biobased materialen. Dit maakt de stationsbuurt tot een herkenbare, eigentijdse toevoeging aan Udenhout, complementair aan het bestaande dorp. Zo ontstaat een woonmilieu dat dorps en vertrouwd voelt, maar tegelijk toekomstgericht is: nieuw dorps wonen, dat het beste van traditie en vernieuwing samenbrengt.
Het dorpshart – Nieuwe woningen boven en rond bestaande voorzieningen, die bijdragen aan levendigheid en ontmoeten.
De dorpslinten – Transformatie van verouderde bedrijfspanden achter en soms in de lintbebouwing, woningsplitsing en mantelzorgwoningen.
De stationsbuurt – Een compacte, groene nieuwe woonbuurt rondom de toekomstige voorkeurslocatie van het nieuwe station, met woningen die zich oriënteren op het gebruik van openbaar vervoer. Deze buurt biedt volop ruimte voor vernieuwende woontypen en een nieuwe invulling van dorpelijkheid, met meer lagen, diverse typologieën, variatie in woonvormen en eigentijdse duurzame architectuur.
De dorpsrand bij het station – Woningen met één voet in het landschap die een aantrekkelijke en heldere nieuwe dorpsrand creëren. In samenhang met een nieuw dorpsrandlandschap.
Uit de verkenningen blijkt dat het mogelijk is om 550 - 1.000 woningen te realiseren in Udenhout.
Naast de maat, schaal en korrel verdient ook de aansluiting van de bebouwing op de openbare ruimte en de invulling van de begane grond veel aandacht. Dit bepaalt het succes en de levendigheid van een gebied, maakt functiemenging mogelijk, zorgt voor sociale veiligheid en bepaalt het dorpse beeld op ooghoogte.
60
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
| Nieuw dorps wonen met een Udenhouts karakter
61
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
DE NIEUWE UDENHOUTSE STIJL
3.
Met de verdere groei van het dorp moet Udenhout niet alleen groter, maar ook gezonder, duurzamer, levendiger en aantrekkelijker worden. Nieuwe woningen sluiten aan op de toekomstige vraag, met respect voor én geïnspireerd door de kwaliteiten van het huidige Udenhout. De insteek is dat bestaande kwaliteiten gekoesterd, behouden en versterkt worden, maar dat we tegelijkertijd ook nieuwe kwaliteiten en beeldmerken toevoegen aan het dorp.
Betaalbaarheid voor kleinere huishoudens vraagt om woningen met lagere maandlasten, maar mét behoud van de Udenhoutse kwaliteit van leven: veel groen rond de woning, rust, privacy en goede voorzieningen binnen een hechte gemeenschap. Dit wordt mogelijk gemaakt door meer faciliteiten te delen, zoals collectief groen, een deelauto, gemeenschapsruimte, gedeeld gastenverblijf of zorgsteunpunt.
4.
Levensloopbestendig wonen betekent mensen ondersteunen om langer thuis te kunnen blijven wonen, met een slimme woninginrichting en een wijk en dorp als sociaal vangnet. Dit vraagt om meer woningen met het woonprogramma op één verdieping, collectieve voorzieningen, seniorenhofjes en inzet van domotica.
5.
Efficiënter ruimtegebruik wordt bereikt door compacter te bouwen, grondgebonden waar mogelijk en met stapeling waar nodig, met inzet op meervoudig ruimtegebruik. Voorbeelden zijn het combineren van groen en waterberging of het stapelen van parkeren met wonen en buitenruimte.
6.
Bouwen op menselijke maat betekent grondgebonden bouwen waar het moet en stapelen waar het kan, tot maximaal vier à vijf lagen in het bestaande dorp, passend bij de schaal en korrel van andere grote dorpsgebouwen. Zo blijft de relatie tussen woning en straat behouden, ook op verdiepingen. Op twee plekken – de voormalige silo en de grotere dorpsontwikkeling rond het nieuwe station – zijn ook kansen voor stapeling tot zeven à acht lagen, mits daarbij extra ruimte voor groen en afstand tot omliggende woningen wordt gerealiseerd. Meer lagen betekent immers ook: meer lucht brengen rondom. Grote gebouwen worden nieuwe
We zetten in op een ‘nieuwe Udenhoutse stijl’: eigentijds en vooruitstrevend, maar geworteld in het bestaande dorp. Deze stijl heeft een warme uitstraling en is gericht op het samenbrengen van mensen. Als vertrekpunt voor de verdere architectonische uitwerking van de plannen geven we daarom tien stelregels mee: 1.
2.
Duurzamer bouwen betekent meer gebruik van biobased materialen, zoals hout, een materiaal dat in het DNA van Udenhout zit: warm, hernieuwbaar en passend bij het dorpse karakter. Ook ecologisch groen krijgt een grotere rol, met streekeigen beplanting rondom woningen. De woningen wekken zelf energie op uit zon en bodem, terwijl warmtestress bij voorkeur met lowtech middelen wordt tegengegaan, zoals dakoverstekken, veranda’s en luiken. Sociale cohesie versterken gebeurt door het Udenhoutse dorpsgevoel van ‘ons kent ons’ te ondersteunen met goede ontmoetingsplekken in de leefomgeving. Nieuwe straten worden ingericht voor spelen, wandelen, een praatje maken en veel groen. Sociale controle ontstaat door een goede relatie tussen woning en straat, een gevoel van veiligheid en het idee dat mensen er voor elkaar zijn, met de voortuin of voorstoep als verblijfsplek en ontmoetingsplek, bijvoorbeeld met gevelbankjes.
blikvangers in het dorp en moeten, zoals Vincentius en de St. Lambertuskerk, van hoge architectonische kwaliteit zijn.
62
7.
Respect voor het fraaie Udenhout dat er al is vraagt om zorgvuldige overgangen met groen en hoogteafbouw naar bestaande woningen. Vooral bij nieuwbouw in of achter historische dorpslinten (beschermd dorpsgezicht) is het belangrijk om nauw aan te sluiten bij bestaande woningen en tuinen, bijvoorbeeld met schuurwoningen rond een collectieve tuin achter de lintbebouwing.
8.
Verder bouwen aan het gezicht van Udenhout betekent ook het creëren van nieuwe, aantrekkelijke beeldmerken voor het dorp, met name langs het spoor en de doorgetrokken Koningsoordlaan. Dit is immers de nieuwe belangrijke entree van het dorp en de poort naar de Loonse en Drunense Duinen – een kans en noodzaak om iets te maken dat het beschermde dorpsgezicht van de toekomst kan worden.
9.
Transformatie is vergroening, waarbij bij het herontwikkelen van voormalige bedrijfspanden in de bestaande kern altijd gezocht wordt naar meer en kwalitatief beter groen. Daarbij worden regenwateropvang, -vasthouding en -infiltratie, het voorkomen van droogte en hittestress, en een aantrekkelijke leefomgeving centraal gesteld. De grote boom is hierin het meest waardevol.
10. Gezonde mobiliteit aantrekkelijk maken gebeurt door wandelen, fietsen en openbaar vervoer zo verleidelijk mogelijk te maken, ook direct in de woonomgeving. Dit leidt tot minder overlast, minder vervuiling, lagere kosten en een gezondere leefstijl. Voorzieningen in Udenhout worden zo optimaal bereikbaar, te voet, met de fiets of scootmobiel. Daarom is er in en rond nieuwe woningen veel ruimte nodig voor het veilig en comfortabel stallen van fietsen – bij voorkeur dicht bij de woning – terwijl auto’s juist wat verder weg en uit het zicht van de openbare ruimte geparkeerd worden. Zo veel mogelijk nieuwe woningen liggen op loopafstand van station Udenhout, met daarbij lagere parkeernormen.
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
| Wonen in het dorpshart
Wonen in het dorpshart In het dorpshart van Udenhout ligt de nadruk op verdichting nabij bestaande voorzieningen. Denk aan wonen boven winkels of boven maatschappelijke voorzieningen, als zich bij vernieuwing of herontwikkeling kansen voordoen. Potentieel interessante locaties op de korte en lange termijn zijn onder meer het TBV-kantoor naast het Raadhuis, of plekken boven de supermarkt en het gezondheidscentrum. Zulke verdichting draagt bij aan de levendigheid van het centrum én aan het behoud van een compact en vitaal dorpshart. Juist op deze centrale plek – midden in de gemeenschap en vlakbij alle voorzieningen – zijn collectieve/geclusterde woonvormen en zorggeschikte woningen voor senioren of een woningcorporatie, kansrijk. Denk aan kleinschalige wooncomplexen, mogelijk gecombineerd met zorgvoorzieningen of ontmoetingsplekken. Maar ook starters die een levendige woonomgeving zoeken kunnen hier goed terecht. Hoewel de beschikbare ruimte in het dorpshart beperkt is en er dus geen grote aantallen woningen gebouwd kunnen worden, bieden de kansen die er wél zijn ruimte voor onderscheidende woonvormen en doelgroepen die juist profiteren van deze centrale en levendige plek, zoals jongeren, maar ook ouderen die in het hart van de gemeenschap willen leven.
En nieuwe woningen in het dorpshart zorgen niet alleen voor passende huisvesting voor specifieke doelgroepen, maar dragen ook bij aan de vitaliteit, veiligheid en aantrekkelijkheid van het centrum.
Wonen boven voorzieningen 63
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
RANDVOORWAARDEN VOOR EEN ZORGVULDIGE TRANSFORMATIE IN DE DORPSLINTEN
Transformatie in de dorpslinten De historische linten vormen de ruggengraat van Udenhout en zijn van groot belang voor de identiteit van het dorp. Daarom wordt hier nadrukkelijk ingezet op het behoud en de versterking van het beschermde dorpsgezicht. Tegelijkertijd liggen er, achter de karakteristieke bebouwing aan de straat, kansen voor vernieuwing.
Om deze ontwikkelingen in de historische en kleinschalige dorpslinten in goede banen te leiden, gelden de volgende uitgangspunten:
Op de diepe kavels bevinden zich diverse loodsen, schuren en bedrijfspanden. Sommige hiervan huisvesten goedlopende bedrijven die belangrijk zijn voor de lokale economie. Hier is ruimte voor vernieuwing en verduurzaming van het vastgoed, bijvoorbeeld voor ambachtelijke of kleinschalige bedrijvigheid. Maar een deel van deze panden is verouderd, onderbenut of past niet meer bij de huidige bedrijfsvoering. Voor deze plekken wordt gekeken naar transformatie naar kleinschalige woonvormen, zorgvuldig ingepast binnen de bestaande structuur en met oog voor het behoud van het dorpsbeeld. De locaties achter het lint zijn vaak rustig, maar toch centraal gelegen. Dit maakt ze ideaal voor doelgroepen als senioren en starters en voor woonvormen, zoals patiowoningen, beneden-bovenwoningen, geclusterde woonvormen of zorggeschikte woningen. Belangrijk is dat de bestaande kwaliteit behouden blijft en versterkt wordt. Het straatbeeld aan het lint blijft herkenbaar, met grotendeels vrijstaande woningen en royale tuinen. De bebouwing aan de achterzijde kan vervolgens een nieuw leven krijgen als dorpse woonstraat, of nieuw dorpserf.
64
Behoud van het beschermd dorpsgezicht. Nieuwe bebouwing aan het lint sluit aan op bestaande maat, schaal, korrel en beeldkwaliteit.
Erfensembles versterken. De klassieke opbouw – een voorhuis aan het lint met een groene voortuin en bescheiden volumes daarachter – blijft uitgangspunt. Dit biedt ruimte voor nieuwe woningtypes die passen bij starters of senioren.
Respect voor privacy. Nieuwe bebouwing mag maximaal twee bouwlagen hebben en sluit qua vorm en uitstraling aan bij bestaande schuren en loodsen.
Behoud en versterking van groen. Bestaand groen en grote bomen worden zoveel mogelijk behouden. Nieuwe beplanting, groene erfafscheidingen en collectieve tuinen zorgen voor extra vergroening.
Ruimte voor ontmoeting. Waar mogelijk worden collectieve tuinen of erven aangelegd die ontmoeting en verbinding tussen bewoners stimuleren.
Parkeren uit het zicht. Parkeren wordt opgelost op eigen terrein, bijvoorbeeld in een groen ingepaste parkeerkoffer achter op het perceel, zodat het straatbeeld niet wordt verstoord.
Duurzaam waterbeheer. Door toepassing van waterdoorlatende verharding, regentonnen of ondergrondse kratten wordt gezorgd voor opvang en infiltratie van regenwater.
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
| Transformatie in de dorpslinten
Achterplaats
Nieuwe dorpsstraat
Monumentale panden 65
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
Woningsplitsing en mantelzorgwoningen
VOORWAARDEN VOOR ZORGVULDIGE INPASSING WONINGSPLITSING EN MANTELZORGWONINGEN
We willen de bestaande woningvoorraad beter gaan benutten. In Udenhout bestaat een groot deel van de woningvoorraad uit ruime gezinswoningen, vaak met grote tuinen. Met name in de historische linten zijn er woningen te vinden met erven van meer dan 500 m². Gezien de trend van steeds kleinere huishoudens in de toekomst, ontstaan hier kansen om grote woningen op een zorgvuldige manier te splitsen in twee of drie kleinere wooneenheden, of om bijvoorbeeld een mantelzorgwoning toe te voegen op het erf.
Om verstening, verrommeling en parkeeroverlast te voorkomen, is dit alleen wenselijk bij grotere woningen op royale kavels – met voldoende ruimte op het erf voor een logische indeling, voldoende groen en parkeren op eigen terrein. In Udenhout komen deze kavels vooral voor in de historische linten. Aan dergelijke initiatieven zijn vanzelfsprekend voorwaarden verbonden:
Maatwerk voor specifieke doelgroepen Hoewel het niet om grote aantallen gaat, bieden dit soort ingrepen waardevolle mogelijkheden voor maatwerk. Zo kunnen er woonvormen ontstaan die goed passen bij de behoefte van ouderen, alleenstaanden of zorgbehoevenden die graag dichtbij familie willen wonen, met kansen voor wooncoöperaties en knarrenhofjes. De kleinschaligheid en het behoud van de oorspronkelijke woningstructuur maken het mogelijk om nieuwe woonruimte toe te voegen, zonder dat het karakter van het dorp verloren gaat.
66
Voldoen aan het gemeentelijk beleid van Tilburg voor woningsplitsing en mantelzorgwoningen.
Behoud van het beschermd dorpsgezicht, wat onder meer betekent: geen optoppingen en respect voor de bestaande architectuur.
Parkeren op eigen terrein.
Behoud van waardevol groen, in het bijzonder de grote bomen die het beeld van de linten mede bepalen.
Zorgvuldige landschappelijke inpassing, met behoud van het dorpse straatbeeld en voldoende ruimte voor water en groen.
Slim omgaan met wat er al is.
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
| Woningsplitsing en mantelzorgwoningen
Mantelzorgwoning
Woningsplitsing
67
H O O F D S T U K 5 - K O E R S V O O R D E T O E K O M S T VA N U D E N H O U T 2 0 4 0
| Transformatie van de Welkooplocatie
Transformatie van de Welkooplocatie Binnen de historische linten van Udenhout bevinden zich enkele grotere bedrijfslocaties op stedenbouwkundig en historisch bijzondere plekken. De meest in het oog springende actuele locatie is de Welkooplocatie aan de Kreitenmolenstraat. Deze ligt naast het markante gebouw van de voormalige melkfabriek dat nog altijd een herkenbaar baken in het dorp vormt. Momenteel zijn hier een supermarkt en sportschool gevestigd. Naast het fabriekspand ligt de Welkooplocatie met de voormalige silo – een echt Udenhouts landmark – en een winkelpand dat binnenkort leeg komt te staan. Hier zijn al langer ideeën voor transformatie naar wonen. Op deze locaties is ruimte voor circa 100 tot 125 woningen, mits er zorgvuldig wordt aangesloten op de omgeving en het historische verhaal van de plek zichtbaar blijft. Een idee is de ontwikkeling van een groen, autovrij woonhof, dat van de Kreitenmolenstraat tot aan Park de Roomley loopt. Rond dit hof kunnen verschillende woongebouwen worden gegroepeerd, passend voor diverse doelgroepen zoals starters, senioren en gezinnen. Parkeren gebeurt uit het zicht, in groen ingepaste parkeerhoven, zodat de openbare ruimte groen en rustig blijft. De silo als beeldmerk Het behouden van de historische silo, of ten minste het terugbrengen van het volume ervan, is essentieel.
Zo blijft het industriële verleden van deze plek herkenbaar en blijft dit – naast de kerk – een blijvend beeldmerk voor het dorp. Er liggen binnen het volume van de silo kansen voor een appartementencomplex met een bijzonder karakter. De architectuur van de nieuwe woningen en de inrichting van de openbare ruimte vragen om een eigentijdse vertaling van het industriële verleden. Materialen, gevelritmes en details verwijzen op een subtiele manier naar de geschiedenis van de melkfabriek, terwijl het hofje zelf ruimte biedt voor ontmoeting, groen en rust in een nieuwe dorpsbuurt. De transformatie van de Welkooplocatie biedt een unieke kans om het industriële verhaal van Udenhout te behouden en nieuwe woningen toe te voegen. Het is ook een interessante plek om geclusterde en zorggeschikte woningen voor senioren te ontwikkelen in verband met de bereikbaarheid van de voorzieningen en de nabijheid van het OV.