CConstaterende datTilburg
Koppel je AI →
Document · PDF

03 RKT_Eindrapport_Lokale steun in crisis_apr2021

Raadsvergadering 15 juli 2021, gemeente TilburgBij agendapunt: Raadsvoorstel Rekenkamer Tilburg Lokale steun in crisis33.393 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

De controlerende rol van de raad krijgt zo het karakter van aandacht vragen voor aspecten van de corona-aanpak waarvan de raad vermoedt dat extra aandacht of inzet gewenst is. De controlerende rol van de raad komt zo in het verlengde te liggen van de kaderstellende rol, oftewel: als het college onvoldoende expliciet ambities formuleert, is het aan de raad hier alsnog in te voorzien.

26

• Het voorbeeld van Tilburg laat zien hoe de raad tegelijk ruimte kan bieden aan het college en het mandaat tegelijkertijd begrenst. • Het agenderen door de raad in Breda van de rolverdeling tussen college en raad op het coronadossier laat zien dat dit vruchten af kan werpen. Het is uiteindelijk aan college en raad gezamenlijk om een goede balans te kiezen. • In de eerste periode van een crisis is het lastig om als raad actieve betrokkenheid bij besluitvorming te eisen zonder dat dit ten koste gaat van de slagvaardigheid in de besluitvorming. Het lijkt echter niet nodig dat een gemeenteraad langer dan twee maanden een passieve rol accepteert, zo laten de voorbeelden van Arnhem en Breda zien. • In zowel Arnhem, Breda, Oss als Tilburg hebben raden aangedrongen op financiële scenario’s en het beleidsalternatieven. Nadat de eerste crisisfase voorbij is, in een fase van ‘herpakken’, is het aan de raad om op dit punt door te pakken en vasthoudend te zijn. Dit vergt een dualistische opstelling van de raad als geheel, waarbij oppositie en coalitiepartijen beide onderkennen dat er voor de raad ‘wat te kiezen moet zijn’. Onderzoeksvraag 6: wat kunnen de gemeenten van elkaar leren? Het onderzoek levert geen leidraad op over hoe gemeenten in een crisis zoals de coronacrisis zouden moeten acteren.

Wel kunnen de volgende leereffecten worden benoemd • Het is essentieel dat gemeenten in een vroeg stadium van de crisis uitgangspunten formuleren over de rol die de gemeente wil vervullen en welke taken zij wel en welke zij niet wil oppakken. • Het is gewenst dat gemeenten deze uitgangspunten dan ook expliciet toepassen en dat colleges in raadsbrieven bij te nemen maatregelen, of in reactie op moties met voorstellen voor maatregelen, verwijzen naar de uitgangspunten. Het is ook gewenst dat raden controleren of colleges zich aan geformuleerde uitgangspunten houden. • Het onderzoek laat zien dat het belangrijk is dat de raad het college in tijden van crisis de ruimte geeft om te doen wat gedaan moet worden, maar dat het ook gewenst is dat er duidelijkheid is over de grenzen van het mandaat van het college. • Het lijkt onvermijdelijk dat de raad in de beginperiode van een grote crisis deels achteraf wordt geïnformeerd over genomen maatregelen. Het is wel gewenst dat het college de raad actief betrekt bij de te hanteren uitgangspunten en zo de raad in positie brengt om zijn kaderstellende rol te kunnen vervullen. • Omdat het gewenst is in een vroeg stadium van de crisis na te denken over te hanteren uitgangspunten, impliceert dit dat de raad ook niet te lang langs de zijlijn mag staan.

• Als een crisis langer duurt en mogelijk structurele effecten heeft op de dienstverlening van instellingen en bedrijven, is expliciete aandacht voor een herstelagenda gewenst. Het onderzoek levert op dat alle gemeenten wat van andere gemeenten kunnen leren. In paragraaf 6.2 is een zogenoemde ‘halen/brengen’-matrix opgenomen die illustreert welke leerervaringen gemeenten inbrengen en van welke gemeenten zij zouden kunnen leren.

27

Dilemma’s, vragen waarop geen pasklare antwoorden kunnen worden gegeven • Het onderzoek laat zien dat de raden in Oss en Tilburg aanvankelijk terughoudend zijn met indienen van raadsvragen en moties, om het college niet voor de voeten te lopen. De raden in Arnhem en Breda zijn op dit vlak vanaf de start heel actief. Voor beide opstellingen is wat te zeggen. Per saldo lijkt het onwenselijk als een terughoudende opstelling te lang duurt (twee maanden kan hierbij wellicht een maximum zijn) en voor de actieve raden lijkt dosering gewenst. Dosering kan dan met name betrekking hebben op vragen ex artikel 40 waarop het college schriftelijk en binnen een bepaalde tijd dient te reageren. • Het werken met een beperkt aantal grotere pakketten corona-steunmaatregelen, zoals in Breda, bevordert de transparantie van de besluitvorming. Het bevordert echter ook dat de raad om ruime mandaten wordt gevraagd in financiële zin. Wellicht kan het modulair opbouwen van grotere pakketten een uitweg bieden uit dit dilemma, waarbij de raad per module akkoord kan gaan (of niet) met het voorstel van het college. • In Breda is door het college expliciet geformuleerd dat er een wens is maatwerk te kunnen toepassen voor ‘schrijnende gevallen’. Maatwerk kan echter omslaan in willekeur.

Om willekeur te voorkomen zouden uitgangspunten geformuleerd moeten worden, waarbij onvermijdelijk het gewenste maatwerk weer deels teniet wordt gedaan.

***

28

1 Aanleiding, doel en vraagstelling De door de Rekenkamers van Arnhem, Breda en Tilburg en de Rekenkamercommissie Oss geformuleerde vraagstelling richt zich op inzicht verschaffen in welke maatregelen zijn getroffen en op de wijze waarop de besluitvorming over deze maatregelen heeft plaatsgevonden en welke belangen daarbij zijn meegenomen. Een ander belangrijk accent in het onderzoek is de rol van de raden bij de besluitvorming over coronasteunmaatregelen en ook welke rol zij hadden kunnen of zelfs hadden moeten spelen en hoe raden in voorkomende gevallen ‘goed’ of ‘beter’ in positie gebracht kunnen worden. Vraagstelling onderzoek corona-steunmaatregelen: centrale vraagstelling en deelvragen • Welke regionale/lokale corona-steunmaatregelen zijn er tot op Centrale heden in de aan het onderzoek deelnemende gemeenten vraagstelling genomen? • Op basis van welke afwegingen en belangen en met onderkenning van welke risico’s? • En wat is de informatiepositie en de rol van de gemeenteraden daarbij geweest – ook in relatie tot de kaderstellende, controlerende en volksvertegenwoordigende rol in het verdere vervolg van de corona-crisis? 1.

Welke landelijke, regionale en lokale corona-steunmaatregelen Deelvragen zijn op welk moment en met welk doel genomen in de deelnemende gemeenten (ambitie is een globaal overzicht)? Welke steunmaatregelen hebben de gemeenten zelf genomen waarbij de raden actief betrokken hadden kunnen worden. 2. Op basis waarvan zijn afwegingen en beslissingen genomen inzake corona-steunmaatregelen in de deelnemende gemeenten? Zijn daarbij risico’s onderkend wat betreft de invloed op toekomstige beleidskeuzes en zijn daarvoor passende maatregelen getroffen? 3. Welke belangen zijn bij genomen of op dat moment te nemen corona-steunmaatregelen door wie afgewogen in de deelnemende gemeenten? 4. Op welke wijze kwamen de raden in de deelnemende gemeenten in positie voor de uitvoering van hun kaderstellende, controlerende en volksvertegenwoordigende taken ten aanzien van corona-steunmaatregelen? 5. Op welke wijze kunnen de raden in de deelnemende gemeenten hun kaderstellende, controlerende en volksvertegenwoordigende taken ten aanzien van verder crisisbeleid in de komende jaren verstevigen?

29

6. Wat kunnen de deelnemende gemeenten van elkaar leren bij het versterken van de kaderstellende, controlerende en volksvertegenwoordigende taken van de raden? Afbakening van In samenspraak met de opdrachtgevende rekenkamers en rekenkamercommissie is een corona-

pragmatische afbakening gekozen van het begrip ‘corona-steunmaatregel’. Als corona

steunmaatregel steunmaatregelen worden opgevat: • Door de gemeente, alleen of in samenwerking met derden, genomen maatregelen ter compensatie van weggevallen of afgenomen inkomsten vanwege corona of gericht op het voorkomen dan wel beperken van inkomstendaling bij ➢ inwoners ➢ instellingen (al dan niet gesubsidieerd) ➢ verenigingen ➢ bedrijven en zzp’ers • en maatregelen die gericht zijn op het bevorderen van de informatievoorziening met betrekking tot de mate waarin en de wijze waarop corona van invloed is op de inkomsten van genoemde groepen. In het onderzoek wordt meegenomen dat corona niet alleen van invloed is op inkomsten van inwoners, instellingen, verenigingen, bedrijven en zzp’ers omdat het leidt tot gezondheidsproblemen bij mensen. Belangrijk is ook dat mensen zich anders (moeten) gedragen, bijvoorbeeld vanwege het voorschrift om minimaal anderhalve meter afstand te houden, en omdat door overheden maatregelen worden genomen die met name bedrijven, zzp’ers, instellingen en verenigingen raken in hun inkomsten. Corona-steunmaatregelen kunnen de vorm aannemen van directe financiële ondersteuning, maar het kan ook in de vorm van bijvoorbeeld kredietverschaffing, uitstel van betaling van lokale lasten of het faciliteren van bedrijven of instellingen om extra inkomsten te genereren binnen de veranderende context van een ‘corona-samenleving’. Van breed

In het onderzoek is ‘breed’ gestart met een inventarisatie van de door de gemeente

naar gericht

genomen maatregelen, om vervolgens te focussen en te verdiepen op de specifiek als

verdiepen

corona-steunmaatregel op te vatten maatregelen. De scheidslijn tussen beide soortenmaatregelen is niet volledig hard te trekken.

30

2 Reactie gemeenten op corona: aanpak en organisatie In aanvulling op de door de B3A-rekenkamers geformuleerde onderzoeksvragen, is door BEA in kaart gebracht hoe de vier gemeenten in brede zin hebben gereageerd op de corona-uitbraak en hoe zij de crisisorganisatie hebben ingericht. Samengevat zijn de conclusies: • Arnhem, Breda, Oss en Tilburg lagen in de frontlinie van het coronavirus. De eerste corona-besmettingen vonden met name plaats in Brabant en ook Arnhem. • De veiligheidsregio is, vanwege opschaling naar GRIP-4, aanvankelijk leidend bij de beheersing van de coronacrisis, vanwege de dan noodzakelijke inzet op het terrein van bevolkingszorg en inzet van hulpverleningsdiensten. • Gemeenten richten ook hun eigen crisisorganisatie in, waarbij de ene gemeente ervoor kiest om deze ‘in de lijn te organiseren’ (met name Breda en Oss) en andere gemeenten de crisisorganisatie naast de bestaande organisatie positioneren (zoals in Tilburg). • De eerste corona-steunmaatregelen volgen snel op de door het Rijk aangekondigde maatregelen (op 18 maart 2020) en lopen daar deels op vooruit (de eerste lokale corona-steunmaatregelen worden aangekondigd in Breda op 14 maart, in Arnhem op 15 maart, in Oss op 18 maart en in Tilburg op 20 maart 2020).

2.1 Arnhem, Breda, Oss en Tilburg direct in frontlinie van coronavirus Eerste

De gemeenten waarop het voorliggende onderzoek zich richt kregen als eersten in

besmettingen

Nederland te maken met het coronavirus. Op 27 februari werd in het ElisabethTweeStedenZiekenhuis (ETZ) in Tilburg de eerste Nederlandse coronadiagnose gesteld. De burgemeester van Arnhem had de gemeenteraad al op 27 februari 2020 geïnformeerd over de uitbraak van het coronavirus in de Arnhemse zusterstad Wuhan. Op 5 maart wordt ook in Arnhem de eerste coronabesmetting vastgesteld. Begin maart blijkt Brabant het zwaarst getroffen, als provincie waar in eerste instantie de meeste besmettingen worden geconstateerd, met daarbinnen belangrijke haarden in de regio’s Tilburg, Breda, Uden en Veghel. Op 10 maart 2020 lichten de voorzitters van de drie Brabantse veiligheidsregio’s in een gezamenlijke persconferentie toe dat vanaf dan alle grote evenementen in de provincie verboden zijn. Het verbod richt zich onder meer op festivals en dancefeesten en ook de wedstrijden in het betaalde voetbal worden verboden. Brabant is op dat moment de enige provincie waar dergelijke beperkende maatregelen worden getroffen.

15 maart 1e

Op 15 maart 2020 kondigt het kabinet de eerste landelijke lockdown aan. Daardoor sluit

lockdown

onder andere ook de horeca. De economische gevolgen van de lockdown zijn groot en gemeenten beraden zich daarom op eventuele maatregelen om de gevolgen voor onder meer inwoners, bedrijven en zzp’ers en al dan niet gesubsidieerde instellingen te beperken. Op 23 maart kondigt het kabinet aanvullende maatregelen aan voor onder

31

meer winkels, zodanig dat er niet te veel mensen in een winkel zijn en zij voldoende afstand kunnen houden.

2.2 Eerste steunmaatregelen in maart: focus op liquiditeit bedrijven & instellingen In maart eerste In Arnhem, Breda, Oss en Tilburg worden in de periode van 14 maart tot eind maart 2020 corona-steun-

de eerste corona-steunmaatregelen genomen. Het accent ligt op uitstel van betaling van

maatregelen

lokale belastingen en heffingen en aan de gemeente te betalen facturen voor getroffen ondernemers, het coulant omgaan met huurders van gemeentelijk vastgoed en op een vlotte betaling door de gemeente aan leveranciers en doorbetaling van subsidie aan instellingen die de overeengekomen prestaties vanwege corona niet kunnen leveren. De gemeente Breda is de enige gemeente die in dit stadium van de coronacrisis maatregelen neemt om inkomstendaling door inwoners, bedrijven en zzp’ers te dempen. Het betreft een zogenoemd BroodNood-fonds8, een noodfonds COVID-19, extra budget voor Business Coach Breda en geld voor een voucherregeling gericht op financieel advies voor MKB-bedrijven. Ook met betrekking tot de uitvoering van de Tozo-regeling besluit Breda dat zij een stapje extra wil zetten, door aan de eventuele renteloze lening minder strenge eisen te stellen dan landelijk is voorgesteld. Eerste corona-steunmaatregelen in periode van medio tot eind maart 2020 Arnhem

In de periode 18 t/m 26 maart 2020 zijn de eerste coronasteunmaatregel genomen:

Breda

•

Uitstel belastingaanslagen (OZB, rioolheffing, afvalstoffenheffing).

•

Continuering dienstverlening aan inwoners met schuld (leefgeld).

•

Inrichting webpagina met informatie voor inwoners, bedrijven e.a.

•

Doorbetaling subsidie instellingen die prestatie niet kunnen leveren.

•

Mogelijkheid van voorschot op Tozo.

•

Coulant omgaan met huurvoorwaarden gemeentelijk vastgoed.

•

Tijdelijk verruimen expeditie-tijden t.b.v. ‘ouderenuurtje’.

Op 17 t/m 20 maart 2020 is eerste corona-steunmaatregel van kracht: •

Instellen van BroodNoodfonds (in eerste week 600 keer beroep op gedaan), bekrachtigd op 24 maart 2020.

•

Uitvoering Tozo-regeling, met mogelijkheid van rentedragende lening (minder strenge eisen dan landelijk voorgesteld)

Op 24 maart volgen de volgende corona-steunmaatregelen: •

Oprichten noodfonds COVID-19 à € 1,2 miljoen.

•

Uitbreiding budget ondersteuning Business Coach Breda.

8 Het BroodNood-fonds is onder meer bedoeld voor werknemers met nul-urencontracten, zzp’ers en

uitzendkrachten die door corona geen inkomsten meer hebben en geen spaargeld en die ook geen partner met inkomsten hebben of beroep kunnen doen op hulp van naasten.

32

•

Instellen vouchers voor financieel advies voor MKB.

•

Verlenen van uitstel betaling lokale belastingen, heffingen, precario en leges van afgelaste evenementen.

Oss

•

Aanpassing van betaling verleende subsidie aan instellingen in nood.

•

Uitstel van betaling van facturen voor getroffen bedrijven.

Op 18 maart 2020 eerste corona-steunmaatregelen: •

Uitstel gemeentelijke belastingen en heffingen.

•

Uitstel van betaling voor door gemeente verstuurde facturen.

•

Zo snel mogelijk betalen van leveranciers.

•

Tijdelijk gratis parkeren in deel van centrumgebied.

•

Tijdelijk stoppen met handhaving fietsverbod centrum.

•

Omzetten weekmarkten naar versmarkten.

•

Uitbreiding bevoorradingsuren supermarkten t.b.v. ouderen.

Op 24 t/m 31 maart volgen de volgende corona-steunmaatregelen:

Tilburg

•

Uitstellen invorderen dwangsommen in corona-tijd.

•

Doorbetaling Wmo-dienstverlening (Zorg in Natura en Pgb).

•

Doorbetaling voedselbank Oss.

Op 20 maart 2020 eerste corona-steunmaatregelen: •

Uitstel van huurbetaling voor gemeentelijke huurders.

•

Doorbetaling uren Diamantgroep, ondanks beperking openingstijden fietsenstallingen.

Op 24 t/m 27 maart volgen de volgende corona-steunmaatregelen: •

Uitbetaling subsidies voor geannuleerde evenementen.

•

Uitstel betaling toeristenbelasting.

•

Doorbetaling zorgaanbieders Jeugdhulp en Wmo.

•

Gratis annuleren huurreserveringen sportaccommodaties.

•

Verstrekking laptops aan kinderen uit minimagezinnen.

•

Doorbetaling alfahulpen voor door klant afgezegde uren.

•

Verstrekken voorschot op Tozo-regeling.

•

Uitstel betaling reclamebelasting en BIZ-heffing.

•

Verkorten betalingstermijnen leveranciers van gemeente.

2.3 Inrichting lokale crisisorganisatie Opschalen

Omdat de uitbraak van het coronavirus zodanig ingrijpend is en maatregelen vereist op

naar GRIP-4

bovenlokaal niveau, is landelijk begin maart besloten dat de veiligheidsregio’s in de lead zijn bij het organiseren en (laten) uitvoeren van allerlei maatregelen op het terrein van bevolkingszorg. De corona-epidemie is dermate ingrijpend, dat wordt opgeschaald van GRIP-3 naar GRIP-4. Het uitroepen van een GRIP-4 status betekent dat de burgemeester van de grootste gemeente in de veiligheidsregio de leiding neemt over de, vaak vooral door het Rijk c.q. het ministerie van VWS bepaalde, uit te rollen maatregelen en

33

voorschriften op het terrein van gezondheidszorg en openbare orde. Voor Arnhem en Tilburg betekent dit dat ‘hun’ burgemeester via de Veiligheidsregio de bestuurlijke trekker is van de op het gebied van gezondheidszorg en openbare orde te nemen maatregelen. De burgemeesters van de andere gemeenten, waaronder die van Breda (waarbij aangetekend dat de burgemeesters van Tilburg en Breda per ‘toerbeurt’ voorzitter zijn van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant) en Oss, participeren in het regionale beleidsteam (RBT). Alle burgemeesters zijn in hun eigen gemeente vanwege de GRIP-4 status belast met specifieke bevoegdheden op genoemde terreinen. Lead bij de lijn In alle vier de gemeenten is vastgesteld dat de coronacrisis breder impact heeft dan of bij crisis-

‘alleen’ op het terrein van gezondheidszorg en openbare orde. Allerlei economische

organisatie

sectoren werden hard geraakt door zowel de coronaepidemie zelf als door de maatregelen van overheden op allerlei niveaus om de gezondheidseffecten te beperken. De gemeenten Arnhem, Breda, Oss en Tilburg hebben bij het inrichten van de lokale crisisorganisatie en het coördineren van de corona-steunmaatregelen uiteenlopende keuzes gemaakt. In grote lijnen kan worden gesteld dat Breda en Oss de crisis op dit vlak vooral vanuit de ‘staande organisatie’ hebben gemanaged, dat Tilburg de crisisorganisatie naast de bestaande organisatie heeft gepositioneerd en dat er in Arnhem sprake was van een mengvorm van beide aanpakken. Inrichting crisisorganisatie en verhouding tot lijnorganisatie van gemeente Arnhem

Lokaal beeld: • Er is een crisisorganisatie opgezet aansluitend op de Veiligheidsregio, gericht op de uitvoering van noodverordeningen en het treffen van andere maatregelen op het terrein van veiligheid en gezondheid. • Daarnaast heeft de gemeente zich georganiseerd in relatie tot de crisis, met als doel om er zo goed mogelijk mee om te gaan en de bijkomende negatieve effecten zoveel mogelijk te beperken of te voorkomen, ook in samenwerking met maatschappelijke partners. • In Arnhem is op bestuurlijk niveau gekozen voor collegiale verantwoordelijkheid. • Op ambtelijk niveau is er een Corona Finance Team ingesteld en een ABC-team dat zich richt op beleidsinterventies, naast een lokale crisisorganisatie met focus op bevolkingszorg en openbare orde. Beide teams zijn ingesteld ter versterking van de staande organisatie.

Breda

Lokaal beeld: • Breda koos voor een collegebrede collegiale inzet op corona, vanuit het idee dat corona alle beleidsvelden raakt. In de ambtelijke organisatie is een coronateam geformeerd uit diverse

34

disciplines, met als coördinator de manager Economische en Culturele Zaken. • Dit team was ingebed in de ambtelijke organisatie. De lead bij het managen van de crisis lag bestuurlijk bij het college en ambtelijk bij directie en managementteam, ondersteund door het ambtelijke ‘coronateam’. Oss

Lokaal beeld: • De gemeente Oss heeft voor de aanpak van de crisis gebruik gemaakt van de staande organisatie. Het directieteam schoof wekelijks aan bij de collegevergaderingen om een goede communicatie en een snelle besluitvorming mogelijk te maken. Het directieteam liet zich ondersteunen door vier werkgroepen met elk een eigen opdracht: ➢ de werkgroep kritische processen, gericht op processen die voor de eigen organisatie of inwoners van vitaal belang zijn. ➢ de werkgroep P&O richtte zich op de inzet van personeel en aanpassingen van de bedrijfsvoering, zoals IT voor thuiswerken. ➢ de werkgroep economie, ofwel het Corona Team Economie, coördineerde de communicatie met ondernemers. ➢ de werkgroep sociaal domein richtte zich op het oplossen van problemen rond participatie en zorg..

Tilburg

Lokaal beeld: • Als onderdeel van de GRIP-structuur is de Hoofdtaakorganisatie (HTO) ingesteld met daarin de ambtelijk meest betrokkenen met als voorzitter wisselend de concerncontroller en het hoofd van het team Veiligheid en Wijken. Deze crisisstructuur is uitgebreid met de afdelingshoofden Sociaal en Economie & Arbeidsmarkt. Het team had een coördinerende rol. De staande organisatie voerde uit. • In Tilburg was de bestuurlijke aansturing van de crisis belegd bij de Stuurgroep Corona met de meest betrokken portefeuillehouders. • Rond de zomer 2020 ging Tilburg weer over naar de normale organisatie. De crisisorganisatie met de Stuurgroep Corona en de HTO is toen vervangen door een structuur met respectievelijk een bestuurlijk combi-portefeuillehoudersoverleg (PHO) op vrijdag en een ambtelijk ‘corona forum’. Het corona forum is een organisatiedoorsnijdende overlegtafel. Elke dinsdag werden daar corona-gerelateerde stukken besproken, die op de vrijdag aan de orde kwamen in het combi-PHO en de dinsdag erna tot besluitvorming konden leiden in het college-overleg.

35

3 Overzicht en categorisering van corona-steunmaatregelen De eerste deelvraag waarop het voorliggende onderzoek zich richt, betreft de vraag welke corona-steunmaatregelen door met name gemeenten zijn genomen. De onderzoeksvraag is als volgt geformuleerd: Deelvraag gericht op welke coronasteunmaatregelen zijn genomen

Welke landelijke, regionale en lokale corona-steunmaatregelen zijn op welk moment en met welk doel genomen in de deelnemende gemeenten (ambitie is een globaal overzicht)? Welke steunmaatregelen hebben de gemeenten zelf genomen waarbij de raden actief betrokken hadden kunnen worden?

Samengevat zijn de conclusies: • Het onderzoek laat zien dat de door de gemeenten Arnhem, Breda, Oss en Tilburg genomen corona-steunmaatregelen voor een belangrijk deel overeenkomen • Gemeenten hebben, ook vanwege de wens om maatregelen te nemen die aanvullend zijn op die van het Rijk, met name gekozen voor ➢ inzet op liquiditeitsondersteuning van bedrijven en instellingen ➢ en het faciliteren van bedrijven en instellingen om het inkomstenverlies te beperken en minder op directe financiële ondersteuning. • In de vier gemeenten is een ontwikkeling te zien in het pakket steunmaatregelen waarbij in maart en april 2020 sprake is van lenigen van de eerste nood (‘echte’ crisismaatregelen), waarna in mei en juni 2020 sprake is van stabilisatie en ‘herpakken’ door de gemeente van reguliere beleidsvorming (waarbij de raad weer intensiever wordt betrokken) en vanaf de zomer 2020 aandacht voor het opstellen van herstelagenda’s.

3.1 Inzet gemeenten aanvullend op corona-steunmaatregelen van het Rijk Focus Rijk…

Zoals in bijlage I nader is toegelicht, concentreert de ondersteuning door het Rijk zich op: • Bieden van directe financiële ondersteuning voor bedrijven en zzp’ers, bijvoorbeeld: ➢ Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo). ➢ Tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor werkbehoud (NOW). ➢ Tegemoetkoming ondernemers in getroffen sectoren (TOGS), later opgevolgd door de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL). • Verruimen van al beschikbare kredietfaciliteiten en borgstellingsregelingen, om bedrijven in staat te stellen bij andere partijen (zoals banken) te kunnen lenen om op die manier de coronacrisis te kunnen overleven. Voorbeelden zijn: ➢ BMKB-C tijdelijke faciliteit onder de BMKB. ➢ GO-C verruiming regeling Garantie Ondernemingsfinanciering. ➢ Rentekorting kleine ondernemers op microkredieten Qredits. ➢ Tijdelijke verruiming Borgstelling MKB Landbouwkredieten. ➢ COL Corona overbruggingslening. ➢ KKC (Klein Krediet Corona), overheidsgarantie op bankkredieten aan het MKB. De Tozo en de NOW vormen, in combinatie met TOGS (en de TVL-regeling als opvolger van

36

TOGS), voor een groot deel van bedrijven en instellingen de basis voor het financieel kunnen overleven van de coronacrisis. De Tozo-regeling maakt het mogelijk dat zelfstandige ondernemers met en zonder personeel bij het wegvallen van inkomsten hun inkomen aangevuld krijgen tot het sociaal minimum (met daarbij de mogelijkheid een lening af te sluiten). De bijdrage aan het inkomen is een gift, die in principe niet terugbetaald hoeft te worden. Hetzelfde geldt voor de NOW, waarbij ondernemers tot 90 procent van de loonsom gedekt kunnen krijgen, afhankelijk van de omvang van het geleden omzetverlies, en TOGS (en later TVL) waarbij bedrijven een deel van hun vaste lasten vergoed krijgen. … gemeenten

Alle vier de gemeenten waarop het voorliggende onderzoek zich richt, verwijzen in de

vullen gericht

toelichting op de lokaal genomen maatregelen naar de maatregelen zoals die door de

aan

Rijksoverheid al in een vroeg stadium van de coronacrisis genomen zijn. De wens is deze maatregelen niet te ‘dubbelen’, ook al omdat gemeenten niet beschikken over dezelfde ‘diepe zakken’ als het Rijk. De lokale maatregelen kunnen als volgt worden ingedeeld: • Financiële steun, met als onderscheidende kenmerken dat de ontvanger de bijdrage van de gemeente mag houden (bij een lening is dit niet zo) of dat de gemeente een betaling kwijtscheldt. • Liquiditeitsondersteuning, waarbij de gemeente ontvangen facturen sneller betaalt of waarbij aan de gemeente te betalen belastingen, heffingen of facturen gefaseerd betaald mogen worden (maar uiteindelijk wel betaald moeten worden). • Faciliterende maatregelen, waarbij de gemeente anderszins probeert om bedrijven, instellingen of inwoners te helpen inkomstenverlies vanwege corona te helpen beperken.

Terughoudend

Gemeenten zijn, mede gelet op de hiervoor weergegeven regelingen van de Rijksoverheid,

met financiële

terughoudend met het verlenen van financiële steun. Financiële steun is vooral gericht op

steun

instellingen die geheel of voor een belangrijk deel afhankelijk zijn van gemeentelijke subsidies. De financiële steun krijgt dan vorm in besluiten om de subsidie voor deze instellingen door te betalen ook als de instellingen de prestaties die zij worden geacht te leveren niet kunnen leveren vanwege corona. Omdat het doorbetalen van onder meer instellingen op het gebied van Wmo en jeugdzorg niet resulteert in extra uitgaven ten opzichte van de begroting, worden deze besluiten in de regel niet voor goedkeuring voorgelegd aan de raad. Andere vormen van financiële steun betreffen: • Kwijtschelden van gemeentelijke belastingen of heffingen (vaak nadat eerst uitstel is verleend) voor een bepaalde periode. • Kwijtschelden van huur van gemeentelijk vastgoed voor een bepaalde periode. • Matching van door het Rijk voor culturele instellingen (met name de zogenoemde ‘culturele basisinfrastructuur’) extra ter beschikking gestelde subsidies. De gemeente Breda heeft aanvullend enkele financiële steunmaatregelen genomen. Dit betreft met name uitbreiding van het budget voor ondersteuning van bedrijven door Business Coach Breda, het instellen van vouchers voor financieel advies aan MKB-

37

bedrijven en het instellen van een BroodNood-fonds voor inwoners waarvoor geldt dat het inkomen sterk is gedaald vanwege corona tot onder het sociaal minimum terwijl er geen opvang is in de vorm van een partner met inkomen of een uitkering. Daarnaast geeft het Bredase college op 24 maart 2020 in een raadsbrief aan maatwerk te willen leveren voor “schrijnende gevallen”. Hieronder wordt verstaan bedrijven die “buiten de boot vallen” wat betreft Rijksregelingen of reguliere financiering, die als gevolg van de coronacrisis in de problemen komen maar die in de basis rendabel c.q. perspectiefvol zijn. De gemeente Breda heeft voor financiële maatwerkondersteuning uitgangspunten geformuleerd: bedrijven of verenigingen dienen “in de basis rendabel c.q. perspectiefvol te zijn” en de omvang van de steun wordt afgestemd op de specifieke financiële positie van de aanvrager. Eén van de uitgangspunten is dat de ondersteuning de vorm krijgt van een achtergestelde renteloze lening. De uitgangspunten en de gekozen vorm onderstrepen de terughoudendheid van de gemeente op dit vlak. Inzet op

Deze vorm van ondersteuning sluit aan bij het karakter van veel door Arnhem, Breda, Oss

liquiditeit

en Tilburg genomen corona-steunmaatregelen, waarbij wordt ingezet op liquiditeitsverbetering van bedrijven en instellingen. Maatregelen met deze focus betreffen onder meer: • Uitstel van betaling van lokale belastingen, heffingen, precario en leges. • Uitstel van betaling van door de gemeente te versturen facturen voor dienstverlening. • Uitstel van huurbetalingen voor huurders van gemeentelijk vastgoed. • Versneld betalen van door de gemeente te betalen facturen van leveranciers. • In enkele gevallen ondersteunen van bedrijven of instellingen met een lening. Het budgettaire beslag voor de gemeente is in principe kleiner dan bij financiële steun, als verleende leningen of gegeven uitstel van betaling uiteindelijk resulteert in (terug)betaling. De vraag is of, zeker met het langer duren van de coronacrisis, bedrijven en instellingen aan deze verplichting uiteindelijk wel kunnen voldoen. Een andere vorm van ondersteuning door gemeenten, waarvoor in alle vier gemeenten is gekozen, betreft het (geheel of deels) continueren van subsidies aan instellingen ondanks dat deze vanwege corona(maatregelen) de met de gemeente overeengekomen prestaties niet kunnen leveren.

Maatregelen richten zich onder meer op (alle of een deel van de) gesubsidieerde instellingen in de volgende sectoren: jeugdhulp, Wmo, doelgroepenvervoer, sociale werkvoorziening, culturele instellingen, sportverenigingen en dorps- en wijkcentra. Het continueren van subsidie resulteert niet in extra budgettair beslag.

38

Faciliteren

Een derde vorm van corona-steunmaatregelen waarop alle gemeenten, zij het op

ondernemers

uiteenlopende manieren, inzetten, betreft het faciliteren van met name bedrijven om het

in nieuwe

opgelopen omzetverlies te beperken door aan deze bedrijven op bepaalde aspecten meer

situatie

‘ruimte’ te bieden om hun bedrijfsvoering af te stemmen op de nieuwer werkelijkheid van een coronasamenleving. Voorbeelden zijn: • Tijdelijk invoeren van gratis parkeren voor een deel van het centrumgebied. • Toestaan van terrasuitbreidingen of overkappingen voor een bepaalde periode. • Toestaan van ‘drive thru’s’ voor bedrijven in detailhandel en dienstverlening. • Verruiming venstertijden supermarkten ten behoeve van ouderenuurtje ‘s ochtends. • Bijdrage voor ‘City Hosts’ om bezoekers coronaproof door de binnenstad te leiden. • Bijdrage aan campagnes om kopen bij lokale ondernemers te stimuleren. • Omzetten van weekmarkten naar versmarkten, zodat de markt deels door kan gaan. • Verruiming van gebruiksperiode van verleende vergunningen voor kermisstandplaatsen.

3.2 Maatregelen grotendeels gelijkgericht met enkele lokale accenten Grote overeen- De hiervoor toegelichte inzet van gemeenten op het terrein van corona-steunmaatregelen komsten…

is voor een belangrijk deel gelijkgericht. Het lokale maatregelenpakket is voornamelijk gericht op het volgende soort ondersteuningsmaatregelen: • Liquiditeitsondersteuning van bedrijven en instellingen, zoals hiervoor beschreven door uitstel van betaling van lokale belastingen, heffingen, precario en leges, uitstel van betaling van huur of van facturen en het zelf als gemeente snel betalen van facturen. • Faciliteren van het aanpassen door met name bedrijven van hun bedrijfsvoering op de nieuwe omstandigheden in een ‘corona-samenleving’, bijvoorbeeld door het toestaan van terrasuitbreiding. • Doorbetaling van subsidies aan gesubsidieerde instellingen zonder dat deze, vanwege corona, de overeengekomen prestaties kunnen leveren. • Inzet op informatievoorziening aan bedrijven, zzp’ers en instellingen over ondersteuning (door Rijk, provincie en gemeente), ook ten behoeve van de gemeenteraad.

… enkele lokale De specifieke lokale accenten maken maar een beperkt deel uit van de door gemeenten accenten

getroffen maatregelen. Uitgesplitst naar de gemeenten Arnhem, Breda, Oss en Tilburg betreffen onder meer de volgende maatregelen: Specifieke lokale accenten in door gemeenten gekozen corona-steunmaatregelen Arnhem

Lokale accenten: • Bijdrage aan Noodfonds van Stichting Ondernemersfonds Arnhem. • Inzetten van ‘City Hosts’ voor gastvrij en coronaproof ontvangen van bezoekers aan de binnenstad. • Samen met Stadsmarketing Arnhem gebruiken van ‘Dit is Pas Arnhem’-pas en bijbehorende ‘pluim’ t.b.v. lokale ondernemers.

39

• Pilot ‘Geldzaken & Ondernemen’ gericht op ondernemers die (mede) vanwege corona in de schulden zijn geraakt. Breda

Lokale accenten: • Instelling van een BroodNood-fonds. • Oprichting van een noodfonds COVID-19 t.b.v. liquiditeit van bedrijven. • Uitbreiding budget voor ondersteuning Business Coach Breda. • Instellen vouchers voor financieel advies voor MKB. • Met subsidieontvangers die meer dan € 1 miljoen ontvangen individuele gesprekken voeren om eventueel maatwerk te kunnen bieden. • Aanpassing/verlaging van tarieven in contracten voor afvalinzameling als aanbieders vanwege corona veel minder afval aanbieden. • Aanpassing van subsidiabel percentage van begroting op terrein van sport en evenementen. • Campagne #Bredakooplokaal. • Uitbreiding ondersteuningsmiddelen voor starters, scale-ups en ‘schrijnende gevallen’.

Oss

Lokale accenten: • Tijdelijk invoeren van gratis parkeren in deel van centrumgebied. • Tijdelijk stoppen met fiscale handhaving fietsverbod centrumgebied. • Toestaan van enkele ‘drive thru’s’ in de gemeente. • Geldlening aan Stichting Cultureel Centrum De Hoeve in Lith om acute liquiditeitsproblemen door omzetdaling te kunnen overleven.

Tilburg

Lokale accenten: • Toestaan van diverse ‘drive thru’s. • Convenant ‘ketensolidariteit horeca Tilburg’. • Doorvoeren van maatregel ‘verantwoord verplaatsen’ van verkeer in een 1,5 meter-samenleving (waarbij er in de raad discussie was of dit primair een corona-steunmaatregel was). • Ondersteuning Tilburgse markten met advies en vergoeding voor inkomstenderving. • Starterslift Overbruggingsleningen (SOL) voor ondernemers. • Verstrekking laptops aan schoolkinderen uit minimahuishoudens.

3.3 Van crisis naar ‘herpakken’ naar uitwerken van een herstelagenda In de door gemeenten genomen corona-steunmaatregelen is een globale ontwikkeling zichtbaar, die als volgt kan worden samengevat: • In de periode van maart en april 2020 is sprake van lenigen van de eerste nood

40

(‘echte’ crisismaatregelen). • In mei en juni 2020 is sprake van stabilisatie en ‘herpakken’ door de gemeente van reguliere beleidsvorming (waarbij ook de gemeenteraad intensiever wordt betrokken). • Vanaf de zomer 2020 is er aandacht voor het opstellen van herstelagenda’s. De meeste hiervoor toegelichte corona-steunmaatregelen zijn genomen in de eerste weken en maanden van de coronacrisis. Het accent ligt op het lenigen van de eerste nood die er is bij bedrijven, ondernemers en instellingen vanwege het wegvallen van inkomsten. Tegen de zomer 2020 is de eerste golf van de corona-pandemie voorbij. Het onderwijs en de economie kunnen in aangepaste vorm doorstarten. Ook het karakter van de steunmaatregelen verandert. In de tweede fase is er meer aandacht voor het creëren van ruimte om te ondernemen en het versterken van het aanpassingsvermogen van inwoners en bedrijven. De volgende aanzetten voor een herstelagenda zijn gevonden: • Het college van de gemeente Arnhem presenteert op 7 juli 2020 een voorstel aan de raad voor een Arnhemse Herstelagenda Coronacrisis. Belangrijke ‘insteek’ is de constatering dat vanwege corona er een toegenomen kans is op blijvende werkloosheid van inwoners vooral uit specifieke kwetsbare groepen.

Deze herstelagenda doet voorstellen voor investeringen op de volgende punten: ➢ Ondersteuning van mensen die nieuw instromen in de bijstand met scholing, begeleiding en coaching; ➢ Extra investeringen in mensen die al langer aan de kant staan; ➢ Extra inzet op de grootste risicogroepen: zzp’ers, jongeren en statushouders; ➢ Extra inzet op kwetsbare Arnhemmers die structurele ondersteuning nodig hebben • De tweede monitor ‘Tilburg onder Corona’ van september 2020 heeft als ondertitel ‘Van crisismaatregelen naar herstel en inspelen op de toekomst’. De monitor bevat naast een overzicht van tot dan door Rijk, provincie en de gemeente Tilburg genomen maatregelen ook voorlopige inzichten over hoe de gemeente ondernemers kan stimuleren als de samenleving normaliseert en gewend raakt aan de 1,5 metersamenleving. In oktober 2020 publiceert de gemeente het koersdocument ‘Tilburg Circulair 2021-2025’ waarin de inzet op een lokale, meer duurzame economie wordt gekoppeld aan het streven om als gemeente versterkt uit de coronacrisis te komen. • In het tweede maatregelenpakket van de gemeente Breda, zoals op 7 mei aan de raad wordt gepresenteerd, is aandacht voor een herstelagenda. Bij de raadsbrief is een nota ‘Middellange termijn aanpak effecten coronavirus: uitgangspunten, maatregelen en doelgroepen’ d.d. 6 mei 2020 opgenomen.

De nota bevat twee soorten maatregelen: ➢ Overkoepelende, generieke maatregelen. ➢ Sectorspecifieke maatregelen. Bij de sectorspecifieke maatregelen wordt onder meer ingezet op: ➢ Zogenoemde ‘Unlock Challengers’, gericht op het uitzetten van concrete vragen van ondernemers (indien mogelijk via Plan Breda) om bedrijven uit te dagen met creatieve ideeën te komen voor de 1,5 meter economie en voor herstel en transitie. ➢ Campagne #Bredakooplokaal. ➢ Integraal herstelplan toeristische en vrijetijdssector.

41

4 Gemaakte afwegingen en meegewogen belangen en risico’s De tweede en derde deelvraag waarop het voorliggende onderzoek zich richt, betreft de vraag op basis van welke afwegingen corona-steunmaatregelen genomen zijn en met name welke belangen en risico’s in deze afweging zijn betrokken. Relevante deelvragen

Op basis waarvan zijn afwegingen en beslissingen genomen inzake corona-steunmaatregelen in de deelnemende gemeenten? Zijn daarbij risico’s onderkend wat betreft de invloed op toekomstige beleidskeuzes en zijn daarvoor passende maatregelen getroffen? Welke belangen zijn bij genomen of op dat moment te nemen corona-steunmaatregelen door wie afgewogen in de deelnemende gemeenten?

Samengevat zijn de conclusies: • In zowel Arnhem, Breda, Oss als Tilburg heeft het beheersen van de financiële risico’s voor de gemeente veel aandacht gekregen, onder meer in discussies in de gemeenteraad en in de door het college naar de raad verzonden documenten. • De raad vroeg in Arnhem, Breda en Oss expliciet om uitwerking van (financiële en/of beleidsmatige) scenario’s, om beter om te kunnen gaan met de grote onzekerheden. • Daarnaast hebben gemeenten in bredere zin uitgangspunten geformuleerd waarin onderkende risico’s, belangen en te maken afwegingen doorklinken: ➢ De gemeente Oss heeft in het voorjaar generieke uitgangspunten geformuleerd voor de rol die de gemeente wil innemen wat betreft corona-steunmaatregelen. Deze zijn vastgelegd in een opinienota COVID-19 en in juni 2020 met de raad besproken. ➢ De gemeente Breda heeft bij de eerste twee pakketten corona-steunmaatregelen op het niveau van soorten maatregelen uitgangspunten geformuleerd voor de inzet van de gemeente en hoe middelen effectief en doelmatig ingezet kunnen worden. ➢ Het college van Arnhem heeft medio mei 2020 aan de raad toegelicht te focussen op twee ‘urgente impactthema’s: sociaalmaatschappelijk (i.c. ‘welzijn’ breed opgevat) en sociaaleconomisch (gericht op economie, werk en inkomensondersteuning). In oktober 2020 is het ‘Arnhems afwegingskader corona 2020-2021’ vastgesteld.

➢ In de gemeente Tilburg lijken uitgangspunten voor de invulling van coronasteunmaatregelen minder expliciet uitgewerkt en vastgelegd.

4.1 Veel aandacht voor beheersing van financiële risico’s vanwege corona Onzekerheid & De onzekerheid waar gemeenten mee te maken hebben bij het bepalen van hun rol en scenario’s

inzet wat betreft corona-steunmaatregelen, is op 29 april 2020 kernachtig verwoord door de wethouder Financiën van de gemeente Arnhem: • “… Ik leef in volstrekte onzekerheid. Dit is een crisis die ik nog nooit heb meegemaakt. De impact is zo onzeker.” De raad in Arnhem, Breda en Oss heeft door raadsvragen en moties het college verzocht

42

scenario’s uit te werken om meer inzicht in en grip te krijgen op de gevolgen van corona: Scenario-uitwerking van financiële en/of beleidsmatige impact van corona Arnhem

• De raad verzocht het college op 29 april 2020 via een motie snel met scenario’s te komen vanwege in beeld gebrachte risico’s en deze bij voorkeur tijdens het proces van de Perspectiefnota aan te bieden. • Op 19 mei 2020 stuurt het college de raadsbrief ‘Aanpak en scenario’s coronacrisis’ naar de raad. Daarin geeft het college aan te werken met “adaptieve scenario’s waarbij het handelingsperspectief steeds wordt aangepast aan de mate van impact die de crisis op verschillende beleidsvelden van de samenleving heeft.” De motie heeft nog niet geresulteerd in het voorleggen aan de raad van meerdere (financiële of beleidsmatige) scenario’s waaruit de raad kan kiezen.

Breda

• In Breda heeft de raad onder meer op 16 april en 14 mei 2020 gevraagd om uitwerking van scenario’s. Bij de bespreking van het tweede pakket corona-steunmaatregelen op 14 mei 2020 constateren fracties dat er maar één scenario is uitgewerkt. • In de raadsbrief ‘Financieel inzicht en overzicht effecten’ van 7 mei 2020 verwijst het college naar door het Centraal Planbureau (CPB) opgestelde scenario’s, maar geeft aan dat het financiële effect van deze scenario’s lastig is in te schatten. De duur van de crisis is sterk bepalend. Het college licht op 14 mei 2020 toe dat het college probeert het meest realistische scenario te presenteren bij de kaderbrief en dat daarvoor voortschrijdend inzicht opgebouwd moet worden.

Oss

• De raad van Oss vraagt op 4 juni 2020 om scenario’s waarin de financiële gevolgen van de coronacrisis en genomen maatregelen in kaart worden gebracht. • Het college heeft de opdracht uitgevoerd en de analyse opgenomen in de programmabegroting 2021-2024. De gemeente heeft daartoe een onderzoek van AEF voor de VNG doorvertaald naar de gemeente Oss. AEF onderscheidt in dit onderzoek twee scenario’s: ‘best case-scenario: er komt geen tweede golf en ‘worst case-scenario: er komt een tweede golf met een nieuwe lockdown voor twee maanden.

Tilburg

• BEA heeft geen concrete raadsvragen of moties gevonden in Tilburg gericht op scenario-uitwerkingen. • Het college bericht de raad op 26 januari 2021 dat de (dan vierde) monitor ‘Tilburg onder Corona’ inzicht biedt in de actualiteit van de crisis, de mogelijke handelingsperspectieven en de financiële

43

gevolgen. Het college geeft aan dat met het vaccinatieprogramma een nieuwe fase van de crisis is aangebroken, die uitzicht biedt op het einde daarvan, en dat “we kunnen vooruitkijken over de effecten van corona (…) op de stad. Voor een aantal gebieden (…) kan daarbij in scenario’s worden gedacht. De gemeente (…) maakt daarbij gebruik van de expertise die er al is op het gebied van scenario-denken”. De conclusie is dat feitelijk door de vier gemeenten beperkt gebruik is gemaakt van scenario-analyses en dat de raad in geen van de gemeenten meerdere scenario’s is voorgelegd. Beheersing van Deze conclusie laat onverlet dat door colleges en raden wel aandacht is besteed aan risico’s

inzichtelijk maken van met name financiële risico’s en hoe deze kunnen worden beheerst. De volgende beelden illustreren dit: • Op 19 mei 2020 stuurt het college in Arnhem een raadsbrief met als onderwerp ‘Aanpak en scenario’s coronacrisis’, met daarin aandacht voor de financiële en beleidsmatige impact van corona. Aangegeven is dat er een eerste impactanalyse is en dat wordt gewerkt aan een monitor en dashboard. Belangrijk is hoe de gemeente extra kosten en gederfde inkomsten kan dekken en dat daar nauw overleg over is met provincie en Rijk maar dat “ook voor hen geldt dat op dit moment nog geen toezeggingen gedaan kunnen worden” en dat er door beide bestuurslagen “op dagelijkse basis nieuwe beleidsregels worden uitgeschreven die impact hebben op de gemeente en onze inwoners”. Op 2 juni geeft het college in de raadsbrief ‘Arnhemse aanpak: de weg vooruit’ aan dat “bij een crisis met een impact zoals nu bij corona, de gemeente kan helpen dempen maar de gemeente is niet dé verzekeringsnemer van alle risico’s”. • In Breda gaat de raad akkoord met het ter beschikking stellen van middelen voor het college bij het tweede pakket corona-steunmaatregelen in mei 2020 (gaat om € 6,8 miljoen die uit de reserves worden voorgefinancierd).

December 2020 schetst het college de financiële contouren van een derde steunpakket van € 8,63 waarover begin januari 2021 raadsvragen worden gesteld omdat de dekking nog niet volledig is geregeld en het college aangeeft dat de eigen reserves maximaal voor € 4,3 miljoen kunnen worden aangesproken afhankelijk van de van het Rijk te ontvangen compensatie. • In Oss zijn in het voorjaar generieke uitgangspunten geformuleerd voor de rol die het college ziet voor de gemeente bij de corona-aanpak. Uitgangspunten zijn onder meer dat de gemeente inkomenssteun geeft aan inwoners maar geen omzetsteun aan bedrijven of sectoren en dat de gemeente een (ook financieel) gezonde organisatie is en wil blijven. In de opinienota waarin een en ander is uitgewerkt, geeft het college aan dat het voor 2020 benodigde extra budget nog niet precies ingeschat kan worden maar naar verwachting goed te overzien zijn en opgevangen kunnen worden. De onzekerheid schuilt volgens het college vooral in langetermijneffecten, vanwege extra uitgaven voor schuldhulpverlening en bijstand en gederfde inkomsten (parkeren, toerisme). Het college betrekt deze risico’s bij de uitwerking van de begroting voor het nieuwe jaar.

44

• In Tilburg is eind 2020 discussie over de financiële risico’s die de gemeente loopt, aan de hand van een door het college opgesteld raadsvoorstel d.d. 6 november 2020. Het college merkt in het raadsvoorstel op dat “uit signalen blijkt dat het proces en de bijbehorende financiële verwerkingswijze niet voor iedereen voldoende helder zijn”. Het college heeft daarom een beslisboom en stroomschema opgesteld om transparant te maken waarover het college kan besluiten en wat voorgelegd wordt aan de raad. Het college besluit als de maatregel al meegenomen is in een compensatiepakket van het Rijk, als de uitgaven gedekt kunnen worden uit ‘bestaande budgetten’ of als de lasten de € 75.000 niet overtreffen. Daarnaast wordt voorgesteld de financiële bevoegdheden van het college te verruimen om zo sneller maatregelen te kunnen treffen. De raad neemt op 4 december 2020 een amendement aan waarin het raadsvoorstel wordt overgenomen maar dat het mandaat van het college wordt beperkt tot 2021 en dat het maximale bedrag van het mandaat wordt begrensd tot € 500.000. Het globale beeld is dat het college in Breda het ruimste financiële mandaat heeft gekregen om maatregelen te treffen. In Tilburg heeft de raad enerzijds het college mandaat gegeven maar het mandaat ook duidelijk begrenst.

In Oss en Arnhem is een en ander minder expliciet geregeld waarbij in Oss het college in het voorjaar uitgangspunten heeft opgesteld die bevorderen dat de gemeente financieel niet te veel hooi op de vork neemt.

4.2 Uitgaven gemeenten in perspectief van compensatie door het Rijk De coronacrisis trekt een zware wissel op de gemeentelijke financiële huishouding. Diverse inkomsten vallen weg of vallen tegen (bijvoorbeeld parkeerinkomsten, toeristenbelasting) en daar staan voor de gemeente extra kosten tegenover. De extra kosten betreffen de kosten van de corona-stimuleringsmaatregelen, maar gemeenten hebben bijvoorbeeld ook extra kosten vanwege het toegenomen afvalaanbod dat verwerkt moet worden. Het Rijk heeft in overleg met de VNG een compensatiepakket voor gemeenten ontwikkeld9. Dit pakket biedt de gemeenten compensatie voor kosten die buiten hun invloedssfeer liggen en voor kosten die gemeenten maken uit het oogpunt van een maatschappelijk belang dat ook door het Rijk wordt onderschreven (bijvoorbeeld huurvrijstelling voor sportclubs, compensatie van de kosten van noodopvang voor kinderdagverblijven, enzovoort). Een deel van de compensatiemaatregelen zijn geoormerkt en andere vrij te besteden. Financiële risico’s voor gemeenten treden op wanneer de gemeente: • Meer inkomsten derft dan door het Rijk worden gecompenseerd. • Meer (extra) kosten maakt voor vitale voorzieningen dan het Rijk compenseert. • Meer kosten maakt voor maatregelen dan door het Rijk wordt gecompenseerd. • Ook maatregelen neemt die niet door het Rijk worden gecompenseerd.

Aan de andere kant kunnen gemeenten ook geld overhouden aan de coronacrisis wanneer 9 Zie bijlage I voor een toelichting hierop.

45

zij door het Rijk meer gecompenseerd krijgen dan ze uitgeven. Dat kan het geval zijn wanneer gemeenten bijvoorbeeld ambtenaren die het door de coronacrisis minder druk hebben, inzetten voor de uitvoering van een bewerkelijke maatregel als de Tozo. De tot dusver bekende compensatie van het Rijk voor gemeenten resulteert in extra inkomsten voor de vier gemeenten van circa € 7,3 miljoen voor Oss tot tussen € 22,5 en € 23 miljoen voor Arnhem en Tilburg: Pakket

Jaar

Doel

Arnhem

Breda

Oss

Tilburg

1 1 1 1 1 1 1 1 1 1

2020 2020 2020 2020 2020 2020 2020 2020 2020 2020

Lokale culturele voorzieningen Inhaal Jeugd Inhaal Wmo mutatie Participatie Toeristen/parkeerbelasting Eigen bijdrage Wmo Noodopvang kinderen ouders cruciaal beroep mutatie Maatschappelijke opvang mutatie Vrouwenopvang mutatie Voorschoolse voorziening peuters

€ 707.996,28 € 427.751,46 € 127.261,81 € 1.335.972,37 € 1.888.000,00 € 228.606,87 € 191.038,76 € 2.098.441,01 € 246.212,07 € 83.901,92

€ 715.720,00 € 326.616,88 € 119.646,77 € 1.137.906,94 € 2.039.000,00 € 229.434,51 € 211.997,47 € 1.590.228,81 € 246.342,66 € 81.024,31

€ 307.296,35 € 196.995,09 € 71.143,98 € 894.353,21 € 364.000,00 € 105.833,17 € 108.665,38 € 828.847,13 € 0,00 € 41.574,14

€ 873.743,25 € 473.029,37 € 151.125,81 € 1.441.345,76 € 1.806.000,00 € 197.650,79 € 239.599,20 € 1.963.775,14 € 176.304,41 € 102.133,97

2 2 2 2 2 2 2 2 2

2020 2020 2020 2020 2020 2020 2020 2020 2021

Schrappen opschalings korting 2020 Lokale culturele voorzieningen Buurt- en dorpshuizen Vrijwilligers organisaties Toezicht en handhaving mutatie Participatie extra kosten verkiezingen Precario belasting & markt-/evenementenleges Schrappen opschalings korting 2021

€ 758.191,85 € 704.130,34 € 207.786,79 € 66.394,54 € 462.676,15 € 742.206,87 € 217.334,00 € 191.971,00 € 1.733.009,95

€ 711.211,96 € 703.318,57 € 188.834,75 € 75.679,71 € 507.175,30 € 632.170,52 € 280.530,00 € 235.466,00 € 1.625.627,33

€ 352.511,15 € 303.854,16 € 83.257,36 € 37.670,26 € 230.241,19 € 496.862,89 € 149.513,00 € 50.456,00 € 805.739,78

€ 933.917,35 € 877.476,27 € 257.226,56 € 85.350,03 € 627.205,04 € 800.747,64 € 221.958,00 € 153.274,00 € 2.134.668,22

3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3

2020 2020 2020 2020 2020 2020 2020 2020 2021 2021 2021 2021 2021 2021 2021

Continuïteit van zorg (COVID 19) 2020 Compensatie quarantainekosten 2020 Aanvullende pakket re-integratiekosten 2020 Gemeentelijk schuldenbeleid 2020 Bijzondere bijstand 2020 Continuïteit van zorg beschermd wonen 2020 Crisisdienstverlening 2020 Jeugd aan zet Aanvullende pakket re-integratiekosten 2021 Gemeentelijk schuldenbeleid 2021 Bijzondere bijstand 2021 Impuls re-integratie 2021 Cultuurmiddelen 2021 Crisisdienstverlening 2021 Extra kosten verkiezingen 2021

€ 222.519,78 € 49.058,81 € 914.968,68 € 217.730,64 € 75.680,91 € 228.900,72 € 455.436,00

€ 205.869,98 € 44.441,56 € 408.368,53 € 185.959,23 € 64.871,04 € 109.956,35 € 475.907,00

€ 123.730,29 € 19.377,84 € 130.451,60 € 75.018,83 € 25.965,54 € 61.669,31 € 0,00

€ 265.323,79 € 61.131,12 € 710.293,26 € 258.555,84 € 90.233,78 € 184.725,92 € 441.358,00

€ 2.104.331,33 € 445.120,32 € 154.719,21 € 1.123.694,55 € 2.751.532,39 € 1.302.935,00 € 186.179,90

€ 939.204,48 € 380.168,03 € 132.619,92 € 501.526,99 € 2.184.174,91 € 1.626.654,00 € 231.676,85

€ 300.024,91 € 153.365,66 € 53.082,97 € 160.210,68 € 576.131,45 € 0,00 € 118.534,35

€ 1.633.599,48 € 528.581,82 € 184.470,54 € 872.327,85 € 2.628.929,75 € 1.288.013,00 € 263.440,92

1 2 3

Totalen 2020 Totaal 1e pakket 2020 2020 Totaal 2e pakket 2020 2020 Totaal 3e pakket 2020

€ 7.335.182,53 € 3.350.691,54 € 2.164.295,55

€ 6.697.918,36 € 3.334.386,81 € 1.495.373,68

€ 2.918.708,45 € 1.704.366,01 € 436.213,41

€ 7.424.707,70 € 3.957.154,89 € 2.011.621,72

2 3

2021 Totaal 2e pakket 2021 2021 Totaal 3e pakket 2021

€ 1.733.009,95 € 8.068.512,70

€ 1.625.627,33 € 5.996.025,17

€ 805.739,78 € 1.361.350,02

€ 2.134.668,22 € 7.399.363,36

1+2+3 1+2+3 1+2+3

2020 Totale steun 2020 2021 Totale steun 2021 20+21 Totale steun 2020 + 2021

€ 12.850.169,63 € 11.527.678,85 € 9.801.522,65 € 7.621.652,49 € 22.651.692,28 € 19.149.331,34

Inwoners 1-1-2020 Totale steun 2020 + 2021 per inwoner

161.350 € 140,39

184.070 € 104,03

€ 5.059.287,87 € 13.393.484,30 € 2.167.089,80 € 9.534.031,58 € 7.226.377,67 € 22.927.515,88 91.915 € 78,62

219.797 € 104,31

Het overzicht levert de volgende conclusies op: • De compensatiebijdragen van het Rijk variëren omgerekend naar inwoner van € 78,62 voor Oss tot € 140,39 voor Arnhem. • De compensatie van het Rijk voor ondernemingen, waaronder zzp’ers en waarbij veel maatschappelijke organisaties kwalificeren als onderneming, telt op tot circa € 48

46

miljard (zie bijlage I). Dat is omgerekend naar inwoner circa € 2.750 voor drie nu bekende steunpakketten (waarbij steunpakket 3 doorloopt in 2021), grotendeels als gift en deels als lening. • De compensatie van het Rijk voor gemeenten wordt door gesprekspartners voor het rekenkameronderzoek gekwalificeerd als wellicht niet volledig kostendekkend maar wel “ruimhartig”. Een definitief beeld van de financiële consequenties van de coronacrisis voor gemeenten is nog niet te geven. Ten eerste zijn de feitelijke kosten door de gemeenten nog niet definitief vastgesteld en ten tweede is er nog onzekerheid over de definitieve compensatiebedragen die de gemeenten van het Rijk ontvangen.

4.3 Wisselende aandacht voor formuleren uitgangspunten voor inzet gemeente De vier gemeenten hebben de uitgangspunten voor de vraag welke rol de gemeente wil spelen en welke steunmaatregelen zij wel en of niet wil nemen, verschillend uitgewerkt. • In Oss zijn in het voorjaar van 2020 richtinggevende generieke uitgangspunten geformuleerd. • In Breda zijn bij het eerste en tweede steunpakket op het niveau van soorten maatregelen uitgangspunten geformuleerd. • In Arnhem heeft het college medio mei 2020 focus aangebracht in de gemeentelijke inzet en deze uitgewerkt in een ‘afwegingskader corona 2020-2021’ medio oktober 2020. • In de gemeente Tilburg lijken uitgangspunten voor de invulling van coronasteunmaatregelen minder expliciet uitgewerkt en vastgelegd. Generieke

In een vroeg stadium van de coronacrisis hebben directieteam en college zich gebogen

uitgangspunten over de vraag wat bij de te nemen steunmaatregelen het uitgangspunt zou moeten zijn. in Oss

De volgende uitgangspunten zijn vanaf het voorjaar 2020 door Oss gehanteerd: 1. Inkomenssteun voor wie dat nodig heeft, geen omzetsteun aan bedrijven of sectoren. 2. Helpen verdienen is beter dan helpen besparen. 3. Op naar werk. 4. We investeren in samenleven. 5. We investeren in zorgcontinuïteit. 6. We zijn en blijven een gezonde organisatie. Deze uitgangspunten zijn later vastgelegd in een in juni 2020 met de raad besproken opinienota COVID-19. Door gesprekspartners is aangegeven dat de duidelijke uitgangspunten ‘rust hebben gebracht’. Het was duidelijk waarom de gemeente bepaalde initiatieven wel zou kunnen en willen steunen en andere niet. Het voorkwam dat bij elke afzonderlijke vraag om ondersteuning van de gemeente door de gemeente ‘vanaf nul’ moest worden nagedacht over de te hanteren uitgangspunten en beoordelingscriteria.

In Breda focus

De gemeente Breda heeft bij het eerste en vooral bij het tweede pakket maatregelen met

47

op effectiviteit

name op het niveau van soorten maatregelen uitgangspunten voor haar rol en inzet

& doelmatigheid geformuleerd: • Effectiviteit en doelmatigheid (niet met zoveel woorden benoemd, maar er zijn diverse uitgangspunten op operationeel niveau die hier betrekking op hebben). • Rechtvaardigheid, bijvoorbeeld als er ‘schrijnende gevallen’ zijn die geen beroep kunnen doen op landelijke regelingen maar waarbij wel sprake is van levensvatbaarheid. • Proportionaliteit. De middelen staan in verhouding tot de maatschappelijke behoefte. • Mogelijkheid open willen houden voor het toepassen van maatwerk. • Keuze voor generieke maatregelen boven bewerkelijke maatwerkmaatregelen. • Rechtmatigheid en het voorkomen van willekeur. Het uitgangspunt van effectiviteit en doelmatigheid van de gemeentelijke inzet is op diverse momenten en in verschillende documenten nader uitgewerkt, onder meer langs de volgende lijnen: • Maatregelen zijn aanvullend op Rijksmaatregelen. • Maatregelen stapelen is echter niet de bedoeling. • Aanvragers dienen levensvatbaar te zijn om te borgen dat geld niet wordt ‘weggegooid’. • Steun aan regionaal werkende zorgaanbieders kan worden verleend onder de voorwaarde dat ook andere gemeenten waar de instelling voor werkt meedoen. • Als ondersteuning structureler wordt, worden extra eisen gesteld aan toekenning. • Onderdeel daarvan is dat ook andere stakeholders hun inbreng moeten leveren.

• Tegenover ondersteuning staat dat de aanvrager zo mogelijk een tegenprestatie levert en dat, als het uitgangspunt ‘behoud van werk’ is, er geen ontslagen volgen. Het college geeft verder in de toelichting op het tweede pakket steunmaatregelen van mei 2020 aan dat het verwacht dat ondersteuning het meest effectief is als deze gericht is op het verkleinen van de vaste lasten, het verlenen van directe steun in acute situaties en door vrijwilligersorganisaties en verenigingen te ondersteunen met kennis en expertise. Daarnaast kunnen publieke of private prestatieafspraken (subsidies en contracten) worden aangepast om de continuïteit van betreffende bedrijven of instellingen te borgen. Arnhems

Het Arnhemse college heeft op 13 oktober een raadsbrief getiteld ‘Arnhems afwegings-

afwegingskader kader corona 2020-2021’ toegezonden aan de raad. De aanleiding is dat de raad in een corona 2020-

motie van 2 september 2020 aandacht vraagt voor de gevolgen van uitstel van betaling

2021

voor gesubsidieerde instellingen in Arnhem. Als op uitstel geen afstel volgt, kunnen instellingen in de (financiële) problemen komen op het moment dat alsnog moet worden betaald. Met het afwegingskader wordt de raad geïnformeerd over en betrokken bij door het college te maken afwegingen ten aanzien van al dan niet gesubsidieerde verenigingen en organisaties. Het afwegingskader ziet niet op de bredere afweging die gemaakt kan of moet worden tussen, bijvoorbeeld, het ondersteunen van verenigingen en organisaties enerzijds versus het ondersteunen van andere door de coronacrisis getroffen doelgroepen

48

(bijvoorbeeld bedrijven die omzet hebben verloren of inwoners met uiteenlopende problematieken). De raadsbrief met het afwegingskader bevat onder meer de volgende uitgangspunten: • De aanvrager dient eerst beroep te doen op Rijksregelingen (die zijn ‘voorliggend’). • Keuze voor generieke maatregelen en hanteren van een afwegingskader voor maatwerk. • Gemeente zal ondersteuning eerder overwegen als zonder dat het risico bestaat dat bedrijven en instellingen vanwege corona hun maatschappelijke of economische bijdrage aan de samenleving niet meer kunnen leveren. • Kwijtschelding (geheel of deels) van uitgestelde huur of gemeentelijke belasting is mogelijk als organisaties zonder in gevaar komen en hun bijdrage aan de samenleving niet meer kunnen leveren en de gemeente mogelijk later huur- of belastinginkomsten mist. • Tegenover ondersteuning staat dat de aanvrager kijkt of alternatieve inzet mogelijk is. Op deze manier hoopt het college te borgen dat de in te zetten middelen effectief en doelmatig worden ingezet en dat een en ander recht doet aan “wat wij maatschappelijk en sociaaleconomisch van groot belang vinden”.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10369522/1