Ondertiteling raadscommissie 6 maart 2024
Tekst van het document
Waarom zouden eigenaren anders hebben geïnvesteerd in een pipowagen? De gemeente is hier subjectief bezig. Alle gevallen zouden op dezelfde manier behandeld moeten worden. Deze toezegging kan niet anders dan gelden voor alle bestaande pipowagens, geen enkele uitgezonderd. Het gaat inmiddels maar om 10 pipowagens, dus waar gaat het over? In de basis gaat het hierom: een pipowagen die op het erf wordt verhuurd, het kan niet eenzijdig door de gemeente worden uitgesloten. Wat voor de een geldt, dat geldt ook voor de ander. Bestaande pipowagens vallen onder de toezegging of minimaal onder aannemelijke toezegging en kunnen dus conform het oude beleid blijven staan. Voor nieuwe pipowagens geldt nieuwe wetgeving. Het spreekt vanzelf dat alle eigenaren van de pipowagens een toezegging hebben gehad, schriftelijk of mondeling. Het werd immers door de gemeente uitgedragen dat een pipowagen gelijk was aan een kampeermiddel. Het risico op verlies van de investering zou te groot zijn om zonder toestemming een wagen neer te zetten. Het gaat hier om goed bedoelde burgers die in goed vertrouwen [onhoorbaar 01:12:13] van de gemeente destijds hanteerden, hebben opgevolgd. Het getuigt van onbehoorlijk bestuur om deze mensen te laten opdraaien voor het onduidelijke beleid van de gemeente. De gemeente heeft een fout gemaakt. Het mag niet zo zijn dat eigenaren van de pipowagens daar de dupe van zijn.
Afronden? Dat vind ik heel knap. De afrondende zin. -Ik heb nog één klein dingetje. Ik vertrouw erop dat de gemeente de door hen gemaakte fout zal herstellen en dat zij de eigenaren van de pipowagens eerlijk zal behandelen en gelijk zal stellen door alle pipowagens toestemmingen te verlenen, en niet alleen een aantal daarvan. Op z'n minst zou de gemeente moeten overgaan tot een overgangsregeling, net als bij de bed and breakfasts is gebeurd. Ik dank u. En ik u. Als u de microfoon uitzet, dan is het nu de kans voor de commissieleden om een verduidelijkende vraag te stellen. De heer Hoogerheide. -Dank u
wel, voorzitter. Mevrouw, uw betoog was duidelijk. Daar mankeert niks aan. Eén vraag blijft mij over. Heeft u op basis van uw denkpatroon dat het een kampeermiddel is een vergunning aangevraagd bij de gemeente om op uw erf een kampeermiddel te mogen plaatsen, in welke vorm dan ook? Kunt u antwoord geven? -Jazeker. Nee, meneer. Een vergunning is niet nodig. Ik heb bij de gemeente wel geïnformeerd of zij een pipowagen zagen als een kampeermiddel, en dat was zo. Dank u wel. Ik heb in ieder geval mevrouw Van der Werf gezien en de heer Polderman. Meneer Polderman. -Dank u, voorzitter. In het nieuwe toeristische toekomstplan is ook een nieuwe vaste kampeermiddelregeling opgesteld. Kan u zich daarin vinden, of zegt u: dat is ook niet wat onder het vaste valt? -Gaat uw gang. Een pipowagen valt niet onder een vast kampeermiddel. Wat ik al zei, een vast kampeermiddel zoals het nu in het bestemmingsplan staat, is een stacaravan of een chalet die meerdere jaren op dezelfde plek blijft staan. Dat is niet het geval bij een pipowagen. Die staat er het seizoen. Daarna gaat die in de opslag of waar dan ook, maar die verdwijnt van de plek waar die stond. Dank u wel. De heer Polderman. -Dank u, voorzitter. Ik begrijp u heel goed. Ik zal alvast vertellen: wij zijn zeker voor pipowagens. We zullen er ook zeker wat mee gaan doen.
Er staat in het toeristisch toekomstplan een nieuwe omschrijving die ze willen gaan toevoegen aan het bestemmingsplan. Die is net even anders, waarin staat dat het plaatsgebonden is, en wel of niet verbonden aan de grond en dergelijke. Heeft u die toevallig ook gelezen? Kan u zich daarin vinden? Of zegt u: daar valt een pipowagen nog steeds niet onder? Gaat uw gang. -Dat heb ik niet echt gelezen, maar daar valt een pipowagen sowieso niet onder. Een pipowagen is hetzelfde als een tourcaravan. Het is een kampeermiddel. Het is echt kamperen. Het is maar heel klein, heel primitief. Meer is het gewoon niet, en het is verrijdbaar. -Dank u wel. We constateren met zijn allen dat we een stevige semantische discussie aan het voeren zijn. De heer Polderman. -Een allerlaatste vraag. Nu wordt er ook onderscheid gemaakt dat dadelijk op andere terreinen de kampeermiddelen groter mogen zijn dan zesenhalve meter. Nu is het zo dat in het buitengebied voor de mensen die daar een pipowagen hebben staan het nog steeds zesenhalve meter is. Daar is geen verandering in gekomen. Vindt u het nodig dat het bijvoorbeeld voor de kampeermiddelen buitengebied ook groter wordt? Of zegt u: dit is prima, want dit vinden wij kamperen? Dank u. Gaat uw gang. -Dit is prima. Dit is voor ons kamperen. Onze gasten waarderen het echt enorm. Dus het is prima zo, zoals het nu is. Zeker. Mevrouw Van der Werf.
-Dank u, voorzitter. Mevrouw Kortmann, u heeft zelf eigenlijk al antwoord, of het tenminste net gezegd. Mijn vraag was: bent u misschien van mening dat de pipowagen een voorloper is van de huidige tourcaravan die achter de auto gekoppeld wordt? Daar heeft ze net zelf antwoord op gegeven. -Dank u wel. Dan wil ik u ook hartelijk bedanken voor uw inbreng. De raad gaat kijken wat ze ermee kunnen. Dan gaan we verder met mevrouw Smit-Bakker. Geachte voorzitter en raadsleden, graag wil ik uw aandacht vragen
voor het gebruik van privésanitair op onze boerencamping. Sinds 2018 bieden wij vier plaatsen aan met privésanitair op de kampeerplaats zelf. Wij hebben hier destijds voor gekozen omdat ons gezamenlijk sanitairgebouw bestaat uit maar één toilet en twee douches. Het sanitairgebouw is in 2016 zo gebouwd doordat wij 14 ingerichte tenten verhuurden. Deze tenten beschikten allemaal over een toilet en een douche. Eén toilet was toen voldoende in het gezamenlijke sanitairgebouw. Helaas moesten wij stoppen met de verhuur van de ingerichte lodgetenten en één toilet op 15 kampeerplaatsen is te weinig. In het sanitairgebouw is het moeilijk aan te passen. Vandaar onze keuze toen voor privésanitair. Privésanitair bleek een goede keuze te zijn. Er was veel vraag naar, maar vooral door gasten met medische aandoeningen. Te denken aan toeristen die mindervalide zijn, gebruikmaken van een stoma, een katheter, of drains. Maar ook toeristen die in chemo ondergaan, COPD-patiënten, of mensen die geen of onvoldoende controle hebben over hun blaas. Zo kan ik nog veel meer ziektes of aandoeningen opsommen, maar dan verlies ik uw aandacht. Tijdens corona besloten we door de grote vraag naar de privésanitair nog twee sanitairs aan te schaffen. In totaal hebben wij zes plaatsen met privésanitair. De overige negen plaatsen maken gebruik van het gezamenlijke gebouw.
Nu schrijft u dat wij sanitair privé mogen aanbieden in het gezamenlijke sanitairgebouw, maar niet op de plaats zelf. Mijn gasten kiezen juist voor de korte afstand tot het toilet en de douche. Hierdoor kunnen ze vaak nog kamperen, ondanks hun aandoeningen. Doordat een boerencamping kleinschalig is, is het ook betaalbaar voor ze. In 2021 hebben we controle gehad van de handhaver. Deze heeft de zes privésanitairs gezien en foto's gemaakt, maar er verder geen melding over gemaakt. In 2022 kreeg ik echter te horen van dezelfde handhaver dat we in overtreding waren en dat de zes sanitaire gebouwtjes weg moesten. Na een gesprek met dezelfde handhavers mocht ik tot 2023 de gebouwtjes plaatsen. In verband met het toeristisch toekomstplan is het opgeschort tot november 2024, volgens de handhaver. Zelf ben ik ruim 25 jaar werkzaam in de gezondheidszorg, somatische zorg, palliatieve zorg. Ik verleen vakantiezorg aan gasten over het hele eiland. Ik ken de problemen waarmee deze doelgroep regelmatig te maken heeft. Ik gun ze een kampeervakantie met zo weinig mogelijk zorgen. Dit kan ikaanbieden als wij op onze camping Noorderwaard Texel de zes privésanitairs mogen behouden op de kampeerplaatsen zelf. De privésanitairgebouwtjes zijn klein: twee bij één meter. Ik heb er twee, die zijn iets groter. Makkelijk verplaatsbaar met de trekker. Na het seizoen bergen we ze op in de schuur.
Mijn vraag is: verplaatst u zich in deze doelgroep. Wat zal u doen als u van kamperen houdt en u komt wat te mankeren? Wat doet u dan? Mijn vraag is: alsjeblieft, mogen wij ik wil niet zeggen een uitzondering zijn, want er zijn we natuurlijk meer kampeerboerderijen, maar ik zou ze graag willen behouden. Vooral voor de mensen die minder valide zijn of andere dingen mankeren. Daar zijn er veel van. Ik heb er veel vraag naar. Dank u wel. Wilt u even blijven staan. Dan ga ik noteren wie er vragen voor u hebben. Mevrouw Koot, de heer Rutten. Mevrouw Koot,
gaat uw gang. -Dank u wel. Ik vind het heel interessant dat u een speciale doelgroep probeert te voorzien van een kampeerplek. Ik heb meteen een hele praktische vraag. Vanwege het probleem van de verspreide toiletgebouwen op een terrein voor kamperen bij de boer. Is het mogelijk om ze met z'n vieren met de ruggen tegen elkaar aan te zetten, zodat ze eruit zien als één gebouwtje? Misschien dat op die manier een stuk van het probleem opgelost is. -Gaat uw gang. Eigenlijk is ons kampeerterrein niet zo ingericht. Op ons kampeerterrein staan de mensen allemaal aan de buitenzijde, dus dan krijg je een gebouw in het midden waar je caravans en tenten omheen zet. Ik vind het er niet mooier op worden, dat wordt rommelig. -Dank u wel. Meneer Rutten. Dank u, voorzitter. Mevrouw Smit, dank voor uw heldere verhaal. Ik heb één vraag, even voor mijn beeld. Die privésanitair gebouwtjes, is dat permanente bebouwing of staan ze daar ook buiten het seizoen? Je hebt mijn verhaal niet goed gehoord, Niels. Opletten wat ik vertel. Niels woont bij ons in de buurt, dus hij kan het ook zien. Wij halen ze iedere winter naar binnen toe. De sanitairgebouwtjes zijn mooi gemaakt, een mooie houten buitenkant, dus ze vallen niet op. Dank u wel. Ik kijk even rond. Dan dank ik u hartelijk voor uw toelichting en kunnen we verdergaan met mevrouw Veeger namens de heer De Wit.
Goedenavond, ik heb een zienswijze toelichting namens de heer Piet de Wit van Postweg 125. In het vigerende bestemmingsplan mag na de sloop van minimaal 1.200 vierkante meter voormalig agrarische bedrijfsbebouwing een relatief opstal of een woning met bijgebouw worden gebouwd. In het parapluplan is de mogelijkheid tot de bouw van een recreatief opstal vervallen. We snappen dat de raad heeft aangegeven dat de uitgifte van slaapplaatsen verder beperkt moet worden. Een recreatieve opstal heeft vijf slaapplaatsen. Echter is er al jaren de wens om de verstening van het buitengebied tegen te gaan. Door de mogelijkheid tot de recreatieve opstal te laten vervallen, wordt de verstening na sloop juist vergroot. De bebouwingsmogelijkheid gaat van 70 vierkante meter naar 150 vierkante meter bij een woning, of 250 vierkante meter bij een stolp met daarbij een bijgebouw van 100 vierkante meter maximaal. In een woning, zeker in het buitengebied, kan er makkelijk voldaan worden aan de voorwaarden voor logies met ontbijt voor twee slaapkamers met vier bedden. Dan gaat het eigenlijk om de vermindering van één toeristische slaapplaats, in het slechtste geval. Natuurlijk is er op Texel een grote vraag naar woningen.
De meeste woningen die vrijkomen in dit soort situaties zijn van een prijsklasse die meestal aan overkantse vermogenden worden verkocht, wat niet bijdraagt aan de verminderde druk op de Texelse woningmarkt. In dit specifieke geval, tegenover Texel International Airport, is een perceel gelegen binnen luchtvaartverkeerzone. Hier is het verboden om geluidsgevoelige objecten op te richten. Er kan van deze regel worden afgeweken wanneer er een ontheffing wordt verleend door het bevoegd gezag. Een woning is een geluidsgevoelig object en een recreatief opstal niet. Het is voor deze locatie dus niet logisch en ook niet gewenst om een extra woning te bouwen. Het is veel logischer om hier te kiezen voor een recreatief opstal. De reden dat de aanvraag voor deze locatie nog niet is gedaan,
is omdat de heer De Wit de optie open wil houden om eventueel aan een ander agrarisch bedrijf te verkopen, aan een eventuele opvolger. Daarnaast is er meer dan 1.200 vierkante meter te slopen voormalige agrarische bedrijfsbebouwing, bijna zelfs 2.400 vierkante meter. De heer De Wit hoopt een partij te vinden die niet aan de 1.200 vierkante meter eis kan voldoen, zodat ze samen de 2.400 vierkante meter eis hebben, en hij meer financiële compensatie voor zijn sloop kan krijgen. Hiervoor zijn al meerdere overleggen met de gemeente gevoerd over verschillende locaties om samen mee te slopen. Helaas is dit door omstandigheden telkens niet doorgegaan. De wens voor deze ontwikkeling is al langere tijd bekend bij de gemeente. Dat nu, na bijna een jaar nadat de zienswijze is ingediend, een reactie komt: "U kunt de vergunning voor een recreatief opstal indienen voordat het bestemmingsplan in werking treedt, wat ongeveer binnen een maand moet gebeuren", is wel heel erg kort dag. Daarom zouden we graag de mogelijkheid om een recreatief opstal te bouwen na de sloop van de voormalige agrarische bedrijfsbebouwing voor deze locatie behouden. -Dat is heel ruim binnen de tijd. Dank u. Wilt u even blijven staan? Dan kijk ik rond of er nog vragen zijn. Ik dank u hartelijk voor uw inbreng. Dan zijn we toen aan de vijfde inspreker bij dit onderwerp. De heer Hin. -Dank u wel, voorzitter.
Geacht college, geachte commissieleden, helaas ben ik hier om u te wijzen op onzorgvuldigheden in de nota beantwoording zienswijze. In deze beantwoording wordt ons adres namelijk gesteld. Het geldende bestemmingsplan biedt de mogelijkheid van een relatief opstel in of aan uw pand. Dit in overeenstemming met eerder gedocumenteerde mededeling door burgemeester en wethouders. Met deze mogelijkheid om het recreatief opstal intern te realiseren, zou aan onze wens en ingediende zienswijze zijn voldaan. Helaas is dit niet het het geval vanwege artikel 25 van het geldende bestemmingsplan Oudeschild. Er wordt aangegeven dat het uitsluitend een vrijstaande recreatieve opstal mag zijn. Planologisch wordt het ons onmogelijk gemaakt om van deze mogelijkheid gebruik te maken. De reactie op onze zienswijze geeft een onjuiste voorstelling van zaken en deze onzorgvuldigheid werd vorige week na contact met de juridische adviseur van de gemeente Texel bevestigd. Echter werd er helaas geen oplossing geboden, anders dan dit aan u voor te leggen. Aanvullend op de brief die u gisteren is toegestuurd, hebben wij nadien contact gehad met nogmaals een adviseur van de gemeente Texel. Een lang gesprek waar gezocht is naar een oplossing voor de contradictie en regelgeving. Deze kon helaas niet worden gevonden. De situatie blijkt daadwerkelijk uniek te zijn op het eiland.
Mede daarom was wederom de eindconclusie dit aan u voor te leggen. Vandaar dat wij nu de raadscommissie verzoeken om vanwege de unieke situatie en geconstateerde fout in het advies van burgemeester en wethouders niet te volgen, maar alsnog tegemoet te komen aan door ons ingediende zienswijze om deze impasse te kunnen doorbreken. In onze zienswijze hebben wij een oplossing voor de contradictie in regelgeving voorgesteld. Wij hebben voorgesteld om de bestaande functie-aanduiding, specifieke vorm van recreatieve opstal, te vervangen door de functie-aanduiding maximum aantal recreatieve slaapplaatsen 10. Een stukje maatwerk waarmee wij een bed inleveren,
zodat sprake is van een proportionele win-winsituatie en u ons hiermee de benodigde flexibiliteit biedt. Hieraan is de gemeente in de beantwoording volledig voorbijgegaan. Om de fout op deze manier te herstellen zouden wij graag willen meegeven dat de pastorie reeds sinds 1976 in gebruik is als een recreatief pand. In het verleden significant meer kamers en ook gasten. In 2014 is de pastorie volledig gerenoveerd naar de huidige opzet van vier B&B-kamers en een recreatief opstal. In principe 13 recreatieve slaapplaatsen middels renovatie die voldeed aan het bouwbesluit en in overleg met de gemeente Texel is gegaan. Echter zijn de recreatieve bedden toendertijd uiteindelijk niet toegekend omdat de toenmalige eigenaar niet voor 12 juni 2013, maar pas op 27 juni 2013 de koopovereenkomst heeft getekend. Ondanks dat het verzoek wel tijdig is gedaan. Een moment uit het verleden waar een stukje maatwerk deze problematiek had kunnen voorkomen. Aangezien juist in de afwijzende brief die toendertijd door B&W is gedaan wel is gesteld dat het mogelijk is om een recreatieve opstal ook inpandig te gebruiken, oftewel vijf bedden intern gebruiken naast de zes B&B-bedden. Voordat wij de pastorie begin 2020 hebben overgenomen, hebben wij vanzelfsprekend eerst navraag gedaan bij de gemeente of wij toeristische verhuur mochten aanbieden.
Dit was gezien de regelgeving, geschiedenis en indeling van de pastorie geen enkel probleem. Er werd wederom aangegeven dat het mogelijk is om de recreatieve bedden intern te gebruiken. Gezien deze gestelde mogelijkheden voorzagen wij een gezonde financiële basis om het beeldbepalende pand te kunnen onderhouden en stapsgewijs te kunnen zorgen voor kwaliteitsverbetering en verduurzaming. Echter weten we nu dat dit niet mogelijk is vanwege het bestemmingsplan van Oudeschild. Wij houden ons aan de geldende regels, maar het is voor ons op dit moment niet mogelijk om gebruik te maken van wat ons door gemeente Texel is toegezegd. Onze aanvullende zienswijze hebben wij ingediend om in te gaan tegen het voorgenomen parapluplan, maar ook vanwege eerder genoemde redenen. Hierin hebben wij gevraagd, op basis van een unieke voorgeschiedenis zonder precedentwerking, onze functie-aanduiding te veranderen naar maximum recreatieve slaapplaatsen 10. Een functie-aanduiding zoals op verschillende plekken op het eiland en ook in een later stadium toegekend aan Roosterdijk 10, Isola Bella. Een mogelijkheid om deze impasse te doorbreken. Wij benadrukken nogmaals dat wij historisch gezien wederom teruggaan in slaapplaatsen. De toegekende bedden zijn er al en worden alleen maar anders benoemd.
Dit om tot een oplossing te kunnen komen voor een probleem wat door de gemeente is gecreëerd en daar geen uitweg in weet. Wanneer u en de raad ons voorstel, om welke redenen ook, niet-wenselijk zou vinden, zouden wij in ieder geval willen vragen om het bestemmingsplan zodanig aan te passen dat wij de recreatieve opstel zowel inpandig als uitpandig kunnen gebruiken. Dit zoals ook in het bestemmingsplan buitengebied is toegestaan. In ieder geval alvast dank voor uw aandacht en overwegingen. We hopen op een positieve uitkomst. -Dank u. Ook heel mooi aan de tijd gehouden. Ik kijk rond of er vragen zijn. Mevrouw Koot, de heer Hoogerheide. Dan beginnen we met de heer Hoogerheide. -Dank u wel, voorzitter. Meneer Hin, u stelde 'toezegging gemeente Texel'.
Was dat een ambtelijke of een bestuurlijke toezegging? Gaat uw gang. -Gedaan door burgemeester en wethouders. Ik zie een vervolgvraag aankomen. -Heeft u dat zwart op wit? Dat is natuurlijk een vervolgvraag. -Zeker, ik heb het zelfs bij me. Dank u. Dan mevrouw Koot, neem ik aan. -Even voor mijn begrip. Bedoelt u dat de bedden die nu voor logies met ontbijt gebruikt worden het liefst ongezet wil hebben naar slaapplaatsen, of begrijp ik dat verkeerd? De tweede vraag, u heeft het over een recreatief opstal. Is dat een planologisch bestemd recreatief opstal? Dan is mijn vervolgvraag aan het college of het wel of niet opgenomen kan worden. Ik wil weten of die opgenomen is in het bestemmingsplan. -Dank u. Dan kunt u die laatste vraag noteren om straks aan het college te stellen. Dan geef ik de inspreker het woord. -Het recreatieve opstal is in ons geval zowel inpandig als uitpandig ingetekend. Echter mogen wij er op één manier gebruik van maken. De vraag daarvoor is of wij daar gebruik van willen maken. Wij maken op dit moment al deels gebruik ervan. Naast de B&B-bedden hebben wij een uitpandige recreatieve opstal, maar ons wordt de mogelijkheid geboden om het ook intern te gebruiken. Ofwel extern, zoals dit ook in het bestemmingsplan buitengebied is toegestaan. Dat is een unieke situatie op het eiland, maar die wordt tegengehouden door het geldende bestemmingsplan.
Wij willen de rechten behouden en daarin een oplossing. Ik had ook gevraagd of u zich realiseert of dat u inderdaad vraagt om het omzetten van logies met ontbijtbedden naar planologisch ingetekende bedden. Dat is voor de behandeling in de plannen een hele grote stap. -Gaat uw gang. Excuus, dat had ik anders begrepen. Wij zien dit als een compromis om tot een uitkomst te komen. Aangezien een oplossing op dit moment nog niet is geboden door gemeente, en wij vooralsnog alleen van het kastje naar de muur zijn gestuurd, hebben wij dit als voorstel gedaan, zodat de bedden planologisch als recreatieve bedden worden ingetekend. Dank u wel. Fijn dat u uw standpunt heeft toegelicht. Dan willen we graag naar de volgende inspreker. Dank u. Mevrouw De Boer, gaat uw gang. -Geachte voorzitter, dames en heren. Graag wil ik reageren op de reactie op onze zienswijze met betrekking tot het paraplubestemmingsplan, en wel over punt twee over onze pipowagen. Overigens mag de gemeente blij zijn met het geduld van de indieners van de zienswijze. In de reactie aan ons werd aangegeven dat de beantwoording 271 dagen te laat kwam. Dit had ons, als we daarop uit waren geweest, een bedrag van 11.747 euro kunnen opleveren. Voor het te laat reageren op alle 115 zienswijzen zou dit neerkomen op zo'n 1.350.000 euro ten laste van de gemeente Texel. Maar dit terzijde.
Zoals ik in mijn zienswijze aangaf, voldoet onze pipowagen aan alle vereisten die staan vermeld in artikel 20.3.3 van het vigerende bestemmingsplan buitengebied. We hebben ook een dissel, meneer Hoogerheide. In de reactie op onze zienswijze wordt gesteld dat er in totaal zeven locaties in beeld zijn waar pipowagens zijn geplaatst. Inmiddels hebben vier van de zeven eigenaren van een pipowagen toestemming gekregen om de wagen in stand te houden. De gemeente stelt nu dat de uitleg met betrekking tot het hebben van pipowagens van haar kant een periode lang niet juist was, in die zin
dat een pipowagen wel als een kampeermiddel kon worden aangemerkt. Omdat vier eigenaren van pipowagens een brief hebben ontvangen met daarin de boodschap dat hun wagen gelijkgesteld kan worden aan een kampeermiddel, zie ik hier een rechtsongelijkheid in. Omdat er op voor mij vage gronden een groot deel gelegaliseerd wordt en een klein deel niet, is er in mijn ogen sprake van willekeur en rechtsongelijkheid. Hoe kun je aantonen dat er mondeling contact is geweest? Wordt van ieder gesprek een notitie gemaakt? Is ieder contact formeel? Welke periode betrof het? De gemeente geeft toch toe dat haar communicatie niet juist was? Gezien het bovenstaande, verzoek ik u primair om over te gaan tot gelijke behandeling, zodat het geringe aantal pipowagens kan blijven bestaan onder de huidige voorwaarden, en de rechtsongelijkheid wordt opgeheven. Door de zeer late reactie op de zienswijze en de trage behandeling van het nieuwe bestemmingsplan staat het seizoen 2024 voor het plaatsen van kampeermiddelen alweer voor de deur. Ik verzoek u daarom secundair om niet over te gaan tot handhaving gedurende het komende seizoen. Dank u wel. Dank u wel, mevrouw De Boer. Zijn er vragen? Die zijn waarschijnlijk gesteld bij de vorige pipowagens. Heel erg bedankt. Dan de heer Van Breukelen namens Society 4.0 Texel. Gaat uw gang. -Goedenavond.
Ik ben Tom van Breukelen, de initiator van het burgerinitiatief Society 4.0 Texel, waarmee ik ongeveer anderhalf jaar bezig ben. Ik heb een geschikt moment afgewacht om aan te haken. Het paraplubestemmingsplan werd dat momentum omdat het een overkoepelend plan is en het als een belangrijk fundament moet dienen voor andere bestemmingsplannen. Daar wil Society 4.0 Texel graag een bijdrage aan leveren. Vertrouwende in de beginselen van behoorlijk bestuur, zijn wij enorm teleurgesteld in de manier waarop is omgegaan met onze feedback op het paraplubestemmingsplan. Een tussentijdse afspraak per indiener van een zienswijze en groepsessies over gemeenschappelijke thema's zijn op zijn plaats om de effectiviteit van het proces, dat bijna een jaar duurde in plaats van zes maanden, te optimaliseren. Dan is het moment daar om issues te bespreken, te kijken met elkaar of we elkaar goed begrijpen, en om samen tot constructieve oplossingen te komen. De toegepaste procedure om de ingebrachte feedback samen te vatten zonder dit af te stemmen met de maker, dat kan echt niet. Afgezien van de hoeveelheid tijd die daarmee gemoeid is en die vele malen beter aan overleg besteed had kunnen worden. Wij herkennen onze feedback in ieder geval helemaal niet meer. De behandeling ervan in het rapport slaat als een tang op een varken. Het is respectloos en verdient diepe afkeur.
Aan deze handelswijze kleven ook operationele risico's. Ik vraag mij af of gemeente Texel zich dat bewust is. In mijn loopbaan ben ik 10 jaar werkzaam geweest als Operational Risk Manager bij ING. Ik vind het dan ook mijn plicht om de risico's die rond de huidige feedbackprocedure door de gemeenteraad worden genomen te communiceren, in het bewustzijn te brengen, en te adviseren over het vervolg. In het bijzonder omdat het vertrouwen van burgers in de gemeente Texel steeds meer wankelt. De huidige feedbackprocedure laat een externe projectmedewerker al of niet samen
met iemand van de gemeente de ingebrachte issues samenvatten. Vervolgens gaat de gemeente de samenvatting verder verwerken en beoordelen, maar koppelt het niet terug naar de partij die de feedback heeft ingebracht. Dan zijn dit de risico's: fouten in de samenvatting, die natuurlijk altijd worden gemaakt, worden pas opgemerkt door de indieners van het rapport bij het lezen van het eindrapport dat we vandaag bespreken. Dit wekt wrevel op bij de indieners. In ons geval gaat het echter niet om foutjes, maar om het 180 graden omdraaien van de feedback om onze inbreng onder het tapijt te vegen. Dat is fraude en onbehoorlijk bestuur. Het is bedrog dat ten koste gaat van de reputatie of terwijl het vertrouwen in de gemeente Texel. Even voor de zekerheid, ik vind dat u op het randje aan het balanceren bent met uw begripskeuze. Gaat dit van mijn tijd af? Bij ING werd een medewerker die betrapt werd op een significante fraude op staande voet ontslagen. In het vertrouwen van de beginselen van deugdelijk bestuur, gaan wij ervan uit dat de nieuwe burgemeester, die nu helaas meteen verantwoordelijk is voor de gevolgen van deze wanprestatie, het proces intern gaat bespreken, zodat duidelijk is wie verantwoordelijk zijn voor het bedrog en wat er moet gebeuren om tot een deugdelijk... -Meneer, u heeft nog één minuut en graag uw termen wat professioneler gebruiken.
Wie zijn er verantwoordelijk voor, of waren er wel van op de hoogte? Dan zijn ze medeverantwoordelijk. Er zijn minstens twee verantwoordelijken: de projectleider van OR-ADviseurs is hierbij ontmaskerd, want blijkt niet de onafhankelijke adviseur te zijn waar RO-ADviseurs zo prat op gaat. Hij laat zich immers manipuleren door de gemeente Texel. Gemeente Texel betaalt een externe adviseur om zijn eigen burgers te censureren... -Meneer, ik ontneem u bij deze het woord. Ik kan het helaas niet technisch doen, maar de heer Berger zal op het knopje drukken. De heer Berger. Ik ontneem u het woord, meneer. Dank u wel. Dan toch even rondkijken of er vragen zijn. Nee, dank u. Dank voor uw inbreng. Dan kunnen we naar de laatste inbrenger, de heer Honingh namens de B&B Vereniging Texel. Gaat uw gang. -Goedenavond. We zullen eens kijken of we daar overheen komen. Ik sta hier vandaag voor jullie, en ik wil jullie allereerst bedanken voor de tijd die we hiervoor krijgen, als voorzitter van de B&B Vereniging Texel en namens onze 40 leden. Allereerst zijn wij verheugd om te zien dat de aanpassingen die zijn voorgesteld door het college voor het toeristisch toekomstplan voor zo'n 95 procent overeenkomen met de zienswijzes die wij als vereniging en onze leden hebben ingediend. We hebben naar aanleiding van de aanpassingen nog enkele vragen.
In eerste instantie over de oude situatie, en daarna ook over de nieuwe situatie met de nieuwe regelgeving die zou ontstaan. We lezen verschillende berichten over de plicht tot een parkeerplaats bij de huidige B&B-houders, de 0,6 per kamer. Onze vraag: is dit wel of niet verplicht voor de huidige B&B'S? Vraag twee: klopt het wat er in de Texelse Courant staat, dat bij de verkoop van de woning het recht op B&B volgens de huidige regels overeind blijft op het adres? Vraag drie: we horen van veel B&B-eigenaren dat handhaving met veel tamtam naar binnen komt en daarbij voor veel onrust zorgt. Het college vond de huidige regels
lastig te handhaven, maar die regels blijven wel bestaan en zullen ook getoetst moeten worden. Hoe gaat het college ervoor zorgen dat er geen willekeur ontstaat bij de handhaving, en dat de B&B-eigenaren niet onderhevig zijn aan de visie of de mening van de betreffende handhaver? Dan wil ik nog even naar de nieuwe regels gaan, of de nieuwe situatie. Onze vraag: is teruggaan van drie naar twee kamers acceptabel om het op Texel leefbaar te houden? Gaat dat het grote verschil maken op ons eiland? Waarom is er bijvoorbeeld geen verschil gemaakt in dorpskern en buitengebied, waar de woningen vaak groter zijn, de parkeeroverlast veel minder is, en er geen overlast is omdat er vaak geen directe buren zijn? Voor de toekomstige B&B's geldt ook dat de B&B-kamers ondergeschikt moeten zijn aan de woonfunctie. Dat wordt in geval gedefinieerd als 30 procent van het woonoppervlak met een maximum tot 50 vierkante meter. Waarom is daarbij gekozen voor 30 procent, en niet 40 of 45 procent? Dat is tenslotte nog steeds ondergeschikt. Daarnaast is een gemiddelde woning in Nederland ongeveer 120 vierkante meter. Bij 30 procent kom je uit op 36 vierkante meter. Dat verschil lijkt me heel groot. Waarom gaan we daar niet vanaf? Het doet tenslotte ook niets af aan de druktebeleving op het eiland.
Het voelt een beetje alsof de laatste twee maatregelen - terug van drie naar twee kamers en de grootte van de B&B-kamers - er puur zijn omdat men ooit heeft besloten iets tegen B&B's te doen. Niet dat het daadwerkelijk iets bijdraagt. Gaat dit de leefbaarheid vergroten? Er is bij de huidige B&B's maar een klein deel met een derde kamer. Veel toekomstige B&B's hebben zich alvast aangemeld omdat ze bang waren voor deze nieuwe regelgeving. Hoeveel derde kamers ga je in de toekomst minder krijgen door deze nieuwe regels? Hoeveel rust gaat dat brengen op Texel? Als laatste wil ik graag afsluiten met dat wij als vereniging zeer verbaasd zijn dat het college op 2 juni 2023 al een definitief rapport van adviesbureau SAOZ in het bezit had waaruit klip en klaar blijkt dat de voorgenomen plannen met betrekking tot de B&B's onhoudbaar zijn, onhaalbaar zijn. Het college heeft daar niet over geïnformeerd en is willens en wetens doorgegaan met deze plannen. Het heeft daarmee bij veel inwoners gezorgd voor slapeloze nachten, onzekerheid en ongerustheid over de toekomst. Bovendien zijn veel inwoners op onnodige kosten gejaagd door bijvoorbeeld het inwinnen van juridisch advies of het doen van aanpassingen in de B&B terwijl ons al acht maanden duidelijk was dat het niet nodig is. Dat betreuren wij zeer, en we vinden het bovendien onbehoorlijk. Dank u wel. Dank u wel.
U heeft een aantal vragen gesteld. Ik heb de wethouder gevraagd of hij die wilde noteren zodat we die bij de behandeling van het paraplubestemmingsplan aan de orde kunnen laten komen. Ik kan me voorstellen dat er mensen zijn, commissieleden, ik zie ze zelfs al... De heer Ran, de heer Polderman. Meneer Ran, gaat uw gang. -Dank, voorzitter. Meneer Honingh, dank voor uw inbreng. Het is een duidelijk verhaal. U heeft een aantal vragen aan het college gesteld. Daar kan ik een streep doorheen zetten, want die gaan beantwoord worden. Het laatste waarmee u eindigde was niet zozeer een vraag, meer een kritische kanttekening over het proces hoe dat gelopen is. Op het moment dat het onderwerp behandeld wordt, heb ik daar een aantal vragen over. Die gaan sowieso aan het college gesteld worden. Nog één vraag: u spreekt in
namens de B&B Vereniging Texel. Bent u in dit hele proces als vereniging ook betrokken geweest? Ik weet dat de vereniging is opgericht nadat in november 2022 voor de eerste keer het concept is besproken. Heeft de vereniging daarna nog contact gehad met de gemeente, dan wel zitting genomen in de klankbordgroep? Gaat uw gang. -Dank u wel voor de vraag. Nee, dat is helaas niet gebeurd. Dat heeft niet gelegen aan pogingen van ons om in contact te komen met de betreffende wethouders of met de klankbordgroep. Wij zijn helaas niet daarin meegenomen. Dank u wel. Meneer Polderman. -Dank u, voorzitter. Eén vraag, meneer Honingh. Er zit een verschil tussen een B&B privé hebben of een B&B zakelijk hebben. Nu heb ik begrepen dat handhaving alleen bij zakelijke B&B's zomaar naar binnen mag, omdat het bedrijfsmatig gedaan wordt. Weet u toevallig of er ook in privésfeer handhaving is geweest? Gaat uw gang. -Ik weet niet of de betreffende bed and breakfast dat ook zakelijk doet. Ik ga er eigenlijk vanuit van niet. Er is bij meerdere B&B-eigenaren handhaving geweest, waarbij op onprettige manier is omgegaan, waarbij ze hebben geprobeerd toegang te verschaffen tot het terrein zonder dat daar iemand aanwezig was die ze daarbij kon begeleiden. Dank u wel. Meneer Rutten. -Dank u, voorzitter. Meneer Honingh, u heeft een belangenvereniging voor B&B's opgericht.
Ik ben benieuwd hoe groot uw achterban is. Hoeveel B&B's vertegenwoordigt u inmiddels? Gaat uw gang. -Wij hebben op dit moment 40 leden. Een vraag aan de heer Polderman. U had het over het verschil, althans u maakt het verschil tussen privé B&B's en zakelijke B&B's. Wat bedoelt u daar precies mee? -Meneer Polderman, gaat uw gang. Volgens de regelgeving, waar ik me heb ingelezen, verbeter me als het niet zo is, mogen handhavers alleen binnenkomen in een bedrijfsmatig gevoerde onderneming, en niet iets wat privé is. Daar moet je altijd toestemming krijgen om naar binnen te gaan. Dan mag je niet zomaar zeggen: wij komen hier binnen. Ik snap wat er nu komt. Gaat uw gang. -Dat maakt mij nog steeds niet duidelijk wat een zakelijke bed and breakfast is, of wat u daaronder verstaat. Je kan een bedrijf oprichten waarin je de B&B onderbrengt, waardoor je het zakelijk doet. Je kan het ook in je privé doen, waardoor het inkomsten uit derden is, als ik het goed heb. Waardoor je het bij de Belastingdienst als extra opgeeft en niet zakelijk is. Je hebt geen ondernemingsnummer, geen Kamer van Koophandelnummer en dergelijke. -Vindt u het goed om dat straks verder uit te diepen, of tijdens de koffie? Meneer Rutten? Oké, dan dank ik u hartelijk voor uw inbreng.
Dan denk ik dat het college rechtop kan gaan zitten, want dan gaan we de vragen inventariseren die gesteld kunnen worden aan het college. Meneer Hercules. Als het daarbij blijft... Meneer Hoogerheide. Meneer Ran. Dit gaat alleen over vragen die u aan het college wilt stellen naar aanleiding van de inbreng van de insprekers. Als het direct gaat over hoe het zit met die bed and breakfasts, dan komt dat in hoofdstuk 3.4 aan de orde. Meneer Rutten. Het gaat uitsluitend over vragen van de insprekers. Dan wil ik het woord geven aan de heer Hercules, gaat uw gang. Voorzitter, ten eerste vinden we het gedeeltelijk vanavond wat lastig, omdat wij schriftelijke vragen
hebben gesteld over een groot aantal onderwerpen die niet allemaal beantwoord zijn. Dat geldt ook voor het onderwerp pipowagens. Staat u mij toe dat ik die vraag stel, of heeft u liever dat ik die straks stel? Het kwam mede door een vraag van mij naar voren bij een vraagsteller. Het gaat bijvoorbeeld over de toezeggingen. -De vraag is eigenlijk: hoe kunnen wij verdergaan op het moment dat wij de schriftelijke antwoorden op de schriftelijk gestelde vragen niet hebben? Vat ik het zo goed samen? Klopt. Voor ons bestaat het minimaal uit een tweetal zaken, namelijk: wat is de toezegging waar het college het over heeft in de stukken? Daarnaast hebben we ook een vraag of er een mogelijkheid was om op een of andere manier een overgangsregeling te treffen. Dat kwam ook bij de insprekers naar voren. Dank u wel. Dan beschouw ik dit concreet als een vraag die u heeft naar aanleiding van de inbreng van de drie mensen die ingesproken hebben over de pipowagen. Dan zet ik alleen een vinkje. Dan heb ik nog een derde vraag. Het is een beetje een gemene. Denkt de wethouder ook dat het mogelijk is om een amendement te maken dat wordt aangenomen op het moment dat we kijken naar een andere definitie van pipowagens, en die niet meer zo strikt nemen zoals nu wordt voorgesteld? Voorzitter, het lijkt mij verstandig dat ik eerst een aantal andere opmerkingen maak over het verloop van dit proces.
Het raakt ook aan de opmerking van de heer Hercules dat er ongelooflijk veel schriftelijke vragen zijn gesteld. Wij merken dat het schriftelijke vragen zijn over dezelfde onderwerpen, en met een iets andere insteek. Dan reageren wij er schriftelijk op en dan zit er in die beantwoording soms net een ander accent in woordgebruik en dan komen er vervolgvragen op. Onze conclusie is dat wij alle vragen willen verzamelen, zowel de schriftelijke vragen die deels beantwoord zijn, maar ook de vragen die vandaag naar boven komen en de vragen die naar aanleiding van de insprekers aangescherpt zijn. Dat wij die consistent beantwoorden, schriftelijk, voordat wij daar een gesprek over aangaan. Dan hebben we allemaal de juiste informatie op tafel en ontstaat er geen misverstand over. Wat is er wel gezegd? Wat is er niet toegezegd? Dat zou kunnen betekenen dat wij wat meer tijd nodig hebben. Zowel intern, want het zijn een hele hoop vragen. Wij willen dat dit een zorgvuldig proces is in deze afrondende fase, waarbij alle vragen tot hun recht kunnen komen. Dat zou kunnen betekenen dat er misschien een tweede commissie nodig zou zijn om op dat moment, als alle informatie voor zover die bij ons bekend is op tafel ligt, op inhoud daarover te discussiëren. Als we dat vanavond moeten oplossen, dan moet ik een hele hoop momenten zeggen dat we er schriftelijk op terugkomen. Dat schiet niet op.
Het voorstel is om zo goed mogelijk de informatieve vragen vanavond te verzamelen. Alle inbreng van de insprekers willen wij op schrift hebben zodat we daar de vragen uit kunnen halen, zodat in de eerstvolgende sessie de goede informatie op tafel ligt. Dan doen wij recht aan de insprekers, maar ook recht aan uw vragen. Dan is het slot van mijn opmerking dat het betekent dat wij natuurlijk erg nieuwsgierig zijn naar de beleidsmatige vragen die de raad vervolgens aan het college wil voorleggen. Als u daar de rest van de tijd aan zou willen besteden, dan kunnen we daar vast over van gedachten wisselen en kunt u elkaar daarop bevragen. Informatieve vragen,
vragen om nadere informatie. Zijn er wel of niet toezegging gedaan? Die verzamelen wij, die bundelen wij, die komen bij u terug. Dan kunnen we daarover spreken. Dat we nu kunnen kijken: welke beleidsmatige vragen liggen er bij u waar u met elkaar over in discussie zou kunnen gaan en waar het college iets van zou kunnen vinden. -Ik begrijp dat u nu een procedurevoorstel doet wat inhoudt dat we deze vergadering vooral doorgaan met het noteren van vragen wanneer die er zijn. Als u ze snel kunt beantwoorden, dan zult u dat zeker doen. Dat we verder proberen om vooral beleidsmatige vragen op de rol te krijgen, zodat we aan het eind van deze vergadering kunnen zeggen: als we hier met zijn allen naar kijken, dan geloven wij niet dat we hier over twee weken een besluit over kunnen nemen. Of misschien vinden we dat wel. De heer Ran, dank u wel. -Dank, voorzitter. Ik begrijp heel goed wat de portefeuillehouder bedoelt. Dit proces loopt al een hele tijd. Het proces moet inderdaad zorgvuldig. Over twee weken staat de raadsvergadering gepland, maar ik bespeur al dat er sowieso amendementen zullen komen. Die moeten juridisch gedekt zijn, want dat komt zo meteen een-op-een in een bestemmingsplan. Als we dat niet goed gedaan hebben, lopen we een risico dat we onnodig onze eigen inwoners naar de rechter sturen om tegen ons te procederen. Dat wil ik koste wat kost voorkomen.
Ik wil voorstellen dat we op dit moment met elkaar bepalen of we een extra commissie gaan doen in april. De insprekers zijn al geweest, dus die kan zonder inspraak. Dat we op dit moment met elkaar bepalen om tot een zorgvuldige voorbereiding te komen. Dat we zeggen: we gaan in april, commissie, nog een keer met elkaar aan de slag. We zullen daar de juridisch getoetste amendementen met elkaar bespreken, zodat het in april daadwerkelijk in de raad behandeld kan worden. Dat is het ordevoorstel wat ik wil doen. Prima, dan zegt u eigenlijk: het ordevoorstel is om nu het besluit te nemen om de vergadering, in ieder geval dit agendapunt, niet op de komende raadsvergadering te behandelen, en aan het college te vragen om met het afstemmingsoverleg een planning te maken hoe we het verder oppakken. Waarschijnlijk een maand opschuiven, maar ik kan nog niet helemaal goed in de agenda kijken. Mevrouw Van de Wetering, gaat uw gang. Dank u wel, voorzitter. U had het over vragen naar aanleiding van de insprekers, maar ik heb misschien ook wat andere vragen. Als de wethouder deze avond toch wil gebruiken om vragen te inventariseren, laten we het dan niet alleen bij de inhoudelijke vragen houden, maar werkelijk de vragen die we nog hebben op tafel neerleggen. -Ik ben het helemaal met u eens. Het loopt een beetje door elkaar.
De insteek is om direct gewoon het concept paraplubestemmingsplan te pakken, dat per hoofdstuk te bespreken en hoofdstuk drie, waar het eigenlijk om gaat, zelfs per paragraaf te bespreken, zodat we daar helderheid krijgen in wat we willen, welke richting we op denken, en welke vragen er zeker nog beantwoord moeten worden. Gaat uw gang. Ik geloof dat de voorzitter naar mij keek. Dan heb ik nog één vraag naar aanleiding van de insprekers. -Eerst het proces afronden. Ik ben het helemaal eens met proces, voorzitter. Meneer Berger, u heeft het woord. -Voorzitter, dank u wel voor het woord. Het proces, ik dacht ook dat het daarover ging. Het betoog van de heer Ran over de procedure
lijkt mij volstrekt duidelijk en heel verstandig. Er zijn nog zoveel losse eindjes die overal liggen waar iets aan gedaan moet worden en er zijn nog zoveel vragen waar we geen antwoord op willen voorlopig, dat ik dat volledig ondersteun. Als ik rondkijk, kunnen we zo met elkaar verder? De griffier zegt, wat ik net al een beetje probeerde te zeggen: de datumplanning moet nog nagekeken worden. In principe april, maar het moet wel klaar zijn. Dan kom ik terug om het voorgaande af te ronden. Zijn er nog vragen die u aan het college wil stellen naar aanleiding van de inbreng van de insprekers? Sorry, voorzitter. Is het nu duidelijk dat we het gaan uitstellen, of niet? Wat we gaan uitstellen is de raadsvergadering. we gaan ervan uit dat er nog een extra commissievergadering nodig is om de raadsvergadering voor te bereiden. Duidelijk, want we willen dit niet overhaasten. Mevrouw Van de Wetering. -Dank u, voorzitter. Het is een complex stuk. Dat kunnen we zo stellen. Ik heb nog één vraag richting het college. Ik hoorde één van de insprekers zeggen dat iemand met op dit moment 2.400 vierkante meter agrarische schuur aan het zoeken is naar een mede-agrarische eigenaar om die 1.200 meter - 1.250 meter is het volgens mij te compenseren die gesloopt moet worden om voor een andere woning in aanmerking te komen. Ik wil daar graag een antwoord op hebben.
Voor zover ik weet, mag je dat niet met een andere boer gaan combineren om alle schuren weg te halen. Dat was iets wat ik helder wilde krijgen. Dank u wel, ik ga ervan uit dat dit een schriftelijk antwoord wordt. Voorzitter, dat klopt. Hij is als vraag genoteerd naar aanleiding van de inspreker. Daar komen wij op terug. De heer Hoogerheide. -Flapperdeflap, dan hebben we het over pipowagens. Veel discussie. Adviseert het college en is het college bereid om contact op te nemen met de ANWB? Dan zijn we eindelijk uit de discussie vandaan: wat is nu een pipowagen? Is dat een caravan omdat er een trekhaak voor zit, of niet? Mogelijk kan de ANWB, erkend instituut in deze, u een verlossend antwoord geven. Dat als eerste. De tweede, het is al aangehaald: er is sprake geweest bij de heer Hin of er in zijn zienswijze toezeggingen gemeente Texel. Ik hoop dat het serieus tegen het licht wordt gehouden. Wethouder, bent u dat bereid te doen? -Wethouder. Voorzitter, dat heb ik net aangegeven. Alle vragen die de insprekers gesteld hebben, daar zoeken wij de informatie bij en we kijken of het gevoel dat ze hebben klopt met de juridische feiten die wij in huis hebben. Dat is namelijk de spanning die er altijd in zit. Je maakt in je eigen hoofd ook een redenering die je logisch en redelijk en rechtschapen vindt. Soms is de juridische werkelijkheid toch een andere.
Dat moeten wij eerst heel goed uitzoeken. -Dank u. Vervolgvraag, zie ik. Korte reactie. U breidt nu uw vraag uit, en nu ben ik tevreden. De heer Rutten. -Dank u, voorzitter. De heer Hin had inderdaad een betoog. Hij heeft een zienswijze ingediend met een voorstel. Wij zouden graag zien dat u bij die antwoorden ook ingaat op de vraag of dat juridisch houdbaar is, en of we een raar precedent of een raar besluit nemen als we daarin meegaan. We zien het werk stapelen. De heer Ran. -Dank, voorzitter. Als u me toestaat, ik heb een vraag over een inspreker
die vanavond niet is geweest. We doorlopen dit traject al geruime tijd. Vanaf de eerste onderzoeken van toeristisch toekomstplan, tot toekomstplan, tot dit paraplubestemmingsplan. Iedere keer hebben we inspraak gehad van iemand namens de klankbordgroep. Alleen is dat vanavond de grote afwezige. Is daar een reden voor? Ik denk dat deze direct beantwoord kan worden. Gaat uw gang. Voorzitter, de klankbordgroep heeft een advies uitgebracht. U hebt de reactie van het college daarop gezien. De klankbordgroep heeft geen reden gevonden om naar aanleiding daarvan hier nog in te spreken. Dank u. Dan stel ik voor dat we de insprekersronde volledig afronden en dat we overgaan naar de concept paraplubestemmingsplan bespreking. Ik zie dat er behoefte is, en ik kan me dat goed voorstellen om 21:30 uur, om vijf minuten te schorsen en even koffie te pakken of even sanitair te ontspannen. Dank u. [onderbreking 02:06:50 02:016:27] De zetels van de commissieleden zijn inmiddels bezet. Dat zou normaal betekenen dat we kunnen beginnen. Het voordeel van het als voorzitter aanvragen van een schorsing, betekent dat je ook degene bent die hem weer mag openen. Dat doe ik bij deze. Dan gaan we nu door met het paraplubestemmingsplan zelf. Ik kom direct over hoe. Ik stel voor het plan per hoofdstuk te behandelen, en hoofdstuk drie per paragraaf.
Dat betekent eerst hoofdstuk één en twee, inleiding en beleid. Dan hoofdstuk drie, met de eerste paragraaf getiteld inpassing bij omzetting. Omdat dit een term is die wat lastig wordt. Het gaat in dit hoofdstuk over omzettingen van bijvoorbeeld kampeerplaatsen naar chalets of zomerhuizen en dergelijke. Dan komt het hoofdstuk stolpen, dan hoofdstuk 3.3 logies met ontbijt, 3.4 kamperen bij de boer, en dan weer per hoofdstuk. Hoofdstuk vier juridische toelichting, hoofdstuk vijf uitvoerbaarheid, en daarna komen de feitelijke regels per hoofdstuk. Kunt u hiermee instemmen? We beginnen, zoals gebruikelijk, steeds met een vragenronde. Ik denk dat we vandaag een bijzondere vergadering hebben. Er zijn al veel technische vragen gesteld, en die zijn niet allemaal beantwoord. Het is heel belangrijk dat we die niet nogmaals mondeling stellen. Het gaat vooral over nieuwe vragen over dit onderwerp. Het politieke deel van deze vergadering kan heel kort, want er komt nog een echte commissievergadering. Dan kunnen we heel duidelijk de politieke kant bespreken en de amendementen aankondigen die daar waarschijnlijk uitkomen. Dan hebben we alle informatie paraat. Dan kijk ik nog een keer. Kunt u hiermee instemmen? Meneer Rutten. -Dank u, voorzitter. Ik heb eerlijk gezegd nog een paar vragen genoteerd staan over de klankbordgroep. Waar wilt u dat ik die stel? Bij voorkeur schriftelijk.
Ik krijg een tip van twee kanten: na het paraplupla. Dan zitten we daar procesmatiger in. Nog anderen? Dan pakken we het parapluplan op het scherm, of ik heb hem lekker op papier. Hoofdstuk één, inleiding. Iemand? Hoofdstuk twee, beleid. De heer Berger. -Dank u wel, voorzitter. Ik heb een aantal vragen die ik heb opgesteld een klein beetje moeten aanpassen in verband met de nieuwe aanpak zoals we die net hebben vastgesteld. Maar toch lijkt mij dat
onder het hoofdstuk beleid... Ik heb een paar opmerkingen die ik daarover zou willen maken. Die zouden daar kunnen passen. Het gaat namelijk hierom: in hoofdstuk twee worden zes strategische pijlers voor de ambities uit het toeristisch toekomstplan benoemd. Pijler vijf luidt: stuur vanuit inzicht en heldere regelgeving. Het parapluplan betreft de regelgeving, maar het stukje visie uit pijler vijf komt niet aan bod. Dat hoort hier waarschijnlijk ook niet thuis. Dat komt later aan de orde als vertaalslag naar het beleid, en zal aan de orde komen in het tweede uitvoeringsprogramma, het organisatorisch plan, neem ik aan. Een belangrijke pijler voor de verblijfsrecreatie op Texel is hoe we op Texel regelen dat het toerisme goed samengaat met het welzijn van de inwoners, en uiteraard landschap en natuur. Nu is mijn vraag, omdat duidelijk gevraagd wordt om beleidsachtige vragen: wat heeft het college nodig van de raad om hier meer invulling aan te geven? We hebben het gehad over toeristische druk, de druk op het eiland, de druktebeleving. Het is een heel complex verhaal om concreet te maken hoe je daarmee omgaat en aan welke knop je in de toekomst zou willen draaien. Ik zou aan het college willen vragen, in termen van welke beleidsinstrumenten wilt maken: wat heeft u vooral nodig van de raad om dat iets meer te concretiseren? Tot zover. -Nu moet ik even nadenken.
Wilt u hier een antwoord of is voldoende dat die genoteerd wordt? De wethouder wil graag een antwoord geven. -Voorzitter, dit is een goed moment om het proces te schetsen waar wij nu in zitten. We hebben in september 2021 een toeristisch toekomstplan vastgesteld. Dat is mede gevoed door een inwonersbelevingsonderzoek uit 2019, waarin meer dan de helft van ondervraagden zei: "Het wordt druk zat op het eiland. Mag het niet een onsje minder?" Dat heeft geleid tot het toeristisch toekomstplan, en daar zijn een aantal pijlers benoemd. Dat toeristisch toekomstplan is vastgesteld, en tegelijkertijd heeft u toen het college opdracht gegeven om een eerste uitvoeringsagenda te maken. Uitvoeringsagenda één van het toeristisch toekomstplan. Die is kort geëvalueerd, ambtelijk en met de klankbordgroep. Die evaluatie hebt u gekregen van ons via een raadsinformatiebrief. In de begeleidende brief hebben wij toen gezegd: "Er moet een tweede uitvoeringsagenda toeristisch toekomstplan komen." Daarin is ons verzoek aan de raad: agendeer daar de beleidsmatige issues die de raad van belang vindt.
Dan vraagt u nu naar concretisering van de vraag: hoe kunnen wij de balans tussen wat wijlen de heer Veldkamp noemde 'Texel, het toerisme en economie in balans met ecologie en leefbaarheid' beleidsmatig handvatten geven? Dat begint met wat de heer Boon zei, meten is weten, dus het monitoren van de ontwikkelingen. Dat gaat ook in een verzoek naar Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten, de ecologische beheerders. Waar ervaren jullie de toeristische druk? Hoe zouden we die kunnen verkleinen? Kunnen we door de jaren heen misschien wisselen in zones waar mensen wel en niet komen? Dus inzicht in waar het echt knelt, zowel in de ecologie als in de leefbaarheid, en een goed monitoringprogramma waar geld mee gemoeid is, om te zorgen dat wij de goede informatie hebben om beleid te maken. Dat zou ik heel graag willen terugzien in de tweede uitvoeringsagenda. Verzoek aan u om daar concrete suggesties in te benoemen.
De hele beddendiscussie heeft er al aanleiding toe gegeven. Daar gaat de behoefte naar uit. Maak daar concreet welke informatie we nodig hebben, zodat we vervolgens beleidsinstrumenten kunnen ontwikkelen. Een vervolgvraag. -Een vervolgvraag voor de zekerheid. Ik heb gezien dat de tweede uitvoeringsagenda voor dit jaar gepland staat. Wanneer is dat ongeveer? Daar zal waarschijnlijk een financiële component aan zitten. Als het lukt, maar ook dat even onder voorbehoud, zouden we in de kadernota misschien wat kunnen meegeven. Ik zou hem voor de zomer op inhoud bij u willen hebben, om daar het gesprek over te kunnen voeren. Wel of niet financiële consequenties voor de jaren daarna, dat kan bij de begrotingsbehandeling in november. Dank u wel. U noemde de kadernota. Wij noemen die hier de perspectiefnota. Het is hetzelfde ding. De perspectiefnota. -Ik wilde beginnen met inventariseren en toen zag ik alleen de heer Berger. De inventarisatie over hoofdstuk twee, beleid, zijn er nog andere mensen die het woord daarover willen voeren? Vragenronde? Dan kunnen we naar waar het pittiger wordt. Hoofdstuk drie, wijzigingen van verblijfsrecreatie. Dan gaat het over hoofdstuk 3.1, en dan zie ik de heer Hercules al. Inpassingen bij omzetting. Wie wilt hier nog meer het woord over voeren? Mevrouw Ter Borg, de heer Rutten, de heer Hoogerheide, en de heer Ran.
Dan wil ik graag beginnen met de heer Hercules, want hij stak zijn vinger al op bij de inleiding. Gaat uw gang. Ik twijfel erbij. Bij 5.2 gaat het over economische uitvoerbaarheid, en mijn vraag gaat over de omzetting. Ik neem aan de omzetting van kampeerplaats naar andere. Daar hebben we al een aantal schriftelijke vragen over gesteld, die voornamelijk te doen hebben met mogelijke planschade en minder planschade, als we een ander alternatief vinden voor het amendement van de raad om omzetting niet meer mogelijk te maken. Ik heb aanvullende vragen en die gaan over opmerkingen en suggesties uit de zienswijze van mensen die voor kampeerterreinen een lans braken om toch omzetting te gaan doen. Er staan ook suggesties, bijvoorbeeld - ik noem ze op zoals ze er letterlijk in staan - een voorstel van een indiener om voor een termijn van tien jaar te gaan. Een voorstel van een indiener van de zienswijze dat de omzetting van chalets naar huisjes nooit voorkomt. Dat is een niet-bestaand fenomeen, staat geloof ik in de zienswijze. Ook een opmerking van één van de indieners van een zienswijze, dat in de langetermijnplannen slechts 10 procent van de kampeerplaatsen op de rol staan om huisje te worden. Dat zijn drie voorbeelden waar het college een ander soort voorstel had kunnen doen in de invulling van omzetting.
Bijvoorbeeld door een termijn van 10 jaar te kiezen, door toe te staan dat maar 10 procent van de bestaande kampeerplaatsen wordt omgezet naar huisjes of chalets. Of een voorstel om kampeerplaatsen alleen maar chalets om te zetten, want daar komen toch nooit huisjes van. Mijn vraag is: waarom heeft het college op deze suggesties en opmerkingen in de zienswijzen niet een andere route gekozen dan ze nu hebben gedaan, namelijk het amendement van de raad helemaal verwerpen? We maken de ronde af. Dan kijken we of de wethouder daar in de grootschalige beantwoording op wil terugkomen of dat hij hier al licht op kan laten schijnen. De heer Rutten. Dank u, voorzitter. Bij omzetting stond in eerste instantie
een verplichte boomsingel van zeven meter. Het college heeft nu in het gewijzigde voorstel deze laten vervallen. We kunnen dat op zich begrijpen, bijvoorbeeld binnen de bebouwde kom, dat u zegt: het is niet realistisch om daar een singel van zeven meter verplicht te stellen. We vragen ons dan af: we hebben al een hele lange discussie over een boomsingel bij camping De Driehoek. Gaan we weer opnieuw dat soort discussies krijgen? Hoe hard is uw eis van goede landschappelijke inpassing? Hoe zeker bent u ervan dat we niet weer dit soort discussies krijgen? Vindt u dit echt een verstandig voorstel? -Dank u wel. Mevrouw Ter Borg. Met risico voor enige overlap. Ik wilde ingaan op de categorie recreatie kampeerterreinen. Er is een verzoek binnengekomen in de zienswijze om een alternatieve overnachtingsmogelijkheid te mogen ontwikkelen. Reden voor dit verzoek is gebaseerd op een daling in de vraag naar het traditioneel kamperen, met name in voor- en naseizoen. Generatie diehards met betrekking tot het echte kampeerwerk schijnt uit te sterven. Men verlangt meer luxe. Indiener vraagt naar de mogelijkheden om te kunnen inspelen op de toenemende vraag naar nieuwe logiesvormen, samenvat onder de term 'dennenappel op het kampeerterrein'. Het zou kunnen gaan om een pilot. Wat vindt het college hiervan? Zegt u: kom maar met een voorstel, dan bekijken we het? Et cetera. -Dank u wel.
De heer Hoogerheide. Dank u wel, voorzitter. In navolging van de heer Hercules, planschade, zouden wij graag een overzicht weten en de motivatie en de reden hoe dat bedrag tot stand is gekomen. Er wordt nu een bedrag uit de lucht geplukt en dan denk ik: hoe komt dat? Meneer Hercules, we sluiten bij elkaar aan. Dan in navolging van de heer Rutten, daar staat zeven meter windsingel. Geldt dat ook voor de bebouwde kom? Dat is ons niet helemaal duidelijk. -Dank u wel. De heer Ran. Dank, voorzitter. Net als de heer Hercules twijfel ik of dit bij 5.2 moet of bij dit punt, maar ik zal hem inbrengen. GroenLinks heeft vragen gesteld over het volgende. Dit gaat over de planschaderisico's en verstening omzetten parkeerplaatsen. Het college stelt de verwachte aanzienlijke planschaderisico's voor de bestaande omzettingsmogelijkheden te laten bestaan, maar met extra voorwaarden, en om de termijn in artikel 5.3.2 te schrappen naar aanleiding van het advies van het juridisch adviesbureau. Tot zover kan ik het volgen. Maar dan: het door het college aangereikte alternatief (nog verder uit te werken) is juist bedoeld om de versteningseffecten zoveel mogelijk te mitigeren. Dan denk ik terug aan de commissievergadering van november 2022, waarin burgemeester Uitdehaag aangaf: "Wij hebben destijds bestemmingsplannen vastgesteld en daarin verwezen naar de nota parkeernormen.
Dat is op een nader moment uitgewerkt, en daardoor is dat niet van kracht. Daardoor kunnen we daar niet op handhaven." Waarom denkt het college dat het in dit geval wel kan, deze regels later uitwerken en ze alsnog van toepassing te kunnen laten zijn in dit bestemmingsplan? -Dank u, duidelijke vraag. Mevrouw Van de Wetering. -Dank u wel, voorzitter. Naar aanleiding van een aantal vragen ga ik ze nu ook stellen. Op GroenLinks reagerend: de pilot bij de kampeerterreinen, daar kan ik me heel erg in vinden. Ik heb daar zelf erg over nagedacht hoe ik dat in het vat zou willen gieten. Ik zie bijvoorbeeld wel een dennenappel
op wielen bij een kampeerterrein in het bos, maar liever niet in onze kwetsbare duinen. Ik zou een pilot op één camping bijvoorbeeld willen laten uitvoeren. De kwetsbare duinen en het zichtbare gedeelte van ons eiland willen uitsluiten van een pilot. Ik kan me voorstellen dat ik dat daar echt niet zou willen. Het is aan het college om daarmee aan de slag te gaan. Richting de boomsingel. Wat ik nu uit het plan haal, is dat de zeven meter boomsingel wel bij de recreatieterreinen blijft bestaan. Wethouder, klopt dat? Hij is heel erg in gesprek met de voorzitter, maar niet naar mijn vraag aan het luisteren, volgens mij. Meneer Kieft, heeft u mijn vraag gehoord? Wat ik begrepen heb uit het bestemmingsplan: op dit moment is bij recreatieve terreinen wel de boomsingel verplicht, bij recreatieve gebouwen niet. Dat is wat er staat, volgens mij. Het enige wat ik van u helder wil hebben, is dat de zin 'of een andere landschappelijke inpassing' nog steeds in het nieuwe bestemmingsplan gaat staan. Daar hebben we juist nu de valkuilen mee gehad, omdat die andere landschappelijke inpassing nogal makkelijk in te vullen valt en niet echt duidelijk is, waardoor we in het verleden problemen hebben gekregen. Iemand vond iets hartstikke landschappelijk ingepast, maar wij verwachten daar een boomsingel. Als die zin er nog in staat, dan wil ik dat heel heder hebben.