Agendabundel
Tekst van het document
Onze infrastructuur wordt extra belast. De grijze in dit geval, maar misschien ook wel de natuur, mevrouw Koot. Hoe staat het daarmee? Zijn er plannen richting het nieuwe kabinet? Kunt u iets meer vertellen over de voortgang rond dit proces met toeristenbelasting? -Dank u wel. Dan gaan we eerst naar de vraag over ongediertebestrijding. We kijken allen naar portefeuillehouder Hooijschuur. Dierenwelzijn, ja. Dus ze moeten naar jou toe? Er gaat eventjes een switch. Misschien kunnen jullie allebei een antwoord geven? -U heeft gelijk, de gemeente heeft natuurlijk een taak om de rattenbestrijding op te pakken.
Dat is niet alleen ratten, maar ook wespen, bijen en al die dingen. Maar om terug te komen op de ratten, mogen we dus geen gif meer neerleggen links en rechts. Dat mogen ook al de Texelaars niet, onze eilandbewoners. Het is allemaal verboden om gif, zo min mogelijk te doen. Maar ik ben wel met u eens dat er steeds meer van die beesten komen. Dat is een feit. Maar ik denk dat we ook met een keer moeten kijken hoe we onze rotzooi opruimen om de woning heen. As je op een gegeven moment een rattenplaag ziet en je ziet waar ze allemaal onder vandaan komen, dan schrik je ervan. Daarnaast kan ik erover meepraten. Ik zit op het bungalowpark met mijn kinderen. Af en toe zitten er heel veel, als we een rondje lopen. Maar dat hangt ook wel samen met wat er rondom op de landerijen staat, waar mensen wonen. Als je een veld met wortelen of tulpen hebt, is het bijna bingo dat je een heleboel van die beesten hebt op het platteland. Dat klopt. Maar hoe ga je het bestrijden? Dat wordt best wel lastig, denk ik. Het is denk ik niet alleen aan de gemeente, maar aan ons allemaal, hoe we dat moeten oppakken. We moeten met zijn allen kijken hoe we dat monitoren. Dat we zo min mogelijk eten en andere spullen buiten laten liggen, om dat aan te gaan. Ik denk dat dat de enige reden is. Want gif en alles wordt steeds minder. Dus het probleem is er.
Het is voor ons ook een oplossing zoeken hoe we het aanpakken. Je kunt natuurlijk iemand inhuren die met een geweer op zijn schouder loopt. Dat gebeurt natuurlijk ook. De meeste boeren hebben een luchtbuks. En die gaan een rondje om hun eigen landerijen heen. Ik heb wel begrepen dat zij er best een aantal neerschieten, maar dat is natuurlijk niet in een woonwijk, waar ze ook lopen. Dat is lastig. Dus ik heb zo niet een-twee-drie antwoord. Maar dat we minder ongedierte bestrijden, of met ratten, dat klopt ja. Maar we zetten wel kistjes neer, links en rechts, als mensen bellen. Dus het is niet zo dat we niks doen, dat moet ik wel toegeven. We hebben iemand die rattenbestrijding is. Dus mocht er een telefoontje komen, dan gaan we er zeker altijd heen om te kijken waar we die dieren kunnen vangen en opruimen. Dank u wel, wethouder. Ik heb meerdere vingers gezien. In ieder geval, op de vraag wat het college nodig heeft, is geen eenduidig antwoord. De heer Huisman wilde eerst reageren. Ik ben blij dat D66 het adresseert en de antwoorden van de wethouder. Maar wat ons betreft mag er best een schepje bovenop. Want alleen met een foldertje gaan we rattenbestrijding niet redden. Dat moet echt goed worden aangepakt. Niet alleen in het buitengebied, maar ook in de kernen want daar zijn ze ook. Met alleen een foldertje gaan we dat niet redden.
Dus ik denk dat we die handschoen moeten oppakken. Mevrouw Van de Wetering en daarna mevrouw Visser. Vroeger was het heel gewoon om een bedrag uit te loven voor een staart. Er verdwenen er daardoor wel een heleboel. Maar ik ga met de VVD in gesprek. Ik weet niet of we dan genoegen moeten nemen met alleen een staart. Mevrouw Visser. Op de vraag van D66 wat de gemeente nodig heeft, misschien is dat wel die nieuwe communicatieadviseur. Want met alleen een foldertje kom je er niet, maar een communicatieadviseur kan echt veel meer. Een rattenvanger van Texel. Mijnheer Hoogerheide. Dank u wel, voorzitter. Volgens mogen er wel ratten met gif bestreden worden zodra de volksgezondheid in gevaar is.
Maar dat hoor ik graag van de wethouder. Dus graag onderzoeken hoe ver zich dat strekt. En aan de andere kant zeg ik: zet die dingen aan de pil. Is daar een antwoord op te geven? -Wat mijnheer Hoogerheide zegt, dat klopt, natuurlijk. Als de volksgezondheid in het geding komt, dan mogen we gif. Dat doen we nu ook wel op de plekken dat we gif in een kistje neerleggen om te vangen. Maar dat is niet zoals vroeger dat je gif in een gat neerlegde. Er moet veel beter worden opgepast waar je het neerlegt. Dus ik denk wel zeker dat we doen wat u zegt. Wellicht kunnen alle creatieve suggesties meegenomen worden. We zullen zien wat daar verder van komt. Dan wat betreft de grasbetonblokken, daar wilde de heer Soyer graag als eerste op reageren. Andere fracties waren ook uitgenodigd. Dank u wel, voorzitter. Allereerst, ik heb net afgelopen week ontdekt dat wanneer je een rattenbestrijding inhuurt, dat je 2 euro per stukloon gaat betalen. Dus dat dat loopt stevig op. Maar over de graskeien, wij zijn heel blij met het incidentele karakter hiervan. Dan wil ik direct aansluiten bij wat de heer Kieft net zei. Er moeten straks keuzes gemaakt worden. Graskeien, parkeerstroken, mobiliteitsplan gaat hier natuurlijk ook op in. Misschien zelfs eenrichtingsverkeer op niet noodzakelijke wegen inrichten. En er zal ook geld moeten zijn om de groene infrastructuur te realiseren.
En dan heb ik het niet alleen over bomen, maar vanavond op het journaal was het ook heel duidelijk met de bloemrijke dijken. De bloemrijke dijken leveren 17 duizend kilometer verbindingszones op, op het moment dat dat gebeurt. En wij hebben ook fantastische verbindingszones in ons beheer, namelijk de bermen. Dus ik denk dat we straks veel grotere keuzes moeten maken uit een waaier van mogelijkheden en noodzakelijkheden. En dan zou die zes ton aan graskeien wat ons betreft wel eens een bespreekpunt kunnen worden. Dank u wel. -Mijnheer Hercules, ik neem aan ook op dit punt? -Eerst ook over ratten, want daar krijg je dan 2 euro voor. In de jaren '50 kreeg je 2 gulden 50 voor de flipper van een zeehond. Ook leuk om te weten, toch? De PvdA kan zich grotendeels vinden in de woorden van de heer Soyer als het gaat over graskeien. Wij vinden eigenlijk dat je gewoon een budget moet vaststellen als raad. En niet per straat of weg moet gaan bepalen wanneer het nodig is. We zijn het er ook mee eens wat de heer Soyer zei, dat je misschien niet alle wegen gewoon klakkeloos maar moet 'begraskeien.' Maar ook moet kijken welke wegen je minder wil laten gebruiken bijvoorbeeld en daar keuzes in maken. Dat doen we in het mobiliteitsplan, denk ik. Dus misschien moeten we met zijn allen nog nadenken over telkens maar meer graskeien.
In plaats van: laten we het graskeien budget structureel verhogen, zodat we de graskeien aan de straatstenen niet meer kwijt kunnen. Mevrouw Van de Wetering wil daar nog weer op reageren. Ik weet niet wie er in Den Burg woont en niet verder op het eiland komt. Maar goed, ik weet niet hoor. Soms zie ik wegen waar het asfalt zo is en dan zit de berm hier. En als er, zeker in de herfst, een aantal landbouwvoertuigen, die zijn al groter en breder geworden, daar doe je niets aan af. Maar die rijden daar echt gewoon ook over diezelfde wegen met behoorlijk grote gaten daarnaast. Het is soms echt levensgevaarlijk. Grasbetonkeien zijn juist bedacht om een berm stevigheid te geven bij uitwijkmanoeuvres.
Maar ze zijn groen, zodat het groen nog steeds naar boven kan komen, mijnheer Soyer. Dus wat dat betreft is het een stukje veiligheid dat je biedt aan je inwoners. Dit onderwerp gaat wat mij betreft over het simpele feit, dat we tot nu toe elk jaar opnieuw geconfronteerd worden met incidenteel geld. En ik zou dat graag op een andere manier in de begroting willen opnemen. Tot nu toe is dat zo, maar dat zou misschien verandering kunnen brengen. Ik zie dat de heer Hercules en de heer Zegel daarop willen reageren. -Ik denk niet dat we dezelfde reactie hebben. -Voorzitter, u zegt dat het gaat over of dit incidenteel of structureel moet zijn. Maar ons gaat het over de achterliggende gedachte, het beleid daarachter. Overigens, in een vorige perspectiefnota stond inderdaad het landbouwverkeer als een van de grote veroorzakers van al die gaten langs de weg. Je kunt ook met boeren gaan praten en die communicatieadviseur bij de boeren langs laten gaan, of boeren aansprakelijk stellen. Ja, dat is weer oeh, maar we weten allemaal hoe het komt, die grote gaten langs de weg. Een andere, positievere insteek is op een andere manier de weg inrichten. Bijvoorbeeld met een inhaalstrook, een uitvoegstrook. Dat zie je op heel veel plekken in heel veel dorpen. Een passeerstrook, dank u wel, mevrouw Koot.
Dan houd je je prachtige landelijke weggetje over, maar maak je het toch mogelijk dat die vette tractor aan de kant kan en de fietsers erlangs kunnen. -De heer Zegel wil toch nog reageren. Voorzitter, het lijkt deels op wat de heer Hercules zei. Op sommige wegen werken graskeien inderdaad wel heel goed. Maar persoonlijk vind ik het vaak een beetje schijn groen. Het ziet er groen uit, maar het is toch wel voor een groot gedeelte beton. Zoals net aangeven kan je ook andere keuzes maken. Ik heb voordat ik terugkeerde naar Texel lang in de gemeente Molenlanden gewoond. Daar stikt het van de ventweggetjes. Je rijdt over de Lekdijk en dat is allemaal hartstikke smal. Het werkt daar prima met passeerhavens, eenrichtingsverkeer en dergelijke. Daar rijden ook heel veel grote landbouwvoertuigen en er ligt nauwelijks een graskei. Ik ben met u eens dat het in sommige situaties gevaarlijk is, maar altijd alleen maar graskeien is wat ons betreft niet oplossing. Ik wilde net zeggen: we gaan de discussie over de gras... Maar ik zie toch nog de heer Kooijman als eerste en daarna de heer Hoogerheide. Ik ga de werking van graskeien niet betwisten, maar mevrouw Van de Wetering vroeg of we het kunnen meenemen in de begroting. We hadden volgens mij vroeger een graskeienprogramma waar per jaar in stond welke wegen werden voorzien van graskeien.
Dat is volgens mij de vraag van mevrouw Van de Wetering: kan dat graskeienprogramma gewoon weer terugkomen? Want daar stond exact in gedefinieerd voor de komende vijf jaar, welke wegen aangepakt zouden worden. Dus ik ga mee met mevrouw Van de Wetering: niet incidenteel, maar gewoon structureel kijken welke wegen er aangepakt kunnen worden. Als er wegen zijn waar we niet aan toekomen, schuif je ze door naar het jaar daarna. Dus, mevrouw Van de Wetering, u heeft een heel goed punt. De heer Hoogerheide. -Dank u wel, voorzitter. De heer Kooiman heeft gelijk: we hebben een beleid. Ik denk dat we dat misschien uit moeten kristalliseren. En misschien moeten we er een financieel plaatje onder hangen. Maar nu wat anders. Graskeien, ik wil ook de voordelen zien. Ik fiets veel over Texel en zodra er een auto achter me rijdt
en hij rijdt over die graskeien, hoor ik hem komen. Het is voor de veiligheid een plus. -Mevrouw Visser nog over de graskeien en dan gaan we verder. Ik wil reageren op de heer Kooiman. Ik wil niet ingaan of het incidenteel of structureel moet zijn, maar is het zo belangrijk om vooraf te weten welke straat of weg er wanneer aan de buurt is? Of kunnen we gewoon zeggen: we doen komend jaar zoveel strekkende meter. En afhankelijk van waar de nood het hoogste is, gaat het gemeentelijk apparaat bepalen waar op welk moment de graskeien komen? We gaan verder. Of de heer Ran wil, ik zie een pennetje omhoog. Heel kort, voorzitter. Mevrouw Van de Wetering stelde een vraag aan de commissie. Wij hadden nog niet gereageerd. Het klopt dat er jaarlijks budget voor graskeien in de begroting staat. Alleen, dat budget blijkt elk jaar onvoldoende, dus moeten er weer nieuwe voorstellen geschreven worden. Dus op de vraag van mevrouw Van de Wetering of wij voorstander zijn om dat budget structureel te verhogen, daar kunnen wij als VVD gewoon volmondig ja op zeggen. Daar zijn we eerder ook met amendementen voor gekomen. Maar het wordt tijd om knopen te tellen, denk ik. Het hangt er alleen vanaf welke knopen. Wij gaan naar de volgende vraag nog van mevrouw Van de Wetering. Deze is aan de heer Hooijschuur. Want het gaat over het ravijnjaar 2026.
D66 probeert u toch nog weer iets te ontlokken over het ravijnjaar. Namelijk, of het al duidelijk is hoe wij dan met de toeristenbelasting om kunnen gaan? -Dat ligt iets anders. U bedoelt de rijke gemeentes die toeristenbelasting heffen, moesten geld inleveren. Ik kan u mededelen: elke week dat wij overleg hebben, staat het op de agenda. Zoals u weet zit de gemeente Valkenburg aan tafel bij die onderhandelingen. De onderhandelingen lopen heel stroef, of bijna niet. De laatste stand van zaken van afgelopen maandag is dat er nog steeds niet bekend is, wat ze daarmee aan het doen zijn. Er is nog geen uitsluitsel, dus we kunnen daar geen antwoord op geven. Maar we zitten er wel bovenop als gemeente Texel, om te horen wat er gaande is daar op die afdeling. Maar op het moment kunnen we er niks op antwoorden. Dank u wel. Dan zijn er nog twee fracties overgebleven die op de perspectiefnota mogen reflecteren. Mevrouw Koot, GroenZwart. Gaat uw gang. -Dank u wel. Een positief beeld over de perspectiefnota. Maar staat u mij toe om toch over een aantal voorstellen een kritische vraag te stellen. Voorstel nummer 2: een doordacht arbeidsmarkt communicatiebeleid. Het gaat om een structureel bedrag van 25 duizend.
Dit verbaast mij eigenlijk, want ik heb van de laatste burgemeester begrepen dat we eigenlijk nog nooit zoveel nieuwe aanstellingen hebben gehad op het gemeentehuis, als de afgelopen paar jaar. Dus die positieve uitstraling van de gemeente als werkgever, lijkt eigenlijk best wel snor te zitten. Ook denk ik dat de gemeente Texel niet de enige gemeente is, die in die misschien wel lege vijver van potentiële ambtenaren vist. Dus het gevraagde jaarlijkse bedrag is niet heel groot, maar als kritische opmerking heb ik toch wat vraagtekens bij de effectiviteit van dit structureel gevraagde geld. Ik kan me zo voorstellen dat er meer gemeentes zijn, die op die manier proberen hun gemeente bovenaan te krijgen.
Voorstel 6: communicatie, visie en aanpak. Bij zoveel voorgestelde fte's op het onderwerp communicatie, bekruipt mij een beetje het gevoel dat de gemeente een boodschap gaat zenden. Ik hoorde het eigenlijk net ook al genoemd in de commissie, over de ratten. De mensen voorlichten, de mensen dit vertellen, de mensen dat vertellen. Dus heel veel zenden. Kunt u mij toezeggen dat het hier niet alleen om zenden gaat? Maar ook om ophalen, openstaan voor de inbreng vanuit de inwoners en daar dan ook wat mee gaan doen? Dus niet alleen zeggen: wat vindt u ervan? En dan tot de conclusie komen: maar wij hadden eigenlijk dat in gedachten en we zullen het u nog een keertje uitleggen. Maar de communicatie als een echte wederzijdse communicatie op te zetten. Dus die toezegging wil ik heel graag hebben bij dit voorstel van de wethouder. Voorstel 6 was dat. Voorstel 7. Dit lijkt mij een uitermate zinnig voorstel. Eigenlijk ben ik verbaasd dat er niet al zo iemand is. Dat wilde ik u toch meegeven. Dan de voorstellen over infrastructurele projecten. Deze beslaan een groot bedrag. De afgelopen jaren is diverse keren gebleken dat de projecten niet uitgevoerd worden, wegens personeelstekort, capaciteitsgebrek op het gemeentehuis. Alle goede bedoelingen ten spijt. Het is al eens door de raad aangegeven dat wij graag willen dat het college daar wat realistischer in gaat worden.
Kunt u aangeven in hoeverre deze voorgenomen projecten en het zijn er nogal wat - gaan passen in de capaciteit van de betrokken gemeente afdelingen? Voorstel 11. U vraagt een structureel bedrag van 100 duizend euro. De wethouder wil dit gaan gebruiken voor diverse duurzame initiatieven. Daar staat onder andere ook bij genoemd de wateropslag voor de landbouw en de visserij. De Visserij is al genoemd. Daar hebben we al een keer een flink bedrag, ik meen 2 miljoen, aan beschikbaar gesteld. Dit om te kijken hoe we hen innovatief kunnen helpen. Voor de wateropslag hebben we denk ik twee jaar geleden ook al een flink bedrag als gemeenteraad beschikbaar gesteld. Dus ik heb wat moeite met de onderbouwing van een structureel 100 duizend, als u eigenlijk al voor twee projecten van de gemeenteraad geld heeft gekregen. Dat wordt dan toch een vrij te besteden potje. Daar zijn we als gemeenteraad altijd een beetje voorzichtig mee. -Sorry, dat is dan uw vraag? -Mijn vraag is waarom dan de wateropslag en de visserij erbij genoemd staan, als we daar al geld voor beschikbaar hebben gesteld? Dan als laatste, excuses maar ik had er een paar puntjes, voorstel 12. Dat is een voorstel dat gaat over personeelswerving. Een geconstateerd tekort aan arbeid op het eiland. De gemeente doet hier een voorstel om daar geld in te gaan steken.
Waarom is dit een taak van de overheid? Als ik dit zo lees, dan klinkt dit eigenlijk als een voorstel tot het oprichten van een uitzendbureau: hoe gaan we mensen naar Texel halen? Er zijn mensen in de samenleving die daar ideeën voor hebben. Prima, maar ik vraag me af waarom dit een taak van de overheid is? Of vergis ik mij hierin? Dat waren mijn vragen. Dank u wel, mevrouw Koot. De eerste vraag ging over het arbeidscommunicatiebeleid, die 25 duizend euro. -Dank u wel, voorzitter. Het haakt misschien ook een beetje aan op de laatste vraag die u stelde. We weten dat één van de grote uitdagingen die we op dit eiland de komende jaren tegemoet gaan, het vinden van personeel is. We weten dat we vergrijzen. Dat we sneller vergrijzen
dan andere delen van Nederland. En dat we aan de andere kant ook nog aan het ontgroenen zijn. Dus we krijgen echt wel een vraagstuk als het gaat om het vinden van mensen die ons eiland draaiende kunnen houden. We kennen nu de voorbeelden wel vanuit de horeca, maar de verwachting is dat dit straks ook uitbreidt naar heel veel andere sectoren. Eén van die sectoren is ook de overheid. Ook voor ons geldt dat we, als je kijkt naar de samenstelling van ons personeelsbestand, daar best een uitdaging hebben de komende jaren. En het klopt dat we de afgelopen jaren best wel verloop hebben gehad en dat het steeds gelukt is om die vacatures in te vullen. We merken tegelijkertijd ook dat het steeds ingewikkelder en moeilijker wordt. Dat heeft te maken met de arbeidsmarkt, maar dat heeft ook te maken met onze eigen positie. Het wordt steeds moeilijker om die vacatures goed in te vullen. Dan moet je natuurlijk over een aantal dingen nadenken. Hoe zorg je dat je arbeidsvoorwaarden op orde zijn? Hoe zorg je ervoor dat het ook een prettige omgeving is om te werken, zodat je je mensen vasthoudt? Want dit gaat niet alleen over mensen aantrekken. Je denkt dan na over: hoe zorgen we ervoor dat we ook zo voor de bril komen, dat mensen op een andere manier naar ons kijken. En de gemeente een aantrekkelijke plek vinden om voor te werken. Daar past arbeidsmarktcommunicatie bij.
We kunnen daar binnenkort een keer de eerste uitingen van laten zien. Omdat we denken dat mensen die nu aan de overkant, maar voor een deel ook al op het eiland zitten, best wel kunnen verleiden om voor ons te komen werken. Dit is echt wel een uitdaging voor de komende jaren. En dan is dit maar een manier om daaraan bij te dragen. U zegt: je bent vast niet de enige gemeente. Dat zou juist een reden moeten zijn om het te doen, want dan is de concurrentie blijkbaar groot. Dus we willen graag op het netvlies komen. Dat is het antwoord op de eerste vraag. Zal ik dan de vragen over communicatie meteen meepakken? Want dat is een beetje in lijn met de vraag die daarover eerder ook gesteld is. Ook schriftelijk door de Hart voor Texel en ik geloof ook eerder door de Partij van de Arbeid al. We zijn hier aan het bestendigen van het aantal uren, we breiden niet uit. Deze mensen zijn er al, maar die werden tot nu toe incidenteel gefinancierd. Even los van of het over dezelfde mensen gaat, maar die fte's waren er al, zo moet ik het zeggen. Die gaan we nu structureel financieren. Er is de afgelopen maanden regelmatig hier in de raad en in de commissie gesproken over onze manier van communiceren. Het lijkt me duidelijk dat onze inzet erop gericht is, om ervoor te zorgen dat dat niet alleen maar eenzijdig is.
Wat mij betreft schrijft u het niet op als een toezegging, maar dat is wel de manier waarop we het doen. Zullen we het zo doen? -U mag er ook een toezegging van maken. -Dat vind ik heel interessant, maar hoe gaan we dit dan controleren en monitoren? De vraag is wat u daarmee opschiet. Maar de communicatie gaat natuurlijk altijd over een wederzijds gesprek en ook luisteren. Dat is ook de basis. Ik ben geen portefeuillehouder communicatie, maar ik vul het maar in. Dat is ook de basis waarop wij graag willen functioneren. U stelt de vraag naar aanleiding van de uitbreiding van het aantal fte's. Daarvan zeg ik: dat is geen uitbreiding, maar een bestendiging van het aantal fte's. Dank u wel, burgemeester. Dan zijn we bij de vierde vraag aangekomen
over de infrastructurele projecten, of dat realistisch is en of het past binnen de capaciteit van de gemeente. Ik denk dat dat voor wethouder Hooijschuur is. Dank u wel, voorzitter. Daar hebben we zeker naar gekeken in deze perspectiefnota. Wat we nu hebben gedaan is gewoon realistisch. We hebben echt gekeken of we het kunnen doen. Moeten we het niet een jaar uitstellen? Daar is echt twee keer naar gekeken. Dat hebben we niet op papier gezet. Maar wat we nu op papier hebben, is realistisch om uitvoerbaar te doen. Niet dat we het weer gaan overhevelen naar het volgende jaar. Dank u wel. Dan hadden we nog een vijfde vraag. Tenminste, dit was eigenlijk vraag vier. Ik denk dat die voor wethouder Kieft is. Het gaat over het structurele bedrag bij voorstel 11 van een ton. Onder andere: wateropslag, waarom opnieuw ook hier? Voorzitter, dank u wel. Als er een keer een innovatief waterproject is gesteund vanuit dit potje, wil dat niet zeggen dat er geen andere innovatieve waterprojecten komen. Dus het woord water is niet het innovatieve. Het innovatieve is dat ondernemers aan het zoeken zijn, hoe ze aan de transities kunnen voldoen. Wat dat van hen eist, wat dat van hen in hun bedrijfsvoering vraagt. En daar kunnen nieuwe ideeën uitkomen. We gaan natuurlijk niet twee keer precies hetzelfde project als innovatief project doen.
Want daar wordt over gepubliceerd, daar wordt over gecommuniceerd. Andere ondernemers kunnen gebruik maken van die kennis. Maar als er op het gebied van water nieuwe vragen komen, die we nog niet eerder hebben gehad, dan kan dat een innovatief waterproject zijn. Dat geldt voor alle andere mogelijke thema's die vanuit het veld op ons afkomen. Mevrouw Koot. -Graag een kleine vervolgvraag op dit antwoord. Wordt de gemeenteraad gedeeld in de overwegingen wanneer iets in aanmerking komt voor subsidie? Dus de argumenten waarom u zegt: hier gaan we dat geld aan besteden. Of verdwijnt deze 100 duizend euro per jaar uit beeld van de gemeenteraad en is het aan het college om daar een bestemming voor te zoeken? -Wethouder Kieft. Voorzitter, als het budget is toegekend voor dit onderwerp, dan bepaalt het college welke projecten gehonoreerd worden. Maar u krijgt daar wel met terugwerkende kracht verslag van. U wordt ook geïnformeerd over voortgang van projecten. Dat zit ook vaak in de projecten zelf. Neem het voorbeeld zoete toekomst. Daar is natuurlijk heel veel publiciteit over geweest, ook bij de gemeente. U bent ook uitgenodigd om daar te komen kijken. Dus al die informatie komt zeker naar u toe. -Het CDA. Dank u, voorzitter. Allereerst, we zijn als CDA een fractie geweest die hier regelmatig zeurde over overhevelingen.
Dus wij zijn wel blij dat het college nu een poging doet om een begroting neer te zetten die ze ook in één jaar kunnen realiseren. En we zijn heel blij met wat de wethouder heeft gezegd, dat ze goed hebben gekeken naar de verschillende budgetten. En of dat allemaal wat strakker begroot kan worden. Dus wij zijn heel benieuwd hoe goed dat gaat lukken, vooral in 2025, dichter met de begroting bij het eindresultaat zitten. Maar we zijn in ieder geval blij dat u daarmee aan de slag gaat. We hebben een aantal vragen. Eerst op pagina 4, de kaders en uitgangspunten. Voor het begrotingsjaar 2025 wordt conform het bestaand beleid
voorgesteld de lokale lasten te indexeren met 2,8 procent. Maar we zien ook dat u een resultaat begroot van 2 miljoen overschot. Dus wij vragen eigenlijk ons eigenlijk een beetje af waarom u deze keuze maakt, als u die twee miljoen toch eigenlijk niet nodig hebt in 2025 om te doen wat u van plan bent? Zou u dan niet kunnen overwegen de indexering achterwege te laten? Een klein stukje lastenverlichting naar de burgers en de ondernemers. Dan op pagina 32, de rehabilitatie van de Pontweg tussen de Dorpstraat en de Californiëweg. Dat die weg gerehabiliteerd moet worden, daar zijn we het volkomen mee eens. Alleen, langs die weg hebben wij nog een dossiertje met een stolp. Want daar zijn een aantal appartementen uitgebouwd tot recreatiewoning. De stolp zou gesloopt worden, maar die is nog niet gesloopt. Het fietspad loopt met een bocht om die stolp heen. Als die stolp nou gesloopt was en je gaat de weg rehabiliteren, zou dit een mooie kans zijn om die rare slingers eruit te halen. Dus ziet u nog kansen om dat met elkaar te combineren en daar de verkeerssituatie te optimaliseren? Dan bij het herinrichten van de Wilhelminalaan. Het komt nog een paar keer terug. Daar zegt u: 'de weg voldoet niet aan de richtlijnen van het CROW.' Wij hebben altijd begrepen dat de richtlijnen van CROW een richtlijn zijn, maar geen verplichting.
Dus waarom kiest u ervoor om daar zo hard op in te zetten? Waarom vindt u het zo belangrijk dat deze wegen aan de CROW-richtlijn gaan voldoen? Waarom kiest u er niet voor om daar misschien van af te wijken, omdat dat beter uitkomt? Of de leefbaarheid van de straat ten goede komt, omdat er dan meer ruimte is voor groen, bijvoorbeeld? Dan op pagina 27, de kolkenzuiger waar het al een aantal keer over ging. U kiest voor een aanbestedingstraject waarvoor u eerst een onderzoek gaat doen. Maar waarom kiest u voor een heel aanbestedingstraject? Is deze zware procedure echt nodig? Had het niet eenvoudiger gekund? Dan pagina 60, de inhuur van een handhavingsjurist. We hebben daar inderdaad in het verleden een amendement over ingediend. Volgens mij zagen we voor het afgelopen jaar een onderschrijding van het budget. Dus we zijn heel benieuwd hoe het college denkt dat het met de belasting van de handhavingsjuristen gesteld is, op dit moment en hoe ze naar het komend jaar kijken. Dank u, mijnheer Rutten. Ik kom tot de conclusie dat er veel vragen zijn voor de heer Hooijschuur. Tenminste, de indexering lijkt mij ook iets op financieel gebied. Waarom deze keuze, als er twee miljoen over is? -Goede vraag. Maar dat jaar is het laatste jaar dat we 2 miljoen over hebben. Volgens mij gaan we daarna in de rode cijfers.
Die 2,8 procent wordt volgens mij jaarlijks geïndexeerd dus dat hebben we dit jaar weer gedaan. En als je nu lastenverlichting doet en we komen het jaar erop met 5 procent verhoging, dan lijkt het me handiger dat we gewoon doorzetten wat we al die jaren gedaan hebben, gewoon die indexering erop houden. Dat lijkt mij het logische wat we nu gedaan hebben. Dat is de eerste vraag. Dan was er de stolp die op het fietspad staat. Ik kan u mededelen dat wij in gesprek zijn gegaan met die betreffende mensen. En we weten exact hoe het gaat. Er zaten ook mensen in die stolp. Dat waren geen toeristen, maar mensen de stolp gehuurd hadden.
Daar is mee gesproken, ook met de eigenaren. En daar is een datum afgesproken wanneer hij leeg moet zijn. Dan moet hij gesloopt worden, en dat is dit jaar. Daar is over gecommuniceerd. Je kan niet zomaar die mensen op straat zetten. Dat is niet ons punt. En ik neem aan, als die stolp gesloopt is, dat het fietspad rechtgetrokken wordt. Dat is volgens mij wel de bedoeling vanuit de gemeentewerken. Maar daar komen we op terug. Er is wel volop aandacht aan. De Wilhelminalaan, dat is een weg die er veertig jaar ligt. En om de veertig jaar hebben we afschrijving. Daarnaast hebben we ook die klimaatadaptatie, dat we willen vergroenen in de straat. Dus meer vergroening, dus minder parkeerplekken. Dat is een punt. Het riool willen we gaan scheiden in de straat. Dat is ook iets wat we willen gaan doen. En we willen gewoon de straat optimaliseren. Daarom staat hij op de nominatie om aangepakt te worden. En dat doen we bij meer straten in het dorp. Als ze er zolang liggen, worden ze vergroend en verbeterd, en het riool wordt aangepast. Dan over het parkeren, dacht ik? Nee, over de kolkenzuiger, waarom een heel aanbestedingstraject nodig is. -De kolkenzuiger. Daar komt dan een antwoord op. Dat gaan we overleggen met de betreffende mensen. Daar zal ik dit in meenemen, dan heb je in één keer alle antwoorden daarop.
Maar ik kan u wel aangeven dat een vrachtwagen bestellen tegenwoordig twee jaar duurt. Dus je moet hem al van tevoren bestellen, aanbesteden. En misschien is er een demo in het gebeuren. En als je daarop in kan schrijven. Dat hebben we nu ook gedaan op de zijlader. Dat bleek een demo en daar waren we de eerste die ingeschreven hadden. Dus we proberen wel aan alle kanten om zo snel mogelijk iets te hebben. Maar een vrachtwagen duurt tegenwoordig twee tweeënhalf jaar, voordat je hem besteld hebt. Dus er wordt wel gekeken. Maar dat antwoord nemen we mee onder de vraag die ook al gesteld is hierover. Uw vragen zijn klaar volgens mij. Dan hebben we nog voor burgemeester Pol, over de handhavingsjurist. -Dank u wel. Het klopt dat dit eigenlijk op basis is van een gesprek dat eerder, of eigenlijk eind vorig jaar, in de in de raad plaats heeft gevonden. We hebben er nu voor gekozen om dat twee keer incidenteel in de perspectiefnota mee te nemen. U ziet dat er een onderschrijding was in de programmarekening. Dat klopt. Dat had er vooral mee te maken, als ik me goed herinner, dat het niet lukte om die handhavingsjuristen te vinden. Dus handhavingsjuristen is een schaarse groep mensen waar iedereen ook een beetje aan trekt. Het gaat eigenlijk een beetje over het vorige punt ook. En het was lastig om iemand te binden. Inmiddels is dat voor dit jaar wel gelukt.
En we gaan ervan uit dat het ook volgend jaar wel weer lukt. We hebben daar ook wat steviger op ingezet. Dus vandaar dat u dat op deze manier hier terugziet. Gaat uw gang, mijnheer Rutten. -Dank u, voorzitter. Ik wil de wethouder danken voor het antwoord over de Wilhelminalaan. Het zijn allemaal overwegingen waar ik het volledig mee eens ben, maar het was niet waar ik naar op zoek was. De vraag is: waarom vindt u het zo belangrijk om op die straat ook te voldoen aan die CROW-normen die niet verplicht zijn? Waarom wilt u dat zo graag? Wat is uw afweging? Waarom vindt u dat belangrijk? Dat wilde ik graag weten. -We werken heel
veel met de CROW punten. Dat is natuurlijk een soort richtlijn die aangegeven wordt. En ik ga ervan uit dat we niet altijd de exacte maten oppakken die ze voorschrijven, maar we proberen wel een beetje in die richting te gaan werken. Dat is het punt dat we dat altijd meenemen in de plannen die we hier uitvoeren. Dat zie je ook in de fietspaden, 3,5 meter was eigenlijk de CROW. We hebben 3 meter gedaan. Maar we kijken wel altijd een beetje naar deze aangeving. -Dus ze worden misschien niet helemaal exact gehanteerd? Mijnheer Hoogerheide. -Dank u wel, voorzitter. Reagerend op de woorden van de burgemeester. Het bedrijfsleven zit om personeel verlegen. Maar ook de gemeente Texel, uiteindelijk zijn we ook een bedrijf. En als we nagaan naar het verleden, dan waren er heel veel bedrijven die zelf dienstwoningen hadden. Ik denk dat het een juiste houding zou zijn als het college eens nadenkt: kopen wij ook voor ons personeel dienstwoningen? We hebben in het verleden ook een burgemeesterswoning gehad. Niet ideaal, maar dat had je kunnen vervangen. Maar wordt er serieus over nagedacht? Mijn verzoek is nu aan het college: bent u bereid om serieus na te denken, wat doen wij met het woord dienstwoningen? U wilt een interruptie? Het lijkt mij dat eerst de portefeuillehouder hierop reageert. Ik denk dat dat wethouder Van de Belt is, aangezien het over woningen gaat.
Weliswaar personeelswoningen. -Het klinkt als een goed idee dat ik aan het woord ben. Ik weet niet of het een goed idee is om dienstwoningen te gaan aankopen voor personeel. U heeft als raad ook besloten dat bepaalde voorrangsregels gelden voor bepaalde beroepsgroepen die wat eerder in aanmerking zouden kunnen komen voor huurwoningen, ook om te kijken of het hier wel past. Ik moet eerlijk zeggen dat ik niet weet of dat ook geldt voor het personeel van het gemeentehuis. Dat heb ik niet scherp, daar kan ik op terugkomen. Dat kan voor de raad, maar ik denk niet dat het voor uw besluitvorming ertoe doet. Maar ik kom erop terug. -Mevrouw Koot wil toch reageren. Ik heb ook gezien dat mijnheer Hercules zo wil reageren. Ik wil heel graag reageren op het voorstel van de heer Hoogerheide van Texels Belang. Ik vind het namelijk helemaal geen goed voorstel. Want met uw voorstel maakt u het gemeentehuis een concurrent van iedereen die op Texel een woning zoekt. En dat vind ik niet uit te leggen aan al die woningzoekende inwoners op Texel. Duidelijk. U wilt daar op reageren, begrijp ik. Je kan alles zwart-wit zien, maar zo zwart-wit is het niet. De gemeente kan ook zelf woningen bouwen. Ik heb het ruim gevraagd en ik vraag een ruim antwoord. De wethouder heeft een uitstekend antwoord gegeven, dus uw interruptie en invulling is onjuist.
Volgens mij mogen we van mening verschillen, en dat gebeurde hier. De heer Hercules was als eerste en daarna heb ik nog de heer Rutten gezien. Voorzitter, ook in antwoord op die koopwoningen of in het vervolg daarvan. Wij hadden vroeger economie woningen bij Woontij. Tien procent van de woningen van Woontij mogen buiten de sociale woningbouw huur worden vergeven. De simpele vraag is: hebben we die woningen nog steeds beschikbaar bij Woontij? -Voorzitter, ja, die woningen zijn er wel. We hebben daar met een aantal organisaties ook afspraken over. Maar zoals u weet is er nogal een tekort aan woningen. Dus ook Woontij kan niet zomaar beschikken over voldoende woningen
om te voldoen aan de vraag naar economie woningen. Maar wat ik zelf niet helemaal scherp heb en wat ik richting de heer Hoogerheide bedoelde, is of wij ook één van die organisaties zijn die aanspraak doen, of kunnen doen op die economie woningen. Ik denk het niet. Ik denk dat dat nu voornamelijk de OSG is. Omring, politie wellicht, een beetje in die hoek. Maar het is niet veel en ik denk dat wij onszelf daarbuiten hebben gezet, op dit moment. Maar ik ga dat nog uitzoeken. Het antwoord komt daar nog op terug. Volgens mij zijn wij aan het einde gekomen. Mevrouw Visser vergeet ik nog? Dat weet ik niet, maar onze fractie is nog niet geweest. Ik was bang dat u ging zeggen: de hele perspectiefnota. Gaat uw gang. U heeft helemaal gelijk. Gaat uw gang. Dank u wel. Ik wilde naar de nieuwe ontwikkelingen gaan, die staan beschreven op pagina 6. Daar staat: 'het wordt steeds complexer om de juiste mensen te vinden en te behouden. Tegelijkertijd worden de vraagstukken breder en complexer. De maatschappij reageert veel meer vanuit individueel standpunt. En - waarschijnlijk mist het woordje dat - komt het veiligheidsgevoel van de medewerkers onder druk te staan.' Dit laatste stukje is eigenlijk de eerste keer dat ik hiervan hoor. Landelijk weet ik dat ambtenaren soms het veiligheidsgevoel een beetje kwijt zijn, maar ik had nog niet eerder gehoord dat dat ook bij ons speelde.
Dus vandaar mijn vraag: hoe uit zich dit gevoel van afnemende veiligheid? Betreft het medewerkers in een bepaalde functie of op een bepaalde afdeling? En wat gaat de portefeuillehouder hieraan doen? Dan heb ik een vraag over voorstel 9 van programma 2. Dat staat op pagina 30. Het gaat over het onderzoek naar de verkeerssituatie rondom camping Loodsmansduin. Het betreft hier het stuk vanaf kruising Rommelpot Klif Witte Weg tot aan camping Loodsmansduin. De smalle asfaltweg moet alle recreatieverkeer te voet, fiets, auto, camper en bezorgend verkeer verwerken. Dit zorgt voor problemen. Uit de tekst maak ik op, dat het vrijwel uitsluitend verkeer van en naar de camping betreft. En de toekomstplannen van de camping worden nu ook in het onderzoek betrokken. Vraag één: wordt een deel van het onderzoek betaald door de camping? En vraag twee: als nou uit onderzoek blijkt dat er aanpassingen aan de weg, of een extra fiets of voetpad langs de weg komt, kan dan ook een deel van de kosten daarvan voor rekening komen van de camping? Dan over programma 2, de vervangingsinvesteringen voorstel 1. Dan het onderdeel Wilhelminalaan. Vanwege de aanwezigheid van twee supermarkten wordt de weg veel gebruikt. Het lijkt alsof het hier slechts om de auto's van klanten gaat. Ik mis het feit dat er grote, volle vrachtwagens over de Wilhelminalaan gaan, om deze twee supermarkten te bevoorraden.
Deze vrachtwagens zijn breed en erg zwaar. Kan de portefeuillehouder garanderen dat hier voldoende rekening mee wordt gehouden? En kan de portefeuillehouder toezeggen dat, als de Wilhelminalaan niet geschikt gemaakt kan worden voor deze vrachtauto's, hij terugkomt naar de raad met bijvoorbeeld een plan om vrachtwagens uit het centrum te weren? En dan wilde ik vervolgens iets over investeringsvoorstel 16 op pagina 49 bij het programma 5 vragen. Wethouder Kieft gaf net aan dat er straks investeringen in groene infrastructuur gaan komen.
Of in ieder geval, voorstellen daartoe. Maar ik denk dat ik er al een gevonden heb, namelijk groenvoorziening het Gouden Strookje. Renovatie is gewenst, verbetering van de groeiplaats van bomen en nieuwe beplanting. In de raadsavond over groen van een aantal weken geleden, werd benadrukt dat groen in de dorpen voorrang moet krijgen. Dit in verband met de klimaatadaptatie. Dit plan voor het gouden strookje lijkt hier heel mooi in te passen. Maar waarom is er dan ook nog vervangingsinvestering voorstel 1 uit programma 2? Daarin wordt voor ditzelfde stuk gevraagd om nieuwe bestrating. Is het niet beter om dit voorstel inzake de groenvoorziening... Mevrouw Visser, dit is vanmiddag beantwoord. Dan hoop ik dat het voorstel uitgebreid wordt, want dat is de vraag. -Ze wilde een politieke vraag stellen, hoorde ik net. Oké. Als het een politieke vraag is, kom dan nog maar door. Mijn politieke vraag is inderdaad om dit voorstel, waar het gaat om de groenvoorziening van deze hoek, uit te breiden. Dan kan het vervangingsinvesteringsvoorstel voor bestrating verkleind worden. -Dank u wel. Dat was tevens de laatste vraag? Mijnheer Hercules. Dan vervolg ik onze vragen, voorzitter. Misschien heel kort, algemeen over deze perspectiefnota; iedereen is er blij mee tot nu toe. Er staat ook niet zoveel in. Het is echt de dunste die ik ooit heb gezien. Echt ooit.
Vierentwintig voorstellen en er zijn een heleboel investeringsvoorstellen. Het is een perspectiefnota van versnipperaars, kolkenzuigers en gouden strookjes. Dan gaan we het daarover hebben. Ik weet niet of u het heeft gemerkt, het wordt niet benoemd in de perspectiefnota, maar de helft van de voorstellen gaat op de een of andere manier over pleisters plakken met personeel. De helft van de voorstellen. Er zit geen enkel nieuw beleidsvoorstel in. Dus in die zin zijn wij er niet zo blij mee. We hebben liever meer ambitie. We zien liever dat er meer plannen zijn. En ook dat je goed plant, zodat we met dit eiland vooruit kunnen. Maar we begrijpen het ook wel. We horen al anderhalf jaar lang, als het geen twee jaar is, dat het heel erg druk is. En dat de organisatie op barsten staat. Dus we vinden het logisch dat we even pas op de plaats maken. Maar we vinden het ook echt heel erg zonde dat we dit jaar verliezen. Verliezen, omdat je altijd vooruit moet kijken als gemeente. We zijn gedwongen om dit jaar wat minder vooruit te kijken. De eerste vraag gaat over het strategisch personeelsplan. We hebben vragen gesteld over die uitbreiding in fte, incidenteel en structureel. En eigenlijk zegt het college dat het een logische vervolgstap is, om het strategisch personeel nog eens een keer te herzien. Want wat we nu doen is dus vuurtjes blussen.
En zoals het college zelf zegt: het is noodzakelijk door de veranderende werkelijkheid, om deze aanvragen te doen. Maar er zit nog geen plan achter. In het antwoord zegt het college ook dat met een doorlooptijd van drie tot vijf jaar, in 2025 zal moeten worden gestart met dat SPP, het strategisch personeelsplan. Wij zien daar echter deze perspectiefnota gaat over 2025 en verder - geen voorstel voor. Dus we nemen aan dat het college met een voorstel komt buiten de perspectiefnota. En wellicht met een budgetaanvraag, om tot een herziening van die SPP te komen. Zodat we een keer uit de problemen komen, uit de drukte komen
en weer nieuwe plannen kunnen gaan maken. Dat is de eerste vraag: wanneer komt dat SPP? Waarom staat er geen voorstel in? Kost het geen geld? Het tweede gaat toch nog over de uitbreiding communicatie. Daar hebben een aantal mensen al wat over gevraagd. We hebben daar ook antwoorden op gekregen. Wij vinden het ook een forse uitbreiding. Een wat technische vraag, maar het viel me net te binnen. Er is een senior communicatie fulltime medewerker op het burgerberaad gezet, en die zal weer terugkomen in de communicatie. Zit die nog bovenop deze communicatie fte's? Want dan is de uitbreiding niet met 70 procent, maar ik denk met 100 procent. Mijnheer Kooijman constateerde ook al dat het een fikse uitbreiding was. Wij vinden dat soort uitbreidingen in fte eigenlijk alleen maar kunnen als je daar echt een goed plan onder hebt liggen. Het college verwijst in de antwoorden naar het communicatie uitvoeringsplan, wat wij nergens kunnen vinden. Eigenlijk hoeft een raad een communicatie uitvoeringsplan helemaal niet zo interessant te vinden, maar wel de communicatie visie. Dus we hopen dat er een communicatie visie onder ligt. Hopelijk kunnen wij het communicatie uitvoeringsplan toch nog ter info krijgen van het college. Jaarlijks wordt er in september een evaluatie gegeven aan het college, of door het college, over dat communicatie uitvoeringsplan. Dat hebben we ook kunnen lezen.
En in september komen we dan terug naar de raad. Maar waarmee komt u terug naar de raad? Met een voorstel tot het maken van een communicatie visie? Want het gaat in deze raad best wel vaak over communicatie over bomen en graskeien en bruggen. Vanuit onze fractie misschien nog wel het minst. Dus er zit best wel structureel eens iets mis. Ook hier vinden wij dat je niet per se meer moet, niet meer graskeien er tegenaan gooien. En ook niet per se meer fte er tegenaan gooien. Maar kom gewoon met een plan. Dus de vraag is: zouden we het communicatie uitvoeringsplan toch nog mogen zien? We hoeven ons er niet mee te gaan bemoeien. Maar in september, komt er dan een voorstel om toch een beetje met een visie iets op te pakken? Mevrouw Koot zei ook al: dat gaat toch wel twee kanten uit. Bij communicatie is het best wel handig als het twee kanten uitgaat. Maar als er alleen maar wordt gezonden en als daar alleen maar de fte's nu al op worden ingezet, dan heeft dat denk ik ook weinig nut. De volgende vraag gaat ook over, toch een korte opmerking over het innovatie pilot budget voor energie, landbouw en dergelijke. Er werd al geconstateerd dat de projecten die daaraan verbonden zijn niet heel erg aansprekend zijn. Dat hoeft ook niet per se, maar het heet wel pilot en innovatief. Dus we weten niet precies waar dat dan op slaat.
En de resultaten zijn eigenlijk niet zo goed meetbaar, geeft het college ook aan in haar beantwoording van onze vragen. Of ze succesvol zijn, kunnen we nog niet. Maar ze zijn wel succesvol verleend, dat zegt het college. Wij hebben toch ook liever dat, helemaal als het structureel wordt, er gewoon een plannetje onderligt. Aan welke organisaties geef je deze subsidie? Het is gewoon een subsidie. En wat wil je ermee bereiken? Het kwam daarnet ook al voorbij: waarom moet je dezelfde organisatie meerdere keren subsidiëren? U zegt dat dat nu niet zo is, maar het staat niet in een verordening, of in een beleidsplannetje van u. Dus wij hebben liever eerst een plannetje als je dit structureel wil maken. Verder vinden wij het wel heel
erg noodzakelijk dat dit soort initiatieven gesteund blijven. Wat ons betreft kan dat ook nog met meer geld en met meer samen subsidie aanvragen. Maar dat lukt alleen als je een plan maakt. Ten slotte, we hebben er een antwoord op gekregen. In de begroting staat per jaar 500 duizend euro voor de verduurzaming van woningen. Dat is nu al twee jaar, dit is het derde jaar dat ingaat. Volgend jaar nog eens en het jaar daarna nog een keer 500 duizend euro. Dat is 2 miljoen in totaal aan subsidie. Het college antwoordt dat er te weinig capaciteit was om die plannen uit te voeren. Wij denken: er ligt toch echt al een miljoen klaar om dat te gaan doen? Waarom wordt dat niet gewoon uitbesteed? Dat is ook gebeurd bij een vorige keer, toen er geld voor duurzaamheid was. Dat was geloof ik 5 miljoen. Voor 10 procent van die 5 miljoen heeft een bureautje dat fantastisch uitgewerkt. En in 2,5 jaar was er 5 miljoen geïnvesteerd, door Texelse bedrijven vaak, in Texelse huizen. Dus ik kan het niet een tip noemen, maar een verzoek. We snappen dat er juist op duurzaamheid helaas gebrek aan capaciteit is. Maar wellicht is een andere manier van dit uitzetten dan effectiever. Dat waren ons vragen. -Dank u wel. Dan beginnen we bij de eerste vraag over veiligheid. Ik denk dat deze voor de burgemeester is. -Dank u wel, voorzitter.
We hebben hier met opzet wel een paar woorden aan gewijd in dit stuk, omdat dit ook signalen zijn die ik de afgelopen periode van een aantal van onze medewerkers heb gekregen. U kunt zich voorstellen dat dit zich met name afspeelt bij medewerkers die direct contact hebben met onze inwoners. Dus dan gaat het vooral over alles wat rondom de gemeente winkel gebeurt. Soms is dat telefonisch en soms is dat ook zelfs aan de balie. We zien dit natuurlijk in het land op een steeds grotere schaal plaatsvinden. En ook op Texel zien we daar een soort verruwing van wat er aan die balie af en toe gebeurt. Het gaat hier in de tekst specifiek over het veiligheidsgevoel. Daar is ook wel bewust voor gekozen. Want ik denk dat er de afgelopen jaren al best wat maatregelen zijn genomen om de veiligheid te garanderen. Voor corona, maar ook tijdens corona. Er staat zelfs een balie aan de andere kant van de ruimte, die helemaal niet meer gebruikt wordt. Mocht er wat gebeuren, dan kunnen onze medewerkers ook echt daadwerkelijk weg. Dat kon in het verleden niet. Het is erg dat we er zo over na moeten denken, maar dat is wel wat er gebeurd is in de afgelopen jaren. Tegelijkertijd zien we dat die verruwing aan de balie af en toe gewoon plaatsvindt. En dat leidt gewoon tot inbreuk en verminderd veiligheidsgevoel van onze medewerkers. Ik vind dat we daar in ieder geval openlijk over moeten spreken.
Vandaar dat u deze tekst ook vindt en dat ik er zoveel woorden aan wijdt. Ik vind dat we dat nooit normaal mogen gaan vinden. Er zit af en toe een beetje een ondertoon in; als je aan de balie werkt, dan hoort dat erbij. Misschien ook nog wel bij onze medewerkers zelf. En ik vind dat het er niet bij hoort. En ik vind dat we daar pal voor moeten gaan staan. We zijn dus ook in gesprek om te kijken welke maatregelen we kunnen nemen, om dit soort incidenten te voorkomen. Maar ook de mensen die dit doen, daar op de een of andere manier op aan te spreken, zou ik willen zeggen. Dus daar zijn we wel nadrukkelijk mee bezig. En het belangrijkste signaal dat we hiermee willen afgeven, maar ook vandaag nog een keer, is dat het college het zomaar tolereert
dat dit soort dingen ook bij ons, in onze hal af en toe plaatsvinden. Dat was het eerste antwoord. Ik weet het niet, was ik ook als tweede? Nee, volgens mij niet. Vervolgens kom ik weer bij portefeuillehouder Hooijschuur over Loodsmansduin. Ik vond dat overigens wel tamelijk technische vragen. Het gaat vooral over verkeer van en naar de camping. Heeft de camping daar ook een bijdrage in? -Nee, het is een openbare weg van de gemeente Texel. En die camping ligt eraan vast, dat klopt. Maar het is vanuit het dorp gekomen, de grootste angst. Men loopt daar op zondag een rondje en komt over een pad terug. Maar dat is bijna niet meer mogelijk, omdat er heel veel verkeer op die weg is. En de auto's worden breder. Dus het is een oproep vanuit het dorp of we daar iets aan kunnen doen. Je kan er graskeien naast leggen, of een wandelpad. Daar gaan we nu onderzoek naar doen. Wat zijn de mogelijkheden om een sloot te dempen, of niet, of wat dan ook? Dus vandaar dat geld. Maar het is niet de bedoeling dat De Krim hierover gaat meedenken en kosten gaat betalen. Dat is de eerste vraag. -De tweede gaat over de Wilhelminalaan, of er voldoende rekening gehouden is met de vrachtwagens. Het is helaas zo dat er twee supermarkten liggen, de Aldi en de Albert Heijn. Die worden tegenwoordig bevoorraad met grote vrachtwagens, die achteruit de Wilhelminalaan oprijden.
Daar hebben we nu wel rekening gehouden met de weg, dat deze dezelfde breedte heeft zodat men daar naartoe kan. En als het anders moet, zullen we toch moeten kijken met die winkels. Die zullen er ook wat van vinden, als daar niet meer bevoorraad kan worden met vrachtwagens. Nu is er ingezet op de weg terugleggen met aanpassingen van groen en in de breedte, om met de vrachtwagens daar overheen te kunnen rijden. Of we vrachtwagens moeten gaan weigeren, dat is denk ik niet voor mij, maar een ander punt in de raad hoe je daarmee omgaat. De heer Hercules wil hierop reageren. -Voorzitter, we kunnen inderdaad elke keer die straat weer opnieuw steviger maken, omdat de vrachtwagens groter en zwaarder zijn en er meer komen. Maar denkt het college ook eens aan het aanspreken van de supermarkten om een pilot uit te voeren? Een pilot bijvoorbeeld bij de boot, of voor de boot in Den Helder het overladen van lading, zoals bij een heleboel grote steden in de centra gebeurt. En dat er met kleinere elektrische vrachtauto's over het eiland wordt gereden. Ik denk dat de voordelen voor zo'n groot bedrijf prachtig zijn. Ze mogen het Texel logo voeren op hun producten. Ga dat gesprek eens aan. Denk ook eens een keer aan een andere manier van mobiliteit oplossen, dan alleen maar stenen stapelen. -Dat is duidelijk, dank u wel. Ik weet niet wat u bedoelt met duidelijk, maar zet daar energie op.
Gaat u daar achteraan? Er komen hier altijd supermarkten langs om hun zaken te bespreken. Kan dat een keer worden aangesneden? Begin met één bedrijf, zij willen vast wel aan een mooie pilot. U hebt gelijk. Ik hoor net van mijn collega dat de mobiliteitsvisie eraan komt, dus dit punt dat u nu naar voren brengt, kunnen we daar zeker in meenemen. Om te kijken hoe ze het anders kunnen bevoorraden op die winkels op deze straat. Want er zijn nog wel een paar straten in andere dorpen, zoals Oosterend, hoe daar achteruit gereden wordt in die smalle straatjes. Dus in de mobiliteitsvisie denk ik dat we het daarin moeten meenemen. -De mobiliteitsvisie komt eraan.
We gaan nu hier niet verder op, sorry. -Dan was er nog een derde vraag. Dat was het gouden strookje waar geld voor vrijgemaakt is. Misschien is het van u, maar ik dacht dat het ook gedeeltelijk wethouder Kieft was? -Nee, dat is herinrichting. Herinrichting, oké. Het komt voor in twee voorstellen, begrijp ik. -Maar dat is ook zo'n punt waar eventueel fietsen geplaatst kunnen worden. Die staan er ook, als ik een rondje door Den Burg rijd. Maar de betreffende meneer die aan die bloembak woont, is al twee keer geweest om te vertellen dat het heel armzalig is wat daar is. Dat is door de groenvoorziening opgenomen, vandaar dit het voorstel om daar een verbetering op aan te nemen. Ik heb geen schets gezien, dus ik kan niet vertellen hoe het exact wordt. Maar er is wel bekeken dat we daar een andere soort vergroening en een straat gaan maken. Zodat het er weer knap en mooi uitziet. Dan gaan we naar de eerste vraag van de heer Hercules over het strategisch personeelsplan. Ik denk dat dat de burgemeester is? Of er niet een voorstel bij hoort en wanneer we het kunnen verwachten. Ja, dat zou natuurlijk het allermooiste zijn. Normaal gesproken maak je een plan, dan reken je uit wat het ongeveer kost en dan vraag je dat aan. Dat is wel hoe je het graag zou willen.
De organisatieontwikkelingstrajecten die tot nu toe zijn ingezet hier, waren altijd binnen de financiële kaders zoals we die hadden. Die gingen daar nooit overheen. Het was eigenlijk gewoon één van de kaders die zowel vanuit het college, maar ik geloof ook vanuit de raad, is meegegeven destijds. We hebben al meerdere momenten aangegeven dat dat wel een beetje piept en kraakt. En dat het ook logisch is dat je daar op een andere manier naar gaat kijken. Wij gaan nu dat plan maken, het strategisch personeelsplan. Dit gaat natuurlijk niet alleen over uitbreiding. Dit gaat ook over onze manier van werken. Dus dit gaat over cultuur, structuur en veel meer dingen meer. Daar heeft u ook vorige week nog een brief over ontvangen. Het zou te plat zijn om daar nu een bedrag aan te hangen, want we willen dat plan wel gedegen maken. Dat betekent ook dat we daar onze medewerkers goed bij willen betrekken. Maar ik sluit niet uit, dat we uiteindelijk wel met een vraag zullen komen die ook de financiële kaders raakt. Wat we nu tegelijkertijd zien, is dat het op een aantal plekken in de organisatie gewoon echt piept en kraakt. En dat we af en toe ook gewoon door een grens heen zakken. Zoals u in de perspectiefnota heeft kunnen zien, doen we voornamelijk incidenteel toch al een aantal aanvragen, of een aantal voorstellen. U noemt dat pleisters plakken, dat vind ik iets te plat.
Maar dat we in ieder zeggen: op die plek weten we dat we het komende jaar of twee jaar echt die capaciteit nodig hebben om de basis op orde te brengen. Hoe we dat dan structureel invullen, betrekken we bij dat strategisch personeelsplan. In de ideale wereld hadden we dit allemaal andersom gedaan. De realiteit is een andere. We gaan gewoon nu aan de gang, met wat we denken dat er nu nodig is. En tegelijkertijd denken we na over wat er op langere termijn nodig is. Dat zit hier nu nog niet in. Het zou kunnen dat we zover zijn dat we het bij de programmabegroting zouden kunnen aanvragen, ook die gaat over 2025 en verder. Dat zou een mooie streefdatum zijn. Tegelijkertijd, zorgvuldigheid is misschien wel belangrijker dan enorme snelheid hierop. Door het op een aantal posten nu incidenteel te regelen, zorgen we er ook voor dat we weer de basis een beetje op orde hebben.
Dan nog de vragen over de communicatie, in het verlengde hiervan. De inhoudelijke vragen over hoe we daarmee moeten omgaan, laat ik aan de portefeuillehouder communicatie. Maar daar waar het om personeel gaat, zal ik er wat over zeggen. Nogmaals, ik heb het vanavond een paar keer gezegd: het is dus geen uitbreiding voor communicatie, maar een bestendiging van het aantal fte's dat we al hadden. Ik ga er een beetje van uit dat het de systematiek is zoals ik het overal ken, en dat we dat hier ook doen. Als het niet zo is, dan hoor ik het heel graag. Maar daar waar we iemand hebben gedetacheerd op een ander project, gaan die fte's natuurlijk mee daarnaartoe en zijn die op een andere manier ingevuld. Dan gaat het over fte's. En op het moment dat diegene terugkomt, dus een persoon, komen niet die fte's weer mee terug. Dat zou ik een hele rare werkwijze vinden en die kom ik hier bijna nooit tegen. Dus ik ga ervan uit dat we dat niet zo geregeld hebben, punt. Daarna gaat het over de inhoud van de communicatie, dat laat ik dan toch echt aan de portefeuillehouder. -Maar in de tussentijd zag ik nog een hand van de heer Ran. Namelijk over de vorige vraag toen we het hadden over het strategisch personeelsplan. Hij wil daar nog iets over vragen, of reageren. Dat klopt, voorzitter.
Toen wij de stukken doornamen waren we ook in de veronderstelling: hoe kun je nu allemaal uitbreiding vragen als er nog geen strategische personeelsplanning is? Dus de vraag van de heer Hercules begreep ik wel. Maar toen ik voorstel 4 las: 2 keer 110 duizend euro in de komende 2 jaar voor onder andere HRM, daar wordt ook het project SPP in genoemd. Dus ik was in de veronderstelling dat die uitbreiding, die medewerker die daarvoor ingehuurd wordt, ook daadwerkelijk gaat werken aan een strategische personeelsplanning. Of moeten we dat anders lezen dan? Want als ik het op die manier kan lezen, dan is het antwoord op de vraag: ja, het staat al in de perspectiefnota. Het zijn volgens mij twee verschillende dingen. Er wordt geld gevraagd voor iemand die hieraan gaat meewerken. De vraag van de heer Hercules heb ik zo begrepen: u vraagt allemaal incidentele posten aan, als het gaat om de uitbreiding. Zonder dat het lijkt alsof daar een enorm strategisch plan achter ligt. Dat klopt op zichzelf, want dat SPP is nog niet af. Sterker nog, we vragen er geld voor aan om iemand de mogelijkheid te geven om dat plan met ons mee te gaan maken. Daar wordt op dit moment ook al wel aan gewerkt, dus zo erg is het nog niet. Maar dus beide klopt. -De heer Hercules. -Het is ieder geval goed om te horen dat eraan wordt gewerkt. We snappen ook natuurlijk dat dat niet overhaast moet gebeuren.
Maar we hopen toch dat er ook richting de programmabegroting al meer zicht is op wat we kunnen doen, als raad, als het om budget gaat. We zouden toch graag willen weten hoe dat precies zit met die fte. Ik vind het ook niet logisch op het moment dat er iemand wordt gedetacheerd, maar zo werd het niet gesteld, als detachering. Maar ik neem aan dat die één fte senior communicatieadviseur gewoon binnen deze formatie blijft en zit. Daar ga ik ook vanuit. Als dat anders is, dan laten we het weten. Maar er is geld gevraagd voor het inwonersberaad. Dat geld gaat natuurlijk over de kosten die zijn gemaakt om iemand daarop in te zetten. Dus als dat nog bij communicatie zat, dan zou dat niet nodig zijn. Terug naar uw punt daarvoor. Waardering voor het feit dat deze raad bereid is om mee te denken
en ook ruimte te bieden als het gaat om de financiële kaders voor de organisatie. Dat is echt niet op alle plekken in het land zo, dus daar heb ik veel waardering voor. Tegelijkertijd moeten we ook oppassen dat we in dat hele traject dat we met elkaar gestart zijn, en waar we richting 2025 en verder mee aan de gang gaan, het zo platslaan dat het uiteindelijk alleen maar over geld gaat. Want dit gaat niet alleen over geld, dit gaat ook over hoe we met elkaar samenwerken, over structuren, over culturen en al die dingen die daarmee samenhangen. En ik vind ook dat je het op die manier moet benaderen. Dan is geld uiteindelijk een uitkomst. En zo zou ik het ook graag naar de raad willen brengen. Dan het tweede deel van die vraag over communicatie: de visie. Wethouder Kieft. -Voorzitter, met de heer Hercules heb ik mij erover verbaasd dat er een communicatie visie beschikbaar is binnen deze gemeente. U weet dat ik sinds kort de portefeuille communicatie en participatie heb. Ik ben er zelf nog niet aan toegekomen, om met de betrokken mensen goed om tafel te gaan zitten om toe te werken naar een communicatie visie. Er ligt wel een communicatie uitvoeringsprogramma. En ik ben zeer terughoudend om dat aan u te geven. Niet dat u het niet mag lezen, maar ik wil daar geen gesprek over hebben als wij niet eerst het gesprek over de visie kunnen voeren.
Dat lijkt me de goede volgorde in de bespreking met u als raad. Dus geef mij tijd om te werken aan een communicatie visie. Op basis van die visie is het heel wel denkbaar dat wij de communicatie uitvoeringsstrategie ook nog gaan actualiseren. En dan praten wij over wat dit college voor ogen heeft als het gaat om communicatie voor de komende jaren. Dat is één opmerking, voorzitter. De tweede is de vraag naar de innovatieprojecten. Ook daarvoor geldt weer dat de heer Hercules goed op dreef is vanavond, hij stelt goede vragen. Hij vraagt namelijk: als u dat structureel wilt maken, dan hebben we iets meer richting nodig hoe u dat gaat organiseren, welke criteria u daar precies bij hanteert. U hebt zelf al eens eerder de vraag gesteld: welke criteria hanteer je bij een innovatief project? Toen hebben wij gezegd: dat zijn de criteria die we ook hanteerden voor het stimuleringsfonds economische projecten, wat een tijd geleden bestond, met daar wat innovatie criteria aan toegevoegd. Dat lijstje hebben we ook wel. Maar ik zeg hierbij toe dat wij voor de begroting met een wat verder uitgewerkt kader komen, om die structurele innovatie pot voor u tastbaar en ook mee stuurbaar te maken. Dat is wat u vraagt. U mag reageren. -Ja, kort reageren. Dat communicatie uitvoeringsprogramma hoef ik inderdaad echt niet te zien.