CConstaterende datTerneuzen
Koppel je AI →
Document · PDF

2022-11-30 - bijlage Verkenning huisvesting voortgezet onderwijs

gemeenteraad 15 december 2022, gemeente TerneuzenBij agendapunt: Vaststellen locatiekeuze voortgezet onderwijs20.483 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Ontsluitin niet optimaal (woonwijk) Klachten over huidige verkeerssituatie (oa parkeeroverlast)De verkeersdruk en parkeerdruk zullen toenemen; dit lijkt niet te passen binnen infrastructuur van de bestaande woonwijk. Sloelaan wordt afgewaardeerd naar 30 km/h (minder sluipverkeer, bereikbaarheid gaat achteruit) Beperkte mogelijkheid verbeteren ontsluiting (geen ruimte)

Ruimte beschikbaar – infrastructuur breder aanleggen

3.2.5 Parkeerruimte Het vertrekpunt voor parkeren blijft – aldus het GVVP – de bestaande Parkeernota. Een aantal belangrijke speerpunten zijn:  Parkeren benaderen vanuit doelgroepen bewoners, bezoekers en werkers;  Parkeerregulering inzetten waar het moet;  Kostendekkend, klantvriendelijk en modern parkeerbeleid. In het GVVP is aandacht voor fietsparkeren. De wens is om met parkeermogelijkheden aan de rand van de kernen inwoners te bewegen om vaker de fiets te pakken naar het centrum. Door fietsparkeren integraal mee te nemen in het parkeerbeleid kan dit extra worden versterkt. Tabel 14 Parkeerruimte Vliegende Vaart

Zeldenrustlaan

Ruimte voor parkeren en fietsenstalling

Ruimte voor parkeren en fietsenstalling

Mogelijkheden dubbelgebruik  Sporten avonduren en weekend  School overdag en door de week

Beperkte mogelijkheid dubbelgebruik  ZorgSaam parkeert op zelfde momenten  Scalda parkeert op zelfde momenten

3.2.6 Conclusie ontsluiting en bereikbaarheid Qua ontsluiting en bereikbaarheid heeft de locatie Vliegende Vaart meer voordelen. Dit komt met name tot uiting in de ontsluiting / verkeersstromen voor de fiets en de auto. Ook in de toekomst kan hier sprake blijven van vrij liggende fietspaden en daarmee van gescheiden verkeersstromen. Op locatie Vliegende Vaart zal naar verwachting geen sprake zijn van overlast van de verschillende verkeersstromen. Op locatie Zeldenrustlaan zal sprake zijn van extra verkeersdruk en mogelijke overlast voor de omliggende woonwijk. De Vliegende Vaart biedt kansen om het openbaar vervoer breder te organiseren. De verwachting is dat de busroute wordt aangepast en deze locatie een bushalte krijgt op het moment dat wordt gekozen voor nieuwbouw op locatie Vliegende Vaart. Dit vraagt om een overleg met de concessiehouder.

3.3 Omgeving Voor het criterium omgeving kijken we naar de invloed van de omgeving op de school. Ook kijken we naar de invloed van de school op de omgeving. De subcriteria die we formuleerden, zijn:  Invloed omgeving op school 25

Definitief – november 2022 Kan de omgeving van positieve invloed zijn op de school?  Invloed school op omgeving Kan de school van positieve invloed zijn voor haar omgeving? In de Kennis- en Kansen-conferentie van 10 oktober 2019 is een beeld ontstaan over hoe het voortgezet onderwijs in de gemeente een bijdrage kan leveren en andersom. In het onderzoek van Hevo (Hevo, 2020) werd uitgegaan van een school in een inspirerende omgeving. Bij het criterium invloed van de omgeving op de school kijken we naar aspecten als mogelijkheden voor stedenbouwkundige inpassing van de school in de omgeving. Ook kijken we naar het al dan niet kunnen plaatsen van het nieuwe gebouw op een zichtlocatie. Andere aspecten waar we naar kijken zijn bijvoorbeeld of en in hoeverre de omgeving sociaal veilig is. Een van de aandachtspunten die het Lodewijk College in het onderzoek van Hevo aandroeg was dat er zo min mogelijk sprake moet zijn van ongewenste verleidingen. Niet alleen kan de omgeving invloed uitoefenen op de school; ook de school kan op haar beurt van invloed zijn voor de omgeving. Een school moet van positieve invloed zijn voor haar omgeving. De gemeente wil graag dat de school het omliggende gebied een impuls geeft of dat de Campus Terneuzen van positieve invloed is op de directe omgeving.

De Zeldenrustlaan ligt in een omgeving waar meerdere grote organisaties zoals Scalda en ZorgSaam zijn gesitueerd. De Vliegende Vaart ligt in een omgeving waar meerdere sportverenigingen zijn gesitueerd. De samenwerking met deze partijen nemen we mee bij het criterium samenwerking en Rijke Schooldag (paragraaf 3.4).

3.3.1 Invloed omgeving op school Tabel 15 Invloed omgeving op school Vliegende Vaart Aandachtsgebieden externe veiligheid

Zeldenrustlaan Geen aandachtsgebieden externe veiligheid

Enige sociale controle (sportverenigingen + zichtlocatie) Zichtbaarheid vanaf hoofdontsluitingsweg mogelijk Vraagt om aankoop percelen

Enige sociale controle (avond + nacht) - woonwijk

Stedenbouwkundige inpassing goed mogelijk. Volledige ontwerpvrijheid

Beperkte ontwerpvrijheid (stedenbouwkundig)

Zichtbaarheid vanaf hoofdontsluitingsweg niet realistisch

3.3.2 Invloed school op omgeving Tabel 16 Invloed school op omgeving Vliegende Vaart Brede sport- en onderwijscampus

Zeldenrustlaan Brede zorg- en onderwijscampus

Mogelijkheid om school in te zetten als welzijnsaccommodatie voor wijk Oude Vaart

Overlast voor omwonenden Mogelijkheid om school in te zetten als welzijnsaccommodatie voor wijk Zeldenrust Ontmoetingsplek (centrum) voor jongeren kan overlast veroorzaken; Leerlingen gaan wijk in

Mogelijkheid voor ontmoetingsplek (centrum) voor jongeren

3.3.3 Conclusie omgeving Qua omgeving verschillen de locaties veel van elkaar. Bij Zeldenrustlaan is sprake van een woonwijk, waar bij Vliegende Vaart sprake is van een sportpark. Aandachtspunt bij de Vliegende Vaart zijn de 26

Definitief – november 2022 aandachtsgebieden externe veiligheid . Bij de Vliegende Vaart is vanuit stedenbouwkundig oogpunt sprake van veel ontwerpvrijheid. Het is belangrijk dat de wensen van de school (programma van eisen) goed kunnen worden vormgegeven. Een grote mate van ontwerpvrijheid biedt veel kansen. Het wil overigens niet per definitie zeggen dat dit leidt tot een beter ontwerp. Ook beperkte ontwerpvrijheid kan leiden tot een goed ontwerp. We verwachten dat de ontwikkelpotentie van de sport- en onderwijscampus op ruimtelijk gebied groter is dan die van de brede zorg- en onderwijscampus. Mede omdat op locatie Vliegende Vaart meer ruimte is om het geheel tot ontwikkeling te brengen. Een school op deze locatie kan een impuls geven aan het gebied. Op locatie Zeldenrustlaan hiervoor – in de woonwijk - minder mogelijkheden

3.4 Samenwerking en Rijke Schooldag De sub-criteria die we formuleerden, voor het criterium ‘samenwerking en Rijke Schooldag’ zijn:  Mate van nabijheid van partners Afstand tussen locatie en beoogde partners  Mogelijkheid tot medegebruik / dubbelgebruik Het is een bijkomend voordeel als de locatie mogelijkheden biedt op het gebied van medegebruik / dubbelgebruik Voor het criterium samenwerking en Rijke Schooldag kijken we in eerste instantie naar de mate van nabijheid van partners. Te denken valt hierbij aan onderwijspartners, maar ook aan maatschappelijke partners en het bedrijfsleven. Al in het onderzoek van Hevo (Hevo, 2020) kwamen een aantal mogelijke samenwerkingspartners naar voren. De in het onderzoek van Hevo genoemde samenwerkingspartners zijn Scalda en ZorgSaam. Bij een keuze voor de Zeldenrustlaan zijn Scalda en ZorgSaam nabij. Bij een keuze voor de Vliegende Vaart zijn sportverenigingen nabij. Ook het Voortgezet Speciaal Onderwijs (VSO) wordt genoemd in het onderzoek van Hevo. De samenwerking met VSO vindt nu plaats in het gebouw aan de Oude Vaart (De Rede). De wens is om deze samenwerking verder uit te breiden (zie ook paragraaf 3.1.3).

3.4.1 Onderlinge afstand locaties Beide locaties liggen op circa 1,5 kilometer afstand van elkaar. Zoals het er nu naar uit ziet, geldt in allebei de gevallen dat sprake zal zijn van reisbewegingen. Bij een keuze voor de Zeldenrustlaan is sprake van reisbewegingen voor buitensport. Dit is een reisbeweging die alle leerlingen moeten maken. Bij een keuze voor de Vliegende Vaart is sprake van reisbewegingen voor de leerlingen die gebruik maken van het Centrum voor Top Techniek (CTT) of op termijn voor het Zorghuis van de Toekomst. Dit is een reisbeweging die niet alle leerlingen moeten maken. Uiteraard blijft dit een lastige vergelijking. Leerlingen gymmen zo’n 2 a 2,5 uur per week terwijl de leerlingen die gebruik maken van het CTT hier zo’n 4 dagdelen per week gebruik van maken. Met ingang van september 2022 tot het moment dat er een nieuw schoolgebouw is, zijn de leerlingen van het Lodewijk College van vmbo basis, kader en tl gehuisvest op de locatie Oude Vaart (De Rede). De huidige afstand naar het CTT voor deze leerlingen bedraagt circa 2,8 km. Voor allebei de potentiële locaties geldt dat de afstand tussen de nieuwe vo-school en het CTT niet groter wordt dan dat hij nu is. Voor de Zeldenrustlaan is de afstand nihil. Voor de Vliegende Vaart is de afstand circa 1,5 kilometer.

Of en in hoeverre afstand de samenwerking kan bemoeilijken is in deze verkenning niet nader onderzocht. Wel zien wij bijvoorbeeld dat de andere vo-scholen in Hulst en Sluis ook succesvol gebruik maken van het CTT. Die afstanden zijn vele malen groter.

27

Definitief – november 2022

3.4.2 Rijke Schooldag Het kabinet wil investeren in een ‘Rijke Schooldag’. Op veel scholen worden naast het reguliere curriculum al extra activiteiten aangeboden, zoals sport, cultuur of huiswerkbegeleiding. Niet alle kinderen en jongeren groeien op in een omgeving die hun ontwikkeling optimaal ondersteunt. Om ervoor te zorgen dat alle leerlingen in Nederland zichzelf ten volle kunnen ontplooien wordt met de Rijke Schooldag een impuls gegeven aan de brede talentontwikkeling, met aanvullende activiteiten op het gebied van sport, cultuur, cognitieve begeleiding en sociaal-emotionele ontwikkeling. Extra activiteiten in en rondom de school kunnen een bijdrage leveren aan een Rijke Schooldag. Mogelijk kunnen ruimten in, buiten en rondom de school dubbel gebruikt worden

3.4.3 Centrum voor Top Techniek Bij besluit van 14 juni 2016 stemde het toenmalige college van de gemeente Terneuzen in met een samenwerkingsovereenkomst, concept statuten en gebruikersovereenkomst van het nog op te richten Centrum voor Top Techniek. De wethouder van Sluis is gemachtigd om namens de ZeeuwsVlaamse colleges zitting te nemen in het stichtingsbestuur. Die afspraak houdt nog steeds stand. Vertegenwoordiging vindt op dit moment plaats door wethouder Werkman. De gemeente Terneuzen heeft een jaarlijkse financiële bijdrage toegezegd van € 37.500 per jaar voor een periode van tien jaar. Het CTT is een state-of the-art praktijklocatie voor technisch onderwijs in Zeeuws-Vlaanderen. Het is ontstaan vanuit een gezamenlijk initiatief van het onderwijs (vmbo, mbo, bedrijfsscholen) en het bedrijfsleven met als doel om technisch beroepsonderwijs in de regio te behouden en te versterken. Het CTT als concept is een samenwerkingsvorm die ‘breder’ is en ‘verder’ gaat dan alleen een fysieke locatie. Het CTT is, naast de aanwezige techniek brede praktijkopstellingen, met de aanwezige proeffabriek, ingericht op de procestechniek, ICT en maintenance en, mede voor de bedrijfsopleidingen, ook ingericht voor opleidingen in de bouw en metaal.

In het CTT worden navolgende opleidingen aan de volgende doelgroepen aangeboden;  VMBO-leerlingen basis en kader Techniek; 4e jaars;  Mbo-deelnemers Procestechniek, Maintenance, ICT, Service Medewerker Gebouwen (SMG), Metaal en Entree;  Deelnemers bedrijfsscholen SMEO, St. Bouwmensen Zuidwest en IWBZ;  Incidentele gebruikers, zoals bijvoorbeeld basisschool, vmbo TL, havo of vwo voor technologie projectonderwijs (denk aan het Technasium). UITGANGSPUNT: Het CTT is een goed initiatief dat we willen behouden. We behouden graag een praktijk techniek voorziening voor vmbo en MBO voor de hele regio. Het Scalda en VOZV voorzien hogere kosten en investeringen voor de bij het CTT aangesloten partijen op het moment dat het nieuwe Lodewijk College niet wordt gerealiseerd aan de Zeldenrustlaan, maar op de locatie Vliegende Vaart. Hoeveel dit precies is, kunnen zij op dit moment niet inschatten. De bekostiging van het CTT loopt af in 2027. Voor beide locaties geldt daardoor dat er na 2027 sprake is van aanvullende kosten voor het CTT. Vooruitlopend daarop zullen we een gesprek met de betrokken partners moeten voeren. Nader onderzocht moet worden of en in hoeverre betrokken 28

Definitief – november 2022 partners bereid zijn het CTT te verplaatsen bij een locatiekeuze voor de Vliegende Vaart. Daarmee kan de afstand van het CTT tot de nieuwe vo-school worden geminimaliseerd. Het eventueel verplaatsen van het CTT zal extra kosten met zich meebrengen en heeft voor- en nadelen. Of en in hoeverre dit gewenst is, is een aanvullende keuze die we – na de locatiekeuze voor de vo-school samen met betrokken partners moeten maken. Scalda en VOZV geven aan dat als het VO elders wordt gesitueerd (niet Zeldenrustlaan) en het CTT verhuist niet mee dat dan een kans verloren gaat om techniekvoorzieningen die nu nog verspreid gesitueerd zijn tegen het CTT aan te bouwen en zo meer integratie in het techniekonderwijs te realiseren. VERVOLGSTAP: met bestuur stichting CTT een gesprek aangaan over de toekomst van het CTT.

3.4.4 Zorghuis van de Toekomst In het Zorghuis van de Toekomst willen de projectpartners een aansprekende omgeving realiseren, die bijdraagt aan de aantrekkelijkheid van de zorgsector om in te werken en te leren, die een beeld geeft van de technologie van morgen, bijdraagt aan een positief imago van de sector en de regio Zeeuws-Vlaanderen en mede zorgt voor voldoende goed opgeleide en toegeruste medewerkers in de zorgsector in de regio. Zo vergroot het Zorghuis de leefbaarheid van Zeeuws-Vlaanderen en daarmee van Zeeland. Het Zorghuis van de Toekomst is in een ontwerpfase. Een fase die deels wordt bekostigd vanuit de Regiodeal Zeeuws-Vlaanderen. Het samenwerkingsverband brede zorg- en onderwijscampus geeft aan dat als het VO op de locatie Vliegende Vaart wordt gesitueerd een beperkte, suboptimale situatie ontstaat waarbij uitsluitend in blokken zou kunnen worden geroosterd. Dit aangezien de praktijk dan op de ene locatie is en theorie op de andere locatie.

3.4.5 Brede sport- en onderwijscampus Campus is Latijn en betekent letterlijk ‘open ruimte’ of ‘veld’. Vaak koppelen we het begrip campus aan het Amerikaanse concept waarbij alle gebouwen die bij een universiteit horen op één terrein worden gebouwd. Op een campus zijn alle voorzieningen aanwezig voor studie- en sociale activiteiten tijdens de hele studieduur. Dit komt ten goed aan de vorming van de studenten. Sporten is belangrijk. Niet alleen voor het fysieke aspect en je gezondheid, maar het geeft ook energie, zorgt voor sociale contacten en maakt mensen gelukkig. Op de Vliegende Vaart kan door de realisatie van een sportcampus de som groter worden dan de delen. Er kan sprake zijn van synergie tussen de gebruikers van de sportvoorzieningen gedurende de hele dag en avond. Dit creëert een kans voor het aantrekken van nieuwe partijen. De sportcampus kan aantrekkelijk zijn voor onderwijspartners, voor bedrijven die zich bijvoorbeeld richten op onderwijs, sport en beweging, maar bijvoorbeeld ook voor maatschappelijke instellingen zoals buurtcoaches en verenigingen. Op de Vliegende Vaart is sprake van ontwikkelpotentie en de mogelijkheid tot het geven van een nieuwe impuls aan het gehele gebied.

Ruimtelijk gezien is er op de locatie Vliegende Vaart meer potentie om onderwijspartners, bedrijven en maatschappelijke instellingen aan te trekken en een aantrekkelijke nieuwe campus te realiseren met een uitstraling op niveau van de stad Terneuzen. We zien hier een breed spectrum aan samenwerkingskansen.

3.4.6 Brede zorg- en onderwijscampus Stichting Voortgezet Onderwijs Zeeuws-Vlaanderen, ZorgSaam en Scalda hebben een intentieverklaring ondertekend met betrekking tot de ontwikkeling van een brede zorg- en 29

Definitief – november 2022 onderwijscampus. In deze verklaring spreken de drie partijen de intentie uit om een intensieve samenwerking aan te gaan voor een brede voorziening voor duurzame kwalitatieve zorg en onderwijs in Zeeuws-Vlaanderen. De intentieverklaring en de informatie die partijen aanleverden, zijn gedeeltelijk gebruikt voor de verkenning. De losse stukken zijn naast dit rapport als losse documenten in te zien. Op sommige punten was de informatie te globaal of moest informatie nog nader worden uitgewerkt. Op andere punten bevatte de informatie meningen en standpunten. Scalda, Voortgezet Onderwijs Zeeuws-Vlaanderen en ZorgSaam verkenden de samenwerkingsmogelijkheden tussen de drie partijen. Alle drie de partijen zien grote kansen om door middel van intensieve samenwerking de leefbaarheid en economie van de regio, in het bijzonder de gemeente Terneuzen, te versterken. De drie betrokken organisaties hebben ieder een huisvestingsopgave, waardoor zich een unieke kans voordoet een campus te realiseren met een bovenregionale uitstraling en impact. De campus maakt het mogelijk dat de drie partijen optimaal van elkaars voorzieningen gebruik kunnen maken. Scalda kijkt sceptisch aan tegen de praktische realisatie van een samenwerking met het voortgezet onderwijs op locatie Vliegende Vaart.

Zij geven aan dat de belangrijkste as met het Zorghuis van de Toekomst en het Centrum voor Top Techniek uiteen wordt getrokken. Opleidingen raken fysiek verspreid waardoor de kracht van het geheel verdwijnt. Nieuwbouw op locatie Vliegende Vaart ontneemt de mogelijkheid om fysiek en inhoudelijk, op een adequate manier samen te werken. Scalda geeft aan dat ze moet inleveren op de kwaliteit van haar onderwijs als het voortgezet onderwijs en het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) op twee locaties zit. Dit tenzij het mbo meeverhuist. 3.6.1 Leegstand Scalda In het gebouw van Scalda is op dit moment sprake van leegstand. ZorgSaam gaat op een andere manier werken waardoor ook ruimte beschikbaar komt. Een potentiële efficiency wordt op dit moment geschat op 5.750 m2. De overmaat van de ruimte bij Scalda kan worden ingezet voor onder andere huisvesting voortgezet onderwijs. Een nog uit te voeren studie moet duidelijk maken hoeveel vierkante meter hiervan daadwerkelijk kan worden gebruikt voor het voortgezet onderwijs. Vooralsnog is tevens niet bekend of dit aansluit bij de onderwijskundige ambities van het voortgezet onderwijs. Stichting VOZV, Scalda en ZorgSaam zien directe en indirecte synergievoordelen. Een situering van de school op afstand – ook al is dat maar enkele kilometers – kan vormen van samenwerking tussen de drie partijen bemoeilijken, maar ook uitsluiten.

3.4.7 Nabijheid partners Tabel 17 Nabijheid partners Vliegende Vaart Centrum voor Top Techniek op circa 1,5 km afstand

Zeldenrustlaan CTT op circa 200 m afstand

Zorghuis van de Toekomst op circa 1,5 km afstand

Zorghuis van de Toekomst in directe nabijheid

Scalda (mbo) op circa 1,5 km afstand

Scalda in directe nabijheid

ZorgSaam op 1,5 km afstand

ZorgSaam in directe nabijheid

Sportvelden in directe nabijheid

Sportvelden op circa 1,5 km afstand

30

Definitief – november 2022

3.4.8 Mogelijkheid tot medegebruik / dubbelgebruik Tabel 18 Mogelijkheid tot medegebruik / dubbelgebruik Vliegende Vaart Brede sport- en onderwijscampuscampus Aantrekkingskracht voor onderwijspartners, bedrijven en maatschappelijke instellingen. Afspraken sportverenigingen dubbelgebruik. Mogelijkheden om sportactiviteiten uit te breiden (verrijking sportcurriculum) Buiten- en naschoolse activiteiten (cultuur, muziek, skatebaan, ..)

Zeldenrustlaan Brede zorg- en onderwijscampus Intensievere samenwerking. Gemeenschappelijk gebruik voorzieningen Mogelijkheid tot dubbelgebruik met Scalda (leegstand).

3.4.9 Conclusie samenwerking en rijke schooldag Qua samenwerkingspartners zijn er verschillen tussen beide locaties. Voor de Zeldenrustlaan geldt dat het Centrum voor Top Techniek, het toekomstig Zorghuis van de Toekomst, Scalda en ZorgSaam nabij zijn. Stichting VOZV, Scalda en ZorgSaam zien dit als een onderwijskundige meerwaarde. Voor de Vliegende Vaart geldt dat sportvelden nabij zijn. Afstand kan samenwerking met partijen als Scalda en ZorgSaam aldus de betrokken partijen bemoeilijken, maar of en in hoeverre dat hier het geval is, blijft de vraag. Zo zien wij bijvoorbeeld dat leerlingen van voortgezet onderwijs scholen in gemeenten Hulst en Sluis ook reizen naar het Centrum voor Top Techniek. Ook zij hebben samenwerkingsverbanden met Scalda en ZorgSaam. De beoogde locaties liggen op zo’n 1,5 kilometer afstand van elkaar. De afstanden vanuit gemeenten Hulst en Sluis naar het Centrum voor Top Techniek zijn vele malen groter. Vanuit die optiek zijn beide verkende locaties nabij. Bij een keuze voor Zeldenrustlaan, zijn sportvelden en -verenigingen op afstand. Bij een keuze voor Vliegende Vaart zal ZorgSaam niet meeverhuizen. Bij een keuze voor Vliegende Vaart vraagt dit om een afweging van Scalda. Scalda neemt een eventuele verhuizing dan in overweging. Technisch gezien is dit qua omvang (capaciteit) mogelijk.

3.5 Planning en risico’s in planning Het jaartal waarop de nieuwe school in gebruik kan worden genomen, is met het principebesluit genomen door de gemeenteraad in december 2020 op 2028 gesteld. Voor beide locaties lijkt het mogelijk om de huisvesting in 2028 in gebruik te nemen. We houden hierbij rekening met een voorbereidingsperiode van twee jaar een bouwperiode van drie jaar. Idealiter willen we de kans op vertraging en de vertragingsduur beperken. Daarbij kijken we ook naar de aanwezigheid van risico op bezwaren. De sub-criteria die we formuleerden, zijn:  Geplande ingebruikname huisvesting De nieuwbouw moet in 2028 in gebruik worden genomen  Kans op vertraging en bijbehorende vertragingsduur Het is een bijkomend voordeel als de kans op vertraging en bijbehorende vertragingsduur minimaal zijn Een eventuele vertraging kan zorgen voor extra kosten. Te denken valt hierbij bijvoorbeeld aan het financieel arrangement dat loopt tot en met uiterlijk 2028 (zie paragraaf 1.3). Daarnaast kan een eventuele vertraging bij een keuze voor de Zeldenrustlaan leiden tot extra risico’s en kosten op het gebied van tijdelijke huisvesting.

31

Definitief – november 2022

3.5.1 Omgevingswet Met de Omgevingswet wil de overheid de regels voor ruimtelijke ontwikkeling vereenvoudigen en samenvoegen. Vooralsnog is de planning dat de nieuwe Omgevingswet ingaat op 1 juli 2023. Dit betekent dat we bij de realisatie van huisvesting voor het voortgezet onderwijs ook met deze wet te maken zullen krijgen. Het (tijdelijke) omgevingsplan vervangt geldende bestemmingsplannen. Na de locatiekeuze zal getoetst moeten worden of en in hoeverre de realisatie van een nieuwe school op betreffende locatie past. We toetsen hierbij aan het (tijdelijke) omgevingsplan. De verwachting is dat voor de realisatie van nieuwe huisvesting voor beide locaties een nieuw (aangepast) omgevingsplan nodig is. Vaststellen van het omgevingsplan valt onder de bevoegdheid van de gemeenteraad. De ruimtelijke procedure zal om en nabij dezelfde tijd kosten als dat een ruimtelijke procedure op dit moment kost (circa één jaar). We verwachten qua procedure en proceduretijd geen verschil op basis van de gekozen locatie. Daarbij zijn wel een tweetal kanttekeningen te geven. We hebben nog geen ervaring in het werken met de Omgevingswet en het opstellen van een omgevingsplan. Na invoering van de wet zullen de werkprocessen rondom dergelijke plannen nog eigen gemaakt moeten worden wat vertragend zal werken. Daarnaast is burgerparticipatie straks een verplicht onderdeel.

De vormgeving, maar zeker ook het verloop van dit traject zullen van grote invloed zijn op de doorlooptijd van de ruimtelijke procedure. Belanghebbenden (omwonenden, bedrijven, maar bijvoorbeeld ook sportverenigingen) kunnen indien zij van mening zijn dat het geen goede (ruimtelijke) ontwikkeling is - zich eerst uitspreken in de participatie ronde. Bij een ontwerpbesluit tot deze ontwikkeling kunnen belanghebbende nog zienswijze indienen. Na deze zienswijze moet de raad in het kader van het omgevingsplan een definitief besluit nemen. Tegen dit definitieve besluit kan men in beroep gaan bij de rechtbank. De verwachting is dat - gelijk aan de huidige procedure – een beroep bij de rechtbank het geheel zo’n twee jaar kan vertragen. Bovenstaande geldt voor beide locaties en speelt daardoor geen rol bij de locatiekeuze. Bij een locatiekeuze voor Zeldenrustlaan zijn bezwaren te verwachten vanuit omwonenden. Bij een locatiekeuze voor Vliegende Vaart zijn bezwaren eerder te verwachten vanuit sportverenigingen, omwonenden of aanpalende bedrijven. De kans op bezwaren achten wij het grootst bij de Zeldenrustlaan. Dit baseren wij voornamelijk op de geluiden die wij tot op heden ontvingen vanuit de wijk Zeldenrust. Er zijn klachten over het verkeer en de verkeersdruk. Een aantal omwonenden heeft in eerdere bijeenkomsten hun voorkeur uitgesproken voor een school op een andere locatie.

Dit is met name gebaseerd op de toename van verkeersbewegingen en de extra verkeersdrukte die zij verwachten dat de nieuwe school met zich mee zal brengen.

3.5.2 Geplande ingebruikname Tabel 19 Geplande ingebruikname Vliegende Vaart Geplande ingebruikname 2028

Zeldenrustlaan Geplande ingebruikname 2028

Kleinere consequenties bij uitloop planning

Grotere consequenties bij uitloop planning (oa tijdelijke huisvesting)

32

Definitief – november 2022

3.5.3 Kans op vertraging Tabel 20 Kans op vertraging Vliegende Vaart Kans op bezwaren omwonenden / bedrijven / maatschappelijke partijen. Maximaal 2 jaar vertraging. Kans op vertraging door verwerven percelen Maximaal 1,5 jaar vertraging

Zeldenrustlaan Kans op bezwaren omwonenden / bedrijven. Maximaal 2 jaar vertraging. Tijdelijke huisvesting kan risico vormen (aard, omvang en vergunning)

3.5.4 Conclusie planning en risico’s in planning Qua planning is er weinig verschil. Voor allebei de locaties geldt dat de verwachting is dat de nieuwbouw na de zomervakantie van 2028 in gebruik kan worden genomen. Groot verschil is dat de sub-variant voor Vliegende Vaart vraagt om het verwerven van percelen. Dit brengt extra kosten met zich mee en het verwervingstraject kan leiden tot maximaal 1,5 jaar vertraging. Het kan een afweging zijn om dit risico uit te sluiten en niet over te gaan tot het verwerven van percelen. De school moet dan op eigen gronden van de gemeente Terneuzen worden gerealiseerd.

33

Definitief – november 2022

4. Financieel criterium Niet alleen kwalitatieve criteria spelen een rol bij het verkennen van de twee locaties. Ook de financiën spelen in belangrijke mate een rol. Het realiseren van een schoolgebouw van een bepaalde omvang zal op beide locaties nagenoeg dezelfde kosten met zich meebrengen. Op andere aspecten constateerden wij locatieafhankelijke verschillen met een financiële component. Te denken valt bijvoorbeeld aan het al dan niet verwerven van percelen. Deze locatieafhankelijke verschillen resulteren in een andere omvang van kosten en/of andere kostenposten. Bijlage 5 bevat een nadere toelichting op de financiële uitgangspunten.

4.1 Stichtingskosten school In het haalbaarheidsonderzoek voortgezet onderwijs (Hevo, 2020) berekende Hevo de stichtingskosten voor het schoolgebouw. Hevo deed dit voor twee varianten: bouwbesluit inclusief BENG (Bijna EnergieNeutraal Gebouw) en bouwbesluit inclusief Eng (gasloos, energieneutraal gebouw). Keuzes ten aanzien van het al dan niet toepassen van een kwaliteitskader, een te realiseren ambitieniveau, maar bijvoorbeeld ook te maken keuzes binnen aspecten frisse scholen, exploitatiegericht bouwen en duurzaam bouwen hebben een groot effect op de bouwprijs per vierkante meter. Afhankelijk van te maken keuzes lopen de stichtingskosten voor het gebouw uiteen van 40 miljoen tot 70 miljoen euro. Tabel 21

Sobere variant Bouwbesluit + Eng € 2.747 / m2 BVO

Lage variant

Kwaliteitskader

Hoge variant

€ 3.293 / m2 BVO

€ 3.832 / m2 BVO

€ 4.386 / m2 BVO

In het Integraal Huisvestingsplan (IHP) staat dat we in geval van nieuwbouw, de realisatie van gasloze, energieneutrale gebouwen (Eng) beogen. Daarnaast streven wij als gemeente samen met de schoolbesturen naar een kwaliteitsambitie van Frisse Scholen klasse B. Daarbij is de kwaliteit van het binnenmilieu (naast luchtkwaliteit ook temperatuur) van groot belang. De stichtingskosten zijn daarbij niet alleen afhankelijk van het gewenste ambitieniveau, maar ook van de indexering. We rekenden nu met twee varianten van indexering. Een extremer scenario met hogere indexering dan waar wij mee rekenden, is uiteraard denkbaar. Een realistische raming voor de stichtingskosten voor het gebouw stellen wij op 48,5 tot 60 miljoen euro. Belangrijk aandachtspunt is dat de Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Terneuzen 2022 een groot effect heeft gehad op de ruimtebehoefte. De verordening is leidend, maar de wijzigingen ten opzichte van de vorige verordening zijn groot. Een afwijkende ruimtebehoefte (ruimtevraag) heeft direct effect op de bouwkosten.

4.1.1 Bijkomende kosten (geen verschil tussen locaties) Ook voor de fietsenstalling en de parkeerplaatsen maakten wij een raming. We verwachten niet dat hier sprake is van een locatieafhankelijk financieel verschil. De kosten voor de fietsenstalling raamden wij op 450.000 euro. De kosten voor de parkeerplaatsen raamden wij op 300.000 euro.

34

Definitief – november 2022

4.2 Financiële verschillen tussen locaties Op verschillende punten constateerden we financiële verschillen tussen beide locaties.

4.2.1 Sportvoorzieningen Rekening houdend met de hogere indexering bedraagt de prijs van een normatieve gymzaal 1,9 miljoen euro. Op basis van de Verordening Voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Terneuzen 2022 berekenden we dat het voortgezet onderwijs recht heeft op minimaal 4,4 en maximaal 5,5 gymzalen. Voor locatie Vliegende Vaart kan (deels) gebruik worden gemaakt van de gymzalen in sportcomplex Vliegende Vaart. We berekenden dat bij een keuze voor locatie Vliegende Vaart twee gymzalen minder kunnen worden gebouwd. Hierdoor is sprake van een prijsverschil tussen beide locaties van 3,7 miljoen euro. We houden geen rekening met de aanleg van sportvelden. Dit is geen verplichting vanuit de Verordening Voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Terneuzen 2022.

4.2.2 Tijdelijke huisvesting Op het moment dat nieuwbouw op locatie Zeldenrustlaan wordt gerealiseerd, zal een oplossing moeten worden gevonden voor de leerlingen die tijdelijk geen les kunnen krijgen op de locatie Zeldenrustlaan. Of en in hoeverre hier sprake van is, is deels afhankelijk van de wijze van uitvoering. Gelet op de omvang van het nieuwe gebouw achten wij het niet mogelijk om de volledige nieuwbouw te realiseren voor het bestaande gebouw wordt gesloopt. Tijdelijke huisvesting is noodzakelijk. Wellicht kan met gefaseerd bouwen de omvang van tijdelijke huisvesting worden beperkt. Het is wel de vraag of en in hoeverre dit vanuit bijvoorbeeld onderwijskundig perspectief gewenst is. We berekenden de kosten voor tijdelijke huisvesting op 7,5 miljoen euro.

4.2.3 Infrastructurele kosten Op beide locaties zullen we te maken krijgen met infrastructurele kosten. Naar verwachting zijn de kosten op locatie Vliegende Vaart zo’n 1,1 miljoen euro hoger dan op locatie Zeldenrustlaan.

4.2.4 Verwervingskosten De gekozen sub-variant voor Vliegende Vaart vereist het verwerven van percelen. We raamden de kosten hiervoor op 5,1 miljoen euro.

4.2.5 Opbrengstpotentie Bij een keuze voor de Vliegende Vaart is sprake van een opbrengstpotentie van circa 2,5 miljoen euro. De locatie Zeldenrustlaan komt in dat geval vrij. Deze locatie komt voor herontwikkeling in aanmerking. Herontwikkeling van de locatie Vliegende Vaart op het moment dat er geen nieuwe school wordt gerealiseerd, ligt niet voor de hand.

35

Definitief – november 2022

4.2.6 Financiële verschillen Tabel 22 Financiële verschillen

Omschrijving Vliegende Vaart Zeldenrustlaan Bouwkosten afhankelijk van kwaliteitskeuzes tussen de 48,5 miljoen en 60,5 miljoen Gymzalen

Verschil

7.500.000

11.200.000

Fietsenstalling

450.000

450.000

Parkeerplaatsen

300.000

300.000

1.450.000

400.000

-1.050.000

7.500.000

7.500.000

Infrastructurele voorzieningen Tijdelijke huisvesting Aankoop vastgoed

5.100.000

Opbrengstpotentie Totaal

-2.500.000 12.300.000

Tabel 23 Financieel criterium Vliegende Vaart Verwerven percelen (hogere kosten € 5.100.000)

3.700.000

-5.100.000 19.850.000

2.500.000 7.550.000

Zeldenrustlaan Tijdelijke huisvesting (hogere kosten (€ 7.500.000)

Infrastructurele kosten (hogere kosten € 1.050.000)

Nieuwbouw extra gymzalen (hogere kosten € 3.700.000)

Opbrengstpotentie vrijkomende locatie Zeldenrustlaan (opbrengsten € 2.500.000)

In het IHP is vastgelegd dat wij met de schoolbesturen zijn overeengekomen dat wanneer er kwaliteit wordt toegevoegd uitstijgend boven Bouwbesluit en BENG de extra investering tussen schoolbestuur en gemeente wordt verdeeld (50-50 procent). In overleg met Stichting Voortgezet Onderwijs Zeeuws-Vlaanderen en het Lodewijk College moet worden vastgelegd welke bovennormatieve kwaliteit wenselijk en (financieel) haalbaar is. Vervolgens moet hiervoor een overeenkomst bijdrage in exploitatieverlagende maatregelen en boven normatieve kwaliteit worden opgesteld en afgesloten. Schoolbesturen financieren op basis van Total Cost of Ownerschip (TCO) een deel van de stichtingskosten van een nieuwbouw- of renovatieopgave. Per project wordt een Op Overeenstemming Gericht Overleg (OOGO) gevoerd over de hoogte van de investering.

4.2.7 Conclusie financieel criterium Voor beide locaties geldt dat er een nieuwe school moet worden gerealiseerd. Deze kosten zijn voor beide locaties nagenoeg gelijk en ramen wij – afhankelijk van nog te maken keuzes – tussen de 48,5 en 60,5 miljoen euro. Deze kosten zijn onafhankelijk van de locatiekeuze. Hetzelfde geldt voor de kosten voor de fietsenstalling en het parkeren. Belangrijk aandachtspunt is dat de Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Terneuzen 2022 een groot effect heeft gehad op de ruimtebehoefte. De verordening is leidend, maar de wijzigingen ten opzichte van de vorige verordening zijn groot. Een afwijkende ruimtebehoefte (ruimtevraag) heeft direct effect op de bouwkosten. Voor wat de sportzalen (gymzalen) betreft, is er sprake van een financieel verschil tussen beide locaties. Bij de Vliegende Vaart moeten door dubbelgebruik twee gymzalen minder worden gerealiseerd. Ook is er bij de Vliegende Vaart geen sprake van tijdelijke huisvesting welke een financieel voordeel oplevert. Hiertegenover staat dat er bij de sub-variant voor de Vliegende Vaart sprake is van de verwerving van percelen. Dit brengt extra kosten met zich mee. Ook de kosten voor infrastructurele aanpassingen raamden wij hoger op locatie Vliegende Vaart.

36

Definitief – november 2022 Op basis van bovenstaande verschillen ramen wij locatie Vliegende Vaart circa 5,1 miljoen euro goedkoper. Daarnaast kan bij de realisatie van huisvesting op locatie Vliegende Vaart de huidige locatie aan de Zeldenrustlaan worden herontwikkeld tot woningbouw. Herontwikkeling van de locatie Vliegende Vaart op het moment dat er geen nieuwe school wordt gerealiseerd, ligt niet voor de hand. De ontwikkelpotentie van de Zeldenrustlaan ramen wij op circa 2,5 miljoen euro positief .

37

Definitief – november 2022

6. Aanbeveling In dit rapport verkenden we ambtelijk twee locaties voor nieuwe huisvesting voor het Lodewijk College. Beide locaties hebben voor- en nadelen. Voor beide locaties geldt daarnaast dat het realiseren van een school voor voortgezet onderwijs kansen biedt, maar tegelijkertijd risico’s met zich mee brengt. Het proces om te komen tot nieuwe huisvesting voor het Lodewijk College stopt niet met deze verkenning. De besluitvorming van de gemeente Terneuzen ten aanzien van de locatie vormt de start van het verdere traject om invulling te geven aan de realisatie van de beoogde nieuwbouw. Er zijn nog vele keuzes die de gemeente Terneuzen – al dan niet in overleg met het schoolbestuur en/of andere samenwerkingspartners - moet nemen. In tabel 24 geven we een totaal overzicht van de voordelen, nadelen, kansen en risico’s. We focussen in deze tabel op de verschillen tussen beide locaties. Waar een verschil is geconcludeerd, is dit zichtbaar gemaakt door betreffende vakken te kleuren.

38

Definitief – november 2022 Tabel 24 Totaal overzicht beschouwde aspecten per criterium

Vliegende Vaart

Zeldenrustlaan OMVANG (CAPACITEIT)

Schoolgebouw inclusief terrein en sportzalen past

Schoolgebouw inclusief terrein en sportzalen past

Sportvelden past niet Uitbreidingsmogelijkheden binnen perceel

Sportvelden past niet Uitbreidingsmogelijkheden binnen perceel

Aanwezigheid van sportvelden in directe nabijheid (dubbelgebruik). Geen aanleiding voor realiseren extra sportvelden Gekozen sub-variant vraagt om verwerven percelen

Sportvelden op circa 1,5 km afstand; Geen ruimte voor realisatie sportvelden in directe nabijheid Gekozen sub-variant zonder verwerving percelen

€

Uitbreidingsmogelijkheden (ruimtebeslag) buiten perceel creëren is relatief eenvoudig; Ruimte voor uitbreidingsmogelijkheden is groter dan op locatie Zeldenrustlaan (toekomstpotentie)

Uitbreidingsmogelijkheden (ruimtebeslag) buiten perceel creëren is lastiger; Ruimte voor uitbreidingsmogelijkheden is beperkter dan op locatie Vliegende Vaart (toekomstpotentie beperkt)

ONTSLUITING EN BEREIKBAARHEID Auto

Meerdere routes, goed bereikbaar

Meerdere routes, goed bereikbaar

Goede infrastructuur

De capaciteit van de wegen voldoet

Ontsluiting indirect (via sportpark of via bedrijventerrein) OV

Geen OV (bushalte)

Ontsluiting niet optimaal (woonwijk, opstoppingen) OV (bushalte)

Parkeren

Ruimte voor parkeren en fietsenstalling

Ruimte voor parkeren en fietsenstalling

Medio 2024 aanbesteding OV Route OV kan veranderen als gevolg van school op deze locatie zodanig dat locatie bereikbaar wordt

Medio 2024 aanbesteding OV Zal in omgeving blijven zodanig dat locatie bereikbaar blijft

Vrijliggende fietspaden; gescheiden verkeersstromen. Ook in de toekomstige situatie

Geen vrijliggend fietspaden; gecombineerde verkeersstromen. Ook in toekomstige situatie geen ruimte voor vrijliggende fietspaden Sloelaan wordt afgewaardeerd naar 30 km/h (minder sluipverkeer, veiliger voor fietsers) Andere route voor bus, of mogelijk bus weren van Sloelaan bij 30 km/u De capaciteit van de wegen voldoet. Klachten over huidige verkeerssituatie (oa parkeeroverlast). De verkeersdruk en parkeerdruk zullen toenemen; dit lijkt niet te passen binnen infrastructuur van de bestaande woonwijk. Sloelaan wordt afgewaardeerd naar 30 km/h (minder sluipverkeer, bereikbaarheid gaat achteruit)

Fiets

OV

Er is ruimte beschikbaar om openbaar vervoer in goede banen te leiden (gelegen aan GOW) Goede infrastructuur in de huidige situatie. Er zijn geen klachten. Rooseveltlaan en Hughersluys hebben voldoende capaciteit voor extra verkeer.

Auto Ruimte beschikbaar – infrastructuur breder aanleggen

Parkeren

€

Mogelijkheden dubbelgebruik  Sporten avonduren en weekend

Beperkte mogelijkheid verbeteren ontsluiting (geen ruimte) Beperkte mogelijkheid dubbelgebruik  ZorgSaam parkeert op zelfde momenten

School overdag en door de week

Scalda parkeert op zelfde momenten

OMGEVING Mogelijkheid om school in te zetten als welzijnsaccommodatie voor wijk Oude Vaart Enige sociale controle (sportverenigingen + zichtlocatie)

Mogelijkheid om school in te zetten als welzijnsaccommodatie voor wijk Zeldenrust Enige sociale controle (avond + nacht)

Aandachtsgebieden externe veiligheid

€

Zichtbaarheid vanaf hoofdontsluitingsweg mogelijk Vraagt om aankoop percelen Stedenbouwkundige inpassing goed mogelijk. Volledige ontwerpvrijheid

€

Geen aandachtsgebieden externe veiligheid Zichtbaarheid vanaf hoofdontsluitingsweg niet realistisch Overlast voor omwonenden Beperkte ontwerpvrijheid (stedenbouwkundig)

Mogelijkheid voor ontmoetingsplek (centrum) voor jongeren

Ontmoetingsplek (centrum) voor jongeren kan overlast veroorzaken; Leerlingen gaan wijk in Brede zorg- en onderwijscampus

Brede sport- en onderwijscampus

SAMENWERKING EN RIJKE SCHOOLDAG Centrum voor Top Techniek op circa 1,5 km afstand

Centrum voor Top Techniek op circa 200 m afstand

Zorghuis van de Toekomst op circa 1,5 km afstand

Zorghuis van de Toekomst in directe nabijheid

Scalda (mbo) op circa 1,5 km afstand

Scalda in directe nabijheid

ZorgSaam op 1,5 km afstand

ZorgSaam in directe nabijheid

Sportvelden in directe nabijheid

Sportvelden op circa 1,5 km afstand

Brede sport- en onderwijscampus Aantrekkingskracht voor onderwijspartners, bedrijven en maatschappelijke instellingen. Afspraken sportverenigingen dubbelgebruik Mogelijkheden om sportactiviteiten uit te breiden (verrijking sportcurriculum)

Brede zorg- en onderwijscampus Intensievere samenwerking. Gemeenschappelijk gebruik voorzieningen

Buiten- en naschoolse activiteiten (cultuur, muziek, skatebaan, ..)

Mogelijkheid tot dubbelgebruik met Scalda (leegstand)

PLANNING EN RISICO’S IN PLANNING Geplande ingebruikname 2028

Geplande ingebruikname 2028

Kleinere consequenties bij uitloop planning

Grotere consequenties bij uitloop planning (oa tijdelijke huisvesting) Kans op bezwaren omwonenden / bedrijven. Maximaal 2 jaar vertraging.

Kans op bezwaren omwonenden / bedrijven. Maximaal 2 jaar vertraging. Kans op bezwaren maatschappelijke partijen (sportverenigingen) Kans op vertraging door verwerven percelen Maximaal 1,5 jaar vertraging

Tijdelijke huisvesting kan risico vormen (aard, omvang en vergunning)

FINANCIEEL Verwerven percelen (hogere kosten € 5.100.000) Infrastructurele kosten (hogere kosten € 1.050.000) Opbrengstpotentie vrijkomende locatie Zeldenrustlaan (opbrengsten € 2.500.000)

Tijdelijke huisvesting (hogere kosten € 7.500.000) Nieuwbouw extra gymzalen (hogere kosten (€ 3.700.000)

39

Definitief – november 2022

Bijlage 1

Externe veiligheid

In dit rapport verkenden we ambtelijk de twee in het bestuursakkoord 2022-2026 ‘Goed leven in Terneuzen. Verder bouwen aan een duurzame toekomst’ opgenomen locaties: Vliegende Vaart en Zeldenrustlaan. Voor beide locaties creëerden we een aantal varianten. We maakten op basis van een sub-variant een vergelijking tussen beide locaties. Deze sub-variant per locatie selecteerden we vanuit stedenbouwkundige en verkeerskundige overwegingen.

Vliegende Vaart Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet veranderen de regels op het gebied van Externe Veiligheid. Het groepsrisico zoals we dat nu kennen, verandert met de Omgevingswet in explosie- en brandaandachtsgebieden en explosie- en brandvoorschriftengebieden. Wanneer er een gebouw komt waar veel mensen op relatief korte afstand van een risicobron verblijven, is het gebruikelijk om mensen binnen dat gebouw met maatregelen te beschermen tegen een ongeval met gevaarlijke stoffen. Risicocontouren De risicocontouren zijn weergegeven met zwarte stippellijnen. Binnen die lijnen mag geen school worden gebouwd. Aandachtsgebieden De rood gearceerde gebieden zijn de brandaandachtsgebieden. De geel gearceerde gebieden zijn de explosieaandachtsgebieden. Aandachtsgebieden zijn gebieden die zichtbaar maken waar mensen binnenshuis, zonder aanvullende maatregelen, onvoldoende beschermd zijn tegen de gevolgen van ongevallen met gevaarlijke stoffen. Binnen dat gebied kunnen zich bij een ongeval met gevaarlijke stoffen levensbedreigende gevaren voordoen voor personen in gebouwen. Het aandachtsgebied vormt een instrument om het gesprek over veiligheid en bescherming door het treffen van maatregelen te starten. Een gemeente kan binnen een aandachtsgebied een voorschriftengebied aanwijzen.

In dit deel van het aandachtsgebied gelden dan aanvullende bouweisen voor nieuwbouw en vervangende nieuwbouw. In de geselecteerde sub-variant hebben we te maken met aandachtsgebieden. Een school mag gebouwd worden binnen de brand- en explosieaandachtsgebieden. Binnen deze aandachtsgebieden kunnen aanvullende bouweisen gelden voor nieuwbouw. Dit geldt voor het gebouw, maar niet voor de fietsenstalling en het parkeerterrein. Ook komen er met de komst van de Omgevingswet gifwolkaandachtsgebieden. Deze zijn nog niet bekend. Ze zullen in elk geval zeer groot zijn. Een gifwolkaandachtsgebied kent geen gifwolkvoorschriftengebied. Dat komt omdat je tegen gifwolken geen andere maatregelen kunt treffen dan het sluiten van ramen en deuren en het uitzetten van mechanische ventilatie.

40

Definitief – november 2022

Figuur 11 Risicocontouren en brand- en explosieaandachtsgebieden

De grenzen van de aandachtsgebieden – zoals weergegeven in figuur 11 – zijn zo goed als zeker. Ze gelden als de Omgevingswet in werking treedt. De inwerkingtreding staat gepland voor 1 juli 2023. Explosieaandachtsgebied 1 (cirkel) door Tankstation Zevenaar - LPG Hier is sprake van een explosieaandachtsgebied vanwege de tank, het vulpunt en de afleverzuil. Deze hebben te maken met de LPG activiteiten van het tankstation. De tank en het vulpunt staan op gemeentegrond. Wij hebben hiervoor een huurcontract afgesloten. Dit contract eindigt in 2030. Gelet op het teruglopend aantal gebruikers van LPG zien wij mogelijkheden om het huurcontract (voortijdig) te beëindigen. De grootste kans op een ongeval met LPG is tijdens de bevoorrading van de tank. Volgens de huidige vergunning mag exploitant op alle momenten van de dag de tank laten bevoorraden. Naast het (voortijdig) beëindigen van het huurcontract, kan het een optie zijn om met exploitant en de LPG leverancier af te spreken om de bevoorrading buiten de schooluren te laten plaatsvinden. Dit kunnen we vastleggen in de milieuvergunning. In dat geval neemt de kans op een ongeval met doden en gewonden drastisch af. Bouwen binnen het bij het LPG horende explosieaandachtsgebied kan ook met het nemen van maatregelen. De te nemen maatregelen zullen zich voornamelijk richten op maatregelen aan de beglazing van het gebouw.

Het is lastig om daar – zonder ontwerp en verdere gegevens – een kosteninschatting voor te maken. Overigens is het wel de vraag of de kosten van de explosiewerende maatregelen opwegen tegen de korte tijd (2028 – 2030) en de kleine kans op een ongeval met doden en gewonden. Afhankelijk van de keuze voor een sub-variant en aansluitend de keuze voor de situering en vormgeving van het gebouw vraagt dit om een overleg met bijvoorbeeld de brandweer en RUD Zeeland. Explosieaandachtsgebied 2 (elips) door rreinen Zolang treinen met gevaarlijke stoffen van spoor moeten wisselen om over de brug van Sluiskil te kunnen rijden, blijft het explosieaandachtsgebied behorende bij het spoor bestaan. Dit aandachtsgebied is afgestemd op de vergunning.

41

Definitief – november 2022 Uit de realisatiecijfers van 2016 t/m 2021 blijkt overigens dat er geen tot slechts enkele treinen met explosieve stoffen c.q. brandbare gassen per jaar over dit spoorwegtraject worden vervoerd c.q. van spoor wisselen. Gezien het lage aantal treinen achten wij het niet reëel om hiervoor explosiewerende maatregelen te treffen. Afhankelijk van de keuze voor een sub-variant en aansluitend de keuze voor de situering en vormgeving van het gebouw vraagt dit om een overleg met bijvoorbeeld de brandweer en RUD Zeeland. Op dit traject wisselen wagons met giftige stoffen van spoor. Meestal gaat het hier om wagens met ammoniak van Yara. Voor giftige stoffen kennen we geen aandachtsgebieden of bijzondere bouwkundige eisen. In geval van een ongeval met giftige stoffen geldt: deuren en ramen sluiten en mechanische ventilatie uitzetten. Er zijn plannen om een rechtstreekse spoorverbinding aan te leggen tussen Yara en de ten westen van het kanaal gelegen goederenspoorlijn. In dat geval vervalt de noodzaak om met treinen met explosieve stoffen c.q. brandbare gassen van spoor te wisselen ter hoogte van de beoogde locatie. De elips zal dan komen te vervallen. Of deze verbinding er komt, is nog ongewis.

Figuur 12 Aandachtsgebieden in onderzoeksgebied Vliegende Vaart

42

Definitief – november 2022

Bijlage 2

Sportverenigingen Vliegende Vaart

Figuur 13 Sportverenigingen Vliegende Vaart

1 – Vliegende Vaart Sportcentrum Vliegende Vaart is een multifunctioneel sportcentrum. Het beschikt over een binnenbad welke bestaat uit een wedstrijdbad en een instructiebad. Het wedstrijdbad is 25 meter lang en 21 meter breed en heeft 8 zwembanen. Het instructiebad is 25 meter lang en 12,5 meter breed en heeft 5 zwembanen. Daarnaast beschikt het centrum over een sport- / evenementenhal. Door middel van uitschuifbare wanden is deze te verdelen in twee sporthallen of 4 gymlokalen. Daarnaast is er een openluchtbad met een afmeting van 52 bij 16 meter. Het bad heeft zes zwembanen. Ook is er een peuter- en kleuterbad. Naast het buitenbad bevindt zich de ligweide van het buitenzwembad. De ligweide grenst zuidelijk aan de tennisaccommodatie van tennisvereniging TC Animo. 2 – Bodyline Healthcentre Bodyline Healthcentre is een fitnessvoorziening. In de opstallen van Bodyline zijn ook een schoonheidssalon en een fysiopraktijk gevestigd. Ten westen van het gebouw bevindt zich een grondkavel. Het noordelijke deel behoort ook toe aan Bodyline. Het zuidelijke deel (7) is in eigendom van de gemeente Terneuzen. 3 – Tennis Tennisvereniging TC Animo met zo’n 700 leden. Er is sprake van een akte van erfpacht die eindigt op 31 december 2025. De tennisaccommodatie bestaat uit diverse opstallen waaronder kantine en kleedlokalen. Daarnaast zijn er negen tennisbanen en twee padelbanen. 4 – Hockey 43

Definitief – november 2022 Hockeyvereniging MHC Olympia met zo’n 350 leden. Er is sprake van een akte van erfpacht voor de gehele accommodatie van 2008 tot en met 2037. Daarna telkens met tien jaar te verlengen. De sportaccommodatie bestaat uit diverse opstallen waaronder een clubhuis en kleedlokalen. Daarnaast zijn er twee hockeyvelden. 5 – Korfbal Korfbalvereniging met zo’n 140 leden. Beschikt over een kunstgrasveld, natuurgrasveld, kleedlokalen en een kantine. Recent is een investering gedaan vanuit de vereniging om de kantine te upgraden. Met de korfbalvereniging sloten we een gebruiksovereenkomst. Deze loopt van 1 januari 2008 en eindigt op 31 december 2037. Indien een partij de overeenkomst wenst te beëindigen geldt een opzegtermijn van ten minste 12 maanden. 6 – Honk – en softbal Honk- en softbalvereniging het Zeeuwse Honk. Vereniging met circa 60 leden. Er ligt een voorstel om een gebruiksovereenkomst voor de accommodatie aan te gaan. De overeenkomst is echter nog niet formeel vastgelegd. 7– Beachvolleybal Het beachsoccer terrein is in eigendom van de gemeente Terneuzen. Het terrein is in gebruik gegeven aan Beach Soccer Zeeland. Er is geen sprake van een formeel vastgelegde gebruiksovereenkomst. 8 – Skatepark De skatebaan (zo’n 800 m2) is in eigendom van de gemeente Terneuzen. In het begin van 2023 wordt op deze locatie een nieuwe skatebaan gerealiseerd.

9- Trapveldjes Het gaat hier om twee naast elkaar gelegen voetbalvelden met de minimale afmetingen voor een voetbalveld. Deze trapveldjes zijn de enige sportvelden in de openbare ruimte van sportpark Oude Vaart die openbaar toegankelijk zijn. Er wordt veelvuldig gebruik gemaakt van de trapveldjes voor sport- en beweegactiviteiten. 10 – Schuttersvereniging en herdershondenvereniging Schuttersvereniging Westerschelde en de Duitse Herdershondenvereniging maken gezamenlijk gebruik van een aaneengesloten accommodatie. Er is sprake van een huurovereenkomst voor het clubhuis en een gebruikersovereenkomst voor de grondkavel.

44

Definitief – november 2022

Bijlage 3

Leerlingenprognoses

DUO De meest recente prognose van DUO (peildatum 1-10-2021; publicatiedatum 24-6-2022). Tabel 25 Prognose DUO

Jaar

2020

2021

2022

2023

2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 2033 2034 2035 2036 2037 2038 2039 2040

Totaal

2327

2262

2208

2178

2145 2141 2135 2131 2121 2099 2067 2016 1957 1949 1932 1945 1986 2032 2077 2104 2123

Pronexus De meest recente prognose van Pronexus (teldatum 1-10-2019; publicatiedatum februari 2020). Tabel 26 Prognose Pronexus

Jaar 31JW00 Zeldenrustlaan 31JW01 De Rede Totaal

2020

2021

2022

2023

2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 2033 2034 2035 2036 2037 2038 2039 2040

1.530 1.489 1.448 1.421 1.404 1.388 1.375 1.368 1.361 1.361 1.351 1.337 1327 1.315 1.305 1.289 1.277 1.274 1.272 1.271 1.269 889 865 842 826 815 806 798 793 789 788 782 774 769 762 757 749 743 742 741 741 739 2.419 2.354 2.290 2.247 2.219 2.194 2.173 2.161 2.150 2.149 2.133 2.111 2.096 2.077 2.062 2.038 2.020 2.016 2.013 2.012 2.008

45

Definitief – november 2022

Bijlage 4

Ruimtebehoefte

In het onderzoek van Hevo (Hevo, 2020) baseerde Hevo de ruimtebehoefte voor een nieuwe school op basis van de leerlingenprognoses opgesteld door DUO. Het aantal leerlingen en de verdeling van de leerlingen over de verschillende uitstroomprofielen bepaalde de ruimtebehoefte. Hevo baseerde de ruimtebehoefte op 2.323 leerlingen in 2023. Daarnaast ging Hevo uit van de Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Terneuzen 2015. Inmiddels is de Verordening Voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Terneuzen 2022 van kracht. Deze Verordening bevat een ander ruimtebehoeftemodel. Daarnaast gaan we niet meer uit van het in gebruik nemen van de school in 2023. Dit betekent dat we opnieuw moeten kijken naar de leerlingenprognoses (voor het bepalen van het leerlingenaantal) en de bijbehorende ruimtebehoefte.

Leerlingenprognoses Bij een te bouwen school baseren wij ons op prognoses. We willen immers niet te groot (leegstand), maar ook niet te klein bouwen. De Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Terneuzen 2022 bepaalt dat noodzaak voor nieuwbouw voor een voor blijvend gebruik bestemde voorziening aanwezig is als de opgestelde prognose aantoont dat de leerlingen gedurende ten minste 15 jaar kunnen worden verwacht. Er is sprake van een voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening als de prognose aantoont dat leerlingen gedurende ten minste vier jaar kunnen worden verwacht. DUO Allereerst kan gekeken worden naar de prognoses van DUO. Terugkijkend naar oude reeksen, zien we behoorlijk wat fluctuaties in de reeksen. Zo gaat het bestand van 2019 uit van 2.255 leerlingen in 2028, het bestand van 2020 uit van 2.233 leerlingen in 2028, het bestand van 2021 uit van 2.188 leerlingen in 2028 en het bestand van 2022 uit van 2.122 leerlingen in 2028. De volledige prognose is terug te vinden in bijlage 3. De prognoses van DUO zijn gebaseerd op:  de belangstellingspercentages van scholen in de bevolking van hun voedingsgebieden,  de doorstroom van leerlingen aan de scholen en de regionale demografische dynamiek. Pronexus De leerlingenprognoses voor het voortgezet onderwijs opgesteld door Pronexus dateren van februari 2020.

Pronexus houdt in haar prognoses naast demografische gegevens ook rekening met woningbouwplanning op gebiedsniveau. De volledige prognose is terug te vinden in bijlage 3. De prognoses van DUO laat zien dat er voor een periode van ten minste 15 jaar 1.932 leerlingen worden verwacht. In 2034 is sprake van het laagste aantal leerlingen. Vanaf 2020 daalt het aantal leerlingen. Na 2034 loopt het aantal leerlingen weer op. Als we nieuwbouw realiseren voor 1.932 leerlingen welke in 2028 in gebruik kan worden genomen, betekent dit dat de nieuwe school de eerste jaren mogelijk krap zal zitten. De prognoses van Pronexus laat zien dat er voor een periode van ten minste 15 jaar 2.008 leerlingen worden verwacht. De school zal minimaal 15 jaar dit leerlingenaantal zal hebben. Als we echter nieuwbouw realiseren voor 2.008 leerlingen welke in 2028 in gebruik kan worden genomen, betekent dit dat de nieuwe school de eerste jaren mogelijk krap zal zitten. 46

Definitief – november 2022 Overigens is het wel zo dat een school - binnen bepaalde marges – schommelingen in leerlingenaantallen moet kunnen opvangen. De verordening stelt: in het voortgezet onderwijs bestaat pas aanspraak op bekostiging van de voorziening uitbreiding van het schoolgebouw als de gevraagde ruimtebehoefte minimaal tien procent hoger is dan de bruto vloeroppervlakte van de bestaande capaciteit. In overleg met het schoolbestuur moet bepaald worden voor welk leerlingenaantal de nieuwbouw wordt gerealiseerd. Nu groter bouwen, kost wellicht net zo veel (of minder) dan medio 2028 nog deels zorgen voor tijdelijke of semi-permanente huisvesting. UITGANGSPUNT: 2.100 leerlingen in 2028 op basis van reguliere leerlingenprognoses.

Instroom Naast het aantal leerlingen op basis van de leerlingenprognoses willen we rekening houden met de instroom van leerlingen vanuit het praktijkonderwijs (PO) en vanuit het voortgezet speciaal onderwijs (VSO). We houden rekening met de ontwikkeling van inclusiever onderwijs. Dit streven is weergegeven in het ondersteuningsplan. We houden hier rekening mee door het aantal leerlingen vanuit de prognose te verhogen met het verschil tussen het landelijk deelnamepercentage aan praktijkonderwijs en voortgezet speciaal onderwijs. Praktijkonderwijs Doel praktijkonderwijs Resulteert in 62 extra leerlingen in het voortgezet onderwijs

199 leerlingen (= 4,61 % totaal) 137 leerlingen (=3,18 % landelijk)

Voortgezet Speciaal Onderwijs en (Voortgezet) Speciaal Onderwijs Doel Voortgezet Speciaal Onderwijs Resulteert in 70 extra leerlingen in het voortgezet onderwijs.

211 leerlingen (=5,65 % totaal) 141 leerlingen (= 3,77 % landelijk)

Dit betekent ten opzichte van 1 oktober 2021 132 extra leerlingen in het voortgezet onderwijs. Zo’n 55 % van de leerlingen van het voortgezet onderwijs volgt onderwijs in Terneuzen (Lodewijk College). Dit resulteert in zo’n 73 extra leerlingen in het voortgezet onderwijs voor het Lodewijk College. Dit is een hele grove berekening op basis van leerlingenaantallen per 1 oktober 2021. We hebben besloten om 100 extra leerlingen toe te voegen en uit te gaan van nieuwe huisvesting voor 2.200 leerlingen in 2028. UITGANGSPUNT: 2.200 leerlingen in 2028 op basis van reguliere leerlingenprognoses en extra instroom vanuit praktijkonderwijs en voortgezet speciaal onderwijs.

47

Definitief – november 2022

Vaststellen ruimtebehoefte op basis van de verordening 2022 AANDACHTSPUNT: Het veranderde leerlingenaantal en de nieuwe verordening zorgen voor een andere ruimtebehoefte. Ook bij een gelijk blijvend leerlingenaantal ten opzichte van het onderzoek van Hevo (Hevo, 2020) had de nieuwe verordening gezorgd voor een andere ruimtebehoefte. Deels wordt dit veroorzaakt doordat het Lodewijk College relatief meer leerlingen heeft in het theoretisch onderwijs (vwo, havo en vmbo tl) dan in het vakonderwijs. De vierkante meters per leerling in het nieuwe model zijn afgenomen voor deze onderwijssoorten ten gunste van de profielen in het vmbo k, b, gl. Dit wordt versterkt doordat dezelfde meters per leerling ook gelden voor de onderbouwleerlingen. Deze leerlingen hadden eerst een apart en hoger aantal vierkante meters per leerling. De ruimtebehoefte voor een school voor voortgezet onderwijs wordt bepaald aan de hand van het ruimtebehoeftemodel. De totale ruimtebehoefte van een instelling voor voortgezet onderwijs is het totaal van twee componenten, te weten: a. Een leerlinggebonden component, en b. Een vaste voet. De leerlinggebonden component wordt berekend door in de Verordening opgenomen bruto vloeroppervlakten per leerling te vermenigvuldigen met het aantal leerlingen dat op de school voor voortgezet onderwijs staat ingeschreven.

We gaan uit van de 2.262 leerlingen die per 1-10-2021 staan ingeschreven. De leerlinggebonden component is afhankelijk van de soort onderwijs en het profiel die de leerling volgt. Aan de hand van de gegevens van de Dienst Uitvoering Onderwijs kunnen de aantallen worden vastgesteld. Voor leerjaar 1 en 2 wordt daarbij geen onderscheid gemaakt tussen de onderwijssoorten. Als aan de school meerdere afdelingen (VWO/HAVO en VMBO) zijn verbonden, wordt de verhouding tussen de leerlingen in het vierde leerjaar als uitgangspunt genomen. Voor het Lodewijk College namen we de verhouding tussen de leerlingen in het vierde leerjaar als uitgangspunt. Per 1-10-2021 zijn er 2.262 leerlingen ingeschreven op het Lodewijk College. We nemen de verhouding tussen de leerlingen in het vierde leerjaar als uitgangspunt. Deze verhouding passen wij vervolgens toe op het beoogde aantal leerlingen (2.200 = UITGANGSPUNT). Tot slot plaatsten we die aantallen in het ruimtebehoeftemodel. Dit resulteert in een ruimtebehoefte van 16.460 m2 BVO. De ruimtebehoefte voor bewegingsonderwijs is minimaal 4,4 gymzalen en maximaal 5,5 gymzaal. Hevo ging uit van een ruimtebehoefte van 8 gymzalen van 455 m2. Op basis van de verordening en de prognose was toen sprake van 7 gymzalen. Het Lodewijk College gaf -op basis van bezettingsgraden en roosters - aan 8 gymzalen nodig te hebben.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12088198/1