2022-05-18 bijlage 3 BFA Inventarisatie RK begraafplaatsen Terneuzen
Tekst van het document
Op een aantal begraafplaatsen, zoals in Westdorpe, is een breed eclectisch beeld te zien waarbij weinig oude voorbeelden over zijn gebleven, maar des te meer jongere grafmonumenten. In Biervliet zijn eveneens weinig oudere voorbeelden overgebleven en wordt het beeld vooral bepaald door jongere stèles. Wel zijn in Biervliet relatief veel gietijzeren grafkruizen in diverse varianten aangetroffen. Dergelijke voorbeelden vinden we verder alleen in Sas van Gent. Dat ze elders niet te vinden zijn, kan erop wijzen dat ze verwijderd zijn of nooit aanwezig zijn geweest. Een opvallend fenomeen dat ook de grafcultuur op de gemeentelijke begraafplaats bepaalde, is dat veel grafmonumenten geleverd zijn door Vlaamse steenhouwers. Daardoor zien we ook op de katholieke begraafplaatsen een type grafmonument uit de jaren vijftig en zestig dat veel voorkomt, maar elders in Nederland nauwelijks. Deze grafstenen kennen een geheel eigen vormgeving (met varianten) en zijn veelal vervaardigd van kunststeen een voorzien van tekstplaten van marbriet. Wat de begraafplaatsen delen is de opvatting over inrichting van een begraafplaats in de negentiende eeuw. Dat betekent dat net als op de oudere gemeentelijke begraafplaatsen de grafmonumenten dicht op elkaar liggen met nauwelijks ruimte.
Op jongere grafvakken of latere toevoegingen, zien we vaker graven die alle aan paden liggen en daardoor meer ruimte vragen. Een mooi voorbeeld daarvan is te vinden in Zuiddorpe op de uitbreiding, maar ook in Westdorpe is dat proces goed te volgen. Net als bij de gemeentelijke begraafplaatsen is de geschiedenis van de beschreven begraafplaatsen afhankelijk van de plaats en het tijdstip waarop ze ontstonden. Het is wel heel duidelijk dat de katholieke begraafplaatsen in de gemeente Terneuzen een ander aanzien hebben dan de gemeentelijke. Er lijkt minder aan funeraire cultuur verloren te zijn gegaan, maar dat wil niet zeggen dat de situatie van de grafmonumenten ook beter is. Van de geïnventariseerde grafmonumenten is de staat over het algemeen iets slechter dan die op de gemeentelijke begraafplaatsen. Op een aantal begraafplaatsen blijkt er een reëel probleem te zijn met de fundering van de grafmonumenten. Deze zijn door jarenlang weghalen van onkruid en aarde, bloot komen te liggen en daardoor meer vatbaar geworden voor verval. De inventarisatie op de katholieke begraafplaatsen laat tientallen grafmonumenten zien die de moeite waard zijn om te behouden.
Dit is enerzijds vanwege de personen die er begraven zijn en behoren tot de geschiedenis van de betreffende steden en dorpen en anderzijds vanwege de typische vormgeving en materiaalgebruik die binnen de gemeente is aangetroffen op de begraafplaatsen. In samenhang met de inventarisatie op de gemeentelijke begraafplaats ontstaat daardoor een compleet beeld van de funeraire cultuur in Terneuzen.
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN BIJZ. BEGRAAFPLAATSEN
24 van 95
2 GEHANTEERDE CRITERIA Op de acht geïnventariseerde katholieke begraafplaatsen in de gemeente Terneuzen vinden we duizenden graven. Niet op elk graf is een grafmonument geplaatst en in sommige gevallen zijn de grafmonumenten al geruime tijd verdwenen of vervangen door jongere exemplaren. In de voorgaande beschrijvingen is te lezen hoe de verschillende begraafplaatsen zijn aangelegd en hoe ze zich ontwikkeld hebben. Er is tevens enige aandacht besteed aan het type grafmonument dat aangetroffen wordt, maar dat geeft nog geen goed beeld van het palet aan grafmonumenten dat op de begraafplaatsen voorkomt. Aan de hand van de hieronder beschreven criteria is getracht op de begraafplaatsen die grafmonumenten te selecteren die het verhaal van de ontwikkeling van de begraafplaatsen en de bijbehorende dorpen en steden kunnen beschrijven. Er is uiteraard een groot verschil in de intensiviteit waarmee de begraafplaatsen gebruikt zijn en nog gebruikt worden. Op vijf begraafplaatsen wordt nog begraven, maar de mate waarin verschilt sterk. Op de begraafplaats van Westdorpe en Koewacht wordt vooral nu op de jongere gedeelten begraven, terwijl bijvoorbeeld in Zuiddorpe een ouder gedeelte weer gebruikt wordt voor de uitgifte van nieuwe graven. In Philippine en Sluiskil wordt waarschijnlijk de toekomst voor uitgifte van nieuwe graven problematisch omdat er nauwelijks nog ruimte is.
Dat betekent dat mogelijk in de komende jaren geruimd zal gaan worden. De helft van de begraafplaatsen kent een of meerdere uitbreidingen, maar er is nimmer grootschalig geruimd. Daarmee is het beeld van de grafmonumenten op die begraafplaatsen meer statisch dan op de gemeentelijke begraafplaatsen. Deze inventarisatie gaat ervan uit dat de geselecteerde grafmonumenten voor de toekomst behouden blijven om daarmee onder meer de karakteristiek van de begraafplaatsen intact te houden. Met name op de reeds gesloten begraafplaatsen is een dergelijk streven gemakkelijker uit te voeren, maar ook daar dient rekening gehouden te worden met verval van grafmonumenten. Over de wijze van behoud van de te behouden grafmonumenten zal meer gesproken worden in hoofdstuk 5 en 6. Niet alle grafmonumenten die nu nog op de begraafplaatsen staan, zijn even waardevol om te behouden of te beschermen. De waarde van een grafmonument kan op verschillende manieren worden vastgesteld. De beste wijze is die waarbij achteraf aangetoond kan worden dat er geen sprake is geweest van willekeur bij het selecteren van de grafmonumenten. De gemeente Terneuzen heeft daartoe de geformuleerde criteria van Bureau Funeraire Adviezen geaccepteerd en enigszins aangepast. Deze criteria luiden als volgt: 1. Biografische betekenis van de begravene; 2. Ouderdom grafmonument; 3. Materiaalgebruik en hantering; 4.
Vormgeving van het grafmonument; 5. Bijzondere symboliek; 6. Passend in karakter van het grafveld; 7. Technische staat.
2.1 Criteria voor inventarisatie Om de hierboven genoemde criteria verder te objectiveren is per criterium een nadere uitwerking gemaakt aan de hand van de inventarisatie. De criteria worden nader verklaard in de volgende paragrafen, mede ook als verduidelijking voor de gegevens in de Excellijsten die in de bijlage zijn toegevoegd. De toepassing van de criteria verschilt niet van die van de gemeentelijke begraafplaatsen. Biografische betekenis van de begravene Om op grond van dit criterium op de lijst te kunnen worden geplaatst, dienen onder meer de volgende richtlijnen: ✓ De overledene moet minimaal dertig jaar geleden overleden zijn (voor 1991/1992), of;
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN BIJZ. BEGRAAFPLAATSEN
25 van 95
✓ De overledene moet publicaties van enig belang op zijn naam hebben of er is over hem/haar gepubliceerd, of; ✓ Het moet gaan om een overledene die bij leven openbare functies bekleedde die van betekenis waren voor de gemeenschap in de gemeente of de regio. Maatgevend is bijvoorbeeld de duur van de functie, eventuele vernoeming van de persoon in straatnaam of naam van een openbaar gebouw. Ook kan de persoon betrokken zijn geweest bij een bijzondere gebeurtenis die nu nog herinnerd wordt, of; ✓ De persoon moet over een zekere (lokale) status beschikken, bijvoorbeeld door het uitgeoefende beroep of de bekendheid die de persoon bij leven genoot en die nu nog als zodanig wordt herinnerd. De termijn van dertig jaar dient om een besluit louter op subjectieve gronden uit te sluiten. Voor het maken van keuzes op basis van de bovengenoemde criteria, zijn de personen in categorieën ingedeeld. De aanduiding van de categorie is, indien van toepassing, eveneens opgenomen in de lijst. Uiteraard bestaan er omstandigheden om af te wijken van dit criterium, zeker als al duidelijk is dat de persoon nu al van belang is. Doordat met name door latere bijzettingen de grens van 1990 niet altijd even nauw gehanteerd in de gaten gehouden kan worden, is het uitgangspunt wel de eerste begraving in het graf.
In de inventarisatie is een klein aantal graven opgenomen met personen die na 1990 zijn overleden. Of deze graven ook daadwerkelijk geselecteerd worden in de puntentelling is vanzelfsprekend nog niet duidelijk. De categorieën voor de gemeente Terneuzen zijn als volgt: - v1 Bijzondere gevallen, inzake betrokkenen bij bijzondere gebeurtenissen; - v2 Notabelen en bestuurders: ambtenaren en ambten zoals burgemeesters, wethouders, raadsleden, provinciale en landelijke politici, maar ook artsen, priesters en andere kerkelijke functies, rechters en dergelijke; - v3 Onderwijs, sport en wetenschap: onderwijzers, leraren, schrijvers, hoofden van school, dichters; - v4 Slachtoffers Tweede Wereldoorlog en andere oorlogen en strijdtonelen; - v5 Industrie, arbeid en landbouw: landbouwers, ondernemers, fabrikanten, transport (weg en water), ambachten. Bij de categorieën v1 en v4 wordt vooral gelet op de verhalende omstandigheden, terwijl bij de andere categorieën meer gekeken wordt naar het belang van de overledene zelf. De mate van belang die aan de verdiensten van een persoon gehecht kan worden, wordt met behulp van een cijfer tot uitdrukking gebracht. De cijfers lopen van 1 tot en met 5, waarbij het hoogste cijfer staat voor het meeste belang.
Daarbij gaat het vooral om het belang voor de historie van de gemeente Terneuzen: • 1: minst wel enige bekendheid, maar (uiteindelijk) geen invloed op de historie; • 2: matig wel bekend, maar weinig invloed op de historie; • 3: gemiddeld bekend en heeft enige invloed gehad op de historie; • 4: belangrijk heeft de nodige invloed gehad op de historie; • 5: zeer belangrijk heeft veel invloed gehad op de historie. In een aantal gevallen wordt bij de puntentoekenning tevens gekeken naar betrokkenheid van de personen bij een grote, belangrijke of opvallende gebeurtenis. Dergelijke gebeurtenissen kunnen bijvoorbeeld ongevallen zijn zoals verdrinkingen van kinderen, maar tevens ziekten zoals de Spaanse griep die destijds een grote impact hadden. Van de Spaanse griep zijn geen specifieke gevallen in de gemeente bekend. Wat ongelukken betreft, zijn twee graven geselecteerd op grond van het feit dat de persoon omkwam bij een ongeval met zijn brommer. Een dergelijke gebeurtenis was toen niet ongewoon, maar vandaag de dag vraagt het al bijna om uitleg. Aan personen die stierven in de Tweede Wereldoorlog vanwege hun verzet of anderszins betrokken waren bij een belangrijke gebeurtenis in die periode, wordt in het algemeen minimaal twee punten toegekend. Dit in verband met het historische belang van de periode 1940-1945.
Wanneer het gaat om burgerslachtoffers, dan wordt in de meeste gevallen één punt toegekend.
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN BIJZ. BEGRAAFPLAATSEN
26 van 95
Ouderdom grafmonument Niet alle grafmonumenten komen zondermeer in aanmerking om op de lijst te worden geplaatst. Een nieuw of vernieuwd monument zal niet zo snel opgenomen worden, tenzij deze op een graf staat van een persoon die historische betekenis heeft. Verder wordt een ouderdomsgrens aangehouden. Dit om enige afstand te laten bestaan tussen de hedendaagse grafcultuur en datgene wat van historische waarde is. Voor deze inventarisatie is gekozen voor dertig jaar, aansluitend op die voor personen. Een dergelijke termijn geeft meer dan voldoende distantie om de kwaliteit van de grafcultuur op waarde te kunnen schatten. Voor grafmonumenten van bijzondere personen die korter geleden begraven zijn, kan een uitzondering gemaakt worden, met name omdat deze aangedragen zijn door de lokale parochie. Aan de specifieke ouderdom van het grafmonument worden geen punten toegekend. Materiaalgebruik en hantering Bij dit onderdeel wordt zowel gelet op bijzondere materialen als op materialen die typerend zijn voor de begraafplaatsen. Bijzondere materialen zijn vooral materialen die in het algemeen minder vaak gebruikt zijn voor grafmonumenten op de begraafplaatsen of die inmiddels zeldzaam zijn geworden, zoals gietijzer, hout, zandsteen of marmer.
Bij de inventarisatie van de bijzondere (alle katholiek) begraafplaatsen in Terneuzen zijn op twee begraafplaatsen gietijzeren en smeedijzeren grafmonumenten aangetroffen. Er is slechts 1 keer een hekwerk aangetroffen, wat consistent is met de bevindingen bij de gemeentelijke begraafplaatsen. Materialen die typerend zijn voor de katholieke begraafplaatsen in de gemeente Terneuzen betreffen vooral Belgisch hardsteen en in enige mate kunststeen. Ook marmer komt relatief veel voor, meer dan bijvoorbeeld graniet. Meestal komt graniet vanaf de jaren twintig voor als materiaal, maar dat is bij deze inventarisatie wel vaker aangetroffen dan op de gemeentelijke begraafplaatsen, maar mogelijk valt daar nog wat van af, omdat het bij een aantal om hele jonge grafmonumenten gaat. Marbriet is een materiaal dat wel in enige mate is aangetroffen, met name als tekstplaat. Dit zogenaamde zwarte glas kan in heel Nederland aangetroffen worden, vooral op grafmonumenten uit de periode 1920-1970. Hantering gaat over de wijze waarop bijvoorbeeld een grafmonument technisch bewerkt is. Dus het gebruik van een bijzonder materiaal met een slechte afwerking zal minder snel in aanmerking komen dan een goed verwerkt materiaal. In dit geval geldt dat bij de inventarisatie enerzijds goed gelet is op afwijkende materialen met de vraag of ze daadwerkelijk bijzonder zijn.
Anderzijds is gelet op de wijze waarop omgegaan is met het materiaal, zoals de wijze van bewerking. De materiaalsoort zelf is in een aparte kolom vermeld als een vaststaand gegeven. Wanneer meerdere materiaal samen zijn toegepast, is vaak het hoofdmateriaal als eerste genoemd. Is het materiaal bijzonder of juist goed Afb. 19. Het enige grafmonument vervaardigd uit zandsteen is om die reden in de inventarisatie opgenomen. bewerkt dan kan een grafmonument op dit onderdeel één punt scoren.
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN BIJZ. BEGRAAFPLAATSEN
27 van 95
Vormgeving van het monument De vormgeving van een individueel grafmonument of een ensemble kan van doorslaggevende betekenis zijn om deze te selecteren. Dat kan bijvoorbeeld vanwege het feit dat het zeldzaam is of omdat het binnen de stijl een goed voorbeeld vormt. Veel grafmonumenten op katholieke begraafplaatsen bevatten een kruis of zijn zelf in de vorm van een kruis. Om die reden zijn typerende voorbeelden opgenomen met verschillende uitbeeldingen van het kruis. Ook is gekeken naar grafmonumenten die te maken hebben met de zogenaamde ‘armere’ grafcultuur waarbij geen natuursteen is toegepast en er sprake is van een eenvoudige vormgeving. Dergelijke grafmonumenten zijn zeker aangetroffen, maar die betroffen vooral exemplaren van kunststeen. Er zijn geen oudere grafmonumenten van hout aangetroffen. Uiteraard is de kans groot dat veel van dergelijke grafmonumenten zijn vervangen of opgeruimd omdat hun levensduur minder lang is dan die van natuurstenen exemplaren. Bij dit onderdeel is overigens ook gelet op de wijze van belettering van het grafmonument, bijzondere teksten en de betekenis van het grafmonument binnen het algehele karakter van de begraafplaats. Er zijn behalve enkele korte verwijzingen naar een Bijbelse psalm of gezang, geen teksten aangetroffen die lijken op grafpoëzie.
Dat zijn gedichten die verwijzen naar de overledene en diens lot of dat van de nabestaanden, los van de Bijbelse verwijzing. Het grafmonument dat een passende vormgeving kent met een fraaie belettering of typografie kan daarmee 1 punt scoren. Bijzondere symboliek Symbolen op grafmonumenten zijn er in veel varianten en die zijn op de bijzondere begraafplaatsen in de gemeente Terneuzen ook te vinden. Omdat al deze begraafplaatsen aangelegd zijn door katholieke parochies gaat het vooral om symbolen die verwijzen naar het christelijke geloof. Daarbij scoort het kruis het hoogst, maar ook corpussen (afbeeldingen van Jezus aan het kruis) en christuskopjes komen veel voor. Ook loof- of palmtakken komen veelvuldig voor. Specifieke doodssymboliek zoals schedels, knekels, slangen, zandlopers, zeisen, vlinders of papavers zijn op een enkele uitzondering na niet aangetroffen op de begraafplaatsen. Wanneer sprake is van een typerend symbool in een bijzondere vormgeving zal een grafmonument met zo’n algemeen symbool wel opgenomen worden in de lijst. Symboliek die verwijst naar een persoon of gebeurtenis zelf, vaak een samenvoeging van verschillende betekenissen, kan een dusdanig symbool opleveren dat er sprake is van een bijzonderheid, zoals tijdens de inventarisatie verschillende keren is aangetroffen op grafmonumenten.
Enkele voorbeelden betreffen de fotoportretten die veelvuldig zijn opgenomen en een goed inkijkje geven in de toenmalige fotografie, kleding en opvattingen. Meer bijzonder is het voorbeeld op het grafmonument van Rosalia Inghels († 1924) op graf RA-3-3 in Sas van Gent. Op haar grafmonument geen christuskopje van porselein, maar een kopje van Maria. Het enige exemplaar op de geïnventariseerde begraafplaatsen. Juist door de zeldzaamheid is het de moeite waard dit grafmonument te behouden. Minder opvallend, maar niet minder waardevol is de verwijzing naar het ‘drievoudig snoer’ dat op enkele grafmonumenten is aangetroffen. Dit betreft drie strepen die verwijzen naar het boek Prediker, hoofdstuk 4. Dit gedeelte wordt nogal eens in huwelijksdiensten gebruikt: twee mensen, die met elkaar een verbond aangaan en daarin een derde (God) betrekken: het zogenaamde drievoudige snoer, dat niet snel weer verbroken wordt. Door grafmonumenten met deze symbolen ter plekke te behouden, kunnen deze altijd in de juiste context worden geplaatst. Voor dit criterium is veelal gekeken naar de algemene deler, maar ook naar de uitzonderlijke symbolen. Wanneer sprake is van een bijzonder symbool, dan is aan het grafmonument een punt toegekend. Een enkele keer is daarbij ook gelet op het samenspel tussen symboliek en tekst, zoals bij een aantal kruisen waarop het woord PAX is opgenomen.
Passend in karakter van het grafveld Hierbij wordt feitelijk niet gekeken naar de intrinsieke waarde van het grafmonument, maar naar de collectieve waarde. Dat betekent dat het grafmonument bijvoorbeeld goed aansluit bij het karakter van een begraafplaats of grafveld. Dat betekent dat dicht opeen geplaatste grafmonumenten eerder in aanmerking kunnen komen dan losse verspreide exemplaren. Dit kan gaan om een verzameling stèles of INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN BIJZ. BEGRAAFPLAATSEN
28 van 95
Afb. 20. Het karakteristieke beeld van de begraafplaats in Sas van Gent bestaat met name uit hoge stèles en kruisen.
kruisen met een gave vormgeving of monumenten die sterk opvallen in het beeld en ankerpunten vormen in de beleving. Op verschillende grafvakken op de bijzondere begraafplaatsen in de gemeente Terneuzen zijn grafvakken aangetroffen met een gave karakteristiek. In andere gevallen, waar daar geen sprake van was, is hier verder geen belang aan gehecht. Een voorbeeld daarvan is Axel waar de samenhang van de grafmonumenten verbroken is en waar deze nu verspreid staan of te verschillend zijn. Dat geldt ook voor Koewacht, Philippine en Sluiskil. Net als bij de gemeentelijke begraafplaatsen worden om die reden grote, hoge en opvallende grafmonumenten in de inventarisatie meegenomen. Het verdwijnen van zulke grafmonumenten van de begraafplaatsen zou immers een zeer grote impact hebben. Het kan dus zijn dat er door de verscheidenheid aan grafmonumenten op een vak geen sprake is van een echte karakteristiek. Soms kan de verscheidenheid het grafveld juist betekenis geven. Waar dit het geval is dat meegenomen in de beschrijving. Op dit onderdeel krijgt een grafmonument een punt wanneer het past binnen de karakteristiek en daar een versterkende factor in speelt. Technische staat Niet van doorslaggevende betekenis bij het toekennen van punten, maar wel belangrijk, is de technische staat van de geïnventariseerde grafmonumenten.
Wanneer bijvoorbeeld grafmonumenten onherstelbaar beschadigd zijn, dan is bij de inventarisatie dat monument niet opgenomen, tenzij het gaat om een uitzonderlijk geval waarbij het gaat om een persoon die van belang is. Vaak zijn er van hetzelfde type grafmonumenten gavere voorbeelden te vinden. Als selectiecriterium kan de technische staat een rol spelen in het geval geïnventariseerde grafmonumenten in een staat verkeren die matig tot slecht is. De technische staat wordt uitgedrukt in één van de vier categorieën: • Goed het grafmonument is constructief in orde en vertoont uiterlijk nauwelijks gebreken. Een verweerd uiterlijk speelt geen rol; • Redelijk het grafmonument is constructief in orde maar vertoont gebreken als scheurvorming, uitzetting door roestende doken, sterke vervuiling of slijtage; INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN BIJZ. BEGRAAFPLAATSEN
29 van 95
•
Matig
•
Slecht
het grafmonument vertoont constructieve gebreken zoals afgebroken, verschoven of missende onderdelen; het grafmonument is constructief afgeschreven. Alleen compleet herstel of vernieuwing kan het oude voorkomen herstellen.
In een aparte kolom met “aantekening” is eventueel omschreven wat precies de conditie is, bijvoorbeeld of er sprake is van breuk, scheurvorming, steken, missende onderdelen of dat het grafmonument sterk vervuild of verweerd is. In de bijlage zijn de groslijsten per begraafplaats weergegeven en worden ze nader toegelicht. In het hiernavolgende hoofdstuk is de selectie van de grafmonumenten nader uitgewerkt.
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN BIJZ. BEGRAAFPLAATSEN
30 van 95
3 SELECTIE OP GROND VAN CRITERIA Met de groslijsten compleet (zie bijlage) is vervolgens door het toekennen van punten aangegeven welke grafmonumenten, per begraafplaats, uiteindelijk voor behoud in aanmerking komen. In het voorgaande hoofdstuk is al een voorzet gegeven om welke criteria het gaat. De gemeente Terneuzen heeft deze criteria gekozen als uitgangspunt en leidraad voor de inventarisatie. Voor de samenstelling van de criteria is onder meer gebruik gemaakt van het boekje Begraafplaats als Cultuurbezit, dat in 2003 is uitgegeven door de Landelijke Organisatie van Begraafplaatsen en de toenmalige Rijksdienst voor de Monumentenzorg (nu de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed). Verder is gebruik gemaakt van jarenlange ervaring van Bureau Funeraire Adviezen en is bij het toekennen van de punten rekening gehouden met de grafcultuur in Zeeuws-Vlaanderen.
3.1 Toepassing van de criteria De criteria waarop punten gescoord kunnen worden, zijn in het kort als volgt te benoemen: A) Biografische betekenis van de begravene; B) Materiaalgebruik en hantering; C) Vormgeving van het grafmonument; D) Bijzondere symboliek; E) Karakteristiek. Niet elk criterium legt evenveel gewicht in de schaal. Zoals in paragraaf 2.1.1 al naar voren komt, kan aan de genealogische of biografische betekenis van een persoon een relatief hogere waarde toegekend worden dan aan de losse onderdelen betreffende de monumentale waarden. Deze vormen feitelijk de twee hoofdcategorieën voor de beoordeling. In deze paragraaf wordt ingegaan op de wijze van toepassing van de criteria en hun gewicht in de afweging om het monument op te nemen in de lijst. In eerste instantie kunnen de personen van wie meer bekend is inzake hun rol tijdens hun leven een waardering krijgen van 1 tot en met 5, waarbij 5 voor het meest uitzonderlijke en belangrijke staat. Bij de inventarisatie zelf is uiteraard al gekeken naar het grafmonument. Elk van de genoemde items (vormgeving, karakteristiek, symboliek en materiaal) kan maximaal 1 punt krijgen indien het grafmonument op dat item scoort. Een nuancering is uitgewerkt in hoofdstuk 2. In totaal kan een grafmonument met een bekende persoon of personen, maximaal 9 punten scoren.
Overigens wordt de technische staat van het monument wel vermeld, maar het is geen factor die de uiteindelijke weging beïnvloed. In één kolom staat het aantal punten dat een grafmonument op deze wijze behaald heeft. Indien men later een andere weging wil toepassen, dan kan de score aangepast worden.
3.2 Uiteindelijke lijst en gegevens Voor het samenstellen van de definitieve lijst op grond van de door de gemeente Terneuzen goedgekeurde criteria, is uitgegaan van een selectie van 404 graven met daarop 333 grafmonumenten of ensembles. Na scoring, met inachtneming van de criteria, bleven er 11 grafmonumenten over zonder punten. Van deze grafmonumenten waren er 10 aangedragen door de parochies zelf, maar over de begraven personen kon niets gevonden worden en het grafmonument bleek vernieuwd, paste onvoldoende in het karakter en had geen opvallende vormgeving of symboliek. Het gaat dan om de volgende grafmonumenten: Plaats
Vak
Regel Nr.
Begraven personen
Axel
IV
-
18
Vleesschauwer, Celestina
Jaar overlijd. 1954
Axel
V
-
284
Vink, Marcelle A.I.
1965
Plaats
Vak
Regel Nr.
Begraven personen
Jaar overlijd.
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN BIJZ. BEGRAAFPLAATSEN
Beroep/rol (oorzaak)
Arbeider (omgekomen bij tractorongeval) Beroep/rol (oorzaak)
31 van 95
Axel
VIIA
-
12
Colaone, Claudio Colaone, Lidia Colaone, Claudia
1966 1968 1973
Kind Kind Kind
Axel Axel Sas van Gent Zuiddorpe
VIIA VIIA RA B
26
15 16 11 11
B
-
21
Zuiddorpe
B
-
Zuiddorpe
B
-
Zuiddorpe
D
-
70 en 71 72 en 73 134 171
1966 1952 1949 1984 1981 1964 1969 1989 1990 1989 1995 1958 1961
Kind Kind
Zuiddorpe
Poucke, Marleen van Brandt, Stanislas (Stanny) Onderdonck, Eugenie Marie Haelst, Alphons L. van Bakker, Irene L. de Leemput, Elodie R.C. van Verbiest, Gustaaf J.M. D'Hert, René L.M. Dellaert, Celina M. Meij, Andre de Onghenae, Margaretha M. Swalm, Joseph van der Gilleman, Marie O.
Landbouwer
Veehandelaar Landbouwer Koopman Handelsdirecteur
Vervolgens is gekeken naar grafmonumenten die 1 punt scoren vanwege de persoon, maar die mogelijk verder niet doorslaggevend zijn voor de selectie. Daar vielen 2 grafmonumenten af. Een in Koewacht vanwege leeftijd van het monument. Op termijn zou het eventueel wel bij het naastgelegen monument gevoegd kunnen worden. In Zuiddorpe is nog een monument afgevallen doordat het niet past in de selectie. Door te kijken naar gelijkwaardige grafmonumenten die ook maar 1 punt scoorden of verder niets toevoegen aan de selectie, vielen verder geen grafmonumenten meer af. Het gaat om de volgende grafmonumenten: Plaats
Vak
Regel Nr.
Begraven personen
Koewacht
K
-
23
Geerts, Celina
Jaar overlijd. 2000
Zuiddorpe
B
-
12
Onghena-Van Haelst
-
Beroep/rol (oorzaak) Zwaargewond bij V2ontploffing
In totaal zijn 13 grafmonumenten op 16 graven niet geselecteerd. Enkele waren te jong of scoorden niet op de biografische waardering. De meeste grafmonumenten vielen af in Zuiddorpe. De definitieve selectie is opgenomen als losse bijlage in een Excel-overzicht. Het gaat om 388 graven met daarop 320 grafmonumenten. Per criterium wordt hieronder een uiteenzetting gegeven, voor zover van toepassing op de selectie. Daarbij wordt naar de gehele selectie gekeken, met waar nodig een verklaring of uitleg over uitzonderingen per begraafplaats. A. Biografische betekenis van de begravene De personen die om hun verdiensten, beroep of betekenis opgenomen zijn op de lijst, tonen een beeld dat vooral verwijst naar de agrarische achtergrond en de economische betekenis van de dorpen en de steden binnen de gemeente. In deze lijst komen vooral ook verschillende rollen uit de katholieke kerk naar voren zoals pastoors, kapelaans en kerkmeesters. Van de 320 grafmonumenten zijn er 141 aangedragen door de parochies zelf vanwege de betekenis van de er begraven persoon of personen. Van alle begravenen is via internetbronnen voor genealogisch onderzoek nader onderzoek gedaan. Verder zijn een aantal rollen of beroepen overgenomen van de grafmonumenten zelf of alsnog gevonden via literatuur- en bronnenonderzoek.
Daarbij was ook de website over oorlogsslachtoffers in Zeeland nuttig, want op verschillende begraafplaatsen zijn nog graven te vinden van personen die in de Tweede Wereldoorlog om het leven kwamen, burger of militair. De geselecteerde personen laten een grote verscheidenheid aan beroepen en rollen zien, passend bij de verschillende dorpen en steden. Er zijn evenwel overeenkomsten met de gevonden beroepen en rollen op de gemeentelijke begraafplaatsen. Net zoals bij de inventarisatie van de gemeentelijke begraafplaatsen is het vaakst gevonden beroep dat van landbouwer (48), gevolgd door arbeider (23). Het beroep van landbouwer vinden we vooral in Koewacht en ook in de andere plaatsen, INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN BIJZ. BEGRAAFPLAATSEN
32 van 95
maar nauwelijks in Philippine of Sluiskil. In deze categorie van Industrie, landbouw en arbeid vinden we verder nog 9 bierbrouwers, 5 directeuren, 5 koopmannen, 4 winkeliers en nog talloze andere beroepen, waaronder bijvoorbeeld ook die van grafdelver. In Axel en Koewacht vinden we nog een aantal verwijzingen naar beroepen die te maken hebben met het verbouwen van vlas, zoals een vlasbewerker en -handelaar. Uiteraard zullen ook talloze landbouwers hier in de regio vlas hebben verbouwd. In Sas van Gent zijn de meeste beroepen of rollen gevonden, met name omdat daar ook de meeste grafmonumenten zijn geselecteerd. De meeste zijn uit de categorie Industrie, landbouw en arbeid. Daarnaast zijn op het kerkhof van Koewacht veel beroepen of rollen gevonden (in verhouding meer dan in Sas van Gent). In Koewacht is de grootste categorie eveneens Industrie, landbouw en arbeid. Een aantal beroepen en rollen dat gevonden is en die in de negentiende eeuw veel voorkwamen, zijn vandaag niet meer te vinden zoals bierbrouwers, wagenmaker, wiedbaas of krooibaas. In sommige gevallen kenden de geselecteerde personen meerdere rollen of beroepen. In dat geval is voor de meest in het oog lopende of belangrijkste gekozen. In een enkel geval is onder de kolom “aantekening” nog een verduidelijking gegeven, zoals voor ‘oorlogsdode’ of ‘oorlogsslachtoffer’.
Het verschil tussen deze twee aanduidingen is gelegen in het feit dat de laatste erkende slachtoffers volgens de Oorlogsgravenstichting betreft en de eerste niet. Oorlogsdoden zijn bijvoorbeeld burgers die om zijn gekomen als gevolg van beschietingen of bombardementen. Kijkend naar de 5 verschillende categorieën waarin de rollen en beroepen verdeeld zijn, dan is ruim 58% te vinden in de categorie Industrie, arbeid en landbouw. De categorie met de minste aantallen is die van Onderwijs, sport en wetenschap. In 11 gevallen vinden we 4 (hoofd)onderwijzers, twee dirigenten, een kunstenaar en voorts een organist, kunstschilder, organist en een koorzanger. Nagenoeg alle kenden lokaal of regionaal enige bekendheid. In de meeste gevallen gaat het om kunstbeoefening als amateur, zoals bij beeldhouwer en kunstschilder Leons de Buck († 2000, graf S-24) in Westdorpe. Op diens graf staat echter een modern grafmonument dat nauwelijks afwijkt van de overige grafmonumenten op het kerkhof. Enige verschil is de tekst “ARS LONGA VITA BREVIS”. De plaatsing van zijn monument op de lijst is gerechtvaardigd door zijn rol en betekenis voor Westdorpe.
Afb. 21. Grafmonument voor Leons de Buck.
De categorie die in verband wordt gebracht met de Tweede Wereldoorlog kent met 17 grafmonumenten (7%) veel minder verwijzingen dan op de gemeentelijke begraafplaatsen (70 stuks). Dat heeft enerzijds te maken met het feit dat geallieerden meer op gemeentelijke begraafplaatsen werden begraven en daar ook bleven, maar ook doordat niet altijd een monument op de graven van oorlogsdoden is geplaatst. Onder de slachtoffers bevinden zich 2 graven met 3 Poolse soldaten, omgekomen in 1944 bij de bevrijding van de regio. Verder is er een grafmonument voor een erkend Nederlands oorlogsslachtoffer in Westdorpe. In de overige 14 graven vinden we 18 oorlogsdoden waarvan de meeste omkwamen bij artilleriebeschietingen in 1944. INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN BIJZ. BEGRAAFPLAATSEN
33 van 95
Bijzonder is het monument in Koewacht waar 4 slachtoffers zijn te vinden van een inslag van een V2 die de Duitsers in 1945 vooral op Antwerpen en Gent afvuurden. Opvallend zijn ook de graven in Sas van Gent voor enkele oorlogsdoden waarbij op het graf is vermeld dat ze zijn omgekomen door oorlogsgeweld, maar waarover verder geen informatie achterhaald kon worden. Het gaat hier waarschijnlijk om Belgische inwoners die gevlucht waren naar Sas van Gent of dicht in de grensstreek woonden. In de categorie Notabelen en bestuurders vinden we in totaal 57 grafmonumenten (24%) met verwijzingen naar een beroep of rol als burgemeester (16 keer), pastoor (9), dijkgraaf (5), bestuurder (5), statenlid (4) en wethouder (4). Daarnaast treffen we uit deze categorie nog enkele artsen, ambtenaren maar ook 2 keer een kapelaan, kerkmeester en koster. Op het kerkhof van Zuiddorpe konden de meeste burgemeesters worden gevonden, terwijl daar ook nog 2 statenleden zijn aangetroffen net als 2 in Sas van Gent. Op de katholieke begraafplaats van Sluiskil zijn verder het verzamelgraf van 11 minderbroeders Kapucijnen en dat van 55 kloosterzusters van de Orde van het Heilig Hart. Zowel broeders als de zusters zijn van groot belang geweest voor de groei van Sluiskil en het met de zusters verbonden ziekenhuis.
In Sas van Gent vinden we verschillende bestuurders die daarnaast ook belangrijke functies in de industrie vervulden, zoals Ludovicus Stevens († 1915, graf LV-7-04). Hij was naast burgemeester ook provinciaal statenlid en directeur van de cementijzerfabriek in Sas van Gent en in Amsterdam. Enkele cementijzeren producten zijn op de begraafplaats nog terug te vinden, waaronder dat op zijn eigen graf. In de categorie Bijzondere gevallen vinden zijn in totaal 14 grafmonumenten (6%) opgenomen. Het gaat onder meer om ongevallen, zoals van twee jonge mannen in Axel die in de jaren zestig omkwamen bij een ongeval met hun brommer. Uit dergelijke gebeurtenissen komt een tijdsbeeld naar voren waarmee aan de hand van het grafmonument iets te vertellen is over die tijd. Er zijn ook een aantal kinderen opgenomen in deze categorie die verongelukt zijn. In Sas van Gent zijn ook een enkele bijzondere gevallen aangetroffen, zoals dat van Jospehus Jacobus Verbuyt († 1949, graf LA-22-04). Verbuyt was een koopman in oude metalen, maar bij het omgaan met een granaat uit de oorlog ontplofte deze en kwam hij om het leven. Ook gerelateerd aan de oorlog is het verhaal van opperwachtmeester der Marechaussee Dominicus Ferket († 1945, graf LA-12-09). Hij moest begin juni 1945 twee NSB-vrouwen begeleiden in Philippine. Dat ging niet zoals gepland en bij een opstootje zakte Ferket ineens in elkaar.
Hij bleek onder de spanning van de woedende menigte een hartverlamming te hebben gekregen. Andere bijzondere gevallen zijn gevonden in Axel, waar het grafmonument ligt van Anna Maria M. Afb. 22. Grafmonument voor marechaussee Ferket in Sas van Gent.
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN BIJZ. BEGRAAFPLAATSEN
34 van 95
Szydlowski († 1946, graf IV-38b). Zij was de echtgenoot van kolonel Szydlowski die een belangrijke rol speelde bij de bevrijding van Axel. Toen zijn vrouw in 1946 omkwam bij een auto-ongeluk in Duitsland, is zij daarna op verzoek van de kolonel overgebracht naar Axel. De gemeente heeft zich garant gesteld voor het eeuwigdurend onderhoud van het graf. Voor de kolonel is elders in Axel een herinneringsmonument opgericht. Elders zijn ook nog de graven aangedragen van personen die grond schonken voor de aanleg of uitbreiding van de kerkhoven of begraafplaatsen. Om die reden zijn hun graven behoudenswaardig. Verder zijn er in de lijst 33 grafmonumenten opgenomen waar een kind of meerdere kinderen op staan vermeld. Verschillende van de grafmonumenten voor kinderen zijn noemenswaardig vanwege het materiaal en de vormgeving, maar ook de achtergrond van het overlijden van sommige kinderen doet stilstaan bij hun graf. Terwijl bijvoorbeeld in Sas van Gent de monumenten op de kindergraven gelijkenis vertonen met wat op een graf voor een volwassene wordt geplaatst, is dat in Koewacht minder het geval. Daar vallen de kindergraven op door het plaatsen van een engelenbeeldje op het grafmonument. Dit geeft dergelijke monumenten een opvallend voorkomen waarmee ze duidelijk opvallen.
In Biervliet staat een gietijzeren kruis met als onderdeel een treurend meisje met een krans in de hand (graf L-L). Hoewel niet bekend is voor wie het monumentje is, is het ongetwijfeld voor een kind. Een dergelijke voorstelling wordt vaker aangetroffen in Nederland, maar is relatief zeldzaam. Het vormt een bijzondere uiting van het verdriet dat gepaard gaat met het verlies van een kind. De indeling naar categorieën zoals hiervoor beschreven, is als volgt gescoord: Categorie Uitleg V1 Bijzondere gevallen, inzake betrokkenen bij bijzondere gebeurtenissen) V2 Notabelen en bestuurders: ambtenaren en ambten zoals burgemeesters, wethouders, raadsleden, provinciale en landelijke politici, artsen, predikanten, rechters en dergelijke V3 Onderwijs, sport en wetenschap: onderwijzers, leraren, schrijvers, hoofden van school, dichters V4 Slachtoffers Tweede Wereldoorlog en andere oorlogen en strijdtonelen V5 Industrie, arbeid en landbouw: landbouwers, ondernemers, fabrikanten, transport (weg en water), ambachten.
Aantal 14 57
11 17 137 236
In een groot aantal gevallen is aan één grafmonument meerdere categorieën toegekend. Dat vond plaats bij 35 grafmonumenten. In totaal is aan 213 grafmonumenten of ensembles vanwege de rol of betekenis van een of meerdere personen uiteindelijk een of meerdere codes uit een van de categorieën toegevoegd. Niet alle grafmonumenten scoren daarmee punten vanwege de categorie, omdat naast het beroep of de rol verder niets over de begraven personen bekend is. Daardoor zijn uiteindelijk aan 120 grafmonumenten voor dit onderdeel een of meerdere punten toegekend. Het belang dat aan de personen gehecht kan worden, is met een cijfer tot uitdrukking gebracht. De score is als volgt: Belang Minst
Punten 1
Matig Gemiddeld Belangrijk Zeer belangrijk
2 3 4 5
Uitleg Wel enige bekendheid, maar (uiteindelijk) geen invloed op de historie Wel bekend, maar weinig invloed op de historie Bekend en heeft enige invloed gehad op de historie Heeft de nodige invloed gehad op de historie Heeft veel invloed gehad op de historie
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN BIJZ. BEGRAAFPLAATSEN
Aantal 48 51 21 0 0 120 35 van 95
Het belang van de geïnventariseerde personen is volgens de gehanteerde indeling relatief beperkt. De gevonden personen komen slechts in heel beperkte mate voor in boeken of websites die over bekende en beroemde graven in Nederland zijn geschreven. Er zijn 4 personen gevonden die lokaal bekendheid genoten en nu in een straat zijn vernoemd. Vaak zijn 1 of 2 punten gegeven aan slachtoffers van de oorlog. Meestal 1 punt voor oorlogsdoden en 2 voor oorlogsslachtoffers. De graven van deze personen zijn vooral van belang vanwege het verhaal dat aan de hand van hun leven en dood verteld kan worden over de Tweede Wereldoorlog in de gemeente Terneuzen. Door alle begraafplaatsen op deze wijze geïnventariseerd te hebben, is nu een behoorlijk compleet overzicht ontstaan. Er is geen enkel grafmonument dat het hoogste aantal punten gescoord heeft op dit onderdeel. Dat komt omdat er op de katholieke begraafplaatsen in de gemeente geen personen te vinden zijn van wie het landelijk belang zo groot is dat hij of zij aangemerkt kan worden als een belangrijke persoon met de nodige invloed voor de geschiedenis van Nederland. Ook belangrijke personen zijn niet aangetroffen. De 21 personen die gemiddeld van belang waren, waren dat vooral voor eigen dorp, gemeente of streek. B.
Materiaalgebruik en hantering Zoals uit de beschrijvingen bij de groslijsten al naar voren komt, is Belgisch hardsteen het meest gebruikte materiaal voor de grafmonumenten op de geïnventariseerde begraafplaatsen. Om die reden is in de inventarisatie niet altijd aandacht besteed aan dit materiaal. Waar echter de toepassing van Belgisch hardsteen bijzonder of opvallend is, heeft dit grafmonument toch op dit aspect een punt gekregen. Op nagenoeg alle van de 8 geïnventariseerde begraafplaatsen in de gemeente is hardsteen het bepalende materiaal voor de (oudere delen) van de begraafplaats. Gekeken naar de hoofdmaterialen van alle grafmonumenten en het algemeen voorkomen van het materiaal, dan komen we tot het volgende overzicht: Materiaal
Aantal als Percentage hoofdmateriaal
Geen Gietijzer Graniet Hardsteen Kalksteen Kunststeen Marbriet Marmer Metaal Smeedijzer Zandsteen Totaal
2 10 11 217 12 54 0 10 0 2 1 320
0,6% 3,1% 3,4% 67,8% 3,8% 16,9% 0,0% 3,1% 0,0% 0,9% 0,3%
Aantal algemeen toegepast 2 11 25 230 12 55 37 43 11 5 1 432
Percentage
0,5% 2,5% 5,8% 53,2% 2,8% 12,7% 8,6% 10,0% 2,5% 1,2% 0,2%
Uit bovenstaand overzicht blijkt dat een aantal materialen vooral als steunmateriaal voorkomt, of als tweede materiaal is gebruikt, bijvoorbeeld in een tekstplaat. In deze inventarisatie komen vooral marmer en marbriet naar voren als ondersteuningsmaterialen. Ze worden gebruikt voor een detail of als tekstplaat. In tegenstelling tot de gemeentelijke begraafplaatsen zijn nu wel grafmonumenten aangetroffen van gietijzer en monumenten waarin materialen als metaal en smeedijzer zijn gebruikt. Nog meer dan bij de gemeentelijke begraafplaatsen is er sprake van combinaties van materialen die maken dat het grafmonument punten krijgt. Dat is vooral omdat meerdere materialen zijn gebruikt, ook vrij verrassende zoals toevoegingen van graniet. Veel grafmonumenten van hardsteen zijn juist opgenomen door de combinatie met een ander materiaal. In dit geval is aan een materiaal als gietijzer telkens een punt toegekend, als afwijkend materiaal. Overigens stonden er in Sas van Gent tot 10 jaar terug ook nog enkele houten grafkruizen, maar die zijn inmiddels niet meer aangetroffen.
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN BIJZ. BEGRAAFPLAATSEN
36 van 95
Een aantal grafmonumenten heeft hier punten gekregen voor de wijze waarop de steen technisch bewerkt is. Vooral bij goed onderhouden grafmonumenten is zichtbaar hoe de steen bewerkt is en welke technieken daarbij gebruikt zijn. Bij in ieder geval 14 grafmonumenten zijn steenhouwersmerken aangetroffen op de steen. Dat kan zijn in de vorm van een ingehakte tekst onderaan het monument, maar ook door middel van een opgebracht plaatje van de leverancier. In totaal is aan 106 grafmonumenten of ensembles een punt toegekend omdat er sprake was van bijzondere materialen of bewerkingen (33% van het totaal aantal geselecteerde grafmonumenten). Bij die 106 grafmonumenten is bij meer dan de helft van de geselecteerde grafmonumenten sprake van een meervoudige materiaaltoepassing. Er zijn grafmonumenten aangetroffen met tot wel 4 verschillende materialen. Daarbij zijn dan vaak de kleine elementen van porselein nog niet eens meegeteld. C. Vormgeving van het monument Bij deze selectie is in 238 gevallen sprake van een grafmonument met een typerende vormgeving, zo’n 74% van het totaal aantal geselecteerde monumenten. Het gaat meestal om grafmonumenten die zodanig vormgegeven zijn dat ze passen in een voor de streek eigen typologische vormgeving. Dat betreft in dit geval met name kruisen en opstanden waarin kruisen zijn verwerkt.
Op alle begraafplaatsen zijn diverse gelijkvormige kruisen en aangetroffen, maar ook verschillen. Die verschillen hangen vooral samen met de tijd waarin het kerkhof gesticht is en of er ook uitbreidingen zijn. Met name op de vroegere 1e klasse graven zijn uitbundige opstanden te vinden, terwijl elders de uitvoeringen wat meer terughoudend zijn. Enigszins in lijn met wat aangetroffen is op de gemeentelijke begraafplaatsen zijn er ook voorbeelden van enigszins zakelijk uitgevoerde grafmonumenten die bestaan uit een stèle tegen een of twee palen. In die paal is dan vaak een kruismotief verwerkt. Opvallend is ook dat veel grafmonumenten op een basement staan en niet op rand. Het verschil is dat daarmee het kruis opgelicht lijkt te worden, door het tussenvoegen van nog een tweede rand en een onderstuk. Hoog opgaande kruisen en andere opstanden zijn door hun vormgeving sterk beeldbepalend. De meeste grafmonumenten uit de selectie betreffen stèles, zo’n 37%. Vervolgens bestaat 31% van de geselecteerde grafmonumenten uit een samenstelling met als hoofdmonument vaak een stèle. Kruisen als zelfstandig monument zijn goed voor ruim 20% van de grafmonumenten. In 7% van de gevallen gaat het om een zerk, deels met en deels zonder roef. Dan resteert nog een kleine 4% aan grafmonumenten die zich laten kwalificeren als een ander type, bijvoorbeeld zuil, tombe of dekplaat.
Twee graven bevatten geen grafmonument, maar zijn wel van belang om te behouden. Over de selectie kan verder gesteld worden dat de Afb. 23. Beeldbepalend kruis op graf LA-3-08 in Sas van Gent. variëteit groter is dan op de gemeentelijke begraafplaatsen. De vormgeving loopt sterker uiteen, ook al is het kruis als vorm of symbool een constante factor, maar ook de toepassing van verschillende materialen is groter. Veel meer grafmonumenten kennen een uitgewerkt decoratieschema. INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN BIJZ. BEGRAAFPLAATSEN
37 van 95
De toegepaste vormgeving op de katholieke begraafplaatsen lijkt een wat grotere periode te beslaan dan die op de gemeentelijke begraafplaatsen. Er zijn nog talloze typische negentiende-eeuwse grafmonumenten aan te treffen, maar ook uit de periode 1920 en 1970 toen zich grote veranderingen voordeden op dat gebied in Nederland. Daarbij veranderde meestal ook het materiaal en dat komt bijvoorbeeld binnen deze selectie tot uiting door de hoeveelheid grafmonumenten van kunststeen met hun eigen typerende vormgeving. Ook van na de Tweede Wereldoorlog zijn her en der voorbeelden gevonden met een meer moderne vormgeving, passende typografie of belettering. Deze zijn dan geselecteerd omdat ze dienen als voorbeeld voor een bepaalde tijdsgeest. Zeker 4 grafmonumenten zijn opgenomen vanwege de typografie en 7 andere vanwege de meer zakelijke vormgeving. D. Bijzondere symboliek of afbeelding In deze selectie is maar liefst 680 keer een symbool of afbeelding opgenomen in verschillende combinaties van 33 symbolen, afbeeldingen of decoratieschema’s. Dat is twee keer zoveel als in de selectie van de 10 eerder geïnventariseerde gemeentelijke begraafplaatsen. Op 12 grafmonumenten na, bevatten alle geselecteerde grafmonumenten een symbool, dus op ruim 96% van het totaal aantal geselecteerde grafmonumenten. Met name het kruis komt meer voor dan andere symbolen, bij ruim 41% is dit toegepast.
Ook palm- of looftakken scoren goed, iets wat we ook al zagen op de gemeentelijke begraafplaatsen (ruim 12%). Per begraafplaats zijn er wel verschillen zichtbaar, zeker tussen de oudere en jongere begraafplaatsen. Het is niet per se zo dat op de oudere stenen meer symbolen en afbeeldingen voorkomen dan op de jongere grafmonumenten. Wel is er sprake van wat andere symbolen of afbeeldingen. Op de begraafplaatsen van Sas van Gent en Axel zijn de meeste symbolen gevonden, maar naar verhouding kennen de grafmonumenten in Biervliet de meeste symbolen. Gemiddeld drie per grafmonument, terwijl dat elders gemiddeld 2 is. Het aantal symbolen dat aangetroffen is, is groter dan het aantal grafmonumenten. Dit is enerzijds te danken aan de opname van meerdere symbolen per grafmonument maar eveneens door de ouderdom van de monumenten. Naast het kruis en de palm- of looftak komt als symbool ook veelvuldig het christuskopje voor (11%). Deze in porselein of metaal uitgevoerde kopjes zijn vaak in het hart van het kruis aangebracht en ze komen voor in diverse varianten en grootte. Ook is regelmatig een bloem (geknakt) of bloemmotief aangetroffen. Dit symbool is goed voor bijna 9% gevolgd door fotoportretten met ruim 7%. Dergelijke foto’s geven een inkijk in de wereld van lang geleden en zijn zeer de moeite waard.
Verder werden ook corpussen (5%) aangetroffen en in mindere mate engeltjes (2%) gevolgd door nog tal van andere symbolen. Van de typisch funeraire symbolen zoals slang, fakkel, lamp, vlinder of zeis werd geen enkel voorbeeld aangetroffen. Op een gietijzeren kruis in Biervliet is wel een doodskop aangetroffen en een enkele keer een zandloper. Het symbool van de vlam kwam wel een aantal keer voor, het meest in Sas van Gent als los keramisch object op het grafmonument. Veel van de symbolen zijn van een dusdanige aard dat ze daarvoor, al dan niet in combinatie met een ander criterium, een punt hebben gekregen. Dat is in 177 gevallen gebeurd, waardoor dit bij 55% van de selectie een criterium is om het monument te bewaren. Wanneer we een aantal van de meest voorkomende symbolen weergeven dan zien we de volgende verdeling: Symbool Bloem (of bloemmotief, geknakte bloem) Christuskopje (porselein of metaal) Corpus Engel Fotoportret Kruis Palm- of looftak Ster Wijnrank Zon
Aantal 58 75 33 12 49 279 85 8 8 10 Totaal 617
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN BIJZ. BEGRAAFPLAATSEN
38 van 95
Naast deze meer voorkomende symbolen is er nog een twintigtal symbolen die minder vaak voorkomen, maar over het algemeen passen in het katholieke beeld. Met name omdat jongere grafmonumenten, behalve het kruis, nauwelijks nog symbolen kennen is het de moeite waard deze symbolen te bewaren. In de toegevoegde woordenlijst worden de meeste symbolen verklaard. E. Karakteristiek Aan 187 grafmonumenten zijn punten toegekend vanwege het feit dat deze grafmonumenten bijdragen aan de collectieve waarde van de begraafplaatsen waar ze staan. Ze sluiten goed aan bij het karakter van de grafvelden waarbinnen ze staan vanwege hun gave vormgeving, opvallende vorm of grootte of juist doordat ze een treffend voorbeeld vormen van een bijzondere vormgeving met al dan niet opvallende symboliek. Waar grafmonumenten niet gescoord hebben op dit onderwerp is dat vaak te wijten aan het geringe aantal monumenten dat geselecteerd is, of omdat de geselecteerde grafmonumenten te verspreid staan, zoals in Philippine en Sluiskil. In Koewacht missen bijvoorbeeld door ruiming al veel grafmonumenten waardoor van een karakteristiek geen sprake meer is. Dat geld ook voor Westdorpe en delen van het kerkhof in Zuiddorpe. Met name in Sas van Gent is nog sprake van aaneengesloten vakken met een specifieke karakteristiek.
Er staan veel hoge kruizen en andere monumenten van hardsteen, met een nadruk op de grafmonumenten rondom het kruisbeeld.
Afb. 24. Karakteristiek beeld rondom het kruisbeeld op de begraafplaats van Sas van Gent.
Wanneer op de begraafplaatsen veel van de op dit onderdeel scorende grafmonumenten weggehaald zouden worden, eindigen de begraafplaatsen als een typologisch arme plek. De op dit onderdeel geselecteerde grafmonumenten vormen dus waardevolle bouwstenen voor het aanzicht van de begraafplaatsen. Wanneer grafmonumenten niet hebben gescoord op dit criterium, betekent dit niet dat de grafmonumenten niet passend zouden zijn, maar ze zijn minder te gebruiken als representant van de typische karakteristiek op de begraafplaats of het grafvak.
3.3 Eindscore Met het toepassen van de hierboven geschetste criteria worden uiteindelijk aan 320 grafmonumenten en 388 graven punten toegekend. In de eindlijst is te zien dat twee grafmonumenten 7 punten hebben
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN BIJZ. BEGRAAFPLAATSEN
39 van 95
gekregen. De meeste grafmonumenten scoorden 3 punten bij een gemiddelde van 2,9. Ten opzichte van de selectie op de gemeentelijke begraafplaats is dat 0,3 punt hoger. De verdeling ziet er als volgt uit: Aantal Aantal Percentage punten graven/grafmonumenten 1 24 7,5 % 2 103 32,2 % 3 117 36,6 % 4 54 16,9 % 5 9 2,8 % 6 11 3,4 % 7 2 0,6 % 8 0 0,0 % 320 In totaal scoort 92,5% van de geselecteerde grafmonumenten op meerdere criteria en de 24 die slechts één punt scoren doen dat om uiteenlopende redenen. In een enkel geval omdat ze bij een ander grafmonument horen of omdat de persoon enige bekendheid genoot, maar geen invloed op de historie heeft gehad. De meeste grafmonumenten met een punt scoren op vormgeving. Hoewel deze grafmonumenten slechts op één aspect scoren, vormen ze een goede toevoeging aan het geheel. In totaal scoren alle grafmonumenten 922 punten, ofwel een gemiddelde van 2,9 punten per grafmonument. Vooral het aantal grafmonumenten dat scoort op ‘vormgeving’ geeft voor veel grafmonumenten de doorslag. Dit criterium scoort bij 74% van het totaal. Verder scoort nog eens 67% van de grafmonumenten op het beroep of de rol van een persoon. Materiaal scoort het minst met 33%, wat vooral te maken heeft met de aanwezigheid van grote aantallen ‘gewoon’ hardsteen. De criteria zijn op dezelfde wijze gehanteerd als bij de gemeentelijke begraafplaatsen.
Er zijn in principe geen grafmonumenten meegenomen die jonger zijn dan 1990, tenzij het gaat om een door de parochies aangedragen persoon die lokaal of regionaal van belang is geweest. Er is vooral gekeken naar vormgeving, materiaal en passend in het karakter. Kijken we naar een verdeling per begraafplaats dan komen we tot het volgende overzicht:
Begraafplaats Axel Biervliet Koewacht Philippine Sas van Gent Sluiskil Westdorpe Zuiddorpe
Aantal grafmonumenten 56 33 46 10 103 21 25 26
Aantal graven 60 37 59 13 122 29 33 35
320
388
Uiteindelijk zijn de meeste grafmonumenten geselecteerd op de katholieke begraafplaats van Sas van Gent, gevolgd door Axel. Hoe de verhouding ligt ten opzichte van het totaal aantal graven is niet bekend. Met name op de oudere delen van de begraafplaatsen zijn de meeste grafmonumenten geselecteerd, maar nergens in die mate dat het begraven in gedrang zou komen. In Axel, Biervliet en Sas van Gent speelt dat geen rol meer, waardoor daar zoveel mogelijk ingezet zou kunnen worden op behoud. De wijze waarop in de toekomst met de geselecteerde en de overige grafmonumenten (en de begraafplaatsen) omgegaan kan worden, wordt in de volgende hoofdstukken behandeld.
INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN BIJZ. BEGRAAFPLAATSEN
40 van 95
4 ADVIES OMGANG MET GESELECTEERDE GRAFMONUMENTEN Op de 8 geïnventariseerde bijzondere begraafplaatsen in de gemeente Terneuzen zijn in totaal 320 grafmonumenten en ensembles van grafmonumenten geselecteerd. De onderhoudsstaat van deze monumenten is over het algemeen redelijk tot goed. Slechts 14 grafmonumenten (4%) verkeert in matige of slechte staat. Voor deze grafmonumenten is ingrijpen in de komende jaren noodzakelijk om ze ook daadwerkelijk te behouden. Dat geldt zondermeer voor een aantal grafmonument die schade aan derden of belendende grafmonumenten zouden kunnen veroorzaken. Zeven van de geïnventariseerde begraafplaatsen vallen onder de Elisabethparochie (Axel, Philippine, Sas van Gent, Sluiskil, Westdorpe, Zuiddorpe) terwijl Biervliet onder de Andreasparochie valt. Kijkend naar het reglement van de Elisabethparochie (daterend uit 2008) dan zou conform artikel 34, lid 1 de graftekens en -beplanting onderhouden moeten worden door de rechthebbenden. Deze onderhoudsplicht geldt waarschijnlijk voor veel van de geselecteerde grafmonumenten. Hoogstwaarschijnlijk zijn er in het verleden graven voor onbepaalde tijd uitgegeven en zijn de voormalige parochies in het verleden een onderhoudsverplichting aangegaan voor bepaalde grafmonumenten. Daar dient rekening mee gehouden te worden. In Zuiddorpe zijn drie grafmonumenten expliciet of impliciet aangewezen als rijksmonument.
Deze dienen door de houder van de begraafplaats in stand te worden gehouden op grond van de Erfgoedwet. Zoals aangegeven is op de staat van onderhoud van de grafmonumenten in het algemeen op zich weinig aan te merken, maar er zijn her en der wel enkele knelpunten gesignaleerd. In een aantal gevallen is geconstateerd dat de situatie dringend aandacht vereist. Zo komen in Axel en Westdorpe de funderingen van grote grafmonumenten bloot te liggen waardoor deze los kunnen raken en daardoor mogelijk kunnen verschuiven met alle gevolgen van dien. In enkele gevallen zijn banden gebroken of liggen scheef. Ook is op enkele plaatsen geconstateerd dat onderdelen zijn losgeraakt die op zich gemakkelijk te herstellen zijn in hun oorspronkelijke staat. Het is niet bekend of de parochie rechthebbenden in het geval van verwaarlozing aanschrijft. Deze maatregel is wel opgenomen in artikel 34, lid 2 en 3, maar waarschijnlijk pakken de vrijwilligers op de begraafplaatsen de problemen als eerste op en zouden zij dit ook moeten signaleren naar het parochiebureau. Los van de grafmonumenten die concreet in een matige of slechte staat verkeren, is de vraag hoe op de katholieke begraafplaatsen in de toekomst om gegaan zou kunnen worden met de geselecteerde grafmonumenten? Daartoe wordt niet alleen naar de selectie gekeken, maar ook naar de grafmonumenten op de begraafplaatsen in een breder verband.
In een apart hoofdstuk zal daartoe ingegaan worden op de omgang met de niet-geselecteerde grafmonumenten.
4.1 Juridisch De grondslag voor de inventarisatie en selectie is gelegen in het verzoek van de gemeente Terneuzen die hiermee alle te behouden grafmonumenten in de gemeente in kaart heeft gebracht. Twee parochies hadden zelf nog geen concrete lijsten met te behouden grafmonumenten, maar op de meeste waren de betrokken vrijwilligers zelf wel op de hoogte van welke grafmonumenten van waarde zijn. Het reglement van de Elisabethparochie bevat verder geen regelgeving met betrekking tot het behouden van historisch waardevolle grafmonumenten. Uit de gesprekken met de betrokkenen kwam wel naar voren dat teruggevallen grafmonumenten in sommige gevallen niet geruimd werden. Hoe daarvan het onderhoud bekostigd wordt, is niet duidelijk. Alleen in Zuiddorpe is sprake van een aantal grafmonumenten op het kerkhof bescherming genieten als gemeentelijk rijksmonument. Dit geldt daar ook voor de kapellen en men is zich terdege bewust van de monumentale waarde van het kerkhof. In andere gevallen is het mogelijk dat in het verleden al grafmonumenten verwijderd zijn die vanuit de huidige criteria behouden hadden moeten blijven. In Sas van Gent stonden enkele jaren geleden nog houten kruizen, maar die zijn inmiddels verdwenen. Waarschijnlijk waren deze kruizen nog niet zo oud.
Binnen de gemeente Terneuzen is inmiddels wel een visie op het beheer van de gemeentelijk begraafplaatsen geformuleerd en is een aantal begraafplaatsen inmiddels qua inrichting aangepakt. INVENTARISATIE OPVALLENDE EN HISTORISCHE GRAFBEDEKKINGEN BIJZ. BEGRAAFPLAATSEN
41 van 95
Wanneer nader beleid wordt geformuleerd inzake het behoud van historische grafmonumenten en ensembles zou dit ook geformuleerd kunnen worden voor de bijzondere begraafplaatsen. Overigens is geheel los van gemeentelijke plannen in Axel inmiddels een prima initiatief opgezet en daar wordt het kerkhof goed onderhouden en is tevens nagedacht over een herinrichting. Daarmee wordt het kerkhof meer dan alleen maar een plaats voor de doden. Met het vastleggen van een lijst op grond van onderhavige inventarisatie door Bureau Funeraire Adviezen is nu ook voor de katholieke begraafplaatsen een aanzet gegeven tot een stuk beleid inzake instandhouding. De gemeente zou samen met de parochies kunnen kijken welke status de geselecteerde grafmonumenten kunnen krijgen zodat hun behoud gewaarborgd kan worden.
4.2 Scenario omgang met grafmonumenten Het beheer van de geselecteerde grafmonumenten op de 8 begraafplaatsen vereist een aparte aanpak. Gezien het feit dat behalve in Axel, Biervliet en Sas van Gent op de begraafplaatsen nog begraven wordt en het gebruik als begraafplaats dus van groot belang is, kunnen de volgende punten in acht worden genomen of worden overwogen: ✓ De delen van de nog in gebruik zijnde begraafplaatsen waar zich meer historische graven bevinden, zoals in Westdorpe en Zuiddorpe kunnen mogelijk een speciale status krijgen waar de nadruk op behoud komt te liggen en waar alleen incidenteel begraven wordt in nieuw uit te geven graven; ✓ Andere delen, waar de historische waarden minder in het gedrang komen, kunnen worden aangewezen als ‘kansendeel’ waar op termijn nieuwe mogelijkheden worden gecreëerd zoals asbestemmingen. Dat is in Zuiddorpe al gedaan; ✓ Het behoud van de geselecteerde grafmonumenten en de wijze waarop dat mag geschieden, zou met ondersteuning van de gemeente vastgelegd kunnen worden. De wijze van behoud en bijvoorbeeld wat is toegestaan voor nieuwe grafmonumenten heeft mogelijk gevolgen voor het reglement. In het reglement zouden bijvoorbeeld nadere regels opgenomen kunnen worden om te voorkomen dat nieuw geplaatste grafmonumenten het beeld verstoren.