CConstaterende datSúdwest-Fryslân
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage I - Vast te stellen bestemmingsplan

Raadsvergadering 23 december 2021, gemeente Súdwest-FryslânBij agendapunt: Bestimmingsplan doarpen Noard/West 232.150 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Het gaat meestal over gebouwen die niet zijn aangewezen als rijks-, provinciale of gemeentelijke monumenten. Op de verbeelding worden deze panden voorzien van een aanduiding. Wijzigingsbevoegdheid Gaat een wijzigingsbevoegdheid over het veranderen van een functie? Dan wordt opgenomen naar welke bestemming de wijziging kan plaatsvinden. Het is niet noodzakelijk om in de wijziging aan te geven welke regels van toepassing zijn. De regels zijn automatisch gekoppeld aan de bestemming waarin wordt gewijzigd, behalve in het geval van wijziging in een bestemming die nog niet in het plan zit of als een wijziging in meerdere bestemmingen mogelijk is. In het eerste geval kunnen de randvoorwaarden in de wijzigingsbevoegdheid zelf worden opgesomd. Hieraan moet bij wijziging worden voldaan. De wijziging die over meerdere bestemmingen plaatsvindt is vaak aangeduid op de verbeelding en geregeld in de algemene wijzigingsregels. 5.2.3 Algemene regels Hierin staan de regelingen over de afstemming met andere regelgeving (waaronder een anti-dubbeltelregel) en de algemene procedureregels, afwijkingsregels en/of wijzigingsbevoegheden. De stedenbouwkundige bepalingen (bijvoorbeeld parkeerbepaling) die vroeger waren opgenomen in de Bouwverordening worden in dit hoofdstuk als algemene bouwregels opgenomen.

De algemene regels gelden voor alle bestemmingen, tenzij ze gekoppeld zijn aan een specifieke aanduiding, bijvoorbeeld bij een geluidzone rond een industrieterrein. 5.2.4

Overgangs- en slotregel

Dorpen Noord / West 2 vastgesteld

54

Voor de overgangsregels wordt verwezen naar het Besluit ruimtelijke ordening. Hierbij wordt per 1 oktober 2010 de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. De formulering van de overgangs- en slotregels is vastgelegd in de landelijke Standaard voor Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP).

5.3

Procedure

In de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) staan de regels voor de bestemmingsplanprocedure. De procedure bestaat uit de volgende onderdelen: Voorbereiding <0000> De gemeente bekijkt de bestaande situatie en de mogelijke (ruimtelijke) ontwikkelingen in het gebied waarvoor het bestemmingsplan geldt. <0000> Er wordt een nieuw voorontwerpbestemmingsplan gemaakt. <0000> Het voorontwerp wordt toegestuurd aan diverse besturen en diensten, zoals het Rijk, de Provincie en het Waterschap. Zij kunnen hun reactie geven op het bestemmingsplan. <0000> Het bestemmingsplan wordt eventueel ook voor inspraak ter inzage gelegd. Iedereen kan dan binnen zes weken een reactie geven. <0000> Burgemeester en wethouders (B&W)geven een reactie op de overleg- en inspraakreacties. Ontwerp <0000> B&W verwerken de overleg- en inspraakreacties in een ontwerpbestemmingsplan. <0000> Het ontwerpbestemmingsplan wordt zes weken ter inzage gelegd. Iedereen kan dan een zienswijze indienen. <0000> B&W geven een reactie op de ingediende zienswijzen in een zienswijzennota. Vaststelling De gemeenteraad stelt de zienswijzennota en het ontwerpbestemmingsplan, met of zonder wijzigingen, vast. Dit moet binnen een periode van ten hoogste 12 weken na de termijn van inzage van het ontwerp gebeuren.

Beroep <0000> Na de vaststelling van het bestemmingsplan maakt de gemeenteraad het vaststellingsbesluit bekend en legt het vastgestelde bestemmingsplan zes weken ter inzage. <0000> Als de Provincie of het Rijk een zienswijze heeft ingediend die door de gemeenteraad niet volledig is overgenomen, of als de gemeenteraad het bestemmingsplan gewijzigd heeft vastgesteld, moet de bekendmaking en terinzagelegging binnen zes weken na vaststelling gebeuren. <0000> Uiterlijk zes weken na bekendmaking van het vaststellingsbesluit kan beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (AbRvS). <0000> Wanneer het bestemmingsplan ongewijzigd is vastgesteld en gehoor is gegeven aan zienswijzen van de Provincie en/of het Rijk, wordt het vaststellingsbesluit door de gemeenteraad bekendgemaakt en het bestemmingsplan ter inzage gelegd. Dit moet binnen twee weken gebeuren.

Dorpen Noord / West 2 vastgesteld

55

Terinzagelegging Bij de onderdelen Ontwerp en Beroep moet het plan ter inzage worden gelegd. Voor een voorontwerpbestemmingsplan is dit niet verplicht en kan het dus voorkomen dat deze niet ter inzage wordt gelegd. Voor de bekendmaking van een plan plaatsen B&W een publicatie. Dit gebeurt in het Gemeenteblad. Hierin staat onder andere vermeld óf en binnen welke periode er gereageerd kan worden en waar deze reactie naartoe gestuurd moet worden. De publicaties staan op de website www.officielebekendmakingen.nl. Op de gemeentelijke website www.gemeentesudwestfryslan.nl staat ook een link naar deze website.

5.4

Toelichting op de bestemmingen

In deze paragraaf wordt een toelichting op de juridische regels van het plan gegeven. Voor de verschillende bestemmingen wordt aangegeven welke doeleinden worden nagestreefd. Ook is aangegeven op welke gronden de verschillende bestemmingen van toepassing zijn. Naast de directe bestemmingen gelden er ook een aantal gebieds- en functieaanduidingen. 5.4.1 Agrarisch De bestemming 'Agrarisch' is gelegd op agrarische percelen en agrarische bedrijven in het plangebied die nog als zodanig in functie zijn. Dit betekent dan ook dat deze gronden mogen worden gebruikt voor grasland, akkerbouw, tuinbouwgrond en daarbij behorende grondgebonden agrarische bedrijven. Aanverwante functies zijn vaak bij recht toegestaan. Wanneer sprake is van een afwijkende functie, dan is hiervoor een aanduiding opgenomen, zodat deze wel mogelijk worden gemaakt. Agrarische bebouwing is alleen toegestaan wanneer een bouwvlak aanwezig is. Gebouwen en bedrijfswoningen moeten dan ook binnen dat bouwvlak worden gebouwd. In de regels is een omgevingsvergunningenstelsel voor werken en werkzaamheden opgenomen. Dit maakt bepaalde werken en werkzaamheden wel mogelijk, maar alleen na verlening van een vergunning en daarmee een toetsing. 5.4.2 Bedrijf De bestemming 'Bedrijf' is gelegd op aanwezige individuele bedrijven en kleinere bedrijfsterreinen in het plangebied.

Binnen de bestemming 'Bedrijf' mogen alleen bedrijven in de milieucategorieën 1 en 2 worden gevestigd. Hiermee wordt onder meer de provinciale verordening op dit onderwerp gevolgd. Daar waar tevens de aanduiding ‘bedrijf tot en met categorie 3.1’, ‘bedrijf tot en met categorie 3.2’ of 'specifieke vorm van bedrijventerrein afwijkende milieucategorie' geldt, mogen bedrijven in zwaardere milieucategorieën aanwezig zijn. Op deze percelen zijn nu bedrijven aanwezig in een zwaardere milieucategorie. Aanverwante functies en voorzieningen zijn ook mogelijk, bijvoorbeeld productiegebonden detailhandel. Bedrijfsgebouwen en bedrijfswoningen moeten in het aangegeven bouwvlak worden gebouwd. Bestaande bedrijfswoningen zijn op de verbeelding aangeduid. Op die manier kan de milieusituatie rondom de woningen gehandhaafd blijven en worden (omliggende) bedrijven niet in hun bedrijfsvoering beperkt. 5.4.3

Bedrijf - Nutsvoorziening

Dorpen Noord / West 2 vastgesteld

56

De bestemming 'Bedrijf - Nutsvoorziening' is gelegd op de aanwezige nutsvoorzieningen in het plangebied. Deze bestemming is specifiek bedoeld voor nutsvoorzieningen die gelet op de omvang niet zonder omgevingsvergunning mogen worden gebouwd. De gebouwen moeten binnen het aangegeven bebouwingsvlak worden gebouwd. De afmetingen van de nutsvoorzieningen zijn afgestemd op de bestaande situatie. 5.4.4 Bedrijventerrein De bestemming 'Bedrijventerrein' is gelegd op het bedrijventerrein in Witmarsum. Binnen de bestemming 'Bedrijventerrein' mogen bedrijven in de milieucategorieën 1 en 2 worden gevestigd. Dit past binnen het provinciaal beleid voor bedrijven bij overige kernen. Binnen de aanduiding 'bedrijf tot en met categorie 3.1' mogen bedrijven tot en met categorie 3.1 worden gevestigd. Daar waar op de verbeelding de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijventerrein afwijkende milieucategorie' voorkomt, mogen bedrijven in zwaardere milieucategorieën aanwezig zijn. Uitgegaan wordt hierbij van de bestaande (planologische) situatie van de bedrijven. Bedrijfsgebouwen moeten in het aangegeven bouwvlak worden gebouwd. Bestaande bedrijfswoningen zijn op de verbeelding aangeduid. Op die manier kan de milieusituatie rondom de woningen gehandhaafd blijven en worden (omliggende) bedrijven niet in hun bedrijfsvoering beperkt.

5.4.5 Bos In Witmarsum is bij het zwembad een bosschages aanwezig die de bestemming ‘Bos’ heeft gekregen. Naast bos zijn ook wandelpaden toegestaan. Voor het behoud van de bos(schages) is een omgevingsvergunningenstelsel voor werken en werkzaamheden opgenomen. Dit maakt bepaalde werken en werkzaamheden wel mogelijk, maar alleen na verlening van een vergunning en daarmee een toetsing. 5.4.6

Cultuur en ontspanning - Molen

Koren- en pelmolen De Onderneming in Witmarsum heeft de bestemming ‘Cultuur en ontspanning – Molen’. Deze molen is nog als zodanig in functie, maar heeft ook een opleidingsfunctie voor molenaars en kan bezocht worden. De regeling van de bestemming is gericht op het behoud en de bescherming van de molen. Voor het behoud van een goede functionaliteit van de molen is in het plan een molenbiotoop aangeduid (zie ook paragraaf 5.4.22) 5.4.7 Detailhandel Buiten de gemengde gebieden in de dorpen komt af en toe een winkel voor. In dit plangebied is het de supermarkt in Witmarsum, deze is bestemd voor 'Detailhandel'. Gebouwen moeten hoofdzakelijk in het aangegeven bouwvlak worden gebouwd. De afmetingen van de gebouwen zijn op de verbeelding aangegeven en gebaseerd op de huidige (planologische) situatie. 5.4.8 Gemengd In veel dorpen heeft de centrale straat of het centrale gebied een menging aan functies. Daarbij gaat het om woningen, horeca, detailhandel, bedrijfjes, dienstverlening, etc. Deze gebieden hebben in de bestemmingsplannen in de gemeente dan ook de bestemming ‘Gemengd’. Deze bestemming komt in dit bestemmingsplan alleen voor in Witmarsum. De toegelaten functies hebben over het algemeen een geringe invloed en zijn passend binnen een dorscentrum.

Dorpen Noord / West 2 vastgesteld

57

5.4.9 Groen Groenstroken die structureel van belang zijn in het kader van het ruimtelijk en/of cultuurhistorische beeld hebben de bestemming 'Groen'. Hierin zijn dan ook groenstroken, plantsoenen en parken al dan niet met daarin aanwezig water mogelijk gemaakt. Naast deze functies is in een enkel geval een andere functie toegestaan, hiervoor is dan een aanduiding opgenomen. Het doel is de bestaande groenstructuur zo veel mogelijk te handhaven, bebouwing is dan ook maar beperkt toegestaan. 5.4.10 Horeca De bestemming 'Horeca' is gelegd op aanwezige horecabedrijven die in het plangebied liggen. Binnen de bestemming 'Horeca' mogen alleen horecabedrijven in de horecacategorie 2 (café-restaurant) worden gevestigd. Van oudsher is bij veel van deze zaken een bedrijfswoning aanwezig. In de bestemming is de functie wonen ook mogelijk. De gebouwen moeten in het aangegeven bebouwingsvlak worden gebouwd. De toegestane afmetingen van de bebouwing is per pand verschillend en deze is dan ook op de verbeelding aangeduid. De afmetingen zijn gebaseerd op de bestaande (planologische) situatie. 5.4.11 Kantoor Gebouwen met een nadrukkelijke kantoorfunctie (met en zonder balie) hebben de bestemming ‘Kantoor’. Deze bestemming komt in dit plangebied alleen voor in Witmarsum. De gebouwen moeten in het aangegeven bouwvlak worden gebouwd. De maatvoering is afgestemd op de bestaande situatie.

5.4.12 Maatschappelijk De bestemming 'Maatschappelijk' is gelegd op de aanwezige maatschappelijke voorzieningen in het plangebied. Dit zijn bijvoorbeeld kerken en scholen. Aanvullend daarop is een begraafplaats toegestaan ter plaatse van een aanduiding 'begraafplaats'. De gebouwen moeten in het aangegeven bouwvlak worden gebouwd. De afmetingen die daarbij toegestaan zijn, zijn opgenomen op de verbeelding. De bestaande (planologische) situatie is hiervoor de basis. 5.4.13 Natuur Op de natuurgebieden in het plangebied is de bestemming ‘Natuur’ opgenomen. Het gaat daarbij om het bos bij Witmarsum en een strook langs de dijk bij Piaam. De bestemming is gericht op het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de cultuurhistorische, natuurlijke en landschappelijke waarden. In de bestemming zijn alleen bouwwerken toegestaan met een hoogte van niet meer dan 1 meter. In de bestemming is een omgevingsvergunningstelsel opgenomen voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden. Bij een aanvraag voor de in de regels opgenomen activiteiten wordt getoetst of deze toelaatbaar zijn binnen de cultuurhistorische, natuurlijke en landschappelijke waarden. Hiermee wordt ingezet op een bescherming van deze waarden.

Dorpen Noord / West 2 vastgesteld

58

5.4.14 Recreatie, Recreatie - Kampeerterrein, Recreatie - Recreatiebedrijven, Recreatie - Recreatiewoningen In en bij de dorpen Witmarsum, Cornwerd, Piaam en Exmorra zijn verschillende recreatieve en toeristische voorzieningen aanwezig. In het bestemmingsplan hebben deze, afhankelijk van de recreatieve functie en het doel, een recreatiebestemming gekregen. In het onderstaande schema is het onderscheid tussen de verschillende bestemmingen aangegeven: Bestemming

Functie / Doel

Recreatie

Dagrecreatieve voorzieningen (golfbaan)

Recreatie - Kampeerterrein

Volwaardige kampeerterreinen met daarbij behorende voorzieningen.

Recreatie – Recreatiebedrijven

Verblijfsvoorzieningen in de vorm van kampeerboerderijen of recreatie-appartementen met de daarbij behorende voorzieningen

Recreatie – Recreatiewoningen

Parken met recreatiewoningen

Recreatie - Volkstuinen

Volkstuinen

de

Gebouwen zijn toegestaan wanneer een bouwvlak op de verbeelding is opgenomen. De maatvoering is op de verbeelding aangegeven en gebaseerd op de bestaande (planologische) situatie. 5.4.15 Sport In de verschillende kernen in het plangebied zijn sportvoorzieningen aanwezig die de bestemming 'Sport' hebben in dit bestemmingsplan. Het gaat daarbij om sportvelden met daarbij horende bebouwing, maar ook om het zwembad in Witmarsum. Binnen de bestemming mogen de gebouwen in een bouwvlak worden gebouwd. De maatvoeringen zijn op de verbeelding aangeduid, omdat deze per gebouw verschillen. De specifiek bij sport horende bouwwerken als een ballenvanger zijn bij recht toegestaan. 5.4.16 Tuin De bestemming "Tuin" is gegeven aan de voortuinen van de woningen in het plangebied. Binnen deze bestemming mogen geen gebouwen worden gebouwd. Een uitzondering hierop vormt de bouw van een erker of luifel die bij recht mogelijk zijn. De afmetingen en plek van deze bouwwerken zijn bepaald in de regels, om te garanderen dat deze bouwdelen ondergeschikt blijven aan het hoofdgebouw. Bouwwerken, als een lage erfafscheiding zijn ook toegestaan. 5.4.17 Verkeer, Verkeer - Verblijf De wegen, fiets- en voetpaden en daaraan grenzende parkeerplaatsen zijn geregeld in twee verkeersbestemmingen, namelijk 'Verkeer' en ‘Verkeer - Verblijf’. De bestemmingen maken beide verkeersvoorzieningen mogelijk.

De bestemming ‘Verkeer – Verblijf’ is daarbij naast de verkeersfunctie ook nadrukkelijk gericht op de verblijfsfunctie. De bestemming ‘Verkeer’ is vooral gericht op de verkeersdoorstroming en ligt dan ook op de

Dorpen Noord / West 2 vastgesteld

59

hoofdontsluitingsroutes in de dorpen. Bij de wegen horen onder meer ook groenvoorzieningen, water en bruggen. Een standplaats voor een snackwagen is aangeduid. Bouwwerken ten behoeve van de verkeersfunctie zijn bij recht mogelijk. De afmetingen van alle bouwwerken in de bestemming zijn in de regels opgenomen en gebaseerd op de voorkomende afmetingen van deze bouwwerken. 5.4.18 Water De bestemming "Water" is gegeven aan alle van betekenis zijnde waterlopen en de daarbij horende bruggen, oeverstroken, bermen, beplanting en groenvoorzieningen. In het plangebied zijn enkele wateren aanwezig die vallen onder de Keur van het Wetterskip Fryslân. Voor werkzaamheden aan deze watergangen is een ontheffing van het Wetterskip nodig. Binnen deze bestemming mogen geen gebouwen worden gebouwd. Voor bouwwerken is een maximale bouwhoogte ten opzichte van NAP opgenomen. 5.4.19 Wonen De hoofdfunctie van de dorpen in dit bestemmingsplan is wonen. De woonpercelen hebben in dit bestemmingsplan dan ook de bestemming ‘Wonen’. Naast de hoofdfunctie wonen, is het in een woning onder voorwaarden mogelijk een aantal beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten uit te oefenen. Deze activiteiten zijn altijd ondergeschikt aan de woning. In een enkel geval is echter ook sprake van een naast de functie bestaande functie (gelijkwaardig).

Daarbij gaat het in dit plangebied om detailhandel of een maatschappelijke functie. Deze zijn aangeduid op de verbeelding. Door middel van de bouwvlakken is de locatie van de hoofdgebouwen vastgelegd. Voor de bouwvlakken is in dit bestemmingsplan zo veel mogelijk een gestandaardiseerde regeling opgenomen. De bouwvlakken liggen (waar mogelijk) op 3 meter van de zijdelingse perceelsgrens en hebben een diepte van 15 meter. Om te voorkomen dat de woningen te groot worden mag de oppervlakte van het hoofdgebouw maximaal 150 m² bedragen. De overige afmetingen van de woningen zijn zo veel mogelijk aangeduid op de verbeelding, omdat deze in het dorpsbeeld variëren. Uitgangspunt is de bestaande (planologische) situatie opnieuw vast te leggen. Naast hoofdgebouwen zijn ook bijbehorende bouwwerken toegestaan. In totaal mogen de bijbehorende bouwwerken maximaal 90% van de oppervlakte van het hoofdgebouw bedragen met een maximum van 100 m². Het bij de woning behorende erf mag daarbij voor maximaal 50% worden bebouwd. Deze gebouwen zijn over het algemeen ondergeschikt aan de hoofdgebouwen, dit is vertaald in de toegestane afmetingen van de bebouwing. De goot- en bouwhoogte zijn daarbij wel zo veel mogelijk gestandaardiseerd, waarbij rekening is gehouden met de vergunningvrije mogelijkheden en de voorwaarden uit het Bouwbesluit. Voor dakopbouwen is een specifieke regeling opgenomen.

Deze regeling is gebaseerd op het afwijkingenbeleid van de gemeente. In dit bestemmingsplan is een dakopbouw bij recht mogelijk gemaakt, waardoor veel minder afwijkingen nodig zijn. 5.4.20 Wonen - Woonboerderij Woonboerderijen zijn, vooral door hun formaat en voormalige functie, voorzien van een eigen woonbestemming. Hierin is de woonfunctie ook de hoofdfunctie, maar daarnaast worden aan huis verbonden beroepen of kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten ook mogelijk gemaakt. Deze zijn ondergeschikt aan de hoofdfunctie, waarvoor specifieke gebruiksregels zijn opgenomen.

Dorpen Noord / West 2 vastgesteld

60

In een woonboerderij in Wons is sprake van een nevenfunctie, namelijk een koffie- en theeschenkerij. Deze nevenfunctie is mogelijk gemaakt via een functieaanduiding. Het gaat daarbij om de bestaande (planologische) situatie. In tegenstelling tot reguliere woningen, is bij de bouwregels van een woonboerderij geen maximum oppervlakte opgenomen, deze wordt bepaald door het bouwvlak waarin het hoofdgebouw ligt. De overige afmetingen zijn opgenomen op de verbeelding en gebaseerd op de bestaande (planologische) situatie. Naast hoofdgebouwen zijn ook bijbehorende bouwwerken toegestaan. In totaal mogen de bijbehorende bouwwerken maximaal 90% van de oppervlakte van het hoofdgebouw bedragen met een maximum van 100 m² bedragen. Het bij de woonboerderij behorende erf mag daarbij voor maximaal 50% worden bebouwd. Ook andere bouwwerken zijn toegestaan, waarbij rekening is gehouden met vergunningvrije mogelijkheden en de voorwaarden vanuit het Bouwbesluit. 5.4.21 Wonen - Woongebouw Ten opzichte van de vorige woonbestemmingen wijkt de bestemming ‘Wonen – Woongebouw’ af omdat het hierbij gaat om woongebouwen die bedoeld zijn voor meerdere woningen (appartementengebouwen). In dit bestemmingsplan betreft het een woongebouw in Pingjum. Het bestaande aantal wooneenheden is vastgelegd.

Binnen de bestemming is het alleen maar mogelijk hoofdgebouwen (woongebouwen) te bouwen, maar ook het bestaande vrijstaande bijgebouw kan worden gehandhaafd. De regels voor andere bouwwerken zijn afgestemd op de vergunningvrije mogelijkheden en de voorwaarden uit het Bouwbesluit. 5.4.22 Leiding - Gas Grotere rioolleidingen in het plangebied hebben de bestemming ‘Leiding – Riool’. Voor de afvoer van rioolwater moeten deze leidingen beschermd worden. De bestemming ligt dan ook over een strook van 4 meter aan weerszijden van de leiding, waarin onder meer bouwen en graafwerkzaamheden niet zonder meer mogelijk zijn. Overleg met de leidingbeheerder is nodig wanneer omgevingsvergunningplichtige activiteiten binnen de bestemming nodig zijn. Pas na advies van de leidingbeheerder kan hiervoor vergunning worden verleend. 5.4.23 Leiding - Riool Grotere rioolleidingen in het plangebied hebben de bestemming ‘Leiding – Riool’. Voor de aanvoer van rioolwater moeten deze leidingen beschermd worden. De bestemming ligt dan ook over een strook van 4 meter aan weerszijden van de leiding, waarin onder meer bouwen en graafwerkzaamheden niet zonder meer mogelijk zijn. Overleg met de leidingbeheerder is nodig wanneer omgevingsvergunningplichtige activiteiten binnen de bestemming nodig zijn. Pas na advies van de leidingbeheerder kan hiervoor vergunning worden verleend.

5.4.24 Waarde archeologie 1 en 2 De dubbelbestemming ‘Waarde - Archeologie 1’ wordt gehanteerd voor terreinen of gebieden die op de FAMKE het advies ‘streven naar behoud’ en ‘waarderend onderzoek’ hebben gekregen, dus de bekende archeologisch waardevolle terreinen. De dubbelbestemming ‘Waarde - Archeologie 2’ wordt gehanteerd voor gebieden die op de FAMKE het advies ‘karterend onderzoek’ en ‘quickscan’ hebben gekregen en derhalve de gebieden met een archeologische verwachtingswaarde.

Dorpen Noord / West 2 vastgesteld

61

De FAMKE is een dynamische kaart. Het is mogelijk dat er archeologische onderzoeken zijn uitgevoerd op percelen, en die nog niet zijn verwerkt op de gemeentelijke uitsnede van de FAMKE. En dit betekent dat ze ook nog niet zijn verwerkt op de verbeelding. Bij de beoordeling van de ruimtelijke plannen zijn deze onderzoeken echter leidend, en niet de FAMKE. 5.4.25 Waarde - Beschermd gezicht De dubbelbestemming 'Waarde - Beschermd gezicht' is gegeven aan de in het plangebied aanwezig rijksbeschermde dorpsgezichten van Cornwerd, Piaam, Pingjum en Schraard. De waardering van deze beschermde dorpsgezichten is opgenomen de daarbij horende aanwijzingsbesluiten (zie ook bijlage 1 bij de toelichting). Door middel van een wijzigingsbevoegdheid kan deze dubbelbestemming van de gronden worden verwijderd. Hiervoor is echter voorafgaand een advies nodig van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. 5.4.26 Algemene aanduidingsregels Vrijwaringszone – dijk Rond de kernzone op de IJsselmeerdijk is de binnenbeschermingszone aangeduid met ‘vrijwaringszone – dijk’. Binnen deze zone is het niet zonder meer toegestaan nieuwe bouwwerken te realiseren, ongeacht de mogelijkheden die de onderliggende bestemmingen bieden. De bestaande situatie kan binnen de zone gehandhaafd blijven, bij nieuwe ontwikkelingen is overleg nodig met de beherende instantie.

Vrijwaringszone – molenbiotoop Rond de molen in het plangebied is de aanduiding ‘vrijwaringszone – molenbiotoop’ opgenomen. De regeling is afgestemd op de regeling zoals deze ook in het bestemmingsplan Buitengebied is opgenomen. Het belangrijkst is dat in de regels een bouwhoogte-beperking is opgenomen. Deze moet voorkomen dat de molen in zijn functioneren wordt belemmerd. De bestaande bebouwing binnen de molenbiotoop levert hiervoor geen beperkingen op. De regeling is vooral van belang bij (vervangende) nieuwbouw binnen de molenbiotoop

Dorpen Noord / West 2 vastgesteld

62

HOOFDSTUK 6 Economische uitvoerbaarheid 6.1

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Overeenkomstig artikel 3.1.1. van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) moet over een bestemmingsplanprocedure overleg plaatsvinden met verschillende adviespartners en overheden. Het voorontwerpbestemmingsplan is opgestuurd naar een aantal vaste overleg- en adviesinstanties. De reacties zijn voorzien van een gemeentelijk antwoord. De Reactienota vooroverleg is opgenomen als bijlage 4 van de toelichting bij dit bestemmingsplan. Zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan en de bijbehorende stukken hebben met ingang van 5 maart 2021 t/m 15 april 2021 ter inzage gelegen. Er zijn drie zienswijzen binnengekomen. De zienswijzen hebben aanleiding gegeven het bestemmingsplan aan te passen. Daarnaast is het plan ambtshalve op enkele onderdelen aangepast. De Nota van Zienswijzen is opgenomen bij het vaststellingsbesluit. Vaststelling Het bestemmingsplan wordt vervolgens, al dan niet gewijzigd, vastgesteld. Het besluit tot vaststelling wordt gepubliceerd en het bestemmingsplan ligt zes weken ter inzage. Tijdens die periode bestaat de mogelijkheid beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in te dienen tegen het besluit en het plan.

6.2

Economische uitvoerbaarheid

Voor de uitvoerbaarheid van het plan is het van belang te weten of het economisch uitvoerbaar is. De economische uitvoerbaarheid wordt enerzijds bepaald door de exploitatie van het plan (financiële haalbaarheid) en anderzijds door de wijze van kostenverhaal van de gemeente (grondexploitatie). Financiële haalbaarheid Het doel van dit bestemmingsplan is het bieden van een actueel juridisch-planologische regeling. In het bestemmingsplan worden dan ook geen ontwikkelingen mogelijk gemaakt waarvoor de financiële haalbaarheid aangetoond moet worden. Er is geen sprake van te maken uitvoeringskosten. De kosten voor het opstellen van een bestemmingsplan komen voor rekening van de gemeente. De raad heeft hiervoor in de begroting een bedrag beschikbaar gesteld. De kosten worden hieruit gedekt. Het plan is daarmee financieel haalbaar. Grondexploitatie Doel van de in de Wet ruimtelijke ordening (Wro) opgenomen grondexploitatieregeling is het bieden van ruimere mogelijkheden voor het kostenverhaal en het creëren van meer sturingsmogelijkheden. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen de publiekrechtelijke weg via een exploitatieplan en de privaatrechtelijke weg in de vorm van overeenkomsten. In het geval van een exploitatieplan kan de gemeente, naast het kostenverhaal, eisen en regels stellen voor de desbetreffende gronden, (woning)bouwcategorieën en fasering.

Bij de privaatrechtelijke weg worden dergelijke afspraken in een (anterieure) overeenkomst vastgelegd.

Dorpen Noord / West 2 vastgesteld

63

Dit bestemmingsplan staat geen nieuwe bouwmogelijkheden toe, die zijn opgenomen als een bouwplan in de zin van artikel 6.2.1. van het Bro. Het vaststellen van een exploitatieplan is daarom niet nodig.

Dorpen Noord / West 2 vastgesteld

64

Bijlagen bij toelichting Bijlage 1:

Beschermde dorpsgezichten Cornwerd, Piaam, Pingjum en Schraard

Bijlage 2:

Advies Fumo

Bijlage 3:

Wateradvies

Bijlage 4:

Reactienota vooroverleg

Bijlage 1 bij Toelichting

CORNWERD gemeente Wunseradiel

B E S C H E R M D E S T A D S - EN DORPSGEZICHTEN

1

Bijlage 1 bij Toelichting

2

Bijlage 1 bij Toelichting

BESCHERMDE STADS- EN

DORPSGEZICHTEN

INGEVOLGE ARTIKEL 35 VAN DE MONUMENTENWET

CORNWERD, gemeente Wunseradiel

^

Aanvulling op de toelichting bij het besluit tot aanwijzing van Cornwerd als beschermd dorpsgezicht.

o o CM O CN

O) o *T *~

Resultaat gevoerd overleg Overeenkomstig het bepaalde in artikel 35 (voorheen 20) van de Monumentenwet zijn de gemeenteraad van WQnseradiel.Gedeputeerde Staten van Friesland, de Rijksplanologische Commissie en de Raad voor het Cultuurbeheer gehoord over het voorstel Cornwerd aan te wijzen als beschermd dorpsgezicht. De genoemde instanties hebben alle positief geadviseerd met betrekking tot de voorgenomen aanwijzing. In verband daarmee zijn in de begrenzing van het aangewezen dorpsgezicht en in de toelichtende tekst geen wijzigingen aangebracht ten opzichte van het oorspronkelijke voorstel.

ERRATUM In verband met de inwerkingtreding van de Monumentenwet 1988 per 1 januari 1989 dient in de plaats van "artikel 20 van de Monumentenwet" gelezen te worden: "artikel 35 van de Monumentenwet 1988". De verwijzing "artikel 37, lid 8 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening" dient vervangen te worden door "artikel 36, eerste lid, van de Monumentenwet 1988".

3

1988

Bijlage 1 bij Toelichting

4

Bijlage 1 bij Toelichting

B E S C H E R M D E S T A D S - EN DORPSGEZICHTEN INGEVOLGE ARTIKEL 20 V A N DE M O N U M E N T E N W E T

CORNWERD gemeente Wunseradiel Toelichting bij het besluit tot aanwijzing van Cornwerd als beschermd dorpsgezicht.

Het beschermde dorpsgezicht omvat het op bijgevoegde kaart (Rijksdienst voor de Monumentenzorg, tekeningnummer 324) door een stippellijn omgrensde gebied. Publikatie van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg. Maart 1988.

5

Bijlage 1 bij Toelichting

Inleiding Het dorp Cornwerd is gelegen in de gemeente Wunseradiel op een afstand van circa negen kilometer ten westen van Bolsward. In de huidige dorpsstructuur is de oorsprong van Cornwerd als terpdorp goed herkenbaar. De spaarzame bebouwing is gesitueerd aan de dwars over de terp lopende dorpsweg. De bebouwing wordt gevormd door een kerk, enkele karakteristieke boerderijen en enige woonbebouwing, bestaande uit kleine panden met een bouwlaag en een kap. De ruimtelijke karakteristiek wordt, meer nog dan door de afzonderlijke panden, bepaald door de binnen het dorp gelegen open ruimten, begrensd door bebouwing en beplanting. Vanuit deze deels omsloten dorpsruimten bestaan daarnaast sterke visuele relaties met het open omringende landschap, die het functionele en ruimtelijke verband tussen het dorp en zijn omgeving benadrukken. De historisch bepaalde dorpsstructuur in samenhang met de kwaliteiten van de karakteristieke ruimtelijke opbouw vormen de grond voor aanwijzing van Cornwerd als beschermd dorpsgezicht. Ontstaan en ontwikkeling De kust van het zuidoostelijke deel van de Noordzee vormt het verspreidingsgebied der terpen, de door de mens opgeworpen woonheuvels uit de periode dat het land nog niet door dijken wordt beschermd.

Het begrip terp is een algemene aanduiding voor deze heuvels en komt lokaal onder verschillende benamingen voor (terp in Friesland, wierde in Groningen en werf in Noord-Holland). In het bedoelde kustgebied vond, als gevolg van het smelten van ijsmassa's na de laatste ijstijd (circa 10.000 jaar geleden) en de daarmee samenhangende zeespiegelstijging, mariene sedimentatie plaats. Ter plaatse van het huidige Noordnederlandse kustgebied werden daardoor vanaf circa 2 7 0 0 voor Christus zand en klei afgezet. Geleidelijk aan nam de zeespiegelstijging in betekenis af. Tot in de Middeleeuwen wisselden perioden waarin het gebied werd overstroomd en sedimentatie plaatsvond en perioden waarin het gebied grotendeels droog kwam te liggen elkaar af. Tijdens perioden van overstromingen (transgressiefasen) werden nederzettingen of verlaten of verder opgehoogd. Op grond van deze periodiciteit onderscheidt men over het algemeen een viertal terpengeneraties, ontstaan in de periode tussen circa 600 voor Christus en circa 1000 na Christus. De oudste vestiging vond plaats op de van nature hoogst

2

6

opgeslibde gronden, de vaak langgerekte oeverwallen langs kwelderkreken. Voor een deel lagen deze oude woonplaatsen aanvankelijk direct op de kwelder zonder opgehoogd te zijn (vlaknederzetting). Voor een deel ook wierp men direct een kleine woonheuvel op of werd de woonplaats verhoogd bij het toenemen van de zee-invloed teneinde de bewoning te kunnen continueren. Als ophogingsmateriaal gebruikte men mest en kwelderzoden.

zuidelijke kuststreek van Friesland te kampen krijgt met hoge waterstanden. Stormrampen vinden onder meer plaats in 1170, 1239, 1250 en 1287. Regelmatig treden doorbraken van de lage en zwakke dijken op, resulterend in grote landverliezen. Diverse terpen, waaronder Cornwerd, komen hierdoor op korte afstand van de kust te liggen. In het zuidwesten van Friesland ontstaan door het wegslaan van veen diverse grote meren.

Aan de vorming van terpen kwam een einde in de late Middeleeuwen toen men het land door middel van dijken tegen het zeewater ging beschermen. Gezien de geringe hoogte van de oudste zeedijken bleven de terpen voorlopig als woonplaats bestaan. Daarnaast kwam een proces op gang van verplaatsing van de agrarische bedrijven van de terp naar het open veld. Op archeologische gronden neemt men aan dat grotere terpen, waarop zich dorpen en steden hebben ontwikkeld, zijn ontstaan door het aaneengroeien van dicht bijeengelegen, oorspronkelijk eenhuizige terpen. De dorpsterpen kunnen op grond van hun verkavelingsstructuur in drie ideaaltypische groepen worden ondergebracht: terpen met een radiale verkaveling, terpen met een blokvormige verkaveling en langgerekte terpen met een centrale weg (handelsterpen). Op de terpen werd gewoond, werd het vee gestald, vond akkerbouw plaats en werd drinkwater gewonnen. Het open veld gebruikte men als hooi- en weiland.

Over de ruimtelijke ontwikkeling van Cornwerd zijn voor wat betreft de periode tot circa 1800 slechts fragmentarische gegevens voorhanden. De oudste delen van de huidige kerk dateren uit de 12de eeuw. Op de plaats van deze stenen kerk heeft vermoedelijk nog een oudere houten kerk gestaan. De stenen kerk ondergaat omstreeks 1300 een eerste verbouwing. Ook in later eeuwen vinden verbouwingen plaats. De perifere ligging van Cornwerd binnen Friesland draagt er toe bij dat het dorp gespaard blijft voor de onrust en de plunderingen binnen Friesland in de 14de en 15de eeuw, samenhangend met de twisten tussen Schieringers en Vetkopers. Dezelfde afzijdige en geisoleerde ligging van het dorpsgebied kan als belangrijke oorzaak worden gezien voor de geringe groei van de dorpsbebouwing. De reeds in de Middeleeuwen gevormde ruimtelijke structuur ondergaat daardoor waarschijnlijk weinig veranderingen.

De terp van Cornwerd is, evenals vele andere terpen in dit gebied, gesitueerd op de hoogstgelegen gronden, de langwerpige oeverwallen, bestaande uit zandige grond die het meest geschikt is als bouwland. De ouderdom van de Cornwerder terp is, bij gebrek aan archeologische vondsten, niet bekend. Bekend is wel dat de meeste terpen in Westergo, waar Cornwerd deel van uitmaakt, dateren uit het begin van de jaartelling. De blokvormige verkaveling van Cornwerd geeft ook een aanwijzing in die richting. Cornwerd wordt reeds genoemd in een schenkingslijst aan het Duitse klooster Fulda uit de tweede helft van de 8ste eeuw, waarin sprake is van 'Quirnivurt 12 habens mansos'. Dit duidt er op dat in het dorpsgebied twaalf hoeven (mansos), waren gevestigd. Het dorpsgebied is opgebouwd uit Cornwerd en de terpgehuchten Houw, Hiddum en Sotterum. Het dicht bevolkte Westergo is reeds voor het einde van de 10de eeuw bedijkt. Vanaf de 11de eeuw verbreedt de Vlie zich tot een grote zee-arm, waardoor de westelijke en

Uit 16de-eeuwse registers blijkt dat van de 3 8 grondgebruikers in het gehele dorpsgebied er circa 12 een zogenaamde stemhebbende boerderij of 'plaats' bezitten. Onduidelijk is of deze boerderijen in relatie staan met de '12 mansos' uit de 8ste eeuw. De overige grondgebruikers, keuterboeren, maken gebruik van los land en hebben mogelijk ook inkomsten uit de zeevaart. Cornwerd zelf bestaat dan uit vier plaatsen plus de pastorieplaats, die eveneens van een flinke omvang is en die, zoals gebruikelijk, dient om in het onderhoud van de pastoor te voorzien. Het oudste, globale overzicht van de dorpsstructuur verschaft de kaart van Schotanus a Sterringa uit 1718 betreffende de grietenij Wonseradeel (fotobijlage, afb. 1). Het patroon van wegen en vaarten is zeer eenvoudig. Doorgaande verkeersverbindingen ontbreken. Via de Cornwerder Vaart en een opvaart naar de zuidzijde van de terp is het dorp verbonden met onder andere Makkum. Minder belangrijk in deze tijd zijn de landwegen; de Haaijumerlaan vormt een verbinding met noordelijk gelegen terpdorpen. Aan de westzijde heeft het dorp daarnaast een verbinding met de dijkweg langs de Zuiderzee. Opmerkelijk is dat de bebouwing,

Bijlage 1 bij Toelichting zoals op de kaart ingetekend, opgeteld voor het gehele dorpsgebied (Cornwerd, 't Houw, Hiddum en Sotterum), uit circa 38 panden bestaat, hetgeen overeen komt met het aantal in de 16de eeuw vermelde grondgebruikers. Ervan uitgaande dat het aantal ingetekende panden tamelijk betrouwbaar is, bestaat de bebouwing van Cornwerd uit twaalf panden, waaronder de kerk en vier boerderijen. Het kaartbeeld suggereert een open centrale terpruimte, waaromheen de bebouwing is gegroepeerd.

<g O g gj g T*7 *"

De oudste kaart waarop de situering van de bebouwing gedetailleerd is weergegeven is het kadastrale minuutplan van omstreeks 1830 (fotobijlage, afb. 2). Duidelijk is dat de bebouwing van de dorpsterp in aantal is terruggelopen en nog slechts bestaat uit de kerk, vier boerderijen en drie kleinere panden. De op de kaart ingetekende kavelgrenzen tonen de contouren van de terp, die in eerste aanleg opgebouwd lijkt te zijn uit een aantal forse blokvormige percelen. Dwars over de terp lopen de twee takken van het op de kerk georienteerde pad. De meeste bebouwing is aan dit pad gesitueerd en omvat onder meer een schooltje met onderwijzerswoning. Min of meer los van de overige bebouwing ligt de boerderij aan de noordzijde van de terp. In de loop van de 19de eeuw neemt het inwonertal fors toe. Enige kleine arbeiderswoningen verrijzen langs het pad dat vanuit het westen naar de kerk loopt. De kerk verkeert op het eind van de 19de eeuw in slechte staat. De toren wordt in 1898 geheel vernieuwd; het kerkgebouw zelf wordt in 1916 ommetseld. In het begin van de 20ste eeuw wordt een aanzienlijk deel van de terp afgegraven voor de terpaarde. De afvoer van de grond geschiedt per schip over de terpvaart. De bebouwde percelen blijven op de oorspronkelijke hoogte, waardoor plaatselijk grote niveauverschillen ontstaan.

De laatste decennia wordt Cornwerd, zoals zoveel kleine dorpen in dit gebied, ten gevolge van de sterk teruggelopen werkgelegenheid in de landbouw geconfronteerd met een teruglopend inwonertal. De school wordt dan ook opgeheven. Van uitbreiding van bebouwing is nauwelijks sprake. De bestaande bebouwing kan zich, mede door verandering van bestemming tot woonboerderij danwel tweede woning, echter handhaven. Huidig ruimtelijk karakter De structuur van het dorp Cornwerd wordt, in het verlengde van de

historische ontwikkeling, bepaald door de centraal op de terp gelegen kerk en door de dwars over de terp lopende dorpsweg, waaraan de meeste bebouwing is gesitueerd. De dorpsbebouwing bestaat, behalve uit de kerk, uit enkele markante boerderijen ten noordoosten van de kerk en enige kleinschalige woonbebouwing aan weerszijden van de dorpsweg westelijk van de kerk. De kerk met haar forse torenspits bepaalt in sterke mate het dorpssilhouet; daarnaast springen de forse daken van enkele boerderijen in het oog. Karakteristiek voor Cornwerd is de relatieve beslotenheid van de ruimte binnen het dorp, van waaruit doorzichten mogelijk zijn naar het zeer open weidelandschap en de nabijgelegen Usselmeerdijk. Het wisselende bebouwingsbeeld bepaalt te zamen met de erfbeplanting in belangrijke mate de invulling van de dorpsruimte. Het ruimtelijk beeld wordt gekenmerkt door een overwegend agrarisch karakter, mede doordat een groot deel van de terp in beslag wordt genomen door weidegrond. De terpafgravingen hebben geleid tot reliefsprongen langs sommige perceelsgrenzen en hellende terreindelen rondom de bebouwing. De afgravingen accentueren de hoger gelegen terpgedeeltes, met als hoogste punt het circa twee meter hoge kerkterrein.

met een tamelijk besloten karakter. De opbouw van dit gebied wordt bepaald door de vrij dicht opeenstaande bebouwing aan weerszijden van de w e g . De voortuinen grenzen aan de verharding, ervan gescheiden door een ligusterhaag of hekwerk. De bebouwing is hoofdzakelijk aan de noordzijde gesitueerd; de zuidzijde van de wegruimte wordt grotendeels begrensd door boombeplanting - welke overigens in belangrijke mate het beeld mede bepaalt - met doorzichten naar het open buitengebied. De bebouwing bestaat uit losstaande of dubbele, in baksteen opgetrokken woningen, die in een vloeiende rooilijn zijn geplaatst. De woningen bestaan uit een bouwlaag met een pannenkap, waarvan de nokrichting grotendeels evenwijdig aan de weg en ten dele haaks erop is geplaatst. De detaillering van de woningen is zeer eenvoudig, vrijwel zonder versieringen, waarbij de gevelopeningen overwegend een verticale gerichtheid hebben.

De te beschermen waarden binnen het dorp Cornwerd zijn primair gelegen in de dorpsstructuur, bestaande uit een langgerekte en min of meer blokvormige terpopbouw, en de dorpsweg, waaraan de overwegend landelijke bebouwing is gelegen. De dorpsweg bepaalt in belangrijke mate de samenhang binnen de ruimtelijke structuur. Typerend voor het karakter van Cornwerd als terpgehucht is het smalle, zeer eenvoudige breedteprofiel van de w e g , bestaande uit een klinkerbestrating, waarlangs molgoten ontbreken.

Het oostelijk deel van het dorp toont een ruimtelijke opbouw die wordt gekenmerkt door een veel lossere ordening. M e d e door het bochtige beloop van de w e g ontstaat een steeds wisselend perspectief. Het beeld wordt hier bepaald door een afwisseling van enkele markante stelp-boerderijen met erfbeplanting, de forse kerk en een door weilanden gevormde, sterk het beeld bepalende, open ruimte. Boerderijen en erfbeplanting vormen aan de oostzijde een transparante visuele begrenzing van deze dorpsruimte en markeren de entree tot het dorp. De moderne, grote boerderij aan de noordzijde van de terp, die ruimtelijk niet direct aansluit op de overige dorpsbebouwing, is van belang als begrenzing ten opzichte van het open buitengebied, maar past overigens minder goed binnen het bebouwingsbeeld. Het agrarische karakter van de door de boerderijen begrensde dorpsruimte wordt door de visuele verbindingen met het open buitengebied versterkt. Aan de zuidzijde ontstaat een ruimtelijke begrenzing door de dorpskerk.

Van belang voor het dorpsgezicht Cornwerd is vooral de ruimtelijke opbouw en de kwaliteit van de open ruimte. De eenvoudige inrichting van de openbare en anderszins open ruimte binnen het dorp ondersteunt de ruimtelijke en functionele karakteristiek. Zoals reeds in de beschrijving van de ontwikkeling van de dorpsstructuur naar voren is gekomen, kan de ruimtelijke opbouw worden onderscheiden in enkele samenstellende elementen. Het aan het westelijke deel van de dorpsweg gelegen buurtje vormt een ruimtelijke eenheid

De kerksituatie vormt een bindend element tussen beide onderdelen van de ruimtelijke opbouw. De kerk ligt vrijwel evenwijdig aan de dorpsweg, ervan gescheiden door een smal kerkhof dat de kerk omringt. Een ijzeren hekwerk omsluit het kerkterrein en vormt een belangrijk element in de geleding van de ruimte. Op de plaats van de voormalige pastorie, aan de westzijde nabij de hoofdingang van de kerk, grenst een tamelijk fors pand aan het kerkterrein. Ter plekke is een onderbreking van de bebouwing benut o m , door middel van bestrating,

IMadere typering van de te beschermen waarden

3

7

Bijlage 1 bij Toelichting een pleinachtige (dorps)ruimte te creeren. De weinig nadrukkelijke inrichting verhindert dat deze ruimte als centraal punt, hoe gering ook, in het dorp wordt ervaren. Daardoor doet deze open ruimte geen afbreuk aan de herkenbaarheid van de structuur, waarin de dorpsweg een bindend element is. De ten zuiden van de kerk gelegen nieuwbouwwoning met observatietoren valt feitelijk buiten deze sterk door de Dorpsweg bepaalde dorpsstructuur. De ruimtelijke openheid is hier plaatselijk sterk verminderd ten gevolge van aanzienlijke erfbeplanting, die aansluit op de boombeplanting die het kerkhof afschermt van het oostelijk gelegen open agrarische landschap. Begrenzing van het aangewezen gebied Het gebied waarop de aanwijzing als beschermd dorpsgezicht betrekking heeft, omvat vrijwel de gehele terpnederzetting Cornwerd, waarvan het historische karakter in structuur en, in mindere mate, in bebouwing grotendeels behouden en herkenbaar is. Een grote moderne boerenhoeve aan de noordzijde van de terp is vanwege de min of meer afzonderlijke ligging, niet binnen het beschermde gezicht opgenomen. Vanwege de aanwezige visuele relaties is ook het omringende open landschap van belang voor de karakteristiek van het beschermde gezicht. Om praktische redenen is dit gebied desondanks buiten de begrenzing van het beschermde dorpsgezicht gelaten.

De exacte begrenzing is weergegeven op bijgevoegde kaart, nummer 324.

Geraadpleegde literatuur: Boersma, J. W. (samenstelling). Terpen; mens en milieu. Haren, 1970. Halbertsma, H. Terpen tussen Vlie en Eems. Een geografisch-historische benadering. 2 din. Groningen, 1963. Postma, O. De Friesche kleihoeve; bijdrage tot de geschiedenis van den cultuurgrond vooral in Friesland en Groningen. Leeuwarden, 1934. Rienks, K.A. en Walther, G.L Binnendiken en Slieperdiken yn Fryslan. 2 din. Leeuwarden, 1984 (facsimile-herdruk van 1954). Spahr van der Hoek, J.J. Geakunde Wunseradiel. Boalsert, 1969.

(eindred.).

Colofon: Uitgave van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg, Zeist.

Rechtsgevolg aanwijzing Ter effectuering van de bescherming van het aangewezen dorpsgezicht moet ingevolge artikel 3 7 , lid 8 van de W e t op de Ruimtelijke Ordening een bestemmingsplan worden ontwikkeld. De toelichting op de aanwijzing als beschermd dorpsgezicht kan daarbij wat het beschermingsbelang betreft als uitgangspunt dienen. Doel van de aanwijzing is, de karakteristieke met de historische ontwikkeling samenhangende structuur en ruimtelijke kwaliteit van het gebied te onderkennen als zwaarwegend belang bij de verdere ontwikkelingen binnen het gebied. De aanwijzing beoogt op die wijze een basis te geven voor een ruimtelijke ontwikkeling, die inspeelt op de aanwezige kwaliteiten, daarvan gebruik maakt en daarop voortbouwt.

Historisch-geografisch en stedebouwkundig onderzoek: Drs. A.L. Vernooij, Amsterdam. Foto's: Dienst van het Kadaster en de Openbare Registers, Apeldoorn (afb. 2); Rijksdienst voor de Monumentenzorg, Zeist (afb. 1,3, 4); Topografische Dienst, Emmen (omslag). Kaart: Studio Ineke van der Burg, Bilthoven. Verkoopprijs f 10,-. Deze publikatie is schriftelijk of telefonisch te bestellen bij het Distributiecentrum DOP Postbus 2 0 0 1 4 2 5 0 0 EA 's-Gravenhage. Telefoon: 0 7 0 - 7 8 98 80. Onder vermelding van bestelnummer of ISBN 90 346 1 4 6 0 3 . Druk: Staatsdrukkerij, 's-Gravenhage.

4

8

Bijlage 1 bij Toelichting

Fotobijlage

A f b . 1. B. Schotanus a Sterringa, Uitbeelding der Heerlijkheit Friesland, 1970 (facsimile herdruk van 1718), grietenij Wonseradeel.

9

Bijlage 1 bij Toelichting

Afb. 2. Kadastraal Minuutplan gemeente Wonseradeel, circa 1830, fragment.

6

10

Bijlage 1 bij Toelichting

Afb. 3. Topographische en Militaire Kaart van het Koningrijk der Nederlanden, 1973 (facsimile herdruk van 1 854), blad 10, fragment.

7

11

Bijlage 1 bij Toelichting

I M t O V I M IK

I'KIKSLAM)

A

<;K , \ i n i : N r 1;

WONS I : i ; vi>KI . L.

F ftfi A Njkf i X F /< A(B E

ItHtrti

*T

K\L

Allium,''

ft

v^/

-^*\cU.;,c.ij*.vf

K'.ngwier

i,

/

J,

f.

fff

»,

il

Xx

v-yiv

Kfca

i f .

.

r 7

Makkui

•

f

f

SSlVrr^,,.,/'"

X

»

.

"

„

A'Hie.l...

V

- • • " • " - ^ -?!7

; •'...it*,*,,™ 7

S d i a . i l run I

\

/jf"

V

N

' . > /^-^ ^

/™

Strmmt r, Kimwhmg

100,000 ^

.1/,./^,, — — 1867.

7' /.J.iSfi Ihrnritri

I'ltAaw ran llmm Sarintiar M ."iiiw.-inicn ft I tit) tnn>irneri

Afb. 4. J . Kuyper, Gemeente-atlas van Nederland, 1867, provincie Friesland, gemeente Wonseradeel.

8

12

Bijlage 1 bij Toelichting

13 Powered by TCPDF (www.tcpdf.org)

Bijlage 1 bij Toelichting

Kenmerk

Rijswijk

192455

's-Gravenhage

2 7 SEP. 1991

De Minister van Weizijn, Volksgezondheid en Cultuur

EN DE MINISTER VAN VOLKSHUISVESTING, RUIMTELIJKE ORDENING EN MILIEUBEHEER OVERWEGENDE dat h e t dorp Cornwerd i n h e t w e s t e l i j k k u s t g e b i e d van de p r o v i n c i e F r i e s l a n d i s o n t s t a a n a l s een a g r a r i s c h e t e r p n e d e r z e t t i n g , waarop i n l a t e r eeuwen n a a s t de k e r k e n i g e b e p e r k t e woonbebouwing t o t s t a n d i s gekomen, dat de h i s t o r i s c h e o n t w i k k e l i n g herkenbaar i s g e b l e v e n i n de r u i m t e l i j k e k a r a k t e r i s t i e k , bepaald door de b i n n e n h e t dorp g e l e g e n open r u i m t e n , begrensd door bebouwing en b e p l a n t i n g , dat d a a r n a a s t s t e r k e v i s u e l e r e l a t i e s b e s t a a n met h e t open omringende l a n d s c h a p , d i e h e t f u n c t i o n e l e en r u i m t e l i j k e t u s s e n h e t d o r p en z i j n omgeving benadrukken, dat h e t g e b i e d m i t s d i e n een b e e l d o p l e v e r t d a t van algemeen b e l a n g i s vanwege z i j n s c h o o n h e i d en z i j n r u i m t e l i j k e s t r u c t u r e l e samenhang; V o o r t s overwegende d a t h e t geldende bestemmingsplan "Cornwerd", v a s t g e s t e l d op 5 maart 1984 en goedgekeurd op 30 j a n u a r i 1985, i n b e l a n g r i j k e doch onvoldoende mate r e c h t doet aan de omschreven h i s t o r i s c h e k a r a k t e r i s t i e k

; G e l e t op a r t i k e l

14

35 en a r t i k e l

36 van de Monumentenwet 1988;

Bijlage 1 bij Toelichting

192455

2

Gehoord de raad van de gemeente W u n s e r a d i e l , Gedeputeerde S t a t e n van F r i e s l a n d , de Raad v o o r het C u l t u u r b e h e e r en de R i j k s p l a n o l o g i s c h e Commissie; BESLUITEN Het g e b i e d i n de gemeente W u n s e r a d i e l z o a l s i s aangegeven op de b i j d i t b e s l u i t behorende t e k e n i n g n r . 324 en z o a l s i s omschreven i n de t o e l i c h t i n g b i j d i t b e s l u i t , aan te w i j z e n a l s beschermd d o r p s g e z i c h t i n de z i n van a r t i k e l 1, onder g, van de Monumentenwet 1988; de t e r m i j n v o o r het v a s t s t e l l e n van een t e r bescherming s t r e k k e n d bestemmingsplan a l s bedoeld i n a r t i k e l 36, e e r s t e l i d , van de wet v a s t t e s t e l l e n op d r i e j a a r , t e rekenen vanaf de datum van d i t b e s l u i t . Van d i t b e s l u i t , waarvan mededeling z a l worden gedaan i n de S t a a t s c o u r a n t , z a l a f s c h r i f t worden gezonden aan de Raad voor het C u l t u u r b e h e e r , de raad van de gemeente W u n s e r a d i e l , Gedeputeerde S t a t e n van F r i e s l a n d en de R i j k s p l a n o l o g i s c h e Commissie.

De M i n i s t e r ^ v a n W e i z i j n , V o l k s g e z o n d h e i d en

Drs. H.

d'Ancona

De M i n i Milieub

J.G.M. A l d e r s

15

Cultuur,

h u i s v e s t i n g , R u i m t e l i j k e Ordening en

Bijlage 1 bij Toelichting

16 Powered by TCPDF (www.tcpdf.org)

REGISTER VAN BESCHERMDE STADS- EN DORPSGEZICHTEN

(arl. 21 Monumentenwet) TOELICHTING; bij de beschikking tot aanwijzing van een beschermd d.orps

gezicht in

Gemeente: Itlonserad.eel.

Piaam

Het beschermd.e dorpsgezicht omvat het op d.e bij b evoegde kaart (nijtsdienst voor cLe Monumentenzorg, tekening nr. 213 ) door een stippellijn omgrensd.e gebied..

Piaam is een terpd.orp, gelegen in d.e gemeente Wonseradeel, circa 1,5 km. ten zuid"en van Makkun. Het tigt direet aan de TJsselmeerkant en is bereikbaar via een weg langs het binnentalud van de zeedijk. Gelegen op een zavelige kwel-d,erswal langs de kust is Piaam een karakteristiek voorbeefd" van het kl-eine terpd"orp met rond. d.e kerk een aantal boerderijen. I¡laar thans nog vier boerd.erijen zíjn, teld-e het d"orp voorheen negen stemhebbend.e plaatsen. Oorspronkel-ijk za] d.e kusttijn meer westelijt< hebben gelegen. Buitend.ijks bevinden zich begroeid.e

zandplaten, binnend.ijks door afgraving laag gelegen gras- en rietlaniLeir langs d.e Dijkvaart. De ruimtelijke structuur word"t sterk bepaald d.oor enerzijd"s de d-ominer:end.e zeed.ijk, d.ie atle uitzicht van het d.orp op de zee l^¡egneemt en and-erzijd"s het open cultuurland.schap met naast de afzonderlijke boerderijen het nabij gelegen d,orp Idsegahuizum en een tweetal eend.ekooien. Hoewel thans geen volled.ige terpr,reg aanwezig is, moet het, gelet op de negen stemhebbend.e plaatsen en d.e nog herkenbare aanzetten in de verkaveling, niet uitgesloten word.en geacht d.at d.eze er wel is geweest. De terp is aan d"e zuid.zijde op een tweetal plaatsen afgegraven, hetgeen het beeld. van het d.orp bezien vanaf d.e Dijkweg in positieve zin beinvfoedt, omd.at het zich nu scherper manifesterende hoogteverschil tussen terp en omliggende land. het

terpkarakter versterkt .

Binnen het dorp bevind.en zich een d.rietal beschermd.e monumenten: d.e Hervorrnde kerk, d.e recent gerestaureerd-e ttNijnke Pl-eatsrr en de boerderij ten zuiden van de kerk. De laat 'l 3d.e-eeuvse kerk staat binnen d.e in een kring gelegen 'tkop-hals-romptt boerd,erijen. Hierin vertoont het d.orp een radiale opbouw. fn het dorp is nog een tweed.e kerk aanwezig en wel het in lBBp gebouwde Doleantiekerkje voor de GereformeeriLe Kerk van Piaam en Id.segahuizum. Daarnaast bevind.en zich in het d"orp nog een gering aantal eenvoud"ige arbeid.ershuisjes, in 'eén bouwl-aag met kap opgetrokken. Behalve de bijzond-er fraaie situering van het dorp in het landschap zijn de boomwallen rond d.e boerd.erijen, de boomgaarden op d.e erven, alsook d.e vele in d.e erfscheid-ingen geplaatste heggen var. groot belang voor het dorpsbeeld.

-2Behoort bij de beschikking van de Ministers van

Cultuur, Recreatie en Maatschappelijtr

tr'Ierk en van Volkshuisvesting en Ruimte-

lijke ordening. Afdeling: MMA/Mo

7 3549 4*- 6

Nr.:1 93. 1 05I

Overeenko de secretari

an

J

Je

keli¡ke,

he

ume

)

nraad,

REGISTER VAN BESCHERMDE STADS- EN DORPSGEZICHTEN

(arl. 21 Monumentenwet) TOELICHTING; bij de beschikking tot aanwijzing van een beschermd dorps Piaam

gezicht in

Gemeente: Wons erad.eel- .

-2-

Het slingerend-e beloop van d-e l-ood.recht op d.e Dijkweg aangesloten d.orpsweg geeft het d.orp afwisselend een besloten en open karakter. Vergelijking met de oud.ste kad-astral-e minuutkaart geeft aan d.at d.e bebouving sfechts zeer weinig is uitgebreid.. Algemeen kan gesteld. worden, dat met uitzondering van d-e lood"s aan d"e westzijd.e van het d-orp, d.e schaal een bevred.igend.e situatie oplevert, a1 is het dat veel gevels correcties behoeven. Vrijvel a1le pand-en zijn opgetrokken met gevels van wisselend. d.onkere of gele baksteen en hebben cLaken, d.ie bed-ekt zijn met rocte of zwarte gebakken Friese pannen. Voor een adequate bescherming van het d"orpsgezicht zijn, gelet op de sterke relatie van het d.orp met het omringende land.schap, de d.irect rond d.e d.orpskern gelegen kavel-s binnen d.e omgrenzing van het beschermd.e dorpsgezicht begrepen. Hoewel aan iLe westzijd-e de dijk als structureel element van belang is, is om proceilurele recLenen d.e omgrenzing gelegd. langs de gemeentegrens, te weten d.e westelijke oever van de Dijkvaart. De aanwijzing tot beschermd dorpsgezicht houd.t geenszins een algehele bevriezing in; zij heeft tot d.oel- d.oor mid.del- van een stedebouwkund.ige regeling die maatregelen te treffen r"¡elke nood.zakefijk zijn om het karakter van dit d.orp, ook voor al-e toekomst, te bewaren.

n Behoort bij de beschikking van de Ministers van

Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk

I¡Ierk en van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening.

Afdeling: ¡¿ltlR/l4o 7 3549 44- 6

Nr,:1 93 . j O5f

Overeenkomsti de secretaris

ronkeli.¡ke, n

umentenraad,

cT~/

Bijlage 1 bij Toelichting Afdeling en nummer

RIJSWIJK (ZH)

MMA/Mo 193.105 I

DE M I N I S T E R V A N C U L T U U R , R E C R E A T I E E N MAATSCHAPPELIJK W E R K EN DE MINISTER VAN VOLKSHUISVESTING EN RUIMTELIJKE ORDENING Overwegende, dat Piaam een k a r a k t e r i s t i e k voorbeeld i s van een k l e i n terpdorp; dat het dorp een gave r u i m t e l i j k e s t r a n t u u r b e z i t , met afwisselend een open en een besloten k a r a k t e r ; dat het dorp, waarbinnen z i c h een d r i e t a l beschermde momumenten bevindt, een sterke r e l a t i e heeft met een nog n i e t verstoord buitengebied en het m i l i e u van de IJsselmeerkust; dat mitsdien Piaam, gemeente wouseradeel, een beeld oplevert dat van algemeen belang i s vanwege het karakter en de schoonheid ervan; Gelet op a r t i k e l 20 van de Monumentenwet; Gehoord de Monumentenraad, de raad van de gemeenteWonseradeel,Gedeputeerde Staten van Friesland en de R i j k s p l a n o l o g i s c h e Commissie; B E S L U I T E N : Het gebied i n de gemeente Wonseradeel z o a l s i s aangegeven op de b i j deze beschikking behorende tekening n r . 213 en z o a l s omschreven i n de t o e l i c h t i n g b i j deze beschikking, aan t e w i j z e n a l s dorpsgezicht i n de z i n van a r t i k e l 20 van de Monumentenwet.

252- 17 816159*

Bijlage 1 bij Toelichting

- 2 -

Van deze beschikking, waarvan mededeling z a l worden gedaan i n de Nederlandse Staatscourant, z a l a f s c h r i f t worden gezonden aan de Monumentenraad, de raad van da gemeente Wonseradeel.Gedeputeerde Staten van F r i e s l a n d en de R i j k s planologische Commissie.

De M i n i s t e r van Cultuur, Recraatie en Maatschappelijk Werk,

'T O O CO

T as

(Mr. H.W.

van Doom).

CD

De M i n i s t e r van Volkshuisvesting en R u i m t e l i j k e Ordening,

18

Bijlage 1 bij Toelichting

Cz

PIIMGJUM gemeente Wunseradiel

B E S C H E R M D E S T A D S - EN DORPSGEZICHTEN

19

Bijlage 1 bij Toelichting

20

Bijlage 1 bij Toelichting

BESCHERMDE STADS- EN

DORPSGEZICHTEN

INGEVOLGE ARTIKEL 35 VAN DE MONUMENTENWET

PINGJUM, gemeente Wunseradie!

J£

o w

Aanvulling op de toelichting bij het besluit tot aanwijzing van Pingjum als beschermd dorpsgezicht.

V c

2

Hesuttaat gevoerd overt eg

hi

" IJI j f

Overeenkomstig het bepaalde in artikel 35 (voorheen 20) van de Monumentenwet zijn de gemeenteraad van WOnseradiel.Gedeputeerde Staten van Friesland, de Rijksplanologische Commissie en de Raad voor het Cultuurbeheer gehoord over het voorstel Pingjum aan te wijzen als beschermd dorpsgezicht. De genoemde instanties hebben alle positief geadviseerd met betrekking tot de voorgenomen aanwijzing. Door de gemeenteraad en Gedeputeerde Staten werd daarbij gevraagd het woningcomplex ten oosten van de Molenlaan buiten de aanwijzing te laten vallen in verband met de slechte bouwtechnische staat ervan. Gelet op de overweging dat deze bebouwing in het voorstel vooral was opgenomen met het oog op de kenmerkende schaal en situering van deze 19de-eeuwse woningen, welke structuurkenmerken ook bij vervangende bebouwing zijn te handhaven, is conform het advies van de Rijksplanologische Commissie in de begrenzing van het aangewezen dorpsgezicht geen wijziging gebracht ten opzichte van het oorspronkelijke voorstel.

ERRATUM In verband met de inwerkingtreding van de Monumentenwet 1988 per 1 januari 1989 dient in de plaats van "artikel 20 van de Monumentenwet" gelezen te worden: "artikel 35 van de Monumentenwet 1988". De verwijzing "artikel 37, lid 8 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening" dient vervangen te worden door "artikel 36, eerste lid, van de Monumentenwet 1988".

21

1988

Bijlage 1 bij Toelichting

22

Bijlage 1 bij Toelichting

B E S C H E R M D E S T A D S - EN DORPSGEZICHTEN INGEVOLGE ARTIKEL 2 0 V A N DE M O N U M E N T E N W E T

PINGJUM gemeente Wunseradiel Toelichting bij het besluit tot aanwijzing van Pingjum als beschermd dorpsgezicht.

Het beschermde dorpsgezicht omvat het op bijgevoegde kaart (Rijksdienst voor de Monumentenzorg, tekeningnummer 309) door een stippellijn omgrensde gebied. Publikatie van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg. November 1988.

23

Bijlage 1 bij Toelichting Inleiding Het dorp Pingjum ligt in de Friese gemeente Wunseradiel, op een afstand van ruim twee kilometer ten westen van Witmarsum, de hoofdplaats van de gemeente, en circa zeven kilometer ten zuiden van Harlingen. Het dorp is ontstaan als een agrarische nederzetting op de zuidelijke oeverwal van de Marneslenk, waar vanaf de 5de eeuw na Christus permanente bewoning plaatsvindt. Onder invloed van regelmatige overstroming van de omgeving ontwikkelt het zich tot een terpdorp. Met de verbetering van de bewoningsomstandigheden door ondermeer de aanleg van zeewerende dijken gedurende de late Middeleeuwen, vinden ook andere dan de oorspronkelijke agrarische functies een plaats op de terp. Mede door de centrale ligging en de ontsluiting via de Pingjumer Vaart krijgt het dorp een relatief dichte bebouwingsstructuur. Bepalend voor de ruimtelijke structuur van Pingjum zijn vooral het stratenpatroon, gevormd door de Grote Buren en de Kleine Buren, en de kerksituatie, gelegen op het snijpunt van dit stratenpatroon op het hoogste punt van de dorpsterp. De dorpsstructuur kent een scherpe begrenzing aan de oost- en westzijde door twee wegen haaks op de hoofdas van de Grote Buren. Aan de zuid- en de oostkant wordt de dorpskom begrensd door de Pingjumer Vaart.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10842308/1