CConstaterende datSúdwest-Fryslân
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage I - Jaarstukken 2021 gemeente Súdwest-Fryslân

Raadsvergadering 7 juli 2022, gemeente Súdwest-FryslânBij agendapunt: Jierstikken 202137.701 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

De bezwaarperiode is verstreken zonder dat er bezwaar is ingediend tegen de aanslag. Dit was het laatste jaar dat precariobelasting voor kabels en leidingen opgelegd mocht worden. Precariobelasting terrassen In verband met corona mochten de horecaondernemers in de periode van 1 januari tot eind april geen gebruik maken van hun terras. Op grond van de verordening kon de heffingsambtenaar pas met ingang van 1 mei precariobelasting voor terrassen heffen. Er is in de eerste maanden namelijk niet voldaan aan de belastingplicht omdat er geen terrassen waren. De misgelopen belasting bedraagt € 34.000. We hebben hiervoor een compensatie voor ontvangen van het Rijk. Het begrote bedrag is hierop aangepast. Over de tijdelijke uitbreidingen van terrassen is geen precariobelasting geheven.

Overzicht belastingen en rechten Belastingen a. b. c. d. e. f.

Onroerende-zaakbelasting (OZB) Forensenbelasting Parkeerbelasting Precariobelasting Toeristenbelasting Roerende Ruimtebelasting Totaal

Begroting 2021 € 20.638.077 754.431 1.297.3651 6.662.8391 2.122.215 4.228 31.479.155

Rekening 2021 € 20.742.357 765.070 1.131.921 6.726.255 2.833.208 3.367 32.202.178

1 na begrotingswijziging

OZB In verband met een toename van het aantal objecten betrokken in de heffing en omdat de WOZwaardes aangepast zijn tussen de berekening van de tarieven en de afronding van de herwaardering is er een meeropbrengst van € 104.280.

Pagina 31 van 140

O22.001020

Parkeerbelasting Na de invoering van de nieuwe parkeervisie hebben we nog niet een volledig normaal coronavrij jaar gehad op basis waarvan we kunnen zeggen waar dit tekort nu aan te wijten is. De evaluatie moet nog plaatsvinden. Dit staat gepland voor het eerste kwartaal van 2022. Er heeft ook minder handhaving plaats gevonden als gevolg van de verschoven prioritering bij handhaving door corona. Landelijk beeld is ook lagere parkeerinkomsten van rond de 40%. Ook in onze begroting zijn in 2021 de begrote parkeeropbrengsten met bijna 40% verlaagd als gevolg van corona. Dit vertegenwoordigt een bedrag van € 700.000. Na deze verlaging is er € 176.444 minder binnengekomen dan begroot. Toeristenbelasting De toeristenbelasting voor belastingjaar 2021 wordt voor het grootste deel geheven in 2022. We moeten immers het jaar afwachten voordat aangifte kan worden gedaan door de ondernemers. Om die reden is er een stelpost opgevoerd. Er is in 2021 een meeropbrengst van € 710.993, dit betreft het resultaat over belastingjaar 2020. De toeristenbelasting voor belastingjaar 2020 werd voor het grootste deel geheven in 2021. Er waren in 2020 aanzienlijk meer overnachtingen dan begroot. Als gevolg van de coronamaatregelen werd een ieder tijdens de lockdown van 2020 verzocht om thuis te blijven. De verwachting was dat toeristisch verblijf in onze gemeente slechts beperkt mogelijk was.

Rekening houdend met de hierdoor misgelopen toeristenbelasting is de begrote opbrengst van 2020 met € 517.000 naar beneden bijgesteld. Achteraf is gebleken dat de lockdown geen of weinig effect heeft gehad op het aantal toeristische overnachtingen in 2020. Het aantal is maar iets lager dan het aantal overnachtingen in 2019.

Rechten a. b. c. d. e. f. g. h. i.

Afvalstoffenheffing Reinigingsrechten Rioolheffingen Bouwleges Diverse overige leges Grafrechten Liggeld Marktgeld Passagegelden (sluisgelden) Totaal

Begroting 2021 € 10.437.659 345.000 8.368.024 2.562.107 1.400.994 625.000 786.2651 53.469 85.673 24.664.191

Rekening 2021 € 10.551.450 408.362 8.470.813 3.015.831 1.550.316 713.612 964.522 46.628 91.903 25.813.437

1 na begrotingswijziging

Afvalstoffenheffing In verband met een toename van het aantal objecten betrokken in de heffing is er een meeropbrengst van € 113.791. Reinigingsrechten Door een toename van het aantal bedrijven dat betrokken is in de heffing is er een meeropbrengst van € 63.632. Rioolheffingen In verband met een toename van het aantal objecten betrokken in de heffing is er een meeropbrengst van € 102.789. Bouwleges Over 2021 hebben we totaal een kleine miljoen extra aan leges binnengekregen voor Omgevingsvergunningen. Hiervan is € 600.000 ingezet voor extra inhuur van personeel. Deze meeropbrengst komt door een toename van het aantal aanvragen. Diverse overige leges Er is sprake van een hogere opbrengst op leges vanuit kabels en leidingen. Leges die geheven worden op kabels- en leidingen bestaan uit een vast bedrag aangevuld met een variabel bedrag. Het variabele bedrag heeft betrekking op de lengte van het tracé waar een vergunning of een instemming voor wordt

Pagina 32 van 140

O22.001020

afgeven. In 2021 zijn een vergunningen/instemmingen afgegeven waarbij het om aanzienlijke lengtes ging voor de aanleg glasvezel ten behoeve windparken. Hierdoor zijn er meer leges binnen gekomen dan vooraf was begroot. Grafrechten Er zijn meer begravingen geweest dan rekening mee gehouden in de begroting. Daarom is er sprake van een meeropbrengst van € 88.612. Liggeld De verwachting was dat er in verband met corona minder inkomsten liggeld zouden zijn, daarom zijn de begrote inkomsten met € 100.000 verlaagd. Achteraf is gebleken dat corona geen effect heeft gehad op de inkomsten. Er is een meeropbrengst van € 178.257. Lokale lastendruk Woonlasten ten opzichte van landelijk gemiddelde In de tabel zetten we de jaren 2020 en 2021 naast elkaar. Woonlasten t.o.v. landelijk gemiddelde van het jaar ervoor a. b. c. d. e. f.

OZB lasten voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde Rioolheffingen voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde Afvalstoffenheffing voor een gezin Eventuele heffingskorting Totale woonlasten voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde (a+b+c+d) Woonlasten voor landelijk gemiddelde Percentage woonlasten ten opzichte van landelijk gemiddelde van het jaar ervoor: (e/f) x 100%

2020 € 281 182 241 704

2021 € 287 187 272 746

705 99%

811 92%

Conclusie: de woonlasten in Súdwest-Fryslân liggen circa 8% onder het landelijke gemiddelde.

Uitvoering Wet WOZ Jaarlijks waarderen we alle onroerende zaken in de gemeente. De Waarderingskamer (onafhankelijk toezichthouder op de Wet WOZ) heeft toestemming verleend om de WOZ-beschikkingen te versturen. De Waarderingskamer is van mening dat wij WOZ-taxaties leveren van goede kwaliteit en daarnaast op alle onderdelen van het WOZ-werkproces voldoen aan de gestelde kwaliteitseisen. Bezwaarfase Net als voorgaande jaren hebben we ons op gericht op toegankelijk informeel contact met belastingplichten in plaats van een formele bezwaarfase. Daarbij hebben we de nadruk gelegd op communicatie via de e-mail in plaats van telefonisch. Dit heeft geresulteerd in een toename van het aantal informele bezwaren en een vermindering in doorlooptijd per informeel bezwaar. Ondanks de toename van het aantal informele bezwaren zijn ook het aantal formele bezwaren bij woningen (vooral via no-cure-no-pay bezwaarbureaus) toegenomen. Deze bureaus besteden ieder jaar meer aandacht aan adverteren wat lijdt tot een toename in het aantal formele bezwaren. No-cure-nopay bezwaarbureaus adverteren met gratis bezwaar maken. Het verdienmodel van deze bezwaarbureaus zit in de kostenvergoeding die de gemeente bij elk gegrond bezwaar uit moet keren. In 2021 is er in totaal € 73.390 aan kostenvergoeding uitgekeerd aan no-cure-no-pay bezwaarbureaus. Dit is 3,5% meer dan in 2020.

Deze toename is een landelijke trend.

Pagina 33 van 140

O22.001020

Bij de niet-woningen is het aantal formele bezwaren afgenomen en het aantal informele bezwaren toegenomen.

Gemeente Landelijk Súdwest-Fryslân Heerenveen Smallingerland Leeuwarden

Bezwaren woningen 2020 2021 2,4% 2,6% 1,5% 1,8% 1,2% 1,8% 1,7% 1,9% 1,5% 1,1%

Bezwaren niet-woningen 2020 2021 3,8% 4,4% 3,4% 2,4% 1,8% 2,3% 5,6% 8,3% 2,5% 3,3%

Nieuwe rekenmethode WOZ Een belangrijke ontwikkeling dit jaar was dat voor 2022 de WOZ-waarden voor woningen bepaald moeten worden op basis van het gebruiksoppervlakte. Het project van kubieke meters (m³) naar vierkante meters (m²) is afgerond. Alle woningen hebben een gebruiksoppervlakte toegekend gekregen en alle woningen zijn getaxeerd op basis van het gebruiksoppervlakte.

Kwijtscheldingsbeleid Het kwijtscheldingsbeleid is vastgelegd in landelijke regelgeving. De gemeente kan op meerdere onderdelen vrij besluiten:  wel/niet kwijtschelding voor een bepaalde belastingsoort verlenen  het te hanteren percentage van de bijstandsnorm  de verruimde norm voor pensioengerechtigden hanteren  wel/niet rekening houden met de netto kosten van de kinderopvang  wel/niet zelfstandigen kwijtschelding laten aanvragen Súdwest-Fryslân hanteert de zogenoemde 100% norm (de meest gunstige norm voor aanvragers) en de verruimde norm voor pensioengerechtigden. Ook houden we rekening met kinderopvang. Verder kunnen zelfstandige ondernemers kwijtschelding aanvragen voor het privégedeelte van de aanslag. In de kwijtschelding betrekken we de afvalstoffenheffing, rioolheffingen en (on)roerende-zaakbelastingen. Op dit moment zijn alle tot nu toe binnengekomen aanvragen afgehandeld. Voor de zelfstandigen moeten we nog een aantal behandelen (het wachten is op de jaarcijfers van deze zelfstandigen). In boekjaar 2021 is er in totaal voor een bedrag van bijna € 651.000 kwijtgescholden. Dit is meer dan in 2020. Dit komt door de invloed van het coronavirus (meer aanvragen om kwijtschelding) en de verhoging van het tarief van de afvalstoffenheffing (hoger bedrag kwijtschelding per aanvraag). Kwijtscheldingen

Automatische kwijtschelding Volledige kwijtschelding Gedeeltelijke kwijtschelding Geen kwijtschelding Totaal

aantal 2020

2021

percentage 2020 2021 % %

1.450 675 47 346 2.518

1.323 859 40 456 2.678

58 27 2 14 100

49 32 2 17 100

bedrag 2020 € 409.000 174.000 11.000 594.000

2021 € 401.000 242.000 8.000 651.000

NB Burgers met een eigen woning krijgen nooit automatische kwijtschelding. De gemeente kent een proactief kwijtscheldingsbeleid en benadert zo veel mogelijk belastingplichtigen die eventueel recht hebben op kwijtschelding. Het Inlichtingenbureau toetst burgers die in jaar x kwijtschelding hebben gekregen op: inkomen, saldi van bankrekeningen en kentekens van voertuigen. Uit de terugkoppeling kunnen we de burgers bij geen belemmering voor de drie criteria voor jaar x+1 automatische kwijtschelding verlenen. De uitvallers op één of meer criteria krijgen hiervan bericht met een setje aanvraagformulieren. Door het verlenen van automatische kwijtschelding wordt de administratieve lastendruk van de inwoners verlaagd.

Pagina 34 van 140

O22.001020

2.3.2

Paragraaf 2: Weerstandsvermogen/risicobeheersing

Algemeen We gaan hier in op de beheersing van risico’s. Als onderdeel hiervan berekenen we het weerstandsvermogen. Ook nemen we enkele kengetallen op. Voor het afdekken van risico’s kijken we vooral naar de mogelijkheden die de reserves en voorzieningen bieden:  Reserves In beginsel dienen de algemene reserve en bestemmingsreserves ter dekking van niet of lastig in te schatten risico’s. Bestemmingsreserves zijn door de raad gecreëerd ter dekking van specifiek benoemde doeleinden. Soms zijn hier al verplichtingen aangegaan. In sommige gevallen kan een bestemmingsreserve, na een raadsbesluit, toch een ander karakter krijgen, zodat het afdekken van risico’s mogelijk wordt. De algemene reserve is vrij besteedbaar.  Voorzieningen Voor risico’s van te verwachten verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs is in te schatten treffen we voorzieningen. Deze voorzieningen vormen een onderdeel van het vreemd vermogen en zijn daarom niet vrij inzetbaar. Het is onmogelijk om elk risico waaraan de gemeente wordt blootgesteld af te dekken, maar ook niet ieder risico zal zich tegelijkertijd voordoen. Hier gaan we bij de berekening van het weerstandsvermogen verder op in. De gemeente heeft zich tegen aansprakelijkheidsrisico’s verzekerd en daarnaast nog diverse andere verzekeringen afgesloten ter dekking van kwantificeerbare risico’s en/of schades.

Weerstandsvermogen Uitgangspunten Voor het analyseren van risico’s is de berekening van het weerstandsvermogen van belang. In de nota weerstandsvermogen en risicomanagement zijn beleidsuitgangspunten opgenomen (gemeenteraad, 20 september 2012). Berekening weerstandsvermogen Op basis van een risico-inventarisatie brengen we de risico’s in beeld. Via een risico-simulatie berekenen we de benodigde weerstandscapaciteit en vergelijken dit met de beschikbare weerstandscapaciteit. Op basis van een te berekenen ratio weerstandsvermogen beoordelen we of een aanpassing van het huidige niveau weerstandsvermogen nodig is. Het niveau weerstandsvermogen bepaalt de hoogte van de algemene reserve die vrij beschikbaar moet zijn voor het opvangen van risico’s. Risico-inventarisatie Om de risico's van Súdwest-Fryslân in kaart te brengen is een risicoprofiel opgesteld. Dit risicoprofiel is tot stand gekomen met behulp van het softwareprogramma NARIS® (Nederlands Adviesbureau Risicomanagement Informatie Systeem). Hiermee brengen we risico's systematisch in kaart en komen tot een beoordeling. De inventarisatie bevat 35 risico's. In tabel 1 presenteren we (volgens afspraak) de 10 risico's met de hoogste bijdrage aan de berekening van de weerstandscapaciteit.

Pagina 35 van 140

O22.001020

Tabel 1: Belangrijkste financiële risico's Nr. Risico

Gevolgen

Maatregelen

Kans

1. Sociaal domein Herstructurering Sociale werkvoorziening.

De herstructurering kan tot Eind 2021 zijn twee onderzoeken naar 50% gevolg hebben dat de Empatec afgerond. Hierin worden huidige taken die belegd zijn mogelijke toekomstscenario's geschetst bij de GR/NV meer gaan waarover de raad uiteindelijk een kosten. besluit moet nemen. De impact van de verschillende scenario's is nog niet bekend. 2. Ombuigingen Tekorten nemen De gemeente staat voor een grote 15% Worden niet (volledig) onvoldoende af. uitdaging. Alle opties worden tegen het gerealiseerd. licht gehouden. De gemaakte keuzes in ombuigingen zullen worden uitgevoerd. 3. Culturele instellingen Dorpshuizen doen een Er zijn voorwaarden gesteld over 10% Dorpshuizen krijgen te beroep op calamiteitenfonds wanneer een beroep op dit fonds kan maken met een calamiteit. van de gemeente. worden gedaan. 4. Openbare ruimte Vervangingsopgave in Op basis van beheerplan achterstanden 50% Falen brug of kade combinatie met beschikbaar in 10-15 jaar (vanaf 2021) inhalen. budget. Periodieke monitoring en evaluatie 5. Algemeen uitkering Gemeenten doen een groter In elke Programmabegroting wordt een 50% Plafond BTWberoep op het BCF. Hierdoor nieuwe inschatting gemaakt van de compensatiefonds (BCF) valt de voorschot regeling middelen die wij kunnen verwachten uit BCF lager uit. het BCF. 6.

Duurzaamheid Rijksmiddelen worden niet De middelen zijn aangekondigd door het 100% Reservering beschikbaar gesteld. Rijk. Moment van uitkeren is nog niet klimaatmiddelen duidelijk. 7. Openbare ruimte Extra kosten en hogere kans Herstelmaatregelen worden snel 50% Extra schade door op schade aan het wegdek, uitgevoerd zodat de schade zoveel weersomstandigheden. opruimen rioolslib e.d. mogelijk wordt beperkt. 8. Privacy De Autoriteit Wifitracking is stopgezet. 25% Wifitracking binnenstad. Persoonsgegevens legt een bestuurlijke boete op. 9. Grondexploitaties Lagere verkoopopbrengsten 1. Monitoren van de markt. 50% Daling van grondprijzen en (aanvullend) verlies in 2. Streven naar een stabiel door marktontwikkelingen. gemeentelijke grondprijsbeleid. grondexploitaties. 10. Sociaal domein Hogere zorgvraag betekent Inzetten op een goede samenwerking 25% Hogere zorgvraag door hogere kosten. Nieuwe met de ketenpartners Wmo en extra vergrijzing en de impact van regelgeving kan leiden tot inzet op jeugdspecialisten. Corona in de jeugd hogere lasten. casuïstiek.

Maximaal Invloed Financieel gevolg € 5.000.000 33,23%

€ 5.676.000 11,36%

€ 6.100.000 8,10% € 1.000.000 7,12% € 1.000.000 6,69%

200.000 5,31% € 500.000 5,13% € 750.000 3,48% € 750.000 3,31%

€ 750.000 2,50%

Totaal (10 grootste risico's) 21.726.000 €

Totaal 10 grootste risico's Totaal overige 25 risico’s Totaal

21.726.000

€

8.576.000

€

30.302.000

Overzicht totaalbedrag risico’s 2017-2021 Overzicht bedragen Jaarverslag Totaalbedrag risico’s

Pagina 36 van 140

2017 € 30.806.000

2018 € 25.844.400

O22.001020

2019 € 40.045.800

2020 € 36.232.000

2021 € 30.302.000

Risico-simulatie en benodigde weerstandscapaciteit Op basis van de ingevoerde risico’s voeren we een risicosimulatie uit. De risicosimulatie passen we toe omdat het reserveren van het maximale bedrag van ruim € 30 miljoen ongewenst is. De risico’s zullen immers niet allemaal tegelijk en in hun maximale omvang optreden. Uit de grafiek (tabel 2) volgt dat 90% zeker is dat we alle risico's kunnen afdekken met een bedrag van € 6,9 miljoen. Tabel 2: Benodigde weerstandscapaciteit bij verschillende zekerheidspercentages Bedrag x miljoen € 1,0 1,3 1,5 1,7 1,9 2,1 2,3 2,5 2,8 3,1

Percentage 5% 10% 15% 20% 25% 30% 35% 40% 45% 50%

Percentage 55% 60% 65% 70% 75% 80% 85% 90% 95%

Bedrag x miljoen € 3,5 4,0 4,4 4,9 5,4 5,8 6,3 6,9 8,1

Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit van de gemeente bestaat uit het geheel aan middelen dat vrij beschikbaar is om de financiële risico’s af te dekken. Het gaat hier per 31 december 2021 om € 15,5 miljoen (zie 3.4 Toelichting op de balans, B1 Vaste passiva, Overzicht verloop reserves, nummer 108 Algemene reserve SWF). Ratio weerstandsvermogen De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen. Ratio weerstandsvermogen

=

Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandcapaciteit

=

€ 15,5 miljoen € 6,9 miljoen

= 2,25

De ratio van onze gemeente valt in klasse A. Dit duidt op een uitstekend weerstandsvermogen. Tabel 3: Weerstandsnorm Waarderingscijfer Ratio Betekenis A >2.0 Uitstekend B 1.4-2.0 ruim voldoende C 1.0-1.4 Voldoende D 0.8-1.0 Matig E 0.6-0.8 Onvoldoende F <0.6 ruim onvoldoende De normtabel is ontwikkeld in samenwerking met de Universiteit Twente. Het biedt een waardering van het berekende ratio.

In bovenstaande berekening is nog geen rekening gehouden met het voordelige saldo over 2021 van € 11,7 miljoen. Ook is nog geen rekening gehouden met resultaatbestemmingen. In de jaren 2022 tot en met 2025 verwachten we nadelige resultaten van in totaal € 5 miljoen. Deze verwachte nadelige resultaten moeten we te zijner tijd opvangen in de algemene reserve. Vastgesteld en minimaal gewenst weerstandsvermogen  Het niveau weerstandsvermogen is het meest recent vastgesteld op € 8,3 miljoen in de raadsvergadering van 12 november 2019. Het vastgestelde niveau ligt daarmee hoger dan de benodigde weerstandscapaciteit (€ 6,9 miljoen).  We voldoen uitstekend aan de beleidsregel dat de ratio weerstandsvermogen tenminste 1,0 moet zijn.  Een eventuele aanpassing van het (vastgestelde) niveau weerstandsvermogen kan bij de vaststelling van de volgende begroting aan de orde komen.

Pagina 37 van 140

O22.001020

Kengetallen risicobeheersing Het is sinds 2016 verplicht om enkele kengetallen/overzichten op te nemen in deze paragraaf. Het is een wettelijke verplichting op basis van het (vernieuwde) BBV. Voor de uitwerking van de kengetallen geldt een vast format. Hierdoor berekent iedere gemeente de kengetallen op dezelfde wijze en zijn de uitkomsten te vergelijken. We lichten de kengetallen puntsgewijs toe: Verplichte kengetallen a1. a2. b. c. d. e.

Netto Schuldquote Netto Schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit

Rekening 2020 60,90%

Begroting 2021 77,66%

Rekening 2021 50,57%

51,00% 16,61% 0,52% 1,50% 99,86%

67,47% 12,21% 0,85% 0,68% 93,92%

42,04% 21,70% 0,22% 4,30% 91,99%

a. Netto schuldquote (a1) en; Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen (a2) Het kengetal netto schuldquote(a1), ook wel bekend als de netto schuld als aandeel van de inkomsten, zegt het meest over de financiële vermogenspositie van een gemeente. De netto schuldquote geeft aan of een gemeente investeringsruimte heeft of juist op zijn tellen moet passen. De correctie (a2) geeft een nog zuiverder beeld van de schuldquote als je die wilt vergelijken met andere gemeenten.

In een grafiek ziet het verloop van de netto schuldquote er als volgt uit: 150% 130% 110%

netto schuldquote

90%

netto schuldpositie na aftrek verstrekte leningen

70%

ongezonde balanspositie aandacht geboden

50% 30% 2016

2017

2018

De definitie van de netto schuldquote is:

2019

2020

netto schuldenlast baten exploitatie

2021

=

€ 158 miljoen € 312 miljoen

= 51%

Onze totale schuldenlast is in absolute zin in 2021 gedaald van € 178 miljoen naar € 158 miljoen. De totale baten zijn gestegen van € 292 miljoen naar € 312 miljoen. Dit resulteert in een daling van onze schuldquote van 61% naar 51%. De stijging van de baten is mede veroorzaakt door de coronaontvangsten die we van het rijk hebben ontvangen en in combinatie met de verlaging van de schuldenlast is de verhouding tussen schulden en baten in positieve zin veranderd. Boven de 130% is er sprake van een ongezonde schuldpositie. Onze schuldquote bedraagt 51% en is daarmee voldoende.

Pagina 38 van 140

O22.001020

b. Solvabiliteitsratio Deze ratio zegt iets over de mate waarin we aan onze financiële verplichtingen kunnen voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen (algemene reserve + bestemmingsreserve) als percentage van het balanstotaal. Het aandeel van het eigen vermogen op het balanstotaal is gestegen. c. Grondexploitatie Het kengetal grondexploitatie is de totale boekwaarde van alle grondcomplexen gedeeld door de totale jaarlijkse baten van de gemeente. Dit geeft een percentage. Hoe hoger het percentage, hoe groter het risico van de grondexploitatie. Ten opzichte van het jaar 2020 is het kengetal gedaald. Dit houdt in dat er een lager risico is dan in 2020. Er is (nog) geen norm vastgesteld voor gemeenten. Dit kengetal dient vooralsnog vooral als vergelijkingscijfer met andere gemeenten. d. Structurele exploitatieruimte Een begroting met hogere structurele baten dan structurele lasten is meer flexibel dan een begroting waarbij structurele baten en lasten in evenwicht zijn. We bepalen de structurele exploitatieruimte door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves te delen door de totale baten. Dit geeft een percentage. Het kengetal structurele exploitatieruimte is positief. Een structureel negatief kengetal is niet gewenst.

Het zou betekenen dat we de structurele lasten jaarlijks moeten dichten met incidentele meevallers of onttrekkingen uit reserves. e. Belastingcapaciteit Het kengetal geeft inzicht in de mate waarin we financiële tegenvallers kunnen opvangen. We berekenen de belastingcapaciteit door de totale woonlasten meerpersoonshuishouden te vergelijken met het landelijk gemiddelde in het jaar ervoor. Dit geeft een percentage. Een percentage onder de 100% geeft aan dat je onder het landelijk gemiddelde zit. Dit is bij ons het geval. Conclusie De kengetallen moeten in samenhang bekeken worden. Volgens de huidige, algemeen aanvaarde normen, is er in meerjarenperspectief sprake van een gezonde positie.

Situatie Oekraïne De impact van de oorlog in Oekraïne op de wereldwijde economie zal groot zijn en is op dit moment nog niet precies in te schatten. Directe gevolgen voor de gemeente zijn bijvoorbeeld de opvang van Oekraïense vluchtelingen, de impact van economische sancties op burgers en ondernemers in SúdwestFryslân, maar ook contracten voor afname van Russisch gas (Gazprom). Ook zijn er macro-economisch ingrediënten aanwezig voor een recessie (stijgende inflatie, tekort aan grondstoffen, tekort aan fossiele brandstoffen, verstoring van productielijnen en oplopende rente). Dit kan mogelijk impact hebben op de financiële positie van de gemeente, bijvoorbeeld voor de haalbaar- en financierbaarheid van haar meerjarige investeringen, maar ook op het sociaal domein (uitkeringen, vluchtelingen, jeugdhulp, etc.).

Pagina 39 van 140

O22.001020

2.3.3

Paragraaf 3: Onderhoud kapitaalgoederen

Inleiding In deze paragraaf doen we verslag van het beleidsproces, financiële beleidskader, Asset management en de verrichtingen op de diverse onderdelen rond het onderhoud van kapitaalgoederen in 2021. Beleidsproces en beleidskader Op 28 januari 2021 is de Nota openbare ruimte 2020-2025 vastgesteld. Bij vaststelling van de Nota openbare ruimte 2020-2025 is gekozen voor scenario 2: verbeteren kwaliteit leefomgeving. Dit scenario gaat uit van het inhalen van achterstallig onderhoud in 10-15 jaar en het toekomstbestendig inregelen van de kapitaalgoederen. Financieel beleidskader In 2021 is een mooie eerste stap gezet om het gekozen scenario 2 te realiseren door aanvullend € 300.000 beschikbaar te stellen. Deze middelen worden ingezet als dekking van investering van € 5,8 miljoen in vervanging en renovatie. In 2022 zetten we de volgende stap doordat structureel een bedrag van € 3 miljoen beschikbaar is gesteld om te investeren in achterstallig onderhoud. Voor Wegen en Water is besloten een onderhoudsvoorziening in te stellen. Als basis hiervoor zijn op 23 december 2022 de beheerplannen Wegen, Waterbodems, Waterbouwkundige kunstwerken en Groen vastgesteld. Op basis van de meerjarenplanning en het beschikbare budget zijn onderhouds- en beheerwerkzaamheden uitgevoerd op basis van de duurzame aanpak.

In 2021 was verder, financieel gezien, het volgende aan de orde: Indexering In 2021 hadden we te maken met extreem hoge kostprijs stijgingen op bouwmaterialen en grondstoffen (80% op staalprijzen, 30% openbare verlichting, etc). Deze omstandigheden gelden voor de gehele bouw- en renovatiebranche. Dit heeft breed invloed op de beschikbare budgetten voor de kapitaalgoederen. In 2021 is geen indexatie toegepast waardoor de reële bestedingsmogelijkheid afnam. Werk met werk maken We zoeken naar synergie tussen onderhoud in de openbare ruimte en ruimtelijke ontwikkelingen. Op die manier voeren we slim werk met werk uit en zetten we middelen zo efficiënt mogelijk in. De middelen die de raad beschikbaar heeft gesteld voor verkeerskundige aanpassingen zetten we ook op deze wijze in. In de diverse dorps- en wijkvisies zijn veel wensen geuit voor meer groen, parkeren en een (verkeers)veiliger, mooier straatbeeld. In 2021 zijn de volgende kredieten beschikbaar gesteld: - € 3,662.000 voor inhalen achterstallig onderhoud bij Wegen en Waterbouwkundige kunstwerken op diverse locaties waaronder het vervangen van de Spoordokbrug te Sneek (zie foto hiernaast); - € 400.000 voor onderhoud aan de luchtbehandelingsinstallatie van de bibliotheek te Sneek; - € 450.000 voor het herstel van kade aan de J.J. Hofstrjitte in Gaastmeer. De werkzaamheden starten begin 2022.

Door stijging van met name de staalprijzen is door het college nog eens € 100.000,- beschikbaar gesteld om het werk te kunnen gunnen.

Foto: Werkzaamheden vervanging Spoordokbrug te Sneek.

Pagina 40 van 140

O22.001020

Bestemmingsreserve kapitaalgoederen De bestemmingsreserve kapitaalgoederen is nagenoeg leeg. De reserve bevat nog € 154.396 en kent een structurele voeding van € 35.000. Bestemmingsreserve gebouwen Voor het onderdeel gebouwen geldt, dat, in geval er regulier onderhoudsbudget overblijft, deze bedragen terugvloeien naar de bestemmingsreserve ten behoeve van groot onderhoud gebouwen. In 2021 is een bedrag van  € 85.000 onttrokken voor verbouw van het toiletgebouw aan de Kaeidyk te Workum en € 30.000 voor het toiletgebouw aan de Trekwei te Workum;  € 101.000 onttrekken voor restauratie van het Waaggebouw te Makkum;  € 75.000 onttrokken voor overdracht van het Hidde Nijland Museum Hylpen. Het betreft hier de eerste termijn van in totaal 5 termijnen van € 75.000. Aan de exploitatie voor 2021 wordt € 535.000 onttrokken en toegevoegd aan de bestemmingsreserve gebouwen. Het saldo stijgt met dit bedrag. De reserve onderhoud gebouwen heeft per 31/12/2021 een omvang van € 878.518. Risico’s als onderdeel weerstandsvermogen Het risicoregister Asset management is de input voor de NARIS©-inventarisatie. (zie Paragraaf 2 “Weerstandsvermogen en risicobeheersing”). Het risico gerelateerd aan kapitaalgoederen is verdisconteerd in de beschikbare weerstandscapaciteit.

Net zoals in de rest van Nederland hebben veel bruggen en kades in stedelijk gebied het einde van hun technische of functionele levensduur bereikt. De risico’s op dit onderdeel nemen toe. De kade aan de Waterpoortsgracht in Sneek werd vanwege de slechte staat gemonitord. Naar aanleiding daarvan is in november 2021 besloten de kade deels af te zetten. In 2022 wordt de kademuur vervangen. Ook de risico’s door schade als gevolg van weersomstandigheden neemt toe. Weersomstandigheden Ook het jaar 2021 kende extreme weersomstandigheden, met name het vele regenwater zorgde op meerder locaties voor wateroverlast. De komende jaren zal de inzet zijn om risico’s op wateroverlast te verminderen. De weersomstandigheden hebben invloed op de onderhoudsstaat van onze assets zoals verzakking van wegen of bermen. Daarnaast zorgen de natte weersomstandigheden voor een extreme groeipiek in het onderhoud van groen en onkruid op verhardingen. De financiële effecten hiervan zijn lastig te duiden. Samen met andere overheden in Fryslân worden de mogelijkheden onderzocht om een stresstest voor de infrastructuur uit te voeren.

Onderdelen De kapitaalgoederen zijn opgedeeld in zeven groepen. We geven hier per onderdeel een korte terugblik over 2021. Wegen (programma 2, hoofdtaakveld Bereikbaarheid) De werkwijze bij het beheer van de openbare ruimte is gebaseerd op assetmanagement; het vergroten van de maatschappelijke waarde van assets door optimaal beheer te realiseren op basis van afgewogen kosten, prestaties en risico’s over de gehele levenscyclus van assets (kapitaalgoederen). Integrale kaart Beleidsuitgangspunt is om werk met werk te maken zodat we onze middelen zo slim mogelijk inzetten. Met name de integrale kaart is een belangrijk hulpmiddel om zoveel mogelijk werkzaamheden te combineren en ook om zo de overlast en hinder van werkzaamheden voor inwoners te voorkomen. Het traject Makkum tot de A7 is één van de vele werkzaamheden die in 2021 zijn uitgevoerd en waar een gedegen voorbereiding, afstemming en kansen voor werk met werk maken, zijn gerealiseerd. Ter hoogte van de afslag Haitsmaleane is een ovonde gerealiseerd (financiering voor 50% uit de rijkssubsidie en het overige deel vanuit impulsgelden). In dezelfde periode zijn tussen Wons en Pingjum, de Buitendijk, Waltingaleane en een stukje Burenlaan asfaltwerkzaamheden uitgevoerd en vonden ook herstraatwerkzaamheden plaats in Pingjum. Naast interne afstemming is ook afgestemd met externe partners.

Liander heeft in overleg met ons de grondkabels van windmolenpark Hiddum

Pagina 41 van 140

O22.001020

Houw, via Buitendijk/Waltingaleane naar Herbaijum aangebracht in de zomer. Een mooie afstemming waar beide partijen voordeel van hebben. Toen de werkzaamheden aan de weg bijna voltooid waren, heeft Thema Groen een bloembollenmix in de ovonde kunnen planten en de bovenlaag ingezaaid met een bloemrijk graslandmengsel.

Foto: afronding werkzaamheden aanleg ovonde traject Makkum-tot A7. Pilot(s) verduurzaming Er is een wegvak op de Weersterweg ter beschikking gesteld aan BAM om metingen uit te voeren aan een duurzame variant van asfaltverharding (SMA). Dit asfalt wordt bij een lagere temperatuur geproduceerd. Ook worden andere bouwstoffen toegevoegd, zodat het asfalt in een volgende levensfase te hergebruiken is. Op andere trajecten, zoals op de Snekerweg en Trije Dyken tussen Bolsward en Nijland voeren we ook een pilot met duurzame asfaltverharding uit. Hier wordt een deklaag met 30% gerecycled asfalt toegepast. In de onderlagen is het al gebruikelijk om tot 85% gerecycled asfalt te verwerken. Voor de deklagen SMA is dit nog in een testfase op grote schaal waaronder in Súdwest-Fryslân.

Openbare verlichting (programma 2, hoofdtaakveld Bereikbaarheid) De verlichting wordt door de Coöperatie Openbare Verlichting & Energie Fryslân U.A. verzorgd. De vervangingsopgave is een doorlopend proces en is conform programma uitgevoerd. Daarbij wordt overgeschakeld op LED-verlichting. In 2020 is een bedrag van € 1.400.000 vrijgemaakt voor het vervangen en verduurzamen van openbare verlichting. Door groot in te kopen en samen te werken met de aannemer wordt getracht voordeel te behalen en zo veel mogelijk achterstanden in te lopen. Uitvoering is gestart in 2020 en ging door in 2021. In 2022 wordt dit project afgerond en wordt gestart met een nieuwe ronde vervanging en verduurzaming.

Openbaar groen (programma 2, hoofdtaakveld Leefomgeving) De geplande onderhoudswerkzaamheden zijn voor een groot deel uitgevoerd. Dankzij een groeipiek in de zomer haalden we niet overal het gewenste onderhoudsniveau, mede omdat er onvoldoende inhuurpersoneel beschikbaar was. Een aantal werkzaamheden is daardoor niet uitgevoerd of uitgesteld naar 2022. In september 2020, mei 2021 en juli 2021 is een schouw voor de beeldkwaliteit van het groen uitgevoerd door een extern bedrijf. Hiermee hebben we een compleet groeiseizoen in beeld. De resultaten bieden gegevens voor het evalueren en verbeteren van de bedrijfsvoering en de ambitie.

Pagina 42 van 140

O22.001020

Vergroenen openbare ruimte Op meerdere plekken zijn overbodige verhardingen vervangen door groen. Een mooi voorbeeld hiervan is het vergroenen van het centrale dorpsplein in Easterwierrum. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een vastgesteld afwegingskader. Ook voor 2022 zijn er plannen gemaakt om in dorpen en steden aan de slag te gaan. Actie Steenbreek De missie van Steenbreek is het vergroenen van onze leefomgeving door organisaties, ondernemers en inwoners te informeren, te enthousiasmeren en actief te betrekken bij de vergroening van hun omgeving. Eén van onze acties is het aanbieden van geveltuinen. Dit jaar zijn er weer 155 geveltuinen bijgekomen. Tot nu toe zijn er 355 aangelegd in 16 dorpen en steden, goed voor circa 1,5 km! aan geveltuinen. Naast de geveltuinactie organiseerde we samen met Groei en Bloei een prijsvraag voor de meest toekomstbestendige tuin met veel inspirerende inzendingen. Een aantal andere activiteiten als het organiseren van een Steenbreekdag kon helaas vanwege coronamaatregelen niet doorgaan. Aanpak invasieve exoten en eikenprocessierups Mede dankzij een extra jaarlijkse bijdrage van €110.000 sinds 2019 is het gelukt om een flinke slag te slaan in het terugdringen van de invasieve exoten als de reuzenberenklauw. Ook zijn er hoopgevende resultaten bereikt met de aanpak door middel van elektrische bestrijding van de Japanse duizendknoop.

Op de behandelde locaties zijn de plantpopulaties na vele behandelingen behoorlijk afgenomen. We voldoen op deze manier aan de wettelijke verplichtingen rond de zorgplicht. De verwachting is dat we de bestrijdingsmaatregelen nog vele jaren intensief moeten blijven nemen. Wel zien we een verdere stijging van de eikenprocessierups in onze gemeente. De kosten voor de bestrijding zijn opnieuw verdubbeld. We verwachten in 2022 extra structurele middelen nodig te hebben om de EPR beheersbaar te houden en daardoor overlast te voorkomen. Daarnaast is de roetschorsziekte bij esdoorns in opkomst. Vanwege potentiële gezondheidsrisico’s bij het verwijderen van bomen moet hier zorgvuldig mee om worden gegaan. Nieuwe aanplant Het bomenbestand is afgelopen jaar toegenomen met 734 stuks. Totaal staan er nu 51.939 geregistreerde bomen in onze gemeente. In december zijn 17.000 stuks bosplantsoen (bomen en struiken) geplant aan de randen van Sneek en Bolsward (herplantplicht). In het kader van het 10-jarige bestaan van onze gemeente is er een boomfeest-tiendaagse georganiseerd. De aftrap was in de wijk de Domp waar 57 basisschoolleerlingen 750 bomen en struiken planten. In de daar op volgende dagen werden er bomen geplant op 20 schoolpleinen. Begraafplaatsen In de winter en het najaar zijn we gestart met grondwatermonitoring op de begraafplaatsen IJlst, Bolsward, Molkwerum en Workum.

Volgens de wet op lijkbezorging moet de gemiddeld hoogste grondwaterstand laag genoeg liggen zodat begraven kan worden. In 2022 zijn de resultaten bekend en kan gekeken worden welke vervolgacties noodzakelijk zijn. Daarnaast hebben we onderhoud aan de hekwerken op de begraafplaatsen Poppenwier, oude begraafplaats Hindeloopen en oude begraafplaats Workum uitgevoerd. Communicatie Informatie over groenonderwerpen op de gemeentelijke website zijn uitgebreid. Ook verschijnen er regelmatig nieuwsberichten op facebook, twitter en Instagram. Speel- en sportvoorzieningen Voor het veilig houden van de diverse speel- en sportvoorzieningen zijn de geplande inspecties en de daaruit voort vloeiende diverse onderhoudswerkzaamheden uitgevoerd. Op 17 verschillende speelplekken zijn speel- en sporttoestellen vervangen. Op een enkel schoolplein heeft er renovatie plaatsgevonden, door het plein “groener” te maken en de nodige speeltoestellen uit te breiden, waaronder onder andere het gemeentelijke schoolplein in Wommels. Om te kunnen blijven bijdragen aan een gezonde en veilige leefomgeving in de gemeente, hebben we de eerste stappen gezet om het beheer van bestaande speelvoorzieningen, zoals dat de afgelopen jaren is ontwikkeld voor de toekomst te borgen.

Pagina 43 van 140

O22.001020

De behoefte om in het openbaar te bewegen en te sporten wordt steeds groter, naar aanleiding hiervan zijn op de volgende locaties nieuwe speel- sportvoorzieningen gecreëerd of uitgebreid: In Sneek in Houkepoort (nieuw), Tinga (uitgebreid), Duinterpen (uitgebreid), Dr. Wumkesstraat (nieuw), Suffridusstraat (nieuw), Palm (uitgebreid),Mansel (uitgebreid). Daarnaast in Lollum (uitgebreid), Nijland H.Pollemastrjitte (uitgebreid) en IJlst Ylostinslaan (uitgebreid).

Waterbouwkundige kunstwerken (programma 2, hoofdtaakveld Bereikbaarheid) Binnen dit onderdeel gaat het om onze bruggen, tunnels, steigers, oevers en kaden. In 2021 zijn vele werkzaamheden uitgevoerd. Het gaat onder meer om: • De afronding van de vervanging van de kade aan de Looxmagracht te Sneek. Deze Rijk monumentale kade is weer prachtig hersteld en kan jaren mee; • Het vervangen van de Zwaantjespostbrug in Bolsward gelijktijdig met de herinrichting van het centrum en herstel van de kademuur Marktstraat; • Begin 2021 is de vervanging van honderden meters damwand langs achtertuinen van bewoners in de wijk De Domp in Sneek afgerond. Na de vervanging zijn bijna alle stroken grond overgedragen aan de bewoners. De inkomsten zijn toegevoegd aan het budget ‘Oevers en kaden’. Met de opbrengsten van de verkoop van de grond kunnen we kosten voor de vervanging compenseren; • In het voorjaar van 2021 is het gemeentelijke haventje van Witmarsum voorzien van nieuwe beschoeiing; • Vervanging van de 42 meter lange kadewand in Kimswerd. De houten constructie was verrot en zakte weg. De nieuwe kade is van beton en wordt met hout bekleed; • In Sibrandabuorren zijn de houten vleugels van beide landhoofden van Kerberts Brêge vernieuwd. Bij het ontgraven bleken ook een aantal houten funderingspalen aangetast en werd het werk een stuk uitgebreider dan aanvankelijk verwacht.

In 2022 wordt dit werk afgerond; • De in slechte staat verkerende paal-schot beschoeiing langs het Trekpad in Burgwerd, is vervangen door een nieuwe walbeschoeiing. Dit gedeelte ligt tussen twee fietsbruggen waarvan één tegelijkertijd is hersteld omdat zowel de draagbalken als het dek al rotverschijnselen vertoonden. Het Trekpad is onderdeel van een mooie fietsroute. Door deze werkzaamheden is bijgedragen aan een veilige en bereikbare route; • De kade met steiger in de buitenhaven van Workum is in de periode september-oktober vernieuwd. Hierbij is een stalen damwand met houten bekleding toegepast met daarop een steiger; • Na de zomerperiode is gestart met de vervanging van de Spoordokbrug in Sneek. In november is dit werk afgerond. Het brugdek en de leuning zijn uitgevoerd in kunststof; • In het najaar is de brug in de Suderseewei in Makkum (ofwel rondwegbrug) flink gerenoveerd. De renovatie was met name gericht op het betononderhoud.

Waterbodems (programma 2, hoofdtaakveld Bereikbaarheid) Voor het baggeren van onze wateren is jaarlijks € 415.000,- te besteden. Het gaat om wateren waar we eigenaar van zijn en wateren waar onderliggende afspraken aan ten grondslag liggen en daarom een onderhoudsplicht hebben. Daarnaast onderhouden wij nog meerdere vaargeulen. Binnen dit reguliere baggerwerk is al een grote achterstand ontstaan. De onderhoudsstrategie is gebaseerd op correctief onderhoud. Het aantal meldingen over ondieptes loopt op. Voor de lange termijn is het van belang dat het baggerbudget minimaal € 440.000 bedraagt en extra middelen beschikbaar komen voor de vaargeulen en om de achterstanden in het reguliere baggerwerk in te kunnen halen. Bij de opstelling van de Programmabegroting 2023 wordt bekeken of hierin kan worden voorzien. Er is intensief gebaggerd op de volgende locaties:  Reidikkers en Drooge Dolte Workum  Nijesyl en Oosthem  2e insteekhaven Makkum In het kader van beheer stedelijk water zijn afspraken gemaakt over de overdracht van stedelijk water (OSW) aan het Wetterskip. Door de gemeenteraad is hier eerder (2020) € 374.051,- beschikbaar voor gesteld. In de periode 2022-2025 komt daar nog eens € 300.000,- per jaar bij. Hiermee verwachten we de achterstanden gezamenlijk met Wetterskip Fryslân weg te kunnen werken en de overdracht na 2025 mogelijk te maken.

In 2021 zijn we begonnen met het wegwerken van achterstanden in het stedelijk water in diverse kernen.

Pagina 44 van 140

O22.001020

Ook zijn er afspraken met het Wetterskip gemaakt over beheer vijvers in bebouwd gebied. In 2021 is een bedrag van € 180.000 ontvangen en benut voor het baggeren/hekkelen van diverse vijvers. Voor het baggeren van het IJsselmeergebied kwam in het voorjaar 2021 de mogelijkheid om subsidie aan te vragen. Een tijdelijke regeling van Rijksdienst voor Ondernemend Nederland om de bevaarbaarheid van jachthavens en vaargeulen buiten de primaire waterkering te verbeteren. In 2019 is een groot deel van de vaargeul naar Makkum gebaggerd. Op basis van het gebaggerde wateroppervlak is medio 2021 een subsidie van € 186.603,92 ontvangen. Dit bedrag is ingezet voor reguliere baggerwerken.

Riolering (programma 2, hoofdtaakveld Leefomgeving) De geplande onderhoudswerkzaamheden zijn grotendeels uitgevoerd. Van de ‘projecten in uitvoering’ zijn In 2021 13 projecten afgerond en zijn 11 projecten nog in uitvoering. De status van de uitvoering varieert van de (besteks-)voorbereiding tot (financiële) afronding. Het betreft onder andere de Akkerwinde en Partuurstraat in Sneek, De Kalkovens en Ds. L. Touwenlaan in Makkum en De Finne in IJsbrechtum. In het afgelopen jaar is er in Woudsend meerdere keren forse wateroverlast geweest. De bewoners van Woudsend is bestuurlijk toegezegd dat het beperken van de wateroverlast problematiek de hoogste prioriteit heeft. In 2022 wordt dit verder opgepakt.

Vastgoed (programma 1 en 2) Voor 2021 is de taakstelling voor verkoop snippergroen ruimschoots gehaald. Er zijn 101 percelen snippergroen overgedragen en er zijn 4 panden verkocht. Naast alle reguliere onderhoudswerkzaamheden hierbij een aantal uitgelichte werkzaamheden: • Invoeren van de basisgegeven in het nieuwe gebouwbeheersysteem (IBIS) die in 2022 operationeel moet zijn; • Een aantal toiletgebouwen is gasloos gemaakt; • Er is een warmtepomp geplaatst in de kantine van de sporthal Middelsee Bolsward; • Voorbereiden vervanging van de verwarmings- en luchtbehandelingsinstallatie in de Bibliotheek te Sneek; • Gestart met groot onderhoud De Waag te Makkum; • Voorbereiding verbouw van het toiletgebouwen aan de Kaeidyk en de Trekwei te Workum; • Voorbereiden overdracht van het Hidde Nijlandmuseum aan het bestuur van het Museum Hindeloopen welke in 2022 zal plaatsvinden; • Een klein huisje aan ’t Oost 10 te Hindeloopen is aangekocht en een omgevingsvergunning is aangevraagd voor het realiseren van een toilet- en douchegelegenheid; • Zwembad Vitaloo, vervangen dak en dergelijke; • Garage Boschplein, Update parkeer management systeem; • Normandia garage, Verplaatsen uitrit zuil i.v.m. storingen systeem bij uitrijden; • Uitwerken voorlopig ontwerp en businesscase huisvesting buitendienst Bolsward.

In 2022 wordt dit voorgelegd aan de raad; • Opdracht verleend voor het opstellen van een routekaart verduurzamen maatschappelijk vastgoed.

Foto: groot onderhoud De Waag te Makkum.

Pagina 45 van 140

O22.001020

2.3.4

Paragraaf 4: Financiering

Inleiding We geven hier een toelichting op het beleid en de uitvoering van de financiering (treasury). We willen de kosten die de financieringsfunctie met zich meebrengt zo laag mogelijk houden. De opbrengsten die we kunnen behalen willen we juist maximaliseren. Ons streven is om een voldoende grip te hebben/houden op de schuldpositie. Zo geven we inhoud aan de ambitie “financieel vitaal”. Súdwest-Fryslân is een ontwikkelgemeente. Hierdoor is er sprake van een financieringsbehoefte: we lenen geld om aan betalingsverplichtingen te kunnen voldoen. Dat is niet een probleem zolang de rente over het geleende geld gedekt is in de begroting. Op langere termijn kan een oplopende schuld tot problemen leiden. Ook kan de rentestand stijgen en dalen. Terwijl we elke euro die we aan rente betalen niet aan andere zaken kunnen besteden. De uitdaging is om hier een juiste balans te vinden.

Financieringsbehoefte In 2021 is een liquiditeitsprognose opgesteld voor de komende vier jaar. Zo bepalen we de financieringsbehoefte en weten we wanneer we geldleningen moeten afsluiten. We hebben in 2021 geen langlopende leningen hoeven af te sluiten om onze liquiditeit te garanderen. Risico’s financieringsfunctie Onder de risico’s van de financieringsfunctie vallen onder andere rente-, krediet-, liquiditeits-, koersen valutarisico’s. Deze onderwerpen zijn opgenomen in het treasurystatuut. Het meest omvattende risico is het renterisico. Ter beperking van het renterisico zijn in de Wet Financiering decentrale overheden (Wet Fido) twee verplichte normen opgenomen: (a) de kasgeldlimiet en (b) de renterisiconorm. Aan deze wettelijke normen moeten we voldoen. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet heeft betrekking op leningen met een looptijd tot maximaal 1 jaar. Met als doel grote schommelingen in de rentelasten te voorkomen. In de begroting 2021 werd als kasgeldlimiet € 23,4 miljoen berekend. De limiet hebben we in 2021 niet overschreden vandaar dat er ook geen noodzaak was om langlopende leningen af te sluiten. Onderstaande tabel geeft een overzicht van het verloop van de afgesloten kasgeldleningen (in miljoenen).

kasgeldleningen 2021 30 20 10 0 jan

feb

mrt

apr

mei

juni

juli

kasgeldlimiet

aug

sept

okt

nov

dec

kasgeldleningen

Zoals te zien is in bovenstaande tabel hebben we over 2021 diverse kasgeldleningen afgesloten. We hebben geld ontvangen op de aangetrokken geldleningen. De ontvangen rente op deze kortlopende leningen varieerde tussen de -0,47% en -0,54%. De totale opbrengst was bijna € 23.000.

Pagina 46 van 140

O22.001020

Zie in de grafiek het verloop van de percentages van de ontvangen kasgeldrente: jan

feb

mrt

apr

mei

juni

juli

aug

sept

okt

nov

dec

0 -0.2 -0.4 -0.6 Perc. Ontv. Rente Onderstaande tabel geeft het overzicht van 2021 weer. Berekening kasgeldlimiet (x € 1.000) Omvang begroting per 1 januari 2021

275.000

Kasgeldlimiet in procenten van de grondslag

8,50%

Kasgeldlimiet in bedrag

23.375 REALISATIE jan-mrt

apr-jun

juli-sep

okt-dec

Jaar

Totaal vlottende schuld

10.018

15.999

2.424

1.469

7.477

Totaal vlottende middelen

9.829

20.357

23.512

21.036

Totaal netto vlottende schuld

189

-4.358

-21.088

-19.567

18.683 11.206

Toegestane kasgeldlimiet Ruimte (+) / Overschrijding (-)

23.375

23.375

23.375

23.375

23.375

23.186

27.733

44.463

42.942 34.581

Uitgangspunt van de kasgeldlimiet is het vermijden van grote fluctuaties in de rentelasten. De kasgeldlimiet stelt een grens aan de korte financiering, waardoor het renterisico hierop kan worden beperkt. Renterisico’s vaste schuld en renterisiconorm De renterisiconorm legt een relatie tussen de opbouw van de leningenportefeuille en de mate waarin we tegenvallers kunnen beperken als gevolg van stijgende rente. We lopen renterisico bij renteaanpassingen en herfinanciering. Onderstaand schema geeft de renterisico’s weer voor de vaste schuld in relatie tot de rente risiconorm volgens de Wet Fido. Renterisiconorm (x miljoen) 1 Renteherzieningen 2 Aflossingen 3 Renterisico (1 + 2)

Bedragen € 0 18,4 18,4

4 5 6

Begrotingstotaal Vastgelegd percentage (20%) Renterisiconorm (20% van 4)

275 20% 55,0

7 8 9

Renterisiconorm (6) Renterisico op vaste schuld (3) Ruimte (+) (7 - 8)

55,0 18,4 36,6

Hieruit blijkt dat ruim is voldaan aan de renterisiconorm. De ruimte (zie 9) is namelijk positief.

Pagina 47 van 140

O22.001020

Leningenportefeuille Verloop leningenportefeuille Het verloop van de leningenportefeuille in de periode 2019-2021 is als volgt: Verloop langlopende leningen (x miljoen) opgenomen geldleningen boekwaarde per 1/1 aangetrokken leningen (+) aflossingen (-) opgenomen leningen per 31/12

2019 €

2020 €

2021 €

173,5 40,0 15,6 197,9

197,9 0 20,4 177,5

177,5 0 18,3 159,2

verstrekte geldleningen boekwaarde per 1/1 verstrekte leningen (+) aflossingen (-) verstrekte leningen per 31/12

33,5 0 2,6 30,9

30,9 0 2,2 28,7

28,7 0 2,3 26,4

saldo leningen

167,0

148,8

132,8

Schuldpositie De afgelopen drie jaar hebben we de volgende bedragen geïnvesteerd: Investeringssaldo (x miljoen) a. netto investeringen b. afschrijvingen Saldo

Rekening 2019

Rekening 2020

Rekening 2021

15,2 -22,4 -7,2

19,0 -14,9 -4,1

7,9 -12,6 -4,7

In de onderstaande tabel geven we het resultaat van de berekening van het EMU-saldo weer. EMU-saldo (x miljoen) a. Berekend EMU-saldo b. EMU-referentiewaarde Ruimte

Rekening 2020

Begroting 2021

Rekening 2021

-8,9 10,0 1,1

-13,0 10,0 -3,0

17,7 10,0 7,7

Súdwest-Fryslân heeft voor 2021 een vastgestelde referentiewaarde van € 10 miljoen. Deze referentiewaarde is gebaseerd op 0,27 % van het BBP. We houden dit bedrag van € 10 miljoen aan voor de volgende jaren. We blijven binnen de referentiewaarde, wanneer de som van de investeringen niet groter is dan de som van de referentiewaarde en de jaarlijkse afschrijvingen. We hebben nog investeringsruimte over om binnen de EMU-referentiewaarde te blijven. Conclusie We voldoen op dit moment aan de wettelijke en gangbare eisen met betrekking tot onze financiering.

Pagina 48 van 140

O22.001020

2.3.5

Paragraaf 5: Bedrijfsvoering

1. Inleiding In deze paragraaf geven we inzicht in de ontwikkeling van de bedrijfsvoering via de volgende vragen: - welke stappen zijn gezet in het verder professionaliseren van de organisatie - hoe heeft de personele bezetting zich dit jaar ontwikkeld - wat is het uiteindelijke resultaat op de personeelslasten (begroting versus jaarrekening) en wat was hierbij het aandeel van de kosten voor externe inhuur De paragraaf eindigt met een korte toelichting op de naleving van de Wet Fido. 2. Organisatieontwikkeling Wij werken aan de duurzame doorontwikkeling van onze dienstverlening aan de Mienskip. Het verder professionaliseren van onze organisatie gebeurt volgens drie hoofdlijnen: Mens (krachtige professionals), Methode (slimme werkwijzen) en Middelen (financieel gezond). Vanuit een visie op Continu Verbeteren zetten we in op deze doorontwikkeling. De corona-pandemie heeft daarbij een versnelling in innovatie en creativiteit gerealiseerd. Doordat standaard dienstverlening en interne uitvoering ‘ineens’ niet meer op de bestaande manier geleverd kon worden, is volop ingezet op vernieuwingen. Inmiddels weten we dat we het ‘goede’ vanuit deze ervaringen (flexibel, creatief en digitaal werken en vergaderen op afstand) willen behouden voor de toekomst. We gaan niet meer terug naar het ‘oude normaal’.

‘Anders Samen Werken’ is dan ook de manier waarop we verdergaan: ‘je werkt en bent daar (fysiek of digitaal) waar nodig is’. Onze nieuwe centrale huisvesting biedt gelukkig al heel veel mogelijkheden voor het ‘Anders (‘nieuwe’) Samen Werken’, dit gaan we richting de toekomst nog meer benutten. Naast meer projectmatige aanpakken van procesoptimalisaties hebben we ook –en vooral- ingezet op een verbetercultuur waarin medewerkers zelf het voortouw nemen tot verbeteringen in de dienstverlening en de organisatie van hun eigen werk. Deze aanpakken hebben bijvoorbeeld geresulteerd in verbeteringen binnen de ketens Sociaal Domein (zoals de uitvoering van enkelvoudige hulpvragen alsook de invoering van de centrale toegang tot de gebiedsteams), Omgeving (diverse initiatieven met het oog op de nieuwe Omgevingswet), Openbare Ruimte (meldingen openbare ruimte) en Klantcontacten (o.a. belastingen). Ook in het opgaafgericht werken zijn stappen gezet in het verbreden van de advieskracht vanuit verschillende bedrijfsvoeringexpertises. Een mooi voorbeeld hiervan is “de Werkplaats”, een expertiseteam binnen HR dat mobiliteit binnen en buiten SWF stimuleert, ondersteunt, begeleidt en regisseert. In deze verbetercultuur sturen we vanuit klant/resultaat denken op kwaliteit van zowel proces als inhoud, verkorten van doorlooptijden en verlaging van kosten.

Door continu alert te zijn op de beste manier van organiseren maken we daarbij ook zorgvuldige afwegingen in datgene wat we zelf doen, uitbesteden of samen met anderen. Het laaghangend fruit is inmiddels wel geplukt. De opbrengsten van het verbeteren zitten vooral in het verhogen van de kwaliteit en het verkorten van de doorlooptijd. We merken daarbij ook dat beoogde financiële voordelen steeds moeilijker te realiseren zijn. Daarbij gaat de kost voor de baat; aanpakken vragen soms investeringen in geld en/of in tijd waardoor voordelen niet altijd in de beoogde jaarschijf verzilverd kunnen worden. Het is daarom ook dat in 2021 de beoogde ombuiging van € 450.000 niet volledig structureel is gehaald. Incidenteel is het bedrag wel gerealiseerd vanuit verbeterresultaten en verrekeningen met andere ombuigingen. Voor de doorontwikkeling en verdere professionalisering van de organisatie zijn voor de jaren 20202023 incidentele transformatiemiddelen beschikbaar gesteld van in totaal € 1,9 miljoen. Dit jaar is van deze middelen € 882.000 benut. De middelen die nu nog resteren zullen in 2022 en 2023 worden ingezet voor de verdere uitvoeringsplannen teneinde de totale ombuigingsvoorstellen op de bedrijfsvoering in 2023 (ook in totaal € 1,9 mln.) te realiseren.

Pagina 49 van 140

O22.001020

3. Ontwikkeling loonsom en personele bezetting In onderstaand overzicht zijn de bezetting en loonsom vermeld voor de periode 2019-2021: Loonsom a. Raad b. Griffie c. Burgemeester en wethouders d. Ambtelijke organisatie

Jaarrekening 2019 x € miljoen 0,8 0,4 0,7 55,0

Jaarrekening 2020 x € miljoen 0,8 0,4 0,7 57,6

Jaarrekening 2021 x € miljoen 0,8 0,4 0,8 60,5

56,9

59,5

62,5

31-12-2019 fte 4,70 fte 819,63 fte 824,33 fte

31-12-2020 fte 5,39 fte 845,98 fte 851,37 fte

31-12-2021 fte 4,39 fte 869,70 fte 874,09 fte

Totaal Bezetting a. Griffie b. Ambtelijke organisatie Totaal

Ontwikkeling bezetting De rapportage van de bezetting komt voor het eerst rechtstreeks vanuit het nieuwe HR systeem. Uit dit systeem blijkt dat de stijging van het aantal fte onder meer komt doordat er in 2021 een aantal nieuwe teams zijn geformeerd, deels vanuit de bestaande bezetting, maar ook deels door uitbreiding. Zo is er een nieuw team gekomen voor de verbetering van de dienstverlening aan de Mienskip, is het team verantwoordelijk voor het beheer van ons gemeentelijk archief vanuit het cultuurhistorisch centrum De Tiid geformaliseerd en is de ‘pilot’ voor een team bestuurszaken bestaande uit het bestuurssecretariaat en bestuursadviseurs omgezet naar een structurele situatie. Tot slot is er bij de keten ruimte geïnvesteerd in meer werk & leertrajecten en is er voor de verdere professionalisering van de organisatie extra bezetting gekomen bij automatisering, data en informatiemanagement. Ontwikkeling loonsom De loonsom is in 2021 gestegen met € 3 miljoen. Dit is in lijn met de stijging van de bezetting en de reguliere stijging van de werkgeverslasten. 4.

Overzicht salarissen, externe inhuur en vergoedingen personeel De salariskosten, de kosten van inhuur, de inkomsten uit detacheringen en de uitkeringen/subsidies voor personeel (ZW/WAZO en loonkostensubsidies) zijn nauw met elkaar verweven en daarom in onderstaande tabel een overzicht van de (afgeronde) totalen in 2021 van deze vier categorieën. Onderdeel Salarissen Inhuur Vergoeding detacheringen Uitkering ZW/WAZO en loonkostensubsidie Totaal resultaat

Raming

Werkelijk

Resultaat

Voordeel/nadeel

62.425.000 10.588.000 -822.000

62.495.000 10.119.000 -968.000

-70.000 469.000 146.000

nadeel voordeel voordeel

-40.000

-303.000

263.000 808.000

voordeel voordeel

Er is sprake van een positief resultaat van € 808.000; er is minder uitgegeven dan begroot. Het positieve resultaat is vooral ontstaan door de extra gelden die in 2020 en 2021 zijn ontvangen voor de uitvoering van de TOZO. In de begroting is hier (afgerond) € 975.000 voor opgenomen, terwijl de werkelijke kosten in 2021(weer afgerond) € 500.000 bedroegen (inhuur externen). Deze kosten lopen overigens nog wel steeds door, aangezien de afwikkeling van de TOZO nog zeker een aantal jaren zal duren. Andere oorzaken van het positieve resultaat liggen aan de inkomsten kant. Er zijn meer uitkeringen (denk aan uitkeringen bij zwangerschapsverlof) en vergoedingen (zoals voor detacheringen van personeel) voor het personeel ontvangen dan was begroot. Uit bovenstaande overzicht blijkt bovendien dat 14,2% betrekking heeft op externe inhuur. In 2020 was dit nog 12,8%. Ook de totale kosten voor inhuur zijn toegenomen. In 2020 waren deze kosten € 8.532.000, terwijl dit jaar € 10.119.000 is uitgegeven. Oftewel, een stijging van € 1.587.000. De

Pagina 50 van 140

O22.001020

verklaring van de stijging is tweeledig. Ten eerste is de corona-pandemie een belangrijke oorzaak. Het extra werk dat hierdoor ontstond kon, anders dan in 2020, veelal niet meer door het eigen personeel worden opgevangen. Er is daarom meer gekozen voor externe inhuur. De tweede oorzaak is de schaarste op de arbeidsmarkt. Vacatures zijn steeds moeilijker in te vullen en een tijdelijke oplossing door externe inhuur is dan vaker aan de orde. 5. Niet financiële onrechtmatigheden De commissie BBV geeft via de kadernota rechtmatigheid haar visie over de invulling van het begrip rechtmatigheid in de controleverklaring voor de decentrale overheden. In 2021 is hierop een addendum verschenen, met de stellige uitspraak dat “niet-financiële onrechtmatigheden in verband met het niet naleven van bepalingen in de Wet Fido en bijbehorende regelingen in de paragraaf bedrijfsvoering moeten worden opgenomen en toegelicht”. Aan deze overtredingen van de Wet Fido zijn in veel gevallen geen (directe) financiële gevolgen verbonden. Te denken valt hierbij aan het overschrijden van de renterisiconorm en/of de kasgeldlimiet voor meerdere kwartalen. Deze onrechtmatigheden hoeven derhalve niet te worden opgenomen in de verklaring van rechtmatigheid.

De commissie BBV is echter van mening dat onrechtmatigheden op dit vlak van belang kan zijn voor het beeld dat de raad heeft over de financiële positie van de gemeente en dat de raad geïnformeerd dient te worden over deze afwijkingen. In paragraaf 4 “Financiering” is de kasgeldlimiet en de renterisiconorm verder uitgewerkt. In 2021 waren er geen overschrijdingen. Van niet-financiële onrechtmatigheden is dan ook geen sprake.

Pagina 51 van 140

O22.001020

2.3.6

Paragraaf 6: Verbonden partijen

1. Inleiding De meeste taken die de gemeente uitvoert zijn door een scala van wetgeving opgedragen aan de gemeente (bijv. inzameling huishoudelijk afval en uitvoering van de participatiewet). Een aantal andere taken voert de gemeente uit op eigen initiatief (bijv. grondexploitatie en sport). Bij de uitvoering van de taken maakt de gemeente de keus om deze zelf uit te doen of om deze door een ander uit te laten voeren. De keuze wordt gemaakt op basis van de beantwoording van de volgende vragen: - óf er (bedrijfseconomische) schaalvoordelen kunnen worden behaald; - óf bij de uitvoering/dienstverlening een hogere kwaliteit/dienstverlening wordt gerealiseerd. Is er voor gekozen om een taak door een ander te laten doen dan zijn er twee keuzes, te weten: 1. dit te laten doen door een organisatie waarin de gemeente geen zeggenschap heeft; 2. dit te laten doen door een organisatie waarin de gemeente wel zeggenschap heeft. Schematisch kan dit als volgt worden weergegeven: Taken die aan de gemeente zijn opgedragen Taken waar de gemeente zelf voor heeft gekozen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11572372/1