Bijlage 1 - Programmabegroting 2026
Tekst van het document
Er zullen waarschijnlijk minder taxiritten worden gereden, voornamelijk minder ritten korter dan 1 kilometer. De besparing kan dus groter zijn dan dit bedrag. We gaan uit van 1 januari 2026 als ingangsdatum. 17. en 18. Opbrengst en investering: Proces aanvraag levensonderhoud (6k) In 2019 startte een procesoptimalisatie voor aanvragen levensonderhoud, gevolgd door een Leantraject in 2021. Aanbevelingen zijn deels uitgevoerd, maar verdere verbeteringen zijn mogelijk. Focus ligt op doorlooptijdverkorting, automatisering, instroombeperking, minder bewijslast, efficiëntere teamindeling, en aansluiting op Participatiewet in Balans. Dit zal uitvoeringskosten verlagen en dienstverlening mensgerichter maken. De besparing wordt gerealiseerd door minder inzet van personeel. We schatten een financieel voordeel in van € 300.000 in 2026, oplopend naar € 450.000 vanaf 2027. Om dit te kunnen realiseren is nog een incidentele investering nodig van € 100.000 in 2026 en € 100.000 in 2027. 19. Opbrengst: Jeugd / Collectieve inzet hulp op school (7a) Sommige kinderen kunnen naar school met een individuele jeugdhulpindicatie. Bij voorbeeld de A-klas op de RSG waar alle leerlingen een diagnose in het autismespectrum hebben. We willen de individuele trajecten omzetten in een collectief aanbod in de klas. Een ander voorbeeld is de Wetterwille. Daar is al 90.000 structureel bespaard.
We denken met deze inzet een extra € 40.000 structureel te kunnen besparen vanaf 2026. 20. Opbrengst: Jeugd / Inzet zorgadviseur (7b) Het sturen op kaders en monitoren van de afspraken met de zorgaanbieders maakt deel uit van de opdracht van de zorgadviseur. De zorgadviseur ondersteunt de gebiedsteammedewerkers hierin. Met name wordt ook gekeken naar inzet van niet-gecontracteerd aanbod (maatwerk). De eerste ervaringen laten zien dat focus op de GI’s (gecertificeerde instellingen) kansrijk is. De GI’s verwijzen regelmatig naar niet-gecontracteerd aanbod. De verwachting is dat de gemiddelde kosten van de trajecten omlaag kunnen. In dit voorstel is gerekend met een verlaging van 10%. Dat komt overeen met een besparing van € 345.000. 21. Opbrengst: Jeugd / Samenwerking met artsen (7c) We maken afspraken met huisartsen, medisch specialisten en jeugdartsen over de doorverwijzing naar de jeugdhulp. We doen dit door de trajecten die qua kosten erg afwijken van het gemiddelde te controleren op basis van een protocol. We verwachten daarmee € 200.000 te kunnen besparen. 22. Opbrengst: Jeugd / Zorgboerderijen (7d) Er worden zorgboerderijen ingezet als passende onderwijsplek. We zien dat zorgboerderijen in de praktijk alle kosten bij de gemeente declareren als zorg. Leerlingen die op een zorgboerderij zitten ter vervanging van onderwijs moeten terug naar school.
Als dit voor bepaalde leerlingen niet Pagina 43 van 178
O25.000993
mogelijk is, dient er een gezamenlijke financiering door onderwijs en gemeente te worden afgesproken. Gebiedsteammedewerkers voorkomen zoveel mogelijk de inzet van een zorgboerderij. Hoewel de gemeente per jaar meer besteedt aan zorgboerderijen dan bovenstaande bedragen, wordt een besparing van € 500.000 op dit moment beschouwd als ambitieus en tegelijkertijd realistisch. Wij geven geen geld specifiek aan onderwijs op zorgboerderijen uit. Wij betalen de totale kosten van de inzet van de zorgboerderij / dagopvang. Ook als daarnaast dus onderwijs plaatsvindt. De inzet per dagopvang / zorgboerderij kost per leerling gemiddeld € 90.000 per jaar. 23. Opbrengst: Samenwerking bewindvoering (7f) We willen de kosten van bewindvoering verlagen met € 50.000 in 2026 oplopend naar € 150.000 vanaf 2028. Dat doen we door: Het aanstellen van een projectleider/kwartiermaker voor het opzetten van een samenwerking met bewindvoerders door o.a. het: ⁻ Vastleggen van convenanten met afspraken over de instroom, doorstroom, uitstroom en nazorg; ⁻ Opzetten van een gezamenlijke overlegstructuur; ⁻ Op elkaar afstemmen en aanpassen van werkprocessen (integrale dienstverlening); ⁻ Inzetten van een aanbod (zoals Plinkr Nazorg) voor het ontzorgen van bewindvoerders bij het bevorderen van zelfredzaamheid van inwoners die onder bewind staan.
Buiten de samenwerking met bewindvoerders kunnen ook andere initiatieven ingezet worden om het gebruik van schuldenbewind te verlagen, zoals: ⁻ Informeren van doorverwijzende partijen en faciliteren met behulp van een afwegingskader bewind; ⁻ Inzetten vroegtijdige (online) hulp, zoals Geldfit.nl; ⁻ Implementeren van een bestandskoppeling tussen lopende toekenningen van bijzondere bijstand voor bewind en lopende schuldentrajecten. ⁻ Aanbieden van een laagdrempelig financieel gesprek bij o.a. instroom of uitstroom uitkering om preventief schuldenproblematiek te voorkomen.
Nieuwe voorstellen 24. Klokuren vergoeding bewegingsonderwijs Ieder jaar ontvangen de eigenaren van gymzalen een vergoeding voor de klokuren die de scholen gebruiken in hun gymzalen. Dit is volgens de beleidsregel vergoeding lokalen bewegingsonderwijs. Deze vergoeding stijgt ieder jaar vanwege de indexering en omdat er mogelijk meer groepen gymmen. Onze uitgaven stijgen hierdoor. Het jaarlijks indexeren is een bindende afspraak vanuit de beleidsregel vergoeding lokalen bewegingsonderwijs. Dit vergt een budgetverhoging van € 18.000 structureel. 25. Onderhoud en aanpassing lokalen/bewegingsonderwijs De schoolbesturen die zelf een gymzaal in eigendom hebben, ontvangen jaarlijks van de gemeente een vergoeding voor de bekostiging van het buitenonderhoud en aanpassingen. Dit is volgens de beleidsregel vergoeding lokalen bewegingsonderwijs. De hoogte van de vergoeding wordt ieder jaar volgens de VNG norm geïndexeerd. Dit is afgesproken met de schoolbesturen per 1-1-2015 in verband met de overheveling onderhoud. Gezien het een bindende afspraak is vanuit de beleidsregel vergoeding lokalen bewegingsonderwijs dienen de kosten jaarlijks geïndexeerd te worden. Ook deze indexatie vergt een budgetverhoging van € 18.000. 26. Onderwijshuisvesting Primair Onderwijs Het waarborgen van goed en toegankelijk onderwijs voor alle leerlingen is nodig, zodat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen.
Door te investeren in onderwijshuisvesting, kansengelijkheid en samenwerking met scholen, draagt de gemeente bij aan een sterke basis voor de toekomst van jongeren in de regio. Pagina 44 van 178
O25.000993
We stellen voor om vanaf 2026 in het investeringsprogramma voor Onderwijshuisvesting primair onderwijs (PO) jaarlijks extra bedragen op te nemen: € 522.000 voor nieuwbouw (met een jaarlijkse kapitaallast van ca. € 18.000) en € 2.579.000 voor renovatie/vernieuwbouw (met een jaarlijkse kapitaallast van ca. € 103.000). Deze extra investeringen zijn noodzakelijk door onze wettelijke zorgplicht voor adequate onderwijshuisvesting. Van de 62 scholen in de gemeente is meer dan de helft 40 jaar of ouder en technisch verouderd. De meeste voldoen niet meer aan de huidige onderwijs- en maatschappelijke eisen. In het IHP zijn 23 basisscholen (14 nieuwbouw, 9 renovatie/vernieuwbouw) en 5 middelbare scholen opgenomen, waarvan bijna de helft binnen 16 jaar vernieuwd wordt. Er is dringend een inhaalslag nodig om de verouderde schoolgebouwen te moderniseren en toekomstbestendig te maken (duurzaam, inspirerend en betaalbaar). Graag verwijzen we nog naar het Integraal huisvestingsplan onderwijs Súdwest-Fryslân 2025 – 2040, dat op 10 juli 2025 is vastgesteld door de gemeenteraad. 27. en 28. Onderwijshuisvesting Voortgezet Onderwijs/Onderuitputting Onderwijshuisvesting VO Naast het primair onderwijs is ook investeren in het voortgezet onderwijs (VO) een wettelijke taak van de gemeente.
Investeren in de toekomstige huisvesting van het VO is nodig en vraagt om een investeringsbedrag van circa € 108 miljoen. De raad heeft in februari 2025 geld beschikbaar gesteld voor een haalbaarheidsonderzoek naar de toekomstige huisvesting van het VO. Hierin worden de baten en lasten op de beoogde locatie in het spoorzonegebied inzichtelijk gemaakt. Mede op basis van dit haalbaarheidsonderzoek zal besloten worden op welke manier de toekomstige huisvesting vorm krijgt. Daarnaast is nog een bedrag voor bewegingsonderwijs/sport nodig. We stellen voor om een ingroeiende kapitaallast te begroten van € 0,5 miljoen in 2027, oplopend naar € 2 miljoen in 2029, toegroeiend naar een structureel bedrag van uiteindelijk € 6 à € 7 miljoen. Tot de nieuwe onderwijshuisvesting voor het VO is afgerond, vallen de begrote kapitaallasten tijdelijk vrij en kunnen incidenteel worden ingezet. De kapitaallasten zijn pas in het jaar na de oplevering nodig, wanneer de afschrijving begint. 29. Peuteropvang De gemeente verleent een jaarlijkse budgetsubsidie aan peuteropvanginstellingen in de gemeente op basis van het aantal bezette peuterplaatsen voor de peuteropvang waarop de gemeentetoeslag van toepassing is, het koptarief en voor extra VVE dagdelen. Het Rijk stelt jaarlijks een maximale uurprijs vast.
De maximale uurtarieven zijn jaarlijks gestegen, terwijl het budget hiervoor bij de gemeente niet is meegestegen. Daardoor is er ondertussen een tekort ontstaat. De gemeente moet zich houden aan de vastgestelde tarieven van het Rijk. Dit betekent dat het tekort jaarlijks verder oploopt. We stellen voor om het budget te verhogen met € 110.000. 30. Onderhoud binnensportaccommodaties Gemeenten hebben een wettelijke zorgplicht m.b.t voldoende en adequate huisvesting voor het bewegingsonderwijs. Dit betreft gymzalen, sporthallen en sportzalen (binnensportaccommodaties). Tevens heeft de gemeente vanuit het Klimaatakkoord van Parijs, de klimaatwet en de Routekaart Verduurzaming Sport een verplichting om onze binnensportaccommodaties te verduurzamen. In 2030 moet er voldaan zijn aan een CO2-reductie van 49% en in 2050 van 95% t.o.v. 1990. Het overgrote deel van onze binnensportaccommodaties zijn in de jaren ‘60, ‘70 en ‘80 gebouwd en voldoen niet aan de eisen vanuit bovengenoemde regelgeving. Naast het verduurzamen van de binnensportaccommodaties vergen de gebouwen, vanwege hun leeftijd, ook steeds meer regulier onderhoud zoals schilderwerk, vervangen van daken, installaties, enz. Het bestaande budget in de begroting is niet toereikend voor regulier onderhoud en verduurzaming. We stellen voor om hier in 2026 een bedrag van € 500.000 voor te begroten.
Bedragen vanaf 2027 zijn afhankelijk van de Visie op duurzame en toekomstbestendige sportaccommodaties, die eind 2025 behandeld wordt door de gemeenteraad.
Pagina 45 van 178
O25.000993
31. Onderhoud zwembaden (It Rak en De Klomp) Zwembaden moeten voldoen aan steeds strengere wet- en regelgeving inzake veiligheid en gezondheid. Zo is vanaf 2024 de nieuwe zwemwaterwet van kracht (strengere eisen kwaliteit zwemwater) en eist de Rijksoverheid dat grootverbruikers (waar zwembaden onder vallen) verplicht verduurzamingsmaatregelen gaan treffen. Dit vergt niet alleen een optimale investering in bijvoorbeeld installaties maar ook in het gebouw. Tevens is verduurzaming noodzakelijk vanuit het Klimaatakkoord van Parijs, de klimaatwet en de Routekaart Verduurzaming Sport. It Rak (Sneek) Na langdurig onderzoek door de gemeente en Optisport blijkt dat er in de huur aan de Vastgoed BV structureel de component onderhoud ontbreekt. De huur is verwerkt in de structurele subsidie aan Optisport. Dit is de reden dat er al jarenlang structureel te weinig geld is voor onderhoud/ installaties waardoor het zwembad kampt met achterstallig onderhoud. Het structurele onderhoudsbudget in de gemeentelijke begroting van € 100.000 is bij lange na niet toereikend om al het onderhoud uit te kunnen voeren. Contractueel gezien mag Optisport nu om een huurverhoging vragen om dit tekort op te vangen. Verstandiger is om het onderhoudsbudget in de gemeentelijke begroting te verhogen, omdat de gemeente dan de regie houdt op het uitvoeren van het onderhoud, vervangen installaties plus verduurzaming.
Om zwembad It Rak tot en met 2031 goed en veilig te kunnen laten functioneren is volgens de meerjarenonderhoudsplanning (MJOP) uit 2023 in totaal € 1,8 miljoen nodig. Zo moet een deel van de installaties vervangen worden plus de complete tegelvloer in het zwembadcomplex. Om het zwembad volledig te verduurzamen is nog eens een extra investering van in totaal € 2,9 miljoen nodig. Voor 2026 achten wij het noodzakelijk om het onderhoudsbudget voor zwembad It Rak te verhogen met € 500.000 voor noodzakelijk onderhoud en ’kleine’ verduurzamingsmaatregelen. Bedragen vanaf 2027 zijn afhankelijk van de Visie en Aanpak Sportaccommodaties. Eind februari 2031 houdt de Vastgoed BV van rechtswege op te bestaan en vervalt het zwembad in zijn geheel in eigendom terug naar de gemeente. Uitstellen van de werkzaamheden tot na 2031 is niet mogelijk omdat zwembaden jaarlijks gecontroleerd worden op veiligheid en gezondheid. Bij het niet naleven van deze wettelijke eisen kunnen er boetes worden opgelegd of kan het zwembad verplicht worden gesloten (intrekken vergunning). Daarbij komt dat Optisport ons contractueel kan verplichten om de huur te verhogen om de onderhoudsverplichtingen na te komen. Bij niet naleving van het contract kan Optisport ons in gebrekestellen. Zwembad De Klomp (Wommels) Contractueel is vastgelegd dat alle onderhoudslasten boven de €15.000 ten laste van de gemeente komen.
Het zwembad is gemeentelijk eigendom. Onderhoudskosten zijn de laatste jaren flink gestegen waardoor het budget voor onderhoud in de gemeentelijke begroting voor de komende jaren niet langer toereikend zal zijn. Om het zwembad in een goede conditie te blijven houden is, volgens de meerjarenonderhoudsplanning (MJOP), structureel extra € 50.000 nodig. Met het inzetten van de extra € 50.000 voorkomen we dat het zwembad met achterstallig onderhoud te maken gaat krijgen. We stellen voor om hier alleen in 2026 een bedrag van € 50.000 voor te begroten. Bedragen vanaf 2027 zijn afhankelijk van de Visie en Aanpak Sportaccommodaties. 32. Nieuwe opstallen De Klomp (Wommels) De opstallen van zwembad De Klomp zijn aan vervanging toe. Al vanaf 2018 is de stichting met de gemeente in gesprek over het vervangen van deze opstallen. De opstallen zijn niet meer van deze tijd (geen uitstraling), voldoen niet meer aan de ARBO eisen (bestuurs- en personeelsruimtes) en zijn bouwkundig volledig afgeschreven. De stichting heeft in 2018 een financiële doorrekening gemaakt voor renovatie of nieuwbouw. De financiële doorrekening gaf aan dat renovatie bijna € 300.000 moest gaan kosten. Renovatie bleek financieel niet verstandig omdat de afschrijvingstermijn korter is (20 tot 25 jaar in tegenstelling tot de 40 jaar voor nieuwbouw) plus voor dit bedrag kon de gewenste realisatie (o.a.
betere bestuurs-personeelsruimtes) niet worden gerealiseerd. Kosten voor nieuwbouw kwamen in 2018 uit op € 500.000. De opstallen voldoen dan weer volledig aan de eisen van deze tijd (ARBO eisen, verduurzaming, enz.). Vanwege bezuinigingen in 2019 en daarna corona, is de financiering voor het vervangen van deze opstallen telkens uitgesteld. Dit met het gevolg dat de opstallen qua gezondheidseisen en veiligheidseisen dus niet meer voldoen en nu echt toe zijn aan vervanging. Uitstellen is geen optie meer. Pagina 46 van 178
O25.000993
Met de stijging van de bouw- en installatiekosten over de afgelopen jaren achten wij een incidenteel budget voor nieuwbouw op € 650.000 realistisch. Deze investering geeft een kapitaallast van ca. € 26.000. Een eventueel tekort wordt door de stichting opgevangen door het aanvragen van subsidies, hulp van sponsoren en vrijwilligers. We stellen voor om voor de nieuwbouw een krediet beschikbaar te stellen van € 650.000. 33. Onderhoud buitensport accommodaties Momenteel is er jaarlijks een budget van € 461.000 (excl. personeelsbudget) voor het onderhoud van alle buitensportaccommodaties beschikbaar. Dit omvat: - 63 natuurgrasvelden (voetbal, kaatsen en rugby) - 14 kunstgrasvelden (voetbal, hockey en korfbal) - 7 beachvolleybalvelden - 2 fierljepschansen - 2 skeelerbanen - 1 wielerbaan - 1 atletiekbaan - 1 survivalbaan Onderzoek naar een MJOP, een Meerjaren Onderhoudsplan (februari 2025) van ingenieursbureau PLANN.ING heeft aangetoond dat voor kwalitatief verantwoord onderhoud van al deze accommodaties een jaarlijks budget van € 1.200.000 noodzakelijk is (inclusief personeelskosten). Hierbij dient aangemerkt te worden dat er 10 beachvolleybalvelden zijn, die niet in het onderzoek zijn meegenomen. Op basis van de uitgangspunten in het hiervoor genoemde onderzoek betekent dit nog een extra toename van € 11.000 aan jaarlijkse onderhoudskosten.
Dit betekent dat we de facto een bedrag tekortkomen van € 544.000 per jaar. We stellen voor om voor het jaar 2026 dit bedrag van € 544.000 te begroten. De benodigde bedragen vanaf 2027 zullen moeten blijken uit de visie op toekomstbestendige en duurzame sportaccommodaties in Súdwest-Fryslân. 34. Nieuwbouw Kultuerhús Klameare in Workum In de raad van 10 juli 2025 is de nieuwbouw van Kultuerhús Klameare aan de orde geweest. Besloten is om de jaarlijkse exploitatiebijdrage aan de stichting Kultuerhús Klameare met € 102.000 te verhogen van € 198.000 naar € 300.000 en dit bedrag vanaf het jaar 2027 op te nemen in de begroting. Dit is de invulling van dat besluit. 35. Indexatie subsidie bedragen 2026 Het is algemeen bekend dat kosten stijgen. Voor organisaties met personeel in dienst gaat het hierbij om serieuze bedragen. Het niet indexeren van deze subsidiebedragen betekent al gauw dat ze veel geld mis lopen. Dat is eigenlijk een verkapte bezuiniging, want deze organisaties hebben hier geen invloed op. Voorstel is dan ook om hen hierin tegemoet te komen. Voorstel is om zowel de subsidiebedragen aan loonsomgevoelige organisaties als de subsidiebedragen aan niet-loonsomgevoelige organisaties te indexeren. Bij dit voorstel sluiten we aan bij de indexatie die we ook doorvoeren in onze eigen organisatie.
Dat betekent een indexatie van de loonsomgevoelige component met 1,383% in 2026 en 2,008% vanaf 2027 en een indexatie van de niet-loonsom component met 2,7%. Voor de loonsomgevoelige organisaties is dit in de gebruikelijke verhouding 55%/45%, waardoor het voor 2026 uitkomt op een percentage van 1,98%. Dit voorstel richt zich alleen op de jaarlijkse subsidies die we daadwerkelijk geven, en dus niet op eenmalige subsidies, subsidies die we afbouwen of subsidies waarbij o.b.v. overeenkomst andere afspraken gelden. Het bedrag fluctueert daardoor. Het werkelijk benodigde bedrag kan verder verschillen doordat er uiteindelijk meer/minder subsidies worden gegeven. Daarom is het gewenst enige marge te hanteren, zeg 10%. Voor 2026 is er dan een totaalbedrag benodigd van € 341.000 voor de indexatie van subsidies. Dat is inclusief de contractueel vastgelegde indexaties van de subsidies voor de zwembaden It Rak en De Klomp en voor het Ondernemersfonds. Vanaf 2027 gaat het om een bedrag van € 388.000.
Pagina 47 van 178
O25.000993
36. Onafhankelijke clientondersteuning (OCO) Vanuit de Wmo 2015 hebben we een wettelijke verplichting om onafhankelijke cliëntondersteuning voor de inwoner gratis beschikbaar te stellen. Er is meer bekendheid gegeven aan het werk van een OCO-er, waardoor de inzet stijgt. Het aantal uren is in de jaren 2021 tot en met 2024 toegenomen. Het gaat om 609 uren in 2021, 726 uren in 2022, 1.284 uren in 2023 en 1.558 uren in 2024. Door deze toename is een structurele budgetverhoging nodig van € 100.000. 37. Indexatie loonkosten Stichting Sociaal Collectief Stichting Sociaal Collectief heeft net als de gemeente te maken met stijgende personeelslasten als gevolg van salarisstijgingen. Daarnaast heeft de stichting te maken met tredeverhogingen. We behandelen de Stichting in de basis gelijk als onze eigen organisatie. Dat betekent een indexatie van 1,383% over 2026 en 2,008% vanaf 2027. Aanvullend is er 3% nodig voor de tredeverhogingen. Op basis van een loonsom van € 2,5 miljoen betreffen het dan verhogingen van € 110.000 voor 2026 en € 125.000 vanaf 2027. 38. en 39. Tekort BUIG (lagere uitkering Rijk) en Extra opgave BUIG Gemeenten ontvangen van het Rijk de gebundelde uitkering inkomensvoorziening gemeenten (BUIGbudget). Het Rijk stelt jaarlijks een macrobudget vast dat onder gemeenten wordt verdeeld.
De jaarlijkse aanpassing van het verdeelmodel van de BUIG roept jaarlijks landelijk veel vragen op en een eenduidige verklaring die aansluit bij de praktijk wordt niet gegeven door de makers van het BUIG-model. Het algemene deel van gemeente Súdwest-Fryslân is in 2024 na aanpassing van het verdeelmodel 9% lager vastgesteld. Het landelijk budget is in dat jaar gestegen met 2,6%. Verhoudingsgewijs ging Súdwest-Fryslân er meer dan 11% op achteruit. Deze trend is doorgezet in 2025 en verder. Het verwachte tekort van € 2 miljoen wordt in zijn geheel veroorzaakt door de lagere inkomsten. Hier hebben we geen invloed op. We moeten de verlaging van de inkomsten opnemen in onze begroting. Om weer in de pas te komen met de lagere inkomsten, zetten we via de Kansrijke sporen (6a) in op een kostenverlaging. Aanvullend aan dat Kansrijke spoor is een Extra opgave BUIG van € 500.000 opgenomen in 2026 om al in dat jaar tot een evenwicht te komen. We lobbyen, vanuit de commissie PSI van de VNG, samen met Rotterdam, Den Haag en Enschede voor een voorstel om binnen de huidige kaders de nadeelgemeenten tegemoet te komen. Daarnaast doen we een aanvraag voor een bijdrage uit de vangnetregeling van de BUIG. 40. Indexaties Sociaal Domein De inkoop van diverse zorgcontracten wordt jaarlijks geïndexeerd op basis van de contracten die we hebben afgesloten.
De indexering is afhankelijk van de afspraken in de contracten. We houden in de begroting rekening met de volgende indexaties/tariefverhogingen: Zorgkosten Wmo HH Wmo Begeleiding Wmo Hulpmiddelen Wmo GI Wmo PGB Wmo Vervoer Wmo Woonvoorzieningen Leerlingenvervoer Jeugd - Tarieven dagopvang
Begroting 2024 10.009.829 10.370.253 2.380.000 729.168 1.010.000 2.650.000 705.000 2.371.000 8.780 dagdelen
Jeugd – Tarieven pleegzorg Jeugd Jeugd – Algemeen Jeugd – GI Jeugd – PGB Totaal
1.586.090 32.479.422 617.334 3.400.000 350.000
Pagina 48 van 178
Indexering 4,00% 4,00% 3,50% 4,00% 4,00% 3,50% 3,50% 3,50% Verhoging/dag: € 14,85 + 5,00% 8,09% 5,00% 3,50% 5,52% 5,00%
O25.000993
Indexatiebedrag 2026 400.393 414.810 83.300 29.167 40.400 92.750 24.675 82.985 136.902 128.235 1.623.971 21.607 187.680 17.500 3.284.375
41. en 42. Stelpost Eigen bijdrage jeugdzorg en Stelpost Sturen op trajectduur jeugdzorg Het Rijk gaat er van uit dat door de invoering van de Eigen bijdrage jeugdzorg en Sturen op trajectduur jeugdzorg, de kosten bij gemeenten zullen gaan dalen. Door deze verwachting krijgen we minder algemene uitkering (dus minder inkomsten). De provincie staat ons toe om voor deze kostendalingen ook een stelpost op te nemen (dus ook lagere kosten). Daarmee zijn inkomsten en kosten weer in evenwicht. Deze stelposten hebben we hier opgenomen in de begroting.
Pagina 49 van 178
O25.000993
2.2.2 Programma 2: Ruimte Hoofdtaakvelden Het programma Ruimte bestaat uit 4 hoofdtaakvelden. Per hoofdtaakveld geven we aan wat we willen bereiken en wat we daarvoor gaan doen. In een totaaloverzicht tonen we alle baten en lasten binnen dit programma. Daarna benoemen we gedetailleerd de voorgestelde aanpassingen op dit programma in de begroting. Om dat te duiden beschrijven we eerst enkele ontwikkelingen in het ruimtelijk domein.
Ontwikkelingen in het ruimtelijk domein In het ruimtelijke domein komen veel van de grote opgaven die we hebben samen. Opgaven die cruciaal zijn voor het welzijn van onze inwoners en onze ondernemers. De woningbouwopgave, energietransitie, landbouw en energietransitie en klimaatadaptatie. Maar ook de economische ontwikkeling van onze steden en dorpen en het realiseren van duurzame mobiliteit. Veel van deze opgaven hebben hun oorzaak buiten onze gemeente maar vragen van ons wel lokale oplossingen. De opgaven zijn urgent, omvangrijk en vragen ook allemaal om een plek in de fysieke leefomgeving. In het programma Ruimte schetsen we hoe we met de diverse opgaven voor onze inwoners en bedrijven aan de slag gaan. Daarbij hebben we ook nadrukkelijk oog voor de samenhang en de integrale afwegingen die we hebben te maken. Het ruimtelijk vraagstuk is complex, we kunnen niet alleen een euro maar ook elke meter maar 1 keer uitgeven. De samenhang tussen de opgaven proberen we vooral ook te borgen in een sterke gebiedsgerichte aanpak, zoals beschreven onder speerpunt 6 van Bestuur. De diversiteit van onze gemeente is een ook van onze krachten en werken we integraal aan projecten en oplossingen die ook echt passen bij de specifieke behoeften van de inwoners in een gebied.
Daarnaast ontwikkelen we een sterke visie waarmee we goed kunnen sturen en voortgang kunnen brengen in de opgaven die er liggen. Het rijk heeft met de nationale omgevingsvisie (NOVI) en programma’s als mooi Nederland duidelijke richtlijnen meegegeven. Met de provincie werken we aan de provinciale omgevingsvisie (POVI). Binnen deze context hebben we keuzes te maken die passen bij de identiteit en kracht van onze gemeente. Dat vraagt om heldere afwegingen, samenhang tussen functies en oog voor kwaliteit. We gaan daarom in 2026 ook met stakeholders aan de slag met verdere uitwerking en herijking van de gemeentelijke omgevingsvisie (GOVI). Daarmee bouwen we aan een leefomgeving die klaar is voor de toekomst. Een visie die richting geeft, keuzes Pagina 50 van 178
O25.000993
durft te maken en ruimte schept voor ontwikkeling. Daarmee sluiten we ook aan op de F4 verstedelijkingsstrategie en de wens voor een Lelylijn. Als F4 (Leeuwarden, Drachten, Heerenveen en Sneek/ Súdwest-Fryslân) staan we nu duidelijk op de kaart en erkent het rijk dat ook in Friesland een groeibehoefte en potentie bestaat. Daarmee wordt ook de basis voor leefbaarheid in de kleinere kernen en het landelijk gebied versterkt. De richting is helder. We werken aan onze grote opgaven voor onze inwoners en bedrijven en gaan daarbij zorgvuldig, duurzaam en samenhangend met onze ruimte om. Zo houden we Súdwest-Fryslân leefbaar, aantrekkelijk en vitaal voor onze inwoners, bezoekers en bedrijven.
Ruimte - hoofdtaakveld 1. Wonen Wat willen we bereiken? Minimaal 1000 woningen bouwen met kwaliteit voor alle doelgroepen, in steden en dorpen Wonen is een van de prioriteiten. Onze inwoners moeten kunnen wonen waar en hoe ze willen. Er is behoefte aan nieuwe woonvormen voor specifieke doelgroepen zoals starters, mensen met een zorgbehoefte en huishoudens met een tijdelijke woonvraag. We bouwen daarom deze coalitieperiode minimaal 1000 woningen (in 2026 gerealiseerd). In de Regionale Woondeal Zuidwest Friesland zijn afspraken met het Rijk en de provincie gemaakt over woningbouw en betaalbaarheid. Afgesproken is dat de gemeente Súdwest-Fryslân tot en met 2030 minimaal 1980 woningen realiseert, waarvan 660 sociale huurwoningen (1/3 deel). Er is ruimte om op basis van nieuwe ontwikkelingen en tussentijds met nieuwe initiatieven aan de slag te gaan. In 2025 zijn deze afspraken herijkt. In de herijking is afgesproken dat de gemeente Súdwest-Fryslân zich inspant om tot en met 2030 minimaal 2.297 woningen te realiseren, waarvan 2/3 betaalbaar (landelijke grenzen). We voldoen aan de afspraak uit de regionale woondeal (minimaal bruto 660 sociale huurwoningen in 2030) waarbij geen rekening wordt gehouden met sloop. De monitoring vindt plaats middels de woningbouwprogrammering (2022-2031) en de factsheet woningbouw die jaarlijks wordt opgesteld.
Op basis van het woononderzoek 2024 is duidelijk dat er meer behoefte is. Er dienen meer woningen te worden gebouwd. Met de woningcorporaties worden in de prestatieafspraken ook afspraken over de woningbouw van sociale huur gemaakt. We zien dat er nu onvoldoende plannen in ontwikkeling zijn om te kunnen voldoen aan de behoefte aan sociale huurwoningen. Bouwen in steden en kleinere kernen Een groot deel van onze opgave landt in de stedelijke kernen Sneek en Bolsward en in Workum. In verschillende plannen werken we aan de totstandkoming van aantrekkelijke, stedelijke woonmilieus in combinatie met voorzieningen. Dat doen we zowel binnenstedelijk als in de uitbreidingslocaties als Harinxmaland, Bolsward-Oost en Workum-zuid. De woningbouwopgave biedt juist in de steden een hele mooie basis voor integrale gebieds herontwikkelingen met diverse functies. Door gemengde integrale plannen te ontwikkelen en de randvoorwaarden te bieden zodat de markt ook met deze plannen aan de slag kan. We willen binnenstedelijk wonen aantrekkelijker maken, sneller bouwen en zorgen dat de doorstroming verbeterd wordt. Belemmeringen moeten zoveel als mogelijk worden weggenomen. Met ons woningbouwprogramma blijven we ook in de andere kernen met de markt en Mienskip werken aan goede, gedragen plannen. Dat doen we onder meer met onze kernenaanpak.
Om te zorgen dat jongeren en ouderen in “hun dorp” kunnen blijven wonen en ook kunnen blijven bijdragen aan de Mienskip. Duurzame woningvoorraad We zetten ook vol in op de verduurzaming van onze woningvoorraad. Zo moeten alle huurwoningen in 2050 energieneutraal zijn en zijn er subsidies voor particuliere woningeigenaren. De afspraken voor huurwoningen zullen onderdeel uitmaken van de meerjaren prestatieafspraken met de woningcorporaties en huurdersorganisaties die in het najaar van 2024 opgesteld worden. De sociale huurwoningen zijn ook onderdeel van de huidige en toekomstige wijkuitvoeringsplannen. Daarmee bundelen we opgaven en maken we meer impact op wijkniveau.
Pagina 51 van 178
O25.000993
Wat gaan we daar voor doen? Minimaal 1000 woningen voor alle doelgroepen 1. We voegen toe met kwaliteit en versnellen procedures Indicatoren/te behalen resultaat: • Taskforce wonen wordt in 2026 voortgezet • De kernenaanpak wordt gecontinueerd om mogelijkheden voor woningbouw in (kleine) kernen te vergroten. • Nieuw woonbeleid wordt begin 2026 vastgesteld. • Waar mogelijk bieden we ruimte voor vernieuwende woonvormen, zoals tijdelijke woonvormen, gemeenschappelijke woonvormen voor ouderen en vormen van wonen met zorg • Een snellere realisatie van woningbouw waar mogelijk • Waar mogelijk laten we procedures parallel lopen Toelichting De concrete invulling hiervan vindt plaats op basis van de woonbehoefte per deelgebied. Er kunnen 30% meer woningen in de programmering worden opgenomen dan de woonbehoefte aangeeft . De verwachting is dat begin 2026 de doelstelling van 1000 woningen gehaald zal worden. Gezien het aantal ‘harde’ plannen in het woningbouwprogramma verwachten we dat de komende jaren een behoorlijke hoeveelheid woningen gerealiseerd gaat worden. In 2026 verwachten we de oplevering van 250-300 nieuwe woningen. Binnen het programma Wonen wordt projectmatig aan de woonopgave gewerkt en wordt het woonbeleid ontwikkeld. De projectteams maken afwegingen over versnellingsmogelijkheden en de mogelijkheden om processen parallel te laten verlopen.
Ook de kernenaanpak maakt onderdeel uit van het programma. De kernenaanpak heeft zich inmiddels bewezen als instrument om woningbouwmogelijkheden in (kleine) kernen te vergroten. De taskforce Wonen heeft in 2025 voorstellen gedaan om meer woningen te kunnen realiseren, onder meer door gemotiveerd af te wijken van regelgeving, zoals op boerenerven en wonen bij wonen. Bovendien zijn 3 pilots gestart om te ervaren wat oplossingen zijn voor agrarische bedrijven die transformeren en waarbinnen bijzondere vormen van wonen mogelijk worden gemaakt. In 2026 willen we uitkomsten van pilots tussentijds evalueren en eventueel voorstellen doen om regelgeving aan te passen. De monitoring vindt plaats middels de woningbouwprogrammering (2022-2031) en de factsheet woningbouw die jaarlijks wordt opgesteld. In 2025 is het proces voor het ontwikkelen van nieuw woonbeleid gecontinueerd. Dit proces krijgt een vervolg begin 2026 door vaststelling hiervan. Zoals in het nieuw woonbeleid genoemd, komt er meer aandacht voor bijzondere woonvormen, voor onder andere aandachtsgroepen. 2. We zorgen voor lagere grondprijzen om projecten van de grond te krijgen en, waar gewenst, wordt erfpacht overwogen. Indicatoren/te behalen resultaat: • Per project advies over de wijze van exploitatie en betaalbaarheid van de woningen. Daarbinnen komt de afweging ten aanzien van erfpacht terug.
Toelichting Uit woningmarktonderzoek blijkt dat er een grote behoefte is aan betaalbare woningen. Ook de afspraken in de Regionale woondeal Zuidwest-Friesland zijn gericht op betaalbaarheid. Tweederde van de nieuwe woningen moet in de categorie ‘betaalbaar’ vallen. We gaan voor lagere prijzen en waar mogelijk voor erfpacht. We sturen op toevoeging van een betaalbaar segment en daarmee sturen we indirect op lagere (grond)prijzen. Voor erfpacht is een erfpachtcanon opgenomen in de grondprijzen-brief. Per project besluiten we over de wijze van exploitatie. Daarbinnen komt de afweging ten aanzien van mogelijkheden voor erfpacht terug.
Pagina 52 van 178
O25.000993
3. Bij nieuwbouwprojecten en sociale huur geven we inwoners met een sociaaleconomische binding waar mogelijk voorrang. Indicatoren/te behalen resultaat: • We maken afspraken over voorrang geven aan mensen met sociale binding met ontwikkelaars. Toelichting Woningcorporatie Elkien heeft in 2023 en 2024 een pilot ‘gerichte toewijzing’ uitgevoerd in 36 kernen (waaronder een flink aantal in Súdwest-Fryslân). In de helft van de vrijkomende woningen in een dorp is daarbij niet alleen de inschrijfduur bepalend voor toewijzing, maar ook de sociale band met een dorp. Voorwaarden is wel dat de inwoners aaneengesloten 1 jaar woonachtig zijn in het dorp of de afgelopen 10 jaar minimaal 6 jaar daarvan woonachtig zijn geweest in het dorp. In het najaar van 2025 wordt deze pilot geëvalueerd. Daarnaast zet het college zich in om in anterieure overeenkomsten afspraken te maken over het eerst aanbieden van woningen voor verkoop aan inwoners van de kern. We zijn betrokken bij de evaluatie van genoemde pilot. 4. We bevorderen dat de doelgroep ‘jonge ouderen’ (55- tot 70-jarigen) eenvoudiger kan verhuizen naar levensloopbestendige woningen. Indicatoren/te behalen resultaat: • Zie beoogde resultaten Actieplan SWF bouwt. Doelgroep is onderdeel van afwegingskader wonen. • In de planvorming van zowel gemeente als markt worden woningen voor deze doelgroep opgenomen.
• Uitvoering geven aan de activiteiten uit het omgevingsprogramma wonen en zorg en de gebiedsgerichte aanpak (uitvoeringsprogramma’s wonen en zorg) in 2026 Toelichting Doorstroming is een grote uitdaging en cruciaal voor een goede woningmarkt. Met name ook voor de “jonge ouderen” die nu lastig kunnen doorstromen naar geschikte, levensloopbestendige woningen. Volgens het woningmarktonderzoek is er minder behoefte aan 2-onder-1-kap woningen onder de € 355.000 als ouderen doorstromen. Dan komen namelijk meer woningen in deze categorie beschikbaar voor jongere huishoudens. In de praktijk zien we dat de doorstroming van ouderen niet ideaal is en dat de verhuisgeneigdheid laag is. Dit is de reden waarom toch 2-onder-1-kappers onder de € 405.000 in het woningbouwprogramma zijn opgenomen. In de programmering kijken we naar kansen voor jonge ouderen voor bijv. aantrekkelijke appartementen en levensloopgeschikte woningen. Op het thema Wonen & Zorg is in 2024 gestart met het gebiedsgericht uitwerken van het Omgevingsprogramma Wonen & Zorg. In de negen grotere kernen, waar nu een verpleeghuis is gevestigd, wordt toegewerkt naar concrete uitvoeringsprogramma’s Wonen & Zorg. In 2024 is gestart met: de woonwijk Sperkhem/Tuindorp in Sneek, Wommels en Heeg.
Het opstellen van gebiedsgericht uitvoeringsprogramma’s doen we samen met de samenwerkingspartners, woningcorporaties, zorgorganisaties, welzijn, huurderbelangenorganisaties en inwoners. Ook in 2025 zijn drie gebieden opgepakt. De aanpak zal in 2026 doorlopen. 5. We zetten in op maximale bijdragen vanuit het rijk, om de doelstellingen op wonen te realiseren. Indicatoren/te behalen resultaat: • Als rijksregelingen in financiële bijdragen kunnen voorzien, zetten we 100% hierop in. Toelichting De Woningbouwimpuls voorziet in een bijdrage bij woningbouwprojecten. Ook deze regeling/ subsidie hebben we binnengehaald en daarvoor gaan we betaalbare woningen realiseren. We blijven scherp op nieuwe regelingen en de kansen die deze ons kunnen bieden. Realisatiestimulans is een rijksbijdrage om betaalbare woningen te realiseren. De Realisatiestimulans is een specifieke uitkering die is bedoeld om gemeenten in heel Nederland te ondersteunen bij het realiseren van meer betaalbare woningen, met zo min mogelijk administratieve lasten. Om bij te dragen aan de bouw van 100.000 woningen per jaar, is voor de komende 5 jaar circa € 2,5 mld. beschikbaar Pagina 53 van 178
O25.000993
gesteld. Binnen de circa € 2,5 mld. voor de Realisatiestimulans is in totaal circa € 1,5 mld. beschikbaar voor betaalbare woningen. Voor elke betaalbare woning waarvan de bouwwerkzaamheden worden gestart in de periode 2025-2029 is een basisbijdrage van € 7.000,(exclusief btw) beschikbaar. Deze bijdrage geldt niet voor betaalbare woningen waarvoor al een Woningbouwimpuls is verkregen. 6. We faciliteren actief initiatieven waarbij verpauperde panden en panden die leegkomen worden getransformeerd naar wonen. Indicatoren/te behalen resultaat: • Dit blijft een actiepunt dat gedurende de gehele coalitieperiode onder de aandacht is. In de bestuursrapportages kunnen voorkomende initiatieven worden vermeld. Toelichting Herbestemming heeft altijd de voorkeur en gaat voor uitbreiding. Waar een locatie onderdeel uit kan maken van een bredere gebiedsontwikkeling, is regie van de gemeente op zijn plaats, door actief te sturen of zelf panden aan te kopen. 7. We gaan aan de gang met experimentele woningbouw, waarbij we minder regels willen opleggen. Indicatoren/te behalen resultaat: • In 2026 wordt een woongebied ingevuld met experimentele woningbouw. Toelichting We experimenteren om inwoners, bij aangewezen projecten, met minder regels, bijvoorbeeld welstandsvrij, te laten bouwen. 8. We ondersteunen initiatieven voor het oprichten van lokale wooncoöperaties.
Indicatoren/te behalen resultaat: • Als initiatieven zich voordoen en het draagt bij aan het doel meer passende (huur)woningen te realiseren, steunen we het initiatief actief. Toelichting Als groepen inwoners zelf woningbouw willen initiëren in de vormen van een wooncoöperatie, zullen we dit ondersteunen. Initiatieven vanuit de ‘mienskip’ worden zeer gewaardeerd. Voorbeeld van zo’n initiatief is een Collectief Particulier Opdrachtgeverschap (CPO) vanuit het dorp Woudsend. Duurzame woningvoorraad 9. We zetten in op een afspraak dat alle sociale huurwoningen in 2050 energieneutraal zijn. Alle huurwoningen moeten in 2050 energieneutraal zijn. Dit zal onderdeel uitmaken van de meerjaren prestatieafspraken met de woningcorporaties en huurdersorganisaties die in het najaar van 2024 opgesteld worden. De sociale huurwoningen zijn ook onderdeel van de huidige en toekomstige wijkuitvoeringsplannen waar we ook in 2025 mee aan de slag zijn. Daarmee bundelen we opgaven en maken we meer impact op wijkniveau. Indicatoren/te behalen resultaat: • Prestatieafspraken met de woningcorporaties, waarin dit wordt meegenomen. Wanneer sociale huurwoningen in de wijk aanwezig zijn, worden of zijn deze meegenomen in de huidige en toekomstige wijkuitvoeringsplannen.
Pagina 54 van 178
O25.000993
Ruimte - hoofdtaakveld 2. Werken Wat willen we bereiken? Een bloeiend ondernemersklimaat in Súdwest-Fryslân, waarin ondernemers toekomstgericht kunnen ondernemen en groeien. Door te investeren in scholing, innovatie en een aantrekkelijk ondernemersklimaat, blijft de gemeente economisch sterk en klaar voor de toekomst. Ondernemers hebben te maken met veel grote ontwikkelingen: verschillende crises, de kloof op de arbeidsmarkt, de snelheid en de impact van technologische ontwikkeling op de bedrijfsvoering. Het bedrijfsleven zal, net als de hele maatschappij moeten verduurzamen en circulair gaan worden. Grote opgaven (en kansen) waar ze niet alleen in staan. Wij willen een betrouwbare, meedenkende en stimulerende partner zijn die met hen en andere partners wil werken aan de oplossingen voor de toekomst. Maatschappelijke en technologische ontwikkelingen hebben invloed op onze economie, op het ondernemersklimaat en op de leefbaarheid in onze gemeente. We zien een toenemende schaarste aan mensen, grondstoffen, ruimte en energie. Hieraan verwante transities zoals de transitie naar een circulaire economie, digitalisering en de energietransitie bieden enerzijds kansen, maar zorgen ook voor uitdagingen voor het brede MKB in onze gemeente.
Een economie met impact Ons economische actieplan “ondernemen met impact” zet in op ondernemerschap dat bijdraagt aan een toekomstbestendige, circulaire economie met positieve impact op welvaart, leefomgeving en klimaat. Impact ondernemen betekent dat we sterk inzetten op de ontwikkeling van een circulaire economie en een sterke en inclusieve arbeidsmarkt met kansen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Maar ook economie die innoveert en oplossingen kan bieden voor de grote transities waar we mee te maken hebben. Ook daarvoor moeten we aan de slag met de arbeidsmarkt van vandaag en morgen. Door de demografische ontwikkelingen ontstaan met name in cruciale sectoren als zorg, techniek, onderwijs en publieke dienstverlening tekorten op de arbeidsmarkt. Daar komt bij dat de grote (technologische) transities ook vragen om wendbaarheid van de beroepsbevolking. Er worden andere competenties gevraagd en de arbeidsmarkt moet zich daar op aanpassen. Een leven lang ontwikkelen wordt belangrijker. Banen met routinematige taken, feitelijke en procedurele kennis maken plaats voor banen waarin meer initiatief, creativiteit en sociale interactie nodig is. Dat vraagt om sterke inzet en gezamenlijk commitment van bedrijfsleven en onderwijs.
Een sterke, toekomstbestendige gastvrijheidseconomie en krachtige evenementen Door te investeren in voorzieningen en een gastvrij ondernemersklimaat, wordt de gemeente aantrekkelijker voor bezoekers en blijft de lokale economie groeien. Investeren in toerisme, horeca en recreatie vergroot bovendien de werkgelegenheid en maakt onze gemeente levendig en bruisend. In de gemeentelijke, economische visie is de gastvrijheidseconomie benoemd als parelsector. Onze omgeving heeft grote aantrekkingskracht op bezoekers. De beleving van en verbinding tussen water, platteland, kernen -waaronder zes van de Friese Elfsteden-en de rijkdom aan cultuur en erfgoed, maken onze gemeente uniek. De gastvrijheidseconomie draagt bij aan de samenleving, door het bieden van banen, voorzieningen, activiteiten, een aantrekkelijke leefomgeving, herbestemming van (cultureel) erfgoed, zingeving onder inwoners (denk aan de vele vrijwilligers), een gevoel van trots en het genereren van bestedingen. Al met al draagt de sector bij aan het geluk van inwoners en bezoekers. In Súdwest-Fryslân koesteren we de kracht van evenementen. Onze gemeente kent een rijk gevulde evenementenkalender van ruim 450 evenementen per jaar en evenementen vormen daarmee een belangrijk onderdeel van ons vrijetijdsaanbod voor inwoners én bezoekers.
We hechten grote waarde aan een veelzijdig en vooral toekomstbestendig evenementenaanbod binnen onze gemeente. Evenementen spelen een cruciale rol in het bevorderen van verbinding en levendigheid, waardoor Súdwest-Fryslân een aantrekkelijke plek is om te wonen, te werken, te ondernemen en te recreëren. Pagina 55 van 178
O25.000993
Wat gaan we daar voor doen? We informeren, faciliteren en stimuleren toekomstbestendig ondernemerschap met als einddoel een aantrekkelijk vestigingsklimaat en gezonde regionale economie. De (3O) samenwerking met ondernemers, onderwijs en andere overheden is voor ons het uitgangspunt. Schaalsprong door samenwerking in F4 verband en provinciaal (met name Innovatiepact Fryslân IPF) is hierin cruciaal en is goed geborgd in diverse samenwerkingsverbanden. De lijn economie binnen de regiodeal Zuidwest Friesland is opgesteld vanuit dezelfde uitdagingen en ambities als het economisch actieplan en biedt daarmee de mogelijkheid om op projectniveau versnelling en extra slagkracht te realiseren. Als gemeente zetten we, in lijn met de Rijksdoelen, in op de transitie naar een volledig circulaire economie in 2050. We kunnen niet alles tegelijk doen. Daarom maken we iedere vijf jaar een meerjarenplan Circulaire economie, waarin we focus aanbrengen in ons beleid en onze inspanningen om de transitie naar een circulaire economie te versnellen. In 2026 zetten we de uitvoering van het huidige actieplan voort. We stellen ook een nieuw actieplan op voor de jaren 2027-2031 met de focus op doorontwikkeling van het huidige actieplan. Bloeiend ondernemersklimaat 10.
We geven uitvoering aan ons economisch actieplan ondernemen met impact waarmee we inzetten op een toekomstbestendige economie en focussen op onze parelsectoren. Indicatoren/te behalen resultaten • Samenwerking met de Ondernemersfederatie aan uitvoering van het economisch actieplan in de werkgroepen Arbeidsmarkt, Vitale Kernen, Impact ondernemen en Gastvrijheidseconomie. • Verbeterde samenwerking in regionaal en provinciaal verband aan versterking van het ecosysteem, het vestigingsklimaat en innovatie/ketenontwikkeling in de Friese speerpuntsectoren (o.a. met IPF, Provincie, F4-gemeenten en Fries Stedelijk Netwerk). • Verstevigen van de maritieme sector door keten- en coalitievorming, zowel lokaal als regionaal in samenwerking met overheden, ondernemers en onderwijs. • Vergroten van kennis en netwerken door organisatie van maandelijkse kennissessies en ondernemersbijeenkomsten, ondersteund door doorlopende media inzet op het onderwerp impact ondernemen via diverse kanalen (socials, krant, podcast). • Versterking van de regionale MKB ondersteuningsstructuur met focus op verduurzaming, digitalisering en innovatie. • Versnelling van bovenstaande door verbinding met de Regiodeal Zuidwest Friesland. • Evaluatie van het economisch actieplan 2023-2026 en ontwikkeling van een nieuw economisch plan voor de komende 5 jaar.
Toelichting Alle uitdagingen en kansen die we zien voor de regionale economie hebben we samen met ondernemers en andere stakeholders vertaald naar een Economisch Actieplan. Daarmee werken we aan de verdere ontwikkeling van onze economie en versterking van de parelsectoren. De focus van de aanpak ligt in de bijdrage aan de brede welvaart, circulaire economie en innovatie. 11. We gaan verder met de ontwikkeling van Hemmen III en bieden mogelijkheden in andere kernen voor uitbreiding bedrijventerreinen. Indicatoren/te behalen resultaten • De Hemmen III fase 1 is bouwrijp en er kan gebouwd worden. Voor fase 2 wordt gezocht naar een (snellere) oplossing voor de energievoorziening. • Er liggen plannen voor uitbreiding van bedrijventerreinen in andere kernen (in ieder geval Bolsward en Makkum), in lijn met de afspraken die hierover zijn gemaakt met provincie. • De resterende kavels op de locaties Hemmen 3 Fase 1, Burevaart Workum en Woudvaart Sneek worden uitgegeven.
Pagina 56 van 178
O25.000993
•
We voeren gesprekken met provincie over de ruimtevraag voor (circulaire) economie en energie in voorbereiding op nieuwe afspraken hierover.
Toelichting Door de nijpende situatie rondom netcongestie en de daarvoor benodigde netverzwaringsaanpak, staat zowel uitbreiding op bestaande terreinen als de ontwikkeling van nieuwe bedrijventerreinen onder druk. In het najaar van 2024 is daarom een besluit genomen over het uitstellen van de ontwikkeling en uitgifte van Hemmen 3 fase 2. Er worden concrete voorstellen gedaan of, waar en hoe de komende jaren uitgebreid kan worden, waarbij de kernen Bolsward en Makkum als eerst worden uitgewerkt. De uitdaging van netcongestie en het vinden van oplossingen daarvoor heeft hier grote invloed op. Ook kijken we samen met de ondernemersfederatie en verenigingen naar de mogelijkheden voor uitbreiding in andere kernen. Op een aantal plekken in de gemeente zijn nog bedrijfskavels beschikbaar, onder voorbehoud van stroomvoorziening. We verwachten dat deze kavels vanaf Q1 2026 in de verkoop kunnen gaan. Vanaf eind 2025 worden met provincie (en andere gemeenten) de gesprekken opgestart over de toekomstige ruimtevraag voor economische groei, circulaire economie en de energietransitie. Deze integrale benadering past binnen onze denkwijze en moet uiteindelijk leiden tot nieuwe afspraken over ruimte. Economie met impact 12. We versterken de arbeidsmarktaanpak/investeren platform arbeidsmarkt Indicatoren/te behalen resultaten • Maatwerkarrangementen scholing en duurzame inzetbaarheid.
• Meer begeleiding voor werkgevers op de werkvloer. O.a. inzet Harrietrainingen en jobcoaching. • Meer aandacht voor Inclusief ondernemen. We organiseren in 2026 bijeenkomsten over werkgeverschap (onderdeel van 18 bijeenkomsten Impact Ondernemen per jaar en de HRpoule). • Uitbreiding Social return on investment projecten. • Regionaal digitaal platform WRK.frl vertalen naar ZWF. • Structurele campagnes arbeidsmarkt. Toelichting We stimuleren arrangementen die duurzame inzetbaarheid versterken bij werkgevers. Ter versterking van het (MBO) vakmanschap. Ook gericht op om- of bijscholing en coaching van zowel werkgevers als werknemers. We zetten in op jaarlijks 2 arrangementen. Begeleiding op werkvloer van werkgevers is belangrijk om kans op uitval te beperken. De begeleiding op de werkvloer wordt in samenwerking met Pastiel uitgevoerd. Meer Inclusief Ondernemerschap stimuleren we zodat meer mensen uit de doelgroep Van Waarde kunnen participeren. Door opzetten projecten collectieve werkgeversbenadering o.a. met Pastiel. We zetten in op uitbreiding van het aantal SROI projecten. Dit wordt onder andere gedaan door intern bij de diverse afdelingen meer bekendheid te geven aan SROI en mogelijkheden te onderzoeken die extra projecten opleveren. Dit draagt bij aan een bredere inzet van lokale ondernemers aan Impact Ondernemen en hun sociaal maatschappelijke bijdrage.
Ook worden bedrijven van buiten SWF gestimuleerd om hun SROI-verplichting in deze gemeente effectief uit te voeren. Het provinciaal platform voor werkzoekenden geven we een vertaling naar Zuidwest-Friesland. Met als doel een betere connectie voor de met name wat kleinere MKB-er te bereiken. Bedrijven in onze regio zijn goed vindbaar voor werkzoekenden in onze regio, maar zeker ook van erbuiten. Ook de wordt de regio gepromoot als woongebied.
Pagina 57 van 178
O25.000993
We starten twee campagnes op de arbeidsmarkt. - Gericht op de werkgevers die hen moeten bewegen tot het aannemen van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt - Promoten vakmanschap en bedrijvigheid waardoor meer jongeren geënthousiasmeerd worden voor beroepen die nodig zijn in de toekomst. 13. We versterken de samenwerking met het onderwijs en ondernemers. Indicatoren/te behalen resultaten • Subsidie Súdwest Werkt ter versterking samenwerking 3O’s, Onderwijs, Ondernemers en Overheid: Ontwikkeling projecten die bijdragen aan onderwijs dat beter aansluit op behoeften bedrijven, waarbij ook meer mensen uit de bijstand kunnen participeren. • Subsidie voor Technolab, On Stage en 3o-Buro • Verhogen bekendheid werkgeversaanbod • Gerichte onderwijsprogramma’s (toekomstige) arbeidsmarktvraag • Súdwest Werkt pagina in lokale media. 1x per maand i.s.m. alle samenwerkingspartners 3O platform. • WRKlab aanpak uitbreiden Toelichting Vanuit de Regio Deal wordt Súdwest Werkt verder versterkt (en uitgebreid naar De Fryske Marren). Er wordt een projectleider aangesteld die projecten gaat aanjagen. Met Technolab en 3o-Buro zetten we in op de parel- en andere belangrijke sectoren om kinderen en jongeren te enthousiasmeren voor de beroepen die belangrijk zijn voor deze regio.
We gaan voor het beter betrekken van ondernemers / werkgevers bij het onderwijsaanbod, door gastlessen of bedrijfsbezoeken. De focus zal hierbij liggen op de belangrijke sectoren in onze regio zoals de Maritieme maakindustrie. Een beter beroepenbeeld van jongeren verkleint kans op uitval op school of uit de sector en vergroot de kans op werk bij lokale werkgevers. Dit draagt ook bij aan behoud van jongeren voor onze regio. Bestaande onderwijsprogramma’s opschalen. Daarnaast nieuwe initiatieven i.s.m. zowel MBO als VO. 3O samenwerking maritiem en RVS. Opleiden van nieuwe arbeidskrachten. In 2026 is het programma met het RVS-cluster aan het lopen en is een tweede sector gestart met een onderwijsprogramma. Vergroten van de zichtbaarheid en bereik van de projecten m.b.t. de arbeidsmarktaanpak en 3O samenwerking is nodig om impact en betrokkenheid van ondernemers en onderwijs te vergroten. Inspirerende ondernemers geven wij een podium om ondernemers te inspireren. Samenwerking met o.a. hogescholen in Friesland bij twee specifieke opleidingen uitbreiden naar meer opleidingen. Ook met Firda en andere MBO scholen wordt bekeken hoe we meer kunnen samenwerken. Daarnaast wordt er een regionaal stageprikbord ontwikkelt. 14. We zetten in op een mentorprogramma Indicatoren/te behalen resultaten • Het mentorprogramma is in de gemeentelijke organisatie bestendigd.
Toelichting In 2025 is het mentorprogramma gestart en was het doel om 15 mentees te koppelen en mentoren. In 2026 wordt ingezet op het professionaliseren van het mentorprogramma en het aantal mentees minimaal te gelijk houden, met ruimte voor lichte groei naar 20.
Pagina 58 van 178
O25.000993
15. We zetten in op de transitie naar een circulaire economie, waarbij de focus ligt op circulair inkopen en het stimuleren van circulair en biobased bouwen. Indicatoren/te behalen resultaten • Uitvoeren Meerjarenplan Circulaire Economie 2024-2028 • Samenwerken in Fries verband in de programma’s Circulair inkopen en Fryslân bouwt circulair van Vereniging Circulair Friesland • Versnelling van bovenstaande door verbinding met de Regiodeal Zuidwest Friesland Toelichting Met deze stapsgewijze aanpak houden we oog voor de actualiteit, kunnen we haalbare doelen stellen en onze impact vergroten. We kijken hierbij ook naar onze omgeving; waar kunnen we samenwerken met andere Friese gemeenten, de provincie, Vereniging Circulair Fryslân (VCF) en andere stakeholders zoals onderwijsinstellingen en ondernemers? In Friesland wordt de komende jaren volop ingezet op circulair en biobased bouwen en circulair inkopen. Hier haken wij met ons beleid op aan. Met projecten in de Regiodeal kunnen we hier de komende jaren verder op versnellen. Een sterke gastvrijheidseconomie en evenementen 16.
We stellen een uitvoeringsprogramma gastvrijheidseconomie op Indicatoren/te behalen resultaten • Een bouwsteen/kansenkaart voor de waterrecreatie • Uitvoering van het impulsproject DNA verhaallijnen • Een uitvoeringsprogramma voor de visie Gastvrijheidseconomie 2035, Súdwest-Fryslân activeert je (april 2024), geprioriteerd in tijd, menskracht en financiële middelen • Een uitvoeringsplan voor de evenementenvisie ‘Aan de slag met evenementen!” (juli 2024), uitgewerkt in tijd, menskracht en middelen • Een analyse naar mogelijke vormen voor een hulpstructuur voor organisatoren van evenementen • Een minisymposium voor organisatoren van evenementen Toelichting Een bouwsteen/kansenkaart voor de waterrecreatie Onderdeel van route 1 Continu werken aan de basis met als doel de beleving van een Friese omgeving van topkwaliteit. De bouwsteen/kansenkaart wordt gezamenlijk met De Fryske Marren uitgewerkt en als onderdeel van het programma Versterking Friese IJsselmeerkust. Doel is om te komen tot verbetervoorstellen die leiden tot versterking van het waterrecreatieprofiel van beide gemeenten: de bestemming Zuidwest Fryslân. Uitvoering van het impulsproject DNA verhaallijnen Onderdeel van route 2 Continu werken aan vernieuwing en aanbod vol verhalen met als doel ook in de schouderseizoenen gezonde reuring.
De DNA verhaallijnen dienen als basis voor een samenhangend en aantrekkelijk aanbod voor inwoners en bezoekers. Samen met De Fryske Marren en VVV Waterland van Friesland als uitvoeringspartner. Een uitvoeringsprogramma voor de visie Gastvrijheidseconomie 2035, Súdwest-Fryslân activeert je geprioriteerd in tijd, menskracht en financiële middelen De visie Gastvrijheidseconomie 2035, inclusief een uitvoeringsprogramma stelt ons onder meer in staat om: • De regierol op de gastvrijheidseconomie beter te vervullen. We kunnen proactief (i.p.v. reactief) inspelen op ondernemersbehoeften en -verzoeken, veranderende omstandigheden en kansen/uitdagingen die zich voordoen. • Gericht en integraal (vanuit diverse beleidsdomeinen samen) te handelen bij het versterken van de gastvrijheidseconomie en versnippering van inspanningen en investeringen te voorkomen. • Nauwer samen te werken met ondernemers en belanghebbenden. Vanuit een gemeenschappelijke visie kunnen we kennis bundelen en expertise uitwisselen. Pagina 59 van 178
O25.000993
•
Vertrouwen te wekken bij en duidelijkheid te geven aan bestaande ondernemingen en potentiële samenwerkingspartners.
Dialoog hierover vindt plaats met stakeholders: werkgroep gastvrijheidseconomie van Ondernemersfederatie Súdwest-Fryslân, VVV Waterland van Friesland en De Fryske Marren. Een uitvoeringsplan voor de evenementenvisie ‘Aan de slag met evenementen!” (juli 2024), uitgewerkt in tijd, menskracht en middelen Inzet is gericht op een divers en toekomstbestendig evenementenaanbod waarmee we: • • • • •
•
Het brede evenementenaanbod in Súdwest-Fryslân te blijven stimuleren. Aan blijven sluiten bij de (veranderende) behoeften van organisatoren, inwoners en bezoekers. Bijdragen aan de saamhorigheid, de onderlinge verbinding van onze inwoners met elkaar, los van leeftijd of achtergrond en aan positief draagvlak onder inwoners voor evenementen. Het imago van Súdwest-Fryslân en haar steden en dorpen versterken Economische activiteit en werkgelegenheid stimuleren. Tijdens een evenement kunnen ondernemers meer inkomsten genereren. Evenementen trekken bezoekers aan die extra geld uitgeven in onze gemeente. Ze shoppen in onze winkels, eten en drinken in onze horeca en slapen in onze logiesaccommodaties. Sport- en cultuur(participatie) op een laagdrempelige manier stimuleren bij een breed publiek.
Een analyse naar mogelijke vormen voor een hulpstructuur voor organisatoren van evenementen Doel is een overzicht van mogelijkheden/vormen die organisatoren het beste ondersteunen bij door hen gewenste zaken zoals vergunningsaanvragen, kennisdeling en ontmoeting, personeels- en vrijwilligerszaken, inkoop, etc. De analyse op de hulpstructuur moet duidelijkheid bieden waar precies behoefte aan is, zodat de juiste keuze gemaakt kan worden voor een interne- of externe hulpstructuur. Een minisymposium voor organisatoren van evenementen Dit gaat om een symposium en/of netwerkbijeenkomst zoals dit ook georganiseerd is tijdens het opstellen van de evenementenvisie in 2024. Een minisymposium voor evenementenorganisatoren biedt inspiratie, kennisdeling en praktische tips om hun vakmanschap te versterken. Daarnaast stimuleert het netwerken en samenwerking binnen de evenementenbranche. Het minisymposium in 2026 kan een koppeling zijn met de analyse op de hulpstructuur. 17. Voldoende en betaalbaar vrijetijdsaanbod betaalbare voor eigen inwoners. Indicatoren/te behalen resultaten • Faciliteren van een sociaal recreatieproject Toelichting De provincie Fryslân stimuleert samen met branche- en partnerorganisaties een sociale gastvrijheidseconomie.
Zij wil vanaf 2026 zoveel mogelijk gezinnen met een kleine beurs met vakantie kunnen laten gaan en in elke Friese gemeente een passend aanbod hebben. Provincie vraagt de gemeenten om de volgende initiatieven te faciliteren: Buurtcampings, Vakantiebank en ondernemersinitiatieven. De mogelijkheden om op het provinciale verzoek in te gaan worden in beeld gebracht om vervolgens volgt een definitief bestuurlijk besluit. 18. We ondersteunen ondernemers in de gastvrijheidssector om jaarrond interessant te zijn voor bezoekers en op een duurzame manier hun bedrijfsmodel in te richten. Indicatoren/te behalen resultaten • Implementatie van het Omgevingsprogramma logiesaccommodaties en afhandeling initiatievenlijst