CConstaterende datSúdwest-Fryslân
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Nota Openbare Ruimte 2026-2030

Raadsvergadering 18 september 2025, gemeente Súdwest-FryslânBij agendapunt: ‘Nota Openbare Ruimte 2026-2030’23.136 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Achterstallig onderhoud

Onderhoud 2025

Investering 2025

Stand 2025

Wegen (incl. bermen en onkruid)

C

9.300.000

C

2.000.000

C

22.000.000

Straatmeubilair

C

440.000

C

-

C

-

Verlichting en VRI's

C

420.000

C

1.900.000**

C

1.000.000

Bruggen en steigers (incl. tunnels en aquaducten)

C

2.350.000

C

1.000.000

C

5.000.000

Oevers en kaden

C

2.070.000

C

1.000.000

C 20.000.000

Waterbodems

C

725.000

C

-

C

1.000.000

Openbaar groen

C

7.600.000

C

-

C

-

Gebouwen

C

2.500.000

C

1.100.000*

C

-

Totalen

C

25.405.000

C

5.900.000

C

49.000.000

Assetgroep

Tabel 8.1: overzicht van de beschikbare budgetten en het achterstallig onderhoud per assetgroep. * Dit bedrag is bestemd voor het verduurzamen van gebouwen en staat dus los van onderhoud en vervanging. Dit bedrag is eenmalig beschikbaar gesteld voor de vervanging van openbare verlichting en 2 verkeersregelinstallaties.

38

Financiële druk Er zijn verschillende ontwikkelingen die de kosten voor beheer en onderhoud van de openbare ruimte verhogen: ^ achterstallig onderhoud: de komende jaren richten we ons op vervanging en renovatie van verouderde wegen en kades. Levensduur verlengend onderhoud stelde dit eerder uit, maar dat kent zijn grens. ^ vervangingsbehoefte: in sommige gevallen is vervanging eerder nodig dan de technische levensduur aangeeft, door veranderingen in veiligheid, gebruik en wensen van inwoners. ^ hogere kosten door strengere eisen: vervangen is vaak duurder vanwege strengere (wettelijke) eisen op het gebied van veiligheid en gebruik. ^ duurzaam beheer: er zijn steeds meer eisen om bij te dragen aan biodiversiteit en klimaatadaptatie, wat vraagt om investeringen in nieuwe technieken en pilots, wat de kosten verhoogt. ^ verspilling van budgetten: soms worden onderhoudsbudgetten gebruikt voor projecten, terwijl onderhoud technisch nog niet nodig is. Dit leidt tot een tekort en vermindert de beschikbare middelen voor noodzakelijk beheer. We moeten dus rekening houden met hogere uitgaven voor de openbare ruimte.

Lange Termijn Asset Planning (LTAP) Om tot een financiële prognose voor de komende 50 jaar te komen, maken we gebruik van de geactualiseerde Lange Termijn Asset Planning (LTAP) uit 2023. De LTAP bevat data over de leeftijd, risico’s, kosten en prestaties van alle assets. Het model geeft inzicht in de toekomstige financiële behoefte (onderhoud en vervangingen). In de vorige nota was de LTAP al een belangrijk instrument. Onderstaande afbeelding toont de prognose voor de assetgroepen Wegen, Verlichting, Waterbouw, Waterbodems, Groen en Gebouwen. De uitkomsten zijn inclusief synergievoordelen door werk met werk te maken (zoals wegen en riolering). Hierbij is het uitgangspunt dat we de middelen primair inzetten voor de instandhouding van de openbare ruimte. Voor een andere inrichting dienen aanvullende middelen beschikbaar te worden gesteld. Benodigd budget: beheer, onderhoud en vervangingen C60.000.000 C50.000.000 C40.000.000 C30.000.000

-

C20.000.000 C10.000.000 C2023 2026 ■ Wegen

2027 2030

Verlichting

2031 2034

2035 2038

rn Groen

2039 2042

2043 2046

2047 2050

2051 2054

rn Waterbouwkundige kunstwerken

2055 2058

2059 2062

Waterbodems

2063 2066

2067 2070

rn Gebouwen

Afbeelding 8.2: financiële prognose voor het beheer, onderhoud en vervangen van de assets (prijspeil 2025).

Budgetverhoging Binnen deze nota richten we ons in eerste instantie op de jaren 2027-2030. In 2025 is het onderhouds- en investeringsbudget (exclusief riolering) ruim C 29 miljoen. Volgens de uitkomsten van de LTAP moet dit tussen 2027 en 2030 groeien naar zo’n C 35 miljoen (prijspeil 2025). Dit bedrag is richtinggevend en houdt geen rekening met prijsstijgingen of areaalgroei. Het gat van C 6 miljoen ^indexatie) kan de komende jaren worden gedicht door middel van een ingroeimodel.

39

Het onderstaande schema toont de beschikbare en benodigde budgetten per assetgroep. Assetgroep

Beschikbaar budget in 2025 (afgerond)

Benodigd budget 2027-2030 (afgerond)

Onderhoud 2025

Investering 2025

Onderhoud/jaar

Investering/jaar

Wegen (incl. bermen en onkruid)

e

9.300.000

e

2.000.000

e

11.000.000

e

3.000.000

-

e

450.000

e

0

Straatmeubilair

e

440.000

e

Verlichting en VRI's

e

420.000

e

1.900.000**

e

400.000

e

800.000

Bruggen, tunnels, aquaducten, steigers

e

2.350.000

e

1.000.000

e

2.500.000

e

1.500.000

Oevers en kaden

e

2.070.000

e

1.000.000

e

1.500.000

e

3.000.000

Waterbodems

e

725.000

e

-

e

750.000

e

0

Openbaar groen

e

7.600.000

e

-

e

8.000.000

e

0

Gebouwen

e

2.500.000

e

1.100.000*

e

2.500.000

e

1.000.000*

Totalen

e

25.405.000

e

4.000.000

e

27.100.000

e

8.300.000

Tabel 8.3: overzicht van de beschikbare en benodigde budgetten per assetgroep. *Betreft investeringsbudget voor het verduurzamen van gebouwen, niet zijnde vervanging of regulier groot onderhoud. **Dit bedrag is eenmalig beschikbaar gesteld voor de vervanging van openbare verlichting en 2 verkeersregelinstallaties.

Financiële mogelijkheden De budgetten moeten de komende jaren dus gefaseerd worden verhoogd om de veiligheid en functionaliteit van de openbare ruimte te waarborgen en duurzame basisvoorzieningen in stand te houden, zonder kapitaalvernietiging. Meer investeren verbetert ook de toegankelijkheid, mobiliteit (verkeersveiligheid) en beleving, en moedigen sporten en bewegen aan (een beweegvriendelijke omgeving). Op korte termijn kan het investeringsbudget bijvoorbeeld worden verhoogd door de afschrijvingstermijnen van de assets te verlengen, wat mogelijk is gezien de huidige afschrijvingen in vergelijking tot de technische levensduur. Dit maakt het bestaande budget flexibeler en beter passend in de meerjarenbegroting. De afschrijvingstermijnen moeten hiervoor worden aangepast in de Financiële Verordening Súdwest-Fryslân, door middel van een raadsbesluit. Daarnaast worden subsidiemogelijkheden voor de openbare ruimte onderzocht om meer waarde voor de mienskip te creëren.

40

Foto: Bolsward

41

9.

Kwaliteit & Tevredenheid

De kwaliteit van de openbare ruimte speelt een cruciale rol in het dagelijks leven van de inwoners. We vinden het belangrijk dat inwoners en bezoekers tevreden zijn met de kwaliteit van de openbare ruimte.

Areaal De totale nieuwwaarde van alle assets in Súdwest-Fryslân bedraagt zo'n C 4 miljard. Hieronder een greep uit ons areaal. Een volledig overzicht van het areaal is te vinden in bijlage 5 en 6 (factsheets).

650 bruggen

332 ha asfalt (wegen en fietspaden)

330 ha gazon

52.000 bomen

13 km kademuren

z.iiLKJ speelvoorziemngen

Afbeelding 9.1: overzicht areaalhoeveelheden.

Toelichting Areaal Het areaal is gecategoriseerd naar zes assetgroepen. Hieronder een korte toelichting op het areaal per assetgroep: ^ Wegen: diverse soorten wegen, zoals asfalt-, klinker- en betonwegen. Daarnaast omvat dit vakgebied ook halfverharde paden, evenals straatmeubilair, verkeersregelinstallaties, verkeersborden, palen, hekwerken en zitbankjes; ^ Verlichting: lichtmasten, armaturen en lichtpunten; ^ Groen: het openbaar groen (bomen, grassen, beplantingen), parken, bossen, sportvelden, speelvoorzieningen, begraafplaatsen, sloten en vijvers; ^ Waterbouwkundige Kunstwerken: bestaat uit twee subgroepen; de bruggen/steigers en de overs/kaden. Onder de eerste subcategorie vallen naast bruggen ook aquaducten, tunnels, pontjes en steigers. Onder de tweede subcategorie vallen naast de harde oevers (walbeschoeiingen, damwanden en kademuren) ook de stranden en zachte oevers, bestaand uit bijvoorbeeld riet of gras; ^ Waterbodems: baggeren van diverse soorten watergangen en waterpartijen, zoals vijvers, vaarten en sloten. De gemeente is verantwoordelijk voor het recreatief medegebruik van watergangen in woonwijken en havens, mits dat geen particulier eigendom betreft. Daarnaast is

42

^

de gemeente belast met beheer en onderhoud van diverse watergangen via de Legger van Wetterskip Fryslân en de overeenkomst voor het onderhoud aan het stedelijk water; Gebouwen: diverse panden, waaronder enkele woningen, stadshuizen en (rijks)monumenten. Ook sportaccommodaties, parkeergarages, culturele instellingen, toiletgebouwen, gedenktekens en culturele kunstwerken behoren tot de assetgroep gebouwen.

Waardering inwoners Tevredenheid van de inwoners met de openbare ruimte is een belangrijke indicator van de levenskwaliteit en kan bijdragen aan een groter gevoel van verbondenheid en trots. Eind 2024 is een inwonersenquête uitgezet over het onderhoud van onze openbare ruimte. Hierbij konden inwoners en plaatselijke belangen een oordeel geven over de verschillende onderdelen in de openbare ruimte door een rapportcijfer te geven. In 2024 ging het om ruim 2.000 reacties. De waardering van inwoners over de openbare ruimte is redelijk stabiel gebleven: een 6,2 in 2024 ten opzichte van een 6,1 in 2019. In 2024 scoren vooral de volgende subgroepen matig tot slecht: klinkerwegen, trottoirs, onkruid op verharding, waterbodems en hondenpoep. Met de nieuwe nota proberen we hierop in te spelen. De rapportcijfers per assetgroep zijn terug te vinden in bijlage 2.

Toelichting kwaliteitsniveau We maken bij het beoordelen van de kwaliteit onderscheid tussen technische kwaliteit en beeldkwaliteit, conform CROW. Technische kwaliteit gaat over de staat en functionaliteit van de voorzieningen. De beeldkwaliteit richt zich op de visuele beleving en het onderhoudsniveau zoals ervaren door gebruikers. Deze niveaus helpen om objectief en eenduidig te sturen op het gewenste onderhoudsniveau in de openbare ruimte. Kwaliteitsniveau + Rapportcijfer

Omschrijving

A+: 9,5-10,0

Beeld­ kwaliteit

Technische kwaliteit

Wegbeheer (CROW)

Prachtig

(Zo goed als) nieuw

Er is geen schade (geen actie)

Goed

Technisch goed in orde

Er is enige schade (geen actie)

Voldoende

Lichte gebreken, wel veilig

Waarschuwing (klein onderhoud)

Sober/schraal

Discomfort, veiligheid komt in geding

Richtlijn overschreden (groot onderhoud nodig)

Verloedering

Kapitaalsvernietiging, functieverlies, aansprakelijkstelling

Richtlijn flink overschreden (direct groot onderhoud nodig)

Zeer hoog ^ A: 7,5-9,5

Hoo^

B: 5,5-7,5 Basis

L!

C: 3,5-5,5 Laag D: 1,0-3,5 Zeer laag

^

Afbeelding 9.2: omschrijving kwaliteitsniveau en vergelijking verschillende systematieken.

43

Kwaliteitsniveau per asset Het huidige kwaliteitsniveau van de assets kunnen we als volgt samenvatten: Asset

Subgroep

Opname

Ambitie

Kwaliteitsniveau 202 5 Hoog (A)

Wegen

Klinkers verblijfsgebied

Technische schouw

Gemiddeld Basis

Wegen

Asfalt (dicht asfaltbeton)

Technische schouw

Gemiddeld Basis

Wegen

Beton (cementbeton)

Technische schouw

Gemiddeld Basis

Beeldschouw

Gemiddeld Basis

Wegen

Verkeersborden

Wegen

Verkeersregelinstallaties

Technische schouw

Gemiddeld Basis

Wegen

Bermen

Technische schouw

Gemiddeld Basis

Wegen

Onkruidbestrijding op verharding

Technische schouw

Gemiddeld Basis

Verlichting

Armaturen

Technische schouw

Gemiddeld Basis

Waterbouwkundige kunstwerken

Technische schouw

Gemiddeld Basis

Waterbouwkundige kunstwerken

Bruggen, tunnels, sluizen, aquaducten, steigers Oevers en kaden (verdedigd)

Technische schouw

Gemiddeld Basis

Waterbodems

Waterbodems

Technische schouw

Gemiddeld Basis

Groen

Beeldschouw

Gemiddeld Basis

Groen

Openbaar groen, parken en bossen waaronder bomen Sportvelden

Beeldschouw

Gemiddeld Basis

Groen

Speelvoorzieningen

Beeldschouw

Gemiddeld Basis

Groen

Begraafplaatsen

Beeldschouw

Hoog

Groen

Sloten en vijvers

Beeldschouw

Gemiddeld Basis

Gebouwen

Gebouwen

Technische schouw

Gemiddeld Basis

Afbeelding 9.2: behaalde kwaliteitsniveaus 2025 voor de verschillende assetgroepen.

44

Basis (B)

Laag (C)

Ô Ô -

-

-

-

-

-

k © -

-

w

Toelichting kwaliteit per asset Op de meeste assets scoren we een basiskwaliteit (voldoende). De begraafplaatsen springen eruit met een hoog kwaliteitsniveau (conform ons vastgesteld kwaliteitsniveau). Een vijftal assets scoren laag (sober/schraal). Hieronder volgt een korte toelichting per assetgroep. Wegen Elke twee jaar wordt de technische kwaliteit van alle gemeentelijke verhardingen gemeten via een globale visuele inspectie volgens CROW-richtlijnen. De meest recente resultaten zijn van 2025. Schadebeelden worden beoordeeld op ernst en omvang, waarna de algehele kwaliteit per wegennet wordt berekend.

Na een lichte kwaliteitsgroei tussen 2013 en 2019 is sinds die tijd een daling zichtbaar. Het gemiddelde kwaliteitsniveau van verhardingen is gezakt van Basis naar Laag (onvoldoende). Van het inlopen van achterstanden is dus geen sprake meer. ^ ^

Asfalt scoort net geen kwaliteit Basis (5,2); elementenverhardingen blijven achter op niveau Laag (4,7).

Tot 2019/2020 lag de focus vooral op asfaltonderhoud om kapitaalsvernietiging te voorkomen. Dit verbeterde de kwaliteit van asfalt van 4,3 (2013) naar 6,2 (2019). Daarna werd het onderhoud meer verdeeld over asfalt en elementen. Wat leidde tot een lichte daling van de asfaltkwaliteit en slechts minimale verbetering van elementenverhardingen. Het herstel van gebreken die in 2023 de normen overschreden vertegenwoordigt een waarde van C 21,6 miljoen aan achterstallig onderhoud. De beeldkwaliteitsschouw laat zien dat straatmeubilair en bebording gemiddeld op basiskwaliteit zitten. In Sneek staan nog vijf verouderde verkeersregelinstallaties (VRI’s) waarvan de onderdelen en software nauwelijks nog te vervangen of updaten zijn. Hun kwaliteit is dan ook Laag beoordeeld. Verlichting De kwaliteit van de openbare straatverlichting wordt niet zozeer door inspecties gemeten. Er is meer sprake van het in stand houden van het functioneren. Wanneer verlichting niet brandt, wordt dit in de meeste gevallen doorgegeven aan de beheerder en die draagt zorg voor herstel. Daarnaast vervangen we masten na gemiddeld 40 jaar. Armaturen vervangen we na gemiddeld 20 jaar. Op deze wijze wordt het areaal in stand gehouden en verduurzaamd. Circa 70% van alle armaturen bestaat uit LED technologie (mei 2025).

Groen De kwaliteit van het groen wordt eens in de drie jaar onafhankelijk gecontroleerd op basis van de CROW-normering (beeldkwaliteitsschouw). De gemeente doet mee aan een jaarlijkse benchmark (Benchmark Gemeentelijke Groen) samen met 31 andere gemeenten in het land. Op basis hiervan worden kengetallen gegenereerd en kunnen we dit vergelijken met andere gemeenten. In de loop van de komende jaren worden ook de baten van het groen aan de benchmark toegevoegd.

45

Foto: Makkum

Waterbouwkundige Kunstwerken De waterbouwkundige kunstwerken worden technisch geïnspecteerd volgens de NEN. Bij de subgroep bruggen is de afgelopen jaren vooral ingezet op de betonnen verkeersbruggen. Hier zijn levensduur verlengende reparaties uitgevoerd, zodat vervanging met zo’n 15 tot 20 jaar is uitgesteld. Er zijn ook enkele betonnen bruggen in zijn geheel vervangen. Uit de inspectie van 2023 kwam naar voren dat er ook houten bruggen geheel vervangen moesten worden. Maar ook dat veel herstelacties nodig waren, zoals schilderen en vervangen van leuningen, slijtlagen en tandwielen. Bij de subgroep oevers en kaden is de focus meer komen te liggen op de zwaardere constructies, zoals kademuren en houten en stalen damwanden. Hierbij is naast de visuele inspectie een grondige onderwaterinspectie uitgevoerd. Deze inspectie heeft veel waardevolle informatie opgeleverd, maar heeft de grote opgave in het kadeherstel aan het licht gebracht. Doordat de kwaliteitseisen van de constructie zijn aangescherpt is het vervangen nog duurder geworden. De fonteinen vallen formeel onder het Watertakenplan (riolering). Daar is jaarlijks C 70.000,- voor gereserveerd om de pomp en installatie werkend te houden. Voor groot onderhoud moet apart geld aangevraagd worden via het Watertakenplan.

Foto: Osingahuizen

46

Waterbodems De waterbodems worden periodiek geïnspecteerd door peilingen uit te voeren. In de afgelopen jaren is er veel aandacht geweest voor het wegwerken van de baggerachterstanden die voortvloeiden uit de overeenkomst Overdracht Stedelijk Water (OSW) met Wetterskip Fryslân. Er is aanzienlijk vooruitgang geboekt. Het proces bevindt zich momenteel in de afrondende fase. Wetterskip Fryslân heeft besloten haar beleidsregels voor de Legger te herzien en de gesprekken hierover zijn gaande. Mogelijk heeft dit (negatieve) invloed op ons onderhoud en beheer en daarmee ook de kosten. Gebouwen Sinds 2019 worden onze gebouwen volgens de NEN-2767 technisch geïnspecteerd. Op basis van de inspecties wordt een meerjarig beheerplan opgesteld. De meeste gebouwen voldoen aan het onderhoudsniveau gemiddeld Basis. Sommige panden staan op de planning voor groot onderhoud.

Foto: Sneek

47

Foto: Hindeloopen

48

10. Wat willen we bereiken? We weten wat de huidige kwaliteit is van de verschillende assets en welke opgaven en doelen we hierbij hebben. In dit hoofdstuk beschrijven wat wil willen doen om dit aan te pakken.

De basis op orde We werken dagelijks aan de basisvoorzieningen voor onze mienskip, met een focus op veilige infrastructuur. De komende jaren ligt de nadruk op het vervangen van kademuren en groot onderhoud aan wegen en trottoirs. Daarnaast blijft er aandacht voor onze groene en waterrijke omgeving en gebouwen, wat bijdraagt aan de beleving en gezondheid. Belangrijke uitgangspunten Voor de basis op orde hanteren we de volgende uitgangspunten voor de komende jaren: ^ we hanteren het technische kwaliteitsniveau ‘gemiddeld Basis’; ^ daarbij hanteren we een gedifferentieerd beeldkwaliteitsniveau per assetgroep en per gebied; ^ focus leggen op assets waar de veiligheid en functionaliteit in het geding kan komen; ^ prioriteren en faseren door slim werk met werk maken (integrale programmering, ook extern); ^ we betrekken de mienskip bij beheer en onderhoud door communicatie/participatie. Mogelijk kunnen inwoners een bijdrage leveren aan het netjes houden van hun straat, zoals het verwijderen van onkruid en het schoonmaken van bebording en straatmeubilair; ^ we betrekken ook de mensen die verder van de arbeidsmarkt staan (social return).

Financieel gedegen We onderhouden onze assets volgens assetmanagement, waarbij we balans zoeken tussen kosten, prestaties en risico's. We streven naar de laagste maatschappelijke kosten over de levensduur (LCC/TCO). Vaak is een hogere investering in het begin voordelig voor de kosten op lange termijn. Belangrijke uitgangspunten Om de assets financieel gedegen te kunnen onderhouden, zijn de volgende uitgangspunten van toepassing de komende jaren: ^ we onderhouden de openbare ruimte op een technische kwaliteit ‘gemiddeld Basis’. Uit ervaring is gebleken dat dit de beste financiële keuze is voor de lange termijn. Dat betekent regelmatig onderhoud plegen, zoals herstraten, schilderen en reinigen. ^ het onderhoudsbudget wordt jaarlijks aangepast voor prijsstijgingen (conform de GWW-index) en areaaluitbreiding. Dit wordt ingebracht bij de begrotingsbehandeling; • vrijvallende middelen worden ingezet om achterstanden niet verder op te laten lopen; ^ de beschikbare budgetten worden primair gebruikt voor beheer, onderhoud en vervanging. Bijkomende kosten worden vanuit andere programma’s of projecten gefinancierd; ^ we sturen op de laagste maatschappelijke kosten over de gehele levenscyclus en nemen altijd een beheerparagraaf op bij nieuwbouw en projecten, doordat te borgen in bestuurlijke stukken.

Duurzame en toekomstbestendige openbare ruimte We voeren de instandhouding van onze openbare ruimte duurzaam en toekomstbestendig uit, met aandacht voor zowel financiële aspecten als circulariteit en klimaatadaptatie. Waar mogelijk hergebruiken we materialen, zoals grond, baggerslib, stenen, steigerplanken en straatmeubilair. Hierbij gebruiken we onze opslaglocaties voor tussentijdse opslag. Daarnaast integreren we klimaatadaptieve maatregelen bij het beheer en onderhoud, afhankelijk van het gekozen scenario. Belangrijke uitgangspunten ^ Slim werk met werk maken: we combineren onderhoud met het treffen van duurzame maatregelen en wensen waar mogelijk. De mate waarin is afhankelijk van de scenariokeuze; ^ meer hergebruik van materialen en grond door de opslaglocaties goed te benutten en waar mogelijk uit te breiden; ^ door beheer en onderhoud waar mogelijk bij te dragen aan de doelstellingen op gebied van energie, klimaatverandering, circulaire economie en biodiversiteit.

49

Speerpunten per assetgroep Om aan te geven waar we ons de komende jaren op gaan focussen, beschrijven we per assetgroep de speerpunten. Hierbij gaan we ook in op de impact op veiligheid, gezondheid en beleving. Wegen De komende jaren ligt voor de wegen de focus op de volgende zaken: ^ groot onderhoud van asfaltwegen om bereikbaarheid en veiligheid te waarborgen en toekomstige meerkosten en kapitaalsvernietiging te voorkomen; ^ verbetering van trottoirs voor veiligheid en toegankelijkheid, op basis van de inwonersenquête; ^ aanpak boomwortelopdruk bij trottoirs om struikelgevaar te minimaliseren; ^ aandacht voor werkzaamheden van nutspartijen in trottoirs en waar mogelijk sturen en plannen; ^ het actualiseren van het handboek voor kabels en leidingen, waarin spelregels staan over het innen van leges en degeneratiekosten en toezicht op werkzaamheden om zo onze wegen, trottoirs en groen te beschermen; ^ voldoende inzet op onkruidbestrijding, zodat de beeldkwaliteitsniveaus worden behaald; ^ afstemming met het Mobiliteitsprogramma om goede keuzes te maken bij prioritering en uitvoering van onderhouds- en vervangingswerkzaamheden (in het kader van verkeersveiligheid); ^ verkeerskundige maatregelen/wensen meenemen tijdens groot onderhoud of vervanging, afhankelijk van het gekozen scenario en het beschikbare budget; ^ vervangen van twee verouderde VRI’s en aanpassen van drie anderen,

met investeringsbudget voor de nieuwe VRI’s in de meerjarenbegroting; ^ inzet op schoon straatmeubilair in samenwerking met plaatselijke belangen en inwoners, door hen te stimuleren en te faciliteren.

50

Openbare verlichting De komende jaren ligt voor de openbare verlichting de focus op de volgende zaken: ^ voldoende verlichting binnen de bebouwde kom, en buiten alleen wanneer nodig, met aandacht voor veiligheid en flora/fauna; ^ structureel investeringsbudget voor vervangingen en het behoud van het areaal; ^ vervangen van armaturen door led, met doelen van 85% in 2025, 95% in 2030 en 100% in 2035; ^ verwachte 60% energie-reductie in 2035 ten opzichte van 2013 door LED-vervanging; ^ dimmen van verlichting na 23:00 uur tot 40% om kosten en energieverbruik te verlagen, en rekening houden met flora en fauna; ^ in gebieden met een hoger straatbeeld worden decoratieve armaturen gebruikt; in andere gebieden functionele armaturen; ^ we zoeken altijd de balans tussen prestatie, risico en kosten, en hanteren het principe: verlichten waar het moet, donker waar het kan.

Foto: Workum

Foto: Sneek

51

Groen De komende jaren ligt voor de groen de focus op de volgende zaken: ^ doorgaan met groenbeheer in eigen dienst, gecombineerd met social return; ^ ontwikkelen van nieuwe technieken voor exotenbestrijding; ^ aanpak boomwortelopdruk bij trottoirs, om struikelgevaar te voorkomen (samen met wegen); ^ uitvoering geven aan de motie voor een jaarlijkse toename van ^ bomenareaal in stedelijk gebied en op boeren erven; ^ onderzoek doen naar een bruikbare groennorm voor de gemeente; ^ vergroenen van de openbare ruimte met klimaatadaptieve maatregelen, wat ten goede komt aan de beleving van de openbare ruimte en bijdraagt aan de positieve gezondheid; ^ verder inzetten op een klimaatrobuuste en groene inrichting, door onder andere geveltuinen en groene daken te stimuleren; ^ bij nieuwbouwplannen inzetten op een minimale hoeveelheid groen in de wijk of straat; ^ invasieve exoten zoals reuzenberenklauw en Japanse duizendknoop zijn onder controle door intensief beheer en provinciale subsidies en vrijwilligers, maar blijven extra aandacht vragen.

Foto: Workum

52

Waterbouwkundige Kunstwerken De komende jaren ligt voor de waterbouwkundige kunstwerken de focus op de volgende zaken: ^ handhaven van een technische kwaliteit van ‘gemiddeld Basis’ over het gehele areaal om de veiligheid van de infrastructuur te waarborgen; ^ vervanging van kademuren, met een vervangingsplan en voldoende investeringsbudget, op basis van onderwaterinspecties. Dit wordt risicogestuurd en gefaseerd aangepakt met focus op samenwerking en betere dataverzameling. Waar mogelijk gaan we kaden vergroenen; ^ inzetten op natuurvriendelijke en groene oevers waar mogelijk, t.b.v. beleving en flora/fauna; ^ vervangen van oude systemen in beweegbare bruggen en het creëren van mogelijkheden voor glasvezelaansluitingen om bruggen op afstand te bedienen; • vernieuwen van elektrotechnische installaties en reinigen van brugkelders voor beter inzicht in de status van installaties; ^ updaten van camera-installaties op bruggen en vervangen van slagboomkasten; ^ meer aandacht voor het beheer van steigers en kaden in recreatiegebieden en zwemlocaties.

Foto: Makkum

Waterbodems De komende jaren ligt voor de waterbodems de focus op de volgende zaken: het bevaarbaar houden van eigen wateren ten behoeve van de recreatievaart om zo de waterrijke gemeente te kunnen beleven; ^ voor een breder vaarnetwerk de samenwerking te zoeken met de provincie en het waterschap. Vanuit verschillende dorpen is de wens om opvaarten weer bevaarbaar te maken; ^ vrijkomend baggerslib zoveel mogelijk toepassen in de eigen omgeving, bijvoorbeeld bij woningbouwprojecten. Hierbij maken we gebruik van ons baggerdepot in Heeg;

^

• • ^ ^

de gemeente zorgt voor bereikbare havens, voldoende diepte bij aanlegplaatsen en vaargeulen, en goed wateronderhoud; het inmeten van watergangen, waarvan nog geen data beschikbaar is; focus leggen op een meerjarenplanning om zo ‘adhoc’ baggerwerk te minimaliseren; er zijn afspraken gemaakt met Wetterskip Fryslân over het beheer en onderhoud van vijvers in stedelijk gebied. De gemeente baggert, maait en hekkelt diverse vijvers, zodat de kans op botulisme en stankoverlast geminimaliseerd wordt.

53

Gebouwen De komende jaren ligt voor de gebouwen de focus op de volgende zaken: ^ het verduurzamen van onze gebouwen, bij voorkeur in combinatie met groot onderhoud; ^ duurzaamheidsmaatregelen worden ook geïntegreerd bij verbouwingen en nieuwbouw; ^ op basis van een meerjaren-onderhoudsplan risico gestuurd onderhoud; ^ de toegankelijkheid van gebouwen waar nodig verbeteren; ^ het verkopen en herbestemmen van niet-strategische gebouwen als bijdrage aan de kansrijke sporen; ^ maatschappelijke opvang: slimme huur- en koopconstructies ten behoeve van huisvesting nieuwe inwoners, urgente doelgroepen.

Foto: Workum

54

Foto: Hindeloopen

55

11.

Scenario’s

Om de koers voor de komende periode te bepalen bieden wij drie verschillende scenario's aan waaruit de gemeenteraad kan kiezen. Elk scenario is gebaseerd op een specifiek ambitieniveau en de bijbehorende mate van investering. Deze scenario's variëren van een sobere aanpak met minimale investeringen tot een ambitieuze aanpak met aanzienlijke investeringen om bij te dragen aan de doelstellingen, zoals gesteld in de omgevingsvisie. Bij het opstellen van de drie scenario’s hebben we de resultaten van de inwonersenquête actief meegenomen. De uitkomsten geven waardevolle inzichten in hoe bewoners de openbare ruimte ervaren en wat zij belangrijk vinden.

Casus Voordat we in de scenario's duiken omschrijven we hier een hypotetisch scenario. Bij elk scenario geven we aan wat we in het scenario aan onderhoud en investeringen uitvoeren. Deze scenariobeschrijving helpt om de effecten van de verschillende scenario's beter te visualiseren. Stel je een gemiddelde openbare ruimte voor in een woonwijk in Sneek. De ruimte omvat: ^ een smalle woonstraat met asfaltverharding en klinkerstoepen; ^ twee rijen volwassen lindebomen langs de rijbaan; ^ een klein plantsoen met gras en enkele heesters; ^ een houten voetgangersbruggetje over een smal watergangetje; ^ vier klassieke lantaarnpalen langs de weg; ^ een bankje aan het plantsoen. De ruimte wordt frequent gebruikt door voetgangers, fietsers, spelende kinderen en hondenbezitters. De wijk is ongeveer 25 jaar oud.

Scenario ‘Sober’ In dit scenario zetten we laag in op het bereiken van de doelen en ambities, zoals beschreven in de omgevingsvisie. De focus ligt op het minimaal in stand houden van de assets, met oog voor veiligheid. Sturing vindt plaats binnen het huidige onderhoudsbudget. Er vinden minimale investeringen plaats en er is geen verwachte toename in baten en tevredenheid. Concreet betekent dit het volgende: Scenario 'Sober' Ambitieniveau

» Laag

Sturen op

» Het veilig en functioneel houden van de openbare ruimte. » Minimale onderhoudskosten.

Risico

» We accepteren een risicoscore ‘medium’ conform de risicomatrix. Dit betekent o.a. dat we 100x per jaar een gevaarlijke situatie accepteren waar minder dan 9 klachten over binnenkomen en een ongeplande uitgave van 900 euro of minder met zich meebrengt. En dat we 1x per 10 jaar een veiligheidssituatie accepteren waarbij er een ernstige gewonde valt en een ongeplande uitgave van 90 tot 900 duizend euro met zich meebrengt. Het incident leidt tot regionale commotie en raadsvragen.

Mensen & Middelen

» Meer kosten voor beheer en onderhoud zijn nihil, waarmee op korte termijn geen extra onderhoudsbudget nodig is (boven op de al extra benodigde middelen). » Geen invloed op de inzet van mensen (personeel). » Meldingen openbare ruimte worden enkel adequaat opgepakt indien veiligheid of functioneren in gevaar is.

Achterstallig onderhoud

» Het huidige achterstallig onderhoud werken we in 15 jaar weg. » We accepteren tijdelijk nieuw achterstallig onderhoud (maximaal 5 jaar). » Er is een medium kans op afsluiting of afzetting van de openbare ruimte (i.v.m. veiligheid).

56

Onderhoudsniveau

» Technische kwaliteit is ‘gemiddeld Basis’ voor het gehele areaal. Laag wordt enkel geaccepteerd bij assets die aan groot onderhoud of vervanging toe zijn. » Beeldkwaliteit is Basis tot Laag. Laag in buitengebied en bedrijventerreinen (zie tabel 11.1).

Groenbeheer

» We zetten in op functioneel en onderhoudsarm groen. We vormen bij noodzakelijke vervanging een deel van de beplantingsvakken om naar gras of onderhoudsarm bosplantsoen zodat de onderhoudskosten dalen. » We leveren vanuit het onderhoudsbudget geen extra inspanning in vergroening, alleen als dat kostenneutraal kan (bijvoorbeeld vanuit andere projecten).

Inrichting & toegankelijkheid

» Minimale en passieve inzet op het onderhoud van trottoirs; alleen daar waar de veiligheid in het geding komt (bijvoorbeeld n.a.v. meldingen). » Vanuit beheer & onderhoud minimaal inzetten op het toegankelijk maken van de openbare ruimte en gebouwen, enkel waar dit kostenneutraal valt te combineren met onderhoud of waar we vanuit wetgeving een verplichting hebben. We houden rekening met het VN-verdrag Handicap.

Sport, gezondheid & veiligheid

» Geen extra inspanning voor het verkeersveilig maken van de openbare ruimte, enkel als dat kostenneutraal mogelijk is.

Klimaat, biodiversiteit & » Daar waar klimaatverandering overlast geeft, pakken we het aan in combinatie met duurzaamheid (groot) onderhoud. Afbeelding 11.1: uitwerking scenario ‘Sober’.

Casusuitwerking scenario ‘Sober’ Het doel is om de ruimte veilig en functioneel te houden met minimale kosten. ^ ^ ^ ^ ^ ^

Weg: alleen reparatie van gevaarlijke gaten of scheuren in asfalt (n.a.v. inspectie). Trottoirs: tegels rechtleggen bij ernstige verzakkingen. Bomen: eens in de drie jaar visuele inspectie, alleen onderhoud bij gevaarzetting (bijv. dode takken). Groen (gras/heesters): beperkt maaien, focus op instandhouding, geen verjonging van heesters. Brug: alleen noodreparaties aan brugdek of leuning indien kapot of onveilig. Verlichting: defecte lampen vervangen op melding, geen vervanging van armaturen.

57

=Veilig ä functioneel:

Duurzaam

X Mooi ô; comfortabel: X

58

Scenario ‘Realistisch’ In dit scenario zetten we gemiddeld in op het bereiken van de doelen en ambities, zoals beschreven in de omgevingsvisie. De focus ligt op het voldoen van de opgaven in de wegen - en waterbouw en een openbare ruimte die voldoende (niveau Basis) wordt onderhouden. Waar het financieel mogelijk is, doen we investeringen in de openbare ruimte die bijdragen aan de gemeentelijke doelstellingen. We verwachten een toename van de baten en tevredenheid met de openbare ruimte. Concreet betekent dit het volgende: Scenario 'Realistisch' Ambitieniveau

^ Gemiddeld

Sturen op

^ Het veilig en functioneel houden van de openbare ruimte. ^ Incidentele financiële investeringen t.b.v. doelstellingen voor de openbare ruimte. ^ Een duurzame openbare ruimte.

Risico

^ We accepteren een risicoscore ‘laag’ conform de risicomatrix. Dit betekent o.a. dat we 10x per jaar een gevaarlijke situatie accepteren waar minder dan 9 klachten over binnenkomen en een ongeplande uitgave van 900 euro of minder met zich meebrengt. En dat we 1x per 10 jaar een veiligheidssituatie accepteren waarbij er een ongeval met verlet plaatsvindt en een ongeplande uitgave van 9 tot 90 duizend euro met zich meebrengt. Het incident leidt tot lokale commotie en raadsvragen.

Mensen & Middelen

^ Mogelijk meer kosten voor beheer en onderhoud. De uitwerking hiervan volgt via de beheerplannen. De financiële technieken zouden hierbij uitkomst kunnen bieden. ^ Vooralsnog is het werk uitvoerbaar met de bestaande capaciteit. Na twee jaar volgt een evaluatie. ^ Meldingen openbare ruimte worden vlot opgepakt wanneer de verwachting is dat dit in de toekomst gevolgen gaat hebben op de veiligheid of het functioneren.

Achterstallig onderhoud

^ Het huidige achterstallig onderhoud werken we in 5-10 jaar weg, als vervolg op de koers die is ingezet in de vorige nota (toen 10-15 jaar). ^ We accepteren tijdelijk nieuw achterstallig onderhoud (maximaal 3 jaar). ^ Er is een lage kans op afsluiting of afzetting van de openbare ruimte (i.v.m. veiligheid). ^ Technische kwaliteit is ‘gemiddeld Basis’ voor het gehele areaal. Laag wordt enkel geaccepteerd bij assets die aan groot onderhoud of vervanging toe zijn. ^ Beeldkwaliteit is Basis tot Hoog. Hoog in centra, begraafplaatsen, parken en sportvelden (zie tabel 11.1).

Onderhoudsniveau

Groenbeheer

^ We zetten in op het duurzaam in stand houden van de huidige inrichting. ^ Incidenteel zijn omvormingen of investeringen mogelijk, alleen als dat kostenneutraal kan én bijdraagt aan de doelstellingen uit de nota en de omgevingsvisie. ^ We leveren vanuit het onderhoudsbudget extra inspanning in vergroening, alleen in combinatie met groot onderhoud of nieuwe inrichting.

Inrichting & toegankelijkheid

^ Actief inzetten op een kwaliteitsverbetering van trottoirs naar het kwaliteitsniveau Basis. ^ Inzet in het toegankelijk maken van de openbare ruimte en gebouwen door dit te combineren met gepland onderhoud en dit op te nemen in het nieuwe Toegankelijkheidsbeleid Openbare Ruimte. Hierbij houden we rekening met het VNverdrag Handicap. ^ Incidenteel investeren in het optimaliseren van verkeersinrichting met meer ruimte voor voetgangers en fietsers, indien aanvullende middelen vanuit Mobiliteit beschikbaar zijn.

Sport, gezondheid ^ We pakken knelpunten aan die als onveilig worden beschouwd door dit te combineren & veiligheid met gepland onderhoud en in lijn met het Mobiliteitsprogramma (m.b.v. extra middelen). ^ Sporten en bewegen meer stimuleren door werk met werk te maken bij gepland (groot) onderhoud (een beweegvriendelijke omgeving).

59

Klimaat, biodiversiteit & duurzaamheid

We starten (pilot)projecten waarin innovatieve methoden worden toegepast om de openbare ruimte klimaatbestendig te maken. Dit doen we in samenwerking met het programma Klimaatadaptatie. We gaan inzetten op plekken waar overlast wordt ervaren door regenwater, in combinatie met riool- en/of wegwerkzaamheden (werk met werk). We zetten in op het tegengaan van hittestress in het stedelijk gebied door vanuit het onderhoudsbudget bij te dragen aan vergroening, alleen in combinatie met groot onderhoud of nieuwe inrichting (in lijn met aangenomen motie van 2024 voor meer bomen en struiken in stedelijk gebied). Het zoveel mogelijk toepassen van duurzame en milieuvriendelijke onderhoudsproducten en methoden voor het groenbeheer. Implementeren van klimaatadaptieve maatregelen zoals groene daken, regenwateropvangsystemen (conform Watertakenplan) en duurzame infrastructuurinitiatieven.

Afbeelding 11.2: uitwerking scenario ‘Realistisch’.

Casusuitwerking scenario ‘Realistisch’ Een balans tussen kostenbeheersing en leefkwaliteit. ^ ^ ^ ^ ^ ^

Weg: cyclisch onderhoud (herstraten/asfalteren), kleine structurele ingrepen. Trottoirs: verzakkingen aanpakken en egaliseren, vernieuwing bij grote schade. Bomen: groeiplaatsverbetering bomen, onderhoudsplan opstellen. Groen (gras/heesters): regelmatig maaien, heesters deels vervangen/verjongen om een fraai beeld te houden. Brug: onderhoud aan brug (bijv. schilderen, anti-sliplaag aanbrengen), kleine structurele verbeteringen. Verlichting: defecte lampen snel vervangen, verouderde armaturen geleidelijk vernieuwen naar energiezuinige varianten.

Koudum gemeente Súdwest-Fryslân

Veilig Ŭ functioneel: v' Duurzaam:

Mooi ŭ comfortabel:

60

Scenario ‘Ambitieus’ In dit scenario zetten we hoog in op het bereiken van de doelen en ambities, zoals beschreven in de omgevingsvisie. We leveren daarmee een op het beheren, onderhouden of vervangen van onze assets. De focus ligt ook bij dit scenario op de opgaven in de wegen- en waterbouw, maar draagt op verschillende punten ook bij aan de gemeentelijke doelstellingen. Dit uit zich in een kwalitatief betere en mooiere openbare ruimte en daarmee een groeiende tevredenheid. Concreet betekent dit het volgende: Scenario 'Ambitieus' Ambitieniveau

^ Hoog

Sturen op

^ Het veilig en functioneel houden van de openbare ruimte. ^ Structurele financiële investeringen t.b.v. doelstellingen voor de openbare ruimte. ^ Een duurzame openbare ruimte. ^ Een comfortabele en mooie openbare ruimte.

Risico

^ We accepteren een risicoscore ‘verwaarloosbaar’ conform de risicomatrix. Dit betekent o.a. dat we 1x per jaar een gevaarlijke situatie accepteren waar minder dan 9 klachten over binnenkomen en een ongeplande uitgave van 900 euro of minder met zich meebrengt. En dat we 1x per 10 jaar een veiligheidssituatie accepteren waarbij er een bijna ongeval plaatsvindt en een ongeplande uitgave van 900 tot 9.000 euro met zich meebrengt. Het incident leidt tot interne commotie en 9 tot 90 klachten.

Mensen & Middelen

^ Meer kosten verwacht voor beheer en onderhoud, naar verwachting zo’n 10% bovenop de huidige prognose voor het onderhoudsbudget. De uitwerking hiervan volgt via de beheerplannen. ^ Naar verwachting meer mensen nodig om het toenemende werk te kunnen voorbereiden, uitvoeren en begeleiden. Duidelijkheid volgt hierover na een evaluatie in 2026. ^ Investeren in technologie, zoals apps en sensoren, om te zorgen voor een efficiënter gebruik van middelen en lagere beheerkosten. ^ Meldingen openbare ruimte worden opgepakt wanneer de veiligheid, functioneren, duurzaamheid, comfort of aanzien in het geding is. ^ Het huidige achterstallig onderhoud werken we in 5 jaar weg. ^ We accepteren geen nieuw achterstallig onderhoud. ^ Er is een verwaarloosbare kans op afsluiting of afzetting van de openbare ruimte.

Achterstallig onderhoud

Onderhoudsniveau

^ Technische kwaliteit is ‘gemiddeld Basis’ voor het gehele areaal. Laag wordt enkel geaccepteerd bij assets die aan groot onderhoud of vervanging toe zijn. ^ Beeldkwaliteit is Basis tot Hoog. Hoog in stads- en winkelcentra, recreatiegebieden, sportvelden en begraafplaatsen (zie tabel 11.1). ^ Implementeren van frequentere schoonmaakprogramma's voor straten, parken en openbare ruimtes.

Groenbeheer

^ We zetten in op een mooie en duurzame groene inrichting van de openbare ruimte. ^ Daar waar mogelijk (bij vervanging of groot onderhoud) passen we kwalitatief groen (vaste planten, sierheesters, siergrassen) toe. ^ We leveren vanuit het onderhoudsbudget extra inspanning in de vergroening van de openbare ruimte, o.a. door het aanplanten van extra bomen op plekken waar dat relatief goedkoop kan (grasvelden, bermen, beplantingsvakken e.d.). ^ Meer inzetten op groeiplaatsverbetering van bomen in stedelijke gebieden.

Inrichting & toegankelijkheid

^ Volop inzetten op een kwaliteitsverbetering van trottoirs naar kwaliteitsniveau Basis. ^ Maximale inzet in het toegankelijk maken van de openbare ruimte en gebouwen en dit op te nemen in het nieuwe Toegankelijkheidsbeleid Openbare Ruimte. Hierbij houden we sterk rekening met het VN-verdrag Handicap. ^ Optimaliseren van verkeersinrichting met meer ruimte voor voetgangers en fietspaden, en het bevorderen van fietsen door veilige infrastructuur. Middelen vanuit Mobiliteit zijn hierbij noodzakelijk. ^ Wateroverlast voorkomen door herprofilering van straten en integratie van waterbergingssystemen, zoals regentuinen en infiltratiezones.

61

» Verrichten van onderzoek naar vergrijzing om de behoeften van deze doelgroep in beeld te brengen en daar beleidsmatige maatregelen op te baseren. We kunnen in ieder geval inzetten op meer rustplekken voor ouderen en hier beleid op maken. Sport, gezondheid » We pakken versneld knelpunten aan die als onveilig worden beschouwd bij assetgroepen & veiligheid Waterbouwkundige Kunstwerken en Wegen (in lijn met nieuw Mobiliteitsprogramma). » Sporten, bewegen en recreëren meer stimuleren door hiervoor meer ruimte te bieden in de openbare ruimte (een beweegvriendelijke omgeving). Dit kunnen meer vrij liggende paden zijn, het toevoegen van sportattributen en extra recreatieve vaarroutes (in lijn met Visie Gastvrijheidseconomie en ‘Bûtengewoan bewege yn Súdwest-Fryslân’). » Verbeteren van verlichting en zichtbaarheid in openbare ruimtes om de sociale veiligheid te vergroten. Klimaat, biodiversiteit & duurzaamheid

» Daar waar klimaatverandering overlast geeft, pakken we het aan in combinatie met (groot) onderhoud. » We starten (pilot)projecten waarin innovatieve methoden worden toegepast om de openbare ruimte klimaatbestendig te maken. Dit doen we in samenwerking met het programma Klimaatadaptatie. » We gaan actief inzetten op plekken waar overlast wordt ervaren door regenwater. » We zetten in op het tegengaan van hittestress in het stedelijk gebied door proactief te vergroenen (in lijn met het Programma Klimaatadaptatie). » Het zoveel mogelijk toepassen van duurzame en milieuvriendelijke onderhoudsproducten en methoden voor het groenbeheer. » Implementeren van klimaatadaptieve maatregelen zoals groene daken, regenwateropvangsystemen (conform Watertakenplan) en duurzame infrastructuurinitiatieven. » We zetten campagnes en initiatieven op om inwoners en bedrijven bewust te maken van het belang van klimaat en biodiversiteit.

Afbeelding 11.3: uitwerking scenario ‘Ambitieus’.

Casusuitwerking scenario ‘Ambitieus’ De openbare ruimte aantrekkelijk, duurzaam en toekomstbestendig houden. ^ ^ ^ ^ ^ ^

Weg: bij einde levensduur volledige herinrichting met aandacht voor waterafvoer en duurzame materialen. Trottoirs: nieuwe bestrating met esthetische elementen (bijv. natuursteen of accenttegels). Bomen: boomstructuur optimaliseren, evt. vervangen door klimaatbestendige soorten, onderbeplanting aanbrengen. Groen (gras/heesters): volledige herinrichting van plantsoen met biodiversiteit in gedachte, vaste planten, bloembollen, ecologisch maaibeheer. Brug: bij einde levensduur brug vervangen door duurzame variant (bijv. composiet of gerecycled hout), integratie in omgeving (bijv. zitgelegenheid, kunst). Verlichting: vervanging door slimme, energiezuinige ledverlichting met bewegingssensoren of dimfuncties.

62

Veilig fr functioneel: v' Duurzaam:

Mooi ä comfortabel: v'

63

Afwegingskader scenario’s In onderstaand schema zijn de drie scenario’s getoetst op de principes van Assetmanagement. Scenario ‘Sober’ ^ Langzaam inzetten op technische kwaliteit ‘gemiddeld Basis’. ^ Laag inzetten op ambities en doelen vanuit omgevingsvisie. ^ Inzet op beeldkwaliteit ‘Basis’ tot ‘Laag’.

Prestaties - Kwaliteit leefomgeving neemt af. - Beperkte inzet gemeentelijke ambities en doelen. - Beperkt medewerking aan wensen uit mienskip. + Veiligheid blijft gewaarborgd.

Risico's en Kansen - Afsluitingen/afzettingen zijn realistisch. - Veiligheid kán in geding komen. - Toegankelijkheid verbetert minimaal. - Aantal meldingen blijft toenemen. - Mienskip ziet basisvoorzieningen niet verbeterd worden. - Risico’s zijn ‘medium’ conform risicomatrix. - Toenemende (onvoorziene) kosten.

Kosten ± Investeringsbudget langzaam verhogen om wegen en kades te kunnen renoveren/ vervangen (1-10 jaar). + Onderhoudsbudgetten hoeven maar beperkt verhoogd te worden. - Toekomstige (onvoorziene) meerkosten gaan oplopen.

‘Realistisch’ » Normaal inzetten op technische kwaliteit ‘gemiddeld Basis’. » Gemiddeld inzetten op ambities en doelen vanuit omgevingsvisie. » Inzet op beeldkwaliteit ‘Basis’ met hotspots op ‘Hoog’.

± Kwaliteit leefomgeving en beleving verbeteren deels. + Veiligheid blijft gewaarborgd. ± Een meer vergroende omgeving. ± Toegankelijkheid verbetert.

± Kans op afsluitingen/ afzettingen is mogelijk. ± Aantal meldingen blijft stabiel. ± Risico’s zijn ‘laag’ conform risicomatrix. ± Kleine kans op toenemende (onvoorziene) kosten.

‘Ambitieus’ ^ Versneld inzetten op technische kwaliteit ‘gemiddeld Basis’. ^ Hoog inzetten op ambities en doelen vanuit omgevingsvisie. ^ Inzet op beeldkwaliteit ‘Basis’ tot ‘Hoog’.

+ Kwaliteit leefomgeving en beleving neemt toe. + Toegankelijkheid verbetert. + Veiligheid blijft gewaarborgd. + Versneld vergroenen en daarmee werken aan klimaatrobuustheid.

+ Kans op afsluitingen/ afzettingen is minimaal. + Aantal meldingen neemt af. + Risico’s zijn ‘verwaarloosbaar’ conform risicomatrix. + Geen toenemende (onvoorziene) kosten.

± Investeringsbudget realistisch verhogen om wegen en kades te kunnen vervangen (1 -5 jaar). ± Onderhoudsbudgetten moeten daarnaast worden verhoogd met circa 5% in een periode van 3-5 jaar om basis ambitie waar te maken (dit volgt uit de beheerplannen). ± Kleine kans op toename van toekomstige (onvoorziene) meerkosten. - Investeringsbudget moet versneld worden verhoogd om wegen en kades op tijd te kunnen renoveren/ vervangen (1-3 jaar). - Onderhoudsbudgetten moeten daarnaast worden verhoogd met circa 10% in een periode van 3-5 jaar om hoge ambitie waar te maken (dit volgt uit de beheerplannen). + Toekomstige (onvoorziene) meerkosten worden beperkt.

Afbeelding 11.4: scenarioafweging o.b.v. prestaties, risico’s/kansen en kosten.

Samenvattend schema: Prestaties

Sober Realistisch Ambitieus

Technische kwaliteit +A +A +A

Ruimte Beeldkwaliteit wensen +A +A + +

Risico’s Kapitaal­ vernietiging +A +

Afbeelding 11.5: samenvattende afweging van de scenario’s:

Kosten

Klachten Korte termijn +A +

+A --

Lange termijn +A

uitstekend, t goed, t/- voldoende, - matig, -- slecht.

64

Voorkeursscenario De voorkeur gaat uit naar het scenario ‘Realistisch’. Hierbij sluiten we voor een groot deel aan bij de ambities en doelstellingen van de gemeente, waaronder de Global Goals en de omgevingsvisie. Bovendien ziet de mienskip dat we een verbeterslag maken op plekken waar momenteel klachten over komen en waar de gemeente zorgen over heeft. Het scenario gaat gepaard met een ingroeimodel voor extra financiële middelen voor de komende jaren, maar inwoners zien dat wel zichtbaar terug in onze openbare ruimte. Gedifferentieerd onderhoud (beeldkwaliteit) Voorkeursscenario ‘Realistisch’ kunnen we vertalen naar gedifferentieerd onderhoud per gebied, als het gaat om beeldkwaliteit, ofwel verzorgend onderhoud. Bij beeldkwaliteit gaat het om het uiterlijk van onze assets, zoals de bruggen, steigers, wegen/trottoirs (onkruid), straatmeubilair en openbaar groen. Hierbij hanteren we de normeringen die het CROW hanteert. Voor de technische kwaliteit van de assets blijft het kwaliteitsniveau ‘gemiddeld Basis’ onverminderd van kracht. Assetgroep en gebied

Wegen, Groen, Waterbouwkundige Kunstwerken, Verlichting: - Centra in steden en grote dorpen - Winkelgebieden (niet-zijnde centra) - Woonwijken/dorpen - Recreatiegebieden (havens/stranden) - Bedrijventerreinen - Buitengebied - Monumentale parken - Begraafplaatsen - Sportvelden - Overig Waterbodems Gebouwen

Gemiddeld beeldkwaliteitsniveau Ambitieus

Realistisch

Sober

Hoog(A) Hoog(A) Basis (B) Hoog(A)

Basis (B) Basis (b)

Basis (B) Basis (b) Hoog(A)

Hoog(A) Basis (B) Basis (b) Basis (b) Basis (b) Basis (b) Hoog(A)

Hoog(A) Hoog(A) Basis (B) Basis (B) Basis (B)

Hoog(A) Hoog(A) Basis (B) Basis (B) Basis (B)

Laag (C) Basis (B) Laag (C) Laag (C) Basis (B) Basis (b) Basis (b) Laag (C) Laag (C) Basis (B)

Technisch kwaliteitsniveau

Gemiddeld Basis Gemiddeld Basis Gemiddeld Basis Gemiddeld Basis Gemiddeld Basis Gemiddeld Basis Gemiddeld Basis Gemiddeld Basis Gemiddeld Basis Gemiddeld Basis Gemiddeld Basis Gemiddeld Basis

Tabel 11.1: beoogde kwaliteitsniveaus per assetgroep en per gebied.

Toelichting De beeldkwaliteitsniveaus bij het scenario ‘Realistisch’ zijn overeenkomstig met de huidige aanpak. Alleen het niveau Hoog bij centra wordt nu gespecificeerd en voorgesteld. Het gaat hierbij om onze stadscentra en centra in grote dorpen. Dit vraagt om meer inzet van de gemeente (mogelijk in samenwerking met ondernemers). Belangrijke en publieke gebieden zoals sportvelden, begraafplaatsen en monumentale parken onderhouden we al op het niveau Hoog en het voorstel is om dat de komende jaren door te zetten. De vertaling van bovenstaand schema naar de praktijk vindt plaats in de beleids- en beheerplannen per assetgroep. Hierin vallen bijvoorbeeld ook nog keuzes te maken om meer aandacht te besteden aan bepaalde gebieden, dorpen en aandachtswijken. We brengen deze gebieden in beeld en plaatsen deze op onze planningskaart. Door de vertaling van bovenstaand schema naar de praktijk kunnen we een betere inschatting maken van de financiële en personele impact. Een algemene financiële vertaling komt terug in hoofdstuk 12.

65

.

11 ĮL T

Foto: Hindeloopen

66

12.

Advies

Algemeen advies We formuleren de volgende adviezen aan de gemeenteraad: ^

^ ^

^ ^ ^ ^ ^

^ • • •

^ ^

Streef naar een technische kwaliteit van ‘gemiddeld Basis’, waarbij ‘Laag’ alleen acceptabel is als veiligheid en bereikbaarheid niet in gevaar komen (bijvoorbeeld bij constructief veilige kademuren). Monitoren en beheersen van risico’s doen we bijvoorbeeld met behulp van sensoren. Een technisch kwaliteitsniveau ‘gemiddeld Basis’ is namelijk het beste voor de veiligheid, functionaliteit en kosten over de gehele levensduur. Dit geldt als uitgangspunt voor alle gemeentelijke assets. Een lagere technische kwaliteit kan op korte termijn kosten besparen, maar leidt tot (onvoorziene) meerkosten en veiligheidsrisico’s op de lange termijn; houd vast aan de werkwijze ‘assetmanagement’; meer aandacht voor groot onderhoud van wegen, trottoirs, onkruid en kademuren, aansluitend op de uitkomsten van de inwonersenquête van 2024.

Hiermee werken we een deel van het achterstallig onderhoud weg; inzetten op een toegankelijke openbare ruimte, conform het VN-verdrag Handicap; zet in op een gedifferentieerd beeldkwaliteitsniveau, met extra focus op publieke hotspots, zoals centra, parken en andere recreatiegebieden afhankelijk van het gekozen scenario; houd jaarlijkse onderhouds- en investeringsbudgetten voldoende op peil door prijsstijgingen (conform GWW-index) en areaaluitbreiding te compenseren; zet onderhoudsbudgetten primair in voor beheer en onderhoud van assets, met oog voor een integrale aanpak (werk met werk) en de lange termijn; bij vervanging en renovatie rekening houden met de kosten over de gehele levensduur. Neem bij interne en externe projecten die de openbare ruimte raken daarom een beheerparagraaf op in de besluitvorming, met als uitgangspunt de laagste maatschappelijke kosten over de gehele levensduur (LCC/TCO); waar (financieel) mogelijk blijven we werk met werk toepassen.

Bijvoorbeeld door kleine verkeerskundige aanpassingen en klimaatadaptieve maatregelen mee te nemen; sta open voor technologische en innovatieve verbeteringen voor het beheer en onderhoud van assets, met ruimte voor pilots, onder voorbehoud van benodigde ondersteuning; betrek de mienskip bij de voorbereiding en uitvoering van werkzaamheden en zorg voor actieve communicatie, ook na afronding van de werkzaamheden; voor de lange termijn plannen we strategisch om verschillende opgaven zoals energie, klimaatadaptatie en onderhoud beter te integreren. Dit wordt ondersteund door de Integrale Planning Assetmanagement in GeoVisia, passend bij de opgave voor gebiedsgericht werken; vertaal de uitgangspunten naar tactische beheerplannen en operationele jaarplannen, zodat voor assetbeheerders en belanghebbenden duidelijk is wat de verwachtingen zijn (‘Line of Sight’); meer sturen op beleving, door de status van de openbare ruimte frequenter te peilen. Dit willen we doen via periodieke inwonersenquêtes en beeldkwaliteitschouwen. Op deze manier kunnen we beter monitoren, trends signaleren en tijdig bijsturen waar nodig, zodat het beheer nog beter aansluit op de wensen en verwachtingen van onze inwoners.

Advies scenario: ‘Realistisch’ Het advies is om de komende jaren te werken aan scenario ‘Realistisch’, waarbij de focus en het zwaartepunt liggen op beheer en onderhoud van onze assets, maar ook een bijdrage doen aan de ambities en doelstellingen van de gemeente. Hierbij valt te denken aan vergroenen, klimaatadaptatie, mobiliteit/toegankelijkheid, gastvrijheid en sociale aspecten, mits daar voldoende middelen voor beschikbaar worden gesteld. Deze thema’s komen terug in de Omgevingsvisie Súdwest-Fryslân en andere visies en plannen van de gemeente. We sluiten hierbij graag op aan, al zij het op realistische wijze en onder voorbehoud van financiering. Scenario ‘Realistisch’ komt bovendien het dichtst bij de weg die vanaf 2021 is ingeslagen met de vorige nota. Scenario ‘Sober’ zou een stap terug zijn en scenario ‘Ambitieus’ is een mooie ambitie, maar lijkt niet haalbaar, gezien de financiële ravijnjaren.

67

Afwegingskader in beheerplannen Keuzes in het beheer, onderhoud en de vervanging van de openbare ruimte worden zorgvuldig gemaakt. Elke situatie is uniek en vraagt om een maatwerkoplossing. In de afweging spelen meerdere factoren een rol, zoals wettelijke verplichtingen, veiligheid, beschikbare financiële middelen, beleid en bestuurlijke wensen. Ook de wensen van inwoners en belanghebbenden worden meegenomen, evenals (klimaat)problemen zoals wateroverlast of hittestress. In beheerplannen werken we dit afwegingskader verder uit, zodat per locatie of object een passende aanpak kan worden gekozen.

Financieel advies Om het beheer en onderhoud van de openbare ruimte verantwoord en duurzaam op peil te houden, risico’s te beperken, achterstanden te voorkomen, de tevredenheid van bewoners en bezoekers te waarborgen én bij te dragen aan gemeentelijke doelen, adviseren wij het volgende: ^ ingroeimodel investeringsbudget én onderhoudsbudget conform LTAP; ^ financiële vertaling van scenario ‘Realistisch’; ^ indexering en areaalgroei meenemen in de jaarlijkse Programmabegroting; • alternatieve opties voor meer middelen en bestedingsruimte. Ingroeimodel investeringsbudget én onderhoudsbudget conform LTAP Uit de geactualiseerde Lange Termijn Asset Planning (LTAP) blijkt dat het structurele budget voor onderhoud en investeringen moet groeien van C 29 miljoen naar circa C 35 miljoen. Deze stijging van C 6 miljoen bestaat uit C 4 miljoen investeringsbudget en C 1,7 miljoen voor regulier onderhoud. Hierbij is geen rekening gehouden met prijsstijgingen of areaalgroei. De LTAP dient als richtinggevend model. Daarom wordt voorgesteld de financiële impact per assetgroep verder uit te werken in beleids- en beheerplannen. Vooruitlopend daarop is een gefaseerde budgetverhoging nodig via een ingroeimodel. Met name de opgaven bij wegen, kademuren en verlichting vragen om aanvullend investeringsbudget.

Voorgesteld wordt om dit met C 4 miljoen te verhogen via een jaarlijkse ophoging van C 1 miljoen gedurende vijf jaar. Bij een gemiddelde afschrijvingstermijn van 35 jaar leidt dit tot oplopende kapitaallasten (zie schema). Ook voor het behoud van technische en visuele kwaliteit van de openbare ruimte is aanvulling nodig van het onderhoudsbudget van C 1,7 miljoen. Ook dit bedrag kan stapsgewijs worden ingepast, afhankelijk van de beschikbare financiële ruimte binnen de begroting. Samenvattend kan worden gedacht aan het volgende ingroeimodel: Investering

2026 2027 2028 2029 2030

C 1.000.000,C 2.000.000,C 3.000.000,C 4.000.000,C 4.000.000,-

Kapitaallast (cumulatief)

o

Jaarschijf

C 45.000,C 134.000,C 268.000,C 447.000,-

Aanvulling onderhoudsbudget C 400.000,C 800.000,C 1.200.000,C 1.600.000,C 1.700.000,-

Gevolgen Programmabegroting C 400.000,C 845.000,C 1.334.000,C 1.868.000,C 2.147.000,-

De budgetten moeten de komende jaren dus gefaseerd worden aangevuld om de veiligheid en functionaliteit van de openbare ruimte te waarborgen en de basisvoorzieningen duurzaam in stand te houden, zonder kapitaalvernietiging. Meer investeren verbetert ook de toegankelijkheid, mobiliteit en beleving, en moedigen sporten en bewegen aan (een beweegvriendelijke omgeving). Financiële vertaling van scenario ‘Realistisch’ We gaan het voorkeursscenario ‘Realistisch’ vertalen in de beleids- en beheerplannen per assetgroep. Hierin volgt ook een financiële paragraaf, waaruit zal volgen of de prognose vanuit de LTAP voldoende is. Eventuele bijsturing van het ingroeimodel volgt tijdens de uitwerking van de beleids- en beheerplannen.

68

De beleids- en beheerplannen worden in 2026 voorgelegd aan het college. Indien nodig worden de financiële consequenties via de gemeenteraad ingebracht bij de Programmabegroting van 2027 (en daarna). Indexering en areaalgroei meenemen in jaarlijkse programmabegroting De voorgestelde verhoging van de budgetten - zoals hiervoor beschreven - staat los van compensatie voor prijsstijgingen (conform GWW-index) en areaaltoename. Via de Programmabegroting worden jaarlijks middelen toegekend voor indexering en areaal. Hiermee blijven de budgetten op peil. Voor de komende jaren blijft dat een belangrijk aandachtspunt. De dekking wordt grotendeels gehaald uit de indexatie die we ontvangen van het Rijk, de meeropbrengst van OZB door extra woningen en indexatie op de gemeentelijke belastingen. Voor de indexatie verwachten we jaarlijks rekening te moeten houden met zo’n 2^, op basis van eerdere jaren (zonder uitschieters). Voor areaalgroei wordt uitgegaan van 0,75%, ten gevolgen van het woningbouwprogramma van Súdwest-Fryslân. De werkelijke areaalgroei hangt af van de toename van de OZB. Dit proces voor aanvullende middelen verloopt via de Programmabegroting. Inclusief areaalgroei en indexatie is het overzicht als volgt: Investering

2026 2027 2028 2029 2030

C 1.000.000,C 2.000.000,C 3.000.000,C 4.000.000,C 4.000.000,-

Kapitaallast (cumulatief)

O

Jaarschijf

C 45.000,C 134.000,C 268.000,C 447.000,-

Aanvulling onderhouds­ budget C 400.000,C 800.000,C 1.200.000,C 1.600.000,C 1.700.000,-

Areaalgroei (cumulatief)

Indexatie GWW (cumulatief)

C 140.000,C 280.000,C 420.000,C 560.000,C 700.000,-

C 440.000,C 965.000,C 1.515.000,C 2.090.000,C 2.690.000,-

Gevolgen Programma­ begroting C 980.000,C 2.090.000,C 3.269.000,C 4.518.000,C 5.537.000,-

Alternatieve opties voor meer bestedingsruimte op korte termijn Er zijn er alternatieve mogelijkheden om op korte termijn meer bestedingsruimte te creëren. Drie opties zijn hieronder benoemd: 1. het verlengen van de afschrijvingstermijnen van de assets, waardoor de jaarlijkse kapitaallasten die voortvloeien uit een investering ^vervanging) lager worden. Dit maakt onderdeel uit van de kansrijke sporen en wordt betrokken bij de actualisatie van de Financiële Verordening (eind 2025); 2. het verlagen van het drempelbedrag voor het mogen activeren van investeringen om zo ook kleinere investeringen (bijvoorbeeld vanaf C 100.000,-) te kunnen activeren, zodat de onderhoudsbudgetten worden ontlast. Bij investeringen gaat het om vervangingen van assets, niet zijnde onderhoud. Binnen de huidige regels van de Financiële Verordening ligt het drempelbedrag op C 250.000,-. Vervangingen tot C 250.000,- worden in de huidige situatie daarom betaald vanuit de onderhoudsbudgetten. Door het drempelbedrag te verlagen, biedt dat op korte termijn financiële ruimte binnen de onderhoudsbudgetten; 3. als vervolg hierop zou een deel van het onderhoudsbudget ingezet kunnen worden om de kapitaallasten (aflossing + rente) van extra investeringsbudget te kunnen dekken. Uiteraard alleen bij budgetten waar dit mogelijk is.

Dit verdient nadere uitwerking en komt terug bij de behandeling van de beleids- en beheerplannen, nadat de Financiële Verordening is aangepast. De opties 1 en 2 dienen opgenomen te worden in de Financiële Verordening van de gemeente (bevoegdheid gemeenteraad). Optie 3 wordt - indien haalbaar - apart voorgelegd aan de gemeenteraad. Door deze financiële technieken toe te passen, zou een deel van de piek in vervangingen opgevangen kunnen worden. Voor de korte termijn kan dat helpen, voor de lange termijn moeten de gevolgen nog goed in beeld worden gebracht. Bij beheer van de openbare ruimte is een juiste verhouding nodig tussen onderhouds- en investeringsbudgetten. Na vaststelling van de nota wordt dit verder uitgewerkt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15871580/2