Ambtelijk Werkboek Kansrijke Sporen
Tekst van het document
Financiële structurele impact
2025
0
2026
PM 45
12 februari 2025
(besparingen)?:
Financiële (incidentele) impact (investeringen)?:
Impact voor inwoners, ondernemers en instellingen:
Juridische consequenties?: Publiekrecht: regelgeving wijzigen?:
2027
PM
2028
PM
2025
200.000
2026
100.000
2027
0
2028
0
Cultuuromslag medewerkers sociaal domein: werken in aansluiting leefwereld van de inwoner Grote impact op uitzonderlijke situaties van inwoners, dat we vanuit het perspectief van de inwoner aansluiten op de behoefte met als doel duurzame zelfredzaamheid Juridische impact door financiële vergoedingen in te zetten die niet direct rechtsmatig zijn vanuit de 4 wetten die uitgevoerd worden binnen het gebiedsteam. Nee Nee
Privaatrecht: overeenkomst aanpassen?: Personele consequenties?
Nee
(ja of nee): Welke besluitvorming moet plaats vinden om dit te effectueren?
Nader te bepalen
(Raad, college of gemandateerd): Is het tempo waarin dit kan worden doorgevoerd realistisch?:
ja
Andere zaken die moeten worden vermeld:
Datum:
6 februari 2025
46 12 februari 2025
Versie:
Opmerkingen n.a.v. eerdere versie:
47 12 februari 2025
6C Programma:
Sociaal
Hoofdtaakveld:
Lichte ondersteuning
Relatie met spoor/sporen: Voorstel:
6C. Wmo-voorzieningen rollen en woningaanpassingen uitbesteden
Toelichting:
De harde voorzieningen (woningaanpassingen, trapliften, etc.) binnen de Wmo zijn een specialisme aan het worden. Dit voorstel gaat over het maken van de inschatting van de brede ondersteuningsbehoefte waaronder een harde voorziening door “het gebiedsteam”. Indien er alleen sprake is van een harde voorziening, willen we deze werkstroom beleggen bij een externe partner. Externe partners zijn meer gespecialiseerd in dit werk, waardoor we verwachten de woningaanpassingen en dergelijke efficiënter en goedkoper te kunnen leveren. Risico Hierbij dient wel aangetekend te worden dat we werken op basis van een behoefte en een vraag in de samenleving in Súdwest. Die vraag wordt niet per se kleiner, gelet op bijvoorbeeld de demografische ontwikkelingen die we op ons af zien komen. Daarnaast kunnen bezuinigingen op onze inzet leiden tot meer schrijnende gevallen, en dientengevolge een grotere vraag. Om daaraan tegemoet te komen is juist weer meer ambtelijke inzet nodig. Daarmee worden op langere termijn de bezuinigingen weer ongedaan gemaakt.
Financiële structurele impact (besparingen)?:
Financiële (incidentele) impact (investeringen)?:
2025
€ 45.000
2026
€ 120.000
2027
€ 120.000
2028
€ 120.000
2025
€ 100.000
2026
€ 100.000
2027
0
2028
0
48 12 februari 2025
Impact voor inwoners, ondernemers en instellingen:
Team ondersteuning: accountmanagement: evt. aanbestedingstraject
Juridische consequenties?:
n.n.b.
Publiekrecht: regelgeving wijzigen?:
Bedrijfsvoering; inkoop- aanbestedingstraject
nee
Privaatrecht: overeenkomst aanpassen?:
nee
Personele consequenties?
Ja, wijziging van takenpakket gebiedsteammedewerker. Mogelijk een OR-traject
(ja of nee): Welke besluitvorming moet plaats vinden om dit te effectueren?
Nader te bepalen
(Raad, college of gemandateerd): Is het tempo waarin dit kan worden doorgevoerd realistisch?: Andere zaken die moeten worden vermeld:
Datum:
6 februari 2025
Versie:
Opmerkingen n.a.v. eerdere versie:
49 12 februari 2025
6D Programma:
Sociaal
Hoofdtaakveld:
Lichte ondersteuning
Relatie met spoor/sporen: Voorstel:
6D. Inzet gebiedsteammedewerkers EPA
Toelichting:
Vanuit de samenwerkingsovereenkomst EPA (Ernstige Psychiatrische Aandoening) constateren we dat de ingezette capaciteit 6 medewerkers is per 60 inwoners met EPA-kenmerken die in behandeling zijn bij FACT. Dit kan gereduceerd worden naar 3-5 medewerkers. De overige capaciteit wordt geadviseerd om in te zetten binnen het gebiedsteam ter preventie op terugval en aansluitende begeleiding vanuit dit team of toeleiding naar collectieve zorg. Risico Daarbij dient wel aangetekend te worden dat we werken op basis van een behoefte en een vraag in de samenleving in Súdwest-Fryslân. Die vraag wordt niet persé kleiner, gelet op bijvoorbeeld de demografische ontwikkelingen die we op ons af zien komen. Daarnaast kunnen bezuinigingen op onze inzet leiden tot meer schrijnende gevallen, en dientengevolge een grotere vraag. Om daaraan tegemoet te komen is juist weer meer ambtelijke inzet nodig. Daarmee worden op langere termijn de bezuinigingen weer ongedaan gemaakt.
Financiële structurele impact (besparingen)?:
Financiële (incidentele) impact (investeringen)?:
2025
0
2026
45.000
2027
90.000
2028
90.000
2025
0
2026
0
2027
0
2028
0 50
12 februari 2025
Impact voor inwoners, ondernemers en instellingen:
• • •
Juridische consequenties?:
N.n.b.
Impact op de samenwerkingsovereenkomst EPA Vermindering veiligheidscasuïstiek bij OOV Vermindering herhalingscasuïstiek gebiedsteam
Nee Publiekrecht: regelgeving wijzigen?: Privaatrecht: overeenkomst aanpassen?:
Personele consequenties?
Nee
Ja, herverdeling capaciteit/budget GGZ
(ja of nee):
Welke besluitvorming moet plaats vinden om dit te effectueren?
Nader te bepalen
(Raad, college of gemandateerd): Is het tempo waarin dit kan worden doorgevoerd realistisch?:
ja
Andere zaken die moeten worden vermeld:
Datum:
6 februari 2025
Versie:
Opmerkingen n.a.v. eerdere versie: 51 12 februari 2025
6E Programma:
Sociaal
Hoofdtaakveld:
Lichte ondersteuning
Relatie met spoor/sporen:
Wordt meegenomen in 6K – Proces aanvraag levensonderhoud
Voorstel:
6E. Verminderde bewijslast
Toelichting:
De gemeente krijgt geld van het rijk om ondersteuning te leveren aan inwoners, bijvoorbeeld op het gebied van de Participatiewet, Wmo of jeugdhulp. De manier waarop we die regelingen verstrekken, kan mogelijk slimmer, bijvoorbeeld door minder bewijslast te vragen of door ambtshalve toe te kennen. Binnen dit spoor nader onderzoeken of en voor welke regelingen bovenstaande kan gelden en welke vervolgstappen nodig zijn. Dit spoor betrekken we ook bij het herijkingstraject van de visie sociaal domein. De gemeente Súdwest-Fryslân werkt al enige tijd aan het efficiënter en effectiever uitvoeren van de bijzondere bijstand en de gemeentelijke minimaregelingen. Het hele traject van aanvragen tot beschikken en uitbetalen wordt daarbij doorlopend onderzocht en geanalyseerd en daar waar mogelijk worden aanpassingen gedaan en verbeteringen doorgevoerd. Dit alles heeft als doel de toegankelijkheid (simpeler om aan te vragen) en het gebruik van deze inkomensondersteunende maatregelen te verhogen en de uitvoeringskosten te verlagen. Een veelgehoord struikelblok bij aanvragen blijft echter nog steeds de bewijslast. De afgelopen periode hebben we bekeken óf en hoe het mogelijk is om dit te vereenvoudigen. Achtergrond Wie nu een aanvraag indient moet bewijsstukken kunnen overleggen om aan te tonen dat er recht bestaat op de gevraagde tegemoetkoming. Dit moest voorheen op papier.
In de digitale versie door de bewijsstukken te scannen en te uploaden bij de aanvraag. Er worden voor aanvragen nog steeds veel bewijsstukken gevraagd en het wordt door onze inwoners als lastig en omslachtig ervaren om al deze bewijsstukken te kopiëren, maar ook om ze vervolgens te scannen, op te slaan en te uploaden. 52
12 februari 2025
Dit zorgt er in een aantal gevallen voor dat inwoners afhaken of hulp nodig hebben. En dit zorgt dan weer voor vertragingen in het hele toekenningsproces. Daarnaast is er de afgelopen jaren langzaamaan een omslag ontstaan om meer vanuit vertrouwen te handelen – ook een uitdrukkelijke wens vanuit het coalitieakkoord en de Cliëntenraad Werk en Inkomen – én het de aanvrager (nog) makkelijker te maken. Uiteraard zónder daarbij afbreuk te doen aan het voorkomen van fraude en het borgen van de rechtmatigheid. Voor ons reden genoeg om heel kritisch naar onze aanvraagprocessen te kijken met name voor wat betreft het eenvoudiger/simpeler maken van de aanvraagprocedure waardoor mensen minder snel afhaken. Op basis hiervan hebben we een aantal mogelijke acties/verbeterpunten opgesteld: •
Doorlopend toekennen van aanvragen Individuele Inkomenstoeslag voor inwoners met een PW-uitkering
•
Ambtshalve toekennen van aanvragen Minima voor inwoners met een PW-uitkering
•
Relevantie van het huidige Verificatieplan bekijken en eventueel laten aanpassen/intrekken
•
Automatisch toekennen van aanvragen op basis van informatie die we zelf kunnen vergaren, waarbij we zoveel mogelijk gebruik maken van de gegevens die we al hebben en de koppelingen met onze eigen systemen (o.a. Suite en BRP).
Dit onderdeel wordt meegenomen in spoor 6K (Proces aanvraag levensonderhoud). Er zijn hier daarom geen bedragen opgenomen.
Financiële structurele impact (besparingen)?:
Financiële (incidentele) impact (investeringen)?:
2025
0
2026
0
2027
0
2028
0
2025
0
2026
0
2027
0
2028
0 53
12 februari 2025
Impact voor inwoners, ondernemers en instellingen:
Verbeterde dienstverlening, hoger bereik regelingen.
Juridische consequenties?:
Nee
Publiekrecht: regelgeving wijzigen?: Privaatrecht: overeenkomst aanpassen?: Personele consequenties?
Nee Nee
Nog niet in te schatten
(ja of nee): Welke besluitvorming moet plaats vinden om dit te effectueren?
Regelingen en verordeningen moeten mogelijk worden aangepast. Dat betekent een besluit van het College en bij verordeningen ook van de Raad.
(Raad, college of gemandateerd): Is het tempo waarin dit kan worden doorgevoerd realistisch?:
Het voorwerk is al verricht en de eerste voorstellen liggen al bij de wethouder ter goedkeuring. Dit kan (deels) redelijk snel afgerond zijn.
Andere zaken die moeten worden vermeld:
Datum:
6 februari 2025
Versie: Opmerkingen n.a.v. eerdere versie:
54 12 februari 2025
6F Programma:
Sociaal
Hoofdtaakveld:
Lichte ondersteuning
Relatie met spoor/sporen:
Wordt meegenomen in 6K – Proces aanvraag levensonderhoud
Voorstel:
6F. Check je recht
Toelichting:
Check je recht verder uitbreiden waarbij inwoners de mogelijkheid hebben om direct (meerdere) regelingen aan te vragen. Om dit te bewerkstelligen dienen aanpassingen in de verordening te worden gedaan zodat de voorwaarden van de verschillende minimaregelingen gelijk zijn. Ook zal dit aanpassingen vragen in de inrichtingen van de digitale formulieren en de betalingssystematiek. Inwoners kunnen via de website inzichtelijke krijgen voor welke minimaregelingen zij eventueel in aanmerking komen. Door deze tool uit te breiden, willen we het mogelijk maken dat inwoners niet alleen inzicht kunnen krijgen in de rechten maar ook direct een aanvraag kunnen doen. Hierbij is het uitgangspunt dat ze met slechts eenmalig het invullen van het formulier direct meerdere regelingen met gelijke voorwaarden kunnen aanvragen. Dit onderdeel wordt meegenomen in spoor 6K (Proces aanvraag levensonderhoud). Er zijn hier daarom geen bedragen opgenomen.
Financiële structurele impact (besparingen)?:
Financiële (incidentele) impact (investeringen)?:
2025
0
2026
0
2027
0
2028
0
2025
0
2026
0
2027
0
2028
0
Inwoners kunnen op deze manier eenvoudig en een keer per jaar een aanvraag doen wat het gebruik van de 55 12 februari 2025
Impact voor inwoners, ondernemers en instellingen:
verschillende minimaregelingen zal verhogen. Hierdoor dragen we bij aan het vergroten van de bestaanszekerheid.
Juridische consequenties?:
Nee
Publiekrecht: regelgeving wijzigen?: Privaatrecht: overeenkomst aanpassen?: Personele consequenties?
Nee Nee
Nee
(ja of nee): Welke besluitvorming moet plaats vinden om dit te effectueren? (Raad, college of gemandateerd):
Is het tempo waarin dit kan worden doorgevoerd realistisch?:
Om het mogelijk te maken dat er direct meerdere regelingen aangevraagd kunnen worden, moeten eventueel de voorwaarden van enkele minimaregelingen worden aangepast. Dit zal een aanpassing in de verordening vragen.
Ja
Andere zaken die moeten worden vermeld:
Datum:
6 februari 2025
Versie:
Opmerkingen n.a.v. eerdere versie:
56 12 februari 2025
6G Programma:
Sociaal
Hoofdtaakveld:
Lichte ondersteuning
Relatie met spoor/sporen:
Wordt meegenomen in 6K – Proces aanvraag levensonderhoud
Voorstel:
6G. Digitaliseren van de klantdossiers
Toelichting:
In het jaarplan Sociaal Domein 2021 wordt als belangrijk speerpunt genoemd het belang van één dossier voor de front- en de backoffice (die bovendien AVG-proof is). Het kan voorkomen dat twee medewerkers op hetzelfde moment met dezelfde klant bezig zijn en los van elkaar twee keer dezelfde informatie opvragen. Een belasting voor de klant en daarnaast erg onduidelijk. Verder is het digitaliseren van de klantdossiers in de huidige tijd een enorme verbetering om de werkzaamheden vanuit huis ook snel en vooral efficiënt te kunnen uitvoeren. Om klanten (en uitvoerende medewerkers) effectief en eenduidig te helpen willen we digitale klantdossiers voor het sociaal domein. Er is middels een voorverkenning gekeken of en hoe dit haalbaar zou kunnen zijn. Op basis van de voorverkenning is een plan van aanpak opgesteld. Risico’s 1. Capaciteit trekkers deelprojecten De benodigde capaciteit is zo beperkt mogelijk gehouden, toch behoeft de benodigde inzet van medewerkers aandacht. Beheersmaatregel: indien de capaciteit gaat knellen, met het management bespreekbaar maken en maatregelen treffen. Een mogelijke maatregel kan zijn het inhuren van expertise. 2. Samenwerking binnen teams Sociaal Domein Een systeemoplossing alleen biedt niet het beste resultaat. Voor een optimale samenwerking is zowel een systeemoplossing als een verbeterde samenwerking nodig.
Beheersmaatregel: het bevorderen van de samenwerking en het verbeteren van de werkprocedures binnen het Sociaal Domein,. Eveneens het zorgen voor coaching en scholing van de werknemers. 57
12 februari 2025
3. Privacy Beheersmaatregel: neem rapportages en toezicht op de rapportages mee in het Privacy beleid sociaal domein gemeente Súdwest-Fryslân. Dit onderdeel wordt meegenomen in spoor 6K (Proces aanvraag levensonderhoud). Er zijn hier daarom geen bedragen opgenomen.
Financiële structurele impact (besparingen)?:
Financiële (incidentele) impact (investeringen)?:
Impact voor inwoners, ondernemers en instellingen:
2025
0
2026
0
2027
0
2028
0
2025
0
2026
0
2027
0
2028
0
Verbeterde dienstverlening
Juridische consequenties?: Publiekrecht: regelgeving wijzigen?: Privaatrecht: overeenkomst aanpassen?: Personele consequenties? (ja of nee):
Kosten t.b.v. implementeren Cognos BI tooling: • • • • •
Interne uren werkgroepleden, Externe projectondersteuning Externe inhuur maken Cognos-rapportages, p.m. Budget om mijlpalen te kunnen vieren. Communicatiemiddelen ontwikkelen
Baten • •
Tijdwinst behandelaren, niet te kwantificeren in geld. Verhoging van de dienstverleningskwaliteit, niet te kwantificeren in geld. 58
12 februari 2025
• Welke besluitvorming moet plaats vinden om dit te effectueren? (Raad, college of gemandateerd):
Kosten worden gedekt vanuit het budget Sociaal Domein.
Er moet een businesscase worden uitgewerkt voor een oplossing op lange termijn. Hierin worden ook de financiële consequenties meegenomen. Voor de oplossing op korte termijn moet er een DPIA worden uitgevoerd alvorens gestart kan worden met het bouwen.
Is het tempo waarin dit kan worden doorgevoerd realistisch?:
In het Plan van Aanpak is een tijdsplanning van ongeveer een half jaar opgenomen. Het eerste deel van deze planning is al deels afgerond (brainstormsessies en ophalen requirements). Het bouwen zal niet zo heel veel tijd in beslag nemen. Maar de ervaring is inmiddels vanuit het Dashboard dat de DPIA/privacy toets wel een behoorlijke tijd in beslag kan nemen. Hier dient wel rekening mee gehouden te worden.
Andere zaken die moeten worden vermeld:
Het realiseren van 1 klantbeeld voor het Sociaal Domein kent een bijzondere uitdaging op het gebied van privacy en beveiliging. De gegevens die er door klanten verstrekt worden over problemen in verschillende leefgebieden is gevoelige informatie. Hier moet zorgvuldig mee worden omgegaan, en voor het koppelen, bevragen of delen van deze persoonsgegevens is de gemeente wettelijk verplicht om terughoudend te zijn. Hierover is al geadviseerd door onze privacy officer en functionaris gegevensbescherming.
Datum:
6 februari 2025
Versie:
Opmerkingen n.a.v. eerdere versie:
59 12 februari 2025
6H Programma:
Sociaal
Hoofdtaakveld:
Lichte ondersteuning
Relatie met spoor/sporen: Voorstel:
6H. Herijking armoede- en minimaregelingen en subsidies
Toelichting:
Eén van de actiepunten uit het in december 2023 vastgestelde beleidskader bestaanszekerheid is de evaluatie en actualisatie van het volledige pakket aan minimaregelingen op basis van effectiviteit en onderlinge samenhang. Er is reeds een plan van aanpak . Het doel van deze aanpak is het realiseren van een passend en doeltreffend pakket aan armoede- en minimaregelingen voor verschillende huishoudens en doelgroepen. Ook wordt onderzocht hoe wij een efficiëntieslag kunnen maken in de uitvoering door bijvoorbeeld automatisch toe te kennen. Daarnaast betrekken wij ook subsidieverlening aan externe partijen, zoals stichting Leergeld. Een kostenbesparing op de financiële vergoeding aan inwoners is niet het doel. Het beleidsonderzoek kan wel uitwijzen dat middelen anders verdeeld moeten worden. Ook kijken wij naar de optie om vergoedingen extern te laten uitvoeren, bijvoorbeeld door kindregelingen onder te brengen bij het Jeugdfonds Sport & Cultuur. Het resultaat dat zal worden opgeleverd is een duidelijk plan met heldere kaders voor het armoede- en minimaregelingen voor de komende jaren. Dit betreft een efficiëntieslag voor de organisatie. Het financiële voordeel hiervan uit zich in het efficiënter werken van de organisatie en wordt meegenomen in de taakstelling op de bedrijfsvoering (voorstel 16h). De opbrengsten staan in de tabel hieronder daarom op 0.
Kanttekening Het eenvoudiger en laagdrempeliger maken van regelingen levert mogelijk een besparing op in de uitvoering. Dit kan echter wel betekenen dat het aantal verstrekkingen stijgt, waardoor dit mogelijk per saldo geen besparing oplevert. Om de besparingsmogelijkheden concreet te maken, is nader onderzoek nodig.
60 12 februari 2025
Financiële structurele impact (besparingen)?:
Financiële (incidentele) impact (investeringen)?:
Impact voor inwoners, ondernemers en instellingen:
2025
0
2026
0
2027
0
2028
0
2025
0
2026
0
2027
0
2028
0
• • •
Juridische consequenties?:
Efficiëntere uitvoering Draagt bij aan Stress-sensitief werken (laagdrempeligheid, lage bewijslast, etc.) Preventief voorkomen van geldstress bij inwoners
Afhankelijk van de uitkomsten uit het beleidsonderzoek
Publiekrecht: regelgeving wijzigen?: Privaatrecht: overeenkomst aanpassen?: Personele consequenties?
Afhankelijk van de uitkomsten uit het beleidsonderzoek
(ja of nee): Welke besluitvorming moet plaats vinden om dit te effectueren?
Afhankelijk van de uitkomsten uit het beleidsonderzoek
(Raad, college of gemandateerd):
Is het tempo waarin dit kan worden doorgevoerd realistisch?:
Afhankelijk van de uitkomsten uit het beleidsonderzoek
61 12 februari 2025
Andere zaken die moeten worden vermeld:
Datum:
6 februari 2025
Versie:
Opmerkingen n.a.v. eerdere versie:
62 12 februari 2025
6I Programma:
Sociaal
Hoofdtaakveld:
Lichte ondersteuning
Relatie met spoor/sporen: Voorstel:
6I Eigen bijdrage Wmo
Toelichting:
Inkomensafhankelijke eigen bijdrage abonnementstarief Sinds 1 januari 2020 is het abonnementstarief, een vast tarief voor de eigen bijdragen aan Wmo-voorzieningen, van kracht. De eigen bijdrage is sindsdien niet langer inkomensafhankelijk. De inkomsten uit deze bijdrage zijn gezakt de afgelopen jaren, van € 1.078.594 in 2018 naar € 864.739 in 2024. Er ligt een wetsvoorstel om de eigen bijdrage (weer) inkomensafhankelijk te maken. Dit voorstel moet nog behandeld worden door de Tweede en Eerste Kamer en treedt naar verwachting op 1 januari 2027 in werking. De verwachting is dat dit de uitgaven enigszins zal drukken, maar hoeveel is nu nog niet te zeggen, omdat er nog veel onduidelijkheden zijn. Voor dit kansrijke spoor is onderzocht of de gemeente vooruitlopend op de wetswijziging al zelf een inkomensafhankelijke eigen bijdrage kan invoeren. Dit blijkt niet mogelijk binnen de huidige wettelijke kaders. Gemeenten die dit al geprobeerd hebben, zijn teruggefloten door de rechter.
Aanmoedigen zelfredzaamheid We gaan onderzoeken hoe we inwoners kunnen aanmoedigen om zelfredzamer te zijn. Veel inwoners hebben immers voldoende financiële draagkracht om voorzieningen zelf te regelen. Dit heeft voordelen voor de gemeente, maar vaak ook voor de inwoner: voorzieningen kunnen bijvoorbeeld sneller worden geleverd of zijn flexibeler. Wij doen hiermee een moreel beroep op inwoners. De gemeente heeft namelijk geen toegang tot inkomensgegevens van inwoners en weet dus niet wat de financiële draagkracht van inwoners is. 63 12 februari 2025
De financiële gevolgen van deze aanpak zijn moeilijk in te schatten. Enerzijds is lastig in te schatten hoeveel mensen meer zelf willen betalen, anderzijds weten we niet wat mensen niet of minder aanvragen. We nemen daarom een bedrag van € 50.000 op. Afhankelijk van de resultaten in 2025 wordt dit bedrag bijgesteld voor volgende jaren.
Financiële structurele impact (besparingen)?:
Financiële (incidentele) impact (investeringen)?:
Impact voor inwoners, ondernemers en instellingen: Juridische consequenties?:
2025
€ 50.000
2026
€ 50.000
2027
€ 50.000
2028
€ 50.000
2025
0
2026
0
2027
0
2028
0
N.v.t.
Publiek-/privaatrecht: n.v.t.
Publiekrecht: regelgeving wijzigen?: Privaatrecht: overeenkomst aanpassen?: Personele consequenties?
N.v.t.
(ja of nee): Welke besluitvorming moet plaats vinden om dit te effectueren?
Geen besluitvorming. Zie toelichting.
(Raad, college of gemandateerd): Is het tempo waarin dit kan worden
N.v.t.
64 12 februari 2025
doorgevoerd realistisch?: Andere zaken die moeten worden vermeld:
Zie toelichting.
Datum:
6 februari 2025
Versie:
4
Opmerkingen n.a.v. eerdere versie:
65 12 februari 2025
6J Programma:
Sociaal
Hoofdtaakveld:
Lichte ondersteuning
Relatie met spoor/sporen:
n.v.t.
Voorstel:
6J. Starttarief Wmo-taxipas
Toelichting:
Inwoners met een Wmo-taxipas betalen alleen een ritbijdrage per kilometer voor het gebruik van de taxi. Onze gemeente kent geen starttarief per rit. Als ze bijv. 500 meter rijden, betalen ze € 0,12, dus er wordt naar rato betaald van de kilometerbijdrage van € 0,24. Gemeente betaalt aan het taxibedrijf 6 kilometer voor een rit die minder dan 6 kilometer. Vanaf 6 kilometer worden de daadwerkelijke kilometers betaald. Het taxibedrijf int de eigen ritbijdrage per kilometer. Onze buurgemeenten kennen wel een starttarief. Het voorstel is een starttarief voor de Wmo-taxi in te voeren. De berekening onder financiële structurele impact gaat uit van € 1,00 per rit. De eigen bijdrage per kilometer blijft ook bestaan. Bij de besparing in 2025 gaan we uit van een ingangsdatum van 1 april 2025. Wordt het later, dan wordt dit bedrag ook lager.
Financiële structurele impact (besparingen)?:
Financiële (incidentele) impact (investeringen)?:
Impact voor inwoners, ondernemers en instellingen:
2025
€ 81.000
2026
€ 108.000
2027
€ 108.000
2028
€ 108.000
2025
0
2026
0
2027
0
2028
0
Er zullen waarschijnlijk minder taxiritten worden gereden, voornamelijk minder ritten korter dan 1 kilometer. Bezuiniging kan dus groter zijn dan dit bedrag. Deze invoering heeft ook invloed op het milieu, immers minder
66 12 februari 2025
taxiritten. En mogelijk op de gezondheid van mensen, doordat ze weer meer bewegen. Het is niet te adviseren om een hoger starttarief te vragen, omdat dat mensen dan mogelijk niet meer voldoende kunnen participeren in de samenleving. Er wordt dan een te grote financiële drempel opgeworpen. Daarnaast willen we voorkomen dat mensen mogelijk hierdoor zorgmijdend gaan worden. € 1,00 is een realistisch starttarief dat betaalbaar is. Juridische consequenties?: Publiekrecht: regelgeving wijzigen?:
Invoeren starttarief mag op basis van de Wmo. Regelgeving moet gewijzigd worden, namelijk aanpassing artikel 16 van de Nadere regels Wmo gemeente SúdwestFryslân 2022.
Privaatrecht: overeenkomst aanpassen?: Personele consequenties?
Nee.
(ja of nee): Welke besluitvorming moet plaats vinden om dit te effectueren? (Raad, college of gemandateerd): Is het tempo waarin dit kan worden doorgevoerd realistisch?:
College moet hierin een besluit nemen. Actieve info naar Raad. NB Mening van Cliëntenraad en taxibedrijven zal meegenomen worden in het advies.
Ja, maar dan moet alles qua planning mee zitten. Aandachtspunten: Degene die hiermee te maken krijgen moeten wel tijdig geïnformeerd worden, i.v.m. zgn. overgangsrecht (minimaal 3 maanden). Ook zal de Adviesraad Sociaal Domein hierbij betrokken moeten worden. Taxibedrijven moeten hierover geïnformeerd worden. Zij innen nu de eigen ritbijdrage en zullen straks dan ook het starttarief moeten innen. Systeem Mobiwijs (voorheen Maashub) moet hiervoor een aanpassing ondergaan.
Andere zaken die moeten worden vermeld:
n.v.t.
67 12 februari 2025
Datum:
6 februari 2025
Versie:
3
Opmerkingen n.a.v. eerdere versie:
68 12 februari 2025
6K Programma:
Sociaal
Kansrijk spoor:
Lichte ondersteuning
Relatie met spoor/sporen: Voorstel:
6K. Proces aanvraag levensonderhoud
Toelichting:
In 2019 startte een procesoptimalisatie voor aanvragen levensonderhoud, gevolgd door een Lean-traject in 2021. Aanbevelingen zijn deels uitgevoerd, maar verdere verbeteringen zijn mogelijk. Focus ligt op doorlooptijdverkorting, automatisering, instroombeperking, minder bewijslast, efficiëntere teamindeling, en aansluiting op Participatiewet in Balans. Dit zal uitvoeringskosten verlagen en dienstverlening mensgerichter maken. De besparing wordt gerealiseerd door minder inzet van personeel. NB In dit voorstel worden ook de volgende voorstellen meegenomen: -
Financiële structurele impact (besparingen)?:
Financiële (incidentele) impact (investeringen)?:
6E: Bewijslast 6F: Check je recht 6G: Digitaal klantdossier
2025
-
2026
150.000
2027
300.000
2028
450.000
2025
150.000
2026
100.000
2027
100.000
2028
-
Impact voor inwoners, ondernemers en instellingen:
Nee
Juridische consequenties?:
Nee
69 12 februari 2025
Publiekrecht: regelgeving wijzigen?: Privaatrecht: overeenkomst aanpassen?: Personele consequenties? (ja of nee):
Welke besluitvorming moet plaats vinden om dit te effectueren?
Ja, de voorgestelde bezuinigingen kunnen personeelsconsequenties hebben. De besparingen kunnen gerealiseerd worden door tijdelijke contracten niet te verlengen, vacatures door pensionering niet in te vullen en gebruik te maken van natuurlijk verloop, mits de bedrijfsvoering toelaat. Hierbij wordt zorgvuldig gekeken naar de impact op de organisatie en dienstverlening. College en gemeenteraad.
(Raad, college of gemandateerd):
Is het tempo waarin dit kan worden doorgevoerd realistisch?:
ja
Andere zaken die moeten worden vermeld:
Datum:
6 februari 2025
Versie:
Opmerkingen n.a.v. eerdere versie:
70 12 februari 2025
6L Programma:
Sociaal
Hoofdtaakveld:
Lichte ondersteuning
Relatie met spoor/sporen: Voorstel:
6L. Inkomen en dagbesteding volgend op detentie
Toelichting:
Een goede re-integratie van (ex-)gedetineerde burgers is van essentieel belang in het streven recidive terug te dringen. Velen van hen hebben één of meer problemen die een risico vormen voor recidive. Het gaat dan bijvoorbeeld om het ontbreken van inkomen, van huisvesting en/of het hebben van psychiatrische problematiek. Het gaat in Súdwest-Fryslân om circa 30 cliënten per jaar. Onderzoek heeft aangetoond dat het risico op recidive het grootst is in de eerste 72 uur na ontslag uit detentie. Wij willen daarom een pilot doen, waarin we ex-gedetineerden binnen 72 uur na de invrijheidstelling een uitkering of dagbesteding aanbieden. Voor de uitvoering van de pilot zijn zowel 2 medewerkers van inkomen als 2 medewerkers van participatie nodig (4 x 0,5 fte = 2 fte). Er zal eerst verder onderzoek gedaan moeten worden en daarna een pilot gedraaid gaan worden. Het budget wordt middels een dekkende subsidie vanuit het Veiligheidshuis uitgekeerd. Er zijn dus geen extra incidentele middelen nodig. We gaan hierbij uit van de inzet van in totaal 2 fte in schaal 9. Duur pilot: een jaar. Wat levert het op? Door de begeleiding op te starten vanuit detentie voorkom je bemoeienis van OOV en politie bij vrijlating, kunnen mensen sneller worden begeleid in het vinden van werk of dagbesteding of kan een zorgverleningstraject worden opgestart. De duur waarin men in de bijstand zit wordt korter.
Er wordt actief gewerkt aan het netwerk en het vergroten daarvan en er wordt gewerkt aan perspectief wat maakt dat de terugval wordt verkleind. Door ex-gedetineerden eerder van inkomen en/of dagbesteding te voorzien, voorkomen we mogelijk andere kosten, bijvoorbeeld op het gebied van bijstand. Na de 71
12 februari 2025
pilot is er dus meer duidelijk over de mogelijke besparingen van deze aanpak.
Financiële structurele impact (besparingen)?:
Financiële (incidentele) impact (investeringen)?:
2025
0
2026
PM
2027
PM
2028
PM
2025
0
2026
PM
2027
0
2028
0
Impact voor inwoners, ondernemers en instellingen:
Minder recidive van ex-gedetineerden.
Juridische consequenties?:
Nee Nee
Publiekrecht: regelgeving wijzigen?:
Nee
Privaatrecht: overeenkomst aanpassen?: Personele consequenties?
Verwachting is dat de uitvoering van de pilot 2 fte kost (1 voor Participatie en 1 voor Inkomen)
(ja of nee): Welke besluitvorming moet plaats vinden om dit te effectueren?
DT-besluit voor formatie.
(Raad, college of gemandateerd): Is het tempo waarin dit kan worden doorgevoerd realistisch?:
Afhankelijk van start pilot.
72 12 februari 2025
Andere zaken die moeten worden vermeld:
Datum:
6 februari 2025
Versie:
Opmerkingen n.a.v. eerdere versie:
73 12 februari 2025
7A Programma:
Sociaal
Hoofdtaakveld:
Specialistische ondersteuning
Relatie met spoor/sporen: Voorstel:
7A. Beheersmaatregelen Jeugd | Collectieve inzet jeugdhulp op school
Toelichting:
Sommige kinderen kunnen naar school met een individuele jeugdhulpindicatie. Bij voorbeeld de A-klas op RSG waar alle leerlingen een diagnose in het autismespectrum hebben. We willen de individuele trajecten omzetten in een collectief aanbod in de klas. Een ander voorbeeld is de Wetterwille. Daar is 90.000 structureel bespaard.
Financiële structurele impact
2025
0
2026
40.000
2027
40.000
2028
40.000
2025
0
2026
0
2027
0
2028
0
(besparingen)?:
Financiële (incidentele) impact (investeringen)?:
Impact voor inwoners, ondernemers en instellingen:
Jeugdhulp wordt sneller en efficiënter ingezet. Minder administratieve lasten voor de gemeente.
Juridische consequenties?:
Individuele budgetten moeten worden omgezet in een arrangementsfinanciering. De individuele beschikking voor leerlingen wordt ingetrokken. Bezwaar en beroep hiertegen is mogelijk.
Publiekrecht: regelgeving wijzigen?: Privaatrecht: overeenkomst aanpassen?:
Op grond van de Jeugdwet kan een gemeente besluiten aanbod collectief aan te bieden. In plaats van inkoop van een zorgtraject per leerling wordt voor de groep ingekocht.
74 12 februari 2025
Personele consequenties?
Ja, monitoring door vaste gebiedsteammedewerker is nodig. Dit kan uit de bestaande formatie.
(ja of nee):
Welke besluitvorming moet plaats vinden om dit te effectueren?
Besluitvorming is gemandateerd
(Raad, college of gemandateerd):
Is het tempo waarin dit kan worden doorgevoerd realistisch?:
Ja
Andere zaken die moeten worden vermeld:
Het is mogelijk dat de huidige aanbieder niet wil meewerken.
Datum:
6 februari 2025
Besparing wordt alleen gerealiseerd als kinderen niet aanvullend een nieuwe beschikking krijgen (horizontaal stapelen). Effectieve monitoring is noodzakelijk. Koppeling van systemen/gegevens en ondersteuning op gebied van privacyregels is nodig.
Versie:
Opmerkingen n.a.v. eerdere versie:
75 12 februari 2025
7B Programma:
Sociaal
Hoofdtaakveld:
Specialistische ondersteuning | Beheersmaatregelen Jeugd
Relatie met spoor/sporen: Voorstel:
7B. Inzet zorgadviseur Strakker sturen op kaders en uitvoering afspraken door inzet zorgadviseur
Toelichting:
Per oktober 2024 is tijdelijk een zorgadviseur aangetrokken als een van de beheersmaatregelen om de kosten van jeugdzorg te beperken. Het sturen op kaders en monitoren van de afspraken met de zorgaanbieders maakt deel uit van haar opdracht. De zorgadviseur ondersteunt de gebiedsteammedewerkers hierin. Met name wordt ook gekeken naar inzet van niet-gecontracteerd aanbod (maatwerk). De eerste ervaringen laten zien dat focus op de GI’s (gecertificeerde instellingen) kansrijk is. De GI’s verwijzen regelmatig naar niet-gecontracteerd (en duurder) aanbod. De verwachting is dat de gemiddelde kosten van de trajecten omlaag kunnen als meer wordt ingezet op gecontracteerd aanbod. In dit voorstel is gerekend met een verlaging van 10% van niet-gecontracteerd aanbod.
Financiële structurele impact (besparingen)?:
Financiële (incidentele) impact (investeringen)?:
Impact voor inwoners, ondernemers en instellingen:
2025
0
2026
345.000
2027
345.000
2028
345.000
2025
0
2026
0
2027
0
2028
0
Zorgaanbieders gaan merken dat er strakker gestuurd wordt op de kaders en de uitvoering. Dit leidt tot discussie met aanbieders. We blijven de noodzakelijke, passende hulp bieden. Niettemin kunnen inwoners dat anders gaan ervaren. 76
12 februari 2025
Juridische consequenties?: Publiekrecht: regelgeving wijzigen?: Privaatrecht: overeenkomst aanpassen?: Personele consequenties?
Ja, inzet van zorgadviseur is noodzakelijk. Kosten zijn al gedekt.
(ja of nee): Welke besluitvorming moet plaats vinden om dit te effectueren? (Raad, college of gemandateerd):
Is het tempo waarin dit kan worden doorgevoerd realistisch?:
Ja, eerste resultaten morgen worden verwacht in 2025. Volledige besparing zal in de loop van 2026 zichtbaar zijn gelet op looptijd van al afgegeven beschikkingen.
Andere zaken die moeten worden vermeld:
Voor effectieve monitoring is koppeling van systemen/gegevens nodig. Ondersteuning privacyregels is nodig.
Datum:
6 februari 2025
Versie:
Opmerkingen n.a.v. eerdere versie:
77 12 februari 2025
7C Programma:
Sociaal
Hoofdtaakveld:
Specialistische ondersteuning
Relatie met spoor/sporen: Voorstel:
7C. Beheersmaatregelen Jeugd | Samenwerking artsen
Toelichting:
We maken afspraken met huisartsen, medisch specialisten en jeugdartsen over de doorverwijzing naar de jeugdhulp. We doen dit door de trajecten die qua kosten erg afwijken van het gemiddelde te controleren op basis van een protocol. Er zijn op dit moment 20 trajecten via externe verwijzers die per traject boven de € 100.000 uitkomen. Een besparing van 10% op alleen deze trajecten levert € 200.000 op.
Financiële structurele impact (besparingen)?:
Financiële (incidentele) impact (investeringen)?:
Impact voor inwoners, ondernemers en instellingen:
Juridische consequenties?: Publiekrecht: regelgeving wijzigen?:
2025
0
2026
200.000
2027
200.000
2028
200.000
2025
0
2026
0
2027
0
2028
0
De controle zal mogelijk leiden tot discussie met aanbieders en mogelijk ook met verwijzers. In het verlengde daarvan kan dit ook kinderen en hun ouders raken. Tegelijkertijd zijn wij van oordeel dat een extra toets door de gemeente voor dergelijke kostbare trajecten uitlegbaar is aan alle betrokkenen. Als grondslag voor de controles op afspraken en realisatie moet een protocol worden opgesteld. Afstemming met partijen en SDF is nodig.
Privaatrecht: overeenkomst aanpassen?: 78 12 februari 2025
Personele consequenties? (ja of nee): Welke besluitvorming moet plaats vinden om dit te effectueren?
Besluitvorming door college. Mogelijk door SDF. Dit moet nog verder onderzocht worden.
(Raad, college of gemandateerd):
Is het tempo waarin dit Voorbereidingen in 2025; de eerste resultaten zijn te kan worden verwachten eind 2025. doorgevoerd realistisch?:
Andere zaken die moeten worden vermeld:
Om de voortgang te kunnen monitoren is koppeling van gegevens noodzakelijk. Dit vergt ondersteuning op gebied van privacyregels.
Datum:
6 februari 2025
Versie:
Opmerkingen n.a.v. eerdere versie:
79 12 februari 2025
7D Programma:
Sociaal
Hoofdtaakveld:
Specialistische ondersteuning
Relatie met spoor/sporen: Voorstel:
7D. Beheersmaatregelen Jeugd | Zorgboerderijen
Toelichting:
Er worden zorgboerderijen ingezet als passende onderwijsplek. We zien dat zorgboerderijen in de praktijk alle kosten bij de gemeente declareren als zorg. Leerlingen die op een zorgboerderij zitten ter vervanging van onderwijs moeten terug naar school. Als dit voor bepaalde leerlingen niet mogelijk is, dient er een gezamenlijke financiering door onderwijs en gemeente te worden afgesproken. Gebiedsteammedewerkers voorkomen zoveel mogelijk inzet van een zorgboerderij als onderwijsplek. Hoewel de gemeente per jaar meer besteedt aan zorgboerderijen dan onderstaande bedragen, wordt een besparing van 500.000 op dit moment beschouwd als ambitieus en tegelijkertijd realistisch.
Financiële structurele impact (besparingen)?:
Financiële (incidentele) impact (investeringen)?:
Impact voor inwoners, ondernemers en instellingen:
2025
0
2026
500.000
2027
500.000
2028
500.000
2025
50.000
2026
0
2027
0
2028
0
Deze maatregel heeft impact voor alle betrokkenen: de kinderen en hun ouders, de scholen en de zorgboerderijen. Voor kinderen en hun ouders is het een grote verandering als ze terug naar school gaan. Het kan ook zijn dat afspraken tussen gemeente en school over inzet van een zorgboerderij (waar school niet mogelijk is) moeizaam tot stand komen. Als er minder kinderen naar een 80
12 februari 2025
zorgboerderij gaan, zien de eigenaren hun omzet dalen. Trajecten zullen zorgvuldig worden omgezet of afgerond. Niettemin is de kans groot dat kinderen en ouders teleurgesteld zullen worden, en dat scholen en zorgboerderijen zich zullen verzetten.
Juridische consequenties?: Publiekrecht: regelgeving wijzigen?: Privaatrecht: overeenkomst aanpassen?: Personele consequenties?
Nee, wel incidentele inzet expertise
(ja of nee): Welke besluitvorming moet plaats vinden om dit te effectueren?
Gemandateerd.
(Raad, college of gemandateerd):
Is het tempo waarin dit kan worden doorgevoerd realistisch?:
Ja, de besparingen starten in 2025. Volledige realisatie in 2026.
Andere zaken die moeten worden vermeld:
Om deze maatregel te kunnen monitoren is koppeling van systemen noodzakelijk. Dit vraagt ondersteuning op gebied van privacyregels.
Datum:
6 februari 2025
Versie: Opmerkingen n.a.v. eerdere versie:
7E 81 12 februari 2025
Programma:
Sociaal
Hoofdtaakveld:
Specialistische ondersteuning
Relatie met spoor/sporen: Voorstel:
7E. Grip op GR Samenwerking Sociaal domein Fryslân (SDF)
Toelichting:
De gemeenschappelijke regeling Samenwerking Sociaal domein Fryslân (SDF) is een zogenaamde centrumregeling van de 18 Friese gemeenten. De belangrijkste taken zijn het inkopen van jeugdhulp en beschermd wonen en het uitvoeren van het contractmanagement. De afspraken die via SDF worden gemaakt hebben invloed op ruim € 25 miljoen van de uitgaven van onze gemeente (bron: Begroting SWF 2024), met name op het gebied van jeugdhulp. Het is daarom belangrijk om onze standpunten over zowel de koers van SDF als de uitvoering van de taken door SDF goed duidelijk te kunnen maken. Om de koers van SDF beter te kunnen sturen, zorgen we voor een betere voorbereiding van bestuurlijke en managementoverleggen in SDF-verband. Dit doen we intern en proberen we ook samen met andere SDF-gemeenten te doen. Bij de uitvoering van de taken gaat het met name om verbetering van het contractmanagement door SDF. Binnen dit kansrijke spoor worden geen besparingen genoemd. Eventuele besparingen worden gerealiseerd op jeugdzorg en Wmo en staan daarom niet hier.
Financiële structurele impact (besparingen)?:
Financiële (incidentele) impact (investeringen)?:
2025
0
2026
0
2027
0
2028
0
2025
0
2026
0
2027
0
2028
0
82 12 februari 2025
Impact voor inwoners, ondernemers en instellingen:
Juridische consequenties?:
Nee Nee
Publiekrecht: regelgeving wijzigen?: Privaatrecht: overeenkomst aanpassen?:
Personele consequenties?
Nee (we zitten tot 2028 vast aan inkoopcontracten die we via SDF met zorgaanbieders hebben gesloten)
Nee
(ja of nee):
Welke besluitvorming moet plaats vinden om dit te effectueren?
n.v.t.
(Raad, college of gemandateerd):
Is het tempo waarin dit kan worden doorgevoerd realistisch?:
ja
Andere zaken die moeten worden vermeld:
-
Datum:
6 februari 2025
Versie: Opmerkingen n.a.v. eerdere versie: 83 12 februari 2025
7F Programma:
Sociaal
Hoofdtaakveld:
Specialistische ondersteuning
Relatie met spoor/sporen: Voorstel:
7F. Samenwerking bewindvoering
Toelichting:
In de gemeente Súdwest-Fryslân is een groot aantal mensen afhankelijk van beschermingsbewind. Om de kosten van beschermingsbewind door particuliere bewindvoerders te bekostigen kunnen inwoners met een inkomen tot 110% van de bijstandsnorm een beroep doen op bijzondere bijstand. Door inflatie en de daarmee samenhangende koopkrachtdaling zijn de uitgaven voor bewindvoerders de afgelopen jaren explosief gestegen. De gemeente betaalt deze kosten. Ter illustratie: in de periode 2013-2021 zijn de uitgaven gestegen van € 249.000 tot € 1.053.538. Beschermingsbewind is geen wettelijke taak van gemeenten, maar zij zijn op grond van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) wel verantwoordelijk voor het bieden van passende ondersteuning aan inwoners met financiële zorgen. Vanuit dat kader hebben de gemeente en de inwoner er baat bij om een sluitende keten te organiseren tussen beschermingsbewind en schuldhulpverlening, zodat de inwoner de meest passende ondersteuning krijgt. Met een sluitende keten kan de gemeente vanuit haar wettelijke taak van de Wgs eveneens grip organiseren op de kwaliteit en de organisatie van de keten. Een besparing op de kosten vanuit de bijzondere bijstand is daarbij niet een doel op zich, maar wel een effect.
Convenanten Verschillende gemeenten in Nederland, zoals Amsterdam en Utrecht, hebben succesvolle projecten of pilots gedraaid met het vastleggen van samenwerkingsafspraken in convenanten. Ook zijn er inmiddels gemeenten die de samenwerking met bewindvoerders structureel in de organisatie geborgd hebben. Om meer grip te krijgen op de kosten van bewindvoering, willen wij hier ook naar toe.
84 12 februari 2025
In convenanten tussen gemeenten en bewindvoerders worden diverse afspraken vastgelegd om de samenwerking te stroomlijnen. Deze afspraken omvatten onder andere: •
Intenties: Het convenant beschrijft de overkoepelende intenties en doelen van de samenwerking tussen gemeenten en bewindvoerders, waarbij de focus ligt op het verbeteren van de dienstverlening aan burgers en het efficiënt omgaan met middelen.
•
Werkafspraken: Concrete werkafspraken worden vastgelegd, zoals de reactietermijn voor communicatie tussen gemeenten en bewindvoerders, om de efficiëntie van de samenwerking te waarborgen.
•
Kwaliteitseisen: Er kunnen kwaliteitseisen worden opgenomen met betrekking tot de dienstverlening van bewindvoerders, bijvoorbeeld vereisten voor opleiding, ervaring en certificering.
•
Monitoring en evaluatie: Mechanismen voor monitoring en evaluatie worden vastgesteld om de voortgang van de samenwerking te volgen en waar nodig aanpassingen te maken voor verbetering.
Concrete actie Aanstellen van een projectleider/kwartiermaker voor het opzetten van een samenwerking met bewindvoerders door o.a. het: •
Vastleggen van convenanten met afspraken over de instroom, doorstroom, uitstroom en nazorg;
•
Opzetten van een gezamenlijke overlegstructuur;
•
Op elkaar afstemmen en aanpassen van werkprocessen (integrale dienstverlening);
•
Inzetten van een aanbod (zoals Plinkr Nazorg) voor het ontzorgen van bewindvoerders bij het bevorderen van zelfredzaamheid van inwoners die onder bewind staan.
Buiten de samenwerking met bewindvoerders kunnen ook andere initiatieven ingezet worden om het gebruik van schuldenbewind te verlagen, zoals:
85 12 februari 2025
Financiële structurele impact (besparingen)?:
Financiële (incidentele) impact (investeringen)?:
Impact voor inwoners, ondernemers en instellingen:
Juridische consequenties?:
•
Informeren van doorverwijzende partijen en faciliteren met behulp van een afwegingskader bewind;
•
Inzetten vroegtijdige (online) hulp, zoals Geldfit.nl;
•
Implementeren van een bestandskoppeling tussen lopende toekenningen van bijzondere bijstand voor bewind en lopende schuldentrajecten.
•
Aanbieden van een laagdrempelig financieel gesprek bij o.a. instroom of uitstroom uitkering om preventief schuldenproblematiek te voorkomen.
2025
€ 20.000
2026
€ 50.000
2027
€ 100.000
2028
€ 150.000
2025
€ 100.000
2026
€ 20.000
2027
€ 20.000
2028
€ 20.000
De verwachting is dat de betrokken inwoners geen nadeel ondervinden van de lagere uitgaven van de gemeente aan bewindvoering. De verlaging van de uitgaven wordt bereikt door de uitvoering efficiënter te doen en inwoners waar mogelijk en wenselijk andere trajecten aan te bieden (bijvoorbeeld een budgetcoach i.p.v. een bewindvoerder). Nee Nee
Publiekrecht: regelgeving wijzigen?: Privaatrecht: overeenkomst aanpassen?:
Personele consequenties?
Nee
Gezien de nodige inzet om dergelijke aanpak op te zetten is een projectleider/kwartiermaker nodig. Het zwaartepunt 86
12 februari 2025
(ja of nee):
van de werkzaamheden ligt in het eerste jaar, maar waarschijnlijk is hierna ook nog een kleine inzet nodig. Het resultaat komt nadat de eerste regelingen aflopen (na 18 maanden).
Welke besluitvorming moet plaats vinden om dit te effectueren?
Collegebesluit en actieve info raad over nieuwe afspraken met bewindvoerders.
(Raad, college of gemandateerd):
Is het tempo waarin dit kan worden doorgevoerd realistisch?:
Ja, maar gezien de omvang van de opdracht dient dit wel projectmatig te worden opgepakt. Binnen het uitvoeringsplan van Schulddienstverlening staat bovenstaande beschreven.
Andere zaken die moeten worden vermeld:
Datum:
6 februari 2025
Versie:
Opmerkingen n.a.v. eerdere versie:
87 12 februari 2025
2.
Ruimte
Hoofdtaakvelden 8 t/m 11
88 12 februari 2025
8A Programma:
Ruimte
Hoofdtaakveld:
Wonen
Relatie met spoor/sporen:
8B Nota kostenverhaal
Voorstel:
8A. Grondexploitaties rendabeler maken
8C Reserve grondbedrijf
Opties hierbij: 1. Herrekenen bestaande en nieuwe grondexploitaties door het kiezen van andere, meer duurdere, woningbouwcategorieën. Voor de WBI-locaties betekent dit volledig afscheid nemen van de WBI en niet voldoen aan de regionale Woondeal. Nader onderzoek volgt. 2. Aanpassen van een deel van de grondexploitaties naar duurdere woningbouwcategorieën. Hierdoor wordt de bijdrage WBI lager zijn, maar ook onze cofinanciering en wordt deels voldaan aan de regionale woondeal. Nader onderzoek volgt. 3. Vasthouden aan huidige grondexploitaties en daarmee de WBI in stand houden. Hiermee wordt voldaan aan de regionale Woondeal. Nader onderzoek volgt.
Toelichting:
8.a Grondexploitaties rendabeler maken 1.Herrekenen bestaande en nieuwe grondexploitaties door het kiezen van andere, meer duurdere, woningbouwcategorieën. Voor de WBI-locaties betekent dit volledig afscheid nemen van de WBI en niet voldoen aan de regionale Woondeal. Nader onderzoek volgt. Kansrijk spoor vanwege: mogelijkheden voor positievere grexen. Risico’s: geen financiële rijksbijdrage, geen realisatiestimulans, niet voldoen aan de lokale en regionale afspraken, niet voorgesorteerd op Wet versterking regie volkshuisvesting (WVRV) 2.Aanpassen van een deel van de grondexploitaties naar duurdere woningbouwcategorieën. Hierdoor wordt de bijdrage WBI lager , maar ook onze cofinanciering en wordt 89
12 februari 2025
deels voldaan aan de regionale woondeal. Nader onderzoek volgt. Kansrijk spoor vanwege: deels financiële steun Rijk (ca. €1,55 miljoen) en realisatiestimulans voor ca. 350 betaalbare woningen, er wordt deels aan de Regionale woondeal voldaan, deels voorbereidt op WVRV. Risico’s: lokale afspraken lijken moeilijker haalbaar. 3.Vasthouden aan huidige grondexploitaties en daarmee de WBI in stand houden. Nader onderzoek volgt. Kansrijk spoor vanwege: financiële steun Rijk van €2,6 miljoen voor 858 woningen en bijdrage per gerealiseerde betaalbare woning voor 615 woningen, voldoet aan de Regionale woondeal en sorteert voor op de WVRV. Risico’s: Bij alle opties gaat het om bestaande en nieuwe grondexploitaties financieel te optimaliseren. Bij verkenningen is gebleken dat sleutelen aan uitgangspunten (hoeveelheid uitgeefbare vierkante meter grond, hoeveelheid groen en water, enz.) minder substantieel oplevert. Wat meer invloed heeft is het woningprogramma, wat wordt gekozen. Echter voor zes woningbouwplannen heeft het Rijk bijna € 2.600.000,- uit de Woningbouwimpuls 5e tranche (WBI) toegekend aan onze gemeente. Van gemeenten wordt verwacht dat zij de andere 50% bijleggen. Daarmee is in totaal bijna € 5.200.000,- subsidie beschikbaar. In zes deelgebieden, die geografisch verspreid door de gemeente liggen, worden versneld betaalbare woningen toegevoegd.
Binnen het project worden in totaal zo’n 850 woningen gerealiseerd. Specifiek gaat het om de locaties: Workum-Zuid, Woudsend-It Skar, Scharnegoutum-Noord, Boazum, Sneek-Harinxmaland en Bolsward-Oost. Voor alle woningbouwplannen geldt dat deze moeten voldoen aan de Regionale Woondeal. Dit houdt in dat niet zomaar aan het woningprogramma binnen grondexploitaties kan worden gesleuteld. Zie voor uitgebreide toelichting op de opties 1 t/m 3 aan het eind van dit formulier (vanwege de leesbaarheid)
90 12 februari 2025
Financiële structurele impact (besparingen)?:
Financiële (incidentele) impact (investeringen)?:
Impact voor inwoners, ondernemers en instellingen:
2025 Uit de bestuurlijke verkenning komt een voorkeur voor optie 2 naar voren. De bedragen 2027 en 2028 zijn hierop gebaseerd
Optie 1: totaal ± € 2.600.000 (vervallen van gemeentelijke cofinanciering) Optie 2: totaal ± € 1.000.000 (reductie van gemeentelijke cofinanciering) Optie 3: € 0
2026
€0
2027
€ 250.000
2028
€ 250.000
2025
€0
2026
€0
2027
€0
2028
€0
Alle opties hebben invloed op bestaande plannen en lopende afspraken. Dit gaat eenmalig extra personele inzet kosten. En kan de gesprekken met ontwikkelaars lastiger maken.
Juridische consequenties?:
Geen. Er zijn nog geen tenders uitgezet waarbij WBI effect zou hebben.
Publiekrecht: regelgeving wijzigen?:
Door geheel of deels af te zien van de WBI komt SWF mogelijk in conflict met de Wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting (WVRV), omdat we waarschijnlijk onvoldoende betaalbare woningen realiseren.
Privaatrecht: overeenkomst aanpassen?:
Personele consequenties? (ja of nee):
Geen, er zijn nog geen tenders met WBI.
Ja. Aanpassing en hiermee herberekening van bestaande grondexploitatie vraagt extra inzet. Dit geldt voor de opties 1 en 2. Ja. Bij optie 1 vervalt de gehele WBI-verantwoording, levert dus iets tijd op. 91
12 februari 2025
Welke besluitvorming moet plaats vinden om dit te effectueren? (Raad, college of gemandateerd):
Collegebesluit over projecten waarbinnen WBI blijft bestaan en welke (deels) niet. College en raadsbesluit over herziening van grondexploitaties.
Is het tempo waarin dit kan worden doorgevoerd realistisch?:
Ja
Andere zaken die moeten worden vermeld:
Afspraken binnen de Regionale Woondeal en de WBI gaan over betaalbaarheid van woningen.
Datum:
17 december 2024
Versie:
2
Opmerkingen n.a.v. eerdere versie:
In zijn algemeenheid geldt: Het kan nodig zijn om als gemeente per woonproject een afweging te maken over welk belang het zwaarste weegt, de financiële bereikbaarheid voor de inwoner of de economische haalbaarheid van het project. Wanneer de economische haalbaarheid zwaarder weegt, heeft dit consequenties voor de gemaakte afspraken in de regionale woondeal en de WBI toekenning. Er worden immers minder betaalbare woningen gerealiseerd. Maar wanneer ingestoken wordt op de financiële bereikbaarheid voor de inwoners zijn projecten minder rendabel.
92 12 februari 2025
Bijlage 8A. Grondexploitaties rendabeler maken Uitgebreidere toelichting opties: Hieronder wordt, per genoemde optie, aangegeven hoe om te gaan met de Woningbouwimpuls in relatie tot het kansrijke spoor Vastgoed- en grondbedrijf, en is aangegeven wat de consequenties zijn van het uitvoeren van deze optie. En waarom iets een kansrijk spoor kan zijn. 8.a.1 Herrekenen bestaande en nieuwe grondexploitaties door het kiezen van andere, meer duurdere, woningbouwcategorieën. Voor de WBI-locaties betekent dit volledig afscheid nemen van de WBI en niet voldoen aan de regionale Woondeal. Door de WBI in zijn geheel terug te geven aan het Rijk: 1. Vervalt de financiële steun vanuit het Rijk De gemeente moet de rijksbijdrage van €2,6 miljoen terugbetalen. In de eerdere gesprekken is door het Rijk aangegeven dat dit tijdens de afgelopen tranches nog nooit plaats heeft gevonden. Daarmee zou Súdwest-Fryslân de allereerste gemeente zijn die de WBI-subsidie terugstort. Het Rijk werkt aan een financieringsregeling voor de realisatie van betaalbare woningen, een zogenaamde “realisatiestimulans”. Met deze stimulans ontvangen gemeenten straks een vast bedrag per betaalbare woning op het moment dat de woningen gerealiseerd zijn. Dit stimuleert de bouw van sociale huurwoningen, middenhuurwoningen en betaalbare koopwoningen. De realisatiestimulans vervangt deels de verschillende specifieke uitkeringen.
Hierdoor wordt voortaan niet het plan maar de prestatie beloond. Ook verlaagt dit de administratieve last voor het aanvragen van subsidies. Het kabinet stelt voor deze regeling € 1,6 miljard beschikbaar tot en met 2029. Gemeenten kunnen de bijdrage relatief vrij besteden op het gebied van woningbouw en bijvoorbeeld deels inzetten voor het vergroten van de uitvoeringskracht. Hoe meer betaalbare woningen in SWF gerealiseerd worden dus, hoe meer geld er uitbetaald wordt aan de gemeente. Door voor andere woningbouwcategorieën te kiezen in bestaande grondexploitaties ontvangt de gemeente geen realisatiestimulans. 2. Is het mogelijk om een positievere grex te realiseren Omdat de voorwaarden voor de WBI vervallen, is het mogelijk om i.p.v. betaalbare woningen duurdere woningen te realiseren. Hiermee wordt een andere doelgroep bediend (waar minder behoefte aan is, zie 93 12 februari 2025
woningmarktonderzoek). Maar deze duurdere woningen zorgen wel voor een andere grondprijs en daarmee voor een positievere grex voor bijv. SneekHarinxmaland Fase 2B en Workum-Zuid. Het aantal woningen zal naar verwachting lager zijn. 3. Wordt de woningbouw niet versneld Om woningen voor een andere doelgroep en/of in andere categorie te kunnen realiseren is het nodig om een aanpassing van het Omgevingsplan te doen. Dit vraagt ook om een gedeeltelijk nieuw participatietraject. Daarvoor is tijd nodig, wat maakt dat plannen later uitgevoerd worden. 4. Hoeft de gemeente niet meer te voldoen aan de verantwoording van de WBI Afscheid nemen van de WBI betekent dat er nog een afhandeling moet plaatsvinden om de WBI-gelden terug te geven aan het Rijk. Het opstellen van de jaarlijkse sisa verantwoording hoeft niet meer, wat tijd (en daarmee geld) bespaard. Net als de gesprekken met RVO, die hoeven dan niet. 5. Wordt niet voldaan aan de afspraken zowel lokaal als regionaal Door de WBI-subsidie terug te geven aan het Rijk wordt niet voldaan aan de Regionale Woondeal. De WBI-projecten en de aantallen betaalbare woningen zijn opgenomen als sleutelproject in de Regionale Woondeal.
Door woningen voor andere doelgroepen en/of andere categorie te gaan realiseren loopt de bouw vertraging op (zie punt 3) en daarmee wordt ook niet of moeilijker aan de lokale afspraken, de aantallen benoemd in het coalitieakkoord, voldaan. 6. Wordt niet voorgesorteerd op de Wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting (WVRV) De Wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting ligt voor in de Tweede Kamer. Deze wet zorgt ervoor dat overheden de wettelijke instrumenten in handen krijgen om met meer regie – en meer tempo – meer betaalbare woningen te bouwen. Doelen van de WVRV zijn een regierol voor de overheid op hoeveel, waar en voor wie we bouwen; voldoende betaalbare woningen realiseren; met kortere procedures meer vaart maken met de bouw van woningen; voor een eerlijke verdeling zorgen, waarbij urgent woningzoekenden een betere kans krijgen op een passende woning. Door de WBI te laten vallen pakt de gemeente deze regierol niet op en worden er niet voldoende betaalbare woningen gerealiseerd. Kansrijk spoor vanwege: mogelijkheden voor positievere grexen. Risico’s: geen financiële rijksbijdrage, geen realisatiestimulans, niet voldoen aan de lokale en regionale afspraken, niet voorgesorteerd op WVRV. 8.a.2. Aanpassen van een deel van de grondexploitaties naar duurdere woningbouwcategorieën.
Hierdoor wordt de bijdrage WBI lager zijn, maar ook onze cofinanciering en wordt deels voldaan aan de regionale woondeal. Wel voldoende woningen realiseren om te voldoen aan de voorwaarden van de WBI. Door de WBI deels in stand te houden (bijv. alleen voor Woudsend-It Skar, Scharnegoutum-Noord, Boazum, Bolsward-Oost, Sneek-Harinxmaland fase 2A + 7 woningen fase 2B en Workum-Zuid): 94 12 februari 2025
1. Stimuleert de gemeente de bouw van 500 woningen Ook met deze optie wordt versneld betaalbare woningbouw in SWF toegevoegd, hoewel minder dan wanneer de WBI voor alle 6 de woningbouwprojecten in stand gehouden wordt. Door in Woudsend-It Skar, Scharnegoutum-Noord, Boazum, Sneek-Harinxmaland fase 2A + 7 woningen fase 2B en Bolsward-Oost woningen te realiseren worden 500 woningen gebouwd, waarvan 220 sociale woningen en 130 betaalbare woningen. Hiermee is 70 % van de gerealiseerde woningen betaalbaar. 2. Verkrijgt de gemeente deels financiële steun Door de WBI-subsidie terug te storten voor de woningbouwplannen SneekHarinxmaland fase 2b en Workum-Zuid is het mogelijk om het bouwprogramma voor deze ca. 250 woningen aan te passen. Om wel WBI-subsidie voor de overige plannen te verkrijgen, moet de gemeente aan de volgende minimale eisen voldoen: het project moet bestaan uit minimaal 500 woningen èn het aandeel betaalbaar moet minimaal 50% zijn. De WBI mag uiteindelijk maximaal 50% van het publieke tekort van deze projecten dekken. Kijkend naar het projectplan dat is ingediend en uitgaand van genoemde projecten zal de rijksbijdrage ca. €1,55 miljoen zijn. En minder WBI-subsidie verkrijgen betekent ook minder cofinanciering van de gemeente, eenzelfde circa €1,55 miljoen in plaats van de nu benodigde €2,6 miljoen. Voor de ca.
350 betaalbare woningen ontvangt de gemeente de realisatiestimulans is de verwachting. 3. Kan de gemeente met het niet-WBI deel een positievere grex realiseren Door een deel van de WBI-subsidie terug te storten kan voor bijv. de woningbouwprojecten Sneek Harinxmaland fase 2B en Workum-Zuid gekeken worden naar een andere categorie woningen. Zo is het mogelijk om i.p.v. betaalbare woningen duurdere woningen te realiseren. Hiermee wordt een andere doelgroep bediend (waar minder behoefte aan is, zie woningmarktonderzoek). Maar deze duurdere woningen zorgen wel voor een andere grondprijs en daarmee voor een positievere grex voor bijv. Sneek Harinxmaland Fase 2B en Workum-Zuid. Het aantal woningen zal naar verwachting lager zijn. 4. Wordt een deel van de woningbouwplannen (358 woningen) vertraagd Om woningen voor een andere doelgroep en/of in andere categorie te kunnen realiseren is het nodig om een aanpassing van het Omgevingsplan te doen. Dit vraagt ook om een gedeeltelijk nieuw participatietraject. Daarvoor is tijd nodig, wat maakt dat plannen later uitgevoerd worden. 5. Wordt deels voldaan aan de afspraken in de Regionale woondeal In de Regionale woondeal zijn de WBI-projecten als sleutelprojecten opgenomen. Door 500 van de 858 woningen te realiseren wordt deels voldaan aan de Regionale woondeal.
Ook aan de gemaakte afspraken over het aandeel sociale en betaalbare woningen kan slechts deels worden voldaan. Het niet-WBIgedeelte zal buiten de gemaakte Regionale woondeal vallen. Door 500 woningen 95 12 februari 2025
te realiseren lijken de lokale afspraken, de aantallen benoemd in het coalitieakkoord, moeilijker haalbaar. Tot en met 2026 wordt een deel van deze 500 woningen gebouwd. 6. Bereidt de gemeente zich deels voor op de Wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting (WVRV) Van de woningbouwprojecten worden in deze optie 500 woningen door middel van WBI-subsidie uitgevoerd. Hiermee wordt versneld 350 betaalbare woningbouw gerealiseerd. Dit is een van de doelen van de Wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting (WVRV). De gemeente sorteert hiermee voor op de WVRV.
Kansrijk spoor vanwege: deels financiële steun Rijk (ca. €1,55 miljoen) en realisatiestimulans voor ca. 350 betaalbare woningen, er wordt deels aan de Regionale woondeal voldaan, deels voorbereidt op WVRV. Risico’s: lokale afspraken lijken moeilijker haalbaar. 8.a.3. Vasthouden aan huidige grondexploitaties en daarmee de WBI in stand houden. Door de Woningbouwimpuls 5e tranche (WBI) in stand te houden: 1. Stimuleert de gemeente de woningbouw van 858 woningen Er wordt met de WBI versneld betaalbare woningbouw toegevoegd in SWF, waar behoefte aan is (zie woningmarktonderzoek SWF); 2. Verkrijgt de gemeente financiële steun van €2,6 miljoen en realisatiestimulans Het Rijk dekt met de rijksbijdrage van €2,6 miljoen 50% van de financiële tekorten binnen het WBI-project. Hiermee biedt de WBI belangrijke financiële middelen. Daarnaast worden ca. 615 betaalbare woningen gerealiseerd waarvoor de gemeente in de toekomst een financiële vergoeding, de zogenaamde “realisatiestimulans”, ontvangt. Hoe meer betaalbare woningen in SWF gerealiseerd worden dus, hoe meer geld er uitbetaald wordt aan de gemeente. 3. Voldoet de gemeente aan lokale afspraken en Regionale Woondeal Er wordt voldaan aan de Regionale Woondeal die is gesloten tussen Rijk, provincie Fryslân en gemeente. En de lokale afspraken, de aantallen benoemd in het coalitieakkoord, lijken hiermee haalbaar. 4.