Werkdocument Omgevingsvisie Stichtse Vecht, versie 8-4-2021.pdf
Tekst van het document
We benaderen gezondheidsbevordering vanuit het kader van de ‘positieve gezondheid’. Dit betekent dat veerkracht en zelfregie centraal staan. Iedereen – jong, oud, met een beperking, autochtoon, allochtoon, etc.- moet mee kunnen doen. Dit noemen we inclusiviteit. Een gezonde leefstijl stimuleren we bij al onze bewoners door in te zetten op ruimte voor ontmoeten, een groene leefomgeving en mogelijkheden om te bewegen. De inrichting van de openbare ruimte is groen en nodigt uit tot bewegen en elkaar ontmoeten. (Zie ook 5.4, 5.5 en 5.7)
De gebieden vlak langs de grote infrabundel en de Zuilense Ring hebben een ongezond leefmilieu en zijn daardoor minder geschikt voor nieuwe woningen. Er zijn verschillende opties voor nieuwe woningen: verder weg bouwen, de infrabundel minder vervuilend maken (weinig invloed op) of aangepast bouwen. De laatste optie moet dan wel een zo gezond mogelijke leefomgeving creëren door maatregelen te nemen m.b.t. een goede luchtkwaliteit, geen/weinig geluidsoverlast en veilige vluchtwegen in geval van calamiteiten. In plaats van normen te hanteren die de grens opzoeken van wat nog net toelaatbaar is qua gezondheid, gaan we onze normen zoveel mogelijk baseren op de WHO streefwaarden (Wereldgezondheidsorganisatie). In deze normen staat een goede gezondheid waarborgen centraal. We bouwen de komende jaren een portofolio op van voorbeelden van en kennis over deze normen. Het negatieve gezondheidseffect van de grote infrabundel wordt kleiner als steeds meer mensen een elektrische auto gaan rijden 43
in plaats van een benzine- of dieselauto. Of een ander type schone auto. Dit geldt vooral voor de luchtkwaliteit. Toch blijft de luchtkwaliteit ook dan matig vanwege fijnstof van bandenslijtage. De gemeente stimuleert en faciliteert duurzaam vervoer (zie 5.3). Visie gezondheid voor iedereen: • Inrichting openbare ruimte stimuleert gezonde leefstijl m.b.t. bewegen, ontmoeten en groen. • Iedereen kan meedoen: inclusiviteit • Altijd en expliciet gezondheidsaspect meenemen bij ruimtelijke keuzes • Ongezond leefmilieu langs grote infrabundel mijden of maatregelen treffen m.b.t. luchtkwaliteit, geluid en externe veiligheid. • Normen baseren op WHO streefwaarden
44
Programma’s
Om de visie te realiseren zijn de volgende programma’s in ieder geval nodig: • Programma Geluid (verplicht) • Programma Portofolio streefwaarden WHO • Programma Gezondheid in de openbare ruimte • Programma Gezondheid bij nieuwbouw
45
5.2 Ruimte voor de verstedelijkingsopgaven Bij dit thema gaan we in op de grote woningbouwopgave bij de OV-knooppunten en de bedrijvigheid. De kleinere woningbouwopgave bij de kernen behandelen we in 5.4.
Wat speelt er?
Stichtse Vecht is een aantrekkelijke vestigingsplaats voor heel veel mensen. Er is een enorme behoefte aan woningen in de regio en vanuit Stichtse Vecht. 76,1% van de bewoners gaf dan ook aan behoefte te hebben aan meer woningen in de eigen kern (enquête zomer 2020). Een betaalbare woning vinden die past bij je levensfase is erg lastig voor de bewoners van Stichtse Vecht. Er is zowel een kwantitatieve als een kwalitatieve woningbouwopgave. Gemiddeld is de groei van woningen in Nederland 1%. Een groei van 1% voor de komende 20 jaar zou circa 5.600 nieuwe woningen betekenen voor Stichtse Vecht (in 2020 28.206 woningen). Stichtse Vecht ligt echter in de snelst groeiende regio van Europa. De ligging van Stichtse Vecht in deze hoog dynamische regio, tussen Utrecht en Amsterdam, vraagt om en rechtvaardigt een versnelde groei. Samen met de regio en provincie is bepaald dat grote aantallen woningen het beste bij binnenstedelijke, bestaande OVknooppunten kunnen worden ontwikkeld. Daarom bouwen we al zo’n 3000 woningen in Maarssenbroek (Plantenbaan, Haagstede en Bisonspoor). Voor de langere termijn is OV-knooppunt Breukelen in beeld. Ook voor bedrijven is Stichtse Vecht een aantrekkelijke vestigingsplaats, o.a. vanwege de uitstekende bereikbaarheid en de zichtlocaties langs de A2.
We hebben: (zware) maakindustrie, logistiek, (hoofd) kantoren van lokale en nationale handel- en dienstverlenende organisaties, innovatieve ondernemingen in het MKB en Nyenrode University. Vanuit de regio is er een enorme vraag naar nieuw bedrijventerrein (maar liefst 322 ha. tot 2040). Deze enorme regionale behoefte aan bedrijventerreinen is in de (concept) POVI en het IRP opgenomen. Ook lokaal is er ruimte nodig voor bedrijven om door te kunnen groeien (6 tot 8 ha. netto). 46
Algemeen geldt de wens om de bedrijventerreinen in Stichtse Vecht te intensiveren. Stichtse Vecht draagt het MKB een warm hart toe en wil graag ontwikkelingsruimte bieden voor kleine, lokale ondernemers buiten de bedrijventerreinen. Dit leidt tot de volgende opgaven: • Het bouwen van grote aantallen woningen nabij de OVknooppunten in binnenstedelijk gebied, waarbij OV-knooppunt Breukelen in beeld is. • Meer ruimte zoeken voor uitbreiding van bedrijven, zowel op bestaande als nieuwe bedrijventerreinen. • Ontwikkelruimte zoeken voor de kleine, lokale ondernemers
Visie
Ruimte voor verstedelijking maken we op drie punten: • Grote aantallen nieuwe woningen • Kansen voor OV-knooppunt Breukelen • Toekomst voor bedrijvigheid We gaan een flinke inhaalslag (circa 1,5% per jaar) maken en grote aantallen nieuwe woningen realiseren in de periode tot 2030 en ook daarna. We hebben al plannen voor 4.400 woningen: 3.000 woningen in Maarssenbroek en 1.400 woningen bij de kernen in de periode tot 2030(zie 5.4). Deze plannen willen we versnellen. We bouwen voor onze eigen bevolking én voor de regio. Bij de grote woningbouwplannen krijgt iedereen gelijke kansen. Bij de kleine kernen geven we zoveel mogelijk mensen uit de kern voorrang d.m.v. kernbinding. (Zie 5.4) We streven naar zoveel mogelijk natuurinclusief bouwen. OV-knooppunt Breukelen en omgeving We zien kansen voor OV-knooppunt Breukelen en omgeving. Op termijn (na 2030) benutten we het potentieel van stationsgebied Breukelen en omgeving door het werkgebied tussen de snelweg en het Amsterdam-Rijnkanaal te transformeren naar een aantrekkelijk woon- en werkgebied. Hierbij creëren we ontwikkelruimte 47
door bestaande functies efficiënter en in hogere dichtheid te ordenen en P&R voorzieningen anders te gebruiken en in te richten. Op langere termijn (na 2040) is de omgeving van OV-knooppunt Breukelen een serieus zoekgebied voor grote aantallen nieuwe woningen. We doen daarvoor goed onderzoek naar hoe we het beste om kunnen gaan met het bodem- en watersysteem, het verkeersgeluid en de luchtkwaliteit. Naast een uitstekende bereikbaarheid zorgen we uiteraard ook voor een gezonde en toekomstbestendige leefomgeving. Natuurincluisef bouwen is daar onderdeel van. We verrichten nader onderzoek naar de mogelijkheden en kansen rond de grote infrabundel en specifiek OV-knooppunt Breukelen (zie programma’s). Toekomst voor bedrijvigheid We bieden bedrijven en ondernemers een goede vestigingsplaats in Stichtse Vecht. Om ruimte te bieden aan de enorme regionale en lokale behoefte aan bedrijventerreinen, gaan wij als Stichtse Vecht nieuwe ruimte maken voor bedrijven. Hierboven is het inzetten op een aantrekkelijk woon-en werkgebied nabij OV-knooppunt Breukelen al genoemd. Onderdeel daarvan is het ontwikkelen van Breukelerwaard met 9 tot 12 ha. bruto nieuw hoogwaardig en toekomstbestendig bedrijventerrein. Daarnaast bieden we ontwikkelingsruimte aan bedrijven door bestaande bedrijventerreinen te intensiveren, her te verdelen en kwalitatief te verbeteren.
We werken al langer aan leefbare bedrijventerreinen, duurzaamheidsvoorzieningen en een buitenruimte die uitnodigt om te bewegen zijn daarin de norm. We zetten in op natuurinclusief bouwen en maximale energieopwekking op daken. We streven naar netto 100% van de floorprint van gebouwen met zonnepanelen (dus met dakoverstekken).
Visie Ruimte maken voor de verstedelijkingsopgaven: • Grote aantallen woningen bouwen voor de eigen bevolking en de regio. Versnelde groei. • Ontwikkelen/uitvoeren plannen OV-knooppunt Breukelen en omgeving: - Op termijn: hoogwaardig woon- en werkmilieu direct rondom OV-knooppunt; - Op lange termijn: kansen voor een grote woningbouwlocatie. Eerst goed onderzoek doen. • Bieden bedrijven goede vestigingslocaties door: - Revitaliseren en kwaliteitsverbetering bestaande bedrijventerreinen; - Hoogwaardig en toekomstbestendig ontwikkelen en uitbreiden bedrijventerrein Breukelerwaard; - Ruimte voor kleine ondernemers om te ondernemen aan huis, zowel in kernen als buitengebied.
Programma’s
Om de visie te realiseren zijn de volgende programma’s en project in ieder geval nodig: • Project: Hoogwaardig en toekomstbestendig bedrijventerrein Breukelerwaard • Programma: ontwikkelingsmogelijkheden rondom OVknooppunt Breukelen • Programma: intensiveren en kwaliteitsverbetering bestaande bedrijventerreinen • Programma: Ondernemen aan huis
Kleine ondernemers gaan we de mogelijkheid bieden om gemakkelijk aan huis te ondernemen. Dit geldt voor kleine ondernemers in de kernen en het buitengebied. Naast ruimte om te ondernemen willen ondernemers ook uitdagen om bij te dragen aan de maatschappelijke ontwikkeling van de gemeente.
48
49
5.3 Goede bereikbaarheid in een steeds vollere regio Wat speelt er?
Via het spoor en de A2 zijn de bewoners van Stichtse Vecht snel en gemakkelijk in Utrecht en Amsterdam. De goede bereikbaarheid is een belangrijke kwaliteit van de Stichtse Vecht. Er is wel een duidelijke wens om de treinfrequentie naar Utrecht op te voeren. Vanuit de steden komen via deze infrabundel ook heel veel recreanten naar Stichtse Vecht. Deze recreanten bezoeken vooral de Vecht en omgeving. De huidige drukte leidt er al toe dat bewoners langs de Vecht overlast ervaren. Ze ergeren zich vooral aan gemotoriseerd verkeer: auto’s, motoren en boten. Ook groepen wielrenners leiden tot ergernis. De bewoners geven aan zich zorgen te maken over de verkeersveiligheid en de bereikbaarheid (enquête 2020). De verwachting is dat er in de toekomst nog meer recreanten naar Stichtse Vecht komen. We willen een oplossing voor de te grote drukte op en langs de Vecht, zonder dat we daarbij de goede bereikbaarheid voor onze eigen bewoners aantasten. De grote infrabundel, bestaande uit A2, spoor en kanaal, is een grote barrière in oost-westrichting. Ook de Vecht is een barrière. Er zijn slechts een aantal locaties waar deze barrière geheel kunt passeren. Met name voor fietsers en wandelaars is het vervelend om extra kilometers te maken om bij een brug en/of onderdoorgang te komen. De redelijk nieuwe fietsbrug over het kanaal bij Nigtevecht is een waardevolle aanvulling.
We willen duurzame en schone verkeersvormen, waaronder de fiets, voor recreatief en lokaal verkeer stimuleren. Daarvoor zijn korte en aantrekkelijke fietsroutes tussen de kleine kernen en de voorzieningencentra nodig. Ook het platteland moet recreatief beter ontsloten worden. Naast duurzame en schone vervoermiddelen is het interessant ook te kijken naar minder vervoersmiddelen. Daarbij is deeleconomie waarbij het draait om autobeschikbaarheid in plaats van autobezit interessant. Ook de innovaties op gebied van informatie-intensief verkeer (smart mobility) hebben de aandacht.
50
Dit leidt tot de volgende opgaven: • Goede bereikbaarheid met de auto behouden. Inzetten op meer gebruik van de treinstations. • Minder overlast door recreatief verkeer langs en op de Vecht zonder de goede bereikbaarheid voor de eigen bewoners aan te tasten. • Aantrekkelijker maken om binnen de gemeente de fiets te pakken. Voor langzaamverkeer de barrières verminderen en rechtstreekse routes maken. • Informatie-intensief, duurzaam en schoon vervoer bevorderen.
Visie
Centraal staat de balans tussen bereikbaarheid aan de ene kant en leefbaarheid en gezondheid aan de andere kant. In de huidige situatie leveren leefbaarheid en gezondheid te veel in. Dat moet anders. Omdat we de goede bereikbaarheid voor onze bewoners en bezoekers willen behouden, richten we ons op het verminderen van de omgevingsruimte die de vervoersmiddelen gebruiken. Op deze manier wordt de overlast minder en de balans beter. We gaan voor een transitie naar duurzaam en schoon vervoer. Daarvoor draaien we aan verschillende knoppen: Groene Poorten, aantrekkelijk en volledig fietspadennetwerk (zie 5.5), herbezinning wegontwerp, smart mobility en optimaal gebruik stations. Ook koesteren we de rust aan de oostzijde van de Vecht. Recreanten en toeristen die met de auto komen, stimuleren we om bij Groene Poorten over te stappen op stille en schone vervoersvormen. Bij elke afslag van de snelweg en ring Utrecht streven we naar een Groene Poort. Bij de Maarsseveense Plassen komt ook een Groene Poort. Mogelijke duurzame vervoersvormen om te recreëren in Stichtse Vecht zijn: (elektrische) fietsen, wandelen, kanoën, steppen, elektrische boten, suppen, etc. Hierdoor verminderen we de overlast (geluid en drukte) en stimuleren we de mensen meer te bewegen.
51
Voor lokaal en recreatief verkeer maken we het fietsen en wandelen belangrijker. We gaan ze faciliteren met een volledig en fijnmazig routenetwerk (zie 5.5). Op twee plekken is een nieuwe fietsverbinding over het Amsterdam-Rijnkanaal gewenst: een directe verbinding van station Breukelen naar het centrum en tussen Maarssen-Dorp en Maarsenbroek aan de noordzijde. Daarnaast willen we een structurele herbezinning op ons wegontwerp. Langzaamverkeersvoorzieningen zijn geen ‘bijvoorzieningen’ van autostraten maar zelfstandige straten. Fietsstraten, waar de auto op bezoek is, zijn daar een voorbeeld van. We willen dat onze stations steeds meer gebruikt worden. In het programma Intensiveren gebruik stations onderzoeken we hoe we dat voor elkaar kunnen krijgen. We gaan voor een ‘lerend systeem’ waarbij we steeds meer inzicht krijgen. We gaan de inzet van Smart Mobility en deeleconomie bevorderen en actief onder de aandacht brengen. De inzet van innovatieve ICT-oplossingen en data draagt, net als deeleconomie, bij aan de bereikbaarheid en leefbaarheid van Stichtse Vecht. Om een auto te rijden, hoeft deze geen eigen bezit te zijn. Als meer mensen een deelauto gebruiken, zijn er minder parkeerplaatsen nodig en is er meer ruimte voor groen. In het programma Smart Mobility en deeleconomie werken we dit verder uit.
Visie Goede bereikbaarheid in een steeds vollere regio: • Inzetten op duurzaam, schoon en informatie-intensief vervoer. • Bezoekers via TOP’s over laten stappen op schone, duurzame en stille vervoersvormen • Lokaal en recreatief fietsgebruik stimuleren met fijnmazig en compleet routenetwerk. • Herbezinning op wegontwerp waarbij langzaam verkeer belangrijker wordt. • Het gebruik van de stations intensiveren • Rust veenweidegebieden oost en west koesteren en bij ontwikkelingen verbeteren.
Programma’s
Om de visie te realiseren zijn de volgende programma’s in ieder geval nodig: • Programma mobiliteit (GVVP) • Programma Smart Mobility en deeleconomie • Programma Intensiveren gebruik stations
De grote infrabundel en de Vecht werken als fysieke barrières. Enerzijds is dat hinderlijk voor fietsers en wandelaars die daardoor extra afstand moet afleggen. Anderzijds zijn de gebieden veenweide oost en west daardoor nu rustiger dan de Snelle en Langzame Vecht. Deze rust (relatief weinig autoverkeer) koesteren we. Bij ontwikkelingen kijken we of we die rust kunnen intensiveren.
52
53
5.4 Prettig wonen in de kernen Wat speelt er?
Voor de vitaliteit van de kleine kernen is het belangrijk dat er een goede bevolkingsbalans is. Er is in de kleine kernen behoefte aan nieuwe woningen voor jongeren/starters en ouderen (doorstromers). We houden tot 2040 rekening met circa 1.500 woningen, verspreid over de verschillende kernen. Bevolkingsopbouw, leefbaarheid, economie en woningmarkt hangen met elkaar samen. Het perspectief voor de kleine kernen is dus een integraal vraagstuk. Bewoners weten zelf het beste wat een goede leefbaarheid voor hun dorp is. Duidelijk is al wel dat de bewoners van de kleine kernen ruimte voor initiatieven vanuit het dorp willen en dat sociale cohesie aandacht behoeft. Op dit moment waarderen de bewoners het wonen in Stichtse Vecht met een 7,9 (enquête 2020). Stichtse Vecht heeft drie grote kernen met een volledig en uitgebreid aanbod voorzieningen. Er dreigt (nog) meer leegstand in deze centra als gevolg van online bestellen en corona. Om deze voorzieningen voor de hele gemeente intact te houden is revitalisering van de centra nodig. De kleine kernen maken ook gebruik van deze centra. Het is voor de vitaliteit van de kleine kernen belangrijk dat die voorzieningen goed bereikbaar zijn. Daarnaast moet een aantal basisvoorzieningen in de kleine kernen kunnen blijven bestaan. Deze basisvoorzieningen zijn namelijk ook erg belangrijk voor de sociale cohesie.
Per kleine kern is het maatwerk, niet elke kleine kern heeft dezelfde basisvoorzieningen nodig. Het gaat uiteindelijk om de som der delen dat een evenwichtig voorzieningennetwerk oplevert. Dit leidt tot de volgende opgaven: • Integrale aanpak voor de vitaliteit in de kleine kernen: bevolkingsopbouw, leefbaarheid, economie en woningen. • Het waarborgen van de eigen identiteit van de kernen. • De samenleving ruimte bieden voor ontmoeting en eigen initiatief. • Een goed werkend voorzieningennetwerk, waarbij de voorzieningen voor alle bewoners bereikbaar zijn.
54
Visie
Wij waarborgen de hoge waardering van de bewoners (maar liefst een 7,9) voor de toekomst door het goede te behouden en met maatwerk te verbeteren. We willen een gemeente zijn waarin jong en oud fijn wonen en werken. Een gemeente met een vitale, krachtige én inclusieve samenleving. We willen de bewoners zoveel mogelijk zelf de regie geven. Daarom gaan we SAMEN met de bewoners aan de optimale leefbaarheidsbalans voor hun kern (wijk) werken. Dit is maatwerk. Omdat elke kern uniek is, varieert de leefbaarheidsbalans per kern. In de leefbaarheidsbalans gaan we in ieder geval in op de gewenste bevolkingsopbouw, de noodzakelijke voorzieningen (kern en omgeving), de benodigde woningen (type en hoeveelheid) en de ruimte voor economische dynamiek. Elke kern heeft een eigen identiteit waar de bewoners trots op zijn. Deze eigen ruimtelijke identiteit behouden we. Nieuwe ontwikkelingen borduren voort op deze identiteit. De gemeente beschermt de identiteit en stuurt ondernemers met initiatieven zodanig bij dat deze initiatieven bijdragen aan de identiteit. Hiervoor faciliteren en promoten we actief de verhaallijnen van de Stichtse Vecht, zodat initiatiefnemers ook goede aanknopingspunten hebben. Een vitale en krachtige samenleving staat het best in haar kracht als er ruimte voor eigen initiatief en ontmoeting is.
Dit betekent dat de gemeente de samenleving faciliteert met minders regels en meer meedenken in de bedoeling van plannen. Denken vanuit kansen en minder vanuit risico’s. We willen dat de voorzieningen voor iedereen goed bereikbaar zijn. Dit betekent dat we zorgen voor een volledig voorzieningennetwerk, waarbij de bewoners uit de kleine kernen ook gebruik maken van de centra van de grote kernen. We investeren in de centra en bieden hier ondernemersruimte. Kleine kernen hebben (aanvullend op elkaar) basisvoorzieningen.
55
top
Omgevingsvisi O mgevingsvisiee Leefomgeving
7,9
De inwoners van Stichtse Vecht geven hun woonplezier gemiddeld een 7,9.
Wat zou je 8 woonplezier vergroten?
1
Het is fjn wonen in de gemeente Stichtse Vecht. De inwoners zijn trots op hun kernen met allemaal een eigen karakter. Ze gebruiken woorden als groen en sfeervol. Deze woorden komen ook terug als het gaat over de omgeving, met daarin veel natuur en cultuur. De toeristische trekpleisters de Vecht en het plassengebied zijn dichtbij en nodigen uit tot recreëren. De mensen zijn redelijk positief over de voorzieningen in de buurt. En steden als Utrecht en Amsterdam liggen op steenworp afstand en zijn goed bereikbaar.
Bij de kleine kernen bouwen we nieuwe passende woningen t.b.v. de leefbaarheid. Tot 2040 bouwen we circa 1.500 nieuwe woningen bij de kleine kernen. Door nieuwe woningen te bouwen voor de juiste doelgroepen per kern, ontstaat een gemengde en evenwichtige bevolkingsopbouw, die weer zorgt voor bestaansrecht voor de voorzieningen. In de kleine kernen bouwen we specifiek voor jongeren (instromers) en ouderen (doorstromers). De aanwezigheid van groen en landschap is zeer bepalend voor het woongenot. Wij vinden dat voor elke bewoner binnen 500 meter een parkje, natuurgebied of het omliggende landschap bereikbaar moet zijn. We vergroenen straten, leggen parkjes en groene speelplekken aan en maken goede, korte verbindingen naar het omliggende landschap. Daarnaast kan elke bewoner van Stichtse Vecht binnen 10 minuten fietsen in een groot natuurgebied of aantrekkelijk groen landschap zijn, waar hij/zij kan fietsen of wandelen. Ontwikkeling van de centra Centra staan onder druk door het veranderende koopgedrag. Wij vinden het van belang dat Breukelen, Maarssenbroek en MaarssenDorp een compact, levendig en toekomstbestendig functioneel centrum hebben. De groei van de bevolking van Stichtse Vecht, het groeiende aantal recreanten, de goede bereikbaarheid en de grotere ondernemersruimte maken dit ook mogelijk. De gemeente biedt ondernemers de ruimte om te ondernemen en faciliteert.
Het centrum van Breukelen moet vanuit het perspectief van een groeiende kern worden benaderd. In Breukelen is een betere en directere fiets/wandelverbinding tussen station en centrum nodig over het Amsterdam-Rijnkanaal. De Hazeslinger Is de enige plek waar ontwikkelruimte is. Ontwikkeling van de wijken Er staat veel op stapel in de wijken. Veel van onze wijken zijn toe aan een gedeeltelijke herontwikkeling. We zien ook veel veranderingen: de wijken worden steeds gemengder qua bevolkingsopbouw, er wordt steeds meer gewerkt (‘aan huis’) de openbare ruimte is aan vervanging toe, we gaan van het gas af, de woningen moeten beter geïsoleerd worden, we moeten ons voorbereiden op
een wisselvalliger weer (warmte, droogte en wateroverlast), het autogebruik is aan het veranderen en er moet meer ruimte voor beweging komen. Een pragmatische wijkgerichte benadering waarin om deze vraagstukken aan te pakken is voor de hand liggend. Daarbij is het van belang dat er daadwerkelijke veranderingskracht ontwikkeld wordt.
top
5
1
3 Onderhoud Beter onderhoud van de buitenruimte, zoals stoepen, wegen, fetspaden en tunneltjes.
Woningen Meer (betaalbare) woningen voor senioren en starters, maar ook aandacht voor natuurbehoud.
3
Verbondenheid met andere inwoners.
4
Bereikbaarheid.
2
5
Betaalbaar wonen.
5 Geluidsoverlast Tegengaan van geluidsoverlast door o.a. het verkeer (A2, N230, N201), hangjongeren, recreanten en evenementen.
6 Parkeren Meer parkeerplekken en beboeten van foutparkeerders.
7 Afval Tegengaan van zwerfafval en uitbreiden van de openingstijden van de afvalstations.
Handhaving Meer handhaving en toezicht door de gemeente en politie op o.a. hondenpoep, drugshandel, diefstal en vernieling.
Terugkoppeling Omgevingsvisie
Omgevingsvisie Wonen
“Er moeten nu echt eens starters huur- en koopwoningen worden gerealiseerd i.p.v. dure kavels en woningen voor yuppen uit Amsterdam. Nu jagen we alle jongeren ‘t dorp uit!” – Inwoner Loenen aan de Vecht
Veel inwoners willen meer betaalbare woningen voor starters en senioren. Terwijl een vergelijkbaar aantal inwoners de open ruimte en het groen wil behouden en geen voorstander van bouwen is. De uitdaging voor de gemeente is het vinden van een balans hierin. Men is kritisch over hoogbouw. De hoge prijzen van woningen en het versoepelen van bouwregels zijn verbeterpunten.
6,6
Inwoners van Stichtse Vecht geven de gezondheid van hun woonomgeving (o.a. luchtkwaliteit, geluid en trillingen) gemiddeld een 6,6.
Balans Heb je behoefte aan meer woningen in jouw kern?
76,1% Ja
23,9% Nee
top
4
3 Voor alleenstaanden.
1 Voor jongeren en starters.
2
Voor senioren.
4
56
Groenonderhoud Meer en beter groenonderhoud en het minder laten verstenen van tuinen.
4
Kansen De kernen bieden veel kansen voor recreatie en toerisme. Suggesties van inwoners om de levendigheid te vergroten zijn: meer horeca, markten en braderieën en een veelzijdiger winkelaanbod.
Programma’s
Om de visie te realiseren zijn de volgende programma’s in ieder geval nodig: • Programma Elke kern (wijk) een eigen leefbaarheidsbalans • Programma Identiteit per kern • Programma Ruimte voor eigen initiatief en ontmoeting • Programma Volledig voorzieningennetwerk • Programma Bouwen bij de kleine kernen • Programma Groen in en rondom de kernen
2
8
Een kracht van onze gemeente is de nabijheid van het groene gebied. Van belang vinden dat die groene gebieden ook bereikbaar zijn. Tussen Maarssendorp en Maarssenbroek is daartoe een extra fiets/wandelverbinding over het ARK nodig. Visie Prettig leven in de kernen • Samen met de bewoners maken we de optimale leefbaarheidsbalans per kern (wijk). • De eigen identiteit van elke kern behouden we. Nieuwe initiatieven dragen bij aan de identiteit. • De samenleving ruimte bieden voor ontmoeting en eigen initiatief. • We zorgen voor een volledig voorzieningennetwerk, waarbij de voorzieningen zo goed mogelijk bereikbaar zijn voor iedereen. • We bouwen nieuwe passende woningen bij de kleine kernen t.b.v. de vitaliteit. Dit is maatwerk per kern. • We zetten in op groen in en rondom de kernen. Elke bewoner heeft in de buurt (binnen 500 meter) een parkje, natuurgebied of omliggende landschap.
2
Dichtbij voorzieningen (o.a. winkels, zorg, sport, cultuur en scholen).
Verkeer Zoals autoluwe kernen en handhaving op/verlaging van de maximum snelheid.
“Het is hier heerlijk wonen. Genoeg groen en ruimte om te wandelen en te ontspannen. Mensen kijken nog om naar elkaar.” – Inwoner Tienhoven
Wat ervaar je als positieve kenmerken?
Dichtbij de natuur.
Uitdaging Inwoners vinden het belangrijk dat de kernen hun karakter en identiteit behouden. Met daarin aandacht voor een goede, gezellige sfeer en sociale verbondenheid. De dorpen moeten niet opgeslokt worden door de uitbreiding van Utrecht en Amsterdam. Ook vinden ze dat het toerisme niet de overhand moet krijgen.
Waar zou je nieuwe woningen bouwen binnen de gemeente?
53,9%
32,6%
13,5%
Bij alle kernen een beetje.
Dichtbij openbaar vervoer, o.a. trein- en busstations.
Vooral bij de grote kernen.
4
Voor gezinnen met kinderen.
Terugkoppeling Omgevingsvisie
57
Omgevingsvisie Voorzieningen, winkels & horeca Leegstand van winkels is in heel de gemeente een punt van zorg. Inwoners vragen zich ook af of de bestaande winkels het nog wel gaan redden. Wel is er verschil tussen de zorg van inwoners uit kleine en grote kernen. Gaat het in kleine kernen vooral om het behoud van de bakker, slager of buurtsuper, in de grote kernen willen inwoners juist een meer divers aanbod.
“Het zou fijn zijn als er wat meer winkels zouden zijn, een supermarkt, een kapper, een paar extra andere winkels, waardoor het een écht dorp zou zijn, en geen openluchtmuseum voor toeristen.” – Inwoner Vreeland
Houden en onderhouden Inwoners noemen het behouden en onderhouden van speeltoestellen en sportvoorzieningen als punt van aandacht. Dat wat er is, moet er blijven en in goede staat zijn. Ook het schoonhouden van deze plekken (afval) en handhaven op overlast worden hierbij genoemd.
Als het gaat om horeca is er geen verschil in wensen. Inwoners willen graag meer terrassen, bij voorkeur aan een gezellig dorpsplein. Ook is er behoefte aan restaurants, (bruine) cafés en kofetentjes.
Waar heb jij behoefte aan in jouw kern? top 6
DORPSHUIS
1 (Buurt)winkels.
2 Horeca.
3 (Speel)voorzieningen voor kinderen.
4 Ontmoetingsplekken, 5 Cultuur en uitgaan zoals een buurthuis.
(o.a. theater, bioscoop en cultureel centrum).
6 Sport-
voorzieningen.
“Er zijn genoeg voorzieningen (bakker, restaurant, snackbar, scholen) dichtbij. Deze moeten blijven.” – Inwoner Nigtevecht
10
Terugkoppeling Omgevingsvisie
Omgevingsvisie Recreatie & toerisme
“Het is een mooi wandel- en recreatiegebied met veel groen en ruimte.” – Inwoner Oud-Zuilen
De mooie monumentale panden en de waterrijke omgeving van de gemeente hebben een grote aantrekkingskracht. Natuurlijk speelt de Vecht met haar vele buitenplaatsen daarbij een belangrijke rol. Dit biedt volgens inwoners vele kansen om recreatie en toerisme te ontwikkelen. Bijvoorbeeld door uitbreiding van de wandel- en fetspaden, zodat men van de natuur kan genieten. Er liggen ook kansen voor recreatie op en langs de Vecht, de plassen en riviertjes: zwemvoorzieningen, kano- en boottoerisme, strandjes en zeilen.
Nigtevecht
Vreeland Loenersloot Loenen aan de Vecht
Geen uitbreiding Niet iedereen wil uitbreiding van de recreatieve en toeristische activiteiten. Het is druk genoeg of al te druk, is de mening van een grote groep inwoners. Geluidsoverlast op de Vecht en door evenementen worden hierbij genoemd. Zij vinden het belangrijk dat de balans tussen leefbaarheid en recreatie bewaakt wordt.
Nieuwer ter Aa
Nieuwersluis
Breukelen
Tienhoven
Kockengen Maarssen
“Mijn woonplaats is beter als niet elke motorclub toertocht, puzzelrit en wielrenner dwars door ons mooie dorp rijdt met de eerste zonnestralen.” – Inwoner Kockengen
Maarssenbroek
Oud-Zuilen
De mooiste gebieden om naartoe te gaan in je vrije tijd 12
58
Terugkoppeling Omgevingsvisie
59
5.5 Ruimte voor recreatie Wat speelt er?
Het buitengebied van Stichtse Vecht is populair als groen uitloopgebied bij zowel de bewoners uit Utrecht en Amsterdam als de bewoners uit Stichtse Vecht zelf. Dit brengt kansen met zich mee, maar ook uitdagingen. Zo neemt de druk op de ruimte toe door de verstedelijkingsopgaven en de verschillende transities die het landelijk gebied raken. Door de groeiende bevolking neemt ook de recreatiedruk nog verder toe. Bezoekers vanuit de regio komen graag naar Stichtse Vecht vanwege de bijzondere kwaliteiten. De kastelen en buitenplaatsen aan de rivier de Vecht zijn al vanaf de 17e eeuw nationaal en internationaal beroemd onder de fijnproevers. Samen met de historische vechtdorpen vormen zij een bijzonder parelsnoer waar we trots op zijn. Het verhaal van de gouden eeuw, de stelling van Amsterdam en de Waterlinies geven ons inzicht in ons verleden en de ontwikkeling van de bijzondere ruimtelijke kwaliteiten en diversiteit van het gebied. We ontlenen hieraan onze identiteit en dragen deze trots uit. Het buitengebied herbergt diverse kwaliteiten en kent per gebied een eigen dynamiek. Het omvangrijke westelijke veenweidegebied biedt rust, ruimte en pittoreske dorpskernen karakteristiek voor het Groene Hart. Het open landschap is ook herkenbaar voor de Boerenvecht in het Noorden en de Oostelijke Vechtplassen in het oosten.
De naastgelegen Bethunepolder herbergt bijzonder natuurwaarden en ligt weer dicht tegen de Maarsseveense Plassen waar veel mensen uit de regio in de zomer recreëren. Favoriete trekpleister is de Vecht. Op mooie zomerse dagen is het te druk op en langs de Vecht. De bewoners van de (kleinere) Vechtdorpen ervaren dan overlast. Zij ergeren zich vooral aan gemotoriseerd verkeer (auto’s en boten). Het agrarische buitengebied wordt amper recreatief benut, terwijl recreatie voor veel stoppende en omvormende agrariërs een interessant verdienmodel kan zijn. De uitdaging is het reguleren en spreiden van de recreantenstroom. Een belangrijke basis voor recreatie en toerisme is een
60
aantrekkelijk decor: natuur, landschap en erfgoed. Om dit decor te behouden is geld nodig. De Maarsseveense Plassen zijn een populair recreatiegebied in de regio. Het biedt ruimte aan een concentratie van dagrecreatieve functies en is één van de drukstbezochte recreatieterreinen van de Provincie Utrecht.met een regionale functie. Ook hier ervaren we een druk op de beschikbare ruimte en werken we samen in de regio om te voorzien in een eigentijds en passend voorzieningenniveau. Het is belangrijk dat er meer mensen hier, en in de omgeving, aangenaam kunnen ontspannen en recreëren. Dit leidt tot de volgende opgaven: • Een goede balans vinden tussen het profijt en de overlast die we hebben van de recreanten. • Het goed reguleren en spreiden van de groeiende recreantenstroom. • Onze beleefbare historie in het decor van natuur, landschap en erfgoed blijven benutten. We ontlenen hieraan onze identiteit en dragen deze trots uit. • Om het aantrekkelijke decor van natuur, landschap en erfgoed te behouden is geld nodig. • Het bieden van een eigentijds en passend voorzieningenniveau en een betere ontsluiting bij de Maarsseveense Plassen. Vanwege het bovenlokale belang doen we samen met onze partners in de regio.
Visie
Recreanten en toeristen vanuit de regio zijn van harte welkom in Stichtse Vecht. We creëren een goede balans tussen enerzijds ruimte maken en geven aan recreatie en anderzijds het voorkomen van overlast door recreatie. We voorkomen/verminderen de door bewoners ervaren overlast op en langs de Vecht. Daarom gaan we bijvoorbeeld onze gemeente niet promoten bij de toeristen in Amsterdam. In deze visie voorzien we in ondernemersruimte en een goede beleving van de uitzonderlijke kwaliteiten van Stichtse Vecht. Dit vraagt om inzet op voldoende banen en bestedingen van recreanten en toeristen. We creëren meer ruimte voor recreatie. 61
We gaan de recreanten beter spreiden over de hele gemeente. Hiervoor zetten we in op: • Het aantrekkelijker maken van de hele gemeente met een impuls op Veenweidegebied West. • Een fijnmazig routenetwerk voor wandelaars en fietsers. • Sturen door aanbod. Door de hele gemeente aantrekkelijker te maken voor recreanten, neemt de druk op de Vechtstreek af en is de groeiende recreantenstroom beter op te vangen. In het Plassengebied vergroten we de opvangcapaciteit door de Maarsseveense Plassen en omgeving verder te ontwikkelen. Nabij de Maarsseveense Plassen zien we graag een Groene Poort als uitvalsbasis naar het Noorderpark, de Loosdrechtse Plassen en de Vecht. We verleiden de recreanten om Veenweidegebied West te bezoeken en maken hier meer recreatieruimte. We streven naar een gebied met meer belevingsmogelijkheden en een grotere opnamecapaciteit voor recreatieve functies. Nieuwe recreatieve mogelijkheden bieden een kans en verdienmodel aan agrarische en andere ondernemers. We ontwikkelen een volledig en fijnmazig routenetwerk voor wandelaars en fietsers, inclusief goede oost-west verbindingen over en onder de A2, het spoor, het Amsterdam-Rijnkanaal en de Vecht. Hierdoor zijn de Groene Poorten (zie 5.3) interessant als beginpunt van een fiets- en/of wandeltocht. Hier stappen recreanten over van de auto op de fiets (of een ander duurzaam vervoermiddel).
We sturen door middel van het aanbod op de hoeveelheid recreanten in de verschillende hele mooie, maar gevoelige gebieden. Specifieke aandacht krijgt de Vechtstreek. Door in te zetten op kleinschalige voorzieningen, wordt er geen massatoerisme aangetrokken. Andere speerpunten voor het toekomstbestendig en duurzaam ontwikkelen van recreatie en toerisme zijn: • Individueel bezoek staat voorop. We stimuleren dus geen groepsbezoeken. • Focus op bezoekers uit de directe regio. Wel is iedereen welkom.
62
• Faciliteren van doordeweeks zakelijk bezoek als aanvulling op de pieken in de weekenden. • Naast dagbezoek ook aandacht voor verblijfsrecreatie. We hebben een enorme schat aan kwaliteiten in Stichtse Vecht. Recreatie en toerisme leveren een bijdrage aan deze kwaliteiten door hierover te vertellen en onze trots uit te dragen. Deze bron van recreatieve aantrekkingskracht koesteren, behouden en ontwikkelen we. Door te focussen op de kwaliteiten, trekken we de juiste bezoekers aan en bezoekers dragen zo bij aan de instandhouding en ontwikkeling van aantrekkelijke voorzieningen. We koesteren het gedeelde belang tussen bewoners, bezoekers en bedrijven. We hebben hierbij oog voor de diversiteit en kijken telkens naar de passende maat en schaal van ontwikkelingen. De gemeente zet zich dienstbaar in om de kwaliteiten van erfgoed, cultuur en natuur te behouden en versterken. Hiervoor is structureel geld nodig. Duurzame vrijetijdsmobiliteit is uitgangspunt. Recreatief gemotoriseerd verkeer faciliteren we niet. Je kunt overstappen via Groene Poorten op duurzame vervoersvormen, zoals kano’s, suppen, elektrische boten, fietsen, steppen en wandelen. We stimuleren ondernemers om op met initiatieven voor duurzame vrijetijdsmobiliteit te komen. Hierdoor dragen we bij aan de vermindering van de overlast (geluid en drukte) door gemotoriseerd vaar- en autoverkeer.
Ook bevorderen we zo de gezondheid. Er zijn grote kansen voor ondernemers op het gebied van recreatie- en ontspanningseconomie. Stichtse Vecht biedt ondernemersruimte als de ontwikkeling bijdraagt aan de kwaliteiten/identiteit. Hiervoor gaan we de verhaallijnen van Stichtse Vecht goed faciliteren, zodat ondernemers hier gemakkelijk op in kunnen springen. Als gemeente maken we dit, waar mogelijk, aantrekkelijker en gemakkelijker. We werken als gemeente samen met alle typen ondernemers, verbeteren onze dienstverlening verder en bieden ondersteuning bij het netwerken van ondernemers. We denken actief mee met agrariërs die willen verbreden t.b.v. de gewenste landbouwtransitie naar Kringlooplandbouw.
63
Visie Ruimte voor recreatie: • We zorgen voor een betere spreiding van de recreanten over de hele gemeente. • Door te focussen op kwaliteiten trekken we de juiste bezoekers. • De recreatieve aantrekkingskracht is toekomstbestendig door de verschillende identiteiten van Stichtse Vecht te koesteren. We werken gebiedsgericht en gaan zorgvuldig om met de waarden. • We zetten in op duurzame en schone vrijetijdsmobiliteit. • We bieden ondernemersruimte in de recreatie- en ontspanningseconomie als de ontwikkeling bijdraagt aan de kwaliteiten/identiteit. Hiervoor gaan we de verhaallijnen goed faciliteren.
Programma’s
Om de visie te realiseren zijn de volgende programma’s in ieder geval nodig: • Programma Spreiding van recreanten • Programma Focus op kwaliteit en identiteit • Programma Faciliteren verhaallijnen • Programma Ondernemerskansen in recreatie- en ontspanningseconomie
64
65
5.6 Toekomstbestendig vitaal platteland Wat speelt er?
In het veenweidegebied is de melkveehouderij de belangrijkste drager van het landschap. Qua beeld en beleving worden de kenmerkende groene weilanden met sloten en koeien door de meeste mensen goed gewaardeerd. De agrarische sector staat echter onder druk. Nu stoppen al veel agrariërs. Dit zal nog verder toenemen door de opgaven en verantwoordelijkheden die op het buitengebied en dus de agrarische sector afkomen. De bodemdaling, de veenoxidatie en de stikstofproblematiek hebben gevolgen voor het gebruik van de landbouwgronden. Het Rijk en de Provincie schrijven een transitie voor om tot kringlooplandbouw te komen. We nodigen agrariërs nadrukkelijk uit om hierop te anticiperen. Naast landbouw vragen de verstedelijkingsopgaven, de toenemende recreatiedruk, de energietransitie en de urgentie om de biodiversiteit te verhogen ook om ruimte in het buitengebied. De agrarische sector staat voor de uitdaging om de bedreigingen om te buigen in kansen. Er moet een nieuwe balans gevonden worden op het platteland. Ook op het platteland willen we een aantrekkelijk ondernemersklimaat bieden. Essentieel daarin zijn goede/nieuwe verdienmodellen voor de (agrarische) ondernemers. Daarvoor moeten we samenwerken met de bewoners, (agrarische) ondernemers en organisaties. Samen moeten we de transitie van het platteland op gang brengen.
Onderdeel van een toekomstbestendig platteland is een kwantitatief en kwalitatief goed natuurnetwerk. Vanuit de Provincie en de regio zijn een aantal gewenste robuuste ecologische verbindingen aangegeven. We gaan invulling geven aan deze robuuste ecologische verbindingen. Dit leidt tot de volgende opgaven: • Een nieuwe balans vinden op het platteland, die anticipeert op de bodemdaling, de veenoxidatie, de stikstofproblematiek en toenemende ruimteclaims vanuit de verstedelijkingsopgave, de recreatie, de duurzame energie en de wens om de biodiversiteit te vergroten. Essentieel hierin zijn goede verdienmodellen. • Een bijdrage leveren aan de transitie van het platteland in het hele buitengebied. Het veenweidegebied is hierbij aandachts66
gebied. Hierbij nadrukkelijk de samenwerking opzoeken met de regio, provincie en Rijk. • Invulling geven aan de robuuste ecologische verbindingen uit de POVI.
Visie
Het buitengebied is divers en heeft een eigen dynamiek en is voortdurend in beweging. Verandering van het buitengebied is ook noodzakelijk. Hierbij zijn nieuwe verdienmodellen nodig. We zien 4 knoppen waaraan gedraaid moet worden om die verandering te begeleiden: • Economie en gebruik • Verbreding in de landbouw • Een integrale, gebiedsgerichte benadering • Transformatie van het landschap Als het gaat om economie en gebruik dan moet er ondernemersruimte zijn om binnen de landbouw te ontwikkelen en om te verbreden. Ontwikkelruimte binnen de landbouw is er als het omgevingsbeslag van de landbouwproductieprocessen kleiner wordt. Het beleid vanuit het Rijk en de Provincie is hier ook op gericht. Met bedrijfsprocessen die minder externe effecten hebben is er meer ondernemersruimte. Professionalisering, modernisering, innovatie in combinatie met verbreding dragen hier gezamenlijk aan bij. Als gemeente hebben we nauwelijks invloed op de beschikbare omgevingsruimte en ook niet op de bedrijfsprocessen. Wel kunnen we meedenken, mogelijkheden in beeld brengen en verbinden. De belangrijkste trend in de afgelopen decennia is opschaling van de hoeveelheid vee. Deze trend heeft niet onze voorkeur, omdat op deze wijze het omgevingsbeslag over algemeen alleen maar toeneemt. We weten ook dat deze trend niet verandert van de een op de andere dag.
We willen dat de landbouw zich ontwikkelt naar natuur-inclusief en kringlooplandbouw. Daar horen professionalisering, modernisering en innovatie bij. Opschaling is in de toekomst alleen mogelijk als dit per saldo een substantiële landschappelijke en/of maatschappelijke meerwaarde oplevert. Wij zien met name veel kansen voor groei van de economische omvang van de landbouw in verbreding, over de hele gemeente.
67
We denken aan hoogwaardige en lokaal verkochte producten, recreatieve en andere functies die toegevoegd worden en groen/ blauwe diensten. Dit is kansrijk en gewenst omdat daarmee de gebruikswaarde van het landelijk gebied voor iedereen groter wordt. En daar is behoefte aan. Dit kunnen en zullen we ondersteunen met ons beleid.
We gaan invulling geven aan de (robuuste) ecologische verbindingszones in Stichtse Vecht, die vanuit de Provincie en de U16 op kaart zijn gezet. Bij nieuwe ontwikkelingen anticiperen we op de gewenste ecologische verbindingen. We werken samen met de verschillende initiatiefnemers om beetje bij beetje de gewenste natuurverbindingen te realiseren.
Wij zien agrarische bedrijven als individuele ondernemingen die een individueel bedrijfsmodel ontwikkelen. De economische omvang van een bedrijf ontstaat door combinaties van verschillende bedrijfsonderdelen en bedrijfsprocessen. Er zijn dus geen generieke verdienmodellen. Wij stimuleren het ondernemerschap door ruimte te maken voor dat individuele bedrijfsmodel waar wij daar invloed op hebben, en wij nodigen de ondernemers uit om daar ook op in te spelen. We denken dat dat de meest kansrijke economische groeimogelijkheden in ons gebied in de verbreding zitten.
Visie Toekomstbestendig vitaal platteland: • We bieden ontwikkelruimte binnen de landbouw als het omgevingsbeslag kleiner wordt. • Opschaling van vee is alleen mogelijk als er een substantiële landschappelijke en/of maatschappelijke meerwaarde wordt geleverd. • De meest kansrijke economische groeimogelijkheden voor de landbouw zitten in de verbreding. De gemeente stimuleert en faciliteert waar mogelijk de agrariërs die willen verbreden. • We gaan van een monofunctioneel landbouwgebied naar een multifunctioneel platteland. • We streven naar een gevarieerder, duurzamer en multifunctioneel landschap met een hogere opvangcapaciteit voor nevenfuncties en natuur. In Veenweide West betekent dit een geleidelijke transformatie naar een kleinschaliger landschap. • De bodemdaling en veenoxidatie willen we stoppen of vertragen. Voor dit transitieproces is een integrale en gebiedsgerichte aanpak een geschikt middel. Wij willen dit gezamenlijk oppakken met buurgemeenten en Provincie. Wij vinden dat de Provincie (en/of Rijk) hier een leidende rol heeft. • We onderzoeken samen met de samenleving de mogelijkheden voor een toekomstbestendig plan voor Veenweidegebied West. Dit kunnen ook meerdere kleine plannen worden. • We geven invulling aan de EVZ’s uit de POVI.
Ruimtelijke veranderingen die ‘economie en gebruik’ ondersteunen zijn ook goed voor biodiversiteit. We streven in de gehele gemeente naar een gevarieerder, duurzamer en multifunctioneel landschap met een hogere opvangcapaciteit voor nevenfuncties en natuur. Specifiek voor het westelijke veenweidegebied geldt dat wij hieraan invulling willen geven door een geleidelijke transformatie naar een kleinschaliger landschap. Hierdoor verandert het monofunctionele landbouwgebied in een multifunctioneel gebied. De bodemdaling en veenoxidatie zijn een serieus probleem in de veenweidegebieden. Met name in het westelijke veenweidegebied zijn er grote aanpassingen nodig om de bodemdaling en veenoxidatie te stoppen of te vertragen. Echt duurzame landbouw draagt hieraan bij. Dergelijke ingrijpende veranderingen vragen om een integrale en gebiedsgerichte aanpak. Deze problemen spelen niet alleen in Stichtse Vecht, maar in de hele regio. Daarom zien we een leidende rol voor de Provincie(s) en sluiten wij graag aan als partner. Voor het veenweidegebied West willen we samen met de bewoners, organisaties, ondernemers en agrariërs onderzoeken welke mogelijkheden er zijn voor een of meerdere integrale, gebiedsgerichte en toekomstbestendig plannen.
68
Omgevingsvisie Natuur & landbouw Inwoners van Stichtse Vecht zijn trots op de natuur in hun gemeente. Ze vinden het belangrijk dat deze behouden blijft en dat woningbouw beperkt wordt. Anderen vinden vooral een goede balans belangrijk tussen natuur enerzijds en bijvoorbeeld de bouw van woningen of aanleg van zonnevelden anderzijds.
78% Stellingen Ben je het ermee eens? (ja/nee)
“Stichtse Vecht heeft een mooi, divers landschap dat behouden moet worden, d.w.z. weidelandschap en karakteristieke Vecht.” – Inwoner Breukelen
Wat voor landbouw past er in de toekomst van Stichtse Vecht?
94,9%
Ja, de bestaande natuur moeten we in ieder geval behouden.
72,2%
Ja, groen in mijn kern is belangrijker dan veel parkeerruimte.
Programma’s
Om de visie te realiseren zijn de volgende programma’s in ieder geval nodig: • Programma ontwikkelruimte versus omgevingsbeslag • Programma Verbreding van de landbouw • Programma natte(re) vormen van landbouw (zie 5.7 en 7.1) • Programma onderzoeken mogelijkheden Integraal en toekomstbestendig plannen Veenweide West • Programma Ecologische verbindingszones realiseren
De inwoners van Stichtse Vecht vinden dat er voldoende natuur is in hun woonomgeving.
Landbouw Er wordt verschillend gedacht over landbouw. Een deel van de inwoners is voorstander van kleinere boerenbedrijven en vindt dat de landbouwsector biologischer en duurzamer moet gaan werken. Andere inwoners zien kansen om een deel van de landbouwgrond te gebruiken als bijvoorbeeld natuurgebied of voor de aanleg van zonnevelden. Er is ook een groep inwoners die geen noodzaak ziet tot verandering. Een ruime meerderheid van de inwoners vindt dat de gemeente een belangrijke rol speelt op dit terrein.
Meer groen Het aanleggen van nieuw groen wordt vaak genoemd door inwoners. Het gaat hierbij om het planten van meer bomen en bloemen en het aanleggen van plantsoenen. Dit is goed voor insecten en vogels. Om het groene karakter van kernen te behouden, pleiten inwoners voor een belasting of verbod op het volledig betegelen van tuinen.
14
35%
Kleine(re) agrarische bedrijven die zich richten op de regionale en nationale markt.
61,8%
Ja, ruimte voor natuur is belangrijker dan ruimte voor landbouw.
25%
Een combinatie van voedselproductie en andere functies, zoals recreatie, horeca, winkel, etc.
15,6%
Ja, natuur moet altijd toegankelijk zijn voor recreanten. Ook als dit de natuur schaadt.
10%
28%
Kringlooplandbouw: waarbij mest van het vee teruggaat naar de plek waar hun voer groeide, om daar weer te dienen als voeding voor nieuwe gewassen.
2%
Grote agrarische bedrijven die aan Europa vlees en zuivel leveren.
Waterlandbouw (vis, algen, rijst, etc.) in een deel van de huidige veenweidegebieden.
Terugkoppeling Omgevingsvisie
69
5.7 Zichtbaar reageren op de klimaatverandering Wat speelt er?
De klimaatverandering vraagt om maatregelen. Als Stichtse Vecht hebben we te maken met hetere en drogere zomers, meer en vaker wateroverlast. We zullen onze systemen moeten aanpassen aan de klimaatverandering. We hebben ruimte nodig voor waterberging in de kernen. Om af te kunnen koelen tijdens hete zomers hebben de grote kernen meer water en groen nodig. Bodemdaling en veenoxidatie speelt in het veenweidegebied al sinds de 12e eeuw. De klimaatverandering zorgt echter voor een versnelling ervan. De bodem van wat toelaatbaar is m.b.t. bodemdaling en veenoxidatie is in zicht gekomen. De economische kosten zijn over niet al te lange tijd maatschappelijk (bijna) niet meer op te brengen. Door veenoxidatie komen er bovendien veel broeikasgassen vrij: lachgas, methaangas en koolstofdioxide. We moeten oplossingen bedenken hoe we samen met de onze bewoners, agrarische ondernemers en organisaties kunnen werken aan een toekomstbestendig veenweidegebied. Daarbij zal naast een goed verdienmodel voor de agrariërs ook een oplossing gevonden moeten worden voor het stoppen/vertragen van de bodemdaling en veenoxidatie. De opwarming van de aarde kunnen we beperken door minder broeikasgassen uit te stoten. Naast het stoppen/vertragen van de veenoxidatie is een ingrijpende verandering in onze energieverandering nodig.
Daarom moeten we minder energie verbruiken en de benodigde energie zoveel mogelijk duurzaam opwekken. Stichtse Vecht draagt 0,1 TWh tot 2030 en 0,1 TWh tot 2040 bij aan de Regionale Energie Strategie. De gemeenteraad besloten om de duurzame energie op te wekken d.m.v. zonne-energie op daken en op land. Dit resulteert in de volgende opgaven: • Anticiperen op de klimaatverandering en hier ruimte voor zoeken. • Stoppen/vertragen bodemdaling en veenoxidatie in veenweidegebied. • Minder broeikasgassen uitstoten door minder veenoxidatie, minder energieverbruik en duurzame energie opwekken. 70
Visie
Zichtbaar reageren op de klimaatverandering We werken aan een groener en klimaatbestendiger Stichtse Vecht via twee sporen: 1. Klimaatadaptatie: het aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering op de thema’s wateroverlast, droogte, hitte en overstromingen. 2. Klimaatmitigatie: het beperken van klimaatverandering door de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. 1. Klimaatadaptatie Klimaatverandering vergroot de kans op: wateroverlast door hevige regenbuien, langere periodes van droogte, hittestress en overstromingen. Om de overlast en schade te beperken zijn ruimtelijke maatregelen én brede bewustwording nodig. Klimaatadaptatie vraagt om een lange adem en continuïteit in beleid. Daarvoor is draagvlak nodig. 87,6% van de bewoners vindt al dat er maatregelen nodig zijn. We gaan meer ruimte voor water en groen in en nabij de kernen creëren. Daarmee creëren we fysieke oplossingsruimte. Hier houden we regenwater langer vast volgens de trits: vasthouden-bergen-afvoeren. In de grote kernen zorgt meer groen en water voor afkoeling in hete zomers. We stimuleren bewoners ook om hun eigen terrein groener te maken. Bij nieuwe ontwikkelingen zijn bodemgeschiktheid en een robuust en toekomstbestendig bodem- en watersysteem uitgangspunt voor hoe je ontwikkelt en waar je ontwikkelt.
Technische oplossingen kunnen oplossingen bieden om op, vanuit bodem en water gezien, onlogische plaatsen toch te ontwikkelen. Het bodem- en watersysteem is gemeente overschrijdend. Daarom werken we goed samen met waterschappen, buurgemeenten en andere partijen in de regio. We hebben de verantwoordelijkheid om de bodemdaling en de veenoxidatie op zijn minst te vertragen. Op de lange termijn is de huidige manier van landbouw niet houdbaar. Het waterpeil moet naar een duurzaam niveau. Hiervoor zijn verschillende oplossin71
gen: onderwaterdrainage, peilfixatie, permanente inundatie en optoppen (en afgraven). We willen graag, samen met de agrariërs, een toekomstbestendig en gebiedsdekkend plan maken voor het veenweidegebied west. Dit vraagt om een integrale aanpak en ruimte om te experimenteren. We zoeken een goede balans tussen vernatten en haalbare verdienmodellen. 2. Klimaatmitigatie: de energietransitie We staan voor een ingrijpende energietransitie. Het Nationaal Klimaatakkoord geeft richting met een beoogde CO2-reductie van 49% in 2030 t.o.v. 1990. We willen in 2040, uiterlijk 2050, alleen nog maar duurzaam opgewekte energie gebruiken. Om een groener en klimaatbestendiger Stichtse Vecht te worden, werken we naast duurzame energieopwekking aan energiebesparing, duurzame mobiliteit en klimaatadaptatie. We beperken ons ruimtegebruik door nieuwe functies slim te combineren. We zoeken bij het opwekken van duurzame energie zoveel mogelijk naar een combinatie van functies en/of maatregelen om de natuur-, landschaps- en cultuurhistorische waarden te verbeteren evenals de recreatieve beleving.
Uitgangspunten bij de energietransitie • We stimuleren het opwekken van duurzame energie en dan specifiek zonne-energie • We werken actief samen met anderen bij de energietransitie • We beperken zoveel mogelijk de ruimtelijke impact van duurzame energieopwekking • We zorgen voor een zorgvuldige ruimtelijke en landschappelijk inpassing van zonnevelden We dragen bij aan de energiedoelstelling van de regio Utrecht door binnen Stichtse Vecht in 2030 minimaal 0,1 TWh duurzame energie op te wekken en in 2040 in totaal minimaal 0,2 TWh duurzame energie. De focus ligt hierbij op zonne-energie. Dit is zowel zon op dak als zon op land. We realiseren zoveel mogelijk zon op dak door bewoners, agrariërs en bedrijven te stimuleren zonnepanelen op hun daken te leggen. Voor grondgebonden zonne-energie hebben we de voorkeursvolgorde vastgelegd in het beleidskader zonnevelden. 72
1. Ja: Zon op daken en gevels en onbenutte terreine 2. Ja, mits: Zon op land in de groene en oranje gebieden 3. Nee, tenzij: Zon op land in de rode gebieden 4. Nee: de donkerrode gebieden. We zien kansen voor zonnevelden (met een beperkte omvang) in het te transformeren veenweidegebied. In het minder open, kleinschaligere landschap zijn zonnevelden (met een beperkte omvang) makkelijker in te passen. Tegelijkertijd bieden zonnevelden een (aanvullend) verdienmodel voor stoppende en doorgaande agrariërs. Visie Zichtbaar reageren op klimaatverandering Klimaatadaptatie • Bewustwording van de ruimtelijke impact van reageren op de klimaatverandering. • Meer ruimte voor groen en water t.b.v. verkoeling, water vasthouden en bergen. • Robuust en toekomstbestendig bodem- en watersysteem leidend bij ontwikkelingen. • De bodemdaling en veenoxidatie stoppen/vertragen in veenweidegebied. Klimaatmitigatie • Klimaatbestendiger Stichtse Vecht door slim ruimtegebruik, duurzame mobiliteit, minder veenoxidatie, energiebesparing en de opwek van zonne-energie. • Er wordt binnen Stichtse Vecht 0,1 TWh duurzame energie opgewekt voor 2030 en nog eens 0,1 TWH voor 2040. De focus ligt op zonne-energie. Hierbij hanteren we onze voorkeursvolgorde.
Programma’s
Om de visie te realiseren zijn de volgende programma’s in ieder geval nodig: • Programma Bewustwording reageren op klimaatverandering • Programma Meer ruimte voor water en groen • Programma: bodem- en watergeschiktheid voor ontwikkelingen • Programma natte(re) vormen van landbouw (zie 5.6 en 7.1) • Programma Integraal en toekomstbestendig plan Veenweide West (zie 5.6) • Uitvoeringsplan zonnevelden (gereed 2021)
73
Omgevingsvisie Duurzaamheid & milieu
Ervaar je overlast van extreem weer of bodemdaling?
Dat het klimaat verandert en we daar rekening mee moeten houden, wordt door vrijwel iedereen gezien. Inwoners noemen het tegengaan van de efecten van die verandering, onder meer door het verminderen van fjnstof en CO2-uitstoot en de verduurzaming van de landbouw. Ook bodemdaling en het onder controle houden van het grondwaterpeil staan op het lijstje van problemen. Hoe we met elkaar het milieu leefbaar kunnen houden, levert verdeeldheid op. De gemeente zal met duidelijk beleid moeten komen hoe ze dit samen met inwoners en ondernemers wil aanpakken. Dit geldt niet alleen voor klimaatverandering, maar ook voor verduurzaming van Stichtse Vecht.
Stellingen Ben je het ermee eens? (ja/nee) 93,7%
87,6%
Ja, het weer is de afgelopen jaren veranderd.
Ja, er zijn maatregelen nodig om de gevolgen van extreem weer te beperken.
20% Geen overlast
80% Overlast
top
4
1
2
3
4
Planten en bomen drogen uit.
Eigen woning wordt erg warm.
Openbare ruimte is aan het verzakken.
Straat minder goed begaanbaar na regen.
“Er zou meer aan duurzaamheid gedaan moeten worden, zoals lantaarnpalen op zonne-energie, meer zonnepanelen op daken of meer groen rondom scholen.” – Inwoner Maarssen
Maatregelen Inwoners stellen maatregelen voor om de gevolgen van de klimaatverandering tegen te gaan. Bijvoorbeeld het stimuleren van groenere tuinen voor de waterafvoer en de aanleg van groene daken. In het verlengde van deze oplossingen doen inwoners ook suggesties voor verduurzaming. Denk aan het plaatsen van zonnepanelen en meer laadpalen voor elektrische auto’s.
50,8% 72,2% Ja, ik maak mij zorgen over de klimaatverandering.
6
74
79,5%
Ja, mijn buurt blijft ook zonder aanpassingen in de toekomst aangenaam.
Ja, gebieden met grote bodemdaling zijn geen geschikte locaties om te bouwen.
Terugkoppeling Omgevingsvisie
75
76
77
6. Gebieden De visie op thema’s is generiek en geldt voor de hele gemeente. Wel kan een thema in het ene gebied meer impact hebben dan in het andere gebied. We hebben per gebied de visie ingekleurd en genuanceerd. We hebben de opgaven, de verantwoordelijkheden en de input vanuit de samenleving vertaald naar ruimtelijke keuzes voor de volgende gebieden: 1. Veenweide West 2. Snelle Vecht 3. Langzame vecht 4. Veenweide Oost/Plassengebied Binnen deze 5 gebieden hebben we sub gebieden bepaald, waarvoor we verschillende doelen nastreven. Dit heeft geleid tot een puzzel van verschillende gebieden die gezamenlijk de gemeente Stichtse Vecht vormen. De visiekaart ‘Kerngezond leven in een stedelijke regio’ biedt het integrale toekomstbeeld voor al deze gebieden en de ruimtelijke keuzes de we maken. In de volgende paragraaf lichten we de vier hoofdgebieden toe met daarbinnen de verschillende subgebieden.
78
79
Visiekaarten Omgevingsvisie Stichtse Vecht
PM LEGENDA’S
80
81
6.1 Veenweide west Het open weidelandschap wordt een natter, kleinschaliger landschap. Een landschap met meer biodiversiteit, meer belevingsmogelijkheden en verrassingen. Dit landschap heeft een relatief grote opnamecapaciteit voor recreatieve functies en andere functies zoals wonen en duurzame energieopwekking. De (voormalige) melkveehouders en andere ondernemers verwelkomen de recreanten met aantrekkelijke creatieve voorzieningen die in dit landschap passen. Het gebied Veenweide West kan geleidelijk een gezamenlijk landschapspark worden naar voorbeeld van Park Lingezegen. Hierbij hoort een nieuwe governance als koepel voor de gewenste transformatie. Deze transformatie is een ontwikkeling die gedurende de komende decennia plaatsvindt.
drijfsniveau is aan te pakken. Daarom zal er een gebiedsgericht proces moeten komen. Er is op dit moment geen uitzicht op een technische oplossing voor het gebied. Zonder een goede technische oplossing zal de transformatie van dit gebied ingrijpend zijn . Een deel van dit gebied ligt binnen een straal van ongeveer 4 kilometer vanaf station Breukelen. 4 kilometer wordt gezien als de ‘langzaamverkeerszone’ (fietsen) rond een station. Dat is, voor de langere termijn en na 2030 een deel van het onderzoeksgebied voor verdere verstedelijking van de regio.
PM: • Visiekaarten groen en landschap als basis meenemen Om dit mogelijk te maken komt er meer • Scheggen opnemen ruimte voor functieveranderingen. Met name • Landbouwpark (voorbeeld Lingezegen) voor (agrarische) bedrijven die zich richten • Zonering kansen recreatie en agrariërs op lokale voedselkringlopen en die direct gericht zijn op de consument. Daarnaast zullen we beleidsruimte maken voor bedrijven die zich op een breed scala aan recreatieve en maatschappelijke functies richten. Daarbij moet de landbouw of het landschap beleefbaar een onderdeel van het bedrijfsconcept zijn. We willen dat de functieverandering geen extra autoverkeer aantrekt en om die reden zullen de ondernemers vernieuwende bereikbaarheidsoplossingen bedenken. In een deel van dit gebied, met name in de noord-west hoek, zakt de bodem extra snel. Het stabiliseren van de bodem hier is een ingewikkeld vraagstuk dat nauwelijks op be82