Programmabegroting 2025-2028 Raad.pdf
Tekst van het document
Daarnaast is vanuit het ministerie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid de dringende oproep aan gemeenten om Oekraïners te begeleiden naar passend en duurzaam werk, in plaats van een tijdelijke baan die niet bij het opleidingsniveau of eigen expertise past. Belangrijke succesfactor hierbij is kennis van de Nederlandse taal.
Mijlpalen 1. Het realiseren van meer opvanglocaties voor Oekraïners (lichte groei gemeentelijke opvangplekken) 2. Het proces om werkende Oekraïners, waar nodig, naar passend en duurzaam werk te begeleiden (inclusief versterken kennis Nederlandse taal) is ingericht 3. Het organiseren van thema-avonden en daaruit voortvloeiende activiteiten samen met MOmenz en andere experts
54
Inclusie Onze ambitie is om inclusie onderdeel te laten zijn van te ontwikkelen beleid en projecten. In 2025 werken we verder aan het verankeren van inclusie en toegankelijkheid in onze werkwijze en planvorming. Dit geldt voor de hele gemeentelijke organisatie.
Mijlpalen 1. In het eerste kwartaal van 2025 leveren wij een voortgangsrapportage op over de acties en ontwikkelpunten uit de voortgangsrapportage over de Lokale Inclusie Agenda en het Regenboogactieplan 2023-2024 2. Eind 2025 zijn aanpassingen doorgevoerd in een aantal gebouwen waarvan de toegankelijkheid begin 2024 is getoetst
Mantelzorgcompliment Het mantelzorgcompliment zetten we structureel voort, waardoor onze mantelzorgers blijvend worden gewaardeerd. Vanuit het beschikbare budget betalen we ook de uitvoeringskosten. We zetten het Steunpunt Mantelzorg in voor de ondersteuning van mantelzorgers met daarbij de respijtwijzer als gids voor passende respijtzorg. Ook onderschrijven we het belang van mantelzorgondersteuning in het plan van aanpak GALA. Om de ondersteuning aan mantelzorgers nog verder te verbeteren, doen we een behoefteonderzoek onder mantelzorgers. Hierbij gebruiken we ook de informatie uit de kernfoto's 2023.
Mijlpalen 1.
Het onderzoek naar de ondersteuningsbehoefte van mantelzorgers is afgerond
Relevante beleidskaders Voor de opgaven en doelen in het programma Sociaal zijn de volgende relevante beleidskaders door de raad vastgesteld:
Opgave / Doel
Kaders
Iedereen doet mee en hoort erbij - Integraal beleidskader (IBK) Sociaal domein (3 juni 2020) - Uitwerking IBK Sociaal domein (B&W 5 jul 2022) - Regionale bestuursopdracht arbeidsmarktregio midden Utrecht met de vier resultaatgebieden 2022 (B&W 25 jan 2022) - Beleidsnota Samen in actie tegen armoede en schulden - Minima- en schuldhulpverleningsbeleid 2021-2024 (30 mrt 2021) - Actieplan Stichtse Vecht Werkt 2020 (B&W 26 nov 2019) - Lokale Inclusie Agenda 2021 (B&W 21 sep 2021) - Beleidsnota Iedereen doet mee/doorontwikkeling Kansis (B&W 8 feb 2022) - Regionale Agenda Jeugd Utrecht West 2022-2025 (raad 21 december 2021) - Regioplan Beschermd wonen U16 2023-2028 - Nota Positief Gezondheidsbeleid, 2020 -2023 (raad 1 oktober 2019). Uitvoeringsprogramma's Gezond Gewicht, middelengebruik, mentale gezondheid, eenzaamheid (uitvoeringsplannen college 23 juni 2020) - Subsidieprogramma 2021 – 2024 (raad 3 juni 2020) - Nota Sport en Bewegen Stichtse Vecht meer in beweging 2021 – 2025 (raad 21 december 2021) - Transformatieplan Wet Maatschappelijke Ondersteuning 2023 (raad 19 december 2023)
55
Going concern-taken Naast bovengenoemde ambities zijn de volgende reguliere taken onderdeel van het programma Sociaal: •
Samenkracht en burgerparticipatie;
•
Wijkteams;
•
Inkomensregelingen;
•
Begeleide participatie;
•
Arbeidsparticipatie;
•
Maatwerkvoorzieningen (WMO);
•
Maatwerkdienstverlening 18+ en 18-;
•
Geëscaleerde zorg 18+ en 18-;
•
Volksgezondheid.
We monitoren deze taken aan de hand van de op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) verplichte set indicatoren. Verplichte indicatoren Rijk
P/E Bron
Realisatie 2022
Realisatie 2023
Aantal banen per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15 tot en met 64 jaar % 12 tot en met 21 jarigen met een delict voor de rechter
P LISA
492,1
600
P Verwey Jonker
1,00%
-
% Kinderen tot 18 jaar in een uitkeringsgezin
P Verwey Jonker
3,0%
-
Netto arbeidsparticipatie (% van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de beroepsbevolking
P CBS
71%
73%
% werkloze jongeren (16 tot en met 22 jarigen)
P Verwey Jonker
0,2%
-
Aantal personen per 10.000 inwoners met een bijstandsuitkering
P CBS
250
183
Aantal lopende re-integratieuitkeringen per 10.000 inwoners van 15 tot en met 64 jaar
P CBS
1,9
67
% jongeren van alle jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp
P CBS
7%
11%
% jongeren van alle jongeren tot 18 jaar met jeugdbescherming
P CBS
0,7%
0,7%
% jongeren van alle jongeren tot 18 jaar met jeugdreclassering
P CBS
0,2%
0,2%
Aantal cliënten per 10.000 inwoners met een maatwerkarrangement Wmo
P GMSD
543
480
Verbonden partijen Binnen dit programma werken we samen met GGD Regio Utrecht (GGDrU) en Stichting Kansis/KansisGroen. Voor nadere toelichting verwijzen wij naar de paragraaf Verbonden partijen. Wij werken samen met de regiogemeenten in U10-verband aan de grote maatschappelijke opgaven woningbouw, energietransitie, economische ontwikkeling, mobiliteit en het behoud en ontwikkeling van groen en landschap.
56
Financieel overzicht programma 4 Wat mag het kosten? Bedragen x €1.000 Programma 4
Begroot 2024 primitief
Begroot 2025
Begroot 2026
Begroot 2027
Begroot 2028
Lasten 0.8 Overige baten en lasten (stelposten)
0
0
0
0
0
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
-5.721
-6.882
-6.708
-6.552
-6.551
6.2 Wijkteams
-2.599
-3.063
-2.813
-2.810
-2.830
6.3 Inkomensregelingen
-16.997
-17.149
-17.090
-17.090
-17.090
6.4 Begeleide participatie
-4.396
-4.382
-4.382
-4.381
-4.380
6.5 Arbeidsparticipatie
-1.416
-1.528
-1.525
-1.525
-1.525
6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO)
-3.407
-3.477
-3.477
-3.477
-3.477
6.7 Maatwerkdienstverlening
-26.193
-28.799
-26.908
-26.561
-26.709
6.8 Geëscaleerde zorg
-2.342
-2.353
-2.353
-2.353
-2.353
7.1 Volksgezondheid
-3.674
-4.037
-3.961
-3.779
-3.779
Totaal Lasten
-66.744
-71.670
-69.217
-68.528
-68.694
926
1.204
1.152
1.152
1.152
11.819
11.819
11.819
11.819
11.819
609
512
512
512
512
Baten 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 6.3 Inkomensregelingen 6.4 Begeleide participatie 6.5 Arbeidsparticipatie
0
66
66
66
66
6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO)
334
330
330
330
330
6.7 Maatwerkdienstverlening
0
0
0
0
0
6.8 Geëscaleerde zorg
773
773
773
773
773
7.1 Volksgezondheid
677
547
481
300
300
Totaal Baten
15.138
15.252
15.134
14.952
14.952
Geraamd saldo van baten en lasten
-51.606
-56.418
-54.083
-53.575
-53.741
Onttrekkingen 0.10 Mutaties reserves Geraamd resultaat
35
35
35
35
35
-51.571
-56.383
-54.048
-53.541
-53.707
Toelichting lasten en baten per soort kosten Sociaal
Toegerekende personeelslasten
Begroting primitief
Begroting
Verschil
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2024-2025
2026
2027
2028
-10.462
-11.297
-835
-11.293
-11.293
-11.293
Kapitaallasten
-225
-410
-185
-530
-523
-517
Overige lasten
-56.057
-59.963
-3.906
-57.394
-56.712
-56.884
Totaal lasten
-66.744
-71.670
-4.926
-69.217
-68.528
-68.694
Totaal baten
15.138
15.252
114
15.134
14.952
14.952
Geraamd saldo van baten en lasten
-51.606
-56.418
-4.812
-54.083
-53.575
-53.741
Toevoeging aan reserves
-
-
-
-
-
-
Onttrekking aan reserves
35
35
-
35
35
35
-51.571
-56.383
-4.812
-54.048
-53.541
-53.707
Geraamd resultaat
57
Toelichting van de verschillen in de lasten van begroting 2025 versus 2024 Analyse verschillen lasten
Begroting 2024
Begroting 2025
Verschil
-66.744
-71.670
-4.926
Lasten Toelichting
Besluit
Taakveld
I/S
bedrag
Toegerekende personeelslasten
Begroting 2025
Diverse
S
-835
Kapitaallasten
Begroting 2025
Diverse
S
-185
Meerjarig verloop budgetten TIM uit kadernota 2024
Kadernota 2024
Diverse
I
981
Meerjarig verloop initiatievenbudget uit kadernota 2024
Kadernota 2024
Maatwerkdienstverlening
I
100
Meerkosten TIM
Kadernota 2025
Diverse
S
-7.468
Besparingen TIM
Kadernota 2025
Diverse
S
3.495
Subsidie passende Zorg
Kadernota 2025
6.1 Samenkracht/burgerpart.
S
-114
Indexatie door Gemeente verstrekte subsidies
Kadernota 2025
6.1 Samenkracht/burgerpart.
S
-125
Extra lasten GGD conform begroting GGD en Raadsbesluit
Kadernota 2025
6.1 en 7.1
S
-422
Begrotingsverschuiving naar wijziging voorveld POK en WMO
Begroting 2025
6.1 Samenkracht/burgerpart.
I
-194
IZA wel in budget 2025, niet in budget 2024
Begroting 2025
7.1 Volksgezondheid
S
-182
Verschuiving GALA over programma’s conform gewijzigde BBV
Begroting 2025
6.1 Samenkracht/burgerpart.
S
33
Compensatie maatschappelijke instellingen niet in budget 24 wel in 25
Begroting 2025
6.1 Samenkracht/burgerpart.
I
-187
Voordeel Wsw voornamelijk a.g.v. lagere uitgaven HRM-taken
Adm. wijziging
6.4 Begeleide participatie
I
98
Overig
Begroting 2025
Diverse
S
79
Totaal mutatie lasten programma 4
-4.926
Toelichting van de verschillen in de baten van begroting 2025 versus 2024 Analyse verschillen baten
Begroting 2024
Baten
Begroting 2025
15.138
Verschil
15.252
114
Toelichting
Besluit
Taakveld
I/S
Verschuiving GALA over programma’s conform gewijzigde BBV
Begroting 2025
6.1 Samenkracht/burgerpart.
S
-32
IZA wel in budget 2025, niet in budget 2024
Begroting 2025
7.1 Volksgezondheid
S
182
Lagere opbrengsten Wsw uit detacheringen
Adm. wijziging
6.4 Begeleide participatie
I
-98
Hogere opbrengsten re-integratie door ESF subsidie
Adm. wijziging
6.5 Arbeidsparticipatie
S
66
Overige
Begroting 2025
Diverse
S
-4
Totaal mutatie baten programma 4
bedrag
114
Toelichting reservemutaties 2025 Mutaties reserves 2025
Bedrag
Onttrekkingen Vrijval kapitaaldekkingsreserve
35
Totaal onttrekkingen
35
Totaal mutaties Programma 4
35
Budgetten ambities Coalitieakkoord 2022-2026 De volgende budgetten voor beleidsimpulsen vanuit het coalitieakkoord 2022-2026 'Bouwen aan een stevig fundament voor Stichtse vecht', de Kadernota 2024 en de Kadernota 2025 zijn in de Programmabegroting 2025 opgenomen. Impuls Coalitie akkoord (bedragen x €1.000)
Document
Omschrijving
Begroting Begroting Begroting Begroting 2023
2025
2026
Mantelzorgcompliment
Coalitieakkoord 2022-2026
Transformatie Sociaal Domein
Kadernota 2024
Innovatiebudget Sociaal Domein
Kadernota 2024
-985
-885
-885
Omzetting risico reserve € 1 miljoen naar innovatiebudget
Kadernota 2024
1.000
1.000
1.000
Passende zorg en ondersteuning
Kadernota 2025
-4.081
-2.901
Opvang ontheemden
Kadernota 2025
-191
-191
-7.276
-5.224
Totaal
-100
2024
-100
-100
-100
-100
-4.000
-3.019
-2.147
-4.085
58
Programma 5. Samenleving
59
Beleid programma 5 Inleiding Voor toekomstbestendige onderwijsgebouwen is een Integraal huisvestingsplan (IHP) en wordt een uitvoeringsplan opgesteld. We kijken, samen met de schoolbesturen en partners, naar multifunctionele inzetbaarheid van gebouwen. In 2025 starten we met fase 1 van de uitvoering. Sport is belangrijk voor de gezondheid van onze inwoners en bevordert de sociale cohesie. Daarom krijgt dit thema ook in 2025 onze bijzondere aandacht. We doen een onderzoek naar het aanbod van sportzalen en sporthallen in het kader van meer bewegingsuren in het onderwijs en moderniseren met sportverenigingen een aantal sportparken. We gaan bij cultuur uit van de kracht van inwoners. De cultuurmakelaar speelt een belangrijke factor in het bij elkaar brengen van ideeën en zorgt ervoor dat culturele organisaties elkaar weten te vinden. Culturele initiatieven worden ook dit jaar ondersteund door het Cultuurfonds Stichtse Vecht waar wij jaarlijks aan bijdragen. Rijksmiddelen worden beschikbaar gesteld voor het verder ontwikkelen van de bibliotheken. Verder gaan we de samenwerking met ondernemers versterken. We gaan met hen in gesprek, zodat we weten wat nodig is om in Stichtse Vecht een gunstig vestigings- en ondernemersklimaat te creëren.
Daar is het nieuwe Programma Economie richtinggevend, waarin we ons onder andere gaan richten op het verbeteren van onze bedrijventerreinen en het versterken van de kracht van onze dorpscentra.
Wat willen we bereiken tot en met 2026? Huisvesting onderwijs Goede onderwijsgebouwen door (ver)nieuwbouw van schoolgebouwen.
Wat gaan wij daarvoor doen in 2025? Integraal Huisvestingsplan (IHP) Onderwijs en investeringsplan onderwijsgebouwen Na vaststelling van het Integraal huisvestingsplan is het belangrijk dat we een uitvoeringsplan opstellen. Vanuit de ambitie en toekomstbestendigheid van de nieuw te bouwen of levensverlengend te renoveren gebouwen, gaan we kijken naar multifunctionele inzetbaarheid. Dit kan betekenen dat meerdere scholen onder één dak komen, scholen gecombineerd worden met maatschappelijke partijen, of scholen gecombineerd worden met kinderopvang. In samenspraak met vooral de schoolbesturen krijgt het vernieuwde scholenlandschap dan vorm. We starten in de loop van 2025 met de uitvoering van het integraal huisvestingsplan onderwijs. Verder stellen we een strategisch financieel beleid op om de ambitie vanuit het Integraal huisvestingsplan haalbaar te maken. Hiervoor gaan we een voorstel doen om de afschrijvingstermijn van de nieuw te bouwen scholen van 40 naar 60 jaar te verruimen.
Mijlpalen 1. Uitvoeringsplan opstellen
60
Wat willen we bereiken tot en met 2026? Sport We willen dat alle inwoners van Stichtse Vecht een leven lang sporten en bewegen. Onze ambitie is om sporten en bewegen voor iedereen toegankelijk, betaalbaar, veilig en aantrekkelijk te maken, zowel in sportverenigingen als in de openbare ruimte. Daarom investeren we in de sportinfrastructuur en sportnetwerken, ondersteunen we sportverenigingen en stimuleren we een positieve sportcultuur via bijvoorbeeld sportsubsidies. Verder helpen we de scholen om leerlingen nog meer in beweging te krijgen. We zetten in op het verhogen van de sportdeelname en dragen bij aan een vitale en actieve inwoners. Stichtse Vecht meer in beweging!
Wat gaan wij daarvoor doen in 2025? Sportaccommodaties Op 14 mei 2024 heeft het college van Stichtse Vecht een omgevingsvergunning verleend voor de aanleg van vier padelbanen op sportpark 'De Heul' in Loenen aan de Vecht. Het zijn de eerste padelbanen die we in Stichtse Vecht realiseren. We verwachten deze in het voorjaar 2025 in gebruik te kunnen nemen. Daarnaast werken we samen met een aantal verenigingen aan de vervanging van een hockeyveld en een tennisbaan. We gaan het aanbod van sportzalen en sporthallen onderzoeken in het kader van meer bewegingsuren in het onderwijs, zoals afgesproken in de Sport- en beweegnota. Daar nemen we ook de mogelijkheden van bewegend leren binnen en buiten de school in mee.
Mijlpalen 1. Uitvoeren onderzoek buitensportaccommodaties 2. Afronden investeringsbijdrage in het kader van harmonisatie buitensport 3. Overdracht beheer binnensportaccommodaties aan Joint Venture met SRO
Wat willen we bereiken tot en met 2026? Toekomstbestendige economie en arbeidsmarkt in balans We willen ruimte bieden aan een krachtige economie met toekomstbestendig werklocaties waar economie verbonden wordt aan een gezond werk- en verblijfsklimaat. Stichtse Vecht heeft een unieke ligging tussen de grote steden Utrecht en Amsterdam en biedt daardoor veel kansen voor ondernemers. Daarnaast kent Stichtse Vecht veel mkb’ers en zzp’ers. Wij willen ondernemers de ruimte bieden om te ondernemen en bij te dragen aan de maatschappelijke ontwikkeling van de gemeente. Als gemeente maken we dit, waar mogelijk, aantrekkelijker en gemakkelijker. Wij willen zorgen voor een gunstig vestigingsklimaat en ondernemersklimaat. Ondernemers weten wat zij nodig hebben om hun bedrijf hier te kunnen runnen. De gemeente faciliteert hierin. Daarom is het belangrijk om als gemeente goed samen te werken met alle ondernemers, groot en klein. Bij deze opgave hebben we de volgende ambities: •
Goede dienstverlening aan ondernemers
•
Verbetering van de samenwerking met ondernemers
•
Gezamenlijke inzet met ondernemers op maatschappelijk verantwoord ondernemen
•
Verbeteren van het ondernemersklimaat in Stichtse Vecht.
61
Wat gaan wij daarvoor doen in 2025? Programma Economie 2024-2027 Eind 2024 wordt het Programma Economie 2025-2028 naar de raad gestuurd. Dit wordt in 2025 uitgevoerd aan de hand van de doelen en maatregelen die daarin zijn opgenomen. Als het Programma is vastgesteld door de raad nemen we de doelen en mijlpalen op in de Bestuursrapportage 2025. Voor nu zijn er nog geen concrete mijlpalen.
Mijlpalen -
Knooppunt Breukelen In 2025 werken we het Masterplan Breukelen uit, als gevolg van de Strategische Verkenning. Zo geven we concrete invulling aan de keuzes die eerder zijn gemaakt en gaan we samen met onze partners aan de slag met de invulling van het gebied.
Mijlpalen 1. Masterplan Breukelen opleveren ter besluitvorming
Wat willen we bereiken tot en met 2026? Cultuur Voortvloeiend uit het nog op te stellen cultuur- en erfgoedprogramma zorgen we voor een realistisch uitvoeringsprogramma gericht op cultuureducatie, cultuurparticipatie en de aantrekkelijkheid van cultuur in combinatie met ons erfgoed.
Wat gaan wij daarvoor doen in 2025? Cultuur- en Erfgoedbeleid We stellen een cultuur- en erfgoedprogramma op inclusief aandacht voor huisvesting van de verschillende cultuurorganisaties. We zorgen als goede huisvader voor kunst in de openbare ruimte en voor onze eigen gemeentelijke kunstcollectie in de gemeentepanden. Bij cultuurparticipatie gaan we uit van de kracht van inwoners. De cultuurmakelaar speelt hierin een belangrijke factor. Wij zorgen ervoor dat culturele activiteiten uitgevoerd worden door jaarlijkse bij te dragen aan het Cultuurfonds Stichtse Vecht. Bibliotheekvestigingen worden door ontwikkeld met rijksmiddelen. Het Informatie- en adviespunt wordt in gebruik genomen in Bibliotheek Maarssenbroek. Wij zorgen voor de instandhouding van de lokale omroep door het bekostigen daarvan met het adviesbedrag per huishouden.
Mijlpalen 1. Oplevering cultuur- en erfgoedprogramma 2. In gebruik name van het fysieke Informatie- en adviespunt bij Bibliotheek Maarssenbroek
62
Relevante beleidskaders Voor de opgaven en doelen in het programma Sociaal zijn de volgende relevante beleidskaders door de raad vastgesteld: Opgave / Doel
Kaders
Onderwijshuisvesting
- Integraal Huisvestingsplan Onderwijs
Toekomstbestendige economie en arbeidsmarkt in - Omgevingsvisie Stichtse Vecht (12 jan 2022) balans - Integraal Ruimtelijk Perspectief – IRP (2 feb 2022) - Toekomstvisie bedrijventerreinen Sport
- Nota Sport en Bewegen Stichtse Vecht meer in beweging 2021 – 2025 (raad 21 december 2021)
Cultuur
- Subsidieprogramma 2021-2024 - Nota “Ambitie voor cultuur” 2017
Going concern-taken Naast bovengenoemde ambities zijn de volgende reguliere taken onderdeel van het programma Samenleving: •
Economie
•
Onderwijs
•
Sportbeleid en activering
•
Sportaccommodaties
•
Cultuur
•
Musea
•
Media
We monitoren deze taken aan de hand van de op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) verplichte set indicatoren. Verplichte indicatoren Rijk
P/E Bron
Realisatie 2022
Realisatie 2023
Het percentage van het totaal aantal leerlingen (12 - 23 jaar) dat voortijdig, (zonder startkwalificatie) het onderwijs verlaat
P VSV verkenner
-
1,60
Het aantal leerplichtigen dat niet staat ingeschreven op een school, per 1.000 leerlingen
P Jaarverslag RBL
-
1,6
Het aantal leerplichtigen dat wel staat ingeschreven op een school, maar ongeoorloofd afwezig is, per 1.000 leerlingen
P Jaarverslag RBL
25
12
Functiemenging: de functiemengingsmatrix (FMI) weerspiegelt de verhouding (%) tussen banen en woningen en varieert tussen 0 (alleen wonen) en 100 (alleen werken). Bij een waarde van 50 zijn er evenveel woningen als banen
P waarstaatje gemeente.nl
45,8%
46,6%
Aantal bedrijfsvestigingen per 10.000 inwoners in de leeftijd van 15 tot en met 64 jaar
P waarstaatje gemeente.nl
217,4
231,4
% Niet-sporters
P waarstaatje gemeente.nl
42,4%
-
Verbonden partijen Binnen dit programma werken we samen met Gemeenschappelijke Regeling Regionaal Historisch Centrum Vecht en Venen (RHCVV) en Vitens. Voor nadere toelichting verwijzen wij naar de paragraaf Verbonden partijen. Wij werken samen met de regiogemeenten in U10-verband aan de grote maatschappelijke opgaven woningbouw, energietransitie, economische ontwikkeling, mobiliteit en het behoud en ontwikkeling van groen en landschap.
63
Financieel overzicht programma 5 Wat mag het kosten? Bedragen x €1.000 Programma 5
Begroot 2024 primitief
Begroot 2025
Begroot 2026
Begroot 2027
Begroot 2028
Lasten 3.0 Economie
-1.084
-1.596
-1.291
-1.241
-1.241
4.0 Onderwijs
-7.945
-7.328
-8.441
-8.881
-8.812
-834
-879
-837
-827
-827
5.2 Sportaccommodaties
-5.483
-5.558
-5.502
-5.492
-5.948
5.3 Cultuurpresentatie, productie, participatie
-723
-983
-795
-795
-795
5.4 Musea
-926
-1.279
-1.528
-1.572
-1.619
5.5 Cultureel erfgoed
-204
-229
-229
-228
-228
5.6 Media
-1.309
-1.307
-1.301
-1.301
-1.301
Totaal Lasten
-18.506
-19.158
-19.924
-20.337
-20.771
5.1 Sportbeleid en activering
Baten 3.0 Economie
863
931
931
931
931
4.0 Onderwijs
1.873
1.873
1.873
1.873
1.873
399
431
379
369
369
5.2 Sportaccommodaties
2.090
2.090
2.090
2.090
2.090
5.3 Cultuurpresentatie, productie, participatie
48
48
48
48
48
5.4 Musea
295
295
317
317
317
5.5 Cultureel erfgoed
26
26
26
26
26
5.6 Media
106
106
106
106
106
5.1 Sportbeleid en activering
Totaal Baten Geraamd saldo van baten en lasten
5.700
5.801
5.771
5.761
5.761
-12.806
-13.357
-14.153
-14.576
-15.010
-419
-842
-419
-419
-419
1.334
754
754
754
754
Stortingen 0.10 Mutaties reserves Onttrekkingen 0.10 Mutaties reserves Mutaties reserves
915
-88
335
335
335
Geraamd resultaat
-11.891
-13.445
-13.818
-14.241
-14.675
64
Toelichting lasten en baten per soort kosten Samenleving
Toegerekende personeelslasten
Begroting primitief
Begroting
Verschil
Begroting
Begroting
Begroting
2024
2025
2024-2025
2026
2027
2028
-2.627
-2.740
-114
-2.722
-2.722
-2.722
Kapitaallasten
-3.632
-3.691
-59
-4.877
-5.309
-5.694
Overige lasten
-12.247
-12.727
-479
-12.325
-12.305
-12.355
Totaal lasten
-18.506
-19.158
-652
-19.924
-20.337
-20.771
Totaal baten
5.700
5.801
101
5.771
5.761
5.761
-12.806
-13.357
-551
-14.153
-14.576
-15.010
Toevoeging aan reserves
-419
-842
-423
-419
-419
-419
Onttrekking aan reserves
1.334
754
-580
754
754
754
-11.891
-13.445
-1.554
-13.818
-14.241
-14.675
Geraamd saldo van baten en lasten
Geraamd resultaat
Toelichting van de verschillen in de lasten van begroting 2025 versus 2024 Analyse verschillen lasten
Begroting 2024
Lasten
Begroting 2025
-18.506
Verschil
-19.158
-652
Toelichting
Besluit
Taakveld
I/S
Kapitaallasten
Begroting 2025
Divers
S
-59
Toegerekende personeelslasten
Begroting 2025
Divers
S
-114
Vitaal Platteland
Kadernota 2024
3.1 Economische Ontwik.
S
-183
Tijdelijke Huisvesting Broekland wel in budget 24 niet in 25
Begroting 2024
4.2 Onderwijshuisvesting
I
635
Masterplan Breukelen
College 09/09/24
3.1 Economische Ontwik.
I
-250
Kostenstijging RHC
Kadernota 2025
5.4 Musea
s
-337
Indexatie door Gemeente verstrekte subsidies
Kadernota 2025
5.3 Cultuur
S
-70
Extra inhuur personeel
Kadernota 2025
5.2 Sportaccommodaties
S
-56
Compensatie maatschappelijke instellingen niet in budget 24 wel in 25
Begroting 2025
5.3 Cultuur
I
-187
Overige
Begroting 2025
Diverse
S
Totaal mutatie lasten programma 5
bedrag
-31 -652
Toelichting van de verschillen in de baten van begroting 2025 versus 2024 Analyse verschillen baten
Begroting 2024
Begroting 2025
Verschil
5.700
5.801
101
Baten Toelichting
Besluit
I/S
bedrag
Uitbreiding BIZ met Breukelen
Kadernota 2024 4.4 Bedrijvenloket en regelingen
S
44
Verschuiving GALA over programma’s conform gewijzigde BBV
Begroting 2025
5.1 Sportbeleid en activering
S
32
Overige
Begroting 2025
Diverse
S
25
Totaal mutatie baten programma 5
Taakveld
101
Toelichting reservemutaties 2025 Mutaties reserves 2025
Bedrag
Stortingen Reserve onderwijshuisvesting
-446
Reserve investeringsbijdragen buitensport
-396
Totaal stortingen
-842
Onttrekkingen Reserve investeringsbijdragen buitensport
396
Vrijval kapitaaldekkingsreserve
358
Totaal onttrekkingen
754
Totaal mutaties Programma 5
-88
65
Budgetten ambities Coalitieakkoord 2022-2026 De volgende budgetten voor beleidsimpulsen vanuit het coalitieakkoord 2022-2026 'Bouwen aan een stevig fundament voor Stichtse vecht', de Kadernota 2024 en de Kadernota 2025 zijn in de Programmabegroting 2025 opgenomen. Impuls Coalitie akkoord (bedragen x €1.000)
Document
Omschrijving
Begroting Begroting Begroting Begroting 2023
2024
2025
2026
Cultuur
Coalitieakkoord 2022-2026
-200
-200
-200
-200
Harmonisatie buitensport
Coalitieakkoord 2022-2026
-130
-130
-130
-130
Strategische capaciteit onderwijshuisvesting
Kadernota 2024
-130
-130
-130
-460
-460
-460
Totaal
-330
66
Paragrafen
67
Lokale heffingen Inleiding In deze paragraaf schetsen wij onze beleidsvoornemens voor 2025 voor de lokale heffingen en de leges. Ook beschrijven wij de lokale belastingdruk en het gemeentelijk kwijtscheldingsbeleid. Meer detailinformatie nemen wij op in de diverse belastingverordeningen die 17 december 2024 door uw raad worden vastgesteld. We onderscheiden de volgende heffingen: 1. Retributies Met retributies kan de gemeente (een deel van) de kosten van de dienstverlening verhalen op de aanvrager die om de dienstverlening vraagt. Retributies zijn leges, gelden of heffingen. Deze zijn niet wettelijk voorgeschreven. Retributies zijn gerelateerd aan een direct aanwijsbare tegenprestatie van de gemeente. Deze mogen maximaal kostendekkend zijn. Onze gemeente heft de volgende retributies: •
Afvalstoffenheffing
•
Rioolheffing
•
Lijkbezorgingsrechten
•
Marktgelden
•
Kadegelden
•
Overige leges en rechten
2. Belastingen Belastingen zijn heffingen waarvan de opbrengst bestedingsvrij is. Met de ongebonden heffingen is de gemeente beperkt in het aantal belastingen dat ze mag heffen. Deze zijn limitatief genoemd in de artikelen 216 tot en met 228 van de Gemeentewet. De gemeente is, met inachtneming van de landelijke monitoring op de stijging van de onroerendezaakbelasting (ozb) en de inkomstenmaatstaf in het Gemeentefonds, vrij in de vaststelling van de hoogte van het tarief. De ongebonden heffingen zijn een algemeen dekkingsmiddel. Onze gemeente heft de volgende belastingen: •
Onroerendezaakbelasting
•
Roerende zaakbelasting
•
Precariobelasting
•
Toeristenbelasting
•
Forensenbelasting
•
Parkeerbelasting
De gemeente Stichtse Vecht schaft de hondenbelasting per 1 januari 2025 af. Kwijtschelding Inwoners kunnen kwijtschelding krijgen voor hun belastingaanslagen indien sprake is van het geheel of gedeeltelijk ontbreken van draagkracht. Hiervoor geldt de 100% kwijtscheldingsnorm (= bijstandsnorm). Als van tevoren duidelijk is dat kwijtschelding wordt verleend, wordt overgegaan tot automatische kwijtschelding. Ook kleine ondernemers kunnen kwijtschelding krijgen, maar alleen voor de belastingaanslagen die zij als privépersoon ontvangen. Bedrijven komen niet in aanmerking voor kwijtschelding. Kwijtschelding is mogelijk voor de ozb-woningen in eigendom, afvalstoffenheffing en rioolheffing. De basis voor het kwijtscheldingsbeleid is de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990.
68
Oninbaar In de ramingen van de opbrengsten van rioolheffing, afvalstoffenheffing en onroerendezaakbelastingen houden we rekening dat een deel van de opgelegde vorderingen oninbaar is. Een vordering is oninbaar wanneer een belastingschuldige wel moet betalen, maar invordering op de gebruikelijke wijze in de praktijk niet (meer) mogelijk is. Dat doet zich bijvoorbeeld voor als de belastingschuldige failliet is gegaan of de belastingschuldige vertrokken is, zonder dat de nieuwe verblijfplaats bij de invorderingsambtenaar bekend is.
Retributies Beleidsvoornemens Voor het begrotingsjaar 2025 zijn de volgende specifieke beleidsvoornemens geformuleerd: •
De ontwikkeling van de rioolheffingen volgt de kostenontwikkeling van de gemeentelijke rioleringsactiviteiten. De programmering van deze activiteiten is vastgelegd in het Gemeentelijk rioleringsplan (GRP) 2022-2026;
•
Leges en heffingen mogen maximaal kostendekkend zijn;
•
Waar mogelijk is het inflatiepercentage van 3,1% toegepast in de berekeningen.
•
Voor overhead wordt een opslag van 14,2% op de directe lasten aan de tarieven toegerekend.
Afvalstoffenheffing Wij hebben de wettelijke plicht om zorg te dragen voor het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen. Wij brengen afvalstoffenheffing in rekening aan de gebruikers van een perceel voor de verwijdering en verwerking van huishoudelijk afval. De afvalstoffenheffing is volledig kostendekkend. Rioolheffing Alle eigenaren van een perceel, dat is aangesloten op het gemeentelijk rioleringsstelsel, betalen een vast bedrag aan rioolheffing. De opbrengst van de rioolheffing wordt gebruikt om invulling te geven aan de volgende gemeentelijke zorgplichten en taken op het gebied van: •
een veilige inzameling en transport van afvalwater naar de zuivering, zonder risico’s voor bewoners of het milieu (zorgplicht afvalwater);
•
het zodanig opvangen en verwerken van hemelwater (regenwater) dat wateroverlast wordt voorkomen (zorgplicht hemelwater);
•
het voorkomen en verminderen van structurele grondwateroverlast door te hoge grondwaterstanden in de openbare ruimte (zorgplicht grondwater);
•
het samen met de waterschappen realiseren van veilig, gezond en aantrekkelijk oppervlaktewater waarlangs het goed wonen, werken en recreëren is.
Belastingen Beleidsvoornemens Voor het begrotingsjaar 2025 is het volgende specifieke beleidsvoornemen geformuleerd: •
De gemeentelijke belastingen worden jaarlijks, met het algemene indexcijfer van het CPB, verhoogd. Voor 2025 is dat 3,1%.
69
Overzicht tarieven en opbrengsten 2024 - 2025 Opbrengsten heffingen (x € 1.000)
Tarief 2024
Baten 2024
Baten 2025
10.247
11.806
8.402
8.465
77
82
75
75
590
600
165
165
825
828
Gebonden heffingen (retributies) Afvalstoffenheffing Eenpersoonshuishouden
€ 271,05
Meerpersoonshuishouden
€ 410,68
Rioolheffing 0 t/m 75m3 water
€ 206,46
76 t/m 150m3 water
€ 280,22
151 t/m 300m3 water
€ 414,25
>300m3 water, extra voor elke 100m3 water
€ 102,23
Kadegelden Per dag, zonder stroom, per meter
€ 1,13
Per dag, met stroom, per meter
€ 1,47
Marktgelden Standplaats op een warenmarkt/kraam
€ 10,82
Lijkbezorgingsrechten Burgerlijke stand en documentverstrekkingen Huwelijk en partnerschap Paspoorten 18+
€ 83,87
Paspoorten 18-
€ 63,42
Identiteitskaarten 18+
€ 75,80
Identiteitskaarten 18-
€ 40,92
Rijbewijzen
€ 51,11
308
308
Overige documenten (uittreksel)
64
64
Naturalisatie
61
61
3.512
4.037
Omgevingsvergunningen Ongebonden heffingen (belastingen) Onroerendzaakbelasting Eigenaren woningen
0,09122%
11.218
11.566
Eigenaren niet-woningen
0,22004%
2.259
2.330
Gebruikers niet-woningen
0,16505%
1.446
1.491
Roerende zaakbelasting Eigenaren woningen
0,09122%
Hondenbelasting Eerste hond
€ 76,14
Tweede en iedere volgende hond
€ 101,30
Per kennel
€ 181,38
Parkeerbelasting Scheendijk-Noord, per 14 minuten Scheendijk-Noord per dag Scheendijk-Noord vergunning
Forensenbelasting Totaal
84 0
64
66
€ 0,23 € 3,37 € 228,69
Precariobelasting (Water)toeristenbelasting (algemeen tarief)
81 311
109
112
€ 2,00
596
614
0,21915%
151
156
40.561
42.909
De genoemde tarieven zijn gebaseerd op de belastingverordeningen 2024. De tarieven van 2025 worden u op 17 december 2024 ter vaststelling aangeboden.
Kostendekkendheid Kostendekkendheid afval en riolering Bij het opstellen van de begroting nemen we de door de raad vastgestelde beleidsdocumenten als uitgangspunt. Voor de rioolheffing is dit het Gemeentelijk rioleringsplan (GRP) 2022-2026. In de begroting bepalen we of de tarieven voor de afvalstoffenheffing en de rioolheffing kostendekkend zijn. Hierbij wordt gekeken welke uitgaven en inkomsten drukken op de producten afval en riolering. Bij de jaarstukken berekenen we achteraf of deze tarieven ook daadwerkelijk kostendekkend zijn geweest. Bij een te lage kostendekkendheid doen we een beroep op de daarvoor gevormde egalisatievoorziening. Bij een kostendekkendheid boven de 100% moet het surplus in de
70
egalisatievoorziening gestort worden. Hierdoor kunnen we grote investeringen in de toekomst opvangen zonder grote schommelingen in de tarieven. Berekening kostendekkendheid Afvalstoffenheffing Kostendekkendheid 2025
Bedrag
Afvalstoffenheffing (x € 1.000) Product afval: kosten
-8.610
inkomsten (excl. heffingen)
582
Netto kosten
-8.028
Toe te rekenen kosten: overhead uren straatreiniging, kwijtschelding, btw
-1.345 -378 -2.201
Totaal toe te rekenen kosten
-3.924
Totaal kosten
-11.952
Opbrengst heffingen
11.806
Totaal kosten - opbrengsten
-146
Afval Het kostendekkingspercentage voor afval bedraagt op basis van de baten en lasten 98,8%.
Berekening kostendekkendheid Rioolheffing Kostendekkendheid 2025
Bedrag
Rioolheffing (x € 1.000) Product riolering: kosten
-5.295
inkomsten (excl. heffingen)
0
Netto kosten
-5.295
Toe te rekenen kosten: overhead uren straatreiniging, kwijtschelding, btw
-927 -754 -1.563
Totaal toe te rekenen kosten
-3.244
Totaal kosten
-8.539
Opbrengst heffingen
8.465
Totaal kosten - opbrengsten
-74
Riolering Het kostendekkingspercentage voor riolering bedraagt op basis van de baten en lasten 99,1% en is gebaseerd op de huidige GRP. Eventuele verschillen storten of onttrekken wij aan de egalisatievoorziening riolering en zijn verwerkt binnen het programma Fysiek.
Kostendekkendheid Lijkbezorgingsrechten Binnen onze gemeente zijn acht gemeentelijke begraafplaatsen die wij onderhouden en exploiteren. De onderstaande tabel geeft inzicht in de kostendekkendheid van de begraafplaatsen voor het jaar 2025. Hierin zijn de inkomsten verkregen uit onder andere grafrechten en begravingen vergeleken met de kosten voor het onderhoud, exploitatie van de begraafplaatsen en de personeelskosten (exclusief overhead).
71
Kostendekkendheid 2025 Lijkbezorgingsrechten (x € 1.000)
Bedrag
Kosten
-600
Opbrengst heffingen
-600
Kostendekkendheid
-100%
Kostendekkendheid Burgerlijke stand en documentverstrekkingen Bij het opstellen van de begroting 2025 gaan wij voor de tarieven uit van de belastingverordening 2024. Eind 2024 publiceert het Rijk de maximale tarieven voor onder andere reisdocumenten en rijbewijzen. Dit nemen we mee bij de definitieve vaststelling van de belastingverordening 2025. Kostendekkendheid 2025 Burgerlijke stand en documentverstrekkingen (x € 1.000)
Bedrag
Kosten
-2.230
Opbrengst heffingen
1.426
Kostendekkendheid
63,9%
Kostendekkendheid Omgevingsvergunningen Het uitgangspunt voor de opbrengsten van de leges omgevingsvergunningen is de legesverordening die jaarlijks door de gemeenteraad wordt vastgesteld. De kosten voor de leges omgevingsvergunningen zijn in 2025 voornamelijk gestegen als gevolg van 6,6% indexatie van de loonsom. Door de invoering van de omgevingswet per 1 januari 2024 is de wijze van vergunningverlening veranderd. De komende jaren zal dit nog verder wijzigen, bijvoorbeeld door de invoering van de Wet kwaliteitsborging. Jaarlijks zal het effect hiervan in de begroting verwerkt worden. Kostendekkendheid 2025 Omgevingsvergunningen (x € 1.000)
Bedrag
Kosten
-4.090
Opbrengst heffingen
4.037
Kostendekkendheid
98,7%
Lokale belastingdruk Op dit moment is de gemiddelde stijging van de WOZ-waarden nog niet bekend. Het ozb-tarief is verhoogd met het inflatiepercentage van 3,1%. De tariefvaststelling vindt plaats in de raadsvergadering van 17 december 2024. Lokale belastingdruk (x € 1)
2023
2024
Indicatief 2025
Gemiddelde WOZ – waarde
€ 439.000
€ 440.500
n.t.b.
Ozb – eigenarendeel
€ 367,47
€ 400,72
n.t.b.
Afvalstoffenheffing (meerpersoonshuishoudens)
€ 328,54
€ 410,68
n.t.b.
Rioolheffing (tot 150 m3)
€ 251,55
€ 280,22
n.t.b.
Ontwikkeling lastendruk
€ 947,56
€ 1.091,62
-
2,9%
15,2%
n.t.b.
% stijging t.o.v. voorgaande jaar
72
Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Bij de uitvoering van de haar taken heeft de gemeente met risico’s te maken. Risico’s zijn niet te vermijden en kunnen impact hebben op het behalen van de doelstellingen van de gemeente. De paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing geeft aan in hoeverre de gemeente in staat is om de risico’s die wij bij de uitvoering van onze taken zien, op te vangen. De paragraaf bevat een drietal onderdelen: de risico's, de weerstandscapaciteit en de financiële kengetallen. Deze onderdelen geven een beeld van de financiële positie van de gemeente. Onder de weerstandscapaciteit wordt verstaan: de mate waarin de gemeente niet begrote kosten die voortkomen uit risico's, met de daarvoor beschikbare middelen kan opvangen. De relatie tussen de benodigde middelen om de risico’s die wij zien te kunnen opvangen (de weerstandscapaciteit) en de daarvoor beschikbare middelen wordt uitgedrukt in de ratio weerstandsvermogen. Een gezond weerstandsvermogen stelt ons in staat om financiële tegenvallers op te vangen zonder dat dit ons beleid of de uitvoering daarvan direct in gevaar brengt.
Uitgangspunten risicomanagement De uitgangspunten voor het weerstandsvermogen en risicobeheersing zijn beschreven in de Nota herziening risicomanagementbeleid Stichtse Vecht en de Beleidsnotitie Algemene reserve. Hierin is onder meer gedefinieerd wat we onder een risico verstaan, hoe we omgaan met risico’s, wat de weerstandscapaciteit en de ratio weerstandsvermogen zijn en hoe ze worden bepaald. In deze paragraaf benoemen we de grootste risico’s en het weerstandsvermogen volgens de in de notities vastgelegde richtlijnen. In het risicomanagementbeleid is een risico gedefinieerd als ‘een onzekere gebeurtenis die een effect kan hebben op het behalen van de doelstellingen van de gemeente’. Met een risicomanagementinformatiesysteem beoordeelt de organisatie risico's op systematische wijze. Aan de hand van de geïnventariseerde risico’s kunnen vervolgens voor risico’s die het behalen van de doelstellingen van de gemeente bedreigen, passende beheersmaatregelen worden genomen om de gevolgen van de risico’s te verkleinen. Wij actualiseren de geïnventariseerde risico’s twee keer per jaar in totaliteit. De actualisatie bij de begroting 2025 heeft plaatsgevonden met het laatst vastgestelde risicoprofiel uit de Jaarrekening 2023 als uitgangspunt. De uitkomst van de risico-inventarisatie gebruikt de gemeente vervolgens voor het vaststellen van het weerstandsvermogen.
Voor het weerstandsvermogen zijn die risico’s relevant die niet op een andere manier zijn ondervangen en die materiële financiële gevolgen kunnen hebben.
Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen wordt gevormd door de Algemene reserve (AR), die bestaat uit 3 schijven: •
Schijf 1: de minimale omvang van het weerstandsvermogen voor het opvangen van geïnventariseerde risico’s;
•
Schijf 2: het deel van de AR bestemd voor het opvangen van bijvoorbeeld calamiteiten of een negatief rekeningsaldo;
•
Schijf 3: de vrije ruimte in de AR in het geval de AR hoger is dan de door de raad vastgestelde maximum weerstandscapaciteit. De middelen uit schijf 3 kunnen worden ingezet voor actieve (beleids)keuzes.
Als normratio voor het weerstandsvermogen (= de verhouding tussen de beschikbare en benodigde weerstandscapaciteit) heeft de raad een streefnorm tussen de 1,4 en 2,0 (ruim voldoende) bepaald. Voor het opvangen van risico’s uit grondexploitaties geldt een ander regime. Voor die risico’s geldt de Algemene reserve grondexploitaties als eerste weerstandscapaciteit, pas daarna wordt de AR aangesproken. Risico’s uit grondexploitaties actualiseren we jaarlijks bij de jaarrekening met een afzonderlijke risicoanalyse. De hoofdlijnen voor de grondexploitaties zijn opgenomen in de paragraaf Grondbeleid.
73
Risico's en benodigde weerstandscapaciteit Op basis van de actualisatie bij de begroting is een risicoprofiel voor 2025 opgesteld. De inventarisatie voor de begroting 2025 geeft 50 risico’s. Deze risico’s kennen een totaal ingeschat financieel gevolg van € 25,5 mln. In onderstaande overzicht zijn deze risico’s weergegeven. Om de benodigde weerstandscapaciteit te bepalen voeren we op de geïnventariseerde risico’s een risicosimulatie uit. Deze simulatie vindt plaats omdat het reserveren van het maximale bedrag van €25,5 mln. als buffer niet wenselijk is. Ook is het niet waarschijnlijk dat de risico’s zich in 2025 allemaal tegelijkertijd en in hun maximale omvang zullen voordoen. Bij de simulatie is gerekend met een zekerheidspercentage van 90%. Op de risico’s op de begrotingsprogramma’s is het resultaat van de simulatie dat het voor 90% zeker is dat de risico's die in 2025 zouden kunnen optreden met een benodigde weerstandscapaciteit van € 7,9 mln. kunnen worden afgedekt. De grondexploitaties kennen een eigen risicosimulatie. Het resultaat uit de risicosimulatie grondexploitaties dat niet kan worden afgedekt door de Algemene reserve grondexploitaties nemen we mee in de gemeentebrede weerstandscapaciteit. Uit de in maart 2024 uitgevoerde risicosimulatie volgt een benodigde weerstandscapaciteit van € 0,9 mln. In totaal komt de benodigde weerstandscapaciteit daarmee op € 8,8 mln.
De benodigde weerstandscapaciteit wordt bepaald door alle risico's waarvoor geen of onvoldoende beheersmaatregelen zijn of kunnen worden getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Risicogebeurtenis
Ingeschatte kans op optreden
Ingeschat Financieel Maximum
Gijzeling van informatie of systemen
70%
2.000.000
Aansprakelijkstelling / ingebrekestelling door inwoners, instellingen of bedrijven
50%
2.000.000
Het niet (blijvend) kunnen waarborgen van de continuïteit van dienstverlening
50%
1.000.000
Het overtreden van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG)
50%
1.000.000
Uitval ICT (Infrastructuur)
50%
1.000.000
Digitale informatie wordt niet tijdig, kwalitatief conform (wettelijke/beleids) richtlijnen vernietigd
70%
500.000
Onvoldoende beschikking over kennis (bij bestaande medewerkers of door vertrek cruciale medewerkers) met betrekking tot aanbestedingsregels, waardoor mogelijk niet aan deze regels wordt voldaan
50%
500.000
Informatie is niet tijdig, kwalitatief conform (wettelijke/beleids) richtlijnen beschikbaar
50%
500.000
Het niet tijdig kunnen beschikken over juiste materialen of diensten
50%
500.000
Ongewenste toegang tot panden
30%
500.000
Het niet kunnen voldoen aan adequate monitoring wet- en regelgeving omtrent informatiebeveiliging door onvoldoende middelen
50%
250.000
Het niet hebben voldaan aan aanbestedingsregels door Stichtse Vecht of leveranciers
50%
250.000
Livegang nieuwe financiële applicatie verloopt niet naar behoren
50%
Programma 1 Bestuur Gemeentebrede risico's
Subtotaal
100.000 10.100.000
Risico's algemene / financiële dekkingsmiddelen Fraude financiële transacties
30%
Totaal programma 1
500.000 10.600.000
Programma 2 Veiligheid VP: Het onjuist reageren op een crisissituatie (VRU)
30%
1.000.000
Meer beroep op openbare orde en veiligheid bij langdurig en grootschalige crisissituaties (Corona, opvang Oekraïne, statushouders, asielzoekers)
30%
250.000
Ondermijning: aantreffen van misstanden waarbij directe actie noodzakelijk is, maar waar onze organisatie niet op ingericht is.
30%
250.000
Totaal programma 2 excl. verbonden partijen (VP)
1.500.000 500.000
74
Programma 3 Fysiek De Heul - Vervangende locatie flexwoningen en Regeling tegemoetkoming herplaatsing flexwoningen (RTHF)
30%
2.000.000
Achterstand onderhoud fysiek domein (asfaltelementen, verharding en bermen)
50%
1.000.000
Kunstwerken (mn. bruggen) tijdelijk niet of onvoldoende te gebruiken
50%
1.000.000
KWP Aanspraak op nadeelcompensatieregeling KWP
90%
750.000
VP: Druk op financieel perspectief recreatieschappen
70%
250.000
Niet goed begaanbare wegen en ongevallen a.g.v. extreme weersomstandigheden en sneeuwval
50%
250.000
Tienhoven - MFC: Geen tijdige aanleg aansluiting Stedin
90%
100.000
Gemeentelijke garantstellingen woningcorporaties (achtervang WSW).
10%
500.000
KWP: Lozen van bronneringswater op oppervlaktewater
10%
250.000
Verontreiniging van oppervlaktewater
10%
250.000
Geen afvoer door een calamiteit aan de riolering
30%
50.000
Omgevingswet: niet op elkaar aansluiten legesverordeningen (bestaand en nieuw)
10%
50.000
Totaal programma 3
6.450.000
excl. verbonden partijen (VP)
6.200.000
Programma 4 Sociaal Toename beroep op gemeentelijke WMO voorzieningen
90%
1.000.000
Ontwikkeling bijstandsaantallen (conjunctuur) en/of bijstelling van het macrobudget Buig
50%
1.000.000
Formatie Sociaal domein op orde
50%
500.000
Energiecrisis en hogere kosten levensonderhoud
90%
250.000
Gevolgen wijziging Participatiewet vanwege verbeteringen in o.a. de regeling loonkostensubsidie (uitvoeren breed offensief)
70%
250.000
Inkoop essentiële functies: ontbreken van voldoende en adequate (lokale) alternatieven
50%
250.000
Incidenten op gebied van jeugdhulp
30%
250.000
Overbelasting en/of stoppen van vrijwilligers en/of mantelzorgers.
30%
250.000
VP: Algemene risico's op de begroting van Kansis
10%
50.000
Totaal programma 4
3.800.000
excl. verbonden partijen (VP)
3.750.000
Programma 5 Samenleving (Onderhouds)budgetten te realiseren schoolgebouwen niet toereikend om aan kwaliteitsaspecten te kunnen voldoen
50%
500.000
Onveilige schoolgebouwen
30%
500.000
Lagere kwaliteit van onderhoud sportparken
50%
250.000
Onvoldoende beschikbaarheid landelijke subsidieregeling Bouw en onderhoud sportaccommodaties (BOSA)
50%
250.000
Financiële problemen schoolbestuur openbaar onderwijs
30%
250.000
Ongelukken in zwem- en sportaccommodaties
10%
250.000
Gemeentelijke garantstellingen aan (sport)verenigingen en instellingen van algemeen maatschappelijk nut
10%
Totaal programma 5
250.000 2.250.000
Grondexploitaties Zuilense Vecht - Sportpark
nvt
120.000
Grondexploitaties (totaal)
nvt
690.000
Tienhoven - MFC
nvt
100.000
Totaal grondexploitatie gerelateerde risico's
910.000
NB. De omvang van de risico’s grondexploitatie komen voort uit een risicosimulatie. Deze tellen in het geheel mee bij het bepalen van de benodigde weerstandscapaciteit
Totaal geïnventariseerde risico's
25.510.000
(VP = verbonden partijen, KWP = Kockengen waterproof)
75
Grootste risicogebieden Van de drie programma’s die het grootst in omvang zijn, lichten wij de risico’s met de hoogste invloed kort toe. 1. Gemeentebrede risico’s / bedrijfsvoeringrisico’s In de bedrijfsvoering heeft de gemeente te maken met organisatorische, financiële en technische risico’s. De drie grootste geïnventariseerde risico’s op dit onderdeel zijn: Gijzeling van informatie of systemen Het beschermen en beveiligen van gegevens, systemen en in het bijzonder persoonsgegevens tegen bijvoorbeeld een hack of ransomware is een belangrijk onderdeel van de bedrijfsvoering van de gemeente. Het gaat om gedrag van medewerkers, het inrichten van processen en procedures en techniek. Informatiebeveiliging is een combinatie van organisatorische en technische maatregelen én de toepassing daarvan. Hierbij kan bijv. worden gedacht aan de implementatie van Siem Soc in 2024 (security operations center, security information & event management), het uitvoeren van jaarlijkse penetratietesten en uitwijktesten of bewustwordingscampagnes. Aansprakelijkstelling / ingebrekestelling door inwoners, instellingen of bedrijven Voor veel situaties is de gemeente verzekerd. Voor onvoorziene situaties, situaties waarvoor we niet verzekerd zijn en/of extra kosten maken indien een juridische procedure wordt gestart is een bedrag in de risico-inventarisatie opgenomen.
Het niet (blijvend) kunnen waarborgen van de continuïteit van dienstverlening Het afgelopen jaar is er op de formatie een inhaalslag gemaakt om de balans tussen ambitie en capaciteit te herstellen. Er is echter nog steeds sprake van een relatief hoog verloop en hoog verzuim. Dit zorgt voor een kwetsbaarheid in het waarborgen van de continuïteit van de dienstverlening. Daarnaast blijft er sprake van een krappe arbeidsmarkt en zijn er in diverse teams moeilijk vervulbare functies. In 2025 worden vervolgstappen gezet om de ambtelijke organisatie toekomstbestendig te maken. Dit doen we door een effectevaluatie voor de ambtelijke organisatie uit te voeren. Verder wordt er voor projecten en investeringen gewerkt aan een realistische investeringsagenda. 2. Programma Fysiek De Heul - Vervangende locatie flexwoningen en Regeling tegemoetkoming herplaatsing flexwoningen (RTHF) Het risico bestaat uit 2 onderdelen. Het risico hangt enerzijds samen met de investering van een corporatie in 40 flexwoningen ten behoeve van het gemengd wonen project voor starters en (dreigend) daklozen. Het risico ontstaat als er na 15 jaar (in 2039) geen vervangende locatie wordt gevonden. Het risico hangt anderzijds samen met de RTHF. Indien de RTHF geldt, dan compenseert de gemeente 25% van de restwaarde.
Achterstand onderhoud fysiek domein (asfaltelementen, verharding en bermen) Gebrek aan capaciteit en het ontbreken van beheerplannen voor een aantal taakgebieden in het fysiek domein, heeft geleid tot achterstand in onderhoud in de openbare ruimte. Uit een in 2023 uitgevoerde inspectie is gebleken dat de onderhoudsachterstand over het algemeen iets kleiner geworden is maar nog te hoog is. Kunstwerken (mn. bruggen) tijdelijk niet of onvoldoende te gebruiken Door het tijdelijk niet of onvoldoende kunnen gebruiken van bruggen wordt de doorstroming beperkt en zijn kernen mogelijk niet of beperkt bereikbaar. Er wordt een statusinventarisatie bruggen uitgevoerd die overeenkomstig beheerplannen eind 2024 gereed is. Verder zal op basis van de uitkomsten de aanbesteding en planning voor reparatie/vervanging opgesteld worden. 3. Programma Sociaal Toename beroep op gemeentelijke WMO voorzieningen Gemeenten zijn verantwoordelijk voor een belangrijk deel van de ondersteuning bij mensen thuis. Het doel hiervan is om inwoners zo lang mogelijk thuis te kunnen laten wonen en te laten deel nemen aan de maatschappij. De toenemende vergrijzing en het zo lang mogelijk thuis blijven wonen maakt dat er een groter beroep op (Wmo-)voorzieningen wordt gedaan. We sturen op het versterken van eigen verantwoordelijkheid en eigen kracht van mensen.
Tegelijkertijd geven we aanbieders meer ruimte om te doen wat nodig is. Daarnaast kijken we naar het gebruik van de Wmo. Daarin werken we nauw samen met het voorveld. Ontwikkeling bijstandsaantallen (conjunctuur) en/of bijstelling van het macrobudget Buig Bijstand is een open einde regeling. Een toename van het beroep op bijstand leidt tot hogere uitkeringslasten. Aanpassingen in het macrobudget Buig kan leiden tot een hogere/lagere dan de
76
geraamde uitkering. Om het risico te verkleinen zetten wij onder andere in op gerichte acties als voorliggende voorzieningen, doorverwijzing naar keten, de inzet van social return en preventieve activiteiten gericht op voorkomen instroom. Overschrijding van de uitgaven van meer dan 10% van het budget kan gecompenseerd worden door het rijk.
Beschikbare weerstandscapaciteit De raad heeft met de Beleidsnotitie Algemene reserve de AR aangemerkt als weerstandscapaciteit. Dit betreft de incidentele weerstandscapaciteit. In de notitie is tevens bepaald dat de AR drie schijven kent, die bepalen hoe de beschikbare middelen uit de AR ingezet kunnen worden. De middelen uit schijf 1 en 2 (voor het opvangen van de geïnventariseerde risico’s, calamiteiten, tegenvallers op taakstellingen en negatieve rekeningsaldi) vormen de incidentele weerstandscapaciteit van de gemeente. De door de raad vastgestelde ratio weerstandsvermogen (1,4 - 2,0) bepaalt de bandbreedte voor de weerstandscapaciteit. Op basis van de benodigde weerstandscapaciteit van € 8,8 mln. geeft dit het volgende beeld: Weerstandscapaciteit - schijf 1 Minimale hoogte voor opvang geïnventariseerde risico’s (1,4 x € 8,8 mln., minimumnorm)
€ 12.320
- schijf 2 Deel AR voor opvang calamiteiten (bijv. onderhoud bruggen), taakstellingen SD en negatief rekeningsaldo
€ 5.280
Maximum weerstandscapaciteit (2 x € 8,8 mln.)
€ 17.600
Ratio weerstandsvermogen Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, moet de relatie worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico's, de daarvoor benodigde weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De relatie tussen deze componenten, de zogeheten ratio weerstandsvermogen, bedraagt: Ratio weerstandsvermogen = beschikbare weerstandscapaciteit / benodigde weerstandscapaciteit = € 16,9 mln / € 8,8 mln = 1,9 Ten opzichte van de risico-inventarisatie uit de Jaarrekening 2023 is de ratio weerstandsvermogen licht afgenomen (van 2,18 naar 1,9). Deze afname hangt met name samen met wijzigingen in de risico's. Zo is het aantal risico’s gestegen en is ook het ingeschatte financiële gevolg toegenomen ten opzichte van de Jaarrekening 2023 (van € 23,25 mln. naar € 25,5 mln.). De stijging doet zich met name voor op programma Bestuur (ca. € 2 mln.) en programma Fysiek (ca. 0,8 mln.). De stijging bij programma Bestuur heeft betrekking op risico’s op het gebied van informatieveiligheid. Bij programma Fysiek hangt de toename samen met de risico’s voor flexwoningen en MFC Tienhoven. Per saldo resulteert de toename in financieel gevolg ook in een hogere benodigde weerstandscapaciteit. Voor het toetsen van de ratio weerstandsvermogen maakt gemeente Stichtse Vecht gebruik van de risicomatrix van de Universiteit Twente.
Volgens de schaalindeling van deze matrix valt de ratio van 1,9 in de categorie B “Ruim voldoende”. Waarderingscijfer
Ratio
Betekenis
A
>= 2.0
Uitstekend
B
1.4 < 2.0
Ruim voldoende
C
1.0 < 1.4
Voldoende
D
0.8 < 1.0
Matig
E
0.6 < 0.8
Onvoldoende
F
< 0.6
Ruim onvoldoende
77
Financiële kengetallen Kengetallen
Rekening
Begroting
2023
2024
Begroting 2025
Netto schuldquote
69,0%
72,0%
103,8%
Netto schuldquote (gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen)
68,0%
72,0%
102,6%
Solvabiliteitsratio
19,0%
18,0%
13,4%
Structurele exploitatieruimte
1,8%
0,4%
0,6%
Grondexploitatie
0,7%
-0,8%
-1,3%
Belastingcapaciteit
100,4%
109,8%
n.n.b.
Wat betekenen deze getallen? Voor een toelichting op de kengetallen, verwijzen wij u naar het hoofdstuk 'Financiële begroting 20252028-samenvatting', onderdeel 'Solide financiële positie'.
78
Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding Voor het in stand houden van kapitaalgoederen op het afgesproken kwaliteitsniveau zijn langlopende investeringen en onderhoudsplannen nodig. Dit doen we door de toepassing van Assetmanagement. Assets zijn de kapitaalgoederen in de openbare ruimte, ofwel de objecten groen, wegen, civiele kunstwerken etc. Assetmanagement is een systematische en gecoördineerde wijze van beheren. Het gaat hierbij vooral om de optimalisatie van de prestaties, de risico's en de kosten van de kapitaalgoederen in relatie tot de doelstellingen van de gemeente. We richten ons op het beheer over de gehele levensduur en kijken verder dan wat goed is voor de objecten zelf. We kijken naar wat goed is voor de gemeente en nog belangrijker, wat goed is voor inwoner / de gebruiker. Deze paragraaf bevat een toelichting op het beleidskader, kwaliteitsniveau, onderhoudsplan en de financiën van de volgende kapitaalgoederen: •
Wegen
•
Civiele constructies
•
Openbare verlichting
•
Water en riolering
•
Groen
•
Speelterreinen
•
Gebouwen
Beleids- en beheerplannen Kapitaalgoederen
Beheer-/beleidsplan
Looptijd plan
Achterstallig onderhoud
Wegen
Beheerplan wegen
2021-2024
Nee *)
Civiele constructies
Beheerbeleidsplan Civiele kunstwerken
2021-2025
Nee *)
Openbare verlichting
Beleidsplan Openbare verlichting 2020
2020-2024
Nee *)
Water en Riolering
Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP)
2022-2026
Nee *)
Groen
Bomenbeleid en structuurplan
2015-2035
Nee
Speelterreinen
Beleidskader speelruimte en -voorzieningen
2014-2018
Nee *)
Gebouwen
Nota Duurzaamheid; IVAB.
2020-2025
Nee
*) Achterstand in uitvoering ten opzichte van de planning
Kwaliteitsniveau openbare ruimte Om de kwaliteit te beoordelen wordt gebruikt gemaakt van de Kwaliteitscatalogus van CROW. In deze catalogus worden vijf niveaus onderscheiden op het gebied van de technische kwaliteit van de openbare ruimte: A+, A, B, C en D. Hierbij staat kwaliteitsniveau A voor een hoog niveau en betekent kwaliteitsniveau D dat het niveau laag is en dat er achterstanden zijn. Onderdelen van de openbare ruimte met dit kwaliteitsniveau moeten op zeer korte termijn weer op kwaliteit gebracht worden. Gemeente Stichtse Vecht hanteert verschillende kwaliteitsniveaus, afhankelijk van de locatie. Voor wegen en groen is het areaal van de gemeente Stichtse Vecht onderverdeeld in 3 deelgebieden. Voor kernen is kwaliteitsniveau B vastgesteld en voor het buitengebied en industriegebieden is niveau C vastgesteld.
Kerncijfers openbare ruimte Een groot deel van de kapitaalgoederen zijn een onderdeel van de openbare ruimte van de gemeente. Onderstaande tabel geeft een beeld van de omvang van verschillende kapitaalgoederen in de openbare ruimte.
79
Kerncijfers openbare ruimte (bron: GBI)
2023
Wegvakonderdelen
3.272.978 m2
Bomen
37.944 st
Gazon
653.373 m2
Overig gras
1.348.164 m2
Haag
52.352 m2
Cultuurlijke beplanting
333.597 m2
Natuurlijke beplanting
498.203 m2
Stalen en betonnen bruggen
143 st
Houten bruggen
51 st
Beweegbare bruggen
15 st
Rioolputten
16.636 st
Vrijvervalleiding
372.124 m2
Mechanische leidingen
226.640 m2
Kolken
22.649 st
Openbare verlichting (masten en armaturen)
12.257 st
Verkeerslichten
16 st
Speelplaatsen
255 st
Speeltoestellen
1.291 st
Sportvoorzieningen
60 st
Ondergrondse containers
666 st
Afvalbakken
1.111 st
Banken
886 st
Picknicktafels
50 st
Wegen Beleidskader Op grond van de Wegenwet hebben wij de zorgplicht om onze wegen goed en verantwoord te beheren. Hieronder vallen de zorgplicht asfalt, elementen en half-verhardingen. Op basis van de resultaten uit de weginspectie wordt het onderhoudsplan herijkt. Indien uit deze herijking blijkt dat nieuwe of aanvullende investerings- en onderhoudsbudgetten nodig zijn, dan zal dit via een separaat voorstel aan de raad worden voorgelegd. In 2023 zijn de wegen voor het laatst geïnspecteerd. Financiën Onderstaande budgetten zijn de vertaling van de beheer- en beleidsplannen in de exploitatie van de meerjarenbegroting. Het groot onderhoud loopt daarbij via een voorziening. De dotaties aan en onttrekkingen uit deze voorziening zijn vastgelegd in het wegenbeheerplan en uitgewerkt in onderliggende uitvoeringsplanningen. Daarnaast worden jaarlijks ook investeringen gedaan. In de investeringsplanning zijn alle geplande investeringen in de openbare ruimte terug te vinden. Onderhoudsbudgetten (x € 1.000)
2025
2026
2027
2028
Onderhoudsbudget in exploitatie
€ 420
€ 420
€ 420
€ 420
Budget groot onderhoud in voorziening
€ 5.299
€ 3.021
€ 3.021
€ 3.021
Dotatie voorziening
€ 2.699
€ 2.699
€ 2.699
€ 2.699
Civiele constructies Beleidskader Onder civiele constructies wordt verstaan tunnels, viaducten, bruggen, duikers, (aanleg)steigers, beschoeiing, kades, grondkeringen en geluidschermen. Het doel is om veilige verkeersroutes in stand te houden, een vrije doorgang voor de scheepvaart te garanderen en de waterhuishouding op peil te houden. Het beheer- en beleidsplan Civiele kunstwerken is vastgesteld door uw raad in 2021. Naast een beleidsmatig plan stellen we ook een meerjarig onderhoudsplan op. Daartoe zijn in 2022 de volgende assets geïnspecteerd: •
verkeersbruggen;
•
beweegbare bruggen;
•
fietsbruggen;
80
•
voetgangersbruggen;
•
tunnels;
•
viaducten;
•
geluidschermen.
Speerpunt voor 2024 en 2025 is het in kaart brengen van de staat van de civiele kunstwerken en indien nodig het herijken van de beheer-/onderhoudsplannen. Financiën Onderstaande budgetten zijn de vertaling van de beheer- en beleidsplannen in de exploitatie van de meerjarenbegroting. Het groot onderhoud wordt gedekt door een reserve. De dotaties aan en onttrekkingen uit deze reserve zijn vastgelegd in het beheerplan en uitgewerkt in onderliggende uitvoeringsplanningen. Bij het opstellen van het nieuwe beheerplan zal ook een voorstel uitgewerkt worden voor de benodigde budgetten. De ramingen voor groot onderhoud in 2026 en 2027 zullen op basis van dat voorstel in de begroting verwerkt worden. Daarnaast worden jaarlijks ook investeringen gedaan. In de investeringsplanning zijn alle geplande investeringen in de openbare ruimte terug te vinden. Onderhoudsbudgetten (x € 1.000)
2025
2026
2027
2028
Onderhoudsbudget in exploitatie
€ 254
€ 254
€ 254
€ 254
Budget groot onderhoud gedekt door reserve
€ 966
€0
€0
€0
Dotatie reserve
€ 893
€ 893
€ 893
€ 893
Openbare verlichting Beleidskader Het doel is een verkeersveilige, sociaal veilige en leefbare omgeving die voldoet aan de landelijke richtlijnen. Per 2019 zijn wij geheel verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van het verlichtingsareaal. Op basis van het in 2020 door uw raad vastgestelde beleidsplan en de daaruit voortvloeiende uitvoeringsplannen is een bestek opgesteld en gegund. In 2023 zijn de eerste deelopdrachten verstrekt. In de jaren 2024 en 2025 is jaarlijks circa € 1 mln. aan investeringen gepland om de masten en armaturen te vervangen. Hierbij worden de armaturen voorzien van energiezuinigere LED-verlichting. Financiën Onderstaande budgetten zijn de vertaling van de beheer- en beleidsplannen in de exploitatie van de meerjarenbegroting. Daarnaast worden jaarlijks ook investeringen gedaan. In de investeringsplanning zijn alle geplande investeringen in de openbare ruimte terug te vinden. Onderhoudsbudgetten (x € 1.000)
2025
2026
2027
2028
Onderhoudsbudget in exploitatie
€ 56
€ 56
€ 56
€ 56
Water en riolering Beleidskader Op grond van de Wet milieubeheer (Wm) heeft de gemeente een zorgplicht voor de inzameling van stedelijk afvalwater en op grond van de Waterwet een zorgplicht voor hemelwater en grondwater. Hoe de gemeente invulling geeft aan de zorgplichten staat uitgewerkt in het Gemeentelijk rioleringsplan (GRP). Het huidige GRP heeft een looptijd van 2022 tot en met 2026 en beschrijft de beleidsvoornemens op het gebied van Water en Klimaat en geeft inzicht in de aanleg, tijdige vervanging, verbeteringen, beheer en onderhoud van de riolering. Ook de kosten van al deze facetten zijn hierin uitgewerkt. Integraal en risico-gestuurd werken spelen een belangrijke rol in het GRP en de uitvoering daarvan. Financiën Onderstaande budgetten zijn de vertaling van het GRP in de exploitatie van de meerjarenbegroting. Er wordt een 100% kostendekkend tarief gehanteerd, waarbij alle kosten voor de rioleringszorg uit de rioolheffing worden gedekt. Bij de lasten maken we onderscheid tussen exploitatiekosten en investeringen. De kosten voor het jaarlijkse operationeel beheer en onderhoud vormen de exploitatiekosten. De investeringsactiviteiten zijn onderverdeeld in aanleg, vervanging en verbetering.